BIOMASSA BERLIKUM. Van haalbaarheid naar investeringsbeslissing

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "BIOMASSA BERLIKUM. Van haalbaarheid naar investeringsbeslissing"

Transcriptie

1 BIOMASSA BERLIKUM Van haalbaarheid naar investeringsbeslissing Projectnummer: Bestelnummer: December 2004

2 SUMMARY In an energy study and later a feasability study in the greenhouse area in Berlikum the use of biomass was seen as a good opportunity for renewable energy. However, there still were too many insecurities to make a definite commitment to invest in an installation. This study was conducted to take the remaining abashments away. These were: aspects regarding manure availability and trading, availability of organic coproducts, smell, CO 2 fertilization, additional de-sulphurization, location, heat trade to the greenhous(es) and feeding electricity into an already heavily burdened electricity grid. Manure availability is insecure, but can be guaranteed using long term contracts with manure distributors or producers. The freshness of the manure can be made part of the contract, possibly in connection with the biogas yield. Co-products from the greenhouse industry (tomato plants etc.) are mixed with the ropes that hold them up, therefore it is not yet feasible to put these products into the digester. Food-waste products are not generally allowed in a digester within the current regulations, leaving mostly agricultural products to add to the manure. Smell can be prevented by sucking the air out of the manure reception area and the mixing basin and using it for combustion in the biogas engine. CO2 fertilization is not possible with the regular biogas plant emissions. Cleaning the emitting CO2 is also too expensive. It will be cheaper to clean the gas in advance. At this moment that option is yet too expensive. In choosing the location the heat-receiving party must be known. From the perspective of zoning ordinances the transport movements must be taken into account. To be assured of a broad acceptance the image of the project involving manure is very important. In this study the following conclusions are drawn: technically and financially it is feasible to build a digester at a greenhouse area. In principal it will therefore be possible to build several central co-manure digesters near greenhouse industries. It will be necessary for all parties involved to have a stake in the success of the installation. This will always remain a complex matter, due to the differing interests and complex regulations that have to be satisfied. Due to several issues, like the image of manure, high costs of extra measures and the impossibility of sharing the (mandatory) environmental advantages under current regulations it is not possible to adequately secure the investment in this digester. KEYWORDS Co-digestion, digester, cooperation, CO2 reduction, organic compounds, smell, sulphur reduction, greenhouses, heat use, methane, biogas, regulations, biomass, glami, permit, 2

3 SAMENVATTING In Berlikum is een Duurzame energiescan uitgevoerd, waarbij biomassa als energiebron een kansrijke optie bleek te zijn. Hiervoor is tevens een haalbaarheidsstudie verricht. De resultaten hiervan waren positief. Er bleven echter nog te veel onzekerheden over om een definitieve investeringsbeslissing te nemen. Om deze onzekerheden weg te nemen is deze studie uitgevoerd. De knelpunten betreffen: aspecten betreffende mest aan- en afvoer, betreffende de aanvoer van organische stoffen, geuraspecten, CO 2 bemesting, additionele ontzwaveling, locatie, afnemen van warmte en CO 2 door de tuinders en electriciteitelektriciteits levering aan het (zwaarbelaste) net. De mest aan- en afvoer is een grote onzekerheid, welke kan worden afgedekt door gebruik te maken van langerdurende contracten met mestdistributeurs of producenten. De versheid kan onderdeel uitmaken van het contract, eventueel gekoppeld aan de biogasopbrengst. Co-producten uit de glastuinbouw zijn nog te veel voorzien van touw, afvalproducten vanuit de levensmiddelenindustrie zijn nog moeilijk in te passen binnen de huidige regelgeving, as co-producten moeten derhalve met name landbouwproducten worden gebruikt. Geur kan worden beperkt door de ontvangstruimte en de mixput af te zuigen en de afgezogen lucht als verbrandingslucht voor de WKK te gebruiken. CO2 bemesting is met de reguliere rookgassen niet mogelijk. Ook het schoonmaken van deze gassen is niet rendabel. Goedkoper is om het gas eerst te reinigen en daarna naar de WKK te sturen, in dit specifieke geval is ook deze oplossing nog nog te duur. Bij de locatiekeuze moet vooraf een keuze voor de tuinder(s) zijn gemaakt die de warmte kunnen afnemen. Vanuit het perspectief van de Ruimtelijke Ordening zijn met name de vervoersbewegigen een aandachtspunt. Voor het maatschappelijk draagvlak is het imago terdege van belang. Uit deze studie wordt het volgende geconcludeerd: technisch en financieel gezien is het mogelijk om een vergistingsinstallatie te bouwen bij een glastuinbouwgebied. In principe moet het dus mogelijk zijn om enkele centrale vergistingsprojecten op te zetten. Echter, hierbij moet duidelijk het belang van de diverse partijen gediend worden. Het blijft een complexe materie, door de veelheid van belangen en extra regels waar men mee wordt geconfronteerd. In verband met andere zaken, bijvoorbeeld het imago van mest, het te beperkt mogen toevoegen van co-stromen, te hoge kosten om extra aanvullende maatregelen te treffen en de praktische onmogelijkheid van het verdelen van milieuvoordelen tussen tuinders is het niet mogelijk om de investering in deze vergister voldoende te waarborgen. TREFWOORDEN Co-vergisting, samenwerking, CO2 reductie, organische stoffen, geur, ontzwaveling, thermofiel, glastuinbouw, warmtebenutting, methaan, biogas, vergisting, wetgeving, ontheffing, positieve lijst, biomassa, glami, vergunningen, 3

4 Projectnr : Status : definitief Datum : 23 juni 2005 Uitvoering : Oosterhof Holman /Westland Energie Services / E Kwadraat Advies / HoSt / GWB Coördinatie : Ir. M.J. van Seventer E kwadraat : Telefoon : (0518) Fax : (0518) Contactpersoon : Mark van Seventer Auteurs : Robert Engeman, Mark van Seventer : 4

5 INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING AANLEIDING BIOMASSA IN BERLIKUM TRAJECT TOT NU TOE VOORAFGAANDE RAPPORTAGES EN CONCLUSIES GECONSTATEERDE KNELPUNTEN EN ONZEKERHEDEN OPZET VAN DIT PROJECT PROBLEEMSTELLING DOELSTELLING WERKWIJZE UITWERKING MEST AAN- EN AFVOER (FASE 1) AAN- EN AFVOER VAN CO-STROMEN (FASE 2) REDUCTIEPOTENTIEEL OVERIGE BROEIKASGASSEN (TEWI BEREKENING) TECHNISCHE KNELPUNTEN (FASE 3, 4, 6) ORGANISATORISCHE KNELPUNTEN LOCATIE (FASE 6) BEGROTING (FASE 8) BUITENLAND ERVARINGEN WET- EN REGELGEVING (DIVERSE FASEN) ONTHEFFING MESTSTOFFENWET Ontheffingsprocedure Positieve lijst INRICHTINGEN- EN VERGUNNINGENBESLUIT (IVB, WET MILIEUBEHEER) RUIMTELIJKE ORDENING GLASTUINBOUW MILIEU CONVENANT (GLAMI) EN HET BESLUIT GLASTUINBOUW Glami Besluit Glastuinbouw OVERIGE ONTWIKKELINGEN CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ONTWIKKELINGEN REGELGEVING Mestwetgeving Milieuwetgeving Ruimtelijke ordening Besluit glastuinbouw Sanitatie VERVOLGSTAPPEN Dit project Centrale vergisting en glastuinbouw algemeen Vervolgstappen

6 BIJLAGEN BIJLAGE 1: REACTIE GEMEENTE BERLIKUM BIJLAGE 2: AANBIEDING FIRMA WASSENAAR BIJLAGE 3: PROCESSCHEMA VERGISTER BIJLAGE 4: TEWI BEREKENING ACHTERGROND BIJLAGE 5: AANBIEDING EN INFORMATIE CIRMAC BIJLAGE 6: LIPP ONTZWAVELAAR BIJLAGE 7: BEOORDEELDE LOCATIES BIJLAGE 8: BEDRIJFSPLAN (MANAGEMENT VERSIE) BIJLAGE 9: AANBIEDING WESTLAND ENERGIE SERVICES 6

7 1 Inleiding 1.1 Aanleiding In Berlikum is een Duurzame energiescan uitgevoerd, waarbij biomassa als energiebron een kansrijke optie bleek te zijn. Buiten het feit dat in Berlikum in ruime mate biomassa (afval van de aanwezige tuinbouwbedrijven) aanwezig is, zorgt de veranderende wetgeving voor een verdere impuls. Het geheel tezamen met de wens van de tuinders om te investeren in duurzame energie heeft de aanleiding gegeven om vanuit de haalbaarheidstudie een investeringsstudie te maken. Waarbij in deze studie de grootste onzekerheden in kaart worden gebracht en oplossingen worden gezocht voor overige knelpunten. 1.2 Biomassa in Berlikum De locatie is gekozen omdat deze zeer geschikt is voor vergisting en wel op meerdere punten. De geproduceerde energie, zowel de warmte als elektriciteit, kan zeer goed afgezet worden in de nabije omgeving (kassenteelt). De locatie zit zeer dichtbij een potentiële aanvoerbron van overige biomassa, namelijk de organische reststroom van de kassenteelt. Tevens is het uitvergiste product (digestaat) een zeer geschikt medium om als meststof af te zetten in de nabijheid gelegen akkerbouwgebieden. Verder wordt er in deze regio zeer veel mest vanuit de overschotgebieden aangevoerd, deze mest moet voor de beschikbaarheid tijdelijk opgeslagen worden in het akkerbouwgebied. Daarom is het verstandig om deze mest goed te gebruiken namelijk met behulp van vergisting om te zetten naar groene energie. Tevens zal er een lagere uitstoot van ammoniak plaatsvinden, omdat de silo ten behoeve van gasproductie in plaats van alleen met een afdekking conform de Nederlandse regelgeving - compleet gasdicht wordt gemaakt. Ook is vanuit de tuinders de wens uitgesproken om te voldoen aan het Glami convenant. Hierin past het investeren in de productie van duurzame energie. Als daarbij tevens financieel rendement te behalen is ontstaat er meer draagvlak voor de benodigde duurzame oplossingen. In relatie hiermee worden ook de effecten op dit project van het Besluit Glastuinbouw behandeld. 7

