Burgerlijk procesrecht

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Burgerlijk procesrecht"

Transcriptie

1 Mr. R.J.C. Flach WET- EN ANDERE REGELGEVING Rechterlijk bevel tot betaling Op niet al te lange termijn zal de incassopraktijk verblijd worden met een nieuwe, op Europese leest geschoeide, procedure waarmee op eenvoudige en goedkope wijze een rechterlijk bevel tot betaling kan worden verkregen. Met deze executoriale titel kan de inning van niet-betwiste geldvorderingen worden afgedwongen. Op 19 maart 2004 heeft de Europese Commissie een voorstel ingediend (COM (2004) 173 definitief). De eenvormige regeling zal als verordening (straks: Europese wet ) rechtstreeks toepasselijk zijn in iedere lidstaat en zowel voor internationale als niet-nationale gevallen gelden. De mogelijkheid staat open (1) in burgerlijke of handelszaken (2) voor geldvorderingen die (2.1) niet betwist worden (2.2) liquide en (2.3) opeisbaar zijn (3) als een daartoe strekkend verzoekschrift is ingediend met daarin onder andere naam en adres van partijen, het bedrag van de hoofdsom en eventuele rente, het voorwerp van de actie met inbegrip van een korte omschrijving van de grondslag van de vordering en een korte omschrijving van ten minste één bewijselement. Is hieraan voldaan, dan geeft de rechter, zonder onderzoek naar de gegrondheid van de vordering, een Europese uitnodiging tot betaling af dat aan de schuldenaar moet worden betekend. Dient de schuldenaar een verweerschrift in, dan wordt de procedure voortgezet als een gewone procedure, tenzij de schuldeiser van te voren uitdrukkelijk verzocht heeft de procedure stop te zetten. Voert de schuldenaar geen verweer en betaalt hij ook niet, dan vaardigt de rechter een Europees betalingsbevel uit. Ook dit bevel moet aan de schuldenaar worden betekend. De verordening geeft geen betekeningsvoorschriften zodat het plaatselijke recht geldt zonodig met toepassing van internationale regelingen. Alleen als het adres van de schuldenaar niet met zekerheid bekend is, moet een bewijs van betekening in persoon worden overgelegd. Ook al heeft de schuldenaar bij de uitnodiging nagelaten verweer te voeren, de verordening 5106 KATERN 93

2 geeft hem uitdrukkelijk de mogelijkheid om de wissel alsnog naar de gewone procedure om te zetten door verzet aan te tekenen tegen het betalingsbevel. Dit moet binnen drie weken na de betekening gebeuren. Is echter niet in persoon betekend en buiten zijn toedoen zó laat of zodanig dat hij niet in staat was zich te verdedigen danwel bij overmacht, dan kan hij zelfs daarna nog herziening vragen. Betekening in persoon heeft dus duidelijk voordelen. In dat verband wordt gewezen op de sinds 1 januari 2002 geldende regel dat een betekening in persoon in een Staat die gebonden is aan het Haags Betekeningsverdrag (1965) of aan de EG-Betekeningsverordening (2000) ook naar Nederlands recht als een betekening in persoon geldt (art. 55 lid 2 en art. 56 lid 4 Rv). En verder op de verruiming die in de Aanpassingswet NRv (Katern 91) wordt voorgesteld: bij weigerachtigheid kan de deurwaarde de envelop met afschrift niet alleen per post toezenden of aan de woonplaats van de geadresseerde laten, maar ook in diens macht achterlaten (art. 46 lid 3 Rv). Om de kosten binnen de perken te houden verbiedt de verordening verplichte procesvertegenwoordiging en mogen de totale kosten van de betalingsbevelprocedure in combinatie met een, na verweer of verzet, daarop gevolgde gewone procedure niet meer bedragen dan een gewone procedure waar geen betalingsbevelprocedure aan vooraf is gegaan (zie over het voorstel ook M. Freudenthal, Adv.bl. 2004, p. 448). Wie meent dat een Europees betalingsbevel ook automatisch Europees (in alle EU-landen) uitvoerbaar is, vergist zich. Voor grensoverschrijdende executie moet de schuldeiser in een afzonderlijke procedure ofwel op de voet van artikel 38 e.v. EEX-verordening om uitvoerbaarverklaring verzoeken in het land waar geëxecuteerd moet worden ofwel om waarmerking als Europese executoriale titel verzoeken in de lidstaat waar het betalingsbevel is uitgevaardigd waarmee het bevel in alle EUlanden executoir wordt. Deze laatstgenoemde mogelijkheid zal per 21 januari 2005 beschikbaar komen. Automatisering zou een andere verbetering zijn, zoals in Engeland al mogelijk is voor vordering beneden de ,- (Practice direction Money Claim Online). Door ook de geavanceerde digitale handtekening in de zin van de EG-richtlijn elektronische handtekeningen als geldig te erkennen, is daar door de Europese Commissie al rekening mee gehouden. Zie over de Europese ontwikkelingen inzake het burgerlijk procesrecht in het algemeen: M. Freudenthal, TCR 2004, p. 29; de bijdragen in de W.E. Haak-bundel 2004 van D.H. Beukenhorst (p. 235), L. Strikwerda (p. 253) en A. Hammerstein (p. 221); M.V. Polak, TCR 2003, p. 97; Preadviezen NVIR 2002 van C.A. Joustra en M.V. Polak. Veegwet modernisering rechterlijke organisatie Op 1 juli 2004 is de Veegwet rechterlijke organisatie in werking getreden (Wet van 13 mei 2004, Stb. 2004, 215 en 274). De wet neemt een aantal onvolkomenheden weg die na de invoering op 1 januari 2002 van de Wet organisatie en bestuur gerechten en de Wet op de Raad voor de Rechtspraak zijn gebleken. Zoals bekend is bij die wetten onder andere bepaald dat gerechten een bestuur krijgen, dat de kantongerechten als zelfstandig gerecht zijn opgehouden te bestaan en dat er een Raad voor de Rechtspraak is. In de veegwet wordt onder andere voorgesteld om aan het bestuur van de gerechten en aan de Raad voor de Rechtspraak voortaan de bevoegdheid te geven om namens de Staat privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten met betrekking tot het door de rechterlijke organisatie beheerde deel van de begroting van het ministerie van Justitie. Thans is daarvoor nog een volmacht van de minister nodig. De volgende stap is een apart begrotingshoofdstuk in de vorm van een door de rechterlijke macht zelf opgestelde begroting, zoals in 1986 door Brunner bepleit (NJB 1986, p. 1368). Voorgesteld wordt verder om de naam waaronder de rechtbank Zwolle zich al enige tijd afficheert, Rechtbank Zwolle-Lelystad, te legaliseren. Ook wordt voorgesteld om de beëdiging van rechterlijke ambtenaren voortaan bij wet te regelen in plaats van bij AMvB zoals thans het geval is. De eedformule wordt op enkele punten aangepast (TK , , nr. 1 e.v.). Mediation in breder kader In een brief aan de Tweede Kamer van 19 april 2004 zet de minister van Justitie mediation in een breder kader (TK , , nr. 1). Aangekondigd wordt dat ook naar arbitrage en bindend advies zal worden gekeken en wordt herinnerd aan de herziening van de arbitragewetgeving waar de commissie Van Berg mee bezig is (Katern 91). Verder wordt gewezen op de vergevorderde plannen om het gebruik van mediation bij scheiding- en omgangsproblemen te stimuleren. Zie over de meerwaarde van scheidingsbemiddeling het diepgravende VU proefschrift van mw. B.E. Sieuw-Ling-A-Fat getiteld Scheiden: (ter)echter zonder rechter? (Den Haag: Sdu 2004). Op Europees niveau bestaat het voornemen om tot een EGrichtlijn (straks: Europese Kaderwet ) te komen die het gebruik van mediation in burgerlijke en handelszaken moet bevorderen: op 19 april 2002 is de Europese Commissie een consultatieronde begonnen met de publicatie van een Groenboek betreffende alternatieve wijzen van geschillenbeslechting op het gebied van het burgerlijk recht en het handelsrecht (COM(2002) 196 definitief). Het wetsvoorstel dat de vergoeding van smartengeld forfaiteert (TK , , nr. 1 e.v.) PRIVAATRECHT KATERN

