PERIODIEK TIJDSCHRIFT ACHT EN VIJFTIGSTE JAARGANG maart Cardiologie Paard SPONSOREN: Uniek in generiek

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "PERIODIEK TIJDSCHRIFT ACHT EN VIJFTIGSTE JAARGANG maart 2011-01. Cardiologie Paard SPONSOREN: Uniek in generiek"

Transcriptie

1 PERIODIEK TIJDSCHRIFT ACHT EN VIJFTIGSTE JAARGANG maart Cardiologie Paard SPONSOREN: Uniek in generiek

2 Periodiek tijdschrift acht vijfenvijftigste vijftigste jaargang no ISSN Foto s Omslagbeeld: en afbeeldingen: Cover: De foto op L jesprit, de omslag Arabisch laat een volbloed oude manier renpaard, van desinfecteren vader Nike. zien. Het betreft een spiritusbrander, Fotograaf: Reindert Jansen, met dank aan Christoffel gebruikt met Arabians. formaline, om in Nederland de TBC Fig. te bestrijden 39: Afd. (jaren Pathologie, 50 en 60). dept. Veel Pathobiologie, steden hadden Faculteit hun eigen Diergeneeskunde, desinfectieunit, deze UU is afkomstig uit Fig. Apeldoorn. 40: Drs. Edwin. J.B. Veldhuis Kroeze Overige De inzet is afbeeldingen: een foto van een Auteurs, krachtige Faculteit warmtevernevelaar, zoals anno UU2008 nog steeds wordt Diergeneeskunde, gebruikt. Beide foto's zijn beschikbaar gesteld door Rob van Veldhuijzen, de auteur van Hoofdstuk 8. Uniek in generiek EEN GEZAMENLIJKE UITGAVE VAN: De Stichting Diergeneeskundig Memorandum, opgericht in in 1953, is stelt een zich onafhankelijke ten doel aan stichting dierenartsen winstoogmerk binnen- en buitenland stelt zich voorlichting ten doel aan te geven zonder dierenartsen van wetenschappelijke in binnen- en en buitenland commerciële voorlichting aard op te veterinair geven van gebied. wetenschappelijke en commerciële aard Ter uitvoering op veterinair van gebied. haar doelstelling is zij uitgeefster Ter van uitvoering het tijdschrift van Diergeneeskundig haar doelstelling is Memorandum. zij uitgeefster van het tijdschrift,, Diergeneeskundig Memorandum De exploitatie van dit tijdschrift wordt financieel De mogelijk exploitatie gemaakt van dit in tijdschrift Nederland wordt, door: naast de abonnementen, Alfasan Diergeneesmiddelen financieel mogelijk B.V. gemaakt te Woerden. door : Alfasan en Intervet Diergeneesmiddelen Nederland B.V. te B.V. Boxmeer te Woerden Dechra Veterinary Products B.V. te Breda Janssen Het Tijdschrift Animal wordt Health gratis Benelux beschikbaar te Beersegesteld aan VetZ de praktiserende B.V. te Sliedrecht dierenartsen in Nederland, Postdoctorale veterinaire studenten in Utrecht kunnen abonnementsbijdrage het tegen een kleine voor vergoeding Benelux verkrijgen wordt bij De jaarlijks het Reductiebureau. geïnd via een Voor automatische anderen bestaat incasso. de mogelijkheid het zich buitenland abonneren; wordt een de factuur kosten verzonden. van een abon- Voor De nement abonnementstarieven bedragen: zijn : Benelux Voor Nederland : 28,00 ex per BTW jaargang. 6%BTW incl. BTW Automatische Voor het buitenland incasso 39,50 28,30 per jaargang. 1,70 30,- Factuur Extra exemplaren of oudere 33,02 uitgaven 1,98 kunnen 35,- Buitenland worden besteld : d.m.v. een 37,26 overschrijving 2,24 à 11,50 39,50 Extra per exemplaar exemplaren voor of oudere Nederland uitgaven of 14,00 kunnen voor worden het besteld buitenland d.m.v. op een betaling van onze à rekeningen. 15,- op onze rekening onder vermelding van het gewenste nummer. Redactiecommissie Redactiecommissie J. Goudswaard, voorzitter : J. J. Goudswaard, Schrooyen, secretaris voorzitter J. Mw. Schrooyen, A. Tolkamp secretaris (Alfasan Dierengeneesmiddelen B.V.) Mw. J. Vernooij A. Tolkamp (Intervet (Alfasan Nederland) Diergeneesmiddelen) Mw. C. de Mûelenaere (Janssen Animal Health Benelux) Redactie- en Administratieadres: J.R. Halderheiweg van Dongen 11, (VetZ) 5282 SN Boxtel J. tel.: Hulsen (Vetvice) fax: Redactie- e-m: en Administratieadres: Halderheiweg website: de-em.nl 11, 5282 SN Boxtel tel.: Rabobank Boxtel fax: BIC RABO NL2U IBAN NL50 RABO e-m: website: Verklaring: de-em.nl Rabobank De Redactie Boxtel en uitgeefster aanvaarden geen aansprakelijkheid RABO voor NL2U schade, IBAN welke- NL50 direct RABO of 0168 indirect het 74 BIC gevolg mocht zijn van gebleken onjuistheden in de Verklaring: inhoud van de in dit tijdschrift opgenomen artikelen. De Niets Redactie uit dit en tijdschrift uitgeefster mag aanvaarden worden verveelvoudigd geen aansprakelijkheid en/of openbaar voor schade, worden welke- gemaakt direct door of middel indirect- vanhet gevolg druk, microfilm mocht zijn of van op welke gebleken andere onjuistheden wijze ook, in de inhoud zonder van schriftelijke de in dit toestemming tijdschrift opgenomen van de Redactie. artikelen. Niets uit dit tijdschrift mag worden verveelvoudigd en/of Opmaak openbaar druk: worden Bloembergen gemaakt door Santee middel bv Nijmegen van druk, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder schriftelijke toestemming van de Redactie. Opmaak en druk: Leonard Nijmegen bv

3 Cardiologie Paard Door: Inge D. Wijnberg, Maarten G. van Emst en Stefanie Veraa. met een bijdrage van Ben Gorissen D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 1

4

5 Van de Redactie U zult het, als lezer, al wel onmiddellijk hebben gezien: dit nummer is wat volume betreft een uitzondering; het moest zelfs op een andere wijze worden gebonden aan de rugzijde om te voorkomen, dat het uiteen zou vallen met de nietjes, die normaal gebruikt worden. Het is echter niet alleen het volume, dat opvalt, maar ook de inhoud, die alleszins de moeite waard is om door te nemen, ook voor collegae, die geen specialist in Inwendige ziekten van het paard zijn. Juist de collegae, die minder met paarden in hun praktijk te maken hebben, zullen verbaasd zijn over de grote hoeveelheid kennis, die inmiddels is verkregen over dit onderwerp bij het paard. De redactieleden zijn beslist geen specialist op dit gebied en waren derhalve extra onder de indruk van datgene, wat door collega Inge Wijnberg en haar mede-auteurs in dit DM wordt gepresenteerd. Wij denken dat deze uitgave een zeer waardevolle informatiebron voor de praktiserende paardendierenarts is en daar streven we naar als redactie van het DM. Bepaalde hoofdstukken overtreffen vergelijkbare gedeelten uit de humane sportgeneeskunde. Datzelfde geldt overigens ook voor de prestaties van bijvoorbeeld renpaarden ten opzichte van humane atleten! Zeer schematisch worden ECG interpretaties weergegeven. Van groot belang is ook, dat duidelijk wordt gemaakt, dat er veel fysiologische bijgeluiden kunnen zijn bij auscultatie en dat er geen directe associatie kan worden gelegd tussen souffles, insufficiëntie en prestaties: daar is veel meer patiëntonderzoek voor nodig. Zo hoeven souffles op de rechter atrioventriculaire klep (die veel voorkomen) nog niet in te houden, dat een dier niet meer geschikt zou zijn voor de sport. Dit kan van groot belang zijn voor collegae, van wie een mening wordt gevraagd t.a.v. de geschiktheid van paarden voor een bepaalde sport. Het overzicht van alle medicaties op dit vakgebied is zeer uitgebreid; voorts bevat dit DM een duidelijk overzicht van alle medicijnen, die een bijwerking kunnen hebben op de hartfunctie: alleen al hierom zal dit DM zich een vaste plaats verwerven in de bibliotheek van iedere praktijk, waarin paarden al of niet regelmatig worden behandeld. De redactie van het Diergeneeskundig Memorandum streeft er naar om een zo groot mogelijke diversificatie in de te behandelen onderwerpen te bereiken. Wel is zij gebonden aan een maximum van drie onderwerpen per jaar. Recente publicaties waren daarom of diersoort gericht (egel, duif, sier- dan wel productievissen, etc.) of orgaansysteem gericht (huidaandoeningen bij hond en kat, diarree bij genoemde diersoorten, tandheelkunde, cardiovasculaire aandoeningen bij de hond, chirurgie bij ooglidafwijkingen) dan wel toegespitst op meer algemene onderwerpen als haematopoietische tumoren, klinische immunologie, reiniging en desinfectie, dierfysiotherapie, toxicologie, etc.. In de diersoort gerichte publicaties wordt veelal niet alleen ingegaan op diagnostiek en therapie, maar ook op pathologie/fysiologie en bijvoorbeeld ook op het hanteren van een bepaalde diersoort; gedacht kan hierbij worden aan onze uitgaven over reptielen, kangoeroes, kalkoenen, hangbuikzwijnen en zelfs de teddybeer (nr 6, jaargang 20, 1973, helaas uitverkocht!). Omdat in de diergeneeskunde de specialisatie binnen iedere diersoort in de laatste jaren sterk is toegenomen, heeft de redactie geconstateerd, dat overzichtsartikelen over orgaansystemen van bepaalde diersoorten sterk in de belangstelling staan van de praktiserende collegae. Een aantal van de hiervoor genoemde DM publicaties getuigen hiervan, doch vaak betreffen deze de gezelschapsdieren. Om de vijf jaar als we het nummer over de ezel even buiten beschouwing laten staat het paard centraal in een DM uitgave. Dat wil overigens niet zeggen, dat in andere num- D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 3