8 2 Traject tot nu toe 2.1 Voorafgaande rapportages en conclusies In Berlikum is voor de tuinders een DE scan uitgevoerd door E kwadraat Advies en A+. Hierbij zijn voor het gebied de verschillende duurzame energie opties beoordeeld. Uit deze studie blijkt energie uit biomassa een goed alternatief te kunnen zijn voor het huidige gebruik van gas en elektriciteit. Daarnaast zal door de vermindering van de opslagduur van mest de methaanemissie uit de stallen (door koude vergisting) worden verminderd. Voor het opzetten van een vergistinginstallatie is een haalbaarheidsstudie uitgevoerd in opdracht van het Van Hall Instituut Business Centre. Deze studie is in samenwerking met de tuinders door E Kwadraat Advies, Westland Energie, HoSt en Oosterhof Holman Milieutechniek uitgevoerd. Uit deze studie blijkt vergisting een positief resultaat te kunnen genereren, mits aan een aantal voorwaarden kan worden voldaan. Over deze voorwaarden was nog onvoldoende duidelijkheid om over te gaan tot de investering in de installatie. In deze studie zijn deze zaken nader ingevuld, om tot een gefundeerde investeringsbeslissing te komen. 2.2 Geconstateerde knelpunten en onzekerheden Om een gefundeerde beslissing te nemen over een investering is het van belang de risico s van de investering te kennen. Door de nieuwheid van dit soort projecten is er nog veel onduidelijk. Door deze onduidelijkheid kunnen de risico s onvoldoende worden ingeschat. De onduidelijkheden kunnen in hoofdlijnen worden ingedeeld in technische, financiële, organisatorische, juridische en maatschappelijke aspecten. Deze zijn in een eerder stadium vastgesteld: Technische en financiële aspecten: Hoeveelheid en kosten van mest aan- en afvoer; Beschikbare co-stromen, kosten en gasopbrengsten; Afzet energie, CO 2 aan tuinder of tuinders; Locatiekeuze in relatie tot het voorgaande punt; Optreden van geurhinder naar de omgeving. Organisatorisch: Samenwerkingsvorm van de investeerders en deelname; Logistieke organisatie mest aan- en afvoer; Juridisch: Kunnen en mogen de co-stromen worden toegevoegd en wat zijn daarbij de voorwaarden waaraan moet worden voldaan. Past het plan binnen de Ruimtelijke en milieutechnische voorwaarden van het gebied, en onder welke omstandigheden. Maatschappelijk: Is er voldoende draagvlak en kan dat positief worden beïnvloed? 8

9 Er is een duidelijke samenhang tussen de verschillende aspecten. Om deze te behandelen is gekozen voor een gefaseerde aanpak. Deze wordt in het volgende hoofdstuk behandeld. 9

10 3 Opzet van dit project 3.1 Probleemstelling In Friesland zijn relatief veel grote rundveebedrijven. Bij de huidige mestopslagen (voornamelijk bij opslag in kelders onder de stal, die een open structuur hebben) komt het broeikasgas methaan vrij. Het gas wordt geproduceerd middels koude vergisting. De externe mestopslagen (zoals mestbassins of silo s) zijn in de praktijk veelal wel afgedekt, echter de toegepaste afdekkingen zijn niet gasdicht, daardoor kan nog steeds een hoeveelheid methaan ontwijken. Het project heeft als doel deze methaanemissie te vermijden. Deze methaanemissie naar de atmosfeer kan voorkomen worden door mest in een vergister te vergisten. Om de uitstoot van methaan uit de reguliere opslag zo veel mogelijk te verminderen is korte opslagduur noodzakelijk. De mest moet dus zo vers mogelijk worden aangevoerd. Uit eerder uitgevoerde studies blijkt dat mestvergisting bij rundveebedrijven moeilijk haalbaar is. Alleen met een aanzienlijke investeringssubsidie, gecombineerd met het toedienen van afvalstromen met een negatieve waarde, is mestvergisting bij een groot rundveebedrijf haalbaar te maken. Afvalvergisting heeft tot gevolg dat er relatief kostbare vergunningsprocedures moet worden doorlopen voor toch al matig rendabele installaties. Het onderzoek richt zich daarom op de mogelijkheden om rundveemestvergisting economisch haalbaar te maken bij glastuinbouwbedrijven. De verse mest moet aangevoerd worden naar een centrale vergister zodat methaanemissie wordt voorkomen. Vergisting bij tuinbouwbedrijven biedt betere economische perspectieven: - De tuinbouw kan de warmte benutten; - In de zomerperiode kan de CO 2 benut worden. Nu wordt aardgas verstookt om CO 2 te produceren. Het biogas bevat meer dan 40% CO 2. De rookgassen bevatten bijna tweemaal zoveel CO 2 per eenheid energie dan rookgassen van een aardgas gestookte ketel; - In het tuinbouwconvenant zijn tuinders een verplichting aangegaan om minimaal 4% duurzame energie te gebruiken. De tuinders in Berlikum zijn zeer geïnteresseerd in een vergistingproject vanwege het tuinbouwconvenant; - Economy of scale: De investeringen per ton mest (en per kwh elektrisch) zijn aanzienlijk lager dan bij een kleine installatie. Tevens heeft de gasmotor een aanzienlijk hoger elektrisch rendement en zijn de onderhoudskosten van de gasmotor lager; - In het tuinbouwgebied zijn altijd mensen aanwezig, zodat de beheersfunctie goedkoop is; - Co-vergisten is aantrekkelijker dan alleen mest vergisten; Door de schaalgrootte kan geïnvesteerd worden in logistiek. Voor een dergelijk groot project ( ton per jaar) kunnen meer vergunningskosten worden gemaakt. Het tuinbouwgebied in Berlikum beslaat momenteel circa 40 hectare. De komende jaren zal dit gebied verder uitgebreid worden tot circa 60 hectare. De glastuinbouwbedrijven en Oosterhof Holman hebben gezamenlijk het initiatief genomen om te komen tot een co-vergistingsinstallatie. Aan dit initiatief ligt een langdurige relatie tussen Oosterhof 10

11 Holman en de glastuinbouw ten grondslag. Oosterhof Holman heeft voor de glastuinbouwbedrijven de gietwatervoorziening gebouwd en bedrijft en onderhoudt deze installatie. De glastuinders hebben zich verenigd in Gietwater Berlikum BV. In het bestemmingsplan staat reeds aangegeven dat een biomassa-energiecentrale op de locatie in Berlikum gebouwd gaat worden. CO 2 leveren aan de tuinders door de mestvergister (of gasmotor WKK) is voor deze tuinders zeer belangrijk. Indien geen CO 2 aan de tuinders kan worden geleverd kan ook maar zeer beperkt warmte geleverd worden; Indien geen CO 2 geleverd wordt, gaan tuinders aardgas stoken voor CO 2 bemesting. De daarbij vrijkomende warmte wordt opgeslagen en benut in koudere periodes. De vergistinginstallatie kan dan slechts een derde deel van het jaar warmte leveren. De rookgassen van een aardgas gestookte motor kunnen geschikt zijn voor CO 2 bemesting. Om CO 2 uit de rookgassen geschikt te maken voor bemesting, dient achter de gasmotor een Oxy-DeNOx katalysator geïnstalleerd te worden. Op dit moment is er geen ervaring met deze katalysatoren achter motoren op biogas. Een bijkomend voordeel van deze katalysator is dat de methaan emissie van de gasmotor (0,5% tot 1% van de gas input) ook wordt geminimaliseerd. Als belangrijkste probleem wordt het zwavelgehalte van circa 200mg/nm 3 gezien. Deze katalysatoren eisen echter een lager zwavelgehalte (<20 mg/nm 3 ). Er zijn twee mogelijke routes die onderzocht dienen te worden, namelijk CO 2 afvangen voor verbranding en diep ontzwavelen. Het tuinbouwgebied Berlikum in Friesland heeft wat betreft warmtevraag en CO 2 bemesting een potentie om een vergistingsinstallatie te bouwen die 6 maal zo groot is. Om niet op korte termijn in langdurige MER procedures te vervallen, wordt in eerste instantie een project van minder dan 100 ton per dag (MER grens) ontwikkeld. In de toekomst kan dan vergunninguitbreiding worden aangevraagd. Met een eventuele uitbreiding dient met het uitvoeren van een MER wel rekening te worden gehouden. In Sexbierum (Friesland) zit het grootste Nederlandse glastuinbouwbedrijf: Hartman. Het bedrijf Hartman heeft belangstelling getoond voor het te ontwikkelen concept. Zodra het projectconcept bij Berlikum is uitgewerkt kan het één op één gekopieerd worden naar het bedrijf van Hartman. Er is reeds een globale haalbaarheidsstudie uitgevoerd. Uit deze globale verkenning blijkt dat dit project economisch perspectief biedt, als naast mest ook andere reststromen vergist worden. Vergisten van rundveemest alleen is economisch niet haalbaar. Er wordt daarom gedacht aan restproducten van de glastuinbouw, gras uit natuurgebieden, restproducten uit de voedingsmiddelenindustrie (met name vetten). Met de gemeente is een gesprek geweest over de milieuvergunning. De gemeente heeft aangegeven positief te staan ten opzichte van het project (zie bijlage 1). Er is een bijeenkomst geweest met boeren uit de omgeving van Berlikum die potentieel geschikt zijn om mest te leveren. De boeren hebben aangegeven positief te zijn over het project, met name als de uitvergiste mest (het digestaat), retour naar de boerderij, meer direct beschikbare stikstof bevat. Het digestaat kan mogelijkerwijs meer stikstof bevatten door de toevoer van co-substraten aan de vergister. Hierdoor hoeven de boeren minder kunstmest te gebruiken. Hierbij zijn twee zaken van belang, namelijk de verhoogde werkingscoëfficiënt van het stikstof in de mest en de mogelijke toename van de hoeveelheid stikstof door de toevoeging van co-substraten. De verhoogde 11

