XI. Opheffing maatregel voor milieuvriendelijke wagens XII. Wijzigingen aandelenopties... 53

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "XI. Opheffing maatregel voor milieuvriendelijke wagens... 51 XII. Wijzigingen aandelenopties... 53"

Transcriptie

1 Commentaar op de fiscale bepalingen van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30/12/2011 Inhoudstabel Inleiding... 5 I. Strijd tegen de fiscale fraude en maatregelen voor een betere inning van de belastingen Gebruik rijksregisternummer Bewijskracht elektronische documenten... 6 a) Inzake directe belastingen... 6 b) Inzake btw Processen-verbaal inzake directe belastingen krijgen bewijskracht Verjaringstermijn ten onrechte gestorte bedrijfs- en roerende voorheffing Voorrecht van intresten op bedrijfs- en roerende voorheffing Geldboete op bedrijfs- en roerende voorheffing... 8 II. Wijzigingen aan de roerende inkomsten Algemene principes Wijzigingen aan de tarieven van de roerende voorheffing Bijkomende heffing van 4 % a) Principe van de heffing van 4 % b) Bepaling van de grens van : c) Aangifte aan centraal aanspreekpunt d) Mededeling aan fiscale administratie e) Regels van toepassing op inhoudingen, vestiging en invordering Aangifte in de personenbelasting a) Aanpassing tarieven in de personenbelasting b) Bevrijdend wordt in de meeste gevallen verplichtend c) Verrekening bijkomende heffing van 4 % met personenbelasting d) Aanvullende gemeentebelasting e) Probleem met 0 %-tarief f) Innings- en bewaringskosten i.v.m. bijkomende heffing g) Geen verrekening met forfaitair deel buitenlandse belasting h) Roerende inkomsten als bedrijfsinkomsten III. Voordelen van alle aard voor personenwagens Algemeen Cataloguswaarde Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 1

2 3. Percentage per CO 2 -gram Weerslag op de fiches en a) Voor de werknemers b) Voor de bedrijfsleiders Weerslag op de bedrijfsvoorheffing Voorbeelden a) Prorata temporis berekening b) Berekening cataloguswaarde c) Berekening van het voordeel voor nieuwe wagens voor het eerste jaar d) Vergelijking van eenzelfde wagen nieuw, dan wel aangekocht tweedehands Conclusies Ontwijkingmogelijkheden a) Boeking via de lopende rekening in de vennootschap b) Wagen onttrekken aan vennootschap ten gunste van de bedrijfsleider c) Wagen verkopen aan de bedrijfsleider d) Verplaatsingskosten per km aanrekenen aan de vennootschap e) Wagen verhuren IV. Regeling woon-werkverkeer voor personenwagens, auto s voor dubbel gebruik, valse lichte vracht en minibussen Bestaande regeling a) Gewone regeling b) Alternatieve regeling c) Fietsverkeer Nieuwe regeling a) Gewone regeling b) Alternatieve regeling en fietsverkeer V. Energiebesparende maatregelen Algemeen Premies van de Vlaamse overheid en gemeenten Van toepassing op de energiebesparende uitgaven voor 2011 en betaald ten laatste op 31 december a) Uitgaven voor woningen van minder dan 5 jaar in gebruik b) Uitgaven voor woningen van ten minste 5 jaar in gebruik Van toepassing op de energiebesparende uitgaven gedaan in a) Uitgaven voor woningen van minder dan 5 jaar in gebruik b) Uitgaven voor woningen van ten minste 5 jaar in gebruik Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 2

3 c) Uitgaven voor woningen van meer dan 5 jaar Uitgaven gedaan vanaf 01/01/13 voor isolatie van daken Andere uitgaven voor 2013 voor energiebesparende investeringen Belastingkrediet voor bepaalde energiebesparende maatregelen Belastingvermindering voor het bouwen van of verwerven in nieuwe staat van of de volledige vernieuwing of gedeeltelijke vernieuwing van een onroerend goed om het te verbouwen tot een lage energiewoning, een passiefwoning of een nul energiewoning a) Voor inkomsten b) Voor inkomsten Groene leningen a) Voor inkomsten b) Voor inkomsten 2012 en later VI. Wijziging aftrek voor risicokapitaal VII. Voordelen auto bij de rechtspersoon In de vennootschapsbelasting a) Algemeen b) Geen aftrekken mogelijk op deze verworpen uitgave In de rechtspersonenbelasting a) Algemeen b) Tarief In de belasting van rechtspersonen van niet-inwoners a) Algemeen b) Tarief VIII. Wijzigingen aan de btw Btw-regime van notarissen en gerechtsdeurwaarders a) Algemeen b) Maatstaf van heffing c) Tijdstip van opeisbaarheid d) Herziening van de btw op historische investeringen en goederen en diensten Betaaltelevisie IX. Wijzigingen aan de accijnzen Tabak Afschaffing cliquetsysteem voor brandstof X. Wijzigingen aan het wetboek diverse rechten en taksen Taksen op beursverrichtingen Taks op de omzetting van aandelen aan toonder Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 3

4 XI. Opheffing maatregel voor milieuvriendelijke wagens XII. Wijzigingen aandelenopties Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 4

5 Deze bespreking is gebaseerd op: Inleiding de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen en verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30 december 2011; de op heden beschikbare commentaar; een voorontwerp van wet tot wijziging van een aantal modaliteiten. De publicatie van deze wetswijziging wordt verwacht eind februari, begin maart In dit artikel werden deze wijzigingen duidelijk aangegeven. Deze bespreking is afgesloten op 6 februari Met latere wijzigingen die zouden worden aangebracht tussen het schrijven van dit artikel en de publicatie ervan wordt geen rekening gehouden. Ik meen echter dat aan de besproken punten in dit artikel geen of weinig wijzigingen zullen aangebracht worden. Luc Ceulemans Raadslid IAB Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 5

6 I. Strijd tegen de fiscale fraude en maatregelen voor een betere inning van de belastingen 1. Gebruik rijksregisternummer Artikel 314 Wib 92 bevat in de paragrafen 2 en 3 al de nodige regels die de Federale Overheidsdienst Financiën toelaten van het identificatienummer van het Rijksregister van de natuurlijke personen gebruik te maken, onder meer om het centraal aanspreekpunt dat door de Nationale Bank van België wordt gehouden te raadplegen. Ingevolge de wijziging door de wet van 14 april 2011 (B.S. 06/05/11) aan art. 322, 3 Wib 92 moeten de bank-, wissel-, krediet- en spaarinstellingen aan het centraal aanspreekpunt bij de Nationale Bank van België de identiteit van hun cliënten, de nummers van hun rekeningen en contracten meedelen. Voortaan krijgen zij de toelating om dit identificatienummer eveneens te gebruiken enkel bij bovenvermelde mededeling. Op deze manier zal er voor de natuurlijke personen die in België verblijven een eenduidige identificatie mogelijk zijn. 2. Bewijskracht elektronische documenten a) Inzake directe belastingen De elektronische aangiften inzake personenbelasting, vennootschapsbelasting, rechtspersonenbelasting, belasting van niet-inwoners, roerende voorheffing en bedrijfsvoorheffing alsook de daarbij gevoegde documenten en verantwoordingsstukken hadden door art. 314bis, ingevoegd bij wet van 8 juni 2009 (B.S. 18/06/09), met ingang van aanslagjaar 2009 bewijskracht. Vanaf 01/01/2012 hebben de elektronische gegevens en documenten inzake onroerende voorheffing ook bewijskracht. Aangezien het logisch is dat eenzelfde bepaling bestaat voor gelijkaardige documenten inzake inkomstenbelastingen, wordt een artikel 339/1 in het Wib 92 ingevoegd dat dezelfde uitwerking heeft als het artikel inzake btw. In het kader van de toepassing van voornoemde belasting, ongeacht in welke fase, of het nu de vestiging van de belasting, de controle, het onderzoek van de bezwaarschriften, de behandeling van administratieve of gerechtelijke beroepen, dan wel de inning of de invordering ervan betreft, heeft de voornoemde administratie de mogelijkheid om de meest diverse gegevens en stukken te eisen, door te sturen, te ontvangen, op te stellen of uit te wisselen. Daarom beoogt de gebruikte formulering in het kader van de toepassing van de wetgeving inzake inkomstenbelastingen alle gegevens en stukken die bedoeld zijn in het Wib 92 of in de uitvoeringsbesluiten ervan, in de federale wetten die niet in het Wib 92 zijn opgenomen alsook in de supranationale rechtsregels zoals de Europese regelgeving of de internationale verdragen of rechtsregels die tussenkomen in of voortvloeien uit de uitvoering van de fiscale opdracht. Er dient nog opgemerkt te worden dat in geval van betwisting van de elektronische of optische stukken door de belastingplichtige dezelfde regels van toepassing zijn als deze die gelden voor de papieren stukken. Bovendien biedt deze wijziging nieuwe mogelijkheden voor de belastingplichtige om zijn persoonlijke fiscale gegevens te raadplegen en te beheren in het kader van het project My Minfin. b) Inzake btw Eenzelfde regeling als deze voor de directe belastingen wordt ingevoerd voor de btw, door aanvulling van paragraaf 4 van art. 53octies W. btw voor de bewijskracht van de elektronische documenten. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 6

7 3. Processen-verbaal inzake directe belastingen krijgen bewijskracht Ingevolge de wijziging aan art. 340 Wib 92 kan de administratie alle door het gemeen recht toegelaten bewijsmiddelen, met inbegrip van de processen-verbaal opgesteld door de ambtenaren van de Federale Overheidsdienst, maar met uitzondering van de eed aanvoeren om het bestaan en het bedrag van de belastingschuld te bepalen. De aanpassing van artikel 340 Wib 92 heeft tot doel te verduidelijken dat er ook processen-verbaal kunnen worden opgesteld ter vaststelling van een overtreding van de bepalingen van dit Wetboek of van de ter uitvoering ervan genomen besluiten. Deze verduidelijking is gebaseerd op artikel 59 van het Btw-Wetboek, dat expliciet bepaalt dat iedere overtreding of elk misbruik van de bepalingen van het Wetboek of van de ter uitvoering ervan gegeven uitvoeringsmaatregelen door de administratie kunnen worden bewezen door de processenverbaal opgesteld door de ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën. Met het oog op de harmonisatie van de bewijsmiddelen waarover de belastingambtenaren beschikken, werd ook het artikel 340 Wib 92 gewijzigd. 4. Verjaringstermijn ten onrechte gestorte bedrijfs- en roerende voorheffing Volgens artikel 2262bis, 1, 1 ste lid, B.W. is de aanvraag tot terugbetaling van ten onrechte gestorte voorheffing als een persoonlijk vorderingsrecht te beschouwen. Vanaf 1 januari 2011 is de gemeenrechtelijke verjaringstermijn voor zulke vorderingen van tien jaar van toepassing geworden. Concreet betekent dit dat de mogelijkheid om een aanvraag tot terugbetaling van een voorheffing in te dienen door de schuldenaar gedurende tien jaar bestaat. Het Hof van Cassatie 1 en het Grondwettelijk Hof 2 hebben echter duidelijk gesteld dat de verjaringstermijn van vijf jaar in de regel geldt voor alle schuldvorderingen ten laste van de Staat, behoudens andersluidende wettelijke bepaling 3. Het nieuwe artikel 368 Wib 92 bepaalt nu de verjaringstermijn op 5 jaar voor de aanvragen tot terugbetaling van ten onrechte in de schatkist gestorte bedrijfsvoorheffing en roerende voorheffing, wanneer deze voorheffing niet werd ingekohierd en er geen enkele kennisgeving van de inning door de administratie werd gestuurd. Deze nieuwe verjaringstermijn wordt met terugwerkende kracht van toepassing verklaard op de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing die zijn gestort vanaf 1 januari De Raad van State formuleerde hier volgende opmerking op: Volgens een vaste rechtspraak van het Grondwettelijk Hof kan de terugwerkende kracht van wetten enkel worden verantwoord wanneer zij onontbeerlijk is voor de verwezenlijking van een doelstelling van algemeen belang. Bovendien mag de terugwerkende kracht niet tot doel hebben in te grijpen in hangende gedingen, tenzij uitzonderlijke omstandigheden of dwingende motieven van algemeen belang een verantwoording bieden voor het optreden van de wetgever, dat ten nadele van een categorie van burgers afbreuk doet aan de jurisdictionele waarborgen die aan allen worden geboden 4. In dit geval is onduidelijk of de maatregel aan de gestelde voorwaarden beantwoordt. De verantwoording bevat alvast geen toelichting in die zin Cass. 14 april Grondwettelijk Hof 32/96, 75/97, 5/99, 85/2001, 42/2002, 64/2002, 37/2003, 1/2004, 86/2004, 127/2004, 165/2004, 170/2004, 153/2006, 90/2007, 122/2007, 124/2007 en 17/ Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz Zie bv. GwH 13 januari 2011, nr. 3/2011, B.7. 5 Advies Raad van State, Parl. St. Kamer, , Doc /013, blz. 11. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 7

