Future-Me: Wat is het en bestaat het?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Future-Me: Wat is het en bestaat het?"

Transcriptie

1 TNO-rapport TNO/LS 2014 R10331 Future-Me: Wat is het en bestaat het? Wassenaarseweg AL Leiden Postbus CE Leiden T F Datum 24 februari 2014 Auteur(s) Dr. W. Otten In samenwerking met: Dr. O.A. Blanson Henkemans Mevr. L-M. Ouwehand Aantal pagina's 35 (incl. bijlagen) Aantal bijlagen 8 Opdrachtgever Programmasubsidie VWS Projectnaam Future-Me: een verkenning Projectnummer /02.09 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande toestemming van TNO. Indien dit rapport in opdracht werd uitgebracht, wordt voor de rechten en verplichtingen van opdrachtgever en opdrachtnemer verwezen naar de Algemene Voorwaarden voor opdrachten aan TNO, dan wel de betreffende terzake tussen de partijen gesloten overeenkomst. Het ter inzage geven van het TNO-rapport aan direct belanghebbenden is toegestaan TNO

2 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 Inhoudsopgave Samenvatting Introductie Future-Me: Afbakening Voorspellen van de gezondheid Evalueren van de toekomst Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Literatuuronderzoek Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Consultatie experts Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Nederlandse interventies Effectieve interventies Goed onderbouwde interventies Conclusies en aanbevelingen Referenties Bijlage(n) A Bijlage I Valued Activity Disability (Katz & Yelin 2001) B Bijlage II Aspiration Index (Kasser & Ryan, 1996) C Bijlage III Possible Selves Questionnaire (Markus & Nurius, 1986) D Bijlage IV Zoektochten Pubmed E Bijlage V Zoektochten Psycinfo F Bijlage VI Zoektochten Scopus G Bijlage VII Mailing aan experts H Bijlage VIII Deelnemende experts

3 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 Samenvatting Future-Me is een interventieconcept met als doel het individu de gevolgen van zijn huidige leefstijl op de toekomst te verhelderen. Uitgangspunt is dat mensen niet goed in staat zijn de lange termijn gevolgen van hun gedrag in te schatten, waaronder de gevolgen van ongezond gedrag. Het eerste onderdeel van Future-Me is het voorspellen van de gevolgen van iemands gedrag op diens toekomstige gezondheid. Hiervoor zijn evidence-based prognostische modellen vereist, die de gevolgen van de huidige gezondheidsstatus en gedrag voorspellen (bijv. roken), maar ook voorspellen wat er gebeurt als het gedrag verandert en dientengevolge de gezondheidsstatus (bijv. stoppen met roken). Het tweede onderdeel is het waarderen van deze twee mogelijkheden: doorgaan of veranderen. Belangrijk is dat beide opties en hun gevolgen geplaatst worden in de bredere context van iemands waarden in het leven, diens doelen, en huidige activiteiten om deze te bereiken. Doel van het huidige project was om na te gaan of er interventies bestaan die werken met het beschreven Future-Me-concept. Hiertoe is in hoofdstuk 2 het concept Future-Me duidelijker afgebakend. In de hoofdstukken 3, 4 en 5 worden de resultaten beschreven van de activiteiten om Future-Me interventies te vinden: literatuuronderzoek (hoofdstuk 3), consultatie van experts (hoofdstuk 4) en het bekijken van de interventie-database van het Loket Gezond Leven (RIVM) om Nederlandse interventies te vinden (hoofdstuk 5). De hoofdconclusie is dat een interventie volgens het Future-Me raamwerk zoals beschreven in de conceptuele analyse (zie Figuur 1) niet gevonden is in het literatuuronderzoek, de consultatie van experts en een analyse van de i-database van RIVM. Globaal gesproken zijn vooral interventies gevonden die passen in het onderdeel voorspellen van de gezondheid, maar daarin worden niet expliciet de gevolgen van onveranderd gedrag afgewogen tegen de gevolgen van veranderd gedrag. Veel minder interventies zijn gevonden die vallen onder het onderdeel evalueren van de toekomst. Van hét kenmerk van Future-Me dat de voorspelde gezondheid wordt geplaatst in de bredere context van andere domeinen in iemands leven (waarden, doelen, activiteiten) is geen enkel voorbeeld gevonden. Tot slot worden in hoofdstuk 6 de witte vlekken op het gebied van Future-Meachtige interventies beschreven. Ook wordt ingegaan op de vervolgstappen om te komen tot een Future-Me interventie.

4 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 1 Introductie Future-Me is een interventieconcept met als doel het individu de gevolgen van zijn huidige leefstijl op de toekomst te verhelderen. Uitgangspunt is dat mensen niet goed in staat zijn de lange termijn gevolgen van hun gedrag in te schatten, waaronder de gevolgen van ongezond gedrag. Idee is om door gesimuleerd ervaringsleren te laten zien hoe persoonlijke, belangrijke doelen of activiteiten gefrustreerd worden door dergelijke lange termijn effecten van gedrag. Vanuit de psychologie is bekend dat mensen het lastig vinden om de toekomst in te schatten. Een bekend fenomeen is dat mensen een geldbedrag in de toekomst minder waard vinden dan exact hetzelfde bedrag in het heden. Dit staat bekend in de economie en psychologie als time-discounting of time-preference (bijv., Attema, Bleichrodt, & Wakker, 2012; Doyle, 2013). Mensen kunnen ook slecht hun toekomstige emoties inschatten (zgn., affective forecasting ), omdat men geen rekening houdt met het coping-mechanisme om sterke emoties af te zwakken (zgn. immune neglect ) (bijv. Hoerger, 2012). Zo onderschatten mensen het plezier na sporten, omdat men zich teveel richt op de moeite die het kost om te beginnen met sport (zgn. forecasting myopia ) (Ruby et al., 2011). Mensen verwachten ook dat negatieve gebeurtenissen eerder anderen overkomen dan henzelf, en dat positieve gebeurtenissen eerder henzelf overkomen dan anderen (zgn. onrealistisch optimisme, Weinstein, 1980). Mensen hebben dus vaak onjuiste en te rooskleurige verwachtingen over de toekomst. Deze verwachtingen worden meer realistisch, wanneer een gebeurtenis dichterbij komt in tijd en men feedback kan verwachten (Sweeny & Krizan, 2013). Bijvoorbeeld, men denkt de marathon uit te lopen een maand van te voren, maar een dag voor de marathon is men pessimistischer. Realisme blijkt ook uit de toekomstige zelfbeelden ( future or possible selves, Markus & Nurius, 1986) van oudere mensen (70-80 jaar) vergeleken met minder oude mensen (50-60 jaar): ouderen zijn meer gericht op het onderhouden van de gezondheid, terwijl jongeren meer gericht zijn op het bevorderen van de gezondheid (McGinty, Dark-Freudeman, & West, 2013). De interventie Future-Me zou mensen moeten laten zien wat de gevolgen zijn van hun gedrag op hun toekomstige gezondheid en leven, door deze gevolgen realistischer en dichterbij in de tijd te presenteren. Hierdoor wordt de neiging van mensen gecorrigeerd om de toekomst onjuist en te rooskleurig in te schatten, waardoor mensen meer gemotiveerd worden om hun gezondheid te bevorderen. Het eerste onderdeel van Future-Me is het voorspellen van de gevolgen van iemands gedrag op diens toekomstige gezondheid. Hiervoor zijn evidence-based prognostische modellen vereist, die de gevolgen van de huidige gezondheidsstatus en gedrag voorspellen (bijv. roken), maar ook voorspellen wat er gebeurt als het gedrag verandert en dientengevolge de gezondheidsstatus (bijv. stoppen met roken) (zgn. risico-calculatoren, bijv. Woloshin, Schwartz, & Welch, 2002, 2008). Het tweede onderdeel is het waarderen van deze twee mogelijkheden: doorgaan of veranderen. Naast de kennis over beide gedragsopties en hun gezondheidsgevolgen is ook het waarderen hiervan cruciaal. Belangrijk is dat beide opties en hun gevolgen geplaatst worden in de bredere context van iemands waarden in het leven, diens doelen, en huidige activiteiten om deze te bereiken (bijv. Pieterse et al., 2013).

5 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 Doel van het huidige project is om na te gaan of er interventies bestaan die werken met het beschreven Future-Me-concept. Bij gevonden interventies wordt in kaart gebracht welke effecten deze interventies hadden en onder welke condities deze effecten optraden. Hiertoe wordt in hoofdstuk 2 het concept Future-Me duidelijker afgebakend. In de hoofdstukken 3, 4 en 5 worden de resultaten beschreven van de activiteiten om Future-Me interventies te vinden: literatuuronderzoek (hoofdstuk 3), consultatie van experts (hoofdstuk 4) en het bekijken van de interventie-database van het Loket Gezond Leven (RIVM) om Nederlandse interventies te vinden (hoofdstuk 5). Tot slot worden in hoofdstuk 6 de witte vlekken op het gebied van Future Me-achtige interventies beschreven. Ook wordt ingegaan op de vervolgstappen om te komen tot een Future-Me interventie.

6 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 2 Future-Me: Afbakening Het Future-Me concept bestaat uit twee grote onderdelen. Het eerste deel is gericht op het voorspellen van iemands toekomstige gezondheid. Het tweede deel gaat over het evalueren van deze toekomst door deze te plaatsen in de bredere context van iemands waarden in het leven, diens doelen, en huidige activiteiten om deze te bereiken. 2.1 Voorspellen van de gezondheid Een eerste stap in het ontwikkelen van Future-Me is het achterhalen van relevante prognostische modellen. Een dergelijk model kan op basis van parameters van de huidige gezondheidsstatus van een persoon voorspellen hoe iemands toekomstige gezondheid is. Dergelijke modellen beschrijven de relatie tussen risicofactoren en gezondheidsuitkomsten en zijn gebaseerd op (a) grootschalige epidemiologische gegevens, of (b) bekende werkingsmechanismen. Dergelijke modellen worden aangeduid als prognostische modellen, predictie regels, of risico-calculatoren. Kenmerken zijn: 1. Vaststellen van parameters van de gezondheid 2. De parameters voorspellen gezondheidsuitkomsten 3. Voorspellen kan op niveau van het individu De parameters moeten veranderbaar zijn door gedrag. Bijvoorbeeld, hoge bloeddruk door innemen van medicatie, te hoog cholesterol door veranderen van voeding en veel stress door uitvoeren van ontspanningsoefeningen. Een familiaire belasting of een aangeboren aandoening zijn niet te beïnvloeden. Op deze wijze kan ook voorspeld worden wat de toekomstige gezondheid zal zijn als men een parameter in het model verandert. Aanvullende kenmerken zijn dus: 4. Door gedrag veranderbare parameters van de gezondheid 5. Voorspellen toekomstige gezondheid bij voortzetten huidige gedrag, èn 6. Voorspellen toekomstige gezondheid bij veranderen van gedrag. In Figuur 1 staat dit schematisch weergegeven. Bovenaan staat in blauw hoe Present-Me verschillende Future-Me s kan hebben afhankelijk van diens gedrag. In zwart staat het prognostisch model, zoals hierboven beschreven. Onderaan staan in groen de onderdelen van een interventie, namelijk een assessment (waarin parameters worden gemeten), een calculatie (waarin voorspellingen worden gedaan) en een presentatie (waarin de resultaten worden gepresenteerd). De interventie zal (de motivatie tot) gedragsverandering beïnvloeden (groen pijl). Het rode deel wordt in sectie 2.2. beschreven. Voorbeelden van risico-calculatoren Een bekende risico-calculator in Nederland is Je echte leeftijd, een televisieprogramma dat door verschillende commerciële TV-zenders (RTL4, RTL5, en SBS6) sinds 2002 is uitgezonden. Het doel was mensen bewust te maken van hun leefgewoonten, door dit uit te drukken in een 'Echte Leeftijd': is iemands 'Echte Leeftijd' ouder dan zijn leeftijd in jaren, dan leeft hij "ongezond" is de conclusie die in dit programma werd getrokken. In het TV-programma werden mensen gecoacht om gezonder en jeugdiger te worden (laatste seizoen was 2013 op SBS6 waar het programma The biggest loser Holland heette). Bij het programma hoorde een