3 en het wetsvoorstel Collectieve afwikkeling massaschades (Katern 91, in de week van 11 oktober 2004 door de Tweede Kamer aangenomen) worden als voorbeelden genoemd van materieel privaatrechtelijke wetgeving met mechanismes die gerechtelijke procedures moeten voorkomen. Door de ontwikkeling van pre-action protocols kan de rechtspraktijk zelf het pre-processuele schaderegelingstraject stroomlijnen. Voor letselschade is daartoe op initiatief van de Universiteit van Tilburg een project gestart. Ook bij andere type geschillen zouden dergelijke gedragscodes ontwikkeld moeten worden. Zie Hoofdstuk 7 van het interimrapport Een nieuwe balans (2003) van de hand van W.D.H. Asser, H.A. Groen, J.B.M. Vranken m.m.v. mw. I.N. Tzankova met de veelzeggende titel De vergeten voorfase van de procedure (Katern 90). RECHTSPRAAK Ruimte voor nationale herstelbepalingen? In de toekomst zullen procedures in Nederland in toenemende mate beheerst worden door een mengsel van nationaal procesrecht en recht van internationale oorsprong zoals vervat in een verdrag of EG-regeling. Een van de vragen die dan kunnen rijzen is of, en zo ja in hoeverre, de internationale regeling een gesloten systeem is, dan wel ruimte laat voor bepalingen van nationale snit. Een voorbeeld is HR 7 mei 2004, NJ 2004, 362 m.nt. M.V. Polak in AA 2004, p. 647 (Otten/Sparkasse Bonn). De nationale bepaling waar het in deze procedure om ging was artikel 69 Rv. Dat artikel maakt het mogelijk om een aanlegger die een dagvaardingsprocedure met een verzoekschrift of een verzoekschriftprocedure met een dagvaarding heeft ingeleid, te behoeden voor het voortijdig stranden van de procedure in de vorm van een nietontvankelijkheidsverklaring. Sinds 1 januari 2002 moet de rechter de aanlegger bevelen om binnen een bepaalde termijn het procesinleidend stuk te verbeteren of aan te vullen. Gebeurt dat, dan blijft de procedure aanhangig vanaf de oorspronkelijke dag van indiening of dagvaarding. Is deze zogenaamde wisselbepaling ook toepasselijk in het geval dat verzet wordt ingesteld tegen een exequaturverlening op grond van het EEX-verdrag? De in Nederland wonende Otten was door de Duitse rechter op initiatief van de Sparkasse Bonn veroordeeld tot betaling van ca Op verzoek van de Sparkasse verklaart de voorzieningenrechter van de Rechtbank Almelo het vonnis uitvoerbaar in Nederland. Op het verkeerde been gezet door het feit dat de procedure tot uitvoerbaarverklaring bij verzoekschrift wordt ingeleid, giet (de advocaat van) Otten zijn verzet tegen deze uitvoerbaarverklaring ook in de vorm van een verzoekschrift en wordt door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. Had de rechtbank ambtshalve artikel 69 Rv moeten toepassen? Laat het EEX-verdrag daarvoor de ruimte? Die vraag had advocaat-generaal Strikwerda door het stellen van een prejudiciële vraag willen laten beantwoorden door het HvJEG. Reden voor zijn twijfel is de rechtspraak van het HvJEG waarin het hof overweegt dat het verdrag een exequaturprocedure in het leven heeft geroepen die een zelfstandig en volledig stelsel vormt welke eenvormig in alle lidstaten moet worden toegepast met name op het punt van voortvarendheid. De Hoge Raad acht toepasselijkheid artikel 69 Rv redelijkerwijs niet voor twijfel vatbaar en heeft vervolgens wel erg veel argumenten nodig om te overtuigen. Maar het resultaat is bevredigend. In elk geval bevredigender dan de uitsluiting van herstel in het in Katern 88 gesignaleerde arrest HR 17 januari 2003, NJ 2003, 113 m.nt. PV (niet-tijdig door EU-betekening gevolgde kantoorbetekening) dat M.V. Polak het vergaande voorstel uitlokt om het exploot als methode om een rechtsmiddel in te stellen in de dagvaardingsprocedure te vervangen door het Antilliaanse systeem van indiening van een verklaring ter griffie (TCR 2003, p. 101). Omkeringsregel; bewijsvermoeden causaal verband In een tweetal op 29 november 2002 gewezen arresten heeft de Hoge Raad de werking van de zogenaamde omkeringsregel verduidelijkt en ingeperkt. De omkeringsregel is een jurisprudentieelrechtelijk vermoeden van causaal verband tussen onrechtmatige daad of wanprestatie en schade. Volgens de hoofdregel inzake de bewijslastverdeling moet een dergelijk causaal verband gesteld en zonodig bewezen worden door degene die stelt recht op schadevergoeding te hebben. Recht op schadevergoeding bestaat ingevolge het objectieve recht immers alleen als vaststaat dat de schade zonder de onrechtmatige daad of wanprestatie niet zou zijn ontstaan (art. 150 Rv juncto art. 6:162 BW en art. 6:74 BW). In verschillende uitspraken heeft de Hoge Raad aangenomen dat het causale verband in deze vorm vermoed moet worden als door de als onrechtmatige daad of wanprestatie te kwalificeren gedraging een risico op schade in het leven is geroepen en dit risico zich vervolgens heeft verwezenlijkt. Gevolg van het vermoeden is dat de aansprakelijk gestelde persoon het tegendeel aannemelijk moet maken. De Hoge Raad baseert dit op de redelijkheid en billijkheid. De vraag was of dit vermoeden ook door de feitenrechters had moeten worden toegepast in het geval dat leidde tot HR 29 november 2002, NJ 2004, 304 (TSF e.a./ns e.a.). Een met giftige PCB s geladen tankcontainer wordt door de NS e.a. vanuit Italië naar Nederland vervoerd met eindbestemming Engeland. Als de container met 5108 KATERN 93

