Burgerlijk procesrecht

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Burgerlijk procesrecht"

Transcriptie

1 Mr. R.J.C. Flach WET- EN ANDERE REGELGEVING Rechterlijk bevel tot betaling Op niet al te lange termijn zal de incassopraktijk verblijd worden met een nieuwe, op Europese leest geschoeide, procedure waarmee op eenvoudige en goedkope wijze een rechterlijk bevel tot betaling kan worden verkregen. Met deze executoriale titel kan de inning van niet-betwiste geldvorderingen worden afgedwongen. Op 19 maart 2004 heeft de Europese Commissie een voorstel ingediend (COM (2004) 173 definitief). De eenvormige regeling zal als verordening (straks: Europese wet ) rechtstreeks toepasselijk zijn in iedere lidstaat en zowel voor internationale als niet-nationale gevallen gelden. De mogelijkheid staat open (1) in burgerlijke of handelszaken (2) voor geldvorderingen die (2.1) niet betwist worden (2.2) liquide en (2.3) opeisbaar zijn (3) als een daartoe strekkend verzoekschrift is ingediend met daarin onder andere naam en adres van partijen, het bedrag van de hoofdsom en eventuele rente, het voorwerp van de actie met inbegrip van een korte omschrijving van de grondslag van de vordering en een korte omschrijving van ten minste één bewijselement. Is hieraan voldaan, dan geeft de rechter, zonder onderzoek naar de gegrondheid van de vordering, een Europese uitnodiging tot betaling af dat aan de schuldenaar moet worden betekend. Dient de schuldenaar een verweerschrift in, dan wordt de procedure voortgezet als een gewone procedure, tenzij de schuldeiser van te voren uitdrukkelijk verzocht heeft de procedure stop te zetten. Voert de schuldenaar geen verweer en betaalt hij ook niet, dan vaardigt de rechter een Europees betalingsbevel uit. Ook dit bevel moet aan de schuldenaar worden betekend. De verordening geeft geen betekeningsvoorschriften zodat het plaatselijke recht geldt zonodig met toepassing van internationale regelingen. Alleen als het adres van de schuldenaar niet met zekerheid bekend is, moet een bewijs van betekening in persoon worden overgelegd. Ook al heeft de schuldenaar bij de uitnodiging nagelaten verweer te voeren, de verordening 5106 KATERN 93

2 geeft hem uitdrukkelijk de mogelijkheid om de wissel alsnog naar de gewone procedure om te zetten door verzet aan te tekenen tegen het betalingsbevel. Dit moet binnen drie weken na de betekening gebeuren. Is echter niet in persoon betekend en buiten zijn toedoen zó laat of zodanig dat hij niet in staat was zich te verdedigen danwel bij overmacht, dan kan hij zelfs daarna nog herziening vragen. Betekening in persoon heeft dus duidelijk voordelen. In dat verband wordt gewezen op de sinds 1 januari 2002 geldende regel dat een betekening in persoon in een Staat die gebonden is aan het Haags Betekeningsverdrag (1965) of aan de EG-Betekeningsverordening (2000) ook naar Nederlands recht als een betekening in persoon geldt (art. 55 lid 2 en art. 56 lid 4 Rv). En verder op de verruiming die in de Aanpassingswet NRv (Katern 91) wordt voorgesteld: bij weigerachtigheid kan de deurwaarde de envelop met afschrift niet alleen per post toezenden of aan de woonplaats van de geadresseerde laten, maar ook in diens macht achterlaten (art. 46 lid 3 Rv). Om de kosten binnen de perken te houden verbiedt de verordening verplichte procesvertegenwoordiging en mogen de totale kosten van de betalingsbevelprocedure in combinatie met een, na verweer of verzet, daarop gevolgde gewone procedure niet meer bedragen dan een gewone procedure waar geen betalingsbevelprocedure aan vooraf is gegaan (zie over het voorstel ook M. Freudenthal, Adv.bl. 2004, p. 448). Wie meent dat een Europees betalingsbevel ook automatisch Europees (in alle EU-landen) uitvoerbaar is, vergist zich. Voor grensoverschrijdende executie moet de schuldeiser in een afzonderlijke procedure ofwel op de voet van artikel 38 e.v. EEX-verordening om uitvoerbaarverklaring verzoeken in het land waar geëxecuteerd moet worden ofwel om waarmerking als Europese executoriale titel verzoeken in de lidstaat waar het betalingsbevel is uitgevaardigd waarmee het bevel in alle EUlanden executoir wordt. Deze laatstgenoemde mogelijkheid zal per 21 januari 2005 beschikbaar komen. Automatisering zou een andere verbetering zijn, zoals in Engeland al mogelijk is voor vordering beneden de ,- (Practice direction Money Claim Online). Door ook de geavanceerde digitale handtekening in de zin van de EG-richtlijn elektronische handtekeningen als geldig te erkennen, is daar door de Europese Commissie al rekening mee gehouden. Zie over de Europese ontwikkelingen inzake het burgerlijk procesrecht in het algemeen: M. Freudenthal, TCR 2004, p. 29; de bijdragen in de W.E. Haak-bundel 2004 van D.H. Beukenhorst (p. 235), L. Strikwerda (p. 253) en A. Hammerstein (p. 221); M.V. Polak, TCR 2003, p. 97; Preadviezen NVIR 2002 van C.A. Joustra en M.V. Polak. Veegwet modernisering rechterlijke organisatie Op 1 juli 2004 is de Veegwet rechterlijke organisatie in werking getreden (Wet van 13 mei 2004, Stb. 2004, 215 en 274). De wet neemt een aantal onvolkomenheden weg die na de invoering op 1 januari 2002 van de Wet organisatie en bestuur gerechten en de Wet op de Raad voor de Rechtspraak zijn gebleken. Zoals bekend is bij die wetten onder andere bepaald dat gerechten een bestuur krijgen, dat de kantongerechten als zelfstandig gerecht zijn opgehouden te bestaan en dat er een Raad voor de Rechtspraak is. In de veegwet wordt onder andere voorgesteld om aan het bestuur van de gerechten en aan de Raad voor de Rechtspraak voortaan de bevoegdheid te geven om namens de Staat privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten met betrekking tot het door de rechterlijke organisatie beheerde deel van de begroting van het ministerie van Justitie. Thans is daarvoor nog een volmacht van de minister nodig. De volgende stap is een apart begrotingshoofdstuk in de vorm van een door de rechterlijke macht zelf opgestelde begroting, zoals in 1986 door Brunner bepleit (NJB 1986, p. 1368). Voorgesteld wordt verder om de naam waaronder de rechtbank Zwolle zich al enige tijd afficheert, Rechtbank Zwolle-Lelystad, te legaliseren. Ook wordt voorgesteld om de beëdiging van rechterlijke ambtenaren voortaan bij wet te regelen in plaats van bij AMvB zoals thans het geval is. De eedformule wordt op enkele punten aangepast (TK , , nr. 1 e.v.). Mediation in breder kader In een brief aan de Tweede Kamer van 19 april 2004 zet de minister van Justitie mediation in een breder kader (TK , , nr. 1). Aangekondigd wordt dat ook naar arbitrage en bindend advies zal worden gekeken en wordt herinnerd aan de herziening van de arbitragewetgeving waar de commissie Van Berg mee bezig is (Katern 91). Verder wordt gewezen op de vergevorderde plannen om het gebruik van mediation bij scheiding- en omgangsproblemen te stimuleren. Zie over de meerwaarde van scheidingsbemiddeling het diepgravende VU proefschrift van mw. B.E. Sieuw-Ling-A-Fat getiteld Scheiden: (ter)echter zonder rechter? (Den Haag: Sdu 2004). Op Europees niveau bestaat het voornemen om tot een EGrichtlijn (straks: Europese Kaderwet ) te komen die het gebruik van mediation in burgerlijke en handelszaken moet bevorderen: op 19 april 2002 is de Europese Commissie een consultatieronde begonnen met de publicatie van een Groenboek betreffende alternatieve wijzen van geschillenbeslechting op het gebied van het burgerlijk recht en het handelsrecht (COM(2002) 196 definitief). Het wetsvoorstel dat de vergoeding van smartengeld forfaiteert (TK , , nr. 1 e.v.) PRIVAATRECHT KATERN

