VN(0> ~ICW ~ ~F. i~ederlaná

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VN(0> ~ICW ~ ~F. i~ederlaná"

Transcriptie

1 VN(0> ~ICW ~ ~F i~ederlaná Aan de voorzitter en leden van de Vaste Commissie voor Veiligheid en Justitie uit de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG Briefnummer 15/11.1 ~7/SvD/JVE Den Haag 1 september 2015 OnderwerpTelefoonnummer Reactie VNO-NCW en MKB-Nederland op het voorstel Wet Continuïteit E-ma'' Ondernemingen I Hoogedelgestrenge dames en heren, VNO-NCW en MKB-Nederland hebben met interesse kennisgenomen van het wetsvoorstel Wet Continuïteit Ondernemingen I(pre-pack). Dit wetsvoorstel geeft ons aanleiding tot het maken van een aantal opmerkingen. Het is van belang dat het faillissementsrecht zo is ingericht dat negatieve gevolgen als onnodig kapitaalverlies en verlies van werkgelegenheid zo veel als mogelijk worden voorkomen en/of beperkt. Het uiteindelijke doel van het faillissementsrecht en dus ook van het wetsontwerp moet zijn om te komen tot waardebehoud en opbrengstmaximalisatie. Om de continuïteit van levensvatbare (delen van) ondernemingen te realiseren, komen doorstarts na faillissement regelmatig voor. De huidige praktijk waarbij een doorstart van een onderneming plaatsvindt nadat het faillissement is uitgesproken, heeft echter het nadeel dat door de openbaarheid en afwikkelingsduur de onderneming snel waarde zal verliezen. Dit heeft er toe geleid dat een achttal Nederlandse rechtbanken sinds 2011 experimenteert met het toepassen van doorstartovereenkomsten voordat de onderneming failliet is verklaard (pre-pack). Deze in stilte voorbereide doorstartovereenkomsten kennen echter geen wettelijke waarborgen. Een schuldenaar vraagt de pre-pack zelf aan en bereidt deze in stilte voor, waardoor kwaadwillenden de pre-pack kunnen misbruiken. Zij kunnen zich met behulp van een geprepareerde doorstart van schulden ontdoen. Malietoren / Bezuidenhoutseweg 12 /Postbus / 2509 AA Den Haag / / /

2 s~aa 2 \O/ ~\~ ~~~~_ - ~~fecieréane~ Omdat de pre-pack in stilte wordt voorbereid, is het niet mogelijk om in de openbaarheid een transparant verkoopproces met meerdere gegadigden te volgen. Zo kunnen bedrijven die een serieus overnamebod willen doen over het hoofd worden gezien. Ook hebben schuldeisers geen zicht op de gang van zaken en de gevolgen voor hun vorderingen. Daarom is het noodzakelijk dat er waarborgen komen die oneigenlijk gebruik of onbedoeld negatieve gevolgen zoveel mogelijk ondervangen en die een uitdrukkelijke grondslag verkrijgen in de wet. Bovendien zorgt een wettelijke regeling ervoor, dat de toepassing door verscheidende rechtbanken niet zal leiden tot verschillende uitleg en gestelde voorwaarden aan een pre-pack. Er moeten bijzondere omstandigheden zijn waarom een pre-pack valt te prefereren boven een bewoon faillissement. Aannemelijk moet worden gemaakt, dat bij een regulier faillissement de belangen van de gezamenlijke schuldeisers en de belangen van maatschappelijke aard minder zijn gebaat dan in geval van een pre-pack. In zijn algemeenheid valt op te merken op het grondig aangepaste wetsvoorstel een behoorlijke verbetering is ten opzichte van het wetsontwerp dat ter consultatie was gelegd. De wetgever heeft zijn huiswerk grondig overgedaan en serieus aandacht geschonken aan de kritiek. Het wetsvoorstel zoekt een balans in enerzijds het faciliteren van de pre-pack en anderzijds het stellen van voorwaarden om negatieve gevolgen te voorkomen. Summierlijk onderzoek Het valt daarom op, dat de rechtbank volgens het voorgestelde artike1363 lid 2 positief zal beslissen over het toepassen van de zogenoemde stille voorbereidingsfase (pre-pack) als summierlijk blijkt dat er feiten en omstandigheden bestaan die aantonen dat voldaan is aan de voorwaarden. Iaat betekent dat de rechtbank na een kort, eenvoudig en beknopt onderzoek zal beslissen op het verzoek van de schuldenaar. Gezien de mogelijkheden van de rechtbank is deze keuze begrijpelijk, maar tegelijkertijd moet de rechtbank in staat worden gesteld een vergaande beslissing te nemen. Het is ons bekend dat de rechtbank Rotterdam een vragenlijst hanteert waaruit blijkt dat de rechtbank vrij Bondig te werk gaat. Omwille van uniformiteit en efficiency is het aan te bevelen naar deze vragenlijst in de memorie van toelichting te verwijzen of de vragenlijst daarin op te nemen. Omdat de rechtbank niet alle feiten en omstandigheden kan overzien, is het des te meer van belang, dat de beoogd curator in staat moet worden gesteld adequaat inzicht te krijgen. Dit om bijvoorbeeld de vraag te beantwoorden of een doorstart realistisch is en de meerwaarde voor de crediteuren aannemelijk

3 v~~o> ~cvu s~aa 3 _-,, ~eclerfa~id is gemaakt. Is de beoogd curator van mening dat hiervan geen sprake is of zou de beoogd curator het vermoeden hebben dat de pre-pack wordt gebruikt voor oneigenlijke redenen, dan zou hij de plicht moeten hebben de rechtbank te verzoeken om de aanwijzing in te trekken. Aan deze taak kan handen en voeten worden gegeven door een bepaling toe te voegen naar analogie van de verplichte intrekkingsgronden voor de surseance zoals art. 242 lid 2 Fw die voorschrijft. Positie algemene aandeelhoudersvergadering en de Wet financieel toezicht De wetgever geeft in het wetsvoorstel in artikel 363 lid 6 Fw expliciet aan, dat het aanwijzen van een beoogd curator geen besluit is in de zin van artikel 2:107a BW zodat er geen goedkeuring nodig ís van de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA). De wetgever gaat hiermee te gemakkelijk voorbij aan concernverhoudingen en de verplichtingen die gelden volgens de Wet financieel toezicht (Wft). Een verzoek van een dochtermaatschappij tot aanwijzing van een beoogd curator kan koersgevoelige informatie zijn die de moedermaatschappij bekend moet maken. Beursgenoteerde ondernemingen zijn op grond van de Wft verplicht koersgevoelige informatie onverwijld bekend te maken. Een uitzondering op het voorgestelde artike13631id 6 Fw en de betrokken artikelen in de Wft is noodzakelijk. Het wetsvoorstel voorziet hier niet in. Lopende, nieuwe en bestaande betalingsverplichtingen Bij het verzoek tot aanwijzing van een beoogd curator moet de schuldenaar laten zien dat hij niet al feitelijk in een faillissementstoestand verkeert. Volgens de memorie van toelichting moet, terecht, worden voorkomen dat de schuldenaar tijdens de pre-pack lopende en nieuwe betalingsverplichtingen niet kan nakomen en zo bestaande en nieuwe crediteuren benadeelt. Dat reeds bestaande vorderingen (zoals huur, belasting over voorafgaande maanden) niet tijdig of volledig kunnen worden betaald, hoeft wat ons betreft geen dwingende afwijzingsgrond voorde pre-pack op te leveren.0ok wordt dan onderscheid gemaakt tussen crediteuren dat niet verdedigbaar is. Het lijkt er op dat in de voetnoten 81 en 85 van de memorie van toelichting wordt bepaald dat bestaande vorderingen over voorafgaande maanden na aanwijzing van de beoogd curator niet worden bevroren maar moeten worden betaald. In de memorie van toelichting worden als voorbeeld fiscale vorderingen genoemd, maar dit geldt evenzeer voor vergelijkbare vorderingen van handelscrediteuren. Een dergelijke regeling zou pre-packs veelal onmogelijk maken. Als voorgaande exclusief geldt voor de Belastingdienst wordt daarnaast ongeoorloofd onderscheid gemaakt tussen de Belastingdienst enerzijds en andere (preferente en concurrente) crediteuren anderzijds. De memorie van toelichting dient daarom aangepast te worden zodat bestaande fiscale vorderingen, die pas tijdens de stille voorbereidingsfase opeisbaar worden, niet worden beschouwd als lopende fiscale verplichtingen.

4 _ ` ' Y s Maa 4 \O~ ~\\ Ivec~eriattcf Driemaandentermijn Indien er een aanvraag voor faillissement is en debetrokken schuldenaar heeft daarvoor bij de rechtbank verzocht om een pre-packtraject, dan gaat het wetsvoorstel ervan uit dat als drie maanden na de beslissing van de rechtbank zijn verstreken, dit verzoek en aanwijzing van een beoogd curator niet meer hoeven te worden gemeld in het vonnis (art. 6 lid 5) en in het eindverslag (art. 3661íd 5)'. Voor deze driemaandentermijn is gekozen omdat de Raad voor de rechtspraak heeft gemeend, dat de relevantie van de bevindingen van de beoogd curator en beoogd rechter-commissaris afneemt voor de betrokkenen bij het faillissement naannate er meer tijd is verstreken tussen de stille voorbereidingsfase en de faillietverklaring. Het is uiteraard van belang dat crediteuren weten wat er aan een faillissement is voorafgegaan. Daarom is het voor ons onduidelijk waarom deze termijn drie maanden moet zijn. Veelal zal een onderneming binnen drie maanden niet in een geheel andere (financiële) situatie verkeren. Ook zal een faillissement doorgaans - na intrekking van de pre-pack later dan drie maanden worden uitgesproken. Een termijn van 12 maanden zou daardoor beter op zijn plaats zijn. VNO-NC~7V en MKB-Nederland zijn van mening dat het wetsvoorstel op een aántal punten verder moet worden aangepast en aangescherpt. In de bijlage zijn al deze punten in een artikelsgewijs commentaar uitgebreid uitgewerkt. Tot een nadere toelichting zijn wij uiteraard graag bereid. Hoogachtend, ;, -_ t~' ~` ~~ rs. C. Oudshoorn Directeur Beleid Bijlage 1 Overigens komt deze gestelde driemaandentermijn ook voor in de voorgestelde/gewijzigde artt. 6 lid 1, 74, 215, 218 en 223a Fw, zie verder het artikelsgewrijs commentaar.

