Familie in de langdurige GGz deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Familie in de langdurige GGz deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT"

Transcriptie

1 Nicole van Erp, Caroline Place, Harry Michon Familie in de langdurige GGz deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT Publicatie Monitor langdurige GGz

2 Nicole van Erp Caroline Place Harry Michon Familie in de langdurige GGz deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT Publicatie Monitor langdurige GGz Trimbos-instituut Utrecht, 2009

3 Colofon Opdrachtgever Stichting Koningsheide Ministerie van VWS Financiering Stichting Koningsheide Ministerie van VWS Projectleiding Nicole van Erp Harry Michon Projectuitvoering Caroline Place Nicole van Erp Omslagontwerp Ladenius Communicatie BV Houten Deze uitgave is te bestellen en gratis te downloaden via onder vermelding van artikelnummer AF0915. U krijgt een factuur voor de betaling. 2009, Trimbos-instituut, Utrecht. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, zonder voorafgaande toestemming van het Trimbos-instituut. 2

4 Inhoud Inleiding 4 1 Opzet van het onderzoek Achtergrond Doel- en vraagstelling Onderzoeksopzet 8 2 Theoretische achtergrond familiebetrokkenheid en -interventies Betrokkenheid en belasting van familieleden Contact familieleden en cliënten Samenwerking tussen familieleden en hulpverleners Familie-interventies Implementatie van familie-interventies 16 3 Visie van hulpverleners op samenwerking Contact cliënt met familie Contact hulpverleners met familie Behoeften van familieleden Familiebeleid team Familiebeleid instelling Samenvatting 35 4 Visie van familieleden op samenwerking Contact familie met cliënt Contact familie met hulpverleners Behoeften van familieleden Familiebeleid team Familiebeleid instelling Samenvatting 51 5 Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Samenvatting Conclusies Aanbevelingen 60 Literatuur 65 Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 3

5 Inleiding Familieleden 1 en andere naastbetrokkenen spelen een belangrijke rol in de zorg voor mensen met een psychische aandoening. Als in een gezin of relatie één van de leden kampt met een ernstige aandoening heeft dit ingrijpende gevolgen voor het leven van de cliënt èn zijn of haar familie. De laatste jaren is het perspectief op de rol van de familie in de behandeling veranderd: familie is geen storende factor, maar een bron van informatie en ondersteuning. Familieleden kunnen verschillende rollen vervullen (Van Veen, Meyer, Fox & Haenen, 2008): Familie als informatiebron voor de hulpverlener: de familie kent in het algemeen de cliënt erg goed en heeft veel ervaring en deskundigheid opgebouwd in de omgang met de cliënt; zij weten ook vaak welke vormen van behandeling haalbaar zijn en welke niet. Familie in de rol van mantelzorger/zorgverlener: de familie (vaak ouders) krijgt de rol van primaire zorgverlener. Dit kan een zware belasting zijn (Schene, 1990; Schene, Van Wijngaarden & Koeter, 1998). Familie in de rol van hulpvrager: de familie wordt zwaar belast en als de draagkracht overschreden wordt, komt het voor dat zij zelf problemen ontwikkelen en om hulp moeten vragen (Kwekkeboom, 2000; Van Wijgaarden, 2003). Vaak kunnen familieleden goed bij de zorg en begeleiding van cliënten betrokken worden, maar er zijn ook situaties waarin dit niet het geval is. Met enige regelmaat komen verhalen naar buiten van familieleden en andere betrokkenen die door hulpverleners niet goed geïnformeerd worden of onvoldoende serieus worden genomen (Van Kerkhof, 2008). Ook komen in de triade cliënt-hulpverlener-familielid belangentegenstellingen en visieverschillen voor die tot verlies van contact en samenwerking kunnen leiden. Het bespreekbaar maken van deze problemen is niet zelden moeilijk (Morée & Van Lier, 2006). Daarnaast bestaat er een groep van familieleden die in een isolement komt te verkeren ten opzichte van de hulpverlening en ten opzichte van hun omgeving. In de Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie (2005) komen de ervaringen van cliënten en familieleden expliciet aan de orde. In de richtlijn wordt geadviseerd dat hulpverleners een goede relatie met de familie opbouwen, goede voorlichting geven en praktische en emotionele steun bieden (of verwijzen naar mogelijkheden hiervoor). Om familieleden en andere naasten van de cliënt systematisch te infomeren en bij de behandeling te betrekken, hebben familie- en cliëntenorganisaties een modelregeling Betrokken omgeving, modelregeling relatie GGZ-instelling-naastbetrokkenen (2004) opgesteld. Deze regeling bevat richtlijnen voor de omgang en communicatie met betrokkenen in het hele proces van intake tot nazorg. In 2004 heeft GGZ Nederland deze modelregeling toegestuurd aan alle lidinstellingen. Uit een onderzoek van Morée en Van Lier (2006) blijkt dat de modelregeling bij een derde van de benaderde instellingen niet of onvoldoende bekend is of dat men denkt dat de regeling niet op hen van toepassing is. Ook blijkt de uitvoering van familiebeleid nog in de kinderschoenen te staan, met name in de langdurige zorg voor volwassenen. 1 De term familie verwijst in dit rapport naar alle naasten die betrokken zijn bij de zorg voor iemand met een psychiatrische aandoening. Dat kunnen familieleden, maar ook partners of goede vrienden zijn. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 4

6 In dit rapport worden de bevindingen gepresenteerd van een onderzoek in twee ambulante teams in de langdurige GGz, gericht op de samenwerking en betrokkenheid van familieleden. Allereerst wordt in hoofdstuk 1 de opzet van het onderzoek beschreven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 2 een korte samenvatting gegeven van wat er in de literatuur bekend is over familiebetrokkenheid en interventies. Hoofdstuk 3 en 4 bevatten de resultaten van het onderzoek in de teams, waarbij een onderscheid is gemaakt tussen de visie van hulpverleners (hoofdstuk 3) en die van familieleden (hoofdstuk 4). Tenslotte worden in hoofdstuk 5 de belangrijkste conclusies uit het onderzoek beschreven. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 5

7

8 1 Opzet van het onderzoek 1.1 Achtergrond Het onderzoek is uitgevoerd in twee ambulante teams in de langdurige GGz: een ACT- en een FACT-team. ACT, Assertive Community Treatment, houdt in dat men ambulante zorg biedt aan cliënten met ernstige en meervoudige problematiek die veelal niet bereikt worden met de reguliere GGz-zorg (zorgmijdende cliënten). Naast het accent op het thuis bieden van zorg is kenmerkend aan deze zorg dat er zowel aandacht is voor de psychiatrische als de sociale problematiek van de cliënt. Andere kenmerken van ACT zijn: ACT is intensief en frequent. Er zijn meerdere contacten per week en de verhouding is 1 hulpverlener op 10 cliënten; Een ACT-team is multidisciplinair samengesteld met (o.a.) deskundigen op het gebied van psychiatrische behandeling, verslavingsbehandeling, arbeidsreïntegratie en ervaringsdeskundigheid; Een cliënt heeft niet één vaste hulpverlener, maar krijgt begeleiding van het hele team; De hulp is 7x24 uur beschikbaar en voor onbeperkte tijd; Er is sprake van een actieve benadering door hulpverleners in de leefomgeving van de cliënt; ACT is een welomschreven interventie, die in handboeken, standaarden en een getrouwheidsmaat is beschreven (Mulder & Kroon, 2005). FACT of Functie ACT is een hybride vorm van ACT en casemanagement. Functie verwijst naar het idee dat het team ACT biedt aan de circa 20% van de doelgroep die intensieve zorg nodig heeft, en dat het team voor de overige 80% andere (casemanagement)functies vervult. FACT kan worden beschouwd als een rehabilitatiegericht casemanagementmodel, dat flexibeler is en een grotere doelgroep bedient dan ACT. De aanpak is zowel individueel als teamsgewijs (met een gedeelde caseload), afhankelijk van de zorgbehoeften van de cliënt (Van Veldhuizen, 2005). Voordeel van de FACT werkwijze is de continuïteit in de zorg: cliënten hoeven bij een tijdelijke terugval niet overgeplaatst te worden naar een ander team. Een onderdeel van de werkwijze van ACT-teams is het actief betrekken van de leefomgeving van de cliënt, waaronder de partner, familieleden, vrienden en kennissen, met het doel om het sociale netwerk rond de cliënt te verstevigen. Hoewel de werkwijze van ACTteams er op gericht is om familieleden en andere betrokkenen actief bij de zorg te betrekken, blijkt de communicatie tussen het team en de betrokkenen in de praktijk soms tegen te vallen. Uit onderzoek in ACT-teams blijkt dat hulpverleners vaak nog onduidelijk zijn omtrent de rol van familieleden in het ondersteuningsproces en dat familieinterventies als psycho-educatie en familiebegeleiding nog geen onderdeel vormen van de standaardzorg (MacFarlane, 2002; Verhaegh, Bongers, Kroon & Garretsen, 2007). Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 7

