Criminaliteit vergeleken tussen de Utrechtse krachtwijken Ondiep en Hoograven

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Criminaliteit vergeleken tussen de Utrechtse krachtwijken Ondiep en Hoograven"

Transcriptie

1 Criminaliteit vergeleken tussen de Utrechtse krachtwijken Ondiep en Hoograven Mogelijke verklaringen voor verschillen in het aantal woning, en auto inbraken Johan van Erp Myrte Janssen Erik van de Kamp Manu van der Linden Buurten: problemen en hun aanpak Faculteit Sociale Wetenschappen Universiteit Utrecht Aantal woorden: 4912

2 Inhoudsopgave 1. Inleiding Aanleiding Probleemstelling en casus Leeswijzer 4 2. Context Theorie Broken windows theory Social disorganization theory Beleid Ondiep Hoograven 9 3. Onderzoeksopzet Dataverzameling Data-analyse Reflectie op onderzoeksmethode Resultaten Hypothese Hypothese Hypothese Hypothese Hypothese Deelvraag Conclusie en beleidsadvies Conclusie Beleidsadvies Literatuurlijst 18 Bijlage 1 Observatieschema s 20 Bijlage 2 Selectie foto s fysieke disorder 23 Bijlage 3 Samenvatting interview Wijkcentrum Zuid 24 2

3 1. Inleiding 1.1 Aanleiding Alles bijeengenomen zijn er geen robuuste gunstige effecten vast te stellen van het krachtwijkenbeleid op de veiligheid en de leefbaarheid in de buurt (Permentier, Kullberg & Van Noije, 2013: 14). In 2007 heeft de toenmalig minister voor wonen, wijken en integratie, Ella Vogelaar, de zogenoemde krachtwijken in het leven geroepen (Tweede Kamer, ). Dit is gebeurd onder de noemer Van probleemwijk naar prachtwijk. Het doel van het project is een positieve ontwikkeling inzetten in wijken met aanzienlijke leefbaarheidsproblemen (Tweede Kamer, ). Uit het kamerstuk (Tweede Kamer, ) blijkt dat het kabinet zich hierbij richt op wonen, werken, leren, integreren en veiligheid. Voor het bepalen van de krachtwijken is er gebruik gemaakt van feitelijke gegevens over sociaal-economische en fysieke achterstanden. Daarnaast zijn de oordelen van bewoners meegenomen over leefbaarheidsproblemen in relatie tot sociaal-economische problemen en over fysieke problemen. De wijken met de grootste cumulatie van achterstanden en problemen ten opzichte van het landelijke gemiddelde zijn geselecteerd (Tweede Kamer, ). 1.2 Probleemstelling en casus Uit bovenstaande schets blijkt reeds dat krachtwijken te maken kunnen hebben met leefbaarheidsproblemen. De mate van criminaliteit is een dergelijk leefbaarheidsprobleem (Kempkens & Wittebrood, 2000). Uit het bovenstaande citaat blijkt dat het krachtwijkenbeleid niet heeft gezorgd voor een verbetering van de veiligheid en de leefbaarheid in wijken. Dit concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau in het rapport werk aan de wijk (Permentier et al., 2013). Uit dit rapport blijkt dat voor de meeste indicatoren, met betrekking tot de veiligheid en leefbaarheid, geldt dat het verschil tussen de krachtwijken en de zogenoemde referentiewijken niet minder groot is geworden (Permentier et al., 2013). Dit suggereert dat het krachtwijkenbeleid niet effectief is in het tegengaan van criminaliteit, het verbeteren van de veiligheid en de leefbaarheid. In dit onderzoek staat het criminaliteitsprobleem in de krachtwijken centraal. Voor de effectiviteit van het beleid is het van belang dat het beleid inspeelt op de oorzaken van het probleem. Onderzoek naar mogelijke oorzaken van de relatief hoge mate van criminaliteit in de krachtwijken is vanwege deze reden beleidsrelevant. In deze paper worden twee krachtwijken in Utrecht geanalyseerd op verschillende factoren die een rol kunnen spelen in het verklaren van de mate van criminaliteit. In deze 3

4 paper wordt onder criminaliteit het aantal geregistreerde woning- en auto-braken verstaan. Er wordt in dit onderzoek specifiek gekeken naar de buurten Hoograven en Ondiep. Het is interessant deze buurten te onderzoeken aangezien het krachtwijken in dezelfde stad betreffen. Opvallend is dat de buurt Ondiep in Utrecht een door het rijk geselecteerde krachtwijk is (Tweede Kamer, ). Hoograven in Utrecht draagt ook het label krachtwijk, deze is echter opgelegd door de gemeente en wordt niet als zodanig erkend door het Rijk (Gemeente Utrecht, 2012). In de gemeente Utrecht hebben de krachtwijken eigen wijkactieplannen, hierin zijn onder andere strategieën voor het verminderen van de criminaliteit opgenomen (Gemeente Utrecht, 2012). Tussen de krachtwijken onderling zijn er echter verschillen in de mate van criminaliteit te vinden. In Ondiep is er meer criminaliteit dan in Hoograven, het criminaliteitscijfer per 1000 inwoners is in Ondiep 73 en in Hoograven 62.9 (WistUdata, 2013). Als we specifiek kijken naar woning- en autokraken ontstaat er een meer genuanceerd beeld. In Ondiep zijn er 23.9 woninginbraken per 1000 woningen en 10.5 autokraken per 1000 inwoners. In Hoograven gaat het om 22.1 woninginbraken per 1000 woningen en 13.1 autokraken per 1000 inwoners (WistUdata, 2013). Interessant is om te kijken door welke factoren deze verschillen verklaard kunnen worden en of het beleid in beide buurten inspeelt op de oorzaken van deze vormen van criminaliteit. Hiernaast wordt er in beide buurten verschillend beleid gevoerd om criminaliteit tegen te gaan, het is dan ook interessant om te bekijken of de buurten mogelijk iets van elkaar kunnen leren op het gebied van veiligheid. De onderzoeksvraag die centraal staat in deze paper luidt als volgt: Hoe kan het verschil in criminaliteit tussen de krachtwijken Ondiep en Hoograven worden verklaard?. Om deze onderzoeksvraag zo volledig mogelijk te beantwoorden zijn de volgende deelvragen geformuleerd: 1. Welke factoren kunnen van invloed zijn op de criminaliteit? 2. In hoeverre verschillen de buurten op de factoren die van invloed kunnen zijn op de criminaliteit? 3. Welk beleid voert de gemeente om criminaliteit tegen te gaan in beide buurten? 1.3 Leeswijzer Allereerst wordt in hoofdstuk twee de context beschreven. Hiervoor wordt een theoretisch kader gegeven en het bestaande beleid voor beide buurten wordt beschreven. In dit hoofdstuk zullen deelvraag één en drie centraal staan. Vervolgens wordt in hoofdstuk drie de 4

5 onderzoeksopzet beschreven, dus de wijze waarop data is verzameld en hoe deze wordt geanalyseerd. In hoofdstuk vier staat deelvraag twee centraal, hier volgen de resultaten van de beschreven analyses. Op deze manier kunnen er in hoofdstuk vijf conclusies worden getrokken over de aansluiting tussen het beleid en de mogelijke oorzaken. Aan de hand van deze conclusies worden suggesties gegeven om de effectiviteit van het beleid te vergroten. Aanvullend zijn in de bijlagen de codeerschema s en foto s van disorder in beide buurten te vinden. Eveneens is hier een samenvatting van een interview terug te vinden. 5

6 2. Context 2.1 Theorie In deze paragraaf staat de eerste deelvraag Welke factoren kunnen van invloed zijn op de criminaliteit? centraal. Er worde twee centrale theorieën, namelijk de social disorganization theory en de broken windows theory, besproken. Op basis van deze theorieën en de daaruit voortkomende factoren die van invloed kunnen zijn op criminaliteit, zullen hypothesen worden geformuleerd Broken windows theory De broken windows theory gaat uit van het idee dat disorder leidt tot ongewenst gedrag, waaronder criminaliteit (Wilson & Kelling, 1982). Disorder kan zowel fysiek als sociaal van aard zijn. Fysieke disorder is bijvoorbeeld de aanwezigheid van zwerfvuil op straat. Sociale disorder is bijvoorbeeld de aanwezigheid van hangjongeren (Wilson et al., 1982; Ross, 2001). Disorder kan de mate waarin normen worden nageleefd beïnvloeden. Normoverschrijdend gedrag, zoals criminaliteit, zou vaker voorkomen in buurten waar sprake is van veel disorder (Wilson et al., 1982). Wilson en Kelling, mede-grondleggers van de broken windows theory, verklaren het verband tussen disorder en criminaliteit door erop te wijzen dat mensen sociale wezens zijn. Omdat we sociale wezens zijn vergelijken we ons eigen gedrag met het gedrag van anderen in de directe sociale omgeving om te ontdekken wat gewenst sociaal gedrag is (Wilson et al., 1982). Ook bij absentie van eventuele normgevers gebruikt de mens prikkels uit de omgeving om een idee te krijgen van sociale normen. Concreet voorbeeld is een gebroken ruit, dit kan opgevat worden als tolerantie van disordelijk gedrag. Wanneer deze ruit niet wordt gerepareerd zal dit volgens Wilson et al. (1982) op den duur de naleving van normen beïnvloeden. Problemen zullen accumuleren en de mate van criminaliteit en disorder zullen toenemen (Wilson et al., 1982). Op basis van deze redenering is de volgende hypothese opgesteld: Hypothese 1: In een buurt waar meer disorder aanwezig is, zullen er meer woning- en auto inbraken zijn Social disorganization theory Het centrale idee van de social disorganization theory is dat de criminaliteit in een buurt niet direct veroorzaakt wordt door disorder, maar dat beiden worden beïnvloed door eenzelfde 6

