Selectielijst voor de neerslag van het College voor zorgverzekeringen ( ) en Zorginstituut Nederland (vanaf )

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Selectielijst voor de neerslag van het College voor zorgverzekeringen (01-07-1999 01-04-2014) en Zorginstituut Nederland (vanaf 01-04-2014)"

Transcriptie

1 Selectielijst voor de neerslag van het College voor zorgverzekeringen ( ) en Zorginstituut Nederland (vanaf ) Vastgesteld Staatscourant 13106, 18 mei 2015 Zorgdrager: Zorginstituut Nederland Documentnummer:

2 2

3 Inhoudsopgave 1 OVERZICHT VAN GEBRUIKTE AFKORTINGEN 5 2 VERANTWOORDING Aanleiding voor de selectielijst Wettelijk kader voor de selectie van overheidsarchieven Totstandkoming van de selectielijst Selectiedoelstelling Selectiecriteria Criteria uitzondering van vernietiging Verslag van de vaststellingsprocedure Leeswijzer bij de selectielijst 12 3 ACTOR COLLEGE VOOR ZORGVERZEKERINGEN ( )/ZORGINSTITUUT NEDERLAND (2014-) EN ZIJN BELEIDSTERREIN 14 4 HANDELINGEN VAN DE BEDRIJFSVOERING VAN HET COLLEGE VOOR ZORGVERZEKERINGEN ( )/ZORGINSTITUUT NEDERLAND (2014-) Bestuur en organisatie Communicatie Verslaglegging Juridische ondersteuning Financiën Personeel Eigendom en bezit Interne faciliteiten 65 5 HANDELINGEN VAN DE PRIMAIRE TAKEN VAN HET COLLEGE VOOR ZORGVERZEKERINGEN ( )/ZORGINSTITUUT NEDERLAND ( ) Advies over de inhoud en samenstelling van het pakket Zvw en het pakket AWBZ Onderzoek Publiciteit en voorlichting 72 3

4 5.4 Fondsbeheer Subsidietaken op grond van wet- en regelgeving Uitvoering van voorzieningen en regelingen voor bijzondere groepen Verbindingsorgaan 81 6 RELEVANTE WET- EN REGELGEVING 83 4

5 1 Overzicht van gebruikte afkortingen AFBZ AOW AWBZ AWW AZR BHV BSD CBS CIBG Cie CIZ CJIB CTU CTZ CVZ EG EHIC EU GIP ISSA KB KNHG MOOZ NZa OCW PBO PC DIN Pivot RIO SFK SIO Skgz Stb. Stcrt. SVB UWV VWS Wob WOOPA zbo Zfw ZIN Zvw Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten Algemene Ouderdomswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Algemene Weduwen- en Wezenwet AWBZ-brede Zorgregistratie Bedrijfshulpverlening Basisselectie Document Centraal Bureau voor de Statistiek Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg Commissie Centraal Indicatieorgaan Zorg Centraal Justitieel Incasso Bureau College Toezicht Uitvoeringsorganisatie College Toezicht Zorg College voor zorgverzekeringen Europese Gemeenschap European Health Insurance Card Europese Unie Geneesmiddelen Informatie Project International Social Security Association Koninklijk Besluit Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap Medefinanciering Oververtegenwoordiging Oudere ziekenfondsverzekerden Nederlandse Zorgautoriteit Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen Publiekrechtelijke Bedrijfs- en Beroepsorganisaties Permanente Commissie Documentaire Informatievoorziening Project Invoering Verkorting Overbrengingstermijn Rapport Institutioneel Onderzoek Stichting Farmaceutische Kengetallen Strategisch Informatie Overleg Stichting Klachten- en Geschillen Zorgverzekeringen Staatsblad Staatscourant Sociale Verzekeringsbank Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Wet openbaarheid van bestuur Wij Organiseren Onze Personeels Activiteiten Zelfstandig bestuursorgaan Ziekenfondswet Zorginstituut Nederland Zorgverzekeringswet 5

6 6

7 2 Verantwoording 2.1 Aanleiding voor de selectielijst Zorginstituut Nederland (ZIN) (voorheen het College voor zorgverzekeringen [CVZ]) is een publiekrechtelijk zelfstandig bestuursorgaan (zbo). Onder de naam CVZ werd het op 1 juli 1999 de rechtsopvolger van de Ziekenfondsraad, die op die datum ophield te bestaan. Op basis van artikel 41, eerste lid, onderdeel a, van de Archiefwet 1995 is het bestuur van ZIN belast met de zorg over de neerslag van haar handelingen vanaf 1999 (tot onder de naam CVZ en vanaf onder de naam ZIN). Voor het uitvoeren van de aan zorg gerelateerde archiefwettelijke taken is het o.a. vereist dat een zorgdrager beschikt over een toereikend selectie-instrumentarium om de onder zijn zorg vallende neerslag (archiefbescheiden) in een goede, geordende en toegankelijke staat te brengen. Hiertoe is het noodzakelijk dat het bestuur van ZIN over een selectielijst beschikt conform artikel 5 van de Archiefwet Deze selectielijst is opgesteld om te voorzien in een toereikend selectie-instrumentarium, waarmee ZIN de neerslag van haar handelingen en die van haar naamsvoorganger vanaf 1999 kan selecteren, d.w.z. vernietigen na het verstrijken van de bewaartermijn dan wel overbrengen naar de bij wet (Archiefwet 1995) aangewezen archiefbewaarplaats m.b.t. de als zodanig gewaardeerde archiefbescheiden. 2.2 Wettelijk kader voor de selectie van overheidsarchieven Ingevolge artikel 3 van de Archiefwet 1995 (Stb. 1995, 276) dient de overheid haar archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren. Met 'archiefbescheiden' wordt bedoeld: alle bescheiden, in welke vorm dan ook, die door een overheidsorgaan zijn ontvangen of opgemaakt en naar hun aard bestemd zijn daaronder te berusten. Het in goede, geordende en toegankelijke staat brengen en bewaren van archiefbescheiden houdt onder meer in dat de overheid het door haar gevormde archief frequent schoont. In dit verband schrijft de Archiefwet 1995 zowel een vernietigings- als overbrengingsplicht voor. Beide verplichtingen rusten op degene die de bestuurlijke verantwoordelijkheid draagt voor het beheer van het desbetreffende archief: de zorgdrager. De verplichting tot overbrenging houdt in, dat de zorgdrager zijn archiefbescheiden die niet voor vernietiging in aanmerking komen en ouder dan twintig jaar zijn voor de permanente bewaring hiervan overbrengt naar een archiefbewaarplaats. Wat de archiefbescheiden van de ministeries en de zelfstandige bestuursorganen betreft, is het Nationaal Archief in Den Haag de aangewezen archiefbewaarplaats, conform artikel 26, eerste lid Archiefwet 1995 (in het vervolg van deze selectielijst genoemd: de archiefbewaarplaats). In verband met de selectie van hun archiefbescheiden zijn zorgdragers op grond van artikel 5 van de Archiefwet 1995 verplicht hiertoe selectielijsten op te stellen. In een selectielijst dient te worden aangegeven welke archiefbescheiden voor vernietiging, dan wel voor blijvende bewaring in aanmerking komen. Voorts dient een selectielijst de termijnen aan te geven, waarna de te vernietigen archiefbescheiden moeten worden vernietigd. Een selectielijst is naar haar aard een duurzaam instrument, waarmee de zorgdrager het door hem gevormde archief gedurende een periode van ten hoogste twintig jaar 1) na vaststelling van de selectielijst kan selecteren (artikel 2, tweede lid, van het Archiefbesluit 1995). De toepassing van de selectielijst geldt niet slechts eenmalig, maar wordt als instrument frequent door de zorgdrager gehanteerd voor het selecteren van de gevormde archiefbescheiden in het tijdsvak van de twintig jaar waarvoor de selectielijst is vastgesteld. Een selectielijst vormt een belangrijk onderdeel van het instrumentarium dat de zorgdrager tot zijn beschikking heeft voor het (laten) uitvoeren van de zorg over en het beheer van de archiefbescheiden. Bij het ontwerpen van een selectielijst dient krachtens artikel 2, eerste lid, van het Archiefbesluit 1995 rekening te worden gehouden met: a. de taak van het desbetreffende overheidsorgaan; b. de verhouding van dit overheidsorgaan tot andere overheidsorganen; c. de waarde van de archiefbescheiden als bestanddeel van het cultureel erfgoed; en d. het belang van de in de archiefbescheiden voorkomende gegevens voor overheidsorganen, voor recht- of bewijszoekenden en voor historisch onderzoek. 7

8 Voorts bepaalt artikel 3, eerste lid, van het Archiefbesluit 1995 dat de zorgdrager bij het ontwerpen van een selectielijst ten minste betrekt: a. de persoon die hij binnen zijn organisatie uit hoofde van diens verantwoordelijkheid voor de informatiehuishouding daartoe heeft aangewezen; b. indien deze is benoemd de archivaris die de beheerder is van de archiefbewaarplaats die is bestemd of mede is bestemd voor de bewaring van de archiefbescheiden van de zorgdrager; c. in afwijking van onderdeel b de algemene rijksarchivaris indien de in dat onderdeel bedoelde archiefbewaarplaats een rijksarchiefbewaarplaats is; d. een deskundige op het terrein van de relatie tussen burger en overheid en de betekenis van overheidsinformatie voor deze relatie. Door middel van artikel 5, eerste lid, van het Archiefbesluit 1995 wordt aangegeven waaruit een selectielijst ten minste bestaat: a. een titel waaruit blijkt op welk overheidsorgaan de selectielijst betrekking heeft; b. een opsomming van de taken van dat overheidsorgaan; c. een systematische opsomming van categorieën archiefbescheiden, waarin bij iedere categorie is aangegeven of de archiefbescheiden bewaard worden dan wel na welke termijn zij voor vernietiging in aanmerking komen; d. een toelichting die in ieder geval bevat: 1 een verantwoording voor de wijze waarop toepassing is gegeven aan artikel 2, eerste lid, 2 een verslag van de wijze waarop derden en in elk geval de personen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, bij het ontwerpen van de selectielijst betrokken zijn en van de inhoud van het met hen gevoerde overleg, en 3 een verslag van de procedure, bedoeld in artikel 4. e. een opsomming van de criteria aan de hand waarvan de zorgdrager Archiefbescheiden die ingevolgde de selectielijst voor vernietiging in Aanmerking komen, van vernietiging kan uitzonderen. Ten aanzien van artikel 5, eerste lid, onderdeel c, bepaalt het Archiefbesluit 1995 door middel van het tweede lid, dat de opsomming in overeenstemming dient te zijn met de voor het archief geldende ordeningsstructuur. In het kader van de vernieuwing van het selectiebeleid is het Archiefbesluit 1995, zoals geldend per 1 januari 2013, op twee punten gewijzigd ten opzichte van het Archiefbesluit 1995, zoals geldend tot 1 januari 2013: procedureel: het strategisch informatieoverleg (SIO) vervangt het driehoeksoverleg en het advies van de Raad voor Cultuur; inhoudelijk: de categorieën archiefbescheiden waaruit een selectielijst bestaat, moeten voortaan in overeenstemming zijn met de ordeningsstructuur die een zorgdrager op zijn informatie toepast. In de aanloop naar de vaststelling van de wijzigingen van het Archiefbesluit 1995 heeft het Nationaal Archief de Overgangsregeling en voorziening wijziging Archiefbesluit opgesteld voor selectielijsten die al in procedure zijn maar niet voor 1 januari 2013 vastgesteld zullen worden. In het wijzigingsbesluit is opgenomen dat het inhoudelijke voorschrift niet van toepassing is op lijsten vastgesteld voor 1 januari Op grond van de overgangsregeling is bepaald dat dit voorschrift ook niet van toepassing zal zijn op selectielijsten waarvan het ontwerp zo ver is gevorderd dat aanpassingen aan die bepalingen voor de zorgdrager onredelijk bezwarend zou zijn. Voor het procedurele voorschrift (het inrichten van een SIO en m.n. het betrekken van een externe deskundige bij de vaststelling van een selectielijst) is om wettechnische redenen geen aparte toevoeging gedaan. Dit betekent dat bij lijsten die na 1 januari 2013 worden vastgesteld, altijd een externe deskundige moet worden ingeschakeld. Om zorgdragers op dit laatste punt tegemoet te komen, stelt het Nationaal Archief voor een bepaalde periode een externe deskundige beschikbaar, waarvoor gebruik kan worden gemaakt bij het vaststellen van de selectielijst. ZIN maakt voor het vaststellen van deze selectielijst gebruik van deze overgangsregeling. Omdat de selectielijst de neerslag van de handelingen van ZIN betreft, vindt 8

