Toestandsregulatie bij Kinderen met ADHD: een EEG-studie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Toestandsregulatie bij Kinderen met ADHD: een EEG-studie"

Transcriptie

1 Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Academiejaar Eerste examenperiode Toestandsregulatie bij Kinderen met ADHD: een EEG-studie Masterproef neergelegd tot het behalen van de graad van master in de psychologie, afstudeerrichting klinische psychologie door Tessa Devriese Promotor: Prof. Dr. Roeljan Wiersema Begeleiding: Lic. Inez Buyck

2

3 VOORWOORD Bij het beëindigen van mijn masterproef wil ik graag nog een aantal mensen bedanken die mij doorheen dit maandenlange werken gesteund hebben. Zonder hen zou het mij immers nooit gelukt zijn deze masterproef voor te leggen. In de eerste plaats zou ik mijn promotor, Prof. Dr. Roeljan Wiersema, willen bedanken om me de kans te geven deze masterproef te maken, en voor het uitgebreide feedbackmoment en de goede adviezen die hij mij daarbij gegeven heeft. Daarnaast wil ik ook mijn thesisbegeleidster, Inez Buyck, bedanken voor al haar constructieve feedback van de afgelopen maanden, haar nuttige tips en snelle antwoorden op mijn ontelbare s en vragen. Verder wil ik mijn dank betuigen aan alle ouders en kinderen die op vrijwillige basis hebben deelgenomen aan het onderzoek, zonder hen kon deze masterproef in de eerste plaats niet verwezenlijkt worden. Ten slotte, wil ik ook mijn familie en vrienden bedanken die mij tijdens dit ganse proces gesteund hebben.

4 ABSTRACT Volgens de toestandsregulatie theorie ligt een gebrekkige toestandsregulatie aan de basis van de gedrags- en prestatiedeficieten van kinderen met ADHD. Evidentie hiervoor komt van studies die aantonen dat kinderen met ADHD gevoelig zijn voor de aanbiedingssnelheid van taken. Zij presteren typisch zwakker in trage dan in snelle condities, omdat deze een toestand van onderarousal zouden induceren die de kinderen met ADHD niet succesvol kunnen reguleren. Ook het EEG-gebaseerde hypoarousal model gaat ervan uit dat de frequent aangetoonde EEG-afwijkingen bij ADHD op onderarousal van het centrale zenuwstelsel duiden. Echter, de link tussen onderarousal op niveau van hersenactiviteit en op prestatieniveau werd nog nooit onderzocht, aldus was dit het doel van dit onderzoek. Elf kinderen met ADHD en 18 controlekinderen tussen 7 en 13 jaar oud werden onderzocht. Het EEG werd geregistreerd tijdens twee condities van een 0-back werkgeheugentaak met een verschillende aanbiedingssnelheid, namelijk tijdens een trage (6 s) en een snelle (2 s) conditie. Vervolgens werd het effect van deze directe arousal manipulatie op de prestaties en hersenactiviteit onderzocht. Uit de resultaten van dit onderzoek kon noch op prestatieniveau, noch op niveau van de hersenactiviteit besloten worden tot onderarousal bij kinderen met ADHD. Dit verschilt van de resultaten van de meeste studies die het effect van de aanbiedingssnelheid op de prestaties van kinderen met ADHD onderzocht hebben, alsook van de weinige onderzoeken die het EEG tijdens cognitieve taken hebben bekeken. Verschillende redenen kunnen aangehaald worden voor de uiteenlopende resultaten in de onderzoeken, zoals methodologische factoren en de heterogeniteit van ADHD.

5 INHOUDSTAFEL I. INLEIDING Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) Prevalentie en Comorbiditeit Etiologie en Neurologische Kenmerken van ADHD Psychologische Theorievorming omtrent het Centrale Deficit ADHD als Probleem in Executief Functioneren ADHD als Motivationeel Probleem ADHD als Probleem in de Toestandsregulatie Meting van Hersenactiviteit: EEG EEG-bevindingen bij ADHD Bevindingen bij Kinderen met ADHD Bevindingen bij Adolescenten met ADHD Bevindingen bij Volwassenen met ADHD EEG-gebaseerde Modellen van ADHD ADHD: een Vertraging in de Ontwikkeling ADHD: een Afwijking in de Ontwikkeling Mogelijke Verklaringen voor de Variabiliteit in EEG-bevindingen Voorliggend Onderzoek II. METHODE Deelnemers Apparatuur en Materiaal Metingen bij de Ouders en Leerkrachten Metingen bij de Kinderen Procedure EEG-data Reductie Statistische Analyse... 31

6 III. RESULTATEN Analyse van de Prestaties op de Trage en de Snelle 0-back Conditie Analyse van de Hersenactiviteit tijdens de Trage en de Snelle 0-back Conditie Correlaties tussen EEG- en Prestatieverschillen tussen de Trage en de Snelle 0- back Conditie IV. DISCUSSIE Bespreking van de Onderzoeksresultaten Prestaties op de Trage en de Snelle 0-back Conditie Hersenactiviteit tijdens de Trage en de Snelle 0-back Conditie Correlaties tussen de EEG- en Prestatieverschillen tussen de Trage en de Snelle 0- back Conditie Beperkingen en Sterktes van Voorliggend Onderzoek Theoretische en Klinische Implicaties Suggesties voor Toekomstig Onderzoek Conclusie V. REFERENTIES... 58

7 I. INLEIDING 1.1 Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) is één van de meest voorkomende ontwikkelingsstoornissen en wordt gekenmerkt door symptomen van aandachtstekort, impulsiviteit en hyperactiviteit, die onaangepast zijn aan het ontwikkelingsniveau van het kind (American Psychiatry Association [APA], 2000). Volgens de tekstrevisie van de 4 e editie van de Diagnostic and Statistical Manual of mental disorders (DSM-IV-TR) verschijnen deze gedragsdeficieten relatief vroeg in de kindertijd, typisch voor de leeftijd van 7 jaar. Verder wordt er een onderscheid gemaakt tussen drie subtypes: het predominante inattentieve subtype (ADD), het predominante hyperactieve/impulsieve type (ADHD/I), en het gecombineerde subtype (ADHD/C). Ook dienen de gedragskenmerken gedurende ten minste zes maanden en in minstens twee verschillende contexten (bv. op school en thuis) aanwezig te zijn en dienen er significante beperkingen in het sociale, schools- of beroepsmatig functioneren te zijn. Ten slotte, mogen de symptomen niet kunnen worden toegeschreven aan een andere (psychische) stoornis, zoals een pervasieve ontwikkelingsstoornis of schizofrenie. De ICD-10 (World Health Organization (WHO), 1993) beschrijft gelijkaardige kenmerken, maar spreekt van hyperkinetische stoornis in plaats van ADHD. Ook zijn de criteria strenger en wordt er geen opdeling gemaakt in subtypes (Antrop & Roeyers, 2003). Vele studies hebben het levensverloop van ADHD bestudeerd en concludeerden dat 60%-85% van de kinderen ook in hun tienerjaren blijft voldoen aan de ADHD-criteria (Barkley, 2006; Biederman et al., 1996). Bovendien blijft meer dan 50% van de adolescenten ook als volwassene nog last hebben van ADHD gerelateerde problematieken en symptomen (Barkley, 2006). Verschillende studies rapporteren associaties tussen ADHD en risico s op latere leeftijd, zoals antisociaal en crimineel gedrag, verwondingen en ongelukken (Barkley, 2004), drugs- en alcoholmisbruik, tienerzwangerschappen, alsook werk-, huwelijks- en gezondheidsproblemen (Barkley, Fischer, Smallish & Fletcher, 2006). De behandeling bestaat vaak uit psychofarmacologische en/of gedragstherapie, naast psycho-educatie over de stoornis voor kind, ouders, familie en leerkrachten. 1

8 Stimulantia blijken effectief om de symptomen te verlichten. Hierbij wordt methylfenidaat het meest gedocumenteerd (American Academy of Child and Adolescent Psychiatry, 2007). 1.2 Prevalentie en Comorbiditeit Uit epidemiologische studies blijkt dat ADHD een hoog prevalente stoornis is, die wereldwijd 4-7% van de kinderen beïnvloedt (Spencer, Biederman & Mick, 2007). De prevalentieschattingen variëren naargelang de gebruikte criteria. Zo schrijft de ICD-10 strengere diagnostische criteria voor dan de DSM-IV-TR, waardoor prevalentiecijfers gebaseerd op definities van de ICD-10 lager zullen zijn (Spencer et al., 2007). Er wordt aangenomen dat ADHD meer voorkomt bij jongens. Hierbij varieert het geslachtsratio tot 9:1 in klinische steekproeven, en 4:1 in epidemiologische studies (APA, 1994). Comorbiditeit is bij ADHD eerder regel dan uitzondering. Meer dan 80% van de kinderen met ADHD ontwikkelt minstens nog één andere psychiatrische stoornis en meer dan 50% wordt gediagnosticeerd met twee comorbide stoornissen (Barkley, Murphy & Fischer, 2008; Barkley, 2006). Plizska (2003) geeft een overzicht van vijf van de meest voorkomende comorbide psychiatrische stoornissen, namelijk gedragsstoornissen (ODD en CD), majeure depressieve stoornis, angststoornissen, bipolaire stoornis en ticstoornissen. Ook leerstoornissen worden frequent gerapporteerd (Pliszka, 2003). Het is belangrijk dat deze vroegtijdig gediagnosticeerd worden, aangezien ze de ernst van de symptomen, het dagdagelijks functioneren, de behandeling en de prognose kunnen beïnvloeden (Connor, Edwards & Fletcher, 2003). 1.3 Etiologie en Neurologische Kenmerken van ADHD Bij de etiologie van ADHD spelen waarschijnlijk zowel genetische, als omgevingsfactoren een rol. Dat er bij ADHD sprake is van een sterke genetische bijdrage, blijkt uit tweelingstudies die de erfelijkheid schatten op 70 à 80% (American Academy of Child and Adolescent Psychiatry, 2007). Verschillende genen zouden betrokken zijn, hierbij wordt het dopamine receptor D4 gen het meest gerapporteerd (Faraone & Mick, 2010). Bij de omgevingsinvloeden gaat het zowel om pre- en peri-, als postnatale factoren, zoals foetale blootstelling aan alcohol, nicotine, benzodiazepines en een laag geboortegewicht. Ook de vroegkinderlijke blootstelling aan toxische 2

