Werken bij de Belastingdienst Uw rechten en plichten in 2011

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Werken bij de Belastingdienst Uw rechten en plichten in 2011"

Transcriptie

1 Achtergrondinformatie Uitgave april 2011 Werken bij de Belastingdienst Uw rechten en plichten in 2011 Als medewerker van de Belastingdienst hebt u allerlei rechten en plichten. In deze brochure zijn de verschillende regelingen in hoofdlijnen op een rij gezet, zodat u een duidelijk overzicht hebt van alles waar u mee te maken kunt krijgen tijdens uw loopbaan bij de Belastingdienst. U leest bijvoorbeeld hoe het met uw reiskosten zit, wanneer u een vergoeding voor overwerk krijgt en wat bijvoorbeeld de pensioenregeling bij de Belastingdienst is. Maar ook welke plichten u als ambtenaar van de Belastingdienst hebt. Serie Personeelswijzer Belastingnet/Personeel/P.Plaza/Documenten en formulieren/naslagwerken 12345

2 Werken bij de Belastingdienst Uw rechten en plichten in 2011

3 2

4 Inhoud 1 Wat vindt u in deze brochure? 7 2 Werving, selectie en sollicitatieprocedure Openstellen van vacatures De sollicitatieprocedure 8 3 Aanstelling en benoeming Aanstelling in algemene dienst van het Rijk Aanstelling in tijdelijke of vaste dienst Aanstelling als oproepkracht 9 4 Het salaris Salarisschalen Vaststelling van uw salaris Salarisverhoging Bruto-uurloon Vakantie-uitkering en eindejaarsuitkering Van bruto- naar nettosalaris Spaarloon Levensloopregeling 14 5 Gratificaties en toelagen Extra beloning bij goed functioneren Toelage voor onregelmatige diensten Vergoeding voor overwerk Vergoeding voor FIOD-medewerkers in buitendienst (FIOD-toelage) Toelage voor bereikbaarheid en beschikbaarheid Verschuivingstoelage Waarnemingstoelage Ambtsjubileumgratificatie Diensttijdgratificatie Mobiliteitstoeslag Vergoeding bedrijfshulpverlening (BHV) Vaartoelage Toelage personenchauffeurs Non-activiteitswedde Toeslag arbeidsparticipatie ouderen 17 6 Onkostenvergoedingen Reiskosten woon-werkverkeer als u gebruikmaakt van het openbaar vervoer Reiskosten woon-werkverkeer als u gebruikmaakt van een ander vervoermiddel Reiskostenvergoeding arbeidsgehandicapten Reiskostenvergoeding automatisch uitbetaald krijgen Bijzondere situaties en regelingen Reis- en verblijfkosten bij binnenlandse dienstreizen Privégebruik dienstauto s Verhuiskosten Kinderopvang 21 7 Werktijd Uw werktijd per week en per jaar Arbeidsduur per jaar en feestdagen Compensatie-uren Brugdagen Korter werken op 5 december en op dagen vóór feestdagen Als u 57 jaar of ouder bent: de PAS-regeling 23 3

5 8 Vakantie en verlof Vakantie-uren Zwangerschaps- en bevallingsverlof Adoptieverlof Ouderschapsverlof Clamiteitenverlof Kortdurend zorgverlof Langdurend zorgverlof Buitengewoon verlof Officiële feestdagen en religieuze rust- en feestdagen Studieverlof Verlofspaarregeling Levensloopregeling 28 9 Individuele keuzemogelijkheden in het arbeidsvoorwaardenpakket (IKAP) Meer werken Minder werken Verkopen van vakantie-uren Belastingvrije vergoedingen tegen het inleveren van arbeidsvoorwaarden Voorzieningen bij verzuim (Ziekte) verzuim melden Hersteld melden Faciliteiten & inkomen Overlijden Uitkering bij overlijden Stichting overlijdensuitkering Financiën Arbeidsomstandighedenzorg Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) Preventief medisch onderzoek Gezond belast Personeelsmonitor Bedrijfsmaatschappelijk werk Vertrouwenspersoon ongewenste omgangsvormen Arbocatalogus Personeelsfonds Personeelsontwikkeling Opleidingen die nodig zijn voor uw functie U neemt zelf het initiatief voor een opleiding Soms vergoedingen terugbetalen Mobiliteit Duale leertrajecten en loopbaangarantie Begeleiding en beoordeling Bezwaar- en beroepsmogelijkheden Georganiseerd overleg en medezeggenschap Reorganisaties Ontslag en uitkeringen Beëindiging van uw aanstelling Uitstroombevorderende maatregelen Werkloosheidsuitkeringen 39 4

6 20 Pensioen Algemeen ABP KeuzePensioen ABP KeuzePensioen en Flexibel Pensioen en Uittreden (FPU) ABP Arbeidsongeschiktheidspensioen Nabestaandenpensioen Pensioenbreuk Uit elkaar: wat te doen met het pensioen? Nog vragen over pensioenen? Personeelsverenigingen Fincover Een integere Belastingdienst Integriteit: de verwachtingen zijn hoog De basiswaarden De eed of belofte Belangrijke regels Vertrouwelijke informatie Geschenken Nevenwerkzaamheden Bedrijfsmiddelen Draaideurconstructies Vertrouwenspersonen integriteit Klokkenluidersregeling Overtreden van regels en normen Opleiding en advies Tot slot Bijlage Hebt u nog vragen? 55 5

7 6

8 1 Wat vindt u in deze brochure? Deze brochure is bestemd voor alle medewerkers van de Belastingdienst. Als medewerker hebt u allerlei rechten en plichten. Deze zijn vastgelegd in een groot aantal regelingen over de rechtspositie van ambtenaren. Die regelingen zijn niet altijd even gemakkelijk leesbaar. In deze brochure zijn daarom de verschillende regelingen voor u in hoofdlijnen op een rij gezet. U vindt informatie over alles waar u mee te maken kunt krijgen tijdens uw loopbaan bij de Belastingdienst, vanaf het moment van uw indiensttreding, tot het moment dat u de Belastingdienst verlaat. De onderdelen volgen zoveel mogelijk de zaken waarmee u in de loop van de tijd te maken krijgt als u werkt bij de Belastingdienst. Als u gehuwd bent, uw partnerschap hebt laten registreren of samenwoont Sommige regelingen zijn ook van belang voor uw partner en gezinsleden. Bijvoorbeeld: het verlof in verband met familieomstandigheden. De Belastingdienst verstaat onder partner: degene waarmee u gehuwd bent, waarmee u uw partnerschap hebt laten registreren, of degene waarmee u samenwoont. In dat laatste geval moet u wel bij de notaris een samenlevingscontract hebben laten opstellen. In zo n contract zijn de rechten en plichten geregeld rond samenwonen en het voeren van een gezamenlijke huishouding. Uw managementteam De Belastingdienst kent dertien belastingregio s, een hoofdkantoor Douane met negen regiokantoren, de Belastingtelefoon en Belastingdienst/Toeslagen. Elke belastingregio bestaat uit een aantal kantoren. Daarnaast kent de Belastingdienst facilitaire eenheden. Deze organisatieonderdelen worden in het vervolg van deze brochure aangeduid met de term eenheid of eenheden. Aan het hoofd van iedere eenheid staat een managementteam. Met de aanduiding uw managementteam wordt in deze brochure bedoeld het managementteam van de eenheid waar u werkzaam bent. Let op! De samenstellers van deze brochure hebben geprobeerd de tekst zo toegankelijk en daarmee zo leesbaar mogelijk te maken. Daarom is niet gekozen voor juridisch waterdichte formuleringen. Ook kunnen wet- en regelgeving op personeelsgebied na het verschijnen van de brochure nog wijzigingen ondergaan. Om die redenen kunt u aan deze brochure geen rechten ontlenen. Het kan zijn dat u na het lezen van deze brochure nog vragen hebt over uw eigen situatie. Achter in deze brochure vindt u waar u terecht kunt voor meer informatie. Ook leest u daar waar u terecht kunt met suggesties voor aanpassing van deze brochure. 2 Werving, selectie en sollicitatieprocedure Voor het openstellen van vacatures gelden allerlei regels. Wilt u solliciteren naar een andere functie binnen de Belastingdienst? Dan gelden er bij de sollicitatieprocedure allerlei voorschriften zowel voor u als sollicitant, als voor de Belastingdienst. In dit hoofdstuk leest u hier meer over. 2.1 Openstellen van vacatures Als een werkplek vacant is, kan het managementteam besluiten deze werkplek te vervullen of de werkzaamheden te herschikken en toe te delen aan een medewerker in het kader van een ontwikkelingstraject als onderdeel van de toepassing van functiestramienen (zie ook paragraaf 4.1). Als er vervolgens nog werkzaamheden van een of meer vacante werkplekken overblijven, kunnen deze worden samengevoegd tot een vacante functie met een ander samenstel van werkzaamheden. Vervolgens gaat, voordat een vacature wordt opengesteld, het managementteam na of de vacante functie kan worden vervuld door een ambtenaar met een functie die niet is vastgelegd in de geldende personeelsformatie of door een ambtenaar die een hogere salarisschaal heeft dan de schaal die geldt voor zijn functie. Pas als blijkt dat de vacante functie op deze wijze niet kan worden opgevuld, moet het volgende worden nagegaan: 1 Kan een medewerker uit een bijzondere categorie worden benoemd in de functie? Het kan hier bijvoorbeeld gaan om iemand die terugkeert uit een tijdelijke functie, iemand met een sociale of medische indicatie, of iemand die gebruik wil maken van de terugkomregeling en opnieuw bij de Belastingdienst in dienst wil treden. 2 Kan de vacature worden vervuld door benoeming van een interne mobiliteitskandidaat (zie paragraaf 14.4)? 3 Kan de vacature worden vervuld door medewerkers die een verzoek hebben gedaan om uitbreiding van de arbeidsduur? 7

9 Als dit onderzoek niet leidt tot het vervullen van de vacature, dan wordt deze voor sollicitatie opengesteld. Bekendmaking van vacatures gebeurt via de Beeldkrant; de vacatures zijn opgenomen in de Mobiliteitsbank het Rijk. De functie kan ook tegelijkertijd extern worden opengesteld. Aan de hand van de ontvangen sollicitatiebrieven wordt vervolgens een eerste selectie van kandidaten gemaakt. Als onderdeel van de maatregelen voor het wegwerken van onevenwichtigheden in de formatie en bezetting bij de Belastingdienst (zie hoofdstuk 18), kan tijdelijk een wijziging worden aangebracht in de procedure voor vacaturevervulling. 2.2 De sollicitatieprocedure Na het openstellen van de vacature vindt er een sollicitatieprocedure plaats. Als sollicitant hebt u hierbij in ieder geval de volgende rechten: een eerlijke kans op benoeming; recht op informatie; bescherming van uw persoonlijke levenssfeer; vertrouwelijke behandeling van uw persoonlijke gegevens; een doelmatige procedure; de mogelijkheid een klacht in te dienen en het recht op serieuze behandeling daarvan. Medische keuring Bij een benoeming is meestal geen medische keuring nodig. Dat is wél het geval als specifieke functieeisen een keuring rechtvaardigen of als er een wettelijke verplichting tot keuring is. Bij de Belastingdienst is keuring bijvoorbeeld verplicht voor: medewerkers Douane fysiek toezicht bewapend; bedrijfshulpverleners (BHV ers); specifieke functies van de FIOD. Deze opsomming is niet volledig. Uw managementteam kan tot een keuring besluiten als het vindt dat een functie (fysieke) risico s met zich meebrengt. Andere onderzoeken Een benoeming kan worden voorafgegaan door een of meer van de volgende onderzoeken: een psychologisch onderzoek, bijvoorbeeld een intelligentie- en persoonlijkheidstest; een onderzoek van de justitiële gegevens, bij functies die bijzondere eisen stellen aan de integriteit en de verantwoordelijkheid van de medewerker; een veiligheidsonderzoek, bij vertrouwensfuncties en voor medewerkers die gaan werken op een luchthaven. Als geen sprake is van een vertrouwensfunctie of een functie die bijzondere eisen stelt aan de integriteit en de verantwoordelijkheid van de medewerker wordt een verklaring omtrent het gedrag aangevraagd bij de gemeente. Rechtsbescherming tijdens de sollicitatieprocedure Als u naar een functie solliciteert en u wordt afgewezen, hebt u de mogelijkheid tegen die beslissing bezwaar te maken als u het met die afwijzing niet eens bent. Voorrang bij gelijke geschiktheid In principe wordt de kandidaat benoemd die het meest geschikt is voor de functie. Omdat de Belastingdienst diversiteit op alle niveaus in het personeelsbestand belangrijk vindt, hebben bij gelijke geschiktheid vrouwen, minderheden en gehandicapten voorrang. Vooropleidingseisen Externe kandidaten moeten aan bepaalde vooropleidingseisen voldoen om tot de selectieprocedure te kunnen worden toegelaten. Voor interne kandidaten kan in plaats daarvan óók het denkniveau als uitgangspunt gelden. Interne kandidaten moeten hiervoor een test doen die wordt verzorgd door B/CKC. Dat is de zogenoemde niveautest. 8

