De industriële revolutie. Bewerkt naar Vaklokaal Geschiedenis Histoforum van Digischool

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De industriële revolutie. Bewerkt naar Vaklokaal Geschiedenis Histoforum van Digischool"

Transcriptie

1 Bewerkt naar Vaklokaal Geschiedenis Histoforum van Digischool De industriële revolutie is eigenlijk in Engeland begonnen. De meeste mensen waren boer, en rond 1700 hadden veel van deze boeren verdienden er een beetje geld bij. In hun boerderijtjes werd voor kooplieden uit de stad gewerkt op spinnewielen of weefgetouwen. Er werd voornamelijk laken gemaakt. Kooplieden leverden de ruwe wol en kwamen later het laken weer ophalen. We noemen dat de huisindustrie! Na 1750 begon de bevolking te groeien. Hierdoor werd het belangrijk om meer graan te produceren. Veel kleine boerderijen werden opgekocht door grotere bedrijven, en door goede landbouw uitvindingen konden deze bedrijven meer voedsel verbouwen. De kleine boertjes hadden nu geen bedrijfje meer en trokken naar de grote steden. Ze hoopten daar werk te vinden. TOF van16

2 Doordat er nu minder boeren op het platteland woonden, en in de steden meer mensen waren (vaak zonder werk), begonnen kooplieden met het bouwen van fabrieken in of bij de steden! Doordat er verschillende uitvindingen werden gedaan, konden er machines worden gemaakt die het werk deden waar vroeger veel meer mensen aan moesten werken. In 1733 werd de schietspoel uitgevonden. Het weven ging nu 4x sneller! In 1764 werd de spinmachine uitgevonden. Deze machine kon nu net zoveel produceren als 80 spinsters vroeger. In 1769 werden verschillende machines aangedreven door waterkracht, de eerste fabriek was ontstaan! Later gebruikte men hier ook stoommachines voor! In 1785 vond iemand de weefmachine uit. TOF van16

3 In 1765 vond James Watt een echte stoommachine uit die men ook in de fabriek kon gebruiken. Stoommachines gaven veel stank en herrie, ze werden nooit moe en waren (zoals waterkracht) niet afhankelijk van het weer. Binnen korte tijd gingen alle textielfabrieken over op het gebruik van stoom. Door de komst van deze industrie veranderde veel. In de steden stonden veel fabrieken, en de steden werden steeds groter. De mensen trokken van het platteland naar de steden. Ze verdienden weinig geld, en vaak waren hun woningen slecht! TOF van16

4 Arbeiders in Nederland hadden het niet gemakkelijk. Rond 1850 kwamen er steeds meer fabrieken. De mensen trokken van het platteland naar de grote steden. Daar zochten ze naar werk. Vonden ze dat werk, en hoe was het om in een fabriek te werken? Hieronder lezen we de belevenissen van "Jan de arbeider". Jan sjokte traag naar de fabriek. Het was nog maar kwart voor zes in de morgen. In de verte zag hij al de textielfabriek. De stoomfluit die aangaf dat er gewerkt moest worden, klonk elke werkdag om zes uur. Jan baalde want het was vandaag maandag, weer een hele werkweek voor de boeg. Deze week had hij dagdienst. Dat is werken van zes uur 's morgens tot zes uur 's avonds. Alleen op zondag een vrije dag, maar eigenlijk werd hij dan wel in de kerk verwacht. Vorige week had hij nachtdienst, dat was werken van zes uur 's avonds tot zes uur in de morgen. En nu op maandag na een nachtdienst was het voor Jan verschrikkelijk moeilijk om uit het bed te komen. In de fabriek keek Jan nog even voorzichtig of hij zijn brood wel bij zich had. Voorzichtig omdat hij moest werken en niet staan te niksen, dat schreeuwde de voorman hem altijd toe! Gelukkig het waren drie hompen brood, zijn vrouw had ze in een oude lap stof TOF van16

