Lessen voor de pilots Energie Prestatie Keuring (EPK)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Lessen voor de pilots Energie Prestatie Keuring (EPK)"

Transcriptie

1 Lessen voor de pilots Energie Prestatie Keuring (EPK) Korte evaluatie van vier instrumenten met het doel lessen te trekken voor de EPK pilots EINDRAPPORT Utrecht, 27 augustus 2014 Mirjam Harmelink Project uitgevoerd door Harmelink consulting in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu

2 Samenvatting: conclusies & leerpunten voor een EPK Aanleiding: Onvoldoende capaciteit om energiebesparing adequaat te handhaven Het bevoegd gezag heeft momenteel onvoldoende middelen om het onderdeel energiebesparing binnen de Wet Milieubeheer adequaat te handhaven. Daardoor blijft een groot energiebesparingspotentieel onbenut. In het energieakkoord zijn afspraken gemaakt over een instrumentenpakket om de implementatie van energiebesparende maatregelen, die zich in vijf jaar of minder terugverdienen, te versnellen. Onderdeel van dit instrumentenpakket vormt de afspraak om in in verschillende pilots te experimenteren met een Energie Prestatie Keuring (EPK), gericht op continuering in Energieprestatiekeurmerk (EPK) kan mogelijk bijdragen aan oplossing In het Energieakkoord is aangegeven dat een EPK een systeem moet worden waarbij private dienstverleners een toetsende rol gaan krijgen in de vorm van een periodieke keuring van de energieprestatie van een bedrijf. Een EPK beoogt bedrijven te stimuleren om proactief aan de slag gaan met energiebesparing, waardoor het tempo van energiebesparing omhoog gaat. Tegelijkertijd moet een EPK het handhavingsapparaat ontlasten doordat bij een eerste bedrijfsbezoek de stand van zaken wat betreft energiegebruik reeds in kaart is gebracht en een bedrijf weet wat van hem/haar verwacht wordt wat betreft de implementatie van maatregelen. De pilots hebben tot doel te experimenteren met verschillende invullingen van een EPK systeem en te onderzoeken of en onder welke randvoorwaarden een EPK systeem effectief is. Leren van andere instrumenten De werkgroep EPK heeft aantal instrumenten geselecteerd die een vergelijkbare beoogde werking hebben als een EPK. Met andere woorden instrumenten die bedrijven moeten stimuleren proactief aan de slag te gaan met energiebesparing en/of maatschappelijk verantwoord ondernemen. Deze instrumenten zijn in dit project kort geëvalueerd op hun effectiviteit. Instrument 1. Gesubsidieerde energiescans voor MKB-metaalbedrijven in de regio Rijnmond 2. Gesubsidieerde energiescans voor MKB bedrijven in de provincie Overijsel 3. MVO-monitor voor Metaalunie leden 4. Certificaat Erkend Duurzaam voor de mobiliteitsbranche Omschrijving & beoogd doel Initiatief van DCMR en Koninklijke Metaalunie Aanbod van gesubsidieerde energiescans voor MKBmetaalbedrijven Doel: bedrijven motiveren voorafgaand aan een bezoek van handhaving aan de slag te gaan met energiebesparing Initiatief van de Provincie Overijsel in samenwerking met MKB Nederland en gemeenten Aanbod van gesubsidieerde (en in sommige gemeentes gratis) energiescans voor MKB bedrijven Doel: energiebesparing bij MKB stimuleren als onderdeel van breder (financieel) instrumentenpakket Initiatief van Metaalunie Zelfscan om MVO beleid in kaart te brengen. Optioneel kunnen bedrijven resultaten laten certificeren Doel: leden faciliteren in toenemende vraag om bewijs voor MVO beleid Instrument waarmee leden van BOVAG, FOCWA, RAI en STIBA een certificaat Erkend Duurzaam kunnen behalen Onderdeel van programma vormt aparte energie- en afvalscan Doel: leden ondersteunen bij verbeteren MVO beleid 2/25

3 Conclusies & leerpunten voor een EPK Deelname van bedrijven aan geselecteerde instrumenten ligt tussen de 1% en 7% van de potentiele doelgroep. De relatief lage deelname wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het feit dat de instrumenten een vrijwillig karakter hebben (alleen bij het instrument Energiescans MKB-metaalbedrijven Rijnmond werd handhaving genoemd in de boodschap naar bedrijven). Voor de geselecteerde instrumenten is niet systematisch onderzocht waarom bedrijven wel of niet deelnemen en op welke wijze deelname kan worden verhoogd. Personen die direct betrokken zijn bij de implementatie en uitvoering van de instrumenten hebben tijdens de interviews wel aangegeven onder welke omstandigheden, vanuit hun eigen ervaring, de kans op deelname wordt vergroot. De kans op deelname is groter wanneer: de communicatie specifiek is toegesneden op voor de ondernemers duidelijk afgebakende doelgroep. de oproep voor deelname afkomstig is van een betrouwbare afzender, zoals een branchevereniging of collega ondernemers. bedrijven zeer direct benaderd worden (bijvoorbeeld adviseur die direct bij bedrijven binnenlopen voor een scan of benadering tijdens bijeenkomsten van een ondernemersvereniging). branches/bedrijven zelf het initiatief nemen om te starten met een traject. het voordeel dat behaald kan worden door deelname positief wordt geformuleerd. De indruk bestaat dat alleen dreiging van handhaving niet de juiste boodschap is om bedrijven te bewegen tot deelname. helder gecommuniceerd wordt wat het voordeel is dat bedrijven kunnen behalen met deelname Financieel voordeel blijkt een belangrijke prikkel voor deelname. Als het voordeel voor de ondernemer helder is een eigen financiële bijdrage nauwelijks een barrière. van buitenaf een directe prikkel aanwezig is: bijvoorbeeld de kans om afnemers (markaandeel) te verliezen zonder aantoonbaar MVO beleid. Aanbeveling voor invulling van EPK pilots: Selecteer pilots welke tot stand zijn gekomen op initiatief van brancheorganisaties en waarbij al bedrijven zijn aangehaakt. Gebruik de pilots om te experimenteren met verschillende boodschappen en afzenders om te onderzoeken welke wel en niet werken om bedrijven te motiveren proactief met energiebesparing aan de slag te gaan. Gebruik de pilots om te onderzoek welke prikkel(s) bedrijven nodig hebben om proactief aan de slag te gaan met energiebesparing. Onderzoek in ieder geval in hoeverre kostenbesparing en eisen gesteld door afnemers effectieve prikkels zijn. Uit de interviews blijkt dat bedrijven een energie-adviesrapport hoog waarderen als de informatie voor hen herkenbaar is en een concreet handelingsperspectief biedt: waar moet ik in investeren? waar kan ik subsidie aanvragen? De bestaande maatregellijsten/scans (b.v. Energiebesparing en Winst van InfoMil) vormen een goede basis voor een scan, waarbij wel behoefte is aan een branche specifieke uitwerking: bijvoorbeeld aanvulling met duurzame energie opties of proces gerelateerde maatregelen. De ervaring van Metaalunie is dat een gratis zelfscan een goedkoop laagdrempelig instrument is om bedrijven bij een onderwerp als MVO te betrekken. Zij hebben echter niet verder onderzocht in hoeverre dit ook inderdaad leidt tot grotere betrokkenheid. Uit de evaluatie van de twee MVO instrumenten blijkt dat bedrijven zoveel mogelijk dubbel werk trachten te vermijden en instrumenten aantrekkelijker voor ze zijn als het mogelijk is om dezelfde scan gelijktijdig te voldoen aan bijvoorbeeld de MVO- of CO 2 prestatieladder. 3/25

4 Aanbeveling voor invulling van EPK pilots: Gebruik de pilots om te onderzoeken welk instrument of scan aan welke doelgroep moeten worden aangeboden. M.a.w. welk instrument is het meest geschikt voor de voorhoede, middengroep en de achterhoede van bedrijven? Gebruik de pilots om een EPK te ontwikkelen die, daar waar mogelijk, aansluit bij andere certificeringsystemen en standaarden zoals de MVO- of CO 2 prestatieladder. Voor de onderzochte energiescans zijn nog geen gegevens beschikbaar over het aantal bedrijven dat maatregelen heeft geïmplementeerd. In enquêtes geven bedrijven wel aan dat ze naar aanleiding van de scan aan de slag gaan met de implementatie van maatregelen. Ervaring vanuit de Provincie Overijsel met de energiescan is dat de kans op implementatie groter is wanneer de adviseur een relatie opbouwt met een ondernemer, deze weet te enthousiasmeren en regelmatig contact heeft met ondernemer nadat de scan is uitgevoerd. Uit de evaluatie van het programma Erkend Duurzaam blijkt dat het overgrote deel van de bedrijven snel aan de slag gaat met geconstateerde verbeterpunten. Dit zou o.a. te maken kunnen hebben het feit dat het certificaat een geldigheidsduur heeft van één jaar, wat voor bedrijven een goede stok achter de deur is op snel aan de slag te gaan. Aanbeveling voor invulling van EPK pilots: Gebruik de pilots om te experimenteren met verschillende concepten om private dienstverleners te prikkelen om vervolg te geven aan een opgestelde advies. Gebruik de pilots om te onderzoeken wat de optimale geldigheidsduur van een Energie Prestatie Keurmerk zou moeten zijn om het gewenste effect te behalen. Tijdens de uitvoering van deze evaluatie is geconstateerd dat de monitoring van de resultaten van de instrumenten niet structureel wordt opgepakt. Voor alle geëvalueerde instrumenten geldt dat informatie die kan verklaren waarom en waar een instrument wel of niet effectief is en waar dus de punten liggen voor verbetering - niet systematische wordt verzameld. Aanbeveling voor invulling van EPK pilots: Maak bij de start van elk van de pilots een duidelijk monitoringplan. Op basis van de beoogde werking van het instrument beschrijft dit plan: i) welke informatie moet worden verzameld om de effectiviteit vast te kunnen stellen, ii) de wijze van informatieverzameling (fysieke metingen, enquêtes etc.), iii) frequentie van de informatieverzameling. 4/25

5 Inhoudsopgave Samenvatting: conclusies & leerpunten voor een EPK... 2 Inhoudsopgave Inleiding Energieakkoord Energie in de wet milieubeheer Energie Prestatie Keurmerk: doelstelling en beoogde werking Doelstelling en afbakening Opbouw van het rapport Analysekader en Onderzoeksaanpak Vragen in evaluatieonderzoek Effectiviteit of doeltreffendheid Analyse kader: beleidstheorie opstellen Onderzoeksaanpak Instrument 1: Metaalunie & DCMR: gesubsidieerde energiescans in de regio Rijnmond Omschrijving instrument (Beoogde) werking Conclusie & leerpunten voor een EPK Instrument 2: Provincie Overijsel: gesubsidieerde energiescans voor het MKB Omschrijving instrument (Beoogde) werking Conclusies & leerpunten voor een EPK Instrument 3: MVO-monitor van Metaalunie Omschrijving instrument (Beoogde) werking Conclusies & leerpunten voor een EPK Instrument 4: Programma Erkend Duurzaam Omschrijving instrument (Beoogde) werking Conclusies & leerpunten voor een EPK Referenties Bijlage: Lijst met geïnterviewde personen /25

