Common Consolidated Corporate Tax Base

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Common Consolidated Corporate Tax Base"

Transcriptie

1 Common Consolidated Corporate Tax Base Het toerekeningmechanisme als oplossing voor transfer pricing problematiek? The hardest thing in the world to understand is the income tax. Albert Einstein Jan Ammerlaan Postmaster directe belastingen Stichting Europese Fiscale Studies

2 I Inhoudsopgave I II Inhoudsopgave I Lijst met gebruikte afkortingen I III Inleiding II III.1 Inleiding II III.2 Probleemstelling II III.3 Afbakening II 1 Common Consolidated Corporate Tax Base Inleiding Naar een Europese vennootschapsbelasting? Hoofdlijnen van de CCCTB Kwalificerende vennootschappen en consolidatie Eén uniforme heffingsgrondslag Toerekening van de heffingsgrondslag Administratieve aspecten 7 1. Conclusie 8 2 CCCTB: het toerekeningmechanisme versus het arms-length beginsel 2.1 Inleiding 2.2 Het arm s length beginsel 2.3 Het toerekeningmechanisme De Formule De Factor Arbeid De Factor Activa De Factor Omzet Conclusie 17 IV Conclusie V IV.I Antwoord op de probleemstelling V V Literatuurlijst X V.1 Literatuur X V.2 Websites X

3 II Lijst met gebruikte afkortingen CCCTB CCCTB WG EC EU IASB IFRS IFRS EU TEU TFEU WP Common Consolidated Corporate Tax Base Common Consolidated Corporate Tax Base Working Group Europese Commissie Europese Unie International Accounting Standards Board International Financial Reporting Standards International Financial Reporting Standards as adopted by the EU Treaty on the European Union Treaty on the Functioning of the European Union Working Paper

4 III Inleiding III.1 Inleiding Als onderdeel van de Leergang Post Master Directe Belastingen van de Stichting Europese Fiscale Studies ( EFS ) wordt de deelnemers verzocht een verhandeling te schrijven over een onderwerp met een Europees rechtelijke dimensie. Daarbij is mijn keuze is gevallen op het CCCTB 1 project van de Europese Commissie en de toepassing van een verdeelsleutel bij de toerekening van bedrijfswinsten aan de lidstaten, ook wel de formula apportionment approach genoemd. Door de Europese Commissie wordt als groot voordeel van toepassing van de CCCTB wel verwezen naar het verdwijnen van transfer pricing en arms length problematiek bij transacties tussen verbonden lichamen voor multinationals. Mijns inziens wordt de arms length problematiek hiermee niet zozeer opgelost als wel ingeruild voor een gelijkluidende discussie op het niveau van de in de CCCTB participerende lidstaten en is het dus interessant om de systematiek van winsttoedeling onder toepassing van de CCCTB te beoordelen in het licht van het (aloude) arms length criterium en de te verwachten verschuivingen in resultaattoerekening onder toepassing van de CCCTB. III.2 Probleemstelling Ik kom tot de volgende probleemstelling: Wat behelst de formula apportionment approach onder toepassing van het CCCTB en welke ver- schillen kent deze benadering onder vergelijking met het arms length beginsel? III.3 Afbakening 30 Het CCCTB project kent vele discussiegebieden. Ik zal deze alleen behandelen voor zover relevant in het licht van de probleemstelling. 1 CCCTB staat voor Common Consolidated Corporate Tax Base, ofwel voor een gemeenschappelijke grondslag voor de fiscale geconsolideerde winstberekening van concernvennootschappen binnen de Europese Unie. P.H.J. Essers, CCCTB dreigt aan vlijt ten onder te gaan in WFR, 07/741 II

5 Indien wij in het kader van deze verhandeling de apportionment approach uit de CCCTB willen duiden, dan ontkomen wij er niet aan om kort de uitgangspunten en doelstellingen van de CCCTB zelf te behandelen. Dit zal ik doen in hoofdstuk 1. Tenslotte volgt in hoofdstuk 2 een gedetailleerde analyse van de apportionment approach in het licht van het arms length beginsel. Ik sluit af met een samenvatting en een conclusie. Jan Ammerlaan 2 2 Werkzaam bij GBA Adviseurs te Den Haag III

6 1 Common Consolidated Corporate Tax Base 1.1 Inleiding In dit hoofdstuk zal ik de verschillende kenmerken van de CCCTB ofwel de Common Consolidated Corporate Tax Base beschrijven. Hierbij zal ik ingaan op de diverse bijzondere kenmerken van het project. Ik begin met een globale beschrijving omtrent de aanloop tot het voorstel en sluit af met een conclusie. 1.2 Naar een Europese vennootschapsbelasting? In de Europese Unie is de afgelopen jaren weinig vooruitgang geboekt met harmonisatie van de verschillende stelsels van vennootschapsbelasting van de lidstaten. 3 In tegenstelling tot bij de indirecte belastingen is er geen sprake van een verdragsverplichting tot harmonisatie van de directe belastingen in de lidstaten, waaronder de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. De lidstaten zijn terughoudend met harmonisatie van de vennootschapsbelasting met het oog op de eigen belastingopbrengsten en de angst om soevereiniteit op dit gebied te verliezen. 4 Tenslotte komt ook de recente toenames van het aantal lidstaten het harmonisatieproces van de vennootschapsbelasting niet ten goede. Vanwege het gebrek aan harmonisatie bestaat binnen de Europese Unie momenteel een lappendeken aan stelsels van vennootschapsbelasting met de nodige dispariteiten tussen de lidstaten. Internationaal opererende ondernemingen zien zich hierdoor geconfronteerd met hogere administratieve kosten. Strik en van Streek noemen in dit kader bijvoorbeeld de administratieve lasten gerelateerd aan de transfer problematiek bij grensoverschrijdende transacties. Verder verwijzen Strik en van Streek bijvoorbeeld naar de beperkte mogelijkheden tot compensatie van grensoverschrijdende verliezen binnen de Europese Unie. Ik zou hier nog de compliance kosten gerelateerd aan de vestigingen in de verschillende lidstaten aan willen toevoegen. Vestigingen in meerdere lidstaten vereisen bijvoorbeeld even zovele aangiften vennootschapsbelasting en (decentrale) administraties. 3 Harmonisatie van vennootschapsbelasting is vooralsnog met name afkomstig uit de jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie, waarbij regelgeving afkomstig uit de nationale stelsels van vennootschapsbelasting wordt getoetst aan de verdragen. Dit wordt ook wel negatieve harmonisatie genoemd. Op het gebied van de beperkt (positieve) harmonisatie zij verwezen naar de weinige voorstellen die daadwerkelijk zijn geïmplementeerd, zoals bijvoorbeeld de Fusierichtlijn 90/434/EEC; de Moeder Richtlijn 90/43/EEC, het Arbitrageverdrag 90/436/EEC en de intrest & royalty richtlijn 03/49/EC. Hierbij kan nog worden vermeld dat omtrent deze maatregelen reeds sinds de jaren zestig van de vorige eeuw werd onderhandeld. 4 Zo is bijvoorbeeld een conceptrichtlijn van de Europese Commissie inzake grensoverschrijdende verliescompensatie bij gebrek aan enthousiasme bij de lidstaten ingetrokken S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek, Hoofdlijnen van de vennootschapsbelasting van de toekomst: de CCCTB in Tijdschrift voor Ondernemingsbestuur, 09/2 1

7 Een ander effect van het gebrek aan harmonisatie betreft de belastingconcurrentie tussen de lidstaten, welke zich bijvoorbeeld uit in lagere tarieven en de introductie van bijzondere regimes voor bepaalde activiteiten. Vanuit de Europese Unie wordt dit als een ongewenst effect gezien. 6 Vanuit geschetste problematiek is de Europese Commissie actief om dispariteiten voor internationaal opererende ondernemingen weg te nemen. Onder leiding van toenmalig commissaris Bolkestein werd in 01 een rapport gepubliceerd over de toekomst van de heffing van vennootschapsbelasting binnen de Europese Unie. 7 In dat rapport werd een aantal varianten voor een Europese vorm van vennootschapsbelasting gepresenteerd, met als meest interessante varianten 8 home state taxation 9 en common base taxation. Met deze laatste projecten is de Europese Commissie aan de slag gegaan, waarbij geleidelijk het laatste project de overhand heeft gekregen. Omdat het bij aanvang duidelijk was dat veel onderzoekwerk zou moeten worden verricht naar de mogelijke vormgeving en complicaties van het systeem heeft de Europese Commissie de Common Consolidated Corporate Tax Base Working Group ( CCCTB WG ) opgericht, waaronder ook weer subgroepen zijn gevormd welke zich hebben toegelegd op specifieke onderzoeksgebieden. 11 Deze CCCTB WG heeft sinds de aanvang van werkzaamheden diverse Working Papers ( WP ) gepubliceerd, 12 op basis waarvan een conceptrichtlijn zou worden ontwikkeld op basis van artikel 1 TFE (art. 94 EG oud). 13 Belangrijk uitgangspunt daarbij is dat de CCCTB in de voorstellen een optioneel karakter kent. Ondernemingen kunnen kiezen voor toepassing van CCCTB of toepassing van het nationale stelsel van vennootschapsbelasting. De nationale stelsels van vennootschapsbelasting worden in het voorstel van de Commissie dan ook niet afgeschaft. 14 Verder blijven ook de tarieven tot de autonomie van de lidstaten behoren. Vanuit een politiek oogpunt was dit een verstandige zet, want anders was het project waarschijnlijk al vanaf het begin gedoemd een stille dood te sterven, bang als de lidstaten zijn om onderdelen van hun belastingsoevereiniteit aan Brussel over te dragen. Daarmee is overigens ook weer de discussie over de noodzaak van een minimum vennootschapsbelasting tarief 6 Zie bijvoorbeeld Ecofin Council, Conclusions of the Econfin Council Meeting concerning taxation policy on 1 December 1997 in Offical Journal of the European Communities, 98/C 2/01; 7 European Commission, Company taxation in the Internal Market, in Com (01) 82 8 Zie o.a. P. Kavelaars, Naar een Europese winstgrondslag (deel 1) in WFR 08/ Onder home state taxation wordt vennootschapbelasting geheven op basis van de regelgeving van de staat waar de zetel van de onderneming gevestigd is op basis van het beginsel van wederzijdse erkenning. In verband met concurrentie overwegingen is het project nu met name gericht op kleine- & middelgrote bedrijven. Recentelijk zijn er echter geen ontwikkelingen. Het common base taxation project ofwel voluit consolidated corporate tax base project behelst de totstandkoming van één uniforme heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting. 11 P. Kavelaars, Naar een Europese winstgrondslag (deel 1) in WFR 08/ met Working Paper 66 op 26 maart 08 voorlopig als laatste document 13 European Commission, CCCTB WG, Possible elements of a technical outline; Working Document 7, in ec.europa.eu/taxation_customs /resources/...tax/.../ccctbwp07_en.pdf; p Te verwachten is echter dat toepassing van de CCCTB de lidstaten onder druk zal zetten de nationale stelsels aan te passen aan de CCCTB. 2

