Het schoolplan is gebaseerd op een groot aantal bestaande documenten waarin op onderdelen beleid staat geformuleerd.

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Het schoolplan is gebaseerd op een groot aantal bestaande documenten waarin op onderdelen beleid staat geformuleerd."

Transcriptie

1 Schoolplan Willem de Zwijger College Inleiding Dit schoolplan van het Willem de Zwijger College brengt de actuele situatie van de school in kaart en geeft aan welke ontwikkelingen op korte en middellange termijn (4 jaar) wenselijk zijn. In het plan formuleren we doelstellingen en geven we prioriteiten aan. Het plan dient derhalve als ontwikkelings- en planningsdocument en geeft een beeld van het integraal beleid dat we voeren. Het zal de dialoog binnen de school over de belangrijkste onderdelen van dat integrale beleid, t.w. onderwijskundig beleid, personeelsbeleid, financieel beleid en beleid m.b.t. de kwaliteit van het onderwijs levend houden. Het schoolplan is gebaseerd op een groot aantal bestaande documenten waarin op onderdelen beleid staat geformuleerd. Via het schoolplan zullen we het integrale beleid expliciteren en leggen we er verantwoording over af aan de inspectie. Via de schoolgids informeren we de ouders en leerlingen over m.n. de in-, door- en uitstroomgegevens van de school. Uiteraard is ook het schoolplan door ouders en leerlingen in te zien. We plaatsen het op de website. We vertalen het schoolplan in jaarplannen die we in het kader van onze kwaliteitszorg jaarlijks evalueren volgens de bij het beleidsdocument kwaliteitszorg behorende matrix. Van die evaluaties schrijft de directie elk jaar een verslag dat we ter informatie aan alle geledingen binnen de school verstrekken. Het zijn deze verslagen die de basis vormen voor gewenste aanpassingen van de jaarplannen, in de tijd waarvoor het schoolplan geldt, en het nieuwe schoolplan. We kiezen ervoor de opbouw van dit schoolplan te laten aansluiten bij die van de vorige schoolplannen die de jaren , en besloegen. In hoofdstuk 2 blikken we eerst terug naar het vorige schoolplan en in dat hoofdstuk geven we aan in hoeverre we erin zijn geslaagd de door ons gestelde doelen te realiseren. Wat de onderwijskundige doelen betreft, heeft de onderwijscommissie deze evaluatie verricht en de schoolleiding geadviseerd over de onderwijskundige paragraaf in het nieuwe schoolplan. Dit schoolplan is vastgesteld in een schoolleidersvergadering in januari 2011 en betreft de periode De MR heeft ermee ingestemd. 1 De school Willem de Zwijger College - Schoolgemeenschap van Gymnasium, Atheneum en HAVO, opgericht 24 april 1920, staat onder bestuur van de Stichting Interconfessioneel (rk/pc) Voortgezet Onderwijs in het Gooi. Nieuwe 's-gravelandseweg HM Bussum Postbus AG Bussum Telefoon: (035) Fax: (035) Website: adres: Samenstelling en taakverdeling directie (per ): R.A. Brik mw. drs. L.H. Brouwer J.W. Boeschoten rector - algemene zaken en onderwijs conrector/plaatsvervangend rector - personeel en financiën conrector - organisatie en beheer Afdelingsleiders: F.C. van de Riet drs. A.A. van der Kooij mevr. Drs. S.G.W. Ettema drs. P.N. Wind mw. drs. M.A.C. Hendrikx-Welten le leerjaar 2 vwo en 3 vwo 2 havo en 3 havo 4 en 5 havo en 4 vwo 5 en 6 vwo 1

2 Schoolgrootte: Aantal leerlingen per : 1153 Aantal personeelsleden per : Het schoolplan een terugblik In hoofdstuk 10 van het vorige schoolplan staat een samenvatting van de belangrijkste doelen die we voor die periode hebben geformuleerd. Hierbij herhalen we deze alvorens we per doel aangeven of dat is gerealiseerd - in cursief. - In de komende jaren moeten de talentklassen verder ontwikkeld worden tot een volwaardig en vanzelfsprekend onderdeel van het totale onderwijsaanbod op het Willem. - Dit is gerealiseerd. Uit de ouderenquêtes die we jaarlijks in het kader van onze kwaliteitszorg afnemen, blijkt dat het bestaan van de talentklassen het belangrijkste keuzemotief voor de school is. - We willen toegroeien naar een leerlingenaantal van Dit hebben we ruimschoots gehaald. We lijken de magere jaren definitief achter ons te hebben gelaten. Inmiddels hebben we 1151 leerlingen en verwachten we door te groeien naar 1200 leerlingen. Het is belangrijk te constateren dat we niet alleen in absolute aantallen zijn gegroeid, maar ook ons marktaandeel is toegenomen (in Bussum 29% in 2006; 35% in 2010). - We zullen het versterkt talenonderwijs in de komende jaren zodanig moeten ontwikkelen dat dit een wezenlijk en onderscheidend onderdeel wordt van de school waarmee we ons blijvend kunnen profileren t.o.v. andere scholen. - Dit is gebeurd. M.n. met het aanbod van Anglia in de onderbouw van HAVO en VWO en Cambridge Engels als keuzevak in de Tweede Fase van het VWO profileren we ons duidelijk t.o.v. de andere Bussumse HAVO/VWO-scholen. Het aanbod van Spaans in de bovenbouw van HAVO en VWO draagt bij aan het versterkt talenonderwijs dat we geven. - In de komende jaren willen we z-uren voor de onderbouw invoeren. Voor die uren geven docenten specifieke opdrachten waaraan de leerlingen in hun eigen tempo werken, mits de opdracht binnen de daarvoor gestelde tijdslimiet is afgerond. De z-uren zijn verplicht voor alle leerlingen en zullen worden gegeven in de nieuwe stille werkruimte op de tweede verdieping of in het OLC. Toezicht tijdens de z-uren wordt verricht door een leraarsassistent. - Dit is op een andere manier ingevuld dan ons vier jaar geleden voor ogen stond. We hebben ervoor gekozen de onderwijstijd in te vullen met vaklessen en we hebben studie-uren gecreëerd voor de momenten waarop een onderbouwles komt te vervallen. Daarvoor hebben we inmiddels twee docentassistenten aangetrokken die elk een eigen lokaal hebben met voldoende ICT-mogelijkheden. - Het vakoverstijgend projectonderwijs zetten we definitief op de kaart. We bouwen de bestaande projecten, voor zover wenselijk is, verder uit en zorgen voor een structuur waarbinnen alle docenten van alle vakken aan de projecten een bijdrage leveren. - Dit is ambiteuzer geformuleerd dan we hebben kunnen/willen waarmaken. Voor vrijwel alle leerjaren staat een vakoverstijgend onderwijskundig project op het programma dat we als zeer waardevol ervaren. Dat de docenten van alle vakken daarbij betrokken zijn, is echter niet waar en vinden we momenteel ook niet zo noodzakelijk. Het moet een onderwijsinhoudelijke afweging zijn als het gaat om het besluit welke vakken een rol spelen in een onderwijskundig project. - We stellen ouder- en leerlingresonansgroepen in. Dit is voor een deel gebeurd. Sinds enkele jaren hebben we ouderresonansgroepen waarmee we één keer per jaar vergaderen. Dit zijn uiterst waardevolle momenten. Leerlingresonasgroepen zijn er nog niet op structurele basis. De afdelingsleiders nemen het initiatief dit in de komende jaren vorm te geven. - Docenten zullen zich blijven scholen op vakmatig en onderwijskundig terrein. Dit is gebeurd, maar vanuit de filosofie van een leven lang leren, zal dit punt hoog op de agenda blijven staan. - Alle personeelsleden zullen een bekwaamheidsdossier moeten opstellen. Een POP en 360 -feedback zijn daar een onmisbaar onderdeel van. Het bekwaamheidsdossier is ingevoerd en inmiddels een belangrijk instrument bij alle functionerings- en beoordelingsgesprekken. De 360 -feedback is nog geen vanzelfsprekendheid. In de volgende planperiode zullen we bewerkstelligen dat iedere docent als onderdeel van het functioneringsgesprek collegiale consultatie toepast. Desgewenst zullen we daartoe instrumenten ontwikkelen. - In het verlengde van het vorige zullen LD-docenten een duidelijke en belangrijke rol spelen in de feedback die collega-docenten verdienen in het kader van het door hen op te stellen POP. Dit is inmiddels achterhaald door het plan Leerkracht dat erin voorziet dat het aantal LD- en LC-docenten veel groter is/wordt dan vier jaar 2

3 geleden, terwijl de functie-eisen uit FUWA-VO minder exclusief van invloed zijn op de promoties naar hogere functieschalen. De arbeidsmarkt en de bevoegdheden binnen een sectie zijn daarvoor minstens zo belangrijke gegevens. Dat neemt overigens niet weg dat onderlinge feedback van docenten heel belangrijk is, maar het beperkt zich niet tot de LD-docenten die daar de initiatieven voor moeten nemen. - Onderling lesbezoek zal de komende jaren voor grotere groepen docenten vanzelfsprekend worden. Waar dit nu nog geldt voor startende docenten en 2 e, 3 e en 4 e jaars-docenten, zal dit in de toekomst voor alle docenten moeten gelden. Ook dit is nog niet structureel ingevoerd. Incidenteel gebeurt het wel. - We ontwikkelen een arbeidsmarktknelpuntenbeleid waardoor we docenten voor de school kunnen werven en/of aan de school kunnen binden. Dit heeft de afgelopen jaren een hoge prioriteit gekregen en zal ook in de komende jaren hoog op de agenda staan. - De onderwijscommissie zal initiatieven ontwikkelen waardoor docenten meer dan nu gebruikelijk is in hun lessen rekening houden met verschillen in motivatie, aanleg en tempo van de leerlingen. We moeten nog meer dan nu onderwijs op maat bieden. Dat is ten dele gebeurd. Het besluit om van een 45-minutenrooster over te stappen op een 60-minutenrooster is mede ingegeven door de ruimere mogelijkheden die lessen van 60 minuten bieden aan docenten om gevarieerde lesvormen toe te passen en onderwijs op maat te ontwikkelen. Desondanks zijn we van mening dat er nog meer differentiatie binnen klassenverband kan worden gerealiseerd. - Er komt een schoolbreed vaardighedenplan. Dit is in goede bedoelingen gestrand. Er is wel een vakoverstijgend leesvaardighedenplan ontwikkeld voor de onderbouw en er is/wordt in de docentenkring o.l.v. de onderwijscommissie voortdurend aandacht geschonken aan het aanleren van vaardigheden en het bijbrengen van kennis, maar een schoolbreed vaardighedenplan is wat naar de achtergrond verdrongen. Er is een duidelijke kentering waarneembaar waarbij de kennisoverdracht in belang wint t.o.v. het vaardighedenonderwijs. - Alle docenten ruimen in hun arsenaal aan didactische werkvormen plaats in voor ICT-rijke lessen. We verwachten dat elke sectie in zijn jaarprogramma aangeeft hoe ze gebruik wil maken van ICT. Dit is gebeurd. ICT-toepassingen zijn niet meer weg te denken uit het huidige onderwijs. - We handhaven in onze organisatie de centrale toetsmomenten voor de bovenbouwklassen in de toetsweken en voor de onderbouwklassen moeten centrale toetsmomenten worden ingeruimd in het reguliere lesrooster. We streven daarbij naar variatie in toetsvormen zonder dat dit tot (veel) lesuitval leidt. - Inmiddels hebben we een jaaragenda met drie toetsweken voor de onderbouw en de examenklassen en vier toetsweken voor de bovenbouw. - De cijfers voor SE en CE zullen voor alle vakken tenminste op het landelijk gemiddelde moeten liggen. Voor alle vakken geldt dat het aantal onvoldoendes op het eindrapport in niet-examenjaren hoogstens 30% van het totaal mag zijn. De examenresultaten van de laatste twee jaar zijn zorgwekkend. M.n. op de HAVO scoorden onze leerlingen in die jaren onder het landelijk gemiddelde. Dat heeft ertoe geleid dat er inmiddels een verbeterplan is ontworpen dat ertoe moet leiden dat de cijfers weer op het door ons gewenste niveau komen. Voor verreweg de meeste vakken geldt overigens wel dat er in de klassen niet meer dan 30% onvoldoendes op het laatste rapport voorkomen. In H4 zijn er vakken die dit percentage overschrijden. - Tenminste 40% van de VWO-leerlingen en 30% van de HAVO-leerlingen zal een exact profiel moeten kiezen. Dit is de realiteit op het VWO. De laatste jaren is het meer dan 40% van de leerlingen dat een exact profiel kiest. Op de HAVO blijft het meestal iets onder de 30%. - Tenminste 33% van het aantal op het gymnasium gestarte leerlingen zal een gymnasiumdiploma moeten halen. In de praktijk blijkt het de laatste jaren iets minder te zijn. Meestal schommelt het tussen de 25 en 30%. - In de gesprekken tussen de directies van Vitus en Willem zullen sluitende afspraken moeten worden gemaakt over het risicobeleid t.a.v. de leerlingenaantallen van een school. Beide scholen liggen zo goed in de markt dat ze nu eerder te veel dan te weinig leerlingen hebben, waardoor het maken van harde afspraken op dit terrein minder urgent is dan vier jaar geleden. 3

