Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ"

Transcriptie

1 WAARDERINGSKAMER Vraagbaak waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Een antwoord op de meest gestelde vragen over de waardevaststelling in het kader van de Wet WOZ Tekst vastgesteld op: 25 juni 2008 concept versie 0.9 1

2 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ COLOFON Waarderingskamer De eerste druk van de "Vraagbaak waardebepaling in het kader van de Wet WOZ" is op 17 juli 1998 vastgesteld door de Waarderingskamer. Deze derde herziene druk is op 25 juni 2008 vastgesteld. In deze vraagbaak geeft de Waarderingskamer op verschillende aspecten van de waardebepaling een nadere toelichting. In deze vraagbaak zijn niet de wettekst en de uitvoeringsregels zelf opgenomen, die staan in het boek "Waarderingsinstructie". Ook deze herdruk is voorbereid door de Commissie regelgeving en controle van de Waarderingskamer. Vormgeving omslag Drukkerij All-in, Katwijk Opmaak en zetwerk binnenwerk Waarderingskamer Druk Drukkerij All-in, Katwijk Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: Waarderingskamer Postbus AE DEN HAAG Telefoon: Telefax: ISBN , Waarderingskamer, Den Haag Eerste druk, augustus 1998 Tweede druk, januari 2000 Derde druk, 2008 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enig andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Waarderingskamer. 2

3 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 5 Wijzigingen ten opzichte van de eerste druk van de Vraagbaak waardebepaling in het kader van de Wet WOZ 2. Modelmatige waardebepaling Vragen met betrekking tot modelmatige waardebepaling 2.2 Vragen met betrekking tot modellen woningen 2.3 Vragen met betrekking tot modellen niet-woningen 3. De objectafbakening Vragen met betrekking tot de objectafbakening 3.2 Vragen met betrekking tot onroerende en roerende zaken 3.3 Vragen met betrekking tot het gebruiksrecht 3.4 Vragen met betrekking tot de zelfstandigheid 3.5 Vragen met betrekking tot de samenstelbepaling 3.6 Vragen met betrekking tot de administratie 4. De objectkenmerken Vragen met betrekking tot de samenhang WOZ-objectkenmerken en BAG 4.2 Vragen met betrekking tot objectkenmerken woningen 4.3 Vragen met betrekking tot objectkenmerken niet-woningen 4.4 Vragen met betrekking tot de bijhouding van objectkenmerken 5. De marktanalyse Vragen met betrekking tot verzamelen verkoopinformatie 5.2 Vragen met betrekking tot verzamelen overige marktinformatie niet-woningen 5.3 Vragen met betrekking tot de marktanalyse 5.4 Vragen met betrekking tot analyseren marktontwikkelingen 5.5 Overige vragen met betrekking tot de marktanalyse 6. De onderbouwing van de waardebepaling Uitgangspunten onderbouwing waardebepaling 6.2 Vragen met betrekking tot het taxatieverslag woningen 6.3 Vragen met betrekking tot het taxatieverslag agrarische objecten 6.4 Vragen met betrekking tot het taxatieverslag niet-woningen 7. De kwaliteitsbewaking Vragen met betrekking tot de kwaliteitsbewaking van woningen 7.2 Vragen met betrekking tot de kwaliteitsbewaking van niet-woningen 3

4 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ 8. De waarderingsvoorschriften Inhoud en betekenis waarderingsvoorschriften 8.2 Vragen met betrekking tot de waarde in het economische verkeer 8.3 Vragen met betrekking tot de gecorrigeerde vervangingswaarde 8.4 Vragen met betrekking tot de "ficties" 8.5 Vragen met betrekking tot de "vrijstellingen" 8.6 Vragen met betrekking tot de overige waarderingsvoorschriften 8.7 Vragen met betrekking tot de toe te passen taxatiemethoden 9. De taxatie volgens de vergelijkingsmethode Vragen met betrekking tot de vergelijkingsmethode 9.2 Vragen met betrekking tot de taxatie van woningen 9.3 Vragen met betrekking tot de taxatie van agrarische objecten 10. De taxatie volgens de kapitalisatiemethode Vragen met betrekking tot de kapitalisatiemethode 10.2 Vragen met betrekking tot de bepaling van de huurwaarden 10.3 Vragen met betrekking tot de bepaling van de kapitalisatiefactor 11. De taxatie volgens de DCF-methode De taxatie volgens de gecorrigeerde vervangingswaarde Vragen met betrekking tot de gecorrigeerde vervangingswaarde 12.2 Vragen met betrekking tot de technische veroudering 12.3 Vragen met betrekking tot de functionele veroudering 13. De afwijkende toestandspeildatum Vragen met betrekking tot de soorten waardeveranderingen 13.2 Vragen met betrekking tot objecten in aanbouw 14. Bijzondere aspecten voor de waardebepaling Vragen met betrekking tot de omzetbelasting 14.2 Vragen met betrekking tot bodemverontreiniging en andere milieuaspecten 15. Gebruik WOZ-waarde in de heffingswetten Vragen met betrekking tot de OZB-heffingsmaatstaf 15.2 Vragen met betrekking tot de watersysteemheffing 15.3 Vragen met betrekking tot het eigenwoningforfait 15.4 Vragen met betrekking tot de winstberekening voor de IB en Vpb (Wet werken aan winst) 15.5 Vragen met betrekking tot de milieubelastingen 16. Trefwoordenregister op de vragen 159 4

5 1. INLEIDING 1. INLEIDING In deze vraagbaak probeert het secretariaat van de Waarderingskamer een eenduidig antwoord te formuleren op een aantal vragen die kunnen worden gesteld bij de waardebepaling in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Alle gemeenten moeten in het kader van hun verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Wet WOZ jaarlijks een waarde bepalen van de onroerende zaken binnen de gemeentegrenzen. Deze waarde moet in de eerste acht weken van het kalenderjaar bij beschikking worden vastgesteld en aan gebruikers en eigenaren van die onroerende zaken bekend gemaakt worden. De waardebepaling (de gemeentelijke werkzaamheden om tot een waarde te komen, zoals de taxatie, de volledigheid, etc.) en de waardevaststelling (de beschikking, etc.) worden samen aangeduid als "waardering". Voor deze waardering in het kader van de Wet WOZ gelden formele regels die zijn opgenomen in de Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling, een uitgave van de Waarderingskamer. Deze vraagbaak is gemaakt om de uniformiteit van de waardebepaling onder het regime van de Wet WOZ verder te bevorderen. Het is daarbij niet de bedoeling geweest om antwoord te geven op vragen die de individuele taxatie van een pand betreffen. Daarom zijn geen specifieke vragen opgenomen met betrekking tot bijzondere situaties waarover uit de regelgeving of de jurisprudentie geen eenduidige interpretatie gegeven kan worden. De vragen en antwoorden zijn zo goed mogelijk naar onderwerp gerangschikt. De vragen en antwoorden zijn zo beknopt mogelijk geformuleerd. Hoewel aan de redactie van vragen en antwoorden uiterste zorg is besteed, kunnen daaraan geen rechten ontleend worden en wordt elke aansprakelijkheid terzake door de Waarderingskamer op voorhand afgewezen. Wanneer onverhoopt de gegeven antwoorden op gespannen voet zouden staan met de formele regels of met de officiële toelichting daarop, gaan uiteraard de formele regels voor en is de officiële toelichting ook weer van meer belang dan een antwoord in deze vraagbaak. Desondanks vertrouwt het secretariaat van de Waarderingskamer erop dat vragen en antwoorden in deze vorm in een behoefte voorzien. Deze Vraagbaak waardebepaling Wet WOZ sluit aan op de Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling zoals die op 1 januari 2007 luidde. Daar waar in de vraagbaak verwezen wordt naar de Waarderingsinstructie wordt bedoeld de Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling. 5

6 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ 6

7 2. MODELMATIGE WAARDEBEPALING 2. MODELMATIGE WAARDEBEPALING 2.1 Vragen met betrekking tot modelmatige waardebepaling 1. Vraag: Wat is modelmatige waardebepaling? Bij een modelmatige waardebepaling wordt op systematische wijze, meestal met behulp van computerondersteunende taxatietechnieken, de waarde bepaald. De (modelmatige) waardebepaling wordt gekarakteriseerd door: - het systematisch uit de marktanalyse afleiden welke kenmerken van de objecten relevant zijn voor de waarde; - het uit de geregistreerde objectkenmerken van de te taxeren objecten halen van objectkenmerken die volgens de marktanalyse relevant zijn voor de waarde; - het bepalen van de structuur van het taxatiemodel gebaseerd op de samenhang tussen de waarderelevante kenmerken; - het kwantificeren van de relaties in het taxatiemodel tussen de waarderelevante kenmerken en de modelwaarde, respectievelijk tussen de waarderelevante kenmerken van verschillende typen objecten; - het berekenen van een waarde voor het desbetreffende object door een systematische toepassing van één van de voor het desbetreffende objecttype geldende taxatiemethoden; - het beoordelen van de waarschijnlijkheid dat de berekende waarde een correcte weergave is van de waarde; - het afzonderlijk verifiëren van de waarde indien er onvoldoende zekerheid bestaat dat de berekende waarde correct is. 2. Vraag: Welke aspecten spelen een rol bij het proces van modelmatige waardebepaling? Bij een modelmatige waardebepaling wordt op systematische wijze, meestal met behulp van computerondersteunende taxatietechnieken, de waarde bepaald. Een modelmatige waardebepaling houdt echter meer in dan de aanschaf van een geautomatiseerd systeem om een model te definiëren. Veel hangt af van de kennis en vaardigheden van de betrokken medewerkers die het model inrichten en optimaliseren voor de specifieke situatie in de eigen gemeente, van de gegevens (marktgegevens, objectkenmerken) die worden gebruikt en van de manier waarop door herhaalde vergelijkingen met marktgegevens de kwaliteit van het model wordt geoptimaliseerd. 7

8 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ De waardebepaling van woningen en niet-woningen zijn afzonderlijke processen. De waardebepaling van woningen wordt gekarakteriseerd door een modelmatige aanpak binnen, in beginsel, de grenzen van een gemeente. Immers meestal zijn binnen een gemeente voldoende verkopen gerealiseerd om met behulp van modelmatige waardebepaling voor alle woningen WOZwaarden vast te stellen die aan de kwaliteitseisen voldoen. De (modelmatige) waardebepaling van niet-woningen wordt gekarakteriseerd door regionale en landelijke samenwerking afhankelijk van het soort niet-woning. Het modelmatig waarderen van niet-woningen is voor de meeste objectsoorten aangewezen op het (geautomatiseerd) toepassen van taxatiewijzers over incourante objecten (gecorrigeerde vervangingswaarde) of op het toepassen van kengetallen afgeleid uit marktgegevens (huurwaarde-kapitalisatiemethode, DCF). 2.2 Vragen met betrekking tot modellen woningen 3. Vraag: Welke stappen gelden bij modelmatige waardebepaling van woningen? Bij een frequente waardering van woningen is een modelmatige waardebepaling de meest doelmatige aanpak. Met een taxatiemodel worden taxatiewaarden berekend en onderbouwingen gegenereerd. In de volgende stappen zijn de elementen onderscheiden die alle nodig zijn om het gewenste eindresultaat te behalen. stap 1: systematisch uit de marktanalyse afleiden welke kenmerken van de objecten relevant zijn voor de waarde. stap 2: uit de geregistreerde objectkenmerken van de te taxeren woningen halen van objectkenmerken die volgens de marktanalyse relevant zijn voor de waarde. Deze stap kan mogelijk leiden tot de constatering dat volgens de marktanalyse voor een bepaalde categorie woningen een kenmerk van belang is voor de waardebepaling, terwijl dit kenmerk niet is vastgelegd. In dat geval moet mogelijk aanvullende informatie ingewonnen worden. stap 3: bepalen van de structuur van het taxatiemodel gebaseerd op de samenhang tussen de waarderelevante kenmerken. stap 4: kwantificeren van de relaties in het taxatiemodel tussen de waarderelevante kenmerken en de modelwaarde, respectievelijk tussen de waarderelevante kenmerken van verschillende woningen. stap 5: berekenen van een waarde voor de desbetreffende woning door een directe vergelijking met een verkochte woning, een rekenkundige formule of een combinatie van beide. 8

