Master Management of Education

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Master Management of Education"

Transcriptie

1 Master Management of Education NQA Visitatierapport 1

2 NQA Visitatierapport 2

3 Inhoudsopgave Verantwoording van de opzet van het aanvraagrapport Master Management of Education in relatie tot het NVAO kader Inleiding Doelgroep van de opleiding Het eigen karakter van de opleiding Betrokkenheid van het beroepenveld bij de aanvraag Maatschappelijke behoeften...8 1: Doelstellingen Domeinspecifieke eisen Masterkwalificaties Oriëntatie HBO : Programma Eisen HBO Relatie tussen doelstellingen en programma Samenhang programma Studielast Instroom Duur : Personeel Eisen HBO Kwantiteit personeel Kwaliteit personeel : Voorzieninen Materiële voorzieningen Studiebegeleiding : Interne kwaliteitszorg Systematische aanpak Betrekken van opleidingscommissie, beroepenveld en alumni41 6: Conditities voor continuiteit Afstudeergarantie Investeringen en financiële voorzieningen...42 NQA Visitatierapport 3

4 NQA Visitatierapport 4

5 Verantwoording van de opzet van het aanvraagrapport Master Management of Education in relatie tot het NVAO kader. Voor u ligt het aanvraagrapport voor de NVAO accreditatie van de Master Management of Education van de Faculteit Educatie (FE) van de Hogeschool Utrecht. De Master Management of Education kent een open, samenwerkingsgestuurd opleidingsconcept. Met een open, samenwerkingsgestuurd opleidingsconcept wordt bedoeld, dat inhouden in overleg tussen de deelnemers aan de opleiding, de opleiders van de master en het werkveld individueel worden vastgesteld binnen de kaders en kwaliteitseisen, die de Master Management of Education stelt. Vanwege de nieuwe opzet van de opleiding bleek het moeilijk om, terwijl de kwaliteitscriteria van het NVAO toetsingskader op de voet werden gevolgd, een helder beeld van de beoogde opleiding neer te zetten. We hebben dit daarom gedaan in een afzonderlijke document: Beeld van de Master Management of Education. Het is de bedoeling dat dit eerst wordt gelezen alvorens deze aanvraag ter hand te nemen. In de aanvraag wordt ook regelmatig naar dit document verwezen. Vele van de bij de beoogde opleiding in te zetten concepten, methoden, procedures, werk- en toetsvormen en instrumenten worden bij bestaande opleidingen of leertrajecten binnen de Faculteit Educatie al toegepast. Voorbeelden zullen bij de site-visit ter inzage liggen. Hierdoor, en door de uitwerking op hoofdlijnen van het eerste jaar verwachten we het beeld van de opleiding Master Management of Education meer concreet te maken. NQA Visitatierapport 5

6 Zakelijke gegevens Naam opleiding Bachelor- of Masteropleiding Afstudeervarianten Opleidingsvarianten: Omvang in ECTS (Llandelijk) bestaande opleiding of nieuwe opleiding? (meer dan 40% afwijkend van bestaande opleidingen) Rijksbekostiging Master in Management of Education HBO- Masteropleiding Na de oriëntatiefase wordt gewerkt met individuele leerarrangementen Deeltijd 60 ECTS (totaal in 2 jaar) Nieuwe opleiding Wordt niet aangevraagd NQA Visitatierapport 6

7 0 Inleiding 0.1 Doelgroep van de opleiding De HBO- opleiding Master in Management of Education die wordt beoogd, krijgt een omvang van 60 ECTS en zal enkel in deeltijd worden verzorgd. Zij is bedoeld voor leidinggevenden en beleidsmedewerkers- en adviseurs in het onderwijsveld én voor degene die binnen hun organisatie uitzicht hebben op dergelijke functies. Zij hebben een initiële, respectievelijk postinitiële opleiding op het gebied van hoger educatief en/ of (ped)-agogisch onderwijs afgerond en willen hun professionele ontwikkeling verder verdiepen en verbreden in relatie met de ontwikkeling van de onderwijsinstelling waarin zij werkzaam zijn. De deelnemer aan de opleiding komt na een grondige oriëntatie op het werkveld aan het begin van de opleiding samen met zijn studiebegeleider tot een persoonlijk leerarrangement. 0.2 Het eigen karakter van de opleiding De beoogde opleiding Master in Management of Education heeft landelijk bezien om drie redenen een eigen karakter. 1. De Master Management of Education kent een open en samenwerkingsgestuurd opleidingconcept. Hiermee wordt bedoeld, dat inhouden in overleg tussen de deelnemers aan de opleiding, de opleiders van de master en het werkveld individueel worden vastgesteld binnen de kaders en kwaliteitseisen, die de Master Management of Education stelt. Uitgaande van een complexe samenleving en werkveld, die voortdurend in beweging zijn en veranderde eisen stellen, dwingt de opleiding Master Management of Education de deelnemers om zich onderzoekend op te stellen, keuzes te maken en deze te verantwoorden. De opleiding bereidt deelnemers hierop voor en staat model voor de manier waarop managers vanuit onze visie in het werkveld staan ( preach what you teach ). De basis van deze visie op leren is, dat leren pas betekenis krijgt als de lerende iets doet met nieuwe kennis. Deelnemers maken telkens de afweging waarom doe ik wat ik doe? vanuit diverse perspectieven gericht op bewustwording en het maken van bewuste keuzes en hierover verantwoording afleggen. Bij de concretisering van de opleiding is de dagelijkse werkpraktijk van de deelnemer het onderwerp van studie en onderzoek. Zo is het beroepenveld mede verantwoordelijk voor de inhoud en vormgeving van de opleiding en krijgt de samenwerking tussen de beroepspraktijk en de opleiding doorlopend gestalte. 2. De opleiding is een praktijkopleiding op maat binnen de door de opleiding aangegeven kaders van het leerlandschap waarbij consequent wordt uitgegaan van de dynamische driehoek deelnemer/ werknemer, school/ werkgever en opleiding. Het leerlandschap is een alternatief voor het modulegestuurde curriculum en geeft aan welke kwaliteiten nodig zijn om volwaardig te kunnen functioneren als Master Management of Education en hoe de deelnemer zich die kwaliteiten eigen kan maken respectievelijk welke keuzemogelijkheden het programma daartoe biedt. Samen met zijn leerteam maakt de deelnemer een keuze en motiveert waarom hij die keuze heeft gemaakt en hoe en wanneer hij daaraan gaat werken. Het model van het leerlandschap is sterk gericht op samenwerking en vraagt om het nemen van verantwoordelijkheid door de deelnemer. Deelnemers leren bovendien hoe ze zichzelf en anderen op kwaliteit kunnen beoordelen. NQA Visitatierapport 7

8 3. De opleiding legt inhoudelijk een accent op de ontwikkeling van competenties bij managers en beleidsmakers, die noodzakelijk zijn voor het aangaan, onderhouden en benutten van samenwerkingsrelaties met andere instellingen binnen het educatief-pedagogisch veld waarbinnen de school opereert. 0.3 Betrokkenheid van het beroepenveld bij de aanvraag De opleiding is ontwikkeld in nauw contact met het beroepenveld. Er vond een drietal sessies plaats met directies en beleidsmedewerkers van belangrijke educatieve instellingen in de regio. Hieruit bleek waardering voor de hierboven genoemde bijzondere kenmerken van de opleiding Master in Management of Education. Met het werkveld werd onder andere overlegd over doelgroep en instroomeisen van de opleiding, de nadere invulling van het opleidingsconcept en de te behalen eindkwalificaties op masterniveau. Dit heeft geresulteerd in een aantal ingrijpende aanpassingen binnen de oorspronkelijke opzet. Het werkveld is, zoals blijkt uit adhesieverklaringen (zie bijlage) sterk geïnteresseerd in de opleiding Master Management of Education en bereid tot verdere samenwerking bij ontwikkeling en uitvoering van de opleiding. Het ziet hierin een aantrekkelijke mogelijkheid om zittend personeel met leidinggevende en/ of beleidsmatige taken of een duidelijke aanleg daartoe binnen het kader en de vereisten van de masteropleiding verder te professionaliseren in overeenstemming met de specifieke behoeften van de eigen educatieve instelling. Het gaf aan in principe bereid te zijn om dergelijke professionaliseringstrajecten voor medewerkers (althans mede) te bekostigen en ook anderszins te faciliteren. Niet alleen zijn vertegenwoordigers uit directie, management en bestuur actief betrokken geweest bij de vormgeving en opzet van de opleiding, ook bij de verdere ontwikkeling en uitvoering van de opleiding vervullen zij een actieve rol. 0.4 Maatschappelijke behoeften 1 In het werkveld wordt de integrale zorg voor kinderen en leerlingen in toenemende mate een gezamenlijke verantwoordelijkheid van onderwijs, jeugdzorg en gezondheidszorg. De onderwijsmanager is medeverantwoordelijk voor deze integrale zorg van de kinderen en leerlingen van de eigen onderwijsinstelling. Zorg en aandacht van kinderen en leerlingen houdt dus niet op bij de voordeur van de onderwijsinstelling. Dit vraagt van de onderwijsmanagers en leidinggevenden van de onderwijsinstellingen een visie en manier van werken, die deze maatschappelijke opdracht waar kan maken. De opleiding Master Management of Education is vanwege deze bredere, integrale benadering van educatie- en opvoedingsvraagstukken complementair aan de masteropleiding Pedagogiek, die Faculteit Educatie al verzorgt. Beiden zijn er op gericht om in het belang van het kind/ de jongere door het aangaan van samenwerkingsrelaties een verbinding tot stand te brengen tussen de verschillende opvoedingsmilieus. Het opleidingsconcept van de Master in Management of Education vertoont ook veel overeenkomsten met dat van de master pedagiek en is in dat kader al uitgetest. De vraag naar hoger kader (in zijn diverse varianten) zal toenemen. Dit komt door de uitstroom uit het beroep (met name vanaf 2006, vooral binnen het basisonderwijs); de vervangingsvraag is dus aanzienlijk. Maar dit komt ook door toename in de complexiteit van de taken van het hogere kader en de fusiegolf in het onderwijs. De maatschappelijk grotere vraag naar (brede) scholen betekent ook een grotere vraag naar directeuren en managers daarvan. 1 Zie hiervoor ook Beeld van de opleiding hoofdstuk 3 NQA Visitatierapport 8

