Reprotoxicologische risico s voor vrouwelijke schilders bij de verwerking van watergedragen en oplosmiddelhoudende bouwverven

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Reprotoxicologische risico s voor vrouwelijke schilders bij de verwerking van watergedragen en oplosmiddelhoudende bouwverven"

Transcriptie

1 Reprotoxicologische risico s voor vrouwelijke schilders bij de verwerking van watergedragen en oplosmiddelhoudende bouwverven Een literatuurstudie. Auteur: Maikel van Niftrik Bestelcode: ISBN: Augustus

2 2

3 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING Achtergrond van het onderzoek Onderzoeksvragen Onderzoeksmethode Leeswijzer REPRODUCTIETOXICOLOGIE Wat is reproductie toxiciteit? Vrouwen in de bouw Hoe oefenen reproductietoxicologische stoffen hun werking uit? Problemen bij het onderzoeken van reprotoxische effecten van stoffen Wetgeving en classificering reproductietoxicologische stoffen BESTANDDELEN VAN BOUWVERVEN EN HUN REPROTOXICOLOGISCHE GEVAREN Samenstelling van latex-, polyurethaan-acrylaat en oplosmiddel-houdende verven Oplosmiddelen Glycolethers Loodchromaat pigmenten CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Puntsgewijze conclusies Beantwoording onderzoeksvragen LITERATUUR BIJLAGEN

4 4

5 SAMENVATTING Werkgevers(organisaties) en werknemersorganisaties in de schildersbranche worden geconfronteerd met vragen van vrouwelijke werknemers die een zwangerschapswens hebben of al zwanger zijn. Het gaat om vragen over de risico s van het werken met bouwverven voor, tijdens en na de zwangerschap. Om deze werkneemsters te kunnen adviseren is deze literatuurstudie verricht, waarbij de reprotoxicologische eigenschappen van veelgebruikte bouwverven zijn onderzocht. Uit dit onderzoek bleek dat zwangere vrouwen met name in het eerste trimester van hun zwangerschap en in het bijzonder tijdens de vorming van de organen van het ongeboren kind gevoelig zijn voor de invloed van chemische stoffen. Wat betreft de maximale blootstelling waaronder geen reprotoxisch effect te verwachten valt, moet men voorzichtig zijn met de interpretatie van de MAC-waarden 1. Deze waarden bieden om historische redenen lang niet altijd afdoende bescherming voor de zwangere vrouw. In richtrecepturen voor zeven veel gebruikte bouwverftypen worden geen stoffen in relevante hoeveelheden genoemd, die voorkomen op de voor de voortplanting giftigestoffen lijst van het Ministerie van SZW. Alleen het reprotoxische 2-ethylhexaanzuur (R63) is gevonden als additief in een coalescentiemiddel van latex muurverven, in een gewichtspercentage van maximaal 0,02%. Dit betekent níet dat een reprotoxisch risico door inademing van, of huidcontact met stoffen in bouwverven volledig is uitgesloten. Recent epidemiologisch onderzoek bij de mens naar het verband tussen blootstelling aan oplosmiddelen bij de zwangere vrouw en de kans op reprotoxicologische gevolgen (spontane abortus, aangeboren afwijkingen, etc) levert steeds eenduidiger en dus overtuigender bewijzen voor een bestaand causaal verband. Er is echter (nog) geen sprake van een onomstotelijk bewezen causaal verband, laat staan een dosis-respons relatie. Het reprotoxicologische risico van het werken met bouwverf is afhankelijk van het type gebruikte verf. Het risico beperkt zich vnl. tot blootstelling aan oplosmiddelen in high solids en traditionele bouwverven, omdat deze aanzienlijke hoeveelheden (cyclo-) alifatische en aromatische koolwaterstoffen bevatten die vrijkomen bij de verwerking. In Finland wordt voor de blootstelling aan oplosmiddelen tijdens de zwangerschap een grenswaarde van 10% van de MAC gehanteerd. Aan de hand van deze leidraad en in de literatuur gevonden blootstellingniveaus aan oplosmiddelen onder diverse werkplekomstandigheden is geconcludeerd dat het waarschijnlijk is dat de verwerking van bouwverven, uitgevoerd door zwangere schilders volgens de huidige regelgeving, veilig zijn. Gezien de onzekerheden in de wetenschappelijke gegevens wordt echter aanbevolen de blootstelling aan oplosmiddelen voor, tijdens en na de zwangerschap (in geval van borstvoeding) zo laag mogelijk te houden. Geadviseerd wordt om alle zwangere vrouwelijke schilders én die medewerksters met een zwangerschapswens voor te lichten over de risico s van haar werk. Doel hiervan is 1 MAC: Maximale Aanvaarde Concentratie; de overheidsnorm voor de maximale blootstelling 5

6 de betreffende werkneemster voor te lichten over de risico s van haar werk tijdens en na de zwangerschap en de mogelijke gevolgen hiervan. Omdat juist het eerste deel van de zwangerschap kwetsbaar is voor de invloed van chemische stoffen, wordt aanbevolen vrouwelijke schilders te stimuleren zo snel mogelijk hun werkgever te informeren over hun zwangerschap én hun zwangerschapsplannen, zodat tijdig de noodzakelijke maatregelen genomen kunnen worden. Eventuele maatregelen moeten in overeenstemming zijn met de in wet- en regelgeving beschreven vier niveaus van maatregelen. Mocht het wegnemen van gevaren niet mogelijk zijn, dan is tijdelijke aanpassing van arbeid een geschikte maatregel. Als het werk niet aangepast kan worden, moet naar geheel andere geschikte arbeid gezocht worden. In het geval dat ook dit niet mogelijk blijkt te zijn, geldt tijdelijk verlof als een laatste te nemen maatregel. Er wordt met opzet géén onderscheid gemaakt tussen vrouwen met een kinderwens en reeds zwangere vrouwen, omdat verschillende onderzoeken aantonen dat oplosmiddelen een effect hebben op de vruchtbaarheid én op de ontwikkeling van de vrucht. Alhoewel de relatie tussen blootstelling aan oplosmiddelen en het effect op de zuigeling via de moedermelk nauwelijks onderzocht is, wordt aangeraden uit voorzorg ook na de zwangerschap de blootstelling aan oplosmiddelen zo laag mogelijk te houden indien borstvoeding wordt gegeven. Spuitwerkzaamheden, waarbij verneveling van verf optreedt, worden afgeraden. Wat betreft het buitengebruik van oplosmiddelhoudende verven en andere producten dient in ieder geval beschermende kleding gedragen te worden om een mogelijk schadelijke dermale blootstelling te minimaliseren. Het schilderen achter een afscherming is veilig, mits correcte voorzorgsmaatregelen genomen worden. Tenslotte wordt aanbevolen het schuren van oude verflagen te vermijden, wanneer het onduidelijk is of het om loodhoudende verf gaat. 6

7 1. INLEIDING 1.1. Achtergrond van het onderzoek Werkgevers(organisaties) en werknemersorganisaties in de schildersbranche worden geconfronteerd met vragen van vrouwelijke werknemers die een zwangerschapswens hebben of al zwanger zijn. Zij maken zich zorgen om de mogelijke schadelijke effecten die blootstelling aan verven op het nageslacht kan hebben. Momenteel bestaat in de branche onvoldoende inzicht in dit vraagstuk om werknemers gedegen te kunnen informeren omtrent voortzetting van het werk dan wel aanpassing van het werk of het tijdelijk stopzetten van het werk. Om de advisering aan werkneemsters beter te onderbouwen is een literatuurstudie uitgevoerd naar wat momenteel bekend is omtrent de risico s voor de zwangerschap van het werken met (bouw-)verven Onderzoeksvragen De volgende onderzoeksvragen kunnen worden geformuleerd: Wat is bekend omtrent de risico s voor de zwangerschap a.g.v. het werken met bouwverven? Onder risico s voor de zwangerschap wordt verstaan: niet alleen de risico s tijdens de zwangerschap, maar ook tijdens de fase daarvoor (d.w.z. effecten op de vruchtbaarheid) en daarna (effecten via de borstvoeding). 1. Welk advies moet worden gegeven aan werkneemsters (schilders) die zwanger zijn of willen worden? Zoals blijkt uit onderzoeksvraag 1, beperkt het onderzoek zich tot de risico s van verven. Overige materialen, zoals plamuren en kitten, worden niet meegenomen Onderzoeksmethode Door middel van literatuurstudie is overzicht gemaakt van wat op dit moment bekend is omtrent de risico s van het werken met verven voor de zwangerschap. Met name is gebruik gemaakt van 3 bronnen: bestaande rapporten, officiële lijsten, evaluaties door de Gezondheidsraad en het International Agency for Research on Cancer (IARC) en natuurlijk recent wetenschappelijk onderzoek Leeswijzer Dit rapport begint met een beschrijving van de reproductietoxicologie als wetenschap en een omschrijving van veelgebruikte begrippen uit de reprotoxicologie. Daarna wordt ingegaan op de sterke en zwakke punten van de diverse soorten reproductie toxicologisch onderzoek en een beschrijving van de huidige Nederlandse en Europese wetgeving in deze. Het derde hoofdstuk geeft een beschrijving van de reproductietoxicologische eigenschappen van de chemische stoffen in veelgebruikte Nederlandse (bouw-) verven. Het hoofdbestanddeel wordt gevormd door de reproductietoxicologische risico-evaluatie van het werken met organische oplosmiddelen. 7

8 In het laatste hoofdstuk worden puntsgewijs conclusies getrokken, de onderzoeksvragen beantwoord en aanbevelingen gedaan met inachtneming van de huidige wetgeving. Tot slot: Reproductietoxicologische stoffen oefenen hun invloed uit op zowel de vrouw als man. In de onderzoeksvragen is geformuleerd dat alleen naar de effecten van reproductietoxicologische stoffen gekeken wordt op vrouwelijke schilders. Ook moet worden opgemerkt dat dit rapport zich uitsluitend richt op de effecten van chemische stoffen in bouwverven en niet op andere belastende factoren. Dit wil uiteraard niet zeggen dat andere reproductie belastende factoren niet voorkomen in de bouw. Naast blootstelling aan chemische stoffen spelen vooral fysieke factoren (b.v. zwaar tillen), lawaai en biologische factoren een rol. Een laatste beperking van dit onderzoek is het feit dat medewerksters in de bouw uiteraard in contact komen met meerdere chemische producten dan alleen verf. 8