9 2. MODELMATIGE WAARDEBEPALING stap 6: beoordelen van de waarschijnlijkheid dat de berekende waarde een correcte weergave is van de waarde. stap 7: afzonderlijk verifiëren van de waarde indien er onvoldoende zekerheid bestaat dat de berekende waarde correct is. Herhaal de stappen totdat het uiteindelijke model aansluit op de marktgegevens. stap 8: naar beneden afronden van de waarde op eenheden van minimaal De waarde van het WOZ-object (eindwaarde) wordt naar beneden afgerond. 4. Vraag: Welke criteria gelden voor de modelmatige waardebepaling van woningen? Met betrekking tot de modelmatige waardebepaling van woningen zijn de volgende criteria geformuleerd: - uiterlijk drie maanden na de waardepeildatum (1 april) is de werking van het systeem voor ondersteuning van de waardebepaling aangetoond (een eerste bepaling van waarden met het taxatiemodel voor deze waardepeildatum is dan beschikbaar) en is tenminste voor de woningen waarvan ook marktgegevens (vanaf een jaar voor de waardepeildatum) beschikbaar zijn, een voorlopige modelwaarde berekend; - uiterlijk vijf maanden na de waardepeildatum (1 juni) is de werking van het taxatiemodel en de kwaliteitsbeoordeling aangetoond ook voor woningen waarvan geen marktgegevens beschikbaar zijn en is voor 20% van de woningen een (voorlopige) modelwaarde berekend. Deze kwaliteitseis geldt uitsluitend voor gemeenten met ten minste objecten; - uiterlijk acht maanden na de waardepeildatum (1 september) is het taxatiemodel stabiel, gebaseerd op alle verkopen tot 1 juli na de waardepeildatum) en is voor ten minste 90% van de woningen een (voorlopige) modelwaarde berekend; - uiterlijk elf maanden na de waardepeildatum (dus één maand voor het begin van het kalenderjaar: 1 december) is voor 100% van de woningen de waarde berekend. Dat wil niet zeggen dat na 1 december geen wijzigingen meer worden aangebracht. De maanden december en januari zijn gereserveerd voor verwerking mutaties in december (inclusief objecten in aanbouw) en de laatste controles en andere activiteiten voor gereedmaken verzending. 5. Vraag: Welke kwaliteitseisen stelt de Waarderingskamer aan taxatiemodellen voor woningen? De waarden van woningen worden primair gebaseerd op de uitkomsten van een taxatiemodel. Met het taxatiemodel wordt niet de geautomatiseerde 9

10 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ hulpmiddelen (software) bedoeld, maar de weergave van de onderlinge verhoudingen tussen de objecten en de daarop gebaseerde uitkomsten (modelwaarden). Om de kwaliteit van de taxaties te kunnen waarborgen moet dit taxatiemodel woningen volgens de Waarderingskamer ten minste aan de volgende kwaliteitseisen voldoen: - de minimale set objectkenmerken (ligging, soort object, bouwjaar, grootte van de woning, kavelgrootte) is in het taxatiemodel betrokken; De ligging kan op verschillende manieren tot uitdrukking gebracht worden, zoals bijvoorbeeld postcodegebieden, buurten, maar ook gedefinieerde "waardegebieden". - aanvullende objectkenmerken zijn in het taxatiemodel betrokken, wanneer de waarderelevantie uit de marktanalyse is gebleken; Het betrekken van aanvullende objectkenmerken (bijvoorbeeld onderhoudstoestand, ligging aan het water) kan beperkt zijn tot een beperkte groep van de woningen (bijvoorbeeld woningen gebouwd voor 1930, respectievelijk vrijstaande woningen in een buurt gelegen langs een rivier). - verkoopcijfers van ten minste vijf jaar moeten in het taxatiemodel opgenomen worden, waarbij het systeem (controleerbaar) de marktontwikkeling tussen verkoopdatum en waardepeildatum inzichtelijk maakt; - het taxatiemodel waarborgt correcte onderlinge waardeverhoudingen door ten minste 25 verkoopcijfers te betrekken bij het bepalen van de modelwaarde; Deze eis betekent dat de taxatie van woningen in een afgebakende groep niet alleen gebaseerd mag zijn op verkoopprijzen binnen die groep, maar dat ook een geautomatiseerde of interactieve vergelijking gemaakt is met andere typen woningen, woningen in een andere buurt et cetera. Indien aantoonbaar te weinig verkoopcijfers beschikbaar zijn, kan eventueel met een geringer aantal worden volstaan. - het taxatiemodel is dynamisch, dat wil zeggen dat het taxatiemodel met een variabele waardepeildatum werkt (dus het taxatiemodel kan ook de waarde per 1 januari van het volgende jaar bepalen); - het taxatiemodel leidt niet alleen tot nieuwe taxatiewaarden, maar is ook functioneel bij de marktanalyse en de afhandeling van bezwaarschriften; Het taxatiemodel ondersteunt de genoemde processen op taxatietechnisch terrein. Andere aspecten van de bezwaarafhandeling, zoals bijvoorbeeld de administratief-juridische aspecten hoeft het taxatiemodel niet te ondersteunen. Het taxatiemodel maakt het mogelijk om de waarde-invloed van onjuiste objectkenmerken, onjuiste vergelijking, et cetera te berekenen ten behoeve van bijvoorbeeld het beoordelen van de in een bezwaar aangedragen grieven of het beoordelen van een "afwijkende" ratio in de marktanalyse. - het taxatiemodel ondersteunt het verklaren van het verschil van de getaxeerde waarde ten opzichte van de (met dit taxatiemodel berekende) waarde op de vorige waardepeildatum; 10

11 2. MODELMATIGE WAARDEBEPALING Zeker bij jaarlijkse waardebepaling is voor de acceptatie van de waarde door de belanghebbende een verklaard verschil ten opzichte van de waarde voor het voorgaande jaar van groot belang, met name wanneer dit verschil afwijkt van de "trendmatige ontwikkeling". - het taxatiemodel genereert de onderbouwingen (taxatieverslag met vergelijkbare woningen), die mogelijk interactief aangepast kunnen worden (selecteren van andere vergelijkbare verkopen); De aanpassingen betreffen uitsluitend de onderbouwing. De stabiliteit van het taxatiemodel waarborgt dat het vermelden van andere verkoop op het taxatieverslag niet leidt tot een andere taxatiewaarde. - het taxatiemodel ondersteunt het verklaren van het verschil van de getaxeerde waarde ten opzichte van (de getaxeerde waarde en de verkoopprijs van) de door het taxatiemodel geselecteerde vergelijkingspanden; - het taxatiemodel ondersteunt het verklaren van het verschil van de getaxeerde waarde ten opzichte van (de getaxeerde waarde en de verkoopprijs van) willekeurige (door de belanghebbende) geselecteerde vergelijkingspanden; - de getaxeerde waarden worden afgerond op een niveau dat aansluit bij de nauwkeurigheid van de taxatie. De waarde wordt naar beneden afgerond op eenheden van minimaal 1.000; De afronding betreft de waarde van het WOZ-object (eindwaarde). Het op een beschikking vermelden van een waarde op 1 nauwkeurig suggereert dat er sprake is van een fictieve berekening en niet van een systematische inschatting van een op de markt reële verkoopprijs voor de desbetreffende woning. - het taxatiemodel is robuust, dat wil zeggen dat wanneer twee woningen wat betreft één in het taxatiemodel gebruikt kenmerk van elkaar verschillen altijd sprake is van een verwacht verschil in taxatiewaarde. De robuustheid houdt in dat het taxatiemodel de onderlinge waardeverhoudingen waarborgt, maar ook dat de waarde-invloed van "veranderingen" van een woning overeenkomt met de verwachting. 2.3 Vragen met betrekking tot modellen niet-woningen 6. Vraag: Wat is de aanpak bij modelmatige waardebepaling van niet-woningen? De aanpak van de (modelmatige) waardebepaling van niet-woningen hangt af van de te hanteren taxatiemethodiek en de beschikbaarheid van marktinformatie. Van een modelmatige waardebepaling kan bijvoorbeeld sprake zijn als alle waarderelevante kenmerken zijn te objectiveren en de invloed van elk kenmerk in een taxatiemodel/rekenmodel is geprogram- 11

12 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ meerd. Door het invoeren van de objectkenmerken kan het taxatiemodel/rekenmodel dan de taxatiewaarden genereren. Voor niet-woningen waarvan de waarde wordt gebaseerd op de gecorrigeerde vervangingswaarde, wordt met het oog op de doelmatigheid en de uniformiteit uitgegaan van landelijke uitgangspunten (kengetallen). Deze landelijke uitgangspunten zijn uit een gezamenlijk uitgevoerde analyse van marktgegevens van niet-woningen voortgekomen. Zij zijn vastgelegd in taxatiewijzers die via het WOZ-datacenter beschikbaar zijn voor gemeenten en hun dienstverlener. Deze taxatiewijzers kunnen ook een geautomatiseerde vorm hebben (taxatiemodel/rekenmodel). Bij het opstellen van taxatiewijzers zijn taxateurs van gemeenten en van taxatiebureaus betrokken. Voor elk soort object kunnen dezelfde stappen uitgevoerd worden. Hiervoor wordt verwezen naar de Waarderingsinstructie. Indien sprake is van een beperkt aantal objecten van een specifieke soort niet-woning kan het doelmatiger zijn om niet een taxatiewijzer op te stellen, maar om direct de betrokken objecten gezamenlijk te waarderen. Net als bij het opstellen van taxatiewijzers kunnen bij deze gezamenlijke taxaties zowel taxateurs van gemeenten als van taxatiebureaus betrokken zijn en worden de gekozen uitgangspunten bij voorkeur afgestemd met vertegenwoordigers van belanghebbenden bij de desbetreffende nietwoningen. Voor niet-woningen waarvan de waarde wordt bepaald op de waarde in het economische verkeer zal in de meeste gevallen sprake zijn van een regionale analyse van beschikbare marktgegevens, omdat meestal binnen de grenzen van één gemeente onvoldoende marktgegevens beschikbaar zijn voor de analyse van de markt. Deze regionale analyse kan leiden tot regionale uitgangspunten voor de waardebepaling (bijvoorbeeld huurwaardematrices of overzichten van agrarische grondprijzen), maar kan ook leiden tot een regionale aanpak van de waardering en kwaliteitscontrole van de desbetreffende soort niet-woningen. Voor elk soort object kunnen dezelfde stappen uitgevoerd worden. Hiervoor wordt verwezen naar de Waarderingsinstructie. 12