6 1. Inleiding 1.1. Energieakkoord Ruim 40 organisaties hebben in 2013 een Energieakkoord voor duurzame groei ondertekent. Energiebesparing vormt de eerste pijler van het Energieakkoord. Partijen zijn het eens geworden over een afsprakenpakket waarmee naar verwachting circa 100 PJ kan worden bespaard in 2020 (SER, 2013) Energie in de wet milieubeheer De Wet milieubeheer verplicht bedrijven en instellingen om energiebesparende maatregelen die zich in vijf jaar of minder terugverdienen uit te voeren (zie tekstkader 1). In de praktijk blijkt dit instrument niet effectief omdat het bevoegd gezag veelal niet adequaat en actief handhaaft en bedrijven zich onvoldoende aangesproken voelen om met energiebesparing aan de slag te gaan (zie o.a. VROM (2010)). In het Energieakkoord zijn daarom afspraken gemaakt over een breed instrumentenpakket om de implementatie van deze energiebesparende maatregelen te versnellen. De partijen zijn o.a. overeengekomen dat: Erkende maatregelenlijsten worden opgesteld die de uitvoering en handhaving moet gaan vereenvoudigen; Een onafhankelijk expertisecentrum wordt opgericht dat ondersteuning gaat bieden aan bedrijven en de Regionale uitvoeringsdiensten (RUD) 1 ; Gemeenten en provincies prioriteit geven aan handhaving van de energiebesparingsverplichting en hierover prestatieafspraken gaan maken met het Rijk. Pilots worden uitgevoerd, gericht op continuering in 2016, met een zogenaamd Energie Prestatie Keurmerk (EPK). Potentiele besparing is bij volledige handhaving door de partijen is in het energieakkoord geschat op 36 PJ in 2020 (SER, 2013) Energie Prestatie Keurmerk: doelstelling en beoogde werking In het energieakkoord is afgesproken dat het EPK een systeem moet worden waarbij private dienstverleners een toetsende rol gaan krijgen in de vorm van een periodieke keuring van de energieprestatie van een bedrijf. Met deze periodieke keuring kan een bedrijf aantonen dat het energiebesparende maatregelen heeft genomen en daarmee voldoet aan de Wet milieubeheer. De toetsende rol van de dienstverlener dient uitgewerkt te worden in overeenstemming met het bevoegd gezag, die het wettelijk toezicht houdt op uitvoering van de Wet milieubeheer (SER, 2013). Invoering van een EPK moet bijdragen aan een verhoging van het tempo van energiebesparing bij bedrijven. De veronderstelling is dat een EPK bedrijven gaat stimuleren proactief aan de slag te gaan met de implementatie van energiebesparende maatregelen, dus voor het eerste bezoek van toezicht en handhaving. Voor handhaving moet een EPK een kostenbesparing opleveren doordat bij een eerste bezoek de stand van zaken wat betreft energiegebruik reeds in kaart is gebracht en het bedrijf weet wat van hem/haar verwacht wordt wat betreft implementatie van maatregelen. Het EPK pilot programma, dat 1 januari 2014 officieel van start is gegaan, heeft tot doel ervaring op te doen met de werking van een EPK systeem en te onderzoeken of en onder welke randvoorwaarden een EPK systeem effectief is. Tot begin juni konden geïnteresseerde partijen pilots aanmelden. Met de meest kansrijke 8-10 pilots wordt in september een Green Deal gesloten, waarna deze in het najaar van start gaan. 1 Een Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) is een regionaal werkende dienst die de uitvoering van RO en milieutaken van provincie, waterschap en gemeenten overneemt. 6/25

7 Tekstkader 1: Energiebesparing in de Wet Milieubeheer. Bron: InfoMil In 1993 is in de Wet milieubeheer vastgelegd dat het bevoegde gezag (gemeenten) verplicht zijn om in vergunningen rekening te houden met het doelmatig gebruik van energie. In 1999 is dit verder uitwerkt in de Circulaire Energie in de Milieuvergunning. De criteria die worden gehanteerd zijn: bedrijven met een jaarlijks energiegebruik groter dan m 3 aardgasequivalenten aan brandstof of kwh zijn verplicht energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder te implementeren. bedrijven die jaarlijks meer dan m 3 aardgasequivalenten aan brandstof of kwh per jaar gebruiken kunnen verplicht worden een energiebesparingsonderzoek uit te voeren. Bovenstaande criteria zijn sinds 2008 ook vastgelegd in artikel 2.15 van het Activiteitenbesluit (AMvB) en vormen tevens het uitgangspunt voor bedrijven die niet onder het Activiteitenbesluit vallen. Bedrijven kunnen daarmee worden verdeeld in 3 categorieën: Kleingebruikers: Bedrijven die jaarlijks minder dan kwh aan elektriciteit en minder dan m 3 aardgasequivalenten aan brandstof verbruiken. Deze vallen niet onder het activiteitenbesluit en hebben daarmee op grond van artikel 2.15 geen wettelijke plicht om energiebesparende maatregelen te treffen. Een toezichthouder heeft wel de mogelijkheid om in situaties waar sprake is van evidente energieverspilling direct op basis van de zorgplicht van het Activiteitenbesluit te handhaven. Middelgrote gebruikers: Bedrijven die meer verbruiken dan een kleingebruikers en minder dan grootgebruikers jaarlijks kwh tot en met kwh aan elektriciteit m 3 tot en met m 3 aardgasequivalenten aan brandstof verbruiken. Deze bedrijven vallen onder het activiteitenbesluit en kunnen in dit kader door gemeenten worden verplicht alle maatregelen die zich in minder dan vijf jaar terugverdienen te implementeren. Grootgebruikers. Bedrijven die jaarlijks meer dan kwh aan elektriciteit of meer dan m 3 aardgasequivalenten aan brandstoffen verbruiken. Dit zijn vergunningplichtige bedrijven en de gemeente kan invloed uitoefen op energiebesparing bij deze bedrijven bij zowel de vergunningverlening als bij 1.4. Doelstelling en afbakening Een EPK werkgroep met vertegenwoordigers van overheid, bedrijfsleven en NGO adviseert de overheid wat betreft de organisatie en vormgeving van de EPK pilots. Deze werkgroep heeft een viertal instrumenten geïdentificeerd die wat betreft beoogde werking overeenkomsten vertonen met een EPK systeem en waaruit mogelijk lessen getrokken kunnen worden voor de opzet en invulling van de EPK pilots. De geselecteerde instrumenten zijn: Energiescans voor MKB-metaalbedrijven in de regio Rijnmond (initiatief van DCMR en Metaalunie); Energiescans voor MKB bedrijven in de provincie Overijsel (initiatief van de Provincie Overijssel i.s.m. met MKB Nederland en gemeenten); MVO-monitor een initiatief van Metaalunie; Erkend Duurzaam een initiatief van een aantal mobiliteitsbranches: BOVAG, FOCWA Schadeherstel, RAI Vereniging en STIBA. Het Ministerie van I&M heeft Harmelink consulting gevraagd deze vier instrumenten kort te evalueren op hun mogelijke leerpunten wat de definitieve invulling van de EPK pilots Opbouw van het rapport Hoofdstuk 2 beschrijft het analysekader en de onderzoeksaanpak. Hoofdstuk 3 t/m 6 beschrijft respectievelijk de resultaten van de evaluatie van Energiescans in de regio Rijnmond, Energiescans MKB in de provincie Overijsel, MVO-monitor van Metaalunie en Erkend Duurzaam. 7/25

8 2. Analysekader en Onderzoeksaanpak 2.1. Vragen in evaluatieonderzoek In een beleidsevaluatieonderzoek staan over het algemeen drie vragen centraal (VROM, 2004) (Fin, 2002): 1. In welke mate zijn beleidsdoelstellingen gerealiseerd? Dit wordt aangeduid met de term doelbereiking. 2. In welke mate zijn deze beleidsdoelstellingen gerealiseerd dankzij het gevoerde beleid? Dit wordt aangeduid met de termen doeltreffendheid of effectiviteit. 3. Hadden de beleidsdoelstellingen gerealiseerd kunnen worden met de inzet van minder middelen of had meer effect bereikt kunnen worden met dezelfde inzet van middelen? Dit wordt aangeduid met de termen doelmatigheid of efficiency. Deze evaluatie richt zich primair op de tweede vraag: onder welke omstandigheden en voorwaarden levert een EPK systeem een bijdrage aan de implementatie van energiebesparende maatregelen bij bedrijven? Met andere woorden wanneer is een EPK systeem effectief of doeltreffend? 2.2. Effectiviteit of doeltreffendheid Bij onderzoek naar de effectiviteit of doeltreffendheid van beleid wordt getracht een causale relatie te leggen tussen de enerzijds de output van gevoerd beleid (zoals gesubsidieerde energiescans, wet & regelgeving, convenanten etc.) en de outcome (het effect van het beleid, dus in dit geval gerealiseerde energiebesparing en CO 2 -reductie). Voor de geselecteerde instrumenten is daarom in dit project geanalyseerd in hoeverre de ingezette instrumenten de beoogde werking hebben gehad (of de beoogde werking zullen hebben). Met andere woorden: wat was/is de verwachtte causale relatie tussen ingezette middelen en een (toekomstige) vermindering van het energiegebruik, reductie van de CO 2 emissies of verbetering op de andere MVO thema s 2 bij bedrijven? Blijkt deze causale relatie in de praktijk ook op te treden? 2.3. Analyse kader: beleidstheorie opstellen Voor ieder van de vier geëvalueerde instrumenten is een beknopte beleidstheorie opgesteld. Dit betekent dat voor een instrument (of een set van instrumenten) dat gericht is op een bepaalde doelgroep kort wordt beschreven wat de beoogde werking is. M.a.w. welk mechanisme moet het instrument in werking zetten waardoor de beoogde gedragsverandering (in dit geval een investering in energiebesparende maatregelen) gaat optreden, die leidt tot energiebesparing, CO 2 reductie en/of een verbetering van de prestaties op andere MVO thema s. De verschillende beleidstheorieën zijn opgesteld aan de hand van de logical modelling benadering (zie tekstkader 2). Daarbij is getracht een plausibele beschrijving te geven hoe een instrument werkt en moet bijdragen aan het realiseren van gestelde doelen. Vervolgens is de beleidstheorie vertaald naar (meetbare) prestatie- of effectindicatoren waarmee wordt weergegeven of de beleidstheorie klopt of niet. Tot slot zijn de indicatoren kort geanalyseerd en verder uitgewerkt Onderzoeksaanpak Het project is gestart met bestudering van beschikbare informatie over o.a. behaalde resultaten voor de vier selecteerde projecten en de ideeën over de opzet van het EPK systeem. Vervolgens is voor ieder van de vier instrumenten een korte beleidstheorie opgesteld. Deze theorie is vervolgens ge- 2 De MVO-monitor en het programma Erkend Duurzaam richten zich niet alleen op energiebesparing en CO 2 beleid maar op alle relevante thema s voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. 8/25