8 dan wel een toegestane bandbreedte rond het gemiddelde vennootschapsbelastingtarief in de EU opgelaaid. Na de introductie van de CCCTB kan immers nog steeds een fiscale concurrentieslag met behulp van tarieven worden gevoerd. Naar mijn inschatting zal deze verder intensiveren wanneer de grondslagen zijn geüniformeerd en de vergelijkende uiteindelijke belastingdruk tussen staten nog veel transparanter zal worden dan dat deze nu is Hoofdlijnen van de CCCTB De CCCTB kent de volgende kenmerken: Consolidatie van fiscale winsten en verliezen in een CCCTB-fiscale eenheid ; 19 Eén uniforme heffingsgrondslag ( common tax base ); Toepassing van een verdeelsleutel bij toerekening van de heffingsgrondslag aan de lidstaten ( formulary apportionment approach ); Heffing op basis van de nationale tarieven van de lidstaten over de toegerekende heffingsgrondslag ( application of national tax rates ) De belastingautoriteiten uit de lidstaat van vestiging van de onderneming zijn verantwoordelijk voor heffing en controle ( one stop-shop ) In de volgende paragrafen zal ik deze kenmerken kort bespreken Kwalificerende vennootschappen en consolidatie Vennootschappen die voldoen aan de volgende drie criteria kunnen opteren voor toepassing van de CCCTB: 21 De vennootschap is gevestigd in een lidstaat of beschikt over een filiaal in de lidstaat; De vennootschap komt voor op een als bijlage bij de CCCTB-richtlijn op te nemen lijst met kwalificerende rechtsvormen; en Verder is nog belastingconcurrentie mogelijk op het gebied van bijvoorbeeld tarief(structuur), belastingvrije som en (bijzondere) aftrekregimes, zoals bijvoorbeeld voor investeringen. 16 P.H.J. Essers, CCCTB dreigt aan vlijt ten onder te gaan, uit: WFR 07/ Voor een uitgebreide beschrijving omtrent de werking van de CCCTB zij verwezen naar Working Paper 7; European Commission, Common Consolidated Corporate Tax Base Working Group, Possible elements of a technical outline, WP0; gepubliceerd op de website van de Europese Commissie 18 Voor een beschrijving zij tevens verwezen naar M. Aujean, The harmonization of corporate taxation in the EU: a long and winding road (niet gepubliceerd) 19 Terminologie ontleend aan S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek; t.a.p. p. 46 Na berekening van de heffingsgrondslag ( common tax base ) en toedeling ervan aan de lidstaten ( apportionment approach ) kunnen de lidstaten over de aldus berekende heffingsgrondslag het nationale tarief aan vennootschapsbelasting heffen. Onder toepassing van de CCCTB vindt geen uniformering van tarieven plaats, het blijft aan de lidstaten zelf deze vast te stellen. 21 Hierbij zij verwezen naar WP7; paragrafen

9 De vennootschap is onderworpen aan de heffing van door een lidstaat geheven nationale vennootschapsbelasting. Een onderneming kan alleen als groep ( CCCTB-groep of CCCTB-fiscale eenheid ) voor toepassing van de CCCTB kiezen. Dat betekent dat alle kwalificerende vennootschappen in de groep automatisch opteren voor toepassing. Deze benadering wordt ook wel de all in/all-out benadering genoemd. 22 Als kwalificerende groepsmaatschappij kwalificeren alle vennootschappen waarin direct of indirect een 0% of meer belang 23 wordt gehouden. Na opteren voor toepassing van de CCCTB geldt vervolgens dat alle belangen van meer dan 7% worden betrokken in de consolidatiekring ten behoeve van de CCCTB, ook wel de CCCTB-fiscale eenheid genoemd. 24 Het systeem gaat daarbij uit van een volledige consolidatie, dat wil zeggen dat ook de resultaten toerekenbaar aan minderheidsbelangen volledig worden meegeconsolideerd in de heffingsgrondslag. Het hanteren van verschillende kwantitatieve maatstaven voor kwalificeren en consolideren wordt in de praktijk overigens bekritiseerd Eén uniforme heffingsgrondslag Onder de CCCTB wordt één uniforme heffingsgrondslag toegepast. Deze wordt bepaald door het saldo van het belastbare inkomen en de aftrekbare lasten. De heffingsgrondslag wordt berekend op jaarbasis. De CCCTB kent het volgende inkomensbegrip: Income would be broadly defined to include income of any kind, whether monetary of nonmonetary, including not only trading income but also proceeds from disposal of assets and rights, interest, dividends and other profit distributions, royalties, subsidies and grants, Gifts, compensation and ex-gratia payments. Income would not include equity or debt raised by the taxpayer De CCCTB kent dus een ruim inkomensbegrip dat zowel inkomsten uit actieve bedrijfsuitoefening als passieve beleggingsinkomsten dekt. De volgende zaken worden uitgezonderd van het inkomensbegrip: 22 WP07.8 & S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek; t.a.p. p Bij de bepaling van de belangen wordt een formeel zeggenschapscriterium gehanteerd 24 Vergelijk S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek, t.a.p. p. 4 Zie bijvoorbeeld Aujean, t.a.p. p. en S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek; t.a.p. p WP

10 - subsidies directly linked to the acquisition, construction or improvement of a depreciable business asset; - proceeds from the disposal of pooled assets; - certain dividend and PE income 27 and capital gains 28 De aftrekbare kosten worden beschreven als: Deductible expenses would mean all expenses incurred by the taxpayer for business purposes in the production, maintenance or securing of income including costs of research and development or in the raising of equity of debt for business purposes. 29 Deze definitie zou vervolgens worden gevolgd door een lijst met niet aftrekbare kosten, zoals bijvoorbeeld: profit distributions, repayments of equity of debt or any payment to or expenditure incurred for the benefit of shareholders or persons related thereto; expenses relating to assets treated as non-business; 0% of entertainment costs; appropriation of retained earnings which forms a part of equity (reserves); corporate income tax; bribes; fines and penalties payable to a public authority for breach of any legislation; management costs to the extent to which they are incurred by a company in deriving dividend and PE income and capital gains which are exempt income; monetary gifts and donations except to charitable bodies meeting common criteria to be established under the comitology procedure; costs relating to the acquisition, construction or improvement of fixed assets except those relating to research and development. 30 Voor zover het transacties met gelieerde partijen buiten de CCCTB-consolidatie betreft, geldt voor de berekening van de CCCTB-winst het zogenoemde at arms length -beginsel Onder de CCCTB is sprake van gelieerdheid van partijen bij kapitaal- of zeggenschapsbelangen groter dan 27 Hiermee introduceert de CCCTB een met de Nederlandse deelnemingsvrijstelling vergelijkbaar systeem. Deze is echter alleen relevant voor dividendstromen van deelnemingen waar de belastingplichtige een belang houdt groter dan %, maar kleiner dan 7%. Het inkomen van alle deelnemingen waar een belang in wordt gehouden dan groter is dan 7% wordt immers meegeconsolideerd in de heffingsgrondslag onder de CCCTB. 28 Hiermee worden niet-gerealiseerde waardestijgingen van activa mee bedoeld. Zie tevens WP WP07.24 ; het uitgangspunt inzake de aftrekbare kosten betreft een zakelijkheidvereiste, of business purpose test. Zie ook bijvoorbeeld S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek, t.a.p WG Dat wil zeggen dat wordt uitgegaan van een prijs die tussen onafhankelijke partijen tot stand zou zijn gekomen. Zie tevens S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek, t.a.p. 48