9 Vooral in de regio Utrecht is er sprake van een toenemend tekort aan managers in het basisonderwijs. Scholen stimuleren veelal geschikte medewerkers om een professionaliseringstraject richting management te volgen. De Faculteit Educatie kan hier door haar grote netwerk met scholen op inspelen. Uit het intensieve overleg met het werkveld blijkt dat grote werkgevers in het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs geïnteresseerd zijn in de professionalisering van meerdere werknemers, min of meer in company, binnen de opleiding Master Management of Education. Nadrukkelijk zij erop gewezen dat de opleiding daarnaast gericht is op het verder professionaliseren van al functionerende directeuren, managers en beleidsmedewerkers. Juist omdat het nieuwe type directeur of manager dat wij opleiden competent is om op nieuwe maatschappelijke en educatieve ontwikkelingen in te spelen, mag worden verwacht dat deze een sterke concurrentiepositie krijgt op de arbeidsmarkt. Vanwege het nieuwe karakter van de opleiding dat past bij de nieuwste maatschappelijke ontwikkelingen verwachten we instroom vanuit het gehele land. We stellen ons voor om te starten met een pilot voor een groep van circa 16 deelnemers. Verwacht mag worden dat hierna elk jaar met een groep van minimaal 24 deelnemers kan worden gestart. NQA Visitatierapport 9

10 1: Doelstellingen 1.1 Domeinspecifieke eisen De beoogde eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij de eisen die door (buitenlandse) vakgenoten en de beroepspraktijk gesteld worden aan een opleiding in het desbetreffende domein (vakgebied/ discipline en/ of beroepspraktijk). Geen landelijk beroepsprofiel Er is geen landelijk vastgesteld beroepsbeeld van de HBO Master Management of Education. Bij het opstellen van de eindkwalificaties van de Utrechtse opleiding en het ontwerp van het Utrechtse beroepsprofiel is enerzijds gekeken naar de eindkwalificaties van bestaande managementopleidingen voor de educatieve sector 2 en naar de competenties in de Wet BIO voor onderwijspersoneel. Anderzijds is uitgegaan van de eisen die de beroepspraktijk stelt aan bepaalde managementfuncties waarvoor de Master Management of Education wil opleiden (zie hfdts 0.1) Deze eisen zijn geïnventariseerd door gesprekken met bestuurders en directies van (samenwerkingsverbanden van) (brede) scholen en door deskresearch naar - wervingsadvertenties voor deze functies - op basis van wervingsadvertenties opgevraagde informatiepakketten en profielschetsen - rapporten van het ministerie van OC&W, o.a. met betrekking tot de regiefunctie van de school op het gebied van opvoeding op locaal niveau. De beroepsbekwaamheden zoals die naar voren zijn gekomen uit deze deskresearch en uit deze gesprekken zijn doorvertaald naar het profiel en de te ontwikkelen kwaliteiten van de Master Management of Education. Profiel van de Utrechtse Master Management of Education Zowel de beroepstaken als de eisen waaraan de taakuitvoering moet voldoen zijn aan verandering onderhevig (zie beeld van de opleiding, hfdst. 3). Wat vandaag geldt, kan morgen al niet meer voldoen, verouderd zijn. De kennis van vandaag is weliswaar de basis maar kan tekortschieten om een oplossing te vinden voor de vraagstukken en problemen van morgen. We leven immers in een kennisintensieve economie. En daarin gaat het steeds meer om het vermogen om te (blijven) leren, zodat mensen in staat zijn om initiatieven te nemen voor vernieuwingen en nieuwe omstandigheden kunnen creëren en dit weten uit te bouwen en te integreren in hun eigen leef- en werksituatie. - 2 competentieprofielen van NSA (Nederlandse Schoolleiders Academie) en VVO (Vereniging voor Voortgezet Onderwijs) voor onder meer directeuren brede school, interim-managers, schoolleiders voortgezet onderwijs, directeuren REC s NQA Visitatierapport 10

11 De afgestudeerden van de Master Management of Education moeten dus maximaal voorbereid zijn op een beroep(-somgeving) waarvan de contouren, maar niet de specifieke invulling bekend zijn. Sterker nog: zij zijn zelf actor en geven mede invulling aan die steeds veranderende beroep(-somgeving). Dit vraagt van deelnemers aan de opleiding dat zij hun vakkundig cognitieve kwaliteiten ontwikkelen en met name in staat zijn tot zelfstandig praktijkgericht onderzoek. Tegelijkertijd gaat het bij deze Masters om mensen die zelfverantwoordelijk zijn; die kunnen samenwerken; die inspirerend zijn; die herkenbaar zijn binnen en buiten de school; die sturing kunnen geven; die over de kwaliteiten beschikken om zichzelf en de school als lerende organisatie verder te ontwikkelen alsmede het lerend netwerk waar de school deel van uitmaakt. De Master Management of Education is in staat en bereid om met respect voor de eigenheid van elke organisatie de dienstverlening bij onderwijs en opvoeding ten opzichte van kinderen, ouders/verzorgers en maatschappij te optimaliseren door een externe oriëntatie, door strategische samenwerkingsrelaties tussen organisaties in onder meer educatie, zorg en welzijn te initiëren, tot stand te brengen, in stand te houden en te verbeteren. Gelijktijdig is deze Master Management of Education in staat en bereid om de integrale vertaalslag van de externe oriëntatie en samenwerkingsrelaties te maken naar de eigen schoolorganisatie, om veranderingen, vernieuwingen en verbeteringen te implementeren en daarover maatschappelijke- verantwoording af te leggen. Kwalificaties Het beschreven profiel heeft vergaande consequenties voor de opleiding. Het gaat immers niet alleen om het ontwikkelen van vakkundige cognitieve kwaliteiten en onderzoeksvaardigheden, maar ook om het ontwikkelen van sturende, creatieve, sociaal-communicatieve en leidinggevende kwaliteiten die geïntegreerd en effectief kunnen worden ingezet in steeds wisselende beroepssituaties. Bij de inrichting van de opleiding Master Management of Education worden de uitgangspunten en de visie op leren van Levend Leren (zie beeld van de opleiding, hfdst. 5) gehanteerd. Een vijftal groepen leef- en werkkwaliteiten liggen aan de basis van de masteropleiding Management of Education. Leef- en werkkwaliteiten zijn persoonlijke en professionele kwaliteiten die mensen kunnen ontwikkelen om als beroepsbeoefenaar (in opleiding) een adequate contextspecifieke performance te tonen. Met adequate, contextspecifieke performance wordt daarbij een competente, professionele en/ of excellente manier van handelen binnen de beroepscontext bedoeld. De leef- en werkkwaliteiten zijn voor de masteropleiding Management of Education geconcretiseerd in eindkwalificaties. Het profiel en de eindkwalificaties zijn in een aantal sessies besproken met een klankbordgroep, bestaande uit 14 vertegenwoordigers (bestuurders, directeuren en managers) van diverse sectoren binnen het beroepenveld. Dit heeft geleid tot aanpassingen in het oorspronkelijk opgestelde profiel en de te ontwikkelen kwaliteiten. Uit adhesieverklaringen (zie bijlage) blijkt dat de aanbevelingen vanuit deze klankbordgroep in voldoende mate herkenbaar zijn opgenomen in deze aanvraag. NQA Visitatierapport 11

