Brussel, 2 mei _Aanbeveling Implementatie ESF Aanbeveling

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Brussel, 2 mei 2006 020506_Aanbeveling Implementatie ESF 2007-2013. Aanbeveling"

Transcriptie

1 Brussel, 2 mei _Aanbeveling Implementatie ESF Aanbeveling Betreffende de bijdrage van Vlaanderen aan het Nationaal Strategisch Referentiekader met betrekking tot de implementatie van de Europese structuurfondsen in Vlaanderen

2 Krachtlijnen van de aanbeveling Betreffende EFRO kan de raad kan zich vinden in het voorstel om ook voor EFRO te werken met één Operationeel Programma voor heel Vlaanderen. Daarbij blijft de vraag gesteld of bij de verdere operationalisering nog wordt voorzien in specifieke budgetten voor afgebakende gebieden binnen Vlaanderen. De EFRO-middelen moeten in de toekomst prioritair ingezet worden voor de projecten die van strategisch belang zijn voor de sociaal-economische ontwikkeling van Vlaanderen als geheel en in het bijzonder voor de doelstellingen van het herziene Pact van Vilvoorde. Het is cruciaal om hierbij de inbreng vanuit de RESOC s in rekening te brengen, in twee richtingen: een prioretisering van strategische projecten die rekening houdt met de hefboomprojecten die via de streekpacten worden voorgesteld; een advisering vanuit de RESOC s over de strategische projecten die centraal worden voorgesteld en die repercussies hebben op de betrokken streek/streken. Op deze wijze wordt het Europese structuurbeleid een versterking van het Vlaamse beleid. Verder vragen de sociale partners dat zij op VESOC-matige wijze en volwaardig worden betrokken bij het Vlaamse monitoringcomité en eventuele stuurgroepen. De sociale partners kunnen zich globaal terugvinden in de EFRO-prioriteiten die de Vlaamse regering naar voren schuift. In het licht van de realisatie van het vernieuwde Pact van Vilvoorde schuiven de sociale partners evenwel nog een aantal bijkomende accenten naar voren: een beleid m.b.t. de problematiek van opvolging en overnames van bedrijven; een preventief bedrijfsbeleid; een breedsporend innovatiebeleid met ook aandacht op de vernieuwing van arbeidsorganisaties; een performant beleid m.b.t. het aantrekken en ondersteunen van buitenlandse investeringen; investeringen in logistieke knooppunten en vervoersinfrastructuur; investeringen in hernieuwbare energiebronnen (windenergie, zonne-energie, waterkracht, bio-energie, ). Het ESF-luik van de aanbeveling formuleert ten eerste enkele essentialia in verband met de globale doelstelling van de ESF-middelen. Zo vindt de raad dat de ESF-middelen het Vlaams beleid moeten versterken: het dienen hefbomen te zijn voor onder meer de realisatie van de doelstellingen opgenomen in het Vlaams Hervormingsprogramma en voor het 2

3 aanpakken van de delivery gabs in de verwezenlijking van de doelstellingen van het Pact van Vilvoorde. Ten tweede vraagt de SERV een meer transparante berekening van het aandeel van Vlaamse ESF-middelen dat gaat naar de Geïntegreerde Richtsnoeren, inclusief een berekening op het niveau van de Gemeenschappen en de Gewesten. Verder is de raad van mening dat structureel beleid ook structurele financiering vereist. Momenteel wordt de financiering van vele structurele beleidsmaatregelen doorgeschoven naar ESF-financiering. Voor de raad omvat het ESF-beleid een beleid op langere termijn en het programma mag dan ook niet volledig in het teken staan van beleidsuitdagingen op korte of middenlange termijn. Verder hoeft er voor de raad geen federaal luik meer voorzien worden en mag de cofinanciering niet enkel voorbehouden worden voor publieke financiering. De Vlaamse Regering dient dit laatste standpunt te verdedigen bij de federale en Europese overheden. Tenslotte betreuren de sociale partners expliciet dat ze pas in laatste instantie formeel betrokken zouden worden bij het uitwerken van de Vlaamse bijdrage. In een twee gedeelte gaat de SERV in op de inhoudelijke klemtonen die gelegd moeten worden bij het uitwerken van het ESF-programma De Vlaamse regering omschreef vier prioriteiten. Volgens de raad bevat iedere prioriteit een aantal belangrijke, soms vernieuwende, invalshoeken. Toch mist de raad ook enkele thema s. Daarenboven wenst de raad algemeen aan te geven dat ESF-projecten ook het ondernemerschap en de ondernemingszin als focus moeten hebben en verwijst het naar de werkzaamheden die zijn opgestart omtrent de Competentieagenda De uitkomst van dit laatste moet voor de raad geïmplementeerd worden in de uitwerking van prioriteit 3 en prioriteit 4. Verder moet bij de uitwerking van de prioriteiten ook de bedrijfsopleidingen een belangrijke plaats krijgen. Betreffende prioriteit 1 moet voor de raad uitgebreide aandacht gaan naar het alternerend leren. Hierbij is de finale doelstelling te komen tot een sluitende aanpak voor elke deeltijds leerplichtige. In dit kader is een evaluatie van de brugprojecten en voortrajecten aangewezen. Verder moet er voor de raad ook een debat komen omtrent de rol van ESF bij de uitbouw van alternerend leren voor 18 tot 24 jarigen en suggereert de raad een evaluatie van het stimuleringsbeleid voor werkgevers. Bij de uitwerken van prioriteit 1 zijn ook het garanderen van de kwaliteit van het werkplekleren en het in goede banen leiden van de herstructureringen belangrijke thema s. Wat de sluitende aanpak betreft, mist de raad aandacht voor de remediëring bij langdurige werklozen. Conform het Samen voor meer banen plan, moet voor de raad aandacht gaan naar het uitbouwen van de aanpak van de harde kern van langdurige werklozen. Binnen deze prioriteit dienen ook werkloosheidsvallen te worden meegenomen. Bij prioriteit 2 is de raad tevreden met de categoriale aandacht voor allochtonen, personen met een arbeidshandicap, kortgeschoolden en ouderen. Specifiek voor die laatste groep vraagt de raad nogmaals de acties naar werkenden niet te versmallen tot de groep van +50-jarigen. Het 3

4 is verder wel noodzakelijk dat de projecten effectief afgestemd zijn op de noden van de categoriale doelgroep. Voor de raad is het aanbieden van werkervaringsplaatsen een belangrijk toeleidingsinstrument voor kansengroepen. Bij tewerkstelling binnen de sociale economie is het belangrijk dat dit gebeurt binnen de idee van een loopbaantraject. Het nieuwe ESF-programma moet dan ook aandacht hebben voor de integratie van werknemers sociale economie in de reguliere economie. Ondanks de bijval voor de categoriale accenten mag voor de raad het programma niet beperkt worden tot categoriale maatregelen. Daarom bevat deze aanbeveling ook enkele hefbomen voor een globaal diversiteitsbeleid. Onder meer vertrekkende van de aandacht voor bredere inzetbaarheid van de arbeidskrachten en het stimuleren van de arbeidsmobiliteit is levenslang leren een belangrijk thema binnen prioriteit 3. In deze moet ook de rol van opleidingen op eigen initiatief van de werkende verder uitgewerkt worden. Betreffende de loopbaanbegeleidingsdiensten vraagt de raad een betere omkadering, aandacht voor toeleiding van kansengroepen en de ontwikkeling van een methodiek voor werkenden die zich wensen om te schakelen van een zwaar naar een licht beroep. Ook aan de EVC-weg moet verder getimmerd worden in de komende programmaperiode. Hierbij zijn het verder uitbouwen van de titels en de aandacht voor EVC binnen opleidings- en begeleidingstrajecten voor de raad belangrijke aandachtpunten. Prioriteit 4 focust op het ondersteunen en verbreden van strategische HRM-processen. Voor de raad zal hierbij terecht aandacht besteed worden aan de balans tussen werken en privé en aan gelijke kansen. Zelf vraagt de raad dat er voldoende ondersteuning komt van de kleine en middelgrote ondernemingen die op het vlak van HRM-processen een specifieke nood hebben. Opleidingen binnen de onderneming vormen een belangrijk instrument in het vervullen van de HRM-processen en de ESF-middelen moeten dan ook verder aangewend worden om de opleidingen verder uit te bouwen, dit met de nodige aandacht voor het bereiken van kortgeschoolden en oudere werknemers. Ten slotte moet ook de inspanningen betreffende werkbaar werk in de volgende programmaperiode gecontinueerd worden. De Vlaamse regering schuift drie horizontale thema s naar voor. Voor de raad is het niet onlogisch dat innovatie hiertoe behoort. Het is belangrijk dat innovatie in iedere prioriteit voldoende aandacht krijgt wat kan door binnen iedere prioriteit een percentage van de middelen hiervoor te reserveren. Gelijke kansen als horizontaal thema kan worden geïmplementeerd door enerzijds binnen iedere prioriteit projecten hier op te focussen en anderzijds op het niveau van de oproep een diversiteitstoets uit te voeren. Voor het laatste horizontale thema, het transnationale, is investeren in de internationale uitwisseling prioritair. Enkele aanbevelingen betreffende het beheer van het programma vormen het slot van deze aanbeveling. Hierbij vragen de sociale partners dat hun betrokkenheid bij de uitvoering van het programma gecontinueerd wordt en suggereren ze dat ook doelgroeporganisaties en lokale 4

5 actoren, waar relevant, meer betrokken worden bij de uitwerking van het programma. De sociale partners blijven ook verder administratieve vereenvoudiging bepleiten. Dit kan onder meer bekomen door het verder uitwerken van het éénloketprincipe. De inspanningen omtrent de kwaliteitsbewaking geleverd in de vorige programmaperiode moeten verder gezet worden en bij het begin van de nieuwe programmaperiode is het aangewezen om de werking van de promotoren te evalueren zodoende organisatorische verbetervoorstellen te kunnen integreren in het nieuwe programma. Verder pleiten sociale partners voor een concentratie van de ingezette middelen waarbij een goede mix moet gevonden worden tussen meerjarenerkenningen en tijdelijke contracten. De raad vraagt ook dat enkel arbeidsmarktvoorzieningen die in orde zijn met het uitvoeringsbesluit op de evenredige arbeidsdeelname van 30 januari 2004 in aanmerking komen voor ESF-subsidiëring. Betreffende het cliëntvolgsysteem moet er naar gestreefd worden om, waar relevant, het te integreren in de nieuwe beleidsmaatregelen. De controle van de mate waarin de promotoren hun activiteiten registreren in het CVS valt voor de raad onder de kwaliteitsborging. Ten slotte moeten alle competentieversterkende maatregelen leiden tot een leerbewijs en liefst ook een competentiebewijs. 5