12 werkingscapaciteit wordt door de veehouders nog niet ondersteund, dit is voornamelijk te wijten aan onbekendheid met uitvergiste mest. Daarnaast is behoefte aan bodemstructuurverbeteraars. Voorwaarde van de boeren is dat deelname aan een vergistingsproject geen negatieve invloed heeft op de MINAS (totaal stikstof en fosfaat balans). In de huidige regelgeving is de toename van de stikstofhoeveelheid in het digestaat door toevoeging van stikstofhoudende co-stromen nog wel een aanvoerpost. Het is nog onduidelijk hoe hiermee in de toekomst wordt omgegaan. Beheersgras heeft grote voordelen vanwege de aanwezigheid van bodemstructuurverbeteraars en het relatief hoge stikstofgehalte. Met Essent (installatie de Scharlebelt) is gesproken over het oplossen van problemen over de logistiek van toevoegen van bermgras aan co-vergisters. Essent heeft ervaren dat de negatieve waarde aan de poort (circa 30,- per ton gras) voor een belangrijk deel nodig is om de logistieke kosten te dekken (hakselen, inkuilen, ontkuilen, losmaken en toevoegen). Tevens heeft Essent problemen met de grote hoeveelheden zand in het beheersgras. Daarnaast vormt de vezelige structuur een probleem, variërend van drijflagen, verstopte mestleidingen in de installatie tot problemen van verstoppingen bij het uitrijden, van mest op het land met mestinjecteurs. Het loonbedrijf dat momenteel de natuurgebieden beheert heeft interesse getoond om mee te denken over het logistieke systeem. Het onderzoek moet met name gericht zijn op het reduceren van de kosten door een meer geïntegreerde aanpak dan de wijze waarop Essent bermgras verwerkt. Tevens wil de loonwerker meedenken over het verkrijgen van een optimale kwaliteit van gras voor vergisting. Uit reeds uitgevoerde globale haalbaarheidsstudie zijn veel positieve punten naar voren gekomen. Er zijn echter ook diverse knelpunten gesignaleerd. Voordat een weloverwogen investeringsbeslissing genomen kan worden, dienen eerst nog veel aspecten uitgezocht te worden tijdens deze planontwikkelingsfase. 3.2 Doelstelling Het doel van de studie is het uitwerken van de knelpunten binnen de planontwikkelingsfase, zodat de mogelijke projectpartners bij de realisatie een investeringsbeslissing kunnen nemen. 3.3 Werkwijze In de voorgaande haalbaarheidsstudie zijn een aantal knelpunten gesignaleerd, die het nemen van een investeringsbeslissing op dat moment in de weg stonden. Op een aantal punten was de onzekerheid te groot om een investeringsbeslissing te kunnen nemen. In deze studie is helderheid verkregen over de grootste onzekerheden en zijn oplossingen gezocht voor overige knelpunten. De uitwerking is opgedeeld in een aantal fasen, gericht op het nemen van een investeringsbeslissing: Fase 1: Aspecten mest aan- en afvoer Fase 2: Aspecten betreffende de aanvoer van organische stoffen Fase 3: Geuraspecten Fase 4: CO 2 bemesting en additionele ontzwaveling Fase 5: Excursie Fase 6: Locatiekeuze, afname warmte en CO 2 door de tuinders en elektriciteit levering 12

13 Fase 7: Rikilt ontheffing Fase 8: Opstellen begroting Fase 9: Oprichting Vergistings BV Berlikum Fase 10: Go/No Go beslissing De knelpunten en onzekerheden zijn daarmee in kaart gebracht, waarbij met name is gekeken naar de kritische factoren die helder moeten zijn voor de investeringsbeslissing. Met de verschillende betrokken partijen is geïnventariseerd welke informatie nodig is. Deze zaken zijn nader uitgewerkt door de verschillende partijen, waarbij de invulling van de verschillende onderdelen als volgt is geweest: Fase 1: Aspecten mest aan- en afvoer E kwadraat en HoSt Fase 2: Aspecten betreffende de aanvoer van organische stoffen E kwadraat en HoSt Fase 3: Geuraspecten HoSt en Tuinders Fase 4: CO 2 bemesting en additionele ontzwaveling HoSt en Tuinders Fase 5: Excursie Oosterhof Holman, HoSt (organisatie) en E kwadraat (verslaglegging) Fase 6: Locatiekeuze, afname warmte en CO 2 door de tuinders en elektriciteit levering Tuinder Overbeek en combinatie project Fase 7: Rikilt ontheffing E kwadraat Fase 8: Opstellen begroting HoSt Fase 9: Oprichting Vergistings BV Berlikum Westland, GWB, Oosterhof-Holman en HoSt Fase 10: Go/No Go beslissing Oosterhof Holman, HoSt, Westland Energie, GWB 13

14 4 Uitwerking De geconstateerde knelpunten zijn divers van aard, zowel van wetgeving als van technische aard. Maatschappelijk Een van de grote knelpunten is het imagoprobleem. De tuinders zijn bang dat ze door het bouwen en exploiteren van een (mest)vergister een negatief imago op hun originele bedrijfsvoering (glastuinbouw) kunnen krijgen. Financieel. De installatie is moeilijker terug te verdienen als er geen andere producten dan mest toegevoegd mag worden, bijv. afgekeurde partijen koekjes of andere reststromen van de levensmiddelenindustrie. Kosten nemen toe bij meer transportbewegingen (logistieke kosten) en bij meer personeel en dergelijke. Hiertegenover moeten de opbrengsten worden uitgezet. Juridisch. Zodra er andere stoffen dan mest toegevoegd worden dan wordt de installatie beoordeeld als verwerkingsinstallatie voor afvalstoffen. In combinatie met het voorgaande levert dit een probleem op. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de overige milieu- en mestwetgeving en dergelijke. Technisch. De regio waarin de vergister geplaatst zou worden, zit op het gebied van elektriciteitslevering aan het maximum. Dit betekent dat er moeilijk teruggeleverd kan worden of er moeten grote investeringen in het elektriciteitsnet plaatsvinden. De regio (Berlikum) had voorheen voornamelijk een agrarische bestemming en daarvoor was het elektriciteitsnet uitgelegd. Door het realiseren van een tuinderscomplex is het elektriciteitsnet tot het maximum belast. Indien er meer elektriciteit afgenomen of geleverd gaat worden, zal de netwerkbeheerder (in dit geval Nuon Network Connections) het elektriciteitsnet gaan aanpassen. Echter dit geheel kan een enige tijd in beslag nemen, aangezien de netwerkbeheerder een jaar na aanvraag pas aan de verplichting hoeft te voldoen. De netwerkbeheerder is genegen om bij teruglevering aan het elektriciteitsnet (bijvoorbeeld door middel van een vergister) het elektriciteitsnet te verhogen, echter dit kan pas definitief toegezegd worden als de aanvraag binnen is. Organisatorisch Doordat de voordelen en nadelen voor de verschillende partijen verschillend zijn is het voor één of twee partijen lastig om een dergelijk project te realiseren. De onderlinge afhankelijkheid is daarvoor te groot. Om de voor- en nadelen optimaal te verdelen is een verregaande samenwerking en daarmee een breed draagvlak noodzakelijk. In deze vergaande samenwerking verloopt de besluitvorming trager, aangezien de verschillende belangen tegenstrijdig kunnen zijn. Er moet gezocht worden naar een consensus, waarin de verschillende belangen helder afgewogen zijn, en die voor alle partijen aanvaardbaar is. In tabel 1 worden de uit te werken knelpunten op een rij gezet: Tabel 1: knelpunten uitwerking 14

15 Knelpunt Oplossing Uitwerken door Aan te voeren Mesthoeveelheid In kaart brengen mogelijkheden Contractvorming hoeveelheden en leverduur Co-stromen/kippenmest Geen co-stromen i.v.m. Zie boven mestwetgeving, rendement halen uit kippenmest Voordelen groene energieproductie benutten uitzoeken mogelijkheden Nagaan eisen Besluit Glastuinbouw, doelstelling Glami convenant en CO 2 benutting Gebruik digestaat als meststof Mogelijkheden onderzoeken Mogelijkheden onderzoeken wensen tuinders Samenstelling rookgassen, eisen tuinders voor gebruik CO 2 uit rookgassen, reiniging, ontzwaveling etc. Financieel voor- en nadeel Samenstelling gebruikte meststoffen en vrijkomende mest, besparingsmogelijkheden op kunstmest Hinder van de voorgenomen activiteiten In kaart brengen Informeren tuinders en nagaan knelpunten Financieel Uitwerken opties vastleggen kritische factoren en uitwerken in business plan Wet en regelgeving onduidelijk? Locatiekeuze Uitwerken/uitzoeken In kaart brengen voor en nadelen Overleg gemeente en nagaan regelgeving Keuze maken 4.1 Mest aan- en afvoer (fase 1) Ondanks het feit dat de boeren in de omgeving van Berlikum zeer positief staan ten opzichte van een centrale vergister bleek in nadere overleggen dat ze vanwege hun eigen bedrijfsvoering geen garanties konden geven voor een stabiele (en continue) aanvoer van de benodigde mest. Dit is een vereiste voor het goed laten functioneren van de vergister. Tevens willen de boeren de hoeveelheid mest wel teruggeleverd krijgen, maar hierin mogen niet meer mineralen aanwezig zijn, liefst minder. Dit zal mogelijkerwijs een groot probleem opleveren omdat door co-vergisting het totaal aan mineralen toeneemt. Dit heeft de projectpartners genoodzaakt om op zoek te gaan naar een partner die hiervoor wel kan zorgen en ook de uitvergiste mest kan afzetten. Tevens moest deze partner de beschikking hebben over diverse soorten mest, zoals kippenmest en rundveemest. De partner die onder andere aan deze voorwaarden voldeed was de firma Wassenaar (transporteur/loonwerker). De firma Wassenaar heeft diverse soorten mest (en organische reststromen) onder contract, levert deze aan diverse afnemers, heeft eigen vervoer/opslagen en is uit de regio afkomstig. 15

16 De aanbieding (zie bijlage 2) die de firma Wassenaar heeft gedaan is financieel gezien een zeer reële aanbieding, echter ook zij kunnen op dit moment de wetgeving en de mogelijke veranderingen niet inschatten en houden daarom een slag om de arm. Het voordeel om met een bedrijf te werken dat zowel de aan- en afvoer verzorgt is groot, voornamelijk op het gebied van dierziekteverspreiding. Doordat de firma Wassenaar een officieel gecertificeerd mesttransporteur is, voldoet zij aan de wettelijk gestelde eisen inzake de vermindering van dierziekteverspreiding. Tevens is het risico van kruisbestuiving geminimaliseerd, omdat de uitvergiste mest dan wel direct op het land uitgeleverd wordt, of in een tussenopslag wordt opgeslagen. Wassenaar is in staat om constant verse mest te leveren, wat ook een vereiste is. In plaats van de verse mest wordt dus het digestaat opgeslagen, waar het methaan reeds is uitgegist. Tezamen met de projectpartners is besloten om de vereiste aanvoer door de week te laten plaatsvinden. Dit betekend dat er een mixput/ontvangstput geplaatst moet worden, die de toevoer van de vergister in het weekend (of bij geen aanvoer) kan opvangen (zie bijlage 3 processchema). Mogelijke gegarandeerde hoeveelheden per jaar: ton kippenmest en ton drijfmest (varken of rundvee) per jaar. (per week 2 vrachten kippenmest en 3 vrachten drijfmest). Om een goede invoer van de installatie te waarborgen moet hier nog zo n ton rundveedrijfmest per jaar aan worden toegevoegd. Als uitgangspunt, voor de aan de vergister toe te voeren hoeveelheden mest en co-substraten is aangehouden dat het droge stofgehalte in de vergister maximaal 20% bedraagt en dat het stikstofgehalte in de vergister niet hoger is als 10 kg stikstof per ton. Op dit moment kan de firma Wassenaar de ton rundveedrijfmest niet garanderen, hoewel het waarschijnlijk is dat dit wel geleverd zal kunnen worden. Hiervoor worden in de exploitatiebegroting extra kosten meegenomen. De firma Wassenaar voert verse mest aan van veebedrijven uit overschotgebieden en slaat deze op, om in de bemestingsperiode de mest weer af te zetten of voert het digestaat direct af naar de veehouder of akkerbouwer. Bij Wassenaar is onvoldoende opslagcapaciteit aanwezig. De mest zal eerst worden aangeleverd aan de vergister, waar gebruik gemaakt kan worden van de navergisters voor de opslag van de mest. Wanneer de navergisters vol zijn kan een deel van het digestaat voor een beperkte periode worden opgeslagen bij Wassenaar of teruggaan naar de veehouder. Hierdoor wordt de opslagtijd van onvergiste mest buiten een gasdichte omgeving (vergister) voorkomen. Bij de veehouderijen zijn in sommige gevallen stalaanpassingen nodig, dit geldt met name als er gebruik wordt gemaakt van roostervloeren. Daar waar de stallen voorzien zijn van een mestschuif is investering nauwelijks nodig. Ook zal de prijs van de mestaanvoer voor Wassenaar na het eerste jaar worden geëvalueerd, op basis van de gasopbrengst van de mest. Als de mest verser wordt aangeleverd is de opbrengst hoger, zodat een betere prijs voor Wassenaar mogelijk is. Hierdoor is er voor de mesttransporteur een financiële motivatie om de mest zo vers mogelijk aan te leveren. Hiermee wordt het risico van oudere mest voldoende ondervangen, aangezien het belang voor alle partijen hetzelfde is. Buiten het terugleveren van de uitvergiste mest aan de deelnemende boeren of via de partner (firma Wassenaar), is er ook gekeken naar de mogelijkheid om de mest naar andere kanalen af te zetten. Daarbij zou het de beste combinatie zijn om de uitvergiste mest direct aan te wenden bij de tuinders, die daardoor een besparing op hun meststoffen maken. Naar aanleiding van deze wens is er gekeken naar de mogelijkheden van het aanwenden van uitvergiste mest bij de tuinders. Hierbij zijn enkele eisen van toepassing: 16

