TIJDSCHRIFT. XXXIIIe Jaargang, Deel II, Nr 3 September 1958

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "TIJDSCHRIFT. XXXIIIe Jaargang, Deel II, Nr 3 September 1958"

Transcriptie

1 NATIONALE BANK VAN BELGIE Departement Studiën en Documentatie TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting VERSCHUNT MAANDELIJKS XXXIIIe Jaargang, Deel II, Nr 3 September Dit tijdschrift wordt als objectieve documentatie uitgegeven. De artikels geven de opvatting van de schrijvers weer, onafhankelijk van de mening der Bank. INHOUD : Recente internationale goud en dollarbewegingen, door M. A. Kriz Bijdrage van de overheid en van het bankwezen in de financiering van de buitenlandse handel van de B.L.E.U. Literatuur betreffende de monetaire en financiële toestand van België Economische wetgeving Grafieken van de economische toestand van België Statistieken. RECENTE INTERNATIONALE GOUD EN DOLLARBEWEGINGEN door M. A. KRIZ, Oudlid van de Studiedienst van de Federal Reserve Attaché bij de First National City Bank te Bank te New York, New York. Van 31 januari tot 31 juli daalde de totale goudvoorraad van de Verenigde Staten met ca. $ 1,6 miljard, en zulks bijna geheel ten gevolge van goudverkopen aan de monetaire overheden in het buitenland. Deze recente Amerikaanse verkopen zijn vanzelfsprekend een nieuwe fase in de cyclus van aankopen en verkopen die sedert het einde van de tweede wereldoorlog hebben plaatsgevonden. Onderhavig artikel, dat aansluit bij een vroeger overzicht gepubliceerd in het Tijdschrift van oktober 1953, wil de jongste goudbewegingen in een juist daglicht plaatsen en hun betekenis in de werking van de internationale goudenkernstandaard beoordelen. 1. DE INTERNATIONALE GOUDBEWEGINGEN De internationale goudbewegingen in de hedendaagse wereld zijn hoofdzakelijk gekenmerkt door transacties die in New York en Londen plaatshebben. De internationale goudtransacties van de Verenigde Staten zijn thans bijna uitsluitend beperkt tot verrichtingen met buitenlandse monetaire overheden (1). De Amerikaanse Schatkist verkoopt goud (1) De Amerikaanse Schatkist verkoopt eveneens goud aan personen die, onder de goudreglementering van de Amerikaanse Schatkist, gemachtigd zijn goud voor industriële, beroeps of artistieke doeleinden aan te schaffen. Anderzijds koopt zij ingevoerd, nieuw geproduceerd en oud goud van de daartoe gemachtigde personen. tegen de officiële prijs aan buitenlandse regeringen en centrale banken voor «het vereffenen van de internationale saldi en voor andere gewettigde monetaire doeleinden»; die regeringen en banken kunnen dollars tegen gotid «in feite automatisch» voor zulke normale doeleinden uitwisselen. Anderzijds is de Amerikaanse Schatkist bereid goud van buitenlandse regeringen en centrale banken tegen de officiële prijs «zonder beperking van bedrag» aan te kopen (1). De Federal Reserve Bank te New York treedt meestal op als agent voor de kopers en verkopers van de buitenlandse centrale banken en tevens als financieel agent van de. Amerikaanse Schatkist; zij houdt eveneens goud in bewaring voor rekening van haar buitenlandse en internationale correspondenten (het zgn. «earmarked» goud). Te Londen werd de goudmarkt in maart 1954 na een sluiting van zestien jaar heropend. Alleen ingezetenen van landen buiten de sterlingzone mogen goud op de Londense markt kopen (2) ; bovendien mogen zij zich alleen goud aanschaffen (1) Cf. de antwoorden van de Secretaris van de Schatkist op «Questions on General Credit Control and Debt Manage. ment n, voorgelegd door Afgevaardigde Wright Patman, voorzitter van het Subcomité voor kredietcontrole en beheer van de openbare schuld. Die antwoorden en ander materiaal bestemd voor het gebruik door het Subcomité werden in de vorm van een Joint Committee Print (82e Congres, 2 zittijd) gepubliceerd onder de titel Monetary Policy and the Management of the Public Debt (Washington, 1952). De citaten hierboven vermeld, zijn ontleend aan deel I, blz (2) Uitgezonderd voor toegelaten huishoudelijk, industrieel, commercieel en artistiek gebruik. 161

2 als het betaald wordt in U.S. of Canadese dollars die tegelijkertijd verkocht worden op de Londense valutamarkt, of in Amerikaanse rekening, of in Canadese sterlingrekening die volledig in dollars convertibel is, of nog in zgn. registered sterling welke alleen door verkoop van dollars of goud zelf te Londen kan verkregen worden en met dit doel ten tijde van de heropening van de Londense goudmarkt werd ingevoerd. Gewis ontvangen de verkopers te Londen resident sterling voor het nieuw geproduceerde goud uit de sterlingzone, doch de goudproducerende landen in dit gebied hebben vrije toegang tot de Londense valutamarkt, zodat hun sterlingtegoeden in dollars omwisselbaar zijn. Wat het goud betreft dat door nietsterlinglanden wordt verkocht, het wordt betaald in Amerikaanse rekening of in registered sterling; beide kunnen vrij in dollars worden omgezet of tot aankoop van goud worden gebruikt. Aldus functioneert de Londense goudmarkt in feite als een markt waarop de transacties in laatste instantie in dollars geschieden. Goudverkopen en aankopen door de Verenigde Staten hebben plaats tegen de statutaire prijs van $ 35 per ons troy, plus of minus 1/4 pct., d.i. tegen de koopprijs van 6 34,9125 en een verkoopprijs van $ 35,0875 (1). (Hierbij komt het muntloon bij de aankoop van gouden baren andere dan de gestandardiseerde baren van de Amerikaanse munt). Daarentegen is de goudprijs in het VerenigdKoninkrijk niet bij de wet vastgesteld. Nochtans is het Verenigd Koninkrijk ertoe verplicht, krachtens de statuten van het Internationale Monetaire Fonds, een officiële wisselpariteit van 1 = 6 2,80 te handhaven, overeenstemmend met een goudpariteit of pariwaarde van 250 sh. per ons fijn. Krachtens de statuten van het Fonds, kan een lid alleen goud kopen of verkopen binnen de voorgeschreven marges, berustend op de pariwaarde van zijn munt; die marges werden sedert oktober 1954 vastgesteld op 1 pct. boven en beneden de pariteit (excl. vervoer, omzetting en bepaalde andere gespecificeerde provisies). De 1 pct.marge boven en beneden de Piariteit waarbinnen de Bank of England nu haar verrichtingen voor eigen rekening beperkt (d.i. voor rekening van het Egalisatiefonds voor de wisselkoersen), bedraagt aldus 257 sh. 6 d. tot 252 sh. 6 d. De reële beweging in de Londense goudprijs sedert 1954 is in grafiek 1 weergegeven (2). Zoals blijkt (1) Het commissieloon van 14 pct. wordt niet aangerekend voor de aankoop of de verkoop van goud door het Internationale Monetaire Fonds. (2) De prijs in shillings in het bovenste deel van de grafiek is die welke dagelijks wordt vastgesteld (a fixing») op de bijeen. komst van de voornaamste goudhandelaars; deze laatste trachten hun verkoop en kooporders in evenwicht te brengen, rekening houdend met hun kennis van vraag en aanbod op de markt in haar geheel en met de verwachting dat de Bank of England, als residuele koper en verkoper, een geordende markt zal in stand houden. De handel in de loop van de dag wordt gedreven op basis van de prijs tegen de a fixing», hoewel hij hiervan kan verschillen wegens nieuwe ontwikkelingen of bewegingen in de sterlingdollarkoers. Laatstgenoemde koers is in het middenste gedeelte van de grafiek weergegeven; een blik op het bovenste en het middenste deel wijst over het algeineen op een omgekeerde verhouding tussen de sterlingprijs van uit het onderste deel van de grafiek, schommelde de dollarwaarde van de Londense goudprijs bijna bestendig tussen de Amerikaanse aankoop en verkoopprijzen vanaf de heropening van de Londense Grafiek 1. Sh Mingo GOUDPRIJS IN SHILLINGS PER ONS Shillings / M WISSELKOERS STERLING DOLLAR Dollars V.S Dollars V.S. GOUDPRIJS PER ONS IN DOLLARS UITGEDRUKT Dollas V.S I Verkoopprijs mon do Schatkist der V.S.A De goudprijs op de markt te Londen (Maandgemiddelden) 1 ( )1 Koopprijs jan de Schatkist der V.S.A. I ( ) iiiii tlillllillill !iii iiiiiii iiii,iitilll Noot : De Londense goudmarkt werd op 22 maart 1054 heropend , markt in het begin van 1954 tot het einde van Alleen in zeer weinige gevallen bereikte hij de verkoopprijs vastgesteld door de Amerikaanse Schatkist (zoals op bepaalde tijdstippen in 1954) of daalde hij in lichte mate beneden de aankoopprijs van de Amerikaanse Schatkist (zoals bij het einde van 1956 en in het begin van 1957). Tijdens de eerste zes maanden van lag echter de dollartegenwaarde op bepaalde ogenblikken boven de verkoopprijs van de Amerikaanse Schatkist, $ 35,0875, nl. op $ 35,10 35,12. het goud en de dollarprijs van sterling. Deze overeenstemming weerspiegelt vanzelfsprekend twee hoofdkenmerken van de Londense markt : het feit dat zij hoofdzakelijk een markt is voor centrale banken die eveneens op de markt te New York kunnen optreden en het feit dat de Britse overheden, door aanpassing van hun goudaanbod (grotere goudverkoop bijv. wanneer de dollarsterlingkoers zwak is), het aanbod van dollars door buitenlandse goudkopers kunnen beïnvloeden en aldus de noodzakelijkheid van hun tussenkomst op de wisselmarkt kunnen beperken. Gewis verklaren de bewegingen in de dollarprijs van het pond niet al de schommelingen in de dollartegenwaarde van de Londense goudprijs (d.i. de sterlingprijs van goud vermenigvuldigd met de sterlingdollarkoers) die in het onderste gedeelte van de grafiek zijn voorgesteld; deze schommelingen weerspiegelen eveneens de fundamentele vraag en aanbod van goud, waarop hierna zal worden ingegaan. 162

3 De goudhandelaars mogen niet, zoals onder de vroegere gouden standaard, goud van de Verenigde Staten aankopen (zij mogen aan dit land echter goud verkopen). Doch de onmogelijkheid om particuliere goud en wisselarbitrage uit te voeren, doet niets af van de betekenis van de Londense goudprijs tegenover de aankoop en verkoopprijzen te New York. Centrale banken, stabilisatiefondsen en schat. kisten (en de internationale financiële instellingen) hebben inderdaad bij hun goudtransacties de keuze tussen de Federal Reserve Bank te New York of de Londense markt, en in feite voeren zij hun transacties uit daar waar de prijs op een bepaald ogenblik het meest voordelig is (aangenomen dat de koper geen bijzondere reden heeft om het goud veeleer te Londen dan te New York of viceversa te houden en dat de Londense markt op ieder ogenblik alle mogelijke kopers en verkopers kan bevredigen). De verhoudingen tussen de sterlingprijs van het goud, de sterlingdollarkoers en de dollartegenwaarde van de Londense goudprijs verklaren dan ook grotendeels de richting en het volume van de hedendaagse internationale goudbewegingen in de laatste jaren. Grafiek 2. Nettogoudaankopen (+) en verkopen door de Verenigde Staten (Nettobewegingen) Miljoenen dollars GLOBALE BEWEGINGEN Miljoenen dollars J <.... I I I I I 1 I BEWEGINGEN MET HET VERENIGD KONINKRIJK.. g.. t. II.2 Kwa rtaalgomiddelden S, = e De omvang en de richting van de Amerikaanse goudtransacties met de andere landen en met het Internationale Monetaire Fonds sedert het einde van de tweede wereldoorlog tot maart, blijken uit grafiek 2. Het bovenste deel van de grafiek toont duidelijk aan dat er zes fasen in de Amerikaanse goudtransacties te onderscheiden zijn, waarin aankopen op grote schaal afwisselden met niet minder belangrijke verkopen. Die bewegingen zijn samengevat in tabel I, die eveneens de veranderingen aangeeft in de officiële dollartegoeden van de andere landen. Deze laatste zijn samengesteld uit deposito's van buitenlandse monetaire overheden bij de Federal Reserve banken en bij de Amerikaanse handelsbanken en uit kortlopende investeringen, in Amerikaanse overheidsfondsen en handelspapier. Deze verschuivingen in de positie van de Verenigde Staten als nettokoper en verkoper van goud, samen met de veranderingen in de officiële dollartegoeden van de andere landen, weerspiegelen in de grond enerzijds de stand van de Amerikaanse betalingsbalans op kasbasis (d.i. het overschot van de betalingen aan het buitenland op de ontvangsten of viceversa) en anderzijds de beslissingen van de buitenlandge. monetaire 'overheden goud aan te kopen i.p.v. hun dollartegoeden te vermeerderen of goud te verkopen om hun dollartegoeden aan te vullen. Het is niet nodig hier de omstandigheden van de Amerikaanse goudtransacties in de eerste naoorlogsjaren te bespreken (1). Het moge volstaan in herinnering te brengen dat de aanzienlijke goudverkopen $ miljoen en het beschikken over de dollartegoeden $ miljoen van januari 1946 tot september 1949 in ruime mate verband hielden met de aankopen van zeer noodwendige Amerikaanse goederen, die niet anders konden gefinancierd worden. Van Oktober 1949 tot juni 1951 kochten de andere landen $ miljoen goud van de Verenigde Staten en voegden tevens $ 982 miljoen bij hun officiële dollartegoeden; dit was dan ook een periode van aangreei der goud en dollarreserves, doch het buitenland gebruikte veruit het grootste deel van de dollars verkregen uit transacties met de Verenigde Staten om een deel van het vroeger verkochte goud weder in te kopen. De goudbeweging sloeg medio 1951 opnieuw om, en van juli 1951 tot juni 1952 verkocht het buitenland $ miljoen goud aan de Verenigde Staten en verhoogde het tegelijkertijd zijn officiële dollartegoeden met $ 540 miljoen. De volgende fase, gaande van juli 1952 tot juni 1955, is bijzonder belangwekkend, want zij was gekenmerkt door een opvallende aangroei van de dollartegoeden van het buitenland alsmede door goudaankopen in de Verenigde Staten : deze laatste bedroegen $ miljoen, doch de eerste $ miljoen. Het is duidelijk dat het buitenland er de voorkeur aan gaf Meer. dan de helft van zijn nieuw verkregen dollars in de vorm van dollardeposito's en kortlopende investeringen aan te houden i.p.v. goud van de Verenigde Staten aan (1) Voor jaarlijkse overzichten van de internationale goudbewegingen, zie de Monthly Review van de Federal Reserve Bank te New York van januari 1951 en van februari voor elk van de volgende jaren, en het Federal Reserve Bulletin van maart of april van ieder jaar beginnend met