9 1.2 Doel- en vraagstelling Doel van dit onderzoek is om meer zicht te krijgen op de samenwerking tussen (F)ACThulpverleners en familieleden, de belemmerende en bevorderende factoren in de samenwerking, en de toepassing van familiebeleid en interventies in (F)ACT-teams. In het onderzoek staan de volgende vragen centraal: Hoe ziet de samenwerking tussen hulpverleners en familieleden eruit? Is er regelmatig contact, hoe verloopt de communicatie, welke informatie wordt er uitgewisseld, wordt er gebruik gemaakt van de kennis van familieleden? Hoe wordt de samenwerking door hulpverleners en familieleden ervaren? Wat zijn positieve en negatieve elementen in de samenwerking? Wat zijn belemmerende en bevorderende factoren voor de samenwerking? Wat is volgens hulpverleners en familieleden de meerwaarde van familiebetrokkenheid? In hoeverre kunnen familieleden een rol spelen bij het realiseren van (rehabilitatie) doelen van de cliënt? Welke elementen uit familiebeleid en familie-interventies worden in de praktijk van de teams toegepast? Wat kan er nog verbeterd worden? 1.3 Onderzoeksopzet Deelnemende teams Het onderzoek is uitgevoerd bij twee (F)ACT-teams, waarvan bekend is dat ze bezig zijn met familieondersteuning. Het betreft het ACT-team van GGz Nijmegen en het FACTteam Transmurale Integrale Zorg (TIZ) van GGZ ingeest 2 locatie Hoofddorp. ACT-team GGz Nijmegen Het ACT-team van GGz Nijmegen is opgericht in 2006 en bestaat uit een teamleider, een psychiater, een psycholoog, een maatschappelijk werkster/ervaringsdeskundige, een woonbegeleidster, twee trajectbegeleiders en twee sociaal psychiatrische verpleegkundigen (SPV-ers). Het ACT-team is gericht op mensen met een eerste psychose. De cliëntenpopulatie is daardoor relatief jong. Het aanbod bestaat onder meer uit vaardigheidstraining, cognitieve therapie, hulp bij verslavingsproblematiek, werk- en opleidingstrajecten, omgaan met schulden en woningnood. De totale caseload van het team bedraagt ongeveer 64 cliënten. Binnen het team wordt niet gewerkt met een vaste eigen caseload, vaak hebben meerdere hulpverleners tegelijkertijd contact met één cliënt. TIZ-team GGZ ingeest Het team Transmurale Integrale Zorg in Hoofddorp is verdeeld in twee teams en bestaat uit achttien hulpverleners: twee psychiaters, vier ambulant verpleegkundigen, acht sociaal psychiatrisch verpleegkundigen, een ervaringsdeskundige, een maatschappelijk werker, een familiebeleidsmedewerker en een afdelingsmanager. Het TIZ-team richt zich op cliënten met ernstige psychiatrische, psychosociale en sociaal maatschappelijke problemen. De leeftijd van cliënten varieert van 18 tot 60 jaar. De behandeling en begeleiding 2 Sinds 1 januari 2007 zijn De Geestgronden en GGZ Buiten Amstel gefuseerd tot één organisatie: GGZ ingeest. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 8

10 bestaan uit gesprekken en medicatie. Er wordt aandacht besteed aan somatiek, dagbesteding, sociale contacten, psycho-educatie, symptomen, medicatie, cognitieve gedragstherapie en arbeidsrehabilitatie. De intensiteit van de begeleiding en behandeling wordt bepaald door de mate van zorg die een cliënt nodig heeft: bij meervoudige problematiek of in crisissituaties biedt men intensieve zorg (ACT), bij cliënten in een stabiele fase biedt men laagintensieve zorg. De totale caseload van het team bedraagt ongeveer 500 cliënten Benaderen hulpverleners en familieleden Vooraf is contact opgenomen met de METIGG (Medisch-ethische toetsingscommissie) met de vraag of het onderzoek vooraf getoetst moet worden. Dit bleek niet het geval te zijn: het onderzoek is vrijgesteld van toetsing. Medewerking aan de interviews is op twee manieren verkregen. Hulpverleners zijn door de onderzoeker(s) geïnformeerd over het onderzoek en direct benaderd voor deelname aan een interview. Familieleden zijn benaderd via de hulpverleners en met toestemming van de cliënten. Hulpverleners hebben cliënten persoonlijk en/of schriftelijk ingelicht over het onderzoek. Cliënten hebben een brief ontvangen met informatie over het onderzoek en aan hen is gevraagd of de onderzoekers een familielid mogen benaderen voor deelname aan het onderzoek. Wanneer de cliënt hiermee instemde, zijn de betreffende familieleden door de hulpverleners benaderd met de vraag of de onderzoeker contact met hen mag opnemen. Indien familieleden daarvoor toestemming gaven, zijn zij door de onderzoeker geïnformeerd over het onderzoek en gevraagd voor deelname aan een interview. Bij de selectie van hulpverleners van het TIZ-team is gestreefd naar een variatie in functie, het aantal jaren werkzaam in het team (van onervaren tot zeer ervaren medewerkers) en contact met familie (van weinig tot intensief contact). Gezien de omvang van het team is bij het ACT-team selectie niet nodig geweest. Alle negen hulpverleners zijn geïnterviewd. Voor het selecteren van familieleden is medewerking van verschillende hulpverleners gevraagd. Aan de hulpverleners is uitdrukkelijk gevraagd zowel cliënten te benaderen waarbij ze weinig of slecht contact hebben met de familie als cliënten waarbij ze intensief of goed contact hebben met de familie Interviews en analyse In het onderzoek is de visie van familieleden en hulpverleners van de (F)ACT-teams onderzocht en met elkaar vergeleken. Er is gebruik gemaakt van kwalitatieve onderzoekmethoden. Een belangrijk uitgangspunt van deze methoden is dat het gaat om de betekenis die mensen in het dagelijks leven toekennen aan hun omgeving. In kwalitatief onderzoek moet het perspectief van de betrokkenen ('the actors point of view') tot uitdrukking worden gebracht. Er wordt gebruik gemaakt van open waarnemingstechnieken, zoals participerende observatie, casestudy of diepte-interviews (Wester, 1987). In dit onderzoek zijn diepte-interviews met familieleden en hulpverleners van de (F)ACT teams uitgevoerd aan de hand van een topiclijst. De interviews duurden ongeveer drie kwartier tot anderhalf uur. In de interviews is onder meer ingegaan op de werkrelatie, de communicatie tussen hulpverlening en familie, de problemen die men tegenkomt Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 9

11 in de praktijk, de positieve elementen in de werkrelatie, en de meerwaarde van familiebetrokkenheid. Van alle interviews is een uitgebreid verslag gemaakt. Alle verslagen zijn ingevoerd en gecodeerd met behulp van het kwalitatieve analyseprogramma MaxQda Twee onderzoekers hebben interviews gecodeerd en de manier van coderen met elkaar vergeleken. Dit verhoogt de eenduidigheid en kwaliteit van de analyse. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 10

12 2 Theoretische achtergrond familiebetrokkenheid en - interventies In dit hoofdstuk worden de belangrijkste bevindingen gepresenteerd van een literatuurstudie naar de betrokkenheid en belasting van familieleden van mensen met een ernstige psychische aandoening (met name schizofrenie) en de effectiviteit van familieinterventies voor deze doelgroep. Dit hoofdstuk is eerder gepubliceerd in deel 1 van de Monitor langdurige GGz over familie-interventies (Van Erp, Place & Michon, 2009) en aangepast en aangevuld met recent verschenen artikelen. 2.1 Betrokkenheid en belasting van familieleden Familieleden spelen een belangrijke rol in de zorg voor mensen met een ernstige psychische aandoening. Door de deïnstitutionalisering in de langdurige GGz en de emancipatieprocessen in de samenleving, is de rol van familieleden en andere betrokkenen door de jaren heen veranderd. Dit heeft onder meer geleid tot de oprichting van familieverenigingen, zoals Ypsilon en Stichting Labyrinth en een nieuwe visie op de rol van familieleden en betrokkenen in de langdurige GGz. De rol van zondebok heeft plaatsgemaakt voor die van de betrokken mantelzorger (Van Wijngaarden, 2003). Familieleden helpen cliënten niet alleen met praktische zaken als onderdak, voeding en financiën, maar geven daarnaast ook emotionele ondersteuning, reageren op crisissen en nemen de rol op zich van casemanager. Ook hebben familieleden en andere betrokkenen een rol als ervaringsdeskundige in de hulpverlening. Familieleden kennen in het algemeen de cliënt erg goed en hebben veel ervaring en deskundigheid opgebouwd in de omgang met de cliënt. Ook voor cliënten van ACT-teams wordt de betrokkenheid van familieleden in de zorg als essentieel gezien. Niet alleen bieden ze de cliënt een sociaal netwerk, maar ook kunnen ze cliënten ondersteunen bij het vinden of behouden van een opleiding of baan (Verhaegh, 2009). De rol als mantelzorger kan zowel positieve als negatieve gevolgen voor familieleden hebben. Enerzijds kan de zorg voor iemand met een ernstige psychiatrische aandoening dankbaar werk zijn en veel voldoening opleveren voor het betreffende familielid. Anderzijds bestaat het gevaar dat de familie overbelast raakt en de zorg niet meer aankan. De belasting van familieleden heeft twee dimensies: de subjectieve en de objectieve belasting (Schene, 1990). Bij subjectieve belasting gaat het om het persoonlijke lijden dat door familieleden wordt ervaren als reactie op de ziekte van hun verwante, zoals verdriet, symbolisch verlies van hoop, dromen en verwachtingen, en wanhoop bij terugval. Bij objectieve belasting gaat het om de dagelijkse problemen en uitdaging gerelateerd aan de ziekte zoals de symptomen van de ziekte, verstoorde (gezins)relaties, beperkingen van het hulpverlenersysteem, sociale stigma, economisch verlies, verminderde gezondheid bij familieleden en verkleining van het sociaal netwerk. Als de draaglast de draagkracht overschrijdt, kunnen familieleden zelf problemen ontwikkelen en een beroep doen op de GGz. De ervaren belasting van familieleden van mensen met een ernstige psychische aandoening blijkt vooral beïnvloed te worden door hun beoordeling van de problemen van de Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 11

