Richtlijn Overgewicht / Obesitas en cardiovasculair risico INHOUDSOPGAVE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Richtlijn Overgewicht / Obesitas en cardiovasculair risico INHOUDSOPGAVE"

Transcriptie

1 INHOUDSOPGAVE Voorwoord bij NIV richtlijnen cardiovasculair risicomanagement...2 VOORWOORD...4 SAMENVATTING...6 AANBEVELINGEN...7 INLEIDING...10 Begripsbepaling, definities...10 Epidemiologie...12 Aan Obesitas gerelateerde morbiditeit...13 DIAGNOSTIEK...15 Screening...15 Anamnese...15 Lichamelijk onderzoek...15 Bepaling mate van overgewicht...16 Cardiovasculair risico...16 Differentiële diagnostiek...17 Laboratorium diagnostiek...17 BEHANDELING...18 Invloed van gewichtsreductie op mortaliteit...19 STRATEGIE Dieet Lichamelijke activiteit Gedragstherapie Farmacotherapie Bariatrische chirurgie Dieetsupplementen, kruiden, specifieke vermageringsdiëten en kuren...26 REFERENTIES...26 ADDENDUM...34 Indeling van de literatuur naar de mate van bewijskracht, volgens CBO...34 Indeling van Evidence zoals gebruikt door National Heart, Lung and Blood Institute voor Richtlijn Overweight and Obesity...35 Levels of evidence for clinical interventions and grades of recommendation, adapted from the National Health and Medical Research Council and the National Institutes of Health clinical guidelines , Nederlandsche Internisten Vereeniging 1

2 VOORWOORD BIJ NIV RICHTLIJNEN CARDIOVASCULAIR RISICOMANAGEMENT Cardiovasculair risicomanagement is een belangrijk bestanddeel van het dagelijks werk van veel internisten. In het kader van het EBRO (Evidence Based Richtlijn Ontwikkeling) programma heeft de NIV in 2001 dan ook besloten een richtlijn cardiovasculair risicomanagement te ontwikkelen. Tezelfdertijd werd onder auspiciën van het Kwaliteitsinstituut CBO de herziening van de bestaande Richtlijn Cholesterol ter hand genomen. Dit resulteerde in een project voor de ontwikkeling van een multidisciplinaire richtlijn voor geïntegreerd cardiovasculair risicomanagement, waarin met name de risicofactoren hypertensie, hypercholesterolemie, diabetes mellitus en roken worden gewogen. Verder is eveneens onder auspiciën van het Kwaliteitsinstituut CBO een multidisciplinaire richtlijn voor diabetische complicaties in de maak. Met de ontwikkeling van zoveel richtlijnen tegelijk is het van belang dat deze richtlijnen met elkaar blijven sporen en dat goed gedefinieerd wordt voor welke categorie patiënten een bepaalde richtlijn geldt. De internist heeft te maken met een selectie uit de algemene populatie. Daarom heeft deze werkgroep zich ten doel gesteld in de eerste plaats een voor de internist relevante selectie van onderwerpen met betrekking tot cardiovasculair risicomanagement te behandelen. De NIV richtlijnen moeten daarbij worden gezien als een aanvulling op de nationale multidisciplinaire richtlijnen zoals die onder auspiciën van het Kwaliteitsinstituut CBO worden ontwikkeld, en die in principe voor de gehele bevolking gelden. In deze NIV Richtlijn worden enkele risicofactoren belicht die in de multidisciplinaire richtlijnen minder uitgebreid of niet aan de orde komen. Voor deze eerste versie betreft het hypertensie, obesitas, verminderde glucosetolerantie, roken en hyperhomocysteïnemie. Ten aanzien van homocysteïnemie conformeert de werkgroep zich aan de aanbevelingen verwoord in de publicatie Homocysteine en hart- en vaatziekten van de Nederlandse Hartstichting uit Ten aanzien van hypertensie heeft de NIV de Europese richtlijn onderschreven (European Guidelines for the management of arterial hypertension, 2003). Hiervan is een samenvatting in het Nederlands opgenomen. Cholesterol vormt naast bloeddruk de ruggengraat van de multidisciplinaire CBO richtlijn. Aan cholesterol hebben wij dan ook niet apart aandacht besteed. Aan dyslipidemie in ruimere zin heeft de Werkgroep evenmin apart aandacht geschonken, mede om te vermijden dat er een handboek over dyslipidemie uit de bus zou komen. Dyslipidemie komt zijdelings aan bod bij obesitas en verminderde glucosetolerantie. De Werkgroep is zich bewust van de beperkingen qua onderwerp, en van de beperkte houdbaarheid van een richtlijn over cardiovasculair risicomanagement. Zo heeft in juli 2004 het Amerikaanse National Cholesterol Education Program (NCEP) alweer een aanscherping 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 2

3 gepubliceerd van de in 2000 verschenen ATP III (Adult Treatment Panel III) richtlijnen. De Werkgroep heeft gemeend de onderwerpen die zij tot nog toe behandeld heeft niet langer te bewaren maar te moeten bundelen voor een eerste versie van de Richtlijn Cardiovasculair Risicomanagement. De geldigheidsduur van een richtlijn is formeel gesteld op 5 jaar. Iedere 1 à 2 jaar zal worden beoordeeld of er ontwikkelingen zijn die een herziening van de richtlijn nodig maken. In die gevallen zal de validiteit van de richtlijn eerder komen te vervallen. Er zijn nog diverse onderwerpen die aan bod kunnen komen in een eventuele nieuwe, uitgebreidere, versie van de richtlijn. Samenstelling van de werkgroep Dr JD Banga, internist, voorzitter, UMC Utrecht Dr JJ Beutler, internist-nefroloog, Jeroen Bosch Ziekenhuis, loc GZG, Den Bosch Prof dr JBL Hoekstra, internist, AMC Amsterdam Dr AG Lieverse, internist, Maxima Medisch Centrum Eindhoven Dr AH Mudde, internist, Slingeland Ziekenhuis Doetinchem Mw ATM Jorna, internist, coördinator commissie Richtlijnontwikkeling NIV 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 3

4 Overgewicht en Obesitas als cardiovasculaire risicofactor VOORWOORD De richtlijn Overgewicht en Obesitas als cardiovasculaire risicofactor maakt deel uit van de NIV richtlijnen cardiovasculair risicomanagement. Doelstelling De richtlijn geeft aanbevelingen voor het identificeren en het behandelen van patiënten met een cardiovasculair gezondheidsrisico ten gevolge van overgewicht of obesitas, vooral die patiënten die zich in de internistische praktijk aandienen met meerdere cardiovasculaire risicofactoren. Richtlijngebruikers De richtlijn is in de eerste plaats geschreven voor internisten. De werkgroep die deze richtlijn heeft ontwikkeld, bestaat uit internisten. Onafhankelijkheid werkgroepleden De leden van de werkgroep hebben geen financieel of zakelijk belang bij het onderwerp van deze richtlijn. Werkwijze van de werkgroep De richtlijn is voor zover mogelijk gebaseerd op bewijs uit gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek. Hierbij is o.a. gebruik gemaakt van de Clinical Guidelines on the Identification, Evaluation, and Treatment of Overweight and Obesity in Adults, the Evidence Report, uitgebracht in 1998 door de National Institutes of Health (National Heart, Lung, and Blood Institute) Verenigde Staten. Verder is gebruik gemaakt van de American Gastroenterological Association Medical Position Statement and Technical Review on Obesity, verschenen in Voor recente publicaties van systematic reviews en gerandomiseerde onderzoeken op het gebied van overgewicht en obesitas werd een zoekactie verricht in de databases van Cochrane en Medline. De werkgroep heeft ook notitie kunnen nemen van het rapport van de Gezondheidsraad uit 2003 over Overgewicht en Obesitas, en van de Australische Clinical Practice Guidelines for the Management of Overweight and Obesity in Adults uit Voor de beoordeling van de geselecteerde artikelen op kwaliteit van onderzoek en indeling naar mate van bewijs is de CBO indeling gebruikt, weergegeven in Addendum. Waar uitspraken en aanbevelingen in voorliggende richtlijn zijn gebaseerd op bewijs gepresenteerd in de NIH 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 4

5 Guidelines wordt dit aangegeven als NIH evidence category A D. Conclusies en aanbevelingen gebaseerd op de Australische richtlijn worden aangegeven met Austr I IV resp A - D. Deze indelingen zijn ook opgenomen in het Addendum. Betekenis van de richtlijn Deze richtlijn moet worden gezien als een, zoveel mogelijk op bewijs gebaseerde, leidraad voor de praktijk. Een richtlijn is geen voorschrift. Afhankelijk van de professionele beoordeling van de behandelaar kan het in individuele gevallen nodig of wenselijk zijn van de richtlijn af te wijken. Herziening De validiteit van de richtlijn vervalt 5 jaar na verschijnen. Iedere 1 à 2 jaar wordt beoordeeld of er nieuwe ontwikkelingen zijn die een aanpassing van de richtlijn nodig maken. In dat geval zal de geldigheid van de richtlijn eerder komen te vervallen. De Werkgroep dankt de leden internisten van de NASO ( Nederlandse Associatie voor de Studie van Obesitas) voor hun kritisch commentaar in de bereidingsfase van deze richtlijn, en dr B van Ramshorst, chirurg, St Antonius Ziekenhuis Nieuwegein, voor zijn bijdrage aan de paragraaf over de chirurgische behandeling. 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 5

