Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden. -eindrapportage-

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden. -eindrapportage-"

Transcriptie

1 Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden -eindrapportage- "Mensen hebben recht op mobiliteit;ïdat Hóèft:êèhter niet per definitie automobiliteit te zijn" Opgesteld in opdracht van: Ministerie van Verkeer & Waterstaat Adviesdienst Verkeer en Vervoer drs. P. Jorritsma KPMG Bureau voor Economische Argumentatie Hoofddorp, 1 april 1997

2

3 Inhoud 0. Samenvatting en aanbevelingen Inleiding Achtergrond, doel en opzet van het onderzoek Leeswijzer Praktijkvoorbeelden Automobiliteitsrechten in de praktijk Andere verhandelbare rechten in de praktijk Leerpunten Methodiek en criteria Het instrumentarium van de overheid Het instrument verhandelbare (automobiiiteits-) rechten Systeemontwerp: componenten van een systeem van VAR Criteria De componenten van een systeem van VAR: mogelijke praktische invulling De eerste component: het aangrijpingspunt De tweede component: de verdeelsleutel De derde component: wijze van verstrekking Toetsing aan de criteria Toetsing van de aangrijpingspunten Toetsing van de verdeelsleutels Wijze van verstrekking Selectie van vier verschijningsvormen Uitwerking van de vier verschijningsvormen Limitering van het aantal voertuigkilometers Limitering van het aantal ritten Limitering van de verkoop van brandstof Stellen van technische standaarden aan de autofabrikanten Conclusie en aanbevelingen...73 Bijlagen...77

4

5 KPÜG Bureau voor Economische Argumentatie B.V. 0. Samenvatting en aanbevelingen Achtergrond en doel van het onderzoek De automobiliteit neemt nog steeds in omvang toe en de expansie van het hoofdwegennet houdt sinds geruime tijd niet langer gelijke tred met de vraag naar infrastructuurcapaciteit. Bovendien is de groei, zo blijkt in de praktijk, moeilijk in te dammen. "Nederland dreigt dicht te slibben", zo constateert V&W in de nota "Samen werken aan bereikbaarheid' (SWAB) 1. Het openbaar vervoer als alternatief voor de personenauto is kwalitatief nog onvoldoende en de uitvoering van het SVV-II heeft ook op andere onderdelen van het voorgestane beleid een achterstand opgelopen. In de SWAB, samen met de nota "Transport in Balans" te bestempelen als Tempo-nota, bepleit het kabinet versnelling van het SVV-II via een samenhangend pakket van maatregelen gericht op zowel de vraag als de aanbodzijde. Vooral in de stadsgewesten moet de vraag naar automobiliteit, met name in de spits, fors worden teruggedrongen. En hiervoor zet V&W allerlei verschillende instrumenten in: prijsmaatregelen, parkeerbeleid, vervoersmanagement, het versneld verbeteren van het openbaar vervoer en het verbeteren van de overige alternatieven. Met name het belang van prijsmaatregelen zoals variabilisatie, fiscale maatregelen en rekening rijden wordt zwaar benadrukt. Waar dat nog niet afdoende werkt moeten parkeerbeleid en vervoersmanagement uitkomst bieden. Maatschappelijke groeperingen onderstrepen de noodzaak tot tempoversnelling, zo mag worden opgemaakt uit de reactie van de Overlegorganen Personenvervoer en Goederenvervoer. En langzaam maar zeker is een kentering gaande voor wat betreft de inzet van het prijsbeleid. Waar tot voor enige jaren terug rekening rijden onbespreekbaar was, dringt nu langzaam het besef door dat -gegeven het streven naar duurzame ontwikkeling- de inzet van een dergelijk instrument bijna onontkoombaar is. Op het Ministerie wordt dan ook met voortvarendheid gewerkt aan de invoering ervan. Tegelijkertijd is er twijfel. Noodzaakt de relatieve prijsongevoeligheid van de Nederlandse automobilist niet tot schier onwaarschijnlijke (door de overheid opgelegde) tarieven? Onderzoek toont immers aan dat de Nederlandse automobilist de kosten van het autogebruik onderschat en tegelijkertijd de kosten van het alternatief (het openbaar vervoer) vaak overschat 2. Zo heeft het "kwartje van Kok", de laatste omvangrijke accijnsverhoging op de brandstof niet geleid tot een afname van de (groei van de) automobiliteit 3. Natuurlijk werpt een beleid dat primair een neerwaartse bijstelling van de groeicurve beoogt op termijn vruchten af, maar zal die bijstelling tijdig en voldoende zijn? Zie Verkeer en Waterstaat, september Zie het Rathenau Instituut (1995). Overigens hebben externe effecten (daling wereldolieprijzen) hier een belangrijke rol gespeeld. Beleidsmatige samenvatting

6 Bureau voor Economische Argumentatie B.V. Redenen te over om te blijven speuren naar instrumenten die metterdaad de groei afvlakken, die de realisatie van de doelstellingen van bereikbaarheid en leefbaarheid, dichterbij brengen én die op maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Mogelijk biedt een systeem van verhandelbare automobiliteitsrechten (VAR) een dergelijk perspectief. Het kenmerk van VAR is dat het systeem uitgaat van een van te voren vastgesteld doel, namelijk het beperken van een bepaald aspect van de automobiliteit binnen een bepaald plafond, én dat deze doelstelling in principe tegen de laagste kosten wordt bereikt. Zeker vanuit beleidsoptiek een zeer aantrekkelijk vooruitzicht! Kortweg gezegd werkt het instrument als volgt. Op basis van maatschappelijke overwegingen worden grenzen gesteld aan de groei of absolute omvang van de automobiliteit. Dit wordt vertaald in rechten waarbij een helder aangrijpingspunt is gekozen als kilometers, aantallen auto's of liters brandstof. Vervolgens ~~~~.,. ^ "Een systeem van VAR kan expliciet maken worden de rechten -volgens nader vast te stellen,,,.... wat iedereen eigenlijk al zou moeten wéten: regels- verdeeld over bestaande en/of potentiële,., _....,.. ook mobiliteit is een schaars goed" gebruikers van die rechten. Daarbij wordt direct of ' ; - op termijn schaarste gecreëerd. Vervolgens wordt aan het begrip verhandelbaar inhoud gegeven doordat de vragers en aanbieders van rechten met elkaar in de slag kunnen gaan om tot een optimale allocatie te komen van de ter beschikking staande (schaarse) rechten. Via marktwerking komen de beschikbare rechten daar terecht waar deze het meest benodigd zijn 4. Tegelijkertijd gaat er een constante prikkel van het instrument uit om zuinig (efficiënt) met de beschikbare rechten om te gaan. Het aantrekkelijke van VAR is dat maatschappelijk gestelde grenzen worden bereikt en tegelijkertijd binnen deze grenzen maximale individuele flexibiliteit is toegestaan. De Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) van het ministerie van Verkeer & Waterstaat heeft aan KPMG Bureau voor Economische Argumentatie (BEA) opdracht gegeven een inventariserend onderzoek uit te voeren naar de (on)mogelijkheden van het beleidsinstrument van verhandelbare automobiliteitsrechten (VAR) voor het toekomstige mobiliteitsbeleid. Het onderzoek is bedoeld om een strategische discussie over de inzet van dit type instrument te voeden. In het navolgende wordt aan de hand van vier mogelijke verschijningsvormen van een systeem van VAR de inrichting en werking beschreven. Het gaat om een globale schets: een gedetailleerde technische beschrijving is nog niet aan de orde. Het rapport belicht met name de beleidsimplicaties en geeft een aantal aanbevelingen. Eerst wordt echter aangetoond dat het nog zo gek niet is om over een systeem van VAR na te denken. Hierbij wordt er impliciet van uitgegaan dat degenen die de meeste waarde aan de rechten hechten er ook het meeste voor willen betalen. Koopkracht speelt dus ook een rol. Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

7 Bureau voor Economische Argumentatie B.V. Ervaringen in het buitenland Systemen van verhandelbare rechten zijn in het buitenland reeds vaker in de praktijk toegepast. Veelal op het gebied van emissies (van productieprocessen), maar ook op het gebied van de automobiliteit. Met name in de Verenigde Staten is het instrument meerdere malen toegepast. Op het moment is bijvoorbeeld een systeem van verhandelbare SO S - emissierechten in werking waarbij verschillende (grote) elektriciteitscentrales zijn betrokken. De centrales hebben emissierechten toebedeeld gekregen op basis van hun historisch brandstofverbruik. Deze rechten kunnen ze gebruiken voor hun eigen productie, maar ze kunnen de rechten ook bewaren voor de toekomst en/of verkopen aan andere centrales. In het verleden heeft een soortgelijk systeem een belangrijke rol gespeeld bij de reductie van het loodgehalte in de benzine. Tussen 1982 en 1987 is het loodgehalte in de benzine in de VS gedaald van 1,1 naar 0,1 gram per gallon. De inzet van een systeem van verhandelbare rechten heeft hierbij een kostenbesparing gerealiseerd tussen de $65 en $200 miljoen. Naast dit programma gericht op de brandstofindustrie is in de VS eveneens een programma gericht op de auto-industrie van toepassing geweest, en wel tussen 1975 en Doel van dit Corporate Average Fuel Economy (CAFÉ) programma was het verhogen van de gemiddelde energie-efficiency van 18 mijl per gallon in 1978 tot 27,5 mijl per gallon in Is (en wordt) in Amerika gewerkt met systemen gericht op de industriële aanbieders, in Singapore is (sinds 1990) een systeem van toepassing waarbij het maximale aantal voertuigen -dat per maand verkocht mag worden- is gelimiteerd. De particuliere burgers zijn binnen dit systeem onderwerp van regulering. Rechten benodigd om een auto aan te schaffen waren eind 1994 niet minder dan zo'n SS waard: autobezit is een dure aangelegenheid in Singapore, en niet voor iedereen bereikbaar. Een minder succesvol voorbeeld van gelimiteerde automobiliteit betreft Mexico-city waar, afhankelijk van het laatste nummer op de nummerplaat, auto's alleen op bepaalde dagen mochten rijden. Gevolg was dat veel huishoudens een tweede, vaak oude en daardoor relatief zwaar vervuilende, auto kochten. De maatregel bleek contraproductief: het autopark nam toe. En daarmee de luchtvervuiling, het energiegebruik en de parkeerproblemen. De ervaringen in het buitenland wijzen erop dat een systeem van verhandelbare rechten de mogelijkheid biedt om een gegeven reductie (of beperking van de groei) van een bepaalde grootheid tegen de laagste kosten te realiseren. Wel is het zaak om de inrichting van het systeem zeer zorgvuldig vorm te geven aangezien anders allerlei ongewenste neveneffecten op kunnen treden (zie Mexico city). Vier verschijningsvormen nader uitgewerkt Naast een grondige verkenning van allerlei deelaspecten van VAR is in dit onderzoek gekozen voor de nadere uitwerking van vier verschijningsvormen: een systeem van VAR gebaseerd op voertuigkilometers; een systeem van VAR gebaseerd op het aantal autoritten: een systeem van VAR aan de aanbodzijde van de markt gebaseerd op brandstof; een systeem van VAR waarbij technische standaarden aan de fabrikanten van Beleidsmatige samenvatting

