De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra"

Transcriptie

1 Dienst gezondheidszorg De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra voor verslaafden Jaarlijks rapport van het registratiejaar 2012 OD Volksgezondheid en Surveillance Dienst Enquêtes, leefstijl en chronische ziekten Juliette Wytsmanstraat, Brussel België

2 Enquêtes, leefstijl en chronische ziekten Maart 2014 Brussel, België Ver. uitgever : dr Johan Peeters, Algemeen directeur J. Wytsmanstraat Brussel Depotnummer : D/2013/2505/50 Jérôme Antoine Veerle Raes Geert Lombaert Paul van Deun Marc De Vos Denis Goemanne Antonio Guzman Claude Macquet Jan Van Bouchaute Dirk Vandevelde Damien Versele Wetenschap ten dienste van Volksgezondheid, Voedselveiligheid en Leefmilieu. 2

3 Inhoudsopgave 1. Inleiding Context van het project Het EMCDDA en de sleutelindicatoren De indicator "behandelingsaanvragen" (TDI) De TDI in België Materiaal en methodes Definities en inclusiecriteria Geregistreerde variabelen Analysis van de gegevens De revalidatiecentra voor verslaafden Resultaten et analyse Beschrijving van de registraties Beschrijving per gewest en type programma Beschrijving per voornaamste substantie Beschrijving per geslacht en leeftijd Beschrijving per behandelingsantecedenten Beschrijving per registratiejaar Discussie en conclusie Bibliografie

4 1. Inleiding Voor het tweede opeenvolgende jaar werden de registratiegegevens geanalyseerd van cliënten met een verslavingsproblematiek die een behandeling starten in een RIZIVgeconventioneerd centrum. Deze gegevens geven ons de mogelijkheid de cliënten, alsmede hun verslaving, volgens verschillende invalshoeken voor het hele land in detail te beschrijven. Het is eveneens mogelijk de eerste trends, zowel wat betreft het aantal behandelde patiënten als wat betreft het profiel van de cliënten, te bekijken. Dit rapport is ook afhankelijk van de inbreng van de vertegenwoordigers van deze behandelingscentra om deze cijfers correct te analyseren en te interpreteren. In deze tweede versie van het TDI-rapport wordt, in de mate van het mogelijke, rekening gehouden met hun opmerkingen over de inhoud en de structuur van het rapport. Na een beschrijving van de context waarin de indicator werd verzameld, worden de gebruikte methodologie en de verzamelde variabelen beschreven. De RIZIV conventies worden ook beschreven, als ook hun werking en de centra die hebben deelgenomen aan de datacollectie. De analyse van de resultaten gebeurde aan de hand van verschillende invalshoeken. Eerst en vooral laat het totale aantal geregistreerde cliënten ons toe rekening te houden met ruwe cijfers waarop de analyse is gebaseerd. Daarna zal elke variabele beschreven worden volgens verschillende categorieën, zodat een concreet beeld gevormd kan worden van de problematiek. De analyse van de variabelen gebeurt eerst op twee niveaus (volgens de regio en het type behandelingscentrum) zodat de kleine structuren en regio s meer in detail kunnen beschreven worden. Vervolgens maken we een onderscheid tussen de voornaamste gebruikte substanties, geslacht en leeftijd, de vraag of de cliënt reeds eerder behandeld werd en tenslotte het jaar van registratie. De discussie vat de belangrijkste observaties samen en maakt enkele algemene conclusies over het project en de toekomstperspectieven. 4

5 2. Context van het project 2.1. Het EMCDDA en de sleutelindicatoren Het doel van het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugsverslaving (EMCDDA) is om de Europese Unie (EU) en haar lidstaten te voorzien van feitelijke overzichten van de Europese drugsproblematiek en goed onderbouwde bewijsgronden te leveren voor het voeren van het drugsdebat. Het verschaft beleidsmakers de nodige gegevens zodat deze op geïnformeerde wijze drugswetgeving en -strategieën kunnen opstellen. Ook helpt het EMCDDA zorgverleners en andere vakmensen bij het bepalen van best practices en het identificeren van nieuwe onderzoeksgebieden. Om deze doelstelling te bereiken hanteert het EMCDDA onder andere vijf epidemiologische sleutelindicatoren, aan de hand waarvan het feitelijke, objectieve, betrouwbare en vergelijkbare informatie over drugs en drugsverslaving in Europa kan verstrekken. Het gaat om: 1) algemene bevolkingsonderzoeken (GPS: General Population Surveys), 2) studies naar probleemgebruik van drugs (PDU: Problematic Drug Use), 3) follow-up van mortaliteit en sterfte ten gevolge van druggebruik (DRD: Drug- Related Deaths and Mortality), 4) gegevens met betrekking tot overdraagbare aandoeningen ten gevolge van druggebruik (DRID: Drug-related infectious diseases) en 5) de indicator behandelingsaanvragen (TDI: Treatment Demand Indicator) (http://www.emcdda.europa.eu/themes/key-indicators). Deze sleutelindicatoren worden in het meest recente EU-drugsactieplan genoemd als beoordelingsinstrumenten (Council of the European Union 2013). Ze worden ingeroepen ter staving van de rapporten van het EMCDDA over de trends en ontwikkelingen van de drugssituatie in de Europese Unie. Ze zijn tevens onmisbaar in elke analyse van de volledigheid van de antwoorden of in de effectbeoordeling van het gevoerde beleid en de ondernomen acties De indicator "behandelingsaanvragen" (TDI) De indicator "TDI" dateert van ongeveer 20 jaar geleden toen een eerste geharmoniseerd formulier voor de inzameling van gegevens uitgewerkt werd. Er werd een protocol uitgeschreven om vakmensen en onderzoekers een gemeenschappelijke Europese methodologie aan te reiken voor het inzamelen en rapporteren van basisgegevens over het profiel van drugsgebruikers die met behandelingscentra in contact komen. De Pompidou-groep legde als eerste een gemeenschappelijk protocol voor gegevensverzameling vast. De groep coördineerde studies in Dublin en Londen in 1991, 5

6 alsook een ontwikkelingsproject in 11 steden en richtte een groep van Europese deskundigen op die meermaals bijeenkwam om de methodologische gedragslijnen te bespreken en toe te passen. Het protocol van de Pompidou-groep werd in 1994 gepubliceerd (Hartnoll 1994;Stauffacher and Kokkevi 1999) en werd op stedelijk en vervolgens op nationaal niveau in de West-Europese landen ingevoerd. In een tweede fase werd het protocol in de Centraal- en Oost-Europese landen ingevoerd. In 1994 werd het EMCDDA opgericht en nam het de verantwoordelijkheid over voor de registratie van gegevens over behandelingsaanvragen op Europees niveau op zich. Het "Pompidou Group/EMCDDA Treatment Demand Indicator Protocol 2.0" (Simon et al. 2000) werd gecreëerd op basis van het eerste protocol. Het werd voorafgegaan door een haalbaarheidsstudie over de methodologie en gegevensverzameling (Origer 1996) en door een evaluatie van de nationale kennis inzake gegevensrapportage via TDI (Simon and Pfeiffer 1999). Sinds 2000 staat het EMCDDA in voor de gegevensverzameling in de Europese lidstaten en past het de officiële overeenkomsten met de lidstaten ter bevordering en vereenvoudiging van de gegevensinzameling en rapportage op Europees niveau toe. Sinds 2001 worden de TDI-gegevens regelmatig gebruikt in analyses van het EMCDDA over de drugssituatie in Europa (EMCDDA 2012) TDI in België Verscheidene regionale actoren hadden eerder al op eigen initiatief de moeite genomen om de behandelingsaanvragen op lokaal niveau te registreren. Aan de hand daarvan zijn gedetailleerde rapporten opgesteld en is een grote praktische kennis verworven. De registratie van behandelingsaanvragen in de Vlaamse behandelingscentra met een Rizivovereenkomst begon in In 2009 is een overzicht gepubliceerd van de voorbije 20 jaar (van Deun 2009) daarnaast zijn er ook verschillende andere jaarrapporten gepubliceerd (Thienpont and van Deun 2009;Thienpont and van Zuijlen 2003;Thienpont and van Zuijlen 2004;van Deun 2012). Het regionale focal point Eurotox asbl (dat bevoegd is voor de Franstalige behandelingscentra in Wallonië), heeft de 5 Europese sleutelindicatoren ingevoerd en heeft de resultaten ervan in zijn jaarrapporten gepubliceerd (Casero et al. 2010;Liesse et al. 2006;Molnar et al. 2004;Rwubusisi et al. 2007;Rwubusisi et al. 2009;Rwubusisi and Hogge 2013). Het Riziv heeft de evolutie op nationaal niveau van de behandelingsaanvragen in het kader van de conventies nauwgezet opgevolgd en heeft regelmatig gedetailleerde 6

