EINDRAPPORT DEEL IV BIJLAGEN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "EINDRAPPORT DEEL IV BIJLAGEN"

Transcriptie

1 EINDRAPPORT DEEL IV BIJLAGEN Parkstad Limburg als proeftuin met een experimentele status, een testing ground voor innovatieve producten en diensten Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 1

2 Inhoud Nota bene: eerst staan er bijlagen in de normale nummering 1, 2, 3.; die komen uit DEEL I; daarna volgen bijlagen die gekoppeld zijn aan de nummers van doelen, subdoelen of acties van DEEL II. Bijlage 1 Ouderen tellen mee...3 Bijlage 2 Mogen ouderen ook meedoen...7 Bijlage 3 Primaire demografische gegegevens over Parkstad Limburg...12 Bijlage 4 Facing The Challenge, The Lisbon Strategy for growth and employment..15 Bijlage Parkstad Limburg, testing ground voor innovatieve producten en diensten...17 Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Testing Ground...17 Bijlage Recreatie en toerisme zijn een integraal onderdeel van economische ontwikkelingsprogramma s...20 Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Recreatie en Toerisme...20 Bijlage 1.3 Onderwijs is afgestemd op de vraag uit de arbeidsmarkt en op het werkgelegenheidsperspectief...22 Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Onderwijs en Arbeidsmarkt...22 Bijlage De regionale bevolkingsprognose...24 Bijlage Parkstad Limburg weet welke bedrijven morgen in de problemen komen en gaat daarmee aan de slag...25 Bijlage Versterking van de senioreneconomie...42 Bijlage Buurt- en wijkversterkende activiteiten...50 Bijlage Ontschot integraal beleid op basis van een integraal budget in de zorg en daaraan gerelateerde sectoren...53 Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Welzijn, Wonen en Zorg: niet meer, maar anders!...55 Bijlage B: Verslag van de Expert Meeting Welzijn, Wonen en Zorg over de Probleemanalyse van Bijlage A Bijlage Het vrijwilligerswerk is op een totaal nieuwe leest geschoeid Bijlage 3.1 Cultuur is een motor van maatschappelijke vernieuwing...82 Bijlage A: Probleemanalyse (gespreksnotitie) Expert Meeting Cultuur...82 Bijlage B: Verslag van de Expert Meeting Cultuur...85 Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 2

3 Bijlage 1 Ouderen tellen mee Advies van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling aan de Themacommissie Ouderenbeleid van de Tweede Kamer December 2004 De Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) is de adviesraad van het Kabinet en de Staten-Generaal op het gebied van maatschappelijke participatie en stabiliteit. De RMO adviseert zowel gevraagd als ongevraagd over de hoofdlijnen van beleid. De RMO bestaat uit negen onafhankelijke kroonleden: de heer prof. dr. H.P.M. Adriaansens (voorzitter), mevrouw Y. Koster-Dreese (vice-voorzitter), mevrouw ir. Z.S. Arda, mevrouw prof. dr. J. van Doorne-Huiskes, mevrouw mr. D.A.T. van der Heem-Wagemakers, de heer drs. H.J. Kaiser, de heer prof. dr. W. van Voorden, de heer drs. F. Vos en de heer prof. dr. M. de Winter. De heer dr. K.W.H. van Beek is algemeen secretaris van de Raad. De Themacommissie Ouderenbeleid van de Tweede Kamer heeft de RMO tien vragen voorgelegd. Die volgen hierna, voorzien van een beknopte weergave van het antwoord van de RMO. 1. Op welke wijze kan het generatiebewust beleid gestalte krijgen? De RMO introduceert het begrip includerend denken. Dat betekent: kijk verder dan het traditionele en karakteristieke ouderenbeleid op de terreinen wonen, zorg en welzijn. Er is namelijk meer wat ouderen rechtstreeks raakt in hun gedragsalternatieven, namelijk de domeinen van economisch beleid, fysieke infrastructuur en mobiliteit. Die bepalen net zo goed de kwaliteit van het leven van ouderen. En die domeinen bevatten de randvoorwaarden voor ander en beter beleid op het vlak van de traditionele ouderenzorg. Citaat op p. 5: Het verdwijnen van buurtwinkels, postkantoren, banken en bushaltes uit woonwijken heeft meer invloed op het welbevinden van ouderen dan de aanwezigheid van een wijkcentrum. Ofwel: het beleid van de ministeries van Financiën en Economische Zaken kan belangrijker zijn dan specifiek welzijnsbeleid. De Raad ziet echter enkele sterke maatschappelijke ontwikkelingen haaks staan op juist deze gedachten. Pagina 10: De algemene noemers van deze tegendraadse ontwikkelingen zijn prestatiedrang, het streven naar efficiency en een hoge arbeidsproductiviteit. Deze ontwikkelingen maken bijvoorbeeld ook dat buslijnen en haltes worden opgeheven, dat postkantoren en banken worden gesloten en dat mensen met beperkingen een financieel risico vormen voor werkgevers. Voor ouderen en mensen met beperkingen worden daarom telkens opnieuw afzonderlijke zaken geregeld: aangepast vervoer, bijzondere woonvormen, beschermende werkplekken en een speciale maaltijdservice aan huis. Er wordt met andere woorden niet includerend gedacht. Ouderen zelf geven echter aan dat zij juist geen afzonderlijke ouderenvoorzieningen wensen, dat zij geen uitzonderingspositie willen innemen. 2. Wat is de visie van de raad op de ontwikkeling van de vraag naar welzijnsvoorzieningen, de kosten en financiering hiervan? Voortbouwend op vraag 1 stelt de RMO dat de nadruk leggen op includerend beleid kan voorkomen dat onnodig beleid wordt ontworpen op het vlak van Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 3

4 welzijnsvoorzieningen. Dus voorkomen dat er behoefte ontstaat aan professionele zorg en aan bijzondere woonvormen. Via includerend denken komt welzijn op de eerste plaats, gevolgd door wonen. De RMO ziet zorg dan aanvullend zijn, volgend. Dat is dus de omgekeerde volgorde van het beleid tot nu toe 1. De vormgeving en financiering van veel voorzieningen en diensten zullen door kapitaalkrachtige ouderen gedeeltelijk zelf ter hand worden genomen. De markt zal daarop inspelen. Het is daarom van belang oog te houden voor de belangen van ouderen die minder mondig en kapitaalkrachtig zijn. 3. Hoe zouden de mogelijkheden van ouderen beter kunnen worden benut? De RMO vindt dat ouderen zo lang mogelijk moeten kunnen blijven deelnemen aan betaald en onbetaald werk. Maar het huidige systeem frustreert dat. Dat is namelijk gericht op het stimuleren van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces 2. In plaats van financieel tegemoet te komen aan mensen die niet participeren, moet er geïnvesteerd worden in participatiemogelijkheden voor ouderen door de financiële prikkels om te draaien. 4. Wat is de visie van de raad op de vraag naar voorzieningen om de mobiliteit van ouderen te vergroten? Ook hier ventileert de RMO een dwars geluid. We hebben in Nederland de zaken zodanig geregeld en georganiseerd dat steeds weer bijzondere voorzieningen moeten worden getroffen. Zo geleiden we de mobiliteit van ouderen (met beperkingen) in belangrijke mate met speciale taxi s en bussen. Dus aanvullend, en dus bijzonder op extra op apart. De RMO stelt (p. 6): Op het moment waarop het openbaar vervoer voor iedere burger bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar is, is dit niet langer nodig. 3 De raad verwacht dat vooral technologische vernieuwingen de mobiliteit van toekomstige ouderen zullen verhogen. Hierbij moeten ontwerpers steeds blijven streven naar toegankelijkheid voor ouderen. 5. Hoe denkt de raad dat het absolute en relatieve aantal ouderen zich zal ontwikkelen dat op zichzelf kan blijven wonen, op aanleunwoningen of op verpleeghuizen aangewezen zal zijn? De RMO verwijst daarvoor naar een komend advies van de VROM-raad. De RMO acht overigens voorwaarden in de sfeer van inkomen, sociale infrastructuur, bereikbaarheid en toegankelijkheid van de woonomgeving in sterke mate bepalend voor het antwoord op die vraag. Bij de planning en bouw van specifieke ouderenwoningen acht de RMO flexibel bouwen belangrijker dan het ontwerpen van specifieke ouderenwoningen. 6. Hoe veel mensen per leeftijdscohort kunnen op de lange en middellange termijn 1 Dit correspondeert volledig met onze bevindingen in de Bloemlezing. Veel sleutelfiguren bedoelen met de volgorde Welzijn, Wonen en Zorg bewust ook een rangorde. 2 Veel te weinig wordt beseft hoe menselijke gedragsalternatieven worden gestuurd door geld. We vonden dat terug in opmerkingen tijdens de Consultatieronde in de trant van: Mensen en dus ook ouderen volgen het geld. Of: Bedrijven gaan in de baan van het geld staan. 3 Vandaar dat ons Eindrapport o.m. als doel kent: De herinrichting van de openbare ruimte heeft nieuwe kansen gecreëerd voor het ontwikkelen van nieuwe concepten voor mobiliteit. Parkstad Limburg heeft een geï ntegreerd openbaar-vervoerconcept, met gratis openbaar vervoer, waarbij alle vervoersmodaliteiten op elkaar zijn afgestemd, ook aansluitend op Duitsland, en richting Maastricht en Hasselt. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 4

