Digitale vriendschappen op de werkvloer

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Digitale vriendschappen op de werkvloer"

Transcriptie

1 Digitale vriendschappen op de werkvloer Onderzoek onder Nederlandse kantoormedewerkers naar de relatie tussen het gebruik van publieke sociale netwerksites om te interageren met collega s en hun sociaal kapitaal op de werkvloer Auteur Dielie Theunissen ANR Masterscriptie Communicatie- en Informatiewetenschappen Specialisatie Bedrijfscommunicatie en Digitale Media Faculteit Geesteswetenschappen Tilburg University, Tilburg Begeleidend docent Dr. Mariek Vanden Abeele Tweede lezer Dr. Alexander Schouten Publicatiedatum december 2013

2 Voorwoord Het moment is daar. Met trots presenteer ik u het slotstuk Digitale vriendschappen op de werkvloer van mijn masteropleiding Bedrijfscommunicatie en Digitale Media. Via deze weg wil ik graag de gelegenheid nemen om een aantal personen te bedanken die mij tijdens deze studie hebben bijgestaan. Want zonder hun hulp zou mijn masterthesis nu niet in deze vorm voor u liggen. Ten eerste een bijzonder woord van dank voor mijn afstudeerbegeleidster van de universiteit, Dr. Mariek Vanden Abeele. Zij heeft mij op zeer deskundige en vaardige wijze begeleid gedurende het scriptieproces. Door haar kritische blik ben ik voortdurend aan het denken gezet, waardoor ik uiteindelijk met een tevreden gevoel de eindstreep heb weten te bereiken. Mariek, hartelijk dank voor je motiverende begeleiding, tijd, energie, geduld, waardevolle kennis en in het bijzonder je enthousiasme! Ook wil ik graag mijn tweede lezer, Dr. Alexander Schouten, danken voor zijn tijd en aandeel in mijn beoordeling. Ik wil ook graag de mensen bedanken die moeite hebben genomen om deel te nemen aan het onderzoek, die zich hebben ingezet voor mij of hun contacten hebben aangeboord. Tot slot, heel veel dank aan mijn ouders, Leo en Rineke. Zij hebben altijd in mij geloofd en me onvoorwaardelijk gesteund. Ik hoop dat zij beseffen hoeveel hun voorbeeld voor mij betekent. Dielie Theunissen 2

3 Samenvatting Voor organisaties is het belangrijk dat ze medewerkers aan zich binden. Dit kan gerealiseerd worden door er als organisatie voor te zorgen dat medewerkers een goede verstandhouding met elkaar kunnen hebben en samen een team vormen. Vandaag de dag kan men sociale relaties niet alleen offline onderhouden, maar ook online, via een uitgebreid arsenaal van communicatietechnologieën (bijvoorbeeld ) en sociale media (bijvoorbeeld sociale netwerksites). Het gebruik van sociale netwerksites (SNS) in het bijzonder kan werknemers helpen om niet alleen de relaties te onderhouden met collega s met wie men een goede verstandhouding heeft, maar ook om relaties aan te gaan met collega s met wie men enkel een werkrelatie heeft. Dit onderzoek gaat na wat de relatie is tussen het gebruik van publieke SNS om te interageren met collega s en het sociaal kapitaal op de werkvloer. Om te achterhalen welke factoren het SNS-gebruik met collega s voorspellen, zijn online vragenlijsten afgenomen bij 307 Nederlandse kantoormedewerkers. De resultaten tonen aan dat het gebruik van publieke SNS om te interageren met collega s zorgt voor meer sociaal kapitaal op de werkvloer. Wanneer kantoormedewerkers een positieve houding hebben ten aanzien van het digitaal onderhouden van sociale relaties met collega s via SNS, zijn zij doorgaans veel actiever op publieke SNS met collega s. Hieruit volgt dat zij meer sociaal kapitaal hebben. Een opmerkelijk resultaat van de huidige studie is dat mannen hoger scoren op sociaal kapitaal dan vrouwen, terwijl vrouwen veel actiever zijn op SNS om te interageren met collega s. Voor wetenschappers is het interessant om in de toekomst onderzoek te doen naar de achterliggende doelstellingen van mannen en vrouwen om via SNS te interageren met collega s en hoe die in relatie staan tot sociaal kapitaal op de werkvloer. 3

4 Inhoudsopgave VOORWOORD 2 SAMENVATTING 3 INHOUDSOPGAVE 4 HOOFDSTUK 1 INLEIDING 5 HOOFDSTUK 2 - LITERATUURONDERZOEK SOCIALE RELATIES OP DE WERKVLOER SOCIALE NETWERKSITES OP DE WERKVLOER SOCIALE NETWERKSITES EN SOCIAAL KAPITAAL ONDERZOEKDOELSTELLINGEN EN HYPOTHESES VOORSPELLERS VAN SNS-GEBRUIK OM TE INTERAGEREN MET COLLEGA S SNS- ACTIVITEIT ALS VOORSPELLER VAN SOCIAAL KAPITAAL OP DE WERKVLOER 16 HOOFDSTUK 3 - ONDERZOEKSMETHODE ONDERZOEKSDESIGN RESPONDENTEN GEGEVENSVERZAMELING 18 HOOFDSTUK 4 - ONDERZOEKSRESULTATEN ALGEMENE STATISTIEKEN SNS-GEBRUIK VOORSPELLERS VAN SNS-GEBRUIK OM TE INTERAGEREN MET COLLEGA S VOORSPELLERS VAN SOCIAAL KAPITAAL 24 HOOFDSTUK 5 - CONCLUSIE EN DISCUSSIE 26 BRONNEN 31 BIJLAGEN 36 BIJLAGE 1: DEBRIEFING 36 BIJLAGE 2: VRAGENLIJST 37 4

5 Hoofdstuk 1 Inleiding Sociale relaties zijn van groot belang binnen een samenleving. Ook op de werkvloer worden informele sociale relaties veelvuldig opgebouwd en onderhouden. Deze sociale relaties dragen bij aan de mate waarin een medewerker zich betrokken voelt bij de organisatie door andere collega s. Betere sociale relaties met collega s betekent gezelschap, hulp bij werkzaamheden, door anderen in vertrouwen genomen worden en het krijgen van adviezen en informatie (Berkman, Glass, Brissette, & Seeman, 2000). Deze informele sociale relaties zijn ook van belang voor organisaties. Ze zorgen ervoor dat er meer informatie gedeeld wordt, informatie sneller gedeeld wordt, kennis verspreid wordt en dat collega s meer bereid zijn om samen te werken en elkaar te helpen (Huysman & Wulf, 2006). Bolino, Turnley en Bloodgood (2002) voegen hieraan toe dat individuen beter presteren in teamverband wanneer zij elkaar kennen, vertrouwen en goed begrijpen. Het hebben van informele sociale relaties op het werk heeft dus voordelen voor zowel de werknemers als de organisatie waarvoor men werkt. Deze informele sociale relaties ontstaan in de praktijk vooral tussen collega s waar men mee samenwerkt binnen de eigen organisatie. Tegenwoordig, door de komst van het internet, zijn de manieren om met elkaar te communiceren toegenomen. De zogeheten digitalisering heeft nieuwe communicatietechnologieën, zoals sociale netwerksites (SNS), met zich meegebracht (Boyd & Ellison, 2008). SNS kunnen worden omschreven als internetdiensten waarmee gebruikers een eigen netwerk kunnen creëren en onderhouden. Dit kan onder andere door het aanmaken van een persoonlijk profiel dat gekoppeld kan worden aan profielen van anderen gebruikers. Op SNS kan men zowel contact leggen met mensen die men al kent uit de offline context als met mensen die men nog niet kent. Een SNS wordt gebruikt voor vermaak en om in contact te blijven met anderen. Bovendien wordt het gebruikt om nieuws, meningen, persoonlijke ervaringen en informatie te delen met elkaar. Leden van SNS kunnen verschillende sociale netwerkactiviteiten ondernemen die kunnen bijdragen aan de vriendschapsvorming. Zo kunnen zij onder andere reageren op elkaars posts, informatie delen in de vorm van links, tekst, foto s of video s, berichten sturen, jarige contactpersonen feliciteren of elkaar volgen (Boyd & Ellison, 2008). Samengevat voorzien SNS hun gebruikers van een online manier van communiceren die het vormen en 5

6 onderhouden van sociale relaties, bijvoorbeeld met collega s, vereenvoudigt (Lin & Lu, 2011). Wanneer collega s via SNS relaties aangaan en onderhouden, kan dat ook voordelen hebben voor de organisatie. Sterke sociale relaties binnen een organisatie zorgen er immers voor dat medewerkers zich meer thuis voelen. Hierdoor zullen zij zich meer inzetten voor de organisatie (Huysman & Wulf, 2006). Voor werkgevers is het van belang om te weten hoe zij medewerkers aan zich kunnen binden. Alleen dan kunnen medewerkers namelijk van meerwaarde zijn voor een organisatie. Een van de manieren waarop dit bereikt kan worden, is om ervoor te zorgen dat er goede sociale relaties zijn binnen een organisatie. Sterke sociale relaties tussen collega's kunnen mogelijk tot stand komen door het gebruik van SNS. Voor organisaties is het dan ook belangrijk om inzicht te hebben in welke factoren het gebruik van SNS voor interactie tussen collega s voorspellen en wat de mogelijke opbrengsten zijn. Dit is waar de huidige studie zich op richt. De doelen van deze studie zijn (1) achterhalen welke factoren het SNS-gebruik van kantoormedewerkers om te interageren met collega s voorspellen, en (2) nagaan of het gebruik van algemene publieke SNS met collega s bijdraagt aan sociale voordelen voor kantoormedewerkers. De resultaten van deze studie kunnen bijdragen aan inzicht voor bedrijven hoe zij hun medewerkers tot SNS-gebruik kunnen aansturen. Wanneer bedrijven dat weten, kunnen zij helpen de waarde van de medewerkers voor de organisatie te vergroten. Deze studie is niet enkel relevant voor organisaties, maar het heeft ook een wetenschappelijke relevantie. Zo bieden de resultaten inzicht in de beweegredenen van medewerkers om te interageren met collega's via SNS. 6