12 1.2 Masterkwalificaties De beoogde eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij algemene, internationaal geaccepteerde beschrijvingen van de kwalificaties van een Master. Om het HBO-masterniveau te garanderen is bij de doorvertaling van de leef- en werkkwaliteiten in (eind)kwalificaties van de Master Management of Education rekening gehouden met de kwalificaties Master zoals deze geformuleerd zijn in de Dublin Descriptoren. Door deze matrix is inzichtelijk gemaakt waar en hoe met het bereiken van de eindkwalificaties van de opleiding tegelijkertijd de kwalificaties Master worden gehaald. De eindkwalificaties zijn te vinden in beeld van de opleiding, hfdst 6, waarnaar hieronder wordt verwezen. Dublin descriptor Kwalificaties 1. Kennis en inzicht (Dublin De abituriënt heeft in vergelijking met de descriptor 1) bachelor zijn kennis verbreed met relevante Heeft aantoonbare kennis en inzicht, wetenschappelijke kennis op het gebied van gebaseerd op de kennis en het inzicht management en organisatie, op educatiefpedagogisch gebied en op aanpalende op het niveau van de Bachelor en die deze overtreffen en/of verdiepen, terreinen (Groep I, 1 t/m 3). Hij heeft zijn alsmede een basis of een kans bieden kennis en inzicht verdiept door het verrichten om een originele bijdrage te leveren van onderzoek op deze gebieden en is in aan het ontwikkelen en/of toepassen staat kennis en inzichten van deze gebieden van ideeën, vaak in met elkaar in verband te brengen (Groep II, 4 onderzoeksverband. en 5). De abituriënt is in staat een originele en verantwoorde bijdrage te leveren aan het ontwikkelen en/of toepassen van ideën op basis van eigen onderzoek (Groep II, 3 e 7) en is hierop vanuit een innovatieve attitude (Groep V) gespitst. Aan deze Dublin desriptor wordt voldaan. 2. Toepassen van kennis en inzicht (Dublin descriptor 2) Is in staat om kennis en inzicht en probleemoplossende vermogens toe te passen in nieuwe of onbekende omstandigheden binnen een bredere ( of multidisciplinaire) context die gerelateerd is aan het vakgebied; is in staat om kennis te integreren en om met complexe materie om te gaan. 3. Oordeelsvorming (Dublin descriptor 3) Is in staat om oordelen te formuleren op grond van onvolledige of beperkte informatie en daarbij rekening te houden met sociaal-maatschappelijke en ethische verantwoordelijkheden, die zijn verbonden aan het toepassen van de eigen kennis en oordelen. De abituriënt voldoet aan de vereisten van deze Dublindescriptor door het behalen van de eindkwalificaties van Groep II. Door zijn creatieve kwaliteiten (Groep V) is hij ook in staat en erop gespitst om kennis en inzicht toe te passen in nieuwe en onbekende omstandigheden. Aan deze Dublin descriptor wordt voldaan. De abituriënt is in staat tot besluitvorming op basis van een beargumenteerd oordeel (Groep I, 5,8 en 9), ook in een complexe situatie. Hij is in staat tot systematische afweging (Groep II, 1) en kan bij onvolledige of beperkte informatie een praktijkprobleem methodisch onderzoeken om tot een beargumenteerd oordeel te komen (Groep 2). Bij zijn oordeelsvorming betrekt hij, waar relevant, ethische en morele overwegingen (Groep I, 6 en 12) en is hij bereid en in staat om normen en waarden NQA Visitatierapport 12

13 4. Communicatie (Dublin descriptor 4) Is in staat om conclusies, alsmede de kennis, motieven en overwegingen die hieraan ten grondslag liggen, duidelijk en ondubbelzinnig over te brengen op een publiek van specialisten of niet-specialisten 5. Leervaardigheden (Dublin descriptor 5) Bezit de leervaardigheden die hem of haar in staat stellen een vervolgstudie aan te gaan met een grotendeels zelfgestuurd of autonoom karakter. waarop hij zich baseert te expliciteren en ter discussie te stellen (Groep II, 10). Aan deze Dublin descriptor wordt voldaan. De abituriënt heeft zeer goede sociaalcommunicatieve vaardigheden ontwikkeld om leiding te kunnen geven aan een complexe organisatie (Groep III, 3 en 4; Groep IV, 1 t/m 4). Die vaardigheden zijn deels ook van meer receptieve aard (goed kunnen luisteren en zich goed kunnen inleven in anderen). De actieve communicatieve vaardigheden, waar de Dublin descriptor expliciet om vraagt, worden met name door de eindkwalificaties Groep IV, 5,6 en 8 en Groep V, 7 bereikt. Aan deze dublindescriptor wordt voldaan. De abituriënt heeft ruim voldoende onderzoekende en lerende kwaliteiten ontwikkeld (Groep II, met name 3,4,5 en 9). Hij is in staat tot kritische reflectie met betrekking tot eigen leerbehoeften (Groep III, 5) en staat open en zoekt actief naar nieuwe inzichten (Groep V, 1 en 2). Aan deze Dublin descriptor wordt voldaan. NQA Visitatierapport 13

14 1.3 Oriëntatie HBO De beoogde eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij de volgende beschrijving van een Master in HBO. De beoogde eindkwalificaties zijn mede ontleend aan de door (of in samenspraak met) het relevante beroepenveld opgestelde beroepsprofielen en/ of beroepscompetenties. Een HBO-master heeft de kwalificaties voor het niveau van zelfstandig en/ of leidinggevend beroepsbeoefenaar in een beroep of spectrum van beroepen, dan wel het niveau van het functioneren in een multidisciplinaire omgeving waarvoor een HBOopleiding vereist is of dienstig is. Uit paragraaf 0.3 en 1.2 de bovenstaande paragrafen blijkt, dat wordt voldaan aan de hierboven gestelde eis, dat de beoogde eindkwalificaties zijn mede ontleend aan de door (of in samenspraak met) het relevante beroepenveld opgestelde beroepsprofielen en/ of beroepscompetenties. De Master in Management of Education wordt onder meer opgeleid voor, of verder geprofessionaliseerd in de volgende functies: Management/ directie brede school Bovenschools(e) management/ directie Management/ directie primair en voortgezet onderwijs Management/ directie Regionale OpleidingsCentra Management/ directie Regionale Expertise Centra 1 t/m 4 Management/ directie onderwijsafdeling justitiële inrichtingen Management/ directie bij een (andere) educatieve of (ped-)agogische instelling (Senior) beleidsmedewerkers onderwijs bij grote (samenwerkingsverbanden van) scholen (Senior) beleidsmedewerker onderwijs bij overheid of gemeenten (Senior) adviseur educatie Bestuursfunctie in een onderwijsorganisatie met als aandachtsgebied educatie en externe relaties De HBO-master Management of Education beschikt duidelijk over de kwalificaties voor een zelfstandig en leidinggevend beroepsbeoefenaar. Dat blijkt uit de eindkwalificaties, met name die van Groep III. Hij is ook duidelijk voorbereid op het functioneren in een bredere maatschappelijke en multidisciplinaire omgeving. Dit blijkt o.a. uit de eindkwalificaties Groep I, 2 en 4; Groep II, 2 t/m4; Groep IV, 3 en 4; Groep V, 7. NQA Visitatierapport 14

15 2: Programma Vanwege het bijzondere concept van deze opleiding, wordt de lezer aangeraden om voor het lezen van dit hoofdstuk de aparte brochure over de opleiding Master Management of Education te lezen teneinde een overzicht te verkrijgen van deze opleiding. 2.1 Eisen HBO Kennisontwikkeling door studenten vindt plaats via vakliteratuur, aan de beroepspraktijk ontleend studiemateriaal en via interactie met de beroepspraktijk en of (toegepast) onderzoek. Het programma heeft aantoonbare verbanden met actuele ontwikkelingen in het vakgebied/de discipline. Het programma waarborgt de ontwikkeling van beroepsvaardigheden en heeft aantoonbare verbanden met de actuele beroepspraktijk. Bij alle onderdelen van het leerlandschap is er sprake van vakgerichte theoretische en praktische verdieping. Hiertoe wordt gebruik gemaakt van actuele vakliteratuur en aan de beroepspraktijk ontleend sudiemateriaal. Voorbeelden hiervan liggen bij de site-visit ter inzage. De werkplaatsbijeenkomsten ondersteunen de inhoudelijke en persoonlijke professionalisering. Nu eens informeren zij de deelnemers over de nieuwste inzichten in het vakgebied/ werkveld, de frontiers of knowledge, dan weer stellen zij controversiële thema s binnen het vakgebied/ werkveld aan de orde of bieden zij andere perspectieven aan om tegen het vakgebied/ werkveld aan te kijken. In feite fungeren werkplaatsbijeenkomsten als professioneel klankbord; als impulsen naar de deelnemers aan de opleiding. De perspectieven zijn gericht op de beroepspraktijk. Probleemstellingen zijn gerelateerd aan en afkomstig uit de eigen beroepssituatie van de deelnemer. Deze probleemstellingen moeten de deelnemer aanzetten tot het exploreren van het - brede - werkveld. De deelnemer zoekt actief naar oplossingen vanuit een integrale benadering. De deelnemers geven invulling aan de perspectieven en ontwikkelingen door continue interactie met het werkveld. Het leren vindt voor een belangrijk deel plaats tijdens het vinden van oplossingen en de uitvoering van het werk. De deelnemer leert door uitproberen en doen, door het formuleren van advies of door het verbeteren van wezenlijke aspecten in de werksituatie. Problemen en situaties worden door hem of onder zijn regie geanalyseerd; acties worden door hem of onder zijn regie uitgevoerd en geëvalueerd. Tijdens de uitvoering van het werk stuurt de deelnemer het eigen handelen voortdurend bij op basis van theoretische verdieping en reflecties op effecten en procesgang. Vrijwel al het studiemateriaal is dus aan de beroepspraktijk ontleend. Bij alle perspectieven verrichten de deelnemers onderzoek. De deelnemers formuleren op basis van een praktijkgerichte probleemstelling en informatiebehoefte een onderzoeksopzet. Ze verzamelen, analyseren en interpreteren gegevens en doen verslag van de onderzoeksresultaten, waarbij ze aangeven welke betekenis de resultaten hebben voor het praktijkgerichte probleem. Wetenschappelijke inzichten worden vertaald naar de praktijk en de praktijk geeft terugkoppeling naar de wetenschap. Om de deelnemers bij hun praktijkgericht onderzoek te ondersteunen, worden er een aantal werkplaatsbijeenkomsten belegd, waarin opzet en theorie, methoden en technieken NQA Visitatierapport 15

