Sociale Plattegrond Syllabus

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Sociale Plattegrond Syllabus"

Transcriptie

1 2013 Sociale Plattegrond Syllabus Provinciebestuur West-Vlaanderen Dienst Welzijn Sociale Planning

2 Inhoud Inhoud Inleiding DEEL I: Welzijn en Welvaart in verandering Evolutie nachtwakerstaat moderne welvaartstaat actieve welvaartstaat Het welzijnsbeleid: een kluwen Tendensen Van aanbod- naar vraag-gestuurde zorg Professionalisering van de zorg Vermaatschappelijking van de zorg Schaalvergroting versus decentralisering Vermarkting van de zorg Matteüseffect Kwaliteitszorg Hulpverlening en ICT Integraal werken Preventie / proactief werken DEEL 2: Hulpverlening: een schets van diverse sectoren en diensten Leefbaarheid Opbouwwerk Referentiekader Samenlevingsopbouw Korte historiek Structurering van de sector Programma sporen Methoden, technieken, instrumenten Buurtwerk Beknopte historiek Missie en opdrachten Methodische principes Afstemming en samenwerking Straathoekwerk Definitie en doelgroep Maatschappelijke positie Literatuurlijst Het Algemeen Welzijnswerk Het private Algemeen Welzijnswerk (AWW) Historiek Twee types van CAW s Het openbaar algemeen welzijnswerk: het OCMW Historiek Werking en taken Het lokaal sociaal beleid en het Sociaal Huis S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

3 2.4 Uitdagingen voor de toekomst Interessante websites Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) Historiek Beleid Actoren Psychiatrische ziekenhuizen (PZ) Psychiatrische afdelingen van algemene ziekenhuizen (PAAZ) Psychiatrische verzorgingstehuizen (PVT) Beschut wonen (BW) Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) Psychiatrische zorg in de thuissituatie (ambulant) Mobiele teams Overlegplatform Geestelijke Gezondheidszorg Vlaamse Vereniging voor Geestelijke Gezondheidszorg (VVGG) Actoren middelengebruik Mantelzorg en zelfhulp Straathoekwerk De eerstelijnszorg Ambulante alcohol- en drughulpverlening Semi-residentiële alcohol- en drughulpverlening Residentiële alcohol- en drughulpverlening Tendensen en recente initiatieven Preventie KOPP (Kinderen van Ouders met Psychiatrische Problematiek) Integrale zorg: Outreach teams Buddywerking Ontstaan koepel belangenbehartigingsorganisatie Uitdagingen voor de toekomst Mattheuseffect Stijging van het aantal psychische problemen Beeldvorming van de GGZ verbeteren Interessante websites Hulp aan personen met een handicap Historiek Beleid Actoren Het Vlaams agentschap voor Personen met een handicap Zorgaanbod Tendensen en vernieuwingen in de sector Zorgregie Zorggradatie Uitdagingen voor de toekomst Interessante websites Het woon- en zorgbeleid Structurering De informele zorg S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

4 5.1.2 De formele zorg Ouderenzorg Missie / toegangspoort Structurering van de sector Woonzorglijn Ambulante diensten Semi-residentieel Residentieel Uitdaging naar de toekomst Geraadpleegde en interessante bronnen Kinderen, jongeren & gezin Opvoedingsondersteuning Actoren Jeugdhulp Integrale Jeugdhulp Modulering van de jeugdhulp Rechtstreekse en niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp Cliëntoverleg Kind & Gezin Beknopte historiek Missie en visie Preventieve gezinsondersteuning Kinderopvang Adoptie Uitdagingen voor de toekomst Geraadpleegde en interessante bronnen Leerlingenbegeleiding Structurering Opdracht en werkdomeinen Uitdagingen voor de toekomst Geraadpleegde bronnen en interessante sites Justitie en Hulpverlening Slachtoffers Het Hulpaanbod Slachtofferzorg Slachtofferbejegening bij de politie Slachtofferonthaal Slachtofferhulp Slachtoffertherapie Het Justitiehuis JUSTITIEEL WELZIJNSWERK Justitieel Welzijnswerk binnen de gevangenis Justitieel welzijnswerk buiten de gevangenis DE PSYCHOSOCIALE DIENSTEN BINNEN DE GEVANGENIS Hulp- en dienstverlening aan gedetineerden Psychosociale dienst (PSD) Etnisch-culturele minderheden S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

5 8.1 Voor een goed begrip Inleiding Terminologie (Gemeentelijke) integratiediensten Kerntaken Kader Werking Integratie, inburgering, sociaal tolken en vertalen Vzw desom Integratie Inburgering (onthaalbureaus) Sociale tolken en vertalen Telefonisch tolken Taallessen voor etnisch-culturele minderheden Huis van het Nederlands Rechtshulp voor etnisch-culturele minderheden Vluchtelingen, asielzoekers en mensen zonder papieren Asiel in België Asielprocedure Opvang asielzoekers Mensen zonder papieren Doelgroep zigeuners, woonwagenbewoners en voyageurs Mensen van de weg Specifieke thema s Racismebestrijding Noord-Zuid-samenwerking Zelfzorg Informatie, overleg, federaties en koepels Bronnen Info S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

6 INLEIDING Het welzijnswerkveld is ruim en complex. Alleen al in West-Vlaanderen zijn er honderden organisaties, instanties, werkvormen actief. Dat een kat er haar jongen niet meer in vindt, hoeft dus niet te verwonderen. Om aan dat euvel te verhelpen, werd door de Vlaamse provincies en de VGC in 2001 het initiatief genomen om een sociale kaart uit te bouwen. Deze sociale kaart bevat alle voorzieningen werkzaam in het brede welzijnswerkveld in Vlaanderen en Brussel. Al gauw bleek dat de databank met bijhorende zoekmodule op zich niet volstond om soelaas te bieden aan het ondoorzichtige kluwen dat het welzijnswerkveld geworden is. Vandaar dat 6 jaar geleden de idee geopperd werd om vorming te organiseren met de sociale kaart als vertrekpunt: de sociale plattegrond. Bedoeling van deze vorming was om de verschillende welzijnssectoren die fichegewijs in de sociale kaart zijn opgenomen een gezicht te geven. Het vormingspakket bestond uit 2 delen. Enerzijds was er syllabus, waarin de verschillende sectoren kort beschreven werden: historiek, beleid, actoren, tendensen en vernieuwingen in de sector en uitdagingen voor de toekomst. Voor de opmaak van deze syllabus werd een beroep gedaan op de sociale hogescholen in West-Vlaanderen. Anderzijds was er een tweedaagse vormingssessie waarin de syllabus gepresenteerd werd. De vormingssessies werden in samenwerking met de regionale welzijnsraden opgezet, om zo geografisch spreiding in de provincie te garanderen, de hogescholen stonden in voor de sprekers. Het grote succes van 2008 vroeg om een herhaling. De syllabus, die u voor u hebt, werd intussen meermaals en in verschillende provincies herwerkt. In 5 jaar tijd is de sector immers sterk geëvolueerd. Relevante vernieuwingen werden mee opgenomen. Een aantal rubrieken die ook in de sociale kaart zijn opgenomen, maar nog niet in deze syllabus zullen later aan deze syllabus toegevoegd worden: tewerkstelling, huisvesting en onderwijs. Ook nu weer vormt de syllabus de leidraad voor een tweedaagse vormingsreeks, die uitdrukkelijk bedoeld is voor startende beroepskrachten en vrijwilligers uit de private en openbare welzijnssectoren die naast de eigen sector ook andere welzijnssectoren beter willen leren kennen. We vonden in de welzijnsraden weer een bereidwillige partner voor de praktische organisatie, lectoren van Howest en Vives nemen opnieuw het inhoudelijke deel voor hun rekening. We hopen hiermee een bijdrage te leveren aan uw exploratie van het welzijnswerkveld. 5 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

7 DEEL I: WELZIJN EN WELVAART IN VERANDERING 1 1. EVOLUTIE NACHTWAKERSTAAT MODERNE WELVAARTSTAAT ACTIEVE WELVAARTSTAAT Tot het einde van de 19 e eeuw was België een zogenaamde nachtwakerstaat. De overheid stond enkel in voor de fysieke veiligheid. Ze mengde zich niet met het maatschappelijke leven van haar burgers. Het waren aanvankelijk vooral private initiatieven, zoals religieuze gemeenschappen, die de armenzorg en de gezondheidszorg op zich namen, maar ook steden waren vrij vroeg actief in de armenzorg en gezondheidszorg. 2 Vanaf het begin van de 20 e eeuw zien we de eerste tekenen van een zich ontwikkelende welvaartstaat. Herman Deleeck omschrijft de welvaartstaat als de samenlevingsvorm waarbij een aantal grondrechten van de burger, met het oog op zijn materiële welvaart en de bevordering van zijn kansen tot ontplooiing, binnen een wettelijk raamkader, effectief gewaarborgd worden. Dit alles binnen het raam van de parlementaire democratie en met behoud van de markteconomische productiewijze. (Deleeck, 2008). 3 De wet van de openbare onderstand van 1925 is daar een voorbeeld van. Na de Tweede Wereldoorlog spreken we van de moderne welvaartstaat. In deze periode van economische bloei grijpt de overheid verregaand in, in de economie en het maatschappelijk leven, met als doel voor iedereen een welzijn te garanderen. Middelen daartoe zijn bijvoorbeeld het sociale herverdelingssysteem en de bescherming tegen grote sociale risico s. De gevolgen blijven niet uit. Om er enkele te noemen: de lonen stijgen, het onderwijs wordt gedemocratiseerd, de welzijnssector wordt sterker ontwikkeld. De jaren zeventig van de vorige eeuw kondigen een nieuw welzijnstijdperk aan. De economische crisis noopt de overheid te besparen. De welzijnssector is één van de slachtoffers, met als gevolg veel schaalvergroting in een poging tot meer efficiëntie, de introductie van een registratie en kwaliteitszorgsysteem ook in functie van efficiëntie en effectiviteit, maar evenzeer het ontstaan van lange wachtlijsten in bepaalde sectoren zoals de sector van personen met een handicap. In de jaren negentig waait er een nieuwe beleidswind. De idee dat de burger actief moet streven naar zijn participatie en sociale integratie, wint stilaan veld. De actieve welvaartstaat is geboren. De burger moet zijn verantwoordelijkheid opnemen en arbeid is hierbij het centrale begrip. Participatie 1 Dit hoofdstuk is voornamelijk en vrij integraal gebaseerd op de syllabus Sociale Plattegrond 2012 van de provincie Vlaams-Brabant en de KH Leuven, Departement Sociale School Heverlee. Hier en daar werden aanpassingen gemaakt op basis van verdere actualisering, van klemtonen en van vertaling naar de situatie in de provincie West-Vlaanderen. 2 Denk aan het Sint Janshospitaal in Brugge of De Bijloke-site in Gent. 3 Deleeck, H. De architectuur van de Welvaartstaat opnieuw bekeken. Acco, Leuven, S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

