Handleiding Wind op Zee-projecten 2014

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Handleiding Wind op Zee-projecten 2014"

Transcriptie

1 Handleiding Wind op Zee-projecten 2014 Topconsortium voor Kennis en Innovatie Wind op Zee (TKI-WoZ) Versie 4 april 2014 Versiebeheer: 4 april eerste publicatie;

2 Begrippenlijst (alfabetisch) Deelnemer (mede-aanvrager): een natuurlijke persoon of rechtspersoon neemt deel aan het samenwerkingsverband voor eigen kosten en risico. Geen subsidie wordt verstrekt aan een provincie, gemeente of openbaar lichaam als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen. Derden (sub-contractant): derden voeren een deel van het project uit in opdracht en op kosten van de aanvrager of een deelnemer. Met een derde kan een uitbestedingsovereenkomst gesloten worden. Grote onderneming: onderneming die niet onder de definitie van kleine en middelgrote ondernemingen valt. Handleiding: dit document. Innovatiecontract: het InnovatieContract Wind op Zee, van Topteam Energie, datum 7 maart Kaderbesluit EZ subsidies: zie Kennisinstelling: een opsomming van de kennisinstellingen vindt u in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zie Kleine of middelgrote onderneming (MKB) 1 : een onderneming die: minder dan 250 werknemers heeft en een jaaromzet heeft van niet meer dan 50 miljoen óf een jaarlijks balanstotaal heeft van niet meer dan 43 miljoen, en niet voor 25 procent of meer van het kapitaal of van de stemrechten in handen is van één of meerdere ondernemingen die niet aan deze definitie voldoen, met uitzondering van openbare participatiemaatschappijen, van ondernemingen van risicokapitaal of van institutionele beleggers, indien deze individueel noch gezamenlijk in enig opzicht zeggenschap over de onderneming hebben. Penvoerder: één van de deelnemers in een project dat uitgevoerd wordt door een samenwerkingsverband. De penvoerder dient mede namens de andere deelnemers de aanvraag in verzorgt de correspondentie en de rapportage. De penvoerder zorgt ook voor de verdeling van de subsidie over de deelnemers. Projectkosten: kosten die een subsidieontvanger na de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en betaald en die noodzakelijk zijn en rechtstreeks aan de uitvoering van het samenwerkingsproject zijn toe te rekenen. Referentiekosten: kosten voor een investering ten behoeve van een in Nederland gangbaar systeem, apparaat of techniek die in technisch opzicht vergelijkbaar is met een in Nederland uit te voeren project maar waarmee niet hetzelfde niveau van milieubescherming kan worden bereikt als met het uit te voeren project, terwijl, in geval van een uit te voeren project voor hernieuwbare energie, de capaciteit voor de opwekking van energie van dat project ten minste overeenkomt met die van de eerstbedoelde investering Regeling Wind op Zee projecten 2014 (of kortweg: regeling): de Subsidieregeling energie en innovatie - Wind op Zee projecten 2014, zie RVO: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, zie Samenwerkingsverband: een verband bestaande uit ten minste twee niet in een groep verbonden natuurlijke personen of rechtspersonen, dat geen rechtspersoonlijkheid bezit. In een samenwerkingsverband kunnen, naast bijvoorbeeld een ondernemer, kennisinstituten deelnemen. Deze fungeren in dat geval als volwaardige partners in een samenwerkingsverband. Voor wind op zee-projecten bestaat een samenwerkingsverband ten minste uit een onderneming en een kennisinstelling. 1 in de zin van de verordeningen 70/2001 en 364/2004 van de Europese Commissie inzake staatssteun voor kleine of middelgrote onderneming Versie 4 april / 18

3 Inhoudsopgave 1 Samen werken aan het InnovatieContract Wind op Zee Waarom deze regeling? Twee openstellingen in Voor wie is deze regeling bedoeld? Voor wie is deze handleiding bestemd? Tenderdocumenten Deelnemersovereenkomst Subsidieaanvraag indienen Disclaimer Voorwaarden en afwijzingsgronden Typen onderzoek Voorwaarden Afwijzingsgronden SDE+ toets De beoordelingscriteria Minimum aantal punten per criterium Reductie van de kostprijs Bijdrage aan omzet en werkgelegenheid Kwaliteit van het samenwerkingsverband Kosteneffectiviteit Subsidie aanvragen De procedure in zeven stappen De onderdelen van de subsidieaanvraag Subsidiepercentages Welke kosten zijn subsidiabel? Adviezen en aandachtspunten Als uw project subsidie krijgt toegekend Technology Readiness Levels Versie 4 april / 18

4 1 Samen werken aan het InnovatieContract Wind op Zee 1.1 Waarom deze regeling? De subsidieregeling energie en innovatie - Wind op Zee projecten 2014 (regeling Wind op Zee projecten 2014) wil de ontwikkeling en demonstratie versnellen van nieuwe technieken om de benutting van windenergie op zee rendabel te maken. 1.2 Twee openstellingen in 2014 Het InnovatieContract Wind op Zee is als bijlage bij de brief aan de Kamer van 2 april 2012 (32637 nr. 32) aan de Kamer aangeboden. In dit innovatiecontract is onder andere aangekondigd dat er een tender zal komen voor wind op zee. In 2012 is de eerste tender uitgevoerd. Het budget voor de tender Wind op Zee projecten 2012 was circa 7 miljoen. In 2013 zijn twee tenders uitgevoerd. Het budget voor de tenders Wind op Zee 2013 was in totaal circa 10 miljoen. De regeling Wind op Zee projecten 2014 voorziet in twee tenders (twee openstellingen) voor wind-op-zee-projecten. Een wind-op-zee-project bestaat uit fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling of zijnde een demonstratieproject of een combinatie van deze vormen, dat past binnen het InnovatieContract Wind op Zee (zie artikel van de regeling). Hierbij kan ten hoogste 20% van de subsidiabele kosten besteed worden aan met het project samenhangend fundamenteel onderzoek. Het doel van twee openstellingen is het bereiken van een betere aansluiting bij de planning van de indieners van voorstellen en het creëren van de mogelijkheid tot tweede indiening met eventuele verbeteringen op basis van de ontvangen feedback van de adviescommissie. Voor beide tenders geldt dat projecten moeten passen binnen één van de onderstaande vijf programmalijnen (innovatielijnen). Zie bijlage van de Regeling Wind op Zee projecten 2014 voor een uitgebreide beschrijving van de programmalijnen en R&D activiteiten. De budgetten voor de twee 2014 tenders bedragen 5 miljoen per openstelling. Dit jaar is er een subsidieplafond per programmalijn. Hiermee wordt een onderscheid gemaakt in de relevantie van de programmalijnen en de potentiele bijdrage tot kostenreductie op korte termijn. Het subsidieplafond is hieronder gegeven per programmalijn. De precieze bedragen zijn gegeven in de regeling. De vijf programmalijnen met bijbehorende subsidieplafonds zijn: Programmalijn Subsidieplafond ( ) 1. Ondersteuningsconstructies 1,25 mln. 2. Optimalisatie van de windcentrale 0,5 mln. 3. Intern elektrisch netwerk en aansluiting op het hoogspanningsnet 0,5 mln. 4. Transport, installatie en logistiek 1,5 mln. 5. Beheer en Onderhoud 1,25 mln. NB: Wind-op-zee-projecten hoeven niet per se op zee te worden uitgevoerd. 1.3 Voor wie is deze regeling bedoeld? De doelgroep van deze tender bestaat uit samenwerkingsverbanden van ten minste een onderneming en een kennisinstelling die vernieuwende activiteiten in de toepassing van offshore windenergie willen realiseren. 1.4 Voor wie is deze handleiding bestemd? Als u van plan bent een aanvraag in te dienen voor de regeling Wind op zee projecten 2014 dan adviseren wij u deze handleiding te lezen. Alle documenten die u nodig heeft voor een aanvraag kunt u downloaden van de websites van de Staatscourant, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (http://www.rvo.nl/windopzee) en het Topconsortium voor Kennis en Innovatie Wind op Zee (http://www.tki-windopzee.nl/page/tenders-2014). Deze handleiding heeft geen betrekking op Wind-op-zee-haalbaarheidsstudies die in paragraaf 3.7.a van de Subsidieregeling energie en innovatie wordt beschreven. 1.5 Tenderdocumenten De volgende documenten zijn beschikbaar op de hierboven genoemde websites: 1. Regeling Wind op Zee projecten 2014; 2. InnovatieContract Wind op Zee; Versie 4 april / 18

5 3. Aanvraagformulier subsidie Wind op Zee 2014; 4. Modelbegroting Wind op Zee projecten; 5. Modelprojectplan Wind op Zee projecten; 6. Model Samenwerkingsovereenkomst (of: 7. Deelnemersovereenkomst; 8. Handleiding Tender Wind op Zee projecten 2014 (dit document). Onderstaand schema geeft de onderlinge relatie van de verschillende documenten weer. 1.6 Deelnemersovereenkomst De deelnemersovereenkomst bevestigt de afspraken tussen het deelnemende consortium en het TKI Wind op Zee. Deze afspraken omvatten onder andere communicatie rondom de projecten, de rapportage over de voortgang van de projecten en de bijdrage aan het TKI Wind op Zee. Deze afspraken vloeien voort uit de Letter of Committment en het Innovatiecontract. De deelnemersovereenkomst treedt pas inwerking na toekenning van subsidie en de ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst. Versie 4 april / 18

6 Een door de penvoerder ondertekende deelnemersovereenkomst maakt geen onderdeel uit van de subsidieaanvraag die bij RVO moet worden ingediend (zie volgende paragraaf), maar moet rechtstreeks bij het TKI Wind op Zee worden ingediend op de sluitingsdag van de tender, bij voorkeur per Subsidieaanvraag indienen De regeling Wind op Zee projecten 2014 voorziet in twee afzonderlijke openstellingen voor wind-op-zee-projecten: a) De sluitingsdatum voor de eerste tender is 3 juni b) De sluitingsdatum voor de tweede tender is 9 september Aanvragen dienen uiterlijk om uur op de sluitingsdatum bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) ontvangen te zijn. RVO ontvangt de aanvragen bij voorkeur via het eloket (http://www.rvo.nl/digitaal-indienen/eloket). Alternatieve methodes voor het indienen van uw aanvraag zijn: toezenden per verzenden per post of fax naar één van de vestigingen van RVO o.v.v. subsidieaanvraag Wind op Zee-projecten; persoonlijk afgeven bij één van de vestigingen van RVO o.v.v. subsidieaanvraag Wind op Zee-projecten. Indienen via eloket biedt extra functionaliteit en blijkt in de praktijk de kans op fouten/incomplete aanvragen te minimaliseren. Bedenk dat u voor gebruik van eloket eenmalig een zogenoemde eherkenning (beveiligingsniveau 1) moet aanschaffen. Dit kost enkele werkdagen. Analoog aan de DigiD voor particulieren: bereid u daarom ruim voor het eerste gebruik voor. 1.8 Disclaimer Hoewel deze handleiding met zorg is samengesteld, kunnen RVO en het Topconsortium voor Kennis en Innovatie Wind op Zee geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele fouten. De teksten van het Kaderbesluit EZ-subsidies en de regeling Wind op Zee projecten 2014 zijn leidend. Versie 4 april / 18