6 SAMENVATTING Het aantal personen met overgewicht en obesitas neemt in Nederland en mondiaal epidemische proporties aan. Oorzaken hiervoor zijn in de eerste plaats de algemene afname van de hoeveelheid lichaamsbeweging en een stijging van de caloriedichtheid van de voeding. De gezondheidsrisico s bij overgewicht bestaan uit een toegenomen kans op het ontstaan van type 2 diabetes mellitus en hart- en vaatziekten, naast klachten en aandoeningen van het houdings- en bewegingsapparaat en een aantal vormen van kanker. Overgewicht en obesitas op de kinderleeftijd verhoogt de kans op obesitas op latere leeftijd en kan bij kinderen en adolescenten al type 2 diabetes mellitus veroorzaken. Overgewicht en obesitas wordt gedefinieerd aan de hand van de Body Mass Index (BMI, of Quetelet Index, QI). De BMI kan gebruikt worden voor classificatie van overgewicht en obesitas en het daaraan gerelateerde gezondheidsrisico bij volwassen personen tot het 55 e jaar. Boven de 55 jaar is de middelomtrek een betere maat voor bepaling van het risico gerelateerd aan het gewicht. Bij screening op cardiovasculaire risicofactoren hebben BMI en middelomtrek beide een plaats. Viscerale (intra-abdominale) obesitas verdient speciale vermelding, het is onderdeel van het metabool syndroom. Bij dit type obesitas is het risico op cardiovasculaire ziekte en sterfte verhoogd in vergelijking tot andere vormen van obesitas. Overige componenten van het metabool syndroom zijn insulineresistentie, verminderde glucosetolerantie of type 2 diabetes mellitus, hypertensie en dyslipidemie. Ter uitsluiting van secundaire adipositas komen hypothyreoidie en syndroom van Cushing in aanmerking. Het is van belang de invloed van bepaalde groepen medicamenten op ontwikkeling van overgewicht te herkennen. Het verhoogde risico op cardiovasculaire ziekten ten gevolge van overgewicht en obesitas neemt af vanaf het 65 e jaar en is afwezig vanaf het 75 e jaar. De gezondheidscomplicaties in het algemeen nemen tot het 75 e jaar lineair toe met de mate van overgewicht. 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 6

7 Het doel van vermindering van overgewicht en obesitas bestaat uit vermindering van het risico op cardiovasculaire ziekte en sterfte. Het nut van gewichtsvermindering ten aanzien van verlaging van verschillende metabole risicofactoren voor hart- en vaatziekten, uitstel van diabetes mellitus type 2, vermindering van cardiorespiratoire symptomen en verbetering van hartfunctie en kwaliteit van leven is aangetoond. Ook de gunstige invloed van bewuste gewichtsvermindering op totale sterfte, cardiovasculaire sterfte en diabetesgerelateerde sterfte is aangetoond. Naast adviezen en begeleiding ten aanzien van dieet en lichaamsbeweging kunnen gedragstherapie, medicamenteuze behandeling en bariatrische ingrepen onderdeel van de behandeling vormen. Gedragstherapie kan aanvullend van waarde zijn. Cognitieve gedragstherapie is aangewezen voor personen met een gestoorde gezondheidsperceptie. Farmacotherapie heeft op dit moment slechts een bescheiden effect. Bariatrische interventies hebben een duidelijk indicatiegebied en vinden thans vermoedelijk op te kleine schaal plaats. AANBEVELINGEN Gezien de aanzienlijke morbiditeit die overgewicht en obesitas teweegbrengen komt de internist onherroepelijk met dit gezondheidsprobleem in aanraking. Het lijkt daarom raadzaam dat de internist: - in staat is overgewicht en obesitas te identificeren en te rubriceren naar ernst; - de gezondheidsrisico s gepaard gaande met overgewicht en obesitas aan de patiënt duidelijk kan maken: kansen op (co)morbiditeit en relatieve risico`s - verwijsmogelijkheden kent voor dieetanamnese en begeleiding, anamnese en begeleiding t.a.v. lichamelijke activiteit; 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 7

8 - indicaties en beperkingen kent van gedragstherapie, farmacotherapie en bariatrische chirurgie. Beoordeling van het lichaamsgewicht is een onderdeel van het vaststellen van het cardiovasculair risicoprofiel. De behandeling moet gericht zijn op vermindering van het lichaamsgewicht door middel van aanpassing van het voedingspatroon en uitbreiding van de dagelijkse lichaamsbeweging. De in eerste aanzet na te streven gewichtsreductie is 10% in zes maanden. Al bij 5% gewichtsreductie is er een verminderd risico op diabetes mellitus type 2. Een gewichtsinterventie waarbij op lange termijn een reductie van 10-15% van het lichaamsgewicht bereikt wordt, kan als geslaagd worden beschouwd. 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 8

9 Samenvatting aanbevelingen Overgewicht en Obesitas Richtlijn Overgewicht / Obesitas en cardiovasculair risico BMI 30 of BMI en 2 risicofactoren of Middelomtrek > 88 cm(vrouwen) resp >102 cm(mannen) en 2 risicofactoren Is patiënt gemotiveerd om af te vallen Ja Nee Adviseer om 10% van het gewicht af te vallen of 0,5-1 kg/week in een periode van 6 maanden Probeer te overtuigen niet méér aan te komen Besteed aandacht aan overige risicofactoren Controleer periodiek gewicht, BMI, middelomtrek Beleid: Optie 1 Dieet Lichamelijke activiteit Gedragstherapie Beleid heeft geheel of gedeeltelijk resultaat Ja Onderhoud begeleiding: Dieet, lichamelijke activiteit, gedragstherapie Periodieke monitoring gewicht, BMI, middelomtrek Nee Onderzoek oorza(a)k(en) voor het mislukken Beleid: Optie 2 In aanvulling op eerste behandeling, wanneer gewicht < 0,5 kg/wk gedaald in 6 maanden, indien BMI 30 of BMI 27 en 2 risicofactoren FARMACOTHERAPIE Beleid: Optie 3 Wanneer eerste behandeling en farmacotherapie hebben gefaald, indien BMI 40 of BMI 35 en 2 risicofactoren CHIRURGISCHE 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 9

10 INLEIDING De oorzaken van het toenemend overgewicht in de bevolking zijn een toegenomen calorische waarde van de voeding (1) en minder lichaamsbeweging (2-4). Preventie en behandeling schieten dikwijls tekort, terwijl met adequate begeleiding op korte en soms ook op lange termijn wel enige gewichtsvermindering kan worden bereikt. De internist zal bij de behandeling van overgewicht en obesitas veel te maken hebben met patiënten met viscerale obesitas als onderdeel van het metabool syndroom, dat zich kenmerkt door een hoog risico van cardiovasculaire morbiditeit en mortaliteit. Begripsbepaling, definities De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) beveelt voor volwassenen de volgende classificatie voor overgewicht aan, gebaseerd op de Quetelet Index (QI) = Body Mass Index (BMI), gedefinieerd als het lichaamsgewicht in kg gedeeld door het kwadraat van de lichaamslengte in meters (kg/m 2 ) (5). Tabel I: Classificatie van overgewicht op grond van BMI: Risico op comorbiditeit: 18,5 24,9 kg/ m 2 : acceptabel gewicht gemiddeld 25,0 29,9 kg/ m 2 : overgewicht weinig verhoogd 30,0 34,9 kg/ m 2 : obesitas I matig verhoogd 35,0 39,9 kg/ m 2 : ernstige obesitas II sterk verhoogd 40,0 kg/ m 2 : morbide obesitas. III zeer sterk verhoogd De BMI correleert met het percentage lichaamsvet, doch deze relatie wordt onafhankelijk beïnvloed door geslacht, leeftijd en ras (6). Het vetpercentage is met behulp van een nomogram aan de hand van de BMI, leeftijd en geslacht redelijk nauwkeurig te voorspellen (7). De BMI op zichzelf geeft uiteraard geen inzicht in de vetverdeling over het lichaam. Het risico op met name cardiovasculaire aandoeningen bij obesitas is hoger bij een abdominale, ook wel centrale vetverdeling genoemd. Een maat voor de hoeveelheid abdominaal vet (visceraal dwz intraabdominaal, plus subcutaan) kan verkregen worden door de Middelomtrek te meten (8), zie Tabel II. Een middelomtrek boven de norm, naast de BMI, geeft een additioneel gezondheidsrisico weer (9). 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 10

11 Tabel II: Middelomtrek: Risico op comorbiditeit: (8) Mannen < 94 cm normaal > 94 cm toegenomen matig verhoogd > 102 cm fors toegenomen hoog risico Vrouwen < 80 cm normaal > 80 cm toegenomen matig verhoogd > 88 cm fors toegenomen hoog risico Een andere methode die een indruk geeft van de hoeveelheid abdominaal vet is de Middel-Heup Ratio (MHR) of Taille-heup ratio: verhouding van middelomtrek, gemeten ter hoogte van de spina iliaca anterior, ten opzichte van de grootste omtrek gemeten ter hoogte van de heupen. Bij een MHR 1.0 is er een hoog morbiditeitsrisico; de veilige waarde voor mannen is 0.90 en voor vrouwen Kanttekeningen Bij het gebruik van de BMI voor het classificeren van overgewicht en obesitas en het inschatten van gezondheidsrisico[who (5), NIH (10)]. BMI grenswaarden bij kinderen afhankelijk van de leeftijd. Er zijn internationale criteria opgesteld voor de signalering van overgewicht en obesitas op de kinderleeftijd, de BMI grenzen voor overgewicht en obesitas zijn afhankelijk van de leeftijd (11). De BMI op de kinderleeftijd heeft een voorspellende waarde voor het latere gewicht op volwassen leeftijd (12). Kinderen en adolescenten in de hoogste BMI-percentielen hadden een grote kans op de ontwikkeling van overgewicht of obesitas op 35-jarige leeftijd (13). Bij kinderen van Turkse en Marokkaanse afkomst is de prevalentie van overgewicht en obesitas hoger dan bij autochtone leeftijdsgenootjes (12). Betrekkelijke waarde van BMI bij personen 55 jaar en ouder (14) De BMI lijkt als risicomaat van overgewicht de grootste waarde te hebben voor personen in de leeftijdscategorieën van jonge volwassenen tot ongeveer 55 jaar. Op hogere leeftijd spelen veranderingen in de lichaamssamenstelling een rol, zoals verandering van de vetverdeling bij vrouwen, meer centrale vetdistributie, afname van de lean body mass bij 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 11

