Bob Duijvestijn / Henk Mangnus. Schreibstunde. Schrijfvaardigheid Duits voor bovenbouw havo en vwo. Walvaboek

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Bob Duijvestijn / Henk Mangnus. Schreibstunde. Schrijfvaardigheid Duits voor bovenbouw havo en vwo. Walvaboek"

Transcriptie

1 Bob Duijvestijn / Henk Mangnus Schreibstunde Schrijfvaardigheid Duits voor bovenbouw havo en vwo Walvaboek

2 Voorwoord Schreibstunde is een uitgave voor schrijfvaardigheid Duits bovenbouw havo/vwo. De eerste 18 hoofdstukken bevatten de hoofdzaken van de grammatica. Het gaat daarbij om een herhalingsgrammatica, wat de beknopte behandeling rechtvaardigt. Na de theorie volgen de oefeningen. Herhaald oefenen moet leiden tot het automatisch gebruik van de correcte vormen en structuren. De oefenstof is ruim bemeten. De vorm van de oefenstof is ten dele traditioneel: invul- en vertaaloefeningen. De inhoud is afgestemd op de schrijfvaardigheid en bevat bijna uitsluitend die zinnen die bij schriftelijke communicatie van pas kunnen komen. Na de traditionele oefenstof sluit ieder hoofdstuk met een geleide of min of meer vrije opdracht. Op deze manier wordt de leerling vanaf het eerste begin naar het uiteindelijke doel geleid. De geleide en vrije oefeningen aan het eind van ieder hoofdstuk zijn voorzien van idioom. Het is immers het woord dat de betekenis overdraagt. Het kan gaan om onbekende woorden, meestal zijn het echter eenvoudige woorden. De bedoeling is dat ze fungeren als geheugensteun. Niet ieder gegeven woord moet in de uitwerking worden verwerkt. Hoofdstuk 19 geeft een overzicht van de conventies die gelden bij de schriftelijke communicatie. Aan bod komen de persoonlijke en formele brief, de zakelijke brief, de persoonlijke en formele , de zakelijke en de ansichtkaart. Hoofdstuk 20 bevat de opgaven. Bij de aard van de opgaven hebben we ons laten leiden door het ERK. Het niveau waaraan havo-kandidaten moeten voldoen is A2+, voor het vwo geldt B1+. De opgaven zijn aanvankelijk nog vrij eenvoudig, A1+. De moeilijkheidsgraad loopt geleidelijk op. De opgaven aan het eind stellen hogere eisen aan de leerling, niet alleen door de inhoud maar ook door de grotere vrijheid. De tijd die collega s aan schrijfvaardigheid kunnen of willen besteden, varieert. Het grote aanbod biedt aan de docent de ruimte om keuzes te maken. De in de opgaven genoemde adressen zijn fictief. Tot slot danken wij de volgende collega s voor hun adviezen bij het totstandkomen van dit boek: Susan van Gastel van het Maurick College te Vught, John van Dongen van de RSG t Rijks te Bergen op Zoom, Marcel van Hoof van het Mill-Hillcollege te Goirle. Hilvarenbeek Bob Duijvestijn Henk Mangnus

3 Inhoud Hoofdstuk Pagina 1 Haben, sein, werden 6 2 Het werkwoord in de tegenwoordige tijd 9 3 De naamvallen 11 4 Het lidwoord 12 5 De woorden van de der-groep en de ein-groep 14 6 Het persoonlijk voornaamwoord, het vragend voornaamwoord en het wederkerend voornaamwoord 17 7 De voorzetsels met de vierde naamval, de derde naamval en de tweede naamval 19 8 De voorzetsels met de derde of de vierde naamval 22 9 Bijzonderheden bij het voorzetsel Het zwakke werkwoord in de verleden tijd en het voltooid deelwoord Het sterke werkwoord in de verleden tijd en het voltooid deelwoord Bijzonderheden bij het werkwoord Onregelmatige werkwoorden Het bijvoeglijk naamwoord Het meervoud van het zelfstandig naamwoord Het zwak verbogen zelfstandig naamwoord De trappen van vergelijking Het betrekkelijk voornaamwoord De vorm van de persoonlijke brief, de ansichtkaart, de persoonlijke , de zakelijke brief, de zakelijke Opgaven 54

4 1 Haben, sein, werden haben hebben tegenwoordige tijd verleden tijd ich habe ik heb ich hatte ik had du hast jij hebt du hattest jij had er/sie/es hat hij/zij/het heeft er/sie/es hatte hij/zij/het had wir haben wij hebben wir hatten wij hadden ihr habt jullie hebben ihr hattet jullie hadden sie haben zij hebben sie hatten zij hadden Sie haben u hebt/heeft Sie hatten u had voltooid deelwoord gebiedende wijs gehabt gehad hab(e) heb habt heb(t) haben Sie hebt u sein zijn tegenwoordige tijd verleden tijd ich bin ik ben ich war ik was du bist jij bent du warst jij was er/sie/es ist hij/zij/het is er/sie/es war hij/zij/het was wir sind wij zijn wir waren wij waren ihr seid jullie zijn ihr wart jullie waren sie sind zij zijn sie waren zij waren Sie sind u bent Sie waren u was voltooid deelwoord gebiedende wijs gewesen geweest sei wees seid wees(t) seien Sie weest u werden zullen tegenwoordige tijd verleden tijd ich werde ik zal ich würde ik zou du wirst jij zult du würdest jij zou er/sie/es wird hij/zij/het zal er/sie/es würde hij/zij/het zou wir werden wij zullen wir würden wij zouden ihr werdet jullie zullen ihr würdet jullie zouden sie werden zij zullen sie würden zij zouden Sie werden u zult Sie würden u zou 6

5 werden worden tegenwoordige tijd verleden tijd ich werde ik word ich wurde ik werd du wirst jij wordt du wurdest jij werd er/sie/es wird hij/zij/het wordt er/sie/es wurde hij/zij/het werd wir werden wij worden wir wurden wij werden ihr werdet jullie worden ihr wurdet jullie werden sie werden zij worden sie wurden zij werden Sie werden u wordt Sie wurden u werd voltooid deelwoord gebiedende wijs *geworden geworden werde word werdet word *worden werden Sie wordt u * geworden wordt gebruikt als er in het Nederlands geworden staat: Het weer is beter geworden. Das Wetter ist besser geworden. * worden staat in een lijdende zin na een voltooid deelwoord, als een handeling wordt uitgedrukt. In het Nederlands ontbreekt in dit geval het voltooid deelwoord van worden. Mijn vader is gisteren geopereerd. Mein Vater ist gestern operiert worden. A Vertaal de cursief gedrukte woorden. 1 Ich (ben) fest davon überzeugt. 2 Wie (zijn) die Aussichten? 3 Es (was) mir eine Freude, bei euch zu sein. 4 Niemand (had) das erwartet. 5 Morgen (wordt) es wärmer. 6 Ich (zal) dich gern besuchen. 7 Ist es gestern noch spät (geworden)? 8 Unser Haus (heeft) einen großen Garten. 9 Vorige Woche (werd) Renate 18 Jahre alt. 10 Meine Eltern (waren) 14 Tage in Urlaub. B Schrijf dat 1 je 15 wordt. 2 je dat anders zou doen. 3 je vriendin graag meekomt. mitkommen 4 je het niet zou weten. wissen 5 je moeder is geopereerd. operiert 6 je Lucas nooit zult vergeten. nie, vergessen 7 je onderweg vertraging hebt gehad. unterwegs, Verspätung 8 het helaas niet mogelijk was. möglich 9 je er volgende week niet bij zult zijn. nächste Woche, dabei 10 je erg veel werk hebt gehad. viel Arbeit 7

