Inhoudsopgave studenthandleiding Beweging

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Inhoudsopgave studenthandleiding Beweging"

Transcriptie

1 Inhoudsopgave studenthandleiding Beweging Inleiding 3 Algemene informatie 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers 5 2. Verplichtingen en studievoorbereiding 7 3. Boekenlijst 9 4. Oefenen met medestudenten tijdens de PV- en Cg-sessies 11 Onderwijssessies Toelichting op de onderwijssessies 13 Aanvullende informatie 6-Step, behandelen in M1 15 Leervragen, worden op Nestor geplaatst Week 2 aansturing en terugkoppeling Introductie Beweging& Thema uur anatomie 19 PV-sessie Neurologisch onderzoek: motoriek, sensibiliteit en reflexen 23 Cg-AB-sessie Klachten van(uit) de rug 31 PV-sessie Onderzoek van de rug 43 Cg-AB-sessie Neurologie 47 CC sessie Neurologie 57 Z-sessie opdrachten worden op Nestor gepubliceerd Week 3 stemming en gedrag Introductie Psychiatrische diagnostiek 61 PV-sessie Psychiatrisch onderzoek 77 Cg-AB sessie Bewegingsstoornis 79 PV- sessie onderzoek van de hogere hersenfuncties en comateuze patiënt 81 PV-sessie Onderzoek coördinatie en balans 91 PV-sessie Onderzoek van de hersenzenuwen 95 Cg-AB sessie: Psychiatrie 1 99 Cc-sessie Neurologie en Psychiatrie 119 Z-sessie opdrachten worden op Nestor gepubliceerd Opdracht: maken van toetsvragen 122 1

2 Week4 houding en beweging Cg-AB sessie Psychiatrie PV-sessie Onderzoek van de knie 127 PV-sessie Onderzoek van de heup 145 Cg-AB sessie Orthopedie, reumatologie en revalidatie 157 PV- sessie Onderzoek van de schouder 167 Cc-sessie Bewegingsapparaat 185 Z-sessie opdrachten worden op Nestor gepubliceerd Week5 zien en bewustzijn Cg-AB sessie Oogheelkunde 1 en PV-sessie Oogheelkunde 201 Cc-sessie Zien en bewustzijn 207 Z-sessie opdrachten worden op Nestor gepubliceerd Roosters worden op Nestor geplaatst Readers / Extra informatie Conversietabel van de 15 e naar de 16 e druk van Kuks, Klinische Neurologie Powerpoint presentatie psychiatrie introductie MMSE FAB Artikel De Frontal Assessment Battery (FAB) voor screening op frontaalkwabpathologie bij neurodegeneratieve ziekten Psychofarmacologie voor de basisarts Bijlage: Modelstatus psychiatrie vrouwelijke patiënt Modelstatus psychiatrie mannelijke patiënt 2

3 Inleiding blok: Beweging Voor u ligt een programma met 4 weken trainingsmateriaal, als voorbereiding op de disciplines die behoren tot het blok Beweging. Bij het blok Beweging behoren de disciplines oogheelkunde, neurologie, psychiatrie, orthopedie, reumatologie en revalidatie. Zoals bekend zult u aansluitend in M1 maar in 1 van deze disciplines het co-schap gaan lopen. De overige co-schappen zullen deels aan bod komen in M2. Dit kan dus betekenen dat voor sommige disciplines de hier aangeboden stof alle praktijkstof omvat voor het artsexamen. Dat geeft het belang aan van al deze weken, ook als niet direct aansluitend in een bepaalde discipline het co-schap wordt gelopen. De weken 2-5 in dit blok zijn thematisch gegroepeerd. In week 2 staat vooral de neurologie centraal, in week 3 de psychiatrie, in week 4 de revalidatie, reumatologie en orthopedie en in week 5 de oogheelkunde. Het is echter zeker niet zo dat deze disciplines separaat worden aangeboden, daar in elke week zoveel mogelijk raakvlakken benadrukt worden tussen de diverse disciplines binnen dit blok. De casus zijn dan ook zo gekozen dat deze raakvlakken optimaal aan bod komen. Centraal in elke week staat de casuïstiek en de vignetten. Dit zijn klinische problemen, die zijn gekozen, omdat ze het meest frequent voorkomen binnen een bepaalde discipline. Deze casuïstiek wordt geoefend d.m.v. anamnese training, waarbij vooral het differentiaal diagnostisch denken centraal staat. Daarna worden de casus verder uitgewerkt met betrekking tot het te voeren beleid en de eventuele therapie. Hiermee is er een solide basis voor het co-schap aanwezig, omdat u de meest voorkomende problemen reeds kunt analyseren en behandelen, voordat het co-schap begonnen is. Dit is een belangrijk voordeel van het huidige G2010 programma. De KTC weken zijn intensief omdat ze een grote mate van zelfwerkzaamheid veronderstellen, naast een vol programma overdag. Alle onderdelen vereisen gedegen voorbereiding, waarbij steeds de leervragen uit de bachelorfase centraal staan. Deze zijn ook per sessie aangegeven. Alle andere benodigde voorbereiding en leerstof is ook steeds per sessie aangegeven. Zonder goede voorbereiding is het niet mogelijk deze weken succesvol af te sluiten. Voor u ligt een verbeterde versie van de studenthandleiding. Uiteraard blijven wij openstaan voor verdere suggesties ter verbetering. Rest ons iedereen heel veel succes te wensen bij de KTC weken Beweging. Groningen, mei 2010 Dr.D.J.Heersema Coördinator M1 juco Beweging Drs. M.M. van der Dong-van Batenburg, arts, ktc-coördinator juco Beweging 3

4 4

5 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers Vragen, afmeldingen e.d. kunt u mailen naar: Centraal telefoonnummer Klinisch trainingscentrum: Coördinator M1 Beweging Dr. D.J. Heersema Deelcoördinator KTC Drs. M.M. van der Dong - van Batenburg Producent masteropleiding Jaar 1 KTC week 2 t/m 5 Assistent producent Assistent producent Mw. M. Zuidema Klinisch trainingscentrum / Onderwijsinstituut Faculteit medische wetenschappen / UMCG Huispostcode FC40 A. Deusinglaan 1, gebouw 3219, 3 e etage 9713 AV Groningen Mw. G.A.M. Brouwer - Marcus Klinisch trainingscentrum / Onderwijsinstituut Faculteit medische wetenschappen / UMCG Huispostcode FC40 A. Deusinglaan 1, gebouw 3219, 3 e etage 9713 AV Groningen Mw. J.G.S. Reijn Klinisch trainingscentrum / Onderwijsinstituut Faculteit medische wetenschappen / UMCG Huispostcode FC40 A. Deusinglaan 1, gebouw 3219, 3 e etage 9713 AV Groningen Voor studieadvies: Drs. H. Gierveld Drs. G.R. Terwisscha van Scheltinga Mw. drs. G. Weesjes Open spreekuur studieadviseurs: maandag t/m donderdag van 12:30 tot 13:30 uur. vrijdag van 13:00 tot uur. studieadviseurs: (vooral bedoeld voor korte vragen). Afspraken maken kan via de balie van het SSC of telefonisch

6 6

7 2. Verplichtingen, studievoorbereiding en toetsing juniorcoschap Beweging Verplichtingen U hebt in M1 een aantal verplichtingen als student: Voor het juniorcoschap Beweging gelden: - practicumverplichtingen: alle kleine groepsactiviteiten (de PV, Z, Cg en Cc-sessies) - deelname aan interactieve werkcolleges en klinische werkconferenties - deelname aan grote groepsactiviteiten: alle plenaire sessies en introductiebijeenkomsten - deelname aan de Instructie poliplus en OK-instructie kliniek (bij 1 e juco-schap) - deelname aan toetsing Daarnaast gelden voor het gehele jaar nog de verplichtingen in de andere drie juniorcoschappen en verplichtingen voor de lijnen consultvoering, professionele ontwikkeling en kennisprogressie. Studievoorbereiding Het onderwijs in dit jaar vergt een actieve inzet van de student. De sessies zijn alleen leerzaam als u zich terdege hebt voorbereid. Voorbereiding op de onderwijsbijeenkomsten is verplicht. Dit geldt voor het gehele studiejaar. Zie in de studenthandleiding bij de verschillende sessies onder studenttaken. Raadpleeg dagelijks Nestor voor aanvullende informatie. Toetsing Het tentamen van de onderwijseenheid juniorcoassistentschap Beweging bestaat uit een beoordeling van het klinisch trainingscentrum (KTC deel) en een beoordeling van de klinische stage (stagedeel). De beoordeling van het KTC deel bestaat uit drie onderdelen: - de schriftelijke toets - beoordeling vaardigheden - practicumverplichtingen De schriftelijke toets en de beoordeling vaardigheden vindt plaats na de KTC weken 2-5. De schriftelijke toets wordt elektronisch afgenomen en bestaat uit 80 vragen (20 vragen per KTC week). De toets bestaat uit meerkeuzevragen; 2, 3 of 4 keuzemogelijkheid. Voor de beoordeling van de vaardigheden dienen de onderstaande vaardigheden allemaal te worden voorbereid ( actuele vaardighedenlijst staat op Nestor). Van deze vaardigheden zullen 3 onderzoeken worden beoordeeld, die alle 3 voldoende moeten zijn. Bij de practicumverplichtingen geldt zowel aanwezigheid als voorbereidingsplicht. De Regels & Richtlijnen van de Examencommissie zijn te vinden in de nestorcursus Masteropleiding M1 Geneeskunde, algemene informatie onder de knop: toetsing. De gehele OER en de R&R staan in de studiegids Geneeskunde onder de volgende link: 7

