Kroniek rechtspraak bestuursrecht

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Kroniek rechtspraak bestuursrecht"

Transcriptie

1 KRONIEK RECHTSPRAAK Mr. A.C. de Die & mr. C. Velink * 1 Inleiding De kroniek bevat weer een overzicht van de belangrijkste bestuursrechtelijke uitspraken op het gebied van de gezondheidszorg en aanpalende terreinen. De indeling is zoals inmiddels gebruikelijk: de algemene bestuursrechtelijke thema s, gevolgd door uitspraken over bijzondere wetten, de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en tot slot de Nationale ombudsman. De kroniekperiode 1 was iets langer dan die van de vorige, maar het aantal uitspraken was substantieel hoger. We willen hieraan niet direct de conclusie verbinden, die wij in onze praktijk nogal eens beluisteren, dat sprake is van juridisering, maar opmerkelijk is het wel. Een aantal uitspraken willen wij in het bijzonder onder uw aandacht brengen nu deze voor de gezondheidsrechtelijke praktijk behartenswaardig zijn: de uitspraken over de reikwijdte van de Kwaliteitswet zorginstellingen (par. 4), de Wob-uitspraak over het suïciderapport (par. 8) en de uitspraak over de verplichting op grond van de Wbp om desgevraagd een overzicht te geven van de personen die inzage hebben genomen in het patiëntendossier (par. 9). * Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam. Caren Velink is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam. 1 De kroniek beslaat de periode februari 2011 tot en met juli Bestuurs(proces)recht algemeen 2.1 Het begrip besluit Weigering vergunning besluit? Een weigering om een vergunning te verlenen is niet altijd een besluit in de zin van artikel 1:3 Algemene wet bestuursrecht (Awb). Stichting Medisch Spectrum Twente (MST) had in 2009 een vergunning aangevraagd als bedoeld in artikel 2 Wet op bijzondere medische verrichtingen (Wbmv). Zonder vergunning van de minister is het verboden bepaalde verrichtingen 2 uit te voeren. In deze zaak ging het om een vergunning voor bijzondere interventies aan het hart, 3 waaronder transcatheter hartklepinterventies (THI s). Na afwijzing van de aanvraag en het daartegen ingestelde bezwaar, stelde MST beroep in. De rechtbank overwoog dat het rechtsgevolg van het verlenen van een vergunning het opheffen van een wettelijk verbod is. De beslissing om een vergunning te weigeren heeft als rechtsgevolg dat het wettelijk verbod gehandhaafd blijft. In deze zaak is van belang dat MST in 2000 reeds een vergunning had gekregen voor het uitoefenen van de Wbmv-verrichtingen hartchirurgie en interventiecardiologie. Onder deze vergunning valt ook het verrichten van THI s. De weigering van de vergunning voor THI s in 2010 kon naar het oordeel van de rechtbank niet als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb worden beschouwd, omdat zij niet is gericht op rechtsgevolg en dus geen rechtshandeling behelst. Het verrichten van THI s was immers al toegestaan bij een besluit uit Het enkele feit 2 Aangewezen in het Besluit aanwijzing bijzondere medische verrichtingen. 3 Artikel 1, aanhef, onder e Besluit aanwijzing bijzondere medische verrichtingen. 670 Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8

2 dat een vergunning voor het verrichten van THI s nadien is geweigerd kan daarin geen verandering brengen, aldus de rechtbank. Het wettelijk verbod om THI s te verrichten kan door die beslissing niet gehandhaafd blijven omdat het al eerder in 2000 is opgeheven. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar van de stichting alsnog niet-ontvankelijk Het begrip belanghebbende Cliënten geen belanghebbenden Het begrip belanghebbende in de Awb levert nog altijd interessante jurisprudentie op. Cliënten van Aquilae Zorgmakelaar B.V. wilden opkomen tegen een beslissing van de staatssecretaris om Aquilae een aanwijzing te geven strekkend tot stopzetting van de zorg. De cliënten waren echter zeer tevreden over de zorgverlening. Zij maakten bezwaar en verzochten een voorlopige voorziening (vovo). De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekers geen belanghebbenden waren als bedoeld in artikel 1:2 lid 1 Awb. 5 De voorzieningenrechter oordeelde dat, nu verzoekers een zorgovereenkomst hadden gesloten met Aquilae, zij met Aquilae een privaatrechtelijke rechtsverhouding hadden. Het besluit waarbij Aquilae was opgedragen de verlening van de zorg te staken had voor verzoekers slechts gevolg in verband met hun contractuele relatie met Aquilae, zodat hun belang niet rechtstreeks was getroffen. Verzoekers hadden volgens de voorzieningenrechter een afgeleid belang en konden daarom niet als belanghebbende worden aangemerkt. 2.3 Ontbreken belang Geen rechtens te beschermen belang In 2008 had het college van burgemeesters en wethouders het verzoek van appellante afgewezen om haar geboortejaar in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (gba) te wijzingen van 4 Rb. Almelo 15 mei 2012, LJN: BW Vzr. Rb. Haarlem 4 juli 2012, LJN: BX in Tijdens de beroepsprocedure overleed appellante en zetten de erven de procedure voort. De erven achtten het van belang dat duidelijkheid werd verkregen over de leeftijd van appellante met het oog op een mogelijke procedure over tekortkomingen van het ziekenhuis. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk vanwege gebrek aan belang. 6 De Afdeling onderschreef het oordeel van de rechtbank en overwoog daartoe dat een uitspraak op het beroep geen uitsluitsel geeft over de werkelijke leeftijd. 7 Bovendien bleek uit de stukken dat het ziekenhuis was uitgegaan van een zeventigjarige vrouw. Ook hadden de erven volgens de Afdeling onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij als gevolg van de geweigerde wijziging daadwerkelijk schade hadden geleden. 2.4 Niet tijdig beslissen Dwangsom, redelijke termijn besluitvorming Een zaak over twee besluiten: een besluit tot afwijzing op het verzoek van een tandarts tot herstel in de bevoegdheid om zelfstandig in een eenmanspraktijk de tandheelkunde uit te oefenen 8 en een besluit tot weigering een dwangsom vast te stellen wegens niet tijdig beslissen op bezwaar. 9 In 2002 had het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (CTG) een tandarts de bevoegdheid ontzegd om het beroep van tandarts uit te oefenen in een zelfstandige eenmanspraktijk. In 2007 verzocht de tandarts tot herstel in de bevoegdheid op grond van artikel 50 Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG). Het verzoek werd afgewezen en het daartegen ingestelde bezwaar ook. De rechtbank verklaarde het daartegen ingestelde beroep gegrond en droeg de minister op een nieuw besluit te nemen. 10 Ondanks ingebrekestellingen volgde er geen besluit. In de volgende procedure 6 Zie over gebrek aan belang (bij Wob-besluit) ook ABRvS 3 augustus 2011, LJN: BR ABRvS 16 maart 2011, LJN: BP Zie par. 5 van deze kroniek. 9 Rb. Leeuwarden 22 juli 2011, GJ 2011/133, LJN: BR2586, zie ook ABRvS 14 maart 2012, LJN: BV Rb. Leeuwarden 2 februari 2010, LJN: BL1961. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8 671