8 K Bureau voor Economische Argumentatie B.V. auto's worden gesteld. In het rapport worden de verschijningsvormen getoetst aan enkele criteria zoals: doeltreffendheid, doelmatigheid, uitvoerbaarheid & handhaafbaarheid en legitimiteit & maatschappelijke haalbaarheid. Twee van de onderzochte verschijningsvormen zijn gericht op de vraagzijde van de mobiliteitsmarkt: de bedrijven en particulieren die gebruik willen maken van automobiliteit. De laatste twee verschijningsvormen zijn, in navolging van de ervaringen in de VS, gericht op de aanbodzijde van de markt: de brandstofindustrie, respectievelijk de fabrikanten (of dealers) van auto's. Limitering van het aantal voertuigkilometers Deze verschijningsvorm geldt voor zowel het particulier verkeer, het zakelijk verkeer als het vrachtverkeer. Van overheidswege wordt een plafond gesteld aan de hoeveelheid voertuigkilometers die de betreffende verkeerscategorie, gedurende een bepaalde periode in een bepaald gebied mag rijden. Deze verschijningsvorm kent niet één specifiek doel, maar brengt een aantal doelstellingen tegelijkertijd dichterbij: vermindering van de congestie, verbetering van de milieukwaliteit en vermindering van de CO,-uitstoot. Een aantal kenmerken van deze variant is vermeld in de volgende tabel. Tabel 0.1. Belangrijkste kenmerken van het voorgestelde systeem verkeerscategorie particulier verkeer zakelijk verkeer vrachtverkeer tijdsperiode verdeelsleutel verstrekking maand bevolking 18-r gratis maand veiling maand veiling Bron: KPMG Bureau voor Economische Argumentatie Als verdeelsleutel wordt voor het particulier verkeer de gehele bevolking boven de 18 jaar genomen. De rechten worden gratis verstrekt. Voor het zakelijke en goederenverkeer wordt gekozen voor een veiling. De rechten zijn uitwisselbaar (3 personenautokilometers zijn bijvoorbeeld gelijk aan 1 vrachtwagenkilometer), en kunnen verhandeld worden. Deze verschijningsvorm leidt tot een verdere variabilisatie van de kosten van de automobiliteit. Voor het vrachtverkeer geldt dat een extra stimulans zal ontstaan om de beladingsgraad van de vrachtwagens te verhogen, evenals er een stimulans voor het zakelijke en particulier verkeer bestaat om te gaan carpoolen of om een andere vervoerswijze te kiezen. Het systeem is in dit opzicht zeer doelmatig, omdat mobiliteitsbeperkende maatregelen door bedrijven en burgers daar zullen worden genomen waar ze tegen de laagste kosten uitvoerbaar zijn: het zogenaamde niet-noodzakelijke verkeer zal als eerste worden verminderd. Vanzelfsprekend zijn er nogal wat haken en ogen verbonden aan de invoering. De internationale context is er een (treedt steeds op): hoe passen buitenlandse kentekens in het systeem en hoe wordt het gelijkheidsbeginsel gewaarborgd? Een ander mogelijk knelpunt Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

9 KPM& Bureau voor Economische Argumentatie B.V. is de handhaafbaarheid. De controle via een chipcardsysteem is echter (in theorie althans) denkbaar, ledere particulier ontvangt binnen dit systeem een chipcard waarop zijn (resterende) rechten staan. In elke auto wordt vervolgens een zwarte doos 5 geïnstalleerd die de chipcard kan aflezen en bij elke rit de benodigde rechten van de chipcard zal afschrijven. Een probleem is zeker ook de positie van de transporteur als internationale dienstverlener: kan concurrentievervalsing voorkomen worden? Het laatste struikelblok is de onderlinge uitruilverhouding tussen het personenautoverkeer en het vrachtverkeer. Limitering van het aantal ritten Deze verschijningsvorm geldt alleen voor het particulier en zakelijk verkeer en is niet van toepassing voor het vrachtverkeer. Voor het vrachtvervoer zijn voor de korte ritten immers veel minder reële alternatieven zoals de fiets, het openbaar vervoer of wandelen beschikbaar. Het doel van deze verschijningsvorm is met name het verbeteren van de leefbaarheid van de stedelijke omgeving, mede via verbreking van het gewoontegedrag. De verwachting is dat met name korte ritten met de auto vermeden zullen worden. Juist korte ritten veroorzaken veel overlast in het stedelijk gebied, leiden tot onevenredig hoge emissies en dragen sterk bij aan het aanleren en bestendigen van gewoontegedrag. Tabel 0.2. Belangrijkste kenmerken van het voorgestelde systeem verkeerscategorie particulier verkeer zakelijk verkeer tijdsperiode verdeelsleutel verstrekking maand bevolking 1 8+ gratis maand veiling Bron: KPMG Bureau voor Economische Argumentatie Als verdeelsleutel wordt evenals bij de eerste verschijningsvorm gekozen voor de gehele bevolking boven de 18 jaar, gecombineerd met een gratis verstrekking. Voor het zakelijk verkeer kan een veiling worden georganiseerd. De ritten zullen verhandelbaar zijn. De controle kan wederom via een chipcardsysteem plaatsvinden. Naast de al eerder vermelde hoge eisen aan de technologie vormt de maatschappelijke haalbaarheid een vraagpunt. Verwacht mag worden dat deze specifieke vorm van VAR moeilijk te communiceren zal zijn: er wordt bijvoorbeeld niet geheel voldaan aan het criterium "de vervuiler betaalt". Een rit van 2 kilometer kost immers evenveel rechten als een rit van 200 kilometer. Hiermee wordt apparatuur bedoeld waarmee allerlei gegevens over het rijgedrag geregistreerd kunnen worden. Beleidsmatige samenvatting

10 B.V. Limitering van de verkoop van brandstof Deze verschijningsvorm is gericht op de aanbodzijde van de markt, en is eigenlijk alleen via internationale samenwerking mogelijk. Het doel is met name de bestrijding van de klimaatverandering via de reductie van de COj uitstoot door het wegverkeer; indirect worden andere doelstellingen in de kaart gespeeld. Als verstrekkingswijze wordt gekozen voor een veiling (op jaarbasis). Dit voorkomt dat een toetredingsbarrière voor nieuwe marktpartijen wordt opgeworpen. Als verdeelsleutel (de partijen die toegang hebben tot de veiling) kan het beste op het niveau van de detaillist worden ingestoken. De controle op het niveau van de detaillist is goed mogelijk. Nederland kan dit systeem feitelijk niet alleen introduceren: waterdichte controle aan de grens is een utopie. De keuze voor een veiling op jaarbasis voorkomt dat van overheidswege een nauwkeurige voorspelling van de maandelijkse (of wekelijkse) fluctuaties noodzakelijk is. Een nadeel van deze methode is echter dat deelnemende partijen een forse investering aan het begin van het jaar moeten doen, wat kleine marktpartijen kan benadelen. Een tweede nadeel is het risico dat de rechten vóór het einde van het jaar al "op" zijn. Het is niet duidelijk of marktpartijen in dat geval zouden durven speculeren op verruiming van het plafond van overheidswege. Het gevolg voor de vragers van brandstof (particulieren en bedrijfsleven) van dit systeem van VAR zal bestaan uit een prijsverhoging van benzine (benzine wordt immers schaarser). Hierdoor zal enerzijds het gebruik van zuiniger auto's gestimuleerd worden en anderzijds een prikkel bestaan om minder kilometers te rijden (en dus minder brandstof te gebruiken). Stellen van technische standaarden aan de autofabrikanten Bij deze verschijningsvorm stelt de overheid een standaard, norm, waar de producenten van voertuigen aan moeten voldoen. Deze standaard kan betrekking hebben op diverse technische kenmerken van het voertuig. Wanneer de door producenten geproduceerde en verkochte voertuigen de voorgeschreven norm onderschrijden. dan ontvangen zij hiervoor 'credits'. Het aantal credits is afhankelijk van de mate waarin men de standaard onderschrijdt en het aantal voertuigen dat wordt verkocht/geproduceerd. Omgekeerd geldt dat het overschrijden van de norm credits kost. Een producent die (tijdelijk) niet aan de standaard kan voldoen, heeft de mogelijkheid om credits aan te schaffen, en kan zijn productie op peil houden. Bij deze vorm van VAR bestaat er geen probleem voor wat betreft de verdeling van de rechten omdat deze door de bedrijven zelf verdiend worden. De mogelijkheid bestaat om de standaard in de loop van de tijd verder aan te scherpen. Bedrijven kunnen daarom ook besluiten om hun credits niet te verkopen maar te bewaren om deze te gebruiken op het moment dat de standaard wordt aangescherpt en zij daar op korte termijn niet aan kunnen voldoen. Ook bestaat de mogelijkheid voor bedrijven die meerdere modellen produceren om binnen de onderneming te compenseren. Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

