FAMIFED. Federaal agentschap voor de kinderbijslag GEOGRAFISCHE SPREIDING VAN DE KINDERBIJSLAG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "FAMIFED. Federaal agentschap voor de kinderbijslag GEOGRAFISCHE SPREIDING VAN DE KINDERBIJSLAG"

Transcriptie

1 FAMIFED Federaal agentschap voor de kinderbijslag GEOGRAFISCHE SPREIDING VAN DE KINDERBIJSLAG 2013

2

3 Geografische spreiding van de kinderbijslag 2013

4

5 Verantwoordelijke uitgever: Federaal agentschap voor de kinderbijslag (FAMIFED) Voor inlichtingen: FAMIFED Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat Brussel Bijkomende exemplaren kunnen op aanvraag verkregen worden. Deze gegevens mogen enkel worden overgenomen met vermelding van de bron. Deze studie is louter informatief en mag niet beschouwd worden als een document waarop aanspraak op sommige rechten kan worden gebaseerd.

6

7 INHOUDSTAFEL INLEIDING... 1 DEEL I: OVERZICHT VAN DE GEOGRAFISCHE VERDELING VAN DE RECHTGEVENDE KINDEREN IN HET KINDERBIJSLAGSTELSEL VOOR WERKNEMERS EN HET STELSEL VAN DE GEWAARBORGDE KINDERBIJSLAG OVERZICHT VAN DE KERNCIJFERS VAN DE GEOGRAFISCHE TELLING OP 31 DECEMBER 2013 IN HET WERKNEMERSSTELSEL OVERZICHT VAN DE KERNCIJFERS VAN DE GEOGRAFISCHE TELLING OP 31 DECEMBER 2013 IN HET STELSEL VAN DE GEWAARBORGDE KINDERBIJSLAG DEEL II: EVOLUTIE VAN HET AANTAL KINDEREN PER ARRONDISSEMENT EN GEWEST EVOLUTIE VAN HET AANTAL KINDEREN PER ARRONDISSEMENT EVOLUTIE VAN HET AANTAL KINDEREN PER GEWEST DEEL III: GEOGRAFISCHE VERDELING PER ENTITEIT (ALLE STELSELS SAMEN) AANTAL RECHTGEVENDE KINDEREN PER ENTITEIT... FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD. CONCLUSIE BIJLAGEN... 33

8

9 Inleiding De geografische telling geeft, voor het kinderbijslagstelsel voor werknemers, een overzicht van het aantal gezinnen en kinderen waaraan effectief kinderbijslag betaald is in de maand december volgens het arrondissement waarin de bijslagtrekkende woont. De cijfers beschrijven de situatie op 31 december 2013 en er wordt tevens een blik geworpen op de evolutie gedurende de laatste tien jaren. Naast de cijfers betreffende de werknemersregeling schetst de studie ook een beknopt beeld van de belangrijkste statistieken in het stelsel van de gewaarborgde gezinsbijslag. Na de studie volgt een omvangrijke bijlage met heel wat detailinformatie over de geografische verdeling van het aantal rechtgevende kinderen en gezinnen per arrondissement en gewest. Hierna volgt een beknopte beschrijving van de verschillende delen van de studie: Deel I: Overzicht van de geografische verdeling van de rechtgevende kinderen in het kinderbijslagstelsel voor werknemers en het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag Dit deel bestaat uit 2 luiken die elk een verschillend stelsel behandelen: In een eerste luik worden de belangrijkste kerncijfers (werknemersstelsel) per arrondissement en gewest weergegeven aan de hand van een aantal overzichtelijke landkaarten. Een overzicht van alle kaarten bevindt zich in schema 1 op pagina 6. In een tweede luik wordt een beknopt overzicht geboden van het aantal kinderen in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag. Er wordt een basisoverzicht gegeven van de statistieken per gewest en per arrondissement op 31 december Deel II: Evolutie van het aantal kinderen per arrondissement en gewest In dit deel wordt stilgestaan bij de algemene evolutie van het aantal kinderen per arrondissement en per gewest. In eerste instantie wordt een algemeen beeld gegeven van de evoluties per arrondissement tussen 2003 en Hierbij worden de sterkst stijgende en de sterkst dalende arrondissementen geanalyseerd. Vervolgens is er in dit gedeelte uitgebreid aandacht voor de evolutie van de effectieven per gewest. Aan de hand van twee overzichtstabellen wordt de evolutie ( ) van het aantal rechtgevende kinderen volgens rang, schaal en leeftijd in kaart gebracht. 1

10 Deel III: Geografische verdeling per entiteit In dit gedeelte wordt het totaal aantal rechtgevende kinderen (alle stelsels samen) in 2013 verdeeld per bevoegde entiteit. Met de nakende splitsing van de kinderbijslag in het vooruitzicht is het interessant om de geografische verdeling van de verschillende entiteiten te beschrijven. Voor enkele overheidsinstellingen die zelf kinderbijslag betalen aan hun personeel en de CDVU,, wordt het aandeel per entiteit geraamd aangezien deze informatie nog niet beschikbaar is. Aan de hand van de uitgevoerde analyses wordt een overzicht gegeven van de beschikbare statistieken met betrekking tot de geografische spreiding van de rechtgevende kinderen en de evolutie sinds Het is mogelijk om meer gedetailleerde statistieken te raadplegen in de bijlagen en via het statistiekportaal van FAMIFED. 2

11 DEEL I: Overzicht van de geografische verdeling van de rechtgevende kinderen in het kinderbijslagstelsel voor werknemers en het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag 1.1 Overzicht van de kerncijfers van de geografische telling op 31 december 2013 in het werknemersstelsel Dit eerste luik biedt een overzicht van de geografische verdeling van het aantal rechtgevende kinderen op arrondissementsniveau. De bespreking gebeurt aan de hand van een aantal landkaarten die weergeven hoeveel rechtgevende kinderen er zijn per arrondissement en wat hun respectieve aandeel is binnen het totaal aantal kinderen (kaart 1) of binnen een bepaald arrondissement (kaarten 2 tot en met 7). Alvorens de bespreking aan te vangen vindt u hieronder een aantal belangrijke methodologische toelichtingen die moeten helpen bij de interpretatie van de gegevens: De geografische verdeling wordt opgemaakt op basis van de woonplaats van de bijslagtrekkende. Als een bijslagtrekkende in een bepaald arrondissement woont, wordt het rechtgevend kind verondersteld in hetzelfde arrondissement te wonen. Het Waals Gewest is steeds inclusief de Duitstalige Gemeenschap. Meestal worden de aantallen van de Duitstalige Gemeenschap apart weergegeven waardoor het mogelijk is om het Waals Gewest exclusief de Duitstalige Gemeenschap te berekenen. De cijfers zelf hebben betrekking op de kinderen waarvoor in december 2013 kinderbijslag betaald werd op basis van een recht in de maand november. Hierdoor zijn de cijfers iets lager dan in de demografische statistiek waar de ingeschreven gevallen het uitgangspunt vormen en niet enkel de betaalde gevallen zoals hier het geval is. In de statistieken van 31 december 2013 zijn ook de werkhervatters opgenomen. Wanneer iemand na een langdurige periode van werkloosheid of ziekte/invaliditeit het werk hervat en een bepaalde inkomensgrens (zie infra) niet overschrijdt, dan heeft deze persoon gedurende maximaal acht kwartalen verder recht op de verhoogde kinderbijslag voor langdurig werklozen of invaliden. Concreet betekent dit dat een deel van de langdurig werklozen (art. 42bis KBW) en invaliden (art. 50ter KBW) in principe werkt, maar ze worden verder opgenomen in de bestaande statistische categorieën. Inkomensgrenzen: in de studie wordt vaak verwezen naar de inkomensgrenzen die binnen de kinderbijslag voor de gezinnen gelden. In de praktijk bedroeg in 2013 (spilindex 119,62) deze maandelijkse bruto inkomensgrens 2.230,74 EUR voor eenoudergezinnen en 3

12 2.306,94 EUR voor de gezinnen met twee ouders. Wie niet voldoet aan deze inkomensnorm heeft geen recht op de sociale toeslagen. Als in de studie naar inkomensgrenzen wordt verwezen, dan heeft dit betrekking op de hiervoor vermelde bedragen. In deze statistiek wordt de geografische verdeling besproken aan de hand van de verschillende uitgekeerde schalen, gebaseerd op de verschillende categorieën van rechthebbenden. Voor de duidelijkheid zullen deze categorieën hieronder worden toegelicht. Gewone schaal De onderstaande tabel geeft een overzicht van de categorieën van rechthebbenden waarvoor de gewone schaal 1 art. 40 KBW uitbetaald wordt. In het geval het een eenoudergezin betreft waarvan de inkomensgrens niet overschreden wordt, is er een bijkomend recht op de sociale toeslag voor eenoudergezinnen art. 41 KBW. Arbeidsprestaties Wezen Werklozen < 6 maanden Werklozen > 6 maanden Gepensioneerden Invaliden In deze categorie zijn de kinderen opgenomen van rechthebbenden die werken of tijdelijk werkloos zijn. Categorie van weeskinderen die geen recht hebben op de verhoogde wezenbijslag omdat de overlevende ouder hertrouwd is of een feitelijk gezin gevormd heeft. In deze categorie zijn ook de weeskinderen opgenomen die geboren zijn vóór 1 juli 1966 en die kinderbijslag ontvangen in het kader van een restregeling. Tot deze categorie behoren de kinderen waarvan de rechthebbende werkloos is, maar geen sociale toeslag ontvangt omdat de voorwaarde van langer dan 6 maanden werkloosheid niet vervuld is. Tot deze categorie behoren de kinderen waarvan de rechthebbende werkloos is, maar geen sociale toeslag ontvangt omdat de inkomensvoorwaarde niet voldaan is. De kinderen van gepensioneerde rechthebbenden waarvan het gezinsinkomen de inkomensnorm om recht te hebben op de verhoogde schaal overschrijdt, zijn opgenomen in deze categorie. Tot deze categorie behoren de kinderen waarvan de rechthebbende invalide of langer dan 6 maanden ziek is, maar geen sociale toeslag ontvangt omdat de inkomensvoorwaarde niet voldaan is. 1 Bij de detailgegevens van al deze afzonderlijke categorieën in de bijlagen kunnen de kinderen met recht op de toeslag voor eenoudergezinnen (art. 41 KBW) niet geïsoleerd worden. 4

