'De Leerarena' Monodisciplinair Beleidsplan Leeragentschap REGIONALE BRANDWEER GELDERLAND-ZUID. Status. Datum: In opdracht van: Auteur

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "'De Leerarena' Monodisciplinair Beleidsplan Leeragentschap REGIONALE BRANDWEER GELDERLAND-ZUID. Status. Datum: In opdracht van: Auteur"

Transcriptie

1 Monodisciplinair Beleidsplan Leeragentschap 'De Leerarena' REGIONALE BRANDWEER GELDERLAND-ZUID Status: Datum: In opdracht van: Auteur: Status Versie 1.0 Definitief Vastgesteld door RMT Datum vaststelling In opdracht van Sector Regionale Brandweer Auteur Jan Pluim

2 Managementsamenvatting De Veiligheidsregio Gelderland-Zuid heeft behoefte aan een monodisciplinair beleidsplan leeragentschap. Op 15 september 2009 is aan de afdeling Operationele Voorbereiding van de Regionale Brandweer Gelderland-Zuid (RBGZ) opdracht gegeven tot het schrijven van dit beleidsplan. Doel De doelstelling van dit beleidsplan is het organiseren van leerprocessen. Het gaat hierbij om kennis ontwikkelen, delen, toepassen en eenduidig evalueren. Relatie met andere ontwikkelingen Een aantal regionale-, en landelijke ontwikkelingen is van invloed geweest bij het maken van dit plan. Het gaat daarbij om o.a.: het rapport 'Veiligheidsbewustzijn bij brandweerpersoneel' van de Inspectie Openbare Orde en Veiligheid uit De inspectie heeft geconstateerd dat de brandweer het organisatorisch leren niet heeft geborgd. In het rapport wordt beschreven hoe je met het Systeem van Organisatorisch Leren (SOL) het leerproces kunt organiseren; het deelplan Repressie uit het regionaliseringstraject 'Samen Sterker' d.d. 5 juni In dit plan is beschreven welke rol de regionale werkgroep Repressie heeft binnen het regionale leeragentschap; het regionale verkenningsdocument 'Het Lerend vermogen van de brandweer' uit Met dit document werd richting gegeven aan het denken over de invulling van het Leeragentschap binnen de RBGZ; het programma 'Verbeteren lerend vermogen brandweer' van de Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding. Dit programma geeft een impuls aan het lerend vermogen van de brandweer; het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel. Dit project beoogt het verhogen en borgen van de kwaliteit van het brandweerpersoneel door een integrale benadering van instroom, opleiding, examinering, oefening en bijscholing. Huidige situatie De brandweer kenmerkt zich door een beperkte veiligheidscultuur. Een van de redenen is het ontbreken van een voldoende veilige leeromgeving. Daardoor ontstaat drempelvrees om melding te maken van leerpunten. Het leerproces verloopt ad-hoc. Het is niet altijd duidelijk wie opdrachtgever is voor een monodisciplinair evaluatierapport. De evaluatoren die worden ingezet bij incidentevaluaties zijn niet specifiek opgeleid voor hun taak. Het verwerken van oefen-, en incidentevaluaties is onderontwikkeld. Daarnaast wordt structureel onderzoek naar brandoorzaak vanuit proactief oogpunt niet uitgevoerd. Gewenste situatie Er is sprake van een veilige leercultuur in de gehele organisatie, van het operationele-, tot en met het strategische niveau. De leidinggevenden hebben de verantwoordelijkheid om het lerend vermogen te stimuleren en te faciliteren. Er worden 'probleemeigenaren' gekoppeld aan verbeteracties. De uitvoering van de verbeteracties wordt indicatief collegiaal getoetst door leden van het RMT. Er vindt op termijn een omslag plaats van reactief-, naar proactief leren. Daartoe maakt onderzoek naar het optreden van de brandweer en het brandverloop, alsmede statistische analyse, structureel onderdeel uit van het leerproces. Er worden daarbij ook lessen getrokken voor proactie en preventie, nazorg of de bedrijfsvoering. De RBGZ sluit zich aan bij de landelijke ontwikkelingen rond het brandonderzoek. Het Systeem voor Organisatorisch Leren is, naast vakbekwaam worden en vakbekwaam blijven een derde pijler binnen het kwaliteitsstelsel dat moet leiden tot blijvende vakbekwaamheid van repressief brandweerpersoneel. Het organisatorisch leren is een schakel in het gehele bedrijfsproces, met als doel de kwaliteitscirkel rond te maken. In dit leerproces onderscheiden we de volgende onderdelen: input verzamelen, analyseren/onderzoeken, verbetervoorstellen maken en uitzetten, verbeteringen uitvoeren, borgen en rapporteren/communiceren. Met betrekking tot borging is het belangrijk binnen het RMT een portefeuillehouder voor het leeragentschap te benoemen. Deze is het eerste aanspreekpunt c.q. sparringpartner voor de regionale leeragent. Het praktisch leren van 'lessen uit incidenten' wordt structureel opgenomen in het regionaal uitvoeringsplan oefenen middels het Bijscholingsprogramma Operationele Vakbekwaamheid (BOV). Door gebruik te maken van de oefenkaarten risico s herkenning -, en actuele ontwikkelingen bij brand, hulpverlening, ongevallen gevaarlijke stoffen en waterongevallen uit de herziene leidraad oefenen, wordt effectief gebruik gemaakt van al ingeplande (lokale) contactmomenten. Er wordt een regionale kennisbank opgezet waarin relevante informatie wordt verzameld die geraadpleegd kan worden. 1

3 Om te meten of de verbeteracties zijn geïmplementeerd en welk effect deze verbeteracties hebben is een digitaal ondersteuningsprogramma (AG5 module leeragentschap) aangeschaft. Het RMT ontvangt halfjaarlijks een voortgangsrapportage over de uitgezette verbeteracties. Jaarlijks wordt gerapporteerd over gesignaleerde trends (profchecks, oefenregistratie, RI&E, klachten opkomsttijden e.d.) binnen de regio. Om de kwaliteit van incidentevaluaties van complexe aard en daarbij gelijktijdig de veilige leeromgeving te borgen, wordt naar interregionale samenwerking gestreefd met omliggende regio's. Om kosten te besparen wordt een poule van opgeleide en gecertificeerde evaluatoren / analisten opgezet. Deze worden met 'gesloten beurzen' op verzoek ingezet. De taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de leeragent en het leeragentschap zijn duidelijk beschreven. Er is een regionaal netwerk van leeragenten. Er wordt op regionaal en lokaal niveau prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van het leeragentschap. Het accent komt daarbij te liggen op het organiseren van processen om het lerend vermogen te verbeteren. Het gaat daarbij vooral om het bij elkaar brengen van relevante betrokkenen om kennis te ontwikkelen en te delen. Daarom heet nu landelijk het leeragentschap 'leerarena' en de leeragent 'kennisregisseur'. In de leerarena staan de kernprocessen initiëren, coördineren en borgen van informatie en kennis centraal. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de sterk ontwikkelde werkgroepenstructuur binnen de RBGZ, die als leerarena's gezien worden. Daarnaast is het afhankelijk van het onderwerp mogelijk dat er extra experticegroepjes worden gevormd die als leerarena worden ingezet. De regionale kennisregisseur is de verantwoordelijk procesmanager binnen de lerende organisatie. Daarnaast levert hij een inhoudelijke bijdrage aan het leren door het geven van workshops of begeleiding van intervisiebijeenkomsten of casuïstiekbesprekingen. De lokale kennisregisseur is de feitelijke equivalent van de regionale kennisregisseur binnen de regionale leerarena. Hij ondersteunt het proces van leren en creëert draagvlak binnen zijn cluster. Implementatie De in dit beleidsplan geformuleerde doelen worden gefaseerd ingevoerd. Om draagvlak te creëren wordt de prioriteit gezocht in datgene wat het dichtst bij de mensen in de organisatie staat, namelijk incidentevaluaties alsmede (bijna) ongevallen. In de tweede fase wordt een aanvang gemaakt met het analyseren van registraties van bv. geoefendheid, uitkomsten van profchecks en uitrukcijfers. Het oprichten van een brandonderzoeksteam en een bovenregionaal incidentevaluatieteam heeft de laagste prioriteit. Deze laatste twee items worden pas geëffectueerd na het op orde hebben van de leerprocessen binnen de RBGZ. Voorgesteld wordt op regionaal niveau de huidige beschikbare formatie voor de kennisregisseur van 0,5 fte, geleidelijk aan uit te breiden tot 0,80 fte in het eerste kwartaal van Deze geleidelijke uitbreiding gaat hand in hand met de geleidelijke afbouw van de benodigde formatie voor het kwartiermakerschap Besluit Kwaliteit Brandweerpersoneel en kan dus kostenneutraal plaatsvinden. Beide taken zijn bij de medewerker Trainen & Leren belegd. Voor het daadwerkelijk realiseren van de verbeteractiviteiten is eveneens capaciteit noodzakelijk op regionaal niveau. Deze capaciteit moet worden gevonden binnen de bestaande bezetting. Gevolg hiervan kan zijn dat andere werkzaamheden blijven liggen of een langere doorlooptijd krijgen. Om een succesvolle start met het organisatorisch leren te kunnen maken is het noodzakelijk dat in de eerste fase van het implementatietraject op clusterniveau capaciteit wordt vrijgemaakt voor een lokale kennisregisseur. Deze lokale kennisregisseur zal ongeveer één dag per week (0,2 fte) 1 nodig hebben om de organisatie van de leerprocessen binnen de clusters vorm te geven. Voor de inbedding van de leerarena's wordt uitgegaan van de schakels proactie, preventie, preparatie, repressie en nazorg uit de veiligheidsketen. Het leren van incidenten heeft de meeste raakvlakken met repressie. Het ligt dan ook voor de hand de leerarena op regionaal-, en lokaal niveau onder te brengen bij de afdeling die belast is met repressie. De vereiste schakel naar het relevant management wordt daarbij ingevuld door een portefeuillehouder binnen het RMT. Financiën Aan het beschreven ambitieniveau zijn uiteraard ook kosten verbonden. De kosten op lokaal niveau worden in uren uitgedrukt. Afhankelijk van de rangen en de daaraan gekoppelde uurtarieven kunnen de kosten op korpsniveau worden bepaald. Er is lokaal geen dekking van de kosten voor formatie-uitbreiding met een lokale kennisregisseur. De uren/kosten voor het BOV-programma wordt gevonden in de bestaande begroting. De kosten van een oefenregistratiesysteem zijn al opgenomen in de lokale begroting. 1 Bron: landellijk netwerk leerarena NVBR 2

4 Alle structurele regionale kosten zijn gedekt binnen de regionale begroting. De eenmalige opleidingskosten van incident-evaluatoren en brandonderzoekers zijn niet gedekt. Onderzocht wordt of hiervoor ESF subsidiegeld (2e fase) beschikbaar is. Communicatie Het organisatorisch leren heeft alles te maken met cultuurverandering. In de gewenste situatie is sprake van een leercultuur, waarbij medewerkers zich vrij voelen om ervaringen en leerpunten bespreekbaar te maken en met elkaar te delen. Interne communicatie is een belangrijk middel in het realiseren van deze cultuurverandering. Naast het uitbrengen van een folder of een special Nader Bericht wordt gebruik gemaakt van de reeds bestaande communicatiemiddelen Infonet, digitale nieuwsbrief en een vaste column in Nader Bericht. Het is van belang dat ook de 'buitenwereld' kennis draagt van de invoering van het organisatorisch leren bij de brandweer Gelderland-Zuid en het doel daarvan. Ook bij deze doelgroepen is draagvlak voor het organisatorisch leren essentieel. Het is bovendien de bedoeling dat aansluiting wordt gezocht met de multidisciplinaire leerarena. Ook dit maakt het noodzakelijk dat de externe doelgroepen kennis dragen van en meegenomen worden in de ontwikkelingen binnen de rode kolom. Ook bij de externe communicatie geldt als uitgangspunt dat primair gebruik wordt gemaakt van de bestaande middelen Multi>Nieuws (Bestuurders en partners) en Interne Nieuwsbrief veiligheidsregio (overige sectoren veiligheidsregio). 3