13 3. DE OBJECTAFBAKENING 3. DE OBJECTAFBAKENING 3.1 Vragen met betrekking tot de objectafbakening 7. Vraag: Wat zijn de stappen die gezet moeten worden bij het vaststellen van de objectafbakening? Vindplaats: Bij het afbakenen van een onroerende zaak of WOZ-object wordt eerst gekeken naar de gebouwde en/of ongebouwde eigendommen (de eigendomsgrenzen). Zijn er meerdere aangrenzende percelen van dezelfde eigenaar dan worden die samengevoegd mits zij ook bij dezelfde gebruiker in gebruik zijn. Ingeval een gedeelte van een eigendom blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, vormt dit gedeelte een zelfstandig WOZ-object. Als er meerdere gebouwde of ongebouwde eigendommen of gedeelten daarvan van dezelfde eigenaar zijn en deze eigendommen of gedeelten zijn ook bij dezelfde belanghebbende in gebruik, moeten zij tot een zogenoemd samenstel of complex worden samengevoegd als zij naar de omstandigheden beoordeeld bij elkaar behoren. Dit samenstel of complex vormt dan het WOZ-object. Wanneer een onroerende zaak wordt doorsneden door de gemeentegrens dan hoort alleen het binnen de gemeente gelegen deel tot het WOZ-object in die gemeente. Artikel 16, van de Wet WOZ. 3.2 Vragen met betrekking tot onroerende en roerende zaken 8. Vraag: Welke zaken zijn onroerend en wat zijn de criteria hiervoor? Voor de definitie van onroerende zaken wordt aangesloten bij de bepalingen in Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. In artikel 3:3 van het BW is bepaald dat onroerend zijn de grond, de nog niet gewonnen delfstoffen, de met de grond verenigde beplantingen alsmede gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken. Bestanddelen van een onroerende zaak zijn als onzelfstandige onderdelen eveneens onroerend. Daarvoor geeft artikel 3:4 van het BW een definitie. 13

14 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ Bestanddeel van een onroerende zaak is al hetgeen volgens verkeersopvatting daarvan deel uitmaakt (eerste lid). Een zaak die met een hoofdzaak zodanig verbonden wordt dat zij daarvan niet kan worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis wordt toegebracht aan een der zaken, wordt bestanddeel van de hoofdzaak (tweede lid). De Hoge Raad heeft uitgesproken dat iets duurzaam met de grond verenigd is, als het gedurende enkele jaren aan dezelfde plaats gebonden is of daarmee is verenigd. Vindplaats: Hoge Raad 13 mei 2005, nr , Belastingblad 2005, blz Vraag: Zijn zenders voor GSM en andere communicatie onroerende zaken? Ja, zenders voor GSM en andere communicatie zijn, mede gelet op de bedoeling van degene die deze zaken tot stand heeft gebracht, naar aard en inrichting bestemd om duurzaam ter plaatse te blijven. Het "bestemd om duurzaam ter plaatse te blijven" is naar buiten toe kenbaar uit bijzonderheden van aard en inrichting van de werken. Apparatuur van GSM-masten is dienstbaar aan het productieproces en kan op grond van de werktuigenvrijstelling bij de waardebepaling buiten aanmerking gelaten worden. Vindplaats: Hoge Raad 17 november 2006, nr , Belastingblad 2007, blz. 143; Hoge Raad 17 november 2006, nr , Belastingblad 2007, blz Vraag: Is er een minimale termijn verbonden aan het duurzaam met de grond verenigd zijn? Op basis van de jurisprudentie wordt thans aangenomen dat een zaak enkele jaren aan dezelfde plaats gebonden of met de grond verenigd moet zijn voordat die zaak als onroerend aangemerkt kan worden. Hierbij wordt niet alleen beoordeeld hoe lang het object er al staat, maar wordt ook gekeken naar de termijn waarvoor het geplaatst is (naar aard en inrichting bestemd is ter plaatse te blijven) en de bedoeling van degene die de zaak heeft geplaatst. Op grond hiervan moeten zomerhuisjes op losse tegels en stacaravans onder het nieuwe Burgerlijk Wetboek afhankelijk van de omstandigheden in bepaalde situaties als onroerende zaken aangemerkt worden. Op grond daarvan zal de eigenaar van een stuk grond die daarop een stacaravan plaatst, eerder de bedoeling hebben om deze duurzaam te laten staan (stacaravan is onroerende zaak) dan iemand die de grond per jaar huurt (stacaravan is roerende zaak). Vindplaats: Rechtbank Roermond 30 maart 2007, nr. 05/1634, EK, Belastingblad 2007, blz. 539; Hoge Raad 13 mei 2005, nr , Belastingblad 2005, blz

15 3. DE OBJECTAFBAKENING 11. Vraag: Kan een zaak die bedoeld is als tijdelijk, wel een onroerende zaak zijn? Ja. Werken die door fysieke verbinding bestanddeel van de grond zijn geworden en daarmee hun zelfstandigheid hebben verloren, zijn onroerend. De bedoeling om die werken slechts tijdelijk te plaatsen, doet daar niets aan af. Vindplaats: Hoge Raad 13 mei 2005, nr , Belastingblad 2005, blz Vragen met betrekking tot het gebruiksrecht 12. Vraag: Wat is een huurafhankelijk recht van opstal (harvo)? Het recht van opstal is een beperkt recht dat ingeschreven wordt in het Kadaster. Degene die het opstalrecht heeft is eigenaar van de opstallen, maar geen eigenaar van de grond. Om de opstallen te kunnen gebruiken moet men ook een gebruiksrecht hebben ter zake van de grond. Dit gebruik van de grond kan gebaseerd zijn op een afzonderlijk beperkt recht (bijvoorbeeld erfpacht), afgeleid zijn van het opstalrecht of van een persoonlijk recht (huur of pacht). Als men voor het gebruik van de grond afhankelijk is van het huren van de grond, spreekt men van een huurafhankelijk recht van opstal (harvo) of een pachtafhankelijk recht van opstal (parvo). Door deze constructie houdt de eigenaar van de grond het genot van die grond nadrukkelijk aan zichzelf en geeft hij het genot van de grond niet aan de houder van het opstalrecht. 13. Vraag: Wat zijn de gevolgen van een huurafhankelijk recht van opstal (harvo) voor de objectafbakening? Bij een huurafhankelijk recht van opstal (harvo) heeft de houder van het opstalrecht het genot krachtens beperkt recht van de opstallen. De eigenaar van de grond heeft echter het genot van de grond. Dit betekent dat alleen in het geval van een huurafhankelijk recht van opstal (of een pacht afhankelijk recht van opstal) er een scheiding plaatsvindt tussen grond en opstal. De grond vormt een afzonderlijk te waarderen WOZ-object en de opstallen vormen een ander WOZ-object. Tussen grond en opstal wordt als het ware een folie gelegd die de objecten van elkaar scheidt. Uitgaande van gebruik van de opstallen door de houder van het opstalrecht zal deze voor de opstallen zowel "eigenaar" als gebruiker zijn, 15

16 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ terwijl voor de grond de eigenaar als genothebbende krachtens eigendom wordt aangewezen en de houder van het opstalrecht als gebruiker. Vindplaats: Hoge Raad 21 maart 1979, nr , BNB 1979/ Vraag: Geef een voorbeeld van objectafbakening in het geval van een huurafhankelijk recht van opstal (harvo). Een sportvereniging heeft een opstalrecht voor een clubgebouw met kantine en kleedruimten. Dit opstalrecht is afhankelijk van het huren van de ondergrond van de gemeente en het huren van sportvelden op het desbetreffende sportcomplex. In dit voorbeeld is sprake van drie WOZobjecten: - het gebouw vormt een afzonderlijk WOZ-object, waarvan de sportvereniging zowel eigenaar als gebruiker is; - de ondergrond van het clubgebouw vormt een WOZ-object, waarvan de sportvereniging de exclusieve gebruiker is en de gemeente eigenaar is; - de sportvelden worden ook gebruikt door andere verenigingen, zodat de gemeente wordt aangewezen als eigenaar en gebruiker (ter beschikking stellen voor volgtijdig gebruik) van dit WOZ-object. 15. Vraag: Hoe beïnvloedt leegstand de objectafbakening? Indien er sprake is van leegstand, kan niet de gebruikssituatie als uitgangspunt worden genomen om te bepalen of er gedeelten zijn die bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt of dat er samenstellen zijn van eigendommen die door dezelfde gebruiker worden gebruikt. In geval van leegstand moet daarom nog meer gekeken worden naar de fysieke indeling van het geheel (gedeelten bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt en omstandigheden die aanleiding zijn voor het vormen van samenstellen). Wanneer verschillende objecten bijvoorbeeld in een winkelcentrum geen gebruiker hebben, kunnen de verschillende objecten niet zonder meer worden samengevoegd tot één WOZ-object. Immers de objecten dienen ook naar omstandigheden beoordeeld bij elkaar te horen. Met name bij objecten die bestemd zijn om zelfstandig te gebruiken zal leegstand de objectafbakening niet snel doen wijzigen. Indien sprake is van een bedrijfsverzamelgebouw met relatief flexibele grenzen tussen de afzonderlijke units, kan leegstand wel gevolgen hebben voor de afbakening van de WOZ-objecten binnen het complex. 16

17 3. DE OBJECTAFBAKENING 16. Vraag: Zijn dochter- of werkmaatschappijen als zelfstandige gebruikers aan te merken als ze in het zelfde complex gevestigd zijn als het moederbedrijf? Dit hangt af van de feitelijke situatie. Ingeval de dochtermaatschappij is gevestigd in een eigen afsluitbaar deel van het complex van de moedermaatschappij (in een apart gebouw of op aparte verdieping) dan is sprake van een zelfstandige eenheid. In dat geval is dan ook sprake van een afzonderlijk WOZ-object. In de overige gevallen geven de omstandigheden en de feitelijke situatie ter plaatse de doorslag bij de beoordeling of de objecten naar omstandigheden beoordeeld bij elkaar horen. Inventariseren en registreren van de omstandigheden en de feitelijke situatie is relevant voor het geval zich geschillen over de afbakening voordoen. 17. Vraag: Moet altijd tot op gebruikersniveau worden afgebakend? Ook bij bijvoorbeeld verhuurde garageboxen? Vindplaats: Ja, tenzij sprake is van verhuur van onzelfstandige delen of verhuur voor volgtijdig gebruik (dat wil zeggen steeds verhuur voor korte perioden). Artikel 24, vijfde lid, onderdeel b en c, van de Wet WOZ. 18. Vraag: Waarom moet in het buitengebied ook bij agrarische objecten tot op gebruikersniveau worden afgebakend? De gebruiker is bijvoorbeeld van belang voor het beoordelen van de vraag of de waarde van de cultuurgrond bij de waardebepaling buiten aanmerking moet blijven ("cultuurgrondvrijstelling"). Bij het beoordelen van de vraag of er sprake is van "cultuurgrondvrijstelling" moet met name aandacht besteed worden aan de "huispercelen" rondom een boerderij. Deze percelen worden niet altijd bedrijfsmatig gebruikt ("hobby-boeren") en moeten in dat geval in de waarde worden betrokken. 19. Vraag: Hoe worden op een doelmatige wijze de gebruikers van agrarische objecten achterhaald? Het jaarlijks achterhalen van de gebruikers van agrarische objecten is niet eenvoudig. In veel gevallen zal echter de (belastingplichtige) eigenaar ook de gebruiker zijn. Wanneer de belastingplichtige eigenaar bijvoorbeeld een institutionele verpachter is (bijvoorbeeld Staatsbosbeheer), is de eigenaar meestal niet de gebruiker. De gemeente kan dan een gebruikersinventarisatie opvragen bij deze verpachter. Voorts dient bij elke verkoop te worden beoordeeld in hoeverre de vrijstelling voor de bedrijfsmatige geëxploiteerde cultuurgrond nog geldig is. 17