13 cliënt en hun eigen capaciteiten. De subjectieve belasting is hoger bij familieleden die zichzelf de schuld geven, de gevolgen van de aandoening voor de cliënt negatiever inschatten en minder vertrouwen hebben in hun eigen mogelijkheden om met de problemen van de cliënt om te gaan (Barrowclough, 2005). Dit betekent dat de ervaren belasting van familieleden verminderd kan worden, door de perceptie van (de gevolgen van) schizofrenie van familieleden te veranderen, door hun zelfvertrouwen te vergroten en door ze handvatten te geven om met de problemen om te gaan (copingvaardigheden). Verder kunnen het opbouwen van een professioneel en sociaal netwerk (Kuipers en Bebbington, 2005; Barrowclough, 2005), een optimale behandeling van cliënten (om symptomen en beperkingen te verminderen) en vermindering van het aantal uren persoonlijk contact tussen de cliënt en betrokkene (Schene e.a., 1998) de belasting verminderen. Tot slot kunnen hulpverleners hierin ook een rol spelen door familieleden meer bij de behandeling te betrekken en rekening te houden met de signalen van de familie en de omgeving van de cliënt (Van Pelt, 2009). 2.2 Contact familieleden en cliënten Als in een gezin of relatie één van de leden kampt met een ernstige psychische aandoening heeft dat ingrijpende gevolgen voor het leven van de cliënt én zijn familie. Door de psychische aandoening wordt de onderlinge relatie en communicatie negatief beïnvloed. In het geval dat de cliënt de schuld voor zijn problemen bij de ander legt en hulp weigert, versterkt dat de negatieve druk op het dagelijks leven van het gezin. In de literatuur lag aanvankelijk vooral de nadruk op de gevolgen van een stressvolle relatie voor de cliënt, maar in de loop der jaren is er ook meer aandacht uitgegaan naar de gevolgen voor de familieleden. De gevolgen van een stressvolle relatie voor de cliënt hebben vooral te maken met de mate van expressed emotion (EE) door familieleden. Expressed emotion refereert aan de mate van kritiek, vijandigheid en overbetrokkenheid van familieleden ten opzichte van de cliënt. Relaties, gezinnen of families met een hoge mate van expressed emotion, verhogen de kans op een psychotische terugval bij cliënten. Er zijn aanwijzingen dat familieleden met een hoge mate van expressed emotion de cliënt eerder verantwoordelijk houden voor hun aandoening dan familieleden met een lage mate van expressed emotion. Veel onderzoek naar familieleden van cliënten met schizofrenie richtte zich vooral op dit aspect (zie 2.4). Cliënten melden negatieve ervaringen in het contact met hun familie als gevolg van hun aandoening. Sommigen ondervinden onbegrip en verwaarlozing van familieleden, anderen hebben last van betutteling en overbezorgdheid (Plooy & Van Weeghel, 2009). De gevolgen van de psychische aandoening voor familieleden zijn zowel positief als negatief, zo blijkt uit onderzoek van Kwekkeboom (2000). De meest voorkomende positieve effecten waren volgens de familieleden dat zij hadden geleerd de eigenaardigheden van anderen beter te accepteren en dat de cliënt de inspanningen van diens familielid waardeerde. Familieleden brengen ook negatieve gevolgen naar voren: meer dan driekwart gaf aan zich aan het gedrag van de cliënt te hebben gestoord. Verder gaf driekwart van de familieleden aan dat de omgang met de cliënt af en toe het eigen leven verstoort. Uit ander onderzoek blijkt dat sommige familieleden ook worstelen met het stigma dat gepaard gaat met een psychiatrische stoornis. Ze durven in hun omgeving niet te vertel- Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 12

14 len dat hun zieke familielid schizofrenie heeft uit angst voor negatieve reacties. Ook krijgen zij van sommige hulpverleners een uitzichtloze situatie voorgeschoteld: 'bereidt u zich maar voor dat de situatie niet meer zal verbeteren' (Gerson e.a., 2009). 2.3 Samenwerking tussen familieleden en hulpverleners Veel familieleden van mensen met een ernstige psychische aandoening hebben behoefte aan informatie en ondersteuning. Voor de meeste familieleden is eenmalige voorlichting niet voldoende, zij willen graag blijvend op de hoogte gehouden worden en indien nodig ondersteund worden (Drapalski e.a., 2008). Ook hebben veel familieleden behoefte aan ondersteuning, bijvoorbeeld bij crisissituaties, negatieve ervaringen met een opname of bij het omgaan met stigmatisering vanuit de samenleving (Gerson e.a., 2009). Echter uit tal van buitenlandse publicaties blijkt dat er nog weinig structureel contact is tussen GGz hulpverleners en familieleden. Het contact beperkt zich veelal tot informeel, telefonisch contact en vindt voornamelijk plaats in crisissituaties (Dixon e.a., 1999, 2001; Krupnik, Pilling, Killaspy, Dalton, 2005; Resnick, Rosenheck, Dixon, Lehman, 2005). Formele vormen van ondersteuning van familieleden zijn nog nauwelijks ontwikkeld (Resnick e.a., 2005). In de Nederlandse GGz staat de samenwerking met familieleden nog in de kinderschoenen, zo blijkt uit onderzoek van Morée en Van Lier (2006). De divisies jeugd en ouderen lijken wat meer op samenwerking met betrokkenen gericht en hebben meer oog voor de ondersteuningsbehoeften dan de langdurende zorg voor volwassenen. Verder blijken vooral behandelaars te hechten aan hun eigen autoriteit en daarom het minst geneigd te zijn om de ervaringsdeskundigheid van familieleden te erkennen en daar gebruik van te maken. Bij verpleegkundigen lijkt deze bereidheid groter te zijn. Ook in de ambulante teams, zoals ACT-teams is het actief betrekken van de leefomgeving van de cliënt, waaronder de partner, familieleden, vrienden en kennissen, geen vanzelfsprekendheid. Hoewel de werkwijze van ACT-teams er op gericht is om familieleden en andere betrokkenen actief bij de zorg te betrekken, blijkt de communicatie tussen het ACT-team en de betrokkenen in de praktijk tegen te vallen. Uit onderzoek in ACTteams blijkt dat hulpverleners vaak onduidelijk zijn over de rol van familieleden in het ondersteuningsproces en dat familie-interventies als psycho-educatie en familiebegeleiding nog geen onderdeel vormen van de standaardzorg (MacFarlane, 2002, Verhaegh e.a., 2007). Er zijn diverse redenen waarom de samenwerking tussen hulpverleners en familieleden stagneert. Volgens Bovenkamp en Trappenburg (2008, 2009) gebruiken veel GGz hulpverleners de privacywetgeving als reden om weinig met familieleden en betrokkenen samen te werken. De heersende cultuur in de GGz is dat grote waarde wordt gehecht aan de autonomie en privacy van de cliënt. Andere redenen die hulpverleners geven voor het niet betrekken van familieleden zijn: te weinig tijd en financiering (Resnick e.a., 2005), beperkt of verstoord contact tussen cliënt en familie, en overbelasting van familieleden (Bijma & Hutschemakers, 2007). Dat de relatie met de hulpverlening nog steeds niet probleemloos verloopt en samenwerking niet vanzelfsprekend is, blijkt ook tijdens de landelijke meldweek van Mezzo, de Landelijke Vereniging voor Mantelzorgers en Vrijwilligerszorg. Bijna 80 procent van de mantelzorgers (onder andere in de GGz) meldt ten minste één knelpunt in de relatie met Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 13

15 de zorginstelling, waar de cliënt verblijft. Meest genoemde knelpunten zijn communicatie, kwaliteit van zorg en taakverdeling. De auteurs noemen het aantal meldingen vanuit de GGz over communicatie - in het bijzonder over inspraak en overleg opvallend. Mantelzorgers in de GGz lopen er soms tegenaan dat hun mening er niet toe doet, omdat de autonomie van de cliënt voorop staat (Van der Vlist en Ooijevaar, 2009). Ook blijkt in een webenquête van Ypsilon, Vereniging voor familieleden en betrokkenen van mensen met schizofrenie of een psychose, dat een kwart van de familieleden en een kwart van de cliënten niet heeft mogen meedenken over de behandeling. De mening van de ondervraagden in keuzes die gemaakt moeten worden, speelt bij 32% nooit mee en bij 23% soms (Ypsilon, 2008). 2.4 Familie-interventies De term familie-interventies omvat een breed scala aan interventies voor familieleden en andere betrokkenen, zoals psycho-educatie voor familieleden, familiegroepen en gezinsbegeleiding. De interventies variëren onder meer in duur en aantal sessies, één of meer gezinnen, met of zonder cliënten erbij, en de focus van de interventie (voorlichting, trainen van copingvaardigheden, betrekken bij de zorg). In Nederland worden onder meer de volgende familie-interventies aangeboden: psycho-educatiecursus, Training Interactievaardigheden, triadekaart, Multi Family Group, Training Prospect en individuele gezinsondersteuning (Van Erp e.a., 2009) Effectiviteit Familie-interventies worden in de Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie (2005) aanbevolen aan gezinnen die met een gezinslid met schizofrenie wonen of daarmee nauw contact onderhouden. Uit meta-analyses blijkt dat familie-interventies terugval bij cliënten uitstellen, dat ze tot minder heropnames leiden en dat ze de medicatietrouw bij cliënten bevorderen (Pilling e.a., 2002; Cochrane review: Pharoah, Mari & Streiner, 2002). Hoewel de effecten voor cliënten dus gunstig zijn, zijn de effecten voor de familieleden zelf (burden on the family) gering. De effecten worden bewerkstelligd door interventies die minstens zes maanden en minimaal tien sessies beslaan en waarbij de cliënt aanwezig is. Een update (tot juni 2005) van de Cochrane review waarin 15 extra RCT s zijn toegevoegd, beschrijft een groter aantal positieve bevindingen over de werkzaamheid van familie-interventies dan de oorspronkelijke review. Deze interventies kunnen niet alleen de kans op terugval bij cliënten verminderen en de medicatietrouw bevorderen, maar ook de belasting en het niveau van expressed emotion van familieleden verlagen en het aantal ziekenhuisopnames verminderen (Pharoah, Mari, Rathbone & Wong, 2006). Uit een meta-analyse gericht op de effecten van psycho-educatieve interventies met gezinnen en familieleden leiden Pfammatter e.a. (2006) af dat deze bij cliënten met schizofrenie tot significant minder terugval en opnames leiden. Ook verbetert de medicatietrouw. Lange termijn interventies hebben een grotere impact op cliënten dan korte termijn interventies. Effecten voor familieleden zijn dat zij over meer kennis over de stoornis beschikken en een verschuiving plaatsvindt van hoge naar lage expressed emotion. De wetenschappelijke evidentie over de effecten van psycho-educatie voor familieleden is sinds het uitkomen van de Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie toegenomen. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 14