7 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 website en een online test. Na 4 seizoenen ( ) was de Echte Leeftijd- Test" op internet door meer dan 1,6 miljoen mensen gemaakt (http://nl.wikipedia.org/wiki/je_echte_leeftijd). Deze online-test is niet meer beschikbaar op internet (site of ). Er werd wel gediscussieerd over deze test, bijvoorbeeld dat een auto zonder airbag je echte leeftijd behoorlijk verlaagde (http://partyflock.nl/topic/903868:je-echte-leeftijd-test-populair-van-tv). Het achterliggende prognostisch model, namelijk hoe de vragen bijdroegen aan het berekenen van de echte leeftijd, was niet bekend. Om de resultaten van de test te presenteren als een leeftijd die ouder is naarmate je ongezonder had geleefd, sprak veel mensen aan. Het idee van je echte leeftijd -test is op meer sites op internet terug te vinden. Zo biedt de site een test met 24 dichotome vragen (ja/nee). Het populaire boek De voedselzandloper van Kris Verburgh heeft ook een website, waar een test ingevuld kan worden die iemands gezondheid en zo de échte leeftijd inschat (http://www.voedselzandloper.com/test.html). De test bestaat uit 58 vragen en geeft als resultaat een score tussen 0 en meer dan 200 punten, waarbij een score minder dan 80 punten een gezonde score is. Tevens wordt bij elke vraag uitleg gegeven. Ook het tijdschrift Psychologie biedt op haar website een test-je-leeftijd test aan (http://tests.psychologiemagazine.nl/gezondheid/test%20leeftijd) die bestaat uit 46 vragen. De uitkomst van deze test is een levensverwachting. Al deze testen vragen naar niet-beïnvloedbare factoren (bijv. aandoeningen in de familie, IQ en persoonlijkheid) en beïnvloedbare factoren (bijv. voeding, beweging, rijstijl, sociale situatie). Helaas is het achterliggende prognostische model niet duidelijk, dus ook niet welke factor of vraag nu meer of minder bijdraagt aan je echte leeftijd of levensverwachting. Een ander kenmerk is dat een gebruiker zelf een vraag moet veranderen om te zien hoe de uitslag beïnvloed wordt. Bijvoorbeeld de vraag naar roken de ene keer met ja en de ander keer met nee beantwoorden. Men krijgt op die manier niet gemakkelijk inzicht in welke verandering het meest zal bijdragen aan een gezonde leeftijd. De feedback in de vorm van de echte leeftijd is geen beschrijving van een toekomstige gezondheidsuitkomst, maar meer een waarschuwing voor de effecten van de huidige leefwijze. Het geeft vooral aan dat als men zo doorgaat men niet op de goede weg is. Het is echter een vrij generieke maat, die niet goed weergeeft wat er nu specifiek in de toekomst mis zal gaan en hoe men dus moet veranderen. Naast deze generieke risico-calculatoren, bestaan ook calculatoren gericht op specifieke aandoeningen. Zo heeft het KWF de Kanker risicotest (http://www.kwf.nl/preventie/kankerrisicotest/pages/default.aspx) waar men via het beantwoorden van een aantal vragen (de Keuzehulp) verwezen wordt naar één of meer specifieke testen die de kans op twaalf soorten kanker berekenen. Deze test is gebaseerd op de Amerikaanse website Your disease risk (http://www.yourdiseaserisk.wustl.edu/). Het is een wetenschappelijk onderbouwde risicocalculator (http://www.kwf.nl/preventie/kankerrisicotest/pages/verantwoording.aspx; Elias et al., 2012; Timmermans & Oudhoff, 2012 ). Na het beantwoorden van een aantal vragen krijgt men de uitslag als een absolute kans op de betreffende soort kanker en in vergelijking met de gemiddeld kans in Nederland. Dit gebeurt in cijfers en grafisch. Tevens wordt uitgelegd wat (mijn) risico betekent, en aangegeven welke veranderbare factoren het risico positief of negatief beïnvloeden. Ook kan men zien welke onveranderbare factoren invloed uitoefenen. Ook hier moet men zelf een vraag veranderen om te zien hoe de risicoschatting verandert.

8 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 Verschillende organisaties (Nierstichting, Hartstichting, Diabetes Fonds, NHG, LHV, NVAB) hebben in het kader van het preventieconsult dat in de 1 e lijn wordt aangeboden een risicocalculator ontwikkeld om de kans op diabetes, hart- en vaatziekten of nierschade te bepalen: de Risicotest (https://www.testuwrisico.nl/). Vergeleken met andere testen is bij deze risicotest veel aandacht besteed aan de vormgeving door gebruik te maken van een eenvoudige opzet, visualisaties en korte vragen en antwoordmogelijkheden. Op deze manier kan de test ook ingevuld worden door mensen met minder gezondheidsvaardigheden. De uitslag is een kans op diabetes, hart- en vaatziekten of nierschade die in cijfers en grafisch wordt weergeven, en als absolute kans en in vergelijking met de gemiddelde Nederlander. Ook hier wordt aangegeven welke (on)veranderbare factoren bijdragen aan het risico. Vervolgens wordt men verwezen naar een leefstijltest (http://www.testuwleefstijl.nl/). Men laat ook zien dat mensen eerst iets moeten meten (vragen van de test), dan weet men iets (kans-informatie) en dan kan men wat doen (veranderbare factoren). Het doen wordt door de leefstijltest extra onderbouwd. De Leefstijltest vraagt naar iemands leefstijl (bewegen, roken, alcohol, voeding en ontspanning ) en over onderwerpen die iets zeggen over iemands gezondheid (bijv. bloeddruk, bloedsuiker, BMI, nierschade). Na de test krijgt men praktische adviezen om gezonder te kunnen leven en wordt doorverwezen naar websites, organisaties of hulpverleners. Ook hier moet men zelf een vraag veranderen om te zien hoe de risicoschatting verandert. Voor zorgverleners is er recent ook een risico-calculator ontwikkeld om het gezondheidsrisico voor een patiënt vast te stellen en vervolgens behandeladviezen te geven (http://www.cardiometabool.nl/). Deze website en het bijbehorende instrument helpt zorgverleners om bij een combinatie van bepaalde cardiometabole aandoeningen de behandeling integraal op te pakken. Het instrument is gebaseerd op de bestaande richtlijnen voor de verschillende aandoeningen en vermeldt de juiste behandeling bij de specifieke comorbiditeit. In het kader van dit verslag is geen literatuuronderzoek gedaan naar studies waarin de effectiviteit van deze risico-calculatoren is geëvalueerd. Zover bekend is er geen onderzoek gedaan of de Nederlandse kanker risicotest en de risicotest de gezondheid van mensen bevordert door een verandering in gedrag. Een Amerikaans onderzoek (Harle, Downs & Padman, 2012) gebaseerd op risicocalculatoren zoals your disease risk onderzocht of de risicoperceptie en het gedrag veranderden, nadat het persoonlijk risico op prediabetes was berekend op een interactieve website, waarbij ook was aangegeven hoe dit risico verhoogd of verlaagd werd door risicofactoren, zoals gedrag. De risicoperceptie werd alleen realistischer wanneer de calculator aangaf dat het berekende risico (objectieve risico) lager was dan het risico wat door de respondent zelf van tevoren was ingeschat (subjectieve risico). Er werden geen effecten op gedrag gevonden. Zoals de onderzoekers aangeven zouden er bij een andere website, bij een andere aandoening en/of een andere populatie wellicht wel effecten kunnen worden gevonden. Een mogelijke verklaring waarom effecten achterwege blijven is dat de kans op een aandoening niet in de bredere context van iemands toekomstige leven wordt geplaatst. De missing link is de evaluatie van deze toekomstbeelden, en dat is het tweede onderdeel van het Future-Me concept.

