soort bloedvat aantal diameter (mm) lengte (cm)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "soort bloedvat aantal diameter (mm) lengte (cm)"

Transcriptie

1 VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Achtergrondinformatie Bloedsomloop Inleiding Het menselijk lichaam bestaat uit ongeveer cellen. Elke cel heeft voedingsstoffen en zuurstof nodig. En elke cel moet zijn afvalstoffen en koolstofdioxide kwijt. Dat alles moet bij de cel afgeleverd en opgehaald worden. Daarvoor is een fijnvertakt transportsysteem nodig. Dat transportsysteem moet ook nog flexibel zijn. Want sommige cellen willen op het ene moment meer dan op een ander moment. Bij inspanning bijvoorbeeld vragen de spiercellen tien keer zoveel toe- en afvoer als bij een lichaam in rust. Dat transportsysteem is de bloedsomloop. Met een hart als pomp. En met een stelsel van wijde en nauwe elastische bloedvaten, waarin het bloed door het lichaam stroomt. De kenmerken van de bloedsomloop zijn voor een deel te verklaren met behulp van een deelgebied van de natuurkunde: de stromingsleer. Bij die kenmerken gaat het om de werking van het hart en de stroming van het bloed onder normale (fysiologische) omstandigheden. Maar ook om afwijkende (pathologische) kenmerken, zoals bijvoorbeeld de invloed die afzettingen op de wand van een bloedvat hebben op stroming en bloeddruk. Dat geeft dan ook de centrale vraag voor dit verhaal over de bloedsomloop: welke kenmerken heeft de bloedsomloop onder normale en afwijkende omstandigheden in het menselijk lichaam? Voor het beantwoorden van deze centrale vraag moeten we ons ook bezig houden met een andere, meer natuurkundige vraag: welke kenmerken heeft de stroming van een vloeistof in een buizenstelsel? Uit het antwoord op deze vraag ontstaat een vereenvoudigd beeld van de bloedsomloop. Dat beeld is niet alleen vereenvoudigd, maar ook beperkt: de bloedsomloop als onderdeel van het menselijk lichaam is meer dan een verzameling natuurkundige kenmerken. Grote en kleine bloedsomloop Bij de cellen van het menselijk lichaam moeten voedingsstoffen en zuurstof worden afgeleverd. Niet iedere cel heeft daarvoor een eigen bloedvat, maar het scheelt niet veel. Tot diep in de weefsels vinden we de fijnste vertakkingen van het bloedvaatstelsel: de capillairen. De wand van een capillair is zó dun, dat de moleculen van voedingsstoffen en zuurstof tussen de moleculen van de vaatwand heen kunnen naar de cel. En in omgekeerde richting kunnen de moleculen van de door de cel geproduceerde afvalstoffen zo in het bloed terecht komen. soort bloedvat aantal diameter (mm) lengte (cm) aorta arteriën arteriolen ,03 0,2 capillairen ,006 0,1 venulen ,02 0,2 venen vena cava Figuur 1 Gegevens over het aantal, de diameter en de lengte van de verschillende vaten in het bloedvaatstelsel van het menselijk lichaam. Bloedvaatstelsel Het bloed wordt vanuit het hart door de aorta en een zich vertakkend stelsel van slagaders (arteriën en arteriolen) naar de capillairen in de verschillende organen gevoerd: de hartspier, hersenen, skeletspieren, botten, spijsverteringsorganen, lever, nieren, huid enzovoort. Het bloed wordt daaruit weer afgevoerd via aders (venulen en venen). De aders monden uit in de holle ader (de vena cava) die naar het hart gaat. Zo lijkt de kringloop gesloten, maar het is nog maar de helft. Deze helft is de grote bloedsomloop, waarin het bloed door het hele lichaam stroomt behalve door de longen. Voor de bloedstroom door de longen zorgt de kleine bloedsomloop, met de longslagader en longader als toe- en afvoervaten. In de longblaasjes zijn de bloedvaten ook weer zeer fijn vertakt.

2 Samen vormen de kleine en grote bloedsomloop een echte kringloop. In figuur 2 zijn de beide bloedsomlopen schematisch weergegeven. longslagader holle ader aders longen rechter linker hartpomp hartpomp capillairen longader aorta slagaders Figuur 2 Schematische weergave van de grote en kleine bloedsomloop. De hartpomp Elk van de twee helften van de bloedsomloop (de grote en de kleine) heeft zijn eigen pomp. Het hart bestaat dus uit twee pompen. Elk van die pompen is een grote holle spier, die kan samentrekken en weer ontspannen. De kleine bloedsomloop wordt gepompt door rechter hartpomp (aan de kant van de rechterarm), en de grote bloedsomloop door de (grotere) linker hartpomp. Elke hartpomp bestaat uit twee onderdelen. De boezem (het atrium) verzamelt het bloed dat binnenstroomt uit de aders, en perst het dan door samen te trekken in één keer in de kamer (de ventrikel). Daarna trekt de kamer samen, waardoor het bloed de slagaders in wordt geperst. Het hart mag maar in één richting pompen, want de stroomrichting van het bloed moet altijd dezelfde zijn. Daarom zitten er kleppen op iedere overgang tussen aders en boezems, tussen boezems en kamers, en tussen kamers en slagaders. Die kleppen kunnen maar in één richting open. Het kloppen van je hart zoals je dat kunt voelen of horen, is in feite het open- en dichtklappen van de hart- en aortakleppen. De hoeveelheid bloed die het hart gemiddeld per minuut door het lichaam pompt, wordt het hartminuutvolume genoemd. De hoeveelheid doorgepompt bloed per hartslag is het slagvolume: zo n 80 cm 3. Bij een slagfrequentie van zo n 60 hartslagen per minuut komt het hartminuutvolume uit op ruwweg vijf liter. Figuur 3 < Je kunt je een voorstelling maken van de bloeddruk in een hartkamer en slagader met behulp van een ballon als hart-aortamodel. De met wat water gevulde ballon is de linker hartkamer, de ballonslurf is de aorta. Als je in de ballon knijpt, moet het water weg: de slurf in. Daardoor zet de slurfwand uit, en oefent een grotere druk uit op de vloeistof: de druk in de aorta stijgt. Stromingsweerstand Het hart pompt gemiddeld per minuut zo n vijf liter bloed door het vaatstelsel. Bij die stroming ondervindt het bloed weerstand in de verschillende bloedvaten. Daarom kan het bloed alleen maar door het vaatstelsel stromen als er een drukverschil is tussen het begin en het eind van de bloedsomloop. Voor dat drukverschil zorgt het hart: bij het samentrekken wordt het bloed onder druk gezet, voordat het uit de hartkamers kan wegstromen naar de aorta of de longslagader en daarna verder het vaatstelsel in. Zo n situatie komt ook voor in een elektrische schakeling: er loopt alleen maar een elektrische stroom door een weerstand als er een spanning over die weerstand staat. Voor die spanning zorgt een spanningsbron. Is de situatie hart-bloedvaatstelsel inderdaad vergelijkbaar met de situatie spanningsbron-weerstand? Wet van Poiseuille De Fransman Poiseuille onderzocht de stroming van een vloeistof in een ronde buis. Om een vloeistof door een buis te laten stromen is een drukverschil tussen de beide buisuiteinden nodig. Het volume van de vloeistof die per seconde door een buis stroomt, is het volumedebiet Q: Q = V/ t. Voor het verband tussen het drukverschil p tussen de beide buisuiteinden en het volumedebiet Q geldt: p 8 η l = 4 Q π r In deze formule is p het drukverschil, Q het volumedebiet, η de viscositeit van de vloeistof, l de buislengte en r de straal van de buisdoorsnede. In deze wet van Poiseuille geeft de viscositeit η een vloeistofeigenschap weer: hoe stroperiger de vloeistof is, des te groter is de viscositeit. De eenheid van viscositeit is de pascal seconde (Pa s). Het rechterlid in de wet van Poiseuille wordt de stromingsweerstand R genoemd: 8 η l R = 4 π r