5 Bijlage ARTIKELSGEWIJS Artikel 3c Fw (nieuw artikel) De memorie van toelichting geeft bij dit artikel aan, dat wanneer er in de periode van de stille voorbereidingsfase door een schuldeiser een faillissementsaanvraag wordt ingediend, deze faillissementsaanvraag niet door de behandeling van de stille voorbereidingsfase wordt opgeschort. Dit is een belangrijke aanvulling. Het volgt ook uit het voorgestelde artikel 366 lid 2 Fw, waarin staat dat een (uiteindelijke) toewijzing van de faillissementsaanvraag automatisch leidt tot het einde van de stille voorbereidingsfase. Wij kunnen ons vinden in deze keuze voor het niet opschorten, immers een stille voorbereidingsfase kan niet lang voortduren en een schuldeiser zou moeten worden ingelicht indien zijn aanvraag niet of later in behandeling wordt genomen. Het gevolg hiervan is dat de stille fase zal worden doorbroken door het inlichten van de schuldeiser. Daarmee geldt dit artikel als stok achter de deur. Voorde duidelijkheid zou expliciet in artikel 3c moeten worden opgenomen dat een faillissementsaanvraag niet wordt opgeschort indien de schuldenaar zich in een stille voorbereidingsfase bevindt. De memorie van toelichting merkt bij dit artikel en bij artikel 363 lid 1 terecht op, dat het wel voorde hand ligt dat de schuldenaar, die door de rechtbank volgens artikel 3c Fw onverwijld van het verzoek tot faillietverklaring wordt ingelicht, contact opneemt met de schuldeiser die de faillissementsaanvraag heeft ingediend. Hij is hier echter vrij in. De schuldenaar zou deze schuldeiser bij de stille voorbereidingsfase kunnen betrekken en hem kunnen vragen de rechtbank te verzoeken de behandeling van de faillissementsaanvraag nog even aan te houden. Ook wij menen dat het wenselijk is de aanvragende crediteur bij de stille voorbereidingsfase te betrekken, maar zien daar ook een gevaar bij. De schuldeiser heeft een bevoorrechte positie verkregen ten opzichte van andere schuldeisers die niets weten van deze fase. Hij zou hiervan gebruik kunnen maken door zijn uitstaande vorderingen met voorrang te laten betalen. Het is goed dat de wetgever dit gevaar heeft ingezien en daarom in de memorie van toelichting heeft opgenomen, dat de beoogd curator eventuele transacties die in de stille voorbereidingsfase plaatsvinden tussen de aanvrager-schuldeiser en de schuldenaar nauwlettend moeten worden gevolgd. Dit volgt ook uit zijn taak om de belangen van schuldeisers te behartigen. Wij zijn blij dat in artikel 3c Fw is opgenomen, dat de rechtbank naast de schuldenaar ook de beoogd rechtercommissaris en de beoogd curator onverwijld van het verzoek tot faillietverklaring in kennis stelt. Wij pleiten ervoor dat hetgeen hier is omschreven ook wordt opgenomen in de handleidingen die Recofa en Insolad opstellen, zodat beoogd rechters-commissarissen en beoogd curatoren er expliciet op worden gewezen dat zij in dergelijke gevallen extra oplettend zullen zijn.

6 Artikel s Fw (gewijzigd) Artikel 5 Fw wordt aangevuld met het opnemen van artikel 363 lid 1 waarmee wordt aangegeven dat een verzoek van een schuldenaar voor een stille voorbereidingsfase moet worden ingediend bij de rechtbank door een advocaat. Wij kunnen ons geheel vinden in deze aanvulling en menen met de wetgever dat dit zal zeker bijdragen aan de kwaliteiten onderbouwing van de aanvraag voor een stille voorbereidingsfase. Artikel 6 Fw, lid 1 (gewijzigd) Indien er een faillissementsaanvraag is gedaan terwijl er bij de betreffende onderneming sprake is geweest van een stille voorbereidingsfase, dan zal de rechtbank ook de beoogd rechter-commissaris en de beoogd curator over de aanvraag horen. In het voorontwerp was nog bepaald dat de rechtbank de beoogd rechter-commissaris en de beoogd curator "in de gelegenheid diende testellen te worden gehoord". Wij kunnen ons vinden in deze aangepaste formulering. Zo heeft de rechter een beter zicht op de zaak alvorens een beslissing te nemen en kan hij ook naar aanleiding van eventuele aanvullende informatie die hij van hen kan verkrijgen, voorwaarden stellen. Artikel 6 Fw, lid 1 tweede zin (toegevoegd) Indien in de drie maanden voordat er een verzoek tot faillietverklaring wordt ingediend sprake is geweest van een aanwijzing van een stille voorbereidingsfase, en er zijn meer dan drie maanden verstreken, dan kán de rechtbank de beoogd rechter-commissaris of beoogd curator horen. Zoals ook in de memorie van toelichting bij artikel 14a is vermeld, is voor de wetgever de opmerking van de Raad voorde rechtspraak van belang om te kiezen voor deze periode van drie maanden. Volgens de Raad voorde rechtspraak neemt de relevantie van de bevindingen van de beoogd curatoren de beoogd rechter-commissaris af voor de betrokkenen bij het faillissement naarmate er meer tijd is verstreken tussen de stille voorbereidingsfase en de faillietverklaring. Waarom de Raad voorde rechtspraak heeft gekozen voor juist een periode van drie maanden is in haar reactie op de consultatie van het voorontwerp niet duidelijk. Wij vragen ons af of de gestelde driemaandentermijn voldoende is. Curatoren kijken inde regel bij faillissementen ook langer terug dan drie maanden en kunnen bestuurders maar ook oud-bestuurders voor handelingen gepleegd tot langere tijd dan drie maanden voor een faillissement aansprakelijk stellen. Wij vragen de wetgever om een onderbouwing waarom voor deze drie maanden is gekozen en niet voor een langere periode. Strategisch gedrag van de schuldenaar om pas na deze drie maanden een verzoek tot faillietverklaring in te dienen moet worden voorkomen. Een onderneming zal doorgaans binnen een periode van drie maanden niet in een geheel andere situatie verkeren. Het aanhouden van een termijn van een jaar is daarom wenselijk.

7 Artikel 6!id 5 Fw (nieuw IidJ Als er in de drie maanden voorafgaand aan de indiening van aangifte of verzoek tot faillissementsverklaringsprake is geweest van een aanwijzing van een stille voorbereidingsfase, dan zal dit in het vonnis van de faillietverklaring worden vermeld. Zijn deze drie maanden voorbij, dan is geschiedt deze vermelding niet. Alleen als de rechtbank van mening is dat het voor derden toch nog relevant kan zijn om kennis te nemen van het feit dat in het verleden sprake is geweest van een aanwijzing van een beoogd curator, dan staat het haar vrij dit wel in het faillissementsvonnis noemen. De memorie van toelichting meldt, dat dit het geval kan zijn indien de omstandigheden in de tussentijd niet wezenlijk gewijzigd zijn ten opzichte van die ten tijde van de beëindiging van de stille voorbereidingsfase. Het lijkt ons dat, evenals opgemerkt bij artikel 6 lid 1, drie maanden een behoorlijk korte periode is waarin de (financiële) situatie van een onderneming doorgaans niet opeens een geheel andere is. Ook zal een faillissement doorgaans - na intrekking van de pre-pack later dan 3 maanden worden uitgesproken. Een termijn van 12 maanden zou daardoor beter op zijn plaats zijn. Artike114 a Fw (nieuw artikel) Is er voorafgaand aan een faillissement sprake geweest van een aanwijzing van een beoogd curator en een beoogd rechter-commissaris, dan zal de rechtbank bij de faillietverklaring in de regel de eerder door haar aangewezen personen aanstellen als curatoren benoemen als rechter-commissaris. In het consultatiedocument stond alleen voorafgaand. Waarom is ook hier alleen voor 3 maanden voorafgaand gekozen? AI is hier de situatie anders dan betreffende het verkrijgen van informatie voorde rechtbank als in artikel 6 lid 1 en het in artikel 6 lid 5 genoemde vonnis. Artike174 Fw (nieuw lid ingevoegd) Wanneer sprake is geweest van een stille voorbereidingsfase, drie maanden voorafgaand aan de indiening van de aangifte of het verzoek tot faillissementsverklaring, en de beoogd rechtercommissaris of de beoogd curator daar de noodzaak van zien, stelt de rechtbank bij de faillietverklaring een voorlopige commissie van schuldeisers in. Hier is consistent opnieuw voor de driemaandentermijn gekozen. In het artikel wordt het zo omschreven, dat de rechtbank een dergelijke commissie moet instellen. Waarom is niet gekozen voor een bevoegdheid van de rechtbank om hier naar eigen inzien over te beslissen? Het instellen van een schuldeiserscommissie kan voor schuldeisers ook van belang zijn na de drie maanden. Wij zien niet in waarom dergelijke restrictie in het artikel is opgenomen. De rechtbank dient niet haar bevoegdheid te verliezen hier naar eigen inzicht over te beslissen.

8 Wij gaan er van uit dat de schuldeiserscommissie aan dezelfde eisen moet voldoen als de schuldeiserscommissie die in het huidige artikel 74 Fw wordt bedoeld, zoals wie als schuldeiser wordt aangemerkt. Artike1215 Fw (wijziging), artíke1218 Fw (toevoeging) en artike1223a Fw (wijziging) Deze artikelen hebben betrekking op de aanvraag van een stille voorbereidingsfase en de indiening van een aanvraag van een surseance van betaling. Ook hier is inde artikelen de termijnen van maximaal drie maanden aangehouden. Zoals aangegeven bij de hierboven genoemde artt. 6 lid 1 en 6 lid 5 Fw, vragen wij de wetgever om een onderbouwing waarom voor deze drie maanden is gekozen en niet voor een langere periode. Strategisch gedrag van de schuldenaar om pas na deze drie maanden een verzoek tot faillietverklaring in te dienen moet worden voorkomen. Een onderneming zal doorgaans binnen een periode van drie maanden niet in een geheel andere situatie verkeren. Het aanhouden van een termijn van een jaar is daarom wenselijk. Titel IV Na artikel 362 Fw wordt een nieuwe Titel IV "Buiten faillissement en surseance van betaling" opgenomen. De eerste afdeling wordt "Aanwijzing van een beoogd curator" genoemd. Maarde artikelen binnen deze titel betreffen onder meer ook de aanwijzing van de beoogd rechter-commissaris. Aanpassing van de benaming van de afdeling ligt daarmee in de rede. Artikel 363 lid 1 Fw (nieuw artikel) Bij het verzoek tot aanwijzing van een beoogd curator moet de schuldenaar laten zien dat hij niet al feitelijk in een faillissementstoestand vbrkeert. Volgens de memorie van toelichting moet worden voorkomen dat de schuldenaar de tijdens de "stille fase" voor het eventuele faillissement lopende en nieuwe betalingsverplichtingen niet kan nakomen en zo bestaande en nieuwe crediteuren benadeelt (p. 14 memorie van toelichting). Ons inziens betekent dat dat alle lopende verplichtingen (zoals huur, salaris, belastingen) die ontstaan of zien op de periode vanaf de dag van aanwijzing van de beoogd curator en alle nieuwe verplichtingen die na dat moment zijn aangegaan (zoals salaris beoogd curator en adviseurs, nieuwe levering van voorraden en grondstoffen, afname van energie) vanzelfsprekend volledig moeten worden voldaan. Dit is ook normale praktijk bij bijvoorbeeld een stand-still: alles voor die datum wordt bevroren, alle vordering vanaf die datum worden voldaan). Het feit dat de reeds bestaande vorderingen (zoals handelscrediteuren, huur en belasting over voorafgaande maanden) mogelijk niet tijdig en of volledig betaald kunnen worden, hoeft wat ons betreft geen dwingende afwijzingsgrond voorde pre-pack op te leveren. Een factuur van een handelscrediteur die vóór aanwijzing is ontvangen en naverlopen van de betalingstermijn pas opeisbaar is in de pre-pack dient niet als lopende of nieuwe verplichting te worden gezien. Als dat wel zo is, worden pre-packs bijna onmogelijk. Ook wordt dan onderscheid gemaakt tussen crediteuren dat niet verdedigbaar is. Het lijkt er op dat in de memorie van toelichting