5 blijven werken of zullen verschillende soorten welzijnsvoorzieningen en/of financiële ondersteuning nodig hebben? Deze vraag is moeilijk te beantwoorden. Als er meer belemmeringen worden weggenomen om actief te zijn en te blijven, zal het aantal actieve ouderen ook toenemen. Sommigen van hen hebben daarbij ondersteuning nodig in de vorm van aanpassingen van werkplekken of financiële tegemoetkomingen. Actief zijn en ondersteuning krijgen vullen elkaar aan, ze sluiten elkaar niet uit. 7. Hoe kan de betrokkenheid van ouderen worden gegenereerd in een betaalde baan of vrijwilligerswerk? Op dit punt doet de Raad de volgende aanbevelingen (p. 7): Investeer in participatie: in plaats van uitkeringen te koppelen aan inactiviteit, zouden ze als toeslagen aan activiteit gekoppeld kunnen worden. Investeer in volgtijdelijke banen: mensen zouden eerder in hun loopbaan naar een baan kunnen overstappen die ze langer kunnen behouden. De overheid zou de switchkosten kunnen verlagen. Ga de grens van 65 jaar te lijf: zonder de rechten die ingaan op de 65 ste verjaardag te veranderen, zijn er veel mogelijkheden om ouderen ook na hun 65 ste te behouden voor betaalde en onbetaalde activiteiten. Verleng loopbanen: de overheid zou randvoorwaarden kunnen scheppen waardoor mensen hun werk niet in een soort snelle sprint organiseren, maar betaalde en onbetaalde activiteiten gelijkmatiger over hun leven spreiden. Schep voorbeelden: het is van belang dat de overheid bijvoorbeeld in de zorg zelf voorbeelden gaat stimuleren van arbeidsomgevingen waarin ook mensen van boven de 65 jaar werkzaam zijn. 8. Hoe kunnen welzijn en zorg worden onderscheiden ter voorkoming van begripsvervuiling. Hoe kunnen beide begrippen het beste worden gedefinieerd voor een adequate hantering? Hier kiest de Raad weer voor het primaat van Welzijn, gedifinieerd als een goede kwaliteit van leven. Zorg, opgevat als geneeskunde, verpleging en verzorging, kan daaraan een bijdrage leveren. Als beleidsdomein ziet de RMO welzijn als een omvattender begrip dan de huidige welzijnsvoorzieningen. Het gaat om voorwaarden die een goede kwaliteit van leven mogelijk maken. 9. Wat is het belang van sekse en etniciteit voor beleid? Includerend beleid moet ook hier het parool zijn. Dat maakt beleid voor specifieke doelgroepen van ondergeschikt belang. Bepaalde maatschappelijke trends staan echter haaks op includerend beleid, te weten prestatiedrang, het streven naar efficiency en een hoge arbeidsproductiviteit. Zolang includerend beleid nog niet is gerealiseerd, is het nodig om aandacht te houden voor kwetsbare groepen. Vrouwelijke en niet-westerse allochtone ouderen zijn vooral kwetsbaar, omdat zij sociaal-economische achterstanden hebben. 10. Wat betekent dit alles voor het beleid voor de lange en middellange termijn, bijvoorbeeld over tien tot dertig jaar? De RMO voorziet een toekomst waarin de samenleving toegankelijk kan zijn voor praktisch alle ouderen, waarin ouderen gewaardeerde leden van de samenleving kunnen zijn en waarin voor slechts een beperkte groep ouderen in beperkte mate aanvullende voorzieningen hoeven te worden getroffen. Dit is niet het resultaat van een nieuw soort superfitte en zelfredzame ouderen, maar veeleer van een samenleving Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 5

6 die zo kan worden ingericht dat ouderen ook als ze beperkingen hebben gewaardeerd worden en er gemakkelijk in mee kunnen komen. Ten slotte geeft de RMO enkele illustratieve voorbeelden voor includerend denken (p. 24): Creëer een belastingvoordeel voor kleine winkels. De winkels om de hoek leveren ook een bijdrage aan sociale veiligheid en cohesie in de buurt, die voor ouderen weer extra van belang is. Geef belastingvoordelen voor rijdende winkels. Die winkeliers kunnen ook een bijdrage leveren aan een aanspreekpunt, early warning en contact met buren. Stel de arbeidsmarkt open voor oudere werknemers. Door mensen op grote schaal met VUT te sturen, raken ze ook afgesloten van basale mogelijkheden om hun sociale netwerken te vernieuwen en nieuwe bronnen van bestaan, zowel materieel als immaterieel, aan te boren. Bied vrijwilligersorganisaties meer mogelijkheden om ouderen te werven en een zinvolle dagbesteding te bieden voor en door ouderen. Zorg dat het openbaar vervoer toegankelijk en bruikbaar wordt voor iedereen. Bijzonder vervoer voor bijzondere groepen leidt tot bijzonder hoge kosten. Zorg dat (brede) scholen, zorginstellingen, politieposten, gemeentelijke instellingen, postkantoren en kleine bedrijfjes in de wijk aanwezig blijven en zich niet verzamelen op het industrieterrein. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 6

7 Bijlage 2 Mogen ouderen ook meedoen Advies van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling aan het kabinet December 2004 De Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) is de adviesraad van het Kabinet en de Staten-Generaal op het gebied van maatschappelijke participatie en stabiliteit. De RMO adviseert zowel gevraagd als ongevraagd over de hoofdlijnen van beleid. De RMO bestaat uit negen onafhankelijke kroonleden: de heer prof. dr. H.P.M. Adriaansens (voorzitter), mevrouw Y. Koster-Dreese (vice-voorzitter), mevrouw ir. Z.S. Arda, mevrouw prof. dr. J. van Doorne-Huiskes, mevrouw mr. D.A.T. van der Heem-Wagemakers, de heer drs. H.J. Kaiser, de heer prof. dr. W. van Voorden, de heer drs. F. Vos en de heer prof. dr. M. de Winter. De heer dr. K.W.H. van Beek is algemeen secretaris van de Raad. De RMO belicht in dit advies twee belangrijke zaken die naar de mening van de Raad onderbelicht zijn gebleven in het dispuut tussen kabinet en sociale partners over VUT en prepensioen, onderwerpen die in 2004 soms tot harde confrontaties hebben geleid. De Raad vraagt ten eerste aandacht voor onbetaalde activiteiten door ouderen. En in de tweede plaats is de Raad ervan overtuigd dat het overheidsbeleid jegens ouderen veel meer dan tot nu toe het geval is zou moeten aansluiten op dat wat ouderen zelf wensen op het vlak van arbeidsparticipatie. Uit onderzoek dat de Raad heeft laten doen blijken twee zaken (p.6): Ten eerste blijken mensen hun portemonnee te volgen: als we mensen subsidiëren om het arbeidsproces te verlaten, dan doen ze dat ook. Ten tweede blijken mensen allerlei activiteiten te ontwikkelen om toch mee te blijven doen: vrijwilligerswerk, mantelzorg en zelfs betaald werk, terwijl ze voor hetzelfde geld met VUT of (pre)pensioen hadden kunnen gaan. Het totaal van al deze activiteiten die oudere burgers verrichten, blijft echter ver achter bij hun mogelijkheden. Dat is onwenselijk, omdat ouderen die niet door hun netwerk bij de samenleving worden betrokken, al snel achter de geraniums wegkwijnen: een ongezonde situatie voor henzelf en ook niet wenselijk vanuit het perspectief van burgerschap en maatschappelijke participatie. Volgens de RMO is het potentieel aan oudere arbeidskrachten nog grotendeels onbenut. Er is de wil en de potentie om langer door te werken en om meer uren in de week te maken. Om dat te realiseren vraagt de Raad aandacht voor een andere benadering dan gebruikelijk in het vergrijzingsdebat. Namelijk ophouden om de nadruk eenzijdig te leggen op de kosten die ouderen veroorzaken en te zeer focussen op een dwang tot werken. Als men daarmee doorgaat zal het oudere werknemers juist aanzetten om nog meer dan nu de zekerheid van een VUT-uitkering of andere uitkering te verkiezen boven een onzekere toekomst op een voor hen ongunstige arbeidsmarkt. Het zal overigens niet eenvoudig zijn om meer ouderen aan betaalde arbeid te helpen zonder dat dit op andere fronten negatief uitpakt. Op basis van een aantal analyses stelt de Raad dat er een negatieve correlatie is tussen betaalde arbeid en onbetaald Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 7

8 vrijwilligerswerk: hoe meer ouderen betaalde arbeid verrichten hoe minder aandacht overblijft voor onbetaald vrijwilligerswerk. De financiële kant is een probleem apart. Zoals reeds gezegd: geld speelt een zeer belangrijke rol bij de afweging of men wel of niet (door)werkt. Als overheden het vertrek uit de arbeidsmarkt subsidiëren dan volgen mensen dat pad. Ze missen hun VUT of een deel van hun (pre)pensioen als ze blijven doorwerken. Ze zouden wel gek zijn om dat te doen. Als je in Nederland van je 55 ste tot je 65 ste blijft doorwerken wordt gemiddeld 80% van het daarmee verdiende inkomen wegbelast in de vorm van gemiste uittredingsvergoeding. In andere landen ligt dat veel gunstiger als gevolg waarvan de participatiegraad van ouderen daar hoger is. Een van de harde conclusies van de Raad luidt (p. 18): Uit het voorgaande kunnen we concluderen dat er een grotere verscheidenheid aan arbeidswensen en - mogelijkheden onder ouderen bestaat dan wordt verondersteld. Als we de participatie van ouderen in betaalde en onbetaalde activiteiten willen verhogen, ligt het voor de hand hun participatiewensen als uitgangspunt te nemen en daarbij aan te sluiten. Daarom is het buitengewoon ongelukkig dat er de afgelopen jaren een discussie is ontstaan onder de noemer arbeidsdwang voor ouderen. Een concept als arbeidsdwang geeft een vertekend beeld van de maatschappelijke verhoudingen en zet mensen aan om zich af te keren van de samenleving. Het leidt tot gedrag dat indruist tegen de maatschappelijke behoefte aan participerende burgers en ook tegen de persoonlijke wensen van ouderen om deel te nemen aan de maatschappij. Tegelijkertijd liggen in de wensen van ouderen ook veel belemmeringen besloten om te participeren. De Raad beschrijft de noodzaak van een cultuuromslag, wat er moet gebeuren aan de voordelen van non-participatie zodat die kan worden omgezet in arbeidsparticipatie, welke hindernissen moeten worden overwonnen om mensen te laten herintreden of van baan te laten veranderen, welke belemmeringen moeten worden weggenomen voor vrijwilligerswerk, De Raad beveelt daarom aan dat er randvoorwaarden worden geschapen om ouderen in staat te stellen daadwerkelijk invulling te geven aan hun eventuele wens om (langer) aan het arbeidsproces deel te nemen. Tot dat doel doet de Raad vijf aanbevelingen die ook in het andere advies staan (p. 24 e.v.): Participatie subsidiëren Door uitkeringen voor mensen vanaf 50 jaar te koppelen aan de eis van activiteit. De uitkering vormt dan een aanvulling op wat mensen verdienen, met een maximum als ze voltijds onbetaald werk verrichten. door uitkeringsrechten die mensen hebben opgebouwd via een soort clicksysteem geldig te laten blijven (zoals bij de clickfondsen waarin een eenmaal behaalde beurskoers wordt vastgezet), ook als mensen werk accepteren met een lagere beloning. door VUT-regelingen conditioneel te maken aan een activiteit: betaald werk, vrijwilligerswerk of mantelzorg. Betrokkenen krijgen bijvoorbeeld via de fiscus een toeslag op hun inkomen zolang zij kunnen aantonen actief te zijn. door overheid en sociale partners de ontwikkeling van deelpensioenen ter hand te laten nemen. Anders dan bij prepensioenen gaat het er bij deelpensioenen juist om dat mensen blijven werken, zij het vaak in lager betaald werk of in deeltijd. Hun Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 8