6 mers niet ook aandacht aan diagnostiek en therapie van ziekten bij het paard is gegeven; denk hierbij bijvoorbeeld aan de DM uitgaven over klinische immunologie en laboratorium diagnostiek. Tien jaar geleden verscheen een DM over aandoeningen van het respiratieapparaat bij het paard van collega Roel van Nieuwstadt en vijf jaar geleden publiceerden wij het nummer over de endocrinologie van het paard, geschreven door de collegae Pieter Brama, Han van der Kolk en T.A Stout. Reeds toen al werden de eerste kontakten gelegd met collega Inge Wijnberg over een volgende DM uitgave. In 2003 verscheen een DM over cardiovasculaire aandoeningen bij de hond door onze Vlaamse collega Guy Gadeyne; een DM uitgave over hartaandoeningen bij het paard was dus een logische keus met Inge Wijnberg als hoofd-auteur. De redactie is de collegae Inge Wijnberg als hoofd-auteur en haar mede-auteurs Maarten van Emst, Stefanie Verda en Ben Gorissen bijzonder dankbaar voor het samenstellen van dit uitgebreide naslagwerk. Ten slotte: de fraaie omslagfoto heeft terecht mogelijk al uw aandacht gevraagd. In dat geval heeft U gemist, dat het aantal bedrijven, dat de DM uitgaven sponsort, met 1 bedrijf is toegenomen. Dechra Veterinary Products BV uit Breda (o.a. leverancier van SPECIFIC dieet-en onderhoudsvoeding alsmede van verschillende farmaceutische specialites) heeft toegezegd om medesponsor van het DM te worden. Voor de Vlaamse collegae: voor het eind van dit jaar zal Dechra ook actief zijn in België. Redactie D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 4

7 Inhoudsopgave I Embryologie en anatomie Ia Embryonale ontwikkeling van het hart Ib Anatomie hart II Fysiologie IIa Hart, vaten en bloeddruk IIb Mechanische hartactie IIc Electrofysiologie van het hart IId Fysiologische (bij)geluiden IIe Fysiologische ritmestoornissen. III Klinisch onderzoek IIIa Lichamelijk onderzoek IIIb Aanvullende Diagnostiek IIIc Echocardiografie IIId Cardiac output (CO)metingen IIIe Hartkatheterisatie IIIf Cardiale markers IV Pathofysiologie IVa Hypertrofie myocard/congestief hartfalen IVb Congestief hartfalen en behandeling IVc Behandeling van congestief hartfalen IVd Pathologische bijgeluiden IVd1 Systolische bijgeluiden hoorbaar op de linker thoraxwand IVd2 Diastolische bijgeluiden hoorbaar op de linker thoraxwand IVd3 Systolische bijgeluiden hoorbaar op de rechter thoraxwand IVd4 Diastolische bijgeluiden op de rechter thoraxwand IVe Pathofysiologie ritmestoornissen IVe1 Verstoorde Geleiding IVe2 Verstoorde Prikkelvorming IVe3 Voorbeelden van storingen in de prikkelvorming IVe4 Pathologische storingen in de prikkelgeleiding IVe5 Voorbeelden van Re-entry aritmiën IVe6 Conductie blokkade IVf Het gebruik van pacemakers bij het paard. IVg Medicamenteuze behandeling van atrium fibrillatie IVg1 Medicamenteuze behandeling van atrium fibrillatie IVg2 Elektroconversie als behandeling van atrium fibrillatie. IVh Hartmedicatie V Congenitale afwijkingen Va Inleiding Vb Voorbeelden van congenitale aandoeningen bij het paard VI Verkregen hartafwijkingen VIa Endocard afwijkingen VIa1Endocardiose VIa2 Endocarditis VIa3 Endocardiale fibro-elastosis VIb Verkregen myocard afwijkingen VIb1 Myocarditis VIb2 Idiopathische Dilatatieve Cardiomyopathie (DCM) VIb3 Restrictieve cardiomyopathie; cardiale amyloidose VIc Verkregen Pericard afwijkingen D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 5

8 VIc1 (Idiopathische)Pericarditis VIc2 African horse sickness (AHS), cardiale vorm VII Vaatwand afwijkingen VIIa Aneurysma s VIIb Trombo-embolische processen. VIIc Vasculitis en arteritis VIII Medicijnen met bijwerkingen op de hartfunctie IX Trainingsgerelateerde aanpassingen van het circulatie apparaat IXa Oorzaken voor verminderd presteren IXb Het voorspellen van prestatie vermogen aan de hand van ECG of echografische metingen IXc Morfologische aanpassingen aan training IXd Training en klepregurgitatie IXe Verminderd presteren in relatie tot klepregurgitaties IXg Longbloeden in relatie tot klepinsufficiënties IXh Aftrainen en het effect op cardiale dimensies IXi Hartfrequentie monitoring tijdens of rondom arbeid X Selectief fokbeleid op performance en hartafwijkingen XI Aanbevolen literatuur (volledige literatuurlijst opvraagbaar bij eerste auteur) D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 6

9 De Auteur Inge D.Wijnberg, studeerde in 1990 met genoegen af als dierenarts aan de Universiteit Utrecht en begon in 1995, na een aantal praktijkjaren en een uitstapje naar de afdeling Immunobiologie van het RIVM in 1993, als Specialist in Opleiding in de Inwendige Ziekten Paard op de afdeling Inwendige Ziekte en Voeding der Grote Huisdieren aan de UU. Kort na haar aanstelling vertrok ze voor een 3-tal maanden naar Professor Reef (Universiteit Pennsylvania, USA) om de echografie, echocardiografie en een update in cardiologie te leren en erna toe te passen in de dagelijkse routine aan de Universiteitskliniek Utrecht. In 2000 werd ze KNMvD Specialist Inwendige Ziekten Paard. In 2002 promoveerde ze met als onderwerp de Diagnostische mogelijkheden van EMG- naaldonderzoek bij het paard; in 2003 kreeg ze een vaste aanstelling als Universitair Docent en in 2004 werd ze definitief geregistreerd als Europees Specialist Inwendige Ziekten Paard. Haar aandachtsgebieden in de kliniek zijn cardiologie, neuro-musculaire aandoeningen en neonatologie. De onderwijstaken zijn het begeleiden van studenten en Specialisten in Opleiding en het maken, coördineren en verzorgen van klinisch en preklinisch onderwijs op meerdere gebieden. Sinds 2006 is ze eindverantwoordelijk voor de ontwikkeling en inhoud van het Bachelor programma Circulatie van de faculteit Diergeneeskunde dat ze samen met een aantal spildocenten ontwikkeld heeft. Daarnaast is ze sinds 2003 mede verantwoordelijk en sinds 2008 eindverantwoordelijk, voor het vak Klinisch Redeneren. Als (co-) auteur verschenen meer dan 45 publicaties in wetenschappelijke vakbladen. De Co-auteurs Maarten van Emst studeerde biologie in Utrecht en sloot de studie in 1992 af met hoofdstages in de richtingen neurofarmacologie en zintuigfysiologie. Zijn promotieonderzoek voerde hij uit bij de divisie KNO in het Universitair Medisch Centrum Utrecht en betrof de pathofysiologie van binnenoorstoornissen en het ontwikkelen van mathematische modellen. Na zijn promotie en postdoctorale werk kwam hij in 1998 in dienst bij de divisie Veterinaire Anatomie en Fysiologie van de faculteit (der) Diergeneeskunde (tegenwoordig onderdeel van het departement Pathobiologie). Als universitair docent is hij deels verantwoordelijk geweest voor de invoering van curriculum 2001 en de Bachelor-Master. Zijn onderwijstaken bestaan uit het begeleiden van studenten en junior docenten en het coördineren en verzorgen van fysiologie onderwijs. Het betreft onderwijs aan de faculteiten Diergeneeskunde ((mede)coördinator blokken circulatie, homeostase, nieren & urinewegen en neurologie) en Biomedische Wetenschappen. Daarnaast coördineert hij de fysiologie cursussen aan het University College Utrecht. Tot dusver verschenen 15 publicaties van zijn hand in de wetenschappelijke vakbladen. D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 7

10 Stephanie Veraa studeerde in 2005 cum laude af in de studierichting Paard aan de Universiteit te Gent met als thesis CT bij hoofdaandoeningen van het paard. Voorafgaande hieraan behaalde ze een propedeuse in bos en natuurbeheer aan de Universiteit van Wageningen. Tijdens haar studie maakte didactiek onderdeel uit van haar programma. Na haar afstuderen was ze werkzaam als Intern Paard in het Veterinair Centrum Someren. Vanaf 2006 is ze werkzaam bij de afdeling Diagnostische Beeldvorming aan de Faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht. In oktober 2010 werd ze geregistreerd als Europees Specialist Diagnostische Beeldvorming. In korte tijd zijn diverse publicaties van haar hand op het gebied van diagnostische beeldvorming verschenen. Ben Gorissen startte in 2001 met de studie Diergeneeskunde te Utrecht en volgde het monotraject paard, waarna hij in 2008 cum laude afstudeerde. Zijn onderzoeksstage betrof het verband tussen ongelijke hoeven en sportprestatie bij het KWPN, waarvan de resultaten gepubliceerd zijn in het Equine Veterinary Journal en gepresenteerd op de Voorjaarsdagen. Na eerst werkzaam te zijn geweest als eerste lijns paardendierenarts kwam hij in december 2009 in dienst bij het departement Pathobiologie van de faculteit Diergeneeskunde te Utrecht als junior docent Veterinaire Anatomie en Fysiologie. Zijn belangrijkste taak is het verzorgen van onderwijs in Veterinaire Embryologie, Anatomie en Fysiologie aan studenten Diergeneeskunde en Biomedische Wetenschappen. D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 8

11 Lijst gebruikte afkortingen α-hbdh: α-hydroxybutyrate dehydrogenase (lactate dehydrogenase-1-isoenzym) ANP: atrial natriuride peptide. AO: aorta ACE: angiotensin converting enzyme ADH: antidiuretisch hormoon Pa: arteriële bloeddruk AF: atrium fibrillatie AV: atrioventriculair BPN: B-type natriuride peptide CICR: calcium geïnduceerde calcium afgifte CI: cardiac index CO: cardiac output ctni: cardiac troponine I CVD: centraal veneuze druk CHF: congestief hartfalen CW: continous wave CRP: C- reactief proteine dd: de die (per dag) DADs: delayed after depolarizations DCM: dilatatieve cardiomyopathie ECG: electrocardiogram EADs: early after depolarizations EPSS: E-point to septal separation FS: fractional shortening HRV: heart rate variability HS: hart score HF: hartfrequentie ICR: intercostale ruimte IVS: interventriculaire septum im: intramusculair iv: intraveneus LG: lichaamsgewicht LA: linker atrium LAV: linker atrioventriculaire (mitraal, bicuspidaal) Pla: linker atriumdruk LVD: linker ventrikel diameter LVIDd: linker ventrikel internal diameter in diastole LVPW: linker ventrikel achterwand LVMM: linker ventrikel myocard massa Min: minuut Mm: millimeter mv: millivolt ng: nanogram NCX: 3Na+/1Ca exchanger NTS: nucleus tractus solitarius PDA: persisterende ductus arteriosus PGI2: prostacycline PA: pulmonaal arterie PW: pulse wave D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 9