9 toetst in vijf interviews met personen die direct betrokken waren bij de vormgeving en uitvoering van deze instrumenten. Met behulp van de informatie uit de interviews en toegestuurde aanvullende informatie zijn vervolgens de resultaatindicatoren uitgewerkt en verder geanalyseerd. De twee projecten waarin energiescan centraal staan en daarmee de meeste overeenkomsten vertonen met een EPK - zijn daarbij uitgebreider geëvalueerd dan de twee projecten gericht op het verbeteren van het MVO beleid. Tekstkader 2: Logical modelling De logical modelling benadering heeft een lange traditie in de Verenigde Staten o.a. bij het evalueren van energie- efficiency programma s. Een logical model geeft een plausibele beschrijving van hoe een beleidsprogramma of -instrument werkt onder bepaalde voorwaarden en geconstateerde problemen kan oplossen (in energiebesparing realiseren). Een logical model kan gebruikt worden om "het verhaal" te vertellen achter een beleidsprogramma en hoe het programma uiteindelijk de gestelde doelen verwacht te bereiken. Het verhaal geeft de causale relatie tussen de activiteiten van verschillende stakeholders en geeft aan hoe dit moet leiden tot resultaten. Elementen van de logical model omvatten: middelen, activiteiten, output, korte, tussentijdse en langere termijn resultaten (zie schema). Middelen (inputs) omvatten personele en financiële middelen alsook andere inputs die nodig zijn om activiteiten uit te kunnen voeren. Activiteiten omvatten al die maatregelen en benodigde stappen om de programma-outputs te produceren Uitkomsten (outputs) zijn de producten, goederen en diensten die beschikbaar komen voor de doelgroep van het programma. Doelgroepen worden beïnvloed door de programma-uitkomsten (outputs) en reageren met een gedragsverandering die leiden tot resultaten. Resultaten (outcomes). Programma's hebben meestal meerdere opeenvolgende resultaten. Ten eerste zijn er "korte termijn resultaten", die veranderingen of voordelen die het meest nauw verbonden zijn met of "veroorzaakt" zijn door outputs van het programma. Ten tweede zijn er "tussentijdse resultaten" dit zijn wijzigingen die voortvloeien uit een toepassing van de korte termijn resultaten en tot slot de " langere termijn resultaten. Externe invloeden zijn factoren buiten het programma die resultaten van het programma kunnen beïnvloeden hetzij positief of negatief. 9/25

10 3. Instrument 1: Metaalunie & DCMR: gesubsidieerde energiescans in de regio Rijnmond 3.1. Omschrijving instrument In 2008 is DCMR Milieudienst Rijnmond gestart met het project Energie in de Milieuvergunning met het doel om extra aandacht te geven aan energiebesparing en daarmee het tempo van het implementeren van energiebesparende maatregelen bij bedrijven in de regio te verhogen. DCMR hanteert hierbij een branchegerichte aanpak waarbij telkens een andere branche centraal staat. In 2013/2014 was de aandacht o.a. gericht op MKB-metaalbedrijven. In de regio Rijnmond zijn naar schatting tussen de MKB-metaalbedrijven (bron Metaalunie). Doorlichten van al deze bedrijven vergt veel specifieke kennis en tijd. DCMR heeft daarom in 2014 Metaalunie benaderd voor een nieuwe aanpak, waarin voorafgaand aan een bezoek van handhaving bedrijven worden gestimuleerd aan de slag gaan met energiebesparing. Bedrijven kregen het aanbod om een gesubsidieerde energiescan te laten uitvoeren (bedrijven betaalden 225 i.p.v. 450), onder de voorwaarde dat de uitkomst gedeeld werd met DCMR. Het doel van het project was te bekijken of bedrijven eerder aan de slag gaan met energiebesparing en of daardoor toezicht- en handhavingsbezoek voor DCMR sneller en efficiënter kan verlopen waarmee de handhavingskosten worden verlaagd (Beoogde) werking Middelen DCMR maakt budget vrij om maximaal 50 MKB-metaalbedrijven een gesubsidieerde energiescan aan te kunnen bieden. Doelgroep zijn categorie type B-inrichtingen ingevolge het Activiteitenbesluit milieubeheer (waarvoor energie in de milieuvergunning niet verplicht is). Bedrijven worden geattendeerd op het aanbod voor een energiescan middels: Brief van Metaalunie aan haar leden in de regio Rijnmond, waarin de leden worden geattendeerd op de regeling. Digitaal nieuwsbericht van Deltalinqs (ondernemingsvereniging van haven-, logistieke en industriele bedrijven in de Rotterdam) waarmee leden die geen lid zijn van Metaalunie worden geattendeerd op de regeling. Toezichthouders, die tijdens bezoeken voor reguliere toezichtstaken, bedrijven attenderen op het aanbod van de energiescan. Metaalunie die in haar nieuwsbericht het aanbod voor een energiescan onder de aandacht brengt. Persoonlijke benadering (bellen) door Stichting Adviescentrum Metaal (SAM) (bureau dat de energiescans uitvoert). Indicator #1: Bekendheid van de energiescans onder de potentiele doelgroep. De bekendheid van de energiescan onder de potentiele doelgroep is niet gemonitord. Dit betekent dat niet bekend is wat het effect is van de verschillende communicatiekanalen en welke gedeelte van de bedrijven wel en niet zijn bereikt. Hierbij moet worden opgemerkt dat DCMR bij de start van het project een directere benadering van de doelgroep voor ogen had. Zij hadden 280 bedrijven geselecteerd uit haar bestand die energierelevant zijn en had de aanpak op deze specifieke groep bedrijven willen richten. Het bleek echter niet mogelijk om gegevensbestanden goed te koppelen waardoor uiteindelijk vanuit Metaalunie een brede mailing is uitgegaan naar alle bedrijven in de regio. Uit de nabelronde door de Stichting Adviescentrum Metaal bleek dat informatie een aantal bedrijven ook niet had bereikt. 10/25

11 Activiteiten Inzet van bovenstaande communicatie middelen leidt ertoe dat bedrijven (1) geïnformeerd zijn over de energiescan en (2) bekend zijn met de mogelijkheden die dit voor het bedrijf biedt. Bedrijven maken vervolgens budget vrij en geven SAM opdracht tot het uitvoeren van een energiescan. Indicator #2: Aantal aangevraagde energiescans ten opzichte potentiele doelgroep en beschikbare budget. In totaal zijn 22 energiescans aangevraagd en uitgevoerd. Er was budget beschikbaar voor 50 scans. Conclusie vanuit DCMR is dat de communicatie veel specifieker gericht had moet worden op de doelgroep. Een aanpak vergelijkbaar met acties die werden aangeboden via de Klimaatroute, waarbij adviseurs direct bij MKB ondernemers binnenlopen en een energiescan uitvoeren, was naar het oordeel van DCMR waarschijnlijk succesvoller geweest. DCMR schat verder in dat de deelname hoger was geweest als het eerste initiatief vanuit de branche was gekomen. Voorbeeld van zo n succesvolle aanpak is Green Key label met hotels en congrescentra in regio Rijnmond. Hierbij hebben de ondernemers DCMR benaderd of zij hen in dit traject konden ondersteunen. Redenen om wel of niet mee te doen aan een scan zijn naderhand niet systematisch onderzocht. Mogelijke redenen die in de interviews naar voren zijn gebracht voor de gebleken belangstelling: Energiebesparing zit laag in het interessegebied van bedrijven. Aanbod aan informatie en scans op internet is al heel groot, dit is gewoon één van de vele aanbiedingen die bij een bedrijf binnenkomen. Feit dat de resultaten van de scan gedeeld moesten worden met de toezichthouder (dit was in de brief wel ondervangen door aan te geven dat ook als men niet deelneemt toezicht te zijner tijd een bezoek komt brengen). Bedrijven al voldoen aan de eisen en het bezoek van de toezichthouder gewoon afwachten. Indicator #3: Financiële bereidheid van bedrijven om bijdrage te leveren aan energiescans: aantrekkelijkheid van het aanbod. In hoeverre eigen financiële bijdrage een barrière is om deel te nemen is niet onderzocht. Wel gaven aantal bedrijven tijdens nabelronde door SAM aan dat zijn in economisch zwaar weer zitten en daardoor op dit moment geen middelen vrij kunnen maken voor een scan en investeringen in energiebesparende maatregelen. Ook is niet onderzocht in hoeverre het aanbod voor een energiescan van 1,5 à 2 uur een aantrekkelijk aanbod is voor bedrijven. Uitkomsten Bedrijf ontvangt het adviesrapport van SAM met een overzicht van hun energieverbruik en relevante energiebesparende maatregelen. Bedrijf stelt de resultaten van de scan beschikbaar aan DCMR, die vervolgens het bedrijf informeert op welke termijn zij alle rendabele maatregelen geïmplementeerd moeten hebben en wanneer een bezoek kunnen verwachten. Indicator #4: Kwaliteit van het adviesrapport Kwaliteit van de adviesrapporten is over het algemeen goed en ingestoken op de ondernemer. Bedrijven ontvangen een duidelijk rapport met overzicht van maatregelen waarin ze kunnen investeren (soms inclusief foto en link naar site waar subsidie aangevraagd kan worden). Startpunt van de scan vormt een maatregelendatabase verzameld door SAM voor het Energiecentrum MKB. Vervolgens is deze lijst door Infomil getoetst op volledigheid met behulp van de maatregellijst uit Energiebesparing en Winst van Infomil. Dit is de maatregelenlijst die DCMR zelf ook gebruikt als checklist bij haar eerste bezoek aan bedrijven. De scan is daarmee geschikt om in het kader van handhavingsactiviteiten te gebruiken. 11/25

12 Resultaten (korte termijn) Het adviesrapport en de brief van DCMR leidt ertoe dat kennis bij bedrijven over de mogelijkheden van energiebesparing toeneemt en dat zij gemotiveerd worden om aan de slag te gaan met energiebesparing vooruitlopend op het bezoek van handhaving. Vervolgens maken bedrijven budget vrij om rendabele energiebesparende maatregelen daadwerkelijk te implementeren. Indicator #5: Toename in motivatie van bedrijven die scan hebben laten uitvoeren om aan de slag te gaan met energiebesparing Er is geen onderzoek gedaan naar de motivatie voor energiebesparing bij de bedrijven die een scan hebben afgenomen. Omdat de energiescans pas recent zijn afgerond is ook nog geen informatie beschikbaar uit de controlebezoeken. Indicator #6: Aantal bedrijven die scan hebben laten uitvoeren en gestart is met implementatie van energiebesparende maatregelen. Omdat de energiescan pas recent zijn afgerond is nog geen informatie beschikbaar over de implementatie van maatregelen. DCMR start in het najaar met controles. Wel blijkt uit reacties van bedrijven in andere branches die al eerder zijn aangepakt, dat een bezoek en brief van de toezichthouder kan helpen om bij het hogere management commitment te krijgen voor investeringen in maatregelen. Indicator #7: Kostenbesparing op handhaving Belangrijkste besparing zit in het feit dat DCMR geen 0-meting meer hoeft uit te voeren (dit is en relatief tijdsintensief traject) en dat het rapport een concreet handvat biedt om bij het eerste bezoek aan bedrijven in gesprek te komen. De omvang van de besparingen per bedrijf zijn nog niet duidelijk, omdat de toezichtbezoeken nog plaats moeten vinden. Resultaten (lange termijn) Extra energiebesparing van x kwh elektriciteit, x m 3 aardgasequivalenten brandstof en emissiereductie van x ton CO 2. Indicator #8: Gerealiseerde besparingen door de EPK ten opzichten van potentieel. Dit is nog niet bekend omdat toezichtbezoeken nog moeten starten Conclusie & leerpunten voor een EPK In totaal hebben 22 bedrijven een energiescan laten uitvoeren. DCMR had budget vrijgemaakt voor de uitvoering van 50 scans en de potentiele omvang van de doelgroep bedraagt bedrijven. Omdat de energiescans pas recent zijn afgerond kan nog geen conclusies worden getrokken over de effectiviteit van het instrument, m.a.w. zijn bedrijven onder invloed van de scan sneller aan de slag gegaan met implementatie van energiebesparende maatregelen en leidt het instrument tot besparingen op de handhavingskosten? Uit de evaluatie van energiescans in de regio Rijnmond zijn een aantal leerpunten en aanbevelingen voor de EPK naar voren gekomen: Communicatie dient specifiek en direct gericht te zijn op een duidelijk afgebakende doelgroep, dus geen schot hagel. Daarbij moet helder gecommuniceerde worden wat het financiële voordeel is voor een bedrijf om mee te doen aan een scan en aan de slag te gaan met energiebesparing. Ervaringen van SAM binnen verschillende projecten toont aan dat de respons van bedrijven laag is wanneer deze alleen op hun wettelijke verplichting worden aangesproken (SAM, 2014) 3. o Aanbeveling: selecteer pilots waarin duidelijk afgebakende doelgroepen zijn geselecteerd en gebruik de pilots om te onderzoeken welke boodschap wel en niet werkt. 3 SAM (2014). Aanvullende informatie Jeannette Levels (Stichting Adviescentrum Metaal) 2 juli /25