3 Mr. A.C. de Die & mr. C. Velink tegen dat weigeringsbesluit oordeelde de rechtbank dat het weigeringsbesluit op grond van artikel 4:19 lid 1 Awb mede onderwerp van beoordeling is in een lopende beroepszaak. Er had binnen zes weken na de uitspraak een nieuw besluit moeten worden genomen. Het verweer van de minister, dat zij in afwachting was van gevraagde adviezen en appellant daarover had geïnformeerd, werd verworpen omdat de minister de brief aan appellant had verzonden ná de datum waarop zij uiterlijk een beslissing op bezwaar had moeten nemen. Aldus was niet voldaan aan het vereiste dat instemming moet worden gevraagd binnen de reguliere beslistermijn of de termijn waarmee tijdig is verdaagd. De rechtbank oordeelde dat de minister ten onrechte geen dwangsom had vastgesteld en verklaarde het beroep, voor zover gericht tegen het weigeringsbesluit, gegrond. De verzochte immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen. De rechtbank oordeelde met een verwijzing naar de vaste jurisprudentie dat die termijn 11 hier, met een duur van twee jaar en tien maanden, niet was overschreden. 2.5 Artikel 8:29 Awb Fair trial, omvang van het hoger beroep Verzoeker verzocht om openbaarmaking van gespreksverslagen die de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) had opgesteld in het kader van onderzoek naar het overlijden van de moeder van verzoeker in een zorginstelling. Het verzoek is geweigerd en daarop volgde bezwaar en beroep. De op de zaak betrekking hebbende stukken waren in beroep door de IGZ aan de rechtbank voorgelegd met het verzoek om toepassing van artikel 8:29 Awb (beperkte kennisneming). De rechtbank kan dergelijke stukken alleen bij de beoordeling betrekken als de wederpartij daarvoor toestemming heeft gegeven. In dit geval ontbrak die toestemming. Nu 11 Maximaal drie jaar voor behandeling van het bezwaar en het beroep tezamen. Zie o.a. ABRvS 24 december 2008, AB 2009/213 (m.nt. B.P.M. van Ravels & A.M.L. Jansen), LJN: BG8294 en ABRvS 25 mei 2011, LJN: BQ5948. het risico van die beslissing bij appellant lag, was het voorspelbare gevolg dat zijn beroep ongegrond werd verklaard. In hoger beroep verleende appellant wel toestemming en stelde in die procedure het weigeringsbesluit ter discussie. Het betoog van verweerder dat alleen de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep ter toetsing voorligt, werd door de Afdeling afgewezen. 12 De Afdeling oordeelde toen dat uitspraak kan worden gedaan op basis van stukken die met toepassing van artikel 8:29 Awb zijn overgelegd en waarvoor toestemming is verleend. Het geschil in hoger beroep omvat dan ook de weigering om de verzochte stukken openbaar te maken. De stelling van appellant dat artikel 8:29 Awb in strijd is met de eisen van een eerlijk proces 13 werd verworpen. 14 De beperkingsmogelijkheid van artikel 8:29 Awb belet niet dat een volledige rechterlijke toetsing van het besluit op bezwaar plaatsvindt, zodat het recht op een eerlijke procesvoering niet in essentie wordt aangetast Definitieve geschillenbeslechting Ondeelbaar besluit In deze uitspraak heeft de rechtbank besloten tot toepassing van artikel 8:72 lid 4 Awb in verband met de duur van de procedure, de aard van het geschil en de geldigheidsduur van een indicatie. 16 Wat was het geval? In 2008 had het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) de zwaar lichamelijk gehandicapte betrokkene geïndiceerd voor een aantal AWBZ-functies over de periode 2 december 2008 tot 15 juni Er was sprake van drie opeenvol- 12 In lijn met een vergelijkbaar geval: toestemming geweigerd in beroep en toestemming verleend in hoger beroep, ABRvS 11 februari 2004, LJN: AO Art. 6 Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) en art. 14 Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (BUPO). 14 ABRvS 3 februari 2010, JB 2010/66 (m.nt. G. Overkleeft-Verburg), LJN: BL ABRvS 8 juni 2011, LJN: BQ7466. Vgl. ook ABRvS 23 november 2011, LJN: BU5396 over een vergelijkbare discussie. 16 Rb. Leeuwarden 18 juli 2011, LJN: BR Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8

4 gende indicatiebesluiten, die steeds betrekking hadden op verschillende, deels overlappende perioden. Bezwaren van betrokkene leidden tot intrekking van het ene besluit en vervanging door het volgende. In beroep was de vraag om welk(e) besluit(en) het ging. De rechtbank oordeelde dat eiseres in beroep op grond van artikel 6:19 lid 1 jo. artikel 6:18 lid 1 Awb nog steeds belang had bij een beoordeling van het tweede en het derde besluit. In de beoordeling werden betrokken: de voor de indicatie relevante periode, de gezondheidstoestand van betrokkene in verband met de omvang van de geïndiceerde zorg. De stelling dat de indicatie voor de functie tijdelijk verblijf moest worden aangemerkt als een zelfstandig deelbesluit, ging niet op. De rechtbank overwoog met verwijzing naar vaste rechtspraak dat een indicatiebesluit, gelet op de samenhang van de te indiceren zorgfuncties, één en ondeelbaar is. 17 Een indicatiebesluit bestaat daarom niet uit één of meer (besluit)onderdelen als bedoeld in artikel 6:13 Awb. De achtereenvolgende besluiten werden vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel. De rechtbank voorzag zelf in de zaak en stelde de indicatie vast op basis van de gegevens zoals die door partijen waren gepresenteerd, waarbij werd overwogen dat er sprake was van een uitzonderlijke (medische) situatie en het belang van betrokkene bij haar woonsituatie. 3 Subsidies 3.1 Persoonsgebonden budget Ontbreken aanvraag, overschrijden termijn, zesmaandenjurisprudentie Eiseres is verstandelijk en lichamelijk gehandicapt en ontving sinds 2001 van de stichting Ons Tweede Thuis AWBZ-zorg in natura. Bij besluit van 23 februari 2006 kreeg eiseres een indicatie van het CIZ voor deels dezelfde AWBZ-functies, te bekostigen op basis van een persoongebonden budget 17 Zie bijvoorbeeld CRvB 24 juni 2009, RZA 2009/94, LJN: BJ3027 en CRvB 28 november 2007, GJ 2008/30, LJN: BB9311. (pgb). Het zorgkantoor verleende vervolgens een pgb voor 2006 en Toen bleek dat eiseres activerende begeleiding ontving zowel in natura als via een pgb, werden nieuwe pgb-verleningsbeschikkingen genomen en werd een bedrag teruggevorderd. Voor 2008 werd een gewijzigde pgb-verleningsbeschikking genomen in verband met een herindicatie. De rechtbank oordeelde met een verwijzing naar artikel 4:48 lid 1 Awb dat intrekking of wijziging van de subsidieverlening niet meer mogelijk is als de subsidie eenmaal is vastgesteld. 18 Volgens de rechtbank lag de omstandigheid dat het zorgkantoor niet van de naturaverstrekking op de hoogte was, in de risicosfeer van het zorgkantoor. Het zorgkantoor wordt geacht redelijkerwijs op de hoogte te zijn van de aan de klanten verleende indicaties alsmede van de leveringsvorm van de verstrekte zorg. Het zorgkantoor moet ermee bekend worden geacht op welke wijze de zorg aan een verzekerde wordt gefinancierd. Het zorgkantoor had redelijkerwijs moeten begrijpen dat met het toekennen van een pgb sprake was van een dubbele verstrekking. Een indicatiebesluit kan niet worden gezien als aanvraag voor een pgb, nu het niet meer is dan een advies van het CIZ aan het zorgkantoor. Nu een aanvraag ontbrak was sprake van een kennelijk onjuiste subsidievaststelling en zowel het zorgkantoor als eiseres behoorde dit te weten. De conclusie was dat het zorgkantoor bevoegd was de subsidievaststellingen over 2006 en 2007 ten nadele van eiseres te wijzigen. Ook de subsidieverlening over 2008 mocht gewijzigd worden nu deze nog niet was vastgesteld. 19 Dit impliceerde bevoegdheid tot terugvordering van onverschuldigd betaalde subsidiebedragen (art. 4:57 Awb). Het beroep werd echter alsnog gegrond verklaard vanwege tekortschietende belangenafweging. 20 Ook paste de rechtbank analoog de zesmaandenjurisprudentie toe: de bevoegdheid tot terugvordering van onverschuldigd betaalde uitke- 18 Rb. Amsterdam 14 juni 2011, LJN: BQ9536. Zie art. 4:49 lid 1 Awb voor de gronden voor wijziging of intrekking van de subsidievaststelling. 19 Zie art. 4:48 lid 1 Awb. 20 Onder verwijzing naar CRvB 22 september 2010, LJN: BN9573. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8 673

