Officieuze vertaling: dit document is alleen ter informatie. WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Officieuze vertaling: dit document is alleen ter informatie. WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE"

Transcriptie

1 NL

2 EUROPESE COMMISSIE Officieuze vertaling: dit document is alleen ter informatie. WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem

3 INHOUD WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE STAPPENPLAN VOOR EEN INTERNE EUROPESE VERVOERSRUIMTE WERKEN AAN EEN CONCURREREND EN ZUINIG VERVOERSSYSTEEM...1 Inleiding 7 I Huidige trends en toekomstige uitdagingen: het doen uitdoven van olie als brandstof 9 1. EEN KIJK OP HET RECENTE VERLEDEN Efficiënter en veiliger vervoer maar geen structurele veranderingen om de afhankelijkheid van olie en de CO 2 -uitstoot te beperken Bemoedigende recente ontwikkelingen BEOORDELING VAN VERVOERSTRENDS: EEN ONGEWIJZIGD BELEID IS NIET DUURZAAM Stijgende olieprijzen en aanhoudende olieafhankelijkheid Toenemende congestie en slechtere bereikbaarheid Een verslechterend klimaat en lokaal milieu TOEKOMSTIGE UITDAGINGEN EN BEPERKINGEN Toenemende concurrentie in wereldwijde vervoersmarkten Een zuinig koolstofbudget voor de vervoerssector Een sterke behoefte aan infrastructuurinvesteringen De noodzaak van een nieuwe mobiliteitsaanpak...21 II Een visie voor 2050: een geïntegreerd, duurzaam en efficiënt mobiliteitsnetwerk EEN UITGELEZEN KANS EEN GEÏNTEGREERDE VISIE VOOR DE VERSCHILLENDE VERVOERSSEGMENTEN Het verwijderen van conventionele auto's en vrachtwagens uit het stadsbeeld Multimodaal interstedelijk vervoer Een milieuvriendelijk en efficiënt kernnetwerk voor goederenvervoer Verbetering van de deur-tot-deurervaring op lange afstanden Wereldwijde gelijke concurrentievoorwaarden voor intercontinentaal goederenvervoer

4 3. EEN OVERZICHT: KENMERKEN EN VOORDELEN VAN EEN NIEUW MOBILITEITSCONCEPT...34 III Strategie: beleidslijnen voor het aansturen van veranderingen EEN EFFICIËNT EN GEÏNTEGREERD MOBILITEITSSYSTEEM Een interne Europese vervoersruimte Een reële interne markt voor spoorvervoersdiensten Voltooiing van de Europese luchtvaartsector Een "blauwe gordel" voor de zeevaart en een aangepast kader voor de binnenvaart Verdere integratie van het goederenvervoer over de weg Multimodaal goederenvervoer: de ontwikkeling van e-freight Hoogwaardige banen en degelijke arbeidsomstandigheden bevorderen Een sociale code voor mobiele werknemers in het wegvervoer Een sociale agenda voor de scheepvaart Een maatschappelijk verantwoorde luchtvaartsector Een vervoerswijzeoverschrijdende evaluatie van het EU-beleid inzake banen en arbeidsomstandigheden Veilig vervoer Beveiliging van goederen Hoog veiligheidsniveau voor passagiers met minimale hinder Beveiliging van het vervoer over land "End-to-end"-beveiliging Duizenden mensenlevens redden dankzij veiliger vervoer Het aantal verkeersdoden tot nul herleiden Een Europese strategie voor een veilige burgerluchtvaart Veiliger scheepvaart Spoorwegveiligheid Vervoer van gevaarlijke goederen Kwaliteit en betrouwbaarheid van de dienstverlening Betere handhaving van passagiersrechten Naadloos multimodaal vervoer en geïntegreerde vervoerbewijzen Zorgen voor een continue mobiliteit na ontregeling van het vervoerssysteem INNOVATIE VOOR DE TOEKOMST: TECHNOLOGIE EN GEDRAG Een Europees beleid inzake onderzoek en innovatie op het gebied van vervoer Voertuigen voor de toekomst

5 Een sterke strategie voor alternatieve brandstoffen Het vervoerssysteem doordringen van geavanceerde informatietechnologie Duurzamer gedrag promoten Etikettering van brandstof- en voertuigefficiëntie Gecertificeerde berekening van de koolstofvoetafdruk Lagere snelheden ten behoeve van schoner en veiliger vervoer Opleiding en toepassingen voor ecorijden Geïntegreerde stedelijke mobiliteit Een nieuwe vorm van stedelijke mobiliteit MODERNE INFRASTRUCTUUR EN SLIMME FINANCIERING Vervoersinfrastructuur: territoriale cohesie en economische groei De sterke punten van de afzonderlijke vervoerswijzen benutten TEN-V-beleidsherziening: van individuele projecten naar een geïntegreerd Europees netwerk Voorafgaande evaluatie van projecten Een coherent financieringskader Trends in de financiering van vervoersinfrastructuur Financieringsbehoeften van de vervoerssector Een nieuw financieringskader voor vervoersinfrastructuur Engagementen van de private sector Correcte prijszetting en vermijden van concurrentieverstoringen "De vervuiler betaalt" de externe kosten "De gebruiker betaalt" de infrastructuurkosten Belastingen afstemmen op doelstellingen voor duurzaam vervoer Vervoersinfrastructuur en vervoersdiensten: subsidies en staatssteun DE EXTERNE DIMENSIE Uitbreiding van marktregels en versterking van de dialoog met de voornaamste partners inzake vervoer Bevordering van doelstellingen inzake energie-efficiëntie en klimaatverandering in multilaterale fora Een internationale dialoog over beveiliging van vervoer Uitbreiding van ons vervoers- en infrastructuurbeleid naar onze buurlanden Een versterkte samenwerking die de belemmeringen op het vlak van vervoer wegneemt

6 Lijst van maatregelen 1. Een reële interne markt voor spoorvervoersdiensten Voltooiing van het gemeenschappelijk Europees luchtruim Capaciteit en kwaliteit van luchthavens Een maritieme "blauwe gordel" en markttoegang tot havens Een aangepast kader voor de binnenvaart Goederenvervoer over de weg Multimodaal goederenvervoer: e-freight Sociale code voor mobiele werknemers in het wegvervoer Een sociale agenda voor de scheepvaart Een maatschappelijk verantwoorde luchtvaartsector Een vervoerswijzeoverschrijdende evaluatie van het EU-beleid inzake banen en arbeidsomstandigheden Beveiliging van goederen Hoog veiligheidsniveau voor passagiers met minimale hinder Beveiliging van het vervoer over land "End-to-end"-beveiliging Het aantal verkeersdoden tot nul herleiden Een Europese strategie voor een veilige burgerluchtvaart Veiliger scheepvaart Spoorwegveiligheid Vervoer van gevaarlijke goederen Passagiersrechten Naadloze mobiliteit van deur tot deur Noodmobiliteitsplannen Een stappenplan voor technologie Een innovatie- en implementatiestrategie Een regelgevingskader voor innoverend vervoer... 94

7 27. Reisinformatie Voertuiglabels voor CO 2 -uitstoot en brandstofrendement Berekening van de koolstofvoetafdruk Ecorijden en snelheidsbeperkingen Plannen voor stedelijke mobiliteit Een EU-kader voor tolsystemen in steden Een strategie voor een nagenoeg uitstootvrije logistiek in Een kernnetwerk van strategische Europese infrastructuur een Europees mobiliteitsnetwerk Multimodale goederencorridors voor duurzame vervoersnetwerken Criteria voor de voorafgaande evaluatie van projecten Een nieuw financieringskader voor vervoersinfrastructuur Engagementen van de private sector Slimme tarieven en belastingen De externe dimensie van vervoer in een mondiale context

8 Inleiding Vervoer vormt de grondslag van elke economie. Het vormt immers de kern van de bevoorradingsketen. Zonder degelijke vervoersnetwerken kan de interne markt niet goed functioneren. Investeringen in vervoersinfrastructuur bevorderen de economische groei, zorgen voor welvaart, bevorderen de handel, de geografische bereikbaarheid en de mobiliteit van mensen. Ze vormen een uiterst efficiënte motor voor het scheppen van banen. Terwijl andere regio's in de wereld enorme programma's opzetten om te investeren in infrastructuur, is het essentieel dat het Europees vervoer zijn concurrentiepositie handhaaft. Vervoer is ook cruciaal voor een hoge levenskwaliteit, door plaatsen toegankelijk te maken en mensen bij elkaar te brengen. Naast haar faciliterende rol is de vervoersindustrie een belangrijke economische sector: de sector zelf telt in de EU 10 miljoen werknemers en vertegenwoordigt ongeveer 5 % van het BBP. Talrijke Europese bedrijven zijn wereldleider op het gebied van infrastructuur, logistiek, verkeersbeheersystemen en de productie van vervoersuitrusting. Marktintegratie, economische groei en vervoer zijn nauw met elkaar verbonden. In de EU hebben efficiënte transportverbindingen bijgedragen tot het ontstaan en de verder ontwikkeling van de interne markt. Elke EU-uitbreiding ging gepaard met een sterke groei van de vervoersactiviteit. Er moet echter nog een lange weg worden afgelegd om de vervoerssystemen van Oost- en West-Europa te verenigen en van de uitbreiding een fysieke realiteit te maken. Het verband tussen de interne markt en vervoer was al vanaf het begin van de Europese integratie duidelijk. Het vervoersbeleid was dan ook als gemeenschappelijk beleidsterrein in het Verdrag van Rome opgenomen. Hieraan heeft het Verdrag van Maastricht in 1992 een beleid inzake het trans-europese netwerk toegevoegd met het oog op het behalen van de doelstellingen inzake de Europese interne markt en cohesie 1. In datzelfde jaar heeft de Commissie een witboek gepubliceerd over het gemeenschappelijk vervoersbeleid, dat voornamelijk op het openstellen van de markt volgens de toen geldende prioriteiten was gericht. Bijna tien jaar later werd in het witboek van 2001 de nadruk gelegd op de noodzaak de vervoersgroei te beheren door een evenwichtiger gebruik van alle soorten van vervoer. Dit witboek biedt opnieuw een algemene kijk op de ontwikkelingen op het gebied van vervoer, op de toekomstige uitdagingen en op de beleidsinitiatieven die moeten worden onderzocht. Vervoer blijft een centrale rol spelen in de economische ontwikkeling en territoriale en sociale samenhang, maar komt voor nieuwe uitdagingen te staan: Sinds de laatste uitbreiding heeft het Europese vervoersbeleid betrekking op bijna het volledige continent en dus 500 miljoen burgers. Europa herstelt zich momenteel van de zwaarste, wereldwijde economische crisis sinds de jaren dertig. De crisis kwam na een sterke stijging van de prijzen van olie en 1 Tegenwoordig valt het vervoersbeleid onder de bepalingen van titel VI, artikelen 90 tot en met 100, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). 7