9 hoeveelheden lood en bepaalde reacties op voeding, evenals verworven hersenziekten en letsels worden vermeld (American Academy of Child and Adolescent Psychiatry, 2007; Spencer et al., 2007). Vele studies hebben gefocust op het identificeren van de neurale structuren die gerelateerd zijn aan de gedrags- en neuropsychologische tekorten van ADHD. Initieel onderzoek concentreerde zich voornamelijk op hersengebieden die betrokken zijn bij aandacht, executief functioneren, werkgeheugen, motorische controle, responsinhibitie, en/of beloning/motivatie, aangezien het bij ADHD zou gaan om deficieten in deze domeinen (Bush, Valera & Seidman, 2005). Hierbij ging het om de dorso- en ventrolaterale prefrontale cortex, de anterieure cingulate cortex en het striatum. Er werd dan ook gesuggereerd dat ADHD gepaard gaat met structurele en functionele abnormaliteiten in deze fronto-striatale hersencircuits. Voor deze hypothese werd reeds veel evidentie gevonden vanuit structureel en functioneel beeldvormend onderzoek (Seidman, Valera & Makris, 2005). Over het algemeen lijkt er sprake te zijn van hypoactivatie van het fronto-striatale netwerk bij verschillende neuropyschologische taken (Bush et al., 2005). Er worden eveneens kleinere volumes in deze gebieden vastgesteld (Spencer et al., 2007). Meer en meer worden ook wijdverspreide abnormaliteiten in andere hersengebieden gerapporteerd, waaronder de pariëtale cortex, de thalamus, het corpus callosum en het cerebellum (Seidman et al., 2005; Spencer et al., 2007). 1.4 Psychologische Theorievorming omtrent het Centrale Deficit De conceptualisatie van ADHD is de afgelopen decennia sterk gewijzigd en er zijn reeds talrijke theorieën ontwikkeld die allen op zoek zijn naar hét centrale deficit dat de neuropsychologische en gedragssymptomen, alsook de prestatiedeficieten op taken zou kunnen verklaren. Bovendien dient dit centrale mechanisme universeel te zijn, d.w.z. dat het een verklaring zou bieden voor de symptomen van alle kinderen met ADHD. Daarnaast dient het kerndeficit specifiek te zijn, waarmee bedoeld wordt dat het niet zou voorkomen bij andere stoornissen, evenals stabiel en persistent doorheen de ontwikkeling (Wilcutt, Doyle; Nigg, Faraone & Pennington, 2005). Vandaag de dag domineren drie opvattingen de literatuur. Deze gaan ofwel uit van een deficit in executief functioneren, ofwel van een verschillend motivationeel functioneren, 3

10 ofwel van een probleem in de toestandsregulatie. In wat volgt, worden deze theorieën besproken ADHD als Probleem in Executief Functioneren Binnen deze stroming wordt de visie van Barkley (1997) het belangrijkst geacht. Hij stelt in zijn model gedragsinhibitie centraal dat uit drie functies bestaat: inhibitie van een automatische respons, inhibitie van een aan de gang zijnde actie en interferentiecontrole. Vervolgens linkt Barkley deze inhibitie aan vier executieve functies (EF) die gesitueerd zijn binnen het motorisch systeem, namelijk werkgeheugen (non-verbaal), interne spraak (verbaal werkgeheugen), zelfregulatie van affect, motivatie en arousal, en reconstitutie. Doorheen de kindertijd zouden deze vier EF zich van extern naar intern ontwikkelen en verwerft het inhibitiesysteem controle over het motorisch systeem, waardoor uitstel van onmiddellijke behoeftebevrediging, en dus zelfregulatie mogelijk wordt. Cruciaal binnen zijn theorie is dat de EF, om optimaal te presteren, afhangen van het inhibitiesysteem. Bij ADHD is er volgens Barkley sprake van een primaire disfunctie in de inhibitie, waardoor er secundaire deficieten ontstaan in de vier EF. De aandachtsproblemen beschouwt hij dus als het gevolg van een zwakkere gedragsinhibitie. Het model van Barkley is reeds uitvoerig onderzocht geweest en er is evidentie voor EF-deficieten die gerelateerd zijn aan responsinhibitie (Pennington & Ozonoff, 1996). Willcut et al. (2005) hebben een meta-analyse uitgevoerd van 83 studies die EFmetingen hebben afgenomen van groepen met en zonder ADHD. Ze concludeerden dat er bij de ADHD-groepen significante tekorten waren op alle 13 onderzochte taken. Er was sprake van medium effect-sizes ( ). De sterkste en meest consistente effecten werden gevonden voor metingen van responsinhibitie, vigilantie, werkgeheugen en planning. Echter, minder dan één op twee van de kinderen met ADHD vertoonde significante deficieten op eender welke EF-taak en de correlaties tussen ADHD symptomen en scores op EF-taken waren typisch significant, maar klein (r = ). Er werd dan ook besloten dat EF-deficieten noch een noodzakelijke, noch een voldoende oorzaak zijn van ADHD bij alle individuen met deze stoornis. In een meta-analytische review van 13 studies over het executief functioneren bij volwassenen met ADHD (Boonstra, Oosterlaan, Sergeant & Buitelaar, 2005), werden naast EF-variabelen, ook 4

11 niet-ef-metingen opgenomen. De resultaten over het EF-domein stemden overeen met die van bij kinderen met ADHD, namelijk dat er verschillen zijn tussen ADHD en controlegroepen met betrekking tot inhibitie, verbale vloeiendheid en set shifting. Echter wat betreft de Stroop-taak, een meting van responsinhibitie, bleken de volwassenen met ADHD slechter te presteren op alle taakcondities, niet enkel op de inhibitieconditie. Het effect van deze conditie was bovendien niet langer significant na controle voor de prestatie op een andere conditie (namelijk het benoemen van kleuren). Ook waren de effectgroottes tussen EF en niet-ef variabelen gelijkaardig. Volwassenen met ADHD blijken dus problemen te hebben binnen verschillende domeinen, niet enkel binnen dat van het executief functioneren ADHD als Motivationeel Probleem Binnen deze opvatting is de delay aversion hypothese (Sonuga-Barke, 1994) de meest bekende. Hierbij worden ADHD gedragingen als functionele expressies van een onderliggende motivationele stijl beschouwd. Kinderen met ADHD zijn immers gemotiveerd om uitstel en wachten te vermijden of te ontvluchten. Het gaat hier dus niet om een niet kunnen wachten, maar om een niet willen wachten. Wanneer kinderen met ADHD de keuze hebben tussen onmiddellijkheid en uitstel, zullen ze kiezen voor onmiddellijkheid. Wanneer deze keuze niet beschikbaar is, zullen ze actie uitvoeren op de omgeving om de subjectieve perceptie van tijd tijdens het wachten te reduceren. De ADHD symptomen zijn hier het resultaat van. EF-deficieten zijn volgens dit model eerder secundaire effecten van de aversie voor uitstel en wachten (Sonuga-Barke, Wiersema, van der Meere & Roeyers, 2010). Ondersteuning voor deze hypothese komt van verschillende studies. Zo is er vrij consistente evidentie voor een effect van uitstel, voorafgaand aan beloningen, op de responsen en keuzes van kinderen met ADHD (Tripp & Alsop, 2001). Dit wordt vaak gekarakteriseerd door een voorkeur voor kleine onmiddellijke beloningen over grotere beloningen op langere termijn (Marco et al., 2009). In een studie van Antrop et al. (2006), waarbij uitstel niet vermeden kon worden, nam de voorkeur voor grotere beloningen op langere termijn toe wanneer de kinderen de mogelijkheid kregen tot bijkomende stimulatie. De predicties van de delay aversion hypothese zijn consistent met resultaten van verschillende onderzoeksparadigma s (Sonuga-Barke et al., 2010). 5