8 5. Voorrecht van intresten op bedrijfs- en roerende voorheffing Het arrest van het Hof van beroep te Antwerpen 6 stelde dat het voorrecht van de interesten, verschuldigd op de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing, een andere rang inneemt dan de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing zelf: Vermits het tweede lid van artikel 423 Wib 92 alleen betrekking heeft op het voorrecht van de bedrijfsvoorheffing en van de roerende voorheffing en daarbij uitdrukkelijk bepaald is dat de indeling van deze voorrechten in een hogere rang dan deze van het eerste lid van artikel 423, WIB 92 een afwijking betekent, kan niet besloten worden dat het voorrecht van de intresten, verschuldigd op deze voorheffingen, dezelfde rang neemt als het voorrecht van de voorheffingen zelf. Dergelijke afwijking is niet wettelijk voorzien voor de intresten. 7 Aangezien het de bedoeling van de wetgever was dat het voorrecht van de interesten, verschuldigd op de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing, en de kosten, verband houdende met deze voorheffingen, dezelfde rang nemen als het voorrecht van de voorheffingen zelf, wordt artikel 423, Wib 92 aangepast. Een zelfde regel blijkt eveneens uit de artikelen 86 en 87 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, waarin zowel het voorrecht inzake de belasting als het voorrecht inzake de interesten en kosten dezelfde rang innemen als het voorrecht bedoeld in artikel 19, 4 ter, van de wet van 16 december Geldboete op bedrijfs- en roerende voorheffing In het kader van het begrotingsconclaaf werd beslist om in het systeem van de geautomatiseerde inning opnieuw de mogelijkheid van aanrekening van fiscale boeten voor de laattijdige betaling van de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing in te voeren teneinde de belastingschuldigen er toe aan te zetten om binnen de voorziene termijnen te betalen en zodoende een verhoging van de verschuldigde sommen te vermijden 8. Ter uitvoering van deze beslissing zal dus automatisch een administratieve boete op de laattijdige betaling van de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing worden toegepast. De wijziging aan art. 445 Wib 92 heeft als doel de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing samen met de administratieve boete gelijktijdig te kunnen invorderen. Op die manier verdwijnt tevens het verschil van twee maanden in de opeisbaarheid voor beide bedragen. 6 Hof van Beroep Antwerpen, 2 december Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz. 10. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 8

9 II. Wijzigingen aan de roerende inkomsten 1. Algemene principes Deze wijzigingen zijn van toepassing op de inkomsten toegekend of betaalbaar gesteld vanaf 1 januari 2012; Het tarief van de roerende voorheffing van 10 % blijft behouden voor de: o liquidatieboni; o verdelingsboni o.a. bij uittreding uit een coöperatieve vennootschap; Het tarief van de roerende voorheffing wordt 21 % voor: o intresten; o bepaalde dividenden (VV-aandelen); o inkoopbonus bij inkoop eigen aandelen; Het huidige tarief van de roerende voorheffing van 25 % blijft behouden voor de: o dividenden; o intresten uit bepaalde gemeenschappelijke beleggingsfondsen; Het tarief van de roerende voorheffing van 15 % blijft van toepassing op de: o spaardeposito s boven de vrijstelling van 1 830,00 o staatsbons (niet alleen Belgische) uitgegeven tijdens de periode van 24 november 2011 tot 2 december 2011 en waarop tijdens diezelfde periode is ingeschreven; o andere inkomsten uit kapitalen en roerende goederen; o bepaalde diverse inkomsten van roerende aard (beroepsmatige onderverhuur onroerende goederen, verhuring jacht-, vis- en vogelvangstrechten, ); Een bijkomende heffing van 4 % in de personenbelasting op de netto: o intresten; o dividenden indien deze hoger zijn dan (of geïndexeerd nu ,00 ); Verdwijning van het bevrijdend karakter van de aangifte in de personenbelasting voor de meeste roerende inkomsten. 2. Wijzigingen aan de tarieven van de roerende voorheffing Zijn geen roerende inkomsten de niet als inkomsten van roerende goederen en kapitalen belastbare inkomsten, zoals vermeld in art. 21 Wib 92. Aan dit principe wordt dan ook niet geraakt door de wet van 28 december Het betreft o.a. inkomsten uit: preferente aandelen NMBS; liquidatieboni; bepaalde Belgische overheidsfondsen en leningen Belgisch Kongo; loten van effecten van leningen; eerste schijf van (momenteel geïndexeerd ) op spaardeposito s; eerste schijf van 125 van dividenden van erkende C.V. en van bepaalde vennootschappen met sociaal oogmerk (momenteel geïndexeerd 180 ); herfinancieringen Nationale Maatschappij Huisvesting, bepaalde inkomsten in kader van pensioensparen en levensverzekeringen. De tarieven van de roerende voorheffing voor de inkomsten toegekend of betaalbaar gesteld vanaf 01 januari 2012 worden ingevolge de wijziging aan art. 269 Wib 92 als volgt vastgesteld: 0 %: blijft ongewijzigd. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 9

10 10 %: o blijft behouden voor: de liquidatieboni (art. 269, 1 ste lid, 1 bis Wib 92); de verdelingsboni bij o.a. de uittreding uit een coöperatieve vennootschap (art. 269, 1 ste lid, 1 bis Wib 92); bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon (art. 269, 1 ste lid, 3 Wib 92); o wordt geschrapt voor: de verkrijging van eigen aandelen door een binnenlandse of buitenlandse vennootschap (wordt nu 21 %) (art. 269, 1 ste lid, 2 ter Wib 92); 15 %: o blijft behouden voor 9 : de inkomsten van roerende goederen en kapitalen die geen intresten of dividenden zijn (bvb. auteursrechten) (art. 269, 1 ste lid, 1 Wib 92); de diverse inkomsten van roerende aard die verkregen zijn buiten het uitoefenen van de beroepswerkzaamheden uit onderverhuur, huuroverdracht van al dan niet gemeubileerde onroerende goederen of uit de concessie van het recht om een plaats die van nature onroerend is en niet is gelegen binnen de omheining van een sportinrichting te gebruiken om er plakbrieven of andere reclamedragers te plaatsen (art. 269, 1 ste lid, 1 Wib 92); loten en effecten van leningen, met uitzondering van de loten die van elke Belgische zakelijke of personele belasting of van elke belasting zijn vrijgesteld (art. 269, 1 ste lid, 1 Wib 92); opbrengsten uit de verhuring van jacht-, vis- en vogelvangst (art. 269, 1 ste lid, 1 Wib 92); de inkomsten uit spaardeposito s in zover zij meer bedragen dan de vrijstelling op spaardeposito s van (momenteel geïndexeerd bedrag = ) (art. 269, 1 ste lid, 5 Wib 92); bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon (art. 269, 1 ste lid, 3 Wib 92); o wordt ingevoerd voor: inkomsten uit binnenlandse en buitenlandse staatsbons uitgegeven tijdens de periode van 24 november 2011 tot 2 december 2011 en waarop tijdens diezelfde periode is ingeschreven. Een nieuw artikel 534 Wib 92 voert de overgangsmaatregel in die erin voorziet dat het tarief van de personenbelasting en van de roerende voorheffing wordt vastgesteld op 15 pct. voor de inkomsten van de Belgische en buitenlandse Staatsbons uitgegeven tijdens de periode van 24 november 2011 tot 2 december 2011 en waarop tijdens diezelfde periode is ingeschreven. Op de inkomsten uit die Staatsbons wordt evenmin de bijkomende heffing op roerende inkomsten toegepast, noch komen ze in aanmerking om te beoordelen of de grens van EUR bedoeld in artikel 174/1 Wib 92 is overschreden. 9 Tenzij voor de contracten aangegaan vóór 1 maart 1990 of hernieuwd, waar het tarief ingevolge art. 519 Wib 92 bepaald is aan 25 %. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 10

