De effectiviteit van de studietoeslag in de Participatiewet om armoede te bestrijden onder studerende jongeren met een functiebeperking

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De effectiviteit van de studietoeslag in de Participatiewet om armoede te bestrijden onder studerende jongeren met een functiebeperking"

Transcriptie

1 De effectiviteit van de studietoeslag in de Participatiewet om armoede te bestrijden onder studerende jongeren met een functiebeperking Christelijke Hogeschool Ede Minor Hoezo armoede? Auteurs: A. Both, D. Hendriks, J. van Hartingsveldt, T. van der Kraan & J. Nagel 13 januari

2 Inhoudsopgave Introductie 3-4 Aanleiding 3 Achtergrondinformatie 3 Probleemstelling 3 Onderzoeksvraag/vragen 3 Belang van het onderzoek 3-4 Doelstelling 4 Stakeholderanalyse 5-6 Doelgroep 5 Specificatie doelgroep 5-6 Rol van de doelgroep 6 Belang van stakeholders 6 Relatie tussen projectleider en stakeholder 6 Huidige situatie 7-8 Participatiewet 7 Individuele toeslag 7-8 Onderzoeksopzet 9-10 Onderzoeksmethode 9 Middelen 9 Onderzoeksproces 9-10 Reflectie op werkwijze en onderzoeksproces 10 Resultaten Deelvraag 1 11 Deelvraag Algemene resultaten 12 Conclusies en aanbevelingen Mogelijkheid tot maatwerk 13 Inlichten doelgroep 13 Taken voor onderwijsinstellingen 13 Eventueel vervolgonderzoek Literatuurlijst 15 Bijlagen Bijlage 1: (voor) Literatuuronderzoek Bijlage 2: Onderzoek gemeenten Bijlage 3: Gesprek R. van Leeuwen, zorgcoördinator ROC A Bijlage 4: Gesprek Jan Willem Jonker, oud student 23 Bijlage 5: Gesprek H. Timmerman, decaan Christelijke Hogeschool Ede Bijlage 6: Gesprek beleidsmedewerker minimabeleid, gemeente Ede 26 Bijlage 7: Gesprek Evelien Meester, adviseur Stimulansz Bijlage 8: Gesprek Simon Groenedijk, student CHE 29 2

3 Introductie Aanleiding Door het invoeren van de Participatiewet op 1 januari 2015 wil de overheid bereiken dat er meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk komen. De gemeenten gaan de verantwoordelijkheid dragen voor het re-integreren van mensen die nog kunnen werken, maar hierbij wel ondersteuning nodig hebben (Rijksoverheid, 2014). Per 1 januari 2015 worden er geen nieuwe gevallen meer toegelaten tot de Wajong. Studenten die al gebruik maken van de studieregeling blijven dit doen tijdens hun studie. En nieuwe studenten met een functiebeperking vallen onder de nieuwe Participatiewet. Een aantal van de studenten die nu gebruik maken van de studieregeling in de Wajong zullen onder de Participatiewet gaan vallen. Deze wet introduceert een studiemaatregel, namelijk de individuele studietoeslag. Daarmee komt de oude studieregeling te vervallen. De studietoeslag is een periodieke toeslag voor scholieren en studenten die door een ziekte of beperking niet in staat zullen zijn het minimumloon te verdienen. Studerenden met een functiebeperking hebben minder mogelijkheden om naast hun opleiding een bijbaan te hebben. Daardoor moeten deze studenten meer bij lenen waardoor hun positie op de arbeidsmarkt verslechtert. De studietoeslag zou dit 'gat' een beetje moeten opvullen. Achtergrondinformatie De Participatiewet is de samenvoeging van de bijstandswet (WWB), de Wajong en de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW). Hiermee wil het kabinet bereiken dat zoveel mogelijk mensen weer aan het werk gaan en volwaardig mee kunnen doen in de samenleving (SP, 2014). De Wajong is er voor mensen die op jonge leeftijd een langdurige ziekte of handicap hebben gekregen en hulp nodig hebben met het zoeken naar betaald werk of ondersteuning nodig hebben bij het behouden van betaald werk. Jonggehandicapten kunnen een Wajong-uitkering aanvragen wanneer zij denken dat ze niet kunnen werken of niet genoeg verdienen. Vanaf 1 januari 2015 gaat de Wajong deels op in de Participatiewet, vanaf dan kunnen jonggehandicapten alleen een Wajong-uitkering krijgen wanneer ze duurzaam en volledig arbeidsongeschikt zijn. De groep mensen die hier niet onder gaan vallen kunnen in aanmerking komen voor een uitkering uit de Participatiewet, zodra aan de voorwaarden is voldaan (Rijksoverheid, 2014). Probleemstelling Op 1 januari is dus de Participatiewet in werking getreden. Onderdeel daarvan is de zgn. studietoeslag. De toeslag kan aangevraagd worden bij de gemeente. Iedere gemeente bepaalt zelf de hoogte van de toeslag. Stichting Stimulansz wil graag weten of de toeslag wel een effectief middel is om studenten te ondersteunen bij het voltooien van hun studie en of de studietoeslag nu juist niet zorgt voor de zgn. armoedeval, d.w.z. een inkomensterugval na het voltooien van de opleiding. Vraag is ook hoe scholen, bijv. de CHE, deze toeslag onder de aandacht van scholieren of studenten kan brengen. Ten slotte is de vraag van belang of dit middel eigenlijk wel effectief is. (van Deutekom & Roor, 2014) Onderzoeksvraag/vragen Om antwoord te kunnen krijgen op het bovenstaande probleem is er een hoofdvraag en zijn er twee deelvragen opgesteld. Deze zijn als volgt: Hoofdvraag: Is de studietoeslag in de Participatiewet een effectief middel om armoede te bestrijden onder studerende jongeren met een functiebeperking die hiervoor in aanmerking komen? Deel vraag 1: Wat zijn de ervaringen over de effectiviteit van de studieregeling in de Wajong? Deel vraag 2: Wat is de verwachte effectiviteit van de studietoeslag in de Participatiewet? 3

4 Belang van het onderzoek In dit onderzoek wordt er onderzocht of deze studietoeslag een preventief middel is om armoede te bestrijden onder studerende jongeren met een functiebeperking. Zoals in de probleemomschrijving is beschreven is het nog maar de vraag of deze studietoeslag een effectief middel is en niet juist zorgt voor de zgn. armoedeval, d.w.z. een inkomensterugval na het voltooien van de opleiding. Het gaat dus specifiek om de groep studerende jongeren die niet meer tot de Wajong behoren, maar wel mogelijkheden hebben tot studeren en dus in aanmerking kunnen komen voor de studietoeslag. Bovendien is dit onderzoek ook in het belang van de gemeente. Ondanks dat er momenteel geld is om de studietoeslag te kunnen financieren, is in veel gemeenten onduidelijk welke hoogte de toeslag heeft en welke eisen gesteld worden voor het toekennen hiervan. Ervaringen van betrokkenen kunnen gemeenten helpen het geld zorgvuldig te besteden aan diegenen die het echt nodig hebben. Doelstelling Het doel van het onderzoek is om op basis van ervaringen van betrokkenen een advies te kunnen geven over de mogelijke effectiviteit van de studietoeslag en nader te onderzoeken onderwerpen. Dit onderzoek zal een adviesrapport opleveren dat aangeboden zal worden aan Stichting Stimulansz. 4

5 Stakeholderanalyse Voor het opzetten van de stakeholderanalyse is er gebruik gemaakt van de checklist volgens Noordhoff. (Gritt, 2011) Doelgroep Wie beslist over het project? Evelien Meester van Stichting Stimulansz. Wie zijn de gebruikers van het projectresultaat? Stichting Stimulansz. Wie ondervinden de positieve en negatieve gevolgen van het projectresultaat? Stichting Stimulansz Afhankelijk; - De studenten die in aanmerking komen voor de nieuwe regeling van studiebijdrage. - UWV Wie ondervinden de positieve en negatieve gevolgen van de uitvoering van het project? - De geïnterviewde decanen - De geïnterviewde studenten - De geïnterviewde medewerker van gemeente Ede, Anita Haalboom. Wie zijn voor het project en wie zijn er tegen? De voorstanders zijn Stichting Stimulansz, de decanen van de scholen, de meewerkende studenten die gebruik maken van de Wajong en het UWV. Wij hebben niet gemerkt dat er tegenstanders zijn. Wie voeren het project uit? Studenten van de CHE met de verbredingsminor Hoezo Armoede, Thamara van der Kraan, Debora Hendriks, Jiska Nagel, Andrea Both en Janita van Hartingsveldt Wie zijn de leveranciers van projectmedewerkers middelen of materiaal en materieel? De decaan van ROC A12 heeft gezorgd dat er een mail gestuurd kon worden naar studenten die mogelijk deel konden nemen aan het onderzoek. De decaan van de CHE heeft een mail rondgestuurd naar alle studenten met een Wajong-uitkering met een oproep om deel te nemen aan het onderzoek. Specificatie doelgroep Wat weet de doelgroep van het project? Er is opgemerkt dat de decanen en de studenten erg weinig weten over dit onderwerp. De decanen wisten niet dat de Wajong gaat veranderen en men wist al helemaal niet wat deze veranderingen inhielden. Ook de studenten wisten niet wat de veranderingen voor hun inhielden. Men ging zich pas verdiepen nadat de onderzoekers contact met hen opnamen. Welke ervaring heeft de doelgroep met de projectorganisatie of de opdrachtgever? De doelgroep staat op afstand van de opdrachtgever. Dit komt omdat er nog een schakel tussen de studenten/scholieren zit en Stichting Stimulansz en de gemeenten, de klanten van de opdrachtgever. Welke houding heeft de doelgroep met betrekking tot het project? De decanen en de studenten vonden het een interessant onderwerp en gaven aan dat ze er wel meer over wilden weten 5

