4 mei Reiken naar de top. Prestatieafspraken tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Windesheim

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "4 mei 2012. Reiken naar de top. Prestatieafspraken tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Windesheim"

Transcriptie

1 4 mei 2012 Reiken naar de top Prestatieafspraken tussen de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Windesheim

2 Vooraf Bijgaand treft u ons voorstel op grond van het Hoofdlijnenakkoord aan, op basis waarvan aan Windesheim naar verwachting prestatiebekostiging wordt toegekend. Ten behoeve van de hiernavolgende voorstellen voor verkrijging van prestatiebekostiging en voor het maken van de bestuurlijke afspraken over profilering en valorisatie, gaat Windesheim uit van de volgende gemaakte afspraken in het Hoofdlijnenakkoord: De kwaliteit van onderwijs en het studiesucces hebben prioriteit bij de overeen te komen prestatieafspraken; Er is een centrale rol weggelegd voor open overleg tussen Windesheim en de staatssecretaris van OCW over de overeen te komen prestatieafspraken; Het kader waaraan de voorstellen van Windesheim worden getoetst is neergelegd in het Hoofdlijnenakkoord. Windesheim tekent hierbij aan, dat de HBO-raad mede namens Windesheim niet heeft ingestemd met het beoordelingskader dat is opgesteld door de Review Commissie die de staatssecretaris heeft ingesteld. In aanvulling op de afspraken uit het Hoofdlijnenakkoord maakt Windesheim het uitdrukkelijke voorbehoud dat mocht op enig moment komen vast te staan dat een formeel-wettelijke basis voor invoering van prestatiebekostiging in het hoger onderwijs ten onrechte ontbreekt, de staatssecretaris van OCW geen reden heeft om de bekostiging inzake de prestatieafspraken aan Windesheim te onthouden. Windesheim spant zich in de overeen te komen prestatieafspraken te realiseren, maar er kunnen zich omstandigheden voordoen die realisatie ervan in de weg staan. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om: het niet of niet tijdig afgerond zijn van het wetgevingstraject rond de (wettelijke) maatregelen die in het Hoofdlijnenakkoord zijn overeengekomen als zijnde noodzakelijke randvoorwaarden voor het verhogen van de prestaties van de hogescholen op het gebied van kwaliteit en studiesucces; de uitkomst van de discussie rond de bekostiging van het deeltijdonderwijs die thans wordt gevoerd; (ingrijpende) bezuinigingen door het kabinet op het hoger beroepsonderwijs; een definitief besluit om de mbo-4 opleidingen te verkorten van vier naar drie jaar. Windesheim wenst een aparte bepaling in de prestatieovereenkomst op te nemen waarin wordt geregeld dat wanneer dergelijke omstandigheden zich voordoen, dit leidt tot gehele of gedeeltelijke bijstelling van de prestatieafspraken en/of tot gehele of gedeeltelijke bijstelling van de financiële consequenties die kunnen worden verbonden aan het geheel of gedeeltelijk niet nakomen van de prestatieafspraken tussen de staatssecretaris van OCW en Windesheim. In het geval dat de prestatieovereenkomst ten aanzien van bovenvermelde nadere overwegingen naar het oordeel van Windesheim procedureel onvoldoende waarborgen zou bevatten of inhoudelijk onjuist zou zijn, kan de hogeschool besluiten de prestatieovereenkomst toch aan te gaan, doch uitsluitend ter behoud van het recht op prestatiebekostiging. In dat geval behoudt de hogeschool zich het recht voor om juridische stappen te ondernemen indien zij dat noodzakelijk acht. 2 3

3 Inhoudsopgave I Inleiding 6 II De omgeving van Windesheim 8 III Windesheims profiel 12 IV Windesheims prestatieafspraken 16 V Slot 21 Lijst van gebruikte afkortingen 22 Bijlage 1: Kengetallen Windesheim 23 Bijlage 2. Windesheim Flevoland 25 Bijlage 3: Samenwerkingsverbanden Windesheim/Centers of Expertise 27 Bijlage 4: Expertise Centrum Primair Onderwijs 40 Bijlage 5: Blended learning 42 Bijlage 6: Honoursprogramma s en interdisciplinaire trajecten 42 Bijlage 7: Adhesieverklaring van de provincie Overijssel bij 43 de projectvoorstellen ten aanzien van Centers of Expertise 4 5

4 I Inleiding Voor u ligt het voorstel voor prestatieafspraken tussen de staatssecretaris van OCW en Windesheim. Windesheim streeft ernaar zijn studenten de best mogelijke uitgangspositie te geven voor het vinden van een werkkring en wil dat zij in die werkkring ervaren dat hun opleiding perfect aansluit bij de beroepspraktijk. Dit tweeledige doel is de leidraad voor de visie die aan deze prestatieafspraken ten grondslag ligt. Windesheim wil behoren tot de top drie van de grote hogescholen in Nederland en werkt daarom onvermoeibaar en op alle fronten aan voortdurende kwaliteitsverbetering. In juli 2011 zijn de eerste lijnen uitgezet voor de prestatieafspraken, in Windesheim en bij stakeholders in de regio. Vervolgens is een traject doorlopen met overlegrondes tussen College van Bestuur (CvB) en directeuren, tussen CvB en de managementteams van de domeinen en met thematische besprekingen tussen CvB en de domein- en dienstdirecteuren. Medewerkers zijn bij de totstandkoming van de prestatieafspraken betrokken in bijeenkomsten van het Hogeschoolnetwerk waarin seniormedewerkers van ondersteunende diensten participeren en in diverse lunchbijeenkomsten voor alle medewerkers. Daarnaast is de Centrale Medezeggenschapsraad geraadpleegd bij het opstellen van de afspraken. Tot slot zijn de voorstellen voor de prestatieafspraken getoetst door de Raad van Toezicht van Windesheim en door de belangrijkste stakeholders in de regio. De tweede lijn waarlangs Windesheim zijn ambities verwezenlijkt is de verhoging van het opleidingsniveau van de docenten. Docenten die bachelorstudenten opleiden, moeten zelf minimaal één niveau hoger opgeleid zijn. In 2016 zal 80 procent van de docenten minimaal over een mastergraad moeten beschikken; op den duur stijgt dat percentage naar 100. Ten derde wordt het studieklimaat ambitieuzer. De voorlichting aan potentiële studenten wordt geoptimaliseerd. Meer transparantie ten aanzien van het beroepsperspectief, het rendement van de studie en de eisen die aan de student worden gesteld, moet leiden tot een betere studiekeuze. De eisen in het eerste jaar worden stringenter, studieloopbaanbegeleiding wordt intensiever. Al met al gaat de kwaliteit van het onderwijs omhoog. 1.3 Leeswijzer Hoofdstuk II is een schets van Windesheims omgeving. De regio s waarin de hogeschool is gevestigd, de instellingen en bedrijven waarmee wordt samengewerkt, de studenten, de Nederlandse kenniseconomie: die elementen bepalen wat Windesheim is en doet. Hoofdstuk III laat aan de hand van vijf profielkenmerken uitgebreider zien wat het karakter van Windesheim is. Afstemming over profilering en zwaartepuntvorming heeft plaatsgevonden tussen Windesheim, de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en Saxion. Alle drie hogescholen kiezen voor een breed opleidingspalet ten behoeve van de onderscheiden regio s waarin ze opereren, waarbij uitgegaan wordt van de eigen kracht. Op de punten in de profilering waar overlap bestaat zijn samenwerkingsafspraken gemaakt. Hiermee zijn de hogescholen complementair aan elkaar. In hoofdstuk IV worden de hoge ambities van de hogeschool vertaald in prestatieafspraken voor het studiejaar Daarbij wordt ook beschreven hoe die prestaties gerealiseerd zullen worden. Een samenvatting op hoofdpunten sluit dit rapport af. 1.1 De hogeschool in vogelvlucht Windesheim is met studenten, enkele duizenden cursisten en medewerkers een van Nederlands grotere hbo-instellingen. Met een hoofdvestiging in Zwolle en een nevenvestiging in Almere, onder de naam Windesheim Flevoland, heeft de hogeschool zich de afgelopen jaren ontwikkeld van een reguliere, maar ietwat in zichzelf gekeerde onderwijsinstelling tot een stevig in de regio verankerde, innovatieve kennisinstelling. Maatschappelijke betrokkenheid en het benutten van de kansen die diversiteit biedt, waren daarbij leidend: Windesheim staat middenin de samenleving en daagt mensen uit datzelfde te doen, door zich te ontwikkelen tot verantwoordelijke, waarde(n)volle en zelfbewuste professionals. Windesheim biedt bacheloropleidingen aan op de gebieden onderwijs, bewegen en sport, theologie en levensbeschouwing, economie, management, recht en communicatie, journalistiek, gezondheid en welzijn, techniek, vormgeving, logistiek en ICT. In september 2010 startte Windesheim met vier opleidingen in Almere en één in Lelystad. Mede gefinancierd door gemeenten, provincie en rijksoverheid geeft Windesheim Flevoland de provincie een kennisimpuls, waarmee wordt voorkomen dat de regio zich, door een gebrek aan hoger opgeleiden, eenzijdig ontwikkelt. Het onderwijsaanbod is inmiddels uitgebreid tot zestien opleidingen Strategische agenda Windesheim zal zijn doelstellingen de komende jaren langs een drietal lijnen verwezenlijken. Ten eerste wordt de component onderzoek & ondernemen uitgebreid en versterkt. De focus ligt op praktijkgericht onderzoek dat gebaseerd is op de beroepspraktijk. De onderzoeksresultaten vinden niet alleen hun weg terug naar de plaats waar de probleemstelling ontstond, maar worden ook benut in het onderwijs, zodat de nieuwe beroepsbeoefenaren naar de laatste kwaliteitsmaatstaven en actuele inzichten worden opgeleid. Windesheim heeft de overtuiging dat kennisproductie het fundament is van beroepsgericht hoger onderwijs. 6 1) Meer informatie over Windesheim Flevoland is te vinden in bijlage 2. 7

5 II De omgeving van Windesheim 2.1 Van Z tot A Windesheim is een kennisinstelling, een University of Applied Sciences, opererend in het midden van het land, van Z tot A oftewel van Zwolle tot Almere, de brede regio met als kern het noordelijke deel van Overijssel en de provincie Flevoland. Deze ellipsvormige regio kenmerkt zich door bevolkingsgroei en sociale en economische potentie. Windesheim wil die potentie actief ondersteunen. 2.2 De ellips van Windesheim In de Nederlandse economie is een bijzondere rol weggelegd voor de regio s Rotterdam/Delft/Leiden, en Utrecht/Eindhoven alsmede de stad Amsterdam. Het zijn centra van economische groei op de lange termijn: de arbeidsparticipatie neemt er toe, ze tellen meer startende bedrijven in groeisectoren en de werkloosheid is er lager. Ook Zwolle, een stad die erin slaagt hoogopgeleiden vast te houden, vormt zo n centrum. Dat is voor een deel te danken aan de hechte samenwerking tussen ondernemers en onderwijs- en kennisinstellingen, die onder meer vorm heeft gekregen in de Stichting Kennispoort Regio Zwolle. Kennispoort stimuleert de totstandkoming van innovatieve businesscases en bevordert de vorming van kennisclusters. 2 Niet lukraak, maar vooral langs de hoofdthema s voor deze regio zoals die zijn benoemd door gedeputeerde Theo Rietkerk op de Ronde Tafel Conferentie Onderwijs van november 2011: High Tech Systemen en Materialen (HTSM), Gezondheid/Life Sciences en Chemie/Kunststoffen. 3 Daarnaast is een thema de aandacht in de hele onderwijskolom voor het opleiden van technici. De ellips van Windesheim Kenmerkend voor de regio Flevoland is een sterke bevolkingsgroei en verstedelijking, met name in Almere. Flevoland wil de sectoren zakelijke dienstverlening en industrie uitbouwen en versterken. Dit zijn sectoren met een groot verdienvermogen en in de economie van Flevoland zijn ze nu nog licht ondervertegenwoordigd. Onderwijs speelt een belangrijke rol in dit streven. De beroepsbevolking is momenteel iets minder hoog opgeleid dan het landelijk gemiddelde. Het beleid van de provincie Flevoland is daarom ten eerste gericht op verhoging van kwaliteit; een braindrain naar de Randstad moet worden gestopt. Bovendien wordt met het onderwijs de potentie in de regio optimaal ontwikkeld. Met andere woorden: hoewel deze regio s economisch geen uitgesproken profiel hebben, gaat het economisch en sociaal goed en neemt de bevolking in beide regio s toe. Gezichtsbepalende branches, zoals de financiële sector in Amsterdam, ontbreken. Evenmin zijn er bedrijven met een dominante positie in de regio, zoals Philips en ASML die innemen in Zuidoost Brabant. In Zwolle en Flevoland is juist het midden- en kleinbedrijf structureel van grote betekenis. De grootste werkgever in Zwolle is het topklinisch ziekenhuis ISALA. 2.3 Brede regio vraagt een brede hogeschool Geschetst is de omgeving van Windesheim, waarin de hogeschool een essentiële speler is. De topsectoren HTSM en Chemie, de aandacht in de hele onderwijskolom voor het tekort aan technici, de internationale focus van het bedrijfsleven, de logistiek en de behoefte aan hoger opgeleiden (kwaliteit!) over de volle breedte van het economisch spectrum: Windesheim laat onderwijs, onderzoek en ondernemen hierop aansluiten. Dat leidt tot de conclusie dat de hogeschool niet kan snijden in het brede opleidingenpakket. Windesheim heeft alleen opleidingen met een duidelijk beroepsperspectief en geen modieuze studies : bij beslissingen over het al dan niet oprichten van nieuwe opleidingen en het voortbestaan van de huidige opleidingen zijn altijd lange termijnoverwegingen van doorslaggevend belang. Windesheim zal daarom zijn brede opleidingenpakket in stand houden, vooral ook om te kunnen voldoen aan de vervangingsvraag naar middenkader en topkader in de regio. Wel hebben dergelijke lange termijnoverwegingen onlangs geleid tot het besluit te stoppen met de opleiding Cultureel Maatschappelijke Vorming (CMV) en met de kunstopleiding DBKV. Laatstgenoemde wordt overgedragen aan ArtEZ, in lijn met het sectorplan Kunsten. Het voorgaande betekent ook dat de hogeschool zich richt op alle mogelijke categorieën studenten, zowel gedreven door de behoeftes van de arbeidsmarkt als door de emancipatoire doelstelling dat mensen van elk niveau en in elke fase van hun leven mogelijkheden moeten hebben zich verder te ontwikkelen. Studenten van Windesheim komen grotendeels van het havo en vwo (54 procent in 2011) en van het mbo (32 procent in 2011). Daarnaast richt Windesheim zich - onder meer met Leven Lang Leren - op volwassenen die zich willen omscholen, op mbo ers met enkele jaren werkervaring en op studenten ouder dan 25 jaar. Voor mbo ers die minder goed zijn toegerust voor het volgen van een vierjarige hbo-opleiding biedt Windesheim in afstemming met de betrokken sector tweejarige Associate degree (Ad)-opleidingen aan. Voor studenten die een meer dan gemiddelde studiebelasting aan kunnen, zijn er honoursprogramma s. De economische fijnmazigheid van Windesheims omgeving dicteert dat er maar één middel is om ambities te realiseren, en dat is samenwerking - zowel op regionale, nationale als internationale schaal. Regionaal wordt er volop geparticipeerd in samenwerkingsverbanden die de innovatiekracht van het bedrijfsleven versterken. De regio s Zwolle en Flevoland floreren economisch, zo blijkt uit onderzoek van Elsevier naar toplocaties in Nederland. Zwolle ontwikkelt zich zelfs tot de tweede economische toplocatie van Nederland, na s-hertogenbosch. Dat is niet toevallig: in deze regio is volop ruimte om te ondernemen, terwijl de aansluitingen op water, weg en spoor perfect zijn. Inmiddels is er sprake van een trek naar het oosten en functioneert de regio steeds meer als scharnierpunt tussen de Randstad en Noord-Europa. Deze ontwikkeling vormt een stimulans voor de logistieke sector en leidt tot een internationale focus bij het hele bedrijfsleven. In deze brede regio is naast bedrijvigheid ook een breed palet aan maatschappelijke organisaties in onderwijs, zorg en welzijn. Door kennisuitwisseling en innovatie worden bedrijven en organisaties in de regio ondersteund met de expertise waarover docenten en lectoren van Windesheim beschikken. De conclusie is dat Windesheim er voor kiest om een brede hogeschool te zijn en te blijven; een brede hogeschool met een aantal herkenbare profielen en met ambitie. 2.4 Aansluiting topsectoren De economische structuur van beide regio s leunt op het midden- en kleinbedrijf (MKB), dat goed is voor 60 procent van de werkgelegenheid. De (maak)industrie en de (gezondheids)zorg springen eruit. Arbeidsmarktanalyses wijzen uit dat verder ook de logistieke sector en de vrijetijdseconomie grote kansen bieden. Een brede samenwerking tussen bedrijven en kennis- en overheidsinstellingen heeft maart 2012 geleid tot de oprichting van het Polymer Science Park in Zwolle, een open innovatiecentrum voor verbreding en verdieping van kennis en onderzoek in de kunststoftechnologie. Dit centrum sluit aan bij de topsector HTSM en de topsector Chemie. 2) Kennispoort is opgericht door Windesheim, de provincie Overijssel, de Kamer van Koophandel Oost-Nederland 8 en de gemeente Zwolle (namens de regiogemeenten). 9 3) Verslag Rondetafel Onderwijs 2, 24 november 2011.