17 1. De uitvergiste mest moet van homogene en hoge kwaliteit zijn 2. Het mag het gebruikte bemestingsysteem, veelal met nozzles uitgevoerd niet aantasten/overbodig maken 3. Probleem van Minas oplossen 4. Bemestingskosten moeten hierdoor verlaagd worden Met deze eisen en bekende (verwerkings)technieken is er gekeken of het mogelijk is om hieraan te voldoen. In de praktijk blijkt, dit komt ondere ander voort uit gesprekken met diverse mensen die werkzaam zijn in de meststoffen wereld (oa Dhr. J. Hullegie, oud directeur Mest Bureau Oost en AMV Eibergen (mestverwerking), dat de kwaliteitseisen vanuit de tuinders te hoog zijn voor een directe aanwending van de uitvergiste mest. Om de uitvergiste mest wel te kunnen aanwenden moet er een behandeling (bijv. scheiding) verricht worden. En dan is het eindproduct van deze behandeling een meststof die voor maar een beperkt aantal tuinders geschikt zijn. Algemeen blijkt dat de mestwetgeving niet voorziet in deze mogelijkheid. Dit zou betekenen dat de tuinders ook een Minasboekhouding moeten gaan bijhouden. Dit zal kostenverhogend gaan werken. Dus het aanwenden van de uitvergiste mest bij de tuinders is geen oplossing. 4.2 Aan- en afvoer van Co-stromen (fase 2) In principe zijn er diverse soorten co-stromen, bijvoorbeeld land- en tuinbouwproducten zoals maïs of bietenpuntjes en afval uit de levensmiddelenindustrie. Grofweg zijn de costromen in twee groepen te verdelen, afkomstig uit de landbouw of uit de industrie. De co-stromen zijn zowel in vloeibare als steekvaste vorm aanwezig. Hiervoor zullen verschillende opslagmogelijkheden gegenereerd moeten worden. Voor de tuinders is het een groot voordeel als de eigen reststromen kunnen worden benut. Met name de overblijfselen van de productie, zoals plantmateriaal, zouden kunnen worden vergist. Na onderzoek blijkt dat de aanwezige vreemde stoffen zoals touwtjes (voor het ophangen van tomatenplanten bijvoorbeeld) en plastic een bezwaar is. Om deze te verwijderen zullen er extra investeringen moeten plaatsvinden. De voorkeur gaat uit naar scheiding aan de bron, maar vanwege de gewenste doorloopsnelheid (de kas moet in een paar dagen leeg voor nieuwe planten) is het voorkomen van touw te kostbaar ten opzichte van de huidige afzetmogelijkheden (compostering). Een idee is geweest om biologisch afbreekbaar touw te gebruiken, hierover is met de leverancier van het touw, overleg geweest. Dit bleek op technische gronden (sterkte van het touw in combinatie met een vochtige omgeving) niet haalbaar te zijn. Naar andere co-stromen is gekeken, met name uit de voedingsmiddelenindustrie. Echter wegens de reeds aangehaalde juridische belemmeringen (onder andere wetgeving) is besloten om dit geheel niet verder uit te werken. Met het opzetten van de vergister en het voedingsschema voor de vergister, is onder andere rekening gehouden met de stikstofverhoudingen, droge stof en organische droge stof in de mest. 17

18 4.3 Reductiepotentieel overige broeikasgassen (TEWI berekening) Het reductiepotentieel van de installatie en de potentie voor dergelijke installaties in Nederland is uitgerekend middels de TEWI systematiek van Novem. In de TEWI-D berekening (2004) wordt uitgegaan van een reductie van 13,33 kg CO 2 equivalenten per ton mest. In dit project wordt op basis van deze berekening een reductie behaald van 508 kton CO 2 eq bij een geplande verwerkingscapaciteit van ton mest per jaar. Op nationale schaal bestaat dan een reductiepotentieel van 0,5 Mton CO 2 equivalenten, op basis van ruim 38 Mton vergistbare mest. Zie ook bijlage Technische knelpunten (fase 3, 4, 6) Ter informatie is als bijlage een PFD (Process Flow Diagram) opgenomen van de installatie. (bijlage 3) Mest wordt aangevoerd naar de installatie door een mestdistributeur, waar het opgeslagen wordt in een voorraad/mixtank. Het lossen van de mest wordt in een aparte ruimte gedaan, deze ruimte wordt continue afgezogen. De voorraadtank is voldoende groot voor de opslag van 3 dagen mest. De voorraadtank is voorzien van een mixer voor het verkrijgen van een homogeen mengsel, ook deze put wordt continue afgezogen. De afgezogen lucht wordt als verbrandingslucht gebruikt voor de WKK. Tijdens bedrijf zal de mest discontinu naar de vergisters verpompt worden (bedrijfstijd uur per jaar). In de vergister vindt thermofiele vergisting plaats onder invloed van anaërobe bacteriën bij een temperatuur van circa 47 C. Er is voor thermofiele vergisting gekozen om ervoor zorg te dragen dat het digestaat vrij is van ziektekiemen. Op basis van de toe te voeren hoeveelheden mest en co-substraten is de verblijftijd in de vergister toereikend om er zeker van te zijn dat na vergisting, bij de te hanteren vergister temperatuur van 47 C, het digestaat vrij van ziektekiemen is. Sanitatie In Nederland bestaat onduidelijkheid over de sanitatieregels waaraan het digestaat uit de vergister dient te voldoen (met uitzondering van vergisting van slachtafval enz., ook wel Categorie 1, 2 en 3 materiaal genoemd; zie Verordening (EG) Nr. 1774/2002). Deze paragraaf heeft als doel om meer inzicht te geven over de laatste stand van zaken inzake sanitatieregels bij biogasinstallaties. Algemeen bekend is dat anaërobe vergisting een saniterende werking heeft op bacteriën, virussen en onkruidzaden. De mate van sanitatie wordt hier bepaald door: 1. vergistingstemperatuur; 2. vergistingstijd; 3. soort bacterie / virus / onkruidzaad. In het kader van de DEN subsidie is een onderzoek naar sanitatie tijdens anaërobe vergisting uitgevoerd. Onderdeel van het onderzoek is tevens om te kijken in hoeverre het vergistingsproces een positieve bijdrage heeft op de sanitatie, naast de temperatuursinvloed. Waarschijnlijk dat het anaërobe milieu ook een rol speelt, zodat ook deze invloed zal worden onderzocht. 18

19 Als leidraad in de sanitatieregels zijn de volgende twee documenten gebruikt: Verordening (EG) Nr. 1774/2002; Werkdocument Biological Treatment of Biowaste 2nd draft ad. 1 Vanaf 1 mei 2003 is de Verordening tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten. Ondermeer wordt geregeld welke producten wel en niet vergist mogen worden en het bevat specifieke eisen voor biogasinstallaties waaraan dierlijke bijproducten (bijv. mest) worden vergist om het digestaat als meststof te mogen gebruiken. ad.2 Het Directorate General Environment heeft in 2001 een werkdocument opgesteld waarin de vereisten worden vastgelegd waaraan voldaan moet worden voor een voldoende mate van sanitatie van het digestaat en waaraan het bedrijven van biogas installatie moet voldoen. Uit deze documenten volgen de volgende sanitatieregels: ad. 1 De biogasinstallatie moet uitgerust zijn met: een pasteurisatie/ontsmettingstoestel dat niet overgeslagen kan worden en dat uitgerust is met: apparatuur om temperatuur in verhouding tot de tijd te bewaken registreertoestellen die permanent die meetresultaten registreren, en een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat de bijproducten onvoldoende worden verhit, adequate voorzieningen voor de reiniging en ontsmetting van voertuigen en recipiënten bij het verlaten van de biogasinstallatie. Een pasteurisatie/ontsmettingstoestel is niet verplicht voor biogasinstallaties waarin alleen dierlijke bijproducten verwerkt worden die verwerkingsmethode 1 ondergaan hebben ( d.i. verkleinen tot maximaal 50 mm daarna meer dan 20 minuten onder een minimale druk van 3 bar verhitten tot 133 C). Monsters van de gistingsresiduen of de compost, die tijdens de opslag bij het biogasbedrijf of bij de uitslag van die producten bij de betrokken bedrijven worden genomen, moeten aan de volgende normen voldoen: Salmonella: geen in 25 g: n=5, c=0, m=0, M=0 Enterobacteriaceae: n=5, c=2, m=10, M=300 in 1 g Waarbij: n = aantal te testen monsters; m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt als bevredigend beschouwd als het aantal bacteriën in geen enkel monster groter is dan m; M = maximumwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt als bevredigend beschouwd als het aantal bacteriën in één of meer monsters gelijk is aan of hoger ligt dan M; en 19