9 verdiende inkomen wordt aangevuld met een gedeeltelijke pensioenuitkering. Op deze wijze kunnen zij betaald en onbetaald werk gemakkelijker combineren. door zelfstandig ondernemerschap van ouderen te stimuleren, bijvoorbeeld in de vorm van een bijzondere belastingfaciliteit. Vergelijkbaar met de mogelijkheden om oudere werkenden beter te belonen voor hun inspanningen, zou de overheid kunnen overwegen om het vrijwilligerswerk financieel te ondersteunen. Niet zozeer het werk zelf als wel de infrastructuur van het vrijwilligerswerk wordt dan ondersteund. Dit kan gefinancierd worden uit hogere belastingopbrengsten of lagere uitgaven; uitvloeisel van een hogere deelname van ouderen aan betaald werk. Die worden op deze wijze teruggegeven aan de samenleving in de vorm van een extra bijdrage aan vrijwilligersorganisaties. Zo zouden generieke extra belastingfaciliteiten voor vrijwilligersorganisaties gecreëerd kunnen worden. De infrastructuur die het vrijwilligerswerk via vrijwilligersbanken, campagnes en dergelijke faciliteert, zou financieel ondersteund kunnen worden. De toegankelijkheid van vrijwilligerswerk voor ouderen zou verbeterd kunnen worden door subsidies voor werkplekaanpassingen voor mensen met beperkingen ook open te stellen voor vrijwilligerswerk. Investeren in volgtijdelijke banen Het belangrijkste signaal uit de voorgaande hoofdstukken is de constatering dat veel oudere werknemers wel willen blijven werken, maar niet in de functie die ze al zo lang vervullen. Belemmeringen om gedurende een carrière of op oudere leeftijd nog van baan te veranderen, moeten verdwijnen. Als bedrijven met gemotiveerde mensen aan de slag willen en hun scholing willen geven, dan komt dit op den duur de werkgelegenheid ten goede. Een tweede of derde carrière moet daarom financieel geen onaantrekkelijk perspectief zijn. Dat geldt vooral voor mensen met een lage opleiding, waaronder een toenemend aantal niet-westerse allochtonen. Nu brengt een carrièreswitch meestal vooral kosten met zich mee. Voorbeelden in de voorgaande paragraaf als een clicksysteem voor uitkeringsrechten en deelpensioenen tonen echter aan dat er meer mogelijkheden zijn voor mensen om van baan te wisselen. Deze voorbeelden zouden door de overheid als good practices kunnen worden uitgedragen. Als mensen langer willen blijven werken, zullen ze eerder uitzien naar werk waarin dat mogelijk is. In plaats van tot pakweg halverwege de vijftig bij dezelfde werkgever te blijven, bepleit de RMO dat het gebruikelijk wordt dat mensen eerder in het leven een nieuwe carrière starten die zij vervolgens langer vol kunnen houden. Dit betekent dat mensen gedurende hun carrière extra mogelijkheden moeten zoeken voor omscholing. De overheid zou hiervoor financiële middelen kunnen creëren, bijvoorbeeld in de vorm van een speciale leenfaciliteit voor volwassenen. Ook is het mogelijk hierover in CAO s afspraken te maken en daarvoor gelden te reserveren in de opleiding- en ontwikkelingfondsen per bedrijfstak. Nog een mogelijkheid zou zijn om in de levensloopregeling een extra studiekostenfaciliteit in te bouwen. Die mogelijkheid heeft echter het nadeel dat omscholing hiermee een volledig individuele aangelegenheid wordt, terwijl hier een collectief belang in het geding is. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 9

10 De leeftijdsgrens van 65 jaar te lijf gaan Voor mensen die actief willen en kunnen blijven, zou de generieke leeftijdsgrens van 65 jaar niet langer een belemmering moeten vormen. Zoals Karel Appel niet op zijn 65ste verjaardag stopte met schilderen, zo kan menig ander ook rustig tot op hoge leeftijd blijven doorwerken als hij of zij dat wil. Doorwerken na het 65ste jaar is nu ook al mogelijk, zij het dat de meeste mensen met aantrekkelijke uittredingsregelingen al ver voor die tijd de arbeidsmarkt de rug toe hebben gekeerd en dan maar hoogst zelden na hun 65ste weer terugkeren. Er zijn echter allerlei mogelijkheden om de rechten van 65-plussers intact te laten (zoals AOW en pensioen) en toch hun mogelijkheden tot werken te vergroten. Voorbeelden van initiatieven om de 65-jaargrens meer doorlatend te maken, zijn: Ontslag wegens de 65ste verjaardag afschaffen. CAO-bepalingen waarin de 65ste verjaardag als ontslaggrond wordt vermeld, zouden kunnen worden geschrapt. De facto blijft het zo dat mensen na hun 65ste geen ontslagbescherming meer genieten, maar het automatisme van ontslag wegens de 65ste verjaardag zal zo wel ter discussie komen te staan. Aangepast arbeidsrecht voor 65-plussers. Werkenden ouder dan 65 jaar bevinden zich arbeidsrechtelijk in een soort niemandsland, wat betekent dat hun het eerste het beste griepje hun plek kan kosten. Onderzocht zou moeten worden of aanvullende bepalingen voor werkenden ouder dan 65 jaar de huidige situatie zodanig zouden kunnen veranderen dat deze voor werkgevers en werknemers aantrekkelijker wordt. Lagere loonschalen voor 65-plussers. In CAO s zouden aparte lagere loonschalen gedefinieerd kunnen worden voor 65-plussers, zodat zij meer mogelijkheden krijgen om betaald werk te verrichten. Om niet in strijd te geraken met het verbod op leeftijdsdiscriminatie zou het al een hele stap zijn om brutoloonschalen te corrigeren voor het feit dat 65-plussers minder belastingen en premies betalen. Voor mensen met een laag pensioen en/of een slechts gedeeltelijk opgebouwde AOW (voornamelijk allochtonen) schept dit nieuwe mogelijkheden om hun inkomen aan te vullen. Loopbaan verlengen De aanbevelingen van de RMO passen in een toekomstbeeld waarin mensen hun betaalde en onbetaalde activiteiten gelijkmatiger over hun gehele leven weten te spreiden. Hierin past het om in een veel eerder stadium expliciet ruimte in te bouwen voor activiteiten buiten het betaalde werk. Bovendien slijten mensen nogal als ze te hard werken. Daarom ziet de Raad als een logisch onderdeel van een beleid gericht op langere carrières dat die carrières onderweg ook beter vol te houden zijn. De Raad stelt twee interventies voor: de werkweek niet verlengen, maar eerder kortere werkweken creëren bij een gelijkblijvende bedrijfstijd. Langere werkweken zouden de mogelijkheden voor mensen onder druk zetten om hun loopbanen langer vol te houden. de kinderopvang verbeteren. Hierdoor kunnen mensen in het spitsuur van hun leven de drukte wat beter aan. Zij houden daarmee mogelijkheden over om hun loopbanen te verlengen. Voorbeelden scheppen Volgens professor Knipscheer, hoogleraar sociale gerontologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, is het belangrijk dat de overheid gaat investeren in voorbeeldprojecten. Knipscheer lanceerde in een expertmeeting van de RMO het idee van een verzorgingstehuis waarin niet alleen de verzorgden, maar vooral ook de verzorgers zelf ouderen zijn. Hierop voortbouwend zou de overheid ook andere Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 10

11 projecten kunnen (helpen) scheppen waarin ervaring wordt opgedaan met een verlengde arbeidscarrière. Zo ervaren ouderen het soms als ongemakkelijk als zij in bepaalde winkels alleen door heel jonge verkopers kunnen worden geholpen. Inzet van ouder personeel kan hierbij uitkomst bieden. Belangrijk is dan ook dat de overheid het goede voorbeeld geeft en haar oudere werknemers in nieuwe functies inzet, in plaats van ze met een aantrekkelijk prepensioen weg te sturen. Tot zover het advies van de RMO aan het kabinet over vergroting van de inzetbaarheid van senioren in de economie. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 11

12 Bijlage 3 Primaire demografische gegegevens over Parkstad Limburg Bevolkingsdaling Aantal inwoners Aantal = Nederland Het aantal inwoners daalt in Parkstad Limburg veel eerder en veel meer dan landelijk. Het daalt in de komende 10 jaar met en in de komende 30 jaar met Om bevolkingsdaling te voorkomen zouden er dus per saldo evenveel migranten moeten komen. Vergelijk verder de volgende ontwikkeling op het vlak van bevolkingsdaling: In Parkstad Limburg is de daling 1997 begonnen. In de provincie Limburg daalt de bevolking sinds In Nederland begint de onomkeerbare daling rond In het Europa van de vijftien binnen 20 jaar. In het Europa van de vijfentwintig binnen 10 jaar. In Europa als werelddeel (47 landen inclusief Rusland) vanaf En mondiaal tussen 2050 en Vruchtbaarheid: gemiddeld aantal kinderen dat een vrouw in haar leven krijgt Aantal dat nodig is om aantal 2,1 100 inwoners niet te laten dalen Nederland 1,7 81 Parkstad Limburg 1,5 71 De vruchtbaarheid ligt in Parkstad Limburg ongeveer 1/10 lager dan landelijk. Bij 1,2 halveert de bevolking in 35 jaar. Vergelijk verder: als vruchtbaarheid 1,1 dan halvering bevolking in 32,4 jaar, als vruchtbaarheid 1,3 dan halvering bevolking in 44,3 jaar, als vruchtbaarheid 1,5 dan halvering bevolking in 64,7 jaar. Ontgroening Aantal jongeren Aantal 0-14 jaar = Nederland Het aantal jongeren daalt in Parkstad Limburg veel meer dan landelijk. Aandeel 0-14 jaar in percentages Parkstad Limburg 16,6% 15,1 13,1 12,5 Nederland 18,4 18,5 17,0 16,6 Het percentage jongeren daalt in Parkstad Limburg veel meer dan landelijk. Van alle 22 stadsgewesten in Nederland is Parkstad Limburg (plus Nuth) nu de meest ontgroenende WGR-regio, gevolgd door de regio s Maastricht en Sittard/Geleen. Vergrijzing Aantal ouderen Aantal 65 en ouder = Nederland Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 12