7 rapporten gepubliceerd. (Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV) 2000;Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV) 2002). Om het gebrek aan nationale coördinatie met betrekking tot TDI op te vangen, is in 2006 een Belgisch protocol op basis van een nationale methodologie goedgekeurd (Interministeriële Conferentie Volksgezondheid 2006). Op 1 januari 2011 werden het nieuwe Belgische TDI-protocol, en het registratiesysteem in gebruik genomen in de verschillende deelnemende behandelingscentra. Het Belgisch Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugsverslaving (BMCDDA), werkzaam binnen het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV), is als nationaal aanspreekpunt verantwoordelijk voor inzameling van de Belgische TDI-gegevens. Vervolgens moet het WIV deze informatie jaarlijks in de vorm van een standaardtabel aan het EMCDDA bezorgen. Het RIZIV integreerde de registratie van TDI gegevens in de conventie. Dit verplicht de RIZIV-geconventioneerde centra om jaarlijks deze gegevens naar het WIV door te sturen. Het gebruik van TDI als indicator heeft verschillende doelen. Een eerste doel is inzicht te verschaffen in de eigenschappen, het risicogedrag en de gebruikspatronen van problematische drugsgebruikers. Daarnaast moeten de TDI-data ook helpen om trends te schatten in de omvang (prevalentie en incidentie) en patronen van problematisch drugsgebruik; idealiter in combinatie met andere drugsindicatoren. Het doeleinde van de TDI is dus puur epidemiologisch en heeft geen organisatorische, financiële of controledoeleinden. 7

8 3. Materialen en methodes 3.1. Definities en inclusiecriteria De Belgische TDI betreft de registratie van gegevens voor elke nieuwe behandelingsepisode van cliënten die in een behandelingscentrum terechtkomen vanwege een middelengebonden problematiek. Patiënten kunnen mannen of vrouwen van elke leeftijd zijn. Allochtonen en personen zonder officieel adres in België (bv. illegale migranten, asielaanvragers,...) worden ook in deze studie opgenomen. Behandelingscentra bieden behandelingen aan personen met een middelengebonden problematiek (illegale drugs of alcohol). Deze behandelingscentra kunnen tot medische of niet-medische structuren behoren, zijn al dan niet overheidsinstellingen, zijn publiek of privaat en al dan niet gespecialiseerd. Over het algemeen kunnen behandelingscentra op de volgende manier onderverdeeld worden: gespecialiseerde ambulante centra, laagdrempelige diensten, centra voor geestelijke gezondheidszorg, residentiële crisisopvangcentra, residentiële therapeutische gemeenschappen en algemene of psychiatrische ziekenhuizen. Een behandeling is een activiteit die rechtstreeks gericht is op de persoon met een middelenprobleem. De behandeling is erop gericht de psychologische, medische of sociale toestand van de patiënt te verbeteren. Voorbeelden van behandelingen zijn risicobeperking voor actieve gebruikers, ontwennen of afkicken, informeel advies, psychosociale hulp en bijstand of een langdurig gestructureerd behandelingsprogramma. Het Belgisch TDI-protocol heeft geen betrekking op de volgende interventies: contacten met centra waar enkel om sociale hulp gevraagd wordt en waar het drugs- of alcoholgebruik niet de voornaamste reden voor de hulpvraag is, contacten die uitsluitend met opsluiting te maken hebben, behandelingen die enkel op de lichamelijke gevolgen van drugsgebruik inspelen (overdosissen, in het ziekenhuis behandelde infecties), contacten die telefonisch of online plaatsvonden of uitsluitend via een familielid van de gebruiker tot stand kwamen. Omruilprogramma s voor injectienaalden worden niet beschouwd als behandelingen aangezien ze geen uitgebreide waaier van diensten aanbieden, waaronder bijvoorbeeld psychosociale hulp. De middelen die voor deze registratie in aanmerking komen, zijn alcohol, opiaten (heroïne, methadon, buprenorfine), cocaïne of crack, stimulantia andere dan cocaïne (amfetamines, MDMA en derivaten), hypnotica en sedativa (barbituraten, benzodiazepinen), hallucinogenen (lsd), vluchtige snuifmiddelen en cannabis. Tabak en 8

9 het gebruik van een van bovenstaande middelen voor medische behandelingen of om andere lichamelijke of psychiatrische redenen zijn uitgesloten. Een behandelingsepisode wordt gedefinieerd als de periode tussen het begin van de behandeling en de beëindiging van de activiteiten voor het voorgeschreven behandelingsplan. De start van de behandeling wordt beschouwd als het eerste geformaliseerde face-to-face-contact tussen de persoon en de professional. Het einde van een behandelingsepisode in een residentiële hulpverlening is de datum van ontslag of vertrek van de patiënt. Binnen de ambulante hulpverlening is een behandelingsepisode ten einde indien er gedurende 6 maanden geen contact geweest is tussen de patiënt en het centrum. TDI registreert behandelingsepisodes die tijdens de betreffende periode starten. Afgelopen behandelingen zijn niet opgenomen in deze registratie Geregistreerde variabelen Bij elke behandelingsepisode moeten bepaalde gegevens ingezameld worden. Deze gegevens kunnen tijdens een persoonlijke gesprek, dat vrij georganiseerd kan worden door het centrum, verkregen worden. Elke behandelingsepisode moet minstens de volgende informatie omvatten: 1. Identificatie van de cliënt 1.1. Type identificatie gebruikt : dit komt neer op de wijze waarop de clinicus de cliënt heeft geïdentificeerd: op basis van het rijksregisternummer of een andere parameter 1.2. Identificatie van de cliënt : De waarde van de variabele is de identificatie van de cliënt. Om dubbele registratie te vermijden, moet er een unieke en persoonlijke identificatiecode gebruikt worden. Zo worden cliënten bij voorkeur geregistreerd met hun rijksregisternummer dat de enige unieke identificatiecode van de Belgische burgers is. Deze informatie mag niet als dusdanig door het WIV gebruikt worden. Ze moet eerst gecodeerd worden aan de hand van een algoritme. Deze codering gebeurt door onze trusted third party (ehealth) vóór de registratie van de variabele binnen de databank. 2. Beschrijving van de cliënt 2.1. Geslacht : Dit betreft het geslacht van de cliënt 2.2. Leeftijd : Dit betreft de leeftijd op het moment van de start van de behandelingsepisode Nationaliteit: : deze variabele geeft een indicatie van de officiële nationaliteit van de cliënt, maar niet van zijn/ haar origine. Als de cliënt over een dubbele 9

10 nationaliteit beschikt, wordt vermelding gemaakt van de Belgische nationaliteit Leefsituatie : Dit betreft te weten of de cliënt alleen, met familie of met vrienden woont. Deze vraag heeft betrekking op de leefsituatie gedurende 30 dagen voorafgaand aan de behandeling Woonsituatie : Deze informatie verwijst naar het type van verblijf van de cliënt: vaste verblijfplaats, wisselende verblijfplaats of een verblijf in een gevangenis of instelling Onderwijsniveau : Deze informatie verwijst naar het hoogst behaalde opleidingsniveau van de cliënt. Het hoogst behaalde diploma wordt in rekening gebracht Werksituatie : De werksituatie heeft betrekking op de activiteiten (professioneel of niet) van de cliënt, werkloosheidsstatuut of de niet-actieven. 3. Beschrijving van de behandeling 3.1. Begindatum van de behandeling : het gaat hier over de datum waarop actuele de behandelingsepisode van start gaat Eerdere behandelingen : Het betreft hier eerdere behandelingen voor middelengebruik die gevolgd werden door de cliënt Verwijzer : Het gaat hier om de persoon of structuur die de cliënt er toe heeft geleid om deze behandelingsepisode te volgen : medische structuur, justitie of eigen beslissing Substitutiebehandeling : Heeft de cliënt reeds een subtitutiebehandeling gevolgd? De behandeling die gestart zal worden mag niet in rekening genomen worden Afstand tussen verblijfplaats en behandelingscentrum : deze variabele registreert de afstand die de cliënt moet afleggen om deze behandelingsepisode te volgen. Deze variabele is geen TDI-variabele maar werd specifiek gevraagd door het RIZIV. 4. Beschrijving van verslaving 4.1. Voornaamste substantie : het gaat hier om het bepalen van de voornaamste substantie die de meeste problemen veroorzaakt bij de cliënt en die de cliënt er toe gebracht heeft de behandelingsepisode te volgen Andere gebruikte substanties : hier wordt gevraagd naar de lijst van substanties die door de cliënt gebruikt wordt Toedieningswijze van de voornaamste substantie : Op welke wijze gebruikt de cliënt over het algemeen de voornaamste substantie. 10