20 c = aantal monsters waarvoor de bacterietelling een resultaat tussen m en M te zien mag geven en waarbij het monster nog als aanvaardbaar wordt beschouwd als het resultaat van de bacterietelling voor de overige monsters niet hoger is dan m. Biogasinstallaties die na 1 november 2002 in bedrijf zijn/worden genomen moeten direct vanaf de start volledig voldoen aan de bepalingen van EG-verordening 1774/2002. Een dergelijke erkenning kan worden aangevraagd bij de Voedsel en Waren Autoriteit. Een uitzondering hierop is de vergisting van mest. ad. 2 De anaërobe vergisting zal dusdanig worden uitgevoerd dat een minimale temperatuur van 55 C wordt gehandhaafd over een periode van 24 uren zonder onderbreking en dat de verblijftijd in de vergister minstens 20 dagen is. In het geval van een lagere bedrijfstemperatuur of een kortere verblijftijd, zal: het bioafval worden voorbehandeld op 70 C, gedurende een uur, of het digestaat zal worden nabehandeld op 70 C, gedurende een uur, of het digestaat zal worden gecomposteerd. Digestaat wordt geacht om gesaniteerd te worden als het voldoet aan het volgende: Salmonella spp afwezig in 50 g digestaat Clostridium perfringens afwezig in 1 g digestaat Digestaat zal minder dan drie ontkiemende onkruidzaden per liter bevatten Tot deze standaards (ad.2) zijn goedgekeurd, moeten lidstaten de nationale standaard en procedures toepassen. CO 2 bemesting In de vergister wordt het substraat omgezet in biogas (methaangehalte is circa 65 vol%). Een membraan boven op de vergister zorgt ervoor dat de vergister volumeschommelingen in de biogasproductie en vraag kan opvangen. Via een biogasmotor met warmwaternet wordt de vergister op temperatuur gehouden. Het vergiste substraat wordt vervolgens naar een zogenaamde navergister tank geleid. Hierna wordt het substraat geleid naar een half ondergrondse opslagtank met een capaciteit voor 6 maanden. De mestopslag wordt gasdicht gemaakt zodat geuremissie wordt voorkomen. Om de CO 2 te kunnen benutten zal moeten worden voldaan aan vergaande eisen voor CO 2 bemesting. Om hieraan te kunnen voldoen zullen de rookgassen moeten worden gereinigd. Aangezien rookgasreiniging ten opzichte van het voordeel van CO 2 benutting erg duur is in de praktijk is gekeken naar andere mogelijkheden, die tevens een extra meerwaarde kunnen bieden. Hierbij is contact gelegd met de firma Cirmac, die CO 2 direct uit het biogas kan winnen. (zie bijlage 5) Hierdoor kan het CO 2 uit het biogas direct worden benut. Het overgebleven gas is van een hogere kwaliteit, waardoor ook het rendement van de gasmotor verhoogd wordt. Hierdoor is een financieel voordeel te behalen op de exploitatie. Met deze installatie zijn nog geen praktijkervaringen opgedaan. Dit brengt een risico met zich mee. Daarnaast bleek de prijs van de geproduceerde CO 2 nog wat hoger te liggen dan de huidige marktprijs. De leveringsprijs 20

Bio-energie. van de Boer. www.host.nl

Bio-energie. van de Boer. www.host.nl NL Bio-energie van de Boer www.host.nl HoSt Microferm: duurzame energie uit mest Het Microferm concept is ontwikkeld voor boeren die de eigen mest verwerken. De Microferm is uitermate geschikt voor agrarische

Nadere informatie

Opties voor productie van duurzame energie in de regio Helmond d.m.v. van mest en andere biomassa

Opties voor productie van duurzame energie in de regio Helmond d.m.v. van mest en andere biomassa Opties voor productie van duurzame energie in de regio Helmond d.m.v. van mest en andere biomassa Jennie van der Kolk, Alterra Helmond, 22-02-13 Nico Verdoes, Livestock Research Inhoud presentatie Wetenschapswinkel

Nadere informatie

Compact Plus biogasinstallatie, Lierop, 600 kw

Compact Plus biogasinstallatie, Lierop, 600 kw Hoe maak je biogas? Inhoud presentatie Wie en wat is Biogas Plus? Hoe werkt een biogasinstallatie? Voor wie is een biogasinstallatie interessant? Is een biogasinstallatie duurzaam? Zijn subsidies nodig?

Nadere informatie

Melkveebedrijf Familie Prinsen

Melkveebedrijf Familie Prinsen Project mestwaardering Open dag 4 maart 2015 Melkveebedrijf Familie Prinsen Mestvergistingsinstallatie Fermtec Systems Locatie KTC de Marke Het bedrijf Biomassa voor vergisting In de vergister wordt jaarlijks

Nadere informatie

Presentatie Gist is Groen. Herman Klein Teeselink, HoSt B.V.

Presentatie Gist is Groen. Herman Klein Teeselink, HoSt B.V. Presentatie Gist is Groen Herman Klein Teeselink, HoSt B.V. Sheet 1 of 26 De grootste Nederlandse leverancier van Biogas installaties - en Hout-WKK systemen Boerderij type Biogas Installaties Industrieel

Nadere informatie

GroenLinks Bronckhorst. Themabijeenkomst Groengas Hoe groen is ons gas? 2 juni 2015

GroenLinks Bronckhorst. Themabijeenkomst Groengas Hoe groen is ons gas? 2 juni 2015 GroenLinks Bronckhorst Themabijeenkomst Groengas Hoe groen is ons gas? 2 juni 2015 Waarom co-vergisten Omdat de meststoffenwet veehouders verplicht de overtollige (mineralen in de) mest te ver(be)werken

Nadere informatie

Systeemdocument AgriMoDEM mestraffinage

Systeemdocument AgriMoDEM mestraffinage vestiging Drachten behorende bij onderbouwing Knarweg 14, Lelystad. Op het gebied van schoon en zuinig produceren, heeft de agrarische sector nog een aantal belangrijke doelstellingen te behalen. Belangrijkste

Nadere informatie

Biogas: In 2011 startte het samenwerkingsverband. Het doel van het project was Biogas

Biogas: In 2011 startte het samenwerkingsverband. Het doel van het project was Biogas Resultaten: Project Besloten kringloop door kleinschalig mestvergisting in de veehouderij. Biogas: In 2011 startte het samenwerkingsverband. Het doel van het project was Biogas produceren met betaalbare

Nadere informatie

Presentatie voor Agrivaknet Kleinschalig mest vergisten met Microferm

Presentatie voor Agrivaknet Kleinschalig mest vergisten met Microferm Presentatie voor Agrivaknet Kleinschalig mest vergisten met Microferm Door Bart Brouwer Sheet 1 of 26 Kleinschalige mestvergisting met Microferm Staatssecretaris Joop Atsma en gedeputeerde Theo Rietkerk

Nadere informatie

Milieu. Waterkwaliteit: Denk aan: nitraat uitspoeling / erfwater / gewasbeschermingsmiddelen / alles wat oppervlakte- en grondwater kan vervuilen

Milieu. Waterkwaliteit: Denk aan: nitraat uitspoeling / erfwater / gewasbeschermingsmiddelen / alles wat oppervlakte- en grondwater kan vervuilen Naam: Milieu Waterkwaliteit: Denk aan: nitraat uitspoeling / erfwater / gewasbeschermingsmiddelen / alles wat oppervlakte- en grondwater kan vervuilen Slootrandenbeheer Baggeren Krabbescheer bevorderen

Nadere informatie

4.A.1 Ketenanalyse Groenafval

4.A.1 Ketenanalyse Groenafval 4.A.1 Ketenanalyse Groenafval Prop Beplantingswerken v.o.f. Autorisatie Nummer/versie Datum Opsteller Goedgekeurd directie 01 22-01-2015 Naam: F. van Doorn Naam: A. Prop Datum: 22 januari 2015 Datum: 22

Nadere informatie

GroenGas InOpwerking. Kleinschalige biogasopwaardering met Bio-Up. Rene Cornelissen (CCS) 11 maart 2015

GroenGas InOpwerking. Kleinschalige biogasopwaardering met Bio-Up. Rene Cornelissen (CCS) 11 maart 2015 GroenGas InOpwerking Kleinschalige biogasopwaardering met Bio-Up Rene Cornelissen (CCS) 11 maart 2015 Kleinschalige biogasopwaardering met Bio-Up Inhoudsopgave CCS Inleiding Situatie kleinschalige vergisting

Nadere informatie

Noord Deurningen. Kosten en baten mestvergisting

Noord Deurningen. Kosten en baten mestvergisting Noord Deurningen Kosten en baten mestvergisting Inleiding Systeemoverzicht microvergisting Vergisting Biogasleiding WKK en Warmte en elektriciteitsbenutting Kosten systeem Hoe nu verder? Systeem Kleinschalige

Nadere informatie

Presentatie Microferm studiegroep Westhoek Holsteins

Presentatie Microferm studiegroep Westhoek Holsteins Presentatie Microferm studiegroep Westhoek Holsteins Door Bart Brouwer Sheet 1 of 26 Agenda Introductie HoSt B.V. Waarom Microferm? Het Microferm concept Beschrijving installatie Voordelen Economie Vragen

Nadere informatie

Boeren met energie. 11 November 2010

Boeren met energie. 11 November 2010 Boeren met energie 11 November 2010 Wat doen wij? Ontwikkelen projecten energie uit biomassa Opzetten expertisecentrum energie uit hout droogtechnieken stookgedrag rookgasmetingen rookgasreiniging Ontwikkelen

Nadere informatie

HR WKK met CO 2 winning

HR WKK met CO 2 winning HR WKK met CO 2 winning Door: Herman Klein Teeselink HoSt Sheet 1 of 22 Inhoud HoSt HoSt ImtechVonkV.O.F. - Reinigen van rookgassen - Rookgascondensor / Scrubber - Nat elektrostatisch filter - Waterbehandeling

Nadere informatie

: Skal-voorwaarden voor vergisters en digestaat : Bedrijven die vergisten en biologische bedrijven die digestaat afnemen

: Skal-voorwaarden voor vergisters en digestaat : Bedrijven die vergisten en biologische bedrijven die digestaat afnemen Onderwerp Voor Van Datum : Skal-voorwaarden voor vergisters en digestaat : Bedrijven die vergisten en biologische bedrijven die digestaat afnemen : Skal : 18 februari 2015 herziene versie 16 april 2015:

Nadere informatie

Mestverwerking in De Peel

Mestverwerking in De Peel Mestverwerking in De Peel Mestverwerking Jan van Hoof, Jeanne Stoks, Wim Verbruggen Maart 2012 Agenda Doel van de avond Wat is mest? Wat is het mestprobleem? Waar komt mest vandaan? Hoeveel mest is er?