4 een kraan verticaal van de wagon wordt getild, begint deze spontaan te lekken. Het door TFS gehuurde terrein aan de Beneluxhaven te Rozenburg raakt ernstig verontreinigd en de gemeente Rotterdam stelt TFS aansprakelijk. Deze probeert de gemaakte kosten à raison van f 1,2 te verhalen op de NS c.s. onder meer stellende dat al vóór aankomst iets mis moet zijn geweest met de afsluitmechanismen van de tankcontainer. In cassatie wordt er veronderstellenderwijs vanuit gegaan dat de schadeoorzaak niet vaststaat, maar wel dat de tankcontainer niet binnen de daartoe voorgeschreven termijn is gekeurd. Hadden rechtbank en hof met toepassing van het vermoeden het risico van de causaliteitsonzekerheid op de NS c.s. moeten overhevelen? Nee, aldus de Hoge Raad. Voor toepassing van het vermoeden is alleen plaats als (1) het gaat om schending van een norm die ertoe strekt een specifiek gevaar terzake van het ontstaan van schade bij een ander te voorkomen (2) dit gevaar door de normschending in het algemeen aanmerkelijk wordt vergroot. Bovendien ziet het vermoeden niet zonder meer ook op de omvang van de schade. Wil de benadeelde profiteren van het vermoeden dan moet vaststaan dat sprake is van een gedraging in strijd met een dergelijke norm en moet aannemelijk zijn dat in het concrete geval het specifieke gevaar zich heeft verwezenlijkt. Pas dan is het, gelet op de strekking van de norm, redelijk om ervan uit te gaan dat zonder de normschending de schade niet zou zijn veroorzaakt. Vervolgens oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht het vermoeden hier niet van toepassing heeft geacht (1) omdat de enkele omstandigheid dat de verplichte keuring niet heeft plaatsgevonden niet het vermoeden rechtvaardigt dat de tankcontainer gebrekkig was en (2) omdat volgens het hof er voldoende aanwijzingen bestonden om aan te nemen dat de tankcontainer deugdelijk was toen deze in Nederland arriveerde. In HR 29 november 2002, NJ 2004, 305 m.nt. DA (Kastelijn/Gemeente Achtkarspelen) achtte de Hoge Raad het vermoeden niet toepasselijk in een geval waarin de gemeente ten onrechte een vergunning voor de uitbreiding van het bedrijf van Kastelijn had geweigerd waardoor deze inkomen had gederfd. Met de onterechte weigering was alleen de mogelijkheid gegeven dat Kastelijn als gevolg van die weigering schade had geleden. In HR 18 april 2003, NJ 2004, 306 m.nt. DA (Verzekeraars/Fino Bewaking BV) oordeelde de Hoge Raad dat het vermoeden terecht niet was toegepast in een geval waarin de aansprakelijk gestelde partij, Fino, aannemelijk had gemaakt dat de als gevolg van de inbraken geleden schade ook zou zijn ontstaan als Fino zijn contractuele plichten was nagekomen en met de overeengekomen frequentie en rondom het gehele gebouw zou hebben gesurveilleerd. In dit geval had Fino bij voorbaat het vermoeden ontzenuwd. In HR 19 maart 2004, NJ 2004, 307 m.nt. DA (niet-wekbare echtgenoot) oordeelde de Hoge Raad dat het hof in dit geval het vermoeden terecht niet van toepassing achtte omdat de doodsoorzaak niet was komen vast te staan. In gevallen waarin de arts een beroepsfout wordt verweten zal als geschonden norm vaak slechts de algemene norm van artikel 7:453 BW (zorg goed hulpverlener) zijn aan te wijzen die niet tegen een specifiek gevaar beschermt zodat op die grond de omkeringsregel niet in beeld komt. Dat kan anders zijn als in een protocol gedragsregels zijn neergelegd. LITERATUUR De volgende literatuur wordt hier kort gesignaleerd: Mw. Carolyn S.K. Fung Fen Chung schrijft over de Bewijsmiddelen in het arbitraal geding (diss. Rotterdam), Den Haag: Sdu Uitgevers B.T.M. van der Wiel doet een diepgaand onderzoek naar De rechtsverhouding tussen procespartijen (diss. Leiden), Deventer: Kluwer Centraal staan vragen als: welke normen maken deel uit van de rechtsverhouding tussen procespartijen, welke rechtsgevolgen zijn er bij schending en hoe laten deze rechtsgevolgen zich effectueren? Mw. M.E. de Meijer belicht uitgebreid de rol van Het openbaar ministerie in civiele zaken (diss. Rotterdam), Deventer: Kluwer Vragen die zij behandelt zijn onder andere: welke bijzondere taken en bevoegdheden heeft het Openbaar Ministerie in civiele zaken, zowel in historisch als in huidig perspectief en op welke wijze kan hiermee invulling worden gegeven aan de rechtshandhaving? C. Bosse doet een voorstel voor een werknemersbeschermende regel van bewijslastverdeling in individuele arbeidszaken geïnspireerd op de EG-Bewijslastrichtlijn inzake gelijke behandeling (Bewijslastverdeling in het Nederlandse en Belgische arbeidsrecht (diss. Tilburg), Deventer: Kluwer Th.S. Roëll vraagt aandacht voor het, zoals hij zelf zegt, weinig sexy onderwerp van de Proceskosten bij vrijwaring en de doorschuivingsregel: bij afwijzing van de eis in de hoofdzaak wordt de eiser in de hoofdzaak niet alleen veroordeeld in de kosten die de gedaagde in de hoofdzaak heeft gemaakt, maar ook de kosten die hij in de vrijwaringszaak heeft gemaakt. D.J. van der Kwaak beantwoordt de vraag Is er plaats voor goede trouw in het burgerlijk procesrecht? met een hartgrondig en goed geargumenteerd: Nee! (WPNR 2004, nr. 6565). P. Albers, C. Boonstra, F. van der Doelen en L. PRIVAATRECHT KATERN