13 Het aantal ouderen in Parkstad Limburg is hoog en stijgt veel, maar omdat het al zo hoog is stijgt het niet meer zo snel als landelijk. Aandeel 65 en ouder in percentages Parkstad Limburg 15.1% 17,4 31,8 Nederland 13,2 14,0 23,3 Het percentage ouderen wordt in Parkstad Limburg ruim 1/3 hoger dan landelijk. Van alle 22 gewesten in Nederland is Parkstad Limburg (plus Nuth) nu de meest vergrijsde WGR-regio, gevolgd door de regio s Maastricht en Haarlem. Woningen Woningen per Aantal Het aantal woningen in Parkstad Limburg is in 2003 gedaald. Dit is mogelijk het begin van een blijvende daling. Het aantal woningen voor ouderen moet wel nog groeien. De woningvoorraad moet ook vernieuwd en aangepast worden aan de huidige eisen van comfort, veiligheid en leefmilieu, Arbeidsmarkt Beroepsdeelneming (bruto) gemiddeld over 2001, 2002 en 2003 Totaal Mannen Vrouwen Parkstad Limburg 63% Nederland (Bruto beroepsdeelneming is het aantal personen dat werkt of wil werken in % van de bevolking van jaar). De beroepsdeelneming is in Parkstad Limburg lager dan landelijk, vooral bij vrouwen, maar ook bij mannen. Van de 22 stadsgewesten heeft Parkstad Limburg (plus Nuth) de laagste beroepsdeelneming, met name bij vrouwen. Het aantal inwoners van jaar daalt zo snel dat de beroepsbevolking niet of nauwelijks meer groeit ondanks de (extra) stijging van de beroepsdeel-neming. De daling van de beroepsbevolking gaat hier binnenkort beginnen. Er zijn nog wel veel werklozen die een arbeidsplaats willen. Imago Parkstad Limburg zal de positieve aspecten van vergrijzing (bloeiende economiemet innoverende producten en diensten voor ouderen) moeten benadrukken om een negatief imago te vermijden. Voorbeeldregio/proefregio Parkstad Limburg kan een voorbeeldregio/proefregio zijn voor beleid dat inspeelt op bevolkingsdaling. Steeds meer gebieden in Nederland zullen worden geconfronteerd met bevolkingsdaling. De beleidservaringen (successen zowel als mislukkingen) in Parkstad Limburg kunnen dan elders in Nederland worden gebruikt. Het is niet zo dat dat PL Europees voorop loopt. Er zijn in Europa (veel) meer regio s van dergelijke schaal/omvang met bevolkingsdaling die (vaak/soms) al eerder begonnen is. Vaak zijn dat echter ontwikkelingen die geheel andere oorzaken (en gevolgen) hebben zoals in Oost-Europa, Demografische druk Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 13

14 Aantal inwoners 0-14 jaar plus 65 e.o. per 100 inwoners van als indicatie voor de verhouding niet-actieven en actieven Parkstad Limburg 4,6% 4,8 5,2 8,0 Nederland 4,6 4,8 5,1 6,6 De demografische druk is in PL nu nog niet hoger dan landelijk wegens geringe % jongeren. De druk stijgt echter duidelijk meer dan landelijk door sterke stijging % ouderen. Volgens huidige prognose heeft PL in inwoners van Gegeven het aantal 0-14 jarigen en 65+ zouden dat er moeten zijn om de demografische druk even groot te laten zijn als in Dat is dus meer dan volgens de prognose. Migranten van jaar hebben of krijgen ook kinderen en worden na enige tijd ook ouder dan 65 jaar. De senior als consument Het aantal 65-plussers stijgt in Parkstad Limburg in de komende 30 jaar met ongeveer 50%. Veronderstel dat alle huidige en alle toekomstige 65-plussers een minimum besteedbaar inkomen hebben. Dan stijgt de consumptie van goederen en diensten door ouderen in de komende 30 jaar met 50%. Echter, minstens een deel van de toekomstige ouderen zal meer te besteden hebben dan de huidige ouderen. Ze hebben steeds vaker meer pensioen dan AOW en ze zullen steeds vaker hun opgebouwde vermogen opmaken in plaats van aan de kinderen te geven. De consumptie van ouderen zal dus met (veel) meer dan 50% stijgen in Parkstad Limburg. Overigens is de consumptie van goederen en diensten door ouderen voor een deel niet afhankelijk van hun inkomen. Via AWBZ en ziektekostenverzekering, waarvoor met name ook niet-ouderen premie betalen, wordt extra aan de ouderen besteed. Voor de regio is het onbelangrijk waar het geld vandaan komt, als het maar in de regio besteed wordt. Een hoog aandeel van ouderen is een regionale bron van inkomsten. Nu werkt in Limburg 16% van de beroepsbevolking in de zorg. Door de vergrijzing kan dat oplopen naar 27% rond 2040, het hoogste percentage van alle provincies. Bevolkingsontwikkeling per stadsgewest Het CBS onderscheidt een gebiedsindeling van Nederland in 22 stadsgewesten. Het stadsgewest Heerlen omvat Parkstad Limburg plus Nuth, vandaar dat hierboven enkele malen bij een stadsgewestelijke vergelijking ook Nuth is meegenomen. Dit stadsgewest Heerlen is het eerste met een dalend aantal inwoners. Inmiddels heeft die daling ook ingezet in de stadsgewesten Maastricht en Sittard/Geleen, maar is daar veel beperkter. Procentuele groei van het aantal inwoners gemiddeld over 2001, 2002 en 2003: De 5 stadsgewesten met hoogste groei: Utrecht 1,4%, Amsterdam 1,2%, Zwolle 0,9%, Amersfoort 0,9%, Den Haag 0,9%. De 3 stadsgewesten met de laagste groei: Leiden 0,3%, Haarlem 0,1%, Sittard/Geleen -0,1%, Maastricht -0,1% en Heerlen -0,7%. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 14

15 Bijlage 4 Facing The Challenge, The Lisbon Strategy for growth and employment Zeer beknopt volgen hieronder enkele noties uit dit rapport van november 2004, van de High Level Group onder leiding van Wim Kok. In maart 2004 stelde de Europese Raad deze groep in met de opdracht een onderzoek te doen naar de benodigde maatregelen voor een consistente strategie om de Europese economieën op het niveau te brengen van de zogeheten Lissabondoelen. Die doelen luiden als volgt: Europe to become by 2010 the most dynamic and competitive knowledge-based economy in the world capable of sustainable economic growth with more and better jobs and greater social cohesion, and respect for the environment. De High Level Group stelt vast dat anno 2004 dit proces nog maar nauwelijks op gang is gekomen. De vrees bestaat dat 2010 niet wordt gehaald. Oorzaken: een overladen Europese agenda, slechte coördinatie, conflicterende prioriteiten en gebrek aan vastberaden politieke actie. Als de Lissabondoelen van economische groei en werkgelegenheid gehaald moeten worden dan vereist dat actie van alle partijen 4. Opnieuw wijst de Group op de verbondenheid tussen de elementen van de Lissabonstrategie. Meer economische groei en meer werkgelegenheid zijn randvoorwaarden voor duurzame sociale cohesie 5 en een duurzaam milieu. Omgekeerd kunnen de twee laatste op hun beurt weer bijdragen aan meer groei en banen. Voor Europa is het noodzakelijk om de werkgelegenheid en de productiviteit te laten groeien door middel van een grote hoeveelheid hervormingen. Een integrale aanpak 6 is daarbij geboden. Singuliere acties zullen geen groei van de economie en van banen opleveren. Alleen door de koppeling van series initiatieven en veranderingen ontstaat de beoogde toegevoegde waarde. De High Level Group beveelt nieuwe acties aan op vijf terreinen: The knowledge society: het verhogen van Europa s aantrekkelijkheid voor onderzoekers en wetenschappers, het toewerken naar R&D als topprioriteit en het bevorderen van het gebruik van informatie en communicatie technologieën. 4 Die bijzondere nadruk op alle is de motivatie van Parkstad Limburg om zonder veel schroom te stellen dat het aan het bereiken van die doelen een bijdrage wil leveren. Uiteraard binnen het beperkte politieke raamwerk van de regio en met de immer beperkte middelen, maar toch. Alle slaat op iedereen, en dus niet op anderen dan wijzelf. 5 Verhoogde aandacht voor sociale cohesie in Europa is nodig om te voorkomen dat Europa afglijdt naar een tribal society, een gespleten samenleving met naast haves vooral ook have-nots. Aldus Koen Hehenkamp, voormalig burgemeester van Uden in Beproef 2030, 4 toekomstscenario s in perspectief, Essent NV juni 2004, p. 28 in een pleidooi dat de overheid weer oog heeft voor individuele burgers, voor warmte en herbergzaamheid, en dat alleen de lokale overheden daartoe in staat zijn. 6 Om die reden is het van het hoogste belang dat Parkstad Limburg vasthoudt aan de manier waarop het tot stand is gekomen: integraal. Die integraliteit moet koste wat kost ook in de uitvoering bewaakt en bewaard blijven. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 15

16 The internal market: afronding van de interne markt voor het vrije verkeer van goederen en kapitalen, en een urgente actie om één markt te creëren voor diensten. The labour market: snelle levering van de aanbevelingen van de European Emplyment Taskforce, het ontwerpen van strategieën voor een levenlang leren en actieve vergrijzing (d.i. tijdens het vergrijzen toch nog economisch actief blijven). Environmental sustainability: het spreiden van ecologische innovaties en het creëren van leiderschap in de eco-industrie, het opzetten van beleid dat leidt tot lange-termijn en duurzame verbeteringen in de productiviteit door eco-efficiency. Individuele lidstaten hebben hier en daar vooruitgang geboekt op deze vijf terreinen, maar van een doorbraak is nog geen sprake. Als Europa zijn 2010-doelen wil halen moeten er bepaald een paar tandjes worden bijgezet. Daarvoor is nodig dat elke lidstaat voor zichzelf, en in nauwe samenwerking met de andere, specifieke strategieën ontwerpt die voldoen aan drie voorwaarden: Meer samenhang en consistentie tussen beleid en participanten. Het verbeteren van het proces dat moet leiden tot resultaten door nationale parlementen en sociale partners beter hierbij te betrekken. Een meer heldere communicatie over de doelen en resultaten. Het bevat een grote hoeveelheid acties die aan deze abstracte bewoordingen van de High Level Group beantwoorden. Zie daarvoor de schema s met doelen en acties. Maar kijk vooral ook naar DEEL II dat zo gespecificeerd mogelijk uitlegt welk resultaat wordt beoogd met welke actie. We nemen er eentje uit, te weten doel 1.2: Minstens 70% van de potentiële beroepsbevolking participeert daadwerkelijk in het arbeidsproces. De High Level Group besteedt aandacht aan een van deze Lissabondoelen. Het is belangrijk om daarbij aan te tekenen dat die 70%, waar ook dit project voor gaat, in wezen alleen slaat op de werkenden in algemene zin. Voor vrouwen is de target in 2010 iets meer dan 60% en voor ouderen tussen minstens 50% deelname aan het arbeidsproces. Zie daarvoor ook de acties bij doel 1.2 in DEEL II. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 16