18 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ 3.4 Vragen met betrekking tot de zelfstandigheid 20. Vraag: Wanneer is er in het algemeen sprake van zelfstandigheid van een WOZobject? Zijn er hierbij verschillen tussen woningen en niet-woningen? Bij niet-woningen is meerdere malen door de Hoge Raad beslist dat het al dan niet afsluitbaar zijn een relevant gegeven is. Bij woningen gaat het met name om eigen toegang, eigen keukenvoorziening of tenminste eigen kookgelegenheid, douche en toiletruimte. Ook hier is afsluitbaarheid een criterium. Van minder belang, maar in twijfelgevallen wel doorslaggevend is een eigen deurbel, brievenbus en een eigen gas-, electriciteits- en watermeter. De eisen voor zelfstandigheid gelden alleen voor de afbakening van een gedeelte van een eigendom dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt. Voor niet-woningen kan hierbij ook de organisatorische samenhang van betekenis zijn. Voor grenzen van het WOZ-object die samenvallen met eigendomsgrenzen gelden deze eisen niet. Dit betekent dat de grens van een WOZ-object dwars door bijvoorbeeld een winkel kan lopen, wanneer beide delen van de winkel een andere eigenaar hebben. Vindplaats: Hof s-gravenhage 9 maart 2005, nr. 04/03082 en 04/03083, Belastingblad 2005, blz. 707; Hoge Raad 8 oktober 2004, nrs en , Belastingblad 2004, blz. 1263; Hoge Raad 9 mei , BNB 2003/270c, Belastingblad 2003, blz. 617; Hof s-hertogenbosch 5 juli 2000, nr. 98/00550, Belastingblad 2001, blz. 155; Hof Amsterdam 3 december 1999, nr. p98/1032, Belastingblad 2000, blz Vraag: Wanneer is sprake van een zelfstandige woning? Bij woningen gaat het met name om eigen toegang, eigen keukenvoorziening of tenminste eigen kookgelegenheid, douche en toiletruimte. Ook hier is afsluitbaarheid een criterium. Van minder belang, maar in twijfelgevallen wel meewegend is eigen gas-, electriciteits- en watermeter. Ook een eigen bel kan een aanwijzing zijn. Niet alle zelfstandige woningen zijn echter ook WOZ-objecten. Denk aan woonboten en woonwagens, die afhankelijk van de omstandigheden roerend of onroerend kunnen zijn. Vindplaats: Hoge Raad 26 oktober 2001, nr , Belastingblad 2001, blz

19 3. DE OBJECTAFBAKENING 22. Vraag: Is een wooneenheid in een verzorgingshuis/verpleeghuis een zelfstandig WOZ-object? Onder bepaalde omstandigheden kan een wooneenheid in een verzorgingshuis als een zelfstandig WOZ-object worden aangemerkt. Van belang is hierbij of die wooneenheid is voorzien van eigen kookgelegenheid, douche en toiletruimte. Voorts dient de wooneenheid te voldoen aan het criterium van de afsluitbaarheid. Ter zake een wooneenheid van een verpleeghuis zal doorgaans de "verzorgingsfunctie" zo zwaarwegend zijn dat er geen sprake is van een zelfstandige wooneenheid. 23. Vraag: Is een woondeel binnen een gemengd pand altijd een zelfstandig WOZobject? Nee. Gemengde panden zijn die WOZ-objecten waarin gewoond wordt, maar die daarnaast ook nog een andere functie hebben. Gedacht kan worden aan woon-winkelpanden, agrarische objecten, et cetera. Vaak zal op grond van de Wet WOZ de woning boven een winkel of woning in een agrarisch object een zelfstandig WOZ-object zijn. Maar wanneer door de situatie ter plaatse de woning onvoldoende zelfstandig is, maakt het woondeel onderdeel uit van hetzelfde WOZ-object als het bedrijfsdeel. 3.5 Vragen met betrekking tot de samenstelbepaling 24. Vraag: Hoe werkt de "samenstelbepaling" bij de afbakening van woningen? Gebouwde en ongebouwde eigendommen vormen, indien deze bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en naar de omstandigheden beoordeeld bij elkaar horen, één samenstel. Gebouwde en ongebouwde eigendommen, zoals woning met garage en daarbij behorende ondergrond, kunnen ook bij elkaar behoren indien deze niet onderling verbonden zijn. Ook indien woning en garage, bijvoorbeeld door middel van een straat van elkaar zijn gescheiden, kan onder bepaalde omstandigheden één samenstel gevormd worden. Van belang hierbij zijn bijvoorbeeld de afstand, bouwaard of bouwjaar. Vindplaats: Hof Amsterdam 29 januari 2003, nr. 01/01836, Belastingblad 2003, blz

20 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ 25. Vraag: Hoe dienen de beide WOZ-objecten te worden getaxeerd als één onroerende zaak gescheiden wordt door een eigendomsgrens, zonder dat deze fysiek is waar te nemen? Vindplaats: In dit geval dient de waarde van het gehele complex te worden bepaald. Vervolgens moet de waarde naar evenredigheid aan de verschillende kadastrale percelen toegedeeld worden, waarbij rekening wordt gehouden met de grootte en de ligging binnen het object. Deze werkwijze komt overeen met het bepalen van de waarde van een onroerende zaak die wordt doorsneden door een gemeentegrens. Artikel 17, zesde lid, van de Wet WOZ. 26. Vraag: Volgens het Kadaster is een man eigenaar van het huis, terwijl zijn vrouw eigenaar van de tuin is. Is dit één object? Als man en vrouw in gemeenschap van goederen gehuwd zijn, vormt het samenstel van huis met tuin één WOZ-object. Wanneer zij de afzonderlijke percelen gekocht hebben vóór het sluiten van het huwelijk, blijft het Kadaster de oorspronkelijke gegevens over de eigenaren registreren. Door het huwelijk zijn beide percelen in de gemeenschap van goederen terechtgekomen. Zijn de echtgenoten onder huwelijkse voorwaarden gehuwd en blijkt dat de voorwaarden zodanig zijn geformuleerd dat één of meer van deze eigendommen niet in de gemeenschap vallen, dan kan geen samenstel worden gevormd. Alleen in dat geval is sprake van twee WOZ-objecten. Gezien het feit dat meestal sprake zal zijn van één WOZ-object, kan dit (als praktische werkwijze en behoudens tegenbewijs) tot uitgangspunt worden genomen. Als het anders is kunnen belanghebbenden vragen om splitsing in twee objecten door aan te tonen dat deze objecten buiten de gemeenschap vallen. 27. Vraag: Kan er sprake zijn van één WOZ-object indien een woning als één geheel wordt gebruikt, maar de man eigenaar is van het huis en de vrouw eigenaar van de tuin, terwijl zij niet gehuwd zijn, maar zich wel als partners hebben laten registreren? In dit geval kan er geen sprake zijn van één WOZ-object. Tussen beide partners ontstaat, ondanks het geregistreerde partnerschap, geen vermogensgemeenschap. Twee eigenaren van twee afzonderlijke WOZobjecten dus. 20

21 3. DE OBJECTAFBAKENING 28. Vraag: Kan er sprake zijn van één WOZ-object indien een woning als één geheel wordt gebruikt, maar de man eigenaar is van het huis en een kind eigenaar van de tuin? In dit geval kan er geen sprake zijn van één WOZ-object. Tussen vader en kind ontstaat geen vermogensgemeenschap. Ook hier zijn er twee eigenaren van twee afzonderlijke WOZ-objecten. De vorming van een samenstel is niet mogelijk. 29. Vraag: Kan er sprake zijn van één WOZ-object indien een belanghebbende voor het ene eigendom een erfpacht recht heeft en van een naastgelegen eigendom dezelfde belanghebbende het volledig eigendom heeft? Ja. Voor beide percelen is immers dezelfde belanghebbende genothebbende krachtens een zakelijk recht en naast elkaar gelegen percelen behoren naar de omstandigheden beoordeeld bij elkaar. 30. Vraag: Kan er sprake zijn van één WOZ-object indien een onderdeel van het complex in eigendom is bij een ander lid van de maatschap (of vennootschap onder firma (v.o.f.)) die het gehele complex gebruikt? Nee. De omstandigheid dat voor delen van een object er verschillende zakelijk gerechtigden zijn, brengt met zich mee dat er geen sprake kan zijn van één WOZ-object. De omstandigheid dat die delen bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn, doet daar niets aan af. 31. Vraag: Hoort een parkeerplaats die in eigendom is bij de eigenaar van een object bij het WOZ-object of is er sprake van twee WOZ-objecten? Wanneer de parkeerplaats gereserveerd is voor de eigenaar/gebruiker van een appartement (afsluiting met bijvoorbeeld klappaal, klaphekje, vermelding "gereserveerd voor huisnummer X", vastlegging in de akte van splitsing van de kadastrale appartementen) vormt die parkeerplaats met het object een samenstel en is er dus sprake van één WOZ-object. Wanneer er geen sprake is van gereserveerde plaatsen, maar alle eigenaren/gebruikers één of meerdere parkeerplaatsen kunnen gebruiken, dan behoren de parkeerplaatsen tot de gemeenschappelijke voorzieningen. Wanneer echter niet alle eigenaren/gebruikers kunnen profiteren van deze gemeenschappelijke voorzieningen, omdat slechts een beperkte groep (tegen betaling) beschikt over bijvoorbeeld een sleutel, dan zal de gemeenschappelijke parkeerplaats/parkeerkelder een afzonderlijk WOZobject zijn, waarvan het gebruik wordt geacht te liggen bij degene die de onzelfstandige eenheden in gebruik geeft (bijvoorbeeld verhuurder). 21

22 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ 32. Vraag: Wanneer kan een individuele parkeerplaats toch een afzonderlijk WOZobject vormen, terwijl voor de parkeerplaats niet een zelfstandig appartementsrecht is gevestigd? Voor de beoordeling van de zelfstandigheid van een parkeerplaats is de afsluitbaarheid van belang. Voor de zelfstandigheid van een parkeerplaats gelden niet dezelfde eisen als bijvoorbeeld voor een woning. Belangrijk is dat er voorzieningen zijn die het gebruik van de parkeerplaats als parkeerplaats door anderen niet mogelijk maken. Een parkeerplaats met een klaphekje of met een afsluitpaal, beide met slot, kan daarom een zelfstandig object zijn. Vooropgesteld dat ze geen samenstel vormt met een bijbehorend WOZ-object. 33. Vraag: Leidt de doorsnijding van twee eigendommen door een openbare weg automatisch tot twee WOZ-objecten of is het vormen van een samenstel nog mogelijk? Het vormen van een samenstel is goed mogelijk. In de parlementaire geschiedenis is wel het voorbeeld van twee benzinestations aan weerszijden van de snelweg gebruikt die in gebruik zijn bij dezelfde exploitant en waarvan de tanks onder de weg door met elkaar verbonden zijn. Ook zonder fysieke band kan nog vorming van een samenstel mogelijk zijn. Een voorbeeld hiervan is een woning met een garage die op enige afstand daarvan is gelegen. In dat geval zullen naast de eis van dezelfde gebruiker de omstandigheden zoals: afstand, bouwstijl of bouwjaar, de doorslag moeten geven om een samenstel te vormen. Vindplaats: Hof Amsterdam 29 januari 2003, nr. 01/01836, Belastingblad 2003, blz Vraag: Behoren alle percelen cultuurgrond die bij een agrarisch bedrijf in gebruik zijn tot één WOZ-object of kan hierbij sprake zijn van meer WOZ-objecten? 22 Voor het vormen van een samenstel zijn de omstandigheden van belang. In ieder geval zullen de percelen die direct grenzen aan de percelen waarop de bedrijfsgebouwen staan daarmee een samenstel vormen als aan de andere voorwaarden is voldaan. Indien er alleen sprake is van een weg of een waterloop (eigendom van een ander) tussen twee percelen, worden deze percelen geacht aangrenzend te zijn. Dit betekent dat wanneer deze percelen dezelfde eigenaar hebben en bij dezelfde gebruiker in gebruik zijn, zij tot één WOZ-object behoren. In ieder geval zal voor het beoordelen van het samenstel de (kadastrale) kaart geraadpleegd moeten worden. In beginsel kan de objectafbakening grotendeels op basis van deze kaart worden gerealiseerd.