10 3 Aanstelling en benoeming Iedereen die bij de overheid in dienst komt, wordt officieel aangesteld. U kunt in tijdelijke dienst of in vaste dienst komen. Een bijzondere vorm van tijdelijke aanstelling is een aanstelling als oproepkracht. Als u in tijdelijke dienst komt, dan wordt u aangesteld als ambtenaar van de Belastingdienst. Komt u in vaste dienst, dan wordt u aangesteld in algemene dienst van het Rijk en bent u werkzaam bij de Belastingdienst. Bij uw aanstelling bent u benoemd in een functie bij de Belastingdienst. Als u na uw aanstelling van functie verandert, wordt u in de nieuwe functie benoemd. In dit hoofdstuk vindt u meer informatie over de aanstelling. 3.1 Aanstelling in algemene dienst van het Rijk Iedereen in vaste dienst bij de sector Rijk, waaronder ook de Belastingdienst valt, is aangesteld in algemene dienst van het Rijk. Als gevolg hiervan kunt u bij een ander ministerie gaan werken zonder eerst ontslagen en daarna weer aangesteld te worden. Het doel hiervan is om de mobiliteit tussen de verschillende ministeries te bevorderen. 3.2 Aanstelling in tijdelijke of vaste dienst Nieuwe medewerkers worden meestal aangesteld in tijdelijke dienst voor een proeftijd van maximaal twee jaar. In het algemeen volgt daarna een aanstelling in vaste dienst. In de regel wordt een jaar na de aanstelling in tijdelijke dienst bepaald of u voor een vaste aanstelling in aanmerking komt. Als na indiensttreding een startopleiding moet worden gevolgd, geldt het volgen van die opleiding als basis voor de aanstelling in tijdelijke dienst. Omzetting van tijdelijke naar vaste aanstelling In bepaalde situaties wordt een tijdelijke aanstelling automatisch omgezet in een vaste aanstelling. Dit is het geval als u, met tussenpozen van niet meer dan drie maanden, meerdere keren tijdelijk wordt aangesteld. Op het moment dat daarbij een periode van 36 maanden wordt overschreden, is er sprake van een aanstelling in vaste dienst. Ook als u meer dan drie keer na elkaar tijdelijk bent aangesteld, wordt uw tijdelijke aanstelling vanzelf omgezet in een vaste aanstelling. 3.3 Aanstelling als oproepkracht Als u bent aangesteld als oproepkracht, dan liggen uw werktijden niet vast. Uw leidinggevende bepaalt steeds op welke tijdstippen u moet werken. Als oproepkracht kunt u worden aangesteld voor een vast aantal uren of voor een wisselend aantal uren. Als u bent aangesteld voor een wisselend aantal uren, dan krijgt u altijd een minimumaantal uren uitbetaald, ook al werkt u minder of helemaal niet. Deze uren worden garantie-uren genoemd. Bovendien hebt u per oproep recht op minimaal drie uur salaris. De regeling voor de garantie-uren en het uitbetalen van minimaal drie uur salaris per oproep, geldt ook als u bent aangesteld voor een vast aantal uren, maar voor minder dan 15 uur per week. 4 Het salaris Alle salarissen zijn gebaseerd op salarisschalen. In dit hoofdstuk leest u wat salarisschalen precies zijn, hoe wordt bepaald in welke salarisschaal u valt en op welk salarisbedrag u recht hebt. Daarnaast leest u hoe een salarisverhoging tot stand komt, hoe het zit met vakantiegeld, de eindejaarsuitkering en de berekening van uw nettosalaris. Ook vindt u hier meer informatie over de spaarloonregeling. 4.1 Salarisschalen Er zijn twee soorten functies: individuele functies en groepsfuncties. De meeste functies binnen de Belastingdienst zijn groepsfuncties. Groepsfuncties worden gevormd als het niet mogelijk en zinvol is de werkzaamheden te splitsen in individuele functies. Bij groepsfuncties worden werkzaamheden van verschillende zwaarteniveaus door elkaar heen uitgevoerd. Van elke functie is door middel van een functiewaardering de zwaarte bepaald. Op grond daarvan is de salarisschaal vastgesteld. Een salarisschaal bestaat uit een serie salarisbedragen. Elk bedrag heeft een nummer: het salarisnummer. De salarisschalen voor individuele functies worden aangeduid met de nummers 1 tot en met 18; de salarisschalen voor groepsfuncties met de letters B, C, D, E, F en I. De bedragen in een groepsfunctieschaal zijn ontleend aan twee of drie schalen van individuele functies. Als u een deeltijdfunctie vervult, krijgt u een salaris naar evenredigheid van het aantal uren dat u werkt. 9

11 De Belastingdienst is voor individuele functies op dit moment bezig met de invoering van functiestramienen. Toepassing van functiestramienen betekent dat geen sprake is van individuele functiebeschrijvingen. Een functiestramien bestaat uit drie of vier opeenvolgende functieniveaus. Een beschrijving en waardering van de zwaarte van de verschillende niveaus in een stramien gebeurt vanuit de spilfunctie. Voor de hogere en lagere niveaus worden alleen de verschillen ten opzichte van de spilfunctie beschreven. Binnen een stramien kunt u doorgroeien naar een hoger niveau zonder sollicitatie. Vacatures worden in stramien opengesteld. Afhankelijk van het takenpakket en het niveau van de kandidaat wordt het uiteindelijke schaalniveau vastgesteld. De salarissen zijn aangepast met ingang van 1 april In de tabel op bladzijde 11 vindt u dan ook de salarissen zoals die vanaf die datum gelden. 4.2 Vaststelling van uw salaris In welke salarisschaal valt u? Als u wordt benoemd in een individuele functie, bestaat in het algemeen geen zicht op de wijze waarop u de nieuwe functie zal gaan vervullen. Het ligt bovendien voor de hand dat u zich in de functie zal moeten inwerken. Daarom begint u in het algemeen één salarisschaal lager dan de salarisschaal die bij de functie hoort. Op het moment dat u de functie goed vervult, gaat u over naar de salarisschaal die bij de functie hoort. U vervult een functie goed als u: de functie volledig vervult; voldoende geschikt bent voor de functie; in voldoende mate beschikt over de vaardigheden die nodig zijn voor de functie. Het kan zijn dat u in uw vorige functie al in die lagere salarisschaal zat. In dat geval blijft u dus in uw nieuwe functie de eerste tijd in diezelfde salarisschaal zitten. Uw salaris(schaal) verandert niet als u al in de salarisschaal zat die bij de nieuwe functie hoort. Bij aanwijzing voor een groepsfunctie hangt het ervan af of u vóór die aanwijzing ook al bij de Belastingdienst werkte of niet. Komt u van buiten de Belastingdienst, dan begint u meestal één salarisschaal lager dan de salarisschaal die bij de functie hoort. Voor de verschillende groepsfuncties zijn dat de volgende salarisschalen: groepsfunctie B: schaal 2; groepsfunctie C: schaal 4 (medewerkers Toezicht schaal 3); groepsfunctie D: schaal 6; groepsfunctie E: schaal 6; groepsfunctie F: schaal 8; groepsfunctie I: schaal 10. Werkte u al wel bij de Belastingdienst, dan houdt u bij aanwijzing voor een groepsfunctie meestal uw oude salarisschaal. Als het salaris lager is dan het aan externe kandidaten toe te kennen salaris dan wordt het salarisniveau (tijdelijk) naar boven aangepast aan het salarisniveau voor externe kandidaten. Bij een groepsfunctie begint u vrijwel altijd met het volgen van een startopleiding. Bij het met goed gevolg afronden van die opleiding wordt u in de groepsfunctie benoemd en komt u in de salarisschaal die bij die functie hoort. Als er voor een groepsfunctie geen startopleiding is vastgesteld, wordt u direct bij aanwijzing voor de groepsfunctie in die groepsfunctie benoemd. U gaat over naar de bij die functie behorende salarisschaal zodra u voldoende geschikt en bekwaam bent voor die functie. Welk salarisbedrag krijgt u? U begint in het algemeen met het laagste salarisbedrag van de nieuwe salarisschaal (het bedrag dat hoort bij salarisnummer 0). Als uw oude salaris gelijk is aan dit bedrag of hoger, dan krijgt u het bedrag dat daar in de nieuwe schaal direct op volgt. Als u bij een benoeming in een individuele functie een of meer schalen tegelijk overslaat, dan wordt uw salaris in de nieuwe schaal vastgesteld door te doen alsof u meer dan één keer één schaal omhoog bent gegaan. In het voorbeeld op bladzijde 12 leest u hoe dit precies gaat. 10

12 Salaris euro Schalen van het BBRA 1984 per 1 april 2009 Schaal Salaris B 6 7 C 8 D 9 E F I euro 1467, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,26 11

13 Groepsfuncties en salarisnummers (onder vermelding van salarisschaal/-nummer waaraan deze zijn ontleend) B C D E F I 1562, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , Voorbeeld (salarisbedragen per 1 april 2009) U valt nu in salarisschaal 5, uw salaris is 2.396,62; dit is het bedrag dat hoort bij salarisnummer 12. U wordt benoemd in een functie met salarisschaal 8. U krijgt dan voorlopig één salarisschaal lager dan bij de functie hoort. U komt dus in schaal 7. Het salarisbedrag bepaalt u als volgt: neem eerst het salarisbedrag in schaal 6 dat volgt op het bedrag dat u nu verdient; dit is het bedrag dat hoort bij salarisnummer 10: 2.455,66; neem vervolgens in schaal 7 het hierop volgende bedrag; dit is het bedrag dat hoort bij salaris nummer 7 in salarisschaal 7: 2.513,65. Dit is het (bruto) salarisbedrag dat u krijgt. Als u in de maand waarin u uw jaarlijkse salarisverhoging krijgt (zie paragraaf 4.3), wordt ingedeeld in een hogere schaal, dan krijgt u eerst de periodieke verhoging in uw oude salarisschaal. Pas daarna gaat u over naar de hogere salarisschaal. De salarisschalen B t/m I zijn afzonderlijke schalen. De bedragen in deze schalen zijn ontleend aan de schalen 3 t/m 13. Bij inschaling is dat echter niet van belang. Als u bijvoorbeeld als B-functionaris 12