11 KPM& Bureau voor Economische Argumentatie B.V. Het doel van deze verschijningsvorm is het bereiken van bepaalde leefbaarheids- en milieudoelstellingen door de schadelijke emissies van voertuigen te verminderen. Bedacht moet worden dat de totale emissies niet gemaximeerd worden, maar 'slechts" de gemiddelde emissie per (nieuw gefabriceerd) voertuig. Het instrument is dus niet volledig effectief voor macro-doelstellingen. Het instrument is echter wel heel doelmatig: de normen zullen tegen de laagste kosten worden behaald. De controle en handhaafbaarheid is gegeven het beperkte aantal verkooppunten relatief eenvoudig te verzekeren. De maatschappelijke haalbaarheid lijkt goed: consumenten krijgen schonere en efficiëntere auto's (weliswaar tegen iets hogere prijzen) maar worden zelf niet in hun mobiliteitspatroon aangetast. De ervaringen in de Verenigde Staten laten zien dat het tussen bedrijven verhandelbaar maken van credits, en de mogelijkheid om credits mee te nemen naar een volgende periode, tot aanzienlijke kostenbesparingen kan leiden. Aan de kant van de fabrikanten ontstaan dus efficiencywinsten. Het voordeel vanuit milieuoogpunt is dat in ruil voor deze efficiencywinsten scherpere normen kunnen worden gesteld. Zo kan een win-win situatie ontstaan. Een punt van zorg is de kans op strategisch marktgedrag vanwege het kleine aantal aanbieders. Voorlopers kunnen op een gegeven moment volgers of nieuwe toetreders uit de markt drukken als ze zich het merendeel van de beschikbare rechten toe weten te eigenen. Conclusies en aanbevelingen De vier verschijningsvormen maken duidelijk dat een systeem van VAR vanuit het beleidsperspectief gezien aantrekkelijke eigenschappen bezit. Met de VAR kunnen grenzen aan (de gevolgen van) de mobiliteits(groei) worden gesteld terwijl tegelijkertijd individuele flexibiliteit wordt toegestaan. Daarbij is het mogelijk om verschillende facetten van de automobiliteit te limiteren. Voor de industrie schept een systeem van VAR een kader waarbinnen zij de benodigde maatregelen tegen de laagste kosten kan treffen. Verwacht mag dan ook worden dat introductie van een systeem van VAR op minder verzet zal stuiten dan de introductie van scherpe(re) normen sec. Een verschijningsvorm van VAR gericht op de vraagzijde van de mobiliteitsmarkt (particulieren en bedrijven) biedt zowel flexibiliteit aan individuele partijen als een voortdurende aansporing om te komen tot een zo goed mogelijke aanwending van de schaarse mobiliteitsmogelijkheden. Een systeem van VAR kan alleen worden ingevoerd als er voldoende waarborgen zijn voor een soepele invoering en handhaving. Voor wat de invoering betreft moet het mogelijk zijn overeenstemming te verkrijgen over de toe te passen verdeelsleutels. Een belangrijke voorwaarde voor handhaving van een VAR op basis van kilometers of ritten is technische Beleidsmatige samenvatting

12 Bureau voor Economische Argumentatie B.V. equipement voor registratie van verbruikte rechten en de (nog) beschikbare rechten. Voor beide problemen zijn echter nu al oplossingen aan te dragen of liggen oplossingen in het verschiet. Veel lastiger ligt het vraagstuk van de Europese inpassing: is er wel ruimte (te maken) om zo'n systeem in te voeren? Een belangrijk vraagstuk betreft de reactie van de markt: kunnen partijen worden overtuigd van de in zekere zin elegante werking van een systeem van VAR. En hoe reageren de actoren in de praktijk: welke marktposities worden betrokken? Gaan automobilisten massaal hun rechten aanbieden aan de vrachtsector? Al met al staan er nog veel vraagpunten open. Dat neemt echter niet weg dat het concept verhandelbare automobiliteitsrechten uit beieidsoogpunt over aantrekkelijke eigenschappen beschikt. Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

13 1. inleiding 1.1. Achtergrond, doel en opzet van het onderzoek De Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) van het ministerie van Verkeer & Waterstaat heeft aan KPMG Bureau voor Economische Argumentatie (BEA) opdracht gegeven een inventariserend onderzoek uit te voeren naar het beleidsinstrument van verhandelbare automobiliteitsrechten (VAR). Achtergrond van het onderzoek De automobiliteit neemt nog steeds in omvang toe en de groei is, zo blijkt in de praktijk, moeilijk in te dammen. Ook het maatschappelijk draagvlak voor maatregelen die worden genomen wordt vaak als onvoldoende ervaren. Redenen om te blijven speuren naar instrumenten die metterdaad die groei afvlakken én op maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Mogelijk biedt een systeem van VAR (bijlage 1 bevat een lijst met afkortingen) hiertoe mogelijkheden. Dit is een instrument waarbij maatschappelijk gestelde grenzen aan de groei of absolute omvang van de automobiliteit worden gesteld, terwijl daarbinnen individuele flexibiliteit wordt toegestaan. Via de verdeling van de rechten kan de overheid tevens rekening houden met aspecten van sociale rechtvaardigheid. Besloten is om dit onderzoek alleen te richten op de automobiliteit en andere vormen van mobiliteit niet bij het systeem te betrekken. Hiervoor is gekozen omdat het beleid van de overheid zich met name richt op het terugdringen van de automobiliteit. Bij een systeem van VAR stelt de overheid een maximaal toegestane hoeveelheid -een plafond- vast voor een bepaald aspect van de automobiliteit. Dit kan bijvoorbeeld een aantal autokilometers of een bepaalde hoeveelheid brandstof zijn. Dit plafond is gebonden aan een bepaald gebied en geldt gedurende een vastgestelde periode. De overheid verdeelt dit plafond vervolgens in de vorm van gebruiksrechten. Bedrijven en burgers kunnen zelf beslissen wat zij met deze rechten doen: verkopen dan wel gebruiken. Indien de behoefte aan automobiliteit groter is dan de hoeveelheid toegewezen rechten bestaat de mogelijkheid om rechten te kopen. Een systeem van VAR is sterk verwant met het concept van verhandelbare eigendomsrechten. Anno 1996 worden systemen van verhandelbare eigendomsrechten algemeen geaccepteerd als een in theorie doelmatig beleidsinstrument en zijn reeds verschillende systemen in de praktijk gebracht. Het meest grootschalige voorbeeld is het programma van de verhandelbare SO,-emissierechten voor elektriciteitscentrales in de Verenigde Staten. Dichter bij huis bestaan vergelijkbare systemen in de Nederlandse agrarische sector zoals de melkquota, waarbij een plafond is gesteld aan de zuivelproductie. Inleiding

14 Doel van het onderzoek Het onderzoek houdt het instrument VAR tegen het licht en bekijkt of het instrument in de toekomst wellicht een rol zou kunnen spelen in het overheidsbeleid. Het onderzoek richt zich op het strategische niveau. Een gedetailleerde uitwerking van een systeem van VAR valt derhalve buiten het bereik van dit onderzoek. Opzet van het onderzoek Via literatuuronderzoek en diepte-interviews met experts (zie bijlage 2) zijn economische, technische, gedragskundige en juridische aspecten die samen (kunnen) hangen met een systeem van VAR onderzocht. Daarbij is in eerste instantie nagegaan uit welke componenten een systeem van VAR is opgebouwd. Vervolgens is een inventarisatie gemaakt van de mogelijke invullingen van deze componenten. Deze zijn getoetst op de relevante criteria doeltreffendheid, doelmatigheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid en maatschappelijke haalbaarheid en legitimiteit. Tenslotte zijn, in overleg met de opdrachtgever, vier verschijningsvormen geselecteerd die nader zijn uitgewerkt: een systeem van VAR gebaseerd op voertuigkilometers; een systeem van VAR gebaseerd op het aantal autoritten; een systeem van VAR aan de aanbodzijde van de markt gebaseerd op brandstof; een systeem van VAR waarbij technische standaarden aan de fabrikanten van auto's worden gesteld. Bij deze nadere uitwerking is bekeken hoe de geselecteerde verschijningsvormen in de praktijk uitgevoerd kunnen worden. Hierdoor wordt enig inzicht verkregen in de zaken die daarbij komen kijken en het soort problemen waar tegen op wordt gelopen. Via gesprekken met vertegenwoordigers van verschillende maatschappelijke partijen (zie bijlage 2) zijn opvattingen over de VAR geïnventariseerd en de vier uitgewerkte verschijningsvormen besproken. De uitkomsten van deze gesprekken zijn in het rapport verwerkt Leeswijzer Het rapport voert de lezer langs de redenatie die het projectteam tot de uiteindelijke keuze van de vier geselecteerde verschijningsvormen heeft gebracht. In eerste instantie is via een internationale literatuurstudie geïnventariseerd welke systemen van VAR en andere verhandelbare rechten reeds in de praktijk zijn toegepast. Hoofdstuk 2 bevat een overzicht van de meest relevante praktijkvoorbeelden en de belangrijkste leerpunten uit de praktijk. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het ontwerp van een systeem van VAR: uit welke componenten is een systeem van VAR opgebouwd. Daarnaast worden de criteria geformuleerd waaraan deze getoetst worden. Hoofdstuk 4 gaat in op de mogelijke verschijningsvormen van de elementen waaruit een systeem van VAR bestaat. In hoofdstuk 5 vindt de toetsing aan de in hoofdstuk 3 geformuleerde criteria plaats. Uiteindelijk worden vier verschijningsvormen gekozen die in hoofdstuk 6 nader uitgewerkt worden. Hoofdstuk 7 besluit met conclusies en aanbevelingen. 10 Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

