Taakeenheid 2: Organisatie Taakeenheid 3: Communicatie Taakeenheid 5: Statistiek Taakeenheid 6: EBP Taakeenheid 10: Ethiek

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Taakeenheid 2: Organisatie Taakeenheid 3: Communicatie Taakeenheid 5: Statistiek Taakeenheid 6: EBP Taakeenheid 10: Ethiek"

Transcriptie

1 Getoetste onderdelen: Taakeenheid 2: Organisatie Taakeenheid 3: Communicatie Taakeenheid 5: Statistiek Taakeenheid 6: EBP Taakeenheid 10: Ethiek Datum: 16 April Copyright: JokingTrojan Versie: 3

2 Samenvatting C&B Periode 3 Getoetste onderdelen: Taakeenheid 2: Organisatie en Beheervormen Taakeenheid 3: Communicatie Taakeenheid 5: Statistiek Taakeenheid 6: EBP Taakeenheid 10: Ethiek 35 vrg 18 vrg 40 vrg 40 vrg 17 vrg Samenvatting TKE 2 Organisatie en Kwaliteitszorg Begrippenlijst: Beheersproces: Dit proces wil zeggen dat een organisatie goed in staat is om doelgericht en efficiënt te werken. Het is namelijk van belang dat een organisatie zicht heeft op planning en sturing van zijn eigen bedrijfsprocessen en dat een organisatie nog steeds voldoet aan de behoefte van zijn cliënt. Visies op uitvoeringstaken: - Scientific management: Scientific management (of Taylorisme) is een stroming die personeelsbeleid als wetenschap ziet. Aanhangers van deze stroming menen dat arbeid puur analytisch benaderd zou kunnen worden. Woorden als efficiency, beloning-naar-prestatie en lopende-band-werk passen hierbij. - Huma relations: Elton Mayo die wordt geschouwd als de grondlegger van de bedrijfssociologie. Met zijn Hawthorne-experimenten legde hij de basis voor de Human Relations-school binnen de managementwetenschappen. Hij beweerde dat de productiviteit van werknemers zowel door sociale omstandigheden als door functie-inhoud bepaald wordt. Hij constateerde een wrevel tussen werknemers (met een sentimentele logica) en managers (met een logica van kosten en efficiency) die tot conflicten leidt. - Sociotechniek: is een bedrijfkundige stroming die het verband tussen enerzijds arbeidsverdeling en anderzijds de productiviteit van de organisatie en de kwaliteit van het werk van mensen centraal stelt. Voor zelfsturende teams worden veel verschillende namen gebruikt: zelfstandige productieteams, clusters, autonome groepen, hele taakgroepen, teams, etc. Zelfsturend team: De basis van deze teams ligt inde sociotechniek. Een zelfsturend team is een relatief vaste groep van medewerkers in een organisatie die gezamenlijk verantwoordelijk is voor het totale proces waarin producten of diensten tot stand komen, die aan een interne of externe klant worden geleverd. In deze definitie staan drie belangrijke kenmerken: - Gezamenlijke verantwoordelijkheid: het team staat centraal en niet de individuen - Zelfsturing: het team bezit regelvermogen om het desbetreffende proces te sturen. Het team kan in dit kader gezien worden als de proceseigenaar. Leidinggevenden en stafdiensten zijn er om het team te ondersteunen door voorwaarden te scheppen. - Resultaatgerichtheid: de verantwoordelijkheid van het team wordt niet uitgedrukt in termen van een taak, maar om het resultaat, te weten een product of dienst met daaraan door de klant gestelde eisen. De 5 basis onderdelen van een organisatiestructuur: Uitvoerende kern: Dat wat in normaal Nederlands de werkvloer genoemd wordt, de mensen die het eigenlijke werk in het bedrijf doen Strategische top: De directie, en in de grote multinationals niet alleen de top, maar ook de business-unit directies Ondersteunende diensten: Diensten zoals personeelszaken, facility management Technostructuren: De planningsafdelingen, de afdelingen die de standaards voorschrijven Middenkader: De managementlagen onder de top en boven de werkvloer

3 Organisatiemodellen: - Bureaucratisch model: Bureaucratieën zijn rationeel en efficiënt, en iedereen wordt op gelijke wijze behandeld. Familie en vrienden worden in de ideale situatie niet voorgetrokken. Ook taakverdeling staat centraal in het concept 'bureaucratie'. Elke afdeling zorgt voor één stukje van de keten, waarbij de taakverdeling duidelijk is beschreven. Kenmerken zijn dus; grote organisaties, veel niveaus, procedures en protocollen. - De professionele organisatie: Operationele kern: de mensen die de primaire activiteit van de organisatie uitvoeren. Professionele organisatie: een organisatie met een functionele structuur, van gemiddelde grootte, die het beste werkt in stabiel omgevingen, waarbinnen de hoogopgeleide professionals in een decentrale structuur werken. - De ondernemersorganisatie: Primair proces: kernactiviteit van een onderneming. Ondernemersorganisatie: organisatiestructuur met weinig afdelingen die gegroepeerd zijn naar functie en geleid worden door een ondernemer/eigenaar zonder al te veel werkvoorbereiding en regels. Organisatie vorm: Matrix organisatie: is een organisatievorm, die vaak in grote organisaties wordt toegepast, waarbij de deelnemers aan meerdere personen rapporteren. In een matrix organisatie zitten vaak alle medewerkers die het zelfde soort werk doen in één afdeling. Als voorbeeld, alle tekenaars maken deel uit van de tekenkamer unit en rapporteren aan het hoofd van deze afdeling. Dezelfde tekenaars zijn aan verschillende projectteams toegewezen en rapporteren ook aan de projectleiders. De voordelen van een matrix organisatie zijn; - Dat de deelnemers vrij eenvoudig kennis en vaardigheden van elkaar kunnen overnemen. - Dat het mogelijk is om in een bepaald vakgebied zich te specialiseren. - Dat het zeer eenvoudig is om in een project in of uit te stappen. De nadelen van een matrix organisatie zijn; - Dat de deelnemers verward raken door conflicterende belangen. De functionele bazen hebben vaak andere prioriteiten en belangen dan de projectleiders. - Men is veel tijd kwijt aan het rapporteren naar boven toe. Wat is nu het verschil tussen een organisatiemodel en een organisatievorm? Als eerste komt een organisatiemodel. Deze is gebaseerd op de visie die men als organisatie heeft. Vervolgens wordt vanuit de visie ook een strategie ontwikkeld. De visie, strategie en de structuur vormen later een organisatievorm, want deze moet goed passen bij de op visie gebaseerde strategie en structuur. Cybernetica: Het is de wetenschap die zich bezighoudt met controle van en communicatie binnen biologische en mechanische systemen (feedback oftewel terugkoppeling genaamd) In persoonlijke relaties wordt gesproken van terugkoppeling als de ene persoon van de andere een kritische reactie krijgt op zijn of haar functioneren. Door de feedback op het geleverde werk kan dit een bevordering zijn voor iemands leer en werkproces. ` Analyse instrumenten: - Het Pareto principe, ook wel de regel genoemd, is een economische regel die opgesteld werd door Vilfredo Pareto. Hij stelde dat 80% van de economie beheerst werd door 20% van de mensen. Deze regel is op meerdere vlakken toegepast en zo is ontdekt dat de verhouding op heel veel aspecten toepasbaar is. De regel beschrijft dat 80% van de uitkomsten veroorzaakt worden door 20% van de oorzaken. Zo kan in een schoolklas 20% van de kinderen 80% van het lawaai veroorzaken. Door dit te weten kan men de efficiëntie van de probleemaanpak verhogen, door zich meteen op die 20% te richten. Kritiek op dit pareto principe is dat het hier een versimpeling van de werkelijkheid betreft. Er is geen onderliggende wetmatigheid die suggereert dat 20% van de mensen 80% van de middelen dient te beheersen. In veel economische systemen is dit dan ook niet het geval. Evenmin is er een wetmatigheid die voorschrijft dat 20% van de oorzaken 80% van de gevolgen bewerkstelligt. Het kan evengoed zijn dat 40% van de oorzaken 70% van de gevolgen realiseert. De kritiek stelt dan ook dat gevonden verbanden dienen te worden beschouwd als toevalligheden, dan wel het gevolg zijn van selectieve waarneming.

