VISION & ROBOTICS. Dossier Robotveiligheid. Stappenplan Machinerichtlijn. Robots volgens EN-NEN-ISO Vuistregels voor robotintegratie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VISION & ROBOTICS. Dossier Robotveiligheid. Stappenplan Machinerichtlijn. Robots volgens EN-NEN-ISO 10218-1. Vuistregels voor robotintegratie"

Transcriptie

1 VISION & ROBOTICS Stappenplan Machinerichtlijn Robots volgens EN-NEN-ISO Vuistregels voor robotintegratie Dossier Robotveiligheid

2 Perfecte driedimensionale bescherming SafetyEYE is het eerste veilige camerasysteem waarmee zowel de beveiliging van gevaarlijke arbeidsprocessen (Safety) als bewakingstaken (Security) uitgevoerd kunnen worden. SafetyEYE biedt u meer veiligheid zonder obstakels.

3 Colofon Uitgever Henk van Beek, Fenceworks BV Telefoon: Redactie Liam van Koert, Verbal Essence Joanna Hughes, Verbal Essence Telefoon: Vormgeving Laura Willemsen, Grafisch ontwerp Druk 3l drukkerij bv, rotterdam Postadres redactie Postbus 82, 2460 AB Ter Aar Abonnementen Advertentie-exploitatie Mike de Jong, Archer Media BV Telefoon: Met dank aan: Dossier Robotveiligheid Inhoudsopgave 4 Robots en de Machinerichtlijn: een stappenplan 9 Robots volgens EN-NEN-ISO Gevarentabel (Annex A) 12 Vuistregels voor robotintegratie op basis van EN-EN-NEN-ISO Bijlagen Robotveiligheid blijft een lastig onderwerp. Men kan er uren over praten en boeken over schrijven. Toch is een dik boek soms net een te ontmoedigend vertrekpunt voor het werken aan een veilige oplossing, en is iemand die het haarfijn uit kan leggen niet altijd in de buurt. We hebben er daarom gemeend goed aan te doen een aantal essentiële zaken eens op een rijtje te zetten. Hierbij is een splitsing gemaakt tussen robotica en de Machinerichtlijn en de gehele robotnorm EN-NEN-ISO Het resultaat is een praktisch dossier, dat u in veel gevallen net dat geheugensteuntje of aanknopingspunt geeft waar u naar op zoek was. Door het in het midden van het blad op te nemen, kunt u het er gemakkelijk uithalen en in uw bureaula leggen. Zo heeft u de basis altijd bij de hand. Tot slot een woord van dank aan Safora S.S. Macdonald Consultant NEN Machinebouw en Nick de With Senior Consultant en CEO van Fusacon BV. Zonder hun kennis van zaken en inzet was dit dossier nooit tot stand gekomen. Voorwoord 03

4 Robots en de Machinerichtlijn: een stappenplan Op 29 december 2009 is Machinerichtlijn 2006/42/EG zonder overgangsperiode van kracht geworden. Machinerichtlijn 98/37/EG kwam daarmee te vervallen. Dit artikel geeft in tien stappen weer hoe men volgens de huidige richtlijn tot een CE-gecertificeerde robot komt. Artikel 25 van Richtlijn 2006/42/EG: Richtlijn 98/37/EG wordt ingetrokken met ingang van 29 december Verwijzingen naar de ingetrokken richtlijn gelden als verwijzingen naar deze richtlijn [ ]. Artikel 26 van Richtlijn 2006/42/EG: De lidstaten stellen uiterlijk op 29 juni 2008 de bepalingen vast die nodig zijn om aan deze richtlijn te voldoen, en maken deze bekend [ ]. Zij passen die bepalingen toe met ingang van 29 december 2009 [ ]. Machinerichtlijn 2006/42/EG geeft verduidelijking op een aantal gebieden en een betere afbakening van producten die wel of niet onder de richtlijn vallen. Ook besteedt de richtlijn meer aandacht aan samenbouw en samenstellen van machines. Een belangrijke wijziging is onder andere dat de IIB-verklaring een andere betekenis heeft gekregen. Volgens artikel 1 van de Richtlijn 2006/42/EG zijn de eisen van de richtlijn nu ook van toepassing op niet voltooide machines. Zo is een aandrijfsysteem al een niet-voltooide machine. IIB (inbouwverklaring) houdt in dat ook toeleveranciers van componenten of niet-zelfstandig functionerende machines zich moeten verdiepen in de eisen van de richtlijn. In de inbouwverklaring (IIB) moet men namelijk onder andere aangeven aan welke eisen van de richtlijn is voldaan. Verder dient te fabrikant te garanderen dat er een risicobeoordeling van zijn product is gemaakt. Hoewel dit geen nieuwe eis is, wordt het wel nadrukkelijker gesteld. Wanneer men niet voldoet aan de eisen van de richtlijn, zullen sancties doeltreffend, evenredig en afschrikwekkend zijn. Veiligheidscomponenten moeten onder de nieuwe richtlijn voorzien worden van een CE-markering en de IIC verklaring voor veiligheidscomponenten is komen te vervallen. Uitwerking van de eisen in Europese normen Het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN) vertegenwoordigt Nederland in het Comité Européen de Normalisation (CEN) en vervult daardoor een spilfunctie tussen wetgever en machineproducent. NEN heeft toegang tot en werkt mee aan alle programma s en normvoorstellen die in het kader van de Machinerichtlijn worden opgesteld. De Machinerichtlijn is een zogenaamde nieuwe-aanpakrichtlijn. Dit wil zeggen dat hierin slechts essentiële veiligheids- en gezondheidseisen zijn opgenomen. De machinerichtlijn geeft geen technische details over hoe men aan deze eisen kan voldoen. Hiervoor heeft de Raad van de Europese Gemeenschappen een overeenkomst afgesloten met de Europese Organisatie voor Normalisatie (CEN). Op grond van gemandateerde opdrachten werkt CEN de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen van de richtlijn uit in Europese normen. Deze Europese normen kunnen door het bedrijfsleven als handvat worden gehanteerd om aan de richtlijn te voldoen. Normen hebben geen wettelijke status en de toepassing ervan is dan ook niet verplicht. Europese geharmoniseerde normen kunnen echter wel dienen als bewijsmateriaal, omdat zij de stand van de techniek weergeven en officieel zijn geaccepteerd als documenten die het vermoeden van overeenstemming geven met de eisen van de relevante richtlijnen. De Machinerichtlijn verlangt bewijs (in de vorm van een technisch dossier) dat de getroffen maatregelen de veiligheid en de gezondheid waarborgen. Het toepassen van Europese geharmoniseerde normen heeft hierin een belangrijke rol. Het is helaas niet zo dat er één norm is die u kunt hanteren om te voldoen aan de eisen van de Machinerichtlijn. Er zijn in de loop van de jaren honderden Europese normen ontwikkeld. Wanneer een Europese norm wordt ontwikkeld, is het nationale normalisatie-instituut (voor Nederland dus NEN) verplicht deze als nationale norm over te nemen. De norm wordt aangeduid met NEN-EN. In andere lidstaten worden dezelfde regels gehanteerd. De afgelopen jaren is er steeds vaker een verschuiving te zien van Europese normen naar nomen die op mondiaal niveau geaccepteerd zijn of een internationale oorsprong hebben (ISO of IEC); deze normen worden aangeduid als NEN-EN-ISO (bijvoorbeeld NEN-EN-ISO 12100). Ook bij de vertaling van een Europese norm in het Nederlands moet de inhoud gelijk blijven aan de oorspronkelijke norm. Europese normen worden standaard in het Engels, Frans en Duits gepubliceerd. Lidstaten kunnen vervolgens zelf bepalen of een vertaling in de eigen taal gewenst of noodzakelijk is. 04 Stappenplan

5 Bestaande geharmoniseerde normen die aangepast zijn op Machinerichtlijn 2006/42/EG zijn voorzien van een Annex ZB (voorheen ZA). Hierin wordt het verband met de essentiële eisen van de Richtlijn 2006/42/EG aangegeven. A-, B- en C-normen Vanwege de grote diversiteit van machines zijn de normen die opgesteld zijn in het kader van de Machinerichtlijn, verdeeld in verschillende categorieën: Type A-normen: deze bevatten fundamentele veiligheidsbeginselen; -normen: deze bevatten specificaties voor technische veiligheidsaspecten en voorzieningen; -normen: deze bevatten veiligheidsspecificaties voor bepaalde (groepen) machines. Stappenplan van product (robot) tot CE-markering Om op een gestructureerde manier met de Machinerichtlijn te werken zult u bepaalde stappen moeten nemen. In het onderstaande schema hebben wij de meest belangrijke stappen op een rij gezet. Stap 1 en 2 Valt uw robot onder de Machinerichtlijn? In artikel 1 van de Machinerichtlijn staat dat de richtlijn van toepassing is op machines (in brede zin van het woord) die afzonderlijk op de markt worden gebracht. Stap 1 Product (robot) Andere wetgeving (richtlijn) Machinerichtlijn (2006/42/EG) Artikel 1, punt 1 Deze richtlijn is van toepassing op de volgende producten: Stap 2 Machinerichtlijn Art. 1 a) machines; b) verwisselbare uitrustingsstukken; c) veiligheidscomponenten; d) hijs- en hefgereedschappen; Stap 3 Bijlage I Fundamentele eisen e) kettingen, kabels en banden; f) verwijderbare mechanische overbrengingssystemen; Bijlage IV Gevaar- Niet-gevaarlijke g) niet voltooide machines. Stap 4 lijke machines machines Wanneer u heeft geconstateerd dat de robot onder de definitie van machines (inclusief veiligheidscomponenten en niet-voltooide machines) Stap 5 Notified Body Europese normen Stap 6 valt wat over het algemeen het geval is, dan zijn de eisen uit de Machinerichtlijn op de robot van toepassing. Hoewel wij ons nu beperken tot Stap 7 Technisch dossier Technische documenten niet-voltooide machine de Machinerichtlijn kunnen er echter nog meerdere Europese richtlijnen van toepassing zijn op de robot, te denken valt aan de EMC-richtlijn en de Laagspanningsrichtlijn. Werkt de robot in een explosiegevaarlijke omgeving dan kan zelfs de ATEX richtlijn van kracht zijn. In sommige gevallen Stap 8 Gebruiksaanwijzing Montagehandleiding kan het moeilijk zijn om zelf te bepalen onder welke richtlijn(en) de robot valt. In dat geval kunt u contact opnemen met het Adviespunt Machine- Stap 9 EG-verklaring van overeenstemming Inbouwverklaring niet-voltooide machine bouw. De consultants van het Adviespunt kunnen samen met u bepalen wat precies van toepassing is. Stap 3 Fundamentele veiligheidseisen Stap 10 CE-markering U hebt geconstateerd dat de robot onder de Machinerichtlijn valt. Hoe gaat u nu verder? De fundamentele wettelijke eisen waar de robot aan Stappenplan 05