9 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / Evalueren van de toekomst Om na te gaan wat de invloed is van een toekomstige aandoening moet iemand een idee hebben van de impact daarvan op de bredere context van zijn leven, zoals zijn activiteiten, doelen en waarden. Verschillende perspectieven kunnen gehanteerd worden om iemands (huidige en toekomstige) leven te beschrijven. Vanuit onderzoek in het medische en gezondheidszorg domein zijn Kwaliteit van Leven en de 'International Classification of Functioning, Disability and Health' (ICF)- benadering relevant. Bij kwaliteit van leven wordt vaak onderscheid gemaakt tussen fysieke, psychische en sociale kwaliteit van leven, waarbij dit in het algemeen, maar ook ziekte-specifiek kan worden gevraagd (zie Bij de ICF wordt beschreven dat mensen als organisme functies en anatomische eigenschappen hebben. Deze beïnvloeden het handelen van mensen (activiteiten) en diens deelname aan het maatschappelijk leven (participatie). Daarnaast onderscheidt de ICF externe en persoonlijke factoren ( zie Een aandoening kan leiden tot beperkingen in de activiteiten en problemen bij participatie. Binnen de ICF worden negen domeinen gehanteerd waarbinnen activiteiten en participatie kunnen vallen (voor verdere onderverdeling binnen deze domeinen zie 1 Leren en toepassen van kennis 2 Algemene taken en eisen 3 Communicatie 4 Mobiliteit 5 Zelfverzorging 6 Huishouden 7 Tussenmenselijke interacties en relaties 8 Belangrijke levensgebieden 9 Maatschappelijk, sociaal en burgerlijk leven TNO heeft de ICF Measure of Participation and ACTivities (IMPACT) vragenlijst ontwikkeld die nagaat of mensen beperkingen ervaren binnen deze domeinen (https://www.tno.nl/content.cfm?context=thema&content=inno_case&laag1=891&laag2=902 &item_id=788). IMPACT bestaat uit twee onderdelen: een screener vragenlijst waarin globaal gevraagd wordt naar problemen in bovenstaande domeinen, en indien dat het geval is worden meer specifieke vragen daarover gesteld. De screener (IMPACT-S) is betrouwbaar (interne consistentie en test-hertest betrouwbaarheid) en valide (convergente validiteit) (Post et al., 2008). Een andere, uitgebreide lijst van activiteiten die belemmerd kunnen worden is beschreven in Katz & Yelin (2001), en staat in Bijlage I. De Kwaliteit van leven-instrumenten en de ICF-classificatie zijn bedoeld om de huidige gezondheidstoestand te evalueren. Een ander perspectief komt vanuit de positieve psychologie, waarin naast aandacht voor tevredenheid met het leven (zgn. life satisfaction, Diener, Emmons, Larsen, & Griffin, 1985), ook gekeken wordt naar andere aspecten van psychologisch welzijn, zoals zingeving en autonomie (bijv., Ryff & Keyes, 1995). Dit sluit aan bij onderzoek naar behoeften ("needs"), motieven ("motivation"), en vooral ook doelen ("goals"). Een goed voorbeeld is de zelf-determinatie theorie van Deci & Ryan (2000; en de verschillende theorieën rond zelfregulatie (bijv., De Ridder & De Wit, 2006). Bijvoorbeeld, in de vragenlijst Sources of Meaning Profile (SOMP) (Reker 1994; Van Ranst & Marcoen 1996) worden 16

10 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 mogelijke bronnen van zingeving beoordeeld: vrijetijdsactiviteiten, tegemoetkomen aan basisbehoeften, creatieve activiteiten, persoonlijke relaties, persoonlijke verwezenlijkingen, persoonlijke groei of rijpheid, religieuze of godsdienstige betrokkenheid, bezig met maatschappelijke problemen, altruïsme of ten dienste staan van de medemens, blijvende waarden en idealen, traditie en cultuur, nalatenschap, financiële zekerheid, algemeen menselijke waarden, genotsactiviteiten, en bezit. Men wordt gevraagd of de aangegeven dingen of activiteiten op dit moment zin geven aan het leven. Een instrument dat meer gericht is op de toekomst is de Aspiration Index (Kasser & Ryan, 1996) waarin 35 levensdoelen staan beschreven, die onderverdeeld zijn in zeven categorieën: rijkdom, beroemdheid, uiterlijk, persoonlijke groei, relaties, maatschappij, en gezondheid. Gezondheid als doel op zich is dus één van de zeven categorieën. Per doel geeft men aan (a) hoe belangrijk men deze vindt, (b) hoe waarschijnlijk het is dat deze in de toekomst bereikt wordt, en (c) hoeveel men nu al bereikt heeft. In Bijlage II staat een overzicht van de 35 doelen. Het onderscheid tussen het heden en de toekomst wordt expliciet geadresseerd in het concept van Markus & Nurius (1986) possible selves. Possible selves geven iemands gedachten en gevoelens weer over wat men denkt dat men kan worden. Op deze manier geven possible selves richting aan gedrag door doelen te stellen die men wil bereiken en een interpretatiekader voor hoe men nu over zichzelf denkt. Er is vooral onderzoek gedaan naar possible selves in het kader van schoolloopbaan, carrière en levensloop (adolescent, volwassene, oudere). Possible selves kunnen gemeten worden met open en gesloten vragen (Oyserman & Fryberg, 2006). In Bijlage III staat de Possible Selves Questionnaire (Markus & Nurius, 1986), een vragenlijst met gesloten vragen. In Figuur 1 staat het deel over het evalueren van de toekomst in rood weergegeven. De beschreven perspectieven kunnen gebruikt worden om de belangrijke domeinen van iemands huidige leven vast te stellen tijdens het assessment-deel van de interventie. Echter, er bestaan geen expliciet prognostische modellen die berekenen hoe levensdomeinen uit het heden de domeinen in de toekomst voorspellen. Daarom staat er in Figuur 1 een open rood-omrande pijl tussen het heden en verleden. Zoals hierboven beschreven zal de toekomst vooral voorspeld kunnen worden door het individu zelf op basis van diens doelen en motieven, zoals via de Aspiration index of Possible selves. Beide onderdelen Voorspellen van de gezondheid en Evalueren van de toekomst (zwarte en rode deel van Figuur 1) beïnvloeden elkaar zoals weergegeven staat met de oranje pijlen in Figuur 1. Het belangrijkste onderdeel wat Future-Me onderscheidt van andere interventies is dat de voorspelling van de toekomstige gezondheid geplaatst wordt in de context van andere levensdomeinen van een persoon (rechter oranje pijl). Hiervoor zal iemand uitgaand van het voortzetten van diens huidige gedrag in de toekomst (Figuur 1, No change in blauwe deel): 1 moeten weten wat zijn risico is op een bepaalde aandoening (risico-calculator); 2 weten wat de aandoening inhoudt wat betreft mogelijke beperkingen en problemen; en 3 in hoeverre deze beperkingen en problemen invloed hebben op zijn toekomstige levensdomeinen.

11 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 Zover bekend bestaat er geen interventie uitgaand van bovenstaande drie stappen, maar een gefingeerd voorbeeld is het volgende. Eerst wordt via de Kanker risico test iemands risico op borstkanker berekend. Vervolgens kan op de site https://www.kanker.nl/ betrouwbare informatie gevonden worden over de gevolgen van borstkanker, bijvoorbeeld over vermoeidheid en kanker (https://www.kanker.nl/bibliotheek/borstkanker/gevolgen/189-vermoeidheid-en-kanker). Ten derde gaat iemand na in hoeverre deze gevolgen invloed hebben op belangrijke levensdomeinen die zij wil nastreven in de toekomst. Hierdoor realiseert iemand zich wat de gevolgen zijn van het huidige gedrag op diens toekomstige gezondheid en leven. Deze gevolgen zijn realistischer en concreter gepresenteerd, omdat ze afgestemd zijn op de persoonlijke domeinen die iemand in zijn leven belangrijk vindt. De verwachting is dat de neiging van mensen om de toekomst onjuist en te rooskleurig in te schatten daardoor gecorrigeerd wordt. Mensen zullen gemotiveerd worden om hun gedrag te veranderen zodat ze daardoor belangrijke domeinen in de toekomst kunnen blijven nastreven (Figuur 1, Change in blauwe deel). Een nadere afbakening is dat Future-Me bedoeld is om de motivatie te verhogen om gedrag te veranderen. Na deze eerste fase in gedragsverandering volgen nog andere fasen, zoals planning, initiatie en continuatie (bijv. Rothman et al., 2011), waarvoor andere interventies gebruikt worden.

12 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 No change Future Me 1 Present Me Change A Change B Future Me 2 Future Me 3 Health Parameters Physiology, physical, mental Health Outcome Behavior Determinants Prognostic model Health Parameters Physiology, physical, mental Health Outcome Behavior Determinants Context Life Domains Quality of Life (physical, mental, social) Activities, participation Life satisfaction Goals, motives, needs Present Selves Context Life Domains Quality of Life (physical, mental, social) Activities, participation Life satisfaction Goals, motives, needs Possible Selves Intervention Assessment Intervention Calculation Intervention Presentation (Motivation for) Behavior Change Figuur 1: Schematische weergave van de afbakening van een Future-Me interventie.

13 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 3 Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Literatuuronderzoek Om Future-Me achtige interventies op het spoor te komen, is een literatuuronderzoek uitgevoerd. Omdat verwacht werd dat het moeilijk zou zijn om dergelijke interventies te traceren, is besloten om de zoektocht niet te beperken tot een specifiek gezondheidsdomein, zoals hart- en vaatziekten, kanker of leefstijl en ook geen beperkingen qua publicatiejaar of taal toe te passen. Er is zo breed mogelijk gezocht in de volgende databases: Pubmed, Psycinfo, Scopus, en de Cochrane Reviews. Tabel 1: Overzicht gebruikte zoektermen in de verschillende databases. Pubmed Psycinfo Scopus consumer health information diagnostic self evaluation (Mesh) future selves health behavior (Mesh) health communiation (Mesh) (health) risk calculator(s) Internet (Mesh) lifestyle assessment lifestyle intervention lifestyle modification online risk calculator personalized lifestyle possible selves program evaluation (Mesh) prognostic model(s) risk assessment (Mesh) risk communication risk factors (Mesh) risk information risk taking (Mesh) test(s) webbased cardiovascular disease diabetes exercise effectiveness future future selves health behavior health education health promotion intervention lifestyle personalized physical activity possible selves predictive models prognosis prognostic model program evaluation tailored tailoring diabetes effect effective effectiveness evaluation exercise future selves health education health promotion intervention lifestyle lifestyle intervention physical activity personalized possible selves predictive prediction prognostic model(s) tailored tailoring De Cochrane Reviews bleken geen interventies te bevatten die op Future-Me leken. Tabel 1 geeft een overzicht van de verschillende zoektermen die zijn gebruikt in de overige drie databases. Deze termen zijn in verschillende zoekcombinaties gebruikt. In Bijlagen IV, V en VI staan de verschillende zoektochten voor respectievelijk de databases Pubmed, Psycinfo en Scopus weergegeven. Het bleek lastig om één goede zoekstrategie te vinden die precies antwoord op de vraag gaf. Uiteindelijk is in Pubmed de volgende zoekstrategie uitgevoerd: (future selve(s) OR possible selve(s) OR prognostic model(s) OR (health) risk calculator(s) OR personalized lifestyle) AND (Internet OR webbased OR (risk) communication OR risk information). In de andere twee databases werd een soortgelijke zoekstrategie gehanteerd. Deze zoektochten werden tussen 15 en 29 oktober 2013 uitgevoerd. De resultaten van de verschillende zoektochten werden bekeken op relevantie voor Future-Me achtige interventies. Hierbij was Figuur 1 de leidraad.