4 - Visgraatdiagram: (Oorzaak gevolg analyse)in het visgraat diagram worden oorzaken van een probleem ordelijk gerangschikt. Het voordeel van zulke visgraat -analyse is dat men breed leert kijken naar mogelijke oorzaken van kwaliteitsproblemen. Pragmatisch gezien worden alleen de prioritaire en veranderbare oorzaken geselecteerd. Op basis van deze analyse kan een planning gemaakt worden om de bestaande situatie (realistisch) te verbeteren. Kwaliteit: geeft aan in hoeverre iets of iemand zijn/haar doelstelling bereikt, doorgaans zonder daarbij een waardeoordeel over het doel te vellen. Kwaliteit geeft aan of het product of de dienst overeenkomt met hetgeen wat de klant ervan verwacht. Kwaliteit geeft soms dus ook aan hoe slecht iets is. Voorbeeld: Als je een product maakt, wat alleen jij kan maken omdat je bijvoorbeeld een patent hebt, dan wil je wel eens dat je product maar een bepaalde tijd meegaat, zodat men sneller een vervangend apparaat nodig heeft. Als het product te goed is, gaat het te lang mee. De kwaliteit voor de klant is dan goed, maar de kwaliteit voor de fabrikant is dan slecht. Op het vlak van kwaliteit zijn vele standaards beschikbaar, standaards opgesteld door diverse instituten. Kwaliteitszorg: is het geheel van activiteiten dat ondernomen wordt om de kwaliteit van het onderwijs (c.q. de school) te onderzoeken, te borgen of te verbeteren, en openbaar te maken. Kwaliteitszorg kent dus meerdere functies, die vaak gelijktijdig in het geding kunnen zijn. De belangrijkste functies zijn: De juiste dingen doen en deze goed doen, Georganiseerde zorgvuldigheid, Voldoen aan gerechtvaardigde verwachtingen van de cliënt met behoud van professionele verantwoordelijkheid binnen een wederzijds respectvolle relatie, Het telkens toepassen van de cirkel van Deming: de cyclische opvolging van planning, uitvoering, evaluatie en bijstelling, waarna borging zorgt voor bestendiging kwaliteitscirkel van Deming is een hulpmiddel voor kwaliteitsmanagement ontwikkeld door William Edwards Deming. De cirkel beschrijft vier activiteiten die op alle organisaties van toepassing zijn. In een cyclus kunnen die zorgen voor een betere kwaliteit. De vier activiteiten zijn: Voornemen (Act): een probleem constateren en besluiten dat er een verandering gewenst is. Plannen (Plan): een overzicht maken van de verbeteringen die uitgevoerd dienen te worden. Doen (Do): de verbeteringsmaatregelen in de praktijk implementeren. Evalueren (Check): analyseren of de doelen gehaald zijn en of er daadwerkelijk een kwaliteitsverbetering is opgetreden. Reflecteren hoe het beter kan. Na de laatste stap kan het proces weer opnieuw beginnen. Verschillende invalshoeken/belanghebbenden 1. Transcendent Kwaliteit is niet te definiëren, je weet wat het is Pirsig 1974 filosofie 2. Productgericht hoe meer van het gewenste kenmerk des te beter Abbott 1955 economie 3. Gebruikersgericht Kwaliteit is fitness for use Juran 1988 marketing 4. Productiegericht Kwaliteit in overeenstemming met vereisten Crosby 1964 operational management 5. Waardegericht Kwaliteit. het beste voor klant mbt Feigenbaum 83 operational management a. het gebruik van het product en b. de prijs die je ervoor betaalt

5 Samenvatting TKE 3 Communicatie Begrippenlijst: Conflict: Een conflict ontstaat wanneer er tegengestelde belangen, wensen, verwachtingen of doelstellingen zijn tussen personen of groepen. Conflicten zijn inherent aan de mens en kunnen constructief zijn als ze worden opgelost. Conflicthantering heeft als doel de verschillende partijen inzicht te geven in elkaars belangen en doelstellingen, en hierbij tot een voor alle partijen aanvaardbare oplossing te komen, zodat er een basis voor toekomstige samenwerking is. Conflicthanteringstijlen: Bij het hanteren van conflicten zijn twee mogelijke afwegingen, zeg maar dimensies, aan de orde, namelijk: * Het belang van de kwestie waarover het conflict gaat * Het belang van de relatie tussen de betrokkenen bij het conflict. Door hier een onderscheid in te maken, zijn vijf conflicthanteringstijlen te onderscheiden: vechten, aanpassen, vermijden, samenwerken en onderhandelen. Bij vechten wordt door betrokkene de kwestie als erg belangrijk en de relatie juist als onbelangrijk gezien. Men zijn eigen belangen na ten koste van die van een ander. Deze stijl is georiënteerd op macht, waarbij men welke macht dan ook gebruikt die leidt tot winnen: vermogen tot argumenteren, rang, financiële sancties, enz.. Vechten kan betekenen 'opkomen voor je rechten', een standpunt verdedigen waarvan je gelooft dat het juist is, of eenvoudigweg proberen te winnen. Bij aanpassen wordt de relatie velen malen belangrijker gevonden dan de kwestie. Het is het tegengestelde van vechten. Iemand die aanpast, verwaarloost zijn eigen belangen om die van een ander te bevredigen; er zit een element van zelfopoffering in. Aanpassen kan de vorm aannemen van onzelfzuchtige edelmoedigheid of liefdadigheid, de opdracht van een ander gehoorzamen als men dat liever niet zou doen of toegeven aan een gezichtspunt van een ander. Bij vermijden wordt noch belang gehecht aan de kwestie, noch aan de relatie. Betrokkene streeft noch zijn eigen belangen noch die van een ander na. Hij gaat het conflict niet aan. Vermijden kan de vorm aannemen van diplomatiek ontlopen van een onderwerp, of eenvoudigweg zich onttrekken aan een bedreigende situatie. Samenwerken is zowel belang hechten aan de kwestie als aan de relatie. Het is het tegengestelde van vermijden. Samenwerking houdt een poging in om samen met de ander te werken aan het vinden van een oplossing die de belangen van beide personen volledig bevredigt. Dit betekent een onderwerp uitdiepen om de onderliggende belangen van de twee individuen te identificeren en een alternatief te vinden dat aan beide reeksen belangen tegemoet komt. Dit proces kan de vorm aannemen van het exploreren van een verschil van mening om elkaars opvattingen te leren kennen, beslissen een omstandigheid op te lossen die er anders toe zou leiden dat men om schaarse goederen zou strijden of een interpersoonlijk probleem aanpakken en daar een creatieve oplossing voor vinden. Onderhandelen, tot slot, hecht enig belang aan de relatie én aan de kwestie. Het doel is een geschikte, wederzijdse acceptabele oplossing te vinden die beide partijen gedeeltelijk bevredigt. Het houdt het midden tussen vechten en aanpassen. Onderhandelen laat meer schieten dan vechten, maar minder dan aanpassen. Op dezelfde manier wordt een onderwerp meer direct aangepakt dan met vermijden, maar niet zo diepgaand onderzocht als met samenwerken. Onderhandelen betekent het verschil samen delen, concessies uitwisselen of een middenpositie innemen. Conflict do and don t Conflictremmers: Conflictjagers: - Spreek in de ik-vorm ( ik zie het zo) - absolute oordelen ( jij bent stom) - Goed luisteren toon interesse - terugslag (aanvallen weer terugaanvallen) - Blijf bij het onderwerp - elkaar in de rede vallen - Zoek oplossingen ( die reëel zijn voor beide) - niet beried zijn tot enig overleg - op de persoon spelen (ja, maar JIJ..) - redelijkheid van de ander in twijfel trekken

6 Conflictoplossingen: De volgende drie manieren worden vaak gebruikt bij het oplossen van conflicten: 1 De scheidsrechter: In dat geval wordt de oplossing aangereikt door een derde partij. Meestal is dit een hiërarchisch hoger geplaatste. Dit wordt ook wel de directieve oplossing genoemd. (iemand erbij roepen) 2 Zelf oplossen: Hierbij wordt niet door een derde partij ingegrepen, maar lossen de betrokkenen zelf het conflict op. Hierbij worden de hiervoor behandelde conflicthanteringstijlen gehanteerd. Dit werkt als betrokkenen weten hoe ze met conflicten om moeten gaan, het conflict niet zover geëscaleerd is dat er geen vertrouwen meer is in elkaar en betrokkenen in staat zijn op een normale manier met elkaar te communiceren. (gebeurt in het algemeen het vaakst) 3 De bemiddelaar: Bij conflictbemiddeling grijpt weer een derde partij in, meestal weer een hiërarchisch hoger geplaatste. De bemiddelaar draagt geen oplossingen aan, maar leidt de betrokkenen naar een door hen zelf gedragen oplossing. Dit wordt ook wel de participatieve methode genoemd. Teamrollen van belbin: De Bedrijfsman Stabiel en beheerst. Een praktische organisator, die beslissingen in concrete werkzaamheden omzet. Heeft een goed ontwikkeld zelfbeeld en beheerst zijn gevoelens. Noest en gedisciplineerd maar met flair in het organiseren, zeker onder druk of in verwarrende situaties. De Groepswerker Stabiel, extrovert, weinig overheersen. Stimuleert en ondersteunt de teamleden, bevordert de communicatie en de teamgeest. Hij integreert mensen en hun activiteiten, is sociaal opmerkzaam en kan goed luisteren. Geschikt voor een leidinggevende rol: groepswerkers hebben een sterk verlichtend effect op teams. De Onderzoeker Stabiel, dominant, extrovert. Gaat op zoek naar ideeën, ontwikkelingen en informatie buiten de deur en beschikt daarvoor over talloze contacten: ontspannen, sociaal, gezellig. Is niet zozeer zelf de bron van ideeën, maar pikt ze gemakkelijk op bij anderen. De Plant Dominant, zeer hoge intelligentie, introvert. De man met de plotselinge ideeën. Ingeplant in rustige teams om creativiteit te genereren: hij maakt de nieuwe openingen. Een Plant roept weerstanden op door gebrek aan praktische zin en door kritische houding ten opzichte van domheid. De Vormer Onrustig, dominant, extrovert. Hij geeft vorm aan de inspanningen van het team en zoekt patronen in de discussies. Uitdagend, ruziënd, snel gefrustreerd en onrustig. Eerder hard dan zachtmoedig, niet bang voor risico s. Productief onder druk en bij hoge snelheid: verkoopleiders, uitgevers, voetbaltrainers. De Voorzitter Stabiel, dominant, extrovert. De Voorzitter houdt de werkwijze van het team onder controle en laat de kracht van ieder teamlid zo goed mogelijk tot zijn recht komen. Geen buitengewone intelligentie, evenmin bijzondere creatieve gaven. Wel kalmte, realisme en nuchterheid. Tolerantie om te luisteren naar anderen, sterk genoeg om adviezen naast zich neer te leggen. De Waarschuwer Hoge intelligentie, stabiel, introvert. Analyseert de problemen en houdt de ideeën kritische tegen het licht. Serieus, voorzichtig en immuun voor enthousiasme. Hij wantrouwt de euforie en zijn prestatiemotivatie is gering. De Zorgdrager Rustig introvert. Houdt in de gaten dat er niets wordt overgeslagen: hij volgt alleen iedereen rusteloos, consciëntieus, zorgelijk en wat beschroomd ten opzichte van anderen. Ze absorberen als het ware de stress (maagzweertype); de man achter de schermen die het planmatige verloop voor zijn rekening neemt.