11 %. 32 Hierbij zij overigens vermeld dat onderlinge transacties met belastingplichtigen die in de CCCTB consolidatie worden betrokken reeds automatisch elimineren. Zoals eerder aangegeven wordt dit punt als één van de grote voordelen van de CCCTB voor multinationals gezien. Vanuit het Bolkestein rapport van 01 werd in eerste instantie gedacht aan toepassing van IFRS als startpunt bij het bepalen van de heffingsgrondslag voor de CCCTB. Voordeel hierbij zou zijn dat ondernemingen met een beursnotering in één van de lidstaten vanaf 0 33 reeds verplicht zijn om IFRS toe te passen bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekeningen. 34 Na toepassing van IFRS zouden dan een aantal aanpassingen volgen om tot het fiscale resultaat te komen, bijvoorbeeld eliminatie van niet-gerealiseerde winsten. Omdat de meeste lidstaten echter toepassing van IFRS voor de vennootschappelijke jaarrekening niet toestaan en de notie dat een aantal IFRS standaarden minder geschikt zouden zijn voor het bepalen van de heffingsgrondslag is deze benadering echter verlaten en besloten om bij de CCCTB aan te sluiten bij eigen te ontwikkelen standaarden voor het vaststellen van de heffingsgrondslag. In dit kader wordt bijvoorbeeld verwezen naar het feit dat feit dat IFRS accrual accounting toepast en in een aantal gevallen fair value 3 accounting voorstaat. Een andere overweging is bijvoorbeeld dat IFRS standaarden worden ontwikkeld worden door een privaatrechtelijk orgaan dat in beginsel niet onderworpen is aan Europees toezicht Toerekening van de heffingsgrondslag De geconsolideerde fiscale heffingsgrondslag wordt onder de CCCTB jaarlijks verdeeld onder de lidstaten. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat de winst hierbij niet aan de lidstaten wordt toegerekend, maar aan de diverse onderdelen van die deel uitmaken van de CCCTB consoliderende 32 WG07.78; De CCCTB WG kiest hier voor een vaste kwantitatieve maatstaf. 33 Onder toepassing van Verordening 1606/02 van het Europees Parlement en de Raad van 19 juli 02 ( IAS Verordening ) dienen alle EU vennootschappen met een beursnotering verplicht met ingang van boekjaar 0 verplicht internationale standaarden voor de jaarrekening ( IFRS EU ) op de geconsolideerde jaarrekening toe te passen. IFRS EU betreft de International Financial Reporting Standards zoals afgegeven door de privaatrechtelijke instelling International Accounting Standards Board ( IASB ) en voor toepassing goedgekeurd door de Europese Unie ( IFRS EU ). 34 Er wordt onderscheid gemaakt tussen de enkelvoudige jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening. De enkelvoudige jaarrekening betreft de balans en de winst- en verliesrekening met bijbehorende toelichting van de rechtspersoon zelf. In de praktijk wordt ook wel gesproken van de vennootschappelijke jaarrekening. Met de geconsolideerde jaarrekening wordt gedoeld op één jaarrekening van alle in de consolidatie begrepen juridische zelfstandige maatschappijen alsof er sprake is van één maatschappij. De vennootschappelijke of commerciële jaarrekening is echter de jaarrekening zoals deze door de algemene vergadering is vastgesteld. Tot de vennootschappelijke behoort mede, als deze is opgesteld, de geconsolideerde jaarrekening. Het in de praktijk voorkomende gebruik om de enkelvoudige jaarrekening met vennootschappelijke jaarrekening aan te duiden is fout. H. Beckman, A.J. Bindenga e.a., Compendium voor de jaarrekening, Fair value (IAS 39.9) betreft het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld, tussen ter zake goed geïnformeerde, tot een transactie bereid zijnde partijen die onafhankelijk zijn. Als niet een voldoende liquide markt beschikbaar is, wordt de reële waarde berekend met behulp van modellen, zoals contante waarde berekeningen of optiewaarderingsmodellen, waarbij de gegevens aan de hand van de reële waarde wordt berekend, zoals rentepercentage, credit rating en prijsvolatiliteit, afkomstig zijn uit de markt. Vergelijk IAS 39.48A 36 International Financial Reporting Standards worden ontwikkeld door de International Accounting Standards Board, een onafhankelijk privaatrechtelijk orgaan gevestigd in London en de opvolger van de Board van het International Accounting Standards Committee. 6

12 eenheid. De lidstaat waar het groepsonderdeel is gevestigd, betrekt de aldus toegerekende winst in de heffingsgrondslag tegen het nationale tarief van de lidstaat. Volgens de Commissie dient de verdeelsleutel te zijn gebaseerd op de volgende uitgangspunten: 37 De verdeelsleutel moet voor belastingplichtigen en belastingdiensten éénvoudig toepasbaar zijn en éénvoudig te controleren zijn; De verdeelsleutel bestand zijn tegen mogelijke manipulatie; De verdeelsleutel moet leiden tot een redelijke en billijke verdeling van de geconsolideerde heffingsgrondslag; De verdeelsleutel moet geen aanleiding geven tot ongewenste belastingcompetitie; Na een moeizaam proces waarbij verschillende methoden werden beoordeeld viel de keuze van de commissie uiteindelijk toepassing van een formulary apportionment systeem, waarbij de verdeling van de heffingsgrondslag aan de vennootschappen uit de CCCTB consolidatie plaatsvindt op basis van een formule gebaseerd op de drie productiefactoren die volgens de Commissie aan de grondslag staan van het fiscale inkomen. De drie productiefactoren in kwestie betreffen kapitaal, arbeid en omzet Administratieve aspecten Het administratieve systeem van de CCCTB is gebaseerd op de volgende 3 concepten: A. Principal taxpayer B. One-stop shop C. Principal tax authority Principal taxpayer 30 De vennootschap die aan het hoofd van de vennootschappen staat van de CCCTB consolidatiekring fungeert als principal taxpayer voor de in de CCCTB betrokken vennootschappen. Deze vennootschap is verantwoordelijk voor aangifte van de onder toepassing van de CCCTB bepaalde heffingsgrondslag. De andere vennootschappen hoeven vervolgens zelf geen aangifte te doen. 37 Volgens Working paper 60 is het niet de bedoeling dat de verdeelsleutel de huidige distributie van fiscaal belastbaar inkomen van de groepsonderdelen over de lidstaten zal weerspiegelen en ook niet met dat doel dient te worden ontworpen. Het moge duidelijk zijn dat hier sprake is van een zeer sensitief onderwerp aangezien deze de belastingopbrengsten van de lidstaten direct raakt. WP

13 Principal tax authority/one stop shop De belastingdienst van de lidstaat waar de hoofdbelastingplichtige is gevestigd is als principal tax authority verantwoordelijk voor controle van de geconsolideerde aangifte, het doorvoeren van correcties en vaststelling van de aanslag. De in de CCCTB consolidatie betrokken vennootschappen hebben daardoor voor de aangifte slechts met één belastingdienst te maken. De aan de hoofdbelastingplichtige opgelegde aanslag functioneert vervolgens voor de overige lidstaten als een middel om de in hun staat verschuldigde belasting in te vorderen van de desbetreffende vennootschappen die betrokken zijn in de CCCTB consolidatie. 38 De aangifte dient te worden gedaan binnen negen maanden na afloop van het belastingjaar. De navorderingsperiode beslaat in beginsel drie jaar gerekend vanaf het moment van aangifte. Deze periode kan worden verlengd tot zes jaar in geval van een opzettelijke fout of grove nalatigheid van de belastingplichtige. Indien de fout strafrechtelijk wordt vervolgd, kan de navorderingstermijn zelfs worden opgerekt tot twaalf jaar of langer als dat vanwege nader onderzoek gerechtvaardigd is. 1. Conclusie In dit hoofdstuk zijn de kenmerken van de Common Consolidated Corporate Tax Base ofwel CCCTB in vogelvlucht besproken. Zo hebben wij gezien dat onder toepassing van de CCCTB de heffingsgrondslag wordt bepaald door consolidatie van fiscale winsten en verliezen van de vennootschappen die deel uitmaken van de CCCTB consolidatiekring. Ten behoeve van de CCCTB consolidatiekring kwalificeren alle vennootschappen waarin direct of indirect een 0% belang wordt gehouden. Na opteren voor toepassing van de CCCTB geldt vervolgens dat alle belangen van meer dan 7% worden betrokken in de consolidatiekring ten behoeve van de CCCTB Het systeem gaat daarbij uit van een volledige consolidatie, dat wil zeggen dat ook de resultaten toerekenbaar aan minderheidsbelangen volledig worden meegeconsolideerd in de heffingsgrond- 38 Strik en van Streek kunnen zich overigens moeilijk voorstellen dat dit administratieve systeem politiek haalbaar is. In dit verband halen zij een voorbeeld aan van een Frans/Duits concern waarbij de topholding gevestigd is in Cyprus. De Cypriotische belastingdienst zou daarmee verantwoordelijk worden voor de vaststelling van de belastinggrondslag en de verdeling tussen Frankrijk en Duitsland, terwijl deze nauwelijks een heffingsbelang heeft onder toepassing van de CCCTB. In Cyprus is immers slechts de topholding gevestigd. S.A.W.J. Strik en J.L van de Streek, t.a.p., p. 0 Mijns inziens moet daarbij ook nog rekening worden gehouden met de culturele verschillen en de verschillende wijze van handelen van de betrokken belastingdiensten uit de lidstaten. 39 Vergelijk S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek, t.a.p. p. 4 8

14 slag. Het hanteren van verschillende kwantitatieve maatstaven voor kwalificeren en consolideren wordt in de praktijk overigens bekritiseerd. 40 Onder de CCCTB wordt één uniforme heffingsgrondslag toegepast. Deze wordt bepaald door het saldo van het belastbare inkomen en de aftrekbare lasten. De heffingsgrondslag wordt berekend op jaarbasis. Voor het bepalen van de heffingsgrondslag worden onder de CCCTB eigen grondslagen ontwikkeld ter bepaling van fiscale winsten en verliezen. De aldus bepaalde geconsolideerde heffingsgrondslag wordt vervolgens aan de lidstaten toegerekend op basis een verdeelsleutel. Hierbij is gekozen voor toepassing van een formulary apportionment systeem, waarbij de heffingsgrondslag wordt toegerekend aan de verschillende vennootschappen op basis van de inzet van de productiefactoren kapitaal, arbeid en omzet. Tenslotte staat de CCCTB voor een one-stop-shop gedachte, waarbij de vennootschap die aan het hoofd van de CCCTB consolidatiekring staat als principal taxpayer verantwoordelijk is voor de aangifte bij de belastingdienst in de lidstaat van vestiging van die vennootschap. Deze principal tax authority is vervolgens verantwoordelijk voor de aangifte, het doorvoeren van correcties en het vaststellen van de aanslag. 40 Zie bijvoorbeeld Aujean, t.a.p. p. en S.A.W.J. Strik en J.L. van Streek; t.a.p. p. 46 9

15 2 CCCTB: het toerekeningmechanisme versus het armslength beginsel 2.1 Inleiding In het vorige hoofdstuk zijn de hoofdlijnen van de Common Consolidated Corporate Tax Base besproken. In dit hoofdstuk zal ik nader ingaan op het toerekeningmechanisme van de heffingsgrondslag onder de CCCTB. Hierbij wordt een vergelijking gemaakt met het arms-length beginsel. 2.2 Het arm s length beginsel De internationalisering en globalisering van het bedrijfsleven heeft geleid tot de verspreiding van ondernemingen over de hele wereld. Door moderne communicatiemiddelen, snelle transportmiddelen en meer en meer afschaffing van protectionistische regelgeving zijn markten over de hele wereld nu binnen handbereik. De OESO heeft ten aanzien van het winstallocatie vraagstuk een aantal richtlijnen uitgevaardigd en het arm s length beginsel geïntroduceerd. 43 De definitie van het arm s length principe is beschreven in paragraaf 1 van artikel 9 van het OESO modelverdrag, en luidt als volgt: Als tussen gelieerde ondernemingen in de handelsbetrekkingen of financiële voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd, die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen, mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald, maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald, worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig belast. Met het arm s length beginsel worden afzonderlijke ondernemingen uit een groep onder toepassing van een zelfstandigheidfictie als afzonderlijke entiteiten behandeld. Met dit principe worden door 41 OECD, Transfer Pricing Guidelines for Multinational Enterprises and Tax Administrations 199, herzien , herzien J.A. Hagen, Focus op verrekenprijzen, uit: WFR 08/ OESO rapport Transfer Pricing and Multinational Enterprises (1979)