13 Verhoogde schaal In deze groep zijn de kinderen opgenomen voor wie de verhoogde schaal 2 voor werklozen, gepensioneerden, invaliden of eenoudergezinnen wordt uitbetaald. Bij de verhoogde schaal voor werklozen, gepensioneerden of invaliden wordt voor de kinderen vanaf rang 3 in een eenoudergezin de toeslag gelijkgesteld met die van de eenoudergezinnen in art. 41 KBW. In de onderstaande categorieën zijn de werkhervatters mee opgenomen. Werklozen > 6 maanden Gepensioneerden Invaliden Eenoudergezinnen In deze categorie zijn de kinderen opgenomen van wie de rechthebbende langer dan 6 maanden werkloos is en die recht hebben op de sociale toeslag art. 42bis KBW. In deze categorie zijn de kinderen opgenomen van gepensioneerde rechthebbenden die recht hebben op de verhoogde schaal voor gepensioneerden (art. 42bis KBW). In deze categorie zijn de kinderen opgenomen van wie de rechthebbende invalide of langer dan 6 maanden ziek is en die recht hebben op de sociale toeslag art. 50ter KBW. In deze categorie zijn de kinderen opgenomen van wie de bijslagtrekkende geen feitelijk gezin vormt en die recht hebben op de sociale toeslag art. 41 KBW. Wezen verhoogde schaal Wezen In deze categorie zijn de kinderen opgenomen die recht hebben op de wezenbijslag (art. 50bis KBW). 2 Kinderen van rang 3 en hoger van een eenoudergezin in de verhoogde schalen art. 42bis KBW en art. 50ter KBW hebben recht op een toeslag die gelijkgesteld is aan deze in de schaal art. 41 KBW. Zij blijven wel in de desbetreffende schaal onderverdeeld. 5

14 Het onderstaande schema 1 geeft een overzicht van alle beschikbare landkaarten op arrondissementsniveau die in deze studie aan bod komen. Een eerste opdeling bestaat uit landkaarten in de gewone schaal en in de verhoogde schalen. Schema 1: Overzicht landkaarten per arrondissement, werknemersstelsel Alle categorieën Kaart 1 Gewone schaal Verhoogde schaal Alle categorieën enkel art. 40 KBW Kaart 2 Eenoudergezinnen art. 41 KBW Kaart 3 Werklozen van meer dan 6 maanden art. 42bis KBW Kaart 4 Gepensioneerden art. 42bis KBW Kaart 5 Invaliden art. 50ter KBW Kaart 6 Wezen art. 50bis KBW Kaart 7 6

15 1.1.1 Totaal aantal rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest De onderstaande kaart 1 geeft de spreiding weer van het aantal rechtgevende kinderen in het werknemersstelsel. Hieruit blijkt dat 10,82 % van de rechtgevende kinderen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest woont. Het Vlaams Gewest heeft een aandeel van 56,95 %. Antwerpen (9,50 %), Halle-Vilvoorde (5,99 %), Gent (4,72 %) en Leuven (4,38 %) zijn de arrondissementen met het grootse aandeel kinderen in het Vlaams Gewest. Het Waals Gewest telt 32,24 % van de kinderen. De grootste arrondissementen in dit gewest zijn Luik (5,57 %), Charleroi (4,39 %) en Nijvel (3,68 %). De rechtgevende kinderen zijn dus sterk geconcentreerd in de grote steden van de centrumregio s. Bijna 1 op 3 kinderen in de werknemersregeling woont immers in Brussel, Halle- Vilvoorde, Leuven of Antwerpen. De arrondissementen met het minste aantal rechtgevende kinderen zijn Aarlen (0,24 %), Virton (0,31 %), Bastenaken (0,34 %) en Veurne (0,36 %). De Duitstalige Gemeenschap, gelegen in het Waals Gewest, telt 0,44 % van het totaal aantal kinderen in België of kinderen. Kaart 1: kinderen per arrondissement en aandeel van het arrondissement in het totaal van het werknemersstelsel cijfers 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,95% VLAAM S-BRABANT ,37% ANTWERPEN ,58% LIM BURG ,33% WEST-VLAANDEREN ,57% OOST-VLAANDEREN ,10% WAALS GEWEST ,24% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p ,44% LUIK ,71% LUXEM BURG ,86% NAM EN ,33% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,68% HENEGOUWEN ,66% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,82% TOTAAL ,- % 7

16 1.1.2 rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - gewone schaal (enkel art. 40 KBW) Het aandeel kinderen met recht op de gewone schaal, varieert tussen 63,00 % in het arrondissement Charleroi en 90,23 % in het arrondissement Tielt. Dit percentage verschilt sterk naargelang het arrondissement en het gewest waarin het zich bevindt. De percentages zijn gemiddeld een stuk hoger in het Vlaams Gewest (84,90 %) dan in het Waals Gewest (72,82 %) en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (64,14 %), wat de verschillende socio-economische situaties in de gewesten weerspiegelt. Binnen het Vlaams Gewest is het percentage kinderen in de gewone schaal hoog met uitzondering van het arrondissement Antwerpen (78,97 %), de arrondissementen Oostende (80,31 %) en Veurne (82,49 %) en de hele provincie Limburg. In het Waals Gewest worden de hoogste percentages genoteerd in de arrondissementen Nijvel (85,30 %), Borgworm (82,60 %) en Bastenaken (80,60 %). Het laagste percentage is zoals eerder gesteld in Charleroi, maar ook Bergen (64,04 %) en Luik (66,22 %) scoren zeer laag. Binnen de Duitstalige Gemeenschap ten slotte is het percentage vrij hoog (81,29 %) in vergelijking tot de rest van het Waals Gewest. Kaart 2: en percentage kinderen met enkel de gewone schaal (art. 40 KBW) per arrondissement - werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,90% VLAAM S-BRABANT ,04% ANTWERPEN ,20% LIM BURG ,52% WEST-VLAANDEREN ,73% OOST-VLAANDEREN ,82% WAALS GEWEST ,82% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p ,29% LUIK ,53% LUXEM BURG ,60% NAM EN ,59% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,30% HENEGOUWEN ,48% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,14% TOTAAL ,76% 8

17 1.1.3 rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - eenoudergezinnen (art. 41 KBW) Het aandeel kinderen met recht op de toeslag voor eenoudergezinnen (art. 41 KBW) is het hoogst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (6,01 %), kort gevolgd door het Waals Gewest (5,83 %). De arrondissementen met het hoogste percentage kinderen van eenoudergezinnen in het Waals Gewest zijn Charleroi (6,90 %), Luik (6,75 %), Moeskroen (6,52 %) en Philippeville (6,39 %). Nijvel (4,03 %) daartegenover scoort opmerkelijk lager dan gemiddelde van het Waals Gewest. In het Vlaams Gewest krijgt 4,45% van de kinderen een toeslag voor eenoudergezinnen. Arrondissementen met een veel groter percentage kinderen van eenoudergezinnen dan het gewestelijk gemiddelde zijn Veurne (6,70 %), Oostende (5,92 %) en Antwerpen (5,26 %). Daartegenover noteren Leuven (3,56 %), Halle-Vilvoorde (3,74 %), Tielt (3,89 %) en Oudenaarde (3,90 %) lage percentages kinderen van eenoudergezinnen. Kaart 3: en percentage kinderen van eenoudergezinnen (art. 41 KBW) per arrondissement - werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,45% VLAAM S-BRABANT ,67% ANTWERPEN ,77% LIM BURG ,30% WEST-VLAANDEREN ,80% OOST-VLAANDEREN ,51% WAALS GEWEST ,83% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 507 5,83% LUIK ,29% LUXEM BURG ,40% NAM EN ,30% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,03% HENEGOUWEN ,26% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,01% TOTAAL ,07% 9

18 1.1.4 rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - werklozen verhoogde schaal (art. 42bis KBW) Kaart 4: en percentage kinderen van werklozen in de verhoogde schaal (art. 42bis KBW) per arrondissement werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,56% VLAAM S-BRABANT ,13% ANTWERPEN ,71% LIM BURG ,20% WEST-VLAANDEREN ,82% OOST-VLAANDEREN ,90% WAALS GEWEST ,62% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 595 6,84% LUIK ,21% LUXEM BURG ,96% NAM EN ,47% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,07% HENEGOUWEN ,28% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,71% TOTAAL ,04% Het percentage kinderen in de verhoogde schaal voor langdurig werklozen (art. 42bis KBW) verschilt sterk tussen de gewesten en de arrondissementen onderling, zo blijkt uit kaart 4. Binnen het Vlaams Gewest is dit percentage het laagst in de West-Vlaamse arrondissementen Tielt (2,15 %), Diksmuide (2,67 %) en Roeselare (2,69 %). De hoogste percentages worden genoteerd in Antwerpen (9,64 %), Oostende (6,78 %), Tongeren (6,60 %) en Hasselt (6,44 %). Gemiddeld behoort 5,56 % van de kinderen in het Vlaams Gewest tot deze categorie. In het Waals Gewest is dit 10