3 Voor het verband tussen drukverschil en volumedebiet geldt dan: p = R Q De analogie met de elektrische schakeling blijkt uit het naast elkaar zetten van U/I = R (bij een elektrische stroom door een weerstand) en p/q = R (bij een vloeistofstroom door een buis). De spanning U is dan vergelijkbaar met het drukverschil over de buis. En de stroomsterkte I (doorgestroomde hoeveelheid lading per seconde) met het volumedebiet (doorgestroomde hoeveelheid vloeistof per seconde). Analogie De analogie tussen elektrische stromen en vloeistofstromen kan nog wat verder worden doorgezet. Vergelijk de formule voor de elektrische weerstand van een draad met die voor de stromingsweerstand van een buis. Welke opvallende overeenkomsten zijn er? En welke verschillen? Welke regels verwacht je voor de stromingsweerstand van een aantal in serie of parallel geschakelde buizen? De wet van Poiseuille is geldig als de vloeistof overal in de buis evenwijdig aan de buiswand stroomt. Er is dan sprake van een laminaire stroming. Het optreden van draaikolken (of: turbulenties) in de vloeistof veroorzaakt een afwijking van deze wet. In de praktijk treedt in een bloedvat turbulentie op, maar bij benadering is de wet van Poiseuille toch wel geldig. Serie- en parallelschakeling In de praktijk blijken ook voor de stromingsweerstand de regels voor de vervangingsweerstand bij serie- en parallelschakeling geldig te zijn. De bloedsomloop kan worden opgevat als een serieschakeling van vaatbedden, zoals weergegeven in figuur 4. Elk van die vaatbedden heeft een bepaalde stromingsweerstand. De totale stromingsweerstand R v van de bloedsomloop is de som van de weerstanden van de verschillende vaatbedden: R v = R 1 + R R 1 R 2 R 3 R 4 R 5 aorta slagaders capillairen aders holle ader Figuur 4 De bloedsomloop, voorgesteld als een serieschakeling van vaatbedden met elk een eigen stromingsweerstand. De stromingsweerstand van een vaatbed wordt bepaald door het aantal (parallel geschakelde) bloedvaten, en door de lengte en de diameter van die bloedvaten. Als een vaatbed zou bestaan uit N identieke bloedvaten met elk een stromingsweerstand R e, dan wordt de totale weerstand R v van het vaatbed gegeven door R v = R e /N. In de praktijk zijn de bloedvaten in een vaatbed niet identiek. De capillairen bijvoorbeeld verschillen onderling in lengte en diameter, en dus in stromingsweerstand. Bovendien zorgen spiertjes ervoor dat sommige bloedvaten af en toe dichtgeknepen worden. Dat veroorzaakt een hogere stromingsweerstand. De opeenvolgende vaatbedden verschillen van elkaar in aantal en diameter van de (parallel geschakelde) bloedvaten, en dus in stromingsweerstand zoals weergegeven in de tabel van figuur 6. Maar het volumedebiet Q is in elk vaatbed hetzelfde: de hoeveelheid bloed die per seconde uit een vaatbed stroomt, moet in zijn geheel in dezelfde tijdsduur het volgende vaatbed in. De formule voor de totale stromingsweerstand van de bloedsomloop kan dan links en rechts met Q worden vermenigvuldigd: Q R v = Q R 1 + Q R

4 Met behulp van de formule die het verband geeft tussen drukverschil en volumedebiet is dit te schrijven als: p = p 1 + p Deze formule kun je als volgt interpreteren: het drukverschil over de hele bloedsomloop is de som van de drukverschillen over de verschillende vaatbedden. Drukeenheden De bloeddruk wordt gemeten in de eenheid millimeter kwikdruk (afgekort: mmhg). Voor de grootheid druk werden vroeger de eenheden cmhg en mmhg veel gebruikt en de medici gebruiken deze nog steeds. Een druk van 1 mmhg is de druk die een kwikkolom van 1 mm hoogte uitoefent op het grondvlak. Uit dit gegeven volgt: 1 mmhg = 1, Pa. Controleer dit. Aan het begin van de grote bloedsomloop zorgt het hart voor een gemiddelde bloeddruk van 100 mmhg. Aan het eind is de bloeddruk afgenomen tot (ongeveer) nul. In figuur 6 is weergegeven hoe de gemiddelde bloeddruk door de grote bloedsomloop heen verloopt. Daaruit blijkt dat het overgrote deel van het totale drukverschil over de slagaders en capillairen staat. soort bloedvat weerstand (%) aorta 4 arteriën 21 arteriolen 41 capillairen 27 venulen 1,5 venen 1,5 vena cava 4 Figuur 5 Stromingsweerstand per vaatbed, gegeven als percentage van de totale stromingsweerstand van de bloedsomloop. p (mmhg) slagaders capillairen aders Figuur 6 Afname van de gemiddelde bloeddruk bij het doorlopen van de grote bloedsomloop. Hoe groter de stromingsweerstand van een vaatbed is, des te groter is het drukverschil over dat vaatbed, Bloedstroomregeling Het lichaam heeft niet steeds dezelfde hoeveelheid zuurstof en voedingsstoffen nodig. Een lichaam in rust vraagt minder dan een lichaam bij inspanning. Daarom kan de bloedstroom geregeld worden. Het hartminuutvolume kan groter of kleiner worden door verandering van het slagvolume van de hartkamers en de slagfrequentie van het hart. Maar de behoefte aan zuurstof en voedingsstoffen kan ook per orgaan verschillen. Bij inspanning moet er veel bloed naar de spieren van het skelet en het hart, bij een lichaam in rust moet er juist meer bloed naar de spijsverteringsorganen. In dit soort gevallen wordt de bloedstroom geregeld door de stromingsweerstand van de bloedvaten te veranderen. Dat gebeurt door middel van spiertjes die de bloedvaten nauwer en wijder kunnen maken: vasoconstrictie en vasodilatatie. Als een bepaalde groep organen door zo n vaatverwijding veel bloed vraagt, kan de bloeddruk in de slagaders te laag worden. Dan dreigt er vooral gevaar voor de hersencellen, die maar kort zonder zuurstof kunnen. Een drukverlaging wordt opgemerkt door druksensors in de aorta en de halsslagader. Deze sensors geven een signaal aan de hersenen, die weer zorgen voor een grotere slagfrequentie en/of een groter slagvolume van het hart. Omgekeerd kan dit systeem ook corrigerend optreden als de bloeddruk hoger wordt dan gewenst is. Bloeddruk De bloeddruk wordt gemeten ten opzichte van de druk van de buitenlucht. De waarde van de bloeddruk is dus een overdruk. De bloeddruk varieert in de tijd, en hangt ook sterk af van de plaats in het bloedvaatstelsel (zie figuur 6). Zo is de druk in de holle ader vrijwel constant, en maar iets groter dan de druk van de buitenlucht. Deze kleine overdruk is net genoeg om de rechter boezem open te duwen. In de linker hartkamer en in de slagaders varieert de bloeddruk echter tijdens elke hartslag. De hoogste waarde van de bloeddruk treedt daar op onmiddellijk na de samentrekking (systole) van de linker kamer. Deze bovenwaarde wordt de systolische druk genoemd. De diastolische druk is de laagste waarde die de bloeddruk bereikt. Deze onderwaarde treedt op in de periode waarin de linker kamer zich weer met bloed vult (diastole).

