Mirko Bonné Hoe wij verdwijnen. Vertaling Elly Schippers

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Mirko Bonné Hoe wij verdwijnen. Vertaling Elly Schippers"

Transcriptie

1 Hoe wij verdwijnen

2

3 Mirko Bonné Hoe wij verdwijnen Vertaling Elly Schippers Amsterdam Antwerpen Em. Querido s Uitgeverij bv 2011

4 Alle door mij hier beschreven personages, gebeurtenissen, plaatsen en voorwerpen bestaan alleen in deze roman en voor de duur van de lectuur ervan. M. B. Deze uitgave is mede tot stand gekomen dankzij een bijdrage van het Goethe-instituut Oorspronkelijke titel Wie wir verschwinden Oorspronkelijke uitgever Schöffling & Co. Verlagsbuchhandlung GmbH, Frankfurt am Main Copyright 2009 Mirko Bonné Copyright 2011 Nederlandse vertaling Elly Schippers / Em. Querido s Uitgeverij bv, Singel 262, 1016 ac Amsterdam Omslag Brigitte Slangen Omslagbeeld Getty Images / Michael Denora Foto auteur Brigitte Friedrich isbn / nur 302

5 Voor mijn ouders Bruni en Thomas Eggers

6

7 Zwart paard, wit paard, één enkele mensenhand beteugelt de voortrazende dieren. Hoe vrolijk de rit in halsbrekend tempo. Waarheid liegt, openheid verhult. Verberg je in het licht. Albert Camus

8

9 1 Toen de eerste brief van Maurice Ravoux kwam, was het zomer, de topzomer nadat Chauvin, Grubbs en Schrock voor de ontdekking van de moleculaire partnerruil de Nobelprijs voor Scheikunde kregen. Ik daarentegen had mijn laboratorium verlaten. Angina, een instabiele, zogenaamde crescendo angina, had mijn hart beklemd en zodoende was ik zes weken lang onvrijwillig te gast geweest in de Clinique de la Porte Verte van Versailles, terwijl de hitte de berberissen en forsythia s voor het raam in bloeiende muren veranderde. Zo oppervlakkig als mijn ademhaling was, zo weinig vertrouwde ik de vleugels die in mijn borst reutelend naar lucht snakten; nooit heb ik heviger verlangd naar een briesje in de openlucht. Het was absurd dat het precies op de dag dat ik uit het ziekenhuis werd ontslagen, begon te regenen alsof het met bakken uit de lucht werd gegoten. Maar ik wist dat een betrokken hemel even weinig moraal had als de menselijke hartspier. Ik werd opgehaald door mijn jongste dochter en reed met haar die paar kilometer door de regen naar huis. Door al het weelderige en levendige groen was het in Le Chesnay iets koeler. Pénélope bracht de post, die mijn buurvrouw voor me had bewaard, naar mijn slaapkamer en terwijl ze de jaloezieën en ramen dichtdeed, zei ze dat er tussen de rekeningen en het drukwerk ook een brief zonder afzender zat. Ik kreeg nog maar zelden privépost. Pénélope wilde weten wie me had geschreven. Ze kon zich een jeugdvriend van haar vader met de naam Maurice niet herinneren en wat haar moeder haar over hem had verteld, leek ze weer vergeten te zijn. Toen we in 1969 uit Villeblevin verhuisden, was ze een kind van nog geen twee. Dat was achtendertig jaar geleden. Als je iets nodig hebt, roep me dan, zei ze. Ik ga beneden kij- 9

10 ken wat voor boodschappen er gedaan moeten worden. Jeanne komt uit de uitgeverij rechtstreeks hierheen en dan beslissen we wie er vannacht blijft. Met die woorden liet ze me alleen en even later hoorde ik haar boven de stromende regen uit onder de markies van het terras met mijn buurvrouw praten. Ik had me slap, moe en triest gevoeld en zo oud als de ontkroonde Lodewijk xvi, ik had me op het laatst nog een keer in de spiegel van mijn ziekenkamer bekeken, mijn vale, ingevallen gezicht, de haviksneus en het witte stekelhaar, en me voorgesteld dat de burger Lodewijk Capet er zo uitzag toen ze de allongepruik met kroon en al van zijn hoofd rukten. Hoe groot was jij, Lodewijk? Ik was bijna 1 meter 90 en woog nog geen 70 kilo. Het lezen van Maurice handschrift en daarbij zijn gezicht voor me te zien maakte me nerveus. Ik ging rechtop in bed zitten en dacht aan dat gezicht, dat evenzeer tot het verleden behoorde als mijn eigen jongensgezicht. En pas toen ik me vergeefs probeerde voor te stellen hoe Maurice Ravoux er op deze verregende zomerdag uit zou zien, las ik de brief. Het waren een paar zinnen in een onbekend, keurig handschrift. Zwarte inkt. Geen datum. Daarna volgden er vijf dicht betypte velletjes. Beste Raymond, met die brutaliteit begon de brief, je zult wel verbaasd zijn iets van me te horen. Ik wil je niet lastigvallen, maar ik wil je laten weten dat het niet goed met me gaat. Ik heb veel aan onze gezamenlijke jaren teruggedacht en vraag me af of het jou ook zo is vergaan. Ben je gezond? En de kinderen? Ik hoop het van harte! De dood van Véronique twee jaar geleden heeft me erg geschokt, ook al heb ik niet geschreven om je mijn deelneming te betuigen. Ik heb veel aan jou, Jeanne en Pénélope gedacht. Er zijn dingen waarover ik graag met je zou praten. 10

11 Herinner je je ons baanvak? Het spoor, de treinen? De negatieve wind? Weet je nog: het oude schuurtje en onze grandioze machine, waarmee we voorgoed hoopten te verdwijnen? Ik ben dat in al die jaren niet vergeten, vooral niet die ene dag van het ongeluk op de hoofdweg. Ik heb iets over het auto-ongeluk geschreven, maar ik vraag me nu af waarom en voor wie? Ik geloof dat ik de bijgevoegde velletjes voor jou heb geschreven en daarom stuur ik ze je. Ik weet en ik hoor je zeggen: het leven gaat door, voorbij is voorbij. Mijn leven gaat niet door, Raymond, vandaar deze brief. Ik ben nooit sterk geweest in onbaatzuchtigheid. Hij had ondertekend met Hartelijke groeten, Maurice en onder aan de bladzijde stond heel klein het adres van een ziekenhuis in een plaats die ik niet kende. Ik legde de brief weg, dacht na en zat wat te soezen. Ik had geen zin om te lezen wat Maurice Ravoux schreef over een ongeluk waar de hele wereld van op de hoogte was, en vroeg me af wat ik met dit bericht moest, wat er in werkelijkheid achter zat. Ten slotte betrapte ik me erop dat ik Maurice tenminste op één punt gelijk moest geven, namelijk dat onbaatzuchtigheid nooit zijn sterke kant was geweest, en viel in slaap. 11

12 2 De volgende ochtend maakte Jeanne me wakker. Ze zat op de rand van het bed, net zo mooi als haar moeder, met een gebloemde doek in haar haar. Hoe gaat het? vroeg ze en ze informeerde of ik wilde ontbijten. Ze ging naar beneden en maakte iets klaar. Terwijl ik theedronk, een hapje at en mijn medicijnen innam, vroeg ze naar de brief waar Pen haar over had verteld. Wie die Maurice was? Een vriend, zei ik zwakjes, een oude vriend. Mag ik hem lezen, papa? Ik gaf haar de brief. Ze las hem en zei toen dat het vreemd was dat mijn vriend en ik tegelijk in het ziekenhuis hadden gelegen. Ben je van plan te antwoorden? Vind je dat ik dat moet doen? Hij schijnt op sterven te liggen. Daar lijkt het op. Bijna veertig jaar heb ik niets van hem gehoord. Zelfs toen je moeder stierf, heeft hij niet geschreven. Nu het met hemzelf afloopt, krijg ik opeens een brief van hem. Kende hij maman? We zaten allemaal op dezelfde school. Jij kende hem ook, zelfs Pen. Maar jullie waren nog van die kleine hummels. Jij was vier en Pen twee toen we naar Versailles verhuisden. Geen wonder dat jij... ik kan me hem zelf nauwelijks herinneren. En dat ongeluk waar hij over schrijft? Villeblevin, zei ik alleen maar en ik moest weer denken aan de velletjes die ik nog niet had gelezen. Ze lagen op het nachtkastje. Ik had nog steeds geen zin om ernaar te kijken. Jeanne keek naar het plafond, trok haar mondhoeken naar beneden en haalde haar schouders op. Geen idee. Wat was dat voor ongeluk? 12

