EVIDENCE BASED CANNABISPREVENTIE IN VLAANDEREN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "EVIDENCE BASED CANNABISPREVENTIE IN VLAANDEREN"

Transcriptie

1 EVIDENCE BASED CANNABISPREVENTIE IN VLAANDEREN Een overzicht van preventiestrategieën en mogelijkheden tot gezondheidsgerelateerde evaluatie op bevolkingsniveau Onderzoek uitgevoerd in opdracht van Inge Vervotte, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Nele Matthys 1 Prof dr Guido Van Hal 2 Prof dr Philippe Beutels 3 1 Navorser, Universiteit Antwerpen/Universitair Wetenschappelijk Instituut voor Drugproblemen 2 Docent aan de Universiteit Antwerpen, Ondervoorzitter Universitair Wetenschappelijk Instituut voor Drugproblemen 3 Docent aan de Universiteit Antwerpen Universiteit Antwerpen Campus Drie Eiken Epidemiologie en Sociale Geneeskunde Universiteitsplein 1 - B-2610 Wilrijk

2 Druk: Reprografie Campus Drie Eiken, Universiteit Antwerpen Copyright: Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden op welke wijze ook, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. ISBN: februari

3 DANKWOORD Dit onderzoek was geen gemakkelijke, maar wel een zeer boeiende opdracht. Tijdens de voorbereidingen van dit onderzoeksrapport, was de hulp van verscheidene personen essentieel om het huidige resultaat te bekomen. In de eerste plaats gaat mijn dank uit naar Prof. dr. Guido Van Hal, de promotor van dit werk, voor de talrijke raadgevingen, de ondersteuning en de nodige feedback. Ook Prof. dr. Philippe Beutels wil ik ontzettend danken voor zijn bijdrage aan dit onderzoek. Verder wil ik mijn oprechte dank uitspreken voor de nuttige informatie en feedback die ik heb gekregen van verscheidene contactpersonen: Ilse Bernaert, Bernard Bruggeman, Marijs Geirnaert, Kristl Habils, Ivo Hooghe, Prof. dr. Philippe Jorens, Rik Prenen, Peer van der Kreeft, Wim Vanspringel en Tom Warmoes. Deze contactpersonen zijn uiteraard niet verantwoordelijk voor de inhoud van dit onderzoeksrapport, die verantwoordelijkheid berust volledig bij de auteurs. Tot slot wil ik graag de leden van de stuurgroep bedanken voor het opvolgen en bijsturen van het onderzoek, hun advies en hun kritische vragen: Luc Vuylsteke de Laps en Alexander Witpas, medewerkers van Inge Vervotte, Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. 3

4 Inhoudstafel Inleiding, onderzoeksdoel- en opzet... 1 Hoofdstuk 1. Epidemiologische situatie... 4 Inleiding Prevalentie van cannabisgebruik Vlaamse bevolking Cannabisgebruik in het Vlaamse gewest Ooit-gebruik Recent gebruik Ecstasy- en amfetaminegebruik in het Vlaamse gewest Vlaamse jongeren Cannabisgebruik Ooit-gebruik Occasioneel/regelmatig gebruik Andere illegale drugs dan cannabis Mortaliteit, morbiditeit en vraag naar behandeling Mortaliteit Druggerelateerde sterfte: definitie Druggerelateerde sterfte in België Druggerelateerde sterfte in Vlaanderen Morbiditeit Evolutie van THC-concentraties in cannabis in Europa Psychische schade door cannabisgebruik Psychische schade door druggebruik: algemeen A. Probleemgebruik B. Psychische symptomen en klachten ten gevolge van probleemgebruik Acute psychische (negatieve) effecten van cannabisgebruik Chronische psychische schade ten gevolge van cannabisgebruik A. Probleemgebruik van cannabis Afhankelijkheid Misbruik Prevalentie probleemgebruik B. Psychische stoornissen ten gevolge van Cannabisgebruik Psychose Schizofrenie Stemmingsstoornissen Lichamelijke schade door cannabisgebruik Acute lichamelijke effecten van cannabis Chronische lichamelijke effecten van cannabis Vraag naar behandeling

5 Besluit Hoofdstuk 2. Drugpreventie: theoretisch kader Modellen van druggebruik/misbruik Het drie M-model Model van Tones Modellen van (drug)preventie Medisch model van preventie Model met de welzijnsbenadering Preventiemodel van De Cauter Besluit Hoofdstuk 3. Drugpreventiestrategieën Inleiding Middelengerichte preventiestrategieën Proscriptieve model Aanvaardingsmodel Persoonsgerichte preventiestrategieën Persoonsgerichte preventiestrategieën naar algemene doelgroepen A. Sensibiliseren B. Informeren C. Aanleren van persoonlijke en sociale vaardigheden Persoonsgerichte preventiestrategieën gericht naar specifieke (risico)groepen Omgevingsgerichte preventiestrategieën Het sociaal-ecologisch model Het empowerment model Een mix van preventiestrategieën is noodzakelijk Besluit Hoofdstuk 4. Drugpreventie in Vlaanderen Organisatorisch preventielandschap Federaal niveau Federale Overheidsdienst (FOD) Binnenlandse Zaken FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu Vlaams niveau Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen (VAD) De Sleutel Leefsleutels Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie vzw (VIG) Provinciaal niveau Regionaal en lokaal niveau Centra Geestelijke Gezondheidszorg (CGG s) Logo s

6 2. Drugpreventieprojecten om de vraag in te perken in Vlaanderen Initiatieven van VAD Sectorale preventie Onderwijs Arbeid Jeugdwerk Uitgaansleven Sport Welzijnwerk Lokaal beleid Telefonische hulplijn Schoolgerichte drugpreventieve programma s Beschrijving Evaluaties DOS MEGA Leefsleutels Unplugged voor de eerste graad: EU-DAP project Conclusie Preventiestrategie Besluit Hoofdstuk 5. Evidence based drugpreventie Inleiding Terminologie Effectiviteit Evaluatie De evidence Amerikaanse bias Resultaten van effectevaluatiestudies School based interventies Algemene resultaten van effectevaluaties Effectieve ingrediënten Aanbevelingen door het EMCDDA Familie based interventies Massamedia interventies Gemeenschapsinterventies Gebrek aan Europese evaluaties Problemen bij evaluatieonderzoek van drugpreventie Algemene problemen Evalueren van een preventiestrategie Effecten inzake gezondheidswinst/schade Methodologische problemen Evidence based drugpreventie in Vlaanderen Initiatieven van VAD Cahier. Evaluatie: een thema in de kijker

7 Ginger: monitoring van activiteiten VIG: effectiviteit en evaluatie van gezondheidspromotie Effectevaluatie van drugpreventie op federaal niveau Vlaamse (drug)preventieve projecten die op evidence zijn gebaseerd Besluit Hoofdstuk 6. Mogelijkheden tot analyse Inleiding Omvang van het probleem Impact van interventies Modelleren van drug- en cannabisgebruik Gegevensverzameling Effectiviteit van preventieve maatregelen ten aanzien van cannabisgebruik Experimenteel onderzoek Randomised controlled trial (RCT) Non-randomised controlled trial Observationeel onderzoek Cohortstudie Case-control studie Cross-sectioneel onderzoek Leeftijdsspecifieke gezondheidseffecten (morbiditeit en mortaliteit) van cannabisgebruik Experimenteel onderzoek RCT Non-randomised controlled trial Observationeel onderzoek Cohortstudies Case-control studies Cross-sectioneel onderzoek Prevalentie en incidentie van gebruik Levensverwachting en mortaliteit, alle oorzaken en door druggebruik Interventiekosten Directe behandelingskosten Indirecte productiviteitskosten Indirecte controle kosten Besluit Eindconclusies Bibliografie Bijlage... 7