8 in de maatschappij kan het best bereikt worden via arbeid, zo gaat de redenering. Toch blijft België een welvaartstaat: de overheid moet de burgers kansen aanreiken om maatschappelijk te participeren. Dat ze dat doet, blijkt uit de cijfers: 40% van het Belgische BNP gaat naar sociale uitkeringen en diensten. De actieve welvaartstaat berust dus op de idee van een evenwicht tussen rechten en plichten: de burger heeft sociale rechten, maar daartegenover staat dat hij ook de plicht heeft zich actief in te zetten in de maatschappij. De evolutie naar de actieve welvaartstaat zien we bijvoorbeeld overduidelijk in de introductie van een inburgeringscursus voor nieuwkomers in ons land. Nieuwkomers hebben, onder bepaalde voorwaarden, het recht om naar België te komen. Maar ze hebben ook de plicht om zich actief te integreren in onze maatschappij. Daartoe zijn ze verplicht om een inburgeringscursus te volgen. 2. HET WELZIJNSBELEID: EEN KLUWEN Zeggen dat België een ingewikkelde overheidsstructuur heeft, is een open deur intrappen. Ook het welzijnsbeleid weerspiegelt dit kluwen. Dit beleid wordt immers door verschillende overheden gevoerd. Het probleem is dat de grenzen van hun bevoegdheden niet altijd even duidelijk zijn, wat soms leidt tot bevoegdheidsconflicten. Ten eerste is er het Europese beleidsniveau. Net zoals vele andere domeinen, wordt het welzijnsbeleid meer en meer door de Europese Unie bepaald. Het departement Werkgelegenheid, Sociale Zaken en Gelijke kansen van de EU legt in haar vernieuwde sociale agenda de nadruk op thema s zoals gezondheid, werkgelegenheid, de bestrijding van armoede (de reductie van de armoede met 20% tegen 2020 is één van de hoofddoelstellingen van Europa 2020) en discriminatie en op de doelgroep van kinderen en jongeren. Ten tweede voert ook de Federale Overheid een sociaal beleid. Door de staatshervorming van 8 augustus 1980 werden de persoonsgebonden materies, waaronder welzijn, naar de gemeenschappen overgeheveld. De niet-persoonsgebonden welzijnsmateries bleven een bevoegdheid van de federale overheid. Een derde beleidsniveau is de Vlaamse Gemeenschap. Sinds de tweede staatshervorming is ze bevoegd voor het welzijn van haar inwoners. De belangrijkste beleidsmakers op dit niveau zijn de minister, zijn kabinet, de administratie en de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid, opgericht binnen de SERV. De provincie is het vierde beleidsniveau van welzijn. In mei 2013 werden enkele decretale opdrachten voor de provincies omschreven: sociale planning, sociale kaart, netwerking en impulsbeleid. Het beleidsakkoord tussen Vlaanderen en de provincies vult dit impulsbeleid verder in. Ten slotte is er het lokale niveau. Zoals in steeds meer beleidsdomeinen wordt ook binnen het welzijnsbeleid aan de gemeenten een coördinerende en/of regisseursrol opgelegd, bijvoorbeeld in het woonbeleid, lokaal sociaal beleid, het flankerend onderwijsbeleid, Over de jaren heen zien we dat de positie die de verschillende beleidsniveaus innemen, kan veranderen. Algemeen genomen kunnen we stellen dat het lokale niveau het belangrijkste was tot 7 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

9 ongeveer midden vorige eeuw. Nadien trok de federale overheid het welzijnslaken naar zich toe. Sinds de tweede staatshervorming is het dan weer de beurt aan het gemeenschapsniveau om de eerste viool binnen het welzijnsveld te spelen. Met het Vlinderakkoord staat een zesde staatshervorming voor de deur, met o.a. gevolgen voor de welzijns- en gezondheidssector. Zo voorziet dit akkoord ten eerste in een homogenisering van het beleid ten aanzien van personen met een handicap, door een overheveling naar de deelstaten van de mobiliteitshulpmiddelen en de tegemoetkoming hulp voor bejaarden. Ook het ouderenbeleid wordt integraal naar de Gemeenschappen overgeheveld. Ten derde wordt de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) gehomogeniseerd, door de overlegplatformen GGZ naar de gemeenschappen over te dragen alsook de volledige bevoegdheid over de psychiatrische verzorgingstehuizen en Beschut Wonen. Ten slotte gaan ook het preventiebeleid, waaronder middelenpreventie, en de organisatie en ondersteuning van de eerstelijnsgezondheidszorg over naar de deelstaten. Verder regelt het Vlinderakkoord enige communautarisering binnen justitie. Enerzijds zullen strafuitvoering, slachtofferonthaal, eerstelijnshulp en betoelaagde opdrachten worden verschoven naar de gemeenschappen. Anderzijds versassen een aantal materies van het jeugdsanctierecht (bv. de regels m.b.t. de uithandengeving en het plaatsen in een gesloten instelling) eveneens naar de gemeenschappen. De decentralisering van het sociaal beleid zien we niet alleen in het overhevelen van federale welzijnsbevoegdheden naar de deelstaten. De laatste jaren komen de lokale overheden meer en meer (opnieuw) op de voorgrond als welzijnsbeleidsactor. Het Witboek Interne Staatshervorming van de Vlaamse overheid zegt het in niet mis te verstane woorden: een essentieel onderdeel van de interne staatshervorming bestaat in het versterken van de lokale besturen en het vergroten van hun autonomie en bevoegdheden (p.66). De decentralisering van het beleid rond de kinderopvang, met de recente aankondiging dat elke gemeente een lokaal loket kinderopvang zal voorzien, is hier een voorbeeld van. Tegelijkertijd wil de Vlaamse overheid de planlast van lokale besturen aan de band leggen, door, via het kaderdecreet planlastvermindering, vanaf 2013 de sectorale plannen af te schaffen en te vervangen door één strategische meerjarenplanning. 3. TENDENSEN In dit punt overlopen we enkele recente en minder recente evoluties die van belang zijn voor de hulpverlening. 3.1 VAN AANBOD- NAAR VRAAG-GESTUURDE ZORG Sinds het ontstaan van onze welvaartstaat heeft de overheid heel wat geïnvesteerd in de uitbouw van de welzijns- en gezondheidsvoorzieningen. Echter, vaak werd daarbij uitgegaan van het belang van de aanbieders van de zorg. Of de cliënt deze zorg daadwerkelijk nodig had, was zelden het hoofdmotief. Het aanbod stuurde m.a.w. de zorg. Het is pas de laatste decennia dat er meer en meer aandacht gaat naar vraag-gestuurde zorg, waarbij vertrokken wordt van de vraag van de cliënt. Het is niet langer zo dat de zorgaanbieders een standaard pakket van zorg mogen aanbieden, dat op maat is gesneden van de gemiddelde cliënt. Vraaggerichte zorg houdt in dat de cliënt, in samenspraak met de hulpverlener, de hulp ontvangt die 8 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

10 tegemoet komt aan zijn wensen. Hij behoudt maximaal de regie over zijn zorg. De hulpverlener luistert, informeert, adviseert en stimuleert. In de sector van de personen met een handicap is deze evolutie van cliëntgerichte zorg goed merkbaar. Vroeger vertrok de hulpverlening van een zorgaanbod, bijvoorbeeld een residentiële voorziening voor personen met een fysieke handicap, en keek men of de cliënt daarin paste. Nu vertrekt men meer en meer vanuit de vraag van de cliënt zelf. Aan welke zorg heeft hij behoefte? Om aan deze vraaggerichte zorg te kunnen beantwoorden, heeft het beleid o.a. het Persoonlijk Assistentiebudget (PAB) en nadien het Persoonsgebonden Budget (PGB) ontwikkeld (zie later). In dezelfde sector zijn onlangs de Diensten Ondersteuningsplan (DOP) geïntroduceerd. Deze diensten hebben als doelstelling via vraagverduidelijking te komen tot een ondersteuningsplan. Bij de overgang van aanbod- naar vraag-gestuurde zorg, zijn drie evoluties belangrijk: Het bestaan van een gediversifieerd en flexibel aanbod aan hulpverleningsmogelijkheden. Heel wat sectoren zijn in die richting geëvolueerd. Nemen we bij wijze van voorbeeld de ouderensector. Ongeveer dertig jaar geleden was het aanbod in deze sector beperkt tot residentiële hulpverlening. Vandaag de dag is dat aanbod veel ruimer: het woonzorgdecreet somt maar liefst negen verschillende diensten in de thuiszorg en vier types van ouderenvoorzieningen op. Registratie van de zorgvraag. Tot voor enkele jaren werden de zorgvragen niet of nauwelijks op een uniforme manier opgetekend. Dit had tot gevolg dat er geen algemeen beeld kon worden gevoerd over de zorgvragen. Stilaan komt hierin verandering. De sector van de personen met een handicap was één van de eerste sectoren die een beeld kon geven van de zorgvraag op macroniveau. Dit gebeurt via de provinciale Centrale Registratie Zorgvraag (CRZ). Sinds begin 2009 kan de registratie van de zorgvraag ook elektronisch gebeuren. Ook de Centra Algemeen Welzijnswerk beschikken sinds 2003 over een eenvormig registratiesysteem: Tellus. Meer recent startten de Centra Geestelijke Gezondheidszorg in 2007 met een elektronisch patiëntendossier (EPD), met als doel de zorgvraag op een eenvormige wijze op te tekenen. In de beleidsbrief van Vandeurzen staat uitdrukkelijk de doelstelling vermeld om te investeren in een verbeterde elektronische registratie, gegevensverzameling en uitwisseling. Participatie van de zorgvrager in het beleid. De participatie van de doelgroep in het beleid is lange tijd miskend. Niet zozeer de cliënten, maar wel de werkgevers en werknemers werden lange tijd beschouwd als partner van de overheid in 9 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

11 het beleid. De cliënt liet zich vooral horen via allerlei belangengroepen, zoals de Gezinsbond, ziekenfondsen, GRIP 4, De laatste jaren doet zich ook hier een kentering voor. In de in 2007 gestarte Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid (SAR WGG), de opvolger van de Vlaamse Gezondheidsraad en de Welzijns- en Gezinsraad, zijn cliënten vertegenwoordigd. Samen met vertegenwoordigers van voorzieningen, van het personeel, van sociaaleconomische organisaties en onafhankelijke deskundigen, brengen zij in deze raad advies uit voor de Vlaamse overheid en doen ze beleidsvoorstellen. In verschillende zorgsectoren merken we eenzelfde ontwikkeling: de zorgvragers krijgen een stem bij het uitstippelen van het beleid. Zo heeft het ouderenparticipatiedecreet van 2004 ertoe geleid dat de Vlaamse Ouderenraad de representatieve gesprekspartner van de Vlaamse overheid is en de opdracht heeft advies uit te brengen over ouderenaangelegenheden. In deze raad zetelen vertegenwoordigers van ouderenorganisaties, van instellingen die met ouderen werken, van lokale en provinciale besturen en deskundigen. Een laatste voorbeeld halen we uit de Integrale Jeugdhulp. In de IJH wordt de inbreng van cliënten belangrijk geacht: De jeugdhulp voltrekt zich in dialoog en in volwaardig partnerschap met de personen tot wie de jeugdhulp zich richt (decreet van 7 mei 2004 betreffende de IJH). Dit komt tot uiting in het organogram van de IJH. Elke vijf jaar stelt het Managementcomité een Vlaams Beleidsplan IJH op. Hierbij wordt het bijgestaan door de Adviesraad, bemand door zowel hulpverleners als (vertegenwoordigers van) cliënten. Op het regionale niveau werkt de Regionale Stuurgroep dit Vlaamse beleidsplan uit in een Regioplan. Ook in de Regionale Stuurgroepen zetelen cliënten, naast hulpverleners en vertegenwoordigers van de provincie. Er gaat niet alleen meer aandacht naar participatie van de zorgvrager in het macrobeleid; de cliënt participeert ook meer en meer in zijn concreet hulpverleningsproces. Een voorbeeld hiervan is het cliëntoverleg in de IJH. De jongere en/of zijn ouders zitten samen met zijn hulpverleners rond de tafel. Een externe, onpartijdige voorzitter leidt het gesprek. De doelstelling van cliëntoverleg in de IJH is te komen tot een geïndividualiseerd zorgplan, wat ook samen uitgevoerd wordt. Het principe van cliëntoverleg in IJH werd zo waardevol bevonden dat in West- Vlaanderen dit cliëntoverleg openstaat voor alle doelgroepen/sectoren. In het nieuwe decreet IJH, dat op stapel staat, zal een apart hoofdstuk worden gewijd aan participatie. De overtuiging dat de cliënt in staat is zijn eigen keuzes te maken, al dan niet met hulp van hulpverleners. In het kader hiervan wordt vaak gesproken over empowerment. Van Regenmortel omschrijft empowerment als een proces van versterking waarbij individuen, organisaties en gemeenschappen greep krijgen op de eigen situatie en hun omgeving. Het komt dus neer op de versterking van de maatschappelijke weerbaarheid van de cliënten, organisaties en de 4 GRIP staat voor Gelijke Rechten voor Iedere Persoon met een handicap. 10 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