11 De parlementaire werken over dit artikel geven volgende uitgebreide verantwoording: Deze uitzonderlijke maatregel is verantwoord omwille van de zeer uitzonderlijke situatie waarin België zich op dat ogenblik bevond. Mede omwille van de crisis rond de Euro liep de rente op de Belgische schuld enorm op. De rente van de 5-jarige OLO met vervaldag 28 september 2016 bedroeg op 16 november 2011 bij het vastleggen van de coupon van de Staatsbon 4,32 %. Bij de start van de inschrijvingsperiode was die rente al opgelopen tot 5,41 % om zijn top te bereiken op 5,52 %. Ander staatspapier flirtte toen al met de 6 %-grens. Op dat ogenblik stonden we op de rand van een vernietigende speculatie tegen de Belgische overheidsschuld. De sterk toegenomen rente zou ook een budgettaire ontsporing in gang zetten die, gelet op de al moeilijke economische en budgettaire toestand, ten stelligste moest worden vermeden. Daarbovenop kwam de onzekerheid over het fiscaal regime van de uitgifte aangezien bij de regeringsonderhandeling de plannen voor een tariefverhoging van de roerende voorheffing duidelijk werden. Om die redenen was het van uitzonderlijk belang voor het land om de ontsporende situatie een halt toe te roepen, terug vertrouwen te scheppen en financiële stabiliteit te brengen. Dit kon door een duidelijke oproep van de toenmalige ontslagnemende eerste minister aan de bevolking om het land te ondersteunen door massaal in te tekenen op de gelanceerde staatsbon en door een duidelijk engagement van de onderhandelende partijen om de uitgiftevoorwaarden, inclusief het fiscaal stelsel, van de gelanceerde staatsbon te honoreren. Deze uitzonderlijke maatregel heeft zijn doel effectief bereikt. Bij het einde van de inschrijvingsperiode, op 2 december 2011, was de rente van de voormelde OLO gezakt tot 4,01 % en op 5 december 2011 stond die nog 3,71 % 10. o wordt geschrapt voor: intresten, met uitzondering van: de inkomsten uit spaardeposito s in zover zij meer bedragen dan de vrijstelling op spaardeposito s van (momenteel geïndexeerd bedrag = ) (art. 269, 1 ste lid, 5 Wib 92); bepaalde dividenden van beursgenoteerde bedrijven voor VV-aandelen (art. 269, 2 de lid Wib 92); bepaalde dividenden van aandelen, ingeschreven in geld, uitgegeven na 01/01/1994 (art. 269, 2 de lid Wib 92); 20 %: o Dit tarief wordt volledig geschrapt. Het betrof: dividenden van AFV-aandelen (inbrengen in geld in 1982 of 1983, ) (art. 269, 2 de lid Wib 92); bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon (art. 269, 1 ste lid, 3 Wib 92); 21 %: o Dit nieuwe tarief wordt ingevoerd voor: alle intresten met uitzondering van: de inkomsten uit spaardeposito s in zover zij meer bedragen dan de vrijstelling op spaardeposito s van (momenteel geïndexeerd bedrag = ) (15 %) (art. 269, 1 ste lid, 1 bis Wib 92); de in art. 19ter Wib 92 vermelde intresten (intresten toegekend aan leden door gemeenschappelijke beleggingsfondsen als dit fonds niet voldoet aan art. 321bis Wib 92) (25 %) (art. 269, 1 ste lid, 1 bis Wib 92); De spaarder die indertijd een kapitalisatiebon aankocht, waarbij de intresten niet jaarlijks worden uitbetaald, maar gekapitaliseerd worden en op zijn beurt intresten opbrengen, betaalt nu plots bij de uitkering met terugwerkende kracht 21 %! 10 Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz. 23 e.v. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 11

12 uitkeringen die aangemerkt worden als dividenden in geval van verkrijging eigen aandelen door een binnenlandse of buitenlandse vennootschap (art. 269, 1 ste lid, 2 ter Wib 92); bepaalde dividenden van beursgenoteerde bedrijven voor VV-aandelen (inbrengen in geld in 1982 of 1983 KB 15) (art. 269, 2 de lid Wib 92). Aan de vormvoorwaarden voor een VV-aandeel van beursgenoteerde bedrijven wordt niets gewijzigd, zodat het verlaagd tarief (nu 21 %) kan toegepast worden als: VV-strips: het aandeel wordt dan vertegenwoordigd door een mantel met: - couponblad, gehecht aan betreffend aandeel; - afzonderlijk couponblad (de VV-strip) dat recht geeft op het verlaagd tarief; gelijktijdige afgifte van beide couponbladen; binnen de drie jaar die aanvangen op 1 januari waarin dividend wordt toegekend. bepaalde dividenden van AFV-aandelen, aandelen uitgegeven na 01/01/94 en andere bedoeld in art. 269, 3 de lid Wib 92 (art. 269, 3 de lid Wib 92); bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon (art. 269, 1 ste lid, 3 Wib 92); 25 %: o Blijft ongewijzigd. Dit is van toepassing voor: de andere (normale) dividenden (art. 269, 1 ste lid, 2 Wib 92); de in art. 19ter Wib 92 vermelde intresten (intresten toegekend aan leden door gemeenschappelijke beleggingsfondsen als dit fonds niet voldoet aan art. 321bis Wib 92) (25 %) (art. 269, 1 ste lid, 4 Wib 92); de inkomsten van gelddeposito s met aanduiding van termijn of een opzeggingstermijn van minder dan 6 maanden die zijn gedaan of hernieuwd vóór 1 maart 1990 (art. 519 Wib 92); de andere inkomsten van roerende goederen en kapitalen en de andere diverse inkomsten als vermeld in artikel 90, 5 tot 7, die zijn toegekend ter uitvoering van overeenkomsten gesloten vóór 1 maart 1990 (art. 519 Wib 92); de strips-vv die niet binnen de 15 dagen na 3 jaar worden aangeboden (vroeger 15 % + 10 % = 25 %, nu 21 % + 4 % = 25 %) (art. 412, 7 de lid Wib 92); bepaalde vergoedingen voor ontbrekende coupon (art. 269, 1 ste lid, 3 Wib 92); 3. Bijkomende heffing van 4 % a) Principe van de heffing van 4 % Ingevolge het nieuwe art. 174/1 Wib 92 wordt er een bijkomende heffing ingevoerd van 4 % op het deel van de dividenden en interesten die aan een tarief van 21 % worden onderworpen (roerende voorheffing of personenbelasting) en dat het totaal netto bedrag van (momenteel geïndexeerd bedrag = ) overschrijdt per natuurlijke persoon en niet per gezin. Dit nettobedrag is, overeenkomstig art. 22 1, 1 en 2 Wib 92, het bedrag vóór aftrek van de inningsen bewaringskosten en van andere soortgelijke kosten, en verhoogd met werkelijke en fictieve 11 Zie Belgisch Staatsblad van 18/01/2012, blz Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 12

13 roerende voorheffing en eventueel de woonstaatheffing en eventueel de heffing bedoeld in artikel 174/1 Wib 92. Behalve indien dat inkomen afzonderlijk wordt belast, of indien het wordt onderworpen aan de heffing bedoeld in artikel 174/1 Wib 92, wordt het verminderd met de desbetreffende innings- en bewaringskosten en andere soortgelijke kosten. De dividenden en intresten die aan een tarief van 10 of 25 % en de inkomsten uit spaardeposito s in zover zij meer bedragen dan de vrijstelling op spaardeposito s van (momenteel geïndexeerd bedrag = ) worden niet onderworpen aan deze bijkomende heffing van 4 %. b) Bepaling van de grens van : 1. Tellen nooit mee: a. de niet als inkomsten van roerende goederen en kapitalen belastbare inkomsten, vermeld in art. 21 Wib 92. Zij tellen evenmin mee voor de beoordeling of het grensbedrag al dan niet overschreden is, noch inzake de verplichting om de roerende inkomsten mede te delen aan het centraal aanspreekpunt. Het betreft o.a. inkomsten uit: preferente aandelen NMBS; liquidatieboni; bepaalde Belgische overheidsfondsen en leningen Belgisch Kongo; loten van effecten van leningen; eerste schijf van (momenteel geïndexeerd ) op spaardeposito s; eerste schijf van 125 van dividenden van erkende C.V. en van bepaalde vennootschappen met sociaal oogmerk (momenteel geïndexeerd 180 ); herfinancieringen Nationale Maatschappij Huisvesting, bepaalde inkomsten in kader van pensioensparen en levensverzekeringen. 2. Tellen wel mee voor bepaling van de grens, maar geen heffing van 4 %: Voorbeeld 1 12 a. de dividenden en intresten die aan 10 of 25 % worden belast, uitgezonderd: liquidatieboni; b. de inkomsten uit staatbons uitgegeven tijdens de periode van 24 november 2011 tot 2 december 2011 en waarop tijdens diezelfde periode is ingeschreven; c. de inkomsten uit spaardeposito s in zover zij meer bedragen dan (momenteel geïndexeerd ). Een belastingplichtige heeft in 2012 interesten ontvangen die een roerende voorheffing hebben ondergaan van 21 % en dividenden die een roerende voorheffing hebben ondergaan van 25 %. Hij heeft geopteerd voor een inhouding van 21 % op de intresten. Bij de vestiging van de aanslag in de personenbelasting zal een heffing van 4 % moeten worden geheven op het deel van de roerende inkomsten aan 21 % die EUR 13 (geïndexeerd bedrag) overschrijden. De korf van ,00 wordt bij voorrang gebruikt voor de dividenden aan 25 %. De volgende gevallen kunnen zich voordoen (er is rekening gehouden met geïndexeerde bedragen): totaal à 25 % à 21 % 4 % op 4 % op 12 Dit voorbeeld komt letterlijk uit de parlementaire werken: Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz Ondertussen verscheen in het Belgisch Staatsblad van 18/01/2012 het nieuw geïndexeerd bedrag en werd dit bepaald op ,00 i.p.v ,00. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 13

14 Geval Geval (980) Geval (2 980) Geval (3 000) De bedragen tussen haakjes in de laatste kolom houden rekening met het nieuw geïndexeerd bedrag van ,00 en komen niet voor in de parlementaire werken. Voorbeeld 2 14 Een belastingplichtige heeft in 2012 interesten ontvangen die een roerende voorheffing hebben ondergaan van 21 % en intresten uit spaardeposito s. Hij heeft geopteerd voor een inhouding van 21 % op de interesten. Bij de vestiging van de aanslag in de personenbelasting zal een heffing van 4 % moeten worden geheven op het deel van de roerende inkomsten aan 21 % die EUR 15 (geïndexeerd bedrag) overschrijden. De volgende gevallen kunnen zich voordoen: Totaal vrijgesteld à 15 % à 21 % 4 % op 4 % op (980) (3 000) In geval 1 is het totaal van de roerende inkomsten EUR, en dus lager dan EUR. Er is geen bijkomende heffing van 4 %. In geval 2 is het totaal van de roerende inkomsten EUR, en dus hoger dan EUR. Evenwel moet met de vrijgestelde inkomsten geen rekening worden gehouden om te beoordelen of het grensbedrag is overschreden waardoor het in aanmerking te nemen totaal EUR is, dat ook hoger is dan EUR. Er is een bijkomende heffing van 4 % op EUR. In geval 3 is het totaal van de roerende inkomsten EUR, en dus hoger dan EUR. Evenwel moet met de vrijgestelde inkomsten geen rekening worden gehouden om te beoordelen of het grensbedrag is overschreden waardoor het in aanmerking te nemen totaal EUR is, en dus lager dan EUR. Er is geen bijkomende heffing van 4 %. In geval 4 is het totaal van de roerende inkomsten EUR, en dus hoger dan EUR. Evenwel moet met de vrijgestelde inkomsten geen rekening worden gehouden om te beoordelen of het grensbedrag is overschreden waardoor het in aanmerking te nemen totaal EUR is, dat ook hoger is dan EUR. Er is een bijkomende heffing van 4 % op EUR. De bedragen tussen haakjes in de laatste kolom houden rekening met het nieuw geïndexeerd bedrag van ,00 en komen niet voor in de parlementaire werken. c) Aangifte aan centraal aanspreekpunt Dit centraal aanspreekpunt zou opgericht worden bij de Nationale Bank. Die liet echter weten dat ze voor dit werk niet staat te springen. Daarom wordt bij de Federale Overheidsdienst Financiën een afdeling opgericht, afgescheiden van de fiscale administraties. De toegang tot de gegevens zou 14 Dit voorbeeld komt letterlijk uit de parlementaire werken: Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz Ondertussen verscheen in het Belgisch Staatsblad van 18/01/2012 het nieuw geïndexeerd bedrag en werd dit bepaald op ,00 i.p.v ,00. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 14