11 4.4. Frequentie van gebruik van de voornaamste substantie : Met welke frequentie gebruikt de cliënt in het algemeen de voornaamste substantie (uitgedrukt in dagen per week) Leeftijd eerst gebruik van de voornaamste substantie : Op welke leeftijd heeft de cliënt de voornaamste substantie voor het eerst gebruikt? 4.6. Injectiegedrag : Deze vraag heeft betrekking op het injecterend gedrag van de cliënt tijdens zijn leven. Het TDI-formulier bevindt zich in bijlage 3.3. Analyse van de gegevens De gegevens die hier worden beschreven hebben betrekking op de behandelingsepisodes die gestart zijn in de RIZIV centra tussen 1 januari 2012 en 31 december Het is mogelijk om tijdens de verschillende behandelingsepisodes de registraties te detecteren die gerelateerd zijn aan eenzelfde persoon binnen verschillende centra of op verschillende tijdstippen, en dit aan de hand van het rijksregisternummer. Om de kenmerken van personen die starten met een behandeling en hun problematiek te beschrijven, is het interessanter om zich te concentreren op het cliëntenniveau. Hierdoor beperken we ons tot de eerste behandelingsepisode dat gevolgd werd binnen deze periode door een cliënt die geïdentificeerd werd aan de hand van het rijksregisternummer. De tabellen houden enkel rekening met geldige gegevens: onbekende waarden van een variabele worden niet in beschouwing gebracht. Variabelen worden beschreven per regio en behandelingscentrum, per voornaamste substantie, per geslacht en leeftijdscategorie, per behandelingsantecedenten en per jaar van registratie. Statistische testen die werden uitgevoerd op de categorische variabelen zijn Chikwadraat-testen die de onafhankelijkheid van 2 toeval variabelen testen. In de nulhypothese wordt ervan uitgegaan dat de desbetreffende variabelen onafhankelijk zijn van elkaar. De test uitgevoerd voor numerieke variabelen is de variantie in een factoranalyse. De nulhypothese gaat er van uit dat alle categorieën van de variabele identiek zijn De revalidatiecentra voor verslaafden Van alle therapeutische opties die aan drugsverslaafden aangeboden worden, vervullen de gespecialiseerde centra die met het Riziv een overeenkomst gesloten hebben, een 11

12 belangrijke rol. Dankzij deze overeenkomst kan de verzekering de behandelingsprogramma s die drugsverslaafden in deze centra volgen vergoeden. De twee oudste therapeutische gemeenschappen voor drugsgebruikers, De Sleutel en De Kiem, zijn respectievelijk in 1974 en 1976 in Vlaanderen opgericht. Deze residentiële centra zijn als eerste erkend en officieel gefinancierd. In 1980 voerde het Riziv de overeenkomsten met behandelingscentra voor drugsverslaafden in, zodat er nieuwe behandelingscentra opgericht konden worden. Door het ontbreken van een officiële definitie van een behandelingsprogramma konden deze centra nieuwe behandelingsformules uitproberen en aan de regionale verschillen tegemoetkomen. Momenteel worden 27 centra door het Riziv gefinancierd (door 29 overeenkomsten), waaronder 11 in Vlaanderen, 10 in Wallonië en 6 in Brussel. Deze 27 centra groeperen 66 verschillende eenheden of antennes. Het aanbod van behandelingen in deze centra is divers. Het kan gaan om een ambulant behandeling (medisch-sociaal opvangcentrum (MSOC), dagcentrum) of een residentiële behandeling (crisiscentrum, therapeutische gemeenschap). Er zijn in totaal 9 MSOC s: 5 in Vlaanderen (Antwerpen, Limburg, Gent, Oostende en Vlaams- Brabant), 3 in Wallonië (Charleroi, Bergen en Luik) en 1 in Brussel. Het gaat om laagdrempelige structuren die in eerste instantie in contact trachten te komen met kwetsbare drugsverslaafden die niet in de andere drughulpverlening terechtkunnen. De dagcentra (DAG) kunnen groepsbegeleiding of individuele begeleiding aanbieden. Zij hebben het voordeel dat hun behandelingen minder ingrijpend zijn dan residentiële behandelingen, omdat de patiënt het contact met zijn of haar sociale en familiale omgeving behoudt. Crisiscentra (CRISIS) grijpen in acute situaties in en kunnen een patiënt snel opvangen. Zij richten zich op de lichamelijke ontwenning van de patiënt en trachten hem of haar te motiveren om een bijkomende aangepaste behandeling te volgen. Heel wat van deze centra zijn bovendien opgericht in nauwe samenwerking met therapeutische gemeenschappen. Er zijn in totaal 8 crisiscentra in België: 5 in Vlaanderen (57 plaatsen), 2 in Wallonië (18 plaatsen) en 1 in Brussel (8 plaatsen). Langdurige residentiële programma s zijn meestal gebaseerd op het model van de therapeutische gemeenschap (TG). Het gemeenschappelijke kenmerk bij deze instellingen is de residentiële behandeling waarin het leven in groep altijd een belangrijke plaats inneemt. Om in een therapeutische gemeenschap te worden opgenomen, dienen de patiënten meestal reeds voor hun opname fysiek ontwend te zijn. In een therapeutische gemeenschap wordt normaliter geen gebruik gemaakt van vervangingsmedicatie (Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV) 12

13 2000). Er zijn in België in totaal 14 van dit soort programma s, waarvan 7 in Vlaanderen (135 plaatsen), 4 in Wallonië (121 plaatsen) en 3 in Brussel (50 plaatsen). De RIZIV-geconventioneerde centra in Vlaanderen mogen geen personen opnemen indien de voornaamste substantie alcohol is. De onderstaande tabel en figuur vermelden de behandelingscentra die een overeenkomst met het Riziv afsloten, alsook hun verschillende eenheden of antennes. 13

14 MSOC Dag Crisis TG Tabel : Kenmerken van de geconventionneerde centra die de TDI-gegevens rapporteren Centrum Locatie Jaar eerste Rizivovereenkomst Vlaams Gewest Adic Antwerpen Antwerpen X X 1986 De Kiem Gavere Gent, Ronse, Geraardsbergen X X 1992 De Sleutel De Spiegel Antwerpen + steunpunten in Mechelen X Gent X Gent Merelbeke Wondelgem Eeklo Brugge + steunpunten in Blankenberge, Knokke en Veurne X Kessel-Lo Kessel-Lo Asse X X X X X X X Free Clinic Antwerpen X 1997 Katarsis Kompas Genk Genk Kortrijk Kortrijk Kortrijk+ steunpunten in Menen, Roeselare,Ieper, Waregem X X X X X MSOC Gent Gent + steunpunten in Sint-Niklaas en Lokeren X 1997 MSOC Limburg Genk + steunpunten in Hasselt, Maasmechelen, Tongeren, Sint-Truiden, Heusden-Zolder, Neerpelt, Beringen, Houthalen, Mol, Herentals, Turnhout X 1997 MSOC Oostende Oostende X 1998 MSOC Vlaams Brabant Leuven + steunpunten in Diest, Tienen, Vilvoorde X 2003 Waals Gewest C.L.E.A.N. Luik X 1991 Diapason Charleroi + steunpunten in Farciennes, Chapelle-lez- Herlaimont X 1997 Ellipse Carnières X 1994 Les Hautes-Fagnes Malmedy X 1981 L espérance Thuin X 1989 Parenthèse Bergen + steunpunten in La Louvière, Cuesmes, Colfontaine, Quargnon, Jemappes, Ghlin X 1998 Phénix Namen X 2004 Projet Start Luik X 1998 Transition Gilly X 1996 Trempoline Châtelet X 1991 Brussel Hoofdstedelijk Gewest C.A.T.S. Elsene X 1980 Centre de jour l Orée Ukkel X 1983 Centre médical Enaden Sint-Gillis Sint-Gillis Sint-Gillis X X X La pièce Sint-Gillis X 1997 MASS de Bruxelles Brussel X 1999 Projet Lama Elsene X

15 4. Resultaten en analyse 4.1. Beschrijving van de registraties De gegevens die hier worden beschreven hebben betrekking op het aantal registraties die werden doorgestuurd door de centra met een RIZIV-overeenkomst in Deze registraties worden weergegeven per gewest en per type programma. Daarnaast wordt de kwaliteit van de gegevens nagegaan aan de hand van het percentage onbekende gegevens in de databank per gewest, type programma en voornaamste substantie Aantal registraties Tussen 1 januari 2012 en 31 december 2012, hebben centra met een RIZIVovereenkomst 6022 unieke cliënten met een totaal van 6316 nieuwe behandelingsepisodes geregistreerd. Dit is 2.2% minder dan in Tabel : Aantal, verdeling en evolutie met 2011 van behandelingsepisodes per gewest en type programma geregistreerd door de riziv-geconventionneerde centra (BTDIR, 2012) Type programma Vlaams gewest Waals gewest Brussels gewest België MSOC (26.9%) (28.2%) (22.5%) (26.8%) +10.8% -15.0% +22.5% +6.3% Dag (52.7%) (17.1%) (34.5%) (46.1%) -7.0% +12.5% +36.4% -4.5% Crisis (15.4%) (19.4%) (18.9%) (16.3%) -3.4% -5.2% -26.8% -6.1% TG (4.9%) (35.3%) (24.1%) (10.8%) -3.6% -4.6% -10.2% -5.1% Totaal (100%) (100%) (100%) (100%) -2.0% -5.5% +3.8% -2.2% In het Vlaams gewest werden de meeste nieuwe behandelingsepisodes (78.2%) geregistreerd. Het Waals gewest telt 15.0% van het totaal aantal behandelingsepisodes en het Brussels gewest 6.8%. Deze verdeling is afhankelijk van het aantal centra met een riziv-conventie en is geen weerspiegeling van de prevalentie van de alcohol of drug problematiek in de verschillende regio's. 15