9 wordt bepaald dat bestaande vorderingen overvoorafgaande maanden na aanwijzing van de beoogd curator niet bevroren worden, maar moeten worden betaald (zie voetnoten 81 en 85). In de memorie van toelichting worden als voorbeeld fiscale vorderingen genoemd, maar dit geldt ook voor vergelijkbare vorderingen van handelscrediteuren. Zoals gezegd maakt een dergelijke regeling prepacks veelal onmogelijk. Als voorgaande exclusief geldt voorde Belastingdienst wordt de ongeoorloofd onderscheid gemaakt tussen de Belastingdienst enerzijds en andere (preferente en concurrente) crediteuren anderzijds. De memorie van toelichting dient daarom te worden aangepast zodat bestaande fiscale vorderingen, die pas tijdens de stille voorbereidingsfase opeisbaar worden, niet worden beschouwd als lopende fiscale verplichtingen. Lid 1 van het artikel meldt dat de schuldenaar bij zijn aanvraag voor een stille voorbereidingsfase aannemelijk moet maken dat deze voorbereiding meerwaarde heeft. Meerwaarde zou aanwezig zijn indien: De voorbereiding de schade voor betrokkenen bij eventueel faillissement in zodanig mate kan beperken dat dit opweegt tegen de omstandigheid dat de voorbereiding in stilte plaatsvindt, of De kans op verkoop van rendabele onderdelen van de betrokken onderneming bij faillissement tegen een zo hoog mogelijke verkoopprijs en met behoud van zoveel mogelijk werkgelegenheid in zodanige mate kan vergroten, dat dit opweegt tegen de omstandigheid dat de voorbereiding in stilte plaatsvindt. Niet geheel duidelijk is daarmee aangegeven, dat meerwaarde aanwezig is, als er voor de (gezamenlijke) schuldeisers een hogere opbrengst wordt gerealiseerd dan bij een regulier faillissement het geval zal zijn. Er staat dat de schade zodanig wordt beperkt of de verkoopprijs zo hoog mogelijk is of behoud van werkgelegenheid zodanig wordt vergroot dat het tegen de in stilte voorbereide pre-pack opweegt. Betekent dit, dat de opbrengst voor schuldeisers hoger is dan ineen regulier faillissement? Inde memorie van toelichting staat zowel het in Algemeen Deel als onder de artikelsgewijze toelichting dat de schuldenaar alleen wordt toegelaten tot de stille voorbereidingsfase indien het verzoek tot aanwijzing van een beoogd curator voldoet aan de in de wet opgenomen procesrechtelijke eisen èn dat de schuldenaar er bovendien in slaagt aannemelijk te maken dat een scenario waarin het mogelijk aanstaande faillissement in stilte wordt voorbereid in de desbetreffende situatie voor betrokkenen een dusdanige meerwaarde heeft dat dit te verkiezen valt boven een regulier (onvoorbereid) faillissement. Deze verduidelijking dat de pre-pack moet leiden tot een beter resultaat, moet ook in het artikel terug te vinden zijn. Dit is precies wat wij ook hebben opgenomen in onze reactie op het voorontwerp. Net als in het voorontwerp, is in de memorie van toelichting opgenomen dat dit wetsvoorstel voorziet in een kaderregeling. Behoudens de eis van het aannemelijk maken van meerwaarde en dat er sprake is van een dreigend faillissement, wordt in de wet geen nadere invulling gegeven met betrekking tot de vorm en inhoud van de verzoekschriften. Dit brengt met zich mee dat het wetsvoorstel te vaag blijft. Het is van belang dat de wetgever handvatten geeft omtrent de wijze waarop de schuldenaar moet laten zien dat zijn verzoek om de regeling toe te passen gerechtvaardigd is.

10 Wij wensen dat enkele handvatten worden opgenomen in de wet c.q. de memorie van toelichting. Zoals de verplichting van een overzicht dat voldoende liquiditeit aanwezig is om aan de lopende verplichtingen te voldoen, een overzicht van voor een doorstart in aanmerking komende (externe) partijen (de schuldenaar dient binnen de grenzen van de noodzakelijke geheimhouding actief zoeken naar potentiële overnamekandidaten) en een financieel/bedrijfseconomisch plan dat de levensvatbaarheid van een doorstart onderbouwt. In de memorie van toelichting onder 3.2 staat voorts, dat de schuldenaar inzicht geeft in de door hem beoogde uitkomsten van de voorbereiding en welke effecten de voorbereiding naar verwachting zal hebben voor verschillende groepen van schuldeisers en voor de bij hem in dienst zijnde werknemers. Verschillende verplichtingen staan verspreid bij verschillende artikelen, waarbij ook wordt teruggegrepen naar andere artikelen, in de memorie van toelichting. Een duidelijk overzicht in de memorie van toelichting is gewenst, zodat kritisch kan worden getoetst en er geen verhaalsvermindering voor crediteuren plaatsvindt. De lijst/handleiding die zal worden opgesteld door Recofa kan input leveren. Zie ook onze reactie onder artikel 363 lid 4, laatste alinea. Om aan te geven dat een pre-pack succesvol kan zijn ten opzichte van een reguliere doorstarten daarmee een goede aanvulling van ons faillissementsrecht kan zijn, verwijst de memorie van toelichting naar de bevindingen van curatoren, rechters-commissarissen en advocaten van schuldenaren die hadden meegewerkt aan een pre-pack, opgenomen in een empirisch onderzoek gepubliceerd in 2015 van mr. Hurenkamp. Daaruit zou blijken dat met in stilte voorbereide doorstarts gemiddeld 68%van de aanwezige werkgelegenheid worden behouden. Dat is een hoog percentage, maar niet aangegeven is of dit percentage ook haalbaar zou zijn geweest bij een reguliere doorstart. Het valt ons opdat helaas geen interviews voor dit onderzoek hebben plaatsgevonden met bij prepacks betrokken schuldeisers. Voorts wordt door de wetgever het verkennend onderzoek van de Radboud Universiteit /BDO Consultants uit 2014 van belang geacht. Naar verluidt gaan de onderzoekers er op basis van hun eerste bevindingen vanuit dat bij de huidige praktijk sprake is van een meeropbrengst voorde boedel die varieert van 10 tot 30%. Dat is een veelbelovend resultaat. Graag zouden wij willen weten, of deze meeropbrengst ten goede komt aan alle schuldeisers of slechts aan een beperkt aantal? Wij zijn zeer geïnteresseerd in dit onderzoek. Is er al zicht opeen publicatiedatum? Het doet ons deugd dat de wetgever in de memorie van toelichting bij dit artikel heeft opgenomen, dat de (beoogd) curator over de belangen van de schuldeisers moet waken juist omdat zij dat zelf niet kunnen omdat er sprake is van een stille voorbereiding. De belangen van de schuldeisers dienen voorop te staan, zoals wij ook in onze reactie op het voorontwerp hebben opgenomen en waarnaar in de memorie van toelichting ook is verwezen. Wij zijn dan ook verheugd dat de minister dit expliciet heeft omschreven: 'De faillissementsprocedure is immers primair gericht op de vereffening van het vermogen van de schuldenaar ten behoeve van zijn gezamenlijke schuldeisers. Volgens de bestaande jurisprudentie mag de curator bij zijn taakuitoefening in faillissement maatschappelijke belangen wel meewegen, maar dit betekent niet dat deze waar sprake is van conflicterende belangen voorrang zouden mogen krijgen op de belangen van de gezamenlijke schuldeisers. 'Vervolgens wordt verwezen naar een aantal uitspraken in dergelijke zin van de Hoge Raad. Verder staat nog: Van belang is dan echter wel dat de beoogd curator er tijdens de "stille voorbereidingsfase" op toe ziet dat de belangen van maatschappelijke aard niet gaan prevaleren boven de belangen van de gezamenlijke schuldeisers.

11 Dit is naar ons inzien terecht. Het volgt uit de faillissementswet en schuldeisers, met name de concurrente schuldeisers (die geen separate of preferente positie hebben of boedelschuldeisers zijn), hebben anders geen mogelijkheden om hun belangen te behartigen. In onze reactie op het voorontwerp hebben wij ook opgenomen dat het van belang is dat de beoogd curator zich steeds moet leiden door de belangen van de gezamenlijke schuldeisers en niet slechts door de belangen van één of een beperkt aantal schuldeisers. Artikel 3631íd 2 Fw (nieuw artikel) In dit artikel is opgenomen dat de rechtbank positief zal beslissen op het verzoek indien summierlijk blijkt van het bestaan van feiten of omstandigheden, welke aantonen dat voldaan is aan de voorwaarden voorde aanwijzing zoals genoemd in het eerste lid. "SummierlíjK' betekent dat de rechtbank na een kort, eenvoudigen beknopt onderzoek moet kunnen vaststellen of voldaan is aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid en er dus aanleiding is om tot aanwijzing van een beoogd curator over te gaan. In de memorie van toelichting heeft de wetgever gemeend te verwijzen naar de onze reactie op het consultatiedocument, waarin wordt gesteld dat 'summierlijk blijken' betekent dat de rechtbank na een kort, maar zoals werd onderstreept door VNO-NCW/MKB in de consultatie kritisch onderzoek moet kunnen vaststellen of voldaan is aan de voorwaarden... Wij zijn zeer verbaasd over deze constatering. In onze brief van 21 januari 2014 is zowel de tekst als de betekenis anders. In onze brief is opgenomen: "Vervolgens zal de rechtbank positief beslissen als summierlijk blijkt dat er feiten en omstandigheden zijn die aantonen dat voldaan is aan de voorwaarden. Dit betekent dat de rechtbank na een kort en eenvoudig onderzoek zal beslissen op het verzoek. Naar onze mening biedt dit echter niet voldoende waarborgen. Wij hebben dus het woord kritisch niet gebruikt maar het woord eenvoudig. En vervolgens hebben wij dit gezien als het bieden van onvoldoende voorwaarden! De wetgever dient de tekst van de memorie van toelichting aan te passen naar hetgeen werkelijk in onze brief is opgenomen. Tevens zijn wijde mening toegedaan dat door de toevoeging van het woord 'summierlijk' de rechter niet te diep in de materie hoeft te gaan hetgeen de waarborgen die lid 1 meent te stellen weer afzwakt. De rechtbank zal volgens het voorgestelde artikel 363 lid 2 positief beslissen over het toepassen van de zogenoemde stille voorbereidingsfase (pre-pack) als summierlijk blijkt dat er feiten en omstandigheden bestaan die aantonen dat voldaan is aan de voorwaarden. Dat betekent dat de rechtbank na een kort, eenvoudig en beknopt onderzoek zal beslissen op het verzoek van de schuldenaar. Gezien de mogelijkheden van de rechtbank is deze keuze begrijpelijk, maar tegelijkertijd moet de rechtbank instaat worden gesteld een afgewogen keuze te maken. De rechtbank moet adequaat inzicht verkrijgen om bijvoorbeeld de vraag te beantwoorden of er sprake is van een situatie dat een doorstart realistisch kan zijn, om te beoordelen of de door de schuldenaar aangegeven meerwaarde aannemelijk is of om te beoordelen, ook gedurende het proces, dater