4 rakel 1. Goudtransacties tussen de monetaire overheid van de Verenigde Staten en die van de andere landen en veranderingen in de officiële dollartegoeden in het buitenland (In miljoenen dollars) Bron : Naar gegevens ontleend aan het Federal Reserve Bulletin. Nettogoudtransacties van de monetaire overheden van andere landen met de Verenigde Staten Nettoverkopen aan de Verenigde Staten Nettoaankopen van de Verenigde Staten Veranderingen in de officiële dollartegoeden van het buitenland Januari 1946 september Oktober 1949 juni Juli 1951 juni Juli 1952 juni Juli 1955 december (a) Januari maart 877 (b) i 73 Totaal (a) (b) Overschot van de verkopen op de aankopen (a) Met inbegrip van $ 800 miljoen van het Internationale Monetaire Fonds. (b) Mot inbegrip van $ 7 miljoen van het Internationale Monetaire Fonds. te kopen. Die aangroei der officiële dollartegoeden van het buitenland hield aan van juli 1955 tot in december 1957 en de totale vermeerdering beliep $ miljoen; in dezelfde tijd verkocht het buitenland $ 262 miljoen goud aan de Verenigde Staten en $ 800 miljoen aan het Internationale Monetaire Fonds (1). Gedurende het eerste kwartaal van sloegen de internationale goudbewegingen andermaal om, toen het buitenland $ 370 miljoen goud van de Verenigde Staten kocht; zijn officiële dollartegoeden vermeerderden evenwel met $ 73 miljoen. Vergelijkbare gegevens voor het tweede kwartaal van zullen in september beschikbaar zijn, doch de daling van de goudvoorraad van de Verenigde (1) Van dit bedrag werden $ 200 miljoen verkocht om het Internationale Monetaire Fonds in staat te stellen de opbrengst ervan in Amerikaanse schatkistbons te beleggen en $ 600 miljoen om zijn U.S.dollaractiva aan te vullen. Staten wijst erop dat de verkopen aan het buitenland in die periode voortduurden : van 31 maart tot 30 juni daalden de goudreserves met $ miljoen. Voor de gehele periode gaande van januari 1946 tot juni verkregen de Verenigde Staten aldus $ miljoen goud, doch verkochten anderzijds ca. $ miljoen; per saldo verhoogden zij hun reserves met $ miljoen. De goudaankopen van en de verkopen aan de Verenigde Staten door het buitenland en door internationale instellingen zijn in tabel II samengevat. Hieruit blijkt vooreerst dat de goudaankopen en de verkopen tussen het VerenigdKoninkrijk en de Verenigde Staten een bijzonder belangrijk aandeel in de internationale goudtransacties vertegenwoordigen; bovendien kocht het VerenigdKoninkrijk herhaaldelijk goud van de Verenigde Staten weder in, dat het in een vroegere periode bad verkocht. Over de gehele naoorlogse periode tot maart verkocht het VerenigdKoninkrijk $ miljoen Tabel II. Nettogoudaankopen door de Verenigde Staten (In miljoenen dollars; teken = nettoverkopen) Jaar Totaal Verenigd Koninkrijk Totaal Europees vasteland Canada Totaal Latijns Amerika Alle andere landen Internationaal Monetair Fonds ]958 le kwartaal Met inbegrip van do verrichtingen met de internationale financiële instellingen. Vost : Voor meer omstandige en meer recente gegevens, zie het Federal Reserve Bulletin. 164

5 goud aan de Verenigde Staten *en kocht het $ miljoen. Deze opeenvolgende aankopen en verkopen weerspiegelen vanzelfsprekend de brede schommelingen in de goud en dollarbetalingen van de sterlingzone; zij wijzen evenwel ook op de Britse gewoonte het grootste deel ván de reserves in goud aan te houden, goud te verkopen in tijden van betalingsbalanstekorten om er terug te kopen in periodes van overschotten. Ook andere landen verkopen of kopen goud aan of van de Verenigde Staten, doch voor aanmerkelijk kleinere bedragen dan die van het Verenigd Koninkrijk. Onder de landen van het Europese vasteland voerden België, Nederland en Zwitserland in de naoorlogse periode dikwijls transacties met de Verenigde Staten uit; Frankrijk en Duitsland deden zulks op onregelmatige wijze. Canada verkocht voor aanzienlijke bedragen in de eerste naoorlogse jaren. Argentinië, Mexico en Venezuela kochten en verkochten eveneens voor grote bedragen. Een andere grondtendens die uit grafiek 2 duidelijk naar voren komt, is de achteruitgang van de Amerikaanse goudtransacties sedert de heropening van de Londense goudmarkt in 1954 tot het einde van Er bestaat een scherp contrast tussen deze en de vroegere jaren; indien de totale Amerikaanse goudaankopen in 1956 en 1957 worden aangepast, met inachtneming van de goudaankopen bij het Internationale Monetaire Fonds, is het contrast nog meer opvallend vermits deze aankopen $ 800 miljoen vertegenwoordigen in het totaal van de Amerikaanse goudaankopen, nl. $ miljoen in 1956 en De voornaamste oorzaak van de teruggang van de goudaankopen en verkopen door de Verenigde Staten vanaf de heropening van de Londense goudmarkt in 1954 tot in 1957, was het feit dat de dollartegenwaarde van de Londense goudprijs bijna voortdurend binnen de 'officiële marge van de Amerikaanse aankoop en verkoopprijzen van het goud bleef. Aldus ontvingen de verkopers een hogere prijs voor het goud, en de monetaire overheden vonden het goedkoper zich goud te Londen veeleer dan te New York aan te schaffen, zoals hierboven reeds werd gezegd. Daarentegen lag de dollartegenwaarde van de Londense goudprijs in het eerste halfjaar van iets boven de verkoopprijs van de Amerikaanse Schatkist, zodat het voor de centrale banken voorde. liger was goud te New York te kopen. Dit was een belangrijke factor in de recente Amerikaanse goudverkopen. Er zijn geen gepubliceerde cijfers beschikbaar over het volume van het nieuw geproduceerde goud dat te Londen wordt verkocht; in de Britse cijfers over de buitenlandse handel komen evenwel gegevens voor over de goudinvoer, en hoewel zij verschillen van de werkelijke verkopen (want zij houden geen rekening met de «earmarking» transacties), tonen zij niettemin aan dat zowat $ 450 miljoen goud in elk der jaren van 1953 tot 1955 te Londen werden aangevoerd (1) ; het grootste deel van die goudhoeveelheid kwam uit ZuidAfrika en de andere goudproducerende landen van de sterlingzone, terwijl ongeveer 11 pct. Russisch goud vertegenwoordigden. De Zuidafrikaanse goudproducenten dienen hun gehele goudwinning aan de South African Reserve Bank te verkopen, welke laatste het grootste deel ervan op de Londense goudmarkt verkoopt. Die bank heeft niet de verplichting het goud daar te verkopen, doch overeenkomstig een officiële Zuidafrikaanse verklaring wordt een «maximum gebruik» gemaakt van de faciliteiten van de Londense markt, want «gelet op het internationale karakter en de leidende positie van de Londense markt, lijkt het onwaarschijnlijk dat een betere prijs normaal elders zou kunnen verkregen worden». In het jaar eindigend in maart 1957 beliepen de goudverkopen van de South African Reserve Bank aldus in totaal $ 538 miljoen, waarvan $ 524 miljoen op de Londense markt werden aangevoerd en $ 10 miljoen tegen Zwitserse franken werden verkocht. Naast de Zuidafrikaanse produktie, die zowat 80 pct. van de gezamenlijke goudvoortbrenging in de gehele sterlingzone vertegenwoordigt, ontvangt Londen eveneens de belangrijke produktie van Ghana, ZuidRodesië en van bepaalde andere sterlinglanden. Goud herkomstig uit verscheidene nietsterlinglanden wordt eveneens te Londen verkocht. Op verschillende tijdstippen in de laatste jaren kwam het te Londen verkochte goud niet alleen van invoer, doch ook van de officiële Britse monetaire goudreserves; dit was natuurlijk het gevolg van de druk op het pond, die een officiële tussenkomst op de valutamarkten en derhalve goudverkopen op de goudmarkt vereiste ten einde de officiële dollartegoeden terug aan te vullen. In 1955 en 1956 vielen de Britse goudreserves resp. met ca. $ 500 miljoen en $ 250 miljoen (2). Vermits Groot Brittarmië in 1955 geen goud en in 1956 er slechts $ 100 miljoen aan de Verenigde Staten verkocht, is het duidelijk dat het goud aan andere landen verkocht. In 1957 verkocht GrootBrittannië evenzo $ 200 miljoen aan landen buiten de Verenigde Staten. Daarentegen was de koers van het pond sterling vast tegen het einde van 1957 en in de eerste helft van, zodat de Britse overheden niet (1) Cf. Annual Statement of the Trade of the United Kingdom with Commonwealth Countries and Foreign Countries, 1955, Deel II, Londen, Blijkens een verklaring van de Kanselier van de Schatkist in het Lagerhuis in maart, bedroeg de Britse goudinvoer in 1957 $ 840 miljoen; van die invoer waren een $ 200 miljoen uit Rusland herkomstig. Aangenomen derhalve dat al het door de U.S.S.R. aan het VerenigdKoninkrijk verkochte goud werkelijk het land binnenkwam, beliep de overige goudinvoer in totaal $ 640 miljoen. Dit cijfer kan vergeleken worden met de produktie van de Unie van ZuidAfrika, die in 1956 een waarde had van $ 556 miljoen en in 1957 $ 596 miljoen. De aanvoer van Zuidafrikaans goud in het VerenigdKoninkrijk in 1957 beliep dan ook waarschijnlijk ca. $ 550 miljoen, zodat de goudinvoer uit andere bronnen bij benadering op ca. $ 100 miljoen mag geraamd worden. (2) Ramingen van het Internationale Monetaire Fonds in International Financial Statistics. 165

6 alleen een deel van de vroegere verliezen goedmaakten, doch eveneens Zuidafrikaans en ander goud aankochten dat anders zijn weg naar cle Londense goudmarkt zou gevonden hebben. De goudvraag op de Londense markt woog niet op tegen het aanbod, en de dollartegenwaarde van de Londense prijs steeg dan ook boven de Amerikaanse verkoopprijs (zie grafiek 1). De Britse overheid verhoogde haar reserves door aankoop niet alleen van het grootste deel van het Zuidafrikaanse goud, doch eveneens van goud te New York, zoals blijkt uit grafiek 2. De voornaamste kopers te Londen zijn de centrale banken van het Westeuropese. vasteland. Zij kopen goud aan hetzij om hun goudvoorraad aan te vullen, hetzij om hun schuld tegenover de Europese Betalingsunie te vereffenen. Deze betaling kan geschieden, naar keuze van de debiteur, in dollars of in goud tegen $ 35 per ons fijn; dit maakt liet voor de debiteur voordeliger de maandelijkse betaling te verrichten met te Londen aangekocht goud telkens de dollartegenwaarde van de Londense goudprijs beneden $ 35 per ons fijn ligt. Het is eveneens duidelijk dat wanneer de prijs boven S 35 ligt, de centrale banken goud te Londen verkopen ten einde dollars te verkrijgen om hun schulden aan de Europese Betalingsunie te vereffenen. G oud wordt ook verkocht op de Londense markt aan particuliere agenten, inzonderheid voor uitvoer naar het Middenen het Verre Oosten. Geen gegevens zijn voorhanden betreffende de goudaankopen en verkopen te Londen. Doch sommige aanwijzingen betreffende de aan en verkopen verkrijgt men door de wijzigingen van de goudreserves in de staten van de centrale banken te vergelijken met de gegevens over de goudaankopen en verkopen door de Verenigde Staten; men kan hieruit afleiden dat goud aangekocht van andere bronnen dan de. Verenigde Staten vermoedelijk, althans gedeeltelijk, te Londen verkregen werd. Zo verwierf de Duitse centrale bank in $ miljoen waarvan slechts $ 10 miljoen in de Verenigde Staten, de Zwitserse centrale bank $ 205 miljoen waarvan slechts S 8 miljoen in de Verenigde Staten. Van zijn kant kocht Frankrijk in 1955 S 285 miljoen goud, doch het verkocht er voor S 68 miljoen aan de Verenigde Staten; in droeg het $ 320 miljoen over aan landen andere dan de Verenigde Staten. Evenzo kwam de Nederlandsche Bank in 1954 en 1955 in het bezit van $ 128 miljoen goud uit andere bronnen dan de Verenigde Staten en gaf het in 1956 en 1957 $ 96 miljoen af aan andere landen dan de Verenigde Staten..Over het geheel was de voornaamste individuele factor in de internationale goudbewegingen gedurende het laatste deceniurn dan ook de brede schommelingen in de betalingsbalans van de sterlingzone. Yálá tot 1953 Waren de grote Britse goudaankopen en verkopen van en aan de Verenigde Staten aan die schommelingen in het saldo van de balans toe te schrijven. Van 1954 tot 1957 veroorzaakten zij de goudafvloeiing uit GrootBrittannië en uit de overzeese sterlingzone naar de landen van het Europese vasteland, hoofdzakelijk naar de Duitse Bondsrepubliek. In het eerste halfjaar van stelden zij GrootBrittannië in staat een deel van zijn vroegere' goudverliezen terug te winnen doordat zij het mogelijk maakten nieuw goud op de Londense markt alsmede goud in de Verenigde Staten aan te kopen. De goudaankopen en verkopen te New York en te Londen door de monetaire overheden vormen veruit het grootste deel der internationale goudtransacties. Nochtans zijn er ook andere goudverrichtingen onder de centrale banken te vermelden. Wenst bijv. een circulatiebank goud te verkopen dat bij de Federal Reserve Bank te New York in bewaring werd gegeven («earmarked» goud), terwijl een andere dit goud wenst te kopen, dan handelen zij soms rechtstreeks onder elkaar of doen zij een beroep op de Bank voor Internationale Betalingen of op het Internationale Monetaire Fonds, welke clan als tussenpersonen optreden. Het Internationale Monetaire Fonds verleent sinds 1952 zijn bemiddeling inzake goudtransacties, waarbij de deelnemende landen en ook sommige nietleden, zowel als internationale instellingen die goud wensen aan te kopen of te verkopen door tussenkomst van het Fonds, dit laatste op vertrouwelijke basis kunnen aanspreken; het Fonds poogt dan de kopers en verkopers bij elkaar te brengen. Die transacties zijn vanzelfsprekend beperkt, doordat de aangeboden hoeveelheid goud vaak de vraag te boven gaat, of omgekeerd (1). Goud wordt vanzelfsprekend niet alleen onder de monetaire overheden, doch ook onder particulieren verhandeld. Inlichtingen over de nieuwe produktie gevoegd bij het goud herkomstig uit andere bronnen en over de bewegingen naar de officiële reserves en het particuliere gebruik komen voor in tabel III. De wereldgoudproduktie (excl. de U.S.S.R.) in bedroeg zowat $ 10,5 miljard. Van 1946 tot 1951 vermeerderde zij met gemiddeld 2 pct. per jaar en van 1952 tot 1957 met 4 pct. Alleen in 1957 bedroeg de aangroei 6 pct. tegen 4 á 5 pct. in elk der drie jaren van 1954 tot Vorig jaar werden ca. $ miljoen goud gewonnen, d.i. een 300 miljoen meer dan in 1945, een naoorlogs minimum; de produktie lag niettemin een $ 400 miljoen beneden die van het recordjaar De naoorlogse stijging van de goudproduktie was hoofdzakelijk aan de toeneming van de Zuidafrikaanse goudwinning toe te schrijven. Met een $ 595 miljoen, het hoogste cijfer dat ooit geboekt, werd, overtrof de Zuidafrikaanse voortbrenging in 1957 met $ 35 miljoen of 7 pct. die van 1956; zij lag eveneens ca. $ 90 miljoen boven het cijfer van 1941, het jaar dat gekenmerkt was door een topcijfer tijdens de vooroorlogse expansie. (1) In de vijf jaar eindigend in april 1957, vergemakkelijkte het Internationale Monetaire Fonds de afwikkeling van 71 transacties voor een totaal 'bedrag van ca. $ 562 miljoen.. 166

