act sheet Drugsbeleid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "act sheet Drugsbeleid"

Transcriptie

1 act sheet Drugsbeleid Bureau NDM Utrecht, juni 2003

2 INHOUD Beleid 3 Doelstelling 3 Bestuurlijk kader; verantwoordelijkheden 3 Wet- en regelgeving 4 Cijfers 6 Gebruik in Nederland vergeleken met andere westerse landen 6 Problematisch gebruik en risico s 10 Verslavingszorg 16 Instellingen voor verslavingszorg 16 Justitiële verslavingszorg 19 Voorlichting en preventie 22 Projecten voor jongeren 22 Projecten voor harddrugsgebruikers 22 Overlast, criminaliteit en handel 24 Overlast 24 Drugscriminaliteit 24 Handel 25 Bronnen 28 Internetadressen van enkele in de actsheet genoemde organisaties 29

3 BELEID Doelstelling Het Nederlandse drugsbeleid richt zich op het voorkomen en beperken van de risico's van drugsgebruik voor de gebruiker zelf, voor zijn directe omgeving en voor de samenleving. Drie doelstellingen staan centraal. De vraag naar drugs wordt ontmoedigd door voor goede preventie en hulpverlening te zorgen. Het aanbod van drugs wordt tegengegaan door bestrijding van de georganiseerde criminaliteit. Er wordt niet getolereerd dat drugsgebruik leidt tot verstoring van de openbare orde of andere overlast. Bestuurlijk kader; verantwoordelijkheden Kenmerkend voor het Nederlandse drugsbeleid is de integrale aanpak. De verantwoordelijkheid voor het drugsbeleid wordt gedeeld door verschillende ministeries. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) coördineert het drugsbeleid. Het departement van VWS is zelf verantwoordelijk voor het preventie- en hulpverleningsbeleid. Strafdifferentiatie Strafbare feiten en maximumstraffen Middelen op lijst I Opiumwet (harddrugs) Invoer/ uitvoer Verkoop, vervoer, vervaardiging Voorgenomen in-/uitvoer, verkoop, vervoer, vervaardiging Voorbereiding van misdrijven Witwassen van zwart geld Vervaardiging en in de handel brengen van precursoren Bezit Bezit voor eigen gebruik Middelen op lijst II Opiumwet (softdrugs) Invoer/ uitvoer Verkoop, vervoer, vervaardiging voor handelsdoeleinden Verkoop, vervoer, vervaardiging, bezit van meer dan 30 gram Verkoop, vervaardiging, bezit tot 30 gram Maximumstraffen 12 jaar vrijheidsstraf en/of boete 8 jaar vrijheidsstraf en/of boete 6 jaar vrijheidsstraf en/of boete 4 jaar vrijheidsstraf en/of boete 1 jaar vrijheidsstraf en/of boete Maximumstraffen 4 jaar vrijheidsstraf en/of boete 2 jaar vrijheidsstraf en/of boete 1 maand vrijheidsstraf en/of boete Voor de opsporing en vervolging van Opiumwetdelicten zijn richtlijnen vastgesteld (zie Opportuniteitsbeginsel). Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 3

4 Het ministerie van Justitie is belast met de toepassing van het strafrecht. Op aangelegenheden van lokaal bestuur en politie ziet het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties toe. De douane valt onder het ministerie van inanciën. In gemeenten krijgt het drugsbeleid vorm in het zogenoemde driehoeksoverleg van de burgemeester, de korpschef van politie en de officier van justitie. Opportuniteitsbeginsel Het Openbaar Ministerie (OM) kan afzien van vervolging van strafbare feiten als hiermee het algemeen maatschappelijk belang is gediend. De richtlijnen voor opsporing en vervolging van Opiumwet-delicten noemen prioriteiten: Grootschalige handel en productie van harddrugs heeft de hoogste prioriteit. Daarna volgen strafbare feiten met betrekking tot softdrugs, behalve gebruik. Opsporing en vervolging van het bezit van harddrugs voor eigen gebruik (in het algemeen 0,5 gram) en ten hoogste 5 gram softdrugs hebben de laagste prioriteit. Als coffeeshops zich houden aan de AHOJ-G criteria (zie AHOJ-G), wordt de verkoop van maximaal 5 gram hasj of marihuana per transactie niet gericht opgespoord. (www.openbaarministerie.nl) AHOJ-G criteria Wet- en regelgeving De belangrijkste bepalingen over drugs zijn vastgelegd in de Opiumwet. Die maakt sinds 1976 onderscheid tussen harddrugs (drugs met een onaanvaardbaar risico voor de volksgezondheid zoals heroïne, cocaïne, LSD en ecstasy) en softdrugs (hasj en marihuana: drugs met minder risico's). Gebruik van drugs is niet strafbaar. Bezit, handel, verkoop en productie zijn dat wel. Maar delicten worden zwaarder bestraft als harddrugs en niet softdrugs in het geding zijn. Ook wordt bezit van drugs voor de handel zwaarder beoordeeld dan bezit voor eigen gebruik (zie Strafdifferentiatie). Het Openbaar Ministerie heeft prioriteiten vastgesteld voor opsporing en vervolging (zie Opportuniteitsbeginsel). De verkoop van kleine hoeveelheden softdrugs in coffeeshops is strafbaar, maar wordt in de praktijk alleen vervolgd als de coffeeshops zich niet houden aan de AHOJ-G criteria (zie AHOJ-G criteria). De overheid wil hiermee voorkomen dat de cannabisgebruiker bij het kopen in aanraking komt met harddrugs en criminelen. De coffeeshops moeten zich houden aan de zogenoemde AHOJ-G criteria: geen Affichering (reclame enzovoort), geen Harddrugs verkopen, geen Overlast veroorzaken, geen toegang tot coffeeshops voor Jeugdigen (onder 18 jaar), en geen verkoop van Grote hoeveelheden (meer dan 5 gram) per transactie. De maximale handelsvoorraad is 500 gram, maar gemeenten kunnen een lager maximum vaststellen. Afhankelijk van de specifieke problematiek zijn aan de AHOJ-G criteria door sommige gemeenten enkele voorwaarden toegevoegd in de vorm van een convenant ( niet parkeren voor de deur, sluiting 's avonds om uur etc.). 4 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

5 Per 1 oktober 1996 zijn de Richtlijnen voor het opsporings- en strafvorderingbeleid inzake strafbare feiten van de opiumwet aangepast waardoor het voor gemeenten mogelijk is geworden een eigen coffeeshopbeleid op te stellen. In 1999 is artikel 13b van de Opiumwet, ook bekend onder de naam Damocles regeling, in werking getreden. Dit biedt gemeenten extra mogelijkheden om de negatieve effecten van coffeeshops tegen te gaan. Het geeft de burgemeester de bevoegdheid om coffeeshops te sluiten als deze de in het lokaal coffeeshopbeleid vastgestelde regels overtreden, ook als er geen sprake is van overlast. In de lokale driehoek kan worden afgesproken géén coffeeshops in de gemeente toe te laten (nulbeleid of nulstelsel). De gemeente kan ook kiezen voor een maximumstelsel. Dit houdt in dat de gemeente een vastgesteld maximum aantal coffeeshops toelaat. Zowel nul- als maximumstelsel moeten worden onderbouwd aan de hand van analyses van de plaatselijke situatie. Bij opsporing en vervolging kan men ook andere wetten gebruiken, bijvoorbeeld om de financiële voordelen van drugshandel te verminderen. Dit laatste kan via de: Pluk ze wetgeving (confisqueren crimineel vermogen) Wet Melding ongebruikelijke financiële transacties Wet Identificatievaststelling bij financiële dienstverlening en Wet Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel. In 1995 werd de wet Voorkoming Misbruik Chemicaliën van kracht, waarmee de grondstoffen (precursoren) voor het maken van drugs onder een strikt vergunningenstelsel werden gebracht. Ook voor grondstoffen moeten ongebruikelijke transacties gemeld worden. De wetgeving van Nederland mag niet afwijken van ondertekende verdragen van de Verenigde Naties inzake drugs en precursoren. Daarnaast zijn in Europees verband afspraken gemaakt voor de bestrijding van de handel in verdovende middelen. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 5