16 Vooral lange termijn familie-interventies kunnen worden aanbevolen. De evidentie richt zich vooral op de effecten op cliënten. Onderzoek naar de gevolgen voor de belasting van familieleden is nog weinig uitgevoerd. Er zijn aanwijzingen dat lange termijn interventies (minimaal 12 sessies) ook hiervoor betere resultaten opleven (Cuijpers, 1999). Een Nederlandse studie toont aan dat de psycho-educatie cursus positieve effecten heeft op de belasting en het subjectief welbevinden van familieleden voor de korte en lange termijn (Bransen & Van Mierlo 2007). Uit onderzoek van het AMC blijkt individuele gezinsondersteuning effectief in het voorkomen van heropnames van cliënten. Effecten van de Multi Family Group zijn alleen internationaal aangetoond (McFarlane e.a., 1995; Hazel e.a., 2004). Hieruit blijkt dat deze aanpak de kans op een terugval en heropname bij cliënten vermindert en dat het functioneren van cliënten verbetert. Er zijn aanwijzingen dat de belasting bij familieleden vermindert Werkzame ingrediënten Uit onderzoek blijkt dat de volgende aantal elementen van belang zijn voor hulpverleners die met familieleden werken (Dixon e.a., 2001). Zorg ervoor dat behandeling en begeleiding op elkaar is afgestemd en dat dezelfde doelen worden nagestreefd; Besteed aandacht aan sociale en klinische behoeften van de cliënt; Zorg voor goede medicatie management; Luister naar familieleden en betrek hen op voet van gelijkwaardigheid bij de behandeling en begeleiding; Verken de verwachtingen van cliënten en familieleden over het behandelprogramma; Onderzoek de mogelijkheden en beperkingen van de familie in de zorg voor cliënten; Probeer conflicten op te lossen door aandacht te besteden aan emoties binnen het gezin; Erken gevoelens van verlies; Geef adequate informatie aan cliënten en familieleden; Zorg voor een crisisplan en professionele ondersteuning in crisissituaties; Probeer de communicatie tussen familieleden te verbeteren; Train familieleden in probleemoplossende technieken; Moedig familieleden aan om hun netwerk uit te breiden (bijv. via een familieorganisatie); Wees flexibel om tegemoet te kunnen komen in de behoeften van familieleden; Zorg ervoor dat een andere hulpverlener beschikbaar is, voor het geval dat het contact met familieleden stagneert. Deze elementen zijn zowel belangrijk voor hulpverleners die een goede (werk)relatie willen met familieleden als voor hulpverleners die familie-interventies uitvoeren. Het is echter nog onduidelijk wat de minimale ingrediënten van een familie-interventie programma zijn. Met andere woorden: wat is de minst intensieve en toch effectieve vorm van familieinterventie? Ook is nog niet overtuigend aangetoond welk type interventie het meest effectief is, bijvoorbeeld een individuele of multi-groep aanpak. Ten slotte is meer onderzoek nodig naar de mogelijkheden om familie-interventies te combineren met andere interventies, zoals ACT en Supported Employment (Dixon e.a., 2001). Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 15

17 2.5 Implementatie van familie-interventies Hoewel familie-interventies beschouwd kunnen worden als een evidence-based practice voor cliënten met ernstige en langdurige problematiek, wordt deze interventie nog mondjesmaat toegepast (Barrowclough, 2005). De barrières voor de implementatie van deze interventies liggen zowel bij familieleden als bij cliënten en hulpverleners (Dixon e.a., 2001). Een reden voor familieleden om niet deel te nemen aan een familie-interventie is dat ze de sessies zien als een extra belasting bovenop hun andere werkzaamheden of dat ze terughoudend zijn om (meer) zorg te gaan bieden (Barrowclough, 2005). Ook willen sommige familieleden niet geïdentificeerd worden met een GGz-instelling, omdat ze bang zijn om gestigmatiseerd te worden. Andere familieleden hebben in het verleden negatieve ervaringen gehad met de GGz en wijzen ondersteuning daarom af. Cliënten hebben soortgelijke bedenkingen en zijn soms ook bang om het vertrouwelijke contact met het team op te geven of hun autonomie te verliezen. Bovendien is de relatie tussen cliënt en familie soms dermate verstoord dat de cliënt niet open staat voor betrokkenheid van familieleden bij de zorg. Hulpverleners staan soms sceptisch ten opzichte van familie-interventies of gaan er nog steeds vanuit dat het gezin een negatieve rol speelt in de ziekte van de cliënt. Verder vinden hulpverleners het vaak lastig om de sessies te combineren met hun andere werkzaamheden. Sommige intensievere familie-interventies worden ook gezien als weinig kosteneffectief en ook zijn sommige hulpverleners beducht voor privacy- en vertrouwelijkheidskwesties (Mannion, Solomon & Steber, 2001). Tot slot zien hulpverleners organisatorische belemmeringen voor familie-interventies, die vooral te maken hebben met een gebrek aan randvoorwaarden, tijd en geld (Beecher, 2006) en het ontbreken van coördinatie van deze interventies binnen de instelling (Mueser & Fox, 2000). Inmiddels is een aantal strategieën bekend die de invoering van familie-interventies in de instelling kunnen bevorderen. Familieleden kunnen op een aantal manieren gestimuleerd worden voor familieinterventies: door de sessies buiten de GGz-instelling aan te bieden, door hen uit te leggen dat de cursus niet alleen gericht is op verbetering van de situatie van de cliënt maar ook voor henzelf, door flexibel te zijn in de planning van de sessies en door het stigma rond psychische aandoeningen te verminderen. Om hulpverleners te motiveren moet de informatievoorziening over familie-interventies worden afgestemd op de voordelen voor de behandeling, zoals terugvalpreventie en efficiëntere casemanagement. Ook is belangrijk dat hulpverleners gebruik kunnen maken van supervisie-, consultatie- en ondersteuningsmogelijkheden, die door de instelling geboden worden (Dixon e.a., 2001). Verder is het belangrijk dat er één centrale persoon binnen de instelling de verantwoordelijkheid draagt voor de ontwikkeling, verspreiding en coördinatie van familieinterventies. Ook kan deze persoon erop toezien dat er binnen de standaardzorg voldoende aandacht is voor samenwerking met familieleden en andere betrokkenen (Mueser & Fox, 2000). Mannion e.a. (2001) pleiten voor een aanpak op meerdere terreinen. In de eerste plaats moeten er voldoende financiële middelen beschikbaar worden gesteld voor familieinterventies. Tevens moet er een standaardprocedure ontwikkeld worden, waarin iedere Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 16

18 cliënt wordt gevraagd naar een familielid of een andere relevante persoon, die betrokken kan worden in de zorg rond deze cliënt. Met de cliënt moeten ook afspraken worden gemaakt over welke informatie privacygevoelig is. Familieleden moeten individueel ondersteund worden en - in aanvulling hierop - de mogelijkheid hebben om deel te nemen aan groepsgewijze ondersteuning. Ook moet er in de instelling trainingen verzorgd worden voor hulpverleners, waarin ze leren hoe ze familieleden kunnen betrekken in de behandeling en begeleiding. Ten slotte zouden er per team of afdeling twee hulpverleners aangesteld kunnen worden als aandachtsfunctionaris om de ontwikkeling van familieinterventies verder te ondersteunen. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 17

19 Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 18

20 3 Visie van hulpverleners op samenwerking In dit hoofdstuk staat de visie van de hulpverleners op het contact en de samenwerking met familieleden centraal. Ook is aan de hulpverleners gevraagd wat het beleid van het team en van de instelling is ten aanzien van familieleden. In totaal zijn 19 hulpverleners geïnterviewd. Van het TIZ-team 3 zijn elf hulpverleners geïnterviewd, waarvan twee psychiaters, vier SPV ers, drie ambulant verpleegkundigen, één ervaringsdeskundige en één familiebeleidsmedewerker/-vertrouwenspersoon. De twee psychiaters zijn ieder eindverantwoordelijk voor ongeveer 250 cliënten, de overige hulpverleners hebben een gemiddelde caseload van 34, variërend van 8 tot 54. De familebeleidsmedewerker heeft geen caseload. De hulpverleners werken gemiddeld ruim drie jaar bij het team (min. 4 maanden, max. 8 jaar) en gemiddeld ruim zeventien jaar in de GGz (min. 4 maanden, max. 29 jaar). Van het ACT-team Nijmegen zijn acht hulpverleners geïnterviewd, waarvan één psychiater, één psycholoog, twee SPV ers, twee trajectbegeleiders, één woonbegeleider en één ervaringsdeskundige/maatschappelijk werker. Het ACT-team werkt met een gedeelde caseload, maar aan de hulpverleners is gevraagd van hoeveel cliënten zij de belangrijkste contactpersoon zijn en/of met wie zij regelmatig contact hebben. De psychiater is eindverantwoordelijk voor 64 cliënten, de overige hulpverleners hebben een gemiddelde caseload van 11, variërend van 5 tot 15. Vijf hulpverleners werken sinds de start bij het ACT-team (ruim 2,5 jaar), de overige teamleden werken twee jaar, één jaar en elf maanden bij het team. De medewerkers van het ACT-team zijn gemiddeld bijna veertien jaar werkzaam in de GGz. 3.1 Contact cliënt met familie Aan de hulpverleners is gevraagd of zij van hun cliënten weten of zij contact hebben met hun familie en hoe dit contact verloopt. Bij het ACT-team Nijmegen is de familiesituatie van vrijwel alle cliënten bekend. Bij het TIZ-team Hoofddorp is dit niet altijd het geval. Enkele hulpverleners geven aan ze dat niet van alle cliënten op de hoogte zijn van hun situatie, maar dat deze bij ongeveer de helft van hun cliënten bekend is. Het merendeel van de cliënten heeft contact met één of meer familieleden. Jonge cliënten hebben vooral contact met de ouders en broers en zussen, oudere cliënten met de partner, broers en zussen en ouder(s) (als die nog in leven zijn). De mate van contact verschilt nogal. Sommige jonge cliënten wonen nog thuis bij de ouders en hebben dagelijks contact. De meeste cliënten hebben wekelijks tot maandelijks contact. Een minderheid heeft slechts incidenteel contact, bijvoorbeeld alleen met de feestdagen. Eén hulpverlener geeft aan dat Marokkaanse cliënten of cliënten uit een andere cultuur vaak een groep familieleden om zich heen hebben en dus veel contact hebben met de familie. Een minderheid van de cliënten heeft geen enkel contact meer met de familie. De redenen hiervoor zijn divers. Sommigen hebben geen familie meer. Bij anderen zijn er in het verleden problemen geweest, bijvoorbeeld drugsgebruik of geweld, waardoor familieleden geen contact meer willen met de cliënt. Ook komt het voor dat de cliënt geen con- 3 Overal waar in hoofdstuk 3, 4 en 5 gesproken wordt van ACT of ACT-team wordt het ACT-team van GGz Nijmegen bedoeld. Het TIZ of TIZ-team verwijst naar het FACT-team TIZ locatie Hoofddorp van GGZ ingeest. Familie in de langdurige GGz, deel 2: Betrokkenheid in (F)ACT TRIMBOS-INSTITUUT 19