16 Over de drie gewesten zijn de percentages nieuwe behandelingen voor de MSOC s (tussen 22.5% en 28.2%) en de crisiscentra (tussen 15.4% en 19.4%) vergelijkbaar. In Vlaanderen (52.7%) en in Brussel (34.5%) worden de meeste nieuwe behandelingen geregistreerd in dagcentra en in Wallonië in de therapeutische gemeenschappen (35.3%) Onbekende gegevens Tabel : Percentage van onbekende gegevens geregistreerd door de rizivgeconventionneerde centra voor elke variabele per gewest, type programma en voornaamste substantie (BTDIR, 2012) Variabele Gewest Type programma Voornaamste substantie Totaal VL WA BX MSOC Dag Crisis TG Opiaten Cocaïne Stimulantia Cannabis Alcohol n=4936 n=945 n=435 n=1694 n=2914 n=1027 n=681 n=2158 n=919 n=699 n=1769 n=546 n=6316 Unieke identificatie Geslacht Leeftijd Nationaliteit Leefsituatie Woonsituatie Afstand Opleidingsniveau Werksituatie Vroeger behandeld Voornaamste substantie Substitutiebehandeling Verwijzer Toedieningswijze Frequentie Leeftijd 1ste gebruik Injectiegedrag De voornaamste substantie is een verplichte variabele waardoor onbekende gegevens worden uitgesloten. Zeven variabelen tonen minder dan 10% onbekende antwoorden. Dit zijn geslacht, leeftijd, nationaliteit, leefsituatie, verwijzer, gebruikelijke toedieningswijze van de voornaamste substantie en frequentie van gebruik. Zes variabelen hebben een percentage van onbekende antwoorden tussen 10 en 20%. Deze zijn: woonsituatie, opleidingsniveau, werksituatie, vroegere behandeling, substitutiebehandeling en leeftijd 16

17 van eerste gebruik. Tot slot hebben drie variabelen, namelijk het gebruik van het rijksregisternummer, de afstand en het injectiegedrag, een percentage van onbekende antwoorden boven 20%. Het hoog percentage van onbekende gegevens bij de identificatie van cliënten met het rijksregisternummer kan verklaard worden door technische problemen bij het versturen van de gegevens van twee centra. Voor de meeste van deze variabelen, is het percentage van onbekende antwoorden hoger in Vlaanderen dan de andere gewesten. De oorzaak hiervan ligt bij het registratiesysteem. In Wallonië en in Brussel dwingt het systeem een antwoord in te vullen (individuele online registratie) maar niet in Vlaanderen (groepsregistratie via repository). 17

18 4.2. Beschrijving per gewest en type programma De gegevens die in dit deel worden behandeld hebben betrekking op de gegevens van de cliënten en zijn niet langer gebaseerd op gegevens van de episodes. Dit heeft als gevolg dat als een cliënt meerdere keren in hetzelfde centra wordt behandeld alleen de eerste registratie wordt gebuikt. In dit hoofdstuk wordt een voorstelling gegeven van het cliëntenprofiel, het behandelprofiel en het gebruiksprofiel volgens het gewest en het type programma Cliëntenprofiel In de MSOCs of in crisis centra is de genderratio identiek in de verschillende regio's. Het percentage van vrouwen in dagcentra in Brussel is het hoogst. In therapeutische gemeenschappen is dit percentage het hoogst in Wallonië en het laagst in Vlaanderen. In Vlaanderen zijn de cliënten ouder in de MSOCs dan in de andere types van centra. In Brussel vind je juist de jongere cliënten in MSOCs. In Wallonië zijn de cliënten ouder in therapeutische gemeenschappen dan in de andere type programma s. In alle types centra zijn de cliënten jonger in Vlaanderen en ouder in Brussel. Nationaliteit is ook significant gelinkt met de regio's in alle type programma s. Het percentage van cliënten die geen Belgische nationaliteit hebben is hoger in Brussel dan in de twee andere regio's. In de MSOCs is het percentage van Belgische cliënten lager dans in de 3 andere type programma s. De leefsituatie van de cliënten verschilt significant per regio voor alle type van programma s. Het percentage van cliënten die alleen wonen is altijd lager in Vlaanderen dan in de 2 andere regio's. Bij de MSOC s hebben cliënten het meest een vaste verblijfplaats in Vlaanderen en het minst in Brussel. Bij de crisiscentra is dat omgekeerd. Bij de therapeutische gemeenschappen heeft men in Wallonië het vaakst een vaste verblijfplaats. Cliënten uit therapeutische gemeenschappen hebben voorafgaand aan de opname vaker in een voorziening of een gevangenis verbleven dan anderen. De verdeling van opleidingsniveau varieert ook volgens de regio's in de 4 type programma s. Het opleidingsniveau is lager in Brussel dan in de twee andere regio's. Het percentage van cliënten die een reguliere tewerkstelling hebben, student zijn of werkloos zijn is hoger in Vlaanderen dan in Brussel en Wallonië. In deze twee laatste regio s bevinden zich meer 'niet actieven' of hebben de personen 'andere' arbeidssituatie zoals bij de MSOC's. 18

19 Tabel : Profiel van cliënten geregistreerd in de centra met een rizivconventie, per gewest en type programma (BTDIR, 2012) MSOC Dagcentrum Crisis centrum Therapeutische Gemeenschap Variabele VL WA BR VL WA BR VL WA BR VL WA BR Geslacht n=1328 n=263 n=98 n=2472 n=162 n=145 n=654 n=180 n=81 n=224 n=312 n=100 Mannen 81.5% 81.4% 85.7% 83.1% 83.3% 67.6% 83.3% 83.3% 86.4% 87.9% 76.3% 82.0% Vrouwen 18.5% 18.6% 14.3% 16.9% 16.7% 32.4% 16.7% 16.7% 13.6% 12.1% 23.7% 18.0% ²=1.1,p=0.58 ²=22,p<0.001 ²=0.5,p=0.77 ²=11.7,p=0.003 Leeftijd n=1329 n=263 n=98 n=2474 n=162 n=145 n=654 n=180 n=81 n=224 n=312 n=100 Gemiddelde ste percentiel (P1) Mediaan (P2) de percentiel (P3) Nationaliteit n=1309 n=262 n=93 n=2430 n=160 n=138 n=652 n=179 n=74 n=222 n=312 n=94 Belg 84.0% 78.2% 28.0% 93.9% 93.8% 79.7% 96.5% 84.9% 81.1% 98.2% 88.5% 79.8% Niet-Belg, EU 5.5% 6.9% 37.6% 2.0% 2.5% 10.9% 0.9% 6.7% 4.1% 0.9% 6.7% 4.3% Niet-Belg, Niet-EU 10.5% 14.9% 34.4% 4.1% 3.7% 9.4% 2.6% 8.4% 14.8% 0.9% 4.8% 15.9% ²=195,p<0.001 ²=53,p<0.001 ²=51,p<0.001 ²=43,p<0.001 Leefsituatie n=1295 n=257 n=93 n=2403 n=160 n=143 n=622 n=172 n=81 n=201 n=311 n=100 Alleen 28.4% 46.7% 45.2% 22.8% 32.5% 53.8% % 38.3% 34.3% 46.3% 44.0% Bij ouders 29.8% 10.9% 9.7% 37.6% 24.4% 7.7% 29.6% 18.6% 12.3% 28.8% 16.1% 1 Alleen met kind(eren) 2.0% 3.9% 5.4% 1.8% 5.0% 9.8% 2.4% 1.2% 3.7% 2.0% 2.9% 3.0% Met partner (zonder kind) 16.5% 10.5% 11.8% 12.0% 13.7% 15.4% 6.4% 8.7% 7.4% 3.5% 8.0% 3.0% Met partner en kind(eren) 13.0% 11.3% 3.2% 12.5% 7.5% 6.3% 7.7% 10.5% 12.4% 2.0% 7.1% 7.0% Met vrienden 4.1% 4.3% 8.6% 2.9% 1.3% 2.1% 7.1% 1.7% 4.9% 4.5% 1.6% 5.0% Andere 6.2% 12.4% 16.1% % 4.9% 15.8% 12.2% % 18.0% 28.0% ²=110,p<0.001 ²=154,p< ²=38,p<0.001 ²=42,p< Woonsituatie n=1218 n=219 n=87 n=2020 n=158 n=137 n=631 n=153 n=80 n=198 n=296 n=98 Vaste verblijfplaats 85.0% 69.4% 44.8% 87.0% 77.2% 83.9% 73.1% 73.2% 78.7% 44.4% 72.3% 56.1% Wisselende verblijfplaats 10.6% 25.6% 42.5% 7.4% 10.8% 8.8% 19.8% 20.9% 12.5% 17.2% 9.5% 15.3% Voorziening/Gevangenis 4.4% 5.0% 12.7% 5.6% 12.0% 7.3% 7.1% 5.9% 8.8% 38.4% 18.2% 28.6% ²=109,p<0.001 ²=14,p=0.007 ²=3, p=0.533 ²=40,p<0.001 Opleidingsniveau n=1154 n=233 n=78 n=2035 n=156 n=126 n=616 n=165 n=79 n=203 n=311 n=91 Geen 1.9% 5.6% 2.5% 0.6% 0.6% 1.6% 0.8% 6.7% 3.8% 2.6% 3.3% Lager onderwijs 14.0% 31.3% 52.6% 51.6% 51.3% 42.8% 39.8% 54.5% 70.9% 39.9% 35.7% 70.3% Secundair onderwijs 78.0% 56.2% 37.2% 41.5% 43.0% 38.9% 57.3% 36.4% 17.7% 57.6% 49.2% 18.7% Hoger onderwijs 6.1% 6.9% 7.7% 6.3% 5.1% 16.7% 2.1% 2.4% 7.6% 2.5% 12.5% 7.7% ²=118,p<0.001 ²=23,p=0.001 ²=77,p<0.001 ²=61,p<0.001 Arbeidssituatie n=1148 n=224 n=85 n=1981 n=160 n=131 n=391 n=173 n=80 n=177 n=310 n=99 Reguliere tewerkstelling 29.6% 12.0% 9.4% 33.5% 13.7% 11.4% 13.5% 7.5% 1.2% 7.9% 13.9% 4.0% Student 4.4% 1.3% 17.7% 1.3% 1.5% 2.6% 1.2% 18.1% 1.3% Niet actief 32.7% 34.4% 29.4% 17.4% % 42.7% 57.2% 77.5% 44.6% 51.9% 83.8% Werkloos 29.6% 17.9% 10.6% 27.7% 25.0% 11.5% 36.8% 17.9% 13.8% 27.1% 17.1% 7.1% Andere 3.7% 34.4% 50.6% 3.7% 15.3% 4.4% 16.2% 7.5% 2.3% 15.8% 5.1% ²=345,p<0.001 ²=340,p<0.001 ²=76,p<0.001 ²=124,p<