6 C Vertaal. 1 Waarom heb je niet geschreven? geschrieben 2 Ik zal doen wat ik kan. kann 3 Dat moet anders worden. muss, anders 4 Zult u dat niet vergeten? vergessen 5 Dat zou me interesseren. interessieren 6 Word weer gauw gezond. bald, gesund 7 Het werd tijd. 8 Hier is dan eindelijk mijn antwoord. endlich, meine Antwort 9 Je hebt werkelijk geluk gehad. Glück 10 Het weer is beter geworden. D Vrije opdracht Steckbrief: Das bin ich. Stel jezelf voor, zoveel mogelijk in volledige zinnen. Name: Adresse: Telefon: Geburtsdatum: Eltern: Geschwister: Haustiere: Schule: Lieblingsfach: Hobbys: Lieblingsessen: Beste Eigenschaft: Schwache Eigenschaft: Größter Wunsch: Schreibhilfen de broers en zussen die Geschwister behulpzaam hilfsbereit de hond der Hund geduldig geduldig de kat die Katze vreedzaam friedlich de eigenschap die Eigenschaft milieubewust umweltbewusst het karakter der Charakter ijverig fleißig vriendelijk freundlich het nummer die Nummer 8

7 2 Het werkwoord in de tegenwoordige tijd haben hebben warten wachten tegenwoordige tijd gebiedende wijs tegenwoordige tijd gebiedende wijs ich sage sag(e) ich warte warte du sagst sagt du wartest wartet er/sie/es sagt sagen Sie er/sie/es wartet warten Sie wir sagen wir warten ihr sagt ihr wartet sie sagen sie warten Sie sagen Sie warten Bij de werkwoorden met een stam op d of t komt na de stam eerst een e (vanwege de uitspraak). Ook regnen (regenen), öffnen (openen) en rechnen (rekenen) krijgen een extra e. Enkele sterke werkwoorden wijken af bij de vormen van du en er/sie/es en bij de gebiedende wijs enkelvoud: eten helpen zien nemen lezen rijden lopen houden ich esse helfe sehe nehme lese fahre laufe halte du isst hilfst siehst nimmst liest fährst läufst hältst er/sie/es isst hilft sieht nimmt liest fährt läuft hält geb. wijs iss hilf sieh nimm lies Net als helfen worden vervoegd: geben (geven), sprechen (spreken), treten (treden). Net als fahren worden vervoegd: anfangen (beginnen), fallen (vallen), lassen (laten), tragen (dragen). Opmerking: samenstellingen en afleidingen, b.v. auffallen (opvallen) en versprechen (beloven), worden vervoegd als het grondwoord. A Zet het werkwoord in de tegenwoordige tijd. 1 Ich (wünschen) dir viel Glück. 2 Um wie viel Uhr (kommen) ihr morgen an? 3 Die Sitzung (dauern) den ganzen Vormittag. 4 (fahren) dieser Bus auch zum Bahnhof? 5 Das Leben (gehen) weiter. 6 Das (klingen) mir wie Musik in den Ohren. 7 (verzeihen) Sie mir! Ich habe es so nicht gemeint. kwalijk nemen 8 Der Mensch ist, was er (essen) 9 Der Plan (sehen) gar nicht schlecht aus. 10 Wie (lauten) Ihre Adresse? 9

8 B Vul aan met de du-vorm. Voorbeeld: Ich wohne in Delft. Wo wohnst du? 1 Wir kommen mit dem Zug. Wie? 2 Ich fahre einen VW. Was für einen Wagen? 3 Ich fange morgen an. Wann? 4 Ich finde es prima. Wie? 5 Wir brauchen 2000 Euro. Wie viel? 6 Ich gebe 2 Euro. Wie viel? 7 Ich sehe gern Krimis. Was? 8 Ich spreche Niederländisch, Deutsch und Englisch. Was? 9 Wir gehen um 8 Uhr weg. Um wie viel Uhr? 10 Ich warte auf meine Freundin? Auf wen? C Vertaal. 1 Dat ziet (er) goed uit. 2 Morgen komt ons niet goed uit. passen 3 Wat vind je ervan? halten 4 Wat je schrijft, klopt niet. stimmen 5 Een lesuur duurt 50 minuten. die Stunde, dauern 6 Hoeveel kost een ticket? das Ticket 7 Het bevalt ons hier prima. gefallen 8 Mijn vriendin spreekt vloeiend Duits. fließend 9 Graag nemen we de uitnodiging aan. die Einladung 10 Wij zijn van plan naar Berlijn te gaan. vorhaben D Vrije opdracht Beschrijf in tenminste 8 zinnen hoe bij jou de zaterdag verloopt. Schreibhilfen s morgens morgens s middags nachmittags opstaan aufstehen uitslapen sich ausschlafen ontbijten frühstücken zich vervelen sich langweilen de hobby das Hobby shoppen, winkelen shoppen werken arbeiten de supermarkt der Supermarkt sporten Sport treiben trainen trainieren uitgaan ausgehen naar muziek luisteren Musik hören tv kijken fernsehen de discotheek die Disko de bioscoop das Kino zich vervelen sich langweilen met vrienden sich mit Freunden afspreken treffen 10

9 3 De naamvallen Het Duits kent vier naamvallen. Eerste naamval Onderwerp Der Preis ist zu hoch. Onderwerp te vervangen door hij of zij. Naamwoordelijk deel van het gezegde Jörgen ist mein Freund. Na de koppelwerkwoorden zijn, worden, blijven. Tweede naamval Verband tussen twee zelfstandige naamwoorden Kennst du den Namen des Hotels? Ook na de voorzetsels met de tweede naamval. (zie pag. 19) Derde naamval Meewerkend voorwerp Ich werde dir einen Brief schreiben. Meewerkend voorwerp te vervangen door aan/voor hem of haar. Ook na de voorzetsels met de derde naamval. (zie pag. 19) Vierde naamval Lijdend voorwerp Ich finde den Preis zu hoch. Lijdend voorwerp te vervangen door hem of haar. Tijdsbepaling zonder voorzetsel Wir bleiben einen Monat. Ook na de voorzetsels met de vierde naamval. (zie pag. 19) 11