16 verbonden partijen gegenereerde internationale inkomsten toegewezen aan verschillende fiscale rechtsgebieden conform vergelijkbare situaties van derden Het toerekeningmechanisme Na een consolidatie van de resultaten van de CCCTB-fiscale eenheid in één uniforme heffingsgrondslag dient deze te worden toegewezen aan de verschillende entiteiten uit de CCCTB-groep op basis van een vast te stellen verdelingsmechanisme. Hierbij dient het mechanisme gericht te zijn op de volgende principes: 4 Het mechanisme is éénvoudig toepasbaar zowel voor belastingdiensten als belastingplichtigen; Het mechanisme is moeilijk te manipuleren en dient geen factoren te bevatten die makkelijk verplaatsbaar zijn naar andere belastingjurisdicties; Het mechanisme moet leiden tot een rechtmatige en billijke verdeling van de heffingsgrondslag tussen de lidstaten; en Het mechanisme moet geen aanleiding geven tot ongewenste belastingcompetitie De problematiek van de verdeelsleutel is door de CCCTB WG uitgewerkt in working paper 60 van 13 november 07 en nader besproken tijdens een discussiebijeenkomst op tot 12 december 07 te Wenen. Aangezien het onderwerp rechtstreeks de opbrengst van de vennootschapsbelasting van de verschillende lidstaten raakt mag het onderwerp zich in de warme belangstelling van de lidstaten verheugen Oorspronkelijk heeft de Europese Commissie twee mechanismen overwogen voor het verdelen van resultaten binnen de CCCTB-fiscale eenheid: een macro- en een micro-economische benadering. De eerste methode gaat uit van factoren die samenkomen op het niveau van de lidstaat macrobased approach, zoals het Bruto Nationaal Product en nationale BTW-grondslagen. 47 De macroeconomische benadering werd vervolgens verworpen vanwege het gebrek aan samenhang met de daadwerkelijke economische activiteit zoals deze door een onderneming wordt uitgevoerd in een lidstaat waar de onderneming ook belastingplichtig is. 44 M. Erasmus-Koen, De Common Consolidated Corporate Tax Base (CCCTB): mogelijke elementen van het toerekeningmechanisme; uit: WFR 08/16 4 WP Zie bijvoorbeeld WG en P. Kavelaars, t.a.p., p Zie WP 60.9 en WP WP Een ander bezwaar dat naar voren werd gebracht betrof de verwachting dat een verdeling van de heffingsgrondslag op macroeconomische grondslag tussen de lidstaten aanleiding zou kunnen geven tot een aanzienlijke verhoging van de nationale tarieven van de vennootschapsbelasting. Iedere lidstaat zou op basis van de macro-economische factoren immers een vast aandeel van de heffingsgrondslag toegewezen krijgen. Zie WP

17 De tweede benadering richt zich op factoren die op het niveau van de individuele onderneming worden berekend, zoals de toegevoegde waarde value added approach of toerekening aan de hand van formules formulary apportionment approach. Bij een toegevoegde waardebenadering wordt de heffingsgrondslag van de groep toegerekend op basis van de verhouding van de waarde die door ieder groepslid wordt toegevoegd aan de aan de gezamenlijke toegevoegde waarde van de groep. 0 De toegevoegde waardebenadering werd verworpen vanwege de verwachte complexiteit bij het bepalen van de individuele toegevoegde waarde die de verschillende ondernemingen creëren binnen de groep. Een ander gesignaleerd probleem bij deze methodiek betrof het feit dat bij het bepalen van de toegevoegde waarde op transacties toch weer een bepaalde transfer pricing problematiek zou ontstaan, terwijl de CCCTB juist veréénvoudiging en kostenreductie voorstaat. 1 Onder de laatste methodiek ofwel de formulary apportionment approach wordt de heffingsgrondslag van de groep toegerekend aan de individuele ondernemingen uit de groep op basis van een vooraf vastgestelde formule die elementen bevat die de factoren vertegenwoordigen die worden geacht groepsinkomen te genereren. Elk element uit de formule kent een bepaald gewicht. De Commissie heeft vervolgens een keuze gemaakt voor deze laatste methodiek. Bij het opstellen van de formule heeft de Commissie een mix van factoren beoogd die op juiste wijze de productiefactoren van de ondernemingen zou weergeven zonder onnodige complexiteit te creëren. Daarbij was de Commissie van mening dat de te selecteren factoren zowel de aanbod- als de vraagzijde van de productiefactoren zouden betreffen. Met het oog op deze uitgangspunten is uiteindelijk gekozen voor productiefactoren arbeid, kapitaal (aanbodzijde) en omzet (vraagzijde). 2 3 De formule voor toerekening van de heffingsgrondslag uit het voorstel van de Commissie luidt als volgt: 0 M. Erasmus-Koen, t.a.p.; p.2 1 WP 2.16 en 17 2 WP De WG heeft zich bij de totstandkoming en de analyse van de formulary apportionment laten leiden door de ervaringen met dit systeem in de Verenigde Staten en Canada. In beide landen wordt formulary apportionment toegepast voor de verdeling van de door de staten geheven vennootschapsbelasting. P. Kavelaars, t.a.p., p. 4 12

18 In de formule is (nog) geen weging aan de individuele factoren toegekend. In Working Paper 60 geeft de Commissie aan dat de weging van de factoren een discussie is die op politiek niveau moet worden gevoerd in het licht van de verwachte verschuiving van belastingopbrengsten en niet moet worden gezien als een technische kwestie. Voor alle lidstaten zal dezelfde formule met dezelfde wegingsfactoren gelden. 4 Verder zal de formule van toepassing zijn op de totale belastbare inkomsten, zowel de inkomsten uit de actieve bedrijfsuitoefening als de passieve inkomsten zoals dividend, royalty s en rente. 6 Naar mening van de OESO is de (global) formulary apportionment methodiek niet gebaseerd op het arm s length beginsel gebaseerde methode 7 om de juiste hoogte van het resultaat vast te stellen. De OESO brengt hiervoor een aantal argumenten in stelling. Het eerste bezwaar dat de OESO aanvoert is dat het systeem een risico van dubbele belasting inhoudt wanneer er tussen de deelnemende landen geen overeenstemming bestaat over een uniforme heffingsgrondslag, over een gemeenschappelijk administratief systeem, over de factoren waarover de op basis waarvan de belastinggrondslag moet worden verdeeld over de verschillende jurisdicties en over de wijze waarop die factoren moeten worden beoordeeld en gewogen. 8 In het voorstel van de Commissie zijn echter op deze punten bepaalde keuzes gemaakt in een poging om tot een uniform systeem te komen. 30 Een ander bezwaar van de OESO is dat vooraf bepaalde formules een arbitrair karakter kennen en voorbijgaan aan de marktsituatie, de specifieke omstandigheden van afzonderlijke ondernemingen en de door het management zelf bepaalde allocatie van middelen, waardoor er een winstallocatie tot stand zou kunnen komen die niet in een redelijke verhouding staat tot de specifieke feiten die op de transactie betrekking hebben. Met name een formule die gebaseerd is op een combinatie van kosten, activa, loonsom en omzet, rekent impliciet een bepaald bedrag aan winst toe per component aan ieder lid van de groep en in iedere belastingjurisdictie, ongeachte de verschillen in functies, activa, risico s en efficiëntie en de verschillen tussen de leden van het concern. 9 Onder de global formulary apportionment methodiek wordt de groep van ondernemingen belast op een geconsolideerde basis en wordt geabstraheerd van de zelfstandigheidfictie verbonden aan het 4 WP In dit kader zij nog vermeld dat in de Verenigde Staten en Canada de afzonderlijke staten wel een afzonderlijke toerekeningformule kunnen vaststellen, wat volgens Kavelaars echter niet tot niet tot noemenswaardige distorsies tussen de staten leidt. Er zou sprake zijn van een soort natuurlijk evenwicht. P. Kavelaars, t.a.p., p. 4 6 WP OECD, a.w., OECD, a.w OECD, a.w.,