8 INLEIDING, ONDERZOEKSDOEL- EN OPZET Het voorkómen van gezondheidsschade en het realiseren van gezondheidswinst zijn de centrale doelstellingen van het Vlaamse preventiebeleid (Vervotte, 2004). Middelenpreventie tracht dus de gezondheidsschade die samenhangt met middelengebruik te voorkómen en de gezondheid te bevorderen. Aangezien zowel legale als illegale drugs gezondheidsschade met zich kunnen meebrengen, maakt de sector middelenpreventie geen onderscheid tussen legale en illegale drugs. Vlaams minister van Welzijn, Gezondheid en Gezin, Mevrouw Vervotte (2004), stelt in de Beleidsnota van dan ook het volgende over middelengebruik: Onder middelen verstaan we tabak, alcohol, illegale drugs, psychoactieve medicatie (o.a. antidepressiva, slaap- en kalmeermiddelen, ) en gokken. Alcohol en tabak zijn legaal en zelfs maatschappelijk ingeburgerd. Dit neemt niet weg dat ze tot de meest verspreide, meest schadelijke en snelst verslavende middelen behoren. Onze bekommernis is dat mensen zich bewust worden van de gezondheidsrisico s van het gebruik van middelen (p ). De studie Evidence based cannabispreventie in Vlaanderen werd gefinancierd door de Vlaamse Gemeenschap. Het onderzoek werd uitgevoerd door het autonoom interuniversitair instituut UWiD (Universitair Wetenschappelijk instituut voor Drugproblemen), onder leiding van promotor Prof. dr. G. Van Hal en co-promotor Prof. dr. P. Beutels, beiden van Universiteit Antwerpen. Het werd opgevolgd en gestuurd door twee medewerkers van het Kabinet van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, namelijk L. Vuylsteke de Laps (raadgever gezondheidspreventie) en A. Witpas (administratief medewerker). Deze stuurgroep fungeerde als klankbord voor de onderzoeker. Dit onderzoeksproject startte in maart 2005 en liep tot half november Het oorspronkelijk doel van dit onderzoek, zoals geformuleerd in de overeenkomst met de Vlaamse Overheid, was tweedelig. De eerste doelstelling was een overzicht te maken van de effectieve preventiestrategieën op het gebied van middelengebruik, met een duiding van de criteria gehanteerd om de effectiviteit te beoordelen. Hiervoor zou enerzijds een overzicht van de recente wetenschappelijke literatuur omtrent evidence based werken rond drugs en middelen worden gepresenteerd en anderzijds zou een inventaris worden gemaakt van de drugpreventiestrategieën toegepast in Vlaanderen en Nederland met een analyse van hun ontwikkeling, implementatie en evaluatie. De tweede doelstelling was een methode te ontwikkelen die toelaat om een berekening te maken van de effecten inzake gezondheidswinst die kunnen verwacht worden wanneer deze strategieën zouden geïmplementeerd worden in Vlaanderen. Het resultaat zou moeten kunnen worden uitgedrukt in een kwantificeerbare eenheid, die onderlinge vergelijking mogelijk maakt (bijv. vermijdbare sterfte, Quality Adjusted Life Years (QALY s),...). Hiervoor zou een gezondheidseconomische analyse moeten worden gemaakt waarbij de verschillende preventiestrategieën in een matrix tegenover elkaar zouden worden geplaatst en waarbij de potentiële gezondheidswinst zou worden vergeleken. Voor het onderzoek werd gebruik gemaakt van meerdere kwalitatieve onderzoekstechnieken. Ten eerste werd hoofdzakelijk gedurende de eerste fase, maar ook gedurende het hele onderzoek een literatuurstudie uitgevoerd. Ten tweede werden (semi-gestructureerde) interviews afgenomen van diverse sleutelfiguren (o.a. van programmaverantwoordelijken en deskundigen rond drugpreventie). Ten derde werd zoveel mogelijk grijze literatuur betrokken. De geraadpleegde documenten betroffen onder meer ongepubliceerde evaluatierapporten van drugpreventieprogramma s, beleidsen andere documenten die informatie konden verschaffen over het onderzoeksthema. Gedurende het onderzoek, en meer bepaald gedurende de literatuur- en documentenstudie en tijdens het afnemen en verwerken van de interviews, werd duidelijk dat het oorspronkelijk opzet van het onderzoek niet kon worden uitgevoerd. 1

9 Naar aanleiding van een aantal vaststellingen werd besloten om het onderzoek bij te sturen. Hieronder worden de belangrijkste bijsturingen vermeld. Uit praktische overwegingen (beperkt tijd- en geldbudget) werd er voor gekozen slechts in te zoomen op Vlaanderen en niet op Nederland. Het is echter aangeraden om de Nederlandse situatie wel te bestuderen in verder onderzoek hieromtrent. - Opdat een berekening zou kunnen worden gemaakt van de gezondheidswinst die zou kunnen worden verwacht door drugpreventie, moet eerst de gezondheidsschade door middelengebruik in kaart worden gebracht. Middelengebruik is echter een veelomvattende term. Opnieuw omwille van praktische redenen, is het onmogelijk in dit onderzoek alle middelen op te nemen. De focus van dit onderzoek ligt daarom op de preventie van cannabisgebruik/misbruik. Immers, wat betreft de legale middelen alcohol en tabak, bestaan reeds aanbevelingen voor preventiestrategieën op Europees niveau. Voorbeelden zijn de projecten Tobacco-free Europe en European Alcohol Action Plan van de Wereldgezondheidsorganisatie (World Health Organisation of WHO). Er zijn op Europees niveau echter geen duidelijke richtlijnen voor de preventie van illegale drugs. Daarom werd er in samenspraak met de opdrachtgevers voor gekozen in dit onderzoek cannabis als focus te nemen. Cannabis blijkt immers de meest gebruikte illegale drug te zijn in Vlaanderen. Dus als er gezondheidsschade door cannabisgebruik is, is er - wat de illegale drugs betreft - potentieel het meeste gezondheidswinst (op populatieniveau) te halen. Maar liefst 8,7% van de Vlaamse bevolking heeft ooit cannabis gebruikt. Deze drug is ook heel populair bij Vlaamse jongeren: een kwart van de jongeren uit het secundair onderwijs geeft aan ooit cannabis te hebben gebruikt. Vragen omtrent de preventie van cannabisgebruik rijzen dan ook. - Verder bleek het onmogelijk om aan de hand van de voorhanden zijnde gegevens een evaluatiemethode te ontwikkelen die zou toelaten om een berekening te maken van de effecten inzake gezondheidswinst die zouden kunnen verwacht worden wanneer preventiestrategieën worden geïmplementeerd in Vlaanderen. Daarom zullen slechts mogelijkheden tot analyse worden aangereikt. Aangezien drugpreventie een vorm van gezondheidspromotie is, is het belangrijk deze studie te kaderen binnen de discussie die internationaal wordt gevoerd rond evidence based gezondheidspromotie. In het boek Evaluation in health promotion. Principles and perspectives van de World Health Organization (WHO) (Rootman et al., 2001), wordt het derde hoofdstuk ( What counts as evidence: issues and debates van McQueen en Anderson) gewijd aan deze discussie. Het komt erop neer dat er, binnen de gezondheidspromotie, nog geen consensus is over wat men als evidence erkent en hoe deze kan worden bekomen. Vanuit het beleid is de vraag naar kwantitatieve, epidemiologische indicatoren van de effecten van gezondheidspromotie groot. Men wil de effecten uitgedrukt zien in termen van morbiditeit en mortaliteit, de uitkomstmaten van het medisch model. Omdat gezondheidspromotie veel complexer is dan medische interventies, acht de praktijk dit niet haalbaar. Binnen de gezondheidspromotiesector wil men dan ook afstappen van de methodologie van het medisch model en is men op zoek naar een valabele alternatieve methodologie. Hierbij zit men echter nog in de ontwikkelingsfase, zo werd bevestigd op een recent symposium in Vlaanderen en recente conferenties in Nederland rond evidence based health promotion *. Aangezien de focus van dit onderzoek - op vraag van de opdrachtgevers - expliciet ligt op de effecten van drugpreventie in termen van gezondheidswinst op bevolkingsniveau, * In Vlaanderen werd op 8 oktober 2004 het symposium Evidence based gezondheidspromotie: praktijk, beleid en onderzoek georganiseerd door het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie (VIG) (cfr. In Nederland werden in de loop van 2003 en 2004 vier conferenties rond New Health Promotion georganiseerd door de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Rotterdam en het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie (NIGZ) (cfr. De verslagen van die conferenties zijn gepubliceerd in een boek van Saan en de Haes (2005). 2

10 zal de aandacht in dit rapport hoofdzakelijk gaan naar kwantitatieve indicatoren. Er zal weinig aandacht worden besteed aan kwalitatieve indicatoren, maar het belang hiervan wordt geenszins ontkend. Tot slot wordt benadrukt dat de focus ligt op de gezondheidsgerelateerde effecten van druggebruik (i.c. cannabisgebruik). De (mogelijks positieve) invloed van cannabisgebruik op de welzijnsbeleving van individuele gebruikers, komt in dit onderzoek niet aan bod. Het uiteindelijke onderzoeksrapport telt zes hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk wordt de (probleem)situatie rond cannabisgebruik in Vlaanderen geschetst aan de hand van een aantal epidemiologische gegevens. Vervolgens wordt aandacht besteed aan preventie zelf. In het tweede hoofdstuk wordt druggebruik/misbruik theoretisch gekaderd. In het derde hoofdstuk worden de actuele preventiestrategieën besproken. Het vierde hoofdstuk handelt over drugpreventie in Vlaanderen. Hierbij wordt enerzijds aandacht besteed aan het organisatorisch landschap van drugpreventie in Vlaanderen. Anderzijds wordt stilgestaan bij concrete drugpreventieprojecten in Vlaanderen. In het volgende hoofdstuk wordt dieper ingegaan op het evidence based karakter van drugpreventie. Wat is evidence? Welke evidence is voorhanden? en Hoe komt men tot evidence? zijn vragen waarop in dit hoofdstuk een antwoord wordt gezocht. Tot slot worden in het zesde hoofdstuk mogelijkheden tot analyse aangereikt. In het eerste hoofdstuk is de focus op cannabis gemakkelijker aan te houden dan in de volgende hoofdstukken. De meeste preventieve interventies en strategieën rond middelenmisbruik leggen immers de nadruk op tabak, alcohol, illegale drugs of een combinatie van deze middelen. Net als Cuijpers (2002c), hebben we in de internationale literatuur rond drugpreventie, geen preventieve interventies gevonden die uitsluitend op cannabisgebruik waren gericht. Daarom zal drugpreventie in het algemeen worden besproken, focussend op cannabisgebruik waar mogelijk. 3