15 De snelle lezer kan eventueel volstaan met de hoofdstukken 2, 3, 6 en 7. Hoofdstuk 4 en 5 geven een overzicht van het denkproces dat tot de selectie van de vier verschijningsvormen heeft geleid, en zijn voor de voornaamste conclusies en aanbevelingen minder relevant. Gedurende het onderzoek is een groot aantal gesprekken gevoerd met belangenpartijen, beleidsmakers en externe deskundigen. In kadertjes (zoals deze) zijn door de tekst heen citaten uit deze interviews afgedrukt. De lezer krijgt hierdoor een beeld van de variëteit aan meningen en opinies die het onderzoeksteam is tegengekomen. Het is hier dan ook de plaats om de gesprekspartners hartelijk te danken voor hun medewerking en positief-kritische opstelling. Het is overigens niet zo dat de vermeldde citaten een representatieve weergave vormen van de vele interviews. De namen van de gesprekspartners zijn opgenomen in bijlage 2. 'Uitzonderingen moeten bij een systeem van VAR zoveel mogelijk worden voorkomen. Het is beter om als overheid te bemiddelen bij het opzetten van alternatieven, bijvoorbeeld via het 'poolen' van de rechten van invaliden die vervolgens -veel efficiënter- in busjes reizen Inleiding 11

16

17 2. Praktijkvoorbeelden In dit hoofdstuk worden enkele praktijkvoorbeelden van systemen van (verhandelbare) rechten kort besproken. 6 Het doel daarvan is belangrijke leerpunten te isoleren en vast te stellen welke sterke en minder sterke eigenschappen van systemen van verhandelbare rechten in de praktijk aan het licht komen. In paragraaf 2.1 worden alle reeds bestaande systemen van (verhandelbare) automobiliteitsrechten besproken. Daarna komen in paragraaf 2.2 enkele relevante systemen van verhandelbare rechten aan de orde. De focus is daarbij gericht op de meest bekende systemen. Ook enkele Nederlandse systemen komen daarbij aan bod. Afsluitend zullen de belangrijkste leerpunten kort samengevat worden Automobiliteitsrechten in de praktijk Het 'Vehicle Quotation System' in Singapore Aanleiding Singapore is een stadstaat op het zuidelijke puntje van het Maleisisch schiereiland. Op een oppervlakte van 260 vierkante kilometer wonen zo'n drie miljoen mensen. Sinds 1965 is de economie jaarlijks met gemiddeld 6,5% gegroeid. Dit heeft geleid tot een sterke groei van het autobezit. In de jaren '80 nam het aantal geregistreerde motorvoertuigen toe van 164 tot meer dan 270 duizend. Om deze groei in te dammen ging in mei 1990 in Singapore het 'Vehicle Quotation System' (VQS) van start. Ontwerp van het systeem Hierbij moet iedereen die een auto wenst aan te schaffen over een 'Certificate of Entitlement' (COE) beschikken. Deze COE's worden eens in de drie maanden op een veiling te koop aangeboden en geven gedurende een periode van zes maanden het recht om een motorvoertuig aan te schaffen. De COE verloopt na 10 jaar en kan dan verlengd worden. Hiervoor moet de gemiddelde prijs over de laatste twaalf maanden betaald worden. De COE's zijn onderverdeeld in acht verschillende categorieën, afhankelijk van de motorinhoud en het soort voertuig: kleine auto's (<1000 cc), middelgrote auto's ( cc), grote auto's ( cc), luxe auto's (>2000 cc), vrachtauto's en bussen, motorfietsen, een 'open' categorie en de weekend auto's. Deze indeling in categorieën is gemaakt om te voorkomen dat alleen de bovenlaag van de bevolking nog over auto's zou kunnen beschikken. Het aangeboden aantal COE's wordt door de overheid vastgesteld op basis van de situatie op de Singaporese wegen in de voorafgaande periode en de groei van de capaciteit hiervan. De prijs is gelijk aan die van het laagste nog gehonoreerde bod op de veiling. Naast de korte bespreking in dit hoofdstuk is naar enkele systemen een uitgebreidere studie verricht. De resultaten hiervan zijn in bijlage 3 te vinden. Praktijkvoorbeelden 13

18 Werking van het systeem Bij invoering van het systeem in mei 1990 bestond de mogelijkheid om de COE's te verhandelen. Zo ontstond er een secundaire markt in COE's. In oktober 1991 werd besloten om voor een proefperiode van een jaar de COE's niet langer verhandelbaar te maken. Deze proefperiode is tot op heden van kracht. Ook werd besloten om de veiling maandelijks in plaats van driemaandelijks te houden en de geldigheidsduur van zes naar drie maanden terug te brengen. De reden hiervoor was het feit dat de prijzen van de COE's sterk waren gestegen (zie Figuur 2.1). Het vermoeden bestond dat speculatie hiervan de oorzaak was. In de krant verschenen verhalen over speculanten die grote winsten maakten met de handel in COE's. Er waren ook andere aanwijzingen dat er met de rechten gespeculeerd werd zoals het feit dat meer dan 80% van de auto's gekocht werd met COE's die op de secundaire markt waren aangeschaft. Figuur 2.1. Prijzen in US$ van de COE's voor verschillende categorieën auto's "kleine" auto's open categorie mei sep jan mei sep jan mei sep Bron: Koh en Lee (1994), bewerking KPMG Bureau voor Economische Argumentatie Na de invoering van het verbod op handel in COE's nam het aantal aanvragen sterk af en namen in eerste instantie ook de prijzen af. Deze prijsdaling viel echter samen met het begin van de Golfoorlog. Na het einde van de golfoorlog stegen de prijzen vervolgens weer sterk. Hiervoor zijn "Bij de invoering van een systeem van VAR wordt de status van autorijden alleen maar verder verhoogd, waardoor alternatieven als het OV en carpoolen nog sterker het imago krijgen van een vervelende noodzaak' verschillende verklaringen aan te voeren. Zo hadden bepaalde overheidsmaatregelen een prijsopdrijvend effect, en er bleken diverse mogelijkheden om alsnog in COE's te handelen hetgeen de mogelijkheid van speculatie 14 Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

19 KPMG- Bureau voor Economische Argumentatie openhield 7. Waarschijnlijk speelde de economische situatie echter een belangrijker rol. Figuur 2.2 geeft aan dat de prijzen eind 1994 hun hoogtepunt bereikten. Figuur2.2. Prijzen in SS van de COE's voorde verschillende categorieën auto's ^ - kleine auto - middelgroot groot - luxe - open O -i- a & ~ I l ^ Q. A ^o Bron: Koh en Lee (1994), bewerking KPMG Bureau voor Economische Argumentatie De benzinerantsoenering van 1974 Aanleiding In januari 1974 werd in Nederland de benzine gerantsoeneerd. Aanleiding hiertoe was de olieboycot waartoe de Arabische Liga had besloten. Deze wilde hiermee de landen straffen die Israël hadden gesteund ten tijde van de oorlog om de bezette gebieden. De overheid schatte dat het brandstofgebruik in Nederland met 15% beperkt diende te worden. In reactie hierop besloot de regering in eerste instantie tot de invoering van een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur en autoloze zondagen. De benodigde vermindering in het benzineverbruik werd echter niet gerealiseerd en met name de horeca leed veel schade. Over een breed front werd dan ook gezocht naar een alternatief. Begin november pleitten de automobilistenbonden. KNAC, ANWB. BOVAG en RAI eensgezind voor een bonnensysteem voor de benzinedistributie. De overheid besloot dan ook tot de invoering van een bonnensysteem dat op 7 januari 1974 van kracht zou worden. Ontwerp van het systeem Uitgangspunt bij het ontwerp van het systeem was dat alle particulieren evenveel brandstof zouden mogen verbruiken en dat het economisch leven zoveel mogelijk zijn normale gang zou kunnen blijven gaan. Hiertoe werd bij de verdeelsleutel een onderscheid gemaakt tussen zakelijk, particulier en goederenverkeer. Zie bijlage 3 voor een meer gedetailleerde uitleg. Praktijkvoorbeelden 15