7 Naast dit aanbod uit de nieuwe produktie in de vrije wereld, heeft de Sovjetunie, vermoedelijk de tweede goudproducent in de wereld, van 1946 tot 1957 grotere of kleinere goudhoeveelheden aan het buitenland verkocht. Goudverkopen aan de 'Verenigde Staten vonden alleen plaats in 1946 en 1947 voor een totaal bedrag van $ 75 miljoen. In de eerste naoorlogsjaren werden slechts af en toe Russische goudverkopen in andere landen gemeld; sinds het einde van 1953 werden zij echter van enige betekenis. Voor elk der drie jaren van 1953 tot 1955 werden die verkopen van verschillende zijden Tabel III. Geraamd goudaanbod en gebruik (In miljoenen dollars) Bron : Naar gegevens ontleend aan het Federal Reaervo Bulletin en andere bronnen. Jaar Produktie van nieuw goud (excl. de U.S.S.R.) Aanbod Aangetekende ontvangsten van de U.S.S.R. Totaal aanbod Toeneming van officiële reserves (excl. de U.S.S.R.) Amerikaanse nijverheid en kunstambachten (netto) Gebruik «Verdwenen goud» Totaal gebruik Verdwenen goud» (in pct. van het totale aanbod) ( (v) (v) v) voorlopige cijfers. Eindtotaal ("Z C.n C op $ 75 miljoen geraamd, voor 1956 op $ 150 miljoen en voor 1957 op $ 260 miljoen. Het Russische goud werd vooral in WestEuropa verkocht met het oog op de aankoop van sterling en andere valuta's om de betalingsbalanstekorten van Rusland te dekken. De goudproduktie buiten de Sovjetunie samen met de gemelde Russische goudverkopen in de overige wereld kunnen derhalve op meer dan $ 11,2 miljard voor de periode worden geraamd. Van dit bedrag vloeiden $ 5,7 miljard naar de centrale goudreserves, terwijl iets minder dan $ 0,9 miljard (netto) verbruikt werd in de kunstambachten en in de nijverheid van de Verenigde Staten, het enige land waarover dergelijke gegevens voorhanden zijn. Het saldo ten belope van $ 4,7 miljard verdween in het particuliere bezit en was bestemd voor ander gebruik buiten de Verenigde Staten. Over de gehele periode verdwenen aldus meer dan de twee vijfden van het geraamde goudaanbod. Hét hoogste cijfer voor het verdwenen goud blijkt te zijn bereikt in 1951, toen zowat ruim 70 pct. van het aanbod in dit jaar. voor particulier gebruik buiten de Verenigde Staten werden bestemd. In de zes jaar gaande van begin 1952 tot einde 1957 verdwenen naar raininá een 40 pet: van liet aanbod van nieuw goud,, :, d.i..,origeveer..lietzelfde percentage als in de periode Ook in absolute getallen bleef een ruime hoeveelheid goud naar het particuliere gebruik buiten de Verenigde Staten vloeien; met meer dan $ 500 miljoen in 1957 was zij merkelijk groter dan in elk naoorlogs jaar, behalve in 1951 en De snellere toeneming van de officiële goudreserves in de laatste jaren, ondanks die goudafvloeiing naar het particuliere gebruik, ligt hieraan dat het aanbod zelf van nieuw goud in de laatste jaren sterk vermeerderde. Aldus bedroeg het totaal aangeboden nieuw goud in de zes jaar van 1952 tot 1957 $ 6,3 miljard tegen $ 4,9 miljard van 1946 tot Van dit aanbod werden van 1952 tot 1957 $ 3,3 miljard bij de officiële reserves gevoegd, tegen $ 2,4 miljard in Van grotere betekenis nog is het feit dat het goud gevoegd bij de reserves en herkomstig uit de nieuwe produktie en uit andere bronnen, in de jongste jaren bijna voortdurend naar de officiële reserves van landen buiten de Verenigde Staten vloeide, zoals blijkt uit tabel IV. Die landen ontvingen aldus $ 3,3 miljard van 1952 tot 1957, d.i. ca. $ 500 miljoen per jaar. Van die $ 3,3 miljard ging het merendeel naar de landen van het Europese vasteland., die eveneens goud uit het VerenigdKoninkrijk ontvingen. 167

8 Door de aangroei der reserves van het buitenland met nieuw gewonnen goud en het feit dat die landen na 1949 een deel van hun vroegere aanzienlijke verliezen konden goedmaken, daalde het aandeel van de Verenigde Staten in de totale monetaire goudreser ves in de wereld in sterke mate. Bij het einde van 1957 hielden de Verenigde Staten ca. 59 pct. van het totaal aan tegen 70 pct. in september 1949, een nooit tevoren bereikt maximum; bij het einde van 1945 bezaten de Verenigde Staten 60 pct. Na de Tabel IV. Toeneming van de officiële reserves door bijvoeging van het nieuwe goud (In miljoenen dollars) Bron : Naar gegevens ontleend aan het Federal Reserve Bulletin. Jaar Totaal de Verenigde Staten Nettowijzigingen in reserves van het Verenigd Koninkrijk alle andere landen 1 (e. d. do U.S.S.R.) het Internationale Monetaire Fonds Eindtotaal Met inbegrip van de Bank voor Internationale Betalingen en de Europese Betalingsunie. gouduitvoer uit dit land in het eerste halfjaar van bezaten de Verenigde Staten nog ca. 55 pct. van de monetaire reserves in de vrije wereld. Soms wordt de vraag gesteld of de Verenigde Staten goud genoeg bezitten om tegelijkertijd de verplichtingen van de Federal Reserve banken te dekken en het hoofd te bieden aan de gebeurlijke opvragingen van de kortlopende tegoeden die door het buitenland worden aangehouden. Van monetair standpunt gezien, zijn de dollars die door andere landen worden aangehouden en die voor hen activa vertegenwoordigen, vanzelfsprekend verplichtingen voor de Verenigde Staten. Uiteraard zijn alle buitenlandse deviezenreserves een tegoed voor de houder en een verplichting voor de emittent. De verplichtingen op korte termijn van de Verenigde Staten.aan buitenlanders zijn dus in zekere zin een vordering op de Amerikaanse goudreserves en in een andere zin kunnen die verplichtingen worden aangewend om de bestellingen in de Verenigde Staten te financieren; zij zijn dan ook een vordering op de economische hulpbronnen van de Verenigde Staten Er is geen reden tot bezorgdheid voor de Amerikaanse goudpositie en wel om de volgende redenen. Vooreerst blijft de bewering dager geen goud genoeg is om zowel het wettelijke dekkingspercentage van de Federal Reserve banken als de mogelijke terugtrekking van dollartégoeden van het buitenland te dekken, op een zuiver wiskundige vergelijking berus ten die van weinig economische betekenis is. In maart bedroeg de monetaire goudvoorraad van 'de Verenigde Staten $ 22,5 miljard, waarvan $ 11,5 miljard vereist waren voor de 25 pct.dekking van de Federal Reserve biljetten en deposito's; het saldo bedroeg derhalve $ 11 miljard, zijnde $ 2,8 miljard minder dan de buitenlandse dollartegoeden op korte termijn ten bedrage van $ 13,8 miljard (1). Van de $ 13,8 miljard behoorden echter $ 5,8 miljard 'toe aan particuliere banken en ondernemingen, voor het grootste deel in de vorm van transactiegelden. De houders kunnen geen goud aankopen van de Verenigde Staten, doch zij kunnen hun dollars aan de centrale bank van hun land verkopen, die dan goud van de Verenigde Staten kan verkrijgen. Particuliere houders kunnen echter niet al hun dollartegoeden liquideren, vermits een aanzienlijk doch niet bepaald deel uiteraard transactiegelden vertegenwoordigt en een ander deel aangehouden wordt wegens contractuele verplichtingen aan Amerikanen. De overblijvende $ 8 miljard vertegenwoordigden (1) Dit teveel aan dollarverplichtingen aan het buitenland boven het «vrije» goud (d.i. het goud overblijvend na aftrek van het goud vereist voor de wettelijke dekking van de munt) is een tamelijk recent verschijnsel; vóór 1953 was het a vrije» goud groter dan de verplichtingen aan het buitenland en het verschil was aanzienlijk tot Die ontoereikendheid van het «vrije» goud is gedeeltelijk toe te schrijven aan de uitbreiding van de verplichtingen van de Federal Reserve banken en gedeeltelijk aan de goudverliezen van de Verenigde Staten, doch in de eerste plaats aan de stijging van de buitenlandse dollartegoeden. 188

9 activa van buitenlandse monetaire overheden, die kunnen aangewend worden om goud van de Verenigde Staten te kopen; een groot deel van die activa bestaat echter uit transactiegelden die buitenlandse centrale banken en fondsen voor stabilisatie van de wisselkoersen aanhouden om lopende en toekomstige valutabehoeften te dekken of om op de buitenlandse valutamarkten tussenbeide te komen. Van meer belang nog is het feit dat de vreemde landen dollars aanhouden omdat hun behoefte aan dollaractiva. in de naoorlogse jaren in sterke mate vermeerderde naarmate hun handel met de Verenigde Staten zich uitbreidde en betalingen in dollars onder de vreemde landen zelf aan betekenis wonnen. Daarbij komt en dit is van overwegend belang dat liet aanhouden van dollars voor een land slechts een van de vele mogelijkheden is om zijn middelen te gebruiken. Aangezien de reserves in vele landen thans op een meer bevredigend peil werden gebracht, is het waarschijnlijk dat de verdere stijging van de dollarontvangsten wordt gebruikt voor uitbreiding van de invoer veeleer dan voor verhoging van de reserves. In dit opzicht vertonen de reserves van een land een gelijkenis met de kasmiddelen van particulieren. Ten slotte, en afgezien zelfs van de monetaire goudvoorraad, blijft de algemene internationale positie van de Verenigde Staten in de internationale financiën stevig. Weliswaar bedroegen de kortlopende vorderingen op het buitenland van de Amerikaanse handelsbanken in de lente van slechts $ 2,2 miljard of niet meer dan een 15 pct. van de kortlopende verplichtingen van de Verenigde Staten aan het buitenland; doch op lange termijn bedroeg de positie van de Verenigde Staten als nettocrediteur zowat $ 30 miljard. 2. BETEKENIS VAN DE GOUDBEWEGINGEN ONDER DE INTERNATIONALE GOUDENKERNSTANDAARD De goudaankopen en verkopen door de monetaire overheid zijn vanzelfsprekend het middel om uiteindelijk betalingen te verrichten. Nochtans wordt het grootste deel van de internationale transacties, zoals dit steeds het geval was, op de valutamarkten «verrekend», en de overblijvende saldi worden, in een mate die van land tot land verschilt, vereffend door het gebruik van U.S.dollars. Deze laatste vormen voor vele centrale banken en schatkisten een deel van hun monetaire reserves. (Het pond sterling dient eveneens tot valuta voor de monetaire reserves van vele landen.) Internationale goudbewegingen kunnen daarom niet oordeelkundig worden besproken zonder tegelijkertijd rekening te houden met de bewegingen in de dollaractiva van andere landen. Zoals in de vorige bladzijden werd aangetoond, gebruikt het buitenland de van de Verenigde Staten verkregen dollars niet alleen om goud aan te kopen, doch ook om dollarsaldi aan te leggen; evenzo verkoopt het goud telkens het de dollarsaldi moet aanvullen om betalingen te doen. Voor het grootste deel geschiedden de goudaankopen in de Verenigde Staten met de gewone dollarontvangsten; alleen bij uitzondering gebeurde zulks door aanwending van vooraf bestaande dollartegoeden. Nooit hebben andere landen als groep hun dollaractiva aanzienlijk verminderd. Tijdens de gehele naoorlogse periode tot maart hebben zij die activa geleidelijk met 3,5 miljard verhoogd. De politiek en de praktijk die door de verschillende landen worden gevoerd, verschillen aanmerkelijk wat betreft de vorm waarin hun internationale reserves goud of dollars (of sterling) worden aangehouden. Sommige onder hen houden het grootste deel van hun monetaire reserves in goud aan, en telkens zij dollars verkrijgen wegens het 'overschot op hun handels en financiële transacties met de Verenigde Staten, trachten zij een groot deel en soms de algebeelheid van hun nieuw verworven dollars in goud om te zetten door goudaankopen in de Verenigde Staten. Daartegenover verkiezen andere landen hun reserves te versterken met de nieuw gewonnen dollars in plaats van goud aan te kopen. Over het geheel houden de landen die de grootste en de talrijkste goudtransacties met de Verenigde Staten verrichten VerenigdKoninkrijk, België, Nederland en Zwitserland, relatief kleine dollarsaldi aan, en de landen die de ruimste dollarreserves bezitten de Duitse Bondsrepubliek, Italië en Japan, kochten slechts af en toe goud van de Verenigde Staten. De goud en dollarbewegingen tussen de Verenigde Staten en de overige wereld zijn klaarblijkelijk het resultaat van de schommelingen in de Amerikaanse betalingsbalans (op kasbasis). Telkens deze laatste een overschot vertoont, beschikken de andere landen als groep over hun dollarsaldi en verschillende onder hen verkopen goud aan de Verenigde Staten om de ontoereikend geworden dollarsaldi aan te vullen voor het onderhouden van de lopende transacties. Omgekeerd, telkens wanneer de Verenigde Staten een tekort op hun balans (op kasbasis) te zien geven, trachten andere landen een deel van hun dollars verkregen uit transacties met de Verenigde Staten in goud om te zetten, terwijl andere hun dollarsaldi verhogen. De afwisselende fases in de Amerikaanse betalingsbalans komen duidelijk in grafiek 3 tot uitdrukking. Het bovenste gedeelte toont de bewegingen aan van de totale Amerikaanse ontvangsten op andere landen ontvangsten uit goederen en dienstenuitvoer, zowel als uit de kapitaalrekening en van de totale Amerikaanse betalingen aan het buitenland wegens betaling van de goederen en diensteninvoer, Amerikaanse investeringen in het buitenland en uitgaven van de Amerikaanse regering: Het overschot der ontvangsten van de Verenigde Staten boven de betalingen met de overige wereld geeft aanleiding tot 169

10 goud en dollartransfers door het buitenland aan de Verenigde Staten en viceversa; dit wordt aangetoond in het onderste gedeelte van de grafiek. door een toenemende monetaire stabiliteit in een groot deel van de wereld en daarna, met ingang van juli 1950, door het uitbreken van de oorlog in Grafiek 3. Betalingsbalans van de Verenigde Staten 13ron : United Staten Department of C CTCC, Survey of Current BusilleAN. Miljarden dollars 8 Miljarden dollars 7 6 Grafiek 4. Uitvoer en invoer van goederen en diensten door de Verenigde Staten Bron : United Slatel Department of COMMeree, Balinees. Miljarden dollars 7 Survey of Current Miljarden dollars r r 0, %I% P 01 I / Or/ OIO., e9/ [ Gouden dollarbewegingen(3 f2 n Ooit, Pi I I o o r de Verenigde Staten de Veren'gde Stolen OP 'Jo r 2% z 11 alapprrig1 21 " Uitgaven voor invoer, investeringen in het buitenland en schenkingen. 2 Ontvangsten uit uitvoer, buitenlandse investeringen op lange termijn in do Verenigde Staten, vergissingen en weglatingen. 3 Verschil tussen de totale uitgaven en de totale ontvangsten. Noot : In de cijfers zijn de transacties met internationale instellingen begrepen. De gegevens voor het eerste kwartaal van 1058 zijn voorlopig. Doorheen de naoorlogse jaren waren de schommelingen in het Amerikaanse uitvoeroverschot voor goederen en diensten (grafiek 4) de belangrijkste factor in het goud en dollarverkeer tussen de Verenigde Staten en de andere landen. Een bijkomende factor was enerzijds de uitgaven uit hoofde van Amerikaanse economische hulp, leningen van de Amerikaanse regering, en anderzijds de uitvoer van particulier kapitaal (grafiek 5). Zoals in het onderste deel van de grafiek 3 tot uitdrukking komt, heeft de overige wereld van januari 1946 tot september 1949 (datum. van de pariteitsherzieningen van het pond en van andere munten) voor 4,7 miljard goud en dollars aan de Verenigde Staten overgemaakt (1), waarna zij 5 miljard verwierf van oktober 1949 tot juni 1951, d.i. in een periode die vooreerst gekenmerkt was (1) Dit cijfer houdt geen rekening met de betalingen van de Verenigde Staten uit hoofde van de deelnemingen aan het Internationale Monetaire Fonds en aan de Internationale Bank voor Herstel en Ontwikkeling. _ c a Excl. de leveringen van militaire goederen uit hoofde van hulpverlening door de Amerikaanse regering. Noot : In de cijfers zijn de transacties met internationale instellingen begrepen. De gegevens voor liet eerste kwartaal van zijn voorlopig. Korea en de inflatore spanningen die daarop in de Verenigde Staten en in andere landen volgden. Omstreeks medio 1951 waren die spanningen in de Verenigde Staten en in sommige andere landen geweken, doch zij duurden voort in talrijke landen van het sterlinggebied; de ommekeer in de betalingsbalans ten gevolge van deze en andere factoren gaf van juli 1951 tot maart 1952 aanleiding tot een afvloeiing van 1 miljard goud en dollars naar de Verenigde Staten. Van april 1952 tot in september 1956, d.i. in een tijd van stijgende produktie en groeiende monetaire stabiliteit in het grootste deel van de vrije wereld, verwierven de andere landen in hun geheel $ 7,5 miljard van de Verenigde Staten. In liet laatste kwartaal van 1956 en in 1957 verloren de andere landen te zamen $ 0,8 miljard reserves ten gunste van de Verenigde Staten, in omstandigheden die in de volgende paragraaf bondig zullen beschreven worden. In de laatste maanden van 1957 wijzigde de betalingspositie van de overige wereld met de Verenigde Staten zich andermaal en in het eerste kwartaal van verwierven de andere landen samen 0,5 miljard in goud en dollars uit hun transacties met de Verenigde Staten. Die tendens hield aan in het tweede kwartaal. De goud en dollarverliezen van de overige wereld ten bate van de Verenigde Staten in 1957 waren niet toe te schrijven aan een teruggang der Amerikaanse aankopen en andere betalingen in het buitenland (het totaal bedrag der betalingen steeg 170

