STARTBEKWAAMHEDEN LERAAR SECUNDAIR ONDERWIJS

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "STARTBEKWAAMHEDEN LERAAR SECUNDAIR ONDERWIJS"

Transcriptie

1 STARTBEKWAAMHEDEN LERAAR SECUNDAIR ONDERWIJS

2 De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen van het beleid en de wetgeving op het gebied van het onderwijs. Hij adviseert de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. De Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal kunnen de Raad ook om advies vragen. Gemeenten kunnen in speciale gevallen van lokaal onderwijsbeleid een beroep doen op de Onderwijsraad. De Raad bestaat uit negentien leden die op persoonlijke titel zijn benoemd. Advies over Startbekwaamheden leraar secundair onderwijs uitgebracht aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Adviesnr /337, 6 november 1998 Advies niet-ambtelijke commissie WOB

3

4

5 INHOUDSOPGAVE 1 AANLEIDING EN INLEIDING... 1 Leeswijzer GEMEENSCHAPPELIJK CURRICULUM EN VAKVERBREDING De relatie startbekwaamheden, opleidingscurriculum en eindtermen Het vraagstuk van de vakverbreding REFERENTIEKADER Maatschappelijke ontwikkelingen Onderwijsontwikkelingen Beroepsontwikkeling Inhoudelijke eisen Functionele en formele eisen DE ADVIESVRAGEN Inhoud en reikwijdte Lerarenopleidingen Beleid Bijlage 1: Overzicht van referentiepunten ten behoeve van de beoordeling van de startbekwaamheden

6

7 STARTBEKWAAMHEDEN LERAAR SECUNDAIR ONDERWIJS

8

9

10 1998 Onderwijsraad, /337, AANLEIDING EN INLEIDING Bij brief van 8 mei 1998 heeft de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen de Onderwijsraad het concept-document startbekwaamheden leraar secundair onderwijs voor advies voorgelegd. 1 Hij verzocht de Raad in ieder geval de volgende vraagstukken bij de advisering te betrekken: 1. de relevantie van de algemene en vakgerichte bekwaamheden; 2. de kenmerkende situaties als juiste afspiegeling van de beroepspraktijk; 3. de hanteerbaarheid van de startbekwaamheden voor de lerarenopleidingen; 4. de relatie tussen de startbekwaamheden en andere relevante documenten en beleidstrajecten: beroepsprofiel, pilots beoordelingsstelsel, traject PmL en ICT; 5. de startbekwaamheidseisen als logisch onderdeel van het lerarenbeleid van OCenW; 6. de wijze waarop in de startbekwaamheden rekening wordt gehouden met de ontwikkelingen in de 1e fase vo, de 2e fase vo en de bve-sector. De Raad plaatst dit advies in het kader van een versterking van het huidige lerarenbeleid. Hij is in zijn advies Toekomst Leraren 2 daarop globaal ingegaan. In dat advies heeft de Raad een bijdrage geleverd aan de gedachtenvorming rondom de ontwikkeling van lerarenopleidingen, de arbeidsmarktpositie en de werkomstandigheden van leraren. Hierin is belangrijk dat een leraar tijdens zijn werkzame leven optimaal inzetbaar blijft, dat wil zeggen dat zijn capaciteiten zo goed mogelijk worden benut en dat die capaciteiten ook voortdurend verder worden ontwikkeld. Het vastleggen van startbekwaamheden vormt een belangrijk element in deze ontwikkeling. De Raad betrekt op verzoek van de minister ook de adviezen van de BVE-raad, de VSNU, de HBO-raad en de Inspectie van het Onderwijs alsmede de beraadslagingen in het POVO-overleg bij zijn beoordeling van het concept-document startbekwaamheden. Afgezien van de inspectie staan genoemde organisaties in grote lijnen positief tegenover de ontwikkelde startbekwaamheden. De BVE-raad wijst er evenwel op dat de tweedegraads lerarenopleidingen geen aanstaande leraren opleiden die startbekwaam zijn voor de gehele sector beroepsonderwijs en educatie. Het gaat daarbij om de niveaus 3 en 4 van het beroepsonderwijs en de niveaus 5 en 6 van de educatie. De VSNU acht een explicitering van specifiek voor het eerstegraads gebied wenselijk geoordeelde bekwaamheden, niet alleen vakgerichte maar ook algemene, noodzakelijk. Voorts wijst de HBO-raad er op dat een nadere prioritering in de specifieke startbekwaamheden naar onderwijssector (eerste fase voortgezet onderwijs, tweede fase voortgezet onderwijs en de sector beroepsonderwijs en educatie) noodzakelijk is. Daarnaast meent hij dat de snelle ontwikkelingen in het onderwijsveld vragen om een regelmatig - in beginsel jaarlijks - onderhoud van de nu ge- 1 Startbekwaamheden leraar secundair onderwijs. Deel 1: Startbekwaamheden. Deel 2: Verantwoording en bijlage. Utrecht: CINOP/VSLPC. 2 Toekomst leraren. Advies van 15 juni Den Haag: Onderwijsraad. 1

11 1. Aanleiding en inleiding formuleerde bekwaamheden. Kritiek heeft de HBO-raad op het zijns inziens ontbreken van een duidelijke relatie tussen hetgeen in de kenmerkende situaties wordt beschreven en de kwaliteitseisen die aan een (startende) leraar worden gesteld. De Inspectie van het Onderwijs ten slotte, die haar advies mede baseert op een diepteconsultatie van personen uit de lerarenopleidingen secundair onderwijs, meent dat het document Startbekwaamheden vooral waardevolle informatie bevat voor de tweede- en eerstegraads lerarenopleidingen. Dit geldt bij voorbeeld voor de beschrijving van de algemene startbekwaamheden en de kenmerkende en kritische situaties, en voor de formulering van de zogenoemde doorgroeicompetenties. Desalniettemin heeft de inspectie ernstige kritiek. In de eerste plaats meent zij dat het document geen adequate beschrijving geeft van de noodzakelijk geachte bekwaamheden van de startende leraar. Het beschreven beginniveau wordt te hoog geacht. In de tweede plaats mist de inspectie een uitvoerige uitwerking van de vakspecifieke bekwaamheden. Eenzelfde beperking constateert zij voor de verschillende onderwijssectoren waarin de leraar komt te werken (basisvorming, VBO/MAVO, BVE-sector en tweede fase VO). Voorts ontbreekt volgens de inspectie een uiteenzetting over de samenhang tussen de, overigens herkenbare onderwijssituaties bevattende beschrijvingen van kenmerkende en kritische situaties enerzijds en de geformuleerde algemene startbekwaamheden anderzijds. Verder vindt zij de stijl van formulering algemeen en tamelijk abstract, waardoor de startbekwaamheden naar verwachting op scholen en lerarenopleidingen doorgaans niet direct geplaatst zullen kunnen worden in de onderwijspraktijk. Ten slotte acht de inspectie het wenselijk dat bij de vaststelling van de startbekwaamheden ook andere documenten, maar met name het advies Gemeenschappelijke curricula tweedegraads opleidingen van het Procesmanagement Lerarenopleidingen (PmL), in de overwegingen worden betrokken. 2

12 1998 Onderwijsraad, /337, Leeswijzer Alvorens in te gaan op de ontwikkeling van een referentiekader bespreekt de Raad in hoofdstuk 2 eerst twee recente ontwikkelingen aangaande het curriculum voor lerarenopleidingen. In hoofdstuk 3 formuleert hij referentiepunten ten behoeve van de beoordeling van het conceptdocument vanuit drie invalshoeken. De eerste invalshoek betreft maatschappelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen op het terrein van het onderwijs en het beroep. Hieruit komen inhoudelijke eisen naar voren. De tweede heeft betrekking op de functionele eisen die de Raad eerder formuleerde in zijn advies over de startbekwaamheden leraar primair onderwijs. De derde invalshoek verwijst naar formele eisen die hij eveneens in het laatstgenoemde advies hanteerde. In hoofdstuk 4, tenslotte, formuleert de Raad zijn advies aan de hand van de zes door de minister geformuleerde vraagstellingen. 3