6 dient te voldoen, zijn vastgelegd in Bijlage I van de Machinerichtlijn. Het is belangrijk dat u kennis neemt van de Algemene beginselen van Bijlage I. Deze bevatten namelijk, in het kort samengevat, wat de gedachtegang achter de eisen van de Machinerichtlijn is. Tevens wordt er nog meer nadruk gelegd op de risicobeoordeling. In Bijlage I worden eisen gesteld die betrekking hebben op onder andere de bediening, de verlichting, de noodstop, de stabiliteit, afscherming (van gevaarlijke delen), aanduidingen op de machine en de gebruiksaanwijzing. Stap 4 en 5 Gevaarlijke machines/notified Body (in de meeste gevallen niet van toepassing voor robots) Ga na of de robot wordt genoemd in Bijlage IV van de Machinerichtlijn. In Bijlage IV worden onder andere machines genoemd die onderhevig zijn aan een EG-typeonderzoek. Dit houdt in dat de desbetreffende machine door een bij de overheid aangemelde instantie dient te worden gecontroleerd. Deze instanties worden: Notified Body genoemd. Voor de Machinerichtlijn zijn dat in Nederland o.a.: KEMA, Aboma/Keboma, Liftinstituut bv, SGS Technische Inspectie bv, SKH en TUV-Nederland. Jaarlijks wordt een lijst met aangemelde instanties geplaatst in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. In het overzicht van de aangemelde instanties staat voor welke richtlijnen de aangemelde instanties gerechtigd zijn verklaringen van EG-typeonderzoek af te geven. Een volledig overzicht van de notified bodies is te vinden op de site eu/index_en.htm N.B.: De Machinerichtlijn is voornamelijk gericht op zelfcertificatie. Dat wil zeggen dat ondanks het feit dat een aangemelde instantie een controle uitvoert op het juist toepassen van normen en het voldoen aan de eisen van de Machinerichtlijn, de fabrikant altijd de verantwoordelijkheid blijft dragen voor het maken van een veilige machine. Een notified body neemt deze verantwoordelijkheid niet over. Valt uw machine niet onder Bijlage IV van de Machinerichtlijn, dan vindt er geen controle van een dergelijke instantie plaats en certificeert u de machines zelf zonder tussenkomst van een derde (zelfcertificatie). Het staat u natuurlijk vrij om ondanks dat uw machines niet onder Bijlage IV valt, toch een notified body in te schakelen. Stap 6 Europese normen De fundamentele veiligheidseisen van de Machinerichtlijn zijn globaal van aard. De Europese Commissie heeft mandaat verstrekt aan CEN om normen te ontwikkelen die als het ware handen en voeten geven aan de eisen die in de Machinerichtlijn staan. Europese normen bevatten een technische uitwerking van die eisen. Het gebruik van Europese normen is niet verplicht. De Machinerichtlijn noemt het een niet-bindende technische specificatie. Er is echter wel een duidelijk verband tussen de richtlijn en de daarvoor ontwikkelde normen. De Machinerichtlijn geeft aan dat als u gebruikmaakt van Europese normen, u een vermoeden van overeenstemming met de eisen van de richtlijn heeft. Hiermee staat u sterk want het is algemeen geaccepteerd dat wanneer u Europese normen heeft gehanteerd, u voldoet aan de eisen van de richtlijn (zie artikel 7 van de Machinerichtlijn). Machinerichtlijn (2006/42/EG) Bijlage I Algemene Beginselen 1. De fabrikant van een machine of diens gemachtigde garandeert dat een risicobeoordeling wordt uitgevoerd om na te gaan welke veiligheids- en gezondheidseisen op die machine van toepassing zijn; bij ontwerp en bouw van de machine moet vervolgens rekening worden gehouden met de resultaten van deze risicobeoordeling. Via het herhalen van bovenbedoelde risicobeoordeling en -beperking dient de fabrikant of diens gemachtigde: de grenzen van de machines te bepalen, zowel uitgaande van het beoogde gebruik als van elk redelijkerwijs voorzienbare verkeerde gebruik daarvan, na te gaan welke gevaren door de machines kunnen worden veroorzaakt en welke gevaarlijke situaties daaraan verbonden zijn, de risico s in te schatten met inachtneming van de ernst van het mogelijke letsel of de aantasting van de gezondheid en de waarschijnlijkheid dat deze zich voordoet, de risico s te beoordelen teneinde, overeenkomstig de doelstelling van deze richtlijn, te bepalen of risicoreductie vereist is, de gevaren weg te nemen of de aan deze gevaren verbonden risico s te verminderen door de toepassing van beschermende maatregelen in de in punt 1.1.2, onder b) vastgestelde volgorde. 2. De verplichtingen die zijn vervat in de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen, zijn alleen van toepassing indien het gevaar in kwestie bij de betrokken machine aanwezig is wanneer deze op de door de fabrikant of diens gemachtigde bedoelde wijze, dan wel in voorzienbare abnormale omstandigheden wordt gebruikt. De beginselen van geïntegreerde veiligheid van punt en de voorschriften inzake markering en gebruiksaanwijzing van de punten en gelden in ieder geval. 3. De in deze bijlage vermelde essentiële veiligheids- en gezondheidseisen zijn dwingend. Gezien de stand van de techniek is het evenwel mogelijk dat de daarin gestelde doelen niet kunnen worden bereikt. In dat geval moeten die doelstellingen bij het ontwerp en de bouw van de machine zoveel mogelijk worden nagestreefd. 4. Deze bijlage bestaat uit verschillende delen. Het eerste deel heeft een algemene werkingssfeer en is van toepassing op alle soorten machines. In de andere delen wordt verwezen naar bepaalde soorten meer specifieke gevaren. De gehele bijlage moet evenwel worden bekeken om zeker te zijn dat aan alle toepasselijke essentiële eisen is voldaan. Bij het ontwerpen van machines overeenkomstig punt 1 van deze algemene beginselen, worden de eisen van het algemene deel en de eisen van een of meer andere delen in aanmerking genomen, naar gelang van de resultaten van de risicobeoordeling, uitgevoerd overeenkomstig punt 1 van deze algemene beginselen. 06 Stappenplan

7 Voor industriële robots is er een type C-norm ontwikkeld: NEN-EN- ISO met als titel: Robots voor industriële omgevingen. In een speciaal overzicht heeft NEN alle normen en normontwerpen die in het kader van de Machinerichtlijn zijn opgesteld, bij elkaar gezet. Er is een indeling gemaakt naar categorieën, zodat u gemakkelijk kunt zien of er voor uw type machine normen zijn. Stap 7 Technisch dossier voor machines Voordat de EG-verklaring van overeenstemming kan worden opgesteld, moet de fabrikant, of zijn in de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde, zich ervan hebben vergewist en kunnen garanderen dat bepaalde documenten te zijnen kantore beschikbaar blijven voor eventuele controles. Een van deze documenten is het technische dossier voor machines. Bijlage VII van de Machinerichtlijn geeft aan wat er in dit dossier moet staan. Bijlage VII is opgesplitst in twee delen: A. Technisch dossier voor machines (lees robot) en B. Relevante technische documentatie voor niet-voltooide machines. Voor niet-voltooide machines zijn de stappen 7 tot en met 10 iets afwijkend. In plaats van een technisch dossier voor machines dient u een dossier samen te stellen met daarin relevante technische documenten van de niet-voltooide machine. U dient een montagehandleiding en een IIB-inbouwverklaring bij te sluiten. Niet-voltooide machines krijgen geen CE-markering op basis van de Machinerichtlijn. Het kan echter wel voorkomen dat onderdelen van een niet-voltooide machine een CE-markering bevatten op basis van een andere Europese richtlijn, bijvoorbeeld de Richtlijn drukapparatuur (PED) of de EMC-richtlijn. Machinerichtlijn Bijlage VII, onder B Relevante technische documenten voor niet-voltooide machines Het dossier bevat de volgende elementen: a) een constructiedossier bestaande uit: - het overzichtsplan van de niet voltooide machine, alsmede de tekeningen van de besturingsschakelingen, - gedetailleerde en volledige tekeningen, eventueel aangevuld met berekeningen, testresultaten, certificaten enz., aan de hand waarvan kan worden nagegaan of de niet voltooide machine aan de toegepaste essentiële gezondheids- en veiligheidseisen voldoet, - de documentatie over de risicobeoordeling waaruit de gevolgde procedure blijkt, met inbegrip van de volgende gegevens: i) de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen van deze richtlijn die van toepassing en vervuld zijn, ii) de beschrijving van de beschermende maatregelen die zijn toegepast om vastgestelde gevaren weg te nemen of onderkende risico s te verminderen en, in voorkomend geval, informatie over de restrisico s, iii) de normen en overige toegepaste technische specificaties die zijn toegepast, met opgave van de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen die daaronder vallen, iv) technische verslagen met de resultaten van de proeven die door de fabrikant dan wel een door hem of zijn gemachtigde gekozen bevoegde instantie zijn verricht, v) kopie van de montagehandleiding van de niet voltooide machine; Het technisch dossier hoeft zich niet op het grondgebied van de Gemeenschap te bevinden en hoeft ook niet permanent in materiële vorm voorhanden te zijn. Wel moeten de onderdelen van het dossier, door de in de EG-verklaring van overeenstemming aangewezen persoon, binnen een tijd die, met de complexiteit van een calamiteit overeenkomt, kunnen worden bijeengebracht en beschikbaar gesteld indien daar vraag naar is door een bevoegde nationale instantie (bijvoorbeeld de Arbeidsinspectie). Het dossier dient tenminste tien jaar na datum van de fabricage van de machine bewaard te blijven (zie Bijlage VII van de Machinerichtlijn onder punt 2). Stap 8 Gebruiksaanwijzing In Bijlage I van de Machinerichtlijn staan onder punt eisen gesteld aan de inhoud van de gebruiksaanwijzing voor machines. De gebruiksaanwijzing dient niet alleen informatie te bevatten voor het bedienen van de robot maar tevens voor de installatie, schoonmaak, onderhoud, transport, etc. (zie Machinerichtlijn Bijlage I, voor een volledig overzicht van de inhoud van de gebruiksaanwijzing). Machinerichtlijn Bijlage VII, onder A Technisch dossier voor machines 1. Het technische dossier bevat de volgende elementen: a) een constructiedossier bestaande uit: - een algemene beschrijving van de machine; - het overzichtsplan van de machine, en de tekeningen van de besturingsschakelingen alsmede ter zake dienende beschrijvingen en toelichtingen om de werking van de machine te kunnen begrijpen; - gedetailleerde en volledige tekeningen, eventueel aangevuld met berekeningen, testresultaten, verklaringen enz., aan de hand waarvan kan worden nagegaan of de machine aan de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen voldoet; - de documentatie over de risicobeoordeling waaruit de gevolgde procedure blijkt, met inbegrip van de volgende gegevens: i) een lijst van de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen die op de betrokken machine van toepassing zijn, ii) de beschrijving van de beschermende maatregelen die zijn toegepast om vastgestelde gevaren weg te nemen of onderkende risico s te verminderen en, in voorkomend geval, informatie over de restrisico s in verband met de machine; - normen en overige toegepaste technische specificaties, met opgave van de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen die daaronder vallen; - technische verslagen waarin de uitkomsten van de proeven zijn opgenomen die door de fabrikant dan wel door een door hem of zijn gemachtigde gekozen bevoegde instantie zijn verricht; - een exemplaar van de gebruiksaanwijzing van de machine; - in voorkomend geval, de inbouwverklaring en de instructies voor inbouw betreffende zo ingebouwde niet voltooide machines; - in voorkomend geval, afschriften van de EG-verklaring van overeenstemming van de machine of van overige in de machine ingebouwde producten; - een afschrift van de EG-verklaring van overeenstemming; Stappenplan 07

8 De Machinerichtlijn hanteert een trapsgewijs systeem voor veiligheid van de robot. Allereerst dient men bij het ontwerpen van de robot rekening te houden met gevaren en deze zo veel mogelijk in het ontwerp te beperken. Wanneer er toch nog risico s overblijven, kan men gebruikmaken van veiligheidsmiddelen zoals afschermingen. Instructies voor het omgaan met zogenaamde restrisico s moeten in de gebruiksaanwijzing worden opgenomen. Een belangrijk aspect bij het opstellen van de gebruiksaanwijzing is het rekening houden met redelijk te verwachten gebruik van de machine. Omdat het voor een fabrikant niet altijd mogelijk is om precies te weten wat redelijk te verwachten gebruik is, is het over het algemeen raadzaam om in de gebruiksaanwijzing goed te omschrijven waarvoor men de machine moet gebruiken en elk ander gebruik uit te sluiten. Voor het opstellen van de gebruiksaanwijzing kunt u gebruikmaken van NEN-EN-ISO 12100, deel 2, hoofdstuk 6. De Nederlandse norm NEN 5509 is een norm met uitgebreide gegevens over het opstellen van een gebruiksaanwijzing, maar is geen Europese norm en heeft geen directe relatie met de Machinerichtlijn. Stap 9 EG-verklaring van Overeenstemming Om aan te tonen dat u voldaan heeft aan de eisen van de Machinerichtlijn dient u een EG-verklaring van overeenstemming op te stellen. Deze verklaring dient net als de gebruiksaanwijzing meegegeven te worden met de machine. Er zijn twee verschillende soorten verklaringen: 1 EG-verklaring van overeenstemming voor machines (Machinerichtlijn Bijlage II, A); 2 Inbouwverklaring voor niet-voltooide machines (Machinerichtlijn Bijlage II, B); Wanneer gesproken wordt over de IIA- of de IIB-verklaring, wordt eigenlijk gerefereerd aan de Bijlage II van de Machinerichtlijn. In Bijlage II staat aangegeven wat de inhoud van de verklaring dient te zijn. Stap 10 CE-markering Het aanbrengen van de CE-markering op de machine is als het ware de eindfase van het voldoen aan de eisen die gesteld worden in de Machinerichtlijn. De markering geeft aan dat uw machine volgens de daarvoor geldende Europese regels (en dus tevens nationale wetgeving) is ontworpen. Bij vergroting of verkleining van de CE-markering moeten de verhoudingen van de onderstaande afbeelding behouden blijven. De onderdelen van de CE-markering moeten ongeveer dezelfde hoogte hebben, namelijk minimaal 5 mm. Bij machines van geringe grootte mag van deze minimumafmeting worden afgeweken. Wanneer de volledige kwaliteitsborgingsprocedure is toegepast, wordt de CE-markering gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie. Opmerking Het stappenplan dat hiervoor uiteengezet is, geeft in het kort inzicht in de verschillende stappen die u kunt doorlopen om uiteindelijk tot CEmarkering voor uw robot te komen. Voor niet-voltooide machines kunt u een soortgelijk stappenplan doorlopen, alleen worden deze producten als eindresultaat niet voorzien van een CE-markering op basis van de Machinerichtlijn. Om het overzichtelijk te houden is niet over alle onderwerpen uitgebreide informatie verstrekt. Evenmin is uitgebreid ingegaan op de certificatiestructuur die nieuwe-aanpakrichtlijnen kennen. De meeste producten die onder de Machinerichtlijn vallen, worden namelijk door middel van zelfcertificatie beoordeeld. Warenwetbesluit In Nederland is de Machinerichtlijn opgenomen in de Warenwet. De implementatie van de Richtlijn 2006/42/EG heeft plaatsgevonden met een wijziging van enkele Warenwetbesluiten. De wijziging is gepubliceerd in Staatsblad 236 van De wijziging is op 29 december 2009 in werking getreden. De tekst van de nationale wet (in ieder land van de Europese Economische Ruimte) dient de fabrikant (die soms ook gebruiker is) tot richtsnoer. Het Warenwetbesluit bevat niet de volledige essentiële eisen, maar verwijst hiervoor naar bijlage I van de Machinerichtlijn. Het verdient aanbeveling, bij afzet op de markt van een andere lidstaat, u nauwkeurig op de hoogte te stellen van de inhoud van de vigerende nationale wetgeving. Structuur van de Machinerichtlijn Voordat u de Machinerichtlijn gaat lezen, is het handig om te weten dat de richtlijn een bepaalde structuur heeft die bestaat uit de volgende onderdelen: de overwegingen (rekening houdend met...); de artikelen (wettelijke kader van de richtlijn); de bijlagen (uitwerking van of verwijzing vanuit bepaalde artikelen). De CE-markering bestaat uit de initialen CE, ook wel aangeduid als Conformité Européenne. In Bijlage III van de Machinerichtlijn is het te gebruiken model afgebeeld. De CE-markering moet worden aangebracht in de onmiddellijke nabijheid van de naam van de fabrikant of diens gemachtigde, met gebruikmaking van dezelfde techniek. Een soortgelijke structuur is in de meeste nieuwe-aanpakrichtlijnen terug vinden. Hierna treft u een schematische weergave van de richtlijn, zodat u gemakkelijk en snel kunt zien waar en wat er in de verschillende artikelen en bijlagen staat. 08 Stappenplan