12 mannen en vrouwen, en lengteverlies (15). Een hogere sterftekans bij toegenomen BMI wordt dan ook niet in alle studies bij ouderen waargenomen. Bovendien is er op hogere leeftijd selectieve overleving te verwachten en is er hoe dan ook een hogere mortaliteit. De betrekkelijke waarde van antropometrische risico-indicatoren kan worden geïllustreerd aan de hand van de Rotterdam studie (14). Hierin bleek bij mannen van 55 jaar en ouder (en dan alleen bij de niet-rokers) de middelomtrek, en niet de BMI, het sterfterisico goed te voorspellen. Deze bevinding suggereert twee dingen: 1) het belang van overgewicht of obesitas kan wegvallen tegenover een belangrijke risicofactor als roken, en 2) de verandering van lichaamssamenstelling op oudere leeftijd maakt de middelomtrek geschikter dan de BMI als risico-indicator. Bij ouderen (vanaf ± 70 jaar) is niet zozeer het gewicht, maar de stabiliteit van het lichaamsgewicht van belang voor het sterfterisico (16). CONCLUSIE: De BMI is de meest aanbevolen maat voor beschrijving van overgewicht en obesitas en inschatting van een verhoogde kans op ziekte en sterfte. Voor de leeftijden tussen 20 en 55 jaar is de BMI hiervoor inderdaad een goede maat; vanaf 55 jaar is de middelomtrek mogelijk een betere voorspeller. Bij screening op cardiovasculaire risicofactoren hebben BMI en middelomtrek beide een plaats. Epidemiologie De prevalentie van overgewicht en obesitas is de afgelopen jaren toegenomen, en neemt naar verwachting nog verder toe. Tussen 1976 en 1997 nam in Nederland de prevalentie van obesitas toe van 4,9 tot 8,5% bij mannen en van 6,2 tot 9,3% bij vrouwen in de leeftijdscategorie van jaar. Van 1993 tot 1997 nam bij mannen van jaar de prevalentie van 8,5% toe met 0,54 procentpunt per jaar. De prevalentie bij vrouwen was in ,6% en nam met 0,35 procentpunt per jaar toe. De prevalentie van obesitas was altijd het hoogst in groepen met de laagste sociaal economische status (17,18). De verschillen in obesitas in relatie tot sociaal economische klasse nemen in de loop van het leven toe (19). Recente gegevens echter, o.a. uit de VS, wijzen er op dat de obesitasprevalentie nu ook stijgt in de groepen met een hogere sociaal economische status (11,18,20). Hoe verhoudt het probleem van overgewicht en obesitas in Nederland zich tot andere landen? Van obesitas is sprake bij 5-10% van de totale wereldbevolking. In de minst ontwikkelde landen is de prevalentie minder dan 5%, in de geïndustrialiseerde landen 10-30% (5). In de landen met een zich ontwikkelende economie (transitielanden) zoals India, China, Zuid-Amerika is de prevalentie nagenoeg gelijk aan die van de westerse landen. In de Verenigde Staten is bij , Nederlandsche Internisten Vereeniging 12

13 procent van de volwassenen (20-74 jaar) sprake van overgewicht en bij 31% van obesitas (21). Er zijn nog geen tekenen dat deze epidemie aan het afvlakken of verminderen is (22). Het aantal kinderen met vetzucht neemt snel toe blijkt uit Amerikaanse en ook uit Nederlandse cijfers (23,24). Er is wel verondersteld dat bij personen met obesitas het energieverbruik anders zou zijn dan bij personen zonder overgewicht, d.w.z. dat zij voor dezelfde inspanning minder energie zouden verbruiken dan personen met een normaal gewicht. Onderzoek heeft echter aangetoond dat deze ideeën onjuist zijn (25-27). Overigens blijkt dat personen met obesitas hun dagelijkse calorieinname veelal onderschatten; onderrapportage tot 50% is beschreven (28-30). Het is misschien goed zich te realiseren dat een geringe overmaat aan dagelijkse calorie-inname op termijn onherroepelijk leidt tot gewichtstoename. Het consumeren van één extra boterham per dag geeft in een jaar tijd 2 kg extra lichaamsgewicht. Aan Obesitas gerelateerde morbiditeit Naast toename van het risico op type 2 diabetes mellitus en hart- en vaatziekten bevorderen overgewicht en obesitas het ontstaan van diverse andere ziekten: o.a.verschillende maligniteiten (colon, mamma, prostaat, endometrium), artrosis deformans, cholelithiasis, non-alcoholic fatty liver disease, slaapapneu syndroomdoor frequente clustering met andere risicofactoren is het relatieve risico van cardiovasculaire incidenten door obesitas niet exact te bepalen, doch naar schatting dragen overgewicht en obesitas voor 13-37% bij aan het ontstaan van cardiovasculaire morbiditeit (31). Bij vrouwen draagt obesitas voor 52,9 % bij aan het ontstaan van DM type 2, bij mannen voor 26,3 %. Voor hypertensie geldt dat bij vrouwen 23,5 % is toe te schrijven aan obesitas, bij mannen 12,0 % van de gevallen [Tabel III, bron:rapport Gezondheidsraad 2003] (12). 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 13

14 Tabel III: Geschat ziekterisico voor volwassenen met obesitas* Vrouwen Prevalentie 9,6% RR PAR (%) Richtlijn Overgewicht / Obesitas en cardiovasculair risico Mannen Prevalentie 8,5% RR PAR (%) Diabetes mellitus type 2 12,7 52,9 5,2 26,3 Hypertensie 4,2 23,5 2,6 12,0 myocardinfarct 3,2 17,4 1,5 4,1 coloncarcinoom 2,7 14 3,0 14,5 Angina pectoris 1,8 7,1 1,8 6,4 galblaasziekten 1,8 7,1 1,8 6,4 ovariumcarcinoom 1,7 6,3 - - artrose 1,4 3,7 1,9 7,1 herseninfarct 1,3 2,8 1,3 2,5 Bron: rapport Gezondheidsraad (12) *Diabetes mellitus type 2, hypertensie en myocardinfarct zijn onderling gerelateerd. De prevalentiecijfers van obesitas zijn afkomstig uit het MORGEN-project van het RIVM, waarbij Nederlandse mannen en vrouwen zijn onderzocht in de leeftijd van jaar tussen 1993 en 1997 (32). De relatieve risico`s zijn afkomstig van de National Audit Office (UK). Een beperking van het gebruik van deze relatieve risico`s is dat de definities van obesitas verschillend waren in de verschillende onderzoeken waarop de berekening van de relatieve risico`s is gebaseerd. Verder zijn de leeftijdscategorieën niet te achterhalen. De commissie die het Gezondheidsraadrapport heeft opgesteld, heeft de relatieve risico`s geïnterpreteerd alsof ze van toepassing zijn op de volwassen bevolking. RR = relatief risico. PAR = populatie attributief risico, het percentage van de ziekte dat toe te schrijven is aan obesitas In de rij van te voorkomen sterfte-oorzaken in de Verenigde Staten nemen overgewicht en obesitas de tweede plaats in (10). Tien procent gewichtstoename vanaf het 20e levensjaar doet in de daarop volgende 40 jaar het coronaire sterfterisico met 17% toenemen (33). Bij een BMI > 40 kg/m 2 wordt over een periode van 14 jaar een relatief sterfterisico voor mannen van 2,6 en voor vrouwen van 2,0 beschreven ten opzichte van personen met een (normale) BMI van 23,5-25 kg/m 2 (34-37). Bij negroïden is deze relatie minder sterk (relatief risico 1,2-1,4) (34). Op oudere leeftijd is de relatie tussen overgewicht en obesitas en de kans op ziekte en sterfte niet eenduidig. Het verhoogde risico van cardiovasculaire ziekten en mortaliteit ten gevolge van overgewicht neemt af vanaf 65 jaar en is afwezig vanaf 75 jaar (38). Aan de ene kant daalt het relatieve sterfterisico bij een hoge BMI met toenemende leeftijd (39). Bovendien is (in ieder geval voor niet rokende mannen >55 jaar) het gewichtgerelateerde sterfterisico beter af te lezen aan de middelomtrek. Aan de andere kant neemt het absolute sterfterisico met de leeftijd toe. Bij personen ouder dan 70 jaar is de stabiliteit van het gewicht een betere voorspeller van gezondheid dan de hoogte van de BMI. Het relatieve sterfterisico ten gevolge van obesitas daalt dan wel bij toenemende leeftijd, er zijn aanwijzingen dat er op hoge leeftijd wel een negatief effect is van obesitas op de kwaliteit van 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 14

15 leven. De gezondheidscomplicaties in relatie met obesitas nemen lineair toe met toenemende BMI tot het 75 e jaar. Viscerale obesitas verdient speciale vermelding als onderdeel van het metabool syndroom, verder bestaande uit insulineresistentie, gestoorde glucosetolerantie of type 2 diabetes mellitus, hypertensie en dyslipidemie. Viscerale obesitas verhoogt het risico op cardiovasculaire ziekte en sterfte in vergelijking tot andere vormen van obesitas (40). Op de etiologie wordt hier niet verder ingegaan. DIAGNOSTIEK Screening Bij screening op cardiovasculaire risicofactoren verdient het aanbeveling de BMI en de middelomtrek te bepalen en deze te betrekken bij het individueel risicoprofiel. Anamnese De anamnese moet gericht zijn op het uitsluiten van ziekten die gepaard kunnen gaan met adipositas. Dit betreft vooral hypothyreoidie en het syndroom van Cushing, wanneer klachten of uiterlijk hiervoor aanleiding geven. In de tweede plaats moet de anamnese gericht zijn op het inschatten van het gezondheidsrisico: -levensstijl: eetpatroon, fysieke activiteit -overige cardiovasculaire risicofactoren: actueel, voorgeschiedenis, familiaire belasting Bij de anamnese dient men er rekening mee te houden dat personen met overgewicht en obesitas hun dagelijkse voedselinname flink kunnen onderschatten en daarbij een gestoorde perceptie van voedselinname en lichaamsgewicht kunnen hebben. Het verdient derhalve aanbeveling een goede voedingsanamnese af te (laten) nemen door daartoe geschoolde personen (diëtist, verpleegkundige). Lichamelijk onderzoek Lengte, gewicht, BMI en middelomtrek worden gemeten. De middelomtrek meet men ter hoogte van de navel, d.w.z. halverwege het laagste punt van de ribbenboog en de spina iliaca anterior superior. 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 15