11 in 1957 voor liet vierde achtereenvolgende jaar), doch veeleer aan een scherpe toeneming van de buitenlandse uitgaven voor de aankoop van Amen Grafiek 5. Miljoenen dollars Overheidsschenkingen en leningen aan het buitenland en uitvoer van Amerikaans particulier kapitaal 500 (Teken = nettoinvoer) Bron : United States Department of Commerce, Survey of Current Business. SCHENKINGEN DOOR DE AMERIKAANSE REGERING hulpverlen ng) OVERHEIDSLENINGEN U TVOER VAN AMERIKAANS PARTICULIER KAPITAAL Miljoenen dollars 1500 o Beringen op korte termijn o het buitenland) Noot : De gegevens voor het eerste kwartaal van zijn voorlopig kaanse goederen zowel als aan een toevloeiing van vreemde gelden in de Verenigde Staten. De stijging van de uitvoer van de Verenigde Staten in het begin van 1957 vloeide voort uit verscheidene bijzondere of tijdelijke factoren meer bepaald de Suezcrisis, doch zij hield eveneens verband met een aanzienlijke toeneming van de vraag naar Amerikaanse grondstoffen en industriële produkten als een bijkomend gevolg van de inflatore druk in het buitenland, die bij het einde van 1956 en in het begin van 1957 in hevigheid toenam. Bij het einde van laatstgenoemd jaar was evenwel de inflatore vraag in een groot deel van de wereld verzwakt en de uitvoer van de Verenigde Staten ging dan ook verminderen. Daarentegen hield de goedereninvoer in de Verenigde Staten zich goed op peil in het tweede halfjaar van 1957 en in de eerste helft van, Ondanks de Amerikaanse recessie. De hieruit voortspruitende vermindering van het Amerikaanse overschot in lopende rekening samen met een belangrijke kapitaaluitvoer (nl. de uitgifte van Royal DutchShell, de opbrengst van verschillende kapitaalemissies te New York, een terugvloeiing van kapitaal dat tijdens de sterlingcrisis van 1957 in dollars was omgezet, enz.) stelden sommige landen in staat vrij ruime dollarbedragen te verkrijgen, die, zoals reeds werd opgemerkt, grotendeels voor goudaankopen werden gebruikt. In maart bedroegen het monetaire goud en de overheids en particuliere dollartegoeden van de landen buiten de Verenigde Staten (1) $ 30,4 miljard, d.i. $ 11,1 miljard meer dan in maart 1952 toen de stijging begon en $ 14,9 miljard meer dan in september Weliswaar zouden die tegoeden in 1957 teruggelopen zijn zonder de trekkingen op het Internationale Monetaire Fonds. Verder dient onderstreept dat het goud en dollarverlies van de andere landen in 1957 minder dan 3 pct. van hun totale goud en dollarreserves beliep; bovendien werd het ruim gedekt door hun trekkingen op het internationale Monetaire Fonds. Uit dit oogpunt beschouwd, kon dergelijk verlies voor de Verenigde Staten slechts een geringe invloed op de internationale liquiditeiten uitoefenen. De reserves zijn er om gebruikt te worden en het ware inderdaad buitengewoon zo er geen jaren waren waarin ze niet per saldo zouden verminderen. In de hedendaagse wereld wordt de dollar echter niet alleen aangewend om saldi tussen de overige wereld en de Verenigde Staten te vereffenen, doch ook om betalingen onder de vreemde landen zelf te verrichten. Voor een afzonderlijk land heeft een algemeen tekort tegenover het buitenland dan ook in de regel een daling van zijn dollar of goudreserves tot gevolg, en dit verlies kan ten onrechte als een dollartekort worden beschouwd, zelfs indien de goud en dollarverliezen tegenover derde landen en niet tegenover de Verenigde Staten werden geleden. Dergelijke tekorten, die een vereffening in U.S. dollars zowel als in goud vereisen, gaven op verschillende tijdstippen in 1957 aanleiding tot bijzonder hoge goud en dollarverliezen van landen als het VerenigdKoninkrijk en Frankrijk; de voornaamste tegenpost van de verliezen was de gouden dollarwinst van Duitsland. Thans bezitten de andere landen samen veel hogere goud en dollarreserves dan enkele jaren geleden om vele moeilijkheden voortvloeiend uit een Amerikaanse recessie het hoofd te bieden. Het is vanzelfsprekend onmogelijk met enige nauwkeurigheid (1) Eveneens met uitsluiting van de goudvoorraad van de Sovjetunie, van andere Oosteuropese landen en van het Chinese vasteland; de goud en dollartegoeden van de internationale financiële instellingen andere dan de Bank voor Internationale Betalingen en de Europese Betalingsunie zijn eveneens uit. gesloten. «Dollartegoeden» omvatten overheids en particuliere tegoeden en bestaan in de eerste plaats uit dadelijk opeisbare en termijndeposito's, kortlopende certificaten van de Amerikaanse regering, bankaccepten en het geraamde bezit aan Amerikaanse bankbiljetten en regeringsobligaties. Bijzondere gegevens over het goud en dollarbezit verschijnen geregeld in het Federal Reserve Bulletin. 171

12 liet verlies te voorzien in de dollarontvangsten van het buitenland voortvloeiend uit de teruggang van het bedrijfsleven in de Verenigde Staten. In de eerste naoorlogse recessies daalde de Amerikaanse goedereninvoer met zowat $ 500 miljoen in 1949 t.o.v en met $ 700 miljoen in 1954 t.o.v Thans viel er in de eerste vier maanden van slechts een zeer matige vermindering van de invoer vast te stellen doch zelfs zo die teruggang ca. $ 1 miljard voor het gehele jaar bedroeg, zou het niet als buitenmate groot kunnen beschouwd worden, gelet op de 30 miljard goud en dollarreserves van andere landen, zonder te gewagen van de 2,1 miljard goud of dollarreserves van het Internationale Monetaire Fonds. Stellig zou ook de daling van de particuliere Amerikaanse investeringen een neerdrukkende factor kunnen zijn. Doch die investeringen namen aanzienlijk toe in de eerste helft van. Daarentegen zijn er momenteel geen redenen om een gevoelige daling van de economische hulpverlening en van andere uitgaven van de Amerikaanse regering in het buitenland te verwachten. Alles samen genomen, zijn de goud en dollarreserves van andere landen in hun geheel dan ook meer toereikend om het hoofd te bieden aan een Amerikaanse recessie dan op enig ander tijdstip in de laatste vijfentwintig jaar. En nochtans hoorde men begin weer commentaar die voor een ernstig tekort aan internationale reserves waarschuwt. Ten einde te verhinderen dat die schaarste de wereldhandel zou remmen, wordt gepleit voor een algemene vermeerdering van de monetaire reserves in de wereld door middel van een sterke verhoging van de goudprijs. De tendensen in het internationale betalingsverkeer en in de goud en dollarreserves rechtvaardigen, zoals eerder gezegd, dergelijke zienswijze niet (1). Bovendien verschillen de moeilijkheden in het internationale betalingsverkeer en in de ontwikkeling van de monetaire reserves heden ten dage grondig van het «dollartekort» in de vrije wereld tijdens de eerste naoorlogsjaren. Te dien tijde waren de betalingsbalansen, veeleer dan een bewijs te zijn van een chronische onevenwichtigheid, in wezen een teken van het snelle naoorlogse herstel dat de schenkingen en leningen van de Verenigde Staten trachtten te bespoedigen. Daartegenover zijn de (1) Voor een betere uiteenzetting van het probleem van de goudprijs in de omstandigheden van medio, zie «The Price of Gold», First National City Bank, Monthly Letter, juni, blz De thesis van de revaluatie van de goudprijs werd methodisch doch kritisch, onderzocht in M.A. Kriz, «The Price of Gold», een bijdrage gepubliceerd in juli 1952 door The International Finance Section, Department of Econontics and Social Institutions, Princeton University, Princeton N. J. De bijdrage werd in 1954 herdrukt door de National Industrial Conference Board (NewYork, N.Y.) in «Shall we return to a Gold Standard Now?» Studies in Business Economics, nr 43). De bijdrage was aanvankelijk voorbereid geworden voor de Derde Vergadering van deskundigen der centrale banken van het Amerikaanse vasteland, die te Havana, op 25 februari 7 maart 1952 gehouden werd, en zij was in het Spaans in de Notulen van de Conferentie gepubliceerd geworden. hedendaagse problemen voor het merendeel ontstaan uit de snelle groei in landen die tot dusver niet geleerd hebben de produktie, de werkgelegenheid en het inkomen te verhogen zonder inflatore spanningen en betalingsbalanstekorten te vermijden. Om die reden hebben de betalingsmoeilijkheden en de ontoereikendheid der monetaire reserves niet langer meer een wereldomvattende omvang en karakter. Om die reden ook rechtvaardigen zij evenmin een massale aangroei van de internationale liquiditeiten. Zeker zijn. de betalingsbalansproblemen van sommige landen ernstig en veel staat er nog te doen om een bestendig evenwicht van de balans in vele landen te verzekeren. De betalingsbalanspositie verbeterde trouwens bij het einde van 1957 en in het eerste halfjaar van. Doch een algemene verhoging van de goudprijs ware een bedrieglijk heelmiddel en niet een rationele methode om de ontoereikendheid der reserves te bestrijden. Bovendien zou zij verkeerdelijk kunnen aangewend worden als een surrogaat van de binnenlandse en internationale maatregelen die de vrije wereld zal moeten treffen om doelmatig haar fundamentele economische en financiële problemen op te lossen. Van binnenlands standpunt uit bezien, moet ieder land uiteraard zijn betalingsmoeilijkheden op eigen initiatief en verantwoordelijkheid bestrijden. Op het internationale plan zijn er andere en betere middelen dan een verhoging van de goudprijs om de spanningen in het internationale handels en betalingsverkeer te verzachten, zo een ernstige recessie zich in de Verenigde Staten moest voordoen, die een sterke daling der betalingen van dit land aan de overige wereld zou veroorzaken. Onder de maatregelen die in een dergelijke crisis kunnen overwogen worden, vermelden wij in het bijzonder een verhoging van de quota's van het Internationale Monetaire Fonds. Fundamenteel kan een beter internationaal evenwicht alleen hersteld worden door een krachtige Amerikaanse politiek gericht op het aanwakkeren van de economische herneming in dat land en derhalve dank zij een stijging van de Amerikaanse vraag door een toeneming van de Amerikaanse aankopen en investeringen in het buitenland. BESLUIT Dat het goud zijn grote betekenis in het internationale geldwezen heeft behouden, is niet enkel toe te schrijven aan het feit dat de landen van het Britse Gemenebest de voornaamste goudproducenten zijn en de Verenigde Staten de voornaamste bezitters, doch ook en vooral doordat de gemeenschap der landen er een aanzienlijk gebruik van maakt. Vooreerst worden de U.S.dollar en sommige andere munten in functie van het goud bepaald en de waarde van de valuta's, die zelf niet in goud zijn uitgedrukt, worden krachtens de statuten van het Internationale Monetaire Fonds vastgesteld in 172

13 termen van de U.S.dollar, die aldus in feite als een anker dient waaraan de wereldmunten zijn vastgehecht. Verder worden de internationale reserves hoofdzakelijk in goud aangehouden en de monetaire overheden kopen en verkopen het tegen vaste prijzen of binnen de voorgeschreven marges aan weerszijden van een vaste pariwaarde, voor het vereffenen van de internationale saldi; dit goud bestaat in de vorm van goudstaven of ongemunt goud ; vandaar de naam «internationale goudenkernstandaard». Ten slotte houden regeringen en centrale banken voortdurend rekening met de reële zowel als met de potentiële verhoudingen bestaande tussen de binnenlandse economische en monetaire factoren en politiek enerzijds en de betalingsbalans van het land en het peil Van zijn internationale reserves anderzijds. Het is duidelijk dat geen enkel land steeds meer kan verbruiken of investeren dan het voortbrengt : het kan slechts zolang boven zijn middelen leven als het zijn goud en deviezenreserves uitgeeft of leningen en schenkingen van het buitenland ontvangt. Indien er een les kan getrokken worden uit de monetaire ervaring van het laatste decennium, dan is het dat het verband tussen het binnenlandse economische evenwicht en de internationale reserves van elk land, zelfs al is het minder star dan onder de gouden standaard, niettemin van reële betekenis blijft. In het bijzonder zijn de goudaankopen en verkopen door de monetaire overheden een normaal en zelfs onmisbaar bestanddeel in de werking van het internationale monetaire mechanisme. De meeste landen andere dan de Verenigde Staten handhaven de buitenlandse waarde van hun munt, omdat ze bereid zijn als kopers of verkopers van U.S.dollars binnen de voorgeschreven grenzen op te treden. Door goud aan te kopen telkens wanneer andere landen hun dollartegoeden moeten aanvullen om op de valutamarkten tussenbeide te komen, dragen de Verenigde Staten ertoe bij de stabiliteit van de bestaande structuur van de wisselkoers te vrijwaren. De Verenigde Staten hebben aldus hoge goudbedragen aangekocht, die ondanks het verlies van $ 1,6 miljard in de eerste zeven maanden van nog steeds meer dan $ 21 miljard belopen. Klaarblijkelijk zou er geen reden zijn voor het aankopen van goud tegen de officiële prijs in het verleden en voor de bereidheid er in de toekomst te kopen, indien de Verenigde Staten het niet tegen dezelfde prijs wensten te verkopen met het doel de verhouding tussen het goud en de dollar stabiel te houden. Moesten inderdaad de Verenigde Staten weigeren goud tegen officiële prijs aan buitenlandse monetaire overheden te verkopen, dan zou dit niet alleen storende gevolgen op de economie van de rest van de vrije wereld veroorzaken, doch onvermijdelijk ook de belangen van de Verenigde Staten schaden. Het is dan ook van het hoogste belang voor deze laatste de koers van de dollar door goudaankopén en verkopen stabiel te houden.

14 BIJDRAGE VAN DE OVERHEID EN VAN HET BANKWEZEN IN DE FINANCIERING VAN DE BUITENLANDSE HANDEL VAN DE BELGISCHLUXEMBURGSE ECONOMISCHE UNIE ( 1 ) In het produktiestelsel van de wereld neemt de BelgischLuxemburgse Economische Unie de plaats in van een hoofdzakelijk verwerkende volkshuishouding die voor haar voorziening met grondstoffen op het buitenland is aangewezen en nagenoeg 40 pct. van de waarde van haar produkten op de buitenlandse markten afzet. De BelgischLuxemburgse Economische Unie moet derhalve beschikken over een apparaat voor de financiering van de buitenlandse handel, dat zowel ingesteld is op de invoer van grondstoffen als op de uitvoer van halfafgewerkte en afgewerkte produkten. Anderzijds staat men in België, in tegenstelling met de grote landen, vaak tegenover middelgrote of zelfs kleine ondernemingen waarvan de afzet in het buitenland meestal een zeer belangrijk gedeelte van hun omzet vertegenwoordigt. Daaruit vloeit voort dat de Belgische bedrijven zelf de last niet zouden kunnen dragen van de betalingstermijnen die zij aan hun buitenlandse cliëntele toestaan en meestal een beroep moeten doen op gespecialiseerde instellingen. Normaal werd deze financieringsfunctie vóór de oorlog uitsluitend door de particuliere banken waargenomen. Aan hun cliëntele van invoerders of van uitvoerders verstrekten zij, zoals thans nog, faciliteiten ten einde de financiering van individuele handelstransacties te verzekeren gedurende een min of meer lange periode van de transactie. Thans bestaan er publiekrechtelijke of semipublieke instellingen die het de banken mogelijk maken de kredieten te mobiliseren welke voor de financiering van de buitenlandse handel werden toegestaan. De opheffing van de externe convertibiliteit van de meeste geldsoorten en de moeilijkheden in het internationale betalingsverkeer na de tweede wereldoorlog gaven ontstaan aan een nieuwe vorm van financiële hulpverlening aan de buitenlandse handel, nl. de gezamenlijke kredieten door de monetaire overheden van het ene land aan het andere toegestaan in het kader van een bilateraal of multilateraal betalingsakkoord of door bemiddeling van een internationale financiële instelling. De financiering van de buitenlandse handel ging van dat ogenblik af twee vormen aannemen : die van individuele kredieten ter financiering van bepaalde transacties en die van gezamenlijke kredieten onder landen onderling. De eerste categorie kredieten behoort tot het domein van de bedrijven, particuliere of publiekrechtelijke, banken of andere; een uitvoerder heeft aan een buitenlandse cliënt een betalingstermijn toegestaan waarvan hij de financieringslast op een bank, op een semipublieke kredietinstelling of op de markt tracht af te wentelen; een Belgische invoerder die de betaling aan zijn buitenlandse leverancier contant of op zeer korte termijn heeft dienen te vereffenen, zoekt liquiditeiten bij zijn bankier. Het gaat hier dus wel om de financiering van een bepaalde en individuele handelstransactie : de uitvoer van een bepaalde hoeveelheid staal of de invoer van een bepaald aantal zakken koffie. Van geheel andere aard zijn de kredieten die de monetaire overheden van twee landen aan elkaar verstrekken. Het betreft hier niet meer de financiering van een individuele transactie, maar de dekking van het saldo van een geheel van vervallen vorderingen en schulden ontstaan uit allerhande betrekkingen onder de volkshuishoudingen. Die kredieten strekken er dus toe een onevenwichtigheid in het betalingsverkeer met het buitenland te verhelpen. Dit betalingsverkeer met het buitenland vloeit voort uit een geheel van verrichtingen die als «autonoom» kunnen bestempeld worden, in die zin dat zij door andere beweegredenen dan door de zorg voor het evenwicht in liet betalingsverkeer zijn ingegeven. In een niet geleide volkshuishouding kan zulks niet anders; de particulieren en de bedrijven treden elk afzonderlijk op en laten aan de overheid de zorg om te waken over liet ontstaan van een onevenwichtigheid in het stelsel en om te zoeken naar globale oplossingen indien het evenwicht verbroken wordt. Daaruit vloeit voort dat deze kredietverrichtingen ter compensatie van globale saldi niet op liet vlak der bedrijven worden afgewikkeld. Het zijn de monetaire overheden der verschillende landen die zich onderling kredietfaciliteiten toestaan ten behoeve van hun respectieve volkshuishoudingen. In dit geval is er geen sprake racer van betalingstermijnen die door de uitvoerders aan cliënten (1) Dit artikel werkt de studie bij, die onder dezelfde titel gepubliceerd werd in het Tijdschrift voor Documentatie en Voorlichting van februari 1953, blz Sommige beschouwingen van theoretische aard die in de eerste publikatie werden ontwikkeld, zullen hier beknopt worden hernomen ten einde de lectuur te vergemakkelijken. 174