15 beperkt blijven tot enkele ambtenaren van de informaticacel die uitsluitend instaan voor de technische aspecten van de databanken en die zich niet bezighouden met het vestigen noch met het invorderen van de belastingen. De heffing wordt vastgesteld en ingevorderd volgens verschillende modaliteiten in functie van de keuze van de belastingplichtige om de schuldenaar van de desbetreffende inkomsten al dan niet toestemming te geven om de 4 % bijzondere heffing in te houden. Aan het centraal aanspreekpunt zullen de schuldenaars van de roerende voorheffing m.b.t. intresten en dividenden gehouden zijn jaarlijks de noodzakelijke gegevens toe te zenden om die heffing te vestigen. Bijgevolg zijn niet alleen de banken en andere financiële instellingen verplicht deze inkomsten mee te delen, maar ook elke vennootschap die een dividend uitkeert of een intrest toekent met inhouding van roerende voorheffing. De vraag dient gesteld dat de vennootschap al dan niet melding mag (moet) maken van het rijksregisternummer van de begunstigde om deze mededeling te doen aan het centraal aanspreekpunt. Ingevolge de geplande wetswijziging zullen alle rijksinwoners ten laatste bij de indiening van hun aangiften de nummers van hun buitenlandse rekeningen en de inlichtingen betreffende deze roerende inkomsten, verkregen in die lidstaten, aan dit centraal aanspreekpunt moeten melden (wijziging art. 307, 1, 2 de lid Wib 92). Eveneens volgens de geplande wetswijziging zal de Koning verdere modaliteiten bepalen inzake de werking van dit centraal aanspreekpunt (wijziging art. 322, 3, 3 de lid Wib 92). Volgende gevallen kunnen zich voordoen: 1. Bijkomende inhouding van 4 % en geen mededeling: Als de belastingplichtige zijn schuldenaar van de inkomsten verzoekt een inhouding aan de bron aan een tarief van 4 % toe te passen tezelfdertijd met de roerende voorheffing en dit vanaf de eerste euro, zal het bedrag van de inkomsten die hij heeft geïnd, niet worden medegedeeld aan het centraal aanspreekpunt. In dit geval blijft de volledige anonimiteit behouden. 2. Geen bijkomende inhouding en wel melding Indien de belastingplichtige de schuldenaar van de roerende voorheffing toelaat de 21 % in te houden, zal het bedrag van de roerende inkomsten dat hij heeft geïnd, aan het centraal aanspreekpunt worden medegedeeld en zal de heffing niet worden ingehouden aan de bron maar ter gelegenheid van de inkohiering van de personenbelasting n.a.v. de aangegeven inkomsten en de inkomsten meegedeeld door het centraal aanspreekpunt. d) Mededeling aan fiscale administratie Het centraal aanspreekpunt zal op verzoek van de operationele fiscale administraties de gegevens mededelen die het heeft ontvangen van de schuldenaars van de roerende voorheffing, met inbegrip van de inlichtingen betreffende de dividenden en interesten die worden belast aan 10 of 25 % en de inkomsten uit spaardeposito s, hoger dan (momenteel geïndexeerd ). In het dossier van de betrokken belastingplichtige zullen de nodige elementen moeten opgenomen zijn die verantwoorden waarom inlichtingen zijn gevraagd aan het genoemd aanspreekpunt. Wanneer echter deze inkomsten het totaal bedrag van , momenteel geïndexeerd , overschrijden, zal deze mededeling automatisch gebeuren. De Koning bepaalt verdere modaliteiten qua mededeling door de schuldenaars aan het centraal aanspreekpunt en door dit centraal aanspreekpunt aan de operationele administraties. e) Regels van toepassing op inhoudingen, vestiging en invordering Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 15

16 De wettelijke bepalingen inzake roerende voorheffing zullen, behalve indien er wordt van afgeweken, ook van toepassing zijn op de inhoudingen aan de bron van de bijkomende heffing. De koning kan verdere regels bepalen i.v.m. deze inhouding aan de bron 16. De wettelijke regels inzake vestiging en invordering van de personenbelasting zullen ook van toepassing zijn op deze heffing. 4. Aangifte in de personenbelasting a) Aanpassing tarieven in de personenbelasting Artikel 171 Wib 92, dat de afzonderlijke tarieven regelt in de personenbelasting, wordt aangepast aan de in art. 269 Wib 92 gewijzigde tarieven van de roerende voorheffing. b) Bevrijdend wordt in de meeste gevallen verplichtend Ingevolge de wijziging aan art. 313 Wib 92 moeten alle inkomsten uit roerende goederen en kapitalen alsmede van de diverse inkomsten met roerend karakter ( dus ook de inkomsten uit auteursrechten) met uitzondering van de inkomsten die zijn onderworpen aan de inhouding aan de bron van de bijkomende heffing van 4 % vanaf het aanslagjaar 2013 worden aangegeven. Op die wijze zal de bijkomende heffing van 4 % worden gevestigd op grond van de aangifte van de belastingplichtige en de inlichtingen ontvangen vanwege het centraal aanspreekpunt. Bovendien voorziet de aangekondigde wetswijziging dat de gegevens die tijdens het onderzoek van een aangifte aan het licht komen eveneens in aanmerking komen om de juiste vaststelling van de bijkomende heffing op roerende inkomsten te verzekeren. Facultatief kunnen de belastingplichtigen de inkomsten die ze hebben geïnd met een inhouding van 4 % aan de bron deze roerend inkomsten aangeven om een eventueel teveel geïnde inhouding aan de bron te recupereren. Doen zij dit niet, dan zal de inhouding aan de bron van de heffing een bevrijdend karakter hebben en zullen zij de anonimiteit van hun roerende inkomsten behouden. c) Verrekening bijkomende heffing van 4 % met personenbelasting Het nieuwe artikel 284/1 Wib 92 en de wijziging aan art. 276 Wib 92 bepalen en organiseren de mogelijkheid voor de belastingplichtige bij wie een te hoog bedrag van de bijkomende heffing op de roerende inkomsten aan de bron is ingehouden om dit overschot te verrekenen met de verschuldigde personenbelasting en eventueel een terugbetaling ervan te verkrijgen. d) Aanvullende gemeentebelasting Artikel 465 Wib 92 wordt aangevuld om te verduidelijken dat de gemeenten en agglomeraties geen aanvullende belasting kunnen vestigen op de bijkomende heffing op de roerende inkomsten. Dus enkel de bijkomende heffing van 4 % wordt uitgesloten van de aanvullende gemeentebelasting. Er is wel een probleem met de facultatief aangegeven intresten. Bij aangifte worden deze normaal onderworpen aan de aanvullende gemeentebelasting aangezien art. 466 Wib 92 niet werd aangepast. Dit stelt in haar 2 de lid (aldus gewijzigd door art. 39 en art 43, Wet BS ), dat er geen aanvullende gemeentebelasting verschuldigd is op de intresten en dividenden die: voorkomen uit beleggingen en investeringen gedaan in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte; worden geïnd of ontvangen in het buitenland zonder de tussenkomst van een in België gevestigde tussenpersoon; geen beroepskarakter hebben; 16 Parl. St. Kamer, , Doc /004, blz. 18. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 16

17 ingevolge artikel 171 werkelijk afzonderlijk worden belast. Het is ondenkbaar dat er wel gemeentebelasting zou zijn op deze intresten en dividenden van Belgische oorsprong, maar niet op intresten uit landen buiten de EER-staten, die in het buitenland geïnd zijn en niet onderworpen geweest zijn aan roerende voorheffing. Dit is louter discriminatie! In de Kamercommissie heeft de minister van Financiën echter verklaard dat de veralgemeende aangifteplicht niet tot gevolg zal hebben dat aanvullende gemeentebelasting verschuldigd wordt: ook vandaag kunnen de gemeentes sowieso geen belasting heffen op intresten en dividenden 17. Dit werd nogmaals bevestigd in een persbericht van 23 december De wet dient in casu aangepast te worden om te voldoen aan de intenties van de minister. Dit wordt echter niet gewijzigd in de aangekondigde wetswijziging, besproken in de ministerraad van 24 januari e) Probleem met 0 %-tarief Een aantal roerende inkomsten wordt vrijgesteld van roerende voorheffing. Het betreft o.m. 18 : dividenden bij een fiscaal neutrale herstructurering, waarbij de inbreng niet volledig wordt vergoed wegens voorafgaand aandelenbezit (art. 264, 2 Wib 92); inkoopboni bij verkrijging eigen aandelen via Euronext of analoge markt (art. 264, 2 bis Wib 92); inkoopboni van een door Nationale Raad voor de Coöperatie erkende Coöperatieve Vennootschap (art. 264; 2 ter Wib 92); dividenden woning-vastgoedbevaks (art. 106, 8 KB/Wib 92); dividenden privaks en private privaks (art. 106, 9 KB/Wib 92); inkomsten van lijfrenten ten laste van een rechtspersoon (art. 112 KB/Wib 92); inkomsten van bepaalde pensioenspaarrekeningen (art. 115 KB/Wib 92). Door de aangifteplicht zullen zij in de huidige stand van de wetgeving belast worden aan 21 % of 25 % of in voorkomend geval aan 4 %. De wetgever heeft immers nagelaten dit ook in te voeren in de personenbelasting. Meer dan waarschijnlijk volgt hier een reparatiewetgeving. Dit wordt echter niet gewijzigd in de aangekondigde wetswijziging, besproken in de ministerraad van 24 januari f) Innings- en bewaringskosten i.v.m. bijkomende heffing Het eerste en tweede lid van artikel 22, 1 Wib 92 worden aangevuld ten einde rekening te houden met de invoering van de bijkomende heffing van 4 % op roerende inkomsten ter gelegenheid van de vaststelling van de roerende inkomsten. In navolging van wat nu reeds is bepaald voor de roerende inkomsten die afzonderlijk worden belast, zullen de innings- en bewaringskosten niet aftrekbaar zijn van de inkomsten die aan de bedoelde heffing worden onderworpen. g) Geen verrekening met forfaitair deel buitenlandse belasting Artikel 286 Wib 92 wordt aangepast om te bepalen dat er met de inhouding aan de bron van de bijkomende heffing op de roerende inkomsten geen rekening mee wordt gehouden bij de berekening van het forfaitair gedeelte van de buitenlandse belasting. h) Roerende inkomsten als bedrijfsinkomsten 17 Parl. St. Kamer, , Doc /010, blz Fisc van 25/01/2012, blz. 1. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 17

18 Artikel 37, 3 de lid Wib 92 wordt aangevuld om rekening te houden met de inhouding aan de bron van de bijkomende heffing op roerende inkomsten bij de vaststelling van de roerende inkomsten indien die inkomsten worden gekwalificeerd als beroepsinkomsten. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 18