16 Bij het lichamelijk onderzoek moet aandacht worden besteed aan mogelijke differentiële diagnosen: zijn er tekenen van hypothyreoïdie, Cushing? Verder is het lichamelijk onderzoek gericht op het beoordelen van cardiovasculaire status; bloeddruk, hart en perifere bloedvaten, en op het inventariseren van overige cardiovasculaire risicofactoren. Bepaling mate van overgewicht Met de BMI kan in eerste instantie overgewicht en obesitas worden omschreven en het relatieve ziekterisico ten opzichte van een normale BMI worden geschat. Boven de 55 jaar is de middelomtrek misschien een betere risico-indicator. Voor volwassenen, zeker degenen met een BMI tussen 25 en 34,9 kg/m 2, verdient het aanbeveling om naast de BMI de buikomvang te bepalen om een verhoogd ziekterisico te identificeren. Cardiovasculair risico Het verdient aanbeveling een zo volledig mogelijke schatting te maken van het cardiovasculaire risico bij personen met overgewicht en obesitas. Bepaling van de BMI is slechts een onderdeel van deze schatting. Bij obesitas veel voorkomende overige cardiovasculaire risicofactoren zijn hypertensie, roken, een laag HDL-cholesterol en verhoogde triglyceriden, een matig verhoogd LDL-cholesterol, verminderde glucosetolerantie of diabetes mellitus, micro-albuminurie en een leefstijl met een verkeerd voedingspatroon (overmatige inname van calorieën) en met weinig lichaamsbeweging. De in Nederland gangbare risicoschatting gebaseerd op de Framingham formule wordt in de nieuwe multidisciplinaire EBRO-richtlijn cardiovasculair risicomanagement (te verschijnen in 2004) vervangen door de Europese SCORE risicoberekening (41). Bij patiënten met overgewicht of obesitas verdient het controleren en behandelen van cardiovasculaire risicofactoren tenminste zoveel aandacht als gewichtsvermindering. Reductie van risicofactoren zal de kans op cardiovasculaire aandoeningen verminderen ongeacht het welslagen van pogingen om gewicht te verliezen (NIH=10). Tabel. Definitie van het metabool syndroom volgens NCEP ATP III 42 Risicofactor Grenswaarde Ideaalwaarde Abdominale obesitas Mannen Vrouwen Nuchter Triglyceriden Middelomtrek Ideaalwaarde >102 cm <94 cm >88 cm >1.7 mmol/l 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 16

17 HDL cholesterol Mannen Vrouwen Bloeddruk Nuchter glucose <1.0 mmol/l <1.2 mmol/l 130/ 85 mmhg 6.1 mmol/l Opmerkingen die in het NCEP/ATP III advies hieraan zijn toegevoegd: 1) Overgewicht en obesitas zijn gerelateerd aan insulineresistentie en het metabool syndroom. Aangezien abdominale obesitas een betere correlatie heeft met de metabole risicofactoren dan de BMI, werd hier gekozen voor de middelomtrek als component van het metabool syndroom. 2) Bij mannen kunnen meerdere metabole risicofactoren aanwezig zijn bij slechts geringe toename van de middelomtrek ( cm). Hierbij kan een sterke erfelijke component meespelen. Ook deze groep heeft baat bij leefstijlveranderingen. Differentiële diagnostiek Secundaire obesitas kan voorkomen soms door hypothyreoidie, zelden door: -syndroom van Cushing, -insulinoom, -hypothalamusafwijkingen, -genetische syndromen (Prader-Willi syndroom, Bardet-Biedle syndroom), -bijwerking geneesmiddelen. Van een aantal geneesmiddelen is bekend dat ze een rol kunnen spelen bij gewichtstoename doordat het hongergevoel wordt beïnvloed of het energieverbruik: Benzodiazepines, Corticosteroïden, Antipsychotica, Tricyclische antidepressiva, Anti-epileptica, Sulphonylureumderivaten, Insulines. Laboratorium diagnostiek De volgende laboratoriumdiagnostiek verdient aanbeveling: Nuchter glucosegehalte. In geval van `impaired fasting glucose`, tussen 6 en 7 mmol/l, in ieder geval controle van nuchter glucosegehalte afspreken; TSH, totaal cholesterol, HDL cholesterol, triglyceriden, kreatinine, eventueel microalbumine in urine. AF, γgt, ASAT, ALAT. Bij gerede verdenking op Cushing, screeningstesten inzetten en patiënt naar endocrinoloog verwijzen. 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 17

18 BEHANDELING Het doel van de behandeling van overgewicht en obesitas bestaat uit het verminderen van het risico op cardiovasculaire ziekte en sterfte. De beslissing of obesitas bij oudere patiënten behandeld moet worden, wordt bepaald door een evaluatie van de potentiële voordelen van gewichtsverlies voor het dagelijks functioneren en de te bereiken reductie van het cardiovasculaire risico in de toekomst. Men dient te letten op mogelijke ongewenste effecten van gewichtsreductie ten aanzien van essentiële nutriënten en de botstatus (NIH Evidence D). Bovendien mag in de overweging worden betrokken dat de relatie van licht tot matig overgewicht (BMI 25 tot ± 29 kg/m 2 ) met cardiovasculaire ziekten lijkt af te nemen vanaf 65 jaar en afwezig lijkt te zijn vanaf 75 jaar (43). Voor obesitas is de relatie met cardiovasculaire mortaliteit eveneens op oudere leeftijd duidelijker kleiner dan op jongere leeftijd. Voorwaarde voor het welslagen van behandeling van overgewicht en obesitas moet zijn dat de patiënt zelf positief tegenover gewichtsreducerende behandeling staat. Bij inventarisatie van voedingspatroon en lichaamsbeweging en bij de begeleiding van behandeling en het motiveren van patiënten is een rol weggelegd voor de diëtist en/of de praktijkverpleegkundige. Patiënten met overgewicht en obesitas neigen hun dagelijkse calorie-inname te onderschatten en de hoeveelheid dagelijkse lichaamsbeweging te overschatten (44,45). Bij personen die niet reageren op een dieet is dit het grootste probleem. Bij personen met overgewicht en obesitas doet gewichtsreductie het risico op diabetes en andere cardiovasculaire risicofactoren afnemen (10). Effect van gewichtsreductie: Vermindering hypertensie (10,46,47)(NIH Evidence A) Verbetering lipidenprofiel (10,46,48)4(NIH Evidence A) Verlaging plasma glucose bij personen met diabetes type 2 (10,46,47)(NIH Evidence A) Uitstel van het optreden van diabetes type 2 (49-53) (Niveau 1) Vermindering cardiorespiratoire symptomen (54) (Niveau 3) Vermindering linkerventrikelhypertrofie en verbetering hartfunctie (55-59) (Niveau 2) Verbetering kwaliteit van leven (46,60-62) (Niveau 2) 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 18

19 Invloed van gewichtsreductie op mortaliteit Er zijn drie studies waarin het effect van bedoeld gewichtsverlies op overleving is onderzocht. In een cohort van blanke vrouwen in de VS met overgewicht of obesitas trad 20% reductie in mortaliteit t.g.v.alle oorzaken op (63). In eenzelfde cohort mannen nam de sterfte aan diabetesgerelateerde pathologie wel af, maar aan CVD niet (64). Onder diabetespatiënten nam de totale sterfte onder invloed van intentioneel gewichtsverlies af met 25%, die aan cardiovasculaire aandoeningen en diabetes gerelateerde pathologie met 28% (65). De behandeling van overgewicht moet gericht zijn op het veranderen van het voedingspatroon en het aanpassen van lichaamsbeweging met het doel obesitas te voorkomen en (matig gewichtsverlies te bereiken. Zie stroomdiagram in de samenvatting, blz 7. De behandeling van obesitas moet gericht zijn op het bereiken van permanente substantiële gewichtsvermindering. (Op zijn minst moet preventie van verdere gewichtstoename worden bereikt). Aanbevolen wordt om in eerste aanzet te streven naar het verminderen van het gewicht met 10% van het uitgangsgewicht (NIH Evidence A). Een redelijke termijn om dit doel te bereiken is 6 maanden. Het uiteindelijke doel is vanzelfsprekend het bereiken van gewichtsreductie en het handhaven van een lager gewicht over een langere periode. Uit het oogpunt van gezondheidswinst kan een blijvend gewichtsverlies van 10-15% als succesvol worden beschouwd. Wat betreft diabetes mellitus is er al een verminderd risico bij 5% gewichtsverlies (66). STRATEGIE Het bereiken van gewichtsvermindering dient in de eerste plaats met een dieet en een programma van lichamelijke inspanning te worden nagestreefd. Vervolgens dient, na de aanvankelijke fase waarin een lager gewicht is bereikt, het bereikte lagere gewicht te worden vastgehouden. Een voortgezet programma met stimulering van dieet, lichaamsbeweging en gedragsverandering kan dit bevorderen. De effectiviteit en veiligheid van langdurig voortgezet gebruik van medicamenten (langer dan 2 jaar, zie farmacotherapie) is onvoldoende aangetoond (NIH Evidence B). Interventieprogramma`s waarin ook op lange termijn regelmatig contact bestaat tussen patiënt en behandelaar verdienen de voorkeur, aangezien deze leiden tot meer succesvolle permanente afname van gewicht (NIH Evidence C). 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 19