9 2. REPRODUCTIETOXICOLOGIE 2.1. Wat is reproductie toxiciteit? Reproductie-gezondheid is een staat van volledig fysiek, mentaal en sociaal welbevinden en niet alleen de afwezigheid van ziekte of gebreken gerelateerd aan het reproductie systeem, en haar functies en processen. (eigen vertaling)* * Officiële Verenigde Naties definitie van volledige reproductie gezondheid, zoals vastgelegd op het International Conference on Population and Development, Cairo, Dit rapport beantwoordt de vraag wat voor impact het werken met bouwverven kan hebben op de hierboven genoemde beschrijving van volledige reproductie-gezondheid voor medewerksters in de bouw met een zwangerschapswens. Om die vraag te beantwoorden is een risico-evaluatie gemaakt op basis van een literatuur onderzoek. Dat lang niet alle zwangerschappen goed aflopen, is al langere tijd bekend. Onlangs publiceerde het British Medical Journal nog een onderzoek waaruit blijkt, dat zeker 10 procent van alle zwangerschappen vroegtijdig in een miskraam eindigt. In de eerste twee weken van de zwangerschap is de kans op een miskraam 75% (tabel 1). Tabel 1. Percentage miskramen verdeeld over de drie trimesters tijdens de eerste zwangerschap bij normale gezonde vrouwen. Periode van de zwangerschap Kanspercentage op een miskraam. Week 1-2 (Een vrouw is zich nog niet bewust van haar zwangerschap) 75% (inclusief eieren die nooit voorbij het stadium voor bevruchting komen. Na implantatie op dag 7-10 van de zwangerschap daalt de kans op een miskraam tot 31%) Week % Week % (minder als een hartslag reeds hoorbaar is) 2 de trimester 3% (na 20 weken gezien als een stilgeboorte) 3 rde trimester Wordt niet meer beschouwd als een miskraam als de foetus meer dan 500 gram weegt rond de 24ste week van de zwangerschap. Percentage vroeggeboorten is 1%. Bron: (eigen vertaling). Diverse bekende en minder bekende factoren kunnen van zowel positieve als negatieve invloed zijn op de gezondheid van ongeboren kinderen. Een bekend voorbeeld is een toename van zwangerschapsproblemen bij vrouwen op latere leeftijd. De Sociaal Economische Status van de vrouw is een invloedsfactor, zo bleek uit een recente studie van het CBS, waaruit bleek dat de zuigelingensterfte onder niet-westerse Nederlanders 30% hoger ligt dan gemiddeld. Een lagere welvaart ligt hieraan ten grondslag (CBS, 2002). 9

10 Het is ook niet ongewoon dat één belasting op het ongeboren kind meerdere reprotoxische effecten kent. Zo zijn recent nieuwe gegevens over roken voor en tijdens de zwangerschap gepubliceerd (bron: Ouders-Online BV, 2002): Bij rokende vrouwen die kinderen proberen te krijgen, is de tijd tot de conceptie gemiddeld 30% langer dan bij niet rokende vrouwen; Roken tijdens de zwangerschap vergroot de kans op een miskraam of vroeggeboorte; Het geboortegewicht van de baby van rokende vrouwen is gemiddeld 250 gram lager; In het eerste levensjaar van de baby is de kans op luchtweginfecties en wiegendood groter. Ook blootstelling aan chemische stoffen op de werkplek kan een effect hebben op de vruchtbaarheid en de gezondheid van het ongeboren kind. De reproductietoxicologie ( reprotox ) is het vakgebied dat zich bezighoudt met oorzaken, mechanismen, effecten en preventie van stoornissen in de voortplanting en bij de nakomelingen, als gevolg van blootstelling aan stoffen. Het verwante teratologie is de wetenschap die zich bezighoudt met aangeboren afwijkingen die van structurele aard zijn ( ontwikkelingsstoornissen ). In de reproductietoxicologie wordt het effect van een stof beoordeeld, terwijl het agens in de teratologie niet per sé een stof hoeft te zijn. Andere externe belastende factoren zijn straling, infecties, genetische afwijkingen, metabole stoornissen en andere ziekten. Ondanks het feit dat de wetenschap al geruime tijd een verklaring tracht te vinden voor het ontstaan van problemen bij de zwangerschap, is de reproductietoxicologie een relatief nieuw vakgebied. Eind 1800 ging de aandacht namelijk uit naar erfelijke factoren als veroorzaker van complicaties. Dit vanuit de gedachtegang dat de foetus in de baarmoeder beschermd was tegen buitenliggende omgevingsfactoren. Dit veranderde in 1940 toen bewezen werd dat het Rubella virus ernstige defecten in het hart en de ogen van de humane foetus kan veroorzaken. Dit was een doorbraak, omdat het liet zien dat het externe milieu wel degelijk van invloed kan zijn. Nog ingrijpender was de Thalomide ( Softenon ) ramp in de jaren Thalomide werd gebruikt in een geneesmiddel tegen ochtendmisselijkheid bij zwangere vrouwen. Blootstelling aan Thalomide tijdens de zwangerschap bleek ernstige afwijkingen van de baby te veroorzaken. Hierdoor ontstond aandacht voor medicijnen als invloedsfactor. In de jaren 1970 verkregen tabak, alcohol en narcotica veel aandacht als externe risicofactoren tijdens de zwangerschap. Tegelijkertijd ontstond belangstelling voor milieuen werkomstandigheden als causale factoren in het veroorzaken van vruchtbaarheidsproblemen, malformaties en spontane abortus. Dit resulteerde in toenemende aandacht en verontrusting dat problemen voor en tijdens de zwangerschap veroorzaakt zouden kunnen worden door verontreinigingen in het water, het gebruik van pesticiden, en andere milieu effecten. Logischerwijs kreeg het onderwerp blootstelling aan chemische stoffen op de werkplek en de mogelijke gevolgen daarvan voor het nageslacht meer aandacht, nadat een steeds groter percentage vrouwen ging werken.(geschiedenis ontleend aan Westerholm, P., 1994). 10

11 De aandacht op het gebied van werkplekomstandigheden en de voortplanting ging in de jaren 70 voornamelijk uit naar de blootstelling van de vrouw en de gevolgen op de zwangerschap, met name spontane abortus en afwijkingen bij de geboorte. De onderzochte blootstellingdeterminanten waren chemische en fysieke agentia. In de tachtiger jaren breidde het onderzochte spectrum zich uit naar ontwikkelingsstoornissen door blootstelling van de man en een breder spectrum aan negatieve gevolgen. In het afgelopen decennium ging de aandacht steeds meer uit naar vruchtbaarheid en werden psychosociale factoren nader onderzocht (Lindbohm, M.L., 1999) Vrouwen in de bouw Het percentage vrouwen werkzaam in de bouw stijgt gestaag. In 1997 waren er vrouwen werkzaam in de bouw, zo n 7,6% van het totale aantal medewerkers in de bouw. In 2000 was dit aantal gegroeid tot medewerksters, zo n 9,5%. Slechts een klein aantal komt direct in aanraking met chemische stoffen. In 2001 waren er 461 (2,4%) vrouwen die technisch en/of uitvoerend werk verrichten in de bouw, het merendeel is actief in een administratieve of verzorgende functie. Op de bouwplaats zelf blijft hun aantal steken op twee vrouwen op duizend mannelijke bouwvakkers. (bron SFB, In de Bouwradius publicatie Vrouwen in de Bouw wordt het aantal vrouwelijke schilders op 300 geschat (Westrienen, I., 2002). Om een indruk te krijgen van toekomstige ontwikkelingen is contact gezocht met het Opleidingscentrum voor het Schilders- en Stukadoorsbedrijf & Reclame- en Presentatietechnieken (SVS). Uit hun gegevens blijkt dat de instroom van vrouwen in de opleiding schilder (assistent schilder, schilder, gezel schilder en restauratieschilder) stabiel is: zo n 4%. In het jaar 2001 was er een lichte stijging tot 5%. Over de afgelopen 9 jaar zijn er 463 vrouwen begonnen met een opleiding tot schilder. (SVS, 2002). Ten opzichte van het buitenland is dit overigens een laag percentage. Het Amerikaanse Central Bureau for Labor Statistics heeft berekend dat 5% van alle medewerkster in de bouw in Amerika werkzaam zijn als schilder (zie figuur 1). Opmerkelijk genoeg ligt het percentage vrouwelijke schilder in Denemarken op 48%! (bron: SFB) Figuur 1. Verdeling vrouwelijke medewerkster in de bouw in de V.S. naar werkzaamheid, 1996 Bron: the construction chart book. The center to protect workers rights. Chapter 18 11

12 2.3. Hoe oefenen reproductietoxicologische stoffen hun werking uit? Stoffen kunnen een negatieve invloed uitoefen op de (zwangere) vrouw en op haar vrucht. Net als bij de reguliere toxicologie kan een stof op drie manieren door de mens worden opgenomen: - via de mond (oraal); - via de luchtwegen (inhalatoir); - via de huid (dermaal). Om de vrucht te beschadigen moet een stof of haar metaboliet nog een extra barrière overwinnen : de placenta. Barrière is misschien niet het goede woord aangezien moeder en baby hetzelfde voedsel, water en bloed delen; ze delen dezelfde omgeving (Steingraber, S., 2002). De vrucht kan ook schade oplopen, na intoxicatie van de moeder. Voor een goed begrip van de volgende hoofdstukken wordt allereerst ingegaan op enkele karakteristieke principes en kenmerken van de reprotox. De reproductietoxicologie, en daarbinnen de teratologie, kent namelijk een aantal principes die geldig zijn voor de toxicologie in het algemeen, maar die een bijzondere betekenis krijgen omdat het gaat om ontwikkelingen vóór de geboorte en om de reproductiecyclus (Stumpel, R., 1989 en Peters, P.W.J., 1989). Eerste principe: afhankelijkheid van het stadium van de voortplantingscyclus. Het effect dat een reprotoxische stof zal hebben is afhankelijk van het blootstellingmoment in de voortplantingscyclus (zie tabel 2). Die cyclus is weergegeven in figuur 2 en bestaat uit een aantal stadia dat een continu proces vormt. Uit de figuur komt naar voren dat de voortplantingscyclus de bevruchting tot en met de puberteit omvat. groei en ontwikkeling seksuele rijpheid postnatale adaptie vorming van geslachtscellen geboorte vorming oergeslachtscellen bevruchting foetale groei embryogenese/ organogenese embryo-implantatie Transport van zygote Figuur 2. Verschillende stadia in de voortplantingscyclus. Tijdens elk stadium van de voortplanting zijn er specifieke gevoeligheden te onderscheiden (tabel 2). Zo werd bij het beruchte Thalidomide, beter bekend als Softenon, een nauwkeurig patroon van ontwikkelingsstoornissen, afhankelijk van het stadium van de organogenese, vastgesteld. De organogenese is het stadium van de zwangerschap waarin de organen gevormd worden. Thalidomide bleek 12

