Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking. BTC Infocyclus

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking. BTC Infocyclus"

Transcriptie

1 Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking BTC Infocyclus

2 Platform Kinderrechten in Ontwikkelingssamenwerking Het Platform Kinderrechten in Ontwikkelingssamenwerking is een informele groep die in 2007 op initiatief van UNICEF België, Plan België en ECPAT België werd opgericht om kennis rond kinderrechten en ontwikkelingssamenwerking samen te brengen. Verschillende ontwikkelingsngo s en onderzoekscentra zijn actief lid, evenals onafhankelijke experts met terreinervaring en/of een specifieke expertise inzake kinderrechten en/of ontwikkelingssamenwerking. Het Platform organiseert allerhande activiteiten om een zo breed mogelijk draagvlak te creëren in België voor het belang dat gehecht moet worden aan kinderrechten binnen ontwikkelingssamenwerking. Het Platform wil toezien op de correcte implementatie van het thema kinderrechten zoals opgenomen in de wet op ontwikkelingssamenwerking. In dit kader verleent het Platform advies aan diverse beleidsactoren. Ook verstrekt het Platform informatie over kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking en verzorgt het opleidingen over dit thema. Huidige leden van het Platform: UNICEF België, Plan België, ECPAT België, , SOS Kinderdorpen, Geomoun, Vlaams Internationaal Centrum, Entraide et Fraternité, Croix Rouge de Belgique, Dynamo International, Centre for Children in Vulnerable Situations, Professor Wouter Vandenhole (Universiteit Antwerpen- UNICEF Leerstoel), Professor Eugeen Verhellen (hoogleraar emeritus Universiteit Gent), Professor Isabelle Ravier (Centre Interdisciplinaire des Droits de l enfant), Luisa Maria Aguilar (onafhankelijk expert). Voor meer informatie: Platform Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking Secretariaat UNICEF België, Nele Lefevere, Keizerinlaan 66, 1000 Brussel. Tel. 02/

3 Inhoudstafel 1. Inleiding 2. Kinderrechten 2.1 Geschiedenis 2.2 Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind Inhoud Werking 3. Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking 3.1 Waarom is dat zo belangrijk? 3.2 Kinderrechten in de Belgische ontwikkelingssamenwerking 3.3 Kinderrechtenbenadering in ontwikkelingssamenwerking Basiscomponenten Vier principes Bijlage Casus groepswerk

4 1. Inleiding Kinderen hebben specifieke behoeften, wat zich vertaalt in specifieke rechten. In 1989 besloten de wereldleiders dat kinderen een specifiek verdrag nodig hebben, omdat mensen onder de 18 jaar recht hebben op specifieke verzorging en bescherming. Men wilde er ook voor zorgen dat de wereld zou erkennen dat ook kinderen mensenrechten hebben. Sinds 1989 en tegen erg verschillende economische, sociale en politieke achtergronden werd het Verdrag inzake de Rechten van het Kind opgenomen in tal van nationale wetgevingen. Er werden zowat overal kinderrechtencoalities en instellingen voor kinderrechten in het leven geroepen, die een belangrijke rol spelen in het toezicht op het Verdrag. Het Comité voor de Rechten van het Kind heeft de lidstaten bovendien begeleid in hun voortgang, door de aandacht, via opmerkingen en aanbevelingen, te vestigen op de vorderingen en de hiaten, met het oog op de verbetering van de uitvoering van het Verdrag in de hele wereld. Onder de vooruitgang die sinds 1989 werd geboekt, noteren we een bemoedigende verbetering van het kindersterftecijfer. In 2010 werd het aantal kinderen onder de vijf jaar dat elke dag sterft, teruggedrongen met in vergelijking met Tussen 1990 en 2008 daalde de groeiachterstand die wordt veroorzaakt door ondervoeding, van 40 % naar 29 % in de ontwikkelingslanden. Op het gebied van onderwijs werden indrukwekkende vorderingen gerealiseerd. Tussen 1999 en 2009 maakte het aantal schoolgaande kinderen in het onderwijs van de eerste graad een sprong voorwaarts van ongeveer 40 %, van 113 miljoen naar 157 miljoen; nog eens 58 miljoen kinderen werden ingeschreven in de basisschool; en het aantal niet-schoolgaande kinderen die oud genoeg zijn om naar de basisschool te gaan, daalde met 39 miljoen. Men is het er inmiddels over eens dat het Verdrag inzake de Rechten van het Kind directe gevolgen heeft gehad voor de verbetering van de levensomstandigheden van miljoenen kinderen, maar ook voor de manier waarop de internationale ontwikkelingshulp wordt bekeken, met consequenties voor de aard van de programma's die worden uitgevoerd, het proces waarmee de prioriteiten worden bepaald en de manier waarop de ontwikkelingsprogramma's worden gerealiseerd. Bovendien begonnen tal van ontwikkelings-ngo's enkele jaren geleden met nagaan op welke manier ze de kinderrechten in hun eigen werk kunnen integreren. 2. Kinderrechten 2.1 Geschiedenis Tot het einde van de Middeleeuwen werd de houding tegenover kinderen gekenmerkt door een hoge graad van onverschilligheid. Kinderen werden nog niet als een afzonderlijke sociale categorie beschouwd. Eén van de redenen daarvoor zeker bij jonge kinderen was de hoge kindersterfte. Pas ten tijde van de Verlichting (achttiende eeuw) werden kinderen ontdekt. Deze ontdekking houdt zonder enige twijfel verband met de vooruitgangsidee die toen opmars maakte. Kinderen werden voor het eerst als een afzonderlijke sociale categorie beschouwd, als nog niet volwassenen die opgeleid moesten worden om in de toekomst volwaardige volwassenen te worden. Dit houdt verband met de vooruitgangsidee die toen opmars maakte. Toch was er nog geen sprake van echte kinderrechten. Kinderen werden bekeken als toekomstige volwassenen, niet als kinderen an sich.

5 Kinderrechten ontstonden pas echt in de 20 e eeuw. O.a. het grote kinderleed als gevolg van de 2 WO deed het besef groeien dat kinderen specifieke bescherming nodig hadden en kwamen kinderen en hun rechten op de internationale agenda. De Eerste Wereldoorlog leidde in 1924 tot de Verklaring van Genève. Ze beschrijft in het kort de verplichtingen en de verantwoordelijkheden van volwassenen tegenover kinderen en vormt het fundament waarop elk later verdrag inzake de rechten van het kind zou gebouwd worden. De visie van de Verklaring van Genève blijft echter die van de behoeftebenadering. Kinderen moesten beschermd worden en volwassenen moesten voldoen aan deze nood. Kort na de Tweede Wereldoorlog opnieuw waren kinderen een groot slachtoffer van een wereldwijd conflict werden kinderen terug op de agenda geplaatst. Al snel voelde men, in het licht van veranderde ideeën over kinderrechten, de nood om een nieuwe verklaring op te stellen. In 1959 zag de Verklaring van de Rechten van het Kind het levenslicht. Deze verklaring werd unaniem goedgekeurd door de Algemene Vergadering van de VN en verkreeg een grote morele autoriteit. Vergeleken met de eerder vage Verklaring van Genève is deze tekst sterker uitgewerkt. In tegenstelling tot de tekst van 1924 worden nu niet alleen de primaire noden van kinderen behandeld, maar is er ook ruimte voorzien voor de nood aan het familiale leven, het recht op postnatale verzorging, verplicht en gratis basisonderwijs, enz. Deze Verklaring was geen eindpunt. Enerzijds groeide het besef dat er nood was aan een verdrag in plaats van een verklaring. Een verdrag heeft, in tegenstelling tot een verklaring, immers een wettelijk karakter en kan dus ook juridisch afgedwongen worden. Anderzijds waren er ook inhoudelijke bezwaren tegen de twee voorgaande verklaringen. Zo werd het kind in globo nog steeds als een passief wezen beschouwd. De rechten van het kind bestonden vooral met de bedoeling om kinderen tegen uitwassen van volwassenen te beschermen. Nog te vaak werden kinderen gezien als eigendom van volwassenen. Dat het kind ook actieve, positieve rechten heeft, werd nauwelijks of niet in ogenschouw genomen. In 1979, het internationaal jaar voor de Rechten van het kind werd dan ook het initiatief genomen om te starten met de opmaak van een specifiek verdrag voor de rechten van het Kind. Dit leidde uiteindelijk in 1989 tot de goedkeuring van het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind. 2.2 Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind Inhoud Het Verdrag inzake de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties (VRK) is de algemeen erkende norm met betrekking tot de rechten van alle kinderen, overal ter wereld. Het Verdrag werd op 20 november 1989 aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Het werd geratificeerd door alle landen, met uitzondering van twee landen (Verenigde Staten en Somalië), die lid zijn van de Verenigde Naties, wat het gezag ervan benadrukt binnen het geheel van internationale normen die door de staten moeten worden nageleefd. Het Verdrag van 1989 werd door België op 16 december 1991 geratificeerd en trad er in werking op 15 januari Het VRK is het meest 'volledige' mensenrechtenverdrag het bevat immers alle burgerrechten (vb. recht op nationaliteit), politieke (vb. recht op vrijheid van meningsuiting), economische (vb. recht op

6 vrijwaring tegen uitbuiting), sociale (vb. recht op onderwijs) en culturele (vb. recht op rust en vrije tijd) rechten van kinderen, en bestrijkt ook enkele gebieden die gewoonlijk gelinkt zijn aan het internationale humanitaire recht. De kinderrechten in het VRK zijn universeel wat betekent dat het verdrag van toepassing is op alle kinderen, ongeacht waar ze wonen. Alle kinderen hebben rechten, ongeacht hun geslacht, ras, capaciteiten, sociale en economische omstandigheden, politieke of religieuze overtuigingen. Deze rechten zijn voor iedereen en overal geldig. De kinderrechten zijn onvervreemdbaar. De rechten die in het Verdrag inzake de Rechten van het Kind worden vermeld, verwijzen specifiek naar kinderen onder de achttien jaar. Praktisch gezien betekent dit dat de kinderrechten niet kunnen worden afgenomen van groepen kinderen die als "afwijkend", "moeilijk" of "problematisch worden beschouwd, zoals kindsoldaten of kinderen die in conflict met de wet gekomen zijn. Alle artikels van het Verdrag zijn onderling afhankelijk. Die ondeelbaarheid van de rechten veronderstelt een holistische benadering. Dat betekent dat kinderen vóór alles als mensen worden beschouwd, in plaats van hun leven op te delen in "problemen" of aparte rollen, bijvoorbeeld een kind dat arbeid verricht of een gehandicapt kind. Het betekent ook erkennen dat de realisatie van positieve veranderingen op één gebied (bijvoorbeeld toegang tot de school) ook acties op andere gebieden kan vereisen (bijvoorbeeld inkomsten genereren of voor een betere gezondheidszorg zorgen). Dit beginsel veronderstelt ten slotte dat alle rechten van hetzelfde niveau zijn, en niet hiërarchisch kunnen worden ingedeeld. Het Verdrag verlaat bovendien de probleem- of behoeftebenadering van het kind en legt de klemtoon op de benadering van het kind als drager van fundamentele mensenrechten. Het VRK biedt een internationaal overeengekomen minimumpakket aan normen voor wetgeving, beleid en praktijken in landen, met betrekking tot alle kinderen. Het VRK bevordert een positief beeld van kinderen als actieve houders van rechten. Het omschrijft nauwkeurig wat die rechten zijn en stelt de landen verantwoordelijk en aansprakelijk voor de verwezenlijking ervan. Het VRK werkt internationale samenwerking in de hand via een gemeenschappelijk kader van verplichtingen voor landen om andere landen te helpen bij de verwezenlijking van hun kinderrechten. Het VRK steunt daarvoor op vier basisprincipes die helpen bij de interpretatie van het Verdrag in zijn geheel en die het uitvoeringsbeleid sturen. De vier beginselen van het Verdrag zijn: het nondiscriminatiebeginsel, het recht van het kind op leven, overleven en ontwikkeling, het recht op participatie van het kind en het beginsel van het belang van het kind. Non-discriminatie: het verdrag geldt voor alle kinderen onder de 18 jaar en vraagt specifieke aandacht voor kwetsbare groepen. Recht op leven, overleven en ontwikkeling: elk kind heeft het recht op een menswaardig leven en het recht zich te ontwikkelen. Recht op participatie: elk kind heeft een eigen mening. In alles wat kinderen aanbelangt mogen ze hun mening uiten en moet er ook naar hun mening geluisterd worden. Belang van het kind: in alle acties moet er rekening gehouden worden met het belang van het kind.