13 Initiatief voor het aanbieden van een energiescan lag bij DCMR. De verwachting is dat de deelname hoger was geweest als het eerste initiatief vanuit de branche was gekomen. o Aanbeveling: selecteer pilots waarbij een branchevereniging het initiatief heeft genomen of in ieder geval betrokken is en waar reeds bedrijven zijn aangehaakt. De pilot heeft geen informatie opgeleverd over motivatie van bedrijven om wel/niet deel te nemen en in hoeverre aanbod van de energiescan aantrekkelijk was. o Aanbeveling: gebruik de pilots om te onderzoeken wat de motivatie is van bedrijven om wel of om niet mee te doen (dus ook nabellen bij bedrijven die niet hebben meegedaan). Gebruik de pilots verder om te onderzoeken wat bedrijven bereidt zijn te betalen welk aanbod ze het aantrekkelijkst vinden. 13/25

14 4. Instrument 2: Provincie Overijsel: gesubsidieerde energiescans voor het MKB 4.1. Omschrijving instrument Van november 2011 tot juli 2014 konden bedrijven in de provincie Overijsel een gesubsidieerde energiescan aanvragen (bedrijven ontvangen een subsidie van 200 voor een enkele scan (eigen bijdrage 250) of 400 voor een dubbele scan ( 500 eigen bijdrage). De provincie Overijsel heeft de uitvoering in handen gelegd van MBK Nederland en budget beschikbaar voor scans 4. Doel van deze energiescan is bedrijven te stimuleren actiever aan de slag te gaan met energiebesparing. De provincie heeft daarnaast verschillende financiële regelingen om daadwerkelijke implementatie van energiebesparende maatregelen bij bedrijven te ondersteunen: Tenderregeling duurzame energie en energiebesparing. Investeringssubsidie voor grotere investeringen op het gebied van energiebesparing en duurzame energie. Maximale subsidie is en totaal budget van 2 miljoen per jaar. Haalbaarheidsonderzoeken: 50% subsidie voor het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek naar mogelijkheden voor toepassing van duurzame energie of energiebesparing (onderzoek naar wettelijke maatregelen zijn uitgesloten). Maximale subsidie Totale budget is Geld-terug-actie. Bedrijven ontvangen een investeringssubsidie van maximaal 25%. De investering dient minimaal te zijn en de subsidie is maximaal Totaal beschikbare budget voor deze regeling is 1 miljoen. Energielening: Lening voor investeringen in energiebesparing waarbij de rente 3%-punten lager ligt dan de geldende marktrente met een minimum van 1,5%. Maximale leningen is en het totale budget is 8 miljoen voor de periode tot eind Energiefond Overijsel: Mogelijkheid voor participatie van het fond in projecten vanaf en mogelijkheid voor afsluiten van een lening bij het fonds voor projecten vanaf 1 miljoen (Beoogde) werking Middelen Provincie maakt budget vrij om maximaal MKB bedrijven een gesubsidieerde energiescan aan te kunnen bieden en geeft MKB Nederland opdracht om de energiescan onder de aandacht te brengen bij de bedrijven. De provincie stelt daarnaast subsidie beschikbaar voor gemeenten om publiciteit te genereren voor de energiescans, sommige gemeenten hebben deze subsidies gebruikt om de energiescans gratis ter beschikking te stellen. Bedrijven worden geattendeerd op het aanbod voor een energiescan d.m.v.: Website Nieuwsbrieven van de provincie, KvK en ondernemersverenigingen; Bijeenkomsten georganiseerd door gemeenten bijvoorbeeld samen met ondernemersvereniging. Indicator #1: Bekendheid van de energiescans onder de potentiele doelgroep. De bekendheid van de energiescan onder de potentiele doelgroep is niet onderzocht. De potentiele doelgroep heeft een omvang van bedrijven (Provincie Overijsel, 2014b). Uit enquêtes door MKB Nederland onder 156 afnemers van de scan blijkt dat 52% direct of indirect voor deelname is benaderd door een adviseur, 21% heeft zich aangemeld na het lezen van een algemene publicatie en 1% heeft zich aangemeld door het gebruik van sociale media (MKB NL, 2014). De uitvoering van de regeling inclusief het genereren van publiciteit ligt bij het MKB Nederland. Daarnaast is door de Provincie Overijssel subsidie beschikbaar gesteld voor gemeenten om 4 (Stand van zaken 1 juni 2014) 14/25

15 de scan onder de aandacht te brengen. Uit de cijfers blijkt dat op momenten dat gemeenten publiciteit genereren voor de scan er een duidelijke stijging is te zien in het aantal aanvragen. De indruk bestaat dat het voor ondernemers belangrijk is dat de boodschap afkomstig is van een betrouwbare afzender: in dit traject MKB Nederland of lokale ondernemers. Dit was bijvoorbeeld goed zichtbaar in de gemeente Hardenberg waar relatief veel energiescans zijn aangevraagd omdat daar een zeer actieve ondernemersvereniging zit (Provincie Overijsel, 2013). Activiteiten Inzet van bovenstaande communicatie middelen leidt ertoe dat bedrijven (1) geïnformeerd zijn over de energiescan en (2) bekend zijn met de mogelijkheden die dit voor het bedrijf biedt. Bedrijven maken vervolgens budget vrij, selecteren een adviseur en geven deze opdracht tot het uitvoeren van een energiescan. Indicator #2: Aantal aangevraagde energiescans ten opzichte potentiele doelgroep en beschikbare budget. Sinds 2011 zijn 1345 scan uitgevoerd 5 en er is budget voor in totaal 1400 scans. MKB Nederland verzamelt voor de Provincie Overijssel gegevens over het type bedrijf (bedrijfstak) dat de scan aanvraagt en de gemeente waarin het bedrijf is gevestigd. De provincie heeft geen inzicht in andere bedrijfskenmerken van bedrijven die mogelijk relevant zijn om te verklaren waarom bedrijf mee doet. Indicator #3: Financiële bereidheid van bedrijven om bijdrage te leveren aan energiescans. In hoeverre de eigen financiële bedrage een barrière is voor ondernemers om een scan af te nemen is niet onderzocht. Uit de overzichten blijkt wel dat in gemeenten waar de scan gratis werd aangeboden een groter aantal scan is aangevraagd dan in gemeenten waar dit niet het geval was. Uitkomsten Bedrijf ontvangt een adviesrapport met een overzicht van (1) het energieverbruik, (2) een benchmarkoverzicht (een vergelijking van het energieverbruik met andere bedrijven binnen de betreffende branche), (3) relevante energiebesparende maatregelen. Indicator #4: Kwaliteit van het adviesrapport De indruk bestaat dat de kwaliteit van het merendeel van de adviesrapporten voldoende is. Dit betekent dat op basis van het rapport het voor de ondernemer duidelijk is welke maatregelen voor hem/haar rendabel zijn. In de enquête gaf 71% van de ondernemers aan dat ze tevreden waren over het adviesrapport (MKB NL, 2012). Onderdeel van het rapport dat op dit moment niet werkt is de benchmark informatie. Uit het interview bleek dat de benchmark data sterk verouderd zijn, met als gevolg dat het merendeel van de bedrijven (heel) goed scoren zodat niet duidelijk wordt op basis van de benchmark welke bedrijven al actief aan de slag zijn gegaan met energiebesparing en voor welke bedrijven dit niet geldt. Resultaten (korte termijn) Het adviesrapport leidt ertoe dat kennis bij bedrijven over de mogelijkheden van energiebesparing toeneemt en dat zij gemotiveerd worden om aan de slag te gaan met energiebesparing. Vervolgens maken bedrijven budget vrij om energiebesparende maatregelen daadwerkelijk te implementeren. Bedrijven maken daarbij, indien nodig, gebruik van de beschikbare financiële regelingen van de provincie om terugverdientijd van de maatregelen te verkorten. 5 (Stand van zaken 1 juni 2014) 15/25

16 Indicator #5: Motivatie van bedrijven die scan hebben laten uitvoeren om aan de slag te gaan met energiebesparing. Uit het interview met de Provincie Overijssel kwam naar voren dat in hun ogen de kwaliteit van de adviseur een belangrijke schakel is voor een succesvol traject om de motivatie bij bedrijven te verhogen. De ervaring bij de provincie is dat bij gesubsidieerde scan het risico bestaat dat adviseurs de makkelijke bedrijven selecteren die mogelijk minder relevant zijn als het gaat om energiegebruik en alleen de scan uitvoert en geen vervolg geeft aan zijn advies. Ervaring van de Provincie Overijsel leert dat een goede adviseur: i) een relatie opbouwt met de ondernemer, ii) een adviesrapport oplevert waarin de ondernemer zich herkent (de Provincie Overijsel heeft daarom een vast format voor de scan losgelaten zodat de adviseur een rapport kan opleveren dat op de ondernemer is toegesneden), iii) vervolg geeft aan zijn advies door na toezending van het rapport contact op te nemen met de ondernemer om te bespreken of deze nog hulp kan gebruiken of te wijzen op de mogelijkheden voor financiële ondersteuning. Uit een enquête door MKB Nederland blijkt dat kostenbesparingen de belangrijkste reden voor bedrijven is om maatregelen te treffen. De belangrijkste reden om geen maatregelen te treffen waren hoge investeringskosten of het feit dat maatregelen niet reëel werden geacht. Indicator #6: Aantal bedrijven die scan hebben laten uitvoeren en gestart is met implementatie van energiebesparende maatregelen. Totaal geïnventariseerde besparingspotentieel voor de scans: kwh/jaar m 3 gas/jaar. De benodigde investering om deze besparing te halen is bijna 11 miljoen (Provincie Overijsel, 2014a). Welk gedeelte van dit potentieel inmiddels is geïmplementeerd is niet bekend. Uit interviews gehouden in het kader van de tussenevaluatie naar het energiebeleid van de provincie kwam naar voren dat gemeenten vinden dat ze onvoldoende inzicht hebben in welke mate ook daadwerkelijk maatregelen worden uitgevoerd (Provincie Overijsel, 2013). Het blijkt niet altijd mogelijk de resultaten van de verschillende instrumenten naar gemeenten terug te koppelen omdat bijvoorbeeld niet gemonitord wordt uit welke gemeente de aanvrager afkomstig is. In de enquête van MKB Nederland melde 75% van de bedrijven dat ze zeker van plan waren maatregelen te treffen. Hoeveel procent van dit inmiddels heeft gedaan is niet bekend. Verder maakt een toenemend aantal bedrijven gebruik van de Geld terug actie. Resultaten (lange termijn) Extra energiebesparing van x kwh elektriciteit, x m3 aardgasequivalenten brandstof en emissiereductie van x ton CO 2. Indicator #8: Gerealiseerde besparingen door de energiescan ten opzichten van potentieel. Dit is nog niet bekend omdat toezichtbezoeken nog moeten starten. Tijd verstreken sinds uitvoeren van de scans is te kort Conclusies & leerpunten voor een EPK De belangstelling voor de energiescan is sinds de introductie in 2011 langzaam op gang gekomen en eind juni waren ruim 1400 scans uitgevoerd. Op het moment dat gemeenten aan de slag zijn gegaan met het genereren van publiciteit nam het aantal aanvragen toe. Er is nog geen zicht op de effectiviteit van het instrument, m.a.w. zijn bedrijven onder invloed van de scan nu sneller aan de slag gegaan met implementatie van energiebesparende maatregelen. Uit de evaluatie zijn een aantal leerpunten en aanbevelingen voor de EPK pilots naar voren gekomen: Ervaringen binnen de Provincie Overijsel laten zien dan de profiel en kwaliteit van de adviseur een belangrijke factor is in een succesvol traject om de motivatie voor energiebesparing bij bedrijven te verhogen. Een adviseur heeft bij voorkeur lokale betrokkenheid en bezit de vaardigheid 16/25