14 benoemd wordt in de groepsfunctie C dan krijgt u op het moment dat u ingeschaald wordt in de schaal die bij uw functie hoort, het salaris van schaal C (zie tabel met salarisschalen) maar dan één trede hoger. Er worden hierbij dus geen tussenschalen toegepast. 4.3 Salarisverhoging Zolang u het maximum van uw salarisschaal nog niet hebt bereikt, komt u in principe elk jaar in aanmerking voor een salarisverhoging. Voorwaarde is wel dat u in voldoende mate functioneert. Ieder jaar wordt beslist of u in aanmerking komt voor deze periodieke salarisverhoging. De beslissing over deze salarisverhoging is gebaseerd op het voortgangsgesprek en/of een beoordeling (zie hoofdstuk 15). De periodiekmaand De maand waarin u uw jaarlijkse salarisverhoging krijgt, wordt periodiekmaand genoemd. Dit is meestal dezelfde maand als de maand waarin u bent benoemd. Als u wordt benoemd in een nieuwe functie wordt in sommige gevallen bij inpassing in de nieuwe schaal uw periodiekmaand niet gewijzigd. Dit is het geval als u in uw oude schaal binnen een jaar na uw laatste periodieke verhoging het bedrag van de nieuwe schaal ook zou hebben bereikt. Extra periodieke salarisverhoging Als u meer dan in voldoende mate functioneert, kunt u in aanmerking komen voor een extra periodieke salarisverhoging. 4.4 Bruto-uurloon Soms is het van belang om te weten wat uw bruto-uurloon precies is. Dit is bijvoorbeeld het geval als u meer of juist minder wilt gaan werken. Dit zijn keuzes die u kunt maken bij het samenstellen van het individuele arbeidsvoorwaardenpakket (zie hoofdstuk 9). Uw brutosalaris per uur is 1/156 deel van het brutosalaris bij een volledige arbeidsduur. De volledige arbeidsduur is gemiddeld 36 uur per week. Het getal 156 wordt als volgt berekend: 13 (weken) x 36 (uur) : 3 (maanden) = Vakantie-uitkering en eindejaarsuitkering Medewerkers van de Belastingdienst krijgen een vakantie-uitkering. Deze uitkering is 8% van uw brutojaarsalaris, inclusief bepaalde toelagen, zoals de toelage voor onregelmatige dienst. De vakantieuitkering is ten minste 156,73 per maand. Als u in deeltijd werkt is de minimumvakantie-uitkering evenredig lager. Over vergoedingen voor overwerk wordt geen vakantie-uitkering uitbetaald. De vakantie -uitkering wordt elk jaar in één keer uitbetaald in de maand mei. U bouwt uw vakantieuitkering op over de periode van juni van het voorafgaande jaar tot en met mei van het lopende jaar. Bij tussentijds ontslag wordt de uitkering tot de ontslagdatum uitbetaald. Elk jaar krijgt u een eindejaarsuitkering. Deze bedraagt voor 8,3% van het jaarsalaris. Bij tussentijds ontslag wordt een evenredig deel van de eindejaarsuitkering uitbetaald, afhankelijk van het aantal maanden dat u in dat jaar in dienst bent geweest. De uitbetaling van de eindejaarsuitkering vindt plaats in de maand november. De eindejaarsuitkering is gebaseerd op een periode van 12 maanden, die aanvangt met de maand december van het voorafgaande jaar. 4.6 Van bruto- naar nettosalaris De Belastingdienst houdt op uw brutosalaris pensioenpremie en FPU-premie in. Vervolgens worden loonbelasting en premie volksverzekeringen ingehouden. Dit laatste wordt de loonheffing genoemd. Bij de inhouding van de pensioenpremie en FPU-premie is al rekening gehouden met de vakantieuitkering en de eindejaarsuitkering. Op deze uitkeringen worden de premies dus niet apart ingehouden. 4.7 Spaarloon U kunt een deel van uw brutosalaris voor vier jaar vastzetten op een spaarrekening. Dit zogenoemde spaarloon kan een maandelijks bedrag of een jaarbedrag ineens zijn. Over het bedrag dat u vastzet wordt geen loonheffing ingehouden. Het voordeel van de spaarloonregeling is dat u er uiteindelijk netto meer aan overhoudt. U mag maximaal 613 per jaar vastzetten, per maand dus maximaal 51,08. Het spaarloon komt na vier jaar vrij. In sommige gevallen kunt u eerder over het gespaarde bedrag beschikken, bijvoorbeeld als u het gebruikt voor de aankoop van een eigen huis, voor de betaling van premies voor een levensverzekering of voor de financiering van kinderopvang. 13

15 4.8 Levensloopregeling U kunt een deel van uw salaris vastzetten op een zogeheten levenslooprekening of levensloopverzekering. Zie voor meer informatie paragraaf Gratificaties en toelagen Als u bijzonder goed presteert, kunt u in aanmerking komen voor een extra beloning. U kunt in aanmerking komen voor een toelage. Bijvoorbeeld als u regelmatig overwerkt of als u in onregel matige diensten werkt. In dit hoofdstuk leest u hier meer over. 5.1 Extra beloning bij goed functioneren Er zijn verschillende manieren waarop medewerkers die bovengemiddeld functioneren extra kunnen worden beloond. Als iemand echter minder goed presteert dan mag worden verwacht, dan kan de periodieke salarisverhoging worden ingehouden. Het geheel van deze mogelijkheden wordt aangeduid met de term beloningsdifferentiatie. Hieronder leest u welke vormen van extra beloning er zijn. Eenmalige extra beloning Als u een bijzondere prestatie hebt verricht of als u buitengewoon toegewijd bent, dan kunt u een eenmalige beloning krijgen. Verder zijn er kleine blijken van waardering mogelijk als u zich bijzonder verdienstelijk hebt gemaakt of als u zich bijzonder hebt ingespannen. Bijvoorbeeld: een cadeaubon of een fles wijn. Extra salarisverhoging Er bestaan mogelijkheden om extra salarisverhogingen toe te kennen in het kader van bijzonder belonen. Met het toekennen hiervan wordt terughoudend omgegaan. Hierover zullen jaarlijks richtlijnen worden gegeven. 5.2 Toelage voor onregelmatige diensten Als u regelmatig op ongebruikelijke tijden moet werken, bijvoorbeeld als u in roosterdienst werkt, dan komt u in aanmerking voor een toelage. Overwerk valt hier niet onder; daarvoor gelden aparte regels (zie paragraaf 5.3). De toelage wordt berekend over uw uurloon. Daarbij geldt als maximum: het uurloon van het maximumsalaris van schaal 7, ook al valt uw salaris in een hogere schaal. De percentages van de toelagen staan in de tabel hierna. Toelagen voor onregelmatige diensten, als percentage van het uurloon Dienst op: Maandag tot en met vrijdag 40% 20%* 0% 20%* 40% Zaterdag 70% 70% 70% 70% 70% Zondag 70% 70% 70% 70% 70% Feestdag 100% 100% 100% 100% 100% * Deze diensten moeten vóór 7.00 uur beginnen of na uur eindigen. De toelage voor onregelmatige dienst maakt deel uit van uw salaris en is pensioengevend. Daarom wordt de toelage ook doorbetaald als u ziek bent, met vakantie gaat of verlof hebt. Ook tijdens ouderschapsverlof wordt de toelage voor onregelmatige diensten doorbetaald. Nominale toelage voor onregelmatige diensten Werkt u volgens rooster in onregelmatige dienst en ontvangt u hiervoor een toelage? Dan krijgt u voor elke maand waarin u in onregelmatige dienst werkt, een nominale toelage van 37,50 per maand. Na 4 weken onafgebroken inactiviteit vervalt het recht op deze nominale toelage. Deze toelage is geen onderdeel van de bezoldiging en is niet pensioengevend. Als uw toelage voor onregelmatige diensten wordt stopgezet Als u langer dan twee jaar een toelage voor onregelmatige diensten hebt ontvangen, en die toelage wordt stopgezet of verlaagd, dan kan uw inkomen plotseling aanzienlijk dalen. In die situatie geldt een afbouwregeling. Die regeling houdt in dat u een aflopende toelage krijgt die ervoor zorgt dat uw inkomen geleidelijker daalt. De aflopende toelage wordt toegekend voor maximaal drie jaar. U kunt ook in aanmerking komen voor de afbouwregeling als uw toelage voor onregelmatige diensten 14

16 vermindert door vrijwillige mobiliteit. Bij lidmaatschap van de ondernemingsraad of tijdelijke tewerkstelling hebt u recht op doorbetaling van de oorspronkelijke toelage voor onregelmatige diensten. De afbouwregeling geldt niet als de inkomensdaling wordt veroorzaakt doordat u disciplinair bent gestraft. Toelage personenchauffeurs Personenchauffeurs met een volledige werkweek (gemiddeld 48 uur per week) ontvangen een vaste toelage voor het werken op onregelmatige uren. Dit is vanaf 1 april ,23 bruto per maand. Chauffeurs die gemiddeld minder dan 48 uur per week werken, ontvangen een evenredig deel van deze toelage, afhankelijk van hun arbeidsduur (de uren waarvoor zij zijn aangesteld). Bijzondere regels voor 55-plussers Als u 55 jaar of ouder bent, mag u niet worden ingeroosterd in de nachtdienst. Dat is een maat regel ter voorkoming van arbeidsongeschiktheid. Als u toch in de nachtdienst wilt werken, dan kunt u verzoeken om van deze regel af te wijken; dat kan telkens voor maximaal één jaar. Ook kan uw leidinggevende beslissen dat u toch in de nachtdienst moet werken. Dat mag alleen als het niet anders kan. U hebt altijd toestemming van de bedrijfsarts nodig om in de nachtdienst te werken. Hiervoor wordt een keuring uitgevoerd conform het protocol keuringen. Als u 55 jaar of ouder bent en u voldoet aan de hierna genoemde voorwaarden, dan krijgt u een vaste maandelijkse toelage voor werken in onregelmatige diensten. Voor deze toelage komt u in aanmerking als u ten minste vijf jaar direct voorafgaand aan uw 55ste verjaardag zonder noemenswaardige onderbreking een toelage voor onregelmatige diensten hebt ontvangen. 5.3 Vergoeding voor overwerk U verricht overwerk als u in opdracht van uw leidinggevende buiten de vastgestelde werktijden werkt en daardoor meer uren werkt dan volgens de normale werktijdregeling. U hebt recht op een vergoeding als u ten minste één uur hebt overgewerkt. De overwerkver goeding is alleen bestemd voor medewerkers in schaal 10 of lager en voor medewerkers in de groepsfuncties B tot en met E, en groepsfunctie F tot en met salarisnummer 14. De vergoeding bestaat uit een overwerktoelage plus verlofuren. U krijgt net zoveel uren verlof als het aantal uren dat u hebt overgewerkt. De overwerktoelage bestaat uit een percentage van uw uurloon, zie de tabel hierna uur uur uur Overwerk op: maandag tot en met vrijdag 50% 25% 50% zaterdag, zondag of feestdag 100% 50% 100% Toelage voor overwerk, als percentage van het uurloon Overwerk bij onregelmatige werktijden Bij onregelmatige werktijden is er sprake van overwerk als u in een maand meer hebt gewerkt dan volgens uw normale werktijdregeling is bepaald. Langer werken op één dag leidt niet tot overwerk, maar tot meer-uren. Deze meer-uren moet u zoveel mogelijk binnen die maand compenseren. 5.4 Vergoeding voor FIOD-medewerkers in buitendienst (FIOD-toelage) Opsporingsmedewerkers van de FIOD, groepsfuncties E en F, werkzaam in een team Opsporing en ook feitelijk belast met opsporingstaken, krijgen een bijzondere toelage voor overwerk, werk op onregelmatige tijden en voor ongemakken die daaruit voortkomen. Voor de berekening van de vergoeding wordt uitgegaan van 5,9 uur per maand. De vergoeding bedraagt 150% van het bruto-uurloon dat hoort bij schaal 9, salarisnummer Toelage voor bereikbaarheid en beschikbaarheid Als u voor uw werk regelmatig buiten de normale werktijden bereikbaar of beschikbaar moet zijn, krijgt u daarvoor een vergoeding: de bereikbaarheidstoelage. De toelage is op maandag tot en met vrijdag 5% van uw uurloon en op zaterdag, zondag en feestdagen 10% van uw uurloon. Voor de berekening van de toelage geldt als maximum: het uurloon van het maximumsalaris van schaal 7. De bereikbaarheidstoelage maakt deel uit van uw salaris. Daarom wordt de toelage ook doorbetaald als u ziek bent, met vakantie bent of verlof hebt. 15

