4. WETTELIJK KADER / WET- EN REGELGEVING...

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "4. WETTELIJK KADER / WET- EN REGELGEVING..."

Transcriptie

1

2 INHOUDSOPGAVE 1. SAMENVATTING OPDRACHT AANLEIDING/PROBLEEMSTELLING DOELGROEP OVER DE AUTEUR MOTIVATIE GEVOLGDE METHODIEK CONCLUSIE DANKWOORD ACHTERGROND DE GESCHIEDENIS VAN SHELL IN VOGELVLUCHT SHELL PERNIS EN DE AFDELING RDU OMSCHRIJVING VAN DE RDU RIOOLSYSTEMEN OPDRACHT OPDRACHTFORMULERING DOEL PROJECTGRENZEN PLANNING EN TIJDSPAD WETTELIJK KADER / WET- EN REGELGEVING HISTORIE VAN DE ARBOWET ARBEIDSOMSTANDIGHEDENWET WET MILIEUBEHEER/VERONTREINIGING OPPERVLAKTEWATEREN VAN TOEPASSING ZIJNDE WET- EN REGELGEVING METHODE RISICO INVENTARISATIE EN EVALUATIE (RI&E) ARBEIDSHYGIËNISCHE STRATEGIE R.T. de Vries Pagina

3 6. UITVOEREND KADER & RESULTATEN INVENTARISATIE VAN TAKEN EN ACTIVITEITEN INVENTARISATIE EN RANGSCHIKKEN VAN RISICO S REDUCEREN VAN DE RISICO S TOEPASSEN VAN DE ARBEIDSHYGIËNISCHE STRATEGIE OPERATIONELE RISICO S WERKVERGUNNING EN TAAKRISICOANALYSE SAMENVATTING VAN HET TRAJECT CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN CONCLUSIE AANBEVELINGEN GERAADPLEEGDE LITERATUUR/INTERNET/MULTIMEDIA GERAADPLEEGDE INTERNET SITES GERAADPLEEGDE LITERATUUR/MULTIMEDIA LIJST MET AFKORTINGEN / TERMEN AFKORTINGEN TERMEN BIJLAGEN R.T. de Vries Pagina

4 1. SAMENVATTING 1.1. OPDRACHT In opdracht van mijn werkgever, Shell Nederland Raffinaderij b.v. te Pernis, heb ik een onderzoek uitgevoerd naar de arbeidsrisico s bij het geplande onderhoud cq. renovatie van het oliehoudende fabrieksriool van crude distiller CD6, eigendom van de afdeling RDU (Raffinaderij Destillatie en Utilities). Met de risicomatrix volgens een afgeleide van het model van Fine & Kenneth wordt aangetoond dat er onder de uit te voeren werkzaamheden activiteiten zijn met een verhoogd risico. Deze risico s dienen verlaagd cq. beheerst te worden AANLEIDING/PROBLEEMSTELLING In 2003 zijn diverse riolen binnen de afdeling inwendig geïnspecteerd met als doel het verkrijgen van informatie over de conditie van het riool om in het kader van de Wet milieubeheer (Wm) en de Wet verontreiniging oppervlaktewater (Wvo) te voldoen aan de vergunningsverplichting. Naar aanleiding van deze inspecties is er medio 2008 onderhoud gepland aan deze riolen, volgens vooraf bepaalde prioriteiten. Het gaat om reparaties aan rioolleidingen, putten en strengen. Een tevens belangrijke reden is het bereiken van een betere waterafloop via tracés en riolen om te voorkomen dat bij hevige regenval delen van het terrein onder water komen te staan. Aanleiding tot deze opdracht is de relatie tussen mijn huidige functie als vergunningverstrekker en de uit te voeren werkzaamheden. Er is mij gevraagd om als vergunningverstrekker mee te werken aan het veilig laten verlopen van dit karwei. Dit in de context van het opstellen van een werkvergunning en TRA, mijn dagelijks werk. Er dient dus een goede voorbereiding te zijn en er dient een goede inventarisatie en evaluatie van de aanwezige arbeidsrisico s gemaakt te worden. In overleg met de assetmanager van mijn werkgever is besloten dat deze probleemstelling prima past in mijn MVK scriptie-opdracht DOELGROEP Tot de doelgroep behoren de contractors die het daadwerkelijke onderhoud uitvoeren en het personeel van de afdeling RDU en dan met name de eigen operationele afdeling. De in het onderzoek opgedane kennis en de verdere gegevens in deze scriptie dienen als nuttige informatie voor alle betrokkenen, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van een calamiteit OVER DE AUTEUR Mijn naam is Rudmer de Vries (1972) en ik ben werkzaam als hoofd-procesoperator bij Shell Nederland Raffinaderij b.v. te Pernis waar ik in 1988 via de toenmalige bedrijfsschool van Shell ben begonnen. Van 1990 t/m 1994 ben ik werkzaam geweest bij een afdeling waar de kunststof polyvinylchloride wordt gemaakt (PVC) en vanaf 1995 t/m medio 2007 bij een afdeling waar de kunststof polypropeen (PP) wordt gemaakt. Binnen deze afdelingen heb ik diverse functies bekleed, alle gerelateerd aan de fabrieksoperatie. Ik ben momenteel werkzaam als vergunningverstrekker op de afdeling RDU (Destillatie en Utilities) van Shell Pernis. Binnen deze afdeling worden jaarlijks gigantische hoeveelheden ruwe aardolie door middel van destillatie verwerkt tot nafta (=ruwe benzine), propaan, butaan, kerosine, gasolie en andere producten. Tevens worden bepaalde fracties van zwavel ontdaan en wordt nafta in octaangetal verhoogd tot platformate waardoor het na blending geschikt is als motorbenzine. Een meer gedetailleerde beschrijving van de afdeling RDU kunt u lezen vanaf hoofdstuk 2.2. op pagina 7. Binnen deze afdeling houd ik mij samen met 3 andere collega's bezig met het verstrekken van werkvergunningen volgens een procedure waarbij de veiligheid hoog in het vaandel staat. R.T. de Vries Pagina

5 1.5. MOTIVATIE In mijn huidige functie heb ik dagelijks veel met werkvergunningen en taakrisicoanalyses te maken en dus veel met veiligheid. In mijn optiek sluit de opleiding tot middelbaar veiligheidskundige (MVK) goed op deze functie aan en dit was voor mij een goede motivatie om aan de opleiding te beginnen. Gezien het renovatiekarwei aan het oliehoudend riool en mijn betrokkenheid hierbij zie ik dit dan ook als een prima onderwerp voor mijn scriptie. Vanwege de niet-alledaagse aard van de werkzaamheden en de bijkomende aspecten in relatie tot mijn functie als vergunningverstrekker is dit voor mij een goede motivatie om dit onderwerp te benutten voor mijn MVK-scriptie GEVOLGDE METHODIEK Bij het onderzoek is er gebruik gemaakt van een risico inventarisatie methode volgens een afgeleide van het model van Fine & Kenneth. Met deze methode zijn de aanwezige arbeidsrisico s uitgedrukt in een getal (na ingevuld te zijn in een speciale risicomatrix) waardoor het mogelijk is om deze risico s te rangschikken. Beheersmaatregelen zijn toegepast met inachtname van de arbeidshygiënische strategie. Met betrokkenen is er een taakrisicoanalyse (TRA) opgesteld en is er een werkvergunning ingevuld en besproken CONCLUSIE Bij het onderhoud cq. renovatie van het oliehoudend riool van Crude Distiller CD6 zijn er activiteiten met een verhoogd risico. Buiten de arbeidsrisico s zijn er ook operationele risico s. Na het toepassen van de beheersmaatregelen, met inachtname van de arbeidshygiënische strategie, zijn de risico s gedaald tot een aanvaardbaar niveau. De totale risico s bij het onderhoud cq. renovatie van het oliehoudendriool CD6 zijn met 46,3% terug te brengen, gebaseerd op de getallen uit de risomatrix. Zie ook hoofdstuk 7.1. vanaf pagina 30 voor de volledige conclusie DANKWOORD Ik wil graag de volgende personen bedanken voor hun bijdrage aan mijn scriptie: Arie Kleijn, Ferry Corver, Ruud de Bruijn, Rinus Kegel, Ger van Eldik, Richard van de Kant en Folkert de Vries. Bedankt voor jullie nuttige tips, adviezen, hulp, steun en tijd! R.T. de Vries Pagina

6 2. ACHTERGROND 2.1. DE GESCHIEDENIS VAN SHELL IN VOGELVLUCHT Figuur 1: Oud Shell tankstation Het begin: In 1830 werd in Londen door Marcus Samuel een klein bedrijf opgericht dat handelde in antiek en later in destijds zeer populaire aziatische schelpen, voornamelijk uit Japan. In 1897 werd de naam van dit bedrijf door Marcus Samuel jr. veranderd in The Shell Transport and Trading Company. Dit bedrijf zou later ook in lampenolie gaan handelen en had als beeldmerk de afbeelding van een sint-jakobsschelp. De N.V. Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappij (Koninklijke Olie) werd opgericht in Met subsidie van de Nederlandse overheid werd naar olie geboord in voormalig Nederlands-Indië. Begin 20 e eeuw: In 1907 werd duidelijk dat het gezien de zakelijke belangen van beide firma s verstandig was om de krachten te bundelen. De N.V. Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappij en de Shell Transport and Trading Company Ltd. gingen samen verder als een nieuwe onderneming. De schelp bleef het beeldmerk van de Koninklijke/Shell Groep. Evenals de kleuren rood en geel. Koninklijke Olie kreeg een belang van 60% in de Koninklijke/Shell Groep. Het Britse Shell kreeg een belang van 40%. Doordat de massaproductie van automobielen in die tijd een grote vlucht nam, breidde de maatschappij zich uit over de gehele wereld. In 1929 wordt Shell Chemicals opgericht omdat men steeds meer kennis bezat voor wat betreft het raffineren van ruwe aardolie. Eind jaren 40 werd het katalytisch kraken ontwikkeld wat veel efficiënter was dan het toen gebruikelijke thermisch kraken. Zowel de 1 e wereldoorlog ( ) als de 2 e wereldoorlog ( ) hebben grote invloed gehad op de verdere ontwikkeling van Shell. Na-oorlogse expansie: In 1947 wordt het allereerste offshore boorplatform in de Golf van Mexico in gebruik genomen. Er wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de straalmotor voor de commerciële luchtvaart. R.T. de Vries Pagina

