Oan Provinsjale Steaten

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Oan Provinsjale Steaten"

Transcriptie

1 Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 26 mei 2010 Wurklistnûmer : 05B Beliedsprogramma : Algemeen bestuur, V&V, Milieu en Landelijk gebied Ôfdieling : SOBD Behanneljend amtner : R.O. Beswerda Tastel : 5828 Registraasjenûmer : Primêr nûmer : Ûnderwerp : Wijziging provinciale regelgeving i.v.m. Dienstenwet en Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Taheakke : Verordening tot wijziging van de Wadloopverordening, de Wegenverordening, de Vaarwegenverordening en de Provinciale milieuverordening. Oanlieding / Beliedsramt (* foech, wetlik ramt, rol PS) : Op 28 december 2009 is de Dienstenwet in werking getreden en op 1 juli 2010 zal naar verwachting de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in werking treden. Voormelde wetten hebben tot gevolg dat een viertal provinciale verordeningen moet worden gewijzigd. Het vaststellen van de wijzigingsverordening is een bevoegdheid van Provinciale Staten. Koarte gearfetting : De inwerkingtreding van de Dienstenwet heeft tot gevolg dat de Wegen- en Vaarwegenen Wadloopverordening moet worden gewijzigd. Voor de Wegen- en Vaarwegenverordening heeft de voorgestelde wijziging betrekking op het verkorten van de beslistermijn. Voor de Wadloopverordening wordt voorgesteld een beslistermijn in de Wadloopverordening op te nemen en te bepalen dat, in afwijking van de Dienstenwet, ontheffingen en vergunningen voor de duur van drie jaren worden verleend en de Lex Silencio Positivo niet van toepassing is. De inwerkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) heeft tot gevolg dat de Wegenverordening en de Provinciale milieuverordening (PMV) moeten worden gewijzigd. De Wabo bepaalt dat een ontheffing op grond van de Wegenverordening in bepaalde gevallen wordt aangemerkt als een omgevingsvergunning op grond van de Wabo. Voor zover een college van B&W in dat geval het bevoegd gezag is om op de aanvraag om een omgevingsvergunning te besluiten, wordt bepaald dat Gedeputeerde Staten in staat worden gesteld daarover te adviseren. Als er een omgevingsvergunning nodig is, maakt een tweetal ontheffingen uit de Provinciale milieuverordening deel uit van 1

2 de aanvraag om een omgevingsvergunning. Indien B&W in dat geval het bevoegd gezag zijn, worden Gedeputeerde Staten in staat gesteld te adviseren. Een conceptwijzigingsverordening is bijgevoegd. Voor wat betreft de Wadloopverordening,de Vaarwegenverordening en de PMV worden tevens enkele andere wijzigingen meegenomen. : Taljochting 1. Inleiding en achtergrond 1.1 Dienstenwet Op 28 december 2009 is de Dienstenwet in werking getreden. De Dienstenwet is de (verplichte) nationaalrechtelijke vertaling van de Europese Dienstenrichtlijn (hierna: de Richtlijn). Het doel van de Richtlijn is het verbeteren van de Europese interne dienstenmarkt, door belemmeringen voor het vrije verkeer van diensten en de vrije vestiging van dienstverrichters weg te nemen. De Richtlijn en daarmee de Dienstenwet heeft effect op regelgeving van lagere overheden. Met dit voorstel wordt regelgeving van de provincie Fryslân in overeenstemming gebracht met de Dienstenwet. Reikwijdte van de Richtlijn en de Dienstenwet De Richtlijn is een ingewikkeld complex van regels, dat zich toespitst op vergunningen en vergunningstelsels. (Het Europeesrechtelijk begrip vergunning is ruimer dan in het Nederlands recht en omvat bv. ook de ontheffing). We spreken daarom hieronder van toestemmingen. De Richtlijn kent tal van onderwerpen, rechtsgebieden, sectoren en diensten die van de werking zijn uitgezonderd. Tevens is de Richtlijn alleen van toepassing op die diensten die om een economische tegenprestatie worden verricht. Om het wat beeldend te maken: onder de Dienstenwet valt een aanvraag van een in Duitsland gevestigde onderneming voor een vergunning op grond van de Wadloopverordening, om in Fryslân tegen betaling wadlooptochten aan te bieden of een aanvraag van een in België gevestigde onderneming voor een ontheffing op grond van de Wegen- of Vaarwegenverordening om tegen betaling kabels en leidingen in de (water)bodem aan te brengen van door de provincie beheerde (water)wegen. Om de reikwijdte in te kaderen hebben Rijk, provincies (in IPO-verband) en gemeenten elk hun eigen regelgeving doorgelicht, om te bezien in hoeverre de daarin opgenomen toestemmingen onder de Richtlijn en daarmee de Dienstenwet vallen. Uit de doorlichting is gebleken dat een viertal verordeningen onder de Dienstenwet valt, voor zover er sprake is van een dienst die om een economische tegenprestatie kan worden verricht. Daarin opgenomen toestemmingen, die inmiddels ook zijn aangemeld bij de Europese Commissie, zijn gereguleerd in de door uw staten vastgestelde Wadloopverordening, de Wegenverordening, de Vaarwegenverordening en de Provinciale milieuverordening. Alhoewel de Richtlijn uitsluitend betrekking heeft op landsgrensoverschrijdend dienstenverkeer is met de vertaling in de (nationale) Dienstenwet bewerkstelligd dat ook binnenlands dienstenverkeer - een in Nederland gevestigde onderneming- onder deze wettelijke regeling valt. 1.2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Naar verwachting 1 treden de Wabo, het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) op 1 juli 2010 in werking. De Wabo heeft ten doel te komen tot één integrale vergunning voor activiteiten die nadelige gevolgen voor de leefom- 1 De feitelijke inwerkingtreding van de voorgestelde wijzigingen als gevolg van de Wabo is daarom gekoppeld aan de feitelijke inwerkingtreding van de Wabo 2

3 geving kunnen veroorzaken. Hiermee wordt bovendien een lastenbeperking bereikt voor burgers en bedrijven. De Wabo maakt het mogelijk om diverse activiteiten te regelen in één omgevingsvergunning, waar alle (deel)toestemmingen onderdeel van uitmaken. De behandeling van een aanvraag vindt plaats door één bevoegd gezag. Meestal is dit de gemeente, soms de provincie of het rijk. Voor de huidige praktijk kan dit betekenen dat bevoegdheden van de provincie (bijvoorbeeld het verlenen van een ontheffing voor een uitweg) naar gemeenten gaan doordat de gemeente bevoegd gezag is voor de omgevingsvergunning. De omgekeerde situatie kan zich ook voordoen, doordat de provincie bevoegd gezag is voor de omgevingsvergunning en daarbij de gemeentelijke bevoegdheid overneemt voor het afhandelen van een bouwaanvraag. Het BOR en MOR zijn uitvoeringsregelingen bij de Wabo. 2. Wat betekenen de Dienstenwet en Wabo c.a. voor provinciale regelgeving? 2.1 Dienstenwet De kern van de Dienstenwet spitst zich toe op: a. het ten behoeve van het dienstenverkeer verstrekken van informatie, het verlenen van bijstand en het elektronisch afhandelen van aanvragen en b. het formuleren van enkele algemene voorschriften voor toestemmingen. ad. a De Dienstenrichtlijn omschrijft een aantal functies die ten behoeve van dienstverrichters en afnemers van diensten langs elektronische weg beschikbaar moeten zijn en waarbij de één-loketgedachte een centrale plaats inneemt. Deze functies kunnen worden aangeduid als: a. het toegankelijk maken van informatie (informatiefunctie); b. het op verzoek verlenen van bijstand (bijstandsfunctie) en c. het afwikkelen van procedures en formaliteiten (transactiefunctie). De Dienstenwet formuleert een opdracht aan de minister van Economische Zaken om deze loketfuncties te realiseren. De informatiefunctie houdt in dat ons college informatie over toestemmingen die onder de Dienstenwet vallen elektronisch gemakkelijk toegankelijk maakt via een één-loket. Aan deze verplichting kan worden voldaan door deze informatie via een website te ontsluiten. Voor het vervullen van de informatiefunctie via het centraal loket zal gebruik worden gemaakt van een centrale website bij Antwoord voor bedrijven, die onder de minister van Economische Zaken ressorteert. De bijstandsfunctie komt er op neer dat op verzoek door ons college langs elektronische weg algemene informatie wordt verstrekt over de wijze waarop eisen die verband houden met voormelde toestemmingen doorgaans worden uitgelegd en toegepast. De transactiefunctie richt zich op het via elektronische weg behandelen van een aanvraag voor een toestemming. Praktisch gezien vindt dit plaats door uitwisseling van informatie binnen een afgeschermde omgeving binnen Antwoord voor bedrijven. Ons college geeft in overleg met het ministerie van EZ invulling aan voormelde functies. ad b. De Dienstenwet formuleert een aantal uitgangspunten voor toestemmingen, die van belang zijn voor de onder 1.1 genoemde verordeningen. Uitgangspunt van de Dienstenrichtlijn is dat: I. een toestemming in beginsel geen beperkte geldingsduur heeft. (Dit punt speelt alleen bij de Wadloopverordening); II. indien in een verordening geen beslistermijn is opgenomen, op een aanvraag binnen acht weken na ontvangst wordt beslist. Deze termijn mag eenmaal wor- 3

