Geheimhouding als juridische kwaliteitseis van primaire besluitvorming

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Geheimhouding als juridische kwaliteitseis van primaire besluitvorming"

Transcriptie

1 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina 171 Hoofdstuk 10 Geheimhouding als juridische kwaliteitseis van primaire besluitvorming A.M. Klingenberg, A. Logemann & S.A.J. Munneke Bij deze afweging gaat het om de erkenning van de beslotenheid en openbaarheid als concurrerende beginselen van staatsrecht. 1 Het geldende staatsrecht kent zowel de rechtsnorm van geheimhouding als de rechtsnorm van openbaarheid Inleiding Goed bestuur wordt vaak gekoppeld aan openheid en openbaarheid. Openbaar bestuur dient ook werkelijk openbaar te zijn. Openbaarheid van bestuur wordt veelal in verband gebracht met democratie 3 en met de mogelijkheid het bestuur te controleren en zo mogelijk te beïnvloeden. 4 Ook is er een direct verband met de rechtsstaatgedachte. 5 Openbaarheid ligt aan tal van waarborgen ten grondslag of wordt daardoor tenminste voorondersteld. Openbaarheid heeft in dat opzicht een dienende functie. Bij de totstandkoming van de eerste Wet openbaarheid van bestuur, merk- 1. Kamerstukken II 1974/75, , nr. 3, p. 9 (Wet openbaarheid van bestuur). 2. H.Th.J.F. van Maarseveen, Openbaarheid als staatsrechtelijk beginsel, in: B. de Goede, H.Th.J.F. van Maarseveen, Hoe openbaar wordt ons bestuur?, Den Haag 1969, p Bijvoorbeeld Van Wijk, Konijnenbelt, Hoofdstukken van bestuursrecht, Den Haag 2002, dat de openbaarheid van bestuur als publiekrechtelijk uitgangspunt bespreekt onder het kopje democratie. 4. Bijvoorbeeld L.J.A. Damen e.a., Bestuursrecht, deel 1, Den Haag 2003, p. 41 (randnummer 115). 5. Van der Pot, Donner, Prakke, Handboek van het Nederlandse staatsrecht, Deventer: Tjeenk Willink 2001, p. 656.

2 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE te de regering hierover op: Openheid en openbaarheid zijn derhalve doeleinden waarop dit wetsontwerp is gericht, maar het zijn geen doeleinden op zichzelf. Zoals hiervoor al is uiteengezet worden zij gehanteerd als middelen tot het bereiken van een verder gelegen doel: Een betere en meer democratische bestuursvoering. De openbaarheid moet derhalve met andere middelen, die op dat zelfde doel gericht zijn in verband worden gebracht en daartegen worden afgewogen. 6 Openbaarheid draagt bij aan het tegengaan van willekeurige machtsuitoefening, het vergroot de controle op het handelen van bestuurders en het lijkt hun gedragingen te legitimeren. Het biedt de mogelijkheid deel te nemen aan besluitvormingsprocessen en vergroot het inzicht in die processen, niet alleen achteraf maar ook vooraf. Over openbaarheid als juridische kwaliteitseis lijkt om die reden weinig verschil van inzicht te hoeven bestaan. Toch heeft ook openbaarheid zijn grenzen. De stelling die in deze bijdrage wordt onderzocht is dat niet alleen te weinig maar ook een teveel aan openbaarheid leidt tot een kwalitatief minder goed bestuur. Daarvoor kunnen verschillende argumenten worden aangevoerd. Hoe belangrijk openbaarheid ook is, de wetgever heeft erkend dat openbaar bestuur soms besloten bestuur moet zijn en dat goed bestuur soms om geheimhouding vraagt. De grenzen aan openbaarheid staan in deze bijdrage centraal. Een van de uitgangspunten van dit stuk is dat de uitzonderingen op de openbaarheid van even groot belang kunnen zijn als de hoofdregel van openbaarheid zelf. Juridische kwaliteit is in bepaalde gevallen bij geheimhouding gebaat: zij wordt erdoor vergroot. Openbaarheid en geheimhouding zijn in feite conflicterende kwaliteitseisen. De onderzoeksvraag in deze bijdrage luidt daarom: Op welke wijze en om welke redenen draagt geheimhouding bij aan de juridische kwaliteit van primaire besluitvorming? Deze vraag zal hieronder worden behandeld aan de hand van een vergelijking met het Duitse recht. Rechtsvergelijking kan helpen een beter zicht te krijgen op de wijze waarop in Nederland over een en ander wordt gedacht. In de volgende paragraaf wordt begonnen met een kort overzicht van de regelgeving en uitgangspunten over openbaarheid van bestuur in Nederland en Duitsland. Geheimhoudingsbepalingen en weigeringsgronden vormen immers een inbreuk op deze belangrijke uitgangssituatie en 6. Kamerstukken II 1974/75, , nr. 3, p. 8-9.

3 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 173 dienen om die reden in het bijzonder te worden gerechtvaardigd. In de derde paragraaf wordt dan de aandacht gericht op de verschillende beperkingen aan openbaarheid die in de Nederlandse en Duitse regelgeving zijn terug te vinden. Getracht wordt een aantal motieven bloot te leggen die de geheimhouding in die gevallen rechtvaardigen. Daartoe wordt onderscheiden naar de aard van de belangen die door de geheimhoudingsbepalingen worden beschermd en de functie van de uitzonderingsgronden in het geheel. Nadat deze redenen zijn weergegeven worden in de vierde paragraaf ten slotte de gronden voor openbaarheid en geheimhouding tegenover elkaar gezet. Wij hopen dan duidelijk te maken in hoeverre geheimhouding bijdraagt aan een vergroting van de juridische kwaliteit van de primaire besluitvorming Regels over openbaarheid, achtergronden en toepassing in Nederland en Duitsland De Nederlandse situatie Regels over openbaarheid en niet-openbaarheid komen op tal van plaatsen in de wetgeving voor. Die regels hebben veelal betrekking op de besluiten die tot stand worden gebracht, de procedures waarin dat gebeurt, de vergaderingen van betrokken organen en de stukken die bij die besluitvorming een rol spelen. Hoewel openbaarheid daarbij als een soort leidend beginsel invloed uitoefent en een voorname rol speelt, gaat het te ver niet-openbaarheid slechts als een uitzondering hierop te beschouwen. Zowel de openbaarheid als de geheimhouding zijn uitgangspunten in het publiekrecht, al is er onmiskenbaar een trend in de richting van een grotere openbaarheid. 7 Dat openbaarheid een belangrijk uitgangspunt is voor het openbaar bestuur, is vastgelegd in artikel 110 van de Grondwet. Deze bepaling, die sinds 1983 in de Grondwet voorkomt, vormt met terugwerkende kracht de grondwettelijke basis van onder meer de Wet openbaarheid van bestuur. Artikel 110 legt vast dat de overheid bij de uitvoering van haar taak openbaarheid betracht volgens regels bij de wet te stellen. De bepaling heeft in de eerste plaats een symbolische functie om het belang van openbaarheid te benadrukken; zij verschaft niet zelfstandig een recht op openbaarheid. 7. C.A.J.M. Kortmann, De Grondwetsherzieningen 1983 en 1987, Deventer 1987, p. 304 (artikel 110).

4 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE Dat is wel het geval bij de Wet openbaarheid van bestuur. Deze wet stelt in artikel 2 dat een bestuursorgaan, onverminderd het elders bij de wet bepaalde, bij de uitvoering van zijn taak informatie verstrekt overeenkomstig deze wet. Dit is de wettelijk vooronderstelde openbaarheid van overheidsinformatie. Die openbaarheid krijgt in de wet langs twee lijnen gestalte: de passieve openbaarheid (op verzoek, artikel 3 Wob) en de actieve openbaarheid (uit eigen beweging, artikel 8 Wob). In de praktijk blijkt de passieve openbaarheid verreweg het belangrijkst te zijn. Deze passieve openbaarheid richt zich op informatie die is neergelegd in documenten over een bestuurlijke aangelegenheid en die bij een bestuursorgaan berusten. Gegeven de hoofdregel van openbaarheid is de rechter geneigd deze begrippen (en dus de reikwijdte van de wet) ruim uit te leggen. Beperkingen en uitzonderingen op de openbaarheid van bestuur (waarover hieronder meer) worden daarentegen eng uitgelegd. Om te voorkomen dat teveel informatie openbaar zou moeten worden gemaakt, kent de Wob in de artikelen 10 en11 een aantal weigeringsgronden en beperkingen, op grond waarvan al dan niet na een belangenafweging, informatie toch niet openbaar hoeft te worden gemaakt. De Wob als algemene openbaarheidswet wijkt indien een bijzonder wettelijk openbaarheids- of geheimhoudingsregime geldt. Dat is bijvoorbeeld het geval bij een aantal bepalingen in de Gemeentewet. Deze wet kent, evenals zijn tegenhanger op provinciaal niveau, een aantal eigen bepalingen op grond waarvan ten aanzien van vergaderingen of stukken geheimhouding kan worden toegepast. Voor vergaderingen van de gemeenteraad geldt echter als hoofdregel de openbaarheid, terwijl ook voor stukken van de gemeentelijke bestuursorganen die niet afzonderlijk geheim zijn verklaard de hoofdregel van de Wob van toepassing is. Voor de vergaderingen van het college van B en W is bepaald dat deze in beslotenheid plaatsvinden, waarmee echter nog geen geheimhoudingsplicht rust op het aldaar besprokene. Daarvoor is afzonderlijk het opleggen van geheimhouding noodzakelijk De Duitse situatie In het Duitse recht is geen met artikel 110 Gw. vergelijkbare norm te vinden. Ook een wet als de Wob kent Duitsland niet. Het gebod van openbaarheid in de constitutie De Duitse constitutie neemt in principe een neutrale houding aan tegen-