13 Januari Het auto-ongeluk waarbij Albert Camus om het leven kwam. De auto reed buiten het dorp tegen een boom. Dat heeft maman ons vaak verteld! zei ze opgewekt. Dat jullie zijn opgegroeid in het dorp waar Albert Camus is verongelukt. Volgens mij hebben we op school De mythe van Sisyphus gelezen en ik weet nog dat Camus ergens heeft geschreven dat er geen absurder dood bestaat dan om het leven komen bij een auto-ongeluk. Je vriend lijkt dat nog altijd bezig te houden. Hij is mijn vriend niet meer. Maar hij is het wel geweest. Je zou hem een plezier moeten doen en antwoorden, hoe je nu ook over hem denkt. Ik weet niet hoe ik over hem denk. Ik ken hem niet. Hij is een oude man ergens in een ziekenhuis. Gisteren lag je zelf nog in het ziekenhuis en wij maakten ons zorgen om je. Je bent zelf geen oude man, papa, hoogstens een heer op leeftijd. Ik zou op z n minst je vader kunnen zijn, zei ik. Wacht eens even: ben ik niet je vader? Ze lachte. Heel grappig. Alzheimer heb je gelukkig niet. Nog niet! Je zou hem moeten schrijven. Wat heb je te verliezen? Wat denk je dat je moeder gezegd zou hebben? Precies hetzelfde. Schrijf. Wees niet zo koppig. Ik hou niet van koppige mensen, zou ze gezegd hebben. Goed, dat is twee tegen één. Ik zal het aan Pen vragen. Doe dat. Jeanne stond op. Vraag het aan haar. Maar je zou het ook moeten vragen aan dat ding in je binnenste waarvoor je in het ziekenhuis hebt gelegen. Je wilt dat ik naar mijn hart luister, zei ik. Goed dan. Geef me een kus. Kom hier, mijn hartje. Jeanne liet me alleen, ik hoorde hoe ze beneden wat op de vleugel speelde, het klonk naar Rachmaninov, zo triest als de wind en tegelijk licht en zwaar. Ik liet me terug in de kussens zakken en staarde naar het plafond. Mijn gedachten vervaagden, tot ik na een tijdje alleen de regen nog hoorde. Ik vroeg me af hoe lang het geleden was dat ik in de tuin onder de populieren had gezeten. Ik pakte de envelop en keek 13

14 op het gele papier naar de datum van het poststempel. De brief van Maurice Ravoux was al twee weken oud. Wie weet ben je intussen wel dood, dacht ik, waarna ik de getypte velletjes openvouwde. 14

15 3 De donkergroene auto vloog bijna toen hij uit het kleine bos opdook en richting Parijs stoof. Het was een sombere middag begin januari met aanhoudende motregen. Wazig licht en in de verte kraaien en eksters die hier en daar boven de velden en akkers langs de hoofdweg door de lucht fladderden. Geen sneeuw en geen zon. Maar bijna eigeel waren de lichtkegels van de twee paar koplampen die door het kreupelhout sneden en de schemering tussen de bomen in één klap verscheurden. Het leek of het trieste grijs van de berken in hetzelfde tempo uiteenspatte als waarmee de vreemde auto dichterbij kwam en de winterse stilte van de dag in raasde. Het was een dag die tegenover alles en iedereen even welwillend en even onverschillig stond als elke vorige en volgende dag een gewone maandag, als het niet de eerste maandag van het jaar was geweest. Op 4 januari 1960 reed de groene auto door het bos. De rijbaan was nat van de regen. De lucht weerspiegelde zich in het asfalt. En in de plassen dreven de evenbeelden van de wolken die al dagen vanaf de Britse Eilanden deze kant op kwamen en hun regen schonken aan het land tussen Seine, Marne en Yonne snelle, laag overdrijvende wolken uit Somerset en Cornwall. Wat daar aan kwam denderen moest een loodzwaar projectiel op vier wielen zijn, een projectiel dat door de dag vloog met mensen erin die blijkbaar tijd wilden winnen. De man die dat dacht stond gehuld in zijn regencape en met een nat gezicht en een beslagen bril op een smalle, vuilgroene strook tussen de greppel en twee van de oeroude platanen die de rijksweg omzoomden. Door van het zadel op de stang te springen had Paul Cassel, een boer uit het plaatsje Villeblevin, zijn fiets tot stilstand gebracht. Het kwam niet vaak voor dat een dergelijk lawaai de middagstilte verbrak, lawaai als van een neerduikend vliegtuig. Paul Cassel had in de Ardennen gevochten. Hij was in Saksen geïnterneerd geweest. Het 15

16 lawaai uit het berkenbos voer hem door de leden als het janken van de Duitse stuka s. Hij gleed van het zadel en liet zich op de stang zakken. En toen de fiets stilstond draaide hij zich om, gegrepen door de oude paniek en tegelijk benieuwd wat voor helse machine achter hem door het bos van de familie Chévreaux schoot. Cassel zag vier gele lichten op zich af razen, vier lichten, twee links, twee rechts. Hij kende geen auto met zulke koplampen. Hij was een ruimdenkend man, die veel las. Hij had een melkmachine ontwikkeld. Hij was bij zijn broer in het buurdorp Villeneuve-la- Guyard geweest en had daar de hele ochtend over schrikdraadafrasteringen gediscussieerd. Negen meter breed was de Route Nationale 6 bij Villeblevin. Tussen de meer dan tweehonderdvijftig platanen aan weerskanten van de rijbaan lag telkens een open strook van ongeveer dertig meter, in de warme jaargetijden begroeid met gras, brandnetels en klein hoefblad. In de nog kale takken van de meer dan honderd jaar oude bomen hingen de maretakbollen van de afgelopen zomer. Paul Cassel wist dat er plannen waren om elke tweede boom te kappen, zodat zijn buurman plaats kreeg om te ademen en te groeien, plannen waartegen niet alleen protest werd aangetekend door de erven van de familie Chévreaux, die de rij platanen had geplant in een tijd dat de rijksweg tussen Sens en Fontainebleau nog een heerbaan was, ongeplaveid, bestrooid met zand en steenslag, de putten en gaten opgevuld met scherven van aardewerk of glas. Zonder de geschiedenis van de weg te kennen zette Gilberte Darbon de richtingaanwijzer van haar Renault aan en stopte vlak voor de kruising met de rn 6. Sinds de kerst logeerde de onderwijzeres uit Lyon bij een vriendin die in Misy-sur-Yonne woonde, een paar minuten ten noorden van Villeblevin. Ze verkende de kerken en markten in de omgeving, een enkele keer te voet, maar het liefst met de auto, vooral omdat het maar niet wilde ophouden met regenen. Die maandag was mademoiselle Darbon vol ondernemingslust, ze had de radio hard gezet en zong de chansons mee waarvan ze de tekst kende. Ze had de figuur met de rode cape die op de hoofdweg onder de bomen door fietste, al een tijdje geleden ontdekt; bedachtzaam als 16

17 ze altijd reed, had ze de fietser geen moment uit het oog verloren. Dat hij ze nam aan dat het een man was een paar honderd meter ten oosten van haar en voordat ze bij de kruising kwam zijn fiets tot stilstand bracht, verbaasde haar niet. Het stelde Gilberte Darbon gerust en omdat hij niet langer een verkeersrisico voor haar vormde, vergat ze Paul Cassel weer. Gilberte Darbon uit Lyon en de oude monsieur Cassel waren niet de eersten die er op die vierde januari getuige van werden met welke snelheid de donkergroene coupé door het berkenbos bij Villeblevin reed. In het bos was een houtwagen onderweg met twee mannen erin, twee broers; France iv fm draaide een chanson van Yves Montand, Les enfants qui s aiment. Net als de kleuterleidster, die het lied zo hard had gezet dat ze niets van het lawaai in het bos hoorde, luisterden ook de bosarbeiders Roger en Pierre Patache in hun cabine naar Montand, terwijl ze hun zware vrachtwagen door het stuk bos manoeuvreerden. Roger zat achter het stuur. Zijn naast hem zittende jongere broer Pierre, die Pipin werd genoemd, bladerde wat in de krant. De ruitenwisser piepte. Af en toe vertrok Roger Patache zijn gezicht tot een grijns, want bij het lied uit zijn transistorradio moest hij aan Yves Montand in Le salaire de la peur denken, en al had hij zelf maar boomstammen op zijn wagen, hij kon zich goed verplaatsen in de chauffeur met de lading nitroglycerine uit de film. Maar tegen zijn broer, die een simpele ziel was, zweeg hij over zijn dagdroom, die voor een paar seconden een filmster van hem maakte. Het was de eerste dag van het houttransport. Pipin wist niet waarom de erven Chévreaux hadden besloten het berkenbos waar hij als kind al doorheen had gelopen, te laten kappen, of eigenlijk wist hij het wel, want Roger had hem uitgelegd dat het nodig was in verband met de herverkaveling. Daarom vroeg hij zich af waarom het bos en de velden die hij zo goed kende, eigenlijk herverkaveld moesten worden. Maar daar wist Pipin zo gauw geen antwoord op. En hij wilde Roger ook niet op zijn zenuwen werken, vooral niet omdat ze met het hout allebei goed geld verdienden en er s winters maar weinig werk was. Pipin verdiepte zich in de krant; hij bekeek de foto s die zijn aandacht trokken. 17