9 andere grondstoffen, wat wees op een toenemend onevenwichtig gebruik van hulpbronnen wereldwijd. Tegelijk erkent de internationale gemeenschap de noodzaak om de uitstoot van broeikasgassen overal ter wereld drastisch te verminderen. Ervoor zorgen dat de economie zuiniger omspringt met hulpbronnen vormt een bijzonder grote uitdaging voor de vervoerssector. Deze steunt immers nog altijd voornamelijk op olie, stootte in % 2 meer broeikasgassen uitgestoten dan in 1990 en blijft een grote bron van geluidshinder en plaatselijke luchtverontreiniging. Dit witboek legt zich toe op het bewerkstelligen van een ingrijpende hervorming van het vervoerssysteem, waarbij gestreefd wordt naar onafhankelijkheid van olie, en de ontwikkeling van een moderne infrastructuur en multimodale mobiliteit met behulp van slimme beheer- en informatiesystemen. Het witboek is ingediend samen met de mededeling met een stappenplan naar een koolstofarme economie in 2050 en het nieuwe energie-efficiëntieplan Het is een integrerend deel van het initiatief "Efficiënt gebruik van hulpbronnen" van de Commissie. Het document bestaat uit drie grote delen: "Deel I Huidige trends en toekomstige uitdagingen: het doen uitdoven van olie als brandstof" gaat na met welke uitdagingen het vervoerssysteem in de toekomst waarschijnlijk te maken zal krijgen. Dit wordt gebaseerd op een evaluatie van recente ontwikkelingen 3 en een beoordeling van de huidige trends 4. In dit deel worden met name de drempelwaarden voor de uitstoot van broeikasgassen uiteengezet waaraan de vervoerssector in het kader van de strijd tegen de klimaatverandering moet voldoen. Deel II Een visie voor 2050: een geïntegreerd, duurzaam en efficiënt mobiliteitsnetwerk". In dit deel wordt getracht te komen tot een aannemelijke en gewenste manier waarop het vervoerssysteem deze uitdagingen tegen 2050 kan verwezenlijken en betere mobiliteitsdiensten aan burgers en bedrijven kan bieden. Deze visie gaat gepaard met doelstellingen ter ondersteuning van beleidsmaatregelen in het komende decennium. "Deel III Strategie: beleidslijnen voor het aansturen van veranderingen" vormt het operationele deel van het witboek. Hierin worden de initiatieven beschreven waar de komende tien jaar rekening mee moet worden gehouden om de in deel I vermelde doelstellingen te behalen, de vervoerssector duurzaam op weg te helpen en de kloof tussen visie en realiteit te verkleinen Dit cijfer omvat emissies afkomstig van internationaal luchtvervoer en zeevervoer. Een uitvoerige analyse is te vinden in bijlage 2: "Ex-postevaluatie van het vervoersbeleid " van de effectbeoordeling van het Witboek "Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem". Een beschrijving van de manier waarop vervoer zich tot 2050 zou ontwikkelen indien niet wordt ingegrepen om deze trends om te buigen (referentiescenario) wordt gegeven in bijlage 3: "Referentiescenario ( )" van de effectbeoordeling van het Witboek "Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem". 8

10 I Huidige trends en toekomstige uitdagingen: het doen uitdoven van olie als brandstof 1. EEN KIJK OP HET RECENTE VERLEDEN 1.1. Efficiënter en veiliger vervoer Het afgelopen decennium werd gekenmerkt door intensief vervoer gepaard met een evenzo intensieve agenda inzake vervoersbeleid. De uitbreiding van de Unie en de steeds toenemende integratie van wereldmarkten hebben geleid tot grotere goederenvolumes. De mobiliteit van de Europeanen is eveneens toegenomen, ondanks de sterke verkeerscongestie waar veel steden mee kampen. 2. Het Europees vervoersbeleid heeft gezorgd voor een efficiënter en veiliger vervoerssysteem. De opening van de markt is bijzonder succesvol gebleken voor het wegvervoer, maar heeft nog meer succes gehad op het gebied van de luchtvaart. In deze sector heeft de liberalisering in de jaren negentig geleid tot een ongeziene groei van het aantal luchtreizigers en van het aantal Europese vliegroutes. 3. Het vervoer is een stuk veiliger geworden. Het aantal dodelijke ongevallen op de weg lag in 2010 ongeveer 40 % lager dan in 2001, waarmee de doelstelling van 50 % echter niet is behaald. Ook de veiligheid van het zeevervoer werd dankzij verschillende wetten verbeterd. Deze leidden onder andere tot het verbod op het gebruik van enkelwandige olietankers en tot de ontwikkeling van een pan-europees systeem voor de monitoring van de scheepvaart. Nieuwe instanties op het gebied van lucht-, spoor- en zeevervoer houden toezicht op de veiligheid van het Europees vervoer. 4. Mensen spelen een centrale rol in het Europees vervoersbeleid. Wettelijke vereisten zorgen er, met het oog op een hoogwaardige kwaliteit van de dienstverlening en goede arbeidsvoorwaarden, voor dat reizigers noch werknemers het slachtoffer worden van toenemende concurrentiedruk in de vervoersmarkten. De EU heeft een reeks passagiersrechten vastgesteld, eerst voor luchtvervoer, later voor spoorvervoer en onlangs voor scheepvaart en touringcarvervoer. 5. Veiligheid werd na 11 september 2001 een belangrijk beleidsthema in het Europees vervoer. Ondertussen zijn Europese veiligheidsregels voor lucht- en zeevervoer goedgekeurd die betrekking hebben op regelgevende normen en inspectieregelingen. 6. De nationale infrastructuur hield eerder slechts ten dele rekening met de behoeften van de Europese interne markt. Dit leidde tot de verwezenlijking van het TEN-V-beleid. Na de uitbreiding van de EU in 2004 kregen 30 projecten voorrang. Sommige ervan zijn voltooid en hebben uiterst positieve effecten voor de betrokken regio's. Het Europees hogesnelheidsnet breidt zich steeds verder uit en boekt op bepaalde verbindingen opmerkelijke resultaten. Een groot aantal TEN-V-projecten heeft echter te kampen met planningsproblemen en 9

11 budgettaire beperkingen. De hefboomwerking van EU-financiering blijkt ontoereikend te zijn. 7. De internationale banden zijn versterkt. Er wordt gewerkt aan een gemeenschappelijk luchtruim (Common Aviation Area, CAA) met naburige landen. De EU heeft uitvoerige luchtvervoersovereenkomsten gesloten, in 2007 met de VS en in 2009 met Canada. Voor Zuidoost-Europa is een verdrag tot oprichting van een vervoersgemeenschap gesloten. De EU heeft in 2006 de goedkeuring van het Verdrag van de Internationale Arbeidsorganisatie betreffende maritieme arbeid, het nieuwe "handvest van rechten" voor zeevarenden, actief ondersteund. Europa s vertegenwoordiging in internationale instellingen zoals de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) en de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (ICAO) zou meer effect hebben als de EU met één stem sprak. De lidstaten kunnen zich echter moeilijk neerleggen bij een dergelijke aanpak maar geen structurele veranderingen om de afhankelijkheid van olie en de CO 2 -uitstoot te beperken 8. De vervoerssector is nog steeds bijna volledig afhankelijk van fossiele brandstoffen als energiebron. Dit is de enige sector waar de uitstoot van broeikasgassen (BKG's) de afgelopen twintig jaar praktisch constant is toegenomen en nu ongeveer een derde meer hoger ligt dan in De technische vooruitgang heeft tot een betere energie-efficiëntie geleid, maar is niet toereikend om de toename van het verkeer te compenseren. 9. De voortdurende verscherping van normen voor de uitstoot van voertuigen ("Euro"-klassen) en verbeteringen van de brandstofkwaliteit hebben de uitstoot van verontreinigende stoffen en deeltjes door voertuigen aanzienlijk gereduceerd. In de meeste stedelijke en andere kwetsbare gebieden overschrijdt de verontreiniging echter nog steeds de wettelijke grenzen: verdere maatregelen zijn nodig om de luchtkwaliteit te verbeteren. 10. De slechte milieuprestaties van het vervoerssysteem houden ook verband met de vervoersgewoonten en het feit dat het merendeel van zowel het goederen- als het personenvervoer nog steeds via de weg verloopt. De efficiëntere en schonere vervoerswijzen via het spoor en over het water zijn er niet in geslaagd hun potentieel op middellange tot lange afstanden te benutten, die twee derden van het aantal afgelegde kilometers en van de hoeveelheid uitstoot vertegenwoordigen. Een aantal factoren kunnen de geringe aantrekkingskracht van alternatieve brandstoffen voor het wegvervoer verklaren: Investeringen om het spoorwegnet en overslagfaciliteiten te moderniseren, zijn ontoereikend geweest om de knelpunten van het multimodaal vervoer aan te pakken. Modale netwerken zijn onderling slecht verbonden. Het TEN- V-beleid kwam financiële middelen tekort en miste een echt continentaal multimodaal standpunt. Aan het begin van de 21 ste eeuw waren de spoorwegen de enige vervoerswijze in de EU die niet voor concurrentie was opengesteld. De wetgeving voor het openstellen van de markt voor goederenvervoer per spoor 10