7 2 Voorwaarden en afwijzingsgronden 2.1 Typen onderzoek De regeling Wind op Zee projecten 2014 voorziet in twee openstellingen voor wind-op-zee-projecten. Een wind-op-zee-project bestaat uit fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling of zijnde een demonstratieproject of een combinatie van deze vormen, dat past binnen het InnovatieContract Wind op Zee (zie artikel van de regeling). Onderstaand volgen de definities voor de termen fundamenteel onderzoek (FO), industrieel onderzoek (IO), experimentele ontwikkeling (EO) en demonstratie. Fundamenteel onderzoek (2) Experimentele of theoretische activiteiten die voornamelijk worden verricht om nieuwe kennis te verwerven over de fundamentele aspecten van verschijnselen en waarneembare feiten, zonder dat hiermee een rechtstreekse praktische toepassing of gebruik wordt beoogd. Industrieel onderzoek (2) Planmatig of kritisch onderzoek dat is gericht op het opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden met het oog op de ontwikkeling van nieuwe producten, procedés of diensten, of om bestaande producten, procedés of diensten aanmerkelijk te verbeteren. Het omvat de vervaardiging van onderdelen van complexe systemen, die noodzakelijk is voor industrieel onderzoek, met name voor algemene validering van technologieën, met uitzondering van prototypes als bedoeld bij experimentele ontwikkeling. Experimentele ontwikkeling (2) Het verwerven, combineren, vormgeven en gebruiken van bestaande wetenschappelijke, technische, zakelijke en andere relevante kennis en vaardigheden voor plannen, schema's of ontwerpen van nieuwe, gewijzigde of verbeterde producten, procedés of diensten. Hieronder kan tevens de conceptuele formulering en het ontwerp van alternatieve producten, procedés of diensten worden verstaan. Deze activiteiten kunnen tevens het maken van ontwerpen, tekeningen, plannen en andere documentatie omvatten, mits zij niet voor commercieel gebruik zijn bestemd. De ontwikkeling van commercieel bruikbare prototypes en proefprojecten valt eveneens onder experimentele ontwikkeling indien het prototype het commerciële eindproduct is en de productie ervan te duur is om alleen voor demonstratie- en validatiedoeleinden te worden gebruikt. Bij commercieel gebruik van demonstratie- of proefprojecten worden eventuele inkomsten die hieruit voortvloeien, op de in aanmerking komende kosten in mindering gebracht. De kosten van de experimentele ontwikkeling en het testen van producten, procedés en diensten komen eveneens in aanmerking, voor zover deze niet voor industriële toepassing of commerciële exploitatie kunnen worden gebruikt of geschikt gemaakt. Onder experimentele ontwikkeling wordt niet verstaan de routinematige of periodieke wijziging van bestaande producten, productielijnen, fabricageprocessen, diensten en andere courante activiteiten, zelfs indien deze wijzigingen verbeteringen kunnen inhouden. Demonstratie Bij een demonstratieproject gaat het om het aantonen in een realistische gebruiksomgeving van het functioneren van een, voor Nederland, eerste toepassing van een nieuwe of vernieuwende technologie, functie, aanpak of een nieuw of vernieuwend systeem. Het kan ook gaan om een toepassing van een combinatie van nieuwe en bestaande technologie. U kunt dit combineren met een (nieuwe) aanpak van de maatschappelijke, niet-technologische factoren die een rol spelen bij de toepassing van deze nieuwe technologie. Het gaat om projecten met een maatschappelijk, technisch en/of economisch risico. Over prototypen Het vervaardigen en testen van een prototype kan vallen óf onder experimentele ontwikkeling óf onder demonstratie. Bij experimentele ontwikkeling gaat het om prototypes die u in het project gebruikt om systemen te testen en verifiëren en waarvan u de resultaten gebruikt om daarmee aanzienlijke verbeteringen aan het definitieve apparaat aan te brengen. Bij demonstratie gaat het om prototypes waaraan u weinig tot geen wijzigingen uitvoert en waarbij u zich richt op de exploitatie van het apparaat, bijvoorbeeld samen met een eerste klant. 2 Uit Communautaire Kaderregeling Inzake Staatssteun Voor Onderzoek, Ontwikkeling En Innovatie, (2006/C 323/01) Versie 4 april / 18

8 2.2 Voorwaarden De regeling Wind op Zee projecten 2014 heeft een aantal voorwaarden waar u rekening mee moet houden als u voor subsidie in aanmerking wilt komen. Een aantal belangrijke hebben we voor u op een rijtje gezet. Subsidie kan worden verstrekt aan in Nederland gevestigde deelnemers in een samenwerkingsverband 3. Alleen samenwerkingsverbanden van ten minste een onderneming en een kennisinstelling komen in aanmerking voor subsidie. De verdeling van de subsidiabele projectkosten tussen de ondernemingen enerzijds en de kennisinstellingen anderzijds moet evenwichtig zijn (zie verder paragraaf 3.4). De subsidieontvanger voert het wind-op-zee-project hoofdzakelijk in Nederland uit, tenzij de minister ontheffing verleent. Binnen het project kan ten hoogste 20% van de subsidiabele kosten besteed worden aan met het project samenhangend fundamenteel onderzoek. Een wind-op-zee-project duurt maximaal vier jaar en begint uiterlijk zes maanden na de beschikking. Heeft uw project al eerder subsidie gehad van een bestuursorgaan of de Europese Commissie? Dan wordt met dat bedrag in de regeling Wind op Zee projecten 2014 rekening gehouden. Neem contact op met RVO om te horen wat dit voor uw situatie betekent. Projectkosten die u heeft gemaakt voordat u de aanvraag indiende, komen niet voor subsidie in aanmerking. Dit geldt ook voor kosten die weliswaar nog niet betaald zijn, maar waarvoor wel al verplichtingen zijn aangegaan. U voert het project uit voor eigen kosten en risico. Dit betekent o.a. dat u het project niet volledig mag uitbesteden. 2.3 Afwijzingsgronden Uw projectvoorstel wordt in ieder geval afgewezen indien: Het niet aannemelijk is dat het project binnen vier jaar wordt voltooid. Gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren of er is onvoldoende vertrouwen dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project uit te voeren. Onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project. Reeds eerder subsidie is verstrekt voor een soortgelijk project. Per beoordelingscriterium niet minimaal 2,5 van de maximaal 5 punten zijn verkregen. In totaal voor de gezamenlijke beoordelingscriteria niet 12 punten of meer verkregen zijn. Dit is gemiddeld 3 punten per beoordelingscriterium. Niet aannemelijk is dat het project leidt tot duurzame energie productie in 2023 en leidt tot een besparing op de uitgaven aan subsidies in het kader van het Besluit stimulering duurzame energieproductie, die groter is dan de aangevraagde subsidie. 2.4 SDE+ toets Voor de regeling Wind op Zee projecten 2014 heeft het Ministerie van Financiën budget beschikbaar gesteld uit de zgn. SDE+ innovatiemiddelen. Uw project dient daarom te voldoen aan de volgende voorwaarde (zie artikel 3.7.9, onderdeel d van de regeling): de aanvrager moet aannemelijk maken dat het project leidt tot duurzame energieproductie in 2023 en leidt tot een besparing op de uitgaven aan subsidies in het kader van het Besluit stimulering duurzame energieproductie (SDE+), die groter is dan de aangevraagde subsidie. Dit betekent dat uw project of de spin-off van het nu te subsidiëren project dient te leiden tot daadwerkelijke duurzame energieproductie uiterlijk in U zult aannemelijk moeten maken dat de resultaten van het project zullen worden toegepast in offshore windparken die tussen nu en 2023 voor SDE+ in aanmerking komen. Om voor SDE+ in aanmerking te komen moet de energieprijs nu al 150 /MWh of lager zijn of deze grens moet tussen nu en 2023 gepasseerd worden. Vanaf het moment (jaar) dat de energieprijs van offshore wind op de locaties waar uw techniek wordt toegepast 150 /MWh of minder is moet gelden dat de toepassing van uw techniek in een eerste project en de eventuele herhalingen daarvan leiden tot een reductie van de SDE+ uitgaven van de overheid die groter is dan de gevraagde subsidie voor uw project. Onderbouw dit met een berekening. Bij het berekenen van de besparing op de uitgaven aan subsidie in het kader van het Besluit Duurzame Energieproductie (SDE+) tellen, naast SDE+ besparingen op het project zelf, ook SDE+ besparingen mee uit spin-off projecten en herhalingsprojecten. Alle projecten die als onderbouwing gebruikt worden voor de besparing op de SDE+ uitgaven moeten uiterlijk in 2023 beginnen daadwerkelijk duurzame energie te produceren. Wel mogen SDE+ besparingen welke doorlopen na 2023 meegeteld worden. 3 Niet in Nederland gevestigde deelnemers mogen wel deelnemen aan een samenwerkingsverband, maar hun kosten zijn niet subsidiabel en dienen niet te worden opgenomen in de projectbegroting. Niet in Nederland gevestigde deelnemers kunnen geen penvoerder zijn. Versie 4 april / 18

9 Let op: Het beleid van het Ministerie van Financiën gaat er vanuit dat alleen opties met een basisbedrag van 150 /MWh nodig zijn om de duurzame energiedoelstelling van 16% in 2023 te bereiken, duurdere opties niet. De besparing op uitgaven aan de SDE+ treedt dus pas op als het basisbedrag hieronder zakt. Indien uw onderbouwing onvoldoende is, wordt uw project afgewezen. Voor uitleg over de SDE+: zie Versie 4 april / 18