13 4

14 1998 Onderwijsraad, /337, GEMEENSCHAPPELIJK CURRICULUM EN VAKVERBREDING De Raad gaat hieronder in op een tweetal actuele ontwikkelingen die gezien het belang van startbekwaamheden als referentiekader voor de eindtermen van het opleidingscurriculum, deze functie mee beïnvloeden. 2.1 De relatie startbekwaamheden, opleidingscurriculum en eindtermen In maart 1998 verscheen onder verantwoordelijkheid van de HBO-raad het door het PmL opgestelde voorstel voor Gemeenschappelijke curricula tweedegraads opleidingen. Over de vakinhoudelijke en vakdidactische eindtermen is geadviseerd door adviesgroepen voor de verschillende opleidingen. Het gaat om curricula voor voltijdsopleidingen voor leraren in het tweedegraads gebied. Deze dienen een rol te gaan spelen in de interne en externe kwaliteitszorg van de opleidingen. Het voorstel behelst een reeks eindtermen (die het beoogde resultaat van de opleidingen typeren) en standaarden voor de kwaliteit van het studieprogramma. Er is vanzelfsprekend een relatie met de beoogde startbekwaamheden voorzover die betrekking hebben op het tweedegraads gebied. In de ontwikkeling is rekening gehouden met drie knelpunten in de huidige opleidingspraktijk: de relatie theorie - praktijk, verbreding van vakinhoudelijke kennis en vaardigheden en het opleiden tot een startbekwaamheid in het sector beroepsonderwijs en educatie. Ten aanzien van het eerste punt is er voor gekozen de beroepspraktijkvorming als de rode draad in de opleiding te beschouwen. Met betrekking tot het tweede punt is een standaard voor vakverbreding geformuleerd die naar de verschillende opleidingen toe kan worden uitgewerkt. Ten aanzien van het werken in het sector beroepsonderwijs en educatie is een substantiële heroriëntatie van het opleidingsprogramma voorgesteld die gerichte uitstroom naar respectievelijk voortgezet onderwijs en de sector beroepsonderwijs en educatie mogelijk moet maken Het vraagstuk van de vakverbreding De Raad signaleert ten aanzien van het vakverbredingsconcept drie ontwikkelingen op verschillende niveaus; deze hebben uiteraard relaties met elkaar. In de eerste plaats is er binnen de basisvormingsperiode sprake van dat leraren onderwijs in meer dan één vak verzorgen. 4 Leraren moeten in staat zijn tot het leggen van dwarsverbanden tussen vakken om leerlingen samenhangen te leren onderkennen. Ook is er sprake van toename van het belang van kennis en begeleiding van methodische (onderzoeksmatige) kennisverwerving door leerlingen. Voorts is er het gegeven dat het relatief grote aantal vakken er toe leidt dat leerlingen van veel ver- 3 Gemeenschappelijke curricula tweedegraads opleidingen (1998). Den Haag: Procesmanagement Lerarenopleidingen. 4 De basisvorming kent bijvoorbeeld het leerstofdomein NASK dat leerstofinhoudelijk afwijkt van de optelsom van de beide wetenschappelijke disciplines natuurkunde en scheikunde. 5

15 2. Gemeenschappelijk curriculum en vakverbreding schillende leraren onderwijs krijgen. Confrontatie met minder leraren zou de leeromgeving voor leerlingen minder complex maken. De zwaarte van de boekentas vormt eveneens een (praktisch) probleem. 5 De Tweede Kamer heeft in dit verband de wens uitgesproken dat leerlingen van minder leraren les ontvangen. 6 De implicaties hiervan zijn tweeledig. In de basisvormingsperiode zou vakverbreding een oplossing kunnen bieden en derhalve curriculaire aanpassingen vereisen. En lerarenopleidingen zouden hun curriculum eveneens moeten aanpassen teneinde breder inzetbare leraren af te kunnen leveren. In de tweede plaats zijn er twee ontwikkelingen met betrekking tot het curriculum van de lerarenopleiding die hier van belang zijn. De ene ontwikkeling komt naar voren in het voorstel van het PmL voor een standaard voor vakverbreding in de lerarenopleiding. 7 Het PmL stelt voor dat in de lerarenopleiding een uitbreiding plaatsvindt naar een gedeelte van een ander vak of van meer andere vakken (dan het hoofdvak). In hun beroepsloopbaan kunnen studenten dan via een erkend (gecertificeerd) post-initieel traject bekwaamheid en bevoegdheid voor een tweede vak verwerven, waarbij uiteraard rekening moet worden gehouden met de aard van het vak. De andere ontwikkeling is het initiatief van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen ten aanzien van clustering van opleidingen. In het HOOP 1998 is de minister voor de opbouw van het gemeenschappelijk curriculum van de tweedegraads opleidingen uitgegaan van vakverbreding om aansluiting met de basisvorming te verbeteren. Het accent zou moeten liggen op de verbreding van de vakinhoudelijke component. Voorgesteld werd te komen tot verbrede lerarenopleidingen in de vorm van clustering voor enkele vakken: b.v. natuurkunde, scheikunde, techniek en biologie worden geclusterd in de lerarenopleiding natuur. Dit is door de Tweede Kamer voorshands afgewezen. 8 5 Commissie Boekentas (1998) Schooltas: draagbaar of ondraaglijk? eindrapport. Zoetermeer: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. 6 TK , , nr Gemeenschappelijke curricula tweedegraads opleidingen (1998). Den Haag: Procesmanagement Lerarenopleidingen. 8 Nader toegelicht: In zijn brief van 10 juni 1998 aan de Tweede Kamer stelt de minister: Een van de aspecten van het gemeenschappelijk curriculum die met name een nadere uitwerking behoeven, is de verbreding. (...) De clustering van opleidingen vormt een belangrijke organisatorische leidraad die op inhoudelijke gronden richting geeft aan de curriculumontwikkeling. Deze clusters voorkomen tegelijkertijd dat op basis van financiële overwegingen in verband met de kleinschaligheid van opleidingen, op verschillende plaatsen in het land uiteenlopende samenvoegingen van opleidingen ontstaan. De Raad heeft uit het verslag van het op 18 juni 1998 gevoerde algemeen overleg tussen de minister en de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen van de Tweede Kamer over clustering van tweedegraads lerarenopleidingen (TK , VIIII, nr. 82) opgemaakt, dat de commissie afwijzend heeft gereageerd op de voorgestelde clustering. 6