7 De jaren 60 tot 80: In de zestiger jaren versterkt Shell zijn positie in het Midden-Oosten. Bij Shell Chemicals worden nieuwe chemicaliën ontwikkeld en in productie genomen zoals epoxy-harsen, insecticiden, vloeibare zepen en polymeren (kunststoffen) zoals PVC en polypropeen. Er worden activiteiten gestart op het gebied van LNG (Liquified Natural Gas = vloeibaar aardgas) en in 1964 vaart de allereerste LNG tanker vanuit Algerije naar Engeland. In de jaren 70 besluit Shell om activiteiten te starten op nucleair gebied maar naar aanleiding van het ongeval in de kerncentrale van Harrisburg (USA) en de maatschappelijke druk besluit Shell om al haar nucleaire activiteiten weer af te stoten. Er wordt begonnen met het investeren in zonne-energie. De jaren 80 tot het millennium: In 1986 stort de oliemarkt in en OPEC verliest grip op de markt doordat er andere niet- OPEC bronnen beschikbaar komen, met name in de Noordzee. In 1993 wordt de GTLfabriek van Bintulu in Maleisië opgestart, ondanks de op dat moment ruimschoots beschikbare ruwe aardolie. Het GTL-proces (Gas To Liquids) maakt het mogelijk om aardgas om te zetten in hoogwaardige brandstoffen zoals gasolie (diesel). Rond de eeuwwisseling ontwaken er nieuwe economische grootmachten zoals China en India. Om deze nieuwe markten te voorzien worden er gigantische investeringen gedaan in deze regio s. In Rusland wordt het Sakhalin project gestart voor het winnen van aardgas. Figuur 2: Het Shell logo door de jaren heen R.T. de Vries Pagina

8 2.2. SHELL PERNIS EN DE AFDELING RDU Al sinds 1902 wordt er ruwe olie verwerkt door Shell in de Rotterdamse haven. Destijds werd er aan de Sluisjesdijk (Waalhaven) een benzineinstallatie in gebruik genomen waar ruwe olie uit Sumatra werd verwerkt. In 1936 verhuizen de activiteiten naar de huidige locatie aan de Vondelingenplaat, aan de eerste Petroleumhaven nabij Pernis. Er zijn diverse crudeunits gebouwd en weer gesloopt tot de inbedrijfname van de Crude Distiller 5 in 1969 en de Crude Distiller 6 in 1972 die tot op de dag van vandaag nog steeds in bedrijf zijn. RDU is de afkorting van Raffinaderij Destillatie en Utilities. De afdeling RDU is een onderdeel van Shell Nederland Raffinaderij b.v. te Pernis en kenmerkt zich door de verwerking van enorme hoeveelheden ruwe aardolie. Deze ruwe aardolie, jaarlijks zo n 20 miljoen ton, wordt omgezet in een groot aantal verschillende producten, waarvan de meeste weer dienen als grondstof voor andere fabrieken. De afdeling RDU beheert een aantal fabrieken, die te verdelen zijn over in totaal 3 secties: Crude Distiller 5 (CD5) CD5: Crude Distiller voor de primaire destillatie van ruwe aardolie. HT1: Hydro Treater voor de ontzwaveling van de nafta-minus fractie. HDS4: Hydro Desulphurisation unit voor de ontzwaveling van kerosine. Crude Distiller 6 (CD6) CD6: Crude Distiller voor de primaire destillatie van ruwe aardolie. HT2: Hydro Treater voor de ontzwaveling van de nafta-minus fractie. GT3: Gasturbine 3 voor opwekking van 20 mw elektrische energie. Restwarmte wordt gebruikt voor de fornuizen van de destillatiesectie (rendementsverbetering). HDS5 en Platformer 3 (Middensectie) HDS5: Hydro Desulphurisation unit voor de ontzwaveling van lichte- en zware gasolie. SRU: Sulphur Recovery Unit bestaande uit een Claus-unit en een SCOT-unit voor het terugwinnen van vaste zwavel afkomstig uit diverse fabrieken. HT3: Hydro Treater voor de ontzwaveling van de nafta afkomstig uit diverse kraakinstallaties. PLTF3: Platformer 3 voor het opwerken van nafta tot platformate. Procesbeschrijving CD5 (zie figuur 3 op pagina 9) Deze installatie is in 1969 in gebruik genomen en de verwerkingscapaciteit voor ruwe olie bedraagt circa ton/dag. De ruwe aardolie die afkomstig is van Shell Europoort wordt aangevoerd via pijpleidingen en passeert twee ontzouters. Na te zijn voorverwarmd in diverse warmtewisselaars in de voedingstrein, wordt de ruwe olie in twee destillatie colonnes (U-200) gescheiden in nafta-minus, kerosine, lichte gasolie (LGO), zware gasolie (HGO) en long residu (LR). De nafta-minus wordt in HT-1 (hydrotreater 1/U-300) ontzwaveld. Zwavelcomponenten reageren hier onder een waterstofomgeving met een katalysator tot waterstofsulfide (H 2 S). Deze H 2 S komt in gasvormige producten terecht en wordt met behulp van een extractiemiddel (DIPA = DiIsoPropylAmine) verwijderd in een absorber. Vervolgens wordt deze ontzwavelde nafta in twee colonnes gescheiden in butaan-minus en tops/nafta. De topsfractie wordt in de superfractionatie sectie (U-700) in 3 colonnes gescheiden in isopentaan (ic5), normaalpentaan (C5), isohexaan (ic6) en de-isohexanized tops (Tops). Butaan-minusgas en vloeistof wordt met DIPA in U-600 (gastreaters) ontdaan van H 2 S. Het gas wordt als stookgas gebruikt voor de diverse fornuizen. In U-500 wordt de butaan-minus vloeistof gescheiden in stookgas (methaan en ethaan) en propaan en butaan. Propaan wordt met loog behandeld om sporen H 2 S te verwijderen en wordt tenslotte nog van water ontdaan in een droger. In HDS4 (U-400) wordt kerosine afkomstig uit het destillatieproces, CD6 (via opslag in tank T-1052) van zwavel ontdaan door hydrogenatie over een katalysator. De aanwezige zwavel wordt, net als in hydrotreater 1, omgezet in H 2 S en in een later stadium middels DIPAabsorbtie verwijderd. R.T. de Vries Pagina

9 Procesbeschrijving CD6 (zie figuur 3 op pagina 9) De CD6 is qua procesvoering en capaciteit identiek aan CD5, met uitzondering van HDS4 en de fakkel. CD6 is in 1972 in bedrijf genomen. In 1987 is CD6 voorzien van een gasturbine (straalmotor) voor de levering van 20 mw elektrische energie. De rookgassen van deze gasturbine bevatten nog relatief veel zuurstof en worden gebruikt als verbrandingslucht in de fornuizen voor de primaire destillatie. Dit zorgt voor een rendementsverhoging. Procesbeschrijving HDS5 (zie figuur 3 op pagina 9) Deze installatie is in 1975 in gebruik genomen. In de HDS5 wordt circa 5000 ton per dag aan lichte- of zware gasolie ontzwaveld door hydrogenatie over een katalysator. Het grootste gedeelte van de zwavelverbindingen in de gasolie wordt met behulp van waterstof omgezet via een katalytische reactie in H 2 S (waterstofsulfide). Deze H 2 S komt in de gasvormige producten terecht en wordt middels DIPA-absorbtie verwijderd. Proceswater afkomstig van HDS5 wordt in een waterstripper (U-8200) van H 2 S ontdaan zodat dit water geschikt wordt voor gebruik als waswater voor de ontzouters van CD5 en CD6. De met H 2 S beladen DIPA (Fat DIPA) wordt in de DIPA-regenerator (U-8400) ontdaan van H 2 S. De van H 2 S gestripte DIPA (Lean DIPA) wordt weer opnieuw gebruikt. Dit H 2 S, aangevuld met H 2 S-houdend gas van de waterstripper, wordt in de Sulphur Recovery Unit (SRU) U-8600 omgezet in vrije zwavel. Restwarmte uit dit proces wordt gebruikt om lage druk stoom te produceren. Restgassen van de SRU gaan naar een SCOT-unit die in 1987 in gebruik is genomen. De aanwezige SO 2 in deze restgassen wordt met behulp van waterstof en een katalysator in een reactor omgezet in H 2 S. Deze nu H 2 S houdende gasstroom wordt in een DIPA-absorber van H 2 S ontdaan. De met H 2 S beladen DIPA gaat terug naar U-8400 voor regeneratie. Restgassen van de SCOT worden in twee incinerators verbrand waar de in het restgas achtergebleven H 2 S wordt omgezet in SO 2. De rookgassen worden afgevoerd naar hoge schoorsteen 2 (HS2). Door de combinatie van SRU en SCOT wordt een zwavel terugwinnings percentage verkregen van 99,7%. Procesbeschrijving Platformer 3 (PLTF3) (zie figuur 3 op pagina 9) PLTF3 is in 1979 in gebruik genomen. HT-3 (hydrotreater 3) is ontworpen voor het ontzwavelen van nafta afkomstig van andere Shell fabrieken (Catcracker, Hycon en TGI) omdat de katalysator van de platformer geen zwavelverbindingen kan verdragen. Wanneer HT-1 en/of HT-2 uit bedrijf zijn is het ook mogelijk om nafta afkomstig van CD5 en CD6 in deze installatie te ontzwavelen. Qua procesvoering is deze installatie te vergelijken met een HDS. De ontzwavelde nafta afkomstig van HT-3 is nu geschikt als voeding voor de platformer. In de platformer wordt circa 4500 t/d platformate met een octaangetal van circa 100 geproduceerd. De fabriek heeft 4 op elkaar geplaatste reactoren zodat de katalysator tijdens het proces continu geregenereerd kan worden in een bijbehorende regeneratie-unit. Bij het proces komt veel waterstof vrij, dat o.a. gebruikt wordt door ontzwavelingsinstallaties. De restwarmte van de rookgassen van de platformerfornuizen wordt benut om hoge druk stoom van circa 85 bar te produceren OMSCHRIJVING VAN DE RDU RIOOLSYSTEMEN De rioleringssystemen van de afdeling RDU voeren de afvalstromen van de verschillende installaties af naar de Shell waterzuiveringsinstallatie. Het betreft hier de lozing van procesafvalwater, drain-, spoel-, schrob-, koel-, en hemelwater en condensaat van de verschillende installaties, alsmede van de bijbehorende algemene bedrijfsvoorzieningen. De rioleringssystemen zijn opgesplitst in het olie vrije- en het olie houdende riool. In het olie vrije riool wordt koelwater dat afkomstig is uit de fabrieken, wat gebruikt is in het proces om producten/stoffen te koelen, en niet in aanraking is geweest met het product, afgevoerd via een uitgebreid ondergronds leidingnetwerk naar de eerste petroleumhaven. Het koelwater wordt eerst verzameld in koelwaterputten bij de betreffende installaties. Afvoer van regenen spoelwater, dat olie kan bevatten, geschiedt via het oliehoudend riool naar olievanger 10. In olievanger 10 wordt de olie afgeroomd en wordt het water afgevoerd naar de waterzuiveringsinstallatie van Shell. R.T. de Vries Pagina