13 oorafwijkingen te veroorzaken, wanneer het tussen dag 34 en dag 44 na de eerste dag van de laatste menstruatie was ingenomen. Het begin van de zwangerschap en de periode waarin de vrucht het meest kwetsbaar is voor kwalijke invloeden van chemische stoffen, vallen samen. De foetus is met name gevoelig tijdens het eerste trimester van de zwangerschap, omdat dan de organen worden gevormd ( organogenese ). Hierin ligt duidelijk een gevaar voor de zwangere medewerkster, aangezien de eerste dagen of weken van de zwangerschap vaak onopgemerkt blijven of omdat de medewerkster het nieuws nog niet aan haar werkgever wil melden. Op het tijdstip dat een zwangere vrouw één dag over tijd is, de vrucht al 13 dagen oud is, gemeten vanaf de ovulatie. Dit is dag 7 van de organogenese. Een snelle opstelling van een plan van aanpak voor de zwangere medewerker is dan ook essentieel (zie ook volgende paragraaf), maar moeilijk. Tweede principe: genotype bepaalt de respons. De gevoeligheid voor het optreden van teratogene en reproductietoxicologische effecten hangt af van het genotype van de bevruchte eicel. Simpel gezegd: de gevoeligheid van de vrucht voor chemische stoffen verschilt sterk tussen diersoorten. Zo is er een zeer grote variatie tussen verschillende diersoorten wat betreft het niveau van blootstelling waarboven een stof zijn reprotoxische werking uitoefent. Dit maakt het doortrekken van proefdiergegevens naar de mens ( extrapolatie ) lastig, maar ook gevaarlijk door mogelijke vals-positieven en vals-negatieven. 13

14 Tabel 2. Specifieke gevoeligheid in diverse ontwikkelingsperioden bij de vrouw (bewerkt na Peters, P.W.J., 1989). Stadium Tijd Mogelijke door chemicaliën aangetaste organen Mogelijke effecten voortplanting en functies bij de vrouw Oerkiemcelvorming Voor de bevruchting Oogenese (gedeeltelijke) steriliteit, beschadigde eicellen Geslachtscelvorming Voor de bevruchting Oogenese: - genverdubbeling - celdeling Rijping van het ei: - hormonale invloed op ovarium Ovulatie: - hormonale invloed op ovarium Bevruchting - Eileider en baarmoeder Implantatie Dag 21 na de laatste menstruatie - Contractiliteit - Secretie - Hormonale invloed Baarmoeder - veranderingen in epitheliale bekleding - secretie - hormonale invloed op secretoire cellen Embryogenese Baarmoeder - vorming van placenta - embryo - celdelingen - weefseldifferentiatie - hormoonproductie - groei Organogenese 21 tot en met 71 dagen na de laatste menstruatie Placenta: - transport van voedingsstoffen - hormoonproductie - bescherming tegen toxische stoffen Embryo: - orgaanvorming - groei Maternale voeding Foetogenese Foetus: - groei en ontwikkeling Baarmoeder: - contractiliteit - hormonale effecten op spiercellen Maternale voeding Gedeeltelijke vruchtbaarheid, beschadigde eicellen, chromosomale afwijkingen, effecten op menstruatie, leeftijd waarop de menopauze begint, storing in hormonale evenwichten, verandering in sexratio. Steriliteit, gedeeltelijke vruchtbaarheid, chromosoomafwijkingen, veranderingen in sexratio. Spontane abortus, resorptie foetus, chromosoomafwijkingen, gedeeltelijke vruchtbaarheid, doodgeboorte, laag geboortegewicht Spontane abortus, foetale sterfte. Aangeboren afwijkingen, chromosoomafwijkingen, veranderingen in sexratio, doodgeboorte, laag geboortegewicht Aangeboren afwijkingen, spontane abortus en foetale sterfte, chromosoomafwijkingen, vertraagde groei en ontwikkeling, transplacentale carcinogenese Te vroege geboorte, aangeboren afwijkingen (vooral functioneel), doodgeboorte, sterfte bij geboorte, laag geboortewicht, toxische en onthoudingsverschijnselen bij de pasgeborene 14

15 Derde principe: de effecten zijn dosisafhankelijk De dosis-effect-relatie speelt in de algemene toxicologie een belangrijke rol. Dit geldt ook ten aanzien van de reproductietoxicologie: wanneer een voldoende hoeveelheid van een stof op het juiste moment aanwezig is in een daarvoor gevoelig proefdier kan een reproductietoxisch effect of een ontwikkelingsstoornis ontstaan. Van een aantal stoffen is de laagste effectieve dosis (een drempelwaarde of no-effect level ; een dosis waarbij geen effect valt te verwachten) in mens en proefdieren vastgesteld. Hieruit blijkt dat de mens gevoeliger kan zijn dan het proefdier. Wat betreft de effecten wordt doorgaans onderscheidt gemaakt tussen effecten op de man en effecten op de vrouw. Daarnaast worden effecten ingedeeld in vruchtbaarheid, ontwikkeling (van de vrucht) en borstvoeding -categorieën. Zonder diep op de klinische aspecten in te gaan, volgt hier een overzicht van reprotoxische effecten, doorgaans gebruikt als maatstaf in epidemiologisch onderzoek: - Sterfte (spontane abortus, wiegendood); - Groei- en ontwikkelingsstoornissen (laag geboortegewicht); - Structurele ontwikkelingsstoornissen of misvormingen aanwezig bij de geboorte (anencephaly, hazenlip, open ruggetje); - Postnatale en functionele stoornissen (aangetast visueel vermogen, leerproblemen); - Vruchtbaarheidsstoornissen (onvruchtbaarheid, erectiestoornissen); - Transplacentale carcinogese (kanker veroorzaakt door DES); - Overige effecten Problemen bij het onderzoeken van reprotoxische effecten van stoffen De reproductietoxicologie houdt zich bezig met het achterhalen van de oorzaken van problemen voor, tijdens en na de zwangerschap als gevolg van blootstelling aan chemische stoffen. We zagen al dat er in het afgelopen decennium steeds meer aandacht is ontstaan voor stoffen in het milieu en op de werkplek die een negatief effect kunnen hebben op de voortplanting en het nageslacht. Een belangrijke vraag is in hoeverre het op dit moment mogelijk is om chemicaliën te identificeren die schadelijk zijn voor de voortplanting en het nageslacht? Uit de relevante literatuur blijkt dat het achterhalen van een duidelijk aanwijsbare oorzaak in individuele gevallen bijzonder gecompliceerd is. In de meeste gevallen van ontwikkelingsstoornissen kan dan ook niet direct de oorzakelijke agens worden aangewezen (Stumpel, R., 1989). Statistische data ondersteunt dit: in het merendeel van de gevallen blijft de oorzaak van een miskraam/ontwikkelingsstoornis onbekend (65 70%). Slecht in 2 3% procent van de gevallen zijn drugs/ chemicaliën te achterhalen als oorzaak. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat in niet veel meer gevallen chemicaliën de oorzaak of medeveroorzaker zijn. Onderzoek dat een verband probeert te leggen tussen blootstelling aan een externe belasting en een reprotoxische werking blijkt in de praktijk bijzonder lastig. Een fundamenteel probleem bij alle soorten reprotoxisch onderzoek is het gebrek aan kennis rond de groei van de foetus en het zwangerschapsproces in zijn algemeenheid. Onze inzichten in de biologische en bio-chemische vorderingen en mechanismen, die plaatsvinden in de ontwikkeling van een embryo zijn zeer beperkt. 15

16 Dit maakt het moeilijk te voorspellen of individuele chemische stoffen deze processen verstoren en hoe. (Westerholm, P., 1993). De groei van de foetus is een uiterst fijn proces waarbij diverse stappen in elkaar grijpen. Mogelijkheden voor onderzoek naar een reprotoxische effect van een stof vallen uiteen in epidemiologisch onderzoek en dierproeven. Zoals reeds vermeld is een grote interspecies variatie een kenmerk van reprotoxiciteit. Hierdoor kan gemakkelijk de reprotoxiciteit van een stof over het hoofd worden gezien ( valse negatieven ) of juist ten onrechte van een reprotoxisch effect worden verwacht ( valse positieven ). Het is bekend dat de mens gevoeliger kan zijn voor de reprotoxische werking van een stof dan het proefdier (Peters, P.W.J., 1989). Als dit over het hoofd wordt gezien kan dit kan gruwelijke gevolgen hebben. Zo bleek de mens zeer gevoelig voor Softenon ; terwijl de rat en muis dat niet zijn en het konijn een beetje. Daarom wordt tegenwoordig reproductieonderzoek veelal in meerdere diersoorten uitgevoerd.(koeter, H.B.W.M., 1990). Toch leveren experimenten op proefdieren niet meer op dan een onzekere basis in de identificatie van chemicaliën die een effect kunnen hebben op de zwangerschap of het nageslacht. De Nederlandse overheid gebruikt voor de classificering van stoffen dan ook humaan epidemiologisch onderzoek als hoeksteen neemt voor de onderbouwing van haar beleid. Humaan epidemiologisch onderzoek kan grofweg onderverdeeld worden in twee groepen: retrospectief en prospectief. Bij retrospectieve onderzoeken worden reeds bestaande reprotoxische effect(en), bijvoorbeeld spontane abortus, als uitgangspunt genomen. Nadat het effect is vastgesteld wordt getracht om (beroepsmatige) blootstelling aan stoffen in kaart gebracht, meestal door middel van een interview of vragenlijst. Bij prospectief onderzoek wordt een groep blootgestelde vrouwen voor tijdens, én na hun zwangerschap (de zogenaamde cases ) gevolgd, samen met een grote groep niet blootgestelde vrouwen (de controls ). Belangrijk is dan dat de twee groepen, zogenaamde cohorten, qua opbouw en leefgewoonten overeenkomen. De zwangerschappen worden gevolgd waarna een vergelijk gemaakt kan worden tussen het vóórkomen van afwijkingen in beide groepen. Na statische analyse moet blijken of een eventueel verschil significant is ja of nee. Dit soort epidemiologisch onderzoek kent veel nadelen. Ten eerste zijn ze tijd- en geld intensief. Dit beperkt de hoeveelheid groep stoffen of groepen van stoffen die op deze wijze onderzocht kunnen worden. De zwakste schakel in reprotoxisch en prospectief epidemiologisch onderzoek is de inschatting van de beroepsmatige blootstelling. Onderzoekers zijn namelijk genoodzaakt om gebruik te maken van een retrospectieve schatting (dit is een schatting op basis van gegevens uit het verleden) van de blootstelling. Hierbij wordt, om een indruk te krijgen van de blootstelling aan oplosmiddelen in het beroepsverleden, gebruik gemaakt van blootstellinggegevens verkregen uit interviews met de werkneemster. Uit de praktijk blijkt dat het voor een medewerker bijzonder moeilijk is om een adequate inschatting van zijn/ haar blootstelling te geven. Dit leidt tot zowel onder- als overschatting van de daadwerkelijke blootstelling, waarbij opgemerkt moet worden dat overschatting van de blootstelling het grootste probleem vormt. (Lindbohm et al, 1995, Hemminki et al, 1995, Lindbohm et al, 1999). 16