7 Naast het VRK zelf zijn er 3 optionele protocollen (OP). Landen die het VRK ondertekenden kunnen ervoor kiezen ook deze 3 optionele protocollen te ratificeren. 2 van deze protocollen richten zicht op 2 specifieke situaties: kinderen in gewapende conflicten en de handel in kinderen, kinderprostitutie en kinderpornografie. Het meest recente OP is het OP voor de instelling van een klachtenprocedure. Op dit moment is het OP klachtenprocedure nog niet in werking. Van zodra 10 staten het geratificeerd hebben zal het in werking treden. De bedoeling van dit OP is kinderen en/of hun vertegenwoordigers de mogelijkheid geven om een individuele klacht in te dienen bij het comité voor de rechten van kind indien hun rechten niet gerespecteerd worden. Het IVRK was het laatste internationale mensenrechtenverdrag die deze individuele klachtenprocedure instelt. Op dit moment zijn er nog heel wat vragen over de praktische werking/uitvoering van deze procedure Werking Het Comité voor de Rechten van het Kind is het orgaan van de Verenigde Naties dat erop toeziet dat het Verdrag in de wereld wordt toegepast. Het Comité organiseert regelmatig debatdagen en publiceert regelmatig algemene opmerkingen die dienen om de inhoud van de artikels van het Verdrag te interpreteren. Het werd aangesteld door het VRK van de VN en is een onafhankelijk orgaan van 18 experts die worden verkozen door de lidstaten van het VRK van de VN. Staten die het VRK van de VN hebben geratificeerd, zijn er juridisch door gebonden en hebben zich ertoe verbonden om de noodzakelijke wettelijke, budgettaire, administratieve en andere maatregelen te nemen om het te implementeren. De toezicht- en rapporteringsmechanismen van het VRK van de VN bieden een belangrijk middel om de verantwoordelijkheid van de staten te stimuleren en te benadrukken. Hoewel het Comité zijn visie niet kan afdwingen, kan er worden aangevoerd dat het open rapporteringsproces staten nationaal en internationaal verantwoordelijk maakt. De monitoring van de implementatie verloopt via een periodieke rapportering. Ondertekende staten worden verwacht om na 2 jaar een initieel rapport en vervolgens elke 5 jaar een periodiek rapport in te dienen over de stand van zaken (en vooruitgang die geboekt werd) op het vlak van de rechten van het kind in hun land. Staten worden uitgenodigd dit rapport voor te stellen in een sessie voor het Comité voor de rechten van het kind en te antwoorden op een list of issues die voordien door het comité, op basis van analyse van het rapport, aan de staat werden bezorgd. Deze list of issues wordt opgesteld in een pre-sessional working group waarin ook NGO s en vertegenwoordigers van multilaterale organisaties aan bod komen. In veel landen voorzien individuele of coalities van NGO s in zogeheten alternatieve rapporten om naast het standpunt van de overheid ook de standpunten van de civiele maatschappij en de kinderen zelf over de realisatie van de rechten van het kind aan bod te laten komen. De Sessie voor het comité eindigt met de formulering en publicatie van de concluding observations. Concluding observations geven enerzijds de stand van zaken en de conclusies van het Comité met betrekking tot de verschillende rechten van het kind in een land weer en geven tegelijkertijd concrete aanbevelingen aan de staat om de realisatie van de verschillende rechten te verbeteren. In die zin kunnen de concluding observations ook zeer handige instrumenten zijn voor

8 ontwikkelingssamenwerking aangezien ze zowel de pijnpunten als de verbetermogelijkheden en concrete pistes tot actie aangeven. De rechten in het IVRK zelf zijn vaak nogal kort omschreven en geven niet altijd uitsluitsel over de manier waarop ze geïnterpreteerd moeten worden, laat staan op welke manier ze in functie van een bepaalde context of doelgroep geïnterpreteerd dienen te worden. Om hier meer duidelijkheid over te verschaffen maakt het comité ook werk van de opmaak van zogeheten General Comments. In deze Comments geeft het comité haar interpretatie van bepaalde rechten en/of de rechten van bepaalde specifieke groepen kinderen. Enkele voorbeelden van GC: De Aims of Education, Recht op bescherming tegen lijfstraffen (corporal punishment), recht om gehoord te worden, de rechten van kinderen getroffen door HIV/AIDS, de rechten van kinderen in het jeugdrecht, de rechten van inheemse kinderen,. 3. Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking 3.1 Waarom is dat zo belangrijk? Sociaal-economisch Door te investeren in het welzijn van kinderen gaan ze er sterk op vooruit. De kinderen uit de hele wereld maken het beter dan ooit. In vergelijking met de situatie van nauwelijks twintig jaar geleden sterven er elke dag minder kinderen, leven er minder kinderen in armoede, zijn er meer kinderen weldoorvoed en gaan er meer kinderen naar school. Meerdere factoren waren doorslaggevend om deze resultaten te behalen: investeringen ten gunste van de kinderen, stimulerende maatregelen en nationale programma's en ontwikkelingshulp gericht op kinderen. Investeren in de rechten van kinderen, als actoren die verandering teweeg kunnen brengen, draagt bij aan een duurzame, geïntegreerde en effectieve ontwikkeling. Zoals UNICEF stelt in Poverty Reduction Starts with Children, Investeren in kinderen is de beste investering die een samenleving kan doen. Respect voor de rechten van kinderen is de beste garantie op economische groei en vormt de motor voor duurzame ontwikkeling. Ontwikkelingssamenwerking die geen aandacht heeft voor de specifieke situatie van kinderen en hun rechten en de wijze waarop deze geraakt worden door ontwikkelingsprogramma s, heeft geen oog voor de toekomst van samenlevingen en landen en kan dan ook nooit duurzaam noch effectief zijn. Investeren in kinderen komt de hele maatschappij ten goede: de impact op het gebied van economische groei en sociale stabiliteit is significant. Dit brengt een grotere productiviteit maar ook indirecte gevolgen voor de economische groei met zich mee, want de scholing van de meisjes leidt bijvoorbeeld tot kleinere gezinnen, gezondere baby's en meer schoolgaande kinderen. Het gebruik van de middelen toespitsen op de meest gemarginaliseerde kinderen kan ook bijdragen tot het terugdringen van de ongelijkheid, en een grotere sociale cohesie bevorderen. Investeren in kinderen is noodzakelijk om de basis te leggen voor stabiliteit en welvaart in de toekomst. Politiek en ethisch Meer dan een derde van de bevolking in ontwikkelingslanden bestaat uit kinderen. Ontwikkelingssamenwerking die geen aandacht heeft voor kinderen en hun rechten, sluit dan ook

9 30% van de bevolking uit. Ontwikkelingsprogramma s hebben immers niet dezelfde impact op kinderen als op volwassenen. Kinderen en jongeren zijn de belangrijkste slachtoffers van de armoede in de wereld. Meer dan een half miljard kinderen van wie ongeveer 40 % in de zuidelijke landen woont moet zich weten te redden met minder dan één euro per dag. Armoede heeft zware gevolgen voor kinderen. De ontberingen veroorzaken onherstelbare schade aan de cognitieve en lichamelijke ontwikkeling van zuigelingen en jonge kinderen. Behalve het feit dat kinderen het zwaarst worden getroffen door armoede, zijn ze de belangrijkste schakel in de overdracht van armoede, waardoor de toekomstige generaties in een vicieuze cirkel terechtkomen. Een kinderrechtenbenadering, zoals de rechtenbenadering in het algemeen, heeft specifiek aandacht voor het concept equity en de meest kwetsbare groepen in de samenleving. In het kader van ontwikkelingssamenwerking is dit concept van equity en gelijke ontwikkelingskansen, ook voor de meest kwetsbare, achtergestelde groepen bijzonder actueel. Een kinderrechtenbenadering met specifieke aandacht voor dit aspect heeft dan ook een belangrijke meerwaarde. Kinderen nemen een centrale plaats in binnen de Millenniumontwikkelingsdoelstellingen. De Verenigde Naties hebben in september 2000 een Millenniumtop georganiseerd. De 189 lidstaten van toen hebben een verklaring aangenomen, waarin 8 Millenniumontwikkelingsdoelstellingen voor ontwikkeling naar voor werden gebracht. Al die doelstellingen hebben rechtstreeks en/of onrechtstreeks een impact op de kinderrechten. Ontwikkelingssamenwerking, zoals de Belgische, die de Millenniumdoelstellingen als centraal referentiekader neemt kan niet anders dan aandacht hebben voor de rechten van kinderen. Ontwikkelingsprogramma s, hoe goed bedoeld en uitgewerkt ze ook zijn, kunnen indien er geen specifieke aandacht is voor de rechten van kinderen een negatieve invloed hebben op kinderen en hun rechten. We denken daarbij bijvoorbeeld aan de constructie van een brug om de economische activiteit in een gebied aan te zwengelen maar die als onvoorzien neveneffect een verhoging van de kinderhandel en kinderprostitutie met zich meebrengt. Aandacht voor de rechten van het kind in de constructie en formulering van het project of programma had dergelijke risico s in beeld kunnen brengen en het mogelijk gemaakt om een aantal flankerende maatregelen te nemen die kinderen in het gebied zouden hebben kunnen beschermen tegen kinderhandelaars of prostitutie. Juridisch Een belangrijke basis voor een kinderrechtenbenadering binnen ontwikkelingssamenwerking is het Kinderrechtenverdrag. Niet enkel is het niet mogelijk om de millenniumontwikkelingsdoelstellingen te realiseren zonder extra aandacht voor kinderen en hun rechten. Op grond van het Kinderrechtenverdrag zijn staten ook verplicht om kinderrechten te realiseren. Zo goed als alle landen ter wereld hebben het verdrag geratificeerd, enkel de Verenigde Staten en Somalië deden dat (nog) niet. Deze quasi-universele ratificatie zorgt ervoor dat het Kinderrechtenverdrag wereldwijd bindend is en versterkt de gezamenlijke verplichting tot onderlinge solidariteit. Het Kinderrechtenverdrag roept daarnaast expliciet op tot internationale samenwerking. Het woord ontwikkelingssamenwerking komt in het Kinderrechtenverdrag niet voor, wel het begrip internationale samenwerking. Dit is illustratief voor de geest van het Kinderrechtenverdrag en ook