12 samenleving. Dit gebeurt via het verwerven van controle, het aanscherpen van kritisch bewustzijn en via het stimuleren van participatie. In die zin is deze paragraaf niet los te zien van de vorige. 3.2 PROFESSIONALISERING VAN DE ZORG Over de eeuwen heen is de zorg steeds meer geprofessionaliseerd. Oorspronkelijk was de zorg hoofdzakelijk een familiale aangelegenheid en in handen van religieuze ordes. Ook lokale besturen bouwden de zorgsector mee uit. Naderhand werd de zorg meer en meer geprofessionaliseerd. Niet zozeer religieuzen, maar professionele hulpverleners bemanden hoe langer hoe meer de hulpvoorzieningen. Ook de laatste jaren zien we de tendens van professionalisering verder gaan. De demografische situatie, met de vergrijzing (binnen de vergrijzing) en de verdunning van de huishoudens voorop, gekoppeld aan het feit dat het aandeel vrouwen op de arbeidsmarkt stijgt, noopt tot meer professionele zorg in vervanging van de familiale zorg. Dit zien we bijvoorbeeld in de kinderopvang. Het percentage kinderen dat in een professionele voorziening opgevangen wordt, stijgt. Ook de thuiszorg is een sector die in een aantal jaar sterk geprofessionaliseerd is. Een laatste voorbeeld zijn de Centra Algemeen Welzijnswerk. Vaak gestart als initiatieven van geëngageerde vrijwilligers, zijn ook zij sterk geprofessionaliseerd, ondanks het feit dat ze nog steeds met vele vrijwilligers werken. Iedereen weet dat de vraag naar personeel in de zorg het aanbod veruit overtreft. Zorgpersoneel is schaars. Daarom startte de overheid met verschillende campagnes. Wordt zorgverlener, en beteken echt iets voor mensen is daar één van. Daarnaast is in de meeste provincies een samenwerking gestart met de VDAB, met als taak werkzoekenden of zij die zich willen herscholen, toe te leiden naar een zorgopleiding. 3.3 VERMAATSCHAPPELIJKING VAN DE ZORG De verschillende overheden beschouwen vermaatschappelijking van de zorg als één van de speerpunten van hun welzijnsbeleid. De enge invulling van vermaatschappelijking van de zorg wijst op veranderingen in de organisatie van de zorg, de zogenaamde de-institutionalisering. Dit is het proces waarbij grootschalige instellingen worden hervormd tot kleinschalige hulpverleningsmogelijkheden, geïntegreerd in de maatschappij. Maar vermaatschappelijking van de zorg kan ook ruimer gedefinieerd worden als de combinatie van veranderingen in de organisatie van de zorg en in de visie op zorg, nl. de evolutie naar een cliëntgericht ondersteuningsmodel, ten koste van het medische model. De aanleiding voor deze evolutie is een geheel van factoren met o.a. de veranderende zorgvraag zorgvragers zijn vragende partij om meer in de maatschappij zelf geholpen te worden, nieuwe ideeën over wat de ideale zorg is, medische en therapeutische ontwikkelingen en de vraag naar meer kostenbeheersing. De geestelijke gezondheidszorg vormt het typevoorbeeld van vermaatschappelijking in Vlaanderen. In een eerste fase lag de nadruk op de uitbouw van grote instellingen, ver weg van de natuurlijke 11 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

13 leefomgeving van de zorgvragers. Vanaf midden jaren 70, met de invoering van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg, werd begonnen met de geleidelijke afbouw ervan. Twintig jaar later daalde, naar aanleiding van de reconversiebesluiten, het aantal bedden in de psychiatrische residentiële sector en zagen alternatieve voorzieningen het licht, zoals initiatieven van beschut wonen. Artikel 107 van de federale ziekenhuiswet uit 2008 levert een financieringstechniek die nog meer vermaatschappelijking in de geestelijke gezondheidszorg toelaat. Psychiatrische ziekenhuizen kunnen sindsdien flexibeler omspringen met de middelen die ze ontvangen van de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. De mogelijkheid bestaat om de middelen te behouden, ook wanneer het gedeeltelijk andere zorgvormen en inhouden organiseert. Ten slotte is ook de psychiatrische thuiszorg een factor in de vermaatschappelijking van de geestelijke gezondheidszorg. Eenzelfde evolutie van vermaatschappelijking vinden we terug in de ouderensector, met daarbij oog voor dementerende ouderen, de bijzondere jeugdzorg en de sector van personen met een handicap. De minister van Welzijn, Jo Vandeurzen formuleert vermaatschappelijking als de baseline van Perspectief 2020, het witboek m.b.t. personen met een handicap: Zoveel mogelijk gewoon in de samenleving en zo weinig mogelijk uitzonderlijk en afzonderlijk. In de context van vermaatschappelijking van de zorg kunnen we ook zorgboerderijen als voorbeeld aanhalen. Een zorgboerderij is een land- of tuinbouwbedrijf waar mensen uit kwetsbare groepen (bv. jongeren uit de Bijzondere Jeugdzorg, personen met een handicap, ouderen, psychiatrische patiënten) opgevangen kunnen worden. Zij functioneren mee in het bedrijf via allerhande activiteiten. Maar belangrijker is dat ze in de maatschappij een zinvolle dagbesteding krijgen. Het steunpunt voor de zorgboerderijen heet Groene Zorg. Een laatste recent voorbeeld van vermaatschappelijking van de zorg vinden we in de pleegzorg. Het welzijnsbeleid vindt dat pleegzorg de belangrijkste hulpverleningsvorm moet zijn voor kinderen, jonger dan 6 jaar. 3.4 SCHAALVERGROTING VERSUS DECENTRALISERING Het huidige welzijnsveld is voor een groot stuk het resultaat van verschillende herstructureringen. Over de jaren heen verplichtte de overheid de voorzieningen tot samenwerking en zelfs samensmelting. Het gevolg was dat één organisatie verantwoordelijk werd voor de zorg in een breder gebied. De redenen voor deze schaalvergroting zijn drievoudig. Ten eerste leidt het tot een beter professioneel en kwaliteitsvol bestuur. Ten tweede biedt het een betere positionering aan de voorziening. En ten derde leidt het tot een meer hedendaags financieringsmodel, namelijk de enveloppenfinanciering. Deze schaalvergroting heeft zich bijvoorbeeld voorgedaan in het private algemene welzijnswerk, met name de Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW). In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw ontstonden kleinschalige welzijnsdiensten uit bestaande bewegingen, veelal als reactie op de beleidsvisie waarin grote residentiële zorgvormen centraal stonden. Midden jaren tachtig telde men een kleine 250 dergelijke initiatieven. Dit leidde onvermijdelijk tot overlappingen, zowel van doelgroepen als van taken; maar ook de transparantie en de toegankelijkheid van deze sector werd door de overheid gehekeld. Haar reactie bleef dan ook niet uit en was er een van poging tot 12 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

14 harmonisering. Dit gebeurde in verschillende stappen. Het decreet van 1991, dat de verschillende diensten sterk aanmoedigde om te fusioneren, reduceerde het aantal voorzieningen in 1995 van 244 tot 100. Er bleef wel een cesuur tussen de ambulante en residentiële hulp. In 1997 ging de herstructurering nog een stap verder: van dan af mochten maximaal 35 autonome CAW s erkend worden. De scheiding tussen ambulante en residentiële voorzieningen werd opgeheven. Over de jaren heen zijn CAW s blijven samensmelten. Anno 2012 zijn 25 autonome CAW s erkend. Dit is nog niet het einde van de schaalvergrotingsronde van de CAW s. Vanaf 2014 zal slechts één CAW erkend worden per werkingsgebied, wat neerkomt op in totaal 11 CAW s in Vlaanderen en Brussel. Voor West-Vlaanderen betekent dit dat er drie CAW s overblijven: 1 voor de regio Oostende-Brugge, 1 voor de regio Ieper en Westhoek, 1 voor de regio Kortrijk-Menen-Waregem. Ook de sector van de geestelijke gezondheidszorg, met name de Centra Geestelijke Gezondheidszorg (GGG), heeft een schaalvergroting ondergaan. Het Koninklijk Besluit van 18 mei 1999 reduceerde het aantal centra van 84 tot 26, met een maximum van twee per werkgebied en maximum twee in Brussel. Een erkend CGG kan wel, net zoals bij de CAW s, verschillende vestigingsplaatsen hebben om een vlotte bereikbaarheid te garanderen. Ten slotte willen we ook het voorbeeld van de CLB s meegeven. Op zich is een CLB al een samensmelting tussen een PMS en een MST (zie later). De herstructurering van de sector leerlingenbegeleiding reduceerde het aantal centra van zowat 300 PMS- en MST-centra tot het huidige aantal van 73 CLB s. Naast die evolutie van schaalvergroting doet zich in de zorgsector de laatste jaren ook een ontwikkeling van decentralisering voor. Dit houdt in dat werkzaamheden en bevoegdheden om beleidsbeslissingen te nemen naar een lager bestuursorgaan overgaan. Na een tijd van centralisering van de welzijnsmateries, tot 1980, begon dat jaar, met de tweede staatshervorming, de decentralisering. Op 8 augustus 1980 werden de persoonsgebonden materies, waaronder welzijn, overgedragen van het federale beleidsniveau naar het gemeenschapsniveau. Meer recent is er nog een verdere stap in de richting van decentralisering gezet, door de lokale beleidsniveaus meer verantwoordelijkheid te geven, met als doel zorg op maat van de lokale realiteit te kunnen voorzien. We zien dit zowel in de sector van de kinderopvang als in de ouderensector. Maar het ultieme voorbeeld hiervan is ongetwijfeld het Lokaal Sociaal Beleid. Centraal hierbij staat de creatie van een sociaal huis, met een één loketfunctie waar de burger terecht kan met al zijn zorgvragen (zie later). Met de Vlaamse interne staatshervorming zal de decentralisering van het beleid in een stroomversnelling geraken. Zo zal het beleid m.b.t. de kinderopvang eveneens naar het lokale niveau verhuizen. Deze decentralisering binnen België gaat dan weer gepaard met een centralisering naar het Europese beleidsniveau. Europa bepaalt hoe langer hoe meer het beleid in haar lidstaten. Dit is niet anders voor de sociale sector. Het Directoraat-generaal Werkgelegenheid, Sociale Zaken en Gelijke Kansen van de Europese Commissie legt de nadruk op drie thema s: werkgelegenheid, armoedebestrijding en gelijke kansen voor iedereen. 13 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

