Bewijsrecht GRONINGER CIVILISTENBLAD. Bewijsperikelen in het burgerlijk procesrecht DIEPHUIS NR. 01 / OKT. 2013

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Bewijsrecht GRONINGER CIVILISTENBLAD. Bewijsperikelen in het burgerlijk procesrecht DIEPHUIS NR. 01 / OKT. 2013"

Transcriptie

1 DIEPHUIS NR. 01 / OKT GCB GRONINGER CIVILISTENBLAD Interview met mr. A.H.T. Heisterkamp (raadsheer Hoge Raad) K. Sikorska, LLM (promovenda) over Burden of proof in European consumer law Mr. A. Woertman (advocaat Arie Brink Advocaten) over Bewijs: last of lust? Bewijsrecht Bewijsperikelen in het burgerlijk procesrecht 1

2 INHOUDSOPGAVE 8 28 HYLKE TEN BRUGGENCATE Tussen waarheid en onzekerheid Research Master student Hylke ten Bruggencate onderzoekt de bewijsperikelen in een aansprakelijkheidsactie door de (minderheids)aandeelhouder. ANTON WOERTMAN Bewijs: lust of last? Mr. Anton Woertman, advocaat bij Arie Brink advocaten te Heerenveen, vertelt over het bewijsrecht in praktijk. 34 KLAAS VAN DER GRAAF De klachtplicht Klaas van der Graaf gaat in op het voorkomen van bewijsnood door middel van de klachtplicht ex artikel 6:89 BW en (voor koop) artikel 7:23 BW. 5 VOORWOORD Emil Verheul, praeses Civielrechtelijke vereniging Diephuis 6 VOORWOORD Jantina Hiemstra, voorzitter GCB-commissie 10 PHD IN BEELD Karolina Sikorska vertelt over haar promotieonderzoek 12 ARTIKEL Hilde Portena gaat in op de wenselijkheid van proportionele aansprakelijkheid 18 LUSTRUMVERSLAG Een verslag van de lustrumactiviteiten die reeds geweest zijn 20 AGENDA Spectaculaire lustrumactiviteiten, de GPW & nog veel meer 27 OVER DE GRENS Diephuis-lid Jeroen Vollebergh reist af naar Gabon 22 INTERVIEW TOON HEISTERKAMP Raadsheer bij de Hoge Raad 2

3 Colofon: Het Groninger Civilistenblad is het verenigingsblad van de Civielrechtelijke vereniging Diephuis. Het Groninger Civilistenblad verschijnt drie keer per jaar en wordt gratis verspreid onder de leden van Diephuis. Redactie Jantina Hiemstra, Peter Jan Polstra, Andrea van Lent, Jeroen Vollebergh en Hilde Portena Ontwerp en vormgeving Jeroen Vollebergh en Hilde Portena Coverfoto Peter Jan Polstra Beeld Thomas Mulders, Peter Jan Polstra, Margriet Peereboom, Dick Jonkers Drukwerk Chris Russell, Groningen Oplage 310 stuks Sponsoren Houthoff Buruma Van Doorne N.V. Advertentieverkoop Hylke ten Bruggencate, commissaris extern van Diephuis Contact diephuis.nl Copyright Zonder schriftelijke toestemming van het bestuur van Diephuis mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt. GA NAAR DE WEBSITE VAN DIEPHUIS VOOR MEER INFORMATIE. 3

4 Ruud Wolfs Fiscus Sociaal vaardig en doortastend. Kenmerkt zich door een sterke no nonsense mentaliteit. Als masterstudent Privaatrecht hoopt hij dit jaar zijn mastertitel te behalen. 4 Chantal van der Roest Commissaris intern Enthousiast en zorgzaam. Gemotiveerde rechtenstudente, is nu bezig met haar master en voornamelijk in het privaatrecht geïnteresseerd. Martha Buit Abactis Doortastend en vrolijk. Is naast abactis van Diephuis een ambitieuze derdejaars rechtenstudente aan de Rijksuniversiteit Groningen. Tweedejaars Research Master student met de focus op het bedrijfsrecht. Onderscheidt zich door zijn brede interesse en gedreven instelling. Hylke ten Bruggencate Commissaris extern Emil Verheul Praeses Belezen, bevlogen en bovendien ook nog zweisprachig. Is gespecialiseerd in het privaatrecht en hoopt dit jaar de Research Master succesvol af te ronden.

5 VOORWOORD BESTUUR Waarde lezer, Een nieuw jaar is altijd weer een nieuw begin. Dat betekent enerzijds dat het weer wat moeite kost om de boeken op te pakken na de vakantie, zeker gelet op de fraaiheid van onze jongste zomer. Aan de andere kant biedt het ook weer de gelegenheid om er fris en met veel zin tegenaan te gaan. En wat dat betreft ligt er veel moois in het verschiet; het belooft een mooi Diephuisjaar te worden. Zoals inmiddels wel bekend zal zijn viert Diephuis dit jaar het vijfde lustrum van de vereniging. Daar wordt vanzelfsprekend uitgebreid bij stilgestaan. Op 26 september jongstleden heeft een aantal vooraanstaande sprekers door middel van een lezing het lustrum feestelijk geopend. Vervolgens dendert de lustrumtrein door via een buitendag, een alumnidag, een excursie naar de Hoge Raad en de tussenstop van het lustrumcongres richting de eindbestemming: een groot en spectaculair eindfeest. Maar zover is het nog lang niet. In de tussentijd vinden vele andere fraaie activiteiten plaats, waarvoor ik u graag verwijs naar de Diephuisagenda. Gedurende de reeds genoemde splendide zomer zijn de voorbereidingen getroffen voor een succesvol jaar. Na de algemene ledenvergadering op 14 mei 2013 zijn Martha, Ruud, Chantal, Hylke en ik met veel toewijding welke toewijding overigens nog steeds aanwezig is begonnen aan de taken die wij op ons hebben genomen. In de eerste plaats resulteerde dat in een aantal wijzigingen, zoals die van de Groninger Pleitwedstrijd en de ISP. Daarnaast hebben we door groot enthousiasme bij studenten de mogelijkheid gekregen om zes prachtige commissies samen te stellen. Het geeft aan dat Diephuis ook in het lustrumjaar leeft. Ook wat dat betreft belooft het een goed jaar te worden, met een hoge opkomst bij de activiteiten. Die verwachting is in ieder geval reeds uitgekomen voor de Groninger Pleitwedstrijd. Het evenement lijkt elk jaar een grote bekendheid te genieten en de animo om deel te nemen onder studenten groeit enorm. Dit jaar was het maximale aantal inschrijvingen reeds na één dag bereikt, onder wie vele (actieve) leden van Diephuis. Een goed teken voor de vereniging: de passie voor het pleiten staat immers nog steeds centraal, naast inhoudelijke activiteiten en gezelligheid. Op deze drie pijlers dendert de Diephuistrein inmiddels al 25 jaar door. En ook wat betreft de inhoudelijk activiteiten is er geen reden om te klagen. Met de workshopcarrousel, het tweedaagse congres en kroegcolleges valt er dit jaar ook op dat vlak genoeg te beleven. En om nog even terug te komen op dat nieuwe begin; zoals u aanstonds duidelijk zal zijn geworden toen dit blad op de deurmat viel, is het verenigingsblad dit jaar grondig vernieuwd. Het blad zal voortaan bekendheid genieten als het Groninger Civilistenblad. Deze eerste editie belooft in ieder geval veel goeds. Ik wens u dan ook veel plezier bij het lezen van deze eerste editie en uiteraard veel plezier gedurende dit hele Diephuisjaar. Met vriendelijke groet, Namens het 25 e bestuur, Emil Verheul Praeses h.t. Civielrechtelijke vereniging Diephuis 5

6 VOORWOORD Geacht Diephuislid, Voor u ligt de eerste editie van het Groninger Civilistenblad (GCB). Na vele Civieltjes was het tijd voor een volwassener tijdschrift. Civielrechtelijke vereniging Diephuis ontwikkelt zich naar een steeds grotere en professionelere vereniging en daarbij past de ontwikkeling van een verenigingsblad naar een juridisch tijdschrift. Een tijdschrift waarin niet alleen professionals zullen schrijven over relevante en actuele kwesties, maar waarin ook talenten in de dop ambitieuze Diephuizers aan bod zullen komen. Met drie interessante thema s hopen we dit jaar goed van start te gaan met het nieuwe GCB. De eerst editie die nu voor u ligt, besteedt aandacht aan het altijd actuele en spannende thema bewijsrecht. In de tweede editie wordt stilgestaan bij het door veel studenten interessant bevonden onderwerp medische aansprakelijkheid. De laatste editie van dit collegejaar zal tot slot licht werpen op het brede, maar reuze interessante thema internationaal contractenrecht. Zoals gezegd, zullen we echter allereerst het bewijsrecht induiken. De keuze voor dit thema hangt nauw samen met het karakter van Civielrechtelijke vereniging Diephuis. Aangezien we dit jaar het vijfde lustrum vieren, is het van belang om het karakter van de vereniging in het oog te houden. Diephuis is van oudsher een pleitdispuut en, hoewel zij nu is uitgegroeid tot een brede civielrechtelijke vereniging, vonden we het passend om in de eerste editie van het nieuwe tijdschrift terug te gaan naar de roots van onze vereniging en een onderwerp te kiezen dat nauw samenhangt met (de kunst van het) procederen. In een procedure zijn niet alleen de pleitkunsten van de advocaten en de juridische argumenten van belang, maar met name wie die argumenten aan moet voeren en van bewijs moet voorzien. Hierbij treden moeilijkheden op wanneer dat bewijs erg lastig of zelfs onmogelijk te leveren is door de partij die de bewijslast draagt. We spreken in een dergelijk geval van bewijsnood. Over een mogelijke oplossing hiervoor zal student en lid van de GCB-commissie Hilde Portena meer vertellen in haar artikel over proportionele aansprakelijkheid. Daarnaast zal Hylke ten Bruggencate, eveneens student en commissaris extern in het bestuur van Diephuis, enige inzichten verschaffen in de bewijsperikelen bij een aansprakelijkheidsactie door de (minderheids)aandeelhouder. Alvorens echter aandacht besteed zal worden aan deze specifieke bewijsrechtelijke vraagstukken, zal Anton Woertman, advocaat bij Arie Brink advocaten, een algemene uiteenzetting geven over het concept bewijs. Naast juridische artikelen, bevat deze editie van het GCB een bijzonder interessant interview met Toon Heisterkamp, raadsheer bij de Hoge Raad, en een uiteenzetting van PhD student Karolina Sikorska over haar bewijsrechtelijke onderzoeksonderwerp. We hebben echter niet alle elementen van een verenigingsblad weg willen laten en daarom! zal het blad ook een jaarplanning, waarin alle Diephuisactiviteiten van dit collegejaar te vinden zijn, een buitenlandcolumn van een actief lid van Diephuis en een lustrumverslag bevatten. Ik wil namens mijn commissie iedereen van harte bedanken voor de enthousiaste reacties op de naamswijziging en de bereidheid om mee te werken aan de totstandkoming van de eerste editie van dit nieuwe blad. Mij rest slechts u ontzettend veel leesplezier toe te wensen! Met vriendelijke groet, Namens de Groninger Civilistenbladcommissie, Jantina Hiemstra Voorzitter Groninger Civilistenbladcommissie 6