17 Bijlage Parkstad Limburg, testing ground voor innovatieve producten en diensten Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Testing Ground Beschrijving van de situatie Parkstad is in Nederland koploper in het proces van vergrijzing. Sedert jaren wijkt de demografische ontwikkeling van het gebied in ongunstige zin af, zowel van de situatie in Limburg als in geheel Nederland. Een verklaring van het ontstaan van deze situatie en een beschrijving van de te verwachten ontwikkelingen op dit terrein vallen buiten het bestek van deze situatie. Het is algemeen bekend dat het proces van vergrijzing een bedreiging vormt voor het economische draagvlak. Deze notitie beoogt daarentegen de vraagstelling aan de orde te stellen of er aan de vergrijzing ook kansen verbonden zijn. De vraagstelling In het kader van een brede zoektocht naar ontwikkelingsmogelijkheden voor Parkstad wordt de vraag gesteld of de aanwezigheid van een naar verhouding grote groep ouderen kansen biedt. Zijn er voorwaarden aanwezig om het gebied tot een testing ground voor innovatieve ontwikkelingen op het gebied van beleid, voorzieningen en activiteiten van en voor ouderen te maken? Zou er eventueel een center of excellence kunnen ontstaan? Noodzakelijke nadere analyse Om de gestelde vraag te kunnen beantwoorden is een meer gespecificeerd inzicht nodig in de kenmerken van de doelgroep. Gedacht kan worden aan de volgende, deels met elkaar samenhangende en elkaar overlappende, aspecten: 1. Opsplitsing van de doelgroep in verschillende leeftijdscategorieën, aangezien de mogelijkheden en behoeften van een zestigjarige essentieel (kunnen ) verschillen van die van een tachtigjarige. 2. Inzicht in de daadwerkelijke mogelijkheden en behoeften, waarbij niet alleen naar de actuele situatie gekeken wordt, maar ook naar de potentiële. Immers een goed vorm gegeven aanbod kan ook een vraag oproepen. 3. Inzicht in de economische mogelijkheden van de doelgroep: vermogende ouderen bieden meer mogelijkheden dan minder draagkrachtigen. 4. Inzicht in de gezondheidssituatie: ouderen die mobiel en vitaal zijn vormen, voor activiteiten buitenshuis een beter draagvlak dan aan bed of huis gekluisterde mensen. 5. Inzicht in het opleidingsniveau: sociale en culturele behoeften en interesses verschillen enorm afhankelijk van de genoten opleiding en eventuele opgedane (beroeps)praktijk. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 17

18 6. Samenvattend: het zou onjuist zijn om in algemene termen over de ouderen te spreken en daar een beleid op te baseren. Differentiatie van de vraagstelling De gezochte kansen kunnen liggen op verschillende terreinen. Voor elk van deze terreinen moeten de relevante aspecten, randvoorwaarden en opties nader bestudeerd worden. Gedacht kan worden aan de volgende mogelijkheden: 1. Voorzieningen op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Ontwikkeling van een leefomgeving waarin een aantal welzijnsaspecten geï ntegreerd aanwezig zijn. Denk bijvoorbeeld aan het in de wijk terugbrengen van aanlooppunten voor de eerste dagelijkse levensbehoeften, zowel qua voedingsmiddelen, alsook op het terrein van gezondheidszorg (fysiotherapie e.d.), financiële (verzekeringen en banken) en administratieve aangelegenheden (overheden). 2. Bevordering van de mobiliteit, zowel in de vorm van vervoerssystemen alsook via hulpmiddelen (rollators, rolstoelen e.d.). Fine tuning in deze van vraag en aanbod. Onderzoek naar kostenreducties (meer flexibiliteit en hergebruik). Aansluiting zoeken bij de potenties van het Revalidatiecentrum Hoensbroek! 3. Activeren van mantelzorg en zelfhulp, waaronder collectieve woongroepen en oproep- en wisseldiensten. Houd ouderen vitaal door hen iets te laten doen en verantwoordelijkheid te geven! 4. Onderzoek op het gebied van farmaceutica. Denk aan de overname van Gist Brocades door DSM. 5. Georganiseerde gebruikmaking van de aanwezige expertise van ouderen, die graag behulpzaam willen zijn voor anderen. Denk aan jonge starters, opvang asielzoekers en het brede gebied van het verenigingsleven. 6. Ontwikkeling van technische hulpmiddelen voor in en om het huis. Kijk of de RWTH spin offs kan ontwikkelen, die in het Technologiezentrum Herzogenrath ontwikkeld kunnen worden. Noodzakelijke randvoorwaarden voor een kansrijke ontwikkeling Het gegeven alleen van de aanwezige vergrijzing in Parkstad vormt een onvoldoende basis voor het oppakken van kansen voor een op ouderen gerichte ontwikkeling. Om kansen om te zetten in feiten moet op zijn minst aan de volgende voorwaarden voldaan zijn: 1. De wil van de regio om beleidsmatige en financiële middelen in te zetten. 2. Een organisatorische infrastructuur van ouderenorganisaties om de rol van de ouderen als klant, maar zeker ook als bedenker en ontwikkelaar vorm en inhoud te geven. 3. Een aantal gezaghebbende kartrekkers, die ook landelijk en over de grenzen in de Euregio deuren weten open te krijgen. 4. Voldoende aanknopingspunten bij bedrijven voor eventuele technische ontwikkelingen en bij instellingen en organisaties in de zorg en op het gebied van het wonen om nieuwe zorg- en woonarrangementen mee vorm te geven. Een nieuwe visie en een nieuw elan Beleid voor ouderen en economische activiteiten in wat men de seniorenindustrie zou kunnen noemen zijn niet van vandaag of gisteren. Wil Parkstad dus de aandacht Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 18

19 trekken, dan zal er sprake moeten zijn van een sterk innovatief karakter van de aanpak. Dat kan liggen op technisch gebied, maar ook op sociologisch of psychologisch gebied. Misschien zijn die twee laatste opties nog het meest kansrijk, aangezien onduidelijk is of de technologische infrastructuur van Parkstad voldoende sterk is voor concurrerende innovaties. Sociologisch en psychologisch zou nu eindelijk eens creatief gezocht moeten worden naar modellen waarin ouderen niet als zielig, afhankelijk en uitgerangeerd beschouwd worden, maar als volwaardige mensen, die vele talenten en potenties in huis hebben. Hierbij zouden de volgende uitgangspunten gekozen kunnen worden: 1. Neem de ouderen als uitgangspunt. Laat hun vertegenwoordigers een belangrijke rol spelen, zowel in het aandragen van ideeën als in de implementatie ervan. Dus een omslag van voor ouderen naar van, voor en door ouderen. 2. Specificeer in de analyses, maar kies voor de oplossing van problemen of het scheppen van nieuwe leefomstandigheden een geïntegreerde benadering. Analyse past wellicht beter bij de jeugd en synthese is meer een kenmerk van de ouderdom. Het welbevinden van ouderen is in hun eigen beoordeling een samenhangend geheel. Beleid en maatregelen voor ouderen zouden een holistisch karakter moeten hebben. Dus een omslag van oma krijgt nieuwe steunkousen naar oma voelt zich gewaardeerd en prettig. Eerste beantwoording van de vraagstelling In het voorafgaande is een aantal aspecten naar voren gebracht, dat nader onderzoek behoeft alvorens de vraagstelling definitief beantwoord kan worden. Voorlopig kan gesteld worden dat de koploperpositie van Parkstad op het gebied van vergrijzing in principe deze regio geschikt maakt als testing ground voor innovatief ouderenbeleid. Of er ook voldoende basis is voor een technisch gericht center of excellence moet, gelet op de vermoedelijk te zwakke relevante infrastructuur en de betere mogelijkheden elders (regio Eindhoven) betwijfeld worden. Wellicht dat een aanpak met lijnen naar de regio Aken (RWTH) wel kansen op succes biedt. Het idee bestaat dat het afglijden van vele ouderen naar de marge van de samenleving eerder met sociologische en psychologische aspecten te maken heeft dan met technische tekortkomingen. Daar zou dus de meest ingrijpende innovatie gezocht moeten worden. Het oprichten van een onderzoeks- en brainstormcentrum, waar ouderen (en hun organisaties) systematisch bezig zijn om actuele en potentiële opties voor de verbetering van hun persoonlijke en maatschappelijke positie te toetsen aan hun eigen wensen en mogelijkheden zou daarom wellicht zo innovatief kunnen zijn, dat de term center of excellence op zijn plaats is. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 19

20 Bijlage Recreatie en toerisme zijn een integraal onderdeel van economische ontwikkelingsprogramma s Bijlage A: Probleemanalyse Expert Meeting Recreatie en Toerisme Situatieschets Welke generaties betreden de toeristische markt? We kunnen drie generaties onderscheiden, met de volgende kenmerken: Welvaartgeneratie (nu jonger dan 49 jaar): hoger opgeleid - gericht op fun. Opbouwgeneratie (nu 49 tot 74 jaar): zorgzaam - minder sociaal georiënteerd. Crisisgeneratie: nu 75 jaar of ouder: sterk op andere mensen gericht. Welke fasen onderscheiden we in het (toeristisch) gedrag van ouderen? Het (toeristische) gedrag van ouderen is onder te verdelen naar vier fasen. In de eerste fase gaan de kinderen niet meer mee en worden er plotseling keuzen gemaakt zonder invloed van de kinderen. Fase twee begint wanneer er wordt gestopt met werken; de factor tijd (vrije dagen te over) telt ineens op een geheel andere manier mee. De derde en vierde fase beï nvloeden het seniorengedrag wisselend, omdat het gaat om respectievelijk ziektes en het wegvallen van de partner. Fase drie betekent in veel gevallen niet op pad gaan, terwijl de laatste fase soms betekent dat iemand even niet en daarna als een soort vrijgezel activiteiten onderneemt. Welke ontwikkelingen springen in het oog? Als meest in het oogspringende ontwikkelingen kunnen worden genoemd: Naar verwachting zijn Nederlandse 55-plussers in 2005 goed voor 6,7 miljoen vakanties in eigen land. Naar verwachting zijn buitenlandse senioren in 2005 goed voor 1,6 miljoen vakanties in ons land. 7 Samen zijn die groepen goed voor 30% van alle vakanties in ons land. Mensen van 65 jaar of ouder kiezen slechts in 10% van de gevallen voor Limburg als binnenlandse vakantiebestemming. Voor mensen tussen 50 en 64 jaar ligt dat percentage nog lager. Wereldwijd stijgt het aantal senioren met 15% per jaar. De komende 10 jaar stijgt in ons land het aantal mensen dat met pensioen gaat aanzienlijk. 8 Dat zijn vooral mensen uit de welvaartsgeneratie. Ook ouderen staan zeer open voor productvernieuwing. Altijd naar dezelfde bestemming gaan, gaat niet meer op. Ouderen zijn zelfstandiger geworden, en verlangen meer flexibiliteit en individualiteit tijdens hun vakantie. Ouderen willen in de communicatie serieus benaderd worden; dus geen tachtigjarige op skates. 7 Belangrijkste herkomstlanden: Nordrheinland Westfalen, Vlaanderen en Brussel, Groot-Parijs en Zuid- Oost Engeland. Verder weggelegen herkomstlanden als overig Frankrijk, overig Duitsland en overig Engeland laten een forse groei zien. 8 Gevolgen van overheidsmaatregelen rondom prepensioen zijn hier buiten beschouwing gelaten. Concept DEEL IV Bijlagen 09jan05 20

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 729 Evaluatie Wet inkomensvoorziening oudere werklozen Nr. 1 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

2.1 De keuze tussen werk en vrije tijd

2.1 De keuze tussen werk en vrije tijd 2.1 De keuze tussen werk en vrije tijd Mensen moeten steeds de keuze maken tussen werken en vrije tijd: 1. Werken * Je ontvangt loon in ruil voor je arbeid; * Langer werken geeft meer loon (en dus kun

Nadere informatie

solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd?

solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd? Bijdrage prof. dr. Kees Goudswaard / 49 Financiering van de AOW: solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd? Deze vraag staat centraal in de bij drage van bijzonder hoogleraar Sociale zekerheid prof.