19 arm s length beginsel. Daardoor wordt geen rekening gehouden met belangrijke geografische verschillen, de efficiency van afzonderlijke ondernemingen en andere factoren. Bij toepassing van het arm s length beginsel wordt in principe rekening gehouden met het feit dat gelieerde ondernemingen een afzonderlijke winst- of verliescentrum met individuele kenmerken kan zijn en in econo misch opzicht winst kan behalen, zelfs als de rest van de groep verlies leidt. Aan dit laatste punt wil ik nog toevoegen dat het gesignaleerde verschil in benadering met het arm s length beginsel nog verder wordt vergroot door toepassing van de wegingsfactoren in de formule, welke door de Commissie niet nader zijn ingevuld en zijn doorgeschoven naar politieke besluitvorming. De wegingsfactoren zullen naar verwachting eerder een politieke dan microeconomische invulling krijgen. 2.4 De Formule De Factor Arbeid De factor arbeid kan op meerdere manieren worden gemeten. De meest voor de hand liggende methoden betreffen de loonkosten en het aantal werknemers. Omdat beide methoden tot (ongewenste) uiteenlopende resultaten kunnen leiden heeft de Commissie hier gekozen voor toepassing van een combinatie van beide elementen. 63 Omdat een combinatie van beide elementen in de formule de factor arbeid een te zwaar gewicht zou geven is gekozen voor een combinatievariant, waarbij beide elementen voor een deel meewegen. Het aantal werknemers omvat al het personeel van de vennootschap, waaronder de managers en de directieleden. Voor de definitie van het begrip werknemer wordt aangesloten bij het nationale recht van de lidstaat waar de werknemer werkzaam is en op basis van wederzijdse erkenning tussen de 60 OECD, a.w., Bij dit laatste argument zij overigens vermeld dat het arm s length criterium op dit laatste punt ook wel wordt bekritiseerd, omdat er onder toepassing van dit criterium geen rekening wordt gehouden met synergie effecten van het optreden als een concern of economies of scale. Zie bijvoorbeeld M. Erasmus-Koen, a.w., p.1 62 Verder verwijst de OESO nog naar de te verwachten (hogere) compliance kosten en verplichtingen om gegevens te verstrekken die toepassing van deze methode met zich mee zou brengen, omdat de informatie zou moeten worden verzameld over de hele groep en in elke jurisdictie zou moeten worden aangeboden op basis van de lokale valuta en de regels voor de (fiscale) boekhouding, die in de desbetreffende jurisdictie gelden. Dit probleem is echter (gedeeltelijk) voorzien in het voorstel van de Commissie door toepassing van de one-stop-shop en principal tax authority beginselen. Naar mijn mening wordt de (mogelijke) rechtsongelijkheid daarmee echter niet volledig weggenomen aangezien ik zo mijn twijfels heb of de belastingdiensten van bijvoorbeeld Duitsland of Cyprus in de rol van principal tax authority met dezelfde materialiteit een fiscale audit zullen doen. Afgezien van culturele verschillen zal ook het geldelijke belang (hoogte van de aanslag versus de te verrichten werkzaamheden) voor de betrokken belastingdienst een rol spelen. Zie tevens S.A.W.J. Strik en J.L van de Streek, t.a.p., p De belangrijkste reden voor het in twee afzonderlijke elementen opsplitsen van de factor arbeid is tot op zekere hoogte het corrigeren van de bestaande verschillen in het beloningsniveau in de verschillende lidstaten. Het loonniveau is in vele lidstaten (veel) lager dan andere lidstaten. Tegelijkertijd is in de lidstaten met lagere loonniveaus over het algemeen sprake van een hoger aantal werknemers met een lagere arbeidsproductiviteit en omgekeerd. Om deze effecten tussen de lidstaten zoveel mogelijk te neutraliseren is een systeem wenselijk waarbij zowel met loonsom als aantal werknemers rekening worden gehouden. P. Kavelaars, t.a.p., p. 1. Verder zij verwezen naar WP en bijvoorbeeld M. Erasmus-Koen, t.a.p., p.3 14

20 lidstaten. 64 Ingehuurde tijdelijke krachten worden niet meegeteld. Werknemers worden op basis van full time equivalents in aanmerking genomen. De factor loonkosten heeft betrekking op de salarislasten uitbetaald aan de werknemers en de aftrekbare lasten zoals sociale premies, provisies en aandelenopties. In geval van uitgeleend personeel wordt een uitzondering op voornoemde regeling gemaakt. Werknemers die in dienst zijn van een vennootschap in lidstaat A, maar werkzaam zijn voor een vennootschap in lidstaat B, worden toegerekend aan de vennootschap in lidstaat B. 6 Zou met ingeleend personeel geen rekening worden gehouden, dan zou dat wellicht aanleiding kunnen zijn voor ondernemingen om werknemers onder te brengen in landen met lagere tarieven. In de literatuur wordt wel opgemerkt dat de toerekeningfactor arbeid CCCTB groepen in de verleiding zou kunnen brengen om personeel te laten migreren naar jurisdicties met een laag belastingtarief. Daarbij wordt verwezen naar bijvoorbeeld callcenters en IT-ontwikkelingscentra. 66 Aangezien ik verwacht dat reeds bij vestiging van callcenters of IT ontwikkelingscentra reeds scherp op de kosten gelet zal worden ben ik echter wat sceptisch over mogelijke fiscale migraties in het kader van de CCCTB De Factor Activa De tweede factor betreft de activa van de vennootschap. De gedachte hierbij is dat zonder productiemiddelen c.q. activa geen productie mogelijk is en dat een gedeelte van de inkomsten van de vennootschap aan de activa dient te worden toegerekend. Belangrijk discussiepunt bij de factor activa is of alle activa in aanmerking moeten worden genomen. Volgens het voorstel van de Commissie 67 kwalificeren alleen de materiële vaste activa van de groep. Dit betekent bijvoorbeeld dat financiële 68 & immateriële activa en voorraden niet in aanmerking worden genomen. 30 Volgens de Commissie zijn financiële activa en voorraden in potentie zeer makkelijk te verplaatsen tussen groepsonderdelen en dus minder geschikt voor resultaatallocatie binnen de formule. Immateriële activa worden niet in aanmerking genomen omdat ook deze in potentie zeer mobiel zijn. Een andere reden om de immateriële activa niet in aanmerking te nemen betreft het waarderingsvraag- 64 WP WP Erasmus-Koen, t.a.p., p3 67 WP Hier zou dan een uitzondering worden gecreëerd voor financiële instellingen.

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2014 Balans per 30 juni 2014 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2014 31 december 2013 Vlottende activa Handelsdebiteuren 1.624

Nadere informatie

Bijlage bij opgave 3 tentamen juni 2014. Jaarrekening 2012 Sligro Food Group NV

Bijlage bij opgave 3 tentamen juni 2014. Jaarrekening 2012 Sligro Food Group NV Bijlage bij opgave 3 tentamen juni 2014 Jaarrekening 2012 Sligro Food Group NV 1 2 3 4 Uit de grondslagen van de geconsolideerde jaarrekening: a. Algemeen Sligro Food Group N.V. is gevestigd te Veghel,

Nadere informatie

Europees Parlement TAXE-commissie Dhr. Lamassoure Wiertzstraat 60 B-1047 Brussel België

Europees Parlement TAXE-commissie Dhr. Lamassoure Wiertzstraat 60 B-1047 Brussel België > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Europees Parlement TAXE-commissie Dhr. Lamassoure Wiertzstraat 60 B-1047 Brussel België Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013 Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM Rapport inzake de jaarrekening 2013 Inhoudsopgave Pagina Opdracht 1 Algemeen 1 Resultaten 1 Financiële positie 2 Kengetallen

Nadere informatie

Buitenlandse activiteiten: hoe fiscaal te structureren? 08 February 2011

Buitenlandse activiteiten: hoe fiscaal te structureren? 08 February 2011 Buitenlandse activiteiten: hoe fiscaal te structureren? Buitenlandse activiteiten: hoe fiscaal te structureren? 08 February 2011 Buitenlandse activiteiten Factoren en vragen, o.a.: 100% dochter, joint

Nadere informatie

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2015. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2015. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2015 Balans per 30 juni 2015 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2015 31 december 2014 Vaste activa Immateriële vaste activa

Nadere informatie

The Big Bang. Fiscale en Juridische Aspecten bij de Conversie van een Entiteitenstructuur naar een Branchstructuur.

The Big Bang. Fiscale en Juridische Aspecten bij de Conversie van een Entiteitenstructuur naar een Branchstructuur. The Big Bang Fiscale en Juridische Aspecten bij de Conversie van een Entiteitenstructuur naar een Branchstructuur John Paans en Wouter Paardekooper, Baker & McKenzie Arthur Pleijsier, Medtronic Programma

Nadere informatie

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013

ABN AMRO Investment Management B.V. Jaarrekening 2013 Jaarrekening 2013 Pagina 1 van 12 INHOUD Pagina Directieverslag 3 Balans per 31 december 2013 4 Winst- en verliesrekening 2013 5 Toelichting algemeen 6 Toelichting op de balans per 31 december 2013 8 Toelichting

Nadere informatie

Participatieregelingen: beloning of investering?

Participatieregelingen: beloning of investering? Participatieregelingen: beloning of investering? Participatieregelingen zijn een veel voorkomend instrument om management te binden en te belonen, zowel in corporate- als privateequity-omgevingen. Ondernemingen

Nadere informatie

17 Winstbelasting binnen de fiscale eenheid

17 Winstbelasting binnen de fiscale eenheid 17 Winstbelasting binnen de fiscale eenheid Joop Witjes 17.1 Inleiding De fiscale comptabiliteit staat momenteel sterk in de belangstelling. We hoeven hierbij maar te denken aan initiatieven van het Ministerie

Nadere informatie

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2014 Balans per 30 juni 2014 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2014 31 december 2013 Vlottende activa

Nadere informatie

Jaarbericht. Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV

Jaarbericht. Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV Jaarbericht Weller Vastgoed Ontwikkeling Secundus BV 2014 Inhoudsopgave 1. Algemeen 2 2. Jaarrekening 3 2.1 Balans per 31-12-2014 (voor winstbestemming) 3 2.2 Winst en verliesrekening over 2014 4 2.3 Kasstroomoverzicht

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN

ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN XV/6026/99 NL ONDERZOEK NAAR DE CONFORMITEIT TUSSEN IAS 32 (HERZIENE VERSIE VAN 1998) EN DE EUROPESE JAARREKENINGENRICHTLIJNEN DIRECTORAAT-GENERAAL XV Interne markt en financiële diensten 1 Dit document

Nadere informatie

Transparante Vennootschap

Transparante Vennootschap Transparante Vennootschap Er is een Transparante Vennootschap (hierna: TV) ingevoerd. Een TV is een naamloze vennootschap (hierna NV) of een besloten vennootschap (hierna: BV) die verzcht heeft om voor

Nadere informatie

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2014

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2014 Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM Rapport inzake de jaarrekening 2014 Inhoudsopgave Pagina Opdracht 1 Algemeen 1 Resultaten 1 Financiële positie 2 Kengetallen

Nadere informatie

TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM

TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM met betrekking tot de Gecombineerde Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders (de"vergadering") van Insinger de Beaufort Umbrella Fund N.V. (de "Vennootschap")

Nadere informatie

Jaarverslag 2010 Rhodenborg Beleggingen I BV Houten

Jaarverslag 2010 Rhodenborg Beleggingen I BV Houten Jaarverslag 2010 Rhodenborg Beleggingen I BV Houten Inhoudsopgave pagina Jaarrekening Balans per 31 december 2010 2 Algemene toelichting 3 Grondslagen voor de waardering van activa en passiva 4 Grondslagen

Nadere informatie

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 1 juli 2010

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 1 juli 2010 Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: inzake tussentijds bericht per 1 juli 2010 7 juli 2010 Barendrecht INHOUDSOPGAVE Pagina Balans per 1 juli 2010 2 Winst- en verliesrekening over de periode

Nadere informatie

Nieuwe bepalingen over verbonden partijen en niet in de balans opgenomen regelingen

Nieuwe bepalingen over verbonden partijen en niet in de balans opgenomen regelingen Nieuwe bepalingen over verbonden partijen en niet in de balans opgenomen regelingen Eind 2008 zijn in de Nederlandse wet nieuwe bepalingen opgenomen met vereisten voor de toelichting van de jaarrekening.