15 worden toegestaan; de verleende handelskredieten zijn vervallen; de buitenlandse kopers beschikken over de nodige koopkracht om hun verplichtingen te voldoen; doch zij beschikken hierover in hun nationale munt en zij dienen zich deviezen aan te schaffen. De moeilijkheid vloeit dus niet voort uit het onvermogen van de cliënten, doch uit de schaarste aan internationale betaalmiddelen ter beschikking van de monetaire overheid van hun land. Deze laatste dient dus kredieten te verkrijgen vanwege de bevoegde instellingen van de landen die een overschot op hun betalingsbalans hebben. Er dient nochtans onderstreept dat er een verband bestaat tussen.de handelskredieten en de compensatiekredieten in die zin dat een massale wijziging van de toegestane of verkregen betalingstermijnen (d.i. van de betalingsvoorwaarden) de betalingsbalans van een land beïnvloedt. De verlenging bijv. der aan buitenlandse bedrijven toegestane betalingstermijnen of de uitbreiding van deze praktijk tot andere handelstakken waar zij nog niet toegepast werd, verslecht de financiële toestand van een land daar de toevloeiing van deviezen vertraagd wordt, en beïnvloedt aldus de eventuele behoeften aan compensatiekredieten. De kredieten van de monetaire overheden steunen voorzeker zij het dan ook indirect de activiteit van de uitvoerbedrijven van hun land; zij bezorgen inderdaad aan de volkshuishoudingen die met een tekort hebben af te rekenen, de ontbrekende geldsoorten. Bij ontstentenis van deze steun zouden de monetaire overheden van die landen zonder twijfel spaarzamer moeten omspringen bij het toekennen van deviezen van de crediteurlanden : de buitenlandse vraag naar de produkten van deze laatste zou teruglopen bij gebrek aan internationale betaalmiddelen in de aankooplanden. De handelskredieten, d.i. diegene welke verstrekt worden ter financiering van individuele handelstransacties met het buitenland, zullen vooreerst in beschouwing genomen worden. teiten begrepen waaraan niet specifiek een internationale handelstransactie ten grondslag ligt. Het spreekt vanzelf dat al de andere bankfaciliteiten die het bedrijf zich verzekert, effectief zijn uitvoer of invoerbedrijvigheid vergemakkelijken hetzij bij wege van een versterking van het bedrijfskapitaal, hetzij bij wege van financiering van het fabricageprogramma Het is echter onmogelijk hun bedragen te bepalen, zolang die kredieten niet kunnen afgezonderd worden van de massa der voorschotten en discontokredieten waarover de firma bij haar bankiers beschikt. Alleen de kredieten betreffende een individuele handelstransactie met het buitenland zullen hier derhalve in aanmerking genomen worden. Volgens de onder de partijen overeengekomen betalingsvoorwaarden valt de financiering van een dergelijke verrichting min of meer ten laste van de koper of van de verkoper. De betalingsvoorwaarden schommelen inderdaad volgens de geografische markten en volgens de produkten. Ze worden echter door een algemene factor beïnvloed, nl. de verhouding tussen het aanbod en de vraag. Wanneer men met een «seller's market» te doen heeft, d.i. wanneer de toestand van de markt voordeliger is voor de verkoper, zal de uitvoerder over het algemeen voorwaarden opleggen die de contante betaling sterk benaderen : de buitenlandse cliënt zal zich moeten belasten met de financiering van de transactie hetzij door middel van zijn eigen liquiditeiten, hetzij door middel van de bekomen bankkredieten. In dit geval gaat het om een invoerkrediet, daar de actieve persoon bij het zoeken naar de financiering de invoerder is. Wanneer de cliëntele daarentegen, dank zij de concurrentie onder verkopers, haar aankopen aan de toekenning van betalingsfaciliteiten kan binden, zullen de leveranciers de eventueel vereiste bankfaciliteiten moeten trachten te verkrijgen. Om te kunnen verkopen, zal de uitvoerder een betalingstermijn aan zijn cliënt dienen toe te staan en de gebeurlijke mobilisatie hiervan pogen te bekomen. I. KREDIETEN VOOR DE FINANCIERING VAN INDIVIDUELE HANDELSTRANSACTIES MET HET BUITENLAND Het gaat hier dus om kredieten die hetzij de uitvoerder in staat stellen zijn kasmiddelen opnieuw aan te vullen bij wege van vervroegde mobilisatie van de betaling die hij na een overeengekomen termijn voor de reeds uitgevoerde verzendingen naar het buitenland moet ontvangen, hetzij het de invoerder mogelijk maken zich de middelen te verschaffen om de contant of zelfs vóór ontvangst betaalbare leveringen te betalen, terwijl de tegeldemaking der ingevoerde produkten, eventueel na verwerking, de terugbetaling van de door de invoerder aangegane verplichting moet mogelijk maken. Op grond van die definitie zijn onder de kredieten aan 'de uitvoer of invoerbedrijven niet de facili a) Uitvoerkredieten. De Belgische uitvoerder die zich in de noodzakelijkheid bevindt zelf te zorgen voor de mobilisatie van het aan zijn buitenlandse cliënt toe. gestane handelskrediet, kan zijn bank of eventueel een andere financiële instelling verzoeken om een kaskrediet al dan niet gewaarborgd door een inpandgeving van een vordering op de buitenlandse koper. Hij kan eveneens een wissel trekken op deze laatste en deze bij de banken verhandelen.. De beschikbare statistieken verstrekken slechts gedeeltelijke gegevens over de omvang van deze categorieën uitvoerkredieten. Enerzijds beschikt men slechts over een vrij volledige documentatie voor de door de Nationale Bank geviseerde handelsaccepten. Het gaat hier om handelswissels in Belgische franken die door een buitenlandse koper 175

16 geaccepteerd en door een Belgische bank geëndosseerd zijn. De Nationale Bank verbindt er zich door de aanbrenging van haar visum formeel toe ze zonder meer tot het herdisconto toe te laten voor zover hun looptijd niet langer dan 120 dagen is. Zij worden op de markt van het particuliere disconto verhandeld door bemiddeling van het Herdisconteringinstituut. Op het einde van het eerste halfjaar van beliep het uitstaande bedrag geviseerde handelsaccepten betreffende uitvoer fr. 0,4 miljard. Wat anderzijds de nietgeviseerde handelsaccepten op het buitenland en de door de Belgische banken aan de uitvoerders toegestane kaskredieten betreft, kunnen enkele aanwijzingen gevonden worden in de aanwending van de «herdiscontolijnen» waarover de banken bij het Herdiscontering en Waarborginstituut beschikken. Dit laatste komt inderdaad tussenbeide door aan de banken speciale faciliteiten te verlenen, nl. «herdiscontokredieten», in tegenwaarde van de kredieten die door de banken aan hun cliëntele worden verstrekt voor de afzet van produkten in het buitenland, op voorwaarde dat de duur van de aan de buitenlandse kopers toegestane betalingstermijnen geen twee jaar overschrijdt. In de loop der jongste jaren heeft het beroep van de banken op die kredieten nochtans zelden het totale bedrag bereikt van de. kredietschijf (560 miljoen op het einde van 1957), die door het Instituut bestemd werd voor de financiering van de afzet van produkten in het buitenland. Behoudens in 1957, overtrof de beschikbare marge steeds 400 miljoen. De handelsaccepten ter financiering van de toekenning van betalingstermijnen die door het Instituut mogen gedekt worden, d.i. van betrekkelijk korte termijnen, maken zelden het voorwerp uit van herdiscontokredieten, daar ze door de Nationale Bank geviseerd en aldus op de markt aangeboden kunnen worden (1). De Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid komt eveneens tussenbeide ten einde de toekenning van betalingsfaciliteiten mogelijk te maken aan de buitenlandse kopers van Belgisch materieel. Zij kent kredieten toe aan de uitvoerders die het hoofd te bieden hebben aan betalingstermijnen van minstens twee jaar, op voorwaarde dat de kredietvraag gestaafd wordt door een bankgarantie en door een waarborg van de Nationale Delcrederedienst en dat het handelskrediet welk aan de basis ligt van het gevraagde krediet niet strijdig zij met de algemene economische politiek. Op 31 december 1957 beliepen die kredieten fr. 1,2 miljard, waarvan fr. 700 miljoen waren aangewend. Behoudens op de hierboven vermelde procédés kan de Belgische uitvoerder die de toekenning van een betalingstermijn moet financieren, een beroep doen op een ander procédé, nl. het bankaccept, waarbij een bank, op verzoek van de uitvoerder, een wissel accepteert die door deze laatste op haar wordt getrokken. Daar deze wissel door een bank is geaccepteerd, (1) Verslag van het Herdiscontering en Waarborginstituut, dienstjaar 1955, blz. 15. vormt hij een veilig actief dat gemakkelijk en tegen voordelige voorwaarden op de geldmarkt kan verhandeld. worden. Dank zij het bankaccept kan de verkoper gemakkelijker de vereiste middelen bekomen voor de financiering van de transactie met het buitenland. Deze financieringswijze kende na de oorlog in België een belangrijke uitbreiding ingevolge de oprichting van een markt van accepten in Belgische franken op initiatief van de Nationale Bank en van het Herdiscontering en Waarborginstituut. Door het mechanisme van het visum heeft de Bank de markt in de hand gewerkt. Door het aanbrengen van haar visum, verplicht de Bank er zich formeel toe de geviseerde wissels zonder meer tot het herdisconto toe te laten voor zover zij geen 120 dagen meer te lopen hebben en zij door een andere bankier dan de acceptant, door een openbare instelling of door een discontokantoor worden afgestaan. De circulatiebank onderwerpt trouwens de toekenning van haar visum aan bepaalde voorwaarden : o.m. het economische nut van de handelstransactie die aan de basis ligt van de trekking evenals de opstelling in Belgische franken van de wissel. Eens dat de wissels geviseerd zijn, worden ze meestal verhandeld op de markt die door het Herdiscontering en Waarborginstituut is ingericht en geregulariseerd. In beginsel koopt dit laatste al de geviseerde accepten voor zover zijn middelen dit toelaten. Het verschaft zich liquiditeiten door middel van daggeldleningen op de geldmarkt. Indien de toestand van de geld en kapitaalmarkten zulks toelaat, verkoopt het Instituut geviseerde accepten aan banken of aan particuliere of parastatale instellingen andere dan banken. Wanneer de middelen van de markt ontoereikend zijn, herdisconteert het Instituut desnoods gedeeltelijk zijn portefeuille geviseerde wissels bij de Bank, tegen de officiële discontovoet. Evenals voor de geviseerde handelsaccepten beschikt men over een vrij volledige statistische documentatie wat de bankaccepten betreft die ter visering werden voorgelegd. Op grond van deze gegevens kan namelijk een classificatie der goederen opgesteld worden naar de aard en naar het land van bestemming en kan de gemiddelde looptijd van de wissels berekend worden. Voor de nietgeviseerde bankaccepten beschikt men over geen enkele inlichting van dien aard : het is trouwens niet zeker dat zij steeds aangewend worden voor de financiering der verrichtingen betreffende de buitenlandse handel. Het kan ook gaan om financieel papier. Voor een analyse van het aandeel. der banken in de financiering van de uitvoer, beschikt men dus slechts over de statistieken der geviseerde handels of bankaccepten. Men mag nochtans redelijkerwijze aanvaarden dat deze laatste een belangrijk gedeelte vertegenwoordigen van het papier dat aangewend wordt ter financiering van de betalingstermijnen:door de Belgische uitvoerders_toegestaan. 176

17 De kosten van deze financieringswijze zijn inderdaad bijzonder voordelig. Het tarief door het Herdiscontering en Waarborginstituut toegepast voor de geviseerde accepten op 120 dagen en minder (voor de banken van eerste categorie) ligt steeds beneden de officiële discontovoet, terwijl de rentevoorwaarden die door de handelsbanken voor andere verrichtingen worden toegepast, over het algemeen duurder zijn dan de discontovoet. Sedert 4 september bedragen de rentevoeten door het Instituut toegepast bij zijn aankopen van geviseerde bank of handelsaccepten (banken van eerste categorie) betreffende uitvoer met een maximumlooptijd van 120 dagen, resp. 2 1/2 en 2 5/8 pct. (1), terwijl de officiële discontovoet van. de Nationale Bank sedert 28 augustus 3,50 pct. beloopt. (1) Sedert 4 september werd het tarief voor het papier met langere looptijd door het Instituut als volgt vastgesteld : Geviseerde bank en bandelsaccepten (Banken van eerste categorie) ter financiering van de invoer ter financiering van de uitvoer 121 tot 240 dagen... Tarief N.B.B.. + 1/4 Tarief N.B.B.* 241 tot 365 dagen /8» + 1/2 366 tot 545 dagen /8 e + 3/4 546 tot 730 dagen /4 + 1 (C) Rentevoet van in een bank gedomicilieerde geaccepteerde wissels. Anderzijds voert de Nationale Bank van België éen vrij ruime politiek inzake visering van uitvoeraccepten. De behoeften aan kredieten op minder dan twee jaar voor de financiering van de afzet in het buitenland worden zonder twijfel grotendeels gedekt door middel van. geviseerde geaccepteerde wissels. Deze veronderstelling wordt trouwens bevestigd door het feit dat de kredietfaciliteiten waarover de banken beschikken om hun andere uitvoerkredieten te mobiliseren, weinig benut worden. De volgende analyse steunt op de statistiek der geviseerde accepten, door de Nationale Bank van België opgesteld. Het gezamenlijke bedrag der geviseerde accepten steeg voortdurend, behoudens gedurende het jaar 1957, toen' de Nationale Bank een restrictieve politiek voerde inzake het viseren van wissels betreffende de afzet van sommige produkten zoals staal, nonferro metalen en brandstoffen. Het volume der geviseerde handelsaccepten dat slechts een gering percentage van het totaal der geviseerde effecten vertegenwoordigt, kende een vrij merkwaardig verloop : het steeg voortdurend tot in 1956 en daalde merkelijk tijdens de meer recente periode. Die accepten hebben vaak betrekking op ver Tabel I. Financiering van de uitvoer door het mechanisme van geviseerde accepten (Maandgemiddelden In miljoenen franken) le halfjaar Geviseerde bankaccepten Geviseerde handelsaccepten Totaal n.v. n.v Totaal der geviseerde accepten in pct. van de uitvoerwaarde zendingen van uitrustingsgoederen en hun evolutie is soms afhankelijk van de uitvoering van enkele belangrijke contracten. De absolute bedragen zijn echter geen aanwijzing voor de betekenis van de aanwending van het acceptkrediet voor de financiering van de afzet in het buitenland. Daarom werd in tabel I het bedrag der in de loop van een jaar of van een semester geviseerde accepten vergeleken met de uitvoerwaarde van de Economische Unie in de loop van dezelfde periode. Die vergelijking per periode is vrij gerechtvaardigd, daar er praktisch geen tijdsverschil bestaat tussen het ogenblik waarop het visum wordt toegestaan en dat waarop de verkoop wordt opgetekend, d.w.z. op het ogenblik van de verzending der goederen. De trekkingen kunnen evenwel vernieuwd worden en hun bedrag zal begrepen zijn in het volume der geviseerde wissels. Ten einde een nauwkeurige ver gelijking mogelijk te maken, zouden de vernieuwingen van wissels dienen uitgeschakeld; de vergissing is echter niet zeer groot, behoudens in Het gedeelte van de uitvoer dat door accepten wordt gefinancierd, is betrekkelijk klein. Daar over het algemeen de kredietbehoeften voor. de financiering van de uitvoer blijkbaar gedekt zijn, wordt verondersteld hetzij dat de contante betaling in de uitvoer van de Economische Unie nog sterker is verspreid dan de toekenning van een betalingstermijn, hetzij dat de uitvoerders zelf de financiering verzorgen van de betalingsfaciliteiten die zij aan hun cliënten toestaan, hetzij dat. zij. op andere.financieringsmiddelen een beroep doen. Deze laatste veronderstelling is blijkbaar weinig gegrond gelet op de geringe kosten van de acceptkredieten en de doorgaans soepele politiek van de Nationale Bank inzake visering van uitvoeraccepten. 177