7 GCB-COMMISSIE Jeroen Vollebergh PR & Design Doelgericht en creatief. Is na zijn bachelor Recht & ICT dit jaar begonnen aan de master Bedrijfsrecht. Heeft ook grote interesse voor het intellectueel eigendom. Jantina Hiemstra Voorzitter Daadkrachtig, doorzetter en vindingrijk. Doet als promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen op de vakgroep Privaatrecht en Notarieel Recht onderzoek naar de aansprakelijkheid van de hulpverlener voor medische hulpzaken ex artikel 6:77 BW. Hilde Portena Design & Algemeen Energieke en gedreven Research Master studente. Zet zich overal altijd voor de volle 100% voor in. Haar belangstelling gaat met name uit naar het privaatrecht. Andrea van Lent Penningmeester Kritisch, enthousiast en betrouwbaar. Is op dit moment derdejaars studente rechtsgeleerdheid aan de Rijksuniversiteit Groningen. Wordt vooral geboeid door privaatrechtelijke kwesties. Peter Jan Polstra Contactpersoon kantoren Deze enthousiaste, geletterde jongeman is op dit moment bezig met het laatste jaar van zijn bachelor. Zijn interesses gaan uit naar het privaatrecht en het strafrecht, maar hij ambieert ook een carrière in de journalistiek. 7

8 BEWIJSRECHT IN DE PRAKTIJK Weinig onderwerpen van het burgerlijk procesrecht zijn zo feitelijk, zo praktisch maar ook zo boeiend als de regels van het bewijsrecht. Afdeling 9 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering geeft hiervoor een duidelijke regeling. Bij het thans geldende bewijsrecht kan, compact weergegeven, van de volgende uitgangspunten worden uitgegaan: De procespartijen zelf, en dus niet de rechter, bepalen de aard en omvang van de procedure. De procespartijen nemen dan ook zelf het initiatief tot bewijslevering; Slechts bij betwiste feiten mag en kan de rechter bewijs opdragen. De rechter dient expliciet te bepalen welke feiten door welke partij bewezen moeten worden; Als een procespartij een relevant bewijsaanbod heeft gedaan, moet de rechter getuigenbewijs opdragen; Ingeval het bewijs door de betreffende partij is geleverd, mag de wederpartij tegenbewijs leveren; De rechter oordeelt met een grote mate van vrijheid in hoeverre hij het bewijs overtuigend vindt: hij waardeert het bewijs. Over het bewijsrecht valt heel veel te zeggen en is nog veel meer geschreven. De jurisprudentie ter zake is vrijwel onuitputtelijk. Ik zal mij in mijn bijdrage dan ook beperken tot enkele facetten van de dagelijkse praktijk in civiele procedures. Tijdens mijn rechtenstudie in Groningen vond ik het vak burgerlijk procesrecht niet bijster interessant; met veel theorie was het een vervan-mijn-bed-show. Pas toen ik in 1995 na mijn studie als procesjurist werkzaam werd in de juridische praktijk, kwam het procesrecht voor mij tot leven. Op dat moment werden namelijk het belang van het procesrecht én de mogelijkheid om dat recht ten voordele te gebruiken pas echt duidelijk. Tijdens het eerste vak procesrecht dat ik bij aanvang van de beroepsopleiding advocatuur volgde, gaf de docent, een oud-deken in Groningen, haarfijn aan wat een advocaat in een civiele zaak moest uitvinden: 1. Wat zijn de feiten? 2. Wat wil de cliënt? 3. Wat is het recht? Uiteraard is voor een advocaat kennis van het recht belangrijk, maar een groot deel van de werkzaamheden in de praktijk bestaat uit het verzamelen van feiten. Bij inname van een nieuwe zaak is zonder twijfel het inventariseren van het volledige feitencomplex van het grootste belang. Daarbij moet een advocaat zich realiseren dat een cliënt dan niet zelden relevante informatie achterhoudt. Soms omdat hij zich daarvoor schaamt, soms ook omdat hij meent dat die informatie zijn zaak verzwakt. In die gevallen is het verstandig om de advocaat van de duivel te spelen en de cliënt voor te houden dat hij direct alle kaarten op tafel moet leggen, opdat er tijdens een gerechtelijke procedure geen verrassingen naar voren komen die de uitkomst negatief bepalen. In zijn algemeenheid is het dan ook verstandig om een zwak onderdeel bij aanvang van een procedure volledig te benoemen en zo veel mogelijk af te zwakken of te weerleggen. Nadat de feiten in kaart zijn gebracht moeten zij vervolgens uiteraard gepresenteerd worden. Hetzij in de dagvaarding, hetzij in de conclusie van antwoord. De wijze waarop deze presentatie plaatsvindt is mede bepalend voor het vervolg en de uitkomst van de procedure. Op dat punt raken stelplicht en bewijslastverdeling elkaar. Een procespartij dient alle relevante feiten en omstandigheden aan te voeren en zo goed mogelijk te onderbouwen, opdat de rechter een beslissing in zijn voordeel geeft: de stelplicht. Artikel 150 RV bepaalt als hoofdregel dat de partij die zich beroept op de rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten of rechten, de bewijslast van die feiten of rechten draagt: de objectiefrechtelijke leer van de bewijslastverdeling. Uit de toepasselijke regel van het materiele recht moet worden afgeleid hoe de bewijslast in het concrete geval behoort te worden verdeeld. Als vuistregel kan dan ook van het volgende worden uitgegaan: stelplicht leidt tot bewijslast. Op de uitzonderingen zal ik hier niet na- Bewijs: last of lust? Voor de gemiddelde rechtenstudent staat het vak burgerlijk procesrecht waarschijnlijk in de top 3 van de saaiste vakken. Voor een procesjurist blijkt het bewijsrecht echter een middel om een zaak te maken of te breken. Advocaat Anton Woertman wijdt uit over het bewijsrecht in de praktijk en vertelt hoe het procesrecht voor hem tot leven kwam. 8 A. Woertman 1

9 ARTIKEL WOERTMAN der ingaan. Tijdens een cursus bewijsrecht voor advocaten die ik een aantal jaren geleden volgde, legde de docent, een rechter, een redelijke complexe casus aan de aanwezige advocaten voor. De vraag aan de veelal ervaren advocaten was simpelweg op welke partij de bewijslast rustte. De helft van de advocaten meende dat partij A bewijs diende te leveren, en de andere helft koos voor partij B. Een verontrustende uitkomst? Wellicht, maar het maakte ook duidelijk dat het een lastige materie is. De rechter gaf overigens aan dat ook rechters vaak veel moeite hebben met de bewijslastverdeling en dat een hoger beroep ten aanzien van de bewijslastverdeling niet zonder meer kansloos is. De wijze van presenteren van de feiten én het bewust gebruik maken van het procesrecht kunnen beslissend zijn voor de uitkomst van procedures. Ik zal dit toelichten aan de hand van een concrete casus die bij de Hoge Raad heeft gespeeld, maar waarvan het feitencomplex voor vele zaken in de praktijk van alledag van groot belang is. Eiseres voerde aan dat zij ter zake van verrichte werkzaamheden een uurtarief van 65,00 was overeengekomen met gedaagde. Deze afspraak was niet schriftelijk vastgelegd. Gedaagde stelde vervolgens bij antwoord dat zij nader met eiseres was overeengekomen dat op het uurtarief een korting van 30% van toepassing zou zijn. De vraag was welke partij het bewijs diende te leveren. Deze vraag kan op twee manieren benaderd worden. Ofwel gedaagde heeft de overeenkomst voor een uurtarief van 65,00 erkend en Tijdens mijn rechtenstudie was het burgerlijk procesrecht een ver-van-mijnbed-show. Pas toen ik na mijn studie als procesjurist werkzaam werd, kwam het procesrecht voor mij tot leven. moet de nadere afspraak ten aanzien van de korting bewijzen; ofwel het verweer van gedaagde houdt een betwisting van de vordering van eiseres in, waarna de hoofdregel geldt dat eiseres haar stelling dat 65,00 was afgesproken dient te bewijzen. Het Gerechtshof heeft geoordeeld dat het verweer gesplitst kon worden, dat partijen het eens waren over een uurtarief van 65,00 en dat gedaagde de door haar gestelde korting diende te bewijzen. Dit bewijs kon gedaagde niet leveren waarna de vordering van eiseres werd toegewezen. De Hoge Raad heeft het arrest van het Gerechtshof in stand gelaten. Als nu gedaagde simpelweg als verweer had gevoerd dat er geen uurtarief 65,00 was overeengekomen, dan had de bewijslast op eiseres berust. Mocht dit bewijs geleverd worden, dan had gedaagde vervolgens bij wijze van tegenbewijs de korting kunnen opvoeren. Extra wrang in deze zaak was nog dat gedaagde in dat geval de enkele verklaring van een partijgetuige had kunnen gebruiken. Art. 165 lid RV bepaalt immers dat bij tegenbewijs wel de enkele partijverklaring zonder aanvullend bewijs mogelijk is, terwijl dit voor het gewone bewijs niet mogelijk is. Uit deze zaak blijkt in ieder geval helder dat de presentatie van feiten én de wijze van processuele opstelling met beleid dient te geschieden. Voor cliënten kunnen er zaken mee gewonnen of verloren worden. Het procesrecht biedt voldoende instrumenten om in de praktijk als advocaat procedures te sturen. Bewijslast voor de één, is bewijslust voor de ander. 1 Advocaat bij Arie Brink Advocaten te Heerenveen Anton Woertman: In 1992 rondde Anton Woertman zijn studie rechten te Groningen af. Na zijn studie was hij onder andere werkzaam als manager juridische dienstverlening bij Deloitte Nederland en als advocaat bij Yspeert VWL Advocaten. Sinds 2012 is Anton Woertman als advocaat verbonden aan Arie Brink Advocaten te Heerenveen. 9

10 BURDEN OF PROOF Burden of proof in K. Sikorska 1 I was asked to contribute to the current issue of the Groninger Civilistenblad and I am more than happy to do so. My name is Karolina Sikorska, I am a PhD student from Poland conducting research about rules on the burden of proof in the European consumer sale. Some may wonder how a Polish student ended up doing research in the Netherlands. Two words: coincidence and luck. Although some say that coincidence does not exist and that one creates its own luck, I still think these two words describe my road to becoming a PhD researcher best. A little more than five years ago, after finishing my master law studies in Poznan, Poland, I came to Groningen to participate in the LLM program (International and Comparative Private Law). After graduating in August 2009 with some surprisingly good results there was an opportunity to carry out research at the department of Private and Notary Law. After several weeks of meetings and discussions about my eventual placement I finally received great news and I started my work in January I can confess that at that moment I did not know what I was getting myself into. This voice of uncertainty accompanies me from time to time taking turns with the confidence and pride of being allowed to practice to finally become doctor of laws. My research concerns the issues of the burden of proof in the European consumer sales. Burden of proof is an essential factor for resolving civil law disputes. However, it still does not seem to receive the amount of attention it deserves. My overall aim is to underline the importance of the rules on the burden of proof and their unused potential in litigation between the professional seller and the consumer. It is broadly known that the rules of the burden of proof may (and in some cases should) be used to sooth the inconveniences of the substantive regulations and fight parties inequality to restore balance between them. A fair and reasonable allocation of the burden of proof could also limit the amount of substantive legal acts manufactured in order to protect consumer interests. In my research I focus on the rules of allocation of the burden of proof in the European consumer sale. In the first place I ask basic questions such as who has to prove what in order to win the case, for example who has to prove that the contract in question amounts to a consumer sale contract; which facts have to be provided to convince the judge that delivered goods lack conformity/are in conformity and who has to provide these facts. The notion of non-conformity, although not the center topic of my research, proves to be one of the most important concepts when it comes to the consumer sale since it determines the seller s liability and access to remedies consumers could derive from Private Law. My aim is to underline the importance of the rules on the burden of proof and their unused potential in litigation between the professional seller and the consumer. In my thesis I specifically deal with the application of Article 5 (3) of the Consumer Sales Directive. 2 It contains a rebuttable presumption according to which, if non-conformity becomes apparent within six months from the time of delivery, it is presumed that it was present at that time. The presumption of non-conformity does not apply if it is incompatible with the nature of the goods and/or the nature of the non-conformity. The general rule on allocation of the burden of proof is that the buyer is required to provide evidence that goods have been defective at the time of delivery. 3 As presented, Article 5 (3) introduces a presumption altering the general allocation of the burden proof regarding the time of existence of non-conformity. About the reasons behind this provision, the European legislator has suggested that a general allocation of the burden of proof would be too burdensome for the consumers. Pointing at experience, knowledge and resources, the legislator has decided that within the first six months from the time of delivery the professional seller has 10