17 Hierdoor wordt een eventueel reprotoxisch probleem onderschat. De inzet van arbeidshygiënisten biedt vaak soelaas. Een bijkomend probleem bij epidemiologische studies die een verband willen leggen tussen blootstelling aan stoffen en reprotoxicologische effecten zijn verstorende factoren, de zogenaamde confounders. Schade aan de vrucht of het voortplantingsvermogen kan ontstaan uit een veelvoud van factoren, waaronder roken, alcoholconsumptie en leeftijd, die niets met beroepsmatige blootstelling aan chemische stoffen te maken hebben. Bij de statistische verwerking van een goede epidemiologische studie dient hier altijd voor gecorrigeerd te worden. Het achterhalen van de causale factor in het veroorzaken van een reprotoxisch effect is dan extra moeilijk. Een ander, maar niet onoverkomelijk probleem is de selectiebias. Vrouwen met een eerdere miskraam stemmen wellicht eerder in met deelname aan een onderzoek, dan vrouwen zonder eerdere zwangerschapsproblemen. Conclusies worden vaak getrokken met behulp van statische analyse van de gevonden data. Bij prospectieve studies is dit een probleem, omdat een reprotoxische effect (gelukkig) vrij zeldzaam is. Stel dat een ernstige uitwendig afwijking van een geboren kind in 1% van de normale zwangerschappen voorkomt. Een stijging met 20% onder invloed van een chemische stof betekent een prevalentie van de stoornis van 1,2%. Een zeer grote onderzoekspopulatie is dan vereist om dit verschil statistisch hard te maken/ significantie aan te tonen. Tenslotte zijn vaak meerdere epidemiologische onderzoeken nodig om een vermoeden te staven. Wonderlijk genoeg vormt de definiëring van een reprotoxisch effect nog steeds een probleem. Wat is precies nu precies een spontane abortus of een ernstige aangeboren afwijking? Gebruiken twee onderzoeken naar spontane abortus een andere definitie voor spontane abortus dan is een vergelijk van de studies oneerlijk, aangezien de inclusie- en exclusiecriteria verschillen. Geconcludeerd moet worden dat er nogal wat haken en ogen aan het generen van reproductietoxicologische data zijn verbonden en dat resultaten van onderzoeken dus met een zekere mate van voorzichtigheid benaderd dienen te worden. Onze kennis van reproductie risico s is onzeker, controversieel en zich nog ontwikkelend (Hrubá, D. et al, 1999). Gegevens over de reproductietoxiciteit van een stof maken het wel mogelijk om een blootstellingmaximum vast te stellen en preventief te handelen bij een vermoede hoge blootstelling Wetgeving en classificering reproductietoxicologische stoffen Negentig procent van de Nederlandse arbo-wetgeving komt voort uit Brussel. De bescherming van zwangere vrouwen op de werkplek vormt daarop geen uitzondering. Uiteraard zijn de Europese richtlijnen wel op eigen wijze vertaald naar de Nederlandse wetgeving. In de praktijk resulteert dit in Nederlandse normen die vaak strenger zijn dan de Europese richtlijnen. De belangrijkste Europese richtlijn voor de bescherming van zwangere medewerkers is richtlijn 92/85/EEC aangaande the introduction of measures to encourage improvements in the safety and health at work of pregnant workers and workers who have recently given birth or are breastfeeding. 17

18 De voornaamste maatregelen die uit richtlijn 92/85?EEC voortvloeien zijn de verplichting tot het maken van een risico-inventarisatie van de werkplek, specifiek met betrekking op zwangere of borstvoedende vrouwen., én het geven van voorlichting. Mocht een risico inventarisatie een mogelijk gevaar onthullen, dan moeten alle noodzakelijke doch redelijke stappen worden genomen om het risico te vermijden (en dus niet alleen te minimaliseren). Daarnaast voorziet de richtlijn in het wettelijk vastleggen van bepaalde basale rechten, zoals het recht op betaald verlof als het onmogelijk blijkt risico s te vermijden (het gaat hier niet alleen om chemische risico s). Over zijn algemeenheid is de richtlijn goed geïmplementeerd door de Lid- Staten. (Commission of the European Communities, 1999) Ten tijde van de zwangerschap en de periode van borstvoeding zijn vier niveaus van maatregelen expliciet vastgelegd in de wet- en regelgeving. Een werkgever mag pas uitwijken naar een lager niveau als maatregelen op het hogere niveau redelijkerwijs niet mogelijk zijn. Onder redelijkerwijs wordt verstaan dat het technisch, organisatorisch en/ of financiëel-economisch (on)mogelijk is. De vier niveaus van maatregelen zijn (AI-blad 12, 2000): Maatregel niveau 1 - het wegnemen van gevaren; Maatregel niveau 2 - een tijdelijke aanpassing van arbeid of een tijdelijke aanpassing van werk- en rusttijden; Maatregel niveau 3 - tijdelijk geven van andere arbeid; Maatregel niveau 4 - het tijdelijk vrijstellen van het verrichten van arbeid. Opmerkelijk genoeg maken minder vrouwen dan verwacht gebruik van bovenstaande vier maatregelen. Uit evaluaties van landen die al langer gebruik maken van deze speciale risico vermijdende maatregelen blijkt dat een stabiele 0,1% tot 1% van de zwangere medewerksters gebruik maakt van de laatste maatregel. Blootstelling aan organische oplosmiddelen was de meest voorkomende reden om toekomstige moeders vrij te stellen van werk (Työterveiset, 1999). In Nederland staan de rechten van zwangere medewerkers wonderlijk genoeg niet specifiek vermeld in de Arbowet, alhoewel vaak staat beschreven dat zwangere werknemers opgevat dienen te worden als bijzondere categorie van werknemers, waaraan speciale aandacht besteed moet worden in de RI&E. Het Arbobesluit sluit in artikel 1,41 hierop aan: Indien in een bedrijf of inrichting een zwangere werknemer of een werknemer tijdens lactatie werkzaam is of pleegt te zijn, wordt in de inventarisatie en evaluatie (RI&E),, in het bijzonder aandacht besteed aan de niet-limitatieve lijst voor agentia, procédés en arbeidsomstandigheden, opgenomen in bijlage 1 bij de richtlijn (bedoeld wordt richtlijn 92/85/EEG). Dit is de Europese niet-limitatieve lijst van agentia en werkplekomstandigheden schadelijk voor de reproductie (Bijlage 1). Onder agentia wordt verstaan fysische agentia uiteenlopend van trillingen, ioniserende straling tot en met extreme kou en hitte, biologische agentia klasse 2,3, 4 en chemische agentia. Opgemerkt moet worden dat het werken met organische oplosmiddelen als procédé of organische stoffen als agentia niet zijn vermeld in bijlage 1 van richtlijn 92/85/EEG. Wel vermeld onder chemische agentia is gevaarlijke chemicaliën die via de huid worden opgenomen. 18