Nadere informatie

Einde in zicht voor de VUT

Einde in zicht voor de VUT Einde in zicht voor de VUT 11 0 Drs. J.L. Gebraad en mw. T.R. Pfaff Publicatiedatum CBS-website: 1 september 2011 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig cijfer ** =

Nadere informatie

Doorwerken na 65 jaar

Doorwerken na 65 jaar CvA-notitie februari 2008 Doorwerken na 65 jaar De levensverwachting en het gemiddelde aantal gezonde jaren na het bereiken van de 65-jarige leeftijd is toegenomen. Een groeiende groep ouderen heeft behoefte

Nadere informatie

Alleen maar Winnaars

Alleen maar Winnaars Alleen maar Winnaars 55-plussers aan de slag Projectvoorstel gericht op een vergroting van de arbeidsinzet van oudere werkzoekenden Samenwerkingsproject VBOB 1, Paladijn en UWV juni 2013 Robert Tops Mat

Nadere informatie

Hoofdstuk 12. Arbeidsmarkt

Hoofdstuk 12. Arbeidsmarkt Hoofdstuk 12. Arbeidsmarkt Samenvatting De potentiële beroepsbevolking wordt gedefinieerd als alle inwoners van 15-64 jaar en bestaat uit ruim 86.000 Leidenaren. Van hen verricht 7-74% betaald werk voor

Nadere informatie

Arbeidsaanbod naar sociaaldemografische kenmerken

Arbeidsaanbod naar sociaaldemografische kenmerken CPB Memorandum Sector : Arbeidsmarkt en Welvaartsstaat Afdeling/Project : Arbeid Samensteller(s) : Rob Euwals, Daniël van Vuuren, Adri den Ouden, Janneke Rijn Nummer : 171 Datum : 12 december 26 Arbeidsaanbod

Nadere informatie

Een brug naar de toekomst PCOB manifest heeft oog voor solidariteit tussen generaties

Een brug naar de toekomst PCOB manifest heeft oog voor solidariteit tussen generaties Een brug naar de toekomst PCOB manifest heeft oog voor solidariteit tussen generaties Inleiding De huidige financiële en economische crisis maakt pijnlijk duidelijk dat de houdbaarheid van de overheidsfinanciën

Nadere informatie

Hoofdstuk 13. Arbeidsmarkt

Hoofdstuk 13. Arbeidsmarkt Hoofdstuk 13. Arbeidsmarkt Samenvatting De potentiële beroepsbevolking wordt gedefinieerd als alle inwoners van 15-64 jaar en bestaat uit ruim 86.000 Leidenaren. Van hen verricht ruim zeven op de tien

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Werk > flexibelere arbeidsmarkt > verminderen bureaucratie > betere kansen voor startende (jonge) ondernemers Werk Algemeen Op dit moment hebben mensen die langs de kant staan te weinig kans

Nadere informatie

6. Vergrijzing in Noord-Nederland

6. Vergrijzing in Noord-Nederland 6. Vergrijzing in Noord-Nederland De komende jaren zal de gemiddelde leeftijd van de Nederlandse bevolking sterk stijgen. Er worden minder kinderen geboren dan vroeger en onder invloed van stijgende welvaart

Nadere informatie

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020

SOCIAAL PERSPECTIEF. sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 SOCIAAL PERSPECTIEF sociale structuurvisie Zaanstad 2009-2020 De sociale ambitie: Zaanstad manifesteert zich binnen de metropoolregio Amsterdam

Nadere informatie

VUT-fondsen op weg naar het einde

VUT-fondsen op weg naar het einde Webartikel 2014 VUT-fondsen op weg naar het einde Drs. J.L. Gebraad mw. T.R. Pfaff 05-03-2013 gepubliceerd op cbs.nl CBS VUT-fondsen op weg naar het einde 3 Inhoud 1. Minder VUT-fondsen in 2012 5 2. Kortlopende

Nadere informatie

Pensioenaanspraken in beeld

Pensioenaanspraken in beeld Pensioenaanspraken in beeld Deel 1: aanspraken naar geslacht en burgerlijke staat Elisabeth Eenkhoorn, Annelie Hakkenes-Tuinman en Marije vandegrift bouwen minder pensioen op via een werkgever dan mannen.

Nadere informatie

Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025

Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025 Persbericht PB13 062 1 oktober 2013 9:30 uur Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025 Tussen 2012 en 2025 groeit de bevolking van Nederland met rond 650 duizend tot 17,4 miljoen

Nadere informatie

Vrouwen op de arbeidsmarkt

Vrouwen op de arbeidsmarkt op de arbeidsmarkt Johan van der Valk Annemarie Boelens De arbeidsdeelname van vrouwen lag in 23 op 55 procent. De arbeidsdeelname van vrouwen stijgt al jaren. Deze toename komt de laatste jaren bijna

Nadere informatie

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut.

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. ONDERZOEKSRAPPORT Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. Introductie In het Human Capital 2015 report dat het World

Nadere informatie

Samen voor een sociale stad

Samen voor een sociale stad Samen voor een sociale stad 2015-2018 Samen werken we aan een sociaal en leefbaar Almere waar iedereen naar vermogen meedoet 2015 Visie VMCA 2015 1 Almere in beweging We staan in Almere voor de uitdaging

Nadere informatie

Voor wie verstandig handelt! Daling personeel

Voor wie verstandig handelt! Daling personeel Daling personeel Trendsamenvatting Naam Definitie Scope Invloed Conclusie Bronnen Daling personeel Het aantal medewerkers dat werkzaam is in de sector / branche zal gemiddeld genomen hoger opgeleid zijn,

Nadere informatie

Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden

Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden In opdracht van: Contactpersoon: CNV De heer P. Hazenbosch Utrecht, mei 2009 DUO MARKET RESEARCH drs. Vincent van Grinsven Henk Westerik

Nadere informatie

Toelichting op de lokale senioren agenda

Toelichting op de lokale senioren agenda Notitie Toelichting op de Lokale Seniorenagenda Kadernota integrale informatie, advies en cliëntondersteuning Toelichting op de lokale senioren agenda 1. Inleiding De lokale seniorenagenda is één van de

Nadere informatie

Zekerheden over een onzeker land

Zekerheden over een onzeker land Zekerheden over een onzeker land Parijs, 27 januari 2012 Paul Schnabel Universiteit Utrecht Demografische feiten 2012-2020 Bevolking 17 miljoen (plus 0,5 miljoen) Jonger dan 20 jaar 3,7 miljoen (min 0,2

Nadere informatie

De gemeenteraad aan zet Wat wilt u weten over de jongeren met een beperking in uw regio?

De gemeenteraad aan zet Wat wilt u weten over de jongeren met een beperking in uw regio? De gemeenteraad aan zet Wat wilt u weten over de jongeren met een beperking in uw regio? Transities sociale domein Gemeenten staan zoals bekend aan de vooravond van drie grote transities: de decentralisatie

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

Leeftijdbewust personeelsbeleid De business case

Leeftijdbewust personeelsbeleid De business case Leeftijdbewust personeelsbeleid De business case Inleiding Binnen de sector ziekenhuizen is leeftijdsbewust personeelsbeleid een relevant thema. De studie RegioMarge 2006, De arbeidsmarkt van verpleegkundigen,

Nadere informatie

Topsectoren. Hoe & Waarom

Topsectoren. Hoe & Waarom Topsectoren Hoe & Waarom 1 Index Waarom de topsectorenaanpak? 3 Wat is het internationale belang? 4 Hoe werken de topsectoren samen? 5 Wat is de rol voor het MKB in de topsectoren? 6 Wat is de rol van

Nadere informatie

Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie

Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie Inleiding Vrijwel elk ontwikkeld land wordt geconfronteerd met een vertraging van de groei of teruggang in zijn bevolking. De Japanse bevolking vergrijst zo

Nadere informatie

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 1 De arbeidsmarkt wordt krapper: alle talent is nodig Evolutie van de vervangingsgraad (verhouding 15-24-jarigen

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Samenleven > niet gelijk, maar gelijkwaardig > aantrekkelijke, ecologische woonstad > iedereen een eerlijke kans op de arbeidsmarkt Samenleven Mensen zijn niet allemaal gelijk, maar wel gelijkwaardig.

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

S A M E N V A T T I N G

S A M E N V A T T I N G 5 6 Samenvatting Dit advies bevat een reactie op: De adviesaanvraag van de staatssecretaris van SZW van 25 mei 2005 over het wegnemen van belemmeringen voor doorwerken na 65 jaar. Naast een algemene vraag

Nadere informatie

Vacatures in de industrie 1

Vacatures in de industrie 1 Vacatures in de industrie 1 Martje Roessingh 2 De laatste jaren is het aantal vacatures sterk toegenomen. Daarentegen is in de periode 1995-2000 het aantal geregistreerde werklozen grofweg gehalveerd.

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

./. Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het lid Bussemaker (PvdA) over de arbeidsproductiviteit van oudere werknemers.

./. Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het lid Bussemaker (PvdA) over de arbeidsproductiviteit van oudere werknemers. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon

Nadere informatie

PARTICIPATIE: ÓÓK IN OOST-GRONINGEN!