15 3.5 VERMARKTING VAN DE ZORG Sinds de jaren tachtig rukt de commercialisering van de zorg op in het Europese continent. Het Verenigd Koninkrijk heeft zijn gezondheidszorg vermarkt en in Nederland zien we eenzelfde tendens. Ook in België komen sindsdien steeds meer marktprincipes op in de tot nu toe grotendeels publiek getinte sector. De jaren tachtig stond voor economische crisis en te weinig geld voor de steeds groter wordende vraag naar zorg. De overheid slaagde er niet in om zelf voldoende initiatieven te nemen of de social-profit voldoende te subsidiëren (Vogels, 2005, p.30). Als reactie hierop ontstonden commerciële initiatieven. De sector van de kinderopvang en de ouderensector waren hierbij de pioniers. Momenteel is zowat 15% van de rusthuizen in commerciële handen; voor de kinderopvang is dat zowat 25%. De laatste jaren ontstaat er ook in andere sectoren een voorzichtige stap naar commercialisering. Een voorbeeld hiervan zijn de zogenaamde Thomashuizen in de sector van de personen met een handicap. Een Thomashuis is een kleinschalige woonvoorziening voor zes à acht mensen met een verstandelijke beperking. Elk huis wordt geleid door in principe twee zorgondernemers. Dit zijn meestal echtparen/partners die zelf ook in het Thomashuis wonen. Zij zijn eindverantwoordelijk voor de zorg en ondersteuning aan hun klanten. Een Thomashuis krijgt geen subsidies. De bewoners kopen hun zorg met hun persoonlijk assistentiebudget en een deel van hun integratietegemoetkoming. In Nederland is dit type van voorziening al ingeburgerd: momenteel zijn er een negentigtal Thomashuizen. Ook in ons land en in onze regio zoeken ouders steeds meer om dit soort initiatieven vorm te geven, vanuit een zoeken naar een antwoord op de lange wachtlijsten. Buiten enkele uitzonderingen, waaronder een waarborg voor de te bouwen gebouwen, kunnen commerciële initiatieven vandaag de dag niet rekenen op enige financiële bijdrage van de overheid. De overheid staat in sommige gevallen in voor de kwaliteitscontrole van de commerciële voorzieningen. Dit zien we bijvoorbeeld in de commerciële kinderopvang. In ruil voor de mogelijkheid om fiscaal aftrekbare facturen te kunnen geven, voert Kind & gezin toezicht uit op de kwaliteit. Vanuit verschillende hoeken komt er kritiek op de vermarkting van de zorg. Een drietal jaar geleden kwam er vanuit het middenveld verzet tegen de commerciële zorginitiatieven die winst beogen ten behoeve van aandeelhouders of vennoten. Deze zouden immers leiden tot een daling van de kwaliteit, met name via besparingen op het personeel, de veiligheid en de hygiëne. Ook de betaalbaarheid zou achteruitgaan omwille van de noodzaak aan hogere cliëntenbijdrages, dat de sociale ongelijkheid in de zorgverlening zou vergroten. Voorstanders zien vermarkting dan weer als de oplossing voor de wachtlijsten en wijzen op de mogelijkheid van meer flexibilisering binnen het aanbod. Als dusdanig beschouwen ze het als een gepast antwoord op de steeds groter wordende roep naar vraag-gestuurde zorg. 3.6 MATTEÜSEFFECT Het Mattheüseffect, een term die wijlen professor Herman Deleeck introduceerde in het debat over het sociaal beleid, verwijst naar een passage van het evangelie van Mattheüs, waarin staat dat hij die heeft, zal gegeven worden. Kort gezegd komt het in de welzijnssector hierop neer: in onze welvaartstaat plukt de middenklasse het meest de vruchten van de sociale voordelen, terwijl de mensen die het eigenlijk meer nodig hebben, er minder gebruik van (kunnen) maken. 14 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

16 Dit is overduidelijk in de sector van de gesubsidieerde kinderopvang. Deze kent een lange wachtlijst. Al smalend wordt soms gezegd dat men eerst een plaats moet reserveren in de kinderopvang vooraleer aan een zwangerschap te denken. Cijfers tonen aan dat hoog- en midden-geschoolden relatief gezien veel meer een beroep doen op de gesubsidieerde kinderopvang dan laaggeschoolden, allochtonen en één ouder gezinnen. Eén van de grootste oorzaken hiervan zou liggen in het feit dat kortgeschoolden later aan de nood aan opvang denken, wanneer de plaatsen in de gesubsidieerde opvangsector al bezet zijn. Binnen het gezinsbeleid zijn er nog een reeks voorbeelden te geven van het Matteüseffect. Denken we maar aan ouderschapsverlof of zorgverloven. Diegenen die daarvan gebruik maken, zijn al te vaak gezinnen uit de middenklasse of de hoge klasse. Alleenstaande ouders vinden we slechts heel beperkt terug in deze statistieken. Het Mattheüseffect doet zich ook overduidelijk voor in de sector van de ambulante geestelijke gezondheidzorg. Laaggeschoolden zijn relatief gezien ondervertegenwoordigd in deze hulpverleningsvorm. Om iets te ondernemen tegen het Mattheüseffect binnen de welzijnssector, hebben een aantal sectoren bepaalde doelgroepen expliciet naar voor geschoven. Dat zien we bijvoorbeeld bij Kind en Gezin, bij CLB s en het algemeen welzijnswerk. Alle drie schuiven ze kansarmen als specifieke doelgroep naar voor. 3.7 KWALITEITSZORG Om kwaliteitsvolle zorg te verzekeren, bepaalt de overheid erkenningsnormen en subsidievoorwaarden. In het kader hiervan eist de Vlaamse overheid dat de zorginstellingen een kwaliteitsbeleid voeren. Het meest recente decreet dat de kwaliteitszorg in de welzijns- en gezondheidssector regelt is dat van 17 oktober Dit decreet legt de nadruk op twee punten. Ten eerste moet het kwaliteitsbeleid vertrekken vanuit de participatie van de drie betrokken partners: de voorziening, het personeel en de cliënt. Ten tweede moet elke voorziening op regelmatige basis zichzelf evalueren. Als ondersteuning voor de voorzieningen, richtte de Vlaamse overheid een centrum voor kwaliteitszorg op. Dit heeft als taak kennis te ontwikkelen en verdelen over kwaliteitszorg. 3.8 HULPVERLENING EN ICT Vele mensen zoeken hun informatie op het internet, ook voor vragen op medisch, psychologisch of sociaal gebied. In de hulpverlening zoekt men daarom naar manieren om doelgroepen, die momenteel weinig of laattijdig contact zoeken met de bestaande hulpverlening, via het internet te bereiken. De meeste organisaties werken inmiddels al enkele jaren met in hun hulpverlening. Ze bieden daarbij informatieve websites aan, soms interactief uitgebouwd. Anderen proberen drempelverlagend te werken door hun specifiek doelpubliek aan te spreken via het organiseren van zelfhulpfora, zoals vele zelfhulpgroepen doen. Wie directer contact wil met een ONLINE hulpverlener kan ook kiezen voor een chat-sessie of een skype-sessie. Betrokkenen hoeven op die manier voor internethulpverlening het HUIS niet uit. Onlinehulpverlening heeft voor- en nadelen. Voordelen zijn ongetwijfeld de drempelverlagende werking, de mogelijke anonimiteit, het feit dat de fysieke bereikbaarheid niet belangrijk is en het feit dat het een voor welzijnsorganisaties doorgaans moeilijk te benaderen doelgroep, nl. jongeren, kan 15 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

17 bereiken. Het grootste nadeel is dan weer het bestaan van een digitale kloof. Hiermee willen we niet zozeer wijzen op het al dan niet bezitten van een computer en vaardigheden om deze te gebruiken. Uit Nederlands onderzoek blijkt dat hooggeschoolden de pc meer gebruiken om informatie op te zoeken, laaggeschoolden eerder met het oog op sociale netwerken (facebook, chat). Organisaties die onlinehulpverlening voorzien, dienen hier zeker rekening mee te houden. Uiteraard blijven er op communicatief vlak toch ook blijvende verschillen tussen een persoonlijke ontmoeting en een virtuele ontmoeting. Een bruikbaar instrument om online hulpverlening beter te doen slagen, is het boek Niet alle smileys lachen, onder de redactie van Philippe Bocklandt, docent aan de Arteveldehogeschool in Gent. Online hulpverlening maakt vandaag deel uit van het opleidingsprogramma van studenten in het sociaal-agogische werkveld. Om de online hulpverlening binnen de sociale sector meer bekend te maken, kennis en ervaring te delen, startten 11 organisaties, die gebruik maken van dit type van hulpverlening, in 2006 het OnlineHulp UitwisselingsPlatform (OHUP; Teleonthaal, de Zelfmoordlijn, Slachtofferchat, Holibifoon, JAC, de Druglijn, Alcoholhulp, Teleblok, Childfocus, Awel (Kinder- en jongerentelefoon) en Boysproject maken deel uit van dit platform. Het merendeel van de online hulpverlening situeert zich op de eerste lijn. Nochtans kan deze vorm van hulpverlening ook ingezet worden in tweedelijnszorg, bv. in afwisseling met face to face gesprekken tussen de hulpvrager en verlener. Doordat meer en meer organisaties de online hulpverlening toepassen, is het Expertisenetwerk Onlinehulp Vlaanderen (www.online-hulpverlening.be) boven de doopvont gehouden. Deze organisatie biedt de volgende diensten: - advies aan organisaties of individuele hulpverleners die een internetproject willen opstarten; - ontwikkeling van een internetproject; - beveiliging; - onderhoud en support. Ook de overheid probeert drempelverlagend en efficiënter te werken door haar informatie te digitaliseren in het kader van e-governement. Gewone websites evolueren van louter informatie naar interactieve platforms voor sociale dienstverlening en transactie. Enkele handige voorbeelden: Digitale sociale kaart De digitale sociale kaart geeft het totale en actuele overzicht van alle diensten en organisaties op het vak van welzijn, gezondheid, sociale huisvesting, inkomen en zorg. De sociale kaart werd ontwikkeld door de 5 provincies en het Brussels Hoofdstedelijk gewest. Ze wijst de weg op het internet naar de eest gepaste dienstverlening. 16 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

18 Centra voor kortverblijf online Via deze website krijg je een overzicht van alle centra voor kortverblijf. Je kan op een eenvoudige manier zoeken naar vrije kamers voor een bepaalde periode of plaats en hierop een optie nemen. Binnen de vijf werkdagen wordt je aanvraag bevestigd. Rechtenverkenner De Vlaamse Overheid heeft de website ontwikkeld. Op deze site vind je een overzicht van alle voordelen en tegemoetkomingen op het vlak van onderwijs, arbeid, inkomen, welzijn, cultuur Je kunt zien hoe en waar je alle voordelen en tegemoetkomingen kan aanvragen. In de nabije toekomst zal men met zijn identiteitskaart inpluggen en meteen krijgt men dan zijn eigen rechten te zien op de computer, zonder zelf op zoek te moeten gaan op de website. De volgende stap zou dan de rechten-toekenner zijn. In plaats van je eigen rechten te gaan verkennen, zouden die rechten dan automatisch toegekend moeten worden. Dit is nog toekomstmuziek. Een ruimer idee is om dit later te integreren in de interdienstelijke productencatalogus (IDPC) die vanuit de verschillende overheden federaal, Vlaams, Provinciaal en Lokaal de 'totale dienstverlening' in kaart zal brengen. Dus niet enkel op vlak van sociaal welzijn, maar ook milieu, cultuur, sport, onderwijs en ander producten van de overheid worden hier online gezet. In het kader van hulpverlening en ICT willen we ook wijzen op Flanders Care. Deze opvolger van het Medisch Centrum Vlaanderen, heeft als opdracht via innovatie het aanbod van kwaliteitsvolle zorg te verbeteren en verantwoord ondernemerschap in de zorgeconomie te stimuleren. Momenteel zijn vijf demonstratieprojecten goedgekeurd, waarbij ICT een belangrijke rol spelen. Zo bestaat er het project van het zorgslot, waarbij hulpverleners met een digitale kaart in het huis van de zorgvrager binnen kunnen komen, zonder dat de zorgvrager zich moet verplaatsen naar de deur. Een laatste e-initiatief dat we hier willen vermelden is ehealth. Via ehealth wil de federale overheid een elektronische dienstverlening en informatie-uitwisseling verwezenlijken tussen alle actoren in de gezondheidszorg, en dit met de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de patiënt, zorgverlener en met respect voor het beroepsgeheim (www.ehealth.fgov.be) Op Vlaams niveau bestaat iets soortgelijks: Vitalink is een platform voor elektronische gegevensdeling tussen verschillende eerstelijns zorg- en welzijnsactoren (www.vitalink.be). Momenteel lopen twee proefprojecten rond het gebruik van Vitalink in het medicatieschema. 3.9 INTEGRAAL WERKEN We hebben er in de inleiding van deze syllabus al op gewezen: ons welzijnsveld is nog sterk categoriaal opgedeeld. De verschillende sectoren staan als kokertjes naast elkaar. Gelukkig zien we de laatste jaren allerlei initiatieven opduiken, al dan niet op aandringen van de overheid, die maken dat welzijnsorganisaties over de muurtjes gaan kijken, gaan samenwerken. Eén van de taken die de Provincie West Vlaanderen ter harte neemt is het bevorderen en ondersteunen van intersectorale netwerken in het welzijnswerk. De ondersteuning van 17 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