12 vanaf 2007 en voor internationaal reizigersvervoer per spoor vanaf 2010 is in de meeste lidstaten slechts traag en onvolledig ten uitvoer gelegd. De handhaving ervan schoot eveneens tekort. De nationale markten voor passagiersvervoer, die het grootste deel van deze activiteit vertegenwoordigen, zijn nog steeds grotendeels gesloten. Het gebrek aan concurrentie stond de kwaliteit en efficiëntie van de dienstverlening in de weg. De kustvaart kampt met hogere administratieve lasten dan het vervoer over land. Nationale grenzen blijven nog steeds voor inefficiëntie en extra kosten voor het spoorvervoer zorgen. Heffingen en belastingen weerspiegelen niet volledig de maatschappelijke kosten van vervoer. Pogingen om externe vervoerskosten te internaliseren en fiscale anomalieën weg te werken, zijn tot dusverre zonder resultaat gebleven Bemoedigende recente ontwikkelingen 11. De vaststelling en goedkeuring van enkele van de meeste effectieve maatregelen ter bevordering van de duurzaamheid van het vervoerssysteem heeft zeer veel tijd in beslag genomen. Er zijn nu echter wel een aantal belangrijke beslissingen genomen: In 2009 heeft de EU, in het kader van het klimaat- en energiepakket, zich ertoe verplicht om tegen 2020 voor het vervoer een aandeel van 10 % aan hernieuwbare energiebronnen te behalen 5 en om tegen 2020 de broeikasgasintensiteit van brandstoffen met 6 % te verlagen 6. In 2009 heeft de EU een verordening vastgesteld inzake CO 2 -normen voor nieuwe personenauto's 7 en in december 2010 hebben het Europees Parlement en de Raad een akkoord bereikt over de definitieve tekst van de verordening betreffende bestelwagens. De impact ervan zal aanzienlijk zijn, maar het zal even duren voor de effecten volledig zichtbaar zijn, aangezien ze afhangen van de vervanging van de bestaande vloot. Het opnemen van de luchtvaartsector in de EU-regeling voor de emissiehandel (EU-ETS) vanaf 2012 brengt tevens stimuleringsmaatregelen mee om de CO 2 -uitstoot te Richtlijn 2009/28/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen en houdende wijziging en intrekking van Richtlijn 2001/77/EG en Richtlijn 2003/30/EG, PB L 140 van , blz. 16. De bindende streefcijfers zijn alleen voor vervoerswijzen over land bepaald. Het gebruik van hernieuwbare energiebronnen in het lucht- en zeevervoer kan echter op vrijwillige basis bijdragen tot het behalen van de doelstelling van 10 %. Richtlijn 2009/30/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 tot wijziging van Richtlijn 98/70/EG met betrekking tot de specificatie van benzine, dieselbrandstof en gasolie en tot invoering van een mechanisme om de emissies van broeikasgassen te monitoren en te verminderen, tot wijziging van Richtlijn 1999/32/EG van de Raad met betrekking tot de specificatie van door binnenschepen gebruikte brandstoffen en tot intrekking van Richtlijn 93/12/EEG. Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 tot vaststelling van emissienormen voor nieuwe personenauto's, in het kader van de communautaire geïntegreerde benadering om de CO 2 -emissies van lichte voertuigen te beperken (23 april 2009). 11

13 reduceren en zorgt voor een compensatie van de voorspelde toename van de emissies door gelijkwaardige verlagingen in andere sectoren. In 2008 heeft de Commissie voor alle vervoerswijzen een strategie voorgesteld voor de internalisering van de belangrijkste externe kosten, met name: congestie, de uitstoot van broeikasgassen, plaatselijke verontreiniging en geluidshinder. Voor het goederenvervoer over de weg heeft de Commissie een wijziging voorgesteld van de richtlijn betreffende het in rekening brengen van het gebruik van infrastructuur aan zware vrachtvoertuigen, de zogenaamde eurovignetrichtlijn. Hierin wordt het lidstaten toegestaan kosten voor luchtverontreiniging en geluidshinder op te nemen in heffingen op basis van de afgelegde afstand. Het Europees Parlement en de Raad onderhandelen momenteel over de definitieve versie. In oktober 2010 nam de EU een leidende positie in bij het opzetten van een wereldwijde overeenkomst in de ICAO, waarbij 190 landen zijn betrokken, om de invloed van de luchtvaart op het milieu te beperken en bij het invoeren van een kader voor marktmaatregelen. 12. Het is nog te vroeg om het effect van deze maatregelen volledig te kunnen beoordelen, maar zij hebben wel al een omschakelingsproces in de sector in gang gezet, dat nu verder moet worden voortgezet, verdiept en uitgebreid met het oog op BEOORDELING VAN VERVOERSTRENDS: EEN ONGEWIJZIGD BELEID IS NIET DUURZAAM 13. Sommige onopgeloste problemen uit het verleden zullen door de huidige trends wellicht nog erger worden. Dit blijkt uit de analyse van de Commissie van mogelijke toekomstige ontwikkelingen in het licht van een scenario van ongewijzigd beleid (het "referentiescenario" in de begeleidende effectbeoordeling 8 ). 14. Dit scenario voorziet dat de economie zich in herstelt van de trage groei van het afgelopen decennium en haar gemiddelde historische groei (2,2 % per jaar) herneemt dankzij de verwachte sterkere productiviteitstoename in lidstaten die met een inhaalslag bezig zijn. Het groeipercentage van het BBP neemt vanaf 2020 naar verwachting echter af tot 1,6 % per jaar vanwege de vergrijzing en de daarmee gepaard gaande afname van de beroepsbevolking Stijgende olieprijzen en aanhoudende olieafhankelijkheid 15. Een toenemende vraag en stijgende winningkosten zullen de hoogte en volatiliteit van de olieprijzen beïnvloeden. Het Internationaal Energieagentschap (IEA) 10 verwacht dat de wereldwijde vraag naar olie zal toenemen van Zie bijlage 3 van de effectbeoordeling van het Witboek vervoer "Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte" voor een uitvoerigere beschrijving van het referentiescenario. Europese Commissie, DG Economische en financiële zaken: 2009 Ageing Report: Economic and budgetary projections for the EU-27 Member States ( ). EUROPEAN ECONOMY 2/2009, Internationaal Energieagentschap (2010), World Energy Outlook

14 miljoen vaten per dag (mb/d) in 2009 tot ongeveer 100 mb/d in De vervoerssector is goed voor bijna 90 % van de voorspelde toename van het olieverbruik en China alleen zou de helft van de wereldwijde toename van het de olieconsumptie voor vervoer voor zijn rekening nemen. Het referentiescenario gaat uit van relatief hoge olieprijzen ten opzichte van vorige prognoses 11, namelijk een toename van $ 59 per vat in 2005 tot $ 106 per vat in 2030 en $ 127 per vat in 2050 (in dollars van 2008) In de EU is de vervoerssector voor ongeveer 96 % 13 van zijn energiebehoeften 14 afhankelijk van olie en olieproducten. In het referentiescenario vertegenwoordigen olieproducten nog steeds 90 % van de behoeften van de vervoerssector in 2030 en 89 % in Toenemende congestie en slechtere bereikbaarheid 17. Bij ongewijzigd beleid zal de totale vervoersactiviteit naar verwachting in het verlengde van de economische activiteit blijven groeien. Het goederenvervoer zal ten opzichte van 2005 naar verwachting met ongeveer 40 % toenemen in 2030 en met iets meer dan 80 % tegen Het personenvervoer zou iets minder toenemen dan het goederenvervoer (met 34 % tegen 2030 en 51 % tegen 2050). 18. De diverse vervoerswijzen behouden in het algemeen hun relatieve aandeel, indien het beleid niet significant wordt gewijzigd. Het wegvervoer zou zijn dominante positie op het vlak van zowel reizigers- als goederenvervoer binnen de EU behouden, waarbij personenauto's in 2050 nog steeds meer dan twee derde van het totale personenvervoer zouden vertegenwoordigen. 19. Indien geen effectieve compenserende maatregelen, zoals rekeningrijden, worden genomen, krijgt het wegvervoer in verschillende lidstaten tegen 2030 te maken met zware congestie. Terwijl stedelijke congestie voornamelijk afhangt van de mate van autobezit, stadsuitbreiding en beschikbaarheid van openbaar vervoer, is congestie op het interlokale netwerk het gevolg van toenemend goederenvervoer via specifieke corridors, met name waar die corridors door stedelijke gebieden met veel plaatselijk verkeer lopen. 20. De congestiekosten stijgen naar verwachting met ongeveer 50 % tegen 2050, tot bijna 200 miljard euro per jaar in het referentiescenario. 21. Het Europese luchtruim en de luchthavens zullen verzadigd raken. De luchtvaart neemt tegen 2020 naar verwachting toe met meer dan 50 % voor reizigers en met 125 % voor goederen De olieprijsprognoses vloeien voort uit de uitwerking van wereldenergiemodellen met behulp van het stochastische PROMETHEUS-wereldenergiemodel dat is ontwikkeld door de nationale technische universiteit van Athene (E3MLab). Deze prognoses komen nagenoeg overeen met die van het IEA: in zijn publicatie "Energy Technology Perspectives 2010" verwacht het IEA een stijging tot $ 115 per vat in prijzen van 2008 voor 2030 en tot $ 120 per vat voor Het overeenstemmende percentage voor de hele wereld is nagenoeg gelijk: 95 %. Europese Commissie, EU Energy and Transport in Figures, Het goederenvervoer is omvat ook de internationale scheepvaart. 13