20 Voor particulieren werd uitgegaan van een reductie in het brandstofgebruik van 40%. Voor het zakelijk verkeer werd een aparte regeling getroffen. Als richtlijn gold een reductie van 25% in het brandstofgebruik. Het woon-werkverkeer werd overigens niet tot het zakelijk verkeer gerekend. Uitzonderingen waren er onder andere voor het vrachtverkeer en voor kleine zelfstandigen. De verstrekking van de bonnen was gratis. Deze waren vrij verhandelbaar al heeft dit niet op grote schaal plaatsgevonden. Werking van het systeem De grootste problemen bij de invoering van het systeem deden zich voor bij de verdeling van de benzinebonnen voor het zakelijk verkeer. Deze konden slechts kort voor de in werking treding van het systeem, vijf dagen, aangevraagd worden. Dit had een grote administratieve chaos tot gevolg. Besloten werd om de aanvangsdatum een week te verschuiven. Op 12 januari ging het systeem van start. Al snel kwam het grote manco van het systeem aan het licht: de buitenlandse pompstations. Omdat de benzine in de buurlanden niet gerantsoeneerd was, werd het erg aantrekkelijk om over de grens te tanken. Dit effect had op zich geen invloed op de doelmatigheid van het systeem. Het doel. beperking van het gebruik.,,,.,.,, ''Een systeem van VAR is een beleidsinstruvan de Nederlandse brandstofvoorraad, kwam,.,...,-., ment voor de lange termijn. Op de lange hierdoor immers niet m gevaar. Een probleem was,,,,,, termijn is het echter juist overbodig, omdat echter wel dat de omzet van de pomphouders m de r-, -,,., ^. t. L. * L. r., t e Qen die tijd langs het technologische spoor grensstreken aanzienlijk daalde. Om toch het hoofd,.,,, oplossingen zullen worden gevonden" boven water te houden gingen veel pomphouders over tot de verkoop van benzine zonder hiervoor bonnen te vragen. Dit gebeurde op zo'n grote schaal dat justitie niet in staat bleek hiertegen op te treden. Dat dit mogelijk was zonder dat de pomphouders een gebrek aan benzine kregen, bewees dat er enkele lekken in het systeem zaten. Eind januari werd bekend dat de olietoevoer weer op gang kwam en de regering kondigde aan dat begin februari een einde aan de benzinedistributie zou komen. Op 25 januari echter maakte de BOVAG, waarin 95% van de pomphouders georganiseerd waren, bekend dat haar leden benzine zonder bonnen zouden gaan leveren. Dit betekende het einde van het systeem. Gevolgen van het systeem Voor de invoering van het systeem werden de meest onheilspellende gevolgen van de benzineschaarste voorspeld. Zo was een vrij algemeen heersende verwachting dat de economie in een recessie zou geraken en dat de werkloosheid zou verdubbelen. Achteraf kan gesteld worden dat de gevolgen van de benzinerantsoenering beperkt zijn gebleven. De werkloosheid is in Nederland gedurende het eerste kwartaal van 1974 met slechts een half procent punt toegenomen. Ook is er nooit werkelijk sprake geweest van schaarste aan bepaalde producten. Dat de gevolgen meevielen is in hoofdzaak het gevolg van: het succes van de vrijwillige beperking; het ongewoon zachte winterweer; 16 Verhandelbare automobiliteitsrechten: een zoektocht naar mogelijkheden

Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen. Arno Schroten

Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen. Arno Schroten Invloed overheidsbeleid op de afzet van brandstoffen Arno Schroten CE Delft Onafhankelijk onderzoek en advies sinds 1978 Energie, transport en grondstoffen Economische, technische en beleidsmatige expertise

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 1. 2 Doelstelling 2 2.1 Relevante wetgeving 2

Inhoudsopgave. 1 Inleiding 1. 2 Doelstelling 2 2.1 Relevante wetgeving 2 Inhoudsopgave 1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1 2 Doelstelling 2 2.1 Relevante wetgeving 2 3 De Toezichtonderzoeken 4 3.1 Controle modaliteiten 4 3.2 Toezicht op naleving van het Besluit 4 3.3 Werkwijze 4

Nadere informatie

CO 2 NIEUWS. Van Gelder Groep. www.vangelder.com. Primair Adresregel 4

CO 2 NIEUWS. Van Gelder Groep. www.vangelder.com. Primair Adresregel 4 AAM BEDRIF CO 2 NIEUWS Van Gelder Groep AAM BEDRIF Primair Adresregel 4 www.vangelder.com Deze uitgave van het CO 2 nieuws is afkomstig van de KAM-afdeling Uitgave: 18 juni 2015 INLEIDING CO 2 en de Van

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2014

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2014 Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2014 CO 2 Prestatieladder - Niveau 3 Datum: 1 november 2014 Versie: 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 1 2. Basisgegevens... 2 2.1 Beschrijving van de organisatie...

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder (Q4 -) 2015 GKB Groep B.V.

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder (Q4 -) 2015 GKB Groep B.V. Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder (Q4 -) 2015 GKB Groep B.V. Barendrecht, 25-01-2016 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Algemeen... 3 3. Energiestromen... 3 3.1 Doelstellingen... 4 4. Inzage energieverbruik...

Nadere informatie

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Ketenanalyse 1 Inleiding Eis: Aantoonbaar inzicht in de meest materiele emissies uit scope 3 middels 2 ketenanalyses. Voor het in kaart brengen van scope III

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 2014

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 2014 Voortgangsrapportage CO 2 reductie 2014 CO 2 Prestatieladder - Niveau 3 Datum: 30 januari 2015 Versie: 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 1 2. Basisgegevens... 2 2.1 Beschrijving van de organisatie... 2 2.2

Nadere informatie

Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto

Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto Bron 1: Elektrische auto s zijn duur en helpen vooralsnog niets. Zet liever in op zuinige auto s, zegt Guus Kroes. 1. De elektrische auto is in

Nadere informatie

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V.

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V. ANWB Kiezen voor mobiliteit -luchtvervuiling- conclusies Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT RESOLUTIE. betreffende de verzoening van de behoeften aan energie en aan zuivere lucht in onze maatschappij

VLAAMS PARLEMENT RESOLUTIE. betreffende de verzoening van de behoeften aan energie en aan zuivere lucht in onze maatschappij VLAAMS PARLEMENT RESOLUTIE betreffde de verzoing van de behoeft aan ergie aan zuivere lucht in onze maatschappij Het Vlaams Parlemt, gelet op de Verkningsnota voor het ergiedebat in het Vlaams Parlemt,

Nadere informatie

CO 2 Reductie doelstellingen

CO 2 Reductie doelstellingen CO 2 Reductie doelstellingen Gebr. Griekspoor BV Innovatief Proactief Duurzaam Betrokken Nieuw-Vennep 5 november 2013 Dilia van der Want. Afdeling KAM Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer. www.alphabet.com

Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer. www.alphabet.com Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer www.alphabet.com Duurzame mobiliteit. Onderzoek naar gedrag en keuzes van leaserijders op gebied van duurzaamheid. Leaserijders steeds milieubewuster.

Nadere informatie

Carbon Footprint 2014

Carbon Footprint 2014 Carbon Footprint 2014 Opdrachtgever: Stuurgroep MVO Projectnummer: 550613 Versie: 1.1 Datum: 19-6-2015 Status: Defintief Adres Kievitsweg 13 9843 HA, Grijpskerk Contact Tel. 0594-280 123 E-mail: info@oosterhofholman.nl

Nadere informatie

Toelichting. I. Algemeen. 1. Inleiding

Toelichting. I. Algemeen. 1. Inleiding Toelichting I. Algemeen 1. Inleiding Aanleiding voor deze regeling is de wet van 21 juni 2001 houdende wijziging van de Wet milieubeheer (structuur beheer afvalstoffen) (Stb. 346) die op 8 mei 2002 in

Nadere informatie

CO2 reductiedoelstellingen niveau 5

CO2 reductiedoelstellingen niveau 5 CO2 reductiedoelstellingen niveau 5 Aannemingsbedrijf van der Meer B.V. Benthuizen 19 november 2014 J. van der Meer. Afdeling KAM Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave 0.0 Inhoud 1.0

Nadere informatie

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten Samenvatting................. In juli 2008 heeft de Europese Commissie een strategie uitgebracht om de externe kosten in de vervoersmodaliteiten te internaliseren. 1 Op korte termijn wil de Europese Commissie

Nadere informatie

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa)

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Lees ter voorbereiding onderstaande teksten. Het milieu De Europese Unie werkt aan de bescherming en verbetering van

Nadere informatie

Klever Boor- en Perstechniek BV Postbus 72 3410 CB Lopik

Klever Boor- en Perstechniek BV Postbus 72 3410 CB Lopik Klever Boor- en Perstechniek BV Postbus 72 3410 CB Lopik Bezoekadres: Batuwseweg 43 3411 KX Lopikerkapel Tel: 0348-554986 Fax: 0348-550611 E-mail: info@kleverbv.nl CO₂ Footprint 2014 Inhoud 1 Inleiding...

Nadere informatie

De maatregelen bestaan in hoofdlijnen uit: Betrekken medewerkers bij reduceren energieverbruik en reduceren CO2-uitstoot

De maatregelen bestaan in hoofdlijnen uit: Betrekken medewerkers bij reduceren energieverbruik en reduceren CO2-uitstoot Beleidsverklaring Co2 Deze beleidsverklaring met betrekking tot de CO2 uitstoot is onderdeel van het door M, van der Spek Hoveniersbedrijf B.V. gevoerde milieubeleid. M. van der Spek Hoveniersbedrijf B.V.

Nadere informatie

Ketenanalyse Woon- Werkverkeer

Ketenanalyse Woon- Werkverkeer 2014 Ketenanalyse Woon- Werkverkeer Rapportage: KAWWV 2014 Datum: 12 Augustus 2014 Opgesteld door: Rick Arts Versie: 1.1 Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Doel... 4 2.1 Data inventarisatie... 4 2.1.1 Zakelijke

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2-Q3 2015 GKB Groep B.V.

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2-Q3 2015 GKB Groep B.V. Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2-Q3 2015 GKB Groep B.V. Barendrecht, 11-11-2015 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Algemeen... 3 3. Energiestromen... 3 3.1 Doelstellingen... 4 4. Inzage energieverbruik...

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2013

Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2013 Voortgangsrapportage CO 2 reductie 1 e helft 2013 CO 2 Prestatieladder - Niveau 3 Datum: 1 november 2013 Versie: 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 1 2. Basisgegevens... 2 2.1 Beschrijving van de organisatie...