5 gewikkeld. Dan werden ze niet net zo vuil als hijzelf. Twee keer per dag mocht er een kwartier gegeten worden, vaak zelfs iets korter. Net genoeg tijd om snel iets te eten en naar de wc te gaan. Vorige week was het plotseling gezellig in de "pauze". Hij was lekker op een ton gaan zitten, eentje die niet zo stonk, kwam ineens zijn buurmeisje naast hem zitten. Jan wist niet eens dat ze ook al in de fabriek werkte. Maar ja, er werkten wel meer kinderen van zeven jaar oud in zijn ploeg. Vandaag was ze er helaas niet, Jan had gehoord dat ze ziek thuis lag te hoesten. Zeker TBC, dat hoorde hij wel vaker. Arbeiders als Jan hadden in deze tijd een zwaar leven. Ze moesten lang en hard werken. Jan moest elke dag 12 uur werken met slechts 30 minuten pauze. Hij verdiende heel weinig: 1,64 per week! Dat is dus ongeveer 0,02 per uur!) In de fabriek hadden de arbeiders weinig of niets te vertellen. De baas had alle macht. Je mocht hem niet zomaar aanspreken, en je mocht hem zeker niet tegenspreken. Anders stond je zo buiten de fabriek zonder baan. En geen werk betekende natuurlijk ook geen geld en geen eten! Je merkt dus wel dat werken in een fabriek erg zwaar was. De fabriekshal was smerig, er was altijd lawaai, en het stonk er bijna altijd. De machines in de fabriek waren ook niet altijd veilig, en er gebeurde regelmatig een ernstig ongeluk. TOF van16

6 Arbeiders werden ook vaak ziek van de slechte werkomstandigheden en het harde werken. Bovendien woonden ze meestal in slechte huisjes. Maar goede wetten waren er in die tijd nog niet dus...als je niet kon werken, kreeg je ook geen loon! Uit deze tijd het volgende: "Het ging steeds slechter met mijn vader. De baas kreeg het in de gaten. Hij wilde mijn vader ontslaan. Maar toen zei hij: "Je mag blijven, maar dan moet je wel je kinderen meenemen". We waren thuis met z'n negenen. Kinderen verdienden niet veel geld. Het waren de goedkoopste arbeiders. "Dank u wel meneer", zei mijn vader. Zo kwam ik als jongetje van tien in de fabriek. Ik stond naast mijn vader. Hij leerde mij het vak." De steden werden steeds groter, steeds voller. Er waren niet genoeg woningen voor al die nieuwe inwoners. Hoe leefde een eenvoudig arbeidersgezin in de grote stad? In het begin was het vreselijk om in de stad te moeten wonen. Gezinnen woonden op zolders, in kelders of in schuren. Later kwamen er wijken voor arbeiders. Wijken TOF van16

7 met goedkopen kleine woningen. Vaak zonder een eigen toilet of watervoorziening! Veel gezinnen die gewend waren aan de ruimte van het platteland, woonden nu in éénkamerwoningen. Een "bron" uit die tijd zegt het volgende: "Mijn vader huurde een woning. Het was in een klein straatje. Er was één kamer van 6 bij 4 meter, dat was alles. Aan de achterkant hadden we één klein raam. Dat keek uit op een blinde muur. Er kwam niet veel icht door. Daardoor was de kamer donker en vochtig. Er waren 2 bedsteden. In de ene sliepen mijn ouders en mijn broertje. In de andere sliep ik met mijn oudere broertje en mijn 2 zesjes. Een riolering was er niet, maar in de hoek van de kamer stond een ton." Arbeiders moeten natuurlijk ook betaald worden. Een fabrikant wilde alleen zoveel mogelijk geld verdienen. Kinderen kon hij voor veel minder geld laten werken. De mensen waren erg arm, en iedere cent was hard nodig om in leven te blijven. Daarom werden kinderen, soms zelf de allerkleinsten, vaak in een fabriek aan het werk gezet. TOF van16