12 nadere voorwaarden moeten worden gesteld 1. Niet voor niets spreekt de memorie van toelichting over de rechtbank als poortwachter, die de piketpaaltjes slaat en tijdens de voorbereidingsfase de regie voert. Het is ons bekend dat de rechtbank Rotterdam een uitgebreide vragenlijst hanteert. Daaruit blijkt dat de rechtbank vrij grondig te werk gaat. Te denken valt aan verzekeringspremies die moeten zijn betaald, deponeringen van jaarrekeningen van de afgelopen drie jaar, het direct kunnen overdragen van een winst- en verliesrekening, het geven van een duidelijke liquiditeitsprognose etc. Het is van belang dat de rechtbanken in Nederland een uniforme, landelijke standaardvragenlijst hanteren. De vragenlijst van de rechtbank Rotterdam kan daarvoor als voorbeeld gelden. Omwille van uniformiteiten efficiency is het aan te bevelen naar deze vragenlijst in de memorie van toelichting te verwijzen of de vragenlijst daarin op te nemen. Omdat de rechtbank niet alle feiten en omstandigheden kan overzien, is het des te meer van belang, dat de beoogd curator in staat moet worden gesteld adequaat inzicht te krijgen. Dit om bijvoorbeeld de vraag te beantwoorden of er sprake is van een situatie dat een doorstart realistisch kan zijn, om te beoordelen of de door de schuldenaar aangegeven meerwaarde aannemelijk is of om te beoordelen, ook gedurende het proces, dater nadere voorwaarden moeten worden gesteld. Is de beoogd curator van mening dat hiervan geen sprake is of zou de beoogd curator het vermoeden hebben dat de prepack wordt gebruikt voor oneigenlijke redenen, dan zou de beoogd curator de plicht moeten hebben de rechtbank te verzoeken om de aanwijzing in te trekken. Aan deze taak kan handenen voeten worden gegeven door een bepaling toe te voegen naar analogie van de verplichte intrekkingsgronden voorde surseance zoals art. 242 lid 2 Fw die voorschrijft. Artikel 363 lid 3 Fw (nieuw artikel) Uit het derde lid volgt dat indien de rechtbank besluit het verzoek tot aanwijzing van een beoogd curator in te willigen, zij aan de aanwijzing een termijn verbindt van ten hoogste twee weken. Deze termijn kan vervolgens op verzoek van de schuldenaar door de rechtbank worden verlengd. De wetgever heeft ervoor gekozen te bepalen dat de termijn niet één keer maar meerdere keren door de rechtbank verlengd zou kunnen worden en ook met een door de rechtbank te bepalen termijn Indien betalingsverplichtingen langer doorlopen en ook de salarissen van werknemers en de beoogd curator langer moeten worden betaald, kan dat ten koste gaan van de verhaalsmogelijkheden van de concurrente schuldeisers. Daarom dient de rechtbank bij de beslissing over eventuele verlenging van de termijn de belangen van de schuldeisers goed inde gaten te houden. Het oproepen van de beoogd rechter-commissaris en de beoogd curator, die kunnen dienen als informant maar ook als toezichthouder, is in dergelijke situaties een welkome aanvulling. 1 Hetzelfde geldt overigens ook voor voorwaarden die de rechtbank kan instellen of bijstellen gedurende het proces van de stille voorbereiding. Bijvoorbeeld de voorwaarde dat een deskundige wordt aangewezen of meerdere curatoren -volgens MvT onder kan de rechtbank hierdoor ervoor zorgen dat het risico dat de beoogd curator te zeer wordt meegetrokken in wat de schuldenaar beoogt en niet in staat is zijn onafhankelijke positie te behouden, worden weggenomen. De rechtbank kan dit uiteraard alleen beoordelen indien hij voldoende inzicht in de zaak heeft!

13 Een tekortkoming in het stellen van een waarborg tegen oneigenlijk gebruik van de pre-pack is, dat bij de termijn van 2 weken alleen door de schuldenaar een verzoek bij de rechtbank kan worden ingediend voor verlenging. De beoogd curator dient ook de mogelijkheid te hebben om te verzoeken deze termijn te verlengen. Twee weken zijn zeer kort en kunnen soms te kort zijn in bepaalde zaken voor de beoogd curator om een goed beeld van de stand van zaken te krijgen. De Raad van State merkt terecht op, dat tijden gelegenheid voor een quick-scan van de markt waarin de betreffende onderneming opereert, de positie inde markt ten opzichte van concurrerende ondernemingen of de vooruitzichten op langere termijn er nauwelijks zijn. Artike1363 lid 4 Fw (nieuw artikel) De rechtbank kan voorwaarden verbinden aan aanwijzing van een stille voorbereidingsfase. In het artikel wordt vermeld dat deze voorwaarden ter versterking van de positie van de beoogd curator of ter behartiging van de belangen van werknemers. Zo kan, indien er maar één serieuze kandidaat in beeld is om onderdelen van het bedrijf te kopen, de rechtbank bijvoorbeeld als voorwaarde stellen dat als dit tijdens de stille voorbereidingsfase zo blijft, na de daaropvolgende faillietverklaring eerst een publieke aankondiging worden gedaan om zo het beste resultaat te kunnen halen. In deze opsomming moeten ook de belangen van de schuldeisers worden opgenomen. In het volgende 364 lid 1 wordt expliciet gezegd dat dit de taak is van de beoogd curator. Wij nemen echter aan dat de rechtbank ook rekening houdt en moet houden- met de belangen van de crediteuren. Daarom moet het artikel worden aangevuld met ook de behartiging van de belangen van crediteuren. In het algemene deel van de memorie van toelichting is vermeld, dat de impact van een faillissement voor werknemers over het algemeen groter is dan voor andere schuldeisers en zij daarom een bijzondere positie innemen binnen de groep van schuldeisers. Hoe moeten wij deze stelling lezen? Zowel in dezelfde memorie van toelichtingen in uitspraken van de Hoge Raad valt te lezen dat de belangen van de gezamenlijke schuldeisers prevaleren boven de belangen van maatschappelijke aard en ook dat de faillissementsprocedure primair is gericht op de vereffening van het vermogen van de schuldenaar ten behoeve van de gezamenlijke schuldeisers. Werknemers nemen een bevoorrechte positie in omdat de boedelschulden voorgaan op de vorderingen van de rest van schuldeisers. Daarnaast zijn zij de enigen die een garantieregeling hebben, namelijk de loongarantieregeling uitgevoerd door het UWV. Ook kunnen zij gebruik maken van een sociaal vangnet. Het is niet te betwisten dat een faillissement nare gevolgen met zich meebrengt voorde betrokken werknemers. Maar ook schuldeisers kunnen met hun failliete handelspartner omvallen of in een uiterst precaire financiële situatie terechtkomen. Inde memorie van toelichting is voorts bij dit artikel opgenomen, dat bijvoorbeeld van de schuldenaar kan worden verlangd dat deze binnen een bepaalde termijn aan de beoogd curator een meer gedetailleerd plan voorde redding van de rendabele bedrijfsonderdelen overlegt. De bedoeling van een stille voorbereidingsfase is juist een doorstart. Deze doorstart (van de gehele onderneming of onderdelen daarvan) moet wel een reële kans hebben, want daar gaat dit

14 wetsvoorstel immers over. Daarom moet een dergelijk plan een verplichting zijn voorde schuldenaar. Dit moet zijn beslag krijgen in het wetsvoorstel, bij voorkeur in artikel 363 lid 1. De schuldenaar moet volgens dat artikel al aannemelijk maken dat een stille voorbereidingsfase meerwaarde heeft. Een verplichten onderbouwd financieel-/bedrijfseconomisch plan dient daaraan te worden toegevoegd. Artikel 3631íd 5 Fw (nieuw artikel) Dit artikel maakt het mogelijk dat de rechtbank zekerheden kan stellen voorde betaling van het salaris van de beoogd curator en van geraadpleegde derden. Zoals ook is gezegd bij artikel 367 Fw gaan wij er vanuit dat dit salaris van de beoogd curator wordt vastgesteld conform de richtlijnen van Recofa. Voorts zien wij graag opgenomen in de memorie van toelichting dat de rechtbank bij het stellen van zekerheden rekening houdt met de noodzakelijkheid en proportionaliteit, omdat het stellen van zekerheden de belangen van crediteuren kunnen schaden. Artikel 363 lid 6 Fw (nieuw artikel) Volgens dit artikel is het verzoek van de schuldenaar bij de rechtbank tot het aanwijzen van een beoogd curator geen besluit in de zin van artikel 2:107a lid 1 BW zodat er geen goedkeuring nodig is van de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA). Het nemen van deze beslissing door de bestuurder zou vallen binnen de autonomie van het bestuur, omdat de aanwijzing er alleen toe leidt dat de rechtbank aanwijst wie zij, mocht het daadwerkelijk tot een faillissement komen, zal aanstellen als beoogd curatoren benoemen als beoogd rechter-commissaris. Deze conclusie van de wetgever is te gemakkelijk gesteld. Over deze keuze van de wetgever valt het een en ander te zeggen. Betreffende naamloze vennootschappen, al dan niet beursgenoteerd: De behoefte aan aanwijzing van een beoogd curator zou heel goed kunnen samenvallen met de situatie dat het eigen vermogen dusdanig is gedaald dat dat de helft of minder van het gestort kapitaal van de vennootschap bedraagt. In dat geval dient de vennootschap binnen drie maanden een AVA bijeen te roepen ter bespreking van de zo nodig te nemen maatregelen (artikel 2:108a BW). Indien een van de overwogen maatregelen het aanwijzen van een beoogd curator is, zou dat ook op die vergadering dienen te worden besproken. Het voorgestelde lid 6 verhindert dat weliswaar niet, maar de gedachte achter lid 6, namelijk geen ontijdig bekend worden is wel aan de orde. Dat wordt niet aan de orde gesteld in de Memorie van toelichting. Betreffende beursgenoteerde ondernemingen: Bij ondernemingen met beursgenoteerde aandelen en dus een per definitie gespreid aandelenbezit, is wel sprake van een risico van het voortijdig bekend worden van de aanwijzingen zou dat een reden kunnen zijn voorde in lid 6 voorgestelde regeling om de aanwijzing niet ter goedkeuring aan de AVA voor te leggen. Beursgenoteerde ondernemingen, ongeacht of daarvan de aandelen of alleen maarde obligaties in de beursnotering zijn opgenomen, zijn echter verplicht om koersgevoelig informatie onverwijld bekend te maken op grond van artikel 5: 25i lid 2 Wft. Bij aanwijzing van een

