Competent afstuderen met het Tien Stappen Plan

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Competent afstuderen met het Tien Stappen Plan"

Transcriptie

1 Competent afstuderen met het Tien Stappen Plan Vragen van afstudeerders en dilemma s van begeleiders Begin 2006 verscheen de nieuwe editie van het Tien Stappen Plan (tsp) van Piet Kempen en Jimme Keizer in het boek Competent afstuderen en stagelopen. Een advieskundige benadering (Kempen & Keizer, 2006). Dit boek, hierna aangeduid als cas, is de nieuwe druk van Advieskunde voor praktijkstages. Organisatieverandering als leerproces. De ook in deze nieuwe editie beschreven tsp-methode biedt studenten een leidraad voor het methodisch uitvoeren van afstudeer- of stageprojecten, om aldus de afstudeerkwaliteit beheersbaar te maken. Voor de afstudeerbegeleider biedt het tsp concrete handvatten voor monitoring en interventies. Dankzij het complete en transparante afstudeerproces dat het tsp schildert, kunnen we een aantal vragen, problemen en spanningsvelden die voorheen aan het oog onttrokken waren nu duiden, lokaliseren en bespreekbaar maken. Piet Kempen en Hans Bennink P.M. Kempen is emeritus hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven (leerstoel organisatieadviesprocessen). H. Bennink is als docent, supervisor en praktijkcoördinator verbonden aan de afdeling Personeel en Arbeid van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Adres: Van Beethovenstraat 16, 6521 en Nijmegen, A Inleiding Een afstudeeropdracht is een door een student 1 zelfstandig uit te voeren onderzoek naar een knelpunt in een externe organisatie, met het doel dat knelpunt op te lossen of te helpen oplossen, en zo aan te tonen het door de opleiding beoogde eindniveau te hebben bereikt (zie Kempen & Keizer, 2006, p. 22). Met behulp van het Tien Stappen Plan kan het complete projectverloop worden gestructureerd. Het boek en de daarbij behorende website (www.competentafstuderenenstagelopen. wolters.nl) 2 met onder meer checklisten en zelftrainingmodules, hel pen bij het verwerven en ontwikkelen van afstudeervaardigheden en beroepscompetenties zoals luisteren, interviewen, observeren, onder zoeken, meten en kwantificeren. Op de website treffen docenten hulp middelen aan om hun eigen rol als afstudeerbegeleider te vervolmaken. In dit artikel gaan we expliciet in op de wijze waarop het tsp helpt de kwaliteit van het afstuderen en begeleiden op een hoger plan te brengen. Daartoe geven we in paragraaf 2 eerst een typering van het tsp en 1 Het boek spreekt over een student, maar in de praktijk kan het ook gaan om duo s en trio s met zowel een aantoonbaar gezamenlijke inzet als onderscheidbare individuele bijdragen. 2 Docentgebruikers kunnen via de website een inlogcode aanvragen voor het docentendeel van de website. supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 089

2 van de afzonderlijke stappen. We benoemen daar ook de tsp-uitgangspunten en kritische succesfactoren met betrekking tot het beheersen van de kwaliteit van inhoud en procesgang van afstudeeropdrachten. Vervolgens maken we gebruik van de transparante structuur van het tsp om in paragraaf 3 een overzicht te geven van veel voorkomende problemen en begeleidingsvragen van studenten, geordend volgens de tien stappen. In paragraaf 4 gaan we in op vragen en problemen die afstudeerbegeleiders in het algemeen hebben bij het begeleiden van studenten. We doen dat in termen van een aantal soms met elkaar verweven spanningsvelden en dilemma s, zoals een brede of een smalle focus op begeleiding, de mate van diepgang, inhoudelijk sturen of zelf laten ontdekken, begeleiden versus beoordelen. We gaan vooral in op de betekenis van ondersteunende interventies, indachtig de terughoudende rol van de afstudeerbegeleider en de grote mate van zelfstandigheid van afstudeerders. De aangeduide dilemma s zullen zich overigens ook voordoen bij afstudeerbegeleiders die niet werken met tsp, misschien zelfs heviger, aangezien tsp wat betreft de aanpak al de nodige spanningen wegneemt. We sluiten in paragraaf 5 af met enkele aanbevelingen voor het trainen en begeleiden van afstudeerbegeleiders. B Het Tien Stappen Plan in kort bestek Er bestaat intussen de nodige literatuur over projectmatig werken (zoals Grit, 2005; Spanjer, 1999; Wijnen, Renes & Storm, 2000), maar wat daaraan vrijwel steeds ontbreekt is de advieskundige invalshoek benaderd vanuit het perspectief van de afstuderende (en stagelopende) hbo- en universitaire student. Het tsp (zie figuur 1) verdeelt het afstudeertraject in tien stappen. Door elke stap te voorzien van een aanbevolen doorlooptijd, aanwijzingen voor de uitvoering en een checklist voor kwaliteitscontrole ontstaat een overzichtelijk, transparant en beheersbaar traject. Werken volgens het tsp structureert aldus afstudeeropdrachten, biedt bijstuurmogelijkheden en lokaliseert dilemma s van begeleiders. Overzicht van de tien stappen Opvallend is dat de eerste vijf stappen in het tsp-schema, die samen de oriëntatiefase vormen, slecht 15 procent van de afstudeertijd beslaan. Dat is de tijd die nodig is om zekerheid te krijgen dat er van een succesrijke afstudeeropdracht sprake is. Als de go/no go -beslissing negatief uitvalt, is er nog voldoende tijd over om elders onderdak te zoeken. Ook de lange tijd voor invoering en afronding is opvallend. De verklaring is dat het tsp pas eindigt als er van een lopende implementatie sprake is. Van afstudeerders wordt verwacht dat zij de gekozen oplossing zo goed uitwerken dat zij die zelf kunnen helpen implementeren. Of van die mogelijkheid gebruik gemaakt wordt, hangt 90 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 090

3 Oriëntatiefase (15%)* Onderzoeksen oplossingsfase Invoeringsfase (35%)* (50%)* Figuur 1 Tien Stappen Plan van het stage- of afstudeertraject. 1 Externe oriëntatie 2 Intakegesprek 3 Oriënterende interviews 4 Analyse 5 Terugkoppeling/ contractering 6 Werkplanning en projectorganisatie 7 Diepteonderzoek 8 Oplossingsplan 9 Invoering 10 Afronding en afstuderen Oplossing Analyse Terugkoppeling *Aanbevolen tijdsverdeling van het totale project in fasen van het TSP sterk af van de ambities en mogelijkheden van de opleiding en van de competenties van de afstudeerder. Van het tsp-schema is de masterplanning af te leiden. Deze wordt opgesteld door de student bij de kennismaking met de begeleider. Het hele afstudeertraject wordt daarin gepland op basis van de tien stappen en geeft aan hoe de student gaat werken en hoe de begeleider de uitvoering kan monitoren. Voorafgaand aan de tien uitvoeringsstappen kent het tsp nog twee voorbereidingsstappen, te weten samenspel met de afstudeerbegeleider en verwerving van een afstudeeropdracht. Elk van de genoemde stappen wordt hierna kort behandeld, door de actie en het daarmee beoogde resultaat te benoemen. cas geeft per stap aanwijzingen en hulpmiddelen voor de werkuitvoering. De website biedt per stap hulpmiddelen voor zelfsturing op kwaliteit en voortgang. Uitgangspunten en kritische succesfactoren voor kwaliteitsbeheersing Om goed op de dilemma s van afstudeerders en hun begeleiders te kunnen ingaan, is ook enig inzicht nodig in de uitgangspunten en in de wijze waarop het tsp de afstudeerkwaliteit beheersbaar maakt. 1 Uitgangspunt van tsp is dat afstudeerders met hun vooropleiding inhoudelijk goed zijn toegerust voor het uitvoeren van afstudeeropdrachten, om aldus te kunnen demonstreren dat zij van hbo- of academisch niveau zijn. Om hen voldoende voor te bereiden op de meesterproef, krijgen studenten nog wat extra bagage mee in de supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 091

4 Tabel 1 Tien Stappen Plan. Activiteit Actie Resultaat Samenspel afstudeerbegeleider Werving opdracht Stap 1. Externe oriëntatie Stap 2. Intakegesprek Kennismakingsgesprek afstudeerders en afstudeerbegeleider Opdrachtwerving door de student onder begeleiding van de afstudeerbegeleider Onderzoeken van brancheontwikkelingen Preciseren van opdracht en werkwijze met opdrachtgever en afstudeerbegeleider Concrete werkafspraken over opdrachtuitvoering en begeleiding Door student en afstudeerbegeleider goedgekeurde voorlopige opdracht Branchegerelateerd probleeminzicht om probleem van de opdrachtgever beter te kunnen plaatsen en bespreken bij de intake Eenheid van opvatting over de uitvoering vanstap3-5 Stap 3. Oriënterende interviews Interviews met probleembetrokkenen Meer inzicht in het probleem, de urgentie ervan en draagvlak voor de aanpak Stap 4. Analyse Stap 5. Terugkoppeling/contractering Stap 6. Werkplanning/projectorganisatie Stap 7. Diepteonderzoek Stap 8. Oplossingsplan Stap 9. Invoering Stap 10. Afronding en afstuderen Nemen van go/no go -beslissing en voorstel maken voor opdracht en globaal plan van aanpak Presenteren voorstellen voor vervolg aan opdrachtgever en probleembetrokkenen Ontwerpen voorstel voor trajectplanning en projectorganisatie en afstemmen met opdrachtgever Uitvoeren gepland onderzoek en bijsturen van afwijkingen Rapporteren van onderbouwde oplossingsvoorstellen met voorkeursoplossing Opstellen implementatieplan en (helpen) invoeren van de gekozen oplossing Opstellen van het afstudeerrapport, overdragen van het projectresultaat, afstuderen Terugkoppelingspresentatie ten behoeve van opdrachtgever en probleembetrokkenen Geaccepteerd voorstel voor definitieve opdracht en globaal plan van aanpak Geaccepteerde trajectplanning en projectorganisatie Voldoende inzicht om tot oplossingen te komen Geaccepteerd oplossingsplan Lopende implementatie Tevreden klant, leerrendement en (uiteindelijk) diploma vorm van cas, de website en liefst daarbij passende curriculumonderdelen. 2 Onafhankelijk werken is een belangrijk criterium voor de eindbeoordeling. Op die onafhankelijkheid is tsp ingesteld, met zelfstudie, zelfsturing, zelfcontrole en zelfredzaamheid (mede met behulp van de instrumenten op de website). Taak van de begeleider daarbij is zoveel mogelijk het bevestigen van de eigen verantwoordelijkheid van de afstudeerder. Dat betekent dat de tsp-begeleider in principe niet verantwoordelijk is voor het welslagen van de afstudeeropdracht en de kwaliteit daarvan. Dat hier naar ons idee wel een spanningsbron ligt, komt in de komende paragrafen aan de orde. 92 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 092