7 Samenvatting TKE 5 Statistiek Begrippenlijst: Modus: is naast de mediaan en het rekenkundig gemiddelde, een maat om de centrale waarde van een frequentieverdeling aan te geven. Het is namelijk de waarde of (waarnemings)klasse met de grootste frequentie, of, met andere woorden, de waarde of klasse die het vaakst voorkomt. De modus is natuurlijk alleen zinvol wanneer de meet- of waarnemingsresultaten zich spreiden rond één centrale waarde. Het voordeel tov het rekenkundig gemiddelde, is dat ze ook bruikbaar is bij ordinale en zelfs sommige nominale verdelingen. Voorbeeld: Een klas van 15 leerlingen doet een proefwerk. De cijfers zijn: 4, 5, 5, 6, 6, 6, 6, 6, 7, 7, 7, 7, 8, 8, 8. Het cijfer 6 komt het meest voor (5 keer), en dat is dus de modus Gemiddelde waarde: In de statistiek komt het begrip gemiddelde veelvuldig voor. We moeten hierbij onderscheiden of het om de gehele populatie gaat of om een steekproef daaruit. - Het steekproefgemiddelde wordt vaak gebruikt om iets te zeggen over dat het populatiegemiddelde µ, maar daar zitten een paar haken en ogen aan. Als de steekproef aselect was, is het steekproefgemiddelde een goede benadering (schatting) van het populatiegemiddelde. Hoe goed deze benadering is, hangt nog van vele factoren af, zoals de steekproefomvang (zie bv. de wetten van de grote aantallen) en de onderliggende verdeling. Er zijn zelfs verdelingen die geen populatiegemiddelde bezitten, omdat de bovenstaande integraal niet bestaat. Gelukkig kunnen we vaak veronderstellen dat de onderliggende verdeling normaal is. Dan speelt naast de verwachtingswaarde alleen de standaardafwijking een rol, waarvan we de waarde ook uit de steekproef kunnen schatten. - In de statistiek wordt het populatiegemiddelde van een kenmerkende grootheid vaak aangeduid met de Griekse letter µ. Voor een eindige populatie is het populatiegemiddelde juist het rekenkundig gemiddelde van alle populatiewaarden. Bij aselecte trekking van een waarde X van die grootheid uit de populatie, is de kansverdeling van X juist de populatieverdeling, met als gevolg dat de verwachtingswaarde van X juist gelijk is aan het populatiegemiddelde. Heeft X een discrete verdeling met kansfunctie px(x), dan is de verwachtingswaarde gedefinieerd door: Bij een continue verdeling met kansdichtheid fx(x), is de verwachtingswaarde gedefinieerd door: Het is echter vaak onmogelijk om het populatiegemiddelde te bepalen. Als we bijvoorbeeld geïnteresseerd zijn in het gemiddelde gewicht van de Sumatraanse neushoorn, zouden we dat kunnen bepalen, omdat er nog maar zo'n 250 van zijn. Bij muskieten ligt dat echter heel anders. Er zijn er gewoon te veel om ze allemaal te kunnen onderzoeken. In zo'n geval nemen statistici meestal hun toevlucht tot een steekproef om door de berekening van het steekproefgemiddelde een schatting te krijgen van het populatiegemiddelde. Mediaan:De mediaan is de middelste van de (oneven aantal) waarden in de rangschikking naar grootte. Bij een even aantal waarden is de mediaan het gemiddelde van de beide middelste waarden. Deze definitie geldt zowel voor de populatie als voor de steekproef. Standaarddeviatie: een begrip in de statistiek, is de wortel uit de variantie. We moeten daarbij onderscheid maken of het gaat om een populatie of een steekproef. Voor een steekproef is de variantie (ongeveer) het gemiddelde van de kwadraten van de afwijking van de metingen ten opzichte van het gemiddelde van de gegevens. Bij een populatie is de variantie de verwachte kwadratische afwijking van de verwachtingswaarde. De standaardafwijking wordt gebruikt om de spreiding, (de mate waarin de waarden onderling verschillen) van een verdeling aan te geven. Je zou kunnen zeggen dat de standaarddeviatie de gemiddelde afwijking is van het gemiddelde. Een verschil tussen standaardafwijking en variantie is dat de standaardafwijking in dezelfde eenheid wordt uitgedrukt als de verwachtingswaarde of het gemiddelde, waardoor het zinnig wordt te spreken over het gemiddelde plus of min een aantal malen de standaardafwijking. Toetsende statistiek: Een statistische toets is een methode om na te gaan of een bepaalde veronderstelling, nulhypothese genaamd, in het licht van de waarnemingsuitkomsten verworpen dient te worden. Kan de veronderstelling niet worden verworpen dan zegt men wel dat men deze accepteert, zij het "bij gebrek aan bewijs". De gemaakte veronderstelling wordt verworpen als de waarnemingsuitkomsten in het licht van deze veronderstelling als extreem aangemerkt moeten worden, hetgeen populair gezegd erop neerkomt dat de waargenomen verschillen met wat verwacht was niet meer op toeval lijken te berusten. Een statistische toets kan men geheel vergelijken met een rechtszaak.

8 Regressie: is een statistische techniek voor het analyseren van gegevens waarin (mogelijk) sprake is van een specifieke samenhang, aangeduid als regressie. Deze samenhang houdt in dat de waarde van een stochastische variabele, op een storingsterm na, afhangt van een of meer in principe instelbare variabelen. Noemen we de stochastische variabele Y en de instelvariabele x (eventueel als vector), dan is het verband: Hierin stelt U de storingsterm voor, die onafhankelijk is van x (dat wil zeggen dat men aanneemt dat de volledige variatie te wijten is aan een fout in Y). In deze relatie is de functie f onbekend, maar voor toepassing van regressie-analyse, wel behorend tot een bepaalde klasse die met een beperkt aantal parameters beschreven kan worden. Het paar x, Y wordt wel aangeduid als onafhankelijke en afhankelijke variabele of als verklarende en te verklaren variabele; ook wordt wel gesproken van voorspeller en responsvariabele. Populatie: In de statistiek is een populatie een ten aanzien van bepaalde aspecten homogene verzameling van objecten waarop het onderzoek zich richt. Doel van het onderzoek is steeds inzicht te krijgen in de frequentieverdeling van eigenschappen van de populatie. Zo'n populatieverdeling wordt beschreven door parameters, zoals het populatiegemiddelde, de populatiestandaardafwijking, de populatiefractie, enz. Een populatie kan een groep mensen zijn waarvan de lengteverdeling interessant is, of dieren waarvan de gemiddelde levensduur wordt onderzocht, maar in de statistiek kan een populatie ook een mand sokken zijn waarin verkeerd gepaarde kleuren zitten, of een zak knikkers van verschillende grootte, of de mogelijke uitkomsten van een worp met een dobbelsteen. Onderdelen van een statistisch onderzoek: 1. Verzamelen van gegevens 2. verwerken van gegevens 3. informatie halen uit de gegevens 4. conclusies trekken ui de informatie Twee belangrijke vragen voor het starten van statistisch onderzoek: - Welke gegevens zijn nodig - Hoe moeten gegevens verwerkt worden Cirkeldiagram: Bij het maken van een cirkeldiagram deel je het deel dat je een bepaalde kleur wilt geven door het totaal en dit vermenigvuldig je vervolgens met 360 graden. It dit sommetje zaldan komen hoeveel graden het plakje van dat deel in de cirkeldiagram zal worden. - Voorbeeld: we hebben een groep van 100 mensen. 30 mensen lopen naar hun werk, 10 gaan met de bus, 40 gaan met de fiets en 20 gaan met de auto. o Totaal is graden o 40 met de fiets 40/100= 0.4 0,4x360= 144 graden o 30 lopend 30/100=0,3 0,3x360= 108 graden o 20 met de auto 20/100=0,2 0,2/360= 72 graden o 10 met de bus 10/100=0,1 0,1/360= 36 graden Frequentie: Is het aantal keren dat één bepaalde waarde binnen een populatie voorkomt. Relatieve Frequentie: Het aantal keren dat één waarde voorkomt t.o.v. het totaal aantal waarden. Kansdefinitie: Bij toenemend aantal herhalingen nadert de relatieve frequentie van A tot de kans P(A). Ongewogen gemiddelde: gemiddelde van de waarden zonder rekening te houden met aantallen malen dat een zelfde waarde voorkomt (hoeveelheden). Gewogen gemiddelde: gemiddelde, rekening houdend met aantallen (hoeveelheden) dat een zelfde waarde voorkomt. Een steekproef is een onderzoek waarbij slechts een (klein)deel van een populatie onderzocht wordt µ = gemiddelde van een populatie σ = standaarddeviatie van een populatie m = x = gemiddelde van een steekproef s = standaarddeviatie van een steekproef Significant= uitzonderlijk; meetwaarden zijn significant als ze buiten 95% betrouwbaarheidsinterval komen. Steekproef: de verzameling van een aantal elementen uit een populatie.