19 woonzorgprojecten, waarbij in 1 project zowel doelstellingen op vlak van wonen, werken en welzijn moeten gerealiseerd worden, zijn hier een mooi voorbeeld van. Ook met een initiatief zoals de vormingsreeks sociale plattegrond wil ze mensen aanzetten over de muren van de eigen sectoren te kijken. Ook de Vlaamse overheid zet de sociale organisaties aan tot integraal werken. Denken we maar aan het concept van de IJH (waarover later meer). De bedoeling hiervan is dat de zeven sectoren die jongeren als doelgroep hebben, samenwerken. Naast de IJH zijn nog tal van voorbeelden van integraal werken op te sommen. We beperken ons tot enkele. De beleidsbrief van Jo Vandeurzen wijst op een intersectorale harmonisering van de pleegzorg. Momenteel bieden verschillende sectoren pleegzorg aan, en dit met elk hun regelgeving. De bedoeling is dat dit geharmoniseerd wordt in een intersectoraal decreet pleegzorg. Het Vlaams welzijnsbeleid pleit bovendien voor een sterkere samenwerking tussen de sector van personen met een handicap enerzijds en de thuiszorg anderzijds. Dit komt tot uiting in de hierboven reeds aangehaalde Diensten Ondersteuningsplan (DOP). Hulpverleners van een DOP gaan, samen met de hulpvrager, kijken welke ondersteuning kan geboden worden door ten eerste hun omgeving en vervolgens de algemene welzijnsdiensten zoals de thuiszorg. De Vlaamse overheid heeft onlangs het initiatief genomen om een uniform basis-instumentarium voor het Vlaamse zorgbeleid op te stellen, met eenvormige definities en basisvereisten PREVENTIE / PROACTIEF WERKEN Last but not least willen we ingaan op de tendens van preventie of proactief werken. Zowel het gezondheids- als het welzijnsbeleid is grotendeels curatief van inslag. Er wordt meer opgetreden als een probleem zich voordoet, i.p.v. het probleem zoveel mogelijk te voorkomen. Stilaan zien we een verandering: preventie wordt meer en meer belangrijk. Ook in de welzijnssector. Denken we bijvoorbeeld aan de steeds groeiende (beleids)aandacht voor opvoedingsondersteuning. De redenering hierachter is dat een vroeg ingrijpen, via opvoedingsondersteuning, erger voorkomt (lees: terechtkomen in de BJZ). Uit het verslag van de commissie BJZ van juli 2011 blijkt dat het aantal kinderen en jongeren in de BJZ tussen 2000 en 2009 gestegen is met 65%, tot bijna De commissie zag een amalgaam aan oorzaken hiervan, zoals de teloorgang van buurtnetwerken, de toenemende individualisering, het toenemend aantal echtscheidingen, de grotere verstedelijking, de groeiende kansenarmoede, enz. Vanuit deze cijfers en om het aantal kinderen in de BJZ te verminderen, zet de overheid in op preventie, met name via opvoedingsondersteuning. Preventie zien we ook meer en meer opduiken in het domein van de gezondheidszorg, zowel van de fysieke als van de geestelijke gezondheidszorg. Op vlak van de lichamelijke gezondheidszorg denken we bijvoorbeeld aan het nieuwe initiatief van het screenen op dikke darmkanker. Ook de vrij recente campagne van stappen per dag is hier een voorbeeld van. Voor wat de preventie van de geestelijke gezondheid betreft, zet de Vlaamse overheid in op het voorkomen van zelfdoding. We weten het allemaal: Vlaanderen behoort tot de Europese top op vlak van zelfdoding. Per dag sterven drie personen door suïcide in Vlaanderen. Op 17 december S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

20 vond de Gezondheidsconferentie over suïcidepreventie plaats. Op basis hiervan is een nieuwe doelstelling geformuleerd, alsook een actieplan. De nieuwe doelstelling luidt als volgt: een daling van het aantal zelfdodingen met 20% tussen 2000 en Enkele strategieën om dit te bekomen, zijn: het verhogen van de ondersteuningsvaardigheden van ouders; het verstevigen van het sociaal netwerk het stigma doorbreken; speciale aandacht voor kwetsbare groepen: nabestaanden, leeftijdsgroepen (75-plussers, mannen tussen 35 en 45 jaar, meisjes tussen 15 en 19 jaar, kansarmen, holibi s, gedetineerden. In het kader van de preventie van de GGZ heeft de overheid het initiatief genomen van een website, zowel voor volwassenen (www.fitinjehoofd.be) als voor jongeren (www.noknok.be) 19 S o c i a l e P l a t t e g r o n d W e s t - V l a a n d e r e n

INHOUD 5 INLEIDING 13. HOOFDSTUK 1 15 De welzijnsoverheden in België 15 1. De federale overheid 18 1.1. Sociale zekerheid 19 1.2. Sociale bijstand 20

INHOUD 5 INLEIDING 13. HOOFDSTUK 1 15 De welzijnsoverheden in België 15 1. De federale overheid 18 1.1. Sociale zekerheid 19 1.2. Sociale bijstand 20 I N H O U D INHOUD 5 INLEIDING 13 HOOFDSTUK 1 15 De welzijnsoverheden in België 15 1. De federale overheid 18 1.1. Sociale zekerheid 19 1.2. Sociale bijstand 20 2. De lokale overheid 22 3. De Vlaamse overheid

Nadere informatie

Netwerkdag chronische zorg en zorgregio s Domus Medica 21 maart 2015. Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

Netwerkdag chronische zorg en zorgregio s Domus Medica 21 maart 2015. Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Netwerkdag chronische zorg en zorgregio s Domus Medica 21 maart 2015 Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Beleidstraject eerste lijn in Vlaanderen tot 2014 6 e staatshervorming

Nadere informatie

Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie

Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie DEEL ARMOEDEBESTRIJDING Actieplan 1 Informatie- en preventiebeleid naar de Zeelse bevolking toe op het vlak van o.m. (kinder)armoede, gezondheid, participatie Actie 1 : Het OCMW zorgt er, zelfstandig of

Nadere informatie

Welzijn 3.0: Van caritas tot vermaatschappelijking De overheid beweegt mee

Welzijn 3.0: Van caritas tot vermaatschappelijking De overheid beweegt mee Welzijn 3.0: Van caritas tot vermaatschappelijking De overheid beweegt mee Datum Gelegenheid Hulpverlening in (overwegend) sectorale context Stroomlijning via doorverwijzingen, toegangspoorten, sociale

Nadere informatie

VERENIGING VLAAMSE OCMW-SECRETARISSEN AFDELING WEST-VLAANDEREN

VERENIGING VLAAMSE OCMW-SECRETARISSEN AFDELING WEST-VLAANDEREN VERENIGING VLAAMSE OCMW-SECRETARISSEN AFDELING WEST-VLAANDEREN ALGEMENE VERGADERING TORHOUT 22 JANUARI 2015 1 www.desocialekaart.be wegwijs in welzijn en gezondheid 2 VOORSTELLING wat waar? door wie voor

Nadere informatie

INHOUD. Voorwoord 9 INHOUD

INHOUD. Voorwoord 9 INHOUD Voorwoord 9 Inleiding: de sociale grond rechten en het sociaal beleid onder druk? 11 1.1. De crisis en de druk op het sociaal beleid 11 1.2. Veranderende lokale omgeving 13 1 Sociaal beleid vanuit een

Nadere informatie

Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector

Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector Kabinet Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 4 maart 2011 Meer dan 1 miljoen extra voor vrijwilligers zorgsector Jo Vandeurzen: Vrijwilligers zullen almaar onmisbaarder blijken

Nadere informatie

EEN SOCIALE KAART, WAT BETEKENT DIT?

EEN SOCIALE KAART, WAT BETEKENT DIT? DE INTERPROVINCIALE SOCIALE KAART De Vlaamse provincies en de Vlaamse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werken al een aantal jaren samen aan één sociale kaart voor Vlaanderen,

Nadere informatie

Percentage geboortes in kansarme gezinnen t.o.v. het totaal aantal 18

Percentage geboortes in kansarme gezinnen t.o.v. het totaal aantal 18 79 WELZIJN ENZORG 80 Welzijn en zorg Welzijn is een beleidsmaterie die zich niet in vakjes laat opdelen. Of mensen zich goed voelen, heeft te maken met hun gezondheid, hun leef- en woonomgeving, hun inkomen,

Nadere informatie

INHOUD. Woord vooraf 11. Inleiding 15. Hoofdstuk 1: Orthopedagogische werkvelden in beweging: nieuwe uitdagingen vragen aangepaste antwoorden

INHOUD. Woord vooraf 11. Inleiding 15. Hoofdstuk 1: Orthopedagogische werkvelden in beweging: nieuwe uitdagingen vragen aangepaste antwoorden Woord vooraf 11 Inleiding 15 Hoofdstuk 1: Orthopedagogische werkvelden in beweging: nieuwe uitdagingen vragen aangepaste antwoorden 19 1. Inleiding 19 2. De organisatie van de zorg onder vuur 21 3. Het

Nadere informatie

DECREET. betreffende het algemeen welzijnswerk

DECREET. betreffende het algemeen welzijnswerk VLAAMS PARLEMENT DECREET betreffende het algemeen welzijnswerk HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Artikel 1 Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid. Artikel 2 In dit decreet wordt verstaan onder

Nadere informatie

Organisatie van de hulp- en dienstverlening aan gedetineerden

Organisatie van de hulp- en dienstverlening aan gedetineerden Organisatie van de hulp- en dienstverlening aan gedetineerden De organisatie van de hulp- en dienstverlening aan gedetineerden wordt vandaag geregeld met het decreet van 8 maart 2013 betreffende de organisatie

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN RESOLUTIE. van mevrouw Ria Van Den Heuvel en de heren Jan Roegiers, Carlo Daelman en Koen Helsen

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN RESOLUTIE. van mevrouw Ria Van Den Heuvel en de heren Jan Roegiers, Carlo Daelman en Koen Helsen Stuk 2223 (2003-2004) Nr. 1 VLAAMS PARLEMENT Zitting 2003-2004 5 maart 2004 VOORSTEL VAN RESOLUTIE van mevrouw Ria Van Den Heuvel en de heren Jan Roegiers, Carlo Daelman en Koen Helsen betreffende een

Nadere informatie

De OCMW op weg naar 2020 in woelige tijden. Prof. dr. Koen Hermans Projectleider LUCAS / Onderzoeksgroep Sociaal Werk KU Leuven

De OCMW op weg naar 2020 in woelige tijden. Prof. dr. Koen Hermans Projectleider LUCAS / Onderzoeksgroep Sociaal Werk KU Leuven De OCMW op weg naar 2020 in woelige tijden Prof. dr. Koen Hermans Projectleider LUCAS / Onderzoeksgroep Sociaal Werk KU Leuven Inhoud Een korte terugblik Het OCMW anno 2011: Sociaal woelige tijden 3 mogelijke

Nadere informatie

Integrale Jeugdhulpverlening: een nieuw plan in de maak

Integrale Jeugdhulpverlening: een nieuw plan in de maak Integrale Jeugdhulpverlening: een nieuw plan in de maak Document opgesteld door: vzw de Keeting vzw Recht-Op Kroonstraat 64/66 Lange Lobroekstraat 34 2800 Mechelen 2060 Antwerpen email: info@dekeeting.be