16 van onderzoek aan de orde komen, in het begin van de opleiding, tijdens oriëntatie op het werkveld. De handleiding voor praktijkgericht onderzoek binnen de opleiding ligt bij de site-visit ter inzage. Een internationale oriëntatie wordt geacht onderdeel uit te maken van elk perspectief. Maar om deelnemers te focussen op de wijdere omgeving waarin zij professioneel opereren, is als apart onderdeel in het leerlandschap een internationale studiereis opgenomen. De deelnemers zijn zelf betrokken bij de keuze en opzet van de studiereis/ uitwisseling. Internationale kennis- en ervaringsuitwisseling staat centraal. Met collegae in het buitenland bekijken en beoordelen deelnemers internationale ontwikkelingen in het vakgebied en zij proberen deze te vertalen naar de Nederlandse situatie. Daarnaast bekijken en beoordelen zij ontwikkelingen in het Nederlandse werkveld naar hun waarde voor het buitenland. 2.2 Relatie tussen doelstellingen en programma Het beoogde programma, het didactisch concept, de werkvormen en de wijze van toetsing weerspiegelen de te bereiken eindkwalificaties van de opleiding. De te bereiken eindkwalificaties zijn aantoonbaar vertaald in leerdoelen van (onderdelen van) het beoogde programma. Binnen elk van de onderdelen van het leerlandschap is het in principe mogelijk te werken aan alle leef- en werkkwaliteiten (competenties) en eindkwalificaties. De deelnemer maakt telkens keuzes welke kwaliteiten en kwalificaties hij gaat ontwikkelen binnen welk onderdeel in overleg met werkveld, opleiding en mededeelnemers, met dien verstande dat aan het eind van de opleiding alle kwaliteiten en kwalificaties zijn ontwikkeld. Om de keus voor de deelnemer aan de opleiding te vergemakkelijken, zal bij elk onderdeel worden aangegeven welke kwaliteiten en kwalificaties in het bijzonder aansluiten. Leerlandschap en eindkwalificaties Inhoudelijke professionaliseert de deelnemer zich binnen de onderdelen van het leerlandschap, met name in de vijf perspectieven. Elke perspectief bekijkt het werkterrein, de veranderende taakstelling en het profiel van een Master in Management of Education vanuit een andere invalshoek. Gezamenlijk bieden de perspectieven de mogelijkheid om het totale werkterrein te overzien en in kaart te brengen. Met nadruk zij gewezen op het feit dat deze vijf perspectieven wel van elkaar te onderscheiden, maar niet van elkaar te scheiden zijn. Elk onderdeel van het leerlandschap/perspectief biedt het kader waarbinnen de deelnemer in principe kan werken aan de ontwikkeling van alle leef- en werkkwaliteiten. De deelnemer bepaalt per onderdeel welke accenten hij aanbrengt ten aanzien van de ontwikkeling van leef- en werkkwaliteiten voor het behalen van de eindkwalificaties. Om duidelijk te maken dat het leerlandschap van de opleiding voldoende mogelijkheden biedt om te werken aan de eindkwalificaties en deze te behalen, is hieronder bij de beschrijving van de onderdelen aangegeven, welk onderdeel zich in het bijzonder leent om aan specifieke kwalificaties te werken. De volgende onderdelen/perspectieven worden in het leerlandschap onderscheiden: NQA Visitatierapport 16

17 Perspectief 1: maatschappij en educatie Het gaat in dit perspectief om impliciete en expliciete visies op maatschappij en educatie. Naast de eigen visie van de organisatie zijn ook de visies van de verschillende groeperingen die belang hebben bij de organisatie belangrijk. Wat betekent de - vaak impliciete - visie voor de gebruikte concepten en beslissingen?; hoe ga je als manager om met verschillen?; wat betekenen verschillen voor de samenwerking intern en met anderen? De deelnemer onderzoekt binnen dit perspectief verschillende invalshoeken bij visieontwikkeling en ontwikkeling van beleid op het gebied van maatschappij en educatie en laat zien dat hij rekening houdt met actuele en te voorziene (internationale) ontwikkelingen op maatschappelijk, met name pedagogisch en onderwijskundig, gebied en met nieuwe inzichten op het gebied van management en beleidsvoering. Gaandeweg ontwikkelt hij in interactie met het brede werkveld zijn eigen visie op onderwijs en opvoeding, welke hij op allerlei manieren verwoordt, presenteert, en uitdraagt, vertaalt naar concrete acties en implementeert, rekening houdend met de spankracht en mogelijkheden van de eigen organisatie en met het externe krachtenveld. Bij dit perspectief kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep I, 4) Ontwikkelt samen met het educatieve werkveld visie op de belangrijkste aspecten binnen het werkveld en kan aangeven waarin zijn visie verschilt van die van anderen. - (Groep III, 1) Ontwikkelt een gemeenschappelijke visie en een gemeenschappelijke cultuur binnen de eigen organisatie. - (Groep V, 2) Zoekt ook buiten het directe werkveld naar bruikbare concepten en ideeën. - (Groep V, 7) Neemt actief deel aan de (internationale) discussie over educatieve, pedagogische en andere vraagstukken op het gebied van de beroepsuitoefening. Perspectief 2: strategische samenwerking In dit perspectief gaat het om allerlei aspecten die verbonden zijn aan het samenwerken in formele en informele netwerken zoals: wenselijkheid en oogmerken van samenwerken; (beoogde) partners; terreinen en vormen van samenwerking; (on-)mogelijkheden van samenwerking; samenwerkingsrelaties aangaan. De deelnemer onderzoekt binnen dit perspectief de educatief-pedagogische infrastructuur waarbinnen zijn organisatie opereert en laat zien dat hij, rekening houdend met actuele en te voorziene ontwikkelingen, een (gezamenlijke) visie ontwikkelt op strategische samenwerking met partners binnen en buiten het educatieve veld. Deze visie draagt hij op allerlei wijzen uit. Hij gaat (structurele) samenwerkingsrelaties aan met organisaties in onder meer educatie, zorg en welzijn, onderhoudt en verbetert ze. De samenwerking leidt tot een verantwoorde (in-)directe bijdrage aan de preventie of oplossing van actuele opvoedingsproblemen in een brede maatschappelijke context en aan de vernieuwing/ verbetering van de pedagogische dienstverlening/ infrastructuur. Hij brengt verbindingen tot stand tussen mensen en organisaties en sociale netwerken en benut en ontwikkelt deze en bestaande verbindingen. NQA Visitatierapport 17

18 Bij dit perspectief kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep III, 2) Speelt een leidende of coördinerende rol bij de totstanskoming en/of uitvoering van beleid op het niveau van de eigen organisatie en op het niveau van een samenwerkingsverband en bij onderzoeksprojecten. - (Groep IV, 3) Gaat bij zijn taakvervulling op verantwoorde en effectieve wijze relaties aan, onderhoudt deze met individuen, binnen groepen en/of grotere sociale verbanden. - (Groep IV,7) Maakt deel uit van formele en informele netwerken om de organisatie naar buiten toe te vertegenwoordigen. Perspectief 3: verantwoording en toezicht De manager legt verantwoording af aan de verschillende stakeholders. Welke ruimte krijgt de manager hierin van de verschillende stakeholders en hoe wordt daaraan invulling gegeven? Interne en externe verslaglegging en monitoring systemen zijn instrumenten hiervoor. Ethische, financiële, juridische en maatschappelijke thema s maken onderdeel uit van dit perspectief. De deelnemer onderzoekt binnen dit perspectief de eigen en de gemeenschappelijke verantwoordelijkheden van de verschillende actoren binnen de verschillende opvoedingsmilieus gezin, school en het 3 e milieu- voor de maatschappelijke opvoeding en ontwikkeling van kinderen/ jongeren en benoemt de wenselijkheid en noodzaak tot samenwerking en onderlinge afstemming. Hij definieert de eigen taken en verantwoordelijkheden en handelt daarnaar. Hij legt (maatschappelijk) verantwoording af aan de verschillende stakeholders. Hij spreekt anderen aan op hun verantwoordelijkheid. Bij dit perspectief kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep I, 6) Handelt maatschappelijk verantwoord, doelgericht en planmatig. - (Groep I, 12) Betrekt ethische en morele overwegingen bij keuzes en besluiten. - (Groep IV, 5) Brengt adviezen, opvattingen en beslissingen, alsmede de kennis,motieven enoverwegingen die hieraan tengrondslag liggen, duidelijk en ondubbelzinnig over bij diverse doelgroepen, met name belanghebbenden bij de organisatie. Perspectief 4: verandering, vernieuwing en verbetering Verandering, vernieuwing en verbetering zijn continue processen. Stilstand wordt ervaren als achteruitgang. Hoe zorg je ervoor dat de organisatie en de mensen die er werkzaam zijn, in beweging blijven? Een goede doorvertaling van de gekozen samenwerking naar de interne organisatie(-s) is basis voor het succes van de samenwerking. hoe vindt de goede doorvertaling plaats, niet alleen planmatig, maar ook op het niveau van personeel en organisatie. De deelnemer onderzoekt binnen dit perspectief de mogelijkheden om te komen tot structurele verbetering van het functioneren van zijn organisatie binnen de pedagogische infrastructuur. Hij stimuleert medewerkers en andere actoren buiten zijn organisatie om structureel een bijdrage te leveren aan verbeteringen en mogelijkheden om te zetten in concrete plannen, die vervolgens worden uitgevoerd. De deelnemer ontwikkelt de organisatie als lerende organisatie verder en zet een lerend netwerk op waar de organisatie deel van uitmaakt. Hij moedigt initiatief en experiment aan en faciliteert dat. NQA Visitatierapport 18