18 Roger zag de snel naderende auto het eerst; in de achteruitkijkspiegel doken lichten op, die snel groter werden. Hij nam aan dat de auto zou remmen en achter hem zou blijven, in elk geval tot ze uit het bos kwamen en de weg met de platanen bereikten. Maar hij vergiste zich en op hetzelfde moment dat de auto van rijbaan wisselde en in de dode hoek verdween, zei hij: Moet je dat zien, die solliciteert naar een plekje op het kerkhof. Een fractie van een seconde later verscheen de groene coupé links voor de neus van Rogers oude Simca en draaide weer naar het midden van de weg, zodat ook Pipin hem zag. Hallo, hallo! zei hij lachend. Hoe hard rijdt die wel niet? Roger schatte de snelheid van de auto die voor hem wegschoot en op de uitgang van het bos afstevende, op meer dan 130 kilometer per uur, maar hij hield zijn vermoeden voor zich. Er was iets anders wat hem bezighield. Ook Roger kende het merk van de auto niet, hij hield het erop dat het een nieuw type Mercedes of een Amerikaanse wagen was. Op enige afstand van de hoofdweg liep de oude spoorlijn naar Parijs. Daar reed de middagtrein uit Sens voorbij, Roger zag de rooksliert van de stoomlocomotief op de brug over de Yonne lichter worden en toen verdwijnen. Heb je die bak gezien? riep Pipin. Weet je wat dat was? Roger zei dat het een Chevrolet was. Pipin proestte het uit. Een Chevrolet... mooi niet! Volgens hem was het een Facel Vega. Hij gaf een klap tegen zijn voorhoofd en verzonk vervolgens in diep gepeins. Roger zag dat de auto de bosrand bereikte, hij zag de lange kaarsrechte sleuf van de hoofdweg waar de Amerikaanse slee in schoot. Op hetzelfde moment dat hij zich begon te ergeren aan het slakkengangetje van zijn geenszins met nitroglycerine beladen vrachtwagen, kwam een paar honderd meter verder in Paul Cassel de oude angst voor het lawaai van de stuka s op, zo hevig dat hij ondanks de regen zijn hakken in de modder zette en zijn fiets tot stilstand bracht. Cassel zag geen Renault die in oostelijke richting de rn 6 op reed. Les enfants qui s aiment ne sont là pour personne, zong 18

19 Yves Montand op de radio, en Gilberte Darbon zong met hem mee toen ze aan het eind van de hoofdweg het berkenbos zag liggen. In zacht lila gedompeld, of liever gezegd een zacht lila uitstralend, lag het bos voor haar. Er kwam een auto uit, die met zijn vier even sterk schijnende koplampen zo snel op haar af reed dat ze schrok nog voor ze de man met de fiets weer ontdekte. De groene auto met het witte dak vloog met zo n vaart langs hem heen dat de man bijna van zijn sokken werd geblazen, hij wankelde, zijn cape bolde op en Cassel vloekte, dreigend hief hij zijn vuist. Merde alors, verdomme! brulde hij door het lawaai dat hem plotseling aan alle kanten omringde, want tot zijn verbazing kwam het gedender en gekrijs dat hij hoorde niet alleen van de auto die langs hem heen stoof en van de middagtrein die floot voor hij de brug over de Yonne op reed, het kwam ook nog steeds uit het bos. Roger Patache schakelde terug. De motor van de vrachtwagen begon te loeien, bedaarde weer, de Simca trok op en ook de broers Patache bereikten de hoofdweg. Zo waren ze tussen de oude platanen van de familie Chévreaux allemaal bijeen: vier slachtoffers, vier getuigen en twee handen vol eksters en kraaien. De vogels schonken geen aandacht aan deze toevallige samenkomst. Ze fladderden door de motregen met de onverschillige tederheid van de kinderen die er voor niemand waren, omdat ze van elkaar hielden. 19

20 4 Ik vroeg me af of met die kinderen in werkelijkheid wij bedoeld werden Véronique, Delphine, Maurice en ik. Er was veel wat ik in de beschrijving herkende: het berkenbos van de familie Chévreaux, de hoofdweg, zelfs de vrachtwagen van de broers Patache kon ik me herinneren. Hij was blauw, maar op veel plekken was de lak van het plaatwerk gesprongen en daar kwam een bijna wit lichtblauw tevoorschijn. Een oude Simca, die zo vol deuken zat dat Maurice een keer zei dat de vrachtwagen van de Pataches eruitzag of hij door een vliegtuig was gedropt. Ik vroeg me af of hij nog een keer naar Villeblevin toe was gegaan om met Roger, Pipin of de oude Cassel over het ongeluk te praten. Sinds de dood van mijn vader, waarna ook mijn moeder naar Versailles was verhuisd, was ik er zelf niet meer geweest. Ik begon te rekenen en kwam tot de conclusie dat Paul Cassel waarschijnlijk niet meer leefde. Hij moest toen al boven de zestig geweest zijn, zo oud als ik nu. En wij waren ook heel anders dan de kinderen in het kitscherige chanson van Prévert. Het klopte dat wij er voor niemand waren, niet voor de oude Cassel en niet voor Pipin Patache, die maar vier of vijf jaar ouder was dan wij en zo verschrikkelijk eenzaam als de eekhoorns die hij in het bos ving en in heel kleine kooitjes achter zijn huis aan hun lot overliet. Wij waren er zelfs niet voor elkaar. Hadden we van elkaar gehouden? Maurice leek het te geloven. Ik had het ook geloofd. Ons baanvak. Het spoor. Waar we echt van hielden, dat waren treinen. We dachten dat degene die het spoor had uitgevonden, het voor ons beiden in de wereld had gebracht, en het betekende de hele wereld voor ons. Terwijl geen trein ter wereld ooit in Villeblevin stopte, al die jaren niet dat Maurice en ik allebei in dat gat woonden, voor we 20

21 van elkaar vervreemdden en, ieder met zijn eigen auto, volgepakt en volgetankt en zonder afscheid van elkaar te hebben genomen, wegreden, Delphine en hij en niet lang daarna ook Véronique en ik. Ze zat naast me. We waren begin twintig en hadden twee kleine kinderen, Jeanne en Pénélope, die achter ons zaten. Ik herinnerde me duidelijk het moment dat ik met de Renault die we van Véroniques moeder hadden overgenomen, over de brug over de Yonne reed en ons midden boven het water de ochtendtrein uit Sens tegemoetkwam. Het was de laatste keer dat ik hem zag. Hij had nog altijd dezelfde groene wagons met gouden letters. Een ouderwetse diesellocomotief trok de wagons. En ook toen dacht ik aan Maurice: waar zou hij zijn? Het was een halfjaar geleden, of misschien iets langer, dat hij en Delphine uit Villeblevin waren vertrokken. Véronique moet in mijn ogen hebben gelezen waar ik aan dacht, want meteen nadat het geratel voorbij was en we aan de overkant waren, vroeg ze of ik aan hem dacht. Ik vroeg wie ze bedoelde. Ze glimlachte een tijdje. Maurice, zei ze op een gegeven moment, ze had het over Maurice. Wanneer een trein, zoals deze middagtrein, uit zuidelijke richting over de Yonne kwam, reed hij ruim een kilometer lang parallel aan de hoofdweg voordat de spoorlijn en de rijksweg zich scheidden. De rn 6 maakte in het noorden een boog om Villeblevin, maar de rails liepen midden door het dorp, tussen twee sportvelden door, langs de kerk, het kerkhof, het openluchtbad, de school, achter het huis van Maurice oudoom langs en verder tussen boerderijen, tuinen en velden door, tot het dorp eindigde en het bos van Fontainebleau begon. In de eerste uitlopers daarvan lagen het door oude eiken omgeven park en het vervallen herenhuis van de familie Chévreaux. Dat was het baanvak dat Maurice in zijn brief noemde... dat hij in herinnering riep. Want het baanvak was ons heilig, zelfs meer dan dat. Het was onze uitweg, onze vluchtpoort uit Villeblevin. Daar oefenden we onze verdwijning. Sinds de brief schoten er allerlei herinneringen door mijn hoofd. Voorbij is voorbij ik wist niet wanneer ik dat tegen Maurice gezegd zou hebben, maar ik wou dat het zo was: voorbij, voorbij. 21