7 Hoofdstuk 2 - Literatuuronderzoek 2.1 Sociale relaties op de werkvloer Hoewel de werkvloer in eerste instantie niet echt een plaats lijkt voor het vormen van vriendschappen, kunnen er betekenisvolle relaties ontstaan. Deze informele sociale relaties kunnen van groot belang zijn voor zowel de werknemers als de organisatie (Krouse & Affifi, 2007). Voor de werknemers kunnen informele sociale relaties op de werkvloer bijvoorbeeld verschillende vormen van sociale steun bieden. Dit kan in de vorm van emotionele ondersteuning, zoals opvrolijken, een luisterend oor bieden, goede raad geven, aansporen tot volhouden of geruststellen. Hierdoor kunnen werknemers de stress die ze thuis hebben (bijvoorbeeld door problemen met de partner of kinderen) beter relativeren (Krouse & Affifi, 2007). Ten tweede kunnen sociale relaties op het werk ervoor zorgen dat werknemers een moment van ontspanning bij elkaar hebben tijdens de werkdag, bijvoorbeeld een praatje maken, vragen om ergens aan mee te doen, uitnodigingen voor een feestje of etentje (Berman et al., 2000; Krouse & Affifi, 2007). Ten derde kunnen deze relaties bijdragen aan instrumentele ondersteuning, bijvoorbeeld door praktische te hulp bieden, geld te lenen voor een lunch of informatie te geven. Daarnaast kunnen collega s ook steun bieden door opbouwende kritiek te geven of aan te geven waarom men de werkzaamheden niet goed deed. Tot slot kunnen sociale relaties steun geven in de vorm van waardering, bijvoorbeeld door iemand in vertrouwen te nemen, om hulp te vragen of adviezen op te volgen (Berkman et al., 2000; Krouse & Affifi, 2007). Informele sociale relaties op de werkvloer bieden ook voordelen voor de organisatie. Ten eerste zorgen de sociale relaties ervoor dat collega s belangrijke informatie met elkaar delen en dat kennis verspreid wordt binnen de organisatie (Steinfield, DiMicco, Ellison & Lampe, 2009). Ten tweede zorgen informele sociale relaties voor een prettige werksfeer. Een goede werksfeer vertaalt zich in een betere samenwerking en meer tevreden werknemers. Dit biedt een groot voordeel voor organisaties, aangezien tevreden werknemers zich meer inzetten voor hun werk (Morrison & Nolan, 2007). Tot slot zijn deze sociale relaties belangrijk voor het delen van specifieke kennis en ervaringen over het werk, wat weer ten 7

8 goede kan komen aan carrièremogelijkheden en de tevredenheid van de medewerkers over hun baan (Sias, Heath, Perry, Silva & Fix, 2004). Informele sociale relaties op het werk ontstaan mede doordat werknemers veel tijd met elkaar doorbrengen op kantoor en elkaar regelmatig zien (Krouse & Affifi, 2007). Een vriendschap op het werk kan, net als een gewone vriendschap, groeien door persoonlijke informatie te onthullen, wederzijds respect te tonen, vertrouwen in elkaar te stellen, maar ook omdat men elkaar nodig heeft op het werk (Berman, West & Richter, 2002; Krouse & Affifi, 2007). Sommige van deze vriendschappen zijn vrij hecht die worden over het algemeen gedefinieerd als strong ties. Daarnaast zijn er minder sterke connecties die weak ties genoemd worden (Granovetter, 2001). Berman et al. (2002) omschrijven vriendschappen op de werkvloer als informele persoonlijke interacties die de tevredenheid met de baan verhogen, zorgen voor sociale steun en het delen van informatie. Hoewel vriendschappen op de werkvloer veelal dezelfde kenmerken hebben als een gewone vriendschap, zijn er toch verschillen te onderscheiden (Berman et al., 2002). Bij vriendschappen die ontstaan op de werkvloer wordt er meestal minder gekeken naar verschillen in leeftijd, status of geslacht. Bovendien zijn zulke vriendschappen vaker gebaseerd op vertrouwen, hulpvaardigheid, dezelfde werkinteresses of het samenwerken aan projecten (Berman et al., 2002). 2.2 Sociale netwerksites op de werkvloer SNS kunnen een instrument zijn om sociale relaties aan te gaan met collega s. Er zijn veel verschillende definities voor SNS. De meest gebruikte definitie is die van Boyd en Ellison (2008). Zij definiëren SNS als online services die hun gebruikers toestaan om (1) een openbaar of semiopenbaar profiel aan te maken binnen een begrensd internetsysteem, (2) waarbij ze een lijst kunnen aanmaken van andere gebruikers met wie zij een connectie hebben, en (3) waar ze zowel hun eigen lijst als die van andere gebruikers kunnen bekijken en doorzoeken (p. 211). SNS spelen in op de menselijke behoefte om sociale relaties met anderen te vormen en in stand te houden, wat weer bijdraagt aan wat een individu kan betekenen voor zijn of haar sociale omgeving (Ellison, Steinfield & Lampe, 2007). Er kan een onderscheid gemaakt worden in het soort SNS dat gebruikt wordt door kantoormedewerkers. Sommige studies behandelen specifieke interne SNS, die alleen toegankelijk zijn voor het eigen personeel van de organisatie (meestal via het intranet) en 8

9 speciaal daarvoor ontwikkeld zijn (Koch, Gonzales & Leidner 2012; DiMicco et al., 2010; DiMicco et al., 2009; Brozozowski 2009; DiMicco et al., 2008; Richter & Koch., 2008; Romeo., 2008). Daarnaast zijn er studies die gaan over het gebruik van algemene publieke SNS, zoals Facebook, op de werkvloer (Warnakula & Manickam 2010; Skeels en Grundin, 2009; DiMicco & Millen, 2007). Allereerst wordt ingegaan op het gebruik van specifieke interne SNS op de werkvloer. Bij IBM zijn meerdere studies uitgevoerd (DiMicco et al., 2008, 2009, 2010) over de interne SNS Beehive die werd opgericht in mei De site telt zo n leden. Dat is ongeveer 15.0% van de medewerkers van het bedrijf (DiMicco et al., 2010). Beehive is alleen toegankelijk voor IBM-medewerkers via het intranet. Zij kregen impliciet de opdracht om Beehive te gebruiken om overige medewerkers beter te leren kennen. DiMicco et al. (2010) vonden in hun studie dat de meeste medewerkers vooral connecties aangingen met medewerkers die ze nog niet kenden. Werknemers gebruiken de interne SNS Beehive uitsluitend om te interageren met collega s, te netwerken, banden te versterken en om op de hoogte te blijven van bedrijfsontwikkelingen. Specifieke interne SNS als Beehive worden dus gebruikt om contact te leggen met mensen die men nog niet kent met als oogmerk hier sociale voordelen mee te behalen (DiMicco et al., 2008) 1. Medewerkers kunnen reageren op elkaars statusupdates, een persoonlijke omschrijving plaatsen, elkaars connecties doorzoeken en foto s plaatsen. Interne SNS zijn beperkt in multimedia en persoonlijke instellingen zoals het afschermen van content en instellen van persoonlijke voorkeuren (Steinfield et al., 2009). Men kan uitsluitend collega s toevoegen (en collega s van vestigingen in het buitenland of elders in eigen land). Algemene publieke SNS, zoals Facebook, worden gebruikt vanuit een ander oogmerk. Men gaat hier vooral connecties aan met individuen die men al kent uit de offline context (Ellison et al., 2007). Onder andere Warnakula en Manickam (2010) hebben dit aangetoond. Zij deden een onderzoek onder 74 kantoormedewerkers bij verschillende organisaties in Sri Lanka. Vrijwel alle respondenten (98.9%) bezochten SNS tijdens het werk. Gemiddeld besteedden zij hier 77 minuten per dag aan. 50.0% rapporteerde dat ze 16 tot 60 minuten per dag aan SNS spendeerden tijdens de werkuren. De voornaamste reden voor het gebruik van 1 Merk op dat de medewerkers van IBM expliciet de opdracht hadden gekregen om contact te maken met anderen via de interne SNS Beehive. 9