19 meer dan 2 keer zoveel (11,62 %) en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dit bijna vier keer zoveel (19,71 %). Binnen het Waals Gewest worden de hoogste percentages kinderen met recht op de verhoogde schaal voor langdurig werklozen geteld in de arrondissementen Charleroi (15,71 %), Bergen (15,51 %) en Luik (15,38 %). Daartegenover is het aandeel van deze categorie opmerkelijk kleiner in de arrondissementen Nijvel (6,07 %) en Borgworm (6,69 %). Voor deze categorie zijn de onderlinge verschillen tussen de arrondissementen relatief groot. In het arrondissement met het laagste percentage rechtgevende kinderen in deze schaal namelijk Tielt (2,15 %) zijn er verhoudingsgewijs 9 keer minder kinderen in deze schaal dan in het arrondissement met het hoogste percentage Brussel (19,71 %). Zoals eerder beschreven bevinden zich in deze schaal ook de rechtgevende kinderen van degenen die in de periode van de gelijkstelling zitten in het kader van de werkhervattingmaatregel (zie supra). Voor deze laatste groep zijn er echter geen aparte cijfers beschikbaar per gewest of arrondissement. Binnen de Duitstalige Gemeenschap behoort 6,84 % van de kinderen tot de verhoogde schaal voor langdurig werklozen, dit is beduidend lager dan in de rest van het Waals Gewest. Als de som van alle categorieën van werklozen wordt geanalyseerd (ongeacht de uitgekeerde schaal) dan blijkt dat in het Vlaams Gewest 10,87 % van de kinderen opgroeit in een gezin waarin minstens één ouder werkloos is, in het Waals Gewest is dit 20,56 % en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dit 29,22 %. 11

20 1.1.5 rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - gepensioneerden verhoogde schaal (art. 42bis KBW) Kaart 5: en percentage kinderen van gepensioneerden in de verhoogde schaal (art. 42bis KBW) per arrondissement werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,30% VLAAM S-BRABANT 365 0,18% ANTWERPEN ,36% LIM BURG 924 0,64% WEST-VLAANDEREN 338 0,18% OOST-VLAANDEREN 538 0,21% WAALS GEWEST ,30% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 24 0,28% LUIK 630 0,33% LUXEM BURG 71 0,19% NAM EN 194 0,23% WAALS-BRABANT (Nijvel) 203 0,28% HENEGOUWEN 809 0,33% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,75% TOTAAL ,35% Het percentage rechtgevende kinderen in de verhoogde schaal voor gepensioneerden is eerder laag. Binnen het Vlaams en Waals Gewest bedraagt dit percentage 0,30 %. Binnen het Vlaams Gewest is het percentage rechtgevende kinderen van gepensioneerden in de verhoogde schaal vooral hoog in Hasselt (0,81 %), Maaseik (0,52 %), Antwerpen (0,47 %) en Tongeren (0,41 %). In het Waals Gewest worden de hoogste percentages vastgesteld in de arrondissementen Luik (0,43 %) en Charleroi (0,42 %). In de andere arrondissementen is het percentage vrij laag. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest daarentegen is het percentage rechtgevende kinderen van gepensioneerde rechthebbenden (0,75 %) meer dan dubbel zo hoog als in de andere gewesten. In de 12

21 Duitstalige Gemeenschap ten slotte behoort 0,28 % van de kinderen tot de categorie van gepensioneerden met recht op een verhoogde toeslag (art. 42bis KBW). In absolute aantallen is de groep van kinderen van gepensioneerden in de verhoogde schaal een vrij kleine categorie die slechts kinderen telt voor het volledige werknemersstelsel rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - invaliden verhoogde schaal (art. 50ter KBW) De kaart op de volgende pagina heeft betrekking op de kinderen van invalide rechthebbenden waarvoor de verhoogde bijslag voor invaliden (art. 50ter KBW) wordt uitbetaald. Het percentage kinderen in deze categorie is binnen het Vlaams Gewest het hoogst in Hasselt (5,53 %) en Oostende (5,13 %). In de andere arrondissementen is het percentage eerder laag in vergelijking tot het nationale gemiddelde (5,21 %). In het Waals Gewest (7,35 %) is het percentage kinderen in deze schaal dubbel zo hoog als in het Vlaams Gewest (3,53 %). Vooral in Charleroi (11,61 %), Bergen (11,29 %) en Luik (9,12 %) ligt het percentage een stuk boven het nationale gemiddelde. Een opmerkelijk laag percentage in het Waals Gewest wordt waargenomen in het arrondissement Nijvel (2,85 %). In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het percentage met 7,70 % nog hoger dan in het Waals Gewest. In het Vlaams Gewest wordt voor 38,47 % van de kinderen van invaliden de gewone schaal uitbetaald, in de andere gewesten is dat voor respectievelijk 29,90 % (Waals Gewest) en 23,19 % (Brussels Hoofdstedelijk Gewest). Als we de som nemen van alle kinderen met een invalide rechthebbende (dus zowel gewone als verhoogde schaal) dan blijkt dat in het Vlaams Gewest voor 5,73 % van de kinderen de rechthebbende een invalide is, in het Waals Gewest is dit 10,48 % en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dit 10,02 %. Uit de som van de invaliden en de werklozen (dus zowel gewone als verhoogde schaal), blijkt dat voor 16,60 % van de kinderen in het Vlaams Gewest de rechthebbende werkloos of invalide is. In het Waals Gewest is dit 31,04 % en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 39,24 %. Deze cijfers illustreren de grote socio-economische verschillen tussen de regio s. 13

22 Kaart 6: kinderen en percentage kinderen van invaliden in de verhoogde schaal (art. 50ter KBW) per arrondissement - werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,53% VLAAM S-BRABANT ,74% ANTWERPEN ,74% LIM BURG ,99% WEST-VLAANDEREN ,15% OOST-VLAANDEREN ,32% WAALS GEWEST ,35% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 364 4,18% LUIK ,67% LUXEM BURG ,58% NAM EN ,32% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,85% HENEGOUWEN ,36% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,70% TOTAAL ,21% 14

23 1.1.7 rechtgevende kinderen per arrondissement en gewest - wezen verhoogde schaal (art. 50bis KBW) Het percentage weeskinderen met recht op de verhoogde wezenbijslag is het laagste in het Vlaams Gewest (1,26 %). Het hoogste percentage weeskinderen in het Vlaams Gewest, wordt waargenomen in Oudenaarde (1,54 %) gevolgd door Oostende (1,53 %). In het Waals Gewest is het aantal weeskinderen gemiddeld het hoogst (2,08 %). Meer dan de helft van de arrondissementen in het Waals Gewest noteren percentages weeskinderen die hoger liggen dan 2 %. De laagste percentages weeskinderen in het Waals Gewest worden waargenomen in Nijvel (1,48 %), Borgworm (1,66 %) en Verviers (1,78 %). Het hoogste percentage wordt waargenomen in Virton (2,74 %). In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bedraagt het percentage van deze categorie 1,70 %, wat ongeveer het midden houdt tussen de twee andere gewesten. In de Duitstalige Gemeenschap ligt het percentage kinderen met wezenbijslag op 1,59 %, wat lager is dan in de rest van het Waals Gewest. Kaart 7: en percentage kinderen in de verhoogde schaal voor wezen (art. 50bis KBW) per arrondissement - werknemersstelsel 31 december 2013 AANTAL % VLAAMS GEWEST ,26% VLAAM S-BRABANT ,25% ANTWERPEN ,21% LIM BURG ,35% WEST-VLAANDEREN ,33% OOST-VLAANDEREN ,25% WAALS GEWEST ,08% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 138 1,59% LUIK ,98% LUXEM BURG 824 2,26% NAM EN ,10% WAALS-BRABANT (Nijvel) ,48% HENEGOUWEN ,30% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,70% TOTAAL ,57% 15

24 1.2 Overzicht van de kerncijfers van de geografische telling op 31 december 2013 in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag In dit deel wordt een beknopt overzicht gegeven van de statistieken met betrekking tot het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag op 31 december Op de kaart is telkens het absoluut aantal kinderen weergegeven per arrondissement en de percentages geven weer hoeveel % van het totaal aantal kinderen per arrondissement (werknemersstelsel + stelsel gewaarborgde) er behoren tot het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag. Voor alle gewesten samen behoort minder dan 1 op 100 kinderen (0,85 %) tot het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag. In het Vlaams Gewest is deze kans 0,39 % of minder dan de helft kinderen per arrondissement AANTAL % VLAAMS GEWEST ,39% VLAAM S-BRABANT 431 0,21% ANTWERPEN ,56% LIM BURG 384 0,27% WEST-VLAANDEREN 541 0,29% OOST-VLAANDEREN ,45% WAALS GEWEST ,98% wa a rv a n D u it s t a lig e G e m e e n s c h a p 189 2,13% LUIK ,87% LUXEM BURG 164 0,45% NAM EN 500 0,58% WAALS-BRABANT (Nijvel) 143 0,20% HENEGOUWEN ,74% BRUSSELS HOOFD- STEDELIJK GEWEST ,76% TOTAAL ,84% 16