4 III. den verlengd met een redelijke termijn en een toestemming geacht wordt te zijn verleend indien er binnen de beslistermijn geen beslissing op de aanvraag is genomen. Dit is de zgn. Lex Silencio Positivo ofwel wie zwijgt, stemt toe. Van de onder I. en III. genoemde uitgangspunten mag worden afgeweken als er dwingende redenen zijn van algemeen belang. Het begrip dwingende redenen van algemeen belang is een open norm die door het Europese Hof van Justitie is en wordt ontwikkeld. Het Hof heeft inmiddels tal van dwingende redenen erkend. We noemen er slechts enkele: openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid, bescherming van het milieu en verkeersveiligheid. Onder punt 3 staan we wat langer stil bij de Lex Silencio Positivo. 2.2 Wabo c.a. De inwerkingtreding van de Wabo en de bijbehorende uitvoeringsbesluiten betekent dat de Wegenverordening en de PMV moet worden aangepast. Voor zover op grond van de Wabo een college van burgemeester en wethouders bevoegd gezag is om te beslissen op een aanvraag voor een ontheffing op grond van de Wegenverordening, wordt in de Wegenverordening bepaald dat Gedeputeerde Staten een adviesrecht toekomt. In aanvulling daarop wordt bepaald dat besluiten tot het verlenen, weigeren of intrekken van een omgevingsvergunning voor een uitweg ter kennis van Gedeputeerde Staten moeten worden gebracht. De wijzigingen in de PMV zijn technisch of tekstueel van aard. 3. De Lex Silencio Positivo Zowel in de Dienstenwet als de Wabo speelt de Lex Silencio Positivo (hierna: LSP) een rol. Wat is ook al weer de LSP? Met de LSP wordt gedoeld op de rechtsfiguur die inhoudt dat de vergunning of ontheffing wordt geacht te zijn verleend indien niet tijdig, dat wil zeggen niet binnen de wettelijke beslistermijn, op de aanvraag is beslist. In gewoon Nederlands: wie zwijgt, stemt toe. Het is één van de instrumenten om overschrijding van de beslistermijn tegen te gaan. Zo is ook op 1 oktober 2009 de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen in werking getreden. Deze wet regelt dat een bestuursorgaan aan een aanvrager van een besluit van rechtswege een dwangsom verschuldigd is, indien de beslistermijn wordt overschreden en het bestuursorgaan in gebreke is gesteld. De hoogte van de dwangsom is gerelateerd aan het aantal dagen waarmee de beslistermijn is overschreden. Het Kabinet heeft de Raad van State (RvS) om advies gevraagd over de invoering van de LSP. De RvS is kritisch. De RvS stelt dat door middel van een vergunning, voordat een activiteit plaatsvindt, kan worden beoordeeld of aan de wettelijke voorwaarden wordt voldaan en voorschriften kunnen worden gesteld waarmee de betreffende activiteit nader wordt geconditioneerd. Een vergunning is daarmee een nuttig en noodzakelijk instrument in die gevallen dat het algemeen belang een voorafgaande beoordeling door een bestuursorgaan vergt, belangen tegen elkaar moeten worden afgewogen of maatwerk noodzakelijk is. De tijd die wordt gewonnen door vergunningverlening van rechtswege, kan met het oog op de bescherming van het algemeen belang en de belangen van derden vervolgens weer geheel verloren gaan. De RvS merkt op dat een van rechtswege verleende vergunning nog geen rechtmatige vergunning hoeft te zijn. De administratieve horde die wordt genomen door de fictieve verlening, leidt met andere woorden niet noodzakelijk tot de zekerheid die nodig is om zonder risico de desbetreffende activiteit te kunnen starten. Bij brief van 29 mei 2008 hebben wij u, naar aanleiding van schriftelijke vragen van de FNP, gemotiveerd uiteengezet waarom wij niet voornemens zijn voorstellen te doen de LSP in te voeren. We zien nu echter dat de formele wetgever op dat gebied een aantal stappen zet: 4

5 In de Wabo wordt bepaald dat de LSP van toepassing is op de omgevingsvergunning die met de zgn. reguliere voorbereidingsprocedure is voorbereid. In de Wabo wordt een ontheffing op grond van de Wegenverordening om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen of het gebruik daarvan te veranderen als omgevingsvergunning aangemerkt en dus is ook de LSP daarop van toepassing. De Dienstenwet neemt voor toestemmingen die de toegang tot of de uitoefening van een dienst reguleren en die onder het bereik van de Dienstenrichtlijn vallen, de LSP als uitgangspunt. Zoals gezegd zijn op deze verplichting uitzonderingen mogelijk, als er sprake is van dwingende redenen van openbaar belang. In artikel 65 van de Dienstenwet is bepaald dat de LSP, zoals geformuleerd in artikel 28 van de Dienstenwet, tot 1 januari 2012 niet van toepassing is op krachtens de Provinciewet verleende toestemmingen. Voormelde provinciale verordeningen zijn vastgesteld op basis van de in de Provinciewet opgenomen verordende bevoegdheid van Provinciale Staten, zodat toestemmingen die worden verleend op grond van deze verordeningen vooralsnog buiten het bereik van de LSP vallen. Voor 1 januari 2012 moeten Provinciale Staten daarover een beslissing nemen. Hieronder zullen we per verordening ons standpunt over de toepassing van de LSP toelichten. 4. Gevolgen voor de Wegen-, Vaarwegen- en Wadloopverordening en Provinciale milieuverordening We zullen de Wegen- en Vaarwegenverordening vanwege de overeenkomsten in één keer bespreken. 4.1 Wegenverordening en Vaarwegenverordening Wijziging als gevolg van de Dienstenwet De Wegenverordening stelt regels ter bescherming en instandhouding van bij de provincie Fryslân in beheer zijnde wegen en ter verzekering van het doelmatig en veilig gebruik van die wegen. De verordening kent een aantal verbodsbepalingen en een systeem van ontheffingverlening, dat het mogelijk maakt dat op zich verboden activiteiten (onder voorschriften) kunnen worden uitgevoerd. Het gaat dan (niet limitatief) om verboden om in, op, onder of boven de weg: werken op te richten of in stand te houden; stoffen of voorwerpen te storten of te laten staan; kabels en leidingen aan te brengen. Het belang dat de Vaarwegenverordening beoogt te beschermen heeft betrekking op het gebruik, bescherming, beveiliging en instandhouding van provinciale vaarwegen, waterstaatswerken en oevers. Ook de Vaarwegenverordening kent een systeem van ontheffingverlening, dat het mogelijk maakt dat op zich verboden activiteiten (onder voorschriften) kunnen worden uitgevoerd. U moet dan (niet limitatief) denken aan verboden om: lichten langs een vaarweg te plaatsen, die hinder voor de scheepvaart veroorzaken; kabels en leidingen aan te brengen; verondieping in een vaarweg te veroorzaken; stremmingen te veroorzaken; werken op te richten in, op of over een waterstaatswerk of bescherming en beveiliging van waterstaatswerken, boven of over vaarwegen en op waterstaatswerken borden, spandoeken e.d. aan te brengen. Beslistermijn In beide verordeningen is bepaald dat ons college binnen 16 weken na ontvangst van de aanvraag een beslissing neemt. Deze termijn kan ten hoogste twee maal voor een peri- 5

6 ode van 8 weken worden verlengd. De totale beslistermijn bedraagt daarmee ten hoogste 32 weken. De beslistermijn is daarmee in strijd met de Dienstenwet, omdat de verordeningen toestaan dat de beslistermijn twee maal wordt verlengd. Daarnaast vinden wij de formele beslistermijn veel te lang. In de praktijk wordt deze lange beslistermijn ook niet gebruikt. Wij stellen met de voorliggende wijzigingsverordening voor om de beslistermijn terug te brengen naar 8 weken, met de mogelijkheid om deze termijn eenmaal te verlengen met ten hoogste 6 weken, vanwege de ingewikkeldheid van het onderwerp. De maximale beslistermijn wordt daarmee meer dan gehalveerd en is in overeenstemming met de Dienstenwet. Lex Silencio Positivo Op dit moment is op ontheffingverlening op grond van de Vaarwegenverordening de LSP van toepassing. De Wegenverordening kent een dergelijke bepaling niet. Met een beslistermijn van 32 weken in de Vaarwegenverordening is het risico op termijnoverschrijding niet erg groot. Nu met deze wijzigingsverordening wordt voorgesteld de beslistermijn meer dan te halveren, is het risico op een van rechtswege verleende ontheffing aanmerkelijk groter. Ontheffingverlening op grond van de Wegen- en Vaarwegenverordening ziet mede op belangen ter bescherming van een veilig gebruik van de (vaar)weg en bescherming van waterstaatswerken. Werkzaamheden op of aan de (vaar)weg, de berm of oever raken in zijn algemeenheid het veilig gebruik van de (vaar)weg. Door middel van voorschriften in de ontheffing kan regulerend worden opgetreden. Wij vinden dat een beslissing over toepassing van LSP vooraf moet worden gegaan door een risicoanalyse, waarbij ook de mogelijkheid moet worden onderzocht om de hier bedoelde activiteiten te kunnen reguleren door het stellen van algemene regels of standaardisering van aan de ontheffing te verbinden voorschriften,. Wij vinden daarom dat de LSP, behoudens de in genoemde uitzondering op grond van de Wabo, vooralsnog geen toepassing behoort te vinden Wijziging als gevolg van de Wabo c.a. Op grond van de Wabo wordt een ontheffing op grond van de Wegenverordening om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen aangemerkt als een verbod om zonder omgevingsvergunning een dergelijk project uit te voeren. De Wabo regelt aldus dat voor gemelde activiteit een omgevingsvergunning is vereist. De Wabo kent voor vergunningverlening een reguliere en een uitgebreide voorbereidingsprocedure. Als binnen de reguliere voorbereidingsprocedure op een aanvraag om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen niet tijdig wordt beslist, bepaalt de Wabo dat de omgevingsvergunning van rechtswege is verleend. De (formele) wetgever verklaart aldus de LSP van toepassing op de omgevingsvergunning tot het maken, hebben of veranderen van een uitweg. In de systematiek van de Wabo kan een college van B&W bevoegd zijn om over een dergelijke aanvraag te beslissen. Met voorliggende wijzigingsverordening wordt voorgesteld om in de Wegenverordening op te nemen dat Gedeputeerde Staten een adviesrecht toekomen. Als er een omgevingsvergunning nodig is, maakt een tweetal ontheffingen uit de Provinciale milieuverordening deel uit van de aanvraag om een omgevingsvergunning: de ontheffing voor gedragingen in milieubeschermingsgebieden voor grondwater en de ontheffing voor het gebruik van gesloten stortplaatsen. Voor deze PMV ontheffingen wordt het verplichte advies in het Bor geregeld. 4.2 Wadloopverordening Wijziging als gevolg van de Dienstenwet De Wadloopverordening reguleert de vergunning- en ontheffingverlening aan organisaties en individuele personen die zich te voet op het Wad begeven. De verordening zegt met zoveel woorden dat toepassing dient te geschieden in het belang van de veiligheid van degenen die zich te voet op de platen en/of kwelders begeven of bevinden. Ook schrijft de verordening dwingend voor dat ons college aan een ontheffing of vergunning voorschriften verbindt, die betrekking hebben op de veiligheid van de deelnemers. 6