20 Behandelingsprofiel Het percentage van cliënten die voor de eerste keer in behandeling komen is hoger in de MSOCs in Vlaanderen (38.1%) en in Wallonië (31.8%) dan in Brussel (22.7%). In de Vlaamse dagcentra zijn er 5 nieuwe behandelingen, in Wallonië 38.0% en in Brussel 17.4%. In residentiële centra zijn er geen verschillen in de drie regio's. Cliënten komen in alle type van programma s vaker op hun eigen initiatief in behandeling in Wallonië en in Brussel in alle type van programma's. Het percentage is in crisis centra bijvoorbeeld 74.4% in Wallonië en 81.5% in Brussel. Cliënten worden vaker verwezen door politie/justitie in dagcentra in Vlaanderen en in Wallonië (respectievelijk 34.5% eb 30.2%). Crisis centra (40.7%) en therapeutische gemeenschappen (64.1%) in Vlaanderen kennen een hoog percentage van verwijzingen door gespecialiseerde centra. Tabel : Behandelingsprofiel van cliënten geregistreerd in de centra met een riziv-conventie, per gewest en type programma (BTDIR, 2012) MSOC Dagcentrum Crisis centrum Therapeutische Gemeenschap Variabele VL WA BR VL WA BR VL WA BR VL WA BR Vroeger behandeld n=1021 n=258 n=88 n=1856 n=158 n=144 n=492 n=179 n=81 n=161 n=312 n=99 Ja 61.9% 68.2% 77.3% 49.9% 62.0% 82.6% 80.5% 82.7% 76.5% 84.5% 76.9% 84.9% Neen 38.1% 31.8% 22.7% % 17.4% 19.5% 17.3% 23.5% 15.5% 23.1% 15.1% ²=10,p=0.048 ²=63,p<0.001 ²=1.3,p=0.51 ²=5,p=0.069 Verwijzer n=1313 n=260 n=96 n=2345 n=159 n=145 n=646 n=180 n=81 n=223 n=312 n=100 Eigen initiatief 36.8% 77.7% 46.9% 27.1% 40.9% 66.9% 32.7% 74.4% 81.5% 15.2% 56.4% 63.0% Familie of vrienden 18.3% 8.5% 25.0% 14.0% 8.2% 10.3% 7.4% 6.7% 3.7% 1.8% 15.7% 3.0% Drughulpverlening 8.4% 3.8% 14.6% 8.6% 2.5% 6.2% 40.7% 6.1% 7.4% 64.1% 2.6% 9.0% Huisarts 0.7% 2.3% 4.2% 2.3% 1.2% 2.1% 0.2% 1.1% 3.7% 2.2% 2.0% Ziekenhuis 1.8% 0.8% 4.3% 8.8% 9.6% 5.7% 7.2% 2.5% 4.5% 9.9% 16.0% Welzijnsvoorzieningen 1 1.5% 7.3% 8.1% 8.2% 2.1% 4.0% 0.6% 5.8% 2.9% 2.0% Politie-Justitie 22.2% 4.6% 34.5% 30.2% 0.7% 8.7% 2.2% 8.1% 9.3% 4.0% Andere 1.5% 0.8% 1.1% 2.1% 0.6% 1.7% 1.2% 0.5% ²=200,p<0.001 ²=163,p<0.001 ²=193,p<0.001 ²=326,p<0.001 Substitutiebehandeling n=971 n=261 n=90 n=1960 n=153 n=128 n=509 n=174 n=75 n=197 n=312 n=97 Ja 30.3% 63.2% 81.1% % 37.5% 24.9% 76.4% 61.3% 7.1% 14.7% 36.1% Neen 69.7% 36.8% 18.9% % 62.5% 75.1% 23.6% 38.7% 92.9% 85.3% 63.9% ²=160,p<0.001 ²=101,p<0.001 ²=158,p<0.001 ²=42,p<0.001 Afstand tussen de verblijfplaats en het centrum n=934 n=209 n=10 n=289 n=156 n=121 n=77 n=179 n=70 n=59 n=247 n=84 Gemiddelde Standaardafwijking ste percentiel (P1) Mediaan (P2) de percentiel (P3) Minimum Maximum ANOVA (2 df) : F=1.6,p=0.20 ANOVA (2 df) : F=5.7,p=0.004 ANOVA (2 df): F=7.1,p=0.001 ANOVA (2 df) : F=38,p<

Treatment Demand Indicator (TDI) Addibru Formulier Versie 2.0 >> http://tdi.wiv-isp.be << 1. ALGEMENE INFORMATIE

Treatment Demand Indicator (TDI) Addibru Formulier Versie 2.0 >> http://tdi.wiv-isp.be << 1. ALGEMENE INFORMATIE Treatment Demand Indicator (TDI) Addibru Formulier Versie 2.0 >> http://tdi.wiv-isp.be

Nadere informatie

De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra

De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra RIZIV Dienst voor Geneeskundige Verzorging De TDI-registratie in de RIZIVrevalidatiecentra voor verslaafden Jaarlijks rapport van het registratiejaar 2011 OD Volksgezondheid en Surveillance Dienst Enquêtes,

Nadere informatie

TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0.

TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0. TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0.) IDENTIFICATIE VAN DE REGISTRATIE CI2. CI4. Naam van het programma /

Nadere informatie

Statistische gegevens Kompas Crisis 2006. 1. aantal opnames per jaar 193. 2. aantal nieuwe cliënten per jaar 110

Statistische gegevens Kompas Crisis 2006. 1. aantal opnames per jaar 193. 2. aantal nieuwe cliënten per jaar 110 Pagina 1 Statistische gegevens Kompas Crisis 2006 1. aantal opnames per jaar 193 2. aantal nieuwe cliënten per jaar 110 3. aantal intakes per geslacht man 158 81,87% vrouw 35 18,13% 4. Gemiddelde leeftijd

Nadere informatie

Pagina 1 AMBULANTE DRUGZORG KOMPAS

Pagina 1 AMBULANTE DRUGZORG KOMPAS Pagina 1 AMBULANTE DRUGZORG KOMPAS STATISTIEKEN 2006 Pagina 2 Nieuwe dossiers Totaal ADIEPER ADKORTRIJK ADMENEN ADROESELARE ADWAREGEM ADTORHOUT 401 401 46 161 19 103 47 25 100,00% 11,47% 40,15% 4,74% 25,69%

Nadere informatie

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17 Inhoud Lijst met afkortingen 13 Voorwoord 15 Inleiding 17 DEEL 1 TRENDS IN CIJFERS OVER ILLEGALE DRUGS IN VLAANDEREN/BELGIË 1997-2007 19 HOOFDSTUK 1! ILLEGALE DRUGS. SITUERING EN DEFINIËRING 21 1.1 Wat

Nadere informatie

Sectoraal comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid»

Sectoraal comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid» Sectoraal comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Gezondheid» SCSZG/12/108 BERAADSLAGING NR 10/079 VAN 16 NOVEMBER 2010, GEWIJZIGD OP 15 MEI 2012, VAN BETREFFENDE DE MEDEDELING VAN

Nadere informatie

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 6.2.1. Inleiding Binnen de verschillen factoren van risico gedrag heeft alcoholverbruik altijd al de aandacht getrokken van de verantwoordelijken voor Volksgezondheid. De WGO gebruikt de term "Ongeschiktheid

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Gemeente Utrecht, Volksgezondheid Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/volksgezondheid Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht - 2012 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht,

Nadere informatie

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29).

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29). In het kader van het onderzoek kreeg de RVA de vraag om op basis van de door het VFSIPH opgestelde lijst van Rijksregisternummers na te gaan welke personen op 30 juni 1997 als werkloze ingeschreven waren.

Nadere informatie

Resultaten voor België Cardiovasculaire preventie Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Cardiovasculaire preventie Gezondheidsenquête, België, 1997 6.8.1. Inleiding In deze module worden 2 specifieke preventiedomeinen behandeld: de hypertensie en de hypercholesterolemie. De hart- en vaatziekten zijn aandoeningen die uit het oogpunt van volksgezondheid,

Nadere informatie

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996 Dit deel van het onderzoek omvat alle personen tussen de 18 en 55 jaar oud (leeftijdsgrenzen inbegrepen) op 30 juni 1997, wiens dossier van het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 22 oktober 2014

PERSBERICHT Brussel, 22 oktober 2014 PERSBERICHT Brussel, 22 oktober 2014 Census 2011, een volkstelling voor de eenentwintigste eeuw Een schat aan gegevens over leven, werk en wonen in België 11.000.638 inwoners, gemiddeld 40,8 jaar oud en

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Geneeskundige en Gezondheidsdienst Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/gggd Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht (GG&GD) Postbus

Nadere informatie

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Op 4 december 2006 stond er een klein bericht in Het Laatste Nieuws met als kop sterke stijging Vlaamse drugdoden. De Morgen deed het de dag nadien over

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers Hebben laaggeschoolden een hoger risico om in armoede te belanden? Ja. Laagopgeleiden hebben het vaak

Nadere informatie

Diensten voor thuiszorg en sociale en preventieve diensten

Diensten voor thuiszorg en sociale en preventieve diensten Diensten voor thuiszorg en sociale en preventieve diensten Edith Hesse Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel

Nadere informatie

Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep

Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep INHOUDSOPGAVE INLEIDING 3 VOORAF 4 BEKNOPTE SAMENVATTING 5 KERNCIJFERS BRIJDER 2012 NOORD-HOLLAND

Nadere informatie

Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs

Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs FEDERAAL WETENSCHAPSBELEID Wetenschapsstraat 8 B-1000 BRUSSEL Tel. 02 238 34 11 Fax 02 230 59 12 www.belspo.be Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs Projectformulier ten behoeve van

Nadere informatie

Middelengebruik: Cannabisgebruik

Middelengebruik: Cannabisgebruik Middelengebruik: Cannabisgebruik Inleiding Cannabisgebruik geeft zowel gezondheidsrisico s, psychosociale gevolgen als wettelijke consequenties 1,2. Frequent gebruik van cannabis wordt geassocieerd met

Nadere informatie

Kerncijfers Brijder 2013 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep

Kerncijfers Brijder 2013 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep Kerncijfers Brijder 2013 Noord- en Zuid-Holland Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep INHOUDSOPGAVE INLEIDING 3 BEKNOPTE SAMENVATTING 5 KERNCIJFERS BRIJDER 2013 NOORD-HOLLAND

Nadere informatie

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK Achternaam bij vrouwelijke cliënten meisjesnaam Geboortedatum Cliëntnummer Datum interview d d m m d d m m 1. Naam interviewer 2. 3. Interview is niet volledig afgenomen want:

Nadere informatie

Resultaten voor België Roken Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Roken Gezondheidsenquête, België, 1997 6.1.1. Inleiding Het tabaksgebruik is een van de voornaamste risicofactoren voor longkanker, ischemische hartziekten en chronische ademhalingsaandoeningen (1). Men schat dat er in Europa niet minder dan

Nadere informatie

Preventie van wiegendood bij zuigelingen

Preventie van wiegendood bij zuigelingen Preventie van wiegendood bij zuigelingen Edith Hesse Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 71

Nadere informatie

BIJLAGE 2: Oorspronkelijke vragenlijst

BIJLAGE 2: Oorspronkelijke vragenlijst BIJLAGE 2: Oorspronkelijke vragenlijst MILD Monitor Integraal (Lokaal) Drugbeleid Vragenlijst Stakeholders IDENTIFICATIEGEGEVENS RESPONDENT Stad: Job/Functie:. Ervaring met het drugfenomeen: WAAROM deze

Nadere informatie

Vaccinatie. Jean Tafforeau

Vaccinatie. Jean Tafforeau Vaccinatie Jean Tafforeau Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 71 E-mail : jean.tafforeau@iph.fgov.be

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau.

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. 4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes 4.2.1. Algemeen In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. Instellingsniveau (vragenlijst coördinator) provincie,

Nadere informatie

Inhoudstafel. Lijst figuren 13. Lijst tabellen 17. Rechtbank onder invloed 25

Inhoudstafel. Lijst figuren 13. Lijst tabellen 17. Rechtbank onder invloed 25 ASP Migranten in de balans.book Page 7 Friday, January 15, 2010 10:47 AM Inhoudstafel Inhoudstafel 7 Lijst figuren 13 Lijst tabellen 17 Rechtbank onder invloed 25 Deel I: Etnische minderheidsgroepen :

Nadere informatie

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau 4. Het doel van deze studie is de verschillen in gezondheidsverwachting naar een socio-economisch gradiënt, met name naar het hoogst bereikte diploma, te beschrijven. Specifieke gegevens in enkel mortaliteit

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 2010/0011(E) 16.3.2011 *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad over de sluiting van

Nadere informatie

6.7.1.1. Inleiding. Bespreking 5.3.7.1.2. pagina 1

6.7.1.1. Inleiding. Bespreking 5.3.7.1.2. pagina 1 6.7.1.1. Inleiding Algemeen wordt erkend dat de prenatale consultaties een fundamentele rol spelen inzake de gezondheid van de moeder en het toekomstige kind, maar de rol van respectievelijk de huisarts,

Nadere informatie

TOELICHTING BIJ DE KUBUS "AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT"

TOELICHTING BIJ DE KUBUS AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT TOELICHTING BIJ DE KUBUS "AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT" 1. Algemeen Deze tabellen geven aantallen migraties. In de "Inleiding

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Contacten met de Huisarts Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Contacten met de Huisarts Gezondheidsenquête, België, 1997 7.1.1. Inleiding De huisarts vervult een essentiële rol binnen het geheel van de gezondheidszorg. Deze rol is bovendien in volle evolutie. Thema s zoals het globaal medisch dossier en de echelonnering

Nadere informatie

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens 5. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens Relevante conclusies voor het beleid zijn pas mogelijk als de basisgegevens waaruit de samengestelde indicator berekend werd voldoende recent zijn. In deze

Nadere informatie

Gezondheidsenquête door middel van Interview België 2001

Gezondheidsenquête door middel van Interview België 2001 Gezondheidsenquête door middel van Interview België 2001 Deel 2 Gezondheidstoestand IPH/EPI REPORTS nr 2002-22 Afdeling Epidemiologie Juliette Wytsmanstraat 14 1050 Brussel Tel : 02/642.57.94 e-mail :

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 5.8.1. Inleiding De WHO heeft in haar omschrijving het begrip gezondheid uitgebreid met de dimensie sociale gezondheid en deze op één lijn gesteld met de lichamelijke en psychische gezondheid. Zowel de

Nadere informatie

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014 Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 214 Inleiding Gezondheid in de internationale HBSC (Health Behaviour in School-aged Children) studie en in de Wereldgezondheidsorganisatie

Nadere informatie

Resultaten voor Brussels Gewest Vaccinatie bij Volwassenen Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Brussels Gewest Vaccinatie bij Volwassenen Gezondheidsenquête, België, 1997 6.4.1. Inleiding. Het belang van vaccinatie programma s is ruimschoots aangetoond geweest. De vragen werden slechts gesteld aan personen van 15 jaar en ouder, aangezien de vaccinale dekking bij kinderen