12 Zo reageren kinderen met ADHD inadequaat op een onverwachte situatie van uitstel (Bitsakou, Antrop, Wiersema & Sonuga-Barke, 2006) en op uitdoving van beloning (Sagvolden, Aase, Zeiner & Berger, 1998). Ook vertonen ze meer activiteit dan controlesubjecten tijdens uitstel (Antrop, Roeyers, Van Oost & Buysse, 2000) en zijn ze bevooroordeeld voor taakresponsen die gekoppeld zijn aan onmiddellijke beloningen (Tripp & Alsop, 2001). Kinderen met ADHD zijn eveneens ongewoon vigilant voor uitstelgerelateerde cues (Sonuga-Barke, De Houwer, De Ruiter, Azensten & Holland, 2004). Echter, hoewel de effecten over het algemeen robuust lijken, is er een grote mate aan variabiliteit doorheen studies, met een aantal onderzoeken die wijzen op negatieve bevindingen (Bidwell, Willcut, DeFries & Pennington, 2007; Scheres et al., 2006). Bovendien zijn de effect-sizes matig, wat neuropsychologische heterogeniteit suggereert en erop wijst dat slechts een subset van kinderen met ADHD deze aversie voor uitstel vertoont (Sonuga-Barke et al., 2010). Een studie van Solanto et al. (2001) heeft zowel voor de disinhibitie hypothese, als de delay aversion hypothese evidentie gevonden en vormde de basis voor het dual pathway model (Sonuga-Barke, 2002b), dat de theorieën integreert en twee onafhankelijke routes naar ADHD suggereert. In navolging van dit model werd zeer recent een triple pathway model voorgesteld, waarin men veronderstelt dat temporele verwerkingsdeficieten een derde dissocieerbare neuropsychologische component van ADHD zouden omvatten (Sonuga-Barke, Bitsakou & Thompson, 2010) ADHD als Probleem in de Toestandsregulatie Gedurende de laatste 25 jaar werd vaak gesuggereerd dat ADHD geassocieerd is met een hersentoestand van hypoarousal (Loo et al., 2009). De optimale stimulatie theorie van Zentall en Zentall (1983) is één van de eerste modellen en beschouwt ADHD symptomen als functionele responsen op een chronische toestand van onderarousal. Latere theorieën, zoals het toestandsregulatie model (Sergeant 2000, 2005), hebben hier een top-down executief controlenetwerk aan toegevoegd dat het niveau van arousal reguleert. De toestandsregulatie theorie gaat ervan uit dat een niet-optimale energetische toestand de ADHD-deficieten kan verklaren en is gebaseerd op het cognitief-energetisch model van Sanders (1983), weergegeven in figuur 1. Sanders (1983) stelt dat de 6

13 efficiëntie van informatieverwerking bepaald wordt door zowel procesfactoren, als toestandsfactoren (arousal, activatie en effort). De procesfactoren bestaan uit 3 stadia: stimulus encodering, zoeken in het geheugen en het motorisch organiseren van de respons. De beschikbaarheid van deze processen is gerelateerd aan de arousal en activatie niveaus. Hierbij wordt arousal gedefinieerd als een tijdsgebonden, fasische fysiologische respons op input, terwijl activatie refereert naar een langdurige en vrijwillige bereidheid tot actie (Pribam & McGuiness, 1975). Effort is noodzakelijk om te voldoen aan taakvereisten en te compenseren bij een suboptimale toestand van arousal en/of activatie. Het effortsysteem staat onder controle van een evaluatiemechanisme, dat de huidige toestand van de arousal en activatie niveaus nagaat. De toestandsregulatie theorie stelt dat kinderen met ADHD moeilijkheden ondervinden in het behouden van een optimale activatietoestand, mogelijk door inefficiënte extra effort allocatie. Ze slagen er niet in extra inspanningen te leveren in situaties waarin dit vereist is. Figuur 1. Het cognitief-energetisch model van Sanders (1983) Evidentie voor deze theorie komt voornamelijk van studies die aantonen dat de prestatie van kinderen met ADHD afhankelijk is van de aanbiedingssnelheid van stimuli (Sergeant, 2005), dit bij een variëteit aan taken, waaronder testen van gezichtsherkenning (Chee, Logan, Schachar, Lindsay & Wachsmuth, 1989), Go/No-Go tests (Börger & van der Meere, 2000), de Continuous Performance Test (Purvis & Tannock, 2000) en de stop-taak (Scheres, Oosterlaan & Sergeant, 2001). Kinderen met ADHD presteren typisch zwakker in condities met een trage aanbiedingssnelheid, 7

14 tegenover matige en snelle condities (Sergeant, Geurts, Huijbregts, Scheres & Oosterlaan, 2003). Evidentie komt ook van een aantal event-related potential (ERP) studies. Zo hebben Wiersema, van der Meere, Roeyers, Van Coster en Baeyens (2006b) aangetoond dat kinderen met ADHD hogere reactietijden en een kleinere pariëtale P3 amplitude vertoonden in een trage dan in een snellere aanbiedingsconditie. Aangezien verondersteld wordt dat de P3 amplitude de hoeveelheid geïnvesteerde effort in een taak reflecteert, concludeerden de onderzoekers dat de kinderen met ADHD in de trage conditie te weinig effort konden alloceren. De prestaties in de snelle conditie waren niet ondermijnd, omdat dit voor deze kinderen een optimale energetische toestand zou zijn. Bovendien bleef dit deficit persisteren tot in de volwassenheid (Wiersema, van der Meere, Antrop & Roeyers, 2006a). Volgens het cognitief-energetisch model beïnvloedt de aanbiedingssnelheid het motorisch activatie niveau. Het activatie niveau neemt toe met stijgende aanbiedingssnelheid, terwijl een trage aanbieding een toestand van onderactivatie induceert. De meeste evidentie suggereert dat toestandsregulatie problemen bij ADHD gerelateerd zijn aan problemen van onderarousal of -activatie. Voor een toestand van overactivatie bestaat nog te weinig evidentie (Johnson, Wiersema & Kuntsi, 2009). Ondanks de empirische ondersteuning, blijven fundamentele vragen met betrekking tot het toestandsregulatiemodel bestaan. Zo kunnen deficieten bij het activatiesysteem om verschillende redenen verschijnen, waarover het model geen predicties maakt. Mogelijks is het activatiesysteem zelf minder stabiel en meer onderhevig aan veranderingen in de omgeving, anderzijds is het ook mogelijk dat het minder efficiënt gemoduleerd wordt door het effortsysteem. Ook is het onduidelijk in welke mate het gebrek aan evidentie voor overactivatie te wijten is aan methodologische problemen in de studies, eerder dan een echte afwezigheid van het effect (Sonuga-Barke et al., 2010). Afwijkingen in de hersenactiviteit bij personen met ADHD, zoals die frequent worden teruggevonden door studies die het elektroencefalogram (EEG) onderzocht hebben, worden door sommigen eveneens geïnterpreteerd als een problematische toestandsregulatie. In wat volgt, wordt hier dieper op ingegaan. 8

15 1.5 Meting van Hersenactiviteit: EEG Om de hersenactiviteit van mensen met ADHD in kaart te brengen, wordt vaak gebruik gemaakt van elektroencefalografie (EEG). Op basis van de gedragsproblemen kan men immers niet achterhalen welke onderliggende hersenprocessen precies verstoord zijn (Barry, Clarke & Johnstone, 2003). EEG-metingen zijn non-invasief, weinig gevoelig aan artefacten van oogbewegingen, bevatten geen radioactieve isotopen en worden gekenmerkt door een uitstekende temporale resolutie. De spatiale resolutie (d.w.z. waar het EEG-signaal afkomstig van is) is wel zwakker (Loo & Barkley, 2005). Om een EEG-meting te bekomen worden elektroden op de hoofdhuid geplaatst. De signalen worden versterkt en weergegeven als hersengolven. Deze worden gekenmerkt door twee parameters: amplitude (d.w.z. hoe sterk de golf is) en frequentie. Bij EEG-onderzoek wordt vaak gekeken naar de activiteit binnen een bepaalde frequentieband. Frequentie verwijst naar het aantal oscillaties (of cycli) binnen een bepaalde tijdsperiode (bv. 4 cycli per seconde) en wordt uitgedrukt in Hertz (Hz). EEG-patronen bestaan uit een combinatie van verschillende frequentiebanden, waarvan sommige duidelijk visueel onderscheiden kunnen worden, namelijk alfa-, beta-, thetaen delta-frequentiebanden. Bepaalde toestanden zijn geassocieerd met een bepaalde frequentieband (Loo & Barkley, 2005). Zo worden alfa-golven, variërend tussen 8-12 Hz, geobserveerd wanneer een persoon de ogen gesloten heeft of in rust is, maar wel alert. Beta-golven van 12,5-30 Hz duiden op mentale of fysieke activiteit. Wanneer personen slaperig of onoplettend zijn, wordt vaak activiteit in de theta-band waargenomen. De frequentie hiervan varieert van 4-7,5 Hz. Ten slotte is delta-activiteit geassocieerd met een toestand van slaap of bewusteloosheid. Deze worden gekenmerkt door een frequentie van 0,5 tot 4 Hz. Naast het bestuderen van activiteit in de individuele frequentiebanden, zijn ook theta/beta en theta/alfa verhoudingen vaak onderzocht geweest. Hierbij zou de theta/beta ratio het niveau van corticale arousal reflecteren en de theta/alfa ratio het niveau van vertraging van maturatie (Monastra, Lubar & Linden, 2001). 9