4 - We streven naar een leeftijdsevenwichtiger personeelsbestand. Voor zover mogelijk benoemen we bij voorkeur jonge docenten. Dat is zeker gebeurd. De laatste vier jaar is ons personeelsbestand verjongd. De gemiddelde leeftijd is gezakt van ongeveer 45 naar ongeveer 42 jaar. In dit schoolplan vertalen we een aantal van de hier genoemde punten, waar dat wenselijk is, in beleidsvoornemens voor de komende periode. Overigens dient hier de kanttekening te worden geplaatst dat het binnen het onderwijs lastig is om een periode van vier jaar te beschrijven. Het schoolplan dient als een soort minimum te worden opgevat. In de afgelopen vier jaar is er nl. veel meer beleid geformuleerd en zijn er veel meer (belangrijke) besluiten genomen dan in het schoolplan waren beschreven. Te denken valt b.v. aan de invoering van een 60-minutenroosterver, het vak filosofie in de bovenbouw van het VWO en het vak Anglia in de onderbouw van de HAVO. Daarnaast worden we in de planperiode van het schoolplan met overheidsbeleid geconfronteerd dat op het moment van het schrijven van het schoolplan nog niet bekend was. Voor het afgelopen schoolplan betreft dit b.v. het plan Leerkracht, de kwaliteitsagenda VO en de invoering van de maatschappelijke stage. De noodzaak om van het schoolplan afgeleide jaarplannen te maken en een goed opgezet kwaliteitsbeleid vorm te geven op grond waarvan bijsturing van het schoolplan en nieuwe initiatieven mogelijk zijn, wordt hiermee bevestigd. 3 De opdracht van de school De missie van het Willem de Zwijger College staat verwoord in het missiedocument waarin we de onderwijsvisie van de school beschrijven. Een samenvatting daarvan staat ook op de website. 3.1 Inleiding missiedocument De visie op het onderwijs bevat de bouwstenen waarop het schoolplan als uitwerking van de missie van de school wordt gebouwd. Visie en missie liggen in elkaars verlengde. In de missie staan de belangrijkste doelen verwoord die we met ons onderwijs willen bereiken; in de visie zetten we uiteen waarom we juist die doelen hebben gekozen en hoe we ze willen realiseren en in het schoolplan staat op nog concretere wijze aangegeven welke maatregelen op de korte en middellange wenselijk zijn in de vormgeving van ons onderwijs Missie - patent op talent Alle leerlingen hebben talenten, hun eigen individuele talenten. Wij vinden dat onderwijs moet bijdragen aan het ontwikkelen en ontdekken van die talenten. Wij zien het als onze taak de leerlingen zoveel mogelijk in de gelegenheid te stellen die talenten te ontplooien. Als we daarin slagen, slagen we in onze missie, realiseren we onze belangrijkste missiedoelen die we als volgt hebben geformuleerd: - dankzij kwalitatief goed onderwijs bereiden we de leerlingen voor op een vervolgopleiding - we leren de leerlingen kritisch en zelfstandig in de samenleving staan - we leren de leerlingen verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en anderen in de samenleving - we stellen de leerlingen in de gelegenheid hun talenten op sportief, creatief en cognitief terrein te ontdekken en te ontwikkelen Goed onderwijs en een inspirerend klimaat zijn de middelen waarmee we dit willen bereiken. Het Willem moet een school zijn waar alle leerlingen zich veilig en geborgen voelen en waar ze met plezier naar toe gaan. De identiteit van de school is verwoord in de grondslag van de Stichting, artikel 2: "Zij gaat daarbij uit van de christelijke beginselen, met als richtsnoer het Evangelie van Jezus Christus, zoals dat tot ons komt vanuit de Bijbel en door de kerken wordt uitgedragen". Dit uitgangspunt zal (om een bijbels beeld te gebruiken) als een zuurdesem de school dienen te doortrekken en dus overal in de school ex -en impliciet aanwezig behoren te zijn. Expliciet via de lessen godsdienst, de openingen (wekelijks en tussentijds), via de vieringen zoals met Kerst en op andere momenten van bezinning. Impliciet via het houden van acties voor anderen in de maatschappij, het stimuleren van een goede werksfeer binnen de school, het reageren op ongewenste situaties als pesten, het hebben van een vertrouwensteam, e.d. Van elk personeelslid wordt vanuit de eigen mogelijkheden en overtuiging een bijdrage verwacht in de vormgeving van de christelijke identiteit. Centraal in onze missie staat het onderwijsproces. De school bereidt de leerlingen voor op hun toekomstige loopbaan. Om onze in de missie genoemde doelen te bereiken functioneert de school als overdrager van kennis en vaardigheden en is de school ingericht als een gemeenschap, waarin waarden als geborgenheid, verantwoordelijkheid, saamhorigheid en medemenselijkheid centraal staan. Dat impliceert dat de relatie tussen 4

5 docenten en leerlingen vertrouwelijk en integer is; dat docenten zich bekommeren om het sociale welbevinden van de leerlingen en veel tijd en energie steken in het scheppen van een veilig schoolklimaat en dat docenten rekening houden met de wensen en belangen van de leerlingen. We moeten leerlingen uitdagen zich te ontwikkelen - in hun eigen belang en dat van de samenleving. Dat vraagt onderwijs waarin de overdracht van normen en waarden van essentieel belang is. Dat vraagt ook om onderwijs dat goed georganiseerd is, waar regels gelden waarop leerlingen en volwassenen zijn aan te spreken, waar de schoolcultuur gedeeld wordt door ieder die er werkt. De docenten vormen een hecht team, waarin veel wordt samengewerkt en overlegd over het gedeelde beleid. De onderlinge verhoudingen binnen het personeel kenmerken zich door openheid en solidariteit en men ondersteunt elkaar waar mogelijk. Net zo belangrijk vinden we het dat de leerlingen een heel plezierige schooltijd hebben, waar ze vriendschappen opdoen in schoolactiviteiten die naast of in plaats van een onderwijskundig doel ten doel hebben dat leerlingen er veel plezier aan beleven. Een bloeiende leerlingvereniging die op de belevingswereld van de leerlingen toegesneden activiteiten organiseert, maakt daar een belangrijk deel van uit. 3.2 Visie op onderwijs Visie op onderwijs betekent dat je je afvraagt op welke wijze het onderwijs het best kan worden gegeven. Hoe is het grootste onderwijsrendement te halen? Door middel van welke onderwijsvormen slaagt de school er het best in de in de missie verwoorde doelen te realiseren? Onderwijskundige uitgangspunten Het Willem de Zwijger College kenmerkt zich als een school waar we vooral leerstofgericht onderwijs aanbieden. De docent is in deze visie de deskundige professional die als eerste verantwoordelijk is voor het leerproces van de leerlingen, die borg staat voor goede onderwijsprestaties van zijn leerlingen. Om leerlingen voor te bereiden op een plaats op een vervolgopleiding en in de samenleving is het noodzakelijk dat we die leerlingen kennis overdragen en vaardigheden leren. Daartoe creëren docenten - situaties waarin leerlingen samenwerken - betekenisvolle en authentieke contexten - een leeromgeving met aandacht voor verschillende leerstijlen - een activerende leeromgeving met accenten op zelfstandig leren Leerlingen die samenwerkend leren, ontwikkelen nieuwe ideeën en oplossingen voor problemen en vraagstukken. Er vindt daardoor een grote transfer plaats van het geleerde. De sociale vaardigheden van de leerlingen nemen toe en leerlingen raken gemotiveerd. De docent moet hiertoe over competenties beschikken waarmee hij leerlingen sociale vaardigheden aanleert. De docent moet weten wanneer en hoe feedback op het samenwerkingsproces nodig is. Het onderwijs moet aandacht schenken aan individuele verschillen en recht doen aan de eigen initiatieven, behoeften en leermogelijkheden van leerlingen. Door leerlingen te leren met elkaar samen te werken, leren ze dat niet ieder op dezelfde manier leert en niet ieder dezelfde talenten heeft. Het is de taak van het onderwijs leerlingen te leren hiervoor begrip en respect te hebben. Met authentieke en betekenisvolle contexten wordt beoogd meer betrokkenheid bij en motivatie voor het leerproces bij de leerlingen te realiseren door (meer) aan te sluiten bij de leefwereld van de leerlingen. Leerlingen moeten weten waarom het geleerde belangrijk is, wat ze met het geleerde kunnen. Dit kunnen we realiseren door een vorm van vakkenintegratie via vakoverstijgende onderwijskundige projecten waarbij een integratie van theorie en praktijk plaatsvindt. Uiteraard is een goede begeleiding van de docent hierbij onontbeerlijk. De docent moet de leerdoelen verbinden met de interesses van de leerlingen. Niet alleen moet de leercontext betekenisvol en authentiek zijn, ook vinden we het belangrijk dat de docent authentiek is. Dat betekent dat hij durft te laten zien wie hij is, waar hij voor staat en wat hem drijft. Het is een bekend gegeven dat leerlingen in de puberleeftijd vaak meer werken voor de docent dan voor het vak dat de docent geeft. Wie zich daarvan bewust is en in staat is de noodzakelijke klik met de leerlingen te realiseren, zal gemotiveerde en hard werkende leerlingen voor zich krijgen. Een activerende leeromgeving, waarbij leerlingen leren zelfstandig te werken, bevordert vaardigheden om zelf informatie te verwerken en vergroot de zelfstandigheid van de leerling. Dit leidt tot een diepere verwerking van de leerstof, een verhoogde motivatie en meer kennis. In een activerende leeromgeving verschuift de rol van de docent. De docent is op de momenten dat leerlingen in een activerende leeromgeving leren zelfstandig te werken vooral begeleider van de leerlingen en hij draagt de verantwoordelijkheid van het leerproces gedeeltelijk en 5

6 geleidelijk over aan de leerlingen, maar hij blijft er expliciet controle over houden ook al wordt een oorspronkelijke docenttaak als het plannen van het werk langzaam maar zeker de verantwoordelijkheid van de leerling. De docent behoudt te allen tijde de eindverantwoordelijkheid voor het leerproces. 3.3 Maatschappelijke ontwikkelingen Kennis én het kunnen toepassen van kennis wordt steeds belangrijker. Dat betekent ook het kunnen gebruiken, interpreteren en selecteren van kennis want kennis is niet neutraal; we zien het als onze plicht leerlingen te leren op verantwoorde wijze met die kennis om te gaan. Kennis dient beschikbaar te zijn en voortdurend te worden ontwikkeld om duurzame (economische) groei te kunnen blijven realiseren. Dit stelt eisen aan het onderwijs. Creativiteit, innovatief vermogen, technologische kennis en excellentie zijn sleutelbegrippen in de kenniseconomie. In deze tijd veroudert kennis snel, wat voor een enorme dynamiek op de arbeidsmarkt zorgt. Dat vergt flexibiliteit van het onderwijs. Ook zal iedereen voortdurend moeten onderhouden wat hij of zij op school heeft geleerd. Het voortgezet onderwijs is dus geen eindpunt in een leven lang leren. Wel wordt in deze jaren een belangrijke basis gelegd. Tegen deze achtergrond is de leeropbrengst niet meer louter uit te drukken in een afgebakend niveau van kennis en vaardigheden. Het gaat meer en meer om brede competenties die de basis leggen voor een levenslange persoonlijke en beroepsmatige ontwikkeling. Hier is dus sprake van kennis en vaardigheden, van dynamiek, van voortdurend actief leren. Jongeren van nu verschillen van de jongeren van twintig, dertig jaar geleden en die ontwikkelingen vragen om een onderwijs dat daar rekening mee houdt. Er zijn vele verschillen te noemen; we noemen hier de belangrijkste voor onze doelgroep. Jongeren van nu zijn beter toegerust om met de nieuwe tijd en de nieuwe media om te gaan dan de vorige generaties. Ze zijn beter in staat om met meer dingen tegelijk bezig te zijn ( multi-tasking ). Deze behoefte aan variatie en verandering (de zap-cultuur ) groeit sterk. Jongeren die zijn opgegroeid in een multimediale omgeving, zijn gewend in virtuele gemeenschappen te functioneren. Ze hebben geleerd via computergames oplossingsstrategieën te ontwikkelen. Mensen hebben vandaag de dag nieuwe vaardigheden nodig om informatie te verwerken en met anderen te communiceren. Het onderwijs zou daartoe meer gebruik moeten maken van de ICT-mogelijkheden en de vaardigheden van jongeren op dit gebied. De veranderende maatschappij waarin de jongeren opgroeien stelt ook een opdracht tot burgerschapsvorming aan de school. We dragen zorg voor de kwaliteit van het onderwijs gericht op bevordering van actief burgerschap en sociale integratie, met inbegrip van het overdragen van kennis over en kennismaking met de diversiteit van de samenleving 3.4 Samenvatting Het leerstofgerichte onderwijs staat borg voor kennisoverdracht van de docent aan de leerling. Zoals al eerder is gezegd: de docent is de spil in dit model. Hij bepaalt wat, hoe en wanneer de leerling iets wordt geleerd. Uiteraard leert de docent de leerling ook allerlei (studie)vaardigheden aan. Het paradoxale van de huidige situatie is dat er enerzijds kritiek is op de strikte uitvoering van dit onderwijsmodel, maar dat er anderzijds steeds vaker een appel op het onderwijs wordt gedaan juist die traditionele kennisoverdracht weer meer waarde toe te kennen. Paradoxaal genoeg gebeurt dat vaak vanuit dezelfde maatschappelijke ontwikkelingen die het onderwijs ook vragen aanpassingen, moderniseringen te realiseren. Juist vanuit de gedachte dat we aan een sterke kenniseconomie moeten werken, heeft het onderwijs de uitdaging leerlingen kennis over te dragen én vaardigheden bij te brengen. Daarom kiezen we op het Willem voor een leerstofgericht onderwijsconcept met toevoeging van een aantal belangrijke accenten zoals die hierboven zijn beschreven. 4 De externe ontwikkelingen. Wat komt er op ons af? 4.1 Onderwijskundige ontwikkelingen Op onderwijskundig terrein lijkt het steeds lastiger een periode van vier jaar te beschrijven. De afgelopen jaren zijn we vaak met ad-hoc-besluiten vanuit Den Haag geconfronteerd en we hebben niet de illusie dat dit de komende jaren anders zal zijn. Andere bewindspersonen vanuit een andere regeringscoalitie lijken steeds andere accenten te leggen. Zoals het er nu naar uitziet, moeten we het taal- en rekenonderwijs verder uitbouwen nu er referentiekaders voor worden ontwikkeld en de aankondiging is gedaan dat taalvaardigheid deel uit gaat maken van de examens Nederlands en er voor rekenen aparte examentoetsen worden ontwikkeld. Ook de aangekondigde aanscherping van de slaag/zak-regeling vraagt om aanpassingen van b.v. de lessentabel, de overgangsnormen en de specifieke trainingen op het Centraal Examen. Over de mogelijkheid de keuzevrijheid van de leerlingen te bepreken door minder profielen aan te bieden waardoor het mogelijk wordt roosters te maken zonder tussenuren wordt momenteel in politiek Den Haag gesproken. Uiteraard zal dat de nodige beleidsaanpassingen van de school vragen als daar werkelijk sprake van zal zijn, maar nu valt nog onmogelijk te voorzien hoe die eruit moeten zien. Dat het urenaantal voor de maatschappelijke stages veel lager wordt dan de afgelopen jaren is voorgesteld, zal mogelijk een aanpassing van de school vragen. 6