17 om bedrijven te kunnen enthousiasmeren. Verder is het belangrijk om bij de opzet van de energiescan de juiste prikkels in te bouwen voor de energieadviseurs om ervoor te zorgen dat hij/zij vervolg geeft aan een advies. o Aanbeveling: gebruik de EPK pilots om te experimenteren met verschillende concepten om private dienstverleners te prikkelen om vervolg te geven aan het opgestelde advies. Vraag verder bedrijven hoe het ideale functieprofiel voor een adviseur er uit ziet. Motivatie om deel te nemen aan een scan is naar verwachting hoger wanneer de boodschap afkomstig is van een betrouwbare afzender (zoals MBK Nederland, Provincie, Brancheorganisatie, lokale ondernemers), de boodschap positief is geformuleerd (dus u kunt geld besparen in plaats van u bent verplicht te investeren in energiebesparende maatregelen en u kunt bezoek van handhaving verwachten ) en helder gecommuniceerd wordt wat het voordeel is voor het bedrijf van deelname. o Aanbeveling: selecteer pilots waarin bedrijven samenwerken met brancheorganisaties, overheden en lokale ondernemersverenigingen en gebruik deze om te onderzoeken welke boodschap wel/niet werkt. 17/25

18 5. Instrument 3: MVO-monitor van Metaalunie 5.1. Omschrijving instrument In 2009 is Metaalunie in samenwerking met Stichting Adviescentrum Metaal (SAM) gestart met de uitvoering van het project Duurzame toekomst MKB metaal dat een veel breder scala aan thema s omvat en dus niet alleen energiebesparing. Als onderdeel van dit traject is een MVO-monitor ontwikkeld voor de leden van Metaalunie omdat deze steeds vaker de vraag krijgen van hun afnemers om met bewijs te komen dat zij maatschappelijk verantwoord ondernemen. In september 2011 is de MVO-monitor 6 gelanceerd. De monitor betreft een zelfscan, waarbij bedrijven door middel van het invullen van een lijst met ja/nee vragen inzicht krijgen in hun MVO beleid. Daarbij worden de volgende niveaus onderscheiden (Metaalunie, 2014): MVO Basis: een bedrijf voldoet aan de geldende wet- en regelgeving; MVO Certificaat: een bedrijf streeft continu naar een optimale balans tussen winstgevendheid, mens en omgeving; MVO Koploper: een bedrijf behoort op MVO gebied tot de meest vooruitstrevende bedrijven in de sector. Onderdeel van het instrument vormt een (laagdrempelig) systeem voor om de resultaten van de zelfscan te certificeren dat is uitgewerkt door Stichting Keurmerk Branches. De monitor sluit verder aan bij een aantal andere certificeringssystemen zoals de zelfverklaring van NEN (ISO26000) en de CO 2 - of MVO-prestatieladder (Beoogde) werking Middelen: Metaalunie laat een MVO-monitor ontwikkelen voor haar leden, gebaseerd op ISO Bedrijven worden geïnformeerd over de MVO-monitor d.m.v.: i) nieuwsbrieven van Metaalunie, ii) presentaties op evenementen waar de doelgroep aanwezig is, en iii) de organisatie van regiobijeenkomsten waarbij tijdens iedere bijeenkomst een ondernemer centraal staat die het MVO certificaat heeft behaald. Indicator #1: Bekendheid van de MVO-monitor onder de potentiele doelgroep. Metaalunie heeft niet onderzocht wat de bekendheid is van de MVO-monitor onder haar leden. Activiteiten: Bedrijven maken middelen (geld en/of uren) vrij om de stand van zaken wat betreft hun MVO beleid in kaart te brengen met behulp van de MVO-monitor. Bedrijven rapporteren over hun MVO beleid richting hun afnemers en laten hun resultaten certificeren. Daarbij maken zij keuze voor certificering via: (1) Zelfverklaring Stichting Keurmerk Branches, (2) Zelfverklaring NEN, (3) CO 2 prestatieladder, (4) MVO prestatieladder. Indicator #2: Aantal bedrijven dat MVO-monitor heeft ingevuld ten opzichte potentiele doelgroep. Inmiddels hebben leden de monitor ingevuld. Dit is circa 7,6% van het totale ledenbestand van Metaalunie (circa leden). Metaalunie beschouwt een gratis zelfscan een laagdrempelig instrument om bedrijven bij een onderwerp te betrekken. In hoeverre de betrokkenheid ook daadwerkelijk wordt vergroot is niet onderzocht. Indicator #3: Aantal bedrijven dat rapportage laat certificeren nadat ze MVO-monitor heeft ingevuld /25

19 Tot nu toe hebben 35 leden hun MVO verslag laten certificeren. Dit is maar een klein gedeelte van het totaal aantal bedrijven dat de monitor heeft ingevuld. Veelal blijkt dat de ingevulde vragenlijst, die gedownload kan worden als PDF, voldoende bewijs is richting leveranciers om aan te tonen dat ze maatschappelijk verantwoord ondernemen. De ervaring leert dat bedrijven pas tot certificatie overgaan als dit door afnemers wordt geëist. Bij de formulering van de MVO-monitor is al rekening gehouden met benodigde input voor certificering van zowel de CO 2 prestatieladder, de MVO prestatieladder als de NEN zelfverklaring. Hoeveel bedrijven van deze mogelijkheid gebruik hebben gemaakt is niet bekend. Uitkomsten: Invullen van de MVO-monitor leidt ertoe dat de kennis bij bedrijven over hiaten in hun MVO beleid toeneemt en dat zij gemotiveerd raken om aan de slag te gaan met deze punten. Indicator #4: Gemiddelde ambitieniveau van bedrijven in de 0-situatie Dit wordt niet gemonitord door Metaalunie. Metaalunie monitort alleen het aantal gebruikers van de monitor, maar niet de uitkomst van de monitor (Basis, Certificaat of Koploper). Dit is alleen bekend voor de ondernemers die een certificaat hebben aangevraagd. Resultaten (korte termijn): Bedrijven maken budget vrij om: ambities te formuleren om hun MVO beleid op hoger niveau te brengen, daadwerkelijk maatregelen te implementeren, hun voortgang te monitoren en jaarlijks een gecertificeerd rapport te publiceren. Indicator #5: Bereidheid van bedrijven middelen vrij te maken voor implementatie van ambitieuzer MVO beleid. Deze punten worden niet door Metaalunie gemonitord. Resultaten (lange termijn): Op de volgende gebieden is een kwantificeerbare verbetering opgetreden: (1) Milieu, (2) Arbeidsomstandigheden, (3) Mensrechten, (4) Eerlijk zaken doen, (5) Betrokkenheid, (6) Eigengebruikersbelangen Indicator #6: Verbetering die bedrijven hebben gerealiseerd voor de verschillende indicatoren ten opzichte van de 0-meting Metaalunie heeft nog geen beeld van de gerealiseerde verbeteringen daarvoor loopt het instrument nog te kort. Bedrijven moeten hun certificaat iedere 3 jaar vernieuwen, dit betekent dat de eerste bedrijven dit jaar hun certificaat moeten gaan vernieuwen. Hierbij moet worden opgemerkt dat verhoging van de ambitie van het MVO beleid door bedrijven ook geen expliciet doel is voor dit instrument. Het instrument is met name bedoeld om de leden te faciliteren Conclusies & leerpunten voor een EPK Tot nu toe hebben 1000 leden de scan ingevuld (~7,6% van de leden) en 35 bedrijven hebben resultaten laten certificeren (~0,3% van de leden). De evaluatie laat zien dat bedrijven vrijwillig met MVO beleid aan de slag gaan als er een duidelijke prikkel is van buitenaf; in dit geval het risico om afnemers (markaandeel) te verliezen. Aanbeveling: gebruik de pilots om te onderzoek welke prikkel(s) bedrijven nodig hebben om proactief aan de slag te gaan met energiebesparing. De indruk van Metaalunie is dat een gratis zelfscan een laagdrempelig instrument is om bedrijven bij het onderwerp MVO te betrekken. 19/25

20 Aanbeveling: gebruik de pilots om te onderzoeken voor welke doelgroepen een EPK in de vorm van een zelfscan een effectief instrument is om kennis en betrokkenheid bij onderwerp energiebesparing te vergroten. De ervaring van Metaalunie is dat de MVO-monitor aantrekkelijk is omdat deze de mogelijkheid bied om aan te sluiten bij andere certificeringssystemen in de markt. Aanbeveling: gebruik de pilots om te onderzoek in hoeverre aansluiting van een EPK bij andere systemen zoals de CO 2 prestatieladder, de MVO prestatieladder en de MVO-monitor van Metaalunie - het draagvlak voor een EPK kan vergroten. 20/25

SER Energieakkoord: prestatieafspraken en EPK handhaving Wet milieubeheer energiebesparing. DGMI/KLG Afdeling Klimaat: Stef Strik

SER Energieakkoord: prestatieafspraken en EPK handhaving Wet milieubeheer energiebesparing. DGMI/KLG Afdeling Klimaat: Stef Strik SER Energieakkoord: prestatieafspraken en EPK handhaving Wet milieubeheer energiebesparing DGMI/KLG Afdeling Klimaat: Stef Strik Energiebesparing = winst voor de lokale groene economie beperking van woon-

Nadere informatie

CO 2 Communicatieplan. 18 maart 2015

CO 2 Communicatieplan. 18 maart 2015 CO 2 Communicatieplan 18 maart 2015 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Communicatiedoelstellingen 4 3. Doelgroepen 5 4. Communicatiemiddelen 7 5. Planning 8 6. Organisatie 9 CO 2-communicatieplan 2 1. Inleiding

Nadere informatie

Financieringsvoorwaarden ondersteuning Samenwerkingsafspraken energiebesparing bij bedrijven

Financieringsvoorwaarden ondersteuning Samenwerkingsafspraken energiebesparing bij bedrijven Financieringsvoorwaarden ondersteuning Samenwerkingsafspraken energiebesparing bij bedrijven Inleiding In september 2013 is door een groot aantal partijen, waaronder de rijksoverheid, werkgevers- en werknemersorganisaties,

Nadere informatie

CO 2 Communicatieplan. 18 mei 2015

CO 2 Communicatieplan. 18 mei 2015 CO 2 Communicatieplan 18 mei 2015 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Communicatiedoelstellingen 4 3. Doelgroepen 5 4. Communicatiemiddelen 7 5. Planning 8 6. Organisatie 9 CO 2-communicatieplan 2 1. Inleiding

Nadere informatie

Energie: De mogelijkheid om (samen) een verandering te bewerkstelligen

Energie: De mogelijkheid om (samen) een verandering te bewerkstelligen Energie: De mogelijkheid om (samen) een verandering te bewerkstelligen De gemeenten Beek, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Nuth, Onderbanken,

Nadere informatie

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM De tijd dat MVO was voorbehouden aan idealisten ligt achter ons. Inmiddels wordt erkend dat MVO geen hype is, maar van strategisch belang voor ieder

Nadere informatie

Communicatieplan CO 2 -prestatieladder. Communicatieplan. 5 maart 2014

Communicatieplan CO 2 -prestatieladder. Communicatieplan. 5 maart 2014 Communicatieplan 5 maart 2014 1-8 05-03-2014 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding... 3 2. Communicatiedoelstellingen... 3 2.1 Algemene doelstelling... 3 3. Doelgroepen... 4 3.1. Groep A - Veel invloed, veel belang...