10 BLOKSCHEMA VAN DE AFDELING RDU CD-5/6 COMPLEX GAS GAS TREATERS ( DIPA ) STOOKGAS PROPAAN BUTAAN NAFTA MINUS HYDROTREATER 1 en 2 Ontzwaveling DEBUTANISER FAT-DIPA LEAN-DIPA WATERSTOF SUPER FRACTIONATIE ISO PENTAAN PENTAAN ISO HEXAAN TOPS GAS BENZINE SPLITTER PRIMAIRE DESTILLATIE HDS4 Ontzwaveling (ALLEEN OP CD-5) NAFTA (WHITE SPIRIT) RUWE OLIE (CRUDE) KEROSINE (TREATED) LICHTE GASOLIE MILD VACUUM DESTILLATIE ZWARE GASOLIE LONG RESIDU HDS-5 COMPLEX STOOKGAS GAS TREATING ( DIPA ) SRU + SCOT Ontzwaveling ZWAVEL FAT-DIPA LICHTE OF H2S ZWARE GASOLIE DIPA REGENERATIE HDS-5 WATERSTOF LEAN-DIPA FAT-DIPA TREATED GASOLIE PLATFORMER 3 COMPLEX GAS TREATING ( DIPA ) STOOKGAS "KRAAK" NAFTA FAT-DIPA LEAN-DIPA HYDROTREATER 3 WATERSTOF WATERSTOF STRAIGHT-RUN NAFTA PLATFORMER 3 LPG PLATFORMATE BLOKSCHEMA RDU Figuur 3: Blokschema RDU R.T. de Vries Pagina

11 3. OPDRACHT 3.1. OPDRACHTFORMULERING Projectnaam De titel van deze opdracht is: Vaststellen en beheersen van arbeidsrisico's De subtitel van deze opdracht is: Renovatie van het oliehoudend fabrieksriool Crude Distiller CD6 Shell Pernis Opdrachtgever/mentor: Ger van Eldik Afdeling RDU, Assetmanager CD6 Telefoonnummer DOEL Het doel van de scriptie wordt het veilig laten verlopen van dit onderhoud cq. renovatie door middel van het inventariseren en vaststellen van de aanwezige arbeidsrisico's en vervolgens het beheersen hiervan. Er zal tevens gekeken worden naar de operationele risico s en beheersmaatregelen wanneer tijdens de renovatie delen van het riool niet beschikbaar zullen zijn. Alle bevindingen zullen meegenomen worden in de uiteindelijke uitvoering van het karwei met als doel dat de veiligheid de hoogste prioriteit heeft PROJECTGRENZEN Renovatie van het fabrieksriool Crude Distiller 6 van Shell Pernis, er wordt voor de scriptie naar één specifieke locatie gekeken (gezien de omvang van de klus maar één put cq. cluster met bijbehorende leidingen/strengen). De risico's en het beheersen hiervan bij deze renovatie. Dit volgens de risicomatrix overeenkomstig het afgeleide model van Fine en Kenneth. Opstellen Taak Risico Analyse en voorbereiden werkvergunning met behulp van de geldende wetgeving en procedures PLANNING EN TIJDSPAD Indienen Plan van aanpak eind februari 2008 Verzamelen van informatie maart/april 2008 Risicoanalyse volgens Fine & Kenneth april 2008 Vormgeven conceptscriptie april/mei 2008 Bespreken scriptie met opdrachtgever/docent en groepsgenoten mei 2008 Aanpassen conceptscriptie naar definitieve versie eind mei 2008 Bespreken scriptie met opdrachtgever/docent en groepsgenoten begin juni 2008 Scriptie gereed eind juni 2008 R.T. de Vries Pagina

12 4. WETTELIJK KADER / WET- EN REGELGEVING 4.1. HISTORIE VAN DE ARBOWET Begin 1800 was er nauwlijks op het gebied van arbeidsomstandigheden iets geregeld. Er gebeurden regelmatig ernstige ongelukken maar dat werd als natuurlijk risico beschouwd dat bij het werk hoorde. Er werd gedacht wanneer de werknemers enig risico zouden nemen zij automatisch veiliger zouden werken. Dit was natuurlijk niet zo. Aan regelgeving voor wat betreft bescherming van omwonenden van een bedrijf was echter wel behoefte. In 1810 werd een decreet uitgevaardigd waarin werd voorgeschreven dat voor bepaalde bedrijven een vergunning nodig was. Afhankelijk van de mate van gevaar was de vergunning procedure zwaarder. Dit decreet was de voorloper van onze huidige milieuwetgeving. Een ander voorbeeld is de Stoomwet, uit Deze was opgesteld ter bescherming van passagiers van stoomschepen en gold ook later voor fabrieksinstallaties. Bescherming van de werknemers was nog steeds niet aan de orde. De eerste wetgeving met betrekking tot het beschermen van werknemers dateert uit Deze wet is beter bekend als de Kinderwet van Van Houten. Kinderarbeid beneden 12 jaar was vanaf die tijd verboden. Echter, de praktijk bleek anders. In 1886 werd er via een parlementair onderzoek naar de toestand in werkplaatsen en fabrieken geconstateerd dat het allemaal nog erg slecht geregeld was. Als gevolg hiervan werd in 1889 de Arbeidswet aangenomen ter bescherming van vrouwen, jeugdigen en kinderen. In 1895 kwam de eerste Veiligheidswet ter bescherming van volwassen mannen tot stand. De wet gold alleen voor fabrieken en werkplaatsen. De latere Veiligheidswet uit 1934 en de Arbeidsomstandighedenwet (vanaf 1980) waren een zogenaamde raamwet. Dat houdt in dat uitvoeringsbepalingen in hoofdzaak bij of middels Algemene Maatregelen van Bestuur (AmvB) gegeven worden en geen parlementaire behandeling vergen. Door deze werkwijze kunnen bijvoorbeeld wijzigingen in de techniek of wetenschap sneller worden verwerkt in de regelgeving. Door de toenemende ontwikkeling (stand der techniek) en mondigheid van werknemers maar ook als gevolg van ernstige ongevallen, kwam na 1950 een groot aantal nieuwe regelingen tot stand. Door dit vrij onoverzichtelijke stelsel van regelingen was er meer behoefte aan een meer overzichtelijk geheel. Daarom werd de Veiligheidswet in 1980 vervangen door de Arbeidsomstandighedenwet. Deze wet regelde onder meer de verplichtingen inzake arbeidsomstandigheden van de werkgever. De wet had, en heeft nog steeds raakvlakken met onder meer de Wet op de Ondernemingsraden, het Burgerlijk Wetboek en de Wet economische delicten. Ook waren er raakvlakken met andere wetten zoals de Wetten Milieubeheer, Geluidshinder en Milieugevaarlijke stoffen. De Arbowet werd tot 1992 gefaseerd ingevoerd in diverse sectoren en daarna weer ter discussie gesteld met als gevolg dat er een nieuwe wet werd aangenomen, de Arbowet 98. Deze wet was tot 1 januari 2007 van kracht en werd vervangen door de huidige Arbeidsomstandighedenwet. In EU-verband heeft Nederland te maken met Europese Richtlijnen. Deze bepalingen zijn voornamelijk terug te vinden in het Arbobesluit. Alleen wanneer dat nodig is komen er boven op de regels van de Europese Unie aanvullende regels. R.T. de Vries Pagina