17 5.6 Verschuivingstoelage Als u in een rooster regelmatig op ongebruikelijke uren moet werken, hebt u er belang bij dat dit rooster niet vlak van tevoren wordt gewijzigd. Gebeurt dat toch, dan hebt u recht op een toelage van 45% van uw uurloon. Dit geldt alleen als het rooster binnen 72 uur vóór het afgesproken begin van de dienst wordt gewijzigd. Voor de berekening van de toelage geldt als maximum: het uurloon van het maximumsalaris van schaal 7. De toelage geldt alleen voor de uren die van het rooster afwijken (de verschoven uren) en waarvoor binnen de maand waarbinnen de verschuiving plaats vindt, een uur vrij is gegeven. Een voorwaarde voor de verschuivingstoelage is dat de wijziging het gevolg is van een dienstopdracht. Roosterwijzigingen met een andere oorzaak, bijvoorbeeld een verzoek van uzelf, geven geen recht op een verschuivingstoelage. Als u meer uren maakt dan volgens uw normale werktijdregeling, dan is er sprake van overwerk (zie paragraaf 5.3). 5.7 Waarnemingstoelage Als u tijdelijk een andere functie vervult waarbij een hogere salarisschaal hoort, komt u in aanmerking voor de zogenoemde waarnemingstoelage. U kunt voor deze toelage in aanmerking komen als u de functie vervult voor een aaneengesloten periode van minimaal 30 dagen. Het bedrag van de toelage is het verschil tussen het salaris dat u zou krijgen als u in de andere functie was benoemd en uw huidige salaris. Als u die andere functie niet volledig waarneemt, bijvoorbeeld omdat u niet alle taken vervult die bij de andere functie horen, dan ontvangt u 50% of 75% van de toelage, afhankelijk van de mate van waarneming. 5.8 Ambtsjubileumgratificatie Als u lange tijd in dienst van de overheid werkt, krijgt u een gratificatie wegens trouwe dienst. De gratificatie is een percentage van het maandsalaris. De hoogte van de gratificatie hangt af van het aantal jaren dat u in dienst bent: bij 12,5 dienstjaren: 25%; bij 25 dienstjaren: 70%; bij 40 dienstjaren: 100%; bij 50 dienstjaren: 100%. De gratificatie voor 12,5 dienstjaren is belast; de gratificaties voor 25 en 40 jaar zijn onbelast. De gratificatie voor 50 jaar is onbelast als de gratificatie voor 25 dienstjaren is ontvangen vóór 1 mei In alle andere gevallen is de gratificatie voor 50 jaar belast. 5.9 Diensttijdgratificatie Als u wordt ontslagen wegens ziekte, dan krijgt u in bepaalde gevallen een diensttijdgratificatie. Een voorwaarde hiervoor is dat u een diensttijd hebt van minimaal 10 jaar én dat u binnen vijf jaar na het ontslag recht zou hebben op een ambtsjubileumgratificatie (zie paragraaf 5.8). De diensttijdgratificatie is een evenredig deel van de ambtsjubileumgratificatie waarop u recht zou hebben gehad. De diensttijdgratificatie is meestal belast. In de gevallen dat de diensttijdgratificatie wordt toegekend bij minder dan 50 maar meer dan 45 dienstjaren en bij minder dan 40 maar meer dan 35 dienstjaren, is de gratificatie onbelast als de ambtsjubileumgratificatie voor 25 dienstjaren vóór 1 mei 1994 is ontvangen Mobiliteitstoeslag De Belastingdienst bevordert dat medewerkers binnen de Belastingdienst gemakkelijk naar een andere baan kunnen overstappen. Dit wordt mobiliteit genoemd. In bepaalde situaties kunt u éénmalig een mobiliteitstoeslag krijgen. Deze toeslag is de helft van uw maandsalaris. U kunt een mobiliteitstoeslag krijgen als u overstapt naar een andere functie die past binnen uw persoonlijke ontwikkeling en als daarmee ook het belang van de Belastingdienst is gediend. Omdat de Belastingdienst geografische mobiliteit extra bevordert, krijgt u ook een mobiliteitstoeslag als u in dezelfde functie bij een andere eenheid gaat werken; ook daarbij is het noodzakelijk dat ook het dienstbelang wordt gediend. Gaat u binnen uw eenheid andere werkzaamheden verrichten die bij uw (groeps)functie behoren, dan hebt u geen recht op deze toeslag. Ook komt u niet in aanmerking voor een mobiliteitstoeslag als u in een nieuwe functie direct een salarisverhoging krijgt. Wanneer de nieuwe functie het gevolg is van een reorganisatie komt u niet in aanmerking voor een mobiliteitstoeslag Vergoeding bedrijfshulpverlening (BHV) Als u bent aangewezen als bedrijfshulpverlener en er is voldaan aan een aantal criteria, dan hebt u recht op een vergoeding voor bedrijfshulpverlening. Eén van de criteria is dat u gedurende een jaar regelmatig hebt deelgenomen aan (herhalings)lessen, wedstrijden en oefeningen. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de basisopleiding voor bedrijfshulpverlening die u hebt gevolgd en van uw specialisme (bijvoorbeeld EHBO of brandwacht). Als u vijf jaar of een veelvoud daarvan bedrijfshulpverlener bent, ontvangt u een jubileumtoelage. 16

18 5.12 Vaartoelage Als u als medewerker van de Douane altijd aan boord van een douanevaartuig werkt, hebt u recht op een toelage. U ontvangt de toelage voor de extra uren buiten werktijd die u moet doorbrengen aan boord van het vaartuig omdat het niet op zijn eigen ligplaats ligt. De toelage bedraagt per uur 7% van het maximumsalaris per uur van salarisschaal Toelage personenchauffeurs Personenchauffeurs met een volledige werkweek werken gemiddeld 48 uur per week. Daarom krijgt u als chauffeur een aanvulling op uw salaris. De toelage is per maand 39/156 van uw salaris vermenigvuldigd met 1,5. Bij deze berekening geldt als maximum het salaris dat hoort bij salarisnummer 12 van salarisschaal 4. Als u in deeltijd werkt dan is de toelage een evenredig deel, afhankelijk van het aantal uren dat u werkt Non-activiteitswedde Het kan zijn dat u een functie vervult in een publiekrechtelijk college en dat u die functie vanwege de omvang van het werk niet gelijktijdig kunt vervullen met uw functie bij de Belastingdienst. U wordt dan tijdelijk ontheven uit uw functie bij de Belastingdienst. Tijdens die periode komt u eventueel in aanmerking voor een toelage, de zogenoemde non-activiteitswedde. Dat is het geval als uw salaris bij het publiekrechtelijk college lager is dan het salaris dat u bij de Belastingdienst ontving. De nonactiviteitswedde is een aanvulling tot het salaris dat u ontving voordat u (tijdelijk) uit uw functie werd ontheven. Dit bedrag blijft gelijk totdat u uw functie bij de Belastingdienst weer vervult. Alleen bij een algemene salarisherziening wordt de non-activiteitswedde aangepast Toeslag arbeidsparticipatie ouderen Als u de leeftijd van 62 jaar hebt bereikt, hebt u voor elke periode van twaalf maanden dat u niet of niet volledig gebruikmaakt van de Regeling flexibel pensioen en uittreden, recht op een toeslag van 454 netto. Het recht op deze toeslag ontstaat op de dag dat u de leeftijd bereikt van respectievelijk 63, 64 en 65 jaar. Als u in deeltijd werkt, is dat bedrag evenredig lager. Na 65 jaar wordt geen bonus meer toegekend. 6 Onkostenvergoedingen Het kan zijn dat u voor uw werk onkosten maakt. Bijvoorbeeld: reiskosten of verhuiskosten. U kunt dan vaak in aanmerking komen voor een vergoeding. In dit hoofdstuk leest u waar u een onkostenvergoeding voor kunt krijgen. 6.1 Reiskosten woon-werkverkeer als u gebruikmaakt van het openbaar vervoer Als u tussen uw huis en uw werk reist met het openbaar vervoer krijgt u een volledige vergoeding van de reiskosten woon-werkverkeer. Voor het gebruik van het openbaar vervoer krijgt u in principe de vervoerbewijzen van de Belastingdienst. Meestal is dit een jaartrajectkaart of een bus-/tramabonnement. Omdat uw openbaarvervoerskosten volledig worden vergoed, bent u verplicht uw vervoerbewijzen via de Belastingdienst aan te vragen. Het Rijk heeft namelijk een zogenoemd grootverbruikcontract afgesloten met de NS en met Connexxion. Als het niet mogelijk is vervoerbewijzen te verstrekken worden de door uzelf aangeschafte vervoerbewijzen volledig vergoed, uitgaande van tweede klasse, tot maximaal de kosten van een NS-jaartrajectkaart tweede klasse, aangevuld met de kosten van aansluitend openbaar vervoer. Wanneer u met eigen vervoer (bijvoorbeeld auto, fiets, lopend) de afstand aflegt tussen de woning en de opstapplaats van het openbaar vervoer en/of van de plek van aankomst met openbaar vervoer naar de plaats van tewerkstelling kunt u in aanmerking komen voor een vergoeding van 0,06 per kilometer. De maximale vergoeding voor het hele traject dat u met eigen vervoer aflegt bedraagt 49,98 per maand of 2,80 per dag. Er bestaat aanspraak op een vergoeding als de afstand woning - opstapplaats tenminste 1 kilometer bedraagt. Hetzelfde geldt voor de afstand halte openbaar vervoer naar plaats van tewerkstelling. De afstand wordt bepaald aan de hand van de AND-routeplanner. Maakt u gebruik van de mogelijkheid om zowel aan de zijde van de woonplaats als aan de zijde van de plaats van tewerkstelling in aanmerking te komen voor een kilometervergoeding, dan dient te worden afgezien van de vergoeding of verstrekking van de zones voor het op de trein aansluitende openbaar vervoer. Als u aan één kant gebruik maakt van het openbaar vervoer, dan komt u in aanmerking voor een kilometervergoeding (voor de zijde waar gebruik wordt gemaakt met eigen vervoer) zonder dat hoeft worden afgezien van het zone-abonnement. 17

19 U kunt het OV-abonnement dat u van de Belastingdienst heeft ontvangen, uitbreiden. U neemt bijvoorbeeld een OV-jaarkaart in plaats van een jaartrajectkaart of een abonnement voor NS 1e klasse in plaats van NS 2e klasse. De meerkosten worden op uw salaris ingehouden. U kunt het bedrag dat voor uw rekening komt, ook betalen door gebruik te maken van uw individuele arbeidsvoorwaardenpakket (zie hoofdstuk 9). 6.2 Reiskosten woon-werkverkeer als u gebruikmaakt van een ander vervoermiddel Algemene vergoeding Als u met eigen vervoer (bijvoorbeeld auto, fiets of lopend) naar het werk gaat, hebt u recht op een vergoeding voor woon-werkverkeer. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de (doelmatige) bereikbaarheid van de werkplek met het openbaar vervoer. Of de plaats van tewerkstelling (doelmatig) bereikbaar is met het openbaar vervoer is ter bepaling aan het bevoegd gezag. Uw woonplaats speelt geen rol bij het bepalen van de bereikbaarheid. Dat wil zeggen dat wanneer uw woonplaats niet bereikbaar is met openbaar vervoer maar de plaats van tewerkstelling wel, de vergoeding als genoemd bij eigen vervoer in overige situaties van toepassing is. In het geval de reistijd enkele reis van de woning naar de plaats van tewerkstelling per openbaar vervoer ten minste 2 uur bedraagt en met tenminste 45 minuten bekort kan worden door met eigen vervoer te reizen, wordt de plaats van tewerkstelling echter niet als doelmatig met openbaar vervoer te bereiken beschouwd. Dit betreft een tijdelijke toevoeging welke geldt tot uiterlijk 1 juli Het meten van de reistijd gebeurt aan de hand van ANWB-routeplanner die kan worden gebruikt om zowel de reistijd per auto als per openbaar vervoer vast te stellen. Uitgangspunt om te bepalen of op de reistijd minimaal 45 minuten wordt bespaard, is de route met de minste reistijd. Eigen vervoer bij het ontbreken van openbaar vervoer. Als de plaats van tewerkstelling niet doelmatig met het openbaarvervoer is te bereiken hebt u voor het traject woning-werk recht op een vergoeding van 0,17 per kilometer. Het vervoermiddel waarmee u reist in plaats van openbaar vervoer, speelt geen rol. De maximum vergoeding is 332,74 per maand als u gemiddeld vijf dagen of meer per week reist. Dit maximum bereikt u overigens pas als uw dagelijkse reisafstand meer dan 55 kilometer (enkele reis) is. Reist u minder dan vijf dagen in de week, dan geldt een evenredig lager maximumbedrag. Voorbeeld U gaat vier dagen per week met de auto naar uw werk, omdat uw werkplek niet doelmatig met het openbaar vervoer bereikbaar is. U kunt dan een maximumvergoeding krijgen van 266,19 euro. Eigen vervoer in overige situaties Wanneer uw plaats van tewerkstelling wel met het openbaar vervoer bereikbaar is en u er voor kiest om met het eigen vervoer, niet zijnde een fiets, naar het werk te gaan, dan krijgt u een kilometervergoeding van 0,06. Reist u gemiddeld vijf of meer dagen per week dan bedraagt de maximale vergoeding 49,98 per maand. Reist u minder dan vijf dagen in de week, dan geldt een evenredig lager maximumbedrag. U hebt recht op een vergoeding van 0,17 per kilometer, als u de totale afstand tussen uw woning en uw werkplek op de fiets aflegt. U kunt een vergoeding krijgen van maximaal 332,74 euro per maand als u vijf dagen of meer per week met de fiets gaat. Bij minder dan vijf dagen geldt een evenredig lager maximumbedrag. Om in aanmerking te komen voor deze vergoeding maakt het niet uit of u uw werkplek doelmatig met het openbaar vervoer kunt bereiken. Wel moet u een verklaring ondertekenen dat u de volledige afstand tussen uw woning en uw werk met de fiets aflegt. Bij slecht weer of in de winter mag u de fiets laten staan en gebruik maken van het openbaar vervoer; uw vergoeding loopt dan gewoon door. U betaalt hiervan de kosten van het openbaar vervoer. In deze situatie hebt u geen recht op een vergoeding van de kosten voor het openbaar vervoer of verstrekking van een openbaar vervoerabonnement. Maakt u afwisselend gebruik van de fiets en de auto dan hebt u de mogelijkheid om voor de hoge kilometervergoeding (op de dagen dat u fietst) en de lage kilometervergoeding (op de dagen dat u de auto gebruikt) in aanmerking te komen. Om de administratieve last te beperken kan door uw leidinggevende worden verlangd dat de keuze (aantal dagen met de fiets en aantal dagen met ander eigen vervoer) niet vaker dan één keer per jaar wordt gewijzigd. U dient schriftelijk te verklaren op welk gemiddeld aantal dagen per week met de fiets wordt gereisd. Ook mag uw leidinggevende erop rekenen dat u uw verantwoordelijkheid neemt en handelt naar uw verklaring. Het staat de leidinggevende vrij om hierop (steekproefsgewijs) te toetsen. 18