5 Inhoudsopgave MANAGEMENTSAMENVATTING 1 1. INLEIDING 5 2. DOEL & AFBAKENING DOEL AFBAKENING UITGANGSPUNTEN 6 3. RELATIE MET ANDERE ONTWIKKELINGEN REGIONALE ONTWIKKELINGEN Monodisciplinair Multidisciplinair LANDELIJKE ONTWIKKELINGEN SYSTEEM VOOR ORGANISATORISCH LEREN (SOL) Werkproces Regionaal leeragentschap Lokale leeragent Relevant management Organisatorisch leergeheugen Interacties PROJECT KWALITEIT BRANDWEERPERSONEEL (PKB) HUIDIGE SITUATIE LEERCULTUUR LEERPROCES DELEN VAN INFORMATIE ORGANISATIE GEWENSTE SITUATIE LEERCULTUUR LEERPROCES Input verzamelen Analyseren en onderzoeken Verbetervoorstellen maken Verbeteringen doorvoeren Borging DELEN VAN INFORMATIE ORGANISATIE Leerarena's Incidentevaluaties Brandonderzoek WERKWIJZE IN RELATIE TOT ANDERE PROCESSEN POSITIONERING LEERARENA'S DE LEIDINGGEVENDE DE REGIONALE LEERARENA DE REGIONALE KENNISREGISSEUR DE LOKALE KENNISREGISSEUR IMPLEMENTATIE Prioriteiten en afbakening Capaciteit Inbedding in de organisatie van Gelderland-Zuid FINANCIËN COMMUNICATIE INTERNE COMMUNICATIE EXTERNE COMMUNICATIE 24 BRONVERMELDING 25 AFKORTINGENLIJST 26 4

6 1. Inleiding "Het is niet de leeragent die de voortgang bewaakt, het is de persoon zelf die weet wat hij kan, weet of mist!" Dit zijn de (bijna) poëtische woorden van René Rieken, medewerker Materieelbeleid en - beheer bij de Regionale Brandweer Gelderland-Zuid (RBGZ). Als hij met deze stelling bedoelt dat het gaat over het ontbreken van de individuele leervraag van repressief brandweerpersoneel heeft hij gelijk. Uitzonderingen daargelaten natuurlijk. Van een echte leercultuur is binnen de brandweer momenteel geen sprake 2. Anderzijds is ook vastgesteld dat de brandweerorganisatie niet de faciliteiten (organisatie) biedt om te kunnen leren van incidenten. Vanuit dat perspectief heeft René Rieken met zijn stelling geen gelijk. Hoe dan ook, de stelling is controversieel maar nodigt uit tot inspanningen die leiden tot de voorwaarden voor een zelflerende RBGZ. Met dit beleidsplan wordt aansluiting gezocht bij het programma 'Verbeteren Lerend Vermogen Brandweer' van de Nederlandse Vereniging Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR). Al in 2004 leidde de vraag van de Inspectie Openbare Orde en Veiligheid (IOOV) of de brandweer wel voldoende leert uit eerdere ongevallen, tot een onderzoek naar leerprocessen binnen de brandweerorganisatie. In het eindrapport (Floor Koornneef-TU Delft) werd geconcludeerd dat het belangrijk is om een leersysteem (model voor organisatorisch leren) voor alle schakels binnen de brandweer te organiseren. In dat model wordt gesproken over een 'leeragentschap' en 'leeragenten' om dit proces te faciliteren. Met behulp van interviews met commandanten, collegae en andere sleutelfunctionarissen binnen de RBGZ is bruikbare informatie verkregen over hun visie met betrekking tot de inrichting van het leeragentschap. Daarnaast bleek dat er in het land al veel bruikbaar materiaal over het leeragentschap beschikbaar is, dat als bouwstenen voor dit plan gebruikt kon worden. Deze input ligt als passende puzzelstukjes ten grondslag aan dit beleidsplan. Het Monodisciplinair Beleidsplan Leeragentschap Regionale Brandweer Gelderland-Zuid bestaat, naast deze inleiding, uit zeven hoofdonderdelen die de organisatie beschrijven die moet leiden naar een zelflerende organisatie. In hoofdstuk 2 worden het doel en de afbakening van het plan beschreven. In hoofdstuk 3 wordt de relatie met andere ontwikkelingen en de context waarbinnen dit plan is geschreven toegelicht, waarna de huidige situatie wordt toegelicht in hoofdstuk 4. Hoe de gewenste situatie er uit moet zien wordt beschreven in hoofdstuk 5. De positionering van het leeragentschap en de organisatorische voorwaarden die het plan tot een succes moeten maken worden beschreven in hoofdstuk 6. Wat de te verwachte kosten zijn is te lezen in hoofdstuk 7. Tot slot wordt in hoofdstuk 8 de in- en externe communicatie over dit beleidsplan beschreven. 2 Veiligheidsbewustzijn bij brandweerpersoneel, IOOV, december

7 2. Doel & afbakening In dit hoofdstuk wordt in paragraaf 2.1 beschreven welk doel dit beleidsplan heeft. De positionering en afbakening van het plan wordt beschreven in paragraaf 2.2. In paragraaf 2.3 worden de uitgangspunten benoemd die zijn gebruikt bij het schrijven van het beleidsplan. 2.1 Doel Dit beleidsplan heeft tot doel het organiseren van leerprocessen voor alle schakels binnen de veiligheidsketen, om uiteindelijk ongevallen tijdens repressief optreden van brandweerpersoneel zoveel mogelijk te voorkomen. Het gaat hierbij om kennis ontwikkelen, delen, toepassen en evalueren. 2.2 Afbakening Het Besluit Personeel Veiligheidsregio's 3 heeft o.a. tot doel de kwaliteit van het personeel werkzaam bij de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR) én Brandweer te normeren. Daarvoor moet een implementatieplan Besluit Personeel Veiligheidsregio's worden opgesteld. Onder dit plan vallen diverse, nog te ontwikkelen implementatie- en beleidsplannen. Dit beleidsplan beperkt zich uitsluitend tot het leeragentschap binnen de brandweerorganisatie. Op grond van artikel 2.6 uit het Besluit worden bij ministeriële regeling basiseisen beschreven waaraan het brandweerpersoneel door middel van opleiden, examineren, bijscholen en oefenen moet voldoen. Voor de afbakening is het van belang dat reguliere opleidingen en examinering (vakbekwaam worden) in dit plan niet tot het organisatorisch leren wordt gerekend. De overige nog te ontwikkelen plannen die in het onderstaande schema staan vallen buiten de reikwijdte van dit plan. Implementatieplan Besluit Personeel Veiligheidsregio s Implementatieplan Kwaliteitsstelsel Vakbekwaam worden en Vakbekwaam blijven Monodisciplinair Beleidsplan Leeragentschap Regionale Brandweer Gelderland Zuid Implementatieplan 2 e loopbaanbeleid Implementatieplan Rechtspositie en Rangen Implementatieplan Diversen. Figuur 1: positionering monodisciplinair beleidsplan leeragentschap Regionale Brandweer Gelderland-Zuid 2.3 Uitgangspunten Bij de ontwikkeling van dit beleidsplan zijn de onderstaande uitgangspunten gehanteerd: Het beleidsplan richt zich op alle schakels van de veiligheidsketen; Het beleidsplan richt zich daarbij ook op de meldkamer; Het beleidsplan sluit aan bij de regionale ontwikkelingen van het multidisciplinair leeragentschap; Het beleidsplan sluit aan bij het actieprogramma 'Verbeteren lerend vermogen brandweer' van de Nederlandse Vereniging Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR). 3 Het Besluit Personeel Veiligheidsregio's wordt op 1 oktober 2010 van kracht. 6

8 3. Relatie met andere ontwikkelingen Dit hoofdstuk beschrijft de regionale en landelijke ontwikkelingen van de laatste jaren die van invloed zijn geweest bij het maken van dit beleidsplan. Hierbij wordt in paragraaf 3.1 op regionaal niveau onderscheid gemaakt tussen mono- en multidisciplinaire ontwikkelingen. Landelijke ontwikkelingen die raakvlakken hebben met het beleidsplan worden beschreven in paragraaf 3.2. In de publicatie 'Veiligheidsbewustzijn bij brandweerpersoneel' van de IOOV (december 2004) is beschreven dat de indruk bestaat dat de brandweer niet leert van zijn fouten. In deelrapport 2 'Leersysteem van de brandweer' van deze publicatie wordt de conclusie getrokken dat er op korpsniveau nauwelijks sprake is van organisatorisch leren. Het in deelrapport 2 bedoelde model van het 'Systeem van organisatorisch leren' (SOL) wordt nader toegelicht in paragraaf 3.3 van dit hoofdstuk. Dit hoofdstuk wordt in paragraaf 3.4 afgesloten met een korte toelichting op het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel. 3.1 Regionale ontwikkelingen Monodisciplinair Door de afdeling Beleid Bestuur en Managementondersteuning (BBM) van de RBGZ is in oktober 2003 een monodisciplinair incident-evaluatieprotocol ontwikkeld, dat in januari 2004 is besproken in het regionaal commandantenoverleg. Dit initiatief kan gezien worden als een eerste aanzet om te komen tot een soort van leren binnen de RBGZ. In 2004 heeft een onderzoek van de IOOV 4 meerdere aanbevelingen over leren bij de brandweer opgeleverd. Dit was voor de directie van de RBGZ aanleiding om in 2006 een medewerker Trainen & Leren aan te stellen die vorm moest geven aan het leeragentschap. Deze medewerker heeft in 2007 het verkenningsdocument 'Het lerend vermogen van de brandweer' opgesteld. Daarmee werd invulling gegeven aan de managementopdracht geef richting aan het denken over de invulling van het leeragentschap binnen de RBGZ. Medio 2007 heeft het toenmalig commandantenoverleg besloten het leeragentschap daadwerkelijk vorm te geven binnen de RBGZ. In het deelrapport Repressie uit het regionaliseringstraject Samen Sterker d.d. 5 juni 2009 is beschreven op welke wijze het regionaal leeragentschap binnen de geregionaliseerde brandweer ingevuld kan worden. Op hoofdlijnen wordt beschreven dat het leeragentschap gekoppeld wordt aan de werkgroep repressie. De leden van de werkgroep repressie worden in dit plan als lokale leeragenten aangemerkt. Dit plan is op 18 juni 2009 aangeboden aan de ambtelijke adviesgroep, die het ter aanbeveling heeft overgedragen aan de directeur van de RBGZ Multidisciplinair Het Veiligheidsbureau heeft in 2008 een multidisciplinaire leeragent aangesteld. Deze heeft in januari 2009 een voorstel geschreven dat moet leiden tot verwerking van multidisciplinaire evaluaties vanaf GRIP 2. Daarnaast is in het tweede kwartaal van 2009 een voorstel door het Directie Team Veiligheid (DTV) vastgesteld, waarin wordt beschreven dat er een quick-scan wordt uitgevoerd vanaf GRIP 1. Deze quickscan moet inzicht geven of een incident al dan niet geëvalueerd moet worden. Het oprichten van een multidisciplinaire regionale projectgroep leeragentschap in 2009, alsmede de verwerving van een oefenregistratiesysteem (met een module leeragentschap) ter ondersteuning van het multidisciplinaire leeragentschap zijn de andere beleidsdoelstellingen uit het voornoemde voorstel. 3.2 Landelijke ontwikkelingen In het voorjaar van 2008 heeft de Raad van Regionaal Commandanten (RRC) samen met de Nederlandse Vereniging Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR) het lerend vermogen van de brandweer tot een strategisch doel van de organisatie gesteld. De RRC is in haar vergadering van 15 mei 2009 unaniem akkoord gegaan met het programma Verbeteren lerend vermogen brandweer. Het programma geeft een impuls aan het vergroten van het lerend vermogen van de brandweer. Dit moet leiden tot een kennisproductieve organisatie, waarin medewerkers op alle niveaus relevante informatie signaleren, verzamelen en interpreteren. Onder het programma zijn verschillende activiteiten samengebracht met de volgende thema's: het ontwikkelen van een voorstel om het lerend vermogen op landelijk niveau vorm te geven; het opzetten van een landelijk leeragentschap; het project pilot brandonderzoek; de verkenning registratie fysieke veiligheid; het project innovatie (Moed); en de follow-up 'De Punt': innovatie(s) buitenaanval. 4 Veiligheidsbewustzijn bij brandweerpersoneel, IOOV, december