Nadere informatie

DGMR Totaal. Figuur 1. DGMR - Milieubelasting per jaar

DGMR Totaal. Figuur 1. DGMR - Milieubelasting per jaar Notitie Project DGMR Duurzaam Betreft Milieubarometer 2011-2012 Ons kenmerk A.2007.5221.01.N006 Versie 001 Datum 7 oktober 2013 Verwerkt door VI GA Contactpersoon drs. ing. B.E.A. (Bianca) van Osch E-mail

Nadere informatie

Zuinige auto s. November 2011. Inhoudsopgave 1 Inleiding. 1 Inleiding

Zuinige auto s. November 2011. Inhoudsopgave 1 Inleiding. 1 Inleiding November 2011 Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Maatregelen in de BPM 3 Voorbeelden BPM 4 Maatregelen in de motorrijtuigenbelasting 5 Maatregelen bijtelling auto van de zaak Zuinige auto s 1 Inleiding De afgelopen

Nadere informatie

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Ketenanalyse 1 Inleiding Eis: Aantoonbaar inzicht in de meest materiele emissies uit scope 3 middels 2 ketenanalyses. Voor het in kaart brengen van scope III

Nadere informatie

Kwantitatieve reductiedoelstelling

Kwantitatieve reductiedoelstelling CO 2 Prestatieladder Kwantitatieve reductiedoelstelling Auteur: Dhr. A.J. van Doornmalen Aspect(en): 3.B.1, 3.B.2, 4.B.1, 1.D.1 Vrijgegeven: Dhr. A.J. van der Heul Datum: 18 april 2014 Inhoudsopgave 1.0

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan CO 2 -Prestatieladder

Energiemanagement Actieplan CO 2 -Prestatieladder Bijlage D Energiemanagement Actieplan CO2- Prestatieladder Energiemanagement Actieplan CO 2 -Prestatieladder Sarens Nederland Pagina 26 van 39 D.1 Inleiding In het vorige hoofdstuk is kenbaar gemaakt dat

Nadere informatie

Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen

Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen M. van der Spek Hoveniers BV Benthuizen 30-10-2015 Hendrik-Jan Konijn Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave 0.0 Inhoud 1.0 Inleiding 2.0 Referentie

Nadere informatie

Internalisering van externe kosten van wegverkeer in Vlaanderen. Samenvatting. Griet De Ceuster. Transport & Mobility Leuven

Internalisering van externe kosten van wegverkeer in Vlaanderen. Samenvatting. Griet De Ceuster. Transport & Mobility Leuven Internalisering van externe kosten van wegverkeer in Samenvatting Griet De Ceuster Transport & Mobility Leuven Studie uitgevoerd in opdracht van de Vlaamse Milieumaatschappij, MIRA september 2004 Samenvatting

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2 2015 GKB Groep B.V.

Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2 2015 GKB Groep B.V. Voortgangsrapportage CO2 Prestatieladder Q1-Q2 2015 GKB Groep B.V. Barendrecht, 19-08-2015 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Algemeen... 3 3. Energiestromen... 3 3.1 Doelstellingen... 4 4. Inzage energieverbruik...

Nadere informatie

(autogas en propaan)

(autogas en propaan) Petitie Geen accijnsverhoging LPG (autogas en propaan) De Vereniging Vloeibaar Gas (VVG) vraagt u de voorgenomen accijnsverhoging op LPG met 0,07 per liter naar 0,18 per liter per 1 januari 2014 niet door

Nadere informatie

Inzicht in de Carbon Footprint van GKB Groep B.V. CO2 Prestatieladder niveau 4 over het jaar 2012 en 2013

Inzicht in de Carbon Footprint van GKB Groep B.V. CO2 Prestatieladder niveau 4 over het jaar 2012 en 2013 Inzicht in de Carbon Footprint van GKB Groep B.V. CO2 Prestatieladder niveau 4 over het jaar 2012 en 2013 Datum: 28 maart 2014 Pagina 1 van 8 GKB Groep. CO2 emissie inventaris Inhoudsopgave 1 Over G.K.B.

Nadere informatie

CO 2 Reductie doelstellingen. De Waterwolf dienstverlening buitenruimte BV. Hoofddorp 13 april 2015. M. Korbee, Afdeling KAM.

CO 2 Reductie doelstellingen. De Waterwolf dienstverlening buitenruimte BV. Hoofddorp 13 april 2015. M. Korbee, Afdeling KAM. CO 2 Reductie doelstellingen De Waterwolf dienstverlening buitenruimte BV Hoofddorp 13 april 2015 M. Korbee, Afdeling KAM Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave 0.0 Inhoud 1.0 Inleiding

Nadere informatie

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V.

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V. ANWB Kiezen voor mobiliteit - Files en bereikbaarheid - conclusies Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave

Nadere informatie

1 van 13. Periode: 1 juli t/m 31 december 2013

1 van 13. Periode: 1 juli t/m 31 december 2013 1 van 13 Periodieke rapportage: H2 2013 Periode: 1 juli t/m 31 december 2013 2 van 13 Inhoud Naam 7.3 ISO 14064-1 Periodieke rapportage Inleiding p 1 Basisgegevens Beschrijving van de organisatie a 2.1

Nadere informatie

CO 2 Reductie doelstellingen

CO 2 Reductie doelstellingen CO 2 Reductie doelstellingen Gebr. Griekspoor BV Innovatief Proactief Duurzaam Betrokken Nieuw-Vennep 09 oktober 2014 Dilia van der Want. Afdeling KAM Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM

Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM Samenvatting belangrijkste resultaten Op verzoek van V&W heeft SZW een eerste inschatting gemaakt van de koopkrachteffecten

Nadere informatie

Actuele aanpassingen in de autobelastingen

Actuele aanpassingen in de autobelastingen Actuele aanpassingen in de autobelastingen Inhoudsopgave: 1. Wijzigingen fiscale bijtelling auto van de zaak 2. Extra aanscherping d.m.v. invoering 60-maanden termijn 3. Overgangsregeling voor huidige

Nadere informatie

De 15 meest gestelde vragen over zakelijk rijden in 2016.

De 15 meest gestelde vragen over zakelijk rijden in 2016. De 15 meest gestelde vragen over zakelijk rijden in 2016. Bijtelling, investeringsaftrek, bpm, motorrijtuigenbelasting en btw. Wie de belastingen rondom mobiliteit een beetje wil volgen, heeft er bijna

Nadere informatie

Milieubarometer 2010-2011

Milieubarometer 2010-2011 NOTITIE Nr. : A.2007.5221.01.N005 Versie : definitief Project : DGMR Duurzaam Betreft : Milieubarometer 2010-2011 Datum : 6 januari 2012 Milieubarometer 2010-2011 Inleiding De milieubarometer is een instrument,

Nadere informatie

Onderzoek Trappers. rapportage. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen

Onderzoek Trappers. rapportage. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen Onderzoek Trappers rapportage Opdrachtgever Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen Opdrachtnemer DTV Consultants B.V. Ruben van den Hamsvoort en Alex van Ingen POM 8267 Breda, maart 2009

Nadere informatie

CO2-reductieplan 2015

CO2-reductieplan 2015 CO2-reductieplan 2015 Samen zorgen voor minder CO2 Rapportage 2015 1 Inleiding Dit CO₂-reductieplan heeft, net zoals het volledige energiemanagementsysteem, zowel betrekking op de totale bedrijfsvoering

Nadere informatie

Overview 2012-2015 energiemanagement VolkerRail. Organisatie: VolkerRail Nederland

Overview 2012-2015 energiemanagement VolkerRail. Organisatie: VolkerRail Nederland Overview 2012-2015 energiemanagement VolkerRail Organisatie: VolkerRail Nederland Publicatiedatum: 01-02-2016 ton CO2 CO2 Footprint VolkerRail Medio 2008 is VolkerRail begonnen met de monitoring van haar

Nadere informatie

1. INLEIDING 2. CARBON FOOTPRINT

1. INLEIDING 2. CARBON FOOTPRINT 1. INLEIDING Binnen Van der Ende Beheermaatschappij B.V. staat zowel interne als externe duurzaamheid hoog op de agenda. Interne duurzaamheid richt zich met name op het eigen huisvestingsbeleid, de bedrijfsprocessen

Nadere informatie

Afstudeeronderzoek van E. van Bunningen BSc (Het volledige Engelstalige onderzoeksrapport kunt downloaden via deze link)

Afstudeeronderzoek van E. van Bunningen BSc (Het volledige Engelstalige onderzoeksrapport kunt downloaden via deze link) CONCENTRATIE VAN MAATSCHAPPELIJKE DIENSTEN IN GEMEENTELIJK VASTGOED NAAR AANLEIDING VAN DEMOGRAFISCHE TRANSITIE Een casestudie in landelijke gemeenten in Noord-Brabant, Nederland Afstudeeronderzoek van

Nadere informatie

VOORSTELLING. Het is in deze geest en met deze wil dat het Verbond van Belgische Ondernemingen

VOORSTELLING. Het is in deze geest en met deze wil dat het Verbond van Belgische Ondernemingen VOORSTELLING VAN HET CHARTER " "EV EVOLUTION TO ELECTRICAL VEHICLES" ( EV. TO E.V. ). ) INLEIDING Het vervoer over de weg is momenteel een bron van vervuiling wegens uitstoot in de lucht en geluidshinder.

Nadere informatie

lease s p e c i a l Unieke lease-mogelijkheid voor medewerkers van OSG Singelland

lease s p e c i a l Unieke lease-mogelijkheid voor medewerkers van OSG Singelland Oer de nieuwsbrief voor medewerkers van ingels openbare scholengemeenschap Unieke -mogelijkheid voor medewerkers van OSG Singelland In het onderwijs heb je zelden vanuit je functie het recht op een auto.