15 beoogd curator bij de beursgenoteerde onderneming zelf, is zeker sprake van koersgevoelige informatie. z Het is van belang dat duidelijk is hoe de beursregels en de voorgestelde pre-pack regeling zich op dit punt verhouden tot elkaar. Als een pre-pack voor beursgenoteerde ondernemingen of hun dochtermaatschappijen (zie hierna) mogelijk zou moeten zijn, zou inde Wft bepaald moeten worden dat van de verplichting tot onverwijlde bekendmaking is uitgezonderd de aanwijzing van een beoogd curator. Toen de disclosureplicht voor koersgevoelige informatie nog was opgenomen in het Fondsenreglement van de Vereniging voorde Effectenhandel, bevatte dat reglement een uitzondering voor het vergelijkbare geval van de bij een financiële instelling benoemde stille curator. Zie ook artikel 3: 159d Wft, dat een verbod bevat om een strikt vertrouwelijk feit bekend te maken. Betreffende niet beursgenoteerde NV's en BV's Voor niet beursgenoteerde NV's en voor BV's verdient het de voorkeur dat aan het bestuur moet worden overgelaten of zij al dan niet goedkeuring aan hun aandeelhouders vragen. Het bestuur kan beoordelen of het aantal aandeelhouders dusdanig groot is dat voortijdig bekend worden van de aanwijzing een reëel gevaar ís en of zij dus wel of niet de beoogde aanwijzing met de AVA wil delen. Er is voor het bestuur geen verplichting tot mededeling aan de AVA. Zie artikel 2:107 BW, dat bepaalt dat bestuur en RvC de algemene vergadering alle verlangde inlichtingen dienen te verstrekken tenzij een zwaarwichtig belang van de vennootschap zich daartegen verzet. Indien de regeling voor NV's en BV's gehandhaafd blijft zou voor concernverhoudingen een uitzondering dienen te worden gemaakt. In concernverhoudingen is het van belang dat de moeder maatschappij haar goedkeuring kan hechten aan een verzoek tot aanwijzing van een beoogd curator. In concernverhoudingen speelt het gevaar van "op straat komen te liggen" van informatie nieten er kunnen dan ook geen bezwaren bestaan tegen wettelijke, statutaire of contractuele goedkeuringsvereisten. Er is dus alle aanleiding voor een uitzondering op het voorgestelde artikel 363 lid 6 FW voor deze gevallen. Een uitzondering op het voorgestelde artikel 363 lid 6 FW is des te noodzakelijker indien het een belangrijke dochtervennootschap van een beursgenoteerde vennootschap betreft. Een verzoek van de dochtermaatschappij tot aanwijzing van een beoogd curator kan koersgevoelige informatie zijn die, tenzij hiervoor een uitzondering wordt gecreëerd (zie hierboven), de moedermaatschappij bekend zou moeten maken. Ook hier wreekt zich dat de voorgestelde regeling geen rekening houdt met concernverhoudingen: de combinatie van deze bepaling met de nadruk in de toelichting wordt gelegd op het belang van geheimhouding, zou het bestuur van de dochtermaatschappij kunnen sterken in de opvatting dat de (voorgenomen) aanwijzing van de beoogd curator niet met de beursgenoteerde moeder hoeft te worden gedeeld. Bijgevolg zou de beursgenoteerde moeder niet kunnen voldoen aan de voorwetenschapswetgeving. Overige opmerking De memorie van toelichting gaat in het algemene deel onder punt 5 (consultatie) uitgebreid in op de rol van de AVA. Onder hetzelfde hoofdstuk wordt daarnaast ook een uitgebreide uiteenzetting gegeven over waarom het adviesrecht van de Ondernemingsraad van artikel 25 lid 1, onder delen e en n, WOR (Wet op de ondernemingsraden) om soortgelijke reden niet van toepassing is. Het verbaast ons zeer dat voor het eerste geval (geen goedkeuring nodig AVA) een apart lid in het wetsvoorstel is opgenomen (namelijk art. 363 lid 6) en voor het tweede geval (betreffende geen adviesrecht van de OR) niets in de wet is opgenomen! Wij zien niet in waarom ook voor dit geval een expliciete tekst, ineen apart lid onder artikel 363, wordt opgenomen. Artikel 364 lid 1 Fw (nieuw artikel) z Zie ook het Financieele Dagblad van 11 augustus 2015: "Imtech wankelt verder naar de afgrond".

16 In het tweede zinsdeel van dit artikel is expliciet bepaald dat de beoogd curator in de stille voorbereidingsfase tot taak heeft de belangen van de gezamenlijke schuldeisers te behartigen. In paragraaf 3 van het algemeen deel van de memorie van toelichting staat, dat vanwege het gebrek aan transparantie in de stille voorbereidingsfase op de beoogd curator bij de uitoefening van deze taak een grotere verantwoordelijkheid rust dan op de curator in faillissement. Doordat het voorbereidingstraject in stilte plaatsvindt, kunnende schuldeisers en andere betrokkenen bij het mogelijk aanstaande faillissement tenzij zij hierin worden betrokken hierbij niet zelf voor hun belangen opkomen. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat de beoogd curator dit tijdens de stille voorbereidingsfase voor hen doet. In dit kader is onder van de memorie van toelichting ook opgenomen, dat de beoogd curator geen toezichthouder is maar wel kritisch dient mee te kijken naar het voorbereidingstraject en het koopproces.3 Wij zijn blij met deze verduidelijking van de taak van de beoogd curatoren het rekening houden met crediteuren in deze specifieke situatie. Artikel 365 Fw leden 1 en 2 (nieuw artikel) Dit artikel vermeldt de aanwijzing van de beoogd rechter commissaris. De beoogd rechtercommissaris moet naar onze mening goed instaat worden gesteld toezicht te kunnen houden op het verloop van de stille voorbereidingsfase en het functioneren van de beoogd curator. Dit omdat, zoals de memorie van toelichting terecht aangeeft, dit het gebrek aan transparantie jegens derden en in het bijzonder de schuldeisers (waaronder ook de werknemers), moet ondervangen. Immers, omdat de schuldeisers niets weten van de stille voorbereidingsfase, kunnen zij ook niet artikel 69 Fw aanwenden waarbij de (beoogd) rechter-commissaris wordt gevraagd in te grijpen in het beleid van beoogd curator. Daarom is het goed dat in lid 2 expliciet is opgenomen dat hij toezicht houdt op het functioneren van de beoogd curator. De (beoogd) curator zal zijn beroep naar eer en geweten uitoefenen, maarde (beoogd) rechtercommissarismoet toezicht houden op met name die zaken waar grote verweving van de (beoogd) curator met een pre-pack op de loer ligt. Ook kan de beoogd curator die tijdens afwikkeling van het faillissementstraject erachter komt dater iets in de voorbereidende fase over het hoofd is gezien, misschien naderhand na faillietverklaring dit niet zo snel aangeven. De memorie van toelichting geeft ook een aantal voorbeelden waarbij de taak van de beoogd rechter-commissaris als kritisch toezichthouder aan de orde komt. 3 Om dit goed te kunnen doen, zal de beoogd curator tijdens de "stille voorbereidingsfase" in ieder geval zelf ook te weten moeten komen welke potentiële overnamekandidaten er in de markt zijnen wat een reële koopprijs is. In het Verenigd Koninkrijk wordt hiervoor door "administrators" (= i.c. curator) gebruik gemaakt van "The UK's Online Insolvency Marketplace". Zijn er partijen die naar aanleiding van een uitnodiging voor een bieding interesse tonen, dan biedt de website "administrators" de mogelijkheid om die partijen na ondertekening van een geheimhoudingsovereenkomst binnen een afgeschermde digitale ruimte inzage te geven in de relevante bedrijfsinformatie. De minister heeft in de memorie van toelichting opgenomen, dat er naar hij heeft begrepen, binnen onze insolventiepraktijk uoornemenszijn om een soortgelijk online platform te ontwikkelen.

17 Constateert de beoogd rechter-commissaris bijvoorbeeld dat de beoogd curator onvoldoende oog heeft voor het feit dat in het voorbereidingstraject de belangen van bepaalde groepen van schuldeisers ondergesneeuwd dreigen te raken, dan kan hij de beoogd curator bijsturen. Om de noodzaak tot bijsturing te onderstrepen, zou de beoogd rechter-commissaris de rechtbank kunnen vragen alsnog een voorwaarde aan de aanwijzing van de beoogd curator te verbinden (artikel 363, vierde lid). Daarbij valt te denken aan het inschakelen van deskundigen, het ontheffen/vervangen van de beoogd curator, het benoemen van een medecurator. Uiteindelijk moet de beoogd rechter-commissaris beslissen of hij toestemming kan geven voor het effectueren van een voorafgaand aan de faillietverklaring voorbereide doorstart (artikel 101 lid 1 en 176 Fw). Heeft de wetgever rekening gehouden met de extra druk die op de schouders van beoogd rechterscommissarissen komt te liggen waardoor hun capaciteiten de mogelijkheid hun taak goed uit te oefenen in het gedrang kan komen? Artike1365 Fw lid 3 (nieuw artikel) De beoogd curator moet regelmatig verslag doen aan de beoogd rechter-commissaris van zijn bevindingen. Het is niet duidelijk wat er wordt bedoeld met regelmatig. Artike/366 Fw lid 3 (nieuw artikel) De beoogd curator maakt binnen 7 dagen na beëindiging van de aanwijzing een verslag van zijn bevindingen. Het artikel eindigt met de zin, dat bij algemene maatregel van bestuur nadere regels kunnen worden gesteld over de inhoud van dit verslag. Dat is nog niet gebeurd. In de memorie van toelichting wordt gewezen op de aankondiging van de Raad voorde rechtspraak, dat Recofa nadere richtlijnen en/of een model voor het verslag zal opstellen. Daarnaast heeft Insolad een handleiding voor het opereren van de beoogd curator gemaakt. Omdat de praktijk dit heeft opgepakt, acht de wetgever het vooralsnog niet nodig zelf inhoudelijke regels op te stellen maar heeft wel, zou het in de toekomst nodig zijn, alvast een reservering in het artikel opgenomen. Het is van belang dat het voor alle partijen in het proces duidelijk is wat van hen wordt verlangd en wat de rechten en plichten zijn. Daarnaast moet er sprake van uniformiteit bij de toepassing van de regeling. Daarom vinden wij dat de te nemen stappen en rechten en plichten van schuldenaar, beoogd curatoren beoogd rechter-commissaris inde kern in de wetstekst moeten worden opgenomen. De richtlijnen/modellen van Recofa en ook Insolad kunnen daarvoor input geven en zo ook voorde uitwerking bij algemene maatregel van bestuur. Indien hij aanwijzingen heeft dat hier niet aan wordt voldaan of dat de pre-pack wordt gebruikt voor oneigenlijke redenen, zou de beoogd curator de plicht moeten de rechtbank te verzoekenom de aanwijzing in te laten trekken. Deze taak zou dan handen en voeten gegeven kunnen worden door een bepaling toe te voegen naar analogie van de verplichte intrekkingsgrondenvoor de surseance zoals art. 242 lid 2 Fw die voorschrijft. Dit kan worden opgenomen in het voorgestelde artikel 366 Fw.