22 In de week na mijn ontslag uit het ziekenhuis zorgden mijn dochters om beurten voor me: s morgens kwam Pen, s middags na kantoor Jeanne. Als Jeanne langer bezig was, kwam mijn schoonzoon met me schaken. André won elke partij, hoewel me niet ontging dat hij me bijna altijd voorstelde Siciliaans te spelen, waar ik beter in was dan hij. Ik was uitgeput, maar nu ook weer niet zo uitgeput dat ik hem de triomf van de opzettelijke verliezer gegund zou hebben. Terwijl ik in bed zat en hij in de rieten stoel ernaast, schoven we de stukken zwijgend en verbeten over het bord. Goede schakers waren we niet. Allebei neigden we naar al te dramatische, ondoordachte stukoffers, André zelfs naar de zelfmoord van zijn koningin, wat hij waarschijnlijk geniaal, ik daarentegen idioot vond, maar dat zei ik niet tegen hem. Allebei wilden we dolgraag winnen en nauwelijks was de opening achter de rug, of hij probeerde me in de war te maken door naar zetten uit zijn favoriete partijen te verwijzen, Fischer tegen Spasski, Reykjavik 1972!, of zinnen uit de romans van Vladimir Nabokov te citeren: Wenn Sie so, dann ich so, und Pferd fliegt. Hij leek van de brief niet op de hoogte te zijn, dus begon ik er ook niet over. En Jeanne en Pen waren het epistel van Maurice schijnbaar alweer vergeten, zodat ik ook voor hen verzweeg wat er in me omging. Het bleef maar regenen. Het regende bijna de hele week. Ik luisterde naar Andrés uiteenzettingen over solus rex en andere vreselijk saaie voorbeelden uit de ingewikkelde materie van het probleemschaak, terwijl ik nauwelijks mijn bed uit kwam en in gedachten toch door de heetste zomerdagen liep die ik me kon herinneren. Ik herinnerde me elk detail. Als ik eindelijk alleen was, gooide ik het kussen uit bed, veegde daarmee de voor de volgende roemloze partij al opgestelde stukken van het bord en ging plat op mijn rug liggen. Ik deed mijn ogen dicht. Ik vouwde mijn handen boven mijn hart. Zo liet ik alles over me heen gaan. En het duurde geen minuut voor de beelden, de geluiden opkwamen en alles weer terug was: de brug, het spoor, de spoordijk. Het openluchtbad en het schoolplein. Madame Labeige, professor Ravoux, de broers Patache. De dag van het ongeluk. Albert Camus! De Nobelprijswinnaar dood in Villeblevin. En niet dood, niet Nobelprijswinnaar, 22

23 maar in leven: ik, ik in Villeblevin. En Villeblevin in mij. Het hele boerengat zat in mijn hoofd. En terwijl de regen tegen het raam kletterde, kwam hij aanrijden: de trein, de regionale expres uit mijn herinneringen stak de brug over de Yonne over en stoof over het precies drieënhalve kilometer lange baanvak naar de bosrand. Daartussen lag Villeblevin, dat geen station had. Het baanvak was tweesporig en het zijspoor, dat als uitwijkspoor was bedoeld, was in werkelijkheid een dood spoor waar geen trein ooit had gereden. De houten bielzen verrotten, de rails waren verroest, er zat een dikke, klonterige, rode aanslag op, onder het steenslag lagen muizensteden met gangen en tunnels, magazijnen en kerkhoven, en het steenslag zelf was niet grijs, maar glansde en glinsterde groen en blauw en s zomers zelfs paars van de zwammen en het mos. De dode spoordijk was het beste wat Villeblevin had. In de zomervakantie leek het hele dorp op die dijk. Alles was uitgestorven, doods en leeg. Ambtenaren en boeren waren thuisgebleven, alle anderen waren naar zee. Er leken maar twee kinderen in Villeblevin te zijn, uitgerekend Maurice en ik. Wij waren ook in de schooltijd degenen die zich het vorstelijkst verveelden. s Zomers verveelden we ons te pletter. Er waren weken dat wij dag na dag de enige bezoekers van het openluchtbad waren. Handdoeken, boeken, snoep en mijn transistorradio, we lieten het s avonds gewoon op het grasveld liggen, s morgens troffen we het net zo aan als na een verkoelend rondje door het lege blauwe bassin. Wat was er goed aan de zomervakantie? Alleen dat dan ook het schoolgebouw leeg was. Overdag stonden enkel de ramen van de conciërgewoning op de begane grond open om een beetje frisse wind binnen te laten. Lang na tien uur s avonds, als mijn moeder binnenkwam en ik me slapende hield en zij het licht uitdeed, scheen er aan de overkant in de kamer van het conciërge-echtpaar iets wat zo helder was als een ruimteschip vlak voor de landing. Als ik nog een keer opstond en naar het raam sloop, zag ik de woonkamers in het dorp glinsteren. Maar het volkomen heldere, zwevende licht dat mijn ogen deed verstarren tot ik begon te dromen en praktisch al dromend terugkroop in mijn bed, was de kroonluchter 23

24 van de conciërge, zo groot en stralend dat hij eigenlijk in de aula van de school hoorde te hangen. Vroeger was dat vast het geval geweest, dacht Maurice en dingen die hij zich voorstelde, waren voor hem zo goed als waar. Hij was een jongen die helemaal in zijn fantasie kon opgaan. Ik was voorzichtiger, misschien omdat mijn fantasie me eerder angst aanjoeg. Volgens Maurice was de jonge vrouw van monsieur Labeige een soort slavin van hem en hadden ze de kroonluchter met een of andere smoes over veiligheid van de school naar hun woonkamer overgebracht, zoals ze ooit de afgedankte vitrine voor dierenpreparaten uit het biologielokaal hadden gehaald en door de voortuin hadden gesleept om ermee in hun huis te verdwijnen. We zijn er nooit achter gekomen of ze de glazen kast waarin vlak daarvoor nog vossenschedels, opgezette vogels en visskeletten te zien waren, daarna inderdaad als keukenkast gebruikten. Maar voor ons was bij Labeige alles mogelijk, en dat niet alleen omdat Maurice en ik jarenlang in een soort intergalactische oorlog met hem verwikkeld waren. Of ik wist wie in 1957, zijn geboortejaar, wereldkampioen schaken was, vroeg André me op een van de middagen dat Jeanne op de uitgeverij werd opgehouden. Ik had nog nooit van Botvinnik of Smyslov gehoord, twee Russen die, zoals André omstandig uitlegde, tien jaar lang op het bord tegen elkaar hadden gestreden en in 1957 allebei wereldkampioen waren, voordat met Tal en Petrosjan eindelijk het tijdperk van de... In 1957, toen we de machine van het grote verdwijnen begonnen te bouwen, waren Maurice en ik dertien. We zaten in de tweede klas van de middelbare school en woonden in dezelfde straat waar het gymnasium stond. Mijn vader was binnenschipper. Schaken interesseerde hem net zomin als de planeconomie van de Sovjet- Unie. Hij was er nooit, en als hij er wel was, viel er niet met hem te leven. Als mijn moeder en de moeder van Maurice elkaar tegenkwamen, praatten ze alleen over onze vaders. Ze zeiden dat wij net zo zouden worden als onze oudeheren. Maar ik was helemaal niet van plan binnenschipper te worden en Maurice was er niet op uit zich als jonge dertiger in Normandië door een Duitser te laten neerknallen. Hij en zijn moeder hadden drie kamers op de eerste 24

Ahlberg en Tellegen 13-12-11 14:29 Pagina 1. Brieven aan bijna niemand anders

Ahlberg en Tellegen 13-12-11 14:29 Pagina 1. Brieven aan bijna niemand anders Ahlberg en Tellegen 13-12-11 14:29 Pagina 1 Brieven aan bijna niemand anders Ahlberg en Tellegen 13-12-11 14:29 Pagina 2 ander werk van toon tellegen Theo Thijssenprijs 1997 Hendrik de Vriesprijs 2006

Nadere informatie

www.queridokinderboeken.nl

www.queridokinderboeken.nl www.queridokinderboeken.nl Copyright 2013 Joke van Leeuwen Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, in enige vorm of op welke wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke

Nadere informatie

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te kijken...4 De mensenmenigte opende zich in het midden...5 Toen

Nadere informatie

Het geluk van de sprinkhaan

Het geluk van de sprinkhaan Het geluk van de sprinkhaan Ander werk van Toon Tellegen Theo Thijssenprijs 1997 Hendrik de Vriesprijs 2006 Constantijn Huygensprijs 2007 Misschien wisten zij alles (verzamelde dierenverhalen, 1995, 2007)

Nadere informatie

Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker

Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker Het paaltje van Oosterlittens Er stond weer een pot met bonen! Elke avond kreeg de schoenmaker van Oosterlittens bonen te eten. Maar de schoenmaker klaagde nooit. Hij was te arm om vlees te kopen. Elke

Nadere informatie

Een Berbers dorp. Mijn zussen en ik mochten van mijn vader naar school. Meestal mochten alleen jongens naar school.

Een Berbers dorp. Mijn zussen en ik mochten van mijn vader naar school. Meestal mochten alleen jongens naar school. Een Berbers dorp Ik ben geboren en opgegroeid in het noorden van Marokko. In een buitenwijk van de stad Nador. Iedereen kent elkaar en altijd kun je bij de mensen binnenlopen. Als er feest is, viert het

Nadere informatie

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden

Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden Gijsje zonder staart geschreven door Henk de Vos (in iets gewijzigde vorm) Er was eens een klein lief konijntje, dat Gijs heette. Althans, zo noemden zijn ouders hem, maar alle andere konijntjes noemden

Nadere informatie

IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ

IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ Ferenc Göndör IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ Uitgeverij Eenvoudig Communiceren 3 Mijn vader Lang geleden kwam een jonge, joodse man naar het land Hongarije. Mohr Goldklang was zijn naam. Dat was mijn opa. Mohr

Nadere informatie

O, antwoordde ik. Verder zei ik niets. Ik ging vlug de keuken weer uit en zonder eten naar school.