19 Bij dit perspectief kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep I, 7) Vertaalt beleid en visie naar plannen en acties. - (Groep III,3) Bindt en boeit mensen en organisaties en stimuleert gemeenschappelijke verantwoording. - (Groep III, 6) Zet sturen, begeleiden en coachen effectief en in een goede mix in. - (Groep IV, 4) Houdt bij zijn activiteiten rekening met de aanwezige motivatie, mogelijkheden, activiteiten en inzichten van actoren binnen zijn eigen organisatie en die van organisaties waarmee hij samenwerkt. - (Groep V, 1) Komt met nieuwe concepten en ideeën en implementeert deze. - (Groep V, 4) Ontwikkelt de organisatie als lerende organisatie. - (Groep V, 5) Moedigt initiatief en experiment aan. Perspectief 5: resources: keuze en inzet Hoe zijn visie en strategie te vertalen naar in te zetten resources? Inzet van resources als personeel, financiën, huisvesting, leermiddelen, ICT, overige materiële voorzieningen betekent veel verschillende keuzes; welke zijn dat en op grond van welke motieven en drijfveren zijn deze keuzes gemaakt/ te maken. Op welke wijze worden de resources ingezet? Hoe ga je om met integraal personeelsbeleid, lumpsumfinanciering? De deelnemer onderzoekt binnen dit perspectief hoe resources effectief en efficiënt binnen de (wettelijke) kaders kunnen worden ingezet. Hij ontwikkelt gaandeweg zijn visie op de inzet van resources, draagt deze visie uit en richt op grond van zijn visie de organisatie in. Hij betrekt daarbij allerlei actoren binnen en buiten de organisatie. Bij dit perspectief kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep V, 7) Koppelt de inzet van resources (personnel, financiën, huisvesting, leermiddelen en overige voorzieningen) aan visie en beleid, verantwoordt ze en zet ze effectief in. Internationale studiereis Internationale kennis- en ervaringsuitwisseling staat centraal. Met collegae in het buitenland bekijken en beoordelen deelnemers internationale ontwikkelingen in het vakgebied en zij proberen deze te vertalen naar de Nederlandse situatie. Daarnaast bekijken en beoordelen zij ontwikkelingen in het Nederlandse werkveld naar hun waarde voor het buitenland. Bij dit onderdeel kan met name worden gewerkt aan de volgende kwaliteiten: - (Groep IV, 6) Neemt in woord, geschrift en handelen actief deel aan de (internationale) discussie over educatieve, pedagogische en andere vraagstukken op het gebied van de beroepsuitoefening. Praktijkgericht onderzoek In elk perspectief vindt onderzoek plaats. Eén van de perspectiefonderzoeken krijgt echter de vorm van een groter praktijkgericht onderzoek (9 ECTS). De deelnemer maakt kennis met allerlei aspecten rondom het opzetten, uitvoeren, analyseren en rapporteren van onderzoek en hij verricht zelfstandig en in teamverband praktijkgericht onderzoek vanuit een multidisciplinair perspectief waarbij hij op verantwoorde wijze gebruik maakt van resultaten van wetenschappelijk onderzoek en methoden en technieken. Bij dit afstudeeronderzoek worden alle fasen van NQA Visitatierapport 19

20 onderzoek achtereenvolgens doorlopen. Het met gebruikmaking van de resultaten van wetenschappelijk onderzoek ontwikkelen van een oplossingsstrategie voor een praktijkprobleem, de implementatie hiervan, resultaatmeting (evaluatie) en zonodig bijstelling van de gekozen strategie. De aanpak en resultaten van het onderzoek presenteert de deelnemer in het onderdeel van het leerlandschap integratie. Bij Praktijkgericht Onderzoek kan, naast aan de conceptuele kwaliteiten, met name worden gewerkt aan de onderzoekende en lerende kwaliteiten (Groep II) - (Groep II, 1) Onderzoekt en beoordeelt systematisch complexe situaties en vraagstukken en kan uiteenlopende oplossingsstrategieën verkennen, - (GroepII, 2) Beziet praktijkproblemen vanuit een holistisch perspectief en pakt deze integraal aan vanuit een interdisciplinaire benadering. - (Groep II, 3) Verricht zelfstandig en in teamverband praktijkgericht en/of toepassingsgericht onderzoek vanuit een multidisciplinair perspectief. - (Groep II, 4) Maakt bij het verrichten van praktijkonderzoek en/of toegepast onderzoek op verantwoorde wijze gebruik van gangbare methoden en technieken enmaakt op verantwoorde wijze gebruik van relevante resultaten van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van management en organisatie, op educatief, pedagogisch gebied en aanpalende terreinen. - (Groep II, 5) Heeft een constructief kritische instelling ten aanzien van theorievorming, gebruikte oplossingsmethoden en geboekte resultaten op het terrein van management in de brede educatieve sector en kan de relevantie daarvan beoordelen bij het uitvoeren van werkzaamheden en het initiëren van praktijkgericht onderzoek. - (Groep II, 6) Is zich bij het werken aan een onderzoekstaak bewust van de grenzen van zijn eigen competentie en schakelt zo nodig de expertise van derden in. - (Groep II, 7) Beargumenteert en verantwoordt de uitkomsten van zijn onderzoek. - (Groep II, 8) Voert open discussies en voert kritische evaluaties uit met betrekking tot de (mogelijke) effecten van zijn onderzoek in de praktijk. Integratie Het laatste onderdeel binnen de opleiding is integratie. In dit onderdeel tonen deelnemers door middel van een masterportfolio en door presentatie van het door hem verrichte praktijkgericht onderzoek aan, dat de persoonlijke professionalisering door de ontwikkeling van leef- en werkkwaliteiten heeft plaatsgevonden en dat hij deze leef- en werkkwaliteiten integraal kan toepassen in praktijksituaties. Bij Integratie maakt de deelnemer middels zijn masterportfolio duidelijk, dat hij naast over de eerder genoemde kwaliteiten, beschikt over de volgende algemene, dus hierboven niet bij een specifiek onderdeel van het leerlandschap genoemde kwaliteiten waaraan hij gedurende de opleiding heeft gewerkt bij één of meer onderdelen: - (Groep I, 1) Maakt gebruik van actuele kennis op het gebied van organisatie, educatie, leiderschap en communicatie. - (Groep I, 2) Wordt door collegae, medewerkers en het ruimere werkveld gezien als ter zake kundig manager. - (Groep I, 5) Neemt weloverwogen en beargumenteerde besluiten. - (Groep I, 8) Legt meningen, visies en standpunten naast elkaar en komt tot een eigen weloverwogen beargumenteerd oordeel. NQA Visitatierapport 20

Competentie- en indicatorenoverzicht Masteropleiding Leren en Innoveren Hogeschool Rotterdam IVL/Kenniskring Versterking Beroepsonderwijs

Competentie- en indicatorenoverzicht Masteropleiding Leren en Innoveren Hogeschool Rotterdam IVL/Kenniskring Versterking Beroepsonderwijs Competentie- en indicatorenoverzicht Masteropleiding Leren en Innoveren Hogeschool Rotterdam IVL/Kenniskring Versterking Beroepsonderwijs COMPETENTIES EN INDICATOREN 1 Interpersoonlijke competentie De

Nadere informatie

Bijlage V. Bij het advies van de Commissie NLQF EQF. Tabel vergelijking NLQF-niveaus 5 t/m 8 en Dublin descriptoren.

Bijlage V. Bij het advies van de Commissie NLQF EQF. Tabel vergelijking NLQF-niveaus 5 t/m 8 en Dublin descriptoren. Bijlage V Bij het advies van de Commissie NLQF EQF Tabel vergelijking NLQF-niveaus 5 t/m 8 en. Tabel ter vergelijking NLQF niveaus 5 t/m 8 en Dublindescriptoren NLQF Niveau 5 Context Een onbekende, wisselende

Nadere informatie

Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase

Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase 11 februari 2008 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Accreditatiekader, toegespitst

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Beoordelingskader Pilot Bijzonder Kenmerk Ondernemen

Beoordelingskader Pilot Bijzonder Kenmerk Ondernemen Beoordelingskader Pilot Bijzonder Kenmerk Ondernemen 22 november 2011 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordeling van het bijzonder kenmerk ondernemen 5 2.1 Uitgangspunten voor de beoordeling van het bijzonder

Nadere informatie

Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Positionering van de opleidingen De vergelijking met Vlaanderen

Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Positionering van de opleidingen De vergelijking met Vlaanderen Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Het is aan het beoordelingspanel om te bepalen of deze toelichting relevant is bij de beoordeling van de onderhavige opleiding. Positionering

Nadere informatie

Competentiemeter docent beroepsonderwijs

Competentiemeter docent beroepsonderwijs Competentiemeter docent beroepsonderwijs De beschrijving van de competenties in deze competentiemeter is gebaseerd op: - de bekwaamheidseisen uit de Algemene Maatregel van Bestuur als uitwerking van de

Nadere informatie

Competentie 1 Ondernemerschap Initiëren en/of creëren van producten en/of diensten, zelfstandig en ondernemend.