5 Mr. A.C. de Die & mr. C. Velink ringen wordt in de tijd beperkt indien het bestuursorgaan niet adequaat heeft gereageerd op signalen waaruit kan worden afgeleid dat ten onrechte uitkering wordt verstrekt. Volgens die jurisprudentie moet zes maanden redelijkerwijs voldoende zijn om relevante gegevens op een adequate wijze administratief te verwerken. Tot slot kende de rechtbank een schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn (2,5 jaar) Subsidieregeling PGO Deskundigheid Programmaraad, motivering De vereniging Nederlandse Federatie van Ouders van Dove kinderen had begin 2009 twee subsidieaanvragen gedaan voor projectsubsidies op grond van de Subsidieregeling Patiënten-, Gehandicaptenen Ouderenbeleid (PGO). De aanvragen werden voor advies voorgelegd aan de Programmaraad PGO. 22 Op advies van de Programmaraad wees de minister beide aanvragen af. De argumenten van de aanvrager gericht op de samenstelling van de Programmaraad troffen geen doel. 23 Uit de enkele omstandigheid dat er meer projectsubsidies waren toegewezen aan patiëntenorganisaties dan aan organisaties voor lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, kon volgens de rechtbank niet worden afgeleid dat er sprake was geweest van bevoordeling van bepaalde groepen. De Programmaraad had een nadere invulling gegeven aan het beleid, maar had onvoldoende gemotiveerd waarom de voorgenomen activiteiten van de vereniging niet voor een projectsubsidie in aanmerking kwamen. De rechtbank verklaarde het beroep dan ook gegrond. Weigering subsidie, doelstelling subsidieregeling PGO Ook de Stichting Schild had een aanvraag gedaan op grond van de Subsidieregeling PGO, zij het voor 21 De CRvB hanteert standaard een termijn van twee jaar. Zie: CRvB 4 juni 2009, LJN: BI De Programmaraad adviseert op basis van het Beleids- en beoordelingskader behorende bij de Subsidieregeling PGO. 23 Rb. Amsterdam 27 oktober 2011, LJN: BU7693. een instellingssubsidie. De minister had de aanvraag afgewezen omdat de stichting niet voldeed aan de voorwaarde die beoogt dubbele subsidiëring te voorkomen. De Schildklierstichting Nederland werd al gesubsidieerd. De aanvraagster wees op verschillen tussen beide organisaties, maar dit baatte haar niet. 24 De statutaire doelstellingen van de Schildklierstichting zijn zo ruim dat de rechtbank van oordeel was dat de aanvraag terecht geweigerd was. Een doelmatige en effectieve inzet van schaarse subsidiemiddelen vergt dat subsidietoekenning strookt met de hoofddoelstellingen van de Subsidieregeling PGO: het tegengaan van verdere versnippering van het PGO-veld met als gevolg overlap van de subsidiabele activiteiten en een aantasting van de positie van zowel de individuele cliënt als de organisatie die hem of haar vertegenwoordigt en dus een verminderde slagkracht van het PGO-veld. 3.3 Sanering Voorziening financiële gevolgen opheffen centrale post ambulancevervoer Bij besluit van 18 januari 2011 had het College sanering zorginstellingen aan het openbaar lichaam de Regio Achterhoek subsidie verleend 25 ter voorziening in de financiële gevolgen van de opheffing van een centrale post ambulancevervoer (cpa) te Doetinchem en deze subsidie vastgesteld op nihil. In zo n geval betrok het college daarbij ook negatief vermogen mits er aan een aantal voorwaarden was voldaan. 26 In de beleidsregel was bepaald dat negatief vermogen van een cpa binnen een gemeenschappelijke regeling subsidiabel is, tenzij in de regeling expliciet is opgenomen dat afdekking van het negatief vermogen door de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling dient te geschieden. Het col- 24 Rb. Arnhem 15 mei 2012, LJN: BW Op grond van art. 12a Wet ambulancevervoer kan het college subsidie verstrekken ter voorziening in de financiële gevolgen van wijziging of opheffing van de vestigingsplaats van een cpa. 26 Art. 7a Bsig, thans art. 8.2 lid 1 Uitvoeringsbesluit WTZi jo. Beleidsregel ambulancehulpverlening (Stcrt. 2002, 230). 674 Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8

6 lege had de subsidie vastgesteld op nihil omdat op grond van de Samenwerkingsregeling van de Regio Achterhoek was bepaald dat de kosten van de deelnemende gemeenten worden verdeeld en volgens het college het negatief vermogen en de kosten die verband houden met het opheffen van de cpa dus door de deelnemende gemeenten waren gedekt. In verband met de achtervangfunctie, tot uitdrukking gebracht in de beleidsregel, werd de subsidie vastgesteld op nihil. Volgens de Afdeling heeft de beleidsregel alleen betrekking op het in beschouwing nemen van negatief eigen vermogen en niet op de achtervangfunctie. 27 Daarnaast overwoog de Afdeling dat het college bij de beoordeling van de aanvraag enige ruimte toekomt. Het enkele feit dat artikel 7a Besluit sanering instellingen voor gezondheidszorg (Bsig) voorschrijft dat negatief vermogen in beschouwing moet worden genomen betekent niet dat het college onder alle omstandigheden subsidie ter compensatie van negatief vermogen moet verstrekken. Tot slot oordeelde de Afdeling dat in de Samenwerkingsregeling, anders dat het college betoogde, niet expliciet was opgenomen dat afdekking van het negatief vermogen van de cpa door de deelnemende gemeenten dient te geschieden, zodat de subsidie niet op nihil kon worden gesteld. De Afdeling verklaarde het beroep gegrond. 3.4 Regeling palliatieve terminale zorg Motivering, geen dubbele financiering In deze zaak stonden de coördinatie- en huisvestingskosten van twee highcare hospices centraal. De Regeling palliatieve terminale zorg voorziet in een tegemoetkoming in de coördinatiekosten van vrijwilligers en een opslag voor huisvestingskosten. Instellingssubsidie wordt niet verstrekt aan een organisatorisch verband met een toelating als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen (WTZi). 28 Op grond van bijzondere omstandigheden mag de minister artikelen van de Regeling buiten toepassing laten. 29 De aanvraag was afgewezen 27 ABRvS 27 juni 2012, LJN: BW Art. 3 Regeling palliatieve terminale zorg. 29 Art. 31 Regeling palliatieve terminale zorg. omdat de hospices gelieerd waren aan een organisatorisch verband met een toelating. De minister kon in redelijkheid geen toepassing geven aan de hardheidsclausule. 30 De rechtbank wees erop dat de hospices vanwege de toelating zelf in financiering via de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) kunnen voorzien. De hospices wezen erop dat hun cliënten bij hen verblijven, maar geen indicatie voor verblijf hebben en de hospices geen toelating voor verblijf hebben. Kosten verband houdend met verblijf zijn dus niet verdisconteerd in de tarieven. De rechtbank oordeelde dat onvoldoende was gemotiveerd waarom dit gegeven geen aanleiding was om in de onderhavige gevallen de hardheidsclausule toe te passen en verklaarde het beroep gegrond. 3.5 Subsidieregeling zorgopleidingen Opleidingsplaatsen, verantwoordelijkheid juiste gegevens In 2011 eindigt het subsidiegeschil tussen het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en de Minister van VWS over de drie jaar eerder verleende instellingssubsidie van ruim 33 miljoen voor opleidingsplaatsen. In geschil was het aantal opleidingsplaatsen. Uitgangspunt voor de subsidieverlening was het toewijzingsvoorstel van het College voor Beroepen en Opleidingen in de Gezondheidszorg (CBOG). Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen aios (artsen in opleiding tot specialist) die in het subsidiejaar beginnen met hun opleiding (de instroom ) en aios die in een eerder jaar waren begonnen (de doorstroom ). Voor het bepalen van de doorstroom heeft het CBOG gebruik gemaakt van gegevens van de Medisch Specialisten Registratie Commissie (MSRC). De opleidingsinstellingen hebben gelegenheid gehad te reageren op het concept-toewijzingsvoorstel. Het LUMC voerde in de procedure aan dat het subsidiebeleid onredelijk is omdat het gebaseerd is op gegevens uit een bestand waarin opleidingsinstellingen geen inzicht hebben en waarop zij geen invloed kunnen uitoefenen. De Afdeling ging hier niet in mee nu er in de voorberei- 30 Rb. Alkmaar 13 januari 2011, LJN: BP3463. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8 675