7 mechanisme (Shaw & McKay, 1942; Sampson & Raudenbush, 1999) Er wordt verondersteld dat een hoge mate van sociale controle en sociale cohesie in een buurt van aanzienlijk belang is bij het reguleren van gedrag (Sampson, Raudenbush & Earls, 1997; Morenoff, Sampson & Raudenbush, 2001). Dit mechanisme wordt collective efficacy genoemd. Hierbij is het van belang dat men vertrouwen heeft dat er ingegrepen wordt bij normoverschrijdend gedrag (Sampson et al., 1999). Ook Bursik (1988) stelt dat informele sociale controle en sociale cohesie in buurten belangrijk is bij het vormen van collectieve waarden rondom gewenst gedrag en daarmee van belang bij het beheersen van ongewenst gedrag, waaronder criminaliteit en de vorming van disorder. Buurten die gekenmerkt worden door gebrekkige informele sociale controle en sociale cohesie zijn volgens Bursik (1988) gedesorganiseerd. Deze desorganisatie stelt bewoners van een buurt niet in staat om een gemeenschapsstructuur te creëren met collectieve waarden en normen om sociale controle te handhaven (Bursik, 1988: ). Er liggen volgens Sampson et al. (1997) drie voorspellers ten grondslag aan de mate van collective efficacy. Ten eerste is dit de lage economische status van de inwoners in een buurt, ten tweede de etnische heterogeniteit en ten slotte de residentiële mobiliteit (Sampson et al., 1997). Wanneer een of meerdere van deze voorwaarden slecht scoort, is er minder collective efficacy, hetgeen leidt tot meer criminaliteit en disorder (Sampson et al., 1997). De eerste hypothese op basis van de social disorganization theory luidt als volgt: Hypothese 2: Naarmate er in een buurt minder collective efficacy is, zullen er meer auto- en woning inbraken zijn. De eerste twee voorspellers van collective efficacy hangen sterk samen, omdat etnische minderheden vaak een lage sociaal economische status hebben. Volgens Sampson et al. (1997) zijn mensen met een lage sociaal economische status en met een etnische achtergrond minder goed in staat tot collectieve acties. Waardoor het lastig is om erop toe te zien dat normen in de buurt worden nageleefd. In buurten waar veel mensen met een lage sociaal economische status en/of etnische minderheden wonen, zal er daarom minder sociale controle en het daarmee samenhangende collective efficacy zijn. Hetgeen tot gevolg heeft dat er in deze buurten meer criminaliteit is dan in buurten met een hoge mate van collective efficacy (Sampson et al., 1997). Op basis van deze redenering van Sampson et al. (1997) kunnen de volgende hypothesen geformuleerd worden: 7

8 Hypothese 3: In een buurt met een hogere concentratie etnische minderheden, zullen er meer woning, en auto inbraken zijn. Hypothese 4: In een buurt met een hogere concentratie van mensen met een lage sociaal economische status, zullen er meer woning- en auto inbraken zijn. De derde voorspeller van collective efficacy is de mate van residentiële mobiliteit (Sampson et al., 1997). Als er in een buurt veel verhuizingen zijn en mensen dus voor relatief korte tijd in de buurt wonen, worden er minder hechte sociale netwerken opgebouwd. Hierdoor is er in buurten met veel verhuizingen minder informele sociale controle. Kortom, als er een hoge mate van residentiële mobiliteit is in een buurt, zal er minder collective efficacy zijn, waardoor er meer criminaliteit wordt gepleegd in de buurt (Sampson et al., 1997). Dit leidt tot de laatste hypothese: Hypothese 5: In een buurt met meer residentiële mobiliteit, zullen er meer woning- en auto inbraken zijn. 2.3 Beleid Binnen de Gemeente Utrecht zijn voor de krachtwijken wijkactieplannen opgesteld met een strategie voor de benodigde aanpak (Gemeente Utrecht, 2012). De wijkactieplannen zijn gebaseerd op een probleemanalyse van de specifieke buurt en een inventarisatie van wat er al gebeurt. Op basis van deze wijkactieplannen werken gemeente, corporaties, bewoners en andere organisaties samen (Gemeente Utrecht, 2012). Het wijkactieplan voor Ondiep heet Dorp in de stad en het plan voor Hoograven heet Hoograven in de lift. De wijkactieplannen zijn voor het eerst opgesteld in 2008 (Gemeente Utrecht, 2012). Op basis van deze actieplannen kan de deelvraag Welk beleid voert de gemeente om criminaliteit tegen te gaan in beide buurten? worden beantwoord Ondiep Uit het wijkactieplan van Ondiep blijkt dat er relatief veel kwetsbare bewoners wonen vanwege werkloosheid, armoede, gebrekkige gezondheid, laag opleidingsniveau en/ of sociaal isolement. In delen van de buurt staat de leefbaarheid en veiligheid onder druk (Wijkservicecentrum Noordwest, 2012). Veiligheid is terug te vinden in een van de vier speerpunten. Uit het actieplan blijkt dat via groepsaanpak steeds gerichter wordt ingezet op 8

9 criminele en overlastgevende jongeren, waarbij de jongeren worden begeleid bij scholing, werk en activiteiten (Wijkservicecentrum Noordwest, 2012). Jongeren worden bij strafbare feiten aangepakt, daarnaast wordt er begeleiding geboden aan jongeren en hun gezinnen na detentie. Bovendien wordt er extra ingezet op activiteiten voor en coaching van jongeren (Wijkservicecentrum Noordwest, 2012). Verder is de inzet van het veiligheidsbeleid voor de komende jaren gericht op woninginbraak, autokraak, geweld en jongerenoverlast. Hierbij is een goede informatiewisseling tussen de diverse partners, het werken met de principes van de vreedzame buurt op basisscholen en het verhogen van de meldingsbereidheid van bewoners noodzakelijk (Wijkservicecentrum Noordwest, 2012). Samenvattend kan worden gesteld dat het wijkactieplan van Ondiep inspeelt op diverse vormen van criminaliteit en onveiligheidgevoelens van de bewoners. Er worden echter weinig concrete maatregelen in het wijkactieplan genoemd om de woning- en auto inbraken tegen te gaan in de buurt Hoograven Uit het wijkactieplan van Hoograven blijkt dat, zoals eerder aangegeven, Hoograven door gemeente Utrecht is toegevoegd aan het lijstje van krachtwijken. Door veranderingen in het economisch perspectief zal de buurt Hoograven als eerste worden gelaten, wat in het actieplan voor reeds terug te zien is in het feit dat nog maar beperkte extra gemeentelijke middelen beschikbaar worden gesteld (Wijkbureau Zuid, 2012). Wat betreft veiligheid gaat het in het actieplan met name om het verbeteren van de veiligheid van de openbare ruimte. Vanuit het leefbaarheids- en veiligheidsbudget wordt integraal buurtbeheer mogelijk gemaakt. Dit betreft inbraakpreventie, jongerenactiviteiten, beheer van de openbare ruimte en activiteiten ter bevordering van de gezondheid en leefbaarheid (Wijkbureau Zuid, 2012). Het wijkveiligheidsprogramma richt zich op woninginbraak, autokraak, jongerenoverlast en geweld. Het is onder andere de bedoeling de meldingsbereidheid van bewoners te verhogen (Wijkbureau Zuid, 2012). Op basis van het wijkactieplan van Hoograven kan eenzelfde conclusie worden getrokken als op basis van het wijkactieplan van Ondiep. Er geldt wederom dat het beleid inspeelt op diverse vormen van criminaliteit, onder andere woning- en auto inbraken, maar dat er weinig concrete maatregelen blijken uit het wijkactieplan. Een verschil met het wijkactieplan van Ondiep is dat er in Hoograven ook wordt gestreefd naar het verbeteren van de veiligheid van de openbare ruimte, hetgeen niet naar voren komt uit het wijkactieplan van Ondiep. 9