PARTICIPATIE: ÓÓK IN OOST-GRONINGEN! PARTICIPATIE: ÓÓK IN OOST-GRONINGEN! DOELEN VAN PARTICIPATIEWET ALLEEN TE HALEN ALS RIJK, PROVINCIE, GEMEENTEN, ONDERWIJS EN SOCIALE PARTNERS GEZAMENLIJK AAN DE SLAG GAAN! DE PARTICIPATIEWET IN OOST-GRONINGEN:

Nadere informatie

KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015. Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland

KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015. Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015 Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland Inhoud 3 ONDERNEMERS, LAAT ZIEN DAT FLEXWERKERS WAARDEVOL ZIJN 4 OMZET FREELANCERS EN FLEXWERKERS DAALT DOOR TOENEMENDE

Nadere informatie

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 drs. W. van Ooij MarktMonitor Januari 2015 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 . Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Nadere informatie

Pensioenleeftijd niet vaak 65

Pensioenleeftijd niet vaak 65 Pensioenleeftijd niet vaak 65 Jan-Willem Bruggink In de periode 21-23 stopten jaarlijks ongeveer 6 duizend mensen met werken om met pensioen te gaan. In bijna zeven van de tien gevallen waren dit mannen.

Nadere informatie

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015 Duurzame inzetbaarheid uitgangspunt personeelsbeleid Het voorstel is duurzame inzetbaarheid centraal te stellen in het personeelsbeleid om medewerkers van alle levensfasen optimaal inzetbaar te houden

Nadere informatie

Arbeidsgehandicapten in Nederland

Arbeidsgehandicapten in Nederland Arbeidsgehandicapten in Nederland Ingrid Beckers In 2003 waren er in Nederland ruim 1,7 miljoen arbeidsgehandicapten; 15,8 procent van de 15 64-jarige bevolking. Het aandeel arbeidsgehandicapten is daarmee

Nadere informatie

Meer kansen, meer banen. SW-bedrijven als banenmakelaar

Meer kansen, meer banen. SW-bedrijven als banenmakelaar Meer kansen, meer banen Inleiding Mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben terecht de volle aandacht van de politiek. Vrijwel alle verkiezingsprogramma s besteden er aandacht aan. Het gaat

Nadere informatie

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Het hebben van een baan is nog geen garantie op sociale integratie indien deze baan niet kwaliteitsvol is en slecht betaald. Ongeveer een vierde van de werkende Europeanen

Nadere informatie

Discussienota Naar een socialere bijstand GroenLinks Den Haag November 2015

Discussienota Naar een socialere bijstand GroenLinks Den Haag November 2015 Discussienota Naar een socialere bijstand GroenLinks Den Haag November 2015 Inleiding Er is veel in beweging rond de bijstand. Sommige gemeenten experimenteren met een andere uitvoeringspraktijk, met minder

Nadere informatie

Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG

Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG Datum 20 december 2011 Onderwerp Raadsbrief: Sociale structuurvisie Categorie B Verseonnummer 668763 / 681097 Portefeuillehouder De heer Rensen en de heer

Nadere informatie

Geen tekort aan technisch opgeleiden

Geen tekort aan technisch opgeleiden Geen tekort aan technisch opgeleiden Auteur(s): Groot, W. (auteur) Maassen van den Brink, H. (auteur) Plug, E. (auteur) De auteurs zijn allen verbonden aan 'Scholar', Faculteit der Economische Wetenschappen

Nadere informatie

participatiesamenleving

participatiesamenleving Tussen verzorgingsstaat en participatiesamenleving De feiten en fabels over informele zorg Prof. dr. Kim Putters Mezzo, 14 mei 2014 Inhoud 1. SCP en Mezzo 2. De Sociale Staatt van Nederland d 2013 3. De

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 10 december 2008. Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 10 december 2008. Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011 Aan de raad AGENDAPUNT 3 Beleidsplan Re-integratiebeleid 2009-2011 Voorstel: 1. De kaders uit het beleidsplan 'Werken werkt!' vaststellen, zijnde: a. als doelstellingen: - het bevorderen van de mogelijkheden

Nadere informatie

VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ

VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ Visie Dichterbij: Dichterbij schept voorwaarden waardoor mensen met een verstandelijke beperking: - leven in een eigen netwerk temidden van anderen - een eigen

Nadere informatie

Atlas voor gemeenten 2012:

Atlas voor gemeenten 2012: BestuursBestuurs- en Concerndienst Atlas voor gemeenten 2012: de positie van Utrecht notitie van Bestuursinformatie www.onderzoek.utrecht.nl Mei 2012 Colofon uitgave Afdeling Bestuursinformatie Bestuurs-

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker

Verkiezingsprogramma D66 Maastricht 2014-2018. Samen Sterker Samen Sterker Internationalisering > wegnemen barrières grensoverschrijdend vervoer > werken waar je wilt > meer innovatie over de grenzen heen Internationalisering Maastricht is de meest internationale

Nadere informatie

Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 2011-2025

Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 2011-2025 Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 211-225 Inhoud blz. Colofon 1. Bevolkingsontwikkeling 1 1.1 Aantal inwoners 1 1.2 Componenten van de groei 3 2. Jong en oud 6 3. Huishoudens 8 Uitgave I&O Research

Nadere informatie

1. De detailhandel in Nederland

1. De detailhandel in Nederland 1 2 1. De detailhandel in Nederland De detailhandel is een belangrijke economische sector die wordt gekenmerkt door een zeer arbeidsintensief karakter. Er werken ongeveer 750.000 mensen. Het belang voor

Nadere informatie

We zijn op ontdekkingsreis, in een gebied waar de huidige systemen leidend zijn maar onvoldoende werken. Bij een ontdekkingsreis hoort ruimte.

We zijn op ontdekkingsreis, in een gebied waar de huidige systemen leidend zijn maar onvoldoende werken. Bij een ontdekkingsreis hoort ruimte. Het speelveld De wereld om ons heen verandert razend snel. De richting is duidelijk, de sociale zekerheid wordt geprivatiseerd. Samen bouwen we aan een vernieuwende structuur om de arbeidsmarkt essentieel

Nadere informatie

Een verkenning van de toekomstige arbeidsmarkt van de overheid

Een verkenning van de toekomstige arbeidsmarkt van de overheid Een verkenning van de toekomstige arbeidsmarkt van de overheid Maikel Volkerink Jules Theeuwes Utrecht, 10 oktober 2012 www.seo.nl - secretariaat@seo.nl - +31 20 525 1630 SEO Economisch Onderzoek Onafhankelijk

Nadere informatie

Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak

Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak Inhoud Inleiding 3 Stap 1 De noodzaak vaststellen 4 Stap 2 De business case 5 Stap 3 Probleemverdieping 6 Stap 4 Actieplan 8 Stap 5

Nadere informatie

Rapport. Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren

Rapport. Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren Rapport Eigen regie en zelfredzaamheid ; een enquête onder senioren Woerden, juli 2014 Inhoudsopgave I. Omvang en samenstelling groep respondenten p. 3 II. Wat verstaan senioren onder eigen regie en zelfredzaamheid?

Nadere informatie

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap De Kinderombudsman Visie op het verlengen van de kwalificatieplicht tot 21 jaar 7 september 2015 Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Aanleiding De

Nadere informatie

De dagelijkse dichtheid van het bestaan. Paul Schnabel Rotary s Gravenhage Sociaal en Cultureel Planbureau Universiteit Utrecht

De dagelijkse dichtheid van het bestaan. Paul Schnabel Rotary s Gravenhage Sociaal en Cultureel Planbureau Universiteit Utrecht De dagelijkse dichtheid van het bestaan Paul Schnabel Rotary s Gravenhage Sociaal en Cultureel Planbureau Universiteit Utrecht Iedereen aan het werk Meer mensen - M. 80% - V. 55% Meer jaren - 61/62 jr.

Nadere informatie

als stimulans voor een hogere participatie p van ouderen op de arbeidsmarkt (NEA-paper) Frank Cörvers

als stimulans voor een hogere participatie p van ouderen op de arbeidsmarkt (NEA-paper) Frank Cörvers Langdurige arbeidsrelaties als stimulans voor een hogere participatie p van ouderen op de arbeidsmarkt (NEA-paper) Frank Cörvers Aanleiding: vergrijzing Langer doorwerken, dus ook meer investeren in jongeren

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 694 Pensioenregelingen Nr. 1 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Demografische gegevens ouderen

Demografische gegevens ouderen In dit hoofdstuk worden de demografische gegevens van de doelgroep ouderen beschreven. We spreken hier van ouderen indien personen 55 jaar of ouder zijn. Dit omdat gezondheidsproblemen met name vanaf die

Nadere informatie

Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn

Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn Leeftijd en arbeidsmarkt: naar een nieuw paradigma? Leeftijd en arbeidsmarkt Itinera Institute Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn Aanreiken, verdedigen en bouwen van wegen voor beleidshervorming

Nadere informatie

1. Branding en voorzieningen in gehele subregio Cultuurhistorie benadrukken Toegankelijkheid zorg vergroten (sociaal, fysiek) Wie: overheid,

1. Branding en voorzieningen in gehele subregio Cultuurhistorie benadrukken Toegankelijkheid zorg vergroten (sociaal, fysiek) Wie: overheid, Transformatie van de woningvoorraad Een afname van het aantal huishoudens heeft gevolgen voor de woningvoorraad. Dit geldt ook vergrijzing. Vraag en aanbod sluiten niet meer op elkaar aan. Problemen van

Nadere informatie

Krimp in Fryslân. Inwonertal

Krimp in Fryslân. Inwonertal Krimp in Fryslân Bevolkingsdaling, lokaal en regionaal, is een vraagstuk van nu én de komende jaren. Hoewel pas over enkele decennia de bevolking van Fryslân als geheel niet meer zal groeien, is in sommige

Nadere informatie

1)Waaruit bestaat de vraag op de Werkenden en arbeidsmarkt? (openstaande)vacatures. 2)Noem een ander woord voor Werkenden werkgelegenheid.

1)Waaruit bestaat de vraag op de Werkenden en arbeidsmarkt? (openstaande)vacatures. 2)Noem een ander woord voor Werkenden werkgelegenheid. 1 1)Waaruit bestaat de vraag op de arbeidsmarkt? 2)Noem een ander woord voor werkgelegenheid. 3)Wie vragen arbeid? 4)Met welk woord wordt het aanbod van arbeid ook aangeduid? 5)Geef de omschrijving van

Nadere informatie

Wat kun je verwachten?