5 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 175 over het informatiebeleid van het bestuur. 8 Waar de Duitse Grondwet, het Grundgesetz (GG), voor het parlement wel concrete richtlijnen over openbaarheid en geheimhouding geeft (bijvoorbeeld artikel 42 I 1, 44 I 2, 52 III 3 GG), bevat het geen regels met betrekking tot de openbaarheid van bestuurshandelen. Evenmin komt de burger op grond van het Grundgesetz een rechtens beschermde aanspraak ( Abwehrrecht ) op onbeperkte toegang tot bij het bestuur berustende informatie toe, zij het dat het Grundgesetz de burger anderzijds de toegang tot informatie van het bestuur evenmin volledig ontzegt. De Duitse constitutie laat het veeleer aan de gewone wetgever over om daarover regelingen te treffen. De betreffende regelingen moeten voldoen aan de eis van een evenwichtige belangenafweging; voor het overige is de wetgever slechts beperkt door de grondrechten en de algemene uitgangspunten van de constitutie. Hoewel het Grundgesetz zich niet expliciet uitlaat over openbaarheid, lijkt het openbaarheid niet louter als iets wenselijks te zien, maar als een eis die aan het bestuurshandelen dient te worden gesteld. 9 Een gebod van openbaarheid van bestuurshandelingen vloeit in de eerste plaats voort uit het principe van volkssoevereiniteit, dat in artikel 20 II 1 GG tot uitdrukking komt en als essentieel element van de democratiegedachte wordt beschouwd. Al is duidelijk dat artikel 20 GG openbaarheid van het bestuur vereist, benadrukt dient te worden dat deze norm slechts een algemeen uitgangspunt is en geen subjectieve rechten verschaft. Artikel 20 GG geeft het individu geen aanspraak op openbaarheid van bestuurshandelingen. Het daadwerkelijke recht op informatie wordt ontleend aan artikel 5 GG. Volgens de tekst van de bepaling beperkt het recht zich echter tot informatie die is te vinden in algemeen toegankelijke bronnen. Dit betekent dat de informatiebron technisch geschikt en bestemd moet zijn voor het verschaffen van informatie aan eenieder. 10 Dit recht van informatie is niet 8. G. Trantas, Akteneinsicht und Geheimhaltung im Verwaltungsrecht, Berlin 1998, p Trantas 1998, p. 332 e.v.; U. Rösch, Geheimhaltung in der rechtstaatlichen Demokratie, Baden-Baden 1999, p. 47 e.v.: zie ook H.-U. Jerschke, Öffentlichkeitspflicht der Exekutive und Informationsrecht der Presse, Berlin 1971, p. 64 e.v. 10. BVerfGE 27, 71, 83.

6 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE van toepassing op documenten die door overheidsinstanties worden beheerd in het algemeen, en evenmin op documenten, zoals openbare registers, die alleen voor een beperkte kring van personen relevant zijn. 11 De heersende mening is derhalve dat aan artikel 5 GG noch een recht op inzage in documenten kan worden ontleend, noch een aanspraak op inlichtingen, maar slechts een Abwehrrecht. Het gebod van openbaarheid voor het bestuur Als men het Duitse bestuursrecht beschouwt, springt vrij snel in het oog dat een algemene, positief-wettelijke verplichting tot het verschaffen van inlichtingen voor overheidsinstanties niet bestaat. 12 De relevante wettelijke regelingen garanderen ten hoogste het recht op inzage in documenten. 13 Specifieke regelingen over informatieverschaffing zijn slechts in een beperkt aantal bijzondere wetten te vinden; 14 de mate waarin de informatieplicht van het bestuur in bijzondere wetten is geregeld, staat in geen verhouding tot de feitelijke betekenis van dergelijke verplichtingen. 15 Rechtspraak en literatuur staan derhalve afwijzend tegenover een algemene aanspraak van de burger op overheidsinformatie. Van openbaarheid van overheidsdocumenten en van het verschaffen van informatie kan in Duitsland slechts sprake zijn indien het recht op inzage of informatie uitdrukkelijk in een wettelijke regeling is neergelegd. Is een dergelijke wettelijke grondslag afwezig, dan heeft het bestuur discretie bij de beslissing of het recht wordt verleend of niet. 16 Het bestuur moet daarbij een afweging maken tussen het belang van de aanvrager, het belang van de derde en het algemeen belang. 17 Het verschaffen van inzage of inlichtingen vereist een constitutioneel-relevant belang van de burger. Het uit- 11. Bijvoorbeeld BVerfG NJW 1986, 1243; BVerwGE 47, 247, 252; 61, 15, K. Krieger, Das Recht des Bürgers auf behördliche Auskunft, Berlin 1972, p. 32; R. Groß, Zum presse-rechtlichen Informationsanspruch, DÖV 1997, p. 133, 134; F. Schoch, Informationsfreiheitsgesetz für die Bundesrepublik Deutschand, Die Verwaltung 2002, p. 149, Bijvoorbeeld 29 VwVfG en de vergelijkbare 25 SGB X. 14. O.a. 19 BDSG, 15 BVerfSchG, 8 MRRG alsook afzonderlijke regelingen in de Landespolizei- en Landesdatenschutzgesetzen. Sommige deelstaten hebben daarnaast speciale Akteneinsichts- of Informationszugangsgesetze, zie Schoch 2002, p. 154 e.v. 15. Krieger 1972, p BVerwGE 5, 95; 7, 153; 49, 89; 84, 375 enc. 17. Uitvoerig: D. Kugelmann, Die informatorische Rechtstellung des Bürgers, Tübingen 2001, p. 18 e.v.

7 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 177 gangspunt dat het bestuur de belangenafweging dient te verrichten, heeft zijn wettelijke vertaling gevonden in de regelingen betreffende geheimhouding en geheimhouding uit hoofde van het ambt, die hierna uitgebreid worden behandeld. Eerst dient echter nog kort te worden ingegaan op regelingen betreffende aanspraak op openbaarheid van de pers, daar deze vele overeenkomsten vertonen met de Nederlandse Wob. Het is de vraag of de overheid met betrekking tot informatieverschaffing aan de pers een even grote beleidsvrijheid bezit als bij informatieverschaffing in het algemeen. De constitutie geeft daarover geen uitsluitsel. Een aanspraak van de pers op inlichtingen kan niet op de in artikel 5 I 1 GG neergelegde vrijheid van informatie worden gegrond, omdat deze bepaling slechts betrekking heeft op informatie uit algemeen toegankelijke bronnen, waar overheidsdocumenten in de regel niet toe kunnen worden gerekend. 18 Omstreden is echter of een aanspraak van de pers op inlichtingen en inzage in documenten zich rechtstreeks laat herleiden tot de in artikel 5 I 2 GG verankerde persvrijheid, 19 zoals door een minderheid wordt gesteld. De heersende mening in rechtspraak en literatuur is echter dat de plicht tot het verschaffen van inlichtingen aan de pers alleen bestaat als daarover in een wettelijke regeling expliciet iets is geregeld. 20 Dientengevolge kan men ervan uitgaan dat het Grundgesetz de pers slechts het recht op een minimale standaard aan informatie toekent, zodat alleen een algehele ontzegging van inlichtingen niet geoorloofd is. De concrete invulling van de aanspraak van de pers op informatie is aan de gewone wetgever overgelaten. Hoewel het Grundgesetz geen veelomvattende aanspraak van de pers op inlichting bevat, is in de afzonderlijke Landespressegesetze 21 wel een dergelijke recht op informatie tegenover de overheid vastgelegd. Bestuursorganen zijn dienovereenkomstig in beginsel verplicht de per geval noodzakelijke inlichtingen te verstrekken. Het gaat hierbij echter noch om een recht op directe toegang tot informatie, noch om een recht op inzage 18. Groß, 1997, p. 135; Trantas, 1998, p. 384 e.v.; Schoch, 2002, p Trantas, 1998, p. 385 e.v.; Schoch, 2002, p. 153; ook de discussie bij Jerschke, 1971, p. 168 e.v.; zie voor een andere opvatting: Groß, 1997, p Kugelmann, 2001, p. 223 e.v. 21. Bijvoorbeeld 4 van het BremPresseG.

8 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE in overheidsdocumenten. 22 Inlichtingen mogen evenwel slechts in speciale gevallen worden geweigerd: als daarvoor een wettelijke grondslag bestaat en aan de weigering een belangenafweging ten grondslag ligt Regels over niet-openbaarheid, uitgangspunten en toepassing in Nederland en Duitsland De Nederlandse situatie Openbaarheid mag dan in Nederland een belangrijk beginsel van publiekrecht zijn, toch is niet alles openbaar. Tegenover het beginsel van openbaarheid staat een beginsel van niet-openbaarheid of zo men wil van geheimhouding. Dat beginsel is op een aantal manieren in de wetgeving uitgewerkt. Te onderscheiden zijn hier enerzijds de uitzonderingen die op openbaarheidsregels zijn gemaakt, zoals bijvoorbeeld de weigeringsgronden uit artikel 10 Wob, en anderzijds de situaties waarop de hoofdregel van openbaarheid in het geheel niet van toepassing is. Dit laatste hetzij omdat de wetgever nadrukkelijk een regime van niet-openbaarheid van toepassing heeft verklaard (bijvoorbeeld artikel 54 Gemeentewet: de vergaderingen van het college worden met gesloten deuren gehouden), hetzij omdat een bepaalde situatie buiten de werkingssfeer van de openbaarheidsregels valt (bijvoorbeeld als geen sprake is van een document als bedoeld in de Wob). In dit laatste geval is dan dus vaak noch de openbaarheid, noch de niet-openbaarheid geregeld. Anders dan voor openbaarheid is het beginsel van niet-openbaarheid niet in de Nederlandse Grondwet vastgelegd, laat staan dat er een Wet geheimhouding van bestuur bestaat. Van belang is echter te constateren dat de wetgever om tal van redenen grenzen aan de openbaarheid heeft gesteld en uitzonderingen op de openbaarheid heeft aanvaard. Daar zijn goede redenen voor. Op voorhand kan een viertal redenen worden onderscheiden: de bescherming van private belangen (persoonlijke levenssfeer, bedrijfsgeheimen); de bescherming van publieke belangen (veiligheid van de staat); 22. Kugelmann, 2001, p. 224; zie ook Trantas, 1998, p Krieger, 1972, p. 33.