8 Dat werk was niet leuk, zwaar en vaak erg gevaarlijk. Er gebeurden veel ongelukken, en regelmatig kwamen kinderen hierbij om het leven. Er werd daarna meestal weinig of geen schadevergoeding uitgekeerd. Ongelukken gebeurden bijna iedere dag. Uit een oud boek: "Mijn 8e verjaardag kwam in zicht. Ik voelde me trots, maar ook een beetje verdrietig. Als ik 8 jaar werd, moest ik werken. Helpen waar ik maar kon. Ik speelde na mijn verjaardag achter het huis. Ik hoor het mijn vader nog zeggen: "Schaam je je niet? Zo'n grote kerel en dan nog buitenspelen?" Toen dacht ik: Ik wou dat ik nog 3 jaar was!" Moeder moest het huishouden doen, zo hoorde dat in die tijd. Maar moeder werkte vaak ook in de fabriek. Ze had eigenlijk een dubbele taak! Op de fabriek kreeg ze wel minder betaald dan vader, want haar werk werd gezien als "bijverdienste". Vader zorgde immers voor het geld, en moeder voor de kinderen. TOF van16

9 Moeder de vrouw met haar "bijverdiensten". Men noemde dat de "rolverdeling". Maar doordat moeders en kinderen veel goedkoper waren dan vaders, werden er steeds minder mannen aangenomen! Veel vaders werden werkeloos. Een moeder uit deze tijd schrijft het volgende: "Ik stond 's morgens om 4 uur op. Dan zorgde ik eerst voor het eten. De pan zette ik in het bed, dan bleef het eten warm. Daarna maakte ik de kinderen wakker. Ik kleedde ze aan en bracht ze naar mijn moeder, en ging naar de fabriek. Tussen de middag holde ik naar huis om snel de boel op te ruimen. 's Avonds kwam ik na 7 uur thuis van de fabriek. Ik haalde de kinderen weer op en maakte snel het eten warm. Daarna bracht ik de kinderen naar bed. Tot diep in de nacht moest ik wassen en verstellen, want de volgende dag moesten we weer dezelfde kleren aan." Elke dag moest er weer keihard gewerkt worden, tijd voor leuke dingen was er haast niet! Bovendien, wat konden ze eigenlijk nog doen in hun "vrije tijd"? De meeste mensen waren zo moe dat ze gewoon niets leuks meer konden doen. TOF van16

10 En er was ook geen geld om leuke dingen te doen! Men probeerde een beetje uit te rusten, vooral op zondag. (Meestal de enige vrije dag in de week). Maar de woningen waren klein. Daarom zaten de meeste mensen voor hun huisje op straat. De kinderen deden spelletjes, vrouwen spraken elkaar bij de wasplaats. TOF van16

11 En vader... Hij zat vaak zijn ellende te verdrinken in de kroeg. Daar werd ook vaak zijn weekloon betaald. En als hij zijn geld uitgaf aan drank, had zijn gezin nog meer honger! Arbeiders hadden eerst niets te vertellen in de fabriek. Ze moesten hard werken, hun "kop" dicht houden, en weinig verdienen. Was je daar niet tevreden mee, dan kon je weggaan drie anderen stonden te trappelen om de lege werkplek in te nemen. Toch wilden ze hun situatie verbeteren. In dit stukje lees je hoe ze dat probeerden. Veel arbeiders waren ontevreden. De werkdagen waren lang, het loon was laag en de fabriek was vaak smerig. Maar wat kon je hieraan doen? Je kon niet protesteren want dan werd je ontslagen! Maar zonder arbeiders kon een fabriek ook niet "draaien". Een fabrikant had zijn arbeiders wel nodig, anders verdiende hij geen cent. De ontevreden arbeiders kwamen bij elkaar en organiseerden vakbonden. Ze beloofden elkaar te helpen en bij ontslag elkaar een uitkering te geven. Steeds meer mensen werden lid van zulke vakbonden. Doordat ieder lid een klein bedrag per maand betaalde, konden deze vakbonden arbeiders werkelijk helpen. Een vakbond wilde meestal de situatie in een fabriek verbeteren. Ze gingen hierover met de fabrikant overleggen. Soms stemde de eigenaar van de fabriek toe. Hij verbeterde TOF van16