Nadere informatie

Petitie GELIJK SPEELVELD VOOR AUTOGAS (LPG) Autogas (LPG) voor kostenefficiënte CO2-besparing

Petitie GELIJK SPEELVELD VOOR AUTOGAS (LPG) Autogas (LPG) voor kostenefficiënte CO2-besparing Petitie GELIJK SPEELVELD VOOR AUTOGAS (LPG) (LPG) voor kostenefficiënte CO2-besparing Datum overhandiging: Dinsdag 3 november 2015 Petitie Met deze petitie die wij u aanbieden, willen wij u vragen een

Nadere informatie

Voortgangsrapportage. Inhoud

Voortgangsrapportage. Inhoud Voortgangsrapportage Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Algemeen... 2 3. Energiestromen... 2 4. Inzage energieverbruik... 3 5. Conclusie... 4 6. Maatregelen... 4 7. Aanbevelingen... 5 Voortgangsrapportage 5 maart

Nadere informatie

Arnold Maassen Holding BV. Voortgangsrapportage scope 1 en 2 1e halfjaar 2014

Arnold Maassen Holding BV. Voortgangsrapportage scope 1 en 2 1e halfjaar 2014 Arnold Maassen Holding BV Voortgangsrapportage scope 1 en 2 1e halfjaar 2014 G.R.M. Maassen 24-10-2014 Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Scope 1 en 2... 3 2.1 Voortgang in relatie tot reductiedoelstellingen....

Nadere informatie

Legrand Nederland B.V.

Legrand Nederland B.V. 1 van 9 Rapportage CO -voetafdruk Opgemaakt door Marieke Megens Legrand Nederland B.V. Periode: 1 januari t/m 31 december 014 Datum: 11 februari 015 Climate Neutral Group BV Donkerstraat 19a 3511 KB Utrecht

Nadere informatie

Grafiek 19.1 Percentage Leidenaren dat zich zorgen maakt over luchtkwaliteit, naar stadsdeel en leeftijdsgroep* 0% 25% 50% 75% 100%

Grafiek 19.1 Percentage Leidenaren dat zich zorgen maakt over luchtkwaliteit, naar stadsdeel en leeftijdsgroep* 0% 25% 50% 75% 100% 19 LUCHTKWALITEIT In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de luchtkwaliteit in Leiden. Gevraagd is in hoeverre men zich hier zorgen over maakt. De gemeente heeft diverse maatregelen genomen om de luchtkwaliteit

Nadere informatie

3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw.

3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw. 3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw. Datum: 12-05-2016 Versie: 1 1. Inleiding Middels deze rapportage wil Prins Bouw de voorgang op de CO 2 reductiedoelstellingen laten zien, door

Nadere informatie

Evaluatie en Voortgangsrapportage BRANDWIJK PROMO

Evaluatie en Voortgangsrapportage BRANDWIJK PROMO 2013 Evaluatie en Voortgangsrapportage BRANDWIJK PROMO Inhoud Inhoud... 2 1 Inleiding... 3 2 Energieverbruik en CO 2 -footprint... 3 2.1 Referentiejaar... 3 2.2 CO 2 Footprint, doelstellingen en trendanalyse...

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 's GRAVENHAGE

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 's GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 's GRAVENHAGE Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties prof dr wim derksen Aan de directeur Bouwen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de heer drs J.M.C. Smallenbroek zondag 23 november 2014 Geachte heer Smallenbroek, Op uw verzoek

Nadere informatie

KETENANALYSE DIESELVERBRUIK SCOPE 3 EMISSIE

KETENANALYSE DIESELVERBRUIK SCOPE 3 EMISSIE KETENANALYSE DIESELVERBRUIK SCOPE 3 EMISSIE Erp, december 2014 Opgesteld door: R. Kanner (intern) A. Heerkens (extern) Geaccordeerd door: B. Kerkhof Namens de directie INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 1.1 Scope

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1994 1995 22 112 Ontwerp-Richtlijnen Europese Commissie Nr. 48 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Emissies van het wegverkeer in België 1990-2030

Emissies van het wegverkeer in België 1990-2030 TRANSPORT & MOBILITY LEUVEN VITAL DECOSTERSTRAAT 67A BUS 1 3 LEUVEN BELGIË http://www.tmleuven.be TEL +32 (16) 31.77.3 FAX +32 (16) 31.77.39 Transport & Mobility Leuven is een gezamenlijke onderneming

Nadere informatie

Carbon Footprint Welling Bouw Vastgoed

Carbon Footprint Welling Bouw Vastgoed Carbon Footprint Welling Bouw Vastgoed Dit document bevat de uitgewerkte actuele emissie-inventaris van Welling Bouw Vastgoed Rapportage 1 e halfjaar 2010 (januari juli 2010) Opgesteld door: TL Gecontroleerd

Nadere informatie

CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2013 (1 e halfjaar) Periode: 1 januari t/m 30 juni 2013

CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2013 (1 e halfjaar) Periode: 1 januari t/m 30 juni 2013 CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2013 (1 e halfjaar) Periode: 1 januari t/m 30 juni 2013 Auteur Jan ten Cate en Gerda de Raad Versienummer: 2 Versie datum: 26 november 2013 Inhoudsopgave 1. Inleiding...

Nadere informatie

CO-2 Rapportage 2014. Inhoudsopgave. Electrotechnische Industrie ETI bv Vierde Broekdijk 16 7122 JD Aalten Kamer van koophandel Arnhem 09080078

CO-2 Rapportage 2014. Inhoudsopgave. Electrotechnische Industrie ETI bv Vierde Broekdijk 16 7122 JD Aalten Kamer van koophandel Arnhem 09080078 CO-2 Rapportage 2014 Electrotechnische Industrie ETI bv Vierde Broekdijk 16 7122 JD Aalten Kamer van koophandel Arnhem 09080078 Aalten 28-04-2015 Versie 2.2 J.Nannings Directeur Inhoudsopgave 1. Inleiding

Nadere informatie

4.A.1 Inventaris ketenanalyse 1

4.A.1 Inventaris ketenanalyse 1 4.A.1 Inventaris ketenanalyse 1 Niets uit dit bestek/drukwerk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt d.m.v. drukwerk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke

Nadere informatie

Voortgangsrapportage CO 2 - reductiedoelstellingen scope 1 & 2 -emissies

Voortgangsrapportage CO 2 - reductiedoelstellingen scope 1 & 2 -emissies Voortgangsrapportage CO 2 - reductiedoelstellingen scope 1 & 2 -emissies BESIX Nederland Branch 17 oktober 2011 Definitief rapport BESIX Nederland Branch Trondheim 22-24 Postbus 8 2990 AA Barendrecht

Nadere informatie

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Indicatie van het potentieel van Mobility Mixx wanneer toegepast op het gehele Nederlandse bedrijfsleven Notitie Delft, november 2010 Opgesteld door: A.

Nadere informatie

Figuur 1: CO 2-emissie vliegreizen 2015

Figuur 1: CO 2-emissie vliegreizen 2015 P R O J E C T MVO activiteiten W E R K N U M M E R ONL100.00037.00.0001 B E T R E F T Tussenstand CO2-emissie 2015 reiskilometers D A T U M 25-08-2015 V A N Jeroen Sap AAN M. Schellekens, P. Buurman, J.

Nadere informatie

Rapportage 2015 S1 Swietelsky Rail Benelux B.V.

Rapportage 2015 S1 Swietelsky Rail Benelux B.V. Rapportage 2015 S1 Swietelsky Rail Benelux B.V. Energieverbruik en CO 2 emissies december 2015 Opgesteld door: E. Goudvis Rapportage 2015 S1 Energieverbruik en CO2 emissies Inhoud 1 Inleiding... 2 2 Energieverbruik

Nadere informatie

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen 1 Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen Peter van der Meer Samenvatting In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te geven op de vraag in hoeverre het mogelijk is verschillen

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - september 2015

M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - september 2015 M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - september 2015 Geachte relatie, Bijgaand ontvangt u de maandelijkse marktmonitor van Energy Services. De Marktmonitor is een maandelijkse uitgave van Energy Services.

Nadere informatie

Op-/aanmerkingen Evaluatie accijnsverhoging op diesel en LPG en Bijlage, d.d. 28-5-2014

Op-/aanmerkingen Evaluatie accijnsverhoging op diesel en LPG en Bijlage, d.d. 28-5-2014 Op-/aanmerkingen Evaluatie accijnsverhoging op diesel en LPG en Bijlage, d.d. 28-5-2014 1. In de Brief (pag. 4) en Bijlage (pag. 3) wordt gesproken van 51 miljoen extra belastingopbrengsten in het eerste

Nadere informatie

Bestuurlijke Netwerkkaarten Crisisbeheersing

Bestuurlijke Netwerkkaarten Crisisbeheersing Bestuurlijke Netwerkkaarten Crisisbeheersing Kaart 15 - Olie 15 Olie Versie april 2012 crisistypen schaarste aan aardolieproducten bevoegd gezag Raad van Bestuur van het Internationaal Energie Agentschap

Nadere informatie

Meest materiële emissies (2014)

Meest materiële emissies (2014) Meest materiële emissies (2014) 1 Versie Datum Wijzigingen 1.0 2 november 2015 Vrijgave voor publicatie 0.1 26 oktober 2015 Initiële versie Inhoud 1. Inleiding... 3 1.1 Doelstellingen... 3 2. Uitgangspunten...