6 De topsector HTSM krijgt in deze regio een stevig profiel met de ontwikkeling van het Centre of Expertise HTSM-Oost, ECHO genaamd, een samenwerkingsverband tussen instellingen en bedrijven waarbij Windesheim en Saxion nauw betrokken zijn. De topsector Chemie wordt verder versterkt door de inrichting van het Centre for Open Chemical Innovation (COCI), een samenwerking tussen Stenden Hogeschool Emmen en het lectoraat Kunststoftechnologie van Windesheim. Ook een aantal technische opleidingen van Windesheim werkt daarin mee. In het COCI zullen lopende onderzoeksprojecten worden gebundeld. Aansluitend bij het groeiende belang van de logistieke sector heeft Windesheim zich aangesloten bij het Platform Kennisakkoord Logistiek. Op het gebied van de topsector Life Sciences werkt Windesheim samen met de provincie Overijssel, Achmea en het topklinisch ziekenhuis ISALA in de onderwijs- en onderzoeksprojecten Techniek in de Zorg. 2.5 Samenwerkingsverbanden Ook buiten de topsectoren zoekt Windesheim de samenwerking, regionaal en bovenregionaal. Windesheim heeft met een aantal hoofd- en regiokantoren van Albert Heijn, Wehkamp en DA een retailtraineeship opgezet. Dit biedt studenten van de opleiding Small Business en Retail Management de mogelijkheid tot werken en leren bij de retailer. Andere initiatieven ter bevordering van de samenwerking en verankering in de regio zijn: samenwerking met groepen van familiebedrijven, met de gemeente, met ROC s, en met de Kamer van Koophandel over starters in de regio. In samenhang met het Masterplan Bèta-Techniek richt Windesheim samen met Saxion en de Universiteit Twente een Centre of Expertise Techniek onderwijs (TSE-CTO) op met het doel een bijdrage te leveren aan het (nationaal) gevoelde tekort aan technici. Op educatief gebied werkt Windesheim daarnaast samen met de brede educatieve faculteiten van de Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Inholland en de Hogeschool van Utrecht. Hier wordt samengewerkt op het terrein van curriculum- en toetsontwikkeling, met het doel een hoger kwaliteitsniveau van de tweedegraads lerarenopleidingen. In een vergelijkbaar initiatief participeert Windesheim in het op te richten Centre of Expertise Primair Onderwijs (EXPO) van Inholland, ipabo en de Vrije Universiteit. Verder wordt er door de zes sporthogescholen van Nederland, verenigd in het ALODO, op dit moment gewerkt aan een convenant gericht op kennisuitwisseling en samenwerking op het gebied van masters en gezamenlijke nascholing. 2.6 Internationale focus Het is al genoemd: internationalisering speelt een belangrijke rol in de regio s waarin Windesheim opereert. De hogeschool sluit daarop aan met extra impulsen voor internationaal onderwijs. Dat vergroot het beroepsperspectief van afgestudeerden. Contact met andere culturen stimuleert de persoonlijke ontwikkeling van de student. De Europese eenwording is ver voortgeschreden en wereldwijde samenwerking neemt hand over hand toe. Dit zijn voor Windesheim redenen om op het terrein van internationalisering een hoog niveau te willen bereiken. Die wens sluit ook aan bij recente nationale en internationale beleidsafspraken. Daarin wordt aandacht voor internationalisering in het hoger onderwijs als voorwaarde gesteld voor de ontwikkeling van de Europese Hoger Onderwijs Ruimte, een onderdeel van het streven van Europa een innovatieve en competitieve economie op wereldniveau te maken. Windesheim heeft een waaier aan initiatieven ontplooid om de relatieve achterstand op het gebied van internationalisering (meer dan) goed te maken. Uitwisselingsprogramma s, buitenlandstages, excursies, Engelstalige minors en double degree-programma s maken daar deel van uit. In toenemende mate worden Engelstalige programma s in het curriculum opgenomen. Om de internationale studentenmobiliteit te vergroten is Windesheim strategische partnerships met diverse hogescholen en universiteiten in het buitenland aangegaan. Duurzame samenwerkingsverbanden zijn er met volgende key partners: Artevelde Hogeschool (Gent, België), William Paterson University (Wayne, NJ, USA), Fachhochschule Nordwestschweiz FHNW (Zwitserland), Universiteit Duisburg (Duitsland) en Chongqing Technology & Business University (CTBU, China). Met de CTBU wordt een aanvraag voor de oprichting van een Confucius Instituut in Zwolle voorbereid. Met de Shaanxi Normal University (SNU) wordt daarnaast een lerarenopleiding Chinees opgezet. Met de Nanyang University (Singapore) zijn activiteiten gestart rond serious gaming en virtual learning. In het kader van het project Check IT resideren informatica studenten op permanente basis in Xiamen (China). Double degreeopleidingen zijn opgezet met de Fachhochschule Osnabrück (Duitsland) en de Zurich University of Applied Sciences ZHAW (Zwitserland). In onderstaand overzicht zijn de samenwerkingsverbanden van Windesheim en de aansluiting bij de topsectoren weergegeven. Aard Sector Wat Hoe Landelijke topsector HTSM ECHO, HTSM-OOST Managing partner met Saxion en Universiteit Twente Landelijke topsector Chemie COCI Managing partner met Stenden Landelijke topsector Masterplan Beta-Techniek TSE-CTO Managing partner met Saxion en Universiteit Twente Landelijke topsector Logistiek COE-Logistiek Partner in netwerk Landelijke topsector Life Sciences Projecten Techniek in de Zorg Partner in netwerk Onderwijs EXPO Supporting partner 10 11

7 III Windesheims profiel Windesheim is een regionale hogeschool met een breed opleidingsaanbod. Kwaliteit en samenwerking met de omgeving staan voorop. Alumni en docenten hebben een ondernemende en onderzoekende houding. Het zijn waarde(n)volle professionals: verantwoordelijk en integer. Windesheim heeft vier profielkenmerken benoemd: MKB, Innovatie, Jong & Oud en Educatie. Ze zijn in het volgende overzicht weergegeven. Aansluitend heeft Windesheim een aantal topopleidingen benoemd die zich onderscheiden door een nog hoger ambitieniveau en een bovenregionale uitstraling. 4 Ook de afstemming op topsectoren, kenniscentra en (internationale) samenwerking met derden is primair gericht op deze profielkenmerken. Dit soort combinaties van activiteiten heeft geleid tot uitstekende en hooggewaardeerde relaties met tal van retail- en familiebedrijven in de regio. Daarnaast onderscheidt Windesheim zich met de minor Zelfstandig Ondernemerschap en met de competitie Beste Studentenbedrijf van Windesheim, die telkens veel publiciteit genereert. Met de WINcubator, tot slot, wordt ondernemerschap binnen Windesheim gestimuleerd en gefaciliteerd. Het bedrijfsleven in deze regio is sterk internationaal gericht. Daarbij sluiten de internationale ambities van Windesheim aan. Ze kwamen al aan de orde in hoofdstuk II. 3.2 Innovatie Innovatie Onlosmakelijk verbonden met de hierboven beschreven grote betekenis van het MKB is de notie dat innovatie, zowel technologisch, sociaal als op het terrein van gezondheid en welzijn, voor deze regio van het grootste belang is om economisch succesvol te blijven. Het ligt voor de hand dat daarbij een grote rol is weggelegd voor de hogeschool. MKB Waarde(n)vol Jong & Oud Specifiek voor Windesheim is de vruchtbare samenwerking tussen de verschillende lectoraten, waarbij op het snijvlak van disciplines vernieuwende ideeën ontstaan. Dat geldt in het bijzonder voor de drie kenniscentra Technologie, Ondernemerschap en Gezondheid en Welzijn. Voorbeelden zijn het Polymer Science Park, het Expertisecentrum op het gebied van HTSM (ECHO) en het onderzoek naar diversiteit in arbeidsorganisaties dat vanuit het lectoraat Sociale Innovatie - binnen het kenniscentrum Ondernemerschap - wordt verricht. Educatie De kenniscentra Gezondheid en Welzijn en Technologie werken samen in onderzoek naar ICT-innovaties in de (ouderen) zorg. Een voorbeeld daarvan is het project valpreventie. Gezondheid en Welzijn onderzoekt daarnaast nieuwe vormen van preventie rond bijvoorbeeld overgewicht en alcohol- en drugsverslaving. Brede basis van hoog niveau Profielkenmerken Windesheim Het kenniscentrum Technologie zet projecten op met het regionale MKB die gericht zijn op het genereren van innovatieve, toepassingsgerichte en probleemoplossende kennis. De verstrengeling van onderwijs en beroepspraktijk is een bijzonder kenmerk van dit type projecten: studenten worden geacht zelf opdrachten te acquireren en uit te voeren. Alle afstudeeropdrachten worden dan ook extern uitgevoerd. 3.1 MKB 3.3 Jong & Oud De economische structuur van de regio leunt op het MKB. Deze sector heeft behoefte aan integere professionals, die beschikken over een ondernemende en innovatieve houding en een internationale blik. Het brede opleidingenpakket van Windesheim is gericht op deze behoefte, waarbij de nadruk wordt gelegd op innovatie en op waarde(n)volheid. Bij het zoeken naar antwoorden op maatschappelijke vraagstukken is in het bijzonder sociale innovatie onmisbaar. Zo vindt er bij Windesheim onderzoek plaats naar het vraagstuk hoe ouderen gezond en gemotiveerd langer kunnen blijven werken. In het kenniscentrum Ondernemerschap staat toekomstgericht ondernemerschap centraal. De visie is dat voor economisch succes aanpassingsvermogen, sociale innovatie en duurzaamheid doorslaggevend zullen zijn. Het lectoraat Familiebedrijven doet onderzoek naar thema s als governance en bedrijfsopvolging in het familiebedrijf. Met de opleiding Small Business en Retail Management wordt recht gedaan aan de belangrijke positie van retail in de regio van Windesheim. Deze opleiding sluit ook aan bij de regio van Windesheim Flevoland die gekenmerkt wordt door bovengemiddeld veel zelfstandig ondernemerschap. Enerzijds is de regio van Windesheim bovengemiddeld jong, anderzijds is er een bevolkingsgroep die vergrijst. Windesheim richt zich op de kennisvragen die met deze twee leeftijdsgroepen samenhangen. Dat gebeurt in het bijzonder in het kenniscentrum Gezondheid en Welzijn, terwijl het thema ook prominent aan de orde komt in de educatieve opleidingen, in het technische domein en in de opleidingen van Theologie en Levensbeschouwing. Jong krijgt bijvoorbeeld aandacht in het lectoraat Verslavingspreventie en in de opleidingen Pedagogiek, SPH en MWD. De samenwerking met educatieve opleidingen resulteert erin dat jonge docenten attent worden gemaakt op verslavingsproblematiek bij leerlingen, zodat ze in hun professie een bijdrage kunnen leveren aan het verhelpen van een groot maatschappelijk probleem. Het onderwijscluster Onderwijs en Opvoeding van Windesheim Flevoland besteedt aandacht aan de jonge bevolking in de regio. Oud is het thema in het lectoraat Innoveren in de Ouderenzorg en - vanuit het technische domein - in het lectoraat ICTinnovaties in de zorg. Uiteraard is het thema dominant in de opleidingen Toegepaste Gerontologie en Verpleegkunde. 4) Windesheims topopleidingen zijn: Accountancy, BI (BI&M), Theologie en Levensbeschouwing (Godsdienst en Pastoraal Werk, 12 Lerarenopleiding Godsdienst/levensbeschouwing, Master Leraar Godsdienst 1e graad), Industrieel Product Ontwerpen, Journalistiek, Master Business Administration, Master SEN, PABO, Pedagogiek, Toegepaste Gerontologie, Small Business en Retail Management, 13 TBK, Werktuigbouwkunde en Windesheim Honours College.

8 3.4 Educatie De hogeschool is van oudsher sterk in het brede veld van educatie, het opleiden van de opleiders, zodat wordt voorzien in de behoefte aan goed gekwalificeerde, integere professionals. Windesheim onderscheidt zich hierbij inhoudelijk door de nadruk op normatieve professionalisering, niet alleen in de lerarenopleidingen, maar in de volle breedte. Het gaat de hogeschool om het opleiden van professionals die hun professionaliteit leren en blijven ontwikkelen met behulp van een onderzoekende en reflectieve houding. Daarin zijn deze professionals zelfbewust en zijn zij geneigd en in staat de discussie over de inhoud van het beroep te voeren in het licht van hun verantwoordelijkheid voor en hun idealen over goed samenleven. Het beleid rond dit thema is erop gericht dat in het cursusjaar alle bacheloropleidingen waarde(n)volheid dan wel beroepsethiek expliciet en aanwijsbaar in het curriculum hebben opgenomen. Het streven is daarnaast de minor Zingeving voor Professionals in 2016 te laten uitgroeien tot een landelijk bekende minor met 30 procent instroom van studenten afkomstig van buiten Windesheim. In het onderstaande figuur zijn de topopleidingen en kenniscentra in het profiel van Windesheim geplaatst. Wat betreft de organisatie van het onderwijs heeft Windesheim zich altijd sterk gemaakt voor samenwerking met andere onderwijsinstellingen. De overweging daarbij is dat door samenwerking de noodzakelijke vernieuwing van het onderwijs betaalbaar gehouden kan worden. Op nationaal niveau krijgt Windesheim erkenning voor de centrale rol die de hogeschool speelt als het gaat om samenwerking in educatie. KC Technologie Industrieel Product Ontwerpen, Technische Bedrijfskunde, Werktuigbouwkunde, Business IT en Managementnt Innovatie KC Media Journalistiek Die positie maakt het mogelijk voortdurend vernieuwend te zijn. De Onderwijsraad adviseerde vorig jaar de kwaliteit van het educatieve onderwijs te versterken door de inrichting van Universitaire Onderwijs Centra (UOC s). Windesheim maakt inmiddels deel uit van twee UOC s avant la lettre: één rond techniekonderwijs, het Centre of Expertise Techniek Onderwijs (TSE-CTO) en één rond onderzoek voor het primair onderwijs. De eerste moet een forse bèta-impuls geven aan de onderwijskolom. Windesheim is ervan overtuigd dat de hogeschool een significante bijdrage te leveren heeft aan de ontwikkeling van de kennis van en voor het Nederlandse onderwijs. KC Ondernemerschap SBRM, Accountancy, MBA, Windesheim Honours College MKB Waarde(n)vol KC Gezondheid en Welzijn Pedagogiek, Toegepaste Gerontologie Jong & Oud De vestiging in Flevoland biedt Windesheim een unieke kans om het hoger onderwijs in een van de snelst groeiende regio s van Nederland vorm te geven en daarmee het kennisniveau in die regio te verhogen. Ook biedt Windesheim Flevoland mogelijkheden diverse weeffouten in het reguliere hbo te vermijden, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van een didactisch onderwijsconcept dat aansluit bij de regio (comakership), door 50 weken per jaar open te zijn of door bredere bachelors met gemeenschappelijke vakken aan te bieden zodat studenten gemakkelijker kunnen switchen Waarde(n)volle professional Windesheim leidt professionals op die vanuit hun eigen vakbekwaamheid een bijdrage leveren aan de kwaliteit van de samenleving in de komende decennia. Na de emancipatie, de ontplooiing van het individu en de toenemende persoonlijke welvaart in de afgelopen decennia, is de uitdaging voor de komende tijd de kwaliteit van samenleven te verbeteren. Globalisering en regionalisering gaan hierbij hand in hand. De bij Windesheim opgeleide professional heeft ongeacht zijn beroepsopleiding een besef van de noodzaak stelling te nemen en de eigen innovatieve kracht in te zetten voor de ontwikkeling van het samenleven van de toekomst. Of het nu gaat om technologie, economie, communicatie, opvoeding en educatie, of zorg en welzijn: de professional heeft de mogelijkheid en de verantwoordelijkheid de kwaliteit van samenleven te dienen. Educatie KC Educatie Master SEN, PABO, Theologie en Levensbeschouwing Brede basis van hoog niveau Topopleidingen en kenniscentra Windesheim Het opleiden en vormen van mensen vanuit een visie op samenleven, past in de traditie van Windesheim. In de beroepsopleidingen van Windesheim verwerven studenten niet alleen kennis en vaardigheden, maar ontwikkelen ze ook een beroepshouding die gebaseerd is op het bewust omgaan met waarden en normen, zowel persoonlijke, institutionele als wettelijke. De waarde(n)volle professional is altijd bereid zijn beroepsmatig handelen kritisch te beschouwen (door middel van reflectie) en kan vervolgens op grond van waarden en normen handelingsalternatieven tegen elkaar afwegen. In de curricula van de bacheloropleidingen worden beroepsvraagstukken als integriteit, duurzaamheid, goede zorg en hulpverlening, goed onderwijs en maatschappelijk verantwoord ondernemen aan de orde gesteld. 5) Bredere bachelors met gemeenschappelijke vakken bieden vakken van verschillende opleidingen aan waardoor studenten gemakkelijker van opleiding kunnen wisselen.