10 3 De beoordelingscriteria RVO legt de ingediende projecten ter beoordeling voor aan de Adviescommissie Wind op Zee-projecten. Deze commissie adviseert de minister over de rangschikking van de voorstellen aan de hand van de vier criteria die in de regeling zijn gegeven. De adviescommissie bestaat uit (inter)nationale experts op het gebied van offshore wind die door middel van NDA s gehouden zijn aan vertrouwelijke behandeling van de voorstellen. In de tekst van de regeling is hierover opgenomen in Artikel : 1. De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist, hoger naarmate: a. het project meer bijdraagt aan de kwantitatieve reductie van de kostprijs van windenergie op zee in 2020; b. het project meer bijdraagt aan omzet en werkgelegenheid van de Nederlandse windenergie op zee sector in 2020; c. de kwaliteit van het project beter is, blijkend uit de samenstelling van het consortium, deelname van cruciale partijen uit de waardeketen of van het MKB, het publicatieplan en de plannen voor het intellectuele eigendom, de technische of wetenschappelijke onderzoeksmethode, het projectplan en de projectorganisatie; d. de projectopzet kosteneffectiever is en voor het project minder subsidie wordt aangevraagd in verhouding tot wat maximaal voor het project op grond van deze paragraaf mogelijk is. 2. Voor de rangschikking tellen de criteria even zwaar. 3. Geen subsidie wordt verleend voor een project dat lager is gerangschikt dan een soortgelijk project. Het is waarschijnlijk niet mogelijk om elke aanvraag te honoreren. Het budget voor elk van de Wind op Zee-projecten 2014 tenders is 5 miljoen. Dit bedrag is verdeeld over de programmalijnen, waarbij een subsidieplafond per programmalijn is vastgesteld (zie paragraaf 1.2). Projecten worden gehonoreerd in volgorde van scores op deze vier criteria, tot het beschikbare budget van de betreffende programmalijn verdeeld is. 3.1 Minimum aantal punten per criterium In Artikel van de regeling zijn minima per criterium opgenomen. Een project moet voor elk criterium op een schaal van 1 tot 5 minimaal 2,5 punten scoren. De vier criteria wegen even zwaar. De totaal score van de vier criteria dient 12 punten of meer te bedragen. Dit is gemiddeld 3 punten per beoordelingscriterium. Als niet aan deze voorwaarden is voldaan, zal de minister het project afwijzen. Dit houdt overigens ook in dat als er niet genoeg projecten van voldoende kwaliteit zijn, het budget van de tender niet uitgeput raakt. 3.2 Reductie van de kostprijs Het eerste criterium betreft de verlaging van de kostprijs van windenergie op zee. Dit wil zeggen dat naarmate een wind op zee project meer bijdraagt aan de verlaging van die kostprijs, het project meer punten scoort. De aanvrager dient de relatie tussen het project en het potentieel voor kostprijsreductie in ieder geval kwalitatief te geven te onderbouwen. Bij de bijdrage aan de kostprijsdaling van windenergie op zee gaat het om de kostprijsreductie van het eindproduct elektriciteit van wind op zee die het project uiteindelijk na toepassing van de resultaten mogelijk maakt in het jaar Bij onderbouwing van de daling van (elementen van) de kostprijs dient u een duidelijke relatie te leggen met de toepassing van de gebruikte technieken. Geen aan in welke van de kostenelementen (cost drivers) uw project betrekking heeft en welke bijdrage in de kostenreductie van dat specifieke element te verwachten is. Doe dit aan de hand van de onderverdeling van de kostprijselementen zoals gegeven in het modelprojectplan. De reductie dient te worden uitgedrukt in vergelijking met de standaard/norm/gemiddelde van het product of de dienst in Bijdrage aan omzet en werkgelegenheid Het tweede criterium is de bijdrage aan omzet en werkgelegenheid van Nederlandse partijen in de windenergie op zee markt in De aanvrager dient te onderbouwen hoe het project bijdraagt aan de Nederlandse offshore wind activiteiten. De positionering van de consortium partners t.o.v. buitenlandse partijen kan hierbij een relevante factor zijn. Ook beslissingen en plannen voor investeringen, vermarkting en personeel kunnen hiervoor dienen. Bij de beoordeling van het economisch perspectief gaat het om omzet en werkgelegenheid die u met de resultaten van dit project in 2020 gaat realiseren. In de beschrijving van het creëren van omzet en werkgelegenheid moet u daarom inzicht geven in uw marktsituatie. Toegang tot de beoogde markt of met welke inspanningen u toegang denkt te krijgen, spelen bij dit criterium ook een rol. Daarom moet u inzicht geven in uw marketing aanpak op hoofdlijnen nadat het project is afgerond. Het creëren van omzet en werkgelegenheid moet u kwantitatief onderbouwen. De uitgangspunten hiervoor zijn marktfeiten, aannames over marktomvang, prognose van de omzet, verkoopprijs van een alternatief en uw concurrentiepositie. Een beschrijving van uw investeringsplannen en personeelsbehoefte gekoppeld aan een tijdstraject kan mede ter onderbouwing dienen. Versie 4 april / 18

11 3.4 Kwaliteit van het samenwerkingsverband Bij dit criterium gaat het om de samenwerking van de partijen, de kwaliteit en expertise van de partijen die dit project uitvoeren, en de kwaliteit van het projectplan. U licht toe welke partijen bij het project betrokken zijn en wat hun inbreng en toegevoegde waarde is. Kwaliteiten van eventuele deelnemende MKB-bedrijven licht u toe. Bij de samenstelling van het samenwerkingsverband wordt onder meer gelet op de mate waarin partners elkaar aanvullen als het gaat om de inbreng van relevante kennis en onderzoekscapaciteit en de mate waarin sprake is van gezamenlijke kennisontwikkeling en op een evenwichtige verdeling van tijd, inhoudelijke inbreng, kosten, risico's en profijt van de resultaten van het project. U voegt de samenwerkingsovereenkomst bij het projectplan en neemt daarin op de afspraken over het publicatieplan en over intellectueel eigendom. Het is belangrijk dat het samenwerkingsverband een evenwichtige verdeling dient te hebben tussen bedrijven aan de ene kant en kennisinstellingen/onderzoeksinstituten aan de andere kant. In de toelichting bij artikel van de regeling staat o.a. Een zeer onevenwichtige samenwerking in termen van financiële of inhoudelijke bijdragen aan het project, kan leiden tot een lagere of onvoldoende score op het rangschikkingscriterium kwaliteit van het project. Het projectplan dient hier dus aandacht aan te besteden. De aanvrager dient te onderbouwen dat het consortium volledig in staat is de voorgestelde activiteiten uit te voeren. Een beschrijving van het team, op het niveau van de key experts en onderzoekers, is gewenst. Daarnaast scoort een project beter naarmate meer cruciale partijen uit de waardeketen of MKB-bedrijven deelnemen. Dit blijkt o.a. uit de samenwerkingsovereenkomst tussen de projectdeelnemers. Deelname van MKB-bedrijven scoort beter dan deelname van andere partijen, omdat de sector veel MKB-bedrijven telt die veel innovaties genereren; het publicatieplan dat bijdraagt aan de doelstelling van het TKI-WOZ beter is. Dit blijkt o.a. uit een goede beschrijving van de activiteiten van geplande wetenschappelijke en technische publicaties, minimaal een inhoudelijke jaarrapportage aan het TKI-WOZ en verplichte medewerking aan TKI kennisoverdrachtsactiviteiten, in relatie tot de doelstellingen van het TKI-WOZ. het intellectuele eigendom (IE) in de fasen van het project beter geregeld is en past bij die fasen. Dit blijkt o.a. bijvoorbeeld uit regelingen over voorgrondkennis, achtergrondkennis, eventueel zijgrondkennis, licenties, geheimhouding en beveiliging van informatie, besluitvormingsprocedures over IE, kostenverdeling voor IE rechten, eventueel een geschilbeslechtingsregeling, aanstelling van een IE-manager. de technische en/ of wetenschappelijke onderzoeksmethode beter is; het projectplan de achtergrond van het probleem, de probleemdefinitie, de doelen, de technische aanpak, de per partner uit te voeren activiteiten, de te gebruiken middelen en de resultaten beter beschrijft; de projectorganisatie effectiever is, blijkend uit een goede beschrijving van de rol van iedere partner, interne en externe projectcommunicatie, een SMART beschrijving van de mijlpalen en de go/ no-go beslispunten, een heldere beschrijving van de budgetplanning per partner en een beschrijving van de risico s en risicobeheersing. 3.5 Kosteneffectiviteit Het vierde criterium bepaalt dat een project hoger scoort naarmate het project meer kosteneffectief wordt uitgevoerd. Dat gebeurt vooral indien het project efficiënt wordt uitgevoerd, de projectkosten tot opgevoerde kwaliteit en omvang laag zijn en de opgevoerde kwaliteit en omvang van het project niet onnodig hoog er minder wordt aangevraagd dan wat maximaal volgens de regeling verkregen zou kunnen worden. Om het mogelijk te maken zoveel mogelijk projecten voor subsidie in aanmerking te kunnen laten komen, wordt gestimuleerd minder subsidie aan te vragen. Een hogere bijdrage uit niet-subsidiebronnen is hierbij een pre. Versie 4 april / 18

12 4 Subsidie aanvragen 4.1 De procedure in zeven stappen Stap 1 Subsidieaanvraag indienen U kunt een subsidieaanvraag indienen tijdens de openstellingstermijn. Een subsidieaanvraag bestaat uit een aanvraagformulier en de benodigde bijlagen. Sla het projectplan op als Word-document en de begroting als Excel-bestand. U dient uw subsidieaanvraag bij voorkeur in via eloket (zie paragraaf 1.7). Een overzicht van de openstellingstermijnen met bijbehorende sluitingsdata vindt u in de regeling. Zorg dat uw aanvraag uiterlijk voor uur op de sluitingsdatum binnen is bij RVO. Te laat ingediende aanvragen worden onherroepelijk afgewezen. We adviseren u er naar te streven om ruim voor de sluitingstijd in te dienen. Het risico van haperende techniek ligt bij de aanvrager, dit geldt zelfs voor haperende techniek bij RVO. Stap 2 Toetsing ontvankelijkheid Als uw aanvraag op tijd bij RVO binnen is, wordt gecontroleerd of deze aan alle formele voorwaarden voldoet. Bevat de aanvraag een concreet verzoek tot subsidie, een datum van indiening en is de aanvraag rechtsgeldig ondertekend? Is dit het geval, dan kan uw project formeel in aanmerking komen voor subsidie. Is dit niet het geval, dan wordt uw aanvraag afgewezen. Stap 3 Toetsing volledigheid Als uw aanvraag ontvankelijk is, wordt gecontroleerd of deze volledig is. Is de aanvraag volledig ingevuld en voorzien van alle benodigde bijlagen? Als uw aanvraag compleet is, wordt de aanvraag in behandeling genomen. Als uw aanvraag niet volledig is, dan wordt u in de gelegenheid gesteld om de omissies te herstellen. De geboden hersteltijd is tot 2 dagen na de sluitingsdatum van de tender. Stap 4 Beoordeling van de aanvraag RVO legt de ingediende projecten ter beoordeling voor aan de internationale Adviescommissie Wind op Zee. Deze commissie rangschikt de voorstellen aan de hand van de beoordelingscriteria. Stap 5 Informatieronde De Adviescommissie Wind op Zee heeft de mogelijkheid om op enkele punten een verduidelijking te vragen aan de indieners. Mocht de Adviescommissie van deze mogelijkheid gebruik willen maken, dan zal RVO hierover contact opnemen met de penvoerder van het project. Stap 6 Uitsluitsel over toekenning of afwijzing De beoordeling van en berichtgeving over de Wind op Zee-projecten tender neemt na de tendersluiting maximaal dertien weken in beslag. Binnen deze termijn laten we u weten of uw aanvraag is toegekend of afgewezen. 4.2 De onderdelen van de subsidieaanvraag Om uw project te kunnen beoordelen, is het nodig dat u alle onderdelen van de subsidieaanvraag aanlevert. Het is belangrijk dat alle projectplannen en begrotingen op dezelfde manier zijn opgesteld. Daarom is er een model beschikbaar voor het aanvraagformulier, het deelnemersformulier, het projectplan en de begroting. Deze modellen kunt u downloaden via de in paragraaf 1.4 genoemde websites. Een subsidieaanvraag bestaat uit: Het aanvraagformulier; Bijlage 1: Deelnemersformulier (voor iedere deelnemer); Bijlage 2: Projectplan (hiervoor kan het model projectplan (Template Project Description) worden gebruikt); Bijlage 3: Begroting (in Excel format); Bijlage 4: Documenten voor het bewijs van het stimulerend effect (alleen voor grote ondernemingen); Bijlage 5: Overige bijlage(n). Het aanvraagformulier Het aanvraagformulier is het eerste officiële stuk van de aanvraag. Op het aanvraagformulier staan de gegevens van de aanvrager (penvoerder) en van de projectdeelnemers. De penvoerder dient het aanvraagformulier te ondertekenen. Het aanvraagformulier is alleen rechtsgeldig als het ondertekend is door een onder tekeningsbevoegd persoon of een persoon die daarvoor gemachtigd is via een apart bijgevoegde machtiging. Op het aanvraagformulier vindt u een toelichting bij de in te vullen velden. Alle correspondentie, die op uw subsidieaanvraag volgt, stuurt RVO naar de penvoerder. Samenwerking in het consortium Versie 4 april / 18