7 Mr. A.C. de Die & mr. C. Velink dingsprocedure voldoende gelegenheid was geweest om eventuele onjuistheden te controleren en te herstellen. Voor zover is komen vast te staan dat de gegevens van een aantal aios niet klopten, oordeelde de Afdeling na minutieuze reconstructie van de gang van zaken, dat dit aan het LUMC kon worden toegerekend nu zij wijzigingen niet tijdig en niet op juiste wijze aan de MSRC had doorgegeven. Ook had het LUMC bezwaren tegen de wijze van verdeling van de subsidiegelden over de instroom. Het verdeelplan was opgesteld door het CBOG in samenspraak met de opleidingsinrichtingen op basis van capaciteit en behoefte aan opleidingsplaatsen. Op grond van de gekozen systematiek kwam het LUMC niet in aanmerking voor instroomplaatsen. Bovendien heeft het LUMC enkele beleidskeuzes gemaakt die voor eigen rekening en risico komen Kaderregeling VWS-subsidies Vermindering en beëindiging langlopende subsidie, rechtstreekse werking WHO-verdrag? Redelijke voorbereidingstermijn Stivoro ontving medio 2011 het besluit dat haar instellings- en projectsubsidie in 2012 met 5% wordt gekort en voor 2013 en 2014 zal worden beëindigd. Het daartegen gerichte bezwaar is ongegrond verklaard en Stivoro ging in beroep. Het beroep van Stivoro op het World Health Organisation (WHO) Kaderverdrag inzake tabaksontmoediging strandde nu de rechtbank oordeelde dat het WHO-verdrag noch de Preambule rechtstreekse werking hebben. 32 Intrekking of vermindering van subsidie is mogelijk als veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten zich in overwegende mate verzetten tegen ongewijzigde voortzetting van de subsidie (art. 4:50 lid 1 aanhef en onder b Awb). Uit eerdere recht- 31 ABRvS 22 juni 2011, LJN: BQ De overweging van de rechtbank is overeenkomstig de standaardjurisprudentie over rechtstreekse werking van verdragsbepalingen. Zie bijv. ABRvS 5 december 2007, AB 2008/35 (m.nt. R.J.B. Schutgens & J.J.J. Sillen), HR 9 april 2010, AB 2010/190 (m.nt. F.J. van Ommeren). spraak van de Afdeling leidde de rechtbank af dat een dwingende noodzaak tot bezuinigen in beginsel een voldoende zwaarwegende reden is 33 en dat de rechter die bezuinigingsnoodzaak terughoudend toetst. 34 Vanuit dat uitgangspunt oordeelde de rechtbank dat die beleidskeuze en het daarop rustende besluit voldoende gemotiveerd was. Het derde discussiepunt was de redelijke termijn. Stivoro ontving sinds 1974 subsidie voor haar werkzaamheden en stelde dat zij onvoldoende gelegenheid had gekregen om de gevolgen van het besluit op te vangen. Artikel 4:51 Awb verplicht het bestuursorgaan een redelijke termijn in acht te nemen bij vermindering of beëindiging van een subsidie die drie jaren of meer achtereen is verleend. Die termijn dient ertoe de subsidieontvanger in staat te stellen maatregelen te treffen om de gevolgen van de subsidiebeëindiging te ondervangen. Voor de vaststelling van een redelijke termijn zijn vooral de langlopende verplichtingen in het concrete geval relevant. Veelal betreft dit arbeidsovereenkomsten en de daaruit voortvloeiende opzegtermijnen. De bescherming van artikel 4:51 Awb gaat niet zover dat het bestuursorgaan ook alle wachtgeldverplichtingen moet garanderen. 35 In het geval van Stivoro oordeelde de rechtbank dat haar een ruime tijd is geboden om de verplichtingen jegens derden op te kunnen zeggen dan wel anderszins de noodzakelijke voorbereidingen te treffen Handhaving 4.1 Reikwijdte Kwz en Wkcz Woongroep pgb-houders zorginstelling? In een woongroep wordt zorg verleend aan mensen met een pgb. De IGZ kwalificeert de woongroep als een zorginstelling en constateert dat de zorg niet voldoet aan de eisen van de Kwaliteitswet zorgin- 33 ABRvS 28 maart 1985, AB 1985/600 (m.nt. P.J.J. van Buuren). 34 ABRvS 31 juli 2002, AB 2003/136 (m.nt. N. Verheij). 35 ABRvS 26 februari 2003, AB 2003/172 (m.nt. N. Verheij). 36 Rb. s-gravenhage 28 juni 2012, LJN: BX Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8

8 stellingen (Kwz) en dat een klachtenregeling ontbreekt. De Minister van VWS legt een aanwijzing op ter naleving van de Kwz alsmede een aanwijzing ter naleving van de Wet klachtrecht cliënten zorgsector (Wkcz). De exploitant van de woongroep bestrijdt beide besluiten met een beroep op de onbevoegdheid van de minister nu geen sprake is van een zorginstelling in de zin van de Kwz en de Wkcz. Hij vraagt de voorzieningenrechter om schorsing van beide besluiten. Bij de kwalificatie van de woongroep als zorginstelling is de minister mede afgegaan op de informatie op de website en de zorgovereenkomst waaruit zou blijken dat sprake is van een organisatorisch verband waarin zorg als omschreven in de AWBZ wordt verleend. In werkelijkheid wordt zorg ingekocht bij één persoon: de exploitant van de woongroep. Voor de toepasselijkheid van de Wkcz en de Kwz is volgens de voorzieningenrechter de feitelijke organisatie van de zorgverlening bepalend. Beschikbare informatie over de organisatie moet geverifieerd worden. In casu was onvoldoende komen vast te staan dat de ingekochte zorg door een organisatorisch verband wordt verleend. De aanwijzing op grond van de Kwz wordt geschorst omdat geen sprake is van een instelling in de zin van de Kwz en de minister dus niet bevoegd was. 37 De aanwijzing op grond van de Wkcz bleef wel in stand. Bepalend was hier niet het instellingsbegrip, maar de kwalificatie als zorgaanbieder. 38 Als zorgaanbieder valt de exploitant onder de Wkcz. Het betoog van de exploitant dat de Wkcz in redelijkheid niet van toepassing kan zijn op mantelzorgers verwierp de voorzieningenrechter nu hier de commerciële relatie aanleiding vormt voor zorgverlening en niet de sociale relatie Vzr. Rb. Dordrecht 2 december 2011, GJ 2012/40, LJN: BU Zie art lid 1 onder c, 3 Wkcz, zorgaanbieder: een natuurlijk persoon die anders dan in het kader van een dienstverband met een instelling, zorg als omschreven in (...) de AWBZ verleent. 39 Vzr. Rb. Dordrecht 2 december 2011, GJ 2012/39, LJN: BU8157. Proportionaliteit; Leidraad meldingen IGZ legt op grond van de Kwz een bevel tot sluiting op aan een privékliniek. Het bevel wordt door de Minister van VWS verlengd totdat de IGZ heeft vastgesteld dat verantwoorde zorg geleverd wordt. In beroep betoogt de kliniek dat de Kwz niet van toepassing is omdat zij geen zorginstelling is. De kliniek wordt geëxploiteerd door één medisch specialist die daarin werkzaam is en wordt bijgestaan door zijn echtgenote (basisarts) en een assistente. De rechtbank oordeelt dat wel sprake is van een instelling in de zin van de Kwz. De kliniek heeft zich naar buiten toe steeds als een organisatorisch verband gepresenteerd, zowel naar het publiek als naar de IGZ. Het subsidiaire betoog dat de opgelegde maatregelen disproportioneel zijn en onvoldoende gemotiveerd faalt ook. Volgens de rechtbank is uit het inspectierapport genoegzaam gebleken dat de situatie in de kliniek zeer zorgwekkend was en niet aan de randvoorwaarden voor verantwoorde zorgverlening werd voldaan. Het heeft voor de kliniek redelijkerwijs duidelijk kunnen zijn waaraan zij moest voldoen. Dat de Leidraad meldingen aan oplegging van de maatregelen in de weg heeft gestaan, verwerpt de rechtbank. Anonieme meldingen vallen niet onder de Leidraad, maar ook als dat anders zou zijn, tast handelen in strijd met de Leidraad de bevoegdheid tot het geven van een sluitingsbevel niet aan. 40 Reikwijdte aanwijzing, binnentreden woning zonder toestemming bewoners IGZ legt op grond van de Kwz een bevel op aan een instelling voor jongeren met complexe psychi(atri)sche problematiek omdat de geboden zorg (ver) onder de maat is. Het gaat om drie woningen waar jongeren wonen en met behulp van een pgb zorg inkopen. De IGZ heeft in alle drie de woningen een situatie geconstateerd die neerkomt op verwaarlozing van de cliënten. De Minister van VWS verlengt het bevel en geeft aansluitend een aanwijzing. Alle maatregelen strekken tot het staken van de zorg 40 Rb. Rotterdam 17 maart 2011, GJ 2011/84, LJN: BP8090. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012 (36) 8 677

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag.

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag. Algemene wet bestuursrecht Titel 4.1. Beschikkingen Afdeling 4.1.1. De aanvraag Artikel 4:1 Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, wordt de aanvraag tot het geven van een beschikking schriftelijk

Nadere informatie

ALGEMENE WET BESTUURSRECHT

ALGEMENE WET BESTUURSRECHT ALGEMENE WET BESTUURSRECHT Besluitvorming Toezicht Sancties Rechtsgebied bestuursrecht oktober 2011 Rechtsgebied bestuursrecht Verhoudingen tussen bestuursorgaan/belanghebbende - stelt het bestuur is staat

Nadere informatie

Bij besluit van 16 oktober 2007 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: de minister) dit verzoek afgewezen

Bij besluit van 16 oktober 2007 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: de minister) dit verzoek afgewezen LJN: BJ3428, Raad van State, 200805745/1/H2 Datum uitspraak: 22-07-2009 Datum publicatie: 23-07-2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij brief van 5 september

Nadere informatie

gelet op artikel 24, zesde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme;

gelet op artikel 24, zesde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme; Besluit van de deken in het arrondissement Oost-Brabant van 11 mei 2016 tot vaststelling van de beleidsregel handhaving Wwft 2016 in het arrondissement Oost- Brabant De deken van de orde in het arrondissement

Nadere informatie

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Juridisch kader Op basis van de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet is het verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst I en lijst II, dan wel

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 76519-HHSc/132.09. Aanwijzing publicatie sterftecijfers 9 mei 2014

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 76519-HHSc/132.09. Aanwijzing publicatie sterftecijfers 9 mei 2014 Aangetekend Amphia Ziekenhuis Raad van Bestuur [ ] Postbus 90158 4800 RK BREDA Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 E info@nza.nl I www.nza.nl Behandeld

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 12D0013050. AANWIJZING EX ARTIKEL 76, EERSTE LID, WMG 25 april 2012

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 12D0013050. AANWIJZING EX ARTIKEL 76, EERSTE LID, WMG 25 april 2012 AANGETEKEND Stichting Saffier De Residentie Groep T.a.v. het bestuur Postbus 52150 2505 CD DEN HAAG Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 E info@nza.nl

Nadere informatie

Tussenuitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden van 10 november 2011, 11/512 (aangevallen uitspraak)

Tussenuitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden van 10 november 2011, 11/512 (aangevallen uitspraak) LJN: BZ9358, Centrale Raad van Beroep, 11/7248 AWBZ-T Datum uitspraak: 01-05-2013 Datum publicatie: 03-05-2013 Rechtsgebied: Sociale zekerheid Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Tussenuitspraak.