5 Mos vragen aandacht voor De territoriale verdeling van rechtsmacht in Nederland (Trema 2004, p. 16) naar aanleiding van een bijeenkomst in het kader van de Raad van Europa. M.J. Steketee, A.M. Overgaag en K.D. Lünnemann belichten in een mooi rapport van het Verwey-Jonker Instituut van alle kanten de vraag: Minderjarigen als procespartij? (Amsterdam 2003) KATERN 93

Memorie van Toelichting. Algemeen

Memorie van Toelichting. Algemeen Memorie van Toelichting Algemeen Op 12 december 2008 is de Verordening (EG) nr. 1896/2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (hierna ook EBB-verordening) van toepassing geworden. De

Nadere informatie

Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging. mr. dr. M. Freudenthal

Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging. mr. dr. M. Freudenthal Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging mr. dr. M. Freudenthal Sdu Uitgevers Den Haag, 2009 Inhoud Afkortingen / XI Woord vooraf/xiii 1. Historische ontwikkelingen / 1 1.1. Inleiding/l 1.1.1.

Nadere informatie

LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523. Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011. Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie

LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523. Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011. Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523 Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011 Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie Inhoudsindicatie: Onteigening. Verzuim tot betekening cassatieverklaring

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 10 SEPTEMBER 2007 S.07.0003.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.07.0003.F A. T., Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen OPENBAAR CENTRUM VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN VAN LUIK.

Nadere informatie

Een nieuwe balans. Interimrapport Fundamentele herbezinning Nederlands burgerlijk procesrecht

Een nieuwe balans. Interimrapport Fundamentele herbezinning Nederlands burgerlijk procesrecht Een nieuwe balans Interimrapport Fundamentele herbezinning Nederlands burgerlijk procesrecht Prof. mr. W.D.H. Asser Prof. mr. H.A. Groen Prof. mr. J.B.M. Vranken m.m.v. mevrouw mr. I.N. Tzankova Boom Juridische

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2001 2002 27 824 Aanpassing van de wetgeving aan de herziening van het procesrecht voor burgerlijke zaken, in het bijzonder de wijze van procederen in eerste

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 30 069 Uitvoering van verordening (EG) Nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale

Nadere informatie

LJN: AP7705, Rechtbank 's-hertogenbosch, / HA ZA Print uitspraak

LJN: AP7705, Rechtbank 's-hertogenbosch, / HA ZA Print uitspraak LJN: AP7705, Rechtbank 's-hertogenbosch, 90360 / HA ZA 03-161 Print uitspraak Datum uitspraak: 12-05-2004 Datum publicatie: 24-08-2004 Rechtsgebied: Handelszaak Soort procedure: Voorlopige voorziening+bodemzaak

Nadere informatie

Nota naar aanleiding van het verslag

Nota naar aanleiding van het verslag 31513 Uitvoering van verordening (EG) Nr. 1896/2006 van het Europees parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (Pb EU L 399) (Uitvoeringswet verordening

Nadere informatie

ECLI:NL:RBGEL:2017:1643

ECLI:NL:RBGEL:2017:1643 ECLI:NL:RBGEL:2017:1643 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 01032017 Datum publicatie 27032017 Zaaknummer 316395 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Kort geding

Nadere informatie

Rechtspraak.nl - Zoeken in uitspraken

Rechtspraak.nl - Zoeken in uitspraken Page 1 of 5 LJN: BD7584, Hoge Raad, 07/12596 Datum uitspraak: 07-11-2008 Datum publicatie: 07-11-2008 Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie Inhoudsindicatie: Internationaal privaatrecht.