19 Organische oplosmiddelen hebben deze eigenschap veelal. Vrouwen hebben gemiddeld een dunnere en makkelijker permeabele huid dan mannen, waardoor zij gevoeliger zijn voor dermale blootstelling, (Stijkel, 1990). Verder horen natuurlijk alle stoffen met een relevante R-zin tot deze Europese lijst. In theorie wordt ook in de definitie van de Maximale Aanvaarde Concentraties voor chemische stoffen op de werkplek (MAC-waarden) rekening gehouden met effecten op het nageslacht. De volledige definitie luidt namelijk: de concentratie van een gas, damp, nevel of stof, welke voor zover de huidige kennis reikt, bij herhaalde expositie ook gedurende een langere tot zelf arbeidsleven omvattende periode, in het algemeen de gezondheid van zowel de werknemers, alsook het nageslacht niet benadeeld. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig rees echter de vraag of de MAC-waarden wel afdoende bescherming geven aan zwangere vrouwen. Uit onderzoek bleek namelijk dat MAC-waarden zijn opgesteld op basis van gegevens verkregen uit humaan epidemiologisch onderzoek bij uitsluitend mannen, aangezien vrouwen in het verleden een verwaarloosbaar aandeel hadden in veel arbeidssectoren. Over vrouwen bleken er weinig gegevens te zijn. Zo die er al waren, dan hadden die voornamelijk betrekking op vrouwenberoepen. (Stijkel, A., 1990). Tevens zijn de officiële arbeidshygiënische limieten zelden vastgesteld op basis van reprotoxische data (Ahlborg, G. et al. 1996). Conclusie: van enkele stoffen is vrijwel zeker, dat blootstelling omstreeks de huidige MAC extra risico inhoud voor de vrouw of haar nageslacht (Verberk, M.M., 1982). In een commentaar van de WGD (Werkgroep van Deskundigen) op de beleidsnota Reprotoxische stoffen onderschreef de commissie inderdaad het gesignaliseerde grote gebrek aan kennis over de reproductietoxiciteit van bestaande en nieuwe stoffen. Aangeraden werd om reproductietoxicologie-onderzoek te stimuleren (Gezondheidsraad WGD, 1994). Ondanks het gebrek aan kennis staat in de bovengenoemde beleidsnota het plan beschreven om een reprotoxlijst op te zetten. Uiteindelijk is dit de zogenaamde niet-limitatieve lijst van de voor de voortplanting vergiftige stoffen geworden (bijlage I van dit rapport). De wetenschap dat van veel stoffen de reprotoxische effecten nauwelijks onderzocht zijn, vind zijn weerslag in de woorden niet-limitatief. Het ministerie van SZW geeft hiermee aan dat de lijst niet compleet is door het grote gebrek aan kennis. Met name de lange- termijn-effecten van veel stoffen zijn onbekend. De lijst bestaat uit 117 stoffen die in bijlage I van de Europese richtlijn 67/548/EEG zijn opgenomen als voor de voortplanting giftig en/of kan schadelijk zijn via de borstvoeding en door de commissie 543 beoordeling reproductietoxiciteit van stoffen van de Gezondheidsraad als zodanig zijn geclassificeerd. Twee keer per jaar verschijnt een recente lijst in de Staatscourant. Apart aangegeven staat of een stof ook schadelijk kan zijn via de borstvoeding. Onderstaande tabel 3 geeft een overzicht van de indeling van de stoffen in hun categorieën. Duidelijk is dat de meerderheid van de stoffen in klasse 2 of 3 valt. Tabel 3. Overzicht indeling stoffen in de niet-limitatiteve lijst van reproductietoxicologische stoffen. Categorie/ klasse Vruchtbaarheid Ontwikkeling Borstvoeding 11 19

20 Zoals voorgeschreven door de EU in annex VI general classification and labelling requirements for dangerous substances and preparations van richtlijn 67/548/EEG wordt bij de indeling van stoffen onderscheid gemaakt tussen een effecten op de mannelijke en vrouwelijke vruchtbaarheid en een ontwikkelingstoxiciteit. De Europese definitie voor een effect op de mannelijke en vrouwelijke vruchtbaarheid luidt: elk negatief effect op het libido, seksuele gedrag, alle aspecten van de eivorming en spermatogenese, hormonale activiteit of fysiologische respons, dat interfereert met de capaciteit om te bevruchten, de bevruchting zelf, of de ontwikkeling van de bevruchte eicel tot en met de implantatie (eigen vertaling). Voor ontwikkelingstoxiciteit luidt de definitie: elk negatief effect, genomen in de ruimste betekenis van het woord, dat interfereert met de normale ontwikkeling, zowel voor als na de geboorte (eigen vertaling). Als voorbeelden van mogelijke effecten worden verlaagd lichaamsgewicht, vertraagde groei en ontwikkeling, overlijden, teratogene effecten, abortus, en orgaan toxiciteit genoemd. Belangrijk is dat de periode na de geboorte doorloopt tot het begin van de puberteit. Classificering gebeurt analoog aan de indeling voor kankerverwekkende stoffen. Dit wil zeggen dat stoffen in drie klassen worden onderscheden aan de hand van risicozinnen (R-zinnen): R 46 Kan erfelijke genetische schade veroorzaken (mutagene stoffen klasse 1 of 2); R 60 Kan de vruchtbaarheid schaden (klasse 1 of 2); R 61 Kan het ongeboren kind schaden (klasse 1 of 2); R 62 Mogelijk gevaar voor verminderde vruchtbaarheid (klasse 3); R 63 Mogelijk gevaar voor beschadiging van het ongeboren kind (klasse 3); R 64 Kan schadelijk zijn via de borstvoeding. Klasse 1 en 2 stoffen zijn chemicaliën bewezen dan wel te beschouwen als voor de voortplanting giftig voor de mens. Categorie 3 stoffen geven reden tot bezorgdheid en zijn verdacht. Indeling in categorie 1 gebeurt op basis van humane epidemiologische gegevens, indeling in klassen 2 en 3 gebeurt voornamelijk aan de hand van resultaten van dierproeven. Data afkomstig uit in vitro onderzoek op cellen wordt behandeld als hooguit ondersteunend bewijs en leidt slecht in uitzonderlijke gevallen tot classificatie. De omschrijving van de exacte criteria voor de vereiste tests en classificering zijn opgenomen in de bijlage V en VI preparatenrichtlijn van de Wet Milieugevaarlijke Stoffen (WMS). De lijst kan gebruikt worden als handvat bij het maken van een risico-evaluatie voor de zwangere medewerker. Het Arbobesluit verplicht in artikel 4.2 lid 5 de werkgever tot een diepgaande evaluatie als er voor de voortplanting vergiftige stoffen aanwezig zijn op de werkplek. 20

Samenvatting. Nederlands onderzoek aanleiding voor vragen aan Gezondheidsraad

Samenvatting. Nederlands onderzoek aanleiding voor vragen aan Gezondheidsraad Samenvatting Nederlands onderzoek aanleiding voor vragen aan Gezondheidsraad In Nederland wordt naar schatting een half miljoen werknemers met enige regelmaat blootgesteld aan organische oplosmiddelen.

Nadere informatie

Het organiseren van werk zonder gevaren kan het volgende inhouden: -- aanpassingen in werkzaamheden/werkmethoden

Het organiseren van werk zonder gevaren kan het volgende inhouden: -- aanpassingen in werkzaamheden/werkmethoden Bijlage 4 - Zwangerschapsprotocol Zwangerschapsprotocol voor de openbare apotheek In elke organisatie werken vrouwen in de vruchtbare leeftijd die op enig moment een kinderwens krijgen. In de apotheekbranche

Nadere informatie

Bijlage 7 Veilig werken tijdens zwangerschap en borstvoedingsperiode

Bijlage 7 Veilig werken tijdens zwangerschap en borstvoedingsperiode Bijlage 7 Veilig werken tijdens zwangerschap en borstvoedingsperiode 1. Inleiding De werkgever heeft de wettelijke zorgplicht om de zwangere werkneemster en haar ongeboren kind en het borstgevoede kind

Nadere informatie

stoppen zware drinkers minder vaak met het drinken van alcoholhoudende drank dan vrouwen met een lager alcoholgebruik.

stoppen zware drinkers minder vaak met het drinken van alcoholhoudende drank dan vrouwen met een lager alcoholgebruik. Samenvatting In Nederland gebruikt ongeveer 80% van de vrouwen in de vruchtbare leeftijd alcoholhoudende drank. Veel vrouwen staken het alcoholgebruik zodra ze zwanger zijn of eerder al, als ze zwanger

Nadere informatie

Stralingsbeschermingsdienst SBD-TU/e 1

Stralingsbeschermingsdienst SBD-TU/e 1 Zwangerschap en Stralingsbescherming Zwangerschap en Stralingsbescherming inhoud Informatie over mogelijke biologische effecten door blootstelling aan ioniserende straling tijdens deterministische effecten

Nadere informatie

Geneesmiddelen bij zwangerschap en borstvoeding

Geneesmiddelen bij zwangerschap en borstvoeding Geneesmiddelen bij zwangerschap en borstvoeding Geneesmiddelen en zwangerschap Enige tientallen jaren geleden dacht men nog dat ongeboren kinderen in de baarmoeder goed beschermd waren tegen schadelijke

Nadere informatie

RICHTLIJN ZWANGERSCHAP EN IONISERENDE STRALING

RICHTLIJN ZWANGERSCHAP EN IONISERENDE STRALING RICHTLIJN ZWANGERSCHAP EN IONISERENDE STRALING Inleiding Aan het werken met radioactieve stoffen of ioniserende straling uitzendende toestellen zijn risico s verbonden. Het is bij de wet verplicht om personen

Nadere informatie

Het schadelijke effect van reproductietoxische stoffen is afhankelijk van de timing en de dosis.

Het schadelijke effect van reproductietoxische stoffen is afhankelijk van de timing en de dosis. Een onbekend risico Het schadelijke effect van reproductietoxische stoffen is afhankelijk van de timing en de dosis. Met name piekblootstellingen zijn riskant. Vinden die plaats op een cruciaal moment

Nadere informatie

FNV Bondgenoten. Checklist Beleid chemische stoffen, zwangerschap en voortplanting in bedrijven

FNV Bondgenoten. Checklist Beleid chemische stoffen, zwangerschap en voortplanting in bedrijven FNV Bondgenoten Checklist Beleid chemische stoffen, zwangerschap en voortplanting in bedrijven Gevaarssymbolen op grond van de Europese regelgeving R-zinnen voor de voortplanting giftige stoffen R 46 R

Nadere informatie

Klasse 9: Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen

Klasse 9: Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen Klasse 9: Diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen Voorbeeldstoffen uit deze klasse zijn: asbest en asbestbevattende mengsels, PCB s, lithiumbatterijen, reddingsmiddelen en verwarmde stoffen. 1.1 Transport

Nadere informatie

De invloed van arbeidsomstandigheden op de latere zwangerschapsuitkomsten: Melden of niet melden als beroepsziekte?