5 Dat heeft te maken met de omstandigheid dat de afstudeerbegeleider ook het belang van opdrachtgever en opleiding dient te bewaken, in het bijzonder bij calamiteiten. 3 tsp-begeleiding is een haal- en brengactiviteit. Begeleiders kunnen ook ongevraagd adviseren en afstudeerders oproepen voor een gesprek, en de naleving bewaken van de afspraken met de afstudeerders. Zo kan ook de student tussentijds om raad of afstemming vragen. 4 Indachtig de advisering van de Onderwijsraad (2004a, 2004b), dient ernaar gestreefd te worden begeleiden en beoordelen te scheiden, in ieder geval zo dat een begeleider nooit als enige een eindbeoordeling geeft van zijn/haar student, maar zorgt voor een medebeoordelaar en ook het oordeel van de opdrachtgever van de afstudeeropdracht gewogen meeneemt in de eindbeoordeling. 5 Afstudeerders kunnen, hoe vervelend ook, een onvoldoende beoordeling krijgen voor hun afstudeeropdracht, ook bij tsp-gebruik, al biedt tsp veel mogelijkheden om de kans daarop te verkleinen. Om tsp beheersbaar en effectief in te zetten, zowel voor afstudeerders als hun begeleiders wordt een aantal kritische succesfactoren onderkend aan de hand van de procesgang van tsp. Kwaliteit van afstudeerders en begeleiders. De afstudeercompetentie van de student kan verbeterd worden door het aanbieden van een voorbereidend curriculum waarvoor in boek en website ruim voldoende stof en oefeningen voorhanden zijn. Belangrijke onderdelen van zo n curriculum zijn de verplichte bestudering van boek en website, om te bereiken dat deze ook tijdens de opdrachtuitvoering actief als naslagwerk gebruikt kunnen worden. De begeleidingscompetentie van de afstudeerbegeleider kan bevorderd worden door training en certificering als tsp-begeleider, invoering van het tsp als standaardmethodiek voor de hele opleiding, en invoering van een evaluatie- en verbeterprocedure in het docentencorps. Samenwerking tussen afstudeerder en afstudeerbegeleider. De samenwerking kan bevorderd worden door een afstudeerbegeleider aan te wijzen vóór werving van de opdracht, door concrete samenwerkingsafspraken tussen afstudeerder en afstudeerbegeleider en consequente naleving daarvan gedurende het hele traject. Vanuit de opleiding dienen voldoende uren (20 tot 25) uitgetrokken te worden voor optimale begeleiding. De hoeveelheid beschikbare begeleidingstijd is uiteraard van invloed op de nadere invulling en dus op kwaliteit van de begeleiding. Kwaliteit van de afstudeeropdracht en klanttevredenheid. De kwaliteit van de afstudeeropdracht kan bevorderd worden door werving door de student zelf onder begeleiding van de afstudeerbegeleider, door kwaliteitscriteria aan te geven voor de keuze van afstudeeropdrachten (bij voorkeur in een afstudeerhandleiding), en waar mogelijk afstudeerorganisaties tevoren te informeren over het werken met het tsp. Zelfwerving biedt de kans op meer actuele opdrachten die beter supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 093

6 aansluiten bij de wensen en competenties van afstudeerders. Zij moeten wel werven op basis van duidelijke kwaliteitscriteria, waarvan een aantal voorbeelden in cas genoemd is. Door bekendheid met tsp kunnen opdrachtgevers daar tijdig op inspelen: de oriëntatiefase kan zorgvuldig doorlopen worden omwille van een op realisatie meetbare opdrachtformulering, er kan geanticipeerd worden op periodieke afstemming, en uiteindelijk kan er een afsluitend evaluatiegesprek met opdrachtgever en andere betrokkenen plaatsvinden. De oriëntatiefase levert hopelijk zicht op verborgen verwachtingen en wensen, waardoor bijgesteld kan worden op wat haalbaar is. Concrete afspraken voorkomen misverstanden en laten betere afstemming onderweg toe. Door goed te evalueren worden kleine ongenoegens uitgepraat en stijgt de klanttevredenheid. Transparantie en kwaliteit van de projectuitvoering. Om de transparantie en de kwaliteit van de projectuitvoering te bevorderen, dienen afstudeerders bij het kennismakingsgesprek met de begeleider geïnformeerd te worden over de beoordelingscriteria en bij elke volgende stap het boek nog eens door te nemen. Bij het tsp wordt sterk aanbevolen dat de begeleider aanwezig is zowel bij stap 2 (intake) als bij stap 5 (terugkoppeling/contractering). Daar wordt het fundament gelegd voor de go/no go -beslissing en het verloop van het verdere traject. Vereist is het laten opstellen en hanteren van een masterplan voor het hele traject (zonodig door bijstuuropties aan de orde te stellen) en het instellen van logboekgebruik (kopie aan afstudeerbegeleider voor feedback). Door de heldere tsp-beschrijving van het hele afstudeertraject ontstaat meer inzicht in vragen en problemen van afstudeerders en hoe begeleiders daarmee kunnen omgaan. Veel van die vragen worden in cas aangeroerd en vaak van oplossingsideeën voorzien, die hier niet verder worden behandeld. C Problemen en begeleidingsvragen van afstudeerders Bij het maken van een inventarisatie van problemen en vragen van afstudeerders zijn we zowel inductief ( Wat komen we aan problemen en vragen tegen in de praktijk? ) als deductief ( Welke problemen en vragen mogen we verwachten op grond van de methode? ) te werk gegaan. We beginnen met de beide aandachtspunten uit de voorbereidingsfase en behandelen vervolgens de lastigheden van elke volgende stap uit tsp. Uitgangspunt daarbij is dat de afstudeerder grondig kennis heeft genomen van cas en zichzelf verantwoordelijk houdt om in geval van problemen en vragen aangaande een of meer onderdelen van tsp eerst zelf het boek en/of de website te raadplegen, en vooral de bij de betreffende stap behorende logboekvragen goed te bekijken. Omdat afstudeerders geacht worden met een hoge mate van zelfstandigheid te 94 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 094

7 werk te gaan, mag de eerste interventie van de afstudeerbegeleider bij een hulpvraag van een afstudeerder bestaan uit het stellen van de vraag: Ben je al nagegaan wat het boek en de website, meer in het bijzonder het logboek, erover zeggen? Dat betekent niet dat de afstudeerder wordt afgescheept, wel dat een beroep wordt gedaan op diens zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid. Desondanks kan de afstudeerder met problemen blijven zitten en die in vraagvorm aan de afstudeerbegeleider voorleggen. We geven per fase enkele voorbeelden van dilemma s van afstudeerbegeleiders bij het omgaan met deze vragen. Voorbereidingsfase: kennismaking tsp kent, zoals gezegd, behalve de tien stappen een voorbereidingsfase, waarin het leggen van een relatie met de afstudeerbegeleider en het werven van een afstudeeropdracht belangrijke taken zijn. In de voorbereidingsfase (dus nog voor het eigenlijke werken met tsp begint) kan het gaan om vragen als: Wat is een goed onderwerp voor een afstudeeropdracht en hoe en waar vind ik dat? Hoe vind ik een geschikt afstudeermaatje? Wat is nodig voor goede samenwerking en wat staat het in de weg? Hoe kom ik tot een goede afstudeer- en projectplanning? 3 Hoe maak ik gebruik van mijn afstudeerbegeleider? Waarop word ik als afstudeerder beoordeeld? Valkuilen in verband hiermee zijn een verkeerde of onuitvoerbare probleemstelling, ongestructureerd werken, uit de planning lopen, samenwerkingsproblemen in afstudeergroepjes, te solistisch werken en de beoordelingscriteria niet kennen of uit het oog verliezen (Kempen & Keizer, 2006, p , 60-63). Wat betreft het eerste aandachtspunt: solistisch werken blijkt nogal eens daaruit dat afstudeerders hun afstudeerbegeleider (die vaak ook beoordelaar is) niet goed gebruiken, terwijl die er juist voor bedoeld is om op terug te vallen op moeilijke momenten. Dat kan aan de afstudeerbegeleider zelf liggen, voor zover deze uitgaat van het motto geen bericht is goed bericht (en wellicht een volle agenda heeft). Maar het kan ook aan de afstudeerder(s) zelf liggen. Niet regelmatig contact zoeken met de begeleider(s) en deze niet informeren over (gebrek aan) voortgang en resultaten maakt het begeleiden er niet gemakkelijker op. Daardoor neemt de afstandelijkheid toe. Anders gezegd: goed geïnformeerde afstudeerbegeleiders voelen zich meer betrokken en kunnen meer voor de afstudeerder betekenen. Dat afstudeerbegeleiders daarin spanningsvelden kunnen ervaren en zich voor dilemma s geplaatst zien, komt in paragraaf 4 aan de orde. Duidelijk is dat samenwerkingsproblemen tussen afstudeerder(s) en afstudeerbegeleider voor een goed deel besproken worden door in de voorbereidingsfase goede samenwerkingsafspraken te maken. Voor het kennismakingsgesprek dienen de afstudeerders een voorbereidende 3 Dit onderscheid is relevant voor zover afstudeerders tijdens hun afstuderen nog meer opleidingsonderdelen moeten doen (hertentamens, keuzevakken, minoren). supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 095

8 agenda te maken (Kempen & Keizer, 2006, p ). Een dilemma dient zich aan op het moment dat de afstudeerders essentiële punten voor de kennismaking kennelijk niet op de agenda hebben gezet of vergeten zijn deze ter sprake te brengen (bijvoorbeeld de beoordelingscriteria voor afstudeeropdracht en afstudeerders). Dilemma is dan: dit maar zo laten of zelf de betreffende punten naar voren brengen. Voorbereidingsfase: werving van de afstudeeropdracht De eigenlijke begeleiding in de voorbereidingsfase begint na de kennismaking en het maken van werkafspraken bij het werven van de afstudeeropdracht. Afstudeerders kunnen in die fase met de nodige moeilijkheden geconfronteerd worden. Werving kan bemoeilijkt worden doordat de criteria voor goede afstudeeropdrachten niet helder zijn. Probleem kan verder zijn het niet kunnen werven van een goede opdracht (verkeerde kanalen, verkeerd zoekgedrag, gebrekkige zelfpresentatie) en het niet kunnen komen tot overeenstemming met de opdrachtgever over de portee van de opdracht. Dit kan de afstudeerbegeleider in de verleiding brengen inhoudelijk in te grijpen, uiteenlopend van verwijzen naar cas (Kempen & Keizer, 2006, p. 69), via wijzen op afstudeermogelijkheden, tot relaties uit het eigen netwerk van de afstudeerbegeleider inschakelen of zelfs zelf een afstudeeropdracht regelen. Van afstudeerders mag verwacht worden dat zij zelf wervingsbrieven (kunnen) schrijven (Kempen & Keizer, 2006, p ), al is de praktijk wel eens anders. Een wervingsbrief kan beschouwd worden als een tussenproduct dat door de afstudeerbegeleider van commentaar kan worden voorzien. Dan kunnen afstudeerders nog problemen hebben met de keuze voor een afstudeeropdracht of met de keuze tussen twee of meer afstudeeropdrachten. Hier kan de rol van de afstudeerbegeleider uiteenlopen van het bieden van procesbegeleidende hulp bij het maken van de keuze tot het geven van een al dan niet dwingend advies in het licht van de criteria, de ingeschatte moeilijkheidsgraad van de opdracht en de vermoede kwaliteiten van de afstudeerders. Stap 1. Externe oriëntatie Deze stap is gericht op het verwerven van informatie over de branche in relatie tot de vraagstelling van de opdrachtgevende organisatie. Hierbij kunnen afstudeerders komen met vragen over de keuze van bronnen (Kempen & Keizer, 2006, p ) en met het interpreteren en beoordelen van de kwaliteit van de gevonden informatie (bijvoorbeeld ten aanzien van externe ontwikkelingen, de concurrentiepositie en de financiële situatie van de afstudeerorganisatie). Verder kunnen er vragen komen over hoe zich op te stellen en wat te vragen in acquisitiegesprekken. Hier kan de afstudeerbegeleider zich opwerpen als sparringpartner en helpen bij het formuleren van de juiste acquisitievragen, uiteenlopend van helpen ontdekken wat de goede vragen zijn tot ze regelrecht voorzeggen of zelfs voorschrijven (Kempen & Keizer, 96 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 096