Competentie 1 Ondernemerschap Initiëren en/of creëren van producten en/of diensten, zelfstandig en ondernemend. Naam student: Studentnummer: Evaluatieformulier meewerkstage CE In te vullen door de bedrijfsbegeleider van de stage biedende organisatie voorafgaand aan het eindgesprek met de stagedocent. De stagiair

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

Certificaten Daltononderwijs KPZ Wenke Daltonconsultants

Certificaten Daltononderwijs KPZ Wenke Daltonconsultants Certificaten Daltononderwijs KPZ Wenke Daltonconsultants Vernieuwing op basis van traditie 2 Aanleiding en doelstelling Het vaststellen van de kwalificatie eisen, inhoud, eindtermen en studiebelasting

Nadere informatie

De begeleidings- en beoordelingstrajecten zijn schriftelijk vastgelegd en te raadplegen door anderen. ILS en Radboud Docenten Academie.

De begeleidings- en beoordelingstrajecten zijn schriftelijk vastgelegd en te raadplegen door anderen. ILS en Radboud Docenten Academie. Rapportageformat Instrument Keurmerk HAN ILS en samenwerkingsscholen Versie VO, oktober 2014 Standaard 1. De samenwerkingsschool in relatie tot de kwaliteit van de leerwerkomgeving van de lerende Deze

Nadere informatie

Midden-Oostenstudies CROHO 60842

Midden-Oostenstudies CROHO 60842 Faculteit der Letteren Onderwijs- en Examenregeling (OER) Deel B: Masteropleiding Midden-Oostenstudies CROHO 60842 Programma Midden-Oostenstudies voor het studiejaar 2016-2017 Inhoud: 1. Algemene bepalingen

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LD Type 1 Salarisschaal 12 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland

Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Het is aan het beoordelingspanel om te bepalen of deze toelichting relevant is bij de beoordeling van de onderhavige

Nadere informatie

De 6 Friesland College-competenties.

De 6 Friesland College-competenties. De 6 Friesland College-competenties. Het vermogen om met een open enthousiaste houding nieuwe dingen aan te pakken. Het vermogen jezelf steeds beter te leren kennen. Het vermogen om in te schatten in welke

Nadere informatie

Leraar basisonderwijs LB

Leraar basisonderwijs LB Leraar basisonderwijs LB Functiewaardering: 43343 43333 43 33 Salarisschaal: LB Werkterrein: Onderwijsproces -> Leraren Activiteiten: Beleids- en bedrijfsvoeringsondersteunende werkzaamheden, overdragen

Nadere informatie

Tabel Competenties docentopleiders/-trainers

Tabel Competenties docentopleiders/-trainers Tabel Competenties docentopleiders/-trainers In deze tabel zijn de competenties van de docentopleider/trainer (1) opgenomen. Deze zijn verder geconcretiseerd in bekwaamheidseisen of indicatoren en uitgewerkt

Nadere informatie

Competentievenster 2015

Competentievenster 2015 Windesheim zet kennis in werking Competentievenster 2015 TWEEDEGRAADS LERARENOPLEIDING WINDESHEIM Inleiding 3 Het competentievenster van de tweedegraads lerarenopleidingen van Hogeschool Windesheim vormt

Nadere informatie

1. Interpersoonlijk competent

1. Interpersoonlijk competent 1. Interpersoonlijk competent De docent BVE schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer in het contact met deelnemers en tussen deelnemers, en brengt een open communicatie tot stand. De docent BVE geeft

Nadere informatie

Academie voor Talent en Leiderschap Veiligheidsregio s. Leiderschapsprofiel strategisch leidinggevende

Academie voor Talent en Leiderschap Veiligheidsregio s. Leiderschapsprofiel strategisch leidinggevende Leiderschapsprofiel strategisch leidinggevende Leidinggevende*: er zijn 6 hoofdrollen geïdentificeerd voor de leidinggevende en 3 niveaus van leiderschap, te weten strategisch, tactisch en operationeel.

Nadere informatie

Op weg naar de (academische) opleidingsschool

Op weg naar de (academische) opleidingsschool Discussienota Nationalgeographic.nl Adviescommissie ADEF OidS Mei 2014 1 Inhoudsopgave Inleiding 1. Uitgangspunten Samen Opleiden 2. Ambities van (academische) opleidingsscholen 3. Concept Samen Opleiden

Nadere informatie

Profiel lid Raad van Toezicht

Profiel lid Raad van Toezicht Profiel lid Raad van Toezicht De huidige Raad van Toezicht (RvT) bestaat uit zes leden. De RvT streeft naar een maatschappelijk heterogene samenstelling van leden die herkenbaar en geloofwaardig zijn in

Nadere informatie

Competenties directeur Primair Onderwijs ONDERWIJS. Schoolmanagement

Competenties directeur Primair Onderwijs ONDERWIJS. Schoolmanagement Competenties directeur Primair Onderwijs ONDERWIJS Schoolmanagement Ontwikkelt een gezamenlijke visie op onderwijs en opvoeding en houdt deze levend. Schept optimale randvoorwaarden voor goed onderwijs.

Nadere informatie

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Samenwerken Omgevingsgericht/samenwerken Reflectie en zelfontwikkeling competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Competentieprofiel stichting Het Driespan, (V)SO

Nadere informatie

Compentieprofiel Adjunct-directeur AB

Compentieprofiel Adjunct-directeur AB 1. Onderwijskundig leiderschap Gericht op het primaire proces Kwaliteitszorg 2. Visiegericht leiderschap Organisatieontwikkeling 3. Aansturen van professionals Aansturen van professionals Interpersoonlijk

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LC Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LC Type 1 Salarisschaal 11 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

ONZE AGENDA OPLEIDEN IN ROTTERDAM VOOR DE WERELD VAN MORGEN STRATEGISCHE AGENDA

ONZE AGENDA OPLEIDEN IN ROTTERDAM VOOR DE WERELD VAN MORGEN STRATEGISCHE AGENDA ONZE AGENDA OPLEIDEN IN ROTTERDAM VOOR DE WERELD VAN MORGEN STRATEGISCHE AGENDA VOORWOORD Hoe leiden we elke student op tot de professional voor de wereld van morgen? Met de blik op 2025 daagt die vraag

Nadere informatie

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0125

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0125 Keuzedeel mbo Voorbereiding hbo gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0125 Penvoerder: Sectorkamer handel Gevalideerd door: Sectorkamer handel Op: 10-11-2015 2 van 6 1. Algemene informatie

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Test Kandidaat

Rapport Docent i360. Test Kandidaat Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Naam: School: Daltoncursus voor leerkrachten Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Inleiding: De verantwoordelijkheden van de leerkracht zijn samen te vatten door vier beroepsrollen te

Nadere informatie

Student Company op het hbo. Stappenplan

Student Company op het hbo. Stappenplan Student Company op het hbo Tijdens Student Company ontwikkelen de studenten een bedrijfsconcept en rollen dit uit gedurende een collegajaar lang. Ze verdelen functies, bepalen hun doelgroep, brainstormen

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Besluit. College van bestuur. Hogeschool van Amsterdam. Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM

Besluit. College van bestuur. Hogeschool van Amsterdam. Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM College van bestuur Hogeschool van Amsterdam Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM Besluit Besluit strekkende tot positieve beoordeling van een aanvraag Toets nieuwe opleiding hbo-master Integraal Leiderschap

Nadere informatie

Doelen Praktijkonderzoek Hogeschool de Kempel

Doelen Praktijkonderzoek Hogeschool de Kempel Doelen Praktijkonderzoek Hogeschool de Kempel Auteurs: Sara Diederen Rianne van Kemenade Jeannette Geldens i.s.m. management initiële opleiding (MOI) / jaarcoördinatoren 1 Inleiding Dit document is bedoeld

Nadere informatie

De vier beroepsrollen binnen de MLI

De vier beroepsrollen binnen de MLI PI s met een * zijn op woordniveau of in zinsconstructie veranderd PI s met kennis zijn voorzien van een link naar de kennisbasis De vier beroepsrollen binnen de MLI O&I = O------LA1----------------------I

Nadere informatie

Competenties en Gedragsindicatoren

Competenties en Gedragsindicatoren Master Design Willem de Kooning Academie Competenties en Gedragsindicatoren Competentiegericht onderwijs De Master Design heeft competenties geformuleerd om de vormgeving, sturing en onderbouwing van het

Nadere informatie

SKPO Profielschets Lid College van Bestuur

SKPO Profielschets Lid College van Bestuur SKPO Profielschets Lid College van Bestuur 1 Missie, visie SKPO De SKPO verzorgt goed primair onderwijs waarbij het kind centraal staat. Wij ondersteunen kinderen om een stap te zetten richting zelfstandigheid,

Nadere informatie

Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs

Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 12 november 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Handreiking voor specifieke invulling van de standaarden

Nadere informatie

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Gezondheid, Sport en Welzijn Masteropleiding Medical Imaging/ Radiation Oncology Verschillende studies laten zien dat de druk op de gezondheidszorg

Nadere informatie

Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam

Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam Inleiding: ATB de Springplank, een algemeen toegankelijke basisschool en Vlietkinderen, maatwerk in kinderopvang, beiden gehuisvest

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Angela Rondhuis

Rapport Docent i360. Angela Rondhuis Rapport Docent i360 Naam Angela Rondhuis Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Doel (Mede)zorgdragen voor de vormgeving en door het geven van adviezen bijdragen aan de uitvoering van het beleid binnen de Hogeschool Utrecht kaders en de ter