16 1.6 EEG-bevindingen bij ADHD Nagenoeg vijftig jaar aan EEG-onderzoek heeft aangetoond dat er bij ADHD sprake is van abnormaliteiten in de elektrische hersenactiviteit. Dit werd voornamelijk onderzocht in rustcondities, waarbij subjecten de ogen gesloten of open hebben. Studies waarbinnen het EEG ook onderzocht werd tijdens het uitvoeren van taken, worden minder frequent gerapporteerd. Met betrekking tot de trage hersengolven, en dan voornamelijk met betrekking tot theta-activiteit, zijn de resultaten vrij consistent. Vooral wat betreft de snellere hersengolven zijn de bevindingen minder duidelijk Bevindingen bij Kinderen met ADHD Doorheen de literatuur worden tijdens rustcondities een aantal consistente verschillen in hersenactiviteit aangetoond tussen kinderen met ADHD en typisch ontwikkelende kinderen. Uit de review van Barry et al. (2003) blijkt dat de meeste studies bij kinderen met ADHD verhoogde niveaus van trage golfactiviteit vastgesteld hebben, waarbij verhoogde (frontale) theta-activiteit de meest consistente bevinding is (Chabot & Serfontein, 1996; Barry et al., 2010). Ook de theta/beta en theta/alfa ratio s blijken betrouwbare metingen te zijn om te differentiëren tussen ADHD en controlesubjecten (Clarke et al., 2001a; Monastra et al., 2001). Wat betreft de overige frequentiebanden, lopen de bevindingen meer uiteen. Zo werd een verhoogde delta-activiteit met veel minder consistentie gerapporteerd (Barry et al., 2003; Barry et al., 2010). Ook inzake de beta-activiteit zijn de resultaten gemengd. Sommige studies hebben een gereduceerde beta-activiteit aangetoond in frontale en centrale regio s (Clarke, Barry, McCarthy & Selikowitz, 2001a; Barry et al., 2010; Mann, Lubar, Zimmerman, Miller & Muenchen, 1992), andere niet (Kuperman, Johnson, Arndt, Lindgren & Wolraich, 1996). Met betrekking tot alfa-activiteit zijn de bevindingen eveneens inconsistent, waarbij sommigen een verhoogde alfa-activiteit gerapporteerd hebben (Chabot & Serfontein, 1996; Clarke et al., 2001a), anderen een vermindering (Clarke et al., 2001a,b) en nog anderen die geen verschillen (Bresnahan, Anderson & Barry, 1999) gevonden hebben tussen kinderen met ADHD en controles. Over de hersenactiviteit tijdens het uitvoeren van cognitieve taken worden veel minder studies teruggevonden. Janzen, Gaap, Stephanson, Marshall en Fitzsimmons (1995) 10

17 onderzochten kinderen met ADHD en een controlegroep tijdens een ogen-gesloten rustconditie, lezen en tekenen. Tijdens deze condities vertoonden de kinderen met ADHD een globaal hogere theta-activiteit. Verschillen met betrekking tot de beta-band waren verwaarloosbaar. Ook werd een significant hoger theta/beta ratio gevonden bij de ADHD-groep. Swartwood, Swartwood, Lubar en Timmermann (2003) hebben EEGverschillen bij kinderen met ADHD en een controlegroep onderzocht tijdens een ogenopen rustconditie en vijf cognitieve taken, namelijk tijdens lezen, tekenen, luisteren naar een verhaal, een codeertaak van de WISC-R en de Raven s Progressive Matrices. Bij de ADHD-groep was er sprake van significant hogere frontale delta-activiteit tijdens het luisteren naar een verhaal, en verhoogde posterieure alfa-activiteit tijdens de rustconditie en de codeertaak. Tijdens het lezen vertoonden zij verminderde frontale alfa-activiteit in vergelijking met de controlegroep Bevindingen bij Adolescenten met ADHD Zoals bij kinderen zijn de resultaten met betrekking tot theta-activiteit bij adolescenten behoorlijk consistent. Hobbs, Clarke, Barry, McCarthy en Selikowitz (2007) onderzochten adolescenten met ADHD tijdens een ogen-gesloten rustconditie en kwamen tot de bevinding dat zij meer trage golfactiviteit vertoonden, en een hoger theta/beta ratio. In een studie waarin geslachtsverschillen onderzocht werden tijdens een ogen-gesloten rustconditie (Hermens, Kohn, Clarke, Gordon & Williams, 2005), vond men dat mannen met ADHD verhoogde globale theta-activiteit produceerden, terwijl vrouwen verhoogde frontale theta-activiteit vertoonden. Ook Lazzaro et al. (1999) observeerden verhoogde theta-activiteit tijdens een ogen-open rustconditie. Echter, zoals bij kinderen, zijn de resultaten voor de alfa- en beta- frequentiebanden doorgaans meer uiteenlopend. Zo werd de ADHD groep bij Lazarro et al. (1999) gekarakteriseerd door een hogere alfa- en een lagere beta-activiteit, terwijl Hobbs et al. (2007) zowel met betrekking tot de alfa-, als beta-golven geen verschillen vonden. 11

18 1.6.3 Bevindingen bij Volwassenen met ADHD Het EEG werd minder frequent onderzocht bij volwassenen met ADHD dan bij kinderen en de onderzoeksresultaten zijn vaker ambigu. Bresnahan en Barry (2002) en Bresnahan, Barry, Clarke & Johnstone (2006) onderzochten volwassenen met ADHD tijdens een ogen-open rustconditie en vonden een verhoogde power in de trage frequentiebanden (delta en theta), evenals een verhoogde theta/beta ratio in vergelijking met een controlegroep. De bevindingen met betrekking tot de alfa- en beta-banden waren minder consistent. Bij Bresnahan en Barry (2002) vertoonde de ADHD-groep een verhoogde alfa- en beta-activiteit tegenover de controlegroep, terwijl Bresnahan et al. (2006) geen verschillen in alfa (absoluut en relatief) en absolute beta-activiteit vonden. Een recente studie (Koehler et al., 2009) onderzocht het EEG tijdens een ogengesloten rustconditie, die zowel voor als na een cognitieve taak werd afgenomen. Naast verhoogde theta-activiteit, werd er bij de ADHD-groep ook meer alfa-activiteit geobserveerd dan bij de controlegroep, dit zowel in frontale, centrale, als posterieure regio s. Voor de overige frequentiebanden werden geen verschillen vastgesteld. Van Dongen-Boomsma et al. (2010) bestudeerden de hersenactiviteit in beide rustcondities, voorafgaand aan een cognitieve taak, en kwamen tot de bevinding dat er in beide condities met betrekking tot alfa-activiteit geen verschillen waren tussen de groepen, maar observeerden bij de ADHD-groep wel een grotere alfa-attenuatie van de ogengesloten naar de ogen-open conditie. Er zijn weinig studies voorhanden die het EEG onderzocht hebben tijdens het uitvoeren van taken en de bevindingen op dit vlak zijn erg uiteenlopend. White, Hutchens en Lubar (2005) bestudeerden het EEG van een ADHD- en controlegroep tijdens 3 taken. Ten eerste tijdens de Paced Auditory Serial Addition Task (PASAT), die peilt naar auditieve aandacht en informatieverwerking. Ten tweede tijdens de Wisconsin Card Sorting Test (WCST), die flexibel en abstract redeneren nagaat. Ten slotte werd ook de Integrated Visual and Auditory Continuous Performance Test afgenomen (IVA), een auditieve en visuele continue prestatietest. Bij beide groepen werd een hogere thetaactiviteit geconstateerd tijdens de IVA in vergelijking met de WCST. De volwassenen met ADHD vertoonden tijdens de IVA ook meer alfa-activiteit dan bij de WCST. De theta/beta en hoge alfa/lage beta ratio s varieerden eveneens doorheen de verschillende 12

19 taken (WSCT en IVA) en tussen groepen, echter na verder onderzoek bleek de theta/beta ratio niet langer significant te zijn. De alfa/beta ratio was bij de ADHD-groep hoger dan bij de controlegroep, echter de verschillen benaderden slechts statistische significantie. Loo et al. (2009) onderzochten het EEG in beide rustcondities en tijdens het uitvoeren van een Continuous Performance Test (CPT). Tijdens de ogen-gesloten rustconditie en de CPT werd er bij de ADHD-groep minder alfa-activiteit vastgesteld dan bij de controlegroep. Bij de ADHD subjecten was er eveneens sprake van een hogere beta-activiteit tijdens de ogen-open rustconditie en de CPT. Met betrekking tot theta-activiteit werden geen significante groepsverschillen geobserveerd. Uit de studies bij kinderen, adolescenten en volwassenen met ADHD kan men besluiten dat de verhoogde theta-activiteit een behoorlijk consistente bevinding is doorheen de literatuur. Vooral wat betreft de alfa- en beta-frequentiebanden zijn de bevindingen minder duidelijk. 1.7 EEG-gebaseerde Modellen van ADHD Hoewel verschillende studies een aantal consistente EEG-resultaten rapporteren, blijft er onzekerheid bestaan over wat deze bevindingen precies betekenen bij ADHD. Op basis van de EEG-studies zijn twee grote modellen naar voor geschoven: enerzijds het maturational lag model, waarin het gaat om een achterblijven van de ontwikkeling, anderzijds het developmental deviation model van ADHD, waarin men uitgaat van een afwijkende ontwikkeling. Binnen dit laatste model kan eveneens het hypoarousal model gesitueerd worden. In wat volgt, worden deze modellen besproken ADHD: een Vertraging in de Ontwikkeling Volgens dit model is ADHD het resultaat van een vertraging in de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel. Kinderen met ADHD ontwikkelen zich op een manier die niet leeftijdsadequaat, maar wel normaal is bij jongere kinderen. Vanuit een elektrofysiologisch perspectief vereist dit model dat EEG-metingen van een kind met ADHD als normaal beschouwd kunnen worden bij jongere kinderen. Onderzoeken hebben aangetoond dat EEG-frequenties toenemen in functie van de leeftijd, waarbij trage golfactiviteit vervangen wordt door snellere hersengolven (Matthis, Scheffner, 13