5 In de linker hartkamer zelf is de systolische druk 120 mmhg, en is de diastolische druk vrijwel nul. Voor het functioneren van de capillairen is het echter beter dat het bloed een kleinere drukvariatie heeft. Daarvoor zorgen de slagaders. Als het hart bloed de slagaders in pompt, zetten de elastische wanden daarvan uit. De bloeddruk bereikt ook in de aorta en de grote slagaders een bovenwaarde van 120 mmhg. De bloeddruk daalt echter maar langzaam, omdat het bloed niet snel genoeg wegstroomt in het stelsel van kleine bloedvaten, en omdat de elastische wanden van de slagaders het bloed onder druk houden. Tegen de tijd dat de bloeddruk gedaald is tot zo n 80 mmhg komt er alweer een nieuwe golf uit het hart. De drukvariatie blijft in de slagaders dus beperkt: een bovenwaarde van 120 en een onderwaarde van 80 mmhg. Dit is in overeenstemming met de in figuur 6 gegeven gemiddelde waarde van 100 mmhg voor de bloeddruk in de slagaders. De bloeddruk van 120/80 mmhg (systolisch/diastolisch) geldt in de slagaders van de grote bloedsomloop. De bloeddruk in de longslagader van de kleine bloedsomloop is lager: 25/10 mmhg. In beide bloedsomlopen is de bloeddruk aan het eind afgenomen tot een vrijwel constante waarde van ongeveer nul. Bloeddrukmeting In figuur 7 is het verloop van een bloeddrukmeting weergegeven. De manchet gaat om de bovenarm, en het ventiel op de opblaasbal gaat dicht. De manchet wordt opgeblazen tot daarin een druk heerst van ongeveer 140 mmhg. De waarde van de druk in de manchet is af te lezen op de manometer. Met de stethoscoop op de binnenkant van de onderarm is dan niets te horen. Door het ventiel van de opblaasbal een beetje te openen, kan er lucht uit de manchet ontsnappen. De dalende druk is te volgen op de manometer. Op het moment dat de druk lager wordt dan de systolische bloeddruk, is in de stethoscoop het ruisen van het bloed te horen. Dat blijft zo tot de druk in de manchet is afgenomen tot onder de diastolische druk. Dan is het weer stil in de stethoscoop. De waarden van de systolische en de diastolische druk zijn dus op de manometer af te lezen op het moment dat het bloed hoorbaar begint te ruisen en op het moment dat dat geluid weer verdwijnt. p (mmhg) manchetdruk systolische druk drukpulsen in slagader tijd diastolische druk opblaasbal stethoscoop Figuur 7 Bloeddrukmeter. Het druk,tijd-diagram geeft een beeld van het verloop van een bloeddrukmeting. De normale waarde van de bloeddruk is 120/80 mmhg (systolisch/diastolisch). Dit is een gemiddelde waarde voor gezonde mensen in rust. Een waarde die niemand precies heeft, natuurlijk. De waarde van de bloeddruk blijkt met veel factoren samen te hangen, zoals spanning, inspanning, tijdstip en temperatuur. Meer spanning en inspanning geven een hogere bloeddruk, in de loop van de dag loopt de bloeddruk ongeveer 15 mmhg op, en bij warm weer neemt de bloeddruk wat af. En ook een flinke maaltijd leidt tot verhoging van de bloeddruk. Daarnaast zijn er meer structurele factoren, zoals overgewicht, geslacht en leeftijd. Mensen met overgewicht hebben vaak een hogere bloeddruk. Vrouwen jonger dan 40 hebben een iets lagere bloeddruk dan mannen van die leeftijd, boven de 50 is het net andersom. En ten slotte: met het klimmen der jaren stijgt ook het kwik in de manometer Bloeddruk en hoogte Mensen met een lage bloeddruk die te snel uit een liggende houding overeind komen, kunnen duizelig worden. Ze moeten dan meteen weer gaan liggen, en het overeind komen nog eens langzaam overdoen. De duizeligheid is te wijten aan een plotselinge daling van de bloeddruk in de hersenen, die daardoor te weinig zuurstof krijgen. Het omgekeerde effect treedt op als je een tijd op je hoofd gaat staan. Je hoofd

6 wordt dan rood: de bloeddruk in je hoofd stijgt. Naast de stromingsweerstand in de bloedsomloop, speelt ook de zwaartekracht een rol bij de waarde van de bloeddruk. Hoe hoger in het lichaam, des te lager is de bloeddruk. Daarbij moet je natuurlijk wel gelijksoortige bloedvaten vergelijken: slagaders met slagaders, aders met aders enzovoort. Bloeddruk en stroomsnelheid De bloeddruk is ook afhankelijk van de stroomsnelheid van het bloed. Dit effect is alleen op bepaalde plaatsen in bloedvaten waar te nemen. Als een vloeistof (of een gas) stroomt, daalt de druk van die vloeistof naarmate de stroomsnelheid toeneemt. In figuur 8 is een situatie weergegeven, waarin deze drukverlaging in een luchtstroom merkbaar is. Ook in de bloedsomloop kan er sprake zijn van bloeddrukverlaging door een toenemende stroomsnelheid. Dit verschijnsel treedt op bij afzettingen (plaques) op de binnenwand van een bloedvat, zoals weergegeven in figuur 9. Het bloed dat rondom de onderkant van een plaque stilstaat, heeft een hogere druk dan het bloed dat over de plaque heen stroomt. Daardoor wordt de plaque van de vaatwand afgeduwd, en kan hij uiteindelijk losbreken. De plaque wordt dan met het bloed meegevoerd, en kan ergens anders een verstopping veroorzaken: een trombose. Als dit gebeurt in een kransslagader (een slagader die de hartspier van bloed voorziet), is meestal een hartaanval het gevolg. vaatwand stroomsnelheid klein plaque F vaatwand stroomsnelheid groot Figuur 8 De luchtdruk daalt naarmate de stroomsnelheid van de lucht toeneemt. Zo kun je een blad papier laten opwaaien door er overheen te blazen. Op een vergelijkbare manier ontstaat de liftkracht op een vogel- of vliegtuigvleugel. Figuur 9 Lengtedoorsnede van een bloedvat met een plaque tegen de binnenwand. Het verschil in stroomsnelheid van het bloed onder en boven de plaque veroorzaakt een drukverschil. Daardoor oefent het bloed op de plaque een van de vaatwand af gerichte kracht uit, en kan de plaque uiteindelijk losbreken. Ook het verschijnsel flutter wordt veroorzaakt door het verband tussen bloeddruk en stroomsnelheid. Langs een plaque wordt het bloed gedwongen om sneller te stromen. Bij een toenemende stroomsnelheid kan de druk van het langs de plaque stromende bloed zó laag worden, dat het bloedvat dichtklapt. Dan stagneert de bloedstroom, en daardoor stijgt de druk weer. Het vat gaat weer open, het bloed gaat weer stromen, en het proces herhaalt zich. Zo blijft het bloedvat voortdurend open en dicht klappen. Wet van Bernoulli Hierboven zijn twee verschijnselen aan de orde geweest: het verband tussen de bloeddruk en de hoogte in het lichaam, en tussen de bloeddruk en de stroomsnelheid van het bloed. De Zwitser Bernoulli bracht deze verschijnselen in één formule samen. Hij toonde aan dat voor een gas of vloeistof het verband tussen druk, dichtheid, snelheid en hoogte gegeven wordt door: 1 2 p + ρ v + ρ g h = constante 2 In deze wet van Bernoulli is p de druk, ρ de dichtheid, v de snelheid, g de valversnelling en h de hoogte. Voor een stroming binnen een begrensd gebied, waarin de hoogte h overal dezelfde is, ziet de vergelijking van Bernoulli er als volgt uit: 1 p + ρ v 2 = constante ρ g h= (nieuwe) constante 2 Op gelijke hoogte in het lichaam geldt dus: hoe groter de stroomsnelheid is, des te lager is de bloeddruk. Deze situatie komt voor in een bloedvat met een plaque. Bij de vergelijking van twee soortgelijke bloedvaten hoog en laag in het lichaam, kan de stroomsnelheid als een constante worden gezien. De vergelijking van Bernoulli wordt dan:

7 1 2 p + ρ g h= constante ρ v = (nieuwe) constante 2 In soortgelijke bloedvaten geldt dus: hoe hoger het bloedvat zich in het lichaam bevindt, des te lager is de bloeddruk. Overigens: de vergelijking van Bernoulli geldt ook voor een stilstaande vloeistof en een stilstaand gas. De vergelijking heeft dan de volgende vorm: p + ρ g h = constante. In zo n situatie moet dus de druk gelijk zijn op alle plaatsen met dezelfde hoogte. Deze regel was al in de zeventiende eeuw door de Fransman Pascal ontdekt, en wordt dan ook de wet van Pascal genoemd. Samenvatting De tabellen hieronder geven een overzicht van de grootheden en eenheden en van de definities in de natuurkunde van de bloedsomloop. grootheid eenheid bloeddruk p millimeter kwikdruk mmhg volumedebiet Q kubieke meter per seconde m 3 /s viscositeit η pascal-seconde Pa s stromingsweerstand R pascal-seconde per kubieke meter Pa s/m 3 grootheid definitie volumedebiet Q = V/ t stromingsweerstand R = p/q = 8 η l/(π r 4 ) Relaties De natuurkunde van de bloedsomloop beschrijft de pompwerking van het hart, en de stroming van het bloed door het bloedvaatstelsel: Het hart pompt het bloed onder druk de bloedvaten in. Over een bloedvat treedt een drukverval op, omdat het stromende bloed een stromingsweerstand ondervindt. Dit drukverval wordt gegeven door de wet van Poiseuille: p = Q R. De bloedsomloop bestaat uit een aantal in serie geschakelde bloedvaten/vaatbedden met elk een eigen stromingsweerstand, maar met hetzelfde volumedebiet. De som van het drukverval over de verschillende bloedvaten/vaatbedden geeft het totale drukverval over de gehele bloedsomloop (van hartkamer tot boezem). Het verband tussen bloeddruk, hoogte en stroomsnelheid van het bloed wordt gegeven door de wet van Bernoulli: p + ½ ρ v 2 + ρ g h = constante.

Bloedsomloop. 1 Inleiding. 2 Meetopstelling. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding

Bloedsomloop. 1 Inleiding. 2 Meetopstelling. VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding VWO Bovenbouwpracticum Natuurkunde Practicumhandleiding Bloedsomloop 1 Inleiding Het menselijk lichaam bestaat uit een zeer groot aantal cellen. Elke cel heeft voedingsstoffen en zuurstof nodig. Elke cel

Nadere informatie

Naam: BLOEDSOMLOOP. Vraag 1. Waaruit bestaat bloed?

Naam: BLOEDSOMLOOP. Vraag 1. Waaruit bestaat bloed? Naam: BLOEDSOMLOOP Bloed Een volwassen persoon heeft 5 á 6 liter bloed. Dat bloed bestaat uit bloedplasma, bloedcellen (rode en witte) en bloedplaatjes. Als bloed een paar dagen heeft gestaan, zakken de

Nadere informatie

1. Hoe ziet het hart eruit?

1. Hoe ziet het hart eruit? 1. Hoe ziet het hart eruit? Het hart ligt in de borstkas, achter het borstbeen tussen beide longen in. Er wordt vaak gezegd dat het hart aan de linkerkant ligt, maar dit is niet helemaal waar. Het ligt

Nadere informatie

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai Thema: Transport HAVO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai Doelstellingen De student moet - de bestanddelen van bloed kunnen noemen, ingecalculeerd de kenmerken

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie Circulatie. Stellingen n.a.v. vorig college. Stellingen, vervolg. Bloeddruk

Anatomie / fysiologie Circulatie. Stellingen n.a.v. vorig college. Stellingen, vervolg. Bloeddruk Anatomie / fysiologie Circulatie Bloeddruk 1 Stellingen n.a.v. vorig college Het ventrikelseptum van het hart is dikker dan het atriumseptum van het hart. Een hart dat over de top van de Frank Starling-curve

Nadere informatie

Anatomie / fysiologie. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten. Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe

Anatomie / fysiologie. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten. Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe Anatomie / fysiologie Cxx53 5 en 6 Bloedvaten Lymfe FHV2009 / Cxx53_5_6 / Anatomie & Fysiologie - Circulatie 1 Taken circulatiestelsel Voedingsstoffen, nadat ze verteerd (in stukken gedeeld) zijn, opnemen

Nadere informatie

Kijk, zo klopt het! EEN KIJKJE IN JE HART INHOUD. Je hart? Hard nodig!

Kijk, zo klopt het! EEN KIJKJE IN JE HART INHOUD. Je hart? Hard nodig! N KIJKJ IN J HART Kijk, zo klopt het! Het hart van een volwassene pompt zó hard dat het in één dag een tankwagen van wel 7.000 liter kan vullen. n het hart van een kind? Dat krijgt in één dag een tankwagen

Nadere informatie

Afdrukken pagina 2-19 dubbelzijdig formaat A4 naar behoefte kunnen lege A4-pagina s worden tussengevoegd

Afdrukken pagina 2-19 dubbelzijdig formaat A4 naar behoefte kunnen lege A4-pagina s worden tussengevoegd Gebruiksaanwijzing leerdagboek Exempel De klop van jouw hart Afdrukken pagina 2-19 dubbelzijdig formaat A4 naar behoefte kunnen lege A4-pagina s worden tussengevoegd Aanwijzingen Schrijf- en tekenruimte

Nadere informatie

OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP. Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek.

OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP. Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek. OPDRACHT EMBRYONALE BLOEDSOMLOOP Gebruik voor deze opdracht je Binas en basisstof 1 van je boek. Zeven organen van een normale bloedsomloop zijn: Hoofd longen hart lever darm nieren benen 1. Van de zeven

Nadere informatie

Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module. Bloeddruk meten.

Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module. Bloeddruk meten. Scholingstraject voorbehouden en risicovolle handelingen. Module Bloeddruk meten. Opleiding Centrum Zuidwester Inhoudsopgave Doel van de module -------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

De olie uit opgave 1 komt terecht in een tank met een inhoud van 10 000 liter. Hoe lang duurt het voordat de tank volledig met olie is gevuld?

De olie uit opgave 1 komt terecht in een tank met een inhoud van 10 000 liter. Hoe lang duurt het voordat de tank volledig met olie is gevuld? 5. Stromingsleer De belangrijkste vergelijking in de stromingsleer is de continuïteitsvergelijking. Deze is de vertaling van de wet van behoud van massa: wat er aan massa een leiding instroomt moet er

Nadere informatie

Wet van Bernoulli. 1 Druk in stilstaande vloeistoffen en gassen 2 Druk in stromende vloeistoffen en gassen 3 Wet van Bernoulli

Wet van Bernoulli. 1 Druk in stilstaande vloeistoffen en gassen 2 Druk in stromende vloeistoffen en gassen 3 Wet van Bernoulli Wet van Bernoulli 1 Druk in stilstaande vloeistoffen en gassen 2 Druk in stromende vloeistoffen en gassen 3 Wet van Bernoulli 1 Druk in stilstaande vloeistoffen en gassen Druk in een vloeistof In de figuur

Nadere informatie

Gezondheidscursus UMC Utrecht

Gezondheidscursus UMC Utrecht Gezondheidscursus UMC Utrecht Avond 1: Het hart- en vaatstelsel Een inleiding 1 De anatomie van het hart Door Susanne Boers en Karlijn van Leuken 2 De elektrische geleiding van het hart Door Eva van Schaik

Nadere informatie

Hoge bloeddruk en thuisbloeddrukmeting

Hoge bloeddruk en thuisbloeddrukmeting Hoge bloeddruk en thuisbloeddrukmeting Inleiding Uw arts heeft bij u een hoge bloeddruk vastgesteld. In deze folder vindt u informatie over hoge bloeddruk en hoe u thuis de bloeddruk kan meten. Wat is

Nadere informatie

Boezemfibrilleren. De bouw en werking van het hart

Boezemfibrilleren. De bouw en werking van het hart Boezemfibrilleren Boezemfibrilleren is een stoornis in het hartritme. Uw hartslag wordt onregelmatig. U kúnt dit voelen, maar dat hoeft niet. Van alle mensen met boezemfibrilleren voelt ongeveer 10 tot

Nadere informatie

slagaders haarvaten aders uitzonderingen Bevat kleppen - - X Aorta, longslagader Gespierde dikke wand

slagaders haarvaten aders uitzonderingen Bevat kleppen - - X Aorta, longslagader Gespierde dikke wand Paragraaf 4.1 en 4.2 Neem de volgende begrippen over in je schrift en geef een omschrijving ader Bloedvat waarin bloed richting het hart stroomt slagader Bloedvat waarin het bloed van het hart afstroomt

Nadere informatie

Thuis uw bloeddruk meten

Thuis uw bloeddruk meten Thuis uw bloeddruk meten Uw arts heeft bij u een hoge bloeddruk vastgesteld. In deze folder vindt u informatie over hoge bloeddruk en hoe u thuis de bloeddruk kunt meten. Wat is bloeddruk? Het hart is

Nadere informatie

Dermatologie. Open been. Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep

Dermatologie. Open been. Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep Dermatologie Open been Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep Wat is een open been? Een open been of ulcus cruris is een wond of zweer aan het onderbeen.