8 8

9 3. Boekenlijst Masteropleiding jaar 1 Cursusjaar (cohort 2007) Fysische Diagnostiek (B, GNK, HK, L) Het lichamelijk onderzoek en zijn betekenis Bohn Stafleu Van Loghum ISBN /1 e druk Prijs 75,00 Bonjer, H.J. Chirurgie (HK) Bohn Stafleu Van Loghum. ISBN /1 e druk Prijs G.T. Ensing, B.A.S. Knobben, S.T.Houweling. Probleem georiënteerd denken in de orthopedie, een praktijkboek voor de opleiding en de kliniek. Paperback (B) de Tijdstroom. ISBN /1 e druk Prijs 47,00 M.J. Heineman. Probleemgeoriënteerd denken in de gynaecologie, obstetrie en voortplantingsgeneeskunde. (L) de Tijdstroom. ISBN /1 e druk Prijs 47,00 A.J. Kooter, H.M.A. Hofstee, A. Thijs. Leidraad interne geneeskunde. (GNK) Bohn Stafleu van Loghum. ISBN /1 e druk Prijs J.B.M. Kuks, J.W. Snoek, J.M. Fock. Praktische neurologie. Van symptoom naar diagnose. Paperback (B) Bohn Stafleu van Loghum. ISBN /1 e druk. Prijs 37,50 T.K. Kushner, D. C. Thomasma. Ward Ethics: dilemmas for medical students and doctors in training. (B, GNK, HK, L) Cambridge University Press. ISBN Prijs 37,50 Lemmens, M Ariës. Praktische Radiologie. Bohn Stafleu van Loghum. ISBN / 1 e druk Prijs 40,50 J.J. Roord, J.A.A.M. Diemen van-steenvoorde. Probleemgeoriënteerd denken in de kindergeneeskunde. (L) de Tijdstroom. ISBN /1 e druk. Prijs 47,00 C. Seeleman; J. Suurmond, K. Stronks. Arts van de wereld. Etnische diversiteit in de medische praktijk. (bekwaamheden) Bohn Stafleu van Loghum. ISBN / 1 e druk Prijs 41,75 9

10 E.P. Veening, R.O.B. Gans, J.B.M. Kuks. Medische Consultvoering; hoofdlijnen en achtergronden.. Bohn Stafleu van Loghum. ISBN Prijs ca 32,50 Studenthandleidingen 75,00 Vaardighedenboekjes Reeks: Vaardigheden in de geneeskunde G.G. Essed, Ch. Pfaff, Y.C.M. Roselaers, M. Kruithof. Verloskunde. Mediview ISBN Prijs 19,50 Middelen/overig Stethoscoop (GNK, L) Geadviseerd: dubbelslangsstethoscoop ivm betere geleiding. Littman Cardiology III SE Prijs 173 Spirit Triple Cardiology Prijs 77 Ooglampje: witte penlight Prijs 3,50 Reflexhamer Berlin Prijs 8,50 Farmacotherapeutisch Kompas 2010; gratis verkrijgbaar bij Panacea. Deze middelen zijn verkrijgbaar via Panacea (www.panacea.nl) 10

11 4. Oefenen met medestudenten tijdens de PV- en de C-sessies Verantwoording Tijdens de PV- en de C-sessies oefenen studenten onder andere lichamelijk onderzoek en anamnese op elkaar. Hiervoor zijn een aantal goede redenen: Door op studenten te oefenen, in plaats van alleen op schaarse simulatiepatiënten, kan elke student vaker oefenen. Oefenen op studenten is vaak realistischer dan op fantomen en daardoor een betere voorbereiding op de praktijk. Studenten leren professioneel omgaan met de intimiteit die het doen van lichamelijk onderzoek met zich meebrengt. Studenten kunnen de communicatieve vaardigheden oefenen die nodig zijn bij het geven van instructies en uitleg voorafgaand, tijdens en na het onderzoek Doordat studenten de rol van patiënt op zich nemen, leren ze ook beter hoe het is om medische onderzoeken te ondergaan. Dit kan de empathische omgang met patiënten bevorderen. Door elkaar te observeren en feedback te geven tijdens het oefenen, leren studenten op een hoger niveau te denken over de vaardigheden en dit helpt bij het onthouden van het geleerde. Doordat de studenten over het algemeen gezond zijn, bouwen zij tijdens het oefenen op elkaar ook een referentiekader op van de variatie in normale bevindingen. Onverwachte pathologische bevindingen Een van de mogelijke gevolgen van het oefenen op elkaar is dat er onverwachte pathologie gevonden wordt. Dit heeft objectief gezien zowel voor- als nadelen, maar zal in alle gevallen voor de betrokkene zelf en voor de andere studenten een ingrijpende ervaring zijn. Het is daarom van belang om hier aandacht aan te schenken. Het ontdekken van onverwachte pathologie kan zowel positieve als negatieve gevolgen hebben voor de betreffende student: Positief: Vroege ontdekking is bij behandelbare afwijkingen vaak gunstig voor de prognose. Ook bij onbehandelbare afwijkingen kan een vroege diagnose de student de gelegenheid geven om zijn levensstijl of beroepsperspectief aan te passen, bijvoorbeeld bij een specialisatiekeuze. Negatief: Pathologische bevindingen kunnen onrust veroorzaken en belastend zijn voor de student en zijn omgeving Wanneer een afwijking onbehandelbaar is of een onbekende prognose heeft kan dit voor de student en zijn omgeving emotioneel belastend zijn. Een gevonden afwijking kan financiële gevolgen hebben in de vorm van hogere verzekeringspremies (ziektekostenverzekering, arbeidsongeschiktheidsverzekering, afsluiten van hypotheek of andere vorm van financiering). Of uitsluiting van een verzekering. Wat de gevolgen zijn voor de betreffende student is mede afhankelijk van de manier waarop er in de onderwijssituatie mee wordt omgegaan. Er zijn daarom regels die in dergelijke gevallen in deze onderwijssessies gevolgd dienen te worden: 11

12 Hoe te handelen bij mogelijke medische afwijkingen; de regels: a. voor de studenten 1. Een student moet, zelfs bij geringe twijfel over zijn bevindingen, de docent waarschuwen en dit aan de betreffende student meedelen. 2. Een student heeft het recht om patiëntrollen te weigeren; zeker bij lichamelijk onderzoek. Dit dient tevoren aan de docent te worden gemeld. 3. Een student, bij wie een (lichte) afwijking wordt gevonden, heeft het recht om zich niet verder voor de groep te laten onderzoeken. 4. Studenten hebben ten aanzien van geconstateerde afwijkingen in de sessies een absolute zwijgplicht over hun medestudenten. Bij constatering van overtreding hiervan hebben studenten de professionele plicht dit te melden bij een docent; deze zal daarvan dan melding doen aan de Examencommissie. b. als docent 1. De docent zal de regels voor aanvang van een lijn of blok met de studenten bespreken. 2. De docent zal, in geval van een melding, zelf het lichamelijk onderzoek voort zetten (mits de student daarmee in stemt) en de bevindingen met de betreffende student bespreken. 3. De docent zal, indien haar/hem blijkt dat een student de zwijgplicht ten aanzien van een medestudent heeft doorbroken, hiervan melding doen aan de Examencommissie. Toelichting Ad studenten 1, docenten 2 Het is belangrijk om de docent in alle twijfelgevallen te waarschuwen. Studenten weten uiteraard nog niet altijd normaal van abnormaal te onderscheiden, maar als ze vlak na elkaar twee medestudenten onderzoeken zal een verschil tussen deze twee bevindingen al aanleiding moeten zijn om alarm te slaan. Het negeren van een bevinding is riskant voor 'het slachtoffer', maar ook voor de onderzoekende student, die vroeg of laat toch zal terugdenken aan dit voorval. De docent zal het onderzoek dan kunnen voortzetten, maar doet dat natuurlijk niet voor de groep (tenzij de student daar geen probleem mee heeft). Ad student 2 Het kan zijn dat een student weet of vermoedt dat hij een bepaalde afwijking heeft en daar niet op onderzocht wil worden. De student moet dan de ruimte hebben om (dat deel van) de training niet mee te doen. Het is uiteraard wel zo dat in principe iedereen beseft dat er een beroep op de solidariteit in de groep gedaan wordt om mee te doen met het onderling oefenen. De gêne, die daarbij een rol kan spelen, geldt tenslotte voor iedereen. Ad student 3 Als bij een student een afwijking wordt geconstateerd is de verleiding erg groot om iedereen die afwijking te laten onderzoeken. Dit is niet vanzelfsprekend. De betreffende student moet de vrijheid hebben om dat niet toe te staan zonder dat de groep daar laatdunkend over doet. Ad student 4, docent 3 De plichten ten aanzien van medestudenten zijn in deze situaties gelijk aan die van artsen ten aanzien van patiënten. Schending hiervan is een ernstige vorm van professioneel wangedrag en wordt dus gemeld aan de Examencommissie. 12