19 III. Voordelen van alle aard voor personenwagens 1. Algemeen Artikel 36 Wib 92 wordt volledig herschreven en voegt de regels in inzake de vaststelling van het voordeel van alle aard voor het persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gesteld voertuig, die tot nu in het KB/Wib 92 waren opgenomen, omwille van het feit dat deze voordelen als grondslag zullen dienen voor de berekening van een verworpen uitgave in de vennootschapsbelasting. Aangezien op die manier een element van de belastbare basis wordt bepaald, kan dit enkel bij wet gebeuren overeenkomstig artikel 170 van de Grondwet. Deze nieuwe regeling viseert enkel de wagens bedoeld in art. 65 Wib 92, namelijk de personenwagens, de auto s voor dubbel gebruik, de minibussen en de zogenaamde valse lichte vrachtauto s. Tot deze laatste categorie behoren de bij DIV als lichte vrachtwagens gehomologeerde voertuigen, maar die voor de verkeersbelasting worden aangemerkt als personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus (dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op sommige monovolumes en luxueuze terreinvoertuigen). Volgens de wet van 28 december 2011 wordt het voordeel van alle aard voor het persoonlijk gebruik van zulk kosteloos ter beschikking gesteld voertuig berekend door een CO 2 -percentage toe te passen op zes zevenden van de cataloguswaarde van het kosteloos ter beschikking gestelde voertuig. Volgens de geplande wetswijziging zal er bovendien met de leeftijd van het voertuig rekening worden gehouden, zoals nader bepaald. De breuk zes zevenden is gekozen omdat wordt geoordeeld dat de last moet worden gespreid over zowel de gebruiker, de werknemer, als degene die het voertuig ter beschikking stelt, de vennootschap. Wanneer een werknemer of een bedrijfsleider tezelfdertijd over meerdere wagens kan beschikken, moet voor elk van die wagens een afzonderlijk belastbaar voordeel van alle aard worden berekend. Wanneer er een in tijd beperkte terbeschikkingstelling is kan het voordeel van alle aard pro rata temporis worden berekend en dit op basis van het aantal kalenderdagen, waarbij de eerste dag van de terbeschikkingstelling wel, maar niet de laatste dag waarop het voertuig wordt ingeleverd, wordt meegeteld. Dit voordeel mag uiteraard verminderd worden met de eigen bijdrage van de verkrijger van het voordeel, dat bijvoorbeeld wordt ingehouden van het nettoloon van de werknemer (FAQ 8) Het voordeel mag nooit minder bedragen dan 820 EUR per jaar. Dit bedrag wordt overeenkomstig art. 178 Wib 92 geïndexeerd. Voor aanslagjaar 2013 is dit geïndexeerd bedrag Het voordeel van alle aard voor het persoonlijk gebruik van een voertuig dat voldoet aan de definitie van een lichte vrachtwagen (vb. een bestelwagen) valt dus niet onder deze berekening, maar moet bij de verkrijger zoals voorheen worden aangerekend voor de werkelijke waarde. De notie waarmee hier dient rekening te worden gehouden is: Welk is het bedrag dat de verkrijger in normale omstandigheden zou moeten besteden om een dergelijk voordeel te verkrijgen (FAQ 16). 2. Cataloguswaarde De wet van 28 december 2011 definieert de cataloguswaarde als volgt: de gefactureerde waarde inclusief opties en btw, zonder rekening te houden met enige korting, vermindering, rabat of restorno. Nog volgens dezelfde wet is deze definitie zowel van toepassing op nieuwe wagens, als op tweedehands wagens of wagens in leasing. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 19

20 M.b.t. de catalogusprijs van tweedehandse wagens kan werkelijk de toets van het gelijkheidsbeginsel in vraag worden gesteld. De minister heeft duidelijk in de parlementaire werken gesteld dat de catalogusprijs van tweedehandse wagens de gefactureerde waarde, met inbegrip van de opties, zonder eventuele kortingen, rabats of restorno s, is 19. Neem nu een vennootschap die drie jaar geleden een wagen aankocht voor ,00, deze heeft afgeschreven voor ,00, zodat de boekwaarde ,00 bedraagt. Een andere vennootschap koopt dezelfde wagen vandaag tweedehands aan voor ,00. Hoewel beide bedrijfsleiders met dezelfde wagen rijden die even oud is, heeft de eerste een merkelijk groter voordeel als belastbare basis dan de tweede De regering besliste echter op 24 januari 2012 om daar een stokje voor te steken. De definitie van de waarde van de niet in nieuwe staat verkregen wagens, zoals hoger omschreven, zou herschreven worden. Voor alle andere dan in nieuwe staat verworven auto s zou de definitie luiden: de catalogusprijs van het voertuig in nieuwe staat bij verkoop aan een particulier, inclusief opties en btw, zonder rekening te houden met enige korting, vermindering, rabat of restorno. De parlementaire werken stellen: Bij aankoop van een tweedehandse voertuig zal bovendien sneller een catalogus met de oorspronkelijke prijs bij verkoop in nieuwe staat worden teruggevonden dan een kopie van de oorspronkelijke factuur van verkoop in nieuwe staat. Momenteel is nergens de oorspronkelijke cataloguswaarde van deze tweedehandse wagens gepubliceerd. Blijkbaar heeft FOD Financiën de opdracht gegeven aan de constructeurs om deze cataloguswaarde op hun respectievelijke sites zo vlug mogelijk te publiceren. Ondertussen is dit nog nergens opgevolgd, zodat op dit moment elke accountant en/of belastingconsulent met grote vraagtekens zit. De tweedehandse wagen zou dus worden belast als een nieuwe wagen, evenwel rekening houdend met een jaarlijkse vermindering zoals hieronder bepaald! Elk jaar, en dit gedurende 5 jaar, zou, zowel voor nieuwe wagens als tweedehandse wagens 6 % kunnen afgetrokken worden van deze prijs. Na deze 5 jaar zou geen aftrek van 5 % meer mogelijk zijn, waardoor de minimumwaarde van elke wagen op 70 % van de catalogusprijs zou worden vastgepind. Concreet betekent dit dat de cataloguswaarde wordt vermenigvuldigd met een percentage dat recht evenredig is met de periode die verstreken is vanaf de datum van 1 ste inschrijving van het voertuig bij de Directie voor de Inschrijving van de Voertuigen, waarbij elke begonnen maand voor een volledige maand telt. Dit percentage bedraagt: Periode verstreken sinds de 1 ste inschrijving Percentage cataloguswaarde Van 0 tot 12 maanden 100 % Van 13 tot 24 maanden 94 % Van 25 tot 36 maanden 88 % Van 37 tot 48 maanden 82 % Van 49 tot 60 maanden 76 % Vanaf 61 maanden 70 % 19 Parl. St. Kamer , Doc. Nr /10, blz. 31. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 20

21 Onder druk van de liberalen werd overeengekomen dat dezelfde vermindering mag worden toegepast op de nieuwe wagens. Deze regeling is zo overeengekomen in de ministerraad van 24 januari 2012 en moet nog de toets van de Kamer van Volksvertegenwoordigers ondergaan. Het probleem van de leasingwagens wordt hierdoor ook opgelost. Deze leasingwagens behoren nu tot de categorie van de andere gevallen dan het verwerven in nieuwe staat van een auto, zodat ook hier moet worden uitgegaan van de catalogusprijs van het voertuig in nieuwe staat. En dan de laatste (?) wijziging. Op 6 februari 2012 werd beslist ook de definitie voor de nieuwe wagens aan te passen en af te stappen van de notie gefactureerde waarde. Deze zou nu luiden: de cataloguswaarde inclusief opties en btw, zonder rekening te houden met enige korting, vermindering, rabat of restorno. Hierdoor komt de formule voor de berekening van het voordeel van alle aard voor bedrijfswagens op: VAA = cataloguswaarde x % (CO 2 -coëfficiënt) x 6/7 x percentage i.f.v. leeftijd voertuig 3. Percentage per CO 2 -gram Het CO 2 -basispercentage bedraagt 5,5 % voor een referentie-co 2 -uitstoot: voor voertuigen met een benzine-, LPG- of aardgasmotor: 115 g/km voor voertuigen met dieselmotor: 95 g/km. De Koning bepaalt jaarlijks deze referentie-co 2 -uitstoten op basis van de CO 2 -uitstoot van de in het voorgaand jaar nieuw ingeschreven voertuigen. Wanneer de uitstoot van het betrokken voertuig hoger ligt dan de voormelde referentie-uitstoot wordt het basispercentage met 0,1 pct. per CO 2 -gram vermeerderd, tot maximum 18 %. Wanneer de uitstoot van het betrokken voertuig lager ligt dan de voormelde referentie-uitstoot wordt het basispercentage met 0,1 pct. per CO 2 -gram verminderd, tot minimum 4 %. Dit minimum zal steeds van toepassing zijn op de voertuigen met een uitstoot van 0 gram CO 2 per kilometer, zoals de elektrisch aangedreven voertuigen. De voertuigen waarvoor geen gegevens met betrekking tot de CO 2 -uitstootgehaltes beschikbaar zijn bij de dienst voor inschrijving van de voertuigen, worden, indien ze worden aangedreven door een benzine-, LPG- of aardgasmotor, gelijkgesteld met de voertuigen met een CO 2 -uitstootgehalte van 205 g/km, en, indien ze worden aangedreven door een dieselmotor, met de voertuigen met een CO 2 - uitstootgehalte van 195 g/km. Hoewel de informatie over de CO 2 -uitstoot vermeld is op het gelijkvormigheidsattest van het voertuig, is de informatie vermeld op het inschrijvingsbewijs bepalend voor de berekening van het voordeel van alle aard. Daaruit volgt dat wanneer het inschrijvingsbewijs het CO 2 -uitstootgehalte niet vermeldt en de DIV over geen informatie beschikt, er steeds moet van uit gegaan worden dat de in vorig alinea bepaalde gegevens dienen gebruikt te worden voor de berekening van het voordeel, ook al is er een vermelding van dit gehalte op het gelijkvormigheidsattest. Dit blijkt uit de FAQ 23, gepubliceerd op de site van FOD Financiën. 4. Weerslag op de fiches en Onderstaande redenering blijkt uit FAQ 9 en 10, gepubliceerd op de site van FOD Financiën. Commentaar op de fiscale bepalingen Wet houdende diverse bepalingen 28/12/2011 Pagina 21

Commentaar op de fiscale bepalingen van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30/12/2011

Commentaar op de fiscale bepalingen van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30/12/2011 Commentaar op de fiscale bepalingen van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30/12/2011 Inhoudstafel Inleiding... 4 I. Strijd tegen de fiscale

Nadere informatie

Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012

Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012 Fiscale maatregelen Stand van zaken op 20 januari 2012 Inleiding Op 22 december 2011 werd de wet houdende diverse bepalingen (document kamer nr. 1952/018) aangenomen in de plenaire vergadering van het

Nadere informatie

1. Maatregelen voor een betere inning en strijd tegen de fiscale fraude

1. Maatregelen voor een betere inning en strijd tegen de fiscale fraude 1. Maatregelen voor een betere inning en strijd tegen de fiscale fraude 1.1. Bankgeheim In het kader van de opheffing van het bankgeheim zoals het is ingevoerd door de wet van 14 april 2011 houdende diverse

Nadere informatie

Impact begrotingsmaatregelen van Di Rupo op uw Personenbelasting

Impact begrotingsmaatregelen van Di Rupo op uw Personenbelasting Voordelen alle aard Impact begrotingsmaatregelen van Di Rupo op uw Personenbelasting 1. Kosteloze terbeschikkingstelling woonst KI 745 EUR geïndexeerd KI

Nadere informatie

1 Tariefwijzigingen inzake roerende voorheffing

1 Tariefwijzigingen inzake roerende voorheffing 1 Tariefwijzigingen inzake roerende voorheffing Algemene regel: de interesten toegekend vanaf 1 januari 2012 worden onderworpen aan 21 % (i.p.v. 15 %) roerende voorheffing. Voorbeelden: interesten van