Nadere informatie

B E L A N G E N B E H A R T I G I N G L E D E N O M / Z M K W A L I T E I T R E C H T S P R A A K

B E L A N G E N B E H A R T I G I N G L E D E N O M / Z M K W A L I T E I T R E C H T S P R A A K Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak De minister van Justitie Mr. E.M.H. Hirsch Ballin Postbus 20301 2500 GH Den Haag Datum: 3 mei 2010 Ons kenmerk: B2.1.10/1793/RO Uw kenmerk: 5645121/10/6 Onderwerp:

Nadere informatie

Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Donner,

Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Donner, Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag datum 6 september 2004 contactpersoon R.C. Hartendorp doorkiesnummer 070-361 9788 e-mail R.Hartendorp@rvdr.drp.minjus.nl

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 29 MEI 2015 C.13.0615.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.13.0615.N Ch. V., eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen,

Nadere informatie

Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland

Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland 1. Welke verschillende soorten maatregelen zijn er? Bewarende maatregelen zijn maatregelen die tot doel hebben waar mogelijk zeker te stellen dat de schuldenaar

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 237 (R2054) Aanpassing van Rijkswetten in verband met de invoering van de Wet tot wijziging van het Wetboek van urgerlijke Rechtsvordering en

Nadere informatie

Beoordeling. h2>klacht

Beoordeling. h2>klacht Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat gerechtsdeurwaarder X het vonnis van de kantonrechter d.d. 18 december 2007 heeft betekend, terwijl hij verzoeker niet eerst heeft uitgenodigd dan wel heeft

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Hof van Cassatie Onderwerp Veroordeling tot betaling van een uitkering tot onderhoud. Voorwaarde. Voorafgaande ingebrekestelling van de schuldenaar Datum 3 november 2009 Copyright and disclaimer

Nadere informatie

ECGR/U201300637 Lbr. 13/058

ECGR/U201300637 Lbr. 13/058 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8393 betreft Schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten uw kenmerk ons kenmerk ECGR/U201300637 Lbr. 13/058 bijlage(n)

Nadere informatie

ECLI:NL:RBROT:2017:886

ECLI:NL:RBROT:2017:886 ECLI:NL:RBROT:2017:886 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 19-01-2017 Datum publicatie 03-02-2017 Zaaknummer C/10/518779 / KG ZA 17-53 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel

Nadere informatie

AFKONDIGINGSBLAD VAN SINT MAARTEN

AFKONDIGINGSBLAD VAN SINT MAARTEN AFKONDIGINGSBLAD VAN SINT MAARTEN Jaargang 2016 No. 39 Besluit van 4 augustus 2016 tot afkondiging van de Rijkswet van 13 juli 2016, houdende aanpassing van Rijkswetten in verband met de invoering van

Nadere informatie

Arbeidsrecht 2014. Juridische wegwijzer

Arbeidsrecht 2014. Juridische wegwijzer Arbeidsrecht 2014 Juridische wegwijzer Inhoudsopgave 1 Inleiding Nederlandse arbeidsrechtspraak 1.1 De organisatie van de rechtspraak 1.2 De kantonrechter 1.3 De dagvaardingsprocedure 1.4 De verzoekschriftprocedure

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 14 JUNI 2010 S.10.0005.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.10.0005.F N. A., Mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. AAGHON, besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,

Nadere informatie

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Prof. mr. A.J.M. Nuytinck, hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder personen-, familie- en erfrecht, aan de Erasmus Universiteit

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2000 2001 27 748 Uitvoering van de verordening (EG) Nr. 1348/2000 van de Raad van de Europese Unie van 29 mei 2000 inzake de betekening en de kennisgeving

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 30 069 Uitvoering van verordening (EG) Nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale

Nadere informatie

Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419 CV EXPL 14-32341. Civiel recht. Eerste aanleg - enkelvoudig. Rechtspraak.nl

Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419 CV EXPL 14-32341. Civiel recht. Eerste aanleg - enkelvoudig. Rechtspraak.nl ECLI:NL:RBAMS:2015:3202 Instantie Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vindplaatsen Uitspraak Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 513 Uitvoering van verordening (EG) Nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese

Nadere informatie

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris!

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Prof. mr. A.J.M. Nuytinck Published in Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie (WPNR), 139,

Nadere informatie

www.asser.nl/cursusaanbod-advocatuur

www.asser.nl/cursusaanbod-advocatuur Cursusaanbod Onderhoud Vakbekwaamheid (PO) voor de advocatuur T.M.C. Asser Instituut 6 dec 2013 IPR Familierecht. Echtscheiding en nevenvoorzieningen inzake boedelscheiding en alimentatie gewezen echtgenoten

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden.

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden. vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Vonnis in incident van in de zaak van de stichting STICHTING DE THUISKOPIE, gevestigd te

Nadere informatie

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel )

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) [De minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], Frankrijk, wonende

Nadere informatie

ECLI:NL:RBLIM:2017:4418

ECLI:NL:RBLIM:2017:4418 ECLI:NL:RBLIM:2017:4418 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 04052017 Datum publicatie 15052017 Zaaknummer C/03/232895 / KG ZA 17112 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. Wijziging van het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering teneinde de collectieve afwikkeling van massavorderingen verder te vergemakkelijken (Wet tot wijziging van de Wet collectieve

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2001 622 Wet van 13 december 2001 tot uitvoering van de verordening (EG) Nr. 1348/2000 van de Raad van de Europese Unie van 29 mei 2000 inzake de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 31 596 Uitvoering van verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 11 juli 2007 tot vaststelling

Nadere informatie

Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer

Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer 11 februari 2016 Mr. L.A. (Leonie) Dutmer Overzicht retentierecht van de aannemer Elementen retentierecht Feitelijke macht en kenbaarheid Retentierecht