11 HOOFDSTUK 1: EPIDEMIOLOGISCHE SITUATIE Inleiding De epidemiologische situatie van het cannabisfenomeen in Vlaanderen wordt in dit hoofdstuk besproken aan de hand van de indicatoren die door het European Monitoring Centre for Drugs and Drug Addiction (EMCDDA) 1 hieromtrent als prioritair werden aangeduid (www.emcdda.eu.int). Die sleutelindicatoren zijn: - prevalentie van druggebruik onder de algemene bevolking (en bij jongeren); - gevolgen van druggebruik op de gezondheid: mortaliteit en morbiditeit gekoppeld aan druggebruik; - prevalentie van druggerelateerde infectieziektes 2 ; - prevalentie van probleemgebruik 3 en - vraag naar behandeling van druggebruikers. Om een objectief beeld te schetsen van het cannabisfenomeen, geven we allereerst productinformatie van deze drug. Cannabis is een hallucinogene drug, afkomstig van de hennepplant ofwel de cannabis sativa (Hall en Solowij, 1998; Van de Vloet, n.d.; Van Tichelt et al., 2005). De hennepplant bevat een groot aantal psychoactieve cannabinoïden, maar het meest werkzame psychoactieve bestanddeel is 9 -tetra-hydrocannabinol (THC). De bloemknoppen van de vrouwelijke hennepplant bevatten de hoogste concentraties THC. De twee meest voorkomende cannabisproducten zijn marihuana en hasj. Marihuana wordt verkregen door de bladeren en bloemen van de vrouwelijke hennepplant te drogen en hasj wordt bekomen door de hars van de vrouwelijke hennepplant samen te persen tot blokjes. Over het algemeen wordt cannabis gerookt omdat dit de gemakkelijkste manier is om het hallucinogene effect te verkrijgen. Meestal wordt de marihuana of hasj vermengd met tabak en zo gerold tot een joint. Het kan ook puur worden gerookt in speciale pijpjes. Cannabis kan eveneens worden gegeten (bijv. space cake ) en gedronken (een aftreksel als thee). Het effect van cannabis hangt af van de THC-concentratie in het cannabisproduct, de gebruikte hoeveelheid, de omgeving en de ervaring van de gebruiker. 1 Het EMCDDA of het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugverslaving (EWDD) is het centrale informatiepunt rond drugs en drugverslaving van de Europese Unie (EU). Het instituut, gefinancierd uit de algemene begroting van de EU, werd in 1993 opgericht en is gevestigd in Lissabon. Het heeft als taak objectieve en betrouwbare informatie omtrent het drugsfenomeen in de Europese Unie te verstrekken aan de lidstaten (www.emcdda.eu.int). 2 Dit slaat op de prevalentie en incidentie van HIV, hepatitis B en C bij intraveneuze druggebruikers. Aangezien cannabis niet intraveneus wordt gebruikt, is dit hier niet van toepassing. 3 Het probleemgebruik van cannabis wordt niet als aparte indicator behandeld, maar komt aan bod bij de indicator morbiditeit ten gevolge van cannabisgebruik. 4

12 1. Prevalentie van cannabisgebruik De prevalentie van druggebruik in een populatie is moeilijk na te gaan. De meest haalbare manier blijkt onderzoek te doen bij (representatieve) steekproeven. De gegevens die hieronder worden gepresenteerd zijn hoofdzakelijk afkomstig van dergelijke onderzoeken Vlaamse bevolking In België wordt naar de gezondheid en de gezondheidsdeterminanten van de bevolking gepeild aan de hand van de Gezondheidsenquête door middel van interview. Een representatieve steekproef van meer dan Belgen wordt hierbij bevraagd. Dit onderzoek is reeds drie maal op touw gezet, namelijk in 1997, in 2001 en in De Gezondheidsenquête door middel van het interview omvat sinds 2001 vragen omtrent het illegale druggebruik. De resultaten van 2004 zijn bij het schrijven van dit rapport nog niet beschikbaar. De gegevens die hieronder worden gepresenteerd, zijn dan ook gebaseerd op de Gezondheidsenquête van 2001 (Demarest et al., 2002) Cannabisgebruik in het Vlaamse Gewest Ooit-gebruik Net zoals in de meeste West-Europese landen (EMCDDA, 2004), blijkt ook in Vlaanderen cannabis de meest gebruikte illegale drug te zijn. In 2001 heeft 8,7% van de Vlaamse bevolking van 15 jaar of ouder ooit cannabis gebruikt. Bij vrouwen is de prevalentie van druggebruik (6,8%) lager dan bij mannen (10,8%). Bij vrouwen is het ooit-gebruik van cannabis het hoogst in de leeftijdscategorie jaar (17,3%) en neemt vanaf de leeftijd van 25 jaar geleidelijk af. Bij de mannen is het ooit-gebruik het hoogst in de leeftijdscategorieën jaar (22,9%) en jaar (23,9%) (zie figuur 1.1). Hoe hoger het opleidingsniveau, hoe groter de kans op ooit-gebruik van cannabis. Figuur 1.1. Prevalentie (%) van ooit-cannabisgebruik bij mannen en vrouwen volgens leeftijd, Vlaams Gewest, 2001 (Demarest et al., 2002, p. 1044) 5

13 Recent gebruik Bij de bevolking van het Vlaamse Gewest van 15 jaar of ouder blijkt 1,9% recent (de maand voorafgaand aan de enquête) cannabis te hebben gebruikt 4. Zowel bij mannen als bij vrouwen wordt de hoogste prevalentiewaarde van recent cannabisgebruik teruggevonden in de leeftijdscategorie jaar, met name respectievelijk 9,0% en 2,9%. Vanaf de leeftijd van 25 jaar neemt het aantal personen dat recent cannabis gebruikte sterk af (zie figuur 1.2). Figuur 1.2. Prevalentie (%) van recent cannabisgebruik bij mannen en vrouwen volgens leeftijd, Vlaams Gewest, 2001 (Demarest et al., 2002, p. 1045) Ecstasy- en amfetaminegebruik in het Vlaamse Gewest De Gezondheidsenquête van 2001 peilt eveneens naar het ecstasy- en amfetaminegebruik. Ter vergelijking worden de cijfers hieromtrent weergegeven. De percentages van ooit-gebruik en recent gebruik liggen opmerkelijk lager dan bij cannabisgebruik. In het Vlaamse Gewest geeft 1,6% van de bevolking van 15 jaar of ouder aan ooit ecstasy en/of amfetamines te hebben gebruikt. Ook hier ligt de prevalentie bij vrouwen (1,2%) lager dan bij mannen (2,0%). Het ooit-gebruik is zowel voor mannen als voor vrouwen het hoogst bij de leeftijdsklasse jaar, met respectievelijk 5,3% en 3,1% (zie figuur 1.3). Figuur 1.3. Prevalentie (%) van experimenteel ecstasy en/of Amfetaminegebruik bij mannen en vrouwen volgens leeftijd, Vlaams Gewest, 2001 (Demarest et al., 2002, p. 1045) Slechts 0,2% van de Vlaamse bevolking heeft recent (de voorbije maand) ecstasy en/of amfetamines gebruikt. 4 Wegens tijdsgebrek, zal in dit onderzoeksrapport niet worden ingegaan op het profiel van de Vlaamse cannabisgebruikers. De geïnteresseerde lezers worden hiervoor doorverwezen naar de Vlaamse studie van Decorte et al. (2003). Hierin komen de patronen van cannabisgebruik bij ervaren gebruikers aan bod. 6