10 consistent met de huidige visie op ontwikkeling. Het Kinderrechtenverdrag biedt unieke aanknopingspunten voor internationale ontwikkelingssamenwerking. In de eerste plaats is er artikel 4. Daarin wordt van de verdragsstaten verlangd dat zij passende wetgevende, administratieve en andere maatregelen nemen voor de implementatie van onder andere de economische, sociale en culturele rechten in de ruimste mate waarin de hun ter beschikking staande middelen dit toelaten en, indien nodig, in het kader van internationale samenwerking. Het noemen van internationale samenwerking als een instrument in de realisering en implementatie van mensenrechten, zoals gebeurt in artikel 4 van het Kinderrechtenverdrag, kadert in een ruimere benadering waarin internationale samenwerking en bijstand wordt benadrukt, in het bijzonder voor Economische, Sociale en Culturele Rechten. Maar het Kinderrechtenverdrag gaat nog een belangrijke stap verder. Niet enkel in artikel 4 wordt naar internationale samenwerking verwezen. Dit wordt ook gedaan als het gaat om de rechten van kinderen met een handicap (art. 23 van het Kinderrechtenverdrag), het recht op het genot van de grootst mogelijke mate van gezondheid (art. 24 van het Kinderrechtenverdrag) en het recht op onderwijs (art. 28 van het Kinderrechtenverdrag). In elk van deze artikelen worden de verdragstaten met betrekking tot de verwezenlijking van de rechten daarin vermeld, opgeroepen zich te verbinden om internationale samenwerking te bevorderen en in het bijzonder rekening te houden met de behoeften van ontwikkelingslanden. Deze oproep vinden we ook terug in beide facultatieve protocollen bij het Kinderrechtenverdrag (art.7 Optioneel Protocol inzake de betrokkenheid van kinderen bij gewapende conflicten; art.10 Optioneel Protocol inzake de verkoop van kinderen, prostitutie en pornografie). Het Kinderrechtenverdrag en de protocollen verwachten dus duidelijk van de verdragstaten dat zij internationale samenwerking aanmoedigen en bevorderen en dat daarin de ontwikkeling van de ontwikkelingslanden bijzondere aandacht krijgt. Niet enkel zijn er de artikelen in het Kinderrechtenverdrag zelf, het Comité voor de Rechten van het Kind heeft ook al meermaals aangegeven dat het internationale samenwerking een belangrijk onderdeel acht van dit Verdrag, naar aanleiding van de bespreking van de rapporten van de verschillende Verdragsstaten. Het Comité heeft inmiddels in zijn General Comment no.5 on General Measures of Implementation of the Convention on the Rights of the Child (2003) uiteengezet welke acties het van de verdragsstaten verwacht op het terrein van internationale (ontwikkelings)samenwerking (para 60-64). In deze General Comment zet het Comité verdragstaten er ook toe aan om het budget voor ontwikkelingssamenwerking op te trekken en worden ontwikkelingslanden aangemoedigd om een aanzienlijk deel van het budget dat ze ontvangen, te besteden aan hulp voor kinderen en hun rechten. Zowel bij de donorlanden als bij de ontwikkelingslanden moeten kinderrechten dus een prioritaire plaats krijgen bij de budgetallocatie. 3.2 Kinderrechten in de Belgische ontwikkelingssamenwerking In 2005 werd het thema kinderrechten via een amendement als transversaal thema opgenomen in de wet op de Belgische internationale samenwerking van Deze wetswijziging kwam er na een voorstel van senatrice Sabine de Bethune en naar aanleiding van een conferentie over Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking die UNICEF België, Plan België en ECPAT België in 2004 organiseerden.

11 Concreet wil dit zeggen dat sinds deze wetswijziging kinderrechten in alle onderdelen van de Belgische ontwikkelingssamenwerking gerealiseerd moet worden, in elk beleid en elk programma inzake ontwikkelingssamenwerking is extra aandacht voor kinderen en hun rechten vereist. Bij elk transversaal thema hoort een strategienota, waarin richtlijnen staan voor het Belgische beleid. De strategienota Eerbied voor de Rechten van het Kind kwam er in De implementatie van het thema verliep echter van in het begin heel erg moeilijk. Noch de administratie noch de NGO s of uitvoerders van de bilaterale OS op het terrein hebben een duidelijk zicht op de wijze waarop dit transversale thema in praktijk kan worden gebracht. Bovendien kampt het thema net als een aantal andere thema s met een bepaalde vermoeidheid die er bestaat tegenover de proliferatie van transversale thema s en andere rapporteringsverplichtingen. Eerder dan een aandachtspunt dat hen kan helpen hun programma s te verbeteren worden kinderrechten gezien als de zoveelste bijkomende rapporteringsverplichting. Kinderrechten zijn dan ook geen verticale sector, een aparte budgetlijn waarmee projecten voor kinderen worden gefinancierd. Kinderrechten moeten een aandachtspunt zijn in landbouwprojecten, gezondheidsprojecten, projecten en programma s ten voordele van de opbouw van een civiele maatschappij, etc. Ook sectoren die op het eerste zicht niets te maken hebben met kinderrechten kunnen aandacht besteden aan het beschermen en actief realiseren van kinderrechten. In 2013 werd er een nieuwe Wet op de Internationale Samenwerking van kracht. Kinderrechten worden daarbij niet langer weerhouden als een transversaal thema maar worden onder de hoofding Mensenrechten ingedeeld bij de nieuwe categorie van prioritaire thema s. In hoeverre deze prioritaire thema s eerder horizontaal of verticaal zullen zijn is voorlopig niet duidelijk. Voor het Platform Kinderrechten in Ontwikkelingssamenwerking blijven kinderrechten echter een horizontaal thema en geen verticale sector. Het kan niet volstaan dat de Belgische ontwikkelingssamenwerking een aantal kindgerichte projecten uitvoert. Kinderrechten zijn juist cruciaal in die sectoren die niet in eerste instantie aandacht besteden aan kinderen als doelgroep. Bovendien mag men er niet van uit gaan dat wat goed is voor volwassen in een bepaalde sector ook goed zal zijn voor kinderen. 3.3 Kinderrechtenbenadering in ontwikkelingssamenwerking Toen de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in 1989 het Verdrag inzake de Rechten van het Kind aannam en het ratificatieproces door de lidstaten van start ging, draaiden we een bladzijde om in de geschiedenis wat betreft de relatie tussen overheden, maatschappij en kinderen. Het Verdrag heeft aanleiding gegeven tot een nieuw sociaal contract dat op twee basispremissen gebaseerd is de erkenning van het kind als actief rechtsvoorwerp en van de lidstaten als dragers van de niet-overdraagbare verantwoordelijkheid om de voorwaarden te creëren die noodzakelijk zijn voor de volle uitoefening van deze rechten, zoals in het instrument van de Verenigde Naties bepaald is. De recente verschuiving naar een vorm van hulp en ontwikkelingswerk die gepaard gaat met de verplichting om de rechten van mensen te verwezenlijken, geeft blijk van de erkenning dat er meer nodig is dan beperkte hulp van buitenaf, van de rijke "ontwikkelde wereld" aan de armere "ontwikkelingswereld". Via het sluiten van verdragen en overeenkomsten in de loop van de

12 afgelopen twee decennia hebben overheden de verwezenlijking van mensenrechten als ontwikkelingsdoel aangenomen. De verwezenlijking van de rechten van iedereen is een globale uitdaging geworden in plaats van een uitdaging voor individuele overheden alleen. De sleutel van deze nieuwe manier om naar ontwikkeling te kijken, is de manier waarop op rechten gebaseerde benaderingen machtige mensen en instellingen voor hun verantwoordelijkheid stellen, tegenover zij die minder macht hebben. Op rechten gebaseerde programma's helpen houders van rechten om hun rechten te doen gelden. Deze programma's beschikken over het potentieel om de impact te vergroten en de duurzaamheid te versterken door de basisoorzaken van schendingen van rechten aan te pakken, en een kentering in het beleid en de praktijken teweeg te brengen, om nu en in de toekomst een blijvend verschil te maken in de levens van individuen. Needs Based Approach Rights Based Approach Noden impliceren geen plichten, maar lokken eventueel beloftes uit Noden zijn niet per se universeel Noden kunnen worden gerangschikt Noden voldoen vraagt niet per se aandacht voor het proces Individuen zijn objecten van hulp Motivatie: noden voldoen uit liefdadigheid 80% van de noden vervullen kan een goed resultaat zijn Rechten impliceren plichten en verplichtingen van duty bearers Rechten zijn universeel Rechten zijn ondeelbaar en onderling afhankelijk. Basisrechten bestaan niet. Rechten realiseren vraagt per definitie aandacht voor het proces Individuen zijn empowered om hun rechten te claimen Motivatie: rechten realiseren uit verplichting In een rechtenbenadering zijn de rechten van 20% van de kinderen niet voldaan Gericht op onmiddellijke oorzaken Met bijkomende middelen Gericht op structurele oorzaken Bestaande middelen eerlijker verdelen Noden zijn niet gebaseerd op een normatief kader en hangen dan ook niet vast met verplichtingen. Ze kunnen echter wel beloftes uitlokken zoals bijvoorbeeld een overheid of een organisatie die belooft iets te doen aan de nood aan voedsel van een bepaalde groep mensen. Rechten impliceren wel de plicht van een duty bearer om hier iets aan te doen. Noden zijn niet per se universeel. De noden van iemand in een vluchtelingenkamp in Afrika zijn anders dan die van iemand in België. Noden zijn in die zin ook meer vatbaar voor discussie. Waar