Nadere informatie

Hof: medisch advies behoeft niet te worden overgelegd

Hof: medisch advies behoeft niet te worden overgelegd pagina 1 van 5 (http://stichtingpiv.nl/) Inloggen PIV-Kennisnet(http://stichtingpiv.nl/inloggen) JURISPRUDENTIE Bron: Hof Amsterdam 3 februari 2016 Publicatie nummer: (nog) niet gepubliceerd Zaaknummer:

Nadere informatie

JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure

JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure Aflevering 2011 afl. 5 College Kantonrechter Amsterdam

Nadere informatie

ECLI:NL:HR:2010:BO2558

ECLI:NL:HR:2010:BO2558 ECLI:NL:HR:2010:BO2558 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 02-11-2010 Datum publicatie 03-11-2010 Zaaknummer 09/00354 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BO2558

Nadere informatie

1HANDELSRECHT VERDRAG VERJARING

1HANDELSRECHT VERDRAG VERJARING 1HANDELSRECHT VERDRAG VERJARING Mr. Luc Demeyere, advocaat, contrast European & Business Law (Brussel) Trefwoorden Bron Situering Bespreking 13 Verjaring Verdrag van New York Protocol - Weens Koopverdrag

Nadere informatie

Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips. 18 december 2015 Dirk Vergunst

Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips. 18 december 2015 Dirk Vergunst Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips 18 december 2015 Dirk Vergunst 1 Artikel 45 Rechtsvordering 1. Exploten (pv van ambtshandeling) worden door een daartoe bevoegde deurwaarder gedaan (

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 29 980 Uitvoering van het op 19 oktober 1996 te s-gravenhage tot stand gekomen verdrag inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning,

Nadere informatie

GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT

GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT E.I. Bouma 1 Inleiding In de praktijk komt het regelmatig voor dat de werkgever de kantonrechter verzoekt

Nadere informatie

ECLI:NL:GHAMS:2016:5140 Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer /01

ECLI:NL:GHAMS:2016:5140 Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer /01 ECLI:NL:GHAMS:2016:5140 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 29-11-2016 Datum publicatie 06-02-2017 Zaaknummer 200.174.828/01 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 175 Aanpassing van het fiscale procesrecht aan de Algemene wet bestuursrecht en wijziging van een aantal fiscale en andere wetten (herziening

Nadere informatie

Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel

Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel NL Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel http://ec.europa.eu/civiljustice/ Europees justitieel netwerk in burgerlijke en handelszaken Voorwoord

Nadere informatie

BENELUX ~ A 2009/1/10 COUR DE JUSTICE GERECHTSHOF. Arrest van 20 april 2010 in de zaak A 2009/1. Inzake. BOUSSE-GOVAERTS e.a. tegen COLORA BOELAAR

BENELUX ~ A 2009/1/10 COUR DE JUSTICE GERECHTSHOF. Arrest van 20 april 2010 in de zaak A 2009/1. Inzake. BOUSSE-GOVAERTS e.a. tegen COLORA BOELAAR COUR DE JUSTICE BENELUX GERECHTSHOF ~ A 2009/1/10 Arrest van 20 april 2010 in de zaak A 2009/1 Inzake BOUSSE-GOVAERTS e.a tegen COLORA BOELAAR Procestaal : Nederlands Arrêt du 20 avril 2010 dans l affaire

Nadere informatie

Civiele Procespraktijk

Civiele Procespraktijk Civiele Procespraktijk Nr. 11 maart 2010 De volgende onderwerpen worden behandeld: Schorsing na faillissement en terugverwijzing naar een lagere rechter Alternatieve causaliteit Lastgeving Tussentijds

Nadere informatie

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014 arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team II zaaknummer :200.140.465101 KG zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke

Nadere informatie

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Raad van State 201200615/1/V4. Datum uitspraak: 13 november 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op

Nadere informatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: Uitspraak 6 februari 2015 Eerste Kamer 14/03627 LH/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. R.J. van Galen, t e g e n BEPRO

Nadere informatie

ECLI:NL:HR:2017:1064. Uitspraak. Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer 16/ Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:410, Gevolgd

ECLI:NL:HR:2017:1064. Uitspraak. Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer 16/ Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:410, Gevolgd ECLI:NL:HR:2017:1064 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 09-06-2017 Datum publicatie 09-06-2017 Zaaknummer 16/04866 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:410,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235

ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235 ECLI:NL:RBALM:2010:BN8235 Instantie Rechtbank Almelo Datum uitspraak 22-09-2010 Datum publicatie 24-09-2010 Zaaknummer 113824 / KG ZA 10-207 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding

Nadere informatie

Overzicht studiestof Burgerlijk Procesrecht A. Inleiding

Overzicht studiestof Burgerlijk Procesrecht A. Inleiding A. Inleiding Dit hoofdstuk is een inleiding op het burgerlijk procesrecht. In dit hoofdstuk wordt vooral verteld waar het burgerlijk procesrecht toe dient, welke beginselen van belang zijn in het burgerlijk

Nadere informatie

Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk?

Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk? Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk? Een dagvaarding is een inleidend processtuk. Hierin staat wat de eisende partij van de gedaagde partij verlangd. Een dagvaarding wordt doorgaans

Nadere informatie

Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015

Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015 Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015 Bewijslastverdeling o.s.v. (I) Hof Arnhem-Leeuwarden 1 april 2014, ECLI:NL: HARL:2014:2600:

Nadere informatie

Zoekresultaat inzien document. ECLI:NL:RBROT:2012:BX5563 Permanente link: Uitspraak

Zoekresultaat inzien document. ECLI:NL:RBROT:2012:BX5563 Permanente link: Uitspraak Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBROT:2012:BX5563 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/ Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20 08 2012 Datum publicatie 23 08 2012 Zaaknummer

Nadere informatie

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove...

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove... Rechtspraak.nl Print uitspraak 1 of 5 071215 09:02 Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBOVE:2013:1448 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecl Instantie Rechtbank Overijssel

Nadere informatie

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden.