7 De verordening is gelijkluidend vastgesteld door Provinciale Staten van Fryslân, Groningen en Noord-Holland. De verordening kent een verbodsbepaling voor wat betreft het houden van een wadlooptocht, met de mogelijkheid om door middel van een ontheffing of vergunning de in beginsel verboden activiteit uit te oefenen. Geldigheidsduur Zowel de ontheffing als de vergunning wordt verleend voor de duur van drie jaren. Aanvankelijk was de geldigheidsduur gesteld op één jaar, maar juist ter beperking van de administratieve lasten hebben uw staten in 2002 besloten de geldigheidsduur te verlengen naar drie jaren. Nu de Dienstenwet als uitgangspunt hanteert dat de toestemming voor onbepaalde tijd wordt verleend, moet worden onderzocht of een van de uitzonderingsgronden van de Dienstenwet van toepassing is, die de beperking van de geldigheidsduur rechtvaardigen. Wij zijn van oordeel dat dit het geval is. De hier bedoelde toestemmingen zijn bij uitstek in het leven geroepen uit het oogpunt van de noodzakelijk geachte veiligheid van personen. Niet voor niets hebben uw staten ons opgedragen om aan elke toestemming voorschriften te verbinden met het oog op de veiligheid. Naar onze mening is een periodieke toets van deze toestemming, in de zin van een beoordeling van een nieuwe aanvraag voor opnieuw een periode van drie jaren, uit het oogpunt van het belang dat deze verordening beoogt te beschermen aanvaardbaar. Het is tevens het moment om te bezien of de aan de toestemming verbonden voorschriften nog steeds voldoende actueel zijn en voldoende toegesneden op de veiligheid van deelnemers. Naar onze mening is het belang van de volksgezondheid, in termen van openbare veiligheid en gezondheid van personen, in dit geval een dwingende reden van openbaar belang om toe te staan dat de duur van de toestemming is beperkt. Beslistermijn De Wadloopverordening kent geen beslistermijnen. Dat betekende voor inwerkingtreding van de Dienstenwet dat moest worden besloten met inachtneming van het bepaalde in de Awb. Daarin staat dat een beslissing op een aanvraag binnen een redelijke termijn moet worden genomen en dat bij het ontbreken van een wettelijke beslistermijn de redelijke termijn 8 weken bedraagt. De Awb biedt de mogelijkheid, in het geval een beschikking niet binnen 8 weken kan worden gegeven, dat de aanvrager daarvan in kennis wordt gesteld en een redelijke termijn wordt genoemd waarbinnen een besluit tegemoet kan worden gezien. De Awb staat er niet aan in de weg die termijn op deze wijze meerdere malen te verlengen, al snapt natuurlijk iedereen dat op enig moment van een redelijke beslistermijn geen sprake meer is. De Dienstenwet hanteert zoals gezegd bij het ontbreken van een wettelijke beslistermijn ook een beslistermijn van 8 weken, met de mogelijkheid om die éénmaal te verlengen. In het geval van een ontheffing is het in beginsel mogelijk om binnen 8 weken te beslissen. Bij meer ingewikkelde aanvragen moet het evenwel mogelijk zijn om die termijn te verlengen. Wij stellen dan ook voor om voor de ontheffing een beslistermijn van 8 weken te hanteren, met de mogelijkheid die termijn éénmaal met ten hoogste zes weken te verlengen. De vergunningverlening kent een zwaardere procedure met een adviescommissie en een examencommissie, waarbij de aanvrager ook en theoretisch examen moet afleggen. Een tijdsbestek van acht weken is in de regel dan te kort om een zorgvuldige beslissing op de aanvraag te kunnen nemen. Wij stellen dan ook voor om voor de vergunning een beslistermijn van 13 weken te hanteren, met de mogelijkheid die termijn éénmaal met ten hoogste 6 weken te verlengen. Lex Silencio Positivo Het toestemmingsstelsel beoogt primair de veiligheid van personen die wadlopen te beschermen. De hier bedoelde toestemmingen zijn een adequaat gedragsregulerend instrument, primair gericht op de veiligheid van deelnemers. In de totstandkomingsgeschiedenis van de verordening komt dat ook nadrukkelijk tot uiting en de verplichting die uw staten ons college heeft opgelegd om voorschriften met betrekking tot de veiligheid van deelnemers aan de toestemming te verbinden benadrukt dit. Ook de procedure van 7

8 vergunningverlening verhoudt zich niet met de toepassing van de LSP. Een aanvraag voor een vergunning wordt voor advies voorgelegd aan een externe (interprovinciale) commissie en van de aanvrager kan worden verlangd dat hij een examen aflegt. De eventuele maatschappelijke schade door niet tijdige besluitvorming weegt naar onze mening minder zwaar dan het maatschappelijk risico van verlening door middel van de LSP. De veiligheid van personen op het Wad zou daarmee in het geding kunnen komen. Naar onze mening is het belang van de volksgezondheid, in termen van openbare veiligheid en gezondheid van personen, in dit geval een dwingende reden van openbaar belang om toepassing van de LSP niet in te voeren. Een gelijkluidend voorstel wordt aan Provinciale Staten van de provincies Groningen en Noord-Holland voorgelegd. 4.3 Provinciale milieuverordening Wijziging als gevolg van de Dienstenwet Bij de PMV ligt het voor wat betreft de beslistermijn en LSP iets anders dan bij voormelde verordeningen. De PMV vindt haar basis in de Wet milieubeheer en kent twee categorieën van ontheffingen die onder het bereik van de Dienstenwet vallen: de ontheffing voor gedragingen in milieubeschermingsgebieden en de ontheffing voor het gebruik van gesloten stortplaatsen. Beslistermijn Bij het nemen van een beslissing op de aanvraag om een ontheffing wordt gebruik gemaakt van de zgn. uniforme voorbereidingsprocedure, die is geregeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De beslistermijn voor deze categorie van ontheffingen is dan ook niet geregeld in de PMV, maar in de Awb en die is in lijn met de Dienstenwet. Wijziging van de PMV is dan ook niet aan de orde. Lex Silencio Positivo De memorie van toelichting bij de Dienstenwet zegt over besluiten die worden voorbereid met toepassing van de uniforme voorbereidingsprocedure: Als de wettelijke regeling op basis waarvan een besluit wordt genomen het volgen van een uniforme openbare voorbereidingsprocedure voorschrijft, lijkt toepassing van de lex silencio positivo minder in de rede te liggen. De uniforme openbare voorbereidingsprocedure wordt in het algemeen van toepassing verklaard bij meer ingewikkelde en omstreden onderwerpen, bijvoorbeeld omdat er veel belanghebbenden zijn met doorgaans ook tegengestelde belangen. In dergelijke gevallen is expliciete besluitvorming van groot belang, ook al omdat aan het besluit vaak voorschriften moeten worden verbonden ter bescherming van de betrokken algemene belangen, maar ook ter bescherming van de belangen van derden. Zou de lex silencio positivo niettemin van toepassing zijn, dan gaat dit ten koste van de bescherming van alle betrokken belangen. Bovendien kan er gelet op de aanwezigheid van tegengestelde belangen vanuit worden gegaan dat tegen het van rechtswege genomen besluit zal worden opgekomen en dat de bestuursrechter het besluit waarschijnlijk niet in stand kan laten en evenmin zelf in de zaak kan voorzien. In de toelichting bij de AMvB: Tijdelijk besluit LSP Dienstenrichtlijn staat o.a: Een ontheffing mag slechts worden verleend indien het belang van de bescherming van het milieu zich daartegen niet verzet. Een toets vooraf is nodig om de risico s voor het milieu te toetsen. In de praktijk worden aan dergelijke ontheffingen altijd voorschriften verbonden ter voorkoming van nadelige gevolgen voor het milieu. De aan een ontheffing te verbinden voorschriften worden afgestemd op de betrokken situatie en de betrokken activiteit. Toepassing van de LSP brengt het risico met zich mee dat een ontheffing van rechtswege wordt verleend die leidt tot onherstelbare schade aan het milieu. Op grond van deze overwegingen is er in voormelde algemene maatregel van bestuur vastgelegd dat toepassing van de LSP, o.a. voor ontheffingen op basis van de PMV, wordt uitgesloten. 8

9 4.3.2 Wijziging als gevolg van de Wabo c.a. De wijzigingen van de PMV als gevolg van de Wabo zijn technisch en tekstueel van aard. In de artikelsgewijze toelichting bij de wijzigingsverordening is hier uitvoerig op ingegaan. Ljouwert, 2 maart 2010 Deputearre Steaten fan Fryslân, J.A. Jorritsma, foarsitter dr. G.P.F. van den Boorn rm, siktaris 9

10 BESLÚT NR. : PROVINSJALE STEATEN fan FRYSLÂN Nei it lêzen fan it útstel fan Deputearre Steaten fan Fryslân fan 2 maart 2010, nr Oerwagende dat : de inwerkingtreding van de Dienstenwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht c.a. tot gevolg heeft dat provinciale regelgeving moet worden gewijzigd, Beslute : vast te stellen de Verordening tot wijziging van de Wadloopverordening, de Wegenverordening, de Vaarwegenverordening en de Provinciale milieuverordening. Sa feststeld troch Provinsjale Steaten fan Fryslan yn harren iepenbiere gearkomste fan 26 maaie 2010,, foarsitter, griffier 10

11 Verordening van 26 mei 2010 tot wijziging van de Wadloopverordening 1996, de Wegenverordening provincie Fryslân, de Vaarwegenverordening Friesland en de Provinciale milieuverordening, verband houdende met de inwerkingtreding van de Dienstenwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht en de Ministeriële regeling omgevingsrecht. Provinciale Staten van Fryslân, gelet op de Provinciewet, de Dienstenwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht (ontwerp) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (ontwerp) besluiten vast te stellen de Verordening tot wijziging van de Wadloopverordening 1996, de Wegenverordening provincie Fryslân, de Vaarwegenverordening Friesland en de Provinciale milieuverordening als volgt: Artikel I De Wadloopverordening wordt gewijzigd als volgt: A. Artikel 2 wordt gewijzigd als volgt: B. In artikel 2, tweede lid, wordt <natuurwetenschappelijke waarden> vervangen door: natuurwaarden. Artikel 4 komt te luiden: C. Het houden van een wadlooptocht is verboden, behoudens het bepaalde in de artikelen 5 en 6. Artikel 5 wordt gewijzigd als volgt: 1. Onder vernummering van de onderdelen a tot en met f tot de onderdelen b tot en met g wordt een nieuw onderdeel a. ingevoegd luidende: a. personen die deelnemen en leiding geven aan een wadlooptocht, die in het bezit zijn van een ontheffing als bedoeld in artikel In artikel 5, sub f, wordt <liggende> vervangen door: liggend, <boot> vervangen door: vaartuig en <de boot> vervangen door: het vaartuig. 11