20 1. Dieet Beperking van de totale energie-inname blijft de basis om tot gewichtsreductie te komen (Niveau 1). Voor alle vormen van dieet geldt, dat voortgezette professionele begeleiding de bereikte gewichtsreductie kan bestendigen (Aus level II). Om gewichtsverlies te bereiken wordt een laagcalorisch dieet (LCD; dit betekent kcal/dag) of eventueel een zeer laag calorisch dieet (VLCD; dit betekent <800kcal/dag) aangeraden (NIH Evidence A). Een laag-calorisch dieet (4-5 megajoules/d) kan in 6 maanden een gewichtsreductie van 7-13 kg en een afname van het viscerale vet bewerkstelligen. Laag-calorische diëten kunnen niet op lange termijn worden voortgezet; bij toepassing ervan is nauwgezette begeleiding nodig. (Aus level B) Met zeer laagcalorische diëten kan in 4-20 weken 9-26 kg gewichtsreductie bereikt worden, maar het succes na 1-2 jaar is zeer wisselvallig; de kans op succes is groter in combinatie met gedrags- of medicamenteuze therapie. (Aus level I) Deze diëten kunnen korte tijd worden voorgeschreven met nauwgezette begeleiding, liefst in combinatie met een vervolgtraject van gedragstherapie en medicamenteuze ondersteuning. (Aus level B) Als een gewichtsverlies van 0,5-1,0 kg/week wordt nagestreefd, dan is het raadzaam een individueel bepaald dieet te volgen, waarmee een dagelijks calorie-deficit van kcal /dag wordt bereikt (NIH Evidence A). Het beperken van het vetgehalte als onderdeel van een laag-calorisch dieet is een praktische manier van caloriebeperking (NIH Evidence A). Het beperken van alleen vet zonder de calorieinname te verminderen, is onvoldoende om gewichtsverlies te bereiken (NIH Evidence A). Met maatijdvervangers gedurende 1-5 jaar kan een gewichtsvermindering van 3-9,5 kg bereikt worden, met significante vermindering van comorbide factoren. (Aus level II) Met maaltijdvervangers kan een klinisch relevante gewichtsreductie bereikt worden. (Aus level B) Er is momenteel geen bewijsmateriaal voor het gebruik op lange termijn van z.g. populaire diëten zoals met een laag koolhydraatgehalte of bestaande uit een enkele voedselsoort. Sommige diëten lijken veelbelovend, zoals die met gemodificeerde vetten, een toegenomen eiwitgehalte en een lage glycemische index, doch ook hiervan ontbreken langetermijn gegevens. Ten aanzien van alcoholgebruik blijkt uit voedingsexperimenten dat alcohol een additionele caloriebron vormt die bijdraagt aan een te hoge calorische inname en opslag van vet. 2. Lichamelijke activiteit Op populatieniveau is er een verband tussen geringe lichamelijke inspanning en obesitas. (Austr level III-3) 2004, Nederlandsche Internisten Vereeniging 20

OBESITAS STAPPEN NAAR GEZONDHEID. Dr. Marly Oosterhof

OBESITAS STAPPEN NAAR GEZONDHEID. Dr. Marly Oosterhof OBESITAS STAPPEN NAAR GEZONDHEID Dr. Marly Oosterhof STAPPEN NAAR GEZONDHEID Wat is obesitas? Definitie Classificatie Contribuerende factoren Complicaties Behandeling OBESITAS Wat is obesitas? Obesitas

Nadere informatie

Bij de behandeling en begeleiding van CVRM neemt de diëtist als zorgaanbieder binnen de zorgketen de dieetadvisering 1 op zich.

Bij de behandeling en begeleiding van CVRM neemt de diëtist als zorgaanbieder binnen de zorgketen de dieetadvisering 1 op zich. Bijlage 1: samenwerkingsafspraken diëtisten binnen DBC CVRM GHC Uitgangspunten Cardio Vasculair Risico Management (CVRM) staat voor de diagnostiek, behandeling en follow-up van risicofactoren voor hart-

Nadere informatie

Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement. 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan

Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement. 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan Vet in Historisch Perspectief simpele vetopstapelingsziekte

Nadere informatie

Voedingsmanagement in de Psychiatrie

Voedingsmanagement in de Psychiatrie Voedingsmanagement in de Psychiatrie Anneke van Hellemond, diëtist Anneke Wijtsma, diëtist 1 Inhoud presentatie Voedingsproblemen Overgewicht Metabool syndroom Verwijzen naar gespecialiseerd diëtist Behandelwijze

Nadere informatie

Protocol obesitas. Mw. J. Mentink, student geneeskunde. Drs. W.E. Schrader, huisarts. Drs. D.M. Keesenberg, gezondheidswetenschapper

Protocol obesitas. Mw. J. Mentink, student geneeskunde. Drs. W.E. Schrader, huisarts. Drs. D.M. Keesenberg, gezondheidswetenschapper Protocol obesitas Mw. J. Mentink, student geneeskunde Drs. W.E. Schrader, huisarts Drs. D.M. Keesenberg, gezondheidswetenschapper BMI & buikomvang Diagnostiek Oorzaken van obesitas Risicofactoren & co-morbiditeit

Nadere informatie

Samenvatting. Epidemie

Samenvatting. Epidemie Samenvatting Met dit advies voldoet de Gezondheidsraad aan het verzoek van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een inventarisatie op te stellen van nieuwe inzichten en te verwachten wetenschappelijke

Nadere informatie

Chapter 10 Samenvatting

Chapter 10 Samenvatting Chapter 10 Samenvatting Chapter 10 De laatste jaren is de mortaliteit bij patiënten met psychotische aandoeningen gestegen terwijl deze in de algemene populatie per leeftijdscategorie is gedaald. Een belangrijke

Nadere informatie

Koolhydraten en de preventie van welvaartsziekten

Koolhydraten en de preventie van welvaartsziekten Koolhydraten en de preventie van welvaartsziekten Evidence-based richtlijn van de German Nutrition Society Van vezels tot suikers: koolhydraten omvatten een brede range van voedingsstoffen. Wat is er precies

Nadere informatie

Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen. David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek

Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen. David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek Achtergrond Het Klinefelter syndroom(ks): Genetisch kenmerk extra X-chromosoom:

Nadere informatie

SAMENVATTING SAMENVATTING

SAMENVATTING SAMENVATTING HbA 1c ontstaat door de versuikering van hemoglobine, het belangrijkste bestanddeel van rode bloedcellen. In het bloed bindt een glucosemolecuul (niet-enzymatisch) met een aminozuur van de β-keten van

Nadere informatie

Metabool syndroom. Bestaat het wel bij de oudere psychiatrische patiënt?

Metabool syndroom. Bestaat het wel bij de oudere psychiatrische patiënt? Metabool syndroom Bestaat het wel bij de oudere psychiatrische patiënt? Even voorstellen Casper Jansen Specialist ouderengeneeskunde Centrum voor ouderenpsychiatrie GGNet Sanne Wassink-Vossen Verpleegkundig

Nadere informatie

BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA ZWAARLIJVIGHEID. Blaine Stiger - FOTOLIA DUIDELIJKE ANTWOORDEN

BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA ZWAARLIJVIGHEID. Blaine Stiger - FOTOLIA DUIDELIJKE ANTWOORDEN BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA ZWAARLIJVIGHEID Blaine Stiger - FOTOLIA DUIDELIJKE ANTWOORDEN Globaal Cardiovasculair Risico Sommige gedragingen in ons dagelijks leven vergroten de kans dat we vroeg of laat

Nadere informatie

Dia 1. Dia 2. Dia 3. Interabdominaal vet het grootste endocriene orgaan

Dia 1. Dia 2. Dia 3. Interabdominaal vet het grootste endocriene orgaan Dia 1 Interabdominaal vet het grootste endocriene orgaan 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan Dia 2 Dia 3 Dia 4 Sterfte hart-vaatziekten Dia 5 Conclusies

Nadere informatie

Gezond gewicht. Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies. Jouw gezondheid is onze zorg

Gezond gewicht. Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies. Jouw gezondheid is onze zorg Gezond gewicht Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies Jouw gezondheid is onze zorg Inhoud Overgewicht 3 Oorzaken 4 Gezond gewicht 4 Tailleomvang 5 Voorkomen van overgewicht 6 Wat kun je

Nadere informatie

Fries Wisselprotocol CVRM Auteurs: Wim Brunninkhuis, Martinus Fennema en Froukje Ubels, November 2014 Beheerder: Froukje Ubels

Fries Wisselprotocol CVRM Auteurs: Wim Brunninkhuis, Martinus Fennema en Froukje Ubels, November 2014 Beheerder: Froukje Ubels Fries Wisselprotocol CVRM Auteurs: Wim Brunninkhuis, Martinus Fennema en Froukje Ubels, November 2014 Beheerder: Froukje Ubels Basis Educatie Leefstijloptimalisatie: o matig alcoholgebruik o bewuste voeding

Nadere informatie

Nieuwe ontwikkelingen in de huisartspraktijk

Nieuwe ontwikkelingen in de huisartspraktijk Voeding en overgewicht: theorie en praktijk De rol van zuivel Nieuwe ontwikkelingen in de huisartspraktijk Jaap van Binsbergen afdeling Eerstelijnsgeneeskunde Ja, obesitas; dat weten wij nu wel Trouwens:

Nadere informatie

hoofdstuk 1 hoofdstuk 2 hoofdstuk 3

hoofdstuk 1 hoofdstuk 2 hoofdstuk 3 SAMENVATTING Dit proefschrift is gewijd aan Bouwen aan Gezondheid : een onderzoek naar de effectiviteit van een leefstijlinterventie voor werknemers in de bouwnijverheid met een verhoogd risico op hart

Nadere informatie

Mijn kind is te dik Oorzaak, gevolg en behandeling. Rintveld, Altrecht

Mijn kind is te dik Oorzaak, gevolg en behandeling. Rintveld, Altrecht Mijn kind is te dik Oorzaak, gevolg en behandeling Rintveld, Altrecht Medisch contact nr 49 In een nieuwe multidisciplinaire richtlijn is afgesproken dat obesitas een chronische ziekte is. Dit heeft niet

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Centrum Over Gewicht

Patiënteninformatie. Centrum Over Gewicht Patiënteninformatie Centrum Over Gewicht 1. Centrum Over Gewicht Een multidisciplinaire aanpak voor overgewicht en obesitas Heelkundig en conservatief programma Behandeling op maat Begeleide opvolging

Nadere informatie

.192. Etnische ongelijkheid in hart- en vaatziekterisico:

.192. Etnische ongelijkheid in hart- en vaatziekterisico: Samenvatting Etnische ongelijkheid in hart- en vaatziekterisico: de aanwezigheid van risicofactoren onder Amsterdammers met een Turkse en Marokkaanse etnische achtergrond. De incidentie van hart- en vaatziekten

Nadere informatie

Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2)

Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2) Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2) Nederlandse Diabetes Federatie 033-4480845 info@diabetesfederatie.nl Stationsplein 139 3818 LE Amersfoort Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2) De

Nadere informatie

METING TANITA INNERSCAN. NAAM:. LEEFTIJD:. LENGTE cm:. GESLACHT: M / V. Gewicht. Vetpercentage. Watergehalte % Spiermassa.