6 Welke vertegenwoordigers heeft de doelgroep? Voor jongeren met een Wajong-uitkering is er een belangenvereniging genaamd Tooon. Tooon wil opkomen voor de jongeren en bedrijven enthousiast maken om ze in dienst te nemen (EenVandaag, 2011). Wat is het opleidingsniveau/deskundigheid van de doelgroep Het opleidingsniveau van de studenten in dit onderzoek is MBO en HBO. In gesprek met decanen en studenten met een functiebeperking hebben wij de indruk opgedaan dat er meer studenten met een functiebeperking zijn op het MBO dan op het HBO. Rol van de doelgroep Denkt mee en levert informatie of deskundigheid op de achtergrond: Stichting Stimulansz, UWV en de decanen van ROC A12 en CHE. Werkt mee aan het project: De studenten die in aanmerking komen voor de studieregeling van de Wajong en/of de nieuwe regeling van de studietoeslag. Beslist of beslist mee: Stichting Stimulansz Belang van de stakeholders Heeft groot belang of weinig belang bij het projectresultaat: Groot belang: - De studenten die in aanmerking komen voor de nieuwe regeling van de studietoeslag. - Stichting Stimulansz - Gemeente Ede Weinig belang: - UWV - Decanen Ondervindt voordeel of nadeel van het projectresultaat: Voordeel: - De studenten die in aanmerking komen voor de nieuwe regeling van de studietoeslag. - Stichting Stimulansz - Decanen - UWV Heeft veel of weinig invloed op het project Veel: - De studenten die in aanmerking komen voor de nieuwe regeling van de studietoeslag. - UWV - Decanen - Stichting Stimulansz - Gemeente Ede Weinig: Geen van de doelgroepen heeft weinig invloed op het project. Relatie tussen projectleider en de stakeholders Er is grote of geringe overeenstemming over het projectresultaat? Er is een overeenstemming over het projectresultaat vanuit de minor Hoezo Armoede? door Henk van Deutekom met Evelien Meester die Stichting Stimulansz vertegenwoordigt. Er is veel of weinig onderling vertrouwen? Er is veel onderling vertrouwen. Men heeft vertrouwen in het onderzoek en de resultaten daarvan. Echter wordt het onderzoek wel beperkt door de geringe tijd die er is, wat de kwaliteit van het onderzoek beïnvloedt. 6

7 Huidige situatie Participatiewet Door het invoeren van de Participatiewet op 1 januari 2015 wil de overheid bereiken dat er meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk komen. De gemeenten gaan de verantwoordelijkheid dragen voor het re-integreren van mensen die nog kunnen werken maar hierbij wel ondersteuning nodig hebben (Rijksoverheid, 2014). Vanaf 1 januari 2015 gaat de Wajong op in de Participatiewet, vanaf dan kunnen jonggehandicapten alleen een Wajong-uitkering krijgen wanneer ze duurzaam en volledig arbeidsongeschikt zijn. De groep mensen die hier niet voor in aanmerking gaan komen, kunnen een beroep doen bij de gemeente, voor een uitkering uit de Participatiewet (Rijksoverheid, 2014). Wanneer iemand in 2015 nog geen Wajong-uitkering ontvangt gaat het UWV beoordelen of de jongere een mogelijkheid heeft om te kunnen werken. Wanneer er besloten wordt dat de jongere arbeidsongeschikt is en nooit meer kan werken, heeft hij recht op een Wajong-uitkering (Rijksoverheid, 2014). Wanneer een jongere op 1 januari 2015 al een Wajong-uitkering krijgt, dan komt er een herbeoordeling. Tussen 2015 en 2018 gaat het UWV alle dossiers van mensen met een Wajong opnieuw bekijken om vast te stellen of iemand gedeeltelijk kan gaan werken of niet. Hierbij wordt er een splitsing gemaakt in de oude Wajong en de nieuwe Wajong (UWV, 2014). Wanneer het UWV vindt dat iemand gedeeltelijk kan werken maar deze persoon is het hier niet mee eens, wordt er vanaf 2018 gekort op de uitkering. Dan wordt er nog maar 70% van het minimumloon uitbetaald. Blijkt uit het onderzoek dat iemand arbeidsongeschikt is dan blijft de hoogte van de uitkering 75% van het minimumloon (UWV, 2014) (Rijksoverheid, 2014). Oude Wajong: Onder de oude Wajong wordt iedereen verstaan die voor 2010 een Wajong heeft aangevraagd. Bij het opnieuw bekijken van alle gegevens wordt er gebruik gemaakt van zoveel mogelijk gegevens die bij het UWV aanwezig zijn. Wanneer er dan nog informatie mist, is het mogelijk dat er een gesprek plaatsvindt om de informatie aan te vullen (UWV, 2014). Nieuwe Wajong: Onder de nieuwe Wajong wordt iedereen verstaan die een Wajong heeft aangevraagd vanaf 1 januari Deze groep is al beoordeeld op hun mogelijkheid om te werken (UWV, 2014). De groep mensen met een arbeidsbeperking die per 1 januari 2015 in de bijstand gaan vallen moeten aan het werk. Gemeenten worden hiervoor verantwoordelijk. Door de invoering van de Participatiewet kunnen de gemeenten werkgevers aanmoedigen om banen voor deze doelgroep aan te bieden. Dit kunnen ze doen door bijvoorbeeld een gedeelte van het loon mee te betalen. Dit zou dan komen in de vorm van loonkostensubsidie. Hierdoor zou de werknemer zelf het cao-loon of anders het minimumloon ontvangen (Rijksoverheid, 2014). Individuele studietoeslag De regering schat in dat van de Wajongers mensen een arbeidsvermogen hebben. Vanaf 1 januari 2015 komen alleen de jonggehandicapten die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn nog in de Wajong terecht en komt de groep jonggehandicapten die kunnen werken, maar nog geen baan hebben in de bijstand terecht (SP, 2014) De Invoeringswet Participatiewet introduceert een studieregeling in de Participatiewet: de individuele studietoeslag. De individuele studietoeslag is via een amendement van Steven van Weyenberg (D66) als vorm van bijzondere bijstand in de Participatiewet opgenomen. Deze toeslag is bedoeld voor mensen met een arbeidshandicap die een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken om te gaan studeren. Voor veel van deze mensen is het moeilijk om een studie te combineren met een bijbaan waardoor ze via de individuele studietoeslag een extra steuntje ontvangen (Schroeten, 2014). Door mensen die niet in staat zijn om het minimumloon te verdienen, te ondersteunen tijdens hun studie, wordt na het afronden van een studie hun positie op de arbeidsmarkt versterkt. Met een diploma krijgen werkgevers bewijs dat iemand gemotiveerd is en ook mogelijkheden tot werk heeft. De regering geeft aan dat mensen die niet volledig geschikt zijn om te gaan werken moeite hebben te gaan studeren. Er zou een drempel liggen op het gebied van lenen voor een studie, omdat de kans om een betaalde baan na de 7

8 studie lager is. Door de mogelijkheid aan te bieden voor een individuele studietoeslag wil de gemeente mensen stimuleren om een studie te gaan volgen of naar school te gaan (Gemeente Ede a, 2014). Mensen moeten aan de onderstaande eisen voldoen om een individuele studietoeslag aan te vragen (Gemeente Ede c, 2014): De persoon moet minimaal 18 jaar oud zijn De persoon moet recht hebben op studiefinanciering De persoon heeft geen eigen vermogen Van de persoon moet vastgesteld zijn dat hij niet in staat is tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, maar wel de mogelijkheden heeft tot arbeidsparticipatie. Buiten deze punten om moet de persoon in de doelgroep vallen die in aanmerking komt voor de Participatiewet. Wajongers die nu op school zitten of een studie volgen krijgen geen volledige uitkering. Zij vallen onder de studieregeling. Mensen die nu nog aan het studeren zijn of op school zitten krijgen maximaal 25% van het minimum(jeugd)loon als studietoeslag (WMO-Raad, 2014). De studieregeling kwam mee met de nieuwe Wajong die per 1 januari 2010 werd ingevoerd. Jonggehandicapten die zich aanmelden voor een Wajong komen sinds januari 2010 in de werk-, studie- of uitkeringsregeling terecht. Voor de gemeenten zijn vooral de groep die in de werk- en studieregeling komen van belang. Uit deze groep heeft een groot deel nu of in de toekomst arbeidsmogelijkheden. Na de invoering van de Participatiewet zullen zij mogelijk bij de gemeenten aankloppen voor begeleiding en eventueel een uitkering (UWV, 2012). De Nieuwe Wajong waaronder de studieregeling valt- is ingevoerd na aanleiding van de grote toename van jongeren in de Wajong. Daarnaast wilde het kabinet meer jongeren met een beperking aan het werk krijgen. De verwachting was dat na de invoering van de nieuwe Wajong de instroom met tien procent zou dalen en de uitstroom naar werk met tien procent zou toenemen (Mijs, 2011). De studieregeling is ingevoerd omdat jonggehandicapten minder arbeidsmogelijkheden hebben. Studenten hebben doorgaans een bijbaantje, voor jonggehandicapten is dit vaak geen optie. Ze zijn dan sneller aangewezen op een studielening die terug betaald moet worden. Om dit te voorkomen is er gekozen voor een bedrag van 25% van het minimumloon als inkomensondersteuning voor studerende jongeren (Mijs, 2011). Hierdoor willen ze studeren voor jonggehandicapten stimuleren zodat ze na de studie meer arbeidsmogelijkheden hebben en mee kunnen draaien in de samenleving. Wanneer iemand een Wajong-uitkering ontvangt en gaat studeren heeft hij recht op de studieregeling als de persoon recht heeft op studiefinanciering of een tegemoetkoming scholieren, maar ook wanneer de ouders van de Wajonger nog recht hebben op kinderbijslag (UWV, 2011). Jongeren die nu onder de studieregeling vallen, houden hier recht op zolang hun opleiding loopt. Hij blijft dus bestaan voor de groep mensen die nu al onder de Wajong valt. Jongeren die na 1 januari 2015 worden ingeschreven vallen onder de Participatiewet. In de Participatiewet is de individuele studietoeslag opgenomen waar een jongere dan een beroep op kan doen. (Gemeenteloket, 2014). De hoogte van de individuele studietoeslag wordt per gemeente bepaald. In de Gemeente Ede is het bedrag gezet op 100,- per maand voor een periode van 12 maanden. De toeslag wordt toegekend voor 12 maanden zolang de persoon voldoet aan de voorwaarden voor de individuele studietoeslag zoals die bepaald zijn in de Participatiewet (Gemeente Ede b, 2014). Uit het gesprek met de Gemeente Ede kwam naar voren dat dit bedrag op 100,- per maand is gezet, om te voorkomen dat er een groot verschil aan inkomen ontstaat tussen jongeren die net niet in aanmerking komen voor de individuele studietoeslag maar wel moeite hebben met werken, en tussen jongeren die hier wel voor in aanmerking komen. Voor ons beeld hebben we van een aantal gemeenten de Verordening studietoeslag opgeroepen en gekeken naar de hoogte van de normbedragen voor de studietoeslag. Dat varieert enorm, van eenmalig 38% van de bijstandsnorm (ongeveer 550,-), tot 25% van het WML (ongeveer 300,- per maand). Zie bijlage 2. Uit gegevens van het UWV blijkt, dat in 2013 ongeveer studenten gebruik maakten van de studieregeling (zie bijlage 1). 8