16 1998 Onderwijsraad, /337, REFERENTIEKADER Raad acht het van belang referentiepunten ten behoeve van de beoordeling te ontlenen aan algemene maatschappelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen op het beleidsterrein van het onderwijs (zowel binnen het onderwijssysteem zelf als binnen de beroepsgroep van leraren). Uiteraard hebben de ontwikkelingen met elkaar te maken. Na een beschrijving op hoofdlijnen van maatschappelijke ontwikkelingen (par. 3.1), onderwijsontwikkelingen (par. 3.2) en ontwikkelingen in de beroepsgroep van leraren (par. 3.3), formuleert de Raad een aantal inhoudelijke eisen te stellen aan de startbekwaamheden (par. 3.4). Hij sluit dit hoofdstuk af met een overzicht van functionele en formele referentiepunten die hij eerder hanteerde (par. 3.5). 3.1 Maatschappelijke ontwikkelingen De omgeving van scholen en daarmee van de werksituaties van leraren is sinds de jaren tachtig sterk aan verandering onderhevig. Ontwikkelingen op mondiaal, nationaal en regionaal niveau leiden tot maatschappelijke veranderingen die de functie van onderwijs maar ook de relatie tussen overheid en onderwijs sterk beïnvloeden. Maatschappelijke ontwikkelingen zijn, kort weergegeven, o.a. de volgende: Internationalisering: door de internationale gerichtheid van contacten op handels- en andere gebieden is in toenemende mate kennis van andere culturen, inclusief talen, noodzakelijk. Discussies over doelen en inrichting van het secundair onderwijs kunnen niet langer alleen vanuit nationale referentiekaders gevoerd worden. Informatie- en communicatietechnologie (ICT): door ICT neemt de kennisintensiteit van arbeids- en productieprocessen toe evenals processen van sociaal verkeer. Er treden verschuivingen op van industriële productie naar dienstverlening. Het belang van een geïndividualiseerde consumentenmarkt neemt toe. Multiculturaliteit: de pluriforme samenleving van uiteenlopende culturen is ook in het onderwijs zichtbaar. Scholen worden geconfronteerd met diverse levensbeschouwingen en worden gesteld voor de vraag naar hun eigen levensbeschouwelijke identiteit. Veranderingen in de beroepen structuur en arbeidsverhoudingen: beroepen veranderen onder invloed van onder andere ICT van inhoud en nieuwe beroepen ontwikkelen zich. Arbeidsverhoudingen worden geïndividualiseerd en minder aan (overheids)regels gebonden; er wordt een groter beroep op de eigen verantwoordelijkheid gedaan. De keuze voor een beroep is niet langer eenmalig. De-institutionalisering van de levensloop: levenslopen worden individueler ingevuld en minder vast met instituties verbonden; er is meer eigen verantwoordelijk en zelfsturing nodig om adequaat met wendingen in de levensloop om te kunnen gaan. Jeugdcultuur: jongeren staan anders in de samenleving dan vroeger, hetgeen gewijzigde gezagsverhoudingen en preferenties met zich mee brengt. Alternatieve tijdsbestedingen zijn in aantal toegenomen. Deze ontwikkelingen werken door in de beroepspraktijk van leraren. 7

17 3. Referentiekader Ook maatschappelijke verschijnselen als toename van het opleidingsniveau van de bevolking, alsmede individualisering en lossere maatschappelijke verbanden 9 vergen een nieuwe instelling van het onderwijs. De genoemde ontwikkelingen vereisen dat de aansluiting van het onderwijs op maatschappelijke ontwikkelingen op peil wordt gehouden door vernieuwing van de inhouden en aanpassingen in de werkorganisatie. Dit impliceert o.a. accent op leren leren, geheel vernieuwde examenprogramma s en hiermee verband houdende innovaties in de schoolorganisatie. Voor de leraren betekent dit met name het hanteren van een gevarieerder pakket aan leermiddelen (waaronder ICT) en werkvormen (waaronder zelfstandig werken). Deze veranderingen in de inhoud, de didactiek en de schoolorganisatie hebben uiteraard ook implicaties voor de lerarenopleidingen. 3.2 Onderwijsontwikkelingen Op schoolniveau vindt een veelheid aan veranderingen plaats zoals: verbreding van onderwijs en vormingsaanbod, deregulering en vergroting van autonomie, introductie van eindtermen en kerndoelen, processen van schaalvergroting, meer concurrentie tussen scholen en grotere druk om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. 10 Verder voltrekken zich ingrijpende innovaties als de implementatie van het Toepassing-Vaardigheden-Samenhang-model in de basisvorming, leerwegen in mavo/vbo, invoering van profielen en studiehuis in de bovenbouw van havo en vwo en het maatwerkconcept in de sector beroepsonderwijs en educatie. De rode draad in de genoemde innovaties wordt gevormd door het concept van de actief lerende leerling. 11 Deze verwerft zelfstandig, maar met adequate pedagogische en didactische ondersteuning, kennis en vaardigheden op cognitief en sociaal-communicatief gebied en op het terrein van de eigen persoonsvorming. 12 Implicaties hiervan zijn dat de leraar zich in zijn vakkennis, op het pedagogisch-didactische vlak, in zijn taken als schoolfunctionaris en - in het algemeen - in zijn rol als cultuur(over)drager opnieuw moet oriënteren en ontwikkelen. 9 Startbekwaamheden leraar secundair onderwijs. Deel 2: Verantwoording en bijlage. Utrecht: CINOP/VSLPC, Toekomst leraren. Advies van 15 juni Den Haag: Onderwijsraad. 11 Leren door middel van ICT neemt daarbij een steeds belangrijker plaats in. Zie het advies van de Onderwijsraad d.d. 18 maart 1998: Informatie- en communicatietechnologie en onderwijs. Den Haag: Onderwijsraad. 12 Het Besluit kerndoelen basisvorming bijvoorbeeld vermeldt o.a. de volgende algemene onderwijsdoelen: Werken aan vakoverstijgende thema s, Leren uitvoeren, Leren leren, Leren communiceren, Leren reflecteren op het leerproces en Leren reflecteren op de toekomst. (Staatsblad 1997, 484; Besluit van 15 oktober 1997, houdende vaststelling van de kerndoelen en de adviesurentabel basisvorming voor de periode tot 1 augustus 2003). 8

18 1998 Onderwijsraad, /337, Voor de lerarenopleidingen betekenen deze ontwikkelingen een ingrijpende bijstelling van het curriculum en de organisatie daarvan. Het PmL heeft de consequenties hiervan vervat in zijn eerder aangehaalde voorstel. 3.3 Beroepsontwikkeling In 1996 is door de beroepsgroep van leraren (de personeelsvakorganisaties) een ontwikkelingstraject met betrekking tot beroepsstandaarden in gang gezet. In het advies van de Stuurgroep Beroepskwaliteit Leraarschap 13 wordt voorgesteld een beroepsstandaard te ontwikkelen: een kwaliteitsnorm voor de beroepsuitoefening, waarmee de beroepsgroep zich garant stelt voor de bekwaamheden, het gedrag en de integriteit van de leden. Een prototype is inmiddels ontwikkeld Inhoudelijke eisen De Raad komt op grond van de bovenstaande beschrijving van maatschappelijke en onderwijsontwikkelingen en van de beroepsontwikkeling tot de volgende inhoudelijke eisen die aan de startbekwaamheden gesteld moeten worden, ingedeeld in curriculum, inzetbaarheid en professionalisering. Curriculum De startbekwaamheden dienen een uitdrukking te zijn van de gewenste toerusting van beginnende leraren opdat deze hun leerlingen op het noodzakelijke leer- en kennisniveau kunnen brengen, door het geven van onderwijs in het kerncurriculum met het oog op de minimum-doelen die de leerlingen van het betreffende schooltype en -niveau moeten bereiken. Maatschappelijke ontwikkelingen dienen hierin te worden verankerd zoals de internationale dimensie, kennis en toepassing van informatie- en communicatietechnologie, pluriformiteit van normen en waarden en eigen verantwoordelijkheid en zelfsturing bij leerlingen. De Raad is van mening dat de beginnende leraar niet alleen bekwaamheid in kennisoverdracht dient te bezitten, maar ook leiding en sturing moet kunnen geven aan leerprocessen bij leerlingen die gericht zijn op de verwerving van vaardigheden, op zelfstandigheid in het leren en op de verwerving van leerstrategieën (leren leren). 13 Stuurgroep Beroepskwaliteit Leraarschap (1996) Tekenen voor kwaliteit. Advies aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij inzake een beroepsstandaard, register en beroepsgroep van leraren. Groningen: Wolters-Noordhoff. 14 Ten behoeve van de Stuurgroep Beroepskwaliteit Leraarschap ontwikkelden Jansma, Wubbels en Koster een prototype van een beroepsstandaard, zie Jansma F., Wubbels T. & Koster B. (1997) Naar een beroepsstandaard voor leraren. In: Stuurgroep Beroepskwaliteit Leraarschap (1996) Tekenen voor kwaliteit. Advies aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij inzake een beroepsstandaard, register en beroepsgroep van leraren. Groningen: Wolters-Noordhoff, p