25 In het Waals Gewest bedraagt het percentage met 0,98 % iets meer en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ten slotte is de verhouding 2,76 %, wat een stuk hoger is dan in de andere gewesten. De verschillen tussen de arrondissementen zijn trouwens ook vrij groot. Het arrondissement met het hoogste percentage kinderen in de gewaarborgde kinderbijslag is het arrondissement Brussel, het bedraagt 2,76 %. Daarnaast zijn er nog 4 arrondissementen waarvan het aandeel meer dan 1 % bedraagt, het betreft Verviers, Luik en Charleroi met respectievelijk 2,46 %, 2,24 % en 1,09 %. Het laagste percentage (0,05 %) wordt vastgesteld in Diksmuide en Brugge, daar behoort minder dan 1 op kinderen tot het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag. Het onderlinge aandeel van de gewesten binnen het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag verschilt trouwens ook sterk van dat van het werknemersstelsel. Zo heeft het Vlaams Gewest binnen het werknemersstelsel een aandeel van 56,95 % tegenover slechts 25,87 % van de kinderen in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag. Voor het Waals Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bedraagt het percentage respectievelijk 32,24 % en 10,82 % in het werknemersstelsel en 38,36 % en 35,77 % in het stelsel van de gewaarborgde. Er is dus een duidelijke oververtegenwoordiging van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest binnen de gewaarborgde kinderbijslag Overzicht per gewest van het aantal kinderen per rang en leeftijd Tabel 1 op de volgende pagina geeft het aantal kinderen per gewest weer. Uit de verdeling per leeftijd blijkt dat in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag de kinderen doorgaans jonger zijn dan in het werknemersstelsel en dit geldt voor alle gewesten. Het percentage kinderen tussen 18 en 24 varieert van 6,71 % in het Vlaams Gewest tot 10,59 % in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In de werknemersregeling bedraagt dit percentage 16,68 %. In het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag bedraagt het aandeel van de kinderen van 0 tot 5 jaar in het Vlaams Gewest 36,86 %, in het Waals Gewest is dit 41,34 % en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 41,14 %. Binnen het stelsel van de werknemers is 29,11 % van de kinderen tussen 0 en 5 jaar. Uit tabel 2 blijkt dat het percentage kinderen met een hogere rang ook een stuk hoger is dan in het werknemersstelsel. In het Vlaams Gewest is 32,49 % van de kinderen van rang 3 of meer, in het Waals Gewest is dit 30,70 % en in het Brussels Hoofdstedelijk gewest is dit 23,89 %. Het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag (alle gewesten) telt 28,73 % kinderen van rang 3 of meer, dit is meer dan dubbel zoveel als in het werknemersstelsel (12,81 %). Dit duidt erop dat er in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag veel meer grote gezinnen zijn dan in het werknemersstelsel. 17

26 18 Tabel 1: Overzicht aantal kinderen volgens leeftijd in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag - december 2013 AANTAL KINDEREN 0-5 jaar 6-11 jaar jaar jaar TOTAAL VOLGENS LEEFTIJD % % % % % Vlaams Gewest ,86% ,02% ,41% 293 6,71% ,- % Waals Gewest ,34% ,85% ,06% 502 7,75% ,- % Waarvan Duitstalige Gemeenschap 79 41,80% 60 31,75% 35 18,52% 15 7,94% ,- % Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,14% ,60% ,67% ,59% ,- % TOTAAL ,11% ,99% ,40% ,50% ,- % Tabel 2: Overzicht aantal kinderen volgens rang in het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag - december 2013 AANTAL KINDEREN Rang 1 Rang 2 Rang 3 en + TOTAAL VOLGENS RANG % % % % Vlaams Gewest ,02% ,50% ,49% ,- % Waals Gewest ,28% ,02% ,70% ,- % Waarvan Duitstalige Gemeenschap 77 40,74% 56 29,63% 56 29,63% ,- % Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,55% ,56% ,89% ,- % TOTAAL ,84% ,44% ,73% ,- %

27 DEEL II: Evolutie van het aantal kinderen per arrondissement en gewest In dit deel zal de evolutie van het aantal rechtgevende kinderen tussen 2003 en 2013 besproken worden op basis van de evolutie zowel binnen de arrondissementen als tussen de gewesten. Op gewestelijk niveau is de beschikbare informatie gedetailleerder en bijgevolg komen ook de verschillen in de rangverdeling en de leeftijdsverdeling tussen de verschillende gewesten aan bod. 2.1 Evolutie van het aantal kinderen per arrondissement Algemeen waren er in het werknemersstelsel in België 3 10,40 % rechtgevende kinderen meer in 2013 dan in 2003 (gebaseerd op de geografische statistiek). Dit komt neer op een toename van rechtgevende kinderen. De relatieve toename is trouwens het sterkst in de stedelijke arrondissementen (zie tabel 3, p 21). Op een totaal van 43 arrondissementen in België zijn er 4 arrondissementen waarvan het aantal rechtgevende kinderen is gedaald tussen 2003 en Het betreft de arrondissementen: Virton, Ieper, Veurne en Maaseik. Daartegenover staan 16 arrondissementen die een meer dan gemiddelde toename (+ 10,40 %) telden van het aantal rechtgevende kinderen: Borgworm, Brussel, Aalst, Hoei, Halle-Vilvoorde, Mechelen, Oudenaarde, Sint-Niklaas, Eeklo, Antwerpen, Leuven, Neufchâteau, Aat, Gent, Dinant en Dendermonde. In 23 arrondissementen ten slotte was de stijging gemiddeld of iets minder dan gemiddeld. De cijfers tonen aan dat de toename van het aantal rechtgevende kinderen zich vooral voordoet in een aantal grote en centraal gelegen arrondissementen (rondom Brussel). Vooral de toename in Brussel is aanzienlijk, 18,12 % van de toename van het aantal rechtgevende kinderen in België is te verklaren door Brussel. Terwijl Brussel maar een aandeel heeft van 10,82 % in het totaal aantal rechtgevende kinderen in het werknemersstelsel. 3 Exclusief de kinderen opgevoed buiten het Rijk die niet in de cijfers zijn opgenomen. 19

28 Er zijn verschillende factoren die de dynamiek van het aantal kinderen per arrondissement bepalen. Enerzijds kan er een toename zijn van het aantal potentiële moeders of van de vruchtbaarheid, anderzijds speelt ook de interne migratie tussen de verschillende arrondissementen een belangrijke rol. Ook de migratie van buiten België naar bepaalde arrondissementen speelt een cruciale rol in de evolutie van het aantal kinderen. Deze mix van factoren ligt aan de basis van de vastgestelde verschillen in de evolutie. Bij de bespreking van de gewesten (zie punt 2.2) zal dieper ingegaan worden op de evolutie van de gezinsgrootte (aan de hand van de rang) en de leeftijd van de kinderen. De evolutie van het aantal kinderen in de Duitstalige Gemeenschap volgt onder punt

29 21 Tabel 3: Evolutie van het aantal rechtgevende kinderen per arrondissement in het werknemersstelsel, ARRONDISSEMENT AANTAL % Antwerpen ,57% Mechelen ,80% Turnhout ,20% Halle- Vilvoorde ,62% Leuven ,51% Nijvel ,72% Brussel ,73% Brugge ,40% Diksmuide ,64% Ieper ,42% Kortrijk ,95% Oostende ,64% Roeselare ,95% Tielt ,85% Veurne ,52% Aalst ,94% Dendermonde ,61% Eeklo ,06% Gent ,54% Oudenaarde ,48% Sint-Niklaas ,07% Aat ,81% Charleroi ,44% Bergen ,17% Moeskroen ,56% Zinnik ,83% Thuin ,56% Doornik ,98% Hoei ,76% Luik ,68% Verviers ,03% Borgworm ,00% Hasselt ,00% Maaseik ,67% Tongeren ,29% Aarlen ,91% Bastenaken ,50% Marche-en-Famenne ,77% Neufchâteau ,03% Virton ,64% Dinant ,46% Namen ,82% Philippeville ,60% Rijk ,40%

30 2.2 Evolutie van het aantal kinderen per gewest In tabel 4 (p.23) wordt de evolutie van het aantal rechtgevende kinderen per gewest weergegeven. De cijfers voor de Duitstalige Gemeenschap die onderdeel uitmaken van het Waals Gewest, zijn apart in de tabel opgenomen. Zoals eerder reeds vermeld steeg het aantal rechtgevende kinderen in België met Het Vlaams Gewest nam kinderen van de globale toename voor zijn rekening gevolgd door kinderen voor het Waals Gewest en kinderen voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Relatief gezien was de stijging van het aantal kinderen veel groter in Brussel (+ 18,73 %) dan in het Vlaams Gewest (+ 10,33 %) en het Waals Gewest (+ 7,98 %) Evolutie aantal kinderen per gewest volgens schaal Als we de evolutie van de verschillende schalen bekijken dan valt op dat op het niveau van het Rijk de kinderen in de schaal art. 42bis KBW sterk zijn afgenomen (- 13,16 %). Daartegenover is het aantal kinderen in de gewone schaal gestegen met 11,52 % en de kinderen in de schaal art. 50bis KBW kenden een toename met 0,86 %. De meest spectaculaire toename is die van de kinderen van invaliden (+ 71,53 %) 4. Het aantal rechtgevende kinderen van invaliden is sinds 2003 gestegen van naar kinderen. De evolutie per schaal verloopt, zo blijkt, ook sterk verschillend per gewest. In alle gewesten is er een sterke stijging van het aantal kinderen van invaliden, maar de stijging is het sterkst in het Waals Gewest (+ 78,51 %) gevolgd door het Vlaams Gewest (+ 68,44 %) en ten slotte het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (+ 60,76 %). In de schaal art. 42bis KBW voor langdurig werklozen en gepensioneerden is er in het Waals Gewest (- 24,78 %) en het Vlaams Gewest (- 8,01 %) een daling van het aantal rechtgevende kinderen. De daling in vergelijking met 2003 verloopt dus drie keer zo snel in het Waals Gewest als in het Vlaams Gewest. In Brussel is er een toename van 6,40 %. De toename van het aantal kinderen in de gewone schaal (art. 40 KBW) verloopt in het Vlaams en het Waals Gewest ongeveer gelijk met de globale evolutie per gewest. Het Vlaams Gewest kent een toename van 10,43 % tegenover 11,38 % in het Waals Gewest. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (19,96 %) is de toename bijna dubbel zo groot. 4 De toename van het aantal invaliden wordt bevestigd door het RIZIV. Zij zien oorzaken in de toegenomen arbeidsmarktparticipatie en de verhoging van de pensioenleeftijd van vrouwen. Daarnaast is de invaliditeitsgraad toegenomen onder invloed van de vergrijzing en een toename van de psychische stoornissen. 22