14 1.2. Vlaamse jongeren De voorbije jaren peilden verscheidene onderzoeken naar het illegaal druggebruik van de schoolgaande bevolking. Grootschalige onderzoeken 5 zijn met name: - de VAD-leerlingenbevraging (Kinable, 2004b); - de Health Behaviour in School-aged Children (HBSC) studie (Vereecken en Maes, 2002); - het European School Survey Project on Alcohol and Other Drugs (ESPAD) onderzoek (Hibell, et al. 2004) en - het Jongeren en Welzijn onderzoek van de Rodin Stichting 6 (Patesson et al., 2003). De eerste twee vermelde onderzoeken hebben slechts betrekking op Vlaanderen, de laatste twee op geheel België. De Donder (2004) bespreekt de resultaten van elk van deze onderzoeken afzonderlijk. Uit al deze onderzoeken komt naar voor dat het gebruik van cannabis zowel wat betreft ooit-gebruik, gebruik voorbije jaar als regelmatig gebruik samenhangt met geslacht (relatief meer jongens dan meisjes gebruiken cannabis), met leeftijd (het percentage gebruikers stijgt met de leeftijd) en met opleiding (relatief minder leerlingen uit het ASO gebruiken cannabis dan leerlingen uit het TSO en BSO) Cannabisgebruik Ooit-gebruik Bij de VAD-bevraging tijdens het schooljaar geeft zo n kwart (24,6%) van de bevraagde leerlingen uit het secundair onderwijs aan ooit cannabis te hebben gebruikt (Kinable, 2004b). Het ooit-gebruik neemt sterk toe met de leeftijd. Terwijl slechts 7,6% van de jongste leerlingen ooit cannabis heeft gebruikt, loopt dit op tot 30,5% van de jarigen en tot bijna de helft (47,2%) van de oudste groep leerlingen. Ook bij de HBSC-studie wordt vastgesteld dat een vierde (25,9%) van de bevraagde leerlingen uit het secundair onderwijs ooit cannabis heeft gebruikt (Vereecken & Maes, 2002). Er hebben duidelijk meer jongens (30,0%) dan meisjes (21,6%) met cannabis geëxperimenteerd. Uit het ESPAD onderzoek blijkt dat één op drie (32,6%) van de Belgische jarigen reeds experimenteel cannabis heeft gebruikt (Hibell et al., 2004). Het onderzoek van de Rodin-Stichting bevroeg Belgische jongeren van jaar. 13,7% van de bevraagde jongeren had ooit cannabis gebruikt. Ook hier wordt een duidelijk verschil gevonden tussen de geslachten: meer jongens dan meisjes hebben ooit cannabis gebruikt, respectievelijk 18,4% en 13,9%. Wanneer enkel de jongeren ouder dan 13 jaar in de analyse betrokken worden, lopen deze percentages op tot 28,3% bij de jongens en 21,3% bij de meisjes (Patesson et al., 2003). Met het oog op preventie, is het interessant te vermelden dat de leeftijd van eerste gebruik voor alle illegale drugs bij de meeste respondenten van de ESPAD studie jaar bedraagt (Hibell et al., 2004). De meeste cannabisgebruikers kregen de drugs aangeboden van een vriend of een kameraad, zo blijkt uit het Jongeren en Welzijn onderzoek (Patesson et al., 2003). 5 Hier worden slechts onderzoeken besproken die betrekking hebben op geheel Vlaanderen of België. Andere grootschalige onderzoeken zijn: het Euregionaal Jongerenonderzoek in Limburg (Provincie Limburg, 2003), het Sociaal en Gezondheidsonderzoek in Antwerpen (SEGO II) (Jespers et al., 2004) en het onderzoek van De Sleutel naar de risico- en protectieve factoren in verband met middelengebruik in West-Vlaanderen, Oost- Vlaanderen en de Nederlandse provincie Zeeland (Lombaert, 2005). 6 Hierbij moet opgemerkt worden dat de Rodin Stichting sterke banden heeft met de tabaksindustrie. Het preventiefonds dat zij beheert wordt sinds 2002 vrijwillig gespijsd door de tabaksindustrie (jaarlijks 1,8 miljoen euro). De WHO en andere gezondheidsorganisaties raden om evidente redenen elke samenwerking met de tabaksindustrie in het kader van preventieprogramma s af (www.desleutel.be; Toch blijken de gehanteerde methodologie en de gevonden resultaten van dit onderzoek niet (substantieel) af te wijken van de andere onderzoeken die hier worden besproken. 7

15 Occasioneel/regelmatig gebruik Verder blijkt uit de VAD-leerlingenbevraging dat 14,9% van de ondervraagde leerlingen het voorbije jaar cannabis gebruikte: 5,7% deed dit minstens 1 keer per week en de overige 9,3% deed dit minder vaak (Kinable, 2004b). Zo n 14% van de bevraagde jongeren bij de HBSC-studie had de afgelopen maand cannabis gebruikt, 17,0% van de jongens en 10,6% van de meisjes (Vereecken & Maes, 2002). Van de jarige Belgische jongeren die in het ESPAD onderzoek werden bevraagd had 26,7% cannabis gebruikt het voorbije jaar (31,9% van de jongens en 21,9% van de meisjes). 16,7% had de voorbije maand cannabis gebruikt (20,3% van de jongens en 13,4% van de meisjes) (Hibell et al., 2004). Het laatstejaars gebruik van cannabis bij de jarigen is nihil in het Jongeren en Welzijn onderzoek. Van de jongeren ouder dan 13 jaar blijkt 19,7% van de jongens en 13,3% van de meisjes het voorbije jaar cannabis te hebben gebruikt (Patesson et al., 2003) Andere illegale drugs dan cannabis In de VAD-studie geeft zo n 6% van de bevraagde jongeren aan ooit met andere illegale drugs dan cannabis te hebben geëxperimenteerd en zo n 3% gebruikte het voorbije jaar. Het gaat hierbij hoofdzakelijk over ecstasy, cocaïne en amfetamines (Kinable, 2004b). Van de jarige Belgische jongeren geeft zo n 8% aan geëxperimenteerd te hebben met andere illegale drugs dan cannabis (Hibell et al., 2004). 2. Mortaliteit, morbiditeit en vraag naar behandeling 2.1. Mortaliteit Druggerelateerde sterfte: definitie Gegevens omtrent druggerelateerd overlijden kunnen in het algemeen worden teruggevonden in drie types van bronnen, met name: algemene overlijdensregisters, speciale registers en andere (meestal cohort) studies (Jossels & Sartor, 2004). Het algemene overlijdensregister, bijgehouden door het Nationaal Instituut van de Statistiek (NIS), is de enige bron die in België voorhanden is. Dit overlijdensregister bevat informatie over de onmiddellijke en onderliggende oorzaak van elk overlijden, gecodeerd volgens de International Classification of Diseases (ICD-) codes 7. In België moet namelijk bij elk overlijden een overlijdenscertificaat (Model III C) 8 worden ingevuld door een arts. Wanneer alle overlijdenscertificaten worden samengevoegd, ontstaat een belangrijke databank met gegevens omtrent alle sterfgevallen. De kwaliteit van de Nationale Databank Mortaliteit is echter niet optimaal (Gadeyne en Deboosere, 2002). Enerzijds is dit te wijten aan het feit dat het certificaat minstens vijf stappen 9 doorloopt voordat het wordt opgenomen in een centraal en definitief computerbestand. Bij elke stap kan een fout in het bestand sluipen. Anderzijds blijkt dat niet alle certificaten correct zijn ingevuld. Onderzoek naar de belangrijkste sterfteoorzaken van de Gewesten bracht regionale verschillen aan het licht die eerder het gevolg lijken van verschillen in registratie en/of codering dan van reële geografische tendensen (Gadeyne en Deboosere, 2002, p. 15). 7 Vòòr 1998 werd gecodeerd volgens ICD-9, vanaf 1998 werd gecodeerd volgens ICD Uitzondering: bij het overlijden van een kind jonger dan 1 jaar, moet het Model III D worden gebruikt. 9 De vijf stappen die een sterftecertificaat achtereenvolgens doorloopt, zijn: de geneesheer, de gemeente, de Provinciale Gezondheidsinspectie, de Gemeenschap en tot slot het NIS (Gadeyne en Deboosere, 2002; Jossels en Sartor, 2004). 8

16 Het EMCDDA heeft in de Drug-related deaths (DRD-) Standard richtlijnen opgesteld omtrent de definitie van druggerelateerde sterfte (EMCDDA, 2002). Er worden drie verschillende selecties onderscheiden, elk bestaande uit bepaalde ICD-codes. Op die manier kunnen de druggerelateerde overlijdens in de nationale mortaliteitsdatabanken worden opgespoord. Bij selectie A wordt druggerelateerd overlijden eerder eng gedefinieerd, terwijl selectie C de breedste definitie van druggerelateerd overlijden omvat. Schematisch kunnen de selecties als volgt worden voorgesteld: Figuur 1.4. Schematische voorstelling van de EMCDDA-selecties van druggerelateerd overlijden (Jossels & Sartor, 2004, p. 36) Hierbij moet worden opgemerkt dat zelfs in de breedste selectie (Selectie C), lang niet alle overlijdens waarbij een drug als oorzaak kan worden geduid, worden opgenomen. Zo bijvoorbeeld zal een overlijden door longkanker als gevolg van het roken van cannabis, of een sterfte veroorzaakt door het rijden onder invloed, nooit als druggerelateerd worden erkend volgens deze definities. De mindere kwaliteit van de Nationale Databank Mortaliteit en de enge definitie(s) van druggerelateerd overlijden, moeten in het achterhoofd worden gehouden bij het interpreteren van onderstaande gegevens. Interessant is hier ook te vermelden dat er niet zoiets bestaat als een overdosis cannabis : voor zover bekend, kan geen enkel overlijden rechtstreeks worden toegeschreven aan een overdosis THC (Hall en Solowij, 1998) Druggerelateerde sterfte in België Omwille van administratieproblemen wat betreft de registratie in het Waalse Gewest, dateren de recentste beschikbare gegevens op nationaal niveau van Jossels en Sartor (2004) analyseerden de druggerelateerde overlijdens in België voor de periode van 1987 tot 1997 volgens de Selectie B (zie tabel 1.1). Hierbij is het belangrijk te vermelden dat ook overlijdens ten gevolge van legale drugs (medicatie) bij de druggerelateerde overlijdens worden geteld. Er werden in deze periode 890 drugdoden geregistreerd: 651 mannen (73,1%) en 239 vrouwen (26,9%). Geen van deze overlijdens is toe te schrijven aan het gebruiken van cannabis. Uit tabel 1.1 blijkt verder dat het aantal drugdoden steeg van 1987 tot Opvallend is de plotse stijging die zich voordeed in 1993: het aantal drugdoden verdubbelde ten opzichte van Hieruit kan echter niet met zekerheid worden besloten dat het aantal druggerelateerde overlijdens ook effectief toeneemt. Er zijn andere mogelijke verklaringen. Zo bijvoorbeeld zou het kunnen dat artsen zich meer bewust zijn van druggerelateerde oorzaken, dat er een betere detectie is van druggebruik of dat de algemene kwaliteit van het overlijdenscertificaat is verbeterd (De Donder, 2004). 9

