Hoofdstuk 2: Licht en kleur

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Hoofdstuk 2: Licht en kleur"

Transcriptie

1 Hoofdstuk 2: Licht en kleur 1. Doe op de site van het boek de Kleurenblindheidtest deel 1. Blijkt uit de test dat je kleurenblind bent? ja/nee Wist je dat al van jezelf? ja/nee 2. Doe op de site van het boek de opdracht Oog. Vul de namen van de onderdelen op de goede plek in. 3. Doe op de site van het boek de Kleurenblindheidtest deel 2. Beantwoord daarna de volgende vragen: a. Bij welke beroepen is het lastig of zelfs ongewenst dat iemand kleurenblind is? b. Bedenk twee andere beroepen die je niet goed kunt uitoefenen als je kleurenblind bent. 33

2 Experiment 2.1: Heeft elke lichtbron dezelfde eigenschappen? Vraag: Uitvoering Welke kleursamenstellingen hebben lichtbronnen? In het lokaal staan verschillende lichtbronnen. Het licht van deze bronnen bekijk je door een spectroscoop of een tralie. Bij een tralie moet je een beetje schuin opzij kijken om de verschillende kleuren te kunnen zien. Noteer de kleuren in onderstaande tabel: bron rood oranje geel groen blauw violet Welke basiskleuren gebruikt een kleurentelevisie? 34

3 Experiment 2.2: Wanneer zie je licht en wanneer zie je voorwerpen? vraag Wanneer zie je licht en wanneer zie je voorwerpen? 1 Op de demonstratietafel staan verschillende voorwerpen. Het licht gaat uit. Welke voorwerpen zie je in het donker? 2 Welke voorwerpen zie je wanneer je een kaars aansteekt? 3 We gebruiken een lichtbron met een smalle lichtbundel. Kun je de lichtbundel zelf zien? We schijnen de lichtbundel eerst op een zwart vlak en daarna op een wit vlak. Let op de voorwerpen die buiten de lichtbundel staan. Welk verschil neem je waar tussen beide situaties? 4 Op de muur zijn een aantal voorwerpen geplakt. We beschijnen ze met de smalle lichtbundel. Beschrijf wat je waarneemt bij: de spiegel: de reflector: de beslagen spiegel: het rode blad: 5 Nu doen we het witte licht uit en we zetten de laser aan. Kun je de lichtbundel van de laser zien? Hoe kun je de lichtbundel van de laser zichtbaar maken? Hoe loopt de lichtbundel van de laser? Wat voor vorm heeft de lichtbundel van een zaklantaarn? 6 Conclusie: je kunt een voorwerp alleen zien, als Lichtstralen vormen een bundel. In die bundel lopen de lichtstralen 35

4 Huiswerkopdrachten 2.2 Lichtbronnen 4. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat is een natuurlijke lichtbron? Een voorwerp dat uit zichzelf licht geeft. b. Wat is een kunstmatige lichtbron? Lichtbronnen die door mensen zijn uitgevonden en gemaakt. 5. Langs de kust staan vuurtorens. a. Waar komt de naam vuurtoren vandaan? Oorspronkelijk werd op een vuurtoren echt een vuur gestookt. Het vuur diende dan als lichtbron. _ b. Vuurtorens staan er niet om de kust te verlichten. Waarom wel? Om in het donker of bij slecht weer schepen te helpen bij het navigeren. 6. Beantwoord de volgende vragen. a. Wanneer zie je een lichtbron? Als het licht van de lichtbron rechtstreeks in je ogen schijnt. b. Wanneer zie je een voorwerp? Als er licht vanuit dat voorwerp of via dat voorwerp in je ogen valt. c. Is elk voorwerp dat je ziet een lichtbron? Geef uitleg!nee, het licht kan ook van een andere lichtbron afkomstig zijn en via dat voorwerp in je ogen komen. d. Waarom is de Maan geen lichtbron? Omdat de maan niet zelf licht geeft maar het licht van de zon reflecteert. 7. Beantwoord de volgende vragen. a. Welke stof zit er tussen de zon en de aarde? Geen enkele stof. b. Kun je de zon zien vanaf de aarde? Ja c. Welke eigenschap van licht volgt uit de antwoorden op vragen a en b? Licht heeft geen stof nodig om zich van de ene plek naar de andere plek te verplaatsen. 36

5 8. Het licht van de zon kan delen van de aarde niet altijd bereiken. Teken hieronder welk deel van de aarde de zon niet kan zien. 9. Soms staat de maan tussen de zon en de aarde. Teken hieronder waar de maan schaduw op de aarde veroorzaakt. 10. Wat voor soort lichtbundel komt er uit een gloeilamp: een convergente, divergente of evenwijdige? Een divergente lichtbundel 11. Sommige zaklantaarns geven een convergente lichtbundel. a. Teken een convergente lichtbundel. b. Leg uit dat een convergente lichtbundel weer divergent wordt. Als de randstralen van de lichtbundel elkaar gesneden hebben lopen ze daarna weer uit elkaar. De lichtbundel wordt dan weer divergent. 12. Naast een brandende kaars staat een scherm met een gat. Wat voor soort lichtbundel komt er door het gat: evenwijdig, convergent of divergent? Een divergente bundel. 37

6 13. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat voor soort lichtbundel zendt de zon uit: een convergente, divergente of evenwijdige? De lichtbundel is divergent maar op aarde lijkt de bundel voor ons evenwijdig omdat de aarde heel ver van de zon verwijderd is. Als het bewolkt is en een eind verder zit een gat in wolken, dan zie je vaak een evenwijdige lichtbundel van de zon komen. Maar soms zie je ook een heel divergente bundel van de zon komen. b. Leg uit hoe dat kan. Geef in je uitleg aan, dat het belangrijk is waar jij staat ten opzichte van de zon. Als je ver vanaf de bundel staat lijkt de bundel lichtstralen evenwijdig. Als je dichtbij of zelfs in de bundel lichtstralen staat lijkt de bundel divergent. 14. Doe op de site van het boek de opdracht Zien in het donker. Mijn mening is: Het meisje met het bruine jasje heeft gelijk. Als er geen licht is in de grot zal je niets zien, ook niet na een tijdje. Om wat te zien heb je een zaklantaarn nodig. 15. Herman is een bonsailiefhebber. Hij heeft drie bonsaiboompjes in zijn tuin staan. In zijn kamer staan s avonds twee kaarsen te branden. Die schijnen door het raam licht in de tuin. Zie het bovenaanzicht hieronder. Kan Herman alle bonsaiboompjes zien vanuit zijn kamer? 38

7 16. Anton, Brenda, Charlotte en Dave spelen verstoppertje. Dave heeft zich achter één van de auto s verstopt. Anton, Brenda en Charlotte zijn op zoek naar Dave maar geen van hen kan Dave zien. Geef aan, waar Dave kan zitten. 17. Doe op de site van het boek de opdracht Wat kun je zien. 18. In het Nederlands kennen we de uitdrukking: een blik op iets werpen. a. Wat betekent deze uitdrukking? Ergens naar kijken. b. Kan je een blik op iets werpen? Nee, dat kan niet echt. Als je ergens naar kijkt komt er niets uit je ogen dat op het voorwerp terecht komt. Je werpt dus niet echt een blik. 39

8 Experiment 2.3 en 2.4: Kleuren maken en kleuren zien vraag Wanneer zien wij gekleurd licht? 1 Voor in de klas staat een bord met drie lampen. Deze lampen geven gekleurd licht. Eerst doen we alleen de rode lamp aan. We laten de lamp op verschillende gekleurde voorwerpen vallen. Schrijf in de tabel op wat voor opmerkelijks je ziet aan die voorwerpen. Voorwerp Wat valt mij op Probeer eens een natuurwet voor kleuren te bedenken. Maak eerst de volgende zinnen af: Als rood licht op een rood voorwerp valt, dan Als rood licht op een groen voorwerp valt, dan Als rood licht op een blauw voorwerp valt, dan Als rood licht op een wit voorwerp valt, dan Conclusie: 2 Om je conclusie te testen laten we nu de blauwe lamp op enkele voorwerpen schijnen. Vul eerst de tabel zoveel mogelijk in: Voorwerp Ik verwacht te zien dat it klopt wel/niet wel/niet wel/niet wel/niet Verbeter hier je conclusie van proef 1 als dat nodig is: 40

9 3 Nu laten we de drie lampen tegelijk branden. En we laten ze via een spiegel op een scherm op het bord schijnen. Teken hieronder wat je op het scherm ziet: Vul de kleuren in de goede vakjes in. Vul in: rood en groen licht samen wordt rood en blauw licht samen wordt blauw en groen licht samen wordt Waarom ziet een groen voorwerp in rood licht er zwart uit in plaats van geel? 41

10 Huiswerkopdrachten 2.3 Kleuren 19. Doe op de site van het boek de opdracht Ezelsbruggetjes om de kleuren van de regenboog in de goede volgorde te onthouden. 20. Uit welke kleuren bestaat een regenboog? Rood, Oranje, Geel, Groen, Blauw, (Indigo,) Violet 21. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat betekent absorberen? In zich opnemen b. Wat betekent reflecteren? Terugkaatsen van licht c. Wat is spiegelende terugkaatsing? Terugkaatsing in één richting (onder dezelfde hoek als de invallende lichtstraal) d. Wat is diffuse terugkaatsing? Terugkaatsing in alle richtingen. Dit wordt ook wel verstrooiing van licht genoemd. 22. Op vakantie in de bergen zie je dat van ver dat in een berg een grot zit. Wat zie je dan precies en hoe kun je concluderen dat er een grot in de berg zit? Je ziet een donkere (zwarte) plek in de bergwand. Dat is dus een plek waar geen licht vandaan komt. Dat kan dan alleen maar een grot zijn. Het licht gaat wel naar binnen maar komt er niet meer uit. 23. Wanneer je iemand recht in de ogen kijkt, dan is de pupil altijd zwart. Leg uit hoe dat komt. Eigenlijk hetzelfde als bij de grot. Er valt wel licht naar binnen maar er komen geen lichtstralen meer naar buiten. Dan lijkt de pupil dus zwart. 24. Op een groen grasveld valt wit licht. a. Welke kleuren zitten er in wit licht? Rood, Oranje, Geel, Groen, Blauw, (Indigo,) Violet b. Welke kleur(en) kaatst het gras naar je oog? Groen c. Welke kleuren worden door het gras geabsorbeerd? Alle andere kleuren dus Rood, Oranje, Geel, Blauw, (Indigo,) Violet 42

11 25. Voor sommige foto s gebruiken fotografen een geel filter. a. Wat doet een geel filter met wit licht? Het laat alleen het gele licht door. De rest van de kleuren worden geabsorbeerd. b. Wat doet een geel filter met geel licht? Het laat het gele licht gewoon door. c. Hoe ziet een rode trui eruit als je die door een geel filter bekijkt? De rode trui ziet er bijna zwart uit. Zie ook de foto op blz. 36 van het boek. 26. Marlinde heeft een groen schrift. Daarop zit een wit etiket. Op het etiket heeft Marlinde met blauwe inkt haar naam geschreven. a. Welke kleuren ziet Marlinde als ze haar schrift in wit licht bekijkt? Een groen schrift met een wit etiket en blauwe letters. b. Hoe ziet het schrift van Marlinde eruit, als ze het onder een oranje straatlantaarn bekijkt? Een zwart schrift met daarop een oranje etiket met zwarte letters. c. Hoe ziet het schrift van Marlinde eruit in blauw licht? Een zwart schrift met een blauw etiket. De letters zijn niet te zien want die zijn ook blauw. 27. Doe op de site van het boek de applet Kleuren maken. Welke kleuren kun je allemaal maken? Alle kleuren maar geen bruintinten 28. Beantwoord de volgende vragen. a. Hoe maken ze op de televisie de letters van de ondertiteling wit? Door rood en groen en blauw licht te mengen. b. Hoe maken ze op de televisie een zwart blokje? Door te zorgen dat daar helemaal geen licht komt. c. Hoe maken ze op de televisie een geel blokje? Door rood en groen licht te mengen. d. Hoe maken ze op de televisie een groen blokje? Daar hoeven ze geen moeite voor te doen. Een van de kleuren van de tv is groen. 29. In een boek voor Engels staan aan de ene kant de Engelse woorden in zwarte inkt. Daarnaast staan de Nederlandse betekenissen in rode inkt. Bij dit boek krijg je een rood filter om de woorden te leren. Leg uit hoe deze leermethode werkt. Door het rode filter ziet het papier er rood uit. Je kunt de rode letters dan niet lezen en dus de betekenis van de woorden niet zien. Zo kan je leren. 43

12 Experiment 2.5: Schaduw vraag Wat is schaduw? Nodig: kaars of waxinelichtje, scherm, enkele voorwerpen en geodriehoek 1 Een lichtbron staat voor een scherm. Tussen de lichtbron en het scherm staat een rond voorwerp. Schets in het kader hiernaast de schaduw van het voorwerp. Waarschijnlijk heb je in opdracht 1 een cirkel getekend met scherpe randen. In dit practicum ga je onderzoeken hoe echte schaduwen eruit zien en waarom dat zo is. 2 Steek de kaars aan. Meet de hoogte en breedte van de vlam, wanneer de kaars goed brandt. hoogte = breedte = Laat de kaars in de proeven steeds op 16 cm van het scherm staan. 3 Neem het lange cilindertje. Houd het cilindertje vlak voor het scherm. Schets in het kader hiernaast zo precies mogelijk de schaduw 4 Houd nu het cilindertje ongeveer halverwege kaarsvlam en scherm. Schets weer zo precies mogelijk de schaduw. Let nu ook op donkerheidsverschillen van de schaduw. Is de schaduw nu even groot als in proef 3? Ja/Nee, 5 De schaduw van proef 3 heet de kernschaduw. De schaduw van proef 4 bestaat uit een kernschaduw en een halfschaduw langs de rand. Bekijk nog eens de halfschaduw van proef 4: is die overal even donker? Ja, Nee, 6 Beweeg het cilindertje een beetje verder van het scherm weg en let op wat er ondertussen met de halfschaduw gebeurt. Wat zie je? _ 44

13 7 Houd nu het cilindertje horizontaal halverwege kaarsvlam en scherm. Schets net als proef 4 de schaduw. Wat is er anders aan de schaduw vergeleken met proef 4? _ 8 Geven andere voorwerpen ook schaduw? Onderzoek de andere voorwerpen op schaduwvorming. Teken steeds de schaduw, als het voorwerp halverwege kaars en scherm staat. 9 Houd nog eens het bolletje halverwege kaars en scherm. Teken hiernaast precies de schaduw. Meet ook de lengte van de halfschaduw onder of boven: Meet ook de lengte van de halfschaduw links of rechts: 10 Noem drie dingen die van invloed zijn op de lengte van de halfschaduw: Beweeg het bolletje tussen kaars en scherm. Is het mogelijk om de kernschaduw te laten verdwijnen? Ja/Nee, Op welke afstand tussen kaars en scherm gebeurt dit? Teken hieronder de situatie op ware grootte: dus teken de vlam op ware grootte, het bolletje ook en de afstanden kaars-scherm en kaars-bol ook. Probeer hiermee te snappen waarom de kernschaduw is verdwenen. 45

14 Huiswerkopdrachten bij 2.4 Schaduw 30. Doe op de site van het boek de applet Zon en maan in het duister. Waarom is er niet elke maand een zonsverduistering of maansverduistering? 31. Doe op de site van het boek de applet Beweging van de aarde en maan. Schrijf de vier schijngestalten van de maan op. 32. Geef in de figuur hiernaast aan, waar op het scherm schaduw is. Geef kernschaduw aan met K en halfschaduw met H. 33. Een rood en een groen lampje staan voor een voorwerp. Geef in de figuur hiernaast aan, welke kleuren waar op het scherm te zien zijn. 34. Geef in de figuur hieronder aan waar op de aarde schaduw is. Geef kernschaduw aan met K en halfschaduw met H. 35. Zie je in de figuur van de vorige opgave op aarde een zonsverduistering of een maansverduistering? 46

15 36. Teken de stand van zon, aarde en maan, wanneer men op aarde een maansverduistering ziet. 37. Doe op de site van het boek de applet Gekleurde schaduwen. Gelden voor de mengkleuren van de schaduwen de regels voor het mengen van licht of voor het mengen van verf? 38. Je staat in een verduisterd lokaal. Er brandt één lamp. Je staat bij een scherm. W e l k e u i t s p r a k e n n? k l o p p e 47

16 a. Mijn schaduw is het grootst als ik dicht bij het scherm sta: ja / nee b. Als ik dicht bij de lamp sta, dan wordt mijn schaduw scherper: ja / nee c. Het maakt niet uit waar ik sta. Mijn schaduw is steeds even groot: ja / nee d. Als ik dichter bij de lamp ga staan, dan wordt mijn schaduw groter: ja / nee 39. Je kunt op de site van het boek de Deeltoets (1) maken. 48

17 Experiment 2.6: Weerkaatsing in een spiegel vraag Hoe kaatst een lichtstraal tegen een spiegel? Op dit blad staat een lijn. Op deze lijn zet je straks de rechte spiegel. Eerst teken je vijf lichtstralen naar de spiegel toe. Gebruik verschillende kleuren. Zet dan de spiegel op de lijn. Laat de lichtstraal van het lichtkastje langs de vijf lijnen naar de spiegel lopen. Kijk hoe de lichtstraal wordt teruggekaatst en teken zo precies mogelijk hoe die lichtstraal loopt. Spiegel Conclusie: als een lichtstraal op een spiegel valt, dan 49

18 Experiment 2.7: Regels voor spiegeling vraag Welke spiegelregels zijn er? 1 Neem een A4-blad en teken op het midden een lijn. Op deze lijn komt de spiegel te staan. Zie figuur 1. 2 Zet ergens voor de spiegel een stip. Geef de plaats duidelijk aan met L. Zie figuur 2. Figuur 1 3 Teken vijf lichtstralen vanuit L naar de spiegel. Zie figuur 2. 4 Kijk nu in de spiegel. Je ziet dan het spiegelbeeld van L in de spiegel. Maar je ziet ook de spiegelbeelden van de lichtstralen in de spiegel. Kies nu één van de lichtstralen uit. Zet een speld in L en L een speld op de lichtstraal als hulpmiddel. Kijk goed in de spiegel en verleng het spiegelbeeld vóór de spiegel (aan de kant van de spelden dus) Doe dit ook voor de andere lichtstralen. Figuur 2 5 Snap je dat je de teruggekaatste stralen hebt getekend? 6 Haal nu de spiegel weg. Kies eerst één lichtstraal uit. Teken op de plaats waar de lichtstraal op de spiegel komt een loodlijn op de spiegel: dit heet de normaal. Meet de hoek tussen de lichtstraal en de normaal: i. Meet ook de hoek tussen de teruggekaatste lichtstraal en de normaal: t. Vul deze hoeken in de tabel in. Doe dit ook voor de overige vier lichtstralen. Conclusie: 7 Nu ga je construeren (=precies tekenen) waar je het spiegelbeeld van de stip zag achter de spiegel. Dat doe je door de teruggekaatste lichtstralen achter de spiegel te verlengen. Zie figuur 3. 8 Als het goed is kun je achter de spiegel de plaats van het spiegelbeeld van L duidelijk zien. Geef dit aan met B. i L t Figuur 3 9 Teken de verbindingslijn tussen L en B. Staat deze lijn loodrecht op de spiegel? Meet afstanden L-spiegel = cm en B-spiegel = cm. Conclusie 50

19 Experiment 2.8: Tekenpracticum schaduw en spiegeling 1 Teken de schaduw van het zwarte voorwerp op het scherm. Denk ook aan de halfschaduw. lichtbron 2 Teken de schaduw van de Maan op Aarde. scherm Zon Maan Aarde 3 L is een lichtbron. Teken de lichtstralen na weerkaatsing op de spiegel. L Spiegel 4 Teken de lichtbundel uit de lamp, die door de spiegel wordt weerkaatst. 5 Meet i. i = Teken de weerkaatste lichtstraal. Lamp Spiegel Muur Spiegel 51

20 6 Teken de lichtstraal die van de lamp via de spiegel in het oog komt. 7 Kan Jan de lamp via de spiegel zien? Ja / Nee Laat zien door een constructie. 8 Teken de lichtstralen die via de twee spiegels worden weerkaatst. 9 Welke bomen kan Mike via het spiegelende wateroppervlak zien? Omcirkel de letters. 52

21 10 Construeer het spiegelbeeld van L in de kerstbal. 11 Construeer het spiegelbeeld van L in de lepel. 53

22 Huiswerkopdrachten bij 2.5 Spiegels 40. Bepaal in onderstaande figuur door een constructie welke lampen Alex kan zien in de spiegel 41. Britney ziet drie spiegelbeelden van haar Award in de spiegels. Construeer drie manieren waarop de lichtstralen van de Award naar Britneys oog lopen. 54

23 Huiswerkopdrachten bij 2.6 Onzichtbare straling 42. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat voor soort straling gebruikt de afstandsbediening van de televisie? b. Werkt de afstandsbediening, als je je hand ervoor houdt? ja / nee c. Wat gebeurt er dan met de straling? 43. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat voor soort straling gebruikt een mobiele telefoon? b. Werkt je mobieltje, als je je hand om de antenne houdt? ja / nee c. Wat gebeurt er dan met de straling? 44. Er zijn veel mensen die niet in de buurt van een GSM-mast willen wonen. a. Waarom willen die mensen dat niet? Zoek op de site van het boek het artikel Gevaar van GSM. b. Welk gevaar van mobiele telefoons wordt hier beschreven? 45. Met sommige kijkers kun je in het donker mensen of dieren opsporen. a. Welke straling gebruiken deze kijkers? b. Kun je met deze kijkers ook planten zien in het donker? c. In Nijmegen heeft men in 2008 met zo n kijker luchtfoto s gemaakt van de stad. Wat denk je dat je op zulke foto s kunt zien? 46. In het theorieboek staat op bladzijde 42 figuur Daar zie je een infraroodfoto van een raam in een huis. De onderkanten van de raamkozijnen zijn gemaakt van aluminium. a. Leg uit waarom deze onderkanten op de foto zwart zijn. In één van de kamers staat een tropisch aquarium. b. Hoe kun je op de foto zien, in welke kamer dat aquarium staat? 55

24 Er zitten ook warmtelekken in de muur. c. Hoe kun je dat op de foto zien? Iemand die in huis zit, klaagt over koude plekken. d. Welke plaatsen in de muur zullen dat zijn? 47. UV-lampen kom je op de gekste plaatsen tegen. Noem drie toepassingen van UVlampen. 48. Ook in zonlicht komt UV-straling voor. Als je s winters op een serre in de zon zit, dan wordt je wel warm, maar niet bruin. a. Welke soort straling zorgt ervoor dat je warm wordt van de zon? b. Welke soort straling zorgt ervoor dat je bruin wordt van de zon? c. Wat doet glas met de drie soorten straling van de zon? 49. Bekijk op de site van het boek de applet Röntgenstraling. Schrijf duidelijk op waarom je met röntgenstraling een bot in een been kunt zien. 50. Welke soort straling hebben de volgende apparaten nodig om te kunnen werken? Kies uit: radiogolven, microgolven, infrarood, licht, ultraviolet, röntgenstraling, gammastraling. a. televisie b. bewegingsmelder c. fotoapparaat bij de tandarts d. controleapparaat voor geld e. warmtecamera f. magnetron g. bestralingsapparaat in een ziekenhuis h. fototoestel 56

25 51. Beantwoord de volgende vragen. a. Wat voor soort straling is black light in een discotheek? b. Kun je die soort straling zien? c. Hoe kunnen sommige kleren oplichten in black light? 52. Hoe ziet men in een winkel met behulp van een controleapparaat of geld echt is of niet? 53. Een afstandsbediening voor een televisie werkt met infraroodstraling. Bedenk een proef om na te gaan of voor infraroodstraling dezelfde spiegelwetten gelden als voor zichtbaar licht. 54. Je kunt op de site van het boek de Deeltoets (2) maken. 57

26 55. Extra: In ruimteonderzoek wil men zoveel mogelijk eigenschappen van verre hemellichamen te weten komen. Daarom bekijkt men planeten niet alleen met zichtbaar licht maar ook met andere soorten straling. Hieronder staat een kleurplaat van een opname van de planeet Mars met infraroodstraling. De opname is gemaakt met een satelliet die om de planeet heen vloog en de achterkant van de planeet filmde in infraroodstraling. De zon staat op het punt om op te komen vanachter de planeet. Infrarood kunnen we niet zien. Het heeft dan ook geen kleuren. Die worden later kunstmatig aangebracht. Men kiest voor de temperaturen de kleuren in de volgorde van de regenboog: voor het koudste blauw en voor het warmste rood. Kleur de foto van Mars met: 17=donkerblauw, 9=groen, 5= geel, 3=oranje, 2=rood. a. Aan welke kant zal de zon straks opkomen? Mars is niet vlak: er komen bergen en valleien voor. Maar er zijn ook uitgedoofde vulkanen met diepe kraters. b. Kun je op de foto van Mars de vulkaan Ascraeus Mons aanwijzen? 58

27 Werkboek natuur-en scheikunde 2 havo/vwo Inhoudsopgave 59

Hoofdstuk 2: Licht en kleur

Hoofdstuk 2: Licht en kleur Hoofdstuk 2: Licht en kleur 1. Doe op de site van het boek de Kleurenblindheidtest deel 1. Blijkt uit de test dat je kleurenblind bent? ja/nee Wist je dat al van jezelf? ja/nee 2. Doe op de site van het

Nadere informatie

Extra oefenopgaven licht (1) uitwerkingen

Extra oefenopgaven licht (1) uitwerkingen Uitwerking van de extra opgaven bij het onderwerp licht. Als je de uitwerking bij een opgave niet begrijpt kun je je docent altijd vragen dit in de les nog eens uit te leggen! Extra oefenopgaven licht

Nadere informatie

Opgave 1 Geef van de volgende zinnen aan of ze waar (W) of niet waar (NW) zijn. Omcirkel je keuze.

Opgave 1 Geef van de volgende zinnen aan of ze waar (W) of niet waar (NW) zijn. Omcirkel je keuze. Naam: Klas: Repetitie licht 2-de klas HAVO Opgave 1 Geef van de volgende zinnen aan of ze waar () of niet waar () zijn. Omcirkel je keuze. Een zéér kleine lichtbron (een zogenaamde puntbron) verlicht een

Nadere informatie

T1 Wat is licht? FIG. 3 Zo teken je een lichtstraal. De pijl geeft de richting van het licht aan.

T1 Wat is licht? FIG. 3 Zo teken je een lichtstraal. De pijl geeft de richting van het licht aan. T1 Wat is licht? Lichtbron, lichtstraal en lichtsnelheid Licht ontstaat in een lichtbron. Een aantal bekende lichtbronnen zijn: de zon en de sterren; verschillende soorten lampen (figuur 1); vuur, maar

Nadere informatie

Uitwerkingen 1. Opgave 1 Bij mist wordt het licht door de waterdruppeltjes weerkaatst. Opgave 2 Groter Kleiner. Opgave 3

Uitwerkingen 1. Opgave 1 Bij mist wordt het licht door de waterdruppeltjes weerkaatst. Opgave 2 Groter Kleiner. Opgave 3 Uitwerkingen 1 Opgave 1 Bij mist wordt het licht door de waterdruppeltjes weerkaatst. Opgave 2 Groter Kleiner Opgave 3 Opgave 4 Licht, steeds donkerder (bij halfschaduw), donker (kernschaduw), steeds lichter

Nadere informatie

5.0 Licht 1 www.natuurkundecompact.nl

5.0 Licht 1 www.natuurkundecompact.nl 5.0 Licht 1 www.natuurkundecompact.nl 5.1 Zien 5.2 Schaduw 5.3 Spiegel 5.4 Kleur Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet: - schaduwen; - beelden; - kleuren. 1 5.1 Zien www.natuurkundecompact.nl Oog Bij het waarnemen

Nadere informatie

Licht. 1 Schaduw 2 Terugkaatsing van licht 3 Beeldpunt, beeld, gezichtsveld 4 Kleuren 5 Elektromagnetische golven

Licht. 1 Schaduw 2 Terugkaatsing van licht 3 Beeldpunt, beeld, gezichtsveld 4 Kleuren 5 Elektromagnetische golven Licht 1 Schaduw 2 Terugkaatsing van licht 3 Beeldpunt, beeld, gezichtsveld 4 Kleuren 5 Elektromagnetische golven Bijlage: Gebruik van de geodriehoek bij de spiegelwet 1 Schaduw Eigenschappen van lichtstralen

Nadere informatie

Tekstboek. VMBO-T Leerjaar 1 en 2

Tekstboek. VMBO-T Leerjaar 1 en 2 Tekstboek VMBO-T Leerjaar 1 en 2 JHB Pastoor 2015 Arnhem 1 Inhoudsopgave i-nask Tekstboek VMBO-T Leerjaar 1 en 2 Hoofdstuk 1 Licht 1.1 Licht Zien 3 1.2 Licht en Kleur 5 1.3 Schaduw 10 1.4 Spiegels 15 Hoofdstuk

Nadere informatie

Samenvatting Hoofdstuk 5. Licht 3VMBO

Samenvatting Hoofdstuk 5. Licht 3VMBO Samenvatting Hoofdstuk 5 Licht 3VMBO Hoofdstuk 5 Licht We hebben zichtbaar licht in de kleuren Rood, Oranje, Geel, Groen, Blauw en Violet (en alles wat er tussen zit) Wit licht bestaat uit een mengsel

Nadere informatie

Werkboekje Grote Wetenschapsdag

Werkboekje Grote Wetenschapsdag Werkboekje Grote Wetenschapsdag Als je alles ingevuld hebt - > inleveren bij je leerkracht. Naam: Klas: _ School: Start van de dag - > Video Wat vond je van de video? Heb jij een eigen vraag kunnen bedenken?

Nadere informatie

5.0 Licht 1

5.0 Licht 1 5.0 Licht 1 www.natuurkundecompact.nl 5.1 Zien 5.2 Schaduw 5.3 Spiegel 5.4 Kleur Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet: - schaduwen, - beelden, - kleuren. 1 5.1 Zien www.natuurkundecompact.nl Oog Bij het waarnemen

Nadere informatie

Om kleuren te kunnen zien, heb je licht nodig. Maar waar komt licht vandaan? Lichtbron energiebron lichtkleur. gloeilamp stopcontact geel/bruinig

Om kleuren te kunnen zien, heb je licht nodig. Maar waar komt licht vandaan? Lichtbron energiebron lichtkleur. gloeilamp stopcontact geel/bruinig practicum Kleur is een illusie Zoals jullie hebben gelezen, werkt Jac Barnhoorn (zie interview bladzijde 1) bij Océ Technologies. Met printers van Océ kun je grote kleurafbeeldingen of bijvoorbeeld bouwtekeningen

Nadere informatie

Natuur-/scheikunde Klas men

Natuur-/scheikunde Klas men Natuur-/scheikunde Klas 1 2015-2016 men 1 Wat zie ik? Over fotonen. Je ziet pas iets (voorwerp, plant of dier) wanneer er lichtdeeltjes afkomstig van dat voorwerp je oog bereiken. Die lichtdeeltjes noemen

Nadere informatie

N A T U U R W E T E N S C H A P P E N V O O R H A N D E L 1 Copyright

N A T U U R W E T E N S C H A P P E N V O O R H A N D E L 1 Copyright N AT U U R W E T E N S C H A P P E N V O O R H A N D E L 1 2 LICHT EN ZIEN 2.1 Donkere lichamen en lichtbronnen 2.1.1 Donkere lichamen Donkere lichamen zijn lichamen die zichtbaar worden als er licht

Nadere informatie

Handleiding bij geometrische optiekset 112114

Handleiding bij geometrische optiekset 112114 Handleiding bij geometrische optiekset 112114 INHOUDSOPGAVE / OPDRACHTEN Algemene opmerkingen Spiegels 1. Vlakke spiegel 2. Bolle en holle spiegel Lichtbreking en kleurenspectrum 3. Planparallel blok 4.

Nadere informatie

2 Je moet weten dat licht beweegt langs een rechte lijn. [P1, T1, W1]

2 Je moet weten dat licht beweegt langs een rechte lijn. [P1, T1, W1] Leerdoelen 1 Je moet weten wat we verstaan onder: a een lichtbron; b een lichtbundel; c een lichtstraal. [P1, T1, W1] 2 Je moet weten dat licht beweegt langs een rechte lijn. [P1, T1, W1] 3 Je moet weten

Nadere informatie

6 Lichtenkleur. Licht-bronnen

6 Lichtenkleur. Licht-bronnen 6 Lichtenkleur Licht-bronnen Je hebt licht nodig om iets te kunnen zien lets dat licht geeft noemen we een licht-bron De zon en de sterren zijn natuur-lijke licht-bronnen Ze geven licht van zich-zelf Gloei-lampen

Nadere informatie

6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht 6.2 Spiegel en spiegelbeeld

6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht 6.2 Spiegel en spiegelbeeld 6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht 6.2 Spiegel en spiegelbeeld Lichtbronnen: Directe lichtbronnen produceren zelf licht Indirecte lichtbronnen reflecteren licht. Je ziet een voorwerp als er licht

Nadere informatie

6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht

6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht Uitwerkingen opgaven hoofdstuk 6 6.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht Opgave 1 Opgave 2 Bij diffuse terugkaatsing wordt opvallend licht in alle mogelijke richtingen teruggekaatst, zelfs als de opvallende

Nadere informatie

Kernvraag: Hoe verplaatst licht zich en hoe zien we dat?

Kernvraag: Hoe verplaatst licht zich en hoe zien we dat? Kernvraag: Hoe verplaatst licht zich en hoe zien we dat? Naam: Groep: http://www.cma-science.nl Activiteit 1 Hoe verplaatst licht zich? 1. Als je wel eens de lichtstraal van een zaklamp hebt gezien, weet

Nadere informatie

BASISSTOF 1 Wat is licht? 38 W1 41 T2 Als licht op een voorwerp valt 42 W2 43 T3 Spiegeltje, spiegeltje aan de wand 44 W3 47

BASISSTOF 1 Wat is licht? 38 W1 41 T2 Als licht op een voorwerp valt 42 W2 43 T3 Spiegeltje, spiegeltje aan de wand 44 W3 47 BASISSTOF 1 Wat is licht? 38 W1 41 T2 Als licht op een voorwerp valt 42 W2 43 T3 Spiegeltje, spiegeltje aan de wand 44 W3 47 HERHAALSTOF H1 De begrippen die je in dit blok bent tegengekomen 48 H2 Eigenschappen

Nadere informatie

Lichtbreking en weerkaatsing

Lichtbreking en weerkaatsing Vuurtorens danken hun naam aan de vuren die vroeger branden om schepen in de nacht te helpen hun weg te vinden. De Brandaris op Terschelling is de oudste vuurtoren in Nederland. Het was ook de eerste vuurtoren

Nadere informatie

Handleiding Optiekset met bank

Handleiding Optiekset met bank Handleiding Optiekset met bank 112110 112110 112114 Optieksets voor practicum De bovenstaande Eurofysica optieksets zijn geschikt voor alle nodige optiekproeven in het practicum. De basisset (112110) behandelt

Nadere informatie

kaarsen de zon olielampen petroleumlampen gloeilampen fakkel maan en sterren brandend hout TL buizen gaslantaarns de zon vuur

kaarsen de zon olielampen petroleumlampen gloeilampen fakkel maan en sterren brandend hout TL buizen gaslantaarns de zon vuur Werkblad 1 Lichtbronnen Lees eerst de tekst een keer door. Vul de woorden op de goede plaats in. Alle woorden mag je maar één keer gebruiken. kaarsen de zon olielampen petroleumlampen gloeilampen fakkel

Nadere informatie

Licht en kleur. 1.1 Kleuren zien. 1.2 Schaduw. 1.3 Spiegelbeelden bekijken. 1.4 uv, ir en andere straling

Licht en kleur. 1.1 Kleuren zien. 1.2 Schaduw. 1.3 Spiegelbeelden bekijken. 1.4 uv, ir en andere straling Licht en kleur 1 1.1 Kleuren zien 1.2 Schaduw 1.3 Spiegelbeelden bekijken 1.4 uv, ir en andere straling Verkennen Je hebt elke dag te maken met licht en kleur. Je weet er dus al heel wat van. Je ziet overal

Nadere informatie

8 Licht. Licht en kleur. Nova

8 Licht. Licht en kleur. Nova 8 Licht 1 Licht en kleur 1 a rood, oranje, geel, groen, blauw en violet b Een zwart voorwerp absorbeert bijna al het zonlicht en zet het om in warmte. c een (zak)spectroscoop d Het witte voorwerp lijkt

Nadere informatie

Onzichtbaar licht. 1 Kun je al iets vertellen over infrarood? ... ... 2 Kun je al iets vertellen over ultraviolet? ... ...

Onzichtbaar licht. 1 Kun je al iets vertellen over infrarood? ... ... 2 Kun je al iets vertellen over ultraviolet? ... ... Hiernaast zijn twee foto s te zien van de zelfde boterbloem. De linker is een gewone foto. Alleen het zichtbare licht is te zien. De rechter foto is gemaakt met alleen het ultraviolet licht. Waarschijnlijk

Nadere informatie

Wet van Snellius. 1 Lichtbreking 2 Wet van Snellius 3 Terugkaatsing van licht tegen een grensvlak

Wet van Snellius. 1 Lichtbreking 2 Wet van Snellius 3 Terugkaatsing van licht tegen een grensvlak Wet van Snellius 1 Lichtbreking 2 Wet van Snellius 3 Terugkaatsing van licht tegen een grensvlak 1 Lichtbreking Lichtbreking Als een lichtstraal het grensvlak tussen lucht en water passeert, zal de lichtstraal

Nadere informatie

Licht; Elektromagnetische straling een golf Licht; een deeltje (foto-elektrisch effect). Licht; als een lichtstraal Licht beweegt met de

Licht; Elektromagnetische straling een golf Licht; een deeltje (foto-elektrisch effect). Licht; als een lichtstraal Licht beweegt met de Licht; Elektromagnetische straling een golf Licht; een deeltje (foto-elektrisch effect). Licht; als een lichtstraal Licht beweegt met de lichtsnelheid ~300.000 km/s! Rechte lijn Pijl er in voor de richting

Nadere informatie

Licht 7. Welk deel van het licht wordt door een plant gebruikt voor de fotosynthese? A. groen licht B. rood licht C. zwart licht D.

Licht 7. Welk deel van het licht wordt door een plant gebruikt voor de fotosynthese? A. groen licht B. rood licht C. zwart licht D. Licht 20 Hoe verklaar je lichtbreking aan de hand van de gebroken lepel in het glas met water? A.Licht heeft in water of glas een hogere snelheid dan in lucht; dit komt omdat water en glas en lagere dichtheid

Nadere informatie

Licht & schaduw. Inlage

Licht & schaduw. Inlage Inlage Proef 1 Lichtbronnen - Werkblad 1 - Pen Door de jaren heen zijn de lichtbronnen (voorwerpen die licht geven) van de mensen veranderd. Ken jij de lichtbronnen van vroeger en nu? Maak werkblad 1.

Nadere informatie

Aan de slag met de nieuwe leerplannen fysica 2 de graad ASO GO!

Aan de slag met de nieuwe leerplannen fysica 2 de graad ASO GO! Aan de slag met de nieuwe leerplannen fysica 2 de graad ASO GO! M. Beddegenoodts, M. De Cock, G. Janssens, J. Vanhaecht woensdag 17 oktober 2012 Specifieke Lerarenopleiding Natuurwetenschappen: Fysica

Nadere informatie

Uitwerkingen. Hoofdstuk 2 Licht. Verkennen

Uitwerkingen. Hoofdstuk 2 Licht. Verkennen Uitwerkingen Hoofdstuk 2 Licht Verkennen I a. Teken het gebouw met de zon in de tekening. De stand van de zon bepaalt waar de schaduw terecht komt. b. Maak een tekening in bovenaanzicht. Jij staat voor

Nadere informatie

Kernvraag: Hoe reflecteren de. verschillende materialen licht?

Kernvraag: Hoe reflecteren de. verschillende materialen licht? Kernvraag: Hoe reflecteren de verschillende materialen licht? Naam: Groep: http://www.cma-science.nl Activiteit 1. Wat gebeurt er als er licht op een spiegel valt? 1. In dit experiment heb je een zaklamp

Nadere informatie

NATIONALE LICHTMETING. beeld: DigiDaan DOCENTENHANDLEIDING

NATIONALE LICHTMETING. beeld: DigiDaan DOCENTENHANDLEIDING NATIONALE beeld: DigiDaan DOCENTENHANDLEIDING INLEIDING 2015 is het internationaal jaar van het licht. In het kader hiervan worden verschillende projecten voor het onderwijs georganiseerd. Voor het voortgezet

Nadere informatie

> Lees Niels heeft een bril.

> Lees Niels heeft een bril. LB 8-70. Ik zie een oog > Kijk naar de afbeeldingen op bladzijde 8 in je boek en lees Beschermen. Vul in. Je vooral tegen zweet. beschermen je ogen Kijk naar de doorsnede van het oog. Kleur de volgende

Nadere informatie

1.3 Spot aandoen. In het licht kijken. Dan dimmen.

1.3 Spot aandoen. In het licht kijken. Dan dimmen. KLEURENLEER DAG 1 1. LICHT ACHTER DUISTER (warme kleuren: oranje, rood,...) 1.1 De ruimte is verduisterd. Aquarium met water gevuld. Daarachter lamp (zaklamp). De kinderen kijken doorheen het aquarium

Nadere informatie

Uitwerkingen Hoofdstuk 2 Licht

Uitwerkingen Hoofdstuk 2 Licht Uitwerkingen Hoofdstuk 2 Licht Verkennen I a. Teken het gebouw met de zon in de tekening. De stand van de zon bepaalt waar de schaduw terecht komt. b. Een platte tekening. Jij staat voor de spiegel, de

Nadere informatie

Proefbeschrijving optiekset met bank 112110

Proefbeschrijving optiekset met bank 112110 112114 Optieksets voor practicum De bovenstaande optieksets zijn geschikt voor alle nodige optiekproeven in het practicum. De basisset () behandelt de ruimtelijke optiek en de uitbreidingset (112114) de

Nadere informatie

Ruimten Wetenschapsspellen en Robots

Ruimten Wetenschapsspellen en Robots Ruimten Wetenschapsspellen en Robots De avonturiers Opdrachtenboekje Editie van het Pass Dit opdrachtenboekje behoort tot Voornaam Voornaam Voornaam Voornaam Voornaam Voornaam Naam Naam Naam Naam Naam

Nadere informatie

JANNEKE SCHENK. Over de REGENBOOG. Regenbogen en andere lichtverschijnselen aan de hemel, natuurkundig verklaard voor iedereen

JANNEKE SCHENK. Over de REGENBOOG. Regenbogen en andere lichtverschijnselen aan de hemel, natuurkundig verklaard voor iedereen JANNEKE SCHENK Over de REGENBOOG Regenbogen en andere lichtverschijnselen aan de hemel, natuurkundig verklaard voor iedereen inhoud 6 13 69 99 121 129 137 147 177 195 215 286 288 Inleiding Meten aan de

Nadere informatie

Benodigdheden Lichtkastje met één smalle spleet, half cirkelvormige schijf van perspex, blad met gradenverdeling

Benodigdheden Lichtkastje met één smalle spleet, half cirkelvormige schijf van perspex, blad met gradenverdeling Naam: Klas: Practicum Wet van Snellius Benodigdheden Lichtkastje met één smalle spleet, half cirkelvormige schijf van perspex, blad met gradenverdeling Metingen bij breking van lucht naar perspex Leg de

Nadere informatie

gaat, totdat het iets tegenkomt de schaduw verandert als de positie van de lichtbron verandert

gaat, totdat het iets tegenkomt de schaduw verandert als de positie van de lichtbron verandert Licht GROEP 3-4 29 70 minuten 1, 23, 32, 42 en 46 De leerling: gaat, totdat het iets tegenkomt de schaduw verandert als de positie van de lichtbron verandert de schaduw verandert als de positie van de

Nadere informatie

Activiteiten over Licht

Activiteiten over Licht Activiteiten over Licht Opmerking Dit werkblad is bedoeld als een snelle introductie op de natuurkunde achtergrond van de spiegelmodule. De activiteiten kunnen als circuitpracticum gebruikt worden op de

Nadere informatie

Licht. Tip. De leerlingen maken in deze les allemaal een eigen periscoop. 10 min. 60 minuten

Licht. Tip. De leerlingen maken in deze les allemaal een eigen periscoop. 10 min. 60 minuten Licht GROEP 5-6 49 60 minuten 1, 32, 45 en 54 Tip. De leerlingen maken in deze les allemaal een eigen periscoop. U kunt ze dit ook in tweetallen of in groepjes laten doen. De leerling: weet dat licht altijd

Nadere informatie

een spectroscoop 5 min.

een spectroscoop 5 min. Licht GROEP 7-8 69 60 minuten 1, 42 en 44 De leerling: weet wat een spectroscoop is weet dat wit licht uit meerdere kleuren bestaat weet dat de kleuren van licht een verschillende golflengte hebben een

Nadere informatie

Handleiding Oogfunctiemodel

Handleiding Oogfunctiemodel Handleiding Oogfunctiemodel 300132 De mogelijkheden van het oog functiemodel zijn: - beeldvorming, met een positieve lens - gekleurde voorwerpen zien - accommoderen; werking van de ooglens - oogafwijkingen

Nadere informatie

4 andere dieren bestaat. foto zo precies mogelijk na en kleur in.

4 andere dieren bestaat. foto zo precies mogelijk na en kleur in. Teken je fantasiedier Uit de krant Teken een dier dat uit minimaal Zoek een foto uit de krant. Teken deze 4 andere dieren bestaat. foto zo precies mogelijk na en kleur in. Bedenk ook een naam voor Zet

Nadere informatie

2. Bekijk de voorbeelden bij Ziet u wat er staat? Welke conclusie kun je hier uit trekken?

2. Bekijk de voorbeelden bij Ziet u wat er staat? Welke conclusie kun je hier uit trekken? Hoofdstuk 3 Lichtbeelden 1 Werkboek natuurkunde 3H Inleiding: Zien Op de site van het boek vind je bij Ogentest verschillende links over zien, brillen en lenzen. Je kunt er ook je ogen testen. 1. Doe een

Nadere informatie

Repetitie Lenzen 3 Havo Naam: Klas: Leerstof: 1 t/m 7

Repetitie Lenzen 3 Havo Naam: Klas: Leerstof: 1 t/m 7 Repetitie Lenzen 3 Havo Naam: Klas: Leerstof: 1 t/m 7 Opgave 1 Iris krijgt een bril voorgeschreven van 4 dioptrie. Zij houdt de bril in de zon en probeert de stralen te bundelen om zodoende een stukje

Nadere informatie

Oefen-vt vwo4 B h6/7 licht 2007/2008. Opgaven en uitwerkingen vind je op www.agtijmensen.nl

Oefen-vt vwo4 B h6/7 licht 2007/2008. Opgaven en uitwerkingen vind je op www.agtijmensen.nl Opgaven en uitwerkingen vind je op www.agtijmensen.nl Oefen-vt vwo4 h6/7 licht 007/008. Lichtbreking (hoofdstuk 6). Een glasvezel bestaat uit één soort materiaal met een brekingsindex van,08. Laserstraal

Nadere informatie

Handgemaakte spectroscoop

Handgemaakte spectroscoop 59 Doel We gaan onderzoeken waaruit wit licht is opgebouwd. Benodigdheden Doos Cd Mes Plakband Wc rolletje 2 scheermesjes of 2 lange stukken van een breekmes potlood aluminiumplakband of aluminiumfolie

Nadere informatie

Eureka! 1A. Copyright EUREKA 1A. Eureka! bestaat in de tweede graad uit: Thema 2 Materiemodel

Eureka! 1A. Copyright EUREKA 1A. Eureka! bestaat in de tweede graad uit: Thema 2 Materiemodel N AT U U R W E T E N S C H A P P E N V O O R S T W Eureka! bestaat in de tweede graad uit: Thema 1 Zintuigen Thema 2 Materiemodel Eureka! 2A Thema 1 Terreinstudie Thema 2 Samenleven en relaties tussen

Nadere informatie

Invals-en weerkaatsingshoek + Totale terugkaatsing

Invals-en weerkaatsingshoek + Totale terugkaatsing Invals-en weerkaatsingshoek + Totale terugkaatsing Leerplandoelen FYSICA TWEEDE GRAAD ASO WETENSCHAPPEN LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS VVKSO BRUSSEL D/2012/7841/009 5.1.2 Licht B10 De begrippen invallende

Nadere informatie

7-8. Reflectie. Afbeelding 1: Gespiegelde tekst

7-8. Reflectie. Afbeelding 1: Gespiegelde tekst De reflector op je fiets weerkaatst licht. of weerkaatsing van bijvoorbeeld licht is het terugkaatsen van de straling door een oppervlak met een andere dichtheid, zoals bij de overgang van lucht naar water,

Nadere informatie

* Je kunt natuurlijk ook foto s van de lucht maken met de gedraaide zonnebril voor de lens.

* Je kunt natuurlijk ook foto s van de lucht maken met de gedraaide zonnebril voor de lens. Licht in de lucht Proeven met polarisatie Gerard Stout Nodig: * digitale camera * polaroid zonnebril * zonnige dag Licht lijkt heel gewoon. Je merkt het nauwelijks op. Pas als het donker is, mis je licht

Nadere informatie

PRACTICUM BRANDER. Welke twee veiligheidsmaatregelen moet je bij jezelf nemen?

PRACTICUM BRANDER. Welke twee veiligheidsmaatregelen moet je bij jezelf nemen? Naam Cijfer Klas Datum PRACTICUM BRANDER 1 Welke 3 zaken moet je controleren voordat je de brander aansteekt? 2 Welke twee veiligheidsmaatregelen moet je bij jezelf nemen? De brander: schoorsteen gasregelknop

Nadere informatie

Kernvraag: Hoeveel licht geven. verschillende lichtbronnen?

Kernvraag: Hoeveel licht geven. verschillende lichtbronnen? Kernvraag: Hoeveel licht geven verschillende lichtbronnen? Naam leerling: Groep: http://www.cma-science.nl Activiteit 1 Lichtbronnen Overal om ons heen is licht. Op hoeveel manieren komt dat licht bij

Nadere informatie

lend uit kunnen zien kunt maken met een tuinslang een regenboog zitten

lend uit kunnen zien kunt maken met een tuinslang een regenboog zitten Het weer GROEP 1-2 60 minuten 1, 43 en 54 De leerling: lend uit kunnen zien kunt maken met een tuinslang en de zon een regenboog zitten papier, een glas water & een zaklamp kleuren van de regenboog Pak

Nadere informatie

De Zon. N.G. Schultheiss

De Zon. N.G. Schultheiss 1 De Zon N.G. Schultheiss 1 Inleiding Deze module is direct vanaf de derde of vierde klas te volgen en wordt vervolgd met de module De Broglie of de module Zonnewind. Figuur 1.1: Een schema voor kernfusie

Nadere informatie

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 4-5

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 4-5 Voorbereiding post 1 n Oogje op kleuren Groep 4-5 Welkom bij IVN Valkenswaard-Waalre Dit is de digitale voorbereiding op post 1: n Oogje op kleuren, voor groep 4 en 5. Inhoud: Algemeen Verhaal en proefjes

Nadere informatie

Noorderpoort Beroepsonderwijs Stadskanaal. Reader. Reflectie en breking. J. Kuiper. Transfer Database

Noorderpoort Beroepsonderwijs Stadskanaal. Reader. Reflectie en breking. J. Kuiper. Transfer Database Noorderpoort Beroepsonderwijs Stadskanaal Reader Reflectie en breking J. Kuiper Transfer Database ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermiddelen voor Primair Onderwijs, Algemeen Voortgezet Onderwijs, Beroepsonderwijs

Nadere informatie

Samenvatting Natuurkunde Hoofdstuk 2 Licht. Wat moet je leren/ kunnen voor het PW H2 Licht?

Samenvatting Natuurkunde Hoofdstuk 2 Licht. Wat moet je leren/ kunnen voor het PW H2 Licht? Wat moet je leren/ kunnen voor het PW H2 Licht? Alles noteren met significantie en in de standaard vorm ( in hoeverre dit lukt). Eerst opschrijven wat de gegevens en formules zijn en wat gevraagd wordt.

Nadere informatie

Tussen een lichtbron en een scherm staat een voorwerp. Daardoor ontstaat een schaduw van het voorwerp op het scherm. lichtbron

Tussen een lichtbron en een scherm staat een voorwerp. Daardoor ontstaat een schaduw van het voorwerp op het scherm. lichtbron Licht: Inleiding Opdracht 1. Schaduw van een lichtbrn Tussen een lichtbrn en een scherm staat een vrwerp. Daardr ntstaat een schaduw van het vrwerp p het scherm. a) Laat zien waar licht p het scherm valt

Nadere informatie

5.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht

5.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht Uitwerkingen opgaven hoofdstuk 5 5.1 Voortplanting en weerkaatsing van licht Opgave 10 16 x 4,03 10 a afstand = lichtsnelheid tijd; s = c t t = = = 8 c 2,9979 10 b Eerste manier 1 lichtjaar = 9,461 10

Nadere informatie

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 4-5

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 4-5 Voorbereiding post 1 n Oogje op kleuren Groep 4-5 Welkom bij IVN Valkenswaard Dit is de Powerpointserie als voorbereiding op post 1: n Oogje op kleuren, voor groep 4 en 5. Inhoud: Algemeen Verhaal over

Nadere informatie

natuur- en scheikunde 1 CSE BB

natuur- en scheikunde 1 CSE BB Examen VMBO-BB 2007 Tijdvak tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.00 uur natuur- en scheikunde 1 CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Gebruik het BINAS informatieboek.

Nadere informatie

Voor deze les heb je nodig: een computer met internet verbinding

Voor deze les heb je nodig: een computer met internet verbinding Voor deze les heb je nodig: een computer met internet verbinding Klik op de volgende link : http://www.spreekwoord.nl/ Op deze pagina kun je allerlei Nederlandse spreekwoorden en gezegdes vinden. In de

Nadere informatie

Zien. Superman ziet de revolver met stralen di uit zijn ogen komen. Komt er ook iets jouw ogen als je ergens naar kijkt?

Zien. Superman ziet de revolver met stralen di uit zijn ogen komen. Komt er ook iets jouw ogen als je ergens naar kijkt? BASISSTOF Hoofdstuk 6 Licht 1 Zien Superman ziet de revolver met stralen di uit zijn ogen komen. Komt er ook iets jouw ogen als je ergens naar kijkt? Lichtbronnen zien Wanneer je 's avonds licht nodig

Nadere informatie

Theorie beeldvorming - gevorderd

Theorie beeldvorming - gevorderd Theorie beeldvorming - gevorderd Al heel lang geleden ontdekten onderzoekers dat als licht op een materiaal valt, de lichtstraal dan van richting verandert. Een voorbeeld hiervan is ook te zien in het

Nadere informatie

Link naar leerkrachtgids www.c3.nl/onderwijsmiddelen/leerkrachtgids-ontwerpen

Link naar leerkrachtgids www.c3.nl/onderwijsmiddelen/leerkrachtgids-ontwerpen Lesbrief Ontwerpend Leren Gebruik de zon! Gebruik deze lesbrief bij de proef Zonneoven en de leerkrachtgids Ontwerpend leren met chemie. Deze lesbrief geeft verdieping en een lessuggestie rondom de ontwerpopdracht:

Nadere informatie

Optica Optica onderzoeken met de TI-nspire

Optica Optica onderzoeken met de TI-nspire Optica onderzoeken met de TI-nspire Cathy Baars, Natuurkunde, Optica 1. Inhoud Optica... 1 1. Inhoud... 2 2. Spiegeling... 3 2.1 Algemene introductie en gebruik TI-nspire... 3 2.2 Spiegeling... 4 2.3 Definiëren

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Spiegelen in lijn en in cirkel. Eigenschappen.

Hoofdstuk 1 Spiegelen in lijn en in cirkel. Eigenschappen. Hoofdstuk 1 Spiegelen in lijn en in cirkel. Eigenschappen. Jakob Steiner (Utzenstorf (kanton Bern), 18 maart 1796 - Bern, 1 april 1863) was een Zwitsers wiskundige. Hij wordt beschouwd als een van de belangrijkste

Nadere informatie

STERREN DANSEN OP DE MUUR WAT HEB JE NODIG? BOUWTEKENING

STERREN DANSEN OP DE MUUR WAT HEB JE NODIG? BOUWTEKENING STERREN DANSEN OP DE MUUR Als je op een onbewolkte avond naar de hemel kijkt zie je overal sterren. Net zoals je soms in wolken gekke figuren kunt ontdekken, kun je dat in sterren ook. Door lijnen te trekken

Nadere informatie

De snelheid van de auto neemt eerst toe en wordt na zekere tijd constant. Bereken de snelheid die de auto dan heeft.

De snelheid van de auto neemt eerst toe en wordt na zekere tijd constant. Bereken de snelheid die de auto dan heeft. Opgave 1 Een auto Met een auto worden enkele proeven gedaan. De wrijvingskracht F w op de auto is daarbij gelijk aan de som van de rolwrijving F w,rol en de luchtwrijving F w,lucht. F w,rol heeft bij elke

Nadere informatie

De constructie van een raaklijn aan een cirkel is, op basis van deze stelling, niet zo erg moeilijk meer.

De constructie van een raaklijn aan een cirkel is, op basis van deze stelling, niet zo erg moeilijk meer. Cabri-werkblad Raaklijnen Raaklijnen aan een cirkel Definitie Een raaklijn aan een cirkel is een rechte lijn die precies één punt (het raakpunt) met de cirkel gemeenschappelijk heeft. Stelling De raaklijn

Nadere informatie

Hoofdstuk 4: Licht. Natuurkunde Havo 2011/2012.

Hoofdstuk 4: Licht. Natuurkunde Havo 2011/2012. Hoofdstuk 4: Licht Natuurkunde Havo 2011/2012 www.lyceo.nl Hoofdstuk 4: Licht Natuurkunde 1. Kracht en beweging 2. Licht en geluid 3. Elektrische processen 4. Materie en energie Beweging Trillingen en

Nadere informatie

Speurtocht Wandelen met Licht. Naam leerling:...

Speurtocht Wandelen met Licht. Naam leerling:... Zaal 3 Speurtocht Wandelen met Licht Naam leerling:... Zaal 3 Brillen Loop de trap op achter het anatomisch theater (het grote houten bouwwerk) en ga door de glazen deuren zaal 2 in. Ga in zaal 2 de trap

Nadere informatie

Op het werkblad staat de uitslag van een kijkdoos, die omstreeks 1980 als doos gebruikt is om gebak bij een bakker in te pakken.

Op het werkblad staat de uitslag van een kijkdoos, die omstreeks 1980 als doos gebruikt is om gebak bij een bakker in te pakken. 1 Een kijkdoos Op het werkblad staat de uitslag van een kijkdoos, die omstreeks 1980 als doos gebruikt is om gebak bij een bakker in te pakken. Knip de uitslag uit. Breng op de aangegeven plaatsen gleuven

Nadere informatie

Werken met een reflectiescherm

Werken met een reflectiescherm Werken met een reflectiescherm Met een reflectiescherm kun je licht, of dat nu flitslicht of gewoon daglicht is, terug laten kaatsen naar je onderwerp. Op die manier kun je dingen die normaal in de schaduw

Nadere informatie

Lesmateriaal bovenbouw

Lesmateriaal bovenbouw Lesmateriaal bovenbouw Workshopdag Satellieten 8 oktober 2008 Space Expo, Noordwijk Bouw je eigen telescoop Benieuwd naar het oppervlak van de maan? Of de ringen van Saturnus? Deze dingen staan te ver

Nadere informatie

toets kleurenleer toets kleurenleer toets kleurenleer

toets kleurenleer toets kleurenleer toets kleurenleer cor haima toets kleurenleer toets kleurenleer toets kleurenleer Inleiding In deze opdracht worden opdrachten gegeven naar aanleiding van de cd-rom Basiskleur van het GOC. Getracht is zoveel mogelijk te

Nadere informatie

6 Licht. 6.1 Licht en kleuren zien. 2 a Rood, oranje, geel, groen, blauw, violet b

6 Licht. 6.1 Licht en kleuren zien. 2 a Rood, oranje, geel, groen, blauw, violet b 6 Licht 6.1 Licht en kleuren zien 2 a Rood, oranje, geel, groen, lauw, violet 3 a Vooreelden van goede antwoorden zijn: zaklamp, straatlantaarn, je moieltje, lamp, haardvuur. Alle deze voorwerpen zijn

Nadere informatie

LEERLINGENHANDLEIDING

LEERLINGENHANDLEIDING NATIONALE beeld: DigiDaan LEERLINGENHANDLEIDING Naam: Klas: Datum: INLEIDING 2015 is het Internationaal Jaar van het Licht. Dit jaar is gekozen als Jaar van het Licht omdat we in 2015 een aantal jubilea

Nadere informatie

Voor de toets van periode 1 leer je de volgende begrippen. Al deze begrippen staan op wiki.roncalli.nu

Voor de toets van periode 1 leer je de volgende begrippen. Al deze begrippen staan op wiki.roncalli.nu Voor de toets van periode 1 leer je de volgende begrippen. Al deze begrippen staan op wiki.roncalli.nu Bekijk de plaatjes op de wiki in kleur!!! Kleur Kleurencirkel De kleurencirkel wordt besproken in

Nadere informatie

Hoofdstuk 2 De sinus van een hoek

Hoofdstuk 2 De sinus van een hoek Hoofdstuk 2 De sinus van een hoek 2.1 Hoe hoog zit m n ventiel? Als een fietswiel ronddraait zal, de afstand van de as tot het ventiel altijd gelijk blijven. Maar als je alleen van opzij kijkt niet! Het

Nadere informatie

Zonnestraling. Samenvatting. Elektromagnetisme

Zonnestraling. Samenvatting. Elektromagnetisme Zonnestraling Samenvatting De Zon zendt elektromagnetische straling uit. Hierbij verplaatst energie zich via elektromagnetische golven. De golflengte van de straling hangt samen met de energie-inhoud.

Nadere informatie

LESPAKKET HOLLANDS LICHT NAAM:. KLAS:..

LESPAKKET HOLLANDS LICHT NAAM:. KLAS:.. LESPAKKET HOLLANDS LICHT NAAM:. KLAS:.. INLEIDING Voor je ligt het lespakket over Hollands Licht. Hier draait het om de mythe dat het licht in Holland iets heel bijzonders is, beroemd geworden dankzij

Nadere informatie

Kernvraag: Hoeveel licht valt erdoor?

Kernvraag: Hoeveel licht valt erdoor? Kernvraag: Hoeveel licht valt erdoor? Naam leerling: Groep: http://www.cma-science.nl Activiteit 1 Zonnebril wedstrijd De zon kan s zomers heel intens schijnen. Zonnebrillen beschermen je ogen tegen te

Nadere informatie

VRAGENBLAD 1. gsm. zon. haard / kachel / verwarming laser. Rood Oranje Geel Groen Blauw (nu cyaan) Indigo (nu blauw) Violet

VRAGENBLAD 1. gsm. zon. haard / kachel / verwarming laser. Rood Oranje Geel Groen Blauw (nu cyaan) Indigo (nu blauw) Violet VRAGENBLAD 1 Kleur kan alleen waargenomen worden als er licht is. Licht bestaat uit elektromagnetische stralen in de vorm van golven De afstand die een golf aflegt binnen één seconde is de golflengte Het

Nadere informatie

Zon, aarde en maan. Leerkrachthandleiding STIP

Zon, aarde en maan. Leerkrachthandleiding STIP STIP Colofon De STIP-modules zijn ontwikkeld door de vakgroep Instructietechnologie van de Universiteit Twente en de Stichting Katholiek Onderwijs Enschede (St. KOE). Het STIP-project is gesubsidieerd

Nadere informatie

Licht en donker Licht

Licht en donker Licht H Licht en donker Licht groep 1-2 09 tijdsduur 80 minuten kerndoelen 1, 32, 42 en 54 lesdoelen De leerling: weet dat licht nodig is om te zien kent een aantal lichtbronnen, waarvan sommige uit zichzelf

Nadere informatie

KLEUR. - Uitleg begrippen - Opdracht 1 - Opdracht 2

KLEUR. - Uitleg begrippen - Opdracht 1 - Opdracht 2 KLEUR - Uitleg begrippen - Opdracht 1 - Opdracht 2 Wat is kleur? Kleur ontstaat wanneer er licht weerkaatst of geabsorbeerd wordt door de objecten waarop dit licht schijnt. Bij weerkaatsing van dit licht,

Nadere informatie

MEETKUNDE 120 PUNTEN, LIJNEN EN VLAKKEN

MEETKUNDE 120 PUNTEN, LIJNEN EN VLAKKEN 120 PUNTEN, LIJNEN EN VLAKKEN een rechte lijn A het punt A a de rechte a een kromme lijn of een kromme een gebroken lijn a A b a B het lijnstuk [AB] evenwijdige rechten a // b een plat oppervlak of een

Nadere informatie

Suggesties voor demo s lenzen

Suggesties voor demo s lenzen Suggesties voor demo s lenzen Paragraaf 1 Toon een bolle en een holle lens. Demo convergerende werking van een bolle lens Laat een klein lampje (6 V) steeds dichter bij een bolle lens komen. Geef de verschillende

Nadere informatie

Invals en weerkaatsingshoek + Totale reflectie

Invals en weerkaatsingshoek + Totale reflectie Invals en weerkaatsingshoek + Totale reflectie Leerplandoelen FYSICA TWEEDE GRAAD ASO WETENSCHAPPEN LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS VVKSO BRUSSEL D/2012/7841/009 5.1.2 Licht B10 De begrippen invallende straal,

Nadere informatie

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 1-2-3

Voorbereiding post 1. n Oogje op kleuren Groep 1-2-3 Voorbereiding post 1 n Oogje op kleuren Groep 1-2-3 Welkom bij IVN Valkenswaard Dit is de Powerpointserie als voorbereiding op post 1: n Oogje op kleuren, voor groep 1, 2 en 3. Inhoud: Algemeen Verhaal

Nadere informatie