12 een aantal zaken in de fabriek: betere veiligheid, kortere werktijden, langere pauzes, meer loon enz. Het overleg was dan gelukt. Soms lukte het overleg niet. De eigenaar wilde niet luisteren, hij was de baas en niemand anders! De vakbond riep dan een staking uit. Ze vroegen de arbeiders te stoppen met werken. "Als de baas niet wil luisteren, moet hij maar voelen", riepen ze. Tijdens zo'n staking kregen de arbeiders natuurlijk geen loon. Maar ze kregen wel een uitkering uit de stakingskas. De fabrikanten waren natuurlijk niet echt blij met de vakbond. Ze waren jarenlang alleen de baas geweest, en nu zouden ze moeten luisteren naar hun arbeiders? Ze wilden geen vakbondsleden in de fabriek. Arbeiders die toch lid waren, probeerden ze snel te ontslaan. Een staking vonden de fabrikanten afschuwelijk: de fabriek stond stil en dus werd er geen winst gemaakt. Soms ontsloegen de fabrikanten de stakers en probeerden ze gewoon nieuwe arbeiders aan te nemen. Vaak lieten fabrikanten dan door de politie het terrein rond de fabriek "schoonvegen". Soms huurden de fabrikanten knokploegen in om de arbeiders te dwingen met hun staking te stoppen. Het was een spannende tijd. Ergens in Nederland stond een fabriek. Arbeiders verdienden daar ongeveer 2½ Euro per week. Op een dag kregen ze een vervelend bericht. De baas verdiende niet genoeg, dus hun loon moest omlaag naar 2 Euro per week. Natuurlijk vonden ze dat niet leuk. De vakbond riep een staking uit! Arbeiders gingen de straat op. Ze liepen naar het huis van de directeur en gooiden zijn ruiten in. Er werden verschillende protestliederen gezongen. De staking duurde 12 weken. Tenslotte besloot de directeur wat toe te TOF van16

13 geven. Hij stelde een loon van 2 Euro 40 voor! De stakers hadden dus niet alles bereikt wat ze wilden hebben. Maar ze waren wel tevreden. Samen stonden ze sterk. Meer mensen gingen zich bemoeien met het lot van de arme arbeiders. De arbeiders wonen slecht, ze hebben niet genoeg te eten, ze worden snel ziek, etc. Hun leven moest verbeteren! verdienen zij hun geld weer terug! Er werd een oproep gedaan om arbeiders meer geld te laten verdienen. Dan gaan ze ook meer geld uitgeven, dachten sommige mensen. En dan kopen ze ook spullen die in de fabrieken worden gemaakt. En dat is weer goed voor die fabrieken! Zo De regering luisterde wel naar deze klachten, maar er gebeurde niets. Veel mensen uit de regering waren zelf fabrikant of hadden fabriekseigenaars als familie of als goede vriend. Ieder mens moet maar voor zichzelf zorgen, vond de regering toen. "Zo kan het echt niet langer gaan!" Sommige fabrikanten probeerden iets te doen aan de slechte leefomstandigheden van de arbeiders. Ze wilden de arbeiders helpen en lieten goede huizen bouwen voor hun werknemers. Zo ontstonden er soms hele dorpen naast een fabriek. Maar lang niet alle fabrikanten deden dat. Het bleef onrustig in ons land. In andere landen waren arbeiders in opstand gekomen en was er een revolutie uitgebroken. Zou dat in ons land ook gebeuren? Op verschillende plaatsen werden er politieke partijen opgericht. TOF van16