6 CIJ ERS In Nederland verzamelen diverse instanties cijfers over verslaving en middelengebruik. De Nationale Drug Monitor (zie De Nationale Drug Monitor) overkoepelt de lopende monitoringprojecten in Nederland en stemt die op elkaar af. Gebruik in Nederland vergeleken met andere westerse landen In Nederland ligt het percentage gebruikers van cannabis, cocaïne en ecstasy lager dan in de Verenigde Staten en Australië (tabel 1). In de Europese Unie neemt Nederland een middenpositie in wat cannabis betreft. Verschillen in peiljaar en onderzoeksmethode bemoeilijken een vergelijking tussen landen. De Nationale Drug Monitor De Nationale Drug Monitor (NDM) is in 1999 opgericht op initiatief van de minister van VWS. Sinds 2002 ondersteunt ook het ministerie van Justitie de NDM. De NDM is een samenwerkingsverband met twee functies: (1) overkoepeling van en afstemming tussen de in Nederland lopende projecten voor monitoring van verslaving en middelengebruik en (2) rapporteren aan nationale overheden en aan internationale en nationale instanties. Onder monitoring wordt verstaan de registratie van cijfers, maar ook het signaleren van feiten over preventie en over zorg. Tabel 1 Consumptie van drugs onder de algemene bevolking van westerse landen in % Cannabis Cocaïne Ecstasy Land Jaar Leeftijd Ooitgebruik gebruik gebruik gebruik gebruik gebruik Recent Ooit- Recent Ooit- Recent Verenigde Staten en ouder ,0 1,5?? Australië en ouder ,4 1,3 6,1 2,9 Engeland en Wales ,7 1,7 4,6 1,6 rankrijk ,2 0,3 0,9 0,3 Denemarken ,7 0,5 1,0 0,5 Duitsland ( West ) ,5 1,5 1,5 0,6 België (Vlaanderen) ?? 0,5 0,2 0,5 0,1 Nederland ,6 1,1 3,6 1,5 Spanje ,2 1,6 2,4 0,8 Ierland ???? 2,4 Griekenland ,3 0,5 0,3 0,1 Zweden ,0 0,0 0,0 <0,5 inland ,6 0,2 0,5 0,2 Percentage gebruikers ooit in het leven en recent (laatste jaar). Peiljaren variëren van Voor niet-genoemde EU-landen ontbreken gegevens jaar betekent 15 tot en met 64 jaar, enzovoort. Bronnen: European Monitoring Centre for Drugs and Drug Addiction, Australian Institute of Health and Welfare, SAMHSA. 6 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

7 Cannabis is de meest gebruikte illegale drug Net als in andere westerse landen is cannabis in Nederland veruit de meest populaire drug. In 2001 had 17 procent van de Nederlanders van 12 jaar en ouder ooit cannabis gebruikt. In 1997 was dit 15,6 procent. Het aandeel actuele gebruikers (laatste maand) steeg van 2,5 naar 3,0 procent. Dit is een toename van naar schatting 326 duizend naar 408 duizend gebruikers. iguur 1 Cannabisgebruikers in Nederland per leeftijdsgroep. Peiljaren 1997 en >=70 Ooit ,5 27,5 31,7 30,6 21,7 20,5 16,8 6,7 1,9 0,5 Ooit ,9 28,4 41,9 33,8 25,9 21,9 18,5 8,3 1,2 0,4 Actueel ,0 8,3 7,1 4,7 2,1 3,6 1,5 0,5 0,0 0,0 Actueel ,2 8,6 11,2 6,6 3,6 2,7 1,7 0,9 0,0 0,0 Percentage gebruikers ooit in het leven en actueel (laatste maand) per leeftijdsgroep. Bron: NPO, CEDRO. Vooral jongeren en jonge volwassenen gebruiken cannabis. De stijging in het percentage gebruikers tussen 1997 en 2001 was het grootst in de leeftijdscategorie van 20 tot en met 24 jaar (figuur 1). In de groep 12- tot en met 15-jarigen bleef het aandeel gebruikers vrijwel stabiel. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 7

8 Gebruik van cannabis onder scholieren stabiliseert Sinds 1988 meten wij in Nederland om de vier jaar het gebruik van drugs onder leerlingen van het voortgezet onderwijs (12-18 jaar). Tot 1996 nam het aantal gebruikers van cannabis onder leerlingen sterk toe (figuur 2). In 1999 bleef een verdere stijging voor het eerst uit. Toen zei ongeveer één op de vijf scholieren ooit cannabis te hebben genomen en één op de tien nog in de afgelopen maand. Cannabisgebruik kwam vaker voor onder jongens dan onder meisjes. Eén op de vier scholieren blowde in de maand voor de peiling tien keer of vaker. Een peiling uit 2001 onder auspiciën van de WHO bevestigt de stabilisatie van het aandeel cannabisgebruikers onder jongeren in Nederland. iguur 2Gebruik van cannabis onder scholieren van 12jaar en ouder, vanaf % Ooitgebruik 30 % Actueel gebruik Jongens Totaal Meisjes Jongens Totaal Meisjes Percentage gebruikers ooit in het leven (links) en in de laatste maand (rechts). Bron: Peilstationsonderzoek scholieren, Trimbos-instituut. Ecstasy en cocaïne, meest gebruikte harddrugs Vergeleken met cannabis gebruiken veel minder mensen harddrugs. Het percentage actuele gebruikers in de Nederlandse bevolking is laag (beneden 1%), maar sinds 1997 wel gestegen (figuur 3). Cocaïne en ecstasy zijn het meest populair. 8 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

9 iguur 3 Gebruik van harddrugs onder de bevolking van 12 jaar en ouder in 1997 en % Ooitgebruik 4 % Actueel gebruik ecstasy amfetamine cocaïne heroïne ,9 1,9 2,1 0, ,9 2,6 2,9 0,4 0 ecstasy amfetamine cocaïne heroïne ,3 0,1 0, ,5 0,2 0,4 0,1 Percentage gebruikers ooit in het leven (links) en in de laatste maand (rechts). Bron: NPO, CEDRO. Gebruik ecstasy en amfetamine onder scholieren gedaald sinds 1996 Tussen 1992 en 1996 nam het gebruik van ecstasy en amfetamine onder leerlingen van middelbare scholen toe. Het percentage leerlingen dat ooit ecstasy en amfetamine had gebruikt steeg van respectievelijk 3,3 en 2,1 procent in 1992 naar 5,6 en 5,1 procent in In 1999 daalden deze percentages weer naar 3,8 voor ecstasy en 2,8 voor amfetamine. De groep scholieren die ervaring heeft met cocaïne bleef tussen 1996 en 1999 stabiel met percentages van respectievelijk 2,9 en 2,8. Het actuele gebruik van harddrugs onder scholieren is laag, variërend van 1,4 procent voor ecstasy tot 0,4 procent voor heroïne. Ecstasy meest populaire harddrug onder uitgaande jongeren en jonge volwassenen De consumptie van drugs onder bezoekers van houseparty's en clubs, ligt hoger dan onder de algemene bevolking. Volgens de Amsterdamse Antenne-monitor gebruikte in 1998 ruim de helft (52 procent) van de bezoekers van dansfeesten in de maand voor de peiling cannabis, 41 procent ecstasy en 24 procent cocaïne (snuiven). Ecstasy is nog altijd de meest populaire harddrug onder uitgaande jongeren en jonge volwassenen. Uit het Amsterdamse club- en partycircuit komen wel signalen dat er een tendens is tot matiging van het gebruik. Vooral ervaren gebruikers lijken minder vaak ecstasy te nemen. De populariteit van cocaïne lijkt te groeien. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 9

10 Gebruik GHB neemt toe De partydrug GHB (Gamma-Hydroxy-Boterzuur), van oorsprong een narcosemiddel, is een nieuwe trend in het uitgaanscircuit. Landelijke cijfers over de omvang van het gebruik ontbreken. Wel zijn er gegevens over het gebruik van GHB in Amsterdam. In 1998 had tien procent van bezoekers van trendy clubs en dansfestijnen in Amsterdam ervaring met GHB en ruim twee procent had het middel de afgelopen maand nog genomen. In 1999 had minder dan 0,5 procent van de Amsterdamse scholieren in het voortgezet onderwijs ervaring met GHB. Problematisch gebruik en risico's Cannabis Onder de algemene bevolking komt afhankelijkheid van cannabis weinig voor. In 1996 voldeed 0,5 procent van de volwassen bevolking (18 tot en met 64 jaar) aan de diagnose cannabisafhankelijkheid volgens het psychiatrisch classificatiesysteem DSM. Het betrof overwegend jongvolwassenen rond de twintig jaar. In vergelijking met alcohol en nicotine is cannabis een weinig verslavende stof, althans de verschijnselen zijn niet sterk. Het risico van afhankelijkheid neemt toe bij langdurig en frequent gebruik, met een start op jonge leeftijd, en gaat vaak samen met afhankelijkheid van andere middelen. Het Trimbos-instituut verzamelt sinds 1999 jaarlijks informatie over de concentratie THC (tetrahydrocannabinol) in cannabisproducten. Het THC-gehalte is een indicatie voor de sterkte van de psychoactieve werking (zie THC-gehalte in cannabis). THC-gehalte in cannabis Jaar Gehalte THC (%) Gehalte THC (%) Gehalte THC (%) Nederwiet Buitenlandse wiet Nederhasj Buitenlandse hasj Bron: DIMS, Trimbos-instituut. 10 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