13 men nood aan heeft, is afhankelijk van de situatie maar ook afhankelijk van het standpunt waaruit je er naar kijkt. Rechten daarentegen gelden voor iedereen en liggen voor iedereen vast. Noden kan je rangschikken. Je kan stellen dat iemand eerst nood heeft aan voedsel en onderdak en pas daarna nood heeft aan goed onderwijs of mogelijkheden om als burger deel te nemen aan de samenleving. Rechten kan je niet rangschikken. Rechten zijn onderling afhankelijk en er is niet één recht dat belangrijker is dan een ander. Je kan iemand zijn recht op voedsel niet realiseren als je niet tegelijkertijd ook zijn recht op bescherming of het recht op onderwijs waarborgt en andersom. De term basisrechten bestaat dus niet. Om aan noden te voldoen maakt het in principe niet uit hoe je dat doet. Je kan perfect noden voldoen zonder mensen op een of andere manier te betrekken bij je interventie, zonder samen te werken met lokale overheden of civiele maatschappij, etc. Rechten realiseren vraagt altijd specifieke aandacht voor het proces. Rechten realiseren houdt in dat je mensen versterkt om hun rechten te kunnen opeisen, dat je overheden versterkt en beïnvloed om hun verplichtingen op te nemen, etc. Individuen zijn in die zin in een nodenbenadering een object van de hulp wiens noden onafhankelijk van hun eigen acties gelenigd kunnen worden. Een rechtenbenadering impliceert steeds de actieve betrokkenheid van individuen bij het opeisen van hun rechten. De motivatie voor het voldoen van noden kan voortkomen uit liefdadigheid. De motivatie voor het realiseren van rechten is de verplichting, wat niet wegneemt dat een rechtenbenadering solidariteit en medeleven kan inhouden. Een groot deel van de noden vervullen betekent winst. In een rechtenbenadering wil dit zeggen dat je nog altijd een deel van de mensen/kinderen hun rechten niet vervult. Dit is bijvoorbeeld pertinent in het geval van de Millenniumontwikkelingsdoelstellingen. Die streven ernaar de helft van de mensen uit armoede te halen, de kindersterfte met 2/3 e terug te dringen, moedersterfte met 3/4 e terug te dringen. Een rechtenaanpak zou zeggen, en wat met het recht op een menswaardig inkomen van die andere 50% armen, wat met die resterende 30% kinderen die sterven voor ze 5 jaar zijn en die 25% moeders die nog altijd sterven in het kraambed? Noden lenigen gebeurt vaak door te focussen op de onmiddellijke oorzaken. De nood voor voedsel kan gelenigd worden door voedsel aan te brengen of bijkomende velden aan te planten. Het recht op voedsel zal eerder kijken naar de structurele redenen waarom de overheid er niet in slaagt voor al zijn burgers genoeg voedsel te voorzien. Een nodenbenadering lenigt noden met bijkomende middelen. Een rechtenbenadering streeft naar een meer eerlijke verdeling van de bestaande middelen. 5.1 Basiscomponenten Een essentieel element van op rechten gebaseerde benaderingen is het proces aan de hand waarvan houders van plichten hun verplichtingen nakomen, en ervoor ter verantwoording worden geroepen, en aan de hand waarvan houders van rechten in staat worden gesteld om hun rechten te doen gelden. De relatie tussen de houder van verplichtingen en de houder van rechten staat hierbij centraal. Een kinderrechtenbenadering moet er dus mee voor zorgen dat de relatie tussen de houder van verplichtingen en de houder van rechten effectief functioneert.

14 Houders van verplichtingen zijn zij die krachtens het VRK van de VN en andere internationale mensenrechtenverdragen verplichtingen hebben. De staat is de belangrijkste houder van verplichtingen. De staat moet verplichtingen nakomen en de rechten van mensen beschermen en verwezenlijken. De staat kan bepaalde verantwoordelijkheden aan anderen delegeren (zoals privébedrijven of groepen uit het maatschappelijke middenveld). De internationale gemeenschap heeft ook verplichtingen om de staat te helpen bij het vervullen van zijn verantwoordelijkheden om de rechten van het kind te verwezenlijken. Ouders en anderen die voor kinderen zorgen zijn ook houders van verplichtingen, met specifieke verantwoordelijkheden tegenover kinderen. Zij kunnen worden omschreven als secundaire houders van verplichtingen. De houder van rechten moet in staat worden gesteld om zijn/haar rechten te doen gelden en houders van verplichtingen ter verantwoording te roepen voor de nakoming van hun verplichtingen. Het vermogen van een kind om dat rechtstreeks te doen zal in de loop der tijd veranderen, naargelang zijn/haar ontwikkelingscapaciteiten. Houders van rechten hebben ook de plicht om de rechten van anderen te respecteren. Bij het toepassen van een kinderrechtenbenadering zullen dus mogelijk maatregelen genomen worden om zowel houders van rechten als houders van verplichtingen te informeren/sensibiliseren over kinderrechten (bewustmaking); om houders van plichten ter verantwoording te roepen (pleitbezorging), en om hen te helpen hun verplichtingen na te komen (capaciteitsontwikkeling). Kinderen zullen als houders van rechten (en anderen in het maatschappelijke middenveld) in staat gesteld worden om de rechten die hen toekomen te doen gelden (empowerment). Hiaten in de dienstverlening worden door middel van directe acties aangepakt (directe dienstverlening). Zo kan seksueel misbruik bij kinderen bijvoorbeeld bestreden worden door: an organisation may advocate for changes in legislation, utilise mass media to educate the public about sexual abuse, train social workers and law enforcement personnel in child protection methods and establish mechanisms for listening to children in schools or in shelters for street and working children.

15 Kinderen helpen om hun lot in eigen handen te nemen (rechtstreeks en door capaciteitsontwikkeling van houders van verplichtingen) Kinderen mondiger maken en hun capaciteiten ontwikkelen om de rechten die hen toekomen te doen gelden, gebeurt aan de hand van een brede waaier aan benaderingen en activiteiten. Het houdt vaak in dat kinderen (kindvriendelijke) informatie krijgen en hun capaciteiten en vaardigheden (om hun rechten te doen gelden, om deel te nemen aan processen, om hun mening te uiten enz.) ontwikkelen aan de hand van opleiding, middelen, contact met houders van verplichtingen, manieren om schendingen te rapporteren, communicatiekanalen enz. Bij het mondiger maken van kinderen gaat de aandacht vaak vooral naar de kinderen zelf, maar de ontwikkeling van de capaciteiten van de houders van verplichtingen om kinderen mondiger te maken, mag niet uit het oog worden verloren. Afhankelijk van de achtergrond, of als het bijvoorbeeld om jonge kinderen gaat, is het ook noodzakelijk om de houders van verplichtingen mondiger te maken. Het kan hier gaan om de ouders van kinderen, plaatselijke gemeenschappen, organisaties uit het maatschappelijke middenveld enz., die in staat moeten zijn om de kinderen te helpen mondiger te worden en hun rechten te doen gelden. Het ondersteunen van netwerken die kinderrechten promoten (in het bijzonder door kinderen zelf geleide organisaties), de organisatorische ontwikkeling van gemeenschapsgebaseerde organisaties, bewustmaking omtrent kinderrechten, opleiding en mobilisatie van de nationale media, mobilisatie van beroepsgroepen en werken binnen internationale coalities kunnen enkele van die activiteiten zijn. De capaciteitsontwikkeling van houders van verplichtingen ondersteunen Alle houders van verplichtingen die verantwoordelijkheden hebben tegenover kinderen en die betrokken zijn bij een programma moeten hun verantwoordelijkheid kennen en de kinderrechtenbenadering kunnen implementeren. Vaak willen houders van verplichtingen de kinderrechten wel verwezenlijken, maar hebben ze de noodzakelijke middelen en capaciteiten niet om dat te doen. Aangezien houders van verplichtingen de grootste verantwoordelijkheid hebben om kinderrechten te verwezenlijken en een echte impact te garanderen, lijkt het logisch dat er bij een kinderrechtenbenadering rechtstreeks met houders van verplichtingen wordt gewerkt om hun capaciteit te vergroten om kinderrechten tot stand te brengen. Er bestaan tal van manieren om de capaciteit van houders van verplichtingen te ontwikkelen om kinderrechten beter te promoten en te beschermen, gaande van informatie en opleiden verstrekken, technisch advies verlenen, de managementcapaciteit van houders van verplichtingen ondersteunen (in politieke, bestuurs- en gemeenschapsstructuren, bij de verzameling van gegevens, bij het garanderen van de participatie van kinderen) enz. De integratie van kinderbeschermingsmaatregelen in een strategieplan voor armoedebestrijding, toezicht op het budget bij plaatselijke overheden, de invoering van besluitvormingsmechanismen waarbij kinderen worden betrokken, beïnvloeding van de hervorming van het recht en de aanstelling van een ombudsman voor kinderen kunnen enkele van die activiteiten zijn.

16 Pleitbezorging bij houders van verplichtingen De ontwikkeling van de capaciteiten van houders van verplichtingen en kinderen zal niet altijd voldoende zijn. Pleitbezorging bij houders van verplichtingen is vaak een aanvullend noodzakelijk aspect van een duurzame kinderrechtenbenadering; ze moeten ervan worden overtuigd om de noodzakelijke maatregelen te nemen om voor een concrete impact op de kinderrechten te zorgen. Voor kinderen, die over het algemeen een lage sociale status hebben en bijvoorbeeld niet over de politieke macht beschikken om hun leiders te kiezen, is pleitbezorging zo mogelijk nog crucialer. Bij pleitbezorging wordt actie ondernomen ter verbetering van beleidsmaatregelen en praktijken die de rechten en het welzijn van kinderen ondermijnen. Uit de ervaring van professionals ter zake blijkt dat geslaagde pleitbezorging tot duurzame veranderingen leidt, die ervoor zorgen dat kinderen hun rechten volledig kunnen doen gelden in een steunende omgeving om een zelfstandig lid dat bijdraagt aan de maatschappij te worden. Pleitbezorging kan algemeen worden omschreven als iets dat tot positieve, duurzame veranderingen (die vaak betrekking hebben op de wetgeving, het beleid en/of de praktijken) leidt, als iets dat de machtsverhoudingen tussen kinderen en houders van verplichtingen aanpakt, en als iets dat in overeenstemming met een strategisch proces functioneert. Pleitbezorging kan: zeer technisch zijn, met heel specifieke aanbevelingen omtrent heel specifieke problemen, maar kan ook een proces van algemene bewustmaking van een grote groep houders van verplichtingen zijn; op samenwerking maar ook op confrontatie gericht zijn. houders van rechten zelf omvatten, of worden uitgevoerd door grote internationale multilaterale of bilaterale hulpverleners. plaatsvinden op plaatselijk niveau, maar ook op mondiaal niveau en op alle niveaus daartussen. op wettelijke gronden gebaseerd zijn (zoals het VRK), maar houders van verplichtingen proberen te overtuigen op ethische, economische of sociale gronden. De keuze van het juiste recept voor pleitbezorging bij houders van verplichtingen hangt sterk af van de achtergrond, maar is cruciaal om succes te boeken. Ook opleiding van de professionals, aangepaste concrete hulpmiddelen voor die professionals en toezicht op de doelgroep aan de hand van een follow-up- en evaluatiesysteem gericht op het beoogde doel zijn succesfactoren. Bewustmaking van kinderen en houders van verplichtingen Een aspect dat naargelang de interpretatie onder andere componenten kan vallen, zoals 'pleitbezorging' en 'capaciteitsontwikkeling', maar dat belangrijk genoeg is voor een aparte vermelding, is het aspect 'bewustmaking omtrent kinderrechten van houders van rechten en houders van verplichtingen'. Dit heeft te maken met bewustmaking van alle maatschappelijke niveaus omtrent de kinderrechten. De verwezenlijking van de kinderrechten in het dagelijks leven van kinderen overal ter wereld houdt in dat alle maatschappelijke niveaus, inclusief de kinderen zelf, zich