METING TANITA INNERSCAN. NAAM:. LEEFTIJD:. LENGTE cm:. GESLACHT: M / V. Gewicht. Vetpercentage. Watergehalte % Spiermassa. METING TANITA INNERSCAN NAAM:. LEEFTIJD:. LENGTE cm:. GESLACHT: M / V DATUM DATUM DATUM DATUM Gewicht Vetpercentage Watergehalte % Spiermassa Lichaamsbouwtype Basismetabolisme Metabolische leeftijd Botmassa

Nadere informatie

Nieuwe guidelines voor preventie. Cardio 2013 Johan Vaes

Nieuwe guidelines voor preventie. Cardio 2013 Johan Vaes Nieuwe guidelines voor preventie Cardio 2013 Johan Vaes Waarom is preventie nodig? CV ziekten blijven belangrijkste doodsoorzaak Zowel mannen als vrouwen Overlijden voor 75 j is ten gevolge van CV ziekten

Nadere informatie

Fries Wisselprotocol CVRM

Fries Wisselprotocol CVRM Fries Wisselprotocol CVRM Basis Educatie Leefstijloptimalisatie: o matig alcoholgebruik o bewuste voeding waaronder zoutbeperking (tot 5 gram/dag) o stoppen roken o voldoende lichamelijke activiteiten

Nadere informatie

Kent u de cijfers van uw hart?

Kent u de cijfers van uw hart? Kent u de cijfers van uw hart? CHOLESTEROL? GEWICHT/ BUIKOMTREK? UW? BLOEDDRUK? SUIKERGEHALTE? V.U.: Dr Freddy Van de Casseye - Elyzeese-Veldenstraat 63-1050 Brussel Belgische Cardiologische Liga www.cardiologischeliga.be

Nadere informatie

Bepalingenclusters CVRM

Bepalingenclusters CVRM Bepalingenclusters CVRM Onderstaande clusters zijn afkomstig uit de HIS-tabel Bepalingenclusters en zijn in verschillende HIS en ingebouwd. De clusters zijn opgebouwd uit bepalingen uit de HIS-tabel diagnostische

Nadere informatie

Bijlage III Wijzigingen van de samenvattingen van productkenmerken en bijsluiters.

Bijlage III Wijzigingen van de samenvattingen van productkenmerken en bijsluiters. Bijlage III Wijzigingen van de samenvattingen van productkenmerken en bijsluiters. Opmerking: deze wijzigingen van de samenvatting van de productkenmerken en de bijsluiter waren geldig ten tijde van het

Nadere informatie

Bevolkingsonderzoek Familiaire Hypercholesterolemie

Bevolkingsonderzoek Familiaire Hypercholesterolemie Bevolkingsonderzoek Familiaire Hypercholesterolemie Casuïstiek Mw. K, slanke en sportieve 30 jarige vrouw wordt verwezen voor behandeling van haar verhoogde cholesterol. Haar vader kreeg op 57 jarige leeftijd

Nadere informatie

Is bewegen een afvalrace? Tjieu Maas

Is bewegen een afvalrace? Tjieu Maas Is bewegen een afvalrace? Tjieu Maas Inhoud Ontstaan overgewicht Effect gestructureerde beweegprogramma s op gewichtsverlies Effect dieet op gewichtsverlies Effecten bewegen op de gezondheid Conclusies

Nadere informatie

Evidence-based Lifestyle Advies

Evidence-based Lifestyle Advies Evidence-based Lifestyle Advies Focus op dieet Willem Bax*, Internist-nefroloog-vasculair geneeskundige Vaatcentrum Alkmaar *,Conflict of interest m.b.t. onderwerp: geen 1 Vrouw, 48 jaar, VG: RA, zus DM-2,

Nadere informatie

Toelichting op de jaarcontrole Voor mensen met diabetes mellitus

Toelichting op de jaarcontrole Voor mensen met diabetes mellitus Toelichting op de jaarcontrole Voor mensen met diabetes mellitus Afdeling interne geneeskunde Deze informatie is een aanvulling op de folder Jaarcontrole voor mensen met diabetes mellitus, die u heeft

Nadere informatie

BEHANDELING VAN OBESITAS

BEHANDELING VAN OBESITAS BEHANDELING VAN OBESITAS: WIE, WAAROM, WANNEER, WAAR, WAARTOE, WAARVOOR EN WAARMEE? Lisbeth Mathus-Vliegen Maag-Darm-Leverarts Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam e.mathus-vliegen@amc.uva.nl

Nadere informatie

Vitale Vaten. Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011

Vitale Vaten. Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011 Vitale Vaten Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011 Dé Gezonde regio: waar? Dé Gezonde regio: wie? Verleiden Opbouw presentatie Inleiding hart- en vaatziekten Project Vitale Vaten Gorinchem

Nadere informatie

SAMENVATTING. MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172

SAMENVATTING. MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172 SAMENVATTING MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172 ALIFE@WORK DE EFFECTEN VAN EEN LEEFSTIJLPROGRAMMA MET BEGELEIDING OP AFSTAND VOOR GEWICHTSCONTROLE BIJ WERKNEMERS ACHTERGROND Overgewicht, waarvan

Nadere informatie

Leuven protocol Cardiovasculaire preparticipatie screening en evaluatie van sporters boven 35 jaar goedgekeurd door ALV op 17 september 2015

Leuven protocol Cardiovasculaire preparticipatie screening en evaluatie van sporters boven 35 jaar goedgekeurd door ALV op 17 september 2015 Leuven protocol Cardiovasculaire preparticipatie screening en evaluatie van sporters boven 35 jaar goedgekeurd door ALV op 17 september 2015 Goedgekeurd door ALV op 17-09-2015 (VSG6816) 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Mijn zorgplan Preventie en behandeling Hart- en Vaatziekten

Mijn zorgplan Preventie en behandeling Hart- en Vaatziekten Mijn zorgplan Preventie en behandeling Hart- en Vaatziekten WWW.ZORROO.NL 1 Voorwoord Zorroo staat voor Zorggroep Regio Oosterhout & Omstreken. Wij zijn een organisatie die samen met uw huisarts en andere

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Het aantal mensen met een gestoorde nierfunctie is de afgelopen decennia sterk toegenomen. Dit betekent dat er steeds meer mensen moeten dialyseren of een niertransplantatie moeten

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Obesitastraining Eat-Fit

Patiënteninformatie. Obesitastraining Eat-Fit Patiënteninformatie Obesitastraining Eat-Fit 1 Inhoud Inleiding... 3 Body Mass Index (BMI)... 3 Obesitas en fysieke activiteit... 3 Dieettherapie... 4 Operatie... 5 Onze obesitastraining Eat-Fit... 5 Het

Nadere informatie

Chirurgische behandeling van ernstig overgewicht

Chirurgische behandeling van ernstig overgewicht Chirurgische behandeling van ernstig overgewicht Inleiding Deze folder is bedoeld als aanvullende informatie voor patiënten met ernstig overgewicht (= morbide obesitas) die daarvoor behandeld worden in

Nadere informatie

24 september 2015. Van harte welkom!

24 september 2015. Van harte welkom! 24 september 2015 Van harte welkom! Programma 20.00: Welkom Wendy de Valk, verpleegkundig specialist cardiologie 20.10: Het vrouwenhart. Is er verschil tussen mannen en vrouwen? Mw. A. Lubbert-Verberkmoes,

Nadere informatie

BARIATRISCHE CHIRURGIE

BARIATRISCHE CHIRURGIE BARIATRISCHE CHIRURGIE Toename chirurgie voor MA in the US 1992-2003 criteria voor operatie bmi > 40 kg/m 2 bmi > 35 kg/m 2 en ernstige comorbiditeit meerdere afvalpogingen compliance gang van zaken wordt

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Obesitastraining Eat-Fit

Patiënteninformatie. Obesitastraining Eat-Fit Patiënteninformatie Obesitastraining Eat-Fit Inhoud Inleiding... 2 Body Mass Index (BMI)... 2 Obesitas en fysieke activiteit... 2 Dieettherapie... 3 Operatie... 4 Onze obesitastraining Eat-Fit... 4 Persoonlijke

Nadere informatie

Informatiebrochure voor patiënten Samen naar een gezond gewicht

Informatiebrochure voor patiënten Samen naar een gezond gewicht Informatiebrochure voor patiënten Samen naar een gezond gewicht De Nederlandse Obesitas Kliniek, het centrum voor patiënten met morbide obesitas De Nederlandse Obesitas Kliniek (NOK) is hét centrum van

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING In de Westerse wereld vormen hart- en vaatziekten de belangrijkste oorzaken van ziekte en overlijden. Bij het ontstaan van hart- en vaatziekten speelt atherosclerose (slagaderverkalking)

Nadere informatie

Voedingsrichtlijn Diabetes 2015

Voedingsrichtlijn Diabetes 2015 Voedingsrichtlijn Diabetes 2015 Esther Pekel diëtist Diabetescentrum 2015 1 Voedingsrichtlijn 2015 1e wetenschappelijke onderbouwde voedingsrichtlijn DM geschreven i.o.v. de NDF in 2006. 2e herziene richtlijn

Nadere informatie

Boerhaaveplein 7 4624 VT Bergen op Zoom www.obesitascentrumzuidwest.nl/contact/

Boerhaaveplein 7 4624 VT Bergen op Zoom www.obesitascentrumzuidwest.nl/contact/ Boerhaaveplein 7 4624 VT Bergen op Zoom www.obesitascentrumzuidwest.nl/contact/ Wat dacht u van een mogelijke vermindering van andere ziekten? kans op sterfte Gezondheidsrisico s Ernstig overgewicht is

Nadere informatie

Stadia chronische nierschade

Stadia chronische nierschade Factsheet Nieren en nierschade deel 3 Nierschade vraagt om continue alertheid en aandacht van de behandelaar Nierfunctie en eiwitverlies: voorspellers van complicaties Stadia chronische nierschade Nierschade

Nadere informatie

Dieetbehandelingsprotocol Diabetes mellitus (Elsevier)

Dieetbehandelingsprotocol Diabetes mellitus (Elsevier) Dieetbehandelingsprotocol Diabetes mellitus (Elsevier) Doelgroep Mensen met diabetes mellitus (Para)medische gegevens, ziektebeeld, diagnose Type 1 Sterk verhoogd glucose gehalte in het plasma van nuchter

Nadere informatie

Workshop voor apothekers en huisartsen. (on)juiste behandeling met orale bloedsuikerverlagende middelen bij