9 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 179 de bescherming van de bijzondere positie van bepaalde ambten (onschendbaarheid Koning); de zorg voor de goede werking van bepaalde organen of instellingen (mogelijkheid van intern beraad, geheimhouding van een bepaalde werkwijze). Evenmin als bij openbaarheid, is het mogelijk een volledig overzicht te geven van de wijze waarop de wetgever niet-openbaarheid in de verschillende wetten heeft geregeld. De weergave hieronder is dan ook een selectie waarbij onze aandacht met name is gericht op de regels over beslotenheid en geheimhouding die niet zien op een specifiek beleidsterrein maar algemener van aard zijn. Bijzondere aandacht krijgt de situatie op gemeentelijk niveau. Wie de weigeringsgronden uit de Wob overziet, kan constateren dat daarin zowel publieke als private belangen staan genoemd. De eenheid van de Kroon (lid 1, sub a), de veiligheid van de staat (lid 1, sub b), de buitenlandse betrekkingen (lid 2, sub a), de opsporing en vervolging van strafbare feiten (lid 2, sub c) en het belang van inspectie, toezicht en controle door bestuursorganen (lid 2, sub d) betreffen de bescherming van publieke belangen. De al genoemde eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (lid 2, sub e) en de bescherming van bijzondere persoonsgegevens (lid 1, sub d) betreffen de bescherming van private belangen. Datzelfde lijkt ook te gelden voor het primeurrecht, neergelegd in het tweede lid onder f. Daarnaast is er het belang van de bescherming van vertrouwelijk aan de overheid meegedeelde bedrijfs- en fabricagegegevens (lid 1, sub c), ook in de eerste plaats een particulier belang, al is uiteraard ook de overheid zelf gebaat bij een imago van betrouwbaarheid. De financiële en economische belangen van de staat, andere openbare lichamen en bestuursorganen waarvan sprake is in lid 2, sub b, zijn allereerst aan te merken als publieke belangen. Nog niet genoemd is dan de vangnetbepaling die stelt dat voorkomen moet worden dat door openbaarmaking onevenredige bevoordeling of benadeling plaatsvindt (lid 2, sub g), een bepaling die zowel publieke als private belangen kan betreffen. De belangen die hier staan genoemd, spelen overigens niet alleen in het kader van de Wob een rol. Artikel 10 Wob is namelijk in tal van andere wetten als norm voor het geheimhouden van informatie opgenomen. Het artikel stijgt in zijn werkingssfeer als het ware boven zichzelf uit, doordat het van overeenkomstige toepassing is verklaard in tal van andere situaties. De in artikel 10 genoemde belangen lijken haast een soort

10 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE algemene beperkingen ten aanzien van het uitgangspunt van openbaarheid in te houden. 24,25 Ook de Gemeentewet en de Awb verwijzen naar de gronden uit artikel 10 Wob. Om te onderzoeken in hoeverre geheimhouding nu bijdraagt aan een betere besluitvorming, kijken we in hoeverre de weigeringsgronden uit artikel 10, tweede lid, en de beperking van artikel 11 toegepast worden door bestuursorganen en welke afweging daarbij wordt gemaakt. Vervolgens kan de vraag (al dan niet) beantwoord worden of de toepassing van een bepaalde weigeringsgrond heeft bijgedragen aan een betere besluitvorming. De weigeringsgronden uit het eerste lid, de absolute, laten we buiten beschouwing omdat hierbij geen belangenafweging gemaakt hoeft te worden. Bij de beoordeling van deze weigeringsgronden gaat het alleen om de vraag of er een bepaalde situatie aan de orde is, er wordt geen inzicht gegeven in een door een bestuursorgaan te maken belangenafweging en de daaruit voortvloeiende keuze die een bestuursorgaan maakt. Artikel 10, lid 2, sub e Wob geeft aan dat informatie wordt geweigerd indien het belang van het verstrekken van informatie niet opweegt tegen de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Deze weigeringsgrond is in de Wob opgenomen om te voorkomen dat personen geen informatie meer aan de overheid verstrekken uit angst dat deze openbaar gemaakt zal worden. Hoe wordt hiermee in de praktijk nu omgegaan? Uit jurisprudentie blijkt dat in elk geval gegevens als huisadres en privé-bankrekeningnummer als persoonlijke gegevens moeten worden aangemerkt. 26 Het doorhalen van deze gegevens op openbaar te maken documenten is daarom gerechtvaardigd. In een recente uitspraak merkt de Afdeling de privé adressen van de leden en secretarissen van de bezwaarschriftencommissie 24. Dit gaat zover dat zelfs inlichtingenrelaties die zich van openbaarheid onderscheiden, zoals de al genoemde geprivilegieerde inlichtingenpositie van de raad ten opzichte van het college, invloed van deze belangen ondergaan. Gesteld wordt wel, dat zowel op decentraal als op centraal niveau de eigen weigeringsgronden voor deze inlichtingenrelaties respectievelijk strijd met het openbaar belang en strijd met het belang van de staat door deze belangen worden ingekleurd. Hoewel dit principieel niet juist is, trekt de praktijk zich daar niet altijd even veel van aan. Een duidelijk voorbeeld op nationaal niveau biedt Kamerstukken II 2000/01, , over de inkleuring van artikel 68 Gw. 25. Volgens het overzicht van wordt in maar liefst 41 artikelen verwezen naar artikel 10 Wob, variërend van de Gaswet en de Elektriciteitswet 1998 tot de Wet Nationale ombudsman. 26. ABRvS , AB 2000, 210 m.nt. SZ.

11 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 181 als strikt persoonlijke gegevens aan. 27 De Afdeling ziet dan ook geen reden om te concluderen dat het college niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten dat het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen het in artikel 10, lid 2, sub e Wob genoemde belang. Als het gaat om in processen-verbaal opgenomen verklaringen die door betrokkenen zijn afgelegd op basis van hun functionele betrokkenheid bij bepaalde gebeurtenissen, is de Afdeling 28 van oordeel dat openbaarmaking van deze processen-verbaal geen inbreuk maakt op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen. Ook de datum waarop een werknemer bij een bepaald dienstonderdeel van zijn werkgever is gaan werken, is, behoudens bijzondere omstandigheden, te beschouwen als een aspect van diens beroepshalve functioneren. 29 Voor vergunningen, waartegen door derden rechtsmiddelen kunnen worden aangewend, geldt volgens de Afdeling dat deze in beginsel openbaar worden geacht. 30 Een verzoek om informatie voor zover dit betrekking heeft op het bestand van de verleende ligplaatsvergunningen kan daarom niet worden afgewezen met een beroep op artikel 10, lid 2, sub e Wob. Artikel 10, lid 2, sub g Wob betreft de weigeringsgrond op grond waarvan informatie geweigerd kan worden indien het belang van het verstrekken van informatie niet opweegt tegen het belang van het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel derden. In een uitspraak over een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, 31 waarin werd verzocht om informatie over de mislukte kabinetsinformatie tussen het CDA en de PvdA uit begin 2003 oordeelde de Afdeling dat door de minister een groter gewicht mocht worden toegekend aan het belang van het voorkomen van onevenredige bevoordeling respectievelijk benadeling van de bij de aangelegenheid betrokkenen dan aan het algemene belang dat is gediend bij openbaarmaking. De gevraagde documenten bieden namelijk inzicht in de interne standpunten van de aan de informatieonderhandelingen deelnemende partijen en individuele personen. Openbaarmaking doet dan afbreuk aan de vertrouwelijkheid waarin deze standpunten zijn geformuleerd. De minister heeft daarom terecht geweigerd de documenten openbaar te maken. In een andere uitspraak geeft de Afdeling 27. ABRvS , AB 2003, 438 m.nt. PJS. 28. ABRvS , AB 2003, 145 m.nt. PJS. 29. ABRvS , LJN-nummer: AQ ABRvS , AB 2002, 37 m.nt. PJS. 31. ABRvS , /1, NJB nr. 25, p

12 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE aan dat het belang ter voorkoming van onevenredige bevoordeling van wederpartijen van een gemeente zwaarder mocht wegen dan het publieke belang van informatieverstrekking. 32 In dit geval was de gemeente nog in onderhandeling met projectontwikkelaars. De gemeente deed in deze zaak overigens ook met succes een beroep op artikel 10, lid 2, sub b Wob, het financiële belang van het bestuursorgaan. Bij artikel 11 Wob gaat het strikt genomen niet om een uitzonderingsgrond maar om een beperking van openbaarheid. De beperking is opgenomen in de Wob zodat bij de totstandkoming van besluiten de betrokkenen in alle vrijheid hun gedachten en opvattingen kunnen uiten. 33 Overigens blijkt uit de Memorie van Toelichting dat men er destijds vanuit ging dat het de goede en democratische bestuursvoering ten goede kon komen wanneer informatie omtrent persoonlijke beleidsopvattingen van deelnemers aan intern beraad zou worden verstrekt. De rechtbank Middelburg oordeelde dat, bij documenten waar het ging om een sterke verwevenheid van persoonlijke beleidsopvattingen en feiten, terecht geweigerd was deze documenten openbaar te maken. 34 Verweerder heeft zich onder die omstandigheden op goede gronden op het standpunt kunnen stellen dat, in het belang van vertrouwelijkheid van de interne menings- en gedachtevorming, de betreffende documenten zich in hun geheel niet lenen voor openbaarmaking, aldus de rechtbank. Dit lijkt niet in overeenstemming met het hierboven genoemde uitgangspunt uit de Memorie van Toelichting De Duitse situatie Net zo min als een algemene aanspraak op informatie of een verplichting tot het verstrekken van inlichtingen omvat het Duitse recht een algemeen gebod inzake geheimhouding in de bestuursrechtelijke procedure. Deze problematiek is uitsluitend in speciale wetten en alleen voor bijzondere gevallen geregeld. 35 Hierbij gaat het zowel om de aanspraak op, respectievelijk de verplichting tot geheimhouding van bepaalde gegevens, 36 als ook om het gebod van geheimhouding in verband met het bekleden van een bepaald ambt ABRvS , AB 2003, 241 m.nt. E.J. Daalder. 33. Kamerstukken II 1986/87, , nr 3, p Rechtbank Middelburg, , LJN-nummer AF Uitvoerig: Rösch, 1999, p. 74 e.v. 36. Vergelijk vooral de onderstaande voetnoten. 37. Bijvoorbeeld 5 BDSG, 6 en 26 BremDSG, 39 I BRRG, 61 I BBG, 6 I BMinG, 46 DRiG etc.