9 Samenvatting TKE 6 EBP Begrippenlijst: Verschillende typen van Bias: Bias Synoniem: vertekening, systematische fout. Wanneer bias of vertekening optreedt wijken de resultaten af van de werkelijkheid door een systematische fout. Vertekening kan optreden als gevolg van een fout bij de opzet van de studie, bij het verzamelen van de gegevens, het analyseren, het interpreteren van de resultaten en het publiceren. - Men spreekt van selectie-bias (Eng: selection bias) wanneer de vertekening van de resultaten wordt veroorzaakt door een essentieel verschil in personen die in een studie werden geïncludeerd en de geëxcludeerde personen. Bijvoorbeeld, als men bij het includeren van personen in een studie systematisch de personen selecteert bij wie de te onderzoeken interventie meer effect heeft. - Er is sprake van allocation bias wanneer de deelnemers aan een onderzoek niet aselect over de onderzoeksgroepen werden verdeeld, bijvoorbeeld door onjuiste randomisatieprocedures. - Wanneer er een fout optreedt in een meting van de te onderzoeken parameters spreekt men van informatie-bias (Eng: information bias, measurement bias, assessment bias). - De fout kan liggen bij de onderzoeker, wanneer bijvoorbeeld geen eenduidige definities van de onderzoeksparameters zijn vastgelegd (interviewer bias, observer bias, interpretation bias). Ook de patiënt kan zorgen voor vertekening door zich een belangrijk gegeven niet te herinneren (recall bias). - Men spreekt van response bias wanneer sommige personen akkoord zijn met bepaalde uitspraken, ongeacht de inhoud ervan, of wanneer de respondenten alleen sociaal wenselijke antwoorden geven. - Confounding bias is een vertekening als gevolg van het feit dat onvoldoende wordt afgerekend met het verstorende effect van confounders op de relatie tussen centrale determinant en ziekte. Een confounder is een verstorende variabele die verantwoordelijk is voor een vertekende weergave van de relatie tussen de centrale determinant en de ziekte. - Een andere vorm van vertekening is Publicatiebias (Eng: publication bias). Indien negatieve uitkomsten er toe leiden dat bepaalde studieresultaten niet worden gepubliceerd, is er sprake van publicatiebias. Deze vorm van vertekening is belangrijk bij de beoordeling van systematische reviews en meta-analyses. Randomised controlled/clinical trial (RCT): Onderzoek waarbij het effect van een interventie wordt vergeleken met dat van een controle-interventie en waarbij aselecte toewijzing (randomisatie) van patiënten aan de indexgroep en referentiegroep wordt toegepast. RCT s worden beschouwd als de beste onderzoeksmethode om een hypothese met betrekking tot medische interventies te testen. In een placebogecontroleerde RCT krijgt de controlegroep een placebo toegediend. Cohortonderzoek: Longitudinaal observationeel onderzoek waarbij personen met bepaalde eigenschappen gedurende een periode worden gevolgd en na verloop van tijd onderling worden vergeleken op eigenschappen, blootstellingen en ontwikkelde ziektebeelden; de onderzoeksrichting is van determinant naar ziekte. Patiëntcontrole onderzoek: Longitudinaal onderzoek waarbij patiënten en vergelijkbare personen zonder de ziekte (controlegroep) worden geselecteerd en waarbij bepaalde eigenschappen of blootstellingen tussen beide groepen worden vergeleken; de onderzoeksrichting is van ziekte naar determinant. Boleaanse operatoren zijn termen uit de logica. Bij het gebruik van de Boleaanse operatoren AND - OR - NOT- NEAR WITH worden tussen de verschillende zoektermen telkens specifieke relaties gelegd. In een zoekmachine kan je gerichter zoeken door gebruik te maken boleaanse operatoren.

10 De sensitiviteit van een test de frequentie aan waarmee voor die test een positief resultaat wordt gevonden als de conditie ook werkelijk aanwezig is. De sensitiviteit en de specificiteit worden beide uitgedrukt als fractie, of in procenten, bijvoorbeeld 0,90 of 90%. (Formule: a / (a+c) De specificiteit van een test is een maat voor de frequentie waarmee een negatief resultaat wordt gevonden (dat wil zeggen, de testuitkomst is dat datgene waarop getest wordt afwezig is) indien de conditie (bijvoorbeeld een ziektebeeld) ook werkelijk afwezig is. (Formule: d / (b+d) Negatief voorspellende waarde: De kans dat wanneer iemand een negatief testuitslag heeft hij daadwerkelijk niet de aandoening heeft. (formule: d / (c + d) Positief voorspellende waarde: De kans dat iemand een positieve testuitslag heeft, de daadwerkelijke aandoening heeft. (formule: a / (a+b) Accuratesse: Hoeveel procent van alles testen geeft een correct resultaat. (formule: a+d / (a+b+c+d) Systematische meetfouten: Tot de systematische meetfouten behoren situaties waarin men verzuimt gebruik te maken van een gecalibreerd of geijkt meetsysteem of wanneer sprake is van een al of niet bewuste verstoring van de waarneming. ES(X) = systematische error (= BIAS). Een te kleine steekproef-omvang kan vaak de oorzaak zijn van schijnbaar significante resultaten en deze situatie rekent men evenzeer tot de systematische meetfouten. Willekeurige (rando,-) meetfouten: Alle meetfouten die men maakt en die tevens zonder aanwijsbare oorzaak optreden noemt men willekeurige meetfouten, ER(X)= random error (ruis, noise)bij veel statistische analyses (bv de ANOVA- of variantie analyse) kan men de verhouding tussen dewerkelijke veranderingen en die tengevolge van random-errors schatten met de zg. Signal to Noise ratio = eta. Betrouwbaarheidsinterval = 95% BI: Bij het doen van onderzoek kan men zelden de gehele populatie onderzoeken. Meestal moet men zich beperken tot een kleinere groep binnen de gehele populatie (een steekproef). In een goed opgezet onderzoek wordt ernaar gestreefd dat de steekproef een zo getrouw mogelijke afspiegeling vormt van de populatie. Op grond van wat men in de steekproef vindt, wil men uitspraken doen over eigenschappen van de gehele populatie; de populatiewaarde wordt geschat op basis van de gevonden waarde in de steekproef. Het betrouwbaarheidsinterval geeft het gebied van waarden aan, waarbinnen de werkelijke waarde in de populatie ligt. Meestal wordt een waarschijnlijkheid van 95% gebruikt. Dit betekent dat wanneer we het onderzoek zouden herhalen 95 van de 100 herhalingen een resulaat geven dat binnen het interval ligt. Bijvoorbeeld, de gevonden kans op een veneuze trombo-embolische complicatie na een normale eerste compressie echografie is 0.7%. Het 95% BI van 0.3%-1.2% geeft aan dat we voor 95% zeker kunnen zijn dat de werkelijke kans op een complicatie ligt tussen 0.3% en 1.2%. Het betrouwbaarheidsinterval zegt iets over de nauwkeurigheid van de berekende waarden. De onderen bovengrens van het betrouwbaarheidsinterval worden de nauwkeurigheidsmarges of betrouwbaarheidsgrenzen genoemd. Hoe dichter die grenzen bij elkaar liggen, dus hoe kleiner het interval, des te nauwkeuriger is onze uitspraak. Longitudinaal en cross-sectioneel onderzoek :Longitudinaal onderzoek staat tegenover transversaal (ook: cross-sectioneel) onderzoek.bij longitudinaal onderzoek worden de waarnemingen of metingen bij ieder individu op een aantal achtereenvolgende tijdstippen herhaald. Bij transversaal (cross-sectioneel) onderzoek wordt ieder individu in een groep eenmaal en op hetzelfde tijdstip geobserveerd of gemeten. Met cross-sectioneel en longitudinaal onderzoek kun je verschillende dingen te weten komen. Voorbeeld. Als je op twee momenten twee verschillende steekproeven trekt uit de populatie drugsverslaafden, kun je iets te weten komen over de soorten en hoeveelheden drugs die er op die momenten in die populatie gebruikt worden en over de veranderingen in de gebruikspatronen in de totale groep. Maar je kunt niets zeggen over eventuele veranderingen in de gebruikspatronen van individuen en de mogelijke oorzaken daarvan. Om die informatie te verzamelen moet je longitudinaal onderzoek doen en een aantal individuen een tijdje vol