Henk Mangnus. Kortom. Duitse grammatica. Walvaboek

Henk Mangnus. Kortom. Duitse grammatica. Walvaboek Henk Mangnus Kortom Duitse grammatica Walvaboek INHOUD 1 De naamvallen 3 2 Het lidwoord en de andere bepalende woorden 4 3 Het werkwoord 6 4 Het voornaamwoord 14 5 Het voorzetsel 16 6 Het telwoord 21 7

Nadere informatie

Werkwoorden TB 49. wissen = weten müssen = moeten fahren = rijden. Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3

Werkwoorden TB 49. wissen = weten müssen = moeten fahren = rijden. Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3 Voorbereiding PW hoofdstuk 4 Duits DUK7 - werkblad 3 Neue Kontakte 5 e, VMBO KGT 1-2 Werkwoorden TB 49 3 e naamval TB 54 Rangtelwoorden (overzicht) Kloktijden (overzicht) Werkwoorden TB 49 wissen = weten

Nadere informatie

Naamvallen Tabel Begrijpen. Klas 3/4

Naamvallen Tabel Begrijpen. Klas 3/4 Naamvallen Tabel Begrijpen Klas 3/4 Wil je weten hoe de Naamvallen Tabel in elkaar zit, dan is dit de juiste workshop voor jou. A) Naamvaltabel (overzicht) B) Tools om met de Naamvaltabel aan de slag te

Nadere informatie

Top 100 Duitse woorden

Top 100 Duitse woorden Top 100 Duitse woorden hinter achter hinten achteraan letzten Monat afgelopen maand schon al nur (of: nur noch) alleen maar nur noch alleen nog wenn als bitte alstublieft (als je iets geeft) immer altijd

Nadere informatie

Voltooid tegenwoordige tijd (D = Perfekt)

Voltooid tegenwoordige tijd (D = Perfekt) Voltooid tegenwoordige tijd (D = Perfekt) De voltooid tegenwoordige tijd wordt in het Duits meestal in de spreektaal gebruikt. Ik heb huiswerk gemaakt. Ik maak -> ik maakte Ich habe Hausaufgaben gemacht.

Nadere informatie

die Meldung bestätigen nicht jetzt

die Meldung bestätigen nicht jetzt am Computer sitzen im Internet surfen Informationen suchen mit einem Freund chatten eine E-Mail schreiben Nachrichten lesen Freunde finden ein Foto hochladen eine Datei herunterladen einen Film gucken

Nadere informatie

Ich lese ein Buch. Ich lese ein Buch. Siehst du viel fern. Siehst du viel fern? Am Sonntag besuche ich meine Oma. Am Sonntag besuche ich meine Oma.

Ich lese ein Buch. Ich lese ein Buch. Siehst du viel fern. Siehst du viel fern? Am Sonntag besuche ich meine Oma. Am Sonntag besuche ich meine Oma. Hausaufgaben machen Ich lese ein Buch Ich lese ein Buch. das Buch das Buch Bücher Gitarre spielen Siehst du viel fern Siehst du viel fern? ausschlafen mit dem Hund Gassi gehen Computerspiele spielen ins

Nadere informatie

Zoals jullie afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval.

Zoals jullie afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval. Naamvallen & Voorzetsels Zoals afgelopen jaar geleerd hebben eisen voorzetsels een naamval. Onder aan staat rijtje met de belangrijkste voorzetsels en werkwoorden. Meteen heb je ook een overzicht hoe dan

Nadere informatie

Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem en lager 6

Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem en lager 6 Aantekening hs1 Cijfers Das Notensystem Nederlands: Duits: 10 1 9 8 2 7 3 6 4 5 5 4 en lager 6 In t Duits kennen we 3 lidwoorden: Aantekening hs1 de lidwoorden -der -die de/het -----> bepaald lidwoord

Nadere informatie

haben / hatten / hätten können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden

haben / hatten / hätten können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden ein Missverständnis an der Rezeption haben / hatten / hätten bin / war / wäre können / konnten / könnten dürfen / durften / dürften werden / wurden / würden sich entschuldigen Es tut mir leid! Das wollte

Nadere informatie

Ich möchte eine Fahrkarte nach Schwerin / bitte. Vormittags also.

Ich möchte eine Fahrkarte nach Schwerin / bitte. Vormittags also. eine Zugfahrkarte kaufen Ich möchte eine Fahrkarte nach Schwerin / bitte. Wann möchten Sie fahren? Am Donnerstag / den 17. Oktober am Vormittag / bitte. Vormittags also. Mal sehen. Es fährt ein Zug um

Nadere informatie

Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits

Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits Taaltips voor succesvol zakendoen in het Duits Dit document is samengesteld als aanvulling op de test Succesvol zakendoen in het Duits. Wilt u ontdekken hoe goed u geëquipeerd bent voor zakendoen met Duitstalige

Nadere informatie

Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting

Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting Duits - Havo 3 - Hoofdstuk 5 samenvatting Rode tekst = tip Grammatica Imperfekt (verleden tijd) wollen (willen) sollen (moeten) müssen (moeten) wissen (weten) ich wollte sollte musste wusste du wolltest

Nadere informatie

Wir sind verwandt. Wir sind verwandt. Kann ich die Antworten haben. Kann ich die Antworten haben? die Cousine. die Nichte / die Cousine

Wir sind verwandt. Wir sind verwandt. Kann ich die Antworten haben. Kann ich die Antworten haben? die Cousine. die Nichte / die Cousine die Familie Wir sind verwandt Wir sind verwandt. Ich habe mein Arbeitsbuch vergessen Ich habe mein Arbeitsbuch vergessen. Können Sie das aufschreiben Können Sie das aufschreiben? Kann ich die Antworten

Nadere informatie

Kapitel 8 Nervenkitzel

Kapitel 8 Nervenkitzel 1: Am See Kapitel 8 Nervenkitzel 4. 1. gedacht 4. kans 2. blokken 5. verknalt 3. kamerarrest 6. redt 6. 1. Groβeltern Köningswinter 2. Bruder Brandenburg 3. Ste. Maxime Campingplatz 4. Sylt Insel 5. zu

Nadere informatie

Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug.

Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug. Polizei Polizei Dialog 1- Handy Dialog 1 - Handy Kunde (vul de rol in het Duits in) 1 Guten Tag. 1 Groet terug. 2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Vertel, dat je zaktelefoon is gestolen. 3 Können Sie mir erzählen,

Nadere informatie

bringen ausleihen bezahlen wären denken auschecken das Handtuch das Problem das Missverständnis das Zimmer die Rechnung die Bettwäsche

bringen ausleihen bezahlen wären denken auschecken das Handtuch das Problem das Missverständnis das Zimmer die Rechnung die Bettwäsche An der Rezeption Ich habe eine Frage. Ich habe meine Handtücher vergessen / weil ich dachte / es sind welche auf dem Zimmer. Aber für zwei Euro können Sie sich Das war dann wohl ein hier welche leihen

Nadere informatie

Schule: Schreiben B 2. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52653

Schule: Schreiben B 2. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52653 Schule: Schreiben B 2 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 15 July 2015 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52653 Dit lesmateriaal is gemaakt

Nadere informatie

Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen. 15. Januar 2014. groepswerk en stadsbezoek. Gruppenarbeit und Stadtbesichtigung. Nijmegen is een heel mooie stad.

Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen. 15. Januar 2014. groepswerk en stadsbezoek. Gruppenarbeit und Stadtbesichtigung. Nijmegen is een heel mooie stad. Gegenbesuch des HBBK in Nijmegen 15. Januar 2014 Die Schüler sollten aufschreiben, was ihnen gefallen hat. De leerlingen moesten opschrijven wat hun goed bevallen is. Das schrieb die deutsche Klasse Gruppenarbeit

Nadere informatie

Sprechmittel Endlich Ferien!

Sprechmittel Endlich Ferien! Sprechmittel Endlich Ferien! Je zegt dat je zin in de vakantie hebt. Je geeft aan dat je zin hebt op reis te gaan. Je vertelt het liefste thuis te blijven. Je wilt naar het buitenland. Eindelijk eens van

Nadere informatie

1-2 VMBO-KGT/H EN 3 HAVO OVERBRUGGINGSMODULE

1-2 VMBO-KGT/H EN 3 HAVO OVERBRUGGINGSMODULE ELISABETH LEHRNER-TE LINDERT 1-2 VMBO-KGT/H EN 3 HAVO OVERBRUGGINGSMODULE Malmberg, s-hertogenbosch Derde druk www.naklar.nl Overbruggingsmodule Welkom bij de overbruggingsmodule grammatica. Als je van

Nadere informatie

Was machst du am liebsten am Wochenende? Spielst du ein Instrument? Ich lese gern. Ich kann schnell neue Informationen verarbeiten.

Was machst du am liebsten am Wochenende? Spielst du ein Instrument? Ich lese gern. Ich kann schnell neue Informationen verarbeiten. nett ehrlich hilfsbereit tierlieb treu chaotisch lieb schüchtern spontan Was sind deine Hobbys? Was machst du am liebsten am Wochenende? Was machst du in deiner Freizeit? Treibst du Sport? Spielst du ein

Nadere informatie

Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017

Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017 In stillem Gedenken an Pascal Egbers gestorben am 12. Mai 2017 Annegret Korte schrieb am 21. September 2017 um 21.47 Uhr Liebe Familie Egbers, und Freundin mit Tochter. Es tut schon weh, am Grabe von Pascal

Nadere informatie

wohnen reisen arbeiten reden Öffnen finden

wohnen reisen arbeiten reden Öffnen finden 1.1. TEGENWOORDIGE TIJD (OTT) van normale zwakke en sterke werkwoorden: wohnen reisen arbeiten reden Öffnen finden ich wohn e du wohn st reis t arbeit e st red e st öffn e st find e st er,sie,es wohn t

Nadere informatie

Taalkalender. 1. De tijd. 2. Voorzetsels. 3. Wat hoort bij elkaar? 4. Werkwoorden: zijn. 5. Persoonlijke voornaamwoorden

Taalkalender. 1. De tijd. 2. Voorzetsels. 3. Wat hoort bij elkaar? 4. Werkwoorden: zijn. 5. Persoonlijke voornaamwoorden Birgitta Bexten, 5/2003 (birgitta.bexten@ruhr-uni-bochum.de) laatste bewerking: 23 05 2003 niveau A1 geoefende vaardigheden grammatica, woordenschat (gemengd: Taal Vitaal les 1-6) Taalkalender soort lesactiviteit

Nadere informatie

Gefeliciteerd! Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja. In de gloria. Lang zal hij leven. Hij leve lang hoera hoera

Gefeliciteerd! Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja. In de gloria. Lang zal hij leven. Hij leve lang hoera hoera Gefeliciteerd! 1 Zet de zinnen in de juiste volgorde. Dat vinden wij allen zo prettig ja ja In de gloria Lang zal hij leven Hij leve lang hoera hoera Hij leve lang hoera hoera Lang zal hij leven In de

Nadere informatie

Basisgrammatica. Prisma Taalbeheersing. Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg. Begrijpelijk voor iedereen. Duits

Basisgrammatica. Prisma Taalbeheersing. Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg. Begrijpelijk voor iedereen. Duits Prisma Taalbeheersing Basisgrammatica Duits Begrijpelijk voor iedereen Arjan Krijgsman Johan Zonnenberg Uitgeverij Unieboek Het Spectrum bv, Houten - Antwerpen 6 Inhoud Grammatica - Waar doe je het voor?

Nadere informatie

BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON

BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON BRIEVEN ALS BRONMATERIAAL: BRIEVEN VAN EEN DUITSE MOEDER AAN HAAR ZOON Ook de Duitse vijand schreef brieven en stond in contact met het thuisfront. Zoals reeds eerder vermeld werden er vaak vormen van

Nadere informatie

Grammatica Jaar 1-2. www.meesterarndt.nl: Ga dan naar Tools Duits Klas 1-2 Grammatica. Veel succes met het leren van de Duitse taal.

Grammatica Jaar 1-2. www.meesterarndt.nl: Ga dan naar Tools Duits Klas 1-2 Grammatica. Veel succes met het leren van de Duitse taal. Grammatica Jaar 1-2 Beste Leerling, Met deze grammatica heb je een overzicht over de grammatica die wij in jaar 1-2 bespreken. Deze opdrachten staan natuurlijk ook online: www.meesterarndt.nl: Ga dan naar

Nadere informatie

Grammatica Jaar 1-2 & 3

Grammatica Jaar 1-2 & 3 Grammatica Jaar 1-2 & 3 Beste Leerling, Met deze grammatica heb je een overzicht over de grammatica die wij in klas 1-2 besproken hebben en in het klas 3 zullen bespreken. Deze opdrachten staan natuurlijk

Nadere informatie

Op het potje Aufs Töpfchen

Op het potje Aufs Töpfchen Op het potje Aufs Töpfchen Wat is zindelijkheid? Je kind is zindelijk als het: - niet meer in zijn broek plast. - overdag droog is. - zelf op het potje of het toilet gaat zitten wanneer het moet plassen.