Nadere informatie

Profiel. Opleidingsmanager HBO-Rechten. 10 mei Opdrachtgever Hogeschool van Amsterdam Faculteit Maatschappij en Recht

Profiel. Opleidingsmanager HBO-Rechten. 10 mei Opdrachtgever Hogeschool van Amsterdam Faculteit Maatschappij en Recht Profiel Opleidingsmanager HBO-Rechten 10 mei 2017 Opdrachtgever Hogeschool van Amsterdam Faculteit Maatschappij en Recht Voor meer informatie over de functie Jeannette van der Vorm, adviseur Leeuwendaal

Nadere informatie

FUNCTIEFAMILIE 4.2 Beleidsthemabeheerder

FUNCTIEFAMILIE 4.2 Beleidsthemabeheerder Doel van de functiefamilie Het beleidsthema vanuit theoretische en praktische deskundigheid implementeren en uitbouwen teneinde toepassingen omtrent het thema te initiëren, te stimuleren en te bewaken

Nadere informatie

SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen

SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen SWOT-ANALYSE Met een SWOT-analyse breng ik mijn sterke en zwakke punten in kaart. Deze punten heb ik vervolgens in verband gebracht met de competenties van en leraar en heb ik beschreven wat dit betekent

Nadere informatie

OER Master facultair hoofdstuk 10 Maatschappij & Recht Vastgesteld d.d

OER Master facultair hoofdstuk 10 Maatschappij & Recht Vastgesteld d.d III FACULTEIT Maatschappij & Recht vastgesteld door de faculteitsdirectie op 13-02- 2014 instemming van de facultaire medezeggenschapsraad op 24-04 2014. Deze versie treedt in werking op 1 september 2014

Nadere informatie

Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview)

Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview) Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview) Student: Opleidingsassessor: Studentnummer:. Veldassessor:. Datum: Een startbekwaam

Nadere informatie

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo. Geldig vanaf 1 augustus 2013. Crebonr.

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo. Geldig vanaf 1 augustus 2013. Crebonr. Keuzedeel mbo Voorbereiding hbo behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo Geldig vanaf 1 augustus 2013 Crebonr. Vastgesteld Penvoerder: Ontwikkeld door: 2 van 7 1. Algemene informatie D1: Voorbereiding

Nadere informatie

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Competentieprofiel Instituut voor Interactieve Media Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Aangepast in maart 2009 Inleiding De opleiding Interactieve Media

Nadere informatie

Competentieprofiel MZ Opleider. Competentieprofiel voor mz-opleider.

Competentieprofiel MZ Opleider. Competentieprofiel voor mz-opleider. Competentieprofiel MZ Opleider Dit is een verkorte versie van het document dat is vastgesteld door de ledenvergaderingen van BVMP en BVMZ. In de volledige versie zijn enkele bijlagen toegevoegd, deze worden

Nadere informatie

Notitie over montessori cursussen voor leidinggevenden en HBO master opleidingen voor montessori leraren en leidinggevenden uit het basisonderwijs.

Notitie over montessori cursussen voor leidinggevenden en HBO master opleidingen voor montessori leraren en leidinggevenden uit het basisonderwijs. Professionalisering in het montessori basisonderwijs Notitie over montessori cursussen voor leidinggevenden en HBO master opleidingen voor montessori leraren en leidinggevenden uit het basisonderwijs.

Nadere informatie

PEER REVIEWS. Managementgroep Interactum September 2014

PEER REVIEWS. Managementgroep Interactum September 2014 PEER REVIEWS Managementgroep Interactum September 2014 Met peer review wordt een systeem bedoeld waarbij de betreffende opleidingen structureel gebruik maken van elkaars deskundigheid en elkaars critical

Nadere informatie

Organisatie: Samenwerkingsverband Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard)

Organisatie: Samenwerkingsverband Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard) Functie-informatie Functienaam: Directeur samenwerkingsverband Organisatie: Samenwerkingsverband 28.05 Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard) Werkterrein: Management

Nadere informatie

Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria

Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria Management, finance en recht Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria De verwarring voorbij Naar hernieuwd zelfvertrouwen Congres Praktijkgericht onderzoek in het HBO Amersfoort, 11 december 2012

Nadere informatie

BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3

BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3 BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3 1. INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar die interpersoonlijk competent is, geeft op een goede manier leiding aan leerlingen (individueel en in

Nadere informatie

Profielschets leden van de raad van toezicht

Profielschets leden van de raad van toezicht Profielschets leden van de raad van toezicht Competentieprofiel voor de raad van toezicht behorend bij de statuten van Stichting Confessioneel Onderwijs Leiden 23 mei 2016 Preambule In het licht van good

Nadere informatie

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio

Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Supplement f. Functie procesmanager multidisciplinair oefenen Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3 sub f Besluit personeel

Nadere informatie

10 Masteropleiding Filosofie & Maatschappij

10 Masteropleiding Filosofie & Maatschappij 10 Masteropleiding Filosofie & Maatschappij 10.1 Inleiding Dit hoofdstuk bevat gedetailleerde informatie over de doelstellingen, eindkwalificaties en opbouw van de Masteropleiding Filosofie & Maatschappij.

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

Motivatie voor FT en voor het volgen van een masteropleiding (MRCA)

Motivatie voor FT en voor het volgen van een masteropleiding (MRCA) Bijlage 3. Motivatie voor FT en voor het volgen van een masteropleiding (MRCA) Het volgen van een masteropleiding als fysiotherapeut is geen vlotte beslissing die in een impuls wordt genomen. Nogal logisch,

Nadere informatie

Keuzedeel mbo. Zorg en technologie. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0137

Keuzedeel mbo. Zorg en technologie. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0137 Keuzedeel mbo Zorg en technologie gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0137 Penvoerder: Sectorkamer zorg, welzijn en sport Gevalideerd door: Sectorkamer Zorg, welzijn en sport Op: 26-11-2015

Nadere informatie

Competentieprofiel van de opleider CHVG

Competentieprofiel van de opleider CHVG Competentieprofiel van de opleider CHVG Competentieprofiel van de opleider per competentiegebied 0. Competentiegebied: handelen als expert De opleider beantwoordt aan het competentieprofiel van de betreffende

Nadere informatie

Profiel gemeenteraadslid

Profiel gemeenteraadslid 1 1 Profiel gemeenteraadslid 2NB: Overal waar zij of ze staat kan ook hij gelezen worden. 3ALGEMEEN 4Een D66 gemeenteraadslid is gekozen door de inwoners van Utrecht en vertegenwoordigt hen op een 5integere

Nadere informatie

Excellente leerkracht basisonderwijs OPTIMUS primair onderwijs 1

Excellente leerkracht basisonderwijs OPTIMUS primair onderwijs 1 Functieomschrijving Excellente Leerkracht basisonderwijs in de groep Salarisschaal : LB Werkterrein : Onderwijsproces Leerkrachten Activiteiten : Verzorgen van het primaire proces Dit profiel vormt de

Nadere informatie

Deze versie treedt in werking op 1 september 2013 en vervangt alle voorgaande versies.

Deze versie treedt in werking op 1 september 2013 en vervangt alle voorgaande versies. III FACULTEIT Maatschappij & Recht vastgesteld door de faculteitsdirectie op 26-02-2013 instemming van de facultaire medezeggenschapsraad op. 2013. Deze versie treedt in werking op 1 september 2013 en

Nadere informatie

Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs. Peter Leisink

Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs. Peter Leisink Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs Peter Leisink Opzet van deze leergang Introductie Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs: inhoudelijke verkenning Programma en docenten leergang strategisch

Nadere informatie

De motor van de lerende organisatie

De motor van de lerende organisatie De motor van de lerende organisatie Focus op de arbeidsmarkt Naast het erkennen van leerbedrijven is Calibris verantwoordelijk voor ontwikkeling en onderhoud van kwalificaties in de sectoren zorg, welzijn

Nadere informatie

Functiebeschrijving Manager Kwaliteitsbeleid

Functiebeschrijving Manager Kwaliteitsbeleid Functiebeschrijving Manager Kwaliteitsbeleid Binnen O2A5 staat een belangrijke verandering voor de deur, namelijk de invoering van zgn. onderwijsteams. Voor een succesvolle implementatie van deze organisatieverandering

Nadere informatie

A CLIENTSYSTEEM. 1 Intake

A CLIENTSYSTEEM. 1 Intake 1 Intake A CLIENTSYSTEEM De arts oriënteert zich op (claim-aan)vragen, weet vraagstellingen te formuleren, kan adequaat verwijzen en weet op hoofdlijn consequenties te schetsen binnen verschillende verzekeringssystemen.

Nadere informatie

Profiel gemeenteraadslid

Profiel gemeenteraadslid Profiel gemeenteraadslid NB: Overal waar zij of ze staat kan ook hij gelezen worden. ALGEMEEN Een D66 gemeenteraadslid is zich ervan bewust een mandaat te hebben van de kiezers en zal met overtuiging én

Nadere informatie

De vijf kerncompetenties van het competentieprofiel beginnend hbo-docent

De vijf kerncompetenties van het competentieprofiel beginnend hbo-docent 1 De vijf kerncompetenties van het competentieprofiel beginnend hbo-docent Een competentie is een bekwaamheid die tot uiting komt (in kritische beroepssituaties) in effectief gedrag. Deze bekwaamheid is

Nadere informatie

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo. Geldig vanaf 1 augustus 2013.