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden. beschikking RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Civiel recht kantonrechter zittinghoudende te Utrecht zaaknummer: 2534388 UE VERZ 13805 GD/4243 Beschikking van 13 december 2013 inzake X wonende te Arnhem,

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 11 MAART 2015 P.14.1677.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.14.1677.F E. B., Mr. Patrick Thevissen, advocaat bij de balie te Eupen en mr. Melissa Sayeh, advocaat bij de balie te Brussel. I. RECHTSPLEGING

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 28/12/2015

Datum van inontvangstneming : 28/12/2015 Datum van inontvangstneming : 28/12/2015 Vertaling C-618/15-1 Zaak C-618/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 23 november 2015 Verwijzende rechter: Cour de cassation (Frankrijk)

Nadere informatie

LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN

LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN * Verordening (EG) nr. 1896/2006 E.P. en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure

Nadere informatie

De erkenning en uitvoerbaarverklaring van vreemde rechterlijke beslissingen en akten

De erkenning en uitvoerbaarverklaring van vreemde rechterlijke beslissingen en akten De erkenning en uitvoerbaarverklaring van vreemde rechterlijke beslissingen en akten EXEQUATURRECHT Vroeger onduidelijkheid omtrent begrippen art. 22 31 WbIPR geeft definities + moet er een rechtelijke

Nadere informatie

Noot bij HR 7 november 2008, Realchemie / Agrar

Noot bij HR 7 november 2008, Realchemie / Agrar Noot bij HR 7 november 2008, Realchemie / Agrar Samenvatting: Rechterlijke beslissingen die (a) betrekking hebben op voorlopige of bewarende maatregelen, (b) worden gegeven zonder dat de partij tegen wie

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2017:6351

ECLI:NL:RBNHO:2017:6351 ECLI:NL:RBNHO:2017:6351 Instantie Datum uitspraak 05-07-2017 Datum publicatie 31-07-2017 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 5474399 \ CV EXPL 16-8870 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1

Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1 UIT DE PRAKTIJK Mr. J.P. Eckoldt * Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1 Onenigheden in het internationale handelsverkeer leiden regelmatig tot grensoverschrijdende

Nadere informatie

The Dutch Collective Settlements Act and Private International Law Aspecten van Internationaal Privaatrecht in de WCAM

The Dutch Collective Settlements Act and Private International Law Aspecten van Internationaal Privaatrecht in de WCAM The Dutch Collective Settlements Act and Private International Law Aspecten van Internationaal Privaatrecht in de WCAM Dr. Hélène van Lith Supervisor: Prof. Filip De Ly Co-Supervisor: Dr. Xandra Kramer

Nadere informatie

Arbeidshof te Brussel

Arbeidshof te Brussel Repertoriumnummer Uitgifte Uitgereikt aan 2014 / Datum van uitspraak 19 december 2014 Rolnummer op JGR 2014/AB/890 Arbeidshof te Brussel vijfde kamer Arrest Arbeidshof te Brussel 2014/AB/890 p. 2 ARBEIDSRECHT

Nadere informatie

ECLI:NL:GHDHA:2017:647

ECLI:NL:GHDHA:2017:647 ECLI:NL:GHDHA:2017:647 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak 07-02-2017 Datum publicatie 14-03-2017 Zaaknummer 200.207.571/01 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Personen- en

Nadere informatie

Rechtspraak.nl - Print uitspraak

Rechtspraak.nl - Print uitspraak ECLI:NL:HR:2014:1405 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 13-06-2014 Datum publicatie 13-06-2014 Zaaknummer 13/05858 Formele relaties Rechtsgebieden Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:289 Civiel recht Bijzondere

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 16 SEPTEMBER 2014 P.14.0124.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.14.0124.N B S, beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Tom De Meester, advocaat bij de balie te Antwerpen, tegen 1. SOGETI BELGIUM

Nadere informatie

Hoge Raad der Nederlanden

Hoge Raad der Nederlanden '" 13 februari 2015 Eerste Kamer in naam des Konings 10/02162 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: l. LEIDSEPLEIN BEHEER B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. Hendrikus Jacobus Marinus DE VRIES,

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 5 DECEMBER 2008 C.07.0175.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.07.0175.N KANTERS, besloten vennootschap naar Nederlands recht, met zetel te 5469 PT Erp (Nederland), Pastoor van Schijndelstraat

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 6 JUNI 2014 C.10.0482.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.10.0482.F M.-M.-K., Mr. Paul Alain Foriers, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. DEMOCRATISCHE REPUBLIEK CONGO, vertegenwoordigd

Nadere informatie

18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS. Cursusgroep :...

18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS. Cursusgroep :... TOETSVRAGEN ONDERDEEL BURGERLIJK PROCESRECHT VAN DE BEROEPSOPLEIDING ADVOCATUUR 18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS Naam :..... Cursusgroep :..... a. U hebt voor deze toets 120

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 31/01/2013

Datum van inontvangstneming : 31/01/2013 Datum van inontvangstneming : 31/01/2013 Vertaling C-1/13-1 Datum van indiening: Zaak C-1/13 Verzoek om een prejudiciële beslissing 2 januari 2013 Verwijzende rechter: Cour de cassation (Frankrijk) Datum

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 353 Wijziging van enige bepalingen van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het geregistreerd partnerschap, de geslachtsnaam

Nadere informatie

KBvG, Cie Wetgeving, subcommissie Griffierecht Wet griffierechten burgerlijke zaken Modellen voor aanzeggingen

KBvG, Cie Wetgeving, subcommissie Griffierecht Wet griffierechten burgerlijke zaken Modellen voor aanzeggingen Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten

Nadere informatie

tegen de uitspraak van de Rechtbank Breda (hierna: de Rechtbank) van 15 november 2012, nummer AWB 12/4016, in het geding tussen

tegen de uitspraak van de Rechtbank Breda (hierna: de Rechtbank) van 15 november 2012, nummer AWB 12/4016, in het geding tussen Uitspraak GERECHTSHOF VHERTOGENBOSCH Team belastingrecht Meervoudige Belastingkamer Uitspraak op het hoger beroep van * ^ p n i a w a ï i i b.v., gevestigd te > hierna: belanghebbende, tegen de uitspraak