3 en het wetsvoorstel Collectieve afwikkeling massaschades (Katern 91, in de week van 11 oktober 2004 door de Tweede Kamer aangenomen) worden als voorbeelden genoemd van materieel privaatrechtelijke wetgeving met mechanismes die gerechtelijke procedures moeten voorkomen. Door de ontwikkeling van pre-action protocols kan de rechtspraktijk zelf het pre-processuele schaderegelingstraject stroomlijnen. Voor letselschade is daartoe op initiatief van de Universiteit van Tilburg een project gestart. Ook bij andere type geschillen zouden dergelijke gedragscodes ontwikkeld moeten worden. Zie Hoofdstuk 7 van het interimrapport Een nieuwe balans (2003) van de hand van W.D.H. Asser, H.A. Groen, J.B.M. Vranken m.m.v. mw. I.N. Tzankova met de veelzeggende titel De vergeten voorfase van de procedure (Katern 90). RECHTSPRAAK Ruimte voor nationale herstelbepalingen? In de toekomst zullen procedures in Nederland in toenemende mate beheerst worden door een mengsel van nationaal procesrecht en recht van internationale oorsprong zoals vervat in een verdrag of EG-regeling. Een van de vragen die dan kunnen rijzen is of, en zo ja in hoeverre, de internationale regeling een gesloten systeem is, dan wel ruimte laat voor bepalingen van nationale snit. Een voorbeeld is HR 7 mei 2004, NJ 2004, 362 m.nt. M.V. Polak in AA 2004, p. 647 (Otten/Sparkasse Bonn). De nationale bepaling waar het in deze procedure om ging was artikel 69 Rv. Dat artikel maakt het mogelijk om een aanlegger die een dagvaardingsprocedure met een verzoekschrift of een verzoekschriftprocedure met een dagvaarding heeft ingeleid, te behoeden voor het voortijdig stranden van de procedure in de vorm van een nietontvankelijkheidsverklaring. Sinds 1 januari 2002 moet de rechter de aanlegger bevelen om binnen een bepaalde termijn het procesinleidend stuk te verbeteren of aan te vullen. Gebeurt dat, dan blijft de procedure aanhangig vanaf de oorspronkelijke dag van indiening of dagvaarding. Is deze zogenaamde wisselbepaling ook toepasselijk in het geval dat verzet wordt ingesteld tegen een exequaturverlening op grond van het EEX-verdrag? De in Nederland wonende Otten was door de Duitse rechter op initiatief van de Sparkasse Bonn veroordeeld tot betaling van ca Op verzoek van de Sparkasse verklaart de voorzieningenrechter van de Rechtbank Almelo het vonnis uitvoerbaar in Nederland. Op het verkeerde been gezet door het feit dat de procedure tot uitvoerbaarverklaring bij verzoekschrift wordt ingeleid, giet (de advocaat van) Otten zijn verzet tegen deze uitvoerbaarverklaring ook in de vorm van een verzoekschrift en wordt door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. Had de rechtbank ambtshalve artikel 69 Rv moeten toepassen? Laat het EEX-verdrag daarvoor de ruimte? Die vraag had advocaat-generaal Strikwerda door het stellen van een prejudiciële vraag willen laten beantwoorden door het HvJEG. Reden voor zijn twijfel is de rechtspraak van het HvJEG waarin het hof overweegt dat het verdrag een exequaturprocedure in het leven heeft geroepen die een zelfstandig en volledig stelsel vormt welke eenvormig in alle lidstaten moet worden toegepast met name op het punt van voortvarendheid. De Hoge Raad acht toepasselijkheid artikel 69 Rv redelijkerwijs niet voor twijfel vatbaar en heeft vervolgens wel erg veel argumenten nodig om te overtuigen. Maar het resultaat is bevredigend. In elk geval bevredigender dan de uitsluiting van herstel in het in Katern 88 gesignaleerde arrest HR 17 januari 2003, NJ 2003, 113 m.nt. PV (niet-tijdig door EU-betekening gevolgde kantoorbetekening) dat M.V. Polak het vergaande voorstel uitlokt om het exploot als methode om een rechtsmiddel in te stellen in de dagvaardingsprocedure te vervangen door het Antilliaanse systeem van indiening van een verklaring ter griffie (TCR 2003, p. 101). Omkeringsregel; bewijsvermoeden causaal verband In een tweetal op 29 november 2002 gewezen arresten heeft de Hoge Raad de werking van de zogenaamde omkeringsregel verduidelijkt en ingeperkt. De omkeringsregel is een jurisprudentieelrechtelijk vermoeden van causaal verband tussen onrechtmatige daad of wanprestatie en schade. Volgens de hoofdregel inzake de bewijslastverdeling moet een dergelijk causaal verband gesteld en zonodig bewezen worden door degene die stelt recht op schadevergoeding te hebben. Recht op schadevergoeding bestaat ingevolge het objectieve recht immers alleen als vaststaat dat de schade zonder de onrechtmatige daad of wanprestatie niet zou zijn ontstaan (art. 150 Rv juncto art. 6:162 BW en art. 6:74 BW). In verschillende uitspraken heeft de Hoge Raad aangenomen dat het causale verband in deze vorm vermoed moet worden als door de als onrechtmatige daad of wanprestatie te kwalificeren gedraging een risico op schade in het leven is geroepen en dit risico zich vervolgens heeft verwezenlijkt. Gevolg van het vermoeden is dat de aansprakelijk gestelde persoon het tegendeel aannemelijk moet maken. De Hoge Raad baseert dit op de redelijkheid en billijkheid. De vraag was of dit vermoeden ook door de feitenrechters had moeten worden toegepast in het geval dat leidde tot HR 29 november 2002, NJ 2004, 304 (TSF e.a./ns e.a.). Een met giftige PCB s geladen tankcontainer wordt door de NS e.a. vanuit Italië naar Nederland vervoerd met eindbestemming Engeland. Als de container met 5108 KATERN 93