14 In Nederland heb je de Eerste en Tweede Kamer. Het volk kiest de mensen in de Tweede Kamer, en de Tweede Kamer controleert of het land goed bestuurd wordt. Iedereen boven de 18 jaar mag nu stemmen. Vroeger was dat niet zo, toen mochten alleen mannen stemmen. En dan nog alleen maar als ze rijk waren. Dat betekende dat er natuurlijk bijna alleen maar rijke mensen, en mensen van de kerk in de Tweede Kamer zaten. De rijken hadden de macht en zij vonden ook dat dit maar zo moest blijven. Arme mensen hebben toch niet zoveel verstand, zij kunnen het land nooit goed besturen. Verschillende groeperingen gingen hiertegen protesteren. "Zo kan het echt niet langer gaan!" Dat vonden zelfs sommige leden van de Tweede Kamer. Sommigen kwamen voor de arbeiders op. Dat waren onder andere christenen. Het christendom zegt namelijk dat je voor de zwakkeren moet zorgen. Zij kwamen met voorstellen om wetten te maken. De ministers konden er niet langer onderuit. Er werden wetten gemaakt. Deze wetten verbeterden de situatie van arbeiders en kinderen een beetje. Bijvoorbeeld het "kinderwetje" van Van Houten. Hierin stonden allerlei regels voor het werken van kinderen in fabrieken. Maar veel arbeiders bleven toch ontevreden, ze wilden nog meer veranderingen. Daarom wilden ze zelf in de Tweede Kamer. Ze gingen samenwerken in politieke partijen. Natuurlijk waren veel rijke mensen hier niet blij mee. Vaak werden "de rooien" (een scheldwoord voor deze arbeiders) ook slecht behandeld in fabrieken en op bedrijven. Maar arbeiders mochten nog niet stemmen, dat mochten alleen rijke mannen. Zo konden ze nooit in de Tweede Kamer komen. Het was dus van belang dat er nieuwe wetten kwamen. Bijvoorbeeld een wet waarin stond dat iedereen mocht stemmen, zelfs de vrouwen! TOF van16

15 "Zo kan het echt niet langer gaan!" Zelfs rijke mensen begonnen zich nu zorgen te maken. Misschien kwamen in Nederland de arbeiders ook in opstand. Er waren al arbeiders die dat wilden doen! Dit wilden de rijken koste wat kost voorkomen. Ze gingen snel met de kamerleden praten, en die deden voorstellen om wetten te maken. Sommige wetten kwamen er ook, zoals de "kinderwet van Van Houten", waarin stond dat kinderen beneden de 12 jaar niet in fabrieken mochten werken. Wetten die de situatie van mensen veranderen, noemen we sociale wetten. En deze wetten veranderden de leefsituatie van arme mensen een beetje. Helaas maar een beetje, want de wetten (zoals de kinderwet) werden bijna niet nageleefd. Pas in 1889 kwamen er een wet die ook goed gecontroleerd werd. Dat was de Arbeidswet, hierin stond opnieuw dat kinderen onder de 12 niet mochten werken. Maar ook dat deze kinderen gewoon naar school moesten gaan. Andere wetten die snel kwamen waren, de Ziektewet en de Ouderdomswet. Eerst mocht er in Nederland alleen door rijke mensen gestemd worden. Stemmen was te moeilijk voor het gewone volk, dachten de rijke mensen. De arbeiderspartij was het daar natuurlijk niet mee eens. Maar ook andere partijen wilden dat meer mensen mochten stemmen. Het werd een lange strijd met veel demonstraties. Maar uiteindelijk kregen ze het voor elkaar! Vanaf 1918 mochten alle mannen stemmen. Ze moesten alleen wel ouder zijn dan 23 jaar. Maar vrouwen hadden nog steeds niets te zeggen in de politiek. Terwijl op de hoogste post van Nederland een vrouw zat, de Koningin! Opnieuw werd er hevig gedemonstreerd, nu voor het stemrecht van vrouwen. TOF van16

16 En vijf jaar later, in 1923, mochten eindelijk de vrouwen ook gaan stemmen. Vanaf dat moment is er in ons land een algemeen kiesrecht. TOF van16

Informatie over Kinderarbeid.

Informatie over Kinderarbeid. Informatie over Kinderarbeid. (bron: lesbrief Per dag wijzer). Wat is kinderarbeid? Kinderen hebben recht op vrije tijd. Die kunnen ze gebruiken om te spelen, naar een museum of een popconcert te gaan,

Nadere informatie

Informatie voor werkstukken en spreekbeurten. Waarom is er oorlog? Stel je voor hoe je leven zou zijn als je niet meer zou kunnen spelen...