20 6.3 Reiskostenvergoeding arbeidsgehandicapten Als u arbeidsgehandicapt bent en u hebt een verklaring van de bedrijfsarts waaruit blijkt dat u gebruik moet maken van eigen (gemotoriseerd) vervoer voor woon-werkverkeer, dan is voor u de plaats van tewerkstelling niet doelmatig bereikbaar. Uw vergoeding wordt dan ook gebaseerd op de kilometervergoeding voor het ontbreken van het openbaar vervoer. 6.4 Reiskostenvergoeding automatisch uitbetaald krijgen Hebt u iedere maand dezelfde reiskosten, dan kunt u in aanmerking komen voor een vaste maandelijkse tegemoetkoming. U hoeft dan niet maandelijks een reisdeclaratie in te leveren. U ontvangt de vaste vergoeding bij de uitbetaling van uw salaris. Bij volledige afwezigheid, bijvoorbeeld wegens vakantie, verlof, ziekte of schorsing gedurende een aaneengesloten periode van meer dan zes weken, wordt de uitbetaling van de maandelijkse tegemoetkoming na het verstrijken van die zes weken gestopt. Bij hervatting van de reizen gaat de vergoeding weer in vanaf de eerste van de maand volgend op die waarin het reizen weer is begonnen. 6.5 Bijzondere situaties en regelingen Als u tijdelijk gaat werken in een andere standplaats Als u minimaal vier weken in een andere standplaats moet werken, declareert u de reiskosten alsof die andere plaats uw standplaats is. Dit is bijvoorbeeld het geval als u fulltime een cursus volgt of tijdelijk in een andere standplaats te werk wordt gesteld. In deze situatie kunt u een vergoeding krijgen volgens één van de situaties in paragraaf 6.2. Als u met het openbaar vervoer reist, krijgt u de volledige kosten daarvan vergoed. In principe ontvangt u de vervoersbewijzen van de Belastingdienst. 6.6 Reis- en verblijfkosten bij binnenlandse dienstreizen Reiskosten Dienstreizen voor de Belastingdienst moet u in principe altijd met het openbaar vervoer maken. Als u met de trein reist, kunt u gebruikmaken van de eerste klasse. Een groot aantal eenheden van de Belastingdienst heeft ticketprinters van de NS in gebruik. Deze eenheden kunnen de NS-vervoerbewijzen voor dienstreizen dus vooraf aan u geven. U hoeft deze kosten dan niet voor te schieten. Mogelijk hebt u zelf een NS-vervoerbewijs of ander openbaarvervoerabonnement waarvan de kosten niet (volledig) door de Belastingdienst zijn vergoed. Als u dat abonnement gebruikt voor dienstreizen, mag u de kosten declareren op basis van de prijs van de vervoerbewijzen die u normaal gesproken zelf zou hebben gekocht. De vergoeding (inclusief de eventuele vergoeding voor het woon-werkverkeer) is maximaal het bedrag van de eigen kosten voor het abonnement. U moet een kopie van het abonnement bij uw declaratie voegen. Als het in een bepaalde situatie nodig is om een (trein)taxi te nemen, dan krijgt u de kosten hiervoor ook vergoed. Het is ook mogelijk om een dienstreis te maken met een eigen vervoermiddel als het gebruik van openbaar vervoer niet mogelijk of niet doelmatig is. Hiervoor moet u wel toestemming hebben van uw managementteam. De vergoeding is een bedrag van 0,37 per kilometer ongeacht het vervoer middel dat u gebruikt. Als u wel met het openbaar vervoer kunt reizen, maar er is sprake van bijzondere omstandigheden (bijvoorbeeld in de privésfeer), dan kunt u toch met de eigen auto reizen. Hiervoor hebt u toestemming nodig van uw managementteam. U krijgt dan een vergoeding van 0,09 per kilometer. Als u met de fiets reist dan krijgt u alleen bij de lage kilometervergoeding de stallingkosten voor de fiets vergoed. Als u bij dienstreizen gebruikmaakt van carpoolen met minimaal één medereiziger en het gebruik van een privé vervoermiddel is noodzakelijk, krijgt u 0,37 per kilometer. Is openbaar vervoer mogelijk, maar kiest u voor de auto, dan geldt een kilometervergoeding van 0,09 per inzittende met een maximum van 0,37 per kilometer. Uw medereizigers krijgen dan geen vergoeding. De maximale onbelaste reiskostenvergoeding is gesteld op 0,19 per kilometer. Het gedeelte van de vergoeding boven 0,19 zal dus belast worden uitbetaald. Overigens mag de vergoeding die wordt gegeven voor het woon-werkverkeer (anders dan OV) worden meegenomen in het bepalen van de belastbaarheid. Verblijfkosten Ook verblijfkosten tijdens een dienstreis krijgt u vergoed. U kunt een vergoeding krijgen voor logies, ontbijt, lunch, diner, kleine kosten overdag en kleine kosten s avonds voor iedere dag van de dienst- 19

Werken bij de Belastingdienst. Uw rechten en plichten in 2010

Werken bij de Belastingdienst. Uw rechten en plichten in 2010 Werken bij de Belastingdienst Uw rechten en plichten in 2010 2 Inhoud 1 Wat vindt u in deze brochure? 7 2 Werving, selectie en sollicitatieprocedure 7 2.1 Openstellen van vacatures 7 2.2 De sollicitatieprocedure

Nadere informatie

Financiële arbeidsvoorwaarden rijkspersoneel (in kort bestek)

Financiële arbeidsvoorwaarden rijkspersoneel (in kort bestek) Financiële arbeidsvoorwaarden rijkspersoneel (in kort bestek) ,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, Schalen BBRA salarisnummer maandsalaris sinds -- ,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,, Schalen BBRA salarisnummer

Nadere informatie

3 Salaris per uur: 1/156 van het salaris bij een volledige werktijd.

3 Salaris per uur: 1/156 van het salaris bij een volledige werktijd. III.1 BEZOLDIGINGSREGELING 1997 - Besluit van de gemeenteraad van Voorst 24 maart 1997. BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1 Deze regeling verstaat onder: 1 Ambtenaar: hij, die overeenkomstig de bepalingen van

Nadere informatie

Regeling bezoldiging. Artikel 1. Begripsbepalingen. Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

Regeling bezoldiging. Artikel 1. Begripsbepalingen. Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: Regeling bezoldiging Artikel 1. Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: A. Bevoegd gezag: het college van burgemeester en wethouders; B. Ambtenaar: de ambtenaar in

Nadere informatie

weduwe, weduwnaar of geregistreerd partner. het geheel van werkzaamheden dat door de ambtenaar is te verrichten conform artikel 3:1.

weduwe, weduwnaar of geregistreerd partner. het geheel van werkzaamheden dat door de ambtenaar is te verrichten conform artikel 3:1. 1 Bijlage 1 bij ledenbrief 201401849 Op 1 januari 2016 wordt hoofdstuk 3 van de CAR-UWO in zijn geheel vervangen door een nieuw hoofdstuk. In deze bijlage staat het nieuwe hoofdstuk3 en de bijhorende begripsomschrijvingen

Nadere informatie

IKAP-Regeling rijkspersoneel

IKAP-Regeling rijkspersoneel (Tekst geldend op: 02-02-2015) IKAP-Regeling rijkspersoneel De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Gelet op artikel 21c van het Algemeen Rijksambtenarenreglement en artikel 34c van

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden;

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden; Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden; overwegende dat met betrekking tot de beloningsmogelijkheden voor de medewerkers een regeling dient te worden vastgesteld, waarin een

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen en fiscale aspecten

Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen en fiscale aspecten Onderwerp: Bezoldigingsregeling gemeente Overbetuwe 2014. Ons kenmerk: 13BWB00076 De burgemeester van de gemeente Overbetuwe; gelet op het Algemeen mandaatbesluit rechtspositie personeel gemeente Overbetuwe;

Nadere informatie

Regeling Menukaart arbeidsvoorwaarden 2006

Regeling Menukaart arbeidsvoorwaarden 2006 Regeling Menukaart arbeidsvoorwaarden 2006 Artikel 1 Vastgesteld bij besluit van het college van bestuur van 7 november 2006, nr. 2006cb0252, zoals laatstelijk gewijzigd bij zijn besluit van 3 december

Nadere informatie

provinciaal blad V A N D E P R O V I N C I E G R O N I N G E N

provinciaal blad V A N D E P R O V I N C I E G R O N I N G E N provinciaal blad nr. 9 ISSN: 0920-1092 V A N D E P R O V I N C I E G R O N I N G E N 13 februari 2006 Besluit van Gedeputeerde Staten der provincie Groningen van 7 februari 2006, nr. 2006-02445, afd. PO,

Nadere informatie

Bezoldigingsverordening

Bezoldigingsverordening Bezoldigingsverordening Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. ambtenaar: hij, die overeenkomstig de bepalingen van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) in openbare

Nadere informatie

Bezoldigingsverordening gemeente Leeuwarderadeel 2005.