10 3. Onderzoeksopzet 3.1 Dataverzameling Voor het toetsen van de hypothesen wordt er gebruik gemaakt van drie soorten data, namelijk secundaire data, observaties en een interview. Voor secundaire data is er gebruik gemaakt van WistUdata, een online systeem met gegevens over wonen, veiligheid, werk et cetera in Utrecht (Gemeente Utrecht, 2013). Aangezien de maatregelen in de wijkactieplannen voor de periode zijn gebaseerd op gegevens uit 2011, wordt in dit onderzoek eveneens gebruik gemaakt van data over Voor het toetsen van de hypothesen op basis van de social disorganization theory wordt er gekeken naar het percentage allochtonen (hypothese 3), het percentage huishoudens met een laag inkomen en uitkeringsontvangers in beide buurten. Het percentage huishoudens met een laag inkomen is gebaseerd op een koopkracht die gelijk staat aan een bijstandsuitkering voor een alleenstaande (WistUdata, 2013). Het percentage uitkeringsontvangers is gebaseerd op het aantal mensen dat jonger is dan 65 jaar en een of meerdere uitkeringen ontvangt. Hierbij kan het gaan om een bijstandsuitkering, werkloosheidsuitkering of arbeidsongeschiktheids-uitkering (WistUdata, 2013). Zowel het percentage met een laag inkomen als het percentage met een uitkering wordt gebaseerd op 2010, aangezien hierover geen gegevens beschikbaar zijn van Er wordt gekeken naar het percentage huishoudens met een laag inkomen en uitkeringsontvangers, omdat er geen concretere data beschikbaar is over de sociaal economische status van de buurt. Een groot aandeel mensen met een laag inkomen en/ of het ontvangen van een uitkering suggereert dat er veel mensen met een lage sociaal economische status in de buurt wonen (hypothese 4). Verder wordt er aan de hand van de social disorganization theory gekeken naar de mate residentiële mobiliteit (hypothese 5). Om hier uitspraak over te kunnen doen wordt er gekeken naar het percentage bewoners dat korter dan één jaar in de buurt woont. Het percentage bewoners dat zich verantwoordelijk voelt voor de buurt en het percentage bewoners dat vindt dat ze onvoldoende sociale contacten hebben, zijn indicatoren van de mate van sociale controle en sociale cohesie in de buurt. Daarom wordt er naar deze percentages gekeken om een uitspraak te kunnen doen over de mate van collective efficacy in beide buurten (hypothese 2). Voor het toetsen van de hypothese op basis van de broken windows theory (hypothese 1) wordt er gebruik gemaakt van systematische observaties in beide buurten. Deze observaties zijn uitgevoerd volgens de zogenaamde SSO-methode van Sampson et al. (1999). Er is eerst een codeerschema opgesteld, waardoor de waargenomen disorder kan worden vertaald naar 10

11 kwantificeerbare gegevens. Vervolgens is er in beide buurten op twee tijdstippen geobserveerd door twee observatoren. Bij het observeren voor dit onderzoek is gelet op fysieke disorder. Hier is bewust voor gekozen omdat sociale disorder meer op toevalligheden gebaseerd is dan fysieke disorder. Graffiti of glas op straat kan er op elk moment van de dag zijn, terwijl hangjongeren bijvoorbeeld met name laat in de middag of in de avond aanwezig zullen zijn. In de buurten is er geobserveerd bij meerdere faceblocks, verschillende zichtpunten, zoals omschreven door Sampson et al. (1999). Tijdens het observeren hebben de observanten onafhankelijk van elkaar het codeerschema ingevuld. De geobserveerde fysieke wanorde bestaat uit: sigaretten, zwerfvuil, een stapel zwerfvuil of een vuilniszak, glas, se alcoholflesjes/ blikjes, graffiti, verlaten of vernielde auto s, wietzakjes, kapotte openbare voorzieningen en vuurwerkresten. De ingevulde observatieschema s zijn terug te vinden in bijlage 1. Aanvullend wordt er gebruik gemaakt van een interview met Wijkcentrum Zuid, waar Hoograven onder valt. Een samenvatting van dit interview is terug te vinden in bijlage 3. Wijkcentrum Noordwest, waar Ondiep onder valt, heeft helaas aangegeven niet mee te kunnen werken aan het onderzoek. 3.2 Data-analyse De secundaire data betreft beschrijvende data en geeft een overzicht van de verschillen tussen de buurten op mogelijke oorzaken van criminaliteit. Hiervoor worden gegevens over de buurten naast elkaar gezet. De systematische observaties zijn eerst bruikbaar gemaakt voor analyse. De vier observatieschema s per buurt zijn gebruikt om tot een gemiddelde te komen voor elke soort fysieke disorder per buurt. Vervolgens zijn de gemiddelden voor de verschillende soorten disorder bij elkaar opgeteld om tot één variabele van fysieke disorder te komen per buurt. Op deze manier is het mogelijk een t-toets uit te voeren, om zo het verschil in fysieke disorder tussen de buurten te analyseren. Aangezien niet elke vorm van fysieke disorder even erg is, is er gebruik gemaakt van wegingen. Kapotte openbare voorzieningen wordt als zwaarste gewogen (1), gevolgd door graffiti (0.8), afvalhopen (0.6), alcoholflesjes/ blikjes (0.4), afval en vuurwerkresten (0.2) en tot slot sigarettenpeuken (0.1). Door de uitkomsten van beide soorten data kunnen de hypothesen worden getoetst, op basis waarvan de tweede deelvraag kan worden beantwoord. Ter aanvulling worden citaten uit het interview gebruikt. 11

12 3.5 Reflectie op onderzoeksmethode De secundaire data uit WistUdata wordt als betrouwbaar gezien, daar deze jaarlijks op professionele wijze worden verkregen. Het is echter de vraag hoe valide deze gegevens zijn voor dit onderzoek. De data is immers met andere doeleinden verzameld, waardoor er mogelijk andere dingen worden gemeten dan wat optimaal zou zijn voor het onderzoek. Dit is onder andere terug te zien in het feit dat niet alle gegevens over 2011 bekend zijn, waardoor eveneens naar 2010 wordt gekeken. Bovendien zijn er meer ideale gegevens te bedenken dan de nu gebruikte gegevens. Ondanks deze problemen is de data wel bruikbaar voor het onderzoek, er zijn voldoende indicatoren beschikbaar om de hypothesen te toetsen. Bij de conclusies dient echter een slag om de arm te worden gehouden, gezien de validiteit niet optimaal is. Tevens is het van belang dat er rekening wordt gehouden met het ontbreken van een statistische analyse van de secundaire data. Er wordt slechts gebruik gemaakt van beschrijvende data, waardoor er geen significante verbanden kunnen worden aangetoond. De resultaten kunnen slechts verbanden tussen de bepaalde factoren en de criminaliteit suggereren, maar niet bevestigen. Vanwege deze redenen dienen de resultaten van dit onderzoek met enige voorzichtigheid geïnterpreteerd te worden. De observaties brengen een risico wat betreft betrouwbaarheid met zich mee. Om hiervoor te controleren is het belangrijk te analyseren in welke mate er overeenstemming tussen de observaties bestaat. Zo wordt er inzicht verschaft in de reproduceerbaarheid van de data (Cohen, 1960). De interreliablity rate voor Ondiep is 0.89, voor Hoograven is deze Dit betekent dat de observaties van fysieke wanorde voor beide buurten uitstekend scoren op betrouwbaarheid (Landis & Koch, 1977). Daarnaast zijn de observaties valide, er is gemeten wat voor dit onderzoek nodig is. Het interview met Wijkcentrum Zuid wordt eveneens als betrouwbaar beschouwd. Doordat de vragen vooraf zijn opgesteld kan het interview gemakkelijk worden gereproduceerd. Aangezien het interview specifiek voor dit onderzoek is afgenomen, worden de validiteit en bruikbaarheid hoog geacht. 12

13 4. Resultaten In dit hoofdstuk worden de vijf hypothesen getoetst en wordt het antwoord op de tweede deelvraag geformuleerd In hoeverre verschillen de buurten op de factoren die van invloed kunnen zijn op de criminaliteit?. 4.1 Hypothese 1 Uit de t-toets, op basis van de systematische observaties, blijkt dat er een significant verschil in fysieke disorder bestaat tussen Ondiep en Hoograven. In Ondiep is er meer fysieke disorder dan in Hoograven (t(402)=21.87, p<.001). Zie bijlage 1 voor beeldmateriaal van verschillende soorten fysieke disorder in beide buurten. Tijdens het interview met Wijkcentrum Zuid is naar voren gekomen dat het beleid in Hoograven zich specifiek richt op het tegengaan van fysieke disorder. Er is onder andere gezegd Door proactief de graffiti van openbare plekken te verwijderen en zaken als speeltuinen aan te pakken, door ze op te knappen, hopen we met weinig financiële middelen de wijk weer wat meer aanzien te geven. We hopen dat als de wijk volledig is opgeknapt, de drempel om vernieling aan te brengen is verhoogd. Daarnaast hopen we het imago en de beeldvorming van de wijk te verbeteren. Bij de probleemstelling is reeds naar voren gekomen dat er in Ondiep meer criminaliteit is dan in Hoograven. Hierbij zijn er in Ondiep inderdaad meer woninginbraken (23.9 per 1000 woningen) dan in Hoograven (22.1 per 1000 woningen). Het aantal autokraken ligt in Ondiep echter lager (10.5 per 1000 inwoners) dan in Hoograven (13.1 per 1000 inwoners). Hypothese 1 wordt dus deels bevestigd; in een buurt waar meer disorder aanwezig is, zijn er meer woninginbraken. Er zijn echter niet meer autokraken. 4.2 Hypothese 2 Tabel 1 geeft weer dat er in Ondiep relatief gezien iets minder collective efficacy is dan in Hoograven. In Ondiep voelen minder mensen zich verantwoordelijk voor de buurt (83,4 procent) dan in Hoograven (87,5 procent). Daarnaast hebben in Ondiep relatief iets meer mensen het gevoel onvoldoende sociale contacten te hebben (9,2 procent) ten opzichte van Hoograven (8,35 procent). In het interview is naar voren gekomen dat wordt gepoogd de collective efficacy te verbeteren in Hoograven; Door als gemeente te helpen hopen we dat de inwoners actief te krijgen, zodat ze in de toekomst zelf meer initiatief zullen nemen. We nemen hierin als gemeente wel het voortouw, maar hopen daarmee de inwoners weer verantwoordelijk te krijgen. 13