9 Robots volgens NEN EN-ISO Europese geharmoniseerde normen geven een technische uitwerking aan de fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen die in de machinerichtlijn worden gesteld. Deze normen worden op basis van consensus, tussen de verschillende Europese landen, door belanghebbende partijen (zoals de gebruikers, fabrikanten, brancheorganisaties en de overheid) opgesteld. In dit artikel wordt nader ingegaan op de geharmoniseerde norm NEN-EN-ISO 10218, met als titel Robots for industrial environments Safety requirements. Wanneer de norm in het Publicatieblad van de Europese Unie wordt gepubliceerd (de eindfase), dan spreken we over een geharmoniseerde Europese norm. Geharmoniseerde normen zijn normen die door de Europese commissie zijn aanvaard in het kader van de Nieuwe Aanpak Richtlijnen, nadat de leden van CEN (Comité Européen de Normalisation) en CENELEC (Comité Européen de Normalisation Electrotechnique) overeenstemming hebben bereikt over de technische uitwerking van één of meer fundamentele veiligheids- en gezondheidsvoorschriften. Het zou niet haalbaar zijn om alle eisen met betrekking tot veiligheid en gezondheid in één norm samen te brengen. De normen die zijn opgesteld in het kader van de Machinerichtlijn zijn vanwege de grote diversiteit van machines ingedeeld in drie categorieën. Ten eerste zijn er de type A-normen (fundamentele veiligheidsnormen) met basisbegrippen, ontwerpbeginselen en algemene aspecten die op machines van toepassing kunnen zijn. Dan zijn er de type B-normen (generieke veiligheidsnormen) met één of meer veiligheidsaspecten of één of meer typen beveiligingsvoorziening, die voor een breed scala van machines van toepassing kunnen zijn. De type B-normen kunnen ook weer worden onderverdeeld in diverse categorieën. Er zijn type B1-normen voor bepaalde veiligheidsaspecten (voor bijvoorbeeld veiligheidsafstanden, oppervlaktetemperatuur en geluid), alsmede type B2-normen voor beveiligingsvoorzieningen (zoals tweehandenbediening, blokkeervoorzieningen, drukgevoelige voorzieningen en afschermingen). Ten slotte zijn er de type C-normen (machineveiligheidsnormen), met gedetailleerde veiligheidseisen voor een bepaalde machine of groep van machines. Het toepassen van een geharmoniseerde norm geeft het zogenoemde vermoeden van overeenstemming met de desbetreffende eis van de richtlijn. Men gaat er dus automatisch van uit dat je voldoet aan de Machinerichtlijn wanneer je bij het ontwerp van de machine of robot geharmoniseerde normen gebruikt. Het voordeel van het gebruik van een C-norm is dat men al gekeken heeft naar de bijzondere risico s die zich kunnen voordoen met bijvoorbeeld robots. Er is als het ware al een risicobeoordeling voor je gemaakt. Annex ZA en Annex ZB Geharmoniseerde normen worden voorzien van een Annex ZA. In deze Annex wordt het verband gelegd met de essentiële eisen in de machinerichtlijn of andere Europese richtlijnen. Wanneer de norm gepubliceerd is in het Publicatieblad van de Europese Unie, geldt het vermoeden van overeenstemming. Dit vermoeden van overeenstemming is echter niet automatisch van toepassing op de nieuwe machinerichtlijn 2006/42/EG. Om het vermoeden van overeenstemming te behouden, is het belangrijk dat de vele honderden normen die onder de Machinerichtlijn zijn ontwikkeld, aangepast worden op de nieuwe richtlijn. Dit wordt gedaan door middel van het toevoegen van een Annex ZB. Dit proces is nog steeds gaande, en naar verwachting zal de aanpassing rond moeten zijn voordat de nieuwe richtlijn van kracht gaat. Net als Annex ZA geeft Annex ZB het verband aan met de essentiële eisen van Machinerichtlijn 2006/42/EG. NEN-EN-ISO is al voorzien van een Annex ZB. NEN-EN-ISO :2008 Deze norm is speciaal ontwikkeld om risico s en gevaren van industriële robots in kaart te brengen en is opgesteld door de Internationale Technische Commissie ISO/TC 184 Industrial Automation systems and integration. Hij is op 17 november 2008 goedgekeurd door CEN en vervolgens overgenomen als Europese norm. NEN-EN-ISO bestaat uit twee delen. Deel 1 gaat over robots en specificeert de eisen en richtlijnen voor een veilig ontwerp, de beschermende maatregelen en de instructies voor het gebruik van industriële robots. Het beschrijft de basisrisico s die verbonden zijn aan robots en geeft eisen voor het reduceren of elimineren van deze risico s. Deel 2 gaat over robotsystemen en integratie. De gevaren in relatie tot geluid zijn in dit tweede deel opgenomen. Lijst van gevaren Annex I van NEN-EN-ISO geeft een lijst van gevaren weer die kunnen voorkomen bij industriële robots (zie tabel A.1). Een risicobeoordeling zal vanzelfsprekend moeten uitwijzen of er nog additionele risico s Ontwerp & risico s 09

10 zijn, naast de risico s die al in Annex I zijn weergegeven. Bij het maken van de risicobeoordeling dien je rekening te houden met factoren zoals het bedoeld gebruik van de robot (waaronder onderwijs, onderhoud en schoonmaak, het onbedoeld opstarten van de robot, de toegang van personeel van diverse richtingen, voorzienbaar misbruik van de machine en het effect van falen van het besturingssysteem). Geconstateerde risico s zullen gereduceerd or geëlimineerd moeten worden volgens het trapsgewijze systeem, zoals ook aangeven in NEN-EN-ISO en 2, alsmede in NEN-EN-ISO Dat wil zeggen: eerst in het ontwerp, daarna met aanvullende veiligheidsmaatregelen (zoals afschermingen) en als laatste dienen de restrisico s te worden vermeld in de gebruiksaanwijzing. Ontwerpeisen In het vijfde hoofdstuk van de NEN-EN-ISO worden situaties aangegeven, waarbij zich een bepaald risico of gevaar kan voordoen. Vervolgens wordt hiervoor een beschermende maatregel voorgesteld, die in het ontwerp kan worden toegepast. Eén en ander is bepaald op basis van visuele inspectie, praktisch testen, afmetingen, observatie tijdens de ingebruikstelling van de robot en een analyse van de flowdiagrammen. Voorts dient de robot te voldoen aan de eisen van de EMC-richtlijn (elektromagnetische compatibiliteit), waarbij er bijvoorbeeld gebruik kan worden gemaakt van de elektrotechnische norm IEC Dit ter voorkoming van gevaarlijke bewegingen van de robot, welke kunnen ontstaan Nr. Omschrijving Voorbeeld(en) van gerelateerde gevaarlijke situaties Gerelateerde gevarenzone Clausule referentie 1 Mechanische gevaren 1.1 Verbrijzeling Bewegingen (normale of singulaire) van enig onderdeel van de robotarm of extra assen Begrensde ruimte 5.11; Verdrukking Beweging van extra assen Rondom randapparatuur Snijden of afbreken Beweging of rotatie zorgt voor scharenactie Begrensde ruimte Verstrikking Rotatie van polsgewricht of extra assen Begrensde ruimte Naar binnen trekken of insluiting Tussen robotarm en een vast object Rondom vaste objecten nabij begrensde ruimte Botsing Bewegingen (normale of singulaire) van enig onderdeel van de robotarm Begrensde ruimte 5.11; Elektrische gevaren 2.1 Contact van personen met geaarde Contact met geaarde onderdelen of aansluitingen Elektrische kast, terminal boxes, 5.2 delen (direct contact) bedieningspanelen bij machine 8 Gevaren gevormd door nalaten van ergonomische principes in het ontwerpproces 8.1 Ongezonde houdingen postures of Slecht ontworpen teach pendant Teach pendant 5.8 excessieve moeite ( repetitive strain ) 8.2 Gebrekkige beschouwing van Ongeschikte locatie van bedieningen Bij laden/lossen werkstuk en toolbevestiging 5.3 anatomie van hand/arm of voet-been of instellen van posities 8.7 Ongeschikt ontwerp, locatie of Slordige operatie van bedieningen Aan of nabij de robotcel 5.3 identificatie van handmatige bedieningen 8.8 Ongeschikt ontwerp of locatie van Misinterpretatie van getoonde informatie Aan of nabij de robotcel 5.3 ; 5.8 visuele displayunits 10 Onverwachte start, onverwachte overrun/over speed 10.1 Storing/ontregeling van de energiebron 10.2 Herstel van energietoevoer na een onderbreking 10.3 Externe invloeden op de elektrische apparatuur 13 Storing stroomtoevoer (externe energiebronnen) 14 Storing besturingscircuit (hardware of software) 18 Stabiliteitsverlies, kantelen van apparatuur Mechanische gevaren geassocieerd met robot en extra Aan of nabij de robotcel assen Onverwachte bewegingen van robot of extra assen Aan of nabij de robotcel Onvoorspelbaar gedrag van elektronische bedieningen door electromagnetische interferentie Storingen van de besturing resulterend in loslaten van robotarmrem. Loslaten van de rem maakt dat de robotelementen onverwachts bewegen, veroorzaakt door de resterende krachten (inertie, zwaartekracht, spring/ energie-opslagmiddelen) Aan of nabij de robotcel Aan of nabij de robotcel waar robotelementen in een veilige toestand worden gehouden middels het toepassen van stroom of vloeistofdruk Onverwachte bewegingen van robot of extra assen Aan of nabij de robotcel Onbegrensde robot of extra assen (in positie gehouden door zwaartekracht), die omvallen of kantelen 5.2 Aan of nabij de robotcel 5.2.3; Ontwerp & risico s

11 door EMI (elektromagnetische storing of interference), RFI (radiofrequente storing of interference) en ESD (elektrostatische lading of discharge). Verder worden er aanwijzingen gegeven voor zowel de hard- als software van besturingssystemen met een veiligheidsfunctie. Er wordt algemeen van uitgegaan dat het veiligheidscategorie 3 betreft, zoals omschreven in NEN-EN-ISO Veiligheid van machines - Onderdelen van besturingssystemen met een veiligheidsfunctie - Deel 1: Algemene regels voor ontwerp. Voor de elektrische veiligheid van de robot wordt verwezen naar de NEN-EN-IEC Veiligheid van machines - Elektrische uitrusting van machines - Deel 1: Algemene eisen. De uitrusting waarop de NEN- EN-IEC van toepassing is, begint op het punt waar de elektrische uitrusting van de machine op de elektrische voeding is aangesloten. Gebruiksaanwijzing en markering In de Machinerichtlijn worden in Bijlage I, punt en 1.7.4, eisen gesteld aan de markering op een machine of robot en de gebruiksaanwijzing. In NEN-EN-ISO wordt dit nader gespecificeerd, maar NEN-EN- ISO geeft in hoofdstuk 6 nog specifieke aanwijzingen voor de gebruiksaanwijzing voor industriële robots. Zo dienen robots of robotsystemen voorzien te zijn van een instructiehandboek, met daarin onder andere opgenomen: naam, adres en contactgegevens van de fabrikant of leverancier instructies voor de installatie en programmering van de robot instructies voor het testen en inspecteren van de afschermingen, die uitgevoerd dienen te worden alvorens het eerste gebruik van de robot instructies voor het veilig bedienen van de robot De robot dient gemarkeerd te zijn met onder andere het volgende (hoofdstuk 6): naam en adres van de fabrikant modelnummer en referentienummer maand en jaar van fabricage het gewicht van de machine informatie betreffende elektrische, hydraulische en pneumatische systemen hijspunten voor transport dienen te worden aangeduid laadcapaciteit De eisen die worden aangegeven in NEN-EN-ISO zijn minimale eisen, die de veiligheid dienen te waarborgen bij het gebruik van de robot. Er kunnen vanzelfsprekend nog andere veiligheidsmaatregelen worden getroffen, afhankelijk van het type robot en de functionaliteit die er aan wordt toegekend. Annex D geeft een aantal opties, welke in acht kunnen worden genomen die de flexibiliteit, hergebruik en veiligheid van de robot ten goede komen. Hoewel deze norm speciaal voor industriële robots is ontwikkeld, dien je nog een aantal andere normen te raadplegen om aan alle eisen van de machinerichtlijn te voldoen. De norm geeft een overzicht van de normen die je, naast deze norm, nog zou moeten raadplegen. Mocht je naar aanleiding van dit artikel nog vragen hebben, dan kun je contact opnemen met het Adviespunt Machinebouw via U let nauwgezet op onafhankelijke testen van uw auto alleen garages die lid zijn van een branchevereniging vindt u betrouwbaar waarom dan ook niet als het gaat om Industriële Robots?