15 22. De huidige bereikbaarheidssituatie 16 in de EU laat zien dat er een duidelijke scheiding is tussen centrale en perifere gebieden met betrekking tot hun vervoersaansluitingen en -kosten. Perifere gebieden hebben hogere gemiddelde vervoerskosten, niet alleen vanwege de noodzaak van langere reizen, maar ook vanwege de duurdere of minder efficiënte vervoersoplossingen voorhanden. Opmerking: Evolutie van de gemiddelde vervoerskosten per NUTS 3-zone ten opzichte van de gemiddelde vervoerskosten op EUniveau Bron: TRANSTOOLS-model Figuur 1: Verandering van de bereikbaarheid tussen 2005 en 2030 in het referentiescenario 23. De te verwachten voornoemde toename van de brandstofkosten en congestieniveaus zal de bereikbaarheidskloof nog verder vergroten. Talrijke perifere gelegen gebieden, met name in de nieuwe lidstaten, zullen nog steeds slecht zijn aangesloten op het Europees vervoersnetwerk. Zij zullen onevenredig meer te kampen krijgen met congestie en hoge brandstofkosten (vgl. Figuur 1), gezien hun hoge mate van afhankelijkheid van de weinige hoofdwegen en regionale luchtvaartverbindingen met weinig capaciteit. De nieuwe lidstaten 16 Bereikbaarheid in deze context is gebaseerd op het begrip "potentiële bereikbaarheid", dat ervan uitgaat dat de aantrekkingskracht van een bestemming toeneemt op basis van grootte en afneemt op basis van afstand, reistijd of kosten. Meer in het bijzonder wordt onder bereikbaarheid verstaan de algemene vervoerskosten van zone i naar zone j voor segment r (productgroep of verplaatsingsmotief) in jaar t, gewogen met de verkeersvolumes. 14

16 beschikken momenteel namelijk slechts over ongeveer kilometer snelwegen en geen hogesnelheidsspoorlijnen; de klassieke spoorlijnen verkeren vaak in slechte staat Een verslechterend klimaat en lokaal milieu 24. In het referentiescenario zou het aandeel van de CO 2 -uitstoot door het Europees vervoer als aandeel van de totale EU-uitstoot blijven toenemen, tot 38 % tegen 2030 en bijna 50 % tegen , vanwege de relatief lagere afname van de CO 2 -uitstoot door vervoer ten opzichte van stroomopwekking en andere sectoren. De CO 2 -uitstoot door vervoer zou tegen 2030 nog steeds 31 % en tegen % meer bedragen dan in 1990, door de snelle groei van vervoersemissies gedurende de jaren negentig. De luchtvaart en het zeevervoer zouden in de loop der jaren bijdragen tot een toenemend aandeel van emissies. 25. Bij ongewijzigd beleid zouden hernieuwbare energiebronnen voor vervoer slechts met 13 % toenemen tegen en zou elektrische aandrijving in het wegvervoer geen significante rol spelen Externe vervoerskosten zouden blijven stijgen. De verkeerstoename zou tegen 2050 leiden tot een stijging van ongeveer 20 miljard euro voor geluidsgerelateerde externe kosten (+ 40 %) en van 60 miljard euro voor externe kosten van ongevallen (+ 35 %). 27. De uitstoot van NO x en deeltjes zou afnemen met respectievelijk ongeveer 40 % en 50 % tegen 2030 en daarna min of meer stabiliseren. Daardoor zouden de externe kosten van de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen tegen 2050 met 60 % afnemen. 3. TOEKOMSTIGE UITDAGINGEN EN BEPERKINGEN 3.1. Toenemende concurrentie op wereldwijde vervoersmarkten 28. Europese economische actoren moeten het hoofd bieden aan een groter aantal wereldwijde concurrenten. De wereld boekt op alle vlakken vooruitgang en de in dit witboek voorgestelde ingrijpende wijzigingen moeten niet alleen gezien worden als een mogelijkheid om de efficiency te verbeteren, maar ook als een noodzakelijke voorwaarde om het concurrentievermogen te behouden van de Europese vervoers- en logistieke sector, die een van Europa's groeimotoren moet blijven De CO 2 -uitstoot omvat internationaal zee- en luchtvervoer, maar niet de verbrandingsemissies van vervoer per pijpleiding, van grondafhandelingsactiviteiten in luchthavens en havens, en van offroadactiviteiten. Het genoemde aandeel hernieuwbare bronnen in vervoer volgt de definitie van Richtlijn 2009/28/EG. Het referentiescenario, dat begin 2010 was opgesteld, houdt geen rekening met de herinvoering (volgens Besluit 2010/C 280/08 van de Commissie van 14 oktober 2010) van het CARS 21-initiatief (Competitive Automotive Regulatory System for the 21st century). Dit initiatief kan leiden tot een grotere toename van voertuigen met elektrische aandrijving tegen 2050 dan in het referentiescenario, waarin het naar verwachting te verwaarlozen is. 15

17 29. Europese fabrikanten van vervoersuitrusting hebben lange tijd vooruitgelopen op de rest van de wereld en hoefden de wereldmarkten slechts met enkele, meestal Amerikaanse en Japanse, concurrenten te delen. Dit was mogelijk dankzij hun technologische voorsprong en de voortdurende investeringen in infrastructuur. Tegenwoordig staat hun leidinggevende positie sterk onder druk, aangezien andere landen zwaar investeren in onderzoek en ontwikkeling (O&O) en infrastructuur. Het procentuele aandeel van de O&O-uitgaven van China stijgt al sinds meerdere jaren met dubbele cijfers. China wordt dit jaar naar verwachting dan ook de tweede grootmacht op het gebied van O&O en laat de meeste EU-lidstaten ver achter zich. Terwijl China gecoördineerde inspanningen doet op de meest veelbelovende geavanceerde gebieden, blijven de Europese onderzoeksinspanningen bovendien nog ongelijkmatig gespreid. 30. De luchtvaart en zijn bevoorradingsketen, inclusief de hightechluchtvaartindustrie, leveren een belangrijke bijdrage aan de Europese economie en het concurrentievermogen van Europa als regio 20. Europese luchtvaartmaatschappijen en luchthavens behoren tot de wereldleiders, net als de Europese luchtvaartindustrie. Het zal steeds moeilijker worden om deze positie op de wereldmarkt te behouden, met name vanwege capaciteitsbeperkingen in Europa en massale investeringen in luchtvervoersinfrastructuur in andere regio's. Het in stand houden van een concurrerend Europees luchtvaartsysteem en de sleutelrol van Europa als middelpunt voor de intercontinentale luchtvaart zal van groter belang worden voor de Europese economie. 31. Voor de uitbouw van hun HST-netwerk steunden de Chinezen tot dusver op Europese, Canadese of Japanse technologie maar inmiddels hebben zij hun eigen hogesnelheidstreinen ontwikkeld. De EU moet de wereldwijde technologische ontwikkelingen bijbenen en haar concurrentievoordeel in vervoersindustrieën met hoge toegevoegde waarde behouden. 32. Hoewel China al de grootste autoproducent ter wereld is, behoren Europese bedrijven nog steeds tot de wereldtop in conventionele auto's, vrachtauto's en bussen. Zij investeren ook in de ontwikkeling van alternatieve brandstoffen en elektrische auto's. In China krijgen kopers van elektrische of "plug-in" hybride auto's aanzienlijke stimulansen. Dergelijke maatregelen moeten China helpen zijn doelstelling te behalen om vanaf 2020 één miljoen elektrische voertuigen per jaar te produceren. Zonder een passend kader om innovatieve oplossingen economisch haalbaar te maken, lopen Europese fabrikanten het risico achter te blijven ten opzichte van wereldwijde concurrenten. 33. Op het gebied van scheepsbouw bezitten Aziatische spelers een dominante positie in de productie van vrachtschepen. Europa is technologisch leider in passagiersschepen, vaartuigen voor speciale doeleinden, zoals baggermolens, en in grote delen van de wereldwijde industrie van uitrusting van zeeschepen. Scheepswerven en fabrikanten van scheepsuitrustingen zijn onmisbaar voor 20 Het cruciale belang van de luchtvaart voor de Europese economie en onze samenleving werd in april 2010 bewezen door de vulkaanuitbarsting in IJsland. Het Europese luchtruim was vijf dagen gesloten met als gevolg geannuleerde vluchten, twee miljoen gestrande reizigers en een miljardenverlies voor de economie; dit toont aan hoe zeer Europa afhankelijk is van een efficiënte en goed werkende luchtvervoerssector. 16