9 2006, p ). Dilemma s kunnen zich ook voordoen met betrekking tot de interpretatie van de informatie. Stap 2. Intakegesprek In het intakegesprek moet de aanvankelijk aangeboden afstudeeropdracht gepreciseerd worden en moeten verwachtingen, mogelijkheden en beperkingen van de kant van de opdrachtgever besproken worden. Bij dat gesprek dient volgens het tsp de afstudeerbegeleider aanwezig te zijn, maar dan ligt er wel het probleem van de regie en de rolverdeling. Afstudeerders kunnen zich in verlegenheid gebracht voelen door de aanwezigheid van de afstudeerbegeleider. Deze kan het gesprek naar zich toe trekken door aanvullende kritische vragen stellen of met eigen verhalen te komen over soortgelijke afstudeeropdrachten. Ook hier geldt dat goede afspraken vooraf tussen afstudeerbegeleider en afstudeerder(s) de spanning voor een belangrijk deel kunnen wegnemen, bijvoorbeeld door de afstudeerbegeleider te vragen om pas subtiel en diplomatiek in te grijpen als het gesprek niet het gewenste verloop neemt (bijvoorbeeld doordat op lange tenen wordt getrapt) en verder vooral terughoudend op de achtergrond te blijven. Desgewenst kan het intakegesprek voorbereid worden door een oefening op basis van een passende agenda (Kempen & Keizer, 2006, p ). Stap 3. Oriënterende interviews De oriënterende interviews worden gevoerd met vijf tot tien zorgvuldig gekozen personen die informatie kunnen verschaffen over de ins en outs van de afstudeeropdracht: medeverantwoordelijken, probleemhebbers, slachtoffers en adviesgerechtigden (zoals de ondernemingsraad). Informatie kan ingewonnen worden over de probleemstelling en de context van de afstudeeropdracht (bedrijfsprocessen, organisatiecultuur), verschillen in probleembesef en oplossingsverwachtingen, draagvlak voor opdrachtverstrekking en oplossingsaanpak. Vragen van afstudeerders hebben nogal eens betrekking op het verkrijgen van toegang tot en medewerking van bedoelde informatieverschaffers, met het opbouwen van een vertrouwensband en met de interpretatie van de verkregen informatie. Interventies van afstudeerbegeleiders kunnen uiteenlopen van kritische vragen stellen ( Wat wil je precies van de informanten te weten komen en hoe ga je ze dat vragen? ) via suggesties en tips tot zelf afspraken maken. Ook is een korte interviewtraining mogelijk en wellicht zelfs gewenst, ook al zijn deze vaardigheden al eerder in de opleiding aan de orde geweest; zie hiervoor ook de betreffende trainingsmodule op de website (Kempen & Keizer, 2006, p ). Stap 4. Analyse In deze stap wordt op basis van verkregen informatie uit de voorgaande stappen en in overleg met de afstudeerbegeleider een go/no go -beslissing genomen over de afstudeeropdracht, eventueel in bijgestelde vorm en in ieder geval voorzien van een globaal plan van aanpak. In de supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 097

10 analyse wordt in feite de terugkoppelingspresentatie uit stap 5 voorbereid, onder meer door de informatie terug te koppelen naar relevante theorie (Kempen & Keizer, 2006, p ). Afstudeerders kunnen hier met vragen komen betreffende de voortgang. Kunnen of moeten aanvullende eisen gesteld worden? Wat betekent een eventuele no go -beslissing voor de gedane investeringen? De verleiding is groot toch maar door te gaan, als het zoeken van een andere afstudeeropdracht het alternatief is. Daarom is het zaak een early warning system te hebben voor een eventuele no go -beslissing (vage opdrachten, slordig met afspraken en toezeggingen, en andere signalen die ontleend kunnen worden aan de criteria voor goede afstudeeropdrachten) en zo spoedig mogelijk te stoppen als het afstudeerperspectief ontbreekt en doorgaan slechts tijdsverlies betekent. Wel of niet doorgaan blijft echter de belangrijkste vraag, die extra prangend wordt als afstudeerder(s) en afstudeerbegeleider hieromtrent verschillende inzichten hebben. Belangrijk is hoe de afstudeerbegeleider hiermee omgaat; van de afstudeerders zelf laten ontdekken tot zelf dwingend de knoop doorhakken. Een andere vraag is welke literatuur het beste geraadpleegd kan worden en wat precies in de terugkoppelingspresentatie aan de orde dient te komen. 4 Deze contractering heeft het karakter van een driehoekscontractering, met als betrokken partijen de opdrachtgever, de afstudeerder(s) en de opleiding (in casu de afstudeerbegeleider). Daarin dient aandacht besteed te worden aan de afbakening van ieders bijdragen, verantwoordelijkheden en rollen inzake inhoud, begeleiding en beoordeling van de afstudeeropdracht, aan materiële condities, verdere wederzijdse verwachtingen en aan de wijze van contact onderhouden. Stap 5. Terugkoppeling en contractering In de terugkoppelingssessie wordt vastgesteld of het beeld dat uit de voorgaande stappen naar voren is gekomen, klopt met de percepties van de betrokkenen. In feite wordt de go -beslissing beklonken met een daadwerkelijk contract 4 en met vervolgafspraken voor de volgende stappen (diepteonderzoek en uitvoeringsmaatregelen). Omdat bij de terugkoppelingspresentatie de afstudeerbegeleider aanwezig is, dienen over diens aanwezigheid afspraken gemaakt te worden (ongeveer conform stap 2). Het voorstel voor deze presentatie kan vooraf als tussenproduct ter bespreking voorgelegd worden aan de afstudeerbegeleider, met als voornaamste vragen: wie nodigen we ervoor uit, wat moet erin en hoe gedetailleerd, hoe ziet een wervende presentatie er uit en hoe kan ik mij er het best op voorbereiden (Kempen & Keizer, 2006, p )? Hier ligt voor de afstudeerbegeleider het spanningsveld van wel of geen inhoudelijke bemoeienis: van verwijzen naar cas en de website via het stellen van vragen tot het doen van inhoudelijke suggesties met een meer of minder dwingend karakter. Stap 6. Werkplanning en projectorganisatie In deze stap wordt een uitgewerkte projectplanning (met gedetailleerde uitvoeringsbeslissingen) gemaakt en wordt de projectorganisatie nader ingevuld als eerste stap in de onderzoeks- en oplossingsfase. Het voornaamste doel hiervan is een handvat te hebben om de afstudeeropdracht binnen de gestelde tijd af te hebben (Kempen & Keizer, 2006, p ). Hier kunnen planningstechnieken, zoals het maken van een strokenplanning en een netwerkplanning, goede diensten bewijzen 98 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 098

11 (Grit, 2005, hfst. 4). Een werkplanning kan beschouwd worden als een te becommentariëren tussenproduct. De voornaamste vragen van afstudeerders hebben betrekking op: heb ik alle relevante activiteiten in de goede volgorde in de planning opgenomen en de benodigde tijd correct ingeschat? Voor de afstudeerbegeleider leidt dit tot keuzen met betrekking tot wel of niet inhoudelijk sturen (zelf laten ontdekken, waarschuwen voor missers) tot het doen van verbetersuggesties, al dan niet dwingend. Stap 7. Diepteonderzoek Bij deze stap is het lange middenstuk van de afstudeeropdracht aangebroken waarin een diagnose wordt gesteld en oplossingsrichtingen worden bepaald en waarin in ieder geval informatie verzameld moet worden (Kempen & Keizer, 2006, p ). Omdat afstudeeropdrachten wat betreft strekking en inhoud erg van elkaar kunnen verschillen, kan hierover weinig algemeens gezegd worden. Belangrijk is wel het kiezen van een goede onderzoeksopzet en het formuleren van de juiste vragen, het bewaken van de planning, tijdig terugkoppelen van bevindingen naar zowel opdrachtgever als afstudeerbegeleider, letten op draagvlak voor oplossingsrichtingen, en het bijhouden van een overzichtelijk projectdossier waarin veranderingen van inhoud, planning en verloop van het project worden vastgelegd. Zaak is om ook in deze fase goed gebruik te maken van de literatuur over theoretische concepten en werkmodellen betreffende de inhoud van de afstudeeropdracht, alsmede van eerder in de opleiding verworven competenties, indachtig het integratieve karakter van de integrale leerlijn waaronder afstudeeropdrachten vallen (De Bie & De Kleijn, 2001). Bij deze stap zijn monitoren en bijsturen essentiële activiteiten, alsmede in de gaten houden of de gang van zaken nog beantwoordt aan afgesproken productspecificaties en procescriteria, zoals geformuleerd vanuit de opleiding. Dit bijsturen kan betrekking hebben op meer tijd investeren, meer delegeren, efficiënter werken, de werkplanning versmallen en eventueel de opdracht bijstellen. In ieder geval staan afstudeerders hier soms voor lastige beslissingen waarbij ondersteuning van de afstudeerbegeleider geen overbodige luxe is. Ook hier kan deze wat betreft interventierepertoire kiezen tussen procesmatige bijdragen, inhoudelijke suggesties en min of meer dwingende adviezen. Stap 8. Oplossingsplan Kerndoelstelling van stap 8 is te komen tot verdedigbare (onderbouwde en praktisch bruikbare) oplossingen en het vinden van draagvlak daarvoor bij de opdrachtgever. Het gaat hier minder om een lineair proces dan om een iteratief proces waarbij nieuwe diagnostische informatie over het probleem kan leiden tot bijstellen van de oplossing (Kempen & Keizer, 2006, p ). Het aanbieden van alternatieve opties kan daarbij getuigen van een doorwrochte aanpak, evenals het opstellen van een globaal invoeringsplan (onder meer om zicht te krijgen op eventuele uitvoeringsproblemen). Hier zullen afstudeerders supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 099

12 komen met vragen over de inhoudelijke kwaliteit van voorgestelde oplossingen en met implementatievragen (draagvlak creëren, omgaan met plots gerezen weerstanden). Ook hier kan de afstudeerbegeleider kiezen tussen een vragende opstelling of juist een meer inhoudelijk adviserende bijdrage. Stap 9. Invoering Het tsp leert de student om ook zelf mee te werken aan de invoering van zijn geaccepteerde oplossing. Dat lukt beter als daarvoor in de masterplanning voldoende tijd is ingeruimd. Zo realiseert de student dat de organisatie echt verbetert en dat is een hoogwaardiger prestatie dan eindigen met een rapport. Essentieel daarvoor is een goed implementatieplan. Daarin dient onder meer aandacht besteed te worden aan de inhoud van de verandering, het beoogde concrete eindresultaat en de organisatievoorwaarden voor invoering, aan de betrokkenen bij de verandering, uiteraard aan een realistische planning en niet te vergeten aan de eigen rolkeuze daarin van de afstudeerders (manager, helper, bewaker) en bijbehorende interventies (Kempen & Keizer, 2006, p ). Afstudeerders kunnen hieromtrent met tal van vragen komen, waarbij vooral die ten aanzien van de eigen rolkeuze en wijze van interveniëren belangrijk zijn. Stap 10. Afronding en afstuderen De afronding kan bestaan uit een wervende afstudeerpresentatie waarin een en ander wordt gepresenteerd (bijvoorbeeld het adviesrapport of een andere tastbare vorm van het afstudeerresultaat, zoals een computerprogramma). Als de afstudeerders daadwerkelijk betrokken zijn bij de invoering van het projectresultaat, zal zo n presentatie al eerder plaats hebben. In ieder geval moet er nog wel een evaluatieronde plaatsvinden waarin vastgesteld wordt of het projectresultaat voldoet, hoe de overdracht van kennis en werkzaamheden is geregeld, of en hoe aan nazorg wordt gedaan, hoe de samenwerking was, hoe er procesmatig is gewerkt (met tsp) en tot welk leerrendement de afstudeeropdracht bij de afstudeerder(s) heeft geleid. De afstudeerbegeleider kan de eindpresentatie of het afrondend gesprek desgevraagd helpen voorbereiden, bijvoorbeeld door de afstudeerders daartoe oefengelegenheid te bieden (Kempen & Keizer, 2006, p ). De vraag van afstudeerders is doorgaans wat hier precies door wie beoordeeld wordt, en wiens stem daarin de doorslag geeft. Het maken van goede afspraken vooraf, op basis van een heldere beoordelingsprocedure en werkbare beoordelingscriteria in de afstudeerhandleiding, neemt hier al veel onrust weg. Afstudeerbegeleiders staan desondanks voor de vraag op welke wijze de zelfstandigheid van de afstudeerder(s) wordt meegewogen in relatie met andere, meer inhoudelijke aspecten van de beoordeling. 100 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 100