13 Omdat u het project gezamenlijk uitvoert, is het belangrijk dat u goede afspraken maakt. In een samenwerkingsovereenkomst zijn rechten, plichten en aansprakelijkheden van alle betrokkenen vastgelegd. RVO adviseert u dringend om een dergelijke overeenkomst tijdig af te sluiten. Bij de verlening van een projectaanvraag let RVO er namelijk op dat de in het projectplan omschreven activiteiten ook daadwerkelijk uitgevoerd worden door de genoemde partij. Mochten er problemen bij de samenwerking ontstaan, dan is het belangrijk om op de gemaakte afspraken te kunnen terugvallen. RVO adviseert om ten minste de volgende punten in deze overeenkomst op te nemen: De deelnemers in het samenwerkingsverband; De doelstelling van de samenwerking; De manier waarop u samenwerkt; De duur van de samenwerking; De onderlinge verdeling van kosten en risico s; De onderlinge verdeling van de subsidie. RVO stelt een voorbeeld van een samenwerkingsovereenkomst ter beschikking (http://www.rvo.nl/subsidiesregelingen/subsidiespelregels/samenwerking-en-kennisoverdracht/samenwerkingsovereenkomst). Bijlage 1: Deelnemersformulier (aanmelding en machtiging) Een samenwerkingsverband is verplicht. Vul daarom de deelnemersgegevens in op het deelnemersformulier. Iedere deelnemer ondertekent dit formulier en machtigt hiermee de penvoerder voor de subsidieaanvraag en verdere correspondentie hierover. Deze ondertekening is ook een verklaring dat er een samenwerkingsovereenkomst komt als het project subsidie krijgt toegekend. Bijlage 2: Projectplan Uw subsidieaanvraag beoordelen we inhoudelijk op basis van het projectplan. Het projectplan moet een gedetailleerd beeld geven van het project. Hiervoor is een modelprojectplan (TKI-WoZ Project Description) beschikbaar via de in paragraaf 1.4 genoemde website van TKI-WoZ en RVO. Een projectplan telt maximaal dertig pagina's. Wij vragen u om het projectplan in het Engels te schrijven, vanwege de internationale adviescommissie en het internationale karakter van de bedrijfstak. Zie verder de toelichting in het modelprojectplan. Bijlage 3: Begroting Op de in paragraaf 1.4 genoemde website van RVO is een begrotingsmodel beschikbaar. Hierin geeft u de kosten van uw project aan en maakt u deze kosten aannemelijk. Dit kunt u doen door in de begroting een onderbouwing te geven en bijvoorbeeld offertes mee te sturen. U dient van alle deelnemers een begroting op te sturen. In de begroting dient u onderscheid te maken in de activiteiten voor fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek, experimentele ontwikkeling en demonstratie, vanwege de verschillen in definities in subsidiabele kosten en verschillende subsidiepercentages die voor deze onderscheiden onderdelen gelden. In het zogenoemde O&O-deel van het formulier moet u de kosten opsplitsen voor fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling. In het zogenoemde Demonstratiedeel van het formulier geeft u de meerkosten van de investering ten opzichte van een referentiesituatie op. Het begrotingsmodel biedt u de gelegenheid uw project te vergelijken met een referentiesituatie. U dient de scheidslijn tussen het fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek, experimentele ontwikkeling in het O&O-deel en het demonstratiedeel duidelijk te definiëren in het werkplan en in de begroting. Bijlage 4: Documenten voor het bewijs van het stimulerend effect Grote ondernemingen moeten met documenten aantonen dat de subsidie een stimulerend effect zal hebben. Daarbij moeten zij voldoen aan één van de volgende criteria: 1. een wezenlijke toename van de omvang of reikwijdte van het project; 2. een wezenlijke toename van de totale uitgaven van de onderneming voor het project; 3. een wezenlijke toename van de snelheid waarmee het project wordt voltooid. De Europese Commissie geeft als richtlijn dat de grote onderneming minstens moet overleggen: een intern document waarin hij de levensvatbaarheid van het te subsidiëren project of de te subsidiëren activiteit heeft onderzocht in een scenario mét en een scenario zonder steun, en dat een geloofwaardige analyse alsook bewijs van het stimulerende effect bevat. 4 Een eenvoudige verklaring dat steun de reikwijdte of omvang van een project helpt vergroten wordt derhalve niet voldoende geacht. Bijlage 5: Overige bijlagen Wij raden u aan om stukken die belangrijk zijn voor het project ter onderbouwing mee te sturen. Denk hierbij aan: 4 Zie hiervoor de toelichting in de regeling Wind op zee projecten over Staatssteun en de AGVV Versie 4 april / 18

14 offertes; financiële toezeggingen van een bank; uitbestedingsovereenkomst; de samenwerkingsovereenkomst. 4.3 Subsidiepercentages De subsidie voor industrieel onderzoek, experimentele ontwikkeling en demonstratie is afhankelijk van de grootte van uw bedrijf en de eventuele deelnemers waarmee u het project uitvoert. Dit is samengevat in Tabel 1. Binnen de regeling Wind op Zee-projecten krijgen MKB-ondernemingen extra aandacht. MKB-ondernemingen die deelnemen aan een project (i.e. hun eigen projectaandeel betalen) krijgen een toeslag van 10% voor hun aandeel in de projectkosten. Dit geldt niet voor fundamenteel onderzoek. Vanwege het EU Milieusteunkader (MSK) moeten aanvragers voor het eventuele demonstratiegedeelte van hun project nog rekening houden met eventuele opbrengsten. Tabel 1: Subsidiepercentages Onderzoek & Ontwikkeling Kleine en Middelgrote en kleine ondernemingen Grote onderneming en onderzoeksorganisaties Fundamenteel onderzoek Basis (over subsidiabele projectkosten) Industrieel onderzoek Experimentele ontwikkeling Wind op Zee-projecten artikel lid 1 Demonstratie Demonstratie Basis (over meerkosten t.o.v. van referentie, waarvan <50% van meerkosten aan derden) Noot bij de tabel; De ondersteuning voor onderzoek & ontwikkeling is op basis van het Europese O&O&I steunkader. Daarin hangen de subsidiabele kosten en het subsidie percentage af van de fase van het onderzoek bijvoorbeeld fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling. De ondersteuning voor demonstratie is op basis van een ander Europees steunkader, en kent een heel andere grondslag: de extra investeringskosten die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de voor subsidie in aanmerking komende maatregel (voor energiebesparing of duurzame energie). Punt 80 tot en met 84 van de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van het milieu (PbEU 2008, C 82), meestal het Milieusteunkader (MSK) genoemd. 4.4 Welke kosten zijn subsidiabel? Voor welke kosten kunt u subsidie krijgen bij fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling? Kosten die bij fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling in aanmerking komen, zijn; loonkosten, waarbij de volgende methodieken worden geaccepteerd: 1. Integrale kostensystematiek (Kijk voor de voorwaarden op 2. Loonkosten + 50% opslagsystematiek 3. Vast uurtarief van 60,00; kosten van aangeschafte machines en apparatuur; kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen; kosten van uitbesteding (kosten derden). Demonstratie De berekening van de subsidiabele kosten die behoren bij een demonstratieproject wijkt af van de berekening bij onderzoek en experimentele ontwikkeling. Bij een demonstratieproject krijgt u maximaal 40% subsidie over de meerkosten van een investering. En u kunt geen gebruik maken van de subsidiabele kosten van een demonstratieproject als u gedurende de looptijd van het project geen aantoonbare duurzaamheidsbijdrage realiseert. U kunt subsidie krijgen over de extra investeringskosten ten opzichte van de gangbare technologie. Dit zijn de investeringskosten van het project, minus de referentiekosten, extra opbrengsten en voordelen gedurende de eerste vijf jaar van de gebruiksduur. Als u geen BTW in aftrek kunt brengen, nemen we de kosten inclusief omzetbelasting in aanmerking. Versie 4 april / 18

15 De referentiekosten betreffen kosten voor een investering van een voor Nederland gangbaar systeem, apparaat of techniek die in technisch opzicht vergelijkbaar is met een in Nederland uit te voeren project maar waarmee niet hetzelfde niveau van milieubescherming kan worden bereikt als met het uit te voeren project. Investeringskosten zijn 5 : Kosten van verwerving of op andere titel dan verwerving in gebruik verkregen bedrijfsterreinen; Kosten van verwerving, huurkoop of lease van bedrijfsgebouwen en daartoe te rekenen centrale voorzieningen; Kosten van aangeschafte machines en apparatuur; Kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen; Kosten van onderhoud en inspectie, administratie en beheer, ontmanteling, onvoorziene reparaties, verplichte milieumonitoring en verzekeringen; Kosten van geleidelijk opstarten en in gebruik nemen van het project en daartoe te rekenen productiekosten; Kosten van tenaamstelling, verwerving en instandhouding van rechten van intellectuele eigendom; Aan derden verschuldigde kosten. 4.5 Adviezen en aandachtspunten Vanaf welk moment zijn kosten subsidiabel? De subsidiabele kosten die u maakt vanaf het moment van aanvraag van de subsidie, zijn subsidiabel als u een subsidietoezegging krijgt. (De kosten voor het schrijven van het voorstel zijn dus niet subsidiabel.) Wees wel voorzichtig hiermee. Als uit uw projectvoorstel met begroting blijkt dat u voorafgaand aan de toezegging van de subsidie reeds een aanzienlijk deel van het project heeft uitgevoerd, kan het oordeel zijn dat u de subsidie niet nodig hebt om het project te realiseren. Als u geen subsidie krijgt, zijn de gemaakte kosten voor eigen rekening Reken u niet rijk De subsidiepercentages voor fundamenteel, industrieel, experimenteel onderzoek en demonstratie zijn verschillend. Respectievelijk ten hoogste 100%, 50% (voor MKB 60%) en 25% (voor MKB 35%) en 40 % van de meerkosten (voor MKB 50%). Meer dan 100% is natuurlijk niet mogelijk. Als bedrijf is het zeer onwaarschijnlijk dat u fundamenteel onderzoek gaat doen. Dat is meestal het terrein van de kennisinstellingen. Bij een onjuiste interpretatie van het type onderzoek door de indiener, zal RVO een correctie aanbrengen. Uw eigen bijdrage aan de projectkosten gaat dan navenant omhoog. Het is daarom belangrijk u te verzekeren van een juiste interpretatie van die kosten. Tot uiterlijk 4 weken voor de sluitingsdatum van de tender kunt u uw aanvraag met begroting voorleggen aan RVO met het verzoek deze te controleren op een juiste interpretatie Cumulatie van subsidie Artikel van de regeling gaat over cumulatie van subsidie. Bij de wind-op-zee-projecten hoeven de onderstaande reeds verstrekte subsidies niet in mindering gebracht te worden; Subsidies op grond van het Zevende Kaderprogramma van de Europese Commissie (KP7); Subsidies op grond van Horizon het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie ( ). De overheid wil verschillende doelen nastreven, namelijk kostprijsreductie door innovatie (regeling Wind op Zee projecten) en exploitatie (SDE+), waarbij het niet bezwaarlijk is als beide doelen in één project samenkomen. De reden om cumulatie met subsidies uit KP7 toe te staan is dat het niet de bedoeling is goede projecten te belemmeren subsidie aan te vragen bij de Europese Commissie. het Horizon het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie ( ) In de praktijk betekent dit dat eventuele SDE+ inkomsten bij een project, bijvoorbeeld in geval van het testen van een prototype regeling op een turbine, niet met de subsidie uit de regeling Wind op Zee projecten verrekend hoeft te worden. Wel moeten deze inkomsten verrekend worden met de subsidiabele kosten en mag de maximaal toegestane steun volgende de Europese steunkaders niet overschreden worden. Neem contact op met RVO om te horen wat dat voor uw situatie betekent. Omdat WBSO niet mee telt als subsidie kan deze ook cumuleren met subsidie uit de regeling Wind op Zee projecten. 4.6 Als uw project subsidie krijgt toegekend Als uw project voor subsidie in aanmerking komt, ontvangt u hiervan schriftelijk bericht in de vorm van een beschikking. Hierin staat hoeveel subsidie u krijgt, welke voorwaarden er mogelijk nog gelden en aan welke bepalingen u moet voldoen. 5 Dit is een samenvatting van artikel 11-14a van het Kaderbesluit EZ subsidies. De regelingsteksten zoals gepubliceerd in de Staatscourant zijn echter leidend. Versie 4 april / 18