9 9

10 Onderzoeksopzet Onderzoeksmethode Voor de uitvoering van ons onderzoek hebben we gewerkt volgens een kwalitatieve en beschrijvende onderzoeksopzet. Het is een beschrijvend onderzoek omdat we vanuit het gezichtspunt van de betrokkenen belevingen en ervaringen in kaart brengen. De betrokkenen (de onderzoekseenheid) is in dit geval anders dan de doelgroep. De doelgroep zijn studerende jongeren met een functiebeperking. De onderzoekseenheid bestaat uit meerdere individuen (niet alleen jongeren met een functiebeperking). Deze individuen worden respondenten genoemd, omdat zij zichzelf vertegenwoordigen in ons onderzoek. (Baarda, de Goede, & Teunissen, p. 150) De verschillende perspectieven noemen we situatiedefinities. Deze aanpak heeft een open houding van ons gevraagd, omdat het gaat om ervaring en inzichten van de ander. Om deze reden hebben wij gekozen voor een casestudy in de vorm van zowel interviews als literatuuronderzoek. Zoals aangegeven bestaat onze onderzoekseenheid uit meerdere individuen. Deze individuen (beleidsmedewerker minima gemeente Ede; zorgcoördinator ROC; decaan CHE; studenten die gebruik maken van de Wajong) hebben betrekking op de context waarin de studietoeslag wordt toegepast. Door vanuit meerdere invalshoeken gegevens te hebben verzameld, hebben wij een vollediger beeld van de situatie gecreëerd (data-triangulatie). Middelen Literatuuronderzoek Alvorens gestart te zijn met het interviewen hebben wij een literatuuronderzoek gedaan. Dit onderzoek heeft ons een beeld gegeven van de ontwikkeling naar en de huidige situatie waarin de studieregeling verkeert. We hebben een aantal vragen opgesteld waar wij antwoord op wilden hebben voor we de interviews af zouden nemen. Met deze voorkennis hebben wij verschillende topiclisten opgesteld, afhankelijk van de rol van de geïnterviewde. Dit is gelukt en het heeft ons opgeleverd dat wij de stand van zaken goed wisten uit te leggen en de diepte in konden gaan met de gesprekken. Interviews De interviews hebben wij ingezet om erachter te komen wat de betrokkenen weten, denken, voelen en willen betreffende het onderwerp. Wij hebben gekozen voor de vorm van een focused interview aan de hand van een topiclist. Het is een wat meer gestructureerde vorm van een interview. De vragen konden zelf worden ingevuld, maar de onderwerpen lagen min of meer vast. Dit heeft ervoor gezorgd dat er ook ruimte was om in te gaan op andere relevante informatie. De interviews hebben wij afgenomen in tweetallen. Afhankelijk van de bereikbaarheid en omgang met privacy is dit face-to-face of telefonisch gebeurd. Toestemming is gevraagd om het gesprek op te nemen en de gegevens schriftelijk te verwerken ten doeleinde van dit onderzoek. Onderzoeksproces Tijdens het onderzoek hebben wij te maken gehad met verschillende (f)actoren die de voortgang van ons onderzoek hebben belemmerd. De interviews hebben het grootste aandeel in ons onderzoek, omdat vanuit daar de verschillende belevingen in kaart worden gebracht. Degene die wij wilden bereiken voor ons interview hadden niet altijd de tijd en de mogelijkheid om hier aan mee te werken. Door vertraagde communicatie is ons proces ook vertraagd. Ook was de bereikbaarheid van (oud)studerenden met een functiebeperking lastig. Dit contact verliep via de zorgcoördinator van het ROC en de decaan van de CHE in verband met de privacy. Hierin waren wij dus afhankelijk van de snelheid waarop zij dit doorspeelden aan de (oud)studenten en de reactie van de (oud)studenten naar ons toe. Dinsdag 9 december is er een tweetal naar de stakeholdersbijeenkomst van het UWV Wajong Werkt geweest. Via deze bijeenkomst hebben wij contact kunnen leggen met een medewerker van het UWV. Via haar zouden wij in contact komen met degene die gaat over studerende Wajongers. Helaas is dit contact gestrand. Meerdere malen is geprobeerd dit te hervatten. Dit is niet gelukt. Bovendien is er een gesprek geweest met de minima beleidsmedewerker van gemeente Ede. Uit dit gesprek hebben wij waardevolle informatie voor ons onderzoek kunnen halen. Dit kunt u teruglezen in het verslag. 10

11 Via de zorgcoördinator van het ROC hebben wij ook de contactgegevens ontvangen van een medewerker van gemeente Wageningen. Gemeente Wageningen zou het huidige aantal studerende Wajongers in kaart hebben gebracht. Dit contact is enigszins vertraagd door de tussenliggende kerstvakantie (hij was niet meer bereikbaar). Vervolgens is er contact gelegd met de casemanager van Wajongers UWV in Wageningen. Dit contact is helaas niet van de grond gekomen. Halverwege het proces hebben we het doel van ons onderzoek aan moeten passen vanwege de tijdnood. In eerste instantie hadden wij een beschrijving willen geven van de verwachtte effectiviteit van de studietoeslag. Dit hebben wij bijgesteld naar deels verwachting naar aanleiding van de tot nu toe verstrekte gegevens en nader te onderzoeken onderwerpen. Bij de nader te onderzoeken onderwerpen zou Stimulansz een meerwaarde hebben om de voortgang en het inzetten van de studietoeslag te kunnen bevorderen. In de afrondingsfase hebben wij nogmaals contact gehad met Evelien Meester en hebben wij het onderzoek tot dusver aan haar voorgelegd. Zij heeft nog een aantal aanvullingen gegeven en deze hebben wij vervolgens verwerkt. Reflectie op werkwijze en onderzoeksproces In het begin vonden we het lastig om het onderzoek te kaderen, maar naar verloop van tijd kregen wij hier meer beeld bij. Dit beeld kregen wij door om ons in te lezen in de beschikbare en relevante bronnen. Ook de begeleiding vanuit Henk heeft ons geholpen richting te geven aan ons onderzoek. Al met al hebben wij interessante ontdekkingen opgedaan tijdens dit onderzoek. Ondanks dat ons onderzoek niet waterdicht is, wat betreft getrokken conclusies, geeft het verschillende ingangen tot nader te onderzoeken onderwerpen. Dit heeft een toegevoegde waarde voor Stimulansz, omdat zij dat vooronderzoek niet meer hoeft te verrichten. Wat betreft de werkwijze: in principe hebben wij het onderzoek goed voorbereid, door middel van het plan van aanpak en het daarin opgenomen tijdspad. In het onderzoek zelf hebben we een breed beeld kunnen beschrijven door de verschillende invalshoeken. Mogelijk hadden we de berichten eerder uit kunnen zetten, omdat we naderhand in tijdnood kwamen. Dit had ons wellicht wat meer speelruimte gegeven. Dat neemt niet weg dat we afhankelijk waren van derden om de gegevens van (oud)studenten te krijgen. 11

12 Resultaten In gesprek met decanen, (oud) studenten, medewerker gemeente minimabeleid en adviseur van Stimulansz hebben we veel informatie weten te verzamelen. Deze informatie bevat een aantal resultaten die van toepassing zijn op de deelvragen die in het onderzoek zijn opgesteld om de uiteindelijke hoofdvraag te kunnen beantwoorden. Per deelvraag zullen we de resultaten beschrijven. Deel vraag 1: Wat zijn de ervaringen over de effectiviteit van de studieregeling in de Wajong? Uit gesprek met de studenten die gebruik maken van de studieregeling kwam duidelijk naar voren dat de studieregeling een middel is dat stimuleert om te gaan studeren. Volgens Simon heeft het hem gemotiveerd om te gaan studeren. Hij vertelt dat hij ook genoegen had kunnen nemen met een willekeurige baan, maar hij heeft er voor gekozen om door te studeren. Daarmee hoopt hij een baan te krijgen die hij leuk vindt en waarmee hij genoeg geld kan verdienen om in de toekomst niet meer afhankelijk te hoeven zijn van bijvoorbeeld het UWV. Bovendien benoemen zowel Simon als Joëlle dat de studieregeling een grote druk wegneemt betreft financiële zaken, waardoor zij zich kunnen richten op hun studie. Voor beiden is het niet mogelijk om naast hun studie te werken, waardoor zij afhankelijk zijn van de studieregeling om sowieso hun vaste lasten te kunnen betalen. Het verhaal van Joëlle bevestigt daarnaast het positieve effect van de studieregeling binnen de Wajong, doordat zij gebruik kan maken van taxivervoer wat de mogelijkheid biedt om naar school te kunnen gaan. Dit middel en ook andere middelen,zoals een job-coach, kunnen gefinancierd worden vanuit de Wajong. Dit leidt tot maatwerk, zodat elke student krijgt wat hij nodig heeft. Dat is opmerkelijk, omdat de decentralisatie van de Wajong/studieregeling nu juist is ingezet omdat gemeenten beter in staat zouden zijn maatwerk te verrichten, maar voor deze nieuwe doelgroep in beginsel niet meer doen dan het verstrekken van een studietoeslag. Een punt dat we vanuit verschillende kanten hebben gehoord is dat er weinig of onvoldoende bekend is over de rechten en plichten omtrent de studietoeslag. De studenten die wij hebben gesproken gaven voornamelijk aan dat het onduidelijk is wat de studieregeling precies inhoudt. Simon vraagt zich bijvoorbeeld af hoeveel hij mag bijverdienen naast zijn studieregeling en Joëlle heeft uitleg over haar uitkering gekregen van haar ambulante begeleiding, waardoor zij begreep hoeveel geld, van wie en waarvoor zij dat ontvangt. Simon noemt hierbij dat het lastig is om door de systemen van het UWV te komen om de juiste personen met de juiste informatie te vinden. Deelvraag 2: Wat is de verwachte effectiviteit van de studietoeslag in de Participatiewet? Zoals bij deelvraag 1 beschreven, zijn er vanuit het budget beschikbaar via de Wajong meer mogelijkheden om middelen in te zetten ter onderbouwing van de voortgang van de studie. De zorgcoördinator (R. van Leeuwen) geeft hiervoor het voorbeeld van de job-coach, omdat veel leerlingen in het MBO te maken hebben met de werkvloer. Dat speelt in zekere zin ook in toenemende mate binnen het HBO, omdat daarin een transformatie zichtbaar is naar een leer-werkbedrijf. De verschuiving naar de Participatiewet veroorzaakt volgens R. van Leeuwen een lacune m.b.t. de nodige materialen en middelen, omdat deze niet meer vanuit de Wajong gefinancierd worden en de gemeenten dit niet voor hun rekening zullen nemen. Hierdoor is de verwachting dat de student hetzij meer moet lenen, hetzij een groter beroep moet doen op zijn sociale netwerk om studeren mogelijk te kunnen maken. Gezien het HBO waar veel studenten in een onbekende stad op kamers wonen, verwachten wij dat de zelfredzaamheid van de student op de proef wordt gesteld. De verschuiving naar de Participatiewet lijkt voor veel onduidelijkheid te zorgen wat blijkt uit de gesprekken met o.a. de decanen. Er is nog vrijwel geen kennis over de nieuwe studietoeslag, de hoogte van het bedrag en de eisen die hieraan gesteld worden. Is het de taak van de gemeente om decanen e.a. voor te lichten zodat de informatie uiteindelijk bij de studenten terecht komt? 12