11 Nederlandse wiet en hasj bevat gemiddeld meer THC dan buitenlandse variëteiten. De concentratie THC in zowel wiet als hasj viel in 2001 hoger uit dan in Eventuele gezondheidsgevolgen van een hoger THC-gehalte zijn onduidelijk. Ecstasy en amfetamine Het aantal probleemgebruikers van ecstasy en amfetamine, dat wil zeggen mensen die in hun dagelijks functioneren last krijgen van hun druggebruik of zelfs verslaafd raken (aan amfetamine), is niet bekend. Volgens recent onderzoek heeft ecstasy (MDMA) mogelijk een nadelige invloed op de hersenwerking (leren, geheugen en andere functies). Er zijn aanwijzingen dat de gezondheidsrisico's aanzienlijk toenemen als ecstasy en amfetamine worden gecombineerd met alcohol. GHB De marge tussen de gewenste dosis van GHB en die waarbij bewusteloosheid kan ontstaan is zeer smal. In 2001 gaven twee op de drie consumenten aan wel eens bewusteloos geraakt te zijn na GHB-gebruik. Dit risico neemt toe door het combineren van GHB met alcohol. Gebruik van GHB is in verband gebracht met zedendelicten, verkeersongevallen en sterfgevallen. Het aantal ernstige incidenten is niet bekend. De beschikbare informatie doet vermoeden dat het aantal ernstige ongelukken in verhouding tot het aantal mensen dat ooit GHB heeft geprobeerd beperkt is. DIMS Het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS) onderzoekt sinds 1992 welke stoffen aanwezig zijn in ecstasy-pillen die door potentiële gebruikers bij instellingen voor verslavingszorg ter analyse worden aangeboden. Het percentage pillen dat als ecstasy werd aangeboden en louter MDMA bevatte nam de afgelopen jaren sterk toe, van 34 procent in 1997 naar 92 procent in Het aandeel ecstasy-pillen met amfetamine nam sterk af, van 32 procent in 1997 naar 2 procent in Het gehalte MDMA per pil is gemiddeld 83 mg, hoger dan in voorgaande jaren (70 mg). In 2001 bevatte 66 procent van de pillen meer dan 70 mg MDMA, in 2000 was dit 49 procent en in procent. DIMS voert ook waarschuwingscampagnes uit, zoals in 2000 vanwege pillen met een schadelijke hoeveelheid strychnine en in 2001 vanwege pillen met PMA. Opiaten en cocaïne Het aantal probleemgebruikers van harddrugs in Nederland bedraagt naar schatting 26 tot 30 duizend, ongeveer evenveel als tien jaar geleden. Per duizend inwoners is dit in vergelijking met andere landen van de Europese Unie laag (tabel 2). Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 11

12 Tabel 2Schatting van het aantal problematische gebruikers van harddrugs in de Europese Unie en in Noorwegen Land Aantal per duizend inwoners a Laagste - hoogste schatting Gemiddelde Luxemburg 6,2-12,3 9,3 Portugal 6,7-11,2 9,0 Italië 7,5-8,2 7,8 Verenigd Koninkrijk 6,4-7,0 6,7 Ierland 5,0-6,4 5,7 Spanje 5,5-5,5 5,5 Zweden 4,0-5,4 4,7 rankrijk 3,9-4,8 4,3 Denemarken 3,6-4,3 4,0 Noorwegen 3,2-4,6 3,9 België b 3,5-4,2 3,8 inland 3,1-4,1 3,6 Oostenrijk 3,0-3,4 3,2 Duitsland 2,7-3,7 3,2 Nederland 2,4-2,8 2,6 a. Leeftijdsgrenzen: 15 tot en met 64 jaar. Peiljaren: , behalve Denemarken (1995). Er zijn geen schattingen beschikbaar voor Griekenland. Het gaat overwegend om opiaatgebruikers, met uitzondering van Zweden waar mensen die zichzelf amfetamine inspuiten in de meerderheid zijn (althans in het begin van de jaren negentig). b. Cijfers voor België hebben alleen betrekking op injecterende druggebruikers en zijn een onderschatting. Bron: EMCDDA. Van de verslaafden met primaire opiaatproblematiek wordt 44 procent ook behandeld voor cocaïne en/of crack problemen. Ongeveer 30 tot 50 procent van de opiaatgebruikers heeft te kampen met zowel drugafhankelijkheid als een psychische stoornis ( dubbele diagnose ). De gemiddelde leeftijd van opiaatverslaafden in Amsterdamse methadonprogramma's is gestegen van 32 jaar in 1989 tot 39 jaar in In Utrecht, Rotterdam en Parkstad-Limburg bedroeg in 1999 de gemiddelde leeftijd van problematische harddruggebruikers 37 jaar. De gemiddelde leeftijd van opiaatverslaafden en cocaïne/crackgebruikers in de verslavingszorg, bedroeg in 2001 respectievelijk 38 en 33 jaar (LADIS). 12 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

13 HIV en AIDS Door spuiten met vuile naalden of onveilige seks lopen gebruikers van harddrugs gevaar om besmet te raken met HIV, het virus dat aids veroorzaakt. Het percentage injecterende druggebruikers dat besmet is met HIV verschilt sterk per regio. Van de grote steden staat Amsterdam met 30 procent aan kop en Den Haag met 2 procent onderaan. De bijdrage van intraveneus spuiten van drugs aan het ontstaan van aids is internationaal gezien in Nederland beperkt: in 2000 was 8 procent van de besmette personen een injecterende druggebruiker (figuur 4). iguur 4 Nieuwe meldingen van aids naar diagnosejaar: totaal en vanwege injecterend druggebruik, vanaf Rotterdam Utrecht Parkstad Limburg Gebruikswijze Altijd injecteren Roken en injecteren Altijd roken '85 '86 '87 '88 '89 '90 '91 '92 '93 '94 '95 '96 '97 '98 '99 '00 ' Totaal Injecterende druggebruikers Aantallen gemeld tot en met 31 december Cijfers voor 2001 zijn voorlopig. Bronnen: IGZ, RIVM, EuroHIV. In de loop der jaren zijn gebruikers van opiaten minder gaan injecteren (zie bijvoorbeeld Parkstad Limburg in tabel 3). In 2001 stond 12,5% van alle opiaatcliënten van de ambulante verslavingszorg te boek als spuiter. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 13

14 Tabel 3 Wijze van gebruik van heroïne (in %) Rotterdam Utrecht Parkstad Limburg Gebruikswijze Altijd injecteren Roken en injecteren Altijd roken Percentage probleemgebruikers per wijze van toediening. Bron: MAD. Sterfte Het aantal geregistreerde sterfgevallen door niet-opzettelijke overdosering van opiaten is in Nederland laag en vrij stabiel, met tussen 30 en 50 doden per jaar. Sinds 1996 stijgt het totale aantal sterfgevallen vanwege drugsoverdosering in het algemeen (figuur 5). Dit komt deels door een geringe toename in cocaïnesterfte. Daarnaast speelt de overgang van het classificatiesysteem ICD-9 naar ICD-10 waarschijnlijk een rol. De toename van 1998 naar 2000 komt grotendeels door vergiftigingen door overige of niet gespecificeerde narcotica en psychodysleptica, om welke drugs het precies gaat is niet bekend. 120 iguur 5 Sterfgevallen door overdosering van drugs in Nederland, vanaf '85 '86 '87 '88 '89 '90 '91 '92 '93 '94 '95 '96 '97 '98 '99 '00 ' Totaal Opiaten Cocaïne Aantal sterfgevallen. Van 1985 tot 1996: ICD-9 codes 292, 304, , E850.0, E854.1, E Vanaf 1996: ICD-10 codes: 11-16, 18-19, X42, X41+T43.6. Bron: Doodsoorzakenstatistiek, CBS. 14 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

15 De giftigheid van cannabis is gering. Het CBS noteerde de afgelopen tien jaar geen enkel geval van directe sterfte door gebruik van cannabis. Het aantal sterfgevallen door gebruik van amfetamine en ecstasy is niet bekend. Het gaat om enkele gevallen per jaar. Internationale vergelijking van sterftecijfers iguur 6 geeft voor zeven EU lidstaten het aandeel sterfgevallen vanwege druggebruik, volgens dezelfde ICD-9 codes. Anders dan in Nederland worden óók opzettelijke vergiftigingen (suïcide) en vergiftigingen waarvan niet duidelijk is of er opzet in het spel is meegeteld. Het merendeel van de gevallen had betrekking op opiaten. Volgens deze, wat oudere, berekeningen stond Nederland met rankrijk onderaan. iguur 6 Acute sterfgevallen wegens inname van drugs: vergelijking tussen zeven lidstaten van de Europese Unie 3,0 Aantal per inwoners 2,7 2,0 1,9 1,5 1,3 1,2 1,0 0,5 0,4 0,0 Engeland & Wales (1998) Zweden (1996) Oostenrijk (1998) Duitsland (1997) België (1994) Nederland (1995) rankrijk (1997) ICD-9 codes: 292, , 304, E850, E950, E980. Meegeteld zijn alleen directe sterfgevallen wegens gebruik van opiaten, hallucinogenen, cocaïne, amfetamine en cannabis. Bron: EMCDDA. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 15