13 Toelichting op de onderwijssessies PV-sessie: Cg-sessie: Praktische Vaardigheidssessie voor het leren van afgebakende vormen van lichamelijk onderzoek of behandeling. Duur 2 uur, groepsgrootte studenten, docentafhankelijk Consultgesprekken; contactuele vaardigheidssessies, zonder PV-sessie momenten en dus zonder lichamelijk onderzoek (LO). De consultgesprekken verlopen volgens het modelconsult, met vraagverheldering/anamnese, opstellen DD en diagnostisch en behandelbeleid, beleid uitvoeren en afronding (DOBA). Tevens vindt verslaglegging plaats in de vorm van de Modelstatus en/of een verwijsbrief. Onderscheiden worden: Cg-A (Anamnese & DD t/m bespreken diagnostisch beleid) Duur 2 uur, groepsgrootte studenten, docentafhankelijk Cg-B (BehandelBeleid, bespreken, uitvoeren & consult afronden) Duur 2 uur, groepsgrootte studenten, docentafhankelijk Cg-C (Controle, reeds lopende behandeling evalueren en bijstellen) Duur 2 uur, groepsgrootte studenten, docentafhankelijk Cc-sessie: Z-sessie: Introductie Consult compleet; contactuele vaardigheidssessie met PV-sessie momenten. Een compleet consult als bij een Cg sessie; de anamnese wordt afgenomen, er wordt lichamelijk onderzoek gedaan en er wordt behandelbeleid besproken en overeengekomen.. Duur 2 uur, groepsgrootte docenten, docentafhankelijk Zelfwerkzaamheid van studenten. Studenten bereiden gezamenlijk de andere sessies voor of werken opdrachten uit behorende bij de klinische vignetten ter voorbereiding op interactieve werkcolleges of een bekwaamheidsspecifieke uitwerking van een casus. Duur 1-2 uur, groepsgrootte studenten, docentonafhankelijk. In groter groepsverband kunnen algemene introducties plaatsvinden vanuit verschillende disciplines. OK-instructie: Tijdens deze instructie wordt uitleg gegeven en geoefend (o.a. wasinstructie) ter voorbereiding op de operatiekamer. Interactief werkcollege: Grootschalige onderwijsvorm waarbij omgaan met kennis centraal staat en waarbij de nadruk ligt op de interactie tussen docent en studenten. Studenten bereiden zich voor door het uitwerken van de opdrachten behorende bij de klinische vignetten die tevoren zijn uitgereikt. In de opdrachten dient systematisch aandacht te zijn voor basisconcepten, beeldvormende technieken, pathologie en medische microbiologie. Bij de uitvoering kunnen verschillende disciplines betrokken zijn. Duur 2 uur, groepsgrootte max 50 studenten, docentafhankelijk. 13

14 Coachgroepbijeenkomst: Kleinschalige onderwijsvorm waarbij een groep van studenten onder leiding van een coach werkt aan de uitvoering van het onderwijsprogramma in de lijn professionele ontwikkeling. De coachgroepen vinden plaats in week 2 en 4 in het klinisch trainingscentrum en wekelijks gedurende de klinische stage. Duur 2 uur, groepsgrootte studenten, docentafhankelijk. Klinische werkconferentie: Grootschalige onderwijsvorm waarbij het oefenen van klinisch redeneren van in de algemene praktijk frequent voorkomende medische problemen centraal staat. Studenten uit de klinische stage presenteren patiënten vanuit de kliniek aan studenten in het klinisch trainingscentrum. In een klinische werkconferentie worden alle bekwaamheden opgenomen, de nadruk bij iedere werkconferentie ligt op bekwaamheid II probleem oplossen en bekwaamheid III omgaan met wetenschap. Bij de uitvoering kunnen verschillende disciplines betrokken zijn. De klinische werkconferentie vindt plaats in week 2,3,4 en 5 in het klinisch trainingscentrum. Duur 2 uur, groepsgrootte max. 50 studenten, docentafhankelijk. Poliplus instructie: Tijdens deze instructie leert u te werken met het poliplus systeem binnen het UMCG. 14

15 1. Toelichting 6Step medisch-inhoudelijk 1 problemen van de patiënt: onderscheid maken in actueel/niet actueel: overige problemen. werkdiagnose(s) actueel probleem nadere specificatie van problemen werkdiagnose(s) als startpunt van de behandeling is noodzakelijk, gericht op de volgende aspecten, die hierbij relevant (kunnen) zijn: ernst, oorzaak/ pathofysiologie, mogelijke gevolgen en de hulpvraag van de patiënt evaluatie bestaande behandeling actueel probleem, zonodig van overige problemen. niet- medicamenteus en medicamenteus op effectiviteit, veiligheid en therapietrouw 2 doel behandeling actueel probleem de gewenste therapiedoelen aangeven, bij voorkeur meetbaar door concreet aangeven van streefwaarden/uitkomsten. Hierbij rekening houden met de specificatie zoals aangegeven onder stap 1: symptomatisch, oorzakelijk/ bijdragende factoren en/of preventief en met de hulpvraag. 3 relevante behandelmogelijkheden (indicatiegericht) met gebruik maken van richtlijnen etc. inventariseer de in aanmerking komende niet-medicamenteuze en medicamenteuze (standaard) behandelingmogelijkheden op basis van de geformuleerde doelstellingen; zo mogelijk meerdere opties invullen in volgorde van prioriteit op basis van effectiviteit, veiligheid, toepasbaarheid en kosten - niet-medicamenteus: niets doen/afwachten, adviezen/leefregels geven, therapeutisch gesprek (o.a. geruststellen), therapeutische verrichting (bijv. chirurgisch). - medicamenteus: geneesmiddelgroepen/geneesmiddelen. 4 patiëntspecifieke keuze Bepaal de patiëntspecifieke gegevens die keuze positief of negatief beïnvloeden dan wel contra-indiceren: - co-morbiditeit - farmacokinetische verandering: problemen met absorptie, verdeling, metabolisme, uitscheiding - fysiologische situaties: leeftijd, zwangerschap/lactatie etc. - interacties: bestaande therapie, zelfmedicatie, alternatieve therapie - intoxicaties (alcohol, drugs, roken, voedingsmiddelen) - overgevoeligheid - therapietrouw: wensen/hulpvraag van de patiënt, voorgaande therapie(on)trouw, bijwerkingen, gebruikersgemak (toedieningsvorm, frequentie van innemen) Kies uit de behandelingsmogelijkheden (uit punt 3) de meest geschikte behandeling voor de betreffende patiënt, rekening houdend met alle relevante patiëntspecifieke gegevens. Beargumenteer keuze en motiveer bij de gekozen behandeling de dosering, frequentie, toedieningsvorm en duur, rekening houdend met alle patiëntspecifieke gegevens. 15

16 5 uitvoering in/bij te stellen behandeling nieuwe behandeling actueel probleem concretiseer keuze in: - niet-medicamenteus: behandeling, frequentie en duur - medicamenteus (recept): sterkte, toedieningsvorm, frequentie, dosisintervallen en therapieduur (indien van toepassing: opbouw en afbouwschema) beleid t.a.v. bestaande behandeling actueel probleem + overige problemen bepaal voor elk probleem: continueren, bijstellen of (afbouwen en) stoppen patiëntinformatie/therapietrouw bevorderen - werking welk effect, wanneer, hoe lang houdt de werking aan, evt. hoe het werkt - bijwerkingen welke, wat te doen, voorbijgaand/blijvend - medicatie instructies inname/gebruik, dosering, tijdstip inname, hoe lang gebruiken, indien van toepassing: opbouw of afbouwschema, evt. hoe bewaren - waarschuwingen evt. maximale dosis, interacties, reactievermogen/activiteiten, kuur afmaken 6 follow up parameters om effectiviteit, veiligheid en therapietrouw te controleren en afspraken wanneer die gecontroleerd worden naam arts adres tel. datum R/ generieke naam (specificatie*), sterkte *specificatie: merknaam alleen geven indien nodig f. toedieningsvorm da totale hoeveelheid S dosering instructies waarschuwingen paraaf/handtekening Hr./mevr./kind: naam + geb. datum Adres R/ Recipe: neem f. fac: maak da: geef S. Signa: teken = schrijf op etiket 16

17 2) Leervragen Worden op Nestor gepubliceerd 17

18 18

19 Introductie Beweging & thema uur anatomie Soort Plenaire introductie op het blok, met daaraan toegevoegd een thema uur met uitleg belangrijkste anatomische principes en studie-leidraad voor het komende onderwijs Groepsgrootte: studenten Duur: Sessie: 2 uren Doelstelling: Introductie op de opbouw van het te volgen blok, met toelichting op het te volgen onderwijs. Daarnaast een thema uur met uitleg van de anatomische principes waarop het onderwijs in het blok Beweging is gebaseerd. De student heeft na afloop inzicht in de opbouw van het Blok Beweging en welke verwachtingen er zijn wat betreft voorbereiding en aanwezigheid. Daarnaast zijn de anatomische principes en pathofysiologische kernbegrippen benodigd voor het volgen en begrijpen van de lessen in het blok beweging duidelijk. Studenttaken: Bestuderen studiestof en studenthandleiding. De kennis verworven tijdens de bachelorfase wordt bekend verondersteld. Opfrissen kennis van de anatomie van bovenste en onderste extremiteiten aan de hand van bijgevoegde lijst. Ter sessie: Interactief thema uur, met plenaire bespreking van de anatomie Studiestof: Met behulp van de anatomische atlas de in deze handleiding opgenomen lijst van anatomische structuren identificeren. Gebruik maken van internet sites: OIVDSP, primal pictures, via de CMB site Chirurgenwerk.eu Blessurevrij.nl //msjensen.cehd.umn.edu/ webanatomy/ //getbodysmart.com //www.imaios.com/ Bijlagen: 1. anantomie 19

20 Bijlage 1 Anatomie Bovenste extremiteit sternum sternoclaviculair gewricht clavicula acromioclaviculair gewricht acromion processus coracoïdeus tuberculum minus sulcus intertubercularis tuberculum majus glenohumerale gewricht humerus scapula spina scapulae ulna olecranon radius m. sternocleidomastoideus m. serratus anterior m. pectoralis minor m. pectoralis major m. latissimus dorsi m. deltoïdeus m. trapezius m. supraspinatus m. infraspinatus m. teres minor m. teres major m. subscapularis rotator cuff m. biceps brachii m. triceps brachii n. suprascapularis n. axillaris n. subscapularis n. musculocutaneus n. ulnaris n. medianus n. radialis v. cephalica v. basilica a. subclavia a. axillaris a. brachialis bursa subacromialis 20