Nadere informatie

Bijlage bij opgave 3 N.V. Nederlandsche Apparatenfabriek Nedap jaarrekening 2013

Bijlage bij opgave 3 N.V. Nederlandsche Apparatenfabriek Nedap jaarrekening 2013 Bijlage bij opgave 3 N.V. Nederlandsche Apparatenfabriek Nedap jaarrekening 2013 GECONSOLIDEERDE BALANS PER 31 DECEMBER (x 1.000) Vaste activa Materiële vaste activa 48.001 45.836 Immateriële vaste activa

Nadere informatie

Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever <> begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo

Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever <> begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo zijn opgemaakt (ook onder IFRS) IAS 7 maakt gebruik van cashstroom tabellen,

Nadere informatie

IBUS Fondsen Beheer B.V. Jaarverslag 2013

IBUS Fondsen Beheer B.V. Jaarverslag 2013 IBUS Fondsen Beheer B.V. INHOUDSOPGAVE JAARVERSLAG 4 JAARREKENING Balans per 31 december 2013 5 Winst- en verliesrekening over 2013 6 Kasstroomoverzicht 7 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling

Nadere informatie

> Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directie Internationale Zaken en Verbruiksbelastingen

> Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directie Internationale Zaken en Verbruiksbelastingen > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

J A A R STUKKEN 2014. Pertax BV Ede

J A A R STUKKEN 2014. Pertax BV Ede J A A R STUKKEN 2014 Pertax BV Ede Opmaakdatum: 21 mei 2015 Jaarstukken 2014 - Jaarrekening - Overige gegevens Opmaakdatum: 21 mei 2015 1 Jaarrekening - Balans - Winst-en-verliesrekening - Toelichting

Nadere informatie

SynVest Fund Management B.V. Hogehilweg 5 1101 CA AMSTERDAM. Publicatiebalans 2014

SynVest Fund Management B.V. Hogehilweg 5 1101 CA AMSTERDAM. Publicatiebalans 2014 Hogehilweg 5 1101 CA AMSTERDAM Publicatiebalans 2014 Vastgesteld door de Algemene Vergadering d.d. 15-07-2015. Hogehilweg 5 1101 CA AMSTERDAM Publicatiebalans 2014 Ingeschreven bij de Kamer van Koophandel

Nadere informatie

eliminatie van wederzijdse vorderingen en schulden

eliminatie van wederzijdse vorderingen en schulden KDT Consolidatie 2 1 Procedure optellen van alle rubrieken (activa, passiva en resultatenrekeningen) van de enkelvoudige jaarrekeningen van de ondernemingen uit de consolidatiekring, alsof de groep van

Nadere informatie

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid?

Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? vbo-analyse Hoeveel dragen onze bedrijven bij aan de schatkist en de sociale zekerheid? September 2014 I Raf Van Bulck 39,2% II Aandeel van de netto toegevoegde waarde gegenereerd door bedrijven dat naar

Nadere informatie

Schiphol Nederland B.V. 2011. Vennootschappelijke balans en winst- en verliesrekening

Schiphol Nederland B.V. 2011. Vennootschappelijke balans en winst- en verliesrekening Schiphol Nederland B.V. 2011 Vennootschappelijke balans en winst- en verliesrekening Jaarverslag 2011 Schiphol Nederland B.V. is onderdeel van de Schiphol Group (N.V. Luchthaven Schiphol voert Schiphol

Nadere informatie

IBUS FONDSEN BEHEER B.V. JAARVERSLAG 2011. Krijgsman 6 - Postbus 8010-1180 LA AMSTELVEEN Telefoon 020-7559000 - Fax 020-7559090

IBUS FONDSEN BEHEER B.V. JAARVERSLAG 2011. Krijgsman 6 - Postbus 8010-1180 LA AMSTELVEEN Telefoon 020-7559000 - Fax 020-7559090 IBUS FONDSEN BEHEER B.V. JAARVERSLAG 2011 Krijgsman 6 - Postbus 8010-1180 LA AMSTELVEEN Telefoon 020-7559000 - Fax 020-7559090 INHOUDSOPGAVE Pagina JAARVERSLAG 3 JAARREKENING Balans per 31 december 2011

Nadere informatie

Wijs & van Oostveen Fund Management B.V. te Amsterdam. Rapport inzake de periode 1 januari 2015 tot en met 30 juni 2015

Wijs & van Oostveen Fund Management B.V. te Amsterdam. Rapport inzake de periode 1 januari 2015 tot en met 30 juni 2015 Wijs & van Oostveen Fund Management B.V. Rapport inzake de periode 1 januari 2015 tot en met 30 juni 2015 Inhoudsopgave Pagina Rapport Balans per 30 juni 2015 2 Winst- en verliesrekening over de periode

Nadere informatie

OMZET Nederland 32.194 29.544 Duitsland 12.896 9.885 45.090 39.429

OMZET Nederland 32.194 29.544 Duitsland 12.896 9.885 45.090 39.429 Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening over het eerste halfjaar (geen accountantscontrole toegepast) (x ( 1.000) 1e halfjaar 2010 1e halfjaar 2009 OMZET Nederland 32.194 29.544 Duitsland 12.896

Nadere informatie

Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister

Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Classificatie van de rechtspersoon

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN Advies 2009/7 - De boekhoudkundige verwerking van grensoverschrijdende fusies Advies van 15 juli 2009 Trefwoorden Belastingvrije reserves Fiscale aspecten Fusies

Nadere informatie

Heroverweging van het gebruik van het at arm s length-beginsel

Heroverweging van het gebruik van het at arm s length-beginsel Heroverweging van het gebruik van het at arm s length-beginsel Dr. FPJ Snel 1 In de jurisprudentie verschijnen nu uitspraken over aandeelhouders (holdings, dga s) die garant stonden voor schulden van de

Nadere informatie

RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012

RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012 RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012 Inhoudsopgave pagina Algemeen Directieverslag 2 Halfjaarrekening Balans 4 Winst- en verliesrekening 5 Kasstroomoverzicht 6 Toelichting algemeen en

Nadere informatie

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 30 juni 2011

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 30 juni 2011 Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: inzake tussentijds bericht per 30 juni 2011 25 augustus 2011 Barendrecht INHOUDSOPGAVE Pagina Balans per 30 juni 2011 2 Winst- en verliesrekening over

Nadere informatie

Halfjaarcijfers 2011. N.V. Dico International

Halfjaarcijfers 2011. N.V. Dico International Halfjaarcijfers 2011 N.V. Dico International Inhoud Verkorte geconsolideerde halfjaarcijfers 2011 1. Verkort geconsolideerd overzicht financiële positie per 30 juni 2011 2. Verkort geconsolideerd overzicht

Nadere informatie

Halfjaarbericht 2015. N.V. Dico International

Halfjaarbericht 2015. N.V. Dico International Halfjaarbericht 2015 N.V. Dico International Inhoud Jaarverslag Directieverslag N.V. Dico International Verkorte halfjaarcijfers 2015 1. Verkort overzicht financiële positie per 30 juni 2015 2. Verkort

Nadere informatie

Onderdeel A. Toepassingsgerichte opgaven

Onderdeel A. Toepassingsgerichte opgaven Onderdeel A. Toepassingsgerichte opgaven Dit onderdeel betreft een casus met 4 verschillende deelvragen. U dient de gestelde opgaven te beantwoorden binnen de omlijnde vakken. Vermeldt daarbij de gevraagde

Nadere informatie

Stichting Yourney te Amsterdam. Rapport inzake de jaarrekening 2012/2013

Stichting Yourney te Amsterdam. Rapport inzake de jaarrekening 2012/2013 Stichting Yourney te Amsterdam Rapport inzake de jaarrekening 2012/2013 Inhoudsopgave RAPPORT Blz. Algemeen 3 Fiscale positie 4 JAARREKENING Grondslagen voor de financiële verslaggeving 5 Balans per 31

Nadere informatie

Materieel belang in de jaarrekening. Nationale Verslaggevingsdag 26 juni 2012 Ton Meershoek Hoofd toezicht financiële verslaggeving

Materieel belang in de jaarrekening. Nationale Verslaggevingsdag 26 juni 2012 Ton Meershoek Hoofd toezicht financiële verslaggeving Materieel belang in de jaarrekening Nationale Verslaggevingsdag 26 juni 2012 Ton Meershoek Hoofd toezicht financiële verslaggeving Agenda Inleiding Doel van de jaarrekening Wat is materieel belang Wat

Nadere informatie

Tussentijdse cijfers 01-01-2015 / 30-06-2015 voor publikatiedoeleinden. van Ostrica B.V. te Amsterdam

Tussentijdse cijfers 01-01-2015 / 30-06-2015 voor publikatiedoeleinden. van Ostrica B.V. te Amsterdam Tussentijdse cijfers 01-01-2015 / 30-06-2015 voor publikatiedoeleinden van Ostrica B.V. te INHOUDSOPGAVE Pagina Balans per 30 juni 2015 1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling 3 Toelichting op

Nadere informatie

25087 Internationaal fiscaal (verdrags)beleid. 31066 Belastingdienst. Brief van de minister en staatssecretaris van Financiën

25087 Internationaal fiscaal (verdrags)beleid. 31066 Belastingdienst. Brief van de minister en staatssecretaris van Financiën 25087 Internationaal fiscaal (verdrags)beleid 31066 Belastingdienst Nr. 113 Brief van de minister en staatssecretaris van Financiën Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 27

Nadere informatie

Belastingrecht in Hoofdlijnen

Belastingrecht in Hoofdlijnen Belastingrecht in Hoofdlijnen Prof. dr. CA. de Kam (eindredactie) Mr. P.M. van Schie Prof. dr. I.J.J. Burgers Mr. drs. F.J.P.M. Haas Mr.J. Lamens Dr. mr. A.M. van Amsterdam RA Mr. C.M. Ettema Mr. dr. D.V.E.M.