Nadere informatie

Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen

Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen Maatschappelijke uitdagingen voor brede scholen Inspiratiedag Brede School - 29 april 2014 - BRONKS Programma armoedebestrijding cijfers Armoede in Kortrijk In Kortrijk leven in 2011 11.227 inwoners in

Nadere informatie

Beleidsbrief Welzijn, Volksgezondheid & Gezin

Beleidsbrief Welzijn, Volksgezondheid & Gezin Beleidsbrief Welzijn, Volksgezondheid & Gezin Beleidsprioriteiten 2012-2013 Bespreking in de Commissie van 13 november 2012 Opbouw 1. Beleidsbrief 2. Begroting 3. Bespreking 1. Beleidsbrief Budgettair

Nadere informatie

De Sociale plattegrond. Missie en opdrachten

De Sociale plattegrond. Missie en opdrachten De Sociale plattegrond Sector: VAPH (minderjarigen) Spreker: Paul Ongenaert (De Hagewinde) Missie en opdrachten Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) wil de participatie, integratie

Nadere informatie

Toegankelijkheid van de CAW s volgens de verenigingen waar armen het woord nemen. April 16

Toegankelijkheid van de CAW s volgens de verenigingen waar armen het woord nemen. April 16 Netwerk tegen Armoede Vooruitgangstraat 323 bus 6-1030 Brussel / tel. 02-204 06 50 / fax : 02-204 06 59 info@netwerktegenarmoede.be / www.netwerktegenarmoede.be Toegankelijkheid van de CAW s volgens de

Nadere informatie

SOM-standpunt organisatie- en beheerstructuur Beleidsdomein Welzijn, Gezondheid & Gezin

SOM-standpunt organisatie- en beheerstructuur Beleidsdomein Welzijn, Gezondheid & Gezin SOM-standpunt organisatie- en beheerstructuur Beleidsdomein Welzijn, Gezondheid & Gezin 1. Inleiding Ten gevolge van de zesde staatshervorming wordt een aantal bevoegdheden van het federale beleidsniveau

Nadere informatie

Decreet betreffende het algemeen welzijnswerk

Decreet betreffende het algemeen welzijnswerk Decreet betreffende het algemeen welzijnswerk 08/05/2009 HOOFDSTUK I. Algemene bepalingen Art. 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid. Art. 2. In dit decreet wordt verstaan onder : 1 algemeen

Nadere informatie

Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014

Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014 Onderwijs en OCMW: pleidooi voor meer samenwerking! Lege brooddozen op school symposium 14 oktober 2014 Programma armoedebestrijding cijfers Armoede in Kortrijk In Kortrijk leven in 2011 11.227 inwoners

Nadere informatie

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3 17 SOCIALE ECONOMIE 18 Sociale economie Iedereen heeft recht op een job, ook de mensen die steeds weer door de mazen van het net vallen. De groep werkzoekenden die vaak om persoonlijke en/of maatschappelijke

Nadere informatie

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, inzonderheid op artikel 5, 1;

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, inzonderheid op artikel 5, 1; Besluit van de Vlaamse Regering van 13 januari 2006 betreffende de boekhouding en het financieel verslag voor de voorzieningen in bepaalde sectoren van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

Nadere informatie

Jeugdzorg in ontwikkeling

Jeugdzorg in ontwikkeling Jeugdzorg in ontwikkeling Prof. Dr. J. Vanderfaeillie De Maeyer Skrållan Faculteit Psychologie en Educatiewetenschappen Vakgroep Klinische en Levenslooppsychologie 21-2-2014 pag. 2 Inhoud Aanleiding voor

Nadere informatie

Uitdagingen bij de vermaatschappelijking van de zorg

Uitdagingen bij de vermaatschappelijking van de zorg Uitdagingen bij de vermaatschappelijking van de zorg Koen Hermans LUCAS, Centrum voor zorgonderzoek en consultancy Centrum voor sociologisch onderzoek Professionele zorg in Vlaanderen is succesverhaal

Nadere informatie

De gevolgen op diverse domeinen van de demografische evolutie in Brussel en de Vlaamse Rand. Erik Devillé gewezen voorzitter vzw PIN te Halle

De gevolgen op diverse domeinen van de demografische evolutie in Brussel en de Vlaamse Rand. Erik Devillé gewezen voorzitter vzw PIN te Halle De gevolgen op diverse domeinen van de demografische evolutie in Brussel en de Vlaamse Rand. Erik Devillé gewezen voorzitter vzw PIN te Halle Woensdag 29 april 2015 vzw PIN: experimentele opstart leidt

Nadere informatie

Toespraak van Vlaams minister Lieten op eindcongres The Missing Link - woensdag 21 september 2011

Toespraak van Vlaams minister Lieten op eindcongres The Missing Link - woensdag 21 september 2011 Toespraak van Vlaams minister Lieten op eindcongres The Missing Link - woensdag 21 september 2011 Geachte heer Commissaris Andor, Geachte mensen van De Link, mensen van de Europese partnerorganisaties,

Nadere informatie

Lokale bestrijding. kinderarmoede. Groeiactieplan. kinderarmoede

Lokale bestrijding. kinderarmoede. Groeiactieplan. kinderarmoede Lokale bestrijding kinderarmoede Groeiactieplan kinderarmoede Overzicht 1. Algemeen kader 2. Greep uit de acties in Gent 3. Succesfactoren/knelpunten à Debat Psychologische Dienst - OCMW Gent 2 1. Algemeen

Nadere informatie

VVSG Trefdag Samen tegen Armoede wij ook 13/12/2010

VVSG Trefdag Samen tegen Armoede wij ook 13/12/2010 VVSG Trefdag Samen tegen Armoede wij ook 13/12/2010 Koen Clijsters Algemeen diensthoofd OCMW Heusden-Zolder Tel. 011/45.61.50 koen.clijsters@ocmwheusdenzolder.be Heusden- Zolder Provincie Limburg 31.500

Nadere informatie

V.A.N.-TOP MINISTER JO VANDEURZEN 21 NOVEMBER 2015

V.A.N.-TOP MINISTER JO VANDEURZEN 21 NOVEMBER 2015 V.A.N.-TOP MINISTER JO VANDEURZEN 21 NOVEMBER 2015 ZORG IN EVOLUTIE 2 ZORG IN EVOLUTIE Professioneel gestuurde zorg Hospitalocentrisme Gezondheidszorg welzijn gescheiden Nadruk acute geneeskunde Aanbodgestuurde

Nadere informatie

VLAAMSE OUDERENRAAD Advies 2013/3 over de overdracht van de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (THAB) naar Vlaanderen

VLAAMSE OUDERENRAAD Advies 2013/3 over de overdracht van de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (THAB) naar Vlaanderen VLAAMSE OUDERENRAAD Advies 2013/3 over de overdracht van de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (THAB) naar Vlaanderen Vlaamse Ouderenraad vzw 18 december 2013 Koloniënstraat 18-24 bus 7 1000 Brussel

Nadere informatie

UITDAGINGEN IN DE SOCIAL-PROFIT. Jo Vandeurzen Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

UITDAGINGEN IN DE SOCIAL-PROFIT. Jo Vandeurzen Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin UITDAGINGEN IN DE SOCIAL-PROFIT Jo Vandeurzen Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 2050: 3x zoveel tachtigjarigen en 10x zoveel honderdjarigen Sector Gezondheidszorg en maatschappelijke

Nadere informatie

Kinderarmoede in het Brussels Gewest

Kinderarmoede in het Brussels Gewest OBSERVATOIRE DE LA SANTÉ ET DU SOCIAL BRUXELLES OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN BRUSSEL Senaat hoorzitting 11 mei 2015 Kinderarmoede in het Brussels Gewest www.observatbru.be DIMENSIES VAN ARMOEDE

Nadere informatie

Vlaams ICT beleid en de toekomstplannen van de Vlaamse overheid met betrekking tot e-health

Vlaams ICT beleid en de toekomstplannen van de Vlaamse overheid met betrekking tot e-health Vlaams ICT beleid en de toekomstplannen van de Vlaamse overheid met betrekking tot e-health Inleiding De maatschappij confronteert ons met nieuwe uitdagingen. Een van de antwoorden is de uitbouw van ICT

Nadere informatie

PROACTIEF EN GEZINSONDERSTEUNEND WERKEN MET KANSARME GEZINNEN MET JONGE KINDEREN

PROACTIEF EN GEZINSONDERSTEUNEND WERKEN MET KANSARME GEZINNEN MET JONGE KINDEREN PROACTIEF EN GEZINSONDERSTEUNEND WERKEN MET KANSARME GEZINNEN MET JONGE KINDEREN POPERINGE 11.933 HA (IN TOP 5 W-VL) - 19.894 INW KANSARME BUURTEN Kansarmoedeatlas Provincie West-Vlaanderen (Steunpunt

Nadere informatie

1. Situering. Hierbij worden volgende voorwaarden opgelegd:

1. Situering. Hierbij worden volgende voorwaarden opgelegd: Vlaamse Woonraad Koning Albert II-laan 19 bus 23 1210 Brussel vlaamse.woonraad@rwo.vlaanderen.be www.vlaamsewoonraad.be Advies 2015/08 datum 9 oktober 2015 bestemmeling kopie onderwerp Mevrouw Liesbeth

Nadere informatie

ZORGNETWERKEN & PROACTIEF HANDELEN

ZORGNETWERKEN & PROACTIEF HANDELEN 1 ZORGNETWERKEN & PROACTIEF HANDELEN PROACTIEF HANDELEN In strikte zin Financiële onderbescherming (4,2%) In ruimere zin Onderbenutting recht op sociale hulpen dienstverlening van het OCMW In maximale

Nadere informatie

Zorgstrategisch plan ouderenzorg Zuid-West-Vlaanderen. Woonzorg op mensenmaat 7 mei 2015

Zorgstrategisch plan ouderenzorg Zuid-West-Vlaanderen. Woonzorg op mensenmaat 7 mei 2015 Zorgstrategisch plan ouderenzorg Zuid-West-Vlaanderen Woonzorg op mensenmaat 7 mei 2015 Opdracht vanuit Streekforum Zorg Leden van het Streekforum Zorg Zuid-West-Vlaanderen doen oproep tot opmaak van een

Nadere informatie

Samen doen. Zorgvisie. Zorg- en dienstverlening van A tot Z

Samen doen. Zorgvisie. Zorg- en dienstverlening van A tot Z Samen doen Zorgvisie Zorg- en dienstverlening van A tot Z Wat en hoe? 3 W Samen met de cliënt bepalen we wát we gaan doen en hóe we het gaan doen. Mensen met een verstandelijke beperking kunnen op diverse

Nadere informatie

Online hulpverlening: light of heavy?

Online hulpverlening: light of heavy? Online hulpverlening: light of heavy? Helen Blow 15 juni 2011 Wat is het Steunpunt? Expertise centrum voor sociaal werk op de eerste lijn Ondersteuningsstructuur voor 25 autonome Centra Algemeen Welzijnswerk

Nadere informatie

Een greep uit de geschiedenis van CAW Artevelde

Een greep uit de geschiedenis van CAW Artevelde CAW Artevelde - 6 -jaargang 12 nr. 4 Op 6 februari 1995 werd vzw Pluralistisch Centrum Welzijnswerk regio Gent geboren onder het goeddunkend oog van Kris Coenegrachts en Patrick Seys. In de wieg lagen

Nadere informatie

2. ONDERWIJS, VORMING EN OPLEIDING

2. ONDERWIJS, VORMING EN OPLEIDING PUBLICATIEPLAN 1. ALGEMEEN 1.1. OVERHEDEN EN INSTELLINGEN 1.1.1. Europese Commissie Helios II 1.1.2. Federale Overheden 1.1.3. Gewestelijk 1.1.4. Provinciaal 1.1.5. Regionaal 1.1.6. Intercommunaal 1.1.7.