12 p max: punctum maximum RAV: rechter atrioventriculair (tricuspidaal) RWT: relative wall thickness RVD: rechter ventrikel diameter RAAS: renine angiontensine aldosteron systeem SNR: signaal ten opzichte van ruis SA: sinoauriculair SV: slagvolume NO: stikstofoxide SVES: supraventriculaire extrasystolen TGC: time gain compensation TDI: tissue doppler imaging THI: tissue harmonic imaging. Tr: truncus 2DE: twee dimensionaal echocardiografisch onderzoek UKP: universiteits kliniek paard VES: ventriculaire extrasystolen VSD: ventrikel septum defect vs: versus Vv: Venae D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 10

13 SPECIFIC CKD Heart & Kidney Support Dé optimale combinatie Eén dieet voor de behandeling van hart- en nierfalen. Uniek hoge gehalten omega-3 vetzuren en uitgekiende ingrediënten remmen de progressie van orgaanfalen en verminderen klinische symptomen D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 11

14 I Embryologie en anatomie Ia Embryonale ontwikkeling van het hart Hart en bloedvaten ontwikkelen zich als eerste functionele orgaansysteem, omdat diffusie al gauw tekort schiet als voedingsweg voor het groter wordende embryo. Het prille begin van het hart vinden we terug aan de craniale zijde van het embryo, waarna, door kromming, de eerste hartaanleg naar caudoventraal verplaatst. Door deze verplaatsing krijgt de eraan verbonden ventrale Aorta, die contact gaat maken met de dorsale Aorta via de kieuwboogarteriën, ook een definitieve locatie. De craniale zijde van de hartbuis wordt zo de uitstroomopening; de caudale zijde gaat fuseren met het zich ontwikkelende veneuze systeem. De hartbuis neemt verder in diameter toe en gaat bloed rondpompen; bij het paardenembryo is vanaf dag 24 van de ontwikkeling een gecoördineerde hartslag zichtbaar. Niet alle delen van de hartbuis ontwikkelen zich op het zelfde moment en met dezelfde snelheid, met als gevolg dat er vergrotingen en insnoeringen van de hartbuis zichtbaar zijn, die we kunnen herkennen als sinus venosus, atrium, ventrikel, bulbus cordis en truncus arteriosus. Vanwege ruimtegebrek in de pericardiale holte wordt de hartbuis in een U-vorm gevouwen. Wat later in de ontwikkeling worden ook de Sinus venosus en het atrium opgenomen in het pericardium waardoor de hartbuis meer een S-vorm krijgt en het enkele atrium dorsaal van het enkele ventrikel komt te liggen. Om het hart de voor zoogdieren bekende bouw te geven en een gescheiden grote en kleine circulatie te waarborgen, wordt de hartbuis door septa in compartimenten verdeeld. Het rechter gedeelte van de Sinus Venosus wordt het gladwandige deel van het rechter atrium; het oorspronkelijk atrium wordt het gespierde hartoortje. Het linker gedeelte van de Sinus Venosus is later terug te vinden als de coronair sinus, die uitmondt in het rechter atrium. Terwijl de Sinus Venosus opgenomen wordt in het rechter gedeelte van het atrium, monden in het linker deel van het atrium de Vv. pulmonales uit. Ter hoogte van de atrioventriculaire overgang ontwikkelen zich endocardiale kussens, die naar elkaar toe groeien en fuseren, zodat er een linker en rechter atrioventriculair kanaal ontstaat. Tegelijkertijd ontstaat er vanaf de dorsale zijde van het atrium een plooi, het zogenaamde septum primum, die niet compleet is. Naar het ventrikel toe breidt dit septum zich tot de endocardiale kussens uit en draagt bij aan de scheiding tussen atrium en ventrikel. Door deze verdere uitgroei van het septum dreigt de open verbinding tussen de beide atria opgeheven te worden, maar dit wordt voorkomen door de vorming van een tweede gat, het ostium secundum, dorsaal in het septum. Bij het paard gebeurt dit tussen dag 30 en 32 van de dracht. Daarna ontstaat rechts van het eerste septum een tweede septum, waarin ook een opening aanwezig blijft, het zogenaamde Foramen ovale, zodat er tijdens de gehele intra-uteriene periode relatief zuurstofrijk bloed vanuit de placenta rechtstreeks van het rechter naar het linker atrium kan stromen. Het ventrikelseptum, dat zowel een spier- als een bindweefselcomponent heeft, sluit tussen dag 33 en 36 van de dracht. Belangrijk om te realiseren is dat het ventrikelseptum op een dusdanige manier wordt aangelegd dat zowel het ventrikel (latere linker ventrikel) als een deel van de bulbus cordis (latere rechter ventrikel) bloed wegpompen richting de truncus arteriosus. Om na de geboorte te beschikken over een kleine en grote circulatie moet er tot slot nog een links-rechts scheiding aangebracht worden in de truncus arteriosus. Dit wordt bereikt door de aanleg en uitgroei van een spiraalvormig verlopend septum, het aorticopulmonaire septum In het hart worden kleppen aangelegd om de correcte uitstroomrichting te waarborgen en vulling van de ruimtes mogelijk te maken. De atrioventriculaire (AV) kleppen ontstaan tussen atrium en ventrikel uit de wand van het atrioventriculaire kanaal. Links ontstaat een tweeslippige (bicuspidalis/mitralis), D.M. 57e jaargang - No. 3 blz. 12

15 rechts ontstaat een drieslippige (tricuspidalis) klep. De spiervezels, die de kleppen met de ventrikelwand verbinden, verbindweefselen deels en vormen zo de chordae tendinae. Het spierweefsel dat overblijft, vormt de papillairspiertjes. De semilunaire kleppen in Aorta en A. pulmonalis ontstaan tijdens de vorming van het septum in de Truncus arteriosus. Delen van de zwellingen, die het septum in de truncus arteriosus vormen, vormen primitieve kleppen. De foetale circulatie Tijdens de intra-uteriene ontwikkeling vindt er gaswisseling en uitwisseling van voedingsstoffen en metabolieten plaats in de placenta. Het zuurstofrijke bloed bereikt het veulen via de in de navelstreng gepaarde Venae umbilicales, waarvan uiteindelijk alleen de linker functioneel blijft. Vanuit de navel wordt het bloed via de ductus venosus in de lever direct overgebracht naar de vena cava caudalis en vandaar uit naar het rechter atrium. Door de hoge vaatweerstand vanwege de nog niet functionele longcirculatie, is de druk in het rechter atrium hoger dan in het linker atrium, zodat een groot gedeelte van het bloed via het foramen ovale naar het linker atrium stroomt. Via het linker ventrikel en de Aorta wordt de rest van het lichaam van bloed voorzien. Een gedeelte van het bloed in het rechter atrium stroomt, samen met zuurstofarm bloed uit de kop, door naar het rechterventrikel. Bloed afkomstig uit het rechterventrikel zal vanwege de hoge druk in de longcirculatie via de ductus arteriosus, een verbinding tussen truncus pulmonalis en Aorta, naar de Aorta geshunt worden. De grote arteriën naar het hoofd hebben zich dan al van de Aorta afgesplitst zodat het hoofd relatief zuurstofrijk bloed ontvangt. Het zuurstofarme bloed van het embryo stroomt via de A. umbilicalis naar de placenta terug. Tijdens de partus komt er een einde aan de gasuitwisseling via de placenta, waardoor de CO 2 concentratie in het bloed van het veulen zal toenemen. Toename van de CO 2 concentratie stimuleert het ademhalingscentrum in de Medulla oblongata. Bij de eerste ademteugen zullen de longen ontplooien, waardoor de weerstand in de longcirculatie zal afnemen en er meer bloed naar toestroomt. De Venae pulmonales zorgen voor meer bloed en dus een hogere druk in het linker atrium, waardoor het foramen ovale functioneel afgesloten wordt (door tegen elkaar aanklappen van de twee oorspronkelijk gevormde septa). Na 2 tot 9 weken is het foramen ovale definitief gesloten. De ductus arteriosus contraheert reflexmatig, zodat deze niet meer functioneel is en blijft zichtbaar als ligamentum arteriosum. De reflex wordt getriggerd door de hoge zuurstofspanning in het bloed dat via de ductus van Aorta naar Tr. pulmonalis stroomt. Een andere belangrijke factor is de daling van de prostaglandine (PGE2) concentratie in het bloed vlak na de geboorte. Dit zorgt voor contractie van het gladde spierweefsel in de wand van de ductus. Ook de navelvaten en de ductus venosus sluiten tijdens de partus en gaan in regressie, maar de resten blijven herkenbaar in het volwassen dier. Ib Anatomie hart Het hart bevindt zich in het mediastinum, ter hoogte van de 3e tot 5e intercostaalruimte (ICR) en wordt omgeven door het pericardium. Het hart ligt niet precies in het midden; ongeveer 3/5 deel van het hart ligt links van de mediaanlijn, 2/5 deel rechts. Het hart zelf is iets gedraaid, waardoor het rechter ventrikel wat meer naar craniaal en het linker ventrikel wat meer naar caudaal ligt (fig. 1). Percussie van het hart wordt bemoeilijkt door de aanhechting van het voorbeen, waardoor alleen grote afwijkingen met behulp van percussie opgespoord kunnen worden. Als referentiewaarde wordt aangehouden dat de hartdemping links ter hoogte van de (3e) 4e- 5e ICR en bij zeer goed getrainde racepaarden zelfs tot in de 6e ICR waargenomen kan worden. Rechts is het hart tussen de 3e-4e ICR te percuteren. Zowel in de linker als in de rechterlong is een incisura cardiaca aanwezig, waardoor het pericardium tegen de thoraxwand ligt. Aan de linker zijde is deze incisura wat groter en is tussen de derde en zesde rib te vinden. Aan de rechterzijde loopt de incisura van de derde rib tot en met de vierde intercostaalruimte. Doordat het pericardium bij de incisurae direct tegen de thoraxwand ligt, is het hart op deze plekken goed echografisch te onder- D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 13