18 Die vergelijking tussen het volume der geviseerde accepten en de waarde van de uitvoer verstrekt trouwens slechts weinige gegevens over de min of meer ruime aanwending van acceptkredieten in de verschillende conjunctuurfasen. Weliswaar hebben de uitvoerders van 1952 tot 1954, toen de buitenlandse vraag vrij zwak was, een ruimer gebruik gemaakt van acceptkredieten. Om redenen die eveneens verband hielden met de evolutie van de wereldvraag, deed zich van 1956 tot 1957 een vermindering voor van het beroep op de financiering met geviseerde accepten en viel gedurende het eerste halfjaar van opnieuw een toenemende aanwending van dit financieringsprocédé waar te nemen. Bij de beoordeling van de jongste bewegingen dient echter met omzichtigheid te werk gegaan. De restrictieve maatregelen die door de Bank gedurende de laatste maanden van 1956 op gebied van het uitvoervisum werden genomen, hebben waarschijnlijk invloed uitgeoefend op de aanwending van het geviseerde accept voor de financiering van de afzet in het buitenland gedurende het jaar De geleidelijke verzachting, tijdens het laatste kwartaal van 1957 en bij het begin van, van de vroeger toegepaste beperkingen hebben, afgezien van de invloed van de conjunctuur, een verhoging der geviseerde bedragen in het eerste halfjaar van veroorzaakt. Zelfs indien het jaar 1957 en het eerste halfjaar van buiten beschouwing gelaten worden, zou daaruit niet mogen besloten worden dat de uitvoerders een groter gebruik maken van acceptkredieten in periodes van teruggang van de buitenlandse vraag, ten einde aan hun cliëntele ruimere betalingsfaciliteiten te verstrekken : inderdaad, tijdens de periode van sterke heropleving van de wereldvraag van 1954 tot 1955 bleef men een maximaal gebruik maken van de acceptfinanciering. Het bedrag der in de loop van een periode geviseerde accepten houdt echter geen rekening met een wellicht belangrijke factor, nl. de looptijd der wissels. Men zou zich kunnen afvragen of de versterking van de concurrentie tijdens een recessie geen verlenging van de betalingstermijnen met zich brengt in de sectoren waarin dit procédé gebruikelijk is. Te dien einde werd de gemiddelde duur berekend van de geviseerde bank en handelsaccepten die uitvoer vertegenwoordigen. Uit die gegevens komt de politiek van de Bank terzake niet tot uiting, daar Tabel II. Gemiddelde duur van bank en handelsaccepten betreffende uitvoer Periode (Aantal dagen) Bankaccepten CO vz CO u"3 C% C C C% co co co Ilaudelgaccepten e kwartaal Jaar Jaar Jaar Jaar Jaar 283 le halfjaar 254 de uitvoerders over het algemeen geen volledig gebruik maken van de toelaatbare looptijd van de ter visering aangeboden wissels. Hier ook stelt men vast dat de schommelingen van die gegevens niet gebonden zijn aan de evolutie van de buitenlandse handel, behoudens wellicht wat de handelsaccepten betreft. Deze laatste hebben echter meestal betrekking op belangrijke verzendingen van uitrustingsgoederen en hun gemiddelde looptijd is al te zeer van toevallige verschijnselen afhankelijk het afsluiten van een of twee belangrijke contracten, om daaruit een algemene tendens af te leiden. * * * Tot nog toe bleef de analyse beperkt tot de gezamenlijke evolutie van het volume der geviseerde accepten. Zoals bekend, houdt dit niet rechtstreeks verband met de ontwikkeling der handelsbetrekkin Tabel UI Uitstaande bedrag geviseerde bank en handelsaccepten betreffende uitvoer (In miljoenen franken) Landen 31 december december december december december december juni E.B.U.landen waarvan : Griekenland Nederland VerenigdKoninkrijk Noorwegen Zweden Frankrijk WestDuitsland Italië S terlinggebied Verenigde Staten ZuidAmerika Diversen Totaal

19 gen. Het is ook afhankelijk van een reeks andere min of meer veranderlijke factoren : betalingsgebruiken, transportduur, kredietfaciliteiten aan de invoerder in zijn eigen land aangeboden, zwakke of sterke monopolistische positie van de uitvoerder en initiatieven door de belangrijkste concurrerende landen genomen op het gebied der betalingsfaciliteiten. In dit licht worden hierna de geografische spreiding evenals de indeling per sector der geviseerde accepten nader onderzocht. Vooreerst wordt de geografische spreiding onder ogen genomen. De teruggang van het uitstaande bedrag met de landen die onder de rubriek «Diversen» gerangschikt zijn, is opvallend. Het relatieve aandeel van de verschillende in die rubriek opgenomen landen schommelt trouwens van het ene jaar tot het andere. Van 1952 tot 1955 vertegenwoordigde het uitstaande bedrag grotendeels verkopen aan Joegoslavië en Israël, dank zij de opstelling, door het Herdiscontering en Waarborginstituut, de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid en met de medewerking van de banken, van een programma voor de financiering op halflange termijn van de uitvoer naar die twee landen. Tijdens de jaren 1952 en 1953 omvatte het uitstaande bedrag eveneens de acceptfinanciering van belangrijke leveringen van ijzer en staalprodukten aan Finland. De afsluiting van een handelsakkoord met Spanje veroorzaakte vanaf 1954 een stijging van het uitstaande bedrag met dat land. In 1955 tenslotte en vooral in 1956 en 1957, gaf de uitvoering van belangrijke «offshore»bestellingen aanleiding tot het uitschrijven van geviseerde accepten. Het uitstaande bedrag accepten op de E.B.U. landen, dat bij het begin van de beschouwde periode vrij onbeduidend was, steeg regelmatig en vertegen woordigt op dit ogenblik de helft van het totale bedrag. In 1952 onderging de acceptfinanciering van de afzet naar de landen van de E.B.U.zone nog de invloed van de vrij restrictieve voorwaarden die door de Bank voor de toekenning van het visum waren opgelegd gelet op het overschot van de Economische Unie in de E.B.U. gedurende het tweede halfjaar van 1951 en het eerste halfjaar van Die beperkingen werden vanaf de laatste maanden van 1952 geleidelijk verzacht. Het bedrag der geviseerde accepten op de Verenigde Staten is eveneens bijna voortdurend gestegen en weerspiegelt ook meer de betekenis van de verzendingen van de Economische Unie naar dat land. De omvang van het uitstaande bedrag met Zuid Amerika in 1952 komt voor rekening van de mobilisatie van vorderingen op Brazilië door middel van bankaccepten en van de vernieuwing van accepten uit hoofde van de vertraging door Brazilië in de betaling van de uitvoer teweeggebracht. De nieuwe stijging einde juni komt hoofdzakelijk voor rekening van een groter uitstaande bedrag op Argentinië betreffende uitvoer van ijzer en staalprodukten. Op dit ogenblik vertegenwoordigen de wissels betreffende de uitvoer naar de E.B.U.zone en naar de Verenigde Staten ruim 60 pct. van het totale bedrag der accepten en die markten slorpen te zamen ongeveer 80 pet. op van de afzet van de Economische Unie in het buitenland. Deze vergelijking tussen de geografische verdeling van de uitvoerwaarde en de geografische spreiding van het uitstaande bedrag geviseerde accepten kan echter scheef getrokken worden wegens de ongelijke looptijd van de wissels die de spreiding van de uitstaande bedragen beïnvloed. Het aandeel van de landen waarop men handelsaccepten getrokken heeft, kan dan ook overschat zijn, daar hun gemid Tabel IV. Bedragen der geviseerde bank en handelsaccepten (uitvoer) en waarde van de uitvoer der B.L.E.U. Geografische spreiding (Maandgemiddelden In miljoenen franken) le kwartaal Landen Uitvoerwaarde Gevi Beerde bedragen Uitvoerplant. r Geviseerde bedragen in pct. Uitvoerwaarde Geviseerde bedragen in pct. 1), Uitvoerwaarde Gev i seerde bedragen in,,,,, '''' E.B.1IJ.landen , , , ,4 waarvan : Nederland , , , ,9 VerenigdKoninkrijk , , , ,6 Frankrijk , , , ,8 WestDuitsland , , , ,7 Sterlinggebied , , , ,6 Verenigde Staten , , , ,6 ZuidAmerika , , , ,9 Diversen , , , ,1 Totaal , , , ,9 179

20 delde looptijd driemaal zolang is als die van de bankaccepten. Om dat te verhelpen, werd eveneens het bedrag der in de loop van een periode geviseerde accepten per landengroep in beschouwing genomen, in vergelijking met de waarde van cle afzet in de loop van diezelfde periode. Zoals reeds werd gezegd, mag deze vergelijking getrokken worden daar de Nationale Bank in beginsel haar visum verstrekt op het ogenblik van de inscheping der goederen. Over het algemeen is het gedeelte van de afzet in het buitenland dat aanleiding geeft tot financiering met geviseerde accepten vrij gering, behoudens in sommige periodes voor ZuidAmerika., hoewel in 1952 de omvang van de accepten tegenover dit gebied hoofdzakelijk voor rekening kwam van vernieuwingen van wissels op Brazilië en in voor rekening van de financiering van de verzending van ijzer en staalprodukten naar Argentinië alleen. De relatieve betekenis van de post «Diversen» verschilt gevoelig naargelang men het uitstaande bedrag beschouwt op het einde van een periode of het geviseerde bedrag in de loop van dezelfde periode. Deze uiteenlopende evolutie komt natuurlijk voor rekening Van de hogere gemiddelde looptijd der handelsaccepten. Eens te meer valt de geringe omvang op van de acceptkredieten in verhouding tot de afzet in liet buitenland. Opmerkelijk is ook de ontstentenis van elk verband tussen de schommelingen van die kredieten en de wijzigingen in de geografische spreiding van de uitvoer van de Economische Unie. De hierboven vermelde nietconjuncturele factoren blijken van overwegende betekenis te zijn in de evolutie van de acceptfinanciering. De verdeling per sector van cle afzet die tot het ontstaan van accepten heeft aanleiding gegeven, leidt tot gelijkaardige besluiten. In tabel V werden de, bedragen der geviseerde accepten voor elke sector in de loop van een periode vergeleken met de gezamenlijke waarde van de uitvoer van die sector gedurende dezelfde periode. De geviseerde bedragen zijn relatief van weinig of geen betekenis in de diamantnijverheid, de Tabel V. Bedragen der geviseerde bank en handelsaccepten (uitvoer) en waarde van de uitvoer van de B.L.E.U. Indeling per sector (Maandgemiddelden In miljoenen franken) Sectoren Uitvoerwaarde Geviseerde bedragen in pct. Uitvoerwaarde Gevi Beerde bedragen in Pet. Uitvoerwaarde Gevieeerde bedragen in pct. uitvoerwaarde Ic kwartaal Geviseerde bedragen in pet. 1. IJzer en staalnijverheid , , , ,8 2. Metaalverwerkende bedrijven , , , ,2 3. Textiel en kledingnijverheid , , , ,5 4. Nonferro metaalnijverheid , , , ,2 5. Scheikundige bedrijven , , , ,1 6. Steenkolenmijnen , , ,5 7. Diamantnijverheid Voedingsbedrijven , , , ,0 9. Landbouw , , , ,6 10. Glas en spiegelglasbedrijven , , ,2: 11. Cementnijverheid , , , ,8 12. Huiden en ledernijverheid , , , ,8 13. Papier en grafische industrie , , , ,4 14. Groeven , , , ,5 15. Rubbernijverheid , , ,4 16. Hout en meubelnijverheid , , , ,2 17. Ceramische nijverheid , , ,3 18. Tabaksnijverheid Petroleumnijverheid , , ,0 20. Diversen /, Totaal , , , ,9 papiernijverheid, de nonferro metaalbedrijven en de glasindustrie. Zij waren af en toe van enigszins grotere omvang in de ijzer en staalnijverheid, de metaalverwerkende bedrijven, de scheikundige nijverheid, de landbouw, de cementfabrieken, de groeven, de ceramische industrie en de rubbernij verheid. Van 1952 tot 1955 werd ook een belangrijk gedeelte van de afzet van steenkolen met accept kredieten gefinancierd. Het ging vooral om verkopen aan Frankrijk. Het verdwijnen van het beroep op geviseerde accepten in die sector evenals in de ijzer en staalnijverheid in.1957 komt voor rekening van de invoering van restrictieve maatregelen inzake visering op het einde van Het geviseerde volume vertegenwoordigt soms een tamelijk groot gedeelte van de waarde van de uitvoer van textielprodukten en kleding, van huiden

TIJDSCHRI FT voor Documentatie en Voorlichting

TIJDSCHRI FT voor Documentatie en Voorlichting NATIONALE BANK VAN BELGIË Afdeling TIJDSCHRI FT voor Documentatie en Voorlichting Verschijnt maandelijks Studiën en Documentatie 0 XXVIIIe Jaar, Vol. II, N' 4 October ig53 Dit tijdschrift wordt als objectieve

Nadere informatie

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier Nederlandse beleggers hebben in 21 per saldo voor bijna EUR 12 miljard buitenlandse effecten verkocht. Voor EUR 1 miljard betrof dit buitenlands

Nadere informatie

= de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land.

= de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land. 1 De wisselmarkt 1.1 Begrip Wisselkoers = de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land. bv: prijs van 1 USD = 0,7

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Zitting 1977-1978 15 099 Goudherwaardering Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal 's-gravenhage, 13juli 1978

Nadere informatie

Mutatie ( miljoen) Mutatie 2009* in %

Mutatie ( miljoen) Mutatie 2009* in % Tweede kwartaal/eerste halfjaar 2010 26 augustus 2010 Halfjaarbericht Hoofdpunten Omzet met 10,8% gestegen naar 7,1 miljard (stijging van 4,4% tegen constante wisselkoersen) Bedrijfsresultaat met 17,6%

Nadere informatie

Handel (tastbare goederen) 61 35 + 26 Diensten (transport, toerisme, ) 5 4 + 1 Primaire inkomens (rente, dividend, ) 11 3 + 8

Handel (tastbare goederen) 61 35 + 26 Diensten (transport, toerisme, ) 5 4 + 1 Primaire inkomens (rente, dividend, ) 11 3 + 8 betalingsbalans Zweden behoort tot de EU maar (nog) niet tot de EMU. Dat maakt Zweden een leuk land voor opgaven over wisselkoersen, waarbij een vrij zwevende kroon overgaat naar een kroon met een vaste

Nadere informatie

Zitting 1964-1965-7800

Zitting 1964-1965-7800 Zitting 1964-1965-7800 3 RIJKSBEGROTING VOOR HET DIENSTJAAR 1965 HOOFDSTUK IXA - NATIONALE SCHULD MEMORIE VAN TOELICHTING NR. 2 Algemeen Een vergelijking van de ramingen voor het dienstjaar 1965 met die

Nadere informatie

Wijnimport Nederland naar regio

Wijnimport Nederland naar regio DO RESEARCH Wijnimport Nederland naar regio Sterke opmars wijn uit Chili Jeroen den Ouden 1-10-2011 Inleiding en inhoudsopgave Pagina I De invoer van wijn in Nederland 1 II De invoer van wijn naar herkomst

Nadere informatie

BEWAARBEDRIJF AMEURO N.V. Jaarverslag 31 december 2014

BEWAARBEDRIJF AMEURO N.V. Jaarverslag 31 december 2014 BEWAARBEDRIJF AMEURO N.V. Jaarverslag 31 december 2014 Jaarrekening is vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 24 april 2014 R. Mooij Jaarverslag 2014 31 december 2014 JAARVERSLAG

Nadere informatie

Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase

Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase Opgave 1 Sinds 1 juni 1998 maakt De Nederlandsche Bank (DNB) samen met de centrale banken van andere

Nadere informatie

Bewaarbedrijf Ameuro N.V. Jaarverslag december 2015

Bewaarbedrijf Ameuro N.V. Jaarverslag december 2015 Jaarverslag 2015 31 december 2015 JAARVERSLAG 2015 Inhoudsopgave Verslag van de directie 2 Jaarrekening 2015 - Balans per 31 december 2015 3 - Winst- en verliesrekening over het jaar 2015 4 - Algemene

Nadere informatie

INHOUD. Veertigste jaargang Deel II Juli-december De monetaire school versus de inkomens-bestedingsmethode, door Prof. R.T. Selden.