12 Vuistregels voor robotintegratie volgens NEN-EN-ISO Hieronder vindt u een overzicht van de belangrijkste paragrafen in de norm NEN-EN-ISO De norm specificeert veiligheidseisen voor de integratie van industriële robots en industriële robotsystemen, zoals gedefinieerd in NEN-eN-ISO , en industriële robotcellen. In het overzicht zijn artikelnummers, onderwerp en een korte toelichting opgenomen. Artikel Onderwerp Vuistregel D1.par Definitie industriële robot Een industriële robot is een automatisch bestuurde, herprogrammeerbare multifunctionele manipulator, programmeerbaar in drie of meer assen, die vast kan zijn opgesteld of geschikt is voor mobiel gebruik in een industriële automatisering applicatie. D1.par Definitie industriële robot Een robot is meer Tot het begrip industriële robot behoren eveneens 1) additionele assen bestuurd door de robot, 2) de manipulator (inclusief actuatoren) en 3) de besturing, inclusief teachpendant en de communicatie interfaces. D1.H1. Naam en toepassingsgebied NEN-EN-ISO D2. introductie Naam en toepassingsgebied NEN-EN-ISO Robots voor industriële omgevingen - Veiligheidseisen - Deel 1: Robot. Het specificeert eisen en richtlijnen voor het inherent veilig ontwerp, de beschermende maatregelen en de gebruiksinformatie voor industriële robots. Deel 1 is bedoeld voor fabrikanten van industriële robots. Robots voor industriële omgevingen - Veiligheidseisen - Deel 2: Industriële robotsysteem en integratie. Het specificeert veiligheidseisen voor de integratie van industriële robots en industriële robotsystemen, zoals gedefinieerd in NEN-EN-ISO , en industriële robotcellen. Deel 2 is bedoeld voor bedrijven die industriële robots aanschaffen en integreren met één of meer andere machines. D2. introductie Meer B-normen van toepassing? Er zijn meestal meerdere relevante B-normen van toepassing zijn, zoals bijvoorbeeld EN-IEC : Elektrische uitrusting machines, ISO 4413: Hydraulische installaties en ISO 4414; pneumatische installaties. Verder is de robot(-cel) vaak onderdeel een geïntegreerd productiesysteem afgedekt door de norm ISO D2. introductie Meer C-normen van toepassing? Op de in een robot cel toegepaste machines kunnen specifieke C-normen van toepassing zijn. Bijvoorbeeld de C-norm EN 619 geeft de veiligheids- en EMC-eisen eisen voor stukgoedtransporteurs. Scope Wat valt volgens NEN-EN-ISO onder noemer integratie De integratie omvat: a) het ontwerp, de fabricage, installatie, bediening, onderhoud en ontmanteling van een industrieel robotsysteem; b) de opzet van de nodige informatie hiervoor; c) alle onderdelen/ apparaten van het industriële robotsysteem. D2.par.3.2 Definitie samenwerkende robot Robot ontworpen voor directe interactie met een mens binnen een bepaalde vastgestelde werkruimte. D2.par.3.3 Definitie werkgebied samenwerkende robot Werkruimte binnen het afgeschermde gedeelte van een robotcel, waar de robot en een mens gelijktijdig productietaken uitvoeren. D2.par.3.7 Definitie integrator Entiteit die robotsystemen of geïntegreerde productiesystemen ontwerpt, levert, produceert of assembleert en is belast met de veiligheid strategie, met inbegrip van de beschermende maatregelen en de besturingsinterfaces. 012 Vuistregels

13 Artikel Onderwerp Vuistregel D2.par.3.8 Definitie geïntegreerde productiesystemen (IMS) Groep van machines die op een gecoördineerde manier samenwerken, verbonden door een materiaaltransportsysteem en onderling verbonden zijn door middel van besturingssystemen, met het oog op de productie, behandeling, verplaatsing of verpakking van materialen. D2.par.3.9 Definitie industriële robotcel Eén of meer robotsystemen, inclusief de bijbehorende machines en apparatuur en de bijbehorende afgeschermde ruimte en beschermende maatregelen. D2.par.3.10 Definitie industriële robotlijn Meer dan één robotcel voor het uitvoeren van dezelfde of verschillende functies en de bijbehorende apparatuur in aparte of gecombineerde afgeschermde ruimten. D2.par Werkruimte robot Gedeelte van de begrensde ruimte dat daadwerkelijk door de robot wordt gebruikt tijdens het uitvoeren van alle geprogrammeerde bewegingen. D2.par Begrensde ruimte Dat deel van de maximale ruimte welke wordt beperkt door automatische begrenzingsvoorzieningen. D2.par Beveiligde ruimte Ruimte die wordt begrensd door een afscherming en andere beveiligingsvoorzieningen. D2.par.4.1 Risico-identificatie is een must Het is noodzakelijk om de gevaren te identificeren en de risico s door de robot en de applicatie te beoordelen. Daarna kunnen passende beschermende maatregelen worden geselecteerd en ontworpen. Hiervoor kunnen de normen ISO deel 1 en 2 met ISO deel 1 en 2 worden gebruikt. D2.par.4.1 Verplichte volgorde risicoreductie Technische maatregelen voor de vermindering van de risico s zijn gebaseerd op deze fundamentele principes: - het wegnemen van het gevaar of reductie van het risico door een wijziging van het ontwerp. - Voorkomen dat een operator aan gevaar wordt blootgesteld of het beheersen van het gevaar door een veilige toestand te creëren voordat de operator ermee in contact komt. - Vermindering van de risico s tijdens interventies, bijvoorbeeld met de teach-mode. D2.par.4.2 Ontwerp lay-out robotcel Het ontwerp van het robotsysteem en de lay-out van de robotcel vormt de belangrijkste factor in de eliminering van de gevaren en de vermindering van de risico s. Aandachtspunten tijdens het ontwerp van de lay-out zijn: a) Vaststelling van de fysieke grenzen van de robotcel of de -lijn. b) vastleggen van de werkgebieden, toegangswegen en vrije ruimten. c) Noodzaak voor handmatig ingrijpen. d) Ergonomie en menselijke interactie met de apparatuur. e) Milieuvoorwaarden. f) Laden en lossen van de werkstukken / gereedschap. g) Bepaling van de afstandsafschermingen. h) Eisen voor en de plaats van noodstopinrichtingen en mogelijke veiligheidszonering van de cel i) Voorschriften voor en de plaats van toestemmingsknoppen (hold-to-run). j) Aandacht voor het beoogde gebruik van alle componenten. D2.par D2.par D2.par D2.par D2.par Risicobeoordeling; omvat beoordeling risico s in alle levenscycli Gebruiksgrenzen van het robotsysteem Bijlage A geeft een mooie lijst van gevaren bij een robotsysteem Identificatietaken zijn nodig voor het bepalen van gevaarlijke situaties Basiseisen aan de besturingstechnische veiligheidsmaatregelen Een goede risicobeoordeling bestaat uit een systematische analyse en evaluatie van de risico s over de gehele levenscyclus van het robotsysteem, dus productie de inbedrijfstelling, de set-up, onderhoud, reparatie, ontmanteling. De integratie van een robotsysteem begint bij het vastleggen van het beoogd gebruik en de grenzen van het systeem. (Gebruiksgrenzen, ruimtelijke grenzen, tijdsgrenzen en mogelijk andere grenzen). De lijst met significante gevaren voor robot en robotsystemen, opgenomen in bijlage A is het resultaat van het gevarenidentificatie en risicobeoordeling uitgevoerd zoals beschreven in ISO en ISO Met het oog op het potentieel voorkomen van gevaarlijke situaties is het noodzakelijk om de taken te identificeren die worden uitgevoerd door de operator van de robotsysteem en de bijbehorende apparatuur. De integrator moet daarbij de gebruiker raadplegen om alle redelijkerwijs te verwachten gevaarlijke situaties te kunnen identificeren. Niet alleen tijdens productie maar bijvoorbeeld ook bij het storing zoeken en oplossen daarvan. Veiligheidsgerelateerde besturingssystemen (elektrisch, hydraulisch, pneumatisch en software) moeten ten minste voldoen aan de volgende prestatiecriteria: a) Performance Level (PL) d met de structuur van categorie 3, zoals beschreven in ISO of b) Safety Integrity Level; SIL 2 met hardware fouttolerantie van 1 (redundantie). D2.par Locatie van de bedieningsstations Operationele besturingen en apparatuur (bijvoorbeeld lasbesturing en pneumatische kleppen) die tijdens automatisch bedrijf bijgesteld moeten worden dienen buiten de beveiligde ruimte te zijn opgesteld. Bij bediening moet er een helder zicht zijn op de robot en de andere apparatuur in de begrensde ruimte. Vuistregels 013

14 Artikel Onderwerp Vuistregel D2.par D2.par D2.par D2.par D2.par D2.par Alle energiesystemen van de robot moeten voldoen aan de daarvoor geldende normen Zorg voor voldoende ruimte rondom de schakelkasten van alle energiesystemen De robot moet eenvoudig gescheiden kunnen worden van alle energievormen Beheersing van opgeslagen energie Noodstopknop op elk bedieningsstation Leg het besturingsbereik van de noodstop vast Alle energiebronnen van de robot en andere apparatuur (bijvoorbeeld pneumatische-, hydraulische-, mechanische- en elektrische energie) moeten voldoen aan de eisen zoals gespecificeerd in diverse B-normen. Elektrische installaties moeten voldoen aan de eisen van IEC Hydraulische installaties moeten voldoen aan de eisen van ISO 4413 en pneumatische installaties moeten voldoen aan die van ISO Elektrische schakelkasten moeten zodanig worden gemonteerd dat hun deuren volledig kunnen worden geopend en vluchtwegen ook beschikbaar als de deuren geopend zijn. De resterende ruimte bij een volledig geopende deur mag niet minder zijn dan 500 millimeter (zie ook IEC ). Een (klein) robotsysteem moet voorzien zijn van één voedingsonderbrekende voorziening voor elk type energiebron, zoals elektrisch, mechanisch, hydraulisch, pneumatisch, chemische, thermische, potentiële, kinetische, enz. Bij meerdere robot of grote installaties kunnen meerdere scheiders voor elk type van energie nodig zijn. In dat geval moet het besturingsbereik (span of control) voor elk van deze apparaten duidelijk worden aangegeven in de nabijheid van de hendel van de scheider. Er moeten middelen worden verstrekt voor de beheersing van en/of de gecontroleerde afgifte van opgeslagen gevaarlijke energie. Opgeslagen energie kan voorkomen in lucht- en hydraulische accumulatoren, condensatoren, batterijen, veren, contragewichten, vliegwielen. Er moet dan een label worden aangebracht waarmee het risico van de opgeslagen energie kenbaar wordt gemaakt. Ieder bedieningsstation waar bewegingen of andere gevaarlijke functies kunnen worden gestart moet voorzien zijn van een noodstopknop volgens IEC en ISO Na bediening van een noodstop moet alle robotbewegingen en andere gevaarlijke functies in de robotcel, of op het raakvlak tussen de cellen en andere gebieden van het werkgebied worden gestopt. Robotsystemen hebben één noodstopfunctie, die van invloed is op alle relevante onderdelen van het systeem. Bij grotere systemen (bijvoorbeeld meerdere robotcellen) is een scheiding van het besturingsbereik (span of control) van de verschillende robotcellen mogelijk. In dat geval moet het besturingsbereik (span of control) duidelijk worden aangegeven in de nabijheid van de noodstopknop. Noodstopknoppen van robotsystemen bereikbaar via dezelfde beveiligde ruimte moeten hetzelfde besturingsbereik hebben Als de begrensde ruimte van twee of meer robots elkaar overlappen, of indien twee of meer robots toegankelijk zijn binnen een gemeenschappelijk beveiligde ruimte, moet deze ruimte gezien worden als één werkruimte. Alle noodstopinrichtingen voor één werkruimte moeten hetzelfde besturingsbereik hebben. Noodstoppen van bedienstations moeten altijd actief zijn De noodstopknoppen van een robotsysteem moeten te allen tijde functioneel blijven, zelfs als het bedieningstations niet geactiveerd is. Kies de juiste stopcategorie voor de noodstopfunctie Uit de risicobeoordeling moet de keuze van de juiste stopcategorie, stopcategorie 0 of stopcategorie 1 in overeenstemming met IEC , naar voren komen. D2.par Beschermende stop Elk robotsysteem beschikt over één of meer beschermende stopcircuits ontworpen voor de aansluiting van externe beveiligingen, zoals bijvoorbeeld lichtschermen, schakelmatten en deurbeveiligingen. Kies de juiste stopcategorie voor elke beschermende stopfunctie Uit de risicobeoordeling moet de keuze van de juiste stopcategorie, stopcategorie 0 of stopcategorie 1 in overeenstemming met IEC , naar voren komen. Stop categorie 2 kan worden toegepast indien de frequentieregelaar (het aandrijvende systeem) voldoet aan de eisen uit de norm IEC D2.par Eisen aan de eind-effector Er zijn diverse eisen voor het ontwerp en de constructie van de eind-effector vastgelegd. Twee belangrijke aspecten zijn: a) verlies of verandering van de energievoorziening (bijvoorbeeld elektrische, hydraulische, pneumatische vacuüm aanbod) mag niet leiden tot verlies van de last als dit leidt tot een gevaarlijke situatie; b) het vrijgeven van verwisselbare werktuigen mag alleen plaatsvinden op specifieke locaties en onder gecontroleerde omstandigheden; c) etc. D2.par Een noodherstelprocedure moet worden vastgelegd De gebruiksinformatie bevat gedetailleerde instructies voor het herstel van mogelijke fouten in het robotsysteem en aanverwante apparatuur. Hierin moet ook worden aangegeven hoe bewegingen kunnen worden uitgevoerd zonder aandrijvend vermogen. 014 Vuistregels