13 4.2. ARBEIDSOMSTANDIGHEDENWET Zoals hierboven beschreven is de nieuwe Arbowet sinds 1 januari 2007 van kracht. Deze nieuwe wet geeft werknemers en werkgevers meer mogelijkheden en verantwoordelijkheden bij het invullen van het arbeidsomstandighedenbeleid in hun onderneming of sector. Er is onderscheid tussen het publieke- en het private domein: Publieke domein Overheid zorgt voor helder wettelijk kader met zo min mogelijk regels/administratieve lasten. Overheid stelt doelvoorschriften vast: Deze geven het niveau van bescherming aan dat werkgevers moeten bieden aan de werknemers om veilig te kunnen werken. Doelvoorschriften worden beschreven in de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling. Private domein Werkgevers en werknemers maken afspraken over invulling van de doelvoorschriften. Afspraken worden vastgelegd in zogenaamde arbocatalogi. Arbocatalogi worden binnen een branche opgesteld op basis van kennis/techniek/normen etc. Na goedkeuring door de overheid worden de beleidsregels voor die sector ingetrokken. Per 1 januari 2010 worden alle arbobeleidsregels ingetrokken. Rol van de Arbeidsinspectie: De Arbeidsinspectie houdt toezicht op de naleving van de doelvoorschriften. Hierbij wordt uitgegaan van de wet- en regelgeving en de invulling daarvan door middel van de arbocatalogi. Dit toezicht houden op naleving van de Arbowet is ook wel bekend als handhaving door de Arbeidsinspectie. Wanneer er door de Arbeidsinspectie tekortkomingen worden geconstateerd (ernstig of minder ernstig) heeft deze instantie (o.a.) de bevoegdheid om: een officiële waarschuwing te geven, een boete op te leggen of het werk onmiddellijk stil te leggen WET MILIEUBEHEER/VERONTREINIGING OPPERVLAKTEWATEREN De Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo) is sinds 1970 van kracht. Het doel van deze wet is het bestrijden en voorkomen van verontreiniging van oppervlaktewateren. Vanaf 1970 verlenen Rijkswaterstaat, provincies en waterschappen vergunningen voor de lozing van afvalwater van gemeenten, woningen en bedrijven. Als een bedrijf dus stoffen loost via het riool of rechtstreeks op het oppervlaktewater heeft het bedrijf een lozingsvergunning nodig. De Wet milieubeheer (Wm) is een Nederlandse wet die op 1 maart 1993 de oude "Hinderwet" heeft vervangen. Op basis van de Wet milieubeheer worden milieuvergunningen afgegeven. De Wet verontreiniging oppervlaktewateren is nauw verbonden met de Wet milieubeheer. De Wm/Wvo zegt samengevat dat een bedrijf geen stoffen mag lozen naar lucht, water of bodem behalve die stoffen waar een (gelimiteerde) vergunning voor is. Een belangrijk punt uit de milieuvergunning die aan Shell verleend is en van belang is voor deze scriptie is punt Hierin is het volgende vermeld: Rioolsystemen waardoor bodemverontreinigende stoffen worden afgevoerd, zoals oliehoudende rioolsystemen, alsmede de rioolsystemen van de opslageenheden, moeten tenminste éénmaal per 10 jaar worden geïnspecteerd op dichtheid, bijvoorbeeld met behulp van videosystemen; bij geconstateerde lekken moet het betreffende rioolsysteem op zo kort mogelijke termijn worden gerepareerd. R.T. de Vries Pagina

14 4.4. VAN TOEPASSING ZIJNDE WET- EN REGELGEVING Hieronder een overzicht in eigen bewoordingen van de belangrijkste van toepassing zijnde wet- en regelgeving voor wat betreft het veilig werken in riolen cq. besloten ruimtes. De Wet milieubeheer en de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, eerder genoemd in hoofdstukken 1.2. en 4.3., zullen verder niet in detail worden besproken omdat deze niet direct in verband staan met het onderwerp van deze scriptie. Hoofdstuk 2, Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 3 De werkgever zorgt voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers. Het werk dient zodanig georganiseerd te worden dat de veiligheid en de gezondheid van de werknemers hier geen hinder van ondervindt. De arbeidshygiënische strategie wordt in dit artikel uitvoerig beschreven, zie ook hoofdstuk 5.2. op pagina 19. De maatregelen op de verschillende niveaus hebben nadrukkelijk een hiërarchische volgorde. De werkgever moet dus eerst de mogelijkheden op hoger niveau onderzoeken voordat besloten wordt tot maatregelen op een lager niveau. Het is alleen toegestaan een niveau te verlagen als daar goede redenen voor zijn (technische, uitvoerende en economische redenen). Dit is het redelijkerwijs-principe. Die afweging geldt voor elk niveau opnieuw. Arbeidsplaatsen, werkmethoden en gebruikte arbeidsmiddelen dienen zoveel mogelijk aan de persoonlijke eigenschappen van de werknemers te worden aangepast. Er moeten doeltreffende maatregelen getroffen worden op het gebied van EHBO, brandbestrijding en evacuatie van personen evenals de juiste communicatie met externe hulpverleners. Elke werknemer moet bij onmiddellijk gevaar accuraat weten te handelen. Het arbobeleid moet door de werkgever getoetst worden aan de daarmee opgedane ervaringen en past dit aan wanneer daar aanleiding voor is. Hoofdstuk 2, Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 5 Arbeidsrisico s worden vastgelegd in een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E). Gevaren en risicobeperkende maatregelen worden uitvoerig beschreven in een RI&E. De RI&E bevat tevens een plan van aanpak waarin omschreven wordt welke maatregelen (en in welke termijn) getroffen worden in verband met de in de RI&E omschreven risico s. Bij gewijzigde omstandigheden dient de RI&E te worden aangepast. Andere dan de eigen werknemers dienen ook op de hoogte gebracht te worden van de in de RI&E omschreven risico s Hoofdstuk 2, Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 6 De werkgever neemt de nodige maatregelen ter voorkoming en beperking van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken en de gevolgen hiervan voor de veiligheid en gezondheid van de werknemers. Hoofdstuk 2, Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 8 Werknemers moeten doeltreffend worden ingelicht over de te verrichten werkzaamheden en de daaraan verbonden risico s. De werkgever zorgt voor het juiste onderricht aan de werknemers. De werkgever zorgt er voor dat werknemers op de hoogte zijn van de aanwezige persoonlijke beschermingsmiddelen en beveiligingen en hun doel en werking. De werkgever ziet toe op naleving van instructies en voorschriften en het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. R.T. de Vries Pagina

15 Hoofdstuk 2, Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 11 De werknemer is verplicht om op de juiste wijze om te gaan met arbeidsmiddelen en gevaarlijke stoffen. De werknemer is verplicht om persoonlijke beschermingsmiddelen op de juiste wijze te gebruiken. Beveiligingen (ook op arbeidsmiddelen) mogen niet worden aangepast of (buiten noodzaak) worden weggehaald. De werknemer is verplicht om mee te werken aan het hem aangeboden onderricht. De werknemer is verplicht om opgemerkte gevaren voor de veiligheid of gezondheid te melden aan de werkgever. Arbobesluit artikel 3.5 g Wanneer wordt vermoed dat in een ruimte het gevaar bestaat voor verstikking, bedwelming, vergiftiging of brand mag deze ruimte pas betreden worden nadat onderzoek heeft uitgewezen dat deze gevaren niet aanwezig zijn. Wanneer deze gevaren wel aanwezig zijn moeten doeltreffende maatregelen genomen worden zodat de ruimte veilig betreden kan worden. Er is sprake van: Verstrikking: wanneer de zuurstofconcentratie < 18 vol% zuurstof Brandgevaar: wanneer de zuurstofconcentratie > 21 vol% zuurstof en de concentratie van brandbare stoffen > 10% LEL (onderste explosiegrens) Bedwelming/Vergiftiging: wanneer de productconcentratie > grenswaarde (MAC) Wanneer er geen doeltreffende maatregelen genomen kunnen worden wordt de werknemer permanent geobserveerd en dient deze bij accuut gevaar snel geholpen te kunnen worden. Arbobesluit artikel 3.6 en 3.7 Bij direct gevaar voor de veiligheid of gezondheid van de werknemer moet deze zich zo snel mogelijk via de kortst mogelijke weg in veiligheid kunnen stellen. Afgestemd op het werk en de situatie dienen er voldoende vluchtwegen aanwezig te zijn. Vluchtwegen en nooduitgangen dienen vrij te zijn van obstakels en duidelijk zichtbaar te zijn. Arbobesluit artikel 4.6 Er worden maatregelen genomen om gevaarlijke concentraties van gevaarlijke stoffen te voorkomen. Er dienen maatregelen genomen te worden om de aanwezigheid van ontstekingsbronnen te voorkomen en dat er zich ongunstige situaties kunnen voordoen waardoor gevaarlijke omstandigheden kunnen onstaan. Arbobesluit artikel 4.7 Er dienen procedures opgesteld te worden waardoor de juiste technische- of organisatorische maatregelen genomen worden zodat wanneer zich een ongewenste gebeurtenis voordoet de gevolgen zoveel mogelijk beperkt blijven. Arbobesluit artikel 8.2 Persoonlijke beschermingsmiddelen dienen voor gebruik getoetst te worden op juist gebruik cq. toepassing en deze mogen geen belemmering zijn voor de gebruiker. Arbobesluit artikel 8.3. Persoonlijke beschermingsmiddelen dienen in voldoende mate beschikbaar te zijn. Er dient op toegezien te worden dat ze ook gebruikt worden. Er dient voor gezorgd te worden dat ze goed onderhouden worden en wanneer nodig vervangen worden. R.T. de Vries Pagina

16 Arbobeleidsregel 3.5 g-1 en 2 Voordat een besloten ruimte betreden mag worden moet er eerst gemeten worden op de aanwezigheid van (voldoende) zuurstof, aanwezigheid van explosieve mengsels en de aanwezigheid van toxische stoffen. Tijdens de werkzaamheden worden regelmatig herhalingsmetingen (OX/EX/TOX) uitgevoerd; de resultaten worden schriftelijk vastgelegd. Metingen worden uitgevoerd door deskundige personen die hier voor bevoegd zijn. Bij de aanwezigheid van verstikkende/bedwelmende of toxische stoffen dient gebruik gemaakt te worden van volledig onafhankelijke adembescherming. De toegang tot de ruimte dient te zijn voorzien van een bord met de tekst NIET BETREDEN, BESLOTEN RUIMTE. Alle leidingen die op de besloten ruimte zijn aangesloten dienen te zijn afgestoken/afgeblind. Buiten de ruimte dient een persoon aanwezig te zijn die meteen kan optreden bij dreigend gevaar. Bij brand en-of explosiegevaar wordt vonkvrij gereedschap gebruikt. Heet werk (open vuur) mag alleen worden uitgevoerd wanneer de concentratie in de ruimte van brandbare stoffen < 10% LEL is. Brandbare stoffen dienen in eerste instantie verwijderd te worden uit de te betreden ruimte, er dienen adequate brandbestrijdingsmiddelen beschikbaar te zijn. De werkgever beschikt over een noodprocedure waarin taken, verantwoordelijkheden en noodmaatregelen zijn vastgelegd. Personen die de ruimte betreden dragen een deugdelijke reddingsgordel. Arbo-Informatieblad AI-5 Veilig werken in besloten ruimten AI-bladen zijn publicaties van de Arbeidsinspectie. Er staat veel duidelijke informatie in over specifieke arbo gerelateerde onderwerpen. De publicaties zijn een handig hulpmiddel voor zowel werkgevers als werknemers bij het uitvoeren van de werkzaamheden. Ze zijn gebaseerd op de wettelijke regels en beleidsregels en zijn voornamelijk bedoeld als voorlichting. Ze kunnen goed gebruikt worden bij het opstellen van procedures en werkvoorschriften voor het veilig werken in besloten ruimten. N.B. Voor de letterlijke wetsteksten zie bijlage 5, vanaf pagina 41. R.T. de Vries Pagina