11 PhD on topic SIKORSKA to provide evidence that at the time of delivery the goods were conforming to the contract. 4 It should be underlined that it is the first European provision that determines national allocation of the burden of proof in civil law cases at such a big scale. However, for the effective application of Article 5 (3) of the Consumer Sales Directive the correct implementation into national laws is required. The main questions regarding the presumption of non-conformity from Article 5 (3) are: how it has been implemented into laws of Member States, what the role of this provision is, how it operates and how it alternates national rules on the allocation of the burden of proof, and finally what it actually means for a consumer. The comparative element of my research is crucial and gives a glimpse on how the European rules alter the national burden of proof in order to protect the consumer. To answer above questions I investigate the legislation and jurisprudence of four Member States: Poland, Germany, England and the Netherlands. I analyzed whether the presumption from Article 5 (3) of the Consumer Sales Directive has been correctly implemented, what the specific conditions are for the presumption to apply, what the legal consequences are of the application of the presumption and when it can be rebutted and excluded. The analysis of particular elements of the presumption according to the various jurisdictions will provide information necessary to establish whether the national legislations facilitate and simplify the consumer s burden of proof and bring balance in the disputes between professionals and consumers. The comparative element of my research is crucial and although comparison of four legal systems seems to be insufficient to draw conclusions for the whole of the European Union, it definitely gives a glimpse on how the European rules alter the national burden of proof in order to protect the consumer in practice. As a preliminary conclusion I can already state that the application of the presumption of non-conformity seems not to be as straightforward as one may think. After analysing the legislation and case law of four Member States it seems that the operation of the presumption is also a little less favourable to the consumers than it is supposed to be, especially taking its objectives and function into consideration. The implementation of the article 5 (3) of the Consumer Sales Directive, although it seemed to be in line with the Directive in all analyzed systems, is still not uniform. There are considerable differences in the field of a rebuttal of the presumption as well as the application of the exclusion criteria. Furthermore, looking at the amount of case law dealing with this subject it can be observed that in some jurisdictions, for example in England, the presumption from Article 5 (3) of the Consumer Sales Directive almost has no practical significance, while in other jurisdictions such as in Germany and the Netherlands the issues of presumption often come forward and are broadly discussed in the literature. This all shows that even in case of one identical rule on the allocation of burden of proof for all Member States, its application and workability is still affected by national factors such as the implementation process, general rules on burden of proof, the notion of evidence to the contrary, the assessment of evidence and the established practice in administrating justice. Finally, it can be stated that there are considerable doubts whether the presumption achieves the aims for which it has been enacted and whether it is a suitable tool to achieve these aims. Hopefully, after conducting my research I will be able to give answers to the above mentioned questions, come up with the solutions allowing consumers greater chances to obtain remedies for non-conforming goods, and finally be able to provide recommendations for a better and more efficient protection of consumer interests in the field of European consumer sale. Noten 1 PhD researcher and teacher at the Department of Private Law and Notary Law at the University of Groningen. 2 Article 5 (3) Consumer Sales Directive: Unless proved otherwise, any lack of conformity which becomes apparent within six months of delivery of the goods shall be presumed to have existed at the time of delivery unless this presumption is incompatible with the nature of the goods or the nature of the lack of conformity. 3 Actori incumbit probatio. 4 Guarantees for consumer goods and after-sales services (Green Paper), COM (93) 509 final, Official Journal C 338, , p

12 Tussen waarheid en onzekerheid De wenselijkheid van de proportionele aansprakelijkheid als oplossing voor causaliteitsonzekerheid H.E. Portena 1 Het adagium in medio tuttissimus ibis stelt dat men in het midden het veiligst gaat. Vergeet het maar, zegt Nieuwenhuis. Wie de middenweg kiest, krijgt van twee kanten de volle laag. 2 Zijn citaat raakt ten volle aan de perikelen omtrent het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid. Heeft de Hoge Raad in het arrest Nefalit/Karamus een passend antwoord gegeven op de causaliteitsproblematiek door te kiezen voor het bewandelen van de middenweg of is de proportionaliteit van deze keuze een desillusie? 3 In dit artikel wordt deze vraag onder de loep genomen. 1. Inleiding Een van de voorwaarden voor aansprakelijkheid is de aanwezigheid van een causaal verband tussen fout en schade. Het bewijs van deze causaliteit vormt een heikel punt binnen het aansprakelijkheidsrecht, waarbij met name het zogeheten condicio sine qua non-verband, dat onderdeel uitmaakt van het causaliteitsvereiste, problematisch is. Het condicio sine qua non-verband wordt als zodanig niet vermeld in artikel 6:98 BW, maar volgt uit de bewoordingen van de bepaling waarop de aansprakelijkheid rust. 4 De woorden daardoor en dientengevolge, zoals gebruikt in artikel 6:74 BW respectievelijk artikel 6:162 BW, tonen aan dat er sprake moet zijn van een condicio sine qua non om aansprakelijkheid te doen ontstaan. 5 Er zal dan ook aangetoond moeten worden dat de schade niet ontstaan zou zijn zonder dat de betreffende gebeurtenis plaatsgevonden zou hebben. Ingevolge artikel 150 Rv is de hoofdregel dat gelaedeerde dient te stellen en bij betwisting dient te bewijzen dat sprake is van een condicio sine qua non-verband. Gelaedeerde draagt derhalve in beginsel ook het bewijsrisico, 12

13 ARTIKEL PORTENA zodat het voor zijn rekening zal komen als hij er niet in slaagt het vereiste verband te bewijzen. 6 In veel gevallen zal dit bewijs geen enkel probleem opleveren en zal vrijwel gelijk duidelijk zijn of er al dan niet sprake is van een condicio sine qua non. In enkele gevallen ligt dit echter gecompliceerder en is er sprake van causaliteitsonzekerheid. Er zijn twee vormen van causaliteitsonzekerheid te onderscheiden. 7 De eerste vorm is het onzekere slachtofferschap, waarbij onduidelijk is of gelaedeerde daadwerkelijk slachtoffer is van een bepaalde gedraging. Hiervan is het hierna te bespreken arrest Nefalit/Karamus een sprekend voorbeeld. 8 De tweede vorm van causaliteitsonzekerheid is het onzekere daderschap, waarbij in het midden blijft wie van de verschillende mogelijke schadeveroorzakers, die allen onrechtmatig gehandeld hebben, de schade van gelaedeerde daadwerkelijk veroorzaakt heeft. Een voorbeeld hiervan is de welbekende kwestie van de DES-dochters, waar ik hier niet verder op in zal gaan. 9 Er zijn verschillende oplossingen voor deze causaliteitsproblematiek denkbaar. 10 Een van de oplossingen, namelijk het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid, zal ik in dit artikel in het bijzonder uitlichten. Hierbij zal de vraag naar de wenselijkheid van de proportionele aansprakelijkheid als oplossing voor de causaliteitsproblematiek centraal staan. Ter inleiding zal ik in paragraaf 2 eerst nader ingaan op wat proportionele aansprakelijkheid inhoudt. In het vervolg van dit artikel zal de belangrijkste vraag zijn in hoeverre het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid een goede oplossing vormt voor de causaliteitsonzekerheid. Teneinde deze vraag te beantwoorden zal ik de preventieve werking van proportionele aansprakelijkheid en de inpasbaarheid van het leerstuk in het traditionele aansprakelijkheidsrecht onderzoeken. Het arrest Nefalit/Karamus is de eerste zaak waarin de Hoge Raad de traditionele alles-of-niets leer loslaat en kiest voor proportionele aansprakelijkheid. 2. Het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid In 2006 is door de Hoge Raad in het arrest Nefalit/Karamus de regel van de proportionele aansprakelijkheid aanvaard. 11 In de casus van dit arrest waren de feiten als volgt. Karamus overleed in 1997 aan longkanker. Van 1964 tot 1979 was hij werkzaam bij Nefalit, voorheen Asbestona, waar hij als fabrieksmedewerker voortdurend blootgesteld werd aan de voor de gezondheid gevaarlijke stof asbest. Onduidelijk was echter of de longkanker te wijten was aan een natuurlijke oorzaak zoals genetische aanleg, aan de jarenlange blootstelling aan asbest of aan het feit dat Karamus gedurende tenminste 28 jaar fervent roker van sigaretten was geweest. Zoals eerder aangegeven ziet men hier een duidelijk voorbeeld van onzeker slachtofferschap. De Hoge Raad heeft in dit arrest een mogelijke oplossing voor causaliteitsonzekerheid geboden in de vorm van het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid. Toepassing hiervan betekende in casu dat de werkgever aansprakelijk gesteld werd voor 55%, het percentage dat correspondeerde met de kans dat de longkanker inderdaad veroorzaakt was door de inhalering van asbestvezels. 12 Het arrest Nefalit/Karamus is de eerste zaak waarin de Hoge Raad de traditionele alles-of-niets leer loslaat en kiest voor proportionele aansprakelijkheid. 13 Kortgezegd komt de regel van de proportionele aansprakelijkheid erop neer dat het bedrag waarvoor de dader aansprakelijk gesteld wordt evenredig is aan de kans dat de schade daadwerkelijk veroorzaakt is door zijn handelen. Niet alleen binnen de geschetste problematiek van gezondheidsschade, maar ook daarbuiten is volgens de Hoge Raad ruimte voor toepassing van het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid. In het arrest Fortis/Bourgonje geeft de Hoge Raad aan dat er ook andere situaties denkbaar zijn waarin het redelijker is de onzekerheid over het condicio sine qua non-verband tussen de normschending en de schade over partijen te verdelen, dan deze onzekerheid volledig voor risico van de benadeelde te laten komen. 14 Hierbij geeft de Hoge Raad aan wanneer hiervoor in het bijzonder aanleiding bestaat, namelijk indien de aansprakelijkheid van de aangesproken partij op zichzelf vaststaat, een niet zeer kleine kans bestaat dat het condicio sine qua non-verband tussen de geschonden norm en de geleden schade aanwezig is, en de strekking van de geschonden norm en de aard van de normschending de toepassing van de genoemde regel rechtvaardigen. 15 De door de Hoge Raad in deze rechtsoverweging genoemde factoren zijn de vier ijkpunten die van belang zijn bij beantwoording van de vraag of er ruimte is voor proportionele aansprakelijkheid. In paragraaf 3 zal ik ingaan op de vraag of de proportionele aansprakelijkheid vanuit rechtseconomisch perspectief een efficiënte benadering is van het causaliteitsprobleem. Teneinde deze vraag te beantwoorden zal ik de proportionele aansprakelijkheid afzetten tegen de traditionele alles-of-niets leer. 3. Het aansprakelijkheidsrecht vanuit rechtseconomisch perspectief Vanuit economisch perspectief heeft het aansprake- 13