9 Uiteindelijk doel van deze thema's is dat de organisatie slim en effectief kan handelen. Om dit informele leren in de organisatie te kunnen versterken, wordt ook aansluiting gezocht bij de modernisering van het brandweeronderwijs, het formele leren (zie paragraaf 3.4 Project Kwaliteit Brandweerpersoneel). Naast het NVBR-programma 'Verbeteren lerend vermogen brandweer' zijn er meerdere initiatieven binnen het brandweerveld. Hieronder worden deze initiatieven beschreven en wordt de relatie gelegd met het leeragentschap. (Brand)Veilig Leven De conclusie van het project (Brand)Veilig Leven is om in samenwerking met andere partners meer aandacht te geven aan de voorkant van de veiligheidsketen als structurele taak, zodat de kans op brand vermindert en de brandweer meer een regisseur en adviseur wordt. Dit wordt een steeds belangrijkere (nieuwe) rol van de toekomstige brandweer. In de visie van het landelijk netwerk leeragentschap zorgen de leeragenten voor een verbinding met dit initiatief. Op dit moment ligt de focus vooral op de schakel repressie en het brandonderzoek, maar het gaat juist om het verbinden van de lessen met de consequenties, ook voor de schakels proactie en preventie. Kwaliteitszorg Binnen de meeste regio s zijn specifieke functionarissen belast met kwaliteitszorg. In de visie van het landelijk netwerk leeragenten liggen kwaliteitszorg en het leeragentschap dicht bij elkaar. Waar kwaliteitszorg meer focus legt op de bedrijfsvoering, legt het leeragentschap de focus meer op het primaire proces. Uiteindelijk gaat het bij een lerende organisatie om de verbinding. Het leeragentschap draagt daaraan bij. Cicero Het netwerk Kwaliteitszorg heeft een meerjaren visie (Cicero) ontwikkeld, waarin het gewenste kwaliteitsniveau voor de brandweer in de periode aangegeven wordt. Cicero geeft ook helderheid over de invulling en de verantwoordelijkheid van de leiding op alle niveaus. Deze kennis kan benut worden bij de invulling van het leeragentschap Aristoteles In dit project wordt een nieuwe resultaatmeting ontwikkeld. Met het project Aristoteles kunnen bestuurders de prestaties van de regionale brandweer en de GHOR binnen de veiligheidsregio s meten. Ook kunnen zij deze prestaties vergelijken met die van andere veiligheidsregio s. In de visie van het landelijk netwerk leeragentschap kunnen de leeragenten de uitkomsten van deze resultaatmeting benutten voor kennisontwikkeling en kennisdeling. Netwerk Repressie Het netwerk Repressie wil de repressie structureel verbeteren en daarmee invulling geven aan de Strategische Reis. Dit doet zij door het beschrijven van de brandweerdoctrines. Hierbij gaat men uit van risicodifferentiatie: één brandweer in verscheidenheid. Bij de uitwerking wordt de brandveiligheid benaderd vanuit veiligheidskunde (model vlinderdas) en de sturingsdriehoek (procedures, ervaring en leiderschap). Net als in de visie van het landelijk netwerk leeragenten wordt gestreefd naar een lerend netwerk Repressie. Beide initiatieven vullen elkaar dus goed aan. 3.3 Systeem voor Organisatorisch Leren (SOL) De IOOV heeft vanaf 1990 een groot aantal incidenten met slachtoffers onder het brandweerpersoneel onderzocht. Daarbij was het in eerste instantie de bedoeling het getroffen korps, maar vanzelfsprekend ook de gehele brandweer in Nederland van informatie (casuïstiek) over het ongeval te voorzien. Vaak werden er verbetervoorstellen gedaan, om in de toekomst slachtoffers te voorkomen. Na een lange reeks van dergelijke incidentrapporten vond de IOOV het noodzakelijk te onderzoeken in hoeverre er bij de brandweer werkelijk geleerd wordt van dergelijke onderzoeken en welke factoren daarbij een rol spelen. Er kwamen signalen dat vele leeradviezen van de IOOV de werkvloer van de brandweer niet of beperkt bereiken. Daarom heeft de IOOV in 2004 het onderzoeksproject 'Veiligheidsbewustzijn brandweerpersoneel' opgestart. Eén van de onderzoeksvragen was: waarom gebeurt er zo weinig met onderzoeksaanbevelingen ter verbetering van het veiligheidsbewustzijn van de brandweer? De theoretische basis, die bij dit onderzoek is gebruikt berust op inzichten over lerende organisaties en organisatorisch leren. Hiervoor is gebruik gemaakt van de studies van Koornneef 5. In zijn proefschrift heeft hij gebruik gemaakt van het theoretisch model van het Systeem van Organisatorisch Leren (SOL) van Argyris. Dit model gaat uit van het soort lessen dat geleerd kan worden uit eigen ongevallen in een proces van organisatorisch leren. In figuur 2 is het SOL-model schematisch weergegeven. Het toont de verschillende elementen en interacties in de processen van het organisatorisch leren. 5 Zie hiervoor literatuurlijst: Floor Koornneef,

10 Werkproces Lokale Leeragent Regionaal Leeragentschap Relevant Management Organisatorisch Leergeheugen Figuur 2: model van het systeem voor organisatorisch leren (SOL) 6 De verschillende elementen en interacties binnen het SOL-model worden onderstaand nader toegelicht Werkproces Dit zijn alle werkzaamheden binnen de brandweer. Hierbij kan het werkproces niet binnen de verantwoordelijkheid van één persoon worden veranderd. Verandering betreft altijd een samenspel tussen mensen, middelen, procedures, regels en organisatorische omstandigheden Regionaal leeragentschap Het regionaal leeragentschap initieert (regie) incidentonderzoeken, beoordeelt incidentevaluaties en trekt daar lessen uit ter verbetering van de incidentbestrijding. De belangrijkste functie van het leeragentschap is de lessen die getrokken kunnen worden uit incidenten die hebben plaatsgevonden te (laten) vertalen naar de eigen manier van werken. De regionale leeragent binnen het leeragentschap bereidt de bijeenkomsten van het leeragentschap inhoudelijk voor en draagt ook zorg voor de afwikkeling van acties en verbeterpunten Lokale leeragent De lokale leeragent is feitelijk het lokale equivalent van het regionale leeragentschap. De lokale leeragent is degene die op lokaal niveau leerpunten verzamelt n.a.v. een nabespreking of schriftelijke evaluatie bij kleinere incidenten. De lokale leeragent is degene die bepaalt welke reikwijdte (lokaal, bovenlokaal, regionaal) de lokale incidentevaluaties hebben. Hij communiceert deze leerpunten binnen zijn eigen organisatie en idealiter via het regionale leeragentschap naar andere korpsen Relevant management Het leeragentschap moet in relatie staan tot het relevant (bevoegd) management, zonder zelf als agentschap lijnverantwoordelijkheid ten aanzien van het werkproces te hebben. Het relevant management is primair de werkprocesmanager. Bij de brandweer is dit meestal de commandant Organisatorisch leergeheugen Organisatorisch leergeheugen bestaat in vele vormen. Herkenbaar zijn bijvoorbeeld procedures, protocollen, inzetprocedures in aanvalsplannen en/of bereikbaarheidskaarten. Ook groepsgedrag dat ontstaat door middel van het overgeven van kennis en vaardigheden van mentor naar leerling (ambachtelijk overgedragen kennis) is een vorm van organisatorisch leergeheugen. Bij organisatorisch leren is dat geheugen cruciaal, omdat de organisatie liever niet tweemaal dezelfde les wil leren. Bovendien behoren de lessen ook doorgegeven te worden aan nieuwe leden van het brandweerkorps en aan andere brandweerkorpsen. Daarnaast moeten de lessen gebruikt worden voor eventuele aanpassing van de les en leerstof voor de brandweer Interacties Het proces van organisatorisch leren valt of staat met de interactie tussen de elementen: Werkproces Leeragentschap; Werkproces Organisatorisch leergeheugen; Leeragentschap Organisatorisch leergeheugen. Bij het ontbreken van een element of interactie is de keten doorbroken en kan er niet gesproken worden van organisatorisch leren. Het model in figuur 2 is sterk vereenvoudigd en vertaalt zich in de praktijk in vele vormen op verschillende niveaus 7 binnen en buiten de brandweerorganisatie. 6 Zie ook het rapport van IOOV Veiligheidsbewustzijn bij brandweerpersoneel d.d. december 2004, pagina 63 7 Zie ook figuur 5 9

11 3.4 Project Kwaliteit Brandweerpersoneel (PKB) De brandweer vervult binnen de brandweerzorg, de rampen- en crisisbeheersing een cruciale rol. Het is van belang dat zowel de kwaliteit van de brandweerorganisatie als die van het personeel aan hoge eisen voldoen. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verantwoordelijk voor het stellen van landelijke kaders ten aanzien van de kwaliteit van het brandweerpersoneel in Nederland. Dit is ingevuld door het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel (PKB). Binnen dit project is sinds 2005 intensief (samen)gewerkt door de branche (NVBR), de landelijke instituten (NIFV, Nbbe), BZK en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het project beoogt het verhogen en borgen van de kwaliteit van het brandweerpersoneel door een integrale benadering. Dit houdt in dat er naast instroom, opleiding en examinering aandacht is voor oefening en bijscholing. Kenmerkend van het project is dat het opleiden, examineren (vakbekwaam worden), oefenen en bijscholen (vakbekwaam blijven) geen losstaande onderdelen meer vormen maar één geheel, waardoor de kwaliteit van het brandweerpersoneel wordt verhoogd. 10

12 4. Huidige situatie Dit hoofdstuk beschrijft de huidige situatie van het lerend vermogen binnen de brandweer. Door middel van interviews met sleutelfunctionarissen binnen de RBGZ, landelijke publicaties en feitelijke waarnemingen is informatie verkregen die in onderstaande paragrafen is verwoord. In paragraaf 4.1 wordt de leercultuur beschreven, gevolgd door een beschrijving van het leerproces in paragraaf 4.2. De huidige manier van informatie-uitwisseling wordt beschreven in paragraaf 4.3. Tot slot wordt in paragraaf 4.4 de huidige organisatie rondom het leerproces beschreven. 4.1 Leercultuur Er heerst landelijk gezien binnen de brandweerwereld een beperkte veiligheidscultuur. Als er dingen verkeerd gaan leert de betreffende functionaris er persoonlijk wel van, maar vaak blijft het daarbij. Dat begint al bij het melden en bespreekbaar maken van leerpunten uit incidenten of (bijna) ongevallen. Het gevoel bestaat dat het melden van leerpunten altijd gebaseerd is op gemaakte fouten, zeker wanneer het gaat om veiligheidsissues. Een leermoment wordt daardoor ook vaak primair betrokken op de persoon. Ook wanneer tijdens repressief optreden op het eerste oog 'uit het boekje' is gehandeld kunnen er leerpunten ontstaan. Het gaat hier bijvoorbeeld over procedures, verbindingen, materieel, de interne communicatie of de bedrijfsvoering. Het gevoel bestaat dat men achteraf aangesproken kan worden over het melden van leerpunten. Dit is het gevolg van een nog onvoldoende veilige leeromgeving. Daardoor ontstaat er drempelvrees om melding te maken van leerpunten. 4.2 Leerproces De input voor het leerproces binnen de RBGZ bestaat momenteel vooral uit evaluaties van grootschalige inzetten 8, landelijke rapportages en meldingen van (bijna) ongevallen 9. Het verwerken van oefen- en incidentevaluaties is onderontwikkeld. Er is geen systeem om het leerproces goed te monitoren. Hierdoor ontstaat enige vrijblijvendheid en worden evaluaties uitgesteld of niet uitgevoerd, niet in de laatste plaats vanwege de beschikbare capaciteit of andere prioriteiten. Structureel onderzoek vanuit een proactief oogpunt, bv. naar het optreden van de brandweer en het brandverloop, of statistische analyse, wordt momenteel niet uitgevoerd. Daardoor krijgt het leren vooral een reactief karakter; we leren pas als er iets gebeurd is. De conclusies en aanbevelingen zijn daarbij sterk gericht op het operationele proces en de voorbereidingen daarvan. Er zijn echter ook goede lessen te trekken voor proactie en preventie, nazorg of de bedrijfsvoering. Deze komen in de huidige werkwijze nauwelijks aan bod. Ook de doelstelling van de diverse evaluaties verschilt. De ene keer is de focus meer op leren, de andere keer gaat het over verantwoorden (onder het mom van leren). Het is duidelijk dat dit twee heel verschillende invalshoeken zijn. Er is regionaal afgesproken 10 dat vanaf GRIP 2 de multidisciplinaire evaluatieverslagen worden verwerkt. Bij een 'bijzonder' incident 11 wordt monodisciplinair geëvalueerd. Het leerproces verloopt momenteel echter adhoc. Niet altijd is duidelijk wie nu eigenlijk opdrachtgever is voor het maken van een monodisciplinair evaluatierapport. Dit komt omdat het achterliggende voorstel wel is vastgesteld in het toenmalige commandantenoverleg, maar niet consequent wordt toegepast. Het proces wordt vooral ingezet op basis van een onderbuikgevoel over het verloop van een incident. Dit leidt dan doorgaans tot een mondelinge en/of schriftelijke evaluatie, waarvan een rapport wordt gemaakt met conclusies en aanbevelingen. Het evaluatieproces staat in de praktijk niet hoog op de (regionale) prioriteitenlijst. Het betekent immers ook verhoging van de werkdruk van de evaluatoren. Hoe vervelender het onderbuikgevoel, hoe eerder geneigd wordt naar externe evaluatie en hoe meer het proces het karakter van verantwoording krijgt. De evaluatoren die worden ingezet voor het uitvoeren van de incidentevaluaties zijn niet specifiek opgeleid voor hun taak. Er wordt veelal een beroep gedaan op (hiërarchische) senioriteit en praktijkervaring, waarbij het leidend is of de evaluator de module HBM-repressie heeft gevolgd. Ondanks dat er een vastgesteld format evaluatieverslag beschikbaar is wordt daar niet altijd gebruik van gemaakt. Het daadwerkelijk analyseren van incidenten aan de hand van een vastgestelde analysemethodiek wordt niet toegepast. Verder is de opvolging van de leerpunten momenteel onvoldoende. Dit wil niet zeggen dat er niet wordt geleerd. Er komen wel degelijk leermomenten op tafel en deze worden ook uitgezet in de lijn. Het betreft echter een verzameling van losse activiteiten waarbij de (regionale) regie ontbreekt. De manier waarop de leerpunten verzameld, geanalyseerd en geprioriteerd worden, en de bewaking van de uitgezette acties is niet geborgd. 8 De Vlietberg, Verkeersongeval A73, De Klok Logistics e.d. 9 Incident hoogwerker Tiel d.d Zie voorstel multidisciplinair leeragentschap DTV 2e kwartaal Zie voorstel commandantenoverleg 27 oktober