9 de vaststelling van de selectielijst plaats conform artikel 5, tweede lid, onderdeel c, en artikel 3 van de Archiefwet 1995 en artikel 4 van het Archiefbesluit Hieruit volgt dat de selectielijst wordt vastgesteld door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, het besluit tot vaststelling in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, er op de voorbereiding van de selectielijst afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is en voorafgaand aan de vaststelling door een ieder zienswijzen naar voren kunnen worden gebracht. 1) Hoewel wat betreft de geldigheidsduur van de selectielijst wordt uitgegaan van de wettelijke periode van twintig jaar vanaf de vaststelling, geldt dat de selectielijst dan wel één of meer onderdelen hiervan komt te vervallen mocht een nieuwe dan wel herziene selectielijst voor dezelfde zorgdrager en hetzelfde beleidsterrein binnen deze termijn worden vastgesteld. 2.3 Totstandkoming van de selectielijst Bij de totstandkoming van de selectielijst is naast het Basisselectie Document, mede de (vastgestelde) Selectielijst neerslag handelingen Ziekenfondsraad uit 1997 gebruikt. Bij de opvolging van de Ziekenfondsraad door het CVZ zijn immers de meeste taken overgegaan. Wel is er getracht om de handelingen minder gedetailleerd te omschrijven en daarmee passender te maken op de handelingen zoals uitgevoerd bij het CVZ ( )/ZIN (2014-). Daarnaast is er gebruik gemaakt van het Rapport Institutioneel Onderzoek (RIO) van Loek Nijholt uit 2005 en de jaarverslagen van het CVZ om een passend beeld te krijgen van de organisatie en de veranderingen in de organisatie vanaf zijn ontstaan in Een samenvattende omschrijving van de actor CVZ ( )/ZIN (2014-)is te lezen in het volgende hoofdstuk. Uit de jaarverslagen zijn ook de taken achterhaald, die aan het CVZ zijn toebedeeld na het uitbrengen van het voornoemde RIO (periode 2005 tot en met 2013). 2.4 Selectiedoelstelling De doelstelling bij de selectie van overheidsarchieven is dat de belangrijkste bronnen van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig worden gesteld voor blijvende bewaring. Met het te bewaren materiaal moet het mogelijk zijn om een reconstructie te maken van de hoofdlijnen van het handelen van de rijksoverheid ten opzichte van haar omgeving, maar ook van de belangrijkste historisch maatschappelijke gebeurtenissen en ontwikkelingen, voor zover deze zijn te reconstrueren uit overheidsarchieven. Deze selectiedoelstelling wordt in deze lijst toegepast op het beleid op het terrein van de bedrijfsvoering en de primaire taken van het CVZ ( )/ZIN (2014-) vanaf Selectiecriteria De selectie van archiefbescheiden vindt plaats in het kader van de selectiedoelstelling. Aan de selectie gaat het proces van waarderen vooraf. Waarderen is het bepalen welke redenen er zijn om archiefbescheiden te bewaren dan wel te verwijderen. De waardebepaling vindt plaats op juridisch, administratief en historisch gebied. Ten aanzien van archiefbescheiden wordt door middel van waardering vastgesteld welke archiefbescheiden op termijn uit het archief verwijderd mogen worden en welke niet. Selectie is de administratieve verwerking, in een selectielijst, van de tijdens het proces van waarderen verkregen metagegevens. Waardering en selectie liggen in elkaars verlengde, ze kunnen niet los van elkaar worden gezien. Het resultaat van de selectie is de verwijdering van de archiefbescheiden. Verwijdering is ofwel de feitelijke tenietdoening (vernietiging) van de archiefbescheiden, ofwel de overbrenging van de archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats. De context waarin archiefbescheiden zijn gevormd is het fundament ten opzichte waarvan de feitelijke verwijdering van archiefbescheiden wordt bepaald. Als de neerslag van een handeling als bewaren is aangemerkt, wordt hiermee bedoeld: permanent bewaren in een archiefbewaarplaats. Hiertoe dient de zorgdrager de desbetreffende archiefbescheiden na het verstrijken van de wettelijke overbrengingstermijn van twintig jaar 9

10 over te brengen naar een archiefbewaarplaats, conform artikel 12 van de Archiefwet Evenwel kan de zorgdrager te bewaren archiefbescheiden, die jonger zijn dan twintig jaar, naar een archiefbewaarplaats overbrengen, wanneer naar het oordeel van de beheerder van de archiefbewaarplaats voldoende aanleiding bestaat hiervoor ruimte beschikbaar te stellen (artikel 13, eerste lid, van de Archiefwet 1995). Als de neerslag van een handeling als vernietigen is aangemerkt, moet de zorgdrager deze neerslag (laten) vernietigen na het verstrijken van de in de selectielijst vastgestelde termijn ten aanzien van deze handeling, conform artikel 3 van de Archiefwet De neerslag van de handeling mag niet voor het verstrijken van deze termijn worden vernietigd. De bewaartermijn zelf wordt bepaald door het administratieve belang en het belang van de burger, enerzijds ten behoeve van het adequaat kunnen uitvoeren van de administratie en de hieruit voortvloeiende verantwoordingsplicht en anderzijds ten behoeve van de rechten en bewijzen van de hiernaar zoekende burger. Om de selectiedoelstelling te bereiken zijn de handelingen in deze selectielijst gewaardeerd aan de hand van de volgende algemene selectiecriteria. Deze criteria zijn in 1997 door het Convent van Rijksarchivarissen vastgesteld en geaccordeerd door PC DIN en KNHG. Selectiecriteria Handelingen die gewaardeerd worden met B(ewaren) Algemene selectiecriterium Toelichting 1. Handelingen die betrekking hebben op voorbereiding en bepaling van beleid op hoofdlijnen Hieronder wordt verstaan agendavorming, het analyseren van informatie, het formuleren van adviezen met het oog op toekomstig beleid, het ontwerpen van beleid of het plannen van dat beleid, alsmede het nemen van beslissingen over de inhoud van beleid en terugkoppeling van beleid. Dit omvat het kiezen en specificeren van de doeleinden en de instrumenten. 2. Handelingen die betrekking hebben op evaluatie van beleid op hoofdlijnen Hieronder wordt verstaan het beschrijven en beoordelen van de inhoud, het proces of de effecten van beleid. Hieronder valt ook het toetsen van en het toezien op beleid. Hieruit worden niet per se consequenties getrokken zoals bij terugkoppeling van beleid. 3. Handelingen die betrekking hebben op verantwoording van beleid op hoofdlijnen aan andere actoren Hieronder valt tevens het uitbrengen van verslag over beleid op hoofdlijnen aan andere actoren of ter publicatie. 4. Handelingen die betrekking hebben op (her)inrichting van organisaties Hieronder wordt verstaan het instellen, wijzigen of opheffen van organen, 10

11 belast met beleid op hoofdlijnen organisaties of onderdelen daarvan. 5. Handelingen die bepalend zijn voor de wijze waarop beleidsuitvoering op hoofdlijnen plaatsvindt Onder beleidsuitvoering wordt verstaan het toepassen van instrumenten om de gekozen doeleinden te bereiken. 6. Handelingen die betrekking hebben op beleidsuitvoering op hoofdlijnen en direct zijn gerelateerd aan of direct voortvloeien uit voor het Koninkrijk der Nederlanden bijzondere tijdsomstandigheden Bijvoorbeeld in het geval de ministeriële verantwoordelijkheid is opgeheven en/of wanneer sprake is van oorlogstoestand, staat van beleg of toepassing van noodwetgeving. De algemene selectiecriteria zijn positief geformuleerd, dat wil zeggen: het zijn bewaarcriteria. In deze selectielijst zijn de handelingen die als bewaren zijn aangemerkt voorzien van een B, gevolgd door het criteriumnummer waaraan zij voldoen. De handelingen die als vernietigen zijn aangemerkt zijn voorzien van een V, gevolgd door de termijn waarop na het verstrijken hiervan de betreffende neerslag moet worden vernietigd. 2.6 Criteria uitzondering van vernietiging Op grond van artikel 5, lid 1 onder e, kan een zorgdrager archiefbescheiden, die ingevolge de voor hem vastgestelde selectielijst voor vernietiging in aanmerking komen, van vernietiging uitzonderen. In deze selectielijst worden voor de toepassing van het in de vorige zin genoemde uitzonderen de volgende criteria onderscheiden: archiefbescheiden betreffende zaken of gebeurtenissen met een voor het CVZ ( )/ZIN (2014-) uniek of bijzonder karakter; archiefbescheiden die betrekking hebben op bijzondere tijdsomstandigheden of gebeurtenissen; archiefbescheiden inzake objecten die door vorm of (vroegere) bestemming op zichzelf of voor het CVZ ( )/ZIN (2014-) beeldbepalend, karakteristiek of van bijzondere aard zijn; archiefbescheiden die een samenvatting zijn van gegevens, zoals jaarverslagen, overzichten en statistieken; archiefbescheiden inzake personen die op enig gebied van bijzondere betekenis (geweest) zijn; van bijzondere betekenis zijn bij voorbeeld personen met een belangrijke functie binnen het CVZ ( )/ZIN (2014-) en personen met een maatschappelijk vooraanstaande rol; archiefbescheiden die de door een calamiteit verloren gegane stukken én die voor bewaring in aanmerking zouden zijn gekomen, kunnen vervangen; archiefbescheiden betreffende individuele zaken die geleid hebben tot algemene regelgeving; archiefbescheiden die bij daadwerkelijke vernietiging de logische samenhang van de te bewaren archiefbescheiden zouden verstoren; archiefbescheiden die zijn gebruikt voor een parlementaire enquête, een juridisch onderzoek e.d. van dien aard dat zij een historisch-maatschappelijke waarde verkrijgen. Indien archiefbescheiden in deze selectielijst als te vernietigen zijn aangemerkt, kunnen deze op grond van de hierboven opgesomde criteria van vernietiging worden uitgezonderd. De uitzondering van vernietiging betreft alleen absolute uitzondering, dat wil zeggen met het oog op overbrenging naar de archiefbewaarplaats. 11

12 2.7 Verslag van de vaststellingsprocedure In januari 2013 is de ontwerp-selectielijst 1) aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) aangeboden. In oktober 2014 heeft deze de selectielijst ter advisering toegestuurd aan de door hem benoemde externe deskundige, drs. P.R. te Slaa. Van het gevoerde overleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat met de selectielijst ter inzage is gelegd. Vanaf 2 maart lag de selectielijst gedurende zes weken ter publieke inzage bij de registratiebalie van de studiezaal en op de website van het Nationaal Archief, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant. Van (historische) organisaties of individuele burgers is geen commentaar ontvangen. Daarop werd de selectielijst op 11 mei 2015 door de algemene rijksarchivaris namens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vastgesteld. Deze beschikking is gepubliceerd in de Staatscourant (Stcrt. 2015, nr , d.d. 18 mei [NA/2015 /15646). 1) De concept-selectielijst heeft ZIN opgesteld in samenwerking met de heer drs. H. Waalwijk (docent/onderzoeker Hogeschool Amsterdam/Archiefschool). 2.8 Leeswijzer bij de selectielijst De Selectielijst neerslag handelingen College voor zorgverzekeringen ( )/ Zorginstituut (2014-) bestaat uit twee gedeelten: het eerste deel (hoofdstuk 4 Handelingen op het terrein van de bedrijfsvoering van het CVZ [ ]/ZIN [ ]) omvat de handelingen op het terrein van de bedrijfsvoering van het CVZ ( )/ZIN ( ) en het tweede deel (hoofdstuk 5 Handelingen op het terrein van de primaire taken van het CVZ [ ]/ZIN [ ]) omvat de handelingen op het terrein van de primaire taken van het CVZ ( )/ZIN ( ). De handelingen in het eerste deel zijn verdeeld over acht subhoofdstukken (4.1 t/m 4.7), in het tweede deel twee over zeven subhoofdstukken (5.1 t/m 5.7). In de kolom Omschrijving zijn per onderwerp de handelingen opgesomd die verband houden met het terrein dat met de onderwerpsaanduiding wordt omschreven, door middel van de aanduiding van de neerslag van deze handelingen. Omdat de selectielijst is gebaseerd op de ordening van het archief van ZIN, op wat er aan archiefbescheiden is aangetroffen, is bij de omschrijving van de handelingen gekozen voor de specifieke aanduiding om welke archiefbescheiden het gaat door middel van de aanduiding stukken. De samenstelling van de handelingen van deze selectielijst komt zo overeen met de ordening van het archief van de bedrijfsvoering van ZIN. Daar waar het noodzakelijk is om onderscheid in waardering aan te geven, is er voor gekozen in de kolom Voornaamste neerslag enkele voorbeelden te geven van de archiefbescheiden waar het om gaat. De handelingnummers zijn weergegeven in de kolom Nr. Wanneer twee of meer handelingen van overeenkomstige aard zijn en er toch sprake is van verschillende handelingen, is er voor een onderverdeling van het handelingnummer gekozen, bij voorbeeld 7a, 7b, enzovoort. In de kolom Waardering is door middel van B of V aangegeven of de archiefbescheiden voor permanente bewaring (B) dan wel vernietiging (V) in aanmerking komen. Onder 2.5 zijn de selectiecriteria opgesomd op basis waarvan archiefbescheiden voor permanente bewaring in aanmerking komen. Voldoen de archiefbescheiden aan één van deze criteria dan zijn ze als B gewaardeerd, gevolgd door het nummer van het betreffende criterium, bij voorbeeld B1. Bij archiefbescheiden die aan meer dan één bewaarcriteria voldoen om ze voor permanente bewaring in aanmerking te laten komen, worden al deze bewaarcriteria achter de B genoemd, bij voorbeeld B 3 en 5. Bij de voor vernietiging in aanmerking komende archiefbescheiden is achter de V de bewaartermijn van de neerslag opgegeven, bij voorbeeld V 10. Pas na het verstrijken van de bewaartermijn moet de betreffende neerslag worden vernietigd, tenzij voor het verstrijken van de bewaartermijn er zich omstandigheden voordoen waardoor de neerslag voldoet aan één of meer van de onder 2.6 genoemde criteria en deze van vernietiging is uitgezonderd. Van de bewaartermijnen is aangegeven wanneer deze ingaan en eindigen. 12

13 Indien uit de omschrijving van de neerslag van de handelingen onvoldoende blijkt waaruit de neerslag nu precies bestaat, is in de kolom Voornaamste neerslag aangegeven welke archiefbescheiden de handelingen hebben gegenereerd. In de kolom Archiefcode is de fysieke ordening aangegeven van de neerslag van de handelingen. Dit betreft de plaatsingcode waaronder van de handelingen de neerslag is terug te vinden, die o.b.v. de Archiefcode (en de afleidingen hiervan) is geordend. 13

14 3 De actor College voor zorgverzekeringen ( )/Zorginstituut Nederland (2014-) en zijn beleidsterrein 3.1 Inleiding Als zbo ontleent ZIN sinds 1 januari 2006 (toen nog onder de naam CVZ) haar rechtspersoonlijkheid aan artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet (Zvw). ZIN is belast met de taken die hem bij of krachtens de wet of internationale overeenkomst zijn opgedragen. In dit kader zijn de Zvw en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) de belangrijkste wetten m.b.t. het beleidsterrein van het ZIN. Vóór 1 januari 2006 ontleende ZIN als CVZ (sinds 1 juli 1999) haar rechtspersoonlijkheid aan artikel 1a, eerste lid, van de Ziekenfondswet (Zfw). Van 1 juli 1999 tot 1 januari 2006 was het CVZ belast met de taken die hem waren opgedragen bij of krachtens de Zfw, de AWBZ, de Wet financiering volksverzekeringen (Wfv), de Overgangswet verzorgingshuizen, de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998 (Wtz 1998), de Wet tarieven gezondheidszorg (Wtg), de Wet ziekenhuisvoorzieningen (Wzv), een andere wet of een internationale overeenkomst. Het vervallen van de Zfw en de inwerkingtreding van de Zvw per 1 januari 2006 betekende een cesuur in het zorgstelsel. Het verschil tussen de voormalige ziekenfondsverzekering en particuliere verzekering verviel met de inwerkingtreding van de Zvw. In de beschrijving van het beleidsterrein van het CVZ en zijn organisatie is dan ook de volgende tweedeling* aangehouden: De periode waarop de Zfw van kracht was m.b.t. de taken en de organisatie van het CVZ: ; De periode waarop de Zvw van kracht was m.b.t. de taken en de organisatie van het CVZ: * In het kader van deze tweedeling wordt onder De AWBZ in hoofdlijnen de AWBZ niet beschreven als alleen geldend en werkzaam voor de periode ; de AWBZ bleef van kracht na het einde van de Zfw. De beschrijving van de handelingen van het CVZ beslaat de periode Laatstgenoemde datum houdt evenwel geen cesuur in wat betreft de taken van het CVZ m.b.t. de Zvw en AWBZ vanaf Het wetsvoorstel tot Wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg en andere wetten in verband met de taken en bevoegdheden op het gebied van de kwaliteit van de zorg (Wetsvoorstel 33243, 24 april 2012) beoogt een aanzienlijke uitbreiding van de taken en wijziging van de organisatie van het CVZ. Hoewel, vooruitlopend op de inwerkingtreding van het wetsvoorstel (dat was voorzien op 1 januari 2013 in werking te treden), er in 2013 reeds taken van de in het wetsvoorstel genoemde organisaties waren overgegaan op het CVZ, waren deze taken op het moment van de overgang nog niet volledig uitgekristalliseerd. De beschrijving van de handelingen van deze taken heeft dan ook geen plaats in deze selectielijst gekregen. Evenwel wordt onder 3.4 Zorginstituut Nederland kort het verband beschreven tussen de inwerkingtreding van Wetsvoorstel en het CVZ, dat tot zijn naamswijziging in ZIN heeft geleid. 14

15 3.2 Periode De overgang van Ziekenfondsraad naar CVZ en Commissie Toezicht Uitvoeringsorganisatie (CTU) Eind 1998/begin 1999 keurden de Eerste en Tweede Kamer het Wetsvoorstel uitvoeringsorganen volksgezondheid* goed. Dit wetsvoorstel vormde het sluitstuk van de herziening van de advies- en uitvoeringsstructuur in de sociale ziektekostenverzekeringen (de operatie 'Raad op Maat'), geregeld in de Zfw en de AWBZ. Centraal in het wetsvoorstel stond de scheiding van advies-, overleg- en uitvoeringsfuncties en het herstel van het primaat van de politiek. De wet had betrekking op de vier zelfstandige bestuursorganen aan de top van de uitvoeringsstructuur: de Ziekenfondsraad (ZFR, rechtsopvolgers: CVZ/CTU) het Centraal orgaan tarieven gezondheidszorg (rechtsopvolger: College tarieven gezondheidszorg) het College voor Ziekenhuisvoorzieningen (rechtsopvolger: College bouw ziekenhuisvoorzieningen, vanaf.: College bouw zorginstellingen) de Commissie sanering ziekenhuisvoorzieningen (rechtsopvolger: College afwikkeling sanering zorgvoorzieningen). * Wetsvoorstel 26011: Wijziging van de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet ziekenhuisvoorzieningen in verband met wijzigingen in de taak, samenstelling en werkwijze van de in die wetten geregelde bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee (uitvoeringsorganen volksgezondheid). Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr. 86c (Eindverslag Vaste Commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport; vastgesteld 23 februari 1999). Het CVZ nam de taken van de ZFR per 1 juli 1999 grotendeels over. Het toezicht op de uitvoeringsorganisatie werd echter overgenomen door de CTU (die tot 1 januari 2001 als bestuursorgaan functioneerde binnen de rechtspersoonlijkheid van het CVZ. Daarna was zij volledig verzelfstandigd en voerde zij haar toezichtstaak uit als zbo onder de naam College van toezicht op de zorgverzekeringen [CTZ]: zie verder De verzelfstandiging van de toezichtstaak en de samenwerking tussen CVZ en CTZ [kennis- en informatieorganisatie]). Een belangrijk verschil tussen de ZFR en het CVZ was het besturingsmodel. De ZFR werkte volgens een participatiemodel; het CVZ bestond uit een bestuur, het college, van maximaal negen onafhankelijke leden, benoemd door de minister van VWS. Wel was het CVZ wettelijk verplicht om bij de voorbereiding van elk besluit de nodige kennis over de relevante feiten te verzamelen en de in het geding zijnde belangen goed af te wegen. De laatste vergadering van de ZFR vond plaats op 24 juni 1999, waarin aan de orde kwamen: de ontwikkelingen die leidden tot de omvorming van adviesorgaan ZFR naar uitvoeringsorgaan CVZ, de scheiding van beleid en uitvoering, de ontvlechting van bestuur en toezicht en het verlaten van het participatiemodel. Een maand eerder werd de directie van het secretariaat van de ZFR uitgebreid met een vierde directeur. Naast de algemeen directeur, die tevens directeur is van het aandachtsgebied Verzekeringen en Uitvoeringsorganisatie, twee directeuren met de respectievelijke aandachtsgebieden Zorg en Financiering is een directeur Toezicht aan de topstructuur toegevoegd. Bestuur (CVZ) en toezicht (CTU) waren afhankelijk van elkaars goed functioneren en moesten daarom nauw blijven samenwerken, ieder vanuit de eigen verantwoordelijkheid. Daarom werd al voor 1 juli 1999 besloten de directie van het secretariaat van de ZFR te complementeren met een directeur Toezicht. Het CVZ ging van start op 1 juli 1999 en op 4 oktober 1999 installeerde de minister van VWS het bestuur van het CVZ. Tegelijkertijd installeerde hij de leden van de CTU. In 1999 werd de reorganisatie doorgezet, die al in 1998 was begonnen met de modernisering van verantwoording en verslaggeving, zowel van de uitvoeringsorganen als van het CVZ zelf. In de, begin 1999 van de minister van VWS ontvangen, opdracht werd aan deze reorganisatie verder inhoud gegeven. Er werd ook een nieuwe vorm gekozen voor de ontwikkeling van de verschillende verantwoordingen. De verschillende projecten waren naast de al genoemde externe modernisering gericht op een doelmatiger werken door een herontwerp van bepaalde bedrijfsprocessen en door systematische aandacht voor de bedrijfsvoering (interne modernisering) en ontvlechting van bepaalde bestuurlijke en toezichtstaken van het secretariaat van de ZFR respectievelijk het CVZ/CTU. 15

16 Het moderniseringsprogramma kende drie hoofdtrajecten: externe modernisering, interne modernisering en ontvlechting secretariaat. - Het traject externe modernisering richtte zich op het bewerkstelligen van moderniseringen bij de uitvoeringsorganen. Dit betrof met name de wijze van het afleggen van verantwoording door de uitvoeringsorganen over de 'bedrijfsvoering' en de informatievoorziening hierover. - Het traject interne modernisering richtte zich op de veranderingen binnen het CVZ zelf, ook uitgaande van de beoogde veranderingen bij de uitvoeringsorganen. Dit betrof de noodzakelijke verandering van attitude, werkwijze en werkinstrumenten voor de straks gescheiden bestuurlijke en toezichthoudende taak. Maar het ging ook om meer intern gerichte veranderingen in werkaanpak. - Het traject ontvlechting secretariaat draaide om de organisatorische aanpassingen die nodig zouden zijn als het CVZ en de CTU als van elkaar losgemaakte organisaties gingen samenwerken. Dit traject zocht naar de meest praktische vormgeving van de samenwerking tussen (de secretariaten van) het CVZ en het aanstaande CTZ. In het kader van het traject interne modernisering, stelde het CVZ in augustus 1999 zijn meerjarenplan en de hieraan gekoppelde meerjarenraming vast De jaren 2000 en 2001: het CVZ als uitvoeringsorganisatie en wegbereider voor het ministerie van VWS Het CVZ had als taak er zorg voor te dragen dat ziekenfonds- en AWBZ-verzekerden goede toegang hadden tot de zorg die zij nodig hadden. Die zorg moest van hoge kwaliteit zijn en efficiënt georganiseerd. Het CVZ droeg hieraan bij door de ziekenfonds- en de AWBZverzekering goed te laten functioneren. De opdracht van het College werd samengevat in zijn mission statement: Het bevorderen van een doelmatige verzekering en financiering als toegang tot goede zorg. Deze missie vormde de leidraad en toetssteen voor alle activiteiten en producten van het CVZ. Als zbo werkte het CVZ vanuit een centrale positie tussen het ministerie van VWS en de zorgverzekeraars en zorgkantoren die de Zfw en de AWBZ uitvoerden. Richting het ministerie van VWS betekende dit dat het CVZ het ministerie informeerde en ondersteunde in de uitvoering van zijn beleid op het gebied van de zorgverzekeringen. In zijn werkzaamheden voor het ministerie van VWS concentreerde het CVZ zich op het verzekeringsstelsel en op het systeem van beleidsregels en richtlijnen. Voor de uitvoeringsorganen anderzijds kwam de taak van het CVZ vooral neer op het faciliteren van de uitvoering van de Zfw en de AWBZ. De belangrijkste partijen, waarop de inspanningen van het CVZ zich richtten, waren: het ministerie van VWS; de uitvoerders van de Zfw en de AWBZ; en de andere belangrijke partijen in het zorgveld. Mede aangezet door de ontwikkelingen in de AWBZ, heeft het CVZ in 2001 onderzocht of en op welke wijze de aansturing en facilitering door het CVZ zouden kunnen worden verbeterd. Dit leidde er echter niet toe dat een focuspunt uitvoeringsorganisatie werd ingericht, zoals in het werkprogramma nog wel was aangekondigd. In plaats daarvan werd besloten om de gezamenlijke aansturing vanuit de directie van de belangrijkste strategische projecten centraal te stellen. Deze waren: de modernisering van de verantwoording en de verslaggeving rond de Zfw en de AWBZ; de modernisering van de AWBZ; de modernisering van de curatieve zorg; monitoring en informatievoorziening; een programmabureau voor de zorgkantoren; en signaleringen ter ondersteuning van de stelselontwikkelingen. Daarnaast onderzocht het CVZ in 2000 hoe de directies Financiering en Verzekering en Zorg zich beter op de uitvoeringsorganisatie konden oriënteren. Dit leidde tot gespecificeerde werkafspraken en het gericht versterken van de formatie. Het CVZ startte in 2001 met de van de praktijkdesk voor de zorgverzekeraars. De zorgverzekeraars konden bij de praktijkdesk 16

17 terecht met complexe bestuurlijke meldingen van fricties tussen praktijk en regelgeving in de Zfw en de AWBZ. Het CVZ deed aan drie vormen van voorlichting: via dagelijkse voorlichting aan het publiek en het veld; via jaarlijks terugkerende publiekscampagnes; en via eenmalige en kortdurende publiekscampagnes. In 2001 werd het onderzoeksbeleid van het CVZ geformuleerd. In het werkprogramma 2002 werden de hoofdlijnen van dit voor het CVZ nieuwe onderzoeksbeleid aangegeven. De inhoudelijke reikwijdte van het door het CVZ uit te voeren onderzoek, de interne begeleiding en de commissiestructuur werden conform dit beleid aangepast. Het project verantwoording en verslaggeving van de uitvoeringsorganen was in 1998 gestart. Aanvankelijk ging de aandacht met name uit naar de verantwoording en verslaggeving van de ziekenfondsen. Mede naar aanleiding van het tussen het ministerie van VWS, Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en het CVZ overeengekomen convenant inzake taken en beheerskosten, richtte de aandacht zich ook op de modernisering van de verantwoording en verslaggeving in de AWBZ De Europese dimensie Vanaf het jaar 2000 kregen steeds meer nationale aangelegenheden te maken met Europese kaders en Europese regelgeving, ook op het terrein van de gezondheidszorg en sociale zekerheid. Vóór 2000 werden gezondheidszorg en sociale zekerheid als puur nationale aangelegenheden beschouwd. Uit de - overigens al uit de jaren tachtig daterende - jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (Hof EG) blijkt echter dat de lidstaten weliswaar in hoge mate vrij zijn om hun eigen stelsel van sociale zekerheid naar eigen model in te richten, maar dat zij bij die inrichting binnen de kaders van het Europese recht moeten blijven. Deze kaders waren en zijn een zaak van voortschrijdend inzicht. Leidraad voor het overheidshandelen was (en is) het toepassen van transparante en objectieve criteria, zonder onderscheid naar nationaliteit. In de uitvoeringspraktijk heeft het Europese recht zich in het jaar 2000 nadrukkelijk gemanifesteerd. Zo ontwikkelde het CVZ beleid voor de toelating van in het buitenland gevestigde zorginstellingen. Het CVZ stelde zich op het standpunt dat een toelating voor die instellingen niet vereist is, maar dat zij, als zij daar om verzochten, in principe konden worden toegelaten. Een contracteerplicht jegens deze instellingen gold slechts voor zover de behoefte bij de verzekerden aan die zorg bestond. Verder hadden zorgverzekeraars in de grensregio's steeds meer de mogelijkheid te baat genomen om een zorgovereenkomst te sluiten met zorgaanbieders in België en Duitsland. Het CVZ trachtte in overleg met de betreffende zorgverzekeraars een goede oplossing te vinden voor met elkaar botsende wettelijke systemen. Ook in juridische geschillen werden het CVZ en de uitvoeringsorganen in toenemende mate geconfronteerd met argumenten die liggen op het vlak van het Europese recht De verzelfstandiging van de toezichtstaak en de samenwerking tussen CVZ en CTZ (kennis- en informatieorganisatie) De CTU voerde als commissie binnen de ZFR de toezichtstaak* van de ZFR uit. De politieke opvatting was echter dat het toezicht geheel onafhankelijk gepositioneerd moest worden. De positie, het werkterrein en de bevoegdheden van de CTU werden wettelijk vastgelegd in de reeds genoemde Wet uitvoeringsorganen volksgezondheid van Daarmee werd de CTU binnen het werkverband van het CVZ gepositioneerd, totdat zij conform de bedoeling van het wetsvoorstel was verzelfstandigd in de vorm van een zbo zoals het CVZ. De commissie bestond uit vijf onafhankelijke leden, die geen deel uitmaakten van het bestuur van het college van het CVZ. Zij werden rechtstreeks benoemd door de minister. * Deze taak werd van 1 juli 1999 tot 1 januari 2001 binnen de rechtspersoonlijkheid van het CVZ uitgevoerd door de CTU. De handelingen van de CTU in genoemde periode worden niet in deze selectielijst behandeld, omdat artikel XIII van de wet van 13 december 2000 tot Wijziging van de Ziekenfondswet en enige andere wetten in verband met de instelling van een onafhankelijk College van toezicht op de zorgverzekeringen (Instelling College van toezicht op de 17

18 zorgverzekeringen) heeft bepaald dat de neerslag van de handelingen van de CTU van 1 juli 1999 tot 1 januari 2001 is overgegaan op CTZ bij de instelling van het CTZ op 1 januari Hoewel hier feitelijk geen uitvoering aan is gegeven op het moment van de instelling van het CTZ, mede wegens de gezamenlijke huisvesting van het CVZ en het CTZ van 2001 tot 2006, en ZIN deze neerslag beheert op het moment van het opstellen van deze selectielijst, is deze neerslag niet opgenomen in deze selectielijst, aangezien de zorg over deze neerslag bij de Nederlandse Zorgautoriteit berust (als rechtsopvolger van het CTZ) en de handelingen van de CTU zijn beschreven en vastgesteld in de Selectielijst van de Nederlandse Zorgautoriteit en rechtsvoorgangers op het beleidsterrein Toezicht en regulering in de gezondheidszorg, (handelingnummers 23 t/m 26). Het traject van de totstandkoming van de twee nevengeschikte bestuursorganen CVZ en CTZ op het terrein van de Zfw en AWBZ werd in 2001 volbracht. Op 1 april 2001 trad de Wet van 13 december 2000 tot wijziging van de Ziekenfondswet en enige andere wetten in verband met de instelling van een onafhankelijk College van toezicht op de zorgverzekeringen (Instelling College van toezicht op de zorgverzekeringen), Stb. 2001, januari Artikel XI trad reeds eerder in werking, namelijk op 1 maart 2001 (Besluit van 16 februari 2001 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van een aantal bepalingen van de Wet van 13 december 2000 tot wijziging van de Ziekenfondswet en enige andere wetten in verband met de instelling van een onafhankelijk College van toezicht op de zorgverzekeringen [Instelling College van toezicht op de zorgverzekeringen] [Stb. 2001, 23], Stb. 2001, februari Met deze wet kwam een einde aan de situatie, gecreëerd door de Wet van 27 maart 1999 tot wijziging van de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet ziekenhuisvoorzieningen in verband met wijzigingen in de taak, samenstelling en werkwijze van de in die wetten geregelde bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee (uitvoeringsorganen volksgezondheid), Stb. 1999, april 1999, dat binnen de rechtspersoonlijk van het CVZ twee bestuursorganen opereerden (het CVZ en de CTU). De Wet van 13 december 2000 strekte tot modernisering en verzelfstandiging van het toezicht op de uitvoering van de Zfw en AWBZ. Naast de instelling van het CTZ regelde de wet de verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van het CVZ en CTZ op het terrein van de zorgverzekeringen en de verhouding tussen beide organen onderling en beider verhouding tot de minister van VWS. Het CVZ en het CTZ vervulden vanaf dat moment een gelijkwaardige positie in de besturing van de zorgverzekeringen. Het CVZ bevorderde de uitvoering van de zorgverzekeringen en stelde de beleidsregels vast voor de uitvoeringsorganen Zfw en AWBZ; het CTZ volgde de CTU op, met overneming van de CTU-taak, en hield vanaf 1 januari 2001 toezicht op de uitvoeringsorganen. Met andere woorden: het CVZ was belast met sturing 'vooraf' en het CTZ met toezicht 'achteraf'. Vanwege het belang van een eenduidige bejegening van de uitvoeringsorganisatie van de Zfw en de AWBZ stemden het CVZ en CTZ hun activiteiten op elkaar af, zonder in elkaars onderscheiden verantwoordelijkheden te treden. De samenwerking tussen het CVZ en het CTZ werd op 1 april 2001 vastgelegd in een samenwerkingsprotocol, een samenwerkingsconvenant en een samenwerkingsovereenkomst. Ten behoeve van de samenwerking werd in 2001 een gezamenlijk Dienstencentrum voor en door het CVZ en het CTZ opgezet (zie Dienstencentrum CVZ/CTZ ). In het Dienstencentrum- CVZ/CTZ waren niet alleen de klassieke ondersteunende en overheadactiviteiten ondergebracht (zoals bij voorbeeld facilitaire ondersteuning en personeelszaken), maar ook de gezamenlijke kennis- en informatie-organisatie. Daarmee droegen het CVZ en het CTZ samen zorg voor een eenduidige kennis- en informatie-uitwisseling met de uitvoeringsorganisaties. Beide organisaties maakten afspraken met de uitvoeringsorganisatie over de gegevensaanlevering aan het CVZ en het CTZ; die gegevensaanlevering en -verwerking werd zowel voor de taken van het CVZ als het CTZ gebruikt. In het kader van de verbondenheid van en de samenwerking tussen het CVZ en het CTZ betrokken beide organisaties in 2003 gezamenlijk een nieuwe huisvesting in Diemen. Hiervoor hadden zij reeds een gezamenlijke huisvesting in Amstelveen (de voormalige zetel van de Ziekenfondsraad). De verzelfstandiging van het toezicht ging samen met de modernisering van het toezicht. Dit kwam tot uitdrukking in de inrichting van de nieuwe controle- en verantwoordingsstructuur en de posities die de verschillende organen daarin innamen. Kenmerkend voor deze modernisering was dat: elk uitvoeringsorgaan zelf verantwoordelijk was voor het tot stand brengen van zijn eigen recht- en doelmatigheid en daar zelf verantwoording over moest afleggen; de uitvoeringsorganen tijdig na het aflopen van het kalenderjaar verantwoording aflegden, zodat de gehele verantwoordings- en toezichtketen in de tijd gezien zo kort mogelijk was; 18

19 de toezichtketen gesloten moest zijn en tevens efficiënt; geen schakels mochten ontbreken, maar ook overlap werd zoveel mogelijk vermeden. Vanaf 1 april 2001 was het CTZ dus verantwoordelijk voor het toezicht op de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de Zfw en AWBZ. Naast de beoordeling van de uitvoering door individuele zorgverzekeraars gaf het CTZ ook een oordeel over de totale uitvoering van de ziektekostenverzekeringen. Per 1 januari 2006 integreerde het CTZ in de Nederlandse Zorgautoriteit, die voortkwam uit het College tarieven gezondheidszorg/zorgautoriteit i.o. 19

20 3.2.5 Taken en producten van het CVZ Het CVZ had tot 2006 als taak de uitvoering van de Zfw en AWBZ door de ziekenfondsen, ziektekostenverzekeraars en uitvoerende organen te coördineren en te bewaken. Daarnaast beheerde het de financiële middelen van de in deze wetten geregelde verzekeringen. Deze taak was overeenkomstig die van zijn rechtsvoorganger de ZFR. In tegenstelling tot de ZFR ging het CVZ wel over de toelating van ziekenfondsen en ziektekostenverzekeraars tot de uitvoering van de Zfw en AWBZ en over het toelaten van instellingen. De behandeling van klachten kwam daarentegen te berusten bij de zorgverzekeraars zelf en bij de Nationale Ombudsman. Daarnaast kende het CVZ een goedkeurende taak ten aanzien van landelijke overeenkomsten die tussen ziektekostenverzekeraars en organen voor gezondheidszorg, waaronder de beroepsbeoefenaren, gesloten werden. Deze goedkeuring had geen betrekking op het onderdeel tarieven en honoraria, dat via het Ctg liep. In het verleden, vóór de inwerkingtreding van de Wet tarieven gezondheidszorg, had de toenmalige ZFR wel een (goedkeurende/bekrachtigende) taak op het vlak van tarieven en honoraria. Een adviserende taak had de ZFR m.b.t. onderwerpen die de ziekenfonds- en AWBZverzekering raakten, zoals de kring der verzekerden, de premieprognoses en het verstrekkingenpakket. Deze functie ontviel het CVZ i.h.k.v. de algehele herziening van de adviesstructuur per 1997 (Herzieningswet Adviesstelsel). Regelgevend was het college net als in het verleden de ZFR nog wel in die zin dat het nadere regels kon stellen met betrekking tot aard en omvang van de verzekeringen en met betrekking tot de uitvoering daarvan, alleen in die gevallen waarin deze bevoegdheid aan het CVZ was verleend bij of krachtens de wet. De vier centrale taken van het CVZ in de periode waren: Het beheren van de kassen van de Zfw en de AWBZ; Het coördineren van de uitvoering van de Zfw en de AWBZ door het opstellen van beleidsregels, de interpretatie van regelgeving en de ontwikkeling van stimuleringsprogramma's voor bij voorbeeld zorgvernieuwing. Als onderdeel van deze taak subsidieerde het CVZ bepaalde zorg; Het toetsen van het overheidsbeleid op uitvoerbaarheid en doelmatigheid, (ook: het toetsen van de financiële, juridische, administratief-organisatorische en zorginhoudelijke gevolgen voor verzekerden en verzekeraars); Het toelaten van zorginstellingen en zorgverzekeraars en de naleving van internationale verdragsregelingen. Om zijn taken te vervullen beschikte het CVZ over een aantal sturingsinstrumenten. Met deze instrumenten droeg het CVZ bij aan de beleidsontwikkeling en beleidsuitvoering door het ministerie van VWS en aan de uitvoering van de wettelijke taken van de uitvoeringsorganen Zfw en AWBZ. De belangrijkste sturingsinstrumenten van het CVZ waren: het uitbrengen van adviezen aan de minister van VWS over de interpretatie, wijziging en flexibilisering van verzekeringsaanspraken; het uitbrengen van adviezen aan de minister van VWS over de 'kring van verzekerden': opneming en uitsluiting van groepen verzekerden en definiëring van (inkomens)grenzen; het vaststellen van modelovereenkomsten en het goedkeuren van uitkomsten van overleg; het toelaten van zorgverzekeraars en zorginstellingen; het bewaken van de statuten en reglementen van zorgverzekeraars; het stellen van eisen aan de administratie en de verantwoording door zorgverzekeraars; het inrichten van de budgettering en financiering van zorgverzekeraars; het subsidiëren van zorg(vernieuwings)projecten; het geven van spiegelinformatie (het genereren van spiegelinformatie vond plaats door de patiënten- of klantenoordelen van één zorgaanbieder te vergelijken met die van de andere soortgelijke zorgaanbieders); het geven van publieksvoorlichting en voorlichting aan zorgverzekeraars; het beïnvloeden van het zorgveld via richtlijnen en kompassen; het implementeren van overheidsbeleid door het stellen van (beleids)regels; het uitvoeren van evaluatieonderzoek naar de uitvoeringsaspecten van politieke besluiten; en het monitoren en signaleren van ontwikkelingen in de uitvoering van de Zfw en de AWBZ. 20

Selectielijst voor de neerslag van de PIOFACH-handelingen van de Ziekenfondsraad en de neerslag van haar commissies (1949-1999)

Selectielijst voor de neerslag van de PIOFACH-handelingen van de Ziekenfondsraad en de neerslag van haar commissies (1949-1999) Selectielijst voor de neerslag van de PIOFACH-handelingen van de Ziekenfondsraad en de neerslag van haar commissies (1949-1999) Versie vastgesteld, Staatscourant 4007, 16 februari 2015 Zorgdrager: Zorginstituut

Nadere informatie

Productbeschrijving BSD. Inhoudsopgave

Productbeschrijving BSD. Inhoudsopgave Productbeschrijving BSD Versie januari 2004, plus verwerkt commentaar Nationaal Archief van februari 2004 Goedgekeurd op vergadering Interdepartementaal Platform Selectievraagstukken, 3 maart 2004 Inhoudsopgave

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris Postbus 90520. 2509 LM 's-gravenhage

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris Postbus 90520. 2509 LM 's-gravenhage ..,.scs...l...cálaa.3 9 3's-3612+3 2506 AE Den Haag tcl.foon.317c310ssse fax +32(o)70 36147 27 e-mail cultuur@cultuur.nl wwwcultuur.nl De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de

Nadere informatie

Selectielijst Klantenloket EPD (bij Nictiz) 2008-2011

Selectielijst Klantenloket EPD (bij Nictiz) 2008-2011 Selectielijst Klantenloket EPD (bij Nictiz) 2008-2011 Van de zorgdrager: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) Concept versie ter inzage Inhoudsopgave A Inleiding... 3 1.1 Doel en werking

Nadere informatie

Besluit van 15 december 1995, houdende regelen ter uitvoering van een aantal bepalingen van de Archiefwet 1995

Besluit van 15 december 1995, houdende regelen ter uitvoering van een aantal bepalingen van de Archiefwet 1995 ARCHIEFBESLUIT 1995 (Tekst geldend op: 06-09-2007) Besluit van 15 december 1995, houdende regelen ter uitvoering van een aantal bepalingen van de Archiefwet 1995 Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin

Nadere informatie

Den Haag, februari 2015 F.J.G. Limburg

Den Haag, februari 2015 F.J.G. Limburg Verslag van het ingevolge artikel 5, eerste lid sub d. van het Archiefbesluit 1995, gevoerde overleg tussen Zorginstituut Nederland en het Nationaal Archief met betrekking tot de selectielijst, zoals bedoeld

Nadere informatie

Den Haag, september 2013 Dr. F.J.G. Limburg

Den Haag, september 2013 Dr. F.J.G. Limburg Verslag van het ingevolge artikel 5, sub d., j o 2 Archiefbesluit 1995, gevoerde overleg tussen het bedrijfschap Horeca en Catering en het Nationaal Archief met betrekking tot de selectielijst, zoals bedoeld

Nadere informatie

Selectielijst. Stichting Vervangingsfonds 1992 - heden

Selectielijst. Stichting Vervangingsfonds 1992 - heden Selectielijst Stichting Vervangingsfonds 1992 - heden Versie vastgesteld Staatscourant 4027, 14 februari 2014 Mark Hoogland (Eiffel BV) In opdracht van het Participatiefonds Inhoud 1. Verantwoording...

Nadere informatie

REGELING ARCHIEFBEHEER RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN

REGELING ARCHIEFBEHEER RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN REGELING ARCHIEFBEHEER RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN INHOUD I II III IV V VI VII VIII IX X XI XII XIII XIV Begripsbepalingen Verantwoordelijkheden en organisatie archiefbeheer Archiefbeheer Postregistratie

Nadere informatie

Model-regeling Archiefbeheer/Documentaire Informatievoorziening. RAAMREGELING ARCHIEFBEHEER/ DOCUMENTAIRE INFORMATIEVOORZIENING [naam instelling]

Model-regeling Archiefbeheer/Documentaire Informatievoorziening. RAAMREGELING ARCHIEFBEHEER/ DOCUMENTAIRE INFORMATIEVOORZIENING [naam instelling] RAAMREGELING ARCHIEFBEHEER/ DOCUMENTAIRE INFORMATIEVOORZIENING [naam instelling] PAZU Werkgroep Beheersregels Page 1 29-10-2002 INDELING Art. nrs. Blz. Hoofdstuk I Algemene bepalingen 1 3/5 Hoofdstuk II

Nadere informatie

Dit samenwerkingsconvenant vervangt het Samenwerkingsprotocol tussen de AFM en de NZa van 10 september 2007;

Dit samenwerkingsconvenant vervangt het Samenwerkingsprotocol tussen de AFM en de NZa van 10 september 2007; Samenwerkingsconvenant tussen de Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) inzake de samenwerking en de uitwisseling van informatie met betrekking tot toezicht

Nadere informatie

artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995 en artikel 36 van de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht

artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995 en artikel 36 van de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht Archiefverordening RUD Utrecht 2014 Het algemeen bestuur van de RUD Utrecht gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van RUD Utrecht Gelet op: artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995

Nadere informatie

Regeling Archiefbeheer College bouw ziekenhuisvoorzieningen

Regeling Archiefbeheer College bouw ziekenhuisvoorzieningen Het College bouw ziekenhuisvoorzieningen, gelet op artikel 14 van het Archiefbesluit 1995; Besluit: Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Bouwcollege: het College bouw ziekenhuisvoorzieningen;

Nadere informatie

(070) 373 8393. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad. Samenvatting. informatiecentrum tel. ons kenmerk BAOZW/U201300267 Lbr.

(070) 373 8393. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad. Samenvatting. informatiecentrum tel. ons kenmerk BAOZW/U201300267 Lbr. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8393 betreft Archiefconvenant; wijzigingen in de Archiefwet en -regelgeving Samenvatting uw kenmerk ons kenmerk BAOZW/U201300267

Nadere informatie

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit Protocol tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Nederlandse Zorgautoriteit inzake samenwerking en coördinatie op het gebied van beleid, regelgeving, toezicht & informatieverstrekking en andere

Nadere informatie

Vergadering: Algemeen bestuur. Datum: 7 juli 2015. Agendapunt: 5. Rapporteur. A. J. Borgdorff

Vergadering: Algemeen bestuur. Datum: 7 juli 2015. Agendapunt: 5. Rapporteur. A. J. Borgdorff Vergadering: Algemeen bestuur Datum: 7 juli 215 Agendapunt: 5 Rapporteur A. J. Borgdorff Onderwerp: Zorg en beheer archief Voorstel/Besluit: 1. de archiefverordening vast te stellen. Toelichting In hoofdstuk

Nadere informatie

ARCHIVEREN JONGEREN TOT 27 JAAR. door Eljakim Schrijvers

ARCHIVEREN JONGEREN TOT 27 JAAR. door Eljakim Schrijvers ARCHIVEREN JONGEREN TOT 27 JAAR door Eljakim Schrijvers ARCHIEFWET HOOFDLIJNEN VAN DE WET 1995 Vorming van archief en het beheer daarvan door overheidsorganisaties Vervreemding Openbaarheid WET BESCHERMING

Nadere informatie

de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, t.a.v. het hoofd van de Rijksarchiefdienst, Postbus 90520, 2509 LM Den Haag.

de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, t.a.v. het hoofd van de Rijksarchiefdienst, Postbus 90520, 2509 LM Den Haag. Modellen Model 1 Aanvraag machtiging vervanging archiefbescheiden Aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, t.a.v. het hoofd van de Rijksarchiefdienst, Postbus 90520, 2509 LM Den Haag. Kalvermarkt

Nadere informatie

Definitieve versie Vastgesteld 31-12-2012. Naar ontwerp van: Edward Nieuwkerk, Doc-Direkt

Definitieve versie Vastgesteld 31-12-2012. Naar ontwerp van: Edward Nieuwkerk, Doc-Direkt Selectielijst voor de archiefbescheiden van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid op het beleidsterrein algemene wetenschappelijke beleidsvoorbereiding, opgemaakt of ontvangen vanaf 2012 Definitieve

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2001 386 Wet van 16 juli 2001 tot wijziging van de Ziekenfondswet in verband met samentelling van uitkeringstijdvakken ingevolge de Werkloosheidswet

Nadere informatie

Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa

Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa Samenwerkingsconvenant informatieuitwisseling CIZ - NZa Samenwerkingsconvenant tussen de Stichting Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) met betrekking tot onderlinge

Nadere informatie

Selectielijst vereniging FGzP (Federatie van gezondheidszorgpsychologen)

Selectielijst vereniging FGzP (Federatie van gezondheidszorgpsychologen) Selectielijst vereniging FGzP (Federatie van gezondheidszorgpsychologen) Selectielijst voor de administratieve neerslag van de openbare gezag-taken van de zorgdrager FGzP (Federatie van gezondheidszorgpsychologen),

Nadere informatie

Regelgeving Archiefbeheer Universiteit Leiden

Regelgeving Archiefbeheer Universiteit Leiden Regelgeving Archiefbeheer Universiteit Leiden ex artikel 14 van het Archiefbesluit 1995 Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Hoofdstuk 2: Het archiefbeheer in de dynamische fase Hoofdstuk 3: Het archiefbeheer

Nadere informatie

Portefeuillehouder: nvt Openbaar: ii ja / nee

Portefeuillehouder: nvt Openbaar: ii ja / nee alyph- v noordzeekanaalgebied AB-vergadering: 09-01-2013 DB-vergadering: Agendapunt: 10 Onderwerp: Archiefverordening Omgevingsdienst Portefeuillehouder: nvt Openbaar: ii ja / nee Bijlagen: 1 Samenvatting:

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 1998 1999 Nr. 201 26 238 Wijziging van enkele wetten in verband met invoering van het regresrecht in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten en versterking

Nadere informatie

Den Haag, september 2015 F. Limburg

Den Haag, september 2015 F. Limburg Verslag van het ingevolge artikel 5, eerste lid sub d. van het Archiefbesluit 1995, gevoerde overleg tussen het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) en het Nationaal Archief met betrekking tot

Nadere informatie

ARCHIEFVERORDENING VAN DE PROVINCIE LIMBURG BESLUIT van Provinciale Staten van Limburg d.d. 30 januari 2004 (Prov. Blad 2004, nr. 8).

ARCHIEFVERORDENING VAN DE PROVINCIE LIMBURG BESLUIT van Provinciale Staten van Limburg d.d. 30 januari 2004 (Prov. Blad 2004, nr. 8). ARCHIEFVERORDENING VAN DE PROVINCIE LIMBURG 2004 BESLUIT van Provinciale Staten van Limburg d.d. 30 januari 2004 (Prov. Blad 2004, nr. 8). Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 In deze verordening

Nadere informatie

Beheersregeling document- en archiefbeheer OPTA 2008

Beheersregeling document- en archiefbeheer OPTA 2008 Beheersregeling document- en archiefbeheer OPTA 2008 De voorzitter van het College van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit besluit vast te stellen het volgende: Besluit voor het beheer

Nadere informatie

onderwerp: ontwerp-selectielijst archiefbescheiden van de Centrale Organisatie

onderwerp: ontwerp-selectielijst archiefbescheiden van de Centrale Organisatie --suus 90-to-3612+3 2506 AE Deu Haag torccu.«c»crosess fax +31(0)70 36147 27 e-mail cultuur@cultuur.nl www.cultuur.nl De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris

Nadere informatie

Selectie en vernietiging

Selectie en vernietiging Selectie en vernietiging Het wettelijk kader De ophef in 1998 over het vernietigen van dossiers van de Militaire Inlichtingen Dienst (MID), in de pers en in de Tweede Kamer, laat zien dat van overheidsorganisaties

Nadere informatie

Referentie: 2014012814. Reglement organisatie Zorginstituut Nederland. De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland,

Referentie: 2014012814. Reglement organisatie Zorginstituut Nederland. De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland, Referentie: 2014012814 Reglement organisatie Zorginstituut Nederland De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland, gelet op artikel 2, zesde en zevende lid van het Bestuursreglement van Zorginstituut

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2000 2001 Nr. 127 27 253 Wijziging van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten in verband met de invoering van het gebruik van het sociaal-fiscaalnummer

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Postbus 20350 2500 EJ DEN HAAG. Advisering Besluit langdurige zorg.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Postbus 20350 2500 EJ DEN HAAG. Advisering Besluit langdurige zorg. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl AAN De Staatssecretaris van Volksgezondheid,

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1996 378 Wet van 3 juli 1996, houdende algemene regels over de advisering in zaken van algemeen verbindende voorschriften of te voeren beleid van

Nadere informatie

Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Orde van Octrooigemachtigden 1936-

Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Orde van Octrooigemachtigden 1936- Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Orde van Octrooigemachtigden 1936- Concept/Versie 07-2010 Inhoudsopgave 1. TOELICHTING 3 1.1 Verantwoording 3 1.2 Doelstelling van de selectie 3

Nadere informatie

Onderwerp Ontwerp-selectielijst archiefbescheiden beleidsterrein Toezicht op de volksgezondheid over de periode 1940-1999

Onderwerp Ontwerp-selectielijst archiefbescheiden beleidsterrein Toezicht op de volksgezondheid over de periode 1940-1999 Aan De Staatssecretaris van Onderwijs, en Wetenschappen P/a de algemene rijksarchivaris Postbus 90520 2509 LM s-gravenhage Onderwerp Ontwerp-selectielijst archiefbescheiden beleidsterrein Toezicht op de

Nadere informatie

Archiefreglement provincie Fryslân 2005

Archiefreglement provincie Fryslân 2005 Provinciaal Blad no. 30 Uitgegeven: 27 maart 2009 Archiefreglement provincie Fryslân 2005 De commissaris van de Koningin in de provincie Fryslân, provinciale staten van Fryslân en gelet op artikel 7 van

Nadere informatie

Basis Selectie Document Gezondheid en welzijn van dieren 1981-2008

Basis Selectie Document Gezondheid en welzijn van dieren 1981-2008 Basis Selectie Document Gezondheid en welzijn van dieren Selectielijst voor de zorgdrager Stichting Examens Vakbekwaamheid Hondenen kattenbesluit voor de neerslag van de handelingen op het beleidsterrein

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1998 309 Besluit van 14 mei 1998 tot wijziging van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 Wij Beatrix, bij

Nadere informatie

Raad voor Cultuur. Mijnheer de Staatssecretaris,

Raad voor Cultuur. Mijnheer de Staatssecretaris, Aan De Staatssecretaris van Onderwijs, en Wetenschappen P/a de algemene rijksarchivaris Postbus 90520 2509 LM 's-gravenhage Onderwerp Ontwerp-selectielijst archiefbescheiden zorgdrager de minister van

Nadere informatie

Zeer geachte mevrouw Van der Laan,

Zeer geachte mevrouw Van der Laan, Aan De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen p/a de Algemene Rijksarchivaris Postbus 90520 2509 LM s-gravenhage Onderwerp Ontwerp-selectielijst archiefbescheiden Aansprakelijkheidsverzekering

Nadere informatie

BELEIDSREGEL AL/BR-0021

BELEIDSREGEL AL/BR-0021 BELEIDSREGEL Verpleging in de thuissituatie, noodzakelijk in verband met medisch specialistische zorg Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg

Nadere informatie

Besluit Informatiebeheer van de gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond

Besluit Informatiebeheer van de gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond Het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond: Gelezen het voorstel van de secretaris; Gelet op artikel 4 van de Arehiefverordening gemeenschappelijke regeling DCMR

Nadere informatie

Zintuiglijk gehandicapten en ouderen van 80 jaar en ouder geen indicatie meer nodig van CIZ

Zintuiglijk gehandicapten en ouderen van 80 jaar en ouder geen indicatie meer nodig van CIZ Regelingen en voorzieningen CODE 1.4.3.437 Zintuiglijk gehandicapten en ouderen van 80 jaar en ouder geen indicatie meer nodig van CIZ bronnen Rijksoverheid, Nieuwsbericht van het Ministerie van VWS: Indicatiebesluit

Nadere informatie

Behoort bij raadsvoorstel , titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug

Behoort bij raadsvoorstel , titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug Behoort bij raadsvoorstel 2016-310, titel: Actualisatie Archiefverordening Utrechtse Heuvelrug De raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

Zorgverzekeringswet. Zorgverzekeringswet

Zorgverzekeringswet. Zorgverzekeringswet Wet van 16 juni 2005, houdende regeling van een sociale verzekering voor geneeskundige zorg ten behoeve van de gehele bevolking (), laatstelijk gewijzigd bij Stcrt. 2009, 15178 (uittreksel) Zorgverzekering

Nadere informatie

Artikel 4 De directeur van de beheerseenheid kan de uitvoering van de bepalingen van dit besluit mandateren aan één of meer medewerkers.

Artikel 4 De directeur van de beheerseenheid kan de uitvoering van de bepalingen van dit besluit mandateren aan één of meer medewerkers. 4C. BESLUIT INFORMATIEBEHEER REGIO TWENTE - besluit dagelijks bestuur van 20 maart 1998 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Dit besluit verstaat onder: a. documenten de in de wet in artikel 1, onder

Nadere informatie

raad voor cultuur Postbus 90520 2509 LM 's-gravenhage De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris

raad voor cultuur Postbus 90520 2509 LM 's-gravenhage De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris R.J. Schimmelpennincklaan 3 postbus 61243 2506 AE Den Haag telefoon +31(o)70 310 66 86 fax +31(o)70 36147 27 e-mail cultuur@cultuur.nl www.cultuur.nl De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Nadere informatie

Convenant. het College voor zorgverzekeringen. De Nederlandsche Bank N.V.

Convenant. het College voor zorgverzekeringen. De Nederlandsche Bank N.V. Convenant tussen het College voor zorgverzekeringen en De Nederlandsche Bank N.V. inzake samenwerking en informatie-uitwisseling met het oog op de effectieve en efficiënte uitvoering van hun wettelijke

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 33 077 Evaluatie van de Wet structurele maatregelen wanbetalers zorgverzekering Nr. 4 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2000 360 Besluit van 29 augustus 2000, houdende wijziging van het Aanwijzingsbesluit verzekerden Zfw in verband met voortzetting ziekenfondsverzekering

Nadere informatie

8.50 Privacyreglement

8.50 Privacyreglement 1.0 Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; 2. Zorggegevens: persoonsgegevens die direct of indirect betrekking hebben

Nadere informatie

Rapport. Datum: 3 juni 2002 Rapportnummer: 2002/179

Rapport. Datum: 3 juni 2002 Rapportnummer: 2002/179 Rapport Datum: 3 juni 2002 Rapportnummer: 2002/179 2 Klacht Verzoekers klagen erover dat UWV Cadans eind december 2001 nog geen zogenaamde E 121-verklaring bij het College voor Zorgverzekeringen heeft

Nadere informatie

Regeling structuur en werkwijze organisatie College voor zorgverzekeringen 2007

Regeling structuur en werkwijze organisatie College voor zorgverzekeringen 2007 Regeling structuur en werkwijze organisatie College voor zorgverzekeringen 2007 Het bestuur van het College voor zorgverzekeringen, gelet op artikel 2, zesde en zevende lid van het Bestuursreglement College

Nadere informatie

Hoofdstuk I Algemene bepalingen

Hoofdstuk I Algemene bepalingen Verordening betreffende de zorg voor de archiefbescheiden van de provinciale organen, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de rijksarchiefbewaarplaats en het toezicht door gedeputeerde

Nadere informatie

BLAD GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING

BLAD GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING BLAD GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING Officiële uitgave van gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland. Nr. 162 8 juli 2015 Informatieverordening RUD Zeeland 2015 Het Algemeen Bestuur van

Nadere informatie

raad voor cultuur onderwerp: ontwerp-selectielijst archiefbescheiden van provinciale organen voor de periode vanaf 2005

raad voor cultuur onderwerp: ontwerp-selectielijst archiefbescheiden van provinciale organen voor de periode vanaf 2005 --... 903''"361243 2506 AE Den Haag teleroca.317cs.osess fax +31(0)70 36147 27 e-mail cultuur@cultuur.nl www.cultuur.nl De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap p/a de Algemene Rijksarchivaris

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 362 Wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg en enkele andere wetten, teneinde te voorkomen dat zorgverzekeraars zelf zorg verlenen

Nadere informatie

Het Acquisitieprofiel 2002-2006 dient ter vervanging van het uit 1995 daterende Acquisitieprofiel van het Algemeen Rijksarchief.

Het Acquisitieprofiel 2002-2006 dient ter vervanging van het uit 1995 daterende Acquisitieprofiel van het Algemeen Rijksarchief. DE VERWERVING VAN ARCHIEVEN DOOR HET NATIONAAL ARCHIEF Acquisitieprofiel 2002-2006 Het Acquisitieprofiel 2002-2006 dient ter vervanging van het uit 1995 daterende Acquisitieprofiel van het Algemeen Rijksarchief.

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-5094

BELEIDSREGEL BR/CU-5094 BELEIDSREGEL Dyslexiezorg Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2013 2014 33 362 Wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg en enkele andere wetten, teneinde te voorkomen dat zorgverzekeraars zelf zorg verlenen

Nadere informatie

houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid

houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid Besluit van houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van, nr. HDJZ/LUV/2007-, Hoofddirectie Juridische Zaken, gedaan

Nadere informatie

(Besluit Informatiebeheer gemeente Coevorden 1998)

(Besluit Informatiebeheer gemeente Coevorden 1998) Het college van burgemeester en wethouders van Coevorden; gelet op artikel 8 van de Archiefverordening besluit vast te stellen de navolgende: Voorschriften betreffende het beheer van de documenten van

Nadere informatie

Den Haag, maart 2015 M. Hanzens

Den Haag, maart 2015 M. Hanzens Verslag van het ingevolge artikel 5, eerste lid sub d. van het Archiefbesluit 1995 gevoerde overleg tussen het ministerie van Financiën en het Nationaal Archief met betrekking tot de selectielijst, zoals

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-7073

BELEIDSREGEL BR/CU-7073 BELEIDSREGEL Stoppen-met-rokenprogramma Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels

Nadere informatie

Beoordeling. Bevindingen. h2>klacht

Beoordeling. Bevindingen. h2>klacht Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) zijn verzoek om een vergoeding van zijn particuliere zorgverzekeringspremie over de periode januari tot mei 2007

Nadere informatie

Circulaire nr. Betreft uitvoering krachtens de Datum CVZ 04/42 ZFW 28 juli 2004 CTZ 04/07. Kenmerk Afdeling/Behandelaar Doorkiesnummer

Circulaire nr. Betreft uitvoering krachtens de Datum CVZ 04/42 ZFW 28 juli 2004 CTZ 04/07. Kenmerk Afdeling/Behandelaar Doorkiesnummer Aan de uitvoeringsorganen Ziekenfondswet en/of AWBZ Circulaire nr. Betreft uitvoering krachtens de Datum CVZ 04/42 ZFW 28 juli 2004 CTZ 04/07 Onderwerp Getrouwheidsonderzoek hogekostenverevening 2003 Ingangsdatum

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1995 1996 24 606 Het onderbrengen van de zorg, bestaande uit duurzaam verblijf en verzorging in een bejaardenoord, in de aanspraken op grond van de Algemene

Nadere informatie

Als aan één van de voertuigverplichtingen niet wordt voldaan, is dat strafbaar (zie Achtergrond, onder 1. en 2.).

Als aan één van de voertuigverplichtingen niet wordt voldaan, is dat strafbaar (zie Achtergrond, onder 1. en 2.). Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat de Dienst Wegverkeer (verder ook: RDW) hem na een periode van meer dan zeven jaar heeft aangesproken op het feit dat hij niet over een geldige APK voor zijn

Nadere informatie

AEP PRIVACYREGLEMENT. Versie 1.0 PRIVACYREGLEMENT. NURSE@HOME Wassenaarseweg 20 2596 CH Den Haag Kamer van koophandel nummer 27283841

AEP PRIVACYREGLEMENT. Versie 1.0 PRIVACYREGLEMENT. NURSE@HOME Wassenaarseweg 20 2596 CH Den Haag Kamer van koophandel nummer 27283841 NURSE@HOME Wassenaarseweg 20 2596 CH Den Haag Kamer van koophandel nummer 2728381 In het kader van haar activiteiten registreert nurse@home persoonlijke gegevens van cliënten, zorgverleners en medewerkers

Nadere informatie

Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten:

Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten: Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten: vast te stellen de volgende Regeling Wet bescherming persoonsgegevens Teylingen

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CA-BR-1508. Prestatiebeschrijvingen en tarieven ZZPmeerzorg. Bijlage 11 bij circulaire Care/AWBZ/14/04c

BELEIDSREGEL CA-BR-1508. Prestatiebeschrijvingen en tarieven ZZPmeerzorg. Bijlage 11 bij circulaire Care/AWBZ/14/04c Bijlage 11 bij circulaire Care/AWBZ/14/04c BELEIDSREGEL Prestatiebeschrijvingen en tarieven ZZPmeerzorg Wlz Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg

Nadere informatie

Regeling Archiefbeheer Belastingdienst 2011. Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen. Artikel 1 Definities

Regeling Archiefbeheer Belastingdienst 2011. Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen. Artikel 1 Definities Regeling Archiefbeheer Belastingdienst 2011 Regeling van 17 oktober 2011, nr. DGB/2011-6422, Staatscourant 26 oktober 2011 nr. 19115 De directeur-generaal voor de Belastingdienst, Gelet op artikel 7, vierde

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 32 150 Wijziging van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten en de Zorgverzekeringswet, houdende maatregelen tot opsporing en verzekering van personen

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol. Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit

Samenwerkingsprotocol. Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit Afspraken tussen de Staatssecretaris van Economische Zaken en de Raad van Bestuur van de Nederlandse Zorgautoriteit over de wijze

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-5059

BELEIDSREGEL BR/CU-5059 BELEIDSREGEL Voorschotten en rentevergoeding onderhanden DBC's GGZ Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

Wet AWBZ-zorg buitenland

Wet AWBZ-zorg buitenland Wet AWBZ-zorg buitenland Op 1 januari 2013 treedt de Wet AWBZ-zorg buitenland in werking. De regering treft met deze wet maatregelen om de mogelijkheden voor het inroepen van AWBZ-zorg in het buitenland

Nadere informatie

3.1 Zorgaanbieder De zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1 aanhef en onder c van de Wmg.

3.1 Zorgaanbieder De zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1 aanhef en onder c van de Wmg. Bijlage 19 bij circulaire Care/AWBZ/14/04c REGELING Administratie- en declaratievoorschriften ZZP-meerzorg Wlz Ingevolge de artikelen 36, derde lid, 37, eerste lid en artikel 38 derde lid van de Wet marktordening

Nadere informatie

a. Deze beleidsregel is van toepassing op zorg als bedoeld in artikel 1 sub b van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg).

a. Deze beleidsregel is van toepassing op zorg als bedoeld in artikel 1 sub b van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). BELEIDSREGEL Innovatie ten behoeve van nieuwe zorgprestaties 1. Algemeen a. Deze beleidsregel is van toepassing op zorg als bedoeld in artikel 1 sub b van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). Dit

Nadere informatie

Schadefonds Geweldsmisdrijven. Selectielijst 1976 (actualisatie 2014) Vastgesteld Staatscourant 44312, 9 december 2015

Schadefonds Geweldsmisdrijven. Selectielijst 1976 (actualisatie 2014) Vastgesteld Staatscourant 44312, 9 december 2015 Schadefonds Geweldsmisdrijven Selectielijst 1976 (actualisatie 2014) Vastgesteld Staatscourant 44312, 9 december 2015 Doxis Informatiemanagers Drs. D.J. de Vries 1 Inhoudsopgave OVERZICHT VAN GEBRUIKTE

Nadere informatie

De werkafspraken hebben vooralsnog alleen betrekking op geneesmiddelenreclame in de zin van hoofdstuk 9 van de Geneesmiddelenwet.

De werkafspraken hebben vooralsnog alleen betrekking op geneesmiddelenreclame in de zin van hoofdstuk 9 van de Geneesmiddelenwet. Werkafspraken tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg (inspectie), de stichting Code Geneesmiddelenreclame (CGR) en de Keuringsraad Openbare Aanprijzing Geneesmiddelen (KOAG) over de wijze van samenwerking

Nadere informatie

Persoonsgegevens Alle gegevens die informatie kunnen verschaffen over een identificeerbare natuurlijke persoon.

Persoonsgegevens Alle gegevens die informatie kunnen verschaffen over een identificeerbare natuurlijke persoon. Privacyreglement Intermedica Kliniek Geldermalsen Versie 2, 4 juli 2012 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsbepalingen Persoonsgegevens Alle gegevens die informatie kunnen verschaffen over een identificeerbare

Nadere informatie

Informatiepakket Hoofd Stafbureau

Informatiepakket Hoofd Stafbureau Informatiepakket Hoofd Stafbureau 1/8 INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave 2 Protocol sollicitatieprocedure Hoofd Stafbureau Esloo 3 Voorbeeld vacaturetekst 4 Functiebeschrijving Hoofd Stafbureau Esloo 5 Sollicitatiecode

Nadere informatie

Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg

Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg Dit reglement bevat, conform de wet bescherming persoonsgegevens, regels voor een zorgvuldige omgang met het verzamelen en verwerken

Nadere informatie

Wij Willem Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten op het terrein van accountantsorganisaties en het accountantsberoep (Wet aanvullende maatregelen accountantsorganisaties)

Nadere informatie

Archiefzorg en beheer 2013/2014

Archiefzorg en beheer 2013/2014 T Archiefzorg en beheer 2013/2014 Verslag aan de raad ten behoeve van de horizontale verantwoording van de zorg over en het beheer van (analoge en digitale) archieven conform de Archiefwet 1995 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Deze regeling is van toepassing op zorgkantoren als bedoeld in artikel 1.1.1. van de Wet langdurige zorg (Wlz).

Deze regeling is van toepassing op zorgkantoren als bedoeld in artikel 1.1.1. van de Wet langdurige zorg (Wlz). Bijlage 26 bij circulaire Care/AWBZ/14/10c REGELING Informatieverstrekking monitoring uitgaven Persoonsgebonden budget en individueel aangepaste Wlz-hulpmiddelen : Ingevolge artikel 62 en 68 van de Wet

Nadere informatie

als archiefdeskundige: drs. A. Mul, senior-informatiemanager Doxis

als archiefdeskundige: drs. A. Mul, senior-informatiemanager Doxis Verslag van het ingevolge artikel 5, sub d., j o 2 Archiefbesluit 1995, gevoerde driehoeksoverleg tussen de Rijksdienst voor Wegverkeer en het Nationaal Archief met betrekking tot de selectielijst, zoals

Nadere informatie

b. archiefregeling de Archiefregeling die in werking is getreden per 01-04-2010;

b. archiefregeling de Archiefregeling die in werking is getreden per 01-04-2010; BESLUIT INFORMATIEBEHEER GEMEENTE WAALWIJK 2014 Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1. 1. Dit besluit bedoelt met: a. wet de Archiefwet 1995; b. archiefregeling de Archiefregeling die in werking is

Nadere informatie

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Besluit van houdende wijziging van het Besluit zorgverzekering in verband met de aanpassing van het verplicht eigen risico en de uitbreiding van de groep verzekerden met meerjarige, onvermijdbare zorgkosten

Nadere informatie

Het Nederlandse Zorgstelsel

Het Nederlandse Zorgstelsel Het Nederlandse Zorgstelsel Een heldere blik op de regels in de gezondheidszorg Corné Adriaansen 12 september 2012 Door de bomen het bos niet meer te zien? Zorgstelsel Nederland 2012 Financieringsstromen

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2012 352 Besluit van 17 juli 2012 tot vaststelling van de procedure voor verlenging van vergunningen als bedoeld in artikel 20.2 van de Telecommunicatiewet

Nadere informatie

Het driehoeksoverleg over de concept-selectielijst vond schriftelijk plaats in januari 2011.

Het driehoeksoverleg over de concept-selectielijst vond schriftelijk plaats in januari 2011. Verslag van het ingevolge artikel 5, sub d., j o 2 Archiefbesluit 1995, gevoerde driehoeksoverleg tussen de mandaatgroep Rechterlijke Macht en het Nationaal Archief met betrekking tot de selectielijst,

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2004 2005 29 814 Wijziging van de rbeidsomstandighedenwet 1998 in verband met een gewijzigde organisatie van de deskundige bijstand bij het arbeidsomstandighedenbeleid

Nadere informatie

Jurist. Doel. Context

Jurist. Doel. Context Jurist Doel Adviseren over en behartigen van juridische (beleids)zaken, alsmede opstellen en toetsen van juridische documenten, binnen de kaders van de Nederlandse en Europese wet- en regelgeving, beroepscodes

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol. de Stichting Autoriteit Financiële Markten. de Nederlandse Zorgautoriteit

Samenwerkingsprotocol. de Stichting Autoriteit Financiële Markten. de Nederlandse Zorgautoriteit Samenwerkingsprotocol tussen de Stichting Autoriteit Financiële Markten en de inzake samenwerking en coördinatie op het gebied van het toezicht, regelgeving, beleid, overleg en andere taken met een gemeenschappelijk

Nadere informatie