20 Benninger, Lipinski & Stolzis, 1980). Hierbij ontwikkelen de frequentiebanden volgens specifieke progressieve trends. Delta-, theta- en alfa-activiteit ontwikkelen eerst in occipitale gebieden en vervolgens in pariëtale, centrale en frontale regio s. Betaactiviteit, daarentegen, is eerst aanwezig in centrale hersengebieden, gevolgd door posterieure en frontale regio s (Gasser, Jennen-Steinmetz, Sroka, Verleger & Mocks, 1988). Posterieure regio s ontwikkelen vroeger dan frontale gebieden en frontale regio s ontwikkelen ook trager (Clarke et al., 2001a). Indien er bij ADHD sprake zou zijn van een tragere EEG-ontwikkeling, zou voorspeld kunnen worden dat de activiteit in frontale regio s als laatste normale niveaus zou bereiken. Zo interpreteerden Clarke, Barry, McCarthy en Selikowitz (1998) hun bevindingen van verhoogde frontale theta en gereduceerde beta volgens dit model. Ook Lazarro et al. (1998) observeerden een verhoogde absolute theta- en alfa1-activiteit in frontale regio s, naast een gereduceerde relatieve beta in posterieure regio s bij adolescenten met ADHD, en interpreteerden deze bevindingen volgens dit model. Deze visie kan eveneens verklaren waarom het hyperactief/impulsief gedrag typisch daalt met de leeftijd: wanneer een kind met ADHD ouder wordt, ontwikkelt het centrale zenuwstelsel tot een leeftijdsadequaat niveau en treedt er bijgevolg een reductie in hyperactiviteit op. Echter, een groot probleem voor dit model is dat ADHD ook voorkomt bij volwassenen. Conceptueel gezien is het immers onmogelijk om een ontwikkelingsvertraging te hebben die blijft duren tot in de volwassenheid (Clarke, Barry, McCarthy, Selikowitz & Johnstone, 2008) ADHD: een Afwijking in de Ontwikkeling Binnen deze visie veronderstelt men dat ADHD resulteert uit een abnormaliteit in het functioneren van het centrale zenuwstelsel. Elektrofysiologische metingen worden niet als normaal beschouwd, op eender welke leeftijd. Klinkerfuss, Lange, Weinberg en O Leary vonden reeds in 1965 dat 90% van de kinderen met hyperactiviteit abnormaliteiten had in het EEG. Wanneer de EEG s onderzocht werden binnen leeftijdsgroepen, werd vastgesteld dat de verhoogde trage-golfactiviteit noch toenam, noch afnam met de leeftijd. Dit indiceerde dat het EEG van deze kinderen niet veranderde, en ondersteunde het model dat uitgaat van een afwijkende ontwikkeling. Clarke et al. (2001b) hebben, in navolging van hun studie in 1998, ook gemiddelde metingen van de frequentiebanden opgenomen. Omwille van groepsverschillen in de 14

Executive functioning bij kinderen met een ontwikkelings- of gedragsstoornis

Executive functioning bij kinderen met een ontwikkelings- of gedragsstoornis Executive functioning bij kinderen met een ontwikkelings- of gedragsstoornis Sylvie Verté INLEIDING Reeds geruime tijd worden pogingen ondernomen om te bepalen welke aspecten van diverse ontwikkelings-

Nadere informatie

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Nederlandse Samenvatting De adolescentie is levensfase waarin de neiging om nieuwe ervaringen op te

Nadere informatie

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals Gedragsproblemen komen veel voor onder kinderen en adolescenten. Als deze problemen ernstig zijn en zich herhaaldelijk voordoen, kunnen ze een negatieve invloed hebben op het dagelijks functioneren van

Nadere informatie

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de

Nadere informatie

Het begrijpen van heterogeniteit binnen de ziekte van Alzheimer: een neurofysiologisch

Het begrijpen van heterogeniteit binnen de ziekte van Alzheimer: een neurofysiologisch Het begrijpen van heterogeniteit binnen de ziekte van Alzheimer: een neurofysiologisch perspectief Inleiding De ziekte van Alzheimer wordt gezien als een typische ziekte van de oudere leeftijd, echter

Nadere informatie

AD(H)D. een meetbare hersenfunctiestoornis. A.Haagen, kinderartskinderneuroloog 1

AD(H)D. een meetbare hersenfunctiestoornis. A.Haagen, kinderartskinderneuroloog 1 AD(H)D een meetbare hersenfunctiestoornis 1 Inleiding Wanneer spreken we van ADHD? Hoe stellen we de diagnose? Wat gebeurt er in de hersenen? 2 BEGRIPPEN Attention Deficit Hyperactivity Disorder = Aandachtsstoornis

Nadere informatie

Samenvatting. Introductie. Werkgeheugen en selectieve aandacht

Samenvatting. Introductie. Werkgeheugen en selectieve aandacht Samenvatting Introductie Het doel van dit proefschrift was om te onderzoeken of en hoe gebreken in de informatieverwerking in verband kunnen worden gebracht met de ontwikkelingsstoornissen PDD-NOS (pervasive

Nadere informatie

Plannen en organiseren bij adolescenten met ADHD. Prof.dr. Saskia van der Oord klinische psychologie

Plannen en organiseren bij adolescenten met ADHD. Prof.dr. Saskia van der Oord klinische psychologie Plannen en organiseren bij adolescenten met ADHD Prof.dr. Saskia van der Oord klinische psychologie Inhoud v Theoretische verklaringen ADHD v Plannen en organiseren bij ADHD v In het dagelijkse leven?

Nadere informatie

Kan de snelheid waarmee informatie wordt aangeboden het effect van stimulerende medicatie op taakprestaties van kinderen met ADHD beïnvloeden?

Kan de snelheid waarmee informatie wordt aangeboden het effect van stimulerende medicatie op taakprestaties van kinderen met ADHD beïnvloeden? Academiejaar 2013-2014 Tweedekansexamenperiode Kan de snelheid waarmee informatie wordt aangeboden het effect van stimulerende medicatie op taakprestaties van kinderen met ADHD beïnvloeden? Masterproef

Nadere informatie

Cognitive Control and Motivation in Children with ADHD: How Reinforcement Interacts with the Assessment and Training of Executive Functioning S.

Cognitive Control and Motivation in Children with ADHD: How Reinforcement Interacts with the Assessment and Training of Executive Functioning S. Cognitive Control and Motivation in Children with ADHD: How Reinforcement Interacts with the Assessment and Training of Executive Functioning S. Dovis Cognitive Control and Motivation in Children with

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting. Samenvatting

Nederlandse Samenvatting. Samenvatting Samenvatting Toenaderen of vermijden. Neurobiologische mechanismen in sociale angst Het doel van dit proefschrift was om meer inzicht te krijgen in de psychobiologische mechanismen die een rol spelen bij

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 137 138 Het ontrafelen van de klinische fenotypen van dementie op jonge leeftijd In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, komt dementie ook op jonge leeftijd voor. De diagnose

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Achtergrond Het risico op het ontwikkelen van een psychiatrische ziekte, zoals attention deficit hyperactivity disorder (ADHD), schizofrenie of verslaving, wordt voor een aanzienlijk deel bepaald door

Nadere informatie

Neurofeedback: een geschikte behandeling voor autisme?