9 IV Windesheims prestatieafspraken In dit hoofdstuk worden de hoge ambities van Windesheim vertaald in de volgende prestatieafspraken. 4.1 Onderwijs Tabel 1. Overzicht prestatieafspraken Windesheim Tabel 1. Overzicht prestatieafspraken Windesheim Prestatieafspraken Studiesucces: Prestatieafspraken Uitval % % 67 Studiesucces: Uitval 34% (instroomcohort 34% 2014) 7 Studiesucces: Switch 4% (instroomcohort 2014) 8% Studiesucces: Switch 4% (instroomcohort 2014) 8% Studiesucces: Bachelorrendement 57% (instroomcohort 70% 2014) Studiesucces: Bachelorrendement 57% (instroomcohort 70% 2010) 8 Kwaliteit/excellentie 70,5% (instroomcohort 72% 2010) Kwaliteit/excellentie Docentkwaliteit mastergraad 70,5% 68% 72% 78% 9 Docentkwaliteit mastergraad (september 2011) 68% (september 2015) 78% Onderwijsintensiteit (september 2011) 0% (september 2015) 0% 10 Indirecte Onderwijsintensiteit kosten (OP/OOP) 1,32 (DUO 2010) 0% 0% 1,47 10 Indirecte kosten (OP/OOP) 1,32 (DUO 2010) (september 2015) 1,47 1 Dit is per (september 2015) 2 Omdat nog niet goed in te schatten is wat het effect is van het verhogen van de BSA-norm maar vooral omdat Windesheim geen 1 Studiesucces Dit wezenlijke is per invloed kan uitoefenen op het niveau van de kwaliteit van de instroom beschouwt Windesheim de genoemde 31% (of lager) 2 Omdat voor de nog uitval niet in goed het eerste in schatten jaar als een is wat streefgetal, het effect niet is van als het een verhogen percentage van waarop de BSA-norm hij kan maar worden vooral afgerekend. omdat Windesheim geen 3 Voor wezenlijke de cohorten invloed kan uitoefenen en op het niveau (nieuwe van instroom de kwaliteit na de van totstandkoming de instroom beschouwt van de prestatieafspraken) Windesheim de genoemde ligt ambitie 31% op (of 82%, lager) Wat? voor respectievelijk de uitval in 85% het rendement eerste jaar op als het een moment streefgetal, dat de niet propedeuse als een percentage gehaald is. waarop hij kan worden afgerekend. 3 4 Voor Studentenoordeel cohorten over de opleiding. en (nieuwe instroom na de totstandkoming van de prestatieafspraken) ligt de ambitie op 82%, De uitval in het eerste studiejaar is nu 34 procent. Windesheim neemt een reeks maatregelen om die uitval te 5 Dit respectievelijk is het percentageopleidingen 85% rendement op met het minder moment dan dat 12 contacturen propedeuse in gehaald het eerste is. jaar op het totaal aantal opleidingen. 4 verlagen, Studentenoordeel maar kan geen over wezenlijke de opleiding. invloed uitoefenen op de kwaliteit van de studenten die instromen. Daarom is de 5 Dit is het percentageopleidingen met minder dan 12 contacturen in het eerste jaar op het totaal aantal opleidingen. gewenste verlaging - 34 procent of minder - slechts een streefgetal en geen percentage waarop de hogeschool kan worden afgerekend. Hoe? De belangrijkste verklaring van uitval is een onvoldoende gefundeerde opleidingskeuze. Een beter overwogen keuze is wellicht te stimuleren door maatregelen voor de poort te nemen: - Windesheim geeft leerlingen van het voortgezet onderwijs en het mbo gelegenheid zich alvast op opleidingen en beroepen te oriënteren met stages en proefstuderen; - De aankomende leerlingen zijn ook welkom om aan Windesheim alvast voorbereidende modules te volgen; - De intake gaat gepaard met een diagnostische zelftoets via internet, een kennistoets en een gesprek. De aanmelding mondt uit in een leercontract met afspraken over wat de student gaat doen; - De intake van volwassenen wordt intensiever; - Windesheim Flevoland heeft een eigen instrument ontwikkeld: de instapmeter, waarmee aankomende studenten inzage krijgen in hun keuze voor een opleiding en bekeken wordt of de voorgenomen keuze kansrijk is. Aankomende eerstejaars worden ook getoetst op hun kennis van het Nederlands. Hen wordt de mogelijkheid geboden vooraf een cursus Nederlands te volgen. Na de start van de opleiding wordt de begeleiding intensiever. Tegelijkertijd worden de eisen aangescherpt. Hoge, maar haalbare eisen stellen blijkt een positieve invloed te hebben op de leerinspanningen van studenten. Per 1 februari wordt een voorlopig studieadvies (VSA) ingevoerd, met onder meer aanbevelingen voor summercourses, waarin gewerkt kan worden aan deficiënties, herkansingen, verdieping of verbreding. Andere maatregelen om het studierendement te verhogen, omvatten: - Het aantal ECTS voor het bindende studieadvies (BSA) wordt voor verhoogd naar 50 en voor naar minimaal 55; - De geldigheid van de tentamencijfers is beperkt tot vijf jaar; - Modules moeten binnen een periode afgesloten worden. Herkansingen vinden niet meer plaats in een volgende periode; - Het invoeren van diagnostische vakken; - Het aantal herkansingen wordt beperkt; - Studieloopbaanbegeleiding moet state of the art zijn. Docenten Wat? Momenteel heeft 67 procent van het docentencorps een mastertitel. In 2016 moet dat 80 procent zijn, voor elke opleiding. Momenteel is 4 procent van het docentencorps gepromoveerd. In 2016 zal dat 10 procent zijn. Ongeacht onze uitgangspositie willen wij op dit vlak een forse sprong voorwaarts maken. Om deze prestaties te leveren moeten binnen vier jaar 146 docenten nog een mastergraad halen en 39 docenten een PhD. Hoe? Windesheim verhoogt het aantal docenten met een mastertitel door de volgende maatregelen: - Nieuw aan te stellen docenten dienen in het bezit te zijn van een mastergraad; - In aanvulling op de huidige interne scholing van docenten worden twee nieuwe modules ontwikkeld op het gebied van de didactiek van het hoger onderwijs, namelijk een basis- en een seniorkwalificatie; - Voor medewerkers die reeds in dienst zijn worden de faciliteiten om een masteropleiding te volgen verbeterd; - De kwalificatie-eisen aan de functie van hogeschooldocent (A en B) en hogeschoolhoofddocent (A en B) zijn aangescherpt. De hogeschooldocent dient een mastergraad te hebben, de hogeschoolhoofddocent moet gepromoveerd zijn; - Windesheim heeft een Potential-traject, genaamd In de Wind ontwikkeld, voor inhoudelijk leiderschap op onderwijs, onderzoek en ondernemen. Windesheim verhoogt het aantal gepromoveerde docenten door de volgende maatregelen: - Nieuw aan te stellen hogeschoolhoofddocenten dienen gepromoveerd te zijn; - Junioronderzoekers worden in schaal 10 aangesteld en dienen binnen vier jaar te promoveren; - Dubbelaanstellingen voor promovendi van de universiteit worden gestimuleerd; - Promotietrajecten voor drie dagen per week worden voor medewerkers mogelijk gemaakt. 6) Dit is per ) Omdat nog niet goed in te schatten is wat het effect is van het verhogen van de BSA-norm maar vooral omdat Windesheim geen wezenlijke invloed kan uitoefenen op het niveau van de kwaliteit van de instroom beschouwt Windesheim de genoemde 34% (of lager) voor de uitval in het eerste jaar als een streefgetal, niet als een percentage waarop hij kan worden afgerekend. 16 8) Voor de cohorten en (nieuwe instroom na de totstandkoming van de prestatieafspraken) ligt de ambitie op 82%, respectievelijk 85% rendement op het moment dat de propedeuse gehaald is. 17 9) Studentenoordeel over de opleiding. 10) Dit is het percentage opleidingen met minder dan 12 contacturen in het eerste jaar op het totaal aantal opleidingen.

10 Indirecte kosten Centers of Expertise Wat? De verhouding tussen onderwijzend/onderzoekend personeel en ondersteunend personeel is 1,36 per 1 januari Op 1 januari 2017 is die verhouding 1,50. Ook hier geldt dat wij ongeacht onze uitgangspositie op dit vlak een forse sprong voorwaarts willen maken. Volgens de benchmark van de overhead zoals uitgevoerd door Berenschot wijkt Windesheim in positieve zin af van het gemiddelde en is zijn overhead lager dan het gemiddelde. Als gekeken wordt naar verschillende beroepscategorieën dan zijn verbeterslagen mogelijk. Hoe? Aan de centrale ondersteunende diensten is voor de periode een bezuinigingstarget opgelegd van 5 procent. Met dit doel zijn de diensten geclusterd en is de planning- en controlcyclus van Windesheim aangescherpt. De bespaarde middelen komen beschikbaar voor het primaire proces. 4.2 Onderzoek Aandeel docenten betrokken bij onderzoek Wat? Het eerste lectoraat dateert van Op dit moment heeft Windesheim 24 lectoraten met 103 kenniskringleden en 33 promovendi. Om een betere verbinding tot stand te brengen tussen onderwijs en onderzoek zijn de kenniscentra en de opleidingen in 2010 samengebracht in een viertal domeinen: Bewegen en Educatie; Economie, Management, Media en Communicatie; Gezondheid en Welzijn, en Techniek. Het aantal leden van kenniskringen en bij onderzoek betrokken docenten, neemt de komende jaren verder toe. Hoe? - Windesheim wil een aantrekkelijke werkgever zijn voor onderzoeksmedewerkers en heeft met dit doel beleid ontwikkeld om onderzoeksmedewerkers te binden door: - Nieuw aan te stellen docenten moeten affiniteit met onderzoek hebben; - Met schaal 13 en 14 als carrièreperspectief en veel tijd voor onderzoek wordt Windesheim nog aantrekkelijker als werkgever voor onderzoekende docenten; - Er worden meer associate lectoren aangesteld. Windesheim wil in de regio Centers of Expertise (CoE) starten. Deze centra zijn innovatief, excellent en opereren in samenwerkingsverbanden met andere kennisinstellingen en marktpartijen. Daarmee hebben ze een hoog inverdienpotentieel. CoE s bieden plaats aan onderzoek van topkwaliteit, een voorwaarde voor onderwijs van topkwaliteit. De (beoogde) CoE s zijn : - Het Centre of Expertise HTSM-Oost ECHO, een samenwerkingsverband van Windesheim en Saxion. Hiermee verbonden wordt het COCI Smart & Biobased Materials Noord-Oost Nederland, een samenwerkingsverband tussen de hogescholen Windesheim en Stenden met de Nederlandse rubber- en kunststofindustrie. - Het Centre of Expertise Techniek Onderwijs (TSE-CTO). Hiermee beantwoorden Windesheim en Saxion de luide roep van de arbeidsmarkt om meer technici. - Op het gebied van logistiek onderwijs, praktijkgericht onderzoek en innovatieve ontwikkeling is Windesheim met vijf hogescholen, te weten NHTV, Fontys, Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Rotterdam en Hogeschool van Arnhem Nijmegen de samenwerking aangegaan. In bijlage 3 zijn de CoE s verder uitgewerkt. Aparte vermelding verdient het expertisecentrum EXPO dat educatief onderzoek doet voor het primair onderwijs. Het initiatief hiertoe werd twee jaar geleden genomen door Windesheim, dat ten behoeve van dit centrum de samenwerking versterkte met ipabo, Inholland en de VU. In bijlage 4 is EXPO nader uitgewerkt. 4.3 Valorisatie Alleen door valorisatie, het economisch en maatschappelijk uitnutten van kennis, krijgt onderzoek waarde voor de samenleving. Windesheim wil met valorisatie: - De interactie met de praktijk stimuleren en daarmee de kwaliteit van het onderwijs en onderzoek verhogen; - Studenten faciliteren die hun eigen bedrijf willen combineren met hun studie (met de TOP-ondernemersregeling); - Kennisverspreiding in de regio vergroten; - Inkomsten generen als alternatief voor de afnemende overheidsbijdrage; - Ondernemerschap versterken, zowel binnen als buiten Windesheim. Beurzen/subsidies Lectoren Wat? Windesheim heeft op dit moment (mei 2012) 24 lectoraten en 26 lectoren. De ambitie is de komende jaren het aantal lectoraten met zeven uit te breiden en een stimulerend onderzoeksklimaat te bieden. Hoe? - Lectoraanstellingen worden langer dan vier jaar; - De formatieomvang van lectoraanstellingen wordt van 0,6 fte uitgebreid naar 0,8 fte; - Met goede onderzoeksfaciliteiten wordt een inspirerende onderzoeksomgeving gecreëerd; - Door uitbreiding van de kenniskringen krijgen lectoren meer ondersteuning. Wat? Windesheim heeft de afgelopen jaren fors ingezet op de ontwikkeling van de onderzoeksfunctie. Het resultaat hiervan is een sterke groei in het aantal toegewezen SIA/Raak-subsidies. Deze lijn wordt verder doorgezet. In 2017 haalt Windesheim een groter deel van zijn financiering uit beurzen en subsidies. Hoe? - Windesheim zet een infrastructuur op voor het werven van fondsen, zoals ondersteuning bij het opstellen van aanvragen (informatie over regels, tarieven), delen van best practices en review commissies ter beoordeling van mogelijke aanvragen. - Windesheim bouwt expertise op in het verwerven van beurzen en subsidies, onder meer voor SIA/Raak-beurzen en middelen van de Europese Unie

11 Contractonderwijs V Slot Wat? Contractonderwijs is nu al goed voor 6,2 procent van de totale middelen. Windesheim wil dat percentage de komende jaren uitbouwen. Hoe? Windesheim biedt professionele masteropleidingen, post-hbo-opleidingen, cursussen en trainingen aan voor professionals. Met afstandsleren en blended learning 11 zal Windesheim het contractonderwijs verder ontwikkelen en uitbreiden. Contractonderzoek De keuzes die Windesheim vanaf 2010 maakte, hebben scherpte gekregen in dit voorstel voor prestatieafspraken tussen de staatssecretaris en de hogeschool. De blik van Windesheim is gericht op zijn partners: bedrijfsleven, kennisinstituten, zorginstellingen, gemeentelijke en provinciale overheden en (oud-)studenten. Zij onderschrijven het doel dat in deze regio s kwalitatief hoogwaardig onderwijs moet worden aangeboden dat resulteert in waarde(n)volle beroepsbeoefenaren waar de (regionale) arbeidsmarkt behoefte aan heeft. Windesheim ziet in deze prestatieafspraken een uitgelezen kans met verhoogde snelheid door te gaan op de ingeslagen weg. Met het opstellen van de prestatieafspraken zijn de ambities vastgelegd voor de jaren 2012 tot Die periode overlapt grotendeels de jaren waarop het nieuwe Instellingsplan van Windesheim betrekking heeft: 2013 tot Met de prestatieafspraken zijn daarom tevens de contouren van het nieuwe Instellingsplan geschetst. Wat? In 2011 besteedt Windesheim 14 miljoen euro aan onderzoek, dit moet groeien naar 20 miljoen in Van de huidige 14 miljoen is 3 miljoen eerste geldstroom (de zogenaamde Onderwijs & Onderzoeksgelden), 5 miljoen komt uit herallocatie van de rijksbijdrage en 6 miljoen uit externe middelen. Hoe? - De kenniscentra en te ontwikkelen Centers of Expertise zijn het visitekaartje in de versterking van de relaties tussen Windesheim en het bedrijfsleven. - De banden worden eveneens aangehaald door intensivering van het programma TOP-ondernemers / Entrepreneurs in Residence. - Windesheim ontwikkelt een alumnibeleid. De relatie met afgestudeerden wordt uitgebreid met onder meer fundraising als doel. Windesheim zet zich de komende jaren in voor de verdieping van de integratie van onderwijs, onderzoek en ondernemen. Alleen onderwijs waarin direct door de beroepspraktijk toepasbaar onderzoek is opgenomen levert de nieuwe beroepsbeoefenaren op waar de praktijk om vraagt, zo is de overtuiging. Daarnaast wordt het niveau van de docenten structureel verhoogd en wordt er met een pakket van maatregelen gewerkt aan een ambitieuzer studieklimaat. Om te kunnen blijven voldoen aan de regionale vraag naar hoger opgeleiden blijft het brede opleidingenpakket gehandhaafd. Bovendien breidt Windesheim zijn internationale activiteiten uit. Met zijn nadruk op het opleiden van waarde(n)volle professionals komt Windesheim tegemoet aan de maatschappelijke behoefte aan verantwoordelijke beroepsbeoefenaren. Met ambitie als norm streeft Windesheim naar een bovengemiddelde kwaliteit voor al zijn opleidingen. Een aantal opleidingen zal daarbovenuit steken. Kenniscentra en een selectief aantal topopleidingen, in combinatie met onderzoek aansluitend op topsectoren, ondersteunen die opleidingen. Met deze prestatieafspraken neemt Windesheim de uitnodiging van de staatssecretaris aan om zich met ambitieuze plannen te verzekeren van de voorwaardelijke financiering van vijf procent en daarnaast van continuering van de middelen die door de hogeschool de afgelopen jaren zijn gestoken in de versterking van het onderzoek, de profilering van de hogeschool en de op te richten expertisecentra. Deze middelen zullen Windesheim in staat stellen zijn stimulerende rol in de regio s Overijssel en Flevoland verder uit te bouwen ) Voor meer informatie over blended learning zie bijlage 5. 21

12 Lijst van gebruikte afkortingen Bijlage 1: Kengetallen Windesheim CoE COCI ECHO EXPO HTSM MBA SBRM SEN TSE-CTO UOC Centre of Expertise Centre for Open Chemical Innovation Expertisecentrum HTSM Oost Expertisecentrum Primair Onderwijs High Tech Systemen en Materialen / High Tech Systems and Materials Master of Business Administration Small Business and Retail Management (opleiding) Special Educational Needs (opleiding) Centre of Expertise Techniek Onderwijs Universitair Onderwijs Centrum Tabel 2. Kengetallen Windesheim Studenten Instroom Populatie Marktaandeel Instroom 5,2% 5,2% Ingeschrevenen 5,0% 5,1% Studiesucces aantal uitvallers aantal afgestudeerden Medewerkers Onderwijsgevend personeel (834 fte) (793 fte) Ondersteunend- en beheerspersoneel 797 (649 fte) 740 (603 fte) Onderzoek Aantal lectoraten Financiën Financieel resultaat (x K ) Omzet contractactiviteiten (x K ) Tabel 3: Ontwikkeling studentaantallen naar vooropleidingsniveau Instroom Mbo Havo Vwo overig (o.a. 21+ toets, eindgetuigschrift of propedeuse hbo / wo, buitenlandse vooropleiding) Populatie Mbo Havo Vwo overig (o.a. 21+ toets, eindgetuigschrift of propedeuse hbo / wo, buitenlandse vooropleiding)