De invloed van arbeidsomstandigheden op de latere zwangerschapsuitkomsten: Melden of niet melden als beroepsziekte? De invloed van arbeidsomstandigheden op de latere zwangerschapsuitkomsten: Melden of niet melden als beroepsziekte? Teus Brand Coronel Instituut, Academisch Medisch Centrum Amsterdam Opbouw voordracht

Nadere informatie

Informatiefolder. Zwangerschap en kinderwens

Informatiefolder. Zwangerschap en kinderwens Informatiefolder en kinderwens Inhoudsopgave Algemeen 3 Kinderwens 3 Foliumzuur s- en ovulatietesten 5 Geneesmiddelen 6 Bostvoeding Medicatiebegeleiding Algemeen De vrouw maakt tijdens haar leven een aantal

Nadere informatie

Veel vrouwen gebruiken medicijnen tijdens hun zwangerschap. Van veel van deze medicijnen zijn de mogelijke teratogene effecten vaak nog niet goed beke

Veel vrouwen gebruiken medicijnen tijdens hun zwangerschap. Van veel van deze medicijnen zijn de mogelijke teratogene effecten vaak nog niet goed beke 107 Veel vrouwen gebruiken medicijnen tijdens hun zwangerschap. Van veel van deze medicijnen zijn de mogelijke teratogene effecten vaak nog niet goed bekend. Onderzoek naar welke medicijnen gebruikt worden

Nadere informatie

Schadelijke producten algemeen

Schadelijke producten algemeen Schadelijke producten algemeen Wat zijn schadelijke producten? Wat zijn de gevolgen van werken met schadelijke producten? Welke factoren zijn van invloed op de schadelijkheid? Wat zegt de wet? Wat kunnen

Nadere informatie

Toxicologie enkele begrippen

Toxicologie enkele begrippen 009 1 Toxicologie enkele begrippen Regelmatig worden wij geconfronteerd met begrippen als zeer giftige stof, of de zeer gevaarlijke chemische stof-x. Vaak zijn deze begrippen niet nader omschreven en is

Nadere informatie

Chemische stoffen, voortplanting en

Chemische stoffen, voortplanting en 073 1 Chemische stoffen, voortplanting en nageslacht Chemische stoffen kunnen aanleiding geven tot ernstige schadelijke effecten in het nageslacht. Men noemt deze stoffen teratogeen. Dit is gebleken met

Nadere informatie

TGG 8 uur mg/m 3 (ppm) Zuurstof*** 19 21%

TGG 8 uur mg/m 3 (ppm) Zuurstof*** 19 21% Tipkaart 7 Grenswaarden In deze tabel zijn de grenswaarden 1 opgenomen van gevaarlijke gassen die je in zeecontainers kunt aantreffen. Een deel van deze gassen heeft een wettelijke grenswaarde. Voor stoffen

Nadere informatie

Zwangerschap, reproductietoxicologie en preconceptieconsult

Zwangerschap, reproductietoxicologie en preconceptieconsult Zwangerschap, reproductietoxicologie en preconceptieconsult Dr. Teus Brand Coronel Instituut, Academisch Medisch Centrum Amsterdam Zwangerschapscomplicaties beïnvloed door werkgebonden factoren Miskraam

Nadere informatie

Tweelingen in de groei

Tweelingen in de groei Tweelingen in de groei Henriëtte A. Delemarre-van de Waal Zoals bekend ontstaat een twee-eiige tweeling wanneer tegelijkertijd twee eicellen worden bevrucht door twee zaadcellen. Beide embryo s hebben

Nadere informatie

Richtlijn Multidisciplinaire richtlijn Borstvoeding

Richtlijn Multidisciplinaire richtlijn Borstvoeding Richtlijn Multidisciplinaire richtlijn Borstvoeding Onderbouwing Conclusies Vaak is het door keuze van het juiste geneesmiddel mogelijk om borstvoeding veilig te handhaven 11. Niveau 4 Toelichting Indien

Nadere informatie

Chemische stoffen, voortplanting en nageslacht

Chemische stoffen, voortplanting en nageslacht 167 1 Chemische stoffen, voortplanting en nageslacht door dr. A. H. Piersma Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven Dit artikel is een herziening van Chemische Feitelijkheid nr. 073 (juli

Nadere informatie

Kinderwens, zwanger en stoffen op het werk

Kinderwens, zwanger en stoffen op het werk Kinderwens, zwanger en stoffen op het werk Met het programma Versterking Arbeidsomstandighedenbeleid Stoffen (VASt) wil het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de periode 2003-2007 ondernemers

Nadere informatie

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström 1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström Dr. S.A.M. van de Schans, S. Oerlemans, MSc. en prof. dr. J.W.W. Coebergh Inleiding Epidemiologie is de wetenschap die eenvoudig gezegd

Nadere informatie

Chemisch toxicologische eigenschappen van acrylonitril en medische aspecten van een blootstelling

Chemisch toxicologische eigenschappen van acrylonitril en medische aspecten van een blootstelling Chemisch toxicologische eigenschappen van acrylonitril en medische aspecten van een blootstelling Prof. Dr. Benoit Nemery KU Leuven Prof. Dr. Christophe Stove UGent Acrylonitril: chemische eigenschappen

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting (Dutch summary)

Nederlandse samenvatting (Dutch summary) Nederlandse samenvatting (Dutch summary) 1 Vroeggeboorte na antenatale inflammatie bronchiale hyperreactiviteit als onderliggende oorzaak van Vroeggeboorte Over vroeggeboorte, ook wel prematuriteit genoemd,

Nadere informatie

Denk na over risico s op uw werk! versie 2011

Denk na over risico s op uw werk! versie 2011 Kinderen krijgen? Denk na over risico s op uw werk! versie 2011 Denkt u erover om kinderen te krijgen? Denk dan ook na over de risico s op uw werk. Dat geldt voor mannen en vrouwen. Soms kunt u door uw

Nadere informatie

Zwangerschap bij de psychiatrische patient. Cijfers telefoondienst TIS. TIS kenniscentrum. vragen/exposities SSRI s 20-11-2015

Zwangerschap bij de psychiatrische patient. Cijfers telefoondienst TIS. TIS kenniscentrum. vragen/exposities SSRI s 20-11-2015 Zwangerschap bij de psychiatrische patient Bernke te Winkel Wetenschappelijk medewerker Teratologie Informatie Service TIS kenniscentrum Cijfers telefoondienst TIS Informatie geven Website (en boek) -

Nadere informatie

Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities. in Early Childhood Health. The Generation R Study. Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING

Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities. in Early Childhood Health. The Generation R Study. Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities in Early Childhood Health The Generation R Study Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING Sociaal-economische gezondheidsverschillen vormen een groot maatschappelijk

Nadere informatie

Tabel 1. Kankerverwekkende stoffen - subcategorieën, gevaarssymbolen, gevaarsaanduiding en R-zinnen volgens Wm. Gevaarsaanduiding

Tabel 1. Kankerverwekkende stoffen - subcategorieën, gevaarssymbolen, gevaarsaanduiding en R-zinnen volgens Wm. Gevaarsaanduiding Blad : 1 van 7 BIJLAGE 2 EU-GHS INDELING CMR SOFFEN CMR-stoffen worden door de Europese Unie (EU), afhankelijk van hoe sterk het bewijs is voor het schadelijke effect, in drie subcategorieën verdeeld.

Nadere informatie

Reproductie-toxische effecten van blootstelling aan pesticiden in de glastuinbouw Reini Bretveld Nel Roeleveld

Reproductie-toxische effecten van blootstelling aan pesticiden in de glastuinbouw Reini Bretveld Nel Roeleveld Reproductie-toxische effecten van blootstelling aan pesticiden in de glastuinbouw Reini Bretveld Nel Roeleveld Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek Universitair Medisch Centrum St Radboud, Nijmegen

Nadere informatie

BIJLAGE 2 EU-GHS INDELING CMR STOFFEN

BIJLAGE 2 EU-GHS INDELING CMR STOFFEN Blad : van 7 BIJLAGE EU-GHS INDELING CMR SOFFEN CMR-stoffen worden door de Europese Unie (EU), afhankelijk van hoe sterk het bewijs is voor het schadelijke effect, in drie subcategorieën verdeeld. In onderstaande

Nadere informatie

Schildklierafwijkingen en zwangerschap. Afdeling Verloskunde/Gynaecologie

Schildklierafwijkingen en zwangerschap. Afdeling Verloskunde/Gynaecologie Schildklierafwijkingen en zwangerschap Afdeling Verloskunde/Gynaecologie In het kort Normaal gesproken werkt de schildklier naar behoren. Bij een abnormale werking kan de schildklier te snel werken (hyperthyreoïdie)

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting 138 Uitstel van ouderschap De positie van de vrouw in de westerse maatschappij is de laatste tientallen jaren fundamenteel veranderd. Vrouwen zijn hoger opgeleid dan vroeger en werken vaker buitenshuis.

Nadere informatie

Oude verven voor gebruik op hout in monumentaal interieur en exterieur

Oude verven voor gebruik op hout in monumentaal interieur en exterieur Oude verven voor gebruik op hout in monumentaal interieur en exterieur Niels Lutke Schipholt SHR Introductie Oude verven bevatten veel VOS Moderne verven bevatten weinig of geen VOS Regelgeving samenstelling

Nadere informatie

Zwangerschap bij chronische ontstekingsziekten van de darm

Zwangerschap bij chronische ontstekingsziekten van de darm Zwangerschap bij chronische ontstekingsziekten van de darm Inleiding Zwanger worden als je een chronische ontstekingsziekte van de darm (IBD = inflammatory Bowel disease) hebt zoals de ziekte van Crohn

Nadere informatie

Chronisch onderzoek is van belang bij stoffen waarbij accumulatie kan optreden.

Chronisch onderzoek is van belang bij stoffen waarbij accumulatie kan optreden. Vraag 1: Algemene toxicologie (Bos, 11 punten) a) oem 3 vormen waarin toxische stoffen in het milieu kunnen voorkomen? (2pt) b) Hoe (noem er 3 in totaal) kunnen deze verschillende vormen zich in het milieu

Nadere informatie

Samenvatting. Vraagstelling

Samenvatting. Vraagstelling Samenvatting Vraagstelling Op verzoek van de minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid schat de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen (GBBS) van de Gezondheidsraad het extra

Nadere informatie

Wat je moet weten over roken voor, tijdens en na de zwangerschap Longziekten

Wat je moet weten over roken voor, tijdens en na de zwangerschap Longziekten Wat je moet weten over roken voor, tijdens en na de zwangerschap Longziekten Beter voor elkaar 2 Roken als je zwanger probeert te worden Minder vruchtbaar Roken maakt vrouwen en mannen minder vruchtbaar.

Nadere informatie

Samenvatting. Vraagstelling

Samenvatting. Vraagstelling Samenvatting Vraagstelling Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leidt de Commissie Gezondheid en Beroepsmatige Blootstelling aan Stoffen (GBBS, voorheen WGD) van de Gezondheidsraad

Nadere informatie

GEZONDHEIDSKUNDIG ONDERBOUWDE GRENSWAARDEN

GEZONDHEIDSKUNDIG ONDERBOUWDE GRENSWAARDEN GEZONDHEIDSKUNDIG ONDERBOUWDE GRENSWAARDEN Waar ligt de grens? Is een grens te bepalen? Grenzen: België-Nederland GEZONDHEIDSKUNDIG ONDERBOUWDE GRENSWAARDEN Hoe deden/doen we het in de GBBS van de Gezondheidsraad?