23 3. DE OBJECTAFBAKENING 35. Vraag: Hoe moet de objectafbakening bij sportcomplexen bepaald worden? Een sportcomplex moet vaak worden afgebakend tot meerdere WOZobjecten. In sommige gevallen is sprake van verschillende eigendommen, bijvoorbeeld wanneer beperkte rechten zijn gevestigd (erfpacht, opstalrecht) voor bijvoorbeeld de bouw van clubgebouwen et cetera. Ook wanneer er sprake is van één eigenaar (bijvoorbeeld de gemeente) dan kan het toch noodzakelijk zijn om meer WOZ-objecten af te bakenen, omdat sprake is van zelfstandig gebruik van een deel van het complex door één vereniging. Dit kan het exclusieve gebruiksrecht van één of meerderde velden zijn, maar ook het exclusieve gebruik van een clubgebouw, een kantine of kleedruimten. Bijvoorbeeld: Op een sportcomplex staan twee gebouwen, elk met kantine en kleedruimten en er zijn acht sportvelden. Eén van de gebouwen en twee van de sportvelden worden exclusief gebruikt door één vereniging. De overige velden worden volgtijdig gebruikt door verschillende verenigingen, die gebruik maken van het tweede clubgebouw. In dit geval is sprake van twee WOZ-objecten. Het eerste WOZ-object (met de gemeente als eigenaar en de vereniging als gebruiker) bestaat uit het ene gebouw met twee sportvelden. Het tweede WOZ-object bestaat uit de rest van het complex, waarbij de gemeente zowel eigenaar als gebruiker is (stelt beschikbaar voor volgtijdig gebruik). 36. Vraag: Gelden de afbakeningsregels voor recreatieterreinen ook voor volkstuincomplexen? Nee, in de wettekst wordt expliciet gesproken over verblijfsrecreatie en dat betekent dat men er ook moet kunnen overnachten. In veel volkstuincomplexen is echter overnachten juist niet toegestaan en dat betekent dat de objectafbakeningsregels voor recreatieterreinen niet van toepassing zijn op volkstuincomplexen. 37. Vraag: Geldt er een maximale grootte voor WOZ-objecten? Nee, uitsluitend de gemeentegrenzen vormen de uiterste grens. Dit betekent dat bijvoorbeeld alle openbare wegen in een gemeente, die eigendom van de gemeente zijn, één WOZ-object kunnen vormen, omdat ze naar omstandigheden beoordeeld bij elkaar behoren. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor alle rijkswegen binnen een gemeente en alle spoorwegen met bijbehorende voorzieningen. Overigens betreft dit voorbeelden van WOZ-objecten waarvoor op basis van de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet waardering onroerende 23

24 VRAAGBAAK WAARDEBEPALING WET WOZ zaken geen waarde bepaald hoeft te worden, omdat ze geheel bestaan uit onderdelen waarvan de waarde buiten aanmerking blijft. Een ander voorbeeld zijn de hoogspanningsmasten die door de kabels met elkaar verbonden zijn. De masten maken onderdeel uit van één onroerende zaak die alle hoogspanningsmasten van dezelfde maatschappij in die gemeente omvat. Ook de kabels behoren tot deze onroerende zaak, maar de waarde van deze kabels blijft bij de waardebepaling buiten aanmerking (werktuigenvrijstelling). Hieruit volgt dat het "stelsel" van hoogspanningsmasten één WOZ-object is. In de praktijk wordt elke mast als zelfstandig deelobject getaxeerd. 38. Vraag: Hoe dient er omgegaan te worden met gemeenschappelijke voorzieningen en hoe met mandelige percelen? Gemeenschappelijke voorzieningen zijn bijvoorbeeld de lift in een complex met flatwoningen of de entree in een bedrijfsverzamelgebouw. Een mandelig perceel is bijvoorbeeld het gezamenlijke achterpad bij een blok eigen-woningen. Voor gemeenschappelijke voorzieningen en voor mandelige percelen wordt geen afzonderlijke waarde bepaald. Bij de waardebepaling van de afzonderlijke WOZ-objecten (de woningen in het flatcomplex, de winkels in het winkelcentrum, de kantoorunits in het bedrijfsverzamelgebouw en de afzonderlijke eigen-woningen in het blok) wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van de gemeenschappelijke voorzieningen of van het mandelige perceel. Er worden voor deze gemeenschappelijke voorzieningen of voor de mandelige percelen daarom ook geen afzonderlijke WOZbeschikkingen genomen. Voor zover de gemeenschappelijke voorzieningen of het mandelige perceel gekoppeld zijn aan kadastrale oppervlakte, wordt deze oppervlakte ondergebracht in een sluimerend WOZ-object zodat een sluitende relatie met de kadastrale administratie gewaarborgd is. 3.6 Vragen met betrekking tot de administratie 39. Vraag: Moet voor elk WOZ-object een waarde worden bepaald? Artikel 16 van de Wet WOZ geeft afbakeningsregels op grond waarvan het gehele gemeentelijke grondgebied ingedeeld kan worden in WOZ-objecten. In de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet waardering onroerende zaken wordt evenwel bepaald dat de waarde van bepaalde onroerende zaken of onderdelen daarvan buiten aanmerking blijft. Belangrijke voorbeelden van deze "vrijstelling" betreffen de bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond en de openbare wegen. WOZ-objecten die 24

25 3. DE OBJECTAFBAKENING geheel bestaan uit dergelijke cultuurgrond of uit openbare wegen, hebben daarmee automatisch de WOZ-waarde nul. Vindplaats: Artikel 18, derde lid, van de Wet WOZ. 40. Vraag: Wat is een sluimerend WOZ-object en wat is de waarde hiervan? Een sluimerend WOZ-object heeft nooit een waarde. Een sluimerend WOZobject is namelijk geen fysiek object, maar een administratief object om te waarborgen dat er een sluitende relatie bestaat tussen de WOZ-administratie en de kadastrale administratie. Het sluimerend WOZ-object legt vast welke kadastrale oppervlakte niet afzonderlijk kan worden toegekend aan een WOZ-object. Sluimerende WOZ-objecten hebben bijvoorbeeld betrekking op de ondergrond van een complex met flatwoningen of op de ondergrond van een bedrijfsverzamelgebouw. 41. Vraag: Welke aandachtspunten zijn van belang bij het proces beheer objectafbakening? Uit artikel 16 van de Wet WOZ vloeit voort dat het hele grondgebied van een gemeente bestaat uit WOZ-objecten. Deze moeten worden afgebakend en geadministreerd. Enkele categorieën WOZ-objecten blijven bij de waardebepaling buiten aanmerking. Deze objecten maken echter wel deel uit van de WOZ-administratie. Een deel van deze uitgezonderde objecten moet immers wel aan de waterschappen en de Belastingdienst worden geleverd. Tevens geldt voor alle onroerende zaken dat zij van belang zijn voor de volledigheidscontrole en correcte verwerking van mutaties van de betrokken objecten. Alle objecten moeten in de WOZ-administratie opgenomen zijn. De objecten uit de categorieën: a. objecten waarvoor beschikking is verzonden of nog verzonden moet worden; b. sluimerende objecten; c. gebouwde uitgezonderde objecten. moeten in het centrale bestand met WOZ-objecten (WOZ-objectenbestand) geregistreerd zijn conform de regels van objectafbakening. De objecten uit deze drie categorieën worden geleverd aan de afnemers. 25

Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ

Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ WAARDERINGSKAMER Vraagbaak waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Een antwoord op de meest gestelde vragen over de waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Tekst vastgesteld op: 25 juni 2008 1 VRAAGBAAK

Nadere informatie

Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ

Vraagbaak waardebepaling. in het kader van de Wet WOZ WAARDERINGSKAMER Vraagbaak waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Een antwoord op de meest gestelde vragen over de waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Tekst herziene druk vastgesteld op: 5 november

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Gorinchem uitvoeringsorganisatie: Datum: 18 juli 2013. Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Gorinchem uitvoeringsorganisatie: Datum: 18 juli 2013. Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Gorinchem uitvoeringsorganisatie: Datum: 18 juli 2013 Datum rapport: 21 augustus 2013 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Vaals uitvoeringsorganisatie: Datum: 13 juni Gemeente/ Datum rapport: 25 juni 2013

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Vaals uitvoeringsorganisatie: Datum: 13 juni Gemeente/ Datum rapport: 25 juni 2013 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Vaals uitvoeringsorganisatie: Datum: 13 juni 2013 Datum rapport: 25 juni 2013 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Texel uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 februari Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Texel uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 februari Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Texel uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 februari 2016 Datum rapport: 22 februari 2016 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Woudrichem uitvoeringsorganisatie: Datum: 17 juli Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Woudrichem uitvoeringsorganisatie: Datum: 17 juli Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Woudrichem uitvoeringsorganisatie: Datum: 17 juli 2012 Datum rapport: 13 augustus 2012 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Sluis uitvoeringsorganisatie: Datum: 28 maart 2013. Gemeente/ Datum rapport: 15 mei 2013

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Sluis uitvoeringsorganisatie: Datum: 28 maart 2013. Gemeente/ Datum rapport: 15 mei 2013 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Sluis uitvoeringsorganisatie: Datum: 28 maart 2013 Datum rapport: 15 mei 2013 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Geldrop-Mierlo uitvoeringsorganisatie: Datum: 2 oktober 2014. Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Geldrop-Mierlo uitvoeringsorganisatie: Datum: 2 oktober 2014. Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Geldrop-Mierlo uitvoeringsorganisatie: Datum: 2 oktober 2014 Datum rapport: 14 oktober 2014 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Purmerend uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 april Gemeente/ Datum rapport: 21 mei 2013

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Purmerend uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 april Gemeente/ Datum rapport: 21 mei 2013 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Purmerend uitvoeringsorganisatie: Datum: 10 april 2013 Datum rapport: 21 mei 2013 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Marktanalyse, taxeren en kwaliteitscontrole van WOZ-taxaties van woningen bij weinig marktinformatie

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Marktanalyse, taxeren en kwaliteitscontrole van WOZ-taxaties van woningen bij weinig marktinformatie WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Marktanalyse, taxeren en kwaliteitscontrole van WOZ-taxaties van woningen bij weinig marktinformatie Datum: Versie 25 mei 2009 Bijlage(n): 1. Inleiding De kredietcrisis

Nadere informatie

Veelgestelde vragen. Veel gestelde vragen over de WOZ.