Nadere informatie

Talenquest Duits 2thv: Grammatica

Talenquest Duits 2thv: Grammatica Talenquest Duits 2thv: Grammatica Episode 1: Het geslacht van zelfstandige naamwoorden In het Duits kun je onderscheiden: mannelijk: der Hund ein Hund vrouwelijk: die Katze eine Katze onzijdig: das Pferd

Nadere informatie

Zinsontleden en woordbenoemen groep 7/8

Zinsontleden en woordbenoemen groep 7/8 Zinsontleden en woordbenoemen groep 7/8 Naam: 1 Inhoudsopgave: 3 - Onderwerp 4 - Persoonsvorm 5 - Gezegde 6 - Lijdend voorwerp 7 - Meewerkend voorwerp 8 - Werkwoorden 8 - Zelfstandig naamwoorden 9 - Bijvoeglijk

Nadere informatie

Verleden tijd werkwoorden

Verleden tijd werkwoorden Verleden tijd werkwoorden De verleden tijd gebruik je in het Duits bij schijftaal zoals bij brieven en emails. Verleden tijd van zwakke werkwoorden: normale stam stam op d of t ich wohnte arbeitete du

Nadere informatie

Neue Kontakte Kapitel 3 3de klas Redemittel

Neue Kontakte Kapitel 3 3de klas Redemittel 1 Neue Kontakte Kapitel 3 3de klas Redemittel Wie war dein Urlaub? Einfach toll! Wo wart ihr? Wir waren zuerst in Frankreich und dann in Spanien. Mit wem warst du in Urlaub? Mit meinen Eltern und mit einer

Nadere informatie

Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht. Time Management

Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht. Time Management Horeca Vak Opleidingen Eindopdracht Time Management Meine Tagesordnung Name.. Klasse opleiding - crebo 94153 94161 Zelfstandig werkend gastheer/ -vrouw ZGH1 Hotel- Congres- en Evenementen Management LBE1

Nadere informatie

Reizen De weg vinden. De weg vinden - Locatie. Ich habe mich verirrt. Niet weten waar je bent.

Reizen De weg vinden. De weg vinden - Locatie. Ich habe mich verirrt. Niet weten waar je bent. - Locatie Ich habe mich verirrt. Niet weten waar je bent. Können Sie mir zeigen, wo das auf der Karte ist? Vragen naar een bepaalde op de kaart Wo kann ich finden? Naar een bepaalde vragen... ein Badezimmer?...

Nadere informatie

Tijdsvormen. 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t

Tijdsvormen. 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t Tijdsvormen 1. Präsens: tegenwoordige tijd ich stam+e du stam+st er stam+t wir stam+en ihr stam+t sie stam+en uitzondering van de onregelmatige werkwoorden 2. Präteritum: verleden tijd ich stam+te du stam+test

Nadere informatie

Zakelijke correspondentie

Zakelijke correspondentie - Aanhef Duits Nederlands Sehr geehrter Herr Präsident, Geachte heer President Zeer formeel, geadresseerde heeft een speciale titel die in plaats van de naam wordt gebruikt Sehr geehrter Herr, Formeel,

Nadere informatie

Zakelijke correspondentie

Zakelijke correspondentie - Aanhef Nederlands Duits Geachte heer President Sehr geehrter Herr Präsident, Zeer formeel, geadresseerde heeft een speciale titel die in plaats van de naam wordt gebruikt Geachte heer Formeel, mannelijke

Nadere informatie

Vwo 3 Kapitel 1 Fette Ferien

Vwo 3 Kapitel 1 Fette Ferien Vwo 3 Kapitel 1 Fette Ferien Redemittel E Mit wem bist du in Spanien gewesen? Ich war da mit meinem Bruder. Wo liegt Lübeck? Moment, ich hole eine Landkarte. Wann warst du wieder da? Am Wochenende. Du

Nadere informatie

Hueber Verlag 2012, Wat leuk! A1, Kopiervorlage, ISBN

Hueber Verlag 2012, Wat leuk! A1, Kopiervorlage, ISBN ab les 8: VIER OP EEN RIJ (Vier gewinnt) Vorbereitung Kopieren Sie die Aufgabenkarten auf festes Papier und schneiden Sie sie aus. Kopieren Sie auch das Spielbrett mit den 25 Feldern auf festes Papier.

Nadere informatie

Kapitel 3 Online. 6 der ICE-Zug 7 die Fahrkarte 8 das Gleis 9 der Bahnsteig 10 der Eisenbahnwagen

Kapitel 3 Online. 6 der ICE-Zug 7 die Fahrkarte 8 das Gleis 9 der Bahnsteig 10 der Eisenbahnwagen 1: Nach Hannover 8. 1. Gästezimmer 2. Couch 3. Imbissstand 4. vermiete 5. Fuβboden Kapitel 3 Online 2: Brit-RePro 13. 1 der Lokführer 2 die Fahrgäste 3 der Fahrplan 4 das Abteil 5 der Schaffner 18. 1 abfährt

Nadere informatie

http://www.schoolsamenvatting.nl/ - De site voor samenvattingen

http://www.schoolsamenvatting.nl/ - De site voor samenvattingen GRAMMATICA OEFENINGEN DUITS Vertaal mbv woordenboek!!!! 1. Ik hoor het vrij vaak = Ich höre es oft 2. Op de eerste plaats = 3. Ik weet niet, of hij kan komen = 4. Hij wil zelfmoord plegen = 5. Kunt u mij

Nadere informatie

Kapitel 6 Typisch. Nakijkreader Na Klar dl. 1 - klas 2 vwo Copyright St.-Odulphuslyceum, Tilburg. 1: Das Tagebuch

Kapitel 6 Typisch. Nakijkreader Na Klar dl. 1 - klas 2 vwo Copyright St.-Odulphuslyceum, Tilburg. 1: Das Tagebuch 1: Das Tagebuch Kapitel 6 Typisch 7. 1. Stinkig 5. Schluss 2. Notizbuch 6. Skiurlaub 3. verknallt 7. Songtext 4. zurücklegen 8. geklaut De juiste volgorde: 2-8- 6-4- 1-3- 7-5 8. 1. Welt 5. Einmarsch 2.

Nadere informatie

bab.la Uitdrukkingen: Zakelijke correspondentie Bestelling Nederlands-Duits

bab.la Uitdrukkingen: Zakelijke correspondentie Bestelling Nederlands-Duits bab.la Uitdrukkingen: Zakelijke correspondentie Bestelling Nederlands-Duits Bestelling : Bestelling plaatsen Wij overwegen de aanschaf van... Wir ziehen den Kauf von... in Betracht... Formeel, voorzichtig

Nadere informatie

2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of zij/hij je kan doorverbinden met de heer Schröder?

2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of zij/hij je kan doorverbinden met de heer Schröder? Telefon Dialog 1 - Verbinden 1 Guten Tag. Deutsche Bank. Sie sprechen mit Frau/Herrn Rau. Telefon Dialog 1 - Verbinden Kunde 1 Groet terug en stelt je voor. 2 Wie kann ich Ihnen helfen? 2 Je vraagt of

Nadere informatie

De kleine Duits voor Dummies. Paulina Christensen en Anne Fox

De kleine Duits voor Dummies. Paulina Christensen en Anne Fox De kleine Duits voor Dummies Paulina Christensen en Anne Fox Amersfoort, 2016 Inhoud Inleiding.............................................................. 9 Hoofdstuk 1: Je kent al een beetje Duits.................................