Nadere informatie

Maak uw werkplek babyproof!

Maak uw werkplek babyproof! FNV Bondgenoten Maak uw werkplek babyproof! Zo kan het ook! Goede voorbeelden uit enkele bedrijven Voortplantingsgiftige stoffen de poort uit! Het goede voorbeeld Producent van schokbrekers Bij het produceren

Nadere informatie

Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders. Algemeen

Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders. Algemeen Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders Bronnen: RI&E-applicatie van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) CAO voor de huisarts in opleiding / Personeelsinformatie

Nadere informatie

DEEL 1: GEVARENAANDUIDINGEN ; H-zinnen

DEEL 1: GEVARENAANDUIDINGEN ; H-zinnen DEEL 1: GEVARENAANDUIDINGEN ; H-zinnen Materiële gevaren Klasse 2.1 Ontplofbare stoffen, instabiele ontplofbare stoffen H200 Instabiele ontplofbare stof. Subklasse 1.1 H201 Ontplofbare stof; gevaar voor

Nadere informatie

Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders. Algemeen

Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders. Algemeen Protocol zwangerschap in de huisartsenpraktijk Ten behoeve van huisartsopleiders Bronnen: RI&E-applicatie van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) CAO voor de huisarts in opleiding / Personeelsinformatie

Nadere informatie

Niet technische samenvatting. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project

Niet technische samenvatting. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project Niettechnische samenvatting 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Respiratoir Syncytieel Virus (RSV) in kalveren 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) Oktober 2015 oktober 2020

Nadere informatie

Betekenis H-zinnen. Gevarenaanduidingen voor materiële gevaren

Betekenis H-zinnen. Gevarenaanduidingen voor materiële gevaren Betekenis H-zinnen Gevarenaanduidingen voor materiële gevaren 00 Ontplofbare stoffen, instabiel Instabiele ontplofbare stof H0 Ontplofbare stoffen, subklasse. H0 Ontplofbare stoffen, subklasse. H03 Ontplofbare

Nadere informatie

Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring.

Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. De Europese gezondheidsautoriteiten hebben bepaalde voorwaarden verbonden aan het in de handel brengen van het geneesmiddel Erivedge. Het verplicht plan voor risicobeperking in België, waar deze informatie

Nadere informatie

RISICOZINNEN (R-ZINNEN)

RISICOZINNEN (R-ZINNEN) RISICOZINNEN (R-ZINNEN) R-code R-zin 1 In droge toestand ontplofbaar. 2 Ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken. 3 Ernstig ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur

Nadere informatie

Leukemie door het gebruik van PX-10?

Leukemie door het gebruik van PX-10? Auteurs: Kuilenburg, I.E. van Schram-Bijkerk, D. Publiekssamenvatting van het rapport: Schram-Bijkerk, D.; Tongeren, M. van; Vermeulen, R.C.H. (ed.). Exposure to toxic substances and potential health effects

Nadere informatie

Wil je meer weten over OPS, hieronder vind je de volgende onderwerpen:

Wil je meer weten over OPS, hieronder vind je de volgende onderwerpen: Wil je meer weten over OPS, hieronder vind je de volgende onderwerpen:. Een OPS patiënt. Wat is OPS en klachtenlijst? Oorzaken van OPS. Waar komt dat gif terecht? Natuurlijke ontgifting. Bioresonantie

Nadere informatie

Niet-technische samenvatting 2015245. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project

Niet-technische samenvatting 2015245. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project Niet-technische samenvatting 2015245 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project De rol van Nucleaire Hormoon Receptoren in de regulatie van het glucose- en lipidemetabolisme en de ontwikkeling van type

Nadere informatie

Zwangerschap bij een chronische darmziekte

Zwangerschap bij een chronische darmziekte Maag-, Darm- en Leverziekten Zwangerschap bij een chronische darmziekte www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Vruchtbaarheid... 3 Erfelijkheid... 4 Medicijnen... 4 Invloed chronische darmziekte op de zwangerschap...

Nadere informatie

Aanvullende Risico- Inventarisatie en -Evaluatie Evangelische Basisschool On Line Eindhoven

Aanvullende Risico- Inventarisatie en -Evaluatie Evangelische Basisschool On Line Eindhoven Aanvullende Risico- Inventarisatie en -Evaluatie Evangelische Basisschool On Line Eindhoven Uitgevoerd door: Ecologisch Kennis Centrum B.V. Ing. A.M.L. van Rooij, Hogere Veiligheidskundige Datum concept

Nadere informatie

Alcoholgebruik voor, tijdens en na de zwangerschap

Alcoholgebruik voor, tijdens en na de zwangerschap Alcoholgebruik voor, tijdens en na de zwangerschap Kencijfers van de Vlaamse geboortecohorte JOnG! Karel Hoppenbrouwers Dienst Jeugdgezondheidszorg KU Leuven Inhoud van de presentatie Wat is gekend i.v.m.

Nadere informatie

Patiëntenvoorlichting Verloskunde. Roken en zwangerschap. Inhoudsopgave. Als je zwanger probeert te worden 2. Als je zwanger bent 3

Patiëntenvoorlichting Verloskunde. Roken en zwangerschap. Inhoudsopgave. Als je zwanger probeert te worden 2. Als je zwanger bent 3 Patiëntenvoorlichting Verloskunde Roken en zwangerschap Inhoudsopgave Als je zwanger probeert te worden 2 Als je zwanger bent 3 Na de zwangerschap 5 Stoppen met roken 6 Tips om te stoppen 7 Hulp bij het

Nadere informatie

Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor je gezondheid. Op je werk, maar ook thuis zijn veel meer gevaarlijke stoffen dan je denkt.

Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor je gezondheid. Op je werk, maar ook thuis zijn veel meer gevaarlijke stoffen dan je denkt. Gevaarlijke stoffen Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor je gezondheid. Op je werk, maar ook thuis zijn veel meer gevaarlijke stoffen dan je denkt. Giftig Een stof is giftig als deze

Nadere informatie

Gezondzwangerworden. be PASCALE MOKANGI, ILSE DELBAERE, HANS DE STEUR

Gezondzwangerworden. be PASCALE MOKANGI, ILSE DELBAERE, HANS DE STEUR Gezondzwangerworden. be PASCALE MOKANGI, ILSE DELBAERE, HANS DE STEUR Hoe word je gezond zwanger? De eerste 8 weken van de zwangerschap zijn cruciaal Alle organen vormen en ontwikkelen zich in deze periode

Nadere informatie

Samenvatting. Vraagstelling

Samenvatting. Vraagstelling Samenvatting Vraagstelling Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leidt de Commissie Gezondheid en beroepsmatige blootstelling aan stoffen (Commissie GBBS) van de Gezondheidsraad

Nadere informatie

Biotransformatie en toxiciteit van

Biotransformatie en toxiciteit van Biotransformatie en toxiciteit van paracetamol 062 1 Biotransformatie en toxiciteit van paracetamol Inleiding Paracetamol is het farmacologisch actieve bestanddeel van een groot aantal vrij en op recept

Nadere informatie

Samenvatting. Vraagstelling

Samenvatting. Vraagstelling Samenvatting Vraagstelling Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leidt de Commissie WGD van de Gezondheidsraad gezondheidskundige advieswaarden af voor stoffen in de lucht waaraan

Nadere informatie

Duurzame overheidsopdracht-fiche: basis

Duurzame overheidsopdracht-fiche: basis Duurzame overheidsopdracht-fiche: basis 1) Onderwerp Vaatwassers voor huishoudelijk gebruik, geproduceerd met milieuvriendelijke materialen, die milieuvriendelijk zijn zowel in het gebruik als bij de afvalverwerking.

Nadere informatie

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbo-regelgeving Arbowet De regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden is vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenwet,

Nadere informatie

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD BIJ PRODUCT

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD BIJ PRODUCT Volgens Verordening (EC) Nr. 1907/2006 Versie 1 VIB gemaakt voor niet-verkleurende tabletten Herzieningsdatum: 28.01.2013 Afdrukdatum: 28.01.2013 1. I D E N T I F I C A T I E V A N D E M I X E N H E T

Nadere informatie

Productnaam Zône Brandspiritus 85%

Productnaam Zône Brandspiritus 85% 1. Identificatie van het product Productnaam : Brandspiritus 85% Tel.nr.voor noodgevallen : Nationaal Vergiftigingen Centrum Tel.nr: 030-2748888 (Uitsluitend voor een behandelend arts bij vergiftiging)

Nadere informatie

Effecten van pesticiden

Effecten van pesticiden Effecten van pesticiden op vruchtbaarheid en zwangerschap Nel Roeleveld reproductie epidemioloog Afdeling Epidemiologie, Biostatistiek en HTA Universitair Medisch Centrum St Radboud Nijmegen Onderzoek

Nadere informatie

Samenvatting. Vraagstelling

Samenvatting. Vraagstelling Samenvatting Vraagstelling Op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leidt de Commissie Gezondheid en beroepsmatige blootstelling aan stoffen (GBBS) van de Gezondheidsraad gezondheidskundige

Nadere informatie

Voorlichting & Training. Gevaarlijke Stoffen

Voorlichting & Training. Gevaarlijke Stoffen Voorlichting & Training Gevaarlijke Stoffen Inleiding Introductie Leerdoelen Definities Blootstellingstandaard Besmetting & gezondheidseffecten Identificaties en etiketten Persoonlijke beschermingsmiddelen

Nadere informatie

Negen Maanden Niet: Alcohol en zwangerschap. Ir. N.Y. van der Wulp STAP

Negen Maanden Niet: Alcohol en zwangerschap. Ir. N.Y. van der Wulp STAP Negen Maanden Niet: Alcohol en zwangerschap Ir. N.Y. van der Wulp STAP December 2010 Foetaal Alcohol Syndroom Weet je wat FAS is? Kan je FAS herkennen? Testje! 5 series van twee foto s, van oud naar jong.

Nadere informatie

Dit product is verkrijgbaar bij Carel Lurvink B.V. This product is available at Carel Lurvink B.V. Carel Lurvink B.V.