Nadere informatie

http://www.legalintelligence.com/frontend/doc.aspx?docid=1184...

http://www.legalintelligence.com/frontend/doc.aspx?docid=1184... Page 1 of 6 JOR 2013/309 CBB, 14-08-2013, 13/396, ECLI:NL:CBB:2013:160 Overtreding van art. 4:23 Wft, Publicatie van de opgelegde boete, Afwijzing verzoek tot schorsing van publicatie totdat in hoger beroep

Nadere informatie

LJN: BX6509, Raad van State, 201201225/1/A1. Datum uitspraak: 05-09-2012 Datum publicatie: 05-09-2012

LJN: BX6509, Raad van State, 201201225/1/A1. Datum uitspraak: 05-09-2012 Datum publicatie: 05-09-2012 LJN: BX6509, Raad van State, 201201225/1/A1 Datum uitspraak: 05-09-2012 Datum publicatie: Rechtsgebied: 05-09-2012 Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Afwijzing handhavingsverzoek

Nadere informatie

JB 1999/256 Rechtbank Amsterdam, 09-08-1999, AWB 98/3128 HUISV 06 Besluit (huisnummerbeschikking), Mededeling omtrent feiten

JB 1999/256 Rechtbank Amsterdam, 09-08-1999, AWB 98/3128 HUISV 06 Besluit (huisnummerbeschikking), Mededeling omtrent feiten JB 1999/256 Rechtbank Amsterdam, 09-08-1999, AWB 98/3128 HUISV 06 Besluit (huisnummerbeschikking), Mededeling omtrent feiten Aflevering 1999 afl. 13 College Rechtbank Amsterdam Datum 9 augustus 1999 Rolnummer

Nadere informatie

AANGETEKEND Rijnland Ziekenhuis 070-8888500. last onder dwangsom. Geachte A,

AANGETEKEND Rijnland Ziekenhuis 070-8888500. last onder dwangsom. Geachte A, POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN AANGETEKEND Rijnland Ziekenhuis

Nadere informatie

Leidraad voor het nakijken van de toets BESTUURSPROCESRECHT 19 juni 2009

Leidraad voor het nakijken van de toets BESTUURSPROCESRECHT 19 juni 2009 Leidraad voor het nakijken van de toets BESTUURSPROCESRECHT 19 juni 2009 OPGAVE 1 (34 punten) Vraag 1.1 (5 punten) Er staan geen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen open. Het voorbereidingsbesluit van artikel

Nadere informatie

LJN: BH1764, Centrale Raad van Beroep, 07/2959 WWB + 07/2960 WWB + 08/6263 WWB + 08/6264 WWB + 08/6265 WWB

LJN: BH1764, Centrale Raad van Beroep, 07/2959 WWB + 07/2960 WWB + 08/6263 WWB + 08/6264 WWB + 08/6265 WWB LJN: BH1764, Centrale Raad van Beroep, 07/2959 WWB + 07/2960 WWB + 08/6263 WWB + 08/6264 WWB + 08/6265 WWB Datum uitspraak: 20-01-2009 Datum publicatie: 04-02-2009 Rechtsgebied: Bijstandszaken Soort procedure:

Nadere informatie

mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur

mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur Gemeenschappelijke Dienst Directie Juridische Zaken AJBZ mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur Telefoon 070 339

Nadere informatie

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder, gemachtigden: mrs. C.J. Telting en B.A. Veenendaal.

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder, gemachtigden: mrs. C.J. Telting en B.A. Veenendaal. Uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM Sector bestuursrecht zaaknummer: AWB 11/2308 WWB uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen [eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres, gemachtigde mr. W.G. Fischer,

Nadere informatie

LJN: BV6353,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 12/285 en 12/502

LJN: BV6353,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 12/285 en 12/502 LJN: BV6353,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 12/285 en 12/502 Datum uitspraak: 21-02-2012 Datum publicatie: 21-02-2012 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Voorlopige

Nadere informatie

3.3 Openbaarmaking Het ontsluiten van informatie op zodanige wijze dat een ieder de betreffende informatie kan inzien.

3.3 Openbaarmaking Het ontsluiten van informatie op zodanige wijze dat een ieder de betreffende informatie kan inzien. Bijlage 33 bij circulaire Care/AWBZ/14/10c Beleidsregel Openbaarmaking handhavingsbesluiten, Wobbesluiten en beslissingen op bezwaar De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) is op grond van de Wet marktordening

Nadere informatie

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Juridisch kader Op basis van de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet is het verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst I en II, dan wel aangewezen

Nadere informatie

[Appellant 1] en [Appellant 2], beiden wonende te [woonplaats], (hierna: appellanten)

[Appellant 1] en [Appellant 2], beiden wonende te [woonplaats], (hierna: appellanten) LJN: BI3542, Centrale Raad van Beroep, 08/3709 WJZ + 08/3713 WJZ Datum uitspraak: 15-04-2009 Datum publicatie: 12-05-2009 Rechtsgebied: Sociale zekerheid Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie:

Nadere informatie

Rapport. Datum: 26 september 2005 Rapportnummer: 2005/293

Rapport. Datum: 26 september 2005 Rapportnummer: 2005/293 Rapport Datum: 26 september 2005 Rapportnummer: 2005/293 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie hem in de beschikking van 25 februari 2004 op zijn bezwaarschrift

Nadere informatie

LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065

LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065 LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065 Print uitspraak Datum uitspraak: 22-10-2010 Datum publicatie: 29-10-2010 Rechtsgebied: Bouwen Soort procedure: Voorlopige

Nadere informatie

Algemene subsidieverordening Texel 2016

Algemene subsidieverordening Texel 2016 Algemene subsidieverordening Texel 2016 ASV Texel 2016 Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 maart 2016 onder nummer 019 Gemeenteblad Texel 2016 nr 35 datum 24-03-2016 Algemene subsidieverordening

Nadere informatie

Gelet op het bepaalde in de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op het bepaalde in de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING ALMERE 2011 De raad van de gemeente Almere; Gezien het voorstel van het college; Gelet op het bepaalde in de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene

Nadere informatie

Rapport. Rapport betreffende een klacht over de gemeente Wierden. Datum: 22 januari 2014. Rapportnummer: 2014/004

Rapport. Rapport betreffende een klacht over de gemeente Wierden. Datum: 22 januari 2014. Rapportnummer: 2014/004 Rapport Rapport betreffende een klacht over de gemeente Wierden. Datum: 22 januari 2014 Rapportnummer: 2014/004 2 De klacht Verzoekers klagen over de manier waarop de gemeente Wierden is omgegaan met hun

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/068 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 6 november 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool Utrecht Trefwoorden : Beleidsvrijheid, in stand laten rechtsgevolgen,

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk. Last onder dwangsom 31 juli 2012

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk. Last onder dwangsom 31 juli 2012 Stichting OZIS Drechtsteden T.a.v. De heer R. Peters Espenhof 2 3355 BM PAPENDRECHT Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 E info@nza.nl I www.nza.nl

Nadere informatie

Op grond van de verstrekte informatie concludeert het CBP dat de FAD voornemens is het Protocol op een aantal punten te wijzigen.