13 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 183 Naast deze specifieke wettelijke regelingen is het recht op informationele zelfbeschikking ( informationelle Selbstbestimmung 38 ) van belang, dat niet uitdrukkelijk in de wet is genoemd maar aan artikel 2 I GG wordt ontleend. Zoals ten dele al uit de structuur van de desbetreffende bepalingen valt op te maken (in het eerste lid van die bepalingen wordt openbaarheid en het recht op inlichtingen vastgelegd, in het tweede lid worden hierop bepaalde uitzonderingen toegelaten, betreffende situaties waarin geheimhouding mogelijk of verplicht is) geldt ook in Duitsland de regel dat openbaarheid van alle overheidshandelingen het uitgangspunt is waarvan slechts in concrete gevallen mag worden afgeweken. Dat betekent echter niet dat openbaarheid altijd voorrang krijgt. Zoals reeds aangeduid, moet de overheid met uitzondering van dwingend geregelde gevallen op basis van een belangenafweging beslissen of het verschaffen van inlichtingen, respectievelijk het openbaar maken van documenten is geboden, dan wel dat het belang van een geheimhouding zwaarder weegt. De wettelijke regelingen tot geheimhouding vormen in zoverre een concretisering van de beleidsvrijheid van de overheid ter zake van het verstrekken van inlichtingen. Het is net als in Nederland niet goed mogelijk te onderscheiden tussen individuele, persoonlijke belangen enerzijds en publieke, gemeenschappelijke belangen anderzijds. Tot de publieke belangen behoort bijvoorbeeld das Wohl des Bundes oder eines Landes, 39 die öffentliche Sicherheit, 40 die Einhaltung von entgegenstehenden Rechtsvorschriften, 41 die Ermöglichung einer rechtmäßigen, ordnungs- und sachgemäßen Erfüllung von Behördenaufgaben 42 alsook ein überwiegendes öffentliches Interesse. 43 In vergelijking daarmee zijn de persoonlijke belangen minder uitvoerig gepreciseerd. Hierbij worden hoofdzakelijk schutzwür- 38. BVerfGE 65, 1 (vooral p. 42 ff.). 39. Bijvoorbeeld 5 II VwVfG, 19 II BremDSG, 19 IV BDSG, 15 II BVerfSchG en 29 II VwVfG II BremDSG, 19 IV BDSG, 15 II BVerfSchG II BremDSG, 19 IV BDSG, 15 II BVerfSchG, 29 II VwVfG en 4 II BremPresseG. 42. In 19 IV BDSG, 4 II BremPresseG, 29 II VwVfG en 5 III VwVfG gaat het om die ordnungsgemäße bzw. sachgemäße Erfüllung von Behördenaufgaben. 5 II VwVfG, 19 II BremDSG und 15 II BVerfSchG noemen in tegenstelling daarmee die rechtmäßige Wahrnehmung von Behördenaufgaben als reden voor geheimhouding II BremPresseG.

14 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE dige private Interessen 44 of berechtigte Interessen von Dritten und Beteiligten 45 genoemd. Zowel bij de persoonlijke als ook bij de publieke belangen gaat het om zeer ruime begrippen, die door het bevoegde bestuursorgaan eerst nog moeten worden uitgelegd en op het concrete geval moeten worden toegepast. Zoals reeds aangeduid verplichten enige van de omschreven situaties tot geheimhouding, terwijl andere het aan het eigen oordeel van de bevoegde instantie overlaten of die de betreffende informatie openbaar wil maken of juist beslist dat van openbaarmaking wordt afgezien. 46 Ook hier bestaan derhalve parallellen met het Nederlandse recht. Hieronder worden deze uitgangspunten aan de hand van het Bremische Pressegesetz verduidelijkt. Ten aanzien van de pers speelt het gebod van openbaarheid een zeer belangrijke rol. De afzonderlijke perswetten kennen de pers omvangrijke aanspraken op informatie toe. Ook de perswet van Bremen bevat in 4 I een verplichting voor de overheid om vertegenwoordigers van de pers inlichtingen te verstrekken indien een zaak van publiek belang aan de orde is. 4 II maakt evenwel duidelijk dat deze verplichting niet onbeperkt is. Volgens de tekst is het in bepaalde gevallen aan de beoordeling van de overheid overgelaten, of die inlichtingen wil verschaffen of niet. 47 Het betreft hier de situatie dat een inlichting de doelmatige uitvoering van een lopende procedure kan belemmeren, bemoeilijken, vertragen of in gevaar brengen, bepalingen over geheimhouding in de weg staan aan het verstrekken van inlichting, of dat een overwegend publiek belang respectievelijk een beschermenswaardig persoonlijk belang wordt geschonden. Algemene bepalingen, waarin de pers het verkrijgen van inlichtingen door de overheid wordt ontzegd, zijn daarentegen volgens 4 III ontoelaatbaar. In perswetten van andere deelstaten zijn vergelijkbare regelingen te vinden; daarop wordt hier verder niet ingegaan. Volstaan wordt met de II BremPresseG II BremDSG, 19 IV BDSG, 15 II BVerfSchG, 29 II VwVfG en 25 III SGB X. 15 II BVerfSchG noemt bovendien die Gefährdung von Informationsquellen. 46. Dat kan van norm tot norm verschillen. 47. Uitvoerig: Trantas, 1998, p. 391 e.v.; Groß, 1997, p. 139 e.v.

15 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 185 opmerking dat in sommige deelstaten een weigering om inlichtingen te verschaffen, behalve op grond van de hiervoor genoemde redenen, ook is toegestaan als de omvang van de gevraagde inlichtingen zodanig groot is, dat niet in redelijkheid van het bestuur kan worden verlangd dat het al die informatie verstrekt Conclusie Onder welke omstandigheden draagt geheimhouding bij aan de kwaliteit van primaire besluitvorming? En welke relatie bestaat er tussen de hierboven weergegeven regels over openbaarheid en geheimhouding enerzijds en de juridische kwaliteit van de primaire besluitvorming anderzijds? Het is moeilijk daarover algemene uitspraken te doen. De navolgende conclusies zijn dan ook in de eerste plaats bedoeld als een opstap voor nader onderzoek. Zij proberen enkele algemene lijnen aan te geven waarmee in dat onderzoek rekening kan worden gehouden. Een eerste voorlopige conclusie is dat niet de regels zelf maar het daarmee bereikte resultaat doorslaggevend is voor een analyse van de vraag naar de juridische kwaliteit. Dat neemt niet weg dat die regels zelf ook de benodigde kwaliteit moeten bezitten, maar er zijn meerdere manieren waarop een bepaalde uitkomst bereikt kan worden. Juridische kwaliteit impliceert dat de juiste belangen op het juiste moment worden beschermd. Daarmee zijn de concrete omstandigheden van het geval zodanig op de voorgrond geplaatst, dat algemene regels slechts in beperkte mate daarop invloed uitoefenen. Wel dienen zij een bepaalde praktijk mogelijk te maken. Een eerste vergelijking van de Nederlandse en de Duitse situatie lijkt dit te illustreren. Hoewel de regels over openbaarheid in Nederland aanmerkelijk verschillen van de regels in Duitsland (waar een wet als de Wob ontbreekt), gaat de ruimere Nederlandse openbaarheidsplicht gepaard met een ruimer scala aan beperkingen van die openbaarheid. Het gevolg daarvan is dat de praktijk in beide landen niet eens zo heel sterk van elkaar lijkt te verschillen, en dat van opvallende verschillen in de juridische kwaliteit van de besluitvorming tussen beide landen op dit punt geen sprake lijkt te zijn. Een inhoudelijk oordeel over de belangen die door geheimhouding worden beschermd is moeilijk te geven. Dit oordeel is sterk verbonden met een waardering van de verschillende belangen die zowel in abstracto als in concreto aan de orde zijn. Wie sterk hecht aan openbare controle zal