12 D. Artikel 6 wordt gewijzigd als volgt: E. 1. Er wordt een opschrift ingevoegd, luidende: Artikel 6 Ontheffing 2. Onder vernummering van het tweede lid tot zesde lid, wordt een nieuw tweede, derde vierde, vijfde en zevende lid ingevoegd, luidende: 2. Een aanvraag kan uitsluitend worden ingediend van 1 december tot en met 31 december. 3. Gedeputeerde Staten beslissen binnen acht weken na het sluiten van de in het tweede lid genoemde periode. Deze termijn kan éénmaal met ten hoogste zes weken worden verlengd. 4. Paragraaf van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 5. Een ontheffing wordt voor de duur van maximaal drie jaren verleend. 7. Het bepaalde in de artikelen 14 en 15 is van overeenkomstige toepassing. 3. In het zesde lid wordt <voorwaarden> vervangen door: voorschriften Artikel 7 wordt gewijzigd als volgt: F. 1. Er wordt een opschrift ingevoegd, luidende: Artikel 7 Vergunning 2. Het eerste lid komt te luiden: 1. Een aanvraag voor de in artikel 5 bedoelde vergunning wordt ingediend bij Gedeputeerde Staten. 3. Het tweede lid komt te luiden: 2. Een aanvraag kan uitsluitend worden ingediend van 1 december tot en met 31 december. 4. Na het derde lid wordt een vierde en vijfde lid ingevoegd, luidende: 4. Gedeputeerde Staten beslissen binnen dertien weken na het sluiten van de in het tweede lid genoemde periode. Deze termijn kan éénmaal met ten hoogste zes weken worden verlengd. 5. Paragraaf van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. Artikel 8 wordt gewijzigd als volgt: In artikel 8, tweede lid, wordt <natuurwetenschappelijke waarden> vervangen door: natuurwaarden. 12

13 G. Artikel 10 wordt gewijzigd als volgt: H. In artikel 10 wordt <b> vervangen door: a Artikel 12 wordt gewijzigd als volgt: I. 1. Het eerste lid komt te luiden: 1. De vergunning wordt voor maximaal drie jaren verleend. 2. Het vierde lid komt te vervallen, onder vernummering van het vijfde lid tot vierde lid. Artikel 16 komt te luiden: J. Artikel 16 De houder van een vergunning, ontheffing of machtiging dient deze bescheiden en overige in de vergunningvoorschriften bedoelde bescheiden op eerste vordering van de in artikel 17 bedoelde ambtenaren behoorlijk ter inzage af te geven. Artikel 17, eerste lid, komt te luiden: K. Artikel Overtreding van de artikelen 4 en 16 wordt bestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie. Artikel 20 komt te luiden: Artikel 20 Deze verordening wordt aangehaald als Wadloopverordening Artikel II De Wegenverordening wordt gewijzigd als volgt: A. Artikel 3 wordt gewijzigd als volgt: Na het vijfde lid wordt een nieuw zesde, zevende, achtste en negende lid ingevoegd, luidende: 13

14 6. Voor zover ingevolge deze verordening een ontheffing is vereist voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, geldt een zodanige bepaling als een verbod om een project voor zover dat geheel of gedeeltelijk uit die activiteiten bestaat, uit te voeren zonder omgevingsvergunning. 7. Een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt voor advies in handen gesteld van Gedeputeerde Staten, indien op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op een aanvraag wordt beslist door een college van burgemeester en wethouders. 8. Burgemeester en wethouders zenden een afschrift van een besluit tot het verlenen, weigeren of intrekken van een omgevingsvergunning als bedoeld in het zevende lid aan Gedeputeerde Staten. 9. Burgemeester en wethouders doen Gedeputeerde Staten mededeling van een kennisgeving als bedoeld in artikel 4, vijfde lid, indien op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht door burgemeester en wethouders op een aanvraag is beslist. B. Artikel 4, zesde lid, komt te luiden: Artikel III 6. Gedeputeerde Staten beslissen binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan eenmaal met ten hoogste zes weken worden verlengd. De Vaarwegenverordening wordt gewijzigd als volgt: A. Artikel 19, vierde lid, komt te luiden: B. 4. Gedeputeerde Staten beslissen binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan eenmaal met ten hoogste zes weken worden verlengd. Artikel 19, vijfde lid, vervalt. C. Artikel 21 komt te luiden: Artikel 21 Met de zorg voor de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast, naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde ambtenaren, de door Gedeputeerde Staten aangewezen ambtenaren. 14

15 D. Artikel 24 komt te luiden: Artikel 24 Deze verordening wordt aangehaald als Vaarwegenverordening Fryslân. Artikel IV De Provinciale milieuverordening wordt gewijzigd als volgt: A. Artikel 1.1, onder b, vervalt. B. Artikel vervalt. C. In artikel wordt de zinsnede bijlagen I en II van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer vervangen door: onderdeel C van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht. D. In artikel 4.4.1, onder c, wordt de zinsnede artikel 1, eerste lid, sub a, van het Bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterbescherming vervangen door: artikel 1 van het Besluit bodemkwaliteit. E. In artikel 4.4.4, tweede lid, wordt de zinsnede "In de aanvraag worden de volgende gegevens vermeld" vervangen door: In afwijking van artikel 7.8, tweede lid, worden in de aanvraag de volgende gegevens vermeld. F. Artikel wordt als volgt gewijzigd: G. 1. Het tweede lid komt te luiden: 2. Indien het bevoegd gezag een omgevingsvergunning voor een inrichting verleent die is of zal zijn gelegen in een milieubeschermingsgebied, worden aan de omgevingsvergunning in ieder geval de voorschriften verbonden waarvan de inhoud is aangegeven in bijlage 9, voor zover in die bijlage is aangegeven dat deze van toepassing zijn op de betreffende categorie van inrichtingen. 2. In het derde lid vervalt de zinsnede beperkingen en en wordt "vergunning" vervangen door: omgevingsvergunning. Artikel 5.5.1, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: 15

16 1. In onderdeel a wordt artikel 8.1, eerste lid, van de wet vervangen door: artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 2. Onderdeel c komt te luiden: c. voor zover artikel of art van de wet of artikel 13 van de Wet bodembescherming van toepassing is. H. Artikel 7.1 komt te luiden: I. 1. Het bevoegd gezag houdt bij de beslissing op de aanvraag om ontheffing in ieder geval rekening met de richtwaarden voor de onderdelen van het milieu, waarvoor de gedraging waarvoor ontheffing wordt gevraagd, gevolgen kan hebben, voor zover de verplichting om daarmee rekening te houden is vastgelegd in bijlage 1 of bijlage 7. In artikel 7.2 vervalt de zinsnede beperkingen of. J. Artikel 7.3 komt te luiden: Artikel Aan een ontheffing worden de voorschriften verbonden die nodig zijn ter bescherming van het belang dat beschermd wordt door de bepaling waarvan ontheffing wordt verleend. 2. Met betrekking tot de ontheffing en de aan de ontheffing te verbinden voorschriften zijn de artikelen 2.22, eerste en vijfde lid, en tweede lid juncto artikel 2.14, eerste lid, onder a, onder 5, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en 5.5, eerste lid, 5.6, 5.7, tweede en vijfde lid, en 5.9 van het Besluit omgevingsrecht van overeenkomstige toepassing. K. Artikel 7.5 komt te luiden: L. 1. Op aanvraag van de houder van een ontheffing kan het bevoegd gezag voorschriften die aan de ontheffing zijn verbonden, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel als nog voorschriften aan de ontheffing verbinden. 2. Het bevoegd gezag kan - anders dan op aanvraag van de houder - voorschriften die aan een ontheffing verbonden zijn, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel alsnog voorschriften aan een ontheffing verbinden in het belang dat beschermd wordt door de bepaling waarvan ontheffing is verleend. In artikel 7.7 wordt "de artikelen 7.1 tot en met 7.3" vervangen door: artikel 1.3, derde lid, van de wet en de artikelen 7.2 tot en met 7.4. M. In artikel 7.8, eerste lid wordt afdeling 3.5 vervangen door: afdeling

17 N. In artikel 7.9, eerste lid wordt afdeling 3.5 vervangen door: afdeling 3.4. O. Artikel 8.5, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: 1. In de aanhef wordt "artikel 15.20, eerste lid, van de wet", vervangen door "artikel 4.2, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht" en wordt "aan de vergunning aanbrengen van beperkingen of verbinden van voorschriften" vervangen door: aan een omgevingsvergunning voor een inrichting verbinden van voorschriften. 2. In onderdeel c wordt "artikel 15.20, vierde lid, van de wet" vervangen door: artikel 4.2, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. P. In artikel 11.5, tweede lid, onder a, wordt artikel 8.1, eerste lid, van de wet vervangen door: artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Q. Na artikel 11.6 wordt een artikel ingevoegd, luidend: Artikel 11.7 Indien de aanvraag tot het geven, wijzigen of intrekken van een ontheffing op grond van deze verordening is ingediend of het ambtshalve voornemen daartoe is bekend gemaakt voor het tijdstip waarop dit artikel in werking treedt, blijft het voor dat tijdstip ten aanzien van zodanige ontheffingen en de intrekking daarvan geldende recht van toepassing tot het tijdstip waarop de beschikking onherroepelijk wordt. R. Bijlage 2 vervalt. S. In bijlage 9 wordt in de aanhef de zinsnede " 1 t/m 29 als bedoeld in bijlage I, behorende bij het Inrichtingen en Vergunningenbesluit milieubeheer (IVB)", vervangen door: 1 t/m 28 als bedoeld in onderdeel C van bijlage I, behorende bij het Besluit omgevingsrecht. T. In bepaling 2, vijfde lid van bijlage 10, onderdeel A wordt paragraaf van afdeling 3.5 vervangen door: afdeling 3.4. U. Het tweede lid van bepaling 4 van bijlage 10, onderdeel A vervalt. V. Bij het derde aandachtstreepje van sub f van de Toestellenlijst wordt Jachtwet (Stb. 1954, 523) of de Vogelwet 1936 (stb 700) vervangen door: Flora- en faunawet. 17

18 W. Bijlage 10, onderdeel B, wordt als volgt gewijzigd: 1. In bepaling 1.1, eerste lid, onder c, vervalt de zinsnede de Meststoffenwet Bepaling 1.1, eerste lid, onder d, komt te luiden: gewasbeschermingsmiddelen: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden; 3. Bepaling 2.1.1, eerste lid, komt te luiden: Het is verboden in waterwingebieden een inrichting als bedoeld in onderdeel C van bijlage I behorende bij het Besluit omgevingsrecht, op te richten. 4. In bepaling 3.1.3, onder a, wordt de zinsnede van bijlage I behorend bij het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer vervangen door: van onderdeel C van bijlage I behorend bij het Besluit omgevingsrecht. 5. In bepaling 3.1.3, onder b, wordt de zinsnede "categorieën 1 tot en met 4 of 6 tot en met 29 van bijlage I behorend bij het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer vervangen door: categorieën 1 tot en met 4 of 6 tot en met 28 van onderdeel C van bijlage I behorend bij het Besluit omgevingsrecht. 6. In bepaling 3.1.4, eerste en tweede lid, wordt "artikel 8.1 van de wet" vervangen door: artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 7. Bepaling 3.2.2, eerste lid, onder f, komt te luiden: het gebruik van krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in grondwaterbeschermingsgebieden toegestane gewasbeschermingsmiddelen. Artikel V Inwerkingtreding 1. Artikel II, onderdeel A en artikel IV treden in werking met ingang van de dag waarop artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in werking treedt. 2. De overige bepalingen van deze verordening treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin zij wordt geplaatst. 18