14 Hypothese 2 wordt deels bevestigd. Naarmate er in een buurt minder collective efficacy is, zijn er meer woninginbraken. Er vinden niet meer autokraken plaats. 4.3 Hypothese 3 Uit tabel 1 blijkt dat er in Hoograven met 36,5 procent een hogere concentratie etnische minderheden is dan in Ondiep met 32,7 procent. Gezien de criminaliteitscijfers wordt hypothese 3 slechts deels bevestigd. In een buurt met een hogere concentratie etnische minderheden, zijn er meer autokraken. Er zijn niet meer woninginbraken. 4.4 Hypothese 4 In tabel 1 is te zien dat er in Ondiep relatief meer inwoners zijn met een lage sociaal economische status dan in Hoograven. In Ondiep zijn er relatief meer huishoudens met een laag inkomen (14,1 procent) dan in Hoograven (7,45 procent). Hetzelfde geldt voor het aantal uitkeringsontvangers (20,7 procent in Ondiep en 13,4 procent in Hoograven). Hypothese 4 wordt hiermee deels bevestigd. In een buurt met een hogere concentratie van inwoners met een lage sociaal economische status, zijn er meer woninginbraken. Er zijn echter niet meer autokraken. 4.5 Hypothese 5 Tabel 1 laat zien dat er in Ondiep relatief meer residentiële mobiliteit is dan in Hoograven. In Ondiep wonen er relatief meer mensen korter dan één jaar (17,7 procent) dan in Hoograven (12,1 procent). Hypothese 5 wordt daarom deels bevestigd. In een buurt met meer residentiële mobiliteit, zijn er meer woninginbraken. Er vinden niet meer autokraken plaats. In een buurt met meer residentiële mobiliteit, zullen er meer woning- en auto inbraken zijn. Tabel 1. Beschrijvende data Ondiep en Hoograven Ondiep Hoograven % verantwoordelijk voor buurt % onvoldoende sociale contacten % allochtonen % huishoudens met laag inkomen a % uitkeringsontvangers a % verblijfsduur <1 jaar a Deze data is gebaseerd op 2010 i.p.v Bron: WistUdata,

15 4.6 Deelvraag 2 In antwoord op de tweede deelvraag kan worden gesteld dat de buurten verschillen op alle factoren die van invloed kunnen zijn op criminaliteit. De verschillen lijken het grootst met betrekking tot fysieke disorder en sociaal economische status. Wat betreft het percentage allochtonen, residentiële mobiliteit en collective efficacy zijn de verschillen kleiner. 15

16 5. Conclusie en beleidsadvies 5.1 Conclusie Uit het rapport Werk aan de wijk van het SCP blijkt dat het krachtwijkenbeleid niet heeft geleid tot een verbetering van de veiligheid en leefbaarheid in de wijken (Permentier et al., 2013). Dit suggereert dat het krachtwijkenbeleid niet effectief is in het tegengaan van criminaliteit. Om advies uit te kunnen brengen voor het verbeteren van dit beleid is het van belang te kijken naar de oorzaken van criminaliteit. In dit onderzoek is getracht een antwoord te geven op de onderzoeksvraag Hoe kan het verschil in mate van woning en auto inbraken tussen de krachtwijken Ondiep en Hoograven worden verklaard?. Op basis van twee theorieën, de social disorganization theory en de broken windows theory, zijn verschillende factoren naar voren gekomen die mogelijk de mate van woning- en auto inbraken kunnen verklaren. Aan de hand van deze factoren is gekeken naar de verschillen tussen Ondiep en Hoograven. In antwoord op de onderzoeksvraag kan worden gesteld dat er verschillende verklaringen zijn voor autokraken en woninginbraken. Op basis van dit onderzoek lijkt het hogere aantal woninginbraken in Ondiep te kunnen worden verklaard door meer disorder, minder collective efficacy, meer mensen met een lage sociaal economische status en meer residentiële mobiliteit. Het hogere aantal autokraken in Hoograven kan mogelijk worden verklaard door relatief meer etnische minderheden in de buurt. Deze conclusie suggereert dat er aan de verschillende vormen van criminaliteit andere verklaringen ten grondslag liggen. De broken windows theory wordt bevestigd voor woninginbraken. Voor de social disorganization theory worden alle factoren bevestigd voor woninginbraken, behalve de concentratie etnische minderheden. Deze wordt bevestigd voor autokraken. Zoals in hoofdstuk twee naar voren is gekomen, wordt er in Hoograven met het beleid ingespeeld op het verbeteren van de openbare ruimte. De bevindingen suggereren dat het beleid op dit gebied effectief is, gezien er relatief weinig fysieke disorder is waargenomen in Hoograven. Verder is het lastig iets te zeggen over de effectiviteit van het beleid in beide buurten, aangezien er weinig concrete maatregelen in de wijkactieplannen staan. Daarom worden er in de volgende paragraaf meer concrete beleidsaanbevelingen gedaan. 5.2 Beleidsadvies Op basis van de bevindingen luidt het advies voor Ondiep allereerst een voorbeeld te nemen aan het beleid in Hoograven om het aantal woninginbraken te verlagen. Daarin wordt specifiek aandacht besteed aan het opwaarderen van de openbare ruimte (Wijkbureau Zuid, 16

17 2012). Zoals uit het interview blijkt wordt fysieke disorder proactief verwijderd en worden openbare plekken opgeknapt. Op deze manier kan met weinig financiële middelen de fysieke disorder worden verminderd. Hierdoor krijgt de buurt meer aanzien, waardoor de drempel voor nieuwe fysieke disorder mogelijk wordt verhoogd. Aangezien het na eenmalig ingrijpen niet klaar is, is het geen duurzame opsing. Het is echter wel goedkoop. Om meer collective efficacy in Ondiep te ontlokken verdient het de aanbeveling vier keer per jaar een buurtbijeenkomst te organiseren, dit kan bijvoorbeeld een buurtbarbecue zijn. Op deze manier zal er mogelijk meer sociale cohesie in de buurt ontstaan, wat leidt tot meer collective efficacy. Een voordeel van deze maatregel is dat het niet erg duur is en relatief weinig tijd kost. Het is wel een maatregel die blijvend aandacht verdiend, het is niet direct een duurzame opsing. De sociale cohesie die hieruit voortkomt t mogelijk ook de nadelen van een lage sociaal economische status en residentiele mobiliteit op. Door de sociale cohesie kan de norm voor ingrijpen bij verkeerd gedrag beter worden gedeeld. Daarnaast leiden de bijeenkomsten ertoe dat de buurtbewoners elkaar kennen, zelfs wanneer er veel verhuizingen plaatsvinden. Hierdoor weten ze wie in de buurt thuis horen en wie niet. Aanvullend kan er worden nagedacht over het opnieuw inrichten van delen van de buurt door professionals, met behulp van bewoners. Hierbij kan worden gedacht aan zaken als een speeltuin. Door de burgerparticipatie kan dit leiden tot een sterkere onderlinge band, aangezien ze samen iets vorm hebben gegeven voor hun buurt. Daarnaast ontstaat er mogelijk meer trots van de buurtbewoners over de buurt, waardoor zij zich mogelijk meer in zetten voor hun buurt. Deze maatregel is duurder en intensiever dan de bijeenkomsten maar leidt waarschijnlijk tot een duurzamere uitkomst. Op basis van de bevindingen luidt het advies voor Hoograven eveneens te kiezen voor het opnieuw inrichten van delen van de buurt door professionals, met behulp van burgers, om het aantal autokraken te verlagen. De burgerparticipatie kan leiden tot een sterkere onderlinge band, doordat ze samen de buurt vormgeven. Hierbij kunnen de bewoners zich trotser gaan voelen over de buurt, met mogelijk meer inzet voor de buurt als gevolg. De sociale cohesie die hieruit voortkomt t mogelijk ook de nadelen van een hoge concentratie van allochtonen op. Autochtonen en allochtonen in de buurt krijgen zo mogelijk meer gedeelde normen over wat gepast is en wanneer dient te worden ingegrepen. Deze maatregel is prijzig en intensief maar leidt waarschijnlijk tot een duurzame uitkomst. Het resultaat is immers blijvend. Een andere mogelijkheid is het toepassen van meningsbeleid, dit is in onze ogen echter overdreven in dit geval. 17