4 een kraan verticaal van de wagon wordt getild, begint deze spontaan te lekken. Het door TFS gehuurde terrein aan de Beneluxhaven te Rozenburg raakt ernstig verontreinigd en de gemeente Rotterdam stelt TFS aansprakelijk. Deze probeert de gemaakte kosten à raison van f 1,2 te verhalen op de NS c.s. onder meer stellende dat al vóór aankomst iets mis moet zijn geweest met de afsluitmechanismen van de tankcontainer. In cassatie wordt er veronderstellenderwijs vanuit gegaan dat de schadeoorzaak niet vaststaat, maar wel dat de tankcontainer niet binnen de daartoe voorgeschreven termijn is gekeurd. Hadden rechtbank en hof met toepassing van het vermoeden het risico van de causaliteitsonzekerheid op de NS c.s. moeten overhevelen? Nee, aldus de Hoge Raad. Voor toepassing van het vermoeden is alleen plaats als (1) het gaat om schending van een norm die ertoe strekt een specifiek gevaar terzake van het ontstaan van schade bij een ander te voorkomen (2) dit gevaar door de normschending in het algemeen aanmerkelijk wordt vergroot. Bovendien ziet het vermoeden niet zonder meer ook op de omvang van de schade. Wil de benadeelde profiteren van het vermoeden dan moet vaststaan dat sprake is van een gedraging in strijd met een dergelijke norm en moet aannemelijk zijn dat in het concrete geval het specifieke gevaar zich heeft verwezenlijkt. Pas dan is het, gelet op de strekking van de norm, redelijk om ervan uit te gaan dat zonder de normschending de schade niet zou zijn veroorzaakt. Vervolgens oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht het vermoeden hier niet van toepassing heeft geacht (1) omdat de enkele omstandigheid dat de verplichte keuring niet heeft plaatsgevonden niet het vermoeden rechtvaardigt dat de tankcontainer gebrekkig was en (2) omdat volgens het hof er voldoende aanwijzingen bestonden om aan te nemen dat de tankcontainer deugdelijk was toen deze in Nederland arriveerde. In HR 29 november 2002, NJ 2004, 305 m.nt. DA (Kastelijn/Gemeente Achtkarspelen) achtte de Hoge Raad het vermoeden niet toepasselijk in een geval waarin de gemeente ten onrechte een vergunning voor de uitbreiding van het bedrijf van Kastelijn had geweigerd waardoor deze inkomen had gederfd. Met de onterechte weigering was alleen de mogelijkheid gegeven dat Kastelijn als gevolg van die weigering schade had geleden. In HR 18 april 2003, NJ 2004, 306 m.nt. DA (Verzekeraars/Fino Bewaking BV) oordeelde de Hoge Raad dat het vermoeden terecht niet was toegepast in een geval waarin de aansprakelijk gestelde partij, Fino, aannemelijk had gemaakt dat de als gevolg van de inbraken geleden schade ook zou zijn ontstaan als Fino zijn contractuele plichten was nagekomen en met de overeengekomen frequentie en rondom het gehele gebouw zou hebben gesurveilleerd. In dit geval had Fino bij voorbaat het vermoeden ontzenuwd. In HR 19 maart 2004, NJ 2004, 307 m.nt. DA (niet-wekbare echtgenoot) oordeelde de Hoge Raad dat het hof in dit geval het vermoeden terecht niet van toepassing achtte omdat de doodsoorzaak niet was komen vast te staan. In gevallen waarin de arts een beroepsfout wordt verweten zal als geschonden norm vaak slechts de algemene norm van artikel 7:453 BW (zorg goed hulpverlener) zijn aan te wijzen die niet tegen een specifiek gevaar beschermt zodat op die grond de omkeringsregel niet in beeld komt. Dat kan anders zijn als in een protocol gedragsregels zijn neergelegd. LITERATUUR De volgende literatuur wordt hier kort gesignaleerd: Mw. Carolyn S.K. Fung Fen Chung schrijft over de Bewijsmiddelen in het arbitraal geding (diss. Rotterdam), Den Haag: Sdu Uitgevers B.T.M. van der Wiel doet een diepgaand onderzoek naar De rechtsverhouding tussen procespartijen (diss. Leiden), Deventer: Kluwer Centraal staan vragen als: welke normen maken deel uit van de rechtsverhouding tussen procespartijen, welke rechtsgevolgen zijn er bij schending en hoe laten deze rechtsgevolgen zich effectueren? Mw. M.E. de Meijer belicht uitgebreid de rol van Het openbaar ministerie in civiele zaken (diss. Rotterdam), Deventer: Kluwer Vragen die zij behandelt zijn onder andere: welke bijzondere taken en bevoegdheden heeft het Openbaar Ministerie in civiele zaken, zowel in historisch als in huidig perspectief en op welke wijze kan hiermee invulling worden gegeven aan de rechtshandhaving? C. Bosse doet een voorstel voor een werknemersbeschermende regel van bewijslastverdeling in individuele arbeidszaken geïnspireerd op de EG-Bewijslastrichtlijn inzake gelijke behandeling (Bewijslastverdeling in het Nederlandse en Belgische arbeidsrecht (diss. Tilburg), Deventer: Kluwer Th.S. Roëll vraagt aandacht voor het, zoals hij zelf zegt, weinig sexy onderwerp van de Proceskosten bij vrijwaring en de doorschuivingsregel: bij afwijzing van de eis in de hoofdzaak wordt de eiser in de hoofdzaak niet alleen veroordeeld in de kosten die de gedaagde in de hoofdzaak heeft gemaakt, maar ook de kosten die hij in de vrijwaringszaak heeft gemaakt. D.J. van der Kwaak beantwoordt de vraag Is er plaats voor goede trouw in het burgerlijk procesrecht? met een hartgrondig en goed geargumenteerd: Nee! (WPNR 2004, nr. 6565). P. Albers, C. Boonstra, F. van der Doelen en L. PRIVAATRECHT KATERN