Nadere informatie

Communicatieplan WTH Vloerverwarming in het kader van de CO2-Prestatieladder

Communicatieplan WTH Vloerverwarming in het kader van de CO2-Prestatieladder Communicatieplan WTH Vloerverwarming in het kader van de CO2-Prestatieladder Communicatieplan, 22 Augustus 2014 1 Voorwoord Duurzaamheid is geen trend, het is de toekomst. Het is niet meer weg te denken

Nadere informatie

Bijlage E: samenvatting convenanten energie efficiency

Bijlage E: samenvatting convenanten energie efficiency Bijlage E: samenvatting convenanten energie efficiency 1. Het Convenant Benchmarking energie efficiency Op 6 juli 1999 sloot de Nederlandse overheid met de industrie het Convenant Benchmarking energieefficiency.

Nadere informatie

Projectvoorstel: Pilot Leek

Projectvoorstel: Pilot Leek 1 Projectvoorstel: Pilot Leek Opdrachtgever Kader Projectleider : Provincie Groningen en alle Groninger gemeenten : Implementatieproject van het SER Energieakkoord : Otto Huisman, Omgevingsdienst Groningen

Nadere informatie

Communicatieplan Milieu & Duurzaamheid, september 2014 1. Inhoudsopgave

Communicatieplan Milieu & Duurzaamheid, september 2014 1. Inhoudsopgave Communicatieplan Milieu & Duurzaamheid, september 2014 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2 2. Communicatiedoelstellingen 3 3. Doelgroepen 4 3.1 Stakeholdersanalyse 4 3.2 Doelgroepen intern 4 3.3 Doelgroepen

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven 2015-2016 CO 2 -prestatie

Sector- en keteninitiatieven 2015-2016 CO 2 -prestatie Sector- en keteninitiatieven 2015-2016 CO 2 -prestatie Mouwrik Waardenburg b.v. Steenweg 63 4181 AK WAARDENBURG tel. 0031 418 654 620 fax 0031 418 654 629 www.mouwrik.nl Opgesteld d.d.: Januari 2016 Revisie:

Nadere informatie

CO 2 Communicatieplan A&M Recycling

CO 2 Communicatieplan A&M Recycling CO 2 Communicatieplan A&M Recycling Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Communicatiedoelstellingen 4 3. Doelgroepen 5 4. De communicatiemiddelen 8 5. Planning 9 6. Overige zaken 11 2/11 1. Inleiding Dit communicatieplan

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary)

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary) Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015 Versie 3.0 (Summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Update: Augustus 2013 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Keiser Verkeerstechniek B.V. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Keiser Verkeerstechniek B.V. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Communicatieplan Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Keiser Verkeerstechniek B.V. Auteur(s): Marko Keiser (Directeur Keiser Verkeerstechniek B.V.)

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2016 CO 2 -prestatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2016 CO 2 -prestatie Sector- en keteninitiatieven 2014-2016 CO 2 -prestatie Cable Partners B.V. Venneveld 34 4705 RR ROOSENDAAL tel. 0031 165 523 000 fax 0031 165 520 033 www.cablepartners.nl Opgesteld d.d.: Mei 2015 Revisie:

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

3.C.2. Communicatieplan. CO 2 Prestatieladder, niveau 4

3.C.2. Communicatieplan. CO 2 Prestatieladder, niveau 4 3.C.2. Communicatieplan CO 2 Prestatieladder, niveau 4 Inhoudsopgave Inleiding... 1 Strategie... 1 Communicatiedoelstellingen... 2 Doelgroepen... 2 Intern... 2 Extern... 2 Boodschap per... 3 Interne belanghebbenden...

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van. Henzen Wegenbouw B.V.

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van. Henzen Wegenbouw B.V. Communicatieplan Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Henzen Wegenbouw B.V. Auteur(s): Dhr. P. Henzen, (Directie) Mevr. H. Nawijn (CO 2-functionaris)

Nadere informatie

Rapport. CO2-prestatieladder communicatieplan 2014. projectnaam Communicatieplan 2014 referentie AKA/003

Rapport. CO2-prestatieladder communicatieplan 2014. projectnaam Communicatieplan 2014 referentie AKA/003 Rapport Aveco de Bondt CO2-prestatieladder communicatieplan 2014 bezoekadres postbus postcode telefoon telefax e-mail internet Reggesingel 2 202 7460 AE Rijssen (0)548 51 52 00 (0)548 51 85 65 rijssen@avecodebondt.nl

Nadere informatie

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V.

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V. Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V. Versie d.d. 11-7-2013 Geactualiseerd d.d. 04-10-2013 Geactualiseerd d.d. 09-05-2014 Inhoudsopgave Nr. Titel Pagina 1. Inleiding 3 2.

Nadere informatie

rapportage CO₂-footprint initiatieven 2013 Gebroeders van der Poel B.V.

rapportage CO₂-footprint initiatieven 2013 Gebroeders van der Poel B.V. Gebroeders van der Poel B.V. 1 Inhoud: 1 Inleiding 3 1.1 Algemeen 3 1.2 Betrokkenen 3 1.3 Doelstelling 3 2 Inventarisatie sector- en keteninitiatieven 4 3 Rapportage management overleg 5 3.1. Algemeen

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Mouwrik Waardenburg b.v. Steenweg 63 4181 AK WAARDENBURG tel. 0031 418 654 620 fax 0031 418 654 629 www.mouwrik.nl Opgesteld d.d.: Januari 2015 Revisie:

Nadere informatie

DEELNAME AAN INITIATIEVEN VERSIE: 01 21/05/2013

DEELNAME AAN INITIATIEVEN VERSIE: 01 21/05/2013 Heereweg 1a 2161 AB Lisse 0252-417788 DEELNAME AAN INITIATIEVEN VERSIE: 01 21/05/2013 Conform niveau 3 op de CO 2-prestatieladder 2.0 Status Versie/ Datum Opgesteld Geautoriseerd Akkoord (werkvoorbereider)

Nadere informatie

CO 2 Prestatieladder. Communicatieplan. Van de Haar Groep. Wekerom, 05-11- 14

CO 2 Prestatieladder. Communicatieplan. Van de Haar Groep. Wekerom, 05-11- 14 CO 2 Prestatieladder Communicatieplan Van de Haar Groep Wekerom, 05-11- 14 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Communicatiedoelstellingen... 3 3. Doelgroepen... 4 3.1 Stakeholderanalyse...4 3.2 - Groep

Nadere informatie

Energiebesparing. Erkende maatregelen. Schakeldag 25 juni 2015. Wendy Simonse

Energiebesparing. Erkende maatregelen. Schakeldag 25 juni 2015. Wendy Simonse Energiebesparing Erkende maatregelen Schakeldag 25 juni 2015 Wendy Simonse Opzet van de sessie Uitleg erkende maatregelen SER-akkoord, wettelijke plicht tot energiebesparing, maatregelenlijsten Vragen

Nadere informatie

Communicatieplan CO2-Prestatieladder

Communicatieplan CO2-Prestatieladder Communicatieplan CO2-Prestatieladder Versie II januari 2015 Inleiding Dit communicatieplan is opgesteld in overleg met de projectgroep van de CO2prestatieladder en beschrijft de wijze waarop NedMobiel

Nadere informatie

Communicatieplan Certificering CO 2-Prestatieladder - Invalshoek C: Transparantie

Communicatieplan Certificering CO 2-Prestatieladder - Invalshoek C: Transparantie Communicatieplan Certificering CO 2-Prestatieladder - Invalshoek C: Transparantie FPH Ploegmakers BV - Communicatieplan 1 Verantwoording Titel Communicatieplan Invalshoek C: Transparantie Revisie 1.0 (definitief)

Nadere informatie

MJA3 ICT-sector. Jeroen van der Tang. Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT

MJA3 ICT-sector. Jeroen van der Tang. Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT MJA3 ICT-sector Jeroen van der Tang Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT Duurzaamheid @ Nederland ICT Resultaten en initiatieven Nederland ICT op energiebesparing & milieu» MJA3 energie-efficiëntie

Nadere informatie

Bureau Waardenburg B.V. Communicatieplan Bijlage C Bij Energiemanagement actieplan

Bureau Waardenburg B.V. Communicatieplan Bijlage C Bij Energiemanagement actieplan Bureau Communicatieplan Bijlage C Bij Energiemanagement actieplan CULEMBORG, DECEMBER 2014, VERSIE 1 BUREAU WAARDENBURG B.V. Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Belanghebbenden (stakeholders) 3 2.1 Interne doelgroepen

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary)

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary) Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015 Versie 2.0 (summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Februari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

COMMUNICATIEPLAN. Opdrachtgever : Directie. Project : W999176. Opgesteld : RBe. Gecontroleerd : KVV. Vrijgegeven : EW.

COMMUNICATIEPLAN. Opdrachtgever : Directie. Project : W999176. Opgesteld : RBe. Gecontroleerd : KVV. Vrijgegeven : EW. COMMUNICATIEPLAN Opdrachtgever : Project : Opgesteld : RBe Gecontroleerd : KVV Vrijgegeven : EW Referentie : Communicatieplan.docx Versie : 1.0 Status : Definitief Datum : 24 augustus 2012 Postbus 412

Nadere informatie

Communicatieplan Centercon B.V.