13 Daarentegen spreekt Evelien Meester haar verwachting uit dat er meer studenten gebruik gaan maken van de studietoeslag, omdat de drempel verlaagd is en het aanvragen van een studietoeslag minder stigmatiserend is. Dat wordt onderschreven door de zorgcoördinator van het ROC A 12. Daarbij komt dat het indienen van een aanvraag voor een Wajong-studieregeling, een gecompliceerder proces was, dan het aanvragen van de studietoeslag bij gemeenten zal zijn. Bovendien zal bij veel gemeenten, anders dan bij het UWV een beperktere medische toets plaatsvinden, omdat een volwaardig medisch onderzoek bij bijv. het UWV kostbaar is. Een aanvraag voor een medische beoordeling bij het UWV kost minimaal 700, terwijl de gemeente, waar nu de aanvraag gedaan moet worden, naar verwachting minder kritisch om zal gaan met de indicatoren omdat deze nog niet duidelijk zijn vastgesteld. Simon benoemde dit verschil ook en benoemt ook het aspect dat het minder stigmatiserend is om bij de gemeente een aanvraag te moeten doen dan bij het UWV. Uit gegevens van het UWV blijkt dat ongeveer studenten gebruik maakten van de studieregeling. Gelet op de verwachting dat het aantal aanvragen (en toekenningen) zal toenemen, vanwege de lagere aanvraagdrempel en toelatingseisen, zou de volgende financiële raming een indicatie kunnen opleveren van de landelijke budgettaire last: 20% meer aanvragen en toekenningen levert circa studenten op die de studietoeslag ontvangen. Bij een gemiddeld normbedrag van 200,- per maand is dit aan programmakosten alleen al circa 20 miljoen euro per jaar, landelijk 1. Evelien Meester zou graag zien dat er maatwerk wat betreft de hoogte van de studietoeslag geleverd zou worden. Zo kan er per student gekeken worden wat er nodig is. De ene student heeft namelijk meer nodig bijv. een blinde student die aangepaste boeken nodig heeft. Haar verwachting is dat de ene beperking meer kosten met zich mee brengt dan de ander. Het is echter de vraag of de regeling in artikel 36b P-wet deze ruimte biedt. Het ontbreekt ons aan regeltechnische kennis en inzicht om op dat punt aanbevelingen te doen. Uit navraag bij de zorgcoördinator van het ROC A12 en de decaan bij de CHE is ons gebleken, dat de inzet van de studietoeslag als pgb met trekkingsrecht voor doeleinden, verband houdende met het opheffen of beperken van een handicap tijdens de studie, een goed alternatief zou zijn van een bedrag om niet. Daarbij tekent de zorgcoördinator van het ROC aan, dat het de vraag is of mbo-studenten met functiebeperking zelfsturend/redzaam genoeg zijn, om het budget adequaat te besteden. Dat heeft overigens ook nog een leeftijdsaspect. De gemiddelde leeftijd van mbo-studenten is nou eenmaal lager dan die van HBO/WO-studenten. De decaan van de CHE voegt er nog aan toe, dat er extra studiefinanciering beschikbaar is voor langstudeerders die met ziekte e.d. te kampen hebben. Bovendien kunnen er binnen de CHE twee noodfondsen worden aangesproken om studenten die met studievertraging kampen i.v.m. persoonlijke redenen, te ondersteunen. De decaan van het CHE geeft daarnaast nog aan dat een differentiatie in het normbedrag voor de studietoeslag, afhankelijk van de aard van de aandoening, passend zou zijn. Niet elke handicap of beperking is hetzelfde. Ten slotte wijst de decaan er jog op dat het eigenlijk onaanvaardbaar is, dat er onder studenten ongelijke behandeling ontstaat, omdat op school, en dat geldt zeker voor de CHE, nou eenmaal studenten uit alle windrichtingen en woonplaatsen studeren. De student uit de ene gemeente krijgt dan meer/minder dan de student met eenzelfde beperking uit een andere gemeente. Algemene resultaten Uit het gesprek met de zorgcoördinator is de verwachting naar voren gekomen dat er meer studenten met een functiebeperking op het MBO studeren dan op het HBO. Onze verwachting is dat een HBO-er of WOer meer draagkracht heeft door zijn netwerk dat over het algemeen zal bestaan uit HBO en/of WO opgeleide contacten. Dus meer draagkracht en meer draagvlak dan een MBO-er die over het algemeen uit een netwerk komt met MBO opgeleide contacten. In gesprek met de zorgcoördinator van het ROC A12 is gebleken dat er 264 studenten van de +/ (ruwe schatting) studenten bekend zijn met een functiebeperking. De decaan van de CHE heeft hier geen 1 Waarbij bedacht moet worden dat de toeslag gebruteerd moet worden met loonheffing etc. omdat het als belastbaar inkomen wordt aangemerkt. 13

14 aantallen over genoemd. Het aantal studenten met een functiebeperking binnen de circa studenten is niet te geven. Daar worden geen centrale data van bijgehouden (is een zaak van de verschillende Academies). De decaan schat wel in, dat het aantal studenten verhoudingsgewijs en absoluut gezien aanmerkelijk lager zal liggen dan op een ROC. Studenten beginnen nou eenmaal aan de studie met het vooruitzicht middels een baan een inkomen boven WML te verdienen. Ook voor studenten met een functiebeperking zal dit doorgaans gelden, hoewel zij onderschrijft dat er studenten zijn die wel per uur WML kunnen verdienen maar per week niet, omdat ze slechts in deeltijd kunnen werken. Die groep zal vermoedelijk groter zijn dan bij de ROC s. 14

15 Con.clusies Uit het beperkte onderzoek komt naar voren dat de jongeren die gebruik maken van de studieregeling in de Wajong hier baat bij hebben, omdat het hen motiveert om een opleiding te gaan volgen. Of de studie afgerond kan worden is niet alleen afhankelijk van de financiering, maar ook van de verschillende facetten die een beperking met zich meebrengt. Studenten die nu onder de Participatiewet gaan vallen, gaan in de regel minder financiële ondersteuning ontvangen ten opzichte van studenten die gebruik maken van de studieregeling uit de Wajong. Dit zal meer zelfredzaamheid vragen om zichzelf te faciliteren in het volgen van een opleiding. Zo zal er bijvoorbeeld vaker een beroep gedaan moeten worden op niet betaalde diensten in plaats van een job-coach als de beperking daarom vraagt. Ook het verschil in de hoogte van de toeslag zal van invloed zijn op de mogelijkheden die de student krijgt om te gaan studeren. Er zal hierdoor ongelijkheid worden gecreëerd voor studenten met eenzelfde beperking uit andere gemeenten. Om een antwoord te kunnen geven op onze hoofdvragen, is het belangrijk het volgende vast te stellen: het effect van de studietoeslag is afhankelijk van de hoogte van de toeslag, mate van de beperking en de draagkracht van de student. Voor studenten die een hoge mate van zelfredzaamheid hebben is de studietoeslag, vermoeden wij, een uitkomst, omdat ze nu de mogelijkheid hebben op extra financiële ondersteuning. Uit de gehouden interviews onder studenten komt het beeld naar voren dat het echt bijdraagt aan voortzetting en afronding van de studie. Het zal hen dan ook zeker stimuleren om een opleiding te volgen en af te ronden. Voor studenten die minder zelfredzaam zijn, zal de studietoeslag eerder een beperking vormen dan een uitkomst. Dit heeft enerzijds te maken met de ondersteunende voorzieningen, die op grond van de Wajong kunnen worden verkregen. Degene die eerder in de Wajong terecht zouden zijn gekomen, zouden daar meer gefaciliteerd worden terwijl zij nu hun hulpmiddelen zelf moeten uitzoeken en bekostigen. Anderzijds heeft dat ook te maken met de mate van zelfsturing, die onder jongeren die het MBO volgen en een functionele beperking hebben, doorgaans minder zal zijn. Op basis van dit onderzoek kan er geen vaststaande conclusie getrokken worden of het een effectief middel is om armoede te bestrijden, maar zijn er wel indicaties die daarop wijzen. Wat jammer is, is dat dit jaar er ook studenten zijn die niet afweten van de mogelijkheid om de studietoeslag aan te vragen, terwijl het financiële perspectief wel wordt meegenomen in de overweging om te gaan studeren, en dit als gevolg van de omzetting in het sociaal leenstelsel niet bepaald rooskleurig te noemen is.. Aanbevelingen Mogelijkheid tot maatwerk Uit het onderzoek komt naar voren dat er geen onderscheid wordt gemaakt in de hoogte van de studietoeslag op basis van de mate van beperking. Overigens blijkt dat de ene student meer middelen nodig heeft omdat zijn draagvlak en draagkracht minder hoog is dan bij de ander. Een aanbeveling vanuit dit perspectief is als volgt: De mogelijkheid tot maatwerk onderzoeken. Het wordt dan per persoon/of groep bekeken en berekend, waardoor de financiële ondersteuning effectiever kan zijn. Daarbij aansluitend: de mogelijkheden onderzoeken voor andere financieringsvormen, zoals een pgb met trekkingsrecht, of voorzieningen in natura, zoals een job/studie-coach. Lijntje naar gemeenten Omdat het moeilijk te verkopen is dat studenten op dezelfde school afwijkende normbedragen ontvangen, bevelen wij aan dat gemeenten in de regio afstemming zoeken over de hoogte van het normbedrag voor de studietoeslag. Het is sowieso handig om een overlegpunt te hebben tussen onderwijssector en gemeenten in de regio over de uitvoering van deze regeling. Inlichten doelgroep Vanuit verschillende hoeken is gebleken dat er onduidelijkheid heerst over de Participatiewet, met daarin de studietoeslag. Om het effectief te kunnen laten zijn is het belangrijk dat de doelgroep weet waar hij gebruik van maakt en waarmee rekening gehouden moet worden, zoals rechten en plichten. De doelgroep kan op verschillende manieren hiervan op de hoogte gebracht worden. In eerste instantie vinden wij dat het 15

16 de taak van de gemeente is om de doelgroep meer informatie te leveren. Dit kan door bijvoorbeeld scholen te benaderen, want zij staan dichter bij de doelgroep. Taken voor onderwijsinstellingen Voor scholen ligt er een uitdaging om in de huidige ontwikkelingen nieuwe studenten tegemoet te komen. Dit kan o.a. door zelf op de hoogte te zijn van wat de huidige ontwikkelingen inhouden en ook zelf zicht te hebben op de doelgroep die het betreft. Ook voor de studenten op de scholen zelf, moet het duidelijk zijn wie hiervoor het aanspreekpunt is. Eventueel vervolgonderzoek Uit het onderzoek hebben wij belangrijke constateringen kunnen doen en daarnaast heeft het bij ons ook nieuwe vragen op geroepen. Het onderstaande gegeven heeft bij ons de volgende vraag op geroepen. 5% Van de schooluitvallers in het HBO en 9% in het WO geeft aan dat deze gestopt zijn vanwege hun handicap en/of beperking. 82% Van deze schooluitvallers geeft aan dat het fysiek niet meer mogelijk was om de studie af te ronden. Op welke manier zou de studietoeslag hen kunnen helpen om toch hun studie af te kunnen ronden? In deze vervolgvraag, kan er onderzocht worden hoe deze studietoeslag ondersteunend kan zijn bij het vervolgen van een studie en of het bedrag, wat hiervoor beschikbaar wordt gesteld, genoeg is. 16