16 [Figuur 1a.] Het paardenhart, linkerzijde (A) en rechterzijde (B) Legenda: 1: Rechter ventrikel; 2:Linker ventrikel; 3: Linker aurikel;4: Ramus interventricularis; paraconalis;5:truncus pulmonalis;6: Rechter aurikel;7: Aorta;8: Ligamentum arteriosum; 9: Vena cava cranialis;10:linker arteriae pulmonales;10 : Rechter arteriae pulmonales;11: Linker venae pulmonales;11 : Rechter venae pulmonales;12: Rechter vena azygos;13: Vena cava caudalis;14: Rechter a. coronaria;14 : Ramus interventricularis subsinosus zoeken, zonder artefacten veroorzaakt door het luchthoudende longweefsel. Via de Vv. cava cranialis en caudalis ontvangt het rechter atrium het veneuze bloed. In de vena cava is een wrong aanwezig, het tuberculum intervenosum, die helpt om het veneuze bloed het atrium in te leiden, zonder dat er al te veel turbulenties ontstaan. Het Tuberculum intervenosum zet zich bij de instroomopening van het rechter atrium voort als crista terminalis, de oorsprong van de Mm. pectinati. Deze spiertjes vormen in het rechter harteoor een vlechtwerk van spierweefsel, waardoor de wand daar wat onregelmatig is, de rest van de atriumwand is glad. Het linker atrium is qua bouw sterk vergelijkbaar met het rechter atrium, evenals het harteoor. Het linker atrium ontvangt het zuurstofrijke bloed uit de longcirculatie via vijf tot acht Vv. pulmonales. [Figuur 1b.] Ligging hart in de thorax Legenda: LiAV: projectie linker atrioventriculaire klep; Ao: projectie aorta klep;ap : projectie pulmonaal arterie; ReAv: projectie rechter atrioventriculaire klep. Uit: Het klinisch onderzoek van paard en landbouwhuisdieren, eds. R. Kuiper en R.A. van Nieuwstadt Het bloed verlaat het rechter atrium via het ostium atrioventriculare dextrum. Deze opening is door de aanwezigheid van een bindweefselring, een Annulus fibrosus verstevigd. De rechter AV kleppen (tricuspidaalkleppen) zorgen ervoor dat het bloed tijdens de systole niet terug kan stromen richting het rechter atrium. De meer distale gelegen ventrikelwand is onregelmatig van vorm door de vele spierbalkjes, de trabeculae carneae, die turbulenties van bloed in de ventrikel voorkomen. Het bloed verlaat het ventrikel tijdens de systole via een trechtervorming conus arteriosus richting de Truncus pulmonalis. In de truncus pulmonalis zijn drie halve maanvormige (semilunair kleppen) aanwezig die het terugstromen van bloed naar de rechter ventrikel in de diastole verhinderen. Ook hier is ter versteviging een anulus fibrosus aanwezig. In het lumen van het rechterventrikel is een streng tussen het ventrikelseptum en de wand aanwezig, de trabecula septomarginalis dextra, waarin zenuwvezels lopen waardoor wand en septum gecoördineerd kunnen depolariseren en dus contraheren. Het zuurstofrijke bloed bereikt het linker ventrikel vanuit het linker atrium via het Ostium atrioventriculare sinistrum. Tijdens de systole wordt deze opening door de twee slippige linker AV (=mitralis/bicuspidalis) klep afgesloten. Tijdens de systole wordt het bloed via de Bulbus aortae de Aorta ingeperst. Tijdens de diastole wordt deze opening door drie semilunaire Aortakleppen afgesloten. Met name bij oudere dieren kunnen er meer- D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 14

17 dere bindweefselwoekeringetjes aanwezig zijn op de klepranden. Ook komen er degeneratieve fenestreringen van de Aortakleppen voor. Functioneel gezien zijn de gevolgen van deze klepaantastingen meestal beperkt. Vanwege de forse drukken waaraan de uitstroomopening van de Aorta wordt blootgesteld, is deze verstevigd door kraakbeen, het zogenaamde Cartilago cordis septalis sinistra en het bij niet alle paarden aanwezige Cartilago cordis accessoria, welke bij een post mortaal onderzoek palpeerbaar zijn. Dit kraakbeen kan, naar mate het paard ouder wordt, gaan verkalken en bijdragen aan het stugger worden van de Aorta, waardoor de kans op een ruptuur toeneemt. De coronair arteriën ontspringen dorsaal van de Aortakleppen direct uit de Sinus aortae. De coronair circulatie bij het paard is symmetrisch, dat wil zeggen dat zowel de rechter als de linker A. coronaria een tak afgeven richting de apex van het hart. Uit beide A. coronaria ontspringt een dwarsverlopende tak, de Ramus circumflexus. De naar distaal verlopende tak van de rechter coronairarterie is de Ramus interventricularis subsinuosus welke loopt door de Sulcus (groeve) interventricularis subsinuosus. De naar distaal verlopende tak van de linker coronair arterie loopt door de Sulcus interventricularis paraconalis en wordt de Ramus interventricularis paraconalis genoemd. Belangrijk om te realiseren is dat de coronair arteriën vullen tijdens de diastole met bloed dat terugloopt richting de Aortaklep. Tijdens de diastole is de wand van het hart namelijk ontspannen en vullen de coronairarteriën makkelijker. Het hart wordt door een aantal vliezen omgeven die gedeeltelijk met elkaar vergroeid zijn. Van buiten naar binnen zijn dit: - Pleura mediastinalis (is geen onderdeel van het pericardium) - Lamina fibrosa, stevige laag met veel collageen elastische vezels, zet zich als Tunica externa voort langs de vaten. Deze laag is middels het Ligamentum sternopericariacum stevig verbonden met het sternum - Lamina parietalis van het pericardium - Lamina visceralis van het pericardium (epicard) De pericardiale holte is de ruimte tussen de lamina parietalis en de lamina visceralis van het pericardium. Normaal gesproken produceert de lamina parietalis een geringe hoeveelheid vocht die wrijving tussen de beide lagen vermindert. In geval van een pericarditis kan de hoeveel vocht fors toenemen. Ook kan de pericardiale holte gevuld raken met bloed, een zeer gevreesde oorzaak hiervan is een intra-pericardiale ruptuur van de Aorta, omdat dit zelfs kan leiden tot een cardiaal arrest. D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 15

18 D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 16

19 II Fysiologie IIa Hart, vaten en bloeddruk De belangrijkste taak van het hart is het genereren van voldoende cardiac output om alle organen van zuurstof en nutriënten te voorzien, en dat onder de meest uiteenlopende omstandigheden. De cardiac output wordt als zodanig niet door het lichaam gemeten, maar wel de arteriële bloeddruk (Pa). Deze bloeddruk wordt bepaald door enerzijds de CO en anderzijds de vaatweerstand (R); Pa = CO R. Een toename van metabole activiteit in weefsel zorgt voor een daling van de systemische vaatweerstand. Het constant houden van de arteriële bloeddruk geeft de garantie dat het aanbod van bloed vanuit het hart is afgestemd op de wisselende behoefte aan bloed in het lichaam. De regulatie van de bloeddruk is in handen van baroreceptoren, de hersenstam en het autonome zenuwstelsel. Baroreceptoren liggen o.a. in de wand van de Aortaboog en Sinus carotis waar de bloeddruk hoog is (Ps/Pd = 120/80 mmhg), maar ook in de wanden van de atria waar de druk niet hoger dan 5 mmhg is. Afferente informatie (opstijgend) wordt doorgegeven via de N. glossopharyngeus (IX) en de N.vagus (X) om te eindigen in de nucleus tractus solitarius (NTS) van de hersenstam, dat in contact staat met bijvoorbeeld de hypothalamus en de cerebrale cortex. De NTS stuurt efferente informatie naar o.a. de motorkern van de N.vagus in de hersenstam (onderdeel van het zogeheten cardio-inhibitie gebied). De pre-ganglionaire parasympathische vezels lopen vanuit de motorkern via de N.vagus (in de truncus vagosympaticus) naar het hart. De post-ganglionaire cholinerge parasympathische vezels liggen in de wand van het hart en lopen vooral naar de SA- en AV-knoop en hebben een negatief chronotroop effect. De NTS stuurt ook efferente informatie naar het cardio-activatie gebied in de medulla oblongata. Van hieruit worden pre-ganglionaire sympathische neuronen in de medulla spinalis aangestuurd. De axonen van de pre-ganglionaire sympathische vezels verlaten de medulla spinalis en schakelen nog voor het hart in het ganglion cervicothoracicum over op de postganglionaire adrenerge sympathische vezels. Deze vezels lopen in tegenstelling tot de parasympathische vezels niet alleen naar de SA en AV-knoop, maar innerveren het hele myocard. Ze beïnvloeden zowel hartfrequentie (HF) (positief chronotroop) als contractiekracht (positief inotroop). Tot slot stuurt de NTS ook efferente informatie naar het vasomotorcentrum in de medulla oblongata. Van hieruit worden pre-ganglionaire sympathische neuronen in de medulla spinalis aangestuurd. Het vasomotorcentrum produceert een tonische output die vaso- en venoconstrictie bevordert. Een daling van de arteriële bloeddruk zorgt voor extra activatie van het vasomotorcentrum en het cardioactivatie gebied. De bloeddruk wordt dus gehandhaafd door aanpassingen van de CO en de R; Pa = CO R. Vasoconstrictie ontstaat door (nor)adrenerge activatie van de α-1 receptoren, terwijl activatie van de ß-2 receptoren kan zorgen voor dilatatie. Het L-type Ca-kanaal in de membraan van de vasculaire gladde spiercellen staat o.i.v. beide receptoren. Beide receptoren behoren tot de groep van de G-eiwit gekoppelde receptoren. Veel weefsels bevatten beide typen receptoren en de reactie zal afhangen van de verdeling van beide typen receptoren in het weefsel en de relatieve concentraties van noradrenaline en adrenaline (bijniermerg). De gladde spiercellen in de wand van arteriolen en precapillaire sfincters staan ook o.i.v. lokaal geproduceerde metabolieten/stoffen zoals K+, PCO 2, lactaat en waterstofionen, ATP, ADP, adenosine, histamine, stikstofoxide (NO), endotheline en prostacycline (PGI2). Ook (neuro)endocriene signaalstoffen zoals vasopressine, angiotensine II, atriaal natriuretisch peptide en bradykinine spelen een belangrijke rol bij de regulatie van de vaatweerstand en de systemische bloeddruk. De lange termijn regulatie van de bloeddruk is in handen van de nieren. De nieren bevatten hun eigen baroreceptoren in de af- D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 17