Nadere informatie

Welzijnsbarometer 2015

Welzijnsbarometer 2015 OBSERVATOIRE DE LA SANTÉ ET DU SOCIAL BRUXELLES OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN BRUSSEL "Cultuur aan de macht" de sociale rol van cultuur en kunst 26 november 2015 Welzijnsbarometer 2015 Marion

Nadere informatie

Therapeutisch programma voor druggebruikers en hun omgeving

Therapeutisch programma voor druggebruikers en hun omgeving Therapeutisch programma voor druggebruikers en hun omgeving De Kiem biedt hulp aan personen die problemen ervaren door het gebruik van drugs en aan mensen uit hun omgeving. Het residentiële luik van het

Nadere informatie

Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid. Frieda Matthys, MD, PhD

Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid. Frieda Matthys, MD, PhD Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid Frieda Matthys, MD, PhD Overzicht Cannabis en gezondheid Prevalentie van gebruik Problemen door gebruik Drugbeleid vanuit gezondheidsperspectief

Nadere informatie

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen in de volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Inleiding In ons recent onderzoek betreffende de gerechtigden op wacht- en

Nadere informatie

Inleiding. Johan Van der Heyden

Inleiding. Johan Van der Heyden Inleiding Johan Van der Heyden Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 26 E-mail : johan.vanderheyden@iph.fgov.be

Nadere informatie

Hierbij presenteert het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) een selectie van "feiten en cijfers" uit zijn:

Hierbij presenteert het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) een selectie van feiten en cijfers uit zijn: DRUGS IN EUROPA FEITEN EN CIJFERS Jaarverslag 2006 over de stand van de drugsproblematiek in Europa en Statistical bulletin 2006 Embargo: 11.00 uur Brusselse tijd 23.11.2006 Hierbij presenteert het Europees

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Gezondheidsenquête, België, 1997 Andere gezondheidsvoorzieningen en alternatieve geneeskunde

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Gezondheidsenquête, België, 1997 Andere gezondheidsvoorzieningen en alternatieve geneeskunde 7.6.1. Inleiding In dit hoofdstuk hebben we het over contacten met de kinesitherapeut, thuisverpleegkunde, voorzieningen voor bejaarden, de diëtist en arbeidsgeneeskundige diensten tijdens het afgelopen

Nadere informatie

Het gebruik van tabak

Het gebruik van tabak Het gebruik van tabak Lydia Gisle Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 53 E-mail : lydia.gisle@iph.fgov.be

Nadere informatie

THEMA IV.3. Diabetes Mellitus

THEMA IV.3. Diabetes Mellitus THEMA IV.3. Diabetes Mellitus Selectiecriteria Voor deze selectie worden alle ziekenhuisverblijven weerhouden die beantwoorden aan de algemene selectiecriteria (cfr. Inleiding 2.4.a) en bovendien als hoofddiagnose

Nadere informatie

GEZONDHEIDSENQUETE 2013

GEZONDHEIDSENQUETE 2013 GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 2: GEZONDHEIDSGEDRAG EN LEEFSTIJL Lydia Gisle, Stefaan Demarest (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J.

Nadere informatie

Sectoraal comite van de sociale zekerheid en van de gezondheid

Sectoraal comite van de sociale zekerheid en van de gezondheid Sectoraal comite van de sociale zekerheid en van de gezondheid De Voorzitfer Srussel, 24 november 2010 CoiirdinatieComite TDI-Register Belgie Aan de heer Johan VAN BUSSEL Wytsmanstraat 14 1050 BRUSSEL

Nadere informatie

GEZONDHEIDSENQUETE 2013

GEZONDHEIDSENQUETE 2013 GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 2: GEZONDHEIDSGEDRAG EN LEEFSTIJL Lydia Gisle, Stefaan Demarest (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J.

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

Het gebruik van illegale drugs

Het gebruik van illegale drugs Het gebruik van illegale drugs Lydia Gisle Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 53 E-mail :

Nadere informatie

College van Procureurs-generaal stelt. jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor

College van Procureurs-generaal stelt. jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor Statistisch analisten van het Openbaar Ministerie College van Procureurs-generaal BRUSSEL College van Procureurs-generaal stelt jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor Persbericht 21 april

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Prenatale opvolging Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Prenatale opvolging Gezondheidsenquête, België, 1997 6.7.1.1. Inleiding Algemeen wordt erkend dat de prenatale consultaties een fundamentele rol spelen inzake de gezondheid van de moeder en het toekomstige kind, maar de rol van respectievelijk de huisarts,

Nadere informatie

GEZONDHEIDSENQUETE 2013

GEZONDHEIDSENQUETE 2013 GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 5: PREVENTIE Stefaan Demarest, Rana Charafeddine (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in april 2015

De arbeidsmarkt in april 2015 De arbeidsmarkt in april 2015 Datum: 12 mei 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche april 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat Antwerpen

Nadere informatie

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES «WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES Brussel wordt gekenmerkt door een grote concentratie van armoede in de dichtbevolkte buurten van de arme sikkel in het centrum van de stad, met name

Nadere informatie

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO.

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. 1. Referentie Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. Taal Nederlands ISBN - ISSN / Publicatievorm onderzoeksrapport 2. Abstract In dit onderzoek, uitgevoerd door het

Nadere informatie

Gezondheidsenquête, België Methodologie. Wetenschap ten dienste van Volksgezondheid, Voedselveiligheid en Leefmilieu.

Gezondheidsenquête, België Methodologie. Wetenschap ten dienste van Volksgezondheid, Voedselveiligheid en Leefmilieu. Methodologie Wetenschap ten dienste van Volksgezondheid, Voedselveiligheid en Leefmilieu. Methodologie Inleiding Om sociale ongelijkheden in gezondheid in kaart te brengen en om mogelijke trends in de

Nadere informatie

ZORGZWAARTE IN DE OUDERENZORG

ZORGZWAARTE IN DE OUDERENZORG / Archief cijfers ZORGZWAARTE IN DE OUDERENZORG Vlaams Gewest 2013 / 5.01.2016 5.01.2016 Zorgzwaarte in de ouderenzorg 1/14 Gepubliceerd op: http://www.zorg-en-gezondheid.be/cijfers op juli 2015 door:

Nadere informatie

MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN. Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein

MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN. Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein 28 november 2014 Middelengerelateerde problematiek 1. Algemeen A. Middelengebruik in België B. Gevolgen:

Nadere informatie

Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie

Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie De Global Entrepreneurship Monitor (GEM) is een jaarlijks onderzoek dat een beeld geeft van de ondernemingsgraad van een land. GEM

Nadere informatie

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling Evidence tabel bij ADHD in kinderen en adolescenten (studies naar adolescenten met ADHD en ) Auteurs, Gray et al., 2011 Thurstone et al., 2010 Mate van bewijs A2 A2 Studie type Populatie Patiënten kenmerken

Nadere informatie

Alcoholhulpvraag in Nederland

Alcoholhulpvraag in Nederland Alcoholhulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor alcoholproblematiek in de verslavingszorg 25-214 Houten, december 215 Stichting IVZ Alcoholhulpvraag in Nederland Belangrijkste

Nadere informatie

Epidemiologische gegevens

Epidemiologische gegevens Epidemiologische gegevens ESPAD (Vlaanderen) European School Survey Project on Alcohol and other Drugs Deelname van 35 landen 15- en 16-jarigen Sinds 2003 ook deelname van België (n= 2.320) Hieronder de

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in februari 2015

De arbeidsmarkt in februari 2015 De arbeidsmarkt in februari 2015 Datum: 24 maart 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche februari 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1.

Nadere informatie

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Houten, april 2011 Stichting IVZ Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek

Nadere informatie

Patiëntentevredenheid

Patiëntentevredenheid Patiëntenheid Johan Van der Heyden Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 26 E-mail : johan.vanderheyden@wiv-isp.be

Nadere informatie

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Situering Opdracht: minister, bevoegd voor het Stedenbeleid De stadsmonitor is een

Nadere informatie

Resultaten voor België Risicofactoren voor wiegendood Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Risicofactoren voor wiegendood Gezondheidsenquête, België, 1997 6.7.4.1. Inleiding Er werd reeds vroeger bewezen dat een prematuur respiratoir systeem een oorzaak was voor wiegendood. Het gevaar bestond vooral tijdens de slaap. Met de huidige kennis van zaken zijn

Nadere informatie

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.8 - Mei 2008-179-

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.8 - Mei 2008-179- Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.8 - Mei 2008-179- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN FRANK VANDENBROUCKE VICEMINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN WERK, ONDERWIJS

Nadere informatie

Brussel, COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr. 03 / 2005 van 14 maart 2005.