Op grond van de verstrekte informatie concludeert het CBP dat de FAD voornemens is het Protocol op een aantal punten te wijzigen. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl Besluit inzake de verklaring omtrent de

Nadere informatie

Beslissing op bezwaar

Beslissing op bezwaar Beslissing op bezwaar Kenmerk: 26146/2011014629 Betreft: beslissing op bezwaar inzake het besluit tot publicatie van het besluit betreffende het leveren van programmagegevens van de landelijke publieke

Nadere informatie

Actualiteiten bestuursrecht uitspraken 18 (en 11) november 2015. mr. W.J. (Willem) Bosma Van der Feltz advocaten www.feltz.nl

Actualiteiten bestuursrecht uitspraken 18 (en 11) november 2015. mr. W.J. (Willem) Bosma Van der Feltz advocaten www.feltz.nl Actualiteiten bestuursrecht uitspraken 18 (en 11) november 2015 mr. W.J. (Willem) Bosma Van der Feltz advocaten www.feltz.nl 1. ABRvS 18 november 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3536 (I) Dwangsom bij niet tijdig

Nadere informatie

Bezwaar tegen een beslissing van de gemeente. (versie 01/04/2013)

Bezwaar tegen een beslissing van de gemeente. (versie 01/04/2013) Bezwaar tegen een beslissing van de gemeente (versie 01/04/2013) Stel u vraagt een vergunning aan bij de gemeente en deze wordt geweigerd of uw buren hebben een vergunning gekregen voor het bouwen van

Nadere informatie

Uitspraak ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen:

Uitspraak ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen: RECHTBANK ARNHEM Sector bestuursrecht Registratienummer: AWB06/4812 Uitspraak ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen: [eiser], eiser, wonende te [woonplaats],

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van de Saxion Hogeschool (hierna: CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van de Saxion Hogeschool (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/079 Rechter(s) : mrs. Loeb, De Rijke-Maas, Borman Datum uitspraak : 21 augustus 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Saxion Hogeschool Trefwoorden : [tijdig]aanvoeren gronden, deficiëntie,

Nadere informatie

De loop van de procedure Op 1 juni 2007 hebben IGZ en CBP een bezoek gebracht aan het OZG Lucas in het kader van het hiervoor genoemde onderzoek.

De loop van de procedure Op 1 juni 2007 hebben IGZ en CBP een bezoek gebracht aan het OZG Lucas in het kader van het hiervoor genoemde onderzoek. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10= TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN AANGETEKEND Ommelander Ziekenhuis

Nadere informatie

De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard kennis te nemen van het geschil, omdat sprake zou zijn van een nieuw primair besluit.

De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard kennis te nemen van het geschil, omdat sprake zou zijn van een nieuw primair besluit. USZ 2001/163 CRvB, 04-04-2001, 99/117 AAW/WAO Bezwaarprocedure, Heroverweging, Herroeping besluit in primo, Vervanging door nieuw besluit waarin een andere datum in geding aan de orde is Publicatie USZ

Nadere informatie

zaaknummer 200703432/1 datum van uitspraak woensdag 13 februari 2008 Kamer 2 - Milieu - Schadevergoeding

zaaknummer 200703432/1 datum van uitspraak woensdag 13 februari 2008 Kamer 2 - Milieu - Schadevergoeding Essentie uitspraak: Artikel 15.20, schade komt in aanmerking voor vergoeding vanwege het niet langer op grond van een milieubeheer mogen uitoefenen van een activiteit. Casus en uitspraak Een exploitant

Nadere informatie

het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden.

het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden. LJN: AU3784, Raad van State, 200501342/1 Print uitspraak Datum uitspraak: 05-10-2005 Datum publicatie: 05-10-2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij

Nadere informatie

BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815

BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815 BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815 Bij brief van 30 maart 2015 die is ingekomen bij de NZa op dezelfde dag, is door de heer [vertrouwelijk ] (hierna: belanghebbende) bezwaar gemaakt tegen het besluit

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over de Belastingdienst/Toeslagen uit Utrecht. Datum: 22 november 2011. Rapportnummer: 2011/346

Rapport. Rapport over een klacht over de Belastingdienst/Toeslagen uit Utrecht. Datum: 22 november 2011. Rapportnummer: 2011/346 Rapport Rapport over een klacht over de Belastingdienst/Toeslagen uit Utrecht. Datum: 22 november 2011 Rapportnummer: 2011/346 2 Klacht Verzoekster klaagt erover dat de Belastingdienst/Toeslagen volhardt

Nadere informatie

Print deze uitspraak rechtsgebied. Kamer 2 - Milieu - Bestuursdwang / E-mail deze uitspraak

Print deze uitspraak rechtsgebied. Kamer 2 - Milieu - Bestuursdwang / E-mail deze uitspraak Essentie uitspraak: Indien in een inrichting meerdere overslag- of laad- en losgedeelten aanwezig zijn, mag per overslag- of laad- en losgedeelte maximaal 10.000 kilogram gevaarlijke stoffen tijdelijk

Nadere informatie

PER KOERIER EN PER E-MAIL VERZONDEN XXXXX XXXXX XXXXX. Zakelijk: Apotheek Princenhage BV Pastoor van Spaandonkstraat 18 4813 BS BREDA

PER KOERIER EN PER E-MAIL VERZONDEN XXXXX XXXXX XXXXX. Zakelijk: Apotheek Princenhage BV Pastoor van Spaandonkstraat 18 4813 BS BREDA > Retouradres Postbus 2680 3500 GR Utrecht PER KOERIER EN PER E-MAIL VERZONDEN Zakelijk: Apotheek Princenhage BV Pastoor van Spaandonkstraat 18 4813 BS BREDA Stadsplateau 1 3521 AZ Utrecht Postbus 2680

Nadere informatie

Zaaknummers : CBHO nrs. 93/69 t/m 93/73

Zaaknummers : CBHO nrs. 93/69 t/m 93/73 Zaaknummers : CBHO nrs. 93/69 t/m 93/73 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 5 januari 1994 Partijen : Appellanten tegen Christelijke Hogeschool Noord-Nederland Trefwoorden : bevoegdheid voorzitter

Nadere informatie

uitspraak RECHTBANK LIMBURG

uitspraak RECHTBANK LIMBURG uitspraak RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats: Roermond Bestuursrecht zaaknummers: AWB/ROE 141505 en AWB/ROE 14/506 uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 april 2014 op het beroep en het verzoek om voorlopige

Nadere informatie

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=br1...

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=br1... pagina 1 van 5 LJN: BR1463, Raad van State, 201011448/1/H1 Datum 13-07-2011 uitspraak: Datum 13-07-2011 publicatie: Rechtsgebied: Bouwen Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij besluit van

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Zaaknummer : 2014/150 Rechter(s) : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 Partijen : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Trefwoorden : Bevoegdheid College Bekostiging

Nadere informatie

Afdeling bestuursrechtspraak. Behandelend ambtenaar. I.P». Feis 070-4264578

Afdeling bestuursrechtspraak. Behandelend ambtenaar. I.P». Feis 070-4264578 Raad vanstate Afdeling bestuursrechtspraak IN14.0053S llltillullllllilllill College van burgemeester en wethouders van Beuningen Postbus 14 6640 AA BEUNINGEN GLD GEMEENTE BEÜNt, ocn INGEKOMEN 0 3 FEB 2011

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Haagse Hogeschool (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : CBHO 2015/293 en 2015/293.1 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 12 januari 2016 Partijen : Appellant en Haagse Hogeschool Trefwoorden : bindend negatief studieadvies BNSA duidelijkheid

Nadere informatie

VMR Actualiteiten. Actualiteiten bestuurs(proces)recht. Kars de Graaf faculteit rechtsgeleerdheid

VMR Actualiteiten. Actualiteiten bestuurs(proces)recht. Kars de Graaf faculteit rechtsgeleerdheid Datum 29-03-2012 1 VMR Actualiteiten Actualiteiten bestuurs(proces)recht Kars de Graaf k.j.de.graaf@rug.nl 050 363 5787 Algemeen belanghebbende Datum 29-03-2012 2 Herinnert u zich deze nog? Vz. ABRvS 31

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ZORGVERLENING

ALGEMENE VOORWAARDEN ZORGVERLENING ALGEMENE VOORWAARDEN ZORGVERLENING Artikel 1 Begripsbepalingen In deze algemene voorwaarden en/of bijzondere voorwaarden wordt verstaan onder: 1.1. Zorgaanbieder: de rechtspersoon die een of meer instellingen

Nadere informatie

- 1 - De Nederlandsche Bank NV (DNB) legt een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 1:80 en 1:81 van de Wft, op aan:

- 1 - De Nederlandsche Bank NV (DNB) legt een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 1:80 en 1:81 van de Wft, op aan: - 1 - Beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke boete aan Matrix Asset Management B.V. als bedoeld in artikel 1:80 van de Wet op het financieel toezicht Gelet op artikel 1:80, 1:81, 1:98 en 3:72,

Nadere informatie

Integraal Handhavingsbeleidsplan De Ronde Venen, 26 september 2012. Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen

Integraal Handhavingsbeleidsplan De Ronde Venen, 26 september 2012. Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen 76 Bestuursrechtelijke sanctiemiddelen De gemeente De Ronde Venen kan tegen overtreders met meerdere verschillende sanctiemiddelen, al dan

Nadere informatie

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 14 mei 2004 in het geding tussen:

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 14 mei 2004 in het geding tussen: LJN: AT7485, Raad van State, 200405147/1 (Printbare versie) Datum uitspraak: 15-06-2005 Datum publicatie: 15-06-2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij

Nadere informatie

Uitspraak 201405096/1/A2

Uitspraak 201405096/1/A2 Uitspraak 201405096/1/A2 Datum van uitspraak: Tegen: Proceduresoort: Rechtsgebied: 201405096/1/A2. Datum uitspraak: 21 januari 2015 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK woensdag 21 januari 2015 Uitspraak op het

Nadere informatie

Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken

Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken Directie Toegang Rechtsbestel/5362391/05/DTR/12 juli 2005 5362391 Bijlage De Minister van Justitie, Gelet op artikel 4:23,

Nadere informatie

Rapport. Datum: 19 februari 2001 Rapportnummer: 2001/048

Rapport. Datum: 19 februari 2001 Rapportnummer: 2001/048 Rapport Datum: 19 februari 2001 Rapportnummer: 2001/048 2 Klacht Op 26 september 2000 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer M. te Utrecht, met een klacht over een gedraging van

Nadere informatie

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BioEnergy-Maasland B.V., gevestigd te Maren-Kessel, gemeente Oss,

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BioEnergy-Maasland B.V., gevestigd te Maren-Kessel, gemeente Oss, Knowledge Portal M en R 2013/92 Aflevering M en R 2013, afl. 7 Publicatiedatum 12-07-2013 Rolnummer 201205193/1/A4. Instantie Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 17 april 2013 (Van Kreveld)

Nadere informatie

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx pagina 1 van 5 LJN: BX1373, Rechtbank Haarlem, AWB 12-448 Datum 04-07-2012 uitspraak: Datum 13-07-2012 publicatie: Rechtsgebied: Sociale zekerheid Soort procedure: Eerste aanleg - meervoudig Inhoudsindicatie:Terugvordering

Nadere informatie

SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG

SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG Kenmerk: 12/32 KG De fungerend voorzitter van het Scheidsgerecht mr. R.J.B. Boonekamp, wonende te Arnhem, bijgestaan door mr. J.A.I. Wendt, griffier, heeft op 23 oktober

Nadere informatie

BIJLAGE 2. Handhaving volgens de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen

BIJLAGE 2. Handhaving volgens de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen BIJLAGE 2. Handhaving volgens de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen Handhaving volgens de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen Het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

Nederlandse Zorgautoriteit

Nederlandse Zorgautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit Aangetekend Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Maxima Medisch Centrum t.a.v. [...] Postbus 7777 5500 MB VELDHOVEN Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 e

Nadere informatie

' s Sftg. de Rechtspraak. Over het beroep met procedurenummer 11 / 685 WOB JAN 1 deel ik u het volgende mee.

' s Sftg. de Rechtspraak. Over het beroep met procedurenummer 11 / 685 WOB JAN 1 deel ik u het volgende mee. ' s Sftg -IKdV.2011 de Rechtspraak datum onderdeel contactpersoon doorkiesnummer ons kenmerk uw kenmerk biilage(n) faxnummer afdeling onderwerp De heer mr. J.C. Binnerts Postbus 280 2000 AG Haarlem 28

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/041 Rechter(s) : mrs. Olivier, Troostwijk, Scholten-Hinloopen Datum uitspraak : 12 juni 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Fontys Hogescholen Trefwoorden : Beoordeling, bindend negatief

Nadere informatie

Rapport. Datum: 27 december 2005 Rapportnummer: 2005/401

Rapport. Datum: 27 december 2005 Rapportnummer: 2005/401 Rapport Datum: 27 december 2005 Rapportnummer: 2005/401 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) zijn verzoek om verwijdering van de stukken betreffende

Nadere informatie

Naar aanleiding van de beslissing van de gemeente van 16 maart 2007 wendde verzoekster zich opnieuw tot de Nationale ombudsman.

Naar aanleiding van de beslissing van de gemeente van 16 maart 2007 wendde verzoekster zich opnieuw tot de Nationale ombudsman. Rapport 2 h2>klacht Verzoekster had een aanvraag ingediend om een WVG-voorziening, die de gemeente Wageningen had afgewezen, en het bezwaar dat verzoekster hiertegen had ingesteld, had de gemeente ongegrond

Nadere informatie

Bijlage 2 Toelichting op het afwegingsmodel handhaving kinderopvang en peuterspeelzalen

Bijlage 2 Toelichting op het afwegingsmodel handhaving kinderopvang en peuterspeelzalen Bijlage 2 Toelichting op het afwegingsmodel handhaving kinderopvang en peuterspeelzalen Paragraaf 1 Algemeen Het college hanteert het Afwegingsmodel Handhaving Kinderopvang en Peuterspeelzalen bij het

Nadere informatie

Protocol. Klachtencommissie. Autimaat B.V.

Protocol. Klachtencommissie. Autimaat B.V. Protocol Klachtencommissie Autimaat B.V. Doetinchem December 2011 Protocol van de klachtencommissie van Autimaat B.V. Inhoudsopgave Toepassingsgebied 3 Begripsbepaling 3 Doelstelling van de klachtenregeling

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder. Zaaknummer: 2008/008 Rechter(s): mrs. Loeb, Lubberdink, Mollee Datum uitspraak: 20 juni 2008 Partijen: appellant tegen college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 8 maart 2011, nummers AWB 10/2670 en 10/2672, in het geding tussen belanghebbende en

tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 8 maart 2011, nummers AWB 10/2670 en 10/2672, in het geding tussen belanghebbende en Uitspraak GERECHTSHOF ARNHEM Sector belastingrecht nummers 11/00311 en 11/00312 uitspraakdatum: 20 september 2011 Uitspraak van de derde meervoudige belastingkamer op het hoger beroep van X te Z (hierna:

Nadere informatie

Uitspraken CRvB inzake boetes en overgangsrecht (in kader Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving)

Uitspraken CRvB inzake boetes en overgangsrecht (in kader Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving) Uitspraken CRvB inzake boetes en overgangsrecht (in kader Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving) Inleiding Op 24 november 2014 heeft de CRvB de eerste uitspraak gedaan over boetes

Nadere informatie

Regeling melding misstand woningcorporaties

Regeling melding misstand woningcorporaties Regeling melding misstand woningcorporaties Regeling van de procedure voor het melden van een vermoeden van een misstand en van de (rechts)bescherming van de melder en de vertrouwenspersoon integriteit.

Nadere informatie

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Algemeen verbindend voorschrift,

Nadere informatie

Nader door Bureau Jeugdzorg (BJz) uit te voeren onderzoek.

Nader door Bureau Jeugdzorg (BJz) uit te voeren onderzoek. Onderwerp: Samenvatting: Soort uitspraak: Nader door Bureau Jeugdzorg (BJz) uit te voeren onderzoek. Bij verzekerde is sprake van de grondslagen verstandelijke handicap en psychiatrische aandoening. Zowel

Nadere informatie

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit Protocol tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Nederlandse Zorgautoriteit inzake samenwerking en coördinatie op het gebied van beleid, regelgeving, toezicht & informatieverstrekking en andere

Nadere informatie

2013, nr. 53. Gelet op artikel 158 van de Provinciewet en het bepaalde in afdeling 10.1.1 van de Algemene Wet Bestuursrecht;

2013, nr. 53. Gelet op artikel 158 van de Provinciewet en het bepaalde in afdeling 10.1.1 van de Algemene Wet Bestuursrecht; Uitgegeven: 5 september 2013 2013, nr. 53 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLÂN Mandaatbesluit Stelsel Natuur en Landschap 2013 Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân van 20 augustus 2013, nr.