Familie in de langdurige GGz deel 1: Interventies

Familie in de langdurige GGz deel 1: Interventies Nicole van Erp, Caroline Place, Harry Michon Familie in de langdurige GGz deel 1: Interventies Publicatie Monitor langdurige GGz 12734-cover rapport familie in de langdurige.indd 1 29-04-2009 11:24:30

Nadere informatie

Informatie voor cliënten en familieleden. FACT Centrum. Locatie Zuiderpoort

Informatie voor cliënten en familieleden. FACT Centrum. Locatie Zuiderpoort Informatie voor cliënten en familieleden FACT Centrum Locatie Zuiderpoort Wat is FACT? FACT staat voor Flexible Assertive Community Treatment'. Het is een vorm van behandeling en begeleiding, waarbij cliënten

Nadere informatie

InFoP 2. Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. Inhoud. Behandeling van psychose De rol van andere interventies

InFoP 2. Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. Inhoud. Behandeling van psychose De rol van andere interventies Informatie voor Familieleden omtrent Psychose InFoP 2 Inhoud Introductie Module I: Wat is een psychose? Module II: Psychose begrijpen? Module III: Behandeling van psychose de rol van medicatie? Module

Nadere informatie

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud Informatie voor Familieleden omtrent Psychose InFoP 2 Inhoud Introductie Module I: Wat is een psychose? Module II: Psychose begrijpen? Module III: Behandeling van psychose de rol van medicatie? Module

Nadere informatie

GGzE centrum psychotische stoornissen. Act. Zorg bij de eerste psychose. Informatie voor cliënten >>

GGzE centrum psychotische stoornissen. Act. Zorg bij de eerste psychose. Informatie voor cliënten >> GGzE centrum psychotische stoornissen Act Zorg bij de eerste psychose Informatie voor cliënten >> Uw klachten de baas en het dagelijks leven weer oppakken GGzE centrum psychotische stoornissen geeft behandeling

Nadere informatie

Eliane Duvekot. Eliane Duvekot

Eliane Duvekot. Eliane Duvekot Eliane Duvekot Eliane Duvekot Gezinsinterventies Het belang van een focus René Keet, psychiater GGZ Noord Holland Noord AMC Inhoud presentatie Psychosociale interventies bij schizofrenie Gezinsinterventies

Nadere informatie

Visiedocument FACT GGZ Friesland

Visiedocument FACT GGZ Friesland Visiedocument FACT GGZ Friesland Soort document: Visiedocument Versie: 02 Visie Rehabilitatie begint bij de voordeur! Vanaf het eerste behandelcontact staat het individuele herstelproces van de patiënt

Nadere informatie

FA10A. FACT (Functie ACT) Basisopleiding. mensenkennis

FA10A. FACT (Functie ACT) Basisopleiding. mensenkennis FA10A Basisopleiding FACT (Functie ACT) mensenkennis Basisopleiding FACT (Functie ACT) FACT-casemanager Het werken als casemanager in multidisciplinaire FACT-wijkteams stelt hoge eisen aan kennis, vaardigheden

Nadere informatie

Multifamily Groups volgens McFarlane

Multifamily Groups volgens McFarlane Multifamily Groups volgens McFarlane Workshop 9 oktober 2012 Ingeborg Siteur, psychiater/gezinstherapeut Altrecht Familie-training als onderdeel van een totaal aanbod Familie psychoeducatie ACT/casemanagement

Nadere informatie

ACT en FACT: zorg en behandeling in de maatschappij

ACT en FACT: zorg en behandeling in de maatschappij ACT en FACT: zorg en behandeling in de maatschappij ACT en FACT: zorg en behandeling in de maatschappij Gecertificeerde zorg voor mensen met met ernstige psychiatrische ernstige psychiatrische aandoeningen

Nadere informatie

Vroege Interventie Psychose (VIP-team) Regio Tilburg en Breda. Informatie voor cliënten

Vroege Interventie Psychose (VIP-team) Regio Tilburg en Breda. Informatie voor cliënten Vroege Interventie Psychose (VIP-team) Regio Tilburg en Breda Informatie voor cliënten Vroege Interventie Psychose (VIP-team) GGz Breburg heeft twee VIP-teams, in de regio Breda en Tilburg. Het VIP-team

Nadere informatie

Psychologie Inovum. Informatie en productenboek voor cliënten, hun naasten en medewerkers

Psychologie Inovum. Informatie en productenboek voor cliënten, hun naasten en medewerkers Psychologie Inovum Informatie en productenboek voor cliënten, hun naasten en medewerkers Waarom psychologie Deze folder is om bewoners, hun naasten en medewerkers goed te informeren over de mogelijkheden

Nadere informatie

Brijder Verslavingszorg Hoofddorp

Brijder Verslavingszorg Hoofddorp Ons Team Ons team is zeer divers. We bestaan uit het secretariaat, psychologen, maatschappelijk werkers, sociaal psychiatrisch verpleegkundigen, cognitief gedragstherapeutisch werkers, ervaringsdeskundigen,

Nadere informatie

GGzE centrum psychotische stoornissen. Algemene informatie >>

GGzE centrum psychotische stoornissen. Algemene informatie >> GGzE centrum psychotische stoornissen GGzE centrum psychotische stoornissen Algemene informatie >> We zijn er zowel voor mensen met een eerste psychose als voor mensen met langer durende psychotische klachten.

Nadere informatie

Informatieleaflet voor werkgevers

Informatieleaflet voor werkgevers Informatieleaflet voor werkgevers Werk en verslaving Het aantal verslaafden aan alcohol, drugs en medicijnen in Nederland groeit. Het merendeel van deze mensen heeft een baan en kampt met de verslaving

Nadere informatie

Zichtbaar beter? 10-11-2010. Cliëntmonitor. Knelpunten in de Langdurige Zorg INHOUD. Inleiding. Telezorg in 2 wijkteams. Onderzoeksresultaten

Zichtbaar beter? 10-11-2010. Cliëntmonitor. Knelpunten in de Langdurige Zorg INHOUD. Inleiding. Telezorg in 2 wijkteams. Onderzoeksresultaten 10-11-2010 Zichtbaar beter? INHOUD 1 Inleiding 2 Telezorg in 2 wijkteams 3 Onderzoeksresultaten 4 Kansen en belemmeringen 5 DVD Aanraken en je hebt contact Lex Hulsbosch, onderzoeker Trimbos-instituut

Nadere informatie

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG SAMENVATTING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG INLEIDING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG In samenwerking met de deelnemers van het De Bouwstenen zijn opgebouwd uit thema s die Bestuurlijk Akkoord GGZ zijn

Nadere informatie

Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen. Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema

Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen. Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema Kennissynthese arbeid en psychische aandoeningen Dr. F.G.Schaafsma Dr. H. Michon Prof. dr. J.R. Anema Ernstige Psychische Aandoeningen (EPA) Definitie consensus groep EPA¹ - Sprake van psychische stoornis

Nadere informatie

Business case. Integraal FACT-team Zuidoost Emmen. Samenwerkingsproject van Accare, Ambiq, Promens Care en VNN. November 13

Business case. Integraal FACT-team Zuidoost Emmen. Samenwerkingsproject van Accare, Ambiq, Promens Care en VNN. November 13 Business case Integraal FACT-team Zuidoost Emmen. Samenwerkingsproject van Accare, Ambiq, Promens Care en VNN. November 13 1. Inleiding/aanleiding In het voorjaar van 2013 heeft Ambiq het voorstel gedaan

Nadere informatie

De Stemmenpolikliniek

De Stemmenpolikliniek Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) De Stemmenpolikliniek Inhoud Inleiding 1 Stemmen horen 1 De behandeling 2 Kennismaking 3 De inhoud van de behandeling 3 Behandelaars 4 Vragen 4 Belangrijke adressen

Nadere informatie

Meander Nijmegen. Samen groot worden. Zorg voor jeugdigen. Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor kinderen, jongeren en gezinnen BEGELEID (KAMER) WONEN

Meander Nijmegen. Samen groot worden. Zorg voor jeugdigen. Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor kinderen, jongeren en gezinnen BEGELEID (KAMER) WONEN BEGELEID (KAMER) WONEN OPVOEDINGS- ONDERSTEUNING HULP OP MAAT LOGEERHUIS Meander Nijmegen stgmeander.nl Zorg voor jeugdigen Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor kinderen, jongeren en gezinnen Samen groot