5 Mos vragen aandacht voor De territoriale verdeling van rechtsmacht in Nederland (Trema 2004, p. 16) naar aanleiding van een bijeenkomst in het kader van de Raad van Europa. M.J. Steketee, A.M. Overgaag en K.D. Lünnemann belichten in een mooi rapport van het Verwey-Jonker Instituut van alle kanten de vraag: Minderjarigen als procespartij? (Amsterdam 2003) KATERN 93

Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging. mr. dr. M. Freudenthal

Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging. mr. dr. M. Freudenthal Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging mr. dr. M. Freudenthal Sdu Uitgevers Den Haag, 2009 Inhoud Afkortingen / XI Woord vooraf/xiii 1. Historische ontwikkelingen / 1 1.1. Inleiding/l 1.1.1.

Nadere informatie

LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523. Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011. Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie

LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523. Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011. Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie LJN: BP4803, Hoge Raad, 10/04523 Datum uitspraak: 20-05-2011 Datum publicatie: 20-05-2011 Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Cassatie Inhoudsindicatie: Onteigening. Verzuim tot betekening cassatieverklaring

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 10 SEPTEMBER 2007 S.07.0003.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.07.0003.F A. T., Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen OPENBAAR CENTRUM VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN VAN LUIK.

Nadere informatie

Nota naar aanleiding van het verslag

Nota naar aanleiding van het verslag 31513 Uitvoering van verordening (EG) Nr. 1896/2006 van het Europees parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (Pb EU L 399) (Uitvoeringswet verordening

Nadere informatie

Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland

Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland 1. Welke verschillende soorten maatregelen zijn er? Bewarende maatregelen zijn maatregelen die tot doel hebben waar mogelijk zeker te stellen dat de schuldenaar

Nadere informatie

Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Donner,

Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Geachte heer Donner, Minister van Justitie D.t.v. mw. mr. P.M.M. van der Grinten Postbus 20301 2500 EH Den Haag datum 6 september 2004 contactpersoon R.C. Hartendorp doorkiesnummer 070-361 9788 e-mail R.Hartendorp@rvdr.drp.minjus.nl

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 29 MEI 2015 C.13.0615.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.13.0615.N Ch. V., eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen,

Nadere informatie

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris!

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Prof. mr. A.J.M. Nuytinck Published in Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie (WPNR), 139,

Nadere informatie

Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419 CV EXPL 14-32341. Civiel recht. Eerste aanleg - enkelvoudig. Rechtspraak.nl

Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419 CV EXPL 14-32341. Civiel recht. Eerste aanleg - enkelvoudig. Rechtspraak.nl ECLI:NL:RBAMS:2015:3202 Instantie Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vindplaatsen Uitspraak Rechtbank Amsterdam 08-05-2015 28-05-2015 3603419

Nadere informatie

Civiele Procespraktijk

Civiele Procespraktijk Civiele Procespraktijk Nr. 11 maart 2010 De volgende onderwerpen worden behandeld: Schorsing na faillissement en terugverwijzing naar een lagere rechter Alternatieve causaliteit Lastgeving Tussentijds

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 14 JUNI 2010 S.10.0005.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. S.10.0005.F N. A., Mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen 1. AAGHON, besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 175 Aanpassing van het fiscale procesrecht aan de Algemene wet bestuursrecht en wijziging van een aantal fiscale en andere wetten (herziening

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 31 596 Uitvoering van verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 11 juli 2007 tot vaststelling

Nadere informatie

www.asser.nl/cursusaanbod-advocatuur

www.asser.nl/cursusaanbod-advocatuur Cursusaanbod Onderhoud Vakbekwaamheid (PO) voor de advocatuur T.M.C. Asser Instituut 6 dec 2013 IPR Familierecht. Echtscheiding en nevenvoorzieningen inzake boedelscheiding en alimentatie gewezen echtgenoten

Nadere informatie

Arbeidsrecht 2014. Juridische wegwijzer

Arbeidsrecht 2014. Juridische wegwijzer Arbeidsrecht 2014 Juridische wegwijzer Inhoudsopgave 1 Inleiding Nederlandse arbeidsrechtspraak 1.1 De organisatie van de rechtspraak 1.2 De kantonrechter 1.3 De dagvaardingsprocedure 1.4 De verzoekschriftprocedure

Nadere informatie

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel )

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) [De minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], Frankrijk, wonende

Nadere informatie

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Prof. mr. A.J.M. Nuytinck, hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder personen-, familie- en erfrecht, aan de Erasmus Universiteit

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden.

zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Partijen zullen hierna Stichting de Thuiskopie en [X] genoemd worden. vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/428013 / HA ZA 12-1153 Vonnis in incident van in de zaak van de stichting STICHTING DE THUISKOPIE, gevestigd te

Nadere informatie

ECGR/U201300637 Lbr. 13/058

ECGR/U201300637 Lbr. 13/058 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8393 betreft Schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten uw kenmerk ons kenmerk ECGR/U201300637 Lbr. 13/058 bijlage(n)

Nadere informatie

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014

zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014 arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team II zaaknummer :200.140.465101 KG zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke

Nadere informatie

JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure

JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure JAR 2011/76 Kantonrechter Amsterdam, 15-12-2010, 1189978 EA VERZ 10-1717, LJN BO8932 Arbitragebeding, Kantonrechter onbevoegd in ontbindingsprocedure Aflevering 2011 afl. 5 College Kantonrechter Amsterdam

Nadere informatie

Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips. 18 december 2015 Dirk Vergunst

Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips. 18 december 2015 Dirk Vergunst Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips 18 december 2015 Dirk Vergunst 1 Artikel 45 Rechtsvordering 1. Exploten (pv van ambtshandeling) worden door een daartoe bevoegde deurwaarder gedaan (

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 29 980 Uitvoering van het op 19 oktober 1996 te s-gravenhage tot stand gekomen verdrag inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning,

Nadere informatie

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden.