16 Het subsidiebedrag krijgt u in delen uitgekeerd. Aanvragers en deelnemers krijgen automatisch een voorschot binnen twee weken na aanvang van de activiteiten. Vervolgens krijgt u twee weken na de start van een nieuw kwartaal (14 januari, 14 april, 14 juli, 14 oktober) automatisch een voorschot. Het totaal van de voorschotten bedraagt maximaal negentig procent van de subsidie. De laatste tien procent van het subsidiebedrag wordt pas na afsluiting en bij vaststelling van het project uitbetaald. Indien het project vertraging oploopt heeft RVO het recht om de bevoorschotting op te schorten. Houd er rekening mee dat u aan een aantal verplichtingen moet voldoen als uw project subsidie krijgt. De belangrijkste zijn: U houdt een juiste projectadministratie bij, inclusief een sluitende urenadministratie; U voert het project uit volgens het projectplan en de bepalingen in de beschikking; Voor eventuele wijzigingen in de uitvoering van het project vraagt u vooraf schriftelijk toestemming aan RVO; U zorgt tot vijf jaar na de subsidievaststelling voor een verantwoord gebruik van de resultaten die uit het project voortkomen zoals deze in de subsidieaanvraag zijn beschreven. Bijvoorbeeld voor een adequate tenaamstelling en bescherming van de intellectuele eigendomsrechten als die uit het project voortkomen; U rapporteert na afloop van elk jaar schriftelijk over de voortgang van het project. Het model voor de voortgangsrapportage vindt u na subsidieverlening op Aan het eind van het project stuurt u RVO binnen dertien weken een verzoek om de subsidie vast te stellen en een eindverslag. Voor deelnemers die meer dan subsidie krijgen, verstrekt u ook een controleverklaring. Wat gebeurt er als uw aanvraag wordt afgewezen? Als uw subsidieverzoek wordt afgewezen, ontvangt u hiervan ook schriftelijk bericht in de vorm van een beschikking. U kunt telefonisch een nadere toelichting krijgen. Afhankelijk van de reden voor afwijzing, bekijken wij samen met u of er andere financiële ondersteuningsmogelijkheden zijn bij RVO. Houd er hierbij rekening mee dat al gemaakte kosten bij een eventuele tweede indiening niet voor ondersteuning in aanmerking komen. Versie 4 april / 18

17 5 Technology Readiness Levels Het TKI-WoZ is door het ministerie gevraag om te rapporteren op basis van Technology Readiness Levels (TRL s). Daarom vragen we u om in het projectplan aan te geven waar uw project zich bevindt op de TRL schaal. Een TRL is een maat voor de mate van volwassenheid van een technologische ontwikkeling. Er bestaan verschillende definities van de TRL s. Binnen het TKI-WoZ hanteren we onderstaande definities, welke zijn gebaseerd op de definities van het Department of Energy (USA). Er zijn negen TRL s gedefinieerd. Merk op de TRL s zijn gedefinieerd als mijlpalen (oftewel stage gates ). Een ontwikkeling heeft op enig moment een TRL gepasseerd, maar bevindt zich dus niet in een TRL. TRL1: Basis principes zijn geobserveerd en gerapporteerd TRL3: Kritische functie of karakteristiek is analytisch en experimenteel bewezen TRL5: Component of experimenteel model is gevalideerd in relevante omgeving TRL7: Prototype van het systeem is gedemonstreerd in een operationele omgeving TRL9: Daadwerkelijk systeem is bewezen door succesvol operationeel bedrijf TRL1 TRL2 TRL3 TRL4 TRL5 TRL6 TRL7 TRL8 TRL9 TRL2: Technologisch concept en/of toepassing is geformuleerd TRL4: Component of experimenteel model is gevalideerd in laboratorium omgeving TRL6: Systeem / subsysteem model of prototype is gedemonstreerd in een relevante omgeving TRL8: Daadwerkelijk systeem is compleet en gekwalificeerd door test en demonstratie TRL Definitie Omschrijving Informatie die het TRL onderbouwd 1 Basis principes zijn geobserveerd en gerapporteerd 2 Technologisch concept en/of toepassing is geformuleerd 3 Kritische functie of karakteristiek is analytisch en experimenteel bewezen Laagste niveau. Vertaling van wetenschappelijk onderzoek naar toegepast onderzoek en ontwikkeling (O&O) is begonnen. Voorbeelden omvatten studies op papier van de basiseigenschappen van een technologie. Het uitvinding proces heeft een aanvang genomen. Nadat basis principes geobserveerd zijn, zijn praktische toepassingen aangedragen. Praktische toepassingen zijn nog speculatief en bewijs of gedetailleerde analyse ter onderbouwing van de aannames kan nog ontbreken. Voorbeelden zijn beperkt tot analytische studies. Actieve O&O is opgestart. Analytische studies en laboratorium studies zijn uitgevoerd om de analytische voorspellingen van de fysica van aparte onderdelen van de technologie te valideren. Gepubliceerd onderzoek dat de principes identificeert die aan deze technologie ten grondslag liggen. Referenties naar wie, waar en wanneer Publicaties of andere referenties die de beoogde toepassing omlijnen en die een analyse geven die het concept onderbouwen. Resultaten van testen in een laboratorium die zijn uitgevoerd aan kritische subsystemen om interessante parameters te meten en te vergelijken met voorspellingen. Referenties naar wie, waar en wanneer deze testen en vergelijkingen zijn uitgevoerd. Versie 4 april / 18

18 TRL Definitie Omschrijving Informatie die het TRL onderbouwd 4 Component of experimenteel model is gevalideerd in laboratorium omgeving Basis componenten van de technologie zijn geïntegreerd om vast te stellen dat het samenstel werkt. Dit is relatief laagwaardig in vergelijking met het uiteindelijke systeem. Een voorbeeld is dat ad hoc samenstelling van hardware in een laboratorium is uitgevoerd. Daadwerkelijke conceptuele systemen die beschouwd zijn en resultaten van testen aan experimentele modellen op laboratoriumschaal. 5 Component of experimenteel model is gevalideerd in relevante omgeving 6 Systeem / subsysteem model of prototype is gedemonstreerd in een relevante omgeving 7 Prototype van het systeem is gedemonstreerd in een operationele omgeving 8 Daadwerkelijk systeem is compleet en gekwalificeerd door test en demonstratie 9 Daadwerkelijk systeem is bewezen door succesvol operationeel bedrijf Interpretatie en vertaling: Michiel Zaaijer Getrouwe weergave door experimenteel model is in belangrijke mate toegenomen. De basis componenten van de technologie zijn geïntegreerd met redelijk realistische ondersteunende elementen, zodat deze getest kunnen worden in een geënsceneerde omgeving. Een voorbeeld is dat integratie van componenten met een grote overeenkomst met het daadwerkelijke systeem is uitgevoerd in een laboratorium. Een representatief model of prototype van het systeem, dat veel verdergaand is dan in TRL 5, is getest in een relevante omgeving. Dit niveau is een belangrijke stijging van de gereedheid van een technologie door demonstratie. Een voorbeeld is dat testen aan een prototype zijn uitgevoerd in een getrouwe omgeving in een laboratorium of in een geënsceneerde operationele omgeving. Het prototype benadert of evenaart het geplande operationele systeem. Dit niveau vertegenwoordigd een grote voortgang na niveau 6, doordat het een demonstratie vereist van het prototype van het daadwerkelijke systeem in een operationele omgeving. Het is aangetoond dat de technologie werkt in zijn uiteindelijke uitvoering en onder de verwachte omstandigheden. In vrijwel alle gevallen markeert dit niveau het einde van de ontwikkeling van het systeem. De technologie wordt in zijn uiteindelijke uitvoering en onder daadwerkelijke operationele condities toegepast. Resultaten van testen van een experimenteel systeem dat is geïntegreerd met ondersteunende elementen in een geënsceneerde omgeving. Aangegeven is hoe de relevante omgeving afwijkt van de operationele omgeving, hoe de testresultaten zich verhouden tot de verwachtingen, welke problemen zich eventueel hebben voorgedaan en of het experimentele systeem verfijnd is om de beoogde doelen van het systeem dichter te benaderen. Resultaten van testen in een laboratorium aan een prototype dat de daadwerkelijke configuratie benadert voor wat betreft prestatie, gewicht en omvang. Aangegeven is hoe de testomgeving afwijkt van de operationele omgeving, wie de testen heeft uitgevoerd, hoe de testresultaten zich verhouden tot de verwachtingen, welke problemen zich eventueel hebben voorgedaan, wat de plannen, opties of acties zijn om de problemen op te lossen voordat het volgende niveau bereikt kan worden. Resultaten van testen van het prototype van het systeem in een operationele omgeving. Aangegeven is wie de testen heeft uitgevoerd, hoe de testresultaten zich verhouden tot de verwachtingen, welke problemen zich eventueel hebben voorgedaan, wat de plannen, opties of acties zijn om de problemen op te lossen voordat het volgende niveau bereikt kan worden Resultaten van testen van het systeem in zijn uiteindelijke configuratie en onder de verwachte reikwijdte van omgevingsconditie waarin het wordt geacht te worden bedreven. Aangegeven is welke problemen zich eventueel hebben voorgedaan, wat de plannen, opties of acties zijn om de problemen op te lossen voordat het ontwerp definitief is. Rapportages van operationele testen en evaluatie. Versie 4 april / 18

Handleiding Wind op Zee projecten 2013

Handleiding Wind op Zee projecten 2013 Topconsortium voor Kennis en Innovatie Wind op Zee (TKI-WoZ) Versie 21 mei 2013 Versiebeheer: 2 mei 2013 - eerste publicatie; 14 mei 2013 - correctie nummering voetnoot (pag. 7); 21 mei 2013 - toevoeging

Nadere informatie

Handleiding Wind op Zee projecten 2013

Handleiding Wind op Zee projecten 2013 Topconsortium voor Kennis en Innovatie Wind op Zee (TKI-WoZ) Versie 2 mei 2013 Begrippenlijst (alfabetisch) Deelnemer (mede-aanvrager): een natuurlijke persoon of rechtspersoon neemt deel aan het samenwerkingsverband

Nadere informatie

Bob Meijer Lancering TKI Wind op Zee Tenders 2015 30 januari 2015

Bob Meijer Lancering TKI Wind op Zee Tenders 2015 30 januari 2015 Bob Meijer Lancering TKI Wind op Zee Tenders 2015 30 januari 2015 2015 First come, first served Januari 2015 Subsidieregelingen TKI Wind op Zee 2015 onder voorbehoud de officiële regeling is leidend 2