17 bewust worden van de kinderrechten en de verplichting om die rechten te respecteren en te bevorderen. Kinderrechtenbenaderingen gaan heel vaak gepaard met een vorm van bewustmaking omtrent kinderrechten als een noodzakelijke voorwaarde om de kinderrechten in het dagelijks leven van de kinderen tot stand te brengen. Net zoals de vorige componenten komt bewustmaking omtrent kinderrechten in tal van vormen en schaalgroottes voor. Directe dienstverlening om kinderrechten te verwezenlijken Om bestaande hiaten in de rechten van kinderen op te vullen, kan een kinderrechtenbenadering (gedeeltelijk) haar toevlucht nemen tot directe dienstverlening om de rechten van kinderen onmiddellijk te verwezenlijken. Dat dient te gebeuren in samenwerking met plaatselijke actoren, gemeenschappen en kinderen, en in het bijzonder in samenwerking met de belangrijkste houders van verplichtingen, zoals de staat, de plaatselijke overheid en de rechtspersoon die verantwoordelijk is voor het kind om de nakoming van hun verplichtingen tot dienstverlening te garanderen. Directe dienstverlening moet ook duurzaam zijn, zoals ervoor zorgen dat de lokale inbreng van het programma langdurig is, en mechanismen voorzien om het programma na afloop plaatselijk voort te zetten. De directe dienstverlening kan vervolgens een onderdeel zijn van een ruimere kinderrechtenbenadering wanneer goede praktijken die werden ingevoerd via directe dienstverlening, (later) worden gepromoot om te worden aangenomen en op grotere schaal te worden ingezet door en onder de verantwoordelijkheid van de belangrijkste houder van verplichtingen. Afhankelijk van de aard van uw programma kunnen therapeutische voeding voor kinderen onder de vijf jaar, counseling voor meisjes die het slachtoffer zijn van seksueel geweld en de voorziening van basisschoolmateriaal enkele voorbeelden van dergelijke activiteiten zijn. 5.2 Vier principes Binnen een kinderrechtenbenadering worden kinderen erkend als houders van rechten en worden ze geholpen om als actoren bij hun eigen ontwikkeling betrokken te worden. Een kinderrechtenbenadering erkent overheden als de belangrijkste houders van verplichtingen met betrekking tot de verwezenlijking van kinderrechten en bevordert de verantwoordelijkheid tegenover de burgers. Om deze relatie tussen houders van rechten en houders van verplichtingen volledig tot zijn recht te laten komen, dient dit te gebeuren in een rechtsklimaat waarin het VRK centraal staat en de vier principes ervan vervuld worden. Plannen en activiteiten zijn dus gebaseerd op vier fundamentele beginselen betreffende de kinderrechten: overleven en ontwikkeling, non-discriminatie, participatie en het belang van het kind. Non-discriminatie (art.2) De Staten die partij zijn bij dit Verdrag, eerbiedigen en waarborgen de in het Verdrag omschreven rechten voor ieder kind onder hun rechtsbevoegdheid zonder discriminatie van welke aard ook, ongeacht ras, huidskleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale, etnische of maatschappelijke afkomst, vermogen, handicap, geboorte of andere omstandigheid van het kind of van een ouder of wettige voogd.

18 Krachtens het non-discriminatiebeginsel van het Verdrag zijn alle rechten zonder enig onderscheid van toepassing op alle kinderen. Dat betekent, bijvoorbeeld, dat meisjes dezelfde kansen moeten krijgen als jongens, dat gevluchte kinderen of kinderen uit minderheidsgroepen dezelfde rechten moeten genieten als alle andere kinderen; dat gehandicapte kinderen gelijke kansen op een aanvaardbaar leven moeten krijgen; dat kinderen die in afgelegen plattelandszones wonen niet minder mogelijkheden mogen krijgen dan kinderen die in de grote steden wonen. Recht op overleven en ontwikkeling (art.6) 1. De Staten die partij zijn, erkennen dat ieder kind het inherente recht op leven heeft. 2. De Staten die partij zijn, waarborgen in de ruimst mogelijke mate het overleven en de ontwikkeling van het kind. De ontwikkeling van het kind garanderen betekent voor de kinderen het recht op gezondheid, op een toereikende levensstandaard, op onderwijs, op recreatie en op bescherming tegen geweld en mishandeling garanderen. Het recht van kinderen op overleven en op ontwikkeling omvat een brede waaier van aspecten die verband houden met ontwikkeling (inclusief lichamelijke, geestelijke, culturele, spirituele, psychische en sociale ontwikkeling) en veronderstelt dat de kinderen het potentieel van hun eigen ontwikkeling in zich dragen. Daartoe moeten de kinderen ook worden beschermd, van een aangepaste verzorging profiteren en in een stimulerende omgeving wonen die hen in staat stelt om hun volledige potentieel te realiseren. Het juiste evenwicht vinden tussen de bescherming en de participatie van de kinderen is een hele uitdaging. Participatie (art.12) De Staten die partij zijn, verzekeren het kind dat in staat is zijn eigen mening te vormen, het recht die mening vrijelijk te uiten in alle aangelegenheden die het kind betreffen, waarbij aan de mening van het kind passend belang wordt gehecht in overeenstemming met zijn leeftijd en rijpheid. Het recht van alle kinderen om te participeren in de beslissingen die hen aanbelangen, is terug te vinden in elk van de bepalingen van het Verdrag, krachtens het beginsel dat wil dat elk kind een actief subject is. De participatie is zowel een middel als een doel op zich. Praktisch gezien kunnen er meerdere maatregelen worden genomen: a) naar de meningen van de kinderen luisteren alvorens een beslissing te nemen die hen aanbelangt (luisteren naar een kind dat van zijn familie gescheiden is, alvorens te proberen het kind met zijn familie te verenigen; b) naar de mensen uit de omgeving van het kind luisteren (de verzorgers, de leden van de gemeenschap, de professionals,...); c) nagaan of de geplande maatregelen geen onvoorziene negatieve consequenties voor de kinderen en hun rechten zullen hebben (bijvoorbeeld onderzoek naar de impact op kinderen uitvoeren); d) nagaan op welke manier het nationale en lokale beleid afgestemd zijn op het belang van het kind (de wetsontwerpen, de strategische initiatieven en de begrotingsvoorbereiding); e) een weloverwogen evaluatie van de behoeften en capaciteiten van de kinderen uitvoeren (bijvoorbeeld nagaan wat de voordelen van de participatie van de kinderen op gemeenschapsniveau zijn). Belang van het kind (art.3)

19 Bij alle maatregelen betreffende kinderen, ongeacht of deze worden genomen door openbare of particuliere instellingen voor maatschappelijk welzijn of door rechterlijke instanties, bestuurlijke autoriteiten of wetgevende lichamen, vormen de belangen van het kind de eerste overweging. Het beginsel van het belang van het kind vormt de basis van heel het Verdrag inzake de Rechten van het Kind en verklaart het volgende: "Bij alle maatregelen betreffende kinderen, ongeacht of deze worden genomen door openbare of particuliere instellingen voor maatschappelijk welzijn of door rechterlijke instanties, bestuurlijke autoriteiten of wetgevende lichamen, vormen de belangen van het kind de eerste overweging." Rekening houden met "het belang van het kind" veronderstelt een uitstekende analyse van de situatie. Tal van volwassenen hebben het belang van de kinderen aangevoerd om beslissingen te nemen die nadelig waren voor kinderen. Op basis van die ervaringen zou de evaluatie van het belang van het kind altijd op de verwezenlijking van de kinderrechten gericht moeten zijn, en rekening moeten houden met de meningen van de betrokken kinderen. Dit beginsel brengt met zich mee dat, telkens als er beslissingen worden genomen die het leven van de kinderen beïnvloeden, de impact van die beslissingen op de kinderen moet worden onderzocht.

20 Bijlage Casus groepswerk GROEPSWERK BTC INFOCYCLUS KINDERRECHTEN EEN GEZONDHEIDSPROJECT IN KUNDU Probleemstelling: Voornaamste doodsoorzaak/oorzaak van ernstige gezondheidsproblemen in rurale gebieden in Kundu (Land in Centraal-Afrika) zijn: - vermijdbare en goed behandelbare ziektes zoals malaria en andere parasitaire / infectieziekten, diarree en (onder)voeding gerelateerde problemen, luchtweginfecties, - alledaagse ongevallen en een gebrekkige eerste hulp / zorg in lokale gezondheidscentra Doel van het project Gezondheidsproject van de internationale ngo HEALTH FOR ALL in Kundu dat erop gericht is de basisgezondheid van de bevolking te verhogen en te voorzien in betere eerste hulp bij ongevallen. Beschrijving van de ngo HEALTH FOR ALL is een internationale ngo die actief is in meer dan 50 landen in Africa, Azië en Latijns-Amerika. HEALTH FOR ALL is een onafhankelijke ngo die over het algemeen goede relaties heeft met lokale overheden. HEALTH FOR ALL voert het grootste deel van haar projecten zelf uit, maar sinds enkele jaren wordt er ook samengewerkt met lokale ngo s en overheden voor de uitvoering van (bepaalde delen van) projecten. HEALTH FOR ALL doet in al haar projecten een sterk beroep op lokale vrijwilligers die zich verzamelen in gezondheidscomités. Daarnaast ondersteunt HEALTH FOR ALL ook de tweede- (lokaal) en derdelijns (povinciaal/regionaal) gezondheidscentra. Beschrijving van de context Het project situeert zich in Kundira, een rurale en afgelegen provincie in Kundu. In Kundira is er één relatief grote stad, de provinciehoofstad. De rest van de provincie bestaat uit een 150-tal dorpen die elk bestaan uit een aantal gehuchten die relatief dicht bij elkaar liggen (20 min stappen). 8 tot 12 dorpen vormen samen een district, met telkens één van de dorpen dat dient als district centrum. HEALTH FOR ALL richt zich met dit project in Kundira op 3 districten. De bevolking van Kundira bestaat hoofdzakelijk (uitgezonderd de bewoners van de provinciehoofdstad) uit kleine boeren die voor het grootste deel leven van hun eigen opbrengsten. Een klein deel van de oogst wordt verkocht in ruil voor cash. 75% van de bevolking is lid van de Kundu meerderheid, 20% is lid van de Damba minderheid, meestal behorend tot de armste bevolkingsgroepen. Recentelijk heeft een conflict in één van de buurlanden geleid tot de instroom van een groot aantal vluchtelingen (5%). Deze laatsten leven tussen de plaatselijke bevolking, maar vaak in erbarmelijke omstandigheden. Kinderen hebben in Kundu over het algemeen een lage sociale status, er wordt weinig rekening gehouden met hun mening en ze worden niet betrokken bij de besluitvorming. De meeste kinderen in Kundira gaan naar school, maar ze worden ook verwacht bij te dragen aan het huishouden en/of te

KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGS- SAMENWERKING BTC INFOCYCLUS

KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGS- SAMENWERKING BTC INFOCYCLUS KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGS- SAMENWERKING BTC INFOCYCLUS PLATFORM KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Oprichting: 2007 naar aanleiding van wetswijziging Leden: NGO s, BTC, Experten, Doelstelling:

Nadere informatie

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerkin

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerkin Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerkin KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGS- SAMENWERKING BTC Infocyclus April 2016 Annelies Maertens (KIYO) PLATFORM KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING 2007 nalv wetswijziging

Nadere informatie

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGS- SAMENWERKING BTC INFOCYCLUS PLATFORM KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Oprichting: 2007 naar aanleiding van wetswijziging

Nadere informatie

KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Argumenten en aanbevelingen voor een kinderrechtenbenadering

KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Argumenten en aanbevelingen voor een kinderrechtenbenadering KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Argumenten en aanbevelingen voor een kinderrechtenbenadering Gezien de evoluties die de ontwikkelingssamenwerking doormaakt, moet het Belgische beleid inzake

Nadere informatie

Nieuwsbrief April 2012

Nieuwsbrief April 2012 Nieuwsbrief April 2012 Inhoudstafel 1. VRAAG EN ANTWOORD OVER HET BELANG VAN KINDERRECHTEN P2 2. RIO+20 GELINKT AAN KINDERRECHTEN P3 3. DERDE FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VN-VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN

Nadere informatie

[ N E W S L E T T E R ]