21 Onderste extremiteit bekken ossa coxae (os ilium, os ischii, os pubis) acetabulum os sacrum os coccygis tuber ischiadicum sacro-iliacale gewrichten symfyse crista iliaca spina iliaca anterior superior (SIAS) spina iliaca posterior superior (SIPS) heupgewricht (art. coxae) femur caput femoris corpus femoris collum femoris trochanter major trochanter minor condylus medialis (met epicondylus) condylus lateralis (met epicondylus) labrum acetabulare kniegewricht patellofemoraal gewricht tibiofemoraal gewricht proximale tibiofibulaire gewricht condyli femoris (met epicondylus) patella tibia laterale en mediale tibiacondyl tuberositas tibiae fibula caput fibulae meniscus (medialis en lateralis) lig. transversum genu lig. cruciatum anterius lig. cruciatum posterius lig. collaterale mediale lig. collaterale laterale lig. patella m. iliacus en m. psoas major (m. iliopsoas) m. sartorius m. gracilis m. gluteus maximus m. piriformis m. quadratus femoris adductoren m. erector spinae m. multifidus hamstrings (m. biceps femoris, m. semimembranosus, m. semitendinosus) m. triceps surae m. tensor fasciae latae 21

22 m. quadriceps femoris (m. rectus femoris, m vastus lateralis, m. vastus medialis, m. vastus intermedius) m. gastrocnemius bursa trochanterica bursa prepatellaris bursa infrapatellaris bursa/recessus suprapatellaris corpus adiposum infrapatellare (vetlichaam van Hoffa) fossa poplitea n. femoralis n. ischiadicus n. peroneus n. tibialis a. iliaca a. femoralis a. poplitea v. femoralis v. saphenus magnus v. poplitea 22

23 PV-sessie Neurologisch onderzoek : Motoriek, sensibiliteit en reflexen Groepsgrootte: 9-12 studenten Duur: Sessie: 2 uren Opbouw: 20 min onderwijsleergesprek 20 min demonstratie onderzoek door docent 70 min oefenen onderzoek 10 min nabespreking Doelstelling: Student is na afloop in staat om een screenend neurologisch onderzoek van reflexen, motoriek en sensibiliteit uit te voeren en te beoordelen van de bovenste en onderste extremiteiten. Hiervoor is gedegen voorbereiding van anatomie en vaardigheden vereist. Tevens dient het filmmateriaal bekeken te zijn. Studenttaken: Voorbereiding: Bestuderen studiestof en studenthandleiding. De kennis verworven tijdens de bachelorfase wordt bekend verondersteld. Opfrissen kennis van de anatomie van bovenste en onderste extremiteiten en neuro- anatomie. Filmmateriaal horende bij het boek Fysische Diagnostiek bekijken. Ter sessie: Onderwijsleergesprek, oefenen onderzoek op medestudenten in drietallen, waarbij per ronde van rol gewisseld wordt tussen onderzoeker, patiënt en observator. Studiestof : Anatomie Fysische Diagnostiek 11.5 motoriek 11.6 sensibliliteit 11.8 reflexen Filmmateriaal: H t/m 11.16, Motoriek H t/m Sensibiliteit H t/m proprioceptieve reflexen zittend en liggend Kuks et al. Klinische Neurologie (16 e druk): H 3: Zenuwstelsel en spieren; anatomie, fysiologie en pathologie H 4: Kracht en gevoel Voor 15 e druk: zie conversietabel achterin deze handleiding Onderwijsmiddelen, door de student mee te nemen: Reflexhamer Bijlagen: 1. Checklist neurologisch onderzoek, reflexen en motoriek van de bovenste extremiteit 2. Checklist neurologisch onderzoek, reflexen en motoriek van de onderste extremiteit 3: Checklist neurologisch onderzoek, Vitale en gnostische sensibiliteit 23

24 24

25 Bijlage 1 Checklist neurologisch onderzoek reflexen en motoriek van de bovenste extremiteit Voor het onderzoek begroeting uitleg onderzoek en reden ontkleedinstructie sieraden af, handen wassen Inspectie Stand, spieratrofie, onwillekeurige bewegingen Reflexen bicepspeesreflex (liggend) tricepspeesreflex (liggend) Motoriek Passieve beweeglijkheid pijn, gewrichtsafwijkingen, hypertonie Centrale parese (proef van Barré) proef van uitgestrekte arm en hand Spierkracht Afzonderlijke spiergroepen testen in optimale contractie (isometrisch) m. serratus anterior m. deltoïdeus m. biceps brachii m. triceps brachii endo-/exoratoren schouder polsflexoren polsextensoren vingerflexoren vingerextensoren m. opponens pollicis mm. interosseï Tijdens het onderzoek uitleg tijden het onderzoek geeft duidelijke instructies houdt (oog)contact met de patiënt gaat soepel om met techniek en communicatie Na het onderzoek aangeven einde onderzoek aankleedinstructies afronding en bevindingen presenteren handen wassen Algemeen is in staat kennis over de vaardigheid te tonen 25

Theorie-examen anatomie 12 januari 2007

Theorie-examen anatomie 12 januari 2007 Theorie-examen anatomie 12 januari 2007 1. Welke uitspraak met betrekking tot spiercontracties is altijd juist? A. Bij concentrische contracties wordt de spanning in de spier kleiner. B. Bij excentrische

Nadere informatie

Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006.

Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006. Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006. 1. Wat is de diafyse van een pijpbeen? A. Het uiteinde van een pijpbeen. B. Het middenstuk van een pijpbeen. C. De groeischijf. 2. Waar bevindt zich de pink, ten

Nadere informatie

DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg)

DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg) Inleiding tot het orthopedisch onderzoek 1 DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg) 3. ENKEL EN VOET 3.1. Inspectie in staande houding m. gastrocnemius Calcaneum Valgushoek achillespees met hiel Malleolus

Nadere informatie

Skillslab handleiding

Skillslab handleiding Skillslab handleiding Faculteit Geneeskunde & Gezondheidswetenschappen Inleiding tot het orthopedisch onderzoek Academiejaar 2012-2013 Dr. Francis Hugelier - Dr. Jan Reniers Dr. Hans Van den Abbeele Met

Nadere informatie

Anatomie van de heup. j 1.1

Anatomie van de heup. j 1.1 j1 Anatomie van de heup De Latijnse naam voor het heupgewricht is art. coxae, het is een kogelgewricht (art. spheroidea). In het gewricht kan om drie assen bewogen worden. As Vlak Beweging Transver- Sagittaal

Nadere informatie

Anatomie. Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn drie antwoorden gegeven. Slechts één van deze antwoorden is het goede.

Anatomie. Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn drie antwoorden gegeven. Slechts één van deze antwoorden is het goede. Examenstichting Perimedische Opleidingen Diploma: sportmassage, massage, wellness massage 22 januari 2010, Beschikbare tijd: 60 minuten Anatomie Aanwijzing: Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn

Nadere informatie

frontaal vlak sagittale as transversale as sagittaal vlak mediosagittaal (mediaan) vlak

frontaal vlak sagittale as transversale as sagittaal vlak mediosagittaal (mediaan) vlak j1 Anatomie van de heup As Vlak Beweging De Latijnse naam voor het heupgewricht is art. coxae; en het is een kogelgewricht (art. spheroidea). In het gewricht kan om drie assen bewogen worden. transversaal

Nadere informatie

* short head: eind van coracoid van scapula * long head: supraglenoid deel scapula. * Ulna. * halverwege voorkant humerus.

* short head: eind van coracoid van scapula * long head: supraglenoid deel scapula. * Ulna. * halverwege voorkant humerus. BOVENSTE EXTREMITEITEN Spiergroep Spiernaam Aanhechtingsplaats proximaal Aanhechtingsplaats distaal Innervatie Functie Extensoren bovenarm * m. biceps brachii * short head: eind van coracoid van scapula

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 1. 4 Anatomie van de schouder 41 4.1 Anteflexie 42 4.2 Retroflexie 42 4.3 Abductie 44 4.4 Adductie 46

Inhoud. Inleiding 1. 4 Anatomie van de schouder 41 4.1 Anteflexie 42 4.2 Retroflexie 42 4.3 Abductie 44 4.4 Adductie 46 Inhoud Inleiding 1 1 Anatomie van de heup 3 1.1 Anteflexie 4 1.2 Retroflexie 6 1.3 Abductie 7 1.4 Adductie 8 1.5 Exorotatie 9 1.6 Endorotatie 12 1.7 Ligamenten van de heup 12 1.8 Schema 14 2 Anatomie van

Nadere informatie

Anatomie van de Spieren

Anatomie van de Spieren Schoudergordel en hals Schoudergordel M. Coracobrachialis M. Deltoideus M. Infraspinatus M. Latissimus dorsi M. Levator scapulae M. Pectoralis major Bron:afbeeldingen en omschrijving: SWSportmassage.nl

Nadere informatie

Lichamelijk onderzoek

Lichamelijk onderzoek Hoofdstuk 3 Lichamelijk onderzoek Het lichamelijk onderzoek omvat de volgende onderdelen: -- inspectie in rust -- passief en actief uitgevoerd onderzoek naar de beweeglijkheid van de cervicale wervelkolom,

Nadere informatie

Inhoudsopgave. I. Inleiding 03. 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers 05 2. Verplichtingen, studievoorbereiding en toetsing 06 3.