16 VERSLAVINGSZORG Het aanbod in de verslavingszorg kent een grote diversiteit, variërend van afkicken tot gebruiksruimten, van vrijwillig tot gedwongen en van intramuraal tot ambulant. Zeker de grotere instellingen zijn over het algemeen lid van de koepelorganisatie GGZ Nederland. Instellingen voor verslavingszorg De meeste instellingen voor verslavingszorg in Nederland bieden zowel ambulante, semi-murale als intramurale zorg. In 2000 telde Nederland 32 instellingen verdeeld over naar schatting 231 lokaties: 144 voor ambulante 22 voor semi-murale en 65 voor intramurale zorg. Ambulante zorg De meeste mensen met een drugsprobleem worden behandeld in de ambulante verslavingszorg. De ambulante zorg omvat: ingrijpen bij acute intoxicatie, helpen afkicken, verbeteren van de kwaliteit van leven, reguleren van gebruik, voorkomen van verdere schade aan de gezondheid, het bereiken van probleemgebruikers die zich zelf niet melden en preventie. In 2001 telde de ambulante verslavingszorg cliënten met een drugsprobleem. Dat is iets meer dan het aantal alcoholcliënten in de ambulante verslavingszorg (22 107). De meeste drugscliënten hadden primair problemen met opiaten (60 procent), gevolgd door cocaïne en cannabis (tabel 4). Het aandeel van ecstasy- en amfetaminecliënten was beperkt. Tussen 1990 en 1997 verviervoudigde het aantal inschrijvingen vanwege een primair cannabisprobleem. In de jaren daarna vlakte de stijging af en daalt vervolgens licht in 2001 Het aantal inschrijvingen met cocaïne als primair probleem werd de afgelopen tien jaar meer dan vijf keer zo groot. Voor twee op de drie cocaïnecliënten is basecoke tegenwoordig het hoofdmiddel van gebruik en voor één op de drie snuifcocaïne. 16 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

17 Tabel 4 Cliënten in de ambulante verslavingszorg naar primaire drugsproblematiek. Peiljaar 2001 Primaire problematiek a Aantal drugscliënten % van alle drugscliënten Opiaten % Cocaïne/crack % Cannabis % Amfetamine 464 2% Ecstasy 230 1% Overig b 618 2% Totaal drugs % a. Betreft het middel waarmee de hulpvrager het meest te kampen had. Benoeming als primair probleem sluit niet uit dat hulpvragers nog andere problemen hebben. b. Betreft overige opwekkende middelen, benzodiazepinen, barbituraten, psychopharmaca, overige medicijnen, LSD, overige hallucinaten en vluchtige middelen. Bron: LADIS, IVZ. Intramurale zorg Intramurale zorg is intensiever dan ambulante zorg, gericht op crisisopvang, lichamelijke ontwenning en behandeling (in klinieken, therapeutische gemeenschappen of op een afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis) en is gericht op voorbereiding op terugkeer naar de maatschappij. De verslavingszorg beschikte in 2000 over bedden voor intramurale zorg en over 270 plaatsen voor deeltijdbehandeling. Van alle drugs zorgen opiaten voor de meeste opnames in de intramurale verslavingszorg. In 1996 ging het om bijna opnames vanwege afhankelijkheid of misbruik van drugs. Het betrof in 67 procent van de gevallen opiaten, 8 procent cocaïne, 7 procent cannabis en 1 procent ecstasy en amfetamine samen. Het aantal opnames vanwege drugs is lager dan voor problematisch alcoholgebruik (6 200 opnames). De registratie is sinds 1997 niet meer volledig. Het aantal opnames in algemene ziekenhuizen voor welke aandoening dan ook was in 2001 ruim 1,5 miljoen. Drugsproblemen speelden daarbij nauwelijks een rol. Misbruik en afhankelijkheid van drugs werden 454 keer als hoofddiagnose en keer als nevendiagnose gesteld. Overige zorgvoorzieningen Methadonverstrekking. Sinds 1968 behoort onderhoudsbehandeling met methadon tot de zorg voor verslaafden. Methadonverstrekking verbetert de levensverwachting, gaat overdosering van opiaten tegen, vermindert het optreden van infectieziekten, zoals aids en hepatitis C, en reduceert criminaliteit. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 17

18 In Nederland ontvingen in 2001 naar schatting opiaatverslaafden methadon. De belangrijkste verstrekkers zijn de ambulante verslavingszorg en de GG&GD Amsterdam. Methadon wordt in ruim 95 procent van de gevallen voorgeschreven als onderhoudsbehandeling. De rest betreft gebruik van het middel bij het afkicken van heroïne. De gemiddelde methadondosis per innamedag nam toe van 37 milligram in 1995 tot 54 milligram in De gemiddelde hoeveelheid methadon die iemand in een jaar krijgt steeg eveneens, van 5,6 gram in 1994 naar 12,1 gram in Gebruiksruimten. De grotere steden in Nederland tellen samen ruim twintig gebruiksruimten voor harddrugsgebruik. Die zijn op gemeentelijk initiatitief ingesteld. In gebruiksruimten kunnen drugsgebruikers onder toezicht van hulpverleners op hygiënische wijze en in een stressvrije omgeving drugs gebruiken. Onderzoek heeft aangetoond dat gebruiksruimten een positieve invloed hebben op de gezondheidstoestand van bezoekers, overlast verminderen en het contact met de verslavingszorg vergroten. Vernieuwingen in de zorg aan heroïneverslaafden Om de hulp aan heroïneverslaafden te verbeteren is in Nederland de werkzaamheid van drie nieuwe behandelvormen onderzocht: afkicken onder narcose, hoge doses methadon en heroïne op medisch voorschrift. Afkicken onder narcose. Deze behandeling is bedoeld voor verslaafden die wel willen afkicken maar daar niet in slagen. De onderzoekers vergeleken twee behandelcondities: snelle detoxificatie met naltrexon gecombineerd met narcose en behandeling met alleen naltrexon. Het onderzoek toonde aan dat narcose bij het afkicken met naltrexon op korte termijn niet effectiever is dan naltrexon zonder narcose, maar wel duurder en iets minder veilig. In 2003 zal het effect op langere termijn (1 jaar na behandeling) bekend worden. Hoge doses methadon. Deze behandeling is bestemd voor de opiaatverslaafden voor wie de gebruikelijke onderhoudsdosis (gemiddeld 40 milligram per dag) onvoldoende is. Onderzoek toont aan dat hogere doses (85 tot 160 milligram per dag) een gunstiger effect hebben op drugsgebruik, lichamelijke toestand en psychisch welbevinden. De behandeling verbetert minder duidelijk het sociaal functioneren. De methadonprogramma's en protocollen worden nu herzien. Heroïne op medisch voorschrift. In februari 2002 is het onderzoek in zes steden (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Groningen, Heerlen en Utrecht) naar gecombineerde behandeling met heroïne en methadon van chronisch, therapieresistente opiaatverslaafden afgerond. 18 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

19 - De behandeling sorteert meer effect dan alléén methadon. Het gaat daarbij om verbetering van de lichamelijke en geestelijke gezondheid en van sociaal functioneren, inclusief een afname van criminaliteit. - De behandeling is veilig voor de verslaafde en veroorzaakt geen extra overlast voor de omgeving. - In de zes steden die aan het experiment deelnamen wordt de gecombineerde behandeling voorlopig voortgezet. Daarbij zal worden onderzocht in hoeverre een toegevoegd aanbod van psychosociale zorg de behandelresultaten verbetert. De Commissie Invoering Heroïne Behandeling (CIHB) brengt in 2003 advies uit over de voortgang en eventuele uitbreiding van de behandeling. Justitiële verslavingszorg Er wordt veel aan gedaan om drugsverslaafden te motiveren zich te laten behandelen. Hierbij wordt steeds meer gebruik gemaakt van de mogelijkheden van het strafrechtssysteem om op verslaafden druk uit te oefenen (drang) of ze te dwingen (dwang) (tabel 5). Deelname aan een hulpprogramma vormt daarbij een alternatief voor sancties en detentie. Tabel 5 Mogelijkheden voor instroom in hulpprogramma's voor justitiabele drugsverslaafden, naar fase in het traject ase in justitieel traject:mogelijk aanbod aan verslaafde: Politiefase en tijdens Vrijwillig aanbod via vroeghulp Inverzekeringstelling Bij voorgeleiding en zitting Drang: Schorsing voorlopige hechtenis door rechter-commissaris ten behoeve van vroeghulp (onder bijzondere voorwaarden) Aanhouden van de zitting voor een bepaalde tijd om betrokkene in de gelegenheid te stellen zich te laten behandelen Opleggen van (gedeeltelijk) voorwaardelijke straf met als voorwaarde deelname aan een ter zitting voorgestelde vorm van hulpverlening Dwang: Opleggen maatregel Strafrechtelijke Opvang Verslaafden Tijdens detentie Na afloop van detentie Drang: Plaatsing in een Verslaafden Begeleidings Afdeling Plaatsing in een orensische Verslavingskliniek in het kader van art. 43 PBW Deelname aan een Penitentiair Programma Aanbod van hulp waarvan vrijwillig gebruik gemaakt kan worden. Bron: WODC. Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid 19

20 Strafrechtelijke Opvang Verslaafden Met ingang van 1 april 2001 is het mogelijk geworden justitiabele verslaafden gedwongen te plaatsen in een intramuraal programma. De wet Strafrechtelijke Opvang Verslaafden (SOV) is het zwaarste middel voor justitiabele verslaafden in het justitiële traject. De maatregel SOV wordt opgelegd door de meervoudige kamer van de rechtbank op eis van het Openbaar Ministerie als de verdachte: Een misdrijf heeft gepleegd waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan Verslaafd is aan één of meer drugs In de vijf jaar voorafgaand aan het huidige misdrijf minstens drie maal wegens een misdrijf onherroepelijk tot een vrijheidsbenemende of beperkende straf is veroordeeld In het verleden zonder succes heeft deelgenomen aan een drangprogramma En niet lijdt aan een ernstige psychische aandoening. De SOV is alleen bedoeld voor Nederlandse mannen. De deelnemer doorloopt een programma van twee jaar. De SOV-maatregel is voorlopig ingesteld als experiment voor de duur van zes jaar. In oktober 2002 waren er vier locaties met een totale capaciteit van 293 cellen (open fase) en plaatsen (halfopen of open fase). Verslaafden Begeleidings Afdelingen Verslaafden Begeleidings Afdelingen (VBA's) staan open voor verslaafde gedetineerden die gemotiveerd zijn om te stoppen met middelengebruik. Op een VBA krijgen groepen van acht tot tien gedetineerden training in het aanbrengen van structuur en regelmaat in hun leven en in het aanleren van discipline. De nadruk ligt meestal op het staken van het drugsgebruik. Hierop wordt gecontroleerd, bijvoorbeeld door bepaling van stoffen in de urine. Het aantal VBA-plaatsen is sinds 2000 met 18 procent afgenomen, van 407 in 2000 naar 333 in Er wordt gestreefd naar een reductie van 25 procent. De capaciteit die vrijkomt wordt benut voor uitbreiding van het aantal Individuele Begeleidings Afdelingen (IBA's) bestemd voor de groeiende groep gedetineerden die zowel verslaafd zijn als (andere) psychische stoornissen hebben (dubbele diagnose). 20 Nationale Drug Monitor - Drugsbeleid

Samenvatting. Per middel beschouwd zien we de volgende ontwikkelingen:

Samenvatting. Per middel beschouwd zien we de volgende ontwikkelingen: Samenvatting Middelengebruik: algemeen In Nederland is het percentage mensen dat ooit of in de afgelopen maand drugs heeft gebruikt tussen 1997 en 2001 toegenomen. De piek ligt bij jongeren tussen 20 en

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting

Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 - Samenvatting De tabellen 1a en 1b geven een overzicht van de laatste cijfers over het middelengebruik en de drugscriminaliteit. Hieronder volgt een beschrijving

Nadere informatie

SAMENVATTING. Drugs: gebruik en hulpvraag

SAMENVATTING. Drugs: gebruik en hulpvraag SAMENVATTING De tabellen 1a en 1b geven een overzicht van de laatste cijfers over het middelengebruik en de drugscriminaliteit. Hieronder volgt een beschrijving van de meest in het oog springende ontwikkelingen

Nadere informatie

Nederlandse cannabisbeleid

Nederlandse cannabisbeleid Improving Mental Health by Sharing Knowledge Het Nederlandse cannabisbeleid & de volksgezondheid: oorsprong en ontwikkeling Margriet van Laar Hoofd programma Drug Monitoring CIROC Seminar Woensdag 7 maart,

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Gemeente Utrecht, Volksgezondheid Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/volksgezondheid Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht - 2012 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht,

Nadere informatie

Het drugsbeleid in Nederland

Het drugsbeleid in Nederland Het drugsbeleid in Nederland D. van der Gouwe E. Ehrlich M.W. van Laar Trimbos-instituut, 2009 Deze brochure is gemaakt op basis van de Factsheets Drugsbeleid (Trimbos, 2005); verder is als primaire bron

Nadere informatie

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Houten, april 2011 Stichting IVZ Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek

Nadere informatie

Samenvatting. Drugs: gebruik en hulpvraag

Samenvatting. Drugs: gebruik en hulpvraag Samenvatting Hieronder volgt een beschrijving van de meest in het oog springende ontwikkelingen uit het Jaarbericht 2009. De tabellen 1a en 1b geven een overzicht van de laatste cijfers over het middelengebruik

Nadere informatie

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Boeken en reportages www.accesinterdit.nl DRUGSCONSUMPTIE LIFE TIME drugsgebruik 15-64 jaar (Nationale Drugmonitor, 2012) 30 25 22,6 25,7 20

Nadere informatie

Het Nederlandse drugsbeleid

Het Nederlandse drugsbeleid Het Nederlandse drugsbeleid 1 juli 1999 De centrale doelstelling van het Nederlandse drugbeleid is de bescherming van de gezondheid van het individu, zijn directe omgeving en de samenleving als geheel.

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Geneeskundige en Gezondheidsdienst Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/gggd Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht (GG&GD) Postbus

Nadere informatie

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté

Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Wat weten we van de Nederlandse drugseconomie? Nicole Maalsté Boeken en reportages www.accesinterdit.nl DRUGSCONSUMPTIE LIFE TIME drugsgebruik 15-64 jaar (Nationale Drugmonitor, 2012) 30 25 22,6 25,7 20

Nadere informatie

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Kernpunten Een kwart (24,3%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en een op de twintig deed dit in de maand voor het

Nadere informatie

GHB hulpvraag in Nederland

GHB hulpvraag in Nederland GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor GHB problematiek in de verslavingszorg 2007-2012 Houten, mei 2013 Stichting IVZ GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen

Nadere informatie

Kerncijfers drugsgebruik 2014

Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Tweede druk ERRATUM Kerncijfers middelengebruik Kernpunten Een kwart (24,1%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 27 januari 2014 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 27 januari 2014 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 255 XP DEN HAAG T 070 340 79 F 070 340 78 34

Nadere informatie

28 secondant #3/4 juli-augustus 2011. Volksgezondheid staat centraal in het Nederlandse drugsbeleid. Nut en nood

28 secondant #3/4 juli-augustus 2011. Volksgezondheid staat centraal in het Nederlandse drugsbeleid. Nut en nood 28 secondant #3/4 juli-augustus 2011 Volksgezondheid staat centraal in het Nederlandse drugsbeleid Nut en nood van coffeeshops Zes op tien coffeeshops dicht door kabinetsbeleid, Sluit coffeeshops in Maastricht,

Nadere informatie

Alcoholhulpvraag in Nederland

Alcoholhulpvraag in Nederland Alcoholhulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor alcoholproblematiek in de verslavingszorg 25-214 Houten, december 215 Stichting IVZ Alcoholhulpvraag in Nederland Belangrijkste

Nadere informatie

Drugsgebruik in Oldenzaal

Drugsgebruik in Oldenzaal Inventarisatie soft- en harddrugsgebruik in de gemeente Oldenzaal Drugsgebruik in Oldenzaal S. Biesma R. Nijkamp M. van Zwieten B. Bieleman COLOFON St. INTRAVAL Postadres : Postbus 1781 9701 BT Groningen

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2004 Trimbos-instituut Utrecht, 2004 Colofon Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr. dr. A.A.N. Cruts 1 Mw. dr. J.E.E. Verdurmen 1 Mw. dr. M.M.J. van Ooyen 2 Met medewerking

Nadere informatie

Alcohol en cannabis: Gebruik en zorggebruik door jongeren

Alcohol en cannabis: Gebruik en zorggebruik door jongeren Alcohol en cannabis: Gebruik en zorggebruik door jongeren In 211 kwamen 35 jongeren van 14 jaar in de verslavingszorg terecht door hun alcoholgebruik. Het gaat om pubers die gedurende langere tijd zo veel

Nadere informatie

Samenvatting 1 1. 1 Inleiding

Samenvatting 1 1. 1 Inleiding Samenvatting 1 1 Het Ministerie van Justitie heeft, voorafgaand aan onderliggende studie, via het WODC een definitie- en ontwikkelingstraject laten uitvoeren als voorbereiding op het maken van een justitiebijdrage

Nadere informatie

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17

Inhoud. Lijst met afkortingen 13. Voorwoord 15. Inleiding 17 Inhoud Lijst met afkortingen 13 Voorwoord 15 Inleiding 17 DEEL 1 TRENDS IN CIJFERS OVER ILLEGALE DRUGS IN VLAANDEREN/BELGIË 1997-2007 19 HOOFDSTUK 1! ILLEGALE DRUGS. SITUERING EN DEFINIËRING 21 1.1 Wat

Nadere informatie

Ontwikkelingen in hulpvraag voor alcohol bij ouderen in Nederland (1994-2010)

Ontwikkelingen in hulpvraag voor alcohol bij ouderen in Nederland (1994-2010) bij ouderen in Nederland (1994-2010) Jeroen Wisselink Help! 'Gun ze toch hun borreltje!?' Congres Ouderen en Alcohol Maandag 23 april 2012, 9.30 uur - 17.00 uur Inhoud Inleiding Hulpvraag ouderen Vergrijzing

Nadere informatie

De Nederlandse drugsmarkt in 2012

De Nederlandse drugsmarkt in 2012 Improving Mental Health by Sharing Knowledge De Nederlandse drugsmarkt in 2012 Daan van der Gouwe onder meer: Gezonde School en Genotmiddelen Nationale Drug Monitor Meldpunt Drugsincidenten THC Monitor

Nadere informatie

Dit is een publicatie van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken

Dit is een publicatie van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken Q & A DRUGS 2003 Vragen en antwoorden over het Nederlandse drugsbeleid In deze brochure worden ruim dertig vragen omtrent het Nederlandse drugsbeleid behandeld. Bij elke vraag is een kort antwoord gegeven,

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2006 Trimbos-instituut Utrecht, 2007 Colofon Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr. dr. A.A.N. Cruts 1 Mw. dr. J.E.E. Verdurmen 1 Mw. dr. M.M.J. van Ooyen-Houben 2 Dhr.

Nadere informatie

Alcohol en ouderen in de verslavingszorg in Nederland (1998-2007)

Alcohol en ouderen in de verslavingszorg in Nederland (1998-2007) in Nederland (1998-2007) Juni 2009 In het kort Het aantal 55-plussers met een alcoholhulpvraag is sinds 1998 met 130% gestegen (89% gecorrigeerd voor vergrijzing). Het aandeel alcoholcliënten van 55 jaar

Nadere informatie

Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen

Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen Het gebruik van tabak, alcohol, cannabis en drugs bij jongens met en zonder PIJmaatregel Samenvatting Annelies Kepper Violaine Veen Karin Monshouwer

Nadere informatie

Hierbij presenteert het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) een selectie van "feiten en cijfers" uit zijn:

Hierbij presenteert het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EWDD) een selectie van feiten en cijfers uit zijn: DRUGS IN EUROPA FEITEN EN CIJFERS Jaarverslag 2006 over de stand van de drugsproblematiek in Europa en Statistical bulletin 2006 Embargo: 11.00 uur Brusselse tijd 23.11.2006 Hierbij presenteert het Europees

Nadere informatie

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK Achternaam bij vrouwelijke cliënten meisjesnaam Geboortedatum Cliëntnummer Datum interview d d m m d d m m 1. Naam interviewer 2. 3. Interview is niet volledig afgenomen want:

Nadere informatie

Datum 25 maart 2013 Onderwerp Beantwoording Kamervragen over drugssmokkel via de Antwerpse Haven

Datum 25 maart 2013 Onderwerp Beantwoording Kamervragen over drugssmokkel via de Antwerpse Haven 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Over aard & omvang van Opiumwetfeiten in 2012 geregistreerd bij politie en Koninklijke Marechaussee

Over aard & omvang van Opiumwetfeiten in 2012 geregistreerd bij politie en Koninklijke Marechaussee Samenvatting Drugsdelicten beschouwd Over aard & omvang van Opiumwetfeiten in 2012 geregistreerd bij politie en Koninklijke Marechaussee Het WODC levert elk jaar een bijdrage aan het Jaarbericht van de

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2005 Trimbos-instituut Utrecht, 2005 Colofon Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr. dr. A.A.N. Cruts 1 Mw. dr. J.E.E. Verdurmen 1 Mw. dr. M.M.J. van Ooyen-Houben 2 Dhr.

Nadere informatie

NUL-BELEID COFFEESHOPS. Gemeente Bellingwedde

NUL-BELEID COFFEESHOPS. Gemeente Bellingwedde NUL-BELEID COFFEESHOPS Gemeente Bellingwedde 2014 Aanleiding In archiefstukken wordt aangegeven dat de gemeente Bellingwedde een nul-beleid hanteert voor coffeeshops. Echter is er in het archief geen raadsbesluit

Nadere informatie

KERNCIJFERS VERSLAVINGSZORG 2009

KERNCIJFERS VERSLAVINGSZORG 2009 KERNCIJFERS VERSLAVINGSZORG 2009 LANDELIJK ALCOHOL EN DRUGS INFORMATIE SYSTEEM A.W. Ouwehand W.G.T. Kuijpers D.J. Wisselink E.B. van Delden Houten, september 2010 Stichting Informatie Voorziening Zorg

Nadere informatie

Collegevergadering : 14 oktober 2014 Agendapunt : 9 Portefeuillehouder : drs. J.H.A. van Oostrum Meer informatie bij : A.Holl Telefoon : 0545 250396

Collegevergadering : 14 oktober 2014 Agendapunt : 9 Portefeuillehouder : drs. J.H.A. van Oostrum Meer informatie bij : A.Holl Telefoon : 0545 250396 Zaaknummer : 65344 Raadsvergaderin : 2 december 2014 Agendapunt : g Commissie : Bestuur Onderwerp : Informerende nota coffeeshop Collegevergadering : 14 oktober 2014 Agendapunt : 9 Portefeuillehouder :

Nadere informatie

Kenmerk VGP /3083193. Den Haag

Kenmerk VGP /3083193. Den Haag Kenmerk VGP /3083193 Den Haag Besluit houdende wijziging van lijst I en lijst II, behorende bij de Opiumwet, in verband met plaatsing op lijst I van het middel 4-methylmethcathinon (mefedron) en het middel

Nadere informatie

TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0.

TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0. TDI Formulier Belgische register van de indicator van de behandelingsaanvragen betreffende drugs en alcohol (Ziekenhuis versie 3.0.) IDENTIFICATIE VAN DE REGISTRATIE CI2. CI4. Naam van het programma /

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2007 Trimbos-instituut Utrecht, 2008 Colofon Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr. dr. A.A.N. Cruts 1 Mw. dr. J.E.E. Verdurmen 1 Mw. dr. M.M.J. van Ooyen-Houben 2 Dhr.

Nadere informatie

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald PERSMEDEDELING VAN JO VANDEURZEN, VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN 4 oktober 2012 Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald De kans dat Vlamingen

Nadere informatie

Criminaliteit en rechtshandhaving 2013. Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting

Criminaliteit en rechtshandhaving 2013. Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting Criminaliteit en rechtshandhaving Ontwikkelingen en samenhangen Samenvatting In de jaarlijkse publicatie Criminaliteit en rechtshandhaving bundelen het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Wetenschappelijk

Nadere informatie

Vergelijking van de belangrijkste psychoactieve middelen (Ontbrekende tabel in pdf-bestand van Een nieuw drugsbeleid.)

Vergelijking van de belangrijkste psychoactieve middelen (Ontbrekende tabel in pdf-bestand van Een nieuw drugsbeleid.) Vergelijking van de belangrijkste psychoactieve middelen (Ontbrekende tabel in pdf-bestand van Een nieuw drugsbeleid.).. Wettelijk kader Directe (m.n. Cannabis 1 Vermeld op lijst II van de Opiumwet Mildere

Nadere informatie

Man-vrouw verschillen bij genotmiddelengebruik

Man-vrouw verschillen bij genotmiddelengebruik QUO QUO fadis fadis GGD Fryslân Politie Fryslân Verslavingszorg Noord Nederland Man-vrouw verschillen bij genotmiddelengebruik feitenblad genotmiddelen Nummer 16 maart 2013 Het Feitenblad genotmiddelen

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2010 Trimbos-instituut, Utrecht, 2011 14255-NDM Jaarbericht 2010.indd 1 09-06-11 13:12 Colofon Projectleiding Mw. dr. M.W. van Laar Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr.

Nadere informatie

Hepatitis B Inleiding Hepatitis A Preventie hepatitis B Preventie hepatitis A

Hepatitis B Inleiding Hepatitis A Preventie hepatitis B Preventie hepatitis A Naast deze infokaart over hepatitis zijn er ook infokaarten beschikbaar over: infectieziekten algemeen, tuberculose, seksueel overdraagbare aandoeningen, jeugd en onveilig vrijen en jeugd en vaccinatie.

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 6.12.2001 COM(2001) 734 definitief Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD houdende omschrijving van PMMA als nieuwe synthetische drug die aan controlemaatregelen

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2010

Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2010 Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2010 1 2 3 20 10 Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2010 Trimbos-instituut, Utrecht, 2011 Colofon Projectleiding Mw. dr. M.W. van Laar Redactie Mw. dr. M.W. van Laar

Nadere informatie

Nieuwe dadergroep vraagt aandacht

Nieuwe dadergroep vraagt aandacht Er is een nieuwe groep van jonge, zeer actieve veelplegers die steeds vaker met de politie in aanraking komt / foto: Pallieter de Boer. Nieuwe dadergroep vraagt aandacht Jongere veelplegers roeren zich

Nadere informatie

Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep

Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland. Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep Kerncijfers Brijder 2012 Noord- en Zuid-Holland Parnassia Addiction Research Centre (PARC) Brijder Parnassia Groep INHOUDSOPGAVE INLEIDING 3 VOORAF 4 BEKNOPTE SAMENVATTING 5 KERNCIJFERS BRIJDER 2012 NOORD-HOLLAND

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 2010/0011(E) 16.3.2011 *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad over de sluiting van

Nadere informatie

ATtONALE ON IT. RUG. ht 200. Iviarbertq. Nietenschappe,iiit TIDE. thiii'imek- eu. avenhag,e. s-gr Oacwricitatiecentrum

ATtONALE ON IT. RUG. ht 200. Iviarbertq. Nietenschappe,iiit TIDE. thiii'imek- eu. avenhag,e. s-gr Oacwricitatiecentrum ATtONALE RUG ON IT. 9 ' Iviarbertq ht 200 S ;E. VA N Nietenschappe,iiit TIDE thiii'imek- eu s-gr Oacwricitatiecentrum avenhag,e Bureau NDM Utrecht, oktober 2002 Red acne Mw. dr. M.W. van Laar i Dhr. dr.

Nadere informatie

Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie

Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie C.J. Leemrijse M.Bongers M. Nielen W. Devillé ISBN 978-90-6905-995-2 http://www.nivel.nl nivel@nivel.nl Telefoon 030 2 729 700 Fax

Nadere informatie

5 Vervolging. M. Brouwers en A.Th.J. Eggen

5 Vervolging. M. Brouwers en A.Th.J. Eggen 5 Vervolging M. Brouwers en A.Th.J. Eggen In 2012 werden 218.000 misdrijfzaken bij het Openbaar Ministerie (OM) ingeschreven. Dit is een daling van 18% ten opzichte van 2005. In 2010 was het aantal ingeschreven

Nadere informatie

Cannabis preventie IrisZorg

Cannabis preventie IrisZorg Cannabis preventie IrisZorg Inleiding Een effectieve preventie van drugsproblemen zoals cannabis vraagt een integrale aanpak. Dat betekent dat samen met uiteenlopende beleidsterreinen en partnerorganisaties

Nadere informatie

Problems facing women drug users and their children

Problems facing women drug users and their children Problems facing women drug users and their children EMCDDA 2000 selected issue In EMCDDA 2000 Annual report on the state of the drugs problem in the European Union Speciale kwesties Handel in verdovende

Nadere informatie

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt.

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt. IJsselland GENOTMIDDELEN Jongerenmonitor 1 4% ooit alcohol gedronken.163 jongeren School Klas 13-14 jaar Klas 4 1-16 jaar 4% weleens gerookt % ooit wiet gebruikt Genotmiddelen Psychosociale gezondheid

Nadere informatie

AARD, OMVANG EN MOBILITEIT VAN PROBLEMATISCHE HARDDRUGSGEBRUIKERS IN ROTTERDAM. Harddrugsgebruikers geregistreerd. S. Biesma. J. Snippe. B.

AARD, OMVANG EN MOBILITEIT VAN PROBLEMATISCHE HARDDRUGSGEBRUIKERS IN ROTTERDAM. Harddrugsgebruikers geregistreerd. S. Biesma. J. Snippe. B. AARD, OMVANG EN MOBILITEIT VAN PROBLEMATISCHE HARDDRUGSGEBRUIKERS IN ROTTERDAM Harddrugsgebruikers geregistreerd S. Biesma J. Snippe B. Bieleman SAMENVATTING In opdracht van de gemeente Rotterdam is de

Nadere informatie

EUROPEES DRUGSRAPPORT 2016 HIGHLIGHTS Het EMCDDA wijst op nieuwe gezondheidsrisico's als gevolg van veranderende producten en gebruikspatronen

EUROPEES DRUGSRAPPORT 2016 HIGHLIGHTS Het EMCDDA wijst op nieuwe gezondheidsrisico's als gevolg van veranderende producten en gebruikspatronen EUROPEES DRUGSRAPPORT 2016 HIGHLIGHTS Het EMCDDA wijst op nieuwe gezondheidsrisico's als gevolg van veranderende producten en gebruikspatronen (31.5.2016, LISSABON EMBARGO 10:00 WET/ tijdzone Lissabon)

Nadere informatie

Gemeente Medemblik, Coffeeshopbeleid 2012

Gemeente Medemblik, Coffeeshopbeleid 2012 Gemeente Medemblik, Coffeeshopbeleid 2012 Vaststelling: 15 augustus 2012 Publicatie: 23 augustus 2012 Inwerkingtreding: 24 augustus 2012 Inhoud Samenvatting Inleiding 1. Nederlands drugsbeleid 2. Vormen

Nadere informatie

Een stap verder in forensische en intensieve zorg

Een stap verder in forensische en intensieve zorg Een stap verder in forensische en intensieve zorg Palier bundelt intensieve en forensische zorg. Het is zorg die net een stapje verder gaat. Dat vraagt om een intensieve aanpak. Want onze doelgroep kampt

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 21 oktober 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 21 oktober 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres: Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl 157617-111785-VGP

Nadere informatie

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen FACTSHEET Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen In deze factsheet worden trends en ontwikkelingen ten aanzien van de jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in de provincie Groningen behandeld.

Nadere informatie

Bijeenkomst Moedige Moeders 28 november 2015

Bijeenkomst Moedige Moeders 28 november 2015 Bijeenkomst Moedige Moeders 28 november 2015 Doelstelling vandaag Wat is Preventie? Welke plannen heeft de overheid? Hoe wil de staatssecretaris ouders helpen? Welke rol spelen: Moedige Moeders? Huisartsen?

Nadere informatie

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. M.J. van Rijn Besluit houdende wijziging van lijst I, behorende bij de Opiumwet, in verband met plaatsing op deze lijst van hasjiesj en hennep met een gehalte aan tetrahydrocannabinol (THC) van 15 procent of meer. Daartoe

Nadere informatie

gemeente Eindhoven Antwoord van burgemeester en wethouders

gemeente Eindhoven Antwoord van burgemeester en wethouders gemeente Eindhoven Inboeknummer 12bst01517 Beslisdatum B&W 28 augustus 2012 Dossiernummer 12.35.103 2.1.1 Raadsvragenvan het raadslid dhr. P. Leenders (CDA) inzake cocaïnegebruik in Eindhoven De CDA-fractie

Nadere informatie

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven

Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Sterke stijging aantal drugdoden fors overdreven Op 4 december 2006 stond er een klein bericht in Het Laatste Nieuws met als kop sterke stijging Vlaamse drugdoden. De Morgen deed het de dag nadien over

Nadere informatie

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill.

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. secondant #2 april 2009 7 Geweldsdelicten tussen - Daling van geweld komt niet uit de verf Crimi-trends

Nadere informatie

4. SLOTBESCHOUWING. 4.1 Omvang

4. SLOTBESCHOUWING. 4.1 Omvang Doel gr oepenanal yse dak-ent hui sl ozenen har ddr ugsver sl aaf den st edendr i ehoek 4. SLOTBESCHOUWING Vanaf 1999 heeft onderzoeksbureau INTRAVAL doelgroepenanalyses uitgevoerd in Apeldoorn (1999/2000),

Nadere informatie

Overzicht beschikbare informatie over alcohol, drugs, verslaving en psychiatrische aandoeningen.

Overzicht beschikbare informatie over alcohol, drugs, verslaving en psychiatrische aandoeningen. Overzicht beschikbare informatie over alcohol, drugs, verslaving en psychiatrische aandoeningen. Er is amper psycho-educatie materiaal beschikbaar voor dubbele diagnose cliënten over de interactie tussen

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2009

Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2009 Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2009 Trimbos-instituut, Utrecht, 2010 Colofon Projectleiding Mw. dr. M.W. van Laar Productiebegeleiding Linda Groeneveld Redactie Mw. dr. M.W. van Laar 1 Dhr. dr. A.A.N.