6 Krachtlijnen van de aanbeveling... 2 Situering van de aanbeveling... 8 Deel 1 Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling Context Algemene uitgangshouding Betrokkenheid van de sociale partners bij het tot stand komen, het uitvoeren en het monitoren van het operationeel programma Inzake de prioriteiten Overgang van het huidige naar het nieuwe programma Deel 2 Het Europees Sociaal Fonds Essentialia in verband met de globale doelstelling ESF-midelen ESF-middelen moeten Vlaamse beleid verstrekken Nood aan een transparante berekening van het aandeel Vlaamse ESF-middelen dat gaat naar de Geïntegreerde Richtsnoeren Structureel beleid ook structureel financieren ESF-beleid is beleid voor de lange termijn Geen nood aan een federaal luik Cofinanciering mag niet enkel via publieke financiering Betrokkenheid sociale partners bij het opstellen van de Vlaamse inbreng is belangrijk De inhoudelijke invulling van de ESF-middelen De voorgestelde prioriteiten van de Vlaamse regering De klemtonen die de raad wenst te leggen Prioriteit Prioriteit Prioriteit Prioriteit De horizontale thema s Het beheer van het programma Continuering van de betrokkenheid van sociale partners bij uitvoering het programma Betrekken van de doelgroeporganisaties en lokale actoren bij uitwerken van het programma

7 3.3. Administratieve vereenvoudiging verder uitwerken, onder meer door veralgemening éénloketprincipe Kwaliteitsbewaking hoog in het vaandel blijven houden Concentratie van de middelen en mix meerjarenerkenning en tijdelijke contracten Enkel arbeidsmarktvoorzieningen die in orde met het uitvoeringsbesluit van 30 januari Van een cliëntvolgsysteem naar een loopbaanvolgsysteem Veralgemeende leer- en competentiebewijzen

8 Situering van de aanbeveling Op 24 maart 2006 stemde de Vlaams regering in met de nota Strategische keuzes met betrekking tot de bijdrage van Vlaanderen aan het Nationaal Strategisch Referentiekader met het oog op de implementatie van de Europese Structuurfondsen in Vlaanderen. In deze nota bepaalde de Vlaamse Regering voor de nieuwe periode onder meer vijf prioriteiten, voor het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en vier prioriteiten voor door het Europees Sociaal Fonds gecofinancieerde acties. In de nota Aanpak en strategie van de bijdrage van Vlaanderen aan het Nationaal Strategisch Referentiekader met betrekking tot de implementatie van de Europese Structuurfondsen in Vlaanderen, goedgekeurd op 27 januari 2006, bepaalt de Vlaamse Regering ook de aanpak op Vlaams Niveau van dit dossier. Deze aanpak voorziet een principiële goedkeuring door de Vlaamse Regering van de bijdrage van Vlaanderen voor begin mei Pas na die principiële goedkeuring zal de tekst aan de sociale partners worden voorgelegd. Omdat de sociale partners overtuigd zijn van de rol die ze kunnen spelen in en de bijdrage die ze kunnen leveren aan dit besluitvormingsproces, formuleert de SERV nu reeds een aanbeveling omtrent de bijdrage van Vlaanderen aan het Nationaal Strategisch Referentiekader met betrekking tot de implementatie van de Europese structuurfondsen Deze aanbeveling bestaat uit twee delen: een luik betreffende de implementatie van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en een luik betreffende het Europese Sociaal Fonds. In het deel betreffende de implementatie van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling geeft de aanbeveling de inhoudelijke aandachtspunten die voor de SERV van belang zijn bij de uitwerking voor de initiatieven in het kader van het EFRO, meer specifiek met betrekking tot de territoriale accenten. Het luik betreffende het Europees Sociaal Fonds vangt aan met enkele essentialia in verband met de globale doelstelling ESF. In een tweede gedeelte gaat de raad dieper in op de inhoudelijke opties. Opmerkingen betreffende het beheer van ESF vormen het slot van deze aanbeveling. 8

9 Deel 1: Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling 1. Context Vandaag zijn de middelen die in het kader van EFRO worden ingezet in Vlaanderen territoriaal toegespitst in het kader van de zogenaamde doelstelling 2 waarin naast stedelijke accenten tevens industriële, plattelands- en visserijaccenten zijn ingevuld en territoriaal toegewezen. Deze toewijzing gebeurde op basis van vastgelegde criteria, waarbij de geselecteerde gebieden dienden te voldoen aan grenswaarden. Als gevolg van de algemene economische ontwikkeling van België en Vlaanderen en het als gevolg daarvan beperkte bevolkingsplafond dat aan België/Vlaanderen werd toegewezen, zijn de tot einde 2006 erkende doelstellinggebieden klein en versnipperd, wat ook blijkt uit bijgaande kaart. DOELSTELLING 2 GEBIEDEN PERIODE VLAANDEREN EN BRUSSEL Km TYPE STEDELIJK VISSERIJ INDUSTRIÊEL LANDELIJK PHASING OUT Naast deze vaststelling formuleert de Vlaamse regering nog volgende elementen om te kiezen voor één operationeel programma voor geheel Vlaanderen: Een gebiedsgerichte afbakening leidde in het verleden vaak tot een beperkte zonering met bijhorende moeilijkheden voor de uitvoering van de programma s. Zo was de gebiedsafbakening vaak te beperkend voor de realisatie van projecten, vooral wanneer geen rekening werd gehouden met natuurlijke socio-economische entiteiten en de 9

10 bestaande regio-identiteit en -dynamiek. Tevens hield dit in dat bepaalde gedeelten van een gemeente voor steunverlening in aanmerking kwamen en andere niet. Dit stuitte uiteraard vaak op onbegrip bij de projectpromotoren. In lijn met het voorgaande argument en rekening houdend met het feit dat de programma s worden opgesteld voor een periode van zeven jaar, wordt aangehaald dat het opstellen van gebiedsgerichte Operationele Programma s beperkingen voor de toekomst inhoudt; acties die binnen vier jaar uiterst relevant zijn maar waar vandaag nog niet aan wordt gedacht, kunnen misschien wel worden uitgesloten door de gebiedsgerichte benadering. Eén Operationeel Programma biedt de grootste keuzevrijheid in een later stadium en laat bovendien toe om beter op de noden van het moment in te spelen, ongeacht het feit dat wordt voorzien in de mogelijkheid om Operationele Programma s te herzien. De thema s zoals vervat in de Communautaire Strategische Richtsnoeren die de domeinen aanduiden waar het Europees structuur- en cohesiebeleid het best kan bijdragen tot de communautaire doelstellingen, met name die m.b.t. de Lissabonstrategie hebben betrekking op het verhogen van de aantrekkelijkheid van lidstaten, regio s en steden, innovatie, ondernemerschap en kenniseconomie en meer en betere banen. Gezien de horizontale aard van deze thema s lijkt het aangewezen om per fonds één Operationeel Programma voor geheel Vlaanderen op te stellen. De Europese Commissie dringt vanuit het oogpunt van efficiëntie zelf aan op schaalvergroting en een beperking van het aantal programma s. 2. Algemene uitgangshouding De raad kan zich vinden in het voorstel om ook voor EFRO te werken met één Operationeel Programma voor heel Vlaanderen. Daarbij blijft de vraag gesteld of bij de verdere operationalisering nog wordt voorzien in specifieke budgetten voor afgebakende gebieden binnen Vlaanderen. De raad pleit er voor dat de EFRO-middelen in de toekomst prioritair worden ingezet voor de projecten die van strategisch belang zijn voor de sociaal-economische ontwikkeling van Vlaanderen als geheel en in het bijzonder voor de doelstellingen van het herziene Pact van Vilvoorde. Daarbij is het evenwel cruciaal de aanbreng vanuit de RESOC s in rekening te brengen, in twee richtingen: een prioretisering van strategische projecten die rekening houdt met de hefboomprojecten die via de streekpacten worden voorgesteld met aandacht voor de projecten van de huidige perioden waarbij opvolging aangewezen is en met prioriteit voor de reeds aanvaarde streekpacten; een advisering vanuit de RESOC s over de strategische projecten die centraal worden voorgesteld en die repercussies hebben op de betrokken streek/streken. 10

11 Deze algemene uitgangshouding is in overeenstemming met de recente aanbeveling van de SERV (11 mei ) waarin de raad stelde dat er geen verschillende soorten streekbeleid naast mekaar kunnen bestaan zonder dat deze op mekaar zijn afgesteld. Op het gebied van het Europese regionaal beleid werd gesteld dat het logisch is dat de Europese programma's die ontwikkeld worden voor de regionaal-economische aspecten, passen in de visie van het betrokken RESOC. Het Europese structuurbeleid is aldus een versterking van het Vlaamse beleid. 3. Betrokkenheid van de sociale partners bij het tot stand komen, het uitvoeren en het monitoren van het operationeel programma Omdat er één operationeel programma wordt opgemaakt kan men aannemen dat het gewicht komt te liggen bij het Vlaamse monitoringcomité en eventuele stuurgroepen op Vlaams vlak daaronder (zoals bij ESF). De sociale partners vragen dat zij op de beide niveaus volwaardig worden betrokken, op VESOC-matige wijze, d.w.z. tripartiete samenstelling met medebeslissingsbevoegdheid voor de sociale partners, zoals dit inmiddels voor ESF gebeurt. 4. Inzake de prioriteiten De Vlaamse regering stelt volgende vijf prioriteiten voor in het kader van EFRO: 1. Het bevorderen van kenniseconomie en innovatie, o.m. door de verdere uitbouw van het kennispotentieel, het stimuleren van kennistransfer en valorisatie van onderzoeksresultaten, de begeleiding en professionalisering van het innovatieproces in KMO s en het stimuleren van netwerking en clusters, en o.m. gericht op de vermindering van het directe gebruik van primaire grondstoffen en energiebronnen. 2. Het stimuleren van het ondernemerschap, o.m. door het bevorderen van de ondernemingszin, de begeleiding van startende en groeiende ondernemingen, het stimuleren van samenwerking en netwerkvorming en aandacht voor de overnamemarkt (groeiend aanbod van over te laten bedrijven). 3. Het verbeteren van de ruimtelijk-economische omgevingsfactoren, o.m. door de ontwikkeling van nieuwe en de herstructurering van verouderde bedrijventerreinen en brownfields, het bevorderen van duurzaam bedrijventerreinenbeheer en het benutten van verduurzamingspotenties, het voorzien van kwaliteitsvolle bedrijfshuisvestings- 1 Aanbeveling, De verdere ontwikkeling van een sociaal-economisch streekbeleid in de context van de RESOC en SERR. Belangrijke aandachtspunten van de sociale partners bij de inhoudelijke invulling van het sociaaleconomisch streekbeleid. 11