Informatie voor werkstukken en spreekbeurten. Waarom is er oorlog? Stel je voor hoe je leven zou zijn als je niet meer zou kunnen spelen... Informatie voor werkstukken en spreekbeurten In meer dan dertig landen in de wereld is er oorlog. Wereldwijd zijn er dus miljoenen kinderen die een oorlog meemaken. Waarom is er oorlog? Oorlogen kunnen

Nadere informatie

Hoe je nooit meer gepest wordt... Voorgoed!!

Hoe je nooit meer gepest wordt... Voorgoed!! Hoe je nooit meer gepest wordt... Voorgoed!! Door: Izzy Kalman, MS www.bullies2buddie.com [Izzy Kalman is in het Engels te bereiken via email: Izzy@bullies2buddies.com. Binnen Nederland: www.pesten.net

Nadere informatie

Als oorlog echt is. Dolf Verroen. bron Dolf Verroen, Als oorlog echt is. Leopold, Amsterdam 1991.

Als oorlog echt is. Dolf Verroen. bron Dolf Verroen, Als oorlog echt is. Leopold, Amsterdam 1991. Als oorlog echt is Dolf Verroen bron. Leopold, Amsterdam 1991. Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/verr010also01_01/colofon.htm 2004 dbnl / Dolf Verroen 6 Voor mijn moeder omdat ik het geluk

Nadere informatie

Wanneer één van je ouders ALS heeft

Wanneer één van je ouders ALS heeft Wanneer één van je ouders ALS heeft Introductie ALS komt niet zo vaak voor en het is onwaarschijnlijk dat je nog iemand kent die een ouder of stiefouder heeft met deze ziekte. Het is gemakkelijk te begrijpen

Nadere informatie

De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar

De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar De PAAZ, wat is dat? Informatie voor kinderen van 8 tot 12 jaar De afgelopen weken was het niet zo leuk bij Pim thuis. Zijn moeder lag de hele dag in bed. Ze stond niet meer op, deed geen boodschappen

Nadere informatie

Gratis Rapport : Wat Te Doen Voor, Tijdens En Na Je Eerste Marathon. - Eelco de Boer -

Gratis Rapport : Wat Te Doen Voor, Tijdens En Na Je Eerste Marathon. - Eelco de Boer - Gratis Rapport : Wat Te Doen Voor, Tijdens En Na Je Eerste Marathon - Eelco de Boer - Gratis Rapport : Wat Te Doen Voor, Tijdens En Na Je Eerste Marathon Beste lezer, Ik hoop dat jouw doorzettingsvermogen

Nadere informatie

Leven met dyscalculie Het verhaal van een 23-jarige

Leven met dyscalculie Het verhaal van een 23-jarige Wat betekent het om dyscalculie te hebben? Hoe uit zich dat in de praktijk? Waar loop je zoal tegenaan? Welke dingen zijn voor jou moeilijk waar andere mensen niet eens bij stil staan? Laura Schermer,

Nadere informatie

er straks voor mij? Wie Portretten van verzorgenden Hans Hoogerheide & Ad de Jongh

er straks voor mij? Wie Portretten van verzorgenden Hans Hoogerheide & Ad de Jongh zorgt Wie er straks voor mij? Portretten van verzorgenden Hans Hoogerheide & Ad de Jongh Wie zorgt er straks voor mij? 2008 Kavanah, Dwingeloo Niets uit deze uitgave mag worden gefotokopieerd, noch in

Nadere informatie

Verhalen die we niet mogen vergeten. Over oorlog én vrijheid. Vrijheid is niet vanzelfsprekend

Verhalen die we niet mogen vergeten. Over oorlog én vrijheid. Vrijheid is niet vanzelfsprekend Verhalen die we niet mogen vergeten Over oorlog én vrijheid Vrijheid is niet vanzelfsprekend Woonzorg Flevoland Voorwoord Vertrouwd en verantwoord Woonzorg Flevoland is een organisatie die een breed aanbod

Nadere informatie

JONGEREN RAPPORTEREN OVER KINDERRECHTEN IN NEDERLAND

JONGEREN RAPPORTEREN OVER KINDERRECHTEN IN NEDERLAND Inhoudsopgave Inleiding Praat mee met je rechten! Jonge vluchtelingen Kinderen in armoede Gehandicapte kinderen Jongeren in de jeugdzorg 1 Inleiding Dit is een rapport waarin jongeren in Nederland hun

Nadere informatie

Informatieboekje over de Kindertelefoon. Wat ik moet weten voor een spreekbeurt

Informatieboekje over de Kindertelefoon. Wat ik moet weten voor een spreekbeurt Informatieboekje over de Kindertelefoon Wat ik moet weten voor een spreekbeurt Landelijk Bureau Kindertelefoon Juli 2014 1 Inhoud 1 Wat is de Kindertelefoon?... 3 2 Wat doet de Kindertelefoon voor je?...