13 4.3 Delen van informatie De opgedane ervaringen en geleerde lessen worden momenteel niet gestructureerd gedeeld met collegae in de andere korpsen binnen de RBGZ, laat staan landelijk. Alleen over incidenten waarbij (officiële) onderzoeken worden uitgevoerd, zoals de 'Koningskerk' in Haarlem en de brand van de Punt in Tynaarlo, wordt actief informatie verstrekt om van te leren. Deze lessen worden echter niet altijd op lokaal niveau vertaald en uitgedragen. Alle leerpunten uit kleinere incidenten die hebben plaatsgevonden bij lokale korpsen blijven zodoende in beperkte (lokale) kring hangen. Op de regionaal georganiseerde kaderdagen wordt incidenteel aandacht besteed aan leren van incidenten. De frequentie hiervan is echter zo laag dat er niet gesproken kan worden van borging van het leerproces. Daarnaast wordt de grootste doelgroep, de brandwachten, met deze werkwijze niet bereikt. In het algemeen zijn er landelijk pogingen ondernomen voor het delen van informatie zoals bijvoorbeeld brandweer-kennisnet. Maar er is momenteel geen specifieke database ter beschikking. Er wordt op dit moment niet gerapporteerd aan het RMT over de voortgang van de implementatie van de diverse leerpunten. 4.4 Organisatie Zoals in hoofdstuk 3 Relatie met andere ontwikkelingen is aangegeven is er 1fte structureel vrijgemaakt voor de functie van medewerker Trainen & Leren. Het opzetten en ondersteunen van het leeragentschap is een van de kerntaken van deze functionaris. In de dagelijkse praktijk wordt circa 50% van deze functie gebruikt voor overige (projectmatige) werkzaamheden. De leeragent kan als spin in het web weliswaar het proces opstarten, maar kan onmogelijk alles voor zijn rekening nemen. Op lokaal / clusterniveau zijn er geen fte's beschikbaar om invulling te geven aan het lokale leeragentschap. De wil om mee te werken is aanwezig, maar binnen de gehele organisatie is vooral capaciteit een knelpunt. Dit is enerzijds een cultuuraspect, anderzijds ook een concreet organisatieprobleem. Eerder is in dit document gerefereerd aan de verhoging van de werkdruk. Dit wordt overigens ook als knelpunt door de IOOV gesignaleerd in de verschenen rapportage 'Risicoanalyse domein brandweerzorg Daarnaast is de leeragent nu nog onvoldoende in de organisatie ingebed. Taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden zijn niet beschreven. Van een regionaal netwerk van leeragenten is momenteel (nog) geen sprake. Conclusie is dat er zowel op regionaal- als op lokaal niveau tot op heden geen prioriteit is gegeven aan de ontwikkeling en inrichting van het leeragentschap. 12 Rapportage risicoanalyse domein brandweerzorg 2006, Ministerie van BZK, maart

14 5. Gewenste situatie Doormiddel van interviews met commandanten, collega's binnen het regiobureau en andere sleutelfunctionarissen binnen de RBGZ, is input verkregen op welke wijze binnen de RBGZ het leeragentschap ontwikkeld moet worden. Deze input en informatie uit de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot het verbeteren van het lerend vermogen binnen de brandweer, geeft antwoord op de vraag welke noodzakelijke verbeteringen er op hoofdlijnen gerealiseerd moeten worden om te komen tot een systeem van organisatorisch leren binnen de RBGZ. Bij het beschrijven van de gewenste situatie wordt gefocust op de leercultuur in paragraaf 5.1, het leerproces in paragraaf 5.2, de informatie-uitwisseling in paragraaf 5.3 en de organisatie in paragraaf Leercultuur In de gewenste situatie is er sprake van een leercultuur in de gehele organisatie, van het operationele-, tot en met het strategische niveau. Er mag geen drempel worden gevoeld om ervaringen en leerpunten bespreekbaar te maken. De insteek is immers niet afrekenen, maar wat we er als collega's en organisatie van kunnen leren. Uiteraard is er ook ruimte voor persoonlijk leren in een beschermde, veilige omgeving. Voorwaarde hiervoor is, dat er ook daadwerkelijk iets gebeurt met de actiepunten die voortvloeien uit de leermomenten. Collega's moeten het als zinvol blijven ervaren om zich kwetsbaar op te stellen. Het doorvoeren van verbeterpunten moet op managementniveau als een gedeelde verantwoordelijkheid worden ervaren. Dit kan mede worden bereikt door probleemeigenaren te koppelen aan verbeteracties en de uitvoering daarvan door leden van het RMT (collegiaal) te laten toetsen op uitvoering en elkaar erop aan te spreken indien de uitvoering achterwege blijft. De verbeteracties worden geïntegreerd in bestaande processen c.q. werkwijzen en vinden daarvoor hun weg binnen de sterk ontwikkelde werkgroepenstructuur van de RBGZ. Om deze leercultuur te handhaven is er continu aandacht voor nodig, zowel inhoudelijk als voor het proces zelf. Binnen de gehele organisatie moet voldoende ruimte en gelegenheid aanwezig zijn om kennis te nemen van ervaringen en leerpunten van anderen en deze te bespreken. Doordat iedereen bewust met leren en verbeteren bezig is, groeit ook het risicobewustzijn in de organisatie en wordt de kans op ongevallen verkleind. 5.2 Leerproces Er vindt op termijn een omslag plaats van reactief - naar proactief leren. Daartoe maakt onderzoek naar het optreden van de brandweer en het brandverloop, alsmede statistische analyse, structureel onderdeel uit van het leerproces. Daarbij worden ook lessen getrokken voor proactie en preventie, nazorg of de bedrijfsvoering. Er is scherp onderscheid tussen evalueren en rapporteren. Evalueren maakt onderdeel uit van de input van het leerproces en is gericht op persoonlijk en organisatorisch leren. Rapporteren maakt onderdeel uit van de output van het leerproces en is gericht op verantwoording richting directie en bestuur. Het Systeem voor Organisatorisch Leren is, naast vakbekwaam worden en vakbekwaam blijven, een derde pijler binnen het kwaliteitsstelsel. Door het SOL op deze wijze te positioneren en te integreren binnen het kwaliteitsstelsel van het PKB geeft men het belang aan van de lerende organisatie. Het levert een substantiële bijdrage aan de totstandkoming van de gewenste kwaliteitsverbetering van het brandweerpersoneel. Het organisatorisch leren is een schakel in het gehele bedrijfsproces, met als doel de cirkel van Deming rond te maken. Het leren zelf is ook een proces waarin we onderstaande onderdelen onderscheiden: input verzamelen; analyseren / onderzoeken; verbetervoorstellen maken en uitzetten; verbeteringen uitvoeren; borgen; rapporteren / communiceren. In figuur 3 is dit leerproces schematisch weergegeven. Vervolgens wordt elke processtap toegelicht. 13

15 1. Input verzamelen - gestructureerd - centraal punt 5. Borgen - bewaken voortgang - kennisbank / bijscholing - maatregelen effectief? 6. Rapporteren / communiceren - onderzoeksresultaten, voortgang (rapportage = focus directie RMT) (communiceren = focus werkveld) 2. Analyseren /onderzoeken - leermomenten - knelpunten oorzaak - trends 4.Verbeteringen uitvoeren - binnen reguliere processen - terugkoppeling naar / van veld 3. Verbetervoorstel maken - SMART - prioriteit - verantwoordelijkheid Figuur 3: schematische weergave van het leerproces Input verzamelen Deze processtap betreft het verzamelen van alle mogelijke input voor het leerproces. Daarbij gaat het om publicaties en landelijke, (boven)regionale-, en lokale incidentevaluaties en onderzoeken. De wijze van evalueren is vastgelegd in een protocol. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in complexe-, en kleinschalige incidentevaluaties. Daarvoor zijn evaluatie-, en rapportageformats voorhanden. Er is één centraal punt waar alle input verzameld, beheerd en gearchiveerd wordt. Daarvoor wordt ter ondersteuning een database gebruikt. Evalueren van incidenten en oefeningen is een gestructureerde manier voor het verzamelen van input voor het leerproces. Zonder vervolgstappen is evalueren op zichzelf zinloos. Naast incidentevaluaties zijn er nog een aantal inputbronnen aan te geven: - meldkamerregistratie, incidentrapporten; - quick-scans van incidenten; - (bijna)ongevallenregistratie; - onderzoek naar brandverloop; - signalen uit de wandelgangen. Bovenstaande opsomming is zeker niet uitputtend en kan (situatieafhankelijk) ook andere inputbronnen opleveren. Voor al deze zaken geldt dat ze zoveel als mogelijk volgens een vaste werkwijze en in vaste formats vastgelegd en verzameld worden. Los daarvan moet er altijd oog blijven voor ongestructureerde signalen. Deze processtap eindigt met een totaaloverzicht van mogelijke leerpunten Analyseren en onderzoeken Alle binnengekomen informatie moet worden geanalyseerd en onderzocht. Hierbij wordt allereerst gekeken wat daadwerkelijk het knelpunt is. Dit is een belangrijke stap om te voorkomen dat er alleen symptoombestrijding plaatsvindt. Daarbij worden vragen gesteld als: - hoe zwaar weegt het knelpunt? - wat is de onderliggende oorzaak? - is er een relatie met andere processen? - is het incidenteel of is er een trend te signaleren? - komen deze knelpunten ook in andere korpsen of regio s voor? Vaak kan dit van achter het bureau gebeuren met concrete output als resultaat. Soms is diepgaander onderzoek noodzakelijk. Het analysetraject vindt dan tijdens het vervolgonderzoek plaats. Eén van de analysetechnieken 13 die in dit stadium toegepast kan worden is ACHILLES. Met deze techniek wordt op een systematische manier de input geanalyseerd en gereconstrueerd. Het resultaat is een reconstructie over: - de gebeurtenissen voorafgaand aan het incident of gebeurtenis; - de achterliggende oorzaken; - de factoren die een rol hebben gespeeld. Het is hierbij van belang dat de regionale leeragent (als procesbewaker) aan de voorkant betrokken is bij het opstellen van het evaluatierapport. Deze processtap levert een gedegen analyse en doeltreffende aanbevelingen op. Omgekeerd kan uit de input ook geconstateerd worden dat onderdelen juist heel goed werken. Ook in die situatie is het goed te analyseren waar dat door komt. Het definiëren van verbeterpunten is dan wellicht minder aan de orde, maar het delen van deze informatie des te meer. Er kan dus ook geleerd worden van successen. 13 Leren van ongevallen, een overzicht van analysemethodieken 14