15 Artikel Onderwerp Vuistregel D2.par Verlichting van robotsystemen Interne onderdelen die frequent geïnspecteerd en afgeregeld worden, alsmede onderhoudzones, moeten zijn voorzien van passende verlichting. Deze verlichting moet ten minste 500 lux zijn op locaties waar frequente inspecties en afregelingen noodzakelijk zijn (zie ISO ). D2.par D2.par D2.par D2.par.5.5 D2.par D2.par D2.par D2.par.5.6 D2.par D2.par D2.par D2.par Driestanden hold-to-run is een must Toepassing van afschermingen en begrensde ruimten Systemen voor het beperken van bewegingen Lay-out van afstandsafschermingen Minimum ruimte binnen gevaarlijke zone bij hoge bewegingsnelheid van de robot Plaats bedieningsmiddelen op een geschikte hoogte Bouw bordessen en platformen volgens de eisen Eisen aan de bedrijfsmodeschakelaar van een robotsysteem Eisen aan de selectie van automatische modus Herstartblokkering voor verschillende situaties is een must De resetfunctie moet aangesloten zijn op de veiligheidsgerelateerde delen van de besturing Handmatig gereduceerde snelheid Bedieningsconsoles die worden vastgehouden door de operator in de gevaarlijke zone moeten uitgevoerd zijn met een drie-standen hold-to-run bediening volgens van ISO :2006. De beveiligde ruimte van een robot moet met afstandafschermingen worden gerealiseerd, rekening houdend met de toegangswegen en de indeling van de machines. De begrensde ruimte van de robot wordt gerealiseerd met systemen (mechanisch of automatisch) die beweging van de robot, met eind-effector beperken. De begrensde ruimte moet kleiner worden gemaakt dan de maximale werkruimte van de robot. Beperking van de bewegingen van het robot-systeem kunnen worden bewerkstelligd door middelen die een integraal onderdeel van de robotbesturing (bijvoorbeeld Veiligheidsgerelateerde software-assen en ruimten) of door het installeren van externe apparaten, of door een combinatie van allebei. Veiligheidsafstanden voor overreiken en doorreiken bij mechanische afschermingen moeten voldoen aan de eisen van tabel 2 en tabel 4 van ISO 13857:2008. Een minimale afstand van 0,5 meter moet wordt gehandhaafd in die gebieden waar taken moeten worden uitgevoerd bij hoge handlingsnelheden van de robot. Deze ruimte is ook noodzakelijk tussen de robotbeweging en gebouwconstructies, apparatuur van nutsbedrijven en andere machines. Bedieningtableaus en schakelaars moeten op gemakkelijk bereikbare hoogte worden geplaatst. Deze hoogte moet liggen tussen 0,4 meter en 2,0 meter van het grondniveau (zie ook IEC ). De selectie en het ontwerp van platforms, loopbruggen, vaste trappen, trapladders en vaste ladders moeten in overeenstemming zijn met de relevante delen van ISO In een cel met meer dan één robotsysteem kan de bedrijfmodus afzonderlijk op elke robotsysteem of gemeenschappelijk voor alle robotsystemen in de cel worden geselecteerd. Als de bedrijfsmodus op elke robotsysteem apart wordt gekozen, is het niet nodig dat alle robotsystemen worden overgeschakeld naar handmatige modus. Robots die niet met de hand worden bediend, blijven wel in een veilige toestand, onafhankelijk van de bedrijfsmodus die is geselecteerd. De selectie van de automatische modus van een robotinstallatie mag niet leiden tot overschrijven van de status of een reset van een beschermende stop of een noodstopsituatie. Selectie van de automatische modus moet alleen mogelijk zijn buiten de beveiligde ruimte. Bij gebruik van een teachpendant in de beveiligde zone mag omschakeling van teachmode naar automatische mode alleen plaatsvinden buiten de beveiligde zone. Een herstartblokkering moet aanwezig zijn om een automatische herstart te voorkomen: a) na een aanspraak op een beschermende functie of noodstop en b) een verandering in de bedrijfsmodus van de robotcel. De handmatige reset-functie dient te zijn uitgevoerd in de veiligheidsgerelateerde onderdelen van de besturing. Na een reset van het veiligheidssysteem wordt een aparte handmatige start in de standaardbesturing mogelijk gemaakt. Plaats resetknop van veiligheidsfuncties op de juiste locatie Vanuit elke bedieningstation moet de operator kunnen waarborgen dat zich niemand in de beveiligde zone bevindt. Als dit niet mogelijk is moet aanwezigheidsdetectie voor de detectie van personen in de beveiligde zone worden toegepast. De mode handmatig gereduceerde snelheid is van toepassing op die werkzaamheden waarbij de bediener in de beveiligde ruimte aanwezig is en de robot moet bedienen. In dat geval mag de snelheid van het robot Tool Center Point (s) (TCP) niet meer dan 250 millimeter per seconde bedragen. Deze snelheid moet worden bewaakt met een veiligheidscircuit volgens PLd of SIL2. Vuistregels 015

16 Artikel Onderwerp Vuistregel D2.par Handmatig hoge snelheid Deze modus is alleen bestemd programma verificatie en mag niet worden gebruikt voor de productie. Deze modus moet alleen worden verstrekt in uitzonderlijke omstandigheden waar het noodzakelijk is dat het robotsysteem handmatig moet worden bediend op hoge snelheid. Er moet een gebruik worden gemaakt van een driestanden hold-to-run. De snelheid van de geselecteerde TCP kan meer bedragen dan 250 millimeter per seconde. D2.par Eisen aan beveiliging tijdens onderhoud Onderhoud moet worden uitgevoerd van buiten de beveiligde ruimte. Als het nodig is om onderhoud uit te voeren binnen de beveiligde ruimte, dan dienen er additionele maatregelen te worden genomen zoals geëist in D2.par Afstandsafschermingen Bij de selectie van de afstandafschermingen moet rekening worden gehouden met alle gevaren binnen de beveiligde ruimte - niet alleen die in verband met het robotsysteem. Voorbeelden van gevaren zijn: a) andere machines, apparatuur en processen; b) vallende of uitgeworpen voorwerpen; c) onregelmatig of overmatige machinestops; d) emissiegevaren (bijvoorbeeld lawaai, trillingen, straling en schadelijke stoffen). D2.par D2.par D2.par D2.par Minimum (veiligheids-) afstanden voor afschermingen Algemene eisen voor vaste afschermingen Algemene eisen voor blokkeerschermen (beweegbare afscherming met blokkering) Toepassing lichtschermen en scanners en dergelijke Vaste en beweegbare afschermingen die moeten voldoen aan de eisen van ISO De minimale afstand wordt bepaald volgens de relevante eisen van ISO Het mag voor een persoon niet mogelijk zijn om door de openingen in een vaste afscherming door overreiken, onderdoor reiken, eromheen reiken of door reiken een gevaar te bereiken. De hoogte van de afscherming moet ten minste millimeter vanaf het grondoppervlak zijn. Blokkeerinrichtingen in verband met beweegbare afschermingen moeten voldoen aan de eisen van ISO De blokkering zorgt ervoor dat elk gevaar in een veilige toestand is gebracht voordat een operator toegang tot het gevaar kan krijgen. Lichtschermen en scanners worden meestal gekozen wanneer er een frequente toegang is of het personeel goed zicht moet hebben op de machine of het proces, of wanneer een afscherming ergonomisch niet juist is. Er zijn echter enkele beperkingen bij het gebruik van lichtschermen in de volgende gevallen: a) als er een mogelijkheid is dat de machine materialen, spanen of onderdelen uit zal werpen; b) bij het risico van letsel als gevolg van thermische of andere straling; of c) bij onaanvaardbare geluidsniveaus. D2.par Muting van veiligheidsfuncties Muting is het tijdelijk automatisch negeren van de beschermende werking van een lichtscherm tijdens een deel van de robotcyclus. Muting moet zodanig worden uitgevoerd dat een persoon niet onopgemerkt in de gevarenzone kan blijven wanneer de muting is beëindigd. D2.par Uitschakeling van beveiligingen Taken die de uitschakeling van een beveiliging noodzakelijk maken moeten een aparte bedrijfsmodus hebben, zoals bijvoorbeeld de robot teachmode. Dit is alleen toegestaan als de robot met een veilige snelheid werkt en gebruik wordt gemaakt van een hold-to-run bewaking. D2.par D2.par.6 Keuze van tijdelijke afschermingen Verificatie en validatie van veiligheidseisen en beschermende maatregelen is noodzakelijk Tijdelijke afschermingen moeten worden geplaatst ter bescherming van het personeel als de beoogde afschermingen nog niet beschikbaar zijn. Voorafgaand aan de opstart, uitvoering van testen en de verificatie, dient een passende bescherming te worden geboden aan de bedienaar, voordat verder wordt gewerkt. De tijdelijke afschermingen dienen in de gebruiksaanwijzing te worden vermeld en in de inbedrijfstellingsinstructies te zijn opgenomen. De robotsysteemfabrikant of integrator zorgt voor de verificatie en validatie van het ontwerp en de bouw van robotsystemen, met inbegrip van passende beschermingsmaatregelen in overeenstemming met de beginselen beschreven in de artikelen 4 en 5. Hoofdstuk 6 van de norm bevat tabellen waarin de eisen en het moment van verificatie en validatie is vastgelegd. 016 Vuistregels

17 Vragen over CE-markering? Bel het Adviespunt Machinebouw! In de wereld van regelgeving en normen is het niet altijd gemakkelijk om door de bomen het bos te zien. Wij kunnen u hierbij helpen. Voor een onafhankelijk advies over de praktische toepassing van Europese Richtlijnen en normen kunt u terecht bij de vakspecialisten van het Adviespunt Machinebouw. Zoek niet verder, want met vragen over onder andere CE-markering, productaansprakelijkheid, risicobeoordeling, de gebruiksaanwijzing, het technisch dossier, eisen voor niet-voltooide machines en de verklaring van overeenstemming bent u bij ons aan het juiste adres. Wij beperken ons niet alleen tot machinebouw/machineveiligheid maar kunnen u ook van dienst zijn met vragen over bijv. drukapparatuur of elektrische veiligheid van machines. Omdat wij advies op maat bieden (ook op locatie) is het advies altijd afgestemd op uw wensen. Normalisatie: de wereld op één lijn. Lidmaatschap Denkt u regelmatig gebruik te gaan maken van onze diensten, wordt dan lid van het Adviespunt Machinebouw. Tegen een jaarlijkse bijdrage kunt u o.a. onbeperkt bellen/mailen met uw vragen naar onze helpdesk en ontvangt u 20% korting op de eerste adviesdag. Neem contact met ons op U kunt vrijblijvend contact opnemen met het Adviespunt Machinebouw via telefoon: (015) of Wij zijn u graag van dienst. Advertorial_NEN_Machinebouw_185x124_nw.indd :08 Functionele veiligheid Functional safety management Risicoanalyse machine/proces SIL en/of PL classificatie Ontwerp veiligheidsconcept Validatie veiligheidscircuits Trainingen en individuele coaching Machineveiligheid Managementpresentatie CE richtlijn- en normadvies Risicobeoordeling machines Risicoreductie machines Support inkoop/engineering Opstellen CE documentatie Vogelenzangseweg AS Hagestein T +31 (0) F +31 (0) E

18 Uitgebreid overzicht van Europese normen en normontwerpen in het kader van de Machinerichtlijn (98/37/EG en 2006/42/EG) 2010 Nederlands Normalisatie-instituut Alle rechten voorbehouden Uitgave: november 2010 Artikelnummer: ADV 9 NEN-Machinebouw en Drukapparatuur

19 Hoewel bij deze uitgave de uiterste zorg is nagestreefd, kunnen fouten en onvolledigheden niet geheel worden uitgesloten. Het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN) aanvaardt derhalve geen enkele aansprakelijkheid, ook niet voor directe of indirecte schade, ontstaan door of verband houdende met toepassing van het door het Nederlands Normalisatie-instituut gepubliceerde uitgaven. U kunt ons bereiken via: Telefoon: +(31) Fax: +(31) URL: Postadres: NEN-Adviespunt Machinebouw Postbus GB Delft 2010 Nederlands Normalisatie-instituut Behoudens uitzonderingen door de wet gesteld mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het Nederlands Normalisatie-instituut niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere wijze, hetgeen ook van toepassing is op gehele of gedeeltelijke bewerking. Het Nederlands Normalisatie-instituut is met uitsluiting van ieder ander gerechtigd de door derden verschuldigde vergoedingen voor verveelvoudiging te innen en/of daartoe in en buiten rechte op te treden, voor zover deze bevoegdheid niet is overgedragen c.q. rechtens toekomt aan de Stichting Reprorecht.

20 Overzicht van Europese normen en normontwerpen Dit overzicht is opgesteld in het kader van de Machinerichtlijn (98/37/EG). Een groot aantal normen is tevens opgesteld of aangepast aan Machinerichtlijn (2006/42/EG). Deze normen bevatten een Annex ZB. Dit is echter niet aan de titels van de normen te zien. In een volgend overzicht zullen we per norm aanduiden onder welke richtlijn de norm geharmoniseerd is. Hier en daar zijn enkele nationale normen opgenomen die bij ontstentenis van een Europese norm toch overeenstemming met de Europese eisen kunnen geven. Voor zover mogelijk zijn van alle norm(ontwerp) en normnummer, titel en type norm vermeld. Niet opgenomen zijn normontwerpen die nog in ontwikkeling zijn bij CEN en die nog niet zijn gepubliceerd. Bij een aantal normen treft u na het normnummer de aanduiding /C, dit is een Correctieblad, of /A, dit is een Aanvulling op de norm. +A is een aanduiding voor de desbetreffende norm inclusief de aanvulling. De normen zijn verkrijgbaar in de Engelse versie. Een Nederlandse versie is alleen verkrijgbaar indien dit is vermeld. Eventueel kan een Franse of Duitse versie worden geleverd. De prijzen kunnen afwijken van de Engelse (resp. Nederlandse) versie. De levertijd bedraagt dan twee à drie weken. Alle prijzen zijn onder voorbehoud van eventuele wijzigingen en exclusief 6% btw. De titels staan vermeld in het Nederlands. Geharmoniseerde normen zijn normen die door de Europese commissie zijn aanvaard in het kader van Nieuwe Aanpak Richtlijnen nadat de leden van CEN (Comité Européen de Normalisation) en CENELEC (Comité Européen de Normalisation Electrotechnique) overeenstemming hebben bereikt over de technische uitwerking van één of meer fundamentele veiligheids- en gezondheidsvoorschriften. De titels van geharmoniseerde normen worden door de Europese Commissie gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. Op dat moment geldt voor de gebruiker van de norm het "vermoeden van overeenstemming". Dit betekent dat, bij het gebruik van deze normen, uw machine geacht wordt te voldoen aan de fundamentele veiligheids- en gezondheidsvoorschriften uit de Europese richtlijn(en). Indien een norm geharmoniseerd is, dan staat dit aangegeven bij de betreffende norm. In dit overzicht zijn ook Europese normen opgenomen die niet als geharmoniseerde norm in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschap worden vermeld. De in dit overzicht opgenomen normen zijn verkrijgbaar bij de afdeling Klantenservice, telefoon of fax U kunt zich ook abonneren op groepen van normen (ICSabonnement). iii

februari 2010 Machinerichtlijn

februari 2010 Machinerichtlijn februari 2010 Machinerichtlijn Machinerichtlijn 2 Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Vooruitgangstraat 50 B - 1210 BRUSSEL Ondernemingsnr.: 0314.595.348 http://economie.fgov.be