Nadere informatie

hart longen Werkboekje van...

hart longen Werkboekje van... & hart longen Werkboekje van... Woordveld woordveld Hart & Longen adem in, adem uit adem in, adem uit Om goed te kunnen werken heeft het lichaam zuurstof nodig. De ademhaling zorgt dat je lichaam zuurstof

Nadere informatie

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten Hoofdstuk 1 Meerkeuzevraag 1.1 Meerkeuzevraag 1.2 Meerkeuzevraag 1.3 Meerkeuzevraag 1.4 Meerkeuzevraag 1.5 Meerkeuzevraag 1.6 Meerkeuzevraag 1.7 Waar ligt de lever in de buikholte? A. Boven rechts B. Boven

Nadere informatie

GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-0500)

GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-0500) GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-0500) Belangrijke aanwijzingen voor het verkrijgen van goede metingen 1. Eet en drink (alcohol) niet, rook of sport niet voor het meten van de

Nadere informatie

De haarvaten bundelen zich tot aderen en het bloed, nu arm aan zuurstof en voedingsstoffen, wordt teruggevoerd naar het hart.

De haarvaten bundelen zich tot aderen en het bloed, nu arm aan zuurstof en voedingsstoffen, wordt teruggevoerd naar het hart. Open been Wat is een open been? Een open been of "ulcus cruris" is een wond of zweer aan het onderbeen. Vaak is de wond met een geelbruin beslag of een korst bedekt. De wond kan in het begin ook zwart

Nadere informatie

VWO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM - AAHA

VWO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM - AAHA Thema: Transport VWO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM - AAHA Docent: A. Sewsahai Doelstellingen De student moet 5V: blz. 215 t/m

Nadere informatie

Over gewicht Bepaling van de dichtheid van het menselijk lichaam.

Over gewicht Bepaling van de dichtheid van het menselijk lichaam. Over gewicht Bepaling van de dichtheid van het menselijk lichaam. Inleiding. In het project Over gewicht worden gewichtige zaken op allerlei manieren belicht. In de wiskundeles heb je aandacht besteed

Nadere informatie

1ste ronde van de 19de Vlaamse Fysica Olympiade 1. = kx. = mgh. E k F A. l A. ρ water = 1,00.10 3 kg/m 3 ( θ = 4 C ) c water = 4,19.10 3 J/(kg.

1ste ronde van de 19de Vlaamse Fysica Olympiade 1. = kx. = mgh. E k F A. l A. ρ water = 1,00.10 3 kg/m 3 ( θ = 4 C ) c water = 4,19.10 3 J/(kg. ste ronde van de 9de Vlaamse Fysica Olympiade Formules ste onde Vlaamse Fysica Olympiade 7 9de Vlaamse Fysica Olympiade Eerste ronde De eerste ronde van deze Vlaamse Fysica Olympiade bestaat uit 5 vragen

Nadere informatie

Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop

Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop Fysiologie les 5 Herhalen 3A Bloedsomloop Cellulair; Haematocriet, Erytrocyt (Affiniteit, Erytropoëtine, HB) Leukocyt (diapedese, fagocytose) Trombocyt 45% Plasma = water met opgeloste stoffen, glucose,

Nadere informatie

BLOED EN BLOEDSOMLOOP VWO 3

BLOED EN BLOEDSOMLOOP VWO 3 BLOED EN BLOEDSOMLOOP VWO 3 Halvemaanvormige kleppen Over de halvemaanvormige kleppen (de kleppen aan het begin van de aorta en de longslagader) worden enkele beweringen gedaan: 1 De druk die tijdens de

Nadere informatie

komt terug naar het hart in de linkerboezem, dan naar de linkerkamer en het hele proces begint opnieuw (afb. 1).

komt terug naar het hart in de linkerboezem, dan naar de linkerkamer en het hele proces begint opnieuw (afb. 1). Hartfalen anatomie Het hart is een spier die als een pomp werkt. Het hart pompt het bloed met zuurstof en voedingstoffen via de slagader naar alle delen van het lichaam. Afvalstoffen worden via het bloed

Nadere informatie

Elektrische stroomnetwerken

Elektrische stroomnetwerken ntroductieweek Faculteit Bewegings- en evalidatiewetenschappen 25 29 Augustus 2014 Elektrische stroomnetwerken Dr. Pieter Neyskens Monitoraat Wetenschappen pieter.neyskens@wet.kuleuven.be Assistent: Erik

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21 Inhoud Inleiding 7 1. 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 21 2. Zorgvraag verhelderen 25 - Recepten 26 - Zelfzorgvragen 32 3. Geneesmiddelen 37 - Medicijnen voor hart en bloedvaten 38 4. Bereiden

Nadere informatie

Phydrostatisch = gh (6)

Phydrostatisch = gh (6) Proefopstellingen: Bernoulli-opstelling De Bernoulli-vergelijking (2) kan goed worden bestudeerd met een opstelling zoals in figuur 4. In de figuur staat de luchtdruk aangegeven met P0. Uiterst links staat

Nadere informatie

Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan?

Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan? De lever is gelegen in de buikholte? A. Boven rechts B. Boven links C. Onder rechts D. Onder links Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan? A. De aorta B. De holle

Nadere informatie

12 Elektrische schakelingen

12 Elektrische schakelingen Elektrische schakelingen Onderwerpen: - Stroomsterkte en spanning bij parallel- en serieschakeling - Verangingsweerstand bij parallelschakeling. - Verangingsweerstand bij serieschakeling.. Stroom en spanning

Nadere informatie

GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-1000)

GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-1000) GEBRUIKSAANWIJZING ROMED ELECTRONISCHE BLOEDDRUKMETER (BP-1000) Belangrijke aanwijzingen voor het verkrijgen van goede metingen 1. Eet en drink (alcohol) niet, rook of sport niet voor het meten van de

Nadere informatie

Herhalingsles Het lichaam. Ademhaling. Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan.

Herhalingsles Het lichaam. Ademhaling. Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan. Herhalingsles Het lichaam Ademhaling Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan. Als we ademen, stroomt er lucht binnen in ons lichaam. Welke weg legt deze lucht af? Vul het schema aan.

Nadere informatie

Sportief bewegen met hypertensie. Hypertensie

Sportief bewegen met hypertensie. Hypertensie Sportief bewegen met hypertensie Hypertensie Sportief bewegen met hypertensie...................................... Bewegen: gezond en nog leuk ook Regelmatig bewegen heeft een positieve invloed op de

Nadere informatie

Orthostatische hypotensie

Orthostatische hypotensie Orthostatische hypotensie Wat is het? Orthostatische hypotensie betekent letterlijk; lage bloeddruk bij staan. In deze folder wordt uitgelegd hoe de normale bloeddruk tot stand komt en wat de oorzaken

Nadere informatie

--------------------------------------------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------------------------------------------- YOGA VOOR HET HART YOGA VOOR HET HART Tekst: Maja Miklič www.yogasachi.com Redactie: Sandra Di Bortolo www.hetzusje.nl Fotografie: Michel Nieuwland, 123RF Illustratie: Shutterstock, Veectezy, Maja Miklič

Nadere informatie

Hartfalen. Decompensatio cordis

Hartfalen. Decompensatio cordis Hartfalen Decompensatio cordis Door een verminderde pompfunctie van uw hart bent u op dit moment onder behandeling van de cardioloog. Deze folder geeft u uitleg over de aard en de oorzaak van uw klachten.