18 zeevervoer en logistiek. Tegelijk bieden zij de technische oplossingen voor de broodnodige reductie van BKG's en andere emissies door de scheepvaart. Daarom is het van belang dat Europa zijn vaardigheden op dit gebied en ten minste een kritisch massa in de scheepsbouw behoudt. 34. Europese logistieke bedrijven, die momenteel de onbetwiste wereldleiders zijn, dreigen ook marktaandeel te verliezen. Zij hebben jarenlang kunnen genieten van de uitstekende infrastructuur, een geschiedenis van vrije handel en geringe bureaucratie in Europa. Tegenwoordig raakt de Europese infrastructuur steeds meer verzadigd en duiken elders alternatieven op. Ter vergelijking: China beschikt al over het grootste hogesnelheidsspoorwegnet ter wereld, terwijl Noord-Afrikaanse havens, die flexibeler zijn dan hun Europese tegenhangers, een groot aandeel van de overslagactiviteit hebben overgenomen. Van de twintig grootste luchthavens op basis van passagiersaantallen en goederenvolume zijn er respectievelijk zes en vier Europees. Het zwaartepunt van de wereldwijde vervoersinfrastructuur verschuift geleidelijk aan richting Azië. De vervoersinfrastructuur heeft behoefte aan voortdurende investeringen en de administratieve procedures moeten worden vereenvoudigd om te verhinderen dat het belang van de EU als wereldwijd logistiek platform verder afneemt. Zonder voortdurende investeringen en vereenvoudigde procedures zullen Europese logistieke bedrijven hun wereldwijde leiderschap verliezen Een zuinig koolstofbudget voor de vervoerssector 35. In oktober 2009 schaarde de Europese Raad zich achter de doelstelling om BKG-emissies in de EU tegen 2050 met 80 tot 95 % ten opzichte van 1990 te reduceren 21. De Commissie heeft wereldwijde scenario's 22 geanalyseerd om de 2ºC-doelstelling op een kosteneffectieve manier te verwezenlijken. De resultaten liggen in het verlengde van de werkzaamheden van de IPCC: om de wereldwijde emissies tegen 2050 te halveren ten opzichte van 1990 moet de Europese uitstoot 23 tegen 2050 met ongeveer 80 % moet worden verminderd ten opzichte van Deze doelstelling schetst tevens de randvoorwaarden voor de ontwikkelingen in de vervoerssector. 36. Uit de modellering is gebleken dat de vervoerssector zich moet opmaken voor een afname van zijn emissies in 2050 met ongeveer 60 % ten opzichte van het niveau in Dit betekent dat de uitstoot met ongeveer 70 % moet worden verminderd ten opzichte van het huidige niveau Volgens het Intergouvernementele Panel over klimaatverandering (IPCC) moeten de ontwikkelde economieën tegen 2050 nagenoeg koolstofvrij zijn om rampzalige gevolgen van BKG-emissies voor het klimaat te voorkomen: B. Metz et al. (eds), Contribution of Working Group III to the Fourth Assessment Report of the Intergovernmental Panel on Climate Change, COM(2011) 112. Routekaart naar een concurrerende koolstofarme economie in 2050 en de bijbehorende effectbeoordeling. Totaal van emissies van alle sectoren, uitgezonderd internationaal vervoer over zee en over land. Een dergelijke doelstelling vereist dat de totale EU-uitstoot afneemt van ongeveer 5080 Mt CO 2 - equivalent in 2008 (uitgezonderd internationale bunkerplaatsen en LULUCF) tot ongeveer 1120 Mt CO 2 -equiv. in

19 Broeikasgasemissies van EU-vervoer in Het aandeel van de verschillende vervoerswijzen in de BKG-emissies van de vervoerssector was in 2008 als volgt 26 : 71,3 % was afkomstig van wegvervoer, 13,5 % van de scheepvaart, 12,8 % van luchtvaart, 1,8 % van binnenvaart en 0,7 % 27 van railvervoer. Hoewel er geen volledig betrouwbare gegevens bestaan over de onderverdeling van de totale uitstoot in personen- en goederenvervoer, blijkt uit onderzoek dat passagiersvervoer ongeveer 60 % van het totaal voor zijn rekening neemt 28. Uit reisenquêtes blijkt dat het overgrote deel van de trajecten (97,5 %) betrekking heeft op korte afstanden (maximum 100 km). De overige 2,5 % van de reizen is echter goed voor ruim de helft (53 %) van het totaal aantal reizigerskilometers (rkm) 29. Wat betreft de onderverdeling in stedelijk en niet-stedelijk vervoer wijzen schattingen erop dat ongeveer een kwart (23 %) van de emissies veroorzaakt worden door vervoer in stedelijke gebieden 30,31. Ruw geschat kunnen de volgende aandelen in BKG-emissies worden vastgesteld 32 : (1) Stedelijk personen- en goederenvervoer: verantwoordelijk voor ca. 23 % van de uitstoot, voornamelijk met de auto (16 % van de totale uitstoot van vervoer), gevolgd bestelwagens (6%), de bus (0,5 %) en gemotoriseerde tweewielers (0,5 %). Fietsen en lopen zijn goed voor 13 % van de stedelijke rkm's zonder uitstoot. (2) Interlokale en regionale verplaatsingen (tot 500 km): verantwoordelijk voor ca. 33 % van de uitstoot, voornamelijk met de auto (ca. 29 % van de totale uitstoot van vervoer), gevolgd door het vliegtuig (ca. 2 %) en de motorfiets (ca. 1 %). Touringcars en bussen, spoorwegen en binnenvaart zijn allemaal samen goed voor ongeveer 1 %. (3) Intra-Europees en regionaal goederenvervoer (lange en middellange afstanden): verantwoordelijk voor ca. 23 % van de uitstoot, voornamelijk wegvervoer (ongeveer Wereldwijd heeft de vervoerssector in % van de wereldwijde CO 2 -uitstoot geproduceerd (6604,7 Mt CO 2 ), waarmee vervoer op dit vlak de op één na grootste sector vormt na elektriciteits- en warmteopwekking. CO 2 -uitstoot door vervoer wordt vooral veroorzaakt door het wegvervoer, met ongeveer 73 % van de uitstoot, gevolgd door de internationale scheepvaart (9 %) en de luchtvervoer (7 %). Het overige deel (ongeveer 11 %) is afkomstig van de binnenscheepvaart en binnenlandse luchtvaart, spoorvervoer en vervoer per pijpleiding. Bron: Internationaal Energieagentschap (2010), CO 2 Emissions from Fuel Combustion 2010, OESO/IEA, Parijs. Deze cijfers zijn inclusief internationaal zee- en luchtvervoer, maar omvatten geen verbrandingsemissies van vervoer per pijpleiding, van grondafhandelingsactiviteiten in luchthavens en havens, en van off-roadactiviteiten. Dit cijfer bevat uitsluitend emissies van dieselgebruik, niet van elektriciteitsverbruik. Wat betreft het eindenergieverbruik per vervoerswijze vertegenwoordigt elektriciteit ongeveer 66 % van het energieverbruik per spoor. Bron: PRIMES-TREMOVE- en TREMOVE-vervoermodellen. Bron: TRANSTOOLS-model. De totale uitstoot is inclusief internationale bunkerbrandstoffen. Bron: PRIMES-TREMOVE- en TREMOVE-vervoermodellen. Het vervoerssysteem werd, met het oog op het vaststellen van mogelijkheden om de BKG-emissies door vervoer terug te dringen, in vijf grote segmenten opgesplitst. De cijfers zijn ruwe schattingen, aangezien precieze gegevens voor deze categorieën niet altijd voorhanden zijn. 18

20 19 % van de totale uitstoot van vervoer), gevolgd door scheepvaart (ca. 2,5 %) 33, en binnenvaart en spoorvervoer die samen goed zijn voor ongeveer 1,5 %. (4) Intercontinentale en internationale reizen (meer dan 500 km): verantwoordelijk voor ruim 10 % van de uitstoot, voornamelijk afkomstig van de luchtvaart. (5) Intercontinentaal goederenvervoer: verantwoordelijk voor ca. 11 % van de uitstoot, voornamelijk afkomstig van het zeevervoer. FtPersonenvervoer (60 %) Interlokaal goederenvervoer (23 %) Intercontinentaal goederenvervoer (11 %) Stedelijk goederen vervoer (6 %) Aandeel in uitstoot door vervoer Stedelijke reizen (17 %) Interlokale reizen (33 %) Personenvervoer (60 %) Intercontinentale reizen (10 %) Opmerking: Personenvervoer (60 %); Stedelijke verplaatsingen (17 %); Interlokale verplaatsingen (33 %); Intercontinentale reizen (10 %); Goederenvervoer (40 %); Stedelijk goederenvervoer (6 %); Interlokaal goederenvervoer (23 %); Intercontinentaal goederenvervoer (11 %) Figuur 2: Aandelen in broeikasgasemissies van EU-vervoer in 2008 (schattingen) 37. Uit analyses van vervoersemissiegegevens blijkt dat het personenvervoer de grootste bron is. Met name auto's zijn verantwoordelijk voor ongeveer twee derde van de uitstoot door het wegvervoer. Terwijl de uitstoot van auto's echter afneemt, neemt de uitstoot van goederenvervoer over de weg nog steeds toe. Nog een uitdaging, op iets langere termijn, ligt bij het lucht- en zeevervoer. In deze sectoren worden de hoogste groeipercentages qua emissies verwacht (respectievelijk 150 % en 110 % van het niveau van 1990 tegen 2050, ten opzichte van 13 % voor wegvervoer in het referentiescenario). 38. Vervoersemissies kunnen gezien worden als het resultaat van drie grote componenten: niveaus van vervoersactiviteit, de energie-intensiteit van de vervoersactiviteit en de BKG-intensiteit van de voor vervoer gebruikte energie. Voor een drastische vermindering van emissies moeten deze drie factoren samen worden aangepakt, aangezien het onwaarschijnlijk is dat technologische verbetering alleen zal zorgen voor de beoogde afname met 60 % tegen Vanwege een gebrek aan statistische gegevens is de onderverdeling van CO 2 -emissies door zeevervoer tussen vervoer binnen en buiten de EU een voorlopige schatting waarvoor een hoge mate van onzekerheid geldt. Een recente evaluatie door CE Delft heeft aan het licht gebracht dat CO 2 -emissies door zeevervoer binnen de EU 22 % tot 54 % van de totale emissies door zeevervoer zouden kunnen vertegenwoordigen. (Bron: CE Delft (2009), Technical support for European action to reducing Greenhouse Gas Emissions from international maritime transport). 19