Nadere informatie

Eerste voortgangsrapportage CO 2 -emissiereductie. Carbon Footprint 2010

Eerste voortgangsrapportage CO 2 -emissiereductie. Carbon Footprint 2010 Eerste voortgangsrapportage CO 2 -emissiereductie. Graag informeren wij u over de uitkomsten van onze eerste Carbon Footprint over 2010 en 2011, en de eerste Carbon Footprint Analyse over 2011. Daarin

Nadere informatie

Footprint eerste helft 2014:

Footprint eerste helft 2014: September 2014 Vanaf vorig jaar november is Pilkes door TÜV gecertificeerd voor niveau 3 van de CO 2-Prestatieladder. Met deze nieuwsbrief houden wij u graag op de hoogte van de vorderingen. Pilkes heeft

Nadere informatie

Carbon Footprint Rapportage 2014

Carbon Footprint Rapportage 2014 Carbon Footprint Rapportage 2014 Versiedatum: 19 februari 2015 4.B.2&5.B.1+2 Rapportage Carbon Footprint 2014 1 van 11 Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Scope 1... 4 2.1 Gasverbruik... 5 2.2 Zakelijk verkeer in

Nadere informatie

Energie beoordelingsverslag 2015 20 januari 2016 (definitief)

Energie beoordelingsverslag 2015 20 januari 2016 (definitief) Energie beoordelingsverslag 2015 20 januari 2016 (definitief) Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Bedrijf 4 2.1 Activiteiten 4 2.2 Bedrijfsonderdelen 4 2.3 Factoren die het energieverbruik beïnvloeden 4 3.

Nadere informatie

Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening

Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening Bijdrage opruimingskosten in de jaarrekening Verschillende overheidsregelingen eisen van ondernemingen financiële bijdragen voor de kosten van het opruimen van producten of productiefaciliteiten van die

Nadere informatie

CO 2 en energiereductiedoelstellingen

CO 2 en energiereductiedoelstellingen CO 2 en energiereductiedoelstellingen t/m 2012 N.G. Geelkerken Site Manager International Paint (Nederland) bv Januari 2011 Inhoud 1 Introductie 3 2 Co2-reductie scope 4 2.1. Wagenpark 4 3 Co2-reductie

Nadere informatie

Rapport. Klimaatvoetafdruk 2010 van Van Vessem & Le Patichou. (openbare versie)

Rapport. Klimaatvoetafdruk 2010 van Van Vessem & Le Patichou. (openbare versie) Rapport Klimaatvoetafdruk 21 van Van Vessem & Le Patichou (openbare versie) Auteur: drs. Han van Kleef Datum: 4 april 211 Document: 2724RAPP1144 Rapport Klimaatvoetafdruk 21 Van Vessem & Le Patichou 1.

Nadere informatie

Inleiding Ab van Marrewijk, directeur Wematrans

Inleiding Ab van Marrewijk, directeur Wematrans Inleiding Ab van Marrewijk, directeur Wematrans Mij is gevraagd iets te vertellen over onze pogingen om rendement in de bedrijfsvoering te verbinden met duurzaamheid. Dat is vooral een kwestie om met boerenverstand

Nadere informatie

Erdi Holding B.V. Opgemaakt door Frank van der Tang. Periode: 1 januari t/m 30 juni 2015. 1 van 10. Datum: 2 december 2015

Erdi Holding B.V. Opgemaakt door Frank van der Tang. Periode: 1 januari t/m 30 juni 2015. 1 van 10. Datum: 2 december 2015 1 van 10 Rapportage CO -voetafdruk Opgemaakt door Frank van der Tang Erdi Holding B.V. Periode: 1 januari t/m 30 juni 015 Datum: december 015 Climate Neutral Group BV Donkerstraat 19a 3511 KB Utrecht T.

Nadere informatie

1 van 10. Periode: 1 januari t/m 30 juni 2014

1 van 10. Periode: 1 januari t/m 30 juni 2014 1 van 10 Periodieke rapportage: CO2 Rapportage 2014 eerste helft Periode: 1 januari t/m 30 juni 2014 2 van 10 Inhoud Naam 7.3 ISO 14064-1 Periodieke rapportage Inleiding p 1 Basisgegevens Beschrijving

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

De emissie inventaris van: Aannemingsbedrijf Platenkamp Borne 2010

De emissie inventaris van: Aannemingsbedrijf Platenkamp Borne 2010 De emissie inventaris van: Aannemingsbedrijf Platenkamp Borne 2010 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 AMK Inventis Stef Jonker Oktober 2012 Definitief (aangepast op ) 1 2 Inhoudsopgave 1 Inleiding...

Nadere informatie

CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2014. Periode: 1 januari t/m 31 december 2014

CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2014. Periode: 1 januari t/m 31 december 2014 CO 2 Prestatieladder Voortgangsrapportage 2014 Periode: 1 januari t/m 31 december 2014 Versienummer: 4 Versie datum: 05-11-2015 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 1 2. Basisgegevens... 2 2.1 Beschrijving van

Nadere informatie

Milieucriteria voor het maatschappelijk verantwoord inkopen van. Post. Versie 8 april 2015

Milieucriteria voor het maatschappelijk verantwoord inkopen van. Post. Versie 8 april 2015 Milieucriteria voor het maatschappelijk verantwoord inkopen van Post 1. Scope/afbakening De productgroep Post omvat de uitbesteding van postdiensten voor verspreiding van drukwerk (schriftelijk berichtenverkeer)

Nadere informatie

CO₂-nieuwsbrief. De directe emissie van CO₂ - vanuit scope 1 is gemeten en berekend als 1.226 ton CO₂ -, 95% van de totale footprint.

CO₂-nieuwsbrief. De directe emissie van CO₂ - vanuit scope 1 is gemeten en berekend als 1.226 ton CO₂ -, 95% van de totale footprint. Derde voortgangsrapportage CO₂-emissie reductie Hierbij informeren wij u over de uitkomsten van onze Carbon Footprint en de derde CO₂ -emissie inventarisatie, betreffende de periode van juni 2014 tot en

Nadere informatie

Hoofdstuk 16. Luchtkwaliteit

Hoofdstuk 16. Luchtkwaliteit Hoofdstuk 16. Luchtkwaliteit Samenvatting De laatste jaren komt steeds vaker de luchtkwaliteit in het nieuws, met name in stedelijk gebied. Bijna de helft van de Leidenaren maakt zich hier wel eens zorgen

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2012 508 Besluit van 19 oktober 2012, houdende wijziging van het Besluit etikettering energiegebruik personenauto s in verband met het vervallen van

Nadere informatie

CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015

CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015 UNCLASSIFIED TOL: 0006 0000795431 CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015 Conform de CO 2 prestatieladder 3.0 CO 2 reductieplan: doelstellingen en

Nadere informatie

Management review CO2-reductiesysteem

Management review CO2-reductiesysteem -Prestatieladder Management review CO2-reductiesysteem Van der nde Beheermaatschappij B.V. Rapportage juli 2014 (referentiejaar = 2010) Opgesteld door: Akkoord: I. Bangma O. Van der nde -Prestatieladder

Nadere informatie

11 september 2001; de oorlog in Irak; de SARS epidemie; de fusie tussen Air France en de KLM; de opkomst van de goedkope luchtvaartmaatschappijen.

11 september 2001; de oorlog in Irak; de SARS epidemie; de fusie tussen Air France en de KLM; de opkomst van de goedkope luchtvaartmaatschappijen. Kan Schiphol de reizigers nog wel aan in 2020? Eric Kroes Directeur van Significance Hoeveel luchtreizigers zijn er op Schiphol te verwachten in 2020? Kan de luchthaven die aantallen nog wel aan? Levert

Nadere informatie

3.C.1 Voortgangrapportage CO 2 2014 Ter Riele

3.C.1 Voortgangrapportage CO 2 2014 Ter Riele 3.C.1 Voortgangrapportage CO 2 2014 Ter Riele Datum: 11-9-2015 Versie: 3 A.J.J ter Riele Directeur 1. Inleiding Middels deze rapportage wil Ter Riele B.V. (Ter Riele) de voortgang op de CO 2 reductiedoelstellingen

Nadere informatie

CO2-prestatieladder Periodieke voortgangsrapportage 1e helft 2014

CO2-prestatieladder Periodieke voortgangsrapportage 1e helft 2014 CO2-prestatieladder Periodieke voortgangsrapportage 1e helft 2014 Verheij Infra b.v. Prisma 89 3364 DJ Sliedrecht Tel : 0184-433095 Getekend: Email Site : info@verheijsliedrecht.nl : www.verheijsliedrecht.nl

Nadere informatie

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Ketenanalyse 1 Inleiding Eis: Aantoonbaar inzicht in de meest materiele emissies uit scope 3 middels 2 ketenanalyses. Voor het in kaart brengen van scope III

Nadere informatie

Rapportage Jade Beheer 2012 versie 130206

Rapportage Jade Beheer 2012 versie 130206 2012 Meetresultaten Jade Beheer B.V. 2012 In navolging op de rapportages van 2013 Q1/Q2 en 2012 Q3/Q4 is het helaas met de kennis van nu noodzakelijk enkele wijzigingen op die rapportages kenbaar te maken.

Nadere informatie

CO 2 - en energiereductiedoelstellingen 2013-2014 Alfen B.V. Auteur: H. van der Vlugt Versie: 1.1 Datum: 26-mei-2014 Doc.nr: Red1314 Alfen B.V. CO 2-reductierapport 2013-2014 Doc. nr. Red1314 26-mei-2014

Nadere informatie

CO 2 EN ENERGIE REDUCTIEDOELSTELLINGEN Haarsma Groep

CO 2 EN ENERGIE REDUCTIEDOELSTELLINGEN Haarsma Groep CO 2 EN ENERGIE REDUCTIEDOELSTELLINGEN Haarsma Groep Infra & milieu Beton & Industrie bouw Infra Beheer Transport Kraanverhuur 1 1. Inleiding De Haarsma Groep hecht waarde aan duurzaamheid en het milieu.

Nadere informatie