Veelgestelde vragen. Veel gestelde vragen over de WOZ. Veelgestelde vragen Veel gestelde vragen over de WOZ. 1. Wat is de Wet WOZ? 2. Wat is een WOZ-beschikking? 3. Hoe is de waarde op de beschikking tot stand gekomen? 4. Hoe worden de grenzen van mijn object

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Alphen-Chaam/BWB uitvoeringsorganisatie: Datum: 19 juli Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Alphen-Chaam/BWB uitvoeringsorganisatie: Datum: 19 juli Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Alphen-Chaam/BWB uitvoeringsorganisatie: Datum: 19 juli 2012 Datum rapport: 27 juli 2012 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Velsen uitvoeringsorganisatie: Datum: 29 september Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Velsen uitvoeringsorganisatie: Datum: 29 september Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Velsen uitvoeringsorganisatie: Datum: 29 september 2015 Datum rapport: 9 november 2015 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Sittard-Geleen uitvoeringsorganisatie: Datum: 5 juli Gemeente/

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Sittard-Geleen uitvoeringsorganisatie: Datum: 5 juli Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Sittard-Geleen uitvoeringsorganisatie: Datum: 5 juli 2012 Datum rapport: 13 augustus 2012 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

Gemeentelijk WOZ-rapport

Gemeentelijk WOZ-rapport Gemeentelijk WOZ-rapport Adres Adres 8 en woonplaats KLEISTAD Gemeente Wijk Centrum Vogelenbuurt Bouwkundig Objectstatus Object in gebruik Bouwjaar(klasse) 1978 Inhoud (m3) 340 bruto Gebruiksoppervlak

Nadere informatie

Model taxatieverslag woningen dat is opgenomen in de bijlage bij deze regeling.

Model taxatieverslag woningen dat is opgenomen in de bijlage bij deze regeling. Artikel Het in bijlage 4 van de Uitvoeringsregeling instructie waardebepaling Wet waardering onroerende zaken opgenomen Model taxatieverslag woningen wordt vervangen door het Model taxatieverslag woningen

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Loppersum/Groningen uitvoeringsorganisatie: Datum: 25 september 2012.

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Loppersum/Groningen uitvoeringsorganisatie: Datum: 25 september 2012. WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Loppersum/Groningen uitvoeringsorganisatie: Datum: 25 september 2012 Datum rapport: 19 oktober 2012 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van

Nadere informatie

Hoe wordt de WOZ-waarde vastgesteld?

Hoe wordt de WOZ-waarde vastgesteld? In dit document vindt u antwoorden op onderstaande vragen 1. Hoe wordt de WOZ-waarde vastgesteld? 2. Waarvoor wordt de WOZ-waarde gebruikt? 3. Taxatieverslag 4. Hoe wordt de waarde van mijn pand vastgesteld

Nadere informatie

1. Inleiding. 2. Oordeel uitvoering van de Wet WOZ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Gemeente/

1. Inleiding. 2. Oordeel uitvoering van de Wet WOZ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Gemeente/ WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente/ Rotterdam uitvoeringsorganisatie: Datum: 18 september 2014 Datum rapport: 21 november 2014 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van

Nadere informatie

22 september 2016 (definitief)

22 september 2016 (definitief) WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Geldrop-Mierlo/Dienst Dommelvallei uitvoeringsorganisatie: Datum: 25 augustus 2016 Datum rapport: 28 augustus 2016 (concept) 22 september 2016 (definitief) 1.

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Zoetermeer uitvoeringsorganisatie: Datum: 4 juli Gemeente/ Datum rapport: 11 juli 2014

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Zoetermeer uitvoeringsorganisatie: Datum: 4 juli Gemeente/ Datum rapport: 11 juli 2014 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Zoetermeer uitvoeringsorganisatie: Datum: 4 juli 2014 Datum rapport: 11 juli 2014 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek naar

Nadere informatie

Model Taxatieverslag Woningen

Model Taxatieverslag Woningen Model Taxatieverslag Woningen Locatie woning Straatnaam Huisnummer Postcode Woonplaats * 1 Foto getaxeerde woning WOZ-objectnummer Waardepeildatum 1 januari 20.. Toestandspeildatum 1 januari 20.. Vastgestelde

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Lisse uitvoeringsorganisatie: Datum: 16 september Gemeente/ Datum rapport: 3 oktober 2016

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Lisse uitvoeringsorganisatie: Datum: 16 september Gemeente/ Datum rapport: 3 oktober 2016 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN EN Gemeente/ Lisse uitvoeringsorganisatie: Datum: 16 september 2016 Datum rapport: 3 oktober 2016 1. Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van ons onderzoek

Nadere informatie

Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Datum: 3 september 2008. Datum rapport: 8 september 2008

Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Datum: 3 september 2008. Datum rapport: 8 september 2008 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente: Nijmegen Datum: 3 september 2008 Datum rapport: 8 september 2008 Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van de ter plaatse die de Waarderingskamer

Nadere informatie

Taxatieverslag Woningen

Taxatieverslag Woningen Locatie woning Da Costastraat 94 H 1053 ZS Taxatieverslag Woningen WOZ-objectnummer 036300072828 Dagtekening taxatieverslag 03-09-2015 Waardepeildatum 01-01-2015 Toestandspeildatum 01-01-2015 Vastgestelde

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Uitbreiding codelijst in domein 65.22 en commentaar 65.23. Datum: 27 maart 2007 Bijlage(n): 2

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Uitbreiding codelijst in domein 65.22 en commentaar 65.23. Datum: 27 maart 2007 Bijlage(n): 2 WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Uitbreiding codelijst in domein 65.22 en commentaar 65.23 Datum: 27 maart 2007 Bijlage(n): 2 1. Inleiding In het Gegevenswoordenboek WOZ zijn in het domein van het gegevensnummer

Nadere informatie

bijlage(n) 1 Onlangs hebben wij onderzoek gedaan naar de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) in uw gemeente.

bijlage(n) 1 Onlangs hebben wij onderzoek gedaan naar de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) in uw gemeente. WAARDERINGSKAMER Gemeente Heerhugowaard T.a.v. mevrouw J. Dijkstra Postbus 390 1700 AJ HEERHUGOWAARD *B201213314* ONTVANGEN 1 1 SEP 2Q12 ons kenmerk 12.2665 IL bijlage(n) 1 betreft: Voortgang uitvoering

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Stuf-TAX versie 4. Datum: 1 juli 2006 Bijlage(n): 3

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Stuf-TAX versie 4. Datum: 1 juli 2006 Bijlage(n): 3 WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Stuf-TAX versie 4 Datum: 1 juli 2006 Bijlage(n): 3 1. Inleiding Met ingang van 1 januari 2006 zijn er een aantal wijzigingen doorgevoerd in de definitie van het uitwisselingsformaat

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER Krimpen aan den IJssel

WAARDERINGSKAMER Krimpen aan den IJssel WAARDERINGSKAMER Krimpen aan den IJssel ZKE Gemeente Krimpen aan den IJssel T.a.v. de heer B. Karman Postbus 200 2920 AE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL ons kenmerk bijlage(n) datum 16.1804 IL 10 juni 2016 betreft:

Nadere informatie

mr. dr. W.G. van den Ban Wet waardering onroerende zaken

mr. dr. W.G. van den Ban Wet waardering onroerende zaken mr. dr. W.G. van den Ban Wet waardering onroerende zaken Deventer - 2009 INHOUDSOPGAVE Lijst van gebmikte afkortingen XIII HOOFDSTUK 1 Inleiding 1 1.1 Onroerende zaken alsmaatstafvoordebelastingheffing

Nadere informatie

Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Datum: 28 mei en 16 juli 2009. Datum rapport: 3 augustus 2009

Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Datum: 28 mei en 16 juli 2009. Datum rapport: 3 augustus 2009 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN Gemeente: Utrechtse Heuvelrug Datum: 28 mei en 16 juli 2009 Datum rapport: 3 augustus 2009 Inleiding Dit rapport van bevindingen is de weergave van de inspectie

Nadere informatie

Reglement WOZ Vastgesteld september 2015

Reglement WOZ Vastgesteld september 2015 Reglement WOZ Vastgesteld september 2015 Postbus 42530 3006 DA Rotterdam 010 212 46 85 info@nrvt.nl www.nrvt.nl 2/9 Reglement werkkamer WOZ Overwegende dat in het kader van de Wet waardering onroerende

Nadere informatie

Gegevenswoordenboek WOZ

Gegevenswoordenboek WOZ WAARDERINGSKAMER Gegevenswoordenboek WOZ Beschrijving en definitie van de gegevens in de WOZ-administratie Vastgesteld d.d. 22 maart 2002 GEGEVENSWOORDENBOEK WOZ COLOFON Waarderingskamer De eerste druk

Nadere informatie

Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling

Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling WAARDERINGSKAMER Waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling Richtlijnen voor de uitvoering van de Wet WOZ Tekst vastgesteld op: 9 december 2005 WAARDERINGSINSTRUCTIE JAARLIJKSE WAARDEBEPALING COLOFON

Nadere informatie

VOORTGANGSINVENTARISATIE APRIL 2015

VOORTGANGSINVENTARISATIE APRIL 2015 VOORTGANGSINVENTARISATIE APRIL 2015 Telefoonnummer: Emailadres: In deze voortgangsinventarisatie wordt gevraagd naar de gemeentelijke situatie op 15 april 2015. Algemeen deel Deel waardepeildatum 1 januari

Nadere informatie

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Havengebonden en Industriële objecten

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Havengebonden en Industriële objecten Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Havengebonden en Industriële objecten Waardepeildatum 1 januari 2012 Colofon Taxatiewijzer Havengebonden en Industriële objecten, waardepeildatum 1 januari 2012 Deze

Nadere informatie

1 0a Het totaal aantal WOZ-objecten per 1 januari van het lopende jaar in de gemeente dat wordt gevraagd, is het aantal objecten:

1 0a Het totaal aantal WOZ-objecten per 1 januari van het lopende jaar in de gemeente dat wordt gevraagd, is het aantal objecten: Nummer Toelichting Waarderingsinstructie 1 0a Het totaal aantal WOZ-objecten per 1 januari van het lopende jaar in de gemeente dat wordt gevraagd, is het aantal objecten: Inclusief - geblokkeerde objecten;

Nadere informatie

Beoordelingsprotocol objectkenmerken

Beoordelingsprotocol objectkenmerken WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Beoordelingsprotocol objectkenmerken Datum: 7 februari 2014 Bijlage(n): - BEOORDELINGSPROTOCOL OBJECTKENMERKEN Inleiding De juiste registratie van alle gegevens over een

Nadere informatie

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Leidraad Havengebonden en Industriële objecten op basis van de (markt)situatie in Rotterdam

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Leidraad Havengebonden en Industriële objecten op basis van de (markt)situatie in Rotterdam Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Leidraad Havengebonden en Industriële objecten op basis van de (markt)situatie in Rotterdam Waardepeildatum 1 januari 2011 Colofon Leidraad Havengebonden en Industriële

Nadere informatie

De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) is een samenwerkingsverband op het gebied van belastingen tussen:

De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) is een samenwerkingsverband op het gebied van belastingen tussen: WOZ-informatieavond Wat is de BSGR? Wet WOZ (Waardebepaling Onroerende Zaken) Waardebepaling Waarderingskamer Bestandsoptimalisatie Bezwaar/Beroep Contact De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR)

Nadere informatie

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES. Inspectie uitgevoerd door: Datum: 26 augustus 2015

1. Inleiding WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES. Inspectie uitgevoerd door: Datum: 26 augustus 2015 WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES Gemeente: Inspectie uitgevoerd door: Oldebroek Dhr. J. Smit Datum: 26 augustus 2015 Datum rapport: 14 oktober 2015 Gesprek

Nadere informatie

VERKLARING COMPLEX ONROERENDE ZAKEN MET WOZ-BESCHIKKING

VERKLARING COMPLEX ONROERENDE ZAKEN MET WOZ-BESCHIKKING VERKLARING COMPLEX ONROERENDE ZAKEN MET WOZ-BESCHIKKING De energiebelasting (EB) en opslag duurzame energie (ODE) over elektriciteit en gas moeten worden berekend per aansluiting van de energieverbruiker