17 Tabel 1.1. Druggerelateerde sterfte in België volgens geslacht, Jaar Aantal Drugsdoden Absolute aantal Man Relatieve aantal (%) Absolute aantal Vrouw Relatieve aantal (%) ,8 7 41, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,1 Totaal Tot slot blijkt uit de studie van Jossels en Sartor (2004) dat 62,5% van de personen die sterven ten gevolge van druggebruik, tot de leeftijdscategorie jaar behoort. Het aantal sterfgevallen neemt gestaag af vanaf 30 jaar Druggerelateerde sterfte in Vlaanderen Voor Vlaanderen worden de mortaliteitsgegevens verwerkt in een jaarlijks rapport: Gezondheidsindicatoren Vlaanderen. De meest recente editie heeft betrekking op de periode (Cloots et al., 2004). In 2002 stierven in Vlaanderen 2,8 mannen per en 2,3 vrouwen per ten gevolge van druggebruik. De meerderheid van de druggerelateerde sterfte is te wijten aan het gebruik van meerdere middelen tezelfdertijd: twee op drie drugdoden stierven door multiple gebruik. De tweede belangrijkste groep zijn de legale sedatieven (slaap- en kalmeringsmiddelen) (zie figuur 1.5). De belangrijkste oorzaak van sterfte door drugs is zelfmoord. Zo was, de voorbije 5 jaar, 70% tot 85% van de druggerelateerde sterfte bij vrouwen in feite zelfmoord, bij mannen is dit 50% tot 55%. Zelfs als geen rekening wordt gehouden met de zelfmoorden, dan eist multiple gebruik nog steeds het meeste slachtoffers. 10 Het is niet duidelijk welke EMCDDA-selectie werd gebruikt om druggerelateerde sterfte te definiëren. 10

18 Figuur 1.5. Procentuele verdeling druggerelateerde sterfte naar middelengebruik, met en zonder zelfmoord, mannen en vrouwen, Vlaams Gewest, (Cloots et al., 2004, p. 128) 2.2. Morbiditeit De ware gezondheidsschade door druggebruik in het algemeen en door cannabisgebruik in het bijzonder, kan niet worden afgeleid uit de statistieken van de druggerelateerde mortaliteit. Ten eerste worden door de mindere kwaliteit van de Nationale Databank Mortaliteit en de enge definitie van druggerelateerde sterfte, lang niet alle overlijdens waarbij een drug als oorzaak kan worden geduid, opgenomen in deze mortaliteitstatistieken. Ten tweede kan druggebruik (i.c. cannabisgebruik) ook tot ziekte leiden (zij het in sommige gevallen met de dood tot gevolg). Omdat cannabis een zekere verdovende werking heeft, wordt de drug soms als medicijn gebruikt. Omtrent dit medicinaal cannabisgebruik bestaat heel wat controverse. Aangezien de groep medicinaal cannabisgebruikers zeer klein is, zal het gezondheidseffect van medicinaal cannabisgebruik op populatieniveau verwaarloosbaar klein zijn. Hier wordt dan ook niet dieper op ingegaan. De morbiditeit veroorzaakt door cannabisgebruik komt hieronder aan bod. Echter, de relatie tussen druggebruik en ziekte is niet altijd gemakkelijk vast te stellen 11. Er bestaat dus nog heel wat onzekerheid omtrent de negatieve gevolgen voor de gezondheid van cannabisgebruik. Onderzoek naar de effecten van cannabis is zeker in vergelijking met tabak een jong onderzoeksveld en het duurt enkele decennia voordat de nodige klinische observeerbare data beschikbaar zijn om conclusies te kunnen trekken (Ramström, 2004). Bovendien is het effect van cannabis afhankelijk van het THC-gehalte: hoe hoger de dosis, hoe groter het effect (Mensinga, 2004). Vaak wordt gesuggereerd dat de THCconcentratie in cannabisproducten de voorbije decennia is toegenomen. Indien dit het geval is, dan rijst de vraag welke effecten die krachtigere cannabissoorten hebben op de gezondheid. Vandaar wordt de evolutie van de THC-concentratie in cannabisproducten hier eerst onder de loep genomen. 11 Een belangrijke uitzondering is de relatie tussen intraveneus druggebruik en HIV/AIDS. In België wordt het aantal HIV-besmettingen zorgvuldig bijgehouden. Vanaf het begin van de epidemie tot 31 december 2004 werden tussen en personen besmet met HIV onder hen hebben het AIDS stadium bereikt. De voorbije drie jaar ( ) bleef het aandeel intraveneus druggebruik als waarschijnlijke overdrachtswijze van HIV-besmetting constant op 6,0% (Sasse en Defraye, 2005). 11

19 Aan de hand van verscheidene recente literatuuroverzichten omtrent gezondheidsproblemen veroorzaakt door cannabisgebruik die werden opgespoord, worden hieronder de belangrijkste negatieve gevolgen gepresenteerd 12. Eerst komt de psychische schade door cannabisgebruik aan bod, vervolgens de lichamelijke schade. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen acute en chronische gevolgen Evolutie van THC-concentraties in cannabis in Europa De sterkte van cannabis wordt grotendeels bepaald door de hoeveelheid THC die de drugs bevat. Cannabis analyseren om de THC-concentratie te bepalen, wordt echter bemoeilijkt door allerlei factoren (King et al., 2004). Zo bijvoorbeeld verschilt de THCconcentratie in hasj en marihuana (afkomstig van dezelfde hennepplant), kan de THCconcentratie in verschillende stalen van dezelfde marihuana verschillen, neemt de THCconcentratie af door oxidatie als men cannabisproducten bewaart en zijn er allerlei methodologische problemen (grote variaties in methoden van steekproeftrekking en in de analysemethoden in verschillende laboratoria en landen). Vaak wordt gesuggereerd dat cannabis steeds krachtiger wordt, of met andere woorden, dat de (gemiddelde) THC-concentratie in cannabis een stijgende trend kent. De noodzakelijke gegevens hieromtrent ontbreken, waardoor deze uitspraak bewezen, noch ontkracht kan worden. De beschikbare Europese gegevens omtrent de THC-concentraties in cannabis werden verzameld door King et al. (2004), in opdracht van het EMCDDA. Ze baseerden zich op de beschikbare literatuur, de nationale Reitox jaarverslagen van de EU-landen 13 en op informatie verkregen van Europese experts rond drugtesten. In het rapport wordt op basis van die gegevens het volgende geconcludeerd: The conclusion of this report is that there have been modest changes in THC levels that are largely confined to the relatively recent appearance on the market of intensively cultivated domestically produced cannabis. Cannabis of this type is typically more potent, although it is also clear that the THC content of cannabis products in general is extremely variable and that there have always been some samples that have had a high potency. A clear need exists to develop monitoring systems that can assess the market share of different cannabis products and track changes over time. Currently this information is to a great extent lacking. This is important, as a concern exists that hydroponically produced cannabis grown in the EU may be increasing its market share (p. 16). Hierbij moet worden opgemerkt dat voor de meeste landen slechts gegevens werden gevonden van ten vroegste De vraag blijft dus of de gemiddelde THC-concentratie in cannabisproducten enkele decennia geleden niet beduidend lager was dan nu. 12 Ondanks het feit dat het een jong onderzoeksveld is en er weinig conclusies kunnen worden getrokken, is al veel literatuur voorhanden. Het is (door tijdsgebrek) onmogelijk hiervan een exhaustief overzicht te geven. De geïnteresseerde lezer verwijzen we door naar Kalant et al. (1999) en Ramström (2004). 13 Elke EU-lidstaat heeft zijn eigen Focal Point. Alle Focal Points samen vormen het Europese REITOX (Réseau Européen d'information sur les Drogues et les Toxicomanies) -netwerk dat druggerelateerde informatie doorspeelt aan het EMCDDA. Het schrijven van een jaarverslag over de drugsituatie in eigen land, is één van de taken van de Focal Points. Het Belgian Information Reitox Network (BIRN) is het Belgisch netwerk van organisaties werkzaam rond drugs en drugverslaving. In dit netwerk wordt het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid (WIV) als nationaal Focal Point bijgestaan door 4 Sub-Focal Points die de gewesten of gemeenschappen vertegenwoordigen. VAD is het Vlaamse Sub-Focal Point. Het WIV publiceert jaarlijks het Belgian National Report on Drugs en geeft dit door aan het EMCDDA (zie Leurquin et al., 2000; Sleiman en Sartor, 2002; Sleiman, 2003, 2004). 12