Inhoudsopgave. I. Inleiding 03. 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers 05 2. Verplichtingen, studievoorbereiding en toetsing 06 3. Inhoudsopgave Pag. I. Inleiding 03 II. Algemene informatie 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers 05 2. Verplichtingen, studievoorbereiding en toetsing 06 3. Boekenlijst 07 III. Het onderwijs: doelstellingen,

Nadere informatie

De spieren (structuur)

De spieren (structuur) Skelet achter 1. Cranium 2. Processus mastoideus 3. Maxilla 4. Mandibularium 5. Arcus Vertebrae C5 6. Processus Transversalis C5 7. Costa 1 8. Costa 2 9. Clavicula 10. Acromion 11. Caput humerus 12. Sulcus

Nadere informatie

Diagnostiek aan de schoudergordel. Model orthopedische geneeskunde ( James Cyriax) (Dos winkel)

Diagnostiek aan de schoudergordel. Model orthopedische geneeskunde ( James Cyriax) (Dos winkel) Diagnostiek aan de schoudergordel Model orthopedische geneeskunde ( James Cyriax) (Dos winkel) Doorsnede art. humeri bicepspees, loopt door bovenkant van kapsel en voorkomt inklemming van kapsel in gewrichtsspleet

Nadere informatie

2. Bevestiging spieren. 3. Stevigheid (samen met spieren) 4. Beweeglijkheid (samen met spieren) 5. Aanmaak rode bloedcellen in beenmerg

2. Bevestiging spieren. 3. Stevigheid (samen met spieren) 4. Beweeglijkheid (samen met spieren) 5. Aanmaak rode bloedcellen in beenmerg Anatomy is destiny Sigmund Freud Belangrijkste botten Nomenclatuur Reina Welling WM/SM-theorieles 1 Osteologie bekken en onderste extremiteit Myologie spieren bovenbeen Met dank aan Jolanda Zijlstra en

Nadere informatie

1. m. Rectus Abdominis (rechte buikspier) A. Origo en insertie: van 5-7de rib naar schaambeen. C. Indeling en functie van de spier:

1. m. Rectus Abdominis (rechte buikspier) A. Origo en insertie: van 5-7de rib naar schaambeen. C. Indeling en functie van de spier: 1. m. Rectus Abdominis (rechte buikspier) A. Origo en insertie: B. Overspanning van: C. Indeling en functie van de spier: D. Bijzonderheden: E. Voorbeelden van oefeningen: van 5-7de rib naar schaambeen

Nadere informatie

Een fotoatlas van de. anatomie in vivo 2. Onderste extremiteit. Serge Tixa. Bohn Stafleu Van Loghum

Een fotoatlas van de. anatomie in vivo 2. Onderste extremiteit. Serge Tixa. Bohn Stafleu Van Loghum Een fotoatlas van de anatomie in vivo 2 Onderste extremiteit Serge Tixa Bohn Stafleu Van Loghum Een fotoatlas van de anatomie in vivo 2 Onderste extremiteit EEN FOTOATLAS VAN DE ANATOMIE IN VIVO 2 ONDERSTE

Nadere informatie

Verdiepingsmodule. Vaardigheid schouderonderzoek. Schoudersklachten: Vaardigheid schouderonderzoek. 1. Toelichting. 2. Doel, doelgroep en tijdsduur

Verdiepingsmodule. Vaardigheid schouderonderzoek. Schoudersklachten: Vaardigheid schouderonderzoek. 1. Toelichting. 2. Doel, doelgroep en tijdsduur Schoudersklachten: 1. Toelichting Deze verdiepingsmodule is gebaseerd op de NHG Standaard van oktober 2008 (tweede herziening). De anatomie van de schouder is globaal wel bekend bij de huisarts. Veelal

Nadere informatie

Toetsstation. Onderzoek bij rugklachten

Toetsstation. Onderzoek bij rugklachten Toetsstation Onderzoek bij rugklachten Alg lgeme mene gegevens Classificatiecode(s) L02, L86, L31 Doelstelling Toetsen of de kandidaat in staat is: - de gegevens te verzamelen die nodig zijn voor de diagnostiek

Nadere informatie

5 Bot tussenstof bestaat behalve uit calciumzouten eveneens uit: a) Fibreuze vezels b) Elastische vezels c) Reticulaire vezels d) Collagene vezels 6

5 Bot tussenstof bestaat behalve uit calciumzouten eveneens uit: a) Fibreuze vezels b) Elastische vezels c) Reticulaire vezels d) Collagene vezels 6 Oefenvragen 1 De diafyse van een pijpbeen; a) Is het middenstuk van een pijpbeen b) Is onderdeel van de gewrichten c) Bevind zich aan de uiteinden van een pijpbeen d) Bevind zich vlak onder het periost

Nadere informatie

Onstabiel gevoel Last bij stappen

Onstabiel gevoel Last bij stappen Naam: Datum: Leeftijd: 37 jaar Geslacht: M/V Beroep: bediende Adres: Telefoonnummer: / Hobby: joggen, zwemmen (totaal: 3u/week) Hoofdprobleem: Onstabiel gevoel en last ter hoogte van de rechter enkel Lichaamsdiagram

Nadere informatie

Les Spierenondersteextremiteit. O: proximaal I : distaal

Les Spierenondersteextremiteit. O: proximaal I : distaal Les 10+11 Spierenondersteextremiteit O: proximaal I : distaal Oefenvragen les 10. Einde les 11 eindtoets anatomie in de les maken 1) Als een pees in het lichaam over een harde structuur schuift zal de

Nadere informatie

Lieven De Wilde, MD, PhD Alexander Van Tongel, MD Department of Orthopedic Surgery Gent University Hospital

Lieven De Wilde, MD, PhD Alexander Van Tongel, MD Department of Orthopedic Surgery Gent University Hospital Klinisch onderzoek van de schouder Lieven De Wilde, MD, PhD Alexander Van Tongel, MD Department of Orthopedic Surgery Gent University Hospital Klinisch onderzoek van de schouder 12 stappen Stap 1: Anamnese

Nadere informatie

Chronische progressieve lagerugpijn met uitstraling in twee dermatomen bij een 44-jarige havenarbeider

Chronische progressieve lagerugpijn met uitstraling in twee dermatomen bij een 44-jarige havenarbeider 17 2 Chronische progressieve lagerugpijn met uitstraling in twee dermatomen bij een 44-jarige havenarbeider Jef Michielsen Introductie Deze casus toont het kenmerkende verhaal van een patiënt die al jaren

Nadere informatie

Spiertabellen1.2. Bij 'Blok Locomotorisch Stelsel & Huid', 2 de kandidatuur geneeskunde

Spiertabellen1.2. Bij 'Blok Locomotorisch Stelsel & Huid', 2 de kandidatuur geneeskunde Spiertabellen1.2 Bij 'Blok Locomotorisch Stelsel & Huid', 2 de kandidatuur geneeskunde Auteurs: Matthias De Moerloose Bronnen: Syllabus Prof. Roels, D Herde en Kerckaert Femke Delporte Hosford Muscle Tables

Nadere informatie

Henny Leentvaar (Sport)massage Pagina 1 van 7 spieren studie hulp

Henny Leentvaar (Sport)massage Pagina 1 van 7 spieren studie hulp Erector Trunci rug Crista Iliaca, sacrum Processie Spinosi en transversi, anguli costae, os occipitale Rugstrekken (extensie), zijwaarts buigen (lareroflexie), deflexie Quadratus Lumborum Sternocleidomastoid

Nadere informatie

ERASMUS MC MODIFICATIE VAN DE (REVISED) NOTTINGHAM SENSORY ASSESSMENT Handleiding

ERASMUS MC MODIFICATIE VAN DE (REVISED) NOTTINGHAM SENSORY ASSESSMENT Handleiding De Erasmus MC Modificatie van de (revised) Nottingham Sensory Assessment (EmNSA) 1 is een meetinstrument om bij patiënten met intracraniële aandoeningen de tastzin, de scherp-dof discriminatie en de propriocepsis

Nadere informatie

Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda

Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda Gewrichten in beweging 14 maart WDH Breda Anne van Vegchel SGA West-brabant CV 2000-2006 geneeskunde Utrecht 2007-2011 sportgeneeskunde Utrecht 2008-2012 clubarts eredivisieploeg handbal 2008-heden bondarts

Nadere informatie

Opdracht krachttraining 1

Opdracht krachttraining 1 Opdracht krachttraining 1 Doel: hypertrofie (spiergroei) Spier/ spiergroep: Musculus biceps brachii Moduul krachttraining 1 Opdracht krachttraining 2 Doel: explosiviteit Spier/ spiergroep: musculus quadriceps

Nadere informatie

Bouw van een skeletspier

Bouw van een skeletspier Reina Welling WM/SM-theorieles 5 Met dank aan Jolanda Zijlstra en Bart van der Meer Bouw van een skeletspier faculty.etsu.edu Welke eigenschappen horen bij type I en welke bij type II spiervezels? Vooral

Nadere informatie

DE SCHOUDER van BINNEN naar BUITEN. Wietske Wind Thom van der Sloot

DE SCHOUDER van BINNEN naar BUITEN. Wietske Wind Thom van der Sloot DE SCHOUDER van BINNEN naar BUITEN Wietske Wind Thom van der Sloot WIE ZIJN WIJ WIETSKE WIND DOCENTE CIOS HEERENVEEN OPLEIDER SPORTMASSAGE/VERZORGING 1997 SPORTMASSEUR SINDS 1995 THOM vd SLOOT Ex DOCENT