20 ferente arteriolen van de glomerulus en staan daarnaast onder directe invloed van het sympathische zenuwstelsel. Activatie van ß-1 receptoren in de granulaire cellen van de afferente arteriolen leidt tot afgifte van renine. De daarop volgende activatie van renine-angiotensine - en aldosteron systeem (RAAS) zorgt voor vasoconstrictie (via AT 1 receptor) en retentie van zout en water in de nier. De hoeveelheid extracellulaire vloeistof in het lichaam neemt hierdoor toe en daarmee de vulling van het veneuze vaatbed. Dankzij het Frank-Starling mechanisme van het hart (zie hieronder) neemt de cardiac output toe. IIb Mechanische hartactie De hoeveelheid bloed die per contractie het hart verlaat is het slagvolume (SV). De CO is het product van het SV en de hartfrequentie (f) en beide staan o.i.v. het autonome zenuwstelsel; CO = SV x f. De regulatie van de hartslagfrequentie komt later aan bod bij de behandeling van de elektrofysiologie van het hart. Het slagvolume is in eerste instantie afhankelijk van de kracht van de pomp (de contractiliteit), maar ook van de heersende toestand in het vaatbed waarop de pomp is aangesloten (preload en afterload). Tijdens inspanning kan het slagvolume bij het paard fors toenemen, ondanks de sterke reductie in vullingstijd. Er zijn metingen bekend die laten zien dat het SV kan toenemen van 800 ml in rust tot bijna 1500 ml bij submaximale inspanning (75% VO 2 -max). Contractiliteit De contractiliteit (inotropie) wordt vooral bepaald door het aantal gezonde hartspiervezels en de hoeveelheid calcium die in iedere hartspiervezel vrijkomt tijdens de plateaufase van de actiepotentiaal. (Nor) adrenaline activeert de adrenerge ß-1 receptoren op de hartspiervezels en versterkt het proces van calcium-geïnduceerde calcium afgifte (CICR) uit het sarcoplasmatisch reticulum. CICR duidt op de interactie tussen de dihydropyridine receptor in de T-tubuli (= L-type Ca kanaal) en de ryanodine receptor (Ca afgifte kanaal) in het sarcoplasmatisch reticulum. De versnelde en versterkte afgifte van Ca o.i.v. adrenaline verhoogt de contractiliteit. Hierdoor wordt het eindsystolisch volume kleiner. Het SV stijgt. Blokkeren van L-type Ca kanalen in het sarcolemma van de cardiomyocyten zorgt voor een afname van CICR en dus van de contractiliteit (negatief inotroop). Preload (voorbelasting) Uiteraard is de output van een pomp ook afhankelijk van de mate van vulling tijdens de diastole (preload). De vulling is sterk afhankelijk van de beschikbare vullingstijd en dus kunnen extrasystolen en tachy-aritmieën de CO verlagen. Daarnaast spelen het drukverschil over de ventrikelwand en het gemak waarmee de ventrikelwand zich ontspant (lusinotropie) een grote rol. De druk aan de buitenkant van het hart staat o.a. onder invloed van de ademhaling. Tijdens inspiratie daalt de intrathoracale druk en wordt de hartwand naar buiten gezogen. Een pericarditis bijvoorbeeld kan juist zorgen voor een toename van de druk aan de buitenkant van het hart en een mindere vulling. De vullingsdruk is de druk die van binnen uit op de ventrikelwand inwerkt (voorbelasting/preload). Deze vullingsdruk is min of meer gelijk aan de centraal veneuze druk (CVD). De CVD, die vrijwel gelijk is aan de rechter atriumdruk en de einddiastolische ventriculaire druk, is niet alleen een maat voor de voorbelasting van het rechter hart, maar bij het gezonde hart ook een maat voor de preload van het linker ventrikel. Bij het niet goed functionerende hart is de linker atriumdruk of wiggedruk een betere maat voor de voorbelasting van de linker ventrikel. De vullingsdruk is afhankelijk van vele factoren zoals het bloedvolume, de tonus van de perifere venen (adrenerge α-1 venoconstrictie), de respiratie (afplatten diafragma), de skeletspierpomp en de CO. Dit laatste lijkt misschien wat vreemd, maar bedenk dat een toename van de CO zorgt voor het overhevelen van bloed van het veneuze naar het arteriële stelsel en dus een daling van de CVD veroorzaakt. Een afname van de CO zorgt automatisch voor een stijging van de vullingsdruk en een licht herstel van de CO. De positieve relatie tussen vullingsdruk en cardiac output staat bekend als het Frank- Starling mechanisme van het hart. Een toename van de vullingsdruk zorg ervoor dat de hartspiervezels tijdens de vullingsfase verder worden uitgerekt (toename van de preload en D.M. 58e jaargang - No. 1 blz. 18

Anatomie / fysiologie Circulatie. Stellingen n.a.v. vorig college. Stellingen, vervolg. Bloeddruk

Anatomie / fysiologie Circulatie. Stellingen n.a.v. vorig college. Stellingen, vervolg. Bloeddruk Anatomie / fysiologie Circulatie Bloeddruk 1 Stellingen n.a.v. vorig college Het ventrikelseptum van het hart is dikker dan het atriumseptum van het hart. Een hart dat over de top van de Frank Starling-curve

Nadere informatie

Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00. Maandag 11 maart 2013

Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00. Maandag 11 maart 2013 Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00 Maandag 11 maart 2013 Faculteit Biomedische Technologie BSc opleiding Medische Wetenschappen en Technologie Verantwoordelijk docent: C. Bouten Coördinator

Nadere informatie

www.vetserieus.nl Beste Student,

www.vetserieus.nl Beste Student, www.vetserieus.nl Beste Student, De documenten op VETserieus.nl zijn alleen bedoeld als ondersteuning bij het studeren. De samenvattingen worden nagekeken door studenten tijdens het volgen van de lessen

Nadere informatie

binnenste laag van een bloedvat; bestaat uit endotheel en lamina middelste laag van een bloedvat, bestaat uit circulair gerangschikte

binnenste laag van een bloedvat; bestaat uit endotheel en lamina middelste laag van een bloedvat, bestaat uit circulair gerangschikte Begrippenlijst Circulatie en Respiratie Gemaakt door: Esma Nadi Tunica intima basalis Tunica media gladde spiercellen Tunica adventitia gladde spiervezels Vasa vasorum Precapillaire sfincters binnenste

Nadere informatie

Les 4 Hart en Vaten. Lymfe. Rol lymfatisch systeem in de afweer. Hart, hartgeleidingssysteem, hartfrequentie, bloedvaten, lymfe, anemie, milt

Les 4 Hart en Vaten. Lymfe. Rol lymfatisch systeem in de afweer. Hart, hartgeleidingssysteem, hartfrequentie, bloedvaten, lymfe, anemie, milt Les 4 Hart en Vaten Hart, hartgeleidingssysteem, hartfrequentie, bloedvaten, lymfe, anemie, milt Lymfe Lymfatische systeem is stelsel naast bloedvatstelsel wat circa 10% van de weefselvloeistof afvoert

Nadere informatie

1. De Nernst potentiaal vertegenwoordigt een evenwichtssituatie in de zenuwcel. Welk statement beschrijft deze situatie het beste? 1: De elektrische en de diffusiekrachten houden elkaar precies in evenwicht.

Nadere informatie

OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP. Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek.

OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP. Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek. OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek. Zeven organen van een normale bloedsomloop zijn: Hoofd longen hart lever darm nieren benen 1. Van de zeven

Nadere informatie

De behandeling van hartfalen bij de oudere patiënt. Loes Klieverik WES 11-03-2010

De behandeling van hartfalen bij de oudere patiënt. Loes Klieverik WES 11-03-2010 De behandeling van hartfalen bij de oudere patiënt Loes Klieverik WES 11-03-2010 Wat is oud?? Definitie Hartfalen Tekortschieten van de pompwerking van het hart en veranderingen in de neurohumorale activatie

Nadere informatie

Spelregels; A = Groen B = Rood Heeft u het antwoord fout, dan neemt u weer plaats op uw stoel!!

Spelregels; A = Groen B = Rood Heeft u het antwoord fout, dan neemt u weer plaats op uw stoel!! Spelregels; A = Groen B = Rood Heeft u het antwoord fout, dan neemt u weer plaats op uw stoel!! Oefenvraag 1. Op het ECG zijn de verschillende fasen van de hartslag te zien. Ze worden benoemd met de letters

Nadere informatie

Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop

Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop Cellulair; Haematocriet, Erytrocyt (Affiniteit, Erytropoëtine, HB) Leukocyt (diapedese, fagocytose) Trombocyt 45% Plasma = water met opgeloste stoffen, glucose,

Nadere informatie

Wanneer faalt het hart? Wanneer faalt het hart? . een rondje langs de toehoorders. Hartfalen in de Middeleeuwen. Hartfalen in de loop der eeuwen

Wanneer faalt het hart? Wanneer faalt het hart? . een rondje langs de toehoorders. Hartfalen in de Middeleeuwen. Hartfalen in de loop der eeuwen Wanneer faalt het hart? 14 april 2011 Aggie H.M.M. Balk, cardioloog Thoraxcentrum,, Erasmus MC Wanneer faalt het hart?. een rondje langs de toehoorders Hartfalen in de loop der eeuwen Hartfalen in de Middeleeuwen

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie

Anatomie / fysiologie Anatomie / fysiologie Eliminatie en regulatie Nieren 3 FHV2009 / Cxx55 5+6 / Anatomie & Fysiologie - Nieren 3 1 Elektrolytenbalans Mineralen worden in het lichaam opgenomen door middel van voeding en drank.

Nadere informatie

Samenvatting in het Nederlands

Samenvatting in het Nederlands Samenvatting in het Nederlands Samenvatting Men schat dat in 2005 ongeveer 40.000 mensen in Nederland een nieraandoening hadden. Hiervan waren ruim 5500 patiënten afhankelijk van dialyse. Voor dialysepatiënten

Nadere informatie

Les 5 Vaten en Bloeddruk. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten

Les 5 Vaten en Bloeddruk. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten Les 5 Vaten en Bloeddruk Circulatiestelsel, bloedvaten, uitwisseling, windketelfunctie en bloeddruk ANZN 1e leerjaar - Les 5 - Matthieu Berenbroek, 2000-2011 1 Taken circulatiestelsel Voedingsstoffen,

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten. Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe

Anatomie / fysiologie. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten. Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe Anatomie / fysiologie Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe FHV2009 / Cxx53_5_6 / Anatomie & Fysiologie - Circulatie 1 Taken circulatiestelsel Voedingsstoffen, nadat ze verteerd (in stukken gedeeld) zijn, opnemen

Nadere informatie

Beide helften van de hersenen zijn met elkaar verbonden door de hersenbalk. De hersenstam en de kleine hersenen omvatten de rest.

Beide helften van de hersenen zijn met elkaar verbonden door de hersenbalk. De hersenstam en de kleine hersenen omvatten de rest. Biologie SE4 Hoofdstuk 14 Paragraaf 1 Het zenuwstelsel kent twee delen: 1. Het centraal zenuwstelsel bevindt zich in het centrum van het lichaam en bestaat uit de neuronen van de hersenen en het ruggenmerg

Nadere informatie

Prof. dr. F. C. Visser Cardioloog Erasmus Medisch Centrum. Electrocardiografische & fysiologische veranderingen tijdens inspanning

Prof. dr. F. C. Visser Cardioloog Erasmus Medisch Centrum. Electrocardiografische & fysiologische veranderingen tijdens inspanning Prof. dr. F. C. Visser Cardioloog Erasmus Medisch Centrum Electrocardiografische & fysiologische veranderingen tijdens inspanning Indicaties voor inspannings ECG Evaluatie van patienten met pijn op de

Nadere informatie

Bloedsomloop. 1 Inleiding. 2 Meetopstelling. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding

Bloedsomloop. 1 Inleiding. 2 Meetopstelling. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding Bloedsomloop 1 Inleiding Het menselijk lichaam bestaat uit een zeer groot aantal cellen. Elke cel heeft voedingsstoffen en zuurstof nodig. Elke cel

Nadere informatie

Herhalen anatomie art Cubiti: Elleboog

Herhalen anatomie art Cubiti: Elleboog Herhalen anatomie art Cubiti: Elleboog -Art Humero-ulnaris: scharnier Flexie-extensie -Art Humero-radialis: anatomische kogel Flexie-extensie, rotatie, ab-ad niet door ulna -Art Radio-ulnaris proximalis:

Nadere informatie

Ritmestoornissen CCU

Ritmestoornissen CCU Ritmestoornissen CCU 1 Paroxysmale tachycardieen Tachycardie is plotseling ( Paroxysmaal ) opgetreden. Frequentie is hoger dan 110 bpm. Meestal 130-250. 2 Paroxysmale Atrium Tachycardie(PAT) Snelle plotsellinge

Nadere informatie

De Ierse Wolfshond: Onze grote vriend met zijn grote hart. Hanneke van Meeuwen. www.dierenkliniekeersel.nl 13-04-2008.