13 Bijlage 2. Windesheim Flevoland Tabel 4. Kenniscentra en Lectoraten Windesheim Domein Kenniscentrum Lectoraat Bewegen en Educatie Educatie Bewegen, Gezondheid en Welzijn Bewegen, School en Sport Didactiek van de Kunstvakken Onderwijszorg en Samenwerking binnen de Keten Pedagogische Kwaliteit van het Onderwijs Theologie en Levensbeschouwing Gezondheid en Welzijn Gezondheid en Welzijn De Gezonde Stad Innoveren in de Ouderenzorg Palliatieve Zorg, Ethiek en Communicatie Veiligheid en Sociale Cohesie Verslavingspreventie Jeugdzorg OPOZ (onderzoekscentrum naar overgewicht) Economie, Management, Media en Communicatie Ondernemerschap Accountancy & Controlling Duurzaam Ondernemen Familiebedrijven Sociale Innovatie Supply Management Media Media & Civil Society Techniek Technologie Area Development ICT Innovaties in de Zorg Kunststof Technologie Windesheim Flevoland Klantenperspectief in Ondersteuning en Zorg Maatwerk Primair De nevenvestiging Windesheim Flevoland is opgericht om het economisch potentieel van de provincie Flevoland te versterken. Onderdeel daarvan is juist studenten aan te trekken voor wie doorstroom naar het hbo nog niet vanzelfsprekend is. Daarvoor is een goede samenwerking van belang met het mbo en het voortgezet onderwijs, maar ook een hogere kwaliteit in het voorbereidende onderwijs. In 2011 groeide het onderwijsaanbod van Windesheim Flevoland naar zestien opleidingen. Het aantal studenten nam toe met ongeveer 30 procent tot en de formatie groeide tot 91 fte. In het centrum van Almere Stad werd een nieuw pand betrokken. Windesheim Flevoland speelt specifiek in op de nieuwe doelgroep studenten door kleinschalige, intensieve begeleiding, en door een sterke praktijkleerlijn in het onderwijs, waarbij studenten al in een vroeg stadium van de opleidingen in aanraking komen met concrete opdrachten van de beroepspraktijk. Delen van deze praktijkopdrachten, de zogenaamde comakerships, worden op locatie, in bedrijven en organisaties, uitgevoerd. 12 Vernieuwing in het aanbod van onderwijs wordt beoogd door flexibilisering van onderwijsperioden (geen vaste schoolvakanties), blended learning, interdisciplinaire trajecten, brede licenties - bijvoorbeeld het voornemen tot het aanbod van een brede opleiding economie - alsmede de verkenning van enkele Ad s. Windesheim Flevoland sluit aan bij de conceptagenda van de provincie door vier opleidingsclusters te onderscheiden: 1. ICT & Techniek, aansluitend bij demografische ontwikkelingen met onder meer duurzaam bouwen, vastgoedontwikkeling en watermanagement; 2. Economie & Management, met als bijzonder onderdeel het uitvoeringsprogramma Economie bevorderen ondernemerschap starters ; 3. Onderwijs & Opvoeding, met name passend bij de jonge bevolking, verhoudingsgewijs vaak van allochtone afkomst; 4. Welzijn & Gezondheid, aansluitend op Almere met zijn zorgconcept en Lelystad, zorghoofdstad van Flevoland. Enkele van de opleidingen worden beschouwd als potentiële topopleiding. Kenmerken van zo n topopleiding zijn bovenregionale uitstraling en instroom, inhoudelijke profilering door minors en/of onderzoek, sterke praktijkcomponenten tot uiting komend in enkele comakerships en een geformaliseerde samenwerking met partners in het werkveld en/of kennisinstelling. Gelet op de korte historie van Windesheim Flevoland ontbreekt een past performance. Gestreefd wordt naar de volgende potentiële topopleidingen in 2016: Bouwkunde, Klimaat en Watermanagement, Mobiliteit, Pedagogiek, Psychomotorische Therapie en Bewegingsagogie en tot slot Small Business en Retail Management. Opleidingsaanbod Windesheim Flevoland Het huidige opleidingsaanbod Windesheim Flevoland is gebaseerd op het businessplan voor de nevenvestiging dat in 2008 is opgesteld. Bij de start in 2010 omvatte het aanbod vier opleidingen die zijn overgenomen van de Hogeschool van Amsterdam en een opleiding die al in Lelystad werd aangeboden vanuit Windesheim Zwolle. In 2011 zijn twaalf (nieuwe) opleidingen gestart. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft toestemming verleend om in 2012 met nog twee opleidingen in Almere te starten. Gepland is om in de periode het opleidingsaanbod verder uit te breiden. In het voorjaar van 2012 is het voorgenomen aanbod van opleidingen herijkt. De herijking betreft de opleidingen die gepland staan om te starten in 2013 en Bij de herijking spelen regionale behoeftes, wensen van de financiers van de nevenvestiging (de rijksoverheid, de provincie Flevoland en de gemeenten Almere en Lelystad) en voortschrijdende inzichten en ervaringen met het huidige aanbod aan opleidingen een rol. 12) Met comakership wil Windesheim Flevoland de tripartiete samenwerking tussen student, bedrijf of organisatie en de hogeschool realiseren.

14 Bijlage 3: Samenwerkingsverbanden Windesheim/Centers of Expertise Met dit herijkte portfolio: - Hebben studenten meer keuzemogelijkheden en combinatiemogelijkheden (interdisciplinair); - Wordt de interne mobiliteit van studenten groter; - Is duidelijker aangegeven van welke opleidingen een bovenregionale uitstraling en dus aantrekkingskracht voor bovenregionale studenteninstroom te verwachten is (potentiële topopleidingen); - Vindt een beperkte uitbreiding van licenties plaats: Economie en Management breed; Klimaat en Watermanagement; Psychomotorische Therapie en Bewegingsagogie; Vier Associate degrees; - Wordt de opleiding Information Engineering (licentie Informatica) omgezet in een brede licentie ICT en Media (nieuw voor Windesheim). - Worden Associate degrees aangeboden, mits er een commitment is van het werkveld, en er een perspectief is op een jaarlijkse instroom van 50 studenten. Voorts wordt afgestemd met ROC Flevoland, Hogeschool van Amsterdam, en Hogeschool Inholland. Ondanks de goede afstemming met collega-hogescholen blijft het van belang om de inzet van hbo in de regio met de meeste bevolkingsgroei en qua onderwijs een relatieve achterstand scherp voor ogen te houden. Daarin blijft ook een stimulerende rol weggelegd voor het ministerie van OCW. 1. Het Centre of Expertise High Tech Systemen en Materialen 1. Expertise in HTSM Saxion en Windesheim zetten in op de toekomst van technologische innovaties door het gezamenlijk ontwikkelen van hét Centre of Expertise voor High Tech Systemen en Materialen (HTSM). De focus ligt op het uitvoeren van excellent praktijkgericht onderzoek. Hiermee wil het Centre verdieping van praktijkgerichte HTSM-kennis bewerkstelligen, die bijdraagt aan verrassende proces- en productinnovaties voor het regionale bedrijfsleven en de versterking van de (regionale) economie. Het Centre heeft de volgende hoofddoelen: - vergroten van het innovatief vermogen van bedrijven; - bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke thema s; - vergroten van de in- en uitstroom van studenten in het technisch onderwijs. De beide hogescholen investeren hiermee in de kwalitatieve technologische kennis en kunde van de nieuwe generatie bachelorstudenten. Deze investering is noodzakelijk om te kunnen blijven voldoen aan de toenemende vraag uit het bedrijfsleven naar hoog gekwalificeerde kennisdragers. De Human Capital Agenda s van de Topsectoren, het Masterplan Bèta en Technologie, het Kabinetsbeleid Aanpak arbeidsmarkttekorten techniek, het economische beleid van de provincie en de innovatieagenda van het regionale bedrijfsleven, onderschrijven dit volledig. Het regionale werkveld heeft een steeds grotere behoefte aan technische bachelors met een creatieve inslag, die de vertaling kunnen maken naar toepassing, die ervaring hebben met het zelfstandig doen van praktijkonderzoek en die weten welke innovatiewaarde zij kunnen toevoegen. De partners gaan onder penvoerderschap van Saxion, dit Centre opbouwen als Expertisecentrum HTSM Oost (ECHO). De officiële opening van ECHO vindt in 2013 plaats tijdens het nationale HTSM-congres. 2. Waarom een Centre of Expertise HTSM? Voor een duurzame economische ontwikkeling moet (Oost-)Nederland het vooral hebben van een voorsprong in kennis, het vermogen kennis bijeen te brengen en die kennis in de vorm van nieuwe producten en processen voldoende snel naar de markt te brengen. Vanuit zijn praktijkgerichtheid heeft het hbo een vanzelfsprekende initiërende en verbindende rol, mede gezien zijn brede kennispositie en centrale rol in het netwerk van maatschappelijke stakeholders, tussen theorie en toepassing. Een Centre of Expertise heeft hierin een belangrijke coördinerende en initiërende waarde. Vraagarticulatie van het bedrijfsleven De concrete vraag van het bedrijfsleven onder dit initiatief ligt in het organiseren van multidisciplinaire, praktijkgerichte, business-gedreven kennisverdieping naar de toepassing van hightech mechatronica, nanotechnologie, smart materials, kunststoffen en ICT in nieuwe producten en systemen. Het antwoord zit in het combineren van (wetenschappelijke) inzichten uit verschillende bronnen (bedrijven, kennisinstellingen, onderzoeklabs, open innovatiecentra) en het vertalen naar praktische toepasbare kennis voor het MKB. Die kennis kan het MKB niet zelfstandig ontwikkelen, hetzij vanwege beperkte faciliteiten, hetzij vanwege het bedrijfsoverstijgende kenniskarakter. Samenwerking in de keten is derhalve noodzakelijk. Met de kennis die wordt opgedaan in deze samenwerkingsverbanden kan het MKB wél verder richting nieuwe business-kansen, nieuwe productmarktcombinaties en inno vatieve ontwikkelrichtingen. Het MKB heeft het hbo nodig om de een volgende stap in de innovatiesprong van HTSM te maken. De regionale zwaartepunten Oost-Nederland is op dit moment een van de belangrijkste motoren van de Nederlandse kenniseconomie. Dankzij een forse groei van het kennisintensieve bedrijfsleven op het gebied van HTSM ontwikkelt Twente zich met grote snelheid tot Top Innovatie Regio in Nederland. Regio Zwolle behoort daarnaast al jaren tot de best presterende economische regio s van Nederland

15 De kracht van Oost-Nederland zit in de bijzondere samenwerking van het bedrijfsleven (MKB en grootbedrijven), onderwijs-, onderzoekinstellingen en de overheid. Bedrijven als Demcon, Boeing, Fokker, Ten Cate, Wavin, DSM en Akzo Nobel investeren fors in de regionale kennisontwikkeling, omdat zij een meerwaarde zien in kennisintensieve samenwerking. De provincie Overijssel, het Innovatieplatform Twente, het Nederlandse hightech bedrijfsleven alsook de landelijke Topsector HTSM herkennen dat Oost-Nederland geldt als een majeure innovatieregio voor HTSM. Het hightech bedrijfsleven wil deze uitgangspositie benutten door een gezamenlijke impuls te geven aan de HTSM-ontwikkeling en heeft gekozen voor de regionale zwaartepunten: Healthcare, Safety/Security, Sustainability, Production Technology en Building & Construction. Dit betekent dat het initiatief voor ECHO past in de strategie van zowel de overheden (regionaal, provinciaal als nationaal) en de onderzoeks- en onderwijsinstellingen, als het bedrijfsleven. Economische validatie In Oost-Nederland zijn circa medewerkers werkzaam in HTSM-bedrijven. Het aandeel R&D-personeel van 3%, ligt ruim boven het landelijk gemiddelde. Alleen al in Twente is in miljoen euro aan loonkosten voor R&D-activiteiten toegekend (in het kader van WBSO) 5,5% van het Nederlandse totaal. De R&D-intensiteit in Oost-Nederland ligt daarmee boven het landelijk gemiddelde. Economische groei in dit segment levert tevens belangrijke toegevoegde waarde aan andere sectoren in de regionale economie, zoals de bouw, logistiek, dienstverlening en horeca. In de afgelopen jaren heeft de regio een erkende positie opgebouwd op de HTSM kennisdomeinen. Door het uitvoeren van gezamenlijke onderzoeksprojecten heeft het hbo hierin een forse kennisbijdrage geleverd. Met een groot aantal Raak-projecten hebben Windesheim en Saxion een impuls gegeven aan de ontwikkeling van innovaties in Oost Nederland. Ook hebben beide instellingen geïnvesteerd in toegankelijke onderzoekinfrastructuur als het Innovatief Materialen Platform Twente, Polymer Science Park, FabLab en eigen onderzoekslaboratoria in Zwolle en Enschede. Vanuit deze kennispositie speelt het hbo een belangrijk rol in de kennisfundatie voor de HTSM-industrie in Oost Nederland. Nationale validatie en verbindingen met andere regio s ECHO fungeert als een kenniskatalysator tussen HTSM -bedrijven en kennisinstellingen in de regio. Het Centre neemt een centrale positie in binnen het goed ontwikkelde HTSM-ecosysteem in Nederland. Er bestaan goede banden naar innovatieve consortia en kennisdragers in andere regio s als Eindhoven (HTSM, Automotive), HAN (Automotive), Delft (Materialen), Leeuwarden (Water), Assen (Sensoren), Münster (Nanotech) en Osnabrück (Materialen). De basis ligt in de co-creatie door innovatieve OEM ers, flexibele hightech MKB-bedrijven en vooraanstaande kennisinstellingen. 3. Onze ambitie in HTSM Ambitie & doelstellingen Saxion en Windesheim hebben de ambitie om dit onderzoekscentrum uit te laten groeien tot hét Centre of Expertise voor High Tech Systemen en Materialen in Oost-Nederland. Onze focus ligt op het genereren van hoogwaardige kennis door excellent toegepast onderzoek. Deze verdiepingsslag in praktijkgerichte HTSM-kennis, leidt tot verrassende proces- en productinnovaties voor het regionale bedrijfsleven en versterking van de (regionale) economie. Het Centre heeft de volgende hoofddoelen: - vergroten van het innovatief vermogen van bedrijven; - bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke thema s; - vergroten van de in- en uitstroom van studenten in het technisch onderwijs. We realiseren dit door: - excellent onderzoek, met focus op de programmering; - superieure samenwerking tussen excellent onderwijs/onderzoek en innovatief bedrijfsleven, maar ook samenwerking op expertgebieden binnen het onderwijs (tussen en in verschillende onderwijsinstellingen als ROC s, UT, Saxion en Windesheim); - veeleisend, uitdagend en aantrekkelijk onderwijs met een hoog toegevoegde waarde. Gebaseerd op hightech onderzoek en ingezet in real life praktijkcases. Saxion en Windesheim, ondersteund door kennis- en onderzoekspartners, geven invulling aan de vraag van het bedrijfsleven naar een HTSM-kenniscombinatie door het oprichten van een expertisecentrum dat initiërend en faciliterend is voor een business driven kennisontwikkeling. Bedrijven brengen concrete technologische vraagstukken in vanuit hun eigen (maatschappelijke) context, vertaald naar researchthema s. In samenwerking met het bedrijfsleven, voeren studenten, docenten en lectoren onderzoek uit in toepassingsgerichte technologie- en businesscases. Door de directe interactie tussen kennisleveranciers en het bedrijfsleven leidt ECHO tot snellere adaptatie van de technologie in het MKB en creëert ECHO technologische doorbraken met het MKB. Netwerkorganisatie ECHO wordt gevoed door de regionale thema s vanuit het bedrijfsleven. De thema s brengen verschillende disciplines in onderzoek en onderwijs bij elkaar, uitgeoefend op verschillende locaties. We benutten de gebouwen van Saxion en Windesheim of opereren op locaties waar dat nodig is. Het onderzoeksnetwerk wordt gecreëerd in het hart van het HTSM-ecosysteem in Oost-Nederland. Door het bundelen van meerdere experts vanuit verschillende kennisinstellingen, realiseren we uniek multidisciplinair toegepast onderzoek. Het open innovatieconcept mét de HTSM-focus zorgt voor uitwisseling van kennis en mensen tussen instellingen, kennisdomeinen en bedrijfsleven, waardoor optimale kruisbestuiving binnen HTSM vorm krijgt. Vertrekpunten voor de besturing Het Centre heeft een onafhankelijke signatuur, waarbij het (praktijkgericht) onderzoek wordt uitgevoerd in researchgroepen met meerdere lectoren, onderzoekers, onderzoekdocenten en studenten van de betrokken kennispartners en bedrijfspartners. Elke groep heeft eigen middelen ter beschikking, die vanuit een centraal researchprogramma in competitie wordt verdeeld naar projecten op basis van de volgende criteria: - resultaatgericht excellent onderzoek, met economische/maatschappelijke impact (valorisatie); - te implementeren door externe partijen; - aantrekkelijk voor externe funding (o.a. bedrijfsleven.) Programmasturing gebeurt onder opdrachtgeverschap van de directies van beide hogescholen, geadviseerd door een Industriële Adviesraad en Programmaraad. 4. HTSM in onderzoek Researchthema s ECHO werkt vanuit een business driven focus van technologie naar applicaties. ECHO creëert hiervoor een technologieplatform om technologische kennis naar de praktijk te brengen. Het bouwt voort op datgene wat beide hogescholen reeds hebben opgebouwd. Op basis van trackrecord en vraagarticulatie zijn vooralsnog zes researchthema s benoemd: medische sensoren, digitaal printen, nano-applicaties, recycling en ontwerp, robotica in zorg & welzijn en industriële procesoptimalisatie. Ze sluiten aan bij applicatiegebieden in de regio