18 Artikel 366 Fw lid 5 (nieuw artikel) Indien er meer dan 3 maanden tussen aanwijzing en de faillietverklaring liggen, dan hoeft het verslag van de beoogd curator niet meer openbaar te worden gemaakt/ter inzage worden gelegd. De rechtbank mag besluiten dat dit toch moet als het voor derden van belang kan zijn er kennis van te nemen. Zoals bij het bovengenoemde commentaar (artikelen 6 en 14 a Fw) al aan de orde werd gesteld, vragen wij ons hier ook af of die driemaandentermijn niet te kort is. De kans is groot dat een aanvraag voor aanwijzing samenhang heeft met een faillissement (in ieder geval met de financiële situatie). Het is van belang dat crediteuren weten wat er aan is voorafgegaan. Zoals al eerder gesteld bij bijvoorbeeld artikel 6 lid 1 en 5 Fw, vragen wij de wetgever om een onderbouwing waarom voor deze drie maanden is gekozen en niet voor een langere periode. Strategisch gedrag van de schuldenaar om pas na deze drie maanden een verzoek tot faillietverklaring in te dienen moet worden voorkomen. Een onderneming zal doorgaans binnen een periode van drie maanden niet in een geheel andere situatie verkeren. Het aanhouden van een termijn van een jaar is daarom wenselijk. Artikel 367 Fw (nieuw artikel) De schuldenaar betaalt het salaris van de beoogd curator. Wij gaan er vanuit dat dit salaris wordt vastgesteld conform de richtlijnen van Recofa. Bestuurdersaansprakelijkheid en civielrechtelijk bestuursverbod (toevoeging bij artt. 2: 138 lid 1 en 248 lid 1 BW respectievelijk bíj artikel 106a lid 1 Fw) Om oneigenlijk gebruik van een stille voorbereidingsfase zoveel mogelijk tegen te gaan wordt, naast het stellen van voorwaarden aan de toewijzing zoals hierboven al aan de orde is gekomen, aan de artikelen díe de bestuurdersaansprakelijkheid aangaan in het burgerlijk wetboek (artt. 2: 138 lid 1 en 248 lid 1 BW) een aantal zinnen toegevoegd. Deze houden in dat indiende bestuurders) of feitelijk leidinggevenden de pre-packmogelijkheid oneigenlijk hebben gebruikt of hebben willen gebruiken, bijvoorbeeld door onjuiste informatie te verschaffen over de meerwaarde van de voorbereiding van het faillissement, zij hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voorde daaruit voortvloeiende schade omdat dan wordt geacht dat zij hun taak onbehoorlijk hebben vervuld. Een zelfde soort aanvulling zal worden opgenomen in artikel 106a lid 1 Fw dat nog niet in werking is getreden en het civielrechtelijk bestuursverbod behelst. Zowel bestuurdersaansprakelijkheid als een civielrechtelijk bestuursverbod zijn voor een bestuurder ingrijpende maatregelen. Daarom is het goed dat is opgenomen, dat de (feitelijk) bestuurder het oogmerk moet hebben om de stille voorbereidingsfase oneigenlijk te gebruiken. Dat is een noodzakelijke aanvulling om niette lichtvaardig naar deze middelen te kunnen grijpen. Ook mag de beoogd curator ze niet als drukmiddel gebruiken. Daarom is het van belang dat de beoogd rechtercommissarisvoldoende in de gelegenheid wordt gesteld toezicht te houden op de afwikkeling.

N CW Nederland. Den Haag 21 januari 2014. op de consultatie voorontwerp voor de lammers@vnoncw-mkb.nl Wet Continuïteit Ondernemingen I

N CW Nederland. Den Haag 21 januari 2014. op de consultatie voorontwerp voor de lammers@vnoncw-mkb.nl Wet Continuïteit Ondernemingen I N CW B Aan Zijne Excellentie Mr. LW. Opstelten Minister van Veiligheid en Justitie Turfmarkt 147 2511 DP DEN HAAG Briefnummer 14/10.037/Jla Den Haag 21 januari 2014 Onderwerp Telefoonnummer Reactie VNO-NCW

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz. 34 218 Wijziging van de Faillissementswet in verband met de aanwijzing door de rechtbank van een beoogd curator ter bevordering van de afwikkeling van een eventueel faillissement en vergroting van de kansen

Nadere informatie

Bijlage: Artikelsgewijs commentaar

Bijlage: Artikelsgewijs commentaar Bijlage: Artikelsgewijs commentaar Artikel 68 lid 2 (nieuw) en artikel 69 lid 1 (gewijzigd) Ook nu doet een goede curator al aangifte bij onregelmatigheden, hetgeen in de praktijk wordt afgestemd met de

Nadere informatie

Sl l. Commissie Bevordering Medezeggenschap

Sl l. Commissie Bevordering Medezeggenschap Commissie Bevordering Medezeggenschap Aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Postbus 90801 2509 LV 'S-GRAVENHAGE BETREFT Reactie op uw brief

Nadere informatie

Den Haag 3 juni 2014. De voorgestelde medewerkingsverplichting van de gefailleerde en derden gaat echter op punten te ver.

Den Haag 3 juni 2014. De voorgestelde medewerkingsverplichting van de gefailleerde en derden gaat echter op punten te ver. VN (O) N CW Nederland B Aan Zijne Excellentie Mr. LW. Opstelten Minister van Veiligheid en Justitie Turfinarkt 147 2511 DP Den Haag Briefnummer 14/1 0.878/SvDlHa Den Haag 3 juni 2014 Onderwerp Telefoonnummer

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Parnassusplein 5 T 070 333

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 6 Datum: 24 september 2015

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 6 Datum: 24 september 2015 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 6 Datum: 24 september 2015 Gegevens onderneming: : Thurlings Management Beheer Holding B.V., gevestigd te Rotterdam (3059 VH)

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz. Wijziging van de Faillissementswet en enige andere wetten in verband met het moderniseren van de faillissementsprocedure (Wet modernisering faillissementsprocedure) VOORSTEL VAN WET Wij Willem-Alexander,

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 T 070 333

Nadere informatie

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG BEHEER B.V

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG BEHEER B.V EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG BEHEER B.V Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DG Beheer B.V., statutair gevestigd

Nadere informatie

1 Stille bewindvoering is geen officiële insolventieprocedure zoals het faillissement en de surseance van

1 Stille bewindvoering is geen officiële insolventieprocedure zoals het faillissement en de surseance van 1. Inleiding Dit onderzoek wil inzicht bieden in de waarborgen en het toezicht dat relevant is bij stille bewindvoering. Sinds 2011 kan bij verscheidene rechtbanken een verzoek worden gedaan om een stille

Nadere informatie

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V.

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V. VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Inter Taaltrainingen

Nadere informatie

DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. Datum uitspraak : 12 september 2007

DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. Datum uitspraak : 12 september 2007 DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : Annavast B.V. Faillissementsnummer : 07/513 F Datum uitspraak : 12 september 2007 Curator : mr. L.I. Boes Rechter-Commissaris :

Nadere informatie

MEMORIE VAN TOELICHTING I. ALGEMEEN DEEL. 1. Inhoud van het wetsvoorstel

MEMORIE VAN TOELICHTING I. ALGEMEEN DEEL. 1. Inhoud van het wetsvoorstel Wijziging van de Faillissementswet in verband met de invoering van de mogelijkheid van aanwijzing door de rechtbank van een beoogd curator ter bevordering van de doelmatige afwikkeling dan wel toepassing

Nadere informatie

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Dream Garden B.V.

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Dream Garden B.V. EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Dream Garden B.V. Faillissementsnummer : 11/558 F Datum uitspraak : 20

Nadere informatie

Zorginstellingen in zwaar weer: de do s en don ts

Zorginstellingen in zwaar weer: de do s en don ts Zorginstellingen in zwaar weer: de do s en don ts Ook zorginstellingen ondervinden last van de economische crisis en de bezuinigingsmaatregelen die daarvan het gevolg zijn. Van belang is daarom dat zij

Nadere informatie

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V.

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V. VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN INTER TAALTRAININGEN B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid INTER TAALTRAININGEN

Nadere informatie

Borsboom & Hamm a d v o c a t e n Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag.

Borsboom & Hamm a d v o c a t e n Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag. Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag. Vijftiende openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap Stam Educatief B.V., handelend

Nadere informatie

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN ACADAY B.V.

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN ACADAY B.V. EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN ACADAY B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Acaday B.V., statutair gevestigd

Nadere informatie

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V.

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V. VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PAYENZ B.V., statutair gevestigd

Nadere informatie

Het geheim(zinnige) van de stille bewindvoering en pre-pack

Het geheim(zinnige) van de stille bewindvoering en pre-pack Het geheim(zinnige) van de stille bewindvoering en pre-pack 26 maart 2015 mr. Hendrie Aarnink en mr. Mark Loef Corporate Programma Wat komt ter sprake? Praktijk vóór de pre-pack Pre-pack en stille bewindvoering

Nadere informatie

Turbo-liquidatie en de bestuurder

Turbo-liquidatie en de bestuurder Turbo-liquidatie en de bestuurder Juni 2012 mr J. Brouwer De auteur heeft grote zorgvuldigheid betracht in het weergeven van delen uit het geldende recht. Evenwel is noch de auteur noch Boers Advocaten

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 8 (eind) Datum: 23 september 2015

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 8 (eind) Datum: 23 september 2015 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 8 (eind) Datum: 23 september 2015 Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Triple Star Media

Nadere informatie

Algemene opmerkingen 90002702 P 2177179 / 6

Algemene opmerkingen 90002702 P 2177179 / 6 De Vereniging Insolventierecht Advocaten (hierna INSOLAD ) heeft het voorontwerp voor de Wet Continuïteit Ondernemingen I bestudeerd. Gaarne brengt zij daarover de volgende opmerkingen onder uw aandacht.

Nadere informatie

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE KRUIJS B.V.

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE KRUIJS B.V. VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE KRUIJS B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DE KRUIJS B.V., statutair

Nadere informatie

: mr. M.J. Tops (Fort Advocaten N.V., Postbus 70091, 1007 KB Amsterdam, telefoon: 020-6645111, fax: 020-6620470, e-mail: tops@fortadvocaten.