De Ierse Wolfshond: Onze grote vriend met zijn grote hart. Hanneke van Meeuwen. www.dierenkliniekeersel.nl 13-04-2008. De Ierse Wolfshond: Onze grote vriend met zijn grote hart Hanneke van Meeuwen KVG Eersel www.dierenkliniekeersel.nl 13-04-2008 Iets over mijzelf Afgestudeerd Universiteit Gent juli 2001 Werkzaam KvG sinds

Nadere informatie

Klinische les Links Hartfalen. IC/CC specialisatie Marco van Meer

Klinische les Links Hartfalen. IC/CC specialisatie Marco van Meer Klinische les Links Hartfalen IC/CC specialisatie Marco van Meer Inhoud Definitie Gradaties Oorzaken (patho)fysiologie Gevolg Diagnostiek en monitoring Therapie Er komt een man bij de dokter: Definitie

Nadere informatie

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai Thema: Transport HAVO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai Doelstellingen De student moet - de bestanddelen van bloed kunnen noemen, ingecalculeerd de kenmerken

Nadere informatie

Theorie-examen Fysiologie 21 april 2006.

Theorie-examen Fysiologie 21 april 2006. Theorie-examen Fysiologie 21 april 2006. 1. Welke bestanddelen horen, onder normale omstandigheden, niet voor te komen in urine? A. Hormonen en afbraakproducten. B. Eiwitten. C. Zouten. 2. Wat is een voorbeeld

Nadere informatie

Zuurstoftransport: DO2 en VO2 in balans C. Peeters

Zuurstoftransport: DO2 en VO2 in balans C. Peeters Zuurstoftransport: DO2 en VO2 in balans C. Peeters Shock is een circulatoir falen dat leidt tot hypoxie op weefselniveau. Dit is een algemene definitie die van toepassing is op elke vorm van shock, ongeacht

Nadere informatie

ICU - Medium Care. Type B dissectie. Ineke van de Pol Circulation practitioner i.o. Maart 2011

ICU - Medium Care. Type B dissectie. Ineke van de Pol Circulation practitioner i.o. Maart 2011 ICU - Medium Care Type B dissectie Ineke van de Pol Circulation practitioner i.o. Maart 2011 Inhoud Uitleg type B dissectie Casus Beloop Laboratotium Hemodynamiek Gebruikte medicatie Compartimentsyndroom

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting N EDERLANDSE SAMENVATTING Chapter 8 Nederlandse samenvatting 87 C HAPTER 8 In de prehistorie, toen er nog werd gejaagd met mes en speer, hing het leven af van een snelle reactie op eventuele verwondingen.

Nadere informatie

Hartaandoeningen bij de hond

Hartaandoeningen bij de hond Hartaandoeningen bij de hond HARTAANDOENINGEN VOEDINGSOVERGEVOELIGHEID BIJ DE HOND HARTAANDOENINGEN BIJ DE HOND Hartaandoeningen bij de hond zijn in het algemeen progressief van aard, wat wil zeggen dat

Nadere informatie

H2 Bouw en functie. Alle neuronen hebben net als gewone cellen een gewone cellichaam.

H2 Bouw en functie. Alle neuronen hebben net als gewone cellen een gewone cellichaam. Soorten zenuw cellen Neuronen H2 Bouw en functie Alle neuronen hebben net als gewone cellen een gewone cellichaam. De informatie stroom kan maar in een richting vloeien, van dendriet naar het axon. Dendrieten

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie. Zenuwstelsel overzicht. Perifeer zenuwstelsel AFI1. Zenuwstelsel 1

Anatomie / fysiologie. Zenuwstelsel overzicht. Perifeer zenuwstelsel AFI1. Zenuwstelsel 1 Anatomie / fysiologie Zenuwstelsel 1 FHV2009 / Cxx56 1+2 / Anatomie & Fysiologie - Zenuwstelsel 1 1 Zenuwstelsel overzicht Encephalon = hersenen Spinalis = wervelkolom Medulla = merg perifeer centraal

Nadere informatie

ECG en ritmestoornissen na Hartchirurgie. Mischa Lunter MPA, Thorax IC MST

ECG en ritmestoornissen na Hartchirurgie. Mischa Lunter MPA, Thorax IC MST ECG en ritmestoornissen na Hartchirurgie Mischa Lunter MPA, Thorax IC MST Elektrocardiogram ECG Elektrocardiografie = bestuderen van elektrische activiteit van het hart Registratie op papier of beeldscherm

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21 Inhoud Inleiding 7 1. 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21 2. Zorgvraag verhelderen 25 - Recepten 26 - Zelfzorgvragen 32 3. Geneesmiddelen 37 - Medicijnen voor hart en bloedvaten 38 4. Bereiden

Nadere informatie

Hartfalen. Programma 1-11-2012. UFO 1 november 2012 Tom Schalekamp

Hartfalen. Programma 1-11-2012. UFO 1 november 2012 Tom Schalekamp Hartfalen UFO 1 november 2012 Tom Schalekamp Programma Verschijningsvormen, epidemiologie, diagnostiek Behandeling hoofdlijnen Behandeling in relatie tot pathofysiologie Afzonderlijke middelen bij hartfalen

Nadere informatie

ECG s beoordelen. Mike van Zwam 09 September 2010 IC-Gelre

ECG s beoordelen. Mike van Zwam 09 September 2010 IC-Gelre ECG s beoordelen Mike van Zwam 09 September 2010 IC-Gelre Inleiding Waarom? Indeling ECG kenmerken IJk 1mV Vragen Papiersnelheid 25mm/sec Stappen van beoordelen Stap 1: Ritme Stap 2: Frequentie Stap 3:

Nadere informatie

ECG en de hartcyclus

ECG en de hartcyclus ECG en de hartcyclus De hartcyclus De afbeelding op de volgende bladzijde is een vereenvoudigde weergave van de gebeurtenissen tijdens de hartcyclus. In de diagrammen 1 en 2 geven de grafieklijnen de drukvariaties

Nadere informatie

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten Hoofdstuk 1 Meerkeuzevraag 1.1 Meerkeuzevraag 1.2 Meerkeuzevraag 1.3 Meerkeuzevraag 1.4 Meerkeuzevraag 1.5 Meerkeuzevraag 1.6 Meerkeuzevraag 1.7 Waar ligt de lever in de buikholte? A. Boven rechts B. Boven

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING Het acute hartinfarct Hart- en vaat ziekten zijn een van de grootste doodsoorzaken wereldwijd. In Nederland sterven er gemiddeld 107 mensen per dag aan hart- en vaatziekten, waaronder

Nadere informatie

Ergometrie: interpretatie. Strategie. Volgorde. Fietsergometrie: Interpretatie op Tijdbasis. Waarom alle variabelen als functie van de tijd?

Ergometrie: interpretatie. Strategie. Volgorde. Fietsergometrie: Interpretatie op Tijdbasis. Waarom alle variabelen als functie van de tijd? Ergometrie: interpretatie Fietsergometrie: Interpretatie op Tijdbasis NVALT Assistentendag Juni 11 j.g.vanden.aardweg@mca.nl Hart-Long Centrum Medisch Centrum Alkmaar 1 2 Strategie 1. Logische en consequente

Nadere informatie

Gezondheidscursus UMC Utrecht

Gezondheidscursus UMC Utrecht Gezondheidscursus UMC Utrecht Avond 1: Het hart- en vaatstelsel Een inleiding 1 De anatomie van het hart Door Susanne Boers en Karlijn van Leuken 2 De elektrische geleiding van het hart Door Eva van Schaik

Nadere informatie

1. Hoe ziet het hart eruit?

1. Hoe ziet het hart eruit? 1. Hoe ziet het hart eruit? Het hart ligt in de borstkas, achter het borstbeen tussen beide longen in. Er wordt vaak gezegd dat het hart aan de linkerkant ligt, maar dit is niet helemaal waar. Het ligt

Nadere informatie

PPHN pathofysiologie en ontwikkelingen. Robin van der Lee Kinderarts neonatoloog AMC

PPHN pathofysiologie en ontwikkelingen. Robin van der Lee Kinderarts neonatoloog AMC PPHN pathofysiologie en ontwikkelingen Robin van der Lee Kinderarts neonatoloog AMC Q s Hoe zit de pathofysiologie in elkaar? Waarom is dit ziektebeeld zo uitdagend? Wat zijn de ontwikkelingen de laatste

Nadere informatie

Oefenboek ECG 2e master Geneeskunde. Prof. Dr. Rik Willems

Oefenboek ECG 2e master Geneeskunde. Prof. Dr. Rik Willems Oefenboek ECG 2e master Geneeskunde Prof. Dr. Rik Willems ECG protocol Ritme Frequentie P- golf Duur P- golf PR- segment Besluit ritme QRS- as QRS- duur QRS- ST- segment Duur QT T- top Algemeen besluit

Nadere informatie

Behalve bij de zuurstofvoorziening speelt de bloedsomloop ook een rol bij het transport van hormonen en de warmtehuishouding.

Behalve bij de zuurstofvoorziening speelt de bloedsomloop ook een rol bij het transport van hormonen en de warmtehuishouding. Junqueira, hoofdstuk 12: Het circulatiesysteem Een mens van 75 kg heeft ongeveer 16 liter extracellulaire vloeistof, 5 liter bloed en een kleine hoeveelheid lymfe. De 5 liter bloed bestaat uit ongeveer

Nadere informatie

De P, RR, adh,t, en vochtbalans

De P, RR, adh,t, en vochtbalans De P, RR, adh,t, en vochtbalans Een lezing Presentatie: Alfons Huisintveld Principe van de pols? Hart contractie linker ventrikel Slagvolume 70 100 ml Meten vd pulsatie Pols = a.r Hals = a.c Lies = a.f

Nadere informatie

Hoe wordt het normale hartritme tot stand gebracht?

Hoe wordt het normale hartritme tot stand gebracht? Boezemfibrilleren De cardioloog heeft vastgesteld dat u een ritmestoornis heeft of heeft gehad, die boezemfibrilleren, ofwel atriumfibrilleren wordt genoemd. In deze folder kunt u hierover meer lezen.

Nadere informatie

Afkortingen en begrippen Hemodynamica = de leer van de eigenschappen en de omloop van het bloed.