16 Binnen deze researchthema s zijn door het bedrijfsleven businesscases ingebracht. We starten met één businesscase per researchthema; de komende jaren worden nieuwe cases en mogelijk researchthema s vraag gestuurd toegevoegd (zie tabel). Regionale Thema s Onderwijs & Onderzoek Products & Know How Healthcare & Wellbeing Biomedisch, nanotechnology, smart & intelligent materials, ICT & diagnostiek, mechatronica, medical imaging Sustainability Energieopwekking, distributie en opslag, biopolymeren, digital proces technology, scheidingstechnology, oppervlakte/coating technology Building & Construction Smart & intelligente materialen, functional en self healing materialen, biobased materials, energy harvesting Safety & Security Slimme, functionele & intelligente materialen, ICT, surface treatment, sensoring & monitoring Mobility Smart en intelligente materialen, ICT systemen, energy harvesting, materialen en composieten, Production Technology Mechatronica, hightech machinebouw, semiconductors, sensoren, embedded systems Lector ICT innovatie in de zorg telemedicine (w) Lector ICT innovatie in de zorg EPD (w) Lector Smart Functional Materials (s) Lector Nanotechnologie (s) Lector Mechatronica (s) Lector Kunststoftechnologie (w) Lector Watertechnologie (s) Lector Smart Funtional Materials (s) Lector Nanotechnologie (s) Lector Duurzame energie (s) Lector Area development (w) Lector Kunststoftechnologie (w) Lector Brandveiligheid in de bouw (s) Lector Smart Functional Materials (s) Lector Ondernemen in de bouw (s) Lector Kunststoftechnologie (w) Lector Ambient Intelligence (s) Lector Risicobeheersing (s) Lector Nanotechnologie (s) Lector Ambient Intelligence (s) Lector Smart Functional Materials (s) Lector Mechatronica (s) Lector Duurzame energie (s) Lector Mechatronica (S) Lector Nanotechnologie (S) Lector Kunststoftechnologie (w) Lector Ambient Intelligence (s) R&D vraag - Telemonitoring - Nieuwe game-zorg-concepten in cure & care - Clinical datawarehousing - Revalidatie-robotica - Bio-plastics - Gerecyclede materialen - Duurzame energieopwekking - Printing on demand - Product- en proces optimalisatie - Simulaties - Slimme bouwmaterialen - Engineering plastics - Zorgalarmeringsdiensten - Sensoren & actuatoren - Oppervlakte activering - Elastomeren - Nano materialen - ICT track & trace systemen - Energie-efficiënt transport - Digital printing - Cure & care robotics - Productiesystemen 3. Mechatronic systems for care and cure applications (robotica in zorg & welzijn) Hoe kunnen mechatronische systemen bijdragen aan de menselijke zorg en welzijn? Eén aspect hierin is de ontwikkeling van een revalidatierobot, waarbij met name de sturing in fysieke interactie tussen mens en techniek centraal staat. Een ander aspect vormt de toepassing in minimaal invasieve chirurgie, waarbij microsturing van beweging op basis van verschillende sensoren het voornaamste onderzoekkader bepaalt. Onderzoeksvraag ligt in het kunnen beheersen van complexe beweging op basis van interactie met de omgeving. 4. Nano on demand (nano-applicaties) Lab-on-chip maakt het mogelijk om op zeer kleine schaal, heel unieke processen te realiseren. Het bouwen van chips uit glas is kostbaar en nauwelijks toegankelijk voor het MKB. Het zou vervangen kunnen worden door silicone chips (PDMS, polydimethylsiloxaan), waarmee de potentie van lab-on-chip enorm wordt vergroot. Tegelijkertijd wordt dan wel de vraag naar het medisch effect van nanodeeltjes belangrijker: wat doen nanodeeltjes in het menselijk lichaam, wat is het risico en is dat (on)vergelijkbaar met asbest of fijnstof? De onderzoeksvraag is tweeledig: toegankelijkheid lab-on-chip voor het MKB en ontwikkel tegelijkertijd kennis over de risico s van nanodeeltjes op de mens. 5. Telemonitoring & -sensing (medische sensoren) Bij de zorg ontbreekt het nog aan telemonitoringsdiensten die gebruik maken van hightech sensoren. In deze business case gaat het om het verder toepasbaar maken van de sensortechniek voor deze diensten en de inbedding in de zorgomgeving. Ondernemers geven aan dat juist hier het probleem zit en producten niet of nauwelijks worden toegelaten als dit niet goed gerealiseerd is. 6. Flexibiliseren en versnellen (Industrieel proces optimalisatie) De regio kenmerkt zich door veel MKB-bedrijven die hoogwaardige kleine productseries kunnen maken. De onderzoeksvraag is hoe zij de productieprocessen kunnen flexibiliseren en versnellen om zo een betrouwbare en interessante partner te zijn voor nieuwe product ontwikkeling. Hierbij gaat het om het automatiseren van de productieprocessen, systeemintegratie en modificatie van bestaande productiestraten met inachtneming van de vereiste kwaliteit. 5. HTSM in onderwijs Researchthema s ECHO digitaal printen en finishen recycling en ontwerp robotica in zorg & welzijn 1. Digitaal drukken & functionaliseren van textiele substraten (digitaal printen & finishen) nano-applicaties medische sensoren Industriële proces -optimalisatie Het nauwkeurig, gericht en lokaal functionaliseren van verschillende types textielsubstraten met hoogwaardige inkten (kleur, metaalstructuren, coating, nanodeeltjes, kunststoffen, 3D-vormen, finishers). Onderzoeksvraag ligt in het kunnen controleren van het fysisch-chemisch hechtingsproces van inkt op substraat. Kennis over de wijze hoe deze drie factoren samenhangen en stuurbaar zijn, leidt tot nieuwe functionaliteiten van textiel en nieuwe productmarktcombinaties. 2. Duurzame (kunststof)ontwerpen (recycling & ontwerp) Recyclen betekent het omzetten van het (kunststof) materiaal waaruit het product is opgebouwd naar een recyclaat, dat als grondstof moet dienen voor een ander product. Het onderzoek richt zich op de relatie tussen productontwerp van virgin materiaal, het recycleproces en het productontwerp van recyclaat (kunststof, textielvezels). Daarnaast wordt de invloed van het productieproces geanalyseerd tezamen met de toepassing van biopolymeren in relatie tot duurzaamheid, hergebruik en productontwerp. Vanuit de business cases wordt onderzoek vervlochten met HTSM-gericht onderwijs. Onderwijs moet immers de kennisbasis verzorgen die studenten in staat stelt mee te werken aan het onderzoek. Dat vergt co-creatie, een forse investering in het focussen van curricula en een investering in de kennisontwikkeling bij onze docenten. Daarnaast maakt ECHO (bèta-)onderwijs aantrekkelijk door techniek te gebruiken als bouwsteen voor het oplossen van maatschappelijke thema s. Het expliciteren van de maatschappelijke relevantie maakt van techniek toegankelijker voor jongeren. Validatie vanuit de HRM/Human Capital agenda in het kader van de hightech systems roadmap betekent immers dat de hele innovatie- en onderwijsketen hierbij betrokken wordt. Het Centre voor Innovatief Vakmanschap HTSM (ROC van Twente, Deltion College) heeft hierin een belangrijk aanvullende rol. Door actieve participatie van studenten en docenten in HTSM maakt onderzoek onlosmakelijk deel uit van het onderwijs. Dat heeft grote consequenties voor het onderwijs, zowel qua inhoud als qua vormgeving. Ook buiten de technische opleidingen dienen studenten inzicht te krijgen in de basale achtergronden van HTSM. Daarnaast moet elke opleidingsrichting een eigen relatie leggen tussen HTSM en het werkveld. Als ook deze opleidingen basiscursussen gaan aanbieden over de relevantie van HTSM voor hun vakgebied, ontstaat een open toegang tot ECHO. Een toegang zonder technische exclusiviteit, gericht op toepassingen. Voor de student biedt ECHO een unieke kans om kennis in te brengen in een creatief denkraam, betrokken te zijn bij multidisciplinair grensverleggend onderzoek en bij te dragen aan de innovaties van morgen

17 1.a Het Centre for Open Chemical Innovation Smart & Biobased Materials Noord-Oost Nederland ECHO doet een beroep op de flexibiliteit in het onderwijssysteem en de ruimte die de opleidingen hierin (kunnen) creëren. Langlopende onderzoeksprogramma s vergen een langdurige inzet van studenten, docenten, lectoren en ondernemers. Als hogescholen zijn wij in staat om, door vervaging van grenzen tussen onderzoek en onderwijs, het Centre ondernemend te laten optreden. In samenspraak met besturen van partners en verantwoordelijke (onderwijs)managers wil ECHO onderwijsexperimenten ontwikkelen, die deze ruimte optimaal benutten. De pilots voldoen uiteraard aan onderwijskwaliteitsnormen, worden strak gemonitord en geëvalueerd. 6. Businessmodel ECHO Partners binnen ECHO ECHO is een samenspel van verschillende actoren, waarbij de focus ligt op co-creatie in HTSM. Saxion en Windesheim vervullen als founding fathers een voortrekkersrol in de realisatie van het Centre. Het bedrijfsleven, overheden, zorginstellingen en andere maatschappelijke stakeholders, participeren evenals kennisorganisaties in onderzoek, kenniscirculatie, valorisatie en/of projectinitiatie. Daarmee heeft het bedrijfsleven dus direct invloed op zowel de onderzoeksprogrammering, als de ondersteunende onderwijsvisie van de kennisinstellingen. Binnen ECHO onderscheiden we de volgende partners: Kernpartners: partners die de intentie tot actieve (onderzoeks)deelname en cofinanciering hebben uitgesproken (Provincie Overijssel, Demcon, VDL, DSM, Wavin, Siemens, Thales, Ten Cate en Apollo Vredestein); Onderzoeks- en onderwijspartners: co-creators van onderzoek en onderwijs (UTwente, DPI, Novay, ROC van Twente, Deltion, Centrum voor Innovatief Vakmanschap HTSM, Sensornetwerk Assen); Netwerkpartners: (bedrijfs)partners die actief deelnemen in het onderzoeksprogramma en de genoemde businesscases (zoals: D Andrea&Evers, JBTextiles, CampoPrint, Vlisco, Verosol en Print Unlimited, AKG Polymers, Van Gansewinkel, Schoeller-Arca Systems, Texperium, Carint, Solis, Deventer Ziekenhuis, Hankamp Rehab, Assistive Medical, Bronkhorst HighTech, PhoenIX, Encapson, LioniX, Medimate, Micronit, Indes, PCV, Eaton, PANalytical, Enrichment Technology, Norma, WWINN Group, AWL, IJsseltechnologie, Masévon, Teijin Aramid, Suzlon Wind Energy, Norit Pentair, XSens, Micronit Microfluidic); Netwerkorganisaties: intermediaire organisaties en netwerken (OostNV, Syntens, VMO, IDC, Kennispark, Kennispoort en IPT 2.0). Zij faciliteren het Centre actief in kennisdisseminatie en kenniscirculatie, stellen hun netwerken open en werken mee aan de verankering van het Expertisecentrum in de regio en de (inter)nationale kennisinfrastructuur. Begroting Om ECHO goed in de markt te zetten richting het industriële bedrijfsleven, is een initiële investering noodzakelijk. Hierin is de huidige inzet in de researchthema s gebundeld, aangescherpt en geïntensiveerd. De begroting van ECHO neemt toe met de omvang en het aantal businesscases van 5 mln. In 2013, tot ruim 10 mln. in ECHO groeit naar een onderzoekscentrum waarin ruim 40 onderzoekers en 10 promovendi, samen met jaarlijks 300 à 400 studenten onderzoek verrichten naar praktijktoepassing van HTSM-technologie, resulterend in 20 valorisatietrajecten met bedrijven. De financiering van de benodigde 30 mln. voor de komende vier jaar, komt van de kenniscentra (15 mln.), bedrijfsleven (5 mln.), provincie en regio (5 mln.) en rijk (5 mln.). De hogescholen Windesheim en Stenden en de Nederlandse rubber- en kunststofindustrie werken samen in de oprichting van het Centre for Open Chemical Innovation (COCI) Smart & Biobased Materials Noord-Oost Nederland. De ambitie van het COCI SBM is om binnen vijf jaar uit te groeien tot hét hbo-kenniscentrum voor toegepast onderzoek en gespecialiseerd onderwijs op het gebied van smart en biobased materials en producten. Deze ambitie wordt vertaald naar de volgende concrete doelstellingen: Bijdrage aan Door Vergroten van het innovatief en groeiend Focus op vraaggestuurde ondersteuning van innovatieve ondernemers vermogen van het bedrijfsleven Bijdragen aan het oplossen van Samenwerking tussen onderwijs- en onderzoeksinstellingen en innovatief maatschappelijke vraagstukken bedrijfsleven Bijdragen aan de Human Capital Agenda Veeleisend, uitdagend en aantrekkelijk onderwijs met een hoge toegevoegde Chemie waarde, geënt op kwalitatief hoogwaardig praktijkgericht onderzoek Deze doelstellingen sluiten naadloos aan op de landelijke Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI) Smart Polymeric Materials en Biobased Economy en daarmee op de kracht van de Nederlandse chemiebedrijven (MKB bedrijven en multinationals) én op de sterktes van het excellente Nederlandse fundamenteel wetenschappelijk onderzoek in de chemie. Om deze doelen te kunnen halen zijn forse investeringen nodig. Zowel overheid als bedrijfsleven zijn bereid om flink te investeren. Het businessmodel van SBM is gebaseerd op het creëren van een win-win situatie voor onderwijs en ondernemers. Betrokken actoren moeten een return-on-investment ervaren in termen van productgerichte kennisvalorisatie, studentenparticipatie, kennispublicaties, innovatievoorsprong of een andere vorm van sociaal-maatschappelijke meerwaarde. In SBM worden de laboratoria en gebouwen benut van Windesheim, Stenden, PRE, API Institute, Emmtec Services en Polymer Science Park. Ook kan het centrum leunen op de zeer goede technische opleidingen van de genoemde hbo-instellingen. Daarnaast werkt zij te midden van de bestaande netwerkorganisaties Kennispoort (Zwolle), Kennispark (Enschede), Innovatienetwerk Stedendriehoek (Deventer), het Carbohydrate Competence Center (CCC) en het onderzoeksinstituut BioBRUG. De bedrijven hebben zich aan SBM verbonden in de vorm van kernpartners (intentie tot actieve (onderzoeks) deelname en cofinanciering) en netwerkpartners (partners die actief deelnemen in het onderzoeksprogramma en de businesscases). Het businessmodel van SBM is gebaseerd op het creëren van een win-win situatie voor onderwijs en ondernemers. Hierdoor groeit SBM in 2016 naar een onderzoekscentrum waarin ruim veertig onderzoekers samen met jaarlijks driehonderd studenten onderzoek verrichten naar praktijktoepassingen van Smart Polymeric Materials en Biobased Economy, resulterend in twintig valorisatietrajecten met bedrijven