7 4.2 De leerlingenmarkt De situatie op de markt vraagt om een voortdurend bewustzijn de potentiële leerlingen te moeten veroveren. De concurrentie is groot en vereist dat we kwaliteit leveren op alle terreinen opdat we onze aantrekkingskracht behouden of vergroten. Het vraagt om creativiteit en innovatief vermogen van de school om de concurrenten een stap voor te blijven. Op dit terrein is het essentieel dat er heldere afspraken worden gemaakt met het St. Vituscollege m.b.t. de regulering van de leerlingenstromen. Voor de komende periode van vier jaar lijkt het erop dat er voldoende leerlingen voor de drie scholen in Bussum zijn, waardoor we ons eerder moeten afvragen hoe we ervoor kunnen zorgen niet teveel leerlingen te krijgen dan te weinig. De prognoses geven echter aan dat na de periode waarover dit schoolplan gaat de leerlingenaantallen in deze regio zullen dalen. Ook in de landelijke publicaties wordt het Gooi steeds genoemd als een streek waar krimp ontstaat of gaat ontstaan. Hoewel we een flinke buffer hebben opgebouwd nu we in het schooljaar leerlingen hebben, terwijl we in het vorige schoolplan 1000 leerlingen noemden als een ideaal leerlingenaantal voor onze school, kunnen we niet achterover leunen, maar moeten we ons elk jaar opnieuw inspannen de aantrekkelijkheid van de school voor potentiële leerlingen te behouden of te vergroten Talentklassen De instelling van de talentklassen waartoe we in de periode hebben besloten, heeft als belangrijk doel de school aantrekkelijk te maken voor een grote groep leerlingen. Uit de jaarlijkse enquête onder ouders van de brugklasleerlingen blijkt voortdurend dat het bestaan van de talentklassen één van de belangrijkste keuzemotieven voor de school is. In de komende jaren zullen we er hard aan moeten werken de vitaliteit van de talentklassen te behouden of te vergroten. Het gevaar bestaat dat bij de docenten die direct of indirect bij de talentklassen zijn betrokken een zekere gewenning ontstaat, waardoor de inspiratie en motivatie bij hen kleiner wordt dan voorheen. De ontwikkeling van deze klassen zal een blijvende prioriteit houden. De leerdoelen voor de kunst-, sport- en scienceklas zijn inmiddels beschreven en vormen de toetssteen voor de verschillende programmaonderdelen. In de komende periode moeten de coördinatoren van de talentklassen onderzoek blijven doen naar de mogelijkheden de talentklaslessen meer dan nu te laten aansluiten bij de lesprogramma s van de verwante vakken, zonder dat daarbij de exclusiviteit van de talentklassen verloren gaat. De talentklaslessen moeten anders zijn en blijven dan de gewone vaklessen, maar een wederzijdse beïnvloeding ervan is wenselijk. Dat maakt het beter dan nu mogelijk dat de eigen vakdocenten de talentklaslessen geven naast de gastdocenten. Dit laatste geldt m.n. voor de kunstklas. De sportklaslessen en de scienceklaslessen worden al voor een belangrijk deel gegeven door de eigen docenten. Het geringe aantal leerlingen dat voor de scienceklas kiest, heeft onze zorg. We moeten een programma aanbieden waarmee meer leerlingen voor deze klas kiezen, omdat we het belangrijk vinden de belangstelling van leerlingen voor exacte vakken aan te wakkeren en/of te vergroten Leerlingenstroom en gebouw In 2008 is de nieuwbouw van de school gereed gekomen waardoor we plaats hebben voor 1100 leerlingen. Nu we inmiddels meer dan 1100 leerlingen moeten huisvesten, hebben we nog een aantal interne en externe verbouwingen doorgevoerd om aan alle leerlingen plaats te bieden. Dit punt zal de komende jaren onze aandacht moeten houden Nieuwe onderwijsaanbod In de vorige planperiode hebben we een aantal nieuwe vakken ingevoerd, Spaans, Anglia en Cambridge Engels en filosofie terwijl we ook taal- en rekenlessen hebben ingevoerd. Voor de komende periode onderzoeken we de mogelijkheid onze HAVO-afdeling een eigen gezicht te geven. Dat kan b.v. door de invoering van meer praktisch gerichte vakken als BSM of drama. De invoering van dat laatste vak maakt het mogelijk de lijn van het kunstonderwijs vanaf de kunstklassen in de onderbouw door te trekken en de school, samen met de vakken CKV, tekenen en muziek een echt kunstkarakter te geven. Haaks hierop staat de enerzijds de berichtgeving vanuit Den Haag waar het de mogelijke beperking van het aantal profielen betreft waardoor het aanbod van verschillende vakken kleiner wordt en anderzijds de discussie die we, los hiervan, binnen de school willen voeren over de vraag of we t.b.v. het rooster niet tot een inperking van de volledig vrije pakketkeuze moeten overgaan. 4.3 De arbeidsmarkt De arbeidsmarkt binnen het onderwijs zal ook de komende jaren schraal zijn. Dat betekent dat we ons personeelsbeleid zodanig moeten vormgeven dat het voor docenten aantrekkelijk is op het Willem de Zwijger College te werken. De begeleiding van nieuwe docenten en het nascholingsbeleid zullen we moeten inzetten als wezenlijk onderdeel van het personeelsbeleid. Op SIVOG-niveau zullen we van jaar tot jaar bezien of het mogelijk is gelden te reserveren voor het arbeidsmarktknelpuntenbeleid. Indien mogelijk en noodzakelijk zullen we die gelden inzetten om docenten voor de school te werven of te behouden. 7

8 Het gevolg van de krappe arbeidsmarkt is eveneens dat het aantal onbevoegde docenten op onze school de laatste jaren is toegenomen. Het is ons uitdrukkelijke streven deze tendens om te buigen. We hebben daartoe een beleid ontwikkeld dat erin voorziet zij-instromers tijd en geld te geven hun onderwijsbevoegdheid te halen en waarbij zittende 2 e graads-docenten van ons een financiële tegemoetkoming krijgen als zij gaan studeren voor hun 1 e graads bevoegdheid. De in 2010 opgestelde risico-analyse en de daaruit voortkomende investeringsnota zullen leidraad zijn bij het nemen van maatregelen om de arbeidsvoorwaarden op het Willem zo aantrekkelijk te maken dat docenten graag bij ons komen en blijven werken. Behalve de hier al genoemde deelterreinen hebben we beleid ontwikkeld dat erop is gericht de senioren langer aan de school te binden en studenten te werven voor het invullen van vacante docentfuncties. Het beschikbaar stellen van laptops of notebooks aan docenten, het geven van een stimulans voor een gezonde levenshouding door een financiële tegemoetkoming in te maken kosten voor het beoefenen van sport, de inzet van derden voor surveillance tijdens toetsperiodes opdat docenten zich volledig en uitsluitend kunnen richten op de correctie van hun werk en het royaal inzetten van de mogelijkheden van actieplan Leerkracht zijn instrumenten die we inzetten om de schaarste op de arbeidsmarkt te bestrijden. 5. De interne sterkte-zwakte analyse. De onderwijsinspectie heeft in de vorige periode een Regulier SchoolToezicht uitgevoerd. Op alle onderzochte terreinen scoorde de school overwegend sterk of meer sterk dan zwak. Alleen de onderwijsrendementsgegevens gaven aanleiding tot zorg. De opbrengstenkaarten van de inspectie tonen elke keer weer aan dat we met onze rendementsgegevens meestal op de landelijke gemiddelden zitten. De gemiddelde cijfers van het CE en de slagingspercentages van m.n. de HAVO blijven de laatste jaren echter teveel achter op de landelijke gemiddelden. Het heeft de hoogste prioriteit dit in de komende jaren om te buigen. Inmiddels genomen maatregelen als b.v. een intensieve examentraining en de door de secties waar dat het hardst nodig is opgestelde concrete verbeterplannen moeten hun vruchten afwerpen. De directie heeft de taak in de komende jaren de docenten/secties zodanig te stimuleren en te inspireren dat zij in staat zijn de gewenste resultaten te realiseren en individuele docenten en/of secties erop aan te spreken als dat niet lukt. Hierin kan er geen vrijblijvendheid optreden! We stellen ons tot doel dat we aan het eind van de volgende periode op alle door de inspectie beoordeelde categorieën voor beide afdelingen een voldoende scoren. Wat de rendementsgegevens van de niet-examenjaren betreft stellen we ons tot doel dat de bevorderingspercentages per leerjaar op tenminste het landelijk niveau liggen. Hiervan afgeleid formuleren we de eis dat per vak maximaal 25% van het aantal leerlingen per leerjaar een onvoldoende op het eindrapport mag hebben. Een goede determinatie moet hiervoor de basis leggen. De onderwijscommissie heeft in de afgelopen periode een sterkte/zwakte-analyse gemaakt van ons onderwijs (zowel de onderbouw als de Tweede Fase) en daarop de voorstellen voor de nieuwe onderbouw en de nieuwe Tweede Fase gebaseerd. Het schoolbreed invoeren van studie-/werkwijzers, de structurele plaats die ICT in de lessen in moet nemen, de (beperkte) verantwoordelijkheid van de bovenbouwleerlingen voor een klein deel van hun presentie bij de lessen, de continuering van een beperkte vorm van periodisering en het 60-minutenrooster zijn de belangrijkste maatregelen die zijn voortgekomen uit de sterkte/zwakte-analyse van de onderwijscommissie. 6. De onderwijskundige vormgeving van de school Uit de missie van de school en de visie op het onderwijs vloeien de beleidsvoornemens voort. In dit hoofdstuk worden de beleidsvoornemens van de school omgezet in onderwijskundige doelen. 6.1 De onderwijskundige doelen Kenmerkend voor onze school is de leerstofgerichte benadering. We zien het als onze eerste taak kennis en inzicht aan te brengen bij de leerlingen zodat zij in staat zijn goede resultaten te halen bij het eindexamen. Daarnaast moeten we de leerlingen leren deze kennis toe te passen en moeten we vaardigheden aanbrengen. Niet alleen omdat vaardigheden steeds meer terug zullen komen op het eindexamen, maar ook omdat ze onmisbaar zijn in het vervolgonderwijs en de maatschappij. De onderwijsvisie die hierbij past, is die van het vakgerichte onderwijsconcept, gecombineerd met elementen uit het maatschappijgerichte onderwijsconcept (vakoverstijgende projecten b.v.). Zie hiervoor hoofdstuk 3 van dit schoolplan. In de missie staat dat we rekening houden met de verschillen tussen leerlingen (onderwijs op maat). De huidige situatie is dat we ons vaak richten op de groep, de klas, de gemiddelde leerling. Het streven is een situatie waarbij de docenten kunnen omgaan met verschillen in leerstijl, niveau en tempo van leerlingen. Het resultaat daarvan zal zijn dat een zo groot mogelijke groep leerlingen de school met een diploma verlaat, maar ook vinden we het belangrijk dat we op deze manier recht doen aan de excellente leerling die de uitdaging krijgt die hij/zij verdient. 8

9 In de onderbouw (de eerste drie leerjaren) zullen we de leerlingen moeten voorbereiden op de Tweede Fase. Dat betekent dat er in alle lessen ruimte moet zijn voor het zelfstandig werken van leerlingen. Naast de traditionele, klassikale, eventueel frontale lesvormen zullen er lesvormen ontwikkeld worden waarin een groter beroep op de zelfstandigheid van leerlingen wordt gedaan. Het vereist van docenten dat zij allemaal in alle leerjaren werken met studiewijzers aan de hand waarvan leerlingen vanaf klas 1 zelfstandig kunnen werken. Het vereist van de school dat we ons buigen over de vraag hoe we het systeem van het werken met studiewijzers zo goed mogelijk organiseren. De onderwijscommissie zal daar een rol in spelen. De instelling van studie-uren in de onderbouw als er lessen uitvallen maakt het mogelijk dit te realiseren. In de komende periode zal het beleid hiervoor verder moeten worden ontwikkeld, zodat er van een betere aansluiting met de vaklessen sprake zal zijn. In de didactiek zal meer variatie aangebracht moeten worden. Nu de lessen 60 minuten duren is het noodzakelijk dat docenten allerlei verschillende werkvormen ontwikkelen. Belangrijk is dat didactische werkvormen worden afgewisseld en niet één werkvorm eenzijdig wordt toegepast. Klassikale instructie is uiteraard ook één van de werkvormen, maar er zijn er meer. Samenwerkend leren in groepsverband en het gebruik van ICT in de les zijn voorbeelden van werkvormen die structureel gebruikt moeten worden. Expliciete aandacht zullen we moeten geven aan de huiswerkattitudes van de leerlingen. Op dit moment vindt onderwijskundig ICT-gebruik in de les divers plaats. Tussen en binnen secties bestaan verschillen. Een zekere mate van verschil zal altijd blijven bestaan, maar, hoewel ICT nooit doel en altijd middel is, er zal, gelet op de verschillende verplichte onderwijsdoelen (kerndoelen onderbouw en examenprogramma van vrijwel alle vakken) sprake moeten zijn van een schoolbreed ICT-aanbod, te realiseren binnen en in overleg tussen de vakken. Elke sectie dient in zijn jaarprogramma aan te geven hoe ze gebruik wil maken van ICT. Dat vraagt ook om de ontwikkeling van een leermiddelenplan waarin op financiële en onderwijskundige gronden keuzes worden gemaakt uit digitale leermiddelen en traditionele leermiddelen (boeken). We hebben het voornemen in deze planperiode over te stappen op een draadloos netwerk binnen de gehele school dat ons de mogelijkheid biedt alle ontwikkelingen op ICT-gebied te volgen. In elk leerjaar organiseren we tenminste één vakoverstijgend project. Een project beslaat twee of drie aaneengesloten dagen. In de onderbouw kunnen projecten ook worden uitgevoerd volgens de talentklasmethode (een middag gedurende een hele periode). Aansluiting bij de talentklassen waardoor onderwijskundige verdieping hiervan ontstaat, is hierdoor heel goed mogelijk. De organisatie van de maatschappelijke stage maakt deel uit van de burgerschapsvorming waarover we eerder schreven. De wijze waarop we de maatschappelijke stage vormgeven, leidt ertoe dat onze leerlingen kennis maken met sociaal zwakkeren, ouderen en zieken en een actief burgerschap tonen. De lesprogramma s van de vakken geschiedenis, godsdienst en maatschappijleer ruimen expliciet een plaats in voor een kennismaking met de diversiteit van de samenleving inclusief het allochtone deel van de bevolking en de specifieke problematiek die voor hen geldt. In projectvorm schenken daar via b.v. het project Cross your Borders voor alle leerlingen van klas 3 expliciet aandacht aan. Daarnaast zijn er nog tal van activiteiten op dit terrein die een structureel of incidenteel karakter dragen. Zo gaan de leerlingen tijdens hun werkweek naar Parijs naar een moskee en bezoeken ze de Arabische wijk aldaar, organiseren we soms een politieke markt waarbij we expliciet aandacht schenken aan de integratieproblematiek waarbij we bewust ook politici van allochtone afkomst uitnodigen en zijn in het kader van de lessen godsdienst en maatschappijleer regelmatig gastsprekers in de school die vrijwel alle lagen van de samenleving vertegenwoordigen. In de afgelopen jaren bleek de aansluiting tussen onderbouw en Tweede Fase een knelpunt te zijn. Voor de komende periode stellen we ons ten doel maatregelen te nemen die de overgang van beide onderwijskundige systemen zal verbeteren. Dit kan zowel op schoolorganisatorisch terrein als op onderwijs-didactisch terrein plaatsvinden. Er zal sprake moeten zijn van één ononderbroken leerlijn. Hoewel de onderbouw zijn eigen dynamiek heeft met daarin specifieke eisen betreffende benadering van leerlingen en didactiek, zal het onderwijs in de onderbouw zowel wat vaardigheden betreft als inhoudelijk en organisatorisch gericht moeten zijn op de bovenbouw. De start van de RTTI-training om te komen tot valide toetsen die de leerlingen uiteindelijk goed voorbereiden op het examen, maar die er ook voor moeten zorgen dat er in de toetsen en als gevolg daarvan in didactische aanpak van de docenten sprake is van een doorlopende leerlijn, maakt van dit voornemen een belangrijk deel uit. Het is de onderwijscommissie die de coördinatie hiervan verzorgt. Voor de Tweede Fase continueren we het onderwijskundig beleid. Organisatorisch betekent dit een geperiodiseerd lesrooster met een beperkt aantal toetsweken waarin de belangrijkste toetsen worden gegeven, een duidelijk omschreven herkansingsregeling waarbij de leerlingen onder voorwaarden kansen worden geboden gemaakte fouten te herstellen na het volgen van hersteluren (onderwijs op maat), een aantal KWT- en hersteluren per week waarin leerlingen zelfstandig werken aan een door hen gekozen vak (zelfstandigheid) en een absentieregeling die een zekere verantwoordelijkheid legt bij de leerlingen (verantwoordelijkheid). 9