[ N E W S L E T T E R ] [ N E W S L E T T E R ] FEBRUARI 2010 HET KINDERRECHTENVERDRAG VIERT ZIJN 20 STE VERJAARDAG: HEBBEN KINDEREN IN ONTWIKKELINGSLANDEN EEN REDEN OM TE FEESTEN? INHOUDSTAFEL EXTRA AANDACHT VOOR KINDERRECHTEN

Nadere informatie

[ N E W S L E T T E R ]

[ N E W S L E T T E R ] [ N E W S L E T T E R ] SEPTEMBER 2011 INHOUDSTAFEL VIER JAAR PLATFORM KINDERRECHTEN IN ONTWIKKELINGSSAMENWER KING: TIJD VOOR EEN EVALUATIE ZES JAAR KINDERRECHTEN ALS TRANSVERSAAL THEMA: EVALUATIE DOOR

Nadere informatie

Het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind

Het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind Het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind Tessa Dopheide* 1 Inleiding Het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) is sinds twee jaar meerderjarig. Het is een volwassen verdrag, dat bovendien

Nadere informatie

betreffende onderwijs in ontwikkelingssamenwerking

betreffende onderwijs in ontwikkelingssamenwerking ingediend op 439 (2014-2015) Nr. 1 16 juli 2015 (2014-2015) Voorstel van resolutie van Ingeborg De Meulemeester, Sabine de Bethune, Herman De Croo, Tine Soens en Wouter Vanbesien betreffende onderwijs

Nadere informatie

Bijzonder procesdoel 3: ontdekken van mensenrechten

Bijzonder procesdoel 3: ontdekken van mensenrechten Bijzonder procesdoel 3: ontdekken van mensenrechten Eerste leerjaar B 3.1. Mijn rechten Beroepsvoorbereidend leerjaar 3.1. Mijn rechten Wie ben ik? * De leerlingen ontdekken wie ze zelf zijn - de mogelijkheden

Nadere informatie

Manifest voor de Rechten van het kind

Manifest voor de Rechten van het kind Manifest voor de Rechten van het kind Kinderen vormen de helft van de bevolking in ontwikkelde landen. Ongeveer 100 miljoen kinderen leven in de Europese Unie Het leven van kinderen in de hele wereld wordt

Nadere informatie

Van gunsten naar rechten voor leerlingen met beperkingen. Het VN-Verdrag over de rechten van personen met een handicap en onderwijs

Van gunsten naar rechten voor leerlingen met beperkingen. Het VN-Verdrag over de rechten van personen met een handicap en onderwijs Van gunsten naar rechten voor leerlingen met beperkingen Het VN-Verdrag over de rechten van personen met een handicap en onderwijs Feiten New York 13 december 2006 Verdrag + Optioneel Protocol (rechtsbescherming)

Nadere informatie

Wie komt in aanmerking voor de award

Wie komt in aanmerking voor de award Wie komt in aanmerking voor de award 1. Alle Rotterdamse burgers of organisaties (zoals stichtingen, instellingen, scholen, of bedrijven) kunnen meedingen naar de Award. 2. Rotterdams betekent: a. Een

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU Commissie politieke zaken 5.3.2009 AP/100.506/AM1-24 AMENDEMENTEN 1-24 Ontwerpverslag (AP/100.460) Co-rapporteurs: Ruth Magau (Zuid-Afrika) en Filip Kaczmarek

Nadere informatie

KINDERRECHTEN IN UW KLAS?

KINDERRECHTEN IN UW KLAS? KINDERRECHTEN IN UW KLAS? Doe een beroep op UNICEF België voor gratis lesmateriaal, thematische gastlessen en concrete acties over kinderrechtenen ontwikkelingseducatie. Over UNICEF België UNICEF (het

Nadere informatie

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking

Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking DGOS Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking Kinderrechten in ontwikkelingssamenwerking Inhoudstafel 1. Kinderen in de wereld

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005 EUROPEES PARLEMENT 2004 Zittingsdocument 2009 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005 ingediend overeenkomstig artikel 108, lid 5 van het

Nadere informatie

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK Toelichting In het onderstaande zijn de afzonderlijke elementen van het normatieve kader integraal opgenomen en worden ze nader toegelicht en beschreven. Daarbij wordt aandacht besteed aan de volgende

Nadere informatie

Actieplan Kinderrechten SINT MAARTEN

Actieplan Kinderrechten SINT MAARTEN Actieplan Kinderrechten Samenvatting Commissie Kinderrechten Mei 2015 Actieplan Kinderrechten Commissie Kinderrechten INLEIDING Het nationaal beleid van het land Sint Maarten voor Jeugd en Jongeren is

Nadere informatie

ING ENVIRONMENTAL APPROACH

ING ENVIRONMENTAL APPROACH ING ENVIRONMENTAL APPROACH Mensenrechten op de werkplek 3 De uitgangspunten 4 Vrijheid van organisatie en het recht op collectieve onderhandeling 5 TABLE OF CONTENTS Dwangarbeid 6 Kinderarbeid 7 Discriminatie

Nadere informatie

1. NIEUWE WET BETREFFENDE DE BELGISCHE ONTWIKKELINGSSAMENWERKING

1. NIEUWE WET BETREFFENDE DE BELGISCHE ONTWIKKELINGSSAMENWERKING 1.NIEUWEWETBETREFFENDEDEBELGISCHEONTWIKKELINGSSAMENWERKING In 2005 werd het thema kinderrechten via een amendement als transversaal thema opgenomenindewetopdebelgischeinternationalesamenwerkingvan1999.

Nadere informatie

INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND. Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind.

INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND. Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind. INTERNATIONAAL VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND Artikel 1 Definitie van het kind Ieder mens jonger dan achttien jaar is een kind. Artikel 2 Non-discriminatie Alle rechten gelden voor alle kinderen,

Nadere informatie

VERKLARING OMTRENT MENSENRECHTENBELEID VAN UNILEVER

VERKLARING OMTRENT MENSENRECHTENBELEID VAN UNILEVER VERKLARING OMTRENT MENSENRECHTENBELEID VAN UNILEVER Wij zijn ervan overtuigd dat bedrijven alleen succesvol kunnen zijn in maatschappijen waarin mensenrechten beschermd en gerespecteerd worden. Wij erkennen

Nadere informatie

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT Aanbeveling... 2 Advies... 2 Algemeen commentaar... 2 Beleidsdocument... 3 Besluit... 3 Decreet... 3 Europees besluit... 3 Grondwet... 3 Koninklijk besluit... 3 Mededeling...

Nadere informatie

ZEG JA TEGEN DE BESCHERMING VAN KINDEREN!

ZEG JA TEGEN DE BESCHERMING VAN KINDEREN! Bijlage 4: Child Protection Policy Plan International ZEG JA TEGEN DE BESCHERMING VAN KINDEREN! WAAROM EEN KINDERBESCHERMINGSBELEID? Plan België streeft ernaar een wereld mee uit te bouwen waarin alle

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken. 20 juni 2003 PE 329.885/6-24 AMENDEMENTEN 6-24

EUROPEES PARLEMENT. Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken. 20 juni 2003 PE 329.885/6-24 AMENDEMENTEN 6-24 EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken 20 juni 2003 PE 329.885/6-24 AMENDEMENTEN 6-24 Ontwerpadvies (PE 329.885) Carmen Cerdeira Morterero

Nadere informatie

Het VN Verdrag inzake de Rechten van Personen met een handicap FOD Sociale Zekerheid Vereniging voor de Verenigde Naties 4 december 2013

Het VN Verdrag inzake de Rechten van Personen met een handicap FOD Sociale Zekerheid Vereniging voor de Verenigde Naties 4 december 2013 Implementing the UNCRPD Het VN Verdrag inzake de Rechten van Personen met een handicap FOD Sociale Zekerheid Vereniging voor de Verenigde Naties 4 december 2013 Wat is het VN-Verdrag? UNCRPD = United Nations

Nadere informatie

FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN

FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN (niet officiële Nederlandse vertaling). (VP = Voorafgaande paragraaf) VP 1

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE TEGEN RACISME EN INTOLERANTIE

EUROPESE COMMISSIE TEGEN RACISME EN INTOLERANTIE CRI(97)36 Version néerlandaise Dutch version EUROPESE COMMISSIE TEGEN RACISME EN INTOLERANTIE TWEEDE ALGEMENE BELEIDSAANBEVELING VAN DE ECRI: SPECIALE ORGANEN OP NATIONAAL NIVEAU GERICHT OP DE BESTRIJDING

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 januari 2002 (OR. en) 14759/01 JEUN 67 SOC 510

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 15 januari 2002 (OR. en) 14759/01 JEUN 67 SOC 510 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 15 januari 2002 (OR. en) 14759/01 JEUN 67 SOC 510 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen

Nadere informatie

Ratificatie VN-verdrag 2006a

Ratificatie VN-verdrag 2006a Ratificatie VN-verdrag 2006a Op 13 december 2006 hebben de Verenigde Naties het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap aangenomen. Op 30 maart 2007 ondertekende Nederland dit Verdrag.

Nadere informatie

Facultatief protocol bij het Verdrag inzake de Rechten van het Kind inzake een mededelingsprocedure

Facultatief protocol bij het Verdrag inzake de Rechten van het Kind inzake een mededelingsprocedure Facultatief protocol bij het Verdrag inzake de Rechten van het Kind inzake een mededelingsprocedure De staten die partij zijn bij dit Protocol, Overwegende dat, overeenkomstig de in het Handvest van de

Nadere informatie

Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind

Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind Samenvatting Artikel 1 Definitie kind Iedereen jonger dan achttien jaar is volgens het VN-Kinderrechtenverdrag een kind. Artikel 2 Geen discriminatie

Nadere informatie

Antwoord van de politieke partijen op het manifest van UNICEF België: verkiezingen 2014

Antwoord van de politieke partijen op het manifest van UNICEF België: verkiezingen 2014 Antwoord van de politieke partijen op het manifest van UNICEF België: verkiezingen 2014 Vraag 2: Geef kinderen een centrale plaats in de Belgische en in de post-2015 ontwikkelingsagenda: Hoe ziet u de

Nadere informatie

BESCHERMING TEGEN DISCRIMINATIE VOOR Ú

BESCHERMING TEGEN DISCRIMINATIE VOOR Ú BESCHERMING TEGEN DISCRIMINATIE VOOR Ú De Socialistische Fractie in het Europees Parlement streeft naar de garantie dat iedereen zich volledig aanvaard voelt zoals hij of zij is, zodat we in onze gemeenschappen

Nadere informatie

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN UITGAVE VAN UNICEF NEDERLAND Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN 2 Kinderrechtenverdrag voor kinderen en jongeren Waarom? Alle kinderen in de hele

Nadere informatie

Rechten van het kind. Internationaal verdrag inzake de rechten van het kind. Verenigde Naties (VN) Dit is een uitgave van Edukans :

Rechten van het kind. Internationaal verdrag inzake de rechten van het kind. Verenigde Naties (VN) Dit is een uitgave van Edukans : Rechten van het kind Edukans vzw is een onderwijs- en solidariteits-initiatief met expertise en ervaring in het ontwikkelingswerk. Edukans werkt van school tot school, van gemeenschap tot gemeenschap.

Nadere informatie

Kinderrechten- en ontwikkelingseducatie voor uw toekomstige leerkrachten!