19 3. Referentiekader Inzetbaarheid De Raad meent dat de problematiek van de werkvelden, de gedifferentieerdheid van het secundair onderwijs, zich moet weerspiegelen in de startbekwaamheden. Er is immers veel differentiatie: in het voortgezet onderwijs van praktijkonderwijs tot atheneum en in de sector van het beroepsonderwijs en educatie van assistentopleidingen tot kaderopleidingen niveau 4. De bekwaamheden moeten de competenties weerspiegelen die het leraren mogelijk maken op de drie sectoren van het onderwijsveld, eerste en tweede fase voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs/educatie, werkzaam te zijn. 15 De startbekwaamheidseisen dienen tevens aan te geven dat leraren meer dan voorheen op de schoolorganisatie gericht moeten zijn en taken in de schoolorganisatie hebben te vervullen. Professionalisering De startbekwaamheden dienen de dynamiek van de samenleving te weerspiegelen dat wil zeggen ruimte te laten voor groei en ontwikkeling en daardoor een handreiking te bieden voor verdere professionalisering. Het kan hier gaan om onder meer ontwikkelingen binnen het eigen leraarschap, maar ook om differentiatie naar andere functies. Met nadruk stelt de Raad in dit verband dat de startbekwaamheden een beginniveau van expertise aangeven dat verdere ontwikkeling behoeft. De startbekwaamheden vormen een basis voor verdere professionalisering van leraren in hun loopbaan (doorgroeicompetentie). Zij dienen competentie in zelfontwikkeling aan te geven. 3.5 Functionele en formele eisen De Raad wenst in het onderhavige advies voorts aan te sluiten bij zijn eerder uitgebrachte advies over de startbekwaamheden leraar primair onderwijs. 16 In dit advies heeft hij een aantal beoordelingscriteria geformuleerd die hij eveneens van belang acht in zijn advisering ten aanzien van startbekwaamheden leraar secundair onderwijs te weten functionele eisen en formele eisen. Deze eisen zoals die eerder door de Raad zijn geformuleerd vormen voor hem even zo vele referentiepunten. Samenvattend kunnen de volgende eisen worden onderscheiden. Functionele eisen: 1. Een referentiekader bieden voor de eindtermen van het opleidingscurriculum. 2. Een beoordelingskader bieden voor de kwaliteit van het opleidingscurriculum. 3. Een handreiking geven voor de verdere professionalisering. 4. Als assessment-instrument fungeren voor de beoordeling van leraren die mogelijk langs een andere weg dan de initiële opleiding een entree in het beroep willen maken. 15 Toelichting: De geformuleerde startbekwaamheden hebben blijkens het document betrekking op eisen te stellen aan leraren die werkzaam worden of zijn in het secundair onderwijs. Het gaat om leraren voor de basisvorming, de bovenbouw mavo/vbo (vmbo), alsmede het beroepsonderwijs en educatie (voorzover het om de algemene vakken gaat). De startbekwaamheden gelden de facto eveneens voor de leraren bovenbouw havo/vwo, hetgeen impliceert dat er een relatie met het raamleerplan van de universitaire lerarenopleidingen ligt. Deze relatie verdient nog expliciete aandacht. 16 Startbekwaamheden leraar primair onderwijs. Advies van 21 januari Den Haag: Onderwijsraad. 10

20 1998 Onderwijsraad, /337, Formele eisen: 1. Zowel beroepsprofiel als praktijkaspecten vormen aandachtspunten voor de ordening van de bekwaamheden. 2. Gemaakte keuzen dienen te worden verantwoord. 3. Er moet een zekere balans aangebracht zijn tussen de verschillende beroepsbeelden (het kennisgerichte, het praktijkgerichte, het persoonsgerichte en het vaardigheidsgerichte). 4. Het belang van doorgroeicompetentie moet zijn verwoord. Samenvattend komt de Raad tot het volgende drieledige referentiekader: 1. inhoudelijke eisen; 2. functionele eisen; 3. formele eisen. Voor elk van de categorieën is in het vorenstaande een nadere uitwerking gegeven. In de bijlage is in schemavorm een overzicht gegeven van de referentiepunten die de Raad hanteert ten behoeve van de beoordeling van de startbekwaamheden en bij de bespreking van de zes door de minister genoemde vraagstukken die bij de advisering moeten worden betrokken (hoofdstuk 4). Opgemerkt zij dat de aard van de vraagstukken ertoe leidt dat de referentiepunten niet alle in dezelfde mate aan de orde zullen komen. 11

21 12

22 1998 Onderwijsraad, /337, DE ADVIESVRAGEN De minister heeft in zijn adviesaanvraag in het bijzonder voor een zestal vraagstukken aandacht gevraagd. De Raad heeft die vanwege de samenhang herordend onder de noemers Inhoud en Reikwijdte (vragen 1, 2 en 6), Lerarenopleidingen (vraag 3) en Beleid (vragen 4 en 5). In dit advies heeft de Raad de door hem geformuleerde inhoudelijke, functionele en formele eisen als referentiekader gehanteerd. Op voorhand kan de Raad melden dat het concept-document startbekwaamheden naar zijn oordeel voldoet aan de formele eisen zoals hij die in hoofdstuk 3 geformuleerd heeft. De Raad gaat op de door de minister genoemde vraagstukken in tegen de achtergrond van de geformuleerde inhoudelijke en functionele eisen. 4.1 Inhoud en reikwijdte Terzake van de relevantie van de algemene en vakgerichte bekwaamheden acht de Raad de geformuleerde startbekwaamheden een valide weergave van de minimumeisen, dat wil zeggen zij weerspiegelen datgene wat in de beroepspraktijk aan de orde is. De Raad heeft in dit verband kennisgenomen van de resultaten van consultatiebijeenkomsten die ten behoeve van de ontwikkelingen van de startbekwaamheden zijn gehouden met deelnemers uit de lerarenopleidingen en het afnemende beroepsveld. De ordening en het beschrijvingskader zijn naar zijn oordeel in grote lijnen dekkend voor de beroepspraktijk van het secundair onderwijs. Zij geven - met de aantekening dat een uitvoeriger uitwerking van de vakspecifieke bekwaamheden wenselijk zou zijn - de bekwaamheden weer die nodig zijn om het kerncurriculum te verzorgen; hierbij worden ook bekwaamheden verwoord die nodig zijn om leerlingen in hun leerproces en in de verwerving van vaardigheden en leerstrategieën te ondersteunen. Startbekwaamheden moeten als minimumeisen gezien worden als basis voor verdere beroepsontwikkeling (doorgroeicompetentie en loopbaanontwikkeling); de Raad acht de voorgestelde startbekwaamheden een geschikte basis voor de verdere professionalisering. Niettemin dringt zich de vraag op - de inspectie besteedt hier eveneens aandacht aan - of de voorgestelde startbekwaamheden, in relatie tot de beschikbare opleidingstijd, niet te veelomvattend zijn. De Raad meent deze vraag bevestigend te moeten beantwoorden. Ter oplossing van dit probleem zou te overwegen zijn om onderscheid aan te brengen. Er zou bij de vaststelling van de startbekwaamheden een scherper aan te duiden onderscheid kunnen worden gemaakt tussen enerzijds bekwaamheden die in ieder geval in de lerarenopleiding moeten worden aangebracht (inclusief doorgroeicompetentie), en dus strikt nodig zijn voor een succesvolle start, en anderzijds bekwaamheden waarvoor weliswaar de competentie in de opleiding moet worden aangebracht, maar die met name in de beroepspraktijk tot ontwikkeling moeten komen. Als voorbeeld van de laatste categorie noemt de Raad de onderwijskundige bekwaamheid Selecteren, ontwikkelen en ontwerpen van leerplannen, werkplannen en onderwijsarrangementen. 17 Een soortgelijk onderscheid zou ook aangebracht kunnen worden waar het gaat om het niveau. Duidelijk moet zijn op welk niveau een leraar zich bij het begin van zijn loopbaan in ieder geval 17 Startbekwaamheden leraar secundair onderwijs. Deel 1, nummer , bladzijde