12 mogelijkheden en het verbeteren van de bereikbaarheid en de daartoe noodzakelijke infrastructuur. 4. Het bevorderen van de stedelijke ontwikkeling, hoofdzakelijk door het voeren van een actief economisch beleid en het verbeteren van de leefkwaliteit om innovatie en ondernemerschap te ondersteunen en door het stimuleren van de werkgelegenheid, duurzaam stedelijk vervoer en het ondersteunen van toeristische en economische projecten met internationale uitstraling (versterking van de eigen identiteit). 5. De duurzame economische ontwikkeling van het platteland door het uitbouwen van een sterke flankerende plattelandseconomie in kleinstedelijke gebieden en dorpen met aandacht voor hun intrinsieke kwaliteiten. Dit gebeurt via maatregelen ter stimulering van innovatie, ondernemerschap en ter verbetering van de ruimtelijk-economische omgevingsfactoren. De sociale partners kunnen zich globaal terugvinden in deze prioriteiten. Toch verwijzen de sociale partners hierbij ook naar de sociaal-economische prioriteiten die zij op 14 juni 2005 naar voren schoven in kader van Pact van Vilvoorde. Het is inderdaad belangrijk dat de prioriteiten inzake EFRO mee een de realisatie van de doelstellingen in het vernieuwde Pact van Vilvoorde kunnen bevorderen. In de lijn van het vernieuwde Pact van Vilvoorde schuiven de sociale partners daarom nog een aantal bijkomende accenten naar voren: een beleid m.b.t. de problematiek van opvolging en overnames van bedrijven; een preventief bedrijfsbeleid; een breedsporend innovatiebeleid met ook aandacht op de vernieuwing van arbeidsorganisaties; een performant beleid m.b.t. het aantrekken en ondersteunen van buitenlandse investeringen; investeringen in logistieke knooppunten en vervoersinfrastructuur; investeringen in hernieuwbare energiebronnen (windenergie, zonne-energie, waterkracht, bio-energie, ). 5. Overgang van het huidige naar het nieuwe programma Op projectniveau kan zich de problematiek stellen van continuïteit wanneer de nieuwe programmaperiode ingaat. Dit is ondermeer een gevolg van de trage opstart en het gegeven dat op niveau van vergunningen het soms langer heeft geduurd dan aanvankelijk begroot. De sociale partners menen dat het op project niveau inderdaad moet mogelijk zijn om aangezette projecten ook daadwerkelijk te kunnen finaliseren. 12

13 Deel 2: Het Europees Sociaal Fonds 1. Essentialia in verband met de globale doelstelling ESF-midelen 1.1. ESF-middelen moeten Vlaamse beleid verstrekken In het standpunt van 14 juli 1999 omschreef de SERV enkele uitgangspunten voor de invulling van het Europees structuurbeleid in Vlaanderen voor de programmaperiode Hierbij stelde de SERV expliciet dat het Europees structuurbeleid niet parallel mag en kan ontwikkeld worden maar een versterking moet zijn van het Vlaamse beleid. Ook voor de nieuwe programmaperiode is dit het uitgangspunt. De Europese Commissie geeft expliciet aan dat de middelen van de Europese structuurfondsen in hoofdzaak moeten worden ingezet om de EU-prioriteiten, uitgedrukt in de Geïntegreerde Richtsnoeren, te verwezenlijken. In het kader van doelstelling 2 regionaal concurrentievermogen en werkgelegenheid wenst de Europese Commissie dan ook dat 75% van de middelen gaat naar projecten die de Lissabondoelstellingen bevorderen. De raad kan zich vinden in de focus op Geïntegreerde Richtsnoeren met die verstande dat ze dient om het Vlaamse beleid te versterken. Dit betekent dat de ESF-middelen onder meer als hefbomen kunnen fungeren voor de realisatie van de doelstellingen die zijn opgenomen in het Vlaams Hervormingsprogramma en in het bijzonder voor het aanpakken van de delivery gaps in de verwezenlijking van de doelstellingen van het Pact van Vilvoorde. De raad verwijst betreffende dit laatste dan ook naar de recente actualisering van het Pact van Vilvoorde en de prioriteiten die de raad hierbij vooropstelde Nood aan een transparante berekening van het aandeel Vlaamse ESF-middelen dat gaat naar de Geïntegreerde Richtsnoeren Uit de nota van de Vlaams regering (27 januari 2006) valt af te leiden dat de Europese Commissie een lijst opstelde met categorieën van uitgaven die beschouwd worden als bijdragend tot de realisatie van de Lissabondoelstellingen. Uit de lijst van de Geïntegreerde Richtsnoeren heeft zij 15 richtsnoeren gedistilleerd en gegroepeerd in vijf clusters van prioritaire thema s waarvan volgende vier clusters betrekking hebben op doelstelling 2: 13

14 Richtsnoeren 7, 8 en 9, gerelateerd aan Onderzoek en Ontwikkeling, innovatie en de informatiemaatschappij (voor Doelstelling 2, evenwel met uitsluiting van ICT-infrastructuur); Richtsnoeren 10 en 15, gerelateerd aan het verbeteren van de omgeving waarin in ondernemingen en in het bijzonder KMO s werken; Richtsnoer 11 in verband met het duurzaam gebruik van hulpbronnen; Richtsnoeren 17 en 24, gerelateerd aan arbeidsmarkt, menselijk kapitaal en werkgelegenheidsbeleid. Voor de programmaperiode berekende de Europese Commissie dat België globaal genomen 53% van de fondsen heeft besteed aan projecten die in de lijn liggen van de Lissabondoelstellingen. Hiermee bevindt België zich op het Europese gemiddelde. De Europese Commissie stelt echter vast dat slechts een kwart van de middelen werd aangewend in functie van de cluster van de werkgelegenheidsrichtsnoeren (richtlijnen 17 tot 24). De raad verbaast zich sterk over dit percentage. De raad vraagt expliciet een meer transparante analyse van de aanwendingen van de middelen. Hierbij is een duidelijke omschrijving van de toewijzingscriteria noodzakelijk. Volgens de raad kan enkel een transparante analyse aan de hand van duidelijke criteria sturend werken. Dergelijke analyse geeft ook aan op welke vlakken bijkomende inspanningen nodig zijn. Het ontbreken van deze transparantie zorgt voor onduidelijkheid. Zo is het het aanvoelen van de sociale partners dat, in elk geval voor wat Vlaanderen betreft, het aandeel van de middelen besteed in functie van de Europese werkgelegenheidsrichtsnoeren in realiteit een stuk hoger ligt. Meer transparantie betekent voor de raad in elk geval dat de analyse eveneens op het niveau van de Gemeenschappen en Gewesten gebeurt. Nu is enkel een globaal cijfer voor België gekend. Bij het uitwerken van de Vlaamse bijdrage is het voor de raad noodzakelijk te beschikken over de gegevens op het niveau van Vlaanderen Structureel beleid ook structureel financieren De ESF-financiering maakt een niet-gering gedeelte uit van de Vlaamse arbeidsmarktmiddelen. De sociale partners constateren dat momenteel de financiering van vele structurele beleidsmaatregelen doorgeschoven wordt naar ESF-financiering. Dit maakt dat de uitvoering van die structurele maatregelen ook in de toekomst afhankelijk blijft van de beschikbaarheid van de ESF-middelen en de bijzondere complexe procedures die ESF-financiering met zich meebrengt. De raad denkt hierbij aan de sluitende aanpak binnen de VDAB, het geheel van initiatieven m.b.t. het alternerend leren voor deeltijds leerplichtingen en BUSO-leerlingen, de loopbaanbegeleidingsdiensten, de financiering van begeleidings- en beoordelingscentra voor de titels van beroepsbekwaamheid,.. Het is volgens de raad aangewezen dat een aantal beleidsinitiatieven ook op vlak van de financiering een structurele verankering krijgen. Door in te gaan op de vraag om bepaalde aspecten structureel te financieren, creëert de overheid 14

15 bovendien ruimte om aan nieuwe behoeftes te voldoen en nieuwe thema s uit te werken. In punt 3.3 doet de raad enkele suggesties voor te ontwikkelen nieuwe thema s. Wat het altenerend leren betreft, houdt de raad er aan te verwijzen naar de aanbeveling van 7 oktober Hierin vraagt de SERV met aandrang dat het beleid inzake alternerend leren structureel vorm zou krijgen in plaats van afhankelijk te worden gehouden van ESFfinanciering. Deze vraag maakt ook deel uit van de SERV Platformtekst alternerend leren van 28 augustus 2003 die ook door het werkveld werd onderschreven ESF-beleid is beleid voor de lange termijn Bij de opstelling van een nieuw ESF-programma moet men er zich rekenschap van geven dat het hier gaat om opties voor de lange termijn: een programma voor , maar met een te verwachten doorloop tot en met Daar vloeien volgende twee uitdagingen uit voort: vermijden dat het ESF-programma volledig in het teken komt te staan van de beleidsuitdagingen van de korte of middellange termijn, zonder oog voor de lange termijn; voldoende flexibiliteit inbouwen, rekening houdende ook met de sterke volatiliteit van onze economie en arbeidsmarkt en van toekomstige beleidsuitdagingen. Binnen het ESF-kader moet in elk geval voldoende ruimte zijn om tijdens de programmaperiode op veranderingen in te spelen en nieuwe accenten te leggen. De context kan in de loop van de programmaperiode mogelijks grondig wijzigen. De economische situatie kan veranderen, het beleid kan nieuwe beleidsopties nemen, het werkveld kan andere accenten leggen, Daarom moet men zich er voor hoeden nu reeds het programma volledig vast te leggen. Het uitgewerkte programma dient dan ook de nodige flexibiliteit toe te laten. Voor de raad zijn de ESF-doelstellingen lange termijn doelstellingen. De nieuwe programmaperiode loopt immers van 2007 tot De sociale partners willen van deze aanbeveling dan ook gebruik maken om het beleid uit te nodigen om, nu het jaar 2010 dichterbij komt, samen na te denken over nieuwe lange termijndoelstellingen voor Vlaanderen na Deels zullen deze in het verlengde liggen van de huidige doelstellingen van het Pact van Vilvoorde, omdat nu reeds duidelijk is dat een aantal doelstellingen, gegeven de huidige vertaling in het beleid, niet haalbaar zijn tegen Deels zal het gaan om nieuwe doelstellingen. 2 De initiatiefnemers van deze platformtekst waren de sociale partners vertegenwoordigd in de SERV, de representatieve verenigingen van onderwijs en het gemeenschapsonderwijs, de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding, de Dienst Beroepsopleiding van het departement onderwijs, het Vlaams Instituut voor Zelfstandig Ondernemen, de koepelorganisatie van de vrije Centra voor Leerlingenbegeleiding en de Centra voor Deeltijdse Vorming. 15