Nadere informatie

Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister

Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Informatie ten behoeve van het deponeren van de rapportage bij het Handelsregister Classificatie van de rechtspersoon

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 22561 29 april 2016 Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht 25 april 2016 nr. DGB 2016/1731M

Nadere informatie

CONSOLIDATIE. Inhoudsopgave

CONSOLIDATIE. Inhoudsopgave Inhoudsopgave CONSOLIDATIE 1.0 Kennismaken 2.0 Waarom consolideren? 3.0 Wanneer consolideren? 4.0 Wat is een geconsolideerde jaarrekening? 5.0 De techniek van de integrale consolidatie 1.0 Kennismaken

Nadere informatie

Jaarbericht Weller Wonen Holding BV 2014

Jaarbericht Weller Wonen Holding BV 2014 Jaarbericht Weller Wonen Holding BV 2014 Inhoudsopgave 1. Algemeen 2 2. Jaarrekening 3 2.1 Balans per 31-12-2014 (voor winstbestemming) 3 2.2 Winst en verliesrekening over 2014 4 2.3 Kasstroomoverzicht

Nadere informatie

5 Integrale consolidatie van 100%-deelnemingen

5 Integrale consolidatie van 100%-deelnemingen 5.1 a Balans van M ( 1.000) Goodwill 80 Geplaatst kapitaal 5 Deelneming B - 300 Algemene reserve - 340 Overige activa - 370 Resultaat lopend boekjaar - 35 Eigen vermogen 600 Schulden - 150 750 750 b Goodwill

Nadere informatie

Gegevens belastingplichtige. Naam. Adres Postcode Plaats Telefoon. Inspectienaam Boekjaar van.. t/m

Gegevens belastingplichtige. Naam. Adres Postcode Plaats Telefoon. Inspectienaam Boekjaar van.. t/m Gegevens belastingplichtige Naam Adres Postcode Plaats Telefoon Inspectienaam Boekjaar van.. t/m Regeling functionele valuta van toepassing dit boekjaar? Ingangsdatum Valutacode Factor Koers Vpb aangifte

Nadere informatie

Finles N.V. Halfjaarverslag 2012

Finles N.V. Halfjaarverslag 2012 Finles N.V. Halfjaarverslag 2012 1 1. Algemene informatie Directie De directie van Finles N.V. wordt gevoerd door: Drs. J.A.M. van der Holst R.J. van Kuijk J.P.P.A. van Oudvorst RA Vestigingsplaats Finles

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 276 Wijziging van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen en de Belastingwet BES in verband met de implementatie

Nadere informatie

JAARRAPPORT 2011. Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM

JAARRAPPORT 2011. Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM JAARRAPPORT 2011 Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM Vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders d.d. 30 mei 2012. INHOUD 1 INLEIDING 2 JAARREKENING 3 OVERIGE

Nadere informatie

Rente-aftrekbeperkingen in internationale context. Fred de Hosson

Rente-aftrekbeperkingen in internationale context. Fred de Hosson Rente-aftrekbeperkingen in internationale context Fred de Hosson >>Ahead of Tax 2010 Rente-aftrekbeperkingen Nu: - thin cap regeling: art. 10d Vpb; - anti-uitholling: art. 10a Vpb; - fraus legisrechtspraak

Nadere informatie

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investering in machines / 350 Desinvestering in machines 65 Aandeel in winst C / 20 Aandeel in dividend C 30

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investering in machines / 350 Desinvestering in machines 65 Aandeel in winst C / 20 Aandeel in dividend C 30 Voortgezette Studie Boekhouden 12.1 a De functie van het kasstroomoverzicht is een bijdrage leveren aan de beoordeling door gebruikers van het vermogen van de onderneming om geldmiddelen en kasequivalenten

Nadere informatie

Besluit van tot vaststelling van het besluit ter voorkoming van dubbele belasting voor de BES eilanden (Besluit ter voorkoming dubbele belasting BES)

Besluit van tot vaststelling van het besluit ter voorkoming van dubbele belasting voor de BES eilanden (Besluit ter voorkoming dubbele belasting BES) Besluit van tot vaststelling van het besluit ter voorkoming van dubbele belasting voor de BES eilanden (Besluit ter voorkoming dubbele belasting BES) 2010/555; Op de voordracht van de Staatssecretaris

Nadere informatie

Vinc Vastgoed Management I B.V. gevestigd te Rotterdam

Vinc Vastgoed Management I B.V. gevestigd te Rotterdam #ORG=saa#VES=rdm#PAP=vbl Vinc Vastgoed Management I B.V. gevestigd te Rotterdam Financieel verslag over het boekjaar 1-1-2014 / 30-6-2014 #ORG=saa#VES=rdm#PAP=vlg Vinc Vastgoed Management I B.V., Rotterdam

Nadere informatie

Steunstichting SBWU. Boekjaar 2014. Steunstichting SBWU Utrecht. 2 april 2015

Steunstichting SBWU. Boekjaar 2014. Steunstichting SBWU Utrecht. 2 april 2015 Steunstichting SBWU Boekjaar 2014 Steunstichting SBWU Utrecht 2 april 2015 Inhoud Blad Jaarrekeningverslag over boekjaar 2014 3 Jaarrekening 2014 4 Balans per 31 december 2014 5 Winst-en verliesrekening

Nadere informatie

Ministerie van Financiën

Ministerie van Financiën Ministerie van Financiën > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 Korte Voorhout 7 2500 EA s-gravenhage 2511 CW Den Haag Postbus

Nadere informatie

Hoorcollege Directe Belastingen DB II Collegejaar 2014/2015

Hoorcollege Directe Belastingen DB II Collegejaar 2014/2015 Waarom een VBI of een FBI? De VBI en de FBI zijn faciliteiten die collectief belleggen faciliteren. Fiscaal bezien kan je ruwweg - (collectief) beleggen op twee manieren vormgeven. Een belastingplichtige

Nadere informatie

Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening

Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening Verschillende overheidsregelingen eisen van ondernemingen financiële bijdragen voor de kosten van het opruimen van producten of productiefaciliteiten van die

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 755 Wijziging van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en van de Invorderingswet 1990 in verband met de wijziging van de percentages belasting-

Nadere informatie

Met deze beknopte samenvatting proberen wij enkele van de grootste verschillen en essentieelste kenmerken van beide landen weer te geven.

Met deze beknopte samenvatting proberen wij enkele van de grootste verschillen en essentieelste kenmerken van beide landen weer te geven. BELGIË NEDERLAND EEN WERELD VAN VERSCHIL Ondanks het feit dat België en Nederland buren zijn, nagenoeg dezelfde taal wordt gesproken en ze economisch zeer sterk verbonden zijn is er op boekhoudkundig,

Nadere informatie

Jaarstukken 2011 van Permar Energiek BV. Jaarstukken 2011. - Jaarrekening - Overige gegevens

Jaarstukken 2011 van Permar Energiek BV. Jaarstukken 2011. - Jaarrekening - Overige gegevens Jaarstukken 2011 - Jaarrekening - Overige gegevens Opmaakdatum: 20 april 2012 1 Jaarrekening - Balans - Winst-en-verliesrekening - Toelichting 2 Balans per 31 december 2011 (Bedragen x 1.000) (na resultaatbestemming)

Nadere informatie

Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats

Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats Vraag en Antwoord Common Reporting Standard en uw fiscale woon- of vestigingsplaats Wat is de Common Reporting Standard (CRS)? De Nederlandse overheid werkt met veel landen samen om belastingontduiking

Nadere informatie

PUBLICATIESTUKKEN 2013 VAN OSTRICA B.V. TE AMSTERDAM

PUBLICATIESTUKKEN 2013 VAN OSTRICA B.V. TE AMSTERDAM PUBLICATIESTUKKEN 2013 VAN OSTRICA B.V. TE AMSTERDAM INHOUDSOPGAVE Pagina Balans per 31 december 2013 1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling 3 Toelichting op de balans 6 Overige informatie 6

Nadere informatie

RJ-Uiting 2009-1: Gevolgen van aanpassingen in boek 2 van het Burgerlijk Wetboek als gevolg van Richtlijn 2006/46/EG van 14 juni 2006

RJ-Uiting 2009-1: Gevolgen van aanpassingen in boek 2 van het Burgerlijk Wetboek als gevolg van Richtlijn 2006/46/EG van 14 juni 2006 RJ-Uiting 2009-1: Gevolgen van aanpassingen in boek 2 van het Burgerlijk Wetboek als gevolg van Richtlijn 2006/46/EG van 14 juni 2006 Inleiding Op 22 december 2008 is een aantal artikelen in titel 9 van

Nadere informatie

Fiscaal beleidsstatement van de Rabobank

Fiscaal beleidsstatement van de Rabobank Fiscaal beleidsstatement van de Rabobank Inleiding De Rabobank geeft hierna een toelichting op het fiscale beleid en het country-by-country-overzicht in de jaarrekening 2014 (Toelichting 5: Bedrijfssegmenten).

Nadere informatie

In het eerste lid van artikel 49 wordt met ten hoogste vijf maanden vervangen door: met ten hoogste vier maanden.