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden. beschikking RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Civiel recht kantonrechter zittinghoudende te Utrecht zaaknummer: 2534388 UE VERZ 13805 GD/4243 Beschikking van 13 december 2013 inzake X wonende te Arnhem,

Nadere informatie

LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN

LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN LEIDRAAD VOOR DE TOEPASSING VAN DE EBB-VERORD. * BINNEN DE RECHTBANK VAN KOOPHANDEL ANTWERPEN * Verordening (EG) nr. 1896/2006 E.P. en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure

Nadere informatie

Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer

Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer Actualiteiten over het retentierecht van de aannemer 11 februari 2016 Mr. L.A. (Leonie) Dutmer Overzicht retentierecht van de aannemer Elementen retentierecht Feitelijke macht en kenbaarheid Retentierecht

Nadere informatie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: Uitspraak 6 februari 2015 Eerste Kamer 14/03627 LH/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. R.J. van Galen, t e g e n BEPRO

Nadere informatie

Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk?

Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk? Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk? Een dagvaarding is een inleidend processtuk. Hierin staat wat de eisende partij van de gedaagde partij verlangd. Een dagvaarding wordt doorgaans

Nadere informatie

GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT

GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT E.I. Bouma 1 Inleiding In de praktijk komt het regelmatig voor dat de werkgever de kantonrechter verzoekt

Nadere informatie

Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel

Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel NL Praktische handleiding voor de Toepassing van de Verordening betreffende de Europese Executoriale Titel http://ec.europa.eu/civiljustice/ Europees justitieel netwerk in burgerlijke en handelszaken Voorwoord

Nadere informatie

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove...

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove... Rechtspraak.nl Print uitspraak 1 of 5 071215 09:02 Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBOVE:2013:1448 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecl Instantie Rechtbank Overijssel

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 353 Wijziging van enige bepalingen van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het geregistreerd partnerschap, de geslachtsnaam

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 5 DECEMBER 2008 C.07.0175.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.07.0175.N KANTERS, besloten vennootschap naar Nederlands recht, met zetel te 5469 PT Erp (Nederland), Pastoor van Schijndelstraat

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 31/01/2013

Datum van inontvangstneming : 31/01/2013 Datum van inontvangstneming : 31/01/2013 Vertaling C-1/13-1 Datum van indiening: Zaak C-1/13 Verzoek om een prejudiciële beslissing 2 januari 2013 Verwijzende rechter: Cour de cassation (Frankrijk) Datum

Nadere informatie

Waarom niet verzending per post?

Waarom niet verzending per post? Waarom niet verzending per post? Datum: 30 mei 2003 Nummer: 11 Rubriek: Geen Rubriek Auteur(s): M. Freudenthal Europese Betekeningsverordening De betekening via de verzendende en ontvangende instanties

Nadere informatie

Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1

Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1 UIT DE PRAKTIJK Mr. J.P. Eckoldt * Appèldagvaarding niet overeenkomstig de Betekeningsverordening betekend? 1 Onenigheden in het internationale handelsverkeer leiden regelmatig tot grensoverschrijdende

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 28/12/2015

Datum van inontvangstneming : 28/12/2015 Datum van inontvangstneming : 28/12/2015 Vertaling C-618/15-1 Zaak C-618/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 23 november 2015 Verwijzende rechter: Cour de cassation (Frankrijk)

Nadere informatie

18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS. Cursusgroep :...

18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS. Cursusgroep :... TOETSVRAGEN ONDERDEEL BURGERLIJK PROCESRECHT VAN DE BEROEPSOPLEIDING ADVOCATUUR 18 juni 2010 10.30-12.30 uur VOORJAARSCYCLUS 2010 en INHALERS Naam :..... Cursusgroep :..... a. U hebt voor deze toets 120

Nadere informatie

tegen de uitspraak van de Rechtbank Breda (hierna: de Rechtbank) van 15 november 2012, nummer AWB 12/4016, in het geding tussen

tegen de uitspraak van de Rechtbank Breda (hierna: de Rechtbank) van 15 november 2012, nummer AWB 12/4016, in het geding tussen Uitspraak GERECHTSHOF VHERTOGENBOSCH Team belastingrecht Meervoudige Belastingkamer Uitspraak op het hoger beroep van * ^ p n i a w a ï i i b.v., gevestigd te > hierna: belanghebbende, tegen de uitspraak

Nadere informatie

1. Echtscheidingsrecht

1. Echtscheidingsrecht 1. Echtscheidingsrecht 1.1 Materieel recht Art. 1:149 BW. Het huwelijk eindigt: a. door de dood; (BW 1:34, 426 v.) b. indien de vermiste, die overeenkomstig de bepalingen van de tweede of derde afdeling

Nadere informatie

ECLI:NL:GHSHE:2016:1766

ECLI:NL:GHSHE:2016:1766 ECLI:NL:GHSHE:2016:1766 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:ghshe:2016:1766 Instantie Gerechtshof 'shertogenbosch Datum uitspraak 03052016 Datum publicatie 09052016 Zaaknummer

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 16 SEPTEMBER 2014 P.14.0124.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.14.0124.N B S, beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Tom De Meester, advocaat bij de balie te Antwerpen, tegen 1. SOGETI BELGIUM

Nadere informatie

Stand van zaken wetgeving. Uitgangspunten KEI wetgeving. Wat is nodig? 4 wetten en 1 AMvB: Modernisering van de rechtspraak

Stand van zaken wetgeving. Uitgangspunten KEI wetgeving. Wat is nodig? 4 wetten en 1 AMvB: Modernisering van de rechtspraak Modernisering van de rechtspraak Programma Kwaliteit en Innovatie (KEI) Prof. mr. Margreet Ahsmann Uitgangspunten KEI wetgeving Eenvoudige, uniformere basisprocedure voor zowel vorderingen als verzoeken

Nadere informatie

KBvG, Cie Wetgeving, subcommissie Griffierecht Wet griffierechten burgerlijke zaken Modellen voor aanzeggingen