Kinderrechten- en ontwikkelingseducatie voor uw toekomstige leerkrachten! Kinderrechten- en ontwikkelingseducatie voor uw toekomstige leerkrachten! samen voor kinderen 2 2 Waarom is het belangrijk om leerlingen en leerkrachten te sensibiliseren over de Rechten van het Kind?

Nadere informatie

Startmoment traject Jeugdwerk in de Stad, 27 september Didier Reynaert Lector sociaal werk, HoGent Gastlector kinderrechten, Odisee

Startmoment traject Jeugdwerk in de Stad, 27 september Didier Reynaert Lector sociaal werk, HoGent Gastlector kinderrechten, Odisee Startmoment traject Jeugdwerk in de Stad, 27 september 2016 Didier Reynaert Lector sociaal werk, HoGent Gastlector kinderrechten, Odisee Goedkeuring Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK, 1989).

Nadere informatie

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN

Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN UITGAVE VAN UNICEF NEDERLAND Kinderrechtenverdrag VOOR KINDEREN EN JONGEREN 2 Waarom? Alle kinderen in de hele wereld hebben rechten. Jij dus ook. Omdat jij

Nadere informatie

Verdrag over de rechten van het kind

Verdrag over de rechten van het kind Verdrag over de rechten van het kind Een verdrag is een afspraak tussen landen. Op 20 november 1989 is in New York het Verdrag over de Rechten van het Kind gesloten. Dit Verdrag is een afspraak tussen

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.12.2011 COM(2011) 911 definitief 2011/0447 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake de verklaring van aanvaarding door de lidstaten, in het belang van de Europese

Nadere informatie

Waar staat Ondernemers voor Ondernemers voor?

Waar staat Ondernemers voor Ondernemers voor? 8 Ondernemers voor Ondernemers Jaarverslag 2014 9 Waar staat Ondernemers voor Ondernemers voor? Missie De missie van de vzw Ondernemers voor Ondernemers (opgericht in 2000) is het bevorderen van duurzame

Nadere informatie

What Do You Think? 2016-2017. Dat denken wij ervan: kinderen en jongeren op de vlucht praten over hun rechten

What Do You Think? 2016-2017. Dat denken wij ervan: kinderen en jongeren op de vlucht praten over hun rechten What Do You Think? 2016-2017 Dat denken wij ervan: kinderen en jongeren op de vlucht praten over hun rechten Inleiding Hoe kwetsbaarder kinderen zijn, hoe minder kans ze krijgen om te participeren. Omdat

Nadere informatie

Aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989

Aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989 Aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989 INHOUD 14 18 42 48 50 62 PREAMBULE Officiële tekst en samenvatting DEEL 1 ARTIKEL 1-41 Officiële tekst en samenvatting

Nadere informatie

INHOUD. Inleiding... 1. 1. Totstandkoming van het Verdrag... 3. 2. Doorwerking van de rechten van het IVRPH... 5

INHOUD. Inleiding... 1. 1. Totstandkoming van het Verdrag... 3. 2. Doorwerking van de rechten van het IVRPH... 5 INHOUD Inleiding.............................................................. 1 1. Totstandkoming van het Verdrag..................................... 3 2. Doorwerking van de rechten van het IVRPH..........................

Nadere informatie

De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten

De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten UNICEF De situatie in de wereld Jaarlijks 1 sterven naar schatting 290.000 vrouwen tijdens hun zwangerschap,

Nadere informatie

DE KINDEROMBUDSMAN PRESENTEERT EERSTE NEDERLANDSE KINDERRECHTENMONITOR: GROTE ZORGEN OVER HALF MILJOEN KINDEREN

DE KINDEROMBUDSMAN PRESENTEERT EERSTE NEDERLANDSE KINDERRECHTENMONITOR: GROTE ZORGEN OVER HALF MILJOEN KINDEREN DE KINDEROMBUDSMAN PRESENTEERT EERSTE NEDERLANDSE KINDERRECHTENMONITOR: GROTE ZORGEN OVER HALF MILJOEN KINDEREN De eerste Nederlandse Kinderrechtenmonitor laat zien hoe het gaat met kinderen die in Nederland

Nadere informatie

afhankelijk van hun wettelijke vertegenwoordigers en waardoor ze vaak niet zelf kunnen beslissen over de

afhankelijk van hun wettelijke vertegenwoordigers en waardoor ze vaak niet zelf kunnen beslissen over de POSTION PAPER OVER DE POSITIE VAN BEGELEIDE MINDERJARIGEN 1 IN ASIEL- EN ANDERE VERBLIJFSPROCEDURES Migratie is een realiteit waarvoor we onze ogen niet mogen sluiten. Zowel meerder- als minderjarigen

Nadere informatie

MEDEDELING AAN DE LEDEN

MEDEDELING AAN DE LEDEN EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie verzoekschriften 20.4.2012 MEDEDELING AAN DE LEDEN Betreft: Verzoekschrift 0572/2011, ingediend door Sarah Bonafont (Britse nationaliteit), over de bescherming van

Nadere informatie

Multiple choice quiz Vraag 1 Vraag 2

Multiple choice quiz Vraag 1 Vraag 2 Multiple choice quiz Op www.kidsrights.nl vindt u quizvragen met multiple choice antwoorden, die uitnodigen tot doorpraten en discussiëren. De vragen worden kort ingeleid. Onderwerpen zijn onder meer de

Nadere informatie

Open Forum. Kinderrechteneducatie. 25 februari 2005

Open Forum. Kinderrechteneducatie. 25 februari 2005 Open Forum Kinderrechteneducatie 25 februari 2005 Kinderrechtencoalitie Vlaanderen vzw Eekhout 4 9000 Gent Tel: 09/225.90.25 info@kinderrechtencoalitie.be www.kinderrechtencoalitie.be INHOUD Inhoud 2 Programma

Nadere informatie

VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989

VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989 Voor elk kind Gezondheid, Onderwijs, Gelijkheid, Bescherming KINDEREN EERST VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989 Officiële

Nadere informatie

BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID

BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID BEGINSELEN VAN EUROPEES FAMILIERECHT BETREFFENDE OUDERLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID PREAMBULE Erkennende dat ondanks de bestaande verschillen in de nationale familierechten er evenwel een toenemende convergentie

Nadere informatie

NAAR EEN EUROPA VOOR ALLE LEEFTIJDEN

NAAR EEN EUROPA VOOR ALLE LEEFTIJDEN NL NAAR EEN EUROPA VOOR ALLE LEEFTIJDEN AGE- STANDPUNT IN HET KADER VAN HET 2007 - EUROPEES JAAR VAN GELIJKE KANSEN VOOR IEDEREEN The European Older People s Platform La Plate-forme européenne des Personnes

Nadere informatie

Belgisch comité voor UNICEF: Informatienota voor vrijwilligers 2016

Belgisch comité voor UNICEF: Informatienota voor vrijwilligers 2016 Belgisch comité voor UNICEF: Informatienota voor vrijwilligers 2016 Inhoudstafel 1. Nut van een informatienota 2. De vrijwilliger en UNICEF België 3. Statuut van de organisatie 4. Strategie 2016-2018 en

Nadere informatie

A D V I E S Nr Zitting van dinsdag 24 oktober

A D V I E S Nr Zitting van dinsdag 24 oktober A D V I E S Nr. 2.055 ------------------------------ Zitting van dinsdag 24 oktober 2017 -------------------------------------------------- IAO - 107 e zitting van de Internationale Arbeidsconferentie

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD tot wijziging en verlenging

Nadere informatie

Internationale Rode Kruis- en Rode Halve Maanbeweging

Internationale Rode Kruis- en Rode Halve Maanbeweging Internationale Rode Kruis- en Rode Halve Maanbeweging Structuur De Internationale Rode Kruisbeweging bestaat uit drie onderdelen: Nationale Rode Kruis- en Rode Halve Maanverenigingen (onder meer het Belgische

Nadere informatie

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Belgisch voorzitterschap van de Europese Unie: Conferentie over Biodiversiteit in een veranderende wereld 8-9 september 2010 Internationaal Conventiecentrum

Nadere informatie

Ontwerp van decreet. houdende de stimulering van een inclusief Vlaams ouderenbeleid en de beleidsparticipatie van ouderen

Ontwerp van decreet. houdende de stimulering van een inclusief Vlaams ouderenbeleid en de beleidsparticipatie van ouderen stuk ingediend op 1716 (2011-2012) Nr. 6 28 november 2012 (2012-2013) Ontwerp van decreet houdende de stimulering van een inclusief Vlaams ouderenbeleid en de beleidsparticipatie van ouderen Tekst aangenomen

Nadere informatie

VN-klachtenprocedure voor kinderrechten

VN-klachtenprocedure voor kinderrechten VN-klachtenprocedure voor kinderrechten Ontwikkelingen op internationaal en Vlaams niveau Sara Lembrechts Kenniscentrum Kinderrechten vzw (KeKi) Antwerpen 2 februari 2016 Overzicht Wat houdt de nieuwe

Nadere informatie

DE SAMENWERKING TUSSEN KINDERRECHTENJURISTEN EN (ORTHO)PEDAGOGEN

DE SAMENWERKING TUSSEN KINDERRECHTENJURISTEN EN (ORTHO)PEDAGOGEN DE SAMENWERKING TUSSEN KINDERRECHTENJURISTEN EN (ORTHO)PEDAGOGEN weafldkje Expertmeeting NVO/ NIP 11 december, Utrecht Martine Goeman (Defence for Children) Waar u ons mogelijk van kent: Defence for Children-

Nadere informatie

Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009

Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009 Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009 Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid 17 juni 2009 Inleiding Onderwijs en gezondheid hebben een

Nadere informatie

Beleidsplan Liberi Foundation

Beleidsplan Liberi Foundation Beleidsplan 2016 2021 Liberi Foundation Inhoudsopgave 1. Over Liberi Foundation 2. Beleid 3. Ideologische grondslag 4. Communicatie 5. Inkomsten / uitgaven en vermogensbeheer 6. Bestuur Met dit beleidsplan

Nadere informatie

Voorstel van resolutie. betreffende een meer doeltreffende preventie van vrouwelijke genitale verminking in Vlaanderen

Voorstel van resolutie. betreffende een meer doeltreffende preventie van vrouwelijke genitale verminking in Vlaanderen stuk ingediend op 1680 (2011-2012) Nr. 1 19 juni 2012 (2011-2012) Voorstel van resolutie van de dames Marijke Dillen, Gerda Van Steenberge en Linda Vissers en de heren Frank Creyelman, Filip Dewinter,

Nadere informatie

Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb.

Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb. PROTOCOL KINDSOLDATEN Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb.htm Facultatief Protocol bij het Verdrag inzake

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2006 (17.10) (OR. en) 13651/06 SOC 447 NOTA

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 oktober 2006 (17.10) (OR. en) 13651/06 SOC 447 NOTA RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 oktober 2006 (17.10) (OR. en) 13651/06 SOC 447 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep sociale vraagstukken Toetsing van de uitvoering door de lidstaten

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.11.2017 COM(2017) 644 final 2017/0286 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in het ACS-EU-Comité van ambassadeurs in te nemen

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in?