Keuzedeel mbo. Voorbereiding hbo. behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo. Geldig vanaf 1 augustus 2013. Keuzedeel mbo Voorbereiding hbo behorend bij één of meerdere kwalificatiedossiers mbo Geldig vanaf 1 augustus 2013 Crebonummer(s) Penvoerder: Ontwikkeld door: 2 van 8 Leeswijzer Dit document bevat de kwalificatie-eisen

Nadere informatie

Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs

Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs Mededelingen OCenW Bestemd voor: instellingen voor hoger onderwijs Voorlichting Datum: 12 juni 2003 Kenmerk: WO/BS-2003/24136-I Datum inwerkingtreding: n.v.t. Geldigheidsduur beleidsregel: n.v.t. Juridische

Nadere informatie

Managers en REC-vorming ----- GEEN VOORUITGANG ZONDER VOORTREKKERS

Managers en REC-vorming ----- GEEN VOORUITGANG ZONDER VOORTREKKERS @ ----- Managers en REC-vorming ----- AB ZONDER VOORTREKKERS GEEN VOORUITGANG De wereld van de REC-vorming is volop beweging. In 1995 werden de eerste voorstellen gedaan en binnenkort moeten 350 scholen

Nadere informatie

FUNCTIEFAMILIE 1.2 Klantenadviserend (externe klanten)

FUNCTIEFAMILIE 1.2 Klantenadviserend (externe klanten) Doel van de functiefamilie Vanuit een specialisatie professioneel advies of begeleiding geven aan externe klanten deze klanten oplossingen aan te reiken of maximaal te ondersteunen in het vinden van een

Nadere informatie

Bijlage A: Competenties van de opleiding

Bijlage A: Competenties van de opleiding Bijlage A: Competenties van de opleiding In deze bijlage heeft een rectificatie plaatsgevonden per 30 oktober 2012. Na voltooiing van de opleiding moet de student als beroepsbeoefenaar zelfstandig en met

Nadere informatie

Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep

Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep (versie mei 2012) FUNCTIONERINGSGESPREK leraar basisonderwijs (LA) Naam: Geboortedatum: Huidige school: Leidinggevende: Huidige functie: Datum vorig gesprek:

Nadere informatie

Competenties / bekwaamheden van een daltonleerkracht

Competenties / bekwaamheden van een daltonleerkracht Competenties / bekwaamheden van een daltonleerkracht Tijdens de DON bijeenkomst van 13 november 2013 hebben we in kleine groepen (daltoncoördinatoren en directeuren) een lijst met competenties/bekwaamheden

Nadere informatie

Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis

Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis Afgestudeerden van de opleiding hebben de onderstaande eindkwalificaties bereikt: I. Kennis Basiskennis en inzicht: 1. kennis van en inzicht in het

Nadere informatie

Opleidingskunde,Training & Human Development

Opleidingskunde,Training & Human Development Opleidingskunde, Deze flyer over praktijkleren bij de bacheloropleiding Opleidingskunde beschrijft informatie over de volgende onderwerpen: Inhoud: 1. Het beroep 2. Deskundigheidsbevordering van medewerkers

Nadere informatie

Leerjaar Doelstelling opdracht. Activiteit Betrokkenen Loopbaancompetenties. Motievenreflectie Kwaliteitenreflectie

Leerjaar Doelstelling opdracht. Activiteit Betrokkenen Loopbaancompetenties. Motievenreflectie Kwaliteitenreflectie LOB matrix KWC afdeling SMS Noteer in onderstaand schema alle activiteiten die jij als professional of binnen de afdeling waar je werkzaam bent mee gewerkt wordt. Dit kunnen losse instrumenten zijn zoals

Nadere informatie

Casusinformatie behorende bij de functie van Klantmanager 1 GEMEENTE ZOETERMEER Functiefamilie : Functienaam : Niveau : 1. Typering Functiefamilie

Casusinformatie behorende bij de functie van Klantmanager 1 GEMEENTE ZOETERMEER Functiefamilie : Functienaam : Niveau : 1. Typering Functiefamilie Casusinformatie behorende bij de functie van Klantmanager 1 Inhoud: 1. Generieke functie 2. Functieprofiel 3. Competentieprofiel 1. Generieke functie GEMEENTE ZOETERMEER Functiefamilie : Dienstverlening

Nadere informatie

FUNCTIEPROFIEL. Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit)

FUNCTIEPROFIEL. Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit) FUNCTIEPROFIEL Functies: Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit) 1. ORGANISATIEBESCHRIJVING De Meerwegen scholengroep is een christelijke

Nadere informatie

Naar een nieuw opleidingsmodel voor de Bachelor Accountancy

Naar een nieuw opleidingsmodel voor de Bachelor Accountancy Naar een nieuw opleidingsmodel voor de Bachelor Accountancy Inleiding Op 9 maart 2015 zijn, tijdens het middagprogramma van de tweedaagse, 3 verschillende scenario s besproken voor de gemeenschappelijke

Nadere informatie

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT DE SBL competenties COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling

Onderwijs- en examenregeling Onderwijs- en examenregeling geldig vanaf 1 september 2016 Opleidingsspecifiek deel: Bacheloropleiding: Engelse taal en cultuur Deze Onderwijs- en examenregeling is opgesteld overeenkomstig artikel 7.13

Nadere informatie

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD

Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen docenten LD vmbo en havo/vwo. (tekst: Wet op de beroepen in het onderwijs en Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel / 2006). 1. Zeven

Nadere informatie

Voor het programma van de opleiding gelden geen aanvullende toelatingsvoorwaarden.

Voor het programma van de opleiding gelden geen aanvullende toelatingsvoorwaarden. Opleidingsspecifiek deel Art.2.1 toelatingseisen opleiding Toelaatbaar tot de opleiding is de bezitter van een Nederlands of een buitenlands diploma van hoger onderwijs die aantoont te beschikken over

Nadere informatie

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD ILS Nijmegen Mei 2009 Voorwoord: Dit voorstel voor een competentieprofiel van de spd is ontworpen op verzoek van de directies van ILS- HAN en ILS-RU door de productgroep

Nadere informatie

Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige

Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige De beschrijving van de eindtermen voor de vervolgopleiding tot intensive care verpleegkundige is ontleend aan het deskundigheidsgebied intensive

Nadere informatie

Bijlage A Competenties van de opleiding

Bijlage A Competenties van de opleiding Bijlage A Competenties van de opleiding A.1 Curriculum opleiding Werktuigbouwkunde Bouwstenen Stenden Hogeschool heeft de strategische keuze gemaakt om al haar opleidingen op te bouwen met behulp van (deels

Nadere informatie

Naar een professionele cultuur

Naar een professionele cultuur Naar een professionele cultuur Cultuur is de allesbepalende factor van organisatie-effectiviteit. Een cultuur is op zich niet goed of fout; ze past wel of niet bij de omstandigheden waarin een school zich

Nadere informatie

Bijlage III Bij het advies van de Commissie NLQF EQF Beschrijving leerresultaten van gereguleerde kwalificaties

Bijlage III Bij het advies van de Commissie NLQF EQF Beschrijving leerresultaten van gereguleerde kwalificaties Bijlage III Bij het advies van de Commissie NLQF EQF Beschrijving leerresultaten van gereguleerde kwalificaties Beschrijvingen in leerresultaten van de diploma s de door het Ministerie van OCW gereguleerde

Nadere informatie

Functieprofiel voor de functie van Directeur Meester Duisterhoutschool

Functieprofiel voor de functie van Directeur Meester Duisterhoutschool Functieprofiel voor de functie van Directeur Meester Duisterhoutschool Organisatie De Meester Duisterhoutschool is een Openbare school voor speciaal- en voortgezet speciaal onderwijs cluster 3. De school

Nadere informatie

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 4 november 2011 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordelingskader 4 3 Procedure 6 pagina 2 1 Inleiding Instellingsbesturen kunnen voor opleidingen met kleinschalig,

Nadere informatie

FUNCTIEFAMILIE 5.3 Projectmanagement

FUNCTIEFAMILIE 5.3 Projectmanagement Doel van de functiefamilie Leiden van projecten en/of deelprojecten de realisatie van de afgesproken projectdoelstellingen te garanderen. Context: In lijn met de overgekomen normen in termen van tijd,

Nadere informatie

ICLON Powerpoint sjabloon

ICLON Powerpoint sjabloon ICLON Powerpoint sjabloon Een voorbeeld van een ICLON presentatie Piet Presentator & Co Copresentator (ICLON) Coby Collega (Leiden University) Max Medewerker (Instituut voor Cooperatie) [Congresnaam, Plaats,

Nadere informatie

FUWA-PO functiebeschrijving. Functie-informatie Functienaam Schooldirecteur

FUWA-PO functiebeschrijving. Functie-informatie Functienaam Schooldirecteur FUWA-PO functiebeschrijving Functie-informatie Functienaam Schooldirecteur Organisatie Stichting RESPONZ Salarisschaal 12 (=DC) Werkterrein Management -> Schoolmanagement Datum 18-01-2011 FUWASYS-versie

Nadere informatie

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie.

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie. FUNCTIE: Directeur POC AFKORTING: DIR AFDELING: Management 1. DOELSTELLINGEN INSTELLING De doelstellingen staan omschreven in het beleidsplan POC. Vermits de directie de eindverantwoordelijkheid heeft

Nadere informatie

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Vastgesteld in de bestuursvergadering van 24 mei 2007 PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Binnen de voor de stichting geldende statuten en reglementen, is het College van Bestuur het bevoegd gezag van de stichting,

Nadere informatie