16 1.5. Geen nood aan een federaal luik Wat voorligt is de bijdrage van Vlaanderen aan het Nationaal Strategisch Referentiekader en de bijhorende Operationele Programma s. De raad gaf reeds in 1999 aan dat het federale luik van het ESF-programma in de discussie moest worden betrokken. Ook dit maal vraagt de raad zich af in welke mate de Vlaamse klemtonen versterkt werden door het federale luik en in welke mate het behoud van een federaal luik een toegevoegde waarde biedt. De raad is dan ook van mening dat, ondermeer vanuit het argument van homogene bevoegdheidspakketten, er in de toekomst niet meer moet worden voorzien in een federaal luik en stelt voor de ESFmiddelen volledig te verdelen over de gewesten/gemeenschappen. Dit hoeft niet noodzakelijk te betekenen dat een einde komt aan de initiatieven die vandaag vanuit federale middelen worden voorzien. De gewesten/gemeenschappen kunnen de financiering hiervan desgevallend overnemen, wanneer blijkt dat deze een toegevoegde waarde hebben. Deze besluitvorming moet gebaseerd zijn op een grondige analyse van het lopende federale beleid. Op heden beschikt de raad evenwel niet over een dergelijke evaluatie, wat op zich ook reeds vragen oproept Cofinanciering mag niet enkel via publieke financiering Voor de berekening van Europese middelen zou volgens het voorstel voor de algemene verordening COM 2004/492 enkel nog rekening gehouden worden met publieke financiering. Private financiering komt niet meer in aanmerking want zonder de medewerking van publieke financiering en/of cofinanciering via publieke instellingen worden projecten uitgesloten. Voor Vlaanderen betekent dit concreet dat elk privaat initiatief uitgesloten is voor het indienen van projectvoorstellen. Het feit dat de private middelen geen ESF-cofinanciering meer kunnen genereren is een miskenning van het brede veld van privé-promotoren dat zich ontwikkeld heeft in de voorbije programmarondes. Bovendien was het verhogen van de betrokkenheid van deze promotoren bij de ESF-werkig steeds een belangrijke prioriteit voor ESF in Vlaanderen. De SERV dringt er op aan dat de Vlaamse Regering dit standpunt ondersteunt en verdedigt bij de federale en Europese overheden. De Raad verwijst hierbij ook naar het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van maart 2006 over "De rol van de maatschappelijke organisaties en het cohesiebeleid". Mocht de gevraagde bijsturing toch niet gerealiseerd worden, dan is er voor de sectorfondsen een uitzondering op de uitsluiting van publieke financiering voorzien. De sectorfondsen zullen wel nog zonder de medewerking/cofinanciering van publieke financiering projecten kunnen indienen. In dat geval dringt de raad er sterk op aan dat deze opportuniteit aangegrepen wordt om de samenwerking met de sectorfondsen te versterken en ze nauwer bij de ESF-werking te betrekken. 16

17 1.7. Betrokkenheid sociale partners bij het opstellen van de Vlaamse inbreng is belangrijk Op 27 januari 2006 legde de Vlaamse Regering de aanpak en strategie vast voor het opstellen van de bijdrage van Vlaanderen. In deze aanpak is pas na de principiële beslissing van de Vlaamse regering een formele inbreng van de sociale partners voorzien. De raad betreurt heel sterk dat de sociale partners pas in een laatste fase formeel betrokken worden bij de uitwerking van de bijdrage van Vlaanderen. Het is volgens de raad aangewezen dat de sociale partners een actievere rol toebedeeld krijgen in het gehele proces. Omdat de sociale partners overtuigd zijn van de bijdrage die ze kunnen leveren, formuleren ze dan ook deze aanbeveling. 2. De inhoudelijke invulling van de ESF-middelen 2.1. De voorgestelde prioriteiten van de Vlaamse regering De Vlaamse regering schuift in een nota van 24 maart 2006 voor de ESF gecofinancierde acties volgende prioriteiten naar voor: 1) Het vergemakkelijken van de toegang tot het arbeidsproces en de duurzame integratie in de arbeidsmarkt voor werkzoekenden en inactieven, zorgen voor een naadloze aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, het voorkomen van werkloosheid, in het bijzonder langdurige en jongerenwerkloosheid, via een sluitende aanpak en het in goede banen leiden van herstructureringen. 2) Het verhogen van de arbeidsdeelname en de sociale inclusie van kansengroepen die momenteel ondervertegenwoordigd zijn op de arbeidsmarkt, in het bijzonder ouderen, allochtonen, arbeidsgehandicapten en kortgeschoolde jongeren, het inzetten van categoriale instrumenten die deze prioriteit kan waarmaken, het aanbieden van werkervaringskansen en het optimaal benutten van de kansen die de sociale economie biedt voor werkgelegenheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. 3) Het bieden van instrumenten aan individuen om de eigen loopbaan vorm te geven, het stimuleren van de individuele loopbaanontwikkeling en -mobiliteit op basis van een geïntegreerde, procesmatige loopbaanbenadering, het veralgemenen van de erkenning van verworven competenties en het waarborgen van de arbeidsmobiliteit via levenslang leren en loopbaanbegeleiding. 4) Het focussen van de ondernemingscultuur op mensen, het ondersteunen en verbreden van de strategische HRM-processen op bedrijfsniveau, het versterken van het HR-beleid in de ondernemingen via innovatie van de arbeidsorganisatie, evenwicht in de balans tussen werk en privé, gelijke kansenbeleid, diversiteitsmanagement en maatschappelijk verantwoord ondernemen. 17

18 Daarnaast identificeerde de ESF-werkgroep verschillende prioriteiten die op een horizontale wijze in het nieuwe programma geïntegreerd zullen worden, namelijk gelijke kansen (m.i.v. gender ), innovatie en transnationale samenwerking De klemtonen die de raad wenst te leggen Het voorstel van de Vlaamse Regering bevat vier prioriteiten als ook 3 horizontale thema s. Voor de raad is het niet duidelijk welke het statuut is van deze prioriteiten. Zich baserend op de structuur van de huidige programmaperiode, vermoedt de raad dat deze prioriteiten in de plaats komen van de huidige zwaartepunten. Voor de raad is het alvast aangewezen dat naast de inhoudelijke prioriteitsbepaling ook duidelijkheid komt omtrent de structuur. Die structuur heeft immers evenzeer invloed op de manier waarop oproepen uitgeschreven en projecten gefinancierd kunnen worden. Inhoudelijk kan de raad zich globaal vinden in de vier prioriteiten. Volgens de raad bevat iedere prioriteit een aantal belangrijke, soms vernieuwende, invalshoeken. Anderzijds mist de raad enkele thema s bij de invulling van de prioriteiten. Bij de bespreking van de prioriteiten gaat de raad dieper in op enkele accenten die gelegd kunnen worden in de prioriteiten en bij de uitwerking van de Operationele Programma s. Zich opnieuw baserend op huidige ESFstructuren kan dit laatste de vorm aannemen van de maatregelen binnen de zwaartepunten. Ondernemerschap wordt vanuit een ruimtelijke en economische visie benaderd in de EFROprogrammering. Deze EFRO-aanpak is positief. Maar het is duidelijk dat in het onderwijs- en arbeidsmarktbeleid, zoals het deels ook vorm krijgt in het ESF-programma, ook het ondernemerschap en ruimer de ondernemingszin hun plaats moeten krijgen. Voor de raad is het dan ook evident dat de ESF-middelen zich richten tot alle werkenden, naast de werkzoekenden en mensen die nu nog niet op de arbeidsmarkt actief zijn. Dit betekent dat niet enkel personen werkzaam in loonsverband maar ook zelfstandigen tot de focus van de toekomstige ESF-projecten behoren. Binnen het kader van de aangegeven prioriteiten kunnen projecten dan ook ingaan op specifieke invalshoeken betreffende ondernemerschap en ondernemingszin. Ter illustratie enkele mogelijke invalshoeken: in het kader van de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt is de promotie van ondernemingszin en ondernemerschap een belangrijk middel om de ongekwalificeerde uitstroom te verminderen; voor werkzoekende trajecten op maat voorzien naar het opstarten van een eigen onderneming, het stimuleren van ondernemerschap bij ouderen naar aanleiding van een herstructurering, het sociale luik van het ondernemerschap en het beleid daaromtrent (bv begeleiding van kandidaat-ondernemers en starters, netwerking en kennisuitwisseling, opleiding en vorming van ondernemers), Voor de raad moet Syntra Vlaanderen hierbij zijn missie met betrekking tot het waarborgen van een kwalitatief en specifiek vormingsaanbod aan jongeren en volwassenen die een professionele 18