10 SNS was om zich te verbinden met (nieuwe) collega s en mensen die men kent uit de professionele context. Tot slot gaf 35.7% aan dat zij SNS gebruikten om in contact te blijven met ex-collega s die zij kenden via hun vorige werkgever (Warnakula & Manickam, 2010). Ellison, Steinfield en Lampe (2007) benadrukken in hun studie dat algemene publieke SNS vooral gebruikt worden om relaties te onderhouden en om nieuwe mensen die men ontmoet heeft, beter te leren kennen. Er worden zelden mensen toegevoegd op publieke SNS die men niet kent uit de offline context. Voornamelijk worden deze publieke SNS gebruikt om relaties te onderhouden en in mindere mate om te netwerken (Boyd & Ellison, 2008). Op publieke SNS kan men diverse multimedia toevoegen (foto s, video s, muziekclips, links), persoonlijke informatie plaatsen zoals, leeftijd, woonplaats, interesse, opleiding, werkgever(s), geaardheid, relatiestatus en eventueel een beschrijving van zichzelf. Bovendien kan men content op de profielen van connecties plaatsen (Boyd & Ellison, 2008). Daarbij hebben publieke SNS andere gebruikers dan specifieke interne SNS. Op algemene publieke SNS voegen medewerkers individuen toe die zij kennen van school, werk, familie, vrienden, kennissen, bekenden, vrienden van vrienden, reisgenoten enzovoort en dus niet uitsluitend collega s zoals het geval is bij de specifieke interne SNS. Tussen de gebruikers van SNS zit ook een verschil. Actieve gebruikers, posters, leveren een actieve bijdrage door te posten en te reageren. Ze delen content, reageren op posts, foto s en video s, feliciteren jarige contactpersonen en sturen privéberichten naar contactpersonen. Daarnaast onderscheiden we passieve SNS-gebruikers, de zogeheten lurkers. Een lurker is een individu dat alleen meeleest en zelf (bijna) niets bijdraagt. Deze lurkers bezoeken SNS wel, maar dragen niet echt bij aan de content en aan het onderhouden van hun contacten. Tot slot zijn er gebruikers die af en toe actief zijn op SNS (Patrick Rau, Gao & Ding, 2008). 2.3 Sociale netwerksites en sociaal kapitaal Het actief zijn op SNS wordt vaak in verband gebracht met het sociale karakter van SNS en het begrip sociaal kapitaal (Boyd & Ellison, 2008). Binnen de wetenschap zijn er verschillende definities van sociaal kapitaal te vinden. Deze verwijzen vrijwel allemaal naar de voordelen die gehaald kunnen worden uit het hebben van sociale relaties met anderen (Coleman, 1988; Bourdieu, 2001; Lin, 2001; Portes, 1998; Putnam, 2000). Er zijn grofweg 10

11 twee opvattingen van wat sociaal kapitaal is. De Franse socioloog Pierre Bourdieu (2001) verwijst met individueel sociaal kapitaal naar alle waarde van sociale netwerken die een individu bezit. De waarde staat hierbij voor de potentiële bruikbaarheid van informatie en samenwerkingsverbanden die uit deze sociale netwerken voortkomen op basis van wederkerigheid en vertrouwen tussen de medewerkers. Daarnaast hanteert de Amerikaanse politicoloog Robert Putnam (2000) een collectieve benadering van het begrip sociaal kapitaal. Volgens hem "refereert dit naar de connecties tussen individuen, sociale netwerken en de normen van wederkerigheid en betrouwbaarheid die daaruit voortkomen (Putnam, 1995, p. 19). Volgens Putnam (2000) kan sociaal kapitaal onderverdeeld worden in bonding en bridging. Bonding sociaal kapitaal verwijst naar de sterke banden binnen een homogene groep mensen, bijvoorbeeld familie en goede vrienden. Bij dit soort relaties ontvangt men emotionele steun van elkaar. Op de werkvloer zou bonding sociaal kapitaal betekenen dat men heel erg op elkaar gericht is met als doel de groep bij elkaar te houden en om steun te verlenen binnen die groep. Bridging sociaal kapitaal verwijst naar de connecties naar buiten toe, waar men nauwelijks of geen emotionele steun van ontvangt. Bridging sociaal kapitaal biedt echter wel vele mogelijkheden om aan informatie te komen zoals, door het binnenbrengen van nieuwe contacten, nieuwe kennis en nieuwe zienswijzen. Hetgeen weer gunstig is voor de groep (Putnam, 2000). Zowel bonding als bridging sociaal kapitaal zijn relevant voor de organisatie en het individu omdat ze, zoals Bourdieu het stelt, potentieel bruikbaar zijn en dus waarde hebben. SNS worden vaak in verband gebracht met sociaal kapitaal, omdat ze draaien om de sociale interactie tussen individuen (Ellison, Steinfield & Lampe, 2007). Steeds meer onderzoeken over het gebruik van SNS tonen aan dat SNS belangrijke tools zijn voor het onderhouden van sociale relaties met het eigen sociale netwerk. Het zorgt onder andere voor sociale steun (bonding) en het verstrekken van bruikbare informatie (bridging) (Boyd & Ellison, 2007; Ellison et al. 2007; Ellison et al., 2009; Steinfield et al., 2008; Steinfield et al., 2009). 11

12 2.4 Onderzoekdoelstellingen en hypotheses Kantoormedewerkers gebruiken algemene publieke SNS zoals Facebook (Warnakula en Manickam, 2010). De besproken onderzoeken toonde aan dat het gebruik van SNS positief samenhangt met het sociaal kapitaal van een individu, mogelijk dus ook op de werkvloer (Ellison et al., 2007). Dit geldt zowel voor publieke als interne SNS. Het is echter nog niet duidelijk of dit ook voor Nederland geldt, aangezien de studies die dit aantonen uitgevoerd zijn in Amerika en Sri Lanka. Daarbij is het nog niet duidelijk welke factoren SNS-gebruik met collega s voorspellen. Het doel van dit onderzoek is om inzicht te verkrijgen in wat de voorspellers zijn van het gebruik van publieke SNS om te interageren met collega s, en in de relatie tussen SNS-gebruik en het sociaal kapitaal op de werkvloer Voorspellers van SNS-gebruik om te interageren met collega s Volgens Warnakula en Manickam (2010) spenderen kantoormedewerkers gemiddeld 77 minuten per dag aan SNS. Volgens Ellison, Steinfield en Lampe (2007) spenderen Facebookgebruikers tussen de 10 en 30 minuten per dag aan het sociale netwerk. Beide studies tonen aan dat wanneer men meer tijd besteedt aan SNS, het sociaal kapitaal stijgt. De verwachting is dat tijd besteed op SNS positief samenhangt met de mate van activiteiten op SNS, zoals de status updaten, statusupdates liken, foto s liken, privéberichten versturen, reageren op posts van anderen, een jarige collega feliciteren met zijn of haar verjaardag enzovoort (Steinfield et al., 2012). Op basis van de hierboven beschreven literatuur wordt het volgende verwacht: H1 Frequente SNS-gebruikers (die gemiddeld veel tijd besteden op SNS) maken vaker gebruik van publieke SNS om te interageren met collega s. Echter, tijd besteden op SNS is niet hetzelfde als actief zijn op SNS. Eerder hebben we gezien dat er grofweg twee soorten SNS-gebruikers zijn namelijk posters en lurkers. Posters zijn gebruikers die echt actief zijn en sociale netwerkactiviteiten ondernemen. Lurkers zijn gebruikers die SNS bezoeken maar niet actief bijdragen aan content en conversatie (Patrick Rau, Gao & Ding, 2008). Gezien het bestaan van lurkers, ook wel 12

13 meelezers genoemd, is in deze studie een onderscheid gemaakt in tijd besteden op SNS en SNS-gebruik om te interageren met collega s. Wanneer kantoormedewerkers in het algemeen actief zijn op publieke SNS, zou het goed mogelijk kunnen zijn dat zij dit medium ook gebruiken om te communiceren met hun collega s. Een van de belangrijkste redenen voor mensen om publieke SNS te gebruiken, is dat zij zich via dit medium willen verbinden aan (nieuwe) collega s en bekenden uit de professionele context (Warnakula en Manickam., 2010). In de studie van DiMicco en Millen (2007) werd verder gevonden dat kantoormedewerkers die actief zijn op de sociale netwerksite Facebook ook bevriend zijn met collega s. Men maakt dus nadrukkelijk gebruik van SNS om contact te maken en te onderhouden met collega s. Op basis van de hierboven beschreven literatuur wordt het volgende verwacht: H2 Kantoormedewerkers die buiten het werk om actief zijn op publieke SNS, zijn actiever op publieke SNS om te interageren met collega s. Wanneer kantoormedewerkers actief zijn op publieke SNS om te interageren met collega s, kunnen we veronderstellen dat zij veel met elkaar delen. Tegenwoordig is het echter mogelijk op SNS om bepaalde content af te schermen voor bepaalde groepen mensen of personen. Volgens Boyd (2006) is privacy op SNS zelfs één van de vier meest onderzochte onderwerpen binnen SNS-studies. Omdat zo veel SNS-studies gaan over privacy, is het interessant om te onderzoeken wat de relatie is tussen privacy en SNS-gebruik met collega s. Lewis, Kaufman en Christakis (2008) en Stutzman en Kramer-Duffield (2010) bijvoorbeeld hebben de relatie tussen SNS-activiteiten en privacyinstellingen in het algemeen onderzocht. Hun studies tonen aan dat hoe actiever men is op SNS, hoe belangrijker men privacy vindt en hoe vaker men zijn instellingen hierop aanpast. Tegenwoordig is het ook mogelijk om bijvoorbeeld foto s te verwijderen van het eigen profiel of bepaalde content af te schermen voor een bepaalde groep (bijvoorbeeld collega s). De mogelijkheden om je privacy te waarborgen op SNS gaan verder dan enkel de standaard instellingen die SNS hanteren. 13