11 Samenvatting TKE 10 Ethiek Begrippenlijst: Waarden zijn de achterliggende idealen en motieven voor de normen. Bij waarden moeten we denken aan zaken als gerechtigheid, liefde, vrijheid en gelijkheid. Het zijn de motieven en idealen waarop de concrete normen gebaseerd zijn. Het zijn ook de grootheden die met de normen bereikt willen worden. Er zijn normen en regels om idealen (waarden) te bereiken. Ethische waarden zijn zaken die belangrijk zijn omdat ze goed zijn uit zichzelf. Het zijn universele waarden, ze gelden overal en altijd. Normen komt van het Latijnse woord norma hetgeen winkelhaak, richtsnoer, maatstaf of regel kan betekenen. Normen zijn concrete richtlijnen voor het handelen. Ze vormen de verbinding tussen de algemene waarden (zoals vrijheid, rechtvaardigheid) en de concrete gedragingen; het zijn opvattingen over hoe men zich wel of niet moet gedragen in concrete omstandigheden. Normen zijn gedragsregels; ze regelen het dagelijks sociaal verkeer. De belangrijkste normen zijn wetten en mores (zeden of morele normen). Christelijke en joodse normen zijn onder meer weergegeven in de tien geboden, islamitische normen zijn beschreven in de sharia, liberale, socialistische en sociaaldemocratische normen zijn de (democratisch) vastgestelde regels zoals grondrechten en wetten. Omdat ze zo belangrijk zijn voor het voortbestaan van een samenleving, worden 'mores' vaak in wetten gegoten en door formele instanties zoals politie en gerecht gecontroleerd en gesanctioneerd. We kunnen kort zeggen dat alle normen voort komen uit religie of levensovertuiging Hmmm voor de rest vind ik het maar wat vaag gelul denk dat iedereen dat maar zelf moet doen. Veel te veel gedoe. Ik ga genieten van het lekkere weer tschus succes iedereen!!

Wat is jouw voorkeursstijl voor conflicten?

Wat is jouw voorkeursstijl voor conflicten? Wat is jouw voorkeursstijl voor conflicten? Conflictstijlen test Bron: K.W. Thomas & R.H. Kilmann Inhoud/doel: Doel van deze vragenlijst is inzicht verkrijgen in de persoonlijke manier waarop iemand met

Nadere informatie

Klantonderzoek: statistiek!

Klantonderzoek: statistiek! Klantonderzoek: statistiek! Statistiek bij klantonderzoek Om de resultaten van klantonderzoek juist te interpreteren is het belangrijk de juiste analyses uit te voeren. Vaak worden de mogelijkheden van

Nadere informatie

Cursus TEO: Theorie en Empirisch Onderzoek. Practicum 2: Herhaling BIS 11 februari 2015

Cursus TEO: Theorie en Empirisch Onderzoek. Practicum 2: Herhaling BIS 11 februari 2015 Cursus TEO: Theorie en Empirisch Onderzoek Practicum 2: Herhaling BIS 11 februari 2015 Centrale tendentie Centrale tendentie wordt meestal afgemeten aan twee maten: Mediaan: de middelste waarneming, 50%

Nadere informatie

www.objektif.nl info@objektif.nl M. 06-42950732

www.objektif.nl info@objektif.nl M. 06-42950732 Hoe gaat u met conflicten om? Een conflict hoeft niet altijd emotioneel te zijn. Een woordenwisseling, een stevige discussie, onderhandelingen het zijn allemaal conflicten. Maar de term conflict gebruiken

Nadere informatie

Hogeschool van Amsterdam Amsterdamse Hogeschool voor Techniek Engineering, Design and Innovation (ED&I)

Hogeschool van Amsterdam Amsterdamse Hogeschool voor Techniek Engineering, Design and Innovation (ED&I) Hogeschool van Amsterdam Amsterdamse Hogeschool voor Techniek Engineering, Design and Innovation (ED&I) Opdracht COM-3 De Roos van Leary, de Thomas & Kilmann test, de onderhandelingsstijl test en de Big

Nadere informatie

- + Wedijveren/ forceren. Samenwerken/ integreren. Eigen belang. Compromis zoeken/ verschil delen. Vermijden/ ontlopen. Aanpassen/ toegeven

- + Wedijveren/ forceren. Samenwerken/ integreren. Eigen belang. Compromis zoeken/ verschil delen. Vermijden/ ontlopen. Aanpassen/ toegeven Leidraad Consult over: Conflicthantering De manier waarop conflicterende partijen een conflict hanteren, is op te vatten als een persoonlijke stijl. Ieder individu heeft namelijk zo een gebruikelijke karakteristieke

Nadere informatie

Uitgebreide inhoudsopgave: Werken met ken- en stuurgetallen DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN?

Uitgebreide inhoudsopgave: Werken met ken- en stuurgetallen DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN? DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN? 1. Inleiding...3 2. Waarom is kwantificering noodzakelijk?...6 3. Ken- en stuurgetallen als instrument van personeelsmanagers...7 4. Enkele begripsomschrijvingen...10

Nadere informatie

DEFINITIES COMPETENTIES

DEFINITIES COMPETENTIES DEFINITIES COMPETENTIES A. MENSEN LEIDINGGEVEN A1 Sturen Geeft op een duidelijke manier richting aan een team, neemt de leiding op zich, zet mensen en middelen zodanig in dat doelen met succes worden bereikt.

Nadere informatie

Professor Meredith Belbin heeft in experimentele situaties vele teams geobserveerd en onderzocht wat een team succesvol maakt.

Professor Meredith Belbin heeft in experimentele situaties vele teams geobserveerd en onderzocht wat een team succesvol maakt. Teamrolmanagement DE BELBIN-ANALYSE Professor Meredith Belbin heeft in experimentele situaties vele teams geobserveerd en onderzocht wat een team succesvol maakt. Uitgangspunt Uitgangspunt van Belbin is

Nadere informatie

6.1 Beschouw de populatie die wordt beschreven door onderstaande kansverdeling.

6.1 Beschouw de populatie die wordt beschreven door onderstaande kansverdeling. Opgaven hoofdstuk 6 I Learning the Mechanics 6.1 Beschouw de populatie die wordt beschreven door onderstaande kansverdeling. De random variabele x wordt tweemaal waargenomen. Ga na dat, indien de waarnemingen

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica. Tentamen Statistiek (2DD14) op vrijdag 17 maart 2006, 9.00-12.00 uur.

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica. Tentamen Statistiek (2DD14) op vrijdag 17 maart 2006, 9.00-12.00 uur. TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica Tentamen Statistiek DD14) op vrijdag 17 maart 006, 9.00-1.00 uur. UITWERKINGEN 1. Methoden om schatters te vinden a) De aannemelijkheidsfunctie

Nadere informatie

SPSS Introductiecursus. Sanne Hoeks Mattie Lenzen

SPSS Introductiecursus. Sanne Hoeks Mattie Lenzen SPSS Introductiecursus Sanne Hoeks Mattie Lenzen Statistiek, waarom? Doel van het onderzoek om nieuwe feiten van de werkelijkheid vast te stellen door middel van systematisch onderzoek en empirische verzamelen

Nadere informatie

We illustreren deze werkwijze opnieuw a.h.v. de steekproef van de geboortegewichten

We illustreren deze werkwijze opnieuw a.h.v. de steekproef van de geboortegewichten Hoofdstuk 8 Betrouwbaarheidsintervallen In het vorige hoofdstuk lieten we zien hoe het mogelijk is om over een ongekende karakteristiek van een populatie hypothesen te formuleren. Een andere manier van

Nadere informatie

HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE

HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE 1 DOEL VAN REGRESSIE ANALYSE De relatie te bestuderen tussen een response variabele en een verzameling verklarende variabelen 1. LINEAIRE REGRESSIE Veronderstel dat gegevens

Nadere informatie

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI)

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het zelfbeoordelingsformulier Het doel van deze evaluatie is om u te helpen bij het bepalen van de belangrijkste aandachtsvelden van uw leidinggevende

Nadere informatie

5.0 Voorkennis. Er zijn verschillende manieren om gegevens op een grafische wijze weer te geven: 1. Staafdiagram:

5.0 Voorkennis. Er zijn verschillende manieren om gegevens op een grafische wijze weer te geven: 1. Staafdiagram: 5.0 Voorkennis Er zijn verschillende manieren om gegevens op een grafische wijze weer te geven: 1. Staafdiagram: De lengte van de staven komt overeen met de hoeveelheid; De staven staan meestal los van

Nadere informatie

CVO PANTA RHEI - Schoonmeersstraat 26 9000 GENT 09 335 22 22. Soorten stochastische variabelen (discrete versus continue)

CVO PANTA RHEI - Schoonmeersstraat 26 9000 GENT 09 335 22 22. Soorten stochastische variabelen (discrete versus continue) identificatie opleiding Marketing modulenaam Statistiek code module A12 goedkeuring door aantal lestijden 80 studiepunten datum goedkeuring structuurschema / volgtijdelijkheid link: inhoud link leerplan:

Nadere informatie

Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model.

Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model. Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model. 1. Wat is het INK-model? Het INK-model is afgeleid van de European Foundation for Quality Management (EFQM). Het EFQM stelt zich ten doel Europese bedrijven

Nadere informatie

Les 1: Waarschijnlijkheidrekening

Les 1: Waarschijnlijkheidrekening Les 1: Waarschijnlijkheidrekening A Men neemt een steekproef van 1000 appelen. Deze worden ingedeeld volgens gewicht en volgens symptomen van een bepaalde schimmel: geen, mild, gematigd of ernstig. Het

Nadere informatie

Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde

Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde Universitair Medisch Centrum Utrecht Verplegingswetenschappen cursusjaar

Nadere informatie

Thomas-Kilmann CONFLICTHANTERING

Thomas-Kilmann CONFLICTHANTERING Thomas-Kilmann Instrument voor CONFLICTHANTERING K E N N E T H W. T H OM A S l RALPH H. KILMANN DE VIJF CONFLICTHANTERINGSSTIJLEN Het Thomas-Kilmann-Instrument voor Conflicthantering (TKI) evalueert het

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

Feedback proefexamen Statistiek I 2009 2010

Feedback proefexamen Statistiek I 2009 2010 Feedback proefexamen Statistiek I 2009 2010 Het correcte antwoord wordt aangeduid door een sterretje. 1 Een steekproef van 400 personen bestaat uit 270 mannen en 130 vrouwen. Een derde van de mannen is

Nadere informatie

Inleiding... 9. Hoofdstuk 2: Positie van de leidinggevenden op middenkaderniveau

Inleiding... 9. Hoofdstuk 2: Positie van de leidinggevenden op middenkaderniveau Inhoud Inleiding... 9 Hoofdstuk 1: Managen versus leidinggeven... 13 1.1 Management... 13 1.2 Leiding geven... 13 1.3 Competenties en taakaspecten van de leidinggevende... 16 1.4 Samenvattend... 16 Hoofdstuk

Nadere informatie

Vragenlijst conflicthanteringstijlen

Vragenlijst conflicthanteringstijlen pag.: 1 van 6 Vragenlijst conflicthanteringstijlen De verschillende manieren om met conflicten om te gaan, kunnen worden beschreven aan de hand van twee basisdimensies: focus op de eigen belangen (de mate

Nadere informatie

VIPD Persoonlijk Ontwikkelrapport Naam: Pieter Proef Datum: 20/09/2013 2013 IPDK

VIPD Persoonlijk Ontwikkelrapport Naam: Pieter Proef Datum: 20/09/2013 2013 IPDK VIPD Persoonlijk Ontwikkelrapport Naam: Datum: Inhoudsopgave Deel 1. Inleiding Deel 2. Competentieprofiel Deel 3. Resultatenzicht Deel 4. Zelf-analyse Ontwikkelpunten Deel 1 Inleiding Voor u ligt uw.

Nadere informatie

Examen Statistiek I Januari 2010 Feedback

Examen Statistiek I Januari 2010 Feedback Examen Statistiek I Januari 2010 Feedback Correcte alternatieven worden door een sterretje aangeduid. 1 Een steekproef van 400 personen bestaat uit 270 mannen en 130 vrouwen. Twee derden van de mannen

Nadere informatie

Antreum RAPPORT TALENTENSPECTRUM. Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 02 Sep 2011. de heer Consultant

Antreum RAPPORT TALENTENSPECTRUM. Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 02 Sep 2011. de heer Consultant RAPPORT TALENTENSPECTRUM Van: Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 02 Sep 2011 Normgroep: Advies de heer Consultant 1. Inleiding Dit rapport is bedoeld om u te helpen analyseren op welk vlak uw talenten

Nadere informatie

Statistiek. Beschrijvend statistiek

Statistiek. Beschrijvend statistiek Statistiek Beschrijvend statistiek Verzameling van gegevens en beschrijvingen Populatie, steekproef Populatie = o de gehele groep ondervragen o parameter is een kerngetal Steekproef = o een onderdeel van

Nadere informatie

Team 360test Context Studie: werk- of projectgroepen (PGO) Deelnames 3/9 Resultaten over 360test Testcenter

Team 360test Context Studie: werk- of projectgroepen (PGO) Deelnames 3/9 Resultaten over 360test Testcenter Test naam Teamrollentest op basis van Datum 4-11-2015 Belbin Team 360test Context Studie: werk- of projectgroepen (PGO) Deelnames 3/9 Resultaten over 360test Testcenter Uw resultaat Anderen over 360test

Nadere informatie

Rapport over de functie

Rapport over de functie Rapport over de functie van Accountmanager Dit rapport is vastgesteld door Jeroen Visscher. Informatie voor deze functietypering was aangeleverd door 1 respondenten. De gedetailleerde informatie is beschikbaar

Nadere informatie

Schriftelijk examen statistiek, data-analyse en informatica. Maandag 29 mei 1995

Schriftelijk examen statistiek, data-analyse en informatica. Maandag 29 mei 1995 Schriftelijk examen statistiek, data-analyse en informatica Maandag 29 mei 1995 Tweede jaar kandidaat arts + Tweede jaar kandidaat in de biomedische wetenschappen Naam: Voornaam: Vraa Kengetal g Blad 1

Nadere informatie

Meten: algemene beginselen. Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011

Meten: algemene beginselen. Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011 Meten: algemene Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011 OPZET College 1: Algemene College 2: Meting van attitudes (ISSP) College 3: Meting van achtergrondvariabelen via MTMM College 4:

Nadere informatie

Projectmanagement. Hoofdstuk 1 en 2. Roel Grit. Het project Mensen en projecten

Projectmanagement. Hoofdstuk 1 en 2. Roel Grit. Het project Mensen en projecten Projectmanagement Hoofdstuk 1 en 2 Het project Mensen en projecten Roel Grit Instructie docent Er is een aantal dia s met animaties. Als je die niet wilt gebruiken vanwege afdrukken van hand-outs, kun

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Test Kandidaat

Rapport Docent i360. Test Kandidaat Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

Het Thomas-Killmann instrument

Het Thomas-Killmann instrument Het Thomas-Killmann instrument Vijf manieren van onderhandelen Het Thomas-Killmann instrument is ontworpen om gedrag in onderhandelingsstijlen te onderscheiden. Onderhandelingssituaties zijn situaties

Nadere informatie

Statistiek: Centrummaten 12/6/2013. dr. Brenda Casteleyn

Statistiek: Centrummaten 12/6/2013. dr. Brenda Casteleyn Statistiek: Centrummaten 12/6/2013 dr. Brenda Casteleyn dr. Brenda Casteleyn www.keu6.be Page 2 1. Theorie 1) Nominaal niveau: Gebruik de Modus, dit is de meest frequente waarneming 2) Ordinaal niveau:

Nadere informatie

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Het gaat om de volgende zeven verandercompetenties. De competenties worden eerst toegelicht en vervolgens in een vragenlijst verwerkt. Veranderkundige

Nadere informatie

HOOFDSTUK VI NIET-PARAMETRISCHE (VERDELINGSVRIJE) STATISTIEK

HOOFDSTUK VI NIET-PARAMETRISCHE (VERDELINGSVRIJE) STATISTIEK HOOFDSTUK VI NIET-PARAMETRISCHE (VERDELINGSVRIJE) STATISTIEK 1 1. INLEIDING Parametrische statistiek: Normale Verdeling Niet-parametrische statistiek: Verdelingsvrij Keuze tussen de twee benaderingen I.

Nadere informatie

Samenvatting Nederlands

Samenvatting Nederlands Samenvatting Nederlands 178 Samenvatting Mis het niet! Incomplete data kan waardevolle informatie bevatten In epidemiologisch onderzoek wordt veel gebruik gemaakt van vragenlijsten om data te verzamelen.

Nadere informatie

FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS

FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS FEED BACK COMMENTAAR GEVEN EN ONTVANGEN MARIETA KOOPMANS INHOUD Inleiding 7 1 Zelfonderzoek feedback geven en ontvangen 9 Checklist feedback geven en ontvangen 11 2 Communicatie en feedback 15 Waarnemen,

Nadere informatie

Leve het verschil! Beter samenwerken, beter presteren

Leve het verschil! Beter samenwerken, beter presteren Leve het verschil! Beter samenwerken, beter presteren Een talent floreert zelden alleen. Juist door samen te werken met anderen in het team kan het tot optimale bloei komen. Verbeter de prestaties van

Nadere informatie

Evaluatie van training en opleiding

Evaluatie van training en opleiding ? how to... #contact - de menselijke factor in customer service Evaluatie van training en opleiding Opleiders en trainers zien het gestructureerd evalueren van hun eigen programma s en activiteiten vaak

Nadere informatie

Bedrijfskunde (BDKVPAVF03) Les 1: introductie

Bedrijfskunde (BDKVPAVF03) Les 1: introductie Bedrijfskunde (BDKVPAVF03) Les 1: introductie Ten eerste... Welkom Planning Toetsing Literatuur Leerdoelen Website Waarom bedrijfskunde? Het vak bedrijfskunde geeft een oriëntatie op het vakgebied Management

Nadere informatie

I N H O U D. Voorwoord 11. Inleiding: een kader voor kwaliteitsontwikkeling 15

I N H O U D. Voorwoord 11. Inleiding: een kader voor kwaliteitsontwikkeling 15 modellen 5 I N H O U D Voorwoord 11 Inleiding: een kader voor kwaliteitsontwikkeling 15 1 Kwaliteit 21 1.1 Situering 22 1.1.1 Beheersbaarheid 22 1.1.2 Waarden 22 1.1.3 Kernprocessen in de non-profitsector