Nadere informatie

een geriatriefysiotherapeutisch patiëntonderzoek

een geriatriefysiotherapeutisch patiëntonderzoek een geriatriefysiotherapeutisch patiëntonderzoek 25 September 2012 Marjan Doves, MFt opzet Doel workshop Introductie geriatriefysiotherapie Introductie van de casus Uitwerking van het onderzoek Conclusie

Nadere informatie

Rugpoli in Enschede. Lucille Dorresteijn, Neuroloog Marleen Wijnstra, Physician assistant

Rugpoli in Enschede. Lucille Dorresteijn, Neuroloog Marleen Wijnstra, Physician assistant Rugpoli in Enschede Lucille Dorresteijn, Neuroloog Marleen Wijnstra, Physician assistant Stellingen Bij een langer bestaand LRS is een MRI van de LWK aangewezen Ik (huisarts) verwijs nu zelf voor een MRI

Nadere informatie

Dryneedling bij bekkenproblemen postpartum

Dryneedling bij bekkenproblemen postpartum Dryneedling bij bekkenproblemen postpartum Een nuttige Interventie Cecile Röst Introductie In onze praktijk sinds 1996 ongeveer 800 nieuwe vrouwelijke bekkenpijnpatiënten per jaar 90% komt tijdens de zwangerschap,

Nadere informatie

23-Oct-14. 6) Waardoor wordt hyperextensie van het kniegewricht vooral beperkt? A) Banden B) Bot C) Menisci D) Spieren

23-Oct-14. 6) Waardoor wordt hyperextensie van het kniegewricht vooral beperkt? A) Banden B) Bot C) Menisci D) Spieren Vlak As Beweging Gym Frontaal Sagitale Ab-adductie Radslag Latero flexie Ulnair-radiaal deviatie Elevatie-depressie Sagitaal Frontale Flexie-extensie Salto Transversale Ante-retro flexie Dorsaal flexie

Nadere informatie

Prof. Dr. P.F. de Vries Robbé arts, Klinisch Redeneren, Medische Informatiekunde UMCN Dr. J.H.M. van der Straaten arts, UMCN

Prof. Dr. P.F. de Vries Robbé arts, Klinisch Redeneren, Medische Informatiekunde UMCN Dr. J.H.M. van der Straaten arts, UMCN Casus 23N Fase A Titel Door de rug gegaan. Onderwerp Lage rugpijn Inhoudsdeskundige Prof. Dr. P.F. de Vries Robbé arts, Klinisch Redeneren, Medische Informatiekunde UMCN Dr. J.H.M. van der Straaten arts,

Nadere informatie

Nederlandse standaarden voor de verzekeringsarts

Nederlandse standaarden voor de verzekeringsarts Nederlandse standaarden voor de verzekeringsarts Drs. A.E. DE WIND Leuven, 27-04-2007 WIA: wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen: Hervorming en verbetering claimbeoordelingsproces Gebruik wetenschappelijk

Nadere informatie

NVAB Richtlijn Klachten aan Arm, Nek of Schouder. Werk en KANS. 11-5-2015 Hoge School Leiden. Dr. Leo. A.M. Elders

NVAB Richtlijn Klachten aan Arm, Nek of Schouder. Werk en KANS. 11-5-2015 Hoge School Leiden. Dr. Leo. A.M. Elders NVAB Richtlijn Klachten aan Arm, Nek of Schouder 1 11-5-2015 Hoge School Leiden Dr. Leo. A.M. Elders Werk en KANS Tel: 06-55741585 E-mail: info@nvka.nl Inhoud presentatie Schouderklachten /SAPS Epidemiologie

Nadere informatie

3 Anatomie en fysiologie 17 3.1 Acute pijn 17 3.2 Chronische pijn 23 3.3 Chronische pijn en limbisch systeem? 23

3 Anatomie en fysiologie 17 3.1 Acute pijn 17 3.2 Chronische pijn 23 3.3 Chronische pijn en limbisch systeem? 23 Inhoud Redactioneel 10 Over de auteurs 11 1 Inleiding 12 2 Geschiedenis 14 3 Anatomie en fysiologie 17 3.1 Acute pijn 17 3.2 Chronische pijn 23 3.3 Chronische pijn en limbisch systeem? 23 4 Pijnmeting

Nadere informatie

Schouderpathologie voorde huisarts

Schouderpathologie voorde huisarts Schouderpathologie voorde huisarts Linda Cervenka Ellen de Wit Ron Onstenk April 2012 Schouderklachten?? Nekklachten Radiculaire klachten CTS Infectieus Polymyalgia Schouder/POB klachten Gecombineerd Schouder

Nadere informatie

Praktijkopdracht Klinisch Redeneren

Praktijkopdracht Klinisch Redeneren Praktijkopdracht Klinisch Redeneren Inleiding Via deze praktijkopdracht werk je aan je verpleegkundige vakdeskundigheid. De opdracht helpt je om achtergrondkennis te verwerven van de patiënten binnen het

Nadere informatie

Luxaties van schouder elleboog en vingers. Compagnonscursus 2012

Luxaties van schouder elleboog en vingers. Compagnonscursus 2012 Luxaties van schouder elleboog en vingers Compagnonscursus 2012 De schouder - Epidemiologie Meest gedisloceerde gewricht: NL 2000/jaar op SEH 45% van alle luxaties betreffen schouder 44% in de leeftijdsgroep

Nadere informatie

Lage rugklachten. www.gzcdiemenzuid.nl

Lage rugklachten. www.gzcdiemenzuid.nl Lage rugklachten Introductie De lage rug is het gebied ter hoogte van de onderste 5 lendenwervels (lumbale wervels) en de overgang met het heiligbeen (lumbo-sacrale overgang). De lendenwervelkolom bestaat

Nadere informatie

VGN immobilisatieprotocollen

VGN immobilisatieprotocollen VGN immobilisatieprotocollen VGN immobilisatieprotocollen INLEIDING De VGN immobilisatieprotocollen bevatten de richtlijnen die bepalen waar een correct aangelegd gipsverband aan hoort te voldoen. De immobilisatieprotocollen

Nadere informatie

Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Zuyderland Revalidatie

Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Zuyderland Revalidatie Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Inleiding U bent doorverwezen naar het Multidisciplinair aspecifiek lage rugpijn screeningsteam (MARS) bij. Binnen dit team wordt samen met u bekeken

Nadere informatie

Lage rugklachten achtergronden casusschetsen voor begeleider/presentator

Lage rugklachten achtergronden casusschetsen voor begeleider/presentator Lage rugklachten achtergronden casusschetsen voor begeleider/presentator Voorstel wijzigingen bij herziening werkafspraak kunnen op de laatste pagina worden genoteerd Hoogeveen september 2009 1 Casusschets

Nadere informatie

Injecties in en rondom grote gewrichten. Bas Knobben Orthopedisch chirurg

Injecties in en rondom grote gewrichten. Bas Knobben Orthopedisch chirurg Injecties in en rondom grote gewrichten Bas Knobben Orthopedisch chirurg Injecties, waarom? Pijnafname Ontstekingsremmend Diagnosticum Waar injecteren? Bursa Peesschede Gewricht Op de pijnlijke plek? Wat

Nadere informatie

Spieren van het bovenste membrum

Spieren van het bovenste membrum Spieren van het bovenste membrum Verbinding tussen romp en lidmaat Trapezius - schedel - processus spinosi C1 T11 - bovenste vezels: lateraal 1 /3 clavicula - middelste vezels: acromion - extensie hoofd

Nadere informatie

Spieractivatiepatronen tijdens fitness oefeningen op de Carving Pro. Maastricht University: Pieter Oomen (MSc) Hans Savelberg (PhD)

Spieractivatiepatronen tijdens fitness oefeningen op de Carving Pro. Maastricht University: Pieter Oomen (MSc) Hans Savelberg (PhD) Spieractivatiepatronen tijdens fitness oefeningen op de Carving Pro Maastricht University: Pieter Oomen (MSc) Hans Savelberg (PhD) December, 2010 Inleiding De Carving Pro is een fitnessapparaat waarmee

Nadere informatie

Inleiding. Vergelijking met het algemeen medisch onderzoek

Inleiding. Vergelijking met het algemeen medisch onderzoek Inleiding Het doel van deze uitgave kan als volgt worden omschreven. Enerzijds is het een handleiding voor medische studenten, artsen en psychiaters al dan niet in opleiding) om hen vertrouwd te maken

Nadere informatie

Algehele richtlijnen statusvoering en correspondentie

Algehele richtlijnen statusvoering en correspondentie Algehele richtlijnen statusvoering en correspondentie Uitgangspunt is dat de status volledig ingevuld wordt en dat er aandacht wordt besteed aan een goede verslaglegging. De status is een document waar

Nadere informatie

Spierenbovensteextremiteit

Spierenbovensteextremiteit Spierenbovensteextremiteit O: Proximaal I : Distaal 1) Tussen welke botten vormt het onderste spronggewricht een verbinding? A) Calcaneus, naviculare, cuboideum B) Calcaneus, naviculare, talus C) Cuneiforma,

Nadere informatie

Is het wel een carpaal tunnel syndroom? Cathelijne Gorter de Vries Neuroloog 30-03-2016

Is het wel een carpaal tunnel syndroom? Cathelijne Gorter de Vries Neuroloog 30-03-2016 Is het wel een carpaal tunnel syndroom? Cathelijne Gorter de Vries Neuroloog 30-03-2016 Disclosures spreker (potentiële) belangenverstrengeling geen Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven

Nadere informatie

Chapter 7. Nederlandse samenvatting

Chapter 7. Nederlandse samenvatting Chapter 7 Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Lumbosacraal radiculair syndroom Het lumbosacraal radiculair syndroom is de aandoening die in de Nederlandse volksmond bekend staat als een