Bezoldigingsverordening gemeente Leeuwarderadeel 2005. Gemeente Leeuwarderadeel Burgemeester en Wethouders van Leeuwarderadeel; gelet op het bepaalde in artikel 3:1 van de Arbeidsvoorwaardenregeling gemeente Leeuwarderadeel; gehoord de Commissie voor Georganiseerd

Nadere informatie

Toelichting Bezoldigingsregeling Gemeente Stichtse Vecht

Toelichting Bezoldigingsregeling Gemeente Stichtse Vecht Toelichting Bezoldigingsregeling Gemeente Stichtse Vecht 1 van 11 Algemene toelichting In deze Bezoldigingsregeling wordt geregeld welke beloningsvormen binnen de gemeente Stichtse Vecht toegepast kunnen

Nadere informatie

TiU-Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en verhuiskosten

TiU-Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en verhuiskosten TiU-Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en verhuiskosten Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Onderwerp reikwijdte regeling Deze regeling bevat: nadere regels, als bedoeld in de CAO

Nadere informatie

Uitgegeven: 12 februari 2010. 2010, no. 15 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN

Uitgegeven: 12 februari 2010. 2010, no. 15 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Uitgegeven: 12 februari 2010 2010, no. 15 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Gedeputeerde Staten van Fryslân, gelet op artikel 125 Ambtenarenwet en artikel F4 van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies,

Nadere informatie

Begripsomschrijving. Carlar hoofdstuk 18 suppl. m.i.v. 1-1-2013 1

Begripsomschrijving. Carlar hoofdstuk 18 suppl. m.i.v. 1-1-2013 1 Hoofdstuk 18 Verplaatsingskosten Begripsomschrijving Artikel 18:1:1 1. Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: a. woonplicht: de verplichting voor de betrokkene, die een door het college

Nadere informatie

Rechtspositie rijksambtenaar

Rechtspositie rijksambtenaar Rechtspositie rijksambtenaar Juli 2007 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2 3 Verantwoording Deze brochure is tot stand gebracht door de directie Personeel, Organisatie en Informatie

Nadere informatie

Wat is het generatiepact

Wat is het generatiepact Generatiepact Emmen Ben je 60 jaar of ouder? En overweeg je om minder te gaan werken? Dan is het Generatiepact wellicht iets voor jou. Met deze regeling kun je minder uren gaan werken, waarbij de gemeente

Nadere informatie

Toelageregeling Universiteit Twente 2015

Toelageregeling Universiteit Twente 2015 Toelageregeling Universiteit Twente 2015 Kenmerk: CvB UIT-1310 Datum: 28 september 2015 Auteur: Hooftman/Miessen Inhoudsopgave PARAGRAAF 1 ALGEMEEN... 2 Artikel 1 Begripsbepalingen... 2 Artikel 2 Reikwijdte...

Nadere informatie

Arbeidsvoorwaarden gemeente Heusden

Arbeidsvoorwaarden gemeente Heusden 1 Arbeidsvoorwaarden gemeente Heusden Ons arbeidsvoorwaardenpakket wordt gevormd door de gemeentelijke CAO en lokale rechtspositie. Voor wat betreft de uitvoering daarvan draait het grotendeels om maatwerk.

Nadere informatie

Minimumloon, jeugdloon januari 2016 - juni 2016 plus Uurloon

Minimumloon, jeugdloon januari 2016 - juni 2016 plus Uurloon Minimumloon, jeugdloon januari 2016 - juni 2016 plus Uurloon Het wettelijk minimum loon of wettelijk minimum jeugdloon is het loon of het salaris dat je minimaal uitbetaald hoort te krijgen. Werknemers

Nadere informatie

In deze circulaire worden de aanvullende afspraken toegelicht. In een bijlage zijn een aantal berekeningsvoorbeelden opgenomen.

In deze circulaire worden de aanvullende afspraken toegelicht. In een bijlage zijn een aantal berekeningsvoorbeelden opgenomen. Aan de Ministers Directie Organisatie en Personeelsbeleid Rijk Afdeling Personeel Rijk Schedeldoekshaven 200 2511 EZ Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.minbzk.nl Contactpersoon B. Vlas T (070)

Nadere informatie

Vragen/antwoorden m.b.t. tijdelijke aanpassing uitstroombevorderende maatregelen

Vragen/antwoorden m.b.t. tijdelijke aanpassing uitstroombevorderende maatregelen Vragen/antwoorden m.b.t. tijdelijke aanpassing uitstroombevorderende maatregelen Vraag 1 Vraag a: In de brief van van 8 juni wordt aangegeven dat besluiten inzake toepassing van de maatregelen voor 1 december

Nadere informatie

Bezoldigingsregeling 2014 Krimpen aan den IJssel

Bezoldigingsregeling 2014 Krimpen aan den IJssel Hoofdstuk I Begripsbepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen In aanvulling op de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) en de Uitwerkingsovereenkomst (UWO) wordt in deze regeling verstaan onder:

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders,

Het college van burgemeester en wethouders, Het college van burgemeester en wethouders, gelet op artikel 15:1:22, artikel 15:1:23, artikel 15:1:23:1, artikel 15:1:26 en artikel 17:1:6:1 van de Arbeidsvoorwaardenregeling gemeente Den Helder 2004,

Nadere informatie

Regeling tegemoetkoming reiskosten woon-werkverkeer en tegemoetkoming kosten van verhuizing Universiteit Leiden

Regeling tegemoetkoming reiskosten woon-werkverkeer en tegemoetkoming kosten van verhuizing Universiteit Leiden Regeling tegemoetkoming reiskosten woon-werkverkeer en tegemoetkoming kosten van verhuizing Universiteit Leiden Regeling van de Universiteit Leiden houdende regels ten aanzien van de tegemoetkoming in

Nadere informatie

Rechtspositie rijksambtenaar

Rechtspositie rijksambtenaar Rechtspositie rijksambtenaar Juli 2010 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2 3 Verantwoording Deze brochure is tot stand gebracht door de directie Organisatie en Personeelsbeleid Rijk

Nadere informatie

Artikel 6b Telewerken Artikel 11 Vergoeding overwerk Artikel 13 Regeling fietsenplan

Artikel 6b Telewerken Artikel 11 Vergoeding overwerk Artikel 13 Regeling fietsenplan Kantoor Eindhoven > 1 Postbus 90056 5600 PJ EINDHOVEN Telefoon (0800) 0543 Doorkiesnummer (088) 1576 584 Vereniging van Openbare Bibliotheken Postbus 16146, 2500 BC Den Haag Datum 5 november 2015 Uw kenmerk

Nadere informatie

De reiskostenregeling voor de sociale werkvoorziening. Dit zijn de belangrijkste punten

De reiskostenregeling voor de sociale werkvoorziening. Dit zijn de belangrijkste punten De reiskostenregeling voor de sociale werkvoorziening Dit zijn de belangrijkste punten Inleiding Per 1 januari 2010 geldt voor werknemers in de sociale werkvoorziening een nieuwe reiskostenregeling. Deze

Nadere informatie

Vergelijking Verordening Rechtspositie Gedeputeerden, Staten- en Commissieleden Provincie Flevoland 2003 met de IPO Modelverordening

Vergelijking Verordening Rechtspositie Gedeputeerden, Staten- en Commissieleden Provincie Flevoland 2003 met de IPO Modelverordening Verordening Rechtspositie Gedeputeerden, Statenen Commissieleden Provincie Flevolnd 2003 Artikel 1 Begripsbepalingen Alle begrippen komen terug in de modelverordening VOORZIENINGEN VOOR STATENLEDEN Artikel

Nadere informatie

Vraag A1 In de mail over de CAO 2008 wordt gesproken over differentiatie naar groepen medewerkers. Onder welke groep val ik?

Vraag A1 In de mail over de CAO 2008 wordt gesproken over differentiatie naar groepen medewerkers. Onder welke groep val ik? ONDERHANDELINGSRESULTAAT CAO KPN 2008-2009 VRAGEN EN ANTWOORDEN De antwoorden op de gestelde vragen zijn gebaseerd op het Onderhandelingsresultaat tussen KPN en de vakbonden d.d. 22 februari 2008. De hierna

Nadere informatie

Nummer: 11.0001183. Versie: 1.1. Vastgesteld door het DB d.d. Instemming OR RAV d.d.

Nummer: 11.0001183. Versie: 1.1. Vastgesteld door het DB d.d. Instemming OR RAV d.d. Uitvoeringsregeling artikel 6.10 van de CAO sector Ambulancezorg ( vergoeding consignatiediensten ten behoeve van GHOR-taken ) Regionale Ambulancevoorziening Nummer: 11.0001183 Versie: 1.1 Vastgesteld

Nadere informatie

Rechtspositie Rijksambtenaar

Rechtspositie Rijksambtenaar Rechtspositie Rijksambtenaar Juni 2012 Rechtspositie rijksambtenaar Juni 2012 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2 Verantwoording Deze brochure is tot stand gebracht door de directie

Nadere informatie

Gelet op en in aanvulling op hoofdstuk 5 van de CAO Nederlandse Universiteiten stelt de werkgever de navolgende regeling vast.

Gelet op en in aanvulling op hoofdstuk 5 van de CAO Nederlandse Universiteiten stelt de werkgever de navolgende regeling vast. REGELING KEUZEMODEL ARBEIDSVOORWAARDEN RADBOUD UNIVERSITEIT Overeengekomen in het Lokaal Overleg d.d.7 november 2014, laatstelijk gewijzigd en vastgesteld in het Lokaal Overleg van 10 april 2015 Gelet

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Nr. 28294. Gemeente Raalte Regeling attenties. 21 mei 2014. Officiële uitgave van gemeente Raalte.

GEMEENTEBLAD. Nr. 28294. Gemeente Raalte Regeling attenties. 21 mei 2014. Officiële uitgave van gemeente Raalte. GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Raalte. Nr. 28294 21 mei 2014 Gemeente Raalte Regeling attenties Het college van de gemeente Raalte, gelet op artikel 125 Ambtenarenwet; gelet op de wens het

Nadere informatie

Bijlage A behorende bij artikel 17 van de Gemeenschappelijke regeling gezamenlijke ombudsman metropool Amsterdam 2013

Bijlage A behorende bij artikel 17 van de Gemeenschappelijke regeling gezamenlijke ombudsman metropool Amsterdam 2013 Bijlage A behorende bij artikel 17 van de Gemeenschappelijke regeling gezamenlijke ombudsman metropool Amsterdam 2013 Rechtspositie ombudsman 2014 Artikel 1 Deze bijlage maakt deel uit van de Gemeenschappelijke

Nadere informatie

Het spaargeld uit de levensloopregeling kunt u gebruiken om de periode van onbetaald verlof te financieren.

Het spaargeld uit de levensloopregeling kunt u gebruiken om de periode van onbetaald verlof te financieren. Levensloop. Wat is levensloop? De levensloopregeling (of: levensloop) is een fiscale regeling die vanaf 1 januari 2006 in Nederland bestaat om het sparen voor een vervangend inkomen tijdens een periode

Nadere informatie

CAO à la Carte Regeling Vergoeding kosten van vakbondscontributie en lidmaatschappen van beroeps- of vakverenigingen

CAO à la Carte Regeling Vergoeding kosten van vakbondscontributie en lidmaatschappen van beroeps- of vakverenigingen CAO à la Carte Regeling Vergoeding kosten van vakbondscontributie en lidmaatschappen van beroeps- of vakverenigingen Inleiding Een keuzemenu arbeidsvoorwaarden? De CAO à la Carte is een ruilsysteem. U

Nadere informatie

Rijnmond/kantoor Rotterdam ROTTERDAM. Geachte,

Rijnmond/kantoor Rotterdam ROTTERDAM. Geachte, Rijnmond/kantoor Rotterdam ROTTERDAM > 1 Postbus 50960 3007 BB ROTTERDAM Telefoon 0800-0543 Telefax Unit Doorkiesnummer Datum 9 juli 2009 Uw kenmerk Kenmerk Betreft cao en loonheffingen Geachte, De Werkgeversvereniging

Nadere informatie

Artikel 17:1:1:1 Voorwaarden pagina 1 van 3

Artikel 17:1:1:1 Voorwaarden pagina 1 van 3 Artikel 17:1:1:1 Voorwaarden pagina 1 van 3 Hoofdstuk 17 Opleiding en ontwikkeling, regeling gemeente Den Helder Artikel 17:1:1:1 Voorwaarden Het college kan, indien en voor zover het belang van de dienst

Nadere informatie

CAO á la Carte: fiscale regeling woon-werkverkeer UMCG

CAO á la Carte: fiscale regeling woon-werkverkeer UMCG CAO á la Carte: fiscale regeling woon-werkverkeer UMCG Het principe van de fiscale regeling Het principe van de fiscale regeling is dat de medewerker een bedrag ter hoogte van de fiscale vergoeding woon-werkverkeer