14 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 In totaal werden 154 artikelen gevonden, waarvan er 7 dubbel waren. In Tabel 2 staat een overzicht van het aantal artikelen dat gevonden werd per database. De meeste artikelen kwamen uit Pubmed en een paar uit Psycinfo Tabel 2: De databases waar de 147 artikelen gevonden zijn. Database N % Pubmed Psycinfo Scopus 7 5 Cochrane Review 0 0 totaal Op basis van de schematische weergave van Future-Me in Figuur 1 zijn de artikelen beoordeeld door één beoordelaar (WO) die de titel en samenvatting heeft gelezen. In Tabel 3 staan de resultaten weergegeven. De hoofdconclusie is dat er geen enkele interventie is gevonden die voldoet aan Future-Me, volgens het Future-Me-raamwerk zoals in Figuur 1 beschreven. Er zijn twee interventies gevonden die elementen hadden van zowel het voorspellen van de gezondheid als het evalueren van de toekomst. De eerste betreft een discreet keuze experiment van Dolan, Kavetsos, en Tsuchiya (2013), die 645 personen herhaaldelijk lieten kiezen tussen twee toekomstige gezondheidstoestanden die varieerden in lengte en kwaliteit van leven, maar ook in de tevredenheid met het leven. Kwaliteit van leven was gebaseerd op de dimensies van de EQ-5D (mobiliteit, zelfzorg, dagelijkse activiteiten, pijn/ongemak, depressie). Mensen werd dus steeds een keuze tussen twee toekomstig gezondheidstoestanden voorgelegd zoals bij voorspellen van de gezondheid, alleen dit waren hypothetische toestanden. Men moest kiezen tussen leven in 3 jaar perfecte gezondheid of 5 jaar in een hypothetische toestand. Daarnaast werd in de gezondheidstoestanden gekeken naar meer dan alleen fysieke gezondheid, namelijk de kwaliteit van de gezondheid en tevredenheid met het leven zoals in evalueren van de toekomst. Ontevredenheid met het leven leidde tot een voorkeur om eerder te sterven in goede gezondheid, terwijl tevredenheid met het leven leidde tot een voorkeur om langer te leven in slechtere gezondheid. De tweede studie betreft Feinstein (1999), die een model beschrijft voor arts-patiënt interactie om het risico voor hart- en vaatziekten (HVZ) te reduceren. Het voorspelt de gezondheid door het risico op HVZ te berekenen via een risicocalculator ( ERIS/St. Joseph health risk appraisal ) en op basis daarvan medische adviezen te geven. Het model bestaat uit acht belangrijke opeenvolgende elementen: (1) gewenste arts-patiënt communicatie stijl, (2) definiëren van de arts- en patiënt rol, (3) de digitale risico-calculator, (4) rangorde van de gezondheidswensen van de patiënt, (5) rangorde van de gezondheidswensen van de arts, (6) een gezamenlijk rangordening, (7) interventie plannen hoe de gezondheidswensen te realiseren, en (8) follow-up om na te gaan of de vastgestelde doelen in de interventieplannen behaald zijn. Het model voldoet deels aan evalueren van de toekomst door te kijken naar de gezondheidswensen van de patiënt, en doelen af te spreken en strategieën hoe deze doelen te bereiken. 43% van de artikelen bleek alleen te gaan over aspecten rond het voorspellen van de gezondheid, en 56% van de artikelen alleen over elementen uit evalueren van

15 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 de toekomst. In de bespreking hiervan moet men zich realiseren dat het literatuuronderzoek niet was opgezet om interventies te vinden die specifiek bij één van de onderdelen apart thuishoorde. Kijkend naar de artikelen die vallen onder het voorspellen van de gezondheid valt op dat de meeste artikelen (22%) gaan over getailorde interventies om de gezondheid te bevorderen. In het algemeen worden bij deze interventies risicofactoren vastgesteld en op basis daarvan worden adviezen gegeven, bijvoorbeeld de huidige fysieke activiteit wordt geëvalueerd en op maat advies wordt geboden (Bull, Jamrozik, & Blanksby, 1999). Daarnaast bood 6% van de interventies ook een risicocalculator, in aanvulling op getailorde gezondheidsinformatie. Deze interventies kwamen het meest in buurt van het ideale voorspellen van de gezondheid, hoewel de expliciete vergelijking tussen de gevolgen van het huidig versus veranderd gedrag op de toekomstige gezondheid in alle gevallen ontbrak. Het beste voorbeeld was Laan et al. (2012) die een protocol beschreven van een Nederlands onderzoek om het risico op hart- en vaatziekten (HVZ) te verminderen, door een online tool aan te bieden waarin op basis van leefstijl een risico wordt berekend op HVZ, waarop getailorde adviezen worden gegeven. Tabel 3: Beoordeling van de artikelen in het raamwerk van Future-Me. N % 1. Voorspellen van de gezondheid identificeren tailoring variabelen persoonlijke reminder 2 1 risico-calculator 3 1 tailored health intervention (assessment risk factor + education/coaching) calculator + tailored health intervention 8 6 overige health interventions Evalueren van de toekomst possible selves beschrijvend Health: disease/disorder 12 8 Health: ageing 11 8 non-health: identity 12 8 non-health: school, career 12 8 anders possible selves relaties/interventie physical health (risky behaviors) 12 8 psychological health 4 3 overige possible selves 2 1 Elementen uit 1+2 voorspellen + evalueren 2 1 Gehele Raamwerk Future-Me (1+2+onderlinge relatie) 0 0 totaal Kijkend naar de artikelen die vallen onder evalueren van de toekomst beschrijft 44% hoe verschillende mensen hun toekomstig zelf zien. Dit kan gaan over mensen met een ziekte of aandoening (bijvoorbeeld mensen met een depressie of de ziekte van Alzheimer), oudere mensen, de identiteit van vrouwen of adolescenten, of de toekomstbeelden gerelateerd aan school of carrière. De enige artikelen die enigszins voldoen aan het idee van evalueren van de toekomst zijn de 11%

16 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 artikelen waarin toekomstbeelden worden gerelateerd aan risicofactoren (bijv. ongezond gedrag) of waarin de toekomstbeelden worden gemanipuleerd. Bijvoorbeeld, Song, Kim, Kwon, & Jung (2013) lieten rokers hun toekomstige gezicht zien als het hoofd van hun avatar in een serious game, waardoor men meer van plan was te gaan stoppen met roken. In de onderzoeken van Ouellette et al. (2005) en Murru & Martin Ginis (2010) bleek de opdracht om zich een gezonde, actieve toekomstige zelf voor te stellen bewegen te bevorderen. Concluderend blijkt uit het literatuuronderzoek dat er geen interventie is gevonden volgens het Future-Me raamwerk zoals beschreven in Figuur 1. Wel vinden we elementen van dit raamwerk terug in de literatuur. Het lijkt erop dat de volgende elementen gedrag stimuleren om de gezondheid te bevorderen: (a) risicocalculator, (b) op basis waarvan getailorde gedragsadviezen worden gegeven, en (c) het voorstellen van de eigen toekomst.

17 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 4 Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Consultatie experts Op zoek naar interventies die voldeden aan het raamwerk van Future-Me (zie Figuur 1) zijn ook experts gevraagd naar voorbeelden van Future-Me-achtige interventies, waarbij experts op het gebied van (a) (digitale) gedragsinterventies om gezondheid te bevorderen en (b) beslissingsondersteuning zijn benaderd. De experts werden gezocht in het eigen netwerk, maar ook door te kijken naar bestaande overzichten van experts op deze gebieden. Zo werd het overzicht van experts doorgenomen die deelgenomen hadden aan de Delphi-studie om de digitale checklist easi versie 1.0 te beoordelen. Ook werden de ledenlijsten geraadpleegd van de Nederlandse tak van de International Society for Research on Internet Interventions (NSRII-NL; en het platform Shared Decision Making/Gedeelde Besluitvorming (LinkedIn groep Platform SDM/GB). Uiteindelijk zijn 24 experts op het gebied van (digitale) gedragsinterventies om gezondheid te bevorderen en 7 experts op het gebied van beslissingsondersteuning benaderd. Zij werden g d met de vraag of ze een Future-Me achtige interventie kenden, en zo ja of zij daarover geïnterviewd konden worden. De vraag werd als volgt aan hen voorgelegd (zie ook Bijlage VII): TNO is bezig met een inventarisatie van zogenaamde Future-Me interventies. Een dergelijk digitale interventie heeft de onderstaande vier functionaliteiten: 1 Op basis van individuele parameters voorspellen van de toekomstige fysieke gezondheid (bijvoorbeeld risico calculatoren, zoals de Kanker risicotest van het KWF). 2 Focus is op veranderbare factoren (gedrag) waarbij toekomstige gezondheid getoond wordt bij huidige toestand versus een verandering (bijvoorbeeld kans op longkanker bij roken versus na stoppen met roken). 3 Beschrijven huidige bronnen van psychologisch welzijn en tevredenheid, zoals werk, hobby s, familie, vrienden, ontspanning, etc. 4 Aangeven hoe de toekomstige fysieke gezondheid er voor zorgt dat men bepaalde dingen niet meer kan doen waar men welzijn/plezier aan ontleende (Bijvoorbeeld niet meer voetballen, omdat men te kortademig is). De mailing (15 december 2014) werd gevolgd door een herinnering (20 december 2014). Twee experts bleken afwezig op basis van hun out-of-office bericht. In totaal hebben 13 experts gereageerd (13/29 = 45% response). Geen van hen kende een interventie die aan deze vier functionaliteiten voldeed. In Bijlage VIII staat het overzicht van de experts die gereageerd hebben.