13 Daarmee hebben we de voornaamste vragen van afstudeerders per tspstap aangeduid. Tot slot noemen we drie kwesties die zich door het hele afstudeertraject kunnen voordoen: de opdrachtgever komt onderweg tot veranderde inzichten met betrekking tot de afstudeeropdracht; in de realiteit van de afstudeerorganisatie doen zich onvoorziene situaties voor die vragen om een serieuze koerswijziging; de afstudeerder schiet tekort in inhoudelijke en/of samenwerkingskwaliteit. Onnodig te zeggen dat deze door afstudeerders ervaren en naar voren gebrachte specifieke en meer algemene moeilijkheden afstudeerbegeleiders voor begeleidingsdilemma s kunnen plaatsen (zoals er hierboven al enkele werden aangeduid). Tijd om daar in de volgende paragraaf nauwkeuriger naar te kijken. D Dilemma s voor afstudeerbegeleiders Bij het hanteren van de in de vorige paragraaf beschreven problemen en begeleidingsvragen stuiten afstudeerbegeleiders op een aantal keuzen en dilemma s. Het gaat hier om keuzen en dilemma s die op zich niet specifiek zijn voor afstudeerbegeleiding (Van den Boomen, Merkies & Hoonhout, 2004, p , , , ) 5, maar die binnen de context van afstudeerbegeleiding wel een specifieke inhoud en betekenis krijgen. Dankzij de procestransparantie van het tsp zijn dilemma s van begeleiders gemakkelijker te lokaliseren en bespreekbaar te maken. Of een bepaalde kwestie inderdaad een dilemma voor de afstudeerbegeleider is, hangt in grote mate af van de eindtermen van de betreffende opleiding, van de toepassingswijze van het tsp en van de begeleidingsafspraken wat betreft samenwerking en verantwoordelijkheidstoedeling die gemaakt zijn tussen de afstudeerbegeleider en de afstudeerder(s). Bij de eindtermen van de opleiding staat vaak het afstudeerresultaat centraal (de meesterproef ) en evenzeer, maar mogelijk ook in mindere mate, de reflectie op het proces waarlangs dat resultaat is bereikt en het vaststellen van leerrendement van het uitvoeren van de afstudeeropdracht. Wat de eindtermen van het verrichten van een afstudeeropdracht ook zijn, het belangrijkste uitgangspunt is de zelfstandigheid van afstudeerders als bepalend element van de begeleidingscontext. Daarbij willen we aantekenen dat die zelfstandigheid wel gerealiseerd moet worden binnen de afgesproken tijdslimiet en binnen een niet altijd heldere verantwoordelijkheidsverdeling. Met betrekking tot dat laatste is het vooral de vraag, hoe verantwoordelijk de afstudeerbegeleider (en indirect het opleidingsinstituut) voor het welslagen van de afstudeeropdracht is. Als de opleiding contractueel een resultaatverplichting afspreekt, kan dat een zware druk leggen op de afstudeerbegeleider en die zelfs kunnen verplichten tot het leve- 5 Hoewel we hun indeling in spanningsvelden en dilemma s niet overnemen (als gevolg van hun niet-eenduidige conceptualisering van coaching en niet zwaar genoeg aanzetten van het belang van zorgvuldig contracteren) biedt hun boek wel bruikbare aanknopingspunten. (Voor een kritische bespreking zie Bennink, 2005.) supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 101

14 ren van eigen bijdragen. Maar zelfs als dergelijke - in onze ogen onwenselijke -afspraken er niet zijn, kan de afstudeerbegeleider de morele verplichting voelen kwaliteit te leveren (bijvoorbeeld alleen al omwille van de goede naam van het opleidingsinstituut). Ook dit kan de kwaliteit van begeleiden en beoordelen beïnvloeden. In die begeleiding doet zich vervolgens een aantal spanningsvelden voor, met bijbehorende dilemma s en valkuilen. 1 Een belangrijk spanningsgebied is de focus van de begeleiding: gaat het om het taakgericht helpen realiseren van een goed afstudeerproduct of om het procesgericht begeleiden van een breder persoonlijk ontwikkelings- en leerproces van de afstudeerder? 2 In het verlengde van het eerste dilemma ligt een tweede spanningsveld wat betreft de diepgang van de begeleiding. 3 Eveneens in het verlengde van het eerste dilemma ligt een derde spanningsveld: de spanning tussen inhoudelijk sturen en zelf laten ontdekken. Een apart te noemen aspect hiervan betreft de vraag van wie het begeleidingscontact dient uit te gaan, van de afstudeerder(s), van de begeleider of van beiden naar eigen behoefte. 4 Het vierde spanningsveld betreft de spanning tussen begeleiden en beoordelen. Van elk van deze spanningsvelden en daaraan inherente dilemma s geven we hieronder een korte beschrijving. 6 We gaan in onze bijdrage niet specifiek in op de vereiste competenties van een afstudeerbegeleider. Het is te verwachten dat de professionele achtergrond van de afstudeerbegeleider van invloed is op de inhoud en wijze van begeleiden. Zo zouden afstudeerbegeleiders met een supervisieachtergrond een sterker accent kunnen leggen op leren, terwijl afstudeerbegeleiders met specifieke materiedeskundigheid in hun begeleiding meer de nadruk leggen op de inhoud van de afstudeeropdracht. De focus van de begeleiding Dit spanningsveld betreft de spanning tussen taakgerichte begeleiding en begeleiding van de algehele mens en diens zelfontplooiing. Gaat het alleen om werkprocessen of ook om samenwerkings-, leer- en/of begeleidingsleerprocessen? 6 Gaat het er puur om de student door de tien stappen heen loodsen, of kunnen ook andere daarmee samenhangende of daaruit voortvloeiende begeleidingsvragen aan bod komen? Een afstudeerder wordt bijvoorbeeld geconfronteerd met een gebrek aan relationele en communicatieve vaardigheden (blijkens samenwerkingsproblemen), faalangst (niet durven een confrontatie met de opdrachtgever aan te gaan), leerstoornissen (niet goed kunnen reflecteren), socialisatievragen (ik merk dat de opdrachtgever uit een heel ander sociaal milieu komt dan ik) of met een ernstige motivatiecrisis met betrekking tot de opleiding (het lukt niet een cursusonderdeel uit een eerder studiejaar met goed gevolg af te sluiten). Gaat het om begeleiding bij het verrichten van afstudeertaken, of om meer: zelfinzicht, zelfvertrouwen, ontwikkelen van generieke competenties? Vraag is wat het meest passende focus moet zijn. Bij dit dilemma dreigen twee valkuilen, één aan elke kant van het dilemma. Aan de ene kant blijft de begeleiding een zakelijke, taakgerichte aangelegenheid met veronachtzaming van de persoonskant, de procesgang en storingen daarin, en de leereffecten daarvan. Aan de andere kant ligt de valkuil van uit het oog verliezen van het taakaspect van de afstudeeropdracht, als de aandacht te zeer wordt verspreid over 102 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 102

15 andere - overigens niet onbelangrijke - aandachtspunten zoals samenwerkingsprocessen en leerprocessen ( Leuk samengewerkt, veel geleerd, maar het resultaat is niet goed ). Doorgaans zal de focus van de begeleiding toch wel zijn: het op een taakgerichte manier tot een goed einde brengen van de afstudeeropdracht. Dat betekent dat aan relationele en communicatieve aspecten - tussen afstudeerder(s) en begeleider en tussen afstudeerders onderling - alleen aandacht wordt besteed als daarvan een nadrukkelijk storend effect uitgaat. Onderzocht kan dan worden of het gedrag tijdens de begeleiding symptomatisch is voor het afstudeergedrag (bijvoorbeeld slecht verwoorden, afspraken niet nakomen). De mate van diepgang van de begeleiding In het verlengde van de focus van de begeleiding ligt het continuüm van de mate van diepgang van de begeleiding. Welke aspecten van de persoon van de afstudeerder worden in de begeleiding gekozen? Welk niveau van interventiediepte wordt gekozen of juist bewust vermeden? Bij dit continuüm kan gedacht worden aan externe problemen (een opdrachtgever die moeilijk doet, uitblijvende onderzoeksgegevens), rolproblemen (tussen afstudeerder en opdrachtgever of tussen afstudeerders onderling), gebrek aan kennis en vaardigheden, houdings- en motivatieproblemen, vergroten van zelfkennis, belemmerende overtuigingen (inclusief opvattingen over de eigen persoon), en identiteitsen zingevingsproblemen. De samenhang met het eerste spanningsveld is dat bij elk dieper niveau de focus van de begeleiding kan verbreden of zelfs verschuiven. Faalangst kan ook voorkomen in andere situaties dan bij de afstudeeropdracht. Het leerstuk van de logische niveaus (ontleend aan Gregory Bateson), zoals dat wel wordt gehanteerd binnen neurolinguïstisch programmeren (nlp), leert dat: een diepere laag de inhoud op daarboven liggende niveaus organiseert; verandering op een ondieper niveau verandering op een dieper niveau teweeg kan brengen; verandering op een dieper niveau veranderingen op minder diepe niveaus teweeg zal brengen. 7 Dat betekent dat, op grond van deze overwegingen voor echte veranderingen, zo diep mogelijk geïntervenieerd moet worden terwijl dat in de afstudeercontext lang niet altijd mogelijk of wenselijk is. Van belang is ook hier een goede contractering tussen de afstudeerbegeleider en de afstudeerder(s) in het licht van de eindtermen van de betreffende opleiding. Op diverse momenten kan zich het diepgangsdilemma voordoen, bijvoorbeeld bij samenwerkingsproblemen. Het maken van betere afspraken (niveau van rollen en taken) kan vaak al wonderen doen, maar ook diepere interventies zijn mogelijk, zoals het onderzoeken van de 7 De hier aangevoerde denkwijze is dezelfde als bij de logische niveaus van nlp, met dien verstande dat wij hier spreken van steeds diepere niveaus (dieper in de persoon verankerd) en er bij nlp sprake is van steeds hogere niveaus. supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 103