14 Daarom wordt in de huidige studie gesproken van privacystrategieën in plaats van privacyinstellingen. Gebruikers van SNS kunnen keuzes maken in wie van hun contacten hun profiel kan bekijken. Daarbij is het mogelijk om afzonderlijke delen van het profiel of bepaalde foto s af te schermen voor personen of groepen. Zo kan het voorkomen dat gebruikers van SNS niet willen dat hun collega s alles lezen bijvoorbeeld, omdat zij SNS gebruiken om contact te onderhouden met vooral familie en goede vrienden. Deze mensen houden kennelijk werk en privé liever gescheiden. Of wellicht zijn ze beducht dat hun privé-informatie wordt misbruikt, wat voorkomt bij medewerkers die door hun collega s worden gepest. Verwacht zou mogen worden dat wanneer gebruikers bezorgd zijn over hun privacy 2, voor hen de waarborging van hun privacy heel belangrijk zal zijn. Gebruikers zullen dan proberen om zo weinig mogelijk informatie bekend te maken aan anderen. In lijn daarmee kan verondersteld worden dat collega s die privacystrategieën toepassen op SNS voor hun collega s, minder interageren met hun collega s en minder met hen delen. Op basis van de hierboven beschreven literatuur wordt het volgende verwacht: H3 Wanneer kantoormedewerkers weinig tot geen privacystrategieën hanteren op SNS (content afschermen specifiek voor collega s), zijn zij actiever in het interageren met collega s op SNS. Er is een verschil tussen SNS-intensiteit en actief zijn op SNS. We hebben eerder gezien dat aanwezig zijn/tijd spenderen op SNS niet automatisch betekent dat men ook actief is op SNS. Om te meten hoe actief men is op SNS werd eerder door Ellison, Steinfield en Lampe (2006) Facebook-intensiteit gemeten. Intensiteit drukt uit hoe diep de verbondenheid is die de gebruiker voelt met SNS. Deze verbondenheid kan worden beschreven als de mate waarin een individu zich emotioneel verbonden voelt met SNS en de mate waarin het SNSgebruik geïntegreerd is in het dagelijkse leven van een persoon (Ellison, Steinfield & Lampe, 2006). Ellison, Steinfield en Lampe (2006) gebruikten deze intensiteitschaal om te meten hoe 2 Met privacybezorgdheid wordt de mate van ongerustheid bedoeld. En met privacybewustzijn wordt bedoeld dat gebruikers nadenken over hun privacy en hoe zij er vervolgens mee omgaan. 14

15 emotioneel afhankelijk men is van Facebook. Ellison et al. (2006) combineerden de schaal met het aantal vrienden dat men op Facebook heeft en hoeveel tijd men besteedt aan deze SNS. Deze aspecten worden in de huidige studie los gemeten om te onderzoeken of kantoormedewerkers die zich meer emotioneel verbonden voelen met SNS en SNS-gebruik geïntegreerd hebben in het dagelijkse leven, ook actiever gebruikmaken van SNS om te interageren met collega s. Op basis van de hierboven beschreven literatuur wordt het volgende verwacht: H4 Hoe hoger de SNS-intensiteit, hoe meer kantoormedewerkers gebruik maken van publieke SNS om te interageren met collega s. Of kantoormedewerkers actief zijn op SNS om te interageren met collega s zou samen kunnen hangen met de attitude die men heeft over SNS-gebruik met collega s, ofwel de houding ten opzichte van het onderhouden van sociale relaties met collega s op SNS. De Theory of Planned Behavior stelt dat iemands intentie tot gedrag voornamelijk afhangt van de eigen overtuigingen en persoonlijke inschattingen die gemaakt worden rond de resultaten van bepaald gedrag (Ajzen, 1985 & Ajzen 1987). De basisveronderstelling is met andere woorden dat het daadwerkelijke gedrag het directe gevolg is van een bepaalde houding die men heeft ten opzichte van bepaald gedrag. Er kan verondersteld worden dat wanneer men de overtuiging heeft dat het onderhouden van sociale relaties op SNS met collega s waardevol is, dat men dan ook actiever is op SNS om te interageren met collega s. Op basis van de hierboven beschreven literatuur wordt het volgende verwacht: H5 Wanneer kantoormedewerkers een positieve houding hebben ten aanzien van het digitaal onderhouden van sociale relaties met collega s via SNS, zijn zij actiever op publieke SNS om te interageren met collega s. 15

16 2.4.2 SNS- activiteit als voorspeller van sociaal kapitaal op de werkvloer In de literatuur hebben we gezien dat het gebruik van SNS positief samenhangt met de omvang van het sociaal kapitaal van een individu (Ellison et al., 2007; Steinfield et al., 2008). Wanneer kantoormedewerkers actief zijn in het netwerken met collega s zullen zij hier op de werkvloer profijt van hebben. Want wie veel met collega s interageert zal daardoor een sterk netwerk creëren. Wanneer kantoormedewerkers een sterk netwerk hebben en elkaar beter kennen is dat gunstig voor de organisatie. De medewerkers kunnen dan makkelijk hulp van een andere collega inroepen. Maar zij kunnen ook makkelijk doorverwijzen naar andere collega s die iets kunnen betekenen op een bepaald vlak. Voor een organisatie is het van meerwaarde dat de medewerkers weten wie ze moeten aanspreken voor een bepaalde klus en dat zij elkaar steunen bij de werkzaamheden. Voor de medewerkers is het prettig als ze een beroep kunnen doen op hun collega s. Wanneer kantoormedewerkers interageren met hun collega s bouwen zij aan hun netwerk, wat weer kan leiden tot meer sociaal kapitaal (Steinfield et al., 2008). SNS zijn daar een geschikt medium voor (Ellison et al., 2007). Op basis daarvan is te verwachten dat wanneer kantoormedewerkers actiever zijn op publieke SNS om te interageren met collega s, zij daardoor meer sociaal kapitaal op de werkvloer zullen hebben. Dit leidt tot de volgende hypothese: H6 Wanneer kantoormedewerkers actiever zijn op publieke SNS om te interageren met collega s, hebben zij meer sociaal kapitaal op de werkvloer. 16

17 Hoofdstuk 3 - Onderzoeksmethode 3.1 Onderzoeksdesign De onderzoeksdata werden verzameld door middel van een online vragenlijst dat afgenomen is met behulp van Thesistools, een programma dat gebruikt kan worden om gratis online enquêtes te maken en te verspreiden. Een survey-onderzoek heeft een aantal voordelen ten opzichte van andere methoden van onderzoek. Zo kunnen de resultaten gegeneraliseerd worden en kunnen er veel respondenten eenvoudig bereikt worden. Andere voordelen van een survey-onderzoek zijn dat data op een snelle wijze verkregen kunnen worden en dat de resultaten relatief betrouwbaar zijn tegen gevolge van het grote aantal onderzoekseenheden. (Korzilius, 2000). De nadelen van een dergelijke werkwijze zijn de geringe diepgang en het aspectmatige karakter van de gegevens. Zo is het bijvoorbeeld niet mogelijk om door te vragen bij deze methode van onderzoek (Korzilius, 2000). Beide nadelen worden getracht zoveel mogelijk ondervangen te worden door het zorgvuldig samenstellen van de vragen. 3.2 Respondenten Om respondenten te werven voor dit onderzoek werd er contact opgenomen met tien verschillende bedrijven uit de regio Noord-Brabant. Deze bedrijven werden benaderd door middel van s en telefoongesprekken. Van deze tien bedrijven waren vier bedrijven bereid mee te werken aan het survey-onderzoek. Deze bedrijven hebben de hyperlink van het onderzoek verspreid onder hun medewerkers met behulp van het intranet en de interne mailbox. Naast het benaderen van bedrijven, werden de overige respondenten voor het onderzoek direct benaderd via privéberichten op het sociale media platform LinkedIn. Deze respondenten waren lid van diverse LinkedIn-groepen waaronder de groep, het nieuwe werken en alumnigroepen van Hogeschool Schoevers en Tilburg University. Zij kregen een bericht met daarin de uitleg over het onderzoek en de hyperlink naar de online vragenlijst op Thesistools. Er is voor gekozen om de respondenten op deze wijze te benaderen, omdat deze respondenten kantoormedewerkers zijn. Alle gegevens die door deze online vragenlijst verkregen zijn, werden volledig anoniem verwerkt en geanalyseerd. 17

18 Aan dit onderzoek deden in totaal 391 kantoormedewerkers mee. Na het opschonen van het databestand kwam het totaal aantal respondenten uit op 307, waarvan 137 mannen (45.0 %) en 169 vrouwen (55.0 %). De respondenten hadden een leeftijd tussen de 17 en 63 jaar, en de gemiddelde leeftijd van de respondenten was 37.8 jaar (SD = 11.31). De meeste respondenten waren hoogopgeleid (79.8 %, N = 245). Veruit de meeste respondenten waren werkzaam als medewerker (74.9%, N = 230) een tweede groep had een leidinggevende functie (20.2%, N = 62) en een laatste groep was werkzaam als lid van de directie (4.6%, N = 14). 3.3 Gegevensverzameling Voor dit onderzoek werd gebruikgemaakt van een gecombineerde vragenlijst. De vragen voor dit onderzoek werden gepaard met vragen van een medestudent, Wesley van Haaster om zo aan meer respondenten te komen. In het eerste gedeelte van de vragenlijst werden sociodemografische vragen gesteld. Dit gedeelte werd verplicht gemaakt. Het tweede deel van de vragenlijst had betrekking op de scriptie van Wesley van Haaster en ging over de relatie tussen het thuis checken van en de balans tussen werk en privéleven. Het derde deel van de vragenlijst ging over het gebruik van SNS in het algemeen en het gebruik van SNS om te interageren met collega s. Het nadeel van deze manier van ondervragen was dat vele respondenten alleen het verplichte deel met demografische gegevens ingevuld hadden. Het voordeel is echter dat er veel mensen bereikt zijn in een relatief kort tijdbestek. Metingen Geslacht & leeftijd Geslacht werd gecodeerd als 0 voor man en 1 voor vrouw. Daarnaast werd de leeftijd van de respondenten bevraagd middels een openvraag. Opleidingsniveau Het opleidingsniveau werd bevraagd aan de hand van een gesloten vraag met zes antwoordmogelijkheden: 1 = geen of lager voortgezet onderwijs (lbo/vbo), 2 = middelbaar voortgezet onderwijs (mavo/vmbo), 3 = hoger voortgezet onderwijs (havo/vwo), 4 = middelbaar beroepsonderwijs (mbo/middenstand), 5 = hoger beroepsonderwijs (hbo), 6 = universitair/wetenschappelijk onderwijs (master of doctoraat). Van de totale steekproef had 18