19 loopbaan ambiëren of verder willen uitbouwen in een zelfstandige onderneming of een kleine en middelgrote onderneming volop kunnen realiseren Verder wenst de raad te wijzen op de werkzaamheden die zijn opgestart omtrent de Competentieagenda Voor de raad is het belangrijk dat de uitkomst van dit debat omtrent de sporen inzake competentieontwikkeling en competentiemanagment in Vlaanderen, geïmplementeerd wordt in de uitwerking van de prioriteiten, in het bijzonder van prioriteit 3 en prioriteit 4. De raad stelt vast dat de binnen de uitwerking van de verschillende prioriteiten de bedrijfopleidingen een belangrijk plaats zullen innemen. Zo is het werkplekleren een belangrijk instrument in de toeleiding naar de arbeidsmarkt (prioriteit 1) en vormt het opleidingsbeleid een onderdeel van het HRM (prioriteit 4). Voor de raad is het belangrijk dat er binnen het ESFprogramma een flankerend beleid wordt ontwikkeld, rekening houdende met de aandachtspunten inzake bedrijfsopleiding Prioriteit 1 De ongekwalificeerde uitstroom is een urgent probleem dat volgens de raad onder meer in het deeltijds onderwijs een grote omvang aanneemt. De raad onderschrijft dan ook de aandacht die zal gaan naar het dichten van de kloof tussen onderwijs en de arbeidsmarkt. Het is voor de raad belangrijk dat beide werelden dichter bij elkaar komen. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt zowel bij het onderwijs als bij het bedrijfsleven. Voor de raad dient hierbij, in het verlengde van onder meer het Vlaams Werkgelegenheidsakkoord , logischerwijs uitgebreide aandacht te gaan naar het systeem van alternerend leren. Zeker wanneer er een voltijds leerplicht komt tot 18 is het voor de raad belangrijk dat er tegenover deze verplichting voldoende mogelijkheden staan op de arbeidsmarkt om te komen tot een voltijds engagement. De engagementen van het Vlaams Werkgelegenheidsakkoord zijn voor de raad slechts een eerste stap in een meerjarenproces. De finale doelstelling is te komen tot een sluitende aanpak met voor elke deeltijds leerplichtige een gegarandeerde werkervaring en/of een traject daar naartoe voor diegene die nog niet klaar zijn voor een werkervaring. Die sluitende aanpak moet zoveel mogelijk vorm krijgen via structurele financiering (zie hoger) en aanvullend, zeker voor de nieuwe initiatieven, via ESF. De raad is van mening dat zowel voor de brugprojecten als voor de voortrajecten een grondige evaluatie aangewezen is. Voor de brugprojecten kan dit volgens de raad, zich baserend op de beperkte werkzaamheden reeds verricht binnen de VESOCwerkgroep, op korte termijn. De evaluatie van de pas hervormde voortrajecten gebeurt het best na afloop van het schooljaar Verder vraagt de raad een evaluatie van het 19

20 alternerend leren binnen het BUSO-onderwijs. De bijsturing op basis van deze evaluatie moet er voor zorgen dat dit uitgroeit tot een volwaardige vorm van alternerend leren. Voor de raad moet er hoe dan ook een debat komen omtrent de rol van ESF bij de uitbouw van het alternerend leren voor 18 tot 24 jarigen. De raad gaat er van uit dat dit een belangrijke rol kan spelen in het remediëren van de ongekwalificeerde uitstroom en in het bijzonder in het kader van de Europese doelstelling om de ongekwalificeerde uitstroom terug te dringen tot beneden de 10 %. Europa neemt daarvoor immers ook in rekening het aantal jongeren dat voor de leeftijd van 25 jaar in een kwalificerend traject stapt. Het uitbreiden van de ESFfinanciering naar de beroepsinlevingsovereenkomsten, een vraag die de sociale partners reeds meermaals stelden, is in deze een laatste aspect. Met het oog op de toekomst suggereert de raad een evaluatie van het stimuleringsbeleid voor werkgevers in het kader van alternerend leren. De huidige ervaringen met deze incentives, de nieuwe elementen op federaal niveau en de bevindingen van het lopende VIONA-onderzoek kunnen hiervan de basis vormen. Voor de raad is het garanderen van de kwaliteit van het werkplekleren een belangrijke invulling van deze prioriteit. Werkplekleren is immers voor de raad een essentieel instrument in het bevorderen van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Via ESF-middelen moet getimmerd worden aan de kwaliteitsborging van dit werkplekleren alsook aan de verdere uitbouw van het instrumentarium. Hierbij mag niet enkel het systeem van alternerend leren de scoop vormen. Kwaliteitsborging is belangrijk voor alle stelsels van het werkplekleren. Wat betreft onderwijs vraagt de raad dat er bekeken wordt welke de consequenties zijn van het experiment modularisering voor de invulling van het ESF-programma. Het in goede banen leiden van herstructureringen is volgens de raad terecht opgenomen in prioriteit één. Voor de raad kunnen de ESF-middelen dan ook als hefboom fungeren om het beleid omtrent herstructureringen dat momenteel op federaal vlak en op Vlaams niveau vorm krijgt, te ondersteunen. Dit Vlaams beleid vindt onder meer zijn basis in de afspraken die gemaakt zijn in het kader van het Samen meer banen plan. Hierbij is het voor de raad belangrijk dat de ESF-middelen kunnen worden gezet om een flankerend beleid uit te werken, Binnen zwaartepunt 1 en 2 van de huidige ESF-werking wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de realisatie van de sluitende aanpak van de VDAB. Zoals de raad reeds aangaf betreft het hier in feite structureel beleid. Toch gaat de raad er vanuit dat de sluitende aanpak ook in de volgende jaren via ESF-middelen zal moeten worden gefinancierd. In dit kader dient de eerste prioriteit ook de aandacht voor de langdurige werklozen te omvatten. De raad mist momenteel dit aspect in de omschrijving van die prioriteit. In prioriteit één is vandaag enkel 20

Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen?

Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen? Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen? Cascade van beleidsniveaus en beleidsteksten Beleid EU Strategie Europa 2020 Europees werkgelegenheidsbeleid Richtsnoeren

Nadere informatie

Nieuw loopbaanakkoord zet de stap naar maatwerk

Nieuw loopbaanakkoord zet de stap naar maatwerk PERSBERICHT VLAAMS MINISTER-PRESIDENT KRIS PEETERS VLAAMS VICE-MINISTER-PRESIDENT INGRID LIETEN VLAAMS MINISTER VAN WERK PHILIPPE MUYTERS SERV-voorzitter KAREL VAN EETVELT SERV-ondervoorzitter ANN VERMORGEN

Nadere informatie

Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020

Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020 EUROPESE COMMISSIE Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020 Algemene informatie De partnerschapsovereenkomst (PO) van Nederland is het overkoepelende strategische document

Nadere informatie

Wat is ESF? ESF financiert organisaties die:

Wat is ESF? ESF financiert organisaties die: MEDIAKIT Wat is ESF? 2 ESF staat voor Europees Sociaal Fonds. Dit fonds heeft als doel de werkgelegenheid te bevorderen en de arbeidmarkt te verstevigen. Hiervoor krijgt het ESF-Agentschap Vlaanderen subsidies

Nadere informatie

Advies. Krijtlijnen voor de hervorming van het stelsel van de opleidingscheques

Advies. Krijtlijnen voor de hervorming van het stelsel van de opleidingscheques Brussel, 9 juni 2010 SERV_ADV_20100609_Krijtlijnen_stelsel_opleidingscheques.doc Advies Krijtlijnen voor de hervorming van het stelsel van de opleidingscheques Advies De SERV formuleerde op 14 oktober

Nadere informatie

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3 17 SOCIALE ECONOMIE 18 Sociale economie Iedereen heeft recht op een job, ook de mensen die steeds weer door de mazen van het net vallen. De groep werkzoekenden die vaak om persoonlijke en/of maatschappelijke

Nadere informatie

De staatshervorming in vogelvlucht: stand van zaken. (West4work 3/11/2015)

De staatshervorming in vogelvlucht: stand van zaken. (West4work 3/11/2015) De staatshervorming in vogelvlucht: stand van zaken (West4work 3/11/2015) Controle en sanctionering Visie activeringsbeleid en inkanteling controle Bemiddelen(*) = dé centrale opdracht voor VDAB (en partners)

Nadere informatie

SALV Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij

SALV Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij SALV Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij ADVIES naschoolse opleidingsinitiatieven in de landbouwsector SALV, 18 januari 2013(nr.2013-01) Contactpersoon SALV: Dirk Van Guyze SALV-advies naschoolse

Nadere informatie

Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO. Advies. Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling

Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO. Advies. Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO Advies Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling 1. Inleiding Op 8 juni 2009 werd de SERV om advies gevraagd over de fiches ter invulling

Nadere informatie

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen Conceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering Deze conceptnota heeft tot doel om, binnen de contouren van het Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking Brussel, 5 juli 2006 050706_Advies_kaderdecreet_Vlaamse_ontwikkelingssamenwerking Advies over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking 1. Inleiding Op 24 mei 2006 heeft Vlaams minister

Nadere informatie

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Het hebben van een baan is nog geen garantie op sociale integratie indien deze baan niet kwaliteitsvol is en slecht betaald. Ongeveer een vierde van de werkende Europeanen

Nadere informatie

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Departement Economie, Wetenschap en Innovatie Afdeling Strategie en Coördinatie Koning Albert II-laan 35 bus 10 1030 Brussel

Nadere informatie

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Bisconceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering 1.1. Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie

Europese subsidies voor de Sociale Economie Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? 1 EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Europa 2020 doelstellingen

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» 1 Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZG/15/116 ADVIES NR. 08/05 VAN 8 APRIL 2008, GEWIJZIGD OP 6 MEI 2008, OP 4 MAART 2014 EN OP 7 JULI 2015,

Nadere informatie

Interview met minister Joke Schauvliege

Interview met minister Joke Schauvliege Interview met minister Joke Schauvliege over de rol en de toekomst van etnisch-culturele federaties in Vlaanderen. Dertien etnisch-cultureel diverse federaties zijn erkend binnen het sociaalcultureel werk.

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZ/08/044 BERAADSLAGING NR. 08/014 VAN 4 MAART 2008 MET BETREKKING TOT DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS AAN

Nadere informatie

3. Wat is de specifieke aanpak voor het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest?

3. Wat is de specifieke aanpak voor het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest? SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 177 van MIRANDA VAN EETVELDE datum: 11 december 2015 aan PHILIPPE MUYTERS VLAAMS MINISTER VAN WERK, ECONOMIE, INNOVATIE EN SPORT NEET-jongeren - Initiatieven NEET-jongeren (not

Nadere informatie

Brussel, 21 januari 2004 210104_Advies_deontologische_code. Advies. deontologische code voor loopbaandienstverlening

Brussel, 21 januari 2004 210104_Advies_deontologische_code. Advies. deontologische code voor loopbaandienstverlening Brussel, 21 januari 2004 210104_Advies_deontologische_code Advies deontologische code voor loopbaandienstverlening Inhoud Op 2 december 2003 vroeg de Vlaamse Minister van Werkgelegenheid en Toerisme R.