Nadere informatie

Nr _ -hun - Afd.hoofd: fzlli^h^ Gevraagde beslissing: gemeente \ Barneveld. Aan het college van burgemeester en wethouders

Nr _ -hun - Afd.hoofd: fzlli^h^ Gevraagde beslissing: gemeente \ Barneveld. Aan het college van burgemeester en wethouders gemeente \ Barneveld Nr. 584515 Aan het college van burgemeester en wethouders Onderwerp: Voortgang uitvoering Wet WOZ Gevraagde beslissing: 1. het rapport van bevindingen van de onlangs gehouden inspectie

Nadere informatie

WOZ, WAW, BTW, en andere actualiteiten

WOZ, WAW, BTW, en andere actualiteiten WOZ, WAW, BTW, en andere actualiteiten WAARDERINGSKAMER mr. J.G.E.Gieskes Programma Feiten over de WOZ Uitgangspunten WOZ-waardering Werken aan winst Omzetbelasting Informeel contact Randvoorwaarden van

Nadere informatie

WOZ-waardering NSW-landgoederen ingrijpend gewijzigd

WOZ-waardering NSW-landgoederen ingrijpend gewijzigd WOZ-waardering NSW-landgoederen ingrijpend gewijzigd De voorschriften voor het bepalen van de WOZwaarden van landgoederen die gerangschikt zijn onder de Natuurschoonwet 1928 (NSW) zijn gewijzigd. Dit valt

Nadere informatie

Vraagbaak Waardevaststelling. in het kader van de Wet WOZ

Vraagbaak Waardevaststelling. in het kader van de Wet WOZ WAARDERINGSKAMER Vraagbaak Waardevaststelling in het kader van de Wet WOZ Een antwoord op de meest gestelde vragen over de waardevaststelling in het kader van de Wet WOZ Versie: 18 april 2011 VRAAGBAAK

Nadere informatie

Informatieavond Oegstgeest

Informatieavond Oegstgeest Informatieavond Oegstgeest Wat is de BSGR? Wet WOZ (Waardebepaling Onroerende Zaken) Aanslag en beschikking Waardebepaling en aanverwante zaken Waarderingskamer Oegstgeest cijfers Waarderingskamer 2015

Nadere informatie

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 13 Havengebonden en Industriële objecten Waardepeildatum 1 januari 2014 Colofon Taxatiewijzer Havengebonden en Industriële objecten, waardepeildatum 1 januari 2014 Deze

Nadere informatie

Wat is uw huis waard? DE WAARDE VAN UW ONROERENDE ZAAK

Wat is uw huis waard? DE WAARDE VAN UW ONROERENDE ZAAK Wat is uw huis waard? BELASTING 2005 DE WAARDE VAN UW ONROERENDE ZAAK inleiding Als eigenaar of gebruiker van een woning of een bedrijfspand betaalt u onroerende zaakbelasting, kortweg OZB. De hoogte van

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; Agendanummer: 6 Vergadering: 8 november 2012 De raad van de gemeente Winsum; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; gelet op artikel 221 van de Gemeentewet; b e s l u i t

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Managementsamenvatting benchmarkresultaten 1999-2002. Datum: 19 november 2003 Bijlage(n):

WAARDERINGSKAMER NOTITIE. Betreft: Managementsamenvatting benchmarkresultaten 1999-2002. Datum: 19 november 2003 Bijlage(n): WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Managementsamenvatting benchmarkresultaten 1999-2002 Datum: 19 november 2003 Bijlage(n): Doel van de benchmark WOZ-kosten De afgelopen jaren heeft de Waarderingskamer

Nadere informatie

Waardering van nieuwbouw

Waardering van nieuwbouw Waardering van nieuwbouw Programma 19.00 19.30 uur Presentatie van de waardebepaling van de WOZ-waarde 19.30 19.45 uur Gelegenheid om vragen te stellen over de taxatiemethodiek 19.45 20.00 uur PAUZE 20.00

Nadere informatie

Samenhang BAG en WOZ objecten

Samenhang BAG en WOZ objecten WAARDERINGSKAMER Samenhang BAG en WOZ objecten In samenwerking met: SAMENHANG BAG EN WOZ OBJECTEN SAMENHANG BAG EN WOZ OBJECTEN Colofon Deze brochure is een gezamenlijke uitgave van het Ministerie van

Nadere informatie

Verordening op de heffing en de invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2015

Verordening op de heffing en de invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2015 Verordening op de heffing en de invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2015 De raad van de gemeente Haarlem; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

RAPPORT ONDERZOEK VOLLEDIGHEID OPPERVLAKTE IN WOZ-ADMINISTRATIE

RAPPORT ONDERZOEK VOLLEDIGHEID OPPERVLAKTE IN WOZ-ADMINISTRATIE WAARDERINGSKAMER RAPPORT ONDERZOEK VOLLEDIGHEID OPPERVLAKTE IN WOZ-ADMINISTRATIE Gemeente: Geertruidenberg Datum: 21 oktober 2016 Datum rapport: 22 december 2016 Inleiding Op 21 oktober 2016 hebben wij

Nadere informatie

Waarderingsinstructie 2005

Waarderingsinstructie 2005 WAARDERINGSKAMER Waarderingsinstructie 2005 Regels voor de uitvoering van de waardebepaling in het kader van de Wet WOZ Tekst vastgesteld op: 23 september 2004 WAARDERINGSINSTRUCTIE 2005 COLOFON Waarderingskamer

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER. Record-layout Stuf-TAX. versie 4

WAARDERINGSKAMER. Record-layout Stuf-TAX. versie 4 WAARDERINGSKAMER Record-layout Stuf-TAX versie 4 1 1. OPBOUW LEVERINGSBESTAND 1. Voorlooprecord 1-2 2 N 93.11 Recordidentificatiecode Stuf-TAX (= 00) 3-6 4 N 09.10 Gemeentecode 7-46 40 A 09.11 Gemeentenaam

Nadere informatie

De burger aan de knoppen

De burger aan de knoppen De burger aan de knoppen WOZ-administratie: uitgangspunten en eisen Welke rollen kan de burger hebben? Lessons learned Ruud Kathmann Waarderingskamer 18 juni 2015 Dataland WOZ WAARDERINGSKAMER Waarderingsinstructie

Nadere informatie

Sector : II Nr. : 66b. De raad van de gemeente Ferwerderadiel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 november 2010, nummer

Sector : II Nr. : 66b. De raad van de gemeente Ferwerderadiel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 november 2010, nummer Sector : II Nr. : 66b 8/66.10; De raad van de gemeente Ferwerderadiel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 november 2010, nummer gelet op artikel 221 van de Gemeentewet; besluit:

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES. Winkel - Vael De heer G. Schottert De heer V. Smits

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES. Winkel - Vael De heer G. Schottert De heer V. Smits WAARDERINGSKAMER RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK NAAR DE KWALITEIT VAN DE TAXATIES Gemeente: Inspectie uitgevoerd door: Utrechtse Heuvelrug Dhr. T. Medemblik Datum: 17 november 2015 Datum rapport: 4

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude VERORDENING BELASTINGEN OP ROERENDE WOON EN BEDRIJFSRUIMTEN 2015

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude VERORDENING BELASTINGEN OP ROERENDE WOON EN BEDRIJFSRUIMTEN 2015 VERORDENING BELASTINGEN OP ROERENDE WOON EN BEDRIJFSRUIMTEN 2015 De raad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude; Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15 oktober

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders besluit :

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders besluit : Nr. 10-. PURMEREND De raad van de gemeente Purmerend ; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders gelet op artikel 221 van de Gemeentewet; besluit : vast te stellen de volgende

Nadere informatie

PRESENTATIE WOZ KAART

PRESENTATIE WOZ KAART PRESENTATIE WOZ KAART 1) Ontwikkeling Vanaf 1 juli 2011 moet de BAG-gegevens opslag in de WOZ administratie worden gebruikt. De WOZ-objecten worden afgeleid van het BAG-adres. In de toekomst worden de

Nadere informatie

Documentatierapport Basisregistraties Adressen en Gebouwen verrijkt (BAGplus)

Documentatierapport Basisregistraties Adressen en Gebouwen verrijkt (BAGplus) Centraal Bureau voor de Statistiek Centrum voor Beleidsstatistiek Documentatierapport Basisregistraties Adressen en Gebouwen verrijkt (BAGplus) Datum: 23 mei 2014 Bronvermelding Publicatie van uitkomsten

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER. Handreiking interne beheersingsmaatregelen WOZ

WAARDERINGSKAMER. Handreiking interne beheersingsmaatregelen WOZ WAARDERINGSKAMER Handreiking interne beheersingsmaatregelen WOZ Tekst vastgesteld op: 27 augustus 2009 2 HANDREIKING INTERNE BEHEERSINGSMAATREGELEN WOZ 1. Inleiding De Waarderingskamer bevordert het vertrouwen

Nadere informatie

Overdrachtsbelasting.

Overdrachtsbelasting. Overdrachtsbelasting. Vanuit de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) zijn vragen gesteld over de tijdelijke verlaging van het tarief van de overdrachtsbelasting voor woningen (zie het besluit

Nadere informatie

ons kenmerk bijlage(n) datum 08.5550 RK 21 november 2008

ons kenmerk bijlage(n) datum 08.5550 RK 21 november 2008 Nyenrode Real Estate Center de heer prof.dr. T.M. Berkhout MRE MRICS de heer prof.dr. A.C. Hordijk Straatweg 25 3621 BG Breukelen ons kenmerk bijlage(n) datum 08.5550 RK 21 november 2008 betreft: Reactie

Nadere informatie

DE MEERWAARDE VAN KENNIS OVER ERFPACHT, NATUURSCHOONWET, WOZ EN FISCALITEITEN

DE MEERWAARDE VAN KENNIS OVER ERFPACHT, NATUURSCHOONWET, WOZ EN FISCALITEITEN DE MEERWAARDE VAN KENNIS OVER ERFPACHT, NATUURSCHOONWET, WOZ EN FISCALITEITEN 9 maart 2013 WAAROM DEZE WORKSHOP? WAT WILLEN WE VANDAAG BEREIKEN? WIE ZIJN WE? MET WELKE PARTIJEN HEEFT U TE MAKEN? PARTIJEN

Nadere informatie

Documentatierapport Waarde onroerende zaken (WOZ)

Documentatierapport Waarde onroerende zaken (WOZ) Centraal Bureau voor de Statistiek Centrum voor Beleidsstatistiek Documentatierapport Waarde onroerende zaken (WOZ) Datum: 8 december 2014 Bronvermelding Publicatie van uitkomsten geschiedt door het onderzoeksbureau

Nadere informatie

BENCHMARK WOZ-KOSTEN 2012-2013

BENCHMARK WOZ-KOSTEN 2012-2013 pagina 1 van 9 1211214 WAARDERINGSKAMER BENCHMARK WOZKOSTEN 212213 Het samenwerkingsverband Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid in cijfers Dit rapport laat diverse gegevens over de uitvoering van de

Nadere informatie

Vastgoed en WOZ-waarde

Vastgoed en WOZ-waarde Weekblad voor Fiscaal Recht, Vastgoed en WOZ-waarde Klik hier om het document te openen in een browser venster Vindplaats: WFR 2015/1394 Bijgewerkt tot: 17-11-2015 Auteur: Drs. J.E. van den Berg en G.H.T.