Brussel, COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr. 03 / 2005 van 14 maart 2005. KONINKRIJK BELGIE Brussel, Adres : Hoogstraat, 139, B-1000 Brussel Tel. : +32(0)2/213.85.40 E-mail : commission@privacy.fgov.be Fax.: : +32(0)2/213.85.65 http://www.privacy.fgov.be/ COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING

Nadere informatie

FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf

FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf Dit onderzoek is uitgevoerd door het Bonger Instituut voor Criminologie van de Universiteit

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

Hulpverlening in de politiecel. Medewerking SODA aan Fortuna-acties 17 juni 2009

Hulpverlening in de politiecel. Medewerking SODA aan Fortuna-acties 17 juni 2009 Hulpverlening in de politiecel Medewerking SODA aan Fortuna-acties 17 juni 2009 Hulpverlening in politiecel - Wat is het doel van Fortuna-acties - Ervaring in het buitenland - Voorbereiding - Aanbod SODA

Nadere informatie

Middelengebruik: Alcoholgebruik

Middelengebruik: Alcoholgebruik Resultaten HBSC : Alcoholgebruik Middelengebruik: Alcoholgebruik Inleiding Alcoholgebruik is onderdeel van verschillende culturen en tevens één van de grote globale risicofactoren voor sociale en fysieke

Nadere informatie

ADVIES VAN DE NRZV AANZET TOT EEN VERNIEUWDE MINIMALE REGISTRATIE IN DE GGZ-VOORZIENINGEN

ADVIES VAN DE NRZV AANZET TOT EEN VERNIEUWDE MINIMALE REGISTRATIE IN DE GGZ-VOORZIENINGEN FOD VOLKSGEZONDHEID BRUSSEL 8 november 2012 VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU DIRECTORAAT- GENERAAL ORGANISATIE VAN DE GEZONDHEIDSZORGVOORZIENINGEN NATIONALE RAAD VOOR ZIEKENHUISVOORZIENINGEN

Nadere informatie

FACTSHEET CANNABIS augustus 2011

FACTSHEET CANNABIS augustus 2011 augustus 2011 Deze factsheet presenteert de belangrijkste cijfergegevens van het voorbije decennium (2001-2011) over de omvang van het cannabisgebruik in Vlaanderen en België. We bespreken achtereenvolgens:

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties Jongeren en Gezondheid 14: Seksualiteit en Relaties Inleiding Tijdens hun puberjaren, ondergaan jongens en meisjes diepgaande biologische, cognitieve, emotionele en sociale veranderingen. Deze periode

Nadere informatie

Trendbarometer hotels 2012 Finaal rapport

Trendbarometer hotels 2012 Finaal rapport Trendbarometer hotels 2012 Finaal rapport Trendbarometer hotels 2012 Inlichtingen Dagmar.Germonprez@toerismevlaanderen.be Tel +32 (0)2 504 25 15 Verantwoordelijke uitgever: Peter De Wilde - Toerisme Vlaanderen

Nadere informatie

Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest

Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest Analyse indicatoren Gezond leven Analyse van de gezondheidsenquête in opdracht van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid Door Sabine

Nadere informatie

Het beroep van loontrekkende kinesitherapeut in de sector van de gezondheidszorg

Het beroep van loontrekkende kinesitherapeut in de sector van de gezondheidszorg 2013 Het beroep van loontrekkende kinesitherapeut in de sector van de gezondheidszorg Ipsos Public Affairs 24/06/2013 1 Het beroep van loontrekkende kinesitherapeut in de sector van de gezondheidszorg

Nadere informatie

Zorg in de G4; Verschillen tussen zorg in de G4 en daarbuiten

Zorg in de G4; Verschillen tussen zorg in de G4 en daarbuiten Zorg in de G4; Verschillen tussen zorg in de G4 en daarbuiten September 2013 Door: N. Rosendaal Introductie Amsterdam (A), Den Haag (DH), Rotterdam (R), en Utrecht (U) vormen samen de vier grootste steden

Nadere informatie

nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken

nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken Het Wetenschappelijk

Nadere informatie

De Genkse werkloosheidscijfers Toestand op

De Genkse werkloosheidscijfers Toestand op De Genkse werkloosheidscijfers Toestand op 30.06.2015 Genk telde eind juni 3.807 niet-werkende werkzoekenden (NWWZ). Dat zijn er 343 of 9,9% meer dan in juni 2014. In Limburg was er een stijging van 3,3%,

Nadere informatie

Polydrug use. EMCDDA 2002 selected issue. In EMCDDA 2002 Annual report on the state of the drugs problem in the European Union and Norway

Polydrug use. EMCDDA 2002 selected issue. In EMCDDA 2002 Annual report on the state of the drugs problem in the European Union and Norway Polydrug use EMCDDA 2002 selected issue In EMCDDA 2002 Annual report on the state of the drugs problem in the European Union and Norway Hoofdstuk 3 Speciale kwesties In dit hoofdstuk komen in verband met

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Horizontale Groep drugs Ontwerp-conclusies van de Raad over

Nadere informatie

FACTSHEET CANNABIS april 2013

FACTSHEET CANNABIS april 2013 april 2013 Deze factsheet presenteert de belangrijkste cijfergegevens van het voorbije decennium (2002-2012) over de omvang van het cannabisgebruik in Vlaanderen en België. We bespreken achtereenvolgens:

Nadere informatie

GHB hulpvraag in Nederland

GHB hulpvraag in Nederland GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor GHB problematiek in de verslavingszorg 2007-2012 Houten, mei 2013 Stichting IVZ GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen

Nadere informatie

INZAKE COCAÏNE. 1. Inleiding

INZAKE COCAÏNE. 1. Inleiding ADVIES VAN DE CEL GEZONDHEIDSBELEID DRUGS INZAKE COCAÏNE Volgens het jaarverslag van het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugsverslaving (2007) is in veel Europese landen een stijging te zien

Nadere informatie

CO 15/02 Dak- en thuisloosheid in Vlaanderen

CO 15/02 Dak- en thuisloosheid in Vlaanderen CO 15/02 Dak- en thuisloosheid in Vlaanderen Werkgroep OCMW s van de centrumsteden 10 maart 2015 Algemene informatie Nulmeting dak- en thuisloosheid, prof. dr. Koen Hermans, steunpunt welzijn, volksgezondheid

Nadere informatie

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001 Bijlage bij het persbericht dd. 08/06/15: 1 Vrouwen krijgen hun kinderen in toenemende mate na hun dertigste verjaardag 1. Het geboortecijfer volgens Kind en Gezin 67 875 geboorten in 2014, daling van

Nadere informatie

Patiënten (niet-inwoners) in België

Patiënten (niet-inwoners) in België FOD Volksgezondheid SPF Santé Publique Observatorium voor Patiëntenmobiliteit Patiënten (niet-inwoners) in België DIRECTORAAT-GENERAAL GEZONDHEIDSZORG DGGS Dienst Datamanagement, Databankbeheer Eveline

Nadere informatie

1. Op welke manier wordt deze samenwerking tussen steden/gemeenten, de VDAB en de bouwsector concreet ingevuld?

1. Op welke manier wordt deze samenwerking tussen steden/gemeenten, de VDAB en de bouwsector concreet ingevuld? SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 420 van JAN HOFKENS datum: 6 maart 2015 aan PHILIPPE MUYTERS VLAAMS MINISTER VAN WERK, ECONOMIE, INNOVATIE EN SPORT VDAB - Samenwerkingsverband BouwKan met bouwsector De bestaande

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting

Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting De tabellen 1a en 1b geven een overzicht van de laatste cijfers over het middelengebruik en de drugscriminaliteit. Hieronder volgt een beschrijving

Nadere informatie

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting De Welzijnsbarometer verzamelt jaarlijks een reeks indicatoren die verschillende aspecten van armoede in het Brussels Gewest belichten. De sociaaleconomische

Nadere informatie

Abstinent worden, abstinent blijven en de determinanten van een terugval in harddruggebruik.

Abstinent worden, abstinent blijven en de determinanten van een terugval in harddruggebruik. Abstinent worden, abstinent blijven en de determinanten van een terugval in harddruggebruik. Samenvatting van de resultaten uit het subcohort abstinenten die deelnemen aan de Amsterdamse Cohort Studie

Nadere informatie

6.7.1. Ongelijkheden in gezondheidstoestand, levensstijl en preventie

6.7.1. Ongelijkheden in gezondheidstoestand, levensstijl en preventie 6.7. Ongelijkheid in Gezondheid 6.7.1. 6.7.1.1. Samenvatting 6.7.1.1.1 Gezondheidsstatus De perceptie van de eigen gezondheid vertoont een negatieve samenhang met het opleidingsniveau: bij personen zonder

Nadere informatie

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Leen Heylen, CELLO, Universiteit Antwerpen Thomas More Kempen Het begrip eenzaamheid Eenzaamheid is een pijnlijke, negatieve ervaring die zijn oorsprong vindt in een

Nadere informatie