Nadere informatie

COHESIEBELEID 2014-2020

COHESIEBELEID 2014-2020 GEÏNTEGREERDE TERRITORIALE INVESTERING COHESIEBELEID 2014-2020 De nieuwe wet- en regelgeving voor de volgende investeringsronde van het EU-cohesiebeleid voor 2014-2020 is in december 2013 formeel goedgekeurd

Nadere informatie

De arbeidsmarktsituatie in regio Waas & Dender: 1. beroepsbevolking: 74,0% (Vlaams gewest: 74,0%) activiteitsgraad: 70,7% (Vlaams gewest: 70,5%)

De arbeidsmarktsituatie in regio Waas & Dender: 1. beroepsbevolking: 74,0% (Vlaams gewest: 74,0%) activiteitsgraad: 70,7% (Vlaams gewest: 70,5%) ARBEIDSMARKT 9 10 Arbeidsmarkt Economische groei, verhoging van de arbeidsparticipatie, verlaging van de werkloosheid en vergroting van het draagvlak onder ons sociaal zekerheidsstelsel vragen om een open

Nadere informatie

Werk maken van werkbaar werk

Werk maken van werkbaar werk Comité Vlaams ABVV 6 maart 2012 Resolutie Werk maken van werkbaar werk Voor een goed begrip Kwaliteit van arbeid is al lang een vakbondseis. We hebben het tegenwoordig over werkbaar werk. Werkbaarheid

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 -----------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- Nationaal profiel voor veiligheid en gezondheid op het werk

Nadere informatie

Innovatie in de Overheidsdienstverlening

Innovatie in de Overheidsdienstverlening Innovatie in de Overheidsdienstverlening Innovatiemanagement in de VDAB F.Leroy Chief Executive Officer Overzicht van de presentatie Waarvoor staat de VDAB? Innovatieve arbeidsmarktconcepten: -Transitionele

Nadere informatie

SECTORFOTO Verhuissector 2008 DEpaRTEmEnT WERk En SOCialE ECOnOmiE

SECTORFOTO Verhuissector 2008 DEpaRTEmEnT WERk En SOCialE ECOnOmiE SECTORFOTO Verhuissector 2008 Departement Werk en Sociale Economie Colofon Samenstelling: Vlaamse overheid Beleidsdomein Werk en Sociale Economie Departement Werk en Sociale Economie Koning Albert II-laan

Nadere informatie

Sport en tewerkstelling van jongeren. Marc Theeboom / Joris Philips

Sport en tewerkstelling van jongeren. Marc Theeboom / Joris Philips Sport en tewerkstelling van jongeren Marc Theeboom / Joris Philips studie Kan sport bijdragen tot competentie-ontwikkeling voor kortgeschoolde jongeren, waardoor hun tewerkstellingskansen toenemen? initiatieven

Nadere informatie

Het Meetjesland. Een regio met ontwikkelingsachterstand?

Het Meetjesland. Een regio met ontwikkelingsachterstand? Het Meetjesland Een regio met ontwikkelingsachterstand? Periode 1988 1994 Impulsprogramma Vlaams programma 7 gemeenten 150 mio bef. vanuit Vlaanderen Projecten rond economie, toerisme en diverse Vlaamse

Nadere informatie

Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie

Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie DEEL ARMOEDEBESTRIJDING Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie Actie 1 : Het OCMW zorgt er, zelfstandig of

Nadere informatie

Europese Structuurfondsen Betty De Wachter

Europese Structuurfondsen Betty De Wachter Europese Structuurfondsen Betty De Wachter Politieke Academie 2013 Europese cohesiebeleid Doel: economische, sociale en territoriale samenhang of cohesie in de Europese Unie Principes: ontwikkeling herverdeling

Nadere informatie

Strategisch Personeelsmanagement Advies. Pilootproject voor KMO s Agentschap Ondernemen KMO Portefeuille oktober 2014

Strategisch Personeelsmanagement Advies. Pilootproject voor KMO s Agentschap Ondernemen KMO Portefeuille oktober 2014 Strategisch Personeelsmanagement Advies Pilootproject voor KMO s Agentschap Ondernemen KMO Portefeuille oktober 2014 De essentie Via het pilootproject "strategisch personeelsmanagementadvies" geeft het

Nadere informatie

Advies over de decreetwijziging betreffende de Regionale Technologische Centra (RTC)

Advies over de decreetwijziging betreffende de Regionale Technologische Centra (RTC) ALGEMENE RAAD 25 november 2010 AR-AR-KST-ADV-005 Advies over de decreetwijziging betreffende de Regionale Technologische Centra (RTC) Vlaamse Onderwijsraad Kunstlaan 6 bus 6 BE-1210 Brussel T +32 2 219

Nadere informatie

Reflectiegesprek: toekomstbeelden

Reflectiegesprek: toekomstbeelden 1 Reflectiegesprek: toekomstbeelden 1. Mastercampussen: nog sterkere excellente partnerschappen in gezamenlijke opleidingscentra (VDAB West-Vlaanderen) 2. Leertijd+: duaal leren van de toekomst (Syntra

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.747 ----------------------------- Zitting van woensdag 13 oktober 2010 -------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.747 ----------------------------- Zitting van woensdag 13 oktober 2010 ------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.747 ----------------------------- Zitting van woensdag 13 oktober 2010 ------------------------------------------------- Outplacement - werknemers van beschutte en sociale werkplaatsen

Nadere informatie

Departement Onderwijs & Vorming

Departement Onderwijs & Vorming Leren en werken Departement Onderwijs & Vorming Inhoud Huidig stelsel leren en werken Stand van zaken: Duaal Leren. Een volwaardig kwalificerende leerweg. Stelsel leren en werken Deeltijds leerplichtige

Nadere informatie

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Het Vlaamse loopbaan- en diversiteitsbeleid Michiel Van de Voorde

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Het Vlaamse loopbaan- en diversiteitsbeleid Michiel Van de Voorde DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE Het Vlaamse loopbaan- en diversiteitsbeleid Michiel Van de Voorde 0. Inhoud 1 1. Het Vlaamse loopbaan- en diversiteitsbeleid: de klemtonen. 2. Het loopbaan- en diversiteitsbeleid:

Nadere informatie

Analyse van het tewerkstellings- en doelgroepenbeleid Minder doelgroepen voor meer jobs

Analyse van het tewerkstellings- en doelgroepenbeleid Minder doelgroepen voor meer jobs Analyse van het tewerkstellings- en doelgroepenbeleid Minder doelgroepen voor meer jobs Persconferentie 10 oktober 2013 Agenda 1. Inleiding Sonja Teughels, senior adviseur arbeidsmarktbeleid Voka 2. Studie

Nadere informatie

Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende bedrijven

Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende bedrijven Dienst Beroepsopleiding ALTERNEREND LEREN DBSO 01.09.2010 31.08.2011 Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende

Nadere informatie

Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen

Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen NOTA Datum: 2 april 2015 Van: Dienst Economie en Internationale Samenwerking Team Sociale Economie Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen

Nadere informatie

AFKORTINGEN EN BEGRIPPENKADER Ervaringsbewijs begeleider buitenschoolse kinderopvang

AFKORTINGEN EN BEGRIPPENKADER Ervaringsbewijs begeleider buitenschoolse kinderopvang AFKORTINGEN EN BEGRIPPENKADER Ervaringsbewijs begeleider buitenschoolse kinderopvang BKO BSO CVO CVS ERSV ESF EVC EVK IBO K&G PLOT POP RESOC SERR SERV VBJK VCOK VDAB VDKO VLOR VSPW VZW Buitenschoolse Kinderopvang

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 -------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 ------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.777 ----------------------------- Zitting van woensdag 5 oktober 2011 ------------------------------------------------- Outplacement werknemers van beschutte en sociale werkplaatsen en

Nadere informatie

Brussel 14 februari 2007 Advies monitoring kansengroep allochtonen. Advies

Brussel 14 februari 2007 Advies monitoring kansengroep allochtonen. Advies Brussel 14 februari 2007 Advies monitoring kansengroep allochtonen Advies Betreffende het ontwerpverslag Socio-economische monitoring op basis van nationale herkomst om discriminatie op de arbeidsmarkt

Nadere informatie

UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE. van 29.10.2014. tot goedkeuring van bepaalde elementen van de partnerschapsovereenkomst met België

UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE. van 29.10.2014. tot goedkeuring van bepaalde elementen van de partnerschapsovereenkomst met België EUROPESE COMMISSIE Brussel, 29.10.2014 C(2014) 8190 final UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE van 29.10.2014 tot goedkeuring van bepaalde elementen van de partnerschapsovereenkomst met België CCI 2014BE16M8PA001

Nadere informatie

JAARACTIEPLAN Sept 2015 Aug 2016 RTC Vlaams-Brabant VZW

JAARACTIEPLAN Sept 2015 Aug 2016 RTC Vlaams-Brabant VZW JAARACTIEPLAN Sept 2015 Aug 2016 RTC Vlaams-Brabant VZW Periode 1 september 2015-31 augustus 2016 Goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 17/06/2015 1 Inleiding RTC Vlaams-Brabant vzw wil, net als zijn

Nadere informatie

ESF investeert in jouw toekomst. KENNISMAKING MET HET EUROPEES SOCIAAL FONDS IN VLAANDEREN 2007-2013

ESF investeert in jouw toekomst. KENNISMAKING MET HET EUROPEES SOCIAAL FONDS IN VLAANDEREN 2007-2013 ESF investeert in jouw toekomst. KENNISMAKING MET HET EUROPEES SOCIAAL FONDS IN VLAANDEREN 2007-2013 Het ESF-Agentschap Vlaanderen waarborgt vanuit haar beheeropdracht van het ESFprogramma het samenwerkings-

Nadere informatie

Thema 4: Competentiemanagement

Thema 4: Competentiemanagement Thema 4: Competentiemanagement Competentiemanagement (of management van vaardigheden) is de praktijk van het begrijpen, ontwikkelen en inzetten van mensen en hun competenties. Hoewel competentiemanagement

Nadere informatie

R A P P O R T Nr. 87 --------------------------------

R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- R A P P O R T Nr. 87 -------------------------------- Europese kaderovereenkomst betreffende inclusieve arbeidsmarkten Eindevaluatie van de Belgische sociale partners ------------------------ 15.07.2014

Nadere informatie

Diversiteitsplannen. Een overzicht. Annemie Van Uytven projectontwikkelaar diversiteit RESOC Halle-Vilvoorde

Diversiteitsplannen. Een overzicht. Annemie Van Uytven projectontwikkelaar diversiteit RESOC Halle-Vilvoorde Diversiteitsplannen Een overzicht Annemie Van Uytven projectontwikkelaar diversiteit RESOC Halle-Vilvoorde MVO contactdag workshop duurzaam personeelsbeleid 25 mei 2010 provinciehuis Vlaams-Brabant Diversiteitsplannen

Nadere informatie

POP POP. Programma workshop POP. 1. Algemeen kader Situering POP. 2. Link Werkervaring (Wim Van Ammel Web vzw) 3. Aan de slag!