O, antwoordde ik. Verder zei ik niets. Ik ging vlug de keuken weer uit en zonder eten naar school. Voorwoord Susan schrijft elke dag in haar dagboek. Dat dagboek is geen echt boek. En ook geen schrift. Susans dagboek zit in haar tablet, een tablet van school. In een map die Moeilijke Vragen heet. Susan

Nadere informatie

Het. Boekenliefje. Helen Docherty & Thomas Docherty. Clavis

Het. Boekenliefje. Helen Docherty & Thomas Docherty. Clavis Het Boekenliefje Helen Docherty & Thomas Docherty Clavis Het Boekenliefje Helen Docherty & Thomas Docherty 3 Precies op dat moment kwam een klein wezentje het dorp binnengevlogen. Het werd langzaam donker

Nadere informatie

De beslissing. Aan mij zal het niet liggen, antwoordde Jens. Maar jij

De beslissing. Aan mij zal het niet liggen, antwoordde Jens. Maar jij De beslissing De winter daarvoor was de beslissing gevallen. We zaten met een glas wijn bij mijn ouders in de woonkamer en vertelden over Kreta, en ook dat we van plan waren naar Zuid- Duitsland te verhuizen.

Nadere informatie

Eerste druk, september 2009 2009 Tiny Rutten

Eerste druk, september 2009 2009 Tiny Rutten Doortje Eerste druk, september 2009 2009 Tiny Rutten isbn: 978-90-484-0769-9 nur: 344 Uitgever: Free Musketeers, Zoetermeer www.freemusketeers.nl Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgenomen

Nadere informatie

Er was eens een heel groot bos. Met bomen en bloemen. En heel veel verschillende dieren. Aan de rand van dat bos woonde, in een grot, een draakje. Dat draakje had de mooiste grot van iedereen. Lekker vochtig

Nadere informatie

1 Vinden de andere flamingo s mij een vreemde vogel? Dat moeten ze dan maar zelf weten. Misschien hebben ze wel gelijk. Het is ook raar, een flamingo die jaloers is op een mens. En ook nog op een paard.

Nadere informatie

Bert staat op een ladder. En trekt aan de planten die groeien in de dakgoot. Hij verstopt de luidspreker en het stopcontact achter de planten.

Bert staat op een ladder. En trekt aan de planten die groeien in de dakgoot. Hij verstopt de luidspreker en het stopcontact achter de planten. Helaas Wanneer besloot Bert om Lizzy te vermoorden? Vreemd. Hij herinnert zich het niet precies. Het was in ieder geval toen Lizzy dat wijf leerde kennen. Dat idiote wijf met haar rare verhalen. Bert staat

Nadere informatie

Tussen koppensnellers en krokodillen

Tussen koppensnellers en krokodillen Tussen koppensnellers en krokodillen Eerste druk, mei 2012 2012 Karien van Ditzhuijzen Illustraties en coverontwerp: Anneke van de Langkruis isbn: 978-90-484-2392-7 nur: 282 Uitgever: Free Musketeers,

Nadere informatie

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 MEMORY WOORDEN 1.1 TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 ik jij hij zij wij jullie zij de baby het kind ja nee de naam TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 2 MEMORY WOORDEN 1.2 TaalCompleet A1 Memory Woorden

Nadere informatie

Verhaal: Jozef en Maria

Verhaal: Jozef en Maria Verhaal: Jozef en Maria Er was eens een vrouw, Maria. Maria was een heel gewone jonge vrouw, net zo gewoon als jij en ik. Toch had God haar uitgekozen om iets heel belangrijks te doen. Iets wat de hele

Nadere informatie

KINDEREN VAN HET LICHT

KINDEREN VAN HET LICHT KINDEREN VAN HET LICHT Verteller: Het gebeurde in een donkere nacht, heel lang geleden, dat er herders in het veld waren, die de wacht hielden over hun schapen. Zij stonden net wat met elkaar te praten,

Nadere informatie

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1

Ankie. het meisje uit de bossen van Karoetsja. Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin. blad 1 Ankie het meisje uit de bossen van Karoetsja Antoon Kersten ooit geschreven voor zijn kleindochter Karin blad 1 In een ver land, wel duizend kilometer hier vandaan, woonde Angelina. Haar moeder noemde

Nadere informatie

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur.

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur. Psalmen Psalm 78 1 Een lied van Asaf. De lessen van het verleden Luister allemaal naar mijn woorden. Luister goed, want ik wil jullie iets leren. 2 Wijze woorden wil ik spreken, wijze woorden over het

Nadere informatie

De kerker met de vijf sloten. Crista Hendriks

De kerker met de vijf sloten. Crista Hendriks De kerker met de vijf sloten Crista Hendriks Schrijver: Crista Hendriks Coverontwerp: Pluis Tekst & Ontwerp ISBN: 9789402126112 Crista Hendriks 2014-2 - Voor Oscar... zonder jou zou dit verhaal er nooit

Nadere informatie

Het lam. Arna van Deelen

Het lam. Arna van Deelen Het lam Arna van Deelen Hij leunde vermoeid op zijn staf, starend over de eindeloze velden. De kudde lag verspreid onder de bomen, die op deze tijd van de dag voor wat schaduw zorgden. Hij legde zijn hand

Nadere informatie

Door het raam ziet ze Bea, de benedenbuurvrouw. Ze veegt de sneeuw weg van het pad voor de flat. Uitslover, denkt Alice.

Door het raam ziet ze Bea, de benedenbuurvrouw. Ze veegt de sneeuw weg van het pad voor de flat. Uitslover, denkt Alice. Alice ligt in bed. Heel langzaam wordt ze wakker. Haar lichaam ontspannen, haar hoofd leeg. De vertrouwde geur van haar man Jules hangt in de slaapkamer. Een geur van alcohol, nootmuskaat en oude man.

Nadere informatie

l Wouter mag Floor niet slaan. l Wouter mag geen alcohol drinken (geen druppel!).

l Wouter mag Floor niet slaan. l Wouter mag geen alcohol drinken (geen druppel!). 3. Net keek mama heel beteuterd toen ze me een nachtzoen kwam geven. Vind je het echt erg dat ik zoveel moet werken? vroeg ze. Wat moest ik daarop zeggen? Ze keek zo droevig! Valt wel mee, hoor, zei ik.

Nadere informatie

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan.

Geelzucht. Toen pakte een vrouw mijn arm. Ze nam me mee naar de binnenplaats van het huis. Naast de deur van de binnenplaats was een kraan. Geelzucht Toen ik 15 was, kreeg ik geelzucht. De ziekte begon in de herfst en duurde tot het voorjaar. Ik voelde me eerst steeds ellendiger worden. Maar in januari ging het beter. Mijn moeder zette een

Nadere informatie

Help me, Zoey, zeg ik. Zoey kijkt verbaasd. Waarmee?, vraagt ze.

Help me, Zoey, zeg ik. Zoey kijkt verbaasd. Waarmee?, vraagt ze. 1 Ik wou dat ik een vriendje had. Ik wou dat hij in mijn kast zat. Dan kon ik hem tevoorschijn halen wanneer ik maar wilde. Hij zou naar me kijken alsof ik mooi ben. Zwijgend. Hij zou zijn leren jack uittrekken

Nadere informatie

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen 1. Print deze tekst 2. Download het geluidsbestand en luister Je gaat een toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen maken. Dit is een leestoets. De toets heeft vijf delen. Deel A, B, C, D en E. Deze toets

Nadere informatie

Johanna Kruit. Gedichten, geïnspireerd door bomen. Geheimen

Johanna Kruit. Gedichten, geïnspireerd door bomen. Geheimen 1 Gedichten, geïnspireerd door bomen Geheimen In het donker huizen bomen die overdag gewoner zijn. Wij slaan de bochten van een pad mee om en gaan, ontkomen aan het licht af op geheimen.kleine geluiden

Nadere informatie

Voor Cootje. de vuurtoren

Voor Cootje. de vuurtoren Voor Cootje de vuurtoren De Koos Meinderts vuurtoren Lemniscaat & Annette Fienieg Nederlandse rechten Lemniscaat b.v. Rotterdam 2007 isbn 978 90 5637 909 4 Tekst: Koos Meinderts, 2007 Illustraties: Annette

Nadere informatie

Spreekbeurt Dag. Oglaya Doua

Spreekbeurt Dag. Oglaya Doua Spreekbeurt Dag Oglaya Doua Ik werd wakker voordat m n wekker afging. Het was de dag van mijn spreekbeurt. Met m n ogen wijd open lag ik in bed, mezelf afvragend waarom ik in hemelsnaam bananen als onderwerp

Nadere informatie

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005

rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 rijm By fightgirl91 Submitted: October 17, 2005 Updated: October 17, 2005 Provided by Fanart Central. http://www.fanart-central.net/stories/user/fightgirl91/21803/rijm Chapter 1 - rijm 2 1 - rijm Gepaard

Nadere informatie

Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn

Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn Het tweede avontuur van Broer Vos en Broer Konijn Oom Remus bron. Z.n., z.p. ca. 1950 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/remu001twee01_01/colofon.php 2010 dbnl / erven J.C. Harries 2 [Het

Nadere informatie

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden.