In het eerste lid van artikel 49 wordt met ten hoogste vijf maanden vervangen door: met ten hoogste vier maanden. Wijziging van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek ter uitvoering van Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde

Nadere informatie

Jaarverslag 2013 AM werk Reïntegratie BV

Jaarverslag 2013 AM werk Reïntegratie BV Jaarverslag 2013 AM werk Reïntegratie BV 1 AM Werk Reïntegratie BV Hoofdweg 583 2131 MT Hoofddorp Telefoon 023 566 15 66 www.amgroep.nl 2 Inhoud 03 AM Werk Reïntegratie BV 04 Voorwoord 05 Medewerkers 05

Nadere informatie

oin&case_law_summary=false&dts_dom=all&excconsleg=true&typeofactstatus=com_join &type=advanced&subdom_init=all_all&dts_subdom=all_all

oin&case_law_summary=false&dts_dom=all&excconsleg=true&typeofactstatus=com_join &type=advanced&subdom_init=all_all&dts_subdom=all_all Fiche 3: Mededeling over het btw-actieplan 1. Algemene gegevens a) Titel voorstel Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal comité over een actieplan

Nadere informatie

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.12.2012 C(2012) 8806 final AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale planning NL NL AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale

Nadere informatie

Wijs & van Oostveen B.V. Publicatiestukken per 30 juni 2014

Wijs & van Oostveen B.V. Publicatiestukken per 30 juni 2014 Wijs & van Oostveen B.V. Publicatiestukken per 30 juni 2014 Inhoudsopgave Pagina Balans per 30 juni 2014 2 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling 4 Toelichting op de balans 7 Overige informatie

Nadere informatie

Checklist Deelnemingsvrijstelling

Checklist Deelnemingsvrijstelling Checklist Deelnemingsvrijstelling Wie een (persoonlijke) holding bezit met daarin aandelen in een werkmaatschappij, zal al snel achter het belang van de deelnemingsvrijstelling komen. De deelnemingsvrijstelling

Nadere informatie

Hoofdlijnen van het Nederlands belastingrecht

Hoofdlijnen van het Nederlands belastingrecht Hoofdlijnen van het Nederlands belastingrecht door Mr. P.M. van Schie Prof. dr. CA. de Kam Mr. J. Lamens Mr. drs. F.J.P.M. Haas Twaalfde herziene druk Kluwer Deventer - 2004 INHOUDSOPGAVE Voorwoord bij

Nadere informatie

IBUS ASSET MANAGEMENT UK B.V. JAARREKENING 2006. Polarisavenue 85 - Postbus 2007-2130 GE Hoofddorp Telefoon 023-5685800 - Fax 023-5685806

IBUS ASSET MANAGEMENT UK B.V. JAARREKENING 2006. Polarisavenue 85 - Postbus 2007-2130 GE Hoofddorp Telefoon 023-5685800 - Fax 023-5685806 IBUS ASSET MANAGEMENT UK B.V. JAARREKENING 2006 Polarisavenue 85 - Postbus 2007-2130 GE Hoofddorp Telefoon 023-5685800 - Fax 023-5685806 INHOUDSOPGAVE Vennootschappelijke Balans 3 Vennootschappelijke Winst-

Nadere informatie

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 30 juni 2012

Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: Vinc Vastgoed Management I B.V. inzake. tussentijds bericht per 30 juni 2012 Uitgebracht aan de directie en aandeelhouder van: inzake tussentijds bericht per 30 juni 2012 28 augustus 2012 Barendrecht INHOUDSOPGAVE Pagina Balans per 30 juni 2012 2 Winst- en verliesrekening over

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 38029 30 december 2014 Vennootschapsbelasting. Fiscale eenheid. Wijziging van het besluit van 14 december 2010, nr. DGB2010/4620M,

Nadere informatie

Het voorstel van rijkswet wordt als volgt gewijzigd: a. In onderdeel b, aanhef, wordt de komma aan het slot vervangen door een dubbele punt.

Het voorstel van rijkswet wordt als volgt gewijzigd: a. In onderdeel b, aanhef, wordt de komma aan het slot vervangen door een dubbele punt. 33 955 Regeling voor Nederland en Curaçao tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en een woonplaatsfictie

Nadere informatie

Europees direct belastingrecht Recente ontwikkelingen en de invloed op de aangifte Vpb

Europees direct belastingrecht Recente ontwikkelingen en de invloed op de aangifte Vpb Europees direct belastingrecht Recente ontwikkelingen en de invloed op de aangifte Vpb Heico Reinoud, Baker & McKenzie Mounia Benabdallah, Baker & McKenzie Peter Schonewille, Europese Commissie Programma

Nadere informatie

Prudentiele filters IFRS

Prudentiele filters IFRS Circulaire _2008_07 dd. 11 maart 2008 Prudentiele filters IFRS Toepassingsveld: De verzekeringsondernemingen die onderworpen zijn aan het aanvullende toezicht dat geregeld wordt in de hoofdstukken VII

Nadere informatie

HALFJAARBERICHT 2013 1 januari 30 juni 2013

HALFJAARBERICHT 2013 1 januari 30 juni 2013 HALFJAARBERICHT 2013 1 januari 30 juni 2013 Oyens & Van Eeghen Beheer B.V. Zuidplein 124 1077 XV AMSTERDAM INHOUD 1 INLEIDING 1 1.1 Algemeen 1 1.2 Doelstelling 1 1.3 Directie 1 1.4 Wft-vergunning 1 2 HALFJAARCIJFERS

Nadere informatie

Publicatiebalans inzake de jaarrekening 2012-2013

Publicatiebalans inzake de jaarrekening 2012-2013 Heeneman & Partners fondsmanagement BV Publicatiebalans inzake de jaarrekening 2012-2013 Inschrijvingsnummer Kamer van Koophandel 56039433 2 Inhoudsopgave Pagina Balans per 31 december 2013 4 Grondslagen

Nadere informatie

Financieel verslag 2014

Financieel verslag 2014 Financieel verslag 2014 Inhoud Jaarrekening 2 Balans per 31 december 2014 3 Winst- en verliesrekening 2014 4 Toelichting op de balans en winst- en verliesrekening 5 Overige gegevens 11 Statutaire regeling

Nadere informatie

RJ-Uiting 2014-7: ontwerp-richtlijn 630 Commerciële stichtingen en verenigingen

RJ-Uiting 2014-7: ontwerp-richtlijn 630 Commerciële stichtingen en verenigingen RJ-Uiting 2014-7: ontwerp-richtlijn 630 Commerciële stichtingen en verenigingen Inleiding RJ-Uiting 2014-7 bevat de ontwerp-richtlijn 630 Commerciële stichtingen en verenigingen. De Raad voor de Jaarverslaggeving

Nadere informatie

FINANCIËLE ANALYSE EN RATIO S

FINANCIËLE ANALYSE EN RATIO S FINANCIËLE ANALYSE EN RATIO S 1 CONTACT PARMENTIER GUY MGI BVBA Valkenlaan 31 2900 Schoten Tel: 03/685.40.07 Mail: guy@parmrev.be Guy Parmentier Bedrijfsrevisor Executive professor University of Antwerp

Nadere informatie

INHOUD. Voorwoord... v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING... 1

INHOUD. Voorwoord... v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING... 1 INHOUD Voorwoord................................................................. v HOOFDSTUK 1 ALGEMENE INLEIDING.................................................... 1 1. Oorzaak van internationale dubbele

Nadere informatie

Wettelijke regelingen in verband met de jaarrekening

Wettelijke regelingen in verband met de jaarrekening 16 hoofdstuk Wettelijke regelingen in verband met de jaarrekening 16.1 Onder de werking van boek 2 titel 9 van het burgerlijk wetboek vallen ondernemingen die gedreven worden in de vorm van een NV, BV,

Nadere informatie

BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 27 april 1994

BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 27 april 1994 BESCHIKKING RAAD VAN BEROEP VAN 27 april 1994 Vonnisnummer : 1993-040 (op CD rom Jurdoc 1994-040) Datum : 27 april 1994 Rechters : mrs. Warnink, Moltmaker en Ilsink Middel : winst Artikel : 6 Belastingjaar

Nadere informatie

JAARVERSLAG 2014 AM WERK REÏNTEGRATIE BV

JAARVERSLAG 2014 AM WERK REÏNTEGRATIE BV JAARVERSLAG 2014 AM WERK REÏNTEGRATIE BV 1 AM Werk Reïntegratie BV Hoofdweg 583 2131 MT Hoofddorp Telefoon 023 566 15 66 www.amgroep.nl 2 Inhoud 03 AM Werk Reïntegratie BV 04 Voorwoord 05 Medewerkers 05

Nadere informatie

Performance Share Plan

Performance Share Plan For information purposes only For information purposes only Performance Share Plan Vragen en antwoorden over belasting voor awards met belastingverrekening Maart 2014 Belangrijke aanwijzing: deze handleiding

Nadere informatie

VpB 2010* Treasury Tax Update

VpB 2010* Treasury Tax Update VpB 2010* Treasury Tax Update Consultatiedocument VPB 2010: De groepsrentebox, renteaftrekbeperkingen en de deelnemingsvrijstelling Amsterdam, 13 juli 2009 *connectedthinking Agenda Opmaat herziening vennootschapsbelasting

Nadere informatie

SGG Depositary B.V. Jaarverslag 2013/2014

SGG Depositary B.V. Jaarverslag 2013/2014 SGG Depositary B.V. Jaarverslag 2013/2014 Amsterdam, Hoogoorddreef 15 Kamer van Koophandel Amsterdam, 59.062.576 Inhoudsopgave Algemeen 3 Balans per 31 december 2014 4 Winst- en Verliesrekening over de

Nadere informatie

GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

GECONSOLIDEERDE JAARREKENING uitwerkingen Henk Fuchs GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 1e druk Geconsolideerde jaarrekening Uitwerkingen opgaven Geconsolideerde jaarrekening Uitwerkingen opgaven Henk Fuchs Eerste druk Noordhoff Uitgevers

Nadere informatie

KEMPEN BEWAARDER DAOF B.V. JAARBERICHT 2011 TE AMSTERDAM. Beethovenstraat 300 1077 WZ Amsterdam KAMER VAN KOOPHANDEL NR 34279561

KEMPEN BEWAARDER DAOF B.V. JAARBERICHT 2011 TE AMSTERDAM. Beethovenstraat 300 1077 WZ Amsterdam KAMER VAN KOOPHANDEL NR 34279561 KEMPEN BEWAARDER DAOF B.V. TE AMSTERDAM JAARBERICHT 2011 KEMPEN BEWAARDER DAOF B.V. Beethovenstraat 300 1077 WZ Amsterdam KAMER VAN KOOPHANDEL NR 34279561 INHOUDSOPGAVE 1 VERSLAG VAN DE DIRECTIE 3 1.1

Nadere informatie