Communicatieplan Centercon B.V. Communicatieplan Centercon B.V. Inhoudsopgave INLEIDING 3 1. DOELGROEPEN, BOODSCHAP EN COMMUNICATIEMIDDELEN 4 1.1 INTERNE BELANGHEBBENDEN 4 1.2 EXTERNE BELANGHEBBENDEN 4 2. COMMUNICATIESCHEMA 6 Communicatieplan

Nadere informatie

Energie Management Actieplan

Energie Management Actieplan Energie Management Actieplan Rijssen, Juli 2013 Auteur: L.J. Hoff Geaccodeerd door: M. Nijkamp Directeur Inhoudsopgave 1. Inleiding Pagina 3 2. Beleid CO₂ reductie Pagina 4 3. Borging CO₂ prestatieladder

Nadere informatie

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Wegenbouw B.V. HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Milieu B.V. Pagina 1. Versie 11-7-2013, Geactualiseerd 28-8-2013

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Wegenbouw B.V. HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Milieu B.V. Pagina 1. Versie 11-7-2013, Geactualiseerd 28-8-2013 Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Wegenbouw B.V. HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Milieu B.V. Versie 11-7-2013, Geactualiseerd 28-8-2013 Pagina 1 Inhoudsopgave Nr. Titel Pagina 1. Inleiding 3 2. Eisen vanuit

Nadere informatie

Communicatieplan t.a.v. energiebeleid. Peek Bouw & Infra BV

Communicatieplan t.a.v. energiebeleid. Peek Bouw & Infra BV Communicatieplan t.a.v. energiebeleid Peek Bouw & Infra BV Peek Bouw & Infra BV Wayensedijk 27 3992 LN HOUTEN Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1.0 Inleiding 1.1 Inleiding 1.2 Doelstellingen 2.0 Doelgroepen

Nadere informatie

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL RAADSVOORSTEL Registr.nr. 1423468 R.nr. 52.1 Datum besluit B&W 6juni 2016 Portefeuillehouder J. Versluijs Raadsvoorstel over de evaluatie van participatie Vlaardingen, 6juni 2016 Aan de gemeenteraad. Aanleiding

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland Baggerbedrijf West Friesland Gebruikte handelsnamen: Baggerbedrijf West Friesland Grond & Cultuurtechniek West Friesland Andijk, februari-mei 2014 Auteurs: M. Komen C. Kiewiet Geaccordeerd door: K. Kiewiet

Nadere informatie

Toelichting doorrekening Energieakkoord - Gebouwde omgeving

Toelichting doorrekening Energieakkoord - Gebouwde omgeving Toelichting doorrekening Energieakkoord - Gebouwde omgeving Casper Tigchelaar Marijke Menkveld Den Haag, SER 2 oktober 2013 www.ecn.nl Instrumenten gericht op eigenaar-bewoners Bewustwording en informatie

Nadere informatie

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V. Versie d.d. 5-6-2015

Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V. Versie d.d. 5-6-2015 Communicatieplan [3.C.2] HOOIJER Renkum B.V. HOOIJER Wegenbouw B.V. Versie d.d. 5-6-2015 Inhoudsopgave Nr. Titel Pagina 1. Inleiding 3 2. Eisen vanuit de CO2 prestatieladder 3 3. Communicatiedoelstellingen

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Nuth,20augustus 2015 Auteur(s): Tom Kitzen Theo Beckers Geaccordeerd door: Serge Vreuls Financieel Directeur C O L O F O N Het format voor dit

Nadere informatie

Communicatieplan CO 2 -prestatieladder. Communicatieplan. 15 april 2013

Communicatieplan CO 2 -prestatieladder. Communicatieplan. 15 april 2013 Communicatieplan 15 april 2013 1-9 15-04-2013 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding... 3 2. Communicatiedoelstellingen... 3 2.1 Algemene doelstelling... 3 3. Doelgroepen... 4 3.1. Groep A - Veel invloed, veel belang...

Nadere informatie

Voortgangsrapportage

Voortgangsrapportage Voortgangsrapportage Voortgang van CO 2 reductieplan van Genap B.V. over 2015 t.o.v. basisjaar 2014 Dit document is tot stand gekomen in samenwerking met Will2Sustain Copyright 2016 Genap B.V. Inhoud Inleiding...

Nadere informatie

MJA Workshop Wet & Regelgeving. Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing

MJA Workshop Wet & Regelgeving. Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing MJA Workshop Wet & Regelgeving Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing Marco van de Esschert Ministerie van BZK Energieakkoord, Bouwbesluit, Energielabel en BENG MJA Workshop 2014 Marco van de Esschert

Nadere informatie

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF De Eshof op weg naar energie neutraal! = woningen Eshof naar nul op de meter = Inhoud 1. Ambitie: naar meest duurzame wijk van Elst? 2. Meten is weten: per wijk per

Nadere informatie

Communicatieplan CO 2 Reductie 141118 MA Communicatieplan CO2 v5.0 Versie: 5.0 18 november 2014 COMMUNICATIEPLAN CO 2 REDUCTIE

Communicatieplan CO 2 Reductie 141118 MA Communicatieplan CO2 v5.0 Versie: 5.0 18 november 2014 COMMUNICATIEPLAN CO 2 REDUCTIE Versie: 5.0 18 november 2014 COMMUNICATIEPLAN CO 2 REDUCTIE 2015-2016 Inleiding Voor u vindt u het communicatieplan van Aannemersbedrijf Verhoeven B.V.. In dit communicatieplan wordt de interne en externe

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Cable Partners B.V. Venneveld 34 4705 RR ROOSENDAAL tel. 0031 165 523 000 fax 0031 165 520 033 www.cablepartners.nl Opgesteld d.d.: Mei 2014 Revisie:

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

MVO. MVO Prestatieladder. Ondernemen met oog voor balans tussen 3- P s. People Planet Profit. MVO kan bijdragen om deze balans te vinden.

MVO. MVO Prestatieladder. Ondernemen met oog voor balans tussen 3- P s. People Planet Profit. MVO kan bijdragen om deze balans te vinden. MVO meetbaar gemaakt Themabijeenkomst VNO NCW 22 november 2010 MVO-Prestatieladder MVO Ondernemen met oog voor balans tussen 3- P s People Planet Profit MVO kan bijdragen om deze balans te vinden Wat valt

Nadere informatie

Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen

Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen 31 mei 2012 INHOUDSOPGAVE Inleiding... 3 1. Totale resultaten... 4 1.1 Elektriciteitsverbruik... 4 1.2 Gasverbruik... 4 1.3 Warmteverbruik... 4 1.4 Totaalverbruik

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV BV Leusden, oktober 2013 Auteurs: G.J. van Schoonhoven D.J. van Boven Geaccordeerd door: D.J. van Boven Directeur eigenaar INLEIDING Ons bedrijf heeft een energiemanagement actieplan conform NEN-ISO 50001.

Nadere informatie

Communicatieplan EMS (Energie Management Systeem)

Communicatieplan EMS (Energie Management Systeem) plan EMS (Energie Management Systeem) CO 2 -Prestatieladder Agmi Group september 2012 (mei 2013 aangepast) Inhoudsopgave 1. Inleiding... 4 1.1 Rapportage & reductiedoelstelling... 4 1.2... 4 2. - Interne

Nadere informatie

Jade Beheer. Communicatieplan CO 2 Prestatieladder 3.C.1. 3.C.2 Invalshoek C: Transparantie Handboek CO2 Prestatieladder, versie 2.2 / 3.

Jade Beheer. Communicatieplan CO 2 Prestatieladder 3.C.1. 3.C.2 Invalshoek C: Transparantie Handboek CO2 Prestatieladder, versie 2.2 / 3. Jade Beheer Communicatieplan CO 2 Prestatieladder 3.C.1. 3.C.2 Invalshoek C: Transparantie Handboek CO2 Prestatieladder, versie 2.2 / 3.0 Document : Communicatieplan CO 2-prestatieladder Auteur : Jade

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem

Energiemanagementsysteem Energiemanagementsysteem BVR Groep B.V. Roosendaal, 20-06-2014. Auteur(s): H. Schrauwen, Energie & Technisch adviseur. Geaccordeerd door: M. Soenessardien,Manager KAM, Personeel & Organisatie Pagina 1

Nadere informatie

CO 2 Prestatieladder. Plan van Aanpak. Verkrijgen van niveau 4 op de CO 2 Prestatieladder

CO 2 Prestatieladder. Plan van Aanpak. Verkrijgen van niveau 4 op de CO 2 Prestatieladder CO 2 Prestatieladder Plan van Aanpak Verkrijgen van niveau 4 op de CO 2 Prestatieladder Auteur: Dhr. A.J. van Doornmalen Vrijgegeven: Dhr. A.J. van der Heul Datum: 28 februari 2012 Inhoud Plan van Aanpak...

Nadere informatie

Communicatieplan CO2 reductiesysteem

Communicatieplan CO2 reductiesysteem Communicatieplan reductiesysteem Conform niveau 3 op de prestatieladder 2.2 Auteur(s) Marco Vermeulen, Jan den Boer Kenmerk 3.C.2_1 Communicatieplan reductiesysteem Datum 13 maart 2015 Versie 1.0 Status

Nadere informatie

CO 2 Prestatieladder Rapport 2015

CO 2 Prestatieladder Rapport 2015 Pagina 31 van 39 Bijlage E Communicatieplan CO2-Prestatieladder Communicatieplan CO 2 -Prestatieladder Sarens Nederland Pagina 32 van 39 E.1 Inleiding Het communicatieplan beschrijft de wijze waarop Sarens

Nadere informatie

Activiteitenbesluit Wet milieubeheer

Activiteitenbesluit Wet milieubeheer Activiteitenbesluit Wet milieubeheer De kennis, knoet en honingversie! Praktijkseminar Installatiesector 11 oktober 2011 p.teunissen@dmb.amsterdam.nl Wet milieubeheer Bescherming milieu Voormalige Hinderwetaspecten:

Nadere informatie

energiemanagement & kwaliteitsmanagement

energiemanagement & kwaliteitsmanagement Energiemanagement Programma & managementsysteem Het beschrijven van het energiemanagement en kwaliteitsmanagementplan (zoals vermeld in de norm, voor ons managementsysteem). 1 Inleiding Maatschappelijk

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan

Energiemanagement Actieplan 1 van 8 Energiemanagement Actieplan Datum 18 04 2013 Rapportnr Opgesteld door Gedistribueerd aan A. van de Wetering & H. Buuts 1x Directie 1x KAM Coördinator 1x Handboek CO₂ Prestatieladder 1 2 van 8 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Communicatieplan CO 2 -reductie. Van Schoonhoven Infra B.V.

Communicatieplan CO 2 -reductie. Van Schoonhoven Infra B.V. Communicatieplan CO 2 -reductie B.V. Leusden, november 2013 Auteurs: G.J. van Schoonhoven D.J. van Boven Geaccordeerd door: D.J. van Boven Directeur eigenaar INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 1.1 Over dit communicatieplan

Nadere informatie

Reglement financiële bijdrage energieonderzoek MKB Energiescan Overijssel, bekend onder de naam Nieuwe energie in bedrijf.

Reglement financiële bijdrage energieonderzoek MKB Energiescan Overijssel, bekend onder de naam Nieuwe energie in bedrijf. Deelnemersreglement project Nieuwe energie in bedrijf Reglement financiële bijdrage energieonderzoek MKB Energiescan Overijssel, bekend onder de naam Nieuwe energie in bedrijf. Versie: 1 januari 2014 De

Nadere informatie

Communicatieplan CO₂-Prestatieladder

Communicatieplan CO₂-Prestatieladder Documentnummer: Communicatieplan CO₂ Document: 2015-12 Communicatieplan CO₂-Prestatieladder Scope 1 en 2 Bedrijf: ToekomstGroep Gedeputeerde Laanweg 47 1619 PB Andijk Postbus 4 1619 ZG Andijk T 0228-594900

Nadere informatie

Energie Prestatie Keuring (EPK)

Energie Prestatie Keuring (EPK) Energie Prestatie Keuring (EPK) Energie besparen wordt leuker, makkelijker en eenvoudiger! Stef Strik Barend van Engelenburg 14 januari 2016 ENERGIEBESPARING Waarom werkt(e) het nog niet zo lekker? Geen

Nadere informatie

3.B.2 Energie Management Actieplan

3.B.2 Energie Management Actieplan Inleiding B.V. is in 2012 gecertificeerd voor niveau 3 van de CO 2 -prestatieladder. Op basis van de uitkomsten uit de interne audits van 2012 en de vragen vanuit de markt, is een vervolgtraject gestart

Nadere informatie

Vario Grass B.V. Communicatieplan. Masters in Green. CO2-Prestatieladder Eis: 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Koningslinde 5b 7131 MP, Lichtenvoorde

Vario Grass B.V. Communicatieplan. Masters in Green. CO2-Prestatieladder Eis: 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Koningslinde 5b 7131 MP, Lichtenvoorde Communicatieplan CO2-Prestatieladder Eis: 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Vario Grass Masters in Green Organisatie: Adres: Opgesteld door: Vario Grass B.V. Koningslinde 5b 7131 MP, Lichtenvoorde Jasper Eppingbroek