18 6. Literatuurlijst Bursik, R.J. (1988). Social disorganization theories of crime and delinquency: Problems and prospects. Criminology, 26, Cohen, J. (1960). A coefficient of agreement for nominal scales. Educational and Psychological Measurement, 20, Gemeente Utrecht, (2012). Wijkactieplannen. Opgeroepen op 7 januari 2014, van Gemeente Utrecht, (2013). Cijfers en feiten zoeken. Opgeroepen op 12 januari 2014, van Kempkens, L. & Wittebrood, K. (2000). Wonen, criminaliteit en leefbaarheid. Tijdschrift voor de Volkshuisvesting, 6, Landis, J. R., & Koch, G. G. (1977). The measurement of observer agreement for categorical data. Biometrics, 33, Morenoff, J.D., Sampson, R.J. & Raudenbush, S.W. (2001). Neighborhood Inequality, Collective Efficacy, and the Spacial Dynamics of Urban Violence. Criminology, 39, Permentier, M., Kullberg, J., & Noije, L. van. (2013). Werk aan de wijk. Een quasiexperimentele evaluatie van het krachtwijkenbeleid. Den Haag: SCP. Raudenbush, S.W. & Sampson, R.J. (1999). Ecometrics: Toward a Science of Assessing Ecological Settings, with Application to the Systematic Social Observation of Neighborhoods. Social Methodology, 29, Ross, C. E. & Mirowsky, J. (2001) Neighborhood Disadvantage, Disorder, and Health. Journal of Health and Social Behavior, 42, pp Sampson, R.J., Raudenbush, S.W. & Earls, F. (1997). Neighborhoods and Violent Crime: A Multilevel Study of Collective Efficacy. Science, 227, Sampson, R. J., & Raudenbusch, S.W. (1999). Systematic social observation of public spaces: a new look at disorder in urban neighborhoods. American Journal of Sociology, 105, Shaw, C.R. & McKay, H.D. (1942). Juvenile Delinquency in Urban Areas. Chicago: University of Chicago Press. Tweede Kamer , , nr. 1. Tweede Kamer , XVIII, nr. 3. Wijkbureau Zuid, (2012). Hoograven in de lift. Wijkactieprogramma Programma krachtwijken. Utrecht: Wijkbureau Zuid. 18

19 Wijkservicecentrum Noordwest, (2012). Ondiep. Dorp in de stad. Wijkactieprogramma Programma krachtwijken. Utrecht: Wijkservicecentrum Noordwest. Wilson, J.Q. & Kelling G., (1982). Broken Windows. The police and neighborhood safety. The Atlantic Magazine, WistUdata, (2013). Buurtgegevens Ondiep en Hoograven. Opgeroepen op 14 januari 2014, van 19

20 Bijlage 1 Observatieschema s Ondiep: Observatieschema 1, observator 1 Ondiep Sigaretten Zwerfvuil Zwerfvuil stapel Glas Alcoholfles/ blik Graffiti Auto's Wiet Openb. Voorz. Vuurwerk Aardbeistraat >20 Nieuwlichtstraat >20 Ondiep >20 Boerhaavelaan Sparstraat >20 17 >20 Rietstraat >20 9 >20 Amandelstraat >20 Elsstraat > Vijgboomstraat >20 Omloop >20 Openb. dronken Ruzies Prostitutie Drugs Observatieschema 1, observator 2 Ondiep Sigaretten Zwerfvuil Zwerfvuil stapel Glas Alcoholfles/ blik Graffiti Auto's Wiet Openb. Voorz. Vuurwerk Aardbeistraat >20 Nieuwlichtstraat >20 Ondiep >20 Boerhaavelaan Sparstraat >20 17 >20 Rietstraat >20 8 >20 Amandelstraat >20 Elsstraat > Vijgboomstraat >20 Omloop >20 Ondiep Hangjongeren Hang-volw. Zwervers Openb. drinken Aardbeistraat 5 Nieuwlichtstraat 1 3 Ondiep Boerhaavelaan Sparstraat Rietstraat Amandelstraat Elsstraat Vijgboomstraat Omloop Ondiep Hangjongeren Hang-volw. Zwervers Openb. drinken Aardbeistraat 5 Nieuwlichtstraat 1 3 Ondiep Boerhaavelaan Sparstraat Rietstraat Amandelstraat Elsstraat Vijgboomstraat Omloop Openb. dronken Ruzies Prostitutie Drugs Observatieschema 2, observator 1 Ondiep Sigaretten Zwerfvuil Zwerfvuil stapel Glas Alcoholfles/ blik Graffiti Auto's Wiet Openb. Voorz. Vuurwerk Aardbeistraat >20 Nieuwlichtstraat >20 Ondiep >20 Boerhaavelaan Sparstraat >20 Rietstraat >20 Amandelstraat >20 Elsstraat > Vijgboomstraat >20 Omloop > >20 20

De belangrijkste prijseffecten vinden plaats binnen 250 meter van de investeringslocatie.

De belangrijkste prijseffecten vinden plaats binnen 250 meter van de investeringslocatie. Er is de afgelopen decennia fors geïnvesteerd in zogenoemde krachtwijken. De investeringen waren vooral gericht op het verbeteren van de socialewoningvoorraad. Als het krachtwijkenbeleid tot aantrekkelijker

Nadere informatie

WijkWijzer Deel 1: de problemen

WijkWijzer Deel 1: de problemen WijkWijzer Deel 1: de problemen Ondiep, Utrecht overlast dronken mensen overlast door drugsgebruik overlast jongeren vernieling openbare werken rommel op straat overlast van omwonenden auto-inbraak fietsendiefstal

Nadere informatie

Kanaleneiland Leert! Waar staan we en hoe gaan we verder? Wat gaat goed en wat kan beter?

Kanaleneiland Leert! Waar staan we en hoe gaan we verder? Wat gaat goed en wat kan beter? Kanaleneiland Leert! Waar staan we en hoe gaan we verder? Wat gaat goed en wat kan beter? Aanpak gaat door Duurzame verbeteringen vergt lange adem Programma van 10 jaar: 2008-2017 Zoeken naar meer bundeling

Nadere informatie

Sociale cohesie vermindert overlast in arme wijken

Sociale cohesie vermindert overlast in arme wijken Sociale cohesie vermindert overlast in arme wijken Machiel van Dijk en Myrthe de Jong Veel achterstandswijken in Nederland kampen met problemen als kleine criminaliteit en asociaal gedrag. Desondanks zijn

Nadere informatie

Wijkweerbaarheid. Essay

Wijkweerbaarheid. Essay Tekst: Eva Bosch en Wenda Doff Essay Wijkweerbaarheid Publieke familiariteit, socialisatie en de reputatie van een wijk lijken een rol te spelen bij de bereidheid van bewoners zich in te zetten voor de

Nadere informatie

Kanskaart voor Lunetten. de wijkproblematiek in kaart gebracht

Kanskaart voor Lunetten. de wijkproblematiek in kaart gebracht Kanskaart voor Lunetten de wijkproblematiek in kaart gebracht Atlas voor gemeenten Postbus 9627 3506 GP UTRECHT T 030 2656438 F 030 2656439 E info@atlasvoorgemeenten.nl I www.atlasvoorgemeenten.nl Atlas

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 186 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan

Nadere informatie

Voel je thuis op straat!

Voel je thuis op straat! Voel je thuis op straat! 0-meting onder kinderen, jongeren en volwassenen in Bergen op Zoom Centrum Ron van Wonderen Nanne Boonstra Utrecht, september 2007 Verwey- Jonker Instituut 1 Samenvatting en conclusies

Nadere informatie

Drie jaar Taskforce Overlast

Drie jaar Taskforce Overlast Drie jaar Taskforce Overlast Duidelijke afname van ervaren overlast Centrum en Sinds 2010 werkt de gemeente Dordrecht met de Taskforce Overlast in de openbare ruimte aan het terugdringen van de overlast

Nadere informatie

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid Veiligheid kernthema: De criminaliteitscijfers en de slachtoffercijfers laten over het algemeen een positief beeld zien voor Utrecht in. Ook de aangiftebereidheid van Utrechters is relatief hoog (29%).

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II Opgave 2 Rondhangen Bij deze opgave horen de teksten 2 en 3 en tabel 1. Inleiding De Kamer ontvangt elk jaar een rapportage van de minister van Justitie over de voortgang van de aanpak van problematische

Nadere informatie

gegevens analyseren Welk onderzoekmodel gebruik je? Quasiexperiment ( 5.5) zonder controle achtergronden

gegevens analyseren Welk onderzoekmodel gebruik je? Quasiexperiment ( 5.5) zonder controle achtergronden een handreiking 71 hoofdstuk 8 gegevens analyseren Door middel van analyse vat je de verzamelde gegevens samen, zodat een overzichtelijk beeld van het geheel ontstaat. Richt de analyse in de eerste plaats

Nadere informatie

Veiligheidsbeeld gemeente Amersfoort

Veiligheidsbeeld gemeente Amersfoort Stad Veiligheidsbeeld gemeente Amersfoort Periode januari t/m december 2014 Afdeling Veiligheid & Wijken januari 2015 Stad met een hart Veiligheidsbeeld Amersfoort januari december 2014 Voor u ligt het

Nadere informatie

Notitie Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland 2008-2011

Notitie Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland 2008-2011 Notitie Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland 28-211 Deze notitie brengt op basis van de Amsterdamse Veiligheidsmonitor de leefbaarheid en veiligheid in de regio Amsterdam-Amstelland tussen 28 en 211

Nadere informatie

Omgevingscondities: Evaluatieoordelen: Uiteindelijke score:

Omgevingscondities: Evaluatieoordelen: Uiteindelijke score: Analyse van de wijk Grote Waal Noord De Leefbaarometer is in opdracht van het Rijk ontwikkeld en is tot stand gebracht door bureau RIGO en Stichting Atlas voor Gemeenten ontwikkelt. (Voor gegevens zie

Nadere informatie

Samenvatting. Doelstelling

Samenvatting. Doelstelling Samenvatting In 2003 hebben de ministeries van Justitie, Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Algemene Zaken de afspraak gemaakt dat het ministerie van Justitie het voortouw zal nemen

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) 163 Samenvatting (Summary in Dutch) Er zijn slechts beperkte financiële middelen beschikbaar voor publieke voorzieningen en publiek gefinancierde diensten. Als gevolg daarvan zijn deze voorzieningen en