Nadere informatie

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt - Belangrijkste benodigdheden Kunt u me alstublieft helpen? Om hulp vragen Spreekt u Engels? Vragen of iemand Engels spreekt Spreekt u _[taal]_? Vragen of iemand een bepaalde taal spreekt Ik spreek geen

Nadere informatie

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt

Reizen Algemeen. Algemeen - Belangrijkste benodigdheden. Algemeen - Conversatie. Om hulp vragen. Vragen of iemand Engels spreekt - Belangrijkste benodigdheden Können Sie mir bitte helfen? Om hulp vragen Sprechen Sie Englisch? Vragen of iemand Engels spreekt Sprechen Sie _[Sprache]_? Vragen of iemand een bepaalde taal spreekt Ich

Nadere informatie

lassen fahren finden

lassen fahren finden ein Wochenende planen Lasst uns wirklich mal ein Wochenende nach Berlin fahren. Wie wäre es / wenn wir in einem Hotel übernachten? Ein Hotel finde ich zu teuer. Lasst uns lieber am Stadtrand zelten gehen.

Nadere informatie

TOETS VWO(H) 1 (A1) Schritt 1-16, Garmisch-Partenkirchen

TOETS VWO(H) 1 (A1) Schritt 1-16, Garmisch-Partenkirchen TOETS VWO(H) 1 (A1) Schritt 1-16, Garmisch-Partenkirchen LET OP!! Dit is een voorbeeld van de kennistoets van ZugSpitze. Deze toets is nog niet gecertificeerd conform het keurmerk toetsen. Naam: Klas:

Nadere informatie

weiblich das Alter der Beruf

weiblich das Alter der Beruf das Formular erreichen der Fehler Nachname Vorname Land Telefonnummer Geburtsdatum Straße Postleitzahl Ort Handynummer Sprachen das Passwort der Benutzername die Staatsangehörigkeit das Geschlecht männlich

Nadere informatie

der Schreibfehler Ich freue mich auf eine gute Zusammenarbeit. Haben Sie alle meine von letzter Woche vorliegen?

der Schreibfehler Ich freue mich auf eine gute Zusammenarbeit. Haben Sie alle meine  von letzter Woche vorliegen? relevant irrelevant das Protokoll der Abteilungsleiter der Schreibfehler das Budget senken / das Budget kürzen die Reihe sobald so dass / sodass sich kümmern um die Wochenarbeitszeit das Vorruhestandsalter

Nadere informatie

Je werkt in een ijszaak op de boulevard van Scheveningen en een Duitse toerist spreekt je aan

Je werkt in een ijszaak op de boulevard van Scheveningen en een Duitse toerist spreekt je aan Opdrachten Taaldorp Duits Om sommige onderstaande opdrachten te kunnen doen moet je beschikken over geld. Dit kun je bij de pinautomaat verkrijgen. Volg de instructies op de pinautomaat. Situatie 1: Leerling

Nadere informatie

Immigratie Documenten

Immigratie Documenten - Algemeen Wo kann ich das Formular für finden? Vragen waar men een formulier kan vinden Wann wurde ihr [Dokument] ausgestellt? Vragen wanneer een document is afgegeven Wo wurde Ihr [Dokument] ausgestellt?

Nadere informatie

Woordenlijst Nederlands Duits

Woordenlijst Nederlands Duits Taaltalent deel 1 Methode Nederlands voor midden- en hoogopgeleide anderstaligen Woordenlijst Nederlands Duits Hoofdstuk 1 De cursus Henny Taks Katja Verbruggen u i t g e v e r ij coutinho c bussum 2014

Nadere informatie

Logboek bij de lessenserie over. Cengiz und Locke. van Zoran Drvenkar. Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment:

Logboek bij de lessenserie over. Cengiz und Locke. van Zoran Drvenkar. Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment: Logboek bij de lessenserie over Cengiz und Locke van Zoran Drvenkar Groep: Leden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. Fragment: ANWEISUNGEN Dit is een serie van drie lessen. Jullie gaan in zes groepen van vier of vijf leerlingen

Nadere informatie

der Ball der Klub der Computer der Krimi der Film der Platz der Punkt der Schnee der Sport der Titel der Urlaub der Fußball

der Ball der Klub der Computer der Krimi der Film der Platz der Punkt der Schnee der Sport der Titel der Urlaub der Fußball der Ball der Klub der Computer der Krimi der Film der Platz der Punkt der Schnee der Sport der Titel der Urlaub der Fußball der Freizeittipp die Bibliothek die Kultur die Disko die Party die Zeitung die

Nadere informatie

Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen.

Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen. Print het Word-document uit. Afrekenen met de klant Opdracht 1 Luister naar luisterfragment 6 Luister naar het gesprek tussen de verkoopmedewerker (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt de tekst meelezen.

Nadere informatie

Schrijfvaardigheid V

Schrijfvaardigheid V Schrijfvaardigheid V5 2017-2018 Eindterm schrijfvaardigheid Duits VWO: - adequaat reageren in schriftelijke contacten met doeltaalgebruikers; - informatie vragen en verstrekken; De eisen: De kandidaat

Nadere informatie

Das erste niederländische Lesebuch für Anfänger

Das erste niederländische Lesebuch für Anfänger Aart Rembrandt Das erste niederländische Lesebuch für Anfänger Stufen A1 und A2 zweisprachig mit niederländisch-deutscher Übersetzung 1 Wir geben unser Bestes, um Tippfehler und Irrtümer zu vermeiden.

Nadere informatie

Grammatica & oefeningen

Grammatica & oefeningen Grammatica & oefeningen Inhoudsopgave: grammatica en oefeningen zwakke werkwoorden 172 sterke werkwoorden 180 onregelmatige werkwoorden 188 gebiedende wijs en aanvoegende wijs 194 naamvallen van bepalend

Nadere informatie

Mein Name ist Mara. Ich komme aus den Niederlanden. Ich wohne in Groningen. Am Wochenende arbeite ich in der Videothek.

Mein Name ist Mara. Ich komme aus den Niederlanden. Ich wohne in Groningen. Am Wochenende arbeite ich in der Videothek. Mein Name ist Mara. Ich komme aus den Niederlanden. Ich wohne in Groningen. Meine Adresse ist Hornstraße 41. Ich bin 19 Jahre alt. Ich habe eine Schwester und einen Bruder. Ich gehe in die Berufsschule.