18 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 5 Interventies die het Future-Me concept gebruiken: Nederlandse interventies Op zoek naar interventies die voldeden aan het raamwerk van Future-Me (zie Figuur 1) is tenslotte de database met Nederlandse interventies van het Loket Gezond Leven onderzocht, de i-database. Dit is gedaan door één onderzoeker (WO) die eind januari 2014 de interventies in de database heeft bekeken. Er is niet systematisch nagegaan waarom interventies niet voldeden, omdat de verwachting was dat dit niet meer informatie zou opleveren dan in hoofdstukken 2 en 3 al was gevonden. Het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu; is één van de partners van het Loket gezond leven ( dat opgezet is om professionals te ondersteunen bij het bevorderen van een gezonde leefstijl van burgers. Daartoe heeft zij een database opgezet waarin allerlei interventies worden verzameld die hieraan bijdragen (http://www.loketgezondleven.nl/interventies/i-database/). Eind januari 2014 zitten er 1843 interventies in de database. Deze interventies worden beoordeeld op hun kwaliteit, effectiviteit en uitvoerbaarheid via een erkenningstraject (http://www.loketgezondleven.nl/interventies/kwaliteit-van-interventies/) en dit oordeel wordt weergegeven in een aantal niveaus (zie Interventies zijn bekeken die als (a) effectief (niveaus II,III,IV), of (b) goed onderbouwd (niveau I) zijn beoordeeld. 5.1 Effectieve interventies In totaal stonden er 26 interventies in de database die beoordeeld waren als een effectieve interventie. Nagegaan is of deze interventies voldeden aan het Future-Me raamwerk (Figuur 1). Van de 5 niveau IV-interventies bleek geen te passen in Future-Me. Van de 21 niveau III-interventies bleek geen te passen in Future-Me. Echter, van deze 21 interventies waren er 5 interventies die deels pasten in het onderdeel voorspellen van de gezondheid, omdat het een getailorde gezondheidsinterventie was (assessment van factoren en hierop afgestemd veranderingsadvies): Drinktest.nl, Krachtvoer, Stoppen met roken op maat 2.0, Surfen naar sportblessure preventie, en Minder drinken. De laatste bevatte ook een risico-calculator, wat een belangrijk onderdeel is van het onderdeel voorspellen van de gezondheid. Immers, er moet wel een concrete gezondheidstoestand voorspeld worden in de toekomst en niet alleen een evaluatie dat de huidige leefstijl ongezond is en aangepast moet worden. Van de 21 interventies bleek één interventie te passen in het onderdeel waarderen van de toekomst, namelijk Op verhaal komen. Er waren geen niveau II interventies in de database. 5.2 Goed onderbouwde interventies In totaal stonden er 132 interventies in de database die beoordeeld waren als Goed onderbouwd. Ook van deze interventies voldeed geen van deze aan het volledige Future-Me raamwerk (Figuur 1). Van de 132 interventie pasten 35 interventies (27%) (deels) in het onderdeel voorspellen van de gezondheid. Het grootste deel, 33 interventies, betrof getailorde gezondheidsinterventie waarin factoren of determinanten werden vastgesteld en hierop een afgestemd

19 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 veranderingsadvies en aanbod werd gedaan. Het grootste deel betrof gecombineerde beweeg- en voedingsinterventies, zoals de Beweegkuur, de Coachmethode,. B.Slim beweeg meer, eet gezond, JUMP-in, Lekker Fit! Lespakket, en VETisnietVET. Daarnaast ook interventies voor mannen die seks hebben met mannen in kader van HIV-preventie (bijvoorbeeld, Gaycruise.nl), en rook- en drugspreventie (bijvoorbeeld, Rooksignaal, de Wiet-Check). Twee interventies waren specifieker in het voorspellen van de toekomstige gezondheidstoestand: Diabetes voorkómen en Valanalyse 65+ voor de eerstelijnszorg. Bij beide wordt een test afgenomen om het risico op diabetes/vallen te voorspellen en wordt ingegaan op de beïnvloedbare factoren die deze risico s verhogen en verlagen. Het tweede onderdeel van het Future-Me raamwerk betreft het onderdeel waarderen van de toekomst. Hierin zal iemand eerst de bredere context van zijn leven beschrijven, zoals zijn activiteiten, doelen en waarden, en ten tweede hoe de toekomstige gezondheidstoestand deze bredere context beïnvloedt. Tien interventies (8%) werden gevonden die meer ingingen op het beschrijven van de bredere context van iemands leven. Dit waren interventies die gingen over seksualiteit, intimiteit en grensoverschrijdend gedrag (bijvoorbeeld, Boys R Us, Let s talk), pesten (bijvoorbeeld, Plezier op school), en weerbaarheid (bijvoorbeeld Rots en Water, Levensvaardigheden). Eén interventie, Wijzer met Welder, plaatst de gezondheidstoestand binnen een bredere context van iemands leven door zich ook te richten op de gevolgen van iemands gezondheidsklachten op diens werk. Bij het beoordelen van de interventies in de database van loket gezond leven bleek dat veel interventies uit verschillende onderdelen bestaan in de vorm van een cursus, lespakket of therapie. Wellicht dat in één van die onderdelen toch aspecten van Future-Me zitten wat niet blijkt uit de beschrijving in de database. Daarnaast betreft het veel verschillende gezondheidsonderwerpen. De emental-health interventies uitgaand van cognitieve gedragstherapie lijken niet goed te passen in het onderdeel voorspellen van de gezondheid, en zodoende in het Future-Me concept. Concluderend blijkt ook het zoeken van Nederlandse interventies in de i-database van het RIVM geen interventies op te leveren die aan het gehele Future-Me concept voldoen.

20 TNO-rapport TNO/LS 2014 R / 25 6 Conclusies en aanbevelingen De hoofdconclusie is dat een interventie volgens het Future-Me raamwerk uit Figuur 1 niet gevonden is in het literatuuronderzoek (hoofdstuk 3), de consultatie van experts (hoofdstuk 4), en een analyse van de i-database van RIVM (hoofdstuk 5). Globaal gesproken zijn vooral interventies gevonden die passen in het onderdeel voorspellen van de gezondheid, maar daarin worden niet expliciet de gevolgen van onveranderd gedrag afgewogen tegen de gevolgen van veranderd gedrag. Veel minder interventies zijn gevonden die vallen onder het onderdeel evalueren van de toekomst. Van hét kenmerk van Future-Me dat de voorspelde gezondheid wordt geplaatst in de bredere context van andere domeinen in iemands leven (waarden, doelen, activiteiten) is geen enkel voorbeeld gevonden. Een kritische kanttekening is dat het lastig bleek om een passende zoekstrategie te vinden om de literatuur te doorzoeken. Het zoeken was daarbij gericht op een interventie die het volledige Future-Me concept dekte (zie Figuur 1). Bij de consultatie van de experts bleek ongeveer de helft te reageren op de vraag naar Future-Me achtige concepten. Echter diegene die reageerden, waren allemaal zodanig ingevoerd in het veld en zeker van hun zaak, dat de verwachting is dat meer experts geen ander antwoord zal geven. De i-database bevat een redelijk omvangrijk aantal Nederlandse interventies en ook daarin zijn geen voorbeelden gevonden. Welke vervolgstappen zijn aan te bevelen? Gegeven dat er nog geen Future-Me achtige interventie bestaat, zijn er een aantal mogelijkheden. Ten eerste, onderzoek naar aspecten van het model (Figuur 1) waar de onderliggende (gedragstheoretische) kennis nog beperkt is. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan het systematischer nagaan welke biases en heuristieken mensen gebruiken bij het inschatten van hun eigen toekomst en welke technieken er zijn om deze te ontkrachten (zgn. debiasing ). Bijvoorbeeld, Wilson et al. (2012) vonden dat een toekomstbeeld vroeger in de tijd positiever werd beoordeeld dan een toekomstbeeld later in de tijd. Een manier om dit te ontkrachten was door een zelfbevestigingstechniek (zgn. self-affirmation ) te gebruiken, waarin mensen bevestigd worden in hun persoonlijke waarden en kracht, waardoor men minder defensief reageert op informatie die het zelfbeeld bedreigt (zie Epton & Harris, 2008). Een ander voorbeeld is dat mensen verschillen in hun oriëntatie op de toekomst, sommige zijn meer gericht op lange termijn gevolgen dan anderen. Joireman et al. (2012) laten zien dat mensen die meer letten op de toekomst meer geneigd zijn gezond te eten en meer te bewegen. Een dergelijk persoonlijkheidsverschil kan gebruikt worden om te tailoren of te personaliseren bij Future-Me achtige interventies. Ten tweede, een inventarisatie naar interventies die specifiek gericht zijn op de aparte onderdelen van het Future-Me raamwerk. Binnen het onderdeel voorspellen van de gezondheid lijkt het of interventies met risico-calculatoren redelijk los staan van de getailorde gezondheidsinterventies. Daar interventies op het gebied van het voorspellen van de gezondheid een breed gebied bestrijkt is het advies om deze inventarisatie te richten op een specifiek gezondheidsdomein. De suggestie is om aan te sluiten bij de bekende risico-calculatoren van het KWF en het preventieconsult (zie sectie 2.1 voorbeelden risico-calculatoren). Dit betekent vormen van kanker of het cardiometabool syndroom. Dit laatste sluit aan bij de aandacht vanuit

Sleutels tot interventiesucces: welke combinaties van methodieken zorgen voor gezond beweeg- en voedingsgedrag?

Sleutels tot interventiesucces: welke combinaties van methodieken zorgen voor gezond beweeg- en voedingsgedrag? TNO-rapport TNO/LS 2012 R10218 Sleutels tot interventiesucces: welke combinaties van methodieken zorgen voor gezond beweeg- en voedingsgedrag? Behavioural and Societal Sciences Wassenaarseweg 56 2333 AL

Nadere informatie

Dr. Hilde Verbeek 15 april 2014. Department of Health Services Research Focusing on Chronic Care and Ageing 1

Dr. Hilde Verbeek 15 april 2014. Department of Health Services Research Focusing on Chronic Care and Ageing 1 Dr. Hilde Verbeek 15 april 2014 Department of Health Services Research Focusing on Chronic Care and Ageing 1 Doelstelling Nurses on the Move Bijdragen aan verbetering kwaliteit van zorg in verpleeg- en

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting De levensverwachting van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) is gemiddeld 13-30 jaar korter dan die van de algemene bevolking. Onnatuurlijke doodsoorzaken zoals

Nadere informatie

How to present online information to older cancer patients N. Bol

How to present online information to older cancer patients N. Bol How to present online information to older cancer patients N. Bol Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Goede informatievoorziening is essentieel voor effectieve

Nadere informatie

risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten

risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten Hart- en vaatziekten vormen een grote bedreiging voor de volksgezondheid.

Nadere informatie

Verbeteren van gezondheidsvaardigheden van ouderen in Europa EU-FP7-IROHLA. NCVGZ April 2013 Andrea de Winter. Jaap Koot & Menno Reijneveld

Verbeteren van gezondheidsvaardigheden van ouderen in Europa EU-FP7-IROHLA. NCVGZ April 2013 Andrea de Winter. Jaap Koot & Menno Reijneveld Verbeteren van gezondheidsvaardigheden van ouderen in Europa NCVGZ April 2013 Andrea de Winter EU-FP7-IROHLA Jaap Koot & Menno Reijneveld Omvang en aard van problemen met gezondheidsvaardigheden Doelen

Nadere informatie

Het PreventieConsult in de huisartsenpraktijk

Het PreventieConsult in de huisartsenpraktijk Het PreventieConsult in de huisartsenpraktijk Dé verbindingsschakel tussen 1 e lijn en publieke gezondheid Ton Drenthen, NHG Gerrit Vink, Agnes de Bruijn, Astmafonds NCVGZ 12 april 2012 Achtergrond Toenemende

Nadere informatie

hoofdstuk 1 hoofdstuk 2 hoofdstuk 3

hoofdstuk 1 hoofdstuk 2 hoofdstuk 3 SAMENVATTING Dit proefschrift is gewijd aan Bouwen aan Gezondheid : een onderzoek naar de effectiviteit van een leefstijlinterventie voor werknemers in de bouwnijverheid met een verhoogd risico op hart

Nadere informatie

Bedrijfskundige opbrengsten van investeren in Vitaliteit en Gezondheid. Prof. Dr. Gerard I.J.M. Zwetsloot

Bedrijfskundige opbrengsten van investeren in Vitaliteit en Gezondheid. Prof. Dr. Gerard I.J.M. Zwetsloot Bedrijfskundige opbrengsten van investeren in Vitaliteit en Gezondheid Prof. Dr. Gerard I.J.M. Zwetsloot Programma Workshop Eerste deel: Presentatie Visie op Gezond Ondernemen Een paar voorbeelden van

Nadere informatie

Helpt het hulpmiddel?