: mr. M.J. Tops (Fort Advocaten N.V., Postbus 70091, 1007 KB Amsterdam, telefoon: 020-6645111, fax: 020-6620470, e-mail: tops@fortadvocaten. DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW TEVENS EINDVERSLAG INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN IDEEDOCK B.V. Gegevens onderneming : Ideedock B.V., statutair gevestigd te Nijmegen, vestigingsadres

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN AVB IMPEX B.V.

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN AVB IMPEX B.V. TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN AVB IMPEX B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid AVB IMPEX B.V., statutair

Nadere informatie

WIE BEPAALT DE FAILLISSEMENTSWET?

WIE BEPAALT DE FAILLISSEMENTSWET? WIE BEPAALT DE FAILLISSEMENTSWET? Prof. mr. B.Wessels Hoogleraar Internationaal insolventierecht, Universiteit Leiden (b.wessels@law.leidenuniv.nl) Op 26 november 2012 jaar is door de Minister van Veiligheid

Nadere informatie

FAILLISSEMENT & BETROKKENE(N) Deze brochure is bedoeld voor al diegenen die geconfronteerd worden met een faillissement, zoals werknemers,

FAILLISSEMENT & BETROKKENE(N) Deze brochure is bedoeld voor al diegenen die geconfronteerd worden met een faillissement, zoals werknemers, FAILLISSEMENT & BETROKKENE(N) Inleiding Deze brochure is bedoeld voor al diegenen die geconfronteerd worden met een faillissement, zoals werknemers, schuldenaren (debiteuren), schuldeisers (crediteuren),

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 4 (eind) Datum: 3 april 2015

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 4 (eind) Datum: 3 april 2015 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 4 (eind) Datum: 3 april 2015 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Exquis B.V., statutair

Nadere informatie

ZEVENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN JOFRE B.V.

ZEVENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN JOFRE B.V. ZEVENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN JOFRE B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Jofre B.V. Amsterdam, laatstelijk

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN IN LIQUIDATIE

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN IN LIQUIDATIE TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN IN LIQUIDATIE Gegevens onderneming : Stichting Noord West Advocaten in liquidatie Faillissementsnummer

Nadere informatie

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN MALA 2000 B.V.

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN MALA 2000 B.V. VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN MALA 2000 B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Mala 2000 B.V., statutair

Nadere informatie

De Minister van Veiligheid en Justitie mr. I.W. Opstelten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Opstelten,

De Minister van Veiligheid en Justitie mr. I.W. Opstelten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Opstelten, De Minister van Veiligheid en Justitie mr. I.W. Opstelten Postbus 20301 2500 EH Den Haag datum 22 september 2011 doorkiesnummer 070-361 9721 e-mail voorlichting@rechtspraak.nl uw kenmerk 5707928/11/6 onderwerp

Nadere informatie

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V.

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V. VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid EQUINOX HOLDING

Nadere informatie

NEGENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V.

NEGENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V. NEGENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (1093 GB)

Nadere informatie

Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap ROOS BOUW & VASTGOED B.V.

Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap ROOS BOUW & VASTGOED B.V. Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag. Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap ROOS BOUW & VASTGOED B.V. inzake : de

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 25 november 2013

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 25 november 2013 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 25 november 2013 Gegevens onderneming: : Thurlings Management Beheer Holding B.V., gevestigd te Rotterdam (3059 VH) aan

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN BOUWBEDRIJF ROAP B.V.

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN BOUWBEDRIJF ROAP B.V. TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN BOUWBEDRIJF ROAP B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BOUWBEDRIJF ROAP

Nadere informatie

SURSEANCEVERSLAG Nummer: 1 Datum: 13 maart 2014

SURSEANCEVERSLAG Nummer: 1 Datum: 13 maart 2014 Identiek aan het digitaal ingediende verslag SURSEANCEVERSLAG Nummer: 1 Datum: 13 maart 2014 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Exquis B.V., statutair gevestigd

Nadere informatie

ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN CAITECH B.V.

ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN CAITECH B.V. ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN CAITECH B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap CAItech B.V. Faillissementsnummer : F.13/10/228 Datum

Nadere informatie

: mr. M.J.E. Geradts Activiteiten onderneming : Goederenvervoer over de weg (geen verhuizingen).

: mr. M.J.E. Geradts Activiteiten onderneming : Goederenvervoer over de weg (geen verhuizingen). ZEVENDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN FATIH TRANSPORT & LOGISTIEK BV Gegevens onderneming Faillissementsnummer Datum uitspraak : 29 januari 2013 Uitgesproken

Nadere informatie

No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004

No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004 No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004 Bij Kabinetsmissive van 27 juli 2004, no.04.002990, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Justitie, bij de Raad van State ter overweging

Nadere informatie

Faillissement, vriend of vijand van de verhuurder? mr. R. Arnoldus

Faillissement, vriend of vijand van de verhuurder? mr. R. Arnoldus Faillissement, vriend of vijand van de verhuurder? mr. R. Arnoldus Programma 1. Faillissement als incassomiddel 2. Gevolgen overeenkomst 3. Gevolgen verhuur 4. Wat te doen 5. Positie verhuurder 6. Soorten

Nadere informatie

Mijn klant is failliet... wat nu?

Mijn klant is failliet... wat nu? Mijn klant is failliet... wat nu? Mijn klant is failliet... wat nu? Je kunt zelf je bedrijf goed op orde hebben, maar wat doe je als je klant failliet gaat? Goed geïnformeerd zijn is het halve werk en

Nadere informatie

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V.

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V. DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN EQUINOX HOLDING B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid EQUINOX HOLDING B.V.,

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 december 2015. Gegevens onderneming: Beukenoot Beheer BV, gevestigd te Loenen aan de Hoofdweg 131

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 december 2015. Gegevens onderneming: Beukenoot Beheer BV, gevestigd te Loenen aan de Hoofdweg 131 FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 december 2015 Gegevens onderneming: Beukenoot Beheer BV, gevestigd te Loenen aan de Hoofdweg 131 Faillissementsnummer : C16/13/1088 Datum uitspraak : 1 oktober

Nadere informatie

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : Alien Fruit Faillissementsnummer : 08/96 F Datum uitspraak : 12 februari 2008 Datum verslag : 31 maart 2008 Curator : mw. mr. L.I.

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 27 januari 2012. Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 27 januari 2012. Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 27 januari 2012 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Çelik Autohandel B.V.,

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 3 oktober 2014

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 3 oktober 2014 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 3 oktober 2014 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Eurobouwwarmte Rotterdam

Nadere informatie

Openbaar faillissementsverslag rechtspersoon -------------------------------------------------------------------------------------------------

Openbaar faillissementsverslag rechtspersoon ------------------------------------------------------------------------------------------------- Openbaar faillissementsverslag rechtspersoon ------------------------------------------------------------------------------------------------- Nummer : 2 Datum : 21 september 2015 Gegevens onderneming

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 218 Wijziging van de Faillissementswet in verband met de aanwijzing door de rechtbank van een beoogd curator ter bevordering van de afwikkeling

Nadere informatie

Corporate Alert: de 403-verklaring

Corporate Alert: de 403-verklaring Corporate Alert: de 403-verklaring Kort na elkaar heeft de Hoge Raad twee uitspraken gedaan over vragen waartoe de 403- verklaring aanleiding geeft. De meest in het oog springende beslissing (HR 20 maart

Nadere informatie

Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap EERBOT B.V.

Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap EERBOT B.V. Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag. Zesde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap EERBOT B.V. inzake : de besloten vennootschap

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 23 maart 2012

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 23 maart 2012 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 23 maart 2012 Gegevens onderneming: : de naamloze vennootschap Avalon Holdings N.V. kantoorhoudende aan de Delftweg 96

Nadere informatie

1e VERSLAG. EX ARTIKEL 73a FAILLISSEMENTSWET VAN DE BEVINDINGEN IN HET FAILLISSEMENT VAN ALTITUDE SOFTWARE B.V. (03.0074-F)

1e VERSLAG. EX ARTIKEL 73a FAILLISSEMENTSWET VAN DE BEVINDINGEN IN HET FAILLISSEMENT VAN ALTITUDE SOFTWARE B.V. (03.0074-F) 1e VERSLAG EX ARTIKEL 73a FAILLISSEMENTSWET VAN DE BEVINDINGEN IN HET FAILLISSEMENT VAN ALTITUDE SOFTWARE B.V. (03.0074-F) Datum uitspraak: : 18 februari 2003 Rechter-Commissaris : mevrouw Mr A. van Dijk

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG FAR WEST SUPERMARKTEN B.V.

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG FAR WEST SUPERMARKTEN B.V. TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG FAR WEST SUPERMARKTEN B.V. FAR WEST SUPERMARKTEN B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Far West Supermarkten B.V., statutair

Nadere informatie

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V.

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V. EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Top60 Professionals

Nadere informatie

Dekker Beheer B.V. Kastelenplein 168A 5653LX EINDHOVEN

Dekker Beheer B.V. Kastelenplein 168A 5653LX EINDHOVEN FAILLISSEMENTSVERSLAG ex artikel 73a Fw nummer 1 De inhoud van de aan de rechtbank toegezonden digitale versie van het verslag. papieren versie van dit verslag is identiek aan de Indien dit verslag een

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET

TWEEDE OPENBARE VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET TWEEDE OPENBARE VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : City Cargo Amsterdam B.V. Faillissementsnummer : 08.618 F Datum uitspraak : 22 december 2008 Curator : mr J. Lensink Rechter-Commissaris

Nadere informatie

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN BRG LEASE B.V.

EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN BRG LEASE B.V. EERSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN BRG LEASE B.V. Gegevens onderneming : BRG Lease B.V. statutair gevestigd te Amsterdam, voorheen kantoorhoudende te (1101

Nadere informatie

Zevende openbare verslag Fortucon Beheer B.V.

Zevende openbare verslag Fortucon Beheer B.V. Zevende openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Fortucon Beheer B.V., gevestigd te (3311 JG) Dordrecht aan de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 059 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht en de Faillissementswet, alsmede enige andere wetten in verband met de introductie van aanvullende

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 september2011

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 september2011 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 2 Datum: 1 september2011 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap Bell Marketing Holding B.V., statutair gevestigd te

Nadere informatie

OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 10 Datum: 22 februari 2013

OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 10 Datum: 22 februari 2013 OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 10 Datum: 22 februari 2013 In dit verslag worden de werkzaamheden en de stand van de boedel beschreven over de afgelopen periode. De curator baseert zich op aangetroffen

Nadere informatie

Vierde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V.

Vierde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V. papieren versie is identiek aan digitale versie Vierde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V. inzake : de besloten vennootschap met beperkte

Nadere informatie

ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG GALLERY B.V.

ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG GALLERY B.V. ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN DG GALLERY B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DG Gallery B.V., statutair

Nadere informatie

DE FAILLIET. Inleiding Deze brochure is in hoofdzaak bedoeld voor de failliet zelf en/of haar bestuurder(s) en/of aandeelhouder(s).