Nadere informatie

DE VIJF FUNCTIES BINNEN HET VERNIEUWDE MODEL GEESTELIJKE GEZONDHEID

DE VIJF FUNCTIES BINNEN HET VERNIEUWDE MODEL GEESTELIJKE GEZONDHEID DE VIJF FUNCTIES BINNEN HET VERNIEUWDE MODEL GEESTELIJKE GEZONDHEID Functie 1 Activiteiten op het vlak van preventie; geestelijke gezondheidszorgpromotie; vroegdetectie, -interventie en -diagnosestelling

Nadere informatie

OVERGANG ONLINE NAAR AMBULANT

OVERGANG ONLINE NAAR AMBULANT OVERGANG ONLINE NAAR AMBULANT Binnen een geïntegreerd model van geestelijke gezondheidszorg volgens het stepped care model (getrapte zorg) kan er best gestreefd worden naar een vloeiende overgang tussen

Nadere informatie

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Bisconceptnota. Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Bisconceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering 1.1. Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Decreet opvoedingsondersteuning in relatie tot de IJH. Benedikte Van den Bruel Veerle Roels

Decreet opvoedingsondersteuning in relatie tot de IJH. Benedikte Van den Bruel Veerle Roels Decreet opvoedingsondersteuning in relatie tot de IJH Benedikte Van den Bruel Veerle Roels Kind en Gezin èn Agentschap Jongerenwelzijn? Kind en Gezin en Agenschap Jongerenwelzijn verantwoordelijk voor

Nadere informatie

Voor meer info: Hilde Rekkers hilde.rekkers@vlaamseprovincies.be +32 2 508 13 26

Voor meer info: Hilde Rekkers hilde.rekkers@vlaamseprovincies.be +32 2 508 13 26 Voor meer info: Hilde Rekkers hilde.rekkers@vlaamseprovincies.be +32 2 508 13 26 Intrafamilaal geweld: provincies slaan brug tussen federale en Vlaamse overheid Intrafamiliaal geweld is een groot maatschappelijk

Nadere informatie

België - Vlaanderen. Alle Vlamingen zijn betrokken. Pijlers van het Vlaams zorgen ouderenbeleid. Vermaatschappelijking van zorg 29-11-13

België - Vlaanderen. Alle Vlamingen zijn betrokken. Pijlers van het Vlaams zorgen ouderenbeleid. Vermaatschappelijking van zorg 29-11-13 België - Vlaanderen Dementievriendelijke gemeenschap Landelijk Congres - Moderne Dementiezorg Jo Vandeurzen Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 25 november 2013 Alle Vlamingen zijn betrokken

Nadere informatie

de jeugd is onze toekomst

de jeugd is onze toekomst de jeugd is onze toekomst vereniging van groninger gemeenten Bestuursakkoord Jeugd 2008-2012 In veel Groninger gemeenten zijn er kinderen met problemen. En daarvan krijgen er te veel op dit moment niet

Nadere informatie

De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de

De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de De Vlaamse regering heeft op 25 juni 2010 een besluit goedgekeurd betreffende de beleids- en beheerscyclus (BBC)van de provincies, de gemeenten en de OCMW s met regels voor de financiële aspecten van de

Nadere informatie

Kwaliteitsvoorwaarden aanbod 'Arbeidsmatige activiteiten /arbeidszorg'

Kwaliteitsvoorwaarden aanbod 'Arbeidsmatige activiteiten /arbeidszorg' Kwaliteitsvoorwaarden aanbod 'Arbeidsmatige activiteiten /arbeidszorg' Voorstel vanuit de Ronde Tafel Arbeidszorg 1 Achtergrond Het decreet 'Werk- en zorgtrajecten' van 23 april 2014 wil een structureel

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 26 september 2013 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Peter Bellens Telefoon: 03 240 52 40 Agenda nr. 9/1 Welzijn. Voorstel tot opheffing van 14 subsidiereglementen.

Nadere informatie

Figure 1 logo vrouwenraad. De Vrouwenraad wil voor elk kind betaalbare, toegankelijke en kwaliteitsvolle kinderopvang

Figure 1 logo vrouwenraad. De Vrouwenraad wil voor elk kind betaalbare, toegankelijke en kwaliteitsvolle kinderopvang Figure 1 logo vrouwenraad De Vrouwenraad wil voor elk kind betaalbare, toegankelijke en kwaliteitsvolle kinderopvang INHOUDSTAFEL kinderopvang... 1 Een kaderdecreet kinderopvang... 2 Kwaliteitsvolle kinderopvang...

Nadere informatie

arrondissement Oudenaarde Knelpunten en signalen Ontbijtvergadering regiomandatarissen 24 juni 11 Gastenverblijf Steenhuyse, Oudenaarde

arrondissement Oudenaarde Knelpunten en signalen Ontbijtvergadering regiomandatarissen 24 juni 11 Gastenverblijf Steenhuyse, Oudenaarde WELZIJN & GEZONDHEID arrondissement Oudenaarde Knelpunten en signalen 2010 Ontbijtvergadering regiomandatarissen 24 juni 11 Gastenverblijf Steenhuyse, Oudenaarde Een initiatief van het RWO arr. Oudenaarde

Nadere informatie

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen

Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen Conceptnota Betreft: Krachtlijnen voor een nieuwe organisatie voor de opvang- en vrije tijd van schoolkinderen 1. Situering Deze conceptnota heeft tot doel om, binnen de contouren van het Vlaams Regeerakkoord

Nadere informatie

Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014

Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014 Observatorium voor Gezondheid en Welzijn OPERATIONEEL PLAN 2011-2014 1. OPDRACHTEN VAN HET OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN 1.1 Wettelijke basis De opdrachten van het Observatorium staan opgesomd

Nadere informatie

Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES. 2. Mobiliteit Ouderen willen zich overal kunnen verplaatsen, ook bij beperking van de persoonlijke mobiliteit.

Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES. 2. Mobiliteit Ouderen willen zich overal kunnen verplaatsen, ook bij beperking van de persoonlijke mobiliteit. OOK Vlaams OUDEREN OVERLEG KOMITEE vzw - Vlaamse OUDERENRAAD Aandachtspunten t.a.v. de PROVINCIES 1. Informatie en communicatie Ouderen willen de diensten en taken van de provincie beter kennen. 2. Mobiliteit

Nadere informatie

Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012)

Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012) Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012) De Hoge Raad voor Vrijwilligers (HRV) kijkt relatief tevreden terug op 2011, het Europees Jaar voor het Vrijwilligerswerk.

Nadere informatie

WERK MAKEN VAN WERK IN DE ZORGSECTOR HASSELT EXPERTENSTUURGROEP SPEERPUNT ZORGECONOMIE

WERK MAKEN VAN WERK IN DE ZORGSECTOR HASSELT EXPERTENSTUURGROEP SPEERPUNT ZORGECONOMIE WERK MAKEN VAN WERK IN DE ZORGSECTOR HASSELT EXPERTENSTUURGROEP SPEERPUNT ZORGECONOMIE Filip Van Laecke Raadgever Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen Situatieschets social

Nadere informatie

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES «WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES Brussel wordt gekenmerkt door een grote concentratie van armoede in de dichtbevolkte buurten van de arme sikkel in het centrum van de stad, met name

Nadere informatie

NETWERK GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG REGIO IEPER - DIKSMUIDE

NETWERK GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG REGIO IEPER - DIKSMUIDE NETWERK GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG REGIO IEPER - DIKSMUIDE Situering De overheid ontwikkelde een globale visie op wat er nodig is om te komen tot een (nog) betere geestelijke gezondheidszorg, weliswaar

Nadere informatie

Postgraduaat Casemanagement in de eerste lijn. Studiegebied gezondheidszorg campus Kortrijk

Postgraduaat Casemanagement in de eerste lijn. Studiegebied gezondheidszorg campus Kortrijk Postgraduaat Casemanagement in de eerste lijn Studiegebied gezondheidszorg campus Kortrijk Hedendaagse uitdagingen Hedendaagse uitdagingen Toenemende vergrijzing - multimorbiditeit Vermaatschappelijking

Nadere informatie

Opening DVC Heilig Hart Deinze

Opening DVC Heilig Hart Deinze Vrijdag 4 juni 2010 Toespraak van JOKE SCHAUVLIEGE VLAAMS MINISTER VAN LEEFMILIEU, NATUUR EN CULTUUR Opening DVC Heilig Hart Deinze Geachte Gouverneur, Geachte Gedeputeerde, Geachte Burgemeester en schepenen,

Nadere informatie

7 Het zorgaanbod jeugdzorg 134 7.1 Inleiding 134 7.2 Provinciale jeugdzorg (voormalige jeugdhulpverlening) 135

7 Het zorgaanbod jeugdzorg 134 7.1 Inleiding 134 7.2 Provinciale jeugdzorg (voormalige jeugdhulpverlening) 135 Inhoud 1 Inleiding 11 1.1 Jeugdzorg en jeugdbeleid 11 1.2 Leeftijdsgrenzen 12 1.3 Ordening van jeugdzorg en jeugdbeleid 13 1.3.1 Algemeen jeugdbeleid 14 1.3.2 Specifiek gemeentelijk jeugdbeleid 14 1.3.3

Nadere informatie

Samen. tegen. armoede

Samen. tegen. armoede Samen tegen armoede projectenoproep 2011 Welzijnszorg vzw - Lisa Van Damme Welzijnszorg vzw steunt jaarlijks meer dan 150 projecten van organisaties die zich inzetten in de strijd tegen armoede en sociale

Nadere informatie

Iedereen beschermd tegen armoede?

Iedereen beschermd tegen armoede? Iedereen beschermd tegen armoede? Sociaal onrecht treft 1 op 7 mensen in ons land Campagne 2014 Iedereen beschermd tegen armoede? België is een welvaartsstaat, Brussel is de hoofdstad van Europa en Vlaanderen

Nadere informatie

Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO. Advies. Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling

Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO. Advies. Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling Brussel, 8 juli 2009 07082009_SERV-advies projecten VSDO Advies Projecten Vlaamse strategie duurzame ontwikkeling 1. Inleiding Op 8 juni 2009 werd de SERV om advies gevraagd over de fiches ter invulling

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» 1 Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZG/15/116 ADVIES NR. 08/05 VAN 8 APRIL 2008, GEWIJZIGD OP 6 MEI 2008, OP 4 MAART 2014 EN OP 7 JULI 2015,

Nadere informatie

NOVEMBER 2014 BAROMETER

NOVEMBER 2014 BAROMETER NOVEMBER 2014 BAROMETER In deze nieuwe editie van de barometer staan we stil bij de Census 2011 die afgelopen maand werd gepubliceerd door Statistics Belgium, onderdeel van de FOD Economie. We vertalen

Nadere informatie

Kind en Gezin http://www.kindengezin.be/

Kind en Gezin http://www.kindengezin.be/ Kind en Gezin http://www.kindengezin.be/ 1 2 Missie en Waarden http://www.kindengezin.be/over-kind-en-gezin/missie-en-waarden/ 3 4 Opdracht Kind en Gezin http://www.kindengezin.be/over-kind-en-gezin/wat-doen-we/

Nadere informatie

Inleiding. Doelen en uitgangspunten van het gemeentebestuur

Inleiding. Doelen en uitgangspunten van het gemeentebestuur Inleiding TRILL is een methodiek die de verantwoordelijkheden en de te leveren prestaties van betrokken partijen in kaart brengt. Zo moet de ambtenaar de beleidsdoelstellingen die door het gemeentebestuur

Nadere informatie

Een korte rondleiding door Martine Puttaert. Integrale Jeugdhulp Vlaams-Brabant

Een korte rondleiding door Martine Puttaert. Integrale Jeugdhulp Vlaams-Brabant Een korte rondleiding door Martine Puttaert Integrale Jeugdhulp Vlaams-Brabant Integrale Jeugdhulp (IJH) Historiek Wat is IJH? Wie is betrokken? Werkingsprincipes Structuur, opdrachten en thema s Concrete

Nadere informatie

Stelling 1: Waardig afscheid nemen kunnen we beter overlaten aan de begrafenisondernemers