16 manier waarop afstudeerpartners elkaar waarnemen en al dan niet bewuste verwachtingen hebben ten aanzien van elkaar. In alle gevallen betekent dit dilemma dat twee valkuilen vermeden moeten worden. De ene is de valkuil van problemen zodanig diepgaand oplossen (steeds maar zoeken naar de vraag achter de vraag en ongevraagd spitten in de tuin van een ander ; Van den Boomen, Merkies & Hoonhout, 2004, p. 90) dat de eigenlijke taakstelling - het maken van het projectresultaat - uit het oog wordt verloren. De andere valkuil is het bagatelliseren of over het hoofd zien van dieperliggende problemen, met als gevolg dat juist door die dieperliggende problemen niet effectief, efficiënt en elegant aan het afstudeerresultaat kan worden gewerkt. In het algemeen is het handhaven van een zekere afstandelijkheid ten aanzien van de afstudeerder wenselijk, bezien vanuit diens onafhankelijkheid en de (mede)beoordelaarsrol van de begeleider. Sturen of zelf laten ontdekken De vraag hierbij is, wie op welke gronden bepaalt op welke wijze de begeleiding precies vorm krijgt. Zowel afstudeerders als afstudeerbegeleiders hanteren scenario s voor de in hun ogen beste begeleiding. Hier staat de onervaren afstudeerder tegenover de door hen vermoedelijk als meer ervaren beleefde afstudeerbegeleider. Maar ook de afstudeerbegeleider kan onervaren zijn en zowel kampen met angst om toe te geven het ook niet altijd te weten, als met angst om afstudeerders los te laten en over te stappen op een vorm van dictatorschap als afstudeerders het laten afweten (Van den Beuken, 2001, p ). Dat vraagt van de afstudeerbegeleider uiteraard zelfkennis. Als het gaat om het zoeken naar de beste vorm, heeft een overlegstrategie de beste papieren. Hoewel zelfstandigheid het toverwoord is bij afstudeeropdrachten - de afstudeerbegeleider staat aan de zijlijn, stimuleert en ondersteunt, maar speelt niet mee (De Bie, 2003, p. 156), behalve als meespelen contractueel is overeengekomen - kunnen er zich situaties voordoen waarin die zelfstandigheid (nog) een te zware last is. Zelfsturing door zichzelf vragen te (leren) stellen en zelf plannen van aanpak te maken, gaat niet altijd vanzelf, vooral als een of meer metavaardigheden nog onvoldoende ontwikkeld zijn (zoals oriënteren, analyseren, doelen formuleren, plannen maken, evalueren, bijsturen, concentreren, omgaan met impasses; De Bie, 2003, p ). De afstudeerbegeleider kan er dan voor kiezen de afstudeerder(s) zelf de moeilijkheid te laten ontdekken en daarvan te leren, zowel inhoudelijk als wat betreft de metavaardigheden. De relatie met de opdrachtgever laat echter niet altijd inhoudelijke uitglijers of uitloop in de planning toe. Dat betekent dat afstudeerders niet aan hun lot overgelaten kunnen worden, wel dat afstudeerbegeleiders terughoudend zijn in hun begeleiding, vooral waar het de inhoud van het afstudeeronderwerp betreft. Vermunt (1992, p ) formuleert in dit verband enkele behartigenswaardige basisregels: onthoud je van het geven van begeleiden in alle gevallen waar de afstudeerder deze leertaak zelf kan vervullen, en activeer het vervullen 104 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 104

17 van leertaken door de afstudeerder, in de volgende drie gevallen, namelijk als een afstudeerder: een leertaak (nog) niet uit zichzelf doet, maar wel kan uitvoeren; een leertaak wel zou willen doen, maar nog niet goed beheerst; een leertaak wel zou willen doen, de vaardigheid ook wel beheerst, maar niet goed weet hoe die aangepast aan de concrete situatie uitgevoerd zou moeten worden. Voorkomen moet worden dat er destructieve fricties en onproductieve leersituaties ontstaan. Van destructieve fricties is sprake als de afstudeerbegeleider: activiteiten doet die de afstudeerder zelf kan uitvoeren; de kans is dan groot dat eerder iets wordt afgeleerd dan bijgeleerd; nalaat om leeractiviteiten te verrichten voor de afstudeerder als deze niet vaardig is in deze activiteiten en dus in dat opzicht aan zijn lot wordt overgelaten; nalaat om leeractiviteiten bij de afstudeerder te activeren als deze die activiteiten wel in beperkte mate beheerst of vaardig is in het uitvoeren ervan, maar niet uit zichzelf erover kan beschikken en/of niet goed weet wanneer ze te gebruiken (of, anders gezegd, als de afstudeerbegeleider nalaat om constructieve fricties in te brengen). Van constructieve fricties is sprake als afstudeerders een uitdaging ervaren om vaardigheden (doen/denken/leren) verder te ontwikkelen ( single loop learning ) of anders tegen bepaalde zaken aan te kijken of erover te denken ( double loop learning ), in ieder geval als zij leernood ervaren die ze zelf moeten zien op te lossen. Destructieve fricties werken juist de andere kant op: vaardigheden worden niet ontwikkeld doordat afstudeerders er niet op worden aangesproken. Daardoor kunnen blokkerende negatieve emoties ontstaan. Ook is sprake van destructieve fricties als de mate van zelfstandigheid wordt onderschat, waardoor irritaties kunnen ontstaan. Voor het voorkomen van destructieve fricties zijn de mate van zelfsturing van afstudeerders en de mate van externe sturing (sterk-los-gedeeld) door de afstudeerbegeleider van belang. Vermunt (1992) onderscheidt drie gradaties van zelfsturing: de student beheerst een leeractiviteit goed en gebruikt deze uit eigen beweging en vaardig; de student beheerst een leeractiviteit slechts in beperkte mate, of beheerst een leeractiviteit goed maar gebruikt deze niet spontaan, niet in de juiste situatie of is onvoldoende vaardig in het betreffende vakdomein; de student beheerst een denkactiviteit niet en gebruikt deze ook niet bij het leren. Sterke externe sturing door de afstudeerbegeleider (overnemen en voorzeggen) is passend ofwel congruent wanneer afstudeerders een leer- of denkstrategie niet beheersen en wanneer de afstand tussen supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 105

18 voorkennis en leerinhoud te groot is. Losse externe sturing past bij studenten die een leeractiviteit goed beheersen en deze uit eigen beweging in de juiste situaties gebruiken. Stuurloos en vermoedelijk ineffectief afstudeergedrag kan ontstaan als de zelfsturing onvoldoende is en de externe sturing tekort schiet. In geval van gedeelde sturing is sprake van congruentie als de afstudeerder(s) een leeractiviteit slechts in beperkte mate beheersen, of deze activiteit wel beheersen maar niet spontaan gebruiken in de juiste situatie of voldoende vaardig in het betreffende vakdomein (bijvoorbeeld goede onderzoeksvragen formuleren). Schematisch kan het bovenstaande worden samengevat als in tabel 2. Duidelijk mag zijn dat het plaatsvervangend uitvoeren van activiteiten voor de afstuderende op zichzelf niets bijdraagt aan het ontwikkelen van de betreffende vaardigheid bij die afstudeerder en het kunnen omgaan met bijbehorende verantwoordelijkheden. De afstudeerbegeleider zal misschien zelfs moeite moeten doen om de afstudeerders te motiveren voor vervolgstappen en dat is niet goed voor de begeleidingsrelatie ( Wiens afstudeeropdracht is het nu eigenlijk? ) (Rijkers, 2000, p. 934). Een uitzondering is, als deze hulp expliciet en openlijk als zodanig gebeurt, aangezien het dan een demonstratie van de vaardigheid is en de afstudeerbegeleider daarmee een voorbeeldfunctie vervult. Een voorbeeld: het louter verbeteren van taalfouten in een afstudeerrapport zal hoogstens in dankbaarheid aanvaard worden, maar pas tot een leersituatie kunnen leiden als de afstudeerbegeleider aangeeft waar en waarom welke fouten zijn verbeterd, en de afstudeerder opdraagt op grond van de gewonnen inzichten de taalfouten uit de rest van dat afstudeerrapport te halen. Overigens heeft de afstudeerbegeleider in bredere zin altijd wel een professionele voorbeeldfunctie, bijvoorbeeld inzake projectmatig en planmatig werken, belangstelling tonen, afspraken nakomen, mondelinge en schriftelijke communicatieve vaardigheden, enzovoort. Met het bovenstaande zijn impliciet de twee valkuilen van de beide zijden van het begeleidersdilemma benoemd: aan de ene kant aan het lot overlaten, met als risico kwaliteitsverlies en tijdsverlies, aan de andere kant overnemen of voorzeggen, en daarmee de afstudeerders leermogelijkheden ontnemen of hen irriteren door bemoeizorg. De spanning tussen sturen en laten ontdekken kan ook gehanteerd worden door de manier waarop met de leerstijl van de afstudeerders rekening gehouden wordt. Er kan, omwille van de verwachte effectiviteit, voor gekozen worden aan te sluiten bij de leerstijl van de afstudeerder(s). Wanneer de focus in het afstudeertraject wat breder wordt genomen, kan ook gekozen worden voor interventies die een leerstijl activeren die nog minder goed is ontwikkeld. Dat laatste is vooral een optie als ontwikkeling van het lerend vermogen ( leren leren ) een expliciet oogmerk van het afstudeertraject is, wat niet altijd het geval zal zijn (en wat alleen is geïndiceerd als constructieve fricties worden beoogd). 106 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 106

19 Tabel 2 Mate van externe sturing. Mate van zelfsturing Sterk Gedeeld Los Hoog Destructieve frictie Destructieve frictie Congruentie Gemiddeld Destructieve frictie Congruentie Constructieve frictie Laag Congruentie Constructieve frictie Destructieve frictie Het is hier niet de plaats om de leerstijltheorie van Kolb uit te leggen. We volstaan met te wijzen op een tweetal artikelen van Van Kessel (1988, 1990) en het maken van enkele kanttekeningen. Afstudeerders met een accommoderende leerstijl (actief experimenteren om concrete ervaringen op te doen) zijn wellicht gebaat met suggesties en een ondersteunende stimulans om dat maar eens te proberen. Afstudeerders met een divergerende leerstijl (observerend reflecteren op concrete ervaringen) leren het meest van explorerende vragen en reflectieopdrachten. Afstudeerders met een assimilerende leerstijl (abstract conceptualiseren van waarnemingen) hebben vermoedelijk wel wat aan literatuursuggesties. Afstudeerders met een convergerende leerstijl (die op basis van abstracte concepties komen tot een plan voor actief experimenteren) kunnen het best geholpen worden met opdrachten, het maken van planningen, enzovoort. Om optimaal gebruik te maken van de leerstijlinzichten, dient een leerstijl vooral opgevat te worden als het favoriete instapmoment in de leercirkel. Intussen is het voor afstudeerbegeleiders niet gemakkelijk om passend begeleidingsgedrag te kiezen. Elke afstudeerder heeft een eigen mate van afstudeervolwassenheid die per tsp-stap ook nog eens kan variëren. Afstudeervolwassenheid is analoog aan taakvolwassenheid: de bereidheid en bekwaamheid met betrekking tot afstuderen, wat betreft taakuitvoering en reflectieve competentie, meer in het bijzonder methodisch kunnen werken, dat wil zeggen, planmatig en gestructureerd. In geval van afstudeerduo s of -groepjes kunnen er ook onderlinge verschillen zijn in afstudeervolwassenheid. Consistent begeleidingsgedrag (wat betreft situaties en personen) zou dan wel eens minder effectief kunnen zijn dan flexibel en gevarieerd begeleidingsgedrag dat congruent is met de mate van specifieke afstudeervolwassenheid. Telkens zal gezocht moeten worden naar wat door de Russische onderwijsen ontwikkelingspsycholoog Vygotsky wel werd aangeduid als de zone van proximale ontwikkeling : het verschil tussen het actuele onafhankelijke vermogen tot probleemoplossing en het niveau van het vermogen om problemen op te lossen onder begeleiding of in samenwerking met capabele medestudenten. Gemiddeld genomen echter zal de bijdrage van de afstudeerbegeleider vooral bestaan uit steunen en structureren, waarbij we structureren opvatten als een vorm van steunen. Met steunen doelen we op zowel een reeks interventies als een basishouding die alle als doel hebben de zelfstandigheid van afstudeerders te bevorderen. De steunbiedende basishouding is daarbij de basis, maar zonder ondersteunende inter- supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 107