Vervoer is essentieel voor onze economie en maatschappij. Mobiliteit is vitaal voor de interne markt en voor de levenskwaliteit van de burger, die de vrijheid geniet om te reizen. Vervoer is een randvoorwaarde

Nadere informatie

Inspiratie- en referentieprojecten ontwerpopdracht transporttechniek-ecostad

Inspiratie- en referentieprojecten ontwerpopdracht transporttechniek-ecostad Inspiratie- en referentieprojecten ontwerpopdracht transporttechniek-ecostad Verplaatsingen in Vlaanderen vandaag (2007) Dagelijks gebruik transportmiddel of enkele keren per week 89% de auto 48% de fiets

Nadere informatie

Duurzame mobiliteit: visie op 2050. Symposium Duurzame Mobiliteit, 27 januari 2011 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft

Duurzame mobiliteit: visie op 2050. Symposium Duurzame Mobiliteit, 27 januari 2011 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft Duurzame mobiliteit: visie op 2050 Symposium Duurzame Mobiliteit, 27 januari 2011 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft Voorspellen is lastig 2 zeker de toekomst 3 Vele uitdagingen mobiliteitsbeleid

Nadere informatie

Geachte commissarissen, leden van het Europees Parlement, collega s,

Geachte commissarissen, leden van het Europees Parlement, collega s, Speech door staatssecretaris Dijksma van Milieu op de Klimaatsessie over burgerluchtvaart en zeescheepvaart tijdens de gezamenlijke Informele Transport- en Milieuraad op 15 april 2016. Geachte commissarissen,

Nadere informatie

PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE. bij de

PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE. bij de EUROPESE COMMISSIE Brussel, 25.2.2015 COM(2015) 80 final ANNEX 1 PAKKET ENERGIE-UNIE BIJLAGE STAPPENPLAN VOOR DE ENERGIE-UNIE bij de MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET

Nadere informatie

BIJLAGE EEN CONCEPT VOOR DUURZAME STEDELIJKE MOBILITEITSPLANNING. bij de

BIJLAGE EEN CONCEPT VOOR DUURZAME STEDELIJKE MOBILITEITSPLANNING. bij de EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.12.2013 COM(2013) 913 final ANNEX 1 BIJLAGE EEN CONCEPT VOOR DUURZAME STEDELIJKE MOBILITEITSPLANNING bij de MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD,

Nadere informatie

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Referentiescenario De WETO-studie (World Energy, Technology and climate policy Outlook 2030) bevat een referentiescenario

Nadere informatie

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso,

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 22 mei 2013 Nieuwe omstandigheden op de wereldwijde energiemarkt

Nadere informatie

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen -

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen - De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn l - Uitdagingen & oplossingen - DG Energie 22 juni 2011 ENERGIEVOORZIENING NOG AFHANKELIJKER VAN IMPORT Te verwachten scenario gebaseerd op cijfers in 2009 in % OLIE

Nadere informatie

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 4 februari 2011 Inhoud 1 I. Waarom energiebeleid ertoe doet II. Waarom

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) 15528/02 ADD 1 ENER 315 CODEC 1640 ONTWERP-MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk

Nadere informatie

WITBOEK. Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem

WITBOEK. Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 28.3.2011 COM(2011) 144 definitief WITBOEK Stappenplan voor een interne Europese vervoersruimte werken aan een concurrerend en zuinig vervoerssysteem SEC(2011) 359

Nadere informatie

gezien de mededeling van de Commissie (COM(2002) 431 C5-0573/2002),

gezien de mededeling van de Commissie (COM(2002) 431 C5-0573/2002), P5_TA(2003)0486 Belasting van personenauto s in de Europese Unie Resolutie van het Europees Parlement over de mededeling van de Commissie inzake belasting van personenauto s in de Europese Unie (COM(2002)

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 29 maart 2011 (OR. en) 8333/11 TRANS 102 MAR 48 AVIATION 74 ENV 247 ENER 72 IND 39

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 29 maart 2011 (OR. en) 8333/11 TRANS 102 MAR 48 AVIATION 74 ENV 247 ENER 72 IND 39 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 maart 2011 (OR. en) 8333/11 TRANS 102 MAR 48 AVIATION 74 ENV 247 ENER 72 IND 39 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme. van de Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme

EUROPEES PARLEMENT. Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme. van de Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme VOORLOPIGE VERSIE 9 april 2001 ONTWERPADVIES van de Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme aan de Commissie buitenlandse

Nadere informatie

1. 1. Het Comité heeft zich herhaaldelijk uitgesproken over de programma's en activiteiten van de Unie op energiegebied:

1. 1. Het Comité heeft zich herhaaldelijk uitgesproken over de programma's en activiteiten van de Unie op energiegebied: bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 21-01-1998 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C9 van 14/01/98 Advies van het Economisch en Sociaal Comité

Nadere informatie

Emissies van het wegverkeer in België 1990-2030

Emissies van het wegverkeer in België 1990-2030 TRANSPORT & MOBILITY LEUVEN VITAL DECOSTERSTRAAT 67A BUS 1 3 LEUVEN BELGIË http://www.tmleuven.be TEL +32 (16) 31.77.3 FAX +32 (16) 31.77.39 Transport & Mobility Leuven is een gezamenlijke onderneming

Nadere informatie

Samenvatting ... Het gebruik van de trein nam sinds 1985 eveneens fors toe met meer dan een verdubbeling van het aantal treinkilometers.

Samenvatting ... Het gebruik van de trein nam sinds 1985 eveneens fors toe met meer dan een verdubbeling van het aantal treinkilometers. Samenvatting... De mobiliteit van Nederlanders groeit nog steeds, maar niet meer zo sterk als in de jaren tachtig en negentig. Tussen 2000 en 2008 steeg het aantal reizigerskilometers over de weg met vijf

Nadere informatie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES PARLEMENT

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES PARLEMENT EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.5.2014 COM(2014) 285 final MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES PARLEMENT Strategie voor de vermindering van het brandstofverbruik en de CO2-emissie van

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme. Voorstel voor een besluit (COM(2001) 94 C5-0087/2001 2001/0053(COD))

EUROPEES PARLEMENT. Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme. Voorstel voor een besluit (COM(2001) 94 C5-0087/2001 2001/0053(COD)) EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme 9 oktober 2001 PE 301.826/comp.1 COMPROMISAMENDEMENT 1 Ontwerpadvies (PE 301.826) Pierre Jonckheer over het meerjarenkaderprogramma

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie werkgelegenheid en sociale zaken

EUROPEES PARLEMENT. Commissie werkgelegenheid en sociale zaken EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie werkgelegenheid en sociale zaken 22 november 2001 PE 305.739/1-17 AMENDEMENTEN 1-17 ONTWERPVERSLAG - Piia-Noora Kauppi (PE 305.739) over de mededeling van de Commissie

Nadere informatie

WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN

WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN In het kader van de WETO-H2-studie is een referentieprognose van het wereldenergiesysteem ontwikkeld samen met twee alternatieve scenario's, een

Nadere informatie

ONTWERPADVIES. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/0288(COD) 10.4.2013. van de Commissie vervoer en toerisme

ONTWERPADVIES. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/0288(COD) 10.4.2013. van de Commissie vervoer en toerisme EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie vervoer en toerisme 10.4.2013 2012/0288(COD) ONTWERPADVIES van de Commissie vervoer en toerisme aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

Nadere informatie

Beleggen in de toekomst. de kansen van beleggen in klimaat en milieu

Beleggen in de toekomst. de kansen van beleggen in klimaat en milieu Beleggen in de toekomst de kansen van beleggen in klimaat en milieu Angst voor de gevolgen? Stijging van de zeespiegel Hollandse Delta, 6 miljoen Randstedelingen op de vlucht. Bedreiging van het Eco-systeem

Nadere informatie

Hieronder vindt u een samenvatting van de onderwerpen van de Transportraad van 6 oktober 2011.

Hieronder vindt u een samenvatting van de onderwerpen van de Transportraad van 6 oktober 2011. GEANNOTEERDE AGENDA EU TRANSPORTRAAD 6 OKTOBER 2011 Hieronder vindt u een samenvatting van de onderwerpen van de Transportraad van 6 oktober 2011. De Raad zal een eerste debat voeren over de digitale tachograaf.

Nadere informatie

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten Samenvatting................. In juli 2008 heeft de Europese Commissie een strategie uitgebracht om de externe kosten in de vervoersmodaliteiten te internaliseren. 1 Op korte termijn wil de Europese Commissie

Nadere informatie

Brussel, 11.4.2016. Mevr. Khadija ARIB Voorzitter van de Tweede Kamer Postbus 20018 NL - 2500 EA DEN HAAG

Brussel, 11.4.2016. Mevr. Khadija ARIB Voorzitter van de Tweede Kamer Postbus 20018 NL - 2500 EA DEN HAAG EUROPESE COMMISSIE Brussel, 11.4.2016 C(2016) 1999 final Dhr. Tjeerd VAN DEKKEN Voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu Postbus 20018 NL - 2500 EA DEN HAAG cc. Mevr. Khadija ARIB

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie 10 april 2001 VOORLOPIGE VERSIE 2000/2243(COS) ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

SETIS VOOR EEN KOOLSTOFARME TOEKOMST

SETIS VOOR EEN KOOLSTOFARME TOEKOMST E u r o p e s e Commissie INFORMATIESYSTEEM VOOR STRATEGISCHE ENERGIETECHNOLOGIEËN SETIS VOOR EEN KOOLSTOFARME TOEKOMST http://setis.ec.europa.eu Europese Commissie Informatiesysteem voor strategische

Nadere informatie

Tijdens de zitting van 18 mei 2009 heeft de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen de conclusies in bijlage dezes aangenomen.