19 0.3% (N = 1) geen of lager voortgezet onderwijs gevolgd, 1.0% (N = 3) middelbaar voortgezet onderwijs, 7.2% (N = 22) hoger voortgezet onderwijs, 11.7% (N = 36) middelbaar beroepsonderwijs, 54.7% ( N = 168) hoger beroepsonderwijs en tot slot 25.1% (N = 77) wetenschappelijk onderwijs. Gemiddeld genomen was de steekproef dan ook hoog opgeleid (M = 4.95, SD = 0.89). Sociaal kapitaal In dit onderzoek werd gebruikgemaakt van William s (2006) Internet Social Capital Scales (ISCS) om het sociaal kapitaal van de respondenten te meten. Er waren kleine aanpassingen gedaan aan de schalen, zodat de items toepasbaar waren voor collega s. De respondenten konden de vragen beantwoorden aan de hand van een vijfpunts Likert schaal waarbij het cijfer 1 stond voor helemaal mee oneens en het cijfer 5 voor helemaal mee eens. Een voorbeeldstelling van sociaal kapitaal is: Door het contact met mijn collega s hoor ik over promotiemogelijkheden. Alle items voor sociaal kapitaal waren intern consistent (Cronbach Alpha =.88). De gemiddelde score op sociaal kapitaal was 3.51 (SD =.59). Tijd besteed aan SNS De tijd die respondenten besteden aan SNS werd bevraagd aan de hand van de volgende gesloten vraag: Hoeveel dagen per week bent u online op sociale netwerksites? met daarbij acht antwoordmogelijkheden: 1 = 1 dag/7, 2 = 2 dagen/7, 3 = 3 dagen/7, 4 = 4 dagen/7, 5= 5 dagen/7, 6 = 6 dagen/7, 7= elke dag, 8 = n.v.t. Vervolgens werd gevraagd naar het gemiddeld aantal minuten dat men dagelijks besteedde aan SNS (op een gemiddelde dag waarop men SNS bezoekt). Het aantal minuten werd vermenigvuldigd met het aantal dagen om aan de tijd online op SNS per week te komen (M = , SD = ). SNS-intensiteit Om de emotionele intensiteit ten aanzien van het gebruik van SNS te meten, werden vijf stellingen gebruikt van Ellison et al. (2007). Deze stellingen moesten de respondenten evalueren op een vijfpunts Likert schaal, waarbij het cijfer 1 stond voor helemaal mee oneens en het cijfer 5 voor helemaal mee eens. Deze meting toonde aan hoe emotioneel verbonden men is met SNS en in hoeverre SNS-gebruik geïntegreerd is in de dagelijkse 19

20 bezigheden. Een voorbeeldstelling is: Sociale netwerksites zijn onderdeel van mijn dagelijkse routine. De vijf items waren intern consistent (Cronbach Alpha =.88). Voor het analyseren van de resultaten was er een afgeleide variabele gecreëerd die het gemiddelde nam van de vijf variabelen van intensiteit. De gemiddelde score op intensiteit was 2.80 (SD = 0.97). Gebruik van privacystrategieën op SNS ten aanzien van collega s Om de privacystrategieën van de kantoormedewerkers te meten, werd gebruikgemaakt van een vijfpunts Likert schaal met vijf stellingen die betrekking hadden op het afschermen van het persoonlijk profiel. Een voorbeeldstelling is: Ik verwijder weleens posts van mijn tijdlijn omdat ik niet wil dat mijn collega s dit zien. De respondenten konden de stellingen evalueren op een vijfpunts Likert schaal, waarbij het cijfer 1 stond voor helemaal mee oneens en het cijfer 5 voor helemaal mee eens. De betrouwbaarheidsanalyse resulteerde in een betrouwbare schaal (Cronbach Alpha =.78). Voor het analyseren van de resultaten was er een afgeleide variabele gecreëerd die het gemiddelde nam van de score op privacystrategieën (M = 2.64, SD =.96). Houding tegenover het digitaal onderhouden van sociale relaties met collega s op SNS Om de houding van de respondent te meten ten aanzien van het digitaal onderhouden van sociale relaties met collega s via SNS werden zes stellingen opgenomen in de vragenlijst. Een voorbeeldstelling is: Ik zie SNS als een manier om de bestaande relaties met mijn collega s te versterken. Er is wederom gebruikgemaakt van een vijfpunts Likert schaal, waarbij het cijfer 1 stond voor helemaal mee oneens en het cijfer 5 voor helemaal mee eens. De betrouwbaarheidsanalyse resulteerde in een betrouwbare schaal (Cronbach Alpha =.90). Voor het analyseren van de resultaten was er een afgeleide variabele gecreëerd die het gemiddelde nam van de score op houding ten aanzien van het digitaal onderhouden van sociale relaties met collega s op SNS (M = 2.47, SD =.97). SNS-gebruik Om het SNS-gebruik van kantoormedewerkers te meten werden eerst vragen opgenomen die eerst het SNS-gebruik in het algemeen maten en vervolgens het SNS-gebruik specifiek met 20

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars Management Summary Wat voor een effect heeft de vorm van een bericht op de waardering van de lezer en is de interesse in nieuws een moderator voor dit effect? Auteur Tessa Puijk Organisatie Van Diemen

Nadere informatie

Computeraffiniteit belangrijk op kantoor

Computeraffiniteit belangrijk op kantoor Auteur A.R. Goudriaan E-mailadres alex@goudriaan.name Datum 16 november 2008 Versie 1.0 Titel Computeraffiniteit belangrijk op kantoor Computeraffiniteit belangrijk op kantoor tevredenheid over de automatiseringsafdeling

Nadere informatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Voorlopige resultaten van het onderzoek naar de perceptie van medewerkers in sociale (wijk)teams bij gemeenten - Yvonne Zuidgeest

Nadere informatie

Social media workshop

Social media workshop Social media workshop Doel van vandaag: Een introductie, wat is social media. Verdieping binnen een Facebook fanpage. Wat is Social Media Social media zijn communicatiekanalen op internet waarop informatie,

Nadere informatie

Bachelorscriptie. Culturele aspecten van sociale media

Bachelorscriptie. Culturele aspecten van sociale media Bachelorscriptie Culturele aspecten van sociale media Verschillen tussen studenten en young professionals in het gebruik van Facebook en kennis over privacy Naam: Ivo Gagel ANR: 753592 Begeleider: dr.

Nadere informatie

Nationale monitor Social media in de Interne Communicatie

Nationale monitor Social media in de Interne Communicatie Nationale monitor Social media in de Interne Communicatie VRAGENLIJST Dit is de vragenlijst zoals we die aangeboden hebben. Veel vragen worden door zogenaamde LIkert schalen aangeboden, bij ons op een

Nadere informatie

Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan

Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan Case Medewerkerstevredenheiden betrokkenheidscan Hoe tevreden zijn de medewerkers met en hoe betrokken zijn zij bij de organisatie en welke verbeterpunten ziet men voor de toekomst? Wat is medewerkerstevredenheid

Nadere informatie

Voorwoord. Uitkomsten enquête 19-06-2011

Voorwoord. Uitkomsten enquête 19-06-2011 Voorwoord In mijn scriptie De oorlog om ICT-talent heb ik onderzoek gedaan of Het Nieuwe Werken als (gedeeltelijke) oplossing kon dienen voor de aankomende vergrijzing. Hiervoor werd de volgende onderzoeksvraag

Nadere informatie

Response 879 entries, vanwege te veel missende waarden uiteindelijk 563 bruikbare responses

Response 879 entries, vanwege te veel missende waarden uiteindelijk 563 bruikbare responses Onderzoeksvraag Wat is het effect van social media op de interne communicatie? Methode Oproep via sociale media om enquête in te vullen, gevraagd om RT Response 879 entries, vanwege te veel missende waarden

Nadere informatie

Informatie over de deelnemers

Informatie over de deelnemers Tot eind mei 2015 hebben in totaal 45558 mensen deelgenomen aan de twee Impliciete Associatie Testen (IATs) op Onderhuids.nl. Een enorm aantal dat nog steeds groeit. Ook via deze weg willen we jullie nogmaals

Nadere informatie

Handleiding Nederlandse Werkwaardentest

Handleiding Nederlandse Werkwaardentest Handleiding Nederlandse Werkwaardentest Versie 1.0 (c), mei 2008 Dr Edwin van Thiel Nederlandse werkwaardentest De Nederlandse werkwaardentest is eind 2006 ontwikkeld door 123test via een uitgebreid online

Nadere informatie

Zit de online burger wel online op u te wachten? Door: David Kok

Zit de online burger wel online op u te wachten? Door: David Kok Zit de online burger wel online op u te wachten? Door: David Kok Veel gemeenten zijn inmiddels actief op sociale media kanalen, zoals ook blijkt uit het onderzoek dat is beschreven in hoofdstuk 1. Maar

Nadere informatie

18 december 2012. Social Media Onderzoek. MKB Nederland

18 december 2012. Social Media Onderzoek. MKB Nederland 18 december 2012 Social Media Onderzoek MKB Nederland 1. Inleiding Er wordt al jaren veel gesproken en geschreven over social media. Niet alleen in kranten en tijdschriften, maar ook op tv en het internet.

Nadere informatie

Richtlijn gebruik social media. Interne en Externe Communicatie. Voor studenten. Collegejaar 2012-2013

Richtlijn gebruik social media. Interne en Externe Communicatie. Voor studenten. Collegejaar 2012-2013 Richtlijn gebruik social media Interne en Externe Communicatie Voor studenten Collegejaar 2012-2013 Directie Onderwijs & Opleidingen Team Communicatie & Voorlichting Juli 2012 Social Media 1 Inleiding

Nadere informatie

Maurice Jongmans is Adviseur Social Media en Zoekmachineoptimalisatie bij Webtechniek in Delft.