Dit product is verkrijgbaar bij Carel Lurvink B.V. This product is available at Carel Lurvink B.V. Carel Lurvink B.V. Dit product is verkrijgbaar bij Carel Lurvink B.V. This product is available at Carel Lurvink B.V. Carel Lurvink B.V. Marssteden 40 7547 TC Enschede, NL Postbus 450 7500 AL Enschede, NL Telefoonnummer

Nadere informatie

Patiënteninformatie locatie Blaricum. Diabetes mellitus bij kinderwens. Informatie over erfelijkheid en zwangerschap bij diabetes

Patiënteninformatie locatie Blaricum. Diabetes mellitus bij kinderwens. Informatie over erfelijkheid en zwangerschap bij diabetes Patiënteninformatie locatie Blaricum Diabetes mellitus bij kinderwens Informatie over erfelijkheid en zwangerschap bij diabetes Inhoudsopgave Bladzijde Welke soorten diabetes zijn er? 4 Is diabetes erfelijk?

Nadere informatie

Afweer systeem tegen ziektes, moederlijk hormoon,ontwikkeling, vogels, testosteron

Afweer systeem tegen ziektes, moederlijk hormoon,ontwikkeling, vogels, testosteron Niet-technische samenvatting 2015311 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Heeft de kwaliteit van het afweer systeem bij de vader een invloed on de kwetsbaarheid van de kinderen voor moederlijk

Nadere informatie

Niet-technische samenvatting 201569

Niet-technische samenvatting 201569 Niet-technische samenvatting 201569 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Endotheliale toxiciteit van bijnierprecursors, hydrocortison en fludrocortison die verhoogd zijn in patienten met congenitale

Nadere informatie

Weet waar je mee verft

Weet waar je mee verft Weet waar je mee verft Eigenschappen en risico s van verfbestanddelen Elke verf bestaat uit een groot aantal verschillende bestanddelen. Sommige verfbestanddelen zijn onschuldig. Andere kunnen echter schadelijk

Nadere informatie

Toolbox-meeting Gevaarlijke stoffen

Toolbox-meeting Gevaarlijke stoffen Toolbox-meeting Gevaarlijke stoffen Unica installatietechniek B.V. Schrevenweg 2 8024 HA Zwolle Tel. 038 4560456 Fax 038 4560404 Inleiding In het dagelijks leven kunnen we niet meer zonder chemische stoffen.

Nadere informatie

Zwangerschap en IBD. ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-, darm- en leverziekten. Beter voor elkaar

Zwangerschap en IBD. ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-, darm- en leverziekten. Beter voor elkaar Zwangerschap en IBD ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-, darm- en leverziekten Beter voor elkaar 2 Inleiding U wilt zwanger worden en heeft de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa. Op dat moment

Nadere informatie

Registratie-richtlijn

Registratie-richtlijn en IONISERENDE STRALING 1 (508: Ziekten veroorzaakt door ioniserende stralen) Beschrijving van de schadelijke invloed Inwendige bestraling wordt veroorzaakt door opname in het lichaam van positief geladen

Nadere informatie

Samenvatting en Discussie

Samenvatting en Discussie 101 102 Pregnancy-related thrombosis and fetal loss in women with thrombophilia Samenvatting Zwangerschap en puerperium zijn onafhankelijke risicofactoren voor veneuze trombose. Veneuze trombose is een

Nadere informatie

Verklarende woordenlijst

Verklarende woordenlijst 12 Verklarende woordenlijst Gebaseerd op een woordenlijst die werd ontwikkeld door Londen IDEAS Genetic Knowledge Park aangepast volgens hun kwaliteitsnormen. Januari 2008 Gesteund door EuroGentest, NoE

Nadere informatie

Chemische belasting van de huid Schilders & Vloerenleggers. Jeroen Terwoert IVAM Universiteit van Amsterdam

Chemische belasting van de huid Schilders & Vloerenleggers. Jeroen Terwoert IVAM Universiteit van Amsterdam Chemische belasting van de huid Schilders & Vloerenleggers Jeroen Terwoert IVAM Universiteit van Amsterdam Inhoud Vóórkomen huidklachten in de bouw Oorzakelijke factoren Onderzoek chemische belasting schilders

Nadere informatie

EEN KORTE INLEIDING OP VOS-RICHTLIJNEN

EEN KORTE INLEIDING OP VOS-RICHTLIJNEN Hempel ondersteunt zijn klanten en eindgebruikers op verschillende manieren. We verschaffen productgegevens om het VOS-gebruik te bewaken, geven advies over het samenstellen van coatingsystemen die aan

Nadere informatie

vruchtbaarheidssparende behandeling

vruchtbaarheidssparende behandeling Nederlands Netwerk Fertiliteitspreservatie vruchtbaarheidssparende behandeling Invriezen Invriezen van van embryo s eicellena IVF informatie voor vrouwelijke patiënten vruchtbaarheidssparende behandeling

Nadere informatie

WEET WAAR JE MEE VERFT!

WEET WAAR JE MEE VERFT! WEET WAAR JE MEE VERFT! Eigenschappen en risico s van verfbestanddelen Elke verf bestaat uit een groot aantal verschillende bestanddelen. Sommige verfbestanddelen zijn onschuldig. Andere kunnen echter

Nadere informatie

Combinatietest. Echo en bloedonderzoek bij 11-14 weken zwangerschap

Combinatietest. Echo en bloedonderzoek bij 11-14 weken zwangerschap Combinatietest Echo en bloedonderzoek bij 11-14 weken zwangerschap Aangeboren aandoeningen komen relatief weinig voor: 96 van de 100 zwangerschappen eindigen in de geboorte van een volkomen gezond kind.

Nadere informatie

Veiligheidsinformatieblad

Veiligheidsinformatieblad 1. IDENTIFICATIE VAN DE STOF OF HET PREPARAAT EN VAN DE VENNOOTSCHAP/ONDERNEMING Productidentificatie Leverancier Akzo Nobel Functional Chemicals bv Stationsstraat 77 PO Box 247 NL-3800 AE Amersfoort Tel.:

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Appendices NEDERLANDSE SAMENVATTING Inleiding Het polycysteus ovarium syndroom (PCOS), letterlijk het vele cysten in de eierstok - syndroom komt relatief vaak voor. Van alle vrouwen blijkt 5 tot 16% PCOS

Nadere informatie

schildklierafwijkingen en zwangerschap

schildklierafwijkingen en zwangerschap schildklierafwijkingen en zwangerschap 2 Inhoud 1 Algemeen 1.1 Wat is de schildklier en hoe werkt hij 1.2 De ontwikkeling van de schildklier bij de baby 2 Schildklierziekten 2.1 Hypothyreoïdie 2.2 Hyperthyreoïdie

Nadere informatie

Samenvatting. Blootstelling

Samenvatting. Blootstelling Samenvatting Blootstelling aan ioniserende straling levert risico s voor de gezondheid op. Daar is al veel over bekend, met name over de effecten van kortdurende blootstelling aan hoge doses. Veel lastiger

Nadere informatie

Zwangerschap en veiligheid

Zwangerschap en veiligheid Zwangerschap en veiligheid Als je van plan bent om zwanger te worden, zwanger bent of kortgeleden bent bevallen, kan dat invloed hebben op je werkzaamheden. Het Martini Ziekenhuis zorgt voor voorlichting

Nadere informatie

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD (VERORDENING (EG) Nr. 1907/2006 - REACH) Datum: 07/04/2010 bladzijde: 1/3 Versie: N 3 (30/12/2009) Revisie: N 1 (01/07/2008) Naam: PLASTALGIN - 850UF VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD

Nadere informatie

De indeling van gevaarlijke stoffen volgens CLP bekeken vanuit SEVESO

De indeling van gevaarlijke stoffen volgens CLP bekeken vanuit SEVESO De indeling van gevaarlijke stoffen volgens CLP bekeken vanuit SEVESO Steven Van de Broeck svb@essenscia.be De nieuwe SEVESO III-richtlijn 25/09/2012 Voka Inhoud Inleiding CLP-gevarenklassen in relatie

Nadere informatie

Intra-uteriene groeivertraging. Afdeling Verloskunde/Gynaecologie

Intra-uteriene groeivertraging. Afdeling Verloskunde/Gynaecologie Intra-uteriene groeivertraging Afdeling Verloskunde/Gynaecologie Inleiding U krijgt deze folder omdat u zwanger bent van een kind dat in verhouding te klein is voor uw zwangerschapsduur. Een groeivertraging

Nadere informatie

? Petra geeft aan dat ze probeert zwanger te worden en sinds kort in een traject zit van IVF (in vitro fertilisatie).

? Petra geeft aan dat ze probeert zwanger te worden en sinds kort in een traject zit van IVF (in vitro fertilisatie). MONDGEZONDHEID EN ZWANGERSCHAP CASUS 1 Karin de G., een 27-jarige patiënte is al van jongs af aan in de praktijk onder controle. Tot nu toe was er altijd sprake van een zeer goede mondhygiëne en zijn er

Nadere informatie

Toolbox. Gevaarlijke stoffen

Toolbox. Gevaarlijke stoffen Toolbox Gevaarlijke stoffen Stichting Arbouw 2009. Alle rechten voorbehouden Hoe herken je een gevaarlijke stof? Gevaarlijke stoffen herken je aan het etiket: gevaarsymbolen; R-zinnen; S-zinnen. 2 Gevaarsymbolen

Nadere informatie

Verklarende Woordenlijst

Verklarende Woordenlijst 12 Verklarende Woordenlijst Gebaseerd op een woordenlijst die werd ontwikkeld door Londen IDEAS Genetic Knowledge Park aangepast volgens hun kwaliteitsnormen. Juli 2008 Vertaald door Mies Wits-Douw en

Nadere informatie

Aspirine Pijnstiller - Risico op sterfte tijdens geboorte - Laag geboortegewicht - Tragere motorische ontwikkeling

Aspirine Pijnstiller - Risico op sterfte tijdens geboorte - Laag geboortegewicht - Tragere motorische ontwikkeling Drugs/medicijnen Op voorschrift Invloed van teratogenen Middel Gebruik Effect Latere effecten?? Thalidomide (Softenon) Kalmeermiddel - Misvormingen van ledematen - Misvormingen van oren, hart, nieren,

Nadere informatie