10 Onderwijsinhoudelijk betekent het dat docenten in hun didactische keuzes de zelfstandige werkhouding van de leerlingen stimuleren, afwisselende lesvormen aanbieden opdat er rekening wordt gehouden met de verschillen in aanleg en motivatie van de leerlingen. In de Tweede Fase moet worden voortgeborduurd op wat in de onderbouw is voorbereid. Aan het eind van hun schoolloopbaan zullen de leerlingen onze school met een diploma moeten verlaten als zelfstandige en verantwoordelijke mensen. Computertoepassingen zullen steeds structureel bij de lessen in alle vakken worden gebruikt. "Praktijkonderwijs", "projectonderwijs" zal in de Tweede Fase een plaats krijgen via tenminste het project ArbeidsErvarend Leren, dat zowel in 4 VWO als in 4 HAVO plaatsvindt, de buitenlandse werkweken in 5 VWO en de veldwerkweken/dagen aardrijkskunde/biologie in 5 VWO en 5 HAVO. In de keus van de leerlingen voor de profielen zien we op onze school op de HAVO een duidelijke voorkeur voor de maatschappijprofielen (72% CM en EM; 28% NG en NT). Op het VWO is sprake van een veel evenwichtiger verdeling (51% CM en EM; 49% NG en NT). Dit zijn gemiddelden van de laatste jaren - de cijfers verschillen nogal van jaar tot jaar. Bij het VWO zien we heel duidelijk dat de populariteit van de exacte profielen groter wordt; op de HAVO is dit slechts marginaal. In het vorige schoolplan noemden we nog dat 65% van de VWO-leerlingen een maatschappijprofiel koos en slechts 35% een exact profiel. Voor de HAVO-leerlingen zien we een ontwikkeling van 75% maatschappijprofielen naar 72%. Gezien het grote maatschappelijke belang van de exacte profielen en onze wens op alle fronten een kwaliteitsschool te zijn streven we ernaar de leerlingen zodanig te begeleiden dat deze trend zich op het VWO voortzet en op de HAVO groter wordt. Landelijk is de tendens voor het VWO ongeveer 50% maatschappijprofielen en 50% exacte profielen en voor het HAVO ongeveer 70% maatschappijprofielen en 30% exacte profielen. Hoewel we het beschouwen als een sterk punt van een gymnasiale afdeling binnen een scholengemeenschap dat leerlingen ervoor kunnen kiezen vanaf klas 4 met het gymnasium door te gaan of niet, moeten we ervoor waken dat de gymnasiumafdeling in de bovenbouw te klein wordt. Tenminste éénderde deel van het aantal leerlingen dat met het gymnasium is gestart, zou ook het gymnasiumdiploma moeten halen. Dit streven past eveneens binnen de wens een kwaliteitsschool te zijn. De laatste jaren hebben we de touwtjes wat aangetrokken op verschillende terreinen. We zijn strenger gaan toezien op absenties, we hebben terugkomuren ingesteld voor leerlingen, docenten surveilleren in de pauzes in de leerlingenruimte en we hebben een extra docentassistent benoemd die de leerlingen opvangt die eruit zijn gestuurd. Deze lijn trekken we de komende periode door. Alle deelnemers aan het onderwijs hebben verantwoordelijkheden en zijn daarop aanspreekbaar. Vanzelfsprekend de docenten en OOP ers waar het gaat om hun werkzaamheden. Maar ook leerlingen hebben de verantwoordelijkheden voor hun eigen werk en zij én hun ouders worden er door ons op aangesproken als ze die verantwoordelijkheden niet nakomen. Die verantwoordelijkheden hebben ze ook t.o.v. het gebouw en hun medeleerlingen. We hebben in de vorige periode een veiligheidsbeleidsplan geschreven waarvan in de schoolgids een uittreksel staat. Iedereen dient zich op het Willem veilig te voelen en we tolereren het niet dat sommigen die veiligheid aantasten. Deze lijn zetten we de komende periode door 6.2 De leerlingbegeleiding De leerlingbegeleiding op het Willem de Zwijger College heeft een duidelijke vorm. Enerzijds is er een structuur waarbinnen leerlingen onderwijskundig extra kunnen worden begeleid. Te denken valt aan b.v. de ingeroosterde pluslessen voor leerlingen die extra hulp nodig hebben voor een vak, de hersteluren voor 2 en 3 HAVO en de bovenbouw, het plustraject voor begaafde leerlingen en de huiswerkbegeleiding. In het verlengde daarvan bieden we vele vormen van remediale hulp aan, gecoördineerd door de remedial teachers. Dit betreft b.v. remedial teaching op het terrein van woord-, lees- en rekenproblemen. Ook bieden we faalangstreductietraining aan en sociale vaardigheidstraining. Op sociaal-emotioneel terrein begeleiden we de leerlingen ook via een vertrouwensteam waarvan de leden zitting hebben in het ZAT (ZorgAfstemmingsTeam). Het eerste team wordt gevormd door docenten van de school en in het tweede team zitten ook vertegenwoordigers van hulpverlenende instellingen buiten de school. De interne zorgcoördinator is de spil van deze vorm van leerlingenzorg. Ook de mentoren spelen een grote rol op zowel het terrein van de onderwijskundige als de sociaal-emotionele begeleiding. Voortbordurend op de praktijk van de laatste jaren willen we de mentoren zo goed mogelijk toerusten voor hun taak. De mentorencoach zal systematisch en structureel mentorengroepen begeleiden en coachen. Het begeleiden van leerlingen op hun weg naar zelfstandigheid is eveneens nadrukkelijk een taak van de mentor. O.a. op al deze terreinen zal de coach de mentoren ondersteuning bieden. Gezien het verwachte vertrek van de huidige mentorencoach zullen we binnen het docententeam een nieuwe coach moeten zoeken. Ook de decanen spelen een belangrijke rol in de leerlingbegeleiding. Zij zijn betrokken bij de profiel-, studie- en beroepskeuze van de leerlingen en vormen zo een onmisbare schakel tussen leerlingen en ouders en docenten en 10

11 schoolleiding. De intensivering van de loopbaanbegeleiding die de decanen de laatste jaren hebben ingevoerd, zal verder moeten worden uitgebouwd. Een ander doel dat we ons op dit gebied voor de komende jaren hebben gesteld, is het verder ontwikkelen en implementeren van het leerlingvolgsysteem. In het schooljaar oriënteren we ons op de keuze voor een nieuwe versie of een overstap naar Magister. 6.3 Niet-lesgebonden activiteiten De accenten die we op onderwijskundig terrein willen leggen en de wijze waarop we daar via schoolbrede en/of vakoverstijgende activiteiten vorm aan willen geven, is al in de vorige paragrafen beschreven. In deze paragraaf geven we een korte opsomming van die niet-lesgebonden activiteiten die een bijdrage leveren aan het verwezenlijken van de in de missie gestelde onderwijs- en vormingsdoelen. S kennismakingsactiviteiten - Willem I-dagen, korte kennismakingsprogramma s voor het 2 e leerjaar en H4- werkweek S vakoverstijgende onderwijsprojecten - Naardermeerproject in klas 1, gymnasiumproject in G1, exact project in klas 2, de profielgestuurde projecten in A3, Cross your borders in H3 en A3 en de maatschappelijke stage in het derde leerjaar, ArbeidsErvarend Leren in klas 4, het Rotterdamproject aardrijkskunde en economie in H4 en V4, de werkweek in V5 en G3 en diverse vakgerichte excursies verspreid over alle leerjaren S sportieve activiteiten - diverse sporttoernooien in alle leerjaren - b.v. deelname aan nationale en internationale hockeywedstrijden, atletiekdagen, scholaire en interscholaire basketbal- en volleybaltoernooien S culturele activiteiten - musicals voor onder- en bovenbouw, muziekavond, Scapino voor de brugklas en het bijwonen van diverse theaterproducties voor alle leerlingen. De opsomming is niet limitatief, maar geeft slechts een indicatie van die activiteiten die we de laatste jaren hebben georganiseerd. Elk jaar evalueren we de activiteiten en gaan we op zoek naar verbeteringen op deze terreinen. We verwachten in de komende vier jaar niet alleen te continueren wat succesvol is, maar ook een aantal vernieuwingen op dit terrein door te voeren. We handhaven echter in grote lijnen de te reserveren tijd voor de niet-lesgebonden activiteiten. Uitbreiding van het aantal niet-lesgebonden activiteiten of de tijd die ermee gemoeid is, is géén speerpunt voor de komende vier jaar. 7 De inzet en ontwikkeling van het personeel 7.1 Doelen van het personeelsbeleid Een groot aantal beleidsdocumenten die betrekking hebben op het personeelsbeleid is inmiddels geschreven. Te denken valt b.v. aan het taakverdelingsbeleid dat jaarlijks wordt bijgesteld, en het beleid op het terrein van werving en selectie van personeel, het meerjarenformatiebeleid dat jaarlijks wordt bijgewerkt en de basis vormt voor de jaarlijkse formatieplannen die door de MR worden vastgesteld en het scholingsbeleid en het ziekteverzuimbeleid. We streven naar een qua leeftijd en ervaring evenwichtig opgebouwd personeelsbestand. De gemiddelde leeftijd van ons personeel schommelt de laatste jaren rond de 42 jaar. Ervan uitgaande dat jongeren doorgaans energieker maar minder ervaren zijn dan ouderen streven we ernaar de groep jarigen minimaal even groot te laten zijn als de groep jarigen. Op dit moment is daar nog geen sprake van. De laatst genoemde groep is groter dan de eerste (jongste) groep, maar relatief kleiner dan vier jaar terug. De gemiddelde leeftijd van het personeel is ook omlaag gegaan. Dit betekent dat we bij ons wervingsbeleid niet meer bij voorkeur jonge collega s zullen benoemen, maar, voor zover de arbeidsmarkt ons dat toestaat, vooral op kwaliteit zullen letten. Dat jonge collega s goed moeten worden begeleid, is vanzelfsprekend. Vandaar dat we deze begeleiding voortzetten, niet alleen voor de startende docenten maar ook voor 2 e, 3 e en 4 e jaars-docenten en daar ervaren docenten bij betrekken. Ook in de begeleiding van de beginnende docenten verwachten we mutaties door het vertrek van ervaren collega s. De afgelopen jaren hebben we ons als doel gesteld het personeelsbeleid verder te ontwikkelen. De wet BIO maakte het noodzakelijk dat elk personeelslid een eigen bekwaamheidsdossier opbouwt. We hebben daar de instrumenten voor aangereikt. We hebben een gebruiksvriendelijk en efficiënt digitaal systeem waarmee docenten hun POP (Persoonlijk OntwikkelingsPlan) kunnen schrijven, aan 360 -feedback doen en jaarlijks kunnen bijhouden welke competenties zij op welke manier hebben ontwikkeld of willen ontwikkelen. Voor de komende planperiode stellen we ons tot doel m.n. de 360 -feedback verder te imp lementeren. We gaan verder op de ingeslagen weg met elk personeelslid minimaal eens in de twee jaar een functionerings- of beoordelingsgesprek te voeren. De leden van de schoolleiding zullen deze gesprekken voeren. De functioneringsgesprekken worden gevoerd aan de hand van een welzijnslijst en een competentielijst. In elk geval zal aan elk functioneringsgesprek met een docent een lesbezoek en een leerlingenenquête voorafgaan, terwijl we de mogelijkheid van 360 -feedback willen stimuleren door collegiale consultatie verplicht te maken. Elk functioneringsgesprek moet resulteren in een persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) van de betrokkene waarin hij 11

12 aangeeft op welke terreinen en hoe hij zich de komende jaren wil ontwikkelen. Hij krijgt daartoe een scholingsbudget dat afhankelijk is van zijn betrekkingsomvang. Eén van de onderdelen van ons investeringsplan is de schoolbijdrage van ieders nascholingsbudget te verhogen. Gesprekken tussen voltallige secties en schoolleiding zullen we eveneens jaarlijks blijven voeren. Vast onderdeel van die gesprekken zal de onderwijskundige/didactische ontwikkeling zijn binnen de sectie. De verbeterplannen voor de rendementsgegevens komen eveneens in elk sectiegesprek ter sprake. Het part-time-ratio voor onze school is de laatste jaren redelijk stabiel. Ongeveer 60% van het personeel heeft een baan kleiner dan 0,8. Voor de schoolorganisatie zou het beter zijn als dit percentage lager zou worden, maar de hoogste prioriteit ligt de komende jaren bij de invulling van de vacatures. Liever twee bevoegde en bekwame parttimers voor één baan, dan geen fulltimer of een onbekwame/onbevoegde fulltimer. Overigens hechten we zeer aan (universitair opgeleide 1 e graads) bevoegde docenten. Omdat we van mening zijn dat zij een meerwaarde aan het onderwijs kunnen geven, zullen we dit bij de werving van docenten een hoge prioriteit geven. Elke sectie (voor zover het om een examenvak gaat) moet voldoende 1 e graads bevoegde docenten hebben. Het gemiddeld aantal dienstjaren van het personeel op onze school is hoog (ongeveer 10 jaar). Het toont aan dat de arbeidssatisfactie van de personeelsleden groot is, iets wat wordt bevestigd door de door docenten ingevulde welzijnslijsten. Zeker nu de arbeidsmarkt zodanig is dat docenten makkelijk een andere werkplek vinden, is het goed te zien dat de meeste docenten graag op het Willem (blijven) werken. We doen er alles aan dit in de komende jaren zo te houden. In de afgelopen periode van vier jaar is het OOP-ratio contant gebleven: ongeveer 19%. We hebben in de afgelopen jaren weliswaar een OOP er aangenomen die o.a. de leerlingen opvangt die uit de les worden verwijderd, maar door de groei van het leerlingenaantal en als gevolg daarvan de groei van het aantal docenten is de verhouding OP/OOP vrijwel stabiel gebleven. In de vorige periode hebben we, mede als gevolg van de invoering van FUWA-VO, taken die vroeger door docenten werden verricht, ondergebracht bij OOP-ers. Te denken valt b.v. aan de roostertaken. Mede gelet op de schaarste aan docenten is het niet ondenkbaar dat deze tendens zich voortzet als het gaat om de invulling van taken waarvoor strikt genomen geen docenten ingezet hoeven te worden (decanaat, roostermaken, toezichthoudende taken e.d.). In ons personeelsbeleid voor de komende jaren zullen we de mogelijkheden hiervoor van keer tot keer kritisch onder de loep nemen. Het managementratio is de laatste jaren constant gebleven. We verwachten dat dit ook de komende periode het geval zal zijn. De uitbreiding van het leerlingenaantal maakt het wel noodzakelijk om m.i.v. het schooljaar een extra afdelingsleider te benoemen. Gelet op de leeftijd van de leden van de schoolleiding valt ook te verwachten dat ten tijde van dit schoolplan ( ) er (veel) wisselingen binnen het management van de school zullen optreden. 7.2 Formatiebeleid De jaarlijkse formatie per school is onderdeel van het formatiebeleid op stichtingsniveau, aangezien alle personeelsleden een bestuuraanstelling hebben en geen schoolaanstelling. Het voor de school beschikbare budget wordt volgens op stichtingsniveau vastgestelde afspraken jaarlijks toegekend. Voor het Willem de Zwijger College geldt dat we de afgelopen jaren voldoende reserves hebben opgebouwd om de grootste risico s die het onderwijs bedreigen te kunnen pareren. Uit de risico-analyse die we in 2010 hebben gemaakt, blijkt dat de meeste risico s liggen op het terrein van het personeel. De te verwachten docentenschaarste vraagt van de school om investeringen die de school een zodanig aantrekkelijke werkgever maken dat docenten graag op het Willem komen en blijven werken. De investeringsnota die we hebben opgesteld als reactie op de risico-analyse is daarbij onze leidraad voor de komende jaren. We willen een goed en concurrerend seniorenbeleid vormgeven en de functiemix versneld invoeren. Daarnaast willen we het persoonlijk nascholingsbudget verhogen en docenten faciliteiten bieden om hun eerste graads bevoegdheid te halen als zij inmiddels een tweede graads bevoegdheid hebben. Ook zij-instromers zullen we ruimschoots in de gelegenheid stellen hun bevoegdheid te halen. Een ander door ons gesignaleerd risico dat van invloed is op het formatiebeleid betreft de rendementsgegevens. M.n. de resultaten van het CE van de laatste jaren zijn voor ons aanleiding om extra formatie uit te trekken voor heel gerichte examentraining en het opvoeren van extra uren voor Nederlands, Engels en wiskunde op de tabel van de examenklassen. Het is vooral de lessentaak die voor de meeste docenten de taakzwaarte van hun werk bepaalt. We continueren het beleid van de laatste jaren dat erin voorziet de docenten de ruimte te geven zich volledig op die lessentaak te concentreren. Zo willen we in de komende jaren, net als voorheen, het senioren uitzendbureau inschakelen voor 12