17 5. METHODE Bij het onderzoek naar het inventariseren van de aanwezige arbeidsrisico s bij het werken in het oliehoudende fabrieksriool van CD6 is gebruik gemaakt van de volgende methoden om de van toepassing zijnde beheersmaatregelen te kunnen vaststellen: - Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) - Arbeidshygiënische strategie 5.1. RISICO INVENTARISATIE EN EVALUATIE (RI&E) Een RI&E is een goede methode om arbeidsrisico s te inventariseren. Er wordt een inventarisatie gemaakt van de van toepassing zijnde taken en de binnen deze taken uit te voeren activiteiten. Elke activiteit wordt vervolgens getoetst en gewogen volgens de methode van Fine & Kenneth ofwel een afgeleide hiervan: RISICO = WAARSCHIJNLIJKHEID X BLOOTSTELLING X EFFECT Hierdoor wordt het mogelijk om de aanwezige arbeidsrisico s uit te drukken in een (dimensieloos) getal. Ik heb hiervoor een speciale matrix gemaakt, gebaseerd op het lesmateriaal van de MVK-opleiding. Hieronder volgt een nadere uitleg van de toegepaste methode: De RI&E wordt opgesteld met meerdere personen en wel zoveel mogelijk met vertegenwoordigers van de betrokken partijen. Alle belangrijke veiligheidsaspecten van een uit te voeren taak (al dan niet met een hoog risico) worden beoordeeld en gewogen. Tijdens het onderzoek zijn de volgende stappen doorlopen: 1. Het inventariseren van de taken 2. Het verdelen de taken in activiteiten 3. Het inventariseren van de risico s 4. Het rangschikken van de risico s 5. Het vaststellen van de beheersmaatregelen 6. Het opnieuw vaststellen van de risico s 7. Het doen van aanbevelingen naar aanleiding van de analyse. Op pagina 17 wordt een flowchart van deze stappen weergegeven, dit ter verduidelijking van het geheel. Het is nu dus mogelijk om een normgetal vast te stellen voor het maximaal aanvaardbare voor wat betreft de aanwezige arbeidsrisico s. Voor deze methode is dit getal vastgesteld op 20. Na het rangschikken van de activiteiten met een hoge score (>20) worden voor deze activiteiten beheersmaatregelen vastgesteld om de arbeidsrisico s te elimineren of te reduceren. Aan de hand van de toegepaste beheersmaatregelen worden de arbeidsrisico s opnieuw berekend. R.T. de Vries Pagina

18 Taakinventarisatie Activiteiten inventarisatie Risico inventarisatie Risico s Aanvaardbaar? JA Risico van taak/activiteit is aanvaardbaar Vaststellen beheersmaatregelen JA Nieuwe activiteiten? EINDE Figuur 4: Beslissingsschema R.T. de Vries Pagina

19 Voor het berekenen van het risicogetal wordt gebruik gemaakt van onderstaande tabel. De getallen uit de tabel worden gebruikt in de matrix zodat het risicogetal berekend kan worden. De getallen worden vervolgens ingevuld in de volgende formule: Risicogetal = aantal risico s x (frequentie + waarschijnlijkheid + effect + aantal ongevallen) Aantal Incidenten Hier wordt het aantal incidenten vermeld gerelateerd aan de factoren ergonomie, veiligheid en industriële hygiène. Ergonomie Veiligheid Industriële Hygiène Klimaathinder Vallen Chemische blootstelling Geluidshinder Stoten Biologische blootstelling Repeterende WZH Snijden Straling Vreemde houding Beknellen Vibratie/Trilling Electrocutie Objecten zwaarder > 12 kg Verbranden Geen controle werksnelheid Veel kracht uitoefenen Slecht vloeroppervlak TOTAAL RISICO = ERGONOMIE + VEILIGHEID + INDUSTRIELE HYGIENE Frequentie Aantal betrokken Aantal maal dat de taak uitgevoerd wordt uitvoerenden < dagelijks 1-4 x per dag > 4 x per dag Weinig (1-2) Gemiddeld (3-5) Veel (> 5) Waarschijnlijkheid Kans op verlies Factor Minder dan eens per 10 jaar -1 Vermoedelijk meerdere keren per 10 jaar 0 Vermoedelijk meerdere keren per jaar 1 Effect Factor Geen verwondingen of ziekte, kwaliteits- 0 en productieverlies < 200 Kleine verwonding of ziekte zonder ver- 2 Effect zuim. Schade tussen 200 en 2000 Verwonding met arbeidsverzuim/ziekte zonder blijvende ongeschiktheid. 4 Schade tussen 200 en Blijvende ongeschiktheid of verlies van 6 leven/lichaamsdelen. Schade > R.T. de Vries Pagina

20 5.2. ARBEIDSHYGIËNISCHE STRATEGIE Bij het werken in oliehoudende riolen zijn er belangrijke arbeidsrisico s waarmee men te maken kan krijgen zoals: een te hoog of te laag zuurstofgehalte, schadelijke concentraties van giftige stoffen, explosieve damp/luchtmengsels van brandbare vloeistoffen, een te hoge waterstand, onverwachte stroomsnelheden c.q. stroomversnellingen, slechte werkhouding door beperkte stahoogte en bewegingsvrijheid (fysieke overbelasting). Doordat alle reparaties vanuit de putten uitgevoerd kunnen worden hoeft er geen graafwerk verricht te worden en krijgt men dus niet te maken met eventueel vervuilde grond. Een tevens belangrijk risico is het feit dat de werkzaamheden plaatsvinden terwijl de fabrieksinstallatie gewoon in bedrijf is. Om deze en de gewogen risico s in de matrix terug te brengen moeten er beheersmaatregelen worden toegepast. Bij het vaststellen van deze maatregelen geldt de hiërarchie van de arbeidshygiënische strategie, conform hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbeleid, Artikel 3, lid b, vermeld in de Arbeidsomstandighedenwet: - Wegnemen van de bron (Isolerende maatregelen) - Afschermen van de bron (Preventieve maatregelen) - Afschermen van de mens (Correctieve maatregelen) - Toepassen van persoonlijke beschermingsmiddelen (Schadebeperkende maatregelen) Met andere woorden: De wet verlangt dat arbeidsrisico s in eerste instantie bij de bron worden aangepakt, zodat de oorzaak van het probleem wordt weggenomen (bijvoorbeeld: het gebruiken van een verf met water als oplosmiddel in plaats van verf met organische oplosmiddelen). Wanneer aanpak bij de bron niet mogelijk is, kunnen andere maatregelen worden genomen: technische maatregelen (afscherming, ventilatie) en als dit ook niet kan: organisatorische maatregelen (rouleren, zodat de blootstelling minder lang is). Op de laatste plaats - in principe als tijdelijke noodmaatregelen, totdat betere oplossingen voorhanden zijn - moeten Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM s) verstrekt worden. Ik heb de arbeidshygiënische strategie ook toegepast op de bij mijn onderzoek gevonden arbeidsrisico s en de uitwerking hiervan is te vinden in hoofstuk 6.4 op pagina 24. R.T. de Vries Pagina

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbo-regelgeving Arbowet De regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden is vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenwet,

Nadere informatie

Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie

Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie 1. Indien kan worden vermoed dat werknemers bij verblijf op een plaats of in

Nadere informatie

In dit document zijn de letterlijke teksten van relevante wetsartikelen opgenomen.

In dit document zijn de letterlijke teksten van relevante wetsartikelen opgenomen. In dit document zijn de letterlijke teksten van relevante wetsartikelen opgenomen. Relevante wet-en regelgeving BHV1 1. Arbeidsomstandighedenwet (van kracht sinds 1 januari 2007) N.B. Achter de artikelen

Nadere informatie

Safety Regulations. Uitvoeren van risicobeoordelingen: VGM plan, TRA en LMRA

Safety Regulations. Uitvoeren van risicobeoordelingen: VGM plan, TRA en LMRA Pagina: 1 van 5 1. Wijzigingen t.o.v. vorige versie Geen, eerste versie. 2. Toepassingsgebied Dit veiligheidsvoorschrift is van toepassing op alle werkzaamheden die binnen de inrichtingsgrenzen van de

Nadere informatie

Rapport. Risico-inventarisatie & -evaluatie daken. Gymzaal

Rapport. Risico-inventarisatie & -evaluatie daken. Gymzaal Rapport Risico-inventarisatie & -evaluatie daken Gymzaal Rapport Risico-inventarisatie & -evaluatie daken Opdrachtgever : Gemeente Veiligheid Valgevaar 23 6583 QQ Veiligstad Tel. 009-555 777 E-mail info@gemeenteveiligheid.nl

Nadere informatie

GLT-PLUS INDEX NAAM & HANDTEKENING. OPGESTELD: HSEW Advisor Wim Workum. GOEDGEKEURD: Execution Manager Peter van der Ree