16 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE weinig beperkingen aan de openbaarheid willen stellen, wie het belang van snelle besluitvorming of van overeenstemming tussen bestuur en direct belanghebbenden belangrijk vindt, zal beperkingen aan de openbaarheid eerder accepteren. Bovendien dient de bestuurspraktijk met de regels uit de voeten te kunnen. Dat betekent in de eerste plaats dat er voldoende ruimte en flexibiliteit dient te zijn om de regels in een concrete situatie te kunnen toepassen. Daar staat tegenover dat naarmate de normen algemener en opener worden, de controle op de inhoudelijke afwegingen van het bestuur afneemt. Die controle zou dan juist in de gevallen waarin openbaarheid niet meer als controlemiddel kan fungeren, langs andere weg moeten worden verkregen. Geheimhouding draagt bij aan een betere besluitvorming en een beter bestuursoptreden wanneer het door het bestuur te behartigen belang daardoor beter wordt gediend. Denk aan de situatie dat een gemeente een contract wil sluiten met een projectontwikkelaar. Het is in het algemeen in het belang van de gemeente dat over de financiële uitgangspunten van de gemeente geen kennis bij de wederpartij bestaat (maximale bod, gestelde doelen). Geheimhouding kan ook dienen ter bescherming van belangen die in een concrete zaak aan de orde zijn, zonder dat dit ten goede komt aan de relatie tussen bestuur en burger in die concrete situatie. Relevante informatie wordt soms niet openbaar gemaakt omdat dit de werkwijze van diensten zou kunnen belemmeren of een aantasting zou kunnen betekenen van private belangen als de persoonlijke levenssfeer. Het feit dat die informatie niet openbaar wordt, betekent dat deze gegevens slechts beperkt bij de besluitvorming worden betrokken. Niet omdat het bestuur er geen rekening mee kan houden, maar omdat (een deel van) degenen die bij de besluitvorming zijn betrokken niet kunnen aangeven welk gewicht aan deze informatie volgens hen toekomt. Een dergelijke situatie laat zien dat een lagere kwaliteit van de besluitvorming soms wordt gerechtvaardigd door de bescherming van andere belangen. Bij wijze van voorbeeld kan worden gewezen op de situatie als bedoeld in artikel 3:21 Awb, het ter inzage leggen van stukken in de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure. Stel dat op grond van een belang, genoemd in artikel 10 Wob, bepaalde stukken niet ter inzage worden gelegd. Moet dan worden gezegd dat de kwaliteit van de besluitvorming (inclusief de voorbereiding) daardoor wordt vergroot of verkleind? In het algemeen geldt dat hoe meer informatie bij de voorbereiding

17 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina GEHEIMHOUDING ALS JURIDISCHE KWALITEITSEIS 187 betrokken kan worden en ook ter inzage ligt ter controle of in verband met het inbrengen van zienswijzen, hoe beter (integraler) de besluitvorming kan plaatsvinden. Het achterhouden van informatie geeft een onvolledig beeld dat kan leiden tot kwalitatief mindere besluitvorming, zij het dat die kwaliteitsvermindering geëist wordt door de taak van het bestuursorgaan ook andere (door artikel 10 Wob gewaarborgde) belangen te beschermen. Met andere woorden: geheimhouding is in zo n geval gerechtvaardigd vanwege de ruime taak en belangenbehartiging van het bestuur, die meer eist dan dat alle voor het besluit relevante informatie ter inzage heeft gelegen. Bovenstaande problematiek doet zich onder meer voor bij vertrouwelijk aan de overheid meegedeelde bedrijfs- en fabricagegegevens. Hier moet overigens worden onderscheiden: het bestuursorgaan zelf zal op de hoogte zijn van de betreffende gegevens en zijn besluit mede op deze stukken kunnen baseren. De vertrouwelijkheid van de stukken betekent dan ook niet per se dat de besluitvorming is gebaseerd op onvolledige informatie. Geheimhouding heeft hier met name twee nadelige consequenties: 1) de beslissing van het bestuursorgaan is moeilijk te controleren, omdat de controleur niet over dezelfde informatie beschikt of kan beschikken als het bestuur; 2) de besluitvorming zelf kan nadelig worden beïnvloed wanneer betrokkenen bij de voorbereiding van het besluit geen aandacht vragen voor zaken die hen raken, doordat niet al die zaken bij hen bekend zijn. De afwegingen en beslissingen van het bestuursorgaan behoren immers te berusten op alle relevante feiten en betrokken belangen. De mogelijkheid van geheimhouding kan er aan de andere kant toe bijdragen dat de overheid eenvoudiger op de hoogte wordt gesteld van allerlei informatie. In die zin kan geheimhouding bijdragen aan de kwaliteit van het besluitvormingsproces op een algemener niveau. 48 Daar sluit nog een ander punt bij aan. Als geheimhouding mogelijk is, door de wet wordt gegarandeerd of anderszins is toegezegd, wordt ook (terecht) van het bestuursorgaan, of algemener van de overheid verwacht dat die geheimhouding in stand wordt gelaten. Schending van toegezegde geheimhouding maakt wat dat betreft een slechte indruk, leidt tot kwalijke beeldvorming en eveneens tot een terughoudendheid bij degenen die gehouden zijn ver- 48. Zie in dit verband ook de discussie over artikel 67 Awr en de oratie van H.R.B.M. Kummeling, Relatieve geheimhoudingsplichten, Deventer 1997.

18 Jubileumbundel Nieuw :02 Pagina KLINGENBERG, LOGEMANN & MUNNEKE trouwelijke gegevens aan te leveren. Kortom, de kwaliteit van de besluitvorming op lange termijn eist een betrouwbare overheid, waaronder mede is te begrijpen een overheid die toezeggingen en regels over geheimhouding nakomt. Geheimhouding kan een goede controle op het openbaar bestuur verhinderen. Om die reden kan niet te gemakkelijk met het opleggen van geheimhouding akkoord worden gegaan. Dat blijkt onder andere uit het feit dat de weigeringsgronden uit de Wob beperkt worden uitgelegd. Het blijkt ook uit de verplichting in geval van weigering van openbaarmaking zo goed mogelijk te motiveren waarom en op welke specifieke grondslag informatie niet openbaar wordt gemaakt. Vanuit dat perspectief verdient een zo concreet mogelijke omschrijving van de uitzonderingen op openbaarheid de voorkeur boven heel vage bepalingen en verdient de Wob de voorkeur boven aanzienlijk vagere bepalingen die elders in de wetgeving wel voorkomen. Daar staat dan echter tegenover dat voldoende ruimte voor geheimhouding moet overblijven, om daaraan op een verantwoorde manier toepassing te kunnen geven. Een flexibele toepassing van geheimhoudingsnormen kan er voor zorgen dat zo veel mogelijk recht wordt gedaan aan de tegengestelde belangen. Te denken valt aan geheimhouding voor sommigen, maar niet voor anderen, geheimhouding voor een bepaalde tijd (niet langer dan nodig), geheimhouding slechts van die onderdelen van het betreffende document waarvoor dat echt nodig is, en niet voor het gehele document waarvan de geheime informatie deel uitmaakt, geheimhouding slechts in die gevallen waarin de naleving daarvan realiseerbaar of handhaafbaar is en geheimhouding slechts wanneer niet met minder ingrijpende middelen kan worden volstaan.

Beslissing op bezwaar

Beslissing op bezwaar Beslissing op bezwaar Kenmerk: 26146/2011014629 Betreft: beslissing op bezwaar inzake het besluit tot publicatie van het besluit betreffende het leveren van programmagegevens van de landelijke publieke

Nadere informatie

Toelichting Zienswijzeprocedure

Toelichting Zienswijzeprocedure Toelichting Zienswijzeprocedure 1. Wat kunt u doen als u het niet eens bent met/uw mening wilt geven over het ontwerpbesluit? Antwoord: U kunt een zienswijze indienen. Alle horecaondernemers die een brief

Nadere informatie

Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. B. Relevante bepalingen. C. Overwegingen. Kenmerk: 653927/656393 Betreft: verzoek om openbaarmaking

Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. B. Relevante bepalingen. C. Overwegingen. Kenmerk: 653927/656393 Betreft: verzoek om openbaarmaking Besluit Kenmerk: 653927/656393 Betreft: verzoek om openbaarmaking Beschikking van het Commissariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat) betreffende het verzoek van xxx (hierna: verzoeker) om openbaarmaking

Nadere informatie

Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ;

Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ; Besluit 2013/D007 Onderwerp: Uitvoeringsregeling informatieverstrekking 2014. De directeur van de gemeenschappelijke regeling Cocensus ; gericht op de uitvoering van de werkzaamheden welke op grond van

Nadere informatie

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Afdeling openbaarheid van bestuur 13 februari 2012 ADVIES 2012-8 met betrekking tot de openbaarheid van voorbereidende documenten

Nadere informatie

BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815

BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815 BESLISSING OP BEZWAAR 120194-180815 Bij brief van 30 maart 2015 die is ingekomen bij de NZa op dezelfde dag, is door de heer [vertrouwelijk ] (hierna: belanghebbende) bezwaar gemaakt tegen het besluit

Nadere informatie

PROCEDURE, STROOMSCHEMA EN CHECKLISTEN Openbaarheid van bestuur (Wob)

PROCEDURE, STROOMSCHEMA EN CHECKLISTEN Openbaarheid van bestuur (Wob) PROCEDURE, STROOMSCHEMA EN CHECKLISTEN Openbaarheid van bestuur (Wob) Procedure, stroomschema en checklisten informatie op verzoek (Wet openbaarheid van bestuur: Wob) Het procedurele en inhoudelijke kader

Nadere informatie

Uit: Jurisprudentie Gemeente, 14 mei 2014 (JG. 2014/40)

Uit: Jurisprudentie Gemeente, 14 mei 2014 (JG. 2014/40) Uit: Jurisprudentie Gemeente, 14 mei 2014 (JG. 2014/40) Noot bij: Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 14 mei 2014, 201303996/1/A3 en ECLI:NL:RVS:2014:1708 door: I.M. van der Heijden en E.E.