14 PROPORTIONELE AANSPRAKELIJKHEID lijkheidsrecht, met name de schadevergoeding wegens onrechtmatige daad, preventie tot voornaamste doel. 16 Deze doelstelling komt tot uiting in de regel dat schadeveroorzakers de schade moeten dragen. Degene die met onvoorzichtig handelen een ander schade berokkent, moet ook de consequenties daarvan voor zijn rekening nemen. Dit vooruitzicht zal een gedragsprikkel kunnen geven om de schade te voorkomen. De dader zal zich voorzichtiger gedragen teneinde de schade te vermijden. Bijzondere aandacht hierbij verdient de kanttekening dat het streven naar preventie niet absoluut is. 17 Wanneer de baten van het schadetoebrengende handelen hoger zijn dan de kosten van het handelen, hoeft in economisch perspectief het schadetoebrengende handelen niet zonder meer voorkomen te worden. Het optimale niveau van maatschappelijke welvaart wordt bereikt wanneer de extra kosten die gemoeid zijn met voorkomen van de schade niet meer opwegen tegen de extra baten hiervan. Het aansprakelijkheidsrecht is een middel om de dader aan te zetten tot het aanwenden van deze optimale zorg. 18 Bij proportionele aansprakelijkheid streeft men er naar om causaliteitsonzekerheid op statistisch correcte wijze te verdelen over beide partijen. Zonder enige aansprakelijkheid, zal het op basis van enkel economische overwegingen voor partijen niet aantrekkelijk zijn om te voorkomen dat een ander schade lijdt. Immers, het aan de dag leggen van voorzichtiger gedrag zal voor hen in de meeste gevallen slechts extra kosten met zich meebrengen. De betreffende partij zal extra inspanningen moeten verrichten, voorzieningen moeten treffen of bepaalde activiteiten die hem profijt opleveren achterwege moeten laten. Het ligt dan ook niet voor de hand dat partijen zullen trachten om voorzichtiger te handelen als er geen enkel vooruitzicht is dat dit hen iets op zal leveren. Wanneer de verwachting echter is dat een partij aansprakelijk gesteld wordt voor de schade die hij veroorzaakt heeft, ligt dit anders. De verwachte schade voor een partij bestaat uit de kans dat de schade zich voordoet maal het verwachte schadebedrag. Als de kosten die gemoeid zijn met voorzichtiger gedrag lager zijn dan de verwachte schade, zal de meest aantrekkelijke optie het aan de dag leggen van voorzichtiger gedrag zijn. 19 Hierbij is natuurlijk van belang of de partij een wa-verzekering heeft afgesloten, aangezien hierdoor de prikkelwerking van de mogelijke aansprakelijkheid verdwijnt. Echter, aangenomen kan worden dat de verschillende mechanismen die een verzekeraar in de verzekering heeft ingebouwd, zoals een eigen risico en een declaratieafhankelijke premie, deze prikkelwerking overnemen. 20 Om die reden ga ik in dit artikel niet verder in op de mogelijke aanwezigheid van een verzekering en de invloed hiervan op de wenselijkheid van proportionele aansprakelijkheid. In het geval van causaliteitsonzekerheid is er in ieder geval sprake van twee of meer mogelijke oorzaken voor de schade. Uit het feit dat het causale verband onzeker is, is af te leiden dat elk van de oorzaken invloed gehad moet kunnen hebben op het ontstaan van de schade. 21 Vanuit ex ante perspectief is het streven dat zowel de dader als het slachtoffer effectieve prikkels krijgt om de schade te beperken. Aan de hand van het zojuist geschetste mechanisme zal ik in het navolgende vanuit ex ante perspectief kijken naar de effectiviteit van de proportionele aansprakelijkheid in vergelijking tot de effectiviteit van de traditionele alles-of-niets leer. 4. Ex ante benadering van de proportionele aansprakelijkheid en de alles-of-niets leer De klassieke aanpak van alles-of-niets is in verschillende vormen denkbaar. De eerste verschijningsvorm waar ik op in wil gaan, is de strikte toepassing van het condicio sine qua non vereiste, waarbij de schade geheel voor rekening zal komen van gedaagde. Op het moment dat het causale verband onzeker is, zal het immers niet mogelijk zijn om het condicio sine qua non-verband aannemelijk te maken, zodat er in deze opvatting ook geen aansprakelijkheid van de mogelijke schadeveroorzaker kan volgen. De als tweede te bespreken mogelijkheid is qua slachtoffervriendelijkheid het tegenovergestelde van deze oplossing en komt erop neer dat, zodra er enige kans bestaat dat de schade veroorzaakt is door een bepaalde dader, deze dader voor het geheel aansprakelijk gesteld wordt. Toepassing van de proportionele aansprakelijkheid blijkt onvoldoende te zijn om ieder van de mogelijke schadeveroorzakers aan te zetten tot efficiënt gedrag. Met het oog op de preventie van schade is een strikte toepassing van het condicio sine qua non vereiste inefficiënt. Mocht gelaedeerde er niet in slagen het vereiste verband aannemelijk te maken, dan zal hij zelf voor de gehele schade op moeten draaien. In deze situatie is het zo dat de dader, wanneer hij weet dat er meerdere factoren mogelijk in causaal verband met de schade staan, er van uit kan gaan dat hij geen schadevergoeding 14

15 ARTIKEL PORTENA hoeft te betalen. Wanneer hij dit weet voorafgaand aan het verrichten van de handeling die mogelijk schade zal veroorzaken, zal er voor hem geen enkele economische reden zijn om te kiezen voor voorzichtig gedrag. Immers, hij weet dat de eventuele schade toch niet voor zijn rekening zal komen en dus zal het treffen van voorzorgsmaatregelen hem meer kosten dan het hem zal opleveren. 22 Het gevolg van deze vrijwaring van aansprakelijkheid ( niets ) is dus gedrag dat vergelijkbaar is met het door rechtseconomen zo gevreesde moral hazard. Volledige aansprakelijkheid ( alles ) is in economisch opzicht eveneens inefficiënt, aangezien een dergelijke benadering betekent dat de dader meer schade zal moeten vergoeden dan hij mogelijk veroorzaakt heeft. Bij deze benadering is het immers zo dat zodra er enig vermoeden bestaat van causaal verband tussen de betreffende gedraging en de schade, de dader aansprakelijk zal zijn voor de gehele schade. Het gevolg hiervan is het optreden van de door Shavell beschreven crushing liability, hetgeen betekent dat potentiële daders in verband met de mogelijke aansprakelijkheid voor schade zullen afzien van op zichzelf maatschappelijk wenselijke activiteiten. 23 Anders dan bij de klassieke alles-of-niets leer streeft men er bij de proportionele aansprakelijkheid naar om causaliteitsonzekerheid op statistisch correcte wijze te verdelen over beide partijen. De dader wordt slechts aansprakelijk gesteld voor dat deel van de schade waarvoor hij statistisch gezien verantwoordelijk gehouden kan worden. 24 De schade wordt immers verdeeld over beide partijen naar rato van ieders bijdrage aan de kans op schade. In de zaak Nefalit/Karamus was de kans dat de schade door Nefalit veroorzaakt was vastgesteld op 55%, zodat Nefalit 55% van de schade moest vergoeden. 25 Dit komt op hetzelfde neer als het vergoeden van 55 van de 100 slachtoffers, hetgeen statistisch gezien precies de hoeveelheid schade is die Nefalit veroorzaakt heeft. Voorstanders van de proportionele aansprakelijkheid benadrukken dan ook dat door toepassing van proportionele aansprakelijkheid optimale zorgprikkels zouden volgen: de te betalen schadevergoeding en de daadwerkelijk veroorzaakte schade lopen niet uiteen. 26 Het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid lijkt vanuit rechtseconomisch perspectief de meest efficiënte oplossing voor causaliteitsonzekerheid te zijn. Bij deze stelling zijn echter belangrijke kanttekeningen te plaatsen. Van Velthoven en Van Wijck wijzen er op dat het niet zonder meer het geval is dat optimale zorgprikkels zullen volgen bij toepassing van proportionele aansprakelijkheid. 27 Met name wanneer de verschillende causale factoren elkaar versterken (synergie) dan wel elkaar tegenwerken of compenseren (antagonisme), zal dit niet het geval zijn. 28 Zo zorgt de uitspraak in de zaak Nefalit/Karamus voor de werkgever voor optimale prikkels, maar voor de werknemer niet. De reden hiervoor is dat de toename van het risico op longkanker door blootstelling aan asbest wordt verhoogd door het roken van sigaretten. 29 Met andere woorden, de factoren roken en blootstelling aan asbest versterken elkaar en een combinatie van deze factoren creëert een grotere kans op longkanker dan een optelsom van beide factoren afzonderlijk op zou leveren. Het gevolg is dat Nefalit het juiste schadebedrag betaald heeft, maar dat Karamus een te hoog bedrag ontvangen heeft. Hierdoor wordt Karamus vanuit ex ante perspectief niet optimaal geprikkeld tot preventie van de schade. 30 Het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid is niet zonder schaduwzijde. Het rechtseconomische argument vóór toepassing van de proportionele aansprakelijkheid, zoals deze door voorstanders van het leerstuk aangedragen wordt, blijkt een onvolledige afspiegeling van de werkelijkheid te zijn. Uit het onderzoek van Van Velthoven en Van Wijck blijkt immers dat met het verdelen van de schade over de mogelijke schadeveroorzakers niet per definitie het hoogste preventieniveau bereikt wordt en dat niet in alle gevallen optimale zorgprikkels voor alle partijen worden gecreëerd. Toepassing van de proportionele aansprakelijkheid blijkt onvoldoende te zijn om ieder van de mogelijke schadeveroorzakers aan te zetten tot efficiënt gedrag Aantasting van de kern van het aansprakelijkheidsrecht Ook in een ander opzicht is het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid niet zonder schaduwzijde. Tegenstanders van de proportionele aansprakelijkheid wijzen er uitdrukkelijk op dat de proportionele aansprakelijkheid een aantasting is van de kern van het aansprakelijkheidsrecht. 32 Het belangrijkste argument dat ter onderbouwing hiervan aangedragen wordt, is dat de proportionele aansprakelijkheid het vereiste van het condicio sine qua non-verband buitenspel zou zetten. 33 Immers, het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid speelt juist een rol in die situaties waarin het condicio sine qua non-verband niet bewezen kan worden en wordt aangewend ter ondervanging van dit bewijsprobleem. Toepassing van de proportionele aansprakelijkheid kan er dan ook toe leiden dat iemand aansprakelijk gesteld wordt voor schade waarbij de kans dat hij die schade daadwerkelijk veroorzaakt heeft aanmerkelijk kleiner is dan de kans dat hij die 15