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden. 1 Werkwoord (wonen, werken, lopen,...) wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden. 8 Grammatica is niet moeilijk 1.1 woon, woont, wonen Ik woon nu in Nederland. Jij woont nu in Nederland. U woont nu

Nadere informatie

Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen. En zei: vandaag word mevr. Catharina. 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau

Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen. En zei: vandaag word mevr. Catharina. 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau Een buik van wol. Tom! Tom! Cato kwam hard aan rennen En zei: vandaag word mevr. Catharina 90 jaar en ik wil haar een heel mooi cadeau Geven. Ja maar wat zei Tom. Umm wacht ik Weet het zei Cato een herinnering.

Nadere informatie

Wij zijn twee vrienden... jij en ik

Wij zijn twee vrienden... jij en ik Wij zijn twee vrienden... jij en ik Twee dikke vrienden... jij en ik voor Nona voor altijd negen... voor altijd in mijn hart Kika Konijn Kika Konijn was een goede vriendin van alle dieren in het bos. Ze

Nadere informatie

Nieuws van mama uit Holland

Nieuws van mama uit Holland 1 Nieuws van mama uit Holland Als Nadia en haar oudere broertje Iván uit school komen, zit oma klaar in de versleten stoel. Kom gauw zitten, zegt ze en ze trekt Nadia op schoot. Ze heeft een brief van

Nadere informatie

D Artagnan gaat naar Parijs

D Artagnan gaat naar Parijs D Artagnan gaat naar Parijs Artagnan reed op zijn oude paard, een uitgeputte knol met een trieste blik. Ook al was zijn paard op zijn minst vreemd te noemen en ook al waren de kleren die hij droeg verbleekt,

Nadere informatie

't gummybeertje le journal D' Hoge School redactie: Tom & Senne 24-10-08 jaargang 3 nr. 7 http://zevensprong.org frankieweyns@hotmail.

't gummybeertje le journal D' Hoge School redactie: Tom & Senne 24-10-08 jaargang 3 nr. 7 http://zevensprong.org frankieweyns@hotmail. 't gummybeertje le journal D' Hoge School redactie: Tom & Senne 24-10-08 jaargang 3 nr. 7 http://zevensprong.org frankieweyns@hotmail.com Het aapje en de sleutels Er was eens een man en die had de sleutels

Nadere informatie

Wie maalt om de molens?

Wie maalt om de molens? deel 1 Dag 1 Er is een ongeluk gebeurd vandaag, met meneer Swarteschaep. Eind van de middag was ik zakken graan naar binnen aan het sjouwen. De baas was op de stelling aan het werk. Ineens hoorde ik een

Nadere informatie

Stomme trutten. Qatar, Qatar!, giechelen de meisjes voor het huis aan de overkant. Kelly heeft gelijk. Nu zijn ze op de fiets.

Stomme trutten. Qatar, Qatar!, giechelen de meisjes voor het huis aan de overkant. Kelly heeft gelijk. Nu zijn ze op de fiets. Stomme trutten Kijk, die stomme trutjes zijn er weer. Kelly wijst naar buiten. Sanne kijkt nieuwsgierig uit het raam. Voor het huis aan de overkant staan twee meisjes. Meisjes met blonde paardenstaartjes.

Nadere informatie

Het Verloren Ei. Geschreven door. Judie McEwen www.rogueartistsspeak.blogspot.com. Illustraties van. Dick Rink www.blog.dickrink.

Het Verloren Ei. Geschreven door. Judie McEwen www.rogueartistsspeak.blogspot.com. Illustraties van. Dick Rink www.blog.dickrink. Het Verloren Ei Geschreven door Judie McEwen www.rogueartistsspeak.blogspot.com Illustraties van Dick Rink www.blog.dickrink.nl Copyright 2011 Uil was net wakker geworden uit zijn dagelijkse middag dutje,

Nadere informatie

Mijn mond zat vol aarde

Mijn mond zat vol aarde Mijn mond zat vol aarde Serie: Verhalen kind in oorlog Tekst: Meike Jongejan Onderzoek: Mariska de Boer en Hans Groeneweg Redactie: Jan van Zijverden Vormgeving: Richard Bos 2015, Fries Verzetsmuseum,

Nadere informatie

We hebben verleden week nog gewinkeld. Toen wisten we het nog niet. De kinderbijslag was binnen en ik mocht voor honderd euro kleren uitkiezen.

We hebben verleden week nog gewinkeld. Toen wisten we het nog niet. De kinderbijslag was binnen en ik mocht voor honderd euro kleren uitkiezen. Woensdag Ik denk dat ik gek word! Dat moet wel, want ik heb net gehoord dat mijn moeder kanker heeft. Niet zomaar een kankertje dat met een chemo of bestraling overgaat. Nee. Het zit door haar hele lijf.

Nadere informatie

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen

Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen De ezel van Bethlehem Naar een verhaal van Jacques Elan Bewerkt door Koos Stenger Ik ben maar een eenvoudige ezel, maar ik wil je graag een mooi verhaal vertellen over iets wat er met me gebeurd is. Het

Nadere informatie

De week van Springmuis.

De week van Springmuis. De week van Springmuis. Vandaag is het verhaal verteld over Springmuis. Het verhaal is afkomstig van een legende van de Noord Amerikaanse vlakte-indianen. Het verhaal gaat over onzekerheid, het verlangen

Nadere informatie

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51 Inhoud Een nacht 7 Voetstappen 27 Strijder in de schaduw 51 5 Een nacht 6 Een plek om te slapen Ik ben gevlucht uit mijn land. Daardoor heb ik geen thuis meer. De wind neemt me mee. Soms hierheen, soms

Nadere informatie

Zondag 6 maart 2016, 10.00 uur Jeugddienst. Voorganger: ds. Bert de Wit

Zondag 6 maart 2016, 10.00 uur Jeugddienst. Voorganger: ds. Bert de Wit Preek Zondag 6 maart 2016, 10.00 uur Jeugddienst Thema: @Home Voorganger: ds. Bert de Wit Schriftlezing: Lucas 15:11-32 Een vader had twee zonen zo begint het verhaal. Met de beschrijving van een gezin.

Nadere informatie

De tijd die ik nooit meer

De tijd die ik nooit meer De tijd die ik nooit meer vergeet Jan Smit uit eigen pen deel 3 De Stiep Educatief De tijd die ik nooit meer vergeet De schrijver die blij is dat hij iets kan lezen en schrijven, vertelt over zijn jeugd.

Nadere informatie

Kikker in de kou. geschreven door Max Velthuijs

Kikker in de kou. geschreven door Max Velthuijs Kikker in de kou geschreven door Max Velthuijs Op een ochtend, toen Kikker wakker werd, merkte hij meteen dat er iets veranderd was in de wereld. Hij sprong uit bed en liep naar het raam. Tot zijn verwondering

Nadere informatie

De eekhoorn. œ œ œ œ œ. Ó Œ œ œ. œ œ œ œ. œ j. œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ Œ. œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ. œ J. - hoorn, de eek - hoorn eet.

De eekhoorn. œ œ œ œ œ. Ó Œ œ œ. œ œ œ œ. œ j. œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ Œ. œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ. œ J. - hoorn, de eek - hoorn eet. oktober 2010 tekst: Joke de Klerck muziek: Ton Kerkhof De eekhoorn Refrein Intro Ó Œ œ œ J œ œ œ œ eek stapelen: œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ œ Œ Al - hoorn, de eek - hoorn eet zich vol en rond. œ œ œ œ

Nadere informatie

In dit gebouw vragen ze je: Kan je op je rug in slaap vallen? Ze vragen je: Zie je vaak iets vanuit je ooghoek dat er later niet blijkt te zijn?

In dit gebouw vragen ze je: Kan je op je rug in slaap vallen? Ze vragen je: Zie je vaak iets vanuit je ooghoek dat er later niet blijkt te zijn? Loopdrang De gangen in dit gebouw beginnen alweer nog voordat ze zijn geëindigd. Het zijn cirkels. Dit gebouw was vroeger een opvanghuis voor demente bejaarden. En de gangen hier lopen rond, omdat sommige

Nadere informatie

De twee zaken waarover je in dit boek kunt lezen, zijn de meest vreemde zaken die Sherlock Holmes ooit heeft opgelost.