31 23 Tabel 4: Evolutie van het aantal rechtgevende kinderen per gewest volgens de uitgekeerde schaal evolutie GEWEST AANTAL % Art ,52% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,96% Vlaams Gewest ,43% Waals Gewest ,38% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,38% Waarvan art Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest waarvan Duitstalige Gemeenschap Art. 42bis ,16% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,40% Vlaams Gewest ,01% Waals Gewest ,78% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,79% Art. 50ter ,53% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,76% Vlaams Gewest ,44% Waals Gewest ,51% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,38% Art. 50bis ,86% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,09% Vlaams Gewest ,11% Waals Gewest ,53% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,29% TOTAAL ,40% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,73% Vlaams Gewest ,33% Waals Gewest ,98% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,24%

32 De wezen met recht op de verhoogde wezenbijslag (art. 50bis KBW) nemen enkel af in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (-2,09 %). In het Waals Gewest en het Vlaams Gewest is er een toename van respectievelijk 2,53 % en 0,11 %. Aangezien het over kleine aantallen gaat en de schommelingen niet al te groot zijn moet niet te veel waarde gehecht worden aan deze evoluties. De toeslag voor eenoudergezinnen (art. 41 KBW) is ingevoerd in 2007, het is daarom niet mogelijk om de evolutie over tien jaar te bestuderen. Over een periode van 6 jaar zijn er meer dan het dubbele aantal kinderen met recht op de verhoogde toeslag voor eenoudergezinnen. In Brussel is dit aantal zelfs verdrievoudigd. Dit verschillend groeiritme bevestigt de socio-economische verschillen tussen de gewesten onderling. Als we de verhoogde schalen samen analyseren dan blijkt dat in 2013, 21,24 % van de kinderen behoren tot één van de verhoogde schalen. In het Vlaams Gewest is dit 15,10 %, in het Waals Gewest 27,18 % en 35,86 % in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Wanneer er enkel wordt gekeken naar de verhoogde schalen art. 42bis KBW (langdurig werklozen en gepensioneerden) en art. 50ter KBW (invaliden), dan blijkt dat hun gemeenschappelijk aandeel tegenover het totaal aantal kinderen kleiner is in 2013 (14,58 %) dan in 2003 (15,29 %). Deze daling heeft zich voorgedaan in alle gewesten maar in het bijzonder in het Waals Gewest. In 2003 had 21,55 % van de kinderen er recht op één van beide toeslagen tegenover 19,53 % in Evolutie aantal kinderen per gewest volgens rang Uit de evolutie per rang in tabel 5 (p.25) blijkt dat er tussen 2003 en 2013 een meer dan gemiddelde toename is van het aantal kinderen in rang 2 (+ 11,35 %). De toename in rang 1 (+ 10,24 %) benadert dit gemiddelde en in rang 3 (+ 8,85 %) is het onder de algemene toename die 10,40 % bedraagt. Ook hier zijn er sterke onderlinge verschillen tussen de gewesten. Zo valt op dat de toename van het aantal rechtgevende kinderen in Brussel vooral te verklaren is door de toename van het aantal kinderen van rang 1 en rang 2, waarvan de toename respectievelijk 19,73 % en 22,08 % bedraagt. De toename in rang 3 (+ 10,53 %) is minder groot. In het Vlaams Gewest is het aantal kinderen van rang 2 (+ 11,99 %) en rang 3 (+ 11,90 %) sterker gestegen dan het aantal kinderen van rang 1 (+ 9,08 %) waardoor de gezinnen gemiddeld iets groter worden. In het Waals Gewest ten slotte is de toename van het aantal kinderen van rang 3 (+ 3,47 %) een stuk lager dan de toename van rang 2 (+ 7,04 %) en rang 1 (+ 9,54 %). 24

33 25 Tabel 5: Evolutie van het aantal rechtgevende kinderen per gewest volgens de rang evolutie GEWEST AANTAL % Rang ,24% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,73% Vlaams Gewest ,08% Waals Gewest ,54% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,19% Rang ,35% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,08% Vlaams Gewest ,99% Waals Gewest ,04% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,07% Rang 3 en ,85% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,53% Vlaams Gewest ,90% Waals Gewest ,47% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,81% TOTAAL ,40% Brussels Hoofdstedelijk Gewest ,73% Vlaams Gewest ,33% Waals Gewest ,98% waarvan Duitstalige Gemeenschap ,24%

34 2.2.3 Evolutie aantal kinderen per gewest volgens leeftijd Zoals in tabel 5 aangetoond wordt, evolueren de gewesten volgens een verschillend ritme, waarbij vooral opvalt dat het aantal kinderen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest veel sterker toeneemt dan in de andere gewesten. De evolutie is voor de gewesten ook sterk gedifferentieerd naar leeftijd. Zo kent Brussel voornamelijk een toename van het aantal kinderen tussen 0 en 17 jaar, terwijl het Vlaams Gewest een toename kent van het aantal kinderen tussen 18 en 24 jaar. Uit tabel 6 blijkt dat het aantal kinderen van 0-5 jaar met 13,50 % is toegenomen sinds Dit komt overeen met een toename van kinderen. De toename in deze categorie is relatief groter binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (+ 23,47 %) dan in het Waals (+ 8,48 %) en het Vlaams Gewest (+ 14,41 %). Het totaal aantal rechtgevende kinderen van 0 tot 17 jaar is over dezelfde periode toegenomen met kinderen. Met een aandeel van 24,82 % is deze toename vooral gesitueerd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Daartegenover staat dat dit gewest slechts 10,82 % van het totaal aantal kinderen vertegenwoordigd. Er is dus een sterke toename van jonge kinderen in alle gewesten, maar deze toename verloopt in Brussel ongeveer drie keer zo snel als in de andere gewesten. Bij de oudste leeftijdscategorieën, de jarigen, is de situatie helemaal anders. Deze groep steeg met kinderen of 34,09 %. Hoewel er ook hier een sterke toename is in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (+ 30,07 %) verloopt deze toename een stuk trager dan in het Vlaams Gewest (+ 37,02 %). De toename in het Vlaams Gewest is opmerkelijk. In absolute aantallen kwamen er zelfs meer kinderen bij in de leeftijdscategorie jaar (51.142) dan bij de 0-5 jarigen (40.606). De toename in het Waals Gewest (+ 30,34 %) benadert de toename in Brussel. De achterliggende reden voor de grote toename in het aantal jarigen is het echo-effect van de babyboomgeneratie die begin de jaren 90 tot een toename in de geboorten leidde en waarvan de kinderen nu doorgestroomd zijn naar de categorie jaar 5. In het laatste decennium zijn er dus vooral jonge kinderen (0-5 jaar) en oudere kinderen (18-24 jaar) bijgekomen. Dit verklaart gedeeltelijk waarom er zoveel kinderen van rang 1 zijn bijgekomen (zie 2.2.2). Meer dan 80 % van de jarigen is immers een kind van rang 1. 5 Deze echo bestaat erin dat de kinderen geboren uit de babyboomgeneratie begin de jaren 90 zelf een gezin begonnen te stichten, wat tot een toename van het aantal kinderen leidde. Deze kinderen hebben ondertussen de leeftijdscategorie jaar bereikt, met als gevolg dat deze categorie sterk in aantal is toegenomen. 26

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Geografische spreiding van de kinderbijslag 2010 1 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: RKW Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat

Nadere informatie

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Geografische spreiding van de kinderbijslag 2011 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: RKW Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat

Nadere informatie

INHOUDSTAFEL 1. KERNCIJFERS GEOGRAFISCHE TELLING OP 31 DECEMBER

INHOUDSTAFEL 1. KERNCIJFERS GEOGRAFISCHE TELLING OP 31 DECEMBER Geografische statistiek telling 2008 INHOUDSTAFEL INLEIDING... 2 1. KERNCIJFERS GEOGRAFISCHE TELLING OP 31 DECEMBER 2007...5 2. EVOLUTIE VAN HET AANTAL RECHTGEVENDE KINDEREN PER ARRONDISSEMENT 2000-2007...18

Nadere informatie

THEMA I.2. Aantal ligdagen in klassieke hospitalisatie

THEMA I.2. Aantal ligdagen in klassieke hospitalisatie THEMA I.2. Aantal ligdagen in klassieke hospitalisatie Selectiecriteria Onderstaande selectie omvat alle klassieke ziekenhuisverblijven (definitie cfr.: Inleiding 2.2.) die voldoen aan de algemene selectiecriteria

Nadere informatie

2003-2004 UNIVERSITAIR ONDERWIJS

2003-2004 UNIVERSITAIR ONDERWIJS Academiejaar 2003-2004 UNIVERSITAIR ONDERWIJS Aantal generatiestudenten per provincie en arrondissement van woonplaats van de student, per studiegebied, nationaliteit en geslacht ingedeeld Belgische studenten

Nadere informatie

THEMA I.1. Aantal klassieke ziekenhuisverblijven

THEMA I.1. Aantal klassieke ziekenhuisverblijven THEMA I.1. Aantal klassieke ziekenhuisverblijven Selectiecriteria Onderstaande selectie omvat alle klassieke ziekenhuisverblijven (definitie cfr.: Inleiding 2.2.) die voldoen aan de algemene selectiecriteria

Nadere informatie

THEMA IV.3. Diabetes Mellitus

THEMA IV.3. Diabetes Mellitus THEMA IV.3. Diabetes Mellitus Selectiecriteria Voor deze selectie worden alle ziekenhuisverblijven weerhouden die beantwoorden aan de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a) en bovendien als hoofddiagnose

Nadere informatie

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: RKW Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat 70-1000 Brussel e-mail: research@rkw.be www.rkw.be

Nadere informatie

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG 2017/1

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG 2017/1 A. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET Schaal tegen spilindex 103,04 (Basis 2013 = 100) van toepassing op 01/06/2017 Aanpassing van het barema aan de nieuwe spilindex I. BASISKINDERBIJSLAGEN 1. GEWONE KINDERBIJSLAG