Afkortingen en begrippen Hemodynamica = de leer van de eigenschappen en de omloop van het bloed. Afkortingen en begrippen Hemodynamica = de leer van de eigenschappen en de omloop van het bloed. CABG: PAC: PiCCO: Preload: Afterload: Systole: Diastole: CO: CVD: PAOP: GEDV: ITBV: EVLW: Coronary Artery

Nadere informatie

Cardiologie. Inleiding. Peter Soethoudt Spoedgevallen Middelheim Verpleegkundige

Cardiologie. Inleiding. Peter Soethoudt Spoedgevallen Middelheim Verpleegkundige Cardiologie Inleiding Peter Soethoudt Spoedgevallen Middelheim Verpleegkundige Het hart Een holle spier, die door geregeld samen te trekken, bloed door het lichaam pompt (6 L / minuut) Het hart Is asymetrisch

Nadere informatie

Biomedische Wetenschappen Ontstaan van Ziekten - Pathogenese. Hart- en Vaatziekten Prof. T. Gillebert (Deel 2)

Biomedische Wetenschappen Ontstaan van Ziekten - Pathogenese. Hart- en Vaatziekten Prof. T. Gillebert (Deel 2) Biomedische Wetenschappen Ontstaan van Ziekten - Pathogenese Hart- en Vaatziekten Prof. T. Gillebert (Deel 2) 1 Samenvatting 1. De belangrijkste doodsoorzaken in de Westerse wereld 2. De pathogenese van

Nadere informatie

Het normale elektrocardiogram. Zie voor nog uitgebreidere informatie www.ecg-clopedia.nl!!!

Het normale elektrocardiogram. Zie voor nog uitgebreidere informatie www.ecg-clopedia.nl!!! Zie voor nog uitgebreidere informatie www.ecg-clopedia.nl!!! 1 De depolarisatie van de boezems De depolarisatie(vector) van de boezems veroorzaakt een P-top op het ECG 2 De depolarisatie van de kamers

Nadere informatie

Reanimatie van de pasgeborene

Reanimatie van de pasgeborene Reanimatie van de pasgeborene Anne Debeer, neonatale intensieve zorgen, UZ Leuven Katleen Plaskie, neonatale intensieve zorgen, St Augustinus Wilrijk Luc Cornette, neonatale intensieve zorgen, AZ St-Jan

Nadere informatie

Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan?

Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan? De lever is gelegen in de buikholte? A. Boven rechts B. Boven links C. Onder rechts D. Onder links Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan? A. De aorta B. De holle

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting In dit proefschrift zijn de veranderingen in cellulaire functie en structuur in hartfalen met verschillende onderliggende oorzaken en fenotype bestudeerd. Dit om inzicht te krijgen

Nadere informatie

Boezemfibrilleren. De bouw en werking van het hart

Boezemfibrilleren. De bouw en werking van het hart Boezemfibrilleren Boezemfibrilleren is een stoornis in het hartritme. Uw hartslag wordt onregelmatig. U kúnt dit voelen, maar dat hoeft niet. Van alle mensen met boezemfibrilleren voelt ongeveer 10 tot

Nadere informatie

Theorie-examen Fysiologie april 2009

Theorie-examen Fysiologie april 2009 Theorie-examen Fysiologie april 2009 1. Wat is, uiteindelijk, de beperkende factor bij inspanning? A. Het ademminuutvolume. B. Het hartminuutvolume. C. De vitale capaciteit. 2. Hoe kan het lichaam in totaal

Nadere informatie

CIRCULATIE VICV NOVEMBER 2013. Bram Tilburgs, IC verpleegkundige C1A, UMCN St. Radboud

CIRCULATIE VICV NOVEMBER 2013. Bram Tilburgs, IC verpleegkundige C1A, UMCN St. Radboud CIRCULATIE VICV NOVEMBER 2013 Bram Tilburgs, IC verpleegkundige C1A, UMCN St. Radboud Adequate weefsel perfusie Er is voldoende bloedstroom om: De cellen van essentiële stoffen te voorzien. Afval producten

Nadere informatie

Informatiebrochure Electrocardiogram. I Autonome verzorgingsinstelling

Informatiebrochure Electrocardiogram. I Autonome verzorgingsinstelling Informatiebrochure Electrocardiogram I Autonome verzorgingsinstelling IIHet electrocardiogram (EKG) Een EKG is een grafische weergave van de elektrische activiteit in de hartspier. Plaatsen electrodes

Nadere informatie

SAMEN ME VAT A T T I T N I G

SAMEN ME VAT A T T I T N I G SAMENVATTING 186 Inleiding Het renine-angiotensine-aldosteron-systeem (RAAS) is een hormonaal systeem dat in belangrijke mate betrokken is bij de regulatie van bloeddruk en nierfunctie. Het RAAS is een

Nadere informatie

Inhoud. Verpleegkunde Cardiologie. Symptomen. Diagnose. Verpleegkunde Cardiologie 1. Indeling New York Heart Association (NYHA)

Inhoud. Verpleegkunde Cardiologie. Symptomen. Diagnose. Verpleegkunde Cardiologie 1. Indeling New York Heart Association (NYHA) Inhoud Verpleegkunde Cardiologie Han van der Borgh Verpleegkundige aspecten bij: Angina Pectoris Acuut coronair syndroom Prinz Metal Decompensatie cordis Cardiogene shock P.C.I./STENT/ spoed CABG in perifeer

Nadere informatie

Definitie van infarct. Klinische diagnose. Uitgebreidheid van necrose bepaalt de onmiddellijke en laattijdige prognose!

Definitie van infarct. Klinische diagnose. Uitgebreidheid van necrose bepaalt de onmiddellijke en laattijdige prognose! Acuut Myocardinfarct I Dieter Nuyens Cardiologie Definitie van infarct Klinische diagnose Anamnese Cardiale enzymes ECG veranderingen Uitgebreidheid van necrose bepaalt de onmiddellijke en laattijdige

Nadere informatie

Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module. Bloeddruk meten.

Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module. Bloeddruk meten. Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module Bloeddruk meten. Opleiding Centrum Zuidwester Inhoudsopgave Doel van de module -------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

hoofdstuk één hoofdstuk twee

hoofdstuk één hoofdstuk twee Dit proefschrift beschrijft onderzoek naar hemolytische foetale bloedarmoede en foetale hydrops. Hemolytische foetale bloedarmoede ontstaat door afbraak van rode bloedcellen. Foetale hydrops betreft het

Nadere informatie

BELGIAN WORKING GROUP ON HEART FAILURE ANDCARDIAC FUNCTION

BELGIAN WORKING GROUP ON HEART FAILURE ANDCARDIAC FUNCTION BELGIAN WORKING GROUP ON HEART FAILURE ANDCARDIAC FUNCTION PERSCONFERENTIE 25SEPTEMBER2009 PROVINCIAAL ADMINISTRATIEF CENTRUM GENT 1 INHOUDSTAFEL 1. Persmededeling 3 2. Citaten 5 3. Voorstelling vandebwghf

Nadere informatie

FYSIOLOGIE MENS EN DIER NIEREN, WATER EN ZOUTHUISHOUDING A. SCHEURINK HFST 19 & 20

FYSIOLOGIE MENS EN DIER NIEREN, WATER EN ZOUTHUISHOUDING A. SCHEURINK HFST 19 & 20 FYSIOLOGIE MENS EN DIER NIEREN, WATER EN ZOUTHUISHOUDING A. SCHEURINK HFST 19 & 20 Boek: Silverthorn, Human Physiology - hfdstk 19: The kidney s 622 629 : anatomy and function of the urinary system 629

Nadere informatie

PILLENCOCKTAILS: HARTVEROVEREND. Aspecten van geneesmiddelen bij atriumfibrilleren

PILLENCOCKTAILS: HARTVEROVEREND. Aspecten van geneesmiddelen bij atriumfibrilleren PILLENCOCKTAILS: HARTVEROVEREND Aspecten van geneesmiddelen bij atriumfibrilleren INHOUD Presentatie (20-25 minuten) Inleiding Medicamenteuze behandeling atriumfibrilleren Geneesmiddelgroepen Bijwerkingen

Nadere informatie

Respiratoire complicaties bij thoraxchirurgie. Bart van Silfhout Ventilation Practitioner

Respiratoire complicaties bij thoraxchirurgie. Bart van Silfhout Ventilation Practitioner Respiratoire complicaties bij thoraxchirurgie Bart van Silfhout Ventilation Practitioner Doel & inhoud Het uitwisselen van ideeën, kennis en gedachten en vooral een leuke voordracht!!! Gasuitwisseling

Nadere informatie

Boezemfibrilleren. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee!

Boezemfibrilleren. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee! Boezemfibrilleren De cardioloog heeft vastgesteld dat u een ritmestoornis heeft of heeft gehad, die boezemfibrilleren wordt genoemd. In deze brochure kunt u hierover meer lezen. Neem altijd uw verzekeringsgegevens

Nadere informatie

1 Inleiding, definitie en pathofysiologie

1 Inleiding, definitie en pathofysiologie 1 Inleiding, definitie en pathofysiologie S.A.J. van den Broek In dit hoofdstuk worden de huidige inzichten in de pathofysiologie van het syndroom hartfalen besproken. Ook die mechanismen die bijdragen

Nadere informatie

RV dimensies en functie

RV dimensies en functie RV dimensies en functie J. McGhie, A. van den Bosch Interactieve echocursus voor gevorderden : aangeboren hartafwijkingen 29 januari 2015 Thoraxcentrum en Sophia kinderziekenhuis Overzicht RA drukken en

Nadere informatie

Tentamen Hart en Long. Hart en Long 8WA09. 12 april 2013 9.00-12.00

Tentamen Hart en Long. Hart en Long 8WA09. 12 april 2013 9.00-12.00 Tentamen Hart en Long Hart en Long 8WA09 12 april 2013 9.00-12.00 Faculteit Biomedische Technologie BSc opleiding Medische Wetenschappen en Technologie Verantwoordelijk docent: C. Bouten Coördinator en

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Inleiding tot de anatomie en fysiologie

Hoofdstuk 1 Inleiding tot de anatomie en fysiologie Hoofdstuk 1 Inleiding tot de anatomie en fysiologie Introductie Alle levende organismen hebben de volgende kenmerken: Reactievermogen Groei Reproductie Beweging Metabolisme Anatomie & Fysiologie Anatomen

Nadere informatie

melde zich met p.o.d.b. Wat is het, wat doe je er aan, (4 november) aan de monitor gelegd om te kunnen bewaken

melde zich met p.o.d.b. Wat is het, wat doe je er aan, (4 november) aan de monitor gelegd om te kunnen bewaken Infarcten 1 Dhr P.opde Borst Patiënt melde zich met p.o.d.b. Wat is het, wat doe je er aan, (4 november) We hebben deze patiënt aan de monitor gelegd om te kunnen bewaken eigenlijk, wat zie ik en hoe ontstaat

Nadere informatie

Chronische hartklep aandoening bij de hond

Chronische hartklep aandoening bij de hond Chronische hartklep aandoening bij de hond Diverse benamingen De chronische hartklep aandoening bij de hond wordt ook wel myxomateuze klepdegeneratie genoemd, omdat bepaalde hartkleppen op een specifieke

Nadere informatie

Osteopathische geneeskunde. Het hart. Luc Peeters & Grégoire Lason

Osteopathische geneeskunde. Het hart. Luc Peeters & Grégoire Lason Osteopathische geneeskunde Het hart Luc Peeters & Grégoire Lason Het hart Luc Peeters & Grégoire Lason Copyright door Osteo 2000 bvba 2013. Niets uit deze opgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar

Nadere informatie

Standaardhandeling ECG, beoordeling van het 12-afleidingen-electrokardiogram

Standaardhandeling ECG, beoordeling van het 12-afleidingen-electrokardiogram Definitie Systematische analyse van het 12-afleidingen-elektrocardiogram (ECG) om tot een juiste beoordeling te komen. Doel Observatie en vroegtijdige herkenning van hartritmestoornissen, geleidingsstoornissen

Nadere informatie

Hartfalen. Decompensatio cordis

Hartfalen. Decompensatio cordis Hartfalen Decompensatio cordis Door een verminderde pompfunctie van uw hart bent u op dit moment onder behandeling van de cardioloog. Deze folder geeft u uitleg over de aard en de oorzaak van uw klachten.