20 King et al. (2004) schreven de stijgende trend die in sommige landen wordt waargenomen toe aan het feit dat er meer binnenshuis gekweekte cannabis wordt geconsumeerd in vergelijking met geïmporteerde (buitenshuis gekweekte) cannabis. Immers: Herbal cannabis produced by intensive indoor methods (e.g. hydroponic systems with artificial lighting, propagation by cutting and control of day length) usually has higher THC levels than imported material [ ] (p. 13). en The available data do not show any long-term marked upward trend in the potency of herbal cannabis or cannabis resin imported into Europe (p. 14). Dat binnenshuis gekweekte marihuana sterker is dan geïmporteerde, heeft verscheidene oorzaken: [ ] genetic (selected seed varieties and cultivation of female plants), environmental (cultivation technique, prevention of fertilisation and seed production); and freshness (production sites are close to the consumer and storage degradation of THC is avoided) (King et al., 2004, p. 13). In zowat alle Europese landen wordt wel binnenshuis gekweekte marihuana geconsumeerd, maar de geïmporteerde (niet-binnenshuis gekweekte) cannabis domineert de markt. De enige uitzondering is Nederland. Geschat wordt dat zowat de helft van de geconsumeerde cannabis in Nederland binnenshuis gekweekte marihuana (met een relatief hoge THC-concentratie) is. Daardoor ligt de gemiddelde THCconcentratie in cannabis in Nederland hoger dan in de andere Europese landen. Information on potency trends and the relative consumption of different products in a particular country can be combined to give the overall trend in THC levels as perceived by the average user. Termed the effective potency, it is derived by weighting the potency of each product by its fractional share of the market and then summing the individual values. The effective potency in nearly all countries has remained quite stable for many years around 6-8%. The only exception has been the Netherlands where, by , it had reached 16% (King et al., 2004, p. 14). In Nederland analyseert het Trimbos-instituut sinds 1999 systematisch stalen van cannabisproducten (Niesink et al., 2004). Interessant hierbij is dat doordat die stalen werden gekocht in Nederlandse coffeeshops het mogelijk is een onderscheid te maken tussen (binnenshuis gekweekte) Nederwiet/hasj en buitenlandse wiet/hasj 14. Tabel 1.2. Gemiddelde THC-concentratie (%), , Nederland, Analyseresultaten van het Trimbos-instituut (Niesink et al., 2004) Marihuana Hasj Nederwiet Buitenlandse Nederhasj Buitenlandse wiet hasj ,6 5,0 20,7 11, ,3 5,1 16,0 12, ,2 6,6 33,0 17, ,0 6,2 35,8 16, ,3 7,0 39,2 18,2 Uit bovenstaande tabel blijkt dat de Nedercannabis inderdaad sterker is dan de buitenlandse cannabis. Tevens blijkt dat de THC-concentraties in zowel de Nedercannabis als de buitenlandse cannabis, de voorbije vijf jaar zijn toegenomen. In tegenstelling tot wat King et al. (2004) aannamen, blijkt dus dat de THC-concentratie in geïmporteerde 14 Wiet is een ander woord voor marihuana. 13

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Op 4 december 2006 stond er een klein bericht in Het Laatste Nieuws met als kop sterke stijging Vlaamse drugdoden. De Morgen deed het de dag nadien over

Nadere informatie

Middelengebruik: Cannabisgebruik

Middelengebruik: Cannabisgebruik Middelengebruik: Cannabisgebruik Inleiding Cannabisgebruik geeft zowel gezondheidsrisico s, psychosociale gevolgen als wettelijke consequenties 1,2. Frequent gebruik van cannabis wordt geassocieerd met

Nadere informatie

Epidemiologische gegevens

Epidemiologische gegevens Epidemiologische gegevens ESPAD (Vlaanderen) European School Survey Project on Alcohol and other Drugs Deelname van 35 landen 15- en 16-jarigen Sinds 2003 ook deelname van België (n= 2.320) Hieronder de

Nadere informatie

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.5 - Februari 2006-361-

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.5 - Februari 2006-361- Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.5 - Februari 2006-361- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN INGE VERVOTTE VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Vraag nr. 63 van 21 december

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie Algemeen De studie Jongeren en Gezondheid maakt deel uit van de internationale studie Health Behaviour in School-Aged Children (HBSC), uitgevoerd onder toezicht van

Nadere informatie

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17 Inhoud Lijst met afkortingen 13 Voorwoord 15 Inleiding 17 DEEL 1 TRENDS IN CIJFERS OVER ILLEGALE DRUGS IN VLAANDEREN/BELGIË 1997-2007 19 HOOFDSTUK 1! ILLEGALE DRUGS. SITUERING EN DEFINIËRING 21 1.1 Wat

Nadere informatie

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014 Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 214 Inleiding Gezondheid in de internationale HBSC (Health Behaviour in School-aged Children) studie en in de Wereldgezondheidsorganisatie

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Cannabisgebruik en stoornissen in het gebruik van cannabis in de adolescentie en jongvolwassenheid. Cannabis is wereldwijd een veel gebruikte drug. Het gebruik van cannabis is echter niet zonder consequenties:

Nadere informatie

Inleiding. Johan Van der Heyden

Inleiding. Johan Van der Heyden Inleiding Johan Van der Heyden Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 26 E-mail : johan.vanderheyden@iph.fgov.be

Nadere informatie

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling Evidence tabel bij ADHD in kinderen en adolescenten (studies naar adolescenten met ADHD en ) Auteurs, Gray et al., 2011 Thurstone et al., 2010 Mate van bewijs A2 A2 Studie type Populatie Patiënten kenmerken

Nadere informatie

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens 5. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens Relevante conclusies voor het beleid zijn pas mogelijk als de basisgegevens waaruit de samengestelde indicator berekend werd voldoende recent zijn. In deze

Nadere informatie

Nederlandse cannabisbeleid

Nederlandse cannabisbeleid Improving Mental Health by Sharing Knowledge Het Nederlandse cannabisbeleid & de volksgezondheid: oorsprong en ontwikkeling Margriet van Laar Hoofd programma Drug Monitoring CIROC Seminar Woensdag 7 maart,

Nadere informatie

MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN. Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein

MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN. Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein MIDDELENGERELATEERDE en VERSLAVINGSSTOORNISSEN Dr. Marie-Catherine Monté en Dr. Marieke Waignein 28 november 2014 Middelengerelateerde problematiek 1. Algemeen A. Middelengebruik in België B. Gevolgen:

Nadere informatie

FACTSHEET CANNABIS augustus 2011

FACTSHEET CANNABIS augustus 2011 augustus 2011 Deze factsheet presenteert de belangrijkste cijfergegevens van het voorbije decennium (2001-2011) over de omvang van het cannabisgebruik in Vlaanderen en België. We bespreken achtereenvolgens:

Nadere informatie

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald PERSMEDEDELING VAN JO VANDEURZEN, VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN 4 oktober 2012 Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald De kans dat Vlamingen

Nadere informatie

GEZONDHEIDSENQUETE 2013

GEZONDHEIDSENQUETE 2013 GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 5: PREVENTIE Stefaan Demarest, Rana Charafeddine (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat

Nadere informatie

Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs

Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs FEDERAAL WETENSCHAPSBELEID Wetenschapsstraat 8 B-1000 BRUSSEL Tel. 02 238 34 11 Fax 02 230 59 12 www.belspo.be Actie ter ondersteuning van de federale beleidsnota drugs Projectformulier ten behoeve van

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Gemeente Utrecht, Volksgezondheid Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/volksgezondheid Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht - 2012 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht,

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Horizontale Groep drugs Ontwerp-conclusies van de Raad over

Nadere informatie

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie Welkom Docent: Siri Kruit s.r.kruit@hr.nl 1 Huiswerkopdracht : Programma les 2 Theorie basis informatie Cannabis -presentatie Voorlichtingsmateriaal -nabespreken

Nadere informatie

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training

Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie. Welkom. iri Kruit Voorlichting en training Keuzevak Effectieve Verslavingspreventie Welkom Docent: Siri Kruit s.r.kruit@hr.nl 1 Huiswerkopdracht : Programma les 2 Theorie basis informatie Cannabis -presentatie Voorlichtingsmateriaal -nabespreken

Nadere informatie

PK Broeders Alexianen Tienen

PK Broeders Alexianen Tienen PROGRAMMA 09u30 Ontvangst Koffie 10u00 Verwelkoming en inleiding Ivo Vanschooland Dr. H. Peuskens Getuigenis Pauze Getuigenis Herman Hacour 12u00 Aperitief en lunch 14u00 Werkgroepen begeleid door: Hacour

Nadere informatie

Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters

Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters Lea Maes, PhD Universiteit Gent Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Vakgroep Maatschappelijke Gezondheidkunde Health literacy health literacy represents

Nadere informatie

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de

Nadere informatie

FACTSHEET CANNABIS april 2013

FACTSHEET CANNABIS april 2013 april 2013 Deze factsheet presenteert de belangrijkste cijfergegevens van het voorbije decennium (2002-2012) over de omvang van het cannabisgebruik in Vlaanderen en België. We bespreken achtereenvolgens:

Nadere informatie

Alcohol- en druggebruik bij Vlaamse jongeren

Alcohol- en druggebruik bij Vlaamse jongeren Alcohol- en druggebruik bij Vlaamse jongeren VAD-leerlingenbevraging Doel: aanvullend bij educatieve pakketten een zicht geven op middelengebruik bij leerlingen Survey, o.b.v. vragenlijst Gebaseerd op

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting De levensverwachting van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) is gemiddeld 13-30 jaar korter dan die van de algemene bevolking. Onnatuurlijke doodsoorzaken zoals

Nadere informatie

SAMENVATTING. Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift

SAMENVATTING. Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift 153 SAMENVATTING Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift Angst en depressie zijn de meest voorkomende psychische stoornissen, de ziektelast is hoog en deze aandoeningen brengen hoge kosten met

Nadere informatie

Alcoholgebruik bij helft van de studenten niet zonder risico

Alcoholgebruik bij helft van de studenten niet zonder risico Derde grote bevraging brengt middelengebruik bij Vlaamse studenten in kaart Alcoholgebruik bij helft van de studenten niet zonder risico De Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen (VAD) en onderzoekers

Nadere informatie

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau 4. Het doel van deze studie is de verschillen in gezondheidsverwachting naar een socio-economisch gradiënt, met name naar het hoogst bereikte diploma, te beschrijven. Specifieke gegevens in enkel mortaliteit

Nadere informatie

Resultaten voor België Roken Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Roken Gezondheidsenquête, België, 1997 6.1.1. Inleiding Het tabaksgebruik is een van de voornaamste risicofactoren voor longkanker, ischemische hartziekten en chronische ademhalingsaandoeningen (1). Men schat dat er in Europa niet minder dan

Nadere informatie

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 6.2.1. Inleiding Binnen de verschillen factoren van risico gedrag heeft alcoholverbruik altijd al de aandacht getrokken van de verantwoordelijken voor Volksgezondheid. De WGO gebruikt de term "Ongeschiktheid

Nadere informatie

Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen?

Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Richtlijnen Casus IDDT Richtlijnen, wat zeggen ze niet! Richtlijnen Dubbele Diagnose, Dubbele hulp (2003) British

Nadere informatie

Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest

Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest Socio-economische ongelijkheden in gezondheid in het Vlaams Gewest Analyse indicatoren Gezond leven Analyse van de gezondheidsenquête in opdracht van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid Door Sabine

Nadere informatie

Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen. Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema

Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen. Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema Ernstige Psychische Aandoeningen (EPA) Definitie consensus groep EPA¹ - Sprake van psychische stoornis

Nadere informatie

Middelengebruik: Alcoholgebruik

Middelengebruik: Alcoholgebruik Resultaten HBSC : Alcoholgebruik Middelengebruik: Alcoholgebruik Inleiding Alcoholgebruik is onderdeel van verschillende culturen en tevens één van de grote globale risicofactoren voor sociale en fysieke

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties Jongeren en Gezondheid 14: Seksualiteit en Relaties Inleiding Tijdens hun puberjaren, ondergaan jongens en meisjes diepgaande biologische, cognitieve, emotionele en sociale veranderingen. Deze periode

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

Cannabis. Van frequent naar afhankelijk gebruik

Cannabis. Van frequent naar afhankelijk gebruik Improving Mental Health by Sharing Knowledge Cannabis Van frequent naar afhankelijk gebruik CanDepgroep Peggy van der Pol Margriet van Laar Ron de Graaf Nienke Liebregts Wim van den Brink Dirk Korf Frequent

Nadere informatie

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Kernpunten Een kwart (24,3%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en een op de twintig deed dit in de maand voor het

Nadere informatie

Resultaten voor België Cardiovasculaire preventie Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Cardiovasculaire preventie Gezondheidsenquête, België, 1997 6.8.1. Inleiding In deze module worden 2 specifieke preventiedomeinen behandeld: de hypertensie en de hypercholesterolemie. De hart- en vaatziekten zijn aandoeningen die uit het oogpunt van volksgezondheid,

Nadere informatie

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Boeken en reportages www.accesinterdit.nl DRUGSCONSUMPTIE LIFE TIME drugsgebruik 15-64 jaar (Nationale Drugmonitor, 2012) 30 25 22,6 25,7 20

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 2010/0011(E) 16.3.2011 *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad over de sluiting van

Nadere informatie

MIDDELENGEBRUIK IN VLAANDEREN: EEN STAND VAN ZAKEN

MIDDELENGEBRUIK IN VLAANDEREN: EEN STAND VAN ZAKEN MIDDELENGEBRUIK IN VLAANDEREN: EEN STAND VAN ZAKEN Inhoud Dankwoord...7 Leeswijzer...8 HOOFDSTUK 1. HET (MEERVOUDIG) GEBRUIK VAN TABAK, ALCOHOL EN ILLEGALE DRUGS...10 1. Inleiding... 11 2. Gebruik Tabak...

Nadere informatie

GHB hulpvraag in Nederland

GHB hulpvraag in Nederland GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor GHB problematiek in de verslavingszorg 2007-2012 Houten, mei 2013 Stichting IVZ GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

GEZONDHEIDSENQUETE 2013

GEZONDHEIDSENQUETE 2013 GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 2: GEZONDHEIDSGEDRAG EN LEEFSTIJL Lydia Gisle, Stefaan Demarest (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J.

Nadere informatie

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Boeken en reportages www.accesinterdit.nl DRUGSCONSUMPTIE LIFE TIME drugsgebruik 15-64 jaar (Nationale Drugmonitor, 2012) 30 25 22,6 25,7 20

Nadere informatie

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt.

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt. IJsselland GENOTMIDDELEN Jongerenmonitor 1 4% ooit alcohol gedronken.163 jongeren School Klas 13-14 jaar Klas 4 1-16 jaar 4% weleens gerookt % ooit wiet gebruikt Genotmiddelen Psychosociale gezondheid

Nadere informatie

Kerncijfers drugsgebruik 2014

Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Tweede druk ERRATUM Kerncijfers middelengebruik Kernpunten Een kwart (24,1%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en

Nadere informatie

Sectie Infectieziekten

Sectie Infectieziekten Sectie Infectieziekten 1 December 2015 U kunt helpen de HIV / AIDS epidemie te beëindigen You can help to end the HIV / AIDS epidemic Sectie Infectieziekten Weet uw HIV status Know your HIV status by 2020

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn Besluit houdende wijziging van lijst I, behorende bij de Opiumwet, in verband met plaatsing op deze lijst van hasjiesj en hennep met een gehalte aan tetrahydrocannabinol (THC) van 15 procent of meer. Daartoe

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

Preventie van wiegendood bij zuigelingen

Preventie van wiegendood bij zuigelingen Preventie van wiegendood bij zuigelingen Edith Hesse Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 71

Nadere informatie

Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010)

Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010) AH 740 2010Z13219 Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010) 1 Bent u bekend met nieuw onderzoek van Michigan State University

Nadere informatie

Overheidsuitgaven voor drugs Alcohol, de grote slokop

Overheidsuitgaven voor drugs Alcohol, de grote slokop Overheidsuitgaven voor drugs Alcohol, de grote slokop Freya Vander Laenen Fado, Utrecht, 17 november 2011 1 1. METHODOLOGIE Achtergrond Sinds j 90: toenemend belang evaluatie drugbeleid Sinds 2001: EMCDDA

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

VAD-Leerlingenbevraging In het kader van een drugbeleid op school Syntheserapport schooljaar 2013-2014

VAD-Leerlingenbevraging In het kader van een drugbeleid op school Syntheserapport schooljaar 2013-2014 VAD-Leerlingenbevraging In het kader van een drugbeleid op school Syntheserapport schooljaar 2013-2014 Colofon Auteur Sarah Melis, stafmedewerker VAD Redactie Johan Rosiers, stafmedewerker VAD Nina De

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO.

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. 1. Referentie Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. Taal Nederlands ISBN - ISSN / Publicatievorm onderzoeksrapport 2. Abstract In dit onderzoek, uitgevoerd door het

Nadere informatie

Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid. Frieda Matthys, MD, PhD

Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid. Frieda Matthys, MD, PhD Preventie en hulpverlening in een evoluerend drugsbeleid Frieda Matthys, MD, PhD Overzicht Cannabis en gezondheid Prevalentie van gebruik Problemen door gebruik Drugbeleid vanuit gezondheidsperspectief

Nadere informatie

Preventie van alcoholgerelateerd. kosten-effectiviteit

Preventie van alcoholgerelateerd. kosten-effectiviteit Preventie van alcoholgerelateerd geweld: kosten-effectiviteit Het STAD model voor de preventie van geweld op drankgelegenheden Samenwerking gemeenschap Media Handhaving Onderzoek Training Opvolging Pleitbezorging

Nadere informatie

Sint Jansstraat 2C Goudsesingel 184 Telefoon 050-313 40 52 Telefoon 010-425 92 12 Fax 050-312 75 26 Fax 010-476 83 76

Sint Jansstraat 2C Goudsesingel 184 Telefoon 050-313 40 52 Telefoon 010-425 92 12 Fax 050-312 75 26 Fax 010-476 83 76 VOORSTUDIE SOFTDRUGSGEBRUIK JONGERENROTTERDAM COLOFON St. INTRAVAL Postadres: Postbus 1781 9701 BT Groningen E-mail info@intraval.nl www.intraval.nl Kantoor Groningen: Kantoor Rotterdam: Sint Jansstraat

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Beroerte. Aantal nieuwe patiënten met een beroerte. Definitie. Uitgave van de Nederlandse Hartstichting.