Nadere informatie

Ministerie van Veiligheid en Justide

Ministerie van Veiligheid en Justide > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Directie Wetgeving en Sector documenten berusten met de door u gevraagde informatie. Dit besluit wordt hieronder toegelicht. Besluit Wettelijk kader beslistermijn

Nadere informatie

Handleiding besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding

Handleiding besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding Handleiding besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding November 2009 1. Inleiding Aanleiding voor deze handleiding is de constatering dat in de praktijk met betrekking tot besloten vergaderingen

Nadere informatie

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Nederlands Instituut van Psychologen

Nadere informatie

Ministerie van Infrastructuur

Ministerie van Infrastructuur Ministerie van Infrastructuur en Milieu > Retouractres Postbus 20901 Ministerie van Infrastructuur en Milieu Piesmanweg 1-6 Den Haag Postbus 20901 Contactpersoon Ons kenmerk IenM/BSK-2015/151704 Datum

Nadere informatie

Jean-Paul van der Plaats

Jean-Paul van der Plaats Jean-Paul van der Plaats Van: Bestuurssecretariaat (Heerde) Verzonden: maandag 9 februari 2015 09:39 Aan: Gemeente Heerde CC: Bianca Espeldoorn Onderwerp: FW: WOB-verzoek Bijlagen: doc 5 WOB-verzoek aan

Nadere informatie

Besluit. A. Verloop van de procedure. Kenmerk: 622422/624024 Betreft: verzoek om openbaarmaking

Besluit. A. Verloop van de procedure. Kenmerk: 622422/624024 Betreft: verzoek om openbaarmaking Besluit Kenmerk: 622422/624024 Betreft: verzoek om openbaarmaking Besluit van het Commissariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat) betreffende het verzoek van Broadcast Newco Two B.V. (hierna: verzoeker)

Nadere informatie

PROTOCOL BESLOTEN VERGADERINGEN, GEHEIMHOUDING EN VERTROUWELIJKHEID

PROTOCOL BESLOTEN VERGADERINGEN, GEHEIMHOUDING EN VERTROUWELIJKHEID PROTOCOL BESLOTEN VERGADERINGEN, GEHEIMHOUDING EN VERTROUWELIJKHEID 1. Aanleiding Aanleiding tot dit protocol is de constatering dat er in de praktijk met betrekking tot besloten vergaderingen en het opleggen

Nadere informatie

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Afdeling openbaarheid van bestuur 12 december 2011 ADVIES 2011-332 over de weigering om toegang te verlenen tot de documenten die

Nadere informatie

31 mei 2012 z2012-00245

31 mei 2012 z2012-00245 De Staatssecretaris van Financiën Postbus 20201 2500 EE DEN HAAG 31 mei 2012 26 maart 2012 Adviesaanvraag inzake openbaarheid WOZwaarde Geachte, Bij brief van 22 maart 2012 verzoekt u, mede namens de Minister

Nadere informatie

Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. Kenmerk: 27692/2012010488 Betreft: verzoek om openbaarmaking

Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. Kenmerk: 27692/2012010488 Betreft: verzoek om openbaarmaking Besluit Kenmerk: 27692/2012010488 Betreft: verzoek om openbaarmaking Beschikking van het Commissariaat voor de Media betreffende het verzoek van Niels Damstra om openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid

Nadere informatie

De heer A. J. van Heusden Kruisstraat 21 4901 LX Oosterhout. Middelburg, 21 juni 2013. Geachte heer Van Heusden,

De heer A. J. van Heusden Kruisstraat 21 4901 LX Oosterhout. Middelburg, 21 juni 2013. Geachte heer Van Heusden, De heer A. J. van Heusden Kruisstraat 21 4901 LX Oosterhout Uw email :17 mei 2013 Uw kenmerk : Ons kenmerk :A-169 Onderwerp :WOB Verzoek Bijlage :4 bijlagen Behandeld door :H.P.W.A. van Aalst Middelburg,

Nadere informatie

Wet openbaarheid van bestuur

Wet openbaarheid van bestuur VII. Wet openbaarheid van bestuur Inhoud A. Centrale uitgangspunten en begrippen van de Wob...VII-2 B. Uitzonderingsgronden uit de Wob...VII-4 C. Procedurele aspecten van de wob...vii-8 D. De Wob in relatie

Nadere informatie

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid Ministerie van Veiligheid en Justftie

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid Ministerie van Veiligheid en Justftie Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid Ministerie van Veiligheid en Justftie > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Bits of Freedom Directie Cybar Security Beleidsciuster Turfmarkt

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD. Gezien het voorstel van Provinciale Staten van 8 december 2014, nummer 810A31EF;

PROVINCIAAL BLAD. Gezien het voorstel van Provinciale Staten van 8 december 2014, nummer 810A31EF; PROVINCIAAL BLAD Officiële uitgave van provincie Utrecht. Nr. 2060 17 april 2015 Besluit van Provinciale Staten van Utrecht van 8 december 2014, nr. 81E4022D, tot wijziging van het reglement van orde provincie

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 133516/193556. Besluit Wob-verzoek 24 juli 2015

Behandeld door Telefoonnummer E-mailadres Kenmerk 133516/193556. Besluit Wob-verzoek 24 juli 2015 De heer Y. Dam Nieuwendijk 91-2 1012 MC AMSTERDAM Newtonlaan 1-41 3584 BX Utrecht Postbus 3017 3502 GA Utrecht T 030 296 81 11 F 030 296 82 96 E info@nza.nl I www.nza.nl Uw brief van Uw kenmerk 2 juli

Nadere informatie

Klokkenluidersregeling

Klokkenluidersregeling REGELING INZAKE HET OMGAAN MET EEN VERMOEDEN VAN EEN MISSTAND HOOFDSTUK 1. DEFINITIES Artikel 1. Definities In deze regeling worden de volgende definities gebruikt: betrokkene: degene die al dan niet in

Nadere informatie

Toegang beperkingen en INSPIRE

Toegang beperkingen en INSPIRE Toegang beperkingen en INSPIRE Onderwerp Aan Klankbordgroep INSPIRE Van Bastiaan van Loenen, Michel Grothe, Datum 28 maart 2011 Bijlagen - Aan de Klankbordgroep INPSIRE wordt gevraagd: 1. Kennis te nemen

Nadere informatie

Wet openbaarheid bestuur

Wet openbaarheid bestuur Wet openbaarheid bestuur Handreiking toepassing WOB Aqualysis Pagina 1 van 12 HOOFDSTUK I Inleiding 1.1 De Wet openbaarheid van bestuur Openbaarheid van bestuur is een uitgangspunt dat zijn basis heeft

Nadere informatie

Uw Wob-verzoek betreffende Stichting Infofilter Bel-me-niet Register

Uw Wob-verzoek betreffende Stichting Infofilter Bel-me-niet Register > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag Aan geadresseerde Directoraat-generaal voor Bezuidenhoutseweg 30 Postbus 20101 2500 EC Den Haag T 070 379 8911 (algemeen) www.rijksoverheid.nl/eleni Behandeld

Nadere informatie

Deze plannen hebben met een aantasting van de democratische rechtsstaat weinig te maken.

Deze plannen hebben met een aantasting van de democratische rechtsstaat weinig te maken. 197 Deze plannen hebben met een aantasting van de democratische rechtsstaat weinig te maken. E.J. Daalder* Minister Donner zette op 31 mei 2011 aan de Tweede Kamer zijn opvattingen uiteen over de wijze

Nadere informatie

XXXXXXXXXXXX XXXXXXXXXXXX XXXXXXXXXXXX

XXXXXXXXXXXX XXXXXXXXXXXX XXXXXXXXXXXX Organisatieonderdeel Korpsstaf Wob-coördinatiedesk Behandeld door XXXXXXXXX Functie Wob-coördinator Bezoekadres Juliana van Stolberglaan 4-10 Den Haag Telefoon XX XX XX XX XX E-mail XXXXXXXXXXXXX@knp.politie.nl

Nadere informatie

Inzake : Bezwaar tegen besluit op WOB-verzoek foodwatch inzake met miltvuur besmet vlees BEZWAARSCHRIFT

Inzake : Bezwaar tegen besluit op WOB-verzoek foodwatch inzake met miltvuur besmet vlees BEZWAARSCHRIFT Aangetekend met bevestiging van ontvangst Staatssecretaris van Economische Zaken p/a Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Afdeling Juridische Zaken Postbus 40219 8004 DE ZWOLLE Marijn Kingma Advocaat

Nadere informatie

de minister van Economische Zaken, de heer mr L.J. Brinkhorst Postbus 20101 2500 EC Den Haag Ministeriële regeling afsluitingen

de minister van Economische Zaken, de heer mr L.J. Brinkhorst Postbus 20101 2500 EC Den Haag Ministeriële regeling afsluitingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN de minister van Economische Zaken,

Nadere informatie

I Wettelijk kader Uw verzoek valt onder de reikwijdte van de Wob. Voor de relevante Wob-artikelen verwijs ik u naar bijlage 1.

I Wettelijk kader Uw verzoek valt onder de reikwijdte van de Wob. Voor de relevante Wob-artikelen verwijs ik u naar bijlage 1. >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Primair Onderwijs IPC 2400 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon Datum Betreft Besluit op uw Wob-verzoek

Nadere informatie

Gedragscode Persoonlijk Onderzoek. 21 december 2011

Gedragscode Persoonlijk Onderzoek. 21 december 2011 Gedragscode Persoonlijk Onderzoek 21 december 2011 Inleiding Verzekeraars leggen gegevens vast die nodig zijn voor het sluiten van de verzekeringsovereenkomst en die van belang zijn voor het nakomen van

Nadere informatie

Op grond van de verstrekte informatie concludeert het CBP dat de FAD voornemens is het Protocol op een aantal punten te wijzigen.