Nadere informatie

WOZ-TAXATIERAPPORT. Kerkewal 40, 8401 CH Gorredijk. w.p.d. 01-01-2010

WOZ-TAXATIERAPPORT. Kerkewal 40, 8401 CH Gorredijk. w.p.d. 01-01-2010 WOZ-TAXATIERAPPORT Kerkewal 40, 8401 CH Gorredijk w.p.d. 01-01-2010 Leenstra Taxaties O.G., Ganzenweide 31, 8446 KR Heerenveen, mobiel: 06-20053241, tel: 0513-623245, fax: 084-7461839 Beëdigd en Register

Nadere informatie

Vraagbaak gegevenslevering Stuf-WOZ

Vraagbaak gegevenslevering Stuf-WOZ WAARDERINGSKAMER Vraagbaak gegevenslevering Stuf-WOZ Een antwoord op de meest gestelde vragen over de gegevenslevering in het kader van het Stuf-WOZ Tekst vastgesteld op: 19 december 1996 VRAAGBAAK GEGEVENSLEVERING

Nadere informatie

Verordening op de heffing en de invordering van onroerende-zaakbelastingen 2009

Verordening op de heffing en de invordering van onroerende-zaakbelastingen 2009 CVDR Officiële uitgave van Deventer. Nr. CVDR7782_1 15 maart 2016 Verordening op de heffing en de invordering van onroerende-zaakbelastingen 2009 Artikel 1 Belastingplicht 1 Onder de naam onroerende-zaakbelastingen

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 oktober 2013 (kenmerk );

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 oktober 2013 (kenmerk ); DE RAAD VAN DE GEMEENTE LEEUWARDEN; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 oktober 2013 (kenmerk 380627); gelet op artikel 228a van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te

Nadere informatie

Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren

Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren WAARDERINGSKAMER Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren Een onderzoek naar overschrijding van de jaargrens bij de afhandeling van WOZ-bezwaarschriften 18 juli 2014 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Overdrachtsbelasting -- Deel 1

Overdrachtsbelasting -- Deel 1 Overdrachtsbelasting les 1 programma Inleiding overdrachtsbelasting Verkrijgingen Maatstaf van heffing Verandering in beperkt recht Hoe bij gezamenlijk eigendom Vrijstellingen Heffing en teruggaaf Object

Nadere informatie

gelezen het voorstel van de Publieksservice, team Burgerzaken en Belastingen d.d. 6 oktober 2014;

gelezen het voorstel van de Publieksservice, team Burgerzaken en Belastingen d.d. 6 oktober 2014; No. 2014/ Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Coevorden; gelezen het voorstel van de Publieksservice, team Burgerzaken en Belastingen d.d. 6 oktober 2014; dat het gewenst is om beleidsregels

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; artikel 1 en 9 van de verordening onroerende-zaakbelastingen;

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; artikel 1 en 9 van de verordening onroerende-zaakbelastingen; Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; Gelet op het bepaalde in: artikel 1 en 9 van de verordening onroerende-zaakbelastingen; artikel 2 en 11 van de Verordening

Nadere informatie

UvA-DARE (Digital Academic Repository) Onderbouwing taxatie Saarloos, P.J.M.; Francke, M.K. Published in: WOZ-praktijk pakket. Link to publication

UvA-DARE (Digital Academic Repository) Onderbouwing taxatie Saarloos, P.J.M.; Francke, M.K. Published in: WOZ-praktijk pakket. Link to publication UvA-DARE (Digital Academic Repository) Onderbouwing taxatie Saarloos, P.J.M.; Francke, M.K. Published in: WOZ-praktijk pakket Link to publication Citation for published version (APA): Saarloos, P. J. M.,

Nadere informatie

Toelichting op de verordening onroerende-zaakbelastingen 2015. Toelichting. A Algemeen. 1 Wettelijke basis

Toelichting op de verordening onroerende-zaakbelastingen 2015. Toelichting. A Algemeen. 1 Wettelijke basis Toelichting op de verordening onroerende-zaakbelastingen 2015 Toelichting A Algemeen 1 Wettelijke basis De verordening onroerende-zaakbelastingen is gebaseerd op de tekst van de Gemeentewet (artikelen

Nadere informatie

Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige in een keuzesituatie

Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige in een keuzesituatie Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige in een keuzesituatie Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door

Nadere informatie

ons kenmerk bijlage(n) datum NH 1 31 mei 2013

ons kenmerk bijlage(n) datum NH 1 31 mei 2013 WAARDERINGSKAMER Gemeente Oegstgeest p/a Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland T.a.v. mevrouw drs. E.T.M. van Kesteren Postbus 1141 2302 BC LEIDEN ons kenmerk bijlage(n) datum 13.1673 NH 1 31 mei 2013 betreft:

Nadere informatie

2009 -- Overdrachtsbelasting -- Deel 1

2009 -- Overdrachtsbelasting -- Deel 1 Overdrachtsbelasting les 1 programma Inleiding overdrachtsbelasting Verkrijgingen Maatstaf van heffing Verandering in beperkt recht Hoe bij gezamenlijk eigendom Vrijstellingen Heffing en teruggaaf Object

Nadere informatie

Besluit tot vaststelling van de Verordening op de watersysteemheffing Waterschap Veluwe 2011.

Besluit tot vaststelling van de Verordening op de watersysteemheffing Waterschap Veluwe 2011. Besluit tot vaststelling van de Verordening op de watersysteemheffing Waterschap Veluwe 2011. Het algemeen bestuur van Waterschap Veluwe; Op voordracht van het dagelijks bestuur van 13 oktober 2010; Gelet

Nadere informatie

Processen en juridische aspecten LV WOZ

Processen en juridische aspecten LV WOZ Processen en juridische aspecten LV WOZ LV WOZ Inlichtingen Peter van den Heuij T 070-3427816 p.p.a.heuij@minfin.nl Datum 23 mei 2011 Auteur Ruud Kathmann Bijlage: Inleiding Voor de aanbesteding van de

Nadere informatie

Verordening onroerende-zaakbelastingen Breda 2012

Verordening onroerende-zaakbelastingen Breda 2012 Verordening onroerende-zaakbelastingen Breda 2012 De raad van de gemeente Breda; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders en met overname van de daarin vermelde overwegingen; gelet op de artikelen

Nadere informatie

Een nieuwe kijk op vastgoedregistratie WOZ en lokale heffingen

Een nieuwe kijk op vastgoedregistratie WOZ en lokale heffingen Een nieuwe kijk op vastgoedregistratie WOZ en lokale heffingen 2 TAX Onze organisatie is inmiddels een decennium geleden begonnen met het ontwikkelen van geautomatiseerde hulpmiddelen in het kader van

Nadere informatie

Bestandsanalyse Stuf-TAX volledigheidsonderzoek

Bestandsanalyse Stuf-TAX volledigheidsonderzoek - WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Bestandsanalyse Stuf-TAX volledigheidsonderzoek Datum: 10 maart 2011 Bijlage(n): - Inleiding Vanuit haar toezichthoudende taak stelt de Waarderingskamer onderzoeken

Nadere informatie

Fractie Heusden Één. Rekening houden met bezwaren van het voorgaand jaar

Fractie Heusden Één. Rekening houden met bezwaren van het voorgaand jaar Fractie Heusden Één Ons kenmerk: Uw brief van: 7 april 2008 Behandeld door: Dhr. E.F. Roosenboom Doorkiesnummer: (073) 513 17 89 E-mailadres: info@heusden.nl Onderwerp: OZB-aanslagen/WOZ-beschikkingen

Nadere informatie

Onderzoek WOZ-taxaties grote kantoorobjecten

Onderzoek WOZ-taxaties grote kantoorobjecten WAARDERINGSKAMER NOTITIE Betreft: Onderzoek WOZ-taxaties grote kantoorobjecten Datum: 23 november 2010 Bijlage(n): - 1. Inleiding De Waarderingskamer houdt toezicht op de uitvoering van de Wet waardering

Nadere informatie

BENCHMARK WOZ-KOSTEN

BENCHMARK WOZ-KOSTEN BENCHMARK WOZ-KOSTEN 2007 - Inleiding In 1999 is de Waarderingskamer begonnen met het organiseren van een benchmark over de kosten voor de uitvoering van de Wet WOZ. Eind 2003 heeft dit geleid tot een

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude

GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude Op 21 januari heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude de navolgende beleidsregels met betrekking tot de heffing en invordering van de gemeentelijke

Nadere informatie

Vervangingswaarde. Restwaarde. Definitief correctiemodel WOZ II 7 april 2015

Vervangingswaarde. Restwaarde. Definitief correctiemodel WOZ II 7 april 2015 VRAAG 7 Vraag. 8 waardepeildatum 0-0- 204 jaar ingebruikname 935 Leeftijd Opleidingsschool 79 Standaardgrootte Oppervlakte.500 Bouwkosten.32 (excl. Btw) HB-waarde.968.000 % Herbouwwaarde Levensduur in

Nadere informatie

Uitvoering van de Wet WOZ in Amsterdam

Uitvoering van de Wet WOZ in Amsterdam ONDERZOEKSRAPPORT Uitvoering van de Wet WOZ in Amsterdam Goed op waarde geschat? juni 2012 Rekenkamer Amsterdam ONDERZOEKSRAPPORT Uitvoering van de Wet WOZ in Amsterdam Goed op waarde geschat? juni 2012

Nadere informatie

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 3 Woonwagens

Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 3 Woonwagens Taxatiewijzer en kengetallen DEEL 3 Woonwagens Waardepeildatum 1 januari 2010 Colofon Taxatiewijzer Woonwagens, waardepeildatum 1 januari 2010 Deze taxatiewijzer is een uitgave van de Vereniging van Nederlandse

Nadere informatie

Verordening watersysteemheffing waterschap Vechtstromen 2015

Verordening watersysteemheffing waterschap Vechtstromen 2015 Verordening watersysteemheffing waterschap Vechtstromen 2015 Kenmerk: Het algemeen bestuur van het waterschap Vechtstromen; gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 28 oktober 2014; gelet op de

Nadere informatie

Stappenplan en voorbeeld afbakening studentencomplexen

Stappenplan en voorbeeld afbakening studentencomplexen Stappenplan en voorbeeld afbakening studentencomplexen Versie 1.0 Auteur(s) Kadaster (met inhoudelijke instemming van Ministerie van Infrastructuur en Milieu) Status Definitief Versiehistorie Versie Datum

Nadere informatie

2003. Nr. : Dnst. : ID. Instellen van een egalisatievoorziening in het kader van het herwaarderingstraject prijspeil 2003.

2003. Nr. : Dnst. : ID. Instellen van een egalisatievoorziening in het kader van het herwaarderingstraject prijspeil 2003. Nr. : 03.0100. Dnst. : ID Instellen van een egalisatievoorziening in het kader van het herwaarderingstraject prijspeil 2003. Leiden, 9 september 2003. 2003. Herwaardering prijspeil 2003 De gemeente Leiden

Nadere informatie

TOETSTERMEN TOETSMATRIJS PRAKTIJKTOETS. Bedrijfsmatig Vastgoed

TOETSTERMEN TOETSMATRIJS PRAKTIJKTOETS. Bedrijfsmatig Vastgoed TOETSTERMEN TOETSMATRIJS PRAKTIJKTOETS Bedrijfsmatig Vastgoed Opzet van de praktijktoets De Praktijktoets Bedrijfsmatig Vastgoed bestaat uit twee toetsonderdelen en vindt plaats op twee afzonderlijke toetsmomenten/-dagen.

Nadere informatie