KBvG, Cie Wetgeving, subcommissie Griffierecht Wet griffierechten burgerlijke zaken Modellen voor aanzeggingen Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten

Nadere informatie

JPF 2013/149 Rechtbank 's-gravenhage 23 oktober 2012, 422965/FA RK 12-5121; ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371. ( mr. Bellaart )

JPF 2013/149 Rechtbank 's-gravenhage 23 oktober 2012, 422965/FA RK 12-5121; ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371. ( mr. Bellaart ) JPF 2013/149 Rechtbank 's-gravenhage 23 oktober 2012, 422965/FA RK 12-5121; ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371. ( mr. Bellaart ) [De vrouw] te [woonplaats vrouw], hierna: de vrouw, advocaat: mr. L.J. Zietsman te

Nadere informatie

de Rechtspraak Raad voor de rechtspraak Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG

de Rechtspraak Raad voor de rechtspraak Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG Ministerie van Veiligheid en Justitie mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 ER DEN HAAG Directie Strategie en Ontwikkeling bezoekadres Kneuterdijk 1 2514 EM Den Haag correspondentieadres Postbus 90613 2509

Nadere informatie

Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015

Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015 Webinar Arbeidsrecht Jurisprudentie (procesrecht) Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015 Bewijslastverdeling o.s.v. (I) Hof Arnhem-Leeuwarden 1 april 2014, ECLI:NL: HARL:2014:2600:

Nadere informatie

Gerechtshof Arnhem 27 april 2004, 2004/0197 KG. (Mr. Houtman Mr. Van der Kwaak Mr. Korthals Altes) Noot mr. M.A.J.G. Janssen

Gerechtshof Arnhem 27 april 2004, 2004/0197 KG. (Mr. Houtman Mr. Van der Kwaak Mr. Korthals Altes) Noot mr. M.A.J.G. Janssen 57 Gerechtshof Arnhem 27 april 2004, 2004/0197 KG. (Mr. Houtman Mr. Van der Kwaak Mr. Korthals Altes) Noot mr. M.A.J.G. Janssen 1. De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid J.J.P. van Ree

Nadere informatie

Nederlands burgerlijk procesrecht. prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer

Nederlands burgerlijk procesrecht. prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer Nederlands burgerlijk procesrecht prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer W.EJ.TjeenkWillink ZwoUe 1993 INHOUDSOPGAVE Afkortmgen Verkort geciteerde Hteratuur XVIII 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Nadere informatie

Hoge Raad der Nederlanden

Hoge Raad der Nederlanden '" 13 februari 2015 Eerste Kamer in naam des Konings 10/02162 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: l. LEIDSEPLEIN BEHEER B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. Hendrikus Jacobus Marinus DE VRIES,

Nadere informatie

1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon Vordering van 80.000,00 met de aanzegging, dat: a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen

1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon Vordering van 80.000,00 met de aanzegging, dat: a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen 1 Model A1, Rechtbank, 1 gedaagde: natuurlijk persoon a. indien gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten

Nadere informatie

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 704 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Arbeidshof te Antwerpen.

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 704 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Arbeidshof te Antwerpen. Rolnummer 2268 Arrest nr. 29/2002 van 30 januari 2002 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 704 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door het Arbeidshof te Antwerpen. Het Arbitragehof,

Nadere informatie

Wijziging dagvaardingen per 01 april 2013

Wijziging dagvaardingen per 01 april 2013 Rechtbank, 1 gedaagde a. indien de gedaagde verzuimt advocaat te stellen of het hierna te noemen griffierecht niet tijdig betaalt, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten zijn in acht genomen,

Nadere informatie

Rechtspraak.nl - Print uitspraak

Rechtspraak.nl - Print uitspraak ECLI:NL:HR:2014:1405 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 13-06-2014 Datum publicatie 13-06-2014 Zaaknummer 13/05858 Formele relaties Rechtsgebieden Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:289 Civiel recht Bijzondere

Nadere informatie

Dat dit een tijdje duurde was het gevolg van personeelstekorten en andere omstandigheden van budgettaire aard.

Dat dit een tijdje duurde was het gevolg van personeelstekorten en andere omstandigheden van budgettaire aard. RECHTBANK VAN KOOPHANDEL GENT Leidraad Europese Betalingsbevelprocedure Voorwoord De procedure Europees Betalingsbevel is een relatief eenvoudige procedure, die het recupereren van schuldvorderingen met

Nadere informatie

Afstamming. U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind

Afstamming. U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind Afstamming U hebt vragen over uw afstamming of over de afstamming van uw kind Inhoud Afstamming in het Belgische recht...3 Afstamming krachtens de wet...4 Afstamming langs moederszijde...4 Afstamming langs

Nadere informatie

inachtneming van het bepaalde in artikel 4 voorlegt aan de geschillencommissie.

inachtneming van het bepaalde in artikel 4 voorlegt aan de geschillencommissie. Geschillenreglement VViN Artikel 1 - Definities In dit reglement gelden de volgende definities: 1. Eiser: de partij die een verzoek tot beslechting als bedoeld in lid 7 van dit artikel met inachtneming

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 12 OKTOBER 2009 C.08.0559.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.08.0559.F GT MANAGEMENT, bvba, Mr. John Kirkpatrick, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen POLYCAR, vennootschap naar Italiaans

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.2662 (068.05) ingediend door: hierna te noemen 'klagers', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht

Nadere informatie

De Mediation-richtlijn: de laatste aanwinst voor de geschillenbeslechting in Europa

De Mediation-richtlijn: de laatste aanwinst voor de geschillenbeslechting in Europa De Mediation-richtlijn: de laatste aanwinst voor de geschillenbeslechting in Europa Gepubliceerd in Ondernemingsrecht 2008, nr. 8, p. 328-330. De paginanummers worden in de tekst weergegeven door [xx].

Nadere informatie

Lid van de vereniging, waarover een klacht is ingediend. Een natuurlijk persoon waarover een lid tot curator, bewindvoerder of mentor is benoemd.