INHOUD. Veertigste jaargang Deel II Juli-december De monetaire school versus de inkomens-bestedingsmethode, door Prof. R.T. Selden. NATIONALE BANK VAN BELGIE Departement Studiën TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting VERSCHIJNT MAANDELIJKS INHOUD Veertigste jaargang Deel II Juli-december 1965 ALGEMEEN Blz. De monetaire school

Nadere informatie

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken De Nederlandse bancaire vorderingen 1 op het buitenland zijn onder invloed van de economische crisis en het uiteenvallen van ABN AMRO tussen

Nadere informatie

De handel tussen België en de Verenigde Staten: enkele cijfers. http://economie.fgov.be

De handel tussen België en de Verenigde Staten: enkele cijfers. http://economie.fgov.be De handel tussen België en de Verenigde Staten: enkele cijfers De goederenuitvoer naar de VS in 2014 De Belgische goederenuitvoer naar de VS bedroeg 19,18 miljard euro, een toename in lopende prijzen met

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2015/XX - Verrichtingen met betrekking tot inschrijvingsrechten. Ontwerpadvies van 9 september 2015

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2015/XX - Verrichtingen met betrekking tot inschrijvingsrechten. Ontwerpadvies van 9 september 2015 COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2015/XX - Verrichtingen met betrekking tot inschrijvingsrechten Ontwerpadvies van 9 september 2015 In het kader van een individuele vraagstelling omtrent

Nadere informatie

Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 15 maart 1968 in de Trêveszaal aangevangen 's morgens om 10 uur en *s middags

Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 15 maart 1968 in de Trêveszaal aangevangen 's morgens om 10 uur en *s middags -H *4 ( Zeer Geheim MINISTERRAAD Nr.4387 Ex.nr, «9 Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 15 maart 1968 in de Trêveszaal aangevangen 's morgens om 10 uur en *s middags voortgezet Aanwezig: de minister-president

Nadere informatie

HOOFDSTUK 19: OEFENINGEN

HOOFDSTUK 19: OEFENINGEN 1 HOOFDSTUK 19: OEFENINGEN 1. Op de beurs van New York worden de volgende koersen genoteerd : 100 JPY = 0,8 USD ; 1 GBP = 1,75 USD en 1 euro = 0,9273 USD. In Tokyo is de notering 1 USD = 140 JPY. In Londen

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Essentiële beleggersinformatie

Essentiële beleggersinformatie Essentiële beleggersinformatie Dit document verschaft u essentiële beleggersinformatie aangaande dit Fonds. Het is geen marketingmateriaal. De verstrekte informatie is bij wet voorgeschreven en is bedoeld

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2014-1 januari 2014 t/m 31 maart 2014. Samenvatting: stijgende aandelen

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2014-1 januari 2014 t/m 31 maart 2014. Samenvatting: stijgende aandelen Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Eerste kwartaal 2014-1 januari 2014 t/m 31 maart 2014 Samenvatting: stijgende aandelen Nominale dekkingsgraad gestegen van 123,0% naar 123,6% Reële dekkingsgraad

Nadere informatie

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2014 Balans per 30 juni 2014 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2014 31 december 2013 Vlottende activa Handelsdebiteuren 1.624

Nadere informatie

Valutamarkt. De euro op koers. Havo Economie 2010-2011 VERS

Valutamarkt. De euro op koers. Havo Economie 2010-2011 VERS Valutamarkt De euro op koers Havo Economie 2010-2011 VERS 2 Hoofdstuk 1 : Inleiding Opdracht 1 a. Dirham b. Internet c. Duitsland - Ierland - Nederland - Griekenland - Finland - Luxemburg - Oostenrijk

Nadere informatie

Omzet 148,6 miljoen (+1%) Toegevoegde waarde 37,2 miljoen (+10%) Bruto bedrijfskasstroom (EBITDA) 20,2 miljoen (+12%)

Omzet 148,6 miljoen (+1%) Toegevoegde waarde 37,2 miljoen (+10%) Bruto bedrijfskasstroom (EBITDA) 20,2 miljoen (+12%) Hogere volumes zorgen voor stijging toegevoegde waarde en ebitda met meer dan 10% Resultaat Resilux na belasting stijgt met meer dan 25% Resultaat JV Airolux blijft voorlopig nog negatief Kerncijfers eerste

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Geconsolideerde TEKST

Geconsolideerde TEKST NL Geconsolideerde TEKST samengesteld door het CONSLEG-systeem van het Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen CONSLEG: 2000D0014 01/01/2004 Aantal bladzijden: 7 < Bureau voor officiële

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies Advies van 16 december 2009 I. INLEIDING De Belgische wetgever heeft de grensoverschrijdende fusie, voorzien

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 4, vierde lid, van het Besluit marktmisbruik Wft;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 4, vierde lid, van het Besluit marktmisbruik Wft; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 8349 12 mei 2011 Regeling van de Minister van Financiën van 4 mei 2011, nr. FM/2011/8728M, tot aanwijzing van categorieën,

Nadere informatie

HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2015

HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2015 Voor publicatie: 5 augustus 2015 08.00 uur HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2015 Rotterdam, 5 augustus 2015 - Hunter Douglas, wereldmarktleider in raambekleding (Luxaflex ) en een vooraanstaand

Nadere informatie

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS UCB NV - Researchdreef 60, 1070 Brussel - Ondernemingsnr. 0403.053.608 (RPR Brussel) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS over het gebruik en de nagestreefde doeleinden van het

Nadere informatie

Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008

Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008 PERSBERICHT Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008 Het jaar 2007 kan voor de kledingsector worden samengevat als een stabiel jaar. De omzetdaling was

Nadere informatie

Examen HAVO en VHBO. Economie 1,2 oude en nieuwe stijl

Examen HAVO en VHBO. Economie 1,2 oude en nieuwe stijl Economie 1,2 oude en nieuwe stijl Examen HAVO en VHBO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Vooropleiding Hoger Beroeps Onderwijs HAVO Tijdvak 2 VHBO Tijdvak 3 Woensdag 21 juni 13.30 16.30 uur 20 00 Dit

Nadere informatie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie Federaal Planbureau Economische analyses en vooruitzichten Perscommuniqué Brussel, 15 september 2000 Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de

Nadere informatie

STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN

STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN C.D.V. - D. 135/D/COR1 STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN Deze staat bevat de gegevens, bestemd voor de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (Belgische toezichthouder inzake verzekeringen) betreffende

Nadere informatie

Trustee VermogensParaplu B.V. Amsterdam, Nederland JAARREKENING 2013

Trustee VermogensParaplu B.V. Amsterdam, Nederland JAARREKENING 2013 Trustee VermogensParaplu B.V. Amsterdam, Nederland JAARREKENING 2013 ADRES: Amstelplein 1 Rembrandttoren 30 etage 1096 HA Amsterdam Kamer van Koophandel Inschrijvingsnummer: 34237112 Inhoudsopgave Bestuursverslag

Nadere informatie

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013 Internationale varkensvleesmarkt 212-213 In december 212 vond de jaarlijkse conferentie van de GIRA Meat Club plaats. GIRA is een marktonderzoeksbureau, dat aan het einde van elk jaar een inschatting maakt

Nadere informatie

De agrarische handel van Nederland in 2012

De agrarische handel van Nederland in 2012 De agrarische handel van Nederland in 2012 1. Opvallende ontwikkelingen Totale wereldhandel in agrarische producten groeit voor tweede opeenvolgende jaar met ruim 10% Nederlandse agrarische export groeit

Nadere informatie

Hoofdstuk 24 Valutamarkt

Hoofdstuk 24 Valutamarkt Hoofdstuk 24 Valutamarkt Open vragen 24.1 Een valutahandelaar van een bank die in dollars handelt, krijgt op een gegeven moment de volgende gegevens op zijn beeldscherm (we gaan ervan uit dat het verschil

Nadere informatie

Verschijnt maandelijks INHOUD. Twintigste jaar Vol. II Juli-December 1945

Verschijnt maandelijks INHOUD. Twintigste jaar Vol. II Juli-December 1945 NATIONALE BANK VAN BELGIË Afdeeling Studiën en Documentatie O TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting Verschijnt maandelijks INHOUD Twintigste jaar Vol. II Juli-December 1945 Nummer van het Tijdschrift

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-II Opgave 1 Uit een krant: Uitzendbranche blijft groeien Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat de uitzendbranche in het eerste kwartaal van 1998 flink is gegroeid. In vergelijking

Nadere informatie

ABN AMRO Basic Funds N.V. Jaarrekening 2013

ABN AMRO Basic Funds N.V. Jaarrekening 2013 Jaarrekening 2013 Pagina 1 van 12 INHOUD Pagina Directieverslag 3 Balans per 31 december 2013 4 Winst- en verliesrekening 2013 5 Toelichting algemeen 6 Toelichting op de balans per 31 december 2013 8 Toelichting

Nadere informatie

TIJDSCHRIFT. Verschijnt maandelijks

TIJDSCHRIFT. Verschijnt maandelijks NATIONALE BANK VAN BELOIË Afdeling Studiën en Documentatie 0 TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting Verschijnt maandelijks XXVIIe Jaar, Vol. II, N r 4 October 1952 Dit tijdschrift wordt als objectieve

Nadere informatie

HUNTER DOUGLAS N.V., Piekstraat 2, 3071 EL Rotterdam, Nederland, Tel. 010 4869911, Telefax 010-4850355 HUNTER DOUGLAS RESULTATEN 2011

HUNTER DOUGLAS N.V., Piekstraat 2, 3071 EL Rotterdam, Nederland, Tel. 010 4869911, Telefax 010-4850355 HUNTER DOUGLAS RESULTATEN 2011 Voor publicatie: 14 maart 2012 08.00 uur HUNTER DOUGLAS RESULTATEN 2011 Rotterdam, 14 maart 2012 - Hunter Douglas, wereldmarktleider in raambekleding (Luxaflex ) en een vooraanstaand producent van bouwproducten,

Nadere informatie

De agrarische handel van Nederland in 2010

De agrarische handel van Nederland in 2010 De agrarische handel van Nederland in 1. Opvallende ontwikkelingen Wereldhandel in agrarische producten daalde in met ruim 10%, maar vertoont in weer herstel Nederlandse agrarische export groeit in naar

Nadere informatie

GALAPAGOS. Bijzonder verslag van de Raad van Bestuur overeenkomstig Artikel 604 van het Wetboek van vennootschappen

GALAPAGOS. Bijzonder verslag van de Raad van Bestuur overeenkomstig Artikel 604 van het Wetboek van vennootschappen GALAPAGOS Naamloze Vennootschap Generaal De Wittelaan L11 A3, 2800 Mechelen, België Ondernemingsnummer: 0466.460.429 RPR Antwerpen (afdeling Mechelen) (de Vennootschap ) Bijzonder verslag van de Raad van

Nadere informatie

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2014 Balans per 30 juni 2014 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2014 31 december 2013 Vlottende activa

Nadere informatie

Stichting Vrienden van het Mauritshuis te s-gravenhage

Stichting Vrienden van het Mauritshuis te s-gravenhage BALANS PER 31 DECEMBER 2015 (na verwerking van het resultaat) ACTIEF 31.12.2015 31.12.2014 VASTE ACTIVA MATERIËLE VASTE ACTIVA Kunstvoorwerpen en schilderijen 4.020.706 3.573.155 Antieke meubelen 66.522

Nadere informatie

Jaarcijfers van Almancora Comm.VA (1 juli 2005-30 juni 2006) Toename van het resultaat na belastingen met 36%

Jaarcijfers van Almancora Comm.VA (1 juli 2005-30 juni 2006) Toename van het resultaat na belastingen met 36% JAARLIJKS COMMUNIQUE 30 augustus 2006 Onder embargo tot woensdag 30 augustus 2006, na beurstijd (16.30 u) Jaarcijfers van Almancora Comm.VA (1 juli 2005-30 juni 2006) Toename van het resultaat na belastingen

Nadere informatie

HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2016

HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2016 Voor publicatie: 3 augustus 2016 08.00 uur HUNTER DOUGLAS RESULTATEN EERSTE HALFJAAR 2016 Rotterdam, 3 augustus 2016 - Hunter Douglas, wereldmarktleider in raambekleding (Luxaflex ) en een vooraanstaand

Nadere informatie

PUNCH INTERNATIONAL NAAMLOZE VENNOOTSCHAP 9830 Sint-Martens-Latem, Koperstraat 1A RPR 0448.367.256. (Hierna, de Vennootschap )

PUNCH INTERNATIONAL NAAMLOZE VENNOOTSCHAP 9830 Sint-Martens-Latem, Koperstraat 1A RPR 0448.367.256. (Hierna, de Vennootschap ) PUNCH INTERNATIONAL NAAMLOZE VENNOOTSCHAP 9830 Sint-Martens-Latem, Koperstraat 1A RPR 0448.367.256 (Hierna, de Vennootschap ) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 582 VAN HET

Nadere informatie

De buitenlandse handel van België - 2009 -

De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België in 2009 (Bron: NBB communautair concept*) Analyse van de cijfers van 2009 Zoals lang gevreesd, werden in 2009 de gevolgen van

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN

ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN XV/6026/99 NL ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN DIRECTORAAT-GENERAAL XV Interne markt en financiële diensten 1 Dit document

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2000-II 4 Antwoordmodel Opgave voorbeeld van een juiste berekening: 84.760.000 4 = 2.080 uur 63.000 2 voorbeeld van een juist antwoord: Een antwoord waaruit blijkt dat uitzendkrachten in deeltijd werken. 3 voorbeelden

Nadere informatie

Naamloze vennootschap Havenlaan Brussel RPR BTW BE

Naamloze vennootschap Havenlaan Brussel RPR BTW BE KBC GROEP Naamloze vennootschap Havenlaan 2 1080 Brussel RPR 0403.227.515 BTW BE 403.227.515 Verslag van de Raad van Bestuur van KBC Groep NV opgesteld overeenkomstig (i) artikel 604, tweede lid van het

Nadere informatie

Uitkomsten kwartaal sectorrekeningen

Uitkomsten kwartaal sectorrekeningen t7 7 Uitkomsten kwartaal sectorrekeningen tweede kwartaal 28 Publicatiedatum CBS-website: 8 oktober 28 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig cijfer x = geheim = nihil

Nadere informatie

Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen

Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen De mondiale markt voor onderhandse derivaten - niet gestandaardiseerd verhandeld op de beurs maar in maatwerk tussen grote partijen - is sinds

Nadere informatie

De agrarische handel van Nederland in 2013

De agrarische handel van Nederland in 2013 De agrarische handel van Nederland in 2013 1. Opvallende ontwikkelingen Totale handelsoverschot groeit met 4,5 miljard; aandeel agrarische producten 2 miljard Nederlandse agrarische export neemt in 2013

Nadere informatie

QE in de eurozone: bezit van de zaak, einde van het vermaak?