19 1. Toelichting A. Algemeen deel Dienstenwet Op 28 december 2009 is de Dienstenwet in werking getreden. De Dienstenwet is de (verplichte) nationaalrechtelijke vertaling van de Europese Dienstenrichtlijn (hierna: de Richtlijn). Het doel van de Richtlijn is het verbeteren van de Europese interne dienstenmarkt, door belemmeringen voor het vrije verkeer van diensten en de vrije vestiging van dienstverrichters weg te nemen. De vrijheid van vestiging houdt onder andere in dat ondernemers, bedrijven en personen die een zelfstandig beroep uitoefenen, niet mogen worden beperkt in het zich vestigen in een andere lidstaat. Het vrij verkeer van diensten houdt in dat een onderneming of zelfstandige beroepsbeoefenaar zich zonder belemmeringen naar een andere lidstaat kan begeven om daar tijdelijk een dienst te verrichten. Omgekeerd kan een afnemer, op grond van het vrij verkeer van diensten, zich ook naar een andere lidstaat begeven om een dienst af te nemen. De Dienstenwet is alleen van toepassing op die diensten die om een economische tegenprestatie worden verricht. Uitgangspunt van de Dienstenrichtlijn is dat: I. een toestemming in beginsel geen beperkte geldingsduur heeft; II. indien in een verordening geen beslistermijn is opgenomen, op een aanvraag binnen acht weken na ontvangst wordt beslist. Deze termijn mag eenmaal worden verlengd met een redelijke termijn en III. een toestemming geacht wordt te zijn verleend indien er binnen de beslistermijn geen beslissing op de aanvraag is genomen. Dit is de zgn. Lex Silencio Positivo ofwel wie zwijgt, stemt toe. Van de punten I. en III. mag worden afgeweken als er dwingende redenen zijn van algemeen belang. Het begrip dwingende redenen van algemeen belang is een open norm die door het Europese Hof van Justitie is en wordt ontwikkeld. Het Hof heeft inmiddels tal van dwingende redenen erkend. We noemen hier als voorbeelden: openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid, bescherming van het milieu en verkeersveiligheid. De Dienstenwet heeft tot gevolg dat de Wegen-, Vaarwegen en Wadloopverordening moet worden gewijzigd. Hieronder zullen we achtereenvolgens ingaan op de geldigheidsduur, de beslistermijn en de Lex Silencio Positivo. a. Geldigheidsduur De Wegen- en Vaarwegenverordening kennen een systematiek waarbij ontheffingen worden verleend, hetzij voor onbepaalde tijd (bv. ten behoeve van nutsvoorzieningen) dan wel voor bepaalde tijd, dat wil zeggen met een beperkte geldigheidsduur, in geval van een eenmalige activiteit. Deze systematiek is in overeenstemming met de Dienstenwet en behoeft geen wijziging. Bij de Wadloopverordening ligt dit anders. Zowel de ontheffing als de vergunning wordt verleend voor de duur van drie jaren. Aanvankelijk was de geldigheidsduur gesteld op één jaar, maar juist beperking van de administratieve lasten hebben Provinciale Staten in 2002 besloten de geldigheidsduur te verlengen naar drie jaren. Nu de Dienstenwet als uitgangspunt hanteert dat de toestemming voor onbepaalde tijd wordt verleend, moet worden onderzocht of een van de uitzonderingsgronden van de Dienstenwet van toepassing is, die de beperking van de geldigheidsduur rechtvaardigt. Die vraag wordt hier bevestigend beantwoord. De hier bedoelde toestemmingen zijn bij uitstek in het leven geroepen uit het oogpunt van de noodzakelijk geachte veiligheid van personen. Niet voor niets hebben Provinciale Staten het college opgedragen om aan elke toestemming voorschriften te verbinden met het oog op de veiligheid. Een periodieke toets van deze toestemming, in de zin van een beoordeling van een nieuwe aanvraag voor opnieuw een periode van drie jaren, wordt uit het oogpunt van het belang dat de Wadloopverordening beoogt te beschermen aanvaardbaar geacht. Het is 19

20 het moment om te bezien of de aan de toestemming verbonden voorschriften nog steeds voldoende actueel zijn en voldoende toegesneden op de veiligheid van deelnemers. Naar onze mening is het belang van de volksgezondheid, in termen van openbare veiligheid en gezondheid van personen, in dit geval een dwingende reden van openbaar belang om toe te staan dat de duur van de toestemming is beperkt. b. Beslistermijn Wegen- en Vaarwegenverordening In de Wegen- en Vaarwegenverordening is bepaald dat Gedeputeerde Staten binnen 16 weken na ontvangst van de aanvraag een beslissing nemen. Deze termijn kan ten hoogste twee maal voor een periode van 8 weken worden verlengd. De totale beslistermijn bedraagt daarmee ten hoogste 32 weken. De beslistermijn is daarmee in strijd met de Dienstenwet, omdat de verordeningen toestaan dat de beslistermijn twee maal wordt verlengd. Met deze verordening wordt de maximale beslistermijn meer dan gehalveerd en in overeenstemming met de Dienstenwet gebracht, door te bepalen dat op een aanvraag binnen 8 weken moet worden beslist, met de mogelijkheid deze termijn eenmaal met ten hoogste 6 weken te verlengen. Wadloopverordening De vigerende Wadloopverordening kent geen beslistermijnen. De Dienstenwet hanteert bij het ontbreken van een wettelijke beslistermijn een beslistermijn van 8 weken, met de mogelijkheid om die éénmaal te verlengen. In het geval van een ontheffing is het in beginsel mogelijk om binnen 8 weken te beslissen. Bij meer ingewikkelde aanvragen moet het evenwel mogelijk zijn om die termijn te verlengen. Met deze verordening wordt de beslistermijn voor de ontheffing op 8 weken gesteld, met de mogelijkheid die termijn éénmaal met ten hoogste zes weken te verlengen. De vergunningverlening kent een zwaardere procedure met een adviescommissie en een examencommissie, waarbij de aanvrager ook een theoretisch examen moet afleggen. Een tijdsbestek van 8 weken is in de regel dan te kort om een zorgvuldige beslissing op de aanvraag te kunnen nemen. Voor de vergunning wordt daarom een beslistermijn van 13 weken gehanteerd, met de mogelijkheid die termijn éénmaal met ten hoogste 6 weken te verlengen. c. Lex Silencio Positivo Met de Lex Silencio Positivo (hierna: LSP) wordt gedoeld op de rechtsfiguur die inhoudt dat de vergunning of ontheffing wordt geacht te zijn verleend indien niet tijdig, dat wil zeggen niet binnen de wettelijke beslistermijn, op de aanvraag is beslist. In gewoon Nederlands: wie zwijgt, stemt toe. De Europese Dienstenrichtlijn neemt voor toestemmingen die de toegang tot of de uitoefening van een dienst reguleren en die onder het bereik van de Dienstenrichtlijn vallen, de LSP als uitgangspunt. Zoals gezegd zijn op deze verplichting uitzonderingen mogelijk, als er sprake is van dwingende redenen van openbaar belang. In artikel 65 van de Dienstenwet is bepaald dat de LSP, zoals geformuleerd in artikel 28 van de Dienstenwet, tot 1 januari 2012 niet van toepassing is op krachtens de Provinciewet verleende toestemmingen. De Wadloopverordening, de Wegenverordening en de Vaarwegenverordening zijn vastgesteld op basis van de in de Provinciewet opgenomen verordende bevoegdheid van Provinciale Staten, zodat toestemmingen die worden verleend op grond van deze verordeningen vooralsnog buiten het bereik van de LSP vallen. Voor 1 januari 2012 moeten Provinciale Staten daarover een beslissing nemen. Met deze verordening wordt toepassing van de LSP voor de Wadloopverordening uitgesloten. Het toestemmingsstelsel beoogt primair de veiligheid van personen die wadlopen te beschermen. De hier bedoelde toestemmingen zijn een adequaat gedragsregulerend instrument, primair gericht op de veiligheid van deelnemers. In de totstandkomingsgeschiedenis van de verordening komt dat ook nadrukkelijk tot uiting en voormelde verplichting om voorschriften met betrekking tot de veiligheid van deelnemers aan de toe- 20

21 stemming te verbinden benadrukt dit. De eventuele maatschappelijke schade door niet tijdige besluitvorming weegt naar onze mening minder zwaar dan het maatschappelijk risico van verlening door middel van de LSP. De veiligheid van personen op het Wad zou daarmee in het geding kunnen komen. Naar onze mening is het belang van de volksgezondheid, in termen van openbare veiligheid en gezondheid van personen, in dit geval een dwingende reden van openbaar belang om toepassing van de LSP niet in te voeren. Op dit moment is op ontheffingverlening op grond van de Vaarwegenverordening de LSP van toepassing. Met een beslistermijn van 32 weken is het risico op termijnoverschrijding niet erg groot. Nu met deze wijzigingsverordening de beslistermijn meer dan gehalveerd wordt, is het risico op een van rechtswege verleende ontheffing aanmerkelijk groter. Juist waar ontheffingverlening op grond van de Wegen- en Vaarwegenverordening ook belangen beschermt die zien op een veilig gebruik van de (vaar)weg en bescherming van waterstaatswerken, vinden wij dat een beslissing over toepassing van LSP vooraf moet worden gegaan door een risicoanalyse, waarbij ook de mogelijkheid moet worden onderzocht om bijvoorbeeld door het stellen van algemene regels of standaardisering van aan de ontheffing te verbinden voorschriften, de hier bedoelde activiteiten te kunnen reguleren. Wij vinden daarom dat de LSP, behoudens nader te noemen uitzondering op grond van de Wabo, vooralsnog geen toepassing behoort te vinden. Dit is in lijn met het overgangsrecht in de Dienstenwet, die lagere overheden nog enige tijd gunt, immers tot 1 januari 2012, alvorens een beslissing te nemen over de LSP. Een uitzondering in dit verband is de ontheffing op grond van de Wegenverordening om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen. Deze activiteit is op grond van de Wegenverordening verboden, maar met een ontheffing kan deze in beginsel verboden activiteit toch worden uitgevoerd. In de Wabo wordt het verbod om zonder ontheffing een uitweg te maken, te hebben of te veranderen aangemerkt als een verbod om zonder omgevingsvergunning een dergelijk project uit te voeren. De Wabo kent voor vergunningverlening een reguliere en een uitgebreide voorbereidingsprocedure. Als binnen de reguliere voorbereidingsprocedure op een aanvraag om een uitweg te maken, te hebben of te veranderen niet tijdig wordt beslist, bepaalt de Wabo dat de omgevingsvergunning van rechtswege is verleend. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Op afzienbare termijn treden de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) in werking 2. De Wabo heeft ten doel te komen tot één integrale vergunning voor activiteiten die nadelige gevolgen voor de leefomgeving kunnen veroorzaken. Hiermee wordt bovendien een lastenbeperking bereikt voor burgers en bedrijven. De Wabo maakt het mogelijk om diverse activiteiten te regelen in één omgevingsvergunning, waar alle (deel)toestemmingen onderdeel van uitmaken. De behandeling van een aanvraag vindt plaats door één bevoegd gezag. Meestal is dit de gemeente, soms de provincie of het rijk. Voor de huidige praktijk kan dit betekenen dat bevoegdheden van de provincie (bijvoorbeeld de ontheffing voor een uitweg) naar gemeenten gaan doordat de gemeente bevoegd gezag is voor de omgevingsvergunning. De omgekeerde situatie kan zich ook voordoen, doordat de provincie bevoegd gezag is voor een omgevingsvergunning en daarbij de gemeentelijke bevoegdheid overneemt voor het afhandelen van een bouwaanvraag. Het BOR en MOR zijn uitvoeringsregelingen bij de Wabo. 2 Bij het afsluiten van dit voorstel is de verwachte inwerkingtredingsdatum van de Wabo 1 juli