Nadere informatie

De business case: Mest verwaarden. Hans van den Boom Sectormanager Food & Agri Rabobank Nederland

De business case: Mest verwaarden. Hans van den Boom Sectormanager Food & Agri Rabobank Nederland De business case: Mest verwaarden Hans van den Boom Sectormanager Food & Agri Rabobank Nederland Hengelo 28 maart 2014 mln. kg fosfaat Export van fosfaat moet met 50% stijgen 200 175 150 125 100 75 50

Nadere informatie

Mest vergisting en bewerking 5-9-2012. Vier routes verminderen N en P overschot. Welkom op Knowledge Transfer Centre De Marke:

Mest vergisting en bewerking 5-9-2012. Vier routes verminderen N en P overschot. Welkom op Knowledge Transfer Centre De Marke: Welkom op Knowledge Transfer Centre De Marke: Wageningen UR Organisatie Supervisory Board Executive Board Wageningen International, WBS, WBG RIKILT CIDC-Lelystad 16 chair groups 10 chair groups 18 chair

Nadere informatie

Workshop mestvergisting. Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl

Workshop mestvergisting. Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl Workshop mestvergisting Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl BioEnergy Farm 2 Project beschrijving Europees project Marktontwikkeling mono-mestvergisting Verspreiden onafhankelijke

Nadere informatie

Vergistingstest BATCHTESTEN. Klant 2401/086/A1. Testsubstraat: Maisrestanten. Mystery Man

Vergistingstest BATCHTESTEN. Klant 2401/086/A1. Testsubstraat: Maisrestanten. Mystery Man Vergistingstest BATCHTESTEN 2401/086/A1 Testsubstraat: Maisrestanten Klant Mystery Man Datum: 05-Juli-2012 1 Voorwoord is een werkmaatschappij welke voornamelijk actief is in de agri-food branche en de

Nadere informatie

De varkenshouderij: een energieke sector!

De varkenshouderij: een energieke sector! De varkenshouderij: een energieke sector! John Horrevorts Research Development, 1. Onderzoeks- en ontwikkelcentrum 1. Validatie onderzoek 2. Ontwikkeling nieuwe innovaties 2. Kennis- en businesscentrum

Nadere informatie

Kringloop neutraal denken Emissie, mineralen, energie

Kringloop neutraal denken Emissie, mineralen, energie Kringloop neutraal denken Emissie, mineralen, energie Eddie ter Braack Waarom nieuwe generatie vergister-raffinage Ontwikkeling/Stand van zaken op dit moment Nog uit te voeren acties Problemen grootschalige

Nadere informatie

Projectaanvraag/-voorstel,

Projectaanvraag/-voorstel, Projectaanvraag/-voorstel, behorende bij de Regeling Financiële Bijdragen van de PVE (2006/030/E0040) Onderzoeksinstelling: Wageningen UR Livestock Research Projecttitel: Mono-vergisting van mest op Boerderijschaal

Nadere informatie

De toekomst van biogasproductie uit dierlijke mest

De toekomst van biogasproductie uit dierlijke mest Themamiddag Kansen voor verwaarden van dierlijke mest De toekomst van biogasproductie uit dierlijke mest Auke Jan Veenstra 28-03-2014 Missie Groen Gas Nederland bundelt kennis, stimuleert projecten en

Nadere informatie

Mestmarkt en mestverwerking

Mestmarkt en mestverwerking Mestmarkt en mestverwerking Jaap Uenk DOFCO BV, Twello VAB, 22 september 2015 Inhoud Introductie Stand van zaken mestverwerking (Technieken, producten, markten en capaciteit) (8) Waarom is verwerking nog

Nadere informatie

Kwantificering van innovaties op de Energiemix van Twente. 4 maart 2014

Kwantificering van innovaties op de Energiemix van Twente. 4 maart 2014 Kwantificering van innovaties op de Energiemix van Twente 4 Inleiding Het doel van de TDA is om focus aan te brengen in de kansrijke en verbindende initiatieven in Twente bij het realiseren van een duurzame

Nadere informatie

Verwerken van (groene) biomassa en mest:

Verwerken van (groene) biomassa en mest: Verwerken van (groene) biomassa en mest: kan dat samen? Hans Verkerk secretaris meststoffendistributie CUMELA Nederland Sector: 3.000 ondernemers 30.000 medewerkers Jaaromzet 4 miljard Cumelabedrijven:

Nadere informatie

Kosten/baten-analyse MC-installaties en gebruikerservaringen MC

Kosten/baten-analyse MC-installaties en gebruikerservaringen MC Kosten/baten-analyse MC-installaties en gebruikerservaringen MC LEI Wageningen UR: Co Daatselaar Aanleiding en doelstellingen onderzoek Veel mest elders af te zetten tegen hoge kosten, druk verlichten

Nadere informatie

BIJLAGE 4 - NADERE BESCHRIJVING VAN HET VOORNEMEN

BIJLAGE 4 - NADERE BESCHRIJVING VAN HET VOORNEMEN BIJLAGE 4 - NADERE BESCHRIJVING VAN HET VOORNEMEN Het landelijk gebied is constant in beweging. Er worden nieuwe technieken toegepast in de agrarisch bedrijfsvoering en ruimte gezocht voor functies die

Nadere informatie

Mest, mestverwerking en wetgeving

Mest, mestverwerking en wetgeving Mest, mestverwerking en wetgeving Harm Smit Beleidsmedewerker Economische Zaken, DG AGRO Inhoud Feiten en cijfers. Huidig instrumentarium. Visie op mestverwerking en hoogwaardige meststoffen Toekomstig

Nadere informatie

Mogelijkheden van vergisting voor de productie van biogas. Bruno Mattheeuws 09 juni 2007

Mogelijkheden van vergisting voor de productie van biogas. Bruno Mattheeuws 09 juni 2007 Mogelijkheden van vergisting voor de productie van biogas Bruno Mattheeuws 09 juni 2007 AGENDA Biogas-E vzw Biomassa Anaerobe vergisting Digestaat Biogas en de toepassingen Anaerobe vergisting en het milieu

Nadere informatie

Voor het eerste deel van de studie (Rapport I) werd met behulp van een enquête informatie en data verkregen van mestexperts uit de Europese Unie.

Voor het eerste deel van de studie (Rapport I) werd met behulp van een enquête informatie en data verkregen van mestexperts uit de Europese Unie. Rapport I: Inventarisatie van de mestverwerkingactiviteiten in Europa Voor het eerste deel van de studie (Rapport I) werd met behulp van een enquête informatie en data verkregen van mestexperts uit de

Nadere informatie

Be- en verwerken van mest: een zegen voor water en milieu?

Be- en verwerken van mest: een zegen voor water en milieu? Kennisdag emissies, vergroening en verduurzaming in de landbouw Be- en verwerken van mest: een zegen voor water en milieu? Mark Heijmans 2 december 2014 Het speelveld: schaken op meerdere borden Opzet

Nadere informatie

Dorset Droogsysteem. biomassa en pluimveemest

Dorset Droogsysteem. biomassa en pluimveemest Dorset Droogsysteem voor biomassa en pluimveemest n Drogen van Biomassa Biogasdigistaat Houtsnippers Zuiveringsslib Pluimveemest Veevoeders n Compact en flexibel n Korrelfabriek n Hygiënisatie n Wegen

Nadere informatie

Bio-industrie in de Peel. L. Reijnders

Bio-industrie in de Peel. L. Reijnders Bio-industrie in de Peel L. Reijnders Intensieve veehouderij/mestproblemen Fijn stof: vergroot kans op ziekten ademhalingsorganen & hartvaatziekten Ziektekiemen (in toegenomen mate resistent tegen antibiotica:

Nadere informatie

NEDERLAND Sectie Meststoffendistributie september 2009

NEDERLAND Sectie Meststoffendistributie september 2009 Mestopslag in het buitengebied Een mestopslagcapaciteit van ten minste negen maanden betekent niet dat die mestopslag fysiek op het erf van de veehouder dient te staan. De mestopslag zou juist bij de mestontvangende

Nadere informatie

Introductie HoSt B.V.

Introductie HoSt B.V. HR Hout WKK (Vink Sion) voor glastuinbouw en stadverwarming door HoSt Imtech Vonk vof door H. Klein Teeselink info@host.nl Introductie HoSt B.V. Inhoud: Waarom biomassa WKK, belang van warmte? Wie zijn

Nadere informatie

MEMO GAD BNG 28.50.30.701 ISO 14001. Gewestelijke Afvalstoffen Dienst. Portefeuillehouders Milieu. Werkgroep biomassa en 'rijden op groen gas'

MEMO GAD BNG 28.50.30.701 ISO 14001. Gewestelijke Afvalstoffen Dienst. Portefeuillehouders Milieu. Werkgroep biomassa en 'rijden op groen gas' Gewestelijke Afvalstoffen Dienst Gooi en Vechtstreek Postadres: Postbus 514 1200 AM Hilversum Bezoekadres: Hooftlaan 32 1401 EE Bussum Telefoon: (035) 699 18 88 Fax: (035) 694 17 45 Internet: www.gad.nl

Nadere informatie

Paarden 6 mnd., 250 450 kg 11 11,6 127,6 36,6 402,6 17,5 192,5 Paarden 6 mnd., > 450 kg 4 15,0 60,0 47,6 190,4 22,0 88,0 Totaal 204 645 303

Paarden 6 mnd., 250 450 kg 11 11,6 127,6 36,6 402,6 17,5 192,5 Paarden 6 mnd., > 450 kg 4 15,0 60,0 47,6 190,4 22,0 88,0 Totaal 204 645 303 Paardenhouderij in het nieuwe mestbeleid Oosterwolde, 13 januari 2006 Vanaf 1 januari 2006 vallen paarden en pony s onder de Meststoffenwet. Dit levert veel (nieuwe) problemen op. In dit bericht worden

Nadere informatie

Totale verwerking van mest en/of digestaat

Totale verwerking van mest en/of digestaat Totale verwerking van mest en/of digestaat Verwerking van slib, mest en/of digestaat is geen eenvoudige zaak. Zeker niet wanneer het doel is deze te verwerken tot loosbaar water en fracties die een toegevoegde

Nadere informatie

Energie uit afval, een schone zaak

Energie uit afval, een schone zaak Energie uit afval, een schone zaak Vergisten van GFT-afval ARN meer dan 25 jaar begaan met het milieu Aandeelhouders ARN B.V. Regio Regio Regio REMONDIS Nijmegen De Vallei Rivierenland (privaat) 37,5%

Nadere informatie

Biogas is veelzijdig. Vergelijking van de opties 1-2-2012. Vergelijking opties voor benutting van biogas

Biogas is veelzijdig. Vergelijking van de opties 1-2-2012. Vergelijking opties voor benutting van biogas 1--1 Ongeveer 7 deelnemende organisaties Promotie van optimale benutting van biomassa Kennisoverdracht door workshops, excursies, nieuwsbrief en artikelen in vakbladen Vergelijking opties voor benutting

Nadere informatie

SenterNovem Bundeling van de resultaten van de mestvergistingprojecten van de ROB-subsidieregeling

SenterNovem Bundeling van de resultaten van de mestvergistingprojecten van de ROB-subsidieregeling SenterNovem Bundeling van de resultaten van de mestvergistingprojecten van de ROB-subsidieregeling onderdeel van: Programma reductie overige broeikasgassen SenterNovem DLV Bouw Milieu en Techniek Postbus

Nadere informatie

Mestsituatie en de verwerkingsplicht Gelderse Vallei en Utrechts zandgebied

Mestsituatie en de verwerkingsplicht Gelderse Vallei en Utrechts zandgebied Mestsituatie en de verwerkingsplicht Gelderse Vallei en Utrechts zandgebied Jaap Uenk DOFCO Beheer BV, Ruurlo, 27 februari 2014, Barneveld j.uenk@dofco.nl INHOUD Introductie Mest- en mineralensituatie

Nadere informatie

(CMC) composteren; grof doorploegen van wet en regelgeving

(CMC) composteren; grof doorploegen van wet en regelgeving (CMC) composteren; grof doorploegen van wet en regelgeving Compositie van beelden en uitspraken van verschillende bronnen Tbv verduidelijking en discussie, niet om er rechten aan te ontlenen Het speelveld

Nadere informatie

In Tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de toegepaste mestverwerkingstechnieken van de geïnventariseerde initiatieven die operationeel zijn.

In Tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de toegepaste mestverwerkingstechnieken van de geïnventariseerde initiatieven die operationeel zijn. Bijlage notitie 6. Ex ante evaluatie mestbeleid 2013 Review mestverwerkingsinitiatieven M. Timmerman, F. de Buisonjé en N. Verdoes (LR Wageningen UR) November 2013 Algemeen In overleg met de sector (LTO,

Nadere informatie

Kringloop neutraal denken (Emissie, mineralen, energie) Eddie ter Braack

Kringloop neutraal denken (Emissie, mineralen, energie) Eddie ter Braack Kringloop neutraal denken (Emissie, mineralen, energie) Eddie ter Braack Bio Energie Noord Missie: Het realiseren van meer en nieuwe activiteiten in Noord-Nederland op het gebied van energie uit biomassa

Nadere informatie

Vergisting van eendenmest

Vergisting van eendenmest Lettinga Associates Foundation for environmental protection and resource conservation Vergisting van eendenmest Opdrachtgever: WUR Animal Sciences Group Fridtjof de Buisonjé Datum: 3 oktober 2008 Lettinga

Nadere informatie

Mestbeleid. Verplichte mestverwerking

Mestbeleid. Verplichte mestverwerking Mestbeleid Verplichte mestverwerking Eind december 2013 zijn de details van de verplichte mestverwerking bekend geworden. Dit betekent onder andere dat de verwerkingspercentages en de definitie van verwerken

Nadere informatie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010 Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Financieren Duurzame energie binnen Rabobank Groep Maatwerk Sustainability naast Food

Nadere informatie

PROJECTBESCHRIJVING. Microferm met WKK en Gasopwerking

PROJECTBESCHRIJVING. Microferm met WKK en Gasopwerking Thermen 10 Bank: ING rek. nr. 65.85.11.920 7521 PS Enschede K.v.K. Enschede nr. 06091862 The Netherlands VAT: NL8082.65.386.B.01 Tel: +31 53 460 9080 IBAN: NL19INGB0658511920 Fax: +31 53 460 9089 BIC:

Nadere informatie

Testrapport van de Manure Power monovergister

Testrapport van de Manure Power monovergister Testrapport van de Manure Power monovergister Fridtjof de Buisonjé Patrick Classens Wageningen, 15 december 2014 Wageningen UR (Wageningen University, Van Hall Larenstein University of Applied Sciences

Nadere informatie

Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer

Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer Renewable energy in the Reijerscop area Peter Dekker Luc Dijkstra Bo Burgmans Malte Schubert Paul Brouwer Introductie Methode Subsidies Technologien Wind Zon Geothermisch Biomassa Externe Investeerders

Nadere informatie

Programma Kas als Energiebron

Programma Kas als Energiebron Programma Kas als Energiebron Transitiepad bio-energie in de glastuinbouw Glastuinbouwdag 2014 Vrijdag 7 maart 2014 Sander Peeters www.energymatters.nl Inhoud 1. Bio-energie in de glastuinbouw 2. Herijking

Nadere informatie

Synergie energie hergebruik overheden, agrarische sector en industrie

Synergie energie hergebruik overheden, agrarische sector en industrie Synergie energie hergebruik overheden, agrarische sector en industrie Doelstelling thema bijeenkomst: Inzicht in ontwikkelingen bij overheid, industrie en agrarische sector Inzicht in kansen voor synergie

Nadere informatie

Realisatie mestvergistingsinstallatie Praktijkcentrum Sterksel

Realisatie mestvergistingsinstallatie Praktijkcentrum Sterksel Projectbrochure 1 Novem projectnummer 355500/5540 Realisatie mestvergistingsinstallatie Praktijkcentrum Sterksel A.V. van Wagenberg M. Timmerman Augustus 2003 1 Van dit project is ook een uitgebreider

Nadere informatie

Functie: Het produceren van biogas uit een nat mengsel van organisch materiaal, zoals bijvoorbeeld dierlijke meststoffen en organische stoffen..

Functie: Het produceren van biogas uit een nat mengsel van organisch materiaal, zoals bijvoorbeeld dierlijke meststoffen en organische stoffen.. ECP technologie beschrijving Proces: Natte Anaerobe vergisting (Fermenteren) Functie: Het produceren van biogas uit een nat mengsel van organisch materiaal, zoals bijvoorbeeld dierlijke meststoffen en

Nadere informatie

CO2 uit biogas Toepassing glastuibouw. Presentatie door Jeroen de Pater - Gastreatment Services 10 september 2009

CO2 uit biogas Toepassing glastuibouw. Presentatie door Jeroen de Pater - Gastreatment Services 10 september 2009 CO2 uit biogas Toepassing glastuibouw Presentatie door Jeroen de Pater - Gastreatment Services 10 september 2009 CO2 uit biogas - Inleiding - GPP -systeem - Kwaliteitseisen CO 2 voor glastuinbouw - Toepasbaarheid

Nadere informatie

Schiedam, 12 februari 2007 OCAP, het bedrijf dat CO2 van de industrie. levert aan de Nederlandse glastuinbouw, zal zijn doelstellingen aanzienlijk

Schiedam, 12 februari 2007 OCAP, het bedrijf dat CO2 van de industrie. levert aan de Nederlandse glastuinbouw, zal zijn doelstellingen aanzienlijk PERSMEDEDELING OCAP CO2 project sneller succes dan verwacht Milieu profiteert een jaar eerder van een besparing van 95 miljoen kubieke meter aardgas en een verminderde CO2 uitstoot van 170 duizend ton

Nadere informatie

Rapportage Demonstratie vergisting van meststoffen met cosubstraten. propstroominstallatie

Rapportage Demonstratie vergisting van meststoffen met cosubstraten. propstroominstallatie Rapportage Demonstratie vergisting van meststoffen met cosubstraten middels innovatieve propstroominstallatie Aan dit project is in het kader van het Besluit Milieusubsidies, Subsidieregeling milieugerichte

Nadere informatie

Presentatie Projectgroep Biomassa en WKK 10 september 2009 Fred Bruijn

Presentatie Projectgroep Biomassa en WKK 10 september 2009 Fred Bruijn Presentatie Projectgroep Biomassa en WKK 10 september 2009 Fred Bruijn Even voorstellen.. ontstaan in 2004 uit een MBO uit Essent Duurzaam aandeelhouders zijn OMRIN, van der Wiel en Lieuwe Jensma, Thom

Nadere informatie

Vergunningen voor biogas en groen gas installaties

Vergunningen voor biogas en groen gas installaties Vergunningen voor biogas en groen gas installaties Ervaringen van BioGast Sustainable Energy Marcel Verhaart 12 februari 2014, NEN Wie is BioGast? Groen gas producent sinds 2005 Actief in Nederland, Frankrijk,

Nadere informatie

Struviet Eigenschappen Struviet Fosfaat Schaarste Procesvoering binnen mest verwerking Afzet mogelijkheden landbwk.

Struviet Eigenschappen Struviet Fosfaat Schaarste Procesvoering binnen mest verwerking Afzet mogelijkheden landbwk. Productie van Struviet uit Mest: Procesvoering en Afzetmogelijkheden Struviet Eigenschappen Struviet Fosfaat Schaarste Procesvoering binnen mest verwerking Afzet mogelijkheden landbwk. Wetgeving Besluit

Nadere informatie

Energievoorziening vanuit organische reststoffen

Energievoorziening vanuit organische reststoffen Energievoorziening vanuit organische reststoffen 28 September 2012 Jacques Poldervaart www.synvalor.com/info@synvalor.com Synvalor History First work on Gasification Development torrefaction with Torbed

Nadere informatie

Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder

Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder Voor kwaliteitsvolle WarmteKrachtKoppeling in Vlaanderen Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder 16/12/2010 Cogen Vlaanderen Daan Curvers COGEN Vlaanderen Houtige biomassa in de landbouw 16

Nadere informatie

Kansen voor mestscheiding

Kansen voor mestscheiding Kansen voor mestscheiding Studiemiddag Inagro 29 maart 2012 Gerjan Hilhorst Livestock Research De Marke Koeien & Kansen is een samenwerkingsverband van 16 melkveehouders, proefbedrijf De Marke, Wageningen

Nadere informatie

Project omschrijving Groen gas Hub Ameland

Project omschrijving Groen gas Hub Ameland Project omschrijving Groen gas Hub Ameland Vertrouwelijk Datum: 19 maart 2010 Pagina: 1 van 9 1 Introductie Eneco heeft in 2007 een convenant ondertekend, samen met de Gemeente Ameland, Gasterra en de

Nadere informatie

Duurzame mestverwerking voor productie van schone energie en groene mineralen

Duurzame mestverwerking voor productie van schone energie en groene mineralen Duurzame mestverwerking voor productie van schone energie en groene mineralen MTS vd Lageweg Hendrikus van de Lageweg 1 Inhoud MTS vd Lageweg Mestplaatsing veehouderij sectoren / sector belang Doelen Wat

Nadere informatie

5-3-2012. Mestverwerking in Nederland. Wat doet de afdeling Milieu: Kunstmestvervanging door stikstof uit mest. Waarom mestverwerken?