23 4. De adviesvragen moet bevinden en welk niveau bereikt moet worden in de beroepspraktijk. In de beschrijving van de startbekwaamheden blijft de niveau-aanduiding te vaak impliciet. De Raad wil over de wijze waarop in de startbekwaamheden rekening wordt gehouden met de ontwikkelingen in de 1e fase vo, de 2e fase vo en de beroepsonderwijs en educatie-sector zoals eerder beschreven, drie opmerkingen maken. In de eerste plaats bieden de formuleringen in het document startbekwaamheden ten aanzien van vakverbreding voldoende ruimte om aansluiting te vinden bij het vakverbredingsmodel zoals dat door het PmL voorgesteld wordt (zie paragraaf 2.2 van dit advies). In de tweede plaats is de Raad van oordeel dat de gedifferentieerdheid van het veld meer aandacht had moeten krijgen; er wordt immers opgeleid voor het gehele veld van het secundair onderwijs. De Raad meent dat de gerichtheid op de onderscheiden problematieken in het veld van uitvoering meer gedifferentieerd naar voren zou kunnen komen in termen van doorgroeicompetentie. Het is vervolgens aan de beroepsgroep om daarop voortbouwend, bekwaamheden te formuleren die zowel op vakken als op de specifieke eisen van een sector (eerste fase voortgezet onderwijs, tweede fase voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs/educatie) zijn gericht. Tenslotte merkt hij op dat er sprake is van toenemende differentiatie van de binnen de onderwijsuitvoering te onderscheiden functies binnen de school of instelling als bij voorbeeld onderwijsassistent. Deze ontwikkelingen werpen de vraag op of de verzameling startbekwaamheden, die uitsluitend gericht zijn op het functioneren als reguliere leraar, in voldoende mate als assessment-instrument zal kunnen functioneren. De beschreven kritische en kenmerkende situaties als juiste afspiegeling van de beroepspraktijk acht de Raad adequaat geformuleerd. Het komt de Raad voor dat zij bij assessment-procedures ondersteunend kunnen werken. Zij zouden ook als een verwoording van startbekwaamheden opgevat kunnen worden, maar de Raad meent dat eerder van voorbeelden moet worden gesproken. Zij kunnen bij uitstek de samenhang tussen vaardigheden in de uitoefening van de praktijk weergeven en zo zicht geven op de samenhang van de kenmerken van de beroepspraktijk. Een nadere uitwerking en wellicht ook uitbreiding opdat dekking van de beroepspraktijk ontstaat, acht de Raad nodig voor daadwerkelijk gebruik in een toekomstig beoordelingsstelsel. Als voorbeeld noemt de Raad hier een situatie die het handelen van de leraar als lid van de schoolorganisatie zichtbaar maakt. 4.2 Lerarenopleidingen Het oordeel van de Raad over de hanteerbaarheid van de startbekwaamheden voor de lerarenopleidingen is positief; hij meent dat deze met name een goed referentiekader bieden voor de eindtermen, maar ook voor een beoordelings- en professionaliseringsinstrumentarium (zoals bijvoorbeeld beroepsstandaarden) bieden zij goede uitgangspunten. De Raad wijst daarbij wel op het eerder gesignaleerde vraagstuk van de vakverbreding. Deze vakverbreding, die in het voorstel van het PmL uitbreiding naar een gedeelte van een ander vak of van meer andere vakken (dan het hoofdvak) omvat, vereist een zorgvuldige benadering. 14

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer. 21 januari 1998.

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer. 21 januari 1998. Nassaulaan 6 2514 JS Den Haag Telefoon (070) 363 79 55 De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer Fax (070) 356 14 74 E-mail secretariaat@onderwijsraad.nl

Nadere informatie

TOETSINGSKADER INNOVATIEPLANNEN LERARENOPLEIDINGEN HB0 1999-2004

TOETSINGSKADER INNOVATIEPLANNEN LERARENOPLEIDINGEN HB0 1999-2004 TOETSINGSKADER INNOVATIEPLANNEN LERARENOPLEIDINGEN HB0 1999-2004 De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert,

Nadere informatie

ONTWERP-UITVOERINGSBESLUIT INTERIMWET ZIJ-INSTROOM LERAREN PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS

ONTWERP-UITVOERINGSBESLUIT INTERIMWET ZIJ-INSTROOM LERAREN PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS ONTWERP-UITVOERINGSBESLUIT INTERIMWET ZIJ-INSTROOM LERAREN PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad).

Nadere informatie

EXAMENBESLUIT HAVO/VWO

EXAMENBESLUIT HAVO/VWO EXAMENBESLUIT HAVO/VWO De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen van

Nadere informatie

EXAMENPROGRAMMA S VMBO MAATSCHAPPIJLEER EN KUNSTVAKKEN I

EXAMENPROGRAMMA S VMBO MAATSCHAPPIJLEER EN KUNSTVAKKEN I EXAMENPROGRAMMA S VMBO MAATSCHAPPIJLEER EN KUNSTVAKKEN I De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd

Nadere informatie

Protocol PDG en educatieve minor

Protocol PDG en educatieve minor Protocol PDG en educatieve minor 28 april 2014 Inhoud Protocol voor beoordelingen door de NVAO van de kwaliteit van de afstudeerrichtingen algemeen vormend onderwijs en beroepsgericht onderwijs, het traject

Nadere informatie

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Nr. WJZ/2005/30013 (3764) (Hoofd) Afdeling DIRECTIE WETGEVING EN JURIDISCHE ZAKEN Nader rapport inzake het voorstel van wet houdende wijziging van de Wet

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 24 578 MAVO/VBO/VSO Nr. 26 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAPPEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Advies Agenda BVE, uitgebracht aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.

Advies Agenda BVE, uitgebracht aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. AGENDA BVE De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen van het beleid

Nadere informatie

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad ÜT? R>2 3 Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad Aan de minister van onderwijs en wetenschappen, de heer drs. W.J. Deetman, Postbus 25000, 2700 LZ Zoetermeer. Nassaulaan 6 2514 JS 's-gravenhage

Nadere informatie

4 Samenvatting en eindconclusies

4 Samenvatting en eindconclusies 4 Samenvatting en eindconclusies In dit advies reageert de Onderwijsraad, op verzoek van staatssecretaris Adelmund van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, op de hoofdlijnen van het advies van de commissie

Nadere informatie

Datum 15 juni 2011 Betreft Beleidsreactie advies Onderwijsraad 'Goed opgeleide leraren voor het (voorbereidend) middelbaar beroepsonderwijs'

Datum 15 juni 2011 Betreft Beleidsreactie advies Onderwijsraad 'Goed opgeleide leraren voor het (voorbereidend) middelbaar beroepsonderwijs' a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 30 079 VMBO Nr. 31 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon geen

logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon geen logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom Den Haag Ons kenmerk 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Onderwerp Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon Bijlage(n) geen Geachte heer Van

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1995 380 Besluit van 18 juli 1995, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit WHW in verband met aanvullende eisen met het oog op de inschrijving

Nadere informatie

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs 1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs Het Vlaams parlement legde de basiscompetenties die nagestreefd en gerealiseerd moeten worden tijdens de opleiding vast. Basiscompetenties zijn een

Nadere informatie

4 Samenvatting en Slotbeschouwing

4 Samenvatting en Slotbeschouwing 4 Samenvatting en Slotbeschouwing Samenvatting De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen heeft naar aanleiding van de evaluatie van de basisvorming de Onderwijsraad gevraagd te adviseren

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Vergaderjaar 1987-1988 19790 Sectorvorming en vernieuwing in het middelbare beroepsonderwijs Nr. 24 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN Aan de

Nadere informatie

Uw brief van Ons kenmerk Contactpersoon Zoetermeer HBO/AS/2002/4056

Uw brief van Ons kenmerk Contactpersoon Zoetermeer HBO/AS/2002/4056 OC enw De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen Europaweg 4 Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer Telefoon (079)