Aan de raad AGENDAPUNT 7.8. Doetinchem, 1 maart 2010 ALDUS BESLOTEN 9 MAART 2010

Aan de raad AGENDAPUNT 7.8. Doetinchem, 1 maart 2010 ALDUS BESLOTEN 9 MAART 2010 Aan de raad AGENDAPUNT 7.8 ALDUS BESLOTEN 9 MAART 2010 Dienstenrichtlijn, lex silencio positivo en Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen Voorstel: 1. Kennisnemen van het plan van aanpak voor

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 872 Wijziging van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving) Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL Agendanummer 8.2

RAADSVOORSTEL Agendanummer 8.2 RAADSVOORSTEL Agendanummer 8.2 Raadsvergadering van 21 januari 2010 Onderwerp: Beoordeling of positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen (Lex Silencio Positivo) van toepassing is op een aantal

Nadere informatie

Artikel 2. Het gebruik van het monument Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het gebruik van het monument.

Artikel 2. Het gebruik van het monument Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het gebruik van het monument. ERFGOEDVERORDENING HEERENVEEN 2010 HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN Artikel 1. Begripsbepalingen Deze verordening verstaat onder: a. gemeentelijk monument: een overeenkomstig deze verordening als beschermd gemeentelijk

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2009 383 Wet van 28 augustus 2009 tot aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met doeltreffendere rechtsmiddelen tegen niet tijdig beslissen

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : Wurklistnûmer : Beliedsprogramma : 5 Lanlik Gebiet Ôfdieling : Stêd en Plattelân Behanneljend amtner : Klaas Talma Tastel : 06-29246676 Registraasjenûmer : 1092934

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 24 april 2013 Wurklistnûmer : Beliedsprogramma : Ôfdieling : SOBD Behanneljend amtner : Dolf Jansen Tastel : 5360 Registraasjenûmer : 1048244 Primêr nûmer : Ûnderwerp

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD. Mandaatbesluit OD NZKG 2015 provincie Utrecht en de bijlage

PROVINCIAAL BLAD. Mandaatbesluit OD NZKG 2015 provincie Utrecht en de bijlage PROVINCIAAL BLAD Officiële uitgave van provincie Utrecht. Nr. 60 2 oktober 201 Mandaatbesluit OD NZKG 201 provincie Utrecht en de bijlage Besluit van het college van gedeputeerde staten van Utrecht van

Nadere informatie

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) 29 Wet van 6 november 2008, houdende regels inzake een vergunningstelsel met betrekking tot activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving en inzake handhaving van regelingen op het gebied

Nadere informatie

b e s l u i t : Pagina 1 van 7 Nr: De raad van de gemeente Barneveld; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nr.

b e s l u i t : Pagina 1 van 7 Nr: De raad van de gemeente Barneveld; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nr. Nr: 13-13 De raad van de gemeente Barneveld; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, nr. 13-13; gelet op artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening (Wro); b e s l u i t : vast te stellen de volgende:

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen

Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen Deze verordening verstaat onder: a. gemeentelijk monument: een overeenkomstig deze verordening als beschermd gemeentelijk monument aangewezen: 1. zaak,

Nadere informatie

Weigering omgevingsvergunning

Weigering omgevingsvergunning Ontwerpbesluit van Gedeputeerde Staten van Limburg Weigering omgevingsvergunning Oprichting Vleesvarkensstallen, voerkeuken, luchtwassers, loods, mest- en sleufsilo s Klevar B.V. te gemeente Horst aan

Nadere informatie

Datum bekendmaking: Projectomschrijving: Registratienummer:

Datum bekendmaking: Projectomschrijving: Registratienummer: Gemeentebladnummer: 2012 27-34 Datum bekendmaking: Projectomschrijving: Registratienummer: 1 maart 2012 Verordening tot wijziging van diverse GR 11.2886508 verordeningen in verband met de Lex Silencio

Nadere informatie

Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht

Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht Beschikking Omgevingsvergunning Aanvrager : Brink Recycling B.V. Aangevraagde activiteiten : Beperken opslag gevaarlijk afval tot maximaal 50 ton Locatie : Haatlandhaven

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 19 septimber 2012 Wurklistnûmer : 04B Beliedsprogramma : Stêd en Plattelân Ôfdieling : S&P Behanneljend amtner : C. Dijkman Tastel : 5624 Registraasjenûmer : Primêr

Nadere informatie

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade gemeente Renkum

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade gemeente Renkum Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade gemeente Renkum De raad van de gemeente Renkum; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 december 2012; Gelet op artikel

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 24 juni 2015 Wurklistnûmer : H-14 Ûnderwerp : Ontwerp-begroting 2016, suppletoire begroting 2015 en Jaarstukken 2014 Noordelijke Rekenkamer Beliedsprogramma : Bestuur

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten. Gearkomste : 18 juni 2013 Wurklistnûmer. : 11B Beliedsprogramma : Bestuur Ôfdieling

Oan Provinsjale Steaten. Gearkomste : 18 juni 2013 Wurklistnûmer. : 11B Beliedsprogramma : Bestuur Ôfdieling Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 18 juni 2013 Wurklistnûmer : 11B Beliedsprogramma : Bestuur Ôfdieling : Statengriffie Behanneljend amtner : J. Plender Tastel : 5352 Registraasjenûmer : 1132645 Primêr

Nadere informatie

ECGR/U Lbr. 09/104

ECGR/U Lbr. 09/104 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8020 betreft Dienstenrichtlijn en lex silencio positivo uw kenmerk ons kenmerk ECGR/U200901678 Lbr. 09/104 bijlage(n) 2

Nadere informatie

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: Artikel I, onderdeel D, komt te luiden: Artikel 54, tweede lid, komt te luiden:

NOTA VAN WIJZIGING. Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: Artikel I, onderdeel D, komt te luiden: Artikel 54, tweede lid, komt te luiden: 29 448 Wijziging van de Flora- en faunawet in verband met de verruiming van de mogelijkheden tot beheer en schadebestrijding van beschermde inheemse diersoorten NOTA VAN WIJZIGING Het voorstel van wet

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 10 februari 2010 Wurklistnûmer : 05H Beliedsprogramma : Economische Zaken Ôfdieling : BFT/ERT Behanneljend amtner : M.A. Zijlstra Tastel : 5965 Registraasjenûmer :

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 26 maaie 2010 Wurklistnûmer : 06H Beliedsprogramma : Bestjoer Ôfdieling : Steategriffy Behanneljend amtner : G. Kraak Tastel : 5618 Registraasjenûmer : 892187 Primêr

Nadere informatie

PROCEDUREVERORDENING VOOR ADVISERING TEGEMOETKOMING IN PLANSCHADE GEMEENTE HARDENBERG

PROCEDUREVERORDENING VOOR ADVISERING TEGEMOETKOMING IN PLANSCHADE GEMEENTE HARDENBERG PROCEDUREVERORDENING VOOR ADVISERING TEGEMOETKOMING IN PLANSCHADE GEMEENTE HARDENBERG Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. aanvrager: degene die een aanvraag om tegemoetkoming

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje- Nassau, enz. enz. enz. TWEEDE KAMER DER STATEN- 2 GENERAAL Vergaderjaar 2012-2013 33 691 Wijziging van de Gemeentewet, de Provinciewet, de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba en de Waterschapswet (institutionele

Nadere informatie

Opheffen verbod op het toepassen Nr. RMW-634 van secundaire grondstoffen in integrale milieubeschermingsgebieden Vergadering 16 oktober 1998

Opheffen verbod op het toepassen Nr. RMW-634 van secundaire grondstoffen in integrale milieubeschermingsgebieden Vergadering 16 oktober 1998 Opheffen verbod op het toepassen Nr. RMW-634 van secundaire grondstoffen in integrale milieubeschermingsgebieden Vergadering 16 oktober 1998 Agenda nr. Commissie: Milieu Gedeputeerde met de verdediging

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2014 2015 33 662 Wijziging van de Wet bescherming persoonsgegevens en enige andere wetten in verband met de invoering van een meldplicht bij de doorbreking

Nadere informatie

Traagheid en stroperigheid bij bestuursorganen. Ermelo 10 oktober 2011 Mr B.K. Olivier

Traagheid en stroperigheid bij bestuursorganen. Ermelo 10 oktober 2011 Mr B.K. Olivier Traagheid en stroperigheid bij bestuursorganen Ermelo 10 oktober 2011 Mr B.K. Olivier Time is on my side 2 - Afschaffen vergunningstelsels (zo nodig vervangen door algemene regels) - Wet dwangsom en beroep

Nadere informatie

gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 3 oktober 2006, Nr. SO/2006/5545;

gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 3 oktober 2006, Nr. SO/2006/5545; Gemeentebestuur Ontwerp besluit De RAAD van de gemeente Dordrecht; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 3 oktober 2006, Nr. SO/2006/5545; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet

Nadere informatie

* *

* * ontwerp omgevingsvergunning brandveilig gebruiken van een school brandveilig gebruiken van een school Beschikking 265718 *16.151899* 16.151899 ONTWERP-OMGEVINGSVERGUNNING nr. 265718 Uitgebreide procedure

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : Wurklistnûmer : Beliedsprogramma : Ôfdieling : ERT Behanneljend amtner : M.D. Ledegang Tastel : 5947 Registraasjenûmer : 940163 Primêr nûmer : Ûnderwerp : Scenariokeuze