Nadere informatie

Aventuri met Bernoulli De wet van Bernoulli toegepast

Aventuri met Bernoulli De wet van Bernoulli toegepast Inleiding l in de 18e eeuw bedacht Daniel Bernoulli het natuurkundige principe om te vliegen. De wet van Bernoulli is de wet van behoud van energie voor een sterk vereenvoudigde situatie waarin alleen

Nadere informatie

Spreekbeurt menselijk lichaam. Door Lara Sieperda.

Spreekbeurt menselijk lichaam. Door Lara Sieperda. Spreekbeurt menselijk lichaam. Door Lara Sieperda. Inleiding. Ik hou mijn spreekbeurt over het menselijk lichaam. Omdat ik later kinderarts wil worden en ik het heel interessant vind. Ons lichaam. Het

Nadere informatie

Orthostatische hypotensie

Orthostatische hypotensie Orthostatische hypotensie Geriatrie Veel ouderen hebben last van duizeligheid. Dit uit zich door verschillende klachten zoals zich niet lekker voelen, licht in het hoofd voelen, onzekerheid bij het opstaan

Nadere informatie

LEERWERKBOEK BIOLOGIE VOOR JOU BIOLOGIE VOOR DE ONDERBOUW VMBO-BK

LEERWERKBOEK BIOLOGIE VOOR JOU BIOLOGIE VOOR DE ONDERBOUW VMBO-BK 2a LEERWERKBOEK BIOLOGIE VOOR JOU BIOLOGIE VOOR DE ONDERBOUW VMBO-BK 2a LEERWERKBOEK BIOLOGIE VOOR JOU BIOLOGIE VOOR DE ONDERBOUW VMBO-BK AUTEURS GERARD SMITS BEN WAAS ARTEUNIS BOS ONNO KALVERDA ZESDE

Nadere informatie

Middelomvang en Bloeddruk. GECKO Next-5 MIDDELOMTREK

Middelomvang en Bloeddruk. GECKO Next-5 MIDDELOMTREK Middelomvang en Bloeddruk GECKO Next-5 MIDDELOMTREK Voorbereiding Klaarleggen automatisch meetlint Zorg dat het kind jasjes, truien of overgooiers uit heeft, een dun aansluitend shirt mag worden aanhouden.

Nadere informatie

Examen Voorbereiding Transport

Examen Voorbereiding Transport Examen Voorbereiding Transport Teylingen College Leeuwenhorst 2015/2016 Thema 5 Transport Begrippenlijst: Begrip Enkelvoudige bloedsomloop Dubbele bloedsomloop Kransslagaders Aorta Hartkleppen Halvemaanvormige

Nadere informatie

Hartfalen. Wat is het en hoe herken je het

Hartfalen. Wat is het en hoe herken je het Hartfalen Wat is het en hoe herken je het Hartfalen, onbekend en onderschat Hartfalen is de grote onbekende onder de hartziekten. Hartfalen klinkt misschien bekend in de oren. Het woord doet denken aan

Nadere informatie

Orthostatische hypotensie

Orthostatische hypotensie Orthostatische hypotensie Orthostatische hypotensie betekent letterlijk: een lage bloeddruk bij staan. In deze folder leest u meer over orthostatische hypotensie en bijbehorende klachten en geven wij u

Nadere informatie

Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5

Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5 Naam: Klas: Repetitie natuurkunde voor havo (versie A) Getoetste stof: elektriciteit 1 t/m 5 OPGAVE 1 Teken hieronder het bijbehorende schakelschema. Geef ook de richting van de elektrische stroom aan.

Nadere informatie

De groei van tumoren is alleen maar mogelijk als er bloedvaten naartoe gaan (afbeelding 1 fase 3 en 4).

De groei van tumoren is alleen maar mogelijk als er bloedvaten naartoe gaan (afbeelding 1 fase 3 en 4). Examentrainer Vragen De vorming van bloedvaten Angiogenese is de naam van het proces waarbij nieuwe bloedvaten gevormd worden. In een volwassen, volgroeid lichaam worden normaal gesproken geen bloedvaten

Nadere informatie

Een lage bloeddruk bij het staan

Een lage bloeddruk bij het staan Een lage bloeddruk bij het staan Orthostatische hypotensie Een lage bloeddruk bij het staan noemen we in medische termen orthostatische hypotensie. In deze folder vindt u informatie over de oorzaken en

Nadere informatie

Werking van het hart. Algemene informatie over het hart, de bloedvaten en de meest voorkomende hart- en vaataandoeningen

Werking van het hart. Algemene informatie over het hart, de bloedvaten en de meest voorkomende hart- en vaataandoeningen Werking van het hart Algemene informatie over het hart, de bloedvaten en de meest voorkomende hart- en vaataandoeningen Het hart is een pomp Hart- en vaatziekten zijn een belangrijke doodsoorzaak in Nederland.

Nadere informatie

Prezi les 1: Website:

Prezi les 1: Website: Les 1 Bouw van het hart Inhoud 1. De leerkracht vertelt dat de leerlingen tijdens deze les het gaan hebben over de bouw van het hart. 2. De leerkracht laat het skelet van een mens zien en vraagt de leerlingen

Nadere informatie

HARTSLAGSENSOR 027I GEBRUIKERSHANDLEIDING

HARTSLAGSENSOR 027I GEBRUIKERSHANDLEIDING HARTSLAGSENSOR 027I GEBRUIKERSHANDLEIDING CENTRUM VOOR MICROCOMPUTER APPLICATIES http://www.cma-science.nl Beschrijving Met de Hartslagsensor kan de hartslag bestudeerd worden via plaatsing van een clip

Nadere informatie

Syncope. Uitleg en adviezen

Syncope. Uitleg en adviezen Syncope Uitleg en adviezen Syncope Syncope is het moeilijke woord voor aanvallen van kortdurend bewustzijnsverlies dat veroorzaakt wordt doordat de bloeddruk even weg valt. De meest voorkomende oorzaak

Nadere informatie

De bloeddruk van een zorgvrager meten

De bloeddruk van een zorgvrager meten OPDRACHTFORMULIER De bloeddruk van een zorgvrager meten Naam student: Datum: Voordat je gaat oefenen 1 Lees het handelingsformulier van deze vaardigheid en noteer vragen en opmerkingen. Bespreek deze met

Nadere informatie

1. Weten wat potentiaal en potentiaalverschil is 2. Weten wat capaciteit en condensator is 3. Kunnen berekenen van een vervangingscapaciteit

1. Weten wat potentiaal en potentiaalverschil is 2. Weten wat capaciteit en condensator is 3. Kunnen berekenen van een vervangingscapaciteit Hoofdstuk 2 Elektrostatica Doelstellingen 1. Weten wat potentiaal en potentiaalverschil is 2. Weten wat capaciteit en condensator is 3. Kunnen berekenen van een vervangingscapaciteit 2.1 Het elektrisch

Nadere informatie

INFOBROCHURE: STAGIAIRS VERPLEEGKUNDE CARDIOLOGIE

INFOBROCHURE: STAGIAIRS VERPLEEGKUNDE CARDIOLOGIE INFOBROCHURE: STAGIAIRS VERPLEEGKUNDE CARDIOLOGIE Algemeen In de week dat de stagiairs op cardio staan, wordt verwacht dat ze zich elke dag om 08u00 aanmelden op functiemeting (echo-cardio). Onderzoeken