Nadere informatie

EINDEXAMENBESLUIT MAVO/VBO

EINDEXAMENBESLUIT MAVO/VBO EINDEXAMENBESLUIT MAVO/VBO De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen

Nadere informatie

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN M.11i.0419 De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN versie 02 M.11i.0419 Naam notitie/procedure/afspraak Visie op professionaliseren Eigenaar/portefeuillehouder Theo Bekker

Nadere informatie

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 / De kern en inhoud als uitgangspunt... 4 1.1 de kern... 4 1.2 de inhoud... 5 Hoofdstuk 2

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 28 600 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (VIII) voor het jaar 2003 Nr. 127 BRIEF

Nadere informatie

VO/BOB 1998/ juli 1998

VO/BOB 1998/ juli 1998 Nassaulaan 6 2514 JS Den Haag Telefoon (070) 363 79 55 Aan de staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen, mw. drs. K.Y.I.J. Adelmund, Postbus 25000, 2700 LZ Zoetermeer. Fax (070) 356 14 74

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LD Type 1 Salarisschaal 12 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

Regeling aanvullende vergoeding opleidingen tot leraar basisonderwijs 1998

Regeling aanvullende vergoeding opleidingen tot leraar basisonderwijs 1998 Regeling aanvullende OCenW-Regelingen Bestemd voor: c instellingen hoger beroepsonderwijs met de studierichting lerarenopleiding basisonderwijs. Algemeen verbindend voorschrift Datum: 20 december 1997

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LC Type 1 Salarisschaal 11 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

R e g i s t r a t i e k a m e r. Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen uit de Tweede Kamer der Staten-Generaal

R e g i s t r a t i e k a m e r. Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen uit de Tweede Kamer der Staten-Generaal R e g i s t r a t i e k a m e r Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen uit de Tweede Kamer der Staten-Generaal..'s-Gravenhage, 2 november 1998.. Onderwerp Wetsvoorstel onderwijsnummer

Nadere informatie

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD ILS Nijmegen Mei 2009 Voorwoord: Dit voorstel voor een competentieprofiel van de spd is ontworpen op verzoek van de directies van ILS- HAN en ILS-RU door de productgroep

Nadere informatie

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,

Nadere informatie

1.Inleiding. 2.Profielen per 1 augustus 2007

1.Inleiding. 2.Profielen per 1 augustus 2007 logoocw De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk VO/OK/2003/53723 Uw kenmerk Onderwerp tweede fase havo/vwo 1.Inleiding In het algemeen

Nadere informatie

kwalificaties vertonen geen onderlinge samenhang; en het opleidingsstelsel voldoet niet.

kwalificaties vertonen geen onderlinge samenhang; en het opleidingsstelsel voldoet niet. Samenvatting De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen heeft de Onderwijsraad in april 2003 gevraagd, advies uit te brengen over de kwalificatiestructuur en het opleidingsstelsel dat daarbij

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

OR /822. WJZ/2004/54551(3753) d.d. 23 november 2004

OR /822. WJZ/2004/54551(3753) d.d. 23 november 2004 WJZ/2004/54551(3753) d.d. 23 november 2004 Aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Mevrouw M.J.A. van der Hoeven Postbus 16375 2500 BJ DEN HAAG Den Haag, 7 januari 2005 Briefadvies AMvB Bekwaamheidseisen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 32 892 Wijziging van onder meer de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met samenwerking tussen onbekostigd

Nadere informatie

examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo

examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo en mma s examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo 0. Inhoud 1. Preambule 2 2. Examenprogramma per vak. 4 2.0 Leeswijzer. 4 2.1 Techniek-breed *) 2.2 ICT-route *)

Nadere informatie

2004/2005 : 9.643 2005/2006 : 43.599 2006/2007 : 103.603 ( is ongeveer 25 % van het totaal).

2004/2005 : 9.643 2005/2006 : 43.599 2006/2007 : 103.603 ( is ongeveer 25 % van het totaal). Over Dynamiek en Kwaliteit Advies van de Stuurgroep Competentiegericht Beroepsonderwijs aan de Staatssecretaris van Onderwijs. Cultuur en Wetenschap inzake de verlenging van de experimenteerperiode van

Nadere informatie

Taakstelling Commissie Vervolgonderzoek Rekenschap

Taakstelling Commissie Vervolgonderzoek Rekenschap Taakstelling Commissie Vervolgonderzoek Rekenschap 1. Inleiding In 2002 is het zogenaamde zelfreinigend onderzoek uitgevoerd naar onregelmatigheden in de bekostiging in de onderwijssectoren die vallen

Nadere informatie

Achtergrond onderzoeksvraag 1

Achtergrond onderzoeksvraag 1 Achtergrond onderzoeksvraag 1 1. Kerncurriculum en keuzedelen voor school en leerling Wij pleiten voor een vaste basis van kennis en vaardigheden die zich beperkt tot datgene wat alle leerlingen ten minste

Nadere informatie

PILOTONDERZOEK SOCIALE KWALITEIT. Alphons Laudyschool

PILOTONDERZOEK SOCIALE KWALITEIT. Alphons Laudyschool PILOTONDERZOEK SOCIALE KWALITEIT Alphons Laudyschool Plaats : Amsterdam BRIN nummer : 14UA OKE 02 VSO Onderzoeksnummer : 254088 Datum onderzoek : 16-17 december 2013 Datum vaststelling : 20 februari 2014

Nadere informatie

Omgaan met Bumpy Moments in de context van Technisch Beroepsonderwijs

Omgaan met Bumpy Moments in de context van Technisch Beroepsonderwijs VELON/VELOV CONFERENTIE Brussel, 4-5 februari 2016 Omgaan met Bumpy Moments in de context van Technisch Beroepsonderwijs Fontys Hogescholen, Eindhoven Dr. E. Klatter, Dr. K. Vloet, Dr. S. Janssen & MEd

Nadere informatie

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT DE SBL competenties COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

30 januari 2001 Nr. 2001-1.644, IWW Nummer 4/2001

30 januari 2001 Nr. 2001-1.644, IWW Nummer 4/2001 Commissie Welzijn, Zorg en Cultuur 30 januari 2001 Nr. 2001-1.644, IWW Nummer 4/2001 Voordracht van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten van Groningen inzake het integraal advies herschikking VMBO

Nadere informatie

Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels

Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels De wet op het voortgezet onderwijs (WVO) kent een aantal bepalingen waarbij limitatief is vastgelegd wanneer het onderwijs - gedurende een beperkte tijd en onder

Nadere informatie

WAT MOET EN WAT MAG IN DE ONDERBOUW? versie. Sinds 1 augustus 2006. Onderbouw-VO. d e f i n i t i e v e LEERSTOFAANBOD ONDERWIJSTIJD

WAT MOET EN WAT MAG IN DE ONDERBOUW? versie. Sinds 1 augustus 2006. Onderbouw-VO. d e f i n i t i e v e LEERSTOFAANBOD ONDERWIJSTIJD WAT MOET EN WAT MAG geactualiseerdee n versie d e f i n i t i e v e IN DE ONDERBOUW? Onderbouw-VO Noordzeelaan 24A 8017 JW Zwolle T 038 42 54 750 F 038 42 54 760 Postbus 266 8000 AG Zwolle E info@onderbouw-vo.nl

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 9161 26 mei 2011 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 27 april 2011, nr. VO/289008, houdende

Nadere informatie

Samen aan de IJssel Inleiding

Samen aan de IJssel Inleiding Samen aan de IJssel Samenwerking tussen de gemeenten Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel, kaders voor een intentieverklaring en voor een onderzoek. Inleiding De Nederlandse gemeenten bevinden

Nadere informatie

1 Interpersoonlijk competent

1 Interpersoonlijk competent 1 Interpersoonlijk competent De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leefen werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van de leraar primair onderwijs en