De twee zaken waarover je in dit boek kunt lezen, zijn de meest vreemde zaken die Sherlock Holmes ooit heeft opgelost. Sherlock Holmes was een beroemde Engelse privédetective. Hij heeft niet echt bestaan. Maar de schrijver Arthur Conan Doyle kon zo goed schrijven, dat veel mensen dachten dat hij wél echt bestond. Sherlock

Nadere informatie

-23- Geen medelijden

-23- Geen medelijden -22- Graniet Hoeveel keer was de vrachtwagen al gestopt? Innocent was de tel kwijtgeraakt. Telkens als de truck halt hield, werden er een paar jongens naar binnen geduwd. Maar nu bleef de deur van de laadruimte

Nadere informatie

EEN PRINS WORDT EEN HERDER

EEN PRINS WORDT EEN HERDER Bijbel voor Kinderen presenteert EEN PRINS WORDT EEN HERDER Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Erna van Barneveld

Nadere informatie

Dit verhaal gaat over een schat, die je overal kunt vinden : zowel hier als daar, zowel vroeger als nu. Een schat zo rijk als het leven zelf, die

Dit verhaal gaat over een schat, die je overal kunt vinden : zowel hier als daar, zowel vroeger als nu. Een schat zo rijk als het leven zelf, die Er zit een schat verborgen in jezelf Dit verhaal gaat over een schat, die je overal kunt vinden : zowel hier als daar, zowel vroeger als nu. Een schat zo rijk als het leven zelf, die toont hoe het zijn

Nadere informatie

DE VLUCHT & andere spannende verhalen

DE VLUCHT & andere spannende verhalen DE VLUCHT & andere spannende verhalen 2 Bianca Kruger DE VLUCHT & andere spannende verhalen Enschede 2015 3 Hoewel aan de totstandkoming van deze uitgave de uiterste zorg is besteed, aanvaarden auteur

Nadere informatie

OP BEZOEK BIJ BARON GEENWEGGE VAN TERUG

OP BEZOEK BIJ BARON GEENWEGGE VAN TERUG ar pla xce m Gr ati se OP BEZOEK BIJ BARON GEENWEGGE VAN TERUG OP BEZOEK BIJ BARON GEENWEGGE VAN TERUG WIL JIJ HET HELE (VOORLEES) VERHAAL GRAAG LEZEN? Je krijgt Op bezoek bij baron Geenwegge van Terug

Nadere informatie

Elena Ferrante. De geniale vriendin. Jeugd, puberteit. wereldbibliotheek amsterdam

Elena Ferrante. De geniale vriendin. Jeugd, puberteit. wereldbibliotheek amsterdam Elena Ferrante De geniale vriendin Jeugd, puberteit wereldbibliotheek amsterdam Vertaald uit het Italiaans door Marieke van Laake Omslagontwerp Karin van der Meer Omslagillustratie Herman Wouters/Hollandse

Nadere informatie

LES 4. Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116

LES 4. Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116 LES 4 Handelingen 12:1-19; Van Jeruzalem tot Rome: Verlost uit de gevangenis blz.109-116 De boodschap God hoort en verhoort onze gebeden voor elkaar. Leertekst: Terwijl Petrus onder zware bewaking zat

Nadere informatie

Weer naar school. De directeur stapt het toneel op. Goedemorgen allemaal, zegt hij. * In België heet een mentor klastitularis.

Weer naar school. De directeur stapt het toneel op. Goedemorgen allemaal, zegt hij. * In België heet een mentor klastitularis. Weer naar school Kim en Pieter lopen het schoolplein op. Het is de eerste schooldag na de zomervakantie. Ik ben benieuwd wie onze mentor * is, zegt Pieter. Kim knikt. Ik hoop een man, zegt ze. Pieter kijkt

Nadere informatie

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen 1. Print deze tekst 2. Download het geluidsbestand en luister Je gaat een toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen maken. Dit is een leestoets. De toets heeft vijf delen. Deel A, B, C, D en E. Deze toets

Nadere informatie

Toen kwam Sam Ander werk van Edward van de Vendel bij Querido Superguppie (gedichten, met tekeningen van Fleur van der Weel, 2003) Woutertje Pieterse Prijs 2004, Zilveren Griffel 2004, Vlag & Wimpel van

Nadere informatie

Vraag aan de zee. Vraag aan de tijd. wk 3. wk 2

Vraag aan de zee. Vraag aan de tijd. wk 3. wk 2 Bladzijde negen, Bladzijde tien, Krijg ik het wel ooit te zien? Ander hoofdstuk, Nieuw begin.. Maar niets, Weer dicht, Het heeft geen zin. Dan probeer ik achterin dat dikke boek. Dat ik daar niet vaker

Nadere informatie

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus.

Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 1 Beste vrienden, ik mag jullie vandaag vertellen over de laatste week van het leven van Jezus. 2 Het verhaal De Goede Week Trouw, Hoop en Spijt Ik wil jullie vandaag vertellen over de Goede Week. Dat

Nadere informatie

workshop bij Rodica en Dodica

workshop bij Rodica en Dodica workshop bij Rodica en Dodica vier gedichten van Paul van Ostaijen met tekeningen van Paul Verrept taijen, met bij elk zins morgens de dingen, de que nègre, en Rodica en r al met groot succes ansee. Nu

Nadere informatie

Wandelen voor Water. 6 Kilometer lopen met 6 liter water op je rug. Net als kinderen in derde wereld landen. Wandelen voor Water

Wandelen voor Water. 6 Kilometer lopen met 6 liter water op je rug. Net als kinderen in derde wereld landen. Wandelen voor Water 6 Kilometer lopen met 6 liter water op je rug. Net als kinderen in derde wereld landen Wandelen voor water 21 Maart 2014 gingen groep 8 en groep 7 van onze school wandelen voor water. Dat hield in dat

Nadere informatie

Deel 1. De eerste oorlogsdagen

Deel 1. De eerste oorlogsdagen Deel 1 De eerste oorlogsdagen Vrijdag 10 mei 1940, heel vroeg in de ochtend Luchtaanval Chris wordt wakker van harde dreunen en zwaar gebrom. Vliegtuigen, weet hij meteen. Zware vliegtuigen, bommenwerpers!

Nadere informatie

Dubbelspel. Alan Durant

Dubbelspel. Alan Durant Dubbelspel Dubbelspel maakt deel uit van de Schaduw-reeks van Lezen voor Iedereen/Uitgeverij Eenvoudig Communiceren. De Schaduw-reeks is een serie spannende verhalen voor jongeren. Lezen voor Iedereen/Uitgeverij

Nadere informatie

Bron: De sprookjes van Grimm; volledige uitgave, vertaald door M.M. de Vries-Vogel. Unieboek BV - Van Holkema & Warendorf, Weesp, 1984.

Bron: De sprookjes van Grimm; volledige uitgave, vertaald door M.M. de Vries-Vogel. Unieboek BV - Van Holkema & Warendorf, Weesp, 1984. Bontepels Er was eens een koning en die had een vrouw met gouden haar. Ze was zo mooi, dat haar gelijke nergens te vinden was. Toen werd zij ziek en daar ze voelde, dat ze weldra sterven ging, riep ze

Nadere informatie

binnenkort in dit theater

binnenkort in dit theater binnenkort in dit theater Eerste druk oktober 2014 Copyright 2014 ester naomi perquin, rotterdam Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke

Nadere informatie

LEZEN FICTIE BK 1 LEKKER LEZEN PERRON 1

LEZEN FICTIE BK 1 LEKKER LEZEN PERRON 1 LEZEN FICTIE BK LEKKER LEZEN PERRON Lekker lezen Daar lag de molen. Donker en dreigend lag hij daar in de sneeuw, als een sterk, gevaarlijk dier dat loert op zijn prooi. Ik hoef er helemaal niet heen,

Nadere informatie

Belevenis van een jeugd

Belevenis van een jeugd Belevenis van een jeugd Eerste druk, 2014 2014 Bram Oort Coverfoto: Bram Oort isbn: 9789048431519 nur: 340 Uitgever: Free Musketeers, Zoetermeer www.freemusketeers.nl Hoewel aan de totstandkoming van deze

Nadere informatie

IK BEN TROTS OP MIJN SNOR!

IK BEN TROTS OP MIJN SNOR! IK BEN TROTS OP MIJN SNOR! Op een ochtend was ik heerlijk op mijn gemak aan het werk op mijn kantoor... Ja, mijn kantoor. Jullie weten toch waar dat is, of niet? Wat? Dat weten jullie niet? Echt niet?

Nadere informatie

Nooit had zijn moeder over haar vader gesproken en nu hij dood was, moest ze de hele dag huilen.

Nooit had zijn moeder over haar vader gesproken en nu hij dood was, moest ze de hele dag huilen. 9-12 jaar De villa van Spoek De villa van Spoek was een grote villa aan de Tapijtweg nummer elf in het stadje Sonsbeek. Het huis stond aan een brede rivier en had een lange oprijlaan van glimmende witte

Nadere informatie

Lieve broer! Je liefste zus!!! Camille Vandenbussche. 12-19 oktober

Lieve broer! Je liefste zus!!! Camille Vandenbussche. 12-19 oktober Lieve broer! 12-19 oktober Je bent nog maar 1 week weg, en ik mis je al! Hopelijk zie ik je nog terug! Ik heb gehoord dat er al heel wat mannen zijn gestorven! Jij nog niet,gelukkig! En,papa, alles goed

Nadere informatie

LYRICS EP1 BEGRIJP ME NIET VERKEERD

LYRICS EP1 BEGRIJP ME NIET VERKEERD LYRICS EP1 BEGRIJP ME NIET VERKEERD Ik ken je tranen en je wensen En je drift om door te gaan Ik ken je afgunst en je twijfel En wat je denkt als je ontwaakt Ik ken je lelijkste momenten Zo donker vol

Nadere informatie

Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger. Luchtpost voor de kerstman 1

Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger. Luchtpost voor de kerstman 1 Bijlage 1: Luchtpost voor de kerstman van Brigitte Weninger Luchtpost voor de kerstman 1 Martijn en zijn moeder woonden in een dorpje hoog in de bergen. Ze waren arm. Martijn had geen vader. Martijns moeder

Nadere informatie

De droom. De sneeuw dwarrelt in de ruimte.