Helpt het hulpmiddel? Helpt het hulpmiddel? Het belang van meten Zuyd, Lectoraat Autonomie en Participatie Faculteit Gezondheidszorg Dr. Ruth Dalemans, Prof. Sandra Beurskens 08-10-13 Doelstellingen van deze presentatie Inzicht

Nadere informatie

Gezondheidsvaardigheden in Nederland

Gezondheidsvaardigheden in Nederland Gezondheidsvaardigheden in Nederland ontwikkelingen in onderzoek, beleid en praktijk Jany Rademakers NIVEL, Utrecht Gezondheidsvaardigheden op de agenda in Nederland (1) 2010 Alliantie Gezondheidsvaardigheden

Nadere informatie

samenvatting 127 Samenvatting

samenvatting 127 Samenvatting 127 Samenvatting 128 129 De ziekte van Bechterew, in het Latijn: Spondylitis Ankylopoëtica (SA), is een chronische, inflammatoire reumatische aandoening die zich vooral manifesteert in de onderrug en wervelkolom.

Nadere informatie

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest.

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest. Samenvatting 152 Samenvatting Ieder jaar krijgen in Nederland 16.000 mensen een hartstilstand. Hoofdstuk 1 beschrijft de achtergrond van dit proefschrift. De kans om een hartstilstand te overleven is met

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Het aantal mensen met een gestoorde nierfunctie is de afgelopen decennia sterk toegenomen. Dit betekent dat er steeds meer mensen moeten dialyseren of een niertransplantatie moeten

Nadere informatie

Het begrijpelijk communiceren van een gezondheidsrisico

Het begrijpelijk communiceren van een gezondheidsrisico Het begrijpelijk communiceren van een gezondheidsrisico Dr. Olga Damman Dr. Maaike van den Haak Nina Bogaerts, Msc Amber van der Meij, Bsc Prof.dr. Danielle Timmermans Quality of Care EMGO Institute for

Nadere informatie

Deel 1: Positieve psychologie

Deel 1: Positieve psychologie Deel 1: Positieve psychologie Welkom bij: Positieve gezondheid. Jan Auke Walburg 2 Carla Leurs 3 4 Bloei Bloei is de ontwikkeling van het fysieke en mentaal vermogen. Welbevinden en gezondheid Verschillende

Nadere informatie

Regionale VTV 2011. Levensverwachting en sterftecijfers. Referent: Drs. M.J.J.C. Poos, R.I.V.M.

Regionale VTV 2011. Levensverwachting en sterftecijfers. Referent: Drs. M.J.J.C. Poos, R.I.V.M. Regionale VTV 2011 Levensverwachting en sterftecijfers Regionale Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2011 Hart voor Brabant Deelrapport Levensverwachting en sterftecijfers Auteurs: Dr. M.A.M. Jacobs-van

Nadere informatie

Samenvatting Samenvatting

Samenvatting Samenvatting Samenvatting Samenvatting Binnen het domein van hart- en vaatziekten is een bypassoperatie de meest uitgevoerde chirurgische ingreep. Omdat bij een hartoperatie het borstbeen wordt doorgesneden en er meestal

Nadere informatie

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Toelichting bij de criteria voor het beoordelen van de kwaliteit van een

Nadere informatie

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics 1 Inleiding Veel organisaties hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Het is een uitdaging om ouderen te identificeren die baat kunnen hebben bij een interventie gericht op de preventie van beperkingen in het dagelijks leven op het moment dat dergelijke

Nadere informatie

Ruth Dalemans Kenniskring Autonomie en Participatie van chronisch zieken en kwetsbare ouderen HET LEVEN. Dr. Ruth Dalemans

Ruth Dalemans Kenniskring Autonomie en Participatie van chronisch zieken en kwetsbare ouderen HET LEVEN. Dr. Ruth Dalemans Ruth Dalemans Kenniskring Autonomie en Participatie van chronisch zieken en kwetsbare ouderen IMPACT VAN AFASIE OP HET LEVEN Dr. Ruth Dalemans Onderzoek en onderwijs Promotietraject Rol van de student

Nadere informatie

(Na)zorg bewust meten

(Na)zorg bewust meten 26 Het volgen van uitbehandelde patiënten levert waardevolle inzichten op (Na)zorg bewust meten Tekst: Simone Fens, Ellis van Duist, Marjon Woudstra Qualizorg en MTCZorg zijn twee jaar geleden een initiatief

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting 8. * COgnitive Functions And Mobiles; in dit advies aangeduid als het TNO-onderzoek.

Samenvatting. Samenvatting 8. * COgnitive Functions And Mobiles; in dit advies aangeduid als het TNO-onderzoek. Samenvatting In september 2003 publiceerde TNO de resultaten van een onderzoek naar de effecten op het welbevinden en op cognitieve functies van blootstelling van proefpersonen onder gecontroleerde omstandigheden

Nadere informatie

Vroeg opsporen en voorkomen achteruitgang chronische nierschade

Vroeg opsporen en voorkomen achteruitgang chronische nierschade Factsheet Nieren en nierschade deel 5 Vroeg opsporen en voorkomen achteruitgang chronische nierschade In Nederland hebben 1,7 miljoen mensen chronische nierschade. Dit is in veel gevallen het gevolg van

Nadere informatie

Lessons Learned bij de Pilot Verbinden Erkenningstraject Interventies en Serious Games.

Lessons Learned bij de Pilot Verbinden Erkenningstraject Interventies en Serious Games. Lessons Learned bij de Pilot Verbinden Erkenningstraject Interventies en Serious Games. 2015 Nederlands Jeugdinstituut Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Docenten in het hoger onderwijs zijn experts in wát zij doceren, maar niet noodzakelijk in hóe zij dit zouden moeten doen. Dit komt omdat zij vaak weinig tot geen training hebben gehad in het lesgeven.

Nadere informatie

Samenvatting. Inleiding

Samenvatting. Inleiding 214 Inleiding Als werknemers door ziekte twee jaar niet hebben kunnen werken of maar gedeeltelijk hebben kunnen werken, kunnen zij een arbeidsongeschiktheidsuitkering aanvragen bij UWV. Mede op basis van

Nadere informatie

De ziektelastmeter COPD: de betrouwbaarheid en de ervaringen van huisartsen tot nu toe. Onno van Schayck. Cahag Conferentie 15-1-2015.

De ziektelastmeter COPD: de betrouwbaarheid en de ervaringen van huisartsen tot nu toe. Onno van Schayck. Cahag Conferentie 15-1-2015. De ziektelastmeter COPD: de betrouwbaarheid en de ervaringen van huisartsen tot nu toe Onno van Schayck Cahag Conferentie 15-1-2015 Disclosure belangen spreker (Potentiële) belangenverstrengeling Voor

Nadere informatie

Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten

Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten In dit proefschrift werd de relatie tussen depressie en het risico voor hart- en vaatziekten onderzocht in een groep

Nadere informatie

Monitor CGL-producten 2014

Monitor CGL-producten 2014 Monitor CGL-producten Jaarlijks monitort RIVM Centrum Gezond Leven (CGL) hoe professionals CGLproducten gebruiken. Op basis van deze kwantitatieve monitorresultaten schatten we in welke producten, hoe

Nadere informatie

Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden door verstandelijke beperkingen

Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden door verstandelijke beperkingen Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden door verstandelijke beperkingen Een speciale uitdaging voor het huisartsenteam en het steunnetwerk Dr. Jany Rademakers, NIVEL Drs. Jeanny

Nadere informatie

Dutch Summary - Nederlandse Samenvatting

Dutch Summary - Nederlandse Samenvatting 119 Hoofdstuk 1 - Algemene inleiding Hoofdstuk 1 bevat algemene informatie over type 2 diabetes, waarin onderwerpen aan bod komen zoals: risicofactoren voor het ontwikkelen van type 2 diabetes, de gevolgen

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

PreventieKompas. HRM 2.0 in Contact Centers. Dr. Marnix Hoppener

PreventieKompas. HRM 2.0 in Contact Centers. Dr. Marnix Hoppener PreventieKompas Mooi weer spelen of een zonnebril opzetten? HRM 2.0 in Contact Centers Dr. Marnix Hoppener Gezonde geest Gemotiveerd en Productief op werkplek Het beste uit je mensen halen Individu Organisatie

Nadere informatie

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

Preventie Bevorderen van gezond gedrag

Preventie Bevorderen van gezond gedrag Preventie Preventie Bevorderen van gezond gedrag Marleen Mares Pepijn Roelofs Tweede druk Boom Lemma uitgevers Amsterdam 2015 Voorwoord In de Nederlandse Grondwet ligt vastgelegd dat de overheid verantwoordelijk

Nadere informatie

SAMENVATTING. MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172

SAMENVATTING. MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172 SAMENVATTING MVW_proefschrift_170x240_17042013.indd 172 ALIFE@WORK DE EFFECTEN VAN EEN LEEFSTIJLPROGRAMMA MET BEGELEIDING OP AFSTAND VOOR GEWICHTSCONTROLE BIJ WERKNEMERS ACHTERGROND Overgewicht, waarvan

Nadere informatie

Participation in leisure activities of children and adolescents with physical disabilities Maureen Bult

Participation in leisure activities of children and adolescents with physical disabilities Maureen Bult Participation in leisure activities of children and adolescents with physical disabilities Maureen Bult Participatie in vrijetijdsactiviteiten van kinderen en adolescenten met een lichamelijke beperking

Nadere informatie

Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld

Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld, M. Heijmans, NIVEL, augustus 2013) worden gebruikt.