Nadere informatie

De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen

De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen De fiscale begrotingsmaatregelen van de regering Di Rupo I: invloed op uw beleggingen Eind 2011 werd het begrotingsakkoord door de regering Di Rupo goedgekeurd. Een aantal van deze maatregelen hebben rechtstreeks

Nadere informatie

Toelichting bij het jaaroverzicht van dividenden en interesten

Toelichting bij het jaaroverzicht van dividenden en interesten Toelichting bij het jaaroverzicht van dividenden en interesten U ontvangt/ontving in de loop van de maand april/mei van KBC een jaaroverzicht van dividenden en interesten, eventueel samen met de eigenlijke

Nadere informatie

Berekening en FAQ voordeel van alle aard firmawagen

Berekening en FAQ voordeel van alle aard firmawagen Berekening en FAQ voordeel van alle aard firmawagen De FOD Financiën publiceert op zijn website de nieuwe berekeningsregels en FAQ's betreffende het voordeel van alle aard dat voortvloeit uit het persoonlijk

Nadere informatie

Bedrijfswagens. Bedrijfswagens 2012. Wetgeving. Chris Verleye Gedelegeerd Bestuurder

Bedrijfswagens. Bedrijfswagens 2012. Wetgeving. Chris Verleye Gedelegeerd Bestuurder Bedrijfswagens Chris Verleye Gedelegeerd Bestuurder Bedrijfswagens 2012 fiscale en sociale principes nieuwe begrippen en berekening concreet : oud vs nieuw bedrijfswagen vs privéwagen oplossingen? FAQ

Nadere informatie

Bespreking van de voordelen bij bedrijfswagens

Bespreking van de voordelen bij bedrijfswagens Bespreking van de voordelen bij bedrijfswagens Wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen Lucien Ceulemans Accountant en belastingconsulent Raadslid IAB Deze bespreking is gebaseerd op de Wet

Nadere informatie

Versie 21-02-2012 DEEL V Titel I Hoofdstuk X Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave

Versie 21-02-2012 DEEL V Titel I Hoofdstuk X Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave Versie 21-02-2012 DEEL V Titel I Hoofdstuk X Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave 1. Wettelijke en reglementaire grondslagen 2. Algemeen 3. Draagwijdte

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Federale Overheidsdienst Financiën www.minfin.fgov.be Onderwerp Nieuwe berekeningsregels en FAQ s Voordeel van alle aard dat voortvloeit uit het persoonlijk gebruik van een door de werkgever/onderneming

Nadere informatie

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i...

I. INLEIDING. http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments&i... Page 1 of 12 Home > Circulaire AAFisc Nr. 13/2014 (nr. Ci.RH.421/630.788) dd. 03.04.2014 Algemene Administratie van de Fiscaliteit - Operationele Expertise en Ondersteuning Dienst VENB Vennootschapsbelasting/Belasting

Nadere informatie

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s VOORDEEL VAN ALLE AARD DAT VOORTVLOEIT UIT HET PERSOONLIJK GEBRUIK VAN EEN DOOR DE WERKGEVER/ONDERNEMING KOSTELOOS TER BESCHIKKING GESTELD VOERTUIG 1. Personenbelasting

Nadere informatie

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ s VOORDEEL VAN ALLE AARD DAT VOORTVLOEIT UIT HET PERSOONLIJK GEBRUIK VAN EEN DOOR DE WERKGEVER/ONDERNEMING KOSTELOOS TER BESCHIKKING GESTELD VOERTUIG 1. Personenbelasting

Nadere informatie

Topics voor het vrije en intellectuele beroep

Topics voor het vrije en intellectuele beroep Di Rupo I de nieuwe begrotingsmaatregelen Topics voor het vrije en intellectuele beroep 10 mei 2012 Agenda Wat is er gebeurd? Het Vlinderakkoord en de beleidsnota s Crombez en Vanackere in een notendop

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING Bestemd voor de Administratie Datum van ontvangst van de aangifte:.. FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

Nadere informatie

VOORNAAMSTE WIJZIGINGEN VOOR AANSLAGJAAR 2013

VOORNAAMSTE WIJZIGINGEN VOOR AANSLAGJAAR 2013 VOORNAAMSTE WIJZIGINGEN VOOR AANSLAGJAAR 2013 Zoals vermeld in de laatste editie van het Fiscaal Memento, vindt u hierna een overzicht van de maatregelen die ten laatste op 6 april 2012 in het Belgisch

Nadere informatie

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ

NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ NIEUWE BEREKENINGSREGELS EN FAQ VOORDEEL VAN ALLE AARD DAT VOORTVLOEIT UIT HET PERSOONLIJK GEBRUIK VAN EEN DOOR DE WERKGEVER/ONDERNEMING KOSTELOOS TER BESCHIKKING GESTELD VOERTUIG 1. Personenbelasting

Nadere informatie

Voorafgaande opmerking bij de circulaire nr. Ci.RH.421/628.803

Voorafgaande opmerking bij de circulaire nr. Ci.RH.421/628.803 Algemene administratie van de FISCALITEIT Centrale diensten Circulaire nr. Ci.RH.421/628.803 (AAFisc Nr. 30/2013) dd. 22.07.2013 Berekening van de Ven.B Rechtspersonenbelasting Berekening van de RPB Afzonderlijke

Nadere informatie

BEGROTINGSAKKOORD 2012 DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN

BEGROTINGSAKKOORD 2012 DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN BEGROTINGSAKKOORD 2012 DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN 1) Bedrijfswagens worden strenger aangepakt Vanaf 2012 zullen de belastbare voordelen voor de gratis terbeschikkingstelling van bedrijfsvoertuigen berekend

Nadere informatie

PATRIMONIALE ACTUALITEIT

PATRIMONIALE ACTUALITEIT PATRIMONIALE ACTUALITEIT Moet u uw interesten en dividenden aangeven of niet? Enkele tips. Laurence Mertens estate planner Om uw verplichtingen te kennen op het vlak van de aangifte van uw interesten en

Nadere informatie

VEELGESTELDE VRAGEN (FAQ)

VEELGESTELDE VRAGEN (FAQ) VEELGESTELDE VRAGEN (FAQ) Q1 Wat is een bijkomende heffing op roerende inkomsten? Q2 Wie is onderhevig aan de bijkomende heffing op roerende inkomsten? Q3 Hoe wordt de bijkomende heffing op roerende inkomsten

Nadere informatie

Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2012

Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2012 Indexatie Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2012 Hierna vindt u een overzicht van de geïndexeerde plafonds die op het gebied van de inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar

Nadere informatie

5. Ter beschikking stellen van een bedrijfswagen

5. Ter beschikking stellen van een bedrijfswagen 5. Ter beschikking stellen van een bedrijfswagen 5.1. Begrip Vroeger werd een firmawagen ter beschikking gesteld aan werknemers die veel beroepsmatige verplaatsingen aflegden. De laatste jaren is het toekenningsgebied

Nadere informatie

http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments...

http://ccff02.minfin.fgov.be/kmweb/document.do?method=printselecteddocuments... Page 1 of 5 Home > Résultats de la recherche > Circulaires > Circulaire nr. Ci.RH.231/532.259 (AAFisc Nr. 3/2013) dd. 25.01.2013 Algemene administratie van de FISCALITEIT - Centrale diensten Personenbelasting

Nadere informatie

Rolnummer 5942. Arrest nr. 156/2014 van 23 oktober 2014 A R R E S T

Rolnummer 5942. Arrest nr. 156/2014 van 23 oktober 2014 A R R E S T Rolnummer 5942 Arrest nr. 156/2014 van 23 oktober 2014 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 218, 2, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals van toepassing op

Nadere informatie

Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen

Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen Bestemd voor de Administratie Datum van ontvangst van de aangifte:.. Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING

Nadere informatie

CIRCULAIRE. AOIF nr. 24/2009. Brussel, 9 mei 2009

CIRCULAIRE. AOIF nr. 24/2009. Brussel, 9 mei 2009 CIRCULAIRE AOIF nr. 24/2009 Federale Overheidsdienst FINANCIEN Administratie Van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit Centrale diensten Directie I/5A Ci.RH.241/598.219 ONDERWERP : Inkomstenbelastingen

Nadere informatie

VOORBEREIDING VAN DE AANGIFTE IN DE PERSONENBELASTING

VOORBEREIDING VAN DE AANGIFTE IN DE PERSONENBELASTING blz. 11 VOORBEREIDING VAN DE AANGIFTE IN DE PERSONENBELASTING Aanslagjaar 2011 - Inkomsten van het jaar 2010 DEEL 2 Vul hierna de vakken in die u aanbelangen. (Lees eerst aandachtig de toelichting) Opgelet!

Nadere informatie

FAQ - TAX REFORM. 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt?

FAQ - TAX REFORM. 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt? FAQ - TAX REFORM 1. Hoe weet men of de drempel van de 20.020 aan roerende inkomsten overschreden wordt? Hiervoor moet men in twee stappen te werk gaan. In eerste instantie moeten de intresten op «staatsbons

Nadere informatie

Wat kost DI RUPO I u?

Wat kost DI RUPO I u? Wat kost DI RUPO I u? 29 02 2012 Opmerking: sommige zaken zijn nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en dus nog voor wijziging vatbaar. De komende dagen worden er nieuwe besparingen verwacht!

Nadere informatie

TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012

TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012 TETRALERT - TAX VERVOLG VAN DE FISCALE HERVORMINGEN VAN DI RUPO I : WET VAN 13 DECEMBER EN VAN 27 DECEMBER 2012 Bepaalde maatregelen die reeds waren opgenomen in de nota van Di Rupo I uitgegeven in 2011

Nadere informatie

DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN 2012

DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN 2012 DE NIEUWE FISCALE MAATREGELEN 2012 1) Belastbaar voordeel voor bedrijfswagens Vanaf 1 januari 2012 worden de belastbare voordelen voor de gratis terbeschikkingstelling van bedrijfsvoertuigen berekend op

Nadere informatie

Nieuwsbrief 2012-1. 1. Berekening voordeel alle aard bedrijfswagens

Nieuwsbrief 2012-1. 1. Berekening voordeel alle aard bedrijfswagens Nieuwsbrief 2012-1 1. Berekening voordeel alle aard bedrijfswagens De regeling inzake de nieuwe berekening van het voordeel van alle aard begint langzaam vorm te krijgen. De nieuwe regering is er in geslaagd

Nadere informatie

Auteur. Federale Overheidsdienst Financiën. http://minfin.fgov.be. Onderwerp

Auteur. Federale Overheidsdienst Financiën. http://minfin.fgov.be. Onderwerp Auteur Federale Overheidsdienst Financiën http://minfin.fgov.be Onderwerp Circulaire nr. Ci.RH.26/586.459 (AOIF 43/2007). Aftrek voor enige woning. Belastingvermindering voor het lange termijnsparen. Kapitaalaflossing

Nadere informatie

VAK I. - BEREKENING VAN DE TE BETALEN ROERENDE VOORHEFFING (RV)

VAK I. - BEREKENING VAN DE TE BETALEN ROERENDE VOORHEFFING (RV) Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen Bestemd voor de Administratie Datum ontgst de aangifte:... AANGIFTE IN DE ROERENDE VOORHEFFING INKOMSTEN VAN