Nadere informatie

Stappenplan certificering van de MVO Prestatieladder en de CO 2 -Prestatieladder. Datum: 18-08-2011 Versie: 02

Stappenplan certificering van de MVO Prestatieladder en de CO 2 -Prestatieladder. Datum: 18-08-2011 Versie: 02 Stappenplan certificering van de MVO Prestatieladder en de CO 2 -Prestatieladder Datum: 18-08-2011 Versie: 02 Opgesteld door: ing. N.G. van Moerkerk Inhoudsopgave Opbouw niveaus van de MVO Prestatieladder

Nadere informatie

CO2 prestatieladder Communicatieplan

CO2 prestatieladder Communicatieplan CO2 prestatieladder Communicatieplan Projectgegevens Opsteller TAJ van Deijzen Versie 2014-2015 I Status Definitief Datum CO2 verantwoordelijke TAJ van Deijzen 28-8-2015 Directievertegenwoordiger WPA van

Nadere informatie

: Communicatie Subsidieverordening Maatregelenplan Duurzaamheid

: Communicatie Subsidieverordening Maatregelenplan Duurzaamheid Memo Aan : Van : Rienk Sijbrandij Bureau : Ruimtelijke Ordening, Wonen en Milieu Datum : 29 november 2011 Onderwerp : Communicatie Subsidieverordening Maatregelenplan Duurzaamheid De gemeenteraad van Strijen

Nadere informatie

Workshop MKB & Energiebesparing in Drenthe

Workshop MKB & Energiebesparing in Drenthe Workshop MKB & Energiebesparing in Drenthe Valerie Kort Projectleider Energie en Duurzaam Ondernemen Telefoonnummer: 0592-311150 v.kort@nmfdrenthe.nl www.nmfdrenthe.nl Wat gaan we doen? Drempels wegnemen

Nadere informatie

C-179 Energiebesparing door de Energie Prestatie Keuring (EPK): Green Deal EPK Pilot

C-179 Energiebesparing door de Energie Prestatie Keuring (EPK): Green Deal EPK Pilot C-179 Energiebesparing door de Energie Prestatie Keuring (EPK): Green Deal EPK Pilot Partijen 1. De Minister van Economische Zaken, de heer H.G.J. Kamp; 2. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Nadere informatie

ENERGIEMANAGEMENTPROGRAMMA VDM-GROEP

ENERGIEMANAGEMENTPROGRAMMA VDM-GROEP ENERGIEMANAGEMENTPROGRAMMA VDM-GROEP F.G. van Dijk (Directie) C.S. Hogenes (Directie & lid MVO groep) Opdrachtgever : Van Dijk Maasland Groep Project : CO 2 Prestatieladder Datum : Maart 2011 Auteur :

Nadere informatie

Certificeren Waardevol?? KVGM B.V.

Certificeren Waardevol?? KVGM B.V. Certificeren Waardevol?? KVGM Improvement Solutions: + Specialisten in verbetermanagement + 20 jaar ervaring + 6 deskundige, gedreven en pragmatische professionals + Praktische aanpak waarbij de klantorganisatie

Nadere informatie

CO₂ Communicatieplan. CO₂ Communicatieplan. Datum 13-05-2015. Versie 1.1. Rapportnr 3C.COM-PLAN2015-1.1. Opgesteld door. A. van de Wetering & H.

CO₂ Communicatieplan. CO₂ Communicatieplan. Datum 13-05-2015. Versie 1.1. Rapportnr 3C.COM-PLAN2015-1.1. Opgesteld door. A. van de Wetering & H. 1 van 7 Datum Rapportnr Opgesteld door Gedistribueerd aan A. van de Wetering & H. Buuts 1x Directie 1x KAM Coördinator 1x Handboek CO₂ Prestatieladder 1 2 van 7 2 3 van 7 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING Beschrijving

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. PUK Benelux B.V. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. PUK Benelux B.V. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Communicatieplan Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van PUK Benelux B.V. Auteur(s): Mevr. Giezen-van Laarhoven, CO 2-functionaris Dhr. D. Slothouber,

Nadere informatie

Communicatieplan Milieu Inclusief CO 2 -footprint en reductie. Koninklijke Bammens

Communicatieplan Milieu Inclusief CO 2 -footprint en reductie. Koninklijke Bammens Inclusief CO 2 -footprint en reductie Maarssen, 25 maart 2014 Auteur(s): Niels Helmond Geaccordeerd door: Simon Kragtwijk Directievertegenwoordiger Milieu / Manager Productontwikkeling COLOFON Het format

Nadere informatie

CO2- communicatieplan

CO2- communicatieplan CO2- communicatieplan Remmits Beheer Opgesteld : Gecontroleerd: Status : E. Luiken F. Pesch Definitief Augustus 2015-1 - Inhoudsopgave: 1.0 Inleiding 1.1 Voorwoord 1.2 Marktontwikkelingen 1.3 Doelstellingen

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Firma W. Zwaan en Zonen. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Firma W. Zwaan en Zonen. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Communicatieplan Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Firma W. Zwaan en Zonen Auteur(s): G. Zwaan, directie & CO 2-functionaris M. de Lange, extern

Nadere informatie

De energieprestatiekeur EPK

De energieprestatiekeur EPK De energieprestatiekeur EPK Ron Ongenae Michiel Steerneman Van EEI naar IEE Energy Experts International B.V. POWERS SUSTAINABILITY Michiel Steerneman Opleidingen Milieukunde Onafh. warmtewetdeskundige

Nadere informatie

Toenemende aandacht voor toezicht niet-oob accountantskantoren

Toenemende aandacht voor toezicht niet-oob accountantskantoren Toenemende aandacht voor toezicht niet-oob accountantskantoren De Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt sinds 2006 toezicht op accountantsorganisaties. De niet-oob vergunninghouders voeren uitsluitend

Nadere informatie

3.C.2 Communicatieplan ten behoeve van de CO 2 - Prestatieladder Takke Groep

3.C.2 Communicatieplan ten behoeve van de CO 2 - Prestatieladder Takke Groep 3.C.2 Communicatieplan ten behoeve van de CO 2 - Prestatieladder Takke Groep 3.C.2 Communicatieplan 2015 versienummer: 01 Pagina 1 Inhoud 1. Inleiding 3 2. Eisen vanuit de CO 2 prestatieladder 3 3. Communicatiedoelstellingen

Nadere informatie

Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent

Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent Het gerecht Het resultaat: weten dat u met de juiste dingen bezig bent. Alles is op een bepaalde manier meetbaar.

Nadere informatie

(Energie) management-actieplan

(Energie) management-actieplan (Energie) management-actieplan Eis 3.B.2 Barendrecht, Oktober 2013 Auteur: Sabine Droog Geaccordeerd door: Leo Droog Directeur Edwin Oudshoorn Bedrijfsleider/ MVO Verantwoordelijk Inhoud 1. Inleiding 3

Nadere informatie

CO 2 Energie reductie plan

CO 2 Energie reductie plan Tijssens Electrotechniek B.V. De Boelakkers 25 5591 RA Heeze CO 2 Energie reductie plan 2015 Pagina 1 Inhoud 1. Introductie 3 2. Organisatiegrens 3 3. Reductiedoelstellingen 3 4. Energie en CO 2 -reductie

Nadere informatie

CO2- communicatieplan

CO2- communicatieplan CO2- communicatieplan Remmits Beheer Opgesteld : Gecontroleerd: Status : E. Luiken F. Pesch Definitief Maart 2014-1 - Inhoudsopgave: 1.0 Inleiding 1.1 Voorwoord 1.2 Marktontwikkelingen 1.3 Doelstellingen

Nadere informatie

Energiebesparing Voortgezet en hoger onderwijs

Energiebesparing Voortgezet en hoger onderwijs Energiebesparing Voortgezet en hoger onderwijs Rotterdam en regio Rijnmond Auteur : Christian de Laat Willem de Neve Documentnummer : 20957328 Afdeling : Rotterdam en Regiogemeenten Datum : september 2009

Nadere informatie

CO 2 -Prestatieladder

CO 2 -Prestatieladder CO 2 -Prestatieladder Energiemanagement actieplan Schilderwerken De Boer Obdam B.V. 2015 Op basis van de internationale norm ISO 50001 4.4.3, 4.4.4, 4.4.5, 4.4.6, 4.6.1 en 4.6.4 Auteur(s): R. de Boer (Schilderwerken

Nadere informatie

MVO- MVO-communicatieplan internet 2015. Pagina 1 van 6 MVO COMMUNICATIEPLAN

MVO- MVO-communicatieplan internet 2015. Pagina 1 van 6 MVO COMMUNICATIEPLAN Pagina 1 van 6 MVO COMMUNICATIEPLAN Pagina 2 van 6 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. INTERNE COMMUNICATIE... 3 2.1. Doelstellingen en doelgroepen... 3 Doel:... 3 Doelstelling:... 3 Interne doelgroepen:...

Nadere informatie

Heatpoint nieuwsbrief 4 juni 2013

Heatpoint nieuwsbrief 4 juni 2013 Heatpoint nieuwsbrief 4 juni 2013 Geachte relatie, In de vorige nieuwsbrief (nr.3 maart 2013) van Heatpoint hebben wij u uitgebreid geïnformeerd over de Innovation Award die wij hebben gewonnen. Samengevat

Nadere informatie

Energie management actieplan

Energie management actieplan Energie management actieplan Conform 3.B.2 Op basis van de internationale norm ISO 50001 4.4.3, 4.4.4, 4.4.5, 4.4.6, 4.6.1 en 4.6.4 Zwatra B.V. Auteur(s): R. Egas, directie & CO2-functionaris, Zwatra B.V.

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 3.C.2. 23 juni 2015. Voorbij Prefab. Voorbij Prefab Siciliëweg 61 1045 AX Amsterdam Nederland

Communicatieplan. Conform 3.C.2. 23 juni 2015. Voorbij Prefab. Voorbij Prefab Siciliëweg 61 1045 AX Amsterdam Nederland Conform 3.C.2 23 juni 2015 Voorbij Prefab Voorbij Prefab Siciliëweg 61 1045 AX Amsterdam Nederland INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING COMMUNICATIE... 3 1.1 Interne communicatie... 3 1.2 Externe communicatie...

Nadere informatie

datum status naam Functie paraaf 15 maart 2013 gecontroleerd G.T. Plaggenmars KAM-coördinator

datum status naam Functie paraaf 15 maart 2013 gecontroleerd G.T. Plaggenmars KAM-coördinator projectnaam CO 2-prestatieladder Van Spijker Infrabouw B.V. projectonderdeel T.b.v. het CO 2 beleid status Definitief datum 15 maart 2013 P. Mastebroekweg 4 7942 JZ Meppel Postbus 247 7940 AE Meppel T

Nadere informatie

Notitie. Inleiding. Stakeholderindentificatie

Notitie. Inleiding. Stakeholderindentificatie Notitie Datum: 19 maart 2012 Project: NEN zelfverklaring ISO 26.000 Uw kenmerk: - Locatie: Holten Ons kenmerk: V076381aa.00002.jlv Betreft: Stakeholderanalyse Versie: 01_002 Inleiding In deze notitie wordt

Nadere informatie

Communicatieplan Croon CO2 Footprint

Communicatieplan Croon CO2 Footprint Croon Elektrotechniek B.V. Marketing & Business Development Hoofdkantoor Rotterdam Schiemond 20-22 3024 EE Rotterdam Postbus 6073 3002 AB Rotterdam Telefoon 088-923 33 44 www.croon.nl Communicatieplan

Nadere informatie