20 venties blijft het goedwillende presentie van de begeleider. Wat betreft basishouding en interventies kan aan het volgende gedacht worden (Luigies, 1997, p ; Nicolai, 2003, p. 3-4, 7; Reekers, 2004, p. 36). Beschikbaar en bereikbaar zijn. Op betrokken en authentieke wijze belangstelling en enthousiasme tonen voor de voortgang van het afstudeertraject (op inspirerende wijze motiveren). Een sfeer van vertrouwen scheppen. Geloof hebben in het vermogen van de afstudeerders om het op eigenkrachttekunnenklarenendatuiten(zonodigindevormvan peptalk, zonder clichématig te zijn). Expliciet benoemen en bekrachtigen en daardoor erkennen van wat goed gaat, eventueel onder verwijzing naar de inhoudelijke en procescriteria waaraan opdrachten moeten voldoen. Laten afreageren van ongenoegens en het op accepterende, niet-veroordelende en empathische wijze tonen van begrip daarvoor. Perspectief en hoop bieden en demoralisatie tegengaan, door te relativeren ( Lastig, maar niet onoverkomelijk ), bemoedigen, gerust te stellen ( Dit komt vaker voor, Doorgaans komt het wel goed ) en eventueel te troosten. Als klankbord fungeren en sparren zonder voor te zeggen: feedback geven op tussenproducten en het stellen van kritische op reflectie en zelf ontdekken gerichte vragen daarbij (zoals: Welke theoretische of ervaringskennis is hier zinvol te gebruiken?, Wat is volgens jou de kern van het probleem van de opdrachtgever?, Vanwaar deze keuze?, Welke alternatieven zijn er en wat zouden die kunnen opleveren?, Hoe past dit nu bij de vraag of het probleem van de opdrachtgever?, Hoe denk je dit te kunnen implementeren?, Wat kun je doen om risico s voor mislukken tegen te gaan?, Als je dit zou mogen overdoen, wat zou je dan anders doen? ; Reekers, 2004, p ). Empathisch en constructief confronteren met misvattingen over de werkelijkheid en met inconsistenties in de aanpak van afstudeerders (Bennink & Fransen, 2007). Tegengaan van dwaalwegen, stagnatie en terugval, door het afstudeerproces als geheel en de afzonderlijke begeleidingsbijeenkomst te structureren (bijvoorbeeld door nadrukkelijk op de tsp-stappen te wijzen; tsp biedt op zich immers al structuur). Bieden van suggesties door te universaliseren of algemeen te maken ( In dit soort situaties wordt nog wel eens gekozen voor..., is het gebruikelijk dat..., zegt de literatuur in het algemeen dat... ). Helpen bij het (her)formuleren van ideeën, concepten en plannen. Procesmatige hulp bij het maken van keuzen. Informatie geven en (vooral) verwijzen naar bronnen zoals literatuur en internet, zowel cas als literatuur betreffende de inhoud van de afstudeeropdracht. Rolmodel zijn door eigen voorbeelden te geven van hoe in soortge- 108 supervisie en coaching (24) BSL - SUP Volume 24 / nummer 02 Pag. 108

Zelftrainingsmodule TSP-masterplanning

Zelftrainingsmodule TSP-masterplanning Zelftrainingsmodule TSP-masterplanning Met het TSP kun je een masterplanning voor je afstudeerproject maken. Het verdient aanbeveling die faciliteit te gebruiken. Een afstudeerproject vergt op zich al

Nadere informatie

Competentieprofiel voor coaches

Competentieprofiel voor coaches Competentieprofiel voor coaches I. Visie op coaching Kwaliteit in coaching wordt in hoge mate bepaald door de bijdrage die de coach biedt aan: 1. Het leerproces van de klant in relatie tot diens werkcontext.

Nadere informatie

Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302

Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302 Functieprofiel: Projectleider Functiecode: 0302 Doel Voorbereiden en opzetten van en bijbehorende projectorganisatie, alsmede leiding geven aan de uitvoering hiervan, binnen randvoorwaarden van kosten,

Nadere informatie

Instructiedocument studenten Stageregeling. Bedrijfskunde. expertisecentrum@fm.ru.nl

Instructiedocument studenten Stageregeling. Bedrijfskunde. expertisecentrum@fm.ru.nl Instructiedocument studenten Stageregeling Bedrijfskunde expertisecentrum@fm.ru.nl Introductie Als student Bedrijfskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen is het mogelijk om studiepunten toegekend te

Nadere informatie

Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen

Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen Versie 1.0 12 april 2012 Inhoudsopgave blz. Voorwoord 2 Algemeen -Visie 3 -Methodiek 4 Intake/assessment 5 Jobfinding 6 Coaching on the job 7 Definitielijst

Nadere informatie

Competentieprofiel werkbegeleider

Competentieprofiel werkbegeleider Competentieprofiel werkbegeleider Voor verzorgenden en verpleegkundigen Ontwikkeld door: Hennie Verhagen (Evean) Joukje Stellingwerf (Puur Zuid) Maaike Hakvoort (ZGAO) Brenda van der Zaag (ROC TOP) Kim

Nadere informatie

Inleiding... 9. Hoofdstuk 3 Management en leidinggevende structuur... 35

Inleiding... 9. Hoofdstuk 3 Management en leidinggevende structuur... 35 Inhoud Inleiding... 9 Hoofdstuk 1 Visie op leidinggeven... 13 1.1. Beïnvloeding van de organisatiecultuur... 13 1.2. Organisatiecultuur en organisatieklimaat... 15 1.3. Noodzaak van cultuuromslag... 16

Nadere informatie

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Vastgesteld in de bestuursvergadering van 24 mei 2007 PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Binnen de voor de stichting geldende statuten en reglementen, is het College van Bestuur het bevoegd gezag van de stichting,

Nadere informatie

SECTORWERKSTUK 2013-2014

SECTORWERKSTUK 2013-2014 SECTORWERKSTUK 2013-2014 1 HET SECTORWERKSTUK Het sectorwerkstuk is een verplicht onderdeel voor alle leerlingen uit het Mavo. Het maken van een sectorwerkstuk is een manier waarop je, als eindexamenkandidaat,

Nadere informatie

Minor Analyse, diagnose en verandering van organisaties (ADV)

Minor Analyse, diagnose en verandering van organisaties (ADV) Minor Analyse, diagnose en verandering van organisaties (ADV) Faculteit Economie en Management 2007/2008 Versie 1 Minor Analyse, diagnose en verandering van organisaties (ADV) Voor wie is deze minor bestemd

Nadere informatie

- VERTROUWELIJK - RAPPORTAGE EFFECT METING ONTWIKKELINGSACTIVITEITEN. Naam: C.P.A. Kandidaat. Datum onderzoek

- VERTROUWELIJK - RAPPORTAGE EFFECT METING ONTWIKKELINGSACTIVITEITEN. Naam: C.P.A. Kandidaat. Datum onderzoek - VERTROUWELIJK - RAPPORTAGE EFFECT METING ONTWIKKELINGSACTIVITEITEN Naam: C.P.A. Kandidaat Datum onderzoek De resultaten van dit assessment center mogen slechts geïnterpreteerd worden vanuit de vraagstelling

Nadere informatie

Handleiding bij het opstellen van een Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP)

Handleiding bij het opstellen van een Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) Handleiding bij het opstellen van een Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) In de voorbereiding op het Pop gesprek stelt de medewerker een persoonlijk ontwikkelingsplan op. Hierbij maakt de medewerker gebruik

Nadere informatie

Inleiding... 9. Hoofdstuk 2 Essentiële waarden... 21. Hoofdstuk 3 Management en leidinggevende structuur... 23

Inleiding... 9. Hoofdstuk 2 Essentiële waarden... 21. Hoofdstuk 3 Management en leidinggevende structuur... 23 Inhoud Inleiding... 9 Hoofdstuk 1 Visie op leidinggeven... 13 1.1. Organisatiecultuur... 13 1.2. Noodzaak van cultuuromslag... 15 1.3. Structuur-, cultuurdiscussie... 15 1.4. Organisatiecultuur... een

Nadere informatie

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Doel (Mede)zorgdragen voor de vormgeving en door het geven van adviezen bijdragen aan de uitvoering van het beleid binnen de Hogeschool Utrecht kaders en de ter

Nadere informatie

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen Profiel Trajectbegeleider / Leercoach Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking

Nadere informatie

Vormgeving van SLB in de praktijk

Vormgeving van SLB in de praktijk Vormgeving van SLB in de praktijk Inhoudsopgave Inleiding...2 Het eerste leerjaar...2 Voorbeeld Programmering Studieloopbaanbegeleiding (SLB) niveau 3-4...3 POP en Portfolio...8 Vervolg...10 Eisma-Edumedia

Nadere informatie

Competentieprofiel Werkbegeleider

Competentieprofiel Werkbegeleider Competentieprofiel Werkbegeleider Calibris Kenniscentrum voor leren in de praktijk in Zorg, Welzijn en Sport Postbus 131 3980 CC Bunnik T 030 750 7000 F 030 750 7001 I www.calibris.nl E info@calibris.nl

Nadere informatie

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Naam: Klas: praktijkbegeleider: Werkplek: Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Gedurende de opleiding werken de studenten in de praktijk aan praktijkopdrachten. Een schooljaar

Nadere informatie

Planning en Evaluatie gespreksverslagen

Planning en Evaluatie gespreksverslagen Promotietraject RU / FNWI Inleiding Planning en Evaluatie gespreksverslagen Plannings en evaluatiegesprekken (minimaal 1 x per jaar) helpen begeleider en promovendus bij het doelgericht werken en plannen.

Nadere informatie

10/05/2012. Project evalueren studenten in het UZA. Hoe is dit gegroeid?? Wat is de achtergrond en het doel van evalueren

10/05/2012. Project evalueren studenten in het UZA. Hoe is dit gegroeid?? Wat is de achtergrond en het doel van evalueren Project evalueren studenten in het UZA Nancy Van Genechten Katrien Van den Sande Yvonne Gilissen Werkgroep mentoren en Hogescholen Hoe is dit gegroeid?? Mentorendag 2010 Hoe verder na vraag Mentoren hadden

Nadere informatie

Wat is leercoaching?

Wat is leercoaching? Wat is leercoaching? 2 zelfstandig sturen Leercoaching is een programma dat als doel heeft leren en ontwikkelen te stimuleren. Diegene die leert, wordt begeleid door een coach. De coach onderzoekt samen

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Plan van aanpak. Project : Let s Drop. Bedrijf : DropCo BV

Plan van aanpak. Project : Let s Drop. Bedrijf : DropCo BV Plan van aanpak Project : Let s Drop Bedrijf : DropCo BV Plaats, datum: Horn, 28 september 2012 Opgesteld door: 1205366 1205366smit@zuyd.nl Plan van Aanpak project Let s Drop pagina 1 Inhoudsopgave plan

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. De SYSQA dienst auditing Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 8 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3

Nadere informatie

me nse nkennis Competentiegericht opleiden in de BIG opleidingen Getting started

me nse nkennis Competentiegericht opleiden in de BIG opleidingen Getting started me nse nkennis Competentiegericht opleiden in de BIG opleidingen Getting started Inhoud Competentiegericht opleiden 3 Doel van praktijktoetsen 4 Wijze van evalueren en beoordelen 4 Rollen 5 Getting started

Nadere informatie

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Naam: Klas: praktijkbegeleider: Werkplek: Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Het werken aan en en de relatie daarvan met de voortgangsrapportage Gedurende de verdiepingsfase

Nadere informatie

op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars.

op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars. op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars. Auteur: Anneke Lucassen Zelfevaluatie begeleiden bij zelfstandig

Nadere informatie

!!!! !!!! 1. Professioneel adviseren

!!!! !!!! 1. Professioneel adviseren Professioneel adviseren In deze zesdaagse opleiding krijg je de kans om in een veilige omgeving de eigen sterkere en zwakkere kanten te onderkennen en te werken aan je ontwikkelpunten als consultant. Je

Nadere informatie

Technisch projectmedewerker

Technisch projectmedewerker Technisch projectmedewerker Doel Bijdragen aan de uitvoering van projecten vanuit de eigen discipline, uitgaande van een projectplan en onder verantwoordelijkheid van een Projectmanager/ -leider, zodanig

Nadere informatie

Logistiek medewerker. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse

Logistiek medewerker. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Werkt gedurende langere periode nauwkeurig en zorgvuldig, met oog voor detail, gericht op het voorkómen van fouten en slordigheden, zowel in eigen als andermans

Nadere informatie

Projectmatig werken. Eisma-Edumedia bv, Leeuwarden

Projectmatig werken. Eisma-Edumedia bv, Leeuwarden Projectmatig werken Inleiding...2 Het maken van projecthandleidingen...3 Format Projecthandleiding...4 Procesverslag...5 Problemen bij samenwerking...7 Eisma-Edumedia bv, Leeuwarden 1 Inleiding In deze

Nadere informatie

Traject Tilburg. Aanvragers: Gemeente Tilburg. Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net

Traject Tilburg. Aanvragers: Gemeente Tilburg. Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net Traject Tilburg Aanvragers: Gemeente Tilburg Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net Opgave: Beantwoorde ondersteuningsvraag In Tilburg is het traject Welzijn Nieuwe Stijl onderdeel van een groter programma

Nadere informatie

Training Resultaatgericht Coachen

Training Resultaatgericht Coachen Training Resultaatgericht Coachen met aandacht voor zingeving Herken je dit? Je bent verantwoordelijk voor de gang van zaken op je werk. Je hebt alle verantwoordelijkheid, maar niet de bijbehorende bevoegdheden.