Nadere informatie

Total des attributaires sur base de prestations de travail - LIEU D'HABITATION

Total des attributaires sur base de prestations de travail - LIEU D'HABITATION ethodologische nota note methodologique - zie m voir II - 73 Total des attributaires sur base de prestations de travail - LIEU D'HABITATION Totaal aantal rechthebbenden op basis van arbeidsprestaties-

Nadere informatie

THEMA IV.1. Tuberculose

THEMA IV.1. Tuberculose THEMA IV.1. Tuberculose Specifieke selectiecriteria Voor deze selectie van tuberculose-verblijven worden alle ziekenhuisverblijven weerhouden die beantwoorden aan de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding

Nadere informatie

STATISTISCH OVERZICHT 30 JUNI 2016

STATISTISCH OVERZICHT 30 JUNI 2016 FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE KINDERBIJSLAG STATISTISCH OVERZICHT 30 JUNI 2016 Gedetailleerde gegevens STATISTISCH OVERZICHT NR. 3 Verantwoordelijke uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag Voor

Nadere informatie

FOCUS De evolutie van gemiddelde maandelijkse kinderbijslag in het stelsel voor werknemers van 1997 tot 2010

FOCUS De evolutie van gemiddelde maandelijkse kinderbijslag in het stelsel voor werknemers van 1997 tot 2010 FOCUS 2011-2 De evolutie van gemiddelde maandelijkse kinderbijslag in het stelsel voor werknemers van 1997 tot 2010 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237

Nadere informatie

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG A. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET Schaal tegen spilindex 119,62 (Basis 2004 = 100) van toepassing op 01/07/2015 Aanpassing: Aanpassing van de grensbedragen voor de inkomsten of sociale

Nadere informatie

THEMA IV.4. Ischemisch Hartlijden

THEMA IV.4. Ischemisch Hartlijden THEMA IV.4. Ischemisch Hartlijden Selectiecriteria Naast de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a.) die steeds in het kader van deze publicatie gehanteerd worden, is het specifieke selectiecriterium

Nadere informatie

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG 2017/1

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG 2017/1 A. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET Voor de kinderbijslagbedragen is de spilindex 101,02 (Basis 2013 = 100) van toepassing vanaf 01/06/2016. De grensbedragen voor de bestaansmiddelen zijn aangepast vanaf 01/06/2017

Nadere informatie

ORGANISATIE VAN DE OPLEIDINGEN

ORGANISATIE VAN DE OPLEIDINGEN ORGANISATIE VAN DE OPLEIDINGEN POLITIEKE & SOCIALE WETENSCHAPPEN COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN De opleidingen worden aangeboden door alle universiteiten, behalve door UHasselt. De opleiding politieke & sociale

Nadere informatie

FOCUS De sociale toeslagen in het stelsel voor kinderbijslag voor werknemers. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

FOCUS De sociale toeslagen in het stelsel voor kinderbijslag voor werknemers. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers FOCUS 2011-1 De sociale toeslagen in het stelsel voor kinderbijslag voor werknemers Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237 26 48 Fax: 02-237 24 35 E-mail:

Nadere informatie

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG A. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET Schaal tegen spilindex 101,02 (Basis 2013 = 100) van toepassing op 01/06/2016 Aanpassing van het barema aan de nieuwe spilindex I. BASISKINDERBIJSLAGEN 1. GEWONE KINDERBIJSLAG

Nadere informatie

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG

BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG BAREMA VAN DE KINDERBIJSLAG A. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET Schaal tegen spilindex 119,62 (Basis 2004 = 100) van toepassing op 01/07/2014 Aanpassingen: 1. Aanpassing van de grensbedragen voor de inkomsten

Nadere informatie

Centrale voor kredieten aan particulieren. Statistieken

Centrale voor kredieten aan particulieren. Statistieken Centrale voor kredieten aan particulieren Statistieken 2016 Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve

Nadere informatie

Centrale voor kredieten aan particulieren. Statistieken

Centrale voor kredieten aan particulieren. Statistieken Centrale voor kredieten aan particulieren Statistieken 2015 Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve

Nadere informatie

Statistiek per kinderbijslagfonds

Statistiek per kinderbijslagfonds Statistiek per kinderbijslagfonds Dienst 2010 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Inlichtingen bij de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers (RKW) Departement

Nadere informatie

Barema. Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG

Barema. Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG Barema Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG 1. BASISBEDRAGEN 1.1 Premies Eénmalig KRAAMGELD 1 ste geboorte 1.223,11 2 de geboorte en elk der volgende 920,25 Elk kind uit een meerlingenzwangerschap

Nadere informatie

THEMA IV.2. Maligne neoplasma van trachea, bronchus en long

THEMA IV.2. Maligne neoplasma van trachea, bronchus en long THEMA IV.2. Maligne neoplasma van trachea, bronchus en long Selectiecriteria Voor deze selectie worden alle ziekenhuisverblijven weerhouden die beantwoorden aan de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding

Nadere informatie

DEMOGRAFISCH VERSLAG

DEMOGRAFISCH VERSLAG RKW KINDERBIJSLAG VOOR WERKNEMERS GEWAARBORGDE GEZINSBIJSLAG DEMOGRAFISCH VERSLAG - 2009 - STATISTISCHE REEKSEN 2008 Tellingen 2008 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Nadere informatie

Een overzicht per entiteit van de kinderbijslag voor kinderen met een aandoening.

Een overzicht per entiteit van de kinderbijslag voor kinderen met een aandoening. Een overzicht per entiteit van de kinderbijslag voor kinderen met een aandoening. Focus: 2016 3 Sinds 50 jaar wordt een bijkomende bijslag voorzien voor kinderen met een aandoening. In de loop van de jaren

Nadere informatie

Nationale Bank van België, Brussel.

Nationale Bank van België, Brussel. Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve en niet-commerciële doeleinden is toegestaan mits bronvermelding.

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 1ste SEMESTER 2015

DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 1ste SEMESTER 2015 FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR KINDERBIJSLAG DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 1ste SEMESTER 2015 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 151 30.06.2015 Verantwoordelijk uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag Voor

Nadere informatie

THEMA V.1. Prostatectomie

THEMA V.1. Prostatectomie THEMA V.1. Prostatectomie Selectiecriteria Naast de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a.) die steeds in het kader van deze publicatie gehanteerd worden, is het specifieke selectiecriterium

Nadere informatie

THEMA V.3. INGREEP OP DE CORONAIREN

THEMA V.3. INGREEP OP DE CORONAIREN THEMA V.3. INGREEP OP DE CORONAIREN Selectiecriteria Naast de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a.) die steeds in het kader van deze publicatie gehanteerd worden, is het specifieke selectiecriterium

Nadere informatie

Chômeurs complets mis au travail en ateliers protégés - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION

Chômeurs complets mis au travail en ateliers protégés - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Chômeurs complets mis au travail en ateliers protégés - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Volledig werklozen tewerkgesteld in een beschutte werkplaats - Fysieke eenheden - Mannen - WOONPLAATS

Nadere informatie

Barema. Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG

Barema. Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG Barema Kinderbijslag voor werknemers KINDERBIJSLAG 1. BASISBEDRAGEN 1.1 Premies Eénmalig KRAAMGELD 1ste geboorte 2de geboorte en elk der volgende Elk kind uit een meerlingenzwangerschap 1.223,11 920,25

Nadere informatie

Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Hommes - LIEU D'HABITATION

Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Hommes - LIEU D'HABITATION Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Hommes - LIEU D'HABITATION Volledig werklozen van 58 jaar en ouder (50 jaar en ouder met beroepsverleden) (*) - Mannen

Nadere informatie

Bedragen kinderbijslag

Bedragen kinderbijslag Bedragen kinderbijslag 1/06/2016 KINDERBIJSLAG 1. BASISBEDRAGEN 1.1 Premies Eénmalig KRAAMGELD 1ste geboorte 2de geboorte en elk der volgende Elk kind uit een meerlingenzwangerschap 1.247,58 938,66 1.247,58

Nadere informatie

1. BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN 2005... 1 2. STATISTIEKEN

1. BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN 2005... 1 2. STATISTIEKEN INHOUDSTAFEL. BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN 2005... 2. STATISTIEKEN 2. SYNTHESE 2.. Aantal geregistreerde personen en contracten... 6 2..2 Jaarlijkse evolutie van het aantal geregistreerde personen en

Nadere informatie

Chlamydia trachomatis

Chlamydia trachomatis Peillaboratoria Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trend van het aantal gevallen met C. trachomatis (1986-23), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau,

Nadere informatie

Departement Controle. Betreft: Eenoudergezinnen - Verhoging van de maandelijkse toeslag - Verhoging van de inkomensgrens

Departement Controle. Betreft: Eenoudergezinnen - Verhoging van de maandelijkse toeslag - Verhoging van de inkomensgrens Trierstraat 70 B-1000 Brussel Departement Controle CO 1375 Afzender RKW Trierstraat 70 B-1000 Brussel datum 06.10.2008 II/C/CO1375/BH uw ref. contact Hugo Bogaert attaché telefoon 02-237 23 61 02-237 21

Nadere informatie

Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION

Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Chômeurs complets de 58 ans et plus (50 ans et plus avec passé professionnel) (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Volledig werklozen van 58 jaar en ouder (50 jaar en ouder met beroepsverleden)

Nadere informatie

Chlamydia trachomatis

Chlamydia trachomatis Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trend van het aantal gevallen met C. trachomatis (1986-29), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau,

Nadere informatie

Bronnen. Symbolen en afkortingen

Bronnen. Symbolen en afkortingen - 1 - Bronnen Tot 1989 waren de gepubliceerde cijfers inzake het bevolkingsaantal gesteund op de gegevens uit het bevolkingsbestand, beheerd door CEVI. Deze gegevens werden ook aangegeven aan het Nationaal

Nadere informatie

in vergelijking met 2002, daling van het aantal laboratoria die ten minste 1 geval diagnosticeerden in Wallonië (2002 : N=19, 2003 : N=14; tabel 2).