GLT-PLUS INDEX NAAM & HANDTEKENING. OPGESTELD: HSEW Advisor Wim Workum. GOEDGEKEURD: Execution Manager Peter van der Ree Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 6 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 PROCEDURE 3.1 Inleiding 3.2 Voorwaarden 3.3 Organisatie 3.4 Werkwijze 3.4.1 Start-/ werkoverleg houden 3.4.2 Afwerken controlelijst 3.4.3 Besloten

Nadere informatie

WERKEN IN BESLOTEN RUIMTE

WERKEN IN BESLOTEN RUIMTE HSE guidelines S januari 2016 WERKEN IN BESLOTEN RUIMTE HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Leer de situatie op de installatie waar jij gaat werken,

Nadere informatie

Procedure Werken in besloten ruimten

Procedure Werken in besloten ruimten Procedure Werken in besloten ruimten Een besloten ruimte is een ruimte met één of enkele kleine openingen/ toegangen waar gebrekkige of geen natuurlijke ventilatie aanwezig is. De ruimte wordt gekenmerkt

Nadere informatie

Vakjargon uit Arbowet en arbocatalogus. FNV Woordenlijst

Vakjargon uit Arbowet en arbocatalogus. FNV Woordenlijst Vakjargon uit Arbowet en arbocatalogus FNV Woordenlijst Woordenboekje: jargon rond Arbowet en arbocatalogus arbeidshygiënische strategie arbeidsinspectie arbeidsrisico arbo arbobeleid arbobeleidsregels

Nadere informatie

-2- Noem voorbeelden van orde en netheid (good housekeeping). -2- Bij welke werkzaamheden kan een aanvullende werkvergunning nodig zijn?

-2- Noem voorbeelden van orde en netheid (good housekeeping). -2- Bij welke werkzaamheden kan een aanvullende werkvergunning nodig zijn? -2- Bij welke werkzaamheden kan een aanvullende werkvergunning nodig zijn? -2- Noem voorbeelden van orde en netheid (good housekeeping). -2- Noem enkele gevaren op het werk. -2- Noem werkzaamheden of omstandigheden

Nadere informatie

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening en is

Nadere informatie

Helger Siegert. Agenda

Helger Siegert. Agenda Stand van Zaken Arbeidsomstandigheden www.molens.nl en www.molen.pagina.nl Helger Siegert 1 Agenda Introductie Uitgangspunten Veranderingen in de wet Discussie 2 1 Arbeidsomstandigheden Wat is aandacht

Nadere informatie

HSE guidelines december 2012 KWIK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines december 2012 KWIK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS H HSE guidelines december 2012 KWIK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention

Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention Opbouw van de code Besloten ruimtes Risico s Aanpak Maatregelen Praktisch Toezicht en Redding Besloten ruimtes 3 Wat is een besloten ruimte? Regelgeving?

Nadere informatie

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening en is

Nadere informatie

Holland Solar heet u welkom. Veilig werken op daken. Solar Solu(ons 2015

Holland Solar heet u welkom. Veilig werken op daken. Solar Solu(ons 2015 Holland Solar heet u welkom Veilig werken op daken Solar Solu(ons 2015 Veilig werken op daken ernst van tongeren directeur/eigenaar ID energie bestuurslid Holland Solar assessor Kenteq ( SEI erkenning

Nadere informatie

-1- Over welke domeinen gaat de V&G-wetgeving? -1- Voor wie geldt de V&Gwetgeving? -1- Noem de twee vormen van overleg.

-1- Over welke domeinen gaat de V&G-wetgeving? -1- Voor wie geldt de V&Gwetgeving? -1- Noem de twee vormen van overleg. -1- Noem de groepen signaleringsborden. -1- Noem de twee vormen van overleg. -1- Noem de verschillende vormen van markeringen. -1- Over welke domeinen gaat de V&G-wetgeving? -1- Voor wie geldt de V&Gwetgeving?

Nadere informatie

Toolbox-meeting Besloten ruimten

Toolbox-meeting Besloten ruimten Toolbox-meeting Besloten ruimten Unica installatietechniek B.V. Schrevenweg 2 8024 HA Zwolle Tel. 038 4560456 Fax 038 4560404 Inleiding Ruimten zoals tanks, ketels, riolen, kruipruimten en leidingkelders

Nadere informatie

Op ontdekkingstocht naar aardolie

Op ontdekkingstocht naar aardolie O p o n t d e k k i n g s t o c h t n a a r a a r d o l i e Op ontdekkingstocht naar aardolie Miljoenen jaren geleden De mens heeft in de loop van de tijd vele vormen van energie gebruikt: spierkracht,

Nadere informatie

Aard van de laatste wijziging: Datum laatste wijziging:

Aard van de laatste wijziging: Datum laatste wijziging: Aard van de laatste wijziging: Datum laatste wijziging: 1. DOEL... 2 2. TOEPASSINGSGEBIED... 2 3. UITSLUITINGEN.... 2 4. RISICO.... 3 5. VERWIJZINGEN... 3 6. MATRIX... 3 7. BESLISSINGSFLOW... 3 8. VERANTWOORDELIJKHEDEN...

Nadere informatie

Meetapparatuur en interpretatie meetgegevens

Meetapparatuur en interpretatie meetgegevens Meetapparatuur en interpretatie meetgegevens 1 Waarom meten? Explosie- en brandgevaar Risico -> bevolking (< Evacuatie?) Milieu Gezondheid brandweerpersoneel Gevaar voor verstikking 2 BASISBEGRIPPEN: EXPLOSIE

Nadere informatie

Arbocatalogus Tuincentra

Arbocatalogus Tuincentra Arbocatalogus Tuincentra Arbocatalogus Tuincentra Voorwoord Voor u ligt de Arbocatalogus Tuincentra, het oplossingenboek voor arborisico s in tuincentra. In de tuincentra denken we bij veiligheid automatisch

Nadere informatie

Veilig en gezond werken in de diervoederindustrie

Veilig en gezond werken in de diervoederindustrie Veilig en gezond werken in de diervoederindustrie Veilig en gezond werken in de diervoederindustrie Werk in de diervoedersector is niet altijd vrij van gevaren en risico s. Voor de veiligheid en gezondheid

Nadere informatie

NORM / LSA (Natural Occurring Radioactive Material / Lage Specifieke Activiteit)

NORM / LSA (Natural Occurring Radioactive Material / Lage Specifieke Activiteit) S HSE guidelines mei 2012 NORM / LSA (Natural Occurring Radioactive Material / Lage Specifieke Activiteit) HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij

Nadere informatie

mei 2008 VGWM Gezondheid Veiligheid Welzijn A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert!

mei 2008 VGWM Gezondheid Veiligheid Welzijn A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert! mei 2008 VGWM A WAY OF LIVING Veiligheid Gezondheid Welzijn Milieu VGWM Standaards voor professionals, wees alert! Werk veilig of werk niet Voor werkzaamheden aan geopende installaties en systemen zijn,

Nadere informatie

Arbocatalogus pkgv- industrie Valgevaar

Arbocatalogus pkgv- industrie Valgevaar Arbocatalogus pkgv- industrie Valgevaar Bijlage 3 Werkvergunning Aanvraag werkzaamheden (in te vullen door opdrachtgever) Locatie: Afdeling: Verzamelplaats: Omschrijving van het werk: Werkwijze: O monteren/demonteren

Nadere informatie

augustus 2009 STIKSTOF VGWM Gezondheid Welzijn Milieu A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert!

augustus 2009 STIKSTOF VGWM Gezondheid Welzijn Milieu A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert! augustus 2009 VGWM A WAY OF LIVING Veiligheid Gezondheid Welzijn Milieu VGWM Standaards voor professionals, wees alert! Werk veilig of werk niet Voor werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen

Nadere informatie

Evenementcode: proefexamen

Evenementcode: proefexamen Dit proefexamen VCA is uitsluitend bestemd voor opleidingsdoeleinden en heeft als doel om de kandidaat kennis te laten maken met de wijze van examineren. De vragen worden één keer per jaar gecontroleerd

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid BESLUIT:

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid BESLUIT: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van 6 maart 2006, Directie Arbeidsomstandigheden, nr. ARBO/A&V/2006/14012 houdende/tot

Nadere informatie

1 Doel 3. 2 Doelgroep 3. 3 Toepassingsgebied 3. 5 Referenties 3. 7 Werkwijze 4. 10 Ingangsdatum 5

1 Doel 3. 2 Doelgroep 3. 3 Toepassingsgebied 3. 5 Referenties 3. 7 Werkwijze 4. 10 Ingangsdatum 5 Titel UPI 021 Veiligheidscriteria voor alleenwerkers Nummer Datum 15 juli 2005 Inhoud Pagina 1 Doel 3 2 Doelgroep 3 3 Toepassingsgebied 3 4 Definities/Afkortingen 3 5 Referenties 3 6 Verantwoordelijkheden/

Nadere informatie

Leidraad bij de aanschaf van persoonlijke beschermingsmiddelen Keuze, gebruik, reiniging en onderhoud

Leidraad bij de aanschaf van persoonlijke beschermingsmiddelen Keuze, gebruik, reiniging en onderhoud Leidraad bij de aanschaf van persoonlijke beschermingsmiddelen Keuze, gebruik, reiniging en onderhoud Het aanschaffen van systemen en producten die een bepaalde veiligheid moeten waarborgen kan niet vergeleken

Nadere informatie

VEILIGHEIDSMAATREGELEN BIJ HET 1431 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 januari 1995

VEILIGHEIDSMAATREGELEN BIJ HET 1431 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 januari 1995 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 Bij het toepassen van verven met ontvlambare oplos- en verdunningsmiddelen in besloten ruimten, zijn er twee risico's waartegen de nodige voorzorgsmaatregelen moeten worden

Nadere informatie

Basisinspectiemodule FYSIEKE BELASTING Lichaamstrillingen

Basisinspectiemodule FYSIEKE BELASTING Lichaamstrillingen Basisinspectiemodule FYSIEKE BELASTING Lichaamstrillingen Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de techniek en is geschreven voor intern gebruik bij de Inspectie SZW.