Lid van de vereniging, waarover een klacht is ingediend. Een natuurlijk persoon waarover een lid tot curator, bewindvoerder of mentor is benoemd. Voor Bewindvoerders, Curatoren en Mentoren gelden wettelijke eisen en verplichtingen. Deze zijn neergelegd in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Op grond van artikel 1:383/435/452, zevende lid, BW

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 2 JANUARI 2014 C.12.0463.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.12.0463.N 1. WIBRA BELGIË nv, met zetel te 9140 Temse, Frank Van Dyckelaan 7A, 2. WIBRA HOLDING bv, vennootschap naar Nederlands recht,

Nadere informatie

zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049

zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049 vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Zittingsplaats Den Haag zaaknummer / rolnummer: C/09/492533 / KG ZA 15-1049 Vonnis in kort geding van in de zaak van [EISERES] H.O.D.N. GORDIJNATELIER MEUBELSTOFFEERDERIJ

Nadere informatie

Magna Charta Burgerlijk Procesrecht Programma van de leergang

Magna Charta Burgerlijk Procesrecht Programma van de leergang Magna Charta Burgerlijk Procesrecht Programma van de leergang Module Spreker Datum 1 Internationaal privaatrecht en procesrecht - mr. M. Zilinsky, universitair docent Vrije Universiteit Di 4 oktober 2011

Nadere informatie

MEMORIE VAN TOELICHTING ALGEMEEN. 1. Inleiding

MEMORIE VAN TOELICHTING ALGEMEEN. 1. Inleiding Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering teneinde nader inhoud te geven aan het beginsel van openbaarheid van de behandeling van zaken betreffende personen- en familierecht MEMORIE VAN

Nadere informatie

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie.

A R R E S T. In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie. Rolnummer 2287 Arrest nr. 163/2001 van 19 december 2001 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 307bis van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door het Hof van Cassatie. Het Arbitragehof,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 286 Aanpassing van de wet van 11 december 1980, houdende uitvoering van het op 18 maart 1970 te s-gravenhage tot stand gekomen Verdrag inzake

Nadere informatie

Bijzondere kenmerken Kort geding Inhoudsindicatie Opheffen conservatoir beslag. Onjuist en/of onvolledig informeren van beslagrechter.

Bijzondere kenmerken Kort geding Inhoudsindicatie Opheffen conservatoir beslag. Onjuist en/of onvolledig informeren van beslagrechter. Rechtspraak.nl Print uitspraak 1 of 5 261015 11:10 Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBMNE:2013:3231 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecl Instantie Datum uitspraak 19072013

Nadere informatie

Tekst SDU Publicatie A.M. van Aerde Page 1 of 8

Tekst SDU Publicatie A.M. van Aerde Page 1 of 8 Tekst SDU Publicatie A.M. van Aerde Page 1 of 8 JBPR 2012/2 Hoge Raad 's-gravenhage, 15-04-2011, 10/05350, LJN BP4952 Kantoorbetekening, woonplaatskeuze, Dagvaardingstermijn buitenlandse gedaagden, Verstekverlening

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 30/07/2014

Datum van inontvangstneming : 30/07/2014 Datum van inontvangstneming : 30/07/2014 Vertaling C-310/14-1 Zaak C-310/14 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 30 juni 2014 Verwijzende rechter: Helsingin hovioikeus (Finland)

Nadere informatie

pagina 1 van 5 ECLI:NL:RBDHA:2014:6145 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 20-05-2014 Datum publicatie 04-06-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden AWB-13_10151 Belastingrecht Bijzondere kenmerken Bodemzaak

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 03/11/2015

Datum van inontvangstneming : 03/11/2015 Datum van inontvangstneming : 03/11/2015 Vertaling C-499/15 1 Zaak C-499/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 22 september 2015 Verwijzende rechter: Vilniaus miesto apylinkės

Nadere informatie

Uitvoeringswet Verdragen inzake internationale ontvoering van kinderen

Uitvoeringswet Verdragen inzake internationale ontvoering van kinderen Uitvoeringswet Verdragen inzake internationale ontvoering van kinderen Wet van 2 mei 1990, Stb. 202, tot uitvoering van het op 20 mei 1980 te Luxemburg tot stand gekomen Europese Verdrag betreffende de

Nadere informatie

Strafprocesrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Wetsverwijzingen: Wetboek van Strafrecht 197a, geldigheid: 2014-05-11

Strafprocesrecht Bijzondere kenmerken: Hoger beroep Wetsverwijzingen: Wetboek van Strafrecht 197a, geldigheid: 2014-05-11 ECLI:NL:GHSHE:2015:3566 Instantie: Gerechtshof 's-hertogenbosch Datum uitspraak: 16-09-2015 Datum publicatie: 17-09-2015 Zaaknummer: 20-002514-14 Rechtsgebieden: Materieel strafrecht Strafprocesrecht Bijzondere

Nadere informatie

Checklist dagvaarding in rolzaken sector civiel

Checklist dagvaarding in rolzaken sector civiel Checklist dagvaarding in rolzaken sector civiel A. Betekening en dagvaardingstermijn Bevat het exploot van dagvaarding de datum van betekening? (art. 45 lid 2 sub a Rv.) bij reguliere dagvaardingstermijn

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 621 Aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met bepalingen over nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige overheidsdaad (Wet

Nadere informatie

http://legalintelligence.com/frontend/doc.aspx?docid=8305225& sr...

http://legalintelligence.com/frontend/doc.aspx?docid=8305225& sr... pagina 1 van 5 JOR 2013/87 Gerechtshof Arnhem, 18-12-2012, 200.099.939, LJN BY7149 Processuele gevolgen faillietverklaring voor aanhangige rechtsvorderingen, Schorsing van geding in conventie ex art. 29

Nadere informatie

Eerste Boek. De wijze van procederen voor de rechtbanken, de hoven en de Hoge Raad

Eerste Boek. De wijze van procederen voor de rechtbanken, de hoven en de Hoge Raad Voorstel tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Algemene wet bestuursrecht in verband met vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht Artikel I. Wijziging van het

Nadere informatie

Arrest van 25 juni 2002 in de zaak A 2000/3 ------------------------- Arrêt du 25 juin 2002 dans l affaire A 2000/3 ------------------------------

Arrest van 25 juni 2002 in de zaak A 2000/3 ------------------------- Arrêt du 25 juin 2002 dans l affaire A 2000/3 ------------------------------ COUR DE JUSTICE BENELUX GERECHTSHOF A 2000/3/7 Arrest van 25 juni 2002 in de zaak A 2000/3 ------------------------- Inzake : VLAAMS GEWEST tegen JECA N.V. Procestaal : Nederlands Arrêt du 25 juin 2002

Nadere informatie

Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00

Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00 Rechtbank Rotterdam 27 april 2011; pitbull bijt vierjarig kind in het gezicht. Smartengeld 7.000,00 Een jongetje van 4 jaar oud wordt door een pitbull terriër in het gezicht en in de arm gebeten. Zijn