Maurice Jongmans is Adviseur Social Media en Zoekmachineoptimalisatie bij Webtechniek in Delft. Maurice Jongmans is Adviseur Social Media en Zoekmachineoptimalisatie bij Webtechniek in Delft. Webtechniek is gespecialiseerd in technische oplossingen voor internet en applicaties. Sinds 2000 is het

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz

Volgens Nederland. Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea. 15 november 2012. Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Volgens Nederland Analyse van de nieuwe corporate campagne van Achmea 15 november 2012 Sanne Gaastra Mirjam Lasthuizen Sonja Utz Achtergrond Volgens Nederland Nederland kent een aantal belangrijke maatschappelijke

Nadere informatie

ONDERZOEK ONLINE INFLUENCERS

ONDERZOEK ONLINE INFLUENCERS ONDERZOEK ONLINE INFLUENCERS 2 Voorwoord Marketeers worden zich er steeds meer van bewust wat de invloed is van social media op de (online) reputatie van hun bedrijf. Mede daarom zetten zij ook steeds

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Docenten in het hoger onderwijs zijn experts in wát zij doceren, maar niet noodzakelijk in hóe zij dit zouden moeten doen. Dit komt omdat zij vaak weinig tot geen training hebben gehad in het lesgeven.

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Dit document beschrijft kort de bevindingen uit het onderzoek over biseksualiteit van het AmsterdamPinkPanel.

Nadere informatie

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V.

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Opdrachtgever: Uitvoerder: Plaats: Versie: Fictivia B.V. Junior Consult Groningen Fictief 1 Inhoudsopgave Inleiding 3 Directieoverzicht 4 Leiderschap.7

Nadere informatie

Resultaat tevredenheidsonderzoek externe relaties Odion

Resultaat tevredenheidsonderzoek externe relaties Odion Resultaat tevredenheidsonderzoek externe relaties Odion Resultaat externe tevredenheidsmeting Pagina 1 Rinske Rill en Dea Bobeldijk. 21 mei 1 Inhoud Samenvatting... 1. Inleiding... 4 2. Aantallen respondenten...

Nadere informatie

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Respondent: Johan den Doppelaar Email: info@123test.nl Geslacht: man Leeftijd: 37 Opleidingsniveau: hbo Vergelijkingsgroep: Nederlandse beroepsbevolking

Nadere informatie

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van

Nadere informatie

pggm.nl Persoonlijke Balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De Persoonlijke Balans

pggm.nl Persoonlijke Balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De Persoonlijke Balans pggm.nl Persoonlijke Balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De Persoonlijke Balans In maart 2014 heeft PGGM haar leden gevraagd naar hun persoonlijke balans: wat betekent persoonlijke balans voor

Nadere informatie

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention Samenvatting Wesley Brandes MSc Introductie Het succes van CRM is volgens Bauer, Grether en Leach (2002) afhankelijk van

Nadere informatie

De mediawijze adolescent

De mediawijze adolescent De mediawijze adolescent Amber Walraven, 12 november 2014 ITS, Radboud Universiteit Nijmegen 1 Inhoud Wat kunnen adolescenten wel op het gebied van mediawijsheid? Wat kunnen adolescenten niet op het gebied

Nadere informatie

Helder zicht: meet het verandervermogen van uw organisatie

Helder zicht: meet het verandervermogen van uw organisatie Helder zicht: meet het verandervermogen van uw organisatie Zou het niet heerlijk zijn als: veranderingen soepeler verlopen, medewerkers er minder weerstand tegen hebben, projecten eerder klaar zijn en

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Het aantal eerste en tweede generatie immigranten in Nederland is hoger dan ooit tevoren. Momenteel wonen er 3,2 miljoen immigranten in Nederland, dat is 19.7% van de totale

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions

Inhoudsopgave. 2 Danique Beeks Student Advanced Business Creation Stage JH Business Promotions Onderzoeksopzet Danique Beeks Studentnummer: 2054232 Advanced Business Creation Stagebedrijf: JH Busines Promotions Bedrijfsbegeleider: John van den Heuvel Datum: 12 September 2013 Inhoudsopgave Inleiding

Nadere informatie

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte. Een chronische en progressieve aandoening zoals multiple sclerose (MS) heeft vaak grote consequenties voor het leven van patiënten en hun intieme partners. Naast het omgaan met de fysieke beperkingen van

Nadere informatie

(VIDEO) Review ZEEF Wat is ZEEF en wat kan je hiermee?

(VIDEO) Review ZEEF Wat is ZEEF en wat kan je hiermee? Inhoud Inleiding Voor Wie is ZEEF? Wat kan ik op ZEEF vinden? Hoe werkt ZEEF voor een bezoeker? Hoe werkt ZEEF voor een expert? Voordelen ZEEF Nadelen ZEEF Conclusie ZEEF Eigen ervaringen met ZEEF Bronnen

Nadere informatie

Resultaten Gezondheidszorg

Resultaten Gezondheidszorg Resultaten Gezondheidszorg Conclusies Onbekendheid social media in de gezondheidszorg is groot; treffend is een quote van een zorggebruiker die stelt dat als je als patiënt nog niet of nauwelijks met een

Nadere informatie

Zo zijn onze manieren. Gedragscode Coloriet

Zo zijn onze manieren. Gedragscode Coloriet Zo zijn onze manieren Gedragscode Coloriet Wij zijn Coloriet Alle medewerkers, vrijwilligers, leerlingen en stagiaires horen bij Coloriet. Bij ons werken vriendelijke, deskundige, gepassioneerde en verantwoordelijke

Nadere informatie

Flexibiliteit in de job, een opstap naar flexibele loopbaan?

Flexibiliteit in de job, een opstap naar flexibele loopbaan? Flexibiliteit in de job, een opstap naar flexibele loopbaan? Zo n 1 op 4 werknemers die we bevraagd hebben vinden dat hun werkgever niet flexibel genoeg is. De anderen geven aan dat er heel wat mogelijk

Nadere informatie

Kennisdeling in lerende netwerken

Kennisdeling in lerende netwerken Kennisdeling in lerende netwerken Managementsamenvatting Dit rapport presenteert een onderzoek naar kennisdeling. Kennis neemt in de samenleving een steeds belangrijker plaats in. Individuen en/of groepen

Nadere informatie

Resultaten Onderzoek September 2014

Resultaten Onderzoek September 2014 Resultaten Onderzoek Initiatiefnemer: Kennispartners: September 2014 Resultaten van onderzoek naar veranderkunde in de logistiek Samenvatting Logistiek.nl heeft samen met BLMC en VAViA onderzoek gedaan

Nadere informatie

Vrijwilligers en social media

Vrijwilligers en social media Inspiratiesessie Welkom! Introductie Agenda voor vandaag Vrijwilligers & social media De cijfers Facebook LinkedIn De verschillen In de praktijk Randvoorwaarden Ken uzelf! Thema s Vacaturetekst Vrijwilligers

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Jongeren & hun financiële verwachtingen

Jongeren & hun financiële verwachtingen Nibud, februari Jongeren & hun financiële verwachtingen Anna van der Schors Daisy van der Burg Nibud in samenwerking met het 1V Jongerenpanel van EenVandaag Inhoudsopgave 1 Onderzoeksopzet Het Nibud doet

Nadere informatie

Sociale media. Over het EenVandaag Opiniepanel. 15 augustus 2015. Over dit onderzoek

Sociale media. Over het EenVandaag Opiniepanel. 15 augustus 2015. Over dit onderzoek Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 45.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag

Nadere informatie

Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten

Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten 1 Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten In opdracht van InterBank juli 2006 2 Copyright 2006 Blauw Research bv Alle rechten voorbehouden. De resultaten zoals beschreven

Nadere informatie

Samenvatting onderzoek Bejegening van pleegouders in Zeeland Door Veerle de Leede In opdracht van Stichting Pleegoudersupport Zeeland

Samenvatting onderzoek Bejegening van pleegouders in Zeeland Door Veerle de Leede In opdracht van Stichting Pleegoudersupport Zeeland Samenvatting onderzoek Bejegening van pleegouders in Zeeland Door Veerle de Leede In opdracht van Stichting Pleegoudersupport Zeeland Beste pleegouder, U heeft aangegeven graag op de hoogte gehouden te

Nadere informatie

On-line Communicatietool Ict op School

On-line Communicatietool Ict op School On-line Communicatietool Ict op School Rapport 2 Output van kwalitatieve marktonderzoek basisschool Kwalitatief marktonderzoek ten behoeve van de ontwikkeling en toetsing van een online communicatietool

Nadere informatie

Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen

Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen Rapportage Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen In opdracht van: Mediawijzer.net Datum: 22 november 2013 Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon Index Achtergrond van het onderzoek 3 Conclusies

Nadere informatie

Resultaten eerste peiling digitaal burgerpanel Externe communicatiemiddelen gemeente Oirschot. Januari 2015

Resultaten eerste peiling digitaal burgerpanel Externe communicatiemiddelen gemeente Oirschot. Januari 2015 Resultaten eerste peiling digitaal burgerpanel Externe communicatiemiddelen gemeente Oirschot Januari 2015 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Resultaten... 4 2.1 Onderzoeksverantwoording... 4 2.2 Hoe tevreden

Nadere informatie

Motieven van patiënten en zorgverleners voor het gebruik van sociale media

Motieven van patiënten en zorgverleners voor het gebruik van sociale media Samenvatting resultaten Motieven van patiënten en zorgverleners voor het gebruik van sociale media Scriptieonderzoek van Drs. Nannet Vermeer Tilburg University (UvT) Departement Communicatie- en Informatiewetenschappen

Nadere informatie

900 Facebookvrienden, gewoon sociaal of iets te compenseren?

900 Facebookvrienden, gewoon sociaal of iets te compenseren? 900 Facebookvrienden, gewoon sociaal of iets te compenseren? Zelfwaardering en de omvang van offline en online vriendengroepen. Chantal de Jong - ANR 531751 Masterscriptie Communicatie- en Informatiewetenschappen

Nadere informatie

Monitor Klik & Tik de Bibliotheek [voorbeeld] september 2014 augustus 2015

Monitor Klik & Tik de Bibliotheek [voorbeeld] september 2014 augustus 2015 Monitor Klik & Tik de Bibliotheek [voorbeeld] september 2014 augustus 2015 Inhoud 1. Inleiding... 1 2. Dienstverlening en deelnemers in de Bibliotheek [voorbeeld]... 2 2.1 Dienstverlening... 2 2.2 Deelnemers...