Nadere informatie

Duitse werkwoorden. Sibel Aksakal-Budak. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Duitse werkwoorden. Sibel Aksakal-Budak. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Sibel Aksakal-Budak 07 October 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/65609 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Beschreibung /Preisliste 2013

Beschreibung /Preisliste 2013 Beschreibung /Preisliste 2013 Ferienwohnungen Eifelblick & Landhaus Lescher D 56826 Lutzerath, Römerstr. 14 Tel. 02677/1247 Fax 1501 www.ferienwohnungenlescher.de Mail:info@ferienwohnungen-lescher.de Alle

Nadere informatie

morgen, übermorgen, morgen früh, heute Abend, Wann?

morgen, übermorgen, morgen früh, heute Abend, Wann? 47 Morgen ist er nicht da. Ich brauche einen neuen Termin. Geht es morgen? O.k., dann also Montagnachmittag! Nein, morgen ist Dr. Feucht nicht da, morgen operiert er im Krankenhaus. Aber Montagnachmittag

Nadere informatie

2 1 tegenwoordige tijd, gebiedende wijs en voltooid deelwoord gewoon zwak en sterk werkwoord

2 1 tegenwoordige tijd, gebiedende wijs en voltooid deelwoord gewoon zwak en sterk werkwoord Stencil het werkwoord blz 2 1 tegenwoordige tijd, gebiedende wijs en voltooid deelwoord gewoon zwak en sterk werkwoord 2 tegenwoordige tijd, gebiedende wijs en voltooid deelwoord werkwoord met stam op

Nadere informatie

TEGENWOORDIGE TIJD (OTT) van sterke werkwoorden:

TEGENWOORDIGE TIJD (OTT) van sterke werkwoorden: TEGENWOORDIGE TIJD (OTT) van sterke werkwoorden: essen sehen lesen geben nehmen treten ich ess e seh e les e geb e nehm e tret e du iss t sieh st lies t gib st nimm st tritt st er,sie,es iss t sieh t lies

Nadere informatie

VRAGENKAARTJES THE ISLAND OF ALL TOGETHER

VRAGENKAARTJES THE ISLAND OF ALL TOGETHER VRAGENKAARTJES THE ISLAND OF ALL TOGETHER Dank je wel voor het downloaden van de vragenkaartjes. Graag delen we vrijblijvend een paar van onze ervaringen: 1. Wij lieten mensen eerst een minuut of tien

Nadere informatie

Kapitel 6 Urlaub zum Verlieben. Antwoorden. 1-2 vmbo-kgt Kapitel 6 Antwoorden

Kapitel 6 Urlaub zum Verlieben. Antwoorden. 1-2 vmbo-kgt Kapitel 6 Antwoorden Kapitel 6 Urlaub zum Verlieben Antwoorden 1 Sehen a 1 Deutschland, die Schweiz, Österreich, Frankreich, Italien 2 bijvoorbeeld: Ja, in Tirol. b 3 glad 4 de rots 5 het touw 6 de hut 7 gelukt 8 uitglijden

Nadere informatie

vor hinter neben links um die Ecke am Ende hier dort nicht weit zwischen geradeaus rechts Dann bis später. Nach dem Weg fragen. Ja / das stimmt.

vor hinter neben links um die Ecke am Ende hier dort nicht weit zwischen geradeaus rechts Dann bis später. Nach dem Weg fragen. Ja / das stimmt. sich in der Stadt verabreden Gut dann gehen wir gleich in die Stadt shoppen? Und ich gehe in den Plattenladen. Das ist ein guter Plan. Und dann treffen wir uns wieder / um fünf oder so? Ja / fünf Uhr ist

Nadere informatie

talen leren met prisma

talen leren met prisma talen leren met prisma Als u een taal wilt leren, kunt u met de op elkaar afgestemde uitgaven van Prisma uw eigen leerprogramma samenstellen. Afhankelijk van uw leerdoel kunt u verschillende taalvaardigheden

Nadere informatie

Persoonlijke correspondentie Brief

Persoonlijke correspondentie Brief - Adressering Herrn Peter Müller Falkenstraße 28 20140 Hamburg Deutschland Hans van der Meer, Stationslaan 87, 1011 Amsterdam Standaard adressering in Nederland: naam geadresseerde, straatnaam + huisnummer,

Nadere informatie

WERKEN MET DE METHODE ZUGSPITZE. Toelichting voor de docent

WERKEN MET DE METHODE ZUGSPITZE. Toelichting voor de docent VERNIEUWEND Ik vind die succesbelevingen, met stempels en al, echt een leuke insteek. Je krijgt er een fris en vernieuwend gevoeld bij. WERKEN MET DE Citaat deelnemer methodepanel, november 2015 METHODE

Nadere informatie

De Grote Duitse Donald Duck Opdracht!

De Grote Duitse Donald Duck Opdracht! De Grote Duitse Donald Duck Opdracht! Naam Klas Cijfer Opdracht 1 Kijk naar de voorkant van het blad. Je ziet Kwik, Kwek en Kwak die in het Duits trouwens Tick, Trick und Track genoemd worden met hun rugzakken

Nadere informatie

Willkommen Duits idioom voor hotel en restaurant

Willkommen Duits idioom voor hotel en restaurant Grit Scheerder Bob Duijvestijn Henk Mangnus Herzlich Willkommen Duits idioom voor hotel en restaurant Walvaboek Woord vooraf In deze uitgave is een groot aantal woorden, uitdrukkingen en zinnen bijeengebracht

Nadere informatie

Das ist totale Nebensache. Jij doet vrijwilligerswerk. Iemand wil weten wat je daarvoor krijgt. Je doet het Diese Arbeit mache ich umsonst.

Das ist totale Nebensache. Jij doet vrijwilligerswerk. Iemand wil weten wat je daarvoor krijgt. Je doet het Diese Arbeit mache ich umsonst. SPECHHILFE JOB-GELD Iemand vraagt aan jou, wat je belangrijk Ich finde Geld wichtig. vindt. (geld) Iemand zegt tegen jou: Geld maakt niet gelukkig. Antwoord met het volgende: Nein, aber Geld macht das

Nadere informatie

gezellig Het was een leuke dag en het was leuk om deze dag te doen want beter Toppie leuk man het was prima Echt leuk Dag kan niet meer stuk

gezellig Het was een leuke dag en het was leuk om deze dag te doen want beter Toppie leuk man het was prima Echt leuk Dag kan niet meer stuk Hoe vonden jullie de dag vandaag? Positief feedback: gezellig Het was een leuke dag en het was leuk om deze dag te doen want beter dan les. Toppie man het was prima Echt leuk Dag kan niet meer stuk leerzaam,

Nadere informatie

Immigratie Documenten

Immigratie Documenten - Algemeen Wo kann ich das Formular für finden? Vragen waar men een formulier kan vinden Wann wurde ihr [Dokument] ausgestellt? Vragen wanneer een document is afgegeven Wo wurde Ihr [Dokument] ausgestellt?

Nadere informatie

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets.

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets. Werkwoorden Hebben en zijn De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets. persoon onderwerp hebben zijn 1 enk. ik heb ben 2 enk. jij/u hebt bent

Nadere informatie

Neue Kontakte 1-2 thv. Spreekkaarten

Neue Kontakte 1-2 thv. Spreekkaarten Neue Kontakte 1-2 thv Spreekkaarten Kapitel 1 Kennen wir uns? Spreekkaart A Je bent op vakantie in Oostenrijk. Je komt een meisje tegen. Je voert een gesprek om wat meer van haar te weten te komen 1 [>]

Nadere informatie

U hebt hier het activiteitenprogramma voor de periode van 20 juli t/m 2. augustus. Het zijn de activiteiten zoals deze georganiseerd worden door

U hebt hier het activiteitenprogramma voor de periode van 20 juli t/m 2. augustus. Het zijn de activiteiten zoals deze georganiseerd worden door Beste lezer, U hebt hier het activiteitenprogramma voor de periode van 20 juli t/m 2 augustus. Het zijn de activiteiten zoals deze georganiseerd worden door de vereniging voor Evangelisatie & Recreatie.