Nadere informatie

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Nederlandse samenvatting INLEIDING Mensen met een mogelijk verhoogde kans op kanker kunnen zich

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis

Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis Samenvatting Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis Hoofdstuk 1 bevat de algemene inleiding van dit proefschrift. Dit hoofdstuk

Nadere informatie

LANDELIJKE EN REGIONALE SCENARIO S VOOR TOEKOMST VAN ZORG EN GEZONDHEID

LANDELIJKE EN REGIONALE SCENARIO S VOOR TOEKOMST VAN ZORG EN GEZONDHEID LANDELIJKE EN REGIONALE SCENARIO S VOOR TOEKOMST VAN ZORG EN GEZONDHEID Momenteel zijn er veel veranderingen op het gebied van zorg en gezondheid. Het is daardoor moeilijk te voorspellen hoe dit veld er

Nadere informatie

HET 'GEZOND ETEN PROGRAMMA' VOOR BEDRIJVEN

HET 'GEZOND ETEN PROGRAMMA' VOOR BEDRIJVEN HET 'GEZOND ETEN PROGRAMMA' VOOR BEDRIJVEN INLEIDING @Ease Lifestyle B.V. heeft als missie de Nederlandse bevolking gezonder te maken, waarbij onze focus ligt op gezonde voeding. We richten ons hierbij

Nadere informatie

Samenvatting R1 R2 R3 R4 R5 R6 R7 R8 R9

Samenvatting R1 R2 R3 R4 R5 R6 R7 R8 R9 SAMENVATTING 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 134 Type 2 diabetes is een veel voorkomende ziekte die een grote impact heeft op zowel degene waarbij

Nadere informatie

EFFECTIVITEITSONDERZOEK PROFESSIONAL ORGANIZING. NBPO Oktober 2012- Oktober 2014

EFFECTIVITEITSONDERZOEK PROFESSIONAL ORGANIZING. NBPO Oktober 2012- Oktober 2014 EFFECTIVITEITSONDERZOEK PROFESSIONAL ORGANIZING NBPO Oktober 2012- Oktober 2014 Colofon Uitgave: Research 2Evolve Tesselschadelaan 15A 1217 LG Hilversum Tel: (035) 623 27 89 info@research2evolve.nl www.research2evolve.nl

Nadere informatie

Samenvatting (summary in Dutch)

Samenvatting (summary in Dutch) Samenvatting (summary in Dutch) 149 Samenvatting (summary in Dutch) Één van de meest voorkomende en slopende ziektes is depressie. De impact op het dagelijks functioneren en op de samenleving is enorm,

Nadere informatie

29/05/2013. ICF en indicering ICF

29/05/2013. ICF en indicering ICF en indicering 1 = International Classification of Functioning, disability and health World Health Organisation (2001) is complementair met ICD-10 Wat? Classificatie van gezondheids en gezondheidsgerelateerde

Nadere informatie

SAMENVATTING. Samenvatting

SAMENVATTING. Samenvatting SAMENVATTING. 167 Met de komst van verpleegkundigen gespecialiseerd in palliatieve zorg, die naast de huisarts en verpleegkundigen van de thuiszorg, thuiswonende patiënten bezoeken om te zorgen dat patiënten

Nadere informatie

218 SAMENVATTING De prevalentie van overgewicht en obesitas bij kinderen is de laatste jaren sterk toegenomen. In Nederland hebben 12.8% van de jongen

218 SAMENVATTING De prevalentie van overgewicht en obesitas bij kinderen is de laatste jaren sterk toegenomen. In Nederland hebben 12.8% van de jongen Samenvatting 217 218 SAMENVATTING De prevalentie van overgewicht en obesitas bij kinderen is de laatste jaren sterk toegenomen. In Nederland hebben 12.8% van de jongens en 14.8% van de meisjes overgewicht,

Nadere informatie

Langer leven? LICHAAMSBEWEGING EN Meer bewegen. Marjolein Visser. ACA Congres 2012

Langer leven? LICHAAMSBEWEGING EN Meer bewegen. Marjolein Visser. ACA Congres 2012 ACA Congres 2012 LICHAAMSBEWEGING EN SUCCESVOL OUDER WORDEN Meer bewegen - Afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit der Aard- en Levenswetenschappen, Vrije Universiteit; - Afdeling Epidemiologie en

Nadere informatie

Samenvatting Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie

Samenvatting Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie Zoals beschreven in hoofdstuk 1, is artrose een chronische ziekte die vaak voorkomt bij ouderen en in het bijzonder

Nadere informatie

STABLE LOVE, STABLE LIFE?

STABLE LOVE, STABLE LIFE? STABLE LOVE, STABLE LIFE? De rol van sociale steun en acceptatie in de relatie van paren die leven met de ziekte van Ménière Oktober 2011 Auteur: Drs. Marise Kaper Master Sociale Psychologie, Rijksuniversiteit

Nadere informatie

Individuele verschillen in. persoonlijkheidskenmerken. Een genetisch perspectief

Individuele verschillen in. persoonlijkheidskenmerken. Een genetisch perspectief N Individuele verschillen in borderline persoonlijkheidskenmerken Een genetisch perspectief 185 ps marijn distel.indd 185 05/08/09 11:14:26 186 In de gedragsgenetica is relatief weinig onderzoek gedaan

Nadere informatie

Ouderenmonitor 2011. Gezondheidsonderzoek 65-plussers regio Nijmegen. Gezondheidsonderzoek kinderen 0-12 jaar regio Nijmegen

Ouderenmonitor 2011. Gezondheidsonderzoek 65-plussers regio Nijmegen. Gezondheidsonderzoek kinderen 0-12 jaar regio Nijmegen Ouderenmonitor 2011 Gezondheidsonderzoek 65-plussers regio Nijmegen Gezondheidsonderzoek kinderen 0-12 jaar regio Nijmegen De Ouderenmonitor is een onderzoek naar de lichamelijke, sociale en geestelijke

Nadere informatie

Kansen voor gezondheid

Kansen voor gezondheid 10-6-2015 1 g Kansen voor gezondheid L a n g e r Jan Auke Walburg Vraagstelling Hoe kan je de gezondheid en het welbevinden van een populatie bevorderen zodanig dat: mentale en somatische ziektes afnemen

Nadere informatie

BedrijfsGezondheidsIndex 2006

BedrijfsGezondheidsIndex 2006 BedrijfsGezondheidsIndex 2006 Op het werk zijn mannen vitaler dan vrouwen Mannen zijn vitaler en beter inzetbaar dan vrouwen. Dit komt mede doordat mannen beter omgaan met stress. Dit blijkt uit de jaarlijkse

Nadere informatie

NVAB-richtlijn blijkt effectief

NVAB-richtlijn blijkt effectief NVAB-richtlijn blijkt effectief Nieuwenhuijsen onderzocht de kwaliteit van de sociaal-medische begeleiding door bedrijfsartsen van werknemers die verzuimen vanwege overspannenheid, burn-out, depressies

Nadere informatie

Wat is Positieve gezondheid en wat kan het voor ouderen betekenen?

Wat is Positieve gezondheid en wat kan het voor ouderen betekenen? Beter Oud Worden in Amsterdam - 31 maart 2015 Wat is Positieve gezondheid en wat kan het voor ouderen betekenen? Dr. Machteld Huber, arts, senior-onderzoeker Louis Bolk Instituut, Driebergen www.louisbolk.nl

Nadere informatie

Chapter 10 Samenvatting

Chapter 10 Samenvatting Chapter 10 Samenvatting Chapter 10 De laatste jaren is de mortaliteit bij patiënten met psychotische aandoeningen gestegen terwijl deze in de algemene populatie per leeftijdscategorie is gedaald. Een belangrijke

Nadere informatie

Leefstijlkoers. De koers van uw leefstijl is gezond. Kijk op de volgende pagina voor een overzicht van uw leefstijl. 1 / 7

Leefstijlkoers. De koers van uw leefstijl is gezond. Kijk op de volgende pagina voor een overzicht van uw leefstijl. 1 / 7 Leefstijlkoers De koers van uw leefstijl is gezond. Kijk op de volgende pagina voor een overzicht van uw leefstijl. 1 / 7 Leefstijloverzicht U ziet hieronder wat uw score is op de verschillende aspecten

Nadere informatie

SAMENVATTING. Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift

SAMENVATTING. Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift 153 SAMENVATTING Achtergrond en doelstellingen van dit proefschrift Angst en depressie zijn de meest voorkomende psychische stoornissen, de ziektelast is hoog en deze aandoeningen brengen hoge kosten met

Nadere informatie

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817).

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817). > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 255 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

Factsheet. Meet the Needs. Onderzoek naar de behoefte aan leefstijlaanbod van mensen met een lage SES in Maastricht

Factsheet. Meet the Needs. Onderzoek naar de behoefte aan leefstijlaanbod van mensen met een lage SES in Maastricht Factsheet Meet the Needs Onderzoek naar de behoefte aan leefstijlaanbod van mensen met een lage SES in Maastricht ZIO, Zorg in Ontwikkeling Regio Maastricht-Heuvelland Maart 2013 Colofon: Onderzoeksteam

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Zowel beleidsmakers en zorgverleners als het algemene publiek zijn zich meer en meer bewust van de essentiële rol van kwaliteitsmeting en - verbetering in het verlenen van

Nadere informatie

Welke vragenlijst voor mijn onderzoek?

Welke vragenlijst voor mijn onderzoek? Welke vragenlijst voor mijn onderzoek? NHG wetenschapsdag 2010 Caroline Terwee Kenniscentrum Meetinstrumenten VUmc Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek VU medisch centrum Inhoud 1. Presentatie 2. Kritisch

Nadere informatie

COMPUTERWERK. Multidisciplinaire Richtlijn NVAB. Dr. Erwin. M. Speklé, Eur.Erg. Voorzitter Human Factors NL

COMPUTERWERK. Multidisciplinaire Richtlijn NVAB. Dr. Erwin. M. Speklé, Eur.Erg. Voorzitter Human Factors NL COMPUTERWERK Multidisciplinaire Richtlijn NVAB Dr. Erwin. M. Speklé, Eur.Erg. Voorzitter Human Factors NL PROGRAMMA Begripsbepaling computerwerk Uitgangspunten en doel Inhoud richtlijn Behandeling vragen

Nadere informatie

waardoor een beroerte kan worden gezien als een chronische aandoening.

waardoor een beroerte kan worden gezien als een chronische aandoening. amenvatting Elk jaar krijgen in Nederland zo n 45.000 mensen een beroerte, ook wel CVA (Cerebro Vasculair Accident) genoemd. Ongeveer 60% van hen keert na opname in het ziekenhuis of revalidatiecentrum

Nadere informatie

Stadia chronische nierschade

Stadia chronische nierschade Factsheet Nieren en nierschade deel 3 Nierschade vraagt om continue alertheid en aandacht van de behandelaar Nierfunctie en eiwitverlies: voorspellers van complicaties Stadia chronische nierschade Nierschade

Nadere informatie

Hoe weet ik waarom mijn interventies werken en voor wie?