Nadere informatie

CE-Markering Machines. Martijn Drost Manager Consultancy & Trainingen Pilz Nederland

CE-Markering Machines. Martijn Drost Manager Consultancy & Trainingen Pilz Nederland Machines Martijn Drost Manager Consultancy & Trainingen Pilz Nederland Met dank aan Eagle Simrax, Kerkrade Voor het gebruik van de beelden Herkenbaar? Waar moet u starten? Starten Het Begin De Applicatie

Nadere informatie

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen De wetgeving met betrekking tot machines en arbeidsmiddelen is niet eenvoudig. Er zijn diverse richtlijnen en wetten binnen de Europese Unie en

Nadere informatie

CE-Markering Machines

CE-Markering Machines Machines Martijn Drost Manager Consultancy Department Pilz Nederland Foto: Simrax, Kerkrade Met dank aan ABO Broodsnijmachines, Leek Eagle Simrax, Kerkrade Voor het gebruik van de beelden Safety Event

Nadere informatie

[rubriek] machineveiligheid [CHAPEAU] Europese Unie verlengt harmonisatie EN 954

[rubriek] machineveiligheid [CHAPEAU] Europese Unie verlengt harmonisatie EN 954 [rubriek] machineveiligheid [CHAPEAU] Europese Unie verlengt harmonisatie EN 954 [KOP] EN 954-1 gaat nog 3 jaar door! [intro] In een eerder artikel is aangekondigd dat de norm NEN-EN 954-1 zou gaan verdwijnen

Nadere informatie

STEPP-Contactdag 'Hef en Hijs, 19-5-2015. Voorstellen

STEPP-Contactdag 'Hef en Hijs, 19-5-2015. Voorstellen STEPP-Contactdag 'Hef en Hijs, 19-5-2015 Eeuwe Vos Voorstellen Dutch Theatre Systems & Services DTS² Gevestigd te Groningen Nederland Sinds 1985 werkzaam o.h.g.v. theatertechniek (Roden Staal) Waar zijn

Nadere informatie

Speel op veilig! Reyskens B. 1

Speel op veilig! Reyskens B. 1 Speel op veilig! Reyskens B. 1 Doel van het veiligheidscircuit. De machine bij bevel veilig stoppen met als resultaat: geen gevaar (beweging) meer, mogelijke aansturingen van energie beletten het starten

Nadere informatie

De conformiteitsprocedures in de machinerichtlijn 2006/42/EG

De conformiteitsprocedures in de machinerichtlijn 2006/42/EG Agentschap ondernemen Dag van de CE markering 8 juni 2016 De conformiteitsprocedures in de machinerichtlijn 2006/42/EG Koen Chielens E-mail Structuur van de richtlijn 2006/42/EG

Nadere informatie

CE IN 15 STEPS. CE-markeren van een productiecel met laserlas-robot in 15 stappen. Interactieve learnshop! Bert Stap/ Jaco Wajer

CE IN 15 STEPS. CE-markeren van een productiecel met laserlas-robot in 15 stappen. Interactieve learnshop! Bert Stap/ Jaco Wajer CE IN 15 STEPS CE-markeren van een productiecel met laserlas-robot in 15 stappen. Interactieve learnshop! Bert Stap/ Jaco Wajer Inhoud deel 1 Korte introductie van de sprekers Behandeling van CE in 15

Nadere informatie

PBOSnVé progress in safety

PBOSnVé progress in safety PBOSnVé Stappenplan voor samenbouw en wijziging van arbeidsmiddelen November 2011 lr Frangois Hermans Pnosnve Vraaq Wanneer dient een samenbouw van verschillende autonome machines beschouwd te worden als

Nadere informatie

CE markeren van machinerie

CE markeren van machinerie CE markeren van machinerie 1 2 Rinus Simonis CE markeren van machinerie 2012, Rinus Simonis Uitgegeven in eigen beheer (info@simonisweb.nl) Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden

Nadere informatie

EMC. Geen probleem voor machinefabrikanten? Rinus Simonis Trainer / Coach machineveiligheid en vicevoorzitter Vereniging FME-RNCM

EMC. Geen probleem voor machinefabrikanten? Rinus Simonis Trainer / Coach machineveiligheid en vicevoorzitter Vereniging FME-RNCM EMC Geen probleem voor machinefabrikanten? Rinus Simonis Trainer / Coach machineveiligheid en vicevoorzitter Vereniging FME-RNCM Machinefabrikant vroeger en nu elektrotechnicus werktuigbouwkundige elektricien

Nadere informatie

Uw (kennis-) partner voor SIL/PL, CE en machineveiligheid!

Uw (kennis-) partner voor SIL/PL, CE en machineveiligheid! Risicobeoordeling volgens de nieuwe Machinerichtlijn, een vak apart?! Uw (kennis-) partner voor SIL/PL, CE en machineveiligheid! Risico Gevaar Wet Norm Eisen Hoe begin je? Documentatie? Programma Risicobeoordeling

Nadere informatie

Wat veiligheidsnormen gemeen hebben

Wat veiligheidsnormen gemeen hebben Normen Algemeen 1 Wat veiligheidsnormen gemeen hebben Gewone besturingen en stuurkringen zijn niet 100% te vertrouwen. Voorgeschreven oplossingen zijn het perfecte antwoord 2 Wat veiligheidsnormen gemeen

Nadere informatie

CE-markering: mat of glashelder

CE-markering: mat of glashelder CE-markering: mat of glashelder Regelgeving EER (mbt vrije verhandeling van produkten) Vroeger Nu ( new approach ) Landen Landen Wetten Wetten wetten vergelijkbaar wetten vergelijkbaar Europese Richtlijnen

Nadere informatie

systemen van en natte kunstwerken Safety Event 2014 Leon Uijttewaal

systemen van en natte kunstwerken Safety Event 2014 Leon Uijttewaal Machineveiligheid bij systemen van beweegbare bruggen en natte kunstwerken Safety Event 2014 Chris Tettero Leon Uijttewaal Wie zijn wij? Chris Tettero en Leon Uijttewaal Namens Expertteam Machineveiligheid

Nadere informatie

Veiligheidsaspecten in de machinebouw

Veiligheidsaspecten in de machinebouw IT S ALL IN OUR POWER. Veiligheidsaspecten in de machinebouw IDPB LVT 2015 NL KORTE VOORSTELLING Bedrijfsvoorstelling 2 bedrijven 4 divisies Familiebedrijf +/- 50 werven per dag van 1 tem 60 personen Klanten

Nadere informatie

De nieuwe Machinerichtlijn

De nieuwe Machinerichtlijn De nieuwe Machinerichtlijn De nieuwe Machinerichtlijn Wat is de Machinerichtlijn? Elke machine die binnen de Europese Unie op de markt wordt gebracht of in gebruik wordt genomen, moet voldoen aan essentiële

Nadere informatie

De CE-markering voor de FABRIKANT ( dus niet voor de gebruiker) houdt in :

De CE-markering voor de FABRIKANT ( dus niet voor de gebruiker) houdt in : Betreft: Machinerichtlijn (verkorte uiteenzetting) 1. Europese wetgeving De Machinerichtlijn is van kracht geworden op 1-1-1995. Een Europese richtlijn is bindend voor de lidstaten en gaat boven de wetten

Nadere informatie

NLF: Accreditatie & Certificatie

NLF: Accreditatie & Certificatie NLF: Accreditatie & Certificatie De conformiteitsbeoordeling en de rol van de aangemelde instanties Koen Chielens Product manager machinery CEN Cenelec consultant Seminarie Agoria 15 oktober 2015 Het EU

Nadere informatie

Conformiteitsverklaringen voor mechanische apparaten

Conformiteitsverklaringen voor mechanische apparaten Conformiteitsverklaringen voor mechanische apparaten Best practices Gerdian Jansen Senior Consultant HSE bij HSE-advies B.V. te Bilthoven, www.hse-advies.nl RHVK-Safety Manager SKO niveau 3 Lid normcommissie

Nadere informatie

www.fusacon.nl, e-mail: info@fusacon.nl 1

www.fusacon.nl, e-mail: info@fusacon.nl 1 Programma Uw (kennis-) partner voor SIL/PL en machineveiligheid! Workshop machineveiligheid: Introductie Safety expensive? Try having an accident! door: Kosten ongevallen als ijsberg Europese Richtlijn:

Nadere informatie

CE-markering. Wat? Waarom? Hoe? Maureen Logghe Dienst Consumentenveiligheid. Infosessie VOKA 27.03.2014. http://economie.fgov.be

CE-markering. Wat? Waarom? Hoe? Maureen Logghe Dienst Consumentenveiligheid. Infosessie VOKA 27.03.2014. http://economie.fgov.be CE-markering Wat? Waarom? Hoe? Maureen Logghe Dienst Consumentenveiligheid Infosessie VOKA 27.03.2014 inhoud / overzicht CE-markering: Wat? Op welke producten? Waarom? Algemene veiligheidsverplichting

Nadere informatie

RICHTLIJNEN. (Voor de EER relevante tekst)

RICHTLIJNEN. (Voor de EER relevante tekst) L 355/42 12.12.2014 RICHTLIJNEN RICHTLIJN 2014/106/EU VAN DE COMMISSIE van 5 december 2014 tot wijziging van de bijlagen V en VI bij Richtlijn 2008/57/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende

Nadere informatie

De PROFIBUS, PROFINET & IO-Link dag. Edegem, 8 juni 2010. PROFIBUS Belgium VZW PROFIBUS, PROFINET & IO-Link

De PROFIBUS, PROFINET & IO-Link dag. Edegem, 8 juni 2010. PROFIBUS Belgium VZW PROFIBUS, PROFINET & IO-Link De PROFIBUS, PROFINET & IO-Link dag Edegem, 8 juni 2010 PROFIBUS Belgium VZW PROFIBUS, PROFINET & IO-Link 2010 Nieuwe Machinerichtlijn 2006/42/EC Jo Boullart Adviseur machineveiligheid Agoria jo.boullart@agoria.be

Nadere informatie

WHITEPAPER WIJZIGINGEN AAN NORM IEC 61496 EN DE GEVOLGEN ERVAN VOOR HET GEBRUIK VAN AANRAKINGSVRIJE ELEKTRISCHE BEVEILIGINGSINRICHTINGEN

WHITEPAPER WIJZIGINGEN AAN NORM IEC 61496 EN DE GEVOLGEN ERVAN VOOR HET GEBRUIK VAN AANRAKINGSVRIJE ELEKTRISCHE BEVEILIGINGSINRICHTINGEN WHITEPAPER WIJZIGINGEN AAN NORM IEC 61496 EN DE GEVOLGEN ERVAN VOOR HET GEBRUIK AUTHORS Hans-Jörg Stubenrauch Manager Safety Marketing & Documentation at SICK AG, Waldkirch/Germany Andreas Sixt Productmanager

Nadere informatie

De opbouw van de Machinerichtlijn

De opbouw van de Machinerichtlijn De pbuw van de Machinerichtlijn Vrafgaand aan de fficiële tekst van de richtlijn zijn de verwegingen van de Raad van de Eurpese Gemeenschappen pgenmen. Deze verwegingen geven aan welke uitgangspunten hebben

Nadere informatie

TOEPASSING VAN HET VOORKOMINGSBELEID BIJ RETROFITS

TOEPASSING VAN HET VOORKOMINGSBELEID BIJ RETROFITS TOEPASSING VAN HET VOORKOMINGSBELEID BIJ RETROFITS Franky De Witte, Senior consultant veiligheid Bronvermelding : De hierna volgende slides zijn gebaseerd op het document Technische Regelsetzung im EG-Binnenmarkt

Nadere informatie

Introductie. en implementeren in projecten. Waarom het onderwerp Europese richtlijnen:

Introductie. en implementeren in projecten. Waarom het onderwerp Europese richtlijnen: Europese Richtlijnen: toepassen en implementeren in projecten Geleen, 31-05-2012 Waarom het onderwerp Europese richtlijnen: Toepassing in projecten niet altijd vanzelfsprekend; Regelgeving is niet altijd

Nadere informatie

(Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing)

(Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing) 10.3.98 NL Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen L 71/1 I (Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing) RICHTLIJN 98/11/EG VAN DE COMMISSIE van 27 januari 1998 houdende uitvoeringsbepalingen

Nadere informatie

meest gestelde vragen over De Machinerichtlijn De Gier Stam &

meest gestelde vragen over De Machinerichtlijn De Gier Stam & meest gestelde vragen over De Machinerichtlijn De Gier Stam & De 10 meest gestelde vragen over De Machinerichtlijn De Gier Stam & Colofon De Gier Stam & Advocaten Lucasbolwerk 6 Postbus 815 3500 AV UTRECHT

Nadere informatie

Auteur: Dirk Van Mechelen François Hermans Datum: november 2011 Locatie: VIK Wommelgem

Auteur: Dirk Van Mechelen François Hermans Datum: november 2011 Locatie: VIK Wommelgem Auteur: Dirk Van Mechelen François Hermans Datum: november 2011 Locatie: VIK Wommelgem Wat doet Prosave? Ingenieursbureau voor technische veiligheid en preventie. Begeleiding, opleiding en expertise. Dirk

Nadere informatie

Beknopte informatie over de Machinerichtlijn

Beknopte informatie over de Machinerichtlijn Beknopte informatie over de Machinerichtlijn 1. Inleiding Machinerichtlijn (98/37/EG)...2 2. De praktijk van de machinerichtlijn...2 3. Machines...4 4. Richtlijnen en normen...6 5. De Machinerichtlijn