13 surveillance tijdens de toetsweken, zonder dat we daarmee de formatie voor de lesgevende taak van de docent terugbrengen. Het maximaal aantal te geven lessen van 60 minuten is 21. Op jaarbasis betekent dit 756 uur als alle lessen in de 36 lesweken van het jaar worden gegeven. In de praktijk is daar nooit sprake van en is het aantal werkelijk te geven lessen lager dan 750. Met een relatief kleine school lopen we altijd een risico dat we een formatief ongelukkige leerlingverdeling over de leerjaren krijgen. Daarom én om de exploitatie van een groter schoolgebouw te verantwoorden is het van belang dat onze groeiquote van de werkgelegenheid, die de laatste jaren zeer positief is geweest, niet negatief wordt. 7.3 Taakbeleid Het taakverdelingsbeleid zoals dat al een aantal jaren op school geldt, kan worden gezien als een instrument waarmee de lesgebonden en niet-lesgebonden taken in redelijkheid worden verdeeld onder het voltallige onderwijsgevend personeel, rekening houdend met de capaciteiten van het personeel en de gemaakte POP s. Er is geen aanleiding op korte termijn de uitgangspunten die ten grondslag liggen aan het beleid te wijzigen. Uit de ingevulde welzijnslijsten blijkt dat er voldoende variatie is in lesgebonden en niet-lesgebonden taken. Wel wordt jaarlijks de lijst met niet-lesgebonden taken geactualiseerd. 7.4 Loopbaan- en scholingsbeleid Het beschikbare scholingsbudget zullen we in de komende jaren, volgens dezelfde systematiek als voorheen, maar ruimer, verdelen onder het personeel opdat zij hun eigen keuzes daarin kunnen maken. We zullen vanuit de schoolleiding vooral stimuleren dat docenten zich verder scholen op het terrein van de didactiek, gericht op de effectiviteit van een les en het te behalen rendement. Dit kan zowel intern als extern gebeuren. Daarnaast houden we als schoolleiding de beschikking over een scholingsbudget dat we kunnen inzetten voor schoolbrede activiteiten en voor die vormen van nascholing die het persoonlijk budget te boven gaan, maar zo wezenlijk zijn dat ze toch gevolgd moeten worden. We hechten eraan een zelflerende organisatie te worden. Onderling lesbezoek en gestructureerde nagesprekken maken daar een wezenlijk onderdeel van uit. De begeleiding van startende docenten en van docenten die twee, drie of vier jaar aan de school verbonden zijn, zullen we continueren. Intervisie speelt ook hierbij een belangrijke rol. We zouden, mede als onderdeel van de gewenste 360 -fee dback, willen stimuleren dat elke docent meedoet aan een vorm van onderling lesbezoek waarbij ieder jaarlijks tenminste één keer een les van een collega bijwoont en een collega in de les op bezoek krijgt. Dit onderwerp zal een vast onderdeel moeten worden van de functioneringsgesprekken. 7.5 Beleid gericht op verbetering van de arbeidsomstandigheden De signalen die ons o.a. bereiken op dit terrein in de functioneringsgesprekken en de sectiegesprekken, waar dit onderwerp een vast onderdeel van is, zullen we gebruiken in een poging de arbeidsomstandigheden voor het personeel zo goed mogelijk te laten zijn. In de vorige periode heeft de Arbodienst een risico-inventarisatie en evaluatie opgesteld aan de hand waarvan we een door Arbodienst en MR goedgekeurd plan van aanpak hebben gemaakt. Dit plan van aanpak voeren we uit. De ziekteverzuimgegevens van de laatste jaren stemmen tot tevredenheid. Onze ziekteverzuimcijfers liggen onder de landelijk gemiddelde cijfers. Een goed personeelsbeleid waarin zorg voor het personeel tot uitdrukking wordt gebracht, moet ertoe leiden dat de huidige tendens zich voortzet. De zogenaamde ziektefrequentiecijfers die aangeven hoe vaak een personeelslid zich ziek meldt, liggen echter iets boven het landelijk gemiddelde. We zetten ons beleid voort met alle personeelsleden die zich meer dan drie keer per jaar ziek melden een gesprek te voeren, opdat de drempel om zich ziek te melden iets hoger wordt. Het jaarlijks op te stellen sociaal jaarverslag is het beleidsinstrument dat we gebruiken om het beleid hieromtrent succesvol te laten zijn. 7.6 Inspraak en medezeggenschap Inspraak en medezeggenschap is gerealiseerd volgens de wet op de medezeggenschap. De MR is samengesteld uit leerlingen, ouders en personeelsleden die conform het MR-reglement instemmings- dan wel adviesrecht hebben. De MR komt enkele malen per jaar bijeen om minimaal de volgens de wet verplichte stukken goed te keuren (schoolformatieplan, begroting, e.d.). Daarnaast opereert de GMR opdat bovenschoolse kwesties (meerjarenformatieplan b.v.) zonder DGO kunnen worden vastgesteld. Nu de WMS is vastgesteld, gelden de nieuwe reglementen voor MR en GMR waarin de bevoegdheden van alle betrokken geledingen helder zijn beschreven. 13

14 8. Overige beleidsterreinen 8.1 Financieel beleid De financiële middelen waarover de school de beschikking heeft, zijn die die ons regulier via de lump sum worden aangereikt. Daarnaast heeft de school de beschikking over de gelden die via de vrijwillige ouderbijdrage worden geïnd. De wijze waarop we deze gelden kunnen innen, legt de laatste jaren in de eerste periode van het jaar een enorme druk op de financiële administratie. Opmerkingen hierover vinden echter geen gehoor bij de onderwijsinspectie en het ministerie van onderwijs zodat we ervan uit moeten gaan dat we ook in deze planperiode uitvoering moeten geven aan alle voorschriften zoals die hierover zijn opgesteld. De financiële middelen die we van de overheid ontvangen, worden voor het overgrote deel ingezet om de personeelslasten te vergoeden. In hoofdstuk 7.2 formatiebeleid zijn we al ingegaan op een aantal financiële aspecten hiervan. 8.2 Materieel beleid Nu we in de vorige planperiode de school hebben kunnen uitbreiden opdat we 1100 leerlingen kunnen huisvesten, leek het erop dat we voorlopig relatief weinig in het gebouw zouden moeten investeren. De groei van het leerlingenaantal naar de verwachte 1200 leidt er echter toe dat we wederom met de gemeente in overleg zijn om de mogelijkheden voor een extra kluisjesruimte buiten en extra lokalen via interne verbouwingen te realiseren. We verwachten dat dit in het jaar 2011 zijn beslag zal krijgen. Ook in 2011 willen we het gebouw beter geschikt maken voor duurzaam energiegebruik. De bedoeling is dat we zonnepanelen op het dak van de school plaatsen. In het meerjareninvesteringsplan is af te lezen wat we nog meer op materieel terrein willen doen. Om onze speerpunten op het terrein van ICT-toepassingen te realiseren, zullen we de komende jaren moeten blijven investeren in computers. We willen docenten b.v. allemaal een notebook of laptop in bruikleen geven en we verwachten in de komende periode in nog een aantal lokalen active white boards te zullen plaatsen. Als gevolg van al deze maatregelen op materieel gebied beschouwen we het niveau van gebouw en inventaris voor de komende periode ruim voldoende zodat we op korte en middellange termijn geen grote nieuwe investeringen hierin voorzien. 8.3 Sponsorbeleid In maart 1997 is er een convenant over sponsoring ondertekend door de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en 15 organisaties waaronder de Besturenraad PCO, het LAKS en de VVO. De afspraken uit het convenant geven weer wat er onder sponsoring valt en hoe scholen een verantwoord sponsorbeleid kunnen voeren. Het sponsorbeleid op het Willem de Zwijger College is een afgeleide van de afspraken die in dat convenant zijn gemaakt. 8.4 Beleid t.a.v. externe contacten De school onderhoudt contacten met een keur aan externe instanties. Overleg met de andere scholen voor voortgezet onderwijs in de regio vindt plaats via het overleg van de kring van schoolleiders dat ongeveer 4 keer per jaar wordt gevoerd en waar de inspecteur van onderwijs soms aanwezig is. In Naarden en Bussum vindt regelmatig overleg plaats in de zogenaamde kleine kring tussen de schoolleiders van de scholen voor voortgezet onderwijs in Naarden en Bussum. Ook participeren we in een regio-overleg van schoolleiders van verschillende scholen in het Gooi. Dit laatste overleg is er op twee niveaus - van directieleden en van afdelingsleiders. Overleg met het basisonderwijs is er via het BOVO-overleg dat twee maal per jaar plaatsvindt en waar alle scholen voor voortgezet onderwijs in Naarden en Bussum participeren. Daarnaast onderhoudt de afdelingsleider onderbouw de contacten met de individuele basisscholen zoals de afdelingsleider middenbouw de contacten onderhoudt met de toeleverende VMBO s. De leden van de directie participeren in directieplatforms. De directie is regelmatig aanwezig bij overlegstructuren van b.v. Besturenraad en VVO. Met de gemeente onderhouden we contacten over de invulling van het lokaal onderwijsbeleid. De leerplichtambtenaar heeft zitting in het ZAT. Via dit team lopen er ook lijnen naar diverse hulpverlenende instanties. Los van de functionele waarde van al deze contacten, verhogen de leden van de schoolleiding hiermee ook hun deskundigheid op diverse terreinen. Daarnaast hebben ook de decanen en de mediathecaris regelmatig contact met hun collega s uit de regio. De contacten met de externen die het dichtst bij school staan, raad van toezicht, ouders en leerlingen willen we in het kader van de kwaliteitszorg en good governance minimaal op het huidige niveau houden. We continueren de gesprekken die we voeren met de ouderresonansgroepen per leerjaar/afdeling, en willen in deze planperiode de al eerder genoemde wens om leerlingenresonansgroepen in te stellen realiseren. 9. Kwaliteitszorg 14

15 Wat de kwaliteit van onderwijs is, is niet in één zin te beschrijven. Alle aspecten die in het schoolplan zijn beschreven, maken er deel van uit. We noemen er enkele: S S S S S S S leerlingen en personeel moeten de school ervaren als een veilige omgeving waar respect wordt getoond voor ieder individu leerlingen en personeel moeten voldoening vinden in het werk dat zij dagelijks doen het schoolgebouw zal moeten voldoen aan de eisen die worden gesteld om de kwaliteit te leveren die van de school verwacht wordt leerlingen moeten in staat worden gesteld volgens hun capaciteiten te presteren de rendementsgegevens moeten naar behoren zijn de school moet ruimte bieden voor meer dan louter cognitieve vorming de school moet de onderwijskundige ontwikkelingen op de voet volgen Nogmaals, de lijst is niet limitatief, maar duidt slechts enkele accenten aan. In feite kan worden gesteld dat de school kwaliteit levert als zij erin slaagt de gestelde missie te realiseren. 9.1 Inrichting van de kwaliteitszorg We hebben een kwaliteitsbeleidsplan op grond waarvan we de kwaliteitszorg inrichten. We hanteren daarvoor veel verschillende instrumenten die beschreven staan in de kwaliteitsmatrix die hoort bij het beleidsstuk. Daarin staat ook de frequentie beschreven waarmee we de verschillende instrumenten inzetten. In de komende jaren zullen we onze gegevens geschikt maken voor de Vensters van Verantwoording van de VO-raad en het ministerie van onderwijs zodat we ook daar benchmarkgegevens aan kunnen ontlenen die we kunnen inzetten ter verbetering van onze kwaliteit. In het kader van het integraal beleid hebben we met elkaar samenhangende kengetallen ontwikkeld op de meeste beleidsterreinen die het ons mogelijk maken van jaar tot jaar zicht te hebben op trends die van invloed zijn op de geleverde kwaliteit op al die terreinen. Jaarlijks worden de rendementsgegevens van de school afgezet tegen de landelijke gemiddelden en tegen die van het St. Vituscollege, de andere, vergelijkbare school binnen het SIVOG. Een goede determinatie die ertoe zal leiden dat leerlingen op de juiste onderwijsplek terecht komen en op hun niveau onderwijs krijgen gevoegd bij een goed opgezet leerlingvolgsysteem en een goed rapportagesysteem naar de ouders zal ertoe bijdragen dat de rendementsgegevens minimaal op het landelijk niveau komen en blijven. In dit schoolplan is al te lezen welke ontwikkelingen daarin gaande zijn en welke plannen we daarin voor de komende jaren hebben. Voor de rapportage naar ouders hebben we een speciale cijfersite op onze website waarop alle behaalde cijfers staan vermeld. In de schoolgids zullen we jaarlijks verslag doen van de rendementsgegevens van tenminste het vorig schooljaar. Een samenvatting daarvan zal elk jaar verschijnen in de Zwijgerpraat, ons bulletin dat vier maal per jaar op de website van de school wordt gepubliceerd. De coaching van docenten, de intervisie, de 360 -fe edback, de functioneringsgesprekken, het lesbezoek en de leerlingenenquêtes kunnen eveneens worden gezien als instrumenten van kwaliteitszorg. Ditzelfde geldt voor de jaarlijks terugkerende gesprekken tussen schoolleiding en secties. In deze gesprekken zal de zelfevaluatie van de sectie over hun curriculum, didactische keuzes, leerlingbegeleiding en rendementsgegevens een belangrijke rol spelen. Jaarlijks krijgen we de ziekteverzuimcijfers die we eveneens vergelijken met de landelijke gegevens. Soms is er een bijeenkomst van het Sociaal Medisch Team waarbij de gelegenheid er is de eventuele oorzaken van de ziekteverzuimgegevens en de mogelijke oplossingen te bespreken, maar in elk geval is er veel telefonisch en e- mailcontact tussen de directie en de bedrijfsarts. Dit zal ons zicht geven op de eventuele knelpunten op het terrein van de arbeidsomstandigheden van het personeel. Jaarlijks evalueren we het plan van aanpak dat we hebben opgesteld n.a.v. de risico inventarisatie en evaluatie door de Arbodienst. Het regulier schooltoezicht en het jaarlijks onderzoek van de inspectie leveren ons ook gegevens op waarmee we onze kwaliteitszorg vorm kunnen geven. 10. Onze visie/de gewenste kwaliteit/de beleidsvoornemens. Wat willen wij? Een samenvatting van het schoolplan in speerpunten 15