Neurofeedback: een geschikte behandeling voor autisme? Neurofeedback: een geschikte behandeling voor autisme? Mirjam Kouijzer, MSc Radboud Universiteit Nijmegen Het programma Controversiële behandelingen Wat is biofeedback? Mijn onderzoek naar de effecten

Nadere informatie

SUMMARY IN DUTCH. Summary in Dutch

SUMMARY IN DUTCH. Summary in Dutch SUMMARY IN DUTCH Summary in Dutch Summary in Dutch Introductie Dit proefschrift richt zich met name op het voorspellen van de behandeluitkomst bij kinderen met angststoornissen. Een selectie aan variabelen

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) * 132 Baby s die te vroeg geboren worden (bij een zwangerschapsduur korter dan 37 weken) hebben een verhoogd risico op zowel ernstige ontwikkelingproblemen (zoals mentale

Nadere informatie

De invloed van ruis op de prestaties van kinderen met ADHD in een aangepaste choice delay taak

De invloed van ruis op de prestaties van kinderen met ADHD in een aangepaste choice delay taak UNIVERSITEIT GENT Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Academiejaar 2012 2013 Eerste Examenperiode De invloed van ruis op de prestaties van kinderen met ADHD in een aangepaste choice delay

Nadere informatie

Dia 1. Dia 2. Dia 3. Aspecten van cognitief functioneren in Autisme Spectrum Stoornissen. Executieve functies en autisme (Hill, 2004)

Dia 1. Dia 2. Dia 3. Aspecten van cognitief functioneren in Autisme Spectrum Stoornissen. Executieve functies en autisme (Hill, 2004) Dia 1 Aspecten van cognitief functioneren in Autisme Spectrum Stoornissen Een reactie van Bibi Huskens Dia 2 Executieve functies en autisme (Hill, 2004) Problemen in: Planning Inhibitie Schakelvaardigheid

Nadere informatie

Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind. Prof. Dr. Stijn Vanheule Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen

Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind. Prof. Dr. Stijn Vanheule Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind Psychiatriseren = Het moeilijke kind stelt de volwassene vragen: Wie is de volwassene is die hem of haar zo moeilijk vindt? Met welke ver(w)achtingen

Nadere informatie

EF en gedragsproblemen. Walter Matthys

EF en gedragsproblemen. Walter Matthys EF en gedragsproblemen Walter Matthys Verminderde EF bij gedragsproblemen afhankelijk van ADHD (symptomen)? Meta-analyse bij jonge kinderen met externaliserend gedrag (Schoemaker, Mulder, Dekovic & Matthys,

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING 143. Nederlandse samenvatting

NEDERLANDSE SAMENVATTING 143. Nederlandse samenvatting NEDERLANDSE SAMENVATTING 143 Nederlandse samenvatting 144 NEDERLANDSE SAMENVATTING De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelt dat psychische gezondheid een staat van welzijn is waarin een individu zich

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Dit proefschrift gaat over de oorzaken van het vóórkomen van symptomen van autisme spectrum stoornissen (ASD) bij kinderen met een aandachtstekort stoornis

Nadere informatie

Meten van ziekteprogressie in MS: komen de perspectieven van

Meten van ziekteprogressie in MS: komen de perspectieven van Samenvatting proefschrift Jolijn Kragt Meten van ziekteprogressie in MS: komen de perspectieven van patiënten en dokters met elkaar overeen? Multipele sclerose (MS) is een chronische progressieve neurologische

Nadere informatie

Focus op aandacht! Aandacht en aandachtsstoornissen: de gedragsneurologische en neuropsychologische invalshoek

Focus op aandacht! Aandacht en aandachtsstoornissen: de gedragsneurologische en neuropsychologische invalshoek Focus op aandacht! Aandacht en aandachtsstoornissen: de gedragsneurologische en neuropsychologische invalshoek VWVJ-Symposium Leuven, 20-3-2015 Prof. Dr. Evert Thiery Universiteit Gent Disclosure belangen

Nadere informatie

Hoofdstuk 8. Nederlandse samenvatting

Hoofdstuk 8. Nederlandse samenvatting Hoofdstuk 8 Nederlandse samenvatting Inleiding Schizofrenie is een ernstige psychiatrische ziekte, met afwijkingen in denken, taal, waarneming, gedrag, emotie, motivatie en cognitie (verwerking van informatie).

Nadere informatie

WORM WORking Memory training een onderzoek naar de effecten van Werkgeheugentraining bij kinderen met ADHD 19 januari 2009 Martine van Dongen¹², Marieke Lansbergen¹, Sascha Roos², Kina Potze², Nadine Schalk²,

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 en 2 bestaan uit de inleiding en de beschrijving van de onderzoeksdoelen.

Hoofdstuk 1 en 2 bestaan uit de inleiding en de beschrijving van de onderzoeksdoelen. Chapter 9 Nederlandse samenvatting 148 CHAPTER 9 De kans dat een kind kanker overleeft, is de laatste decennia sterk gegroeid. Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw was kinderkanker meestal fataal,

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting 249 Migraine is een ernstige en veelvoorkomende hoofdpijnaandoening met grote impact op het leven van patiënten en hun familieleden. Een migraineaanval wordt gekenmerkt door matige tot ernstige hoofdpijn,

Nadere informatie

Wanneer de vlag de lading niet meer dekt: over het gebruik van labels voor stoornissen

Wanneer de vlag de lading niet meer dekt: over het gebruik van labels voor stoornissen Wanneer de vlag de lading niet meer dekt: over het gebruik van labels voor stoornissen Het moeilijke kind stelt ons vragen: Wie is de volwassene is die hem of haar zo moeilijk vindt? Met welke ver(w)achtingen

Nadere informatie

ADHD en ASS. Bij normaal begaafde volwassen. Utrecht, 23-01-2014 Anne van Lammeren, psychiater UCP/UMCG

ADHD en ASS. Bij normaal begaafde volwassen. Utrecht, 23-01-2014 Anne van Lammeren, psychiater UCP/UMCG ADHD en ASS Bij normaal begaafde volwassen Utrecht, 23-01-2014 Anne van Lammeren, psychiater UCP/UMCG Disclosure belangen spreker (potentiële) Belangenverstrengeling Geen Voor bijeenkomst mogelijk relevante

Nadere informatie

Executieve functies en emotieregulatie. Annelies Spek Klinisch psycholoog/senior onderzoeker Centrum autisme volwassenen, GGZ Eindhoven

Executieve functies en emotieregulatie. Annelies Spek Klinisch psycholoog/senior onderzoeker Centrum autisme volwassenen, GGZ Eindhoven Executieve functies en emotieregulatie Annelies Spek Klinisch psycholoog/senior onderzoeker Centrum autisme volwassenen, GGZ Eindhoven Inhoud 1. Executieve functies en emotieregulatie 2. Rol van opvoeding

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Cannabisgebruik en stoornissen in het gebruik van cannabis in de adolescentie en jongvolwassenheid. Cannabis is wereldwijd een veel gebruikte drug. Het gebruik van cannabis is echter niet zonder consequenties:

Nadere informatie

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting Inleiding Depressie en angst zijn veel voorkomende psychische stoornissen. Het ontstaan van deze stoornissen is gerelateerd aan een breed scala van risicofactoren, zoals genetische kwetsbaarheid, neurofysiologisch

Nadere informatie

LAVEREN DOOR HET SOCIALE LEVEN: OVER SOCIALE COGNITIE IN GEZONDHEID EN PSYCHOSE SAMENVATTING

LAVEREN DOOR HET SOCIALE LEVEN: OVER SOCIALE COGNITIE IN GEZONDHEID EN PSYCHOSE SAMENVATTING LAVEREN DOOR HET SOCIALE LEVEN: OVER SOCIALE COGNITIE IN GEZONDHEID EN PSYCHOSE SAMENVATTING Navigating Social Life Samenvatting Sociale cognitie ligt ten grondslag aan succesvol sociaal functioneren.

Nadere informatie

Bijlage 25: Autismespectrumstoornis in DSM-5 (voorlopige Nederlandse vertaling) 1

Bijlage 25: Autismespectrumstoornis in DSM-5 (voorlopige Nederlandse vertaling) 1 Bijlage 25: Autismespectrumstoornis in DSM-5 (voorlopige Nederlandse vertaling) 1 Moet voldoen aan de criteria A, B, C en D A. Aanhoudende tekorten in sociale communicatie en sociale interactie in meerdere

Nadere informatie

DSM 5 - psychose Dr. S. Geerts Dr. O. Cools 28-11-2014

DSM 5 - psychose Dr. S. Geerts Dr. O. Cools 28-11-2014 DSM 5 - psychose Dr. S. Geerts Dr. O. Cools 28-11-2014 Inhoud DSM IV -> DSM 5 DSM IV: Schizofrenie als kernsyndroom Even stilstaan bij SCHIZOFRENIE Kritiek op DSM IV Overzicht DSM 5 Schizofrenie (1) Epidemiologie:

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting De nadelige gezondheidsrisico s/gevolgen van roken en van depressie en angststoornissen zijn goed gedocumenteerd, en deze aandoeningen doen zich vaak tegelijkertijd voor. Het doel

Nadere informatie

SAMENVATTING Het doel van dit proefschrift is drieledig. Ten eerste wordt inzicht verschaft in het gebruik van directe-rede-constructies (bijvoorbeeld Marie zei: Kom, we gaan! ) door sprekers met afasie.