16 PROPORTIONELE AANSPRAKELIJKHEID schade niet veroorzaakt heeft. Tekenend is de volgende passage uit het artikel Disproportionele aansprakelijkheid van Nieuwenhuis. Rechter tot de gedaagde: ik heb voor u twee berichten, een slecht bericht en een goed bericht. Eerst het slechte bericht: u wordt veroordeeld tot vergoeding van schade die met aanzienlijke waarschijnlijkheid (75%) niet door u is veroorzaakt. Nu het goede bericht: u krijgt een aantrekkelijke korting: u betaalt slechts 25%. 34 Met dit ironische voorbeeld illustreert Nieuwenhuis niet alleen het onrechtvaardige gevoel dat het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid in het individuele geval kan creëren, maar weet hij ook de achilleshiel van de proportionele aansprakelijkheid te raken. De vereisten voor toewijzing van de gevorderde schadevergoeding zijn niet geconstrueerd als hellende vlakken, maar als horden, aldus Nieuwenhuis. Een proportionele benadering van het condicio sine qua non vereiste is dan ook ongepast volgens hem. 35 Ook Van Maanen geeft aan dat de proportionele aansprakelijkheid de kern van het aansprakelijkheidsrecht aantast door één van de elementaire vereisten voor aansprakelijkheid, namelijk het condicio sine qua nonverband, te ondervangen. 36 Evenals Nieuwenhuis is Van Maanen van mening dat de aanwezigheid van het condicio sine qua non-verband niet als een hellend vlak te beschouwen is, maar hij maakt hierbij, anders dan Nieuwenhuis, onderscheid tussen het primaire causale verband en het secundaire causale verband. Het primaire causale verband heeft betrekking op de vestiging van aansprakelijkheid, terwijl het secundaire causale verband de omvang van de schadevergoedingsverplichting betreft. 37 Hoewel de vraag naar de omvang van de schadevergoedingsverplichting te beschouwen is als een glijdende schaal, is de vraag naar de vestiging van aansprakelijkheid ook in Van Maanen s optiek een tweekeuzevraag. 38 De tegenstanders van het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid, waaronder ook Van Maanen en Nieuwenhuis geschaard kunnen worden, zijn het erover eens dat het leerstuk met de verdeling van de schade naar rato van de veroorzakingswaarschijnlijkheid een van de kernvereisten van het aansprakelijkheidsrecht opzij zet. Hiermee wordt het aansprakelijkheidsrecht in haar kern aangetast. 6. Conclusie Centraal in dit artikel staat de wenselijkheid van het leerstuk van proportionele aansprakelijkheid. De in de inleiding opgeworpen onderzoeksvraag is in hoeverre dit leerstuk een goede oplossing vormt voor causaliteitsonzekerheid. Ter beantwoording van deze vraag heb ik twee aspecten van de proportionele aansprakelijkheid uitgelicht, namelijk de preventieve werking van het leerstuk en de inpasbaarheid ervan in het traditionele aansprakelijkheidsrecht. Op basis van slechts twee argumenten is het te voorbarig om tot een definitief standpunt te komen. Gezien de geringe omvang van dit onderzoekskader zal ik hier dan ook slechts een voorlopige conclusie weergeven. Voorstanders van de proportionele aansprakelijkheid wijzen op de rechtseconomische voordelen die het leerstuk zou bieden. Verdeling van de schade over de mogelijke schadeveroorzakers zou met het oog op schadepreventie de meest efficiënte benadering van het causaliteitsprobleem zijn, doordat hiermee optimale zorgprikkels gegeven zouden worden. 39 Uit het onderzoek van Van Velthoven en Van Wijck blijkt echter dat niet in alle gevallen optimale zorgprikkels gegeven worden door toepassing van proportionele aansprakelijkheid. 40 Slechts in die gevallen dat de schadekansen opgeteld kunnen worden tot een, zou dit het geval zijn. Het zojuist genoemde argument van schadepreventie blijkt een onvolledig beeld te geven, waarbij over het hoofd gezien wordt dat blijkbaar in lang niet alle gevallen optimale zorgprikkels gegeven worden. Het tweede aspect dat in het kader van dit artikel onderzocht is, wordt gevormd door de inpasbaarheid van het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid in het aansprakelijkheidsrecht. Zoals ook Van Maanen en Nieuwenhuis in hun strijd tegen de proportionele aansprakelijkheid aangeven, tast dit leerstuk het aansprakelijkheidsrecht in de kern aan. Met toepassing ervan wordt het vereiste van het condicio sine qua nonverband omzeild, zodat één van de kernvereisten voor aansprakelijkheid als het ware komt te vervallen. Zoals Van Maanen dit beeldend verwoordt, komt proportionele aansprakelijkheid neer op een beetje causaal verband, hetgeen net zo min kan als een beetje zwanger zijn. Causaal verband is er of niet, aldus Van Maanen. 41 De oplossing die de Hoge Raad in het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid gevonden heeft, vormt weliswaar in sommige gevallen in rechtseconomisch opzicht een effectieve benadering van de problematiek, maar is in lang niet alle situaties efficiënt te noemen. Bovendien wordt met deze oplossing een belangrijk vereiste in het aansprakelijkheidsrecht gepasseerd. Gezien het voorgaande lijkt het er niet op dat in het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid een zaligmakende oplossing gevonden is voor het probleem van de causaliteitsonzekerheid. Noten 1 Research Master studente aan de Rijksuniversiteit Groningen met als specialisatie het Privaatrecht. 2 J.H. Nieuwenhuis, Multicultureel recht: hoe is het mogelijk?, Preadvies NJV 2008, p HR 31 maart 2006, LJN AU6092 (Nefalit/Karamus). 4 J. Spier e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, De- 16

17 ARTIKEL PORTENA venter: Kluwer 2012, nr Sieburgh, Hartkamp en Asser, Mr. C. Assers handleiding tot de beoefening van het Nederlandse Burgerlijk Recht. Verbintenissenrecht. De verbintenis in het algemeen, tweede gedeelte, Deventer: Kluwer 2012, nr. 58 en J. Spier e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer: Kluwer 2012, nr M.G. Faure, Proportionele aansprakelijkheid, in: A. Hammerstein e.a., Causaliteit, Den Haag: Vermande 2003, p HR 31 maart 2006, LJN AU6092 (Nefalit/Karamus). 9 HR 9 oktober 1992, LJN ZC0706 (DES-dochters). 10 Zie M.G. Faure, Proportionele aansprakelijkheid, in: A. Hammerstein e.a., Causaliteit, Den Haag: Vermande 2003, p HR 31 maart 2006, LJN AU6092 (Nefalit/Karamus). 12 HR 31 maart 2006, LJN AU6092, r.o (Nefalit/Karamus). 13 W.H.M. Reehuis, Zwaartepunten van het vermogensrecht, Deventer: Kluwer 2010, nr HR 24 december 2010, LJN BO1799, r.o. 3.8 (Fortis/Bourgonje). 15 HR 24 december 2010, LJN BO1799, r.o. 3.8 (Fortis/Bourgonje). 16 W. Kanning en H.O. Kerkmeester, Economie en recht,groningen/ Houten: Noordhoff Uitgevers B.V. 2008, p W. Kanning en H.O. Kerkmeester, Economie en recht,groningen/ Houten: Noordhoff Uitgevers B.V. 2008, p M. Faure, Rechtseconomie en privaatrecht: kunnen rechtsregels bijdragen tot de reductie van ongevalskosten?, in: E.H. Hondius, J.J. Schippers en J.J. Siegers (red.), Rechtseconomie en recht: kennismaking met een vakgebied in opkomst, Zwolle: W.E.J. Tjeen Willinkg 1991, p W. Kanning en H.O. Kerkmeester, Economie en recht,groningen/ Houten: Noordhoff Uitgevers B.V. 2008, p A.J. Verheij, Monografieen Privaatrecht. Onrechtmatige daad, Deventer: Kluwer 2005, p B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p S. Shavell, An analysis of causation and the scope of liability in the law of torts, Harvard: Harvard Institute of Economic Research 1980, p J. Spier e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer: Kluwer 2012, nr. 201a. 25 HR 31 maart 2006, LJN AU6092 (Nefalit/Karamus). 26 M.G. Faure, Proportionele aansprakelijkheid, in: A. Hammerstein e.a., Causaliteit, Den Haag: Vermande 2003, p Het gaat het bestek van dit artikel te buiten om de volledige bewijsvoering van deze stelling te weergeven. Zie B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p. 14. Zie ook KWF Kankerbestrijding, Kanker in Nederland. Trends, prognoses en implicaties voor zorgvraag, Amsterdam 2004, o. 109 e.v. 30 B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr. 3, p Zie aldus bijvoorbeeld G. van Maanen, Proportionele schadevergoeding bij asbestclaims. De zaak Schaier/De Schelde, in: A.J. Akkermans, M. Faure & T. Hartlief (red.): Proportionele aansprakelijkheid, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2000 en J.H. Nieuwenhuis, Disproportionele aansprakelijkheid, R.M. Themis 2006, p R.M.A. van der Poel, D.A. Scheenjes, T.B.D. van der Wal (red.), Causaliteit: top-down en bottom-up in Nederlands en transnationaal perspectief, Apeldoorn-Antwerpen: Maklu J.H. Nieuwenhuis, Disproportionele aansprakelijkheid, R.M. Themis 2006, p J.H. Nieuwenhuis, Disproportionele aansprakelijkheid, R.M. Themis 2006, p G. van Maanen, Proportionele schadevergoeding bij asbestclaims. De zaak Schaier/De Schelde, in: A.J. Akkermans, M. Faure en T. Hartlief (red.), Proportionele aansprakelijkheid, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2000, p J. Spier e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer: Kluwer 2012, nr G. van Maanen, Proportionele schadevergoeding bij asbestclaims. De zaak Schaier/De Schelde, in: A.J. Akkermans, M. Faure en T. Hartlief (red.), Proportionele aansprakelijkheid, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2000, p M.G. Faure, Proportionele aansprakelijkheid, in: A. Hammerstein e.a., Causaliteit, Den Haag: Vermande 2003, p B.C.J. van Velthoven en P.W. van Wijck, Proportionele aansprakelijkheid vanuit ex ante perspectief, Aansprakelijkheid, Verzekering en Schade 2008, nr G. van Maanen, Proportionele schadevergoeding bij asbestclaims. De zaak Schaier/De Schelde, in: A.J. Akkermans, M. Faure en T. Hartlief (red.), Proportionele aansprakelijkheid, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2000, p. 51. Hilde Portena (22) is Research Master studente aan de Rijksuniversiteit Groningen en focust zich tijdens haar studie met name op het privaatrecht. Naast haar studie is zij als juridisch medewerkster werkzaam 17bij Arie Brink Advocaten te Heerenveen.

18 LUSTRUMVERSLAG Vijfde Lustrum Diephuis: Destination unknown Door: J. Hiemstra Op 26 tot en met 28 september vond het eerste deel van de vieringen van het vijfde Diephuizer lustrum plaats. Zoals in de voorwoorden reeds aan bod is gekomen, bestaat Civielrechtelijke vereniging Diephuis dit jaar immers 25 jaar. In die 25 jaar heeft de vereniging een enorme groei doorgemaakt en het resultaat is een professionele en vooral leuke vereniging die veel leerzame activiteiten organiseert op het gebied van het privaatrecht. Deze lange bestaansduur en de kwaliteit en omvang van de vereniging op dit moment verdienden een uitgebreide viering. Om die reden is in het voorjaar van 2013 een lustrumcommissie samengesteld die met een langgespaard budget verscheidene activiteiten mocht organiseren. Zoals gezegd, vond het eerste deel daarvan in september plaats. De opkomst op de verschillende activiteiten was indrukwekkend en de reacties louter positief. De eerste dag ving aan met drie lezingen in de oude rechtbank te Groningen, afgesloten met een borrel in Café van Diepen. Op de tweede dag steeg Diephuis tot grote hoogte op de zogeheten buitendag in Appelscha. De derde dag stond in het teken van de alumni van Diephuis en werd gevierd met een boottocht door de grachten van Groningen, een diner en een borrel. In deze bijdrage zal de bijzonder interessante eerste dag van de lustrumvieringen en de inhoud van de hierop gegeven lezingen uitgebreid besproken worden. Daarna wordt kort stilgestaan bij de tweede en derde lustrumdag. Het lustrum werd feestelijk geopend door de alom gelauwerde professor Lokin, die niet alleen veel kennis heeft over Gerhardus Diephuis, maar ook nauw betrokken is geweest bij de oprichting en de beginjaren van de vereniging die deze naam draagt. Professor Lokin beschreef Gerhardus Diephuis enerzijds als een saaie, nuchtere Groninger, maar anderzijds als een bijzonder getalenteerde jurist met een ongekend grote invloed op (de uitleg van) het burgerlijk recht. Ondanks het feit dat Diephuis de grenzen van de provincie Groningen slechts bij hoge uitzondering passeerde, was de invloed van zijn commentaar op het Burgerlijk Wetboek ver buiten deze grenzen voelbaar. Een groot deel van zijn leven woonde Diephuis in het dorpje Farmsum en zijn laatste jaren bracht hij door in de stad Groningen, waar hij een rustig bestaan leidde: de ochtend zag hem als de avond en de avond zag hem als de ochtend, aldus professor Lokin. Een leuk weetje van de zijde van Lokin was dat Diephuis tijdens zijn studie bevriend was met de heer Wolters, die later het uitgeven van Diephuis commentaren op het Burgerlijk Wetboek zou verzorgen. Niet alleen Diephuis profiteerde hiervan, maar met name de heer Wolters moet zeer dankbaar geweest zijn voor een vriend als Diephuis, daar zijn naam nog steeds gedragen wordt door de enorme, bij ons allen bekende uitgeverij Wolters Kluwer. Al met al omschreef professor Lokin Diephuis, hoewel saai, als een briljant jurist die het waardig was om een vereniging naar te vernoemen. Zodoende kwam zijn naam op toen Lokin 25 jaar geleden door een groepje ambitieuze studenten gevraagd werd naar een geschikte naam voor een nieuw op te 18