Op grond van de verstrekte informatie concludeert het CBP dat de FAD voornemens is het Protocol op een aantal punten te wijzigen. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl Besluit inzake de verklaring omtrent de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 Vragen gesteld door de leden der Kamer 2016Z00189 Vragen van de leden Omtzigt (CDA), Sjoerdsma (D66), De Roon (PVV), Van Nispen (SP), Grashoff

Nadere informatie

Privacyreglement Hulp bij ADHD

Privacyreglement Hulp bij ADHD Privacyreglement Hulp bij ADHD Paragraaf 1: Algemene bepalingen Artikel 1: Begripsbepaling In dit reglement wordt in aansluiting bij en in aanvulling op de Wet bescherming persoonsgegevens (Staatsblad

Nadere informatie

De vertrouwelijke documenten en andere vertrouwelijke informatie Wij hebben de volgende opgelegde verplichtingen tot geheimhouding geïnventariseerd.

De vertrouwelijke documenten en andere vertrouwelijke informatie Wij hebben de volgende opgelegde verplichtingen tot geheimhouding geïnventariseerd. 23 maart 2010 Corr.nr. 2010-18580, ABJ Nummer 8 / 2010 Zaaknr. 241801 Voordracht van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten van Groningen tot onder meer opheffing van eerder opgelegde verplichtingen

Nadere informatie

Memorie van antwoord. Convenant actieve informatieplicht

Memorie van antwoord. Convenant actieve informatieplicht Memorie van antwoord Aan : de leden van de gemeenteraad Van : het college van burgemeester en wethouders en de griffier Datum : 26 januari 2015 Onderwerp : memorie van antwoord bij Nota geheimhouding,

Nadere informatie

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 14 mei 2004 in het geding tussen:

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 14 mei 2004 in het geding tussen: LJN: AT7485, Raad van State, 200405147/1 (Printbare versie) Datum uitspraak: 15-06-2005 Datum publicatie: 15-06-2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij

Nadere informatie

het college van gedeputeerde staten van Zeeland.

het college van gedeputeerde staten van Zeeland. . Datum uitspraak: 5 augustus 2015 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak op de hoger beroepen van: [appellant A], [appellant B], wonend te [woonplaats], [appellant C], wonend te [woonplaats], [appellant

Nadere informatie

Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer JuZa-000242-ibo Mevr. mr. I.M. Borninkhof (035) 7737 754

Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer JuZa-000242-ibo Mevr. mr. I.M. Borninkhof (035) 7737 754 AANTEKENEN Broadcast Newco Two B.V. p/a Brinkhof advokaten, t.a.v. mevrouw mr. Q.J. Tjeenk Willink De Lairessestraat 111-115 1075 HH AMSTERDAM Datum Onderwerp 20 januari 2005 Beslissing op bezwaar Uw kenmerk

Nadere informatie

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Randstad Nederland B.V.

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Randstad Nederland B.V. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid

Nadere informatie

PRIVACYREGLEMENT. Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

PRIVACYREGLEMENT. Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen PRIVACYREGLEMENT Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Artikel 1: Begripsbepaling 1. In dit reglement wordt in aansluiting bij en in aanvulling op de Wet Bescherming Persoonsgegevens (Staatsblad 2000, 302)

Nadere informatie

Bevindingen De bevindingen van het CBP luiden als volgt:

Bevindingen De bevindingen van het CBP luiden als volgt: POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Zorgverzekeraar DATUM 27 februari 2003 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Toelichting op de Coördinatieverordening

Toelichting op de Coördinatieverordening Toelichting op de Coördinatieverordening Hoofdstuk 1: Algemene toelichting 1. Coördinatieregeling ex artikel 3.30 Wro Afdeling 3.6 Wro bevat verschillende coördinatieregelingen voor Rijk, provincie en

Nadere informatie

Mogelijkheid tot indienen zienswijze is geen rechtsbescherming

Mogelijkheid tot indienen zienswijze is geen rechtsbescherming Zienswijze en UOV Mogelijkheid tot indienen zienswijze is geen rechtsbescherming Ondanks het feit dat het indienen van een zienswijze niet gerekend kan worden tot de vormen van rechtsbescherming in het

Nadere informatie

Besluit. A. Verloop van de procedure. B. Relevante bepalingen. C. Status van de activiteit

Besluit. A. Verloop van de procedure. B. Relevante bepalingen. C. Status van de activiteit Besluit Kenmerk: 646729/647855 Betreft: toestemming voor de nevenactiviteit Het in licentie geven van fragmenten van het tv programma De Nalatenschap aan de co-financiers van het programma ten behoeve

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 467 Oprichting van het College voor de rechten van de mens (Wet College voor de rechten van de mens) Nr. 9 AMENDEMENT VAN HET LID HEIJNEN Ontvangen

Nadere informatie

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl AAN De Minister van Veiligheid en Justitie

Nadere informatie

Privacyreglement Werkvloertaal 26 juli 2015

Privacyreglement Werkvloertaal 26 juli 2015 Privacyreglement Werkvloertaal 26 juli 2015 Algemeen Privacyreglement Werkvloertaal Pagina 1 van 6 Algemeen Privacyreglement Werkvloertaal De directie van Werkvloertaal, overwegende, dat het in verband

Nadere informatie

Beoordeling. Bevindingen. h2>klacht

Beoordeling. Bevindingen. h2>klacht Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) zijn verzoek om een vergoeding van zijn particuliere zorgverzekeringspremie over de periode januari tot mei 2007

Nadere informatie

Wettelijke kaders voor openbaarmaking van overheidsinformatie

Wettelijke kaders voor openbaarmaking van overheidsinformatie Wettelijke kaders voor openbaarmaking van overheidsinformatie Met welke wettelijke regels moet een overheid rekening houden met betrekking tot het actief openbaar maken van informatie?: de Wet Openbaarheid

Nadere informatie

Privacyreglement Potenco

Privacyreglement Potenco Privacyreglement Potenco Artikel 1 Algemene en begripsbepalingen 1.1. Tenzij hieronder uitdrukkelijk anders is bepaald worden termen in dit reglement gebruikt in de betekenis die de Wet Bescherming Persoonsgegevens

Nadere informatie

PRIVACY REGLEMENT - 2015

PRIVACY REGLEMENT - 2015 PRIVACY REGLEMENT - 2015 Jasnante re-integratie onderdeel van Jasnante Holding B.V. (kvk nr. 52123669 ) gevestigd aan de Jacob van Lennepkade 32-s, 1053 MK te Amsterdam draagt zorg voor de geheimhoudingsverplichting

Nadere informatie

Informatie en handleiding over besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding

Informatie en handleiding over besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding INT14-2159 Informatie en handleiding over besloten vergaderingen en het opleggen van geheimhouding 1. Aanleiding Aanleiding voor deze handleiding is de in een onderzoek van de rekenkamercommissie gedane

Nadere informatie

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag.

Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediende aanvraag. Algemene wet bestuursrecht Titel 4.1. Beschikkingen Afdeling 4.1.1. De aanvraag Artikel 4:1 Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, wordt de aanvraag tot het geven van een beschikking schriftelijk

Nadere informatie

Arrondissementsparket

Arrondissementsparket Arrondissementsparket Den Haag Postadres postbus 20302, 2500 EH Den Haag De heer B.].S.A.A.F. de Winter Amsterdam Telefoonnummer Datum Parketnummer Ons kenmerk Uw kenmerk Bijlage(n) Onderwerp (088) 699

Nadere informatie

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Afdeling openbaarheid van bestuur 27 oktober 2014 ADVIES 2014-83 met betrekking tot de weigering om een kopie te verstrekken van het

Nadere informatie

verklaring omtrent rechtmatigheid

verklaring omtrent rechtmatigheid POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Raad Nederlandse Detailhandel DATUM 17 juni

Nadere informatie

LEIDRAAD WET OPENBAARHEID VAN BESTUUR

LEIDRAAD WET OPENBAARHEID VAN BESTUUR LEIDRAAD WET OPENBAARHEID VAN BESTUUR Gemeente Dordrecht Evert Jaquet Stads Bestuurs Centrum April 2005 LEIDRAAD WET OPENBAARHEID VAN BESTUUR 1 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Inleiding... 3 1.1 De Wet openbaarheid

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Uitspraa tspraak beroepsinstantie OVB/2015/154 Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie afdeling openbaarheid van bestuur Boudewijnlaan 30

Nadere informatie

Privacyreglement OCA(Zorg)

Privacyreglement OCA(Zorg) Privacyreglement OCA(Zorg) Artikel 1 Algemene- en begripsbepalingen 1.1 Tenzij hieronder uitdrukkelijk anders is bepaald worden termen in dit reglement gebruikt in de betekenis die de Wet Bescherming Persoonsgegevens

Nadere informatie

Besluit. A. Verloop van de procedure. C. Status van de activiteit

Besluit. A. Verloop van de procedure. C. Status van de activiteit Besluit Kenmerk: 631288/633618 Betreft: toestemming voor nevenactiviteit Het verlenen van een licentie van het woord- en beeldmerk Kinderen voor Kinderen voor zeven merchandise producten die tijdens de

Nadere informatie

VWS-commissie bezwaarschriften Awb. nr. DWJZ-2009000654/002

VWS-commissie bezwaarschriften Awb. nr. DWJZ-2009000654/002 VWS-commissie bezwaarschriften Awb nr. DWJZ-2009000654/002 Verweerschrift inzake de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, waarvan de zetel is gevestigd te Den Haag, verweerder, gemachtigde: mr.