Nadere informatie

Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2015

Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2015 Indexatie Geïndexeerde bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2015 Hierna vindt u een overzicht van de geïndexeerde plafonds die op het gebied van de inkomstenbelastingen voor het aan

Nadere informatie

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen

Fairness Tax lijst van nog hangende problemen Fairness Tax lijst van nog hangende problemen De problemen die rijzen door de wet van 30 juli 2013 kunnen in 4 categorieën worden gerangschikt: - gewenste bevestigingen - gewenste verduidelijkingen - gewenste

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting

HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting DEEL 1 Inleiding 31 HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting HOOFDSTUK 1 Situering van de vennootschapsbelasting In België onderscheiden we vier belastingstelsels, namelijk: 1 De directe belastingen

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17. 3. Bepaling van de belastbare grondslag van de R.V. 22. 4. Tarief van de R.V. 24

Inhoud. Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17. 3. Bepaling van de belastbare grondslag van de R.V. 22. 4. Tarief van de R.V. 24 Deel I Basisprincipes 13 Inleiding 15 I ROERENDE VOORHEFFING 17 1. Schuldenaars van de R.V. 17 1.1. Inkomsten van Belgische oorsprong 17 1.2. Inkomsten van buitenlandse oorsprong 18 1.3. Aangifte en betaling

Nadere informatie

MAATREGELEN DI RUPO DE ONDERNEMER ZAL BETALEN

MAATREGELEN DI RUPO DE ONDERNEMER ZAL BETALEN MAATREGELEN DI RUPO DE ONDERNEMER ZAL BETALEN BENT U GESTRIKT OF BENT U GESTRIKT? INLEIDING» Feitelijk opheffen bankgeheim» Geheime commissielonen Bewust niet aangegeven - systematisch Taxatie 309 % Te

Nadere informatie

De strik van Di Rupo of de strop van Rajoy

De strik van Di Rupo of de strop van Rajoy De strik van Di Rupo of de strop van Rajoy Dany De Decker Francisco Javier Cócera Vlaamse dag 24 november 2012 1 (c) 2012 Baker Tilly Belgium Agenda Inleiding (wat maakt onze situatie zo speciaal?) Waar

Nadere informatie

Aftrek voor risicokapitaal

Aftrek voor risicokapitaal Opgave 275C 1/2 Benaming :............... Ondernemingsnummer :... Federale Overheidsdienst FINANCIEN Algemene administratie van de FISCALITEIT Inkomstenbelastingen Aftrek voor risicokapitaal AANSLAGJAAR

Nadere informatie

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015

Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Overzicht van de belangrijkste wijzigingen aan het aangifteformulier inclusief de fiscale bijlagen voor het aj. 2015 Het model van het aangifteformulier voor aj. 2015 is verschenen in het Belgisch Staatsblad

Nadere informatie

Versie 11-02-2016 DEEL III Titel I Hoofdstuk VIII Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave

Versie 11-02-2016 DEEL III Titel I Hoofdstuk VIII Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave Versie 11-02-2016 DEEL III Titel I Hoofdstuk VIII Afdeling I Gebruik van een dienstvoertuig voor persoonlijke aangelegenheden Inhoudsopgave 1 1. Wettelijke en reglementaire grondslagen 2. Algemeen 3. Bepaling

Nadere informatie

De fiscale maatregelen in de wet van. 28 december 2011 houdende diverse bepalingen

De fiscale maatregelen in de wet van. 28 december 2011 houdende diverse bepalingen BIBF Beroepsinstituut van erkende Boekhouders en Fiscalisten INHOUD p. 1/ De fiscale maatregelen in de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen p. 12/ Stopzetting van de activiteit en onttrekking

Nadere informatie

Tarieven personenbelasting

Tarieven personenbelasting Tarieven personenbelasting Gezamenlijk belastbaar inkomen INKOMSTENSCHIJF BELASTING OP VORIGE INK13 AJ14 0,00 8 590,00 25 % 8 590,00 12 220,00 30 % 2 147,50 12 220,00 20 370,00 40 % 3 236,50 20 370,00

Nadere informatie

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 Relevante feiten Als kaderlid van M heeft eerste eiser in 1993 aandelenopties verkregen op aandelen

Nadere informatie

Gebruik van de bedrijfswagen voor privé-doeleinden

Gebruik van de bedrijfswagen voor privé-doeleinden CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 Gebruik van de bedrijfswagen voor privé-doeleinden info@claeysengels.be www.claeysengels.be www.iuslaboris.com

Nadere informatie

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel.

PERSNOTA. Het fiscaal resultaat zal worden vastgesteld op basis van een percentage (0,55%) op de omzet die werd behaald uit de diamanthandel. Kabinet Minister van Financiën PERSNOTA Onderwerp Fiscale maatregelen Programmawet Datum Ministerraad 21.05.2015 Bankentaks Onze samenleving heeft de voorbije jaren heel wat inspanningen gedaan om de financiële

Nadere informatie

INFOBOARD VOORDELEN ALLE AARD. 1. Personenwagens

INFOBOARD VOORDELEN ALLE AARD. 1. Personenwagens INFOBOARD VOORDELEN ALLE AARD 1. Personenwagens Vanaf 01.01.2010 VAA = CO2-uitstoot in g/km x 5.000 km of 7.500 km x CO2-coëfficiënt AJ 2011 Type brandstof CO2-coëfficiënt AJ 2012 Type brandstof CO2-coëfficiënt

Nadere informatie

De vestiging en de invordering van de inkomstenbelastingen

De vestiging en de invordering van de inkomstenbelastingen Hoofdstuk 9 De vestiging en de invordering van de inkomstenbelastingen 9.1 Aangifteverplichting Belastingplichtigen die onderworpen zijn aan de P.B., de Ven. B., de R.P.B. en de meeste B.N.I.'ers zijn

Nadere informatie

FISCALE MAATREGELEN BEGROTINGSAKKOORD 2012-2014

FISCALE MAATREGELEN BEGROTINGSAKKOORD 2012-2014 FISCALE MAATREGELEN BEGROTINGSAKKOORD 2012-2014 I. ROERENDE INKOMSTEN HERVORMING VAN DE FISCALITEIT VAN DE ROERENDE INKOMSTEN Wat is de situatie vandaag? Interesten zijn onderworpen aan een roerende voorheffing

Nadere informatie

Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis

Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis WIB: Art. 178/1 KB/WIB: Hoofdstuk I, Afdeling VI, Afdeling XXIV, Art. 62, Art. 63/11, Art. 120, 123-125, Art. 144/2, Art. 200, Art. 254-256 en Bijlage IIbis VCF: Art. 2.1.4.0.1. 1 WIJZIGINGEN KB/WIB WIJZIGINGEN

Nadere informatie

Nieuwe fiscale begrotingsmaatregelen

Nieuwe fiscale begrotingsmaatregelen Nieuwe fiscale begrotingsmaatregelen 2/12/2011 - Op 2 december 2011 werd het finale federale begrotingsakkoord Di Rupo bereikt. De belangrijkste fiscale federale maatregelen uit dit akkoord volgens de

Nadere informatie

DI RUPO 1 BEGROTING 2012

DI RUPO 1 BEGROTING 2012 DI RUPO 1 BEGROTING 2012 Ingrijpende maatregelen in personenbelasting Jef Wellens, Kluwer Kluwer Opleidingen www.kluweropleidingen.be DI RUPO 1 - Ingrijpende maatregelen in PB Afschaffing belastingvermindering

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/14 De boekhoudkundige verwerking van de uitgestelde belastingen bij gerealiseerde meerwaarden waarvoor de uitgestelde belastingregeling geldt en bij

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 ARGENTA FUND OF FUNDS De vennootschap ARGENTA FUND OF FUNDS (hierna de vennootschap genoemd) is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal

Nadere informatie

VOORWOORD 13 HOOFDSTUK 1 IK BEN MOBIEL MET MIJN EIGEN NIEUWE WAGEN PRIVÉ 15

VOORWOORD 13 HOOFDSTUK 1 IK BEN MOBIEL MET MIJN EIGEN NIEUWE WAGEN PRIVÉ 15 MOBIFIS_DO_13001.book Page 3 Thursday, May 2, 2013 8:54 AM INHOUDSTAFEL VOORWOORD 13 HOOFDSTUK 1 IK BEN MOBIEL MET MIJN EIGEN NIEUWE WAGEN PRIVÉ 15 1. Aankoop van een nieuwe auto Btw 15 1.1. Definities

Nadere informatie

I. ROERENDE INKOMSTEN

I. ROERENDE INKOMSTEN WIJZIGINGEN MBT BEGROTING WAT WAS EN WAT ZAL ZIJN De fiscale maatregelen in het begrotingsakkoord I. ROERENDE INKOMSTEN... II. MEERWAARDEN OP AANDELEN... VENNOOTSCHAPSBELASTING... TERBESCHIKKINGSTELLING

Nadere informatie

De gedeeltelijke vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor overwerk

De gedeeltelijke vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor overwerk 3 HOOFDSTUK I De gedeeltelijke vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor overwerk AFDELING 1 Inleiding Doelstelling Achtergrond Sinds 1 juli 2005 geldt een fiscale lastenverlaging voor

Nadere informatie

AANVULLENDE OVEREENKOMST

AANVULLENDE OVEREENKOMST AANVULLENDE OVEREENKOMST TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN HET KONINKRIJK BELGIË EN DE FEDERATIEVE REPUBLIEK BRAZILIË TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING EN TOT REGELING VAN SOMMIGE ANDERE AANGELEGENHEDEN

Nadere informatie

INFOBOARD. April 2014

INFOBOARD. April 2014 INFOBOARD April 2014 Inhoudstafel VOORDELEN ALLE AARD 1. Personenwagens 2. Kosteloze beschikking onroerend goed 3. Kosteloze beschikking over een gsm-toestel (met abonnement) 4. Elektriciteit en verwarming

Nadere informatie

01-2016 NL ALD AUTOMOTIVE AUTOFISCALITEIT

01-2016 NL ALD AUTOMOTIVE AUTOFISCALITEIT 01-2016 NL ALD AUTOMOTIVE AUTOFISCALITEIT INLEIDING Wenst u graag de laatste nieuwigheden over autofiscaliteit weten? Die bundelen we voor u in deze handige gids. Daarin leest u niet alleen over de CO2-bijdrage,

Nadere informatie

Tax shelter voor startende ondernemingen

Tax shelter voor startende ondernemingen Newsflash Tax shelter voor startende ondernemingen Via de tax shelter wil de Federale overheid natuurlijke personen fiscaal aanmoedigen om risicokapitaal te verschaffen aan startende ondernemingen binnen

Nadere informatie

Het model van het aangifteformulier voor aanslagjaar 2014 is verschenen in het Belgisch Staatsblad dd. 02.05.2014.