Tijdens de zitting van 18 mei 2009 heeft de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen de conclusies in bijlage dezes aangenomen. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 mei 2009 (26.05) (OR. en) 9909/09 DEVGE 147 E ER 187 E V 371 COAFR 172 OTA van: het secretariaat-generaal d.d.: 18 mei 2009 nr. vorig doc.: 9100/09 Betreft: Conclusies

Nadere informatie

Bestemming 2030: chaos op de autowegen of alternatieve trajecten?

Bestemming 2030: chaos op de autowegen of alternatieve trajecten? Bestemming 2030: chaos op de autowegen of alternatieve trajecten? Bij ongewijzigd beleid tonen de transportvooruitzichten voor België tegen 2030 een aanzienlijke groei van het personen- en goederenvervoer.

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...]

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...] EUROPESE COMMISSIE Brussel, 15.6.2010 COM(2010)280 definitief 2010/0168 (E) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD van [...] betreffende de verplichte toepassing van Reglement nr. 100 van de Economische

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 9.11.2007 WERKDOCUMENT over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn

Nadere informatie

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo DE EUROPESE STRUCTUUR- EN INVESTERINGSFONDSEN (ESI-FONDSEN) EN HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN (EFSI) HET VERZEKEREN VAN COÖRDINATIE, SYNERGIEËN

Nadere informatie

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU?

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Als gevolg van de wereldwijde economische en financiële crisis heeft de EU met een laag investeringsniveau te kampen. Alleen met gezamenlijke gecoördineerde

Nadere informatie

Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen. Arno Schroten

Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen. Arno Schroten Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen Arno Schroten CE Delft Onafhankelijk onderzoek en advies sinds 1978 Energie, transport en grondstoffen Economische, technische en beleidsmatige expertise

Nadere informatie

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE Studie in opdracht van Fevia Inhoudstafel Algemene context transport voeding Enquête voedingsindustrie Directe

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.6.2006 COM(2006) 275 definitief Deel I MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITE EN

Nadere informatie

Minder emissies, betere bereikbaarheid. Afscheid Frans v.d. Steen, 26 juni 2014 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft

Minder emissies, betere bereikbaarheid. Afscheid Frans v.d. Steen, 26 juni 2014 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft Minder emissies, betere bereikbaarheid Afscheid Frans v.d. Steen, 26 juni 2014 Huib van Essen, manager Verkeer, CE Delft CE Delft Onafhankelijk, not-for-profit consultancy, opgericht in 1978 Ca. 40 medewerkers

Nadere informatie

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol?

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Dr. Jos Delbeke, DG Klimaat Actie, Europese Commissie, Universiteit Hasselt, 25/2/2014 Overzicht 1. Klimaat en energie: waar

Nadere informatie

Commissie vervoer en toerisme ONTWERPVERSLAG

Commissie vervoer en toerisme ONTWERPVERSLAG EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie vervoer en toerisme 18.2.2013 2012/2296(INI) ONTWERPVERSLAG over een strategie voor een elektronische tolheffingsdienst en een vignetregeling voor lichte particuliere

Nadere informatie

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van WAAR WIJ VOOR STAAN. Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten & Democraten in het Europees Parlement Strijden voor sociale rechtvaardigheid, het stimuleren van werkgelegenheid en groei, hervorming

Nadere informatie

Een overzicht van de hernieuwbare-energiesector in Roemenië

Een overzicht van de hernieuwbare-energiesector in Roemenië Een overzicht van de hernieuwbare-energiesector in Roemenië Roemenië ligt geografisch gezien in het midden van Europa (het zuidoostelijk deel van Midden-Europa). Het land telt 21,5 miljoen inwoners en

Nadere informatie

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa)

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Lees ter voorbereiding onderstaande teksten. Het milieu De Europese Unie werkt aan de bescherming en verbetering van

Nadere informatie

Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013.

Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013. GEANNOTEERDE AGENDA EU TRANSPORTRAAD 11 MAART 2013 Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013. Tijdens de Transportraad zal een beleidsdebat

Nadere informatie

Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION

Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION Overzicht 1. Klimaat en energie: waar zijn we? 2. Waarom een nieuw raamwerk voor 2030? 3. Belangrijkste elementen 2030

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 16 maart 2004 (OR. fr) PUBLIC 6967/04 LIMITE AVIATION 56 AELE 3 OC 189 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Besluit van de Raad inzake een standpunt

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur bij

Nadere informatie

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van, IenM/BSK-2014/, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken;

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van, IenM/BSK-2014/, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken; Besluit van tot wijziging van het Besluit hernieuwbare energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met vaststelling van de jaarverplichting voor 2015 en enkele technische

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 september 2001 (07.09) (OR. fr) 11646/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0136 (COD) ENT 177 ENV 425 CODEC 485 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Bernhard ZEPTER, adjunct-secretaris-generaal

Nadere informatie

Samenvatting van de effectbeoordeling

Samenvatting van de effectbeoordeling COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.2.2007 SEC(2007) 61 WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE Begeleidend document bij de MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2863

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2863 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 19 november 2008 (20.11) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2008/0222 (COD) 15906/08 ADD 2 E ER 390 E V 847 CO SOM 188 CODEC 1585 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi

Nadere informatie

Energietechnologieën

Energietechnologieën pagina 1/6 Wetenschappelijke Feiten Bron: over IEA (2008) Energietechnologieën Scenario s tot 2050 Samenvatting en details: GreenFacts Context - Het toenemende energiegebruik dat aan de huidige economische

Nadere informatie

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD)

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 juli 2003 (14.07) (OR. en) 10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) CODEC 891 JUR 273 ENV 362 MI 157 IND 96 ENER 204 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Total Zero Antwoorden op uw vragen

Total Zero Antwoorden op uw vragen Wat is Total Zero? DPD Pakketservice heeft toegezegd om vanaf juli 2012 in zijn zes belangrijkste markten volledig CO 2 -neutraal te werken: dit nieuwe initiatief draagt de naam Total Zero. Als eerste

Nadere informatie

Duurzame mobiliteit in de stad Klimaatavond Eindhoven Klimaatavond Eindhoven

Duurzame mobiliteit in de stad Klimaatavond Eindhoven Klimaatavond Eindhoven Duurzame mobiliteit in de stad TNO Sustainable Transport & Logistics 2 Inhoud De uitdaging Veel om uit te kiezen: het palet aan mogelijke oplossingen Niet of-of maar en-en: bijdragen van heel veel oplossingen

Nadere informatie

Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap

Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap Jan Haers 2 juli 2014 Vleva en SAR-Minaraad Overzicht Energiebeleid op Europese Raad Tijdens het Griekse voorzitterschap Prioriteiten van het Italiaanse

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 juni 2010 (OR. en) 11682/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0180 (NLE) AVIATION 100 RHJ 13 RELEX 599

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 juni 2010 (OR. en) 11682/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0180 (NLE) AVIATION 100 RHJ 13 RELEX 599 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 juni 2010 (OR. en) 11682/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0180 (NLE) AVIATION 100 RHJ 13 RELEX 599 VOORSTEL van: de Europese Commissie d.d.: 28 juni 2010 Betreft:

Nadere informatie

AANGENOMEN TEKSTEN DEEL III. van de vergadering van. donderdag 23 april 2009 P6_TA-PROV(2009)04-23 VOORLOPIGE UITGAVE PE 425.402

AANGENOMEN TEKSTEN DEEL III. van de vergadering van. donderdag 23 april 2009 P6_TA-PROV(2009)04-23 VOORLOPIGE UITGAVE PE 425.402 EUROPEES PARLEMENT 2009-200 AANGENOMEN TEKSTEN DEEL III van de vergadering van donderdag 23 april 2009 P6_TA-PROV(2009)04-23 VOORLOPIGE UITGAVE PE 425.402 In verscheidenheid verenigd INHOUDSOPGAVE AANGENOMEN

Nadere informatie

O R D E O P Z AKE N. Een rechtvaardiging voor meer maatregelen op het gebied van energie-efficiëntie in woongebouwen S T L L E N

O R D E O P Z AKE N. Een rechtvaardiging voor meer maatregelen op het gebied van energie-efficiëntie in woongebouwen S T L L E N O R D E O P Z AKE N Een rechtvaardiging voor meer maatregelen op het gebied van energie-efficiëntie in woongebouwen S T L L E N E DE VERONTRUSTENDE WAARHEID De mondiale uitdaging Het is verontrustend maar

Nadere informatie

Nationale Energieverkenning 2014

Nationale Energieverkenning 2014 Nationale Energieverkenning 2014 Remko Ybema en Pieter Boot Den Haag 7 oktober 2014 www.ecn.nl Inhoud Opzet van de Nationale Energieverkenning (NEV) Omgevingsfactoren Resultaten Energieverbruik Hernieuwbare

Nadere informatie

De Belgische vervoersector in de Europese context

De Belgische vervoersector in de Europese context De Belgische vervoersector in de Europese context De Europese vervoersinfrastructuur bestaat uit een open en zeer uitgestrekt netwerk dat van fundamenteel belang is voor de goede werking van de interne

Nadere informatie

Elektrisch rijden in de praktijk

Elektrisch rijden in de praktijk We gaan elektrisch vooruit! Een impuls voor elektrisch vervoer in Rotterdam Elektrisch rijden in de praktijk Klimaatprobleem? Google earth januari 2009 Rotterdam Climate Initiative Als stad met wereldhaven

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) stimuleert Europa de regionale

Nadere informatie

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing.