17 Bibliografie D.B. Baarda, M. d. (2009). Basisboek kwalitatief onderzoek. Groningen/Houten: Noordhoff. Gemeente Ede a. (2014, november 11). Vordering individuele studietoeslag Participatiewet Gemeente voorschotten Opgeroepen op december 15, 2014, van Ede: https://www.ede.nl/fileadmin/ris/bijlagen/ b42440f-2d a-6c92fb6f646a.pdf Gemeente Ede b. (2014). Aanbieding conceptverordening. Opgeroepen op december 14, 2014, van Ede: https://www.ede.nl/fileadmin/ris/bijlagen/ c2bc77-640d-43ea-be4c-7aa0f9cd7965.pdf Gemeente Ede c. (2014, december 11). Verordening individuele studietoeslaf Ede Opgeroepen op januari 11, 2015, van Gemeente Ede: Gemeenteloket. (2014, augustus). Informatieblad Participatiewet. Opgeroepen op december 15, 2014, van Gemeenteloket: 28/infoblad-participatiewet-aug-2014.pdf Gritt, R. (2011). projectmanagement. Opgeroepen op januari 07, 2015, van Noordhoff: Mijs, A. (2011). Wet werken naar vermogen. Opgeroepen op januari 5, 2015, van arno.uvt.nl: OCW. (2008, september 3). Rijksoverheid. Opgeroepen op januari 5, 2015, van Rijksoverheid: Rijksoverheid. (2014). Wat is de overheid van plan met de Participatiewet. Opgeroepen op december 15, 2014, van Rijksoverheid: Schroeten, N. (2014, juni 18). Vreemde eend binnen de Participatiewet - de individuele studietoeslag. Opgeroepen op december 2015, 2014, van Kluwerschulinck: SP. (2014). De Participatiewet, vragen en antwoorden. Opgeroepen op december 15, 2014, van SP. Eemsmond: UWV. (2013). Feiten en cijfers over Wajong. Opgeroepen op januari 5, 2015, van Divosa: https://www.divosa.nl/sites/default/files/feiten%20en%20cijfers%20over%20de%20wajong.pdf UWV. (2011, februari). Hoe hoog is uw uitkering. Een eigen inkomen met de Wajong. UWV. (2012). Informatie over de Wajong. Opgeroepen op januari 5, 2015, van rpa.west-brabant.eu: UWV. (2014). Kerngegevens Wajong - feiten en cijfers. Opgeroepen op januari 5, 2015, van UWV: UWV. (2014). Participatiewet: wat verandert er in de Wajong in Opgeroepen op december 15, 2014, van UWV werken aan perspectief: van Deutekom, H., & Roor, A. (2014). Hoezo Armoede? Een kennismaking met de wereld rondom armoede. Ede: Christelijke Hogeschool Ede. WMO-Raad. (2014, mei 20). Participatiewet Informatieblad. Opgeroepen op december 15, 2014, van WMO- Raad denkt met u mee: 17

18 Bijlagen Bijlage 1 (Voor)literatuuronderzoek Wat houden de verschuivingen van Wajong naar Participatiewet in? De Participatiewet is de samenvoeging van de bijstandswet (WWB), de Wajong en de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW). Hiermee wil het kabinet bereiken dat zoveel mogelijk mensen weer aan het werk komen en volwaardig mee kunnen doen in de samenleving (SP, 2014). De Wajong is er voor mensen die op jonge leeftijd een langdurige ziekte of handicap hebben gekregen en hulp nodig hebben met het zoeken naar betaald werk of ondersteuning nodig hebben bij het behouden van betaald werk. Jonggehandicapten kunnen een Wajong-uitkering aanvragen wanneer zij denken dat ze niet kunnen werken of niet genoeg verdienen. Vanaf 1 januari 2015 gaat de Wajong op in de Participatiewet, vanaf dan kunnen jonggehandicapten alleen een Wajong-uitkering krijgen wanneer ze duurzaam en volledig arbeidsongeschikt zijn. De groep mensen die hier niet onder gaan vallen kunnen in aanmerking komen voor een uitkering uit de Participatiewet (Rijksoverheid, 2014). Door het invoeren van de Participatiewet op 1 januari 2015 wil de overheid bereiken dat er meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk komen. De gemeenten gaan de verantwoordelijkheid dragen voor het re-integreren van mensen die nog kunnen werken maar hierbij wel ondersteuning nodig hebben (Rijksoverheid, 2014). Wanneer iemand in 2015 nog geen Wajong-uitkering ontvangt gaat het UWV beoordelen of de jongere een mogelijkheid heeft om te kunnen werken. Wanneer er besloten wordt dat de jongere arbeidsongeschikt is en nooit meer kan werken, heeft hij recht op een Wajong-uitkering (Rijksoverheid, 2014). Wanneer een jongere op 1 januari 2015 al een Wajong-uitkering krijgt, dan komt er een herbeoordeling. Tussen 2015 en 2018 gaat het UWV alle dossiers van mensen met een Wajong opnieuw bekijken om vast te stellen of iemand gedeeltelijk kan gaan werken of niet. Hierbij wordt er een splitsing gemaakt in de oude Wajong en de nieuwe Wajong (UWV, 2014). Oude Wajong: Onder de oude Wajong wordt iedereen verstaan die voor 2010 een Wajong heeft aangevraagd. Bij het opnieuw bekijken van alle gegevens wordt er gebruik gemaakt van zoveel mogelijk gegevens die bij het UWV aanwezig zijn. Wanneer er dan nog informatie mist, is het mogelijk dat er een gesprek plaatsvindt om de informatie aan te vullen (UWV, 2014). Nieuwe Wajong: Onder de nieuwe Wajong wordt iedereen verstaan die een Wajong had aangevraagd vanaf 1 januari Deze groep is al beoordeeld op hun mogelijkheid om te werken (UWV, 2014). Wanneer het UWV vindt dat iemand gedeeltelijk kan werken, maar deze persoon is het hier niet mee eens, wordt er vanaf 2018 gekort op de uitkering. Dan wordt er nog maar 70% van het minimumloon uitbetaald. Blijkt uit het onderzoek dat iemand arbeidsongeschikt is dan blijft de hoogte van uw uitkering 75% van het minimumloon (UWV, 2014) (Rijksoverheid, 2014). Vanuit de regering wordt verwacht dat van de Wajongers mensen een arbeidsvermogen hebben. Vanaf 1 januari 2015 komen alleen de jonggehandicapten die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn nog in de Wajong terecht en komt de groep jonggehandicapten die kunnen werken, maar nog geen baan hebben in de bijstand terecht (SP, 2014) De groep mensen met een arbeidsbeperking die per 1 januari 2015 in de bijstand gaan vallen moeten aan het werk. Gemeenten worden hiervoor verantwoordelijk. Door de invoering van de Participatiewet kunnen de gemeenten werkgevers aanmoedigen om banen voor deze doelgroep aan te bieden. Dit kunnen ze doen door bijvoorbeeld een gedeelte van het loon mee te betalen. Dit zou dan komen in de vorm van 18

19 loonkostensubsidie. Hierdoor zou de werknemer zelf het cao-loon of anders het minimumloon ontvangen (Rijksoverheid, 2014). Waarom is de studieregeling ingesteld? De studieregeling kwam mee met de nieuwe Wajong die per 1 januari 2010 werd ingevoerd. Jonggehandicapten die zich aanmelden voor een Wajong komen sinds januari 2010 in de werk-, studie- of uitkeringsregeling terecht. Voor de gemeenten zijn vooral de groep die in de werk- en studieregeling komen van belang. Uit deze groep heeft een groot deel nu of in de toekomst arbeidsmogelijkheden. Na de invoering van de Participatiewet zullen zij mogelijk bij de gemeenten aankloppen voor begeleiding en eventueel een uitkering (UWV, 2012). De Nieuwe Wajong waaronder de studieregeling valt- is ingevoerd na aanleiding van de grote toename van jongeren in de Wajong. Daarnaast wilde het kabinet meer jongeren met een beperking aan het werk krijgen. De verwachting was dat na de invoering van de nieuwe Wajong de instroom met tien procent zou dalen en de uitstroom naar werk met tien procent zou toenemen (Mijs, 2011). De studieregeling is ingevoerd omdat jonggehandicapten minder arbeidsmogelijkheden hebben. Studenten hebben doorgaans een bijbaantje, voor jonggehandicapten is dit vaak geen optie. Ze zijn dan sneller aangewezen op een studielening die terug betaald moet worden. Om dit te voorkomen is er gekozen voor een bedrag van 25% van het minimumloon als inkomensondersteuning voor studerende jongeren (Mijs, 2011). Hierdoor willen ze studeren voor jonggehandicapten stimuleren zodat ze na de studie meer arbeidsmogelijkheden hebben en mee kunnen draaien in de samenleving. Hoe wordt er binnen de studieregeling bepaald wat de hoogte van de bijdrage was en op grond van welke indicatie(s) werd deze toegekend? Wajongers die nu op school zitten of een studie volgen krijgen geen volledige uitkering. Zij vallen onder de studieregeling. Mensen die nu nog aan het studeren zijn of op school zitten krijgen maximaal 25% van het minimum(jeugd)loon als studietoeslag (WMO-Raad, 2014). Wanneer iemand een Wajong-uitkering ontvangt en gaat studeren heeft hij recht op de studieregeling als de persoon recht heeft op studiefinanciering of een tegemoetkoming scholieren, maar ook wanneer de ouders van de Wajonger nog recht hebben op kinderbijslag (UWV, 2011). Jongeren die nu onder de studieregeling vallen, houden hier recht op zolang hun opleiding loopt. Hij blijft dus bestaan voor de groep mensen die nu al onder de Wajong vallen. Jongeren die na 1 januari 2015 zijn ingeschreven vallen onder de Participatiewet. In de Participatiewet is individuele studietoeslag opgenomen waar een Wajonger dan aansprak op kan doen (Gemeenteloket, 2014). Waarom is de individuele studietoeslag ingesteld? De Invoeringswet Participatiewet introduceert een studieregeling in de Participatiewet: de individuele studietoeslag. De individuele studietoeslag is via een amendement van Steven van Weyenberg (D66) als vorm van bijzondere bijstand in de Participatiewet opgenomen. Deze toeslag is bedoeld voor mensen met een arbeidshandicap die een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken om te gaan studeren. Voor veel van deze mensen is het moeilijk om een studie te combineren met een bijbaan waardoor ze via de individuele studietoeslag een extra steuntje ontvangen (Schroeten, 2014). Door mensen die niet in staat zijn om het minimumloon te verdienen, te ondersteunen tijdens hun studie, wordt na het afronden van een studie hun positie op de arbeidsmarkt versterkt. Met een diploma krijgen werkgevers bewijs dat iemand gemotiveerd is en ook mogelijkheden tot werk heeft. De regering geeft aan dat mensen die niet volledig geschikt zijn om te gaan werken moeite hebben te gaan studeren. Er zou een drempel liggen op het gebied van lenen voor een studie omdat de kans om een betaalde baan na de studie lager is. Door de mogelijkheid aan te bieden op een individuele studietoeslag wil de gemeente mensen stimuleren om een studie te gaan volgen of naar school te gaan (Gemeente Ede a, 2014). Mensen moeten aan de onderstaande eisen voldoen om een individuele studietoeslag aan te vragen (Gemeente Ede a, 2014): De persoon moet minimaal 18 jaar oud zijn De persoon moet recht hebben op studiefinanciering 19