Nadere informatie

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Presentatie raad 8 juni 2010 Wettelijk kader Informatie en hulp Aanvraag Procedure Rechtsbescherming Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Een korte

Nadere informatie

Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht

Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht Beschikking Omgevingsvergunning Aanvrager : WF Recycling Aangevraagde activiteiten : Beperken capaciteit opslag gevaarlijke afvalstoffen Locatie : Bedrijvenweg 47

Nadere informatie

Inhoud. Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang

Inhoud. Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang Inhoud Te behandelen onderwerpen: 1. Onlosmakelijke samenhang 2. Grondslag aanvraag omgevingsvergunning voor artikel 2.1 lid 1 onder e- activiteiten (milieu) 3. OBM en milieuneutrale verandering 4. Overig

Nadere informatie

Onderwerp Nieuwe Bouwverordening gemeente Noordenveld, 13e serie van wijzigingen

Onderwerp Nieuwe Bouwverordening gemeente Noordenveld, 13e serie van wijzigingen Aan de gemeenteraad Agendapunt Documentnr.: RV10.0370 Roden, 24 augustus 2010 Onderwerp Nieuwe Bouwverordening gemeente Noordenveld, 13e serie van wijzigingen Onderdeel programmabegroting: Ja Begrotingsprogramma:

Nadere informatie

Uitgegeven: 15 oktober 2010 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN

Uitgegeven: 15 oktober 2010 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN 1 Uitgegeven: 15 oktober 2010 2010, no. 63 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Afdeling Initieel mandaat aan: algemeen directeur/secretaris Laatstelijk vastgesteld door GS/CdK d.d.: 5 oktober 2010 Met inachtneming

Nadere informatie

Wet Artikel Bevoegdheid m/mg Voorwaarden/ A E V B opmerkingen 1 Algemene wet bestuursrecht

Wet Artikel Bevoegdheid m/mg Voorwaarden/ A E V B opmerkingen 1 Algemene wet bestuursrecht Wijzigingvoorstel Omgevingsdienst Veluwe IJssel andaat- en machtigingsregister Omgevingsdienst Veluwe IJssel Behorende bij het andaatbesluit Omgevingsdienst Veluwe IJssel gemeente Brummen 2014 Wet Artikel

Nadere informatie

Verordening op het parkeren 2007

Verordening op het parkeren 2007 Verordening op het parkeren 2007 Afdeling I Definities en begripsomschrijvingen Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26 juli

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2008 496 Wet van 6 november 2008, houdende regels inzake een vergunningstelsel met betrekking tot activiteiten die van invloed zijn op de fysieke

Nadere informatie

Ontwerp Omgevingsverguuning (fase 1)

Ontwerp Omgevingsverguuning (fase 1) Artikel WW. gemeente Dossier: Ï5OMGS1O5 Ontwerp Omgevingsverguuning (fase 1) Burgemeester en wethouders hebben op 8 mei 2015 een aanvraag voor een oingevingsvergunning uitgebreide procedure fase 1 ontvangen

Nadere informatie

Algemeen. Bijlage 1. Bijlage behorende bij mandaatverlening milieubevoegdheden aan DCMR van 8 oktober 2013

Algemeen. Bijlage 1. Bijlage behorende bij mandaatverlening milieubevoegdheden aan DCMR van 8 oktober 2013 Bijlage 1: MANDAATLIJST Goeree-Overflakkee aan DCMR Milieudienst Rijnmond 2013 Algemeen A01 A02 A03 A04 A05 A06 Proceshandelingen op grond van: a) art. 4:5 en 4:6 Awb (vereenvoudigde wijze van afdoen en

Nadere informatie

Omgevingsvergunning. 2. aan deze vergunning voorschriften te verbinden.

Omgevingsvergunning. 2. aan deze vergunning voorschriften te verbinden. bladaanduiding : 1/9 Omgevingsvergunning Inleiding Burgemeester en Wethouders hebben op 30 september 2016 een aanvraag om omgevingsvergunning fase 2 ontvangen van Biomineralen B.V., vertegenwoordigd door

Nadere informatie

GEMEENTE OLDEBROEK. Beleidsregels intrekken en actualisatie vergunningen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

GEMEENTE OLDEBROEK. Beleidsregels intrekken en actualisatie vergunningen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Beleidsregels intrekken en actualisatie vergunningen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Aanleiding Jaarlijks zijn en worden vele omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouwen en

Nadere informatie

De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht; ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht; ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht; ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 december 2002; nr.

Nadere informatie

Gelet op artikel 2.33, tweede lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

Gelet op artikel 2.33, tweede lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Beleidsregels van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zuidplas omtrent de toepassing van de bevoegdheid om omgevingsvergunningen in te trekken (Beleidsregels intrekking omgevingsvergunningen)

Nadere informatie

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (incl. wijzigingen Invoeringswet)

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (incl. wijzigingen Invoeringswet) Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (incl. wijzigingen Invoeringswet) HOOFDSTUK 1. BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1.1 1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: activiteit: activiteit

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 22 november 2016;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 22 november 2016; Nummer: 118-57 Portefeuillehouder: drs. L. Bromet Onderwerp: Vaststellen Parkeerverordening Waterland 2017 De raad van de gemeente Waterland, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014 OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014 Burgemeester en wethouders hebben op 14 januari 2013 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het legaliseren van appartementen. De aanvraag

Nadere informatie

Ontwerpbesluit omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.30 en 2.31 Wabo:

Ontwerpbesluit omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.30 en 2.31 Wabo: Ontwerpbesluit omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.30 en 2.31 Wabo: Ambtshalve aanpassing omgevingsvergunning Zaaknummer: 1178985 De Nederlandsche Bank N.V. Het dagelijkse bestuur van de Nederlandsche

Nadere informatie

Informatie over deze regeling kunt u inwinnen bij de afdeling Openbare Ruimte en Verkeer, de heer

Informatie over deze regeling kunt u inwinnen bij de afdeling Openbare Ruimte en Verkeer, de heer Verordening op de kans- en de behendigheidsspelen vastgesteld door de gemeenteraad van s-hertogenbosch op 19 december 2006 goedgekeurd door Gedeputeerde Staten goedgekeurd door de Kroon medegedeeld aan

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 980 Aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met een regeling over samenhangende besluiten (Wet samenhangende besluiten Awb) Nr. 2 VOORSTEL

Nadere informatie

Onderwerp: Vaststelling Algemene subsidieverordening Purmerend 2014

Onderwerp: Vaststelling Algemene subsidieverordening Purmerend 2014 De raad van de gemeente Purmerend; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 18 maart 1014, nr. 1104516; gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; overwegende dat: - de sinds

Nadere informatie

Wij Willem Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten op het terrein van accountantsorganisaties en het accountantsberoep (Wet aanvullende maatregelen accountantsorganisaties)

Nadere informatie

Het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, gelet op artikel 5 van de gemeenschappelijke regeling Waddenfonds,

Het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, gelet op artikel 5 van de gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, Verordening van 30 maart 2015 van het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, houdende bepalingen tot wijziging van de Subsidieverordening Waddenfonds 2014; (2 e Wijzigingsverordening

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : Wurklistnûmer : Beliedsprogramma : Wurkje foar Fryslân Ôfdieling : Wurkje foar Fryslân Behanneljend amtner : Z.R. Cazemier/5682 Tastel : 5682 Registraasjenûmer : 1120170

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2011 2012 32 621 Aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met bepalingen over nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige overheidsdaad (Wet

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 299 Wijziging van de Drank- en Horecawet in verband met de introductie van de bestuurlijke boete Nr. 1 KONINKLIJKE BOODSCHAP Aan de Tweede Kamer

Nadere informatie

[aanvrager] Geachte [aanvrager],

[aanvrager] Geachte [aanvrager], [aanvrager] uw kenmerk: verzonden op: 1 februari 2013 ons kenmerk: 2012-015575 Lochem, 1 februari 2013 onderwerp: omgevingsvergunning 1 e fase behandeld door: G. Ekkel telefoonnummer: (0573) 28 92 22 Geachte

Nadere informatie

Besluit van Provinciale Staten van Noord- Holland van 28 september 2015 tot vaststelling van de Wegenverordening Noord-Holland 2015.

Besluit van Provinciale Staten van Noord- Holland van 28 september 2015 tot vaststelling van de Wegenverordening Noord-Holland 2015. Besluit van Provinciale Staten van Noord- Holland van 28 september 2015 tot vaststelling van de Wegenverordening Noord-Holland 2015. Provinciale Staten van Noord-Holland; overwegende dat het op grond van

Nadere informatie

VERORDENING op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van vergunningen voor het parkeren Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling

VERORDENING op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van vergunningen voor het parkeren Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling VERORDENING op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van vergunningen voor het parkeren Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie gemeente Lelystad Officiële naam

Nadere informatie

Bestemmingsplan Binnenstad 2009, 1 e partiële herziening

Bestemmingsplan Binnenstad 2009, 1 e partiële herziening Bestemmingsplan Binnenstad 2009, 1 e partiële herziening Toelichting Behoort bij besluit van de raad van Weert van 26 juni 2013 de griffier, Afdeling Ruimtelijk Beleid Versie van: april 2013 Documentnaam:

Nadere informatie

Onderwerp: Procedureverordening tegemoetkoming in planschade 2010

Onderwerp: Procedureverordening tegemoetkoming in planschade 2010 Vergadering: 9 februari 2010 Agendanummer: 18 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: J. Steen Behandelend ambtenaar A. Spier, 0595-447793 E-mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. A. Spier) Aan de gemeenteraad,

Nadere informatie

Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Directie Ecologie Ons kenmerk C2103508/3367627 op de op 30 november 2012 bij hen ingekomen aanvraag van W.E.G. Barten Den Bosch BV om een vergunning

Nadere informatie

Het college van gedeputeerde staten van Utrecht;

Het college van gedeputeerde staten van Utrecht; ISSN 0920-105X Provinciaal blad 2013 / 40 Besluit van het college van gedeputeerde staten van Utrecht houdende de verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING. Friesland Campina Nederland Holding ay.