Nadere informatie

Mkb Innovatiestimulering Topsectoren (TKI mkb-versterking en Mkb innovatiestimulering Topsectoren) - Subsidieregeling sterktes in innovatie

Mkb Innovatiestimulering Topsectoren (TKI mkb-versterking en Mkb innovatiestimulering Topsectoren) - Subsidieregeling sterktes in innovatie Mkb Innovatiestimulering Topsectoren (TKI mkb-versterking en Mkb innovatiestimulering Topsectoren) - Subsidieregeling sterktes in innovatie Doel van het onderdeel Mkb Innovatiestimulering Topsectoren (MIT)

Nadere informatie

Subsidieregeling Technologische Milieu Innovatie Noord-Holland 2014

Subsidieregeling Technologische Milieu Innovatie Noord-Holland 2014 Subsidieregeling Technologische Milieu Innovatie Noord-Holland 2014 Besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 21 januari 2014, nr. 252216/252217, tot vaststelling van de Uitvoeringsregeling

Nadere informatie

InnovatieContract Wind op Zee. Het Contract De Green Deal Tender invulling Matchmaking. Almere, 24 Mei 2012 Ernst van Zuijlen TKI WIND OP ZEE

InnovatieContract Wind op Zee. Het Contract De Green Deal Tender invulling Matchmaking. Almere, 24 Mei 2012 Ernst van Zuijlen TKI WIND OP ZEE 1 InnovatieContract Wind op Zee Het Contract De Green Deal Tender invulling Matchmaking Almere, 24 Mei 2012 Ernst van Zuijlen 1 VISIE EN AMBITIE Ambitie van het InnovatieContract is een daling van 40%

Nadere informatie

Life Sciences & Health TKI 2015

Life Sciences & Health TKI 2015 Life Sciences & Health TKI 2015 TKI LSH Match regeling voor publiek-private samenwerking Oproep tot het indienen van aanvragen voor de TKI- regeling voor de Topsector Life Sciences & Health 1. Regeling

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 17949 30 juni 2014 Regeling van de Minister van Economische Zaken van 24 juni 2014, nr. WJZ / 14104796, tot wijziging

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 65 65 33april 2009 Regeling van de Minister van Economische Zaken van 25 maart 2009, nr. WJZ / 9057818, tot wijziging

Nadere informatie

Bijzondere Subsidieverordening Duurzaamheid- én Innovatiefonds Haven Amsterdam (DIHA)

Bijzondere Subsidieverordening Duurzaamheid- én Innovatiefonds Haven Amsterdam (DIHA) Bijzondere Subsidieverordening Duurzaamheid- én Innovatiefonds Haven Amsterdam (DIHA) 1. Algemene bepalingen Artikel 1 1. Voor de toepassing van de Bijzondere Subsidieverordening Duurzaamheid- én Innovatiefonds

Nadere informatie

MIT-regeling. MKB Innovatiestimulering Topsectoren. 22 maart 2013. Rolinde Oosterheert

MIT-regeling. MKB Innovatiestimulering Topsectoren. 22 maart 2013. Rolinde Oosterheert MIT-regeling MKB Innovatiestimulering Topsectoren 22 maart 2013 Rolinde Oosterheert Feiten en getallen Subsidie aangekondigd april 2012: meerjarige regeling! Budget 2013: 22 M! Per topsector 2,0 M Uitzonderingen:

Nadere informatie

Tenders Flexibele subsidies 2015: Nieuwe Vrijwilligersorganisaties

Tenders Flexibele subsidies 2015: Nieuwe Vrijwilligersorganisaties Tenders Flexibele subsidies 2015: Tender 4 Flexibele subsidies 2015 - Tender 4 U bent een nieuwe stichting of vereniging die (nog) geen beroep gedaan heeft op, of nog niet in aanmerking kan komen voor,

Nadere informatie

Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en

Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en Beleidsregel MKB-Regeling Het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland zijnde Management Autoriteit Noord-Nederland; gelet op de Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement

Nadere informatie

Gelet op het artikel 90, tweede en derde lid van de Wet raadgevend referendum;

Gelet op het artikel 90, tweede en derde lid van de Wet raadgevend referendum; Subsidieregeling raadgevend referendum Regeling van de Referendumcommissie van 12 november 2015, houdende nadere regels over de verstrekking van subsidies voor activiteiten die tot doel hebben het publieke

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2012/12

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2012/12 PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2012/12 GEWIJZIGDE NADERE SUBSIDIEREGELS LIMBURGSE ZONNEPANELEN Officiële naam regeling: Nadere Subsidieregels Limburgse Zonnepanelen Citeertitel: Nadere Subsidieregels Limburgse

Nadere informatie

Aanvraagformulier Verordening Transitie II en Pieken (VO) Tender 2013

Aanvraagformulier Verordening Transitie II en Pieken (VO) Tender 2013 Aanvraagformulier Tender 2013 Aanvraagformulier Verordening Transitie II en Pieken (VO) Tender 2013 Contact? Informatie kunt u vinden op onze website www.snn.eu/tender2013. Uiteraard kunt u ook telefonisch

Nadere informatie

Provinciaal blad. Haarlem, 23 juni 2008. Provinciale Staten van Noord-Holland. Provinciale Staten van Noord-Holland; H.C.J.L. Borghouts, voorzitter.

Provinciaal blad. Haarlem, 23 juni 2008. Provinciale Staten van Noord-Holland. Provinciale Staten van Noord-Holland; H.C.J.L. Borghouts, voorzitter. Provinciaal blad 2008 Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord- Holland van 24 juni 2008, nr. 2008-37944 tot bekendmaking van de deelverordening klimaat Noord-Holland 2008. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland;

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/85

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/85 PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/85 Officiële naam regeling: Nadere subsidieregels Limburgse Zonnepanelen 2011 Citeertitel: Nadere subsidieregels Limburgse Zonnepanelen 2011 Naam ingetrokken regeling:

Nadere informatie

SUBSIDIEREGELING THE HAGUE SECURITY DELTA (HSD) STIMULERINGSFONDS DEN HAAG 2014

SUBSIDIEREGELING THE HAGUE SECURITY DELTA (HSD) STIMULERINGSFONDS DEN HAAG 2014 Gemeente Den Haag Ons kenmerk DSO/2014.542 RIS 274416 SUBSIDIEREGELING THE HAGUE SECURITY DELTA (HSD) STIMULERINGSFONDS DEN HAAG 2014 HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS, Besluit: I. Vast te stellen

Nadere informatie

Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014

Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014 Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014 Als bijlage bij de subsidieaanvraag moet u een projectplan bijvoegen. Dit projectplan dient een beschrijving te geven

Nadere informatie

Subsidies. Energiebesparing Industrie TKI ISPT 2014. Maurits Clement maurits.clement@rvo.nl

Subsidies. Energiebesparing Industrie TKI ISPT 2014. Maurits Clement maurits.clement@rvo.nl Subsidies Energiebesparing Industrie TKI ISPT 2014 Maurits Clement maurits.clement@rvo.nl Overzicht regelingen Industrie Joint Industry Projects (JIP) - 5.200.000 Eur Early Adopter projects (EAP) - 500.000

Nadere informatie

Handleiding. voor Nederlandse deelnemers in Eurostars-projecten

Handleiding. voor Nederlandse deelnemers in Eurostars-projecten Handleiding voor Nederlandse deelnemers in Eurostars-projecten 2 Inhoud 1 Eurostars 7 2 Een projectvoorstel indienen bij Eureka in Brussel 9 2.1 Aan welke voorwaarden moet ik voldoen? 9 2.2 Waar en wanneer

Nadere informatie

Subsidieregeling Energie en Innovatie. EOS-LT: nieuw energieonderzoek

Subsidieregeling Energie en Innovatie. EOS-LT: nieuw energieonderzoek Subsidieregeling Energie en Innovatie EOS-LT: nieuw energieonderzoek Inhoud 1. De subsidieregeling EOS-LT: nieuw energieonderzoek 1.1 Welke projecten komen in aanmerking? 1.2 Fundamenteel of industrieel

Nadere informatie

Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten

Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten Maart 2014 TKI Biobased Economy TKI EnerGO TKI Gas TKI ISPT TKI Solar Energy TKI Wind op Zee Programma STEM Inhoudsopgave 1. Introductie Topsectoren

Nadere informatie

Fysieke investeringen in innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen

Fysieke investeringen in innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen Let op: Deze PDF-versie van het aanvraagformulier geeft u inzicht in de gevraagde gegevens. U wordt verzocht voor de definitieve versie van uw aanvraag het online-formulier te gebruiken dat vanaf 1 februari

Nadere informatie

Verordening van 30 oktober 2012 tot wijziging van de Uitvoeringsregeling projectsubsidies economie, recreatie en toerisme.

Verordening van 30 oktober 2012 tot wijziging van de Uitvoeringsregeling projectsubsidies economie, recreatie en toerisme. Uitgegeven: 2 november 2012 2012, nr. 46 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLÂN Verordening van 30 oktober 2012 tot wijziging van de Uitvoeringsregeling projectsubsidies economie, recreatie en toerisme. Gedeputeerde

Nadere informatie

Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland

Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland Het college van burgemeester en wethouders van Velsen, Overwegende dat het gewenst is activiteiten te stimuleren op het gebied van energiebesparing; gelet

Nadere informatie

Veelgestelde vragen subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Holland

Veelgestelde vragen subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Holland Veelgestelde vragen subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Holland Projectaanvraag 1. Hoe kan ik mijn aanvraag indienen? Aanvragen kunnen via het e-formulier van de provincie Zuid-Holland

Nadere informatie

Voorlichtingsbijeenkomst OP EFRO Tender Valorisatie 2015. Joep Hoveling

Voorlichtingsbijeenkomst OP EFRO Tender Valorisatie 2015. Joep Hoveling Voorlichtingsbijeenkomst OP EFRO Tender Valorisatie 2015 Joep Hoveling Inhoud presentatie OP EFRO Noord-Nederland 2014-2020 Budget en doel van de Tender Valorisatie 2015 Subsidiebedragen en percentages

Nadere informatie

Uitvoering projecten LEADER-Achterhoek

Uitvoering projecten LEADER-Achterhoek Let op: Deze PDF-versie van het aanvraagformulier geeft u inzicht in de gevraagde gegevens. U wordt verzocht voor de definitieve versie van uw aanvraag het online-formulier te gebruiken dat vanaf 1 juni

Nadere informatie

DHK: subsidieregeling voor Demonstratieprojecten, Haalbaarheidsstudies en Kennisverwerving

DHK: subsidieregeling voor Demonstratieprojecten, Haalbaarheidsstudies en Kennisverwerving Subsidieregeling DHK: ondersteunt MKB ondernemingen bij export en internationalisering in 3 soorten landen De DHK-regeling staat open voor 88 landen. Afhankelijk van het land en het beschikbare budget

Nadere informatie

Beschrijving aanvraagprocedure/aanvraagformulier

Beschrijving aanvraagprocedure/aanvraagformulier Beschrijving aanvraagprocedure/aanvraagformulier Voor de behandeling van subsidieaanvragen voor projecten en activiteiten, werken wij met een vaste procedure. U kunt subsidie voor een bepaald project of

Nadere informatie

Van: Jolanda Braam (braam@tifn.nl) Kees de Gooijer (kees.degooijer@wur.nl) Voor: Projectdragers Datum: 19-12-2013