Nadere informatie

CENTRALE RAAD VAN BEROEP MEERVOUDIGE KAMER U I T S P R A A K

CENTRALE RAAD VAN BEROEP MEERVOUDIGE KAMER U I T S P R A A K CENTRALE RAAD VAN BEROEP MEERVOUDIGE KAMER 11/9 AW U I T S P R A A K op het hoger beroep van: [Appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante), tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem van

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNNE:2015:389

ECLI:NL:RBNNE:2015:389 ECLI:NL:RBNNE:2015:389 Instantie Datum uitspraak 03-02-2015 Datum publicatie 03-02-2015 Zaaknummer Awb 15/245 Rechtsgebieden Rechtbank Noord-Nederland Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Voorlopige voorziening

Nadere informatie

Verzenddatum : - 1 JUNI 2015 Bijlage : Ons kenmerk : 674559 : Laan van Alverna, last onder dwangsom in verband met afsluiten spoorwegovergang

Verzenddatum : - 1 JUNI 2015 Bijlage : Ons kenmerk : 674559 : Laan van Alverna, last onder dwangsom in verband met afsluiten spoorwegovergang w I* Jl y. y Ji. Heemstede ProRail B.V. t.a.v. de heer C. de Vries Postbus 2038 3500 GA Utrecht AANTEKENEN EN PER GEWONE POST Verzenddatum : - 1 JUNI 2015 Bijlage : Ons kenmerk : 674559 Betreft : Laan

Nadere informatie

Eerste aanleg: ECLI:NL:RBASS:2012:2307, Bekrachtiging/bevestiging

Eerste aanleg: ECLI:NL:RBASS:2012:2307, Bekrachtiging/bevestiging ECLI:NL:RVS:2014:110 Instantie Raad van State Datum uitspraak 22-01-2014 Datum publicatie 22-01-2014 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie 201300676/1/A2 Eerste

Nadere informatie

M.E. Olmer te Rotterdam, eiseres, en het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam, verweerder.

M.E. Olmer te Rotterdam, eiseres, en het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam, verweerder. JB 1996/101 Rechtbank Rotterdam, 08-02-1996, 95/1061-G5 Reformatio in peius, Integrale heroverweging op bezwaarschrift, Deugdelijke motivering besluit op bezwaar. Aflevering 1996 afl. College Rechtbank

Nadere informatie

** [201005426/1/M1.], [10 november 2010]: [afstandseis tussen een lpg tankstation en een scholengemeenschap ], [Harlingen]

** [201005426/1/M1.], [10 november 2010]: [afstandseis tussen een lpg tankstation en een scholengemeenschap ], [Harlingen] ** [201005426/1/M1.], [10 november 2010]: [afstandseis tussen een lpg tankstation en een scholengemeenschap ], [Harlingen] Essentie uitspraak: De Afdeling stelt vast dat ten tijde van het bestreden besluit

Nadere informatie

CENTRALE RAAD VAN BEROEP UTRECHT U I T S P R A A K

CENTRALE RAAD VAN BEROEP UTRECHT U I T S P R A A K CENTRALE RAAD VAN BEROEP UTRECHT 98/4586 AKW U I T S P R A A K in het geding tussen: de Sociale Verzekeringsbank, appellant, en A, wonende te B, gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING Bij beslissing

Nadere informatie

Rapport. Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148

Rapport. Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148 Rapport Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148 2 Klacht Op 1 februari 1999 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer Y. te Zwolle, ingediend door de Stichting Rechtsbijstand Asiel

Nadere informatie

Academie voor bijzondere wetten

Academie voor bijzondere wetten Academie voor bijzondere wetten Auteur Academie voor bijzondere wetten Hoofdonderwerp Conclusie van staatsraad Advocaat-Generaal Widdershoven (hierna: A-G ) met betrekking tot het rechtskarakter van het

Nadere informatie

Kluwer Online Research

Kluwer Online Research AB 2010, 87 Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Meervoudige kamer), 9 september 2009, nr200901451/1/h2 LJN:BJ7186, Mrs. C.W. Mouton, C.H.M. van Altena, S.F.M. Wortmann Wetingang: Awb art.

Nadere informatie

Rapport. Rapport betreffende een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Halderberge. Datum: 24 mei 2013. Rapportnummer: 2013/057

Rapport. Rapport betreffende een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Halderberge. Datum: 24 mei 2013. Rapportnummer: 2013/057 Rapport Rapport betreffende een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Halderberge Datum: 24 mei 2013 Rapportnummer: 2013/057 2 Klacht Verzoeker, een advocaat, klaagt erover dat het

Nadere informatie

Raad. vanstate AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. 200605599/1 en 200605599/3. Datum uitspraak: 24 augustus 2006

Raad. vanstate AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. 200605599/1 en 200605599/3. Datum uitspraak: 24 augustus 2006 Raad vanstate 200605599/1 en 200605599/3. Datum uitspraak: 24 augustus 2006 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, met toepassing

Nadere informatie

Inhoud. Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang

Inhoud. Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang Inhoud Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang 2. Grondslag aanvraag omgevingsvergunning voor artikel 2.1 lid 1 onder e- activiteiten (milieu) 3. OBM en milieuneutrale verandering 4. Overig

Nadere informatie

Rapport. Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401

Rapport. Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401 Rapport Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401 2 Klacht Het niet opnemen van een rechtsmiddelenclausule conform artikel 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht in de beslissing van 17 december 2003

Nadere informatie

Zaaknummer : 2012/220 en 220.1

Zaaknummer : 2012/220 en 220.1 Zaaknummer : 2012/220 en 220.1 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 3 december 2012 Partijen : Appellant tegen NHTV internationale hogeschool Breda Trefwoorden : Begeleiding student, bindend negatief

Nadere informatie

Algemene Subsidieregeling 2008

Algemene Subsidieregeling 2008 Algemene Subsidieregeling 2008 Paragraaf 1 Inleidende bepalingen Artikel 1.1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. gemeentebestuur: het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van besluiten betreffende

Nadere informatie

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken: Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2011-346 d.d. 2 december 2011 (mr. P.A. Offers, voorzitter, mr. B.F. Keulen en mr. A.W.H. Vink, leden, en mr.drs. D.J. Olthoff, secretaris)

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.2662 (068.05) ingediend door: hierna te noemen 'klagers', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht

Nadere informatie

ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING GEMEENTE MAASTRICHT 2015

ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING GEMEENTE MAASTRICHT 2015 ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING GEMEENTE MAASTRICHT 2015 Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht 2015 1 INHOUD Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen... 3 Artikel 1 Definities... 3 Artikel 2 Wettelijke

Nadere informatie

Reglement bezwaarprocedure SVWN

Reglement bezwaarprocedure SVWN Reglement bezwaarprocedure SVWN Stichting Visitatie Woningcorporaties Nederland Versie 1.0, vastgesteld 15 december 2015 1/10 Inhoud Begripsbepalingen... 3 De bezwaarcommissie... 3 Procedure... 4 Voorbereiden

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERORDENING NADEELCOMPENSATIE, PLANSCHADETEGEMOETKOMING EN SCHADEVERGOEDING VOOR ONRECHTMATIGE HANDELINGEN ROTTERDAMSEBAAN 2014:

GEMEENSCHAPPELIJKE VERORDENING NADEELCOMPENSATIE, PLANSCHADETEGEMOETKOMING EN SCHADEVERGOEDING VOOR ONRECHTMATIGE HANDELINGEN ROTTERDAMSEBAAN 2014: GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Rijswijk. Nr. 69895 2 december 2014 GEMEENSCHAPPELIJKE VERORDENING NADEELCOMPENSATIE, PLANSCHADETEGEMOETKOMING EN SCHADEVERGOEDING VOOR ONRECHTMATIGE HANDELINGEN

Nadere informatie

2. Verzoeker diende bij SenterNovem een subsidieaanvraag in voor de productie van energie door middel van fotovoltaïsche zonnepanelen.

2. Verzoeker diende bij SenterNovem een subsidieaanvraag in voor de productie van energie door middel van fotovoltaïsche zonnepanelen. Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt over de wijze waarop SenterNovem, een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken, hem heeft geïnformeerd over de termijn waarbinnen op zijn subsidieaanvraag

Nadere informatie

het College van Bestuur van C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever gemachtigde: de heer mr. B.J. van Hees

het College van Bestuur van C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever gemachtigde: de heer mr. B.J. van Hees 106796 - Beroep tegen ontslag wegens opheffing van de betrekking gegrond omdat de werkgever een onjuiste afvloeiingssystematiek hanteert; BVE in het geding tussen: UITSPRAAK de heer A, wonende te B, appellant,

Nadere informatie

Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa

Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa Samenwerkingsconvenant tussen de Stichting Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) met betrekking tot onderlinge

Nadere informatie

Onderwerp: Vaststelling Algemene subsidieverordening Purmerend 2014

Onderwerp: Vaststelling Algemene subsidieverordening Purmerend 2014 De raad van de gemeente Purmerend; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 18 maart 1014, nr. 1104516; gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; overwegende dat: - de sinds

Nadere informatie

Procedurenummers: AWB 06/157 WET VV + AWB 06/158 WET VV + AWB 06/159 WET VV

Procedurenummers: AWB 06/157 WET VV + AWB 06/158 WET VV + AWB 06/159 WET VV Uitspraak RECHTBANK MAASTRICHT Sector Bestuursrecht Procedurenummers: AWB 06/157 WET VV + AWB 06/158 WET VV + AWB 06/159 WET VV Uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Maastricht op de verzoeken

Nadere informatie