POP POP. Programma workshop POP. 1. Algemeen kader Situering POP. 2. Link Werkervaring (Wim Van Ammel Web vzw) 3. Aan de slag! Programma workshop 1. Algemeen kader Situering Aanleiding Project -model 2. Link Werkervaring (Wim Van Ammel Web vzw) 3. Aan de slag! 1 Achtergrond: Evoluties op de AM: uitdagingen toenemend aantal knelpuntberoepen

Nadere informatie

Evaluatie Loopbaan- en Diversiteitsplannen (LDP)

Evaluatie Loopbaan- en Diversiteitsplannen (LDP) Evaluatie Loopbaan- en Diversiteitsplannen (LDP) Viona-studieopdracht WSE Arbeidsmarktcongres 11 februari 2015 Daphné Valsamis & An De Coen Agenda Methodologie Wat is een LDP? 10 vaststellingen uit het

Nadere informatie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers. caroline.meyers@esf.vlaanderen.be. Opbouw OP 2014-2020

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers. caroline.meyers@esf.vlaanderen.be. Opbouw OP 2014-2020 ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers caroline.meyers@esf.vlaanderen.be Opbouw OP 2014-2020 1 OP 2014-2020 Prioriteit 1, loopbaanbeleid curatief, 8i (werkzaamheid); 8ii (werkzoekende

Nadere informatie

Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende bedrijven

Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende bedrijven Dienst Beroepsopleiding ALTERNEREND LEREN DBSO 01.09.2013 31.08.2014 Richtlijnen betreffende ALTERNEREND LEREN voor deeltijds leerplichtigen in de Centra Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de meewerkende

Nadere informatie

INVESTEREN IN TALENT. Isabel Van Wiele, Departement Werk en Sociale Economie Arbeidsmarktsymposium Kortrijk 3 november 2015

INVESTEREN IN TALENT. Isabel Van Wiele, Departement Werk en Sociale Economie Arbeidsmarktsymposium Kortrijk 3 november 2015 INVESTEREN IN TALENT Isabel Van Wiele, Departement Werk en Sociale Economie Arbeidsmarktsymposium Kortrijk 3 november 2015 Diverse invalshoeken -> investeren in talent Knelpuntvacatures Vergrijzend personeelsbestand

Nadere informatie

ADVIES UITGEBRACHT DOOR DE ECONOMISCHE EN SOCIALE RAAD VOOR HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST TIJDENS ZIJN ZITTING VAN 19 MEI 2011.

ADVIES UITGEBRACHT DOOR DE ECONOMISCHE EN SOCIALE RAAD VOOR HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST TIJDENS ZIJN ZITTING VAN 19 MEI 2011. ADVIES UITGEBRACHT DOOR DE ECONOMISCHE EN SOCIALE RAAD VOOR HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST TIJDENS ZIJN ZITTING VAN 19 MEI 2011 inzake het ontwerp van samenwerkingsakkoord tussen het Brussels Hoofdstedelijk

Nadere informatie

Conferentie Met Recht Geletterd 29 november 2010. De g-factor in uw bedrijf of organisatie

Conferentie Met Recht Geletterd 29 november 2010. De g-factor in uw bedrijf of organisatie Conferentie Met Recht Geletterd 29 november 2010 De g-factor in uw bedrijf of organisatie Achtergrond G-factor Kadert in toenemende aandacht voor laaggeletterdheid op de werkvloer: Pact van Vilvoorde (2001)

Nadere informatie

Infosessie oproep 307. Opleidingen in bedrijven 20/02/2015

Infosessie oproep 307. Opleidingen in bedrijven 20/02/2015 Infosessie oproep 307 Opleidingen in bedrijven 20/02/2015 Oproep 307 Kader Wat Wie Hoe Wanneer Kader ESF Vlaanderen ESF = Europees Sociaal Fonds Subsidieagentschap in het domein Werk en Sociale Economie

Nadere informatie

Onze vraag: Waarom deze vraag?

Onze vraag: Waarom deze vraag? Onze vraag: Elke overheidsaanbesteding bevat een non-discriminatieclausule. Diversiteits- en opleidingsclausules worden verplicht bij overheidsopdrachten vanaf een zekere omvang. Tegen 2020 moet 100% van

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 16 september 2008 Betreft: Voorstel voor een Verordening (EG)

Nadere informatie

Projectoproep- en selectieprocedure

Projectoproep- en selectieprocedure ESIF Doelstelling Investeren in groei en werkgelegenheid Operationeel programma EFRO Vlaanderen 2014 2020 Projectoproep- en selectieprocedure 1. Algemeen In het kader van de uitvoering van het EFRO-programma

Nadere informatie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Opbouw OP 2014-2020 OP 2014-2020 Prioriteit 1, loopbaanbeleid curatief, 8i (werkzaamheid); 8ii (werkzoekende jongeren); 8iii (ondernemerschap) Prioriteit 2,

Nadere informatie

Europa wijst Vlaanderen de weg naar een sluitende aanpak van werkloosheid

Europa wijst Vlaanderen de weg naar een sluitende aanpak van werkloosheid Europa wijst Vlaanderen de weg naar een sluitende aanpak van werkloosheid Nieuw Vlaams Actieplan Europese werkgelegenheidsrichtsnoeren 2004 Administratie Werkgelegenheid (2004). Vlaams Actieplan Europese

Nadere informatie

Uitgangspunt van deze omzendbrief is het subsidiëren van projecten van bepaalde duur.

Uitgangspunt van deze omzendbrief is het subsidiëren van projecten van bepaalde duur. Omzendbrief voor de subsidiëring van projecten in het kader van Samenlevingsinitiatieven 1. Wat zijn de Samenlevingsinitiatieven? De erkenning en subsidiëring van Samenlevingsinitiatieven gebeurt op basis

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Thema s van belang voor

Nadere informatie

Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014

Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014 Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014 Programma armoedebestrijding cijfers Armoede in Kortrijk In Kortrijk leven in 2011 11.227 inwoners

Nadere informatie

Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s. Oproep FICHE

Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s. Oproep FICHE ESIF Doelstelling Investeren in groei en werkgelegenheid Operationeel programma EFRO Vlaanderen 2014 2020 Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s Oproep FICHE Specifieke doelstelling

Nadere informatie

Hamvraag: wat vinden we belangrijk als SWP, als sector, en hoe moeten we ons daar dan op organiseren? Wat is onze kernopdracht als SWP en als sector?

Hamvraag: wat vinden we belangrijk als SWP, als sector, en hoe moeten we ons daar dan op organiseren? Wat is onze kernopdracht als SWP en als sector? Vragen geformuleerd in de Strategische werkgroep Antwoorden geformuleerd in de Strategische werkgroep Hamvraag: wat vinden we belangrijk als SWP, als sector, en hoe moeten we ons daar dan op organiseren?

Nadere informatie

Staten-Generaal Opvang en Vrije tijd van schoolkinderen. Docentendag Pedagogie Jonge Kind 12 september 2014

Staten-Generaal Opvang en Vrije tijd van schoolkinderen. Docentendag Pedagogie Jonge Kind 12 september 2014 Staten-Generaal Opvang en Vrije tijd van schoolkinderen Docentendag Pedagogie Jonge Kind 12 september 2014 Doel en opzet Basisprincipes Voorbereidende werkgroepen Resultaat van de Staten-Generaal Vooraf

Nadere informatie

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo DE EUROPESE STRUCTUUR- EN INVESTERINGSFONDSEN (ESI-FONDSEN) EN HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN (EFSI) HET VERZEKEREN VAN COÖRDINATIE, SYNERGIEËN

Nadere informatie

Advies. Over de insteek Geactualiseerd Actieplan Arbeidsgehandicapten (2008-2010)

Advies. Over de insteek Geactualiseerd Actieplan Arbeidsgehandicapten (2008-2010) Brussel, 18 maart 2009 031809_Actieplan_Arbeidsgehandicapten Advies Over de insteek Geactualiseerd Actieplan Arbeidsgehandicapten (2008-2010) De commissie Diversiteit bij de SERV behandelt de evenredige

Nadere informatie

Europa investeert in mensen:

Europa investeert in mensen: Europa investeert in mensen: het Europees Sociaal Fonds De Europese werkgelegenheidsstrategie "Werkgelegenheid is een aangelegenheid van gemeenschappelijke zorg" klonk het op de Europese Top in Amsterdam

Nadere informatie

N Uitzwerming A2 Brussel, 25 november 2014 MH/BL/AS 722-2014 ADVIES. over DE TECHNIEK VOOR OPRICHTING VAN ONDERNEMINGEN, UITZWERMING GENAAMD

N Uitzwerming A2 Brussel, 25 november 2014 MH/BL/AS 722-2014 ADVIES. over DE TECHNIEK VOOR OPRICHTING VAN ONDERNEMINGEN, UITZWERMING GENAAMD N Uitzwerming A2 Brussel, 25 november 2014 MH/BL/AS 722-2014 ADVIES over DE TECHNIEK VOOR OPRICHTING VAN ONDERNEMINGEN, UITZWERMING GENAAMD (goedgekeurd door het bureau op 10 juni 2014, bekrachtigd door

Nadere informatie

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs 1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs Het Vlaams parlement legde de basiscompetenties die nagestreefd en gerealiseerd moeten worden tijdens de opleiding vast. Basiscompetenties zijn een

Nadere informatie

Toekomstige structuur Vlaams Hoger Onderwijs

Toekomstige structuur Vlaams Hoger Onderwijs Toekomstige structuur Vlaams Hoger Onderwijs standpunt Vlaamse Hogescholenraad 17 maart 2010 Algemeen De VLHORA is tevreden dat de instellingen, die in eerste instantie verantwoordelijkheid dragen voor