Nadere informatie

Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00. Maandag 11 maart 2013

Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00. Maandag 11 maart 2013 Tussentoets 1 (TT-1, code 8WA01) Hart en Long 8WA00 Maandag 11 maart 2013 Faculteit Biomedische Technologie BSc opleiding Medische Wetenschappen en Technologie Verantwoordelijk docent: C. Bouten Coördinator

Nadere informatie

Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde

Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde Technologie 1 Elektrische en elektronische begrippen Signalen stroom, spanning, weerstand, vermogen AC, DC, effectieve waarde Opleiding Pop en Media Peet Ferwerda, januari 2002 Deze instructie wordt tijdens

Nadere informatie

Orthostatische hypotensie (Lage bloeddruk bij staan

Orthostatische hypotensie (Lage bloeddruk bij staan Orthostatische hypotensie (Lage bloeddruk bij staan Inleiding Orthostatische hypotensie betekent letterlijk; lage bloeddruk bij staan. In deze folder wordt uitgelegd hoe de normale bloeddruk tot stand

Nadere informatie

6.2 Elektrische energie en vermogen; rendement

6.2 Elektrische energie en vermogen; rendement 6.2 Elektrische energie en vermogen; rendement Opgave 9 Het rendement bereken je met E nuttig en E in. E nuttig is de hoeveelheid energie die nodig is het water op te warmen. E in is de hoeveelheid energie

Nadere informatie

1. Temperatuurregeling

1. Temperatuurregeling 1. Temperatuurregeling Afb. 1 Als je het warm hebt, wordt je gezicht rood. Dit komt doordat de bloedvaatjes net onder je huid wijder worden doordat bepaalde spieren zich samentrekken. Zo staat je lichaam

Nadere informatie

Opgave 1. Voor de grootte van de magnetische veldsterkte in de spoel geldt: = l

Opgave 1. Voor de grootte van de magnetische veldsterkte in de spoel geldt: = l Opgave 1 Een kompasnaald staat horizontaal opgesteld en geeft de richting aan van de horizontale r component Bh van de magnetische veldsterkte van het aardmagnetische veld. Een spoel wordt r evenwijdig

Nadere informatie

Hartaandoeningen bij de hond

Hartaandoeningen bij de hond Hartaandoeningen bij de hond HARTAANDOENINGEN VOEDINGSOVERGEVOELIGHEID BIJ DE HOND HARTAANDOENINGEN BIJ DE HOND Hartaandoeningen bij de hond zijn in het algemeen progressief van aard, wat wil zeggen dat

Nadere informatie

Orthostatische hypotensie

Orthostatische hypotensie Geriatrie Orthostatische hypotensie Lage bloeddruk bij het staan Algemeen Orthostatische hypotensie betekent letterlijk: een lage bloeddruk bij staan. Veel ouderen hebben last van duizeligheid. Dit uit

Nadere informatie

Casuïstiek voor doktersassistenten Ik heb pijn op de borst ISBN 978 90 313 7914 9. Hoofdstuk 1: Medische achtergrondkennis

Casuïstiek voor doktersassistenten Ik heb pijn op de borst ISBN 978 90 313 7914 9. Hoofdstuk 1: Medische achtergrondkennis Antwoorden ISBN 978 90 313 7914 9 Hoofdstuk 1: Medische achtergrondkennis 1.1 Bouw van de borstkas 1. borstbeen 2. ribben 3. kraakbeen 4. wervel 5. tussenwervelschijf 6. zwevende rib 1.2 Bouw en werking

Nadere informatie

HOGE BLOEDDRUK? VOORKOM NIERSCHADE.

HOGE BLOEDDRUK? VOORKOM NIERSCHADE. HOGE BLOEDDRUK? VOORKOM NIERSCHADE. BLOEDDRUK EN NIEREN EEN INGEWIKKELD SAMENSPEL Nieren en bloeddruk hebben veel met elkaar te maken. Nieren filteren de afvalstoffen uit het lichaam, maar ze regelen ook

Nadere informatie

Bloed en lymfe systeem. Bloed en lymfe systeem. Bloed stelsel. Bloed stelsel. Samenstelling van het bloed. Bloedplasma 16-9-2014

Bloed en lymfe systeem. Bloed en lymfe systeem. Bloed stelsel. Bloed stelsel. Samenstelling van het bloed. Bloedplasma 16-9-2014 Bloed en lymfe systeem plaatje Bloed en lymfe systeem Beauty Level Basics blz. 144-167 Bloed stelsel Algemeen: Menselijk lichaam bevat gemiddeld 5 liter bloed Bloed = vloeibaar weefsel (bind en steun weefsel)

Nadere informatie

Patiënten Informatie Map voor patiënten na een hartinfarct

Patiënten Informatie Map voor patiënten na een hartinfarct Patiënten Informatie Map voor patiënten na een hartinfarct Opname Bij aankomst in het ziekenhuis wordt u meestal eerst volledig onderzocht op de Eerste HartHulp (EHH) door een arts-assistent. Hij/zij neemt

Nadere informatie

Fig. 0. 1 De Leefstijlacademie

Fig. 0. 1 De Leefstijlacademie Inleiding Wat goed dat je hebt doorgezet naar de volgende cursus! Je wilt dus nog meer te weten komen over hoe je lichaam precies in elkaar zit en hoe het werkt! En dat precies is wat je in deze cursus

Nadere informatie

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur natuurkunde 1,2 Examen VWO - Compex Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur 20 05 Vragen 1 tot en met 17. In dit deel staan de vragen waarbij de computer

Nadere informatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT TECHNISCHE NATUURKUNDE GROEP TRANSPORTFYSICA

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT TECHNISCHE NATUURKUNDE GROEP TRANSPORTFYSICA TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN FACULTEIT TECHNISCHE NATUURKUNDE GROEP TRANSPORTFYSICA Tentamen Stroming & Diffusie (3D030) op donderdag 7 augustus 2008, 14.00-17.00 uur. 1. Beantwoord de volgende vragen

Nadere informatie

Skillslab handleiding

Skillslab handleiding Skillslab handleiding Faculteit Geneeskunde & Gezondheidswetenschappen Bloeddrukmeting Academiejaar 2009-2010 Samengesteld door Skillslabteam Met medewerking van Dr. Michel De Pauw Deze handleiding behoort

Nadere informatie

TWEEDE RONDE NATUURKUNDE OLYMPIADE 2014 TOETS 1. 23 APRIL 2014 10.30 12.30 uur

TWEEDE RONDE NATUURKUNDE OLYMPIADE 2014 TOETS 1. 23 APRIL 2014 10.30 12.30 uur TWEEDE RONDE NATUURKUNDE OLYMPIADE 2014 TOETS 1 23 APRIL 2014 10.30 12.30 uur 1 RONDDRAAIENDE MASSA 5pt Een massa zit aan een uiteinde van een touw. De massa ligt op een wrijvingloos oppervlak waar het

Nadere informatie

Vlaamse Fysica Olympiade 27 ste editie 2014-2015 Eerste ronde

Vlaamse Fysica Olympiade 27 ste editie 2014-2015 Eerste ronde Vlaamse Olympiades voor Natuurwetenschappen KU Leuven Departement Chemie Celestijnenlaan 200F bus 2404 3001 Heverlee Tel.: 016-32 74 71 E-mail: info@vonw.be www.vonw.be Vlaamse Fysica Olympiade 27 ste

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 22

Inhoud. Inleiding 7. 1. Medische achtergrondkennis 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 22 Inhoud Inleiding 7 1. 9 - Anatomie en fysiologie 10 - Ziektebeelden 22 2. Zorgvraag verhelderen 25 - Recepten 26 - Zelfzorgvragen 27 3. Geneesmiddelen 33 - Medicijnen tegen duizeligheid 34 4. Bereiden

Nadere informatie

9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN

9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN 9 PARALLELSCHAKELING VAN WEERSTANDEN Een parallelschakeling komt in de praktijk vaker voor dan een serieschakeling van verbruikers. Denken we maar aan alle elektrische apparaten die aangesloten zijn op