Nadere informatie

Anatomie en karate-bewegen

Anatomie en karate-bewegen Assistent Lerarenopleiding Karate-do Bond Nederland najaar 2014 Anatomie en karate-bewegen de onderste extremiteit Joost Franken en Peter Damen Anatomie en karate-bewegen Veilig en verantwoord lesgeven

Nadere informatie

Bloktoets 50103 28 mei 2010 Pagina 2. Vraag 9. De substantia nigra produceert: 1. Acetylcholine 2. Dopamine 3. Noradrenaline

Bloktoets 50103 28 mei 2010 Pagina 2. Vraag 9. De substantia nigra produceert: 1. Acetylcholine 2. Dopamine 3. Noradrenaline Bloktoets 50103 28 mei 2010 Pagina 2 Vraag 9. De substantia nigra produceert: 1. Acetylcholine 2. Dopamine 3. Noradrenaline Vraag 10. De kniepeesreflex is een: 1. Bisynaptische reflex 2. Monosynaptische

Nadere informatie

CURSUS KINESIO TAPING KT1 / KT2

CURSUS KINESIO TAPING KT1 / KT2 CURSUS KINESIO TAPING KT1 / KT2 Op 25 april 2012 start MSP Opleidingen in Leiden de officiële cursus Kinesio Taping KT1/KT2. Dit is de cursus volgens de originele methode van Dr. Kenzo Kase. MSP Opleidingen

Nadere informatie

De schouder. Dirk van Oostveen Orthopaedisch chirurg. Jeroen Bosch Ziekenhuis Orthopedie en Traumatologie s-hertogenbosch

De schouder. Dirk van Oostveen Orthopaedisch chirurg. Jeroen Bosch Ziekenhuis Orthopedie en Traumatologie s-hertogenbosch De schouder Dirk van Oostveen Orthopaedisch chirurg Jeroen Bosch Ziekenhuis Orthopedie en Traumatologie s-hertogenbosch DE Schouder? Aandoeningen Traumatologische afwijkingen fracturen Instabiliteit

Nadere informatie

Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Orbis Revalidatie

Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Orbis Revalidatie Multidisciplinair Aspecifiek Rugpijn Spreekuur (MARS) Orbis Revalidatie Inleiding U bent doorverwezen naar het Multidisciplinair aspecifiek rugpijnteam (MARS) bij Orbis Revalidatie. Binnen dit team wordt

Nadere informatie

Casuïstiek voor workshop SAFE-dag

Casuïstiek voor workshop SAFE-dag Casuïstiek voor workshop SAFE-dag CASUS 1 Mevrouw van Breukelen, 70 jaar, heeft onlangs een nieuwe heup gekregen en is sinds kort terug uit het revalidatiecentrum. U vindt dit een mooi moment om haar medicatie

Nadere informatie

MedPsych Center (MPC) Voor klinische patiënten

MedPsych Center (MPC) Voor klinische patiënten MedPsych Center (MPC) Voor klinische patiënten Brengt medische en psychische kennis samen MedPsych Center (MPC) voor klinische patiënten 1. Welkom 3 2. Voor welke patiënten is de MPU bedoeld? 3 3. Wachtlijst

Nadere informatie

Medical Taping bij M. Parkinson

Medical Taping bij M. Parkinson Medical Taping bij M. Parkinson Door: Josya Sijmonsma Fysiotherapeut en Medical Taping Instructor Binnen Europa neemt de bekendheid van het Medical Taping Concept het laatste decennium enorm toe. Veel

Nadere informatie

Acuut Lumbosacraal Radiculair Syndroom

Acuut Lumbosacraal Radiculair Syndroom Neurologie Kies rechts op de pagina het onderwerp. Acuut Lumbosacraal Radiculair Syndroom Uitgangspunt Huisarts Patiënt NHG standaard M55 De diagnose acuut lumbosacraal radiculair syndroom wordt gesteld

Nadere informatie

Subtotaal - Ondersteuners Subtotaal - Honorarium. Subtotaal - Poorter. Subtotaal - Kosten. Declaratiecode Zorgproduct.

Subtotaal - Ondersteuners Subtotaal - Honorarium. Subtotaal - Poorter. Subtotaal - Kosten. Declaratiecode Zorgproduct. 14C010 990029011 Reguliere ongecompliceerde zorg (1 of 2 contacten door Consultatieve Psychiatrie) bij Een psychische 76,13 stoornis 116,64 5,96 122,60 198,73 14C021 990030011 Multidisciplinaire behandeling

Nadere informatie

Toetsstation. Injectie schouder

Toetsstation. Injectie schouder Toetsstation Injectie schouder Alg lgeme mene gegevens Classificatiecode(s) L92, L31, L55 Doelstelling Toetsen of de kandidaat in staat is - enkele voor injectie relevante structuren op het schouderfantoom

Nadere informatie

Spierstelsel onderbeen en voet

Spierstelsel onderbeen en voet Spierstelsel onderbeen en voet Jan van Ede - Semester 2 Cursusjaar 2013 - studentnummer 931951 Spierstelsel onderbeen en voet 1 december 2013 Inhoudsopgave Voorwoord 3 1 Onderbeenmusculatuur (exentrieke

Nadere informatie

kno specialisten in keel-, neus- & oorheelkunde Duizeligheid

kno specialisten in keel-, neus- & oorheelkunde Duizeligheid kno haarlemmermeer specialisten in keel-, neus- & oorheelkunde Duizeligheid Wat is duizeligheid? Normaal gesproken krijgt ieder mens voortdurend informatie over de ruimte om zich heen en over de positie

Nadere informatie

OPLEIDING tot MBO- VERPLEEGKUNDIGE. Ondersteuningsmagazijn gevorderd 1 BEROEPSTAAK E

OPLEIDING tot MBO- VERPLEEGKUNDIGE. Ondersteuningsmagazijn gevorderd 1 BEROEPSTAAK E OPLEIDING tot MBO- VERPLEEGKUNDIGE Ondersteuningsmagazijn gevorderd 1 BEROEPSTAAK E Albeda college Branche gezondheidszorg Kwalificatieniveau 4 Cohort: 2009-2010 Versie: 3 Fase: Gevorderd 1 Naam Student:.

Nadere informatie

CVS : forensisch psychiatrische overwegingen

CVS : forensisch psychiatrische overwegingen CVS : forensisch psychiatrische overwegingen ZOL Genk 17 Februari 2011 Prof Dr Dillen Chris Forensisch Psychiater Vrije Universiteit Brussel, Faculteit Recht - Criminologie Porseleinwinkel Etiologie Chronisch

Nadere informatie

Voorlichting bij patiënten met diabetes mellitus type 2

Voorlichting bij patiënten met diabetes mellitus type 2 1. Toelichting op de module Deze module is gebaseerd op de NHG-Standaard M01 van maart 2006 (tweede herziening). Diabetes mellitus type 2 is een chronische ziekte. Voorlichting geven is belangrijk om de

Nadere informatie

De casus is bedoeld voor medisch studenten in de doctoraalfase van de opleiding.

De casus is bedoeld voor medisch studenten in de doctoraalfase van de opleiding. Casus 12L Fase A Titel Tak op de weg. Onderwerp Radiuskopfractuur Inhoudsdeskundige Dr. P.A. van Luijt, traumatoloog Technisch verantwoordelijke E. Beekhuizen, COO ontwikkelaar Opleidingsniveau studenten

Nadere informatie

Screening van rugen nekklachten

Screening van rugen nekklachten Screening van rugen nekklachten Wervelkolom Centrum Informatie voor patiënten F1035-3111 december 2012 Medisch Centrum Haaglanden www.mchaaglanden.nl MCH Antoniushove, Burgemeester Banninglaan 1 Postbus

Nadere informatie

Anatomie les 5 en 6: SpecieleArthrologie 20 oefenvragen voor les 5: zie Map blz26 15 oefenvragen voor les 6: 1 Tot het steunweefsel behoren: A) de

Anatomie les 5 en 6: SpecieleArthrologie 20 oefenvragen voor les 5: zie Map blz26 15 oefenvragen voor les 6: 1 Tot het steunweefsel behoren: A) de Anatomie les 5 en 6: SpecieleArthrologie 20 oefenvragen voor les 5: zie Map blz26 15 oefenvragen voor les 6: 1 Tot het steunweefsel behoren: A) de botten en de huid B) kraakbeen en spierweefsel C) kraakbeen

Nadere informatie

De geriatrische patiënt op de SEH. SEH onderwijsdag Sigrid Wittenberg, aios klinische geriatrie

De geriatrische patiënt op de SEH. SEH onderwijsdag Sigrid Wittenberg, aios klinische geriatrie De geriatrische patiënt op de SEH SEH onderwijsdag Sigrid Wittenberg, aios klinische geriatrie Relevante onderwerpen Delier Symptoomverarming Medicatie op de SEH Duur aanwezigheid patiënt op de SEH Delier

Nadere informatie

Wat zijn segmentale relaties?