Nadere informatie

Competentievenster 2015

Competentievenster 2015 Windesheim zet kennis in werking Competentievenster 2015 TWEEDEGRAADS LERARENOPLEIDING WINDESHEIM Inleiding 3 Het competentievenster van de tweedegraads lerarenopleidingen van Hogeschool Windesheim vormt

Nadere informatie

Leraar basisonderwijs LB

Leraar basisonderwijs LB Leraar basisonderwijs LB Functiewaardering: 43343 43333 43 33 Salarisschaal: LB Werkterrein: Onderwijsproces -> Leraren Activiteiten: Beleids- en bedrijfsvoeringsondersteunende werkzaamheden, overdragen

Nadere informatie

Onderwijsraad. Aan de minister van onderwijs. 2700 LZ Zoetermeer. Tel. 070-6379 55. vy/eb d.d. 2k november 1988

Onderwijsraad. Aan de minister van onderwijs. 2700 LZ Zoetermeer. Tel. 070-6379 55. vy/eb d.d. 2k november 1988 Onderwijsraad Aan de minister van onderwijs en vetenschappen, Nassaulaanß Postbus 25000, 2514 JS 's-gravenhage 2700 LZ Zoetermeer. Tel. 070-6379 55 Ons kenmerk Uw kenmerk, _ 's-gravenhage,2 H JAN, laöa

Nadere informatie

GEZAMENLIJKE AFSPRAKEN LEER-WERKTRAJECTEN VMBO DEN HAAG, 20 DECEMBER Gezamenlijke afspraken leer-werktrajecten vmbo

GEZAMENLIJKE AFSPRAKEN LEER-WERKTRAJECTEN VMBO DEN HAAG, 20 DECEMBER Gezamenlijke afspraken leer-werktrajecten vmbo GEZAMENLIJKE AFSPRAKEN LEER-WERKTRAJECTEN VMBO DEN HAAG, 20 DECEMBER 2001 Gezamenlijke afspraken leer-werktrajecten vmbo 1 De onderstaande partijen: 1. Enerzijds de Staat der Nederlanden, te dezen vertegenwoordigd

Nadere informatie

Wiskunde en informatica: innovatie en consolidatie Over vragen in het wiskunde- en informaticaonderwijs

Wiskunde en informatica: innovatie en consolidatie Over vragen in het wiskunde- en informaticaonderwijs Tijdschrift voor Didactiek der β-wetenschappen 22 (2005) nr. 1 & 2 53 Oratie, uitgesproken op 11 maart 2005, bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Professionalisering in het bijzonder in het onderwijs

Nadere informatie

Nota Profiel van de tweede fase voortgezet onderwijs

Nota Profiel van de tweede fase voortgezet onderwijs Nota Profiel van de tweede fase voortgezet onderwijs Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen Zoetermeer, 1991 Samenvatting. In de hier gepresenteerde nota over de tweede fase v.o. worden de hoofdlijnen

Nadere informatie

Datum Uitnodiging subsidieaanvraag Regeling versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen

Datum Uitnodiging subsidieaanvraag Regeling versterking samenwerking lerarenopleidingen en scholen a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan: penvoerders opleidingsscholen en contactpersonen lerarenopleidingen Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Onze

Nadere informatie

Op weg naar de (academische) opleidingsschool

Op weg naar de (academische) opleidingsschool Discussienota Nationalgeographic.nl Adviescommissie ADEF OidS Mei 2014 1 Inhoudsopgave Inleiding 1. Uitgangspunten Samen Opleiden 2. Ambities van (academische) opleidingsscholen 3. Concept Samen Opleiden

Nadere informatie

HERVORMING LERARENOP LEIDINGEN - BASISUITGANGSPUNTE N -

HERVORMING LERARENOP LEIDINGEN - BASISUITGANGSPUNTE N - HERVORMING LERARENOP LEIDINGEN - BASISUITGANGSPUNTE N - Werkdocument 02.10.2002 1. Woord vooraf...2 2. Basiscompetenties...2 3. Karakterisering van de opleiding...2 4. Stage...3 5. Soorten opleidingen...3

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 11101 6 juni 2012 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 28 april 2012, nr. VO/389632, houdende

Nadere informatie

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4 ALGEMENE INFORMATIE MODULE Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen Situering binnen het programma Periode binnen het tweejarige modeltraject Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester

Nadere informatie

FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA. ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Masterschool Life and Earth Sciences studiejaar 2008-2009

FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA. ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Masterschool Life and Earth Sciences studiejaar 2008-2009 UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Masterschool Life and Earth Sciences studiejaar 2008-2009 DE MASTEROPLEIDING BIOMEDICAL

Nadere informatie

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut Opleidingsmanager Doel Ontwikkelen van programma( s) van wetenschappenlijk onderwijs en (laten) uitvoeren en organiseren van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen de faculteit, uitgaande van een faculteitsplan

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Pleincollege Sint Joris PRO PRO Plaats : Eindhoven BRIN nummer : 20AT C6 BRIN nummer : 20AT 05 PRO Onderzoeksnummer : 273588 Datum onderzoek : 16 april 2014

Nadere informatie

14 april 2008 PO/B&B/2008/9198

14 april 2008 PO/B&B/2008/9198 Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk 14 april 2008 PO/B&B/2008/9198 Onderwerp verlichting leergang bewegingsonderwijs Inleiding

Nadere informatie

Regeling Kwaliteit Voortgezet Onderwijs

Regeling Kwaliteit Voortgezet Onderwijs Algemeen Verbindend Voorschrift Betreft de onderwijssector(en) Informatie CFI/ICO Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Bestemd voor het bevoegd gezag van scholen en scholengemeenschappen in het voortgezet

Nadere informatie

Competentieprofiel Afstudeerscriptiebegeleider Praktijkopleiding RA

Competentieprofiel Afstudeerscriptiebegeleider Praktijkopleiding RA Competentieprofiel Praktijkopleiding RA rapport Competentieprofiel. pagina 2 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 5 Leeswijzer... 5 2. Competentieprofiel... 6 Colofon... 6 Beroepsbeschrijving... 6 Beschrijving

Nadere informatie

Aan de minister en staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Aan de minister en staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Aan de minister en staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Datum: 4 juni 2014 Onderwerp: Landelijke en regionale samenwerking lerarenopleidingen en scholen Ons kenmerk: VSNU 14/196 U Contact:

Nadere informatie

/631. Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen T.a.v. mevrouw M.J.A. van der Hoeven Postbus LZ ZOETERMEER

/631. Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen T.a.v. mevrouw M.J.A. van der Hoeven Postbus LZ ZOETERMEER Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen T.a.v. mevrouw M.J.A. van der Hoeven Postbus 25000 2700 LZ ZOETERMEER Den Haag, 27 maart 2003 Briefadvies Profielen Natuur Mevrouw de minister, De raad

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 160 Wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met het regelen van keuzedelen waarop beroepsopleidingen mede worden

Nadere informatie

Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444

Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Voorlichtingspublicatie Betreft de onderwijssector(en) Informatie CFI/ICO Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Wet van 9 december 2005, houdende opneming in de Wet op het

Nadere informatie

1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn Eamenprogramma lichamelijke opvoeding 2 Informatiewijzer 1. Preambule 2. Leeswijzer 3. Lichamelijke opvoeding 2 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag.. Voortgezet Onderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek Studiejaar 2013-2014 Algemeen 1. Deze bijlage bij het algemene gedeelte van de Onderwijs- en examenregeling van Codarts is van toepassing

Nadere informatie

Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006

Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006 Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006 Inleiding Met ingang van 1 januari 2006 stelt de inspectie het waarderingskader en de werkwijze in het toezicht in het voortgezet onderwijs

Nadere informatie

De besturen van de faculteiten Technische Natuurkunde, Scheikundige Technologie en Wiskunde en Informatica:

De besturen van de faculteiten Technische Natuurkunde, Scheikundige Technologie en Wiskunde en Informatica: GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING ex art. 9.15 lid I WHW ten behoeve van de universitaire lerarenopleidingen TUE De besturen van de faculteiten Technische Natuurkunde, Scheikundige Technologie en Wiskunde en

Nadere informatie

Gelet op artikel 9, vijfde lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 11b, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;

Gelet op artikel 9, vijfde lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 11b, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; Besluit van houdende wijziging van het Besluit vernieuwde kerndoelen WPO en het Besluit kerndoelen onderbouw VO in verband met de canon van Nederland Op de voordracht van de Staatssecretarissen van Onderwijs,

Nadere informatie

1/8. Voor leerkrachten zijn 7 bekwaamheden geformuleerd:

1/8. Voor leerkrachten zijn 7 bekwaamheden geformuleerd: 1/8 informatie Wet BIO In de Wet BIO staat de kwaliteit van het onderwijspersoneel centraal, want daarmee staat of valt de kwaliteit van het onderwijs. Het doel van de Wet BIO is: een minimumniveau van

Nadere informatie

Examenprogramma beeldende vorming

Examenprogramma beeldende vorming Examenprogramma beeldende vorming Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 beeldende vorming 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1

Nadere informatie

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Gezondheid, Sport en Welzijn Masteropleiding Medical Imaging/ Radiation Oncology Verschillende studies laten zien dat de druk op de gezondheidszorg

Nadere informatie

Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven.

Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven. Procedure en criteria voor het beoordelen van studenten in de beroepspraktijk Hieronder wordt de procedure voor de beoordeling van de bekwaamheid van de student in de beroepspraktijk kort weergegeven.

Nadere informatie

INRICHTINGSBESLUIT MAVO/VBO

INRICHTINGSBESLUIT MAVO/VBO INRICHTINGSBESLUIT MAVO/VBO De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen

Nadere informatie

Ik schrijf deze brief mede namens de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de staatssecretaris van Economische Zaken.

Ik schrijf deze brief mede namens de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de staatssecretaris van Economische Zaken. a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Meerwaarde voor onderwijs. De Pijlers en de Plus van FLOT

Meerwaarde voor onderwijs. De Pijlers en de Plus van FLOT Meerwaarde voor onderwijs De Pijlers en de Plus van FLOT De vijf Pijlers: Cruciale factoren voor goed leraarschap Wat maakt een leraar tot een goede leraar? Het antwoord op deze vraag is niet objectief

Nadere informatie

Ring 1 met de Inspectie van het onderwijs

Ring 1 met de Inspectie van het onderwijs Vertegenwoordigers ring 1 Datum Auteur verslag Mevrouw M. Das Ring 1 met de Inspectie van het onderwijs Omschrijving Vergaderdatum en -tijd Vergaderplaats Bestuurlijk overleg tussen de Inspectie en vertegenwoordigers

Nadere informatie

Nassaulaan 6 en wetenschappen, Tel. 070-63 79 55 mevrouw drs. N.J. Ginjaar-Maas, Europaweg 4, 2727 SK Zoetermeer.

Nassaulaan 6 en wetenschappen, Tel. 070-63 79 55 mevrouw drs. N.J. Ginjaar-Maas, Europaweg 4, 2727 SK Zoetermeer. Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad IT. t *3i Aan de staatssecretaris van onderwijs Nassaulaan 6 2514JS 's-gravenhage en wetenschappen, Tel. 070-63 79 55 mevrouw drs. N.J. Ginjaar-Maas,

Nadere informatie

Ontwikkelingen in afstudeerrichtingen lerarenopleidingen HAN ILS. 13 april 2016

Ontwikkelingen in afstudeerrichtingen lerarenopleidingen HAN ILS. 13 april 2016 Ontwikkelingen in afstudeerrichtingen lerarenopleidingen HAN ILS 13 april 2016 Het komende uurtje... 14.15-14.35 uur Implementatie afstudeerrichtingen HAN ILS 14.35 14.45 uur Uitwisseling 14.45-15.05 uur

Nadere informatie

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 4 november 2011 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordelingskader 4 3 Procedure 6 pagina 2 1 Inleiding Instellingsbesturen kunnen voor opleidingen met kleinschalig,

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Voortgezet Onderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Nadere informatie

Profiel lid Raad van Toezicht

Profiel lid Raad van Toezicht Profiel lid Raad van Toezicht De huidige Raad van Toezicht (RvT) bestaat uit zes leden. De RvT streeft naar een maatschappelijk heterogene samenstelling van leden die herkenbaar en geloofwaardig zijn in

Nadere informatie

Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104

Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104 Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104 Doel Voorbereiden en uitvoeren van ontwikkelde onderwijsonderdelen en participeren in uitvoering van onderwijsevaluaties en ontwikkeling en/of onder begeleiding

Nadere informatie

REGISTERLERAAR.NL. Reglement van Registratie en Herregistratie 2015. Ingangsdatum: 25 augustus 2015 versie 3.0

REGISTERLERAAR.NL. Reglement van Registratie en Herregistratie 2015. Ingangsdatum: 25 augustus 2015 versie 3.0 REGISTERLERAAR.NL Reglement van Registratie en Herregistratie 2015 Ingangsdatum: 25 augustus 2015 versie 3.0 Dit reglement regelt de registratie en herregistratie als leraar ten behoeve van het lerarenregister.

Nadere informatie

Beleidsmedewerker Onderwijs

Beleidsmedewerker Onderwijs Horizon College Beleidsmedewerker Onderwijs Sector BMO Alkmaar C70) Afdeling Communicatie en Onderwijs (C&O) Contract: Vervanging wegens zwangerschapsverlof Periode: 1 mei 2015 tot 1 oktober 2015 Omvang:

Nadere informatie

Competenties Schoolleider. Voor ieder kind het beste bereiken met passie, plezier en professionaliteit

Competenties Schoolleider. Voor ieder kind het beste bereiken met passie, plezier en professionaliteit Competenties Schoolleider Voor ieder kind het beste bereiken met passie, plezier en professionaliteit SOPOH Competenties schoolleiding 1 Inleiding: Voor het benoemen van de competenties voor de functionerings-/

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1987-1988 20418 Wijziging van de Wet op het hoger beroepsonderwijs (Stb. 1986, 289) betreffende een aantal bepalingen ten aanzien van nascholing Nr. 3 MEMORIE

Nadere informatie

Datum Betreft Adviesaanvraag flexibilisering van toetsing en examinering in primair en voortgezet onderwijs.

Datum Betreft Adviesaanvraag flexibilisering van toetsing en examinering in primair en voortgezet onderwijs. >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de voorzitter van de Onderwijsraad Voortgezet Onderwijs IPC 2650 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Datum Betreft

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING

BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING Toelichting bij het gebruik van het beoordelingskader: Het beoordelingskader is een werkdocument voor opleidingscommissies om zo op

Nadere informatie

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen docenten LD vmbo en havo/vwo. (tekst: Wet op de beroepen in het onderwijs en Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel / 2006). 1. Zeven

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag.. Middelbaar Beroeps Onderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500

Nadere informatie

Student Company op het hbo. Stappenplan

Student Company op het hbo. Stappenplan Student Company op het hbo Tijdens Student Company ontwikkelen de studenten een bedrijfsconcept en rollen dit uit gedurende een collegajaar lang. Ze verdelen functies, bepalen hun doelgroep, brainstormen

Nadere informatie

BIJLAGE 1: UITKOMST ONDERZOEK LIBERTAD TE BREDA

BIJLAGE 1: UITKOMST ONDERZOEK LIBERTAD TE BREDA BIJLAGE 1: UITKOMST ONDERZOEK LIBERTAD TE BREDA INHOUD 1 Uitkomst onderzoek Libertad te Breda 5 2 en oordelen per onderliggende onderzoeksvraag 6 3 Samenvattend oordeel 13 Bijlage 1A: Overzicht resultaten

Nadere informatie