20 De persoon heeft geen eigen vermogen Van de persoon moet vastgesteld zijn dat hij met een voltijdse arbeid niet in staat is tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, maar wel de mogelijkheden heeft tot arbeidsparticipatie. De hoogte van de individuele studietoeslag wordt per gemeente bepaald. In de gemeente Ede is het bedrag gezet op 100,- per maand voor een periode van 12 maanden. De toeslag wordt toegekend voor 12 maanden zolang de persoon voldoet aan de voorwaarden voor de individuele studietoeslag zoals bepaald zijn in de Participatiewet (Gemeente Ede b, 2014). Gegevens van vroegtijdig afbreken van studie van studenten met functiebeperking Uit het onderzoek Studie uitval in het hoger onderwijs van het ministerie van OCW komt naar voren dat twaalf procent van de uitvallers beperkt is door een handicap of (chronische) ziekte. Ongeveer acht procent van de studerenden kampt met een handicap of (chronische) ziekte. Hieruit komt naar voren dat studenten met een handicap, (chronische) ziekte of andere beperking meer kans hebben om eerder met hun studie te stoppen dan andere studenten. Uit het onderzoek kwam ook naar voren dat negen procent van de ondervraagden hun beperking noemde als reden om te stoppen met de studie. Er kwam naar voren dat 5 procent van de hbo-uitvallers en negen procent van de wo-uitvallers ook daadwerkelijk is gestopt met de opleiding vanwege een handicap of beperking. De aard van de handicap/functiebeperking is verdeeld. Het grootste percentage (47 procent) herkende zich niet in de lijst met genoemde beperkingen. Daarna scoorde psychische problemen het hoogst met 44 procent. De reden van het stoppen met de studie kwam uiteindelijk neer op dat het voor de studenten fysiek niet mogelijk was op de studie af te ronden (82 procent). Daarnaast kwam de reden naar voren dat de vertraging die de studenten opliepen door hun handicap/beperking hen demotiveerden om door te gaan (39 procent). Verder noemt nog ongeveer een kwart van de studenten (26 procent) als reden dat instelling onvoldoende rekening hield met de handicap/beperking. (OCW, 2008) Gegevens van het aantal, dat gebruik maakte van de studieregeling (evt. met opleidingsniveau) De Wajong heeft tot 2010 een stijging gehad met aanmeldingen, sinds 2010 zijn deze aanvragen gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. In 2012 stroomde ongeveer mensen in de Wajong, tegenover 5000 mensen die uitstroomde. Dit is een daling t.o.v toen stroomde mensen in de Wajong t.o.v. de 4000 mensen die uitstroomde (UWV, 2013). Tot en met 2012 was er een daling te zien in de instroom van de Wajong, terwijl deze in 2013 weer fors omhoog schoot naar aanmeldingen t.o.v mensen die uitstroomden (UWV, 2014). In 2013 stroomde 37 procent van de aanmeldingen voor de nieuwe Wajong door naar de studieregeling. Van de groep die in de studieregeling terecht kwam, lag 89 procent in de leeftijdscategorie van 18 en 19 jaar (UWV, 2014). In 2013 maakten er dus ongeveer 6500 Wajongers gebruik van de studieregeling. 20

Vastgestelde verordening - Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Zoeterwoude 2015

Vastgestelde verordening - Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Zoeterwoude 2015 GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van de gemeente Zoeterwoude Publicatiedatum: 19-12-2014 Nummer gemeenteblad: 0355 Vastgestelde verordening - Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet ISD Bollenstreek 2015 BESLUIT

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet ISD Bollenstreek 2015 BESLUIT De raad van de gemeente, gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van de ISD Bollenstreek van dd. gelet op de gemeenschappelijke regeling van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Bollenstreek; overwegende

Nadere informatie

gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet, Verordening individuele studietoeslag gemeente Heerenveen 2015

gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet, Verordening individuele studietoeslag gemeente Heerenveen 2015 De raad van de gemeente Heerenveen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van (datum); gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet, gelet op artikel 8,

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Gemeente Leidschendam-Voorburg 2015

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Gemeente Leidschendam-Voorburg 2015 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Gemeente Leidschendam-Voorburg 2015 De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg; gelezen het voorstel van het college; gelet op artikel 8, eerste

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Wijk bij Duurstede (Utrecht)

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Wijk bij Duurstede (Utrecht) Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug (RDWI) gezien het voorstel van het Dagelijks

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Renkum 2015

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Renkum 2015 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Renkum 2015 De raad van de gemeente Renkum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 oktober 2014; gelet op artikel 8, eerste

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag ISWI.

Verordening individuele studietoeslag ISWI. Verordening individuele studietoeslag ISWI. Het Algemeen Bestuur van het Intergemeentelijk Samenwerkingsverband Werk en Inkomen (ISWI) gelezen het voorstel van het Dagelijks Bestuur van 17 november 2014

Nadere informatie

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 november 2014, vast te stellen de Verordening individuele studietoeslag Participatiewet

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 november 2014, vast te stellen de Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Bijlage 8 Verordening Individuele Studietoeslag 2015 De raad van de gemeente Hengelo, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 november 2014, gelet op artikel 8, derde lid van de Participatiewet,

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Urk 2015

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Urk 2015 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Urk 2015 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN

HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Nr. 13-3 De raad van de gemeente Marum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 juni 2015, nr. 15.05.13.; gezien het advies van de gezamenlijke Wmo-adviesraden van de Westerkwartiergemeenten

Nadere informatie

Toelichting. Algemeen. Verbeteren positie arbeidsmarkt arbeidsgehandicapten

Toelichting. Algemeen. Verbeteren positie arbeidsmarkt arbeidsgehandicapten Toelichting Algemeen De invoeringswet Participatiewet introduceert een studieregeling in de Participatiewet: de individuele studietoeslag. Hiermee krijgt het college de mogelijkheid mensen, van wie is

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Regionale Sociale Dienst Hoeksche Waard 2015

Verordening individuele studietoeslag Regionale Sociale Dienst Hoeksche Waard 2015 Verordening individuele studietoeslag Regionale Sociale Dienst Hoeksche Waard 2015 Het algemeen bestuur van de Regionale Sociale Dienst Hoeksche Waard 2015; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag 2015 GR Ferm Werk

Verordening individuele studietoeslag 2015 GR Ferm Werk Verordening individuele studietoeslag 2015 GR Ferm Werk Het algemeen bestuur van Ferm Werk - gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van 11 december 2014; - gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag

Verordening individuele studietoeslag Gemeenteblad 546 Verordening individuele studietoeslag Gemeente Voorst november 2014-1 - Verordening individuele studietoeslag De raad van de gemeente Voorst; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. Gemeente.

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. Gemeente. De raad van de gemeente.; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders..; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de Participatiewet; overwegende dat het van

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Houten

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Houten Raadsbesluit De raad van de gemeente Houten ; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 april ; gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet; gelet op artikel 4, tweede lid en

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag 2015

Verordening individuele studietoeslag 2015 De raad van de gemeente Boxtel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 november 2014; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c van de Participatiewet, gelet op artikel 36b, eerste

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Gemeente Gennep gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 september 2014;

Verordening individuele studietoeslag Gemeente Gennep gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 september 2014; Verordening individuele studietoeslag Gemeente Gennep 2015 De Raad van de Gemeente Gennep; gelet op de artikelen 8a, eerste lid, onder c, van de Participatiewet; gelezen het voorstel van burgemeester en

Nadere informatie

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2014;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2014; Verordening individuele studietoeslag Westerveld 2015 De raad van de gemeente Westerveld; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2014; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel

Nadere informatie

VERORDENING INDIVIDUELE STUDIETOESLAG PARTICIPATIEWET 2015 GEMEENTE VELSEN

VERORDENING INDIVIDUELE STUDIETOESLAG PARTICIPATIEWET 2015 GEMEENTE VELSEN VERORDENING INDIVIDUELE STUDIETOESLAG PARTICIPATIEWET 2015 GEMEENTE VELSEN De raad van de gemeente Velsen; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c van de Participatiewet; besluit vast te stellen de

Nadere informatie

Raadsvoorstel. Voorstel om te besluiten>> Wij stellen voor de Verordening individuele studietoeslag gemeente Mook en Middelaar 2015 vast te stellen.