Nadere informatie

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van

Nadere informatie

INLEIDING EEN OVERZICHT VAN CORRECTIEMETHODEN

INLEIDING EEN OVERZICHT VAN CORRECTIEMETHODEN INLEIDING Als je geïnteresseerd bent in de vraag welke van twee behandelingen of geneesmiddelen het beste werkt, zijn er grofweg twee manieren om dat te onderzoeken: experimenteel en observationeel. Bij

Nadere informatie

Competentiemanagement bij de federale overheid

Competentiemanagement bij de federale overheid Competentiemanagement bij de federale overheid Competentieprofielen Basis Leidinggevend D December 2009 LEIDINGGEVEND D 1/ BASISPROFIEL Tabel informatie begrijpen taken Taken uitvoeren Leidinggevend D

Nadere informatie

Het dienstbaarheidsconcept

Het dienstbaarheidsconcept Het dienstbaarheidsconcept Koning Willem I College - Dienst Governance & Control - Joost van der Staak 1 juni 2012 Pas op de plaats Wat zijn de succesfactoren in de organisatie gebleken? Wat zijn de inhoudelijke

Nadere informatie

4-11-2013. pagina x van y 1. Onderwerp. Qubic Solutions. Ansur gebruikersdag 2013 30 oktober 2013. Vision meets Precision. Vision meets Precision

4-11-2013. pagina x van y 1. Onderwerp. Qubic Solutions. Ansur gebruikersdag 2013 30 oktober 2013. Vision meets Precision. Vision meets Precision Ansur gebruikersdag 2013 30 oktober 2013 1 Onderwerp Kwaliteitsborging Medische Technologie met Qbus en Ansur door: Hans Schop 2 Qubic Solutions Oplossingen in procesbeheer Qubic Solutions ontwikkelt vanuit

Nadere informatie

Enkelvoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden

Enkelvoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden Er is onderzoek gedaan naar rouw na het overlijden van een huisdier (contactpersoon: Karolijne van der Houwen (Klinische Psychologie)). Mensen konden op internet een vragenlijst invullen. Daarin werd gevraagd

Nadere informatie

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM De tijd dat MVO was voorbehouden aan idealisten ligt achter ons. Inmiddels wordt erkend dat MVO geen hype is, maar van strategisch belang voor ieder

Nadere informatie

i ltj i i ;t!t i t' Jiil!!1 l1 I!--

i ltj i i ;t!t i t' Jiil!!1 l1 I!-- l ti aaaa I l 1 ~ ~~{~:~~ i' lji~~!"il~ il'l ~~~ i ltj i i ;t!t i t' Jiil!!1 l1 I!-- -I.. I 8 I i IJ I ~ i c ~ J'l f ~ ~!1.. 'I IJ 1 t I I h hl I I I " I t! fl 1 1 lc:c: IJ 11.:... I ~ i c I i tt( t I

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) 163 Samenvatting (Summary in Dutch) Er zijn slechts beperkte financiële middelen beschikbaar voor publieke voorzieningen en publiek gefinancierde diensten. Als gevolg daarvan zijn deze voorzieningen en

Nadere informatie

Profiles Performance Indicator TM Persoonlijk rapport

Profiles Performance Indicator TM Persoonlijk rapport PPI Rapport is bestemd voor Profiles Performance Indicator TM Onderzoek dat is afgelegd op: 03/26/2010 Afgedrukt: 05/25/2014 VERTROUWELIJK Profiles International, the Netherlands b.v. Beysterveld 275 Amsterdam,

Nadere informatie

Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt?

Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt? Veelgestelde vragen Over de uitslag Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt? De test meet hoe u de werkcultuur beoordeelt in uw organisatie.

Nadere informatie

Verschillendedesigns beantwoorden verschillende vragen

Verschillendedesigns beantwoorden verschillende vragen Verschillendedesigns beantwoorden verschillende vragen Zelf echo s uitvoeren bij IVF Hoe betrouwbaar zijn de beelden? Hoe vaak worden vrouwen zwanger? Hoe voelende koppelszicherbij? Watkosthet? 1 Hoe betrouwbaar

Nadere informatie

STIJLEN VAN BEÏNVLOEDING. Inleiding

STIJLEN VAN BEÏNVLOEDING. Inleiding STIJLEN VAN BEÏNVLOEDING Inleiding De door leidinggevenden gehanteerde stijlen van beïnvloeding kunnen grofweg in twee categorieën worden ingedeeld, te weten profileren en respecteren. Er zijn twee profilerende

Nadere informatie

HAVO 4 wiskunde A. Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet kennen en kunnen....

HAVO 4 wiskunde A. Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet kennen en kunnen.... HAVO 4 wiskunde A Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet kennen en kunnen.... 1. rekenregels en verhoudingen Ik kan breuken vermenigvuldigen en delen. Ik ken de rekenregel breuk Ik kan

Nadere informatie

6-SIGMA METRICS. Teaching old dogmas and learning new tricks. Douwe van Loon

6-SIGMA METRICS. Teaching old dogmas and learning new tricks. Douwe van Loon 6-SIGMA METRICS Teaching old dogmas and learning new tricks Douwe van Loon Na deze presentatie zou u kunnen weten: dat IQ controle meer is dan alleen de bewaking van de interne kwaliteit van onze analyses

Nadere informatie

Statistiek is zo saai nog niet! Een integratie van theorie en praktijk Manfred te Grotenhuis

Statistiek is zo saai nog niet! Een integratie van theorie en praktijk Manfred te Grotenhuis Docentendag Arnhem, 19 maart 2013 Statistiek is zo saai nog niet! Een integratie van theorie en praktijk Manfred te Grotenhuis Statistiek is zo saai nog niet: de boeken 2 Basiscursus SPSS Hoe is het ontstaan?

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica. Tentamenopgaven Statistiek (2DD71) op xx-xx-xxxx, xx.00-xx.00 uur.

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica. Tentamenopgaven Statistiek (2DD71) op xx-xx-xxxx, xx.00-xx.00 uur. VOORAF: Hieronder staat een aantal opgaven over de stof. Veel meer dan op het tentamen zelf gevraagd zullen worden. Op het tentamen zullen in totaal 20 onderdelen gevraagd worden. TECHNISCHE UNIVERSITEIT

Nadere informatie

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Vastgesteld in de bestuursvergadering van 24 mei 2007 PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Binnen de voor de stichting geldende statuten en reglementen, is het College van Bestuur het bevoegd gezag van de stichting,

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica Tentamenopgaven Statistiek 2DD71: UITWERKINGEN 1. Stroopwafels a De som S van de 12 gewichten is X 1 + X 2 + + X 12. Deze is normaal

Nadere informatie

Conflicten zijn een natuurlijk verschijnsel binnen een groep, binnen een organisatie, omdat de leden verschillende doelstellingen hebben.

Conflicten zijn een natuurlijk verschijnsel binnen een groep, binnen een organisatie, omdat de leden verschillende doelstellingen hebben. 3. PROBLEEMOPLOSSING CONFLICTHANTERING 3.0. Inleiding Conflicten zijn een natuurlijk verschijnsel binnen een groep, binnen een organisatie, omdat de leden verschillende doelstellingen hebben. Omdat conflicten

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting 8. * COgnitive Functions And Mobiles; in dit advies aangeduid als het TNO-onderzoek.

Samenvatting. Samenvatting 8. * COgnitive Functions And Mobiles; in dit advies aangeduid als het TNO-onderzoek. Samenvatting In september 2003 publiceerde TNO de resultaten van een onderzoek naar de effecten op het welbevinden en op cognitieve functies van blootstelling van proefpersonen onder gecontroleerde omstandigheden

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

Team Ontwikkelings Plan Punt 1, 2 en 3

Team Ontwikkelings Plan Punt 1, 2 en 3 2014 Team Ontwikkelings Plan Punt 1, 2 en 3 Rainier van der veen, Evert Bruinsma en Sabine de Bruin Hanzehogeschool Groningen 6-3-2014 Voorwoord Wij zijn 3 studenten van de opleiding Sport, Gezondheid

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Tentamen Biostatistiek voor BMT (2S390) op 17-11-2003 U mag alleen gebruik maken van een onbeschreven Statistisch Compendium (dikt. nr. 2218) en van een zakrekenmachine.

Nadere informatie

Aanpassingen takenboek! Statistische toetsen. Deze persoon in een verdeling. Iedereen in een verdeling

Aanpassingen takenboek! Statistische toetsen. Deze persoon in een verdeling. Iedereen in een verdeling Kwantitatieve Data Analyse (KDA) Onderzoekspracticum Sessie 2 11 Aanpassingen takenboek! Check studienet om eventuele verbeteringen te downloaden! Huidige versie takenboek: 09 Gjalt-Jorn Peters gjp@ou.nl

Nadere informatie

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97 Wanneer gebruiken we kwalitatieve interviews? Kwalitatief interview = mogelijke methode om gegevens te verzamelen voor een reeks soorten van kwalitatief onderzoek Kwalitatief interview versus natuurlijk

Nadere informatie

RAPPORT TEAMROL INDICATOR

RAPPORT TEAMROL INDICATOR RAPPORT TEAMROL INDICATOR Van: Test Kandidaat Administratienummer: Datum: 27 Sep 2011 Normgroep: Advies de heer Consultant ixly Teamrol Indicator In dit rapport treft u eerst een beschrijving aan van uw

Nadere informatie

Stelling 2 De SWOT analyse is oorspronkelijk bedoeld als analyse-instrument om te analyseren hoe organisaties of afdelingen functioneren.