Nadere informatie

Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag. Geachte Voorzitter,

Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag. Geachte Voorzitter, Aan de Voorzitter van het OCMW van Kinrooi Breeërsesteenweg 146 Postcode en plaats Geïntegreerd inspectieverslag POD MI Inspectiedienst POD MI Kinrooi/W65B-SFGE/2016 2 Betreft: Geïntegreerd inspectieverslag

Nadere informatie

Vlaanderen. is samenwerking COMPLEXE PROJECTEN. Een nieuwe procesaanpak. www.complexeprojecten.be

Vlaanderen. is samenwerking COMPLEXE PROJECTEN. Een nieuwe procesaanpak. www.complexeprojecten.be Vlaanderen is samenwerking COMPLEXE PROJECTEN Een nieuwe procesaanpak www.complexeprojecten.be U heeft het als bestuur of als private initiatiefnemer wellicht reeds meegemaakt. De opstart en uitvoering

Nadere informatie

Onze vraag: CD&V antwoordde ons:

Onze vraag: CD&V antwoordde ons: Onze vraag: Een resultaat gebonden interculturalisering moet de regel zijn in zowel overheidsorganisaties als organisaties die subsidies krijgen. Dat betekent meetbare doelstellingen op het vlak van etnisch-culturele

Nadere informatie

ADVIES. Operationeel Programma 2014-2020 van de Europese Structuurfondsen voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. 15 mei 2014

ADVIES. Operationeel Programma 2014-2020 van de Europese Structuurfondsen voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. 15 mei 2014 ADVIES Operationeel Programma 2014-2020 van de Europese Structuurfondsen voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 15 mei 2014 Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest Bischoffsheimlaan

Nadere informatie

STREEKPACT 2013-2019. Voorstelling lokale raad Ieper 16 december 2014

STREEKPACT 2013-2019. Voorstelling lokale raad Ieper 16 december 2014 STREEKPACT 2013-2019 Voorstelling lokale raad Ieper 16 december 2014 VOORSTELLING - Sociaaleconomisch streekoverleg - Tripartiet samengesteld: streekpolitici (lok., prov.) werkgevers - werknemers + deskundigen,

Nadere informatie

Vlaamse Regering. Addendum. bij het. Protocol van samenwerking

Vlaamse Regering. Addendum. bij het. Protocol van samenwerking Vlaamse Regering Addendum bij het Protocol van samenwerking In het kader van het economisch impulsplan herstel het vertrouwen van de Vlaamse regering goedgekeurd op 14 november 2008 Tussen de Vlaamse Regering

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Thema s van belang voor

Nadere informatie

toelichting budget 2015

toelichting budget 2015 toelichting budget 2015 commissie 18 november 2014 1. prioritaire beleidsdoelstellingen sport onderwijs 2. niet-prioritaire beleidsdoelstellingen administratieve beroepen personeel informatietechnologie

Nadere informatie

Het museum: - beschikt over een kwaliteitslabel als museum - heeft tijdig een aanvraag ingediend voor Vlaamse indeling en subsidiëring

Het museum: - beschikt over een kwaliteitslabel als museum - heeft tijdig een aanvraag ingediend voor Vlaamse indeling en subsidiëring Museum voor Industriële Archeologie en Textiel (MIAT), Gent 1. Gemotiveerd advies van de beoordelingscommissie Collectiebeherende Cultureel-erfgoedorganisaties over indeling bij het Vlaamse niveau en toekenning

Nadere informatie

Oriëntatie en leerloopbaanbegeleiding. volwassenen. Liv Geeraert

Oriëntatie en leerloopbaanbegeleiding. volwassenen. Liv Geeraert Oriëntatie en leerloopbaanbegeleiding voor volwassenen Liv Geeraert De Leerplek = een geïntegreerd loket: - Huis van het Nederlands - consortium volwassenenonderwijs - VDAB lokale werkwinkel (aanpalend)

Nadere informatie

5 jaar Diversiteitsplannen in Gent Rondom Gent en Meetjesland Leiestreek en Schelde

5 jaar Diversiteitsplannen in Gent Rondom Gent en Meetjesland Leiestreek en Schelde 5 jaar Diversiteitsplannen in Gent Rondom Gent en Meetjesland Leiestreek en Schelde een schets van hoe het was, hoe het is en hoe het (waarschijnlijk) wordt Sint-Laureins, 5/6/2012 Anne Coetsier Projectontwikkelaar

Nadere informatie

Nieuwe kans op extra instroom

Nieuwe kans op extra instroom Nieuwe kans op extra instroom Focus op de arbeidsmarkt Naast het erkennen van leerbedrijven is Calibris verantwoordelijk voor ontwikkeling en onderhoud van kwalificaties in de sectoren zorg, welzijn en

Nadere informatie

REKENHOF. Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken

REKENHOF. Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken REKENHOF Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken STRATEGISCH PLAN 2010-2014 2 Inleiding Dit document stelt de resultaten voor van de strategische planning van het Rekenhof voor de periode 2010-2014.

Nadere informatie

Europees Sociaal Fonds. INFODAG EUROPESE SUBSIDIEMOGELIJKHEDEN 1 Maart 2016

Europees Sociaal Fonds. INFODAG EUROPESE SUBSIDIEMOGELIJKHEDEN 1 Maart 2016 Europees Sociaal Fonds INFODAG EUROPESE SUBSIDIEMOGELIJKHEDEN 1 Maart 2016 AGENDA 1. Het globale programma 2. Het Brusselse luik in het OP 3. ESF-oproepen in Brussel AGENDA 1. Het globale programma 2.

Nadere informatie

decreet Werk- en zorgtrajecten Goedgekeurd in plenaire zitting Vlaams parlement 23 april 2014

decreet Werk- en zorgtrajecten Goedgekeurd in plenaire zitting Vlaams parlement 23 april 2014 decreet Werk- en zorgtrajecten Goedgekeurd in plenaire zitting Vlaams parlement 23 april 2014 Basis = participatieladder Kader: Trede 5 = maatwerkdecreet Trede 3 en 4= decreet Werk- en zorgtrajecten Trede

Nadere informatie

2 de uitwerking en uitvoering van de in artikel 8 bedoelde openbare dienstverplichtingen

2 de uitwerking en uitvoering van de in artikel 8 bedoelde openbare dienstverplichtingen Advies van de WaterRegulator met betrekking tot het ontwerp Ministerieel besluit houdende nadere regels tot uitvoering van artikel 27/3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2011 houdende

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 28 mei 2015 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Peter Bellens Telefoon: 03 240 52 40 Agenda nr. 10/1 Europa. Beheers- en uitvoeringsovereenkomst Samenwerkingsprogramma

Nadere informatie

SYNTHESERAPPORT EVALUATIE WETENSCHAPPELIJKE OLYMPIADES SAMENVATTING

SYNTHESERAPPORT EVALUATIE WETENSCHAPPELIJKE OLYMPIADES SAMENVATTING SYNTHESERAPPORT EVALUATIE WETENSCHAPPELIJKE OLYMPIADES SAMENVATTING Studiedienst en Prospectief Beleid 1 Departement Economie, Wetenschap en Innovatie Vlaamse Overheid Koning Albert II-laan 35 bus 10 1030

Nadere informatie

Kaderconventie van de Raad van Europa over de bijdrage van cultureel erfgoed aan de samenleving, opgemaakt in Faro op 27 oktober 2005

Kaderconventie van de Raad van Europa over de bijdrage van cultureel erfgoed aan de samenleving, opgemaakt in Faro op 27 oktober 2005 Sectorraad Kunsten en Erfgoed Kaderconventie van de Raad van Europa over de bijdrage van cultureel erfgoed aan de samenleving, opgemaakt in Faro op 27 oktober 2005 Advies 2010/2 (SARiV) Advies 243-05 (SARC)

Nadere informatie

betreffende sensibilisering, preventie en handhaving inzake discriminatie op de arbeidsmarkt van personen met een migratieachtergrond

betreffende sensibilisering, preventie en handhaving inzake discriminatie op de arbeidsmarkt van personen met een migratieachtergrond ingediend op 415 (2014-2015) Nr. 1 30 juni 2015 (2014-2015) Voorstel van resolutie van Jan Hofkens, Sonja Claes, Emmily Talpe, Andries Gryffroy, Robrecht Bothuyne en Miranda Van Eetvelde betreffende sensibilisering,

Nadere informatie

VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD

VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD STUK 459 (2011-2012) Nr. 1 VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD ZIT TING 2011-2012 17 NOVEMBER 2011 VOORSTEL VAN RESOLUTIE van mevrouw Elke ROEX betreffende het waarborgen van het recht op kinderopvang

Nadere informatie

De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de

De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de OCMW s met regels voor de financiële aspecten van de

Nadere informatie

DE OVEREENKOMST. en mediarte.be,...vertegenwoordigd door...

DE OVEREENKOMST. en mediarte.be,...vertegenwoordigd door... Samenwerkingsovereenkomst VDAB mediarte.be 2013-2014 DE OVEREENKOMST Tussen De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding, publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap

Nadere informatie

Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen

Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen Inspiratiedag Brede School - 29 april 2014 - BRONKS Programma armoedebestrijding cijfers Armoede in Kortrijk In Kortrijk leven in 2011 11.227 inwoners in

Nadere informatie

Vlaamse Regering. Addendum. Bij het. Protocol van samenwerking

Vlaamse Regering. Addendum. Bij het. Protocol van samenwerking Vlaamse Regering Addendum Bij het Protocol van samenwerking In het kader van het economisch impulsplan herstel het vertrouwen van de Vlaamse regering goedgekeurd op 14 november 2008 Tussen de Vlaamse Regering

Nadere informatie

Indien u vragen hebt over deze controle, kunt u contact opnemen met uw inspecteur via mi.inspect_office@mi-is.be.

Indien u vragen hebt over deze controle, kunt u contact opnemen met uw inspecteur via mi.inspect_office@mi-is.be. Aan de Voorzitter van het OCMW van Knokke-Heist Kraaiennestplein 1 bus 2 8300 Knokke-Heist Geïntegreerd inspectieverslag POD MI Inspectiedienst POD MI Aantal 2 OCMW / RMIB-SFGE / 2015 Betreft: Geïntegreerd

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie