Nieuwsbrief van de Werkgroep Monitoring - Stichting RAVON Nieuwsbrief nr. 19 is bestemd voor medewerkers van het Meetnet Reptielen

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Nieuwsbrief van de Werkgroep Monitoring - Stichting RAVON Nieuwsbrief nr. 19 is bestemd voor medewerkers van het Meetnet Reptielen"

Transcriptie

1 REGIOCOÖRDINATOREN DUINEN PWN NOORD HOLLLAND: Cees de Vries v. Oldenbarneveldweg KC Castricum Tel DUIN & KRUIDBERG: Ruud Luntz Duinlustweg AB Overveen Tel AMSTERDAMSE WATERLEIDINGDUINEN: Jan Tolner Vogelenzangseweg BA Vogelenzang Tel MEYENDEL/GOUDA Frans Hagedoorn Minnebroersgracht RW Leiden DZH EN COEPELDUYN Noël Aarts DZH Strandloper XZ Noordwijk DUINEN EILANDEN Annie Zuiderwijk, RAVON Postbus GT Amsterdam Tel OMGEVING AMSTERDAM: Martin Melchers Laplacestraat HS Amsterdam Tel FRIESLAND: Wim Andela Van Wageningenstraat CH Leeuwarden Tel DRENTHE en GRONINGEN: Dick van Dorp Domcapittel MH Beilen Tel TWENTE: Harry Koenhorst Fien de la Marstraat MB Hengelo Tel ACHTERHOEK: Jan Stronks Gen. Berenschotweg AK Winterswijk Tel VELUWE C. F. van de Bund Bosweg HM Bennekom Tel VELUWEZOOM Ronald de Boer Teteringenstr DC Arnhem Tel UTRECHT: Theo de Jong Rijnlaan GS Culemborg Tel NOORD BRABANT: Frans Kuenen Sleedoorn AL Cuijk LIMBURG: Vacant PERSONEEL NATUURMONUMENTEN: André Donker M.E. v.d. Meulenweg CC Frederiksoord FLEVOLAND Jeroen Reinhold Botter JP Lelystad Nieuwsbrief van de Werkgroep Monitoring - Stichting RAVON Nieuwsbrief nr. 19 is bestemd voor medewerkers van het Meetnet Reptielen Redactie Nieuwsbrief en Coördinatie Meetnet Reptielen Meetnet Reptielen: Aan deze nieuwsbrief werkten verder mee Annie Zuiderwijk Universiteit van Amsterdam Postbus GT Amsterdam Tel Fax Annie Zuiderwijk Axel Groenveld Gerard Smit Anton van Beek Ronald de Boer Frans van Erve Herman Feenstra Frans Hagedoorn Jelle Hofstra Ingo Janssen Peter Keijsers Han Meerman Peter Pfaff Arnold van Rijsewijk Richard Struijk Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 1

2 Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief Winter Nieuwsbrief nr 19 RAVON Werkgroep Monitoring WE BEVINDEN ONS IN DE DONKERE DAGEN VAN KERSTWENSEN EN KERSTPAKKETTEN Ik heb al drie pakketten en vele wensen. Fijn. Maar liever nog ontvang ik postpakketten met telformulieren. We wachten op gegevens van nog zo'n dertig ontbrekende locaties. Limburg en Noord Brabant zijn altijd laat en dat is dit jaar niet anders. Net als een deel van Drenthe. Van de 220 die al wel gekomen zijn, is alles ingetikt. Dat was wederom een leuke klus. Dikwijls mooie begeleidende teksten. Jullie vindt er een aantal in deze Nieuwsbrief terug. We hebben een belofte ingelost door aandacht te geven aan de levendbarende hagedis. Surf naar pagina 17 en 18 waar een aantal gerenommeerde trajectlopers wetenswaardigheden vertellen over deze soort op hun traject. Een item dat regelmatig aan bod komt is de invloed van het weer op de kans om reptielen tegen te komen. Han Meerman heeft het hierover in verband met de zandhagedis op zijn traject, en Peter Pfaff naar aanleiding van opmerkelijke waarnemingen van adders en gladde slangen. De meeste aandacht in deze Nieuwsbrief gaat uit naar onze geheimzinnige gladde slang. Er zijn uiterst informatieve bijdragen uit zowel het noorden als het zuiden van het land, respectievelijk van Herman Feenstra vanuit het Fochtelooërveen en Peter Keijsers vanuit de Deurnsche Peel. Hier zijn we heel blij mee en mede aan de hand van genoemde bijdragen bouwen we aan een nieuwe methodiek om de gladde slang te kunnen monitoren. Het onderwerp begint op deze bladzijde en loopt door, dankzij de vele mooie foto's, tot en met blz. 8. Het is een dikke Nieuwsbrief geworden, een kerstpakket. (AZ) Nieuwe methoden voor monitoren hazelworm en gladde slang Zomermaanden meer geschikt? Monitoren van gladde slang en hazelworm lukt niet. De een gladde slang is te zeldzaam in Nederland; de ander hazelworm heeft een te grillig activiteitspatroon waardoor tellen niet lukt. Dit zeggen we al jaren maar tegelijkertijd zoeken we ook al die tijd naar een oplossing om deze soorten toch te kunnen volgen, eventueel via andere methoden. De methode die we gebruiken die wel succesvol is voor ringslang, adder, levendbarende hagedis en zandhagedis werkt met de trajecttellingen van maart tot en met juli. De resultaten van deze maanden zijn relatief stabiel en worden gebruikt voor de trendanalyses. We beginnen er achter te komen dat voor gladde slang en hazelworm de voorjaarsmaanden onvoldoende informatie geven, en dat voor deze soorten de zomermaanden, juli en augustus, geschikter zijn om informatie over aantallen te verzamelen. Inhoud Nieuwsbrief nr. 19 pag. Gladde slang: monitoren 2 Gladde slang: Fochtelooërveen 3 Gladde slang: Deurnsche Peel 7 Gladde slang: de toekomst 8 Vragen van een monitoorder 9 Zandhagedissen op Voorne 11 Ringslang bereikt Oeverlanden 11 Vos plundert hagedissennest 12 Ringslangbroeihopen 13 Zandhagedissen op een eiland 15 Levendbarende hagedissen 17 Vroeg en laat 19 discussie In de discussie over een nieuwe aanpak voor de gladde slang speelt een artikel van Herman Feenstra over de gladde slang in het Fochtelooërveen een belangrijke rol, alsmede de resultaten van Peter Keijsers die twee gladde slangtrajecten in de Deurnsche Peel bemant. Twee gebieden, één in Noorden één in Zuid-Nederland, waar nog grote populaties gladde slangen voorkomen. Verder spelen uiteraard de gegevens een rol die we tot nog toe voor het meetnet binnenkregen. Dit alles komt in het hiervolgende aan bod. We beginnen met een zeer beeldend verslag over gladde slangen in het Fochtelooërveen. Waarna een overzicht van de waarnemingen van Peter Keijsers. Vervolgens overzichten uit onze databestanden. We proberen uit dit alles enkele conclusies te trekken. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 2

3 Veel gladde slangen in het Fochtelooërveen Herman Feenstra over waarnemen Door jaren naar gladde slangen te kijken heeft de auteur een beeld gekregen over waar en wanneer deze soort gezien kan worden. Met integraal tellen in het Fochtelooërveen is ook duidelijk geworden op welke plaatsen de dieren zich graag ophouden. Deze en meer zaken komen in het volgende stuk aan de orde. Gladde slang in typische houding, Fochtelooërveen. Foto: Herman Feenstra gladde slang De gladde slang heeft een verborgen levenswijze, vandaar dat de kans om een gladde slang te zien erg klein is. Het is makkelijker om een adder te vinden of een ringslang. Dit geldt ook voor het Fochtelooërveen waar alle drie inheemse slangen voorkomen. Maar in het najaar keren de kansen. Vooral na een koele zomer zijn in september vaak veel gladde slangen te zien. Het meest frappante van de gladde slang vind ik wel de rust die het dier uitstraalt. Regelmatig kom je een opgerold dier tegen die dan blijft liggen. Vaak in een typische houding met de kop enigszins onder het lichaam (zie foto). Op korte afstand kun je ze goed bekijken zonder dat ze te kennen geven er vandoor te gaan. Bij ringslangen krijg je vaak niet eens de kans om ze goed te bekijken. Adders reageren rustiger maar gaan er uiteindelijk ook vandoor. hoge droge plaatsen Gladde slangen hebben een duidelijke voorkeur voor steile hellinkjes op het zuiden. Droge, hoge plaatsen zijn het meest in trek. Op plaatsen waar meerdere gladde slangen bijeen worden gezien ligt op korte afstand altijd open gebied, heide of pijpenstro. Gladde slangen houden van dichte pijpenstrootje vegetatie en al of niet vergraste heide. Kraaiheide geniet de voorkeur, vermoedelijk vanwege de dichte structuur. En meestal zijn er verspreid staande struiken of bomen te vinden. Geheel vergraste, of verboste delen worden op den duur gemeden. De geschetste voorkeur bepaalt in grote lijn de verspreiding in het veengebied. ovovivipaar De gladde slang is ovovivipaar, dat wil zeggen dat de bevruchte eieren zich in het moederlichaam ontwikkelen en de jongen er bij de geboorte uitkruipen. Dat gebeurt in augustus of september en soms pas in oktober. Jongen van de gladde slang zijn zo groot als een flinke regenworm, met een blauwgrijs Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 3

4 Kluwe pasgeboren jonge gladde slangen Fochtelooërveen. Foto: Herman Feenstra uiterlijk en stippen erop; een enkele keer zie je slangetjes waarbij de stippen overgaan in strepen. De onderkant is zalmkleurig. Vaak liggen de kleintjes in elkaar verstrengeld. Een kluwe jonge gladde slangen is een prachtig gezicht. de gladde-slang-techniek Zodra het weer in augustus geschikt lijkt, wordt een aantal locaties steeds bezocht. Licht bewolkte dagen met een temperatuur om en nabij de 18 Cº zijn ideaal. De stralen van de zon, gefilterd door de wolken bereiken het aardoppervlak wel, maar warmen de slangen mondjesmaat op, waardoor ze langer moeten blijven liggen en gemakkelijker gevonden worden. Ook een enkele bui verandert hier weinig aan. Het voordeel van dergelijke dagen is dat een groot deel van de dag gladde slangen te zien zijn. Vanaf half augustus gaat het er vooral om het begin van de jaarlijkse geboortegolf te signaleren. Zo gauw de eerste jongen gezien zijn is dat het sein om alle gladde slang plekken af te lopen. Midden in de geboortepiek blijk je namelijk veel waarnemingen te kunnen verzamelen en krijg je een beeld van de worpgrootte, het aantal slangetjes dat één vrouwtje gebaard heeft. zoekbeeld Door veel naar slangen te kijken werd in de loop der jaren een zoekbeeld ontwikkeld. Stapvoets wordt door het gebied gelopen, en op geschikte plaatsen wordt nauwkeurig gekeken. Op plaatsen waar een pasgeboren slang is gevonden wordt gestopt en gezocht naar broertjes en of zusjes. Meestal liggen de jongen vlak bij elkaar zodat het oppassen geblazen is waar de voet wordt geplaatst. Aangenomen wordt dat jongen die gevonden worden binnen een straal van één meter tot dezelfde worp behoren. Enkele weken na de geboorte liggen de jongen meestal al meer verspreid en worden moeilijker teruggevonden. koele zomers en worpgrootte Vanaf 1996 tot en met 2000 zijn de jonge gladde slangen geboren tussen eind augustus en half oktober. Dit is afhankelijk van de zonneschijn en de temperatuur in de voorgaande zomermaanden. Worden de jongen al in augustus geboren dan is de periode dat kluwen jonge slangen gezien kunnen worden kort, want de jonkies groeien snel door het warme weer en gaan dan uit elkaar. Dit gebeurde zowel in 1997 als in 1999, beide relatief warme zomers. Na een koele zomer worden de jongen later geboren, maar ook moeten de vrouwtjes vlak voor de bevalling meer zonnen waardoor ze vaker worden gezien. Koele zomers hebben dan ook tot gevolg dat er in augustus ineens grote aantallen volwassen gladde slangen worden opgemerkt. Dat zijn dan zwangere vrouwtjes. Dit gebeurde in 1998 en ook in Als dan tenslotte de jongen geboren worden en het blijft koel, dan is er gelegenheid Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 4

5 om naar de worpgroottes te kijken. In 1998 zijn zo op 28 locaties jongen geteld met een gemiddelde van 6,2 per worp, in 2000 werden er 32 geteld met een gemiddelde van 5,75 per worp (zie tabel). In een straal van een meter werden minimaal twee tot maximaal dertien jongen geteld. kwetsbare jongen op vaste locaties Op enkele meters, en soms maar decimeters vanaf de wandelpaden die door het gebied lopen liggen jaar op jaar de jongen. In 2000 heb ik er zelfs gevonden jongen stierf 30 % in de periode 20 oktober tot 20 november. Wateroverlast, afwezigheid van geschikte holtes om in weg te kruipen en de vorst die vroeg inviel speelden mede een rol. Het is anders wanneer de jongen al in augustus worden geboren (1997 en 1999). Dan zie je al heel snel losse slangetjes. Een warme septembermaand werkt fantastisch uit op de kleintjes. In 1999 en 2000 was de septembermaand goed en zagen de kleintjes er goed doorvoed uit. Kluwe jonge gladde slangen, 13 kopjes zijn te tellen. Foto: Arnold van Rijsewijk, Kalmthoutse Heide zes van een houten vlonderpad afgehaald omdat deze anders vermoedelijk geplet zouden worden. Kluwen in elkaar verstrengelde jongen, op een kale ondergrond zijn zeer kwetsbaar. In koele jaren zijn de kleintjes nog kwetsbaarder omdat ze dan tot weken achtereen op exact dezelfde plaats liggen. In 1998 heb ik een aantal locaties in de gaten gehouden waar zwangere vrouwtjes waren gezien. Laat, in september en oktober zijn toen de jongen geboren. Door het slechte weer bleven de jonge slangetjes in kluwen of lagen op heel korte afstand van elkaar. Tot weken achtereen werden de slangen op exact dezelfde plek teruggevonden, soms tot op de centimeter nauwkeurig. Een flink deel van de laat geboren jongen bleef miezerig klein en van 55 temperatuur speelt uiterst belangrijke rol Wanneer de temperatuur voor de jonggeborenen tot boven de 20 Cº oploopt verdwijnen de slangetjes uit beeld. Soms komen ze s avonds weer op dezelfde plekken om de laatste zonnestralen op te vangen. In 1997 en 1999 waren de jongen al in augustus geboren, het was tamelijk warm en de jongen bleven maar kort bij elkaar. De kans op het treffen van de kleintjes was daardoor gering en de worpgrootte was bijna niet vast te stellen. De temperatuur in augustus en september speelt dus een belangrijke rol. In 2000 zijn de eerste jongen op 2 september gezien. De temperatuur was in september 2000 gunstig en de kleintjes groeiden als kool, net als in 1999 toen Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 5

6 september ook warm was. Een groot aantal jongen is na korte tijd al niet meer teruggevonden en een aantal van de terug gevonden diertjes was duidelijk gegroeid. Over de afgelopen vier jaar was alleen 1998 een slecht geboortejaar, omdat de slangetjes laat geboren werden en de maanden september en oktober ook nog koud waren. over de worpgrootte De omstandigheden in 1998 en 2000 waren geschikt om de worpgroottes van de Gladde slang te bepalen Worpgrootte juvenielen 4x 1x 3 juvenielen 4x 2x 4 juvenielen 2x 4x 5 juvenielen 3x 9x 6 juvenielen 1x 5x 7 juvenielen 3x 4x 8 juvenielen 4x 6x 9 juvenielen 3x 1x 10 juvenielen 2x 11 juvenielen 1x 13 juvenielen 1x Totaal 28 worpen 32 worpen Gemiddeld 6,2 jongen 5,8 jongen In 1998 en 2000 zijn worpen gevonden bestaande uit 2 tot 13 jongen. Gemiddeld werden in 1998 en juvenielen per worp geteld (n=60). Tijdens een studie in de Hamert telden Strijbosch & van Gelder (1993) 2-12 juvenielen, met een gemiddelde van 7,6 (n=14). In Engeland werd van 27 worpen een gemiddelde berekend van 5,25 jongen (Spellerberg & Phelps, 1977). tot slot Het Fochtelooërveen is een groot aaneengesloten gebied dat wordt doorsneden door slechts enkele fietspaden en een paar wandelpaden. De rust in het gebied is enorm belangrijk voor reptielen. Te veel paden heeft een negatieve invloed aangezien vrouwtjes van de gladde slang hun jongen op droge, hoge plaatsen deponeren, vaak plaatsen die ook door de wandelaar worden gebruikt. In koele zomers, wanneer de jongen ook nog na half september tot in oktober worden geboren is de kans groot dat ze worden vertrapt. Ook volwassen gladde slangen blijven vaak rustig liggen vertrouwend op hun camouflage. Referenties - Feenstra H Reptielen en amfibieën in het Fochteloërveen Rapport in eigen beheer. - Spellerberg, I.F. & T.E. Phelps, Biology, general ecology and behaviour of the snake, Coronella austriaca Laurenti. Biol. J. Linn. Soc. 9: Strijbosch H. & J.J. van Gelder, Ökologie und Biologie der Schlingnatter, Coronella austriaca Laurenti 1768 in den Niederlande Mertensiella 3: Gladde slang op de Kalmthoutse Heide. Foto: Arnold van Rijsewijk Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 6

7 Veel gladde slangen in de Deurnsche Peel PETER KEIJSERS Peter Keijsers struint bijna dagelijks door de Deurnsche Peel, altijd met een nieuwsgierig oog naar de gladde slang. Sinds drie jaar telt hij gladde slangen op twee trajecten voor het Meetnet Reptielen. De bijgaande kalender geeft een overzicht van zijn bevindingen op die twee trajecten. Peter ziet gladde slangen niet eerder dan in mei. Vaak zijn de eerste dieren mannetjes en vanaf eind mei ziet hij bijna uitsluitend vrouwtjes. Het zijn "zwangere vrouwtjes in hun zomerbiotoop". A P R I L M E I J U N I J U L I A U G U S T U S S E P T E M B E R O K T In april worden nog geen gladde slangen waargenomen. Ook niet als de weersomstandigheden prima zijn, dus: bewolkt of halfbewolkt broeierig weer, weinig wind Af en toe worden wel levendbarende hagedissen gezien In mei worden de eerste gladde slangen van het jaar gezien. In 2000 was dat op 7 mei: twee mannetjes. In 1999 op 15 mei, in 1998 op 16 mei: drie stuks. Vanaf eind mei worden nog uitsluitend vrouwtjes waargenomen. In juni worden geregeld gladde slangen gezien, bij gunstig weer. Het zijn altijd zwangere vrouwtjes die vaak vlakbij elkaar liggen. Goede plekken zijn altijd het eerst bezet, en niet altijd door dezelfde vrouwtjes. Als de een er niet is gaat de ander er liggen. Een goede dag was 6 juni 1999, met 19 vrouwtjes. Het was halfbewolkt, 14 graden, windkracht 4 ZW In de maand juli wordt meestal de topscore van het jaar gehaald. In 2000 was dat op 1 juli: 34 vrouwtjes Het was toen windstil, 18 C en geheel bewolkt In 1999 werden 30 vrouwtjes waargenomen op 23 juli Na enkele regendagen was het droog, 18 C en halfbewolkt. Vaak worden ook in augustus grote aantallen vrouwtjes gezien, met name de laatste weken voor het jongen. Op 29 augustus 1998 werden 34 zwangere vrouwen gevonden. De eerste jonkies werden dat jaar op 18 september aangetroffen. In 1999 werden 25 zwangere vrouwen op 14 augustus gezien, de eerste jonkies werden toen op 3 september waargenomen. September is de maand dat de meeste jongen geboren worden. Niet alle vrouwen baren tegelijk. Dat heeft te maken met de plek waar ze de zomer doorgebrachten, hoe de temperatuur daar was. Vrouwtjes die gebaard hebben verdwijnen uit beeld. De eerste week van september worden jonkies gezien, en ook vrouwtjes die nog moeten baren. Op 29 september in 1998 waren drie vrouwen nog zwanger. Soms duikt een mannetje op. Het lijkt of er dan gepaard wordt. Jongen die pas in oktober geboren worden hebben weinig levenskansen. zwangere vrouwtjes Waarschijnlijk krijgen vrouwtjes in Nederland één keer per 2 jaar jongen. We gaan er vanuit dat er ongeveer evenveel mannetjes als vrouwtjes in de Deurnsche Peel leven. Als je dan alleen zwangere vrouwtjes ziet, volg je in feite maar een kwart van de slangen die er zijn. Toch levert het tellen van zwangere vrouwen, althans in de Deurnsche Peel, zulke hoge aantallen op dat die groep zich leent voor het volgen van de aantalsontwikkeling. Het tellen van jonkies levert soms ook heel hoge aantallen op. Maar die aantallen zijn erg variabel en de jongen zijn niet elk jaar even goed waar te nemen. Voor het monitoren van zwangere vrouwtjes moeten we ons dus richten op het zomerbiotoop en de maanden dat de meeste zwangere vrouwtjes zich laten betrappen: juli en augustus. zomerbiotoop In de Deurnsche Peel ziet het zomerbiotoop eruit als banen ofwel zandpaden; oorspronkelijk zijn het kades, die (waarschijnlijk begin vorige eeuw) aangelegd zijn met puin. Er loopt een onverharde weg over en een fietspad ernaast dat wel verhard is. Aan de ene kant vinden we een greppel en daarachter heide en varens; aan de andere kant dichte begroeiing van hoge pijpenstro en struweelopslag van wilg en berk. Dit zomerbiotoop lijkt wel op de beschrijving die gegeven wordt voor het Fochtelooërveen. De gladde slangen zonnen -meestal als de zon niet schijnt- aan de kanten van de weg. Er zijn beslist favoriete plekjes die altijd het eerst bezet zijn. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 7

8 100% 80% 60% 40% 20% 0% mrt 33 apr 77 Discussie monitoren gladde slang Herman Feenstra laat zich bij het zoeken naar gladde slangen leiden door zwangere vrouwen vlak voor het werpen, en de jonkies al of niet in kluwen. Hij maakt gebruik van de omstandigheid dat vrouwtjes in augustus samenscholen op de plek waar ze twee of drie weken later gaan werpen. Peter Keijsers telt het hele jaar door en piekt in juli/augustus. Uit de gegevens van Feenstra en van Keijsers blijkt dat de jongen geboren worden op de hoger gelegen terreingedeelten, de zogenoemde kades, of dijken of banen of paden. En dat dit onderdeel is van het zomerbiotoop. Gladde slang rondes zonder Gladde slang rondes met Gladde slang mei 122 jun 96 jul 46 aug 84 aantal rondes per maand Adder rondes zonder Adder rondes met Adder sep 111 waarnemingskans We hebben ook de gladde slanggegevens, van de laatste vier jaren, uit het Meetnet Reptielen, in tabellen uitgezet. We laten daarmee zien hoe groot de kans is om gladde slangen te zien te krijgen, als je tenminste een traject loopt waar gladde slangen voorkomen (eerste tabel). We vergelijken dat met de gegevens die we hebben van addertrajecten. Op de horizontale as staan de aantallen gelopen rondes aangegeven onder de maanden. (Daarmee kun je opmerken dat de oktobergegevens minder zwaar gewogen moeten worden, bij allebeide soorten omdat er in die maanden sporadisch gelopen wordt. Maar dit terzijde). Beide tabelletjes laten aan duidelijkheid niets te wensen over: de waarnemingskans voor beide soorten zijn heel verschillend. In maart en april, als de kansen om gladde slangen te zien nihil zijn, is de waarnemingskans voor de adder het grootst! conclusie 100% We zullen voor de gladde slang de trendberekeningen anders gaan uitvoeren. Waarschijnlijk leveren de 80% waarnemingen aan volwassen dieren, in de maanden juli en augustus, de beste resultaten op. We zullen dit uiteraard 60% nog testen met de gegevens die we hebben. De mensen die de gladde slang in hun traject hebben zullen we vragen om, speciaal voor deze soort, twee 40% keer in juli en twee keer in augustus te lopen, onder gunstige weersomstandigheden. Dat wil 20% zeggen: liefst wat drukkend niet te warm weer, 20 C of minder, half of geheel bewolkt. Betrokkenen krijgen 0% persoonlijk bericht voor het nieuwe seizoen; ook de handleiding zal worden mrt apr mei jun jul aug sep okt aangepast. Dit wil niet zeggen dat de discussie hiermee gesloten is! Reageer aantal rondes per maand als je hierover iets kwijt wilt. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 8 okt 12

9 In het volgende verhaal vraag Peter Pfaff zich af of het monitoren van reptielen wel objectief uitgevoerd kan worden. Het verhaal gaat over waarnemingskans, invloed van het weer daarop, en optimale condities die voor verschillende soorten niet overeen hoeven te komen. Het stuk is voor iedereen interessant, mede omdat op het traject adders, gladde slangen, levendbarende hagedissen, zandhagedissen en hazelwormen voorkomen. Ervaringen met monitoring PETER PFAFF VRAAGT ZICH AF HOE OBJECTIEF MONITORING IS Vorig jaar ben ik begonnen met het monitoren van reptielen op een niet nader te benoemen heideterrein op de Noord-Veluwe. Het terrein bestaat uit een afwisseling van droge en natte heide, pollen pijpenstrootje en een aantal min of meer recent afgeplagde stukken. Het terrein is tamelijk geaccidenteerd en heeft een oppervlakte van nog geen 25 ha. Dit jaar heb ik wat ervaringen opgedaan die ik graag met de lezers van deze nieuwsbrief wil delen. De beherende instantie vond monitoring van reptielen best waardevol. Enerzijds was dit naar mijn mening ingegeven door de vraag: welke soorten komen voor op dit terrein, anderzijds was daar de wens om toekomstige ingrepen af te stemmen op de feitelijke natuurwaarden. In het verleden waren er namelijk beheersmaatregelen uitgevoerd waar niet iedereen gelukkig mee was. De in verhouding tot het terrein tamelijk grootschalige plag-, maai- en kapwerkzaamheden riepen bij bezorgde natuurliefhebber vragen op. Toen ik in 1999 met monitoren begon was ik aanvankelijk sceptisch over het voorkomen van reptielen. Vorig jaar werden in totaal toch twee adders, vele levendbarende hagedissen, de heikikker, de hazelworm en de gewone pad gevonden, en dat viel mij in elk geval niet tegen. Bovendien blijft het in mijn ogen een voorrecht om met permissie van de beheerder door zo n mooi natuurterrein te mogen struinen. Niet alleen de reptielen maar ook het rijke insectenleven, de boeiende plantenwereld en de vogels om je heen maken het monitoren tot een puur genot. Dit jaar vond ik tot en met de 29 e augustus weer twee adders, wat minder levendbarende hagedissen dan vorig jaar, opnieuw de heikikker en bovendien de groene kikker. Woensdag Gladde slang op de Noord-Veluwe, gefotografeerd door Peter Pfaff in 2000 Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 9

10 30 augustus liep ik niet mijn vaste traject, maar liep ik met een collega tussen de middag nog even een rondje over het terrein. Om half 12 had het geregend maar 12 uur was het droog, nog wel vrijwel volledig bewolkt en ik schat ca. 20 graden. Binnen vijf minuten een adder is dan toch wel erg leuk. Binnen vijftien minuten vier adders is nog leuker. Maar in een uurtje negen adders en, let wel, twee gladde slangen maakte deze middag tot een waar herpetologenfeest. De gladde slang is blijkens de RAVON gegevens nooit eerder in deze omgeving aangetroffen!!! Een primeur voor dit terrein op de noord Veluwe dus, en voor mij en mijn collega een topdag Gladde slang seizoen 2000 Op donderdag 31 augustus loop ik voor de zesde keer dit seizoen mijn volledige monitoringroute. Ik score nu zes adders en weer 1 gladde slang. Vrijdag 1 september opnieuw zes adders en weer twee gladde slangen (zie bijgaande foto). En op die wijze volgden nog enkele dagen waardoor, aan het einde van dit tweede monitoringseizoen, heel wat mooie waarnemingen binnenkwamen. Ook de zandhagedis die ik nog niet eerder had gevonden in het terrein, heb ik een dezer dagen gevonden. Biotoop Vrijwel alle waarnemingen van Adder en Gladde slang zijn gedaan in een zandwalletje dat dicht begroeid is met pollen pijpenstrootje en dat een halve meter boven het omringende maaiveld uitsteekt. Het walletje zit vol met konijnenholen waar ik een enkele keer een verstoorde slang in zag wegglippen. Deze waarnemingen roepen bij mij heel wat vragen op Mijn vaste route loopt juist over het hierboven beschreven walletje maar nooit zag ik zoveel slangen, hoe kan dat? Heb ik eerder toch niet goed gekeken of zijn er andere factoren die een rol spelen? Vormt het zandwalletje met zijn konijnenholen een belangrijke overwinteringplaats? En trekken alle slangen uit de omgeving daarvoor eind augustus naar deze locatie? Zou dit vermoeden bevestigd worden als straks in maart / april diezelfde slangen hier weer liggen op te warmen om zich daarna door het gebied te verspreiden? Het aantal waarnemingen van slangen op deze locatie geeft de neiging juist hier veel meer oplettend te zijn dan elders in het gebied, extra langzaam te lopen en wat meer naar links en rechts uit te wijken. Uiteraard probeer ik selectief zoeken te vermijden, maar de vraag hoe objectief mijn monitoring is, dringt zich sterk op. Weersomstandigheden spelen blijkbaar ook een rol. Meestal loop ik mijn route bij iets warmer en zonniger weer. Ik zie dan veel meer hagedissen. Nu, bij wat koelere dagen en met een meer bedekte hemel, zie ik vrijwel alleen deze slangen en aanmerkelijk minder hagedissen. Kortom de leuke waarnemingen bij de afsluiting van dit seizoen roepen ook weer heel wat vragen op. Vragen die mij in elk geval weer meer dan voldoende stimuleren om ook volgend jaar weer aan de slag te gaan. Maart en april 2001, ik moet helaas nog een paar maanden wachten. Reacties op het bovenstaande verhaal graag via de redactie van de nieuwsbrief. Foto van het traject op de Noord-Veluwe waar adders en gladde slangen zamen voorkomen en drie soorten hagedissen. Foto: Peter Pfaff. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 10

11 Weer- en Leereffect op Voorne HAN MEERMAN is boswachter bij Natuurmonumenten in Voorne Kust (voorheen Voorne's Duin) en loopt daar sinds 1995 een traject. De aantallen zandhagedissen die hij ziet lopen op. En in 2000 had hij opnieuw meer zandhagedissen gezien dan het jaar ervoor. De vraag: is de zandhagedis op Voorne toegenomen of is Han beter gaan kijken? was gerechtvaardigd. Hijzelf zegt daarover: ik ben zeker beter gaan kijken maar vooral heb ik geleerd wanneer ik moet gaan kijken, tijdens welke weersomstandigheden. Ter illustratie: Op 22 september 1999 was ik aan het werk dichtbij mijn traject. Net als de dagen ervoor was het somber weer, maar die dag brak ineens de zon door en werd het snel warm en broeierig. Dit leken mij goede omstandigheden voor het waarnemen van hagedissen. Op een nabijgelegen helling telde ik zeven juvenieltjes in minder dan vijf minuten tijd. Helaas kon ik toen geen hele telronde lopen. Op 22 mei j.l. was er een soortgelijke weersomslag: een plotselinge doorbraak van de zon na dagenlang nat en koud weer. Ik haalde toen de hoogste score op m n traject tot nu toe: 18 zandhagedissen tijdens één ronde. Kennelijk is er grote behoefte bij de hagedissen om zich na slecht weer op te warmen. Het kan voorkomen dat zo n 30 minuten nadat de zon na lange tijd doorbreekt de hagedissen in ongewoon grote getale hun kop en lijf uit de vegetatie steken om zon te vangen; eerst de mannetjes, dan de vrouwtjes! Dit feest duurt niet erg lang! Na een uur alweer neemt het opzichtige zonnen af. Helaas, de werkzaamheden laten het niet altijd toe om bij ideale condities te tellen. Wil ik toch aan mijn aantal telronden komen dan moet ik ook monitoren op momenten dat de kans op waarnemingen klein is. Zoals op 17 augustus j.l. Het was lekker weer, zonnig en droog met een temperatuur van 19 C. Maar dat was het ook op de voorafgaande dagen! En inderdaad, hoe goed ik mijn best deed, ik zag géén hagedis, hoorde zelfs geen rítsel! Ringslang bereikt Oeverlanden Vereniging "De Oeverlanden Blijven" is al jaren betrokken bij het behoud van de oevers van de Nieuwe Meer in het Amsterdamse Bos. Hoewel deze oevers een geschikt habitat voor de ringslang vormen, schittert de ringslang door afwezigheid. Er zijn alleen enkele, vage, meldingen van zo'n vijftig jaar geleden. Op 2 augustus 2000 kwam hierin echter verandering; een ringslang van ongeveer 50 cm lengte, dus 'n derde of vierde jaars dier, werd toen waargenomen op de plek waar de Ringvaart en de Nieuwe Meer elkaar raken. Gaat de ringslang de Oeverlanden koloniseren? Dat is goed mogelijk want rond de Amstelveense Poel en in het aanliggende Amsterdamse Bos worden sinds enkele jaren speciaal voor de ringslang broeihopen opgeworpen om de voortplanting van de geïsoleerde ringslangpopulatie aldaar te garanderen. De afgelopen jaren zijn zo honderden kleine slangetjes deze populatie komen versterken, ook dit jaar weer zo'n 600 stuks. Het is dus heel goed mogelijk dat de broeihopen verantwoordelijk zijn voor de waarneming in de Oeverlanden. Hopelijk blijft het niet bij die ene waarneming en kunnen we volgend jaar melding maken van nog meer slangen in de Oeverlanden (en wellicht een nieuw traject). Interessant is in dit verband ook de eventuele kolonisatie van het Schinkelbos, een nieuw gedeelte van het Amsterdamse Bos. Mocht de ringslang ook hier regelmatig verschijnen dan lijkt deze strategie voor behoud van de ringslang wel degelijk te werken; aanleggen van broeihopen om zodoende de aanwas te optimaliseren. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 11

12 Vos plundert zandhagedissennest ANTON VAN BEEK loopt sinds 1999 het traject Holterheide op de Sallandse Heuvelrug, waar zandhagedissen, levendbarende hagedissen en hazelwormen samen voorkomen. Hij verraste ons met een schitterend rapportje met foto's en teksten over bijzondere waarnemingen. Anton vertelt: Zaterdag , uur: Het monitoren zit erop voor vandaag. Ik ga nog een kijkje nemen bij een zandplaat op een helling, waar ik al eens zandhagedissen gezien heb. In het zand staan prenten van een ree. Het is lekker warm. Dan zie ik de uitwerpselen van een vos. Op de Sallandse Heuvelrug groeit veel vossebes en de bessen zijn duidelijk in de uitwerpselen te zien. Een eindje verderop is een kuiltje gegraven. In het kuiltje en ook er omheen liggen tot mijn verbazing eieren van een zandhagedis. Helemaal verbaasd ben ik als uit een eitje zowaar het kopje van een hagedisje steekt (zie foto). Levenslustig wringt het diertje in het ei als ik het oppak. Normaal komen deze eieren onder de grond uit. Ik help het diertje en even later kruipt het vliegensvlug rond. Speciaal voor de foto heb ik de vossenkeutel naast de uitgegraven kuil gelegd. Deze lag op ruim een meter van het uitgegraven nest en was nog heel vers. De andere eitjes, een stuk of vijf, heb ik weer in het kuiltje gedeponeerd en toegedekt met zand. Conclusie: ik heb een vos gestoord die bezig was uitkomende eieren van een zandhagedis op te graven. Hagedissenkopje komt uit ei Vossendrol met vossebes Wie de nieuwsbrieven 1 en 2 nog heeft kan daarin lezen dat vossen zandhagedissen en eigeren van zandhagedissen vreten. Floor van de Vliet en ook studenten van de UvA hebben vossenkeutels uit de duinen uitgeplozen om hier achter te komen. Hierbij werd duidelijk dat vossen zowel versgelegde eieren uitgraven, als eieren die al langer in de grond zaten en dus verder ontwikkeld waren(red.). Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 12

13 Uit de broeihopen kruipt een nieuwe toekomst Ingo Janssen Zoals bekend leggen ringslangen graag hun eieren in broeihopen, die vaak speciaal voor dit doel zijn aangelegd. Op meerdere plaatsen worden deze broeihopen jaarlijks onderzocht op de aanwezigheid van eiresten. Gewapend met riek en schop graven vrijwilligers de broeihoop af op zoek naar eidoppen. Op de resten van de afgegraven broeihoop wordt vaak een nieuwe broeihoop aangelegd. De eidoppen zijn meestal duidelijk herkenbaar, ze zijn vuilwit/bruin, 1 cm lang en liggen in groepjes bijeen. Naast afzonderlijke legsels (10-30 eieren) worden ook congregaties van legsels gevonden, in dat geval gaat het om honderden eieren. Naast eidoppen worden bij zo'n onderzoek ook padden, kikkers, salamanders, ringslangen, muizen etc. gevonden. Er bestaan uiteraard verschillende typen broeihopen, van de speciale ringslang-broeihoop tot de eenvoudige riethoop. Het is interessant na te gaan in hoeverre het type broeihoop invloed heeft op het percentage uitgekomen slangetjes. We hebben gegevens uit Loenderveen en omgeving Amsterdam. De resultaten van deze onderzoekjes staan vermeld in de tabel. De broeihoop bij Boerderij Zeehoeve (PEN- Eiland) wordt omgezet, 1025 eidoppen werden aangetroffen, Foto Pieter de Wijer, Oktober 2000 gebied aantal aantal percentage soort hoop eidoppen uitgekomen Loenderveen Zeer groot (>200 m 2 ), gemaakt van maaisel/afval PEN-eiland Speciale ringslang-broeihoop PEN-eiland jaar oude riethopen Amsterdamse Bos Speciale ringslang-broeihoop Amstelveense Poel Speciale ringslang-broeihoop Diemen Spoordriehoek Kleine hoop in compostbak Diemerzeedijk Speciale ringslang-broeihoop met weinig broei IJdoorn Speciale ringslang-broeihoop Geteld in 2000: Uit de tabel blijkt dat dit jaar in de broeihoop hier zo immens dat slechts omgeving van Amsterdam duizenden een fractie ervan is onderzocht. Er jonge slangetjes uit hun ei zijn zullen dus ook hier veel meer jonge gekropen. Daarbij moet je ook nog de slangetjes bij zijn gekomen. slangetjes optellen die elders zijn De broeihoop bij IJdoorn is vertrapt geboren. Ook bij Loenderveen kan er door koeien, iets wat in de toekomst gesproken worden van een flinke voorkomen kan worden door de hoop aanwas, want hoewel hier duidelijk op een andere plek te bouwen. De minder eidoppen zijn gevonden was de speciale broeihopen op de Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 13

14 Diemerzeedijk waren overvol met als gevolg dat de buitenste eieren veelal niet uitkwamen. Wellicht dat de komende jaren duidelijk kan worden welk type broeihoop het succesvolst is. Dit is voor alle ringslangpopulaties van belang want hoe hoger het percentage uitgekomen eieren hoe groter de aanwas. En juist die aanwas is voor alle ringslangpopulaties van belang. Het succes rond de Amstelveense Poel illustreert het belang van broeihopen voor de ringslang (lees ook elders in deze Nieuwsbrief). Lezers die zelf een broeihoop willen aanleggen verwijs ik naar het artikel van Martin Melchers, Hein Koningen en Remco Daalder in Natura 1999(2). De hierin beschreven broeihoop (eenderde blad, eenderde paardenmest met stro en eenderde haksel en takken) is rond Amsterdam inmiddels wijd verbreid en zoals uit bovenstaande blijkt niet zonder succes. Diegenen onder jullie die komend jaar ook een broeihoop willen onderzoeken doen dit het beste in oktober, alle eieren zijn dan uitgekomen en eventueel, in de hoop aanwezige slangen zijn nog niet in winterslaap. Je krijgt op deze manier inzicht in het voortplantingssucces van de ringslang. Bovendien levert het aanvullende informatie op over de herpetofauna in het betreffende gebied; zo vond ik dit najaar in Loenderveen twee kleine watersalamanders in een broeihoop, een soort die ik daarvoor nog niet in het gebied had waargenomen!. Tenslotte is het onderzoeken van een broeihoop een gezellige afsluiter van het veldseizoen waarbij menige weddenschap kan worden afgesloten! Ringslangeieren in ontwikkeling, broeihoop Diemerzeedijk. Foto Pieter de Wijer, juli Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 14

15 Uitstapje naar het Forteiland bij IJmuiden Op 20 juli 2000 zijn we met een groepje reptielen monitoorders op excursie geweest naar het Pantserfort IJmuiden. Het doel van de excursie betrof een kunstexpositie. Ons heimelijke doel was anders, namelijk uit te vinden of er zandhagedissen op het mini-eiland voorkomen. Het gezelschap staat op de foto, Achterste linie van links naar rechts: Ingo Janssen, Axel Groenveld, Pieter de Wijer; half zittend Annie Zuiderwijk;, rechtsvoor Frans Hagedoorn. geschiedenis Het Forteiland is een, in de monding van het Noordzeekanaal gelegen, verdedigingswerk dat in 1884 werd afgebouwd. Het fort was toen nog geen eiland maar lag op een landtong aan de noordkant van de monding. Toen in 1929 het Noorderbuitenkanaal werd aangelegd kwam het Fort IJmuiden op een eiland te liggen. Na de tweede wereldoorlog, waarin het fort onderdeel uitmaakte van de Duitse Antlantikwall, is het fort in verval geraakt. Momenteel wordt het nog gebruikt ten behoeve van veiligheidsen managementtrainingen van een maritiem opleidingsinstituut. uit de kunst Het Forteiland stond al een tijdje op ons verlanglijstje voor een bezoek. Vanaf de wal ziet het eiland eruit als een miniatuur duinlandschapje. En omdat het gelegen is tussen twee leefgebieden van zandhagedissen in, de duinen van Noord-Kennemerland en van Zuid-Kennemerland, waren we erg benieuwd of er zich ook hagedissen op het eiland bevonden. Helaas is het eiland niet voor publiek toegankelijk en daar bleef het dus bij. Totdat in de zomer van 2000 een kunstenaarsgezelschap van Kunst en Cultuur Noord-Holland, ook hun oog op het fort hadden laten vallen voor een kunstexpositie. De expositie was voor het publiek met een boot bereikbaar. En dus togen wij op de boot, tussen de kunstliefhebbers, met hooggespannen verwachtingen. Naarmate de boot dichterbij het eiland kwam werden de verwachtingen al wat minder hooggespannen. Zo op het eerste gezicht was alles nogal vergrast terwijl struweel en open zand vrijwel ontbraken. Maar de zon scheen en er was een frisse bries vanuit zee: zo op het eerste gezicht ideale omstandigheden voor het zien van hagedissen. Na een uurtje zoeken begonnen we de moed op te geven: nog geen hagedis gezien en ook maar weinig geschikte plekjes. Terwijl een gedeelte van ons groepje uit armoede Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 15

16 toch maar eens de kunst ging aanschouwen (overigens beste de moeite waard) gingen enkelen nog stug door. En met succes! een zwanger vrouwtje Frans vond een vrouwtje zandhagedis al zonnend op een kaal zandplekje, tegen één van de bunkers aan. Het was een jong vrouwtje, wat nog eitjes in zich had. Het fanatisme en enthousiasme in onze groep was weer opgelaaid. En na het nemen van enkele foto s van het dier togen we op zoek naar nog meer dieren. Uiteindelijk vond Annie nog één vrouwtje vlak naast de vindplaats van het andere dier. Meer mocht het helaas niet worden. Het was inmiddels tijd om de boot terug te nemen. isolatie Als er twee vrouwtjes zitten, waarvan één nog zwanger ook, dan zijn er meer dieren. Erg veel zullen dat er overigens niet zijn, gezien onze zoekintensiteit en de beperkte aanwezigheid van geschikt leefgebied. Navraag bij enige medewerkers leerde dat ook zij wel eens hagedissen zagen. Dat houdt dus in dat deze dieren zich al 71 jaar op een eiland van zo n 5,5 hectare staande hebben weten te houden. Dat zijn vele generaties zandhagedissen! Het is natuurlijk mogelijk dat er gedurende die periode vers bloed is aangevoerd met materiaal van de wal. Maar gezien de beperkte toegankelijkheid van het fort lijkt het onwaarschijnlijk dat deze dieren hier recent zijn losgelaten. Natuurlijke kolonisatie vanaf de wal lijkt uitgesloten, gezien de golven op het diepe en brakke Noordzeekanaalwater en de zeer beperkte zwemcapaciteiten van de zandhagedis. Dit alles betekent dat we hier met een sterk geïsoleerde populatie te maken hebben. Ruigenhoek Hoewel het Forteiland wel een hele bijzondere situatie is, zijn er natuurlijk nog veel meer van dat soort minipopulaties zandhagedissen. Een ander voorbeeld is het duingebiedje Ruigenhoek. Dit kleine gebiedje bij Noordwijkerhout kwam onlangs in het nieuws vanwege de bouwplannen van een projectontwikkelaar. Op verzoek van stichting Duinbehoud zijn we met een aantal mensen daar wezen kijken in hoeverre Ruigenhoek nog leefgebied is voor de zandhagedis. Tijdens twee excursies in het gebied, zo'n drie uur zoeken, werden in totaal vijf volwassen dieren, vier subadulten en twaalf pasgeboren zandhagedisjes gezien. Genoeg redenen voor het ministerie van LNV om voorlopig geen bouwvergunning te verstrekken. bollenvelden Ook dit stukje duingebied ligt geïsoleerd. Het is aan twee kanten omgeven door bollenvelden. De oostkant grenst aan een intensief bereden provinciale weg. De vierde zijde is door een flinke strook bos en een brede drukke weg gescheiden van een groot duingebied waar meer hagedissen leven. populatieonderzoek Soms weten dit soort kleine geïsoleerde groepjes zandhagedissen lang stand te houden. Maar verwacht wordt dat uiteindelijk inteelt en rampspoed dergelijke kleine populaties zullen wegvagen. Dat maakt beide bovengenoemde minipopulaties natuurlijk wel bijzonder interessante studieobjecten voor populatieonderzoek. De afdeling Herpetologie van de Universiteit van Amsterdam is dan ook van plan om volgend jaar populatieparameters van deze twee populaties te gaan vergelijken met andere zeer geïsoleerde populaties en de nabij gelegen grotere populaties. Dit zal worden aangevuld met een genetisch onderzoek. Hopelijk leest u hier meer over in één van de volgende nieuwsbrieven. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 16

17 Levendbarende hagedis in de schijnwerpers De levendbarende hagedis is het meest algemeen voorkomende reptiel in Nederland. Hij komt verspreid over een groot deel van het land voor in veel verschillende typen terreinen. Vorig jaar bleek uit de resultaten van het Meetnet Reptielen dat de soort er toch wat minder rooskleurig voorstond. Geleidelijk aan nam het aantal waargenomen dieren op de trajecten af. Genoeg aanleiding om hier aandacht aan te besteden. Wij zijn eens bij enkele 'ouden rotten' in het vak gaan vragen naar hun ideeën over: de achteruitgang van de levenbarende hagedis, het terreinbeheer en hoe je ze het beste kunt vinden. JELLE HOFSTRA Lippenhuisterheide(Fr), sinds 1990: "Op de Lippenhuisterheide is sprake van een bijzondere situatie doordat in de winter van 1999 de waterstand in het gebied in één klap flink is gestegen. Hierdoor zijn veel dieren waarschijnlijk in hun winterslaap door het water overvallen en verdronken. Want ik zie zowel adders, als levenbarende hagedissen momenteel minder dan in de voorgaande jaren. Ik heb de indruk dat in de overige heidegebieden in de omgeving van Gorredijk de stand van de levendbarende hagedis niet noemenswaardig is veranderd. Maar hier kijk ik natuurlijk ook niet zo systematisch als op mijn eigen traject. Op het traject vind ik de levenbarende hagedis vrijwel uitsluitend bovenop grote pollen pijpenstrootje. Begrazing lijkt me dan ook slecht voor deze soort, omdat daarbij juist de bovenkant van die pollen door de koeien wordt kaalgevreten. Qua waarnemingsomstandigheden is de levendbarende hagedis vaak bij iets hogere temperaturen actief dan de adders en ringslangen die hier in het gebied voorkomen. Voor die kleine hagedissen is vooral de wind belangrijk, het moet echt windstil zijn." RONALD DE BOER Veluwezoom (Gld), sinds 1991: "Op de Veluwezoom is het verdwijnen van de levendbarende hagedis echt erg lokaal en makkelijk te verklaren door het plaatselijk dichtgroeien van het biotoop. De meeste levendbarende hagedissen zijn te vinden in de bermen van paden, daar waar tussen het zandpad en de bosrand nog een strook oude heide groeit, met her en der verspreid wat opslag, braamstruweel en rommel, in de vorm van dood hout en dergelijke. Als de opslag niet wordt teruggezet groeien dit soort randjes snel dicht waardoor er teveel schaduw is. Maar ik heb meer het idee dat dit een natuurlijk dynamisch proces is waarbij de hagedissen een sterke voorkeur hebben voor een bepaald stadium van successie in het terrein, en de dieren zich dus in de loop der jaren door het terrein heen verplaatsen. Qua beheer zou het af en toe terugzetten van de opslag in dergelijke bermen erg positief uitpakken voor de levendbarende hagedis. Waarbij het de voorkeur heeft om her en der wat van het dode hout te laten liggen. Daar maken de hagedissen graag gebruik van als uitkijkplaats; een zonneplateau. Qua waarnemingsomstandigheden is de levendbarende hagedis eigenlijk een standaardreptiel. Vooral de voorjaarszonnetjes willen nog wel eens grote aantallen actieve mannetjes opleveren die op zoek zijn naar een partner." FRANS VAN ERVE Kampina (NBr), sinds 1995: "De levendbarende hagedis is het enige reptiel op Kampina. Op mijn traject daar heeft hij curieuze ontwikkelingen doorgemaakt. Toen ik begon in 1995 zag ik echt enorme aantallen dieren, gemiddeld zo'n 50 per bezoek. In de daarop volgende jaren werd het geleidelijk aan steeds minder, en nu dit jaar lijken ze weer in de lift te zitten. Over de oorzaak hiervan heb ik al vaak mijn gedacht laten gaan, maar ik kom er niet echt uit. Het gehele gebied wordt begraasd met koeien en paarden, en als gevolg van hun vraat is het biotoop wel veranderd. Maar die grazers zijn er nog steeds, en toch zie ik dit jaar weer wat meer hagedissen. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 17

18 Mijn traject bestaat uit de bermen van dieren in te vinden zijn. Maar er is ook de rechte zandpaden die door het een bijkomend nadelig verschijnsel. gebied heen lopen. Langs die paden Zoals op zoveel heideterreinen het geval liggen veelal greppels en slootjes is mag het plagsel niet uit het terrein waarbij de begroeiing bestaat uit worden afgevoerd vanwege struikheide en pijpenstrootje verontreinigingen. Vaak wordt er afgewisseld met struikjes en opslag van daardoor voor gekozen om dit materiaal bomen. Zolang deze struikjes geen bos in het terrein zelf op te slaan. Op gaan vormen gaat dit goed. Omdat het Kampina is het een aantal keren gebied voor een zeer groot deel uit voorgekomen dat met dit plagsel de natte heide bestaat, geven ook de greppels in het terrein zijn dichtgestort. koeien in het gebied sterk de voorkeur Juist die greppels zijn belangrijk als aan de zandpaden om zich door het structuurgevers in het terrein en het gebied te verplaatsen. Met als gevolg leefgebied van heel veel organismen, dat juist die bermen van de paden, waaronder de levendbarende hagedis. waar de hagedissen zich het meeste Qua waarnemingskans van de hagedissen ophouden, overbegraasd worden. Dit valt het me op dat het echte leidt tot een verarming in de zonaanbidders zijn. Verder vind ik vegetatiestructuur, die heel geleidelijk vrijwel altijd dieren op en bij plaats vindt, en daardoor nauwelijks houtstronken die her en der verspreid in opvalt. Naast begrazing, die een de bermen van de paden liggen. De duidelijke invloed heeft op het randen van de paden vormen sowieso biotoop van de levendbarende hagedis, een belangrijk leefgebied in Kampina, als denk ik dat de ik wat meer de heide zelf oploop zie ik populatieschommelingen voor een stukken minder hagedissen dan langs het groot deel ook het gevolg zijn van pad." natuurlijke factoren, zoals droge zomers of juist natte winters. Bij natte RICHARD STRUIJK winters kunnen in een gebied als dit Duinen van Walcheren, sinds 1995: veel dieren in hun winterslaap door "In al die jaren dat ik hier in de duinen het water overvallen worden waardoor de hagedissen monitor heb ik slechts ze verdrinken. In een ander deel van eenmaal een dier gezien. Ook dit jaar de Kampina is door de beheerder was het resultaat van de monitoring opzettelijk het waterpeil verhoogd. opnieuw nihil. Ontzettend jammer, ook Dit heeft tot gevolg gehad dat in dat voor mij als waarnemer die wel eens een deel van het terrein nauwelijks meer 'succesje' wil boeken. Het duingebied levendbarende hagedissen te vinden wordt hier integraal begraasd met zijn. Op zich hoeft het vernatten van koeien. En hoewel er door de begrazing het terrein helemaal niet slecht te zijn in de duinen meer open looppaden zijn voor die levendbarende hagedis. Ook ontstaan, is het maar de vraag of de op Kampina hebben ze juist een hagedissen daarvan kunnen profiteren. voorkeur voor natte biotopen als De rest van het duin gaat steeds meer op venoevers en de greppels langs de een golfterrein lijken als gevolg van de paden. Maar door zo'n gebied in één combinatie van maaien en grazen. De keer te vernatten hebben de dieren, grassen stoelen uit en vormen een geen kans gekregen zich aan te passen gesloten zode, die weinig ruimte laat aan aan de nieuw ontstane situatie. kruiden en andere organismen. Het duin Dergelijke ingrijpende maatregelen verzuurt verder. Dat zal mijns inziens zouden dan ook gefaseerd moeten geen effecten hebben op de worden doorgevoerd. hagedissenpopulatie, gezien het Met het beheer zou vooral rekening voorkomen van deze soort elders, juist moeten worden gehouden met het in zure milieus. Maar goed gaat het behoud van microstructuren in het voorlopig niet met de levenbarende terrein. Over de nivellerende werking hagedis hier in de Zeeuwse duinen" van begrazing heb ik het al gehad. Een andere maatregel is het plaggen. Resumé Natuurlijk zorgt plaggen op zichzelf al Uit de verhalen komt naar voren dat het voor het verdwijnen van structuur, de levendbarende hagedis op een aantal helemaal als er direct daarna tot trajecten niet echt voor de wind gaat. begrazing wordt overgegaan. Je houdt Soms zijn daar aanwijsbare redenen voor, dan een hele eenvormige monocultuur zoals waterstandverhoging en een te van struikheide over, waar nauwelijks intensief begrazingsbeheer. Soms ook Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 18

19 valt er niet echt een duidelijke oorzaak aan te wijzen en valt het onder de noemer 'natuurlijke fluctuatie'. Wat uit alle verhalen naar voren komt is dat structuur erg belangrijk is. Structuur in de vorm van dood hout, hoge pollen pijpestrootje, greppels, etc.. Een belangrijk gegeven voor de terreinbeheerders, maar zeker ook voor de monitoorders om eens op te letten tijdens de telrondes! Vroeg en Laat Vroeg In de eerste nieuwsbrief van 2000 gaven we een overzicht van de eerste reptielenwaarneming van de nieuwe eeuw. De eerste was een levendbarende hagedis op 22 februari. De eerste Zandhagedis werd op 27 februari gezien volgens de nieuwsbrief. Maar bij de telformulieren van Yvonne van Hoof van dit jaar troffen we een nog vroegere waarneming aan. Zij had reeds op 20 februari al drie zandhagedissen. Wat haar waarneming tot de meest vroege reptielenwaarneming van 2000 maakt en ook een primeur voor de duinen; zó vroeg al zandhagedissen! Laat Late waarnemingen zijn er ook te melden dit jaar. De laatste bij ons binnengekomen waarneming kwam uit Drenthe. Op 30 november zagen Bastiaan Walpot en Maryan Verver op hun traject in het Wapserveld nog een mooie adder. Maar ook de ringslangen bleven laat op dit jaar. Bij een bezoekje van onze Amsterdamse ringslangen-monitoorder Ruud Wolterman aan de Wieden (Ov.), hoorde hij van de plaatselijke boswachter over de volgende waarneming. Op 8 november botste er een zwemmende ringslang tegen zijn roeibootje op. 'hij was wel; een beetje traag hoor!' vertelde hij erbij. Ook bij Amsterdam zelf bleven de ringslangen lang bovengronds. De portier van de Diemerzeedijk zag op 14 november nog een ringslang in de buurt van zijn wachthuisje rondkruipen. Een Amsterdamse zwerver op zoek naar een slaapplaats. Meetnet Reptielen - Nieuwsbrief 19 19

Verslag Excursie Kombos 28 5 2011 Ravon Utrecht

Verslag Excursie Kombos 28 5 2011 Ravon Utrecht Verslag Excursie Kombos 28 5 2011 Ravon Utrecht Op zaterdag 28 mei 2011 is er vanuit RAVON Utrecht een excursie georganiseerd naar het Kombos te Maarsbergen. Het doel van de excursie was om deelnemers

Nadere informatie

Verslag RAVON Utrecht Excursie Landgoed Den Treek Henschoten 10 april 2010

Verslag RAVON Utrecht Excursie Landgoed Den Treek Henschoten 10 april 2010 Verslag RAVON Utrecht Excursie Landgoed Den Treek Henschoten 10 april 2010 Inleiding Op 10 april is een excursie gehouden op landgoed Den Treek Henschoten vanuit Ravon Utrecht. Doel van deze excursie was

Nadere informatie

Leerlingen van het Gemini College Lekkerkerk met de boswachter van ZHL bij de broeihoop.

Leerlingen van het Gemini College Lekkerkerk met de boswachter van ZHL bij de broeihoop. BROEIHOPEN AANLEGGEN EN ANDERE ACTIVITEITEN Inleiding De werkgroep ringslang Zuid Holland heeft de afgelopen 2 jaar diverse activiteiten georganiseerd, waaronder het aanleggen van broeihopen. De aanleg

Nadere informatie

Monitoring en inventarisatie reptielen en amfibieën Loonse en Drunense Duinen / Huis ter Heide

Monitoring en inventarisatie reptielen en amfibieën Loonse en Drunense Duinen / Huis ter Heide Monitoring en inventarisatie reptielen en amfibieën Loonse en Drunense Duinen / Huis ter Heide 2010 Mark Klerks November 2010 Inleiding: Het jaar 2010 kwam maar langzaam op gang. Vooral het voorjaar was

Nadere informatie

De ringslang een bijzondere bewoner van Gouda

De ringslang een bijzondere bewoner van Gouda De ringslang een bijzondere bewoner van Gouda Uit de serie Natuur in Gouda 10 2 colofon tekst: Cyclus, gemeente Gouda en RAVON lay-out: Steenbergen Ontwerp Studio foto s: André van Kleinwee en Richard

Nadere informatie

Monitoring Ecocorridor Zwaluwenberg

Monitoring Ecocorridor Zwaluwenberg Monitoring Ecocorridor Zwaluwenberg Nieuwsbrief Versie: januari 2015 Ringslang bij het Wasmeer Inhoud 1. Inleiding 2. Zoogdieren 3. Herpetofauna 4. Erosie 5. Internationaal 6. Colofon Wat dragen de ecoducten

Nadere informatie

Productiebos maakt plaats voor oorspronkelijk heidelandschap.

Productiebos maakt plaats voor oorspronkelijk heidelandschap. NATUURVERBINDING HOORNEBOEG GOOIS NATUURRESERVAAT Productiebos maakt plaats voor oorspronkelijk heidelandschap. PRODUCTIEBOS MAAKT PLAATS VOOR OORSPRONKELIJK HEIDELANDSCHAP TEN ZUIDEN VAN HILVERSUM LIGGEN

Nadere informatie

Bosuilen 34 jaar geteld in Noord-Kennemerland

Bosuilen 34 jaar geteld in Noord-Kennemerland Bosuilen 34 jaar geteld in Noord-Kennemerland Overdag rusten de bosuilen meestal goed verscholen op een tak, in een boomholte, nestkast of een ruimte waar geen mensen komen. Na zonsondergang worden ze

Nadere informatie

Nieuwsbrief 3 november 2014

Nieuwsbrief 3 november 2014 Nieuwsbrief 3 november 2014 JNC-web JNC-facebook JNC seizoen 2014/2015 In deze editie verslagen van de Open middag 27 augustus Activiteit 1: Help de ringslangen van De Wieden 10 en17 september Activiteit

Nadere informatie

Nieuwsbrief 8 van RAVON Afdeling Utrecht juli 2012

Nieuwsbrief 8 van RAVON Afdeling Utrecht juli 2012 Nieuwsbrief 8 van RAVON Afdeling Utrecht juli 2012 Contactpersoon RAVON Utrecht Wim de Wild Couwenhoven 7221 3703 HW Zeist wim.de.wild@ziggo.nl tel. 030-6963771 RAVON Utrecht verstuurt onregelmatig een

Nadere informatie

Argusvlinder Lasiommata megera

Argusvlinder Lasiommata megera Argusvlinder Lasiommata megera Angelique Belfroid Mijn eerste ervaring met de Argusvlinder was een aantal jaren geleden in de Vlietepolder op Noord-Beveland. Terwijl ik over de onverharde weg liep, vlogen

Nadere informatie

HANDLEIDING VOOR HET MONITOREN VAN REPTIELEN IN NEDERLAND

HANDLEIDING VOOR HET MONITOREN VAN REPTIELEN IN NEDERLAND HANDLEIDING VOOR HET MONITOREN VAN REPTIELEN IN NEDERLAND HANDLEIDING VOOR HET MONITOREN VAN REPTIELEN IN NEDERLAND Uitgave 2003 1 Informatie over het Meetnet Reptielen: Landelijk coördinator: Annie Zuiderwijk,

Nadere informatie

KOMODOVARAAN. Door: Jade Boezer

KOMODOVARAAN. Door: Jade Boezer KOMODOVARAAN Door: Jade Boezer 1 Voorwoord Mijn werkstuk gaat over Komodovaranen. Ik doe het erover omdat ik een onderwerp zocht voor mijn werkstuk en nog niets over Komodovaranen wist. Toen ik aan het

Nadere informatie

DE MELKSLANG. Na-aap slang

DE MELKSLANG. Na-aap slang DE MELKSLANG Na-aap slang De melkslang heeft mooie, opvallende kleuren. Met zijn rode, zwarte en witte ringen zie je hem zeker niet over het hoofd. En dat is nou precies de bedoeling! DIERENPASPOORT MELKSLANG

Nadere informatie

1.Inleiding De beheerder van een productiebos wil voordat de bomen gekapt worden

1.Inleiding De beheerder van een productiebos wil voordat de bomen gekapt worden BO 6 Tijdsinvestering: Bomen meten Tijdstip: lente, zomer of herfst 1.Inleiding De beheerder van een productiebos wil voordat de bomen gekapt worden Nodig: Materiaal hoogtemeter Meetlint werkbladen potloden

Nadere informatie

Een. hoort erbij! Over dieren uit een ei. groepen 3-5

Een. hoort erbij! Over dieren uit een ei. groepen 3-5 Een hoort erbij! Over dieren uit een ei groepen 3-5 1. Een ei hoort erbij Veel dieren leggen eieren: vogels en vissen. Maar ook insecten leggen kleine eitjes. Uit dat eitje komt een klein diertje. Dat

Nadere informatie

Flora- en faunawet. Gedragscode Bestendig beheer groenvoorziening

Flora- en faunawet. Gedragscode Bestendig beheer groenvoorziening Flora- en faunawet De Flora- en faunawet (Ffwet) is in april 2002 in werking getreden. De wet beschermt alle in het wild levende flora en fauna in Nederland. Bij het uitvoeren van werkzaamheden moet altijd

Nadere informatie

Bijlage VMBO-GL en TL

Bijlage VMBO-GL en TL Bijlage VMBO-GL en TL 2009 tijdvak 1 biologie CSE GL en TL Bijlage met informatie. 913-0191-a-GT-1-b De Waddenzee - Informatie Lees eerst informatie 1 tot en met 7 en beantwoord dan vraag 40 tot en met

Nadere informatie

Tuinieren voor amfibieën en reptielen

Tuinieren voor amfibieën en reptielen Tuinieren voor amfibieën en reptielen Hoe maak ik mijn tuin aantrekkelijk voor salamanders, kikkers, padden, hagedissen en (ring)slangen? Edo van Uchelen Bij het werken in de tuin of de heemtuin kom je

Nadere informatie

DE BANEN NAAR EEN HOGER PEIL

DE BANEN NAAR EEN HOGER PEIL DE BANEN NAAR EEN HOGER PEIL Bekijk op https://www.youtube.com/watch?v=pgyczqy-krm voor het herinirichtingplan Sarsven en De Banen. Begin vorige eeuw kwamen plantenliefhebbers uit het hele land al naar

Nadere informatie

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen Dassenwerk WERKBLAD OPDRACHTEN Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen 1. Waar ben je? Je gaat een onderzoek doen in een klein gebied van Nationaal

Nadere informatie

Meer over de ooievaar. Even voorstellen. Hier wonen ze. Echte natuur. Hieraan herken je hem

Meer over de ooievaar. Even voorstellen. Hier wonen ze. Echte natuur. Hieraan herken je hem Overname en dupliceren van dit materiaal is alleen toegestaan voor educatieve en niet-commerciële doeleinden en alleen als het materiaal is voorzien van een bronvermelding. Vogelbescherming Nederland,

Nadere informatie

Regenwormen Tijdstip: in september, oktober en november, na een regenbui.

Regenwormen Tijdstip: in september, oktober en november, na een regenbui. KB2 Tijdsinvestering: 45 minuten Regenwormen Tijdstip: in september, oktober en november, na een regenbui. 1. Inleiding Een mol eet per jaar wel 50 kg wormen. Dat is veel, maar als je bedenkt dat in je

Nadere informatie

Limburgs Landschap. natuurboekje van

Limburgs Landschap. natuurboekje van Limburgs Landschap natuurboekje van lente 2012 Hoi! Salamanders zien eruit als dino s in het klein. Het zijn prehistorische beestjes die al miljoenen en miljoenen jaren op onze aardbol wonen. Ze waren

Nadere informatie

Jaarverslag steenuilen 2013. uitgebreide versie

Jaarverslag steenuilen 2013. uitgebreide versie Jaarverslag steenuilen 2013 uitgebreide versie Jaarverslag steenuilen 2013 uitgebreid Broedseizoen 2013 zit er weer op. Tijd om de balans op te maken en dit met jullie te delen. We hebben qua aantallen

Nadere informatie

Winterslaap. Met filmpjes, werkblad en puzzels. groep 5/6. uitgave januari 2013

Winterslaap. Met filmpjes, werkblad en puzzels. groep 5/6. uitgave januari 2013 uitgave januari 2013 Winterslaap Met filmpjes, werkblad en puzzels groep 5/6 inhoud blz. Inleiding 3 1. Wat is een winterslaap? 4 2. Lage hartslag 5 3. Lage temperatuur 6 4. Winterrust 7 5. Winterslapers

Nadere informatie

RAVON Hemelvaartweekend

RAVON Hemelvaartweekend RAVON Hemelvaartweekend Noord-Holland 2008 REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND RAVON Hemelvaartweekend Noord-Holland 2008 Een rapportage van RAVON J.E. Herder & K. Pluis augustus 2008 m.m.v.

Nadere informatie

Op pad met de Moeflon, een lesbrief over moeflons en hun leefomgeving op De Hoge Veluwe.

Op pad met de Moeflon, een lesbrief over moeflons en hun leefomgeving op De Hoge Veluwe. Op pad met de Moeflon, een lesbrief over moeflons en hun leefomgeving op De Hoge Veluwe. 1 Hallo jongens en meisjes, Het kan zomaar gebeuren dat je bij een wandeling door de bossen van Het Nationale Park

Nadere informatie

GPS Wandeling Kootwijkerzand

GPS Wandeling Kootwijkerzand In deze folder vindt u de beschrijving van een gps route door het Kootwijkerzand, een prachtig stuifzandgebied in Kootwijk. Deze route is ontwikkeld door het IVN, een vereniging die zich inzet voor natuur-

Nadere informatie

Groengebied Amstelland AB 16-04-2009 Agendapunt 8 Ecologische verbinding Holendrechter- en Bullewijkerpolder BIJLAGE 2: NOTA VAN UITGANGSPUNTEN

Groengebied Amstelland AB 16-04-2009 Agendapunt 8 Ecologische verbinding Holendrechter- en Bullewijkerpolder BIJLAGE 2: NOTA VAN UITGANGSPUNTEN Groengebied Amstelland AB 16-04-2009 Agendapunt 8 Ecologische verbinding Holendrechter- en Bullewijkerpolder BIJLAGE 2: NOTA VAN UITGANGSPUNTEN De Holendrechter- en Bullewijkerpolder als ontbrekende schakel

Nadere informatie

Nieuwsbrief Vogelwerkgroep IVN Oisterwijk

Nieuwsbrief Vogelwerkgroep IVN Oisterwijk 4 e jaargang 2014 Editie steenuil Nieuwsbrief Vogelwerkgroep IVN Oisterwijk Inhoud: * Verslag broedseizoen 2014 * Broedresultaten steenuil 2014 * Terugmeldingen geringde vogels * Oorkonde vijf jaar broeden

Nadere informatie

Grote Zilverreigers en hun slaapplaatsen

Grote Zilverreigers en hun slaapplaatsen Grote Zilverreigers en hun slaapplaatsen Overwinterende Grote Zilverreigers in de Kempen en Peel Roel van den Heuvel en Robert Kastelijn Echt veel informatie is er nog niet te vinden over Grote Zilverreigers

Nadere informatie

De inhoud. 1. De inleiding. 2. De woordspin. 3. Het uiterlijk van de das. 4. Wat eet de das? 5. Waar wonen dassen? 6. Hoe wordt de das geboren?

De inhoud. 1. De inleiding. 2. De woordspin. 3. Het uiterlijk van de das. 4. Wat eet de das? 5. Waar wonen dassen? 6. Hoe wordt de das geboren? De inhoud 1. De inleiding 2. De woordspin 3. Het uiterlijk van de das 4. Wat eet de das? 5. Waar wonen dassen? 6. Hoe wordt de das geboren? 7. De dassenwerkgroep Utrecht 8. De afsluiting 9. Bronnen 1.

Nadere informatie

Een. hoort erbij! Over dieren uit een ei. groepen 5-6. uitgave 2013

Een. hoort erbij! Over dieren uit een ei. groepen 5-6. uitgave 2013 Een hoort erbij! Over dieren uit een ei uitgave 2013 groepen 5-6 inhoud blz 1 Een ei hoort erbij 3 2 De kip en het ei 4 3 Eitjes op een blad 5 4 Eieren op het strand 6 5 Op zoek naar een ei 7 6 Eitjes

Nadere informatie

Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg

Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg Jochem Kühnen, Beek Ubbergen, oktober 2010 Inleiding 22 Maart 2009 zag ik voor het eerst het massale optreden van wat later Andrena

Nadere informatie

SPREEKBEURT GROENE LEGUAAN

SPREEKBEURT GROENE LEGUAAN SPREEKBEURT GROENE LEGUAAN l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n REPTIELEN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE INFORMATIE OVER DE GROENE

Nadere informatie

Monitoring reptielen spoorlijn Maastricht Lanaken 2013

Monitoring reptielen spoorlijn Maastricht Lanaken 2013 Monitoring reptielen spoorlijn Maastricht Lanaken 2013 REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND Monitoring reptielen spoorlijn Maastricht Lanaken 2013 Een rapportage van RAVON in opdracht van ProRail

Nadere informatie

Winterslaap. groep 5/6

Winterslaap. groep 5/6 Winterslaap groep 5/6 inhoud blz. Inleiding 3 1. Wat is een winterslaap? 4 2. Lage hartslag 5 3. Lage temperatuur 6 4. Winterrust 7 5. Winterslapers 8 Werkblad winterslaap 15 Schrijf je eigen e-boek 16

Nadere informatie

Opdrachten thema. Veluwe

Opdrachten thema. Veluwe en thema Totaal materialen heide Materialen per groepje 1A Sporen van grazers 3 Witte bakken 3 Pincetten Zoekkaart bos- en heideplanten 1B Dennen trekken Handschoenen voor elk kind Zoekkaart bos- en heideplanten

Nadere informatie

Kopieer dit e-boek en stuur het door naar anderen.

Kopieer dit e-boek en stuur het door naar anderen. Lente groep 3/4 inhoud blz Lente 3 1 Langer licht 4 2 Bollen 5 3 Wakker worden 6 4 Frisse blaadjes 7 5 Kikkerdril 8 6 Op reis 9 7 In de wei 10 8 Er op uit! 11 9 Filmpjes 12 Werkblad winter 13 Schrijf je

Nadere informatie

Grote vos Nymphalis polychloros

Grote vos Nymphalis polychloros Nymphalis polychloros Jan Goedbloed Soortbeschrijving De is een grote bruinrode vlinder, behorend tot de familie van de schoenlappers Nymphalidae waar ook, Atalanta, Dagpauwoog, Gehakkelde aurelia en Distelvlinder

Nadere informatie

Meeuwen in Alkmaar. Voorkom meeuwen overlast op uw dak

Meeuwen in Alkmaar. Voorkom meeuwen overlast op uw dak Meeuwen in Alkmaar Voorkom meeuwen overlast op uw dak Colofon: Gemeente Alkmaar Postadres: Postbus 53 1800 BC Alkmaar Centraal meldnummer 072-548 9444 internet: www.alkmaar.nl Deze folder is een uitgave

Nadere informatie

1 Vinden de andere flamingo s mij een vreemde vogel? Dat moeten ze dan maar zelf weten. Misschien hebben ze wel gelijk. Het is ook raar, een flamingo die jaloers is op een mens. En ook nog op een paard.

Nadere informatie

nr.42 NIEUWSBRIEF ISSN: 1871-8221

nr.42 NIEUWSBRIEF ISSN: 1871-8221 nr.42 NIEUWSBRIEF F ISSN: 1871-8221 Zomer Winter 2008 2006 REGIOCOÖRDINATOREN DUINEN PWN NOORD HOLLAND Paul van der Linden Van Oldebarneveldweg 40 1901 KC Castricum 06-51419637 paul.vd.linden@pwn.nl DUIN

Nadere informatie

Activiteiten bij De Helderse Vallei - maart 2016

Activiteiten bij De Helderse Vallei - maart 2016 dinsdag 1 maart en donderdag 3 maart: Aan de slag op de kinderboerderij 14.30-16.00 uur Kom kijken welke dieren er allemaal op de kinderboerderij leven! Je ontdekt hoe de dieren heten, wat ze eten, welk

Nadere informatie

1.2 landschap, natuur en recreatie. Landschap

1.2 landschap, natuur en recreatie. Landschap 1.2 landschap, natuur en recreatie Landschap Radio Kootwijk vormt een belangrijke schakel in een aaneengesloten open tot halfopen droog tot vochtig stuifzand- en heidegebied dat zich uitstrekt van het

Nadere informatie

Amfibieën. Les 1 Kenmerken amfibieën en de kikker. 1. De leerkracht vertelt dat de les gaat over hoe je amfibieën kunt herkennen.

Amfibieën. Les 1 Kenmerken amfibieën en de kikker. 1. De leerkracht vertelt dat de les gaat over hoe je amfibieën kunt herkennen. Amfibieën Les 1 Kenmerken amfibieën en de kikker Inhoud 1. De leerkracht vertelt dat de les gaat over hoe je amfibieën kunt herkennen. Hulpmiddel Prezi les 1: http://prezi.com/hwpatwdyvqpv/?utm_campaign

Nadere informatie

Limburgs Landschap. natuurboekje van

Limburgs Landschap. natuurboekje van Limburgs Landschap natuurboekje van lente 2009 Hoi! Kikkers en padden komen in de lente uit hun winterslaap. Sommige al in februari /maart, als het nog bibberkoud is. Zoals de bruine kikker. Of de bufo

Nadere informatie

Suzanne Peters. Blijf bij me! liefdesroman

Suzanne Peters. Blijf bij me! liefdesroman Suzanne Peters Blijf bij me! liefdesroman Hoofdstuk 1 Katja belde aan bij het huis. Ze vond het toch wel erg spannend. Het was de tweede keer dat ze op visite ging bij de hondenfokker en deze keer zou

Nadere informatie

Teken: pak ze voor ze jou pakken

Teken: pak ze voor ze jou pakken Teken: pak ze voor ze jou pakken Teken in de praktijk teken vangen (Clusius College) Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse DATUM 2 april 2012 Dit lesmateriaal is tot stand gekomen met een WURKS subsidie

Nadere informatie

NATUURNIEUWS DE FRISSE WIND

NATUURNIEUWS DE FRISSE WIND NATUURNIEUWS DE FRISSE WIND Gortdroog voorjaar speelt weidevogels parten, enkele deelgebieden nader bekeken, Grutto s en grutto nesten Grutto nest met 5 eieren gevonden door Tinus Mooy. Het gortdroge voorjaar

Nadere informatie

Mitigatie effecten op de natuur bouwplannen Kleizuwe

Mitigatie effecten op de natuur bouwplannen Kleizuwe Mitigatie effecten op de natuur bouwplannen Kleizuwe Mitigatie effecten op de natuur bouwplan Kleizuwe Auteur Opdrachtgever Projectnummer Ingen foto omslag P.J.H. van der Linden Driessen Vreeland 11.056

Nadere informatie

Struinen door De Stille Kern

Struinen door De Stille Kern 58 Horsterwold Struinen door De Stille Kern Een 900 hectare groot natuurgebied waar natuurlijke processen volop de ruimte krijgen. Het gebied wordt begraasd door een kudde konikpaarden, die zorgen voor

Nadere informatie

Nieuwsbrief van de Werkgroep Monitoring - Stichting RAVON. Aan deze nieuwsbrief werkten verder mee

Nieuwsbrief van de Werkgroep Monitoring - Stichting RAVON. Aan deze nieuwsbrief werkten verder mee REGIOCOÖRDINATOREN DUINEN PWN NOORD HOLLLAND: Cees de Vries v. Oldenbarneveldweg 40 1901 KC Castricum Tel. 0251-662212 DUIN & KRUIDBERG: Ruud Luntz Duinlustweg 26 2051 AB Overveen Tel. 023-5241908 AMSTERDAMSE

Nadere informatie

Nematodenproef bestrijding dennenprocessierups Thaumetopoea pityocampa

Nematodenproef bestrijding dennenprocessierups Thaumetopoea pityocampa Nematodenproef bestrijding dennenprocessierups Thaumetopoea pityocampa Spanje, Javea, Cap Sant Antoni december 2013 - februari 2014 Door: Silvia Hellingman-Biocontrole Onderzoek en Advies en Jan van Eijle

Nadere informatie

Padden Praat 2008 2. Publicatie overzetresultaten. PADDEN.NU: stand van zaken. Forum Padden.nu

Padden Praat 2008 2. Publicatie overzetresultaten. PADDEN.NU: stand van zaken. Forum Padden.nu Padden Praat 2008 2 PADDEN.NU: stand van zaken De website padden.nu is in februari van start gegaan. Zoveel mogelijk paddenwerkgroepen zijn op de hoogte gesteld van het project. Momenteel staan er op padden.nu

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3. Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4. Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6

Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3. Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4. Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Literatuurlijst 1 Inleiding 2 Hoofdstuk 1: Veldkenmerken en voorkomen 3 Hoofdstuk 2: Voedsel en vijanden 4 Hoofdstuk 3: Voortplanting en verwanten 6 Hoofdstuk 4: Verzorging

Nadere informatie

Heidebeheer en fauna. Verslag veldwerkplaats Droog Zandlandschap Strabrechtse Heide, 4 juni 2009

Heidebeheer en fauna. Verslag veldwerkplaats Droog Zandlandschap Strabrechtse Heide, 4 juni 2009 Heidebeheer en fauna Verslag veldwerkplaats Droog Zandlandschap Strabrechtse Heide, 4 juni 2009 Inleiders: Jap Smits (Staatsbosbeheer) en prof. dr. Henk Siepel (Alterra-WUR) De Strabrechtse Heide is een

Nadere informatie

nr.41 NIEUWSBRIEF ISSN: 1871-8221 Meetnet Reptielen

nr.41 NIEUWSBRIEF ISSN: 1871-8221 Meetnet Reptielen nr.41 NIEUWSBRIEF ISSN: 1871-8221 Meetnet Reptielen Reptielen Monitoren Overzicht 1994-2008 REGIOCOÖRDINATOREN DUINEN PWN NOORD HOLLAND Paul van der Linden Van Oldebarneveldweg 40 1901 KC Castricum 06-51419637

Nadere informatie

Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad

Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Mitigatie en compensatieplan rugstreeppad Auteur Opdrachtgever Projectnummer Ingen foto omslag T. Ursinus In den Eng Investment 11.148 december 2011 Voortplantingswater

Nadere informatie

Planten en dieren in de duinen. Interactief verhaal

Planten en dieren in de duinen. Interactief verhaal Interactief verhaal Doel: Leerlingen kennen na de les een aantal belangrijke eigenschappen van planten en dieren. Konijnen leven, hazen niet. Konijnen zijn sprinters, hazen zijn lange afstand renners.

Nadere informatie

Johannes 6,1-15 - We danken God, want Jezus zorgt voor ons

Johannes 6,1-15 - We danken God, want Jezus zorgt voor ons Johannes 6,1-15 - We danken God, want Jezus zorgt voor ons Dankdag voor gewas en arbeid Liturgie Voorzang LB 448,1.3.4 Stil gebed Votum Groet Zingen: Gez 146,1.2 Gebed Lezen: Johannes 6,1-15 Zingen: Ps

Nadere informatie

SPREEKBEURT GEELWANG-, GEELBUIK- en ROODWANGSCHILDPAD

SPREEKBEURT GEELWANG-, GEELBUIK- en ROODWANGSCHILDPAD l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT GEELWANG-, GEELBUIK- en ROODWANGSCHILDPAD REPTIELEN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE

Nadere informatie

Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat?

Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat? Inleiding In het najaar worden de dagen steeds korter en de nachten steeds langer. Kun je je voorstellen dat je in de maand november naar bed gaat? Je valt in een diepe slaap en wordt in maart pas weer

Nadere informatie

Bever. Laatste bever in Nederland. Over de bever

Bever. Laatste bever in Nederland. Over de bever Bever Laatste bever in Nederland Om te beginnen vertel ik jullie een verhaal over de laatste bever in Nederland! We gaan een eind in de geschiedenis terug, naar het jaar 1825. Een visser voer op de IJssel

Nadere informatie

DE IJSBEER. Super speurneus

DE IJSBEER. Super speurneus DE IJSBEER Super speurneus Hij is groot, wit en ziet eruit als een echte knuffelbeer. Toch zou je deze reus niet graag tegenkomen in de sneeuw. Gelukkig gebeurt dit ook niet snel, want waar deze poolreiziger

Nadere informatie

SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER

SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER SPREEKBEURT WITLIPBOOMKIKKER l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n AMFIBIEËN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE INFORMATIE OVER DE WITLIPBOOMKIKKER

Nadere informatie

Veenweiden steeds belangrijker voor Zwarte sterns in Zuid-Holland. Verslag van monitoring van aantallen en broedsucces in 2013

Veenweiden steeds belangrijker voor Zwarte sterns in Zuid-Holland. Verslag van monitoring van aantallen en broedsucces in 2013 Veenweiden steeds belangrijker voor Zwarte sterns in Zuid-Holland Verslag van monitoring van aantallen en broedsucces in 2013 Veenweiden steeds belangrijker voor Zwarte sterns in Zuid-Holland Verslag

Nadere informatie

Aantal gevonden legsels in 2008

Aantal gevonden legsels in 2008 10 1 Broedpaaraantallen 2. Reproductie Na terugkomst van weidevogels in hun broedgebied vormen zich paren en kiezen de vogels een plek om te gaan broeden: de vestiging. Daarna komen twee belangrijke reproductiefasen:

Nadere informatie

Nico bleef altijd rustig, legde dingen goed en duidelijk uit en nam de tijd, net zolang tot je het begreep.

Nico bleef altijd rustig, legde dingen goed en duidelijk uit en nam de tijd, net zolang tot je het begreep. Review van Denice: Beste Nico, Voordat ik bij Nico kwam lessen, zat ik bij een andere rijschool. Bij deze rijschool lukte het maar niet om verbetering te krijgen in mijn rijden. Dit was frustrerend en

Nadere informatie

wat is dat eigenlijk? Denk mee over acht grote vragen

wat is dat eigenlijk? Denk mee over acht grote vragen Geloven, wat is dat eigenlijk? Denk mee over acht grote vragen pagina 10 Hoe is de wereld ontstaan? pagina 26 Waarom bestaat de mens? pagina 42 Wat is geloven? pagina 58 Wie is God? pagina 74 Waarom heeft

Nadere informatie

Ko-Kalf. Blonde d Aquitaine,

Ko-Kalf. Blonde d Aquitaine, Een rondje regio... Ko-Kalf Nou kan ik wel een hele Blonde d Aquitaine, maar daar zit je ook niet middag blijven praten over op te wachten! Een plek waar het zo rustig is, als in de stal van boerenbedrijf

Nadere informatie

De meeuwen van de Afsluitdijk

De meeuwen van de Afsluitdijk De meeuwen van de Afsluitdijk Eerste druk, oktober 2011 2011 Ellen D. IJzendoorn Kleuringbewerking cover: Kasper Smoolenaars ISBN: 978-90-484-9016-5 NUR: 277 Uitgever: Literoza, Zoetermeer www.literoza.nl

Nadere informatie

CARRABELLA NAAR MANATEE SPRINGS S.P., 2 FEBRUARI

CARRABELLA NAAR MANATEE SPRINGS S.P., 2 FEBRUARI CARRABELLA NAAR MANATEE SPRINGS S.P., 2 FEBRUARI CARRABELLA NAAR MANATEE SPRINGS S.P., 2 FEBRUARI De rit van Carrabella naar Manatee Springs State Park is erg mooi. Veel naaldbossen, grotendeels nieuw

Nadere informatie

Beste lezers, Wat verandert er momenteel veel bij Buitenwereld, vinden jullie niet?

Beste lezers, Wat verandert er momenteel veel bij Buitenwereld, vinden jullie niet? Beste lezers, Wat verandert er momenteel veel bij Buitenwereld, vinden jullie niet? Op dit moment is het een beetje rommelig maar het wordt wel steeds duidelijker hoe het eruit ZAL gaan zien. Zo is het

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding blz. 3. Wat is een fossiel? blz. 4. Hoe fossielen ontstaan blz. 5. Fossielen van zacht weefsel blz. 6. Zeedieren blz.

Inhoud. Inleiding blz. 3. Wat is een fossiel? blz. 4. Hoe fossielen ontstaan blz. 5. Fossielen van zacht weefsel blz. 6. Zeedieren blz. Door: Oscar Zuethoff Groep 6b - Meneer Jos & Ingrid Februari 2008 Inhoud Inleiding blz. 3 Wat is een fossiel? blz. 4 Hoe fossielen ontstaan blz. 5 Fossielen van zacht weefsel blz. 6 Zeedieren blz. 7 De

Nadere informatie

Onderzoek naar de waarde van een ponyweide aan de Nemelerbergweg 17a (Zwolle) voor de knoflookpad.

Onderzoek naar de waarde van een ponyweide aan de Nemelerbergweg 17a (Zwolle) voor de knoflookpad. Onderzoek naar de waarde van een ponyweide aan de Nemelerbergweg 17a (Zwolle) voor de knoflookpad. REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND Onderzoek naar de waarde van een ponyweide aan de Nemelerbergweg

Nadere informatie

SPREEKBEURT GANS VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN. l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n

SPREEKBEURT GANS VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN. l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT GANS l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE INFORMATIE OVER DE GANS BIJ ELKAAR GEZOCHT.

Nadere informatie

Limburgs Landschap. natuurboekje van

Limburgs Landschap. natuurboekje van Limburgs Landschap natuurboekje van lente 2014 Hoi! Spreeuwen zijn druktemakers. Ze kwetteren, fluiten en piepen. Ze kletsen samen heel wat af. En ze apen de gekste geluiden na. Denk je dat je een kikker

Nadere informatie

Hunebedden en grafheuvels in Noordwest Drenthe. (Anne Post, Norg. Versie 06-03-2016)

Hunebedden en grafheuvels in Noordwest Drenthe. (Anne Post, Norg. Versie 06-03-2016) Hunebedden en grafheuvels in Noordwest Drenthe. (Anne Post, Norg. Versie 06-03-2016) De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed heeft het voornemen een deel van het Noordsche Veld tot archeologisch monument

Nadere informatie

Voorbereiding post 4. Van ven en veen Groep 3-4

Voorbereiding post 4. Van ven en veen Groep 3-4 Voorbereiding post 4 Van ven en veen Groep 3-4 Welkom bij IVN Valkenswaard-Waalre Dit is de Powerpointserie als voorbereiding op post 4: Van ven en veen voor groep 3 en 4. Inhoud: Algemeen Verhaal Spel

Nadere informatie

Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode

Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode Bureauonderzoek natuurwaarden wijzigingsplan Boekenrode Natuurwaardenkaart Voor het inventariseren van de natuurwaarden van Heemstede zijn in het rapport Natuurwaardenkaart van Heemstede Waardering van

Nadere informatie

24 NIEUWSBRIEF. Dubbeldik zomernummer. Zomer 2002. erkgroep onitoring

24 NIEUWSBRIEF. Dubbeldik zomernummer. Zomer 2002. erkgroep onitoring erkgroep onitoring 24 NIEUWSBRIEF Zomer 2002 Meetnet Reptielen Dubbeldik zomernummer REGIOCOÖRDINATOREN DUINEN PWN NOORD HOLLAND: Cees de Vries v. Oldenbarneveldweg 40 1901 KC Castricum Tel. 0251-662212

Nadere informatie

Inventarisatie juveniele Ransuilen. Loonse en Drunense Duinen 2014

Inventarisatie juveniele Ransuilen. Loonse en Drunense Duinen 2014 Inventarisatie juveniele Ransuilen Loonse en Drunense Duinen 2014 Inventariseerders: Bart van Beerendonk Annemieke Biesterbos Mieke Corsten Anita van Dooren Carla Heijnens Dennis Heijnens Christien Hermsen

Nadere informatie

Natuurpad De Mient. Wandelen. In het Nationaal Park Duinen van Texel

Natuurpad De Mient. Wandelen. In het Nationaal Park Duinen van Texel Staatsbosbeheer Duinen van Texel Ruijslaan 92, 1796 AZ De Koog T 0222-312228 www.staatsbosbeheer.nl Wandelen Natuurpad De Mient In het Nationaal Park Duinen van Texel Natuurpad De Mient De Mient was een

Nadere informatie

De putters krijgen een putter/sijzen zaadmengsel. Ik koop deze mengeling bij Jan Koenings.

De putters krijgen een putter/sijzen zaadmengsel. Ik koop deze mengeling bij Jan Koenings. De kweek met de kleine Putter, Carduelis carduelis in voliere en broedkooi We begonnen dit jaar de kweek met 3 koppels. Eén koppel in een volière van 3m bij 0,8m. Eén koppel in een broedkooi buiten van

Nadere informatie

Clubkampioenschappen TOZ Jeugd en Senioren

Clubkampioenschappen TOZ Jeugd en Senioren Nieuwsbrief 4 - April 2015 In dit nummer: Clubkampioenschappen TOZ Jeugd en Senioren Commissieleden gezocht! Veranderingen rondom training Baanbezetting Instructie Verantwoord Alcohol schenken (IVA) Verslag

Nadere informatie

Op stap met Wim en Loes (aflevering 21)

Op stap met Wim en Loes (aflevering 21) Op stap met Wim en Loes (aflevering 21) De zon schijnt en bij een temperatuur van 22 is het prima wandelweer. Op deze prachtige dag gaan Wim en ik wandelen vanaf Lennisheuvel. Bij de kerk staat een overzichtsbord

Nadere informatie

2. Maak met de 4 buizen een vierkant op de grond. Dit is het zoekraam.

2. Maak met de 4 buizen een vierkant op de grond. Dit is het zoekraam. Opdracht 1. Gebruik je ogen goed. In het bos kun je van alles ontdekken! Komen er onder de bomen verschillende soorten insecten en of bodemdiertjes voor? Het beste bos 1. Materiaal tas 1: zoekraam, 1 schepje,

Nadere informatie

De Witgesterde blauwborst (Luscinia Svecica Cyanecula)

De Witgesterde blauwborst (Luscinia Svecica Cyanecula) De Witgesterde blauwborst (Luscinia Svecica Cyanecula) De Witgesterde Blauwborst Beknopte beschrijving De blauwborst is een vogel die voorkomt in Europa, Azië, west-alaska en noord Amerika. De man heeft

Nadere informatie

Bijlage VMBO-GL en TL

Bijlage VMBO-GL en TL Bijlage VMBO-GL en TL 2016 tijdvak 2 biologie CSE GL en TL Deze bijlage bevat informatie. GT-0191-a-16-2-b Koraalriffen Lees eerst informatie 1 tot en met 7 en beantwoord dan vraag 42 tot en met 54. Bij

Nadere informatie

Notitie flora en fauna

Notitie flora en fauna Notitie flora en fauna Titel/locatie Projectnummer: 6306 Datum: 11-6-2013 Opgesteld: Rosalie Heins Gemeente Baarn is voornemens om op de locatie van de huidige gemeentewerf een nieuwe brede school ontwikkelen.

Nadere informatie

Inleiding Burgers Zoo Buitenverblijf

Inleiding Burgers Zoo Buitenverblijf Stokstaartjes Inleiding Vanuit het Dierentuinbesluit moeten dierentuinen omschrijven hoe ze hun dieren houden, huisvesten, verzorgen en tonen. Hoe dat gebeurt, verschilt per dierentuin en per diersoort.

Nadere informatie

Lente. groep 3, 4 en 5

Lente. groep 3, 4 en 5 Lente groep 3, 4 en 5 Inhoud Lente 3 1. Langer licht 4 2. Bollen 5 3. Wakker worden 6 4. Frisse blaadjes 7 5. Kikkerdril 8 6. Op reis 9 7. In de wei 10 8. Er op uit! 11 9. Filmpjes 12 Werkblad lente 14

Nadere informatie

AMSTERDAM OPEN AIR FESTIVAL GAASPERPLAS

AMSTERDAM OPEN AIR FESTIVAL GAASPERPLAS NATUURBELEVEN AMSTERDAM OPEN AIR FESTIVAL GAASPERPLAS QUICKSCAN FLORA- EN FAUNAWET NatuurBeleven b.v. dr. M. Kuiper Oostermeerkade 6 1184 TV Amstelveen 020/4720777 mark@natuurbeleven.nl Opdrachtgever:

Nadere informatie

Waterlanders : op weg met Sam de salamander. Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander.

Waterlanders : op weg met Sam de salamander. Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander. Waterlanders : op weg met Sam de salamander Poelenproject Herzele ter uitbreiding van de amfibieënpopulatie met als kernsoort de kamsalamander. 1 De kamsalamander... Hallo, Ik ben Sam, de salamander met

Nadere informatie

SPREEKBEURT DISCUSVIS

SPREEKBEURT DISCUSVIS l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT DISCUSVIS VISSEN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN WE HEBBEN DE BELANGRIJKSTE INFORMATIE OVER DE DISCUSVIS BIJ

Nadere informatie

Nieuwsbrief 14 van RAVON Afdeling Utrecht mei 2013

Nieuwsbrief 14 van RAVON Afdeling Utrecht mei 2013 Nieuwsbrief 14 van RAVON Afdeling Utrecht mei 2013 Contactpersoon RAVON Utrecht Wim de Wild Couwenhoven 7221 3703 HW Zeist wim.de.wild@ziggo.nl tel. 030-6963771 RAVON Utrecht verstuurt onregelmatig een

Nadere informatie

Mamma vliegt steeds hoger.

Mamma vliegt steeds hoger. MEEUWTJE Meeuwtje is het verhaal van een jonge meeuw die zijn leefwereld verkent. Zijn moeder helpt hem daarbij, vooral door aan het eind van de dag nog eens na te gaan wat er allemaal voor dieren, kleuren

Nadere informatie