Stelling 2 De SWOT analyse is oorspronkelijk bedoeld als analyse-instrument om te analyseren hoe organisaties of afdelingen functioneren. Oefenvragen Management Assistent A - Persoonlijke Effectiviteit 1. Wat is de kracht van de 360 graden feedback methode? A. Doordat u een bepaalde positie inneemt binnen de cirkel, bijvoorbeeld Boven-Samen

Nadere informatie

RECAP. Het sellogram. Verkoop & gesprekstechnieken. Communicatie. Communicatiemodellen 21/03/2016. MULTI MEDIA EXPERT SYNTRA WEST (Brugge & Roeselare)

RECAP. Het sellogram. Verkoop & gesprekstechnieken. Communicatie. Communicatiemodellen 21/03/2016. MULTI MEDIA EXPERT SYNTRA WEST (Brugge & Roeselare) RECAP Start ochtendlessen: 8h30 Middaglessen om 13h00 VERKOOP & VERKOOPTECHNIEKEN MULTI MEDIA EXPERT SYNTRA WEST (Brugge & Roeselare) Lesnota s: www.apprentia.com/mumex/ Feedback: info@apprentia.com website

Nadere informatie

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen Eindtermen educatief project Korstmossen, snuffelpalen van ons milieu 2 de en 3 de graad SO Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen I. Gemeenschappelijke

Nadere informatie

Logistiek medewerker. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse

Logistiek medewerker. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Werkt gedurende langere periode nauwkeurig en zorgvuldig, met oog voor detail, gericht op het voorkómen van fouten en slordigheden, zowel in eigen als andermans

Nadere informatie

Naast basiscompetenties als opleiding en ervaring kunnen in hoofdlijnen bijvoorbeeld de volgende hoofd- en subcompetenties worden onderscheiden.

Naast basiscompetenties als opleiding en ervaring kunnen in hoofdlijnen bijvoorbeeld de volgende hoofd- en subcompetenties worden onderscheiden. Competentieprofiel Op het moment dat duidelijk is welke kant de organisatie op moet, is nog niet zonneklaar wat de wijziging gaat betekenen voor ieder afzonderlijk lid en groep van de betreffende organisatorische

Nadere informatie

Thomas Voorbeeld. Thomas Leiderschap Vragenlijst. Persoonlijk & Vertrouwelijk

Thomas Voorbeeld. Thomas Leiderschap Vragenlijst. Persoonlijk & Vertrouwelijk 360-rapport Thomas Voorbeeld Thomas Leiderschap Vragenlijst Persoonlijk & Vertrouwelijk Inhoud Inleiding Toelichting bij het 360-rapport Gemiddelde per competentie Weergave van de 5 hoogste en 5 laagste

Nadere informatie

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Opleiding. Module. Lestijden 40

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Opleiding. Module. Lestijden 40 ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Ondernemingscommunicatie Module Algemeen Management Code A1 Lestijden 40 Studiepunten n.v.t. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot JA aanvragen

Nadere informatie

BWI Bedrijfscase Projectmanagement deel 2 1. VU BWI Bedrijfscase. Cursus Project management deel 2

BWI Bedrijfscase Projectmanagement deel 2 1. VU BWI Bedrijfscase. Cursus Project management deel 2 BWI Bedrijfscase Projectmanagement deel 2 1 VU BWI Bedrijfscase Cursus Project management deel 2 April 2011 Henk Magré Programma Korte terugblik Projectplan en Communicatie (theorie) Werkgroepjes (jullie

Nadere informatie

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Toelichting bij de criteria voor het beoordelen van de kwaliteit van een

Nadere informatie

Stop met het gebruik van de methode van Kinney als kwantitatieve risicoevaluatiemethode

Stop met het gebruik van de methode van Kinney als kwantitatieve risicoevaluatiemethode Stop met het gebruik van de methode van Kinney als kwantitatieve risicoevaluatiemethode : De methode van Kinney is geen kwantitatieve doch een kwalitatieve risicoevaluatiemethode Hierbij wil ik aantonen

Nadere informatie

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Competentieprofiel Instituut voor Interactieve Media Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Aangepast in maart 2009 Inleiding De opleiding Interactieve Media

Nadere informatie

Kruis per vraag slechts één vakje aan op het antwoordformulier.

Kruis per vraag slechts één vakje aan op het antwoordformulier. Toets Stroom 1.2 Methoden en Statistiek tul, MLW 7 april 2006 Deze toets bestaat uit 25 vierkeuzevragen. Kruis per vraag slechts één vakje aan op het antwoordformulier. Vraag goed beantwoord dan punt voor

Nadere informatie

Competentiemanagement bij de federale overheid

Competentiemanagement bij de federale overheid Competentiemanagement bij de federale overheid Competentieprofielen Basis Leidinggevend A4 December 2009 LEIDINGGEVEND A4 1/ BASISPROFIEL Tabel informatie begrijpen taken Taken uitvoeren Leidinggevend

Nadere informatie

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg VERTROUWELIJK Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg School: Opleiding: Klas: Fontys Economische Hogeschool Tilburg Communicatie 1CD E-mail: jotamdveer@home.nl Studentnummer:

Nadere informatie

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

A c e! Z e l f t e s t O m g a a n m e t w e e r s t a n d

A c e! Z e l f t e s t O m g a a n m e t w e e r s t a n d Training Coaching Consulting Interim Management Den Haag Amsterdam Den Bosch Rotterdam Zwolle Utrecht Arnhem Amersfoort Breda Eindhoven Maastricht Brussel Antwerpen A c e! Z e l f t e s t O m g a a n m

Nadere informatie

ECTS-fiche. Graduaat Maatschappelijk werk Samenwerkingsvaardigheden. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot

ECTS-fiche. Graduaat Maatschappelijk werk Samenwerkingsvaardigheden. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Module Code Lestijden Studiepunten Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot Graduaat Maatschappelijk werk Samenwerkingsvaardigheden AC2 40 n.v.t.

Nadere informatie

Rapport TLC-Q Team Leadership Competence Questionnaire. Voorbeeld Kandidaat

Rapport TLC-Q Team Leadership Competence Questionnaire. Voorbeeld Kandidaat Rapport TLC-Q Team Leadership Competence Questionnaire Naam Adviseur Voorbeeld Kandidaat Reinier Butot Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties

Nadere informatie

Organisatie principes

Organisatie principes Organisatie principes Een overzicht van organisatie principes die als richtsnoer dienen bij het vormgeven van flexibele, innovatieve organisaties. Deze principes zijn gebaseerd op de Moderne Sociotechniek.

Nadere informatie

TSI TriMetrix. Enno Niemus. Persoonlijke Talenten Plus Profiel. Functie Bedrijf 11-4-2013

TSI TriMetrix. Enno Niemus. Persoonlijke Talenten Plus Profiel. Functie Bedrijf 11-4-2013 TSI TriMetrix Persoonlijke Talenten Plus Profiel Functie Bedrijf 11-4-2013 Beijumerweg 15 9737 AB Groningen Tel: (+31)6-13912658 Uw eigen, unieke rangorde van persoonlijke talenten vormt de sleutel tot

Nadere informatie

Rapportage bijzondere bijstand 2014

Rapportage bijzondere bijstand 2014 Rapport Rapportage bijzondere bijstand 2014 Vinodh Lalta Thomas Slager 30 oktober 2015 CBS Den Haag Henri Faasdreef 312 2492 JP Den Haag Postbus 24500 2490 HA Den Haag +31 70 337 38 00 www.cbs.nl projectnummer

Nadere informatie

STABLE LOVE, STABLE LIFE?

STABLE LOVE, STABLE LIFE? STABLE LOVE, STABLE LIFE? De rol van sociale steun en acceptatie in de relatie van paren die leven met de ziekte van Ménière Oktober 2011 Auteur: Drs. Marise Kaper Master Sociale Psychologie, Rijksuniversiteit

Nadere informatie

Competentiemanagement bij de federale overheid

Competentiemanagement bij de federale overheid Competentiemanagement bij de federale overheid Competentieprofielen Basis Ondersteunend/Epert B December 2009 ONDERSTEUNEND/EXPERT B 1/ BASISPROFIEL Tabel informatie begrijpen taken Taken uitvoeren Ondersteunend/Epert

Nadere informatie

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Algemene vorming op het einde van de derde graad secundair onderwijs Voor de sociale

Nadere informatie

Persoonlijke effectiviteit van toezichthouders en de Code: twee werelden apart? Drs. H. Linkels Managing partner Linkels & Partners

Persoonlijke effectiviteit van toezichthouders en de Code: twee werelden apart? Drs. H. Linkels Managing partner Linkels & Partners Persoonlijke effectiviteit van toezichthouders en de Code: twee werelden apart? Drs. H. Linkels Managing partner Linkels & Partners Persoonlijke effectiviteit van toezichthouders en de Code 2 werelden

Nadere informatie

Teamkompas voor Zelfsturing

Teamkompas voor Zelfsturing Teamkompas voor Zelfsturing Wat is het teamkompas: Met dit instrument kun je inzicht krijgen in de ontwikkeling van je team als het gaat om effectief samenwerken: Waar staan wij als team? Hoe werken wij

Nadere informatie

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Augustus 2011 Waar werknemers onderdeel zijn van een organisatie, wordt beoordeeld.

Nadere informatie