Nadere informatie

Handleiding. voor. praktijkbegeleiders

Handleiding. voor. praktijkbegeleiders Handleiding voor praktijkbegeleiders Versie: februari 2011 Inhoud: Inleiding... 3 Kerntaken van een praktijkbegeleider... 3 Voorbereidend gesprek met de cursist... 4 Feedback geven... 4 Begeleiden van

Nadere informatie

Aanpak projectaudits

Aanpak projectaudits Aanpak projectaudits 1. Inleiding Veel lokale overheden werken op basis van een standaardmethodiek Projectmatig Werken. Op die manier wordt aan de voorkant de projectfasering, besluitvorming en control

Nadere informatie

Competentieprofiel Afstudeerscriptiebegeleider Praktijkopleiding RA

Competentieprofiel Afstudeerscriptiebegeleider Praktijkopleiding RA Competentieprofiel Praktijkopleiding RA rapport Competentieprofiel. pagina 2 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 5 Leeswijzer... 5 2. Competentieprofiel... 6 Colofon... 6 Beroepsbeschrijving... 6 Beschrijving

Nadere informatie

Profiel personal coach WelSlagen Diversiteit

Profiel personal coach WelSlagen Diversiteit Datum 23-07- 2012 Versie: 1.0 Profiel personal coach WelSlagen Diversiteit Inleiding: De personal coach wordt ingezet om deelnemers van WelSlagen Diversiteit met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt

Nadere informatie

OPLEIDING HELPENDE ZORG EN WELZIJN TOETS BEROEPSOPDRACHT. Beroepstaak C Helpen bij (sociale) activiteiten. Niveau Gevorderd

OPLEIDING HELPENDE ZORG EN WELZIJN TOETS BEROEPSOPDRACHT. Beroepstaak C Helpen bij (sociale) activiteiten. Niveau Gevorderd OPLEIDING HELPENDE ZORG EN WELZIJN TOETS BEROEPSOPDRACHT Uitvoeren van activiteiten met zorgvragers (Verpleeg- en verzorgingshuiszorg & thuiszorg) Beroepstaak C Helpen bij (sociale) activiteiten Niveau

Nadere informatie

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR KWALIFICATIEPROFIEL VOOR INSTRUCTEUR werkzaam bij de brandweer Status Dit kwalificatieprofiel is op 16 juli 2009 te Arnhem vastgesteld door de Deelprojectgroep Kwaliteitsinstrumenten van het Project Kwaliteit

Nadere informatie

St!R profiel teamcoach

St!R profiel teamcoach St!R profiel teamcoach In dit beroepsprofiel wordt beschreven wat een teamcoach doet en zal doen in het licht van nieuwe ontwikkelingen en verwachtingen. Ingedeeld in vaardigheden en in ondersteunende

Nadere informatie

Strategisch Opleidingsbeleid

Strategisch Opleidingsbeleid Strategisch Opleidingsbeleid Achtergrondinformatie en tips om zelf aan de slag te gaan In deze handreiking vindt u de volgende onderwerpen: Wat is strategisch opleidingsbeleid? Hoe komt u tot strategisch

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Codesign als adviesstrategie bij curriculumontwikkeling: Fasen, hoofdvragen, belangrijkste activiteiten, beoogde resultaten en succesfactoren

Codesign als adviesstrategie bij curriculumontwikkeling: Fasen, hoofdvragen, belangrijkste activiteiten, beoogde resultaten en succesfactoren Codesign als adviesstrategie bij curriculumontwikkeling: Fasen, hoofdvragen, belangrijkste activiteiten, beoogde resultaten en succesfactoren Ineke van den Berg, Magda Ritzen & Albert Pilot Universiteit

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

ALEXANDER GIELE Competentiemonitor Ingevuld door : C.M.T. Ruppert Ingevuld op : 19 december 2013

ALEXANDER GIELE Competentiemonitor Ingevuld door : C.M.T. Ruppert Ingevuld op : 19 december 2013 ALEANDER GIELE Competentiemonitor Ingevuld door : C.M.T. Ruppert Ingevuld op : 19 december 2013 Deze monitor is ingevuld op basis van een eerste gesprek, een lesobservatie en een nagesprek (soms in andere

Nadere informatie

Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid. Instructeur. Versie 0.1

Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid. Instructeur. Versie 0.1 Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Instructeur Versie 0.1 Inleiding In dit document wordt een beschrijving op hoofdlijnen gegeven van de proeve van bekwaamheid Instructeur, voorheen

Nadere informatie

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Augustus 2011 Waar werknemers onderdeel zijn van een organisatie, wordt beoordeeld.

Nadere informatie

HOE LAAT IK MEDEWERKERS

HOE LAAT IK MEDEWERKERS MANAGEMENT Een zelfstandige medewerker is een tevreden medewerker HOE LAAT IK MEDEWERKERS ZELFSTANDIG FUNCTIONEREN? De ene mens is de andere niet. Sommigen zijn blij met een chef die aan hen geducht leiding

Nadere informatie

Van werkdruk naar werkplezier

Van werkdruk naar werkplezier Van werkdruk naar werkplezier Het Programma Onze visie Werkdruk leidt tot minder werkplezier, wrijving in de samenwerking en op termijn mogelijk verzuim door stressklachten. Als medewerkers echter uitgedaagd

Nadere informatie

Leer Opdrachten ontwerpen voor Blended Learning

Leer Opdrachten ontwerpen voor Blended Learning Leer Opdrachten ontwerpen voor Blended Learning Helder &Wijzer Mijn opdrachten In een kort, blended programma In het kort Voor wie docenten/trainers die blended opdrachten willen leren ontwerpen en ontwikkelen

Nadere informatie

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Kees Dijkstra (Windesheim), Els de Jong (Hogeschool Utrecht) en Elle van Meurs (Fontys OSO). 31 mei 2012 Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Doel

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE - 2 -

INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE - 2 - Workshops Top Secretaries 2012 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE - 2-1 TRAININGSCARROUSEL - 3-1.1. Projectmanagement - 3-1.2. Overtuigend beïnvloeden - 4-1.3. Communiceren met NLP - 5-1.4. Effectiever met emotionele

Nadere informatie

Verdieping profiel veiligheidsdeskundige, ter voorbereiding op de inrichting van het assessment ten behoeve van het nieuwe register NVVK

Verdieping profiel veiligheidsdeskundige, ter voorbereiding op de inrichting van het assessment ten behoeve van het nieuwe register NVVK Verdieping profiel veiligheidsdeskundige, ter voorbereiding op de inrichting van het assessment ten behoeve van het nieuwe register NVVK. Aanleiding Met betrekking tot het eindniveau van veiligheidsopleidingen

Nadere informatie

Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking

Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking Nederlandse Associatie voor Examinering 1 Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking Met de scriptie voor Compensation & Benefits Consultant (CBC) toont de kandidaat een onderbouwd advies

Nadere informatie

Project wiskunde: iteratie en fractalen. Naam:

Project wiskunde: iteratie en fractalen. Naam: Project wiskunde: iteratie en fractalen Naam: Klas: 6EW-6LW-6WW 1 Doelstellingen De leerlingen leren zelfstandig informatie verwerven en verwerken over een opgelegd onderwerp. De leerlingen kunnen de verwerkte

Nadere informatie

2 Voorbeeld beoordelingsformulier op basis van kenmerken Kenmerken Kwaliteitsontwikkeling - Omgaan met verschillen

2 Voorbeeld beoordelingsformulier op basis van kenmerken Kenmerken Kwaliteitsontwikkeling - Omgaan met verschillen 2 Voorbeeld beoordelingsformulier op basis van kenmerken Kenmerken Kwaliteitsontwikkeling - Omgaan met verschillen (vertrouwelijk) Beoordeling ten aanzien van Naam: Geboortedatum: Betreft De beoordeling

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Inleiding 2

Hoofdstuk 1 Inleiding 2 Gesprekscyclus Scholengroep Rijk van Nijmegen Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding 2 Hoofdstuk 2 Gesprekscyclus Opbouw De tweejarige scyclus van SGRvN - Het voortgangs - Het beoordelings 4 4 4 5 6 Hoofdstuk

Nadere informatie

Vestigen en verstevigen van de relatie tussen RvC en OR. Handreiking voor leden van Raden van Commissarissen en Raden van Toezicht

Vestigen en verstevigen van de relatie tussen RvC en OR. Handreiking voor leden van Raden van Commissarissen en Raden van Toezicht COMMISSIE BEVORDERING MEDEZEGGENSCHAP Vestigen en verstevigen van de relatie tussen RvC en OR Handreiking voor leden van Raden van Commissarissen en Raden van Toezicht SOCIAAL-ECONOMISCHE RAAD Bezuidenhoutseweg

Nadere informatie

Leergang Ambtelijk Secretaris III De invloedrijke OR

Leergang Ambtelijk Secretaris III De invloedrijke OR Leergang Ambtelijk Secretaris III De invloedrijke OR Cursusdag 1 09:30 uur Kennismaking We starten deze module een kennismaking. We inventariseren de verwachtingen van alle deelnemers. U krijgt een toelichting

Nadere informatie

Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010. Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs

Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010. Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010 Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010 bijlage 1 Bijlage 1: Algemene instapcompetenties

Nadere informatie

Een eigentijdse HRM- scan door Gidsen HR advies WAT IS HET DOEL EN INHOUD VAN DEZE SCAN?

Een eigentijdse HRM- scan door Gidsen HR advies WAT IS HET DOEL EN INHOUD VAN DEZE SCAN? Een eigentijdse HRM- scan door Gidsen HR advies WAT IS HET DOEL EN INHOUD VAN DEZE SCAN? Met behulp van deze scan wordt de stand van zaken van het Personeelsbeleid in kaart gebracht. De HRM - scan is met

Nadere informatie

Resultaten Onderzoek September 2014

Resultaten Onderzoek September 2014 Resultaten Onderzoek Initiatiefnemer: Kennispartners: September 2014 Resultaten van onderzoek naar veranderkunde in de logistiek Samenvatting Logistiek.nl heeft samen met BLMC en VAViA onderzoek gedaan

Nadere informatie

CarrièreBoost. Jezelf succesvol presenteren op de arbeidsmarkt anno nu

CarrièreBoost. Jezelf succesvol presenteren op de arbeidsmarkt anno nu CarrièreBoost Jezelf succesvol presenteren op de arbeidsmarkt anno nu Op zoek naar een nieuwe baan waar begin ik?! Reorganisatie, inkrimping, u bent ontslagen! Veranderingen, verschuivingen u wordt herplaatst!