19 richten Groningse civielrechtelijke vereniging: Groningser dan Diephuis kan het niet, meende Lokin. Over de beginjaren van Diephuis vertelde Lokin een bijzondere anekdote. Honderd jaar na het overlijden van Gerhardus Diephuis, in 1992, heeft het bestuur en een aantal leden van de vereniging samen met Lokin een stille tocht gemaakt van de universiteit naar de Zuiderbegraafplaats, waar Diephuis begraven ligt. Aldaar vertelde Lokin eenzelfde soort verhaal over het leven van Diephuis als op de lustrumlezing. Deze voordracht werd echter ruw onderbroken door de begraafplaatsbeheerder die meende dat, daar het groepje studenten en de professor geen vergunning hadden aangevraagd, de lezing afgebroken zou moeten worden. De beheerder was er niet van overtuigd dat deze lezing geen betoging was voor dubieuze overtuigingen. Hierop volgde volgens Lokin een woordenwisseling, waarna de man koppig bij de lezing bleef staan. Lokin stelde hierdoor van zijn à propos geraakt te zijn, waardoor het vervolg van de lezing niet erg bijzonder meer was. Van Hemel, die na Lokin een lezing verzorgde ter ere van de opening van het lustrumjaar, herinnerde zich deze gebeurtenissen echter iets anders en stelde dat Lokin gedurende het opstootje de schuld bij de studenten had gelegd en rustig door had georeerd, van geen enkele twijfel blijk gevende. Hierop werd er in de zaal hard gelachen. Lokin sloot zijn lezing in de oude rechtbank af met een mooie vergelijking. In de tijd van Diephuis bood de Martinitoren, een van de hoogste torens van Nederland, richting aan iedere reiziger die verdwaald was. Deze toren stevende boven alles uit en was vanaf ver goed zichtbaar. Tegenwoordig valt deze toren niet meer zo op, doordat het omringd is door andere hoge (flat)gebouwen. Als men echter onder de toren staat, dan is deze nog even hoog en imposant. Zo ook met Diephuis. In een tijd met een nieuw Burgerlijk Wetboek en onzekerheid over de uitleg hiervan, gaf het commentaar van Diephuis richting aan iedere verdwaalde jurist. Tegenwoordig lijkt Diephuis zijn commentaar op het Burgerlijk Wetboek enigszins zijn relevantie verloren te hebben. Echter, als men deze boeken openslaat, dan zal men nog steeds vele schatten erin ontdekken en is het nog steeds even indrukwekkend als 120 jaar geleden. Na een daverend applaus werd, zoals gezegd, Lokin opgevolgd door mr. Van Hemel, advocaat bij Stibbe en oprichtingsbestuurder van Civielrechtelijke vereniging Gerhardus Diephuis. Zijn verhaal was met name erg amusant en vele aanwezigen hadden na enkele minuten al de tranen in hun ogen van het lachen. Zo noemde hij zichzelf een ranzig mannetje die zich in die tijd niet zo bezig hield met dergelijke ambitieuze ideeën als het oprichten van een vereniging, maar hier per toeval bij betrokken was geraakt omdat hij door twee ambitieuze studenten was gevraagd vanwege zijn student-assistentschap bij de vakgroep Rechtsgeschiedenis. De studenten meenden op die manier de lijntjes met de vakgroep kort te kunnen houden, hetgeen ze zou helpen bij het tot stand brengen van een serieuze vereniging. Om die reden benaderden het inmiddels ontstane drietal dan ook professor Brunner van de vakgroep Privaatrecht om te vragen of hij ambitieuze student-assistenten in de aanbieding had. Lees het vervolg van dit artikel op pagina

20 PLEITAVOND & ISP-BEKENDMAKINGSBORREL 3 OKT Op 3 oktober staat de eerste pleitavond van het studiejaar op het programma. Aansluitend aan de pleitavond is er de maandelijkse borrel in Café Van Diepen om 22:00 uur, waar de ISP-bestemming zal worden bekendgemaakt. VOORRONDE GPW 0 OKT De Groningse teams proberen zich te kwalificeren voor de finale die plaatsvindt op 9 november. PLEITEVENEMENT 5 OKT Het pleitevenement is een ideale mogelijkheid om te zien hoe in de praktijk gepleit wordt. Advocaten pleiten aan de hand van casus en worden beoordeeld door een deskundige jury, die aan de hand van de gegeven pleidooien tips geeft aan studenten. Groningse teams proberen zich te kwalificeren voor de finale die plaatsvindt op 9 november. TENTAMENS OKT In de week van 21 tot 25 oktober is het ook voor Diephuisleden weer tijd voor een week hard zwoegen voor de tentamens. THEMAFEEST 7 NOV Themafeest in Café Van Diepen vanaf uur. Het thema zal in de aanloop naar het feest bekend worden gemaakt. 20 ISP 2012 in IJsland

Ius Commune Training Programme 2015-2016 Amsterdam Masterclass 16 June 2016

Ius Commune Training Programme 2015-2016 Amsterdam Masterclass 16 June 2016 www.iuscommune.eu Dear Ius Commune PhD researchers, You are kindly invited to attend the Ius Commune Amsterdam Masterclass for PhD researchers, which will take place on Thursday 16 June 2016. During this

Nadere informatie

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g S e v e n P h o t o s f o r O A S E K r i j n d e K o n i n g Even with the most fundamental of truths, we can have big questions. And especially truths that at first sight are concrete, tangible and proven

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

Proportionele aansprakelijkheid. Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht

Proportionele aansprakelijkheid. Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht Proportionele aansprakelijkheid Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht Opbouw 1. Het vereiste van causaal verband 2. Bewijs van causaal verband 3. Remedies bij onzeker causaal verband 4. Proportionele aansprakelijkheid

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Verjaring in het verzekeringsrecht. Lodewijk Smeehuijzen (hoogleraar privaatrecht VU)

Verjaring in het verzekeringsrecht. Lodewijk Smeehuijzen (hoogleraar privaatrecht VU) Verjaring in het verzekeringsrecht Lodewijk Smeehuijzen (hoogleraar privaatrecht VU) Inleiding Wetgever heeft de ambitie gehad in de artt. 3:306 tot en met 3:326 BW het hele verjaringsrecht te regelen.

Nadere informatie

Proportionele aansprakelijkheid & de beginselen en doelen

Proportionele aansprakelijkheid & de beginselen en doelen Datum: 31 januari 2012 Proportionele aansprakelijkheid & de beginselen en doelen Hoe verhouden de voorwaarden waaronder proportionele aansprakelijkheid wordt toegepast zich tot de beginselen en doelen

Nadere informatie

Process Mining and audit support within financial services. KPMG IT Advisory 18 June 2014

Process Mining and audit support within financial services. KPMG IT Advisory 18 June 2014 Process Mining and audit support within financial services KPMG IT Advisory 18 June 2014 Agenda INTRODUCTION APPROACH 3 CASE STUDIES LEASONS LEARNED 1 APPROACH Process Mining Approach Five step program

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Memo Academic Skills; the basis for better writers

Memo Academic Skills; the basis for better writers Memo Academic Skills; the basis for better writers With the rise of broader bachelor degrees and the University College, Dutch universities are paying more attention to essays and other written assignments.

Nadere informatie

Digital municipal services for entrepreneurs

Digital municipal services for entrepreneurs Digital municipal services for entrepreneurs Smart Cities Meeting Amsterdam October 20th 2009 Business Contact Centres Project frame Mystery Shopper Research 2006: Assessment services and information for

Nadere informatie

Examenreglement Opleidingen/ Examination Regulations

Examenreglement Opleidingen/ Examination Regulations Examenreglement Opleidingen/ Examination Regulations Wilde Wijze Vrouw, Klara Adalena August 2015 For English translation of our Examination rules, please scroll down. Please note that the Dutch version

Nadere informatie

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 167 Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 Task clarity 1. I understand exactly what the task is 2. I understand exactly what is required of

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

Raadsman bij het politieverhoor

Raadsman bij het politieverhoor De Nederlandse situatie J. Boksem Leuven, 23 april 2009 Lange voorgeschiedenis o.a: C. Fijnaut EHRM Schiedammer Parkmoord Verbeterprogramma Motie Dittrich: overwegende dat de kwaliteit van het politieverhoor

Nadere informatie

Understanding and being understood begins with speaking Dutch

Understanding and being understood begins with speaking Dutch Understanding and being understood begins with speaking Dutch Begrijpen en begrepen worden begint met het spreken van de Nederlandse taal The Dutch language links us all Wat leest u in deze folder? 1.

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14

Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14 QUICK GUIDE C Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14 Version 0.9 (June 2014) Per May 2014 OB10 has changed its name to Tungsten Network

Nadere informatie

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability The role of mobility in higher education for future employability Jim Allen Overview Results of REFLEX/HEGESCO surveys, supplemented by Dutch HBO-Monitor Study migration Mobility during and after HE Effects

Nadere informatie

Comics FILE 4 COMICS BK 2

Comics FILE 4 COMICS BK 2 Comics FILE 4 COMICS BK 2 The funny characters in comic books or animation films can put smiles on people s faces all over the world. Wouldn t it be great to create your own funny character that will give

Nadere informatie

een kopie van je paspoort, een kopie van je diploma voortgezet onderwijs (hoogst genoten opleiding), twee pasfoto s, naam op de achterkant

een kopie van je paspoort, een kopie van je diploma voortgezet onderwijs (hoogst genoten opleiding), twee pasfoto s, naam op de achterkant Vragenlijst in te vullen en op te sturen voor de meeloopochtend, KABK afdeling fotografie Questionnaire to be filled in and send in before the introduction morning, KABK department of Photography Stuur

Nadere informatie

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling 9 september 2015 Alex Ter Horst Advocaat pensioenrecht Achtergrond Indien verplichtstelling van toepassing is leidt dat voor wg en bpf tot allerlei

Nadere informatie

Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education

Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/03 Paper 3 Speaking Role Play Card One For Examination from 2015 SPECIMEN ROLE PLAY Approx.