5-3-2012. Mestverwerking in Nederland. Wat doet de afdeling Milieu: Kunstmestvervanging door stikstof uit mest. Waarom mestverwerken? Mestverwerking in Nederland Wat doet de afdeling Milieu: Wageningen, 6 maart 2012 Fridtjof de Buisonjé, Afdeling Milieu gasvormige emissies, fijnstof, emissiearme huisvestingssystemen; bodemkwaliteit,

Nadere informatie

Groengas in landbouw. 11 maart 2015

Groengas in landbouw. 11 maart 2015 Groengas in landbouw 11 maart 2015 LTO Noord Programma Klimaat & Energie Auke Jan Veenstra (aveenstra@ltonoord.nl) Inhoud LTO Noord en Energie Energie in de agrarische sector Energieproductie Vergisting

Nadere informatie

Passen duurzame ontwikkelingen binnen het vergunningenbeleid anno 2008

Passen duurzame ontwikkelingen binnen het vergunningenbeleid anno 2008 Symposium Vink Sion Passen duurzame ontwikkelingen binnen het vergunningenbeleid anno 2008 Beetgum, 24 januari 2008 Douwe Faber Directeur E kwadraat advies Inhoudsopgave E kwadraat advies Vergunningen

Nadere informatie

Compostering. De echte oplossing voor de mestproblematiek

Compostering. De echte oplossing voor de mestproblematiek Compostering De echte oplossing voor de mestproblematiek De composteringstunnel De oplossing voor veel agrarische knelpunten Regeringsbeleid, milieuverordeningen, steeds hogere kwaliteitseisen en specifieke

Nadere informatie

PROEFPROJECT VASTEMESTVOORZIE- NING WEIDEVOGELRESERVATEN FRYSLÂN/GRONINGEN

PROEFPROJECT VASTEMESTVOORZIE- NING WEIDEVOGELRESERVATEN FRYSLÂN/GRONINGEN A&W-rapport 1109 PROEFPROJECT VASTEMESTVOORZIE- NING WEIDEVOGELRESERVATEN FRYSLÂN/GRONINGEN SAMENVATTING E.B. Oosterveld Altenburg & Wymenga ECOLOGISCH ONDERZOEK BV Veenwouden 2008 In samenwerking met

Nadere informatie

Zon op VVE. Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016

Zon op VVE. Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016 Zon op VVE Wormerveer Eric de Lange 19 mei 2016 Waarom doen we dit? Wereldwijde klimaatcrisis Klimaat top Parijs Energie Akkoord Nederland Klimaatzaak Urgenda Maar er gebeurt nog steeds te weinig en te

Nadere informatie

Het gebruik van biogas als transportbrandstof

Het gebruik van biogas als transportbrandstof Dr. Ir. René Cornelissen - Ing. A.F.B ter Braack partners Tractor op Het gebruik van als transportbrandstof 1 LTO Noord partners Tractor op 22.236 leden - Ruim 12.500 veehouders - 500 miljoen kuub uit

Nadere informatie

De waarde van mest; bijdrage van mestmanagement aan betere bedrijfsvoering

De waarde van mest; bijdrage van mestmanagement aan betere bedrijfsvoering De waarde van mest; bijdrage van mestmanagement aan betere bedrijfsvoering Koos Verloop Koeien & Kansen is een samenwerkingsverband van 16 melkveehouders, proefbedrijf De Marke, Wageningen UR en adviesdiensten.

Nadere informatie

Mestvergisting Swinkels te Vlagtwedde. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem

Mestvergisting Swinkels te Vlagtwedde. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Mestvergisting Swinkels te Vlagtwedde Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Inhoudelijke eindrapportage Smt-regeling Programma: Reductie Overige Broeikasgassen (ROB) Projecttitel Realisatie

Nadere informatie

Mestvergisting Maatschap Pronk te Warmenhuizen. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem

Mestvergisting Maatschap Pronk te Warmenhuizen. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Mestvergisting Maatschap Pronk te Warmenhuizen Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Inhoudelijke eindrapportage Smt-regeling Programma: Reductie Overige Broeikasgassen (ROB) Projecttitel

Nadere informatie

Duurzaamheid co-vergisting van dierlijke mest

Duurzaamheid co-vergisting van dierlijke mest Duurzaamheid co-vergisting van dierlijke mest K.B. Zwart D.A. Oudendag P.A.I. Ehlert P.J. Kuikman Alterra-rapport 1437, ISSN 1566-7197 Duurzaamheid co-vergisting van dierlijke mest In opdracht van SenterNovem

Nadere informatie

Primair schooltje in Senegal kookt op organisch afval

Primair schooltje in Senegal kookt op organisch afval Primair schooltje in Senegal kookt op organisch afval Het primaire schooltje Les Cajoutiers in Warang, een vissersdorp in Senegal, was op zoek naar een alternatieve energiebron om dagelijks warme maaltijden

Nadere informatie

Inhoud. Studie-avond spuiwater 16/03/2015

Inhoud. Studie-avond spuiwater 16/03/2015 Inhoud Studie-avond spuiwater Viooltje Lebuf Geel 11 maart 2015 Wat is spuiwater en waarvoor wordt het gebruikt? Rekenvoorbeeld Luchtwassers: wettelijke verplichtingen Bemesting met spuiwater 2 VCM = Vlaams

Nadere informatie

De doelstelling van het project Duurzame Energie Noordoostpolder (DE NOP) is de duurzame

De doelstelling van het project Duurzame Energie Noordoostpolder (DE NOP) is de duurzame Nieuwsbrief Duurzame Energie in de Noordoostpolder (DE NOP) Duurzaamheid voor de glastuinbouwgebieden Luttelgeest en Ens In deze nieuwsbrief brengen wij u op de hoogte van de resultaten uit het project

Nadere informatie

Mestverwerkingscapaciteit 2015

Mestverwerkingscapaciteit 2015 Landelijke inventarisatie Mestverwerkingscapaciteit 2015 Open innovatiedagen VIC Sterksel 19 juni 2015 Jos van Gastel Presentatie Waarom, wie, hoe Resultaten enquête Ontbrekende informatie Voorlopig beeld

Nadere informatie

buffer warmte CO 2 Aardgas / hout WK-installatie, gasketel of houtketel brandstof Elektriciteitslevering aan net

buffer warmte CO 2 Aardgas / hout WK-installatie, gasketel of houtketel brandstof Elektriciteitslevering aan net 3 juli 2010, De Ruijter Energy Consult Energie- en CO 2 -emissieprestatie van verschillende energievoorzieningsconcepten voor Biologisch Tuinbouwbedrijf gebroeders Verbeek in Velden Gebroeders Verbeek

Nadere informatie

Kan de biogassector grote volumes aardappelen uit de markt nemen? 27-01-2015, Oudenaarde. E. Meers & J. De Mey

Kan de biogassector grote volumes aardappelen uit de markt nemen? 27-01-2015, Oudenaarde. E. Meers & J. De Mey Kan de biogassector grote volumes aardappelen uit de markt nemen? 27-01-2015, Oudenaarde E. Meers & J. De Mey Biogas-E vzw Prof. Dr. Ir. Erik Meers Coördinator Biogas-E U Gent, Fac. Milieuchemie Ir. Jonathan

Nadere informatie

Waarom doen we het ook alweer?

Waarom doen we het ook alweer? Apart inzamelen van gft-afval Als Vereniging Afvalbedrijven stimuleren we dat al het afval in Nederland op de juiste manier wordt verwerkt. Hierbij houden we rekening met het milieu en de kosten. De meest

Nadere informatie

Energie actieplan. Van Esch Cultuur- en Civieltechniek

Energie actieplan. Van Esch Cultuur- en Civieltechniek Energie actieplan Van Esch Cultuur- en Civieltechniek utorisatie Nummer /versie Datum Opsteller Goedgekeurd directie 01 11-09-2014 Naam: B. Heesters, F. van Doorn Datum: 11 september 2014 Plaats: Berkel

Nadere informatie

NOTITIE. : Voorstel nadere uitwerking vergisten GFT-afval en 'rijden op groen gas'

NOTITIE. : Voorstel nadere uitwerking vergisten GFT-afval en 'rijden op groen gas' Gewestelijke Afvalstoffen Dienst Gooi en Vechtstreek GAD ISO 14001.9 ) NOTITIE Postadres: Postbus 514 1200 AM Hilversum Bezoekadres: Hooftlaan 32 1401 EE Bussum Telefoon: (035) 699 18 88 Fax: (035) 694

Nadere informatie

Carbon footprint 2011

Carbon footprint 2011 PAGINA i van 12 Carbon footprint 2011 Opdrachtgever: Stuurgroep MVO Besteknummer: - Projectnummer: 511133 Documentnummer: 511133_Rapportage_Carbon_footprint_2011_1.2 Versie: 1.2 Status: Definitief Uitgegeven

Nadere informatie

Mestscheiding, waarom zou u hiermee aan de slag gaan?

Mestscheiding, waarom zou u hiermee aan de slag gaan? Mestscheiding, waarom zou u hiermee aan de slag gaan? Via project Langs de Linge is er op donderdag 8 december een demonstratie rondom mestscheiding gehouden. Deze demonstratie vond plaats op het melkveebedrijf

Nadere informatie

Checklist Mestverwerking

Checklist Mestverwerking Checklist Mestverwerking Aandachtspunten bij de beoordeling van kosten en risico's van mestverwerkingstechnieken en -initiatieven 1 Aanvoer van mest 1.1 Transportkosten 1.2 Bemonstering & 1.3 Tussenopslag

Nadere informatie

Van 1774/2002 naar 1069/2009 bis. 04.02.11 Overlegplatform DBP. Lies Clarysse

Van 1774/2002 naar 1069/2009 bis. 04.02.11 Overlegplatform DBP. Lies Clarysse Van 1774/2002 naar 1069/2009 bis Wat wijzigt er voor mestverwerkers vanaf 4 maart 2011 04.02.11 Overlegplatform DBP Lies Clarysse 16-2-2011 februari 2011 1 0. Comitologie (belangrijke artikels) Opmerking:

Nadere informatie

Geothermie. traditioneel energiebedrijf?

Geothermie. traditioneel energiebedrijf? 31 maart 2010 T&A Survey Congres Geothermie Duurzame bron voor een traditioneel energiebedrijf? Hugo Buis Agenda Duurzame visie & ambities Waarom kiest Eneco voor Geothermie? Stand van zaken Markten Pro

Nadere informatie

Mestvergisting De Betonpleats te Oudemirdum. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem

Mestvergisting De Betonpleats te Oudemirdum. Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Mestvergisting De Betonpleats te Oudemirdum Programma reductie overige broeikasgassen Senter Novem Inhoudelijke eindrapportage Smt-regeling Programma: Reductie Overige Broeikasgassen (ROB) Projecttitel

Nadere informatie

Mestvergisting Prins vof te Lellens. Programma reductie overige broeikasgassen. SenterNovem

Mestvergisting Prins vof te Lellens. Programma reductie overige broeikasgassen. SenterNovem Mestvergisting Prins vof te Lellens Programma reductie overige broeikasgassen SenterNovem Inhoudelijke eindrapportage Smt-regeling Programma: Reductie Overige Broeikasgassen (ROB) Projecttitel Realisatie

Nadere informatie

Opwaarderen tot aardgaskwaliteit Van biogas naar groen gas

Opwaarderen tot aardgaskwaliteit Van biogas naar groen gas Opwaarderen tot aardgaskwaliteit Van biogas naar groen gas Biogas wordt geproduceerd door het vergisten van onder meer gewasresten, vloeibare reststromen en maïs, vaak in combinatie met dierlijke mest.

Nadere informatie

Verkenning mogelijkheden invoeding groengas. Johan Jonkman

Verkenning mogelijkheden invoeding groengas. Johan Jonkman Verkenning mogelijkheden invoeding groengas Johan Jonkman Verkenning mogelijkheden invoedinggroengas op het aardgasnetwerk van NV RENDO In opdracht van: Agentschap NL Ministerie van EL&I Contactpersoon:

Nadere informatie