Wat zijn segmentale relaties? 5 Wat zijn segmentale relaties? Samenvatting Tussen de ingewanden, het verborgene, en het waarneembare lichaam bestaan relaties en interacties die hun basis hebben in de segmentale innervatie. Een aandoening

Nadere informatie

Vrijstellingsregeling voor Overstap van GNK Bachelor curriculum 2007 naar 2012

Vrijstellingsregeling voor Overstap van GNK Bachelor curriculum 2007 naar 2012 Vrijstellingsregeling voor Overstap van GNK Bachelor curriculum 2007 naar 2012 Vastgesteld door de EC op 2 september 2013 1 Opgesteld door Aandachtsgroep Overgangsregeling Voorzitter Mw. J.H.M. Schonk

Nadere informatie

Patiënten ervaren minder pijn met pijneducatieprogramma

Patiënten ervaren minder pijn met pijneducatieprogramma 26 Verklaring voor chronische pijnaandoeningen Patiënten ervaren minder pijn met pijneducatieprogramma Tekst: Sanne van der Poel Voor mensen met chronische pijnklachten is het vaak lastig en frustrerend

Nadere informatie

** Flexie van de pols wordt ook wel palmairflexie genoemd, extensie van de pols wordt ook dorsaal flexie of dorsaal extensie genoemd.

** Flexie van de pols wordt ook wel palmairflexie genoemd, extensie van de pols wordt ook dorsaal flexie of dorsaal extensie genoemd. Checklist LO: Onderzoek van de pols en hand Algemene instructies Stelt u zich voor aan patiënt. Vertel welk onderzoek u gaat verrichten en instrueer de proefpersoon in begrijpelijk Nederlands. Zorg ervoor

Nadere informatie

Hernia met een radiculair syndroom in de lage rug Informatie & behandeling. Afdeling Fysiotherapie IJsselland Ziekenhuis

Hernia met een radiculair syndroom in de lage rug Informatie & behandeling. Afdeling Fysiotherapie IJsselland Ziekenhuis Hernia met een radiculair syndroom in de lage rug Informatie & behandeling Afdeling Fysiotherapie IJsselland Ziekenhuis Inleiding U bent patiënt op de afdeling neurologie van het IJsselland Ziekenhuis

Nadere informatie

Bloktoets 50103 Beweging en Sturing 3 juni 2011

Bloktoets 50103 Beweging en Sturing 3 juni 2011 Op ondp.rstaand plaatje zijn de hersenvliezen getekend ten opzichte van hel bot van de schedel (4) en de huid (5). 1. Oe met 7 aan gegeven structuur rs de: 1. Arachnoidea mater 2. Dura mater 3. Pia mater

Nadere informatie

Angst en depressie in de huisartspraktijk: signaleren van risicogroepen. Peter F M Verhaak NIVEL

Angst en depressie in de huisartspraktijk: signaleren van risicogroepen. Peter F M Verhaak NIVEL Angst en depressie in de huisartspraktijk: signaleren van risicogroepen Peter F M Verhaak NIVEL 12-maands prevalentie stemmings-, angst- en middelenstoornis 250 200 N/1000 patiënten 150 100 50 Depressie

Nadere informatie

Centrum voor Revalidatie Complex Regionaal Pijn Syndroom (CRPS)

Centrum voor Revalidatie Complex Regionaal Pijn Syndroom (CRPS) Centrum voor Revalidatie Complex Regionaal Pijn Syndroom (CRPS) Het verloop, de symptomen en de behandeling Centrum voor Revalidatie Inleiding Uw arts heeft bij u de diagnose Complex Regionaal Pijn Syndroom

Nadere informatie

Programma van toetsing tot september 2015 Versie 1.1 Con Amore B.V.

Programma van toetsing tot september 2015 Versie 1.1 Con Amore B.V. Programma van toetsing tot september 2015 Programma van toetsing tot september 2015 Versie 1.1 Con Amore B.V. Inleiding Voor studenten die zijn begonnen met het curriculum voor september 2015 is het oude

Nadere informatie

Inhoudsopgave studenthandleiding Levenscyclus

Inhoudsopgave studenthandleiding Levenscyclus Inhoudsopgave studenthandleiding Levenscyclus Inleiding 3 Algemene informatie 1. Belangrijke adressen en telefoonnummers 5 2. Verplichtingen en studievoorbereiding 7 3. Boekenlijst 9 4. Oefenen met medestudenten

Nadere informatie

5 In welk deel van de wervelkolom treffen we de meeste wervels aan? A het cervicale deel B het lumbale deel C het sacrale deel D het thoracale deel

5 In welk deel van de wervelkolom treffen we de meeste wervels aan? A het cervicale deel B het lumbale deel C het sacrale deel D het thoracale deel 1 Uit welk soort kraakbeen bestaat een discus intervertebralis? A elastisch kraakbeen B glasachtig kraakbeen C hyalien kraakbeen D vezelig kraakbeen 2 Waar vindt diktegroei van een botstuk plaats? A vanuit

Nadere informatie

Provocatietesten en Mobiliteitstesten van het SI-gewricht: Validiteit & Betrouwbaarheid. Reader

Provocatietesten en Mobiliteitstesten van het SI-gewricht: Validiteit & Betrouwbaarheid. Reader Reader Provocatietesten en Mobiliteitstesten van het SI- Gewricht Anatomie en diagnostiek van het SI-gewricht Hans Denneman & Guido Stam, juni 2008 Inleiding De afgelopen tien / vijftien jaar is men met

Nadere informatie

Voorlichting Master geneeskunde

Voorlichting Master geneeskunde Voorlichting Master geneeskunde Programma 8.45-9.10 uur: Welkom en korte uitleg programma Master gnk prof. dr. Harry van Goor, curriculumcoördinator master geneeskunde 9.10-9.30 uur: Verdeling coplaatsen

Nadere informatie

Soms ontstaan er tijdens het actief bewegen acuut klachten in het

Soms ontstaan er tijdens het actief bewegen acuut klachten in het VERSUS, Tijdschrift voor Fysiotherapie, 26e jaargang 2008, no.5. Was het wel de hernia? zien, benoemen en handelen J.H.C. Vuurmans, manueel therapeut (Utrecht) J.H.C. Vuurmans Soms ontstaan er tijdens

Nadere informatie

Inventarisatie 2012.3 De coassistent in het buitenland

Inventarisatie 2012.3 De coassistent in het buitenland Inventarisatie 2012.3 De coassistent in het buitenland Inleiding Veel coassistenten maken gebruik van de mogelijkheid om in het buitenland een deel van de master te doen, zoals de wetenschappelijke stage

Nadere informatie

MES-6 / 2 14. Informatie voor en over Coassistenten

MES-6 / 2 14. Informatie voor en over Coassistenten MES-6 / 2 14 A6 A6 Informatie voor en over Coassistenten A5 A5 A4 A4 Informatie voor en over Coassistenten Medisch Spectrum Twente Medisch Spectrum Twente (MST) behoort tot de grootste niet-academische

Nadere informatie

Programma van toetsing

Programma van toetsing Programma van toetsing Inleiding In samenwerking met onderwijskundige experts hebben we ons programma van toetsing ontworpen. Het programma van toetsing is gevarieerd en bevat naast kennistoetsen en beoordelingen

Nadere informatie

Inhoud. Redactioneel 10. Over de auteurs 11. 1 Inleiding 12. 2 Geschiedenis 14

Inhoud. Redactioneel 10. Over de auteurs 11. 1 Inleiding 12. 2 Geschiedenis 14 Inhoud Redactioneel 10 Over de auteurs 11 1 Inleiding 12 2 Geschiedenis 14 3 Anatomie en fysiologie 17 3.1 Acute pijn 17 3.2 Chronische pijn 23 3.3 Chronische pijn en limbisch systeem? 23 4 Pijnmeting

Nadere informatie

Dr. Hilde Van Kerckhoven

Dr. Hilde Van Kerckhoven Dr. Hilde Van Kerckhoven S 1. Inleiding Bandvormige pijn ter hoogte van de onderrug met uitstraling naar 1 of 2 benen kan te wijten zijn aan facetartrose. 1. Inleiding 15-45% van de patiënten met lage

Nadere informatie

Overbelastingsblessures van de knie. Beleid bij topsporters

Overbelastingsblessures van de knie. Beleid bij topsporters Overbelastingsblessures van de knie Beleid bij topsporters Lateraal Tractus ileotibialis frictie syndroom Degeneratieve laterale meniscuslaesie Strain/tendinopathie biceps femoris LCL-laesie Entrapment

Nadere informatie

Schouderinstabiliteit

Schouderinstabiliteit Schouderinstabiliteit Dr. Hans Van der Bracht www.orthopedie-web.be Opbouw Anatomie Classificaties Anamnese / KO / beeldvorming Behandeling Anterieure Schouderluxatie Posterieure schouderinstabiliteit

Nadere informatie

1) Tot de flexorenvan de knie behoort o.a. A) M Soleus B) M Glutaeus maximus C) M Gastrocnemius D) M Vastus medialis. Vragen les 1 fysiologie

1) Tot de flexorenvan de knie behoort o.a. A) M Soleus B) M Glutaeus maximus C) M Gastrocnemius D) M Vastus medialis. Vragen les 1 fysiologie 1) Tot de flexorenvan de knie behoort o.a. A) M Soleus B) M Glutaeus maximus C) M Gastrocnemius D) M Vastus medialis Vragen les 1 fysiologie 2) Aan de spina iliaca anterior superior (sias) hechten vast:

Nadere informatie

Oefeningen tegen Ischias en klachten van de tussenwervelschijven

Oefeningen tegen Ischias en klachten van de tussenwervelschijven Oefeningen tegen Ischias en klachten van de tussenwervelschijven Ischias is een vorm van zenuwpijn, beginnend in de heup en verdergaand langs de achterzijde van het been tot aan de voet, veroorzaakt door

Nadere informatie

Dedicated Schakeljaar Vitale Functies

Dedicated Schakeljaar Vitale Functies Dedicated Schakeljaar Vitale Functies 1. Inleiding Het schakeljaar vormt de verbinding tussen de studie geneeskunde en de vervolgopleidingen. De student leert te functioneren op het niveau van een beginnende

Nadere informatie