Nadere informatie

Inspirerende verhalen

Inspirerende verhalen Inspirerende verhalen LEVENSPOTLOOD Er was eens een jongetje die naar zijn oma keek terwijl zij een brief aan het schrijven was. Op een bepaald moment vroeg hij: "Oma, schrijf je een verhaaltje over wat

Nadere informatie

Cliënten in beeld - deel 2. Dilemma s van burgers met een hulpvraag

Cliënten in beeld - deel 2. Dilemma s van burgers met een hulpvraag Cliënten in beeld - deel 2 Dilemma s van burgers met een hulpvraag COLOFON Cliënten in beeld - deel 2 Dilemma s van burgers met een hulpvraag Voorwoord Toen vorig jaar het boekje Cliënten in beeld - Portretten

Nadere informatie

Dementie en regie. De zorgrelatie tussen cliënten met dementie, hun mantelzorgers en thuiszorgprofessionals. Mantelzorger

Dementie en regie. De zorgrelatie tussen cliënten met dementie, hun mantelzorgers en thuiszorgprofessionals. Mantelzorger Dementie en regie De zorgrelatie tussen cliënten met dementie, hun mantelzorgers en thuiszorgprofessionals Professional Cliënt Mantelzorger Connie Klingeman Krista Coppoolse Jacomine de Lange Naar inhoudsopgave

Nadere informatie

Een Bijzondere Broer of Zus

Een Bijzondere Broer of Zus Een Bijzondere Broer of Zus Informatiemap voor jongeren met een broer of zus met een handicap, chronische ziekte of psychische stoornis Uitgave: GGNet, regio Apeldoorn Team Preventie Postbus 2003 7230

Nadere informatie

DEPRESSIE, EEN GIDS VOOR FAMILIELEDEN

DEPRESSIE, EEN GIDS VOOR FAMILIELEDEN DEPRESSIE, EEN GIDS VOOR FAMILIELEDEN Prof. Dr. Pim Cuijpers, VU Amsterdam Oorspronkelijke uitgave december 1996, hoofdstuk 4 herzien door dr. Tara Donker in 2014 Momenteel is professor Pim Cuijpers hoofd

Nadere informatie

Ga met dit gezin mee terug naar de Gouden Eeuw!

Ga met dit gezin mee terug naar de Gouden Eeuw! Ga met dit gezin mee terug naar de Gouden Eeuw! Inleiding Dit is de papieren versie van de website die u kunt vinden op: http://proto.thinkquest.nl/~klb013/startpagina.htm Een gezin uit de Gouden Eeuw

Nadere informatie

Hoe kun je als leerkracht pesten in je klas voorkomen en bestrijden?

Hoe kun je als leerkracht pesten in je klas voorkomen en bestrijden? Waarom ik werd gepest? Ik was anders dan de rest. Had niks met roze en speelde nooit met poppen. Op de middelbare school werd het pesten zo erg dat ik in de pauzes niet meer de kantine in durfde. Als de

Nadere informatie

HET LEVEN VAN CIRCUS KINDEREN. Lesbrief Circus 2

HET LEVEN VAN CIRCUS KINDEREN. Lesbrief Circus 2 HET LEVEN VAN CIRCUS KINDEREN 1 Het circus komt! Heb je dat wel eens meegemaakt? Dat er een lange stoet wagens in bonte kleuren jouw woonplaats binnenrijdt? Dat zijn de vrachtwagens en de woonwagens van

Nadere informatie

DUS JIJ GAAT NIET MEER NAAR DE KERK?