16 5.2.3 Verbetervoorstellen maken De volgende stap is het maken van een keuze uit de mogelijke verbetermaatregelen en het omzetten daarvan naar concrete verbetervoorstellen. Niet elke verbetermaatregel zal even snel doorgevoerd kunnen worden. Grofweg worden de volgende termijnen onderscheiden: - kennis en/of vaardigheid gerelateerd (korte termijn); - procedure of techniek gerelateerd (middellange termijn); - organisatie gerelateerd (middellange of lange termijn); - gedrag en/of cultuur gerelateerd (lange termijn). De verbetervoorstellen worden SMART geformuleerd en toebedeeld aan de managers van de reguliere processen binnen de organisatie. Dit borgt draagvlak en duidelijkheid in verantwoordelijkheid, maar voorkomt bovenal dat er voor elke verbeteractie aparte projectstructuren ontstaan. Output van deze processtap is een concreet, SMART-gedefinieerd, verbetervoorstel met daaraan gekoppeld een verantwoordelijke voor de uitvoering Verbeteringen doorvoeren De belangrijkste stap in het leerproces wordt hier verder niet inhoudelijk beschreven omdat de voorgestelde verbeteringen op veel verschillende manieren kunnen worden doorgevoerd. Deze processtap levert echter altijd verbeteringen van reguliere processen in de organisatie op, of leidt tot concrete activiteiten binnen deze processen. Voor inbedding van het organisatorisch leren in de hele organisatie is de koppeling (interactie) van deze processtap met de werkprocessen van cruciaal belang. Zie figuur Borging Borging heeft in dit kader een brede betekenis. Leren van incidenten moet structureel op de agenda staan van het RMT. Daarvoor is het belangrijk binnen het RMT een portefeuillehouder voor het leeragentschap te benoemen. Deze portefeuillehouder is het eerste aanspreekpunt c.q. sparringpartner voor de regionale leeragent. Het is van belang om te monitoren hoe het verloop is van de uitgezette actiepunten. Het praktisch leren van lessen wordt structureel opgenomen in het regionaal uitvoeringsplan oefenen 14. Door gebruik te maken van de oefenkaarten risico s en actuele ontwikkelingen bij brand, hulpverlening, ongevallen gevaarlijke stoffen en waterongevallen uit de herziene leidraad oefenen, wordt effectief gebruik gemaakt van al ingeplande (lokale) contactmomenten. Daarnaast is het van belang concrete lessen ook in een regionale digitale bibliotheek of kennisbank te verzamelen, zodat deze 'lessen' door iedereen geraadpleegd kunnen worden. Daarbij is het belangrijk dat ook vanaf de werkvloer relevante informatie aan het leeragentschap doorgegeven wordt en in de regionale kennisbank wordt verzameld. Deze kennisbank moet gezien worden als naslagwerk en niet als primair communicatiemiddel. Tenslotte moet er gekeken worden of de verbetermaatregelen ook effect hebben gehad. Een digitaal ondersteuningsprogramma biedt hier hulp bij. Deze processtap levert nieuwe input op voor de analysefase van het leertraject en maakt daarmee de cirkel van Deming rond. 5.3 Delen van informatie Communicatie is een thema op zich binnen het organisatorisch leren. Een lerende organisatie staat of valt bij goede communicatie en informatie-uitwisseling, zowel top-down als bottom-up en intern als extern. Hierbij moet onder andere worden gedacht aan participatie binnen landelijke en regionale netwerken. Daarnaast kan ook gecommuniceerd worden via publicaties in landelijke vakbladen, interne nieuwsbrieven, het regionale blad Nader Bericht, Infonet, Internet, presentaties tijdens thematische bijeenkomsten en de al eerder genoemde regionale kennisbank. Het RMT ontvangt halfjaarlijks een voortgangsrapportage over de implementatie van uitgezette leerpunten en verbeteracties. Jaarlijks wordt gerapporteerd over gesignaleerde trends binnen de regio, over bijvoorbeeld profchecks 15, oefenregistratie, RI&E, klachten, opkomsttijden, etc. 14 RMT besluit 1 maart 2007 inzake volledige implementatie leidraad oefenen. 15 In het kader van het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel wordt gewerkt aan de invoering van een landelijke profcheck voor repressief brandweerpersoneel. De presentatie hiervan wordt in 2010 verwacht. 15

17 5.4 Organisatie Leerarena's In de gewenste situatie zijn de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de leeragent en het leeragentschap duidelijk beschreven. Er is een regionaal netwerk van leeragenten. Er wordt op regionaal en lokaal niveau prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van het leeragentschap. Het accent komt daarbij te liggen op het organiseren van processen om het lerend vermogen te verbeteren. Het gaat daarbij vooral om het bij elkaar brengen van relevante betrokkenen om daar kennis te ontwikkelen en te delen. Daarom wordt in het landelijk project Verbeteren van het lerend vermogen brandweer niet meer gesproken over het leeragentschap maar over de term 'leerarena'. Een leerarena is een dynamisch proces waarin steeds gekeken wordt wie elkaar in de arena ontmoeten om een waardevolle bijdrage te leveren aan een vraagstuk. Een vraagstuk kan in deze betekenis zijn bv. de aanbevelingen uit een evaluatie of een vraagstuk voortkomend uit de RI&E. Binnen de leerarena is ruimte voor het delen en vergelijken van kennis om te komen tot zinvolle acties. In het vervolg van dit beleidsstuk spreken we dan ook niet meer van 'leeragentschap en leeragenten' maar van 'leerarena's en kennisregisseurs'. Binnen de brandweer onderscheiden we leerarena's op landelijk-, en regionaal niveau. Beide hanteren dezelfde kernprocessen (initiëren, coördineren en borgen), maar werken samen met andere betrokkenen. De verbinding tussen deze leerarena's wordt geborgd doordat ze elkaar weten te vinden en doordat er periodiek netwerkbijeenkomsten worden gehouden waar kennis wordt gedeeld. Figuur 4. schematische weergave landelijk netwerk leerarena's In de leerarena's staan de kernprocessen, initiëren, coördineren en borgen van informatie en kennis centraal. De input voor deze processen bestaat uit incidentgedreven informatie, zoals rapportages van Inspecties, CBS, eigen (toekomstige) database en uitkomsten van bijv. evaluaties van regio s. Daarnaast kent de leerarena ontwikkelinggedreven input. Denk aan verandering in wet- & regelgeving, innovaties, wetenschappelijk onderzoek en een ontwikkelkalender: een systematiek waardoor periodiek alle processen en procedures die van belang zijn worden herijkt aan de actualiteit. De bronnen voor al deze input zijn dus zowel intern (regio s, eigen database, NIFV, etc.) als extern (wetenschap, ministeries, inspectie, etc.). De leerarena's bestaan uit een diversiteit aan mensen. Een vaste kern vormt de basis en kan, afhankelijk van het thema of vraagstuk, worden uitgebreid met aanvullende expertise. Belangrijk is dat elke arena bestaat uit generalisten en specialisten op zowel het vraagstuk als de diverse outputdisciplines. Daarnaast is het goed om een 'friskijker' toe te voegen. Dit is iemand die helemaal niet thuis is in de materie en dus zonder aannames en vooringenomenheden naar het onderwerp kijkt. De motor van de leerarena is de centrale kennisregisseur (voorheen leeragent). Deze organiseert de bijeenkomsten, coördineert de arena en zorgt voor een goede afstemming met de centrale en regionale actoren. De kennisregisseur is dus niet degene die de informatie vertaalt in kennis, maar dit proces stimuleert door de juiste actoren hiervoor in te zetten. De regionale kennisregisseur speelt niet alleen een actieve rol in de samenwerking met de landelijke leerarena, maar draagt ook zorg voor de koppeling met de lokale kennisregisseurs en met de andere regionale kennisregisseurs. De uitkomsten van de leerarena kunnen effect hebben op de lokale/regionale processen en procedures, het oefenprogramma, het materieel etc. De deelnemers van de leerarena dragen er zorg voor dat deze doorvertaling plaatsvindt, de kennisregisseur borgt dit proces. 16

18 Kernprocessen leerarena Binnen de leerarena s onderscheiden we drie kernprocessen: Initiëren vanuit een visie (dromen) kritisch het lerend vermogen beoordelen en initiatieven nemen om dit te verbeteren. Het lef om te komen tot voorstellen ter verbetering en zo kennisontwikkeling te stimuleren (sluit aan bij Innovatie Moed); Coördineren bestaande initiatieven en betrokkenen (binnen en buiten de brandweer) bijeen brengen om de informatie tot kennis te verrijken en te filteren (bijv. in nice or need to know). Het organiseren van de leerarena om kennis te ontwikkelen en te delen; Borgen de kennis verzamelen, vertalen en uitdragen om daarmee te zorgen dat het goed wordt toegepast. Zorgen dat kennis vastgelegd en toegankelijk wordt (sluit aan bij evaluatiesystematiek en database). Zorgen dat informatie geregistreerd, geanalyseerd en gecommuniceerd wordt. De uitkomsten van de leerarena overdragen naar bijv. opleiding en oefening om het onderwijs te vernieuwen. Deze drie kernprocessen zijn wel te onderscheiden, maar niet te scheiden. Ze hangen heel nauw samen en zorgen samen voor versterking van het lerend vermogen. De leerarena zorgt, onder regie van de kennisregisseur, dat deze processen uitgevoerd worden Incidentevaluaties Om de kwaliteit van incidentevaluaties van complexe aard en gelijktijdig de veilige leeromgeving te borgen, wordt naar interregionale samenwerking gestreefd met omliggende regio's. Om kosten te besparen wordt een poule van opgeleide en gecertificeerde evaluatoren / analisten opgezet. Deze worden met 'gesloten beurzen' op verzoek ingezet. In een aanvullend voorstel wordt dit onderwerp nader uitgewerkt Brandonderzoek Het project brandonderzoek is als deelproject opgenomen in het programma Verbeteren Lerend Vermogen Brandweer van de NVBR, omdat naast het delen van kennis en het borgen daarvan, ook het vergaren van kennis nadere aandacht verdient. Brandonderzoek levert veel (empirische) kennis op over oorzaken, brandvoortplanting etc. die kan worden gebruikt om de brandweer breed van te laten leren. Binnen het NVBR-project is daarmee de lijn: kennis vergaren --> kennis delen --> kennis borgen gesloten. Daarnaast is brandonderzoek een zeer belangrijk onderdeel van de brandweer van de toekomst. Naast het vergaren van gegevens over oorzaken, die we nodig hebben om het brandveiligheidsbewustzijn van burgers te vergroten, levert het ons meer inzicht in het brandproces en ons eigen optreden op. Het is daarmee een wezenlijk onderdeel van de nieuwe strategische doctrine brandveiligheid uit de strategische reis en een wezenlijk onderdeel van het verbeteren van het lerend vermogen. De RBGZ sluit zich aan bij de landelijke ontwikkelingen rond het brandonderzoek. In een aanvullend voorstel wordt dit onderwerp nader uitgewerkt 17