Nadere informatie

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling.

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. 1. Sociaal beleid in breder verband Ontwikkelen beleid: een complex proces Het ontwikkelen en implementeren van beleid voor preventie en aanpak van grensoverschrijdend

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

Medewerker mobiliteit

Medewerker mobiliteit Medewerker mobiliteit Doel (Mede)ontwikkelen van mobiliteitsbeleid, uitvoeren van mobiliteitstrajecten en geven van individueel loopbaanadvies, uitgaande van het mobiliteits-/ personeelsbeleid op instellings-

Nadere informatie

Veda Consultancy kunt u daar, met onze vele jaren ervaring in organisaties en veel jaren ervaring als coaches en trainers, uitstekend bij helpen.

Veda Consultancy kunt u daar, met onze vele jaren ervaring in organisaties en veel jaren ervaring als coaches en trainers, uitstekend bij helpen. Informatie voor cliënten coachingstrajecten U wilt een coachingstraject volgen omdat u zichzelf op professioneel gebied en op persoonlijk gebied wilt ontwikkeling en verbeteren. U werkt als professional

Nadere informatie

Handleiding bij het maken van een profielwerkstuk. april 2012

Handleiding bij het maken van een profielwerkstuk. april 2012 Handleiding bij het maken van een profielwerkstuk april 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. De tijdlijn 3. De verschillende fasen 4. Onderwerp zoeken 5. Informatie zoeken 6. Nog 10 tips 7. De beoordeling

Nadere informatie

CarrièreBoost. Praktische begeleiding voor werknemers die zich succesvol willen presenteren op de arbeidsmarkt anno nu

CarrièreBoost. Praktische begeleiding voor werknemers die zich succesvol willen presenteren op de arbeidsmarkt anno nu CarrièreBoost Praktische begeleiding voor werknemers die zich succesvol willen presenteren op de arbeidsmarkt anno nu Op zoek naar een nieuwe baan waar begin ik?! Reorganisatie, inkrimping, u bent ontslagen!

Nadere informatie

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Supplement f. Functie procesmanager multidisciplinair oefenen Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3 sub f Besluit personeel

Nadere informatie

Functieprofiel: Teamleider Functiecode: 0203

Functieprofiel: Teamleider Functiecode: 0203 Functieprofiel: Teamleider Functiecode: 0203 Doel Plannen en organiseren van de werkzaamheden en aansturen van de medewerkers binnen een team, binnen het vastgestelde beleid van een overkoepelende eenheid

Nadere informatie

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN M.11i.0419 De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN versie 02 M.11i.0419 Naam notitie/procedure/afspraak Visie op professionaliseren Eigenaar/portefeuillehouder Theo Bekker

Nadere informatie

Specificaties. Medewerker maatschappelijke zorg. Titel: Muzisch-creatieve vorming deel 2

Specificaties. Medewerker maatschappelijke zorg. Titel: Muzisch-creatieve vorming deel 2 Specificaties Medewerker maatschappelijke zorg Titel: Muzisch-creatieve vorming deel 2 Soort: Werksituatie: Eindproduct: Niveau: 3 Training Muzisch-creatieve activiteiten kunnen op allerlei plaatsen in

Nadere informatie

Vaardigheidsmeter Communicatie

Vaardigheidsmeter Communicatie Vaardigheidsmeter Communicatie Persoonlijke effectiviteit Teamvaardigheden Een goede eerste indruk Zelfempowerment Communiceren binnen een team Teambuilding Assertiviteit Vergaderingen leiden Anderen beïnvloeden

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Test Kandidaat

Rapport Docent i360. Test Kandidaat Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

o Gericht op verleden o Focus op oordelen o Eenrichtingsverkeer o Passieve bijdrage van de medewerker o Gericht op formele consequenties

o Gericht op verleden o Focus op oordelen o Eenrichtingsverkeer o Passieve bijdrage van de medewerker o Gericht op formele consequenties Het zorgen voor een goede basis. Elk bedrijf wil een goed resultaat halen. Dat lukt beter als u regelmatig met uw medewerkers bespreekt hoe het gaat, hoe dingen beter zouden kunnen en wat daarvoor nodig

Nadere informatie

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016 Regeling Externe toezichthouders bij examens Inhoudsopgave 1. Positie en benoeming externe toezichthouders... 3 2. Taak externe toezichthouder

Nadere informatie

Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven

Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven l Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven Pagina 1 van16 Werkprocessen en competenties gericht op het verpleegplan 1.1 Stelt verpleegkundige diagnose en stelt het verpleegplan

Nadere informatie

Opleiding Professioneel en inspirerend trainen Post-HBO registeropleiding tot trainer communicatieve en managementvaardigheden

Opleiding Professioneel en inspirerend trainen Post-HBO registeropleiding tot trainer communicatieve en managementvaardigheden Opleiding Professioneel en inspirerend trainen Post-HBO registeropleiding tot trainer communicatieve en managementvaardigheden Persoonlijk leiderschap en trainersvakmanschap Zoek je een gedegen opleiding

Nadere informatie

Informatiebrochure 1

Informatiebrochure 1 Informatiebrochure 1 Wat kan Blokss Training en Consultancy voor uw bedrijf doen? Ons antwoord hierop is kort samen te vatten in de volgende omschrijving. Blokss Training en Consultancy kan uw medewerkers

Nadere informatie

Vaardighedentoets (Portfolio) gezondheidszorgpsycholoog diagnostiek en indicatiestelling (volwassenen en ouderen)

Vaardighedentoets (Portfolio) gezondheidszorgpsycholoog diagnostiek en indicatiestelling (volwassenen en ouderen) Vaardighedentoets (Portfolio) gezondheidszorgpsycholoog diagnostiek en indicatiestelling (volwassenen en ouderen) Doelstelling De volgende twee Kerncompetenties en vaardigheden in de Regeling periodieke

Nadere informatie

Docentenhandleiding PO Schoolkamp

Docentenhandleiding PO Schoolkamp Docentenhandleiding PO Schoolkamp Inhoudsopgave 1 Inleiding... 1 2 Wat maakt deze opdracht 21 e eeuws?... 1 2.1 Lesdoelstellingen... 2 2.2 Leerdoelen... 2 3 Opzet van de opdracht... 2 3.1 Indeling van

Nadere informatie

Integraal coachen. Meedenken en faciliteren bij ambities, dilemma s of problemen op de werkvloer

Integraal coachen. Meedenken en faciliteren bij ambities, dilemma s of problemen op de werkvloer Integraal coachen Meedenken en faciliteren bij ambities, dilemma s of problemen op de werkvloer DATUM 1 maart 2014 CONTACT Steef de Vries MCC M 06 46 05 55 57 www.copertunity.nl info@copertunity.nl 2 1.

Nadere informatie

Arbo- en Milieudeskundige

Arbo- en Milieudeskundige Arbo- en Milieudeskundige Doel Ontwikkelen van beleid, adviseren, ondersteunen en begeleiden van management, medewerkers en studenten, alsmede bijdragen aan de handhaving van wet- en regelgeving, binnen

Nadere informatie

A CLIENTSYSTEEM. 1 Intake

A CLIENTSYSTEEM. 1 Intake 1 Intake A CLIENTSYSTEEM De arts oriënteert zich op (claim-aan)vragen, weet vraagstellingen te formuleren, kan adequaat verwijzen en weet op hoofdlijn consequenties te schetsen binnen verschillende verzekeringssystemen.

Nadere informatie

Woord vooraf 11. Wat is leren? 16 Leren en opdrachten 18 Betrekking tussen docent en student 20 Kwaliteit van opdrachten 21

Woord vooraf 11. Wat is leren? 16 Leren en opdrachten 18 Betrekking tussen docent en student 20 Kwaliteit van opdrachten 21 Wat Gaan we doen? tweede oplage 10-02-2004 12:19 Pagina 7 Inhoud Woord vooraf 11 1 B E T E K E N I S VA N O P D R A C H T E N V O O R L E R E N E N O N D E R W I J Z E N 13 Wat is leren? 16 Leren en opdrachten

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Porfolio. Politie Vormingscentrum

Porfolio. Politie Vormingscentrum Porfolio 1. Inleiding 2. Wat is een portfolio? Hoe gebruik je het portfolio Reflectieverslagen Persoonlijke leerdoelen formuleren Werkwijze en denkmodel om opgaven/problemen op te lossen 1. INLEIDING Ligt

Nadere informatie

Samenwerken met re-integratiebedrijven

Samenwerken met re-integratiebedrijven Samenwerken met re-integratiebedrijven Samenwerken met re-integratiebedrijven Inhoudsopgave Inleiding 2 Aanleiding 2 De Workshop 2 Het verslag 2 Terminologie: Gebruikte termen in het verslag 3 Algemene

Nadere informatie

Dit artikel en onderzoek zijn onderdeel van mijn afstudeeropdracht bij de eerstegraadsopleiding wiskunde bij het IVLOS in Utrecht.

Dit artikel en onderzoek zijn onderdeel van mijn afstudeeropdracht bij de eerstegraadsopleiding wiskunde bij het IVLOS in Utrecht. Han Bäumer han.baumer@xs4all.nl Vaardigheden inzichtelijk UniC en!mpulse zijn twee scholen die naast de cognitieve vaardigheden ook (persoonlijke) vaardigheden trainen. Om deze vaardigheden te concretiseren

Nadere informatie

Het hoe en waarom van Personeelsgesprekken

Het hoe en waarom van Personeelsgesprekken Het hoe en waarom van Personeelsgesprekken Personeelsgesprekken Het personeelsgesprek (ook wel functioneringsgesprek) is een belangrijk instrument dat ingezet kan worden voor een heldere arbeidsverhouding

Nadere informatie

Technicus onderwijs- en onderzoekgebonden - profiel O

Technicus onderwijs- en onderzoekgebonden - profiel O Technicus onderwijs- en onderzoekgebonden - profiel O Doel Ontwerpen, ontwikkelen en (doen) vervaardigen van apparatuur/instrumenten, installaties en (ICT-) systemen, binnen de doelstellingen van de dienst/afdeling

Nadere informatie

Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen. Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek

Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen. Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek Tijdschema Inleiding Anje (15 minuten) Praktijk casus Anja (10

Nadere informatie

OVERZICHT VAN TOETSVORMEN

OVERZICHT VAN TOETSVORMEN OVERZICHT VAN TOETSVORMEN Om tot een zekere standaardisering van de gehanteerde toetsvormen en de daarbij geldende criteria te komen, is onderstaand overzicht vastgesteld. In de afstudeerprogramma's voor

Nadere informatie

PRINCE2 2009 is overzichtelijker

PRINCE2 2009 is overzichtelijker PRINCE2 2009 is overzichtelijker 29 mei 2009 door: Lia de Zoete en Reinier de Koning Half juni presenteert het Office of Government Commerce in Londen PRINCE2 2009. Het grote voordeel van de nieuwe versie

Nadere informatie

Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301

Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301 Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301 Doel Ontwikkelen, implementeren, evalueren en bijstellen van beleid op één of meerdere aandachtsgebieden/beleidsterreinen ten behoeve van de instelling,

Nadere informatie

2 Stappen en fasen. 006128860006-bw.indd 8 19-09-13 12:35

2 Stappen en fasen. 006128860006-bw.indd 8 19-09-13 12:35 2 Stappen en fasen 8 ICT-beheerder - Netwerkbeheerder 006128860006-bw.indd 8 19-09-13 12:35 De projectwijzers brengen je in realistische situaties die te maken hebben met het ICT-vakgebied zodat je niet

Nadere informatie