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2016:1194

ECLI:NL:RBDHA:2016:1194 ECLI:NL:RBDHA:2016:1194 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 10-02-2016 Datum publicatie 21-04-2016 Zaaknummer AWB - 15 _ 7854 Rechtsgebieden Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg -

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 15 DECEMBER 2006 F.05.0019.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. F.05.0019.N 1. S.W., en zijn echtgenote, 2. O.W., eisers, vertegenwoordigd door mr. Pierre van Ommeslaghe, advocaat bij het Hof van

Nadere informatie

1. Echtscheidingsrecht

1. Echtscheidingsrecht 1. Echtscheidingsrecht 1.1 Materieel recht Art. 1:149 BW. Het huwelijk eindigt: a. door de dood; (BW 1:34, 426 v.) b. indien de vermiste, die overeenkomstig de bepalingen van de tweede of derde afdeling

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 24 MAART 2011 C.10.0531.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.10.0531.F B. A., Mr. Jacqueline Oosterbosch, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. P. F. en, 2. D. C., Mr. Michel Mahieu, advocaat

Nadere informatie

CENTRALE RAAD VAN BEROEP

CENTRALE RAAD VAN BEROEP CENTRALE RAAD VAN BEROEP KBW 1994/1 U I T S P R A A K in het geding tussen: het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, appellant, en A., wonende te B., gedaagde. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING Onder

Nadere informatie

inachtneming van het bepaalde in artikel 4 voorlegt aan de geschillencommissie.

inachtneming van het bepaalde in artikel 4 voorlegt aan de geschillencommissie. Geschillenreglement VViN Artikel 1 - Definities In dit reglement gelden de volgende definities: 1. Eiser: de partij die een verzoek tot beslechting als bedoeld in lid 7 van dit artikel met inachtneming

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSHE:2016:1766

ECLI:NL:GHSHE:2016:1766 ECLI:NL:GHSHE:2016:1766 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:ghshe:2016:1766 Instantie Gerechtshof 'shertogenbosch Datum uitspraak 03052016 Datum publicatie 09052016 Zaaknummer

Nadere informatie

Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT 1

Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT 1 TWEEDE KAMER DER STATEN- 2 GENERAAL Vergaderjaar 2011-2012 33 079 Aanpassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met de wijziging van het recht op inzage, afschrift of uittreksel

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.2662 (068.05) ingediend door: hierna te noemen 'klagers', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht

Nadere informatie

Stand van zaken wetgeving. Uitgangspunten KEI wetgeving. Wat is nodig? 4 wetten en 1 AMvB: Modernisering van de rechtspraak

Stand van zaken wetgeving. Uitgangspunten KEI wetgeving. Wat is nodig? 4 wetten en 1 AMvB: Modernisering van de rechtspraak Modernisering van de rechtspraak Programma Kwaliteit en Innovatie (KEI) Prof. mr. Margreet Ahsmann Uitgangspunten KEI wetgeving Eenvoudige, uniformere basisprocedure voor zowel vorderingen als verzoeken

Nadere informatie

1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon Vordering van 80.000,00 met de aanzegging, dat: a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen

1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon Vordering van 80.000,00 met de aanzegging, dat: a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen 1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten

Nadere informatie

Wijziging dagvaardingen per 01 april 2013

Wijziging dagvaardingen per 01 april 2013 Rechtbank, 1 gedaagde a. indien de gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten zijn in acht genomen,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4413

ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4413 ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4413 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 19-04-2011 Datum publicatie 13-05-2011 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie awb 09-5337 wwb en awb 10-4936

Nadere informatie

MEMORIE VAN TOELICHTING. I Algemeen. 1. Inleiding

MEMORIE VAN TOELICHTING. I Algemeen. 1. Inleiding Implementatie van de richtlijn betreffende bepaalde aspecten van bemiddeling/mediation in burgerlijke en handelszaken (Wet implementatie richtlijn nr. 2008/52/EG betreffende bepaalde aspecten van bemiddeling/mediation

Nadere informatie

ECLI:NL:GHARL:2017:707

ECLI:NL:GHARL:2017:707 ECLI:NL:GHARL:2017:707 Instantie Datum uitspraak 31-01-2017 Datum publicatie 02-02-2017 Zaaknummer 200.186.790/01 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Civiel

Nadere informatie

de Rechtspraak Raad voor de rechtspraak Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG

de Rechtspraak Raad voor de rechtspraak Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG Directie Strategie en Ontwikkeling bezoekadres Kneuterdijk 1 2514 EM Den Haag correspondentieadres Postbus 90613 2509

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049

zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049 vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049 Vonnis in kort geding van in de zaak van [EISERES] H.O.D.N. GORDIJNATELIER MEUBELSTOFFEERDERIJ

Nadere informatie

Afstamming. U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind

Afstamming. U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind Afstamming U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind Inhoud Afstamming in het Belgische recht...3 Afstamming krachtens de wet...4 Afstamming langs moederszijde...4 Afstamming langs

Nadere informatie

ECLI:NL:OGEAA:2017:172

ECLI:NL:OGEAA:2017:172 ECLI:NL:OGEAA:2017:172 Instantie Datum uitspraak 14-03-2017 Datum publicatie 17-03-2017 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Zaaknummer EJ nr. 1286 van 2017 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie

Nadere informatie

Nederlands burgerlijk procesrecht. prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer

Nederlands burgerlijk procesrecht. prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer Nederlands burgerlijk procesrecht prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer W.EJ.TjeenkWillink ZwoUe 1993 INHOUDSOPGAVE Afkortmgen Verkort geciteerde Hteratuur XVIII 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Nadere informatie