Nadere informatie

graafmachine Voldoet deze aan de Europese wetgeving? Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines

graafmachine Voldoet deze aan de Europese wetgeving? Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines die niet aan de voorschriften voldoen. Voldoet deze graafmachine aan de Europese wetgeving? INLEIDING Grondverzetmachines die voor de eerste

Nadere informatie

ROBOT EN MENS FEITEN EN FABELS. Maarten Braadbaart Product Manager SICK B.V. Maarten.braadbaart@sick.nl

ROBOT EN MENS FEITEN EN FABELS. Maarten Braadbaart Product Manager SICK B.V. Maarten.braadbaart@sick.nl ROBOT EN MENS FEITEN EN FABELS Maarten Braadbaart Product Manager SICK B.V. Maarten.braadbaart@sick.nl COLLABORATIVE ROBOT 2 COLLABORATIVE ROBOT? 3 COLLABORATIVE ROBOT? 4 HUMAN ROBOT COLLABORATION APPLICATIE

Nadere informatie

VERDUIDELIJKING SAMENSTELLEN VOLGENS RICHTLIJN 94/9/EG

VERDUIDELIJKING SAMENSTELLEN VOLGENS RICHTLIJN 94/9/EG VERDUIDELIJKING SAMENSTELLEN VOLGENS RICHTLIJN 94/9/EG Stefan Claes 1. Probleemstelling In de definitie van apparaat volgens richtlijn 94/9/EG (= ATEX 95) vinden we de alles en niets zeggende term alleen

Nadere informatie

1 Arbeidsmiddelen volgens het Arbobesluit

1 Arbeidsmiddelen volgens het Arbobesluit 1 Arbeidsmiddelen volgens het Arbobesluit Arbobesluit 7.1 Arbeidsmiddelen buiten gebruik Dit hoofdstuk is niet van toepassing op arbeidsmiddelen die op een zodanige manier zijn gedemonteerd of gesloopt,

Nadere informatie

ATEX. Safety@Work 20 mei 2014. Avans Hogeschool. Safety@Work. Marinus Cornet

ATEX. Safety@Work 20 mei 2014. Avans Hogeschool. Safety@Work. Marinus Cornet ATEX Safety@Work 20 mei 2014 Avans Hogeschool Marinus Cornet Wet- en regelgeving ATmosphères EXplosibles ATEX 95 (ATEX 114) product richtlijn (CE) voorheen ATEX 100 officieel 94/9/EC verplichting voor

Nadere informatie

Zorg voor veilige machines

Zorg voor veilige machines Zorg voor veilige machines wie doet wat en wat moet u doen Dordrecht: 19 januari, 2015 C. van den Einden Introduction Carl van den Einden Product Manager Machines Hogere veiligheidskundige Vertegenwoordigd

Nadere informatie

8.2 Bestelprocedure installaties, machines en gemechaniseerde werktuigen

8.2 Bestelprocedure installaties, machines en gemechaniseerde werktuigen 8.2 Bestelprocedure installaties, machines en gemechaniseerde werktuigen (voor het gemak, een machine = een installatie, machine of gemechaniseerd werktuigen, zoals bedoeld in het artikel 8.1 van het KB

Nadere informatie

FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep. industriële trucks. Een leidraad voor identificatie van nietconforme

FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep. industriële trucks. Een leidraad voor identificatie van nietconforme FEM-IT-T/N863 FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep Industriële trucks FEM Een leidraad voor identificatie van nietconforme industriële trucks 05.2012 (NL) - markering van machines, documenten,

Nadere informatie

Gebruikershandleiding.

Gebruikershandleiding. Gebruikershandleiding. Fabrikant: Gispen International BV Parallelweg west 23 Postbus 30 NL 4100 AA Culemborg Holland. Type aanduiding: IC 2007 Elektrisch Hoogteverstelbare tafel. Bouwjaar: 2013 Versie

Nadere informatie

compacte graafmachine Voldoet deze aan de Europese wetgeving? Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines

compacte graafmachine Voldoet deze aan de Europese wetgeving? Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines Een korte gids voor het identificeren van grondverzetmachines die niet aan de voorschriften voldoen. Voldoet deze compacte graafmachine aan de Europese wetgeving? INLEIDING Grondverzetmachines die voor

Nadere informatie

markering van de grootste beweegbare hefbrug van Europa

markering van de grootste beweegbare hefbrug van Europa markering van de grootste beweegbare hefbrug van Europa Don Postma (Ontwerpmanager, Strukton) Nick de With (Safety Consultant, Fusacon) 2011 2012 2013 2014 2015 Inhoud presentatie Introductie project Uitleg

Nadere informatie

ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen

ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen Sinds 30 juni 2003 is er het één en ander veranderd voor apparaten en beveiligingssystemen

Nadere informatie

Safety Basics: Machinesafety versus Foodsafety

Safety Basics: Machinesafety versus Foodsafety Safety Basics: Machinesafety versus Foodsafety Een Uitdaging! Martijn Drost Sr. Consultant Teamleider Consultancy Pilz Services 1 Martijn Drost 8 november 2011 Inhoud Safety Basics: Waarom van belang,

Nadere informatie

Seminar een nieuwe kijk op veiligheid

Seminar een nieuwe kijk op veiligheid Seminar een nieuwe kijk op veiligheid Henrie Verwey Manager Consultancy Department Pilz Nederland Inhoud lezing Ontwikkelingen in wetgeving machineveiligheid Nieuwe Machinerichtlijn 2006/42/EG Nieuwe normen

Nadere informatie

PRAKTISCHE KIJK OP DE MACHINERICHTLIJN. ir. Ph. Durand FOD WASO philippe.durand@werk.belgie.be

PRAKTISCHE KIJK OP DE MACHINERICHTLIJN. ir. Ph. Durand FOD WASO philippe.durand@werk.belgie.be PRAKTISCHE KIJK OP DE MACHINERICHTLIJN. ir. Ph. Durand FOD WASO philippe.durand@werk.belgie.be Inhoud. (1) - Kort overzicht van de wetgeving. - Wat is een machine? - Wat betekent overeenstemming of conformiteit?

Nadere informatie

Restrisico: risico's zijn er staads: vb: zaagblad kan men niet volledig inwerken anders kan men er niet meer mee zagen.

Restrisico: risico's zijn er staads: vb: zaagblad kan men niet volledig inwerken anders kan men er niet meer mee zagen. Machine veiligheid: mechanische gevaren van de machine zijn ruimer dan de elektrische. Veiligheid is een continue proces: men moet machines steeds herbekijken of ze aan de meest recente normen voldoen.

Nadere informatie

VOORLICHTING INSPECTEURS 21 MEI 2011 21.05.2011 1

VOORLICHTING INSPECTEURS 21 MEI 2011 21.05.2011 1 VOORLICHTING INSPECTEURS 21 MEI 2011 21.05.2011 1 Opdracht van het bestuur van de NVM en de Stoomgroep Holland aan de werkgroep Harmonisatie Ketelreglement De werkgroep dient te onderzoeken: - Op welke

Nadere informatie

Wat mag ik, wat moet ik? Wet en regelgeving (ATEX)

Wat mag ik, wat moet ik? Wet en regelgeving (ATEX) Praktijkgericht samenstellen van besturingskasten voor de Ex zone Wat mag ik, wat moet ik? Wet en regelgeving (ATEX) Marinus Cornet Wet- en regelgeving ATmosphères EXplosibles ATEX 95 product richtlijn

Nadere informatie

Grensgebieden tussen de ATEX 95 en 137. Ing. J.P.M. Broekmeulen EXploTraining B.V.

Grensgebieden tussen de ATEX 95 en 137. Ing. J.P.M. Broekmeulen EXploTraining B.V. Grensgebieden tussen de en 37 Ing. J.P.M. Broekmeulen EXploTraining B.V. Europese richtlijnen Fabrikanten Artikel 4 (Lissabon) Artikel 95 (Maastricht) (Voorheen 00A, Rome) Gebruikers Artikel 37 (Maastricht)

Nadere informatie

Grondverzetmachines en hijsen

Grondverzetmachines en hijsen Grondverzetmachines en hijsen Inleiding Grondverzetmachines (graafmachines) kunnen naast graven ook andere werkzaamheden uitvoeren. Genoemd wordt heffen, hijsen en activiteiten met verwisselbare uitrustingstukken

Nadere informatie

ATEX 114. Jos Abbing Electromach Nathan Kuper I-SZW

ATEX 114. Jos Abbing Electromach Nathan Kuper I-SZW ATEX 114 Jos Abbing Electromach Nathan Kuper I-SZW Introductie Nathan Kuper Inspectie SZW Chemische Technologie Universiteit Twente MoSHE TU Delft Expertisecentrum, vakgroep Arbeidshygiëne en Chemische

Nadere informatie

Nieuwe normen onder de Machinerichtlijn, een overzicht

Nieuwe normen onder de Machinerichtlijn, een overzicht Nieuwe normen onder de Machinerichtlijn, een overzicht Bijdrage door FUSACON B.V. Ing. N.W. (Nick) de With W: www.fusacon.nl E: info@fusacon.nl F U S A C O N B.V. www.fusacon.nl info@fusacon.nl pagina

Nadere informatie

ATEX samenstellingen. Michiel Bakker MiBEx

ATEX samenstellingen. Michiel Bakker MiBEx ATEX samenstellingen Michiel Bakker MiBEx Wie ben ik? ATEX en IECEx specialist Consultant Nieuwe en bestaande apparatuur Elektrisch en niet-elektrisch Trainer Fabrikanten Installateurs Monteurs / operators

Nadere informatie

JALOUZIËN. Bedienings- en montagehandleiding

JALOUZIËN. Bedienings- en montagehandleiding Bedienings- en montagehandleiding Woord vooraf Deze handleiding geeft inzicht in de werking, de montage en het onderhoud van de door Geha bv geleverde apparaten. U dient zich tijdens plaatsing en montage

Nadere informatie

Besluit van 30 juni 1992 houdende regelen betreffende de veiligheid van machines

Besluit van 30 juni 1992 houdende regelen betreffende de veiligheid van machines (Tekst geldend op: 11-03-2015) Besluit van 30 juni 1992 houdende regelen betreffende de veiligheid van machines Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz.

Nadere informatie

Verreiker: Gebruik als multifunctioneel werktuig.

Verreiker: Gebruik als multifunctioneel werktuig. Verreiker: Gebruik als multifunctioneel werktuig. Achtergrond Verreikers zijn bedoeld om lasten geleid te verplaatsen. Hierbij wordt een vorkenbord gebruikt met daaraan gekoppeld twee vorken om de last

Nadere informatie

Welke apparaten vallen onder het Besluit/Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur?

Welke apparaten vallen onder het Besluit/Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur? Welke apparaten vallen onder het Besluit/Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur? Deze notitie is bedoeld als hulpmiddel bij de uitvoering van de regelgeving. Aan deze informatieve notitie

Nadere informatie

Beoordelingsrichtlijn verankeringsvoorzieningen (VAV) t.b.v. het vastzetten van PBM's tegen vallen van hoogte

Beoordelingsrichtlijn verankeringsvoorzieningen (VAV) t.b.v. het vastzetten van PBM's tegen vallen van hoogte Beoordelingsrichtlijn verankeringsvoorzieningen (VAV) t.b.v. het vastzetten van PBM's tegen vallen van hoogte Uitgegeven door het Nederlands Normalisatie Instituut, Juli 2005 (30209404, Valbescherming)

Nadere informatie

Richtlijn Machines 98/37/EC - 2006/42/EC Samenbouw

Richtlijn Machines 98/37/EC - 2006/42/EC Samenbouw Richtlijn Machines 98/37/EC - 2006/42/EC Samenbouw Marc Vanderhaeghe Vinçotte - Gent Contract Manager Safety of Machinery Coordinator Conformity of Technical Installations Prebes 27 april 2009 Brugge INHOUD

Nadere informatie

Waar ATEX 137 en ATEX 95 elkaar ontmoeten

Waar ATEX 137 en ATEX 95 elkaar ontmoeten Global experience, local approach Waar ATEX 137 en ATEX 95 elkaar ontmoeten Even voorstellen KH Engineering Dit jaar 65 jaar ervaring als internationale EPC/M contractor Kantoren in Antwerpen, Amsterdam,

Nadere informatie

CE-MARKERING VOOR MACHINES

CE-MARKERING VOOR MACHINES CE-MARKERING VOOR MACHINES Aangepast aan de herschikte Machinerichtlijn versie 2006/42/EG van 17 mei 2006, gepubliceerd in het Publicatieblad van de EU nr. L 157 van 9 juni 2006. Rectificatie gepubliceerd

Nadere informatie

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING SBM3 / 125.505 SBM4 / 125.510 SBM6 / 125.520 INHOUDSOPGAVE 1. DOEL en BEREIK 2. AANSPRAKELIJKHEID 3. AANWIJZINGEN 4. BASISEIGENSCHAPPEN

Nadere informatie

Richtlijn druktoestellen 97/23/EG

Richtlijn druktoestellen 97/23/EG Richtlijn druktoestellen 97/23/EG PED in de praktijk Stoomdag Energik 18-05-06 nmouling@vincotte.be 1 INHOUD Presentatie van de PED: - Doel - Toepassingsgebied - Essenciële veiligheidseisen - Klassificatie

Nadere informatie

Gebruikershandleiding 3 fase test adapter

Gebruikershandleiding 3 fase test adapter Gebruikershandleiding 3 fase test adapter Leverancier: Specificaties van het apparaat Specificaties van de handleiding Nieaf-Smitt B.V. Vrieslantlaan 6 3526 AA Utrecht Postbus 7023 3502 KA Utrecht T: 030-288