in vergelijking met 2002, daling van het aantal laboratoria die ten minste 1 geval diagnosticeerden in Wallonië (2002 : N=19, 2003 : N=14; tabel 2). Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trend van infecties met het (1996-23), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau, voorstelling van

Nadere informatie

Chômeurs complets dispensés d'inscription (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION

Chômeurs complets dispensés d'inscription (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Chômeurs complets dispensés d'inscription (*) - Unités physiques - Hommes - LIEU D'HABITATION Volledig werklozen vrijgesteld van inschrijving (*) - Fysieke eenheden - Mannen - WOONPLAATS ethodologische

Nadere informatie

STATISTIEK VAN DE OVERHEID

STATISTIEK VAN DE OVERHEID STATISTIEK VAN DE OVERHEID Dienstjaar 2009 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: RKW Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat

Nadere informatie

Statistiek per kinderbijslagfonds

Statistiek per kinderbijslagfonds Statistiek per kinderbijslagfonds Telling 2009 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknmers Informatie verkrijgbaar bij de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers (RKW)

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Regionale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen. Regionale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen Regionale rekeningen 2004-2007 Inhoud van de publicatie Deze publicatie bevat gegevens betreffende de aggregaten per bedrijfstak en de inkomensrekeningen van de huishoudens

Nadere informatie

DEMOGRAFISCH VERSLAG - 2003 -

DEMOGRAFISCH VERSLAG - 2003 - RKW KINDERBIJSLAG VOOR WERKNEMERS GEWAARBORGDE GEZINSBIJSLAG DEMOGRAFISCH VERSLAG - 2003 - STATISTISCHE REEKSEN 1993-2003 Uitgave 2004 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Nadere informatie

in vergelijking met 2002 en 2003, daling van het aantal laboratoria die ten minste 1 geval diagnosticeerden (tabel 2).

in vergelijking met 2002 en 2003, daling van het aantal laboratoria die ten minste 1 geval diagnosticeerden (tabel 2). Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trend van het aantal geregistreerde gevallen van hepatitis A (1994-24), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau,

Nadere informatie

Enquête naar het gebruik van buitenschoolse opvang voor kinderen van 3 jaar tot 12 jaar Voorjaar 2004

Enquête naar het gebruik van buitenschoolse opvang voor kinderen van 3 jaar tot 12 jaar Voorjaar 2004 Enquête naar het gebruik van buitenschoolse opvang voor kinderen van 3 jaar tot 12 jaar Voorjaar Katleen Govaert Bea Buysse Kind en Gezin Hallepoortlaan 27, 1060 Brussel Telefoon: 02/533 14 11 - Wettelijk

Nadere informatie

Nr. Situatie Recht op toeslag voor eenoudergezinnen

Nr. Situatie Recht op toeslag voor eenoudergezinnen Programmawet (1) van 27 april 2007 - Maatregelen voor de eenoudergezinnen - Voorbeelden Eenoudergezinnen die enkel de gewone schaal ontvangen: specifieke toeslag van 20 EUR 1. Een koppel gaat gescheiden

Nadere informatie

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen in de volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Inleiding In ons recent onderzoek betreffende de gerechtigden op wacht- en

Nadere informatie

FOCUS De kinderbijslag voor invalide rechthebbenden. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

FOCUS De kinderbijslag voor invalide rechthebbenden. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers FOCUS 2010-1 De kinderbijslag voor invalide rechthebbenden Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237 25 33 Fax: 02-237 24 35 E-mail: research@rkw.be Website:

Nadere informatie

Nieuwe maatregelen ter bestrijding van de werkloosheidsvallen, toegelicht bij CO 1362 van 16 februari 2007

Nieuwe maatregelen ter bestrijding van de werkloosheidsvallen, toegelicht bij CO 1362 van 16 februari 2007 Nieuwe maatregelen ter bestrijding van de werkloosheidsvallen, toegelicht bij CO 1362 van 16 februari 2007 Overzicht van de gestelde vragen en gegeven antwoorden Toekenning van een sociale toeslag na het

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 24 oktober 2012

PERSBERICHT Brussel, 24 oktober 2012 PERSBERICHT Brussel, 24 oktober 2012 De regionale inkomensverschillen onder de loep Hoe verhoudt de inkomensevolutie zich ten opzichte van de inflatie? In welke regio liggen de gemiddelde inkomens het

Nadere informatie

Levensstandaard Fiscale statistiek van de inkomens

Levensstandaard Fiscale statistiek van de inkomens Levensstandaard Fiscale statistiek van de inkomens De Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie biedt onpartijdige statistische informatie. De informatie wordt conform de wet verspreid, meer

Nadere informatie

Respiratoir Syncytiaal Virus

Respiratoir Syncytiaal Virus Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trends van infecties met R.S.V. (1996-22), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau, voorstelling

Nadere informatie

De statistiek per kinderbijslagfonds

De statistiek per kinderbijslagfonds De statistiek per kinderbijslagfonds Jaar 2013 Verantwoordelijke uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag (FAMIFED) Voor alle inlichtingen kunt u terecht bij: FAMIFED Departement Ondersteuning

Nadere informatie

Respiratoir Syncytiaal Virus

Respiratoir Syncytiaal Virus Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trends van infecties met R.S.V. (1996-1), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau, voorstelling

Nadere informatie

Jaar N Jaar N. Leeftijdsgroep < 1 j. 0 1 j. - 4 j j j j j j j j j. 96 > 65 j.

Jaar N Jaar N. Leeftijdsgroep < 1 j. 0 1 j. - 4 j j j j j j j j j. 96 > 65 j. Referentielaboratorium Brussel Inleiding De resultaten in de onderstaande tabel zijn gebaseerd op patiënten van wie : een staal naar het referentielaboratorium is verstuurd (U.C.L. - Brussel) voor diagnose;

Nadere informatie

FOCUS 2009-3. Typegezinnen in de kinderbijslag: kenmerken, evoluties en bedragen. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

FOCUS 2009-3. Typegezinnen in de kinderbijslag: kenmerken, evoluties en bedragen. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers FOCUS 2009-3 Typegezinnen in de kinderbijslag: kenmerken, evoluties en bedragen Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237 26 48 Fax: 02-237 24 35 E-mail: research@rkw-onafts.fgov.be

Nadere informatie

De statistiek per kinderbijslagfonds

De statistiek per kinderbijslagfonds De statistiek per kinderbijslagfonds Tellingen 2008 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: RKW Departement Ondersteuning Research en Financiën Trierstraat

Nadere informatie

KINDERBIJSLAG VOOR ZELFSTANDIGEN STATISTISCHE REEKSEN UITGAVE 2007

KINDERBIJSLAG VOOR ZELFSTANDIGEN STATISTISCHE REEKSEN UITGAVE 2007 STATISTISCHE REEKSEN UITGAVE 2007 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 BRUSSEL Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor alle inlichtingen

Nadere informatie

Respiratoir Syncytiaal Virus

Respiratoir Syncytiaal Virus Peillaboratoria Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trends van R.S.V.-infecties (1996-24), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau,

Nadere informatie

DE STATISTISCHE REEKSEN HET STELSEL VAN DE KINDERBIJSLAG BIJ DE ZELFSTANDIGEN

DE STATISTISCHE REEKSEN HET STELSEL VAN DE KINDERBIJSLAG BIJ DE ZELFSTANDIGEN DE STATISTISCHE REEKSEN HET STELSEL VAN DE KINDERBIJSLAG BIJ DE ZELFSTANDIGEN HET STELSEL VAN DE KINDERBIJSLAG BIJ DE OVERHEID Uitgave 2004 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor

Nadere informatie

FOCUS 2009-2. De maandelijkse kinderbijslag per kind in het kinderbijslagstelsel voor werknemers. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

FOCUS 2009-2. De maandelijkse kinderbijslag per kind in het kinderbijslagstelsel voor werknemers. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers FOCUS 2009-2 De maandelijkse kinderbijslag per kind in het kinderbijslagstelsel voor werknemers Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237 26 46 Fax: 02-237

Nadere informatie

Vastgoed is een bron van een kapitaalstroom met een jaarlijks debiet van vermoedelijk omtrent 1/3 BBP Vastgoed is zowel voor particulieren als voor

Vastgoed is een bron van een kapitaalstroom met een jaarlijks debiet van vermoedelijk omtrent 1/3 BBP Vastgoed is zowel voor particulieren als voor Vastgoed is een bron van een kapitaalstroom met een jaarlijks debiet van vermoedelijk omtrent 1/3 BBP Vastgoed is zowel voor particulieren als voor bedrijven vaak de grootste financiële investering ooit

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2010

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2010 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2010 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 142 Verantwoordelijk uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag

Nadere informatie

THEMA V.2. HYSTERECTOMIE

THEMA V.2. HYSTERECTOMIE THEMA V.2. HYSTERECTOMIE Selectiecriteria Naast de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a.) die steeds in het kader van deze publicatie gehanteerd worden, is het specifieke selectiecriterium gebaseerd

Nadere informatie

1. METHODOLOGISCHE NOTA BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN STATISTIEKEN 3.1 SYNTHESE 3.2 GEREGISTREERDE CONTRACTEN

1. METHODOLOGISCHE NOTA BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN STATISTIEKEN 3.1 SYNTHESE 3.2 GEREGISTREERDE CONTRACTEN INHOUDSTAFEL. METHODOLOGISCHE NOTA...... 2. BELANGRIJKSTE ONTWIKKELINGEN IN 2003... 4 3. STATISTIEKEN 3. SYNTHESE 3.. Aantal geregistreerde personen en contracten... 8 3..2 Aantal geregistreerde personen

Nadere informatie

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken [ Gegevens 2004 ]

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken [ Gegevens 2004 ] Wegwijs in justitie In de hoofdrol bij justitie De instellingen Meer informatie Justitie in de praktijk De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken [ Gegevens 2004 ] Notariaat Met dank aan