Nadere informatie

Ervaringen met begeleiding FTA cursus Deployment of Free Software Systems

Ervaringen met begeleiding FTA cursus Deployment of Free Software Systems Ervaringen met begeleiding FTA cursus Deployment of Free Software Systems Frans Mofers Nederland cursusmateriaal & CAA's alle cursusmateriaal vrij downloadbaar als PDF betalen voor volgen cursus cursussite

Nadere informatie

De bewijslast in artikel 1:160 BW procedures

De bewijslast in artikel 1:160 BW procedures De bewijslast in artikel 1:160 BW procedures Inleiding Zoals collega Van den Anker al eerder (Samenleven en alimentatie ontvangen? EB 2009, 32) schreef, is de alimentatieplicht niet oneindig. Deze kan

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1987 Nr. 158

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1987 Nr. 158 14 (1987) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1987 Nr. 158 A. TITEL Notawisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek

Nadere informatie

FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE. Toets Inleiding Kansrekening 1 22 februari 2013

FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE. Toets Inleiding Kansrekening 1 22 februari 2013 FOR DUTCH STUDENTS! ENGLISH VERSION NEXT PAGE Toets Inleiding Kansrekening 1 22 februari 2013 Voeg aan het antwoord van een opgave altijd het bewijs, de berekening of de argumentatie toe. Als je een onderdeel

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education *0535502859* DUTCH 0515/03 Paper 3 Speaking Role Play Card One 1 March 30 April 2010 No Additional

Nadere informatie

Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen

Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen Froombosch Frans N. Stokman frans.stokman@grunnegerpower.nl 28 mei 2013 Hoe realiseren wij duurzaamheid? Decentrale duurzame

Nadere informatie

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education *7261263430* DUTCH 0515/03 Paper 3 Speaking Role Play Card One 1 March 30 April 2011 No Additional

Nadere informatie

De kracht van evidence based werken Evidence based Practice implementeren

De kracht van evidence based werken Evidence based Practice implementeren De kracht van evidence based werken Evidence based Practice implementeren Maxime Loose Agentschap Overheidspersoneel Maxime.Loose@kb.vlaanderen.be @maximeloose Besluit Evidence Based HR is Een methodiek

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

Hoge Raad, 26 januari 2001 (Weststrate/De Schelde); blootstelling aan asbest niet aangetoond. Vordering afgewezen.

Hoge Raad, 26 januari 2001 (Weststrate/De Schelde); blootstelling aan asbest niet aangetoond. Vordering afgewezen. Hoge Raad, 26 januari 2001 (Weststrate/De Schelde); blootstelling aan asbest niet aangetoond. Vordering afgewezen. Samenvatting Werknemer met mesothelioom spreekt werkgever aan. De schadevergoeding wordt

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1996 Nr. 209

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1996 Nr. 209 25 (1996) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1996 Nr. 209 A. TITEL Protocol tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Tsjechische Republiek tot wijziging van de Overeenkomst

Nadere informatie

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Gender Differences in Crying Frequency and Psychosocial Problems in Schoolgoing Children aged 6

Nadere informatie

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education

UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education *2942209982* UNIVERSITY OF CAMBRIDGE INTERNATIONAL EXAMINATIONS International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/03 Paper 3 Speaking Role Play Card One 1 March 30 April 2012 15 minutes

Nadere informatie

CREATING VALUE THROUGH AN INNOVATIVE HRM DESIGN CONFERENCE 20 NOVEMBER 2012 DE ORGANISATIE VAN DE HRM AFDELING IN WOELIGE TIJDEN

CREATING VALUE THROUGH AN INNOVATIVE HRM DESIGN CONFERENCE 20 NOVEMBER 2012 DE ORGANISATIE VAN DE HRM AFDELING IN WOELIGE TIJDEN CREATING VALUE THROUGH AN INNOVATIVE HRM DESIGN CONFERENCE 20 NOVEMBER 2012 DE ORGANISATIE VAN DE HRM AFDELING IN WOELIGE TIJDEN Mieke Audenaert 2010-2011 1 HISTORY The HRM department or manager was born

Nadere informatie

Sportopleidingen in Internationaal perspectief

Sportopleidingen in Internationaal perspectief Sportopleidingen in Internationaal perspectief Platform kader Den Haag, 29 maart 2010 Danny Meuken Jan Minkhorst 967 LONDEN DAGEN Het internationale Speelveld GAISF IOC VN (UNESCO) Internationale Sportfederaties

Nadere informatie

Meet your mentor and coach

Meet your mentor and coach Young Professional Program The importance of having a mentor in business Meet your mentor and coach What do Larry Page, and Steve Jobs have in common? They ve all received guidance from mentors. Yes even

Nadere informatie

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinants and Barriers of Providing Sexual Health Care to Cancer Patients by Oncology

Nadere informatie

it would be too restrictive to limit the notion to an "inner circle" in which the individual may live his own personal life as he chooses and to exclude therefrom entirely the outside world not encompassed

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum Ontpopping Veel deelnemende bezoekers zijn dit jaar nog maar één keer in het Van Abbemuseum geweest. De vragenlijst van deze mensen hangt Orgacom in een honingraatpatroon. Bezoekers die vaker komen worden

Nadere informatie

Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education

Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education *3745107457* Cambridge International Examinations Cambridge International General Certificate of Secondary Education DUTCH 0515/03 Paper 3 Speaking Role Play Card One 1 March 30 April 2015 Approx. 15 minutes

Nadere informatie

RESULTAATGERELATEERDE

RESULTAATGERELATEERDE erde OVER NO CURE NO PAY RESULTAATGERELATEERDE BELONING Resultaatgerelateerde beloning Over no cure no pay OVER NO CURE NO PAY RESULT AATGERELATEERDE BELONING RESULTAATGERELATEERDE BELONING 02 Resultaatgerelateerde

Nadere informatie

CHROMA STANDAARDREEKS

CHROMA STANDAARDREEKS CHROMA STANDAARDREEKS Chroma-onderzoeken Een chroma geeft een beeld over de kwaliteit van bijvoorbeeld een bodem of compost. Een chroma bestaat uit 4 zones. Uit elke zone is een bepaald kwaliteitsaspect

Nadere informatie

Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult)

Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult) Mag ik thuiswerken? Een onderzoek naar de attitudes van managers t.a.v. telewerkverzoeken Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult) Nederland

Nadere informatie

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim.

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Bullying at work and the impact of Social Support on Health and Absenteeism. Rieneke Dingemans April 2008 Scriptiebegeleider:

Nadere informatie

GLOBAL EQUITY ORGANIZATION NETHERLANDS CHAPTER OPTION PROGRAMS AND DIVESTMENT OF A BUSINESS

GLOBAL EQUITY ORGANIZATION NETHERLANDS CHAPTER OPTION PROGRAMS AND DIVESTMENT OF A BUSINESS GLOBAL EQUITY ORGANIZATION NETHERLANDS CHAPTER OPTION PROGRAMS AND DIVESTMENT OF A BUSINESS MR. F.G. DEFAIX Partner AKD Practice Leader Employment Law woensdag 25 januari 2012 activa/passiva transactie

Nadere informatie

DECLARATION FOR GAD approval

DECLARATION FOR GAD approval Version 1.2 DECLARATION FOR GAD approval Declare that for the following central heating boilers Intergas Calderas de Calefacción S. L. Kombi Kompakt R 24, 28/24, 36/30 and Prestige The installation and

Nadere informatie

Ontwikkeling, Strategieën en Veerkracht van Jongeren van Ouders met Psychische Problemen. Een Kwalitatief Onderzoek op Basis van Chats.

Ontwikkeling, Strategieën en Veerkracht van Jongeren van Ouders met Psychische Problemen. Een Kwalitatief Onderzoek op Basis van Chats. Ontwikkeling, Strategieën en Veerkracht van Jongeren van Ouders met Psychische Problemen. Een Kwalitatief Onderzoek op Basis van Chats. Development, Strategies and Resilience of Young People with a Mentally

Nadere informatie

LinkedIn Profiles and personality

LinkedIn Profiles and personality LinkedInprofielen en Persoonlijkheid LinkedIn Profiles and personality Lonneke Akkerman Open Universiteit Naam student: Lonneke Akkerman Studentnummer: 850455126 Cursusnaam en code: S57337 Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Dutch survival kit. Vragen hoe het gaat en reactie Asking how it s going and reaction. Met elkaar kennismaken Getting to know each other

Dutch survival kit. Vragen hoe het gaat en reactie Asking how it s going and reaction. Met elkaar kennismaken Getting to know each other Dutch survival kit This Dutch survival kit contains phrases that can be helpful when living and working in the Netherlands. There is an overview of useful sentences and phrases in Dutch with an English

Nadere informatie

Van Commissionaire naar LRD?

Van Commissionaire naar LRD? Van Commissionaire naar LRD? Internationale jurisprudentie en bewegingen in het OESO commentaar over het begrip vaste inrichting (Quo Vadis?) Mirko Marinc, Michiel Bijloo, Jan Willem Gerritsen Agenda Introductie

Nadere informatie

Een nieuwe rol voor het auditcomité en een aangepast audit rapport

Een nieuwe rol voor het auditcomité en een aangepast audit rapport Een nieuwe rol voor het auditcomité en een aangepast audit rapport Jean-François CATS Inhoud van de uiteenzetting Nieuwe opdrachten van het auditcomité ingevoerd door de Audit Directieve en het Audit Reglement

Nadere informatie

De bijsluiter in beeld

De bijsluiter in beeld De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een visuele bijsluiter voor zelfzorggeneesmiddelen Oktober 2011 Mariëtte van der Velde De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een

Nadere informatie

Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken. mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013

Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken. mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013 Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013 Agenda Inleiding Bewijs Causaliteit Praktische aanpak Deskundigen Zorgplicht werkgever

Nadere informatie

Empowerment project. Driejarig project van Rotaryclub Rhenen-Veenendaal

Empowerment project. Driejarig project van Rotaryclub Rhenen-Veenendaal Empowerment project Awasi Kenya Driejarig project van Rotaryclub Rhenen-Veenendaal Empowerment*van* kinderen*in*kenia De#afgelopen#drie#jaren# hebben#we#met#steun#van#de# Rotaryclub##Rhenen: Veenendaal#een#

Nadere informatie

Leeftijdcheck (NL) Age Check (EN)

Leeftijdcheck (NL) Age Check (EN) Leeftijdcheck (NL) Age Check (EN) [Type text] NL: Verkoopt u producten die niet aan jonge bezoekers verkocht mogen worden of heeft uw webwinkel andere (wettige) toelatingscriteria? De Webshophelpers.nl

Nadere informatie

1. Procedure. 2. Feiten

1. Procedure. 2. Feiten Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 155 d.d. 23 augustus 2010 (mr. V. van den Brink, voorzitter, en de heren G.J.P. Okkema en prof. drs. A.D. Bac RA) 1. Procedure De Commissie

Nadere informatie

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren : Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren Assessment of Counseling Communication Skills by Means of the Webcamtest: A Study of Reliability, Experience and Correlation

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

Nieuwsbrief NRGD. Editie 11 Newsletter NRGD. Edition 11. pagina 1 van 5. http://nieuwsbrieven.nrgd.nl/newsletter/email/47

Nieuwsbrief NRGD. Editie 11 Newsletter NRGD. Edition 11. pagina 1 van 5. http://nieuwsbrieven.nrgd.nl/newsletter/email/47 pagina 1 van 5 Kunt u deze nieuwsbrief niet goed lezen? Bekijk dan de online versie Nieuwsbrief NRGD Editie 11 Newsletter NRGD Edition 11 17 MAART 2010 Het register is nu opengesteld! Het Nederlands Register

Nadere informatie

Screen Design. Deliverable 3 - Visual Design. Pepijn Gieles 0877217 19-12-2014. Docent: Jasper Schelling

Screen Design. Deliverable 3 - Visual Design. Pepijn Gieles 0877217 19-12-2014. Docent: Jasper Schelling Screen Design Deliverable 3 - Visual Design Pepijn Gieles 0877217 19-12-2014 Docent: Jasper Schelling Hulp bij het inloggen Inloggen Particulier Personal Banking Private Banking Zakelijk Zoeken in Particulier

Nadere informatie

OVERGANGSREGELS / TRANSITION RULES 2007/2008

OVERGANGSREGELS / TRANSITION RULES 2007/2008 OVERGANGSREGELS / TRANSITION RULES 2007/2008 Instructie Met als doel het studiecurriculum te verbeteren of verduidelijken heeft de faculteit FEB besloten tot aanpassingen in enkele programma s die nu van

Nadere informatie

INBURGERING 2015 / 16

INBURGERING 2015 / 16 INBURGERING 2015 / 16 JAMILAA (18) HAD NOOIT GEDACHT DAT ZIJ DE NEDERLANDSE TAAL ZO SNEL ONDER DE KNIE ZOU HEBBEN. INBURGEREN? BEREID U VOOR! WIE ALS BUITENLANDER GEEN PASPOORT HEEFT VAN EEN LAND UIT DE

Nadere informatie

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource.