Wat kun je verwachten? Economie V5 Economie 2 3 Wat kun je verwachten? Urenverdeling V5: 3 uur per week V6: 3 uur per week Overhoringen Minimaal 2 overhoringen per periode (weging varieert) Weging Proefwerk: 3-4x (in april:

Nadere informatie

3.2 De omvang van de werkgelegenheid

3.2 De omvang van de werkgelegenheid 3.2 De omvang van de werkgelegenheid Particuliere bedrijven en overheidsbedrijven nemen mensen in dienst. Collectieve sector = Semicollectieve sector = De overheden op landelijk, provinciaal en lokaal

Nadere informatie

zorgvernieuwingsprijs

zorgvernieuwingsprijs Nationale Nationale zorgvernieuwingsprijs zorgvernieuwingsprijs Concept Een Incare afdeling van het UWV kan inspelen op de behoefte van mannelijke werklozen door startcursussen, vervolgcursussen en praktijkstages

Nadere informatie

Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid 29544 Arbeidsmarktbeleid Nr. 514 Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 7 april 2014 Bijgaand treft u het rapport

Nadere informatie

Het project in fasen. Waarom dit project? Gebiedsgerichte Zorg. Resultaten fase 1 en 2. Dit Zorgbelang Fryslân project wil:

Het project in fasen. Waarom dit project? Gebiedsgerichte Zorg. Resultaten fase 1 en 2. Dit Zorgbelang Fryslân project wil: Waarom dit project? Dit Zorgbelang Fryslân project wil: Gebiedsgerichte Zorg Klaas de Jong & Trees Flapper Burgers meelaten denken in een pracht gebied met veel veranderingen (krimp, belangen e.d.) Hun

Nadere informatie

Langzaam maar zeker zijn ook de gevolgen van de economische krimp voor de arbeidsmarkt zichtbaar

Langzaam maar zeker zijn ook de gevolgen van de economische krimp voor de arbeidsmarkt zichtbaar In de vorige nieuwsbrief in september is geprobeerd een antwoord te geven op de vraag: wat is de invloed van de economische situatie op de arbeidsmarkt? Het antwoord op deze vraag was niet geheel eenduidig.

Nadere informatie

SOC bijeenkomst, 26 november 2014

SOC bijeenkomst, 26 november 2014 1 Stijlvol Ouder Jeannette Dijkman Anders kijken naar ouder worden Onderzoek, marketing, communicatie, seniorenmakelaar Inhoud: Algemene trends en toekomstperspectief Demografische ontwikkelingen De nieuwe

Nadere informatie

Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang. Sandra Terwolbeck, Amstelveen 8 oktober 2008

Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang. Sandra Terwolbeck, Amstelveen 8 oktober 2008 Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang Sandra Terwolbeck, Amstelveen 8 oktober 2008 Secundaire arbeidsvoorwaarden van primair belang Huidige uitdagingen voor organisaties Veranderd werknemersperspectief

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT 11. Doetinchem, 4 juli 2009. Economische visie en actieplan Dynamisch Duurzaam Doetinchem

Aan de raad AGENDAPUNT 11. Doetinchem, 4 juli 2009. Economische visie en actieplan Dynamisch Duurzaam Doetinchem Aan de raad AGENDAPUNT 11 Economische visie en actieplan Dynamisch Duurzaam Doetinchem Voorstel: 1. de foto van de sociaal-economische situatie in Doetinchem voor kennisgeving aannemen; 2. het beleidskader

Nadere informatie

De verdeling van arbeid en zorg tussen vaders en moeders

De verdeling van arbeid en zorg tussen vaders en moeders De verdeling van arbeid en zorg tussen vaders en moeders Marjolein Korvorst en Tanja Traag Het krijgen van kinderen dwingt ouders keuzes te maken over de combinatie van arbeid en zorg. In de meeste gezinnen

Nadere informatie

Personeel op peil. Onderzoek naar de positie van mkb-werknemers

Personeel op peil. Onderzoek naar de positie van mkb-werknemers Personeel op peil Onderzoek naar de positie van mkb-werknemers Personeel op peil, onderzoek naar de positie van mkb-werknemers Personeel op peil Onderzoek naar de positie van mkb-ondernemers MKB-Nederland

Nadere informatie

Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid Werkgelegenheid Aanbod van arbeid: b Marktmechanisme Loonkosten per product

Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid Werkgelegenheid Aanbod van arbeid: b Marktmechanisme Loonkosten per product Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid = mensen Door werkgevers: bedrijven en overheid Werkgelegenheid Hoe lager het loon, hoe groter de vraag naar arbeid Aanbod van arbeid: beroepsbevolking (iedereen tussen de

Nadere informatie

Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing

Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing Macro-economische uitdagingen ten gevolge van de vergrijzing Gert Peersman Universiteit Gent Seminarie VGD Accountants 3 november 2014 Dé grootste uitdaging voor de regering Alsmaar stijgende Noordzeespiegel

Nadere informatie

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Zicht krijgen op duurzame inzetbaarheid en direct aan de slag met handvatten voor HR-professionals INHOUDSOPGAVE 1. Duurzame inzetbaarheid

Nadere informatie

Nameting Scan Mijn Bedrijf 2.0 2011-2012

Nameting Scan Mijn Bedrijf 2.0 2011-2012 Sociale innovatie De volgende vragen gaan over sociale innovatie en innovatief ondernemingsbeleid. Sociale Innovatie is een vernieuwing of een verbetering in de arbeidsorganisatie en in de arbeidsrelaties

Nadere informatie

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL

VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL VISIE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 2012-2015 BOEKEL, LANDERD, SINT-OEDENRODE UDEN EN VEGHEL Inhoudsopgave: Voorwoord... 1 1. Visie: door KANTELING in BALANS...2 1.1 De kern: Eigen kracht en medeverantwoordelijkheid

Nadere informatie

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Om in aanmerking te komen voor een subsidie tussen 25.000 en 65.000 euro moet een project aan de volgende criteria voldoen: 1. het project

Nadere informatie

5.1 Het speelkwartier

5.1 Het speelkwartier 5.1 Het speelkwartier Economie gaat over het maken van keuzes. Iedereen maakt in het leven constant keuzes. Deze keuzes hebben economische gevolgen: Welke studie ga je volgen? Wanneer ga je op jezelf wonen?

Nadere informatie

CBS: Meer werkende vrouwen op de arbeidsmarkt

CBS: Meer werkende vrouwen op de arbeidsmarkt CBS: Meer werkende vrouwen op de arbeidsmarkt Tussen maart en mei is het aantal mensen met een baan met gemiddeld 6 duizend per maand gestegen. De stijging is volledig aan vrouwen toe te schrijven. Het

Nadere informatie

Een Werkende Arbeidsmarkt

Een Werkende Arbeidsmarkt Een Werkende Arbeidsmarkt Bas ter Weel 16 mei2014 Duurzame inzetbaarheid Doel Langer werken in goede gezondheid Beleid gericht op Binden: Gezondheid als voorwaarde voor deelname Ontbinden: Mobiliteit als

Nadere informatie

Reacties op bevolkingsdaling

Reacties op bevolkingsdaling Reacties op bevolkingsdaling Wim Derks Kenniscentrum voor Bevolkingsdaling en Beleid, Universiteit Maastricht en Etil www.bevolkingsdaling.nl w.derks@beoz.unimaas.nl 1 Inhoud 1996-2006 Structurele bevolkingsdaling

Nadere informatie

29544 Arbeidsmarktbeleid. Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

29544 Arbeidsmarktbeleid. Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal 29544 Arbeidsmarktbeleid Nr. 433 Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 17 januari 2013 Het kabinet streeft ernaar

Nadere informatie

Zzp ers in de provincie Utrecht 2013. Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep

Zzp ers in de provincie Utrecht 2013. Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep Zzp ers in de provincie Utrecht 2013 Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep Ester Hilhorst Economic Board Utrecht Februari 2014 Inhoud Samenvatting Samenvatting Crisis kost meer banen in 2013 Banenverlies

Nadere informatie

Vrijwilligerswerk. Gemeente Amersfoort Dorien de Bruijn, Ben van de Burgwal 14 juli 2014

Vrijwilligerswerk. Gemeente Amersfoort Dorien de Bruijn, Ben van de Burgwal 14 juli 2014 Vrijwilligerswerk Gemeente Amersfoort Dorien de Bruijn, Ben van de Burgwal 14 juli 2014 Een op de drie Amersfoorters was in de afgelopen 12 maanden actief als vrijwilliger. Hoe vaak zij vrijwilligerswerk

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Ten minste houdbaar tot?

Ten minste houdbaar tot? Ten minste houdbaar tot? Duurzame inzetbaarheid in tijden van crisis. Door de vergrijzing, de te verwachten krapte op de arbeidsmarkt en de oprekking van de pensioenleeftijd is duurzame inzetbaarheid urgenter

Nadere informatie

Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo

Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo - Algemene daling in aantal mbo-studenten. Deze daling wordt grotendeels veroorzaakt door de afname van het aantal leerwerkplekken. - Vooral

Nadere informatie

Tegenprestatie naar Vermogen

Tegenprestatie naar Vermogen Tegenprestatie naar Vermogen Beleidsplan Tegenprestatie in het kader van de Participatiewet 2015 Hof van Twente, oktober 2014-1 - De Tegenprestatie naar Vermogen Inleiding Al vanaf 1 januari 2012 kunnen

Nadere informatie

Gezond meedoen in Sittard-Geleen. Samenvatting Lokaal rapport Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2014

Gezond meedoen in Sittard-Geleen. Samenvatting Lokaal rapport Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2014 Gezond meedoen in Sittard-Geleen Samenvatting Lokaal rapport Volksgezondheid Toekomst Verkenning 214 Dit is de samenvatting van het lokaal rapport Volksgezondheid Toekomst Verkenning 214 Een nieuwe kijk

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Voorbeelden van een juist antwoord zijn: kosten van politie-inzet

Nadere informatie

Onderzoeksflits. Atlas voor gemeenten 2015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht. IB Onderzoek, 29 mei 2015. Utrecht.nl/onderzoek

Onderzoeksflits. Atlas voor gemeenten 2015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht. IB Onderzoek, 29 mei 2015. Utrecht.nl/onderzoek Onderzoeksflits Atlas voor gemeenten 015 Erfgoed positie van Utrecht uitgelicht IB Onderzoek, 9 mei 015 Utrecht.nl/onderzoek Colofon uitgave Afdeling Onderzoek Gemeente Utrecht 030 86 1350 onderzoek@utrecht.nl

Nadere informatie

EZ 2020. Over de veranderende rol(len) van gemeentelijke afdelingen Economische Zaken. Peter Louter www.bureaulouter.nl. Zwolle, 4 maart 2014

EZ 2020. Over de veranderende rol(len) van gemeentelijke afdelingen Economische Zaken. Peter Louter www.bureaulouter.nl. Zwolle, 4 maart 2014 EZ 2020 Over de veranderende rol(len) van gemeentelijke afdelingen Economische Zaken Peter Louter www.bureaulouter.nl Zwolle, 4 maart 2014 Drie strategische rollen 1. Preventie 2. Duiding 3. Integraliteit

Nadere informatie