Het model van het aangifteformulier voor aanslagjaar 2014 is verschenen in het Belgisch Staatsblad dd. 02.05.2014. Nieuwigheden in de aangifte aanslagjaar 2014 in de belasting van niet-inwoners Buitenlandse vennootschappen, verenigingen, instellingen of lichamen die een onderneming exploiteren of zich met verrichtingen

Nadere informatie

FISCAAL INFORMATIEF. Praktijkgerichte, thematische informatie op fiscaal, vennootschapsrechtelijk, boekhoudrechtelijk en bedrijfseconomisch vlak

FISCAAL INFORMATIEF. Praktijkgerichte, thematische informatie op fiscaal, vennootschapsrechtelijk, boekhoudrechtelijk en bedrijfseconomisch vlak FISCAAL INFORMATIEF FISCAAL INFORMATIEF Praktijkgerichte, thematische informatie op fiscaal, vennootschapsrechtelijk, boekhoudrechtelijk en bedrijfseconomisch vlak Jaargang 11 I nr 3 Juni 2012 Verschijnt

Nadere informatie

Inhoudstafel. Vo o r wo o r d... 1

Inhoudstafel. Vo o r wo o r d... 1 Vo o r wo o r d................................................................................ 1 Deel 1 Bezoldiging Ho o f d s t u k 1: Be g r i p... 4 Wat wordt er bedoeld met bezoldiging?... 4 Hoe neemt

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Federale Overheidsdienst Financiën www.minfin.fgov.be Onderwerp Circulaire nr. Ci. RH 331/598.621 (AOIF 37/2010). Personenbelasting. Kind ten laste. Alleenstaande belastingplichtige met kind.

Nadere informatie

Basisbedrag Geïndexeerd bedrag Artikel WIB 92 Omschrijving Aj. 2014

Basisbedrag Geïndexeerd bedrag Artikel WIB 92 Omschrijving Aj. 2014 I. Titel II van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (Coëfficiënt art. 178, 1 en 2, WIB 92: 1,7073) Art. 131, 1 ste lid, 1 Grensbedrag : 15.220 25.990 Belastingvrije som : 4.260 7.270 1 ste lid,

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 ARGENTA-FUND De vennootschap ARGENTA-FUND (hierna "de vennootschap" genoemd) is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal ("SICAV") met

Nadere informatie

Adv Renier. a) 23 pct. van de eerste schijf van 4.420 EUR (basisbedrag 3.750 EUR);

Adv Renier. a) 23 pct. van de eerste schijf van 4.420 EUR (basisbedrag 3.750 EUR); Onderafdeling III Vaststelling van het netto-inkomen A. Beroepskosten Artikel 49 Als beroepskosten zijn aftrekbaar de kosten die de belastingplichtige in het belastbare tijdperk heeft gedaan of gedragen

Nadere informatie

3.3.1. Het tariefverschil

3.3.1. Het tariefverschil www.vdvaccountants.be 49 3.3. Motieven van fiscale aard Werken met een vennootschap kan in de fiscale context motieven hebben die zowel betrekking hebben op de inkomstenbelasting als op de successierechten.

Nadere informatie

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, titel III, hoofdstuk II, afdeling III, onderafdeling 4. Ondernemingen die investeren in een raamovereenkomst voor de productie van een audiovisueel werk Art. 194ter.

Nadere informatie

Fiscaal stelset spaarboekjes strijdig met vrij dienstenverkeer (bis)

Fiscaal stelset spaarboekjes strijdig met vrij dienstenverkeer (bis) Fiscaal stelset spaarboekjes strijdig met vrij dienstenverkeer (bis) Auteur(s): Bart De Cock/Koen Van Duyse Editie: Fiscoloog 137I p. I Publicatiedatum: 29 januari 2014 Rechtbank/Hof: G rondwettelijk Hof

Nadere informatie

Met huidig bericht wordt enkel ingegaan op een aantal praktische vragen die voor dergelijke, in 2014 gesloten leningen, worden gesteld.

Met huidig bericht wordt enkel ingegaan op een aantal praktische vragen die voor dergelijke, in 2014 gesloten leningen, worden gesteld. Verduidelijkingen omtrent de voorwaarden waaraan in 2014 gesloten leningen moeten voldoen, om in aanmerking te kunnen komen voor de gewestelijke belastingvermindering voor enige woning (woonbonus) Vanaf

Nadere informatie

Fiscale regularisatie

Fiscale regularisatie Fiscale regularisatie Nummer 10/31-01 Nog steeds gemeentebelasting bij regularisatieheffing ondanks arrest Dijkman? Fiscale actualiteit nr. 31, pag. 1-4, 09.09.2010 Volgens het Hof van Justitie schendt

Nadere informatie

INHOUD. Huwelijk en fiscus

INHOUD. Huwelijk en fiscus Hoofdstuk 1. De periode voorafgaandelijk aan het huwelijk......... 1 Sectie 1. Het samenwonen van de toekomstige echtgenoten... 3 A. het vertrek uit de ouderlijke woonst... 3 B. Betaling van een onderhoudbijdrage....

Nadere informatie

Rolnummer 2847. Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T

Rolnummer 2847. Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T Rolnummer 2847 Arrest nr. 57/2004 van 24 maart 2004 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 394 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, vóór de wijziging ervan bij de

Nadere informatie

Belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling: boekhoudkundige verwerking en fiscale behandeling.

Belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling: boekhoudkundige verwerking en fiscale behandeling. Algemene administratie van de FISCALITEIT - Centrale diensten Directie I/1 Circulaire nr. Ci.RH.421/579.072 (AOIF Nr. 60/2010) dd 10.09.2010 Vennootschapsbelasting Belasting van niet-inwoners vennootschappen

Nadere informatie

De aangifte in de personenbelasting voor aanslagjaar 2014 inkomsten 2013

De aangifte in de personenbelasting voor aanslagjaar 2014 inkomsten 2013 Het formulier voor de aangifte in de personenbelasting (PB) voor het aanslagjaar 2014 - inkomsten 2013 verscheen in het Belgisch Staatsblad van 28 maart 2014. De nieuwe PB-aangifte telt zo n 40 codes minder

Nadere informatie

NIEUWSBRIEF DECEMBER 2011 (Jaargang 9 - nr. 02)

NIEUWSBRIEF DECEMBER 2011 (Jaargang 9 - nr. 02) 1. Studentenarbeid anno 2012 Vanaf 1 januari 2012 kunnen studenten 50 dagen werken onder gunstige regeling van studentenarbeid. Dit kan gespreid over het hele jaar en met een uniforme solidariteitsbijdrage.

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN. Administratie van Fiscale Zaken

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN. Administratie van Fiscale Zaken FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN Administratie van Fiscale Zaken Bericht in verband met de automatische indexering inzake inkomstenbelastingen - Aanslagjaar 2012 Indexeringsregels A. De coëfficiënt bedoeld

Nadere informatie

De fiscus verduidelijkt welke opties al dan niet moeten meegerekend worden bij de samenstelling van de cataloguswaarde.

De fiscus verduidelijkt welke opties al dan niet moeten meegerekend worden bij de samenstelling van de cataloguswaarde. Opties Onder cataloguswaarde verstaat men: de catalogusprijs in nieuwe staat bij verkoop aan een particulier, met inbegrip van werkelijk betaalde BTW en opties, zonder rekening te houden met kortingen,

Nadere informatie

Inhoudstafel Deel 1. De auto In De InkomstenbelastIngen

Inhoudstafel Deel 1. De auto In De InkomstenbelastIngen Inhoudstafel Deel 1. de auto in de inkomstenbelastingen 13 I. Definities 15 II. Aftrekbaarheid van autokosten 17 a. Wettelijke basis voor behandeling van autokosten 17 i. In de personenbelasting 17 ii.

Nadere informatie

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement

Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Uitbreiding toepassingsgebied belastingneutrale zetelverplaatsing & andere fiscale bepalingen aangenomen in Parlement Na de Kamer van volksvertegenwoordigers heeft gisteren ook de Senaat diverse fiscale

Nadere informatie

De bijzondere btw-aangifte : omschrijving van de roosters

De bijzondere btw-aangifte : omschrijving van de roosters De bijzondere btw-aangifte : omschrijving van de roosters De verplichting tot indiening van een bijzondere btw-aangifte (formulier nr. 629) is opgenomen in artikel 53ter van het Btw-Wetboek. Deze aangifte

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling BDO News www.bdo.be Onderwerp Taxshift : Wat verandert er vanaf (aanslagjaar) 2016? Datum 30 december 2015 Copyright and disclaimer De inhoud van dit document kan onderworpen zijn aan rechten

Nadere informatie

Nieuwe ontslagregels 2012

Nieuwe ontslagregels 2012 Nieuwe ontslagregels 2012 De IPA wet 2011-2012 voorziet in een eerste stap naar de harmonisering tussen arbeiders en bedienden. Hiervoor worden de ontslagregels vanaf 1 januari 2012 voor beide statuten

Nadere informatie

Bedrijfswagens anno 2015. Update fiscale actualiteit. Boekhoudkantoor Marien BVBA

Bedrijfswagens anno 2015. Update fiscale actualiteit. Boekhoudkantoor Marien BVBA Bedrijfswagens anno 2015 Update fiscale actualiteit Inhoud 1 Belasting op de inverkeerstelling (BIV)... 3 1.1 Wat?... 3 1.2 Tarieven... 3 2 Verkeersbelasting... 4 2.1 Wat?... 4 2.2 Tarieven... 4 3 CO2-solidariteitsbijdrage...

Nadere informatie

Di Rupo-maatregelen: wordt ook uw geldbeugel gestrikt?

Di Rupo-maatregelen: wordt ook uw geldbeugel gestrikt? Di Rupo-maatregelen: wordt ook uw geldbeugel gestrikt? Yves Coppens Wim De Pelsmaeker Tanja De Decker 6 november 2012 1 (c) 2012 Baker Tilly Belgium Voordeel van alle aard bedrijfswagens: de nieuwe regels

Nadere informatie

Het gebruik van een bedrijfswagen voor privédoeleinden maakt een belastbaar voordeel van alle aard uit in hoofde van de verkrijger.

Het gebruik van een bedrijfswagen voor privédoeleinden maakt een belastbaar voordeel van alle aard uit in hoofde van de verkrijger. Vorstlaan 280-1160 Brussel - België T +32 2 761 46 00 F +32 2 761 47 00 info@claeysengels.be Advocaten Datum: November 2015 Onderwerp: Gebruik van de bedrijfswagen voor privédoeleinden Wanneer een werkgever

Nadere informatie

De werkgever kan zich er evenwel toe verbinden om deze verplaatsingskosten te laste te nemen.

De werkgever kan zich er evenwel toe verbinden om deze verplaatsingskosten te laste te nemen. Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 www.claeysengels.be info@claeysengels.be VERPLAATSINGSKOSTEN TUSSEN DE WOONPLAATS EN DE VASTE PLAATS VAN TEWERKSTELLING www.iuslaboris.com

Nadere informatie

Kosten eigen aan de werkgever

Kosten eigen aan de werkgever CLAEYS & ENGELS Advocaten Vorstlaan 280 1160 Brussel Tel +32 2 761 46 00 Fax +32 2 761 47 00 Kosten eigen aan de werkgever info@claeysengels.be www.claeysengels.be www.iuslaboris.com De bedragen die aan

Nadere informatie

TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING

TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING TWEEDE PROTOCOL TOT WIJZIGING VAN DE OVEREENKOMST TUSSEN DE REGERING VAN BELGIE EN DE REGERING VAN NIEUW-ZEELAND TOT HET VERMIJDEN VAN DUBBELE BELASTING EN TOT HET VOORKOMEN VAN HET ONTGAAN VAN BELASTING

Nadere informatie