Van: Jolanda Braam (braam@tifn.nl) Kees de Gooijer (kees.degooijer@wur.nl) Voor: Projectdragers Datum: 19-12-2013 TKI toeslagregeling 2014 Van: Jolanda Braam (braam@tifn.nl) Kees de Gooijer (kees.degooijer@wur.nl) Voor: Projectdragers Datum: 19-12-2013 Zie voor meer informatie de publicatie in de Staatscourant (WJZ/13135860),

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Deelregeling Jij maakt het mee Fonds voor Cultuurparticipatie 2013 2016

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Deelregeling Jij maakt het mee Fonds voor Cultuurparticipatie 2013 2016 STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 29620 21 oktober 2013 Deelregeling Jij maakt het mee Fonds voor Cultuurparticipatie 2013 2016 10 oktober 2013 Het bestuur

Nadere informatie

Subsidie voor de verplaatsing van glastuinbouwbedrijven gericht op de verbetering van de landbouwinfrastructuur

Subsidie voor de verplaatsing van glastuinbouwbedrijven gericht op de verbetering van de landbouwinfrastructuur Let op: Deze PDF-versie van het aanvraagformulier geeft u inzicht in de gevraagde gegevens. U wordt verzocht voor de definitieve versie van uw aanvraag het online-formulier te gebruiken dat vanaf 1 februari

Nadere informatie

REGLEMENT PRO SUBSIDIES

REGLEMENT PRO SUBSIDIES REGLEMENT PRO SUBSIDIES DEFINITIES Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: Stichting: Stroom: Bestuur: Directie: Commissie: de Stichting Stroom Den Haag beeldende kunst t/m architectuur de Stichting

Nadere informatie

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Aanvraagformulier Subsidieregeling Wurkje foar Fryslân Formulier retoursturen naar: Contactpersonen: Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslân t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Margreet

Nadere informatie

Gemeente Zoeterwoude. Wetstechnische informatie. Officiële naam regeling Subsidieverordening Duurzame Agrarische Bedrijven Zoeterwoude 2013-2015

Gemeente Zoeterwoude. Wetstechnische informatie. Officiële naam regeling Subsidieverordening Duurzame Agrarische Bedrijven Zoeterwoude 2013-2015 Gemeente Zoeterwoude Wetstechnische informatie Overheidsorganisatie Gemeente Zoeterwoude Officiële naam regeling Subsidieverordening Duurzame Agrarische Bedrijven Zoeterwoude 2013-2015 Vastgesteld door

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN

PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Uitgegeven: 29 januari 2009 2009 no. 13 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Besluit van Provinciale Staten van Fryslân van 17 december 2008 tot vaststelling van de regeling Human Resource Management Plus 2009

Nadere informatie

Nadere subsidieregels ter bevordering van de economie en concurrentiekracht 2013 e.v. - provincie Limburg -

Nadere subsidieregels ter bevordering van de economie en concurrentiekracht 2013 e.v. - provincie Limburg - Nadere subsidieregels ter bevordering van de economie en concurrentiekracht 2013 e.v. - provincie Limburg - Het doel van de Nadere subsidieregels ter bevordering van de economie en concurrentiekracht 2013

Nadere informatie

Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland

Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland 10 februari 2014 BIVO/2014/30040 *Z0107302622* R E G E L I N G S U B S I D I E D U U R Z A A M W O N E N I N K E N N E M E R L A N D Inhoudsopgave Hoofdstuk

Nadere informatie

Uitgegeven: 13 mei 2009

Uitgegeven: 13 mei 2009 Uitgegeven: 13 mei 2009 2009 no. 39 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Regeling van 12 mei 2009 tot wijziging van de Uitvoeringsregeling projectsubsidies economie, recreatie en toerisme, houdende regels betreffende

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 4 september 2012;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 4 september 2012; Download subsidieverordening De Raad van de gemeente Hoorn; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 4 september 2012; besluit: De volgende verordening Verordening subsidiëring

Nadere informatie

Subsidieregeling krediet muizenschade Fryslân

Subsidieregeling krediet muizenschade Fryslân Subsidieregeling krediet muizenschade Fryslân Gedeputeerde Staten van Fryslân, gelet op artikel 26 van Verordening (EU) nr. 702/2014 van de Commissie van 25 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun

Nadere informatie

Proeftuinen Intelligente Netten. >> Als het gaat om energie en klimaat

Proeftuinen Intelligente Netten. >> Als het gaat om energie en klimaat Proeftuinen Intelligente Netten >> Als het gaat om energie en klimaat Inhoudsopgave Introductie 3 Subsidieregeling Proeftuinen intelligente netten 4 Voorwaarden en beoordelingscriteria 5 Beoordelingscriteria

Nadere informatie

_ eir u.._ kaaer van cut samenwerkingsverband op als penvoerder. Ministerie van Economische Zaken

_ eir u.._ kaaer van cut samenwerkingsverband op als penvoerder. Ministerie van Economische Zaken \We rt..x67-fn Ministerie van Economische Zaken > Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag Directoraat-generaal Natuur & Regio Directie Natuur en. Blodiversiteit Bezoekadres Bezuldenhoutseweg 73 2594

Nadere informatie

AANVRAAGFORMULIER Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland

AANVRAAGFORMULIER Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland AANVRAAGFORMULIER Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland AANVRAAGFORMULIER: R&D samenwerkingsproject Aanvraagformulier voor subsidieaanvragen voor projecten gericht op het

Nadere informatie

Reglement Subsidie Grensoverschrijdende Cluster Stimulering (GCS)

Reglement Subsidie Grensoverschrijdende Cluster Stimulering (GCS) versie 9 mei 2012 Reglement Subsidie Grensoverschrijdende Cluster Stimulering (GCS) 1 1. ALGEMENE BEPALINGEN Deze Reglement maakt onderdeel uit van het Interreg IV-A project Grensoverschrijdende Cluster

Nadere informatie

Regeling van tot wijziging van de Subsidieregeling Kultuer en Mienskip Fryslân.

Regeling van <datum GS> tot wijziging van de Subsidieregeling Kultuer en Mienskip Fryslân. Regeling van tot wijziging van de Subsidieregeling Kultuer en Mienskip Fryslân. Gedeputeerde Staten van Fryslân, gelet op de Algemene Subsidieverordening provincie Fryslân 2013, besluiten: vast

Nadere informatie

Beleidsregel Operationeel Programma EFRO 2014-2020 Oost-Nederland

Beleidsregel Operationeel Programma EFRO 2014-2020 Oost-Nederland Beleidsregel Operationeel Programma EFRO 2014-2020 Oost-Nederland (Geconsolideerde versie van de reeds op 3 februari 2015 vastgestelde beleidsregel en de op 21 april 2015 vastgestelde wijziging van deze

Nadere informatie

Nadere regels initiatievenbudget Samen werken aan duurzame energie Almere 2015-2017

Nadere regels initiatievenbudget Samen werken aan duurzame energie Almere 2015-2017 Nadere regels initiatievenbudget Samen werken aan duurzame energie Almere 2015-2017 Het college van burgemeester en wethouders van Almere, Gelet op artikel 2, eerste lid aanhef en onder h en artikel 3

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 7154 12 maart 2014 Regeling van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 5 maart 2014, nr. DT&V/beleid/2013/UIT-1108,

Nadere informatie

Interestsubsidieregeling energiebesparing bestaande bouw particulieren Drenthe 2013-2015

Interestsubsidieregeling energiebesparing bestaande bouw particulieren Drenthe 2013-2015 Interestsubsidieregeling energiebesparing bestaande bouw particulieren Drenthe 2013-2015 (geconsolideerde versie, geldend vanaf 31-5-2013) Gegevens van de regeling Overheidsorganisati e Officiële naam

Nadere informatie

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Aanvraagformulier Subsidieregeling Wurkje foar Fryslân Formulier retoursturen naar: Contactpersonen: Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslân t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Esther

Nadere informatie

Hoofdstuk 2 - Bepalingen Subsidieregeling zonnepanelen voor Haagse daken 2014

Hoofdstuk 2 - Bepalingen Subsidieregeling zonnepanelen voor Haagse daken 2014 Subsidieregeling zonnepanelen voor Haagse daken 2014 Zakelijk Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Doel van de regeling Doelstelling van deze subsidieregeling is om het gebruik van zonnepanelen te

Nadere informatie

Internetpanel Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Resultaten peiling 29: Topsector Energie December 2014

Internetpanel Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Resultaten peiling 29: Topsector Energie December 2014 Internetpanel Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Resultaten peiling 29: Topsector Energie December 2014 1. Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten van de peiling over subsidieregelingen

Nadere informatie

Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998. Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene bepalingen

Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998. Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene bepalingen Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998 Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene bepalingen Artikel 1 1. In deze verordening wordt verstaan onder provinciebestuur: het bevoegde orgaan van

Nadere informatie

Handleiding Projectadministratie

Handleiding Projectadministratie Handleiding Projectadministratie Subsidieregeling kinderopvang (thema b) Aanvraagtijdvak 2009 1 Handleiding Projectadministratie Subsidieregeling kinderopvang (thema b) Aanvraagtijdvak 2009 Inhoudsopgave

Nadere informatie

(Concept 9 januari 2015)

(Concept 9 januari 2015) Regeling van de Minister van Economische Zaken van.januari 2015, nr. WJZ.., houdende wijziging van de Regeling nationale EZ-subsidies, de Regeling openstelling EZ-subsidies 2014 en de Regeling openstelling

Nadere informatie

College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel

College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel PS2008WMC16-1 - College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel Datum : 15 april 2008 Nummer PS : PS2008WMC16 Afdeling : MOW Commissie : WMC Registratienummer : 2008INT216622 Portefeuillehouder : De Wilde

Nadere informatie

Algemene Subsidieregeling 2008

Algemene Subsidieregeling 2008 Algemene Subsidieregeling 2008 Paragraaf 1 Inleidende bepalingen Artikel 1.1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. gemeentebestuur: het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van besluiten betreffende

Nadere informatie

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Provincie Fryslân, Afdeling Subsidiezaken Tweebaksmarkt 52, 8911 KZ LEEUWARDEN

t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Provincie Fryslân, Afdeling Subsidiezaken Tweebaksmarkt 52, 8911 KZ LEEUWARDEN Aanvraagformulier Subsidieregeling Wurkje foar Fryslân Formulier retoursturen naar: Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslân t.a.v. Subsidiezaken Postbus 20120 8900 HM LEEUWARDEN Contactpersoon inhoudelijk:

Nadere informatie

gemeente Eindhoven Raadsvoorstel Wijziging Subsidieverordening Gemeente Eindhoven 2002 inzake gesubsidieerde arbeid (flexvergoeding en opstapbaan)

gemeente Eindhoven Raadsvoorstel Wijziging Subsidieverordening Gemeente Eindhoven 2002 inzake gesubsidieerde arbeid (flexvergoeding en opstapbaan) gemeente Eindhoven gemeente Eindhoven Raadsnummer Inboeknummer Beslisdatum B&W Dossiernummer Raadsvoorstel Wijziging Subsidieverordening Gemeente Eindhoven 2002 inzake gesubsidieerde arbeid (flexvergoeding

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 20939 15 juli 2015 Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 14 juli 2015, nr. 2015-0000164789,

Nadere informatie

Vaststellingsfase. Voorlichtingsbijeenkomst Subsidieontvangers - Deelsessie B

Vaststellingsfase. Voorlichtingsbijeenkomst Subsidieontvangers - Deelsessie B Vaststellingsfase Voorlichtingsbijeenkomst Subsidieontvangers - Deelsessie B Wat wordt van u verwacht in de eindfase? Presentatie: Peter ten Kate & Niels Abbing Inhoud deelsessie B 1. Indienen eindafrekening