QE in de eurozone: bezit van de zaak, einde van het vermaak? QE in de eurozone: bezit van de zaak, einde van het vermaak? Komt er QE in de eurozone? Sinds enige maanden wordt er op de financiële markten gezinspeeld op het opkopen van staatsobligaties door de Europese

Nadere informatie

Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af

Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af Inleiding Door de opkomst van moderne informatie- en communicatietechnologieën is het voor huishoudens eenvoudiger en goedkoper geworden om de vrije besparingen,

Nadere informatie

XLIIe Jaargang, Deel II, Nr 4 Oktober 1967

XLIIe Jaargang, Deel II, Nr 4 Oktober 1967 NATIONALE BANK VAN BELGIE TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting VERSCHIJNT MAANDELIJKS Departement Studiën XLIIe Jaargang, Deel II, Nr 4 Oktober 1967 Dit tijdschrift wordt als objectieve documentatie

Nadere informatie

CRB CCR SR/LVN Conclusies van de sociale gesprekspartners op basis van de documentatienota Macro economische context

CRB CCR SR/LVN Conclusies van de sociale gesprekspartners op basis van de documentatienota Macro economische context CRB 2016-0510 SR/LVN 03.02.2016 Conclusies van de sociale gesprekspartners op basis van de documentatienota Macro economische context 2 CRB 2016-0510 Overzicht groei sinds 1996 Onder invloed van de conjuncturele

Nadere informatie

Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996

Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996 Meeruitgaven in 2005 t.o.v. 1996 voor vrouwelijke 60-plussers als gevolg van de pensioenhervorming in 1996 Inleiding Bij de pensioenhervorming van 1996 werd besloten de pensioenleeftijd van vrouwen in

Nadere informatie

Jaarrekening Stichting Vrije Christelijke School Westerlee Galgeweg MT 's-gravenzande

Jaarrekening Stichting Vrije Christelijke School Westerlee Galgeweg MT 's-gravenzande Jaarrekening 2013 Stichting Vrije Christelijke School Westerlee Galgeweg 57 2671MT Voorblad 0 Inhoud Opdracht 2 Resultaatvergelijk 3 Financiele positie 5 Grondslagen 7 Balans 9 V en W 11 Materiele activa

Nadere informatie

ageas SA/NV Naamloze Vennootschap Markiesstraat 1 1000 Brussel RPR Brussel 0.451.406.524

ageas SA/NV Naamloze Vennootschap Markiesstraat 1 1000 Brussel RPR Brussel 0.451.406.524 ageas SA/NV Naamloze Vennootschap Markiesstraat 1 1000 Brussel RPR Brussel 0.451.406.524 BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS betreffende het gebruik en de doeleinden van het

Nadere informatie

2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN

2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN Integrale versie 2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN In vergelijking met de vorig jaar gepubliceerde reeksen 2 over de kapitaalgoederenvoorraad (KGV) en de afschrijvingen zijn er drie methodologische aanpassingen

Nadere informatie

Sterke stijging Ebitda en netto resultaat Verhoging dividend

Sterke stijging Ebitda en netto resultaat Verhoging dividend Jaarresultaten 2013 Opgesteld door gedelegeerd bestuurders Dirk De Cuyper en Peter De Cuyper. Wetteren, België 17 maart 2014. Sterke stijging Ebitda en netto resultaat Verhoging dividend Kerncijfers 2013

Nadere informatie

STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN

STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN STAAT VAN HET VRIJ VERMOGEN Deze staat bevat de gegevens, bestemd voor de Controledienst voor de Verzekeringen, betreffende het vrij vermogen van de herverzekeringsonderneming (1) I. ADMINISTRATIEVE GEGEVENS

Nadere informatie

Kasstromen II... Kijken we hieronder naar volgende balansen van onderneming Cash N.V.

Kasstromen II... Kijken we hieronder naar volgende balansen van onderneming Cash N.V. 20 Kasstromen II... Reeds herhaaldelijk werd gewezen op het belang van de liquiditeit en de solvabiliteit voor het voorbestaan van de onderneming. In hetgeen volgt wordt een krachtige methode uiteengezet

Nadere informatie

No.W06.12.0456/III 's-gravenhage, 7 december 2012

No.W06.12.0456/III 's-gravenhage, 7 december 2012 ... No.W06.12.0456/III 's-gravenhage, 7 december 2012 Bij Kabinetsmissive van 8 november 2012, no.12.002573, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, mede namens de Minister van

Nadere informatie

TIJDSCHRIFT. XXXIV Jaargang, Deel I, Nr 6 Juni 1959

TIJDSCHRIFT. XXXIV Jaargang, Deel I, Nr 6 Juni 1959 NATIONALE BANK VAN BELGIE Departement Studiën en Documentatie TIJDSCHRIFT voor Documentatie en Voorlichting VERSCHIJNT MAANDELIJKS XXXIV Jaargang, Deel I, Nr 6 Juni Dit tijdschrift wordt als objectieve

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 1-6 Europese economische samenwerkingsverbanden en economische samenwerkingsverbanden

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 1-6 Europese economische samenwerkingsverbanden en economische samenwerkingsverbanden COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 1-6 Europese economische samenwerkingsverbanden en economische samenwerkingsverbanden De Europese Ministerraad hechtte op 25 juli 1985 zijn goedkeuring

Nadere informatie

BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 16 november 1998

BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 16 november 1998 BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 16 november 1998 Vonnisnummer : 1996-022 Datum : 16 november 1998 Rechters : mrs. A.W.M. Bijloos, J.K. Moltmaker en J.W. Ilsink. Middel : Inkomstenbelasting Artikel : Belastingjaar

Nadere informatie

Lesbrief Europa 2 e druk

Lesbrief Europa 2 e druk Hoofdstuk 1. 1.13 1.14 1.15 1.16 A A B D Waar produceren? 1.17 a. Door loonmatiging dalen de productiekosten en kunnen de prijzen dalen. Dan verbetert de internationale concurrentiepositie en zal de export

Nadere informatie

grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009

grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009 08 Wisselende 0s signalen bij grote ondernemingen nemingen in eerste kwartaal aal 2009 Frank Bonger en Hen Pustjens Publicatiedatum CBS-website: 17 juli 2009 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. = gegevens

Nadere informatie

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013 Jaarrekening 2013 Pagina 1 van 12 INHOUD Pagina Directieverslag 3 Balans per 31 december 2013 4 Winst- en verliesrekening 2013 5 Toelichting algemeen 6 Toelichting op de balans per 31 december 2013 8 Toelichting

Nadere informatie

MPC PRIVATE EQUITYFONDS

MPC PRIVATE EQUITYFONDS MPC PRIVATE EQUITYFONDS GLOBAL 8 CV GRONINGEN Financieel verslag 2011 MPC Private Equityfond Global 8 CV Groningen JAARVERSLAG Hierbij bieden wij u het jaarverslag 2011 aan van MPC Private Equityfonds

Nadere informatie

BUREAU VOOR DE STAATSSCHULD. Suriname Debt Management Office. Kosten en Risico analyse van de Surinaamse schuldportefeuille per ultimo 2012

BUREAU VOOR DE STAATSSCHULD. Suriname Debt Management Office. Kosten en Risico analyse van de Surinaamse schuldportefeuille per ultimo 2012 BUREAU VOOR DE STAATSSCHULD Suriname Debt Management Office Kosten en Risico analyse van de Surinaamse schuldportefeuille per ultimo 2012 Een vooruitblik op de schuld, de schuldenlastbetalingen in 2013-2045

Nadere informatie

Jaarrekening 2010. ASR Nederland Beleggingsbeheer N.V.

Jaarrekening 2010. ASR Nederland Beleggingsbeheer N.V. Jaarrekening ASR Nederland Beleggingsbeheer N.V. Inhoudsopgave Bestuursverslag... 3 Balans per 31 december....4 Winst- en verliesrekening over... 5 Toelichting tot de beperkte balans per 31 december...

Nadere informatie

VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende de middelenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1989. Stuk 71B (BZ 1988) - Nr.

VLAAMSERAAD ONTWERP VAN DECREET. houdende de middelenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1989. Stuk 71B (BZ 1988) - Nr. Stuk 71B (BZ 1988) Nr. 1 VLAAMSERAAD BUITENGEWONE ZITTING 1988 ONTWERP VAN DECREET houdende de middelenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1989 INHOUD Blz. Ontwerp van decreet.....................................................................................

Nadere informatie

VERSLAG. van het Rekenhof. over de controle van de rekeningen 2004-2005 van Gimvindus nv

VERSLAG. van het Rekenhof. over de controle van de rekeningen 2004-2005 van Gimvindus nv Stuk 37-K (2007-2008) Nr. 1 Zitting 2007-2008 8 augustus 2008 VERSLAG van het Rekenhof over de controle van de rekeningen 2004-2005 van Gimvindus nv 4596 REK Stuk 37-K (2007-2008) Nr. 1 2 3 Stuk 37-K (2007-2008)

Nadere informatie

V O L M A C H T. Ondergetekende (naam en voornaam) wonende te (adres)..... met maatschappelijke zetel te (adres van de zetel)...

V O L M A C H T. Ondergetekende (naam en voornaam) wonende te (adres)..... met maatschappelijke zetel te (adres van de zetel)... V O L M A C H T Ondergetekende (naam en voornaam) wonende te (adres)...... of met maatschappelijke zetel te (adres van de zetel).... en ter zake overeenkomstig haar statuten rechtsgeldig vertegenwoordigd

Nadere informatie

Vaste activa Afschrijvingen Totale materiële vaste activa Liquide middelen

Vaste activa Afschrijvingen Totale materiële vaste activa Liquide middelen 8. Financieel 8.1 Balans Balans 31-12- 2015 (Uitgedrukt in Euros (T/C Euro = S/. 3.59) 2015 2014 Activa Materiële vaste activa Vaste activa 207.398 204.852 Afschrijvingen - 114.470-90.029 Totale materiële

Nadere informatie

HOOFDSTUK 19: WISSELKOERS EN WISSELMARKT

HOOFDSTUK 19: WISSELKOERS EN WISSELMARKT 1 HOOFDSTUK 19: WISSELKOERS EN WISSELMARKT 1. PRIJSVORMING OP DE WISSELMARKTEN 1.1. Enkele begrippen Wisselkoers = prijs van de buitenlandse munt, uitgedrukt in nationale munt bv. wisselkoers () van de

Nadere informatie

Marktontwikkelingen varkenssector

Marktontwikkelingen varkenssector Marktontwikkelingen varkenssector 1. Inleiding In de deze nota wordt ingegaan op de marktontwikkelingen in de varkenssector in Nederland en de Europese Unie. Waar mogelijk wordt vooruitgeblikt op de te

Nadere informatie

Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer. Jaarverslag 2012

Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer. Jaarverslag 2012 Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer Jaarverslag 2012 Stichting Domiliana Pagina: - 1 - Geacht bestuur, Hierbij brengen wij rapport uit omtrent de gegevens in de jaarrekening 2012 van uw

Nadere informatie

Jaarrekening 2015. Stichting Chabad Central Amsterdam Dr. Eijkmanstraat 1 1181 WG Amstelveen

Jaarrekening 2015. Stichting Chabad Central Amsterdam Dr. Eijkmanstraat 1 1181 WG Amstelveen Jaarrekening 2015 Stichting Chabad Central Amsterdam Dr. Eijkmanstraat 1 1181 WG Amstelveen INHOUD JAARREKENING 1 Samenstellingsverklaring 4 2 Balans 5 3 Winst en verliesrekening 6 4 Toelichting op de

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden

Centraal Bureau voor de Statistiek Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden 13 april 2015 pagina 1 Inleiding De uitbraak van de kredietcrisis in 2008 en de daaropvolgende Europese schuldencrisis hebben grote macro-economische onevenwichtigheden

Nadere informatie

Kingdom Ministries De heer A. van der Laak Klaproosstraat WD OMMEN Publicatiebalans 2014

Kingdom Ministries De heer A. van der Laak Klaproosstraat WD OMMEN Publicatiebalans 2014 Kingdom Ministries De heer A. van der Laak Klaproosstraat 49 7731 WD OMMEN Publicatiebalans 2014 Vastgesteld op de bestuursvergadering d.d. 30 december 2016. Kingdom Ministries De heer A. van der Laak

Nadere informatie

2.1 Bekendmaking inzake het deviezenverkeer AW 1999/1

2.1 Bekendmaking inzake het deviezenverkeer AW 1999/1 2.1 Bekendmaking inzake het deviezenverkeer AW 1999/1 De Centrale Bank van Aruba ("de Bank"), gelet op, het bepaalde in artikel 6, lid 2, van de Landsverordening deviezenverkeer ("Ldv"), AB 1990 no. GT

Nadere informatie

Beheerovereenkomst WINKELVASTGOEDFONDS DUITSLAND 5 NV. WVGF Dlnd 5 NV - BEH (execution copy).docx

Beheerovereenkomst WINKELVASTGOEDFONDS DUITSLAND 5 NV. WVGF Dlnd 5 NV - BEH (execution copy).docx WVGF Dlnd 5 NV - BEH (execution copy).docx ONDERGETEKENDEN: I. Holland Immo Group Beheer B.V., een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, statutair gevestigd te Eindhoven en kantoorhoudende

Nadere informatie

Afdeling IV. Bepalingen met betrekking tot de verkopen aan consumenten] Vorige versie(s)

Afdeling IV. Bepalingen met betrekking tot de verkopen aan consumenten] Vorige versie(s) Afdeling IV. Bepalingen met betrekking tot de verkopen aan consumenten] Vorige versie(s) Afdeling IV (art. 1649bis tot 1649octies) ingevoegd bij art. 3 W. 1 september 2004 (B.S., 21 september 2004), met

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014 Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014 Samenvatting: dalende euro en dalende rente Nominale dekkingsgraad gedaald van 117,4% naar 115,1%

Nadere informatie

STUDIE (F)050908-CDC-455

STUDIE (F)050908-CDC-455 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. : 02/289.76.11 Fax : 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS STUDIE

Nadere informatie

Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer. Jaarverslag 2014

Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer. Jaarverslag 2014 Stichting Domiliana Hunzestraat 12 7417 XG Deventer Jaarverslag 2014 Stichting Domiliana Pagina: - 1 - Geacht bestuur, Hierbij brengen wij rapport uit omtrent de gegevens in de jaarrekening 2014 van uw

Nadere informatie

Stijging toegevoegde waarde in lijn met stijging volumes van 11% Stijging ebitda met meer dan 15% Stijging Resultaat na belasting met meer dan 40%

Stijging toegevoegde waarde in lijn met stijging volumes van 11% Stijging ebitda met meer dan 15% Stijging Resultaat na belasting met meer dan 40% Stijging toegevoegde waarde in lijn met stijging volumes van 11% Stijging ebitda met meer dan 15% Stijging Resultaat na belasting met meer dan 40% Cijfers joint venture Airolux nog niet beschikbaar Verder

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015 Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015 Samenvatting: dalende euro en dalende rente door monetair beleid De beleidsdekkingsgraad is gedaald

Nadere informatie

123WatEenSite C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam

123WatEenSite C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam INHOUDSOPGAVE Pagina Accountantsrapportage 3 Voorwoord 4 Resultaten 5 Financiële positie 7 Ondertekening van de accountantsrapportage 9 Jaarstukken 2008 Jaarrekening

Nadere informatie

2e kwartaal 2016 Den Haag, juli 2016

2e kwartaal 2016 Den Haag, juli 2016 Kwartaalbericht 2e kwartaal 2016 Den Haag, juli 2016 Samenvatting cijfers per 30 juni 2016 Dekkingsgraad (UFR): 99,0% Beleidsdekkingsgraad: 99,6% Belegd vermogen: 23,3 miljard Rendement 1 e halfjaar 2016:

Nadere informatie

Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013.

Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013. Kwartaalbericht 2014 Samenvatting Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013. Meer informatie vindt u op de website. Beleggingsrendement

Nadere informatie

VOORBEHOUDEN AAN HET GROUP MANAGEMENT COMMITTEE GROUP MANAGEMENT COUNCIL EN SLEUTELLEDEN VAN HET LEADERSHIP TEAM VAN TESSENDERLO GROUP

VOORBEHOUDEN AAN HET GROUP MANAGEMENT COMMITTEE GROUP MANAGEMENT COUNCIL EN SLEUTELLEDEN VAN HET LEADERSHIP TEAM VAN TESSENDERLO GROUP VOORNAAMSTE VOORWAARDEN EN MODALITEITEN BETREFFENDE DE UITGIFTE VAN WARRANTS VAN TESSENDERLO CHEMIE NV VOORBEHOUDEN AAN HET GROUP MANAGEMENT COMMITTEE GROUP MANAGEMENT COUNCIL EN SLEUTELLEDEN VAN HET LEADERSHIP

Nadere informatie