Nadere informatie

Werkvergunning Carbolim

Werkvergunning Carbolim Werkvergunning Werkvergunning Carbolim Algemeen Werkvergunningen worden aangemaakt voor alle werkzaamheden op Carbolim terrein waarbij bijzondere risico s en gevaren bestaan. Normale dagelijkse operationele

Nadere informatie

(Ernstige) arbeidsongevallen & -aangifte

(Ernstige) arbeidsongevallen & -aangifte (Ernstige) arbeidsongevallen & -aangifte Infodag contactpersonen & directie Rodolf Broers Karen Brems 1 Probleemstelling In de school meldt een aannemer zich aan om te komen bekijken welke sanitaire werken

Nadere informatie

Voorlichting, onderricht & Toezicht

Voorlichting, onderricht & Toezicht Interne instructie Arbeidsinspectie Voorlichting, onderricht & Toezicht INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Inspectie 2.3 Handhaving 3. SCHEMA STAPPEN BIJ HANDHAVING Vastgesteld

Nadere informatie

Branchetoetsdocument: Arbo en veiligheid

Branchetoetsdocument: Arbo en veiligheid pagina van 5 Branchetoetsdocument: Arbo en veiligheid Versie 4. VERVALLEN - Vervangen door RI&E en Preventiemedewerker (alle branche) Deelbranche(s) Camper en Caravan Algemene beschrijving & doelstelling

Nadere informatie

Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten. Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen,

Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten. Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen, Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen, Op grond van de Arbeidsomstandighedenwet Artikel 5 Risico Inventarisatie

Nadere informatie

GLT-PLUS. Datum : 1-04-2013 INDEX

GLT-PLUS. Datum : 1-04-2013 INDEX Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 5 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 VOORWAARDEN 4 ORGANISATIE 5 PROCEDURE 5.1 Reinigingsplan 5.2 Autoriseren van het reinigingsplan 5.3 Stel installatie(deel)veilig 5.4 Start-/werkoverleg

Nadere informatie

Aluchemie Rotterdam. Module Besloten ruimten. Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013

Aluchemie Rotterdam. Module Besloten ruimten. Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013 Aluchemie Rotterdam Module Besloten ruimten Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013 1 2 Een besloten ruimte is: Iedere ruimte die, onder normale omstandigheden, (grotendeels) van de omgeving is

Nadere informatie

VEILIG WERKEN OP HOOGTE

VEILIG WERKEN OP HOOGTE VEILIG WERKEN OP HOOGTE RICHTLIJN VAN DE ALGEMENE SCHOORSTEENVEGERS PATROONS BOND Voor wie is de richtlijn bedoeld? Deze richtlijn geldt voor alle werkenden (werkgevers, medewerkers, zelfstandig werkenden)

Nadere informatie

Koelinstallaties. Wat moet ik weten als gebruiker?

Koelinstallaties. Wat moet ik weten als gebruiker? Koelinstallaties Wat moet ik weten als gebruiker? 2 Koelinstallaties, wat moet ik weten als gebruiker? 1 Informatie voor de gebruikers van koel- en vriesinstallaties Gebruikt u binnen uw organisatie een

Nadere informatie

Het kader van het Welzijn op het Werk Toelichting bij de wet van 4 augustus 1996

Het kader van het Welzijn op het Werk Toelichting bij de wet van 4 augustus 1996 Het kader van het Welzijn op het Werk Toelichting bij de wet van 4 augustus 1996 Welzijnsdag 12 november 2012 1 Inhoudsopgave Korte schets wetgeving De risicoanalyse Preventiemaatregelen Rolverdeling in

Nadere informatie

4 dood 0 4 8 12 16 20. Risico-analyse d.m.v de matrix. Risicomatrix. Gevolg

4 dood 0 4 8 12 16 20. Risico-analyse d.m.v de matrix. Risicomatrix. Gevolg Risico-analyse d.m.v de matrix 1. Maak een lijst met alle gevaren tijdens de werkzaamheden. (met andere woorden: maak een lijst met alles wat mis kan gaan) 2. Bepaal van per gevaar de kans dat het gevaar

Nadere informatie

Welzijnsbeleid - Risicoanalyse

Welzijnsbeleid - Risicoanalyse Welzijnsbeleid - Risicoanalyse Infodocument Welzijnsbeleid - Risicoanalyse 1 Wettelijke aspecten Elke werkgever moet zorgdragen voor het uitschakelen van gevaarlijke arbeidsomstandigheden. Hij dient de

Nadere informatie

Veilig werken op hoogte : een richtlijn voor de leden van de Algemene Schoorsteenvegers Patroon Bond

Veilig werken op hoogte : een richtlijn voor de leden van de Algemene Schoorsteenvegers Patroon Bond Veilig werken op hoogte : een richtlijn voor de leden van de Algemene Schoorsteenvegers Patroon Bond Voor wie is de richtlijn bedoeld? De richtlijn veilig werken op hoogte geldt voor alle leden binnen

Nadere informatie

Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen

Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen Scheikunde Hoofdstuk 2 Samenvatting Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen Fossiele brandstof Koolwaterstof Onvolledige verbranding Broeikaseffect Brandstof ontstaan door het afsterven van levende organismen,

Nadere informatie

maart 2008 BENZEEN VGWM Gezondheid Veiligheid Welzijn A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert!

maart 2008 BENZEEN VGWM Gezondheid Veiligheid Welzijn A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert! maart 2008 VGWM A WAY OF LIVING Veiligheid Gezondheid Welzijn Milieu VGWM Standaards voor professionals, wees alert! Werk veilig of werk niet Voor werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen zijn,

Nadere informatie

9-9-2013. Agenda. Bijeenkomst Veiligheidscoaches Gilde van Vrijwillige Molenaars. 1. Opening. 3. Arbowet- en regelgeving (1)

9-9-2013. Agenda. Bijeenkomst Veiligheidscoaches Gilde van Vrijwillige Molenaars. 1. Opening. 3. Arbowet- en regelgeving (1) Agenda Bijeenkomst Veiligheidscoaches Gilde van Vrijwillige Molenaars Zaterdag 13 april 2013 9 september 2013 1. Opening 2. Voorstelronde (Theun) 3. Arbowet- en regelgeving op de molen (Erik) 4. Veiligheid

Nadere informatie

Schadelijke producten algemeen

Schadelijke producten algemeen Schadelijke producten algemeen Wat zijn schadelijke producten? Wat zijn de gevolgen van werken met schadelijke producten? Welke factoren zijn van invloed op de schadelijkheid? Wat zegt de wet? Wat kunnen

Nadere informatie

Examenopgaven Basisveiligheid

Examenopgaven Basisveiligheid Dit VCA is uitsluitend bestemd voor opleidingsdoeleinden en is hiervoor vrijelijk te gebruiken. Auteursrechten Examenopgaven Basisveiligheid Evenementcode: Lees de volgende aanwijzingen goed door! Dit

Nadere informatie

Bedrijfshulpverlening: informatie voor werknemers

Bedrijfshulpverlening: informatie voor werknemers Bedrijfshulpverlening: informatie voor werknemers Elk bedrijf heeft één of meerdere bedrijfshulpverleners nodig. De bedrijfshulpverleners hebben een voorpostfunctie: zij treden op als voorpost van brandweer,

Nadere informatie

WAAROM? Omdat het moet... Wettelijk voorschrift (ARBO, ADN etc) Bedrijfsvoorschrift Omdat ik dat wil... Mijn gezondheid beschermen Bescherming van mijn bemanning PBM s is de laatste in de Hierarchy of

Nadere informatie

LAST- MINUTE RISICOANALYSE

LAST- MINUTE RISICOANALYSE LAST- MINUTE RISICOANALYSE LMRA PERSOONLIJKE RISICOANALYSE Naam uitvoerder : Functie : LAST-MINUTE RISICOANALYSE PERSOONLIJKE RISICOANALYSE SAMEN STREVEN NAAR EEN VEILIGERE WERKPLEK Bij Stork zijn we persoonlijk

Nadere informatie

Basisinspectiemodule

Basisinspectiemodule Basisinspectiemodule Blootstelling aan dieselmotoremissies (DME) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de techniek en is geschreven voor intern gebruik bij de Inspectie

Nadere informatie

Arbeidsomstandighedenbeleid

Arbeidsomstandighedenbeleid Arbeidsomstandighedenbeleid informatie voor werkgevers en werknemers 170.indd 1 30-12-2008 10:38:37 170.indd 2 30-12-2008 10:38:38 Veilig en gezond werken is belangrijk. De overheid stelt doelen vast voor

Nadere informatie

H 2 S ZWAVELWATERSTOF

H 2 S ZWAVELWATERSTOF S HSE guidelines mei 2012 H 2 S ZWAVELWATERSTOF HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen Installatie: Arbeidsplaats: Beschrijving van de installatie en arbeidsplaats Verantwoordelijke: (1) Brandbare Stoffen (2) Gegevens van de meest kritische stof Ontstekingstemperatuur: Ontstekingsenergie:

Nadere informatie

HSE guidelines december 2012 WERKVERGUNNINGEN HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines december 2012 WERKVERGUNNINGEN HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines december 2012 WERKVERGUNNINGEN HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen De wetgeving met betrekking tot machines en arbeidsmiddelen is niet eenvoudig. Er zijn diverse richtlijnen en wetten binnen de Europese Unie en

Nadere informatie

PROCESVEILIGHEID - VEILIGSTELLEN

PROCESVEILIGHEID - VEILIGSTELLEN HSE guidelines S december 2012 PROCESVEILIGHEID - VEILIGSTELLEN HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan gesloten installaties en

Nadere informatie

Kansen pakken met RI&E; hoe veilig is uw bedrijf? www.safetyanalyse.nl

Kansen pakken met RI&E; hoe veilig is uw bedrijf? www.safetyanalyse.nl Kansen pakken met RI&E; hoe veilig is uw bedrijf? Mijn naam is Ron Haandrikman Veiligheidskundige en mede eigenaar van Safety Analyse Ik richt mij met name op: Risico Inventarisatie & Evaluatie Machineveiligheid

Nadere informatie

BHV Bedrijfshulpverleningsorganisatie VOOR JOU

BHV Bedrijfshulpverleningsorganisatie VOOR JOU BHV Bedrijfshulpverleningsorganisatie VOOR JOU BHV voor jou In het kader van het project: Duurzaam inzetbaar dakwerk Veilig en gezond op het dak Wet- en regelgeving Aanpak risico s en BHV op basis van

Nadere informatie

ATEX. Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? Atmosphère. Explosible

ATEX. Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? Atmosphère. Explosible Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? ATEX Atmosphère Explosible Op grond van de Arbowet is iedere werkgever verantwoordelijk voor arbeidsplaatsen en -middelen waar mogelijk explosiegevaar kan voorkomen.