OMGEVINGSVERGUNNING. Friesland Campina Nederland Holding ay. OMGEVINGSVERGUNNING verleend aan Friesland Campina Nederland Holding ay. ten behoeve van de activiteit het bouwen van een bouwwerk "Plaatsen van een greenwall" (locatie: Boterdiep Wz 45, te Bedum) Groningen,

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 18 febrewaris 2015 Wurklistnûmer : 09 Ûnderwerp : Verstrekken van Hybride Kapitaal aan de Nederlandse Waterschapsbank Beliedsprogramma : Algemene dekkingsmiddelen,

Nadere informatie

het oprichten van een appartementengebouw Onyxdijk 167 te Roosendaal

het oprichten van een appartementengebouw Onyxdijk 167 te Roosendaal Stichting S&L Zorg T.a.v. D. van Randwijk Postbus 148 4700 AC Roosendaal NEDERLAND contactpersoon : Mevr. M. Bezemer (Aanw.op ma,di,do) Roosendaal : doorkiesnummer : (0165) 579875 (W20_vrl_OU) onderwerp

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk, in haar vergadering van 26 juli 2005;

Het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk, in haar vergadering van 26 juli 2005; Het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk, in haar vergadering van 26 juli 2005; gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, de artikelen 1, tweede lid, en 29a, tweede lid, van

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2008 2009 31 354 Wijziging van de Mededingingswet ter invoering van regels inzake ondernemingen die deel uitmaken van een publiekrechtelijke rechtspersoon

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Wijziging van de Wet openbaarheid van bestuur in verband met aanvullingen inzake onredelijke en omvangrijke verzoeken, inzake bijzondere verstrekkingen alsmede inzake hergebruik en in rekening te brengen

Nadere informatie

Omgevingsvergunning Zaaknummer

Omgevingsvergunning Zaaknummer Omgevingsvergunning Zaaknummer 723720 1. Inleiding Op 22 juni 2016 hebben wij uw aanvraag om een omgevingsvergunning ontvangen voor het vervangen van de dakkapel aan de achterzijde van de woning op het

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2005 2006 29 874 (R 1777) Goedkeuring en uitvoering van de op 17 december 1991 te München tot stand gekomen Akte tot herziening van artikel 63 van het Verdrag

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 896 Regeling van het beroepsgoederenvervoer en het eigen vervoer met vrachtauto s (Wet wegvervoer goederen) Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen

Nadere informatie

Aanpassing van wetgeving en vaststelling van overgangsrecht in verband met de herziening van de maatregelen van kinderbescherming

Aanpassing van wetgeving en vaststelling van overgangsrecht in verband met de herziening van de maatregelen van kinderbescherming anpassing van wetgeving en vaststelling van overgangsrecht in verband met de herziening van de maatregelen van kinderbescherming VOORSTEL VN WET Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden,

Nadere informatie

Procedure coördinatieregeling Wro

Procedure coördinatieregeling Wro Procedure coördinatieregeling Wro Mogelijkheid: tot coördinatie van alle besluiten die nodig zijn voor een ruimtelijk project in één procedure tot en met het beroep bij de rechter. Twee coördinatiemogelijkheden:

Nadere informatie

Omgevingsvergunning. Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg. voor de activiteit milieuneutraal veranderen. Rockwool B.V.

Omgevingsvergunning. Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg. voor de activiteit milieuneutraal veranderen. Rockwool B.V. Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg Omgevingsvergunning voor de activiteit milieuneutraal veranderen Rockwool B.V. te Roermond Zaaknummer: 2015-1985 Kenmerk: 2016/48004 d.d. 23 juni 2016 Verzonden:

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING WABO. Bos Recycling B.V. ten behoeve van het overslaan van bouw- en sloopafval en onverwerkte slakken voor metaal verwijdering.

OMGEVINGSVERGUNNING WABO. Bos Recycling B.V. ten behoeve van het overslaan van bouw- en sloopafval en onverwerkte slakken voor metaal verwijdering. OMGEVINGSVERGUNNING WABO verleend aan Bos Recycling B.V. ten behoeve van het overslaan van bouw- en sloopafval en onverwerkte slakken voor metaal verwijdering. de locatie: Rouaanstraat 43 te Groningen

Nadere informatie

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade.

Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade. GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Hulst. Nr. 124636 23 december 2015 Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade. De raad van de gemeente Hulst; Gelezen het voorstel van

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1985-1986 16972 Wijziging van de Wegenverkeerswet (Verlenging geldigheidsduur en decentralisatie afgifte rijbewijzen) Nr. 13 HERDRUK NADER GEWIJZIGD VOORSTEL

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNN1NG. Suiker Unie (locatie Vierverlaten)

OMGEVINGSVERGUNN1NG. Suiker Unie (locatie Vierverlaten) OMGEVINGSVERGUNN1NG verleend aan Suiker Unie (locatie Vierverlaten) ten behoeve van de activiteit het bouwen van een bouwwerk; "bandentransport naar noordzijde" (Locatie: Fabriekslaan 12 te Groningen)

Nadere informatie

Voorstel van wet. Artikel I. De Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 3 komt te luiden:

Voorstel van wet. Artikel I. De Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 3 komt te luiden: Wijziging van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie betreffende de vereisten gesteld aan de beginseltoestemming, de leeftijdscriteria, de bijdrage in de kosten van het gezinsonderzoek, enige

Nadere informatie

ONTWERP OMGEVINGSVERGUNNING

ONTWERP OMGEVINGSVERGUNNING ONTWERP OMGEVINGSVERGUNNING voor: Plaatsen schutting activiteiten: bouwen van een bouwwerk gebruik in strijd met het bestemmingsplan verleend aan: De heer A.A. van der Griend locatie: Aurorastraat 6, 9635

Nadere informatie

Oan Provinsjale Steaten

Oan Provinsjale Steaten Oan Provinsjale Steaten Gearkomste : 22 september 2010 Wurklistnûmer : 01B Beliedsprogramma : 2 Verkeer en Vervoer Ôfdieling : Complexe Projecten Infrastructuur Behanneljend amtner : Wim Boogholt/ Dirk-Jan

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 maart 2013;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 maart 2013; )110 gemeentestms Gemeente Sluis De raad van de gemeente Sluis gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 maart 2013; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2012 208 Wet van 26 april 2012, houdende tijdelijke bepalingen over de ambulancezorg (Tijdelijke wet ambulancezorg) 0 Wij Beatrix, bij de gratie Gods,

Nadere informatie

CONCEPT-WIJZIGING GR-OddV versie 20 oktober 2015

CONCEPT-WIJZIGING GR-OddV versie 20 oktober 2015 Het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland en de colleges van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Scherpenzeel en Wageningen; Overwegende dat per 1

Nadere informatie

BESCHIKKING VAN GEDEPUTEERDE STATEN VAN ZEELAND

BESCHIKKING VAN GEDEPUTEERDE STATEN VAN ZEELAND BESCHIKKING VAN GEDEPUTEERDE STATEN VAN ZEELAND Aan: Tieleman Transport BV Postbus 26 4587 ZG Kloosterzande Kenmerk: W-AOV150541/ 00115717 Afdeling: Vergunningverlening Datum: 15 februari 2016 Onderwerp:

Nadere informatie

Omgevingsvergunning. Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg. Activiteit milieuneutraal veranderen. Rockwool B.V. te Roermond

Omgevingsvergunning. Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg. Activiteit milieuneutraal veranderen. Rockwool B.V. te Roermond Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg Omgevingsvergunning Activiteit milieuneutraal veranderen Rockwool B.V. te Roermond Zaaknummer: 2015-1632 Kenmerk: 2015/95267 d.d. 10 december 2015 Verzonden:

Nadere informatie

Toelichting bij de Procedureverordening planschade gemeente Tiel

Toelichting bij de Procedureverordening planschade gemeente Tiel Nr. 5a,afdeling SO Toelichting bij de Procedureverordening planschade gemeente Tiel Algemene toelichting Krachtens artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) kan degene die in de vorm van inkomensderving

Nadere informatie

BELEIDSREGELS PERSOONSGEBONDEN OMGEVINGSVERGUNNING VOOR HET PERMANENT BEWONEN VAN EEN RECREATIEWONING

BELEIDSREGELS PERSOONSGEBONDEN OMGEVINGSVERGUNNING VOOR HET PERMANENT BEWONEN VAN EEN RECREATIEWONING BELEIDSREGELS PERSOONSGEBONDEN OMGEVINGSVERGUNNING VOOR HET PERMANENT BEWONEN VAN EEN RECREATIEWONING afdeling Milieu & Bouwen i.s.m. afdeling Ontwikkeling & Grondzaken 29 oktober 2012 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...

Nadere informatie

De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Ferwerderadiel, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;

De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Ferwerderadiel, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; Sector : III Nr. : 63 De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Ferwerderadiel, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 oktober

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 6 augustus 2015

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 6 augustus 2015 OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 6 augustus 2015 Burgemeester en wethouders hebben op 16-1-2015 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het dempen en realiseren van water. De aanvraag gaat over

Nadere informatie

Gemeente. Schijndel. Beleidsnotitie indieningsvereisten. Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a.

Gemeente. Schijndel. Beleidsnotitie indieningsvereisten. Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a. Gemeente Schijndel Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a., sub 2 Wabo 2 3 bij verzoeken om afwijken van het bestemmingsplan Inleiding Op 24 september 2014 is het

Nadere informatie

Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo)

Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Versie: vastgesteld Gemeente Landsmeer, januari 2011 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Inleiding...

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101758_13-4 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d,

Nadere informatie

Gelet op de projectomschrijving en op artikel 2.4 van de Wabo zijn wij in dit geval het bevoegde gezag om op de aanvraag te beslissen.

Gelet op de projectomschrijving en op artikel 2.4 van de Wabo zijn wij in dit geval het bevoegde gezag om op de aanvraag te beslissen. Omgevingsvergunning Zaaknummer 550658 1. Inleiding Op 21 september 2015 hebben wij uw aanvraag om een omgevingsvergunning ontvangen voor het vergroten van de bestaande dakkapel (wijziging op de eerder

Nadere informatie

Parkeerverordening. C!! emborg

Parkeerverordening. C!! emborg Parkeerverordening 202 C!! emborg De raad van de gemeente Culemborg gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 juni 2012, registratienummer 1207821/4134; gelet op artikel

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2016 329 Wet van 23 augustus 2016 tot wijziging van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek in verband met de selectieve woningtoewijzing

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2014 2015 34 049 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht en enige andere wetten in verband met Verordening (EU) Nr. 1024/2013 van de Raad van 15

Nadere informatie

(ONTWERP) AMBTSHALVE WIJZIGING VERGUNNING WET ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSRECHT

(ONTWERP) AMBTSHALVE WIJZIGING VERGUNNING WET ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSRECHT (ONTWERP) AMBTSHALVE WIJZIGING VERGUNNING WET ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSRECHT Verleend Aan Top Trans Holding BV (Locatie: Industrie 16 te Noordhorn) Groningen, april 2012 Nr. 2011-17266 Zaaknummer:

Nadere informatie

Invoeringswet Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Invoeringswet Wet algemene bepalingen omgevingsrecht http://wetten.overheid.nl/bwbr0027474/geldigheidsdatum_25-09-20.. 1 van 8 25-9-2010 11:41 Invoeringswet Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Tekst geldend op: 25-09-2010) Wet van 25 maart 2010 tot vaststelling

Nadere informatie