Nadere informatie

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt 1 Aanpak analyse van de loterijmarkt 1. In het kader van de voorgenomen fusie tussen SENS (o.a. Staatsloterij en Miljoenenspel) en SNS

Nadere informatie

Factsheet Sportparticipatie in Utrecht

Factsheet Sportparticipatie in Utrecht Factsheet Sportparticipatie in Utrecht mei 2015 Overzicht Deze factsheet geeft op hoofdlijnen een beeld van sporten en bewegen in de stad en maakt deel uit van Utrecht Sport, de Utrechtse sportvisie op

Nadere informatie

Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen

Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Jeroen Nieuweboer Allochtonen in, en voelen zich minder thuis in Nederland dan allochtonen elders in Nederland. Marokkanen, Antillianen

Nadere informatie

Samenvatting. Auteur: Anno Droste Co-auteurs: Karien Dekker, Jessica Tissink

Samenvatting. Auteur: Anno Droste Co-auteurs: Karien Dekker, Jessica Tissink ÉÉN KIND, ÉÉN GEZIN, TWEE STELSELWIJZIGINGEN Een onderzoek naar de succesfactoren van samenwerking tussen onderwijs en gemeenten ten aanzien van de verbinding tussen passend onderwijs en jeugdzorg. Auteur:

Nadere informatie

Overlast park Lepelenburg

Overlast park Lepelenburg Overlast park Lepelenburg 1-meting oktober 2014 www.onderzoek.utrecht.nl Colofon Uitgave Afdeling Onderzoek Gemeente Utrecht Postbus 16200 3500 CE Utrecht 030 286 1350 onderzoek@utrecht.nl in opdracht

Nadere informatie

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt s op de arbeidsmarkt Moniek Coumans De arbeidsdeelname van alleenstaande moeders is lager dan die van moeders met een partner. Dit verschil hangt voor een belangrijk deel samen met een oververtegenwoordiging

Nadere informatie

Overzicht van de criminaliteit in Nederland

Overzicht van de criminaliteit in Nederland Overzicht van de criminaliteit in Nederland Organisatie: Team Create Auteurs: Pim Delfos Joost de Ruijter Swendley Sprott Zahay Boukich Hoye Lam Overzicht van de criminaliteit in Nederland Organisatie:

Nadere informatie

DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005)

DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005) DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005) Inleiding De manier waarop data georganiseerd, gecodeerd en gescoord (getallen toekennen aan observaties) worden en welke technieken daarvoor nodig zijn, dient in het ideale

Nadere informatie

Opgave 1 Heeft het vrijwilligerswerk toekomst?

Opgave 1 Heeft het vrijwilligerswerk toekomst? Opgave 1 Heeft het vrijwilligerswerk toekomst? Bij deze opgave horen tekst 1 en 2 en de tabellen 1 tot en met 3 uit het bronnenboekje. Inleiding In Nederland zijn ruim 4 miljoen mensen actief in het vrijwilligerswerk.

Nadere informatie

Toezichthouders in de wijk

Toezichthouders in de wijk Toezichthouders in de wijk Hoe ervaren inwoners uit Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en Zwijndrecht de aanwezigheid van Toezichthouders? Inhoud: 1 Conclusies 2 Bekendheid 3 Effect 4 Waardering taken Hondengerelateerde

Nadere informatie

Sociaal-economische schets van Leiden Zuidwest 2011

Sociaal-economische schets van Leiden Zuidwest 2011 Sociaal-economische schets van Zuidwest 2011 Zuidwest is onderdeel van het en bestaat uit de buurten Haagwegnoord en -zuid, Boshuizen, Fortuinwijk-noord en -zuid en de Gasthuiswijk. Zuidwest heeft een

Nadere informatie

WijkWijzer 2015 Utrecht

WijkWijzer 2015 Utrecht WijkWijzer 205 De tien se wijken in cijfers.nl Inhoud Inleiding 3 se wijken vergeleken 4 4 4 5 5 6 Ontwikkelingen vergeleken 6 Wijken 7 Wijk West 7 Wijk Noordwest 8 Wijk Overvecht 9 Wijk Noordoost 0 Wijk

Nadere informatie

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2013 Samenvatting

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2013 Samenvatting Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2013 Samenvatting Gemeente Amersfoort Ben van de Burgwal, Dorien de Bruijn 23 mei 2014 Vanaf 1997 is de Amersfoortse Stadspeiling elke twee jaar voor een belangrijk deel

Nadere informatie

Veiligheidsmonitor 2010 Gemeente Leiden

Veiligheidsmonitor 2010 Gemeente Leiden Veiligheidsmonitor Gemeente Leiden Resultaten per stadsdeel en in de tijd Mediad Rotterdam, maart 2011 Veiligheidsmonitor, Gemeente Leiden 1 In dit overzicht worden de uitkomsten van de Veiligheidsmonitor

Nadere informatie

Veiligheidsmonitor 2009 Gemeente Leiden

Veiligheidsmonitor 2009 Gemeente Leiden Veiligheidsmonitor 2009 Gemeente Leiden Resultaten per district en in de tijd Bureau Onderzoek Op Maat april 2010 Veiligheidsmonitor 2009, gemeente Leiden 1 In dit overzicht worden de uitkomsten van de

Nadere informatie

Wijkcentrum De Weijenbelt. Schelto Bus (VVD)

Wijkcentrum De Weijenbelt. Schelto Bus (VVD) Verslag U bent aan de buurt Berkum 29 mei 2013 Aanvang Locatie Aanwezige functionarissen Aanwezig vanuit de politiek 20.00 uur Wijkcentrum De Weijenbelt Hans Kempenaar (voorzitter) Erik Dannenberg (wijkwethouder)

Nadere informatie

Aanpakken van veiligheid; waar ligt de prioriteit?

Aanpakken van veiligheid; waar ligt de prioriteit? Aanpakken van veiligheid; waar ligt de prioriteit? Voor gemeenten en provincie is veiligheid een belangrijk thema. Hoe ervaren Groningers de veiligheid? Wat kunnen zij zelf doen om de veiligheid in de

Nadere informatie

Veranderingen in arbeidsparticipatie van gescheiden moeders

Veranderingen in arbeidsparticipatie van gescheiden moeders Veranderingen in arbeidsparticipatie van gescheiden moeders Suzanne Peek Gescheiden moeders stoppen twee keer zo vaak met werken dan niet gescheiden moeders. Ook beginnen ze vaker met werken. Wanneer er

Nadere informatie

Samenvatting (Dutch summary)

Samenvatting (Dutch summary) Parenting Support in Community Settings: Parental needs and effectiveness of the Home-Start program J.J. Asscher Samenvatting (Dutch summary) Ouders spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van kinderen.

Nadere informatie

Feiten over. Veiligheidsbeleving. in de gemeente Arnhem

Feiten over. Veiligheidsbeleving. in de gemeente Arnhem Feiten over Veiligheidsbeleving in de gemeente Arnhem Feiten over Veiligheidsbeleving in de gemeente Arnhem Voor burgers speelt het persoonlijke gevoel van veiligheid een belangrijke rol. Dit gevoel wordt

Nadere informatie

Burgerparticipatie in de openbare ruimte. Juni, 2014

Burgerparticipatie in de openbare ruimte. Juni, 2014 Burgerparticipatie in de openbare ruimte Juni, 2014 Uitgave : Team Kennis en Verkenning Naam : M. Hofland Telefoonnummer : 0570-693317 Mail : m.hofland@deventer.nl 1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Kader

Nadere informatie

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey ICOON Paper #1 Ferry Koster December 2015 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in de relatie

Nadere informatie

Trots op Groningen. Voelen Groningers zich verbonden met de provincie?

Trots op Groningen. Voelen Groningers zich verbonden met de provincie? Trots op Groningen. Voelen Groningers zich verbonden met de provincie? In deze factsheet staat de binding met de provincie Groningen centraal. Het gaat dan om de persoonlijke gevoelens die Groningers hebben

Nadere informatie

Hoe veilig is Leiden?

Hoe veilig is Leiden? Hoe veilig is? Veiligheidsmonitor gemeente Tabellenrapport April 2014 Colofon Uitgave I&O Research Zuiderval 70 Postbus 563, 7500 AN Enschede Rapportnummer 2014/015 Datum April 2014 Opdrachtgever Auteurs

Nadere informatie

Hoe voer ik een onderzoek uit? Een stappenplan om te helpen een onderzoek uit te voeren.

Hoe voer ik een onderzoek uit? Een stappenplan om te helpen een onderzoek uit te voeren. Hoe voer ik een onderzoek uit? Een stappenplan om te helpen een onderzoek uit te voeren. Bij het doen van onderzoek onderscheid je vier fasen: 1 De fase van voorbereiding 2 De fase van uitvoering 3 De

Nadere informatie

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817).