Stelling 1: Waardig afscheid nemen kunnen we beter overlaten aan de begrafenisondernemers Verslag: Stellingen Dag van het Slachtoffer 2014 Groep 4 Datum: 21 februari 2014 Liesbeth Schrijvers Slachtofferbejegening Federale Politie Isabelle Vanderhoeven Directoraat-generaal Justitiehuizen Slachtofferonthaal

Nadere informatie

Aanknopingspunten voor elk recht in het decreet rechtspositie van de minderjarige met het kwaliteitsdecreet en de SMK s. CKG s

Aanknopingspunten voor elk recht in het decreet rechtspositie van de minderjarige met het kwaliteitsdecreet en de SMK s. CKG s Aanknopingspunten voor elk recht in het decreet rechtspositie van de minderjarige met het kwaliteitsdecreet en de SMK s Decreet rechtspositie van de minderjarige CKG s MB 10 juni 2003 betreffende de kwaliteitszorg

Nadere informatie

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald

Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald PERSMEDEDELING VAN JO VANDEURZEN, VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN 4 oktober 2012 Risico op sterfte door hart- en vaatziekten in 10 jaar tijd met 25 procent gedaald De kans dat Vlamingen

Nadere informatie

BELEIDSBRIEF. Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Beleidsprioriteiten 2008-2009 MOTIE VAN AANBEVELING

BELEIDSBRIEF. Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Beleidsprioriteiten 2008-2009 MOTIE VAN AANBEVELING Zitting 2008-2009 1 december 2008 BELEIDSBRIEF Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Beleidsprioriteiten 2008-2009 MOTIE VAN AANBEVELING van mevrouw Helga Stevens en de heren Mark Demesmaeker, Jan Peumans,

Nadere informatie

De Sociale plattegrond

De Sociale plattegrond De Sociale plattegrond Sector: VAPH Spreker: Luc Dewilde (VAPH) VLAAMS AGENTSCHAP VOOR PERSONEN MET EEN HANDICAP WWW.VAPH.BE 1 1. Belgisch zorgaanbod voor personen met een handicap 2. VAPH-algemeen Overzicht

Nadere informatie

Evoluties binnen zorgvernieuwing

Evoluties binnen zorgvernieuwing Evoluties binnen zorgvernieuwing 9 januari 2014 JOS THEUNIS AFDELINGSHOOFD ZORG VAPH Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap 1 Multifunctionele centra (MFC) en Flexibel Aanbod Meerderjarigen (FAM)

Nadere informatie

VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD

VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD STUK 459 (2011-2012) Nr. 1 VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD ZIT TING 2011-2012 17 NOVEMBER 2011 VOORSTEL VAN RESOLUTIE van mevrouw Elke ROEX betreffende het waarborgen van het recht op kinderopvang

Nadere informatie

Praktijk en inspiratie

Praktijk en inspiratie Praktijk en inspiratie Inhoud/1 INHOUD A. Werking en organisatie Hoofdstuk 1 Het kinderopvanglandschap in Vlaanderen... 1 Inleiding... 1 1.1. Categorieën van kinderopvang... 1 1.1.1 Verschil tussen informele

Nadere informatie

Welzijn en gezondheid in Brussel. Sociale Kaart & Zakboekje

Welzijn en gezondheid in Brussel. Sociale Kaart & Zakboekje Welzijn en gezondheid in Brussel Sociale Kaart & Zakboekje Brusselse sociale kaart www.bwr.be/soka Brusselse sociale kaart: wat en waarom Brusselse sociale kaart: wat? Informatie over diensten en instellingen

Nadere informatie

Toegankelijkheid van communicatie: over begrijpen en begrepen worden

Toegankelijkheid van communicatie: over begrijpen en begrepen worden Toegankelijkheid van communicatie: over begrijpen en begrepen worden Toegankelijkheid We gaan er vaak van uit dat de toegankelijkheid van de fysieke omgeving een voldoende voorwaarde is om iedereen te

Nadere informatie

ONTWERP VAN DECREET. tot wijziging van het decreet van 28 februari 2003 betreffende het Vlaamse inburgeringsbeleid AMENDEMENTEN

ONTWERP VAN DECREET. tot wijziging van het decreet van 28 februari 2003 betreffende het Vlaamse inburgeringsbeleid AMENDEMENTEN Zitting 2005-2006 5 juli 2006 ONTWERP VAN DECREET tot wijziging van het decreet van 28 februari 2003 betreffende het Vlaamse inburgeringsbeleid AMENDEMENTEN voorgesteld Zie: 850 (2005-2006) Nr. 1: Ontwerp

Nadere informatie

INFORMATIEFICHE AFNEMERS 2014 TOLK- EN VERTAALSERVICE GENT

INFORMATIEFICHE AFNEMERS 2014 TOLK- EN VERTAALSERVICE GENT Gelieve deze fiche volledig in te vullen en te mailen naar info@tvgent.be. Voor enkele gegevens (bijv. sectoren en deelsectoren) in deze fiche verwijzen we naar annex die u op het einde van de fiche vindt.

Nadere informatie

De Sociale plattegrond

De Sociale plattegrond De Sociale plattegrond Sector: OCMW Spreker: Marianne Van Der Biest (OCMW Herzele) Wat is het OCMW? OCMW = Openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn. OCMW = publieke instelling Welzijn = meer dan armoedebestrijding

Nadere informatie

De Meander is er voor mensen die een vraag hebben naar informatie, ondersteuning of begeleiding rond

De Meander is er voor mensen die een vraag hebben naar informatie, ondersteuning of begeleiding rond De Meander is er voor mensen die een vraag hebben naar informatie, ondersteuning of begeleiding rond alcohol, illegale drugs, medicatie en gokken. Doelgroep Meander: Iedereen met problemen in verband met

Nadere informatie

Wat is het CAW? Iedereen heeft het wel eens moeilijk. Ook voor jongeren. Het CAW versterkt welzijn. Daarvoor is het CAW er

Wat is het CAW? Iedereen heeft het wel eens moeilijk. Ook voor jongeren. Het CAW versterkt welzijn. Daarvoor is het CAW er Wat is het CAW? Iedereen heeft het wel eens moeilijk Dat hoort bij het leven. Soms kan je terecht bij vrienden en familie. Of vind je er zelf een weg doorheen. Maar iedereen kent ook momenten dat het helemaal

Nadere informatie

WAT IS ZORGREGIE? VAN PROVINCIALE CENTRALE WACHTLIJST NAAR ZORGREGIE

WAT IS ZORGREGIE? VAN PROVINCIALE CENTRALE WACHTLIJST NAAR ZORGREGIE ROL VAN DE PROVINCIE BIJ DE ZORGREGIE VOOR PERSONEN MET EEN HANDICAP WAT IS ZORGREGIE? De overheid heeft met zorgregie drie doelstellingen. Ten eerste wil men een eerlijk en transparant opname- en bemiddelingsbeleid

Nadere informatie

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie.

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie. FUNCTIE: Directeur POC AFKORTING: DIR AFDELING: Management 1. DOELSTELLINGEN INSTELLING De doelstellingen staan omschreven in het beleidsplan POC. Vermits de directie de eindverantwoordelijkheid heeft

Nadere informatie

VOORSTEL VAN DECREET VAN MEVROUW SONJA BECQ EN MEVROUW VEERLE HEEREN C.S HOUDENDE REGELING VAN DE THUISOPVANG VAN ZIEKE KINDEREN

VOORSTEL VAN DECREET VAN MEVROUW SONJA BECQ EN MEVROUW VEERLE HEEREN C.S HOUDENDE REGELING VAN DE THUISOPVANG VAN ZIEKE KINDEREN ADVIES VOORSTEL VAN DECREET VAN MEVROUW SONJA BECQ EN MEVROUW VEERLE HEEREN C.S HOUDENDE REGELING VAN DE THUISOPVANG VAN ZIEKE KINDEREN Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gelijke Kansen. Voorstel

Nadere informatie

Algemeen verslag denkdag 15 juni 2015 de Kriekelaar Schaarbeek

Algemeen verslag denkdag 15 juni 2015 de Kriekelaar Schaarbeek Algemeen verslag denkdag 15 juni 2015 de Kriekelaar Schaarbeek 1 Inleiding 2 Op 15 juni 2015 verzamelden de leden van de advieswerkgroep Sociaal-Cultureel Werk en vertegenwoordigers van regionale koepelverenigingen

Nadere informatie

(Aanzet tot) een nieuw decretaal beleidskader voor de samenwerking tussen werk en zorg

(Aanzet tot) een nieuw decretaal beleidskader voor de samenwerking tussen werk en zorg (Aanzet tot) een nieuw decretaal beleidskader voor de samenwerking tussen werk en zorg Studiedag Werk Werkt 27 maart 2014 Een momentopname Tussen een zoekende voorgeschiedenis... Decreet Werk en Zorg als

Nadere informatie

De Sociale plattegrond

De Sociale plattegrond De Sociale plattegrond Sector: Begeleiding jonge kinderen Spreker: Krista De Vos (Kind en Gezin) Kind en Gezin Kleine kinderen, wij maken er werk van! 1 Voorgeschiedenis 1919: Nationaal Werk voor het Kinderwelzijn

Nadere informatie

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2008-621-

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2008-621- Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2008-621- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN STEVEN VANACKERE VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Vraag nr. 321 van 9 september

Nadere informatie

Ocmw Wichelen. Zorgzame gemeenschap met maximale ontplooiingskansen en aandacht voor de evoluerende maatschappij. vs. 11/03/2013 - Excel 2007

Ocmw Wichelen. Zorgzame gemeenschap met maximale ontplooiingskansen en aandacht voor de evoluerende maatschappij. vs. 11/03/2013 - Excel 2007 Met onze zorg beogen we de coördinatie van een warme zorg, 1 1.1 aangepast aan het individueel levensverhaal Bevordering huiselijkheid woonzorgvoorzieningen 1 1.1 1.1.2 1 1.1 1.1.3 1.1.1 Herinrichten WZC

Nadere informatie

Per 1.000 kinderen onder de 3 jaar telde Limburg eind 2008 68 opvangplaatsen minder dan het Vlaamse gemiddelde.

Per 1.000 kinderen onder de 3 jaar telde Limburg eind 2008 68 opvangplaatsen minder dan het Vlaamse gemiddelde. Limburgse kinderopvang misdeeld door huidige Vlaamse Regering. Uit het antwoord vanwege Vlaams minister van Welzijn Heeren op een parlementaire vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Els Robeyns blijkt

Nadere informatie

Er is een transformatieproces in de ouderenzorg aan de gang

Er is een transformatieproces in de ouderenzorg aan de gang Er is een transformatieproces in de ouderenzorg aan de gang 3 issues: 1. Adequaat inspelen op demografische ontwikkelingen; 2. Normaal als het kan en bijzonder als het echt moet; 3. Kostenbeheersing en

Nadere informatie

Stichting Urgente Noden Zoetermeer Beleidsplan 2015-2017. bruggenbouwer tussen wat kan en wat moet

Stichting Urgente Noden Zoetermeer Beleidsplan 2015-2017. bruggenbouwer tussen wat kan en wat moet Stichting Urgente Noden Zoetermeer Beleidsplan 2015-2017 bruggenbouwer tussen wat kan en wat moet Beleidsplan Stichting Urgente Noden Zoetermeer (SUNZ) Stichting Urgente Noden Zoetermeer is opgericht 19

Nadere informatie

Studiedag Rechten in de jeugdhulp 6 maart 2015. Mia Claes UCLL

Studiedag Rechten in de jeugdhulp 6 maart 2015. Mia Claes UCLL Studiedag Rechten in de jeugdhulp 6 maart 2015 Mia Claes UCLL Hulp continuïteit waarborgen Op een gepaste wijze omgaan met verontrusting Tijdige toegang tot de jeugdhulp Voorzien in een aanbod crisisjeugd

Nadere informatie