19 5.5 Werkwijze in relatie tot andere processen Omdat er veel actoren en processen betrokken zijn bij het organiseren van de leerprocessen, wordt daar in deze paragraaf aandacht aan besteed. Figuur 5 geeft schematisch de werkwijze weer in relatie tot alle processen die bij de leerarena betrokken zijn. De oranje blokpijlen symboliseren de relevante processen, terwijl de blauwe rechthoeken de producten van deze processen uitbeelden. De regionale kennisregisseur is in figuur 5 herkenbaar weergegeven als het centraal verzamelpunt van deze input, rechtstreeks of via de regionale leerarena. De groene rechthoeken symboliseren de producten die via de specifieke leerarena's (werkgroepen) worden ontwikkeld, bijvoorbeeld voorstellen over aanpassingen van procedures, werkinstructies, middelen, bijscholingsbehoefte, kennisbank en specifieke informatie. De regionale leerarena heeft vooral de functie van denktank en klankbordgroep voor de specifieke leerarena's. De uiteindelijke producten, weergegeven in de groene rechthoeken, vinden hun weg naar de lijnverantwoordelijken die zijn weergegeven in het paars gekleurde blok aan de onderkant van dit schema. Opleiden, oefenen, trainen en bijscholen Arbo Operationele voorbereiding Repressie Landelijke input - (multidisciplinaire) oefenevaluaties - oefenregistratie - profchecks - (bijna)ongevalsregistratie - warme RI&E - evaluaties van procedures - instructies - storingenoverzicht - (multidisciplinaire) incidentrapporten - incidentevaluaties - klachtenoverzicht - onderzoeks- en inspectierapporten - evaluaties andere regio s - enz. - overige signalen (algemeen, wandelgangen) Regionale Kennisregisseur Regionale Leerarena - beleidsdoelen - kwaliteitsnormen Besturing (directie / RMT) Specifieke leerarena's - regionale kennisbank, - specifieke info - landelijke publicaties - bijscholings- en oefenbehoefte(n) - bijstelling beleidsplannen - bijstelling jaarplannen - aanpassingen in procedures, werkinstructies en middelen - specifieke onderzoeksrapporten en cijferanalyses - voortgangsrapporten, - beleidsadvies Relevante reguliere bedrijfsprocessen (proactie, preventie, preparatie, repressie, nazorg) Figuur 5: schematische weergave werkwijze 18

20 6. Positionering leerarena's Om het in hoofdstuk 5 beschreven ambitieniveau te kunnen realiseren zijn een aantal organisatorische voorwaarden noodzakelijk. Deze worden in dit hoofdstuk beschreven. Allereerst wordt in paragraaf 6.1 de rol van de leidinggevende beschreven. Daarna wordt in paragraaf 6.2 nader ingegaan op hoe de regionale leerarena is samengesteld. Vervolgens wordt de positionering van de regionale kennisregisseur beschreven in paragraaf 6.3. De taken van de lokale kennisregisseurs worden toegelicht in paragraaf 6.4. De stappen die nodig zijn voor de implementatie van dit beleidsplan worden beschreven in paragraaf 6.5. Hierbij moet worden opgemerkt dat de concrete inrichting van de regionale leerarena's geen doel op zich is maar een middel om het gewenste ambitieniveau te bereiken. 6.1 De leidinggevende De rol van de leidinggevende is het sturen op de samenhang tussen strategie, structuur en cultuur. Ook binnen de leerarena's hebben zij een cruciale rol. De leidinggevenden hebben de verantwoordelijkheid om het lerend vermogen te stimuleren en te faciliteren. Zij geven het goede voorbeeld en ondersteunen de ontwikkeling van de leerarena's. Het versterken van het lerend vermogen wordt daarbij als programmaonderdeel van de organisatie georganiseerd. De programmaverantwoordelijkheid is doormiddel van een portefeuillehouder belegd bij het RMT. 6.2 De regionale leerarena De vaste kern van de regionale leerarena bestaat uit de regionale kennisregisseur, de lokale kennisregisseurs (leden van de werkgroep repressie) en collega's van de afdeling operationele voorbereiding van de RBGZ. Deze vaste kern kan, afhankelijk van het thema of vraagstuk, uitgebreid worden met aanvullende expertise. Lokale kennisregisseurs (leden werkgroep repressie) Regionale kennisregisseur Collega's afdeling operationele voorbereiding RBGZ Overigen Figuur 6: metafoor regionale leerarena Er wordt gebruik gemaakt van de sterk ontwikkelde werkgroepenstructuur van de RBGZ. De werkgroepen kunnen gezien worden als specifieke leerarena's. Vanuit de regionale leerarena kunnen SMART geformuleerde (deel)opdrachten bij deze specifieke leerarena's uitgezet worden. Kennis en draagvlak voor te nemen beslissingen worden op deze wijze gewaarborgd. De regionale leerarena fungeert zodoende vooral als afstemmingsgremium, denktank, netwerk en klankbordgroep. De praktische afstemming vindt plaats op de werkvloer bij de afdeling operationele voorbereiding van de RBGZ en in de vergaderingen (7 x per jaar) van de werkgroep repressie. 19

Leren doe je samen! > Onderzoek naar opzetten van een regionaal leeragentschap binnen de organisatie van de Regionale Brandweer Zuid-Holland Zuid

Leren doe je samen! > Onderzoek naar opzetten van een regionaal leeragentschap binnen de organisatie van de Regionale Brandweer Zuid-Holland Zuid Leren doe je samen! > Onderzoek naar opzetten van een regionaal leeragentschap binnen de organisatie van de Regionale Brandweer Zuid-Holland Zuid Steven van der Kruijff 07055528 Integrale Veiligheidskunde

Nadere informatie

Procesbeschrijving Leeragentschap

Procesbeschrijving Leeragentschap Procesbeschrijving schap I. Algemeen Om het leeragentschap goed in de regionale organisatie te kunnen positioneren en om de desbetreffende taken goed te kunnen toedelen en uitvoeren is het wenselijk hiertoe

Nadere informatie

Samenvatting projectplan Versterking bevolkingszorg

Samenvatting projectplan Versterking bevolkingszorg Aanleiding en projectdoelstellingen Aanleiding In 2011 werd door de (toenmalige) portefeuillehouder Bevolkingszorg in het DB Veiligheidsberaad geconstateerd dat de nog te vrijblijvend door de gemeenten

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPLEIDEN EN OEFENEN werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 5 maart 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten

Nadere informatie

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Supplement dd. Functie tactisch manager Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 1 sub dd Besluit personeel veiligheidsregio

Nadere informatie

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Supplement aa. Functie specialist opleiden en oefenen Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 1 sub aa. Besluit personeel veiligheidsregio

Nadere informatie

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Supplement cc. Functie strategisch manager Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 1 sub cc Besluit personeel veiligheidsregio

Nadere informatie

STAPPENPLAN IMPLEMENTATIE WATERRAND

STAPPENPLAN IMPLEMENTATIE WATERRAND STAPPENPLAN IMPLEMENTATIE WATERRAND HOE TE KOMEN TOT EEN ADEQUATE ORGANISATIE VAN INCIDENTBESTRIJDING OP HET WATER? IN AANSLUITING OP HET HANDBOEK INCIDENTBESTRIJDING OP HET WATER Uitgave van het Projectbureau

Nadere informatie

Programma Lerend Vermogen = Kennis vergaren, delen en borgen

Programma Lerend Vermogen = Kennis vergaren, delen en borgen Programma Lerend Vermogen = Kennis vergaren, delen en borgen Ricardo Weewer Projectleider Brandonderzoek Lid Regiegroep Innovatie Moed Reiziger Strategische reis Opbouw presentatie Ontwikkelingen Strategische

Nadere informatie

Multidisciplinair Opleiden en Oefenen

Multidisciplinair Opleiden en Oefenen Toetsingskader en positiebepalingssystematiek (definitieve versie) Inhoudsopgave Inleiding. Verdeling in oordeel, hoofdonderwerpen, onderwerpen, hoofd- en subaspecten. Banden voor positiebepaling. Prestatieniveaus.

Nadere informatie

Bijlage Dienstenboek Veiligheidsregio Gelderland-Zuid

Bijlage Dienstenboek Veiligheidsregio Gelderland-Zuid Bijlage Dienstenboek Veiligheidsregio Gelderland-Zuid Inzicht in de brandweerzorg die de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid nu en na regionalisering levert (exclusief de brandweerzorg die door de gemeenten

Nadere informatie

Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015

Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015 Plan van aanpak Onderzoek Kwaliteit Brandweerzorg 2015 Februari 2015 Inhoudsopgave 1 Inleiding en aanleiding onderzoek... 3 1.1 Inleiding... 3 1.2 Aanleiding... 3 1.3 Scope van het onderzoek... 4 2 Doel-

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPLEIDEN EN OEFENEN

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPLEIDEN EN OEFENEN KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPLEIDEN EN OEFENEN werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 10 oktober 2005 te Arnhem vastgesteld door het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel.

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING KWALIFICATIEPROFIEL VOOR SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 7 september 2005 te Arnhem vastgesteld door het Project Kwaliteit Brandweerpersoneel.

Nadere informatie

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s Supplement h. Functie docent Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 1 sub h Besluit personeel veiligheidsregio s 1.1 Algemene

Nadere informatie

Verordening brandveilidheid en brandweerzorg en rampenbestrijding

Verordening brandveilidheid en brandweerzorg en rampenbestrijding CVDR Officiële uitgave van Leek. Nr. CVDR54284_1 1 juni 2016 Verordening brandveilidheid en brandweerzorg en rampenbestrijding De raad van de gemeente Leek; gelet op: - artikel 1, tweede lid, artikel 12

Nadere informatie

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK INHOUDSOPGAVE 1. FORMAT PLAN VAN AANPAK 1.1. Op weg naar een kwaliteitsmanagementsysteem 1.2. Besluit tot realisatie van een kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) 1.3. Vaststellen van meerjarenbeleid en SMART

Nadere informatie

Organisatorisch leren binnen security: van oud naar nieuw

Organisatorisch leren binnen security: van oud naar nieuw Het organisatorische leerproces Organisatorisch leren binnen security: van oud naar nieuw Historisch denkkader Het bedrijven van security is in de afgelopen decennia op veel terreinen niet ingrijpend veranderd.

Nadere informatie

De inspecties vragen na een verplichte melding aan de melders om zelf onderzoek te doen en hierover te rapporteren.

De inspecties vragen na een verplichte melding aan de melders om zelf onderzoek te doen en hierover te rapporteren. Handvatten voor onderzoek naar aanleiding van seksueel geweld tussen cliënten onderling of tussen cliënten en derden (niet zijnde medewerkers) met toelichting en verwachtingen van de inspecties De inspecties

Nadere informatie

Energie Management Actieplan

Energie Management Actieplan Energie Management Actieplan Rijssen, Juli 2013 Auteur: L.J. Hoff Geaccodeerd door: M. Nijkamp Directeur Inhoudsopgave 1. Inleiding Pagina 3 2. Beleid CO₂ reductie Pagina 4 3. Borging CO₂ prestatieladder

Nadere informatie

Implementatieplan interactief beleid

Implementatieplan interactief beleid Implementatieplan interactief beleid (juni 2010 t/m mei 2011) Gemeente Weert, 15 juli 2010 Portefeuillehouder interactief beleid: wethouder H. Litjens Regisseur wijkgericht werken: Marianne Schreuders

Nadere informatie

SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING. Werkzaam bij de brandweer

SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING. Werkzaam bij de brandweer PORTFOLIO SPECIALIST OPERATIONELE VOORBEREIDING Werkzaam bij de brandweer Status Het format van dit portfolio is vastgesteld door de deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het project Kwaliteit Brandweerpersoneel

Nadere informatie

voor Hulpverlenend Personeel VNOG

voor Hulpverlenend Personeel VNOG Organisatie: Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland Regie: Sector Risicobeheersing Voorbereiding: RC BOT Status: voor Hulpverlenend Personeel Pagina: Pagina 1 van 9 Regionale Regeling TraumaNazorg

Nadere informatie

Arbo- en Milieudeskundige

Arbo- en Milieudeskundige Arbo- en Milieudeskundige Doel Ontwikkelen van beleid, adviseren, ondersteunen en begeleiden van management, medewerkers en studenten, alsmede bijdragen aan de handhaving van wet- en regelgeving, binnen

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

DE INRICHTING VAN HET BELEIDSTERREIN PREVENTIE IN DE REGIO GRONINGEN DE PRODUCTEN

DE INRICHTING VAN HET BELEIDSTERREIN PREVENTIE IN DE REGIO GRONINGEN DE PRODUCTEN HULPVERLENINGSDIENST GRONINGEN BRANDWEER STAD EN REGIO GRONINGEN DE INRICHTING VAN HET BELEIDSTERREIN PREVENTIE IN DE REGIO GRONINGEN DE PRODUCTEN Opstellers : Mike de Laat, Jan Timmer en Roelf Knoop Datum