DUS JIJ GAAT NIET MEER NAAR DE KERK? DUS JIJ GAAT NIET MEER NAAR DE KERK? Door: Jake Colsen Vertaling: Coen Groos Inhoud Over de schrijvers 1. Een vreemde vreemdeling 2. Een wandeling in het park 3. En dit is christelijk onderwijs? 4. Waarom

Nadere informatie

De Kleine Prins Antoine de Saint-Exupéry

De Kleine Prins Antoine de Saint-Exupéry De Kleine Prins Antoine de Saint-Exupéry Hoofdstuk 1 Toen ik een jaar of zes was, zag ik op een keer een prachtige plaat in een boek over het oerwoud, dat 'Ware Verhalen' heette. Het stelde een boa constrictor

Nadere informatie

Palliatieve zorg; wat als je niet meer beter wordt

Palliatieve zorg; wat als je niet meer beter wordt Palliatieve zorg; wat als je niet meer beter wordt Welke zorg kunt u ontvangen als genezing niet meer mogelijk is? Palliatieve zorg is de zorg, die u ontvangt wanneer u ongeneeslijk ziek bent. Het is gespecialiseerde

Nadere informatie

Iedereen aan boord! Bontekoe Lesbrief deel 3. pagina 1. Bontekoe Lesbrief deel 3

Iedereen aan boord! Bontekoe Lesbrief deel 3. pagina 1. Bontekoe Lesbrief deel 3 Bontekoe Lesbrief deel 3 3 Afbeelding: De route die de VOC-schepen naar Azië namen. Iedereen aan boord! 1) Aanmonsteren Het leven aan boord van een VOC-schip was geen pretje. Maar in de tijd van de VOC

Nadere informatie

Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe?

Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe? Heeft u Reumatoïde Artritis en bent u regelmatig moe? Inhoud 1. Voor wie is deze brochure?...4 2. Introductie...5 3. Vermoeidheid een klacht?...5 4. Geen gewone vermoeidheid...5 5. Oorzaken van vermoeidheid...11

Nadere informatie

! " # $! % & ' ( ) ( ) * ' + ) ', ) -. ) / 0 "

!  # $! % & ' ( ) ( ) * ' + ) ', ) -. ) / 0 ! %&'()()*'+) ',)-.)/0 " #1 21 3 ' 4 3# 5' 6 1 32 7 1 3 *' 38 39 # 34 :'' 2 31 : ; '' #3 7' 9 #3# ' 9 #32 *< 1 #3 =< 1! 23,' ' # 23# # 232 / #8 23 =' #4 " # $ % 3 ( # 3# 2 32 -" 333 22 3 -" 333 28 & $

Nadere informatie

De eerste 100 weken na je scheiding

De eerste 100 weken na je scheiding Yolande de Best De eerste 100 weken na je scheiding Openhartig, aangrijpend & herkenbaar: 21 vrouwen vertellen Inhoud Voorwoord 7 1 Nienke: Ik heb altijd gedacht dat hij wel gek op me was 11 2 Liesbeth:

Nadere informatie

Les 1 Een ander Achterhuis

Les 1 Een ander Achterhuis Les 1 Een ander Achterhuis Doelstellingen: - Na het lezen de brief van Lammie Drenth kunnen de leerlingen aangeven welke stukken uit het brief indruk maken. - De leerlingen kunnen benoemen welke gevoelens

Nadere informatie

Cliënten in beeld. Portretten van burgers met een hulpvraag

Cliënten in beeld. Portretten van burgers met een hulpvraag Cliënten in beeld Portretten van burgers met een hulpvraag COLOFON Cliënten in beeld Portretten van burgers met een hulpvraag Cliënten in beeld 2 Uitgave Gemeente Leiden Afdeling Sociaal en Economisch

Nadere informatie

Loslaten is anders vasthouden

Loslaten is anders vasthouden DOSSIER LOSLATEN IS ANDERS VASTHOUDEN Loslaten is anders vasthouden Over spirituele koopkracht en heling 36 Leo Fijen Een paar jaar geleden stond het huis van mijn ouders te koop. De financiële crisis

Nadere informatie