Raadsvoorstel. Voorstel om te besluiten>> Wij stellen voor de Verordening individuele studietoeslag gemeente Mook en Middelaar 2015 vast te stellen. Agendapuntnummer: 5 Documentnummer: 2015/2079 Raadsvergadering d.d.: 2 juli 2015 Raadscommissie: Samenleving Commissie d.d.: 18 juni 2015 Programma: Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag gemeente

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag

Verordening individuele studietoeslag Verordening individuele studietoeslag De raad van de gemeente Purmerend; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van..; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de Participatiewet;

Nadere informatie

op voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 september 2014; b e s l u i t :

op voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 september 2014; b e s l u i t : Agendapunt: 7 Nummer: 2014/15704 F De raad van de gemeente Slochteren; op voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 september 2014; gezien het advies van het Platform Werk en Inkomen

Nadere informatie

*Z03761839F6* Verordening individuele studietoeslag gemeente Goeree-Overflakkee

*Z03761839F6* Verordening individuele studietoeslag gemeente Goeree-Overflakkee *Z03761839F6* Registratienummer: Z -13-03431 / 29210 Verordening individuele studietoeslag gemeente Goeree-Overflakkee De raad van de gemeente Goeree-Overflakkee; gelezen het voorstel van burgemeester

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet BMWE 2015

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet BMWE 2015 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet BMWE 2015 De raad van de gemeente De Marne; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 december 2015; gezien de adviezen van de stichting

Nadere informatie

op voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 13 november 2014, no.za. 14-30185/DV.14-415, afdeling Samenleving;

op voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 13 november 2014, no.za. 14-30185/DV.14-415, afdeling Samenleving; No. 19. De raad van de gemeente Vlagtwedde; op voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 13 november 2014, no.za. 14-30185/DV.14-415, afdeling Samenleving; overwegende dat het noodzakelijk is op grond

Nadere informatie

gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de Participatiewet;

gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de Participatiewet; VERORDENING INDIVIDUELE STUDIETOESLAG PARTICIPATIEWET 2015 DE RAAD VAN DE GEMEENTE GRONINGEN; (4733150); gelezen het voorstel van het college van 25 november 2014; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel

Nadere informatie

Officiële naam regeling Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet Breda 2015

Officiële naam regeling Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet Breda 2015 Wetstechnische informatie Overheidsorganisatie Gemeente Breda Officiële naam regeling Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet Breda 2015 Citeertitel Verordening Individuele Studietoeslag

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag gemeente Westland 2015

Verordening individuele studietoeslag gemeente Westland 2015 GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Westland. Nr. 41807 15 mei 2015 Verordening individuele studietoeslag gemeente Westland 2015 De raad van de gemeente Westland; Gelezen het voorstel van burgemeester

Nadere informatie

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie gemeente Heerhugowaard Officiële naam regeling Verordening individuele studietoeslag gemeente Heerhugowaard 2015 Citeertitel Verordening

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Krimpen aan den IJssel 2015

Verordening individuele studietoeslag Krimpen aan den IJssel 2015 Verordening individuele studietoeslag Krimpen aan den IJssel 2015 De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2014;

Nadere informatie

Onderwerp : Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 januari 2015.

Onderwerp : Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 januari 2015. Vergadering d.d. : 10 februari 2015 Agendapunt : Verordeningen Participatiewet 2015 Registratienummer : 12C Onderwerp : Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015 De raad van de gemeente

Nadere informatie

besluit vast te stellen de Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Beuningen 2015.

besluit vast te stellen de Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Beuningen 2015. GEMEENTE... v.- '^ļt~- LEUNINGEN Onderwerp Registratienummer Registratiecode Auteur Status Verordening Individuele studietoeslag Participatiewet Beuningen 2015 atl4003477 IIIIIIIIIIIIIIIIIUIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIII

Nadere informatie

gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 4 november 2014;

gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 4 november 2014; gemeente Overbetuwe Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag O Ons kenmerk: 14RB000154 Nr. 8e De raad van de gemeente Overbetuwe; gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 4

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. Dienst SoZaWe Nw. Fryslân

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015. Dienst SoZaWe Nw. Fryslân Het algemeen bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de Participatiewet; overwegende dat het van belang

Nadere informatie

Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 11 december 2014

Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 11 december 2014 Pagina 1 van 6 Versie Nr.1 Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 11 december 2014 Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag De raad van de gemeente Leiderdorp; gelezen het voorstel van 9 december

Nadere informatie

gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet,

gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet, De raad van de gemeente Leeuwarden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van (datum); gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet, gelet op artikel 8,

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude Verordening individuele studietoeslag Participatiewet Haarlemmerliede en Spaarnwoude (II) De raad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van

Nadere informatie

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d..., nummer:.. ;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d..., nummer:.. ; Raadsbesluit De raad van de gemeente Coevorden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d..., nummer:.. ; gelet op het bepaalde in artikel 8, eerste lid, onderdeel c en derde lid van de Participatiewet;

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015

Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015 De raad van de gemeente Geertruidenberg; gezien het voorstel van het College van burgemeester en wethouders van 2014; gelet op artikel 8, eerste

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag. Gemeente Kerkrade

Verordening individuele studietoeslag. Gemeente Kerkrade Verordening individuele studietoeslag Gemeente Kerkrade 2015 Vastgesteld door de raad van de gemeente Kerkrade in zijn vergadering van 17 december 2014 (raadsbesluit 14Rb090) 1 Verordening individuele

Nadere informatie

Een nieuwe taak voor gemeenten

Een nieuwe taak voor gemeenten Een nieuwe taak voor gemeenten Vanaf 1 januari 2015 treedt de Participatiewet in werking. Het doel van de wet is om meer mensen, ook mensen met een arbeidsbeperking, aan de slag te krijgen. De gemeente

Nadere informatie

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 oktober 2014;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 oktober 2014; Verordening individuele studietoeslag 2015 Kenmerk: 184267 De raad van de gemeente Oldebroek; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 oktober 2014; gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel

Nadere informatie

Participatiewet vanaf 2015 Wat betekent dit voor u?

Participatiewet vanaf 2015 Wat betekent dit voor u? Participatiewet vanaf 2015 Wat betekent dit voor u? Participatiewet vanaf 2015 Wat betekent dit voor u? Vanaf 2015 is er veel veranderd rondom werk en inkomen. Zo is de Participatiewet ingevoerd, zijn

Nadere informatie

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2014;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2014; De raad van de gemeente Steenbergen; overwegende dat vaststelling van een verordening wettelijk is voorgeschreven; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2014;

Nadere informatie

Notitie Individuele Studietoeslag 2015

Notitie Individuele Studietoeslag 2015 Notitie Individuele Studietoeslag 2015 Datum : 20 januari 2015 Gemeente : Cuijk Versie : 1.0 *Z00B0A29368* documentnr.: ADV/C/14/00917 zaaknr.: Z/C/14/13635 Inhoud ONDERWERP... 2 VOORSTEL... 2 AANLEIDING...

Nadere informatie

Sector : I Nr. : 07/15 Onderwerp : Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet

Sector : I Nr. : 07/15 Onderwerp : Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet AAN: De raad van de gemeente Ferwerderadiel Sector : I Nr. : 07/15 Onderwerp : Verordening Individuele Studietoeslag Participatiewet Ferwert, 30 maart 2015 Aanleiding De Invoeringswet Participatiewet introduceert

Nadere informatie

Werk, inkomen. sociale zekerheid. www.departicipatieformule.nl, versie 2 2013 1

Werk, inkomen. sociale zekerheid. www.departicipatieformule.nl, versie 2 2013 1 Werk, inkomen & sociale zekerheid versie 2013 www.departicipatieformule.nl, versie 2 2013 1 Inleiding... 3 Participatiewet, geplande invoerdatum 1 januari 2014... 4 Wet Wajong (sinds 2010)... 6 Wet Werk

Nadere informatie

Met ingang 2015 zijn er op het gebied van de bijzondere bijstand een aantal zaken veranderd.

Met ingang 2015 zijn er op het gebied van de bijzondere bijstand een aantal zaken veranderd. Bijzondere bijstand U kunt onverwacht voor noodzakelijke uitgaven komen te staan als gevolg van bijzondere individuele omstandigheden. Als u daarbij een laag inkomen heeft en geen of weinig vermogen dan

Nadere informatie

Werk, inkomen. sociale zekerheid. www.departicipatieformule.nl, 2011 1

Werk, inkomen. sociale zekerheid. www.departicipatieformule.nl, 2011 1 Werk, inkomen & sociale zekerheid www.departicipatieformule.nl, 2011 1 Inhoudsopgave Wet Wajong (sinds 2010)... 3 Wet Werk en Bijstand (WWB)... 5 Wet investeren in jongeren (Wij)... 6 Wet Sociale Werkvoorziening

Nadere informatie

Informatie over de Wajong

Informatie over de Wajong Informatie over de Wajong Inleiding Het kabinet heeft het voornemen om per 1 januari 2014 de Wet werk en bijstand, de Wet investeren in jongeren, de Wet sociale werkvoorziening en een deel van de Wet Wajong

Nadere informatie

Verordening individuele studie- en inkomenstoeslag Ridderkerk 2015

Verordening individuele studie- en inkomenstoeslag Ridderkerk 2015 GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Ridderkerk. Nr. 82239 29 december 2014 Verordening individuele studie- en inkomenstoeslag Ridderkerk 2015 De raad van de gemeente Ridderkerk gelezen het voorstel

Nadere informatie

Informatiebijeenkomst Participatiewet (Wajong) Nieuwe wet: de Participatiewet

Informatiebijeenkomst Participatiewet (Wajong) Nieuwe wet: de Participatiewet Informatiebijeenkomst Participatiewet (Wajong) Nieuwe wet: de Participatiewet Op 1 januari 2015 komt er een nieuwe wet: de Participatiewet. Met de Participatiewet wil het kabinet bereiken dat zoveel mogelijk

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag Uithoorn 2015

Verordening individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag Uithoorn 2015 GEMEENTEBLAD Nr. 65093 14 november Officiële uitgave van gemeente Uithoorn. 2014 Verordening Individuele studietoeslag en Individuele inkomenstoeslag Uithoorn 2015 Verordening individuele studietoeslag

Nadere informatie

Factsheet Wajong: Informatie over Wajonginstroom in 2010

Factsheet Wajong: Informatie over Wajonginstroom in 2010 Regelingen en voorzieningen CODE 1.3.3.23 Factsheet Wajong: Informatie over Wajonginstroom in 2010 bronnen www.uwv.nl/zakelijk/gemeenten, d.d. oktober 2011 In 2013 gaat waarschijnlijk de Wet werken naar

Nadere informatie

Visie en uitgangspunten (1)

Visie en uitgangspunten (1) Visie en uitgangspunten (1) Iedereen moet kunnen meedoen als volwaardig burger en bijdragen aan de samenleving. Participatiewet streeft naar een inclusieve arbeidsmarkt, voor jong en oud, en voor mensen

Nadere informatie

Factsheet. Participatiewet. Informatie voor de werkgever, juli 2014

Factsheet. Participatiewet. Informatie voor de werkgever, juli 2014 Factsheet Participatiewet Informatie voor de werkgever, juli 2014 In deze factsheet voor de UMC s over de Participatiewet wordt op een rij gezet waar deze wetgeving over gaat, over wie het gaat en wat

Nadere informatie

Toelichting nieuwe instrumenten, individuele studietoeslag en wijzigingen Verordening re-integratie 2015

Toelichting nieuwe instrumenten, individuele studietoeslag en wijzigingen Verordening re-integratie 2015 Toelichting nieuwe instrumenten, individuele studietoeslag en wijzigingen Verordening re-integratie 2015 Deze toelichting gaat uitgebreid in op enkele nieuwe instrumenten. Vervolgens wordt de nieuwe regeling

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 29 817 Sociale werkvoorziening Nr. 99 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Veranderingen rond werk en zorg. Informatie voor ouders van kinderen in het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs

Veranderingen rond werk en zorg. Informatie voor ouders van kinderen in het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs Veranderingen rond werk en zorg Informatie voor ouders van kinderen in het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs Veranderingen rond werk en zorg Jongeren in het praktijkonderwijs (pro) en

Nadere informatie

Stage en WLZ, WMO en Participatiewet

Stage en WLZ, WMO en Participatiewet Stage en WLZ, WMO en Participatiewet Een beknopte samenvatting September 2015 Stage in de Bovenbouw 1 Stage is in principe twee dagen per week Stage sluit aan bij de interesse(s) van de leerling Stages

Nadere informatie

Verordening individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag Participatiewet 2015.