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 25 april 2001 (04.05) (OR. en) 7725/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0211 (COD) LIMITE ENT 55 ENV 166 CODEC 319 RESULTAAT BESPREKINGEN van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Economie, innovatie en duurzaamheid zijn van

Economie, innovatie en duurzaamheid zijn van Inter-Steunpunten Transitieplatform Economie, innovatie en duurzaamheid zijn van belang in transport Hilde Meersman, Cathy Macharis, a Christa Sys, Eddy Van de Voorde, Thierry Vanelslander, Ann Verhetsel

Nadere informatie

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 27-06-2000 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 Gewijzigd voorstel voor een beschikking

Nadere informatie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) stimuleert Europa de regionale

Nadere informatie

Commissie interne markt en consumentenbescherming. van de Commissie interne markt en consumentenbescherming

Commissie interne markt en consumentenbescherming. van de Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie interne markt en consumentenbescherming 29.5.2012 2011/0299(COD) ONTWERPADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming aan de Commissie industrie,

Nadere informatie

Samenvatting van de studie uitgevoerd door CO 2 logic in opdracht van de MIVB

Samenvatting van de studie uitgevoerd door CO 2 logic in opdracht van de MIVB Vergelijking van de CO 2 -uitstoot per vervoermiddel in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest Samenvatting van de studie uitgevoerd door CO 2 logic in opdracht van de MIVB 100% Gerecycleerd papier Januari

Nadere informatie

Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 6855/07 SOC 78

Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 6855/07 SOC 78 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) 6855/07 SOC 78 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

Nadere informatie

C 126 E/354 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen 28.5.2002

C 126 E/354 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen 28.5.2002 C 126 E/354 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen 28.5.2002 Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de toekenning van communautaire financiële bijstand om

Nadere informatie

van de heer Hermes Sanctorum, de dames Gwenny De Vroe en Mercedes Van Volcem en de heer Filip Watteeuw

van de heer Hermes Sanctorum, de dames Gwenny De Vroe en Mercedes Van Volcem en de heer Filip Watteeuw stuk ingediend op 1138 (2010-2011) Nr. 1 16 mei 2011 (2010-2011) Voorstel van resolutie van de heer Hermes Sanctorum, de dames Gwenny De Vroe en Mercedes Van Volcem en de heer Filip Watteeuw betreffende

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2167.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2167. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 8 juli 2008 (09.07) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0141 (COD) 11555/08 ADD 2 SOC 413 CODEC 936 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur,

Nadere informatie

Hoe kan innovatie helpen?

Hoe kan innovatie helpen? Themabijeenkomst 16 december: Luchtvervuiling, en hoe houden wij Nederland mobiel? Verkeer Toenemende en invloed luchtvervuiling: van milieu-eisen op de sector hoe kan 2 Inhoud Waar komen verkeersemissies

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING VAN DE

Nadere informatie

De vragenlijst van de openbare raadpleging

De vragenlijst van de openbare raadpleging SAMENVATTING De vragenlijst van de openbare raadpleging Tussen april en juli 2015 heeft de Europese Commissie een openbare raadpleging gehouden over de vogel- en de habitatrichtlijn. Deze raadpleging maakte

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument COM(2009) 283 definitief.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument COM(2009) 283 definitief. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 6 juli 2009 (OR. en) 11738/09 SOC 424 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretaris-generaal van de Europese Commissie ingekomen:

Nadere informatie

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T DE RAAD Brussel, 13 december 2011 (OR. en) 2011/0209 (COD) PE-CO S 70/11 CODEC 2165 AGRI 804 AGRISTR 74 WETGEVI GSBESLUITE E A DERE I STRUME TE Betreft: VERORDENING

Nadere informatie

Manifest voor de Rechten van het kind

Manifest voor de Rechten van het kind Manifest voor de Rechten van het kind Kinderen vormen de helft van de bevolking in ontwikkelde landen. Ongeveer 100 miljoen kinderen leven in de Europese Unie Het leven van kinderen in de hele wereld wordt

Nadere informatie

20% of naar 30% BKG reductie

20% of naar 30% BKG reductie EU-klimaatdoelstellingen 20% of naar 30% BKG reductie Marc Van den Bosch Sr. Adviseur Voka-VEV 30 06 2010 EU klimaatpakket 2008 Doelstellingen 2020 20% BKG reductie tav 1990 20% hernieuwbare energie 20%

Nadere informatie

Luchtkwaliteit en verkeer. Huib van Essen CE Delft 8 februari 2014

Luchtkwaliteit en verkeer. Huib van Essen CE Delft 8 februari 2014 Luchtkwaliteit en verkeer Huib van Essen CE Delft 8 februari 2014 Overzicht presentatie Even voorstellen Trend in verkeersemissies: veel bereikt, nog veel te doen Oplossingsrichtingen: Schonere voertuigen,

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT ONTWERPVERSLAG. Commissie interne markt en consumentenbescherming 2008/2173(INI) 20.11.2008

EUROPEES PARLEMENT ONTWERPVERSLAG. Commissie interne markt en consumentenbescherming 2008/2173(INI) 20.11.2008 EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 2008/2173(INI) 20.11.2008 ONTWERPVERSLAG over de bescherming van de consumenten, met name minderjarigen, met betrekking tot

Nadere informatie

vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Het Cohesie Fonds Financieringsinstrumenten

vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Het Cohesie Fonds Financieringsinstrumenten vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Het Cohesie Fonds 2 medegefinancierd door het Cohesie Fonds zijn een duurzame en efficiënte manier om te investeren in het versterken van economische,

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

De rol van biomassa in de energietransitie.

De rol van biomassa in de energietransitie. De rol van biomassa in de energietransitie. Bert de Vries Plaatsvervangend directeur-generaal Energie, Telecom en Mededinging, Ministerie van Economische Zaken Inhoud 1. Energieakkoord 2. Energietransitie

Nadere informatie

Externe en infrakosten van lucht- en zeevaart. Huib van Essen, 21 november 2014

Externe en infrakosten van lucht- en zeevaart. Huib van Essen, 21 november 2014 Externe en infrakosten van lucht- en zeevaart Huib van Essen, 21 november 2014 Doel en scope van de studie Update van de studie De prijs van een reis uit 2004 Overzicht van: Externe kosten van verkeer

Nadere informatie

Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard

Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard Date : december 29, 2014 De olieprijs stortte dit jaar in elkaar als gevolg van de volatiliteit op de meeste markten en een tijdelijke onbalans tussen

Nadere informatie

Wat wil Greenpeace dat Volkswagen doet?

Wat wil Greenpeace dat Volkswagen doet? Wat wil Greenpeace dat Volkswagen doet? Volkswagen (VW) mag niet langer zijn lobbykracht gebruiken om belangrijke klimaatwetten tegen te houden. Het moet ook zijn retoriek omzetten in daden door standaard

Nadere informatie

OPENINGSTOESPAAK VAN DE MINISTER VAN HANDEL EN INDUSTRIE Z.E. DHR. DRS C. P

OPENINGSTOESPAAK VAN DE MINISTER VAN HANDEL EN INDUSTRIE Z.E. DHR. DRS C. P OPENINGSTOESPAAK VAN DE MINISTER VAN HANDEL EN INDUSTRIE Z.E. DHR. DRS C. P. MARICA BIJ DE OPENING VAN HET CONGRES DUURZAME ONTWIKKELING OP DONDERDAG 29 MEI 2008 Collega ministers, overige hoogwaardigheidsbekleders,

Nadere informatie

Visie op Windenergie en solar Update 2014

Visie op Windenergie en solar Update 2014 Visie op Windenergie en solar Update 2014 De vooruitzichten voor hernieuwbare energie zijn gunstig Succes hangt sterk af van de beschikbaarheid van subsidies Naast kansen in Nederland kan de sector profiteren

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE. van 7.4.2009

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE. van 7.4.2009 NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.4.2009 C(2009) 2560 definitief BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 7.4.2009 betreffende de kennisgeving van Nederland inzake uitstel van het tijdstip

Nadere informatie

Project Transumo A15 Van Maasvlakte naar Achterland Innovatie input TU Delft

Project Transumo A15 Van Maasvlakte naar Achterland Innovatie input TU Delft Project Transumo A15 Van Maasvlakte naar Achterland Innovatie input TU Delft Satish K. Beella, René van Someren september 2008 Inhoudsopgave Introductie 3 Schematisch overzicht transportpreventie (goederen)

Nadere informatie

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE DIRECTORAAT-GENERAAL INTERN BELEID VAN DE UNIE BELEIDSONDERSTEUNENDE AFDELING B: STRUCTUURBELEID EN COHESIE VERVOER EN TOERISME HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER

Nadere informatie

Emissiekentallen elektriciteit. Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies

Emissiekentallen elektriciteit. Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies Emissiekentallen elektriciteit Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies Notitie: Delft, januari 2015 Opgesteld door: M.B.J. (Matthijs) Otten M.R. (Maarten) Afman 2 Januari

Nadere informatie

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig flexibiliteit genoeg geraken gezondheid goed goede goedkoop grote BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT Grafische voorstelling open antwoorden andere belangrijke zaken bij verplaatsingen aankomen aansluiting

Nadere informatie