Feiten en cijfers. Beroerte. Aantal nieuwe patiënten met een beroerte. Definitie. Uitgave van de Nederlandse Hartstichting. Feiten en cijfers Uitgave van de Nederlandse Hartstichting November 211 Beroerte Definitie Beroerte (in het Engels Stroke ), ook wel aangeduid met cerebrovasculaire aandoeningen/accidenten/ziekte (CVA),

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Socio-demografische gegevens

Jongeren en Gezondheid 2014 : Socio-demografische gegevens Resultaten HBSC 14 Socio-demografische gegevens Jongeren en Gezondheid 14 : Socio-demografische gegevens Steekproef De steekproef van de studie Jongeren en Gezondheid 14 bestaat uit 9.566 leerlingen van

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 5.8.1. Inleiding De WHO heeft in haar omschrijving het begrip gezondheid uitgebreid met de dimensie sociale gezondheid en deze op één lijn gesteld met de lichamelijke en psychische gezondheid. Zowel de

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

VAD-leerlingenbevraging

VAD-leerlingenbevraging VAD-leerlingenbevraging in het kader van een drugbeleid op school Syntheserapport schooljaar 2011-2012 Colofon Auteur Sarah Melis, stafmedewerker VAD Redactie Ilse Bernaert, stafmedewerker VAD Johan Rosiers,

Nadere informatie

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Houten, april 2011 Stichting IVZ Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek

Nadere informatie

Samenvatting. Adviesaanvraag

Samenvatting. Adviesaanvraag Samenvatting Adviesaanvraag De afgelopen jaren is uit rapportages van het voormalige Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo) en de daarna opgerichte Dopingautoriteit gebleken dat in ons land

Nadere informatie

Inleiding. Lydia Gisle

Inleiding. Lydia Gisle Inleiding Lydia Gisle Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 53 E-mail : lydia.gisle@iph.fgov.be

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting. Chapter 11

Nederlandse samenvatting. Chapter 11 Nederlandse samenvatting Chapter 11 Chapter 11 Samenvatting Dit proefschrift beschrijft de resultaten van een groot vragenlijstonderzoek over de epidemiologie van chronisch frequente hoofdpijn in de Nederlandse

Nadere informatie

nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken

nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 126 van JORIS POSCHET datum: 17 november 2014 aan JO VANDEURZEN VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Preventiebeleid hiv en soa s - Stand van zaken Het Wetenschappelijk

Nadere informatie

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest.

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest. Samenvatting 152 Samenvatting Ieder jaar krijgen in Nederland 16.000 mensen een hartstilstand. Hoofdstuk 1 beschrijft de achtergrond van dit proefschrift. De kans om een hartstilstand te overleven is met

Nadere informatie

Digitale (r)evolutie in België anno 2009

Digitale (r)evolutie in België anno 2009 ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 9 februari Digitale (r)evolutie in België anno 9 De digitale revolutie zet zich steeds verder door in België: 71% van de huishoudens in

Nadere informatie

Onderzoek naar de rol van ontsteking bij het ontstaan van bipolaire stoornissen

Onderzoek naar de rol van ontsteking bij het ontstaan van bipolaire stoornissen Onderzoek naar de rol van ontsteking bij het ontstaan van bipolaire stoornissen CAPRI Universiteit Antwerpen INFORMATIEBRIEF VOOR DEELNEMERS Versie voor patiënten Versie 3 22/04/2015 Geachte heer/mevrouw,

Nadere informatie

In vuur en vlam Hoe voorkom je uit te doven? Een onderzoek naar burn-out en bevlogenheid bij hulpverleners

In vuur en vlam Hoe voorkom je uit te doven? Een onderzoek naar burn-out en bevlogenheid bij hulpverleners In vuur en vlam Hoe voorkom je uit te doven? Een onderzoek naar burn-out en bevlogenheid bij hulpverleners Colloquium psychosociale risico s Brussel, 23-09-2014 dr Sofie Vandenbroeck 2 Opdrachtgevers Federale

Nadere informatie

ZELDZAME ZIEKTEN & WEESGENEESMIDDELEN. Een unieke uitdaging voor de kwalitatieve gezondheidszorg

ZELDZAME ZIEKTEN & WEESGENEESMIDDELEN. Een unieke uitdaging voor de kwalitatieve gezondheidszorg ZELDZAME ZIEKTEN & WEESGENEESMIDDELEN Een unieke uitdaging voor de kwalitatieve gezondheidszorg 2 ZELDZAAM, MAAR NIET UITZONDERLIJK Een ziekte is zeldzaam wanneer deze voorkomt bij niet meer dan 5 op 10.000

Nadere informatie

Onderzoek over het spreken van het Frans door de inwoners van Vlaanderen

Onderzoek over het spreken van het Frans door de inwoners van Vlaanderen Onderzoek over het spreken van het Frans door de inwoners van Vlaanderen Onderzoek uitgevoerd voor de vzw: Association pour la Promotion de la Francophonie en Flandre September 2009 Dedicated Research

Nadere informatie

Tabak, cannabis en harddrugs

Tabak, cannabis en harddrugs JONGERENPEILING 0 ZUID-HOLLAND NOORD De jongerenpeiling heeft als doel om periodiek op systematische wijze ontwikkelingen in gezondheid en gewoonten van jongeren in kaart te brengen. Dit is het eerste

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2001 2002 19 218 Het verworven immuun deficiëntie-syndroom (AIDS) Nr. 64 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van

Nadere informatie

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting Proefschrift Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems Merel Griffith - Lendering Samenvatting Het gebruik van cannabis is gerelateerd aan een breed scala van psychische problemen, waaronder

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

Schizofrenie en comorbide verslaving

Schizofrenie en comorbide verslaving Schizofrenie en comorbide verslaving Wilma Reesink GGZ Verpleegkundig Specialist GGNet Apeldoorn Workshopindeling: 1. Stellingen bespreken aan de hand van het Lagerhuismodel met doel: kennis testen, dilemma

Nadere informatie

Advance Care Planning in België

Advance Care Planning in België Scientific Institute of Public Health Advance Care Planning in België een studie via de Belgische Huisartsenpeilpraktijken Koen Meeussen -Zorg rond het Levenseinde - VUB Doelstelling Senti-Melc Methode

Nadere informatie

Overgewicht en Obesitas op Curaçao

Overgewicht en Obesitas op Curaçao MINISTERIE VAN Gezondheid, Milieu & Natuur Volksgezondheid Instituut Curaçao Persbericht Overgewicht en Obesitas op Curaçao In totaal zijn 62,6% van de mannen en 67,3% van de vrouwen op Curaçao te zwaar,

Nadere informatie

Jongeren geraken aan de drugs door slechte vrienden. Feit of fabel?

Jongeren geraken aan de drugs door slechte vrienden. Feit of fabel? Alle jongeren gebruiken cannabis. Feit of fabel? FABEL We krijgen vaak de indruk dat alle jongeren tegenwoordig aan de drugs zitten. Dat is niet zo. De meeste jongeren gebruiken nooit illegale middelen.

Nadere informatie

Gezondheidsindicatoren 2005 Vlaams Gewest. Algemene sterftecijfers

Gezondheidsindicatoren 2005 Vlaams Gewest. Algemene sterftecijfers Vlaams Gewest Gepubliceerd op: http://www.zorg-en-gezondheid.be/cijfers.aspx - oktober 2007 Door: Cloots Heidi, De Kind Herwin, Kongs Anne, Smets Hilde Afdeling Informatie & Ondersteuning Inhoudsopgave...

Nadere informatie

Factsheet alcohol. Think Before You Drink

Factsheet alcohol. Think Before You Drink Factsheet alcohol Think Before You Drink Jongeren drinken te vroeg, te veel en te vaak. Ook in West-Brabant is dit het geval. Bovendien tolereren veel ouders dat hun kinderen onder de 16 jaar alcohol drinken.

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

Infobundel Alcohol-, tabak-, en drugspreventie

Infobundel Alcohol-, tabak-, en drugspreventie Presenteert Infobundel Alcohol-, tabak-, en drugspreventie (9 september 2014) http://www.skillville.be 1 Doelstelling van het pakket Alcohol-, tabak-, en drugspreventie... 4 1.1 Alcohol... 4 1.2 Tabak...

Nadere informatie

Samenvatting (summary in Dutch)

Samenvatting (summary in Dutch) Samenvatting (summary in Dutch) 149 Samenvatting (summary in Dutch) Één van de meest voorkomende en slopende ziektes is depressie. De impact op het dagelijks functioneren en op de samenleving is enorm,

Nadere informatie

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.11 - September 2008-203-

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.11 - September 2008-203- Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.11 - September 2008-203- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN STEVEN VANACKERE VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Vraag nr. 257 van 25 juni

Nadere informatie

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Jaarverslag Herplaatsingsfonds 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Het Herplaatsingsfonds financiert de outplacementbegeleiding van alle ontslagen werknemers tewerkgesteld in bedrijven in het Vlaamse

Nadere informatie

Angststoornissen. Verzekeringsgeneeskundig protocol

Angststoornissen. Verzekeringsgeneeskundig protocol Angststoornissen Verzekeringsgeneeskundig protocol Epidemiologie I De jaarprevalentie voor psychische stoornissen onder de beroepsbevolking in Nederland wordt geschat op: 1. 5-10% 2. 10-15% 15% 3. 15-20%

Nadere informatie

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 RIS128575a_10-JUN-2005 ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 Beknopt verslag ten behoeve van de deelnemende scholen April 2005 Dienst OCW / GGD Den Haag Epidemiologie

Nadere informatie

Opmerkelijke stijging van het aantal rokers in 2008

Opmerkelijke stijging van het aantal rokers in 2008 PERSBERICHT Brussel, 4 december 2008 Opmerkelijke stijging van het aantal rokers in 2008 Voor het eerst in zes jaar stijgt het percentage dagelijkse rokers in ons land, van 27% in 2007 naar 30% in 2008.

Nadere informatie

Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist

Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist Gedwongen opname en verslaving Dr Anne Van Duyse - De Sleutel en PC Sint Jan Baptist Deel 1: Wet op de gedwongen opname Deel 2: problematisch middelengebruik Toetsing van de wet bij verslaving Geesteszieke

Nadere informatie