Nadere informatie

NEXHO-PS Zonweringmodule Instructies voor assemblage en bediening

NEXHO-PS Zonweringmodule Instructies voor assemblage en bediening NEXHO-PS Zonweringmodule Instructies voor assemblage en bediening LET OP Lees deze instructies aandachtig door en bewaar ze voor toekomstig gebruik. Apparatuur van NEXHO moet door een bevoegde elektricien

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Ontwerp. VERORDENING (EU) nr.../2011 VAN DE COMMISSIE

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Ontwerp. VERORDENING (EU) nr.../2011 VAN DE COMMISSIE NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Ontwerp Brussel, XXX C VERORDENING (EU) nr..../2011 VAN DE COMMISSIE van [ ] tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1702/2003 tot vaststelling van uitvoeringsvoorschriften

Nadere informatie

Wetgeving voor Medische hulpmiddelen en Kwaliteitsverbetering. Peter N. Ruys

Wetgeving voor Medische hulpmiddelen en Kwaliteitsverbetering. Peter N. Ruys Wetgeving voor Medische hulpmiddelen en Kwaliteitsverbetering Peter N. Ruys Europese richtlijnen voor medische hulpmiddelen Actieve Implantaten (90/385/EEC) - AIMD Medische Hulpmiddelen (93/42/EEC) - MDD

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1995 111 Besluit van 21 februari 1995 tot wijziging van het Mijnreglement 1964 en het Mijnreglement continentaal plat (machines) Wij Beatrix, bij

Nadere informatie

BIJLAGEN. bij GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) VAN DE COMMISSIE

BIJLAGEN. bij GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) VAN DE COMMISSIE EUROPESE COMMISSIE Brussel, 5.5.2015 C(2015) 2874 final ANNEXES 5 to 10 BIJLAGEN bij GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) VAN DE COMMISSIE houdende aanvulling van Richtlijn 2010/30/EU van het Europees Parlement

Nadere informatie

presentatie voor de contactgroep KAM-Infra, de KAM-dag Donderdag 8 november 2012, Bouw- en Infra Park te Harderwijk

presentatie voor de contactgroep KAM-Infra, de KAM-dag Donderdag 8 november 2012, Bouw- en Infra Park te Harderwijk CPD CPR presentatie voor de contactgroep KAM-Infra, de KAM-dag Donderdag 8 november 2012, Bouw- en Infra Park te Harderwijk voorstellen Coördinator CE markerings activiteiten van Kiwa Nederland B.V. als

Nadere informatie

Herziening R&TTE richtlijn

Herziening R&TTE richtlijn Herziening R&TTE richtlijn Jean-Paul van Assche voor Nationaal FrequentiebeleidsOverleg (NFO) Inhoud 1. Europese context 2. De radiorichtlijn Scope Technische eisen Administratieve eisen Conformiteitbeoordeling

Nadere informatie

Deze PowerPoint is bedoeld voor het onderwijs. Alle informatie in deze Powerpoint, in welke vorm dan ook (teksten, afbeeldingen, animaties,

Deze PowerPoint is bedoeld voor het onderwijs. Alle informatie in deze Powerpoint, in welke vorm dan ook (teksten, afbeeldingen, animaties, Deze PowerPoint is bedoeld voor het onderwijs. Alle informatie in deze Powerpoint, in welke vorm dan ook (teksten, afbeeldingen, animaties, geluidsfragmenten e.d.) is eigendom van ThiemeMeulenhoff, tenzij

Nadere informatie

Handleiding. Bij het installeren en / of samenbouwen van de apparatuur moet voor de ingebruikname alle veiligheidscomponenten zijn aangebracht.

Handleiding. Bij het installeren en / of samenbouwen van de apparatuur moet voor de ingebruikname alle veiligheidscomponenten zijn aangebracht. Woord vooraf Handleiding Het doel van deze handleiding is de gebruiker een inzicht te geven in de werking, montage en het onderhoud van de door Geha bv geleverde apparaten. Voordat u begint met de plaatsing

Nadere informatie

TOOLBOX VEILIG WERKEN MET MACHINES

TOOLBOX VEILIG WERKEN MET MACHINES TOOLBOX VEILIG WERKEN MET MACHINES WAAROM GEBEUREN ER MACHINE - ONGEVALLEN? Accidents are not due to lack of knowledge, but failure to use the knowledge we have. Mr. T. Kletz Ongevallen worden niet veroorzaakt

Nadere informatie

Productnietlangerleverbaar'

Productnietlangerleverbaar' Speciale veiligheidsinstructie Tankmeetsysteem Speciale veiligheidsinstructie ATEX Productnietlangerleverbaar' www.rosemount-tg.com Speciale veiligheidsinstructie Rosemount TankRadar REX Inhoudsopgave

Nadere informatie

SCIOS-INFORMATIEBLAD 18. Werkdocument voor het inspecteren van houtstookinstallaties

SCIOS-INFORMATIEBLAD 18. Werkdocument voor het inspecteren van houtstookinstallaties SCIOS-INFORMATIEBLAD 18. Werkdocument voor het inspecteren van houtstookinstallaties Voorwoord Dit informatieblad is een normatief werkdocument voor inspectiebedrijven en Certificerende instellingen en

Nadere informatie

Veiligheidsinstructies Werkplaatskraan Datona

Veiligheidsinstructies Werkplaatskraan Datona Veiligheidsinstructies Werkplaatskraan Datona *dt-53114man* LEES VOOR GEBRUIK EERST DEZE HANDLEIDING Inhoud Inleiding... 2 Veiligheidsinstructies... 2 Technische gegevens... 2 Voor gebruik... 2 Gebruik

Nadere informatie

FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep. mobiele hoogwerkers. Een leidraad voor identificatie van nietconforme.

FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep. mobiele hoogwerkers. Een leidraad voor identificatie van nietconforme. FEDERATION EUROPEENNE DE LA MANUTENTION Productgroep Mobiele hoogwerkers FEM Een leidraad voor identificatie van nietconforme mobiele hoogwerkers 11.2011 (NL) I n d e x Sectie Pagina 0. Meest voorkomende

Nadere informatie

AANPASSINGEN / TOEVOEGINGEN VOOR HANDBOEK HOGE DRUK 7 E DRUK, JULI 2008

AANPASSINGEN / TOEVOEGINGEN VOOR HANDBOEK HOGE DRUK 7 E DRUK, JULI 2008 Algemeen In het gehele handboek is het woord spuitkop vervangen door nozzle of is verwijderd. De definitie van een nozzle is aangepast. Zie hiervoor onderstaande aanpassingen. Een opsomming van de pagina

Nadere informatie

Wat betekent manipulatie (van veiligheidssystemen)

Wat betekent manipulatie (van veiligheidssystemen) Manipulatie algemeen Wat betekent manipulatie (van veiligheidssystemen) Het bewust veranderen of uitschakelen van een functie die oorspronkelijk bedoeld was om de machinegebruiker te behoeden voor letsel.

Nadere informatie

Safety Event 2015. Remko Roosjen en Didi Rinkel. Aansprakelijkheid na ingebruikname machine. www.vandiepen.com

Safety Event 2015. Remko Roosjen en Didi Rinkel. Aansprakelijkheid na ingebruikname machine. www.vandiepen.com Safety Event 2015 www.vandiepen.com Remko Roosjen en Didi Rinkel Aansprakelijkheid na ingebruikname machine Agenda Introductie Ce-uitspraken.eu Contractuele verplichtingen Europese product- en sociale

Nadere informatie

Publicatieblad van de Europese Unie

Publicatieblad van de Europese Unie L 157/24 RICHTLIJN 2006/42/EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 17 mei 2006 betreffende machines en tot wijziging van Richtlijn 95/16/EG (herschikking) (Voor de EER relevante tekst) HET EUROPEES

Nadere informatie

EMC en aansprakelijkheid. Michael Gerrits Van Diepen van der Kroef Advocaten

EMC en aansprakelijkheid. Michael Gerrits Van Diepen van der Kroef Advocaten EMC en aansprakelijkheid Michael Gerrits Van Diepen van der Kroef Advocaten Roltrap slaat op hol Case: De rondslijpinstallatie In opdracht van Square Wheels B.V. moet installateursbedrijf All Circles v.o.f.

Nadere informatie

Keuring van drukapparatuur

Keuring van drukapparatuur Keuring van drukapparatuur Apply Veiligheidsdag 15 april 2015 Lieke Koets Drukapparatuur Definitie: Drukvaten, installatieleidingen, veiligheidsappendages en onder druk staande appendages met een ontwerpdruk

Nadere informatie

Inspectierapport. Demo rapport. MapTools BV. Rapportnummer : 1704

Inspectierapport. Demo rapport. MapTools BV. Rapportnummer : 1704 Inspectierapport Demo rapport Rapportnummer : 1704 MapTools BV Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Gegevens 3. Eindbeoordeling 4. Inspectiemethode 5. Omvang 5.1 Niet geïnspecteerd 6. Opmerkingen 1 Inleiding

Nadere informatie

Gemeenschappelijke veiligheidsmethode voor risico-evaluatie en -beoordeling

Gemeenschappelijke veiligheidsmethode voor risico-evaluatie en -beoordeling Gemeenschappelijke veiligheidsmethode voor risico-evaluatie en -beoordeling Thierry BREYNE, Dragan JOVICIC Europees Spoorwegbureau Eenheid Veiligheid Dienst Veiligheidsbeoordeling Adres: 120 Rue Marc LEFRANCQ

Nadere informatie

THEME Competence Matrix - Mechatronics

THEME Competence Matrix - Mechatronics COMPETENTIEGEGIED COMPETENTIE ONTWIKKELINGSSTAPPEN 1. Onderhouden van systemen en borgen van de betrouwbaarheid Hij/zij kan het elementaire onderhoud van machines en systemen, volgens planning uitvoeren.

Nadere informatie

SENSIBILISERING M.B.T. VERANTWOORDELIJKHEDEN EN AANSPRAKELIJKHEDEN WAT ZOU ER ALLEMAAL KUNNEN VERKEERD (AF)LOPEN?

SENSIBILISERING M.B.T. VERANTWOORDELIJKHEDEN EN AANSPRAKELIJKHEDEN WAT ZOU ER ALLEMAAL KUNNEN VERKEERD (AF)LOPEN? SENSIBILISERING M.B.T. VERANTWOORDELIJKHEDEN EN AANSPRAKELIJKHEDEN WAT ZOU ER ALLEMAAL KUNNEN VERKEERD (AF)LOPEN? Franky De Witte, Senior consultant veiligheid. Officiële versie 30 september 2010 INLEIDING

Nadere informatie

Wijzigingen in Wet- en Regelgeving

Wijzigingen in Wet- en Regelgeving 1 Wijzigingen in Wet- en Regelgeving Even voorstellen 2 Vladimir Dragosavic Lid SafetyPlaza Normcommissie NEC44 & 60204 Certified VCA+VOL VVA1/VVA2 CE-Consultant General Manager EUCHNER Benelux Safety

Nadere informatie

AVAN - Arbeidsveiligheid Advies Nederland

AVAN - Arbeidsveiligheid Advies Nederland Heikeshof 41 1483 XG, DE RIJP Tel: +31 (0)299-720037 Fax: +31 (0)84-7238971 info@avan.nl www.avan.nl Inhoud Algemeen 2 Werkwijze 3 CE markering 4 Risico Inventarisatie Richtlijn Arbeidsmiddelen (RIE RA)

Nadere informatie

Normen We raken er niet over uitgepraat 14-12-2015 1

Normen We raken er niet over uitgepraat 14-12-2015 1 Normen We raken er niet over uitgepraat 14-12-2015 1 Geen norm 1929 en 1989 Bij toepassing van nieuwe technologie ontstaat al gauw de behoefte bij een opdrachtgever om eisen te stellen aan de nieuwe installatie.

Nadere informatie

Cursusprogramma. the spirit of safety. Voor uw kennis op gebied van veiligheidsoplossingen. Pilz opleidingscentrum Nederland

Cursusprogramma. the spirit of safety. Voor uw kennis op gebied van veiligheidsoplossingen. Pilz opleidingscentrum Nederland Cursusprogramma Pilz opleidingscentrum Nederland Voor uw kennis op gebied van veiligheidsoplossingen. the spirit of safety De filosofie van het Pilz cursusprogramma 3 Opleidingen - Opleiding Expert Machineveiligheid

Nadere informatie

RISICO-INVENTARISATIE

RISICO-INVENTARISATIE RISICO-INVENTARISATIE 1 Algemeen 1.1 Bij het opstellen van een risico-inventarisatie worden eerst alle gevaren geïdentificeerd (binnen de gestelde gebruiksgrenzen van het product), vervolgens wordt ingeschat

Nadere informatie

Verplichtingen richtlijn 2002/95/EG versie 10.9.2011

Verplichtingen richtlijn 2002/95/EG versie 10.9.2011 Verplichtingen richtlijn 2002/95/EG versie 10.9.2011 Artikel Verplichting 2.1 De richtlijn is van toepassing op elektrische en elektronische apparatuur van de categorieën 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 10 van

Nadere informatie

Besluit van 1 augustus 1995, tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de Wet op de gevaarlijke werktuigen

Besluit van 1 augustus 1995, tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de Wet op de gevaarlijke werktuigen (Tekst geldend op: 11-03-2015) Besluit van 1 augustus 1995, tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van de Wet op de gevaarlijke werktuigen Wij Beatrix, bij de gratie Gods,

Nadere informatie

NEN. VERKLARINGEN Preview. bevat. het model van de overeenstemmingsverklaring. in het kader van de Laagspanningsrichtlijn

NEN. VERKLARINGEN Preview. bevat. het model van de overeenstemmingsverklaring. in het kader van de Laagspanningsrichtlijn Voorbeeld Dit document mag slechts op een stand-alone PC worden geinstalleerd. Gebruik op een netwerk is alleen. toestaan als een aanvullende licentieovereenkomst voor netwerkgebruik met NEN is afgesloten.

Nadere informatie