16 In bovenstaande paragrafen is al veel te lezen over de visie van het Willem de Zwijger College. Kort omschreven komt het in concreto op de volgende punten neer. We nemen vooral de beleidsvoornemens op voor zover het wijziging of uitbouwen van bestaand beleid betekent. Hierbij hanteren we voornamelijk de volgorde waarin de verschillende onderwerpen in het schoolplan zijn beschreven. - In de komende jaren zullen de afdelingsleiders leerlingresonansgroepen instellen waarmee tenminste één maal per jaar een gesprek wordt gevoerd over de kwaliteit van ons onderwijs in de breedste zin van het woord. - Docenten blijven zich didactisch en vakmatig scholen. In functioneringsgesprekken zal dit een vast gespreksonderwerp zijn. Het mag niet voorkomen dat docenten hun nascholingsbudget niet gebruiken. - Voor de ontwikkeling van het bekwaamheidsdossier van de docenten zal in de komende planperiode de 360 -feedback explicieter dan voorheen onder de aan dacht van de docenten worden gebracht. We willen bewerkstelligen dat alle docenten aan intervisie doen. - We voeren de discussie over ons vakkenaanbod (vrije pakketkeuze tegenover b.v. streaming van vakken). - We blijven onderzoek doen naar de mogelijkheden de verschillende afdelingen van de school te profileren. - We voeren de beleidsvoornemens uit de investeringsnota uit 2010 uit. - We ontwikkelen een op maat toegesneden seniorenbeleid dat erop is gericht docenten langer aan de school te binden. - We werven studenten die in opleiding zijn voor een leraarsfunctie. - We verhogen de individuele scholingsbijdrage voor docentenwerk. - We stellen tijd en geld beschikbaar voor docenten die een tweede graads bevoegdheid hebben en een eerste graads bevoegdheid willen halen. - We continueren de intensieve examentraining volgens het zogenaamde onderdompelmodel. - We verhogen voor de vakken Nederlands, Engels en wiskunde het urenaantal op de lessentabel van de examenklassen. - We streven ernaar de arbeidsomstandigheden voor docenten zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Zo continueren we het beleid om voor toezichthoudende taken in de toetsperiodes externen in te huren, handhaven we ons besluit om in het kader van de gezonde school het personeel een jaarlijkse tegemoetkoming in de kosten van een sportvereniging te verstrekken en geven we een notebook/laptop in bruikleen aan docenten. - De rendementsgegevens zullen we in de komende jaren verbeteren. M.n. de gemiddelden van de CE s op HAVO en VWO en de slagingspercentages zullen minimaal op het landelijk gemiddelde moeten liggen. - We zullen de vormgeving en inrichting van het taal- en rekenonderwijs afstemmen op de op te stellen referentiekaders voor taal en rekenen en de examens zoals die voor deze vaardigheden zullen worden afgenomen. - Ook in de komende jaren zal het stimuleren van leerlingen om een exact profiel te kiezen onze aandacht houden. De keuzes voor een exact profiel dienen minimaal overeen te komen met de landelijke gemiddelden. - Het gebouw zal geschikt moeten worden gemaakt voor de huisvesting van 1200 leerlingen. - In de komende jaren zullen we het plan Leerkracht volledig uitwerken en invullen opdat in 2014 tenminste de voor onze school geldende functiewaarde is bereikt. - Per vak en per klas moet het aantal onvoldoendes op de eindrapporten en het examendossier kleiner dan 25% zijn. - Docenten geven, waar mogelijk, gedifferentieerd les, rekening houdend met verschillen in aanleg en tempo van de leerlingen. 16

17 - De studie-uren voor de onderbouw worden nog meer dan nu gebruikt voor het zelfstandig werken van de leerlingen. Daartoe is het noodzakelijk dat de docentassistenten alle studiewijzers hebben en voldoende lesmateriaal om dat mogelijk te maken. - Het RTTI-model wordt ingevoerd en o.l.v. de onderwijscommissie in de komende jaren geïplementeerd. - Tenminste 33% van het aantal op het gymnasium gestarte leerlingen zal een gymnasiumdiploma moeten halen. - We maken een leermiddelenplan waarin we beleidsvoornemens formuleren over het gebruik van digitale leermiddelen. - We maken onze gegevens geschikt voor Vensters voor Verantwoording. 11. Tot slot In de inleiding is de status van het schoolplan al aangegeven. We zullen het schoolplan verspreiden onder het voltallige personeel. Het zal ons moeten sturen in de richting die we als school op willen. Om de kwaliteit van de school te waarborgen zullen we voortdurend met elkaar in gesprek moeten zijn over de onderwijsdoelen en de middelen waarmee we die doelen kunnen bereiken. Het is de toekomst van t Willem die wordt beschreven in dit schoolplan. Uitgaande van de huidige situatie toewerkend naar de toekomst, zowel op korte en middellange termijn - de eerste vier jaar op weg naar een volgend schoolplan - als op wat langere termijn. Februari 2011, de directie 17

Het schoolplan is gebaseerd op een groot aantal bestaande documenten waarin op onderdelen beleid staat geformuleerd.

Het schoolplan is gebaseerd op een groot aantal bestaande documenten waarin op onderdelen beleid staat geformuleerd. Schoolplan Willem de Zwijger College Inleiding Dit schoolplan van het Willem de Zwijger College brengt de actuele situatie van de school in kaart en geeft aan welke ontwikkelingen op korte en middellange

Nadere informatie

Inrichting van de Tweede Fase op het HML

Inrichting van de Tweede Fase op het HML 1 tweede fase Inrichting van de Tweede Fase op het HML 1. Uitgangspunten van de school 2. De profielen 3. Werken in de bovenbouw 4. Examendossier 5. Het studiehuis op het HML 6. Leerlingbegeleiding 7.

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING COMENIUS COLLEGE, AFDELING VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING COMENIUS COLLEGE, AFDELING VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING COMENIUS COLLEGE, AFDELING VWO Plaats: Hilversum BRIN-nummer: 03FO-0 Arrangementsnummer: 169057 Onderzoek uitgevoerd op: 28 oktober 2011 Conceptrapport

Nadere informatie

Over het Vecht-College

Over het Vecht-College Over het Vecht-College Het Vecht-College is een particuliere middelbare school voor mavo, havo en vwo. Wij bieden kwalitatief hoogstaand onderwijs, gericht op de individuele behoeften en talenten van kinderen.

Nadere informatie

2. Waar staat de school voor?

2. Waar staat de school voor? 2. Waar staat de school voor? Missie en Visie Het Rondeel gaat uit van de Wet op het Basisonderwijs. Het onderwijs omvat de kerndoelen en vakgebieden die daarin zijn voorgeschreven. Daarnaast zijn ook

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Christelijk Gymnasium VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Christelijk Gymnasium VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Christelijk Gymnasium VWO Plaats : Utrecht BRIN nummer : 16PA C1 BRIN nummer : 16PA 00 VWO Onderzoeksnummer : 283237 Datum onderzoek : 8 april 2015 Datum vaststelling

Nadere informatie

Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006

Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006 Inspectietoezicht op scholen voor Voortgezet Onderwijs in 2006 Inleiding Met ingang van 1 januari 2006 stelt de inspectie het waarderingskader en de werkwijze in het toezicht in het voortgezet onderwijs

Nadere informatie

Presentatie tijdens lesjes middag. De Vos: jouw slimste keuze!

Presentatie tijdens lesjes middag. De Vos: jouw slimste keuze! Presentatie tijdens lesjes middag De Vos: jouw slimste keuze! Visie Strategisch Beleidsplan Onze primaire functie en ons hoofddoel is het ontplooien van leerlingen op basis van individuele kwaliteiten.

Nadere informatie

KEUZEBEGELEIDING KLAS 3

KEUZEBEGELEIDING KLAS 3 KEUZEBEGELEIDING KLAS 3 2013-2014 Afdelingsleiders Decanen dhr. drs. G.C. Zijlstra (vwo) en dhr. R de Boef (havo) mw. E. de Neef en mw. drs. A.C.R.I. Govaarts Mentoren 3A mw. E.A.M. van Veen 3GA dhr.

Nadere informatie

Wessel Gansfortcollege vestiging Heerdenpad

Wessel Gansfortcollege vestiging Heerdenpad Wessel Gansfortcollege vestiging Heerdenpad Film bekijken? Scan met Layar! vmbo-theoretisch leerweg (tl) havo, atheneum, atheneum+ 900 leerlingen Uit de kunst! Ongeveer 900 leerlingen komen elke dag naar

Nadere informatie

Wat is de visie van de school op Talent Ontwikkelen en hoe zie je die visie terug in de praktijk van de school?

Wat is de visie van de school op Talent Ontwikkelen en hoe zie je die visie terug in de praktijk van de school? Koers Talent Ontwikkelen op het BRC Vraag 1 en 2: Wat is de visie van de school op Talent Ontwikkelen en hoe zie je die visie terug in de praktijk van de school? De basis voor het schoolbeleid, ook op

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Het Baken International School VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Het Baken International School VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Het Baken International School VWO Plaats : Almere BRIN nummer : 01FP C3 BRIN nummer : 01FP 06 VWO Onderzoeksnummer : 275538 Datum onderzoek : 15 april 2014

Nadere informatie

Uit: Jaarplan en Begroting 2014 Het Hogeland College Schoolbestuur Lauwers & Eems, Voortgezet Onderwijs

Uit: Jaarplan en Begroting 2014 Het Hogeland College Schoolbestuur Lauwers & Eems, Voortgezet Onderwijs Uit: Jaarplan en Begroting 2014 Het Hogeland College Schoolbestuur Lauwers & Eems, Voortgezet Onderwijs Inleiding In 2014 gaan wij voor het eerst werken op basis van het nieuwe Koersplan van schoolbestuur

Nadere informatie

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren.

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Basisschool De Buitenburcht Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Dit is de beknopte versie van het schoolplan 2015-2019 van PCB de Buitenburcht in Almere. In het schoolplan

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK UNIE NOORD, THEATER HAVO/VWO AFDELINGEN HAVO EN VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK UNIE NOORD, THEATER HAVO/VWO AFDELINGEN HAVO EN VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK UNIE NOORD, THEATER HAVO/VWO AFDELINGEN HAVO EN VWO Plaats: Rotterdam BRIN-nummer: 02VG-19 Registratienummer: 3482644 Onderzoek uitgevoerd op: 6 december 2012

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEITSVEBETERING. Stedelijke Scholengemeenschap Nijmegen Afdeling havo

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEITSVEBETERING. Stedelijke Scholengemeenschap Nijmegen Afdeling havo RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEITSVEBETERING Stedelijke Scholengemeenschap Nijmegen Afdeling havo Plaats: Nijmegen BRIN-nummer: 20EO-0 Arrangementsnummer: 84652 Onderzoek uitgevoerd op:

Nadere informatie

Informatieavond Klas 3 Welkom

Informatieavond Klas 3 Welkom Informatieavond Klas 3 Welkom Programma opening het 3 vwo team uw kind op 3 vwo communicatie LOB: Profielkeuzeproces in 3 vwo Pauze (kopje koffie in het dolninarium) kennismaking met de mentor Leerlingen

Nadere informatie

Locatie Buitenbaan Je doet ertoe!

Locatie Buitenbaan Je doet ertoe! JENAPLAN Locatie Buitenbaan Je doet ertoe! BUITENGEWOON JENA een andere, succesvolle aanpak In Heerenveen kunnen leerlingen sinds 1997 in de onderbouw van Jenaplan-onderwijs volgen in heterogene klassen:

Nadere informatie

vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+ 820 leerlingen

vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+ 820 leerlingen vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+ 820 leerlingen De CSG Wessel Gansfort is een open christelijke school, waar elke dag ongeveer 820 leerlingen onderwijs volgen. Iedereen is van

Nadere informatie

Profielschets. Teamleider vwo bovenbouw

Profielschets. Teamleider vwo bovenbouw Profielschets Teamleider vwo bovenbouw Rotterdam, 2016 Profielschets Teamleider vwo bovenbouw (LD) Libanon Lyceum Omvang: 1,0 fte met een beperkte lesgevende taak. Vooraf Het Libanon Lyceum in Rotterdam

Nadere informatie

KEUZEBEGELEIDING & PROFIELKEUZE KLAS 3

KEUZEBEGELEIDING & PROFIELKEUZE KLAS 3 KEUZEBEGELEIDING & PROFIELKEUZE KLAS 3 2014-2015 Belangrijke data i.v.m. profielkeuze schooljaar 2014 2015 9 dec. Ouderavond 10 dec. Mentoravond 26-30 jan. Elke derde klas gaat één dag op keuzedag 2 feb

Nadere informatie

School- en functieprofiel. Bonhoeffer College. Afdelingsleider bovenbouw Havo/VWO. Bruggertstraat. Enschede

School- en functieprofiel. Bonhoeffer College. Afdelingsleider bovenbouw Havo/VWO. Bruggertstraat. Enschede School- en functieprofiel Bonhoeffer College Afdelingsleider bovenbouw Havo/VWO Bruggertstraat Enschede Enschede, Februari 2015 Bonhoeffer College, locatie Bruggertstraat Organisatie Het Bonhoeffer College

Nadere informatie

Mariaschool Reutum tevredenheidsmeting medewerkers 2014-2015

Mariaschool Reutum tevredenheidsmeting medewerkers 2014-2015 Mariaschool Reutum tevredenheidsmeting medewerkers 2014-2015 Aantal respondenten: 10/12 Vensters Voor Verantwoording PO Schoolklimaat 3,7 0% 0% 27% 73% 0% B1. In hoeverre gaan leerlingen graag naar school?