Nadere informatie

Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende gegevens zijn ingevuld:

Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende gegevens zijn ingevuld: Documentgegevens Titel Werkgebied Sanctiebeleid bij niet naleven van de regels, voorschriften en instructies Personeel: Arbo Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende

Nadere informatie

Geachte., Deze overtredingen worden hieronder nader toegelicht: Psychosociale arbeidsbelasting: Werkdruk:

Geachte., Deze overtredingen worden hieronder nader toegelicht: Psychosociale arbeidsbelasting: Werkdruk: Geachte., In de periode Juni t/m Augustus 2013 is er een klacht over arbeidsomstandigheden onderzocht in uw onderneming. Het onderzoek is uitgevoerd in zowel het distributiecentrum (DC) als in enkele filialen.

Nadere informatie

HSE guidelines september 2012 HOGE DRUK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines september 2012 HOGE DRUK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines september 2012 HOGE DRUK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

NEN 3140 Veilige Bedrijfsvoering

NEN 3140 Veilige Bedrijfsvoering NEN 3140 Veilige Bedrijfsvoering Als werkgever bent u verantwoordelijk voor veilige installaties en het veilig kunnen werken van uw personeel in een elektrotechnische omgeving. In zowel de Arbowet als

Nadere informatie

Asbest in gemeentelijke gebouwen. Een praktisch handvat voor het omgaan met asbest

Asbest in gemeentelijke gebouwen. Een praktisch handvat voor het omgaan met asbest Asbest in gemeentelijke gebouwen Een praktisch handvat voor het omgaan met asbest Bezit uw gemeente gebouwen waarin asbest is verwerkt? Het kan voorkomen dat u als gemeentelijke gebouwbeheerder met asbest

Nadere informatie

ATEX 137. blad 1 van 5 ATEX 137

ATEX 137. blad 1 van 5 ATEX 137 Postbus 141 2040 AC Zandvoort telefoon : (023) 573 25 54 e-mail : info@vmtl.nl internet : www.vmtl.nl K.v.K nr. 53589211 BTW nr.: NL8509.38.880.B01 ATEX 137 Inleiding Sommige explosies zijn in staat om

Nadere informatie

Evenementcode: proefexamen

Evenementcode: proefexamen Naam kandidaat: Dit proefexamen VCA is uitsluitend bestemd voor opleidingsdoeleinden en heeft als doel om de kandidaat kennis te laten maken met de wijze van examineren. De vragen worden één keer per jaar

Nadere informatie

Informatiemateriaal NORM/LSA

Informatiemateriaal NORM/LSA H2 Informatiemateriaal NORM/LSA HSEQ Werk veilig of werk niet Werkzaamheden mogen pas beginnen na toestemming van Noordgastransport. Lees de werkvergunning nauwkeurig en controleer of de daarin omschreven

Nadere informatie

Werk veilig of werk niet

Werk veilig of werk niet H2 NORM/LSA HSEQ Werk veilig of werk niet Werkzaamheden mogen pas beginnen na toestemming van GDF SUEZ. Lees de werkvergunning nauwkeurig en controleer of de daarin omschreven beheersmaatregelen daadwerkelijk

Nadere informatie

ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL

ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL H HSE guidelines mei 2012 ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte

Nadere informatie

Basisinspectiemodule

Basisinspectiemodule Basisinspectiemodule FYSIEKE BELASTING Duwen en trekken (Met het gehele lichaam) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de techniek en is geschreven voor intern gebruik

Nadere informatie

HSE guidelines december 2012 STIKSTOF HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines december 2012 STIKSTOF HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS H HSE guidelines december 2012 STIKSTOF HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Bureau KAM/Arbo Waternet Deel RI&E Bodem- en Milieu Technologie

Bureau KAM/Arbo Waternet Deel RI&E Bodem- en Milieu Technologie Bureau KAM/Arbo Waternet Deel RI&E Bodem- en Milieu Technologie Datum inspectie mei 2010 Datum rapport 25 mei 2010 Sector Sector O&P/ sector Drinkwater Auditeur Henk Blaauw / Martin Hammer Opsteller Martin

Nadere informatie

ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL

ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL H HSE guidelines mei 2012 ASBEST / KERAMISCH MATERIAAL HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte

Nadere informatie

Checklist voor controle (audit) NEN 4000

Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Rigaweg 26, 9723 TH Groningen T: (050) 54 45 112 // F: (050) 54 45 110 E: info@precare.nl // www.precare.nl Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Nalooplijst hoofdstuk 4 Elementen in de beheersing van

Nadere informatie

Arbeidsomstandighedenregeling. Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen. Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen

Arbeidsomstandighedenregeling. Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen. Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen Arbeidsomstandighedenregeling Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen Artikel 4.1. Definities Voor de toepassing van deze paragraaf

Nadere informatie

Resultaat Atex 137 toezicht in 2007

Resultaat Atex 137 toezicht in 2007 Resultaat Atex 137 toezicht in 2007 Pagina 1 van 9 Samenvatting In 2007 zijn door de directie MHC bij 41 BRZO99 en Arie bedrijven Atex 137 inspecties uitgevoerd op een wijze als beschreven in het toezichtbeleid

Nadere informatie

Alleenwerken in geïsoleerde omstandigheden. Extra bescherming is noodzaak

Alleenwerken in geïsoleerde omstandigheden. Extra bescherming is noodzaak Alleenwerken in geïsoleerde omstandigheden Extra bescherming is noodzaak Arbeidsomstandighedenwet volledig van toepassing Tijdens de avond- en nachturen ziet bij veel bedrijven de situatie er anders uit

Nadere informatie

Blootstelling aan geluid

Blootstelling aan geluid Basisinspectiemodule Blootstelling aan geluid Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de techniek en is geschreven voor intern gebruik bij de arbeidsinspectie. Verder

Nadere informatie

Leidraad veilig werken met ladders

Leidraad veilig werken met ladders Leidraad veilig werken met ladders De ladder valt onder de richtlijn Arbeidsmiddelen. Deze richtlijn verplicht de werkgever de werknemers met zodanige arbeidsmiddelen (ladders, trappen en rolsteigers)

Nadere informatie

VGWM A WAY OF LIVING BENZEEN. Standaards voor professionals, wees alert!

VGWM A WAY OF LIVING BENZEEN. Standaards voor professionals, wees alert! VGWM A WAY OF LIVING Standaards voor professionals, wees alert! Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen zijn strikte procedures van kracht. Er bestaat immers een

Nadere informatie

MEDEWERKERS VRAGENLIJST BRANCHE-RIE TECHNISCHE GROOTHANDEL

MEDEWERKERS VRAGENLIJST BRANCHE-RIE TECHNISCHE GROOTHANDEL 1 Betrekken medewerkers bij de uitvoering van de RI&E. Medewerkers zijn een belangrijke bron van informatie over veiligheid en gezondheid op het werk. Zij hebben belang bij veilige en gezonde werkomstandigheden.

Nadere informatie

HSE guidelines november 2013 WERKEN OP HOOGTE HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines november 2013 WERKEN OP HOOGTE HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines november 2013 WERKEN OP HOOGTE HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers

Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers De opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers heeft tot doel de cursist op te leiden tot het zelfstandig kunnen uitvoeren

Nadere informatie

Duwen en trekken (Met het gehele lichaam)

Duwen en trekken (Met het gehele lichaam) Basisinspectiemodule FYSIEKE BELASTING Basisdocument voor een inspectiemodule op maat (sectorspecifiek) over dit onderwerp Duwen en trekken (Met het gehele lichaam) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld

Nadere informatie

Cryogeen LNG: Waar..

Cryogeen LNG: Waar.. Cryogeen LNG: Voor het mileu een zegen!! Voor incident bestrijders een ramp?! VBE Seminar, 07-10-2015 te Gorinchem 9-10-2015 Dick Arentsen, AGS/Veiligheidskundige/Fire Engineer Waar.. Vrachtwagens Bussen

Nadere informatie

Evenementcode: proefexamen

Evenementcode: proefexamen Naam kandidaat: Dit proefexamen VCA is uitsluitend bestemd voor opleidingsdoeleinden en heeft als doel om de kandidaat kennis te laten maken met de wijze van examineren. De vragen worden één keer per jaar

Nadere informatie

Arbo jaarverslag 2012 & Arbo jaarplanning 2013

Arbo jaarverslag 2012 & Arbo jaarplanning 2013 Arbo jaarverslag 2012 & Arbo jaarplanning 2013 Arbo jaarverslag 2012 & Arbo jaarplanning 2013 Ronald Govers Mei 2013 Vastgesteld directie d.d. 4 juni 2013 2 Arbo jaarverslag 2012 Index 1. Inleiding blz.

Nadere informatie

Goede VHCP Praktijk afvullen van vloeibare chemicaliën

Goede VHCP Praktijk afvullen van vloeibare chemicaliën Goede VHCP Praktijk afvullen van vloeibare chemicaliën Editie: mei 2014 Disclaimer Deze Goede VHCP Praktijk is naar beste kunnen opgesteld door de Commissie Milieu & Veiligheid van het Verbond van Handelaren

Nadere informatie