Nadere informatie

GGzE centrum autisme volwassenen

GGzE centrum autisme volwassenen GGzE centrum autisme volwassenen GGzE centrum autisme volwassenen Centrum voor specialistische zorg, kennis en ontwikkeling op het gebied van autisme Informatie voor verwijzers >> GGzE centrum autisme

Nadere informatie

Post-hbo opleiding cognitief gedragstherapeutisch

Post-hbo opleiding cognitief gedragstherapeutisch Post-hbo opleiding cognitief gedragstherapeutisch werker Volwassenen en ouderen mensenkennis Van onze klinisch psycholoog heb ik een groep cliënten overgenomen, bij wie ik de instrumenten uit de opleiding

Nadere informatie

informatie voor cliënten FACT-team

informatie voor cliënten FACT-team informatie voor cliënten FACT-team FACT-team Voor een grote groep mensen is het leven moeilijk. Zij hebben niet alleen last van psychiatrische klachten, zoals bijvoorbeeld somberheid of het horen van stemmen,

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340 98 34 www.rijksoverheid.nl Kenmerk

Nadere informatie

Mét familie gaat het beter

Mét familie gaat het beter Mét familie gaat het beter GGZ ingeest staat voor een gelijkwaardige samenwerking tussen patiënt, hulpverlener en u. In deze brochure leest u hoe we u als familielid, vriend of andere naaste van de patiënt

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek onder mensen met een manisch depressieve stoornis en hun betrokkenen

Tevredenheidsonderzoek onder mensen met een manisch depressieve stoornis en hun betrokkenen Tevredenheidsonderzoek onder mensen met een manisch depressieve stoornis en hun betrokkenen Patiënt redelijk tevreden, maar snelheid en betrokkenheid bij behandeling kan beter Index 1. Inleiding 2. Onderzoeksmethode

Nadere informatie

werken aan Zelfmanagement en passende zorg

werken aan Zelfmanagement en passende zorg werken aan Zelfmanagement en passende zorg Inleiding De ggz is steeds meer gericht op herstel, het vergroten van de zelfredzaamheid en zo veel mogelijk deelnemen aan de maatschappij van cliënten. Wilt

Nadere informatie

Meer informatie MRS 0610-2

Meer informatie MRS 0610-2 Meer informatie Bij de VGCt zijn meer brochures verkrijgbaar, voor volwassenen bijvoorbeeld over depressie en angststoornissen. Speciaal voor kinderen zijn er brochures over veel piekeren, verlatingsangst,

Nadere informatie

Behandeling van verslaving en comorbiditeit. de Noord Nederlandse ervaring

Behandeling van verslaving en comorbiditeit. de Noord Nederlandse ervaring Behandeling van verslaving en comorbiditeit de Noord Nederlandse ervaring Gent 14 nov2014 Primaire problematiek naar voorkomen in bevolking en % in behandeling 1 Setting van hulp in VZ VNN 34 ambulante

Nadere informatie

Zelfregie met Resource Groepen binnen F-ACT Sandra Bakker, casemanager/teamcoördinator sandra.bakker@ggz-nhn.nl

Zelfregie met Resource Groepen binnen F-ACT Sandra Bakker, casemanager/teamcoördinator sandra.bakker@ggz-nhn.nl Zelfregie met Resource Groepen binnen F-ACT Sandra Bakker, casemanager/teamcoördinator sandra.bakker@ggz-nhn.nl 21 mei 2015 Onstaan RG en F-ACT Bij ACT werd gemist: - Multidisciplinair -80 % van cliënten

Nadere informatie

Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010

Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010 Jaargang 2 nummer 1 16 dec 2010 Inhoudsopgave: Inleiding Minisymposium LVG en Verslaving De belangrijkste problemen volgens hulpverleners De ervaringen van cliënten De ervaringen van verwanten Vervolgstappen

Nadere informatie

Vergelijking ACT teams op de Noordoever, Rotterdam. ACT congres Leiden 27 september 2007 Bert Jan Roosenschoon Arina van der Kwaak

Vergelijking ACT teams op de Noordoever, Rotterdam. ACT congres Leiden 27 september 2007 Bert Jan Roosenschoon Arina van der Kwaak Vergelijking ACT teams op de Noordoever, Rotterdam ACT congres Leiden 27 september 2007 Bert Jan Roosenschoon Arina van der Kwaak Benamingen zorg-aan-huis projecten (What s in a name?) Transmuraal Zorgteam

Nadere informatie

Kliniek Nijmegen. Informatie voor patiënten

Kliniek Nijmegen. Informatie voor patiënten Kliniek Nijmegen Informatie voor patiënten We spreken van een verslaving wanneer bepaald gedrag zoals middelengebruik of gokken uw leven gaat beheersen. Steeds meer tijd en energie gaan op aan de verslaving.

Nadere informatie

Mantelzorgbeleid ZAB Nederland

Mantelzorgbeleid ZAB Nederland Mantelzorgbeleid ZAB Nederland 1. Inleiding Mantelzorg is een thema dat momenteel veel aandacht krijgt in onze samenleving. Het gaat om zorg die noodzakelijkerwijs langdurig, onbetaald en vanuit een persoonlijke

Nadere informatie

1 2 1 Bemoeizorg is als begrip (en zorgvorm) komen overwaaien uit Nederland, wordt gehanteerd in de context van zorgwekkende zorgmijders. Dit zijn: mensen met ernstige psychische en/of psychosociale problemen

Nadere informatie

Bijzondere mantelzorgers. Bijzondere mantelzorgers. Opbouw. Opbouw. Bijzondere mantelzorg 7-7-2014. Aandacht voor naasten - een korte historie

Bijzondere mantelzorgers. Bijzondere mantelzorgers. Opbouw. Opbouw. Bijzondere mantelzorg 7-7-2014. Aandacht voor naasten - een korte historie Presentatie Rick Kwekkeboom Bijzondere mantelzorgers Bijzondere mantelzorgers De lat, die bepaal jij De lat, die bepaal jij (????) Aandacht voor naasten - een korte historie In tijden van anti-psychiatrie:

Nadere informatie

24 uurshulp. Met Cardea kun je verder!

24 uurshulp. Met Cardea kun je verder! 24 uurshulp Met Cardea kun je verder! Met Cardea kun je verder! 24 UURSHULP De meeste kinderen en jongeren wonen thuis bij hun ouders totdat ze op zichzelf gaan wonen. Toch kunnen er omstandigheden zijn,

Nadere informatie

Samen werken aan het verminderen van overbelasting

Samen werken aan het verminderen van overbelasting Samen werken aan het verminderen van overbelasting Doelgroep Wij zijn begonnen met 3 bij ons bekende Marokkaanse mantelzorgers, die alledrie balanceerde op het randje van afknappen. Zij hadden dezelfde

Nadere informatie

Deeltijdbehandeling. Ouderen

Deeltijdbehandeling. Ouderen Deeltijdbehandeling Ouderen Deeltijdbehandeling Mondriaan Ouderen geeft behandeling, ondersteuning en begeleiding aan mensen met psychische en psychiatrische problemen vanaf de derde levensfase. Mondriaan

Nadere informatie

Promens Care. Triadekaart. Triade. ouders/ naastbetrokkene

Promens Care. Triadekaart. Triade. ouders/ naastbetrokkene Promens Care Triadekaart Triade kaart CLiënT begeleider ouders/ naastbetrokkene De Triadekaart De cliënt: Mijn zus doet veel voor me. Meer dan ik nodig vind. Een nieuw begrip De begeleider: Uitstekend

Nadere informatie

Henk-Willem Klaassen. Bondgenoten. Hoe familieleden en hulpverleners in de psychiatrie samen kunnen optrekken. Boom Amsterdam

Henk-Willem Klaassen. Bondgenoten. Hoe familieleden en hulpverleners in de psychiatrie samen kunnen optrekken. Boom Amsterdam Henk-Willem Klaassen Bondgenoten Hoe familieleden en hulpverleners in de psychiatrie samen kunnen optrekken Boom Amsterdam Inhoud Voorwoord 13 Inleiding 15 Deel 1 De praktijk 21 1 Intake 25 1.1 Aanmelding

Nadere informatie

Manifest. voor de intensieve vrijwilligerszorg

Manifest. voor de intensieve vrijwilligerszorg Manifest voor de intensieve vrijwilligerszorg Manifest voor de intensieve vrijwilligerszorg Meer dan 15.000 mensen zijn vrijwilliger bij een Waarom dit manifest? organisatie voor Vrijwillige Thuishulp,

Nadere informatie

Inhoud. Persoonlijk-professionele hulpverlening. Een integrale rehabilitatiebenadering. Ten geleide...11. Voorwoord...15.