Nadere informatie

CAO á la carte: fiscale regeling woon-/werkverkeer UMCG

CAO á la carte: fiscale regeling woon-/werkverkeer UMCG CAO á la carte: fiscale regeling woon-/werkverkeer UMCG Het principe van de fiscale regeling Het principe van de fiscale regeling is dat de medewerker een bedrag ter hoogte van de fiscale vergoeding woon-werkverkeer

Nadere informatie

Formulier 4: Melding opnemen levenslooptegoed (artikel 6a:9 CAR/UWO)

Formulier 4: Melding opnemen levenslooptegoed (artikel 6a:9 CAR/UWO) Formulier 4: Melding opnemen levenslooptegoed (artikel 6a:9 CAR/UWO) Gegevens deelnemer Achternaam: Voorletters: Geboortedatum: Sofi-nummer: Personeelsnummer: Dienst/afdeling: Levensloopinstelling: Levenslooprekeningnummer:

Nadere informatie

Bijlage bij onderhandelingsresultaat CAO-OI 2010-2012

Bijlage bij onderhandelingsresultaat CAO-OI 2010-2012 Bijlage bij onderhandelingsresultaat CAO-OI 2010-2012 Technisch inhoudelijke punten CAO-OI 1) Artikel 1.1 lid 2 (definitie bezoldiging) komt te luiden: Bezoldiging: De som van het salaris en de toelagen

Nadere informatie

Regeling vergoeding consignatiediensten en telefonische bereikbaarheid

Regeling vergoeding consignatiediensten en telefonische bereikbaarheid Regeling vergoeding consignatiediensten en telefonische Nummer: 10.0003457 Versie: 1.0 Vastgesteld door het AB d.d. 7 april 2011 Instemming GO d.d. 7 april 2011 Deze regeling treedt in werking op 1 mei

Nadere informatie

Informatiebulletin Sociaal Flankerend Beleid 2008-2012

Informatiebulletin Sociaal Flankerend Beleid 2008-2012 TER INFORMATIE Directoraat-Generaal Belastingdienst Datum 15 september 2010 Informatiebulletin Sociaal Flankerend Beleid 2008-2012 Nummer 1 Van Cluster Bedrijf Toelichting sociaal flankerend beleid, mobiliteit

Nadere informatie

Aanvullende rechtspositieregeling voor de ambtenaar in een instelling voor kunsteducatie

Aanvullende rechtspositieregeling voor de ambtenaar in een instelling voor kunsteducatie Hoofdstuk 19b Aanvullende rechtspositieregeling voor de ambtenaar in een instelling voor kunsteducatie Paragraaf 1 Algemene bepalingen Werkingssfeer Artikel 19b:1 Dit hoofdstuk is van toepassing op ambtenaren

Nadere informatie

TOELICHTING TIJDELIJKE REGELING CAFETARIAMODEL 2011

TOELICHTING TIJDELIJKE REGELING CAFETARIAMODEL 2011 TOELICHTING TIJDELIJKE REGELING CAFETARIAMODEL 2011 Gemeente Stichtse Vecht Nadere uitwerking van artikel 4a:3 CAR/UWO Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Bronnen 2.1 Bronnen 2.1.1 Persoonsgebonden budget (PGB)

Nadere informatie

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente BRONCKHORST;

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente BRONCKHORST; Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente BRONCKHORST; Het is gewenst om de Regeling Cafetariaplan personeel gemeente Bronckhorst aan te passen in verband met de invoering van de Werkkostenregeling;

Nadere informatie

provinciaal blad maken bekend dat in hun vergadering van 3 juni 2008, nr. B.4, is vastgesteld hetgeen volgt:

provinciaal blad maken bekend dat in hun vergadering van 3 juni 2008, nr. B.4, is vastgesteld hetgeen volgt: provinciaal blad nr. 17 ISSN: 0920-1092 V A N D E P R O V I N C I E G R O N I N G E N 1 augustus 2008 Besluit van Gedeputeerde Staten der provincie Groningen van 30 juli 2008, nr. 2008-114520, afd. PO,

Nadere informatie

Rechtspositie Rijksambtenaar

Rechtspositie Rijksambtenaar Rechtspositie Rijksambtenaar Juni 2012 Rechtspositie rijksambtenaar Juni 2012 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 2 Verantwoording Deze brochure is tot stand gebracht door de directie

Nadere informatie

Verplaatsingskostenregeling 1989

Verplaatsingskostenregeling 1989 Bijgwerkt tot 1 januari 2011 Verplaatsingskostenregeling 1989 Staatcourant 2009, 51, Staatcourant 2009,10878, Staatcourant 2009, 19060, Staatscourant 2010, 15145, Staatscourant 2010, 20751 Artikel 1 1.

Nadere informatie

Reiskostenregeling Gelre Ziekenhuizen

Reiskostenregeling Gelre Ziekenhuizen Reiskostenregeling Gelre Ziekenhuizen Inleiding We onderscheiden diverse soorten van reiskostenvergoedingen. De hoogte van de vergoedingen worden in deze regeling uitgelegd. Achtereenvolgens tref je aan:

Nadere informatie

Alfabetisch trefwoordenregister

Alfabetisch trefwoordenregister Alfabetisch trefwoordenregister Aanstelling 2.1 Aanstelling, vast of tijdelijk 2.1.3 Aanvullende uitkering bij werkloosheid - anticumulatie 5.5.15 - berekeningsgrondslag 5.5.8 - bedrag 5.5.10 - beëindiging

Nadere informatie

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST CAO-I AKZONOBEL NEDERLAND

COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST CAO-I AKZONOBEL NEDERLAND COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST CAO-I AKZONOBEL NEDERLAND (versie juli 2013) De werkingssfeer van de CAO-I AkzoNobel Nederland omvat: (stand per 1 januari 2013) - Akzo Nobel Nederland B.V. De ondergetekenden:

Nadere informatie

Werken bij de. Wil je werken bij de Rijksschoonmaakorganisatie? Lees dan deze folder!

Werken bij de. Wil je werken bij de Rijksschoonmaakorganisatie? Lees dan deze folder! Werken bij de Rijksschoonmaakorganisatie Wil je werken bij de Rijksschoonmaakorganisatie? Lees dan deze folder! 2 Werken bij de Rijksschoonmaakorganisatie Inhoud 1. De Rijksoverheid gaat zelf schoonmaken.

Nadere informatie

Beloningsbeleid Maart 2015

Beloningsbeleid Maart 2015 Beloningsbeleid Maart 2015 Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Relevante wet- en regelgeving... 2 4. Bestuur (directie)... 3 5. Raad van Commissarissen... 3 6. Medewerkers... 3 7. Publicatie... 5 8. Governance

Nadere informatie

Artikel 5 Bepalen functieschaal In een aparte regeling wordt vastgelegd de wijze waarop de functies worden beschreven en gewaardeerd.

Artikel 5 Bepalen functieschaal In een aparte regeling wordt vastgelegd de wijze waarop de functies worden beschreven en gewaardeerd. Artikel 1 Begripsomschrijvingen De begripsomschrijvingen van de CAR-UWO zijn van toepassing. Verwijzingen naar de belangrijkste omschrijvingen zijn opgenomen in de regeling. Daarnaast gelden aanvullend

Nadere informatie

Levensloopreglement Stichting OSG Hengelo

Levensloopreglement Stichting OSG Hengelo Levensloopreglement Stichting OSG Hengelo Inleiding Op 1 januari 2006 is de levensloopregeling in het leven geroepen. Deze regeling biedt werknemers de mogelijkheid om een deel van hun bruto salaris te

Nadere informatie

OVERGANGSAFSPRAKEN KPN CONTACT KPN herzien concept d.d. 05-03-2009

OVERGANGSAFSPRAKEN KPN CONTACT KPN herzien concept d.d. 05-03-2009 OVERGANGSAFSPRAKEN KPN CONTACT KPN herzien concept d.d. 05-03-2009 Partijen: KPN B.V. te 's-gravenhage, hierbij vertegenwoordigd door drs. Hein J.M. Knaapen, directeur Human Resources KPN en - ABVAKABO

Nadere informatie

Overzicht voorzieningen. QenA

Overzicht voorzieningen. QenA Overzicht voorzieningen QenA Overzicht voorzieningen QenA 2 Disclaimer De inhoud van dit document is zorgvuldig samengesteld en bedoeld voor het informeren van medewerkers van de politie over de personele

Nadere informatie

Architectuur arbeidsvoorwaarden pakket

Architectuur arbeidsvoorwaarden pakket Architectuur arbeidsvoorwaarden pakket Mei 2011 Rijskadeveld 28 4231 DZ Meerkerk +31 183 35 35 20 +31 6 22 201 805 www.deldenadvies.nl mail@deldenadvies.nl Architectuur arbeidsvoorwaardenpakket: modules

Nadere informatie

Algemene toelichting op de Landelijke Dyade regeling 2016 (aanvullende) reiskostenvergoeding woon-werkverkeer zoals overgenomen door uw werkgever

Algemene toelichting op de Landelijke Dyade regeling 2016 (aanvullende) reiskostenvergoeding woon-werkverkeer zoals overgenomen door uw werkgever Algemene toelichting op de Landelijke Dyade regeling 2016 (aanvullende) reiskostenvergoeding woon-werkverkeer zoals overgenomen door uw werkgever Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend.

Nadere informatie

NIEUWSBRIEF sector FO nr. 57 januari 2009

NIEUWSBRIEF sector FO nr. 57 januari 2009 Sector FO Ametisthorst 20 Postbus 91460 2509 EB Den Haag Telefoon (070) 419 19 44 Telefax (070) 419 19 40 E-mail: fo@cmhf.nl Website www.cmhf.nl Rabobank 36.59.34.844 NIEUWSBRIEF sector FO nr. 57 januari

Nadere informatie

Formulier arbeidsvoorwaardengesprek

Formulier arbeidsvoorwaardengesprek Formulier arbeidsvoorwaardengesprek Vacaturenummer : Functie : Afdeling/Team : Datum in dienst i : ALGEMEEN INVULLEN Naam: Roepnaam: Volledige voornamen: Geslacht Adres: Postcode en woonplaats: Telefoonnummer

Nadere informatie

gelet op het resultaat van het overleg in de commissie van georganiseerd overleg (GO) van 22 november 2000;

gelet op het resultaat van het overleg in de commissie van georganiseerd overleg (GO) van 22 november 2000; De raad van de gemeente Menaldumadeel; overwegende dat VNG een voorbeeld bezoldigingsverordening heeft ontworpen als handreiking voor gemeenten die hun locale verordening willen aanpassen; dat het aanbeveling

Nadere informatie

Bijlage 12 Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en algemene reis- en verblijfkosten

Bijlage 12 Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en algemene reis- en verblijfkosten Bijlage 12 Regeling vergoeding reiskosten woon-werkverkeer en algemene reis- en verblijfkosten (versie 15.1) Regeling is geldig vanaf 1 juli 2009 en aangepast per 1 januari 2015 en geldt voor onbepaalde

Nadere informatie

4",..,,,.' B .C-. E R N H EZ E. gezien het bijbehorende voorstel van burgemeester en wethouders van 15 april 2014;

4,..,,,.' B .C-. E R N H EZ E. gezien het bijbehorende voorstel van burgemeester en wethouders van 15 april 2014; .: ~.~ E R N H EZ E 4",..,,,.' B.C-. Raadsvergadering: 21 mei 2014 Agendapunt: 10 Onderwerp: Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden onder werkkostenregeling 2014 De raad van de

Nadere informatie

Gelet op artikel 3.21, lid 1a en artikel 10.2, lid 2 van de CAO Nederlandse Universiteiten stelt de werkgever de navolgende regeling vast.

Gelet op artikel 3.21, lid 1a en artikel 10.2, lid 2 van de CAO Nederlandse Universiteiten stelt de werkgever de navolgende regeling vast. Reis- en verhuiskostenregeling Radboud Universiteit Nijmegen vastgesteld door het college van bestuur d.d. 16 februari 2004 laatstelijk gewijzigd per 20 februari 2012 Gelet op artikel 3.21, lid 1a en artikel

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Circulaire toepassing Uitvoeringsakkoord sector Rijk

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Circulaire toepassing Uitvoeringsakkoord sector Rijk STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 15672 12 juni 2015 Circulaire toepassing Uitvoeringsakkoord sector Rijk Aan de bevoegde gezagen van de ambtelijke diensten

Nadere informatie

Voorwoord De bedrijfs-cao TenneT maakt onderdeel uit van de arbeidsvoorwaarden van cao-werknemers binnen TenneT TSO B.V.