Workshop voor apothekers en huisartsen. (on)juiste behandeling met orale bloedsuikerverlagende middelen bij Workshop voor apothekers en huisartsen (on)juiste behandeling met orale bloedsuikerverlagende middelen bij Diabetes Mellitus type 2 Voorbeeld Programma Maken van de ingangstoets Bespreking leerdoelen l

Nadere informatie

- 172 - Prevention of cognitive decline

- 172 - Prevention of cognitive decline Samenvatting - 172 - Prevention of cognitive decline Het percentage ouderen binnen de totale bevolking stijgt, en ook de gemiddelde levensverwachting is toegenomen. Vanwege deze zogenaamde dubbele vergrijzing

Nadere informatie

Hart en Vaataandoeningen, Leefstijlziektes? of! Leo Schrijvers Cardioloog

Hart en Vaataandoeningen, Leefstijlziektes? of! Leo Schrijvers Cardioloog Van harte welkom! Hart en Vaataandoeningen, Leefstijlziektes? of! Leo Schrijvers Cardioloog CONFUCIUS: Chinees wijsgeer circa 500 voor Christus Het is niet moeilijk om het goede te herkennen, maar wel

Nadere informatie

De kans op arbeidsongeschiktheid bij zelfstandig ondernemers met overgewicht

De kans op arbeidsongeschiktheid bij zelfstandig ondernemers met overgewicht Mag het een onsje meer zijn? De kans op arbeidsongeschiktheid bij zelfstandig ondernemers met overgewicht Viona Lapré- Utama, Marjan Erkamp, Marga van Liere, Cees Geluk Samenvatting Overgewicht komt steeds

Nadere informatie

Samenvatting Dankwoord About the author

Samenvatting Dankwoord About the author Samenvatting Dankwoord About the author Samenvatting 177 Samenvatting Overgewicht en obesitas worden gedefinieerd op basis van de body mass index (BMI) (hoofdstuk 1). Deze index wordt berekend door het

Nadere informatie

Welke behandeling voor obese type 2 patiënten? Gewoon insuline?

Welke behandeling voor obese type 2 patiënten? Gewoon insuline? Welke behandeling voor obese type 2 patiënten? Gewoon insuline? Joost Hoekstra, internist, AMC Potentiële belangenverstrengeling Klinische Diabetologie AMC ontvangt sponsoring van cq doet projecten met

Nadere informatie

Koolhydraatbeperking S, M, L. Welke maat heeft je cliënt? Welkom Waarschuwing

Koolhydraatbeperking S, M, L. Welke maat heeft je cliënt? Welkom Waarschuwing Koolhydraatbeperking S, M, L. Welke maat heeft je cliënt? Welkom Waarschuwing 9 november 2015 Gent HarriëtVerkoelen.nl Insuline resistentie Achtergrond van insuline resistentie, de invloed hiervan op de

Nadere informatie

Chapter 10. Samenvatting

Chapter 10. Samenvatting Chapter 10 Samenvatting 1 Hoofdstuk 1 beschrijft de achtergrondinformatie van de relatie tussen intrauteriene groeivertraging, waarvan het lage geboortegewicht een uiting kan zijn, en de gevolgen in de

Nadere informatie

Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 112

Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 112 111 Ondervoeding is gedefinieerd als een subacute of acute voedingstoestand waarbij een combinatie van onvoldoende voedingsinname en ontstekingsactiviteit heeft geleid tot een afname van de spier- en vetmassa

Nadere informatie

Lipidenbilan en cardiovasculair risico

Lipidenbilan en cardiovasculair risico Lipidenbilan en cardiovasculair risico OLV Ziekenhuis, Aalst-Asse-Ninove Laboratorium: 053 724281 (Dr. P. Couck, Dr. F. Beckers, Apr. L. Van Hoovels) Endocrinologie: 053 724488 (Dr. F. Nobels, Dr. P. Van

Nadere informatie

Bloeddrukregeling: hoger? lager?

Bloeddrukregeling: hoger? lager? www.hhzhlier.be 1 h.-hartziekenhuis vzw Bloeddrukregeling: hoger? lager? Dr. L. Nestor Geriater www.hhzhlier.be 2 To fall or not to fall HYPERTENSIE BIJ BEJAARDEN: How to treat? That s the question! Bloeddrukregeling

Nadere informatie

Diabetes Mellitus en Beweging

Diabetes Mellitus en Beweging Diabetes Mellitus en Beweging Doelen 0Refresher 0Patient Education 0Exercise and DM Wat betekent het? 0 Diabetes: Door(heen) gaan 0 Mellitus: Honing/Zoet Wat is het? 0 Groep van stoornissen met hyperglycemieën

Nadere informatie

Richtlijn Osteoporose en fractuurpreventie Nederlandse Vereniging voor Reumatologie Derde herzien druk, 2011

Richtlijn Osteoporose en fractuurpreventie Nederlandse Vereniging voor Reumatologie Derde herzien druk, 2011 Richtlijn Osteoporose en fractuurpreventie Nederlandse Vereniging voor Reumatologie Derde herzien druk, 2011 Stroomdiagram van diagnostiek,behandeling en follow-up bij patiënten van 50 jaar en ouder met

Nadere informatie

Overgewicht en Obesitas op Curaçao

Overgewicht en Obesitas op Curaçao MINISTERIE VAN Gezondheid, Milieu & Natuur Volksgezondheid Instituut Curaçao Persbericht Overgewicht en Obesitas op Curaçao In totaal zijn 62,6% van de mannen en 67,3% van de vrouwen op Curaçao te zwaar,

Nadere informatie

InEen/NHG Indicatoren DM-COPD-CVRM

InEen/NHG Indicatoren DM-COPD-CVRM InEen/NHG Indicatoren DM-COPD-CVRM De zorggroep heeft hard gewerkt om de Indicatoren sets van InEen en NHG gelijk te trekken. Na veel overleg met NHG en InEen is dit gelukt. Hieronder is een artikel te

Nadere informatie

Preventie van type 2 diabetes bij volwassenen

Preventie van type 2 diabetes bij volwassenen Preventie van type 2 diabetes bij volwassenen Kernboodschappen Uitgave januari 2016 www.diabetes.be Diabetes mellitus Iemand met diabetes heeft een verhoogd bloedsuikergehalte omdat men niet voldoende

Nadere informatie

ROIG Vasculaire Geneeskunde 26 september 2007

ROIG Vasculaire Geneeskunde 26 september 2007 ROIG Vasculaire Geneeskunde 26 september 2007 Locatie: Rijn-zaal Voorzitter: Yvo Smulders 0830 Ontvangst met koffie 0900-0930 Introductie, risicofactoren en risicostratificatie Y. Smulders, VUmc 0930-1000

Nadere informatie

Hypertensie. Presentatie door G.J. Knot-Veldhuis, verpleegkundig specialist

Hypertensie. Presentatie door G.J. Knot-Veldhuis, verpleegkundig specialist Hypertensie Presentatie door G.J. Knot-Veldhuis, verpleegkundig specialist Hypertensie Primaire of essentiële (95%) Secundaire (5%) G.J. Knot-Veldhuis, verpleegkundig specialist, jan. 2012 2 Bloeddruk

Nadere informatie

29-6-2011. Jeroen de Wilde, Arts M&G-onderzoeker JGZ 4-19 CJG Den Haag 29 juni 2011 2. Ondergewicht = Westerse landen: 2-15% Asian enigma

29-6-2011. Jeroen de Wilde, Arts M&G-onderzoeker JGZ 4-19 CJG Den Haag 29 juni 2011 2. Ondergewicht = Westerse landen: 2-15% Asian enigma Jeroen de Wilde, Arts M&G-onderzoeker JGZ 4-19 CJG Den Haag 29 juni 2011 2 29 juni 2011 1 Ondergewicht = A. Een gewicht of BMI onder een bepaalde grenswaarde Gewicht naar lengte, per geslacht Gewicht naar

Nadere informatie

Info spot. Diabetes en depressie. Inleiding. Oktober - november - december 2011

Info spot. Diabetes en depressie. Inleiding. Oktober - november - december 2011 Oktober - november - december 2011 Info spot Diabetes en depressie Inleiding Diabetes mellitus, ofwel suikerziekte, is een chronische stofwisselingsziekte die gekenmerkt wordt door een te hoog glucosegehalte

Nadere informatie

Wetenschap in praktijk

Wetenschap in praktijk Wetenschap in praktijk CNE Hartrevalidatie & Acute cardiale zorg Marjolein Snaterse docent/onderzoeker Secundaire preventie coronaire hartziekten. 6 Agenda 1. Wetenschappelijk bewijs 2. Richtlijnen en

Nadere informatie

Inhoud Hoe BRAVO ben jij?

Inhoud Hoe BRAVO ben jij? Inhoud Hoe BRAVO ben jij? Inleiding 2 De behandeling van een aandoening 2 Medicijnen 2 Leefstijl 5 Een verergering van je klachten 6 Jouw behandelplan 8 Bewegen 8 Roken 8 Alcohol en voeding 8 Ontspanning

Nadere informatie

Workshop voor apothekers en huisartsen. Altijd een statine bij hart- en. t Voorbeeld

Workshop voor apothekers en huisartsen. Altijd een statine bij hart- en. t Voorbeeld Workshop voor apothekers en huisartsen Altijd een statine bij hart- en vaatziekten en type-2-diabetes? t Voorbeeld Programma Maken van de ingangstoets Bespreking leerdoelen en inleiding Presentatie ti

Nadere informatie

Samenvatting Samenvatting

Samenvatting Samenvatting Samenvatting Samenvatting Binnen het domein van hart- en vaatziekten is een bypassoperatie de meest uitgevoerde chirurgische ingreep. Omdat bij een hartoperatie het borstbeen wordt doorgesneden en er meestal

Nadere informatie

Consensus Screening op risicofactoren hart/vaatziekten

Consensus Screening op risicofactoren hart/vaatziekten Consensus Screening op risicofactoren hart/vaatziekten Samenvatting Bij het preventief sportmedisch onderzoek (basisplus en groot Sportmedisch Onderzoek) bepalen we tenminste Cholesterol en HDL-cholesterol

Nadere informatie

Leefstijlinterventies met stip op 1! Inhoud. Over de zgn. Preventieparadox. The Epidemiological Evidence. Edith Feskens, edith.feskens@wur.