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in? Aanleiding voor het onderzoek Samenvatting In de 21 ste eeuw is de invloed van ruimtevaartactiviteiten op de wereldgemeenschap, economie, cultuur, milieu, etcetera steeds groter geworden. Ieder land dient

Nadere informatie

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Algemene vorming op het einde van de derde graad secundair onderwijs Voor de sociale

Nadere informatie

12 RICHTLIJNEN VOOR INTERRELIGIEUZE DIALOOG OP LOKAAL NIVEAU

12 RICHTLIJNEN VOOR INTERRELIGIEUZE DIALOOG OP LOKAAL NIVEAU 12 RICHTLIJNEN VOOR INTERRELIGIEUZE DIALOOG OP LOKAAL NIVEAU DE LOKALE RELIGIEUZE SITUATIE IN KAART BRENGEN EN BEGRIJPEN 01 Lokale overheden wordt verzocht zich bewust te zijn van het toenemende belang

Nadere informatie

Gedragscode. SCA Gedragscode

Gedragscode. SCA Gedragscode SCA Gedragscode 1 Gedragscode SCA Gedragscode SCA wil op sociaal- en milieutechnisch verantwoorde wijze omgaan met haar belanghebbenden en op basis van respect, verantwoordelijkheid en uitmuntendheid een

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Chokri Mahassine c.s. houdende evenredige participatie op de arbeidsmarkt AMENDEMENTEN

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Chokri Mahassine c.s. houdende evenredige participatie op de arbeidsmarkt AMENDEMENTEN Stuk 653 (2000-2001) Nr. 8 VLAAMS PARLEMENT Zitting 2001-2002 4 maart 2002 VOORSTEL VAN DECREET van de heer Chokri Mahassine c.s. houdende evenredige participatie op de arbeidsmarkt AMENDEMENTEN Zie :

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 2113 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 18 mei 2009 (19.05) (OR. en) 9976/09 PROCIV 77 JAI 302 COCON 15 RELEX 473 SAN 126 TELECOM 112 COHAFA 28

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 18 mei 2009 (19.05) (OR. en) 9976/09 PROCIV 77 JAI 302 COCON 15 RELEX 473 SAN 126 TELECOM 112 COHAFA 28 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 18 mei 2009 (19.05) (OR. en) 9976/09 PROCIV 77 JAI 302 COCON 15 RELEX 473 SAN 126 TELECOM 112 COHAFA 28 NOTA I/A-PUNT van: het secretariaat-generaal aan: het Comité van

Nadere informatie

Commissie Rechten van de vrouw en gendergelijkheid. Financieringsinstrument voor de bevordering van democratie en mensenrechten in de wereld

Commissie Rechten van de vrouw en gendergelijkheid. Financieringsinstrument voor de bevordering van democratie en mensenrechten in de wereld EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie Rechten van de vrouw en gendergelijkheid 2011/0412(COD) 5.6.2012 AMENDEMENTEN 8-45 Ontwerpadvies Barbara Matera (PE487.956v01-00) Financieringsinstrument voor de

Nadere informatie

Het Kinderrechten lespakket

Het Kinderrechten lespakket Het Kinderrechten lespakket want ieder kind kan de wereld in beweging brengen Multiple choice quiz Op www.kidsrights.nl/scholen vindt u quizvragen met multiple choice antwoorden, die uitnodigen tot doorpraten

Nadere informatie

Gelijke Kansen en Diversiteit binnen het UZ Gent

Gelijke Kansen en Diversiteit binnen het UZ Gent Gelijke Kansen en Diversiteit binnen het UZ Gent 1. Missie - visie Gelijke Kansen en Diversiteit UZ Gent Het UZ Gent is een pluralistische instelling. De benadering van Gelijke Kansen en Diversiteit op

Nadere informatie

AMENDEMENTEN 1-10. NL In verscheidenheid verenigd NL 2013/2103(INI) 6.11.2013. Ontwerpadvies Corina Creţu (PE519.580v01-00)

AMENDEMENTEN 1-10. NL In verscheidenheid verenigd NL 2013/2103(INI) 6.11.2013. Ontwerpadvies Corina Creţu (PE519.580v01-00) EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie ontwikkelingssamenwerking 6.11.2013 2013/2103(INI) AMENDEMENTEN 1-10 Corina Creţu (PE519.580v01-00) Seksuele uitbuiting en prostitutie en de gevolgen daarvan voor

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.12.2011 COM(2011) 915 definitief 2011/0450 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake de verklaring van aanvaarding door de lidstaten, in het belang van de Europese

Nadere informatie

Personen met een handicap hebben gelijke rechten

Personen met een handicap hebben gelijke rechten Personen met een handicap hebben gelijke rechten De Europese strategie voor personen met een handicap 2010-2020 Europese Commissie Gelijke rechten, gelijke kansen Europese toegevoegde waarde Circa 80 miljoen

Nadere informatie

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Voorwoord In februari 2007 ontwikkelden de Europese mobiele providers en content providers een gezamenlijke structuur voor

Nadere informatie

december 2014 Informatiekaart VN-verdrag TransitieBureau Wmo

december 2014 Informatiekaart VN-verdrag TransitieBureau Wmo december 2014 Informatiekaart VN-verdrag TransitieBureau Wmo Deze informatiekaart is bedoeld om u in te lichten over het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (verder: VN-verdrag Handicap)

Nadere informatie

Ver van mijn bed of toch niet? Het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap

Ver van mijn bed of toch niet? Het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap Ver van mijn bed of toch niet? Het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap 3 e reflectievoormiddag Onbeperkt aan de slag 2 december 2016, Brussel 1 Dienst Diversiteitsbeleid - Agentschap

Nadere informatie

Vertaling FACULTATIEF PROTOCOL INZAKE KINDEREN IN GEWAPEND CONFLICT BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND De Staten die partij zijn bij dit

Vertaling FACULTATIEF PROTOCOL INZAKE KINDEREN IN GEWAPEND CONFLICT BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND De Staten die partij zijn bij dit Vertaling FACULTATIEF PROTOCOL INZAKE KINDEREN IN GEWAPEND CONFLICT BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND De Staten die partij zijn bij dit Protocol, Aangemoedigd door de overweldigende steun

Nadere informatie

Betreft: zorgen over alleenstaande kinderen in Nederland (agendapunt 1 van het AO op 12 november 2015)

Betreft: zorgen over alleenstaande kinderen in Nederland (agendapunt 1 van het AO op 12 november 2015) Leiden, 6 november 2015 Betreft: zorgen over alleenstaande kinderen in Nederland (agendapunt 1 van het AO op 12 november 2015) Geachte Tweede Kamerleden, woordvoerders migratiebeleid, Onder het groeiende

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET

TRACTATENBLAD VAN HET 72 (2009) Nr. 2 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2010 Nr. 96 A. TITEL Aanvullend Protocol bij het Europees Handvest inzake lokale autonomie betreffende het recht op participatie

Nadere informatie

VN-verdrag inzake personen met een handicap

VN-verdrag inzake personen met een handicap VN-verdrag inzake personen met een handicap Welkom en introductie + Judith Jansen, handicap + studie + Jenny E. Goldschmidt, Universiteit Utrecht opening > welkom en introductie > deze workshop Deze workshop

Nadere informatie

BEDRIJVEN KINDERARBEID AANPAKKEN

BEDRIJVEN KINDERARBEID AANPAKKEN VIETNAMESAMEN MET BEDRIJVEN KINDERARBEID AANPAKKEN Vietnam is het eerste land in Azië dat in 1990 het kinderrechtenverdrag ondertekende. Het Zuid-Aziatische land kan zich inmiddels tot de middeninkomenslanden

Nadere informatie

Maatschappelijke kwetsbaarheid. Deskundige en onafhankelijke ondersteuning. Gemeenschappelijke problemen

Maatschappelijke kwetsbaarheid. Deskundige en onafhankelijke ondersteuning. Gemeenschappelijke problemen M I S S I E 'Ieder heeft het recht een menswaardig leven te leiden.' Mensen hebben recht op werk, sociale bescherming, behoorlijke huisvesting, een gezond leefmilieu, op culturele en maatschappelijke ontplooiing.

Nadere informatie

Beginselverklaring van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie, 1980

Beginselverklaring van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie, 1980 Beginselverklaring van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie, 1980 Noot van de editor De beginselprogramma's zijn gescand, en zover nodig gecorrigeerd. Hierdoor is het mogelijk dat de tekst niet meer

Nadere informatie

Het Belang van het Kind: een dialoog tussen theorie en praktijk. Het belang van het kind in familiale aangelegenheden

Het Belang van het Kind: een dialoog tussen theorie en praktijk. Het belang van het kind in familiale aangelegenheden E. Merille Het Belang van het Kind: een dialoog tussen theorie en praktijk Het belang van het kind in familiale aangelegenheden Document ter voorstelling van de Conferentie 1304_CONCEPT-FORM-NL-DEF.indd

Nadere informatie

A D V I E S Nr Zitting van vrijdag 10 oktober

A D V I E S Nr Zitting van vrijdag 10 oktober A D V I E S Nr. 1.654 ------------------------------ Zitting van vrijdag 10 oktober 2008 ----------------------------------------------- IPA 2007-2008 - Non-discriminatie - Positieve acties x x x 2.278/1-1

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie rechten van de vrouw en gelijke kansen. 7 mei 2001 PE /1-11 AMENDEMENTEN 1-11

EUROPEES PARLEMENT. Commissie rechten van de vrouw en gelijke kansen. 7 mei 2001 PE /1-11 AMENDEMENTEN 1-11 EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie rechten van de vrouw en gelijke kansen 7 mei 2001 PE 298.117/1-11 AMENDEMENTEN 1-11 ONTWERPADVIES - Evans (PE 298.117) Versnelde actie ter bestrijding van de belangrijkste

Nadere informatie

Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen C 165/23

Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen C 165/23 8.6.2001 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen C 165/23 RECTIFICATIES Rectificatie van de briefwisseling tussen de Commissie van de Europese Gemeenschappen en de Internationale Arbeidsorganisatie

Nadere informatie

ARMOEDE- BESTRIJDING EUROPESE VERKIEZINGEN. Memorandum Copyright : R. Reidler

ARMOEDE- BESTRIJDING EUROPESE VERKIEZINGEN. Memorandum Copyright : R. Reidler ARMOEDE- BESTRIJDING Copyright : R. Reidler Memorandum 2014 EUROPESE VERKIEZINGEN 1. EUROPESE 2020 STRATEGIE 1.1. Armoede 1.1.1. Armoede en sociale uitsluiting zichtbaar brengen in implementatie EU2020-strategie

Nadere informatie

Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind

Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind DEFENCE FOR CHILDREN IS LID VAN ECPAT INTERNATIONAL Inhoudsopgave Index artikelen 4 Geschiedenis 6 Officiële tekst - Preambule 10 Officiële tekst -

Nadere informatie

Alle rechten op een rij:

Alle rechten op een rij: Alle rechten op een rij: voor iedereen 18 JAAR onder de 8 Kinderrechtenverdrag voor kinderen en jongeren Artikel 01 Wie is een kind? Een persoon die jonger dan achttien jaar is, is een kind. Alles wat

Nadere informatie

Het recht op wonen: wat betekent het voor de burger?

Het recht op wonen: wat betekent het voor de burger? Het recht op wonen: wat betekent het voor de burger? 10 maart 2017 Programma Inleiding Waar vinden we de regel? Focus op artikel 23 van de Grondwet Focus op het Herzien Europees Sociaal Handvest 2 1 Inleiding

Nadere informatie