Nadere informatie

Beschikking op handhavingsverzoek

Beschikking op handhavingsverzoek Beschikking op handhavingsverzoek Kenmerk: 624329/636398 Betreft: handhavingsverzoek RadioNL B.V. Het Commissariaat voor de Media, Gezien het verzoek van RadioNL B.V. om bestuursrechtelijke handhaving

Nadere informatie

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN de bank DATUM 17 maart 2006 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Rapport. Datum: 24 februari 2005 Rapportnummer: 2005/053

Rapport. Datum: 24 februari 2005 Rapportnummer: 2005/053 Rapport Datum: 24 februari 2005 Rapportnummer: 2005/053 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het Korps landelijke politiediensten onvoldoende voortvarend heeft gereageerd op het door hem bij brief van

Nadere informatie

GEMEENTE LEEUWARDERADEEL

GEMEENTE LEEUWARDERADEEL GEMEENTE LEEUWARDERADEEL Raadsvergadering: 23 mei 2013 Voorstelnummer: 2013/ 21 10 Stiens, 04 april 2013 Behandelend ambtenaar: a.posthuma E-mail: a.posthuma@leeuwarderadeel.nl Telefoonnr. : 058 257 66

Nadere informatie

Kwijtschelding voor ondernemers Dienst Belastingen

Kwijtschelding voor ondernemers Dienst Belastingen Rapport Gemeentelijke Ombudsman Kwijtschelding voor ondernemers Dienst Belastingen 8 mei 2006 RA0611562 Samenvatting Met enige regelmaat wenden ondernemers met financiële problemen zich tot de ombudsman.

Nadere informatie

PRIVACYREGLEMENT BEST

PRIVACYREGLEMENT BEST PRIVACYREGLEMENT BEST BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN BEST; gelet op de bepalingen van de Wet bescherming persoonsgegevens en artikel 4 van de Verordening verwerking persoonsgegevens gemeente Best; B E

Nadere informatie

' s Sftg. de Rechtspraak. Over het beroep met procedurenummer 11 / 685 WOB JAN 1 deel ik u het volgende mee.

' s Sftg. de Rechtspraak. Over het beroep met procedurenummer 11 / 685 WOB JAN 1 deel ik u het volgende mee. ' s Sftg -IKdV.2011 de Rechtspraak datum onderdeel contactpersoon doorkiesnummer ons kenmerk uw kenmerk biilage(n) faxnummer afdeling onderwerp De heer mr. J.C. Binnerts Postbus 280 2000 AG Haarlem 28

Nadere informatie

ECLI:NL:RVS:2014:3559 Deeplink http://d

ECLI:NL:RVS:2014:3559 Deeplink http://d ECLI:NL:RVS:2014:3559 Deeplink http://d Instantie Raad van State Datum uitspraak 01-10-2014 Datum publicatie 01-10-2014 Zaaknummer 201309659/1/A3 Rechtsgebieden Bestuursrecht Bijzondere kenmerken Hoger

Nadere informatie

08 AUG 2012. Ministerie van Financiën. Datum. Betreft Besluit Wob-verzoek inzake zbv Backscatter. Geachte!

08 AUG 2012. Ministerie van Financiën. Datum. Betreft Besluit Wob-verzoek inzake zbv Backscatter. Geachte! Ministerie van Financiën Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Belastfrigdienst Korte Voorhout 1 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag wwwrijksoverbetd.nl Inlichtingen Datum 08 AUG 2012

Nadere informatie

Handleiding vergoeding kosten bezwaar en administratief beroep

Handleiding vergoeding kosten bezwaar en administratief beroep September 2002 Inhoudsopgave Inleiding Hoofdstuk 1 Welk recht is van toepassing Hoofdstuk 2 Vergoedingscriterium en te vergoeden kosten 2.1 Vergoedingscriterium 2.2 Besluit proceskosten bestuursrecht 2.3

Nadere informatie

HANDHAVINGSVERORDENING WWB en WIJ gemeente Lelystad

HANDHAVINGSVERORDENING WWB en WIJ gemeente Lelystad HANDHAVINGSVERORDENING WWB en WIJ Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Besloten door Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld)

Nadere informatie

WOB. Veelgestelde vragen WOZ en Wob

WOB. Veelgestelde vragen WOZ en Wob WOB Veelgestelde vragen WOZ en Wob 1. Wat zijn in het kort de aandachtspunten als er een Wob-verzoek wordt ingediend? 2. Er is een verzoek bij de gemeente ingediend om WOZ-gegevens te verstrekken. Welke

Nadere informatie

PRIVACY VERKLARING. Artikel 1 Algemene- en begripsbepalingen

PRIVACY VERKLARING. Artikel 1 Algemene- en begripsbepalingen PRIVACY VERKLARING Artikel 1 Algemene- en begripsbepalingen 1.1 Tenzij hieronder uitdrukkelijk anders is bepaald worden termen in dit reglement gebruikt in de betekenis die de Wet Bescherming Persoonsgegevens

Nadere informatie

Rapport. Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401

Rapport. Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401 Rapport Datum: 13 oktober 2004 Rapportnummer: 2004/401 2 Klacht Het niet opnemen van een rechtsmiddelenclausule conform artikel 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht in de beslissing van 17 december 2003

Nadere informatie

Rapport. Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191

Rapport. Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191 Rapport Datum: 27 mei 1998 Rapportnummer: 1998/191 2 Klacht Op 26 januari 1998 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer B. te Bonn (Duitsland) met een klacht over een gedraging van

Nadere informatie

ui ii hu ii ii ui ii H n I II

ui ii hu ii ii ui ii H n I II 1 Gemeente ñ Bergen op Zoom Aan de leden en duoburgerleden van de gemeenteraad van Bergen op Zoom ui ii hu ii ii ui ii H n I II Uw kenmerk Ons kenmerk U14-008121 Datum 1 8 JUNI 20H Uw brief Beh. door W.

Nadere informatie

Gepubliceerd in Staatscourant 17 september 2007, nr. 179 / pag. 11

Gepubliceerd in Staatscourant 17 september 2007, nr. 179 / pag. 11 Gepubliceerd in Staatscourant 17 september 2007, nr. 179 / pag. 11 Klachtenregeling IGZ Artikel 1 1 Een ieder heeft het recht om over de wijze waarop de inspectie zich in een bepaalde aangelegenheid jegens

Nadere informatie

Besluit. Verloop van de procedure. Datum 5 augustus 2014 546684 Onderwerp Besluit op bezwaar. Geachte

Besluit. Verloop van de procedure. Datum 5 augustus 2014 546684 Onderwerp Besluit op bezwaar. Geachte Ministerie van Veiligheid en Justitie > Retoutadres Postbus 20301 2500 EN Den Haag Juridische Zaken Sector Juridische Zaken Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverhejd.nh/venj

Nadere informatie

Bijlage ALGEMENE TOELICHTING

Bijlage ALGEMENE TOELICHTING Bijlage ALGEMENE TOELICHTING 1. Coördinatieregeling ex artikel 3.30 Wro Afdeling 3.6 Wro bevat verschillende coördinatieregelingen voor Rijk, provincie en gemeente. In de coördinatieregeling voor de gemeente

Nadere informatie

Privacyreglement van De Zaak van Ermelo

Privacyreglement van De Zaak van Ermelo Privacyreglement van De Zaak van Ermelo ARTIKEL 1. ALGEMENE EN BEGRIPSBEPALINGEN 1.1. Tenzij hieronder uitdrukkelijk anders is bepaald worden termen in dit reglement gebruikt in de betekenis die de Wet

Nadere informatie

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking van screeningsgegevens van Curriculum Vitae Zeker B.V.; z2013-00612.

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking van screeningsgegevens van Curriculum Vitae Zeker B.V.; z2013-00612. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent

Nadere informatie

heeft de volgende beslissing gegeven naar aanleiding van het hoger beroep van de heer drs. A. te X. en het hoger beroep van de heer B. te Y..

heeft de volgende beslissing gegeven naar aanleiding van het hoger beroep van de heer drs. A. te X. en het hoger beroep van de heer B. te Y.. No. CvB 2013/10 HET COLLEGE VAN BEROEP van het Nederlands Instituut van Psychologen heeft de volgende beslissing gegeven naar aanleiding van het hoger beroep van de heer drs. A. te X. en het hoger beroep

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Afdeling Kanselarij Boudewijnlaan 30, bus 20 1000 Brussel

Nadere informatie

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Afdeling openbaarheid van bestuur 27 oktober 2014 ADVIES 2014-81 met betrekking tot de weigering om toegang te verlenen tot de notulen

Nadere informatie

Wob-termijn niet in acht genomen Gemeente Amsterdam Raadsgriffie Bestuursdienst

Wob-termijn niet in acht genomen Gemeente Amsterdam Raadsgriffie Bestuursdienst Rapport Gemeentelijke Ombudsman Wob-termijn niet in acht genomen Gemeente Amsterdam Raadsgriffie Bestuursdienst Datum: 16 augustus 2010 RA1054326 Samenvatting Een oud-raadslid stuurt in december 2008 een

Nadere informatie

Privacyreglement EVC Dienstencentrum

Privacyreglement EVC Dienstencentrum PRIVACYREGLEMENT Privacyreglement EVC Dienstencentrum De directie van het EVC Dienstencentrum: Overwegende dat het in verband met een goede bedrijfsvoering wenselijk is een regeling te treffen omtrent

Nadere informatie

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon.

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. Vastgesteld door de Raad van Bestuur, november 2010 Artikel 1 Begripsbepalingen 1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. 1.2 verwerking van persoonsgegevens:

Nadere informatie

Transparant bestuur EEn praktische handleiding voor gemeenten over de WET openbaarheid van bestuur

Transparant bestuur EEn praktische handleiding voor gemeenten over de WET openbaarheid van bestuur Transparant bestuur Een praktische handleiding voor gemeenten over de Wet openbaarheid van bestuur Transparant bestuur Een praktische handleiding voor gemeenten over de Wet openbaarheid van bestuur Inhoudsopgave

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Afdeling Kanselarij Boudewijnlaan 30, bus 20 1000 Brussel

Nadere informatie