18 2. Het Centre of Expertise Techniek Onderwijs, TSE-CTO 1. Doelstelling Industriële groei vraagt om grote aantallen goed gekwalificeerde technici. Maar ook innovatie en onderzoek, zoals onder meer opgezet in het Centre of Expertise HTSM Oost-Nederland, hebben bètageoriënteerde studenten, docenten en andere kenniswerkers nodig. Ondanks vele initiatieven, stimuleringsprogramma s en promotieacties, neemt het aantal afgestudeerde bètajongeren niet toe. Sterker nog: er is een groot tekort ontstaan. Hoewel meer vo-leerlingen kiezen voor een natuurprofiel, leidt dat niet automatisch tot een technische vervolgopleiding. Het TSE-Centre of Expertise Techniekonderwijs (TSE-CTO) ontwikkelt kennis om dit tij te keren. Dit Centre is een samenwerking van Saxion (penvoerder), Hogeschool Edith Stein, Windesheim, Universiteit Twente, Expertis Onderwijsadviseurs, het regionale vve, bo, vo en mbo, en het bedrijfsleven en brengt succesfactoren en leermomenten van initiatieven en programma s naar boven, op basis waarvan effectieve(re) sturingsmechanismen ontwikkeld worden. De initiatiefnemers bundelen kennis uit de industrie, de gehele onderwijskolom (van vve tot ho) en alle vormen van didactische opleiding (eerstegraads, tweedegraads, basis- en beroepsonderwijsleerkrachten) met kennis over implementatie, borging en verankering van (wetenschappelijke) kennis in het onderwijsveld. Oost-Nederland is een perfect startpunt voor een centrum voor techniekonderwijs om de volgende redenen: - aanwezigheid van zeer betrokken ondernemers; - voorhanden zijnde kennis op bètagebied; - beschikbare didactiek op zowel wetenschappelijk als praktijkniveau; - directe aansluiting tot het techniekdomeinen van HTSM (Energie, Bouw en Gezondheid); - reeds bestaande samenwerking van de onderwijskolom bo-vo-mbo-hbo-wo in het Bètasteunpunt Oost. 2. Validatie De Human Capital Agenda s van de Topsectoren van het Ministerie EL&I en het Masterplan Bèta en Technologie onderschrijven de noodzaak voor een structurele aandacht voor techniekonderwijs binnen de hele onderwijskolom. Het kabinet heeft in zijn brief van 16 april jl. een forse impuls gegeven aan de aanpak van de arbeidsmarkttekorten in techniek. In de agenda s en de reactie van het kabinet wordt benadrukt dat het bedrijfsleven hierin een belangrijke sturende en uitvoerende taak moet krijgen. De aanzuigende werking van het bedrijfsleven moet leidend zijn, want hier ligt de feitelijke behoefte aan meer technisch onderlegd personeel. TSE-CTO richt zich op een drietal aspecten, die bepalend zijn voor bèta-talentontwikkeling. Ten eerste de invloed van maatschappelijke beeldvorming op keuzes, waarin we onderzoek doen naar best practices in bèta-promotie en bètatalentmaximalisatie. We onderzoeken de effectiviteit en duurzaamheid van initiatieven en initiëren en adviseren op basis van deze best practices. Daarnaast doen we onderzoek naar de netwerken, de wijze van samenwerking, efficiency en synergie en adviseert over verbeteringen. Ten tweede doen we onderzoek naar effectief bedrijfsgericht techniekonderwijs. De vraag is onder welke voorwaarden het bedrijfsleven structureel betrokken wordt in de vormgeving van het (techniek)onderwijs, van vve wo. Daarbij kijken we ook naar de bèta-professionalisering van het onderwijs in algemeenheid en docenten en leraren in het bijzonder. 3. Ambitie Het Centre vormt het centrale kennisknooppunt waar de belangen van onderwijs en bedrijfsleven elkaar ontmoeten. Enerzijds is er de wens van het onderwijs om jongeren een brede kennisbasis te geven, anderzijds vraagt het bedrijfsleven om state-of-art kenniswerkers. Onze visie is dat technische kennis en kunde steeds meer cruciale en onderscheidende aspecten worden in het economisch innovatievermogen van het bedrijfsleven. Jongeren met een bètatechnisch (top)talent, geënt op een state-of-art kennisbasis en gekoppeld aan bedrijfsrelevante onderwerpen, zijn de ankerpunten voor de economische groei in de komende decennia. Het strategisch doel van het TSE-CTO is het opleiden van techniek-enthousiaste (vak)docenten, die het bètatalent in jongeren weten aan te spreken. Deze docenten weten samen met het bedrijfsleven een bedrijfsgerichte, gecoördineerde, doorlopende (techniek)leeromgeving te creëren die bètatalent activeert en stimuleert. Het Centre kiest voor zowel de pabostudent, de masterstudent eerste-/tweedegraads, de zittende (hbo-/mbo-) docent als de enthousiaste bedrijfsmedewerker die voor de klas wil gaan staan, dwars door alle schooltypes en niveaus heen. In de uitwerking van deze doelstelling zijn het inspelen op bètamentality en de differentiatie naar type jongeren en technische keuzerichting essentieel. Om jongeren te stimuleren tot keuzes, moeten we aansluiten bij hun gedachtegoed. Aangezien er een grote verscheidenheid aan jongeren is, moeten we rekening houden met verschillen in achtergronden, kennis- en opleidingsniveau, geslacht, verwachtingspatronen, interesse en begaafdheid. Tegelijkertijd realiseren we ons dat er grote verschillen zijn tussen technische routes: Milieukunde heeft een ander gevoelsniveau bij jongeren dan Technische Informatica of Ruimtelijke Ordening en Planologie. We moeten daarmee terdege rekening houden. Voor de doorlopende lijn van basisonderwijs tot en met werk in de techniek zijn investeringen nodig in de onderwijsbrede structurering van techniek. Daarmee creëren we een onderwijsomgeving die jongeren aanspreekt op hun (latente) interesse voor techniek en die interesse ontwikkelt tot talent en competentie. Een onderwijsomgeving die er niet alleen voor zorgt dat deze jongeren een keuze maken voor een technische (vervolg)studie, maar studiesucces faciliteert waardoor ze hun studie ook tot een goed einde brengen. Op elk niveau en voor elke doelgroep moet aandacht zijn voor het maken van de juiste keuze van een studierichting, qua inhoud en niveau. Hierin ligt een taak van zowel het onderwijs als het bedrijfsleven en de overheid. De basis van het Centre ligt in de jarenlange samenwerking binnen TSE, het Kenniscentrum Wetenschap en Techniek Oost en het Bètasteunpunt Oost. In de (onderzoeks)projecten, activiteiten en programmering wordt nauw samengewerkt met de pabo van Gereformeerde Hogeschool, de Katholieke Pabo Zwolle en het ROC van Twente. Andere partners zijn (platform) vertegenwoordigers van het bo, vo en mbo en kennisplatforms als KWTO. De partners bestrijken een breed kennis- en onderzoeksdomein, met veel praktijkervaring over de ontwikkeling van techniekdocenten van basis- tot hoger onderwijs. Partners zijn betrokken bij zowel de ontwikkeling van kennis als de implementatie en verankering binnen school (bijvoorbeeld door middel van Technasia, mbo-vakcolleges en activiteiten vanuit het steunpunt Bèta-Oost). Het Centre werkt coördinerend en voorwaardenscheppend, waardoor we bij een uitrol in Nederland een multipliereffect genereren op ontwikkelde kennis en ideeën. Andere activiteiten leiden tot nieuwe vormen van onderwijs, didactiek of educatie, andere opzet en vormen van leermiddelen en nieuwe organisatievormen en samenwerkingsstructuren, waardoor effecten pas op langere termijn zichtbaar worden. De validatie van de ambitie van TSE-CTO beschouwen we aan de hand van vier indicatoren: - verhoging van de hoeveelheid potentieel bètatalent dat met goed gevolg uitstroomt van een technische opleiding (streven is een verhoging van 40% bèta-uitstroom nu naar circa 60% eind 2025); - verhoging van het percentage bèta-afgestudeerden mbo/ho naar 40% in 2025, mede door verminderde uitval gedurende de studie; - verbetering van de efficiency van bètapromotie in Nederland; - de open kennisbank bij TSE-CTO, die inzicht geeft in het praktijkgericht onderzoek naar optimalisatie van bètatalent, de daarmee gepaard gaande kennis en de wijze waarop deze kennis is geïmplementeerd in de praktijk

19 4. Onderzoeksthema s Uitgangspunt van het onderzoek van TSE-CTO is het bouwen van een effectieve onderwijsbasis in het leerproces van 2-22 jaar, met een maximale leeropbrengst. De basis van taal- en rekengevoel moet al op jonge leeftijd goed ontwikkeld zijn, wil de interesse voor bèta en techniek zich kunnen ontwikkelen. Basisschool en voortgezet onderwijs acteren als een aaneengesloten onderwijsketen; ieder vanuit een eigen onderwijskundige opdracht, maar samen gefocust op talentmaximalisatie van elk individuele jongere. Dit vereist een scherp didactisch inzicht van leerkrachten, onderwijskundig leiderschap van het management en betrokkenheid van beide in een uitgebalanceerd leerproces. Vanuit deze filosofie werkt TSE-CTO aan een achttal actielijnen: Actielijn 1: onderzoek naar keuzemomenten en argumentatie van verschillende doelgroepjongeren en de correlatie naar actieve sturing van maatschappelijke beeldvorming over techniek (bètapromotie). Doel is inzicht te krijgen in welke aspecten de bèta-interesse van verschillende doelgroepen jongeren triggeren. Op basis van dit inzicht wordt geadviseerd over de aanpak van nieuwe publieke en/of doelgroepgerichte activiteiten. Actielijn 2: maatschappelijke ontwikkelingen relateren aan techniek, mede door reële voorbeelden te benutten in de onderwijsprogrammering, waardoor inhoud (beter) gerelateerd wordt aan de omgeving van de jongere. Uit de praktijk zijn goede voorbeelden bekend van bedrijfsleven-onderwijs-interactie. TSE-CTO verricht evaluerend onderzoek naar best practices en de wijze waarop de interactie bijdraagt aan het ontwikkelen van (latent) bètatalent. Actielijn 3: organiseer en vereenvoudig de toegankelijkheid van het onderwijs voor het bedrijfsleven en vice versa, vanuit een wederzijdse toegevoegde waarde. Hbo/wo-studenten met een technische opleiding zijn na hun studie zeer nuttig als (deeltijd) vakdocent in het onderwijs(bo-ho). Om deze groep te vergroten moet de (bestaande) minor aantrekkelijker worden, een parallel scholingstraject ontwikkeld worden (analoog aan het Honours Programme) of een andere studiemodel gebouwd worden dat studenten (of aio s) interesseert voor de eerstegraads bevoegdheid. Actielijn 4: vanuit bedrijfsperspectief op positieve wijze integreren van techniek als basiskennis in de opleiding van eerstegraads en tweedegraads docent en leraar basisonderwijs. Integratie van techniek in de basiskennis van leraren bo/vo door het koppelen van techniekvakken aan die van de technische opleidingen. Daarnaast richten we ons op de mogelijkheid tot structurele inzet van bedrijfsmensen in de pabo/lerarenopleiding, als kennisdragers en als (vrouwelijke) rolmodellen. Actielijn 5: integratie van het bedrijfsleven bij het ontwikkelen van bètaleerprogramma s in het onderwijs, mede in het licht van de ontwikkeling van ondernemerschapscompetenties. Het werken in het technische bedrijfsleven vraagt meer dan alleen technische kennis, maar ook om vaardigheden op terreinen als ondernemerschap, communicatie, internationalisatie en creativiteit. TSE-CTO verricht evaluerend onderzoek naar bestaande onderwijsprogramma s en hun relatie met techniekonderwijs. Actielijn 6: onderzoek bedrijfsleven-onderwijs interacties in duale onderwijsprogrammering en het dissemineren van best practices op dit gebied. Door ontwikkelingen in het onderwijs zal de animo voor duale trajecten kunnen verminderen, waardoor meer nadruk op andere vormen van leerwerk-trajecten komt te liggen. TSE-CTO doet evaluerend onderzoek naar andere vormen van praktijkleren. Actielijn 7: onderzoek naar de wijze waarop ontwikkeling van bètadidactiek invloed heeft op behoud van bètatalent in de onderwijskolom. Op basis van deze kennis evalueren we bestaande professionaliseringprogramma s en doen we voorstellen voor nieuwe vormen van coaching, ondersteuning, bètadidactische scholing en onderwijsrichtingen. Actielijn 8: onderzoek naar de wijze waarop versterking van de betrokkenheid van het onderwijs en het bedrijfsleven leidt tot behoud van bètatalent. TSE-CTO onderzoekt verschillende samenwerkingsmodellen en organisatievormen in de onderwijskolom, waarmee het bedrijfsleven beter inzicht krijgt in het kennispotentieel van de studenten en bètatalent kan scouten. Voornoemde actielijnen, (onderzoeks)producten en resultaten bouwen aan een onderwijssysteem waarin bètatalent zich optimaal kan ontwikkelen, de omstandigheden optimaal zijn om jongeren met een interesse voor techniek te identificeren en gedurende hun schoolcarrière optimaal te volgen en te ondersteunen. Dit wordt vastgelegd in het bètamodel dat het onderwijssysteem beschrijft vanuit de keuzemomenten van jongeren, hun drijfveren en beweegredenen en hoe deze keuzes terug te voeren zijn tot in de opleiding van docent/leraar, de maatschappelijke omgeving van de jongere en het wereldbeeld van jongeren. Het beschrijft de wijze waarop de verschillende schakels in de onderwijskolom op elkaar ingrijpen en obstakels die er kunnen zijn in de keten, mede vanuit aanzuigende kracht die de arbeidsmarkt heeft op de onderwijskolom. Dit Bètamodel geeft, gecombineerd met de analyse van best practices op het gebied van bètapromotie en inzichten hoe afzwaaien voorkomen kan worden c.q. hoe positieve prikkels sturing kunnen geven aan een vaste keuze voor techniek, een beeld van de wijze waarop onderwijs direct of indirect invloed heeft op de (bèta)studiekeuze van jongeren, de achtergronden, de argumenten en de invloedrijke actoren op de keuzes van jongeren gedurende hun schoolcarrière, van 2 22 jaar. 5. TSE-CTO en Onderzoek Het fundament van het TSE-CTO ligt in de samenwerking van de onderwijs kenniscentra van de betrokken partners. Op het gebied van onderzoek hebben de partners complementaire onderzoekslijnen, leerstoelen en lectoraten. Tezamen vormen ze een breed kennisnetwerk, met een uitgebreide trackrecord in wetenschappelijk en praktijkgericht onderzoek. Dankzij de kennisinteractie tussen het hightech bedrijfsleven, de Universiteit Twente, de verschillende (technische) opleidingsroutes, de lerarenopleidingen, de ROC s en de samenwerkende onderwijskolom is in Oost-Nederland een ecosysteem opgebouwd met kennis en ervaring op het gebied van bèta-talentontwikkeling. Onze focus ligt op het onderzoeken en expliciteren van kennis, ervaringen en best practices op dit gebied en deze te vertalen naar programma s, curricula, onderwijsbouwstenen en organisatiestructuren, alsmede op het toetsen van deze kennis op validatie en effectiviteit. We vertalen ervaringen uit Platform Bètatechniek, KWTO, Bètasteunpunt Oost en andere gremia naar de schoolpraktijk en realiseren een daadwerkelijke versnelling in de bèta-agenda. Daarin sluiten we naadloos aan op andere initiatieven als het aanvalsplan vmbo-mbo techniek van het ROC van Twente, in het kader van Toptechniek in bedrijf. 6. TSE-CTO en Onderwijs Als toeleverancier van kennisdragers aan het onderwijs staat TSE-CTO voor de opdracht deze leraren en docenten zó op te leiden dat ze in staat zijn om, als intrinsiek onderdeel van hun onderwijstaak, jongeren te interesseren en enthousiasmeren voor techniek. Parallel daaraan heeft TSE-CTO de opdracht om de rol van het bedrijfsleven in de maximalisatie van bètatalent efficiënt(er) te structuren en deze te koppelen aan de onderwijstaak van de school. De uitdaging ligt in het creëren van een bètavriendelijk onderwijsklimaat en het betrekken van het bedrijfsleven hierbij

20 Deze uitdaging heeft direct effect op de opzet van het onderwijs voor leraren basisonderwijs, als docenten met een eersteen tweedegraads lesbevoegdheid. Enerzijds moet in het curriculum meer aandacht zijn voor het scouten en ontwikkelen van (latent) bèta-talent, door pabo-studenten meer gevoel en enthousiasme te geven voor techniek, anderzijds moet er dieper ingegaan worden op verschillende aspecten van bètadidactiek. Tegelijkertijd is er verdere structurele interactie met het bedrijfsleven door (meer) ondernemers uit de technische sector te laten doceren op pabo en lerarenopleiding, hen directer te betrekken bij curriculumontwikkeling en docentenontwikkelteams, lessen op bedrijfslocatie te verzorgen en de pabo/lerarenopleiding te koppelen aan techniekopleidingen in het hoger onderwijs. Ondernemers moeten didactisch (bij)geschoold worden om les te kunnen geven op een bo- of vo-school. Ook hier volgen we twee sporen. Ten eerste door techniekstudenten te stimuleren een didactische aantekening te halen tijdens hun studie of hun vervolgmaster. Het levert een versterkte uitstroom aan eerste en tweedegraads bètadocenten op. Bovendien zijn deze studenten, mochten ze geen baan in het onderwijs nemen, makkelijk in deeltijd of als gastdocent inzetbaar voor het onderwijs. De tweede lijn betreft het bijscholen van ondernemers in didactische vaardigheden, zodat zij hiermee (grotendeels) zelfstandig les kunnen geven in bo en vo (structureel als deeltijddocent of incidenteel als gastdocent). 7. Businessmodel TSE-CTO De kosten van het Centre zijn begroot op 2 mln. per jaar, oplopend tot ca 5 mln. per jaar in een periode van vijf jaar. Daarmee is TSE-CTO in staat om een substantiële onderzoekscapaciteit op te zetten, met een landelijk profiel. De partners, het bedrijfsleven en de onderwijskolom staan garant voor cofinanciering, verankering en continuïteit. De provincie Overijssel heeft een startbijdrage van 1,5 mln. voor de eerste drie jaar toegezegd. Ondersteuningsintenties zijn afgegeven door het regionale vve, po en vo. Vanuit de prestatiemiddelen OCW wordt voor het Centre een bijdrage gevraagd van minimaal 1 mln. per jaar voor de komende vijf jaar. 3. Centre of Expertise Logistiek De zes regionale centra werken daarnaast samen als landelijk Centre of Expertise voor kennisuitwisseling en circulatie, samenwerking op het snijvlak van verschillende en elkaar aanvullende thema s, en bijvoorbeeld uitwisseling van studenten via minoren. Voortbouwen op bestaande kennisinfrastructuur Het ontwikkelen van een Centre of Expertise Logistiek sluit aan bij de ontwikkelingen van de afgelopen periode binnen de sector: in samenwerking met de (Top)sector Logistiek, het Platform Kennisakkoord Logistiek en het kennisinstituut Dinalog is er een hbo-kennisinfrastructuur opgezet. De zes hogescholen, verspreid over Nederland, vormen op dit moment een publiek-private samenwerking in de vorm van een Regionaal Kennis Distributie Centrum (RKDC) met cofinanciering (nog deels in ontwikkeling). (Co)Financiering Dit voorstel heeft, aangezien op huidige infrastructuur en initiatieven kan worden voortgebouwd, een kansrijk ontwikkelingsperspectief. Om een extra ontwikkelingsimpuls te geven aan dit Centre of Expertise met zes regionale centra met eigen thematisch profiel binnen de logistiek, wordt een overheidsinvestering gevraagd van in totaal 7,4 miljoen voor de periode van vier jaar. In deze periode zal dit gematcht worden met 50 procent cofinanciering uit het bedrijfsleven. Na deze ontwikkelingsfase zal het Centre of Expertise zelfvoorzienend zijn. Vooruitblik Medio 2013 leveren de zes hogescholen, met als penvoerder Hogeschool van Amsterdam, een businessplan op waarin zowel de business case als het businessmodel voor het Centre of Expertise is uitgewerkt. Concreet zal hierin worden aangegeven welke partners (bedrijfsleven en kennisinstituten) binnen het centre samenwerken, wat de begroting is en hoe de cofinanciering is georganiseerd. Om voor de logistieke sector focus en massa te bereiken zijn zes hogescholen, te weten NHTV (Breda), Fontys (Venlo), Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Rotterdam, Windesheim en Hogeschool Arnhem Nijmegen een samenwerking aangegaan op het gebied van logistiek onderwijs, praktijkgericht onderzoek en innovatieve ontwikkeling. Binnen het kader van profilering willen deze zes hogescholen gezamenlijk een landelijk Centre of Expertise Logistiek ontwikkelen, met zes regionale expertisecentra. Hogeschool van Amsterdam treedt hierbij op als penvoerder. Dit voorstel is in samenwerking met Topsector Logistiek en in afstemming met de andere hogescholen met logistiek onderwijs tot stand gekomen. Visie en doelstellingen De zes hogescholen hebben de ambitie gezamenlijk de hbo-kennisinfrastructuur te vormen voor de Topsector Logistiek. Het Centre of Expertise Logistiek wordt gevormd door zes regionale centra, elk een publiek-private samenwerking tussen het regionale logistieke bedrijfsleven en een van de zes hogescholen. De centra krijgen hiermee een regionale verankering. Daarnaast zal ook de samenwerking worden opgezocht met relevante kennisinstituten, waaronder andere onderwijsinstellingen in de zes regio s (horizontaal en verticaal) en Dinalog. Elk regionaal centre specialiseert en profileert zich op een of enkele thema s binnen de logistiek die essentieel zijn voor innovatie binnen de Topsector Logistiek. Specialisatie en regionale thematisering zal plaatsvinden op basis van economische zwaartepunten van het regionale logistieke bedrijfsleven 13, de trackrecord van de hogeschool en de ambitie die de hogeschool heeft voor de komende periode. Binnen elk regionaal centre werken de hogeschool en het bedrijfsleven samen aan excellent onderwijs, praktijkgericht onderzoek en innovatieve ontwikkeling. Bedrijfsleven en onderwijs nemen elk vanuit hun expertise hierin hun verantwoordelijkheid. Elke hogeschool heeft een lectoraat Logistiek dat bijdraagt aan praktijkgericht onderzoek ) Zie hiervoor ook Verkenningscommissie Van Pernis: HBO Techniek in bedrijf. 39

Instellingsbeleid doelstellingen en profiel

Instellingsbeleid doelstellingen en profiel Instellingsbeleid doelstellingen en profiel 1 Inleiding 2 Beleid 3 Onderwijs 4 Onderzoek 5 Beroepspraktijk en regio 6 Kwaliteit is mensenwerk 7 Operational Excellence 8 Bestuur 9 Raad van Toezicht 10 Financiën

Nadere informatie

Professionele Masters. Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters

Professionele Masters. Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Professionele Masters Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Professionele Masters Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Inhoud 5 Voorwoord 7 Inleiding 8 Professionele

Nadere informatie

Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken.

Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken. ONDERWIJSVISIE OP HO OFDLIJNEN Geachte collega s, 1 Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken. We

Nadere informatie

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013 Tilburg University 2020 Toekomstbeeld College van Bestuur, april 2013 Strategie in dialoog met stakeholders Open voor iedere inbreng die de strategie sterker maakt Proces met respect en waardering voor

Nadere informatie

Samenwerkingsagenda Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en de Provincie Gelderland

Samenwerkingsagenda Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en de Provincie Gelderland en de Provincie Gelderland 22 maart 2016 Overwegende dat: De provincie Gelderland veel waarde hecht aan de aanwezigheid van onderwijs/kennisinstellingen in haar Provincie. Uiteraard in hun functie van

Nadere informatie

Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek.

Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek. Hogeschool Windesheim Zwolle Aandacht voor jeugdzorg en jeugd- en opvoedhulp in hbo-opleidingen en onderzoek. WGV Oost Deventer, 20 maart 2013 Attie Valkenburg van Roon, projectleider Master Zorg voor

Nadere informatie

Advies Universiteit van Tilburg

Advies Universiteit van Tilburg Advies Universiteit van Tilburg De Reviewcommissie (hierna commissie) heeft kennisgenomen van het voorstel van de Universiteit van Tilburg (hierna UvT) dat het College van Bestuur met zijn brieven van

Nadere informatie

Samenwerking hogescholen en MKB in de topsectoren ZWAARTEPUNTVORMING PROFILERING SAMENWERKING KWALITEIT DUURZAME VERANKERING

Samenwerking hogescholen en MKB in de topsectoren ZWAARTEPUNTVORMING PROFILERING SAMENWERKING KWALITEIT DUURZAME VERANKERING Samenwerking hogescholen en MKB in de topsectoren ZWAARTEPUNTVORMING PROFILERING SAMENWERKING KWALITEIT DUURZAME VERANKERING 14 december Bedrijfslevenbrief Het kabinet heeft samenleving en bedrijfsleven

Nadere informatie

Factsheet Almeerse arbeidsmarkt Juni 2013

Factsheet Almeerse arbeidsmarkt Juni 2013 Factsheet Almeerse arbeidsmarkt Juni 2013 Snel een beeld van de Almeerse arbeidsmarkt Werkgevers krijgen de komende jaren in toenemende mate te maken met een tekort aan gekwalificeerde medewerkers. Zij

Nadere informatie

Krachten bundelen, kennis delen en allianties vormen

Krachten bundelen, kennis delen en allianties vormen The Next Step: Coalition of the Willing Krachten bundelen, kennis delen en allianties vormen The Next Step: Coalition of the Willing Krachten bundelen, kennis delen en allianties vormen Een regio om trots

Nadere informatie

Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl

Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl Pagina 1/5 Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl Aan: TU Delft, College van Bestuur Van: Betreft: Prestatieafspraken TU Delft Datum: 2 januari 2011

Nadere informatie

INTERSECTORALE MOBILITEIT IN HET HOGER ONDERWIJS ROB GRÜNDEMANN (HOGESCHOOL UTRECHT)

INTERSECTORALE MOBILITEIT IN HET HOGER ONDERWIJS ROB GRÜNDEMANN (HOGESCHOOL UTRECHT) INTERSECTORALE MOBILITEIT IN HET HOGER ONDERWIJS ROB GRÜNDEMANN (HOGESCHOOL UTRECHT) 1. Opzet van het onderzoek 2. Resultaten en conclusies 3. Discussie Vraagstelling 1. Welke omvang heeft intersectorale

Nadere informatie

Bestuurlijke afspraken over ontvlechting van de Educatieve Faculteit Amsterdam

Bestuurlijke afspraken over ontvlechting van de Educatieve Faculteit Amsterdam Bestuurlijke afspraken over ontvlechting van de Educatieve Faculteit Amsterdam Bijlage bij brief HO/BL/2005/6586 1. Preambule Het College van Bestuur van de Hogeschool van Amsterdam en het College van

Nadere informatie

Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen

Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen Benchmark Hogescholen In opdracht van Platform Bètatechniek Ten behoeve van bestuurlijk overleg met hogescholen Auteur: ir.ing. R.M.F. Brennenraedts Datum: mei 2007 Projectnummer: 2007.039 Achtergrond

Nadere informatie

Bijlage 2. Human Capital Agenda s

Bijlage 2. Human Capital Agenda s Bijlage 2 Capital s De topsectoren gaan een human (onderwijs en scholing) voor de langere termijn opstellen en zullen onderwijsinstellingen hierbij betrekken. De s bevatten o.a. een analyse van de behoefte

Nadere informatie

Aandacht voor jouw ambitie!

Aandacht voor jouw ambitie! Aandacht voor jouw ambitie! ROC Rivor is hét opleidingscentrum van regio Rivierenland. Wij bieden een breed scala aan opleidingen, cursussen en trainingen voor jongeren en volwassenen. Toch zijn we een

Nadere informatie

Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020. Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding

Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020. Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020 Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding Wil Zuidoost-Nederland als top innovatie regio in de wereld meetellen, dan zal er voldoende en goed

Nadere informatie

Topsectoren. Hoe & Waarom

Topsectoren. Hoe & Waarom Topsectoren Hoe & Waarom 1 Index Waarom de topsectorenaanpak? 3 Wat is het internationale belang? 4 Hoe werken de topsectoren samen? 5 Wat is de rol voor het MKB in de topsectoren? 6 Wat is de rol van

Nadere informatie

Bijlage A. Een duidelijk profiel

Bijlage A. Een duidelijk profiel Bijlage A De han in 2016; prestatieafspraken met de overheid 79 De HAN kan op basis van het fundament dat is beschreven en onderbouwd in het instellingsplan voor 2012-2016 de samenleving beloven dat niveau

Nadere informatie

middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs

middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs Summa College maart 2013 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: De vijf onderwijspijlers 4 Hoofdstuk 2: De vijf onderwijspijlers

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2011

Feiten en cijfers. Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs. juni 2011 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs juni 2011 2 Feiten en cijfers Afgestudeerden en uitvallers in het hoger beroepsonderwijs Meer dan zeven op de tien studenten

Nadere informatie

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs

Feiten en cijfers. Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs 2010 1 Feiten en cijfers Studentenaantallen in het hoger beroepsonderwijs 2010 Ten opzichte van 2009 is de instroom stabiel: -0,3 procent

Nadere informatie

Partnerschap. en scholen werken op basis van een gezamenlijke verantwoordelijkheid samen met studenten aan hun ontwikkeling tot professional.

Partnerschap. en scholen werken op basis van een gezamenlijke verantwoordelijkheid samen met studenten aan hun ontwikkeling tot professional. Sinds een tiental jaren hebben we opleidingsvormen ontwikkeld die recht doen aan zowel vakbekwaamheid als praktijkkennis van aanstaande leraren. In toenemende mate doen we dat op basis van opleiden in

Nadere informatie

HU GERICHT IN BEWEGING

HU GERICHT IN BEWEGING HU GERICHT IN BEWEGING Organisatieontwikkeling HU het verhaal - versie maart 2016 - Agenda Waar komen we vandaan? Waarom gaan we veranderen? Wie willen we zijn? Hoe gaan we dit bereiken? Wat verandert

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 200 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2008 Nr. 183 BRIEF

Nadere informatie

HAN en duurzame energie

HAN en duurzame energie Beroepsonderwijs tijdens de energie transitie HAN en duurzame energie Van buiten naar binnen. Tinus Hammink programma-manager SEECE Hogeschool van Arnhem en Nijmegen HBO en topsectoren; keuze van HAN 1.

Nadere informatie

Infrastructuur landsdeel Noordvleugel. 5 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 31 scholen en 15

Infrastructuur landsdeel Noordvleugel. 5 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 31 scholen en 15 Facts & Figures 2 Deel II LANDSDEEL NOORDvleugel In het Techniekpact Noordvleugel hebben de provincies Noord-Holland, Flevoland en Utrecht hun bestaande techniek-, human capital- en economische agenda

Nadere informatie

Opleidingenoverzicht. Verkorte leerroutes mbo-hbo. Naam niveau 4 opleiding. Locatie ROCvA Hogeschool Aansluiting hbo-opleiding

Opleidingenoverzicht. Verkorte leerroutes mbo-hbo. Naam niveau 4 opleiding. Locatie ROCvA Hogeschool Aansluiting hbo-opleiding Opleidingenoverzicht Doorstroom mbo-hbo Hieronder staat een overzicht van de mogelijkheden om na het ROC van door te stromen naar een hbo-. Wil je meer weten? Kijk voor de meest actuele informatie over

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting 9

Samenvatting. Samenvatting 9 Samenvatting Sinds de introductie in 2001 van lectoraten in het Nederlandse hoger beroepsonderwijs wordt aan hogescholen steeds meer gezondheidsonderzoek uitgevoerd. De verwachting is dat dit niet alleen

Nadere informatie

Cijfermatige achtergrondinformatie ten behoeve van Slotconferentie HO-tour

Cijfermatige achtergrondinformatie ten behoeve van Slotconferentie HO-tour Cijfermatige achtergrondinformatie ten behoeve van Slotconferentie HO-tour In deze bijlage zijn feiten en cijfers opgenomen over het hoger onderwijs die illustratief kunnen zijn voor de discussies in de

Nadere informatie

Met plezier heb ik de uitnodiging aangenomen hier vandaag te spreken.

Met plezier heb ik de uitnodiging aangenomen hier vandaag te spreken. De gesproken tekst geldt. Toespraak van drs. A.Th.B. Bijleveld- Schouten, commissaris van dekoningin in de provincie Overijssel, bij de Nieuwjaarsbijeenkomst van TSE Overijssel, op donderdag 27 januari

Nadere informatie

Opleidingenoverzicht Doorstroom mbo-hbo

Opleidingenoverzicht Doorstroom mbo-hbo Opleidingenoverzicht Doorstroom mbo-hbo Hieronder staat een overzicht van de mogelijkheden om na het ROC van door te stromen naar een hbo-. Wil je meer weten? Kijk voor de meest actuele informatie over

Nadere informatie

Uitkomsten CFO-bijeenkomst Prestatieafspraken in het HBO

Uitkomsten CFO-bijeenkomst Prestatieafspraken in het HBO Uitkomsten CFO-bijeenkomst Prestatieafspraken in het HBO Eind september ging Deloitte met CFO s uit het hoger onderwijs in gesprek over de uitdagingen om de prestatieafspraken te realiseren, ook al is

Nadere informatie

Informatiebrief wetgeving bepaling hoogte collegegelden

Informatiebrief wetgeving bepaling hoogte collegegelden Informatiebrief wetgeving bepaling hoogte collegegelden In het Hoger Onderwijs wordt onderscheid gemaakt tussen wettelijk en instellingscollegegeld. Het wettelijk collegegeld wordt door de minister vastgesteld

Nadere informatie

Wat verwachten werkgevers van het onderwijs als het gaat om duurzaamheid?

Wat verwachten werkgevers van het onderwijs als het gaat om duurzaamheid? Wat verwachten werkgevers van het onderwijs als het gaat om duurzaamheid? Een onderzoek onder werkgevers in de topsectoren en de overheid. Onderzoeksrapport Samenvatting 1-11-2013 1 7 Facts & figures.

Nadere informatie

Wet Kwaliteit in verscheidenheid

Wet Kwaliteit in verscheidenheid Wet Kwaliteit in verscheidenheid Betekenis voor de doorstroom vo-hbo en mbo-hbo Presentatie VvSL-congres 7 november 2013 Pierre Poell voorzitter LICA Onderwerpen Achtergrond Wet Kwaliteit in verscheidenheid

Nadere informatie

Workshop Ondernemerschap

Workshop Ondernemerschap HBO Congres 17 april 2014 Workshop Ondernemerschap Geert-Jan Sweers Onno Bieleman - Hogeschool van Arnhem en Nijmegen - Birch Consultants 1 Onderzoek en ondernemerschap Lectoraten (t=539) 90% 5% 5% Lectoraten

Nadere informatie

Understanding Society

Understanding Society Understanding Society Understanding Society Onze onderwijsprogramma s voor excellente en ambitieuze studenten Joop Vianen Conferentie Studiesucces in het hoger onderwijs 3 maart 2010 Onze onderwijsprogramma

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG Kennis IPC 5200 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Opmaat voor: De Amsterdamse Lerarenagenda

Opmaat voor: De Amsterdamse Lerarenagenda Een initiatief van Frank Sengers 1 Inleiding De afgelopen jaren is er volop aandacht geweest voor het terugdringen van het aantal zwakke scholen. Het besef dringt steeds meer door dat de leraar de sleutel

Nadere informatie

Navigatie techniekpact

Navigatie techniekpact Navigatie techniekpact Beleidsthema s en - doelen Beleid in cijfers Beleidsinstrumentarium EZ 1 Versie oktober 2015 Beleidsthema s en doelen techniekpact Zorgen voor voldoende gekwalificeerde technici

Nadere informatie

Human Capital Tafel Logistiek in Drenthe op 3 oktober 2013

Human Capital Tafel Logistiek in Drenthe op 3 oktober 2013 Human Capital Tafel Logistiek in Drenthe op 3 oktober 2013 Op 3 oktober 2013 hebben Stenden Hogeschool en de provincie Drenthe samen met Transport en Logistiek Nederland, EVO en de Kamer van Koophandel

Nadere informatie

Format samenvatting aanvraag. Opmerking vooraf

Format samenvatting aanvraag. Opmerking vooraf Format samenvatting aanvraag Opmerking vooraf Mocht u de voorkeur geven aan openbaarmaking van de gehele aanvraag in plaats van uitsluitend onderstaande samenvatting dan kunt u dat kenbaar maken bij het

Nadere informatie

JA: DE KRACHT VAN HET MKB! DE KRÊFT FAN IT MKB PVDA FRYSLÂN MKB-PLAN

JA: DE KRACHT VAN HET MKB! DE KRÊFT FAN IT MKB PVDA FRYSLÂN MKB-PLAN JA: DE KRACHT VAN HET MKB! DE KRÊFT FAN IT MKB PVDA FRYSLÂN MKB-PLAN Foto: Pixabay, Creative Commons MIDDEN- EN KLEINBEDRIJF: BANENMOTOR VAN DE SAMENLEVING Het midden- en kleinbedrijf (MKB) is dé banenmotor

Nadere informatie

Protocol PDG en educatieve minor

Protocol PDG en educatieve minor Protocol PDG en educatieve minor 28 april 2014 Inhoud Protocol voor beoordelingen door de NVAO van de kwaliteit van de afstudeerrichtingen algemeen vormend onderwijs en beroepsgericht onderwijs, het traject

Nadere informatie

Visie op Valorisatie. van onderzoeken naar ondernemen. InnoTep, Radboud Universiteit Nijmegen, 30 september 2011. Maarten van Gils

Visie op Valorisatie. van onderzoeken naar ondernemen. InnoTep, Radboud Universiteit Nijmegen, 30 september 2011. Maarten van Gils Visie op Valorisatie van onderzoeken naar ondernemen InnoTep, Radboud Universiteit Nijmegen, 30 september 2011 Maarten van Gils Agenda Persoonlijke introductie Het onderzoeken bij MICORD De overgang in

Nadere informatie

Integriteitscode Stenden

Integriteitscode Stenden Integriteitscode Stenden Inleiding Stenden Hogeschool is een innoverende, nationaal en internationaal ondernemende organisatie voor hoger beroepsonderwijs. Met hoogwaardige, eigentijdse kennis, wil Stenden