Voorwoord De bedrijfs-cao TenneT maakt onderdeel uit van de arbeidsvoorwaarden van cao-werknemers binnen TenneT TSO B.V. Bedrijfs-cao TenneT Looptijd 1 mei 2013 tot en met 30 oktober 2015 Voorwoord De bedrijfs-cao TenneT maakt onderdeel uit van de arbeidsvoorwaarden van cao-werknemers binnen TenneT TSO B.V. Binnen TenneT

Nadere informatie

Artikel Wijzigingen (V) Communicatie Artikel 19B.1, onder definitie consignatie is ter verduidelijking

Artikel Wijzigingen (V) Communicatie Artikel 19B.1, onder definitie consignatie is ter verduidelijking Hoofdstuk 19B Arbeidsvoorwaarden personenchauffeurs Voorblad A. Opmerkingen Artikel Wijzigingen (V) Communicatie Artikel 19B.1, onder definitie consignatie is ter verduidelijking Ja, P&O FBA b opgenomen

Nadere informatie

Aanpassing van de CAO Energie 2009 2010 als gevolg van de invoering van het Benefit Budget

Aanpassing van de CAO Energie 2009 2010 als gevolg van de invoering van het Benefit Budget Aanpassing van de CAO Energie 2009 2010 als gevolg van de invoering van het Benefit Budget Gewijzigde CAO-artikelen Artikel 1.3 Structuur 1. Voor de bedrijven geldt tevens een bedrijfs-cao waarin nadere

Nadere informatie

Onderhandelaarsakkoord CAO 1 januari 2012 1 januari 2014

Onderhandelaarsakkoord CAO 1 januari 2012 1 januari 2014 Onderhandelaarsakkoord CAO 1 januari 2012 1 januari 2014 Ten opzichte van de tekst van de nog vigerende CAO, die een looptijd had tot 1 januari 2012, worden de volgende tekstwijzigingen aangepast: Looptijd

Nadere informatie

Regeling vergoeding dienstreizen Universiteit Leiden

Regeling vergoeding dienstreizen Universiteit Leiden Regeling vergoeding dienstreizen Universiteit Leiden Regeling van de Universiteit Leiden houdende regels ten aanzien van de vergoeding van de kosten van dienstreizen en de maaltijdkosten bij overwerk.

Nadere informatie

BIJLAGE III. Personeel en Organisatie

BIJLAGE III. Personeel en Organisatie BIJLAGE III Personeel en Organisatie Te mandateren aan de directeur Stafafdelingen, de directeur Beleidsafdelingen, de directeur Uitvoering en de directeur Matrixunits: de navolgende bevoegdheden met dien

Nadere informatie

Bijlage 1 bij U201501087. Bijlage CAR teksten. A. De toelichting op artikel 6:4 wordt gewijzigd en komt te luiden: Buitengewoon verlof.

Bijlage 1 bij U201501087. Bijlage CAR teksten. A. De toelichting op artikel 6:4 wordt gewijzigd en komt te luiden: Buitengewoon verlof. Bijlage 1 bij U201501087 Bijlage CAR teksten A. De toelichting op artikel 6:4 wordt gewijzigd en komt te luiden: Buitengewoon verlof Artikel 6:4 Lid 1 Het kraamverlof, calamiteiten en ander kortverzuimverlof

Nadere informatie

gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet,

gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet, De raad van de gemeente Strijen. gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet, gelet op het Rechtspositiebesluit wethouders en het rechtspositiebesluit raads-

Nadere informatie

LEVENSLOOPREGLEMENT Stichting Samenwerking Voortgezet Onderwijs in de regio Steenwijk, Weststellingwerf en Westerveld ( SVO Wolvega/Steenwijk)

LEVENSLOOPREGLEMENT Stichting Samenwerking Voortgezet Onderwijs in de regio Steenwijk, Weststellingwerf en Westerveld ( SVO Wolvega/Steenwijk) LEVENSLOOPREGLEMENT Stichting Samenwerking Voortgezet Onderwijs in de regio Steenwijk, Weststellingwerf en Westerveld ( SVO Wolvega/Steenwijk) Artikel 1 Definities In deze regeling wordt verstaan onder:

Nadere informatie

gelezen het voorstel van de burgemeester en wethouders d.d. 9 maart 2010;

gelezen het voorstel van de burgemeester en wethouders d.d. 9 maart 2010; De raad van de gemeente Cuijk gelezen het voorstel van de burgemeester en wethouders d.d. 9 maart 2010; gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de

Nadere informatie

Mandaatlijst, behorende bij het Mandaatbesluit P&O-taken

Mandaatlijst, behorende bij het Mandaatbesluit P&O-taken Mandaatlijst, behorende bij het Mandaatbesluit P&O-taken Rubricering c.q. wettelijk I. CAR/UWO Op volgorde van hoofdstuknummering in CAR/UWO I.1 - Aanstelling Aanstelling (zowel tijdelijk als vast), conform

Nadere informatie

Meerkeuzesysteem Arbeidsvoorwaarden Informatie voor werknemers

Meerkeuzesysteem Arbeidsvoorwaarden Informatie voor werknemers Meerkeuzesysteem Arbeidsvoorwaarden Informatie voor werknemers Stel: u wilt meer tijd om voor uw kinderen te zorgen. Of u wilt fiscaal voordelig een opleiding volgen. Of u wilt spaarverlof opbouwen om

Nadere informatie

gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet;

gelet op de artikelen 44, tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet; De raad van de gemeente Doetinchem; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 september 2010 over de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Doetinchem 2010; gelet

Nadere informatie

3.2 Individueel KeuzeBudget

3.2 Individueel KeuzeBudget 3.2 Individueel KeuzeBudget Artikel 3.2.1 Algemeen 1. Voor de ambtenaar is er een IKB, dat door het bevoegd gezag wordt beheerd. 2. Het IKB wordt voorzien van in geldwaarde uitgedrukte aanspraken, welke

Nadere informatie

P&O mandaten Griffie (o.b.v. AVR)

P&O mandaten Griffie (o.b.v. AVR) P&O mandaten Griffie (o.b.v. AVR) Toelichting: Waar in de tabel bij staat vermeld, wordt hiermee bedoeld dat de Voorzitter van de werkgeverscommissie is de betreffende besluiten te nemen ten zien van de

Nadere informatie

Het Generatiepact. Inhoudsopgave. 3 Wat is het Generatiepact?

Het Generatiepact. Inhoudsopgave. 3 Wat is het Generatiepact? het Generatiepact Inhoudsopgave 3 Wat is het Generatiepact? 5 Wanneer kan ik meedoen aan het Generatiepact? 6 De 55-jarigenregeling 11 De 60-jarigenregeling 16 De overgang van de 55-jarigenregeling naar

Nadere informatie

5 Wanneer kan ik meedoen aan het Generatiepact? 16 De overgang van de 55-jarigenregeling naar de 60-jarigenregeling

5 Wanneer kan ik meedoen aan het Generatiepact? 16 De overgang van de 55-jarigenregeling naar de 60-jarigenregeling het Generatiepact Inhoudsopgave 3 Wat is het Generatiepact? 5 Wanneer kan ik meedoen aan het Generatiepact? 6 De 55-jarigenregeling 11 De 60-jarigenregeling 16 De overgang van de 55-jarigenregeling naar

Nadere informatie

Regeling reis- en verblijfkosten in verband met dienstreizen Universiteit Leiden 2015. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. Verblijfkosten buitenland

Regeling reis- en verblijfkosten in verband met dienstreizen Universiteit Leiden 2015. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. Verblijfkosten buitenland Regeling reis- en verblijfkosten in verband met dienstreizen Universiteit Leiden 2015 Regeling van de Universiteit Leiden houdende regels ten aanzien van de vergoeding van reis- en verblijfkosten in verband

Nadere informatie

ARBEIDSDUUR. Keuzemogelijkheden voor militairen BURGERS PAGINA 6. T wee uren langer of korter werken

ARBEIDSDUUR. Keuzemogelijkheden voor militairen BURGERS PAGINA 6. T wee uren langer of korter werken ARBEIDSDUUR Keuzemogelijkheden voor militairen T wee uren langer of korter werken Vanaf 1 juli 2001 bestaat voor u de mogelijkheid om, uitgaande van een arbeidsduur van uw rooster van gemiddeld 38 uur

Nadere informatie

OVERGANGSRECHT AMBTENAREN IN EEN FUNCTIE DIE OP 31 DECEMBER 2005 RECHT GAF OP FUNCTIONEEL LEEFTIJDSONTSLAG

OVERGANGSRECHT AMBTENAREN IN EEN FUNCTIE DIE OP 31 DECEMBER 2005 RECHT GAF OP FUNCTIONEEL LEEFTIJDSONTSLAG 9b OVERGANGSRECHT AMBTENAREN IN EEN FUNCTIE DIE OP 31 DECEMBER 2005 RECHT GAF OP FUNCTIONEEL LEEFTIJDSONTSLAG Inhoudsopgave Onderwerp Artikel ========= ===== HOOFDSTUK 9b Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Nadere informatie

Jaarurensystematiek CAO-Sport

Jaarurensystematiek CAO-Sport Jaarurensystematiek CAO-Sport Werkgeversorganisatie in de Sport Arnhem, november 2007 Jaarurensystematiek CAO-Sport 1 Werkgeversorganisatie in de Sport Postbus 185 6800 AD Arnhem Papendallaan 50 T: 0264834450

Nadere informatie

Vastgesteld 10 januari 2014. Inwerkingtreding met terugwerkende kracht tot 1 januari 2014

Vastgesteld 10 januari 2014. Inwerkingtreding met terugwerkende kracht tot 1 januari 2014 Onderwerp Vaststelling Bezoldigingsregeling Veiligheidsregio Groningen 2014 Vastgesteld 10 januari 2014 Inwerkingtreding met terugwerkende kracht tot 1 januari 2014 Blad bekendmakingen 2014 nr 3, uitgegeven

Nadere informatie

Bestedingsplan Decentrale Middelen gemeente Houten 2012

Bestedingsplan Decentrale Middelen gemeente Houten 2012 Bestedingsplan Decentrale Middelen gemeente Houten 2012 In 2002 is voor het eerst een Bestedingsplan Decentrale Middelen vastgesteld. In het kader van dit bestedingsplan is er jaarlijks voor iedere medewerker

Nadere informatie

3 SALARIS EN VERGOEDINGSREGELINGEN

3 SALARIS EN VERGOEDINGSREGELINGEN 3 SALARIS EN VERGOEDINGSREGELINGEN Inhoudsopgave Onderwerp Artikel ========= ===== * Bezoldiging 3:1 * Algemeen 3:1:1 * Overige begripsomschrijvingen 3:1:2 * Algemene bepalingen betreffende het salaris

Nadere informatie

SALARISSTROOK WGI Iedere maand ontvangen werknemers van Werkgeversinstituut (WGI) een salarisbetaling en een salarisstrook.

SALARISSTROOK WGI Iedere maand ontvangen werknemers van Werkgeversinstituut (WGI) een salarisbetaling en een salarisstrook. SALARISSTROOK WGI Iedere maand ontvangen werknemers van Werkgeversinstituut (WGI) een salarisbetaling en een salarisstrook. Hieronder wordt beschreven wat u op de salarisstrook kunt tegenkomen en wat dit

Nadere informatie

Haagse Wijk- en WoonZorg Flexwerk Dat wérkt!

Haagse Wijk- en WoonZorg Flexwerk Dat wérkt! Haagse Wijk- en WoonZorg Flexwerk Dat wérkt! 1 Flexwerk_brochure-a.indd 1 HWW Zorg Flexwerk Haagse Wijk- en WoonZorg (HWW Zorg) afdeling Flexwerk is opgericht om, waar nodig, binnen HWW Zorg extra handen

Nadere informatie