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting

Samenvatting. Samenvatting Samenvatting Op grond van klinische ervaring en wetenschappelijk onderzoek, is bekend dat het gezamenlijk voorkomen van een pervasieve ontwikkelingsstoornis en een verstandelijke beperking tot veel bijkomende

Nadere informatie

Samenvatting Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie

Samenvatting Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie Beloop van beperkingen in activiteiten bij oudere patiënten met artrose van heup of knie Zoals beschreven in hoofdstuk 1, is artrose een chronische ziekte die vaak voorkomt bij ouderen en in het bijzonder

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Proefschrift_LVerburgh211214.indd 171 21-12-2014 16:46:37 172 Samenvatting ACHTERGROND DEEL A: DE RELATIE TUSSEN BEWEGING EN NEUROCOGNITIEF FUNCTIONEREN Ondanks bewezen gezondheidseffecten

Nadere informatie

rapporteerden. Er werden geen verschillen gevonden in schoolprestaties, spijbelgedrag en middelengebruik tussen de verschillende groepen.

rapporteerden. Er werden geen verschillen gevonden in schoolprestaties, spijbelgedrag en middelengebruik tussen de verschillende groepen. Samenvatting Samenvatting Depressie en angst zijn de meest voorkomende psychische stoornissen in de adolescentie met een enorme impact op het individu. Veel adolescenten rapporteren depressieve en angst

Nadere informatie

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling Evidence tabel bij ADHD in kinderen en adolescenten (studies naar adolescenten met ADHD en ) Auteurs, Gray et al., 2011 Thurstone et al., 2010 Mate van bewijs A2 A2 Studie type Populatie Patiënten kenmerken

Nadere informatie

Executieve functies en motivationele en contextfactoren

Executieve functies en motivationele en contextfactoren Executieve functies en motivationele en contextfactoren Herbert Roeyers Onderzoeksgroep Ontwikkelingsstoornissen Utrecht, 5 juni 2014 ADHD (1775-heden) ADHD als risicofactor Relationship problems Substance

Nadere informatie

A c. Dutch Summary 257

A c. Dutch Summary 257 Samenvatting 256 Samenvatting Dit proefschrift beschrijft de resultaten van twee longitudinale en een cross-sectioneel onderzoek. Het eerste longitudinale onderzoek betrof de ontwikkeling van probleemgedrag

Nadere informatie

Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae

Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae chapter 7 Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae 140 chapter 7 SAMENVATTING De bipolaire stoornis (of manisch-depressieve stoornis) is een stemmingsstoornis waarin episodes van (hypo)manie

Nadere informatie

ADHD. Behandelingsstrategieën DSM IV. Diagnostiek. Vragenlijst voor gedragsproblemen bij kinderen (VvGK) ( Attention deficit hyperactivity disorder )

ADHD. Behandelingsstrategieën DSM IV. Diagnostiek. Vragenlijst voor gedragsproblemen bij kinderen (VvGK) ( Attention deficit hyperactivity disorder ) ADHD ( Attention deficit hyperactivity disorder ) Behandelingsstrategieën Evelien Dirks Een ontwikkelingsstoornis Problemen met de concentratieperiode Problemen met de impulsbeheersing Problemen met de

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Het onderzoek dat is beschreven in dit proefschrift bestrijkt een breed scala aan onderwerpen, variërend van exploratiegedrag en nieuwsgierigheid tot de effecten van temporele

Nadere informatie

Cognitief functioneren en de bipolaire stoornis

Cognitief functioneren en de bipolaire stoornis Cognitief functioneren en de bipolaire stoornis Dr. Nienke Jabben Amsterdam 5 november 2011 Academische werkplaats Bipolaire Stoornissen GGZ ingeest n.jabben@ggzingeest.nl Overzicht Wat is cognitief functioneren?

Nadere informatie

De ziekte van Parkinson is een neurologische ziekte waarbij zenuwcellen in een specifiek deel van de

De ziekte van Parkinson is een neurologische ziekte waarbij zenuwcellen in een specifiek deel van de Rick Helmich Cerebral Reorganization in Parkinson s disease (proefschrift) Nederlandse Samenvatting De ziekte van Parkinson is een neurologische ziekte waarbij zenuwcellen in een specifiek deel van de

Nadere informatie

ADHD in de DSM-5. Reino Stoffelsen, kinder- en jeugdpsychiater Ariane Tjeenk-Kalff, klinisch neuropsycholoog 21 april 2015

ADHD in de DSM-5. Reino Stoffelsen, kinder- en jeugdpsychiater Ariane Tjeenk-Kalff, klinisch neuropsycholoog 21 april 2015 ADHD in de DSM-5 Reino Stoffelsen, kinder- en jeugdpsychiater Ariane Tjeenk-Kalff, klinisch neuropsycholoog 21 april 2015 ADHD, wat kan je er (niet) mee? Veel media aandacht Casus: Ben DSM-geschiedenis

Nadere informatie

POSTGRADUAAT OPLEIDING NEUROFEEDBACK BIJ ADHD

POSTGRADUAAT OPLEIDING NEUROFEEDBACK BIJ ADHD POSTGRADUAAT OPLEIDING NEUROFEEDBACK BIJ ADHD Dr. Werner Van den Bergh Centrum Vigilant, Lubbeek (bij Leuven) op de zaterdagen 18 en 25 mei, 1 en 8 juni 2013 De voorbije jaren bleef neurofeedback (EEG-biofeedback)

Nadere informatie

Samenvatting Dankwoord About the author

Samenvatting Dankwoord About the author Samenvatting Dankwoord About the author Samenvatting 177 Samenvatting Overgewicht en obesitas worden gedefinieerd op basis van de body mass index (BMI) (hoofdstuk 1). Deze index wordt berekend door het

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Titel: Cognitieve Kwetsbaarheid voor Depressie: Genetische en Omgevingsinvloeden Het onderwerp van dit proefschrift is cognitieve kwetsbaarheid voor depressie en de wisselwerking

Nadere informatie

Linking Depression. Longitudinal and neuroimaging genetic studies in major depressive disorder. Esther Opmeer

Linking Depression. Longitudinal and neuroimaging genetic studies in major depressive disorder. Esther Opmeer Linking Depression Longitudinal and neuroimaging genetic studies in major depressive disorder Esther Opmeer Nederlandse Samenvatting Depressie staat in de top 3 van ziekten die de meeste ziektelast geven

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties Jongeren en Gezondheid 14: Seksualiteit en Relaties Inleiding Tijdens hun puberjaren, ondergaan jongens en meisjes diepgaande biologische, cognitieve, emotionele en sociale veranderingen. Deze periode

Nadere informatie

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting Proefschrift Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems Merel Griffith - Lendering Samenvatting Het gebruik van cannabis is gerelateerd aan een breed scala van psychische problemen, waaronder

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting 207 Hoe handhaaf je jezelf in een sociale omgeving? Welke psychologische processen liggen hieraan ten grondslag? Welke delen van de hersenen zijn hierbij betrokken? En is zijn deze processen en/of hersengebieden

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING 188 Type 1 Diabetes and the Brain Het is bekend dat diabetes mellitus type 1 als gevolg van hyperglykemie (hoge bloedsuikers) kan leiden tot microangiopathie (schade aan de kleine

Nadere informatie

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud Informatie voor Familieleden omtrent Psychose InFoP 2 Inhoud Introductie Module I: Wat is een psychose? Module II: Psychose begrijpen? Module III: Behandeling van psychose de rol van medicatie? Module

Nadere informatie

GENDER, COMORBIDITY & AUTISM Inleiding INHOUD Opzet en Bevindingen per onderzoek Algemene Discussie Aanbevelingen Patricia J.M. van Wijngaarden-Cremers Classifications & Gender Patient cohort 2004 Clusters

Nadere informatie

Dubbeldiagnose dyslexie en ADHD. Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule

Dubbeldiagnose dyslexie en ADHD. Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule Dubbeldiagnose dyslexie en ADHD Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule dyslexie SDN: stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en/of vlot toepassen van het lezen en /of

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Dit hoofdstuk vat de in dit proefschrift beschreven onderzoeken samen. Na de samenvatting van de studies volgen de methodologische overwegingen en klinische implicaties. De ziekte

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/22544 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/22544 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/22544 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Speksnijder, Niels Title: Determinants of psychosis vulnerability : focus on MEF2

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nicotine en alcohol kunnen de placenta passeren en zo het risico op nadelige uitkomsten voor het ongeboren kind verhogen. Stoppen met roken en alcoholgebruik tijdens de zwangerschap lijkt vanzelfsprekend,

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/39582 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/39582 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/39582 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Hegeman, Annette Title: Appearance of depression in later life Issue Date: 2016-05-18

Nadere informatie

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau 4. Het doel van deze studie is de verschillen in gezondheidsverwachting naar een socio-economisch gradiënt, met name naar het hoogst bereikte diploma, te beschrijven. Specifieke gegevens in enkel mortaliteit

Nadere informatie

ADHD (1775-heden) Alle dagen heel druk of onaandachtig, maar niet elk uur in dezelfde mate: onze kijk op ADHD is in beweging

ADHD (1775-heden) Alle dagen heel druk of onaandachtig, maar niet elk uur in dezelfde mate: onze kijk op ADHD is in beweging Alle dagen heel druk of onaandachtig, maar niet elk uur in dezelfde mate: onze kijk op ADHD is in beweging ADHD (1775-heden) Herbert Roeyers Onderzoeksgroep Ontwikkelingsstoornissen Veldhoven, 23 mei 2013

Nadere informatie

The development of ToM and the ToM storybooks: Els Blijd-Hoogewys

The development of ToM and the ToM storybooks: Els Blijd-Hoogewys The development of ToM and the ToM storybooks: Els Blijd-Hoogewys Een reactie door Hilde M. Geurts Lezing Begeer, Keysar et al., 2010: Advanced ToM 50 45 40 35 30 25 20 15 10 5 0 Autisme (n=34) Controle

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 203 Nederlandse samenvatting Wittere grijstinten Klinische relevantie van afwijkingen in de grijze stof in multipele sclerose, zoals afgebeeld met MRI Multipele sclerose (MS) is

Nadere informatie

AD(H)D bespreken. BEN/LO/ADHD/14/0003a April 2014

AD(H)D bespreken. BEN/LO/ADHD/14/0003a April 2014 AD(H)D bespreken N.B.: de inhoud van dit programma is slechts van adviserende aard en dient niet als vervanging voor professioneel en/of medisch advies. Als u verdere consultatie wenst, of wanneer u zich