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817). > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 255 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

UNIVERSITEIT TWENTE. Woninginbraken en buurtkenmerken Een onderzoek naar de samenhang tussen woninginbraken en buurtkenmerken in de gemeente Enschede

UNIVERSITEIT TWENTE. Woninginbraken en buurtkenmerken Een onderzoek naar de samenhang tussen woninginbraken en buurtkenmerken in de gemeente Enschede UNIVERSITEIT TWENTE Woninginbraken en buurtkenmerken Een onderzoek naar de samenhang tussen woninginbraken en buurtkenmerken in de gemeente Enschede Elise Spanjer 1-2-2011 Bachelorscriptie Elise Spanjer

Nadere informatie

10. Veel ouderen in de bijstand

10. Veel ouderen in de bijstand 10. Veel ouderen in de bijstand Niet-westerse allochtonen ontvangen 2,5 keer zo vaak een uitkering als autochtonen. Ze hebben het vaakst een bijstandsuitkering. Verder was eind 2002 bijna de helft van

Nadere informatie

Bijlage 1, bij 3i Wijkeconomie

Bijlage 1, bij 3i Wijkeconomie Bijlage 1, bij 3i Wijkeconomie INHOUD 1 Samenvatting... 3 2 De Statistische gegevens... 5 2.1. De Bevolkingsontwikkeling en -opbouw... 5 2.1.1. De bevolkingsontwikkeling... 5 2.1.2. De migratie... 5 2.1.3.

Nadere informatie

Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities. in Early Childhood Health. The Generation R Study. Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING

Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities. in Early Childhood Health. The Generation R Study. Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING Fetal Origins of Socioeconomic Inequalities in Early Childhood Health The Generation R Study Lindsay Marisia Silva SAMENVATTING Sociaal-economische gezondheidsverschillen vormen een groot maatschappelijk

Nadere informatie

5 Samenvatting en conclusies

5 Samenvatting en conclusies 5 Samenvatting en conclusies In 2008 werden in Nederland bijna 5,2 miljoen mensen het slachtoffer van criminaliteit (cbs 2008). De meeste van deze slachtoffers kregen te maken met diefstal of vernieling,

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

Interne organisatie beïnvloedt effectiviteit en efficiëntie

Interne organisatie beïnvloedt effectiviteit en efficiëntie Interne organisatie beïnvloedt effectiviteit en efficiëntie Systematische vergelijking van de interne organisatie en prestaties van corporaties toont aan dat kleine corporaties met veel ervaring als maatschappelijke

Nadere informatie

Colofon. Het overnemen uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld.

Colofon. Het overnemen uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Hoe veilig is Leiden? Integrale Veiligheidsmonitor gemeente Leiden Bijlagenrapport April 2012 Colofon Uitgave I&O Research Zuiderval 70 Postbus 563, 7500 AN Enschede Rapportnummer 2012/022 Datum April

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Samenvatting (Summary in Dutch) Achtergrond Het millenniumdoel (2000-2015) Education for All (EFA, onderwijs voor alle kinderen) heeft in ontwikkelingslanden veel losgemaakt. Het

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Samenleven > niet gelijk, maar gelijkwaardig > aantrekkelijke, ecologische woonstad > iedereen een eerlijke kans op de arbeidsmarkt Samenleven Mensen zijn niet allemaal gelijk, maar wel gelijkwaardig.

Nadere informatie

-diensten. licht van de crisis valt dat niet altijd mee. Juist nu kan het handig zijn

-diensten. licht van de crisis valt dat niet altijd mee. Juist nu kan het handig zijn -diensten Inzicht in kwetsbare doelgroepen Analyse Ken uw doelgroep dé onderbouwing van uw beleid Meedoen in de maatschappij is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Gemeenten, bibliotheken en andere maatschappelijke

Nadere informatie

Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen Statistiek

Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen Statistiek Centraal Bureau voor de Statistiek Divisie sociale en regionale statistieken (SRS) Sector statistische analyse voorburg (SAV) Postbus 24500 2490 HA Den Haag Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen

Nadere informatie

Samenvatting. (Summary in Dutch)

Samenvatting. (Summary in Dutch) (Summary in Dutch) Impulsieve keuzes voor aantrekkelijke opties zijn doorgaans geen verstandige keuzes op de lange termijn (Hofmann, Friese, & Wiers, 2008; Metcalfe & Mischel, 1999). Wanneer mensen zich

Nadere informatie

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Toelichting bij de criteria voor het beoordelen van de kwaliteit van een

Nadere informatie

Rapportage derde meting (december 2011)

Rapportage derde meting (december 2011) Rapportage derde meting (december 2011) Rapportage Opdrachtgever: Auteur: Simon van den Bighelaar Van den Bighelaar & Honig Onderzoeksbureau i.o.v. Gemeente Maastricht - Onderzoek & Statistiek Drs. Paul

Nadere informatie

Buurtkenmerken en slachtofferschap van moord en doodslag

Buurtkenmerken en slachtofferschap van moord en doodslag Buurtkenmerken en slachtofferschap van moord en doodslag Paul Nieuwbeerta, Patricia L. McCall, Henk Elffers, Karin Eising en Karin Wittebrood Welke kenmerken van geografische gebieden, zoals buurten, steden

Nadere informatie

Samenvatting. Aanleiding tot het onderzoek

Samenvatting. Aanleiding tot het onderzoek Samenvatting Aanleiding tot het onderzoek In de periode 2008 tot en met maart 2010 heeft het Wetenschappelijk Onderzoeken Documentatiecentrum (WODC) voor het eerst uitgebreid onderzoek gedaan naar de vraag

Nadere informatie

Armoede in Utrecht Factsheet

Armoede in Utrecht Factsheet Armoede in Utrecht Factsheet Hier komt tekst Afdeling Onderzoek, maart 2015 Margriet de Haan, Linda Scheelbeek, Robin Tromp Inhoudsopgave 1. Ontwikkelingen armoede algemeen 2. Utrecht vergeleken: Wettelijk

Nadere informatie

Conclusie. Over de relatie tussen laaggeletterdheid en armoede. Ingrid Christoffels, Pieter Baay (ecbo) Ineke Bijlsma, Mark Levels (ROA)

Conclusie. Over de relatie tussen laaggeletterdheid en armoede. Ingrid Christoffels, Pieter Baay (ecbo) Ineke Bijlsma, Mark Levels (ROA) Conclusie Over de relatie tussen laaggeletterdheid en armoede Ingrid Christoffels, Pieter Baay (ecbo) Ineke Bijlsma, Mark Levels (ROA) ecbo - De relatie tussen laaggeletterdheid en armoede A 1 conclusie

Nadere informatie

Opdracht Wijkanalyse/ Wijkdiagnose

Opdracht Wijkanalyse/ Wijkdiagnose Opdracht Wijkanalyse/ Wijkdiagnose 1. Maak een eerste oriëntatie van de wijk mbv. de Windshield survey (Bijlage 1) Ga eens wandelen door de wijk, kijk goed om je heen, spreek mensen aan. Luister goed naar

Nadere informatie

Proefschrift Girigori.qxp_Layout 1 10/21/15 9:11 PM Page 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129

Proefschrift Girigori.qxp_Layout 1 10/21/15 9:11 PM Page 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129 S u m m a r y in Dutch Summary 129 Gedurende de geschiedenis hebben verschillende factoren zoals slavernij, migratie, de katholieke kerk en multinationals zoals de Shell raffinaderij de gezinsstructuren

Nadere informatie

Portefeuillehouder : J.J.C. Adriaansen Datum : 18 november 2014. : Burger en bestuur: Woensdrecht veilig

Portefeuillehouder : J.J.C. Adriaansen Datum : 18 november 2014. : Burger en bestuur: Woensdrecht veilig Documentnummer:*2014.44554* Voorstel aan de Raad Onderwerp : Kadernota Integrale Veiligheid 2015-2018 Raadsvergadering : 18 december 2014 Agendapunt : Portefeuillehouder : J.J.C. Adriaansen Datum : 18

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

De aanpak van armoede

De aanpak van armoede De aanpak van armoede Wat we kunnen leren van empowerment en de psychologie van de schaarste Wat werkt bij de aanpak van armoede WAT IS HET PROBLEEM? Groepen met een verhoogd armoederisico: WAT ZIJN DE

Nadere informatie

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting Een brede kijk op onderwijskwaliteit E e n o n d e r z o e k n a a r p e r c e p t i e s o p o n d e r w i j s k w a l i t e i t b i n n e n S t i c h t i n g U N 1 E K Samenvatting Hester Hill-Veen, Erasmus

Nadere informatie

WIE IS DE NIET-WESTERSE ALLOCHTONE GEVER?

WIE IS DE NIET-WESTERSE ALLOCHTONE GEVER? WIE IS DE NIET-WESTERSE ALLOCHTONE GEVER? Amsterdam, november 2011 Auteur: Dr. Christine L. Carabain NCDO Telefoon (020) 5688 8764 Fax (020) 568 8787 E-mail: c.carabain@ncdo.nl 1 2 INHOUDSOPGAVE Samenvatting

Nadere informatie

31 maart 2015. Onderzoek: Drugsbeleid

31 maart 2015. Onderzoek: Drugsbeleid 31 maart 2015 Onderzoek: Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de peilingen

Nadere informatie

Veilige Buurten. 1. Overlast en criminaliteit aanpakken

Veilige Buurten. 1. Overlast en criminaliteit aanpakken Veilige buurten Veilige buurten Veilige Buurten 1. Overlast en criminaliteit aanpakken Iedereen wil wonen, werken, wandelen en winkelen in een veilige buurt. Een buurt waar je gewoon je kinderen buiten

Nadere informatie

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 Sparrenheuvel, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 offertebureau@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Zevende ronde ICT Benchmark Gemeenten 2011 3 1.2 Waarom

Nadere informatie

Samenvatting. Achtergrond, doel en onderzoeksvragen

Samenvatting. Achtergrond, doel en onderzoeksvragen Samenvatting Achtergrond, doel en onderzoeksvragen Voor de tweede keer heeft het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) de situatie van (ex-)gedetineerden op de gebieden identiteitsbewijs,

Nadere informatie

Adviesraad Oirschot www.wmoadviesraadoirschot.nl e-mail: info@wmoadviesraadoirschot.nl

Adviesraad Oirschot www.wmoadviesraadoirschot.nl e-mail: info@wmoadviesraadoirschot.nl Commentaar op het preventie- en handhavingsplan alcohol gemeente Oirschot. Het commentaar is via e-mail correspondentie verzameld en door ondergetekende in deze tabel verwerkt. Als zodanig betreft het

Nadere informatie

Onderzoeksvraag Uitkomst

Onderzoeksvraag Uitkomst Hoe doe je onderzoek? Hoewel er veel leuke boeken zijn geschreven over het doen van onderzoek (zie voor een lijstje de pdf op deze site) leer je onderzoeken niet uit een boekje! Als je onderzoek wilt doen

Nadere informatie

Kinderen in West gezond en wel?