De droom. De sneeuw dwarrelt in de ruimte. De droom Hassan droomt dat het sneeuwt. De sneeuw dwarrelt in het donker. Hij valt niet naar beneden, want er is geen beneden. En er is geen boven. Hij valt niet van de hemel naar de aarde, want er is

Nadere informatie

Lees wat Bennie Burgers dee en doe er uw voordeel mee

Lees wat Bennie Burgers dee en doe er uw voordeel mee Lees wat Bennie Burgers dee en doe er uw voordeel mee J.P.J.H. Clinge Doorenbos Harry van Piggelen bron. Burgers Deventer, Deventer 1930-1940 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/clin001lees01_01/colofon.php

Nadere informatie

Vlinder en Neushoorn

Vlinder en Neushoorn Vlinder en Neushoorn Hoi, zei Vlinder. Hoi, zei Neushoorn, hoewel hij meestal niets zei. Maar hij was in een goede bui. Vlinder streek neer op de hoorn van Neushoorn en leek erg zenuwachtig. Hoi! zei Vlinder

Nadere informatie

EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF

EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF Bijbel voor Kinderen presenteert EEN FAVORIETE ZOON WORDT EEN SLAAF Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Kerr en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul

Nadere informatie

Rivka voelt tranen in haar ogen. Vader aait over haar wang. Hij zegt: Veel plezier, prinsesje. Vergeet je nooit wie je bent? Dan draait vader zich

Rivka voelt tranen in haar ogen. Vader aait over haar wang. Hij zegt: Veel plezier, prinsesje. Vergeet je nooit wie je bent? Dan draait vader zich 1942-1943 1 Rivka! Het is tijd om te gaan!, roept vader. Rivka is blij. Ze gaat logeren. Ze weet niet bij wie. En ze weet ook niet hoe lang. Maar ze heeft er wel zin in. Vader heeft gezegd: Je gaat in

Nadere informatie

De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar

De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar De afgelopen weken was het niet zo leuk bij Pim thuis. Zijn moeder lag de hele dag in bed. Ze stond niet meer op, deed geen boodschappen

Nadere informatie

SARAH Zoë van de Newgolberhoeve

SARAH Zoë van de Newgolberhoeve SARAH Zoë van de Newgolberhoeve 27-03-2003-30-05-2014 (11 jaar) Eens in de zoveel jaar komt er een heel bijzondere berner voorbij, jij was er zo eentje. Je had bij mij een heel speciaal plekje. Misschien

Nadere informatie

Joachim en het Rode Paardenhoofd

Joachim en het Rode Paardenhoofd Joachim en het Rode Paardenhoofd Eerste druk, maart 2012 2012 Jurgen Heyn isbn: 978-90-484-2326-2 nur: 277 Uitgever: Free Musketeers, Zoetermeer www.freemusketeers.nl Hoewel aan de totstandkoming van deze

Nadere informatie

H utnieuws 4 2014-2015

H utnieuws 4 2014-2015 OBS de Boomhut 31 oktober 2014 H utnieuws 4 2014-2015 Locatie Bernhardlaan 10 6824 LE Arnhem 026-4433102 Locatie Julianalaan 1 6824 KG Arnhem 026-3701183 In dit nummer: Tussenschoolseopvang Tussenschoolseopvang

Nadere informatie

Klein Kontakt. Jarigen. in april zijn:

Klein Kontakt. Jarigen. in april zijn: A Klein Kontakt Het is alweer eind maart wanneer dit Kontakt uitkomt, het voorjaar lijkt begonnen, veel kinderen hebben kweekbakjes met groentes in de vensterbank staan, die straks de tuin in gaan. Over

Nadere informatie

Ik moet Claire nu niet aankijken. Wij kennen elkaar te goed. Mijn ogen zouden me verraden.

Ik moet Claire nu niet aankijken. Wij kennen elkaar te goed. Mijn ogen zouden me verraden. 1. We gaan eten in een restaurant. Serge heeft gereserveerd; dat doet híj altijd. Het is zo n restaurant waar je drie maanden van tevoren moet bellen. Of nog langer. Serge belt nooit drie maanden van tevoren.

Nadere informatie

Het is de familieblues. Je kent dat gevoel vast wel. Je zit aan je familie vast. Voor altijd ben je verbonden met je ouders, je broers, je zussen.

Het is de familieblues. Je kent dat gevoel vast wel. Je zit aan je familie vast. Voor altijd ben je verbonden met je ouders, je broers, je zussen. De familieblues Tot mijn 15e noemde ik mijn ouders papa en mama. Daarna niet meer. Toen noemde ik mijn vader meester. Zo noemde hij zich ook als hij lesgaf. Hij was leraar Engels op een middelbare school.

Nadere informatie

Een gelukkige huisvrouw

Een gelukkige huisvrouw Een gelukkige huisvrouw Voordat ik zwanger was, was ik een gelukkige huisvrouw, ik had alles wat ik wilde. En daarvoor hoefde ik geen dag te werken. Want werken, dat deed mijn man Harry al. Harry zat in

Nadere informatie

De boom met de korte wortels. Een verhaal over hechtingsproblemen Tekst Christien van t Hof Illustraties Hanna Salonen

De boom met de korte wortels. Een verhaal over hechtingsproblemen Tekst Christien van t Hof Illustraties Hanna Salonen De boom met de korte wortels Een verhaal over hechtingsproblemen Tekst Christien van t Hof Illustraties Hanna Salonen Colofon De boom met de korte wortels Een uitgave van de s Heeren Loo Zorggroep Coördinatie:

Nadere informatie

Rick de Leeuw. Hou me stevig vast

Rick de Leeuw. Hou me stevig vast Rick de Leeuw Hou me stevig vast Ik zit op de trap En luister naar de radio Er klinkt een mooi en triestig lied Ik neurie zachtjes mee Ik wil muziek als het sneeuwt Ook al sneeuwt het nu even niet Ik neem

Nadere informatie

Spekkoek. Op de terugweg praat zijn oma de hele tijd. Ze is blij omdat Igor maandag mag komen werken.

Spekkoek. Op de terugweg praat zijn oma de hele tijd. Ze is blij omdat Igor maandag mag komen werken. Spekkoek Oma heeft de post gehaald. Er is een brief van de Sociale Werkplaats. Snel scheurt ze hem open. Haar ogen gaan over de regels. Ze kan het niet geloven, maar het staat er echt. Igor mag naar de

Nadere informatie

!!!!! !!!!!!!!!!!! Uit: Glazen Speelgoed (Tennesse Williams)! (zacht) Hallo. (Ze schraapt haar keel)! Hoe voel je je nu? Beter?!

!!!!! !!!!!!!!!!!! Uit: Glazen Speelgoed (Tennesse Williams)! (zacht) Hallo. (Ze schraapt haar keel)! Hoe voel je je nu? Beter?! Uit: Glazen Speelgoed (Tennesse Williams) Jim Laura Jim Laura Jim wijn aan) Laura Hallo Laura (zacht) Hallo. (Ze schraapt haar keel) Hoe voel je je nu? Beter? Ja. Ja, dankje. Dit is voor jou. Een beetje

Nadere informatie

JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR

JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR Bijbel voor Kinderen presenteert Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul

Nadere informatie

Buurvrouw, luister eens!

Buurvrouw, luister eens! Buurvrouw, luister eens! Eerste druk, juli 2012 2012 Dorien de Ruiter en Marja van der Linden Illustrator: Marinus Leyte isbn: 978-90-484-2527-3 nur: 277 Uitgever: Free Musketeers, Zoetermeer www.freemusketeers.nl

Nadere informatie

wel met de koning trouwen dacht ze somber, anders zal mijn vader vast gestraft worden.

wel met de koning trouwen dacht ze somber, anders zal mijn vader vast gestraft worden. Repelsteeltje Er was eens een kleine molenaar die buiten de stadspoort woonde. Samen met zijn dochter Dora maakte hij meel en bakte hij heerlijke broden. Dora was een knap meisje. Ze had lange, goudblonde

Nadere informatie

Schrijfpalet. Denk goed na! 12. Olifant met gsm?

Schrijfpalet. Denk goed na! 12. Olifant met gsm? 12. Olifant met gsm? Ontspannende tekst: kort verhaal Gisteren was het markt in de stad. Ik pakte m n fiets en reed naar de markt. Het was er erg druk. Opeens zag ik mijn neefje staan. Ik riep hem en zwaaide.

Nadere informatie