Hoe weet ik waarom mijn interventies werken en voor wie? Hoe weet ik waarom mijn interventies werken en voor wie? Maartje van Stralen: Mine Yildirim: Femke van Nassau: Mia Kösters: Hoe evalueer ik hoe mijn interventie werkt? Analyse van mediatoren Hoe evalueer

Nadere informatie

Vitale Vaten. Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011

Vitale Vaten. Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011 Vitale Vaten Ineke Sterk projectleider Vitale Vaten 4 oktober 2011 Dé Gezonde regio: waar? Dé Gezonde regio: wie? Verleiden Opbouw presentatie Inleiding hart- en vaatziekten Project Vitale Vaten Gorinchem

Nadere informatie

Stepped care, zelfmanagement en e-health bij het herstel na kanker: van hype naar trend

Stepped care, zelfmanagement en e-health bij het herstel na kanker: van hype naar trend Stepped care, zelfmanagement en e-health bij het herstel na kanker: van hype naar trend Prof dr Irma Verdonck-de Leeuw psycholoog, logopedist, taalkundige VU medisch centrum Cancer Center Amsterdam Vrije

Nadere informatie

Bestrijding ongezonde leefstijl hard nodig om forse stijging diabetes, hart- en vaatziekten en nierfalen te voorkomen.

Bestrijding ongezonde leefstijl hard nodig om forse stijging diabetes, hart- en vaatziekten en nierfalen te voorkomen. Amersfoort, Bussum, Den Haag, 5 april 2007 Bestrijding ongezonde leefstijl hard nodig om forse stijging diabetes, hart- en vaatziekten en nierfalen te voorkomen. Oproep aan de leden van de vaste commissie

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/20846 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/20846 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/20846 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Knittle, Keegan Title: Motivation, self-regulation and physical activity among

Nadere informatie

arbo 42 11-10-2013 17:27:30

arbo 42 11-10-2013 17:27:30 arbo 42 11-10-2013 17:27:30 e brengen een hoge werkdruk vaak in verband met een breed scala aan gezondheids- en veiligheidsrisico s, variërend van vermoeidheid en fysieke klachten tot hartziekten of ongelukken

Nadere informatie

Work Ability Index Duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers

Work Ability Index Duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers Work Ability Index Duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers JA-Groep Arbo Verzuimmanagement Licentiehouder Blikopwerk.nl Het Ravelijn 1 (gebouw Kamer van Koophandel) 8233 BR Lelystad T 0320 286724 info@jonkmanassurantiegroep.nl

Nadere informatie

Samenvatting Jong; dus gezond!?

Samenvatting Jong; dus gezond!? Samenvatting Jong; dus gezond!? Deel III Gezondheidsprofiel regio Nieuwe Waterweg Noord, 2005-2008 Samenvatting rapport Jong; dus gezond!? Gezondheidssituatie van de Jeugd (2004-2006) Regio Nieuwe Waterweg

Nadere informatie

PPMO (periodiek preventief medisch onderzoek) voor repressief brandweerpersoneel: V: beoordeling

PPMO (periodiek preventief medisch onderzoek) voor repressief brandweerpersoneel: V: beoordeling Rapportnr. 1102 PPMO (periodiek preventief medisch onderzoek) voor repressief brandweerpersoneel: V: December 2010 Opgesteld voor VNG in opdracht van de STICHTING A+O FONDS GEMEENTEN door: Dr JK Sluiter,

Nadere informatie

Begeleidende zorg bij kanker: zelfmanagement en ehealth

Begeleidende zorg bij kanker: zelfmanagement en ehealth Begeleidende zorg bij kanker: zelfmanagement en ehealth Prof dr Irma Verdonck-de Leeuw Vumc, afdeling Keel-, Neus- en Oorheelkunde / hoofd-halschirurgie Vrije Universiteit, Klinische Psychologie Zelfmanagement

Nadere informatie

en psychosociale werkkenmerken voorspellen wie van de nog actief werkende bedrijfsen/

en psychosociale werkkenmerken voorspellen wie van de nog actief werkende bedrijfsen/ Moe! Studies naar hulpzoekend gedrag laten zien dat het besluit om een arts te bezoeken doorgaans het resultaat is van een complex proces. Niet alleen gezondheidsgerelateerde, maar ook sociale, culturele

Nadere informatie

Overzicht. Relaties tussen persoonlijke factoren, activiteiten, participatie en kwaliteit van leven. Wat weten we al? Wat weten we al?

Overzicht. Relaties tussen persoonlijke factoren, activiteiten, participatie en kwaliteit van leven. Wat weten we al? Wat weten we al? Overzicht Relaties tussen persoonlijke factoren, activiteiten, participatie en kwaliteit van leven Christel van Leeuwen Marcel Post Paul Westers Lucas van der Woude Sonja de Groot Tebbe Sluis Hans Slootman

Nadere informatie

Overgewicht, obesitas, sedentair gedrag en afname van de lichamelijke

Overgewicht, obesitas, sedentair gedrag en afname van de lichamelijke SAMENVATTING 209 Preventie van diabetes en hart-en vaatziekten in de eerstelijns gezondheidzorg -- het Leefstijl Onderzoek West-Friesland -- Type 2 diabetes (suikerziekte) en hart-en vaatziekten zijn gezondheidsproblemen

Nadere informatie

Rapportage voor Saffier De Residentiegroep. Lerende Evaluatie: De stand voor de transitie naar een nieuw woonzorgconcept

Rapportage voor Saffier De Residentiegroep. Lerende Evaluatie: De stand voor de transitie naar een nieuw woonzorgconcept Rapportage voor Saffier De Residentiegroep Lerende Evaluatie: De stand voor de transitie naar een nieuw woonzorgconcept 24 februari 2015 Lerende Evaluatie: De stand voor de transitie naar een nieuw woonzorg-

Nadere informatie

Huiswerk, het huis uit!

Huiswerk, het huis uit! Huiswerk, het huis uit! Een explorerend onderzoek naar de effecten van studiebegeleiding op attitudes en gedragsdeterminanten en de bijdrage van de sociale- en leeromgeving aan deze effecten Samenvatting

Nadere informatie

Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9. Samenvatting

Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9. Samenvatting Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9 Samenvatting 155 Chapter 9 Samenvatting SAMENVATTING Richtlijnen en protocollen worden ontwikkeld om de variatie van professioneel handelen te reduceren, om kwaliteit van

Nadere informatie

Landelijke monitor populatiemanagement. Hanneke Drewes Richard Heijink Jeroen Struijs Caroline Baan (pl)

Landelijke monitor populatiemanagement. Hanneke Drewes Richard Heijink Jeroen Struijs Caroline Baan (pl) Landelijke monitor populatiemanagement Hanneke Drewes Richard Heijink Jeroen Struijs Caroline Baan (pl) 28 november 2013 Inhoud 1. Achtergrond 2. Conceptueel raamwerk 3. Procesmonitor 4. Uitkomstenmonitor

Nadere informatie

Samenvatting Deel I Onderzoeksmethodologie in onderzoek naar palliatieve zorg in instellingen voor langdurige zorg

Samenvatting Deel I Onderzoeksmethodologie in onderzoek naar palliatieve zorg in instellingen voor langdurige zorg Samenvatting Palliatieve zorg is de zorg voor mensen waarbij genezing niet meer mogelijk is. Het doel van palliatieve zorg is niet om het leven te verlengen of de dood te bespoedigen maar om een zo hoog

Nadere informatie

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131 chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 132 Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 133 Zaadbalkanker wordt voornamelijk bij jonge mannen vastgesteld

Nadere informatie

PSYCHOMETRISCHE EIGENSCHAPPEN VAN PATIËNTGERAPPORTEERDE UITKOMSTMATEN

PSYCHOMETRISCHE EIGENSCHAPPEN VAN PATIËNTGERAPPORTEERDE UITKOMSTMATEN Reumatoïde artritis (RA) is een chronische ziekte die gekenmerkt wordt door gewrichtsontstekingen. Deze ontstekingen gaan gepaard met pijnklachten, zwelling en stijfheid en kunnen op den duur leiden tot

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Poortvliet, Rosalinde Title: New perspectives on cardiovascular risk prediction

Nadere informatie

Ontwikkeling en Evaluatie van een vitaliteitsprogramma voor oudere werknemers in de zorg: het Vital@Work onderzoek

Ontwikkeling en Evaluatie van een vitaliteitsprogramma voor oudere werknemers in de zorg: het Vital@Work onderzoek Ontwikkeling en Evaluatie van een vitaliteitsprogramma voor oudere werknemers in de zorg: het Vital@Work onderzoek Dr. Jorien Strijk Dr. Karin Proper Prof. dr. Allard van der Beek Prof. dr. van Mechelen

Nadere informatie

Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie. Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven.

Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie. Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven. * Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven In dit proefschrift worden de resultaten van de PERRIN CP 9-16 jaar studie (Longitudinale

Nadere informatie

De psychologie van de wanbetaler

De psychologie van de wanbetaler 07-10-2015 De psychologie van de wanbetaler Dr. Martijn Keizer Rijksuniversiteit Groningen m.keizer@rug.nl Deze presentatie Deze presentatie Hoe motiveren we debiteuren om actie te ondernemen? Overzicht

Nadere informatie

SAMENVATTING. Schiemanck_totaal_v4.indd 133 06-03-2007 10:13:56

SAMENVATTING. Schiemanck_totaal_v4.indd 133 06-03-2007 10:13:56 SAMENVATTING Schiemanck_totaal_v4.indd 133 06-03-2007 10:13:56 Schiemanck_totaal_v4.indd 134 06-03-2007 10:13:56 Samenvatting in het Nederlands Beroerte (Cerebro Vasculair Accident; CVA) is een veel voorkomende

Nadere informatie

Systematic Reviews Dr. Hester Vermeulen

Systematic Reviews Dr. Hester Vermeulen Systematic Reviews Dr. Hester Vermeulen Amsterdam School of Health Professionals / HvA Amsterdam Kwaliteit en Proces Innovatie / AMC Amsterdam Goede zorg Effectief Doelmatig Veilig Tijdig Toegankelijk

Nadere informatie

4 Het proces van zelfmanagementondersteuning

4 Het proces van zelfmanagementondersteuning 7 Inhoud 1 Inleiding 9 1.1 Chronische aandoeningen 10 1.2 Zelfmanagement 17 1.3 Generiek model Zelfmanagement 25 1.4 Zelfmanagement en gerelateerde begrippen 29 2 Context 39 2.1 Samenleving: participatie

Nadere informatie

Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling.

Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling. Rapport Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling. Auteurs: F.J.M. van Leerdam 1 K. Kooijman 2 F. Öry 1 M. Landweer 3 1: TNO Preventie en Gezondheid Postbus

Nadere informatie