Kinderen in West gezond en wel? GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in West gezond en wel? 1 Wat valt op in West? Voor West zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar

Nadere informatie

MASTERCLASS De datateam methode Examenresultaten Nederlands

MASTERCLASS De datateam methode Examenresultaten Nederlands MASTERCLASS De datateam methode Examenresultaten Nederlands Taal op koers 29 oktober 2014 Cindy Poortman en Kim Schildkamp Uitdagingen in de onderwijspraktijk Voortijdige schooluitval Gebrek aan praktische

Nadere informatie

Kinderen in Zuid gezond en wel?

Kinderen in Zuid gezond en wel? GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Zuid gezond en wel? 1 Wat valt op in Zuid? Voor Zuid zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar

Nadere informatie

Achtergrond. Visie op arbeidsverzuim

Achtergrond. Visie op arbeidsverzuim Deze visienota richt zich specifiek op preventie van arbeidsverzuim. Deze visie is door te vertalen naar terugkeer vanuit arbeidsverzuim en op instroom, doorstroom en uitstroom vraagstukken. Deze doorvertaling

Nadere informatie

Scholen in de Randstad sterk gekleurd

Scholen in de Randstad sterk gekleurd Scholen in de Randstad sterk gekleurd Marijke Hartgers Autochtone en niet-westers allochtone leerlingen zijn niet gelijk over de Nederlandse schoolvestigingen verdeeld. Dat komt vooral doordat niet-westerse

Nadere informatie

Leeswijzer Jeugdmonitor Utrecht tabellen

Leeswijzer Jeugdmonitor Utrecht tabellen Leeswijzer Utrecht tabellen In de volgende werkblad(en) staan tabellen behorend bij een bepaald thema. De tabellen zijn toegespitst op de door u opgevraagde leeftijdscategorie. In de tabellen staan telkens

Nadere informatie

Een scherpere blik op Beter Presteren - Highlights uit het breedteonderzoek

Een scherpere blik op Beter Presteren - Highlights uit het breedteonderzoek Een scherpere blik op Beter Presteren - Highlights uit het breedteonderzoek Oberon, september 2013 1 Vooraf In opdracht van het programmabureau Beter Presteren onderzoekt Oberon welke ontwikkeling de se

Nadere informatie

Palliatieve Zorg. Onderdeel: Kwalitatief onderzoek. Naam: Sanne Terpstra Studentennummer: 500646500 Klas: 2B2

Palliatieve Zorg. Onderdeel: Kwalitatief onderzoek. Naam: Sanne Terpstra Studentennummer: 500646500 Klas: 2B2 Palliatieve Zorg Onderdeel: Kwalitatief onderzoek Naam: Sanne Terpstra Studentennummer: 500646500 Klas: 2B2 Inhoudsopgave Inleiding Blz 2 Zoekstrategie Blz 3 Kwaliteitseisen van Cox et al, 2005 Blz 3 Kritisch

Nadere informatie

Hoorcollege 1: Onderzoeksmethoden 06-01-13!!

Hoorcollege 1: Onderzoeksmethoden 06-01-13!! Hoorcollege 1: Onderzoeksmethoden 06-01-13 Stof hoorcollege Hennie Boeije, Harm t Hart, Joop Hox (2009). Onderzoeksmethoden, Boom onderwijs, achtste geheel herziene druk, ISBN 978-90-473-0111-0. Hoofdstuk

Nadere informatie

szw0001052 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 23 november 2000 Aanleiding

szw0001052 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 23 november 2000 Aanleiding szw0001052 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 23 november 2000 Aanleiding Naar aanleiding van vragen over de hoge arbeidsongeschiktheidspercentages

Nadere informatie

Stimuleren dat oudere migranten de weg naar voorzieningen voor zorg en welzijn, wonen en inkomen weten te vinden. Dat beoogt Stem van de oudere

Stimuleren dat oudere migranten de weg naar voorzieningen voor zorg en welzijn, wonen en inkomen weten te vinden. Dat beoogt Stem van de oudere Stimuleren dat oudere migranten de weg naar voorzieningen voor zorg en welzijn, wonen en inkomen weten te vinden. Dat beoogt Stem van de oudere migrant. Dit Netwerk Utrecht Zorg voor Ouderenproject (NUZO;

Nadere informatie

ANTICONCEPTIEKEUZE Achtergronden en uitkomsten van anticonceptiegebruik

ANTICONCEPTIEKEUZE Achtergronden en uitkomsten van anticonceptiegebruik ANTICONCEPTIEKEUZE Achtergronden en uitkomsten van anticonceptiegebruik Charles Picavet, Linda van der Leest en Cecile Wijsen Rutgers Nisso Groep, mei 2008 Achtergrond Hoewel er veel verschillende anticonceptiemethoden

Nadere informatie

Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014

Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014 Ontwikkelprogramma armoede gemeente Leeuwarden 2014 Inleiding Uit onze gemeentelijke armoedemonitor 1 blijkt dat Leeuwarden een stad is met een relatief groot armoedeprobleem. Een probleem dat nog steeds

Nadere informatie

Hypertensie en Diabetes Mellitus in Curaçao

Hypertensie en Diabetes Mellitus in Curaçao Hypertensie en Diabetes Mellitus in Curaçao Een ruimtelijke analyse gebaseerd op de verzamelde gegevens tijdens de census uit 2001 Sean de Boer Inleiding Dit artikel gaat in op het voorkomen van Hypertensie

Nadere informatie

Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid

Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid Taak en invloed gemeenteraad op de Integrale veiligheid 1 Definitie veiligheid Veiligheid is de mate van afwezigheid van potentiële oorzaken van een gevaarlijke situatie of de mate van aanwezigheid van

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Dit proefschrift gaat over de invloed van inductieprogramma s op het welbevinden en de professionele ontwikkeling van beginnende docenten, en welke specifieke kenmerken van inductieprogramma s daarvoor

Nadere informatie

Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen

Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen In de volgende werkblad(en) staan tabellen behorend bij een bepaald thema. De tabellen zijn toegespitst op de door u opgevraagde leeftijdscategorie. In

Nadere informatie

Onderzoeksflits. Atlas voor gemeenten 2015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht. IB Onderzoek, 29 mei 2015. Utrecht.nl/onderzoek

Onderzoeksflits. Atlas voor gemeenten 2015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht. IB Onderzoek, 29 mei 2015. Utrecht.nl/onderzoek Onderzoeksflits Atlas voor gemeenten 015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht IB Onderzoek, 9 mei 015 Utrecht.nl/onderzoek Colofon uitgave Afdeling Onderzoek Gemeente Utrecht 030 86 1350 onderzoek@utrecht.nl

Nadere informatie

De kwaliteit van drie typen functiewaarderingssystemen

De kwaliteit van drie typen functiewaarderingssystemen FUNCTIEWAARDERING BIJ GEMEENTEN Vergelijking van drie soorten functiewaarderingssystemen: GFS-achtige systemen, FUWASYS-achtige systemen en het NERF-functiewaarderingssysteem In dit artikel wordt de kwaliteit

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering

Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering verschillen tussen uitstroom naar Bedrijf en Loondienst Inspectie Werk en Inkomen (februari 2006) 1 Inhoud \ Managementsamenvatting 3 1 Inleiding 4 2

Nadere informatie

Bijlage nr 10 aan ZVP 2014-2017 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011

Bijlage nr 10 aan ZVP 2014-2017 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011 Lokale veiligheidsbevraging 2011 Synthese van het tabellenrapport Pz Blankenberge - Zuienkerke Inleiding De lokale veiligheidsbevraging 2011 is een bevolkingsenquête

Nadere informatie

Bijlage 3 Jaaruitvoeringsplan Tweestromenland 2015

Bijlage 3 Jaaruitvoeringsplan Tweestromenland 2015 Bijlage 3 Jaaruitvoeringsplan Tweestromenland 2015 Veiligheidsbeleving Inzicht krijgen in de factoren die van invloed zijn op de veiligheidsbeleving bij de inwoners van Tweestromenland. Afhankelijk van

Nadere informatie

Misdrijf vaak in voormalige woonbuurt dader

Misdrijf vaak in voormalige woonbuurt dader Misdrijf vaak in voormalige woonbuurt dader Terug naar vertrouwd terrein Crimi-trends Criminelen slaan vaak toe in hun eigen buurt, die ze als hun broekzak kennen. Ook na een verhuizing zoeken ze hun oude

Nadere informatie