Nadere informatie

Respiratoir Syncytiaal Virus

Respiratoir Syncytiaal Virus Peillaboratoria Doelstellingen en beschrijving van het surveillancenetwerk 1. Doelstellingen schatting trends van R.S.V.-infecties (1996-21), schatting incidentie op nationaal en arrondissementsniveau,

Nadere informatie

FOCUS op. het tijdskrediet in de privésector

FOCUS op. het tijdskrediet in de privésector 0 FOCUS op het tijdskrediet in de privésector Dankzij het tijdskrediet, de gewone loopbaanonderbreking voor de werknemers van de privésector, kunt u meer tijd vrijmaken voor uzelf of voor uw naasten. Via

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2009

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2009 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2009 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 140 Verantwoordelijk uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag

Nadere informatie

Statistiek per kinderbijslagfonds

Statistiek per kinderbijslagfonds Statistiek per kinderbijslagfonds Jaar 2012 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Inlichtingen bij de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers (RKW) Departement

Nadere informatie

De kinderen in België zonder Belgische kinderbijslag

De kinderen in België zonder Belgische kinderbijslag De kinderen in België zonder Belgische kinderbijslag Focus 2017 2 Op 1 mei 2015 waren er 96.231 kinderen jonger dan 18 jaar en gedomicilieerd in België die geen Belgische kinderbijslag ontvingen. Dit komt

Nadere informatie

MZG 2011 in beeld Pathologienatlas. Geografische variatie van de pathologie in de Belgische ziekenhuizen

MZG 2011 in beeld Pathologienatlas. Geografische variatie van de pathologie in de Belgische ziekenhuizen MZG 2011 in beeld Pathologienatlas Geografische variatie van de pathologie in de Belgische ziekenhuizen I. Algemeen gedeelte MZG 2011 in beeld Inhoudsopgave Methodologie en Bevolking per arrondissement

Nadere informatie

Verantwoordelijke uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag (FAMIFED)

Verantwoordelijke uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag (FAMIFED) Verantwoordelijke uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag (FAMIFED) Voor alle inlichtingen kunt u terecht bij: FAMIFED Departement Ondersteuning - Research en Financiën Trierstraat 70 1000

Nadere informatie

DE KINDERBIJSLAG IN DE OVERHEIDSSECTOR. Tellingen 2007. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70-1000 BRUSSEL

DE KINDERBIJSLAG IN DE OVERHEIDSSECTOR. Tellingen 2007. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70-1000 BRUSSEL DE KINDERBIJSLAG IN DE OVERHEIDSSECTOR Tellingen 2007 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70-1000 BRUSSEL Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Nadere informatie

Toevlucht tot de spoeddienst van een ziekenhuis: exploratie van de gegevens van CM

Toevlucht tot de spoeddienst van een ziekenhuis: exploratie van de gegevens van CM Gezondheidszorgconsumptie Toevlucht tot de spoeddienst van een ziekenhuis: exploratie van de gegevens van CM Hervé Avalosse, Agnès Chapelle, Fabienne van Sloten - departement O&O Samenvatting In België

Nadere informatie

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren - 2006

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren - 2006 Statistieken Centrale voor kredieten aan particulieren - 2006 Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve

Nadere informatie

Ontwikkeling van de werkloosheidsuitkering en 4 de kwartaal de kwartaal 2000

Ontwikkeling van de werkloosheidsuitkering en 4 de kwartaal de kwartaal 2000 Ontwikkeling van de werkloosheidsuitkering en 4 de kwartaal 2001-4 de kwartaal 2000 Het aantal vergoede volledig werklozen kwam in het 4 de kwartaal 2001 gemiddeld uit op 619 617. Dat zijn er 22 349 meer

Nadere informatie

MANDATARISSEN PER PE 40 ZETELS MANDATAIRES PAR EP 40 SIEGES Berekening van het aantal zetels Mode de calcul du nombre de sièges (art.

MANDATARISSEN PER PE 40 ZETELS MANDATAIRES PAR EP 40 SIEGES Berekening van het aantal zetels Mode de calcul du nombre de sièges (art. MANDATARISSEN PER PE 40 ZETELS MANDATAIRES PAR EP 40 SIEGES Berekening van het aantal zetels Mode de calcul du nombre de sièges (art. 14 20 HR/ROI) mdc 04/07/2017 - Minimum 3 mandatarissen per provinciale

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2012

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2012 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2012 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 145 Verantwoordelijk uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2011

DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2011 Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers DEMOGRAFISCHE EN FINANCIËLE STATISTIEKEN TWEEDE HALFJAAR 2011 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 144 Verantwoordelijk uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag

Nadere informatie

Gezinsbijslag in 15 vragen

Gezinsbijslag in 15 vragen Gezinsbijslag in 15 vragen 1. Wat is gezinsbijslag? Gezinsbijslag omvat: - het kraamgeld dat eenmalig wordt uitbetaald bij de geboorte - de adoptiepremie die eenmaal wordt uitbetaald bij de adoptie - de

Nadere informatie

Betreft: Toepassing van artikel 44bis KBW ingeval van plaatsing van het kind met een beschermd recht

Betreft: Toepassing van artikel 44bis KBW ingeval van plaatsing van het kind met een beschermd recht Trierstraat 70 B-1000 Brussel dienst Controle Afzender RKW Trierstraat 70 B-1000 Brussel datum 21.12.2012 uw ref. contact Peter Savat Guy Tillieux sociaal inspecteurs telefoon 02-237 21 07 02-237 23 60

Nadere informatie

ctiva Het ACTIVA-plan (de werkkaart) Wat is het ACTIVA-plan?

ctiva Het ACTIVA-plan (de werkkaart) Wat is het ACTIVA-plan? activa Het ACTIVA-plan (de werkkaart) ctiva februari 2008 Wat is het ACTIVA-plan? De overheid doet er alles aan om mensen (terug) aan het werk te krijgen. Een belangrijk wapen in die strijd is het ACTIVA-plan.

Nadere informatie

FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR KINDERBIJSLAG DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 2 DE SEMESTER 2014

FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR KINDERBIJSLAG DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 2 DE SEMESTER 2014 FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR KINDERBIJSLAG DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN 2 DE SEMESTER 2014 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 150 Verantwoordelijk uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag Voor alle inlichtingen,

Nadere informatie

Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers ek se n Het kinderbijslagstelsel van de zelfstandigen 1992-2008 De stati Telling 2009 e r e h c stis Statistische Reeksen - Kinderbijslagstelsel voor de

Nadere informatie

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001 Bijlage bij het persbericht dd. 08/06/15: 1 Vrouwen krijgen hun kinderen in toenemende mate na hun dertigste verjaardag 1. Het geboortecijfer volgens Kind en Gezin 67 875 geboorten in 2014, daling van

Nadere informatie

FOCUS 2013-1. De kinderbijslag voor kinderen met een aandoening: tien jaar na de hervorming. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers

FOCUS 2013-1. De kinderbijslag voor kinderen met een aandoening: tien jaar na de hervorming. Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers FOCUS 2013-1 De kinderbijslag voor kinderen met een aandoening: tien jaar na de hervorming Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Trierstraat 70 1000 Brussel Tel.: 02-237 26 51 E-mail: research@rkw-onafts.fgov.be

Nadere informatie

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken Gegevens 2012 Anvers I 902 1 248 199 49 8 1159 Anvers II 666 16 158 137 21 14 854 Anvers III 815 3 315 279 36 7 1140 Anvers IV 1723 5 290 290 0

Nadere informatie

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken Wegwijs in justitie In de hoofdrol bij justitie De instellingen Meer informatie Justitie in de praktijk De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken [ Gegevens 2003 ] Notariaat Met dank aan

Nadere informatie

nr. 187 van INGEBORG DE MEULEMEESTER datum: 13 januari 2015 aan HILDE CREVITS

nr. 187 van INGEBORG DE MEULEMEESTER datum: 13 januari 2015 aan HILDE CREVITS SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 187 van INGEBORG DE MEULEMEESTER datum: 13 januari 2015 aan HILDE CREVITS VICEMINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS Leerplichtige leerlingen

Nadere informatie

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken

De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken De jaarlijkse statistieken van de hoven en de rechtbanken Gegevens 2010 Anvers I 902 1 248 199 49 8 1159 Anvers II 666 16 158 137 21 14 854 Anvers III 815 3 315 279 36 7 1140 Anvers IV 1723 5 290 290 0

Nadere informatie

De statistiek per kinderbijslagfonds

De statistiek per kinderbijslagfonds De statistiek per kinderbijslagfonds Tellingen 2007 Verantwoordelijke uitgever: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers Voor inlichtingen: Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers, Rijksdienst

Nadere informatie

Gezinsbijslag (schaal van kracht vanaf 1 september maandelijkse bedragen in EUR)

Gezinsbijslag (schaal van kracht vanaf 1 september maandelijkse bedragen in EUR) Gezinsbijslag (schaal van kracht vanaf 1 september 2008 - maandelijkse bedragen in EUR) I. Samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders 1. Gewone kinderbijslag (artikel 40): eerste

Nadere informatie

STUDIE. Faillissementen januari 2017

STUDIE. Faillissementen januari 2017 STUDIE Faillissementen januari 2017 01/02/2017 Overname en gebruik van dit onderzoek wordt aangemoedigd bronvermelding Graydon Belgium. Deze brochure is louter ter informatie opgesteld. De gegevens zijn

Nadere informatie

DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2014

DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2014 Federaal Agentschap voor Kinderbijslag DEMOGRAFISCHE STATISTIEKEN EERSTE HALFJAAR 2014 HALFJAARLIJKSE STATISTIEKEN NR 149 Verantwoordelijk uitgever: Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag Voor alle

Nadere informatie

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Situering Opdracht: minister, bevoegd voor het Stedenbeleid De stadsmonitor is een

Nadere informatie