Nadere informatie

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 RIS128575a_10-JUN-2005 ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 Beknopt verslag ten behoeve van de deelnemende scholen April 2005 Dienst OCW / GGD Den Haag Epidemiologie

Nadere informatie

Nationale Drug Monitor

Nationale Drug Monitor Netherlands Institute of Mental Health and Addiction Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2013/2014 2013/2014 Nationale Drug Monitor Voorwoord In het NDM Jaarbericht 2013/2014 is de vele informatie die we

Nadere informatie

Tekenen van vooruitgang: minder drugsdoden, HIV-besmettingen en heroïnegebruik, maar groeiende bezorgdheid over toename andere vormen van drugsgebruik

Tekenen van vooruitgang: minder drugsdoden, HIV-besmettingen en heroïnegebruik, maar groeiende bezorgdheid over toename andere vormen van drugsgebruik JAARVERSLAG 2004: BELANGRIJKSTE PUNTEN Tekenen van vooruitgang: minder drugsdoden, HIV-besmettingen en heroïnegebruik, maar groeiende bezorgdheid over toename andere vormen van drugsgebruik (25.11.2004

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013 Fact sheet nummer 5 maart 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam Er zijn ruim 133.000 jongeren van 15 tot en met 26 jaar in Amsterdam (januari 2012). Met de meeste jongeren gaat het goed in het onderwijs

Nadere informatie

Onderwerp: Toenemend gebruik van harddrugs in Zoetermeer (03-01-2014)

Onderwerp: Toenemend gebruik van harddrugs in Zoetermeer (03-01-2014) Politieke vragen Onderwerp: Toenemend gebruik van harddrugs in Zoetermeer (03-01-2014) Drugshulpverleners slaan alarm: het aantal drugsbehandelingen op de Eerste Hulpafdelingen van ziekenhuizen stijgt

Nadere informatie

Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs

Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs Inspectie van het Onderwijs, december 2015 Jaarlijks rapporteert de Inspectie van het Onderwijs over het schorsen en verwijderen van leerlingen

Nadere informatie

2.1 Coffeeshops in Nederland

2.1 Coffeeshops in Nederland 2.1 Coffeeshops in Nederland Eind 14 telt Nederland 591 coffeeshops verspreid over 3 coffeeshopgemeenten (figuur 2.1). Daarmee ligt het aantal coffeeshops voor het eerst sinds 1999, toen de eerste meting

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 30 juni 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 30 juni 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 30 juni 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0021 (E) 10010/15 CORDROGUE 49 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Ontwerp-UITVOERINGSBESLUIT

Nadere informatie

Tendens: Trends in Wonen, Werken en Middelengebruik 2012-2013: een update

Tendens: Trends in Wonen, Werken en Middelengebruik 2012-2013: een update Tendens: Trends in Wonen, Werken en Middelengebruik 212-213: een update 2 Tendens 212-213 Tendens: Trends in Wonen, Werken en Middelengebruik 212-213: een update Inleiding I Doel van Tendens Dit factsheet

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 26 maart 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 26 maart 2013 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres: Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX DEN HAAG T 070 340 79 11 F 070

Nadere informatie

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 26 maart 2013 in de zaak tegen: thans gedetineerd in de.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 26 maart 2013 in de zaak tegen: thans gedetineerd in de. vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf Locatie Schiphol Meervoudige strafkamer Parketnummer: Uitspraakdatum: 8 april 2013 Tegenspraak Strafvonnis Dit vonnis is gewezen naar

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 15 oktober 2010 (20.10) (OR. en) 12847/2/10 REV 2 CORDROGUE 68 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Horizontale Groep drugs Ontwerp-conclusies van de Raad over

Nadere informatie

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut : Alcohol, roken en drugs Inleiding In onze maatschappij zijn het gebruik van alcohol en andere drugs heel gewoon geworden roken en het drinken van alcoholische dranken gebeurt op recepties, feestjes,

Nadere informatie

TEYLINGEN BURGEMEESTERSBESLUIT 2008/06788. Coffeeshop beleid. Beheer Leefomgeving. C.M, HoektfJ^Jsifc. De burgemeester besluit:

TEYLINGEN BURGEMEESTERSBESLUIT 2008/06788. Coffeeshop beleid. Beheer Leefomgeving. C.M, HoektfJ^Jsifc. De burgemeester besluit: BURGEMEESTERSBESLUIT TEYLINGEN onderwerp registratienummer Coffeeshop beleid 2008/06788 afdeling Beheer Leefomgeving paraaf afdelingshoofd ^ behandeld door datum besluit C.M, HoektfJ^Jsifc paraaf burgemeester

Nadere informatie

trntrtrtr V td L O\'ERLASTMETINGEN IN DE GRAVII\TNESTEEG EN OMGEVING

trntrtrtr V td L O\'ERLASTMETINGEN IN DE GRAVII\TNESTEEG EN OMGEVING trntrtrtr V td L O\'ERLASTMETINGEN IN DE GRAVII\TNESTEEG EN OMGEVING : COLOFON St. INTRAVAL Postadres: Postbus 1781 9701 BT Groningen E-mail info@intraval.nl Kantoor Groningen: Kantoor Rotterdam: St. Jansstraat

Nadere informatie

Berechting. A.Th.J. Eggen

Berechting. A.Th.J. Eggen 6 Berechting A.Th.J. Eggen Jaarlijks behandelt de rechter in eerste aanleg circa 130.000 strafzaken tegen verdachten van misdrijven. Ruim 80% van de zaken wordt afgedaan door de politierechter. Het aandeel

Nadere informatie

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid Veiligheid kernthema: De criminaliteitscijfers en de slachtoffercijfers laten over het algemeen een positief beeld zien voor Utrecht in. Ook de aangiftebereidheid van Utrechters is relatief hoog (29%).

Nadere informatie

Onderzoek aantal verslaafden

Onderzoek aantal verslaafden Directie Strategie en Projecten Afdeling Onderzoek en Statistiek mei 2002 Inhoudsopgave 1 Probleemstelling 3 1.1 Inleiding 3 1.2 Doel 3 1.3 Probleemstelling 3 1.4 Aanpak van het onderzoek 3 2 Bevindingen

Nadere informatie

Sint Jansstraat 2C Goudsesingel 184 Telefoon 050-313 40 52 Telefoon 010-425 92 12 Fax 050-312 75 26 Fax 010-476 83 76

Sint Jansstraat 2C Goudsesingel 184 Telefoon 050-313 40 52 Telefoon 010-425 92 12 Fax 050-312 75 26 Fax 010-476 83 76 VOORSTUDIE SOFTDRUGSGEBRUIK JONGERENROTTERDAM COLOFON St. INTRAVAL Postadres: Postbus 1781 9701 BT Groningen E-mail info@intraval.nl www.intraval.nl Kantoor Groningen: Kantoor Rotterdam: Sint Jansstraat

Nadere informatie

Nee tegen Nederwiet in grensstreek

Nee tegen Nederwiet in grensstreek 22 secondant #3/4 juli-augustus 2011 Fotoserie Werken tegen wiet Nee tegen Nederwiet in Nederlandse grensstreek Werkvloer Een toestroom van drugstoeristen, levensbedreigende hennepkwekerijen en wapengevaarlijke

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep drugshandel Ontwerp-aanbeveling van de Raad over de noodzakelijke

Nadere informatie

Lijst van de bijlagen

Lijst van de bijlagen Lijst van de bijlagen BIJLAGE 1 Uittreksel uit: Council Directive of 29 July 1991 on driving licences (91/439/EEC) BIJLAGE 2 Uittreksel uit: Richtlijn van de Raad van 29 juli 1991 betreffende het rijbewijs

Nadere informatie

Hepatitis B-vaccinatiebeleid voor drugsgebruikers. Nationale Hepatitis Dag 1 oktober 2015 Anouk de Gee

Hepatitis B-vaccinatiebeleid voor drugsgebruikers. Nationale Hepatitis Dag 1 oktober 2015 Anouk de Gee Hepatitis B-vaccinatiebeleid voor drugsgebruikers Nationale Hepatitis Dag 1 oktober 2015 Anouk de Gee Disclosure belangen spreker Voor deze bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven: Projectfinanciering

Nadere informatie

Factsheet alcohol. Think Before You Drink

Factsheet alcohol. Think Before You Drink Factsheet alcohol Think Before You Drink Jongeren drinken te vroeg, te veel en te vaak. Ook in West-Brabant is dit het geval. Bovendien tolereren veel ouders dat hun kinderen onder de 16 jaar alcohol drinken.

Nadere informatie