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 7 NOVEMBER 2014 C.14.0122.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.14.0122.N 1. M. H., 2. A. D. K., eisers, toegelaten tot de rechtsbijstand bij beslissing van 6 januari 2014 (nr. G.13.0163.N) vertegenwoordigd

Nadere informatie

Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht

Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht Naar een eenvormig stelsel? Mr.H.JW.AÜ Kluwer - Deventer - 2009 Lijst van gebruikte afkortingen

Nadere informatie

HOOFDSTUK XI. Echtscheiding, scheiding van tafel en bed en scheiding van goederen

HOOFDSTUK XI. Echtscheiding, scheiding van tafel en bed en scheiding van goederen GERECHTELIJK WETBOEK - Deel IV : BURGERLIJKE RECHTSPLEGING. HOOFDSTUK XI. Echtscheiding, scheiding van tafel en bed en scheiding van goederen Afdeling II. Echtscheiding door onderlinge toestemming. Art.

Nadere informatie

Rolnummer 4792. Arrest nr. 65/2010 van 27 mei 2010 A R R E S T

Rolnummer 4792. Arrest nr. 65/2010 van 27 mei 2010 A R R E S T Rolnummer 4792 Arrest nr. 65/2010 van 27 mei 2010 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 4, 2, en 6, 2, van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2014:14470

ECLI:NL:RBDHA:2014:14470 ECLI:NL:RBDHA:2014:14470 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 19-11-2014 Datum publicatie 15-04-2015 Zaaknummer 14_7761 OB Rechtsgebieden Belastingrecht Bijzondere kenmerken Bodemzaak Eerste aanleg

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 16/09/2013

Datum van inontvangstneming : 16/09/2013 Datum van inontvangstneming : 16/09/2013 Vertaling C-442/13-1 Zaak C-442/13 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 6 augustus 2013 Verwijzende rechter: Oberster Gerichtshof (Oostenrijk)

Nadere informatie

Examenprogramma Burgerlijk Procesrecht 1

Examenprogramma Burgerlijk Procesrecht 1 Diplomalijn Examen Niveau Juridisch Burgerlijk Procesrecht hbo Versie 1.0 Geldig vanaf 01-01-2013 Vastgesteld op 28-08-2012 Vastgesteld door Veronderstelde voorkennis Bestuur Nederlandse Associatie voor

Nadere informatie

Verdrag inzake de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel en bed

Verdrag inzake de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel en bed Verdrag inzake de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel en bed De Staten die dit Verdrag hebben ondertekend, Geleid door de wens de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel

Nadere informatie

LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065

LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065 LJN: BO2154,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-hertogenbosch, AWB 10/2913 en 10/3065 Print uitspraak Datum uitspraak: 22-10-2010 Datum publicatie: 29-10-2010 Rechtsgebied: Bouwen Soort procedure: Voorlopige

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België. Arrest

Hof van Cassatie van België. Arrest 16 NOVEMBER 2009 C.09.0135.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.09.0135.N LANDSBOND DER CHRISTELIJKE MUTUALITEITEN, met zetel te 1031 Brussel, Haachtsesteenweg 579, eiser, vertegenwoordigd door

Nadere informatie

van gedaagde bij verschijning in de procedure geen griffierecht zal worden geheven;

van gedaagde bij verschijning in de procedure geen griffierecht zal worden geheven; Model A1, Rechtbank, kantonzaak, 1 gedaagde Naast alles wat de wet en met name het tweede lid van artikel 111 Rv overigens voorschrijft, in het bijzonder ook de waarschuwing voor verstek bij niet verschijnen

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. ingediend door: i n d e k l a c h t nr. 054.01 hierna te noemen 'klager tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen heeft

Nadere informatie

IN OPDRACHT VAN STRUYCKEN ADVOCATEN. De gerechtsdeurwaarder en de betekening van het proces-verbaal.

IN OPDRACHT VAN STRUYCKEN ADVOCATEN. De gerechtsdeurwaarder en de betekening van het proces-verbaal. IN OPDRACHT VAN STRUYCKEN ADVOCATEN De gerechtsdeurwaarder en de betekening van het proces-verbaal. Geschreven door: Iman Adeel Datum: 5 november 2015 Inhoudsopgave 1. De gerechtsdeurwaarder 1.1 Wat doet

Nadere informatie

LEIDRAAD BIJ DE INLEIDINGSZITTING VAN DE RECHTBANKEN VAN KOOPHANDEL VAN LIMBURG

LEIDRAAD BIJ DE INLEIDINGSZITTING VAN DE RECHTBANKEN VAN KOOPHANDEL VAN LIMBURG 1 LEIDRAAD BIJ DE INLEIDINGSZITTING VAN DE RECHTBANKEN VAN KOOPHANDEL VAN LIMBURG A. INTERNATIONALE RECHTSMACHT Overeenkomstig art. 26 EEX-Verord. (Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december

Nadere informatie

106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend.

106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend. 106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend. in het geding tussen: UITSPRAAK mevrouw A, wonende te B, appellante,

Nadere informatie

Drie stellingen. Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series. M.L. Tuil. Published in WPNR 2010 (6831), p. 143-145

Drie stellingen. Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series. M.L. Tuil. Published in WPNR 2010 (6831), p. 143-145 Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Drie stellingen M.L. Tuil Published in WPNR 2010 (6831), p. 143-145 Postdoc Erasmus Universiteit Rotterdam (tuil@law.eur.nl). 1 Abstract In dit

Nadere informatie

AANZEGGINGEN DAGVAARDING KANTON

AANZEGGINGEN DAGVAARDING KANTON INFO@CREDITASSIST.NL WWW.CIST.NL MODELAANZEGGINGEN DAGVAARDINGEN OF VERZOEKSCHRIFTEN VERSIE 01 APRIL 13 MR. RAMONA BATTA C.S. AANZEGGINGEN DAGVAARDING KANTON 1 GEDAAGDE gedaagde op die terechtzitting kan

Nadere informatie

PUBLIC LIMITE NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 29 mei 2005 (30.05) (OR. en) 9886/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE

PUBLIC LIMITE NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 29 mei 2005 (30.05) (OR. en) 9886/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 mei 2005 (30.05) (OR. en) PUBLIC 9886/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE JUSTCIV 39 CODEC 555 NOTA van: het voorzitterschap aan: Coreper

Nadere informatie