Nadere informatie

Samenvatting schoolplan 2015-2020

Samenvatting schoolplan 2015-2020 Samenvatting schoolplan 2015-2020 1 Inleiding Het schoolplan is de basis voor de actieplannen die jaarlijks door de schoolleiding worden gemaakt. Het stelt de schoolleiding in de gelegenheid om expliciet

Nadere informatie

Samenwerking. Betrokkenheid

Samenwerking. Betrokkenheid De Missie Het Spectrum is een openbare school met een onderwijsaanbod van hoge kwaliteit. We bieden het kind betekenisvol onderwijs in een veilige omgeving. In een samenwerking tussen kind, ouders en school

Nadere informatie

Goed onderwijs, daar draait bij ons alles om.

Goed onderwijs, daar draait bij ons alles om. OVER DIT IS WIJS Goed onderwijs, daar draait bij ons alles om. Vanuit deze betrokkenheid maken wij het verschil in aanpak en docenten. En om u nog wijzer te maken, heeft DIT IS WIJS unieke volledig uitgewerkte

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. CSG Het Noordik, locatie Vriezenveen

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. CSG Het Noordik, locatie Vriezenveen RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ CSG Het Noordik, locatie Vriezenveen School/instelling : CSG Het Noordik Plaats : Vriezenveen BRIN-nummer : 0DO Onderzoeksnummer : HB756654 Onderzoek uitgevoerd :

Nadere informatie

STRATEGISCH PLAN BASISSCHOOL DE VORDERING 2015-2019

STRATEGISCH PLAN BASISSCHOOL DE VORDERING 2015-2019 STRATEGISCH PLAN BASISSCHOOL DE VORDERING 2015-2019 MISSIE DE VORDERING Vanuit een traditie van katholieke waarden en voor iedereen toegankelijk, verzorgen wij kwalitatief hoogstaand eigentijds basisonderwijs,

Nadere informatie

Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444

Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Voorlichtingspublicatie Betreft de onderwijssector(en) Informatie CFI/ICO Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Wet van 9 december 2005, houdende opneming in de Wet op het

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING RUDOLF STEINER COLLEGE AFDELINGEN HAVO EN VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING RUDOLF STEINER COLLEGE AFDELINGEN HAVO EN VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING RUDOLF STEINER COLLEGE AFDELINGEN HAVO EN VWO Plaats: Rotterdam BRIN-nummer: 16TV-1 Arrangementsnummer: 170877/170878 Onderzoek uitgevoerd op:

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Dalton Den Haag HAVO VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Dalton Den Haag HAVO VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Dalton Den Haag HAVO VWO Plaats : 's-gravenhage BRIN nummer : 20MF C1 BRIN nummer : 20MF 00 HAVO BRIN nummer : 20MF 00 VWO Onderzoeksnummer : 283573 Datum onderzoek

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Gregorius College Afdeling vwo

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Gregorius College Afdeling vwo RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Gregorius College Afdeling vwo Plaats: Utrecht BRIN-nummer: 01KF-00/02 Arrangementsnummer: 726178 HB: 3485391 Onderzoek uitgevoerd op: 15 november 2012 Conceptrapport

Nadere informatie

Docenten die hun onderwijs meer willen afstemmen op de individuele verschillen tussen leerlingen en hun leeropbrengst willen vergroten.

Docenten die hun onderwijs meer willen afstemmen op de individuele verschillen tussen leerlingen en hun leeropbrengst willen vergroten. 1. Differentiëren Onderzoeken welke manieren en mogelijkheden er zijn om te differentiëren en praktische handvatten bieden om hiermee aan de slag te gaan. Vervolgens deze kennis toepassen in de praktijk

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. Christelijk College De Populier

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. Christelijk College De Populier RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ Christelijk College De Populier Plaats: Den Haag BRIN-nummer: 02GJ Onderzoeksnummer: 2848610 Onderzoek uitgevoerd op: 22 september 2009 Conceptrapport verzonden op:

Nadere informatie

Personeelsbeleidsplan 2003/2004 2007/2008

Personeelsbeleidsplan 2003/2004 2007/2008 Personeelsbeleidsplan 2003/2004 2007/2008 Eisenhowerlaan 59 3844 AS Harderwijk wdu per 004 1 Inhoudsopgave Inleiding 3 1. Bestuurlijke uitgangspunten 4 2. Integraal personeelsbeleid 5 3. De basis voor

Nadere informatie

Informatie over de brugklas voor ouders

Informatie over de brugklas voor ouders Open Huis vrijdag 29 januari 2016 16.00-21.00 uur scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo (atheneum en gymnasium) Informatie over de brugklas voor ouders Open lessen 11, 12, 14 en 15 januari 2015 Deelname

Nadere informatie

Strategisch beleidsplan Stichting Promes 2015-2018

Strategisch beleidsplan Stichting Promes 2015-2018 Strategisch beleidsplan Stichting Promes 2015-2018 Voorwoord. De planperiode van 2011-2014 ligt bijna achter ons en geeft ons reden tot nadenken over de doelen voor de komende vier jaar. Als we terugdenken

Nadere informatie

RAPPORT ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING KADER 2012 VMBOGT VMBOGT

RAPPORT ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING KADER 2012 VMBOGT VMBOGT RAPPORT ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING KADER 2012 VMBOGT VMBOGT Plaats : Zwolle BRIN nummer : 01AA 58 VMBOGT BRIN nummer : 02VT 02 VMBOGT Onderzoeksnummer : 253822 Datum onderzoek : 10 oktober 2013

Nadere informatie

4-12-2015. Bedoeling infoavond. Welkom INFORMATIEAVOND 3 vwo de Tweede Fase. Historische achtergronden. Tweede fase. Merkbare veranderingen

4-12-2015. Bedoeling infoavond. Welkom INFORMATIEAVOND 3 vwo de Tweede Fase. Historische achtergronden. Tweede fase. Merkbare veranderingen Bedoeling infoavond Na afloop heeft u een beeld van: Welkom INFORMATIEAVOND 3 vwo de Tweede Fase de Tweede Fase als onderwijssysteem het keuzeproces van uw zoon/dochter Tweede fase Voortgezet Onderwijs

Nadere informatie

De ouderbijdrage per kind bedraagt voor het schooljaar 2014-2015 180, waarbij we de volgende kortingsregeling hanteren:

De ouderbijdrage per kind bedraagt voor het schooljaar 2014-2015 180, waarbij we de volgende kortingsregeling hanteren: Bussum, 11 september 2014 Geachte mevrouw, mijnheer, Hierbij verstrek ik u informatie over de ouderbijdrage. Het Willem wil kwaliteit bieden in de breedste zin van het woord. Daartoe bieden wij de leerlingen

Nadere informatie

3 De visie van de Prinses Julianaschool

3 De visie van de Prinses Julianaschool 3 De visie van de Prinses Julianaschool 3.1 Visie op het onderwijs De missie: Prinses Julianaschool, school voor geborgenheid, (basis)kennis en zorg. De Prinses Julianaschool biedt kinderen een veilige

Nadere informatie

Informatieavond 2016. De Vos: jouw slimste keuze!

Informatieavond 2016. De Vos: jouw slimste keuze! Informatieavond 2016 De Vos: jouw slimste keuze! Welkom Namens het gehele team: Onderwerp presentatie.. Visie Strategisch Beleidsplan Onze primaire functie en ons hoofddoel is het ontplooien van leerlingen

Nadere informatie

Profielschets. Afdelingsleider

Profielschets. Afdelingsleider Profielschets Afdelingsleider Krimpenerwaard College in Krimpen aan den IJssel, 2016 Profielschets Afdelingsleider (LD) Krimpenerwaard College Afdelingsleider mavo en afdelingsleider havo. Per vacante

Nadere informatie

projectplan professionaliseringstraject Technisch College Velsen Samenwerkingsverband VO Zuid-Kennemerland 2014-2016

projectplan professionaliseringstraject Technisch College Velsen Samenwerkingsverband VO Zuid-Kennemerland 2014-2016 projectplan professionaliseringstraject Technisch College Velsen Samenwerkingsverband VO Zuid-Kennemerland 2014-2016 Doelstellingen professionaliseringstraject Het SWV heeft als doelstellingen voor het

Nadere informatie

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA VOORWOORD In dit verslag van obs de Delta treft u op schoolniveau een verslag aan van de ontwikkelingen in het afgelopen schooljaar in het kader van de onderwijskundige ontwikkelingen,

Nadere informatie

Meer over de GSR. ALgemene informatie - 2014 2015. Informatiebrochure 2014-2015 1

Meer over de GSR. ALgemene informatie - 2014 2015. Informatiebrochure 2014-2015 1 Meer over de GSR ALgemene informatie - 2014 2015 Informatiebrochure 2014-2015 1 De GSR, de Gereformeerde Scholengemeenschap Randstad, is een middelbare school voor betrokken christenen in de regio met

Nadere informatie

CKV Festival 2012. CKV festival 2012

CKV Festival 2012. CKV festival 2012 C CKV Festival 2012 Het CKV Festival vindt in 2012 plaats op 23 en 30 oktober. Twee dagen gaan de Bredase leerlingen van het voortgezet onderwijs naar de culturele instellingen van Breda. De basis van

Nadere informatie

VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN OV 2013. Gymnasium Felisenum

VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN OV 2013. Gymnasium Felisenum VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN OV 2013 Gymnasium Felisenum Plaats : Velsen-Zuid BRIN-nummer : 20DG Onderzoeksnummer : 150930 Datum onderzoek : 17-18 januari 2013 Datum vaststelling : 18 december 2012-14 maart

Nadere informatie

vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+

vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+ Erkende CultuurProfielSchool Erkende VECON Business School vmbo theoretische leerweg (tl), havo, atheneum, atheneum+ 800 leerlingen Welkom op ons Wessel! De CSG Wessel Gansfort is een open christelijke

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING (OKV) Cartesius Lyceum Amsterdam, afdeling VWO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING (OKV) Cartesius Lyceum Amsterdam, afdeling VWO RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING (OKV) Cartesius Lyceum Amsterdam, afdeling VWO Plaats: Amsterdam BRIN-nummer:17YS-8 Registratienummer: 3191098 Onderzoek uitgevoerd op:29 september

Nadere informatie

De kwaliteit van ons onderwijs Examenresultaten Stedelijk College Zoetermeer

De kwaliteit van ons onderwijs Examenresultaten Stedelijk College Zoetermeer De kwaliteit van ons onderwijs Examenresultaten Stedelijk College Zoetermeer schooljaar 2005-2006 schooljaar 2006-2007 schooljaar 2007-2008 Gemiddelde examenresultaten over de laatste drie schooljaren

Nadere informatie

Er zijn 4 selectiecriteria voor goede vwo-ers die meer aankunnen en hoogbegaafden: vaardigheden kennisniveau werkhouding zelfstandigheid

Er zijn 4 selectiecriteria voor goede vwo-ers die meer aankunnen en hoogbegaafden: vaardigheden kennisniveau werkhouding zelfstandigheid Fast Lane VWO: de pilot fase Handleiding voor 2015-2016 Inhoud Inleiding. 1. Welke leerlingen? 2. Hoe aanmelden? 3. Welke leraren? 4. Lesprogramma en rooster. 5. Bevordering, slagen en vwo 6. 6. Leermiddelen

Nadere informatie

Informatie voor ouders. schooljaar 2015-2016. Topmavo volgens. Mick. Hart voor jouw talent! Meer dan leren

Informatie voor ouders. schooljaar 2015-2016. Topmavo volgens. Mick. Hart voor jouw talent! Meer dan leren Informatie voor ouders schooljaar 2015-2016 Topmavo volgens Mick Hart voor jouw talent! Meer dan leren Meer dan leren Op de Groene Hart Topmavo komen leerlingen met een mavo (vmbo-tl) of mavo/havo-advies.

Nadere informatie

Grondslag Stichting tot Oprichting en instandhouding van Scholen voor Christelijk Onderwijs te Schoonhoven

Grondslag Stichting tot Oprichting en instandhouding van Scholen voor Christelijk Onderwijs te Schoonhoven Grondslag Stichting tot Oprichting en instandhouding van Scholen voor Christelijk Onderwijs te Schoonhoven Naam: Grondslag Stichting tot Oprichting en instandhouding van Scholen voor Christelijk Onderwijs

Nadere informatie

Cambridge. Engels VWO. www.staring.nl. 1039042 Staring A5 brochure Cambridge Engels.indd 1

Cambridge. Engels VWO. www.staring.nl. 1039042 Staring A5 brochure Cambridge Engels.indd 1 Cambridge Engels VWO www.staring.nl 1039042 Staring A5 brochure Cambridge Engels.indd 1 19-01-16 13:33 Wat is Cambridge Engels? De Universiteit van Cambridge heeft een serie cursussen en examens Engelse

Nadere informatie

Wat gaan we doen? Colofon. Almeerse Scholen Groep. Koersplan maart 2015

Wat gaan we doen? Colofon. Almeerse Scholen Groep. Koersplan maart 2015 Colofon De uitgebreide versie van het ASG Koersplan 2015-2018 kunt u vinden op www.almeersescholengroep.nl. Dit is een uitgave van de Almeerse Scholen Groep. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd

Nadere informatie

OVERSTAP 4-VMBO -> 4-HAVO 2015-2016. Bertrand Russell College havo en vwo

OVERSTAP 4-VMBO -> 4-HAVO 2015-2016. Bertrand Russell College havo en vwo OVERSTAP 4-VMBO -> 4-HAVO 2015-2016 Bertrand Russell College havo en vwo Waarom doorstromen naar 4havo? Stel, je zit in 4 VMBO-t. Je haalt goede resultaten, het ziet ernaar uit dat je zult gaan slagen.

Nadere informatie

mavo havo atheneum gymnasium

mavo havo atheneum gymnasium mavo havo atheneum gymnasium mavo havo atheneum gymnasium Het Elzendaalcollege ligt, omgeven door veel groen, dicht bij het station van Boxmeer. De school bestaat uit drie gebouwen of gebouwdelen, met

Nadere informatie

A T H E N E U M Inleidend Leerlingkenmerken Becijfering De brugklas en latere jaren

A T H E N E U M Inleidend Leerlingkenmerken Becijfering De brugklas en latere jaren A T H E N E U M Inleidend Binnen de Atheneumafdeling hebben we afspraken gemaakt over het geven van onderwijs dat past bij het type leerling in deze afdeling en bij de eisen die (op termijn) aan deze leerling

Nadere informatie

ALGEMEEN DEEL VAN HET PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TL HAVO - VWO

ALGEMEEN DEEL VAN HET PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TL HAVO - VWO ALGEMEEN DEEL VAN HET PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TL - cursus 2014-2015 1 Algemeen deel van het PTA TL// Op de TL, het en het bestaat het totale onderwijspakket uit de volgende vaste onderdelen:

Nadere informatie

CONCLUSIE Aantal niveaus te laag

CONCLUSIE Aantal niveaus te laag Bijlage 1. Opening door Gelbrich Feenstra. Zij werkt als onderwijsadviseur bij APS in Utrecht en sinds ruim een jaar is zij projectleider Engels bij het VLC. Wat was de aanleiding voor deze conferentie?