Nadere informatie

Patienten met een aangeboren hartafwijking: Lange termijn prognose

Patienten met een aangeboren hartafwijking: Lange termijn prognose Patienten met een aangeboren hartafwijking: Lange termijn prognose Aangeboren Hartafwijkingen (AHA) 8 per 1000 pasgeborenen (0.8%) AHA meestal niet ernstig (geen behandeling): klein ventrikelseptum defect

Nadere informatie

BIJSLUITER FORTEKOR FLAVOUR 20

BIJSLUITER FORTEKOR FLAVOUR 20 BIJSLUITER FORTEKOR FLAVOUR 20 Aard van het middel Anti-hypertensivum (bloeddrukverlagend middel) Benaming van het diergeneesmiddel Fortekor Flavour 20 mg, tabletten voor honden Gehalte aan werkzame en

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie

Anatomie / fysiologie Anatomie / fysiologie O1 week 2 Homeostase Diffusie osmose filtratie FHV2011 / Anatomie & fysiologie periode 1 week 2 1 Bij de mens zit er in verhouding meer water intracellulair dan extracellulair. 10

Nadere informatie

Methoden voor training van het uithoudingsvermogen

Methoden voor training van het uithoudingsvermogen Methoden voor training van het uithoudingsvermogen Deel 1 Algemeen In dit stuk worden verschillende trainingsmethodieken besproken die het duur uithoudingsvermogen en snelheid uithoudingsvermogen verbeteren.

Nadere informatie

[auteur] Door Dr. B.C.M. te Boekhorst

[auteur] Door Dr. B.C.M. te Boekhorst [titel]commentaar op Reindell s uiteenzetting in congresbundel Duisburg 1964 over het effect van (interval)training op het hart (zie toelichting/noot 14 bij de lezing van Toni Nett) [auteur] Door Dr. B.C.M.

Nadere informatie

soort bloedvat aantal diameter (mm) lengte (cm)

soort bloedvat aantal diameter (mm) lengte (cm) VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Achtergrondinformatie Bloedsomloop Inleiding Het menselijk lichaam bestaat uit ongeveer 10 13 cellen. Elke cel heeft voedingsstoffen en zuurstof nodig. En elke cel moet

Nadere informatie

Inspanningsfysiologie Victor Niemeijer, sportarts

Inspanningsfysiologie Victor Niemeijer, sportarts Inspanningsfysiologie Victor Niemeijer, sportarts 18 e Grande Conference Verona 2012 Algemene veranderingen tijdens inspanning Binnen enkele seconden: Hartfrequentie neemt toe Ventilatie neemt toe Zuurstofopname

Nadere informatie

Echocardiografie. bij cardiale resynchronisatie therapie. Houthuizen Patrick Catharina ziekenhuis Eindhoven

Echocardiografie. bij cardiale resynchronisatie therapie. Houthuizen Patrick Catharina ziekenhuis Eindhoven Echocardiografie bij cardiale resynchronisatie therapie Houthuizen Patrick Catharina ziekenhuis Eindhoven The basics Linker bundeltak blok normale geleiding linker bundeltak blok Consequenties normale

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Bij foetale en neonatale long hypoplasia is het aantal long cellen, luchtwegen en alveoli verminderd hetgeen resulteert in een verminderd long volume en gewicht. Long hypoplasie

Nadere informatie

Begrijpen van Hartritmestoornissen

Begrijpen van Hartritmestoornissen Begrijpen van Hartritmestoornissen Wat zijn hartritmestoornissen? Hoe kunnen modellen helpen om ze: beter te begrijpen vaker te voorkomen effectiever te behandelen Elektrische fibrillatie is bijvoorbeeld

Nadere informatie

ARTERIELE HYPERTENSIE

ARTERIELE HYPERTENSIE ARTERIELE HYPERTENSIE Wat u moet weten - Patiëntinformatie - Hypertensie is de medische term voor hoge bloeddruk. Dat is de druk waaraan de arteriële bloedvaten of slagaders in het lichaam blootgesteld

Nadere informatie

Chapter 10 C H A P T E R. Nederlandse Samenvatting

Chapter 10 C H A P T E R. Nederlandse Samenvatting Chapter 10 C H P R ederlandse Samenvatting 10 175 S M V I G Haemostase Hartinfarct en beroerte zijn het gevolg van trombi (bloed stolsels) die belangrijke vaten afsluiten en daardoor weefsel beschadiging

Nadere informatie

ACUTE CORONAIRE SYNDROMEN

ACUTE CORONAIRE SYNDROMEN ACUTE CORONAIRE SYNDROMEN Definitie, pathofysiologie, symptomatologie en diagnostiek Dr. Marcel Daniëls Jeroen Bosch Ziekenhuis s-hertogenbosch ACUTE CORONAIRE SYNDROMEN pathofysiologie Definitie symptomatologie

Nadere informatie

Excretie en osmoregulatie

Excretie en osmoregulatie Excretie en osmoregulatie Tekst bij het computer ondersteund onderwijs maart 2008 Introductie homeostase 1. De variatie in omgeving waarin mens en dier leven stelt hoge eisen aan het aanpassingsvermogen

Nadere informatie

Klepchirurgie en chirurgie van de thoracale aorta

Klepchirurgie en chirurgie van de thoracale aorta Klepchirurgie en chirurgie van de thoracale aorta Hartklepchirurgie behelst voornamelijk de aorta- en mitralisklep. Chirurgie van de tricuspidklep is minder frequent, en chirurgie van de pulmonalisklep

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting en discussie

Nederlandse samenvatting en discussie 9. Nederlandse samenvatting en discussie Chapter 9 In dit proefschrift is het onderzoek beschreven naar de hartfunctie tijdens sepsis en de invloed van beademing op het hart als de werking van het hart

Nadere informatie

Onwillekurig of Autonoom Ingedeeld in parasympatisch en orthosympatisch

Onwillekurig of Autonoom Ingedeeld in parasympatisch en orthosympatisch Paragraaf 8.1 en 8.2 perifere zenuwstelsel Uitlopers van zenuwcellen buiten de hersenen en het ruggenmerg centrale zenuwstelsel Zenuwcellen en uitlopers in hersenen en ruggenmerg autonome zenuwstelsel

Nadere informatie

Hoe diagnosticeer en behandel ik acuut gedecompenseerd hartfalen (cardiogene shock) Georg Kluge, Anesthesioloog-intensivist

Hoe diagnosticeer en behandel ik acuut gedecompenseerd hartfalen (cardiogene shock) Georg Kluge, Anesthesioloog-intensivist Hoe diagnosticeer en behandel ik acuut gedecompenseerd hartfalen (cardiogene shock) Georg Kluge, Anesthesioloog-intensivist Wat is acuut gedecompenseerd hartfalen? Acuut cardiogeen longoedeem agv acute

Nadere informatie

Demo. De osteopathische encyclopedie. The International Academy of Osteopathy I.A.O. Geachte mevrouw, mijnheer,

Demo. De osteopathische encyclopedie. The International Academy of Osteopathy I.A.O. Geachte mevrouw, mijnheer, Demo Geachte mevrouw, mijnheer, Dank u wel voor de interesse die u voor dit e-book betoont! De osteopathische encyclopedie Deze demo bestaat uit een willekeurig aantal gekozen pagina s uit het e-book De

Nadere informatie

CARDIOVASCULAIRE PATHOFYSIOLOGIE. 1 Fysiologie en algemene pathofysiologie. Cardiovasculaire Pathofysiologie 1

CARDIOVASCULAIRE PATHOFYSIOLOGIE. 1 Fysiologie en algemene pathofysiologie. Cardiovasculaire Pathofysiologie 1 Cardiovasculaire Pathofysiologie 1 CARDIOVASCULAIRE PATHOFYSIOLOGIE 1 Fysiologie en algemene pathofysiologie De bloedsomloop is een gesloten pompsysteem met het hart als dubbele pomp van het type zuigperspomp

Nadere informatie

Samen vatting en conclusies

Samen vatting en conclusies Samen vatting en conclusies SAMENVATTING In dit proefschrift worden MRI technieken beschreven om eind-orgaan schade te bestuderen, en wordt de relatie tussen eind-orgaan schade en de polsgolfsnelheid

Nadere informatie

De pathofysiologie van hartfalen

De pathofysiologie van hartfalen DE PATHOFYSIOLOGIE VAN HARTFALEN 11 De pathofysiologie van hartfalen Dr. S.A.J. van den Broek Samenvatting De huidige inzichten in de pathofysiologie van het syndroom hartfalen, die bijdraagt tot het uiteindelijk

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 13 ALGEMENE ASPECTEN DEEL II SECUNDAIRE HYPERTENSIE

Inhoud. Voorwoord 13 ALGEMENE ASPECTEN DEEL II SECUNDAIRE HYPERTENSIE Inhoud Voorwoord 13 DEEL I ALGEMENE ASPECTEN Hoofdstuk 1 Ambachtelijke en geautomatiseerde methoden van bloeddrukmeting 17 Inleiding 17 1 Conventionele sfygmomanometrie 18 2 Ambulante niet-invasieve automatische

Nadere informatie

Hemodynamische op/malisa/e op de IC. Jasper van Bommel Intensive Care - Erasmus MC Rotterdam

Hemodynamische op/malisa/e op de IC. Jasper van Bommel Intensive Care - Erasmus MC Rotterdam Hemodynamische op/malisa/e op de IC Jasper van Bommel Intensive Care - Erasmus MC Rotterdam Circulatoir falen Definitie SHOCK! Levensbedreigende toestand waarin te weinig bloed met zuurstof naar de organen

Nadere informatie