Inhoud. Persoonlijk-professionele hulpverlening. Een integrale rehabilitatiebenadering. Ten geleide...11. Voorwoord...15. Inhoud Ten geleide...11 Voorwoord...15 Hoofdstuk 1 Een integrale rehabilitatiebenadering 1.1 Een korte historie...19 1.2 De rehabilitatiebenadering: een rijke vijver...21 1.3 Definities en richtingen...23

Nadere informatie

Familiebeleid Zorgen voor een ander, zorg voor uzelf

Familiebeleid Zorgen voor een ander, zorg voor uzelf Familiebeleid Zorgen voor een ander, zorg voor uzelf Vincent van Gogh voor geestelijke gezondheidszorg Contactgegevens voor familieleden / naasten Uw familielid of naaste is in behandeling op locatie Afdeling

Nadere informatie

Familiebegeleiding in de langdurende psychiatrie

Familiebegeleiding in de langdurende psychiatrie Familiebegeleiding in de langdurende psychiatrie door Henk-Willem Klaassen, Sociaal psychiatrisch verpleegkundige Vijfde wijkteam GGZ Noord-Holland Noord januari 2011 hw.klaassen@ggz-nhn.nl Met dit artikel

Nadere informatie

waardering Zwolle Jonge mantelzorgers (jonger dan 18 jaar) zijn in de onderzoeken van de gemeente niet meegenomen,

waardering Zwolle Jonge mantelzorgers (jonger dan 18 jaar) zijn in de onderzoeken van de gemeente niet meegenomen, Zwolle Rapportage Mantelzorg in beeld Resultaten uit onderzoeken onder mantelzorgers 2012 en 2014 De gemeente Zwolle wil de positie van de mantelzorger versterken en hun taak verlichten. Met de komst van

Nadere informatie

Deeltijdbehandeling. Mondriaan. Informatie voor cliënten. Ouderen. voor geestelijke gezondheid

Deeltijdbehandeling. Mondriaan. Informatie voor cliënten. Ouderen. voor geestelijke gezondheid Deeltijdbehandeling Informatie voor cliënten Ouderen Mondriaan voor geestelijke gezondheid Ouderen Deeltijdbehandeling De Divisie Ouderen is een onderdeel van Mondriaan. We verlenen hulp aan mensen van

Nadere informatie

24- uursbehandeling. [ intensieve persoonlijke begeleiding en behandeling ]

24- uursbehandeling. [ intensieve persoonlijke begeleiding en behandeling ] 24- uursbehandeling [ intensieve persoonlijke begeleiding en behandeling ] In het noorden en oosten van Nederland behandelen en begeleiden wij kinderen, jongeren en volwassenen met een licht verstandelijke

Nadere informatie

Doen bij Depressie. Module 2 voor cognitief beperkte cliënten Fase 4 - Behandelen

Doen bij Depressie. Module 2 voor cognitief beperkte cliënten Fase 4 - Behandelen Bijlage 7 Doen bij Depressie Module 2 voor cognitief beperkte cliënten Fase 4 - Behandelen Leidraad voor individuele ondersteuning en mediatieve therapie bij depressieve cliënten met ernstige cognitieve

Nadere informatie

Advies en informatie direct vanaf beginfase belangrijk voor mantelzorgers van mensen met dementie

Advies en informatie direct vanaf beginfase belangrijk voor mantelzorgers van mensen met dementie Deze factsheet maakt onderdeel uit van een reeks van twee factsheets. Factsheet 1 beschrijft de problemen en wensen van mantelzorgers van mensen met dementie. Factsheet 2 beschrijft de motieven en belasting

Nadere informatie

Cognitieve gedragstherapie bij problematisch alcoholgebruik

Cognitieve gedragstherapie bij problematisch alcoholgebruik Cognitieve gedragstherapie bij problematisch alcoholgebruik Informatie voor mensen die hun probleem willen aanpakken 2 Kortdurende motiverende interventie en cognitieve gedragstherapie Een effectieve behandeling

Nadere informatie

Waarom is het nuttig en prettig gezinsleden te betrekken bij uw behandeling?

Waarom is het nuttig en prettig gezinsleden te betrekken bij uw behandeling? Waarom is het nuttig en prettig gezinsleden te betrekken bij uw behandeling? Informatie voor mensen die hun probleem willen aanpakken 2 Waarom is het nuttig en prettig gezinsleden te betrekken bij uw behandeling?

Nadere informatie

Doel. Inleiding. De mantelzorger als samenwerkingspartner MANTELZORGBELEID VIERSTROOM

Doel. Inleiding. De mantelzorger als samenwerkingspartner MANTELZORGBELEID VIERSTROOM MANTELZORGBELEID VIERSTROOM Doel Het doel van deze tekst is een kader beschrijven waarbinnen doelstellingen en randvoorwaarden zijn vastgelegd die de samenwerking met mantelzorgers en ondersteuning van

Nadere informatie

Bemoeizorg Parkstad. Volwassenen

Bemoeizorg Parkstad. Volwassenen Bemoeizorg Parkstad Volwassenen Bemoeizorg Parkstad 7 1 2 3 4 8 5 9 10 6 Wat is bemoeizorg? Bemoeizorg is de ongevraagde bemoeienis van hulpverleners met mensen die hulp nodig hebben, maar daar zelf niet

Nadere informatie

Rotterdam Rijnmond. Zorg voor jongeren en hun gezin. Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor jongeren BEGELEID WONEN INDIVIDUELE BEGELEIDING

Rotterdam Rijnmond. Zorg voor jongeren en hun gezin. Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor jongeren BEGELEID WONEN INDIVIDUELE BEGELEIDING BEGELEID WONEN INDIVIDUELE BEGELEIDING GEZINS- BEGELEIDING DAGBESTEDING Rotterdam Rijnmond Zorg voor jongeren en hun gezin Begeleiding en (tijdelijk) wonen voor jongeren Wie zijn wij? Stichting Prokino

Nadere informatie

Productcatalogus 2015

Productcatalogus 2015 Productcatalogus 2015 Stichting ToReachIt Simple as A.B.C. Acceptance is the Beginning of Change Inhoudsopgave Inleiding Pag. 1.1 Waarom deze productcatalogus 3. 1.2 Stichting ToReachIt samengevat 3. Producten

Nadere informatie

Kliniek Wolfheze. Informatie voor patiënten

Kliniek Wolfheze. Informatie voor patiënten Kliniek Wolfheze Informatie voor patiënten We spreken van een verslaving wanneer bepaald gedrag zoals middelengebruik of gokken uw leven gaat beheersen. Soms lukt het niet om daar zelf uit te komen. Bij

Nadere informatie

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg Informatie voor cliënten Cliënten en geestelijke gezondheidszorg Slachtoffers van mensenhandel hebben vaak nare dingen meegemaakt. Ze zijn geschokt

Nadere informatie

Voorbereiden op het keukentafelgesprek?

Voorbereiden op het keukentafelgesprek? Voorbereiden op het keukentafelgesprek? Deze brochure helpt u daarbij! 2015 een coproductie van: Voor kinderen, partners, verwanten, vrijwilligers die mantelzorgtaken vervullen voor hen die hun dierbaar

Nadere informatie

Multiprobleemgezinnen: een onderdeel van de (participatie)samenleving?!

Multiprobleemgezinnen: een onderdeel van de (participatie)samenleving?! Multiprobleemgezinnen: een onderdeel van de (participatie)samenleving?! Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) Afdeling Gezondheidswetenschappen Els Evenboer, Danielle Jansen, Menno Reijneveld Inhoud

Nadere informatie

OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE

OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE OPLOSSINGSGERICHT WERKEN MET JONGEREN MISSION POSSIBLE OPEN INSCHRIJVING IN UTRECHT WAT IS MISSION POSSIBLE? Bent u geïnteresseerd te ontdekken waar de motivatie van jongeren ligt om hun problemen zelf

Nadere informatie

Beleidsplan Mantelzorg

Beleidsplan Mantelzorg Opsteller: Golein Klein Bramel Versie: 1 december 2010 Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 INLEIDING... 3 1. WAT IS MANTELZORG?... 3 2. VISIE OP MANTELZORG... 4 3. WAT KUNNEN MANTELZORGERS VERWACHTEN VAN

Nadere informatie

centrum voor verstandelijke beperking en psychiatrie MET ELKAAR VOOR ELKAAR

centrum voor verstandelijke beperking en psychiatrie MET ELKAAR VOOR ELKAAR centrum voor verstandelijke beperking en psychiatrie MET ELKAAR VOOR ELKAAR De Swaai is een samenwerking tussen GGZ Friesland en Talant en biedt volwassenen met zowel een verstandelijke beperking als

Nadere informatie

HOE U DE SAMENWERKING MET THUISZORGMEDEWERKERS VERBETERT

HOE U DE SAMENWERKING MET THUISZORGMEDEWERKERS VERBETERT HOE U DE SAMENWERKING MET THUISZORGMEDEWERKERS VERBETERT Tips voor mantelzorgers die voor thuiswonende ouderen zorgen ZORGNETWERK VAN EEN KWETSBARE OUDERE Team van verpleegkundigen en verzorgenden Partner

Nadere informatie

llochtone meiden en vrouwen in-zicht

llochtone meiden en vrouwen in-zicht 2010 PROJECTEN Nieuwsbrief INHOUD Allochtone meiden & vrouwen in-zicht (Vervolg project) Kinderen aan zet (Onderzoek naar de gevolgen voor kinderen van het hebben van een moeder die seksueel misbruikt

Nadere informatie

Mantelzorgbeleid Inovum

Mantelzorgbeleid Inovum Paginanummer: 1 / 5 Mantelzorgbeleid Inovum 1. Doel Geven van duidelijkheid over wie mantelzorgers zijn, wat het verschil is tussen mantelzorgers en vrijwilligers en hoe Inovum en mantelzorgers elkaar

Nadere informatie

11-10-2014. Ypsilon 30 jaar. Schizofrenie onderzoek staat in Nederland nu 20 jaar op de kaart

11-10-2014. Ypsilon 30 jaar. Schizofrenie onderzoek staat in Nederland nu 20 jaar op de kaart Ypsilon 30 jaar Schizofrenie onderzoek staat in Nederland nu 20 jaar op de kaart dr. Wiepke Cahn UMCUtrecht - Ypsilon en onderzoekers trekken sinds die tijd met elkaar op Wat hebben we gezamenlijk bereikt!

Nadere informatie

Mentrum SAMEN WERKEN AAN HERSTEL EN EEN WAARDEVOL LEVEN. Onderdeel van Arkin

Mentrum SAMEN WERKEN AAN HERSTEL EN EEN WAARDEVOL LEVEN. Onderdeel van Arkin Mentrum SAMEN WERKEN AAN HERSTEL EN EEN WAARDEVOL LEVEN Onderdeel van Arkin Ieder mens is waardevol. Mentrum behandelt mensen met langerdurende ernstige problemen op het gebied van psychiatrie en/of verslaving.

Nadere informatie

Psychiatrie. Therapieprogramma. www.catharinaziekenhuis.nl

Psychiatrie. Therapieprogramma. www.catharinaziekenhuis.nl Psychiatrie Therapieprogramma www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Het therapieprogramma... 3 Waarom groepstherapie?... 3 De groepsindeling... 4 De observatiegroep... 4 De behandelgroep... 4 Werkwijze therapeuten...

Nadere informatie

Poliklinische longrevalidatie

Poliklinische longrevalidatie Poliklinische longrevalidatie Inleiding De longaandoeningen COPD (chronische bronchitis en/of longemfyseem) en astma zijn chronische aandoeningen. Dat wil zeggen dat ze niet te genezen zijn. Deze beide

Nadere informatie

De multidisciplinaire richtlijn schizofrenie - Wat kunnen we met de recente update?-

De multidisciplinaire richtlijn schizofrenie - Wat kunnen we met de recente update?- De multidisciplinaire richtlijn schizofrenie - Wat kunnen we met de recente update?- Dr. Berno van Meijel Lector GGZ-verpleegkunde Hogeschool INHolland / Amsterdam www.ggzverpleegkunde.nl De richtlijn

Nadere informatie

(Forensische) ACT en FACT voor verslaafden

(Forensische) ACT en FACT voor verslaafden Improving Mental Health by Sharing Knowledge (Forensische) ACT en FACT voor verslaafden Congres sociale verslavingszorg 12 juni 2013 Laura Neijmeijer Doelgroep: mensen met langdurende of blijvende ernstige

Nadere informatie

Handleiding voor het invullen van het Overdrachtsdocument palliatieve zorg

Handleiding voor het invullen van het Overdrachtsdocument palliatieve zorg Handleiding voor het invullen van het Overdrachtsdocument palliatieve zorg A. Algemeen Proactieve zorgplanning: markering Het palliatief overdrachtsdocument is bedoeld voor palliatieve patiënten. Vaak

Nadere informatie

GGzE Centrum Bipolair. Centrum Bipolair. Specialistisch behandelcentrum voor mensen met een bipolaire stoornis. cliënten >>

GGzE Centrum Bipolair. Centrum Bipolair. Specialistisch behandelcentrum voor mensen met een bipolaire stoornis. cliënten >> GGzE Centrum Bipolair Centrum Bipolair Specialistisch behandelcentrum voor mensen met een bipolaire stoornis cliënten >> De bipolaire stoornis komt voor bij ongeveer 1 à 2 procent van de bevolking. Het

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting De levensverwachting van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) is gemiddeld 13-30 jaar korter dan die van de algemene bevolking. Onnatuurlijke doodsoorzaken zoals

Nadere informatie

Welzijn en zorg voor ouderen in Rotterdam. Prof.dr. Anna Nieboer

Welzijn en zorg voor ouderen in Rotterdam. Prof.dr. Anna Nieboer Welzijn en zorg voor ouderen in Rotterdam Prof.dr. Anna Nieboer Presentatie Toelichting Even Buurten Integrale wijkaanpak in Rotterdam Gericht op de ondersteuning van zelfstandigwonende ouderen Onderdeel

Nadere informatie

Bipolaire stoornissen

Bipolaire stoornissen Bipolaire stoornissen PuntP kan u helpen volwassenen Sommige mensen hebben last van stemmingsschommelingen die niet in verhouding staan tot wat er in hun persoonlijke omgeving gebeurt. De stemming lijkt

Nadere informatie

> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX DEN HAAG T 070 340 79 11 F 070 340

Nadere informatie

Werken, leren en activiteiten

Werken, leren en activiteiten Werken, leren en activiteiten Het beste uit het leven halen Meedoen in de samenleving. Voor sommige mensen is dat niet vanzelfsprekend. Ze hebben door psychische of psychosociale problematiek bijvoorbeeld

Nadere informatie

Systematische scholing van personeel

Systematische scholing van personeel Systematische scholing van personeel GGZ Nederland 19 juni 2009 Jos de Keijser Klinisch psycholoog Projectleider Voorkom suïcide Opbouw Suïcidepreventie in Friesland Training van systematisch risico-onderzoek

Nadere informatie

Aandacht voor de kinderen van de cliënt KOPP & schouders Francisca Goedhart Désiré Groeneweg Stichting Labyrint-In Perspectief 22 november 2013 Landelijke stichting voor familieleden van en andere direct

Nadere informatie

Informele Zorg in de ggz Een eerste verkenning

Informele Zorg in de ggz Een eerste verkenning Informele Zorg in de ggz Een eerste verkenning GGZ Nederland, augustus 2013 Ellen de Haan (edhaan@ggznederland.nl of 033-4608958) De informele zorg krijgt een steeds belangrijkere positie ten opzichte

Nadere informatie

Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod

Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod Persoonlijkheidsstoornissen Kortdurend Behandelaanbod U bent niet de enige Een op de tien Nederlanders heeft te maken met een persoonlijkheidsstoornis of heeft trekken hiervan. De Riagg Maastricht is gespecialiseerd

Nadere informatie

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud Informatie voor Familieleden omtrent Psychose InFoP 2 Inhoud Introductie Module I: Wat is een psychose? Module II: Psychose begrijpen? Module III: Behandeling van psychose de rol van medicatie? Module

Nadere informatie

Verpleegkundige zorg aan suïcidale patiënten. Drs. Barbara Stringer GGZ ingeest & Lectoraat GGZ Verpleegkunde Referaat Saxion Hogeschool 17 juni 2013

Verpleegkundige zorg aan suïcidale patiënten. Drs. Barbara Stringer GGZ ingeest & Lectoraat GGZ Verpleegkunde Referaat Saxion Hogeschool 17 juni 2013 Verpleegkundige zorg aan suïcidale patiënten Drs. Barbara Stringer GGZ ingeest & Lectoraat GGZ Verpleegkunde Referaat Saxion Hogeschool 17 juni 2013 Programma Definities van suïcidaal gedrag Enkele cijfers

Nadere informatie

13-11-2014. Poster. Belemmeringen in drie categorieën te verdelen: In duo s: 1. Persoonlijke belemmeringen

13-11-2014. Poster. Belemmeringen in drie categorieën te verdelen: In duo s: 1. Persoonlijke belemmeringen Poster Jacomijn Hofstra Onderzoeker lectoraat Rehabilitatie en docent Toegepaste Psychologie, Hanzehogeschool Groningen In duo s: Belemmeringen in drie categorieën te verdelen: Wat hindert jongvolwassenen

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Dit proefschrift gaat over de invloed van inductieprogramma s op het welbevinden en de professionele ontwikkeling van beginnende docenten, en welke specifieke kenmerken van inductieprogramma s daarvoor

Nadere informatie

Psychiatrie. De Stemmenpolikliniek

Psychiatrie. De Stemmenpolikliniek Psychiatrie De Stemmenpolikliniek Inhoud Inleiding 0 Stemmen horen 0 Klachten en symptomen 0 Oorzaken De behandeling 0 Doel 0 Voor wie 0 Tijdsduur 0 De inhoud van de behandeling 0 Coping-training 0 Psycho-educatie

Nadere informatie

De Week gaat van start met de Breingeindag op maandag 26 maart 2012 in t Veerhuis te Nieuwegein.

De Week gaat van start met de Breingeindag op maandag 26 maart 2012 in t Veerhuis te Nieuwegein. Op zoek naar waardevolle contacten De werkgroep Week van de Psychiatrie organiseert van 26 tot en met 31 maart 2012 de 38e Week van de Psychiatrie. Het thema van de Week van de Psychiatrie 2012 is Contact

Nadere informatie

Agressiebehandeling in de forensische kinder- en jeugdpsychiatrie

Agressiebehandeling in de forensische kinder- en jeugdpsychiatrie Agressiebehandeling in de forensische kinder- en jeugdpsychiatrie Prof. dr. Chijs van Nieuwenhuizen GGzE centrum kinder- en jeugd psychiatrie Universiteit van Tilburg, Tranzo http://www.youtube.com/watch?list=pl9efc

Nadere informatie

Regio Haaglanden Functiebeschrijving Casemanager dementie regio Haaglanden augustus 2012

Regio Haaglanden Functiebeschrijving Casemanager dementie regio Haaglanden augustus 2012 Regio Haaglanden Inleiding De voor de cliënt en zijn omgeving zeer ingrijpende diagnose dementie roept veel vragen op over de ziekte en het verloop hiervan, maar ook over de organisatie van zorg en over

Nadere informatie

De mantelzorg DER LIEFDE

De mantelzorg DER LIEFDE De mantelzorg DER LIEFDE Ongeveer 3,5 miljoen Nederlanders zorgen onbetaald en langdurig voor een chronisch zieke, gehandicapte of hulpbehoevende partner of familielid. Ook op de HAN zijn veel medewerkers

Nadere informatie

Zijn gemeenten klaar om mensen met psychische problemen aan het werk te helpen?

Zijn gemeenten klaar om mensen met psychische problemen aan het werk te helpen? Zijn gemeenten klaar om mensen met psychische problemen aan het werk te helpen? Landelijke tussenrapportage Open voor Werk van het Landelijk Platform GGz Belangrijkste resultaten uit het onderzoek Open

Nadere informatie

Psychische zorg voor ouderen

Psychische zorg voor ouderen Psychische zorg voor ouderen Wist u dat een op de vijf ouderen last heeft van depressieve gevoelens? Te vaak blijven mensen er in hun eentje mee zitten. 5,$ :7. IROGHU 28' LQGG U bent niet de enige Ouder

Nadere informatie

Literatuur 145. Het Nederlands Jeugdinstituut: kennis over jeugd en opvoeding 173

Literatuur 145. Het Nederlands Jeugdinstituut: kennis over jeugd en opvoeding 173 Inhoud Inleiding 7 Deel 1: Theorie 1. Kindermishandeling in het kort 13 1.1 Inleiding 13 1.2 Aard en omvang 13 1.3 Het ontstaan van mishandeling en verwaarlozing 18 1.4 Gevolgen van kindermishandeling

Nadere informatie

Centrum voor Psychotherapie

Centrum voor Psychotherapie Centrum voor Psychotherapie Je zit al een langere tijd niet goed in je vel. Op steeds dezelfde punten in je leven loop je vast. Je hebt al geprobeerd te veranderen. Waarschijnlijk heb je ook al behandelingen

Nadere informatie