Nadere informatie

Nationaal Onderzoek Over Het Nieuwe Werken 2012

Nationaal Onderzoek Over Het Nieuwe Werken 2012 Nationaal Onderzoek Over Het Nieuwe Werken 2012 Alle feiten en cijfers Gegevens Datum : 20 juni 2012 Auteur : Redactie Inhoud Inleiding... 4 Onderzoek... 4 Verantwoording... 4 Belangrijkste conclusies...

Nadere informatie

Opzetten medewerker tevredenheid onderzoek

Opzetten medewerker tevredenheid onderzoek Opzetten medewerker tevredenheid onderzoek E: info@malvee.com T: +31 (0)76 7002012 Het opzetten en uitvoeren van een medewerker tevredenheid onderzoek is relatief eenvoudig zolang de te nemen stappen bekend

Nadere informatie

Eenzaamheid in relatie tot digitale communicatie

Eenzaamheid in relatie tot digitale communicatie Eenzaamheid in relatie tot digitale communicatie Index 1. Samenvatting p. 3 2. Doelstellingen en opzet onderzoek p. 6 3. Gebruik communicatiemiddelen p. 9 4. Perceptie digitale communicatie en eenzaamheid

Nadere informatie

Voorpublicatie Vertrouwen in de wetenschap

Voorpublicatie Vertrouwen in de wetenschap Voorpublicatie Vertrouwen in de wetenschap Augustus 2015 Het meeste wetenschappelijk onderzoek wordt betaald door de overheid uit publieke middelen. De gevolgen van wetenschappelijke kennis voor de samenleving

Nadere informatie

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010 Evaluatierapport Workshop Bewust en positief omgaan met ADHD Universiteit van Tilburg Forensische psychologie 23 april 2010 Drs. Arno de Poorter (workshopleider) Drs. Anne van Hees (schrijver evaluatierapport)

Nadere informatie

LinkedIn. Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden

LinkedIn. Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden LinkedIn Voor Utrechtse initiatieven die bekender willen worden Deze informatie is opgesteld door Team 2015 Utrecht om Utrechtse initiatieven te ondersteunen bij hun PR. We verwelkomen het gebruik van

Nadere informatie

OBS A.M.G. Schmidt 7 februari 2014

OBS A.M.G. Schmidt 7 februari 2014 OBS A.M.G. Schmidt 7 februari 2014 Managementrapportage Scholengemeenschap Veluwezoom wil periodiek meten hoe de tevredenheid is onder haar belangrijkste doelgroepen: leerlingen, ouders, leerkrachten en

Nadere informatie

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013 Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 212-21 In academiejaar 212-21 namen 5 mantelzorgers en 5 studenten 1 ste bachelor verpleegkunde (Howest, Brugge) deel aan het project Mantelluisten.

Nadere informatie

Werkinstructie voor de CQI Naasten op de IC

Werkinstructie voor de CQI Naasten op de IC Werkinstructie voor de CQI Naasten op de IC 1. De vragenlijst Waarvoor is de CQI Naasten op de IC bedoeld? De CQI Naasten op de IC is bedoeld is bedoeld om de kwaliteit van de begeleiding en opvang van

Nadere informatie

Het meten van regula e-ac viteiten van docenten

Het meten van regula e-ac viteiten van docenten Samenvatting 142 Samenvatting Leerlingen van nu zullen hun werk in steeds veranderende omstandigheden gaan doen, met daarbij horende eisen van werkgevers. Het onderwijs kan daarom niet voorbijgaan aan

Nadere informatie

Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking Geeke Waverijn, Mieke Rijken

Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking Geeke Waverijn, Mieke Rijken Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Langdurig ziekteverzuim van werknemers met een chronische ziekte of beperking, G. Waverijn & M. Rijken, NIVEL, januari

Nadere informatie

Onderzoek naar privacyafwegingen van internetgebruikers

Onderzoek naar privacyafwegingen van internetgebruikers Onderzoek naar privacyafwegingen van internetgebruikers in opdracht van ECP Platform voor de Informatiesamenleving Oktober 2014 Samenvatting van belangrijkste bevindingen (1) 1. Nederlanders vinden hun

Nadere informatie

Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen

Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen Overall rapportage Vensters voor verantwoording Leerlingen In opdracht van: Contactpersoon: COLLEGE HAGEVELD De heer K. Annema Utrecht, mei 2012 DUO ONDERWIJSONDERZOEK drs. Vincent van Grinsven drs. Madelon

Nadere informatie

Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina.

Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina. Facebook voor beginners: aan de slag met een Facebook Bedrijvenpagina. Auteur: Alle rechten voorbehouden 2012 Inhoud Introductie... 3 Wat is een bedrijvenpagina eigenlijk?... 4 Het aanmaken van een Facebook

Nadere informatie

Medewerkerbetrokkenheid. 1. Werk aan medewerkertevredenheid. Betrokkenheid uit jezelf. Waarom zou iemand het maximale inzetten voor een werkgever?

Medewerkerbetrokkenheid. 1. Werk aan medewerkertevredenheid. Betrokkenheid uit jezelf. Waarom zou iemand het maximale inzetten voor een werkgever? Dat is de vraag! Natuurlijk is werk nog steeds vanzelfsprekend voor mensen maar het is niet meer zo vanzelfsprekend om voor de duur van het leven die ene baas te kiezen. Mensen maken enorm veel keuzes.

Nadere informatie

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN - eindrapport - dr. M. Witvliet Y. Bleeker, MSc Regioplan Jollemanhof 8 09 GW Amsterdam Tel.: + (0)0 5 5 5 Amsterdam,

Nadere informatie

Inhoudsopgave Voorwoord 7 Nieuwsbrief 7 Introductie Visual Steps 8 Wat heeft u nodig? 8 Hoe werkt u met dit boek? 9 Uw voorkennis

Inhoudsopgave Voorwoord 7 Nieuwsbrief 7 Introductie Visual Steps 8 Wat heeft u nodig? 8 Hoe werkt u met dit boek? 9 Uw voorkennis Inhoudsopgave Voorwoord... 7 Niesbrief... 7 Introductie Visual Steps... 8 Wat heeft u nodig?... 8 Hoe werkt u met dit boek?... 9 Uw voorkennis... 10 De website bij het boek... 10 Toets kennis... 10 Voor

Nadere informatie

HOOFDSTUK 6 Samenvattende conclusies

HOOFDSTUK 6 Samenvattende conclusies 6 pagina 97 HOOFDSTUK 6 Samenvattende conclusies 6.1 Nieuws 6.1.1 Content: Zijn jongeren in nieuws geïnteresseerd? 6.1.2 Waarde: Is nieuws volgen belangrijk? 6.1.3 Oordeel: Hoe beoordelen jongeren nieuws?

Nadere informatie

Frans de Hoyer GW Management. E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive. De wereld is veranderd

Frans de Hoyer GW Management. E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive. De wereld is veranderd Frans de Hoyer GW Management E-Mail Marketing (mysterye-mail) E-Mailnieuwsbrief Social media voor de Automotive De wereld is veranderd 1 We kopen online We plaatsen alles online 2 Dit onderdeel valt ineens

Nadere informatie

MINI-CURSUS FACEBOOK Statusupdates op je startpagina (1) (2) (3) (4) (5)

MINI-CURSUS FACEBOOK Statusupdates op je startpagina (1) (2) (3) (4) (5) MINI-CURSUS FACEBOOK Statusupdates op je startpagina (1) (2) (3) (4) (5) Onder het tabblad Nieuwsoverzicht (1) kan je bekijken welke publieke berichten ( statusupdates ) je vrienden hebben gepost. Dit

Nadere informatie

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN - eindrapport - dr. M. Witvliet Y. Bleeker, MSc Regioplan Jollemanhof 8 09 GW Amsterdam Tel.: + (0)0 5 5 5 Amsterdam,

Nadere informatie

Kennisdeling op internet tussen leraren in Kennisnet Vakcommunities. De belangrijkste resultaten. Management samenvatting

Kennisdeling op internet tussen leraren in Kennisnet Vakcommunities. De belangrijkste resultaten. Management samenvatting Kennisdeling op internet tussen leraren in Kennisnet Vakcommunities. De belangrijkste resultaten Uwe Matzat/Chris Snijders Technische Universiteit Eindhoven Management samenvatting De grote meerderheid

Nadere informatie

RICHTLIJNEN VOOR HET GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA

RICHTLIJNEN VOOR HET GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA RICHTLIJNEN VOOR HET GEBRUIK VAN SOCIAL MEDIA Hoe je online je stem kunt laten horen en een Cavent-ambassadeur kunt zijn Datum vaststelling : 31-07-2012 Eigenaar : Beleidsmedewerker Vastgesteld door :

Nadere informatie

CLIËNTTEVREDENHEIDSONDERZOEK OVAL 2014. December 2014 Marij Tillmanns 36683 GfK 2014 CTO Oval December 2014

CLIËNTTEVREDENHEIDSONDERZOEK OVAL 2014. December 2014 Marij Tillmanns 36683 GfK 2014 CTO Oval December 2014 CLIËNTTEVREDENHEIDSONDERZOEK OVAL December Marij Tillmanns 36683 1 Inhoud 1. Management Summary 2. Resultaten Algemeen Overall tevredenheid Bedrijfsarts Casemanager Achtergrondkenmerken 3. Onderzoeksopzet

Nadere informatie

Betekenis van werk. Slechts 1 op de 7 Nederlanders geniet van het werk

Betekenis van werk. Slechts 1 op de 7 Nederlanders geniet van het werk Betekenis van werk Slechts 1 op de 7 Nederlanders geniet van het werk Het 1e Nationale onderzoek naar betekenis in het werk 2006/2007 Onderzoeksresultaten samengevat Ruim 65% van de Nederlandse beroepsbevolking

Nadere informatie

Sporthuis/GoSport Roy Schungel 1570046

Sporthuis/GoSport Roy Schungel 1570046 Sporthuis/GoSport 1570046 Document Informatie Versie Datum Status Aanpassingen Getroffen pagina s 1.0 20-06-2013 Definitief Colofon Soort document: Versie: 1.0 Afstudeerscriptie Opdrachtgever: Opdrachtgever:

Nadere informatie

Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt?

Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt? Veelgestelde vragen Over de uitslag Hoe kan het dat mijn collega van dezelfde afdeling een ander OCAI-profiel van onze organisatie krijgt? De test meet hoe u de werkcultuur beoordeelt in uw organisatie.

Nadere informatie

arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo het beeld van het hbo als werkgever onder hoogopgeleide professionals Samenvatting imago-onderzoek

arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo het beeld van het hbo als werkgever onder hoogopgeleide professionals Samenvatting imago-onderzoek arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo het beeld van het hbo als werkgever onder hoogopgeleide professionals Samenvatting imago-onderzoek Zestor is opgericht door sociale partners in het hbo: onderzoeksvraag

Nadere informatie

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen 1 Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen Peter van der Meer Samenvatting In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te geven op de vraag in hoeverre het mogelijk is verschillen

Nadere informatie

20 MINUTES OF NETWORK ENHANCEMENT

20 MINUTES OF NETWORK ENHANCEMENT PERSONAL BRANDING 20 MINUTES OF NETWORK ENHANCEMENT 12 9 3 6 Begin je dag heel ontspannen met een kopje koffie of thee... en 20 minuten LinkedIn. 20 minuten is natuurlijk een gemiddelde; op drukke dagen

Nadere informatie

Inge Test 07.05.2014

Inge Test 07.05.2014 Inge Test 07.05.2014 Inge Test / 07.05.2014 / Bemiddelbaarheid 2 Bemiddelbaarheidsscan Je hebt een scan gemaakt die in kaart brengt wat je kans op werk vergroot of verkleint. Verbeter je startpositie bij

Nadere informatie

Vereniging Wikimedia Nederland Onderzoek onder lezers

Vereniging Wikimedia Nederland Onderzoek onder lezers Vereniging Wikimedia Nederland Onderzoek onder lezers Rapportage Auteur: Seth Schaafsma Project Z6095 CC-BY-SA 6-7-2015 Inhoudsopgave Achtergrond Pagina 3 Conclusies Pagina 4 Methode en opzet Pagina 6

Nadere informatie

Waarom dit e-book. De vele mogelijkheden van LinkedIn zal in dit e-book uitgebreid uitgelegd worden. Ik wens je veel leesplezier!

Waarom dit e-book. De vele mogelijkheden van LinkedIn zal in dit e-book uitgebreid uitgelegd worden. Ik wens je veel leesplezier! Waarom dit e-book Breng jezelf en je bedrijf onder de aandacht bij LinkedIn. LinkedIn is voor iedereen die zichzelf, product of dienst en bedrijf onder de aandacht wilt brengen. Met dit e-book laat ik

Nadere informatie

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Leen Heylen, CELLO, Universiteit Antwerpen Thomas More Kempen Het begrip eenzaamheid Eenzaamheid is een pijnlijke, negatieve ervaring die zijn oorsprong vindt in een

Nadere informatie

Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving

Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving De relatie tussen leesvaardigheid en de ervaringen die een kind thuis opdoet is in eerder wetenschappelijk onderzoek aangetoond: ouders hebben een grote invloed

Nadere informatie

Overzicht. Wat zijn social media? Voorbeelden van social media. Social media in de ICT-lessen. De gevaren van social media.

Overzicht. Wat zijn social media? Voorbeelden van social media. Social media in de ICT-lessen. De gevaren van social media. Overzicht Wat zijn social media? Voorbeelden van social media. Social media in de ICT-lessen. De gevaren van social media. Mindreader Wat zijn social media? Social media is een verzamelbegrip voor online

Nadere informatie

Moving Pictures: second screen en schermvoorkeur

Moving Pictures: second screen en schermvoorkeur Moving Pictures: second screen en schermvoorkeur Televisiekijken is een sociale activiteit.. Uit het kijkonderzoek blijkt dat heel vaak samen met het eigen gezin en gasten naar de televisie wordt gekeken.

Nadere informatie

Wat doen wij ermee en wat doen ze voor ons? Dorothé van Slooten

Wat doen wij ermee en wat doen ze voor ons? Dorothé van Slooten Sociale netwerken Wat doen wij ermee en wat doen ze voor ons? Dorothé van Slooten Disclosure belangen Dorothé van Slooten (potentiële) belangenverstrengeling Geen Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties

Nadere informatie

Rapportage. De Kracht van Communicatie. DirectResearch in samenwerking met Logeion Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon

Rapportage. De Kracht van Communicatie. DirectResearch in samenwerking met Logeion Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon Rapportage De Kracht van Communicatie DirectResearch in samenwerking met Logeion Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon Index Achtergrond van het onderzoek 3 Conclusies Resultaten van het onderzoek 5 De

Nadere informatie

Samenvatting Medewerkersonderzoek Hogeschool der Kunsten 2012. 1. Hogeschool der Kunsten

Samenvatting Medewerkersonderzoek Hogeschool der Kunsten 2012. 1. Hogeschool der Kunsten Samenvatting Medewerkersonderzoek Hogeschool der Kunsten 2012 1. Hogeschool der Kunsten Eind 2012 is in de Hogeschool der Kunsten Den Haag een medewerkersonderzoek uitgevoerd. Voor het Koninklijk Conservatorium

Nadere informatie

De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners

De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners Pieter-Jan Klok Mirjan Oude Vrielink Bas Denters Juni 2012 1 1 Onderzoeksvragen en werkwijze Op verzoek van de stuurgroep wijkcoaches

Nadere informatie

TilburgInstituteforInterdisciplinary StudiesofCivilLaw andconflict ResolutionSystems

TilburgInstituteforInterdisciplinary StudiesofCivilLaw andconflict ResolutionSystems TilburgInstituteforInterdisciplinary StudiesofCivilLaw andconflict ResolutionSystems RapportEvaluatie Online Mediation in Echtscheidingszaken Aanleidingvoorhetonderzoek In 2008 heeft Juripax in opdracht

Nadere informatie

Docent Kunsteducatie in de schijnwerpers

Docent Kunsteducatie in de schijnwerpers Docent Kunsteducatie in de schijnwerpers Master-thesis over de werkwijze van de docent kunsteducatie in het VMBO en VWO Tirza Sibelo Faculteit der Historische en Kunstwetenschappen Richting: Sociologie

Nadere informatie

RAPPORTAGE WACHTKAMERINTERVIEWS

RAPPORTAGE WACHTKAMERINTERVIEWS RAPPORTAGE WACHTKAMERINTERVIEWS Gezondheidscentrum Heelkom ARGO BV 2015 Rapportage wachtkamerinterview Inleiding Onder de cliënten van Gezondheidscentrum Heelkom is vorig jaar een tevredenheidsonderzoek

Nadere informatie

Allen Vrouw Man 18-24 25-34 35-44 45-54 55-64 65+ N= 522 243 279 55 73 106 110 132 46 % % % % % % % % % 97,1 97,5 96,8 98,2 100,0 97,2 95,5 97,0 95,7

Allen Vrouw Man 18-24 25-34 35-44 45-54 55-64 65+ N= 522 243 279 55 73 106 110 132 46 % % % % % % % % % 97,1 97,5 96,8 98,2 100,0 97,2 95,5 97,0 95,7 Filosofie Magazine Onderzoek De Grote Moraalenquête 2010 Tabellenboek Van Eunen Marketing 6 september 2010 Onderzoek uitgevoerd door PanelClix Representatief Nederland 18+, N=522 Vraag 1: Maakt u zelf

Nadere informatie

Hiv en stigmatisering in Nederland

Hiv en stigmatisering in Nederland Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Political & Social Samenvatting Hiv en stigmatisering in Nederland

Nadere informatie

Vaardigheidsmeter Communicatie

Vaardigheidsmeter Communicatie Vaardigheidsmeter Communicatie Persoonlijke effectiviteit Teamvaardigheden Een goede eerste indruk Zelfempowerment Communiceren binnen een team Teambuilding Assertiviteit Vergaderingen leiden Anderen beïnvloeden

Nadere informatie

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Klantgerichtheid Selecteren van een klant Wanneer u hoog scoort op 'selecteren

Nadere informatie

APQ rapportage. Bea Voorbeeld. support@meurshrm.nl. Naam: Datum: 16.06.2015. Email:

APQ rapportage. Bea Voorbeeld. support@meurshrm.nl. Naam: Datum: 16.06.2015. Email: APQ rapportage Naam: Bea Voorbeeld Datum: 16.06.2015 Email: support@meurshrm.nl Bea Voorbeeld / 16.06.2015 / APQ rapportage 2 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in jouw inzetbaarheid. We bespreken hoe

Nadere informatie

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. 360 Feedback Competentietest

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. 360 Feedback Competentietest Simon Voorbeeld 360 Feedback Competentietest 2015 Testcentrum Groei De Algemene Voorwaarden van Testcentrum Groei B.V., die zijn na te lezen op www.testcentrumgroei.nl zijn van toepassing op het gebruik

Nadere informatie