Nadere informatie

Schriftelijk proefexamen ZAKELIJK DUITS

Schriftelijk proefexamen ZAKELIJK DUITS Schriftelijk proefexamen ZAKELIJK DUITS Beschikbare tijd: 90 MINUTEN 50803 Proefexamen HET PROEFEXAMEN BESTAAT UIT 0 GENUMMERDE PAGINA'S. 4 OPDRACHTEN GRAMMATICA OPDRACHT IDIOOM BRIEFOPDRACHT BENODIGDE

Nadere informatie

Reisen Unterkunft. Unterkunft - Finden. Unterkunft - Buchen. Nach dem Weg zur Unterkunft fragen

Reisen Unterkunft. Unterkunft - Finden. Unterkunft - Buchen. Nach dem Weg zur Unterkunft fragen - Finden Wo kann ich finden? Nach dem Weg zur fragen Waar kan ik vinden?... ein Zimmer zu vermieten?... een kamer te huur? Art der... ein Hostel?... een hostel? Art der... ein Hotel?... een hotel? Art

Nadere informatie

Kebab Connection Materialien zum Film: ANTWORTEN

Kebab Connection Materialien zum Film: ANTWORTEN Kebab Connection Materialien zum Film: ANTWORTEN www.zugspitze-online.nl/kebab Autor: Marcel den Hollander Eindredactie: Carine Ettema 1 Aufgabe 1+2 Mogelijke antwoorden: Het is een vechtfilm. / Het gaat

Nadere informatie

Huiswerktips Hausaufgaben Tipps

Huiswerktips Hausaufgaben Tipps Huiswerktips Hausaufgaben Tipps Huiswerktips Hausaufgaben Tipps Voor sommige kinderen is huiswerk maken een helse taak. In deze brochure krijg je een heleboel tips over hoe je je kind kan helpen met zijn

Nadere informatie

Solliciteren Sollicitatiebrief

Solliciteren Sollicitatiebrief - Aanhef Sehr geehrter Herr, Formeel, mannelijke geadresseerde, naam onbekend Sehr geehrte Frau, Formeel, vrouwelijke geadresseerde, naam onbekend Sehr geehrter Herr, Sehr geehrte Frau, Formeel, naam en

Nadere informatie

Persoonlijke correspondentie Gelukwensen

Persoonlijke correspondentie Gelukwensen - Huwelijk Herzlichen Glückwunsch! Für Euren gemeinsamen Lebensweg wünschen wir Euch alle Liebe und alles Glück dieser Welt. aan een vers getrouwd paar Die allerbesten Wünsche zur Hochzeit, viel Freude

Nadere informatie

Kapitel 6 Frust oder Lust?

Kapitel 6 Frust oder Lust? Kapitel 6 Frust oder Lust? 1: Abgehauen 2. 1. ausreißen 2. völlig 3. endgültig 4a. Logo 4b. Alter 5a. Lager 5b. Zündkerzen 3. 1. Heb je ze niet allemaal op een rijtje? 2. Ben je je tong verloren? 6. 1.

Nadere informatie

Maandschors. November-december 2015. Weest paraat!

Maandschors. November-december 2015. Weest paraat! Maandschors November-december 2015 Weest paraat Hé, daar is nummer twee November is hier dus we stappen over op een tweede maandschors Dat gaat snel zeg Er staat weer van alles op til dus lees dit Groepsleidingswoordje

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Lesperiode: 1 week 36 t/m week 38 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende regel De stam van werkwoorden kunnen noteren

Nadere informatie

Havo 3 Kapitel 1 Wieder sehen!

Havo 3 Kapitel 1 Wieder sehen! Havo 3 Kapitel 1 Wieder sehen! Redemittel E Schön dich wieder zu sehen! Ich habe dich auch vermisst! Wie waren deine Ferien? Toll. Ich bin in Italien gewesen. Habt ihr tolles Wetter gehabt? Natürlich,

Nadere informatie

Reizen De weg vinden De weg vinden - Locatie Nederlands Duits Ich habe mich verirrt. Können Sie mir zeigen, wo das auf der Karte ist?

Reizen De weg vinden De weg vinden - Locatie Nederlands Duits Ich habe mich verirrt. Können Sie mir zeigen, wo das auf der Karte ist? - Locatie Ik ben de weg kwijt. Niet weten waar je bent. Kunt me op de kaart aanwijzen waar het is? Vragen naar een bepaalde op de kaart Waar kan ik vinden? Naar een bepaalde vragen Ich habe mich verirrt.

Nadere informatie

Vak: Aardrijkskunde Leerjaar: 1 H Studielast: 2 lesuren per week Sectievoorzitter: dhr. van Loo

Vak: Aardrijkskunde Leerjaar: 1 H Studielast: 2 lesuren per week Sectievoorzitter: dhr. van Loo oetsplanner HAVO : schriftelijk proefwerk in de proefwerkweek : tussentoets: schriftelijk proefwerk buiten de proefwerkweek SO: schriftelijke overhoring PO: praktische opdracht: werkstuk, practicum, verslag,

Nadere informatie

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) Vak: Nederlands Programma van Inhoud en Toetsing (PIT) 2016-2017 Lesperiode: 1 Hoofdstuk: Spelling 2 t/m 6 De stam van het werkwoord Splitsbare werkwoorden Persoonsvorm tegenwoordige tijd en de bijbehorende

Nadere informatie

Voornaamwoorden. Klaus trägt seinen Koffer. Klaus draagt zijn koffer. Er trägt ihn.

Voornaamwoorden. Klaus trägt seinen Koffer. Klaus draagt zijn koffer. Er trägt ihn. 4 Voornaamwoorden Er zijn de volgende soorten voornaamwoorden: Persoonlijke voornaamwoorden Wederkerende voornaamwoorden Bezittelijke voornaamwoorden Aanwijzende voornaamwoorden Betrekkelijke voornaamwoorden

Nadere informatie

Stammtisch an der Küste 22.05.2014 25.05.2014

Stammtisch an der Küste 22.05.2014 25.05.2014 Stammtisch an der Küste 22.05.2014 25.05.2014 23 campers Deze keer in het Nederlands. Dit leek ons nu wel eens tijd worden Joke en ik hopen dat jullie het kunnen vertalen. Woensdag 21 mei waren er al veel

Nadere informatie

Enkele onderwerpen uit de Duitse grammatica

Enkele onderwerpen uit de Duitse grammatica Enkele onderwerpen uit de Duitse grammatica Inhoudsopgave: De naamvallen... 2 De eerste naamval...3 De tweede naamval... 4 De derde naamval...5 De vierde naamval... 7 De der-groep en de ein-groep...8 Voorzetsels

Nadere informatie