DE FAILLIET. Inleiding Deze brochure is in hoofdzaak bedoeld voor de failliet zelf en/of haar bestuurder(s) en/of aandeelhouder(s). DE FAILLIET (EN/OF HAAR BESTUURDER(S) EN/OF AANDEELHOUDER(S)) Inleiding Deze brochure is in hoofdzaak bedoeld voor de failliet zelf en/of haar bestuurder(s) en/of aandeelhouder(s). 1 Deze brochure behandelt

Nadere informatie

TWEEDE OPENBAAR VERSLAG TEVENS EINDVERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET

TWEEDE OPENBAAR VERSLAG TEVENS EINDVERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET 1 van 7 TWEEDE OPENBAAR VERSLAG TEVENS EINDVERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET In het faillissement van de besloten vennootschap AAA Bouw B.V., statutair gevestigd te Dronten, kantoorhoudende te (1058

Nadere informatie

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V.

TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V. TWEEDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN TOP60 PROFESSIONALS B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Top60 Professionals

Nadere informatie

VIJFDE EN TEVENS EINDVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN THE OAK GROUP HOLDING B.V.

VIJFDE EN TEVENS EINDVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN THE OAK GROUP HOLDING B.V. VIJFDE EN TEVENS EINDVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN THE OAK GROUP HOLDING B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid The Oak Group Holding

Nadere informatie

: mr. A.E. de Vos (voorheen mr. N.A.J. Purcell)

: mr. A.E. de Vos (voorheen mr. N.A.J. Purcell) VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN MICHAEL VAN DE HAAR TRANSPORT EN MACHINEVERHUUR B.V. Gegevens onderneming Faillissementsnummer Datum uitspraak : 4 maart

Nadere informatie

TEN HOLTER / NOORDAM advocaten

TEN HOLTER / NOORDAM advocaten DE INHOUD VAN HET BIJ DE RECHTBANK GEDEPONEERDE FAILLISSEMENTSVERSLAG EN HET DIGITAAL INGEDIENDE FAILLISSEMENTSVERSLAG ZIJN GELIJK FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 27 juli 2015 Onderneming Adres

Nadere informatie

Vijfde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V.

Vijfde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V. papieren versie is identiek aan digitale versie Vijfde openbare verslag ex artikel 73a Faillissementswet in het faillissement van MAASDAK DAKBEDEKKINGEN B.V. inzake : de besloten vennootschap met beperkte

Nadere informatie

ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN

ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN ZESDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN STICHTING NOORD WEST ADVOCATEN Gegevens onderneming : Stichting Noord West Advocaten Faillissementsnummer : F 08.31 Datum

Nadere informatie

De inhoud van de aan de rechtbank toegezonden papieren versie van dit verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag.

De inhoud van de aan de rechtbank toegezonden papieren versie van dit verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag. FAILLISSEMENTSVERSLAG ex artikel 73a Fw nummer2 De inhoud van de aan de rechtbank toegezonden papieren versie van dit verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag. Indien dit verslag een

Nadere informatie

DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET

DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET DERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : Denim Brakes & Tyres B.V. Faillissementsnummer : F 152/2010 Datum uitspraak : 13 april 2010 Datum verslag : 3 december 2010 Curator

Nadere informatie

ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V.

ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V. ACHTSTE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN DE HOORN VAN NIEUWEGEIN B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (1093 GB)

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 11 oktober 2012

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 11 oktober 2012 FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 11 oktober 2012 Gegevens onderneming : Galvano Techniek Veenendaal BV, KvK dossiernr. 30113342, gevestigd te (3903 KG) Veenendaal aan de Bobinestraat 36. Faillissementsnummer

Nadere informatie

Ministerie van Veiligheid en Justitie Directie Wetgeving Sectie Privaatrecht T.a.v. dhr. mr. E. Schmieman Postbus 20301 2500 EH Den Haag

Ministerie van Veiligheid en Justitie Directie Wetgeving Sectie Privaatrecht T.a.v. dhr. mr. E. Schmieman Postbus 20301 2500 EH Den Haag Ministerie van Veiligheid en Justitie Directie Wetgeving Sectie Privaatrecht T.a.v. dhr. mr. E. Schmieman Postbus 20301 2500 EH Den Haag Den Haag, 30 januari 2014 Kenmerk: B14.07 Betreft: Consultatie voorontwerp

Nadere informatie

Openbaar faillissementsverslag

Openbaar faillissementsverslag Openbaar faillissementsverslag Nummer: 1 Datum: 19 juli 2010 Gegevens: ingeschreven bij de Kamer van Koophandel te Amsterdam onder nr. 34315635, statutair gevestigd te Amsterdam, gevestigd aan Mosplein

Nadere informatie

Tweede openbare verslag ex artikel 73a Fw in het faillissement van EQC Holding B.V.

Tweede openbare verslag ex artikel 73a Fw in het faillissement van EQC Holding B.V. Het papieren verslag is identiek aan het digitale verslag. Tweede openbare verslag ex artikel 73a Fw in het faillissement van EQC Holding B.V. Inzake de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Nadere informatie

OPENBAAR VERSLAG EX ARTIKEL 73A DER FAILLISSEMENTSWET

OPENBAAR VERSLAG EX ARTIKEL 73A DER FAILLISSEMENTSWET Advocaten Notarissen OPENBAAR VERSLAG EX ARTIKEL 73A DER FAILLISSEMENTSWET Faillissement: Faillissementsnummers: 03/164 Uitgesproken: 8 april 2003 Rechter-Commissaris: mr. A. van Dijk Curator: mr. M.I.

Nadere informatie

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET. In het faillissement van:

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET. In het faillissement van: EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET In het faillissement van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Working Kuppens Communicatie B.V., statutair gevestigd te (1185

Nadere informatie

Ontbinding rechtspersonen

Ontbinding rechtspersonen Factsheet Ontbinding rechtspersonen Niet-rechterlijke ontbinding en vereffening van rechtspersonen (artikel 19 t/m 24 boek 2 BW) Mei 2014 Ontbinding Deze factsheet gaat over het ontbinden van rechtspersonen

Nadere informatie

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V.

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V. DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW IN HET FAILLISSEMENT VAN PAYENZ B.V. Gegevens onderneming : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PAYENZ B.V., statutair gevestigd

Nadere informatie

VIERDE FAILLISSEMENTSVERSLAG IN HET FAILLISSEMENT VAN: 4NET E-COMMERCE BV. d.d. 11 juli 2012. : de besloten vennootschap 4Net E-Commerce BV;

VIERDE FAILLISSEMENTSVERSLAG IN HET FAILLISSEMENT VAN: 4NET E-COMMERCE BV. d.d. 11 juli 2012. : de besloten vennootschap 4Net E-Commerce BV; Dit verslag ziet uitsluitend op hetgeen zich in de afgelopen verslagperiode heeft voorgedaan. Daar waar de nummering ontbreekt, zijn de hoofdstukken reeds afgesloten en wordt voor informatie verwezen naar

Nadere informatie

Rechter-commissaris : de heer mr T.J. van Gessel Gerechtssecretaris : mevrouw A.M.C.J. Leijten-Verhoeven

Rechter-commissaris : de heer mr T.J. van Gessel Gerechtssecretaris : mevrouw A.M.C.J. Leijten-Verhoeven FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 10.03.2015 Aan dit openbare verslag kunnen geen rechten worden ontleend. Gegevens onderneming : Riool-liner.nl B.V. Faillissementsnummer : C/10/15/137 F (rechtbank

Nadere informatie

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN GLAZENWASSERSBEDRIJF TRILO VOF

VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN GLAZENWASSERSBEDRIJF TRILO VOF VIJFDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN GLAZENWASSERSBEDRIJF TRILO VOF Gegevens onderneming Faillissementsnummer Datum uitspraak : 18 juni 2013 Uitgesproken

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG

FAILLISSEMENTSVERSLAG FAILLISSEMENTSVERSLAG nummer 2 d.d. 21 februari 2012 Gegevens onderneming Faillissementsnummer Datum uitspraak Curator Rechter-cornmissaris Activiteiten onderneming Omzetgegevens Personeel gemiddeld aantal

Nadere informatie

De papieren versie van het verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag.

De papieren versie van het verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag. De papieren versie van het verslag is identiek aan de digitale versie van het verslag. FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 16 mei 2014 Gegevens onderneming Naam Adres Bestuurder Faillissementsnummer

Nadere informatie

OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ART. 73A FW

OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ART. 73A FW OPENBAAR FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ART. 73A FW Faillissementsverslagnummer: 3 d.d. 23 januari 2009 Gegevens onderneming : Lassche Beheer B.V, gevestigd te Emmeloord Faillissementsnummer : 08/70 F Gegevens

Nadere informatie

PRAKTIJKREGELS BEOOGD CURATOR

PRAKTIJKREGELS BEOOGD CURATOR CONCEPT Praktijkregels beoogd curator als vastgesteld door het bestuur van INSOLAD en gepubliceerd op 10 november 2014 op www.insolad.nl PRAKTIJKREGELS BEOOGD CURATOR 1 Achtergrond en totstandkoming van

Nadere informatie

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 3 Datum: 2 april 2015

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 3 Datum: 2 april 2015 Identiek aan het digitaal ingediende verslag FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 3 Datum: 2 april 2015 Gegevens onderneming: : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Eurobouwwarmte Rotterdam

Nadere informatie

Remco Meijers Holding B.V.

Remco Meijers Holding B.V. Remco 16/15/804 3 Dhr. Remco Meijers Holding B.V. FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 1 Datum: 3 december 2015 Gegevens onderneming : Meijers Holding B.V., statutair gevestigd te Breukelen en blijkens KvK kantoorhoudende

Nadere informatie

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN TECHRETURNS NEDERLAND B.V.

VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN TECHRETURNS NEDERLAND B.V. VIERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN TECHRETURNS NEDERLAND B.V. Gegevens onderneming : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TRS NL B.V.,

Nadere informatie

VIERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. Datum uitspraak : 24 oktober 2006 Datum verslag : 28 september 2007

VIERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET. Datum uitspraak : 24 oktober 2006 Datum verslag : 28 september 2007 VIERDE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73A FAILLISSEMENTSWET Naam gefailleerde : Premium Connection BV Faillissementsnummer : 06.604 F Datum uitspraak : 24 oktober 2006 Datum verslag : 28 september 2007 Curator

Nadere informatie

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN POELMEER B.V.

DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN POELMEER B.V. DERDE OPENBARE FAILLISSEMENTSVERSLAG EX ARTIKEL 73A FW INZAKE HET FAILLISSEMENT VAN POELMEER B.V. Gegevens onderneming : het betreft de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Poelmeer B.V.

Nadere informatie

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET

EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET EERSTE OPENBAAR VERSLAG EX ART. 73 a FAILLISSEMENTSWET In het faillissement van Kinderdagverblijf The Rainbow Holding B.V. statutair gevestigd te Almere, feitelijk gevestigd te (1339 BJ) Almere aan de

Nadere informatie