Nadere informatie

Subsidieregeling Energiezuinige Woning Zaanstad 2014

Subsidieregeling Energiezuinige Woning Zaanstad 2014 GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Zaanstad. Nr. 43867 5 augustus 2014 Subsidieregeling Energiezuinige Woning Zaanstad 2014 Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente

Nadere informatie

INTERESTSUBSIDIEREGELING ENERGIEBESPARING BESTAANDE BOUW PARTICULIEREN 2013-2015

INTERESTSUBSIDIEREGELING ENERGIEBESPARING BESTAANDE BOUW PARTICULIEREN 2013-2015 INTERESTSUBSIDIEREGELING ENERGIEBESPARING BESTAANDE BOUW PARTICULIEREN 2013-2015 SUBSIDIEVERSTREKKING ARTIKEL 1 BEGRIPSBEPALINGEN In deze regeling wordt verstaan onder: a. ASV: de Algemene subsidieverordening

Nadere informatie

Regeling Gamefonds. Artikel 1. Definities In deze regeling wordt verstaan onder:

Regeling Gamefonds. Artikel 1. Definities In deze regeling wordt verstaan onder: Regeling Gamefonds Regeling van de Besturen van de Stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en van de Stichting Stimuleringsfonds Nederlandse Culturele Mediaproducties houdende voorschriften over

Nadere informatie

Subsidieaanvraagformulier

Subsidieaanvraagformulier Dit is een concept subsidieaanvraagformulier om u in staat te stellen het aanvraagformulier van te voren te bekijken. Uw definitieve subsidieaanvraag dient u digitaal in via www.gelderland.nl/sum Projecttitel:

Nadere informatie

STW-gebruikerscommissie

STW-gebruikerscommissie STW-gebruikerscommissie Versie: november 2013 Pagina 1 / 10 Inhoud Inhoud... 1 Inleiding... 2 Definities... 3 02. Toepasselijkheid... 3 03. Taak... 4 04. Uitvoering project... 4 05. Samenstelling... 4

Nadere informatie

: provinciale bijdrage voor het project Closing the Loops

: provinciale bijdrage voor het project Closing the Loops Het consortium Closing the Loops p/a Omrin de heer J.W.G. Vernooij Postbus 1622 8901 BX Leeuwarden Leeuwarden, 10 juni 2014 Verzonden, Ons kenmerk : Docbasenummer Programma : Wurkje foar Fryslân Behandeld

Nadere informatie

Gelezen het voorstel van gedeputeerde staten van 12 februari 2008, nr. 2008int217572

Gelezen het voorstel van gedeputeerde staten van 12 februari 2008, nr. 2008int217572 PS2008WMC06 bijlage2 Verordening van Provinciale Staten van Utrecht van 31 maart 2008, 2008int217674 tot subsidiëring van kleinschalige woonvormen voor mensen met dementie (Subsidieverordening kleinschalig

Nadere informatie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE) Voorschotformulier

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE) Voorschotformulier Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE) Voorschotformulier Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij: SenterNovem Postbus 10073 8000 GB Zwolle Telefoon 038 455 34 50 Bezoekadres

Nadere informatie

Collectieve acties in de visketen

Collectieve acties in de visketen Collectieve acties in de visketen Periode 200 U wilt een project uitvoeren dat de samenwerkingsvormen in de visketen bevordert? Of een project dat praktijknetwerken versterkt die samenwerking en innovatie

Nadere informatie

Inhoud presentatie Cohesiebeleid 2014-2020 Situatie 2007-2013 Uitdaging 2014-2020 EU2020

Inhoud presentatie Cohesiebeleid 2014-2020 Situatie 2007-2013 Uitdaging 2014-2020 EU2020 OP EFRO OOST-NEDERLAND 2014-2020PRESENTATIE KENNISPARK, 23 APRIL 2014 JOLANDA VROLIJK, PROGRAMMAMANAGER EFRO OP EFRO Oost-Nederland 2014-2020 Inhoud presentatie 1. Inleiding Europese Fondsen: cohesie beleid

Nadere informatie

Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011; Uitvoeringsregeling subsidie oprichting kredietunie MKB Noord-Holland 2015

Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011; Uitvoeringsregeling subsidie oprichting kredietunie MKB Noord-Holland 2015 Besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 27 januari 2015, nr. 530613-530615, tot vaststelling van de Uitvoeringsregeling subsidie oprichting kredietunie MKB Noord-Holland 2015 Gedeputeerde

Nadere informatie

Subsidie vrijwillige inzet en informele zorg gemeente Ermelo 2016.

Subsidie vrijwillige inzet en informele zorg gemeente Ermelo 2016. GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Ermelo. Nr. 30596 16 maart 2016 Subsidie vrijwillige inzet en informele zorg gemeente Ermelo 2016 Burgemeester en wethouders van de gemeente Ermelo; overwegende

Nadere informatie

Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; Besluiten vast te stellen

Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; Besluiten vast te stellen Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 13 november 2012, nr. 80148/80148, tot vaststelling van de Uitvoeringsregeling subsidie clusters in de metropoolregio Amsterdam Noord- Holland 2012.

Nadere informatie

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ sformulier voor de projectvoorstellen. sformulier projectvoorstellen KFZ Callronde: Versie 14-02-13 Instelling: Naam project: 1) Algemeen Het beoordelingsformulier wordt gebruikt om de projectvoorstellen

Nadere informatie

Pieken in Oost-Nederland. Brochure voor subsidieaanvragers 2010

Pieken in Oost-Nederland. Brochure voor subsidieaanvragers 2010 Pieken in Oost-Nederland Brochure voor subsidieaanvragers 2010 1 Pieken in de Delta In het voorjaar en najaar van 2010 worden de Pieken in de Delta subsidietenders voor Oost-Nederland geopend. Met Pieken

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 17118 22 juni 2015 Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 19 juni 2015, nr. IENM/BSK-2015/114933,

Nadere informatie

Gegevens medeaanvragers en machtiging aan penvoerder Fryslân Fernijt IV Tweede tender 2014

Gegevens medeaanvragers en machtiging aan penvoerder Fryslân Fernijt IV Tweede tender 2014 Machtigingsformulier Fryslân Fernijt IV Tweede Tender 2014 Gegevens medeaanvragers en machtiging aan penvoerder Fryslân Fernijt IV Tweede tender 2014 Dit formulier is bedoeld voor de partners in een samenwerkingsverband

Nadere informatie

Uitgegeven: 12 februari 2010. 2010, no. 11 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN

Uitgegeven: 12 februari 2010. 2010, no. 11 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Uitgegeven: 12 februari 2010 2010, no. 11 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Verordening van 10 februari 2010, houdende regels betreffende de subsidiëring van activiteiten op het terrein van verbetering van

Nadere informatie

SUBSIDIEREGELING INNOVATIEVE ENERGIEPROJECTEN BESTAANDE BOUW WONINGCORPORATIES 2012

SUBSIDIEREGELING INNOVATIEVE ENERGIEPROJECTEN BESTAANDE BOUW WONINGCORPORATIES 2012 SUBSIDIEREGELING INNOVATIEVE ENERGIEPROJECTEN BESTAANDE BOUW WONINGCORPORATIES 2012 SUBSIDIEVERSTREKKING Artikel 1, Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. voorwaarden: de voorwaarden

Nadere informatie

B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016

B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016 B.. Budget restauratie rijksmonumenten provincie Groningen 2013-2016 2016 Artikel 1 Algemeen De provincie Groningen heeft een budget beschikbaar voor restauratie en herbestemming van rijksmonumenten in

Nadere informatie

B1 Het operationele programma slechts gedeeltelijk uit te voeren

B1 Het operationele programma slechts gedeeltelijk uit te voeren A. Wijzigingen in het operationele programma ( strategisch plan) voor de volgende jaren: In artikel 66 van Verordening (EG) nr. 1580/2007 wordt de mogelijkheid geboden om wijzigingen aan te brengen in

Nadere informatie

MIT2015 MKB Innovatiestimulering Topsectoren 2015

MIT2015 MKB Innovatiestimulering Topsectoren 2015 Beknopte toelichting MIT2015 MKB Innovatiestimulering Topsectoren 2015 Voorbehoud: dit betreft beknopte toelichting MIT2015 officiële tekst in De Staatscourant is leidend 15-4-2015 I 1 Afspraken MKB samenwerkingsagenda

Nadere informatie

Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten Juni 2014

Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten Juni 2014 Handleiding bij de subsidieregeling Topsector energieprojecten Juni 2014 Demonstratieprojecten energie-innovatie TKI Biobased Economy TKI EnerGO TKI Gas TKI ISPT TKI Solar Energy TKI Switch2SmartGrids

Nadere informatie

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard!

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! > www.vrom.nl Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender Waddenfonds 8 september tot en met 17 oktober 2008 Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender

Nadere informatie

Provinciaal blad van Noord-Brabant

Provinciaal blad van Noord-Brabant Provinciaal blad van Noord-Brabant ISSN: 0920-1408 Onderwerp Subsidieregeling leefbaarheid@brabant Noord-Brabant Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/78

PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/78 PROVINCIAAL BLAD VAN LIMBURG 2010/78 Officiële naam regeling: Nadere subsidieregels bevordering buurtalen (Duits en Frans) in basisonderwijs en VMBO in Limburg (gewijzigd) Citeertitel: zie officiële naam

Nadere informatie

Subsidieregeling Energiebesparing in de Sociale Huursector, nr. 2006wem004996i.

Subsidieregeling Energiebesparing in de Sociale Huursector, nr. 2006wem004996i. Subsidieregeling Energiebesparing in de Sociale Huursector, nr. 2006wem004996i. Toelichting Inleiding Provinciale staten van Utrecht hebben besloten om 750.000,- in te zetten voor de reductie van CO 2

Nadere informatie

Provinciaal blad van Zuid-Holland

Provinciaal blad van Zuid-Holland Provinciaal blad 32 Uitgegeven 13 juni 2008 Provinciaal blad van Zuid-Holland 32 BELEIDSREGEL SUBSIDIËRING CLUSTER- PROJECTEN ZUID-HOLLAND 2008 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, Gelet op artikel 4:81

Nadere informatie

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag.

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag. Algemene wet bestuursrecht Titel 4.1. Beschikkingen Afdeling 4.1.1. De aanvraag Artikel 4:1 Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, wordt de aanvraag tot het geven van een beschikking schriftelijk

Nadere informatie

Hebt u kennisgenomen van de criteria die voor deze subsidietender van toepassing zijn?

Hebt u kennisgenomen van de criteria die voor deze subsidietender van toepassing zijn? HANDLEIDING ELEKTRONISCH AANVRAAGFORMULIER FLEXIBELE SUBSIDIE VRIJWILLIGERSORGANISATIES WELZIJN EN ZORG 2015: Vrijwilligers koesteren Deze handleiding is uitsluitend bedoeld voor uw eigen gebruik zodat

Nadere informatie

REGELING SUBSIDIES VRIJWILLIGERSACTIVITEITEN WELZIJN EN ZORG 2015

REGELING SUBSIDIES VRIJWILLIGERSACTIVITEITEN WELZIJN EN ZORG 2015 Burgemeester en wethouders van Maastricht, gelet op artikel 2, vierde lid én artikel 3, tweede lid van de Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht 2015; besluiten tot vaststelling van de volgende

Nadere informatie