Nadere informatie

Toets Anatomie Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen

Toets Anatomie Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen Cijfer In te vullen voor docent In te vullen door leerling Beroepsprestatie B.P.1.3 S.B Naam leerling Toets Anatomie Opleiding Sport en Bewegen Klas SB3O1A+B Versie 1 Datum Tijdsduur 60 minuten Naam docent

Nadere informatie

Risicofactoren die een rol spelen in het proces van atherosclerose zijn:

Risicofactoren die een rol spelen in het proces van atherosclerose zijn: Arterieel vaatlijden Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de behandeling van het perifeer (slagaderlijk) arterieel vaatlijden. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk

Nadere informatie

NATIONALE NATUURKUNDE OLYMPIADE. Eindronde theorietoets. 13 juni 2006. beschikbare tijd: 2x2 uur. Deel 1

NATIONALE NATUURKUNDE OLYMPIADE. Eindronde theorietoets. 13 juni 2006. beschikbare tijd: 2x2 uur. Deel 1 NATIONALE NATUURKUNDE OLYMPIADE Eindronde theorietoets 3 juni 006 beschikbare tijd: x uur Deel . Een gat in een emmer (3 pt) Een hoge cilinder is gevuld met water. In de zijwand is een gaatje gemaakt waardoor

Nadere informatie

Deel 5: Druk. 5.1 Het begrip druk. 5.1.1 Druk in het dagelijks leven. We kennen druk uit het dagelijks leven:... ... ...

Deel 5: Druk. 5.1 Het begrip druk. 5.1.1 Druk in het dagelijks leven. We kennen druk uit het dagelijks leven:... ... ... Deel 5: Druk 5.1 Het begrip druk 5.1.1 Druk in het dagelijks leven We kennen druk uit het dagelijks leven:............................................................. Deel 5: Druk 5-1 5.1.2 Proef a) Werkwijze:

Nadere informatie

HARTKATHETERISATIE CORONAROGRAFIE

HARTKATHETERISATIE CORONAROGRAFIE HARTKATHETERISATIE CORONAROGRAFIE AZ Monica vzw - Florent Pauwelslei 1 - BE-2100 Deurne - T +32 3 320 50 00 - F +32 3 320 56 00 info@azmonica.be - www.azmonica.be 12 Inleiding Uw cardioloog heeft u aangeraden

Nadere informatie

Informatiebrochure T.E.E. / Cardioversie

Informatiebrochure T.E.E. / Cardioversie Informatiebrochure T.E.E. / Cardioversie ziekenhuis maas en kempen Inleiding U wordt opgenomen in Ziekenhuis Maas en Kempen voor een TEE en/of cardioversie. Om u zo goed mogelijk te informeren over deze

Nadere informatie

Praktische opdracht. klas 2 atheneum

Praktische opdracht. klas 2 atheneum 1 Praktische opdracht klas 2 atheneum Expert opdrachten gaswisseling, bloed en bloedsomloop http://www.bioplek.org/2klas/2klasexpertgasbloed/2klasgasbloedinhoud.html Vragen over de posters 2 Het is mogelijk

Nadere informatie

de weerstandscoëfficiënt van de bochten is nagenoeg onafhankelijk van het slangtype.

de weerstandscoëfficiënt van de bochten is nagenoeg onafhankelijk van het slangtype. TNO heeft een onderzoek naar de invloed van een aantal parameters op de wrijvings- en weerstandscoëfficiënten van DEC International -slangen en -bochten uitgevoerd (rapportnummer 90-042/R.24/LIS). De volgende

Nadere informatie

ECG en de hartcyclus

ECG en de hartcyclus ECG en de hartcyclus De hartcyclus De afbeelding op de volgende bladzijde is een vereenvoudigde weergave van de gebeurtenissen tijdens de hartcyclus. In de diagrammen 1 en 2 geven de grafieklijnen de drukvariaties

Nadere informatie

VISCOSITEIT VAN VLOEISTOFFEN

VISCOSITEIT VAN VLOEISTOFFEN VISCOSITEIT VAN VLOEISTOFFEN 1) Inleiding Viscositeit is een eigenschap van vloeistoffen (en gassen) die belang heeft voor de stromingseigenschappen van de vloeistof. Dit speelt een rol in allerlei domeinen.

Nadere informatie

hoofdstuk 1 Elektriciteit.

hoofdstuk 1 Elektriciteit. hoofdstuk 1 Elektriciteit. 1.1 Lading. Veel toestellen op het laboratorium werken met elektriciteit. De werking van deze toestellen berust op elektrische lading die stroomt. We kennen twee soorten lading:

Nadere informatie

ARTERIELE HYPERTENSIE

ARTERIELE HYPERTENSIE ARTERIELE HYPERTENSIE Wat u moet weten - Patiëntinformatie - Hypertensie is de medische term voor hoge bloeddruk. Dat is de druk waaraan de arteriële bloedvaten of slagaders in het lichaam blootgesteld

Nadere informatie

TENTAMEN NATUURKUNDE

TENTAMEN NATUURKUNDE CENTRALE COMMISSIE VOORTENTAMEN NATUURKUNDE TENTAMEN NATUURKUNDE tweede voorbeeldtentamen CCVN tijd : 3 uur aantal opgaven : 5 aantal antwoordbladen : 1 (bij opgave 2) Iedere opgave dient op een afzonderlijk

Nadere informatie

Les 5 Vaten en Bloeddruk. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten

Les 5 Vaten en Bloeddruk. Taken circulatiestelsel. Onderverdeling bloedvaten Les 5 Vaten en Bloeddruk Circulatiestelsel, bloedvaten, uitwisseling, windketelfunctie en bloeddruk ANZN 1e leerjaar - Les 5 - Matthieu Berenbroek, 2000-2011 1 Taken circulatiestelsel Voedingsstoffen,

Nadere informatie

Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5)

Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5) Uitwerkingen VWO deel 1 H2 (t/m par. 2.5) 2.1 Inleiding 1. a) Warmte b) Magnetische Energie c) Bewegingsenergie en Warmte d) Licht (stralingsenergie) en warmte e) Stralingsenergie 2. a) Spanning (Volt),

Nadere informatie

ARTERIEEL VAATLIJDEN 17954

ARTERIEEL VAATLIJDEN 17954 ARTERIEEL VAATLIJDEN 17954 Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de behandeling van het perifeer arterieel vaatlijden. Het is goed dat u zich realiseert dat bij het vaststellen

Nadere informatie

Tensie meten. De bloeddruk, hoe, wat, waar, waarmee

Tensie meten. De bloeddruk, hoe, wat, waar, waarmee Tensie meten De bloeddruk, hoe, wat, waar, waarmee Wat is bloeddruk De druk die permanent aanwezig is in de bloedvaten Zowel in de arteriën als de venen De druk is nodig om het bloed door zowel arteriën

Nadere informatie

Arterieel vaatlijden 1

Arterieel vaatlijden 1 Arterieel vaatlijden 1 Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de behandeling van het perifeer arterieel vaatlijden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van

Nadere informatie

Dokter op Dinsdag. Jawed Polad Interventiecardioloog Jeroen Bosch Ziekenhuis

Dokter op Dinsdag. Jawed Polad Interventiecardioloog Jeroen Bosch Ziekenhuis Dokter op Dinsdag Jawed Polad Interventiecardioloog Jeroen Bosch Ziekenhuis Het hart is voornamelijk gemaakt van speciale spier. Het hart pompt bloed in de slagaders (bloedvaten) die het bloed naar alle

Nadere informatie

DREIGEND HARTINFARCT

DREIGEND HARTINFARCT DREIGEND HARTINFARCT (onstabiele angina pectoris) In deze folder geeft het Ruwaard van Putten Ziekenhuis u algemene informatie over een dreigend hartinfarct. Wij adviseren u de informatie zorgvuldig te

Nadere informatie