Nadere informatie

SAMENWERKINGSARRANGEMENT LANDSDEEL NOORD PLATFORM BÈTA TECHNIEK 2014-2016

SAMENWERKINGSARRANGEMENT LANDSDEEL NOORD PLATFORM BÈTA TECHNIEK 2014-2016 SAMENWERKINGSARRANGEMENT LANDSDEEL NOORD & PLATFORM BÈTA TECHNIEK 2014-2016 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

Wat gaan we doen? Colofon. Almeerse Scholen Groep. Koersplan maart 2015

Wat gaan we doen? Colofon. Almeerse Scholen Groep. Koersplan maart 2015 Colofon De uitgebreide versie van het ASG Koersplan 2015-2018 kunt u vinden op www.almeersescholengroep.nl. Dit is een uitgave van de Almeerse Scholen Groep. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd

Nadere informatie

Strategie Zuyd 2014-2018

Strategie Zuyd 2014-2018 Strategie Zuyd 2014-2018 Inleiding De strategie van Zuyd voor de periode 2014-2018 is op hoofdlijnen een voortzetting van de strategie van de afgelopen jaren, aangescherpt vanuit een aantal belangrijke

Nadere informatie

Profiel leden Stichtingsbestuur, Algemeen

Profiel leden Stichtingsbestuur, Algemeen MEMO Aan: Van: Voorzitter Stichtingsbestuur Legal Affairs Datum: 28 maart 2014 Onderwerp: Profielschetsen SB, Concept 3 Voor de invulling van de toezichthoudende functie van het Stichtingsbestuur van TiU

Nadere informatie

Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College

Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College 1. Achtergrond en perspectief De ernstige financiële problemen van het ROC Leiden noodzaken tot een nieuw perspectief voor

Nadere informatie

Hbo tweedegraadslerarenopleiding

Hbo tweedegraadslerarenopleiding Hbo tweedegraadslerarenopleiding Verkort traject www.saxionnext.nl Inhoudsopgave Inleiding 3 Een bijzondere opleiding 4 Opbouw 5 Toelating en inschrijving 7 Beste student, Je hebt een afgeronde hbo- of

Nadere informatie

short-logo NATIONAAL TECHNIEKPACT 2020 SAMENVATTING ÉÉN JAAR NA ONDERTEKENING RAPPORTAGE

short-logo NATIONAAL TECHNIEKPACT 2020 SAMENVATTING ÉÉN JAAR NA ONDERTEKENING RAPPORTAGE RAPPORTAGE NATIONAAL TECHNIEKPACT 2020 ÉÉN JAAR NA ONDERTEKENING SAMENVATTING short-logo MEI 2014 go Pagina 2 SAMENVATTING RAPPORTAGE NATIONAAL TECHNIEKPACT 2020 ÉÉN JAAR NA ONDERTEKENING Met het doel

Nadere informatie

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015 Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015 Voor leerlingen van: Almende college, Ludger College, Ulenhof College, Rietveld Lyceum, Christelijk College Schaersvoorde, Liemers College,

Nadere informatie

Benchmark Axisopleidingen

Benchmark Axisopleidingen Benchmark Axisopleidingen In opdracht van: Platform Bèta Techniek In samenwerking met Ministerie van OCW HBO-raad Project: 2008.104 Datum: Utrecht, 22 december 2008 Auteurs: Guido Ongena, MSc. drs. Rob

Nadere informatie

Afsprakenkader. Partners in Leren en Werken in. Zorg en Welzijn Zeeland. Vastgesteld in de FluenZ Adviesraad. ViaZorg

Afsprakenkader. Partners in Leren en Werken in. Zorg en Welzijn Zeeland. Vastgesteld in de FluenZ Adviesraad. ViaZorg Afsprakenkader Partners in Leren en Werken in Zorg en Welzijn Zeeland ViaZorg 2014 Vastgesteld in de FluenZ Adviesraad INHOUD Inleiding 1. Hoe kunnen de opleidingen kwalitatief beter en vooral uitdagender?

Nadere informatie

Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam

Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam PROFIEL Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam PublicSpirit drs. Marylin E.A. Demers Senior consultant Amersfoort, oktober 2014 Organisatie & context

Nadere informatie

De waarde(n) van weten

De waarde(n) van weten De waarde(n) van weten STRATEGISCHE AGENDA HOGER ONDERWIJS 2015-2025 9 oktober 2015 De HO tour Waarom veranderen? Leven en werken in een in toenemende mate onvoorspelbare, complexe en geglobaliseerde wereld.

Nadere informatie

VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS

VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS VOORBEREIDING OP HET HOGER ONDERWIJS WELKE MOGELIJKHEDEN HEB IK? 10-9-2015 COLLEGE DEN HULSTER 2 WELKE MOGELIJKHEDEN 1 HBO (73%) MBO (5%) VWO (5%) VAVO (10%) JE KEUZE UITSTELLEN (5%) EEN BAAN ZOEKEN (2%)

Nadere informatie

Toelatingsvoorwaarden nieuwe profielen

Toelatingsvoorwaarden nieuwe profielen ECONOMIE (ECONOMICS) Accountancy ec of (ec of ) + Accountancy (Associate degree) ec of (ec of ) + Bedrijfs ec of (ec of ) + Bedrijfskunde MER ec of ec of ec of maw of Commerciële Economie (CE) ec of ec

Nadere informatie

fr, Vere : Geachte mevrouw Bussemaker,

fr, Vere : Geachte mevrouw Bussemaker, t 0 4 fr, Vere : Hogeschoe1if Prinsessegracht 21 Postbus 123 2501 CC Den Haag t (070)31221 21 f(070)31221 00 Aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap - Mevrouw dr. M. Bussemaker Postbus 16375

Nadere informatie

Samenvatting aanvraag

Samenvatting aanvraag Samenvatting aanvraag Algemeen Soort aanvraag (kruis aan wat van toepassing Nieuwe opleiding is): Nieuw Ad programma Nieuwe hbo master Nieuwe joint degree 1 Verplaatsing bestaande opleiding Nevenvestiging

Nadere informatie

IPS EXCELLENTIEPROGRAMMA S STUDIEJAAR 2014-2015. Domein Health Instituut Paramedische Studies

IPS EXCELLENTIEPROGRAMMA S STUDIEJAAR 2014-2015. Domein Health Instituut Paramedische Studies IPS EXCELLENTIE STUDIEJAAR 2014-2015 Domein Health Instituut Paramedische Studies 2 Instituut Paramedische Studies Domein Health Excellentieprogramma s Paramedische Studies Uitdagende talentprogramma s

Nadere informatie

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Om in aanmerking te komen voor een subsidie tussen 25.000 en 65.000 euro moet een project aan de volgende criteria voldoen: 1. het project

Nadere informatie

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 TECHNUM in vogelvlucht Wat is Technum Welke participanten Waarom noodzakelijk Waar we voor staan Wat onze ambities zijn TECHNUM Zelfstandige onderwijsvoorziening

Nadere informatie

De tijdgeest voorbij JAARVERANTWOORDING 2013. Windesheim zet kennis in werking

De tijdgeest voorbij JAARVERANTWOORDING 2013. Windesheim zet kennis in werking De tijdgeest voorbij JAARVERANTWOORDING 2013 Windesheim zet kennis in werking JAARVERANTWOORDING 2013 De tijdgeest voorbij DEEL 1 - JAARVERSLAG 1. 2013: een selectie van nieuwsfeiten 02 2. Het Profiel

Nadere informatie

Op welke school zitten onze oud-werkers vmbo nu?

Op welke school zitten onze oud-werkers vmbo nu? In deze bijdrage geven de decanen van de drie afdelingen een indruk van de vervolgkeuzes van onze werkers. Die keuzes vertonen jaar in jaar uit natuurlijk fluctuaties, anderzijds geeft het beeld van één

Nadere informatie

Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied

Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied Show & Share 2008 Promoveren bij Hogeschool INHOLLAND Ad van Blokland, coördinator Promotieonderzoek Institute of Advanced Studies and Applied Research 1 Inhoud presentatie Waarom aandacht voor promoveren

Nadere informatie

Voorlopige opgave lotingstudies HBO Studiejaar 2015-2016

Voorlopige opgave lotingstudies HBO Studiejaar 2015-2016 Accountancy Hogeschool Utrecht 120 voltijd 94 Accountancy Hogeschool van Amsterdam 150 voltijd 100 2x 15 maart 2015 187 Ad Eventmanager Hogeschool Utrecht 130 voltijd 100 3x 15 maart 2015 1 Ad Operationeel

Nadere informatie

Opleidingen aanwezig op de oriëntatiemarkt

Opleidingen aanwezig op de oriëntatiemarkt Saxion Open 24 januari Deventer Opleidingen aanwezig op de oriëntatiemarkt Life Science, Design & Technology ROOD Economie, Management & Organisatie BLAUW - Archeologie - Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek

Nadere informatie

Arbeidsmarktagenda 21

Arbeidsmarktagenda 21 Arbeidsmarktagenda 21 Topsectoren en de HCA Voor de twee agrarische topsectoren is een Human Capital Agenda opgesteld met als doel, de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt te verbeteren, zowel

Nadere informatie

1 Beoordeling instellingsconversietabellen CDHO 1 2 Opheffing Hogeschool Positief advies CDHO: Engineering Engineering AOT Techniek(deeltijd) Einde instroom: 31-12-2011 Einde opleiding: 31-12-2016 Engineering

Nadere informatie

Quickscan ICT 2012 samenvatting

Quickscan ICT 2012 samenvatting Quickscan ICT 2012 samenvatting Vraag & aanbod personeel in de ICT sector KBB 2012.25 Curaçao, november 2013 Kenniscentrum Beroepsonderwijs Bedrijfsleven Curaçao kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven

Nadere informatie

Advies Hogeschool Rotterdam

Advies Hogeschool Rotterdam Advies Hogeschool Rotterdam De Reviewcommissie (hierna commissie) heeft kennis genomen van het voorstel van de Hogeschool Rotterdam (hierna HR) dat het College van Bestuur met de brieven van 3 mei 2012

Nadere informatie

CVO Groningen. Annemieke Galema en Jan Sikkema 18 september 2012

CVO Groningen. Annemieke Galema en Jan Sikkema 18 september 2012 CVO Groningen Annemieke Galema en Jan Sikkema 18 september 2012 Centrum voor Valorisatie en Ondernemerschap Stimuleren van kennisintensief ondernemerschap Drijvende krachten Valorisatie en Ondernemerschap

Nadere informatie

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut.

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. ONDERZOEKSRAPPORT Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. Introductie In het Human Capital 2015 report dat het World

Nadere informatie

TECHNIEKPACT GELDERLAND

TECHNIEKPACT GELDERLAND TECHNIEKPACT GELDERLAND Nederland is als kenniseconomie gelukkig weer terug is in de top 5 van meest concurrerende economieën in de wereld. Die positie is bereikt door innovatieve bedrijven en kennisinstellingen

Nadere informatie

Mogelijkheden voor partnerschap

Mogelijkheden voor partnerschap Mogelijkheden voor partnerschap Wat doet Kennispoort Regio Zwolle Kennispoort helpt innovaties realiseren. Ondernemers in de Regio Zwolle krijgen concreet onafhankelijk advies om innovaties in de praktijk

Nadere informatie

Infrastructuur landsdeel Zuidoost. 3 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 38 scholen en 13

Infrastructuur landsdeel Zuidoost. 3 hogescholen met bètatechniek 3 universiteiten Jet-Net: 38 scholen en 13 Facts & Figures 24 Deel II LANDSDEEL zuidoost De Human Capital Agenda Brainport 2 vormt de basis voor het regionaal Techniekpact van het landsdeel Zuidoost, bestaande uit de provincies Noord-Brabant en

Nadere informatie

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015 Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen woensdag 7 oktober 2015 Voor leerlingen van: Almende college, Ludger College, Ulenhof College, Rietveld Lyceum, Christelijk College Schaersvoorde, Liemers College,

Nadere informatie

Alle kinderen kunnen Roefelen Stichting Roefelen zoekt partners 2013-2017

Alle kinderen kunnen Roefelen Stichting Roefelen zoekt partners 2013-2017 Alle kinderen kunnen Roefelen Stichting Roefelen zoekt partners 2013-2017 Het is belangrijk dat kinderen al jong kennis maken met bedrijven en beroepen. Roefelen maakt dat mogelijk. De in 2011 opgerichte

Nadere informatie

Advies Rijksuniversiteit Groningen

Advies Rijksuniversiteit Groningen Advies Rijksuniversiteit Groningen De Reviewcommissie (hierna commissie) heeft kennisgenomen van het voorstel van de Rijksuniversiteit Groningen (hierna RUG) dat het College van Bestuur van de RUG met

Nadere informatie

ENTANGLE - Nieuwsbrief

ENTANGLE - Nieuwsbrief INHOUD Projectachtergrond 1 Projectomschrijving 2 Partners 3 Kick ck-off meeting in Brussel 4 Rethinking Education 4 Contactgegevens en LLP 5 ENTANGLE vindt zijn oorsprong in de dagelijkse praktijk binnen

Nadere informatie

Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid

Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid www.qompas.nl Januari 2015 Enquêteresultaten QSK & studiekeuzetevredenheid 1 Oordeel studenten/scholieren over Qompas en tevredenheid met betrekking tot

Nadere informatie

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juni 2014

Feiten en cijfers. HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo. juni 2014 Feiten en cijfers HBO-Monitor 2013: De arbeidsmarktpositie van afgestudeerden van het hbo juni 2014 Honderden Feiten en cijfers 2 Inleiding In deze factsheet staan de arbeidsmarktresultaten van hbo-afgestudeerden

Nadere informatie

De motor van de lerende organisatie

De motor van de lerende organisatie De motor van de lerende organisatie Focus op de arbeidsmarkt Naast het erkennen van leerbedrijven is Calibris verantwoordelijk voor ontwikkeling en onderhoud van kwalificaties in de sectoren zorg, welzijn

Nadere informatie

Nextport International community Zwolle Region

Nextport International community Zwolle Region Nextport International community Zwolle Region December 2014 1 Ideaalbeeld Zwolle 2020 Wat hebben we bereikt? We schrijven 2020. Regio Zwolle heeft een transitie doorgemaakt en wordt internationaal gezien

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Uw brief van Ons kenmerk Contactpersoon Zoetermeer. HBO/AS/2002/22534 25 juni 2002

Uw brief van Ons kenmerk Contactpersoon Zoetermeer. HBO/AS/2002/22534 25 juni 2002 OC enw Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 's-gravenhage Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen Europaweg 4 Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer Telefoon

Nadere informatie

Meerjarenafspraken OCW-HBO-raad

Meerjarenafspraken OCW-HBO-raad Bladnummer 1 Meerjarenafspraken OCW-HBO-raad Meerjarenafspraak tussen de minister van OCW en de HBO-raad ter uitvoering van Het Hoogste Goed, strategische agenda voor het hoger onderwijs - onderzoek- en

Nadere informatie

Business College Notenboom & Business School Notenboom

Business College Notenboom & Business School Notenboom University of Applied Sciences Business College Notenboom & Business School Notenboom Ondernemend Inspirerend Ambitieus MBO 4 in 2 jaar HBO-Ad in 2 jaar HBo in 3 of 4 jaar Transparant Persoonlijk Notenboom

Nadere informatie

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen maandag 5 oktober 2015

Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen maandag 5 oktober 2015 Voorlichtingsavond HBO & WO Opleidingen maandag 5 oktober 2015 Voor leerlingen van: Almende college, Ludger College, Ulenhof College, Rietveld Lyceum, Christelijk College Schaersvoorde, Liemers College

Nadere informatie

Advies Technische Universiteit Delft

Advies Technische Universiteit Delft Advies Technische Universiteit Delft De Reviewcommissie (hierna commissie) heeft kennisgenomen van het voorstel van de Technische Universiteit Delft (hierna TUD) dat het College van Bestuur met zijn brieven

Nadere informatie

Platform Bèta Techniek. Connect 05 2015. Chemiedag 2015. Hoe kunnen onderwijs en bedrijfsleven succesvol samenwerken?

Platform Bèta Techniek. Connect 05 2015. Chemiedag 2015. Hoe kunnen onderwijs en bedrijfsleven succesvol samenwerken? Platform Bèta Techniek Connect 05 2015 Chemiedag 2015 Hoe kunnen onderwijs en bedrijfsleven succesvol samenwerken? Succesvolle samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven is de basis voor groei van

Nadere informatie

Techniek College Rotterdam

Techniek College Rotterdam Samenwerking Albeda / Zadkine Op weg naar: Techniek College Rotterdam Kwartaallezing 26 november 2015 1 overview: Waarom Techniek College Rotterdam? en de weg tot nu toe. Beleid Focus op Vakmanschap van

Nadere informatie

Profiel. Avans Hogeschool. Directeur Academie Gezondheidszorg

Profiel. Avans Hogeschool. Directeur Academie Gezondheidszorg Profiel Avans Hogeschool Directeur Academie Gezondheidszorg Avans Hogeschool Directeur Academie Gezondheidszorg Organisatie Avans Hogeschool is een brede hogeschool met ruim 54 hbo-opleidingen, 29.000

Nadere informatie

Van Kennisbrug naar KennisDC

Van Kennisbrug naar KennisDC Van Kennisbrug naar KennisDC Laat kennis stromen Dick van Damme Lector Logistiek Hogeschool van Amsterdam HAN, Arnhem, 31 januari 2013 Kennis DC Breda Kennis DC Nijmegen Kennis DC Rotterdam Kennis DC Venlo

Nadere informatie

Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo

Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo Onderzoeksrapport: zorgelijke terugloop leerwerkplekken mbo - Algemene daling in aantal mbo-studenten. Deze daling wordt grotendeels veroorzaakt door de afname van het aantal leerwerkplekken. - Vooral

Nadere informatie