Nadere informatie

Informatiefolder voor ouders. Kempenhorst College: Hart voor de leerling Klein en Betrokken. Kempenhorst, een fijne school!

Informatiefolder voor ouders. Kempenhorst College: Hart voor de leerling Klein en Betrokken. Kempenhorst, een fijne school! Informatiefolder voor ouders Kempenhorst College: Hart voor de leerling Klein en Betrokken Kempenhorst, een fijne school! Structuur van de school Leerjaar 4 Leerjaar 3 Theoretische leerweg Keuze uit 2

Nadere informatie

Strategisch beleidsplan rsg Simon Vestdijk 2016-2020

Strategisch beleidsplan rsg Simon Vestdijk 2016-2020 Strategisch beleidsplan rsg Simon Vestdijk 2016-2020 1.a. Inleiding In dit strategisch beleidsplan 2016-2020 formuleren we onze belangrijkste doelstellingen en ambities. We nemen voor dit beleidsplan graag

Nadere informatie

REGELING CIJFERGEVING/BEOORDELING EN BEVORDERINGSNORMEN. Stedelijk Dalton College Alkmaar schooljaar 2015-2016

REGELING CIJFERGEVING/BEOORDELING EN BEVORDERINGSNORMEN. Stedelijk Dalton College Alkmaar schooljaar 2015-2016 REGELING CIJFERGEVING/BEOORDELING EN BEVORDERINGSNORMEN Stedelijk Dalton College Alkmaar schooljaar 2015-2016 Vastgesteld door de medezeggenschapsraad d.d. 27 mei 2015 ALGEMEEN In gevallen waarin deze

Nadere informatie

De nieuwe Havo voorbereidend HBO Buiksloterweg 85 1031 CG Amsterdam T: 020 579 72 10 I: www.checkdenieuwehavo.nl

De nieuwe Havo voorbereidend HBO Buiksloterweg 85 1031 CG Amsterdam T: 020 579 72 10 I: www.checkdenieuwehavo.nl De nieuwe Havo voorbereidend HBO Buiksloterweg 85 1031 CG Amsterdam T: 020 579 72 10 I: www.checkdenieuwehavo.nl 1 De nieuwe Havo voorbereidend HBO Wat is De nieuwe Havo? De nieuwe Havo biedt Havo onderwijs

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Farel College, locatie Oostwende College Bunschoten HAVO VMBOGT

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Farel College, locatie Oostwende College Bunschoten HAVO VMBOGT RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Farel College, locatie Oostwende College Bunschoten HAVO VMBOGT Plaats : Bunschoten-Spakenburg BRIN nummer : 14RC C3 BRIN nummer : 14RC 03 HAVO BRIN nummer :

Nadere informatie

Onderwijskundig Jaarplan ( OKJP) OnderwijsKundig JaarVerslag ( OKJV)

Onderwijskundig Jaarplan ( OKJP) OnderwijsKundig JaarVerslag ( OKJV) Werken aan kwaliteit op De Schakel Hieronder leest u over hoe wij zorgen dat De Schakel een kwalitatief goede (excellente) school is en blijft. U kunt ook gegevens vinden over de recent afgenomen onderzoeken

Nadere informatie

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020 Godelindeschool Hilversum 17 september 2015 Feedbackgesprek De inspectie voert aan het eind van het bezoek graag een gesprek over de kwaliteit van de

Nadere informatie

KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2014. CSG De Lage Waard, Burg. Keijzerweg VMBOB

KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2014. CSG De Lage Waard, Burg. Keijzerweg VMBOB KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2014 CSG De Lage Waard, Burg. Keijzerweg VMBOB Plaats : Papendrecht BRIN nummer : 16QA C2 BRIN nummer : 16QA 01 VMBOB Onderzoeksnummer : 272032

Nadere informatie

WAT MOET EN WAT MAG IN DE ONDERBOUW? versie. Sinds 1 augustus 2006. Onderbouw-VO. d e f i n i t i e v e LEERSTOFAANBOD ONDERWIJSTIJD

WAT MOET EN WAT MAG IN DE ONDERBOUW? versie. Sinds 1 augustus 2006. Onderbouw-VO. d e f i n i t i e v e LEERSTOFAANBOD ONDERWIJSTIJD WAT MOET EN WAT MAG geactualiseerdee n versie d e f i n i t i e v e IN DE ONDERBOUW? Onderbouw-VO Noordzeelaan 24A 8017 JW Zwolle T 038 42 54 750 F 038 42 54 760 Postbus 266 8000 AG Zwolle E info@onderbouw-vo.nl

Nadere informatie

Basisschool De Poolster straalt, vanuit deze gedachte werkt het team samen met de kinderen en ouders aan kwalitatief goed onderwijs op onze school.

Basisschool De Poolster straalt, vanuit deze gedachte werkt het team samen met de kinderen en ouders aan kwalitatief goed onderwijs op onze school. Voorwoord Basisschool De Poolster straalt, vanuit deze gedachte werkt het team samen met de kinderen en ouders aan kwalitatief goed onderwijs op onze school. Onze visie op eigentijds, boeiend onderwijs

Nadere informatie

SG Nelson Mandela. mavo en mavo/havo algemeen toegankelijk

SG Nelson Mandela. mavo en mavo/havo algemeen toegankelijk SG Nelson Mandela mavo en mavo/havo algemeen toegankelijk Dalton is een Daltonschool Zo wil Scholengemeenschap Nelson Mandela bekend staan. In een open sfeer bepalen de leerlingen zelf voor een deel hun

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Basisschool Cosmicus

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Basisschool Cosmicus RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Basisschool Cosmicus Plaats : 's-gravenhage BRIN nummer : 15XZ C1 Onderzoeksnummer : 281806 Datum onderzoek : 16 februari 2015 Datum vaststelling : 17 mei 2015

Nadere informatie

De informatie betreft alleen het mavo-traject, omdat dat traject al vanaf de 9e klas start met een vakkenpakket.

De informatie betreft alleen het mavo-traject, omdat dat traject al vanaf de 9e klas start met een vakkenpakket. Informatie Mavo Eamentraject 8e klas 2014/2015 1 Beste ouders en leerlingen, Deze informatie is op 5 februari 2015 aan ouders en leerlingen gepresenteerd en geldt alleen voor leerlingen die in het schooljaar

Nadere informatie

Het VWO op het Eckartcollege

Het VWO op het Eckartcollege VWO Het VWO op het Eckartcollege Welkom Welkom op het eckartcollege. Het Eckartcollege heeft een VWO afdeling, In deze folder staat een korte uitleg over de VWO-afdeling van het Eckartcollege. Visie Het

Nadere informatie

Organisatie en functieprofiel. Bestuurder/rector De Breul

Organisatie en functieprofiel. Bestuurder/rector De Breul Organisatie en functieprofiel Bestuurder/rector De Breul April, 2014 1. INFORMATIE OVER DE ORGANISATIE De Breul is een katholieke scholengemeenschap voor VMBO-tl, HAVO, Atheneum en Gymnasium in Zeist.

Nadere informatie

Vormgeving christelijke identiteit binnen PricoH

Vormgeving christelijke identiteit binnen PricoH Stoekeplein 8a 7902 HM Hoogeveen tel.: 0528-234494 info@pricoh.nl www.pricoh.nl PricoH heeft acht christelijke basisscholen onder haar beheer. Binnen deze acht scholen werken ruim 200 medewerkers, in diverse

Nadere informatie

OUDERAVOND DINSDAG 17 NOVEMBER 2015

OUDERAVOND DINSDAG 17 NOVEMBER 2015 OUDERAVOND DINSDAG 17 NOVEMBER 2015 2 OUDERAVOND 3 (T)VWO 2015-16 Dinsdag 17 november 2015 Op deze speciale ouderavond voor de leerlingen van klas 3 tvwo en 3 vwo krijgt u informatie over de inrichting

Nadere informatie

Het havo/atheneum en atheneum op het Oostvaarders College. Hartelijk welkom

Het havo/atheneum en atheneum op het Oostvaarders College. Hartelijk welkom Het havo/atheneum en atheneum op het Oostvaarders College Hartelijk welkom Doelstelling presentatie Uitleg onderwijs in het havo/atheneum en atheneum op het Oostvaarders College Beantwoorden van vragen

Nadere informatie

Elke dag inspirerend. vwo / havo. elke dag een uitdaging

Elke dag inspirerend. vwo / havo. elke dag een uitdaging Elke dag inspirerend vwo / havo elke dag een uitdaging Samen met uw zoon of dochter staat u voor een belangrijke keuze. Op basis van het advies van de basisschool ligt de uitdaging op vwo of havo-niveau.

Nadere informatie

OVERGANGSNORMEN EN SLAAG-/ZAKREGELING LOCATIE VEENSEWEG

OVERGANGSNORMEN EN SLAAG-/ZAKREGELING LOCATIE VEENSEWEG OVERGANGSNORMEN EN SLAAG-/ZAKREGELING LOCATIE VEENSEWEG Akkoord Directie: 11 september 2013 Akkoord MR: 25 september 2013 A Overgangsnormen 1. Inleiding Bij de overgang van leerlingen zijn er algemene

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Pleincollege Sint Joris PRO PRO Plaats : Eindhoven BRIN nummer : 20AT C6 BRIN nummer : 20AT 05 PRO Onderzoeksnummer : 273588 Datum onderzoek : 16 april 2014

Nadere informatie

Plan van aanpak: werken met Acadin in je eigen groep en je school

Plan van aanpak: werken met Acadin in je eigen groep en je school Plan van aanpak: werken met Acadin in je eigen groep en je school Inleiding Je wilt gaan werken met Acadin. Het is aan te raden direct met een collega samen te werken. Ook is het goed Acadin als thema

Nadere informatie

RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD'

RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD' RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD' School : basisschool 'Pater van der Geld' Plaats : Waalwijk BRIN-nummer : 13NB Onderzoeksnummer : 94513 Datum schoolbezoek : 12 juni

Nadere informatie

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Samenwerken Omgevingsgericht/samenwerken Reflectie en zelfontwikkeling competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Competentieprofiel stichting Het Driespan, (V)SO

Nadere informatie

Informatiebrochure over de studieplaats voor leerlingen en hun ouder(s)/verzorgers

Informatiebrochure over de studieplaats voor leerlingen en hun ouder(s)/verzorgers Informatiebrochure over de studieplaats voor leerlingen en hun ouder(s)/verzorgers Schooljaar 2015-2016 1 Trinitas College locatie Han Fortmann R.K. scholengemeenschap voor gymnasium, atheneum en havo

Nadere informatie

Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING

Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING In gesprek met elkaar. Uitwerking van de stellingen. De onderstaande stellingen hebben we deze avond besproken onder elke stelling staan een aantal opmerkingen die

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK BIJ COMENIUS COLLEGE, UNIT PELIKAANWEG AFDELING VMBO-KADER BEROEPSGERICHTE LEERWEG

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK BIJ COMENIUS COLLEGE, UNIT PELIKAANWEG AFDELING VMBO-KADER BEROEPSGERICHTE LEERWEG RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK BIJ COMENIUS COLLEGE, UNIT PELIKAANWEG AFDELING VMBO-KADER BEROEPSGERICHTE LEERWEG Plaats: Capelle aan den IJssel BRIN-nummer: 19GY-3 Registratienummer: 3188756

Nadere informatie

zaanlands lyceum onze havo-afdeling

zaanlands lyceum onze havo-afdeling zaanlands lyceum onze havo-afdeling onze havo-afdeling zaanlands ly Het Zaanlands Lyceum is een school voor havo, atheneum en gymnasium. De school is gesticht in 1866 en bestaat in schooljaar 2015-2016

Nadere informatie

gymnasium atheneum havo

gymnasium atheneum havo Damstede gymnasium atheneum havo Brede oriëntatie & Talentontwikkeling Klassieke Vorming Informatie voor ouders van toekomstige brugklassers 2015-2016 exact (pilot Technasium) kunstzinnig-actief sportief

Nadere informatie

BUITENHOUT COLLEGE Scholingsplan schooljaar 2015-2016

BUITENHOUT COLLEGE Scholingsplan schooljaar 2015-2016 BUITENHOUT COLLEGE Scholingsplan schooljaar 2015-2016 Scholingsplan Buitenhout College schooljaar 2015-2016 1 1. Inleiding De wettelijke verplichting tot het maken van een scholingsplan is de formele reden

Nadere informatie

Huiswerkbeleid bb havo/vwo

Huiswerkbeleid bb havo/vwo Huiswerkbeleid bb havo/vwo De manier waarop de school met huiswerk omgaat, zowel inhoudelijk als ook wat betreft de ondersteuning door studievaardigheden, is bepalend voor de mate waarin de leerstof wordt

Nadere informatie

Enquête inzet leermiddelen

Enquête inzet leermiddelen Enquête inzet leermiddelen Aan de hand van deze vragenlijst kunnen schoolleiding, teamleiding en vaksecties gezamenlijk de discussie voeren over hun wensen ten aanzien van leermateriaal. Verschillende

Nadere informatie

KIESWIJZER 2015. Laar & Berg STROOMKEUZE VWO EN MYP PROFIELKEUZE HAVO PROFIELKEUZE VWO

KIESWIJZER 2015. Laar & Berg STROOMKEUZE VWO EN MYP PROFIELKEUZE HAVO PROFIELKEUZE VWO KIESWIJZER 2015 Laar & Berg STROOMKEUZE VWO EN MYP PROFIELKEUZE HAVO PROFIELKEUZE VWO INHOUD INLEIDING... 3 STROOMKEUZE V3 EN T3... 4 PROFIELKEUZE HAVO... 5 Maatschappijprofielen in havo 4 en 5... 6 Natuurprofielen

Nadere informatie

Rapportage Overgangsnormen rapportvergaderingen binnen havo-vwo

Rapportage Overgangsnormen rapportvergaderingen binnen havo-vwo 29-01-2013.................................................................. Rapportage Overgangsnormen rapportvergaderingen binnen havo-vwo Wim Krijbolder Inhoudsopgave 1. Rapportage en Rapportvergaderingen

Nadere informatie

OVER CIJFERS GESPROKEN...

OVER CIJFERS GESPROKEN... INLEIDING De bevorderingsnormen geven de ondergrens aan van de studieresultaten van de leerling om bevorderd te kunnen worden naar een hoger leerjaar in dezelfde opleiding. Als een leerling niet aan deze

Nadere informatie

Samenvatting strategisch plan 2012-2016. Met het OOG op morgen.

Samenvatting strategisch plan 2012-2016. Met het OOG op morgen. Samenvatting strategisch plan 2012-2016. Met het OOG op morgen. Missie van stichting OOG Stichting OOG staat voor het in stand houden, uitbreiden en optimaliseren van openbaar onderwijs in de regio Noordoost-Brabant.

Nadere informatie

Inleiding. Begrippenkader

Inleiding. Begrippenkader Beleidsplan opbrengstgericht personeelsmanagement bij De Veenplas Beleid en doelen voor het thema Personeel voor de jaren 2013 2016 Vastgesteld juli 2013 Inleiding Wij beschouwen onze leerkrachten als

Nadere informatie