Nadere informatie

Energie Kwailteitsmanagement systeem

Energie Kwailteitsmanagement systeem Energie Kwailteitsmanagement systeem (4.A.2) Colofon: Opgesteld : drs. M.J.C.H. de Ruijter paraaf: Gecontroleerd : W. van Houten paraaf: Vrijgegeven : W. van Houten paraaf: Datum : 1 april 2012 Energie

Nadere informatie

Energiemanagementplan Carbon Footprint

Energiemanagementplan Carbon Footprint Energiemanagementplan Carbon Footprint Rapportnummer : Energiemanagementplan (2011.001) Versie : 1.0 Datum vrijgave : 14 juli 2011 Klaver Infratechniek B.V. Pagina 1 van 10 Energiemanagementplan (2011.001)

Nadere informatie

Verordening brandveiligheid en hulpverlening Coevorden 1998

Verordening brandveiligheid en hulpverlening Coevorden 1998 Verordening brandveiligheid en hulpverlening Coevorden 1998 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie gemeente Coevorden Officiële naam regeling Verordening brandveiligheid

Nadere informatie

Addendum Beleidsplan 2012-2015 Bestuursvisie op fysieke veiligheid in Zeeland

Addendum Beleidsplan 2012-2015 Bestuursvisie op fysieke veiligheid in Zeeland Addendum Beleidsplan 2012-2015 Bestuursvisie op fysieke veiligheid in Zeeland Waarom een addendum? Het beleidsplan 2012-2015 is op 7 juli 2011 in een periode waarop de organisatie volop in ontwikkeling

Nadere informatie

MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden

MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden ü Aanleiding MOED ü Algemene informatie brandweer in de veiligheidsregio ü Inhoud MOED ü Samenvatting uitspraken algemeen bestuur 1. Aanleiding MOED De wereld

Nadere informatie

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Supplement f. Functie procesmanager multidisciplinair oefenen Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3 sub f Besluit personeel

Nadere informatie

Reactie op rapport loov en ADD over ICMS

Reactie op rapport loov en ADD over ICMS Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-eneraal 6;^ Datum DV/CB Inlichtingen mr. M.S. van Eek T 070.4268844 F Uw kenmerk Onderwerp op rapport

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 16 juli 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project Kwaliteit

Nadere informatie

Aanbieding rapport Inspectie OOV" de examinering van het brandweeronderwijs"

Aanbieding rapport Inspectie OOV de examinering van het brandweeronderwijs Ministerie uan Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 6^ Datum De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- eneraal Postbus 20018 2500 EA Den Haag DVIBIKPM InUchtlngen Manzoli/Veelders 7 070-426 6937/8814

Nadere informatie

INTERN KWALITEITSJAARVERSLAG 2014

INTERN KWALITEITSJAARVERSLAG 2014 INTERN KWALITEITSJAARVERSLAG 2014 Versie Activiteit Datum Resultaat/opmerkingen Vs. 0.1 Opstellen concept door Januari 2015 kwaliteitsmedewerker Vs. 0.2 Ter vaststelling voorgelegd aan hoofd bureau 2 februari

Nadere informatie

AGENDAPUNT 2015.02.16/08

AGENDAPUNT 2015.02.16/08 AGENDAPUNT 2015.02.16/08 Voorstel voor de vergadering van: het algemeen bestuur Datum vergadering: 16 februari 2015 Onderwerp: Portefeuillehouder: Indiener: AED Mevrouw mr. R.G. Westerlaken-Loos en de

Nadere informatie

Leidraad PLAN VAN AANPAK OP WEG NAAR EEN CERTIFICEERBAAR KWALITEITSMANAGEMENTSYSTEEM

Leidraad PLAN VAN AANPAK OP WEG NAAR EEN CERTIFICEERBAAR KWALITEITSMANAGEMENTSYSTEEM Pagina 1 van 6 Leidraad PLAN VAN AANPAK OP WEG NAAR EEN CERTIFICEERBAAR KWALITEITSMANAGEMENTSYSTEEM In het onderstaande is een leidraad opgenomen voor een Plan van aanpak certificeerbaar kwaliteitsmanagementsysteem.

Nadere informatie

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012)

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) -1- Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) 1 Aanleiding voor het project Arbeidsparticipatie is een belangrijk onderwerp voor mensen met een chronische ziekte of functiebeperking

Nadere informatie

Model implementatieplan Vakbekwaam worden en blijven

Model implementatieplan Vakbekwaam worden en blijven Model implementatieplan Vakbekwaam worden en blijven Gegevens Versie: 7.3 Datum: 8 oktober 2009 Status: Concept Opgesteld door: Angelina den Besten Pim Donders Edwin Kadiks Jan Pluim Annemarie Breur Alex

Nadere informatie

Meerjarenbeleidsplan Multidisciplinair Opleiden, Trainen en Oefenen 2015 2018. Veiligheidsregio BrabantNoord

Meerjarenbeleidsplan Multidisciplinair Opleiden, Trainen en Oefenen 2015 2018. Veiligheidsregio BrabantNoord AGP 6 VD 20141117, bijlage 1 Meerjarenbeleidsplan Multidisciplinair Opleiden, Trainen en Oefenen 2015 2018 Veiligheidsregio BrabantNoord Conceptversie 1.1 (juli 2014) Colofon Titel : Meerjarenbeleidsplan

Nadere informatie

Bijlage A Taken op het gebied van de brandveiligheid en hulpverlening

Bijlage A Taken op het gebied van de brandveiligheid en hulpverlening Bijlage A Taken op het gebied van de brandveiligheid en hulpverlening (Behorende bij bestuursafspraken gemeente met de Veiligheidsregio Kennemerland i.o.*) * De Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) i.o.

Nadere informatie

De oranje kolom in de Veiligheidsregio

De oranje kolom in de Veiligheidsregio De oranje kolom in de Veiligheidsregio Visiedocument voor de verankering van de gemeentelijke kolom in de Veiligheidsregio Zeeland - Vastgesteld in Kring van Zeeuwse gemeentesecretarissen d.d. 12 april

Nadere informatie

Parafen met datum. Aard voorstel: Strategisch > 50.000 Politiek gevoelig Regelgeving Risico s:

Parafen met datum. Aard voorstel: Strategisch > 50.000 Politiek gevoelig Regelgeving Risico s: Onderwerp: Risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) reddingsduiken brandweer Drenthe. Voorgesteld besluit: 1. De deel-ri&e reddingsduiken formeel vaststellen. (Geldend voor de colleges van de gemeenten:

Nadere informatie

Project inrichten leeragentschap

Project inrichten leeragentschap Programma verbeteren lerend vermogen Brandweer Project inrichten leeragentschap Versie 2.0 Van leeragentschap naar leerarena Van Don Quichot naar gedeelde verantwoordelijkheid 1 Inleiding In deze nota

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 26 956 Beleidsnota Rampenbestrijding 2000 2004 31 117 Bepalingen over de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige

Nadere informatie

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM De tijd dat MVO was voorbehouden aan idealisten ligt achter ons. Inmiddels wordt erkend dat MVO geen hype is, maar van strategisch belang voor ieder

Nadere informatie

Kwalificatiedossier Hoofd Acute Gezondheidszorg

Kwalificatiedossier Hoofd Acute Gezondheidszorg Kwalificatiedossier Hoofd Acute Gezondheidszorg Versie definitief Vastgesteld door Cluster Veiligheid GGD GHOR Nederland op 17 september 2015 1 Inhoud Leeswijzer... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Nadere informatie

Inzicht in de activiteiten die brandweer Maas en Waal verricht voor de gemeente Beuningen.

Inzicht in de activiteiten die brandweer Maas en Waal verricht voor de gemeente Beuningen. Lokaal pakket brandweerzorg Dienstenboek brandweer Maas en Waal voor de gemeente Beuningen Inzicht in de activiteiten die brandweer Maas en Waal verricht voor de gemeente Beuningen. Bijlage bij de dienstverleningsovereenkomst

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR KWALIFICATIEPROFIEL VOOR OEFENCOORDINATOR werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 10 juli 2008 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR datum vergadering 17 juni 2010 auteur Daniëlle Vollering telefoon 033-43 46 133 e-mail dvollering@wve.nl afdeling Staf behandelend bestuurder drs. J.M.P. Moons onderwerp agendapunt Uitkomst en benutting

Nadere informatie

Begroting 2015. V Ą Vėiligheidsregio. ^ Drenthe

Begroting 2015. V Ą Vėiligheidsregio. ^ Drenthe Begroting 215 V Ą Vėiligheidsregio ^ Drenthe VOORWOORD Dit is d e t w e e d e b e g r o t i n g v a n V e i l i g h e i d s r e g i o D r e n t h e ( V R D ). Hierin is h e t v o l i e d i g e b u d g

Nadere informatie

Centrum voor Jeugd en Gezin. Bouwstenen voor de groei

Centrum voor Jeugd en Gezin. Bouwstenen voor de groei Centrum voor Jeugd en Gezin Bouwstenen voor de groei Moduleaanbod Stade Advies Centrum voor Jeugd en Gezin; Bouwstenen voor de groei Hoe organiseert u het CJG? Plan en Ontwikkelmodulen: Module Verkenning

Nadere informatie

OPENBARE SAMENVATTING

OPENBARE SAMENVATTING OPENBARE SAMENVATTING Project Gebruikersgroep energiemanagement RVO Datum 17 juli 2015 Onderwerp Openbare samenvatting NRK/mix gebruikersgroep implementatie energiemanagement in context van Europese EED-wetgeving

Nadere informatie

Evaluatie en verbetering kwaliteitsysteem

Evaluatie en verbetering kwaliteitsysteem Evaluatie en verbetering kwaliteitsysteem Versie : 00-00-00 Vervangt versie : 00-00-00 Geldig m.i.v. : Opsteller : ------------------- Pag. 1 van 5 Goedkeuringen : Datum: Paraaf: teamleider OK/CSA : DSMH

Nadere informatie

Ferwert, 28 mei 2013.

Ferwert, 28 mei 2013. AAN: de raad van de gemeente Ferwerderadiel Sector : I Nr. : 15/36.13 Onderwerp : Brandrisicoprofiel Veiligheidsregio Fryslân Ferwert, 28 mei 2013. 1. Inleiding Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

Specifiek Kader Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Gelderland-Zuid

Specifiek Kader Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Gelderland-Zuid Specifiek Kader Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Gelderland-Zuid Gemeente Nijmegen Opgesteld door: Afdeling Veiligheid, Koen Delen Laatst geactualiseerd: 18 december 2011 Uiterste datum volgende

Nadere informatie

VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken

VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken VMS veiligheidseisen voor het ZKN-Keurmerk Een vertaling van de NTA8009:2011 naar de situatie van de zelfstandige klinieken Leiderschap 1. De directie heeft vastgelegd en is eindverantwoordelijk voor het

Nadere informatie

Concept-raadsvoorstel. Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân. Aan: de Raad

Concept-raadsvoorstel. Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân. Aan: de Raad Concept-raadsvoorstel Plaats X, Datum X Onderwerp: Brandrisicoprofiel veiligheidsregio Fryslân Aan: de Raad 1. Inleiding Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio s (Wvr) met het daaraan gekoppelde

Nadere informatie

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat Werkwijze 2004 publicatienr. 04-03 Ad Graafland Paul Schepers 3 maart 2004 abcdefgh Rijkswaterstaat Werkwijze 2/16 I Inleiding Verandering In 2003 is de organisatie van de ingrijpend veranderd. Twee belangrijke

Nadere informatie

Brandweer Nederland Samen sterk, samen veilig

Brandweer Nederland Samen sterk, samen veilig Brandweer Nederland Samen sterk, samen veilig Met hart en ziel Brandweer Nederland staat voor 31.000 brandweermensen die zich met hart en ziel inzetten voor hun medemens. Die 24 uur per dag en 7 dagen

Nadere informatie

Rekenkamercommissie Wijdemeren

Rekenkamercommissie Wijdemeren Rekenkamercommissie Wijdemeren Protocol voor het uitvoeren van onderzoek 1. Opstellen onderzoeksopdracht De in het werkprogramma beschreven onderzoeksonderwerpen worden verder uitgewerkt in de vorm van