Nadere informatie

Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Academiejaar 2009-10 Eerste Examenperiode

Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Academiejaar 2009-10 Eerste Examenperiode Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetechappen Academiejaar 2009-10 Eerste Examenperiode BELONINGSGEVOELIGHEID BIJ KINDEREN EN ADOLESCENTEN MET ADHD: Effect van leeftijd, subtype en soort beloning op

Nadere informatie

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014 Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 214 Inleiding Gezondheid in de internationale HBSC (Health Behaviour in School-aged Children) studie en in de Wereldgezondheidsorganisatie

Nadere informatie

Developmental Coordination Disorder. Miriam Verstegen Kinderrevalidatiearts

Developmental Coordination Disorder. Miriam Verstegen Kinderrevalidatiearts Developmental Coordination Disorder Miriam Verstegen Kinderrevalidatiearts 11-06-2015 Inhoud Developmental Coordination Disorder Criteria Kenmerken Comorbiditeiten Pathofysiologie Behandeling Prognose

Nadere informatie

Samenvatting in het Nederlands

Samenvatting in het Nederlands Samenvatting in het Nederlands Emotionele stoornissen bij schizofrenie, zoals een vervlakking of vermindering van affect zijn al sinds het begin van het beschrijven en classificeren van de ziekte schizofrenie

Nadere informatie

Chapter 9 CHAPTER 9. Samenvatting

Chapter 9 CHAPTER 9. Samenvatting CHAPTER 9 Samenvatting 115 Kanker en behandelingen voor kanker kunnen grote invloed hebben op de lichamelijke gezondheid en het psychisch functioneren van mensen. Er is veel onderzoek gedaan naar de effectiviteit

Nadere informatie

Wat is ADHD? Samenvatting

Wat is ADHD? Samenvatting Wat is ADHD? ADHD is een afkorting voor Attention-Deficit/Hyperactivity Disorder, in de volksmond ook wel Alle Dagen Heel Druk genoemd. ADHD wordt gekenmerkt door aandachtsproblemen, druk (hyperactief)

Nadere informatie

Samenvatting SAMENVATTING

Samenvatting SAMENVATTING SAMENVATTING Introductie Dit proefschrift geeft het theoretische en experimentele werk weer rondom de auditieve en cognitieve mechanismen van het top-down herstel van gedegradeerde spraak. In het dagelijks

Nadere informatie

Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst

Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst Samenvatting 141 Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst Hoofdstuk 1 is de inleiding van dit proefschrift. Internetbehandeling voor depressie en angst is bewezen effectief. Dit opent

Nadere informatie

Integratie van functionele en moleculaire beeldvorming bij de ziekte van Alzheimer

Integratie van functionele en moleculaire beeldvorming bij de ziekte van Alzheimer Integratie van functionele en moleculaire beeldvorming bij de ziekte van Alzheimer Achtergrond De ziekte van Alzheimer De ziekte van Alzheimer (Alzheimer s disease - AD) is een neurodegeneratieve ziekte

Nadere informatie

Hersenstructuur en -functioneren bij ADHD:

Hersenstructuur en -functioneren bij ADHD: Hersenstructuur en -functioneren bij ADHD: De rol van witte stof en werkgeheugen ATTENTION-DEFICIT/HYPERACTIVITY DIORDER Attention-Deficit/Hyperactivity Disorder (ADHD) is één van de meest voorkomende

Nadere informatie

212

212 212 Type 2 diabetes is een chronische aandoening, gekarakteriseerd door verhoogde glucosewaarden (hyperglycemie), die wereldwijd steeds vaker voorkomt (stijgende prevalentie) en geassocieerd is met vele

Nadere informatie

In dit proefschrift heb ik laten zien dat in volwassenen de EEG power in de verschillende frequentiebanden sterk erfelijk bepaald is.

In dit proefschrift heb ik laten zien dat in volwassenen de EEG power in de verschillende frequentiebanden sterk erfelijk bepaald is. Het doel van dit proefschrift was om de genetische architectuur te onderzoeken van hersenactiviteit gemeten met electroencephalografische registraties (EEG). Hersenactiviteit kan in rusttoestand worden

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Jamal, Mumtaz Title: Smoking and the course of anxiety and depression Issue Date:

Nadere informatie

Prikkelverwerking bij Gedragsstoornissen

Prikkelverwerking bij Gedragsstoornissen Prikkelverwerking bij Gedragsstoornissen (ODD & CD) Congres Prikkelverwerking 6 november 2014 Dr. M.A.J. Raaijmakers GZ-psycholoog en Universitair Docent UU INTRODUCTIE AGRESSIE! Video:! http://www.youtube.com/watch?v=o00yfkje1fo!

Nadere informatie

Controle van de romp bij lagerugpijnpatiënten

Controle van de romp bij lagerugpijnpatiënten Controle van de romp bij lagerugpijnpatiënten In hoofdstuk 1 worden de achtergrond en de doelen van mijn onderzoek beschreven. Lage rugpijn is een belangrijk maatschappelijk probleem, zowel op het gebied

Nadere informatie

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens 5. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens Relevante conclusies voor het beleid zijn pas mogelijk als de basisgegevens waaruit de samengestelde indicator berekend werd voldoende recent zijn. In deze

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Burnout, een toestand van mentale uitputting door chronische stress in de werksituatie, vormt een ernstig maatschappelijk probleem dat momenteel veel aandacht krijgt. In

Nadere informatie

Wetenschappelijke Samenvatting. 1. Kwetsbaarheid en emotionele verwerking bij depressie

Wetenschappelijke Samenvatting. 1. Kwetsbaarheid en emotionele verwerking bij depressie Wetenschappelijke Samenvatting 1. Kwetsbaarheid en emotionele verwerking bij depressie In dit proefschrift wordt onderzocht wat spaak loopt in de hersenen van iemand met een depressie. Er wordt ook onderzocht

Nadere informatie

Samenvatting. Over het gebruik van visuele informatie in het reiken bij baby s

Samenvatting. Over het gebruik van visuele informatie in het reiken bij baby s Samenvatting Over het gebruik van visuele informatie in het reiken bij baby s 166 Het doel van dit proefschrift was inzicht te krijgen in de vroege ontwikkeling van het gebruik van visuele informatie voor

Nadere informatie

Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk

Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk Nina Davids & Judith Pijnacker - senior onderzoekers Petra van Alphen - projectleider Expertise & Innovatie, PonTeM Taal in het Kleuterbrein Waarom EEG? Wat

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING DUTCH SUMMARY

NEDERLANDSE SAMENVATTING DUTCH SUMMARY NEDERLANDSE SAMENVATTING DUTCH SUMMARY Introductie De ziekte van Parkinson werd als eerste beschreven door James Parkinson in 1817. Inmiddels is er veel onderzoek gedaan naar de ziekte van Parkinson, maar

Nadere informatie

Samenvatting (summary in Dutch)

Samenvatting (summary in Dutch) Samenvatting (summary in Dutch) 149 Samenvatting (summary in Dutch) Één van de meest voorkomende en slopende ziektes is depressie. De impact op het dagelijks functioneren en op de samenleving is enorm,

Nadere informatie

Dubbeldiagnoses, dubbele zorg! Dyslexie, ADHD, angst. Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule

Dubbeldiagnoses, dubbele zorg! Dyslexie, ADHD, angst. Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule Dubbeldiagnoses, dubbele zorg! Dyslexie, ADHD, angst Manoushka Moesker, Spurt/ de Bascule Comorbiditeit bij dyslexie Angst- en stemmingst. 25-30% ADHD 25-30% A. de Jong 2013: 40%! ADHD, DSM-IV Aandachtstekort:

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/35287 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Poortvliet, Rosalinde Title: New perspectives on cardiovascular risk prediction

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting 135

Samenvatting. Samenvatting 135 Samenvatting 135 Samenvatting Dit proefschrift beschrijft een zoektocht naar de ecologische validiteit (de waarde van onderzoeksresultaten bij toepassing in het dagelijks leven) van executieve functie

Nadere informatie

NeDerLANDse samenvatting

NeDerLANDse samenvatting CHAPTER 10 259 NEDERLANDSE SAMENVATTING Benzodiazepines zijn psychotrope middelen met anxiolytische, sederende, spierverslappende en hypnotische effecten. In de praktijk worden zij voornamelijk ingezet

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting (Dutch summary)

Nederlandse samenvatting (Dutch summary) Nederlandse samenvatting (Dutch summary) 125 Angststoornissen zijn veel voorkomende psychiatrische aandoeningen (ongeveer 1 op de 5 Nederlanders heeft, op enig moment in het leven een angststoornis). Onder

Nadere informatie

JD EC PZ 17-19 Hz down. Sessienr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 1415 161718 19 202122232425262728. Sessie + ronde

JD EC PZ 17-19 Hz down. Sessienr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 1415 161718 19 202122232425262728. Sessie + ronde uv uv Casus P9 De cliënt in deze casus is bij aanvang van de training een 9-jarige jongen. Zijn IQ score op de bedroeg 7 (95% BI: 66-8). Hij verbleef al.twee jaar in het JP Heije centrum. Hieronder worden

Nadere informatie