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource. Open Universiteit Klinische psychologie Masterthesis Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: De Leidinggevende als hulpbron. Emotional Job Demands, Vitality and Opportunities

Nadere informatie

Settings for the C100BRS4 MAC Address Spoofing with cable Internet.

Settings for the C100BRS4 MAC Address Spoofing with cable Internet. Settings for the C100BRS4 MAC Address Spoofing with cable Internet. General: Please use the latest firmware for the router. The firmware is available on http://www.conceptronic.net! Use Firmware version

Nadere informatie

Grammatica uitleg voor de toets van Hoofdstuk 1

Grammatica uitleg voor de toets van Hoofdstuk 1 Grammatica uitleg voor de toets van Hoofdstuk 1 Vraagzinnen: Je kunt in het Engels vraagzinnen maken door vaak het werkwoord vooraan de zin te zetten. Bijv. She is nice. Bijv. I am late. Bijv. They are

Nadere informatie

B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2

B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2 Monografieen BW B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2 Prof. mr. C.J.M. Klaassen Kluwer - Deventer - 2007 Inhoud VOORWOORD XI LUST VAN AFKORTINGEN XIII LUST VAN VERKORT AANGEHAALDE LITERATUUR XV I INLEIDING

Nadere informatie

Aanvraagformulier. Aansprakelijkheidsverzekering. Particulieren

Aanvraagformulier. Aansprakelijkheidsverzekering. Particulieren Aanvraagformulier Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren Rialto. Tóch verzekerd BELANGRIJK: toelichting op de reikwijdte van de mededelingsplicht Als aanvrager / kandidaat-verzekeringnemer bent

Nadere informatie

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 1 Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 2 Structure of the presentation - What is intercultural mediation through the internet? - Why

Nadere informatie

Uitnodiging Security Intelligence 2014 Dertiende editie: Corporate IAM

Uitnodiging Security Intelligence 2014 Dertiende editie: Corporate IAM Uitnodiging Security Intelligence 2014 Dertiende editie: Corporate IAM 5 maart 2014 De Beukenhof Terweeweg 2-4 2341 CR Oegstgeest 071-517 31 88 Security Intelligence Bijeenkomst Corporate IAM On the Internet,

Nadere informatie

Nederlandse voornorm NAD-NVN-ENV 1995-1-1. (nl)

Nederlandse voornorm NAD-NVN-ENV 1995-1-1. (nl) Dit document mag slechts op een stand-alone PC worden geinstalleerd. Gebruik op een netwerk is alleen. toestaan als een aanvullende licentieovereenkomst voor netwerkgebruik met NEN is afgesloten. This

Nadere informatie

Melding Loonbelasting en premies Aanmelding werkgever. Registration for loonbelasting en premies Registration as an employer

Melding Loonbelasting en premies Aanmelding werkgever. Registration for loonbelasting en premies Registration as an employer Melding Loonbelasting en premies Aanmelding werkgever Registration for loonbelasting en premies Registration as an employer Over dit formulier About this form Waarom dit formulier? Dit formulier is bestemd

Nadere informatie

Voorwoord L.S., Graag zou ik u door middel van deze brochure kennis laten maken met VINTRES.

Voorwoord L.S., Graag zou ik u door middel van deze brochure kennis laten maken met VINTRES. Voorwoord L.S., Graag zou ik u door middel van deze brochure kennis laten maken met VINTRES. VINTRES is de studievereniging voor rechtenstudenten van de Rijksuniversiteit Groningen met een specialisering

Nadere informatie

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy on Sociosexuality Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie op Sociosexualiteit Filiz Bozkurt First supervisor: Second supervisor drs. J. Eshuis dr. W. Waterink

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1957 Nr. 237

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1957 Nr. 237 48 (1957) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1957 Nr. 237 A. TITEL Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Denemarken inzake het internationale

Nadere informatie

Update Empowermentproject Awasi Kenia september 2013

Update Empowermentproject Awasi Kenia september 2013 Update Empowermentproject Kenia september 2013 Het Empowerment-project in Kenia van de Rotaryclub Rhenen-Veendaal begint aan de derde fase: een derde en laatste bezoek, met een Empowerment workshop voor

Nadere informatie

Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ. Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015

Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ. Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015 Medical ethics & genomics Current legal framework and FAQ Eline Bunnik Genomic Resequencing in Medical Diagnostics 24 September 2015 First of all: NGS is here NGS is becoming a standard diagnostic tool

Nadere informatie

Van: Hoogendoorn, Ilona (NL Rotterdam) [mailto:ihoogendoorn@deloitte.nl] Namens Wiersma, Reinder (NL Rotterdam)

Van: Hoogendoorn, Ilona (NL Rotterdam) [mailto:ihoogendoorn@deloitte.nl] Namens Wiersma, Reinder (NL Rotterdam) A.van Beerendonk Van: Griffie Verzonden: dinsdag 1 december 2015 13:17 Aan: A.van Beerendonk Onderwerp: FW: Cursus van BBV naar Vpb 18 januari 2016 Bijlagen: image013.wmz Digitale leeszaal Van: Hoogendoorn,

Nadere informatie

Equinix (EMEA) B.V. discrimineerde een vrouw door haar af te wijzen voor een baan vanwege haar accent.

Equinix (EMEA) B.V. discrimineerde een vrouw door haar af te wijzen voor een baan vanwege haar accent. Oordelen Equinix (EMEA) B.V. discrimineerde een vrouw door haar af te wijzen voor een baan vanwege haar accent. Oordeelnummer 2015-3 Datum: Grond: Terrein: 19-01-2015 Ras Arbeid - Overig, nl Volledig oordeel

Nadere informatie

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Measuring quality of life in children with JIA Masterthese Klinische Psychologie Onderzoeksverslag Marlot Schuurman 1642138 mei 2011 Afdeling Psychologie

Nadere informatie

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Met opmaak: Links: 3 cm, Rechts: 2 cm, Boven: 3 cm, Onder: 3 cm, Breedte: 21 cm, Hoogte: 29,7 cm Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Stigmatisation of Persons

Nadere informatie

Tilburg University. Technieken van kwalitatief onderzoek 1 Verhallen, T.M.M.; Vogel, H. Published in: Tijdschrift voor Marketing

Tilburg University. Technieken van kwalitatief onderzoek 1 Verhallen, T.M.M.; Vogel, H. Published in: Tijdschrift voor Marketing Tilburg University Technieken van kwalitatief onderzoek 1 Verhallen, T.M.M.; Vogel, H. Published in: Tijdschrift voor Marketing Publication date: 1982 Link to publication Citation for published version

Nadere informatie

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen tussen Leeftijdsgroepen Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles between Age Groups Rik Hazeu Eerste begeleider:

Nadere informatie

Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid

Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid Mr. Bert Kabel (1) Inleiding In het hedendaagse verkeer komt het regelmatig voor dat verkeersdeelnemers elkaar geen voorrang verlenen. Gelukkig

Nadere informatie

Het opschorten van de handel op de Amsterdamse Effectenbeurs Kabir, M.R.

Het opschorten van de handel op de Amsterdamse Effectenbeurs Kabir, M.R. Tilburg University Het opschorten van de handel op de Amsterdamse Effectenbeurs Kabir, M.R. Published in: Bedrijfskunde: Tijdschrift voor Modern Management Publication date: 1991 Link to publication Citation

Nadere informatie

9. Uitnodiging eerste gesprek (bevestiging van reeds overeengekomen datum)

9. Uitnodiging eerste gesprek (bevestiging van reeds overeengekomen datum) Brieven aan sollicitanten (Ned/Eng.) 1. Ontvangstbevestiging n.a.v. open sollicitatie 2. Ontvangstbevestiging n.a.v. vacature 3. Ontvangstbevestiging (ver) na deadline om te reageren 4. Ontvangstbevestiging

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET. JAARGANG 1989 Nr. 96

TRACTATENBLAD VAN HET. JAARGANG 1989 Nr. 96 53 (1970) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1989 Nr. 96 A. TITEL Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Finland betreffende het internationale

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Interactive Grammar leert de belangrijkste regels van de Engelste spelling en grammatica aan.

Interactive Grammar leert de belangrijkste regels van de Engelste spelling en grammatica aan. Interactive Grammar Interactive Grammar leert de belangrijkste regels van de Engelste spelling en grammatica aan. Doelgroep Interactive Grammar Het programma is bedoeld voor leerlingen in de brugklas van

Nadere informatie

Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland

Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland 1. Londen In Londen kunnen gebruikers van een scootmobiel contact opnemen met een dienst

Nadere informatie

Naar aanleiding van de uitzending van Tros Radar d.d. 23 februari 2015.

Naar aanleiding van de uitzending van Tros Radar d.d. 23 februari 2015. Vrijblijvende en ter oriëntatie bedoelde toelichting op procedure misleiding Staatsloterij en de eventuele mogelijkheid tot het verkrijgen van schadevergoeding of een andere vorm van compensatie. Naar

Nadere informatie

Dutch Research Council: women in scientific careers

Dutch Research Council: women in scientific careers Dutch Research Council: women in scientific careers Dr. Wilma van Donselaar Paris 2005 What is NWO? NWO is the Dutch Research Council and consists of 8 councils: Humanities, Social Sciences, Medical Sciences,

Nadere informatie

NCTS - INFORMATIE INZAKE NIEUWIGHEDEN VOOR 2010

NCTS - INFORMATIE INZAKE NIEUWIGHEDEN VOOR 2010 NCTS - INFORMATIE INZAKE NIEUWIGHEDEN VOOR 2010 Op basis van het nieuwe artikel 365, lid 4 (NCTS) en het nieuwe artikel 455bis, lid 4 (NCTS-TIR) van het Communautair Toepassingswetboek inzake douane 1

Nadere informatie

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care Annemiek T. Harder Studies presented in this thesis and the printing of this

Nadere informatie

vooropleiding international Dutch as a second Nederlands Tweede Taal

vooropleiding international Dutch as a second Nederlands Tweede Taal INFORMATION FOR STUDENTS WITH AN international PRE- UNIVERSITY EDUCATION FOUNDATION YEAR FOR international STUDENTS VU UNIVERSITY () Dutch as a second Language () INFORMATIE VOOR STUDENTEN MET EEN BUITENLANDSE

Nadere informatie