Verordening individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag Participatiewet 2015. Verordening individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag Participatiewet 2015. Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Gemeente Dalfsen Officiële naam van de

Nadere informatie

Portefeuillehouder: M. Verschuren Behandelend ambtenaar J. van Bragt, 0595-750306 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J.van Bragt)

Portefeuillehouder: M. Verschuren Behandelend ambtenaar J. van Bragt, 0595-750306 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J.van Bragt) Vergadering: 27 januari 2015 Agendanummer: 14 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: M. Verschuren Behandelend ambtenaar J. van Bragt, 0595-750306 E-mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. J.van Bragt) Aan

Nadere informatie

Inventarisatie medewerkers met een arbeidsbeperking in openbare bibliotheken

Inventarisatie medewerkers met een arbeidsbeperking in openbare bibliotheken Inventarisatie medewerkers met een arbeidsbeperking in openbare bibliotheken Januari 2015 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 5 1.1 Opzet... 5 1.2 Leeswijzer... 6 2. Inventarisatie medewerkers arbeidsbeperking...

Nadere informatie

De leden van de Eerste Kamer der Staten Generaal Postbus 20017 2500 EA Den Haag postbus@eerstekamer.nl

De leden van de Eerste Kamer der Staten Generaal Postbus 20017 2500 EA Den Haag postbus@eerstekamer.nl Bankastraat 42 unit C 9715 CD Groningen T 050-549 29 06 www.steungroep.nl info@steungroep.nl Aan: De leden van de Eerste Kamer der Staten Generaal Postbus 20017 2500 EA Den Haag postbus@eerstekamer.nl

Nadere informatie

Puntsgewijze samenvatting van de Hoofdlijnennotitie werken naar vermogen

Puntsgewijze samenvatting van de Hoofdlijnennotitie werken naar vermogen Puntsgewijze samenvatting van de Hoofdlijnennotitie werken naar vermogen Deze puntsgewijze samenvatting is een uitwerking van de afspraken die hierover in het regeer- en gedoogakkoord zijn gemaakt. Bij

Nadere informatie

PARTICIPATIEWET. Maar nu.wat verandert er allemaal??

PARTICIPATIEWET. Maar nu.wat verandert er allemaal?? PARTICIPATIEWET Inleiding Iedereen die kan werken, maar het op de arbeidsmarkt zonder steuntje in de rug niet redt, valt vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet. De Participatiewet is er namelijk

Nadere informatie

Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming.

Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming. Management summary Flitspeiling: vervroegde aanmelddatum, studiekeuzecheck en doorstroming. Tussen 16 december 2013 en 1 januari 2014 heeft GfK voor het ministerie van OCW een flitspeiling uitgevoerd gericht

Nadere informatie

Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag gemeente Mook en Middelaar 2015

Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag gemeente Mook en Middelaar 2015 Agendapuntnummer: 5 Documentnummer: 2015/2079 Onderwerp: Verordening individuele studietoeslag gemeente Mook en Middelaar 2015 De raad der gemeente Mook en Middelaar; Gelezen het voorstel van het College

Nadere informatie

Feiten en cijfers Wajong

Feiten en cijfers Wajong Feiten en cijfers Wajong Deze notitie bestaat uit drie hoofdstukken: 1. De wettelijke regeling en de kabinetsplannen 2. Cijfers over de doelgroep 3. Belangrijke rapporten over de Wajong 1. De wettelijke

Nadere informatie

Presentatie Participatiewet & Wijzigingen Wwb. Commissie Samenleving Brielle

Presentatie Participatiewet & Wijzigingen Wwb. Commissie Samenleving Brielle Presentatie & Wijzigingen Wwb Commissie Samenleving Brielle Inhoud Presentatie Doelen participatiewet Uitgangspunten participatiewet Samenwerking Consequenties invoering participatiewet Wijzigingen Wwb

Nadere informatie

IIMill MUI II IIIIIIII II

IIMill MUI II IIIIIIII II GEMEENTE BEUNINGEN Onderwerp Verordeningen Participatiewet Raadsvergadering 16 december 2014 Nummer(agenda) Commissie 1 Samenleving Registratienummer BW14.00883 Datum 8 december 2014 Registratiecode IIMill

Nadere informatie

Mensen met een arbeidsbeperking

Mensen met een arbeidsbeperking Mensen met een arbeidsbeperking Wat verandert er door de participatiewet vanaf 2015 INLEIDING Vanaf 1 januari is er een nieuwe wet: de Participatiewet. Deze wet moet er voor zorgen dat mensen met een arbeidsbeperking

Nadere informatie

Mensen met een arbeidsbeperking

Mensen met een arbeidsbeperking informatieblad - eenvoudig verteld Mensen met een arbeidsbeperking Wat verandert er door de participatiewet vanaf 2015 2 Dit boekje gaat over mensen met een arbeidsbeperking. Soms kun je voor een deel

Nadere informatie

20 15-20 4 20 15-205 Gemeenteraad

20 15-20 4 20 15-205 Gemeenteraad Nieuwegein 20 15-20 4 20 15-205 Gemeenteraad Onderwerp Verordening Individuele studietoeslag WIL en Datum 22 april 2015 Participatieverordening WIL Raadsvoorstel Afdeling Strat gie Maatschappelijke Ontwikkeling

Nadere informatie

Nieuwe wetten voor zorg en ondersteuning bij wonen en werken

Nieuwe wetten voor zorg en ondersteuning bij wonen en werken (in)formatieblad - eenvoudig verteld Nieuwe wetten voor zorg en ondersteuning bij wonen en werken november 2014 3 De Participatiewet 23 Heb je een beperking en heb je begeleiding nodig bij het werk? Dan

Nadere informatie

Participatiewet en Quotumheffing White Paper

Participatiewet en Quotumheffing White Paper Participatiewet en Quotumheffing White Paper 6 oktober 2015 Participatiewet Wat is de Participatiewet? Heeft uw onderneming meer dan 25 werknemers, dan moet u aan de slag met de Participatiewet. Deze wet

Nadere informatie

BELEIDSREGELS INDIVIDUELE STUDIETOESLAG

BELEIDSREGELS INDIVIDUELE STUDIETOESLAG Gemeente Achtkarspelen BELEIDSREGELS INDIVIDUELE STUDIETOESLAG 2015 Gemeente Achtkarspelen September 2015 1 INLEIDING Met de inwerkingtreding van de Participatiewet is ook een Individuele Studietoeslag

Nadere informatie

Op eigen kracht maar niet alleen

Op eigen kracht maar niet alleen uwv.nl/wajong werk.nl Op eigen kracht maar niet alleen Wat u moet weten als u Wajong aanvraagt Meer informatie Deze brochure geeft algemene informatie. Heeft u na het lezen nog vragen? Kijk dan op uwv.nl/wajong.

Nadere informatie

Bram wil werken! Wat betekenen de veranderingen in wet- en regelgeving voor hem? Februari 2015 helpdesk@raadenrespons.nl

Bram wil werken! Wat betekenen de veranderingen in wet- en regelgeving voor hem? Februari 2015 helpdesk@raadenrespons.nl Bram wil werken! Wat betekenen de veranderingen in wet- en regelgeving voor hem? Februari 2015 helpdesk@raadenrespons.nl Bram is niet alleen. Hoe komen deze jongeren op een duurzame werkplek? Uitstroommogelijkheden:

Nadere informatie

André Oosterlee. Regioconsulent Zuidwest Sien. Trainer Wajongproject Ikkan.. (voorheen PhiladelphiaSupport)

André Oosterlee. Regioconsulent Zuidwest Sien. Trainer Wajongproject Ikkan.. (voorheen PhiladelphiaSupport) Wajong André Oosterlee Regioconsulent Zuidwest Sien (voorheen PhiladelphiaSupport) Trainer Wajongproject Ikkan.. PROGRAMMA Kennismaking Wat brengt u hier? Wat zou u daarover willen weten/zeggen? Wajong

Nadere informatie

Participatiewet Doelgroepregister, Banenafspraak

Participatiewet Doelgroepregister, Banenafspraak Participatiewet Doelgroepregister, Banenafspraak 19 november 2015 Rob Schwillens Districtsmanager Zeeland & West Brabant Wat is er per 1.1.2015 gewijzigd? De Participatiewet voegt de Wet werk en bijstand

Nadere informatie

1 van 5. Registratienummer: Bijlage(n) 2 Onderwerp. Beleidsplan Participatiewet. Middenbeemster, 30 september 2014. Aan de raad

1 van 5. Registratienummer: Bijlage(n) 2 Onderwerp. Beleidsplan Participatiewet. Middenbeemster, 30 september 2014. Aan de raad VERG AD ERING GEM EENT ER AAD 20 14 VOORST EL Registratienummer: 1150476 Bijlage(n) 2 Onderwerp Beleidsplan Participatiewet Aan de raad Middenbeemster, 30 september 2014 Inleiding en probleemstelling Gemeenten

Nadere informatie

Nadere regels Individuele inkomenstoeslag 2015

Nadere regels Individuele inkomenstoeslag 2015 Nadere regels Individuele inkomenstoeslag 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpen aan den IJssel; overwegende dat het wenselijk is het beleid omtrent de individuele inkomenstoeslag

Nadere informatie

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014 Nummer 6 juni 2014 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014 Factsheet Ondanks eerste tekenen dat de economie weer aantrekt blijft de werkloosheid. Negen procent van de Amsterdamse beroepsbevolking is werkloos

Nadere informatie

Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 30 oktober 2014 Onderwerp: Re-integratieverordening. Aan de raad. Participatiewet

Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 30 oktober 2014 Onderwerp: Re-integratieverordening. Aan de raad. Participatiewet Pagina 1 van 6 Versie Nr.1 Afdeling: Beleid Maatschappij Leiderdorp, 30 oktober 2014 Onderwerp: Re-integratieverordening Aan de raad. Participatiewet Beslispunten *Z00288A120 E* 1. Vast te stellen de Re-integratieverordening

Nadere informatie

WERK EN INKOMEN VOOR JONGGEHANDICAPTEN Signalen uit de praktijk in vraag en antwoord. Breed Platform Verzekerden en Werk NUMMER 1, november 2006

WERK EN INKOMEN VOOR JONGGEHANDICAPTEN Signalen uit de praktijk in vraag en antwoord. Breed Platform Verzekerden en Werk NUMMER 1, november 2006 WERK EN INKOMEN VOOR JONGGEHANDICAPTEN Signalen uit de praktijk in vraag en antwoord Breed Platform Verzekerden en Werk NUMMER 1, november 2006 Het komend jaar werkt het BPV&W samen met NIZW aan het project

Nadere informatie