Nadere informatie

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Aan Veiligheidsberaad Van DB Veiligheidsberaad Datum 17 september Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Context en aanleiding Tijdens het Veiligheidsberaad

Nadere informatie

Teams algemeen Voortgang aanbevelingen/acties komend uit de Memo Leermomenten Moerdijk VRZ

Teams algemeen Voortgang aanbevelingen/acties komend uit de Memo Leermomenten Moerdijk VRZ 12-dec-11 Brw Leerarena Veiligheid personeel: Leidinggevenden dienen te zorgen voor persoonlijke bewustwording van de eigen veiligheid en gezondheid bij ingezet personeel en het toezien op naleving van

Nadere informatie

OPERATIONEEL MANAGER. Werkzaam bij de brandweer

OPERATIONEEL MANAGER. Werkzaam bij de brandweer PORTFOLIO OPERATIONEEL MANAGER Werkzaam bij de brandweer Status Het format van dit portfolio is vastgesteld door de deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het project Kwaliteit Brandweerpersoneel

Nadere informatie

WORKSHOPHANDLEIDING Het Verbeterplan

WORKSHOPHANDLEIDING Het Verbeterplan 1 WORKSHOPHANDLEIDING Het Verbeterplan Doorstroomtraject BBL/BOL-PW4 Kerntaak: 3 Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken Werkprocessen: 3.1 Werkt aan deskundigheidsbevordering en professionalisering

Nadere informatie

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014

Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014 Onderzoeksprogramma van het Kenniscentrum Voorrangsvoertuigen voor 2013-2014 In 2011 en 2012 heeft het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) onderzoek uitgevoerd naar voorrangsvoertuigen. Sinds 2013 wordt

Nadere informatie

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Plan van Aanpak POV Auteur: Datum: Versie: POV Macrostabiliteit Pagina 1 van 7 Definitief 1 Inleiding Op 16 november hebben wij van u

Nadere informatie

TACTISCH MANAGER. Werkzaam bij de brandweer

TACTISCH MANAGER. Werkzaam bij de brandweer PORTFOLIO TACTISCH MANAGER Werkzaam bij de brandweer Status Het format van dit portfolio is vastgesteld door de deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het project Kwaliteit Brandweerpersoneel in juni

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR CENTRALIST MELDKAMER

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR CENTRALIST MELDKAMER KWALIFICATIEPROFIEL VOOR CENTRALIST MELDKAMER werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 5 maart 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project

Nadere informatie

Advies en plan van aanpak om leren rondom patiëntveiligheid te borgen in het medisch en verpleegkundig onderwijs oktober 2011

Advies en plan van aanpak om leren rondom patiëntveiligheid te borgen in het medisch en verpleegkundig onderwijs oktober 2011 N A A R E E N D O O R L O P E N D E L E E R L I J N PAT I Ë N T V E I L I G H E I D Advies en plan van aanpak om leren rondom patiëntveiligheid te borgen in het medisch en verpleegkundig onderwijs oktober

Nadere informatie

Rol en positie van COBRA 2008

Rol en positie van COBRA 2008 Rol en positie van COBRA 2008 Visiedocument netwerk Communicatie Brandweer en Rampenbestrijding Februari 2007 Rol en positie van COBRA 2008 Visiedocument netwerk Communicatie Brandweer en Rampenbestrijding

Nadere informatie

Ordening van processen in een ziekenhuis

Ordening van processen in een ziekenhuis 4 Ordening van processen in een ziekenhuis Inhoudsopgave Inhoud 4 1. Inleiding 6 2. Verantwoording 8 3. Ordening principes 10 3.0 Inleiding 10 3.1 Patiëntproces 11 3.2 Patiënt subproces 13 3.3 Orderproces

Nadere informatie

Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken

Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken Hieronder treft u per onderwerp het beoordelingskader aan van de module Betalingsachterstanden hypotheken 2014-2015. Ieder onderdeel

Nadere informatie

CONVENANT. SLOTERVAART ZIEKENHUIS VEILIGHEIDSREGIO Amsterdam-Amstelland SAMENWERKINGSAFSPRAKEN VOOR RAMPEN EN CRISES

CONVENANT. SLOTERVAART ZIEKENHUIS VEILIGHEIDSREGIO Amsterdam-Amstelland SAMENWERKINGSAFSPRAKEN VOOR RAMPEN EN CRISES CONVENANT SLOTERVAART ZIEKENHUIS VEILIGHEIDSREGIO Amsterdam-Amstelland SAMENWERKINGSAFSPRAKEN VOOR RAMPEN EN CRISES 2012 Ondergetekenden: 1. Het Slotervaart, gevestigd te Amsterdam, in deze rechtsgeldig

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

Rapport Fatale Woningbranden 2011 en Rapport Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking 1

Rapport Fatale Woningbranden 2011 en Rapport Fatale woningbranden 2003 en 2008 t/m 2011: een vergelijking 1 29517 Veiligheidsregio s 30821 Nationale Veiligheid Nr. 62 Brief van de minister van Veiligheid en Justitie Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 5 juli 2012 Met deze brief

Nadere informatie

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van. Henzen Wegenbouw B.V.

Communicatieplan. Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2. Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van. Henzen Wegenbouw B.V. Communicatieplan Conform 2.C.1, 2.C.2, 2.C.3 en 3.C.2 Gedocumenteerd intern en extern communicatieplan van Henzen Wegenbouw B.V. Auteur(s): Dhr. P. Henzen, (Directie) Mevr. H. Nawijn (CO 2-functionaris)

Nadere informatie

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Datum: 25-6-13 Onderwerp Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Status Besluitvormend Voorstel Het college toestemming te verlenen tot het wijzigen

Nadere informatie

Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek

Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek Ingevuld door: Naam Instelling: Documentenanalyse Veiligheidsvisitatiebezoek In de documentenanalyse wordt gevraagd om verplichte documentatie en registraties vanuit de NTA 8009:2007 en HKZ certificatieschema

Nadere informatie

Nieuwsflits kwaliteit brandweerpersoneel

Nieuwsflits kwaliteit brandweerpersoneel Nieuwsflits kwaliteit brandweerpersoneel Nummer 1, augustus 2009 Nieuwsflits kwaliteit brandweerpersoneel Hierbij treft u de eerste nieuwsflits aan van het project implementatie en communicatie kwaliteit

Nadere informatie

Algemeen bestuur Veiligheidsregio Groningen

Algemeen bestuur Veiligheidsregio Groningen AGENDAPUNT 2 Algemeen bestuur Veiligheidsregio Groningen Vergadering 12 december 2014 Strategische Agenda Crisisbeheersing In Veiligheidsregio Groningen werken wij met acht crisispartners (Brandweer, Politie,

Nadere informatie

Functieprofiel: Arbo- en Milieucoördinator Functiecode: 0705

Functieprofiel: Arbo- en Milieucoördinator Functiecode: 0705 Functieprofiel: Arbo- en Milieucoördinator Functiecode: 0705 Doel Initiëren, coördineren, stimuleren en bewaken van Arbo- en Milieuwerkzaamheden binnen een, binnen de bevoegdheid van de leidinggevende,

Nadere informatie

Managementgame Het Nieuwe Werken

Managementgame Het Nieuwe Werken Resultaten Managementgame Het Nieuwe Werken www.managementgamehetnieuwewerken.nl Leren door horen en zien, maar vooral doen en ervaren! MANAGEMENT GAME HET NIEUWE WERKEN Inleiding Think too Organisatieadviseurs

Nadere informatie

Registratie en onderzoek (bijna-)ongevallen

Registratie en onderzoek (bijna-)ongevallen Registratie en onderzoek (bijna-)ongevallen Handboek Documenteigenaar/contactpersoon Sietse Smit Afdeling OV Vastgesteld MT Regionaal Bureau Vaststellingsdatum 23 mei 2011 Naam document Registratie en

Nadere informatie

KWALITEITSKAART. Scan opbrengstgericht besturen. Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen. Waarom deze scan?

KWALITEITSKAART. Scan opbrengstgericht besturen. Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen. Waarom deze scan? KWALITEITSKAART Opbrengstgericht werken PO Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen Opbrengstgericht werken (OGW) is het systematisch en doelgericht werken aan het maximaliseren van

Nadere informatie

Verbeterplan visitatie 2011-2014

Verbeterplan visitatie 2011-2014 Verbeterplan visitatie 2011-2014 Managementafspraken 2011 Hoofddoelen volgend uit visitatieonderzoek 2010 Zes perspectieven en acht hoofddoelen klanten 1. Professionele klanten: Habion onderhoudt voldoende

Nadere informatie

Evaluatie vrachtwagenbrand Heinenoordtunnel

Evaluatie vrachtwagenbrand Heinenoordtunnel Evaluatie vrachtwagenbrand Heinenoordtunnel Barendrecht 12 juni 2014 Mark Goudzwaard Inhoud Onderzoeken en evaluaties De procesevaluatie - Voorbereiding - Vorm Leer- en verbeterpunten Vervolgacties 2 RWS

Nadere informatie

Communicatieplan m.b.t. CO2

Communicatieplan m.b.t. CO2 Communicatieplan m.b.t. CO2 Opgesteld door : H. van Roode en Y. van der Vlies Datum : 20 februari 2014 Goedgekeurd door : H. van Roode Datum: 20 februari 2014 Blad 2 van 11 Inhoudsopgave Inleiding... 3

Nadere informatie

Kwaliteitshandboek v1.0 CO 2 -Prestatieladder Roelofs

Kwaliteitshandboek v1.0 CO 2 -Prestatieladder Roelofs Kwaliteitshandboek v1.0 CO 2 -Prestatieladder Roelofs Datum: Januari 2013 Bezoekadres Dorpsstraat 20 7683 BJ Den Ham Postadres Postbus 12 7683 ZG Den Ham T +31 (0) 546 67 88 88 F +31 (0) 546 67 28 25 E

Nadere informatie

6 TIPS DIE HET PRESTEREN VAN UW WERKOMGEVING VERBETEREN

6 TIPS DIE HET PRESTEREN VAN UW WERKOMGEVING VERBETEREN 6 TIPS DIE HET PRESTEREN VAN UW WERKOMGEVING VERBETEREN INLEIDING Het Nieuwe Werken is in de afgelopen jaren op vele plekken geïntroduceerd om slimmer om te gaan met de beschikbare middelen binnen organisaties

Nadere informatie

Checklist voor controle (audit) NEN 4000

Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Rigaweg 26, 9723 TH Groningen T: (050) 54 45 112 // F: (050) 54 45 110 E: info@precare.nl // www.precare.nl Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Nalooplijst hoofdstuk 4 Elementen in de beheersing van

Nadere informatie

Kwalificatiedossier Hoofd Publieke Gezondheidszorg

Kwalificatiedossier Hoofd Publieke Gezondheidszorg Kwalificatiedossier Hoofd Publieke Gezondheidszorg Versie definitief Vastgesteld door Cluster Veiligheid GGD GHOR Nederland op 17 september 2015 1 Inhoud Leeswijzer... 3 Deel A Algemene informatie... 4

Nadere informatie

Medewerker administratieve processen en systemen

Medewerker administratieve processen en systemen processen en systemen Doel Voorbereiden, analyseren, ontwerpen, ontwikkelen, beheren en evalueren van procedures en inrichting van het administratieve proces en interne controles, rekening houdend met

Nadere informatie

VOORSTEL AB AGENDAPUNT :

VOORSTEL AB AGENDAPUNT : VOORSTEL AB AGENDAPUNT : PORTEFEUILLEHOUDER : F.K.L. Spijkervet AB CATEGORIE : B-STUK (Beleidsstuk) VERGADERING D.D. : 26 november 2013 NUMMER : WM/MIW/RGo/7977 OPSTELLER : R. Gort, 0522-276805 FUNCTIE

Nadere informatie

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA VOORWOORD In dit verslag van obs de Delta treft u op schoolniveau een verslag aan van de ontwikkelingen in het afgelopen schooljaar in het kader van de onderwijskundige ontwikkelingen,

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING KWALIFICATIEPROFIEL VOOR MEDEWERKER OPERATIONELE VOORBEREIDING werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 5 maart 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten

Nadere informatie

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid

Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Branchestandaard blijvende vakbekwaamheid Functie verkenner (gevaarlijke stoffen) werkzaam bij de brandweer De Brandweeracademie is onderdeel van het Instituut Fysieke Veiligheid 2 Branchestandaard blijvende

Nadere informatie