Leefstijlinterventies met stip op 1! Inhoud. Over de zgn. Preventieparadox. The Epidemiological Evidence. Edith Feskens, edith.feskens@wur. Leefstijlinterventies met stip op 1! The Epidemiological Evidence Edith Feskens, edith.feskens@wur.nl Inhoud Waarom is rol voor leefstijl lang onderbelicht geweest? Voeding en Bloeddruk Preventie van type

Nadere informatie

Vaatrisico-polikliniek (behandeling van vaatziekten)

Vaatrisico-polikliniek (behandeling van vaatziekten) Vaatrisico-polikliniek (behandeling van vaatziekten) Inleiding U bent door uw behandelend arts verwezen naar de vaatrisicopolikliniek omdat u een vaatziekte heeft en/of vanwege risicofactoren voor het

Nadere informatie

212

212 212 Type 2 diabetes is een chronische aandoening, gekarakteriseerd door verhoogde glucosewaarden (hyperglycemie), die wereldwijd steeds vaker voorkomt (stijgende prevalentie) en geassocieerd is met vele

Nadere informatie

Langer leven? LICHAAMSBEWEGING EN Meer bewegen. Marjolein Visser. ACA Congres 2012

Langer leven? LICHAAMSBEWEGING EN Meer bewegen. Marjolein Visser. ACA Congres 2012 ACA Congres 2012 LICHAAMSBEWEGING EN SUCCESVOL OUDER WORDEN Meer bewegen - Afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit der Aard- en Levenswetenschappen, Vrije Universiteit; - Afdeling Epidemiologie en

Nadere informatie

Transmurale afspraken interne <-> huisartsen

Transmurale afspraken interne <-> huisartsen Transmurale afspraken interne huisartsen dr. D.R. Faber, internist-vasculair geneeskundige A. van Essen-Rubingh, huisarts 18-03-2014 Casus Hypertensie Vrouw, 44 jaar, belaste familie anamnese, was

Nadere informatie

Body Mass Index. Copyright Sodexo Belgium

Body Mass Index. Copyright Sodexo Belgium Body Mass Index Op uw gezondheid! U bent baas over uw eigen lichaam. Gelukkig maar. Dat brengt natuurlijk een zekere verantwoordelijkheid met zich mee. Alles wat u eet en drinkt heeft een invloed op het

Nadere informatie

Gender differences in heart disease. Dr Danny Schoors

Gender differences in heart disease. Dr Danny Schoors Gender differences in heart disease Dr Danny Schoors Women are meant to be loved, not to be understood Oscar Wilde (1854-1900) 2 05/01/16 Inleiding Cardiovasculaire ziekte 7 tot 10 jaar later dan bij mannen

Nadere informatie

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten in de Nederlandse bevolking. Een uitgave van de Nederlandse Hartstichting augustus 2006

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten in de Nederlandse bevolking. Een uitgave van de Nederlandse Hartstichting augustus 2006 cijfers en feiten Risicofactoren voor hart- en vaatziekten in de Nederlandse bevolking Een uitgave van de Nederlandse Hartstichting augustus 26 Prevalenties en trends in leefstijl- en risicofactoren in

Nadere informatie

definitie incidentie publicaties

definitie incidentie publicaties 6-6-2011 Obesitas definitie incidentie publicaties Overgewicht overmaat lichaamsvet Obesitas extreem overgewicht vet % > 25/33% (m/v) definitie incidentie publicaties WETENSCHAPPELIJK & EXACT DEXA meting

Nadere informatie

Leefstijlinterventies met stip op 1!

Leefstijlinterventies met stip op 1! Leefstijlinterventies met stip op 1! The Epidemiological Evidence Edith Feskens, edith.feskens@wur.nl Inhoud Waarom is rol voor leefstijl lang onderbelicht geweest? Voeding en Bloeddruk Preventie van type

Nadere informatie

Inhoud. Leefstijlinterventies met stip op 1! Voorbeeld van de PP: het effect van bloeddrukverlaging op sterfte. Over de zgn.

Inhoud. Leefstijlinterventies met stip op 1! Voorbeeld van de PP: het effect van bloeddrukverlaging op sterfte. Over de zgn. Leefstijlinterventies met stip op 1! Inhoud The Epidemiological Evidence Edith Feskens, edith.feskens@wur.nl Waarom is rol voor leefstijl lang onderbelicht geweest? Voeding en Bloeddruk Preventie van type

Nadere informatie

Regionaal Protocol Obesitas

Regionaal Protocol Obesitas Regionaal Protocol Obesitas Inleiding Obesitas is een snelgroeiend gezondheidsprobleem in de Westerse wereld. Momenteel varieert in Nederland de prevalentie obesitas tussen de 6.5% en 15.5%, afhankelijk

Nadere informatie

Even voorstellen. Vitaminestatus bij energiebeperkte diëten. Inhoud presentatie. VoedingOnline. 1a. Obesitas en vitamines Obesitas goed gevoed

Even voorstellen. Vitaminestatus bij energiebeperkte diëten. Inhoud presentatie. VoedingOnline. 1a. Obesitas en vitamines Obesitas goed gevoed Even voorstellen. Vitaminestatus bij energiebeperkte diëten 6 oktober 2012 Manon Verheul-Koot VoedingOnline Inhoud presentatie 1. Obesitas en vitamines 2. Vitaminestatus 3. Energiebeperkte diëten en vitamines

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting

Samenvatting. Samenvatting 12 Samenvatting Hoofdstuk 1 is een algemene inleiding en beschrijft de achtergronden en het doel van dit proefschrift. Met het stijgen van de leeftijd nemen de incidentie en prevalentie van hart- en vaatziekten

Nadere informatie

BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA HOGE BLOEDDRUK. psamtik@fotolia DUIDELIJKE ANTWOORDEN

BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA HOGE BLOEDDRUK. psamtik@fotolia DUIDELIJKE ANTWOORDEN BELGISCHE CARDIOLOGISCHE LIGA HOGE BLOEDDRUK psamtik@fotolia DUIDELIJKE ANTWOORDEN Globaal Cardiovasculair Risico Sommige gedragingen in ons dagelijks leven vergroten de kans dat we vroeg of laat problemen

Nadere informatie

Adjuvante systeemtherapie Patiënte: DM type 2

Adjuvante systeemtherapie Patiënte: DM type 2 Take home messages Een 59 jarige vrouw met mammacarcinoom en diabetes. An Reyners Internist-oncoloog UMCG Kankerbehandeling: houd rekening met bijwerkingen op korte en langere termijn Stem af wie waarvoor

Nadere informatie

Samenvatting voor niet-ingewijden

Samenvatting voor niet-ingewijden voor niet-ingewijden Type 2 diabetes Diabetes is een ernstige chronische ziekte, die wordt gekenmerkt door te hoge glucosespiegels (de suikers ) in het bloed. Er zijn verschillende typen diabetes, waarvan

Nadere informatie

Wat is de invloed van reuma op hart- en vaatziekten?

Wat is de invloed van reuma op hart- en vaatziekten? Continuing Nursing Education (CNE) Hartrevalidatie Wat is de invloed van reuma op hart- en vaatziekten? Vokko van Halm, AMC / Jan van Breemen Instituut / Reade Wie zijn dit? Anita Witzier Gordon Queen

Nadere informatie

Pre-diabetes, wat is het en wat kan ik er zelf aan doen? In deze folder krijgt u hier meer informatie over.

Pre-diabetes, wat is het en wat kan ik er zelf aan doen? In deze folder krijgt u hier meer informatie over. Pre-diabetes Pre-diabetes, wat is het en wat kan ik er zelf aan doen? In deze folder krijgt u hier meer informatie over. Wat is pre-diabetes Pre-diabetes is het stadium vóór diabetes (suikerziekte). Het

Nadere informatie

Nederlanse Samenvatting. Nederlandse Samenvatting

Nederlanse Samenvatting. Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting 197 198 Samenvatting In het proefschrift worden diverse klinische aspecten van primaire PCI (Primaire Coronaire Interventie) voor de behandeling van een hartinfarct onderzocht.

Nadere informatie

Primaire preventie HVZ

Primaire preventie HVZ Primaire preventie HVZ Stel altijd een risicoprofiel op bij patiënten: met doorgemaakte HVZ, diabetes mellitus (DM), reumatoïde artritis (RA) of chronische nierschade met een belaste familieanamnese voor

Nadere informatie

matige alcohol consumptie gezondheid

matige alcohol consumptie gezondheid matige alcohol consumptie positief voor gezondheid R e s u l t a t e n v a n 3 j a a r w e t e n s c h a p p e l i j k o n d e r z o e k Matige en regelmatige alcoholconsumptie heeft overall een positief

Nadere informatie

Wijzigingen in de Samenvatting van de Productkenmerken en Bijsluiter, voorgesteld door het Europees Geneesmiddelenbureau

Wijzigingen in de Samenvatting van de Productkenmerken en Bijsluiter, voorgesteld door het Europees Geneesmiddelenbureau BIJLAGE II Wijzigingen in de Samenvatting van de Productkenmerken en Bijsluiter, voorgesteld door het Europees Geneesmiddelenbureau Deze Samenvatting van de Productkenmerken en Bijsluiter zijn het resultaat

Nadere informatie

Richtlijn screening op diabetes type 2 goedgekeurd door ALV op 17 september 2015

Richtlijn screening op diabetes type 2 goedgekeurd door ALV op 17 september 2015 Richtlijn screening op diabetes type 2 goedgekeurd door ALV op 17 september 2015 VSG2267-1 - Goedgekeurd door ALV op 17-09-2015 Inhoudsopgave Inleiding 3 Algemeen 3 Meting en nauwkeurigheid 3 Interpretatie

Nadere informatie

oinleiding 1 c oovergewicht en ernstig overgewicht (obesitas) in Nederlandd

oinleiding 1 c oovergewicht en ernstig overgewicht (obesitas) in Nederlandd oinleiding 1 c Gewichtsstijging ontstaat wanneer de energie-inneming (via de voeding) hoger is dan